Gronden van prospectusaansprakelijkheid

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Gronden van prospectusaansprakelijkheid"

Transcriptie

1 Mr Jan Willem P.M. van der Velden 1 Gronden van prospectusaansprakelijkheid 1. Inleiding Indien een instelling effecten wil uitgeven aan het publiek, dient zij in het algemeen eerst een prospectus uit te brengen. Hetzelfde geldt indien de aandeelhouders van een instelling hun stukken aan het publiek willen verkopen. De verplichting hiertoe volgt uit de Wet toezicht effectenverkeer 1995 (Wte 1995), de Wet toezicht beleggingsinstellingen (Wtb) en, voor effecten die aan de beurs worden genoteerd, uit het Fondsenreglement. De ratio van de verplichting om een prospectus uit te geven is het beschermen van de integriteit en de betrouwbaarheid van de financiële markt. Dit artikel behandelt de vraag, wie uit welken hoofde aansprakelijk kan zijn voor een gebrekkig prospectus. In dit kader komt in 2 aan de orde wat de rechtsverhoudingen zijn tussen de betrokken uitgevende instelling, eventuele herplaatsende aandeelhouders, syndicaatsbanken en inschrijvende beleggers. 3 behandelt de actie uit onrechtmatige daad en misleidende reclame. Bijzondere aandacht krijgt de positie van accountants en eventuele andere adviseurs, van wie het prospectus verklaringen bevat. De standaardverklaringen die de beroepsorganisatie voor registeraccountants (NIvRA) in dit kader heeft opgesteld worden kritisch tegen het licht gehouden. Voorts komt de vraag aan de orde, of beleggers de adviseurs kunnen aanspreken op grond van misleidende reclame. 4 gaat vervolgens in op de contractuele aanspraken die inschrijvende beleggers niet alleen kunnen instellen jegens uitgevende instellingen, maar onder omstandigheden ook jegens herplaatsende aandeelhouders en syndicaatsbanken. In 5 vindt men ten slotte mijn conclusies. 2. Rechtsverhoudingen tussen betrokkenen Het prospectus behoort een betrouwbaar beeld te geven van de aangeboden effecten en van de uitgevende instelling. Voor deze eis bestaat een contractuele grondslag en een grondslag in het algemeen belang, verwoord in de financiële toezichtwetgeving. De contractuele grondslag houdt in dat de inschrijvende beleggers erop moeten kunnen vertrouwen, dat datgene wat in het prospectus staat ook daadwerkelijk wordt aangeboden. Ook als individuele beleggers het prospectus zelf niet lezen is het prospectus relevant voor hun rechtspositie. De prijsvorming van de aangeboden effecten is immers voor een belangrijk deel gebaseerd op de informatie die het prospectus verschaft. Het prospectus moet op essentiële punten juist en volledig zijn 2. De wettelijke grondslagen vindt men in het Besluit toezicht effectenverkeer 1995 (Bte 1995) en het Besluit toezicht beleggingsinstellingen (Btb). De betreffende bepalingen zijn niet alleen gericht op bescherming van de individuele inschrijvende belegger, maar ook op het waarborgen van integere financiële markten in Nederland. 1 Jan Willem van der Velden doceert burgerlijk recht aan de Katholieke Universiteit Nijmegen en is advocaat te Amsterdam. 2 Vgl. o.a. S. Perrick en V.P.G. de Serrière, Effecten (algemeen deel), Serie Bank- en Effectenrecht, Kluwer, Deventer 1991, p. 103; R.E. de Rooy, Emissies op de Nederlandse markt, Serie Bank- en Effectenrecht, Kluwer, Deventer 1987, p. 7 1

2 Artikel 2 lid 1 Bte 1995 verwoordt deze eisen als volgt: "Het prospectus dient de gegevens te bevatten die, gelet op de aard van de uitgevende instelling en van de aangeboden effecten redelijkerwijze van belang zijn voor de beoordeling van het vermogen, de financiële positie, het resultaat en de vooruitzichten van de uitgevende instelling en van de rechten en verplichtingen, die aan de effecten verbonden zijn". De bijlage bij artikel 2 werkt de vereisten uit. Artikel 6 Btb en artikel 8 Fondsenreglement bepalen min of meer hetzelfde met andere woorden. Als voor de verplichting tot het geven van juiste en volledige informatie zowel een contractuele grondslag als een wettelijke grondslag in het algemeen belang te vinden zijn, kan men deze twee grondslagen ook terugvinden in de aansprakelijkheid, wanneer deze verplichting met voeten wordt getreden. Enerzijds kan men verantwoordelijk zijn voor het doen van misleidende mededelingen, zonder dat sprake hoeft te zijn van een contractuele relatie. De financiële toezichtwetgeving geeft een aantal specifieke normen, die ertoe strekken dat het prospectus volledig en correct is. Overtreding van die normen is onrechtmatig. Bovendien is het maatschappelijk onbetamelijk en daarmee onrechtmatig om misleidende mededelingen te doen omtrent goederen die in het verkeer worden aangeboden. De algemene norm hiervoor vindt men in artikel 6:162 BW. Deze norm is voor onder andere prospectussen uitgewerkt in de bepalingen over misleidende reclame van artikel 6:194 e.v. BW. Aansprakelijkheid kan anderzijds ontstaan in verband met het vervreemden van effecten waarop het prospectus ziet. De belegger die inschrijft op een emissie gaat een contract aan, dat verwantschap vertoont met koop. Bij uitgifte van aandelen levert de vennootschap geen bestaande goederen, maar zij geeft een deelnemingsrecht in zichzelf uit. De overeenkomst tot uitgifte van aandelen heeft echter een grote gelijkenis met de koopovereenkomst. De wetgeving en jurisprudentie inzake koopovereenkomsten is normerend voor deze contracten. Anders dan uitgifte van aandelen is uitgifte van obligaties een vorm van verbruikleen. Desondanks lijkt het mij verdedigbaar om bepaalde wetsbepalingen uit titel 7.1 BW analoog toe te passen op uitgifte van obligaties, in verband met het effecten-karakter van de stukken, met name de beoogde verhandelbaarheid. Ik denk daarbij in het bijzonder aan artikel 7:17 BW inzake conformiteit. Worden aandelen of obligaties herplaatst, dan is sprake van koop. De herplaatsende aandeelhouders of obligatiehouders verkopen hun stukken aan de inschrijvende beleggers. Het prospectus bevat relevante mededelingen over het onderwerp van deze overeenkomst. Wijkt de inhoud van het prospectus op relevante onderdelen af van de werkelijke situatie, dan kan dat aanleiding geven voor acties door de belegger in de contractuele sfeer. De werkelijke toestand wijkt immers af van de overeengekomen eigenschappen van de effecten. Degene die de effecten heeft vervreemd, komt de overeenkomst niet correct na. Men vergelijke in dit kader artikel 7:17 jo. 47 BW over conformiteit bij koop. De inschrijvende belegger kan degene van wie hij heeft verkregen aanspreken uit tekortkoming in de nakoming (schadevergoeding en ontbinding) of wilsgebreken (vernietiging op grond van dwaling of bedrog). 2

3 Degenen die het prospectus opstellen en verspreiden hoeven niet dezelfde personen te zijn, als zij die de effecten vervreemden. Dit ziet men duidelijk bij een herplaatsing van aandelen. Het prospectus wordt met name opgesteld door de uitgevende instelling, maar de aandelen worden vervreemd door de verkopende aandeelhouders. Daarnaast speelt een rol, dat het betrokken syndicaat van banken veelal de beursgang overneemt ( underwriting ). In de underwriting agreement verplichten de banken zich om de stukken van de uitgevende instelling en de herplaatsende aandeelhouders (over) te nemen en door te plaatsen aan het publiek. Het prospectus vermeldt of sprake is van underwriting 3. Verdedigbaar is dat de beleggers bij overgenomen emissies de effecten niet kopen van de uitgevende instelling, maar van de syndicaatbank bij wie zij inschrijven 4. In de Nederlandse literatuur over prospectusaansprakelijkheid wordt naar mijn mening ten onrechte nauwelijks aandacht besteed aan de rechtsverhoudingen bij een emissie en de aanspraken die daaruit kunnen voortvloeien 5. Men grijpt in het kader van prospectusaansprakelijkheid van de uitgevende instelling en de banken direct naar de bepalingen over misleidende reclame. De bewoordingen van prospectussen, van het fondsenreglement en van het Bte 1995 geven echter duidelijke aanknopingspunten dat in geval van overgenomen emissies de banken de effecten van de uitgevende instelling nemen en in eigen naam doorplaatsen aan het publiek. De inschrijvende beleggers verkrijgen in geval van een overgenomen emissie hun stukken van de syndicaatsbank bij wie zij hebben ingeschreven. Dit opent mogelijkheden voor contractuele acties van beleggers jegens de banken. De uitgevende instelling is, met andere woorden, niet per definitie de wederpartij van de inschrijvende belegger. Dit is essentieel voor het bepalen van de actiemogelijkheden van de belegger. De ene actie leidt tot andere gevolgen dan de andere of is eenvoudiger te gelden te maken dan de andere. Het is daarom van belang om de verschillende acties goed te onderscheiden. In het hierna volgende komen de verschillende acties afzonderlijk aan de orde. 3. Acties uit onrechtmatige daad 3.a. Grondslag van de acties Zoals aan de orde kwam in de vorige paragraaf, kunnen degenen die verantwoordelijk zijn voor het prospectus aansprakelijk zijn, indien het prospectus misleidend is. Deze aansprakelijkheid kan hetzij worden gegrond op de onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW), hetzij op de regeling van misleidende reclame (artikel 6:194 e.v. BW). Het verantwoordelijk zijn voor of uitgeven van een prospectus met onjuiste of misleidende informatie is een vorm van handelen in strijd met het recht (toezichtwetgeving) of tenminste met de maatschappelijke betamelijkheid (artikel 6:162 BW). Degene die ageert uit onrechtmatige daad, zal moeten bewijzen dat de 3 O.a. art en Bte; voor beursgenoteerde effecten: art en Bijlage V Fondsenreglement. 4 Vgl. J.W.P.M. van der Velden, Contractuele prospectusaansprakelijkheid, NV 1997, p. 145 e.v.; instemmend: G. van Solinge, Doorbraak van prospectusaansprakelijkheid, in: A-T-D (Van Schilfgaarde-bundel), Kluwer, Deventer 2000, p Een uitzondering hierop vormt o.a. Van Solinge in voornoemde bijdrage, die enkele contractuele acties kort noemt. 3

4 ander verwijtbaar heeft gehandeld. Hij dient in het kader van het onderhavige onderwerp te bewijzen dat de ander verantwoordelijk was voor het prospectus, dat het prospectus onjuist of onvolledig was en dat de ander dit laatste wist of behoorde te weten. Het voldoen aan deze bewijslast is niet eenvoudig voor de belegger. Artikel 6:194 e.v. BW bieden een tweede actiemogelijkheid. Deze artikelen zijn geschreven voor misleidende reclame. Gezien de wetsgeschiedenis zijn zij mede bedoeld voor prospectusaansprakelijkheid 6. In de procedures die in de afgelopen jaren zijn gevoerd op het terrein van de prospectusaansprakelijkheid, is steevast een beroep gedaan op deze artikelen. Dit heeft in een aantal gevallen succes gehad voor de beleggers. Artikel 6:194 e.v. BW vormen een species van artikel 6:162 BW inzake onrechtmatige daad. Artikel 6:195 BW biedt degene die de actie instelt als voordeel, dat het de bewijslast omkeert ten aanzien van de juistheid van het prospectus en de toerekenbaarheid. In het navolgende behandel ik enkele categorieën van personen, die verantwoordelijk zijn voor het prospectus en uit dien hoofde op grond van onrechtmatige daad of misleidende reclame aansprakelijk kunnen zijn. 3.b. Uitgevende instelling en herplaatsende aandeelhouders Degene die buiten besloten kring effecten wil aanbieden, is op grond van de toezichtwetgeving verplicht om een deugdelijk prospectus te publiceren 7. Bij deze persoon of personen ligt de primaire verantwoordelijkheid dat het prospectus voldoet aan de uit de wet voortvloeiende vereisten. Is sprake van een herplaatsing van effecten, dan is dus niet de uitgevende instelling prospectusplichtig, maar de eigenaren die hun stukken publiekelijk verkopen 8. In de regel wordt de uitgevende instelling echter als verantwoordelijke geafficheerd. Dit lijkt dogmatisch minder juist, maar is vanuit praktisch oogpunt begrijpelijk, alleen al omdat het leeuwendeel van de informatie in het prospectus van de uitgevende instelling afkomstig is. Voor effecten waarvoor beursnotering wordt aangevraagd, ligt de zaak enigszins anders. De uitgevende instelling sluit met Euronext een civielrechtelijke noteringsovereenkomst, die haar onder andere verplicht tot het uitgeven van een prospectus 9. De prospectusverplichting ligt bij beursgangen met andere woorden direct op de uitgevende instelling. Indien het prospectus misleidend is, houdt dat een overtreding van de toezichtwetgeving in door de uitgevende instelling respectievelijk de herplaatsende aandeelhouders. Daarmee handelen zij onrechtmatig in de zin van artikel 6:162 BW. Dat geldt zelfs indien zij, in het bijzonder de herplaatsende aandeelhouders, geen of nauwelijks bemoeienis hadden met het prospectus. In een dergelijk geval staat 6 Kamerstukken II ( ), nr. 3, p. 9 en nr. 6, p Vgl. art. 3 Wte en 6 Bte. 8 Naar de letter van de wet is ook het emissiesyndicaat bij een overgenomen emissie prospectusplichtig. De wet wordt echter steevast zodanig geïnterpreteerd, dat de verplichting tot publicatie van het prospectus op de uitgevende instelling rust. 9 Vgl. art. (8 en) 9 Fondsenreglement. 4

5 eventueel een beroep op overmacht open, waardoor de onrechtmatige daad niet aan hen kan worden toegerekend. De uitgevende instelling kan behalve op grond van artikel 6:162 BW worden aangesproken uit misleidende reclame in de zin van artikel 6:194 e.v. BW. Voor de herplaatsende aandeelhouders geldt mijns inziens hetzelfde. Zij laten immers de uitgevende instelling een prospectus openbaar maken, mede ten behoeve van de herplaatsing. Anders dan de uitgevende instelling zal een herplaatsende aandeelhouder weinig invloed van betekenis hebben op de inhoud en inkleding van het prospectus, tenzij hij directeur-grootaandeelhouder is van de vennootschap in kwestie. Het is niet ongebruikelijk dat een directeur-grootaandeelhouder zijn (of haar) onderneming naar de beurs brengt. Hij handelt dan in twee hoedanigheden: als herplaatsende (middellijk) aandeelhouder en als bestuurder. Vooral als bestuurder kan hij een aanmerkelijke invloed uitoefenen op de inhoud van het prospectus. Hij zal met andere woorden de inhoud van het prospectus mede bepalen, zoals bedoeld in artikel 6:195 BW 10. De bewijslastomkering van artikel 6:195 BW zal daarom op de herplaatsende directeur-grootaandeelhouder snel toepasselijk zijn 11. Overige herplaatsende aandeelhouders hoeven voor dit artikel minder beducht te zijn, daar zij in de regel veel minder invloed hebben op de inhoud van het prospectus. 3.c. Emissie-begeleidende banken Het bankensyndicaat dat de introductie begeleidt, treedt in het prospectus duidelijk naar voren. De namen en logo s van de betrokken banken prijken in de regel op de voorkant en de laatste pagina s van het prospectus. Daarmee komt het stuk op het publiek over als een publicatie van, althans mede van, deze banken. Dit geeft de banken een zekere verantwoordelijkheid ten aanzien van de deugdelijkheid van het prospectus. In de rechtspraak wordt dat ook erkend. De Hoge Raad kwalificeerde in verschillende gevallen een emissieprospectus namelijk als door de lead manager openbaar gemaakte mededelingen in de zin van artikel 6:194 e.v. BW 12. Dit laat de toepasselijkheid van artikel 6:162 BW overigens onverlet. In het Reglement Procedure Beursnotering (RPB) vindt men een standaardverklaring waarin de lead manager verklaart welke gedeelten van het prospectus van hem afkomstig zijn, welke van de uitgevende instelling en welke van experts, zoals accountants. De verklaring suggereert, mijns inziens ten onrechte, dat deze bank niet aansprakelijk is voor eventuele onjuistheden in de gedeelten die niet van haar afkomstig zijn 13. Het is onwaarschijnlijk dat een dergelijke verklaring maakt dat 10 Invloed hebben en behoren uit te oefenen op de verklaring staat gelijk aan (mede) bepalen in de zin van art. 6:195 BW. Vergelijk de conclusie van Mok bij het Coop-arrest onder nr , HR 2 december 1994, NJ 1996, Zo ook: G. van Solinge, Doorbraak van prospectusaansprakelijkheid, in: A-T-D (Van Schilfgaarde-bundel), Kluwer, Deventer 2000, p , waar hij een geanonimiseerde versie schetst van de beursgang van World Online. 12 HR 8 mei 1998, NJ 1998, 888 (Boterenbrood/MeesPierson); HR 2 december 1994, NJ 1996, 246 (Coop), r.o. 4.1: Hij die een door hem samengestelde tekst publiceert waarin reeds eerder openbaar gemaakte mededelingen zijn opgenomen, maakt derhalve ook die laatste mededelingen openbaar in de zin van art. 1416a. Dit wordt, anders dan het onderdeel wil, in een geval als het onderhavige niet anders door de betekenis die aan de jaarrekeningen van een onderneming met de daarbij behorende toelichtingen in het rechtsverkeer toekomt.. 13 Bijlage D RPB: "De mededelingen op bladzijden [ - ] van het prospectus zijn afkomstig van het syndicaat/de syndicaatsleider. De overige mededelingen op bladzijden [ - ] van dit prospectus zijn afkomstig van anderen 5

6 artikel 6:194 BW ten aanzien van die gedeelten niet toepasselijk zou zijn in relatie tot de bank. De bank maakt immers (tezamen met de uitgevende instelling) het gehele prospectus openbaar en niet slechts bepaalde delen daaruit. De standaardverklaring die het RPB voorstelt heeft een sterke verwantschap met de volgende overweging uit het Coop-arrest 14 : degene die een door hem samengestelde tekst heeft openbaar gemaakt [kan] zeer wel door de keuze van de daarin opgenomen mededelingen, de inhoud en inkleding van die mededelingen zelf geheel of ten dele hebben bepaald in de zin van artikel 1416b, ook indien in die tekst opgenomen mededelingen van een of meer anderen afkomstig zijn. Zulks zal evenwel anders zijn indien degene die de tekst openbaar maakt, daarin op niet mis te verstane wijze tot uitdrukking brengt dat bepaalde mededelingen in de gepubliceerde tekst niet van hem afkomstig zijn en dat hij niet voor de juistheid van die van een ander of van anderen afkomstige mededelingen instaat. De formulering die het RPB voorstelt, is een duidelijke uiting dat bepaalde mededelingen niet van de bank afkomstig zijn. De Hoge Raad plaatst dergelijke uitingen in het kader van artikel 1416b oud-bw (het huidige artikel 6:195 BW). Dit artikel draait de bewijslast om jegens degene die de inhoud van een door hem gepubliceerde mededeling heeft bepaald. Het opnemen van zo n formulering zal de bank sterken in haar betoog dat de bewijslastomkering niet op haar toepasselijk is. Nu de Hoge Raad een dergelijke uiting plaatst in het kader van artikel 6:195 BW, doet een dergelijke formulering kennelijk niet af aan het gegeven, dat de begeleidende bank het prospectus als geheel openbaar maakt of doet maken in de zin van artikel 6:194 BW 15. De bank kan nog steeds aansprakelijk zijn voor misleidende mededelingen in het prospectus, die uitdrukkelijk niet van haar afkomstig zijn. Terzijde merk ik op, dat indien sprake is van een contractuele relatie tussen de syndicaatsbank en de inschrijvende belegger, een exoneratie door de syndicaatsleden wel mogelijk lijkt te zijn. Een beroep van de syndicaatsleden op dergelijke clausules vindt zijn grenzen in de redelijkheid en billijkheid alsmede in de wettelijke regeling inzake algemene voorwaarden d. Adviseurs: verklaringen aan de emittent of de bank dan het syndicaat/de syndicaatsleider (eventueel te specificeren). Van die overige mededelingen zijn de mededelingen op de bladzijden [ - ] afkomstig van of goedgekeurd door experts. ( ) Omdat de in dit prospectus op de bladzijden [ - ] opgenomen mededelingen afkomstig zijn van anderen dan het syndicaat/de syndicaatsleider, staat het syndicaat/de syndicaatsleider niet voor de juistheid en volledigheid daarvan in en aanvaardt het syndicaat/de syndicaatsleider daarvoor geen verantwoordelijkheid." 14 HR 2 december , NJ 1996, 246 (Coop), r.o. 4.1; vgl. hierover o.a. S.A. Boele, Het arrest van de Hoge Raad in de zaak ABN AMRO/Co op, TVVS 1995/3; A.F.J.A. Leijten, Prospectusaansprakelijkheid, NV 1995, p Voor een overzicht van standpunten in de literatuur met betrekking tot dergelijke disclaimers zij verwezen naar R.I.V.F. Bertrams, Disclaimers in verband met prospectusaansprakelijkheid, Lustrumbundel 1997 Vereniging voor Effectenrecht, Kluwer, Deventer 1997, p Bertrams stelt zich overigens kritisch op tegenover het hier genoemde argument. 16 Art. 6:248 lid 2 BW, art. 6:233 sub a jo. 237 sub f BW; onder omstandigheden zal de exoneratie zelf in strijd met de goede zeden zijn en daarmee nietig, art. 3:40 BW. 6

7 Naast de uitgevende instelling en de begeleidende banken spelen verschillende adviseurs een belangrijke rol bij de totstandkoming van prospectussen. Men denke met name aan accountants, advocaten en notarissen. Zeker nu de Hoge Raad in enkele gevallen een bank heeft veroordeeld in verband met een misleidend prospectus, proberen de banken zich waar mogelijk in te dekken voor herhaling van dergelijke missers. De rol van de betrokken adviseurs is navenant toegenomen. Veelal wordt de inhoud van een prospectus nu in belangrijke mate bepaald door deze adviseurs, natuurlijk aan de hand van de gegevens van de bank en de uitgevende instelling. In zogenaamde comfort letters verklaren experts aan de uitgevende instelling of aan de bank dat het prospectus, kort gezegd, voldoet aan de wettelijke vereisten. Opvallend genoeg worden deze comfort letters met name afgegeven door accountants. Advocaten en notarissen weten zich tot nog toe buiten schot te houden waar het gaat om dergelijke aansprakelijkheidsgevoelige verklaringen, alhoewel zij zeker zo gekwalificeerd zijn ten aanzien van een aantal meer juridische onderwerpen die spelen in het kader van prospectussen. Men denke bijvoorbeeld aan de verwarrende teksten in het litigieuze DAF-prospectus met betrekking tot de vraag of alleen DAF N.V. ten behoeve van de obligatiehouders zekerheden zou verstrekken, dan wel alle groepsmaatschappijen 17. Dergelijke onderwerpen lijken mij eerder voer voor juristen dan voor accountants. Overigens plegen advocaten in het kader van beursintroducties wel andere aansprakelijkheidsgevoelige verklaringen af te leggen aan de lead manager. Men denke aan opinies ten aanzien van deelonderwerpen zoals het rechtens bestaan van de uit te geven effecten. Anders dan comfort letters zien dergelijke opinies niet op de juistheid en volledigheid van het prospectus. Een comfort letter zegt lang niet alles over de verplichtingen van de accountant. Minstens zo belangrijk is zijn opdrachtbevestiging, waarin hij zich onder andere verplicht tot het afgeven van de comfort letter. Het NIvRA heeft een standaard opdrachtbevestiging geformuleerd in de Ontwerp-Richtlijn Accountants Controle 850 uit 2000 ( RAC 850 ). Daarin leest men het volgende: Op uw verzoek zullen wij het prospectus onderzoeken teneinde vast te stellen dat het prospectus die gegevens bevat, die, voorzover van toepassing, op grond van het Besluit toezicht effectenverkeer 1995 c.q. het Besluit toezicht beleggingsinstellingen vereist zijn. Wij zullen u informeren omtrent eventuele tekortkomingen ter zake 18. De accountant neemt hiermee een zeer ruime onderzoeksverplichting op zich ten aanzien van alle bepalingen uit het Bte 1995 en Btb. Dit gaat veel verder dan het wettelijk voorgeschreven onderzoek van prospectussen, dat zich beperkt tot een aantal artikelen uit de bijlagen bij de besluiten 19. Als men de opdrachtbevestiging zo ruim laat luiden als deze standaard, dan kan een eventuele beperking in de comfort letter daar weinig meer aan af doen. Aangezien de comfort letters of opdrachtbevestigingen niet zijn gericht tot het beleggend publiek en niet zijn opgenomen in het prospectus, zijn zij irrelevant voor de vraag of de belegger de accountant kan aanspreken. Zij kunnen echter een beduidend grotere rol spelen in de regresmogelijkheden van de bank, wanneer deze op grond van 17 Vgl. o.a. HR 23 maart 2001, RvdW 2001, 66, JOR 2001/ m.nt. Th.A.L. Kliebisch (Stichting Ofasec/Nederlandse Trustmaatschappij BV), r.o. 3.1 (vii). 18 RAC 850 bundel 2, sectie I, nr. 5.1, Opdrachtbevestiging inzake werkzaamheden prospectus (850, par. 30). 19 Art. 2.4 Bijlage bij art. 2 Bte 1995; Art. 2.4 Bijlage B Btb. 7

8 een gebrekkig prospectus wordt aangesproken 20. De accountant zal dit risico betrekken in zijn honorarium, alleen al om een afdoende verzekering af te kunnen sluiten. Overigens is niet uit te sluiten, dat de wetgeving of de praktijk zich in die zin ontwikkelt, dat comfort letters wel worden opgenomen in het prospectus. Dit zou het aansprakelijkheidsrisico van de accountant aanmerkelijk vergroten. 3.e. Accountantsverklaringen in het prospectus Wettelijk vereiste verklaringen Het prospectus zelf bevat enkele verklaringen van accountants. Zo dient de accountantsverklaring bij de jaarrekeningen van de uitgevende instelling over de voorgaande jaren te worden opgenomen. Tevens is bij introducties die buiten de beurs plaatsvinden een verklaring van een accountant vereist, inhoudend dat het prospectus voldoet aan een aantal wettelijke vereisten. De verplichting hiertoe staat in artikel 2.4 van de Bijlage bij artikel 2 Bte 1995 en artikel 2.4 Bijlage B bij artikel 6 Btb, die een accountantsverklaring voorschrijven, inhoudende dat het prospectus een aantal specifieke gegevens bevat, zoals de namen van de uitgevende instelling, haar bestuurders, toepasselijke voorwaarden enzovoorts 21. Deze artikelen schrijven niet voor dat de accountant iets inhoudelijks verklaart over die gegevens, ertoe strekkend dat het prospectus juist en volledig is. Standaardverklaringen van het NIvRA Het NIvRA heeft in de Ontwerp-Richtlijn Accountants Controle RAC 850 standaardteksten opgesteld voor accountantsverklaringen die in prospectussen worden opgenomen. Volgens deze standaard verklaart de accountant: Wij hebben vastgesteld dat dit prospectus van... (naam vennootschap) te... (statutaire vestigingsplaats) die gegevens bevat, die, voorzover van toepassing, op grond van artikel 2 van het Besluit toezicht effectenverkeer 1995 en de Nadere Regeling toezicht effectenverkeer 1999 [resp.: artikel 6 van het Besluit toezicht beleggingsinstellingen] zijn vereist. 22 Anders dan de Bijlagen voorschrijven, slaan deze standaardverklaringen op geheel artikel 2 Bte 1995 respectievelijk artikel 6 Btb. Dit heeft ernstige consequenties. Artikel 2 lid 1 Bte 1995 bepaalt dat het prospectus die gegevens moet bevatten die nodig zijn voor een goede beoordeling van de uitgevende instelling en de effecten. Artikel 6 lid 2 Btb schrijft voor dat het prospectus de gegevens bevat die voor de beleggers noodzakelijk zijn om zich een verantwoord oordeel te kunnen vormen over 20 Zo ook R.E. de Rooy, Accountant en prospectusaansprakelijkheid, in: Een bewezen bestaansrecht, Lustrumbundel 2002 Vereniging voor Effectenrecht, Kluwer, Deventer 2002, p Art. 2.4 Bijlage bij art. 2 Bte 1995 luidt: Mededeling van een accountant dat het prospectus, voor zover van toepassing, de in de rubrieken 1.1 tot en met 13.7 genoemde gegevens bevat, alsmede de gegevens die zijn vereist op grond van de door de toezichthouder ingevolge artikel 2, vijfde lid, van het besluit gestelde regels. Art. 2.4 Bijlage B Btb bepaalt soortgelijks voor beleggingsinstellingen. Het Btb is overigens ook van kracht bij beursgangen van beleggingsinstellingen. 22 RAC 850 bundel 2, sectie II, nr en

9 het aanbod. De accountant die in zijn verklaring onderschrijft dat het prospectus hieraan voldoet, tekent in wezen voor de juistheid en volledigheid van het prospectus. Dat gaat veel verder dan de verklaring die de Bijlagen vereisen. Het NIvRA is zich hiervan kennelijk niet bewust wanneer zij in de toelichting bij de richtlijn opmerkt: Dientengevolge heeft de accountant geen specifieke verantwoordelijkheid dat de inhoud van de betreffende gegevens juist en volledig is weergegeven 23. Ook De Rooy gaat aan dit wezenlijke punt voorbij in zijn bespreking van de Ontwerp-Richtlijn 24. Aansprakelijkheid van de accountant: laten openbaar maken in de zin van artikel 6:194 BW? Indien het prospectus misleidend blijkt te zijn, en de accountant een verklaring heeft afgegeven zoals voorgesteld door het NIvRA, dan is zijn verklaring kennelijk onjuist. De verklaring verwijst immers mede naar artikel 2 lid 1 Bte 1995 of 6 lid 2 Btb, die inhouden dat het prospectus juist en volledig is. Naar mijn mening kan de accountant voor een dergelijke onjuiste verklaring op gelijke wijze aansprakelijk zij als voor andere onjuiste accountantsverklaringen, zoals die met betrekking tot jaarcijfers. Het staat buiten kijf dat de accountant onder omstandigheden een onrechtmatige daad pleegt in de zin van artikel 6:162 BW, wanneer hij dergelijke onjuiste verklaringen afgeeft 25. Minder zeker is het antwoord op de vraag of de accountant ook aangesproken kan worden op grond van artikel 6:194 e.v. BW, indien zijn verklaringen in een prospectus niet juist zijn. De relevantie van deze vraag ligt met name in de bewijslastomkeringen van artikel 6:195 BW. Op het eerste gezicht lijkt weinig aan de toepasselijkheid van artikel 6:194 e.v. BW in de weg te staan. Zeker is immers dat de accountant de inhoud en inkleding van zijn verklaringen zelf bepaalt. Bij nadere overweging is er wel het een en ander in te brengen tegen toepasselijkheid van artikel 6:194 e.v. BW. Wil men aansprakelijk zijn op grond van artikel 6:194 BW, dan moet men misleidende mededelingen openbaar hebben gemaakt of hebben laten maken. Het is verdedigbaar dat de accountant (zijn verklaringen in) het prospectus niet zelf openbaar maakt, maar dat uitsluitend de uitgevende instelling en de begeleidende banken dit doen. Maris en Boele verdedigen dat de accountant die toestaat dat zijn verklaring in het prospectus wordt opgenomen, deze verklaring openbaar laat maken in de zin van artikel 6:194 BW 26. Dit betekent overigens impliciet dat de accountant de verklaring niet zelf openbaar maakt. 23 RAC 850, inleiding, R.E. de Rooy, Accountant en prospectusaansprakelijkheid, in: Een bewezen bestaansrecht, Lustrumbundel 2002 Vereniging voor Effectenrecht, Kluwer, Deventer 2002, p Vgl. o.a. HR 9 juni 1995, NJ 1995/692, m.nt. PVS (Finad/Worst); Hof s-hertogenbosch 31 oktober 2000, JOR 2001/78 m.nt. C.J. Groffen (Goedel/Arts q.q.); Rb. Amsterdam 28 augustus 1996, JOR 1996, 100 (Gritstaal Amsterdam BV e.a./coopers & Lybrand); Rb. Amsterdam 11 juni 1997, JOR 1997/120 (Kesler q.q./kpmg); R.I.V.F. Bertrams, Aansprakelijkheid van accountants jegens derden, NV 1991, p. 198 e.v.; K.A.J. Bisschop, De buitencontractuele aansprakelijkheid van de accountant, NTBR, 1994/2; H. Beckman, Persoonlijke aansprakelijkheid van de openbaar accountant in: Aansprakelijkheid en draagplicht van bestuurders, commissarissen en accountants, Serie Van der Heijden-Instituut (deel 37), Kluwer, Deventer, 1991, p. 37 e.v.. 26 A.G. Maris en S.A. Boele, Prospectusaansprakelijkheid, TVVS 1994, p. 144 e.v.; opmerkelijk genoeg laat De Rooy deze vraag geheel onbesproken in zijn artikel: Accountant en prospectusaansprakelijkheid, in: Een bewezen bestaansrecht, Lustrumbundel 2002 Vereniging voor Effectenrecht, Kluwer, Deventer 2002, p

10 Indien laten openbaar maken in de zin van artikel 6:194 BW betekent, zich niet verzetten tegen openbaarmaking, lijkt de opvatting van Maris en Boele juist. Ik meen echter dat het meer voor de hand ligt om dit laten openbaar maken te verstaan als doen publiceren, en wel om de volgende redenen. De parlementaire geschiedenis bij de voorlopers van artikel 6:194 e.v. BW geeft slechts voorbeelden waarin degene die laat openbaar maken de misleidende reclame-uitingen doet publiceren 27. Dit is een reden om deze zinsnede tenminste te verstaan als doen publiceren. De parlementaire geschiedenis laat zich niet expliciet uit over de vraag of het toestaan van publicatie onder laten openbaar maken kan worden begrepen. Zij biedt geen zekerheid over de uitleg. In de literatuur over misleidende reclame vindt men nauwelijks uitleg van deze zinsnede. Verkade verstaat eronder doen publiceren, maar motiveert dit niet nader 28. Blom meent eveneens dat sprake moet zijn van bewerkstelligen en niet slechts van toelaten, maar motiveert dit evenmin 29. Ook Lankhorst interpreteert deze woorden als doen publiceren, waar hij schrijft: Uitbestede openbaarmaking 30. Holzhauer hangt een andere visie aan. Volgens hem valt het louter toestaan van het doen van mededelingen ook onder artikel 6:194 BW 31. Daarbij verwijst hij naar het arrest SKK/Pammler, waarin Pammler door colporteurs reclame liet maken 32. Pammler liet daarbij toe, dat de colporteurs reclame-mededelingen deden, waarvan Pammler de inhoud niet kende. Holzhauer gaat er ten onrechte aan voorbij, dat Pammler aan de colporteurs opdracht gaf om mededelingen openbaar te maken. Dat hij niet precies wist wat deze personen zouden zeggen, is een andere zaak. Holzhauer leest met andere woorden meer in het arrest, dan erin staat. Indien men het nietverhinderen van mededelingen door derden loskoppelt van de onderliggende opdrachtverhouding, kan iedereen aansprakelijk worden gesteld voor de mededelingen van de colporteurs. Niemand, ook ik niet, heeft zich immers verzet tegen hun activiteiten. Van Dijk schrijft dat degene die toestaat om van hem afkomstige mededelingen openbaar te maken, laat openbaar maken in de zin van artikel 6:194 BW 33. Hij schrijft dit in het kader van fairness opinions van banken, welke worden opgenomen in een openbaar biedingsbericht 34. Van Dijk motiveert deze stelling met de argumenten dat de bank fairness opinions opstelt met het oog op publicatie ten behoeve van een openbaar bod en dat zij zulks doet zonder dat daartoe een wettelijke verplichting bestaat. Accountants die toestaan dat hun verklaring in een prospectus wordt opgenomen behoeven artikel 6:194 BW niet te vrezen, omdat zij hun verklaring opstellen in het kader van de jaarrekening en omdat er een wettelijke verplichting bestaat tot opname in het prospectus. Naar mijn mening is het al dan niet bestaan van 27 Kamerstukken II ( ), nr 3 en D.W.F. Verkade, Misleidende reclame, monografiën NBW B-49, p M.A. Blom, Prospectusaansprakelijkheid van de lead manager, diss. KUB, Kluwer, Deventer 1996, p. 71; instemmend: J.M. van Dijk, Aansprakelijkheidsvragen rond fairness opinions, NV 1998/11, p J.H. Nieuwenhuis e.a., Tekst en commentaar BW (Lankhorst), Kluwer, Deventer 2001, art. 6:194 BW aantekening R.W. Holzhauer, Ontoelaatbare reclame, W.E.J. Tjeenk Willink, Zwolle 1994, p HR 29 maart 1985, NJ 1985, 593, m.nt. LWH (SKK/Pammler). 33 J.M. van Dijk, Aansprakelijkheidsvragen rond fairness opinions, NV 1998, p Op dit onderwerp wordt in deze bundel nader ingegaan door mevrouw Levin. 10

11 een wettelijke plicht tot publicatie irrelevant voor de toepasselijkheid van artikel 6:194 BW. Dit blijkt alleen al uit het feit dat algemeen wordt aangenomen dat de lead manager en de uitgevende instelling op grond van dit artikel kunnen worden aangesproken. Voor hen gelden wettelijke verplichtingen tot publicatie van prospectussen. Het argument dat een fairness opinion speciaal ten behoeve van het openbare bod wordt opgesteld en publicatie wordt toegestaan spreekt mij wel aan. Al zegt Van Dijk het anders, zijn argumentatie impliceert dat het louter toestemming verlenen tot publicatie onvoldoende is om te spreken van laten openbaar maken in de zin van artikel 6:194 BW. Moet hij dan niet aannemen, dat dit artikel een doen openbaar maken vergt? Daarbij sluit ik overigens niet uit, dat het toestaan om een verklaring te publiceren die specifiek ten behoeve van de publicatie in kwestie is opgesteld, onder omstandigheden als een doen publiceren kan worden aangemerkt. In de gepubliceerde rechtspraak zijn enkele gevallen bekend waarin iemand aansprakelijk was omdat hij misleidende reclame-uitingen had laten openbaar maken. Daarbij betrof het een doen publiceren, en niet een toestaan om te publiceren 35. De systematiek van de wet geeft tenslotte nog een argument om laten openbaar maken te verstaan als doen publiceren. Artikel 6:196 BW opent de mogelijkheid van een veroordeling tot het openbaar maken of laten openbaar maken van een rectificatie. Dit laten openbaar maken is redelijkerwijze niet anders te verstaan dan doen publiceren. Het lijkt, zeker in het licht van het voorgaande, redelijk om dezelfde woorden in artikel 6:194 BW niet anders uit te leggen. Men kan hiertegen inbrengen, dat het laten openbaar maken in artikel 6:194 BW een verboden gedraging betreft, terwijl het in artikel 6:196 BW een door de rechter geboden gedraging betreft en dat men daarom terughoudend moet zijn met een systematische interpretatie. Ik meen dat dit tegenargument niet opweegt tegen de omstandigheid dat de bewoordingen in de artikelen identiek zijn, deze artikelen tegelijkertijd zijn ingevoerd en direct met elkaar samenhangen. Blijkens bovenstaande gaan de parlementaire geschiedenis, het merendeel van de literatuur over misleidende reclame en de gevallen in de rechtspraak er van uit dat onder laten openbaar maken moet worden verstaan doen publiceren. Ook de systematiek van de wettelijke regeling duidt hierop. Behalve bij Holzhauer heb ik in die bronnen geen argumenten gevonden die de visie van Maris en Boele ondersteunen. Hun visie is naar mijn mening minder plausibel. De winkelketen doet het reclamebureau, de radio of tv-omroep wervende teksten en beelden openbaar maken. De bank of de uitgevende instelling doet een drukker het prospectus publiceren. Een accountant doet dit niet, wanneer hij de uitgevende instelling toestaat om zijn verklaringen in het prospectus op te nemen. Artikel 6:194 BW is daarop niet toepasselijk. Dat laat overigens onverlet, dat de accountant op grond van artikel 6:162 BW aansprakelijk kan zijn voor misleidende verklaringen. De bewijslast van de onjuistheid of onvolledigheid van de verklaringen en van de toerekenbaarheid aan de accountant rust in beginsel op de claimende beleggers. Ingevolge artikel 150 Rv kunnen redelijkheid en billijkheid echter onder 35 Vgl. met name HR 29 maart 1985, NJ 1985, 593, m.nt. LWH (SKK/Pammler), r.o ; HR 2 december 1994, NJ 1996, 246 (Coop), r.o. 1.a. 11

12 omstandigheden vergen, dat de bewijslast terzake verschuift naar de accountant. Per saldo is de situatie dan gelijk aan die van artikel 6:194 e.v. BW. 4. Acties uit overeenkomst 4.a. Grondslagen van de acties De toezichtwetgeving verplicht om bij het voor het eerst aanbieden van effecten buiten besloten kring (initial public offerings) een prospectus uit te geven, dat potentiële beleggers informeert over de effecten die worden aangeboden. Deze voorschriften kan men zien als een gedetailleerde invulling van de algemene norm, dat degene die een goed verkoopt, de relevante gegevens daaromtrent aan zijn wederpartij dient te melden. Er bestaat discussie over de vraag of het prospectus een aanbod is in de zin van artikel 6:217 BW. Verdedigbaar is, dat het (voorlopige) prospectus slechts een uitnodiging tot het doen van een aanbod inhoudt 36. Daartegen kan men inbrengen dat een prospectus meer heeft van een aanbod, indien vooraf vaststaat op welke wijze de toekenning van effecten aan inschrijvende beleggers plaats vindt. Een dergelijk prospectus doet denken aan een op = op aanbod. De overeenkomst komt dan tot stand zonder dat de uitgevende instelling of de bank werkelijke vrijheid heeft om anders te contracteren. Bovendien speelt bij openbaar verhandelde effecten de persoon van de verkrijger geen rol, anders dan bij het verkopen van bijvoorbeeld een huis. Daarin vindt men een aanvullend argument om aan te nemen dat een prospectus een aanbod bevat en niet een uitnodiging tot het doen van een aanbod. Aan het onderscheid tussen aanbod en uitnodiging dient men vanuit aansprakelijkheidsperspectief overigens niet te veel belang te hechten. In beide gevallen is het prospectus een informatiebron waarvan eventuele onjuistheden naar mijn mening voor rekening behoren te komen van degene die het aanbod of de uitnodiging daartoe doet. Degene die de effecten vervreemdt bij de transactie waar het prospectus op ziet (op de primaire markt), is jegens de inschrijvende belegger verplicht om te voldoen aan het prospectus. Het prospectus wekt bij de belegger het vertrouwen, dat de effecten die worden aangeboden voldoen aan de daarin vervatte omschrijving. De risico s die verbonden zijn aan dit wekken van vertrouwen behoren mijns inziens voor rekening van de vervreemdende partij te komen, ook als die niet zelf het prospectus heeft opgesteld. Het prospectus is immers opgesteld ten behoeve van de transactie in kwestie. Bovendien zal de inschrijvende belegger in de regel geen mogelijkheid hebben tot relevant onderzoek naar de juistheid van het prospectus. Is de informatie in het prospectus op belangrijke punten onjuist of onvolledig, dan staat voor de belegger een aantal contractuele acties open. Als eerste contractuele actie kan men noemen de schadevergoedingsactie uit toerekenbare tekortkoming in de nakoming (artikel 6:74 BW). Degene die de effecten heeft aangeboden, heeft effecten aangeboden die moeten voldoen aan het prospectus. De belegger heeft namelijk effecten verworven die behoren te voldoen aan hetgeen in het prospectus is beschreven. Is het prospectus onjuist of onvolledig dan voldoen de 36 Vgl. o.a. A.E. van der Pauw en T.M. Stevens, Bookbuilding op de Nederlandse markt, Ondernemingsrecht 1999/3, p

13 effecten niet aan hetgeen de inschrijvende belegger mocht verwachten. Op grond van artikel 7:17 jo 47 BW is de vervreemdende partij verplicht om effecten te leveren, die daaraan wel voldoen, bij gebreke waarvan hij tekort komt in de nakoming. Voor zover dat artikel niet rechtstreeks toepasselijk zou zijn op uitgifte van effecten, bestaat er naar mijn mening alle reden voor analoge toepassing 37. De vervreemder is aansprakelijk voor de schade die de belegger lijdt uit deze tekortkoming. Een tweede contractuele actie is de ontbinding op grond van tekortkoming. Dit heeft als voordeel boven de schadevergoedingsactie dat niet is vereist dat de tekortkoming aan de vervreemdende partij kan worden toegerekend. Ook indien deze zich met succes zou beroepen op overmacht, blijft het voor de belegger mogelijk om de transactie te ontbinden. Een ander voordeel voor de belegger is, dat hij de hoogte van de schade niet hoeft te bewijzen. Hij kan de stukken teruggeven tegen terugbetaling van de volledige aanschafprijs 38. De aangesprokene kan aan een actie tot ontbinding tegenwerpen, dat de ontbinding niet is gerechtvaardigd, gezien de geringe tekortkoming. Dat zal naar mijn mening niet slagen, indien relevante informatie onjuist of onvolledig is weergegeven, zeker als dit van invloed kan zijn geweest op de prijsvorming. Een beroep op artikel 6:278 BW kan voor de aangesprokene onder omstandigheden meer succes hebben. Heeft de belegger bijvoorbeeld gekozen voor ontbinding in plaats van schadevergoeding, omdat de uitgevende instelling later is gefailleerd (zonder dat zulks verband hield met de onjuistheid van het prospectus), dan kan dat de terugbetalingsverplichting van de aangesprokene beperken. Als derde contractuele actie noem ik de actie uit dwaling. De inschrijvende belegger wil effecten verwerven, die voldoen aan hetgeen in het prospectus staat. De effecten die hij krijgt voldoen niet aan hetgeen hij heeft beoogd en mocht verwachten. Hij had andere voorstellingen met betrekking tot de effecten en heeft met andere woorden gedwaald. Op grond van artikel 6:228 BW kan hij de overeenkomst vernietigen en betaling vorderen van het bedrag van zijn storting. Kan de aangesproken partij opzet worden verweten, dan staat bovendien een beroep op bedrog open. 4.b. Uitgevende instelling en herplaatsende aandeelhouders Tot nog toe werden de contractuele acties nauwelijks gehanteerd in het kader van misleidende prospectussen, mogelijk omdat men er in de regel van uitgaat dat slechts de uitgevende instelling op grond daarvan kon worden aangesproken. In het algemeen is een aanspraak jegens de uitgevende instelling weinig interessant, omdat door de aanspraak de effecten zelf minder waard worden, zo zij nog iets waard zijn. De idee dat de belegger per definitie met de uitgevende instelling contracteert is niet juist. Zoals wij hierboven zagen, vervreemden bij een herplaatsing van aandelen in beginsel de oud-aandeelhouders en niet de uitgevende instelling. De inschrijvende belegger contracteert met de herplaatsende aandeelhouders, tenzij sprake is van een overgenomen emissie, in welk geval de inschrijvende beleggers naar mijn mening met de syndicaatsbank contracteert, bij wie hij heeft ingeschreven. Een actie jegens herplaatsende aandeelhouders kwam nog niet voor in de recentere rechtspraak met 37 Vergelijk 2 hiervoor. 38 Voor een voorbeeld waaruit dit voordeel blijkt vergelijke men mijn artikel Contractuele prospectusaansprakelijkheid in NV 1997/5, p

14 betrekking tot prospectusaansprakelijkheid (Coop, DAF en het Canadafonds). In deze zaken was een dergelijke actie ook niet mogelijk, omdat geen sprake was van een herplaatsing, maar van uitgifte van nieuwe obligaties of deelnemingsrechten. In de zaken rond World Online zou een contractuele actie jegens herplaatsende aandeelhouders wel mogelijk zijn c. Emissie-begeleidende banken Naar mijn mening kunnen beleggers op de primaire markt onder omstandigheden ook de syndicaatsbanken aanspreken uit overeenkomst. Veelal worden emissies of herplaatsingen overgenomen door het bankensyndicaat. Daarbij komen de banken met de uitgevende instelling en herplaatsende aandeelhouders overeen, dat de banken de stukken overnemen en op hun beurt doorplaatsen aan de inschrijvende beleggers. Uit het prospectus dient te blijken of sprake is van een overgenomen emissie. De inschrijvende belegger mag naar mijn mening uit een dergelijke verklaring afleiden, dat hij contracteert met de syndicaatbank bij wie hij op de emissie inschrijft 40. In de Nederlandse literatuur wordt hieraan weinig aandacht besteed. Anders dan de meeste Nederlandse literatuur schrijft de Duitse literatuur uitdrukkelijk, dat bij een overgenomen emissie de banken met de inschrijvende beleggers contracteren 41. Voor zover mij bekend, wordt de Duitse emissie-praktijk door soortgelijke verhoudingen beheerst als de Nederlandse. De Duitse literatuur vormt een aanvullend argument om ook in Nederland aan te nemen, dat de belegger contracteert met de syndicaatbank bij wie hij op de emissie inschrijft, temeer nu de Nederlandse literatuur niet met goede argumenten voor het tegendeel komt. 4.d. Terughoudende praktijk met betrekking tot contractuele acties De praktijk is terughoudend met het instellen van contractuele acties in geval van vermeend misleidende prospectussen. Deze aarzeling ziet, naar ik heb begrepen, met name op acties tot vernietiging en ontbinding. De voordelen die deze acties kunnen bieden zijn boven omschreven. Met name het feit dat geen discussie behoeft te worden gevoerd over de hoogte van de schade, maar de stukken tegen aanschafprijs kunnen worden geretourneerd kan bijzonder voordelig zijn voor misleide beleggers. Keerzijde van deze voordelen is, dat de beleggers verplicht zijn om de stukken aan de wederpartij te retourneren, wanneer de actie slaagt 42. Veelal zullen de beleggers hun stukken al hebben verkocht. Op zich is dat nog geen probleem. Daar het gaat om soortgoederen, kunnen de beleggers ook effecten van dezelfde soort retourneren. Als de actie tot vernietiging of ontbinding uiteindelijk (vaak na vele jaren) blijkt te slagen kan het zo zijn dat de koers van de effecten weer is gestegen en zelfs boven de uitgiftekoers uitkomt. Heeft de belegger de stukken niet meer, dan brengt een 39 Afgezien van de vraag of sprake is van een overgenomen emissie. 40 Vgl. HR 11 maart 1977, NJ 1977/521, m.nt. G.J. Scholten, AA 1977, p. 589, m.nt. Van der Grinten (Kribbebijter). 41 H.D. Assmann, R.A. Schütze (red.), Handbuch des Kapitalanlagerechts, C.H. Beck, München 1990, 71; C.W. Canaris, Bankvertragsrecht, 2. Auflage, W. de Gruyter, Berlin, New York 1981, 2245; K.J. Hopt, Die Verantwortlichkeit der Banken bei Emissionen, C.H. Beck, München 1991, 42; E. Schwark, Börsengesetz, 2. Auflage, C.H. Beck, München 1994, p. 377, Vergelijk art. 6:203 en 6:271 BW. 14

15 geslaagde ontbindings- of vernietigingsactie de belegger van de drup in de regen. Stel dat hij tegen een koers van 50 heeft gekocht, tegen een koers van 20 heeft verkocht en aan het einde van de rechtsstrijd stukken moet kopen tegen een koers van 70 om aan zijn ongedaanmakingsverplichtingen te voldoen. In dat geval moet de bank hem 50 per effect terugbetalen, terwijl de belegger effecten moet leveren die inmiddels 70 waard zijn. Ook al heeft hij de procedure gewonnen, het effect ervan is dat het hem nog meer geld kost. Tegen dit gevaar zijn twee remedies mogelijk. Ten eerste kan men, zeker bij een collectieve actie naast elkaar verschillende verklaringen voor recht vorderen, zodat op iedere gevorderde verklaring moet worden beslist. Zo kan men een verklaring voor recht vragen, inhoudende dat de beleggers op de primaire markt bevoegd zijn om hun koop te vernietigen op grond van dwaling dan wel te ontbinden op grond van tekortkoming in de nakoming. Daarnaast kunnen parallel daarmee verklaringen voor recht worden gevorderd, inhoudende dat de wederpartij aansprakelijk is tot schadevergoeding uit hoofde van artikel 6:194 e.v., 6:162 en/of 6:74 BW. De individuele belegger kan dan nog aan het einde van de procedure kiezen of hij vernietigt, ontbindt of schadevergoeding vordert. De tweede remedie vergt iets meer planning en is iets minder zeker. De belegger kan in geval van een misleidend prospectus de koop buitengerechtelijk vernietigen of ontbinden door middel van een schriftelijke verklaring. Vervolgens kan de belegger de bank of andere wederpartij aanmanen om de aanschafprijs terug te betalen, terwijl hij aanbiedt om de effecten te retourneren. De wederpartij zal dat waarschijnlijk weigeren, onder betwisting van de bevoegdheid tot vernietiging of ontbinding. Daarmee komt de wederpartij in verzuim. Zij weigert betaling en verhindert teruggave van de effecten. Het is verdedigbaar dat de belegger in dat geval met een beroep op artikel 6:90 BW de stukken mag verkopen, waarna de opbrengst in de plaats treedt van de oorspronkelijke stukken. De belegger moet dan aannemelijk maken, dat verdere bewaring zo bezwaarlijk is, dat dat in de gegeven omstandigheden niet van hem kan worden gevergd. Ik meen dergelijke omstandigheden te ontwaren, indien de wederpartij weigert na te komen, de procedure naar het zich laat aanzien lang zal duren en de effecten in meerdere of mindere mate fluctueren. Moet men van de belegger verlangen dat hij een deel van zijn vermogen jarenlang vastzet, omdat de wederpartij weigerachtig is in de nakoming? De belegger zal zijn kansen hij de belegger zijn wederpartij op de hoogte stelt dat hij de stukken zal verkopen, wanneer deze niet binnen een bepaalde termijn nakomt. Vertaalt men dit naar de dag van vandaag dan gaan de gedachten natuurlijk uit naar de beursgang van World Online. Dit betrof een overgenomen emissie en herplaatsing van aandelen. Veel beleggers menen dat het prospectus misleidend was en zijn terzake procedures gestart. Deze procedures bieden bij uitstek de kans om een contractuele grondslag te beproeven in hun actie jegens de banken, naast de route van artikel 6:194 BW. Men kan daarbij denken aan verklaringen voor recht, inhoudende: dat de banken tekort zijn gekomen in de nakoming van hun verplichtingen jegens de beleggers die bij hen hebben ingeschreven, op grond waarvan deze beleggers het recht hebben om de overeenkomst met de bank te ontbinden en/of om schadevergoeding te vorderen; 15

16 dat de beleggers hebben gedwaald met betrekking tot de werkelijke stukken en uit dien hoofde gerechtigd zijn om de overeenkomst met de desbetreffende bank te vernietigen. Het vragen van dergelijke verklaringen voor recht zou niets afdoen aan de actiemogelijkheden uit hoofde van onrechtmatige daad en misleidende reclame. In tegendeel, het zou de positie van de beleggers jegens hun kapitaalkrachtige wederpartijen slechts versterken. Naar mijn mening is het een gemiste kans, dat dergelijke acties niet zijn ingesteld. Gezien het vroege stadium waarin de procedures zich bevinden (zij zullen niet na één aanleg eindigen) is er echter nog de mogelijkheid om dergelijke aanspraken toe te voegen. In een bundel vanwege een onderzoekcentrum aan de Katholieke Universiteit voel ik me vrij om de desbetreffende confrères op te roepen om zich te bekeren, nu het nog kan. 5. Conclusie Een prospectus informeert de geïnteresseerde belegger over effecten die zullen worden uitgegeven of vervreemd. De informatie in het prospectus dient adequaat te zijn voor een goede beoordeling van de effecten. Dit vereiste geldt zowel op grond van de contractuele verhouding volgens welke de inschrijvende belegger zijn effecten verkrijgt, als op grond van de toezichtwetgeving, die mede is gegeven ter bescherming van het algemeen belang. In geval het prospectus misleidend is wordt zowel de contractuele als de wettelijke verplichting geschonden. De belegger kan in een dergelijk geval grijpen naar acties uit onrechtmatige daad of misleidende reclame en naar contractuele acties. Naast de uitgevende instelling en de syndicaatsbanken kunnen ook de herplaatsende aandeelhouders worden aangesproken uit hoofde van onrechtmatige daad en misleidende reclame. Voor zover de herplaatsende aandeelhouders het prospectus niet zelf openbaar maken, laten zij dit doen door de uitgevende instelling en de syndicaatsbanken. Ook op een dergelijk openbaar doen maken is artikel 6:194 BW toepasselijk. Adviseurs van wie onjuiste verklaringen in het prospectus worden opgenomen kunnen worden aangesproken uit hoofde van onrechtmatige daad. De artikelen over misleidende reclame zijn naar mijn mening niet op hen toepasselijk, omdat zij hun verklaringen niet doen publiceren. Ik meen uit het systeem van de wet, de parlementaire geschiedenis, het merendeel van de literatuur en de rechtspraak te mogen opmaken dat onder laten openbaar maken in de zin van artikel 6:194 BW moet worden verstaan doen publiceren. De adviseurs doen hun verklaring niet openbaar maken. Zij staan slechts toe, dat de uitgevende instelling c.q. het bankensyndicaat hun verklaringen openbaar maken. Het NIvRA geeft in de Ontwerp-Richtlijn voor de Accountantscontrole 850 een standaard accountantsverklaring ten behoeve van prospectussen. Deze verklaring is veel ruimer dan de verklaring die wettelijk vereist is. Door de verwijzing naar artikel 2 Bte 1995 en 6 Btb als geheel, houdt de verklaring in, dat het prospectus juist en volledig is. De accountant haalt zich hiermee een enorme verantwoordelijkheid op de hals, met een navenant groot aansprakelijkheidsrisico. 16

17 Contractuele grondslagen voor aansprakelijkstelling bij misleidende prospectussen vindt men in Nederland zelden. Contractuele acties kunnen naar mijn mening niet alleen worden ingesteld tegen uitgevende instellingen en herplaatsende aandeelhouders, maar onder omstandigheden ook tegen de syndicaatsbanken bij wie de beleggers hebben ingeschreven. Acties tot vernietiging op grond van dwaling of ontbinding op grond van tekortkoming bieden aan de misleide belegger voordelen ten opzichte van acties uit onrechtmatige daad, met name waar het gaat om discussie over de hoogte van de schade. De risico s die aan bepaalde contractuele acties verbonden zijn, kunnen worden vermeden door de wijze van inkleding van de vorderingen. Naar mijn mening vormen contractuele acties een belangrijke aanvulling op de actie uit misleidende reclame. In collectieve acties kunnen dergelijke contractuele acties worden beproefd door het vorderen van een verklaring voor recht, inhoudende dat de beleggers bevoegd zijn tot ontbinding respectievelijk vernietiging. In individuele gevallen kan vervolgens worden bezien of van die mogelijkheid gebruik wordt gemaakt of niet. Dit versterkt de procedurele positie van de beleggers. Het kan bovendien een nuttige bijdrage vormen aan de rechtsontwikkeling van prospectusaansprakelijkheid. 17

Inleiding. Aan wie wordt uitgegeven? Soorten van emissies

Inleiding. Aan wie wordt uitgegeven? Soorten van emissies Mr J WP.M. van der Velden Mr].W.P.M. van der Velden is advocaatbij Banning Van Kemenade & Holland te Eindhoven Inleiding Mede naar aanleiding van de procedure inzake Co-op obligaties staat prospectusaansprakelijkheid

Nadere informatie

REGISTRATIEDOCUMENT EAGLE FUND BEHEER B.V.

REGISTRATIEDOCUMENT EAGLE FUND BEHEER B.V. REGISTRATIEDOCUMENT EAGLE FUND BEHEER B.V. Algemeen Dit is het registratiedocument van Eagle Fund Beheer B.V., als bedoeld in artikel 11 Besluit toezicht beleggingsinstellingen 2005 ("Btb 2005"). Tenzij

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2003.1733 (052.03) ingediend door: hierna te noemen 'klager', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht Verzekeringen

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken.

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, is het navolgende gebleken. RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2005.2662 (068.05) ingediend door: hierna te noemen 'klagers', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht

Nadere informatie

C/13/555974 / HA ZA 13-1827 28 oktober 2015 8 oordeel dat met deze uitingen sprake was van misleidende publieke berichtgeving. VEB en de stichting stellen dat door deze uitingen de gedupeerde beleggers

Nadere informatie

Algemene voorwaarden Solo Documents

Algemene voorwaarden Solo Documents Algemene voorwaarden Solo Documents Artikel 1 Definities 1. Solo Documents: Solo Documents, de gebruiker van deze algemene voorwaarden, gevestigd aan P.C. Boutenstraat 91, 1822 KH te Alkmaar, ingeschreven

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Uit de stukken is, voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, het navolgende gebleken.

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Uit de stukken is, voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, het navolgende gebleken. RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2005.0156 (004.05) ingediend door: hierna te noemen 'klager', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht Verzekeringen

Nadere informatie

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders. Monika Chao-Duivis Directeur IBR/hoogleraar bouwrecht TU Delft

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders. Monika Chao-Duivis Directeur IBR/hoogleraar bouwrecht TU Delft Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Monika Chao-Duivis Directeur IBR/hoogleraar bouwrecht TU Delft Vragen Hoe zit het met de privaatrechtelijke aansprakelijkheid

Nadere informatie

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Voordracht 9 juni 2015, Minisymposium Juridische gevolgen voor kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Monika Chao-Duivis

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING JOHN VAN VLIET FINANCIEEL ADVIES OP HET TERREIN VAN VERZEKERINGEN, PENSIOENEN EN ANDERE EMPLOYEE BENEFITS

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING JOHN VAN VLIET FINANCIEEL ADVIES OP HET TERREIN VAN VERZEKERINGEN, PENSIOENEN EN ANDERE EMPLOYEE BENEFITS ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING JOHN VAN VLIET FINANCIEEL ADVIES OP HET TERREIN VAN VERZEKERINGEN, PENSIOENEN EN ANDERE EMPLOYEE BENEFITS 1. ALGEMEEN. 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing

Nadere informatie

Juridisch kader: mededelingenbrieven financiële verslaggeving

Juridisch kader: mededelingenbrieven financiële verslaggeving Juridisch kader: mededelingenbrieven financiële verslaggeving Hieronder vindt u een overzicht van enige relevante wetsartikelen (januari 2016). Voor de meest actuele informatie zie www.wetten.overheid.nl

Nadere informatie

Aansprakelijkheid van rechtspersoon-bestuurders en feitelijk beleidsbepalers

Aansprakelijkheid van rechtspersoon-bestuurders en feitelijk beleidsbepalers Dit artikel is gepubliceerd in het tijdschrift Juridisch up to Date, september 2008 Aansprakelijkheid van rechtspersoon-bestuurders en feitelijk beleidsbepalers Mr. dr. S. Parijs, CMS Derks Star Busmann

Nadere informatie

OVEREENKOMST tussen Stichting Prioriteit DIM Vastgoed en Holding Partex East BV en Holding Partex West BV en DIM Vastgoed NV

OVEREENKOMST tussen Stichting Prioriteit DIM Vastgoed en Holding Partex East BV en Holding Partex West BV en DIM Vastgoed NV OVEREENKOMST tussen Stichting Prioriteit DIM Vastgoed en Holding Partex East BV en Holding Partex West BV en DIM Vastgoed NV PARTIJEN: 1. Stichting Prioriteit DIM Vastgoed, statutair gevestigd te Breda,

Nadere informatie

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken:

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken: Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2011-346 d.d. 2 december 2011 (mr. P.A. Offers, voorzitter, mr. B.F. Keulen en mr. A.W.H. Vink, leden, en mr.drs. D.J. Olthoff, secretaris)

Nadere informatie

1. ALGEMEEN. 2. OVEREENKOMST.

1. ALGEMEEN. 2. OVEREENKOMST. Algemene voorwaarden van den Boorn Financieel Advies B.V. Betrekking hebbende op het gebied van advisering in financiële diensten in de ruimste zin des woord evenals het besturen en deelnemen van management-

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN. Artikel 1 : Toepasselijkheid Algemene Voorwaarden

ALGEMENE VOORWAARDEN. Artikel 1 : Toepasselijkheid Algemene Voorwaarden ALGEMENE VOORWAARDEN Artikel 1 : Toepasselijkheid Algemene Voorwaarden 1.1 Alle overeenkomsten, opdrachten, aanbiedingen, offertes en facaturen waarbij ScriptieScreening diensten van welke aard ook levert

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN

ALGEMENE VOORWAARDEN ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING FINANCIEEL ADVIESBUREAU KARIN BLOTT OP HET TERREIN VAN HYPOTHEKEN / VERZEKERINGEN / OVERIG FINANCIEEL ADVIES. 1. ALGEMEEN. 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN KKamsterdam

ALGEMENE VOORWAARDEN KKamsterdam ALGEMENE VOORWAARDEN KKamsterdam Toepasselijkheid 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op en maken onlosmakelijk deel uit van iedere aanbieding, offerte en overeenkomst die betrekking heeft

Nadere informatie

A L G E M E N E V O O R W A A R D E N S C H E E P V A A R T B E D R I J F V E R S L U I S

A L G E M E N E V O O R W A A R D E N S C H E E P V A A R T B E D R I J F V E R S L U I S A L G E M E N E V O O R W A A R D E N S C H E E P V A A R T B E D R I J F V E R S L U I S ARTIKEL 1. DEFINITIES 1. Versluis: Scheepvaartbedrijf Versluis; de gebruiker van deze algemene voorwaarden, gevestigd

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING VAKADI ASSURANTIEN C.V. OP HET TERREIN VAN RISK MANAGEMENT, VERZEKERINGEN EN EMPLOYEE BENEFITS

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING VAKADI ASSURANTIEN C.V. OP HET TERREIN VAN RISK MANAGEMENT, VERZEKERINGEN EN EMPLOYEE BENEFITS ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING VAKADI ASSURANTIEN C.V. OP HET TERREIN VAN RISK MANAGEMENT, VERZEKERINGEN EN EMPLOYEE BENEFITS 1. ALGEMEEN. 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op overeenkomsten

Nadere informatie

Sytsma c.s. / Van der Heiden. Hoge Raad 5 oktober 2012, Ondernemingsrecht 2013/22 noot: J.W.P.M. van der Velden i

Sytsma c.s. / Van der Heiden. Hoge Raad 5 oktober 2012, Ondernemingsrecht 2013/22 noot: J.W.P.M. van der Velden i Sytsma c.s. / Van der Heiden Hoge Raad 5 oktober 2012, Ondernemingsrecht 2013/22 noot: J.W.P.M. van der Velden i Onderscheid aanbieden effecten aan het publiek en effectenbemiddeling. Prospectusaansprakelijkheid.

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden van De Jong Assurantiën cv en/of De Jong & Bouterse bv, behorend bij de Overeenkomst tot het verrichten van diensten

Algemene Voorwaarden van De Jong Assurantiën cv en/of De Jong & Bouterse bv, behorend bij de Overeenkomst tot het verrichten van diensten Algemene Voorwaarden van De Jong Assurantiën cv en/of De Jong & Bouterse bv, behorend bij de Overeenkomst tot het verrichten van diensten Artikel 1 Algemeen 1.1 In de Algemene Voorwaarden wordt verstaan

Nadere informatie

Algemene Leveringsvoorwaarden voor advisering op het terrein van risk management, verzekeringen, pensioenen en andere employee benefits

Algemene Leveringsvoorwaarden voor advisering op het terrein van risk management, verzekeringen, pensioenen en andere employee benefits 1 Algemene Leveringsvoorwaarden voor advisering op het terrein van risk management, verzekeringen, pensioenen en andere employee benefits 1. ALGEMEEN. 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing

Nadere informatie

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2015-057 d.d. 20 februari 2015 (prof. mr. M.L. Hendrikse en mr. E.E. Ribbers, secretaris)

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2015-057 d.d. 20 februari 2015 (prof. mr. M.L. Hendrikse en mr. E.E. Ribbers, secretaris) Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2015-057 d.d. 20 februari 2015 (prof. mr. M.L. Hendrikse en mr. E.E. Ribbers, secretaris) Samenvatting Inboedelverzekering. Uitleg van verzekeringsvoorwaarden.

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING VAN NL PENSIOEN OP HET TERREIN VAN PENSIOENEN EN EMPLOYEE BENEFITS

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING VAN NL PENSIOEN OP HET TERREIN VAN PENSIOENEN EN EMPLOYEE BENEFITS ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING VAN NL PENSIOEN OP HET TERREIN VAN PENSIOENEN EN EMPLOYEE BENEFITS 1. ALGEMEEN. 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op overeenkomsten waarbij door NL Pensioen,

Nadere informatie

Corporate Alert: de 403-verklaring

Corporate Alert: de 403-verklaring Corporate Alert: de 403-verklaring Kort na elkaar heeft de Hoge Raad twee uitspraken gedaan over vragen waartoe de 403- verklaring aanleiding geeft. De meest in het oog springende beslissing (HR 20 maart

Nadere informatie

1. In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven.

1. In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven. Algemene Voorwaarden Interim Recruitment Recruvisie Artikel 1 Definities 1. In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN. 1. Algemeen

ALGEMENE VOORWAARDEN. 1. Algemeen ALGEMENE VOORWAARDEN De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Office Support SG Arnhem B.V. gevestigd en kantoorhoudende te Arnhem, gedeponeerd ter Griffie van de arrondissementsrechtbank

Nadere informatie

Remedies. Mr. W.L. Valk

Remedies. Mr. W.L. Valk Remedies Mr. W.L. Valk 1 Inleiding denken in remedies perspectief van de rechter perspectief van de wetenschap perspectief van partijen advocaat/andere rechtshulpverlener als intermediair aanpak in deze

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 070.00 ingediend door: hierna te noemen klager`, tegen: hierna te noemen 'verzekeraar. De Raad van Toezicht Verzekeringen heeft

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden NL Stijl

Algemene Voorwaarden NL Stijl Algemene Voorwaarden NL Stijl NL STIJL Artikel 1 Algemeen 1.1 In deze algemene voorwaarden wordt verstaan onder: Opdrachtgever: de wederpartij van NLStijl bij een overeenkomst als bedoeld in Artikel 2.1;

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN. Artikel 1 Definities. in deze Algemene Voorwaarden wordt verstaan onder:

ALGEMENE VOORWAARDEN. Artikel 1 Definities. in deze Algemene Voorwaarden wordt verstaan onder: ALGEMENE VOORWAARDEN Van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Linkedintoresults B.V., tevens handelend onder de namen Linkedintoresults en LI2R, gevestigd en kantoorhoudende te, aan

Nadere informatie

Bijlage: reactie op de belangrijkste aanbevelingen van de Commissie Modernisering Beleggingsinstellingen (commissie Winter):

Bijlage: reactie op de belangrijkste aanbevelingen van de Commissie Modernisering Beleggingsinstellingen (commissie Winter): Bijlage: reactie op de belangrijkste aanbevelingen van de Commissie Modernisering Beleggingsinstellingen (commissie Winter): 1. Afschaffing van de verplichte beursnotering voor beleggingsmaatschappijen

Nadere informatie

BELEGGINGSFONDSEN NAAR BURGERLIJK RECHT

BELEGGINGSFONDSEN NAAR BURGERLIJK RECHT BELEGGINGSFONDSEN NAAR BURGERLIJK RECHT EEN WETENSCHAPPELIJKE PROEVE OP HET GEBIED VAN DE RECHTSGELEERDHEID PROEFSCHRIFT TER VERKRIJGING VAN DE GRAAD VAN DOCTOR AAN DE RADBOUD UNIVERSITEIT NIJMEGEN OP

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2006.0691 (013.06) ingediend door: hierna te noemen klaagster, tegen: hierna te noemen verzekeraar. De Raad van Toezicht Verzekeringen

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden het Perspectief, financieel & strategisch management

Algemene Voorwaarden het Perspectief, financieel & strategisch management Algemene Voorwaarden het Perspectief, financieel & strategisch management Artikel 1 Definities 1. In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij

Nadere informatie

de naamloze vennootschap ABN AMRO Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

de naamloze vennootschap ABN AMRO Bank N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2014-205 d.d. 19 mei 2014 (mr. C.E. du Perron, voorzitter, drs. L.B. Lauwaars RA en R.H.G. Mijné, leden en mr. I.M.M. Vermeer, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

A D M I N I S T R A T I E V O O R W A A R D E N

A D M I N I S T R A T I E V O O R W A A R D E N A D M I N I S T R A T I E V O O R W A A R D E N van: Stichting Jubileumfonds 1948 en 2013 voor het Concertgebouw statutair gevestigd te Amsterdam d.d. 1 september 2011 Definities. Artikel 1. In deze administratievoorwaarden

Nadere informatie

Algemene voorwaarden Reteracontrols Schout Wernertslaan 11 5673RL Nuenen Versie geldig vanaf: 15 april 2010. Artikel 1 Definities en toepasselijkheid

Algemene voorwaarden Reteracontrols Schout Wernertslaan 11 5673RL Nuenen Versie geldig vanaf: 15 april 2010. Artikel 1 Definities en toepasselijkheid Schout Wernertslaan 11 5673RL Nuenen Versie geldig vanaf: 15 april 2010 Artikel 1 Definities en toepasselijkheid 1.1 Reteracontrols: de eenmanszaak Reteracontrols. Statutair gevestigd te Nuenen en ingeschreven

Nadere informatie

2.2 Assurantie Service Jan van Veen behoudt zich het recht voor opdrachten zonder opgave van redenen te weigeren.

2.2 Assurantie Service Jan van Veen behoudt zich het recht voor opdrachten zonder opgave van redenen te weigeren. ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING Assurantie Service Jan van Veen OP HET TERREIN VAN Individuele Arbeidsongeschiktheidsverzekering, Uitvaartverzekering, Overlijdensrisicoverzekering, (Direct Ingaande) Lijfrenteverzekering

Nadere informatie

Rapport. Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014. Rapportnummer: 2014/010

Rapport. Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014. Rapportnummer: 2014/010 Rapport Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014 Rapportnummer: 2014/010 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat het College van procureurs-generaal

Nadere informatie

Algemene leverings- En Betalingsvoorwaarden Van :

Algemene leverings- En Betalingsvoorwaarden Van : Algemene leverings- En Betalingsvoorwaarden Van : Bjorn van de Brug Multiservice, Hullerweg 14a, 8071RN te Nunspeet hierna te noemen: Gebruiker Artikel 1 Definities 1. In deze algemene voorwaarden worden

Nadere informatie

2.4 De!toepasselijkheid!van!voorwaarden!van!wederpartij!wordt!uitdrukkelijk!uitgesloten;!

2.4 De!toepasselijkheid!van!voorwaarden!van!wederpartij!wordt!uitdrukkelijk!uitgesloten;! ALGEMENE'VOORWAARDEN' Artikel'1'Definities' Indezevoorwaardenwordendehiernavolgendetermenindenavolgendebetekenisgebruikt,tenzijuitdrukkelijkanders isaangegeven: Gebruiker :EV?BoxB.V.,degebruikervandealgemenevoorwaarden,opdrachtnemer,verkoper;

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING ALFISURE 1. ALGEMEEN.

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING ALFISURE 1. ALGEMEEN. ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING ALFISURE 1. ALGEMEEN. 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op overeenkomsten waarbij door Alfisure, verder ook opdrachtnemer te noemen, al dan niet op declaratiebasis

Nadere informatie

50060810 AMS C 275476 / 8

50060810 AMS C 275476 / 8 1 BEPALINGEN VASTSTELLINGOVEREENKOMST DUISENBERG-REGELING Artikel 1 Algemene Bepalingen 1.1 Deze Bepalingen Vaststellingsovereenkomst Duisenberg-Regeling zijn opgesteld in overleg tussen Dexia Bank Nederland

Nadere informatie

Algemene voorwaarden Sabanoord Accountants, Belastingadviseurs, Administratieve Dienstverleners en Salaris- en Personeelsadviseurs

Algemene voorwaarden Sabanoord Accountants, Belastingadviseurs, Administratieve Dienstverleners en Salaris- en Personeelsadviseurs Algemene voorwaarden Sabanoord Accountants, Belastingadviseurs, Administratieve Dienstverleners en Salaris- en Personeelsadviseurs Artikel 1. Algemeen 1.1 n deze algemene voorwaarden wordt verstaan onder:

Nadere informatie

DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.

DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2014-287 d.d. 28 juli 2014 (mr. A.W.H. Vink, voorzitter, drs. W. Dullemond en mr. B.F. Keulen, leden en mr. I.M.L. Venker, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

KAS BANK N.V. OVEREENKOMST VAN BEHEER EN BEWARING INZAKE BELEGINGSFONDS

KAS BANK N.V. OVEREENKOMST VAN BEHEER EN BEWARING INZAKE BELEGINGSFONDS KAS BANK N.V. OVEREENKOMST VAN BEHEER EN BEWARING INZAKE BELEGINGSFONDS INHOUDSOPGAVE Artikel Pagina Artikel 1 Algemeen...3 Artikel 2 Bewaring...4 Artikel 3 Belangenbehartiging houders van deelnemersrechten...4

Nadere informatie

In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven.

In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven. Algemene Voorwaarden 1 Definities In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven. Opdrachtgever: de natuurlijke

Nadere informatie

Onjuist omschreven factuur ingediend. Samenwerking met andere adviseurs. Wat is courtage?

Onjuist omschreven factuur ingediend. Samenwerking met andere adviseurs. Wat is courtage? Onjuist omschreven factuur ingediend. Samenwerking met andere adviseurs. Wat is courtage? Een notaris en een bank klagen erover dat een makelaarskantoor bij eerstgenoemde een factuur heeft ingediend voor

Nadere informatie

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2016-077 (prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris)

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2016-077 (prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris) Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2016-077 (prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris) Klacht ontvangen op : 4 februari 2015 Ingesteld door : Consument

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING PUUR VERZEKEREN OP HET TERREIN VAN RISK MANAGEMENT, VERZEKERINGEN, PENSIOENEN EN ANDERE EMPLOYEE BENEFITS

ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING PUUR VERZEKEREN OP HET TERREIN VAN RISK MANAGEMENT, VERZEKERINGEN, PENSIOENEN EN ANDERE EMPLOYEE BENEFITS ALGEMENE VOORWAARDEN ADVISERING PUUR VERZEKEREN OP HET TERREIN VAN RISK MANAGEMENT, VERZEKERINGEN, PENSIOENEN EN ANDERE EMPLOYEE BENEFITS 1. ALGEMEEN. 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing

Nadere informatie

Voorwaarden Planh Jobcoaching BV Bij ondertekening van de offerte gaat de opdrachtgever akkoord met de leveringsvoorwaarden.

Voorwaarden Planh Jobcoaching BV Bij ondertekening van de offerte gaat de opdrachtgever akkoord met de leveringsvoorwaarden. Voorwaarden Planh Jobcoaching BV Bij ondertekening van de offerte gaat de opdrachtgever akkoord met de leveringsvoorwaarden. 1. Onderzoek, begeleiding, rapportages en advisering, vinden plaats in opdracht

Nadere informatie

CUMLINGUA ALGEMENE VOORWAARDEN VERTAAL-, SCHRIJF en CORRECTIEDIENSTEN

CUMLINGUA ALGEMENE VOORWAARDEN VERTAAL-, SCHRIJF en CORRECTIEDIENSTEN CUMLINGUA ALGEMENE VOORWAARDEN VERTAAL-, SCHRIJF en CORRECTIEDIENSTEN Artikel 1 - Toepasselijkheid van de voorwaarden 1.1 Deze voorwaarden gelden voor iedere aanbieding en iedere overeenkomst tussen Cumlingua

Nadere informatie

Algemene voorwaarden KMS Advocaten te Rotterdam. Artikel 1: Definities

Algemene voorwaarden KMS Advocaten te Rotterdam. Artikel 1: Definities Algemene voorwaarden KMS Advocaten te Rotterdam. Artikel 1: Definities 1.1 KMS Advocaten: de oprichter en de medewerkers van het kantoor 1.2 Cliënt: de opdrachtgever van KMS Advocaten 1.3 Honorarium: de

Nadere informatie

CONVENANT. De Stichting Autoriteit Financiële Markten (hierna: AFM) en

CONVENANT. De Stichting Autoriteit Financiële Markten (hierna: AFM) en CONVENANT Inzake de samenwerking tussen de Stichting Autoriteit Financiële Markten en de Stichting Dutch Securities Institute ter bevordering van het integriteittoezicht en de handhaving van de deskundigheid

Nadere informatie

Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling

Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling 9 september 2015 Alex Ter Horst Advocaat pensioenrecht Achtergrond Indien verplichtstelling van toepassing is leidt dat voor wg en bpf tot allerlei

Nadere informatie

CONCLUSIE VAN ANTWOORD IN INCIDENT. in de zaak van:

CONCLUSIE VAN ANTWOORD IN INCIDENT. in de zaak van: Rechtbank Midden-Nederland Zaaknummer: 406064 C/16 2015/1013 Zitting: 30 december 2015 CONCLUSIE VAN ANTWOORD IN INCIDENT in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid PROPERTIZE

Nadere informatie

3.Offerte: de door LABEL ME gedane offerte voor het leveren van Diensten.

3.Offerte: de door LABEL ME gedane offerte voor het leveren van Diensten. Algemene Voorwaarden LABEL ME Artikel 1: Definities In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven. 1.LABEL

Nadere informatie

SCHEIDSGERECHT GEZONDHEIDSZORG

SCHEIDSGERECHT GEZONDHEIDSZORG SCHEIDSGERECHT GEZONDHEIDSZORG Kenmerk: 05/16 Bindend advies in de zaak van: A., wonende te Z., eiser, gemachtigde: mr. Th.F.M. Pothof tegen De Stichting B., gevestigd te IJ., verweerster, gemachtigde:

Nadere informatie

Algemene voorwaarden TU Delft

Algemene voorwaarden TU Delft Algemene voorwaarden TU Delft ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR HET UITVOEREN VAN OPDRACHTEN DOOR DE TECHNISCHE UNIVERSITEIT DELFT Artikel 1: Begripsomschrijving In deze algemene voorwaarden voor opdrachten, verstrekt

Nadere informatie

Nijmegen, 9 maart 2010 Betreft: aanvullend advies inzake erfdienstbaarheid Maliskamp

Nijmegen, 9 maart 2010 Betreft: aanvullend advies inzake erfdienstbaarheid Maliskamp Mr. P.H.A.M. Peters Hoff van Hollantlaan 5 Postbus 230 5240 AE Rosmalen Nijmegen, 9 maart 2010 Betreft: aanvullend advies inzake erfdienstbaarheid Maliskamp Geachte heer Peters, Bij brief van 12 november

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. U I T S P R A A K Nr. 2000/111 Mo. i n d e k l a c h t nr. 019.00. hierna te noemen 'klager',

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. U I T S P R A A K Nr. 2000/111 Mo. i n d e k l a c h t nr. 019.00. hierna te noemen 'klager', RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 019.00 ingediend door: hierna te noemen 'klager', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht Verzekeringen

Nadere informatie

REGLEMENT PRIVE-BELEGGINGEN VOOR DE RAAD VAN COMMISSARISSEN EN RAAD VAN BESTUUR VAN MACINTOSH RETAIL GROUP NV

REGLEMENT PRIVE-BELEGGINGEN VOOR DE RAAD VAN COMMISSARISSEN EN RAAD VAN BESTUUR VAN MACINTOSH RETAIL GROUP NV REGLEMENT PRIVE-BELEGGINGEN VOOR DE RAAD VAN COMMISSARISSEN EN RAAD VAN BESTUUR VAN MACINTOSH RETAIL GROUP NV Vastgesteld en goedgekeurd door de Raad van Commissarissen op 15 december 2004 Definities:

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN PROPTIMIZE NEDERLAND B.V. (versie oktober 2012)

ALGEMENE VOORWAARDEN PROPTIMIZE NEDERLAND B.V. (versie oktober 2012) ALGEMENE VOORWAARDEN PROPTIMIZE NEDERLAND B.V. (versie oktober 2012) 1. Definities 1.1 In deze Algemene Voorwaarden wordt verstaan onder: Opdracht : a) De overeenkomst waarbij Opdrachtnemer hetzij alleen

Nadere informatie

ALGEMENE LEVERINGSVOORWAARDEN. JVUcalculatie

ALGEMENE LEVERINGSVOORWAARDEN. JVUcalculatie ALGEMENE LEVERINGSVOORWAARDEN JVUcalculatie Artikel 1 Toepassingsgebied 1.1 Deze algemene leveringsvoorwaarden zijn van toepassing bij opdrachten aan en op alle aanbiedingen en overeenkomsten waarbij JVUcalculatie

Nadere informatie

Algemene voorwaarden Boogaerdt Bedrijfsmakelaars B.V.

Algemene voorwaarden Boogaerdt Bedrijfsmakelaars B.V. Algemene voorwaarden Boogaerdt Bedrijfsmakelaars B.V. De inhoud van algemene voorwaarden is van toepassing op alle verstrekte opdrachten tot dienstverlening aan Boogaerdt Bedrijfsmakelaars B.V. en gelden

Nadere informatie

De Commissie heeft vastgesteld dat tussenkomst van de Ombudsman Financiële Dienstverlening niet tot oplossing van het geschil heeft geleid.

De Commissie heeft vastgesteld dat tussenkomst van de Ombudsman Financiële Dienstverlening niet tot oplossing van het geschil heeft geleid. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2012-160 d.d. 22 mei 2012 (mr. R.J. Verschoof, voorzitter, prof. mr. M.L.Hendrikse en mr. E.M. Dil-Stork, leden, en mr. E.E. Ribbers, secretaris)

Nadere informatie

College NV en BV; Aandelen

College NV en BV; Aandelen College NV en BV; Aandelen Mr. K. Frielink Universiteit van de Nederlandse Antillen Dinsdag 23 februari 2010 van 19.00-20.30 uur NV en BV - inleiding 1. De NV is een RP met een of meer op naam of aan toonder

Nadere informatie

Strekking. Verplichtingen Stuifmeel Accountants

Strekking. Verplichtingen Stuifmeel Accountants ALGEMENE LEVERINGS-, BETALINGS- EN UITVOERINGSVOORWAARDEN VAN TOEPASSING OP DE RECHTSVERHOUDING TUSSEN OPDRACHTGEVER EN Stuifmeel Accountants Algemeen Artikel 1 a. Deze Algemene Voorwaarden zijn van toepassing,

Nadere informatie

www.beershypotheken.nl info@beershypotheken.nl

www.beershypotheken.nl info@beershypotheken.nl Algemene voorwaarden Beers Hypotheekadvies.,(artikel 1 t/m 11) Deze algemene voorwaarden worden vanaf 1 januari 2011 gehanteerd door Beers Hypotheekadvies, gevestigd te Den Helder aan de Middenweg 149,

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden. Algemene voorwaarden Social Elephant

Algemene Voorwaarden. Algemene voorwaarden Social Elephant Algemene Voorwaarden Algemene voorwaarden Social Elephant 1. Toepassingsgebied Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op alle opdrachten die opdrachtgevers van Social Elephant aan Social Elephant

Nadere informatie

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1

Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Een pleidooi voor aanpassing van het Besluit Huwelijksgoederenregister 1969 1 Prof. mr. A.J.M. Nuytinck, hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder personen-, familie- en erfrecht, aan de Erasmus Universiteit

Nadere informatie

Algemene voorwaarden voor financiële dienstverleners

Algemene voorwaarden voor financiële dienstverleners Algemene voorwaarden voor financiële dienstverleners Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door VDS Hypotheken & Financiële Planning (KvK 60245948), gevestigd te Werkendam aan Van Randwijklaan 49,

Nadere informatie

ACCOUNTANTSKAMER. BESLISSING ex artikel 38 Wet tuchtrechtspraak accountants (Wtra) in de zaak met nummer 15/352 Wtra AK van 20 juli 2015 van

ACCOUNTANTSKAMER. BESLISSING ex artikel 38 Wet tuchtrechtspraak accountants (Wtra) in de zaak met nummer 15/352 Wtra AK van 20 juli 2015 van ACCOUNTANTSKAMER BESLISSING ex artikel 38 Wet tuchtrechtspraak accountants (Wtra) in de zaak met nummer 15/352 Wtra AK van 20 juli 2015 van mr. X, wonende en kantoorhoudende te [plaats1], K L A G E R,

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN VAN DIENSTVERLENING

ALGEMENE VOORWAARDEN VAN DIENSTVERLENING ALGEMENE VOORWAARDEN VAN DIENSTVERLENING Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door Slegt Financiële Dienstverlening financieel adviseurs.gevestigd te Amsterdam aan Plein 40-45 nr,1, postcode 1064SW

Nadere informatie

ONTBINDINGSCLAUSULE HUUROVEREENKOMST GELDIG IN SURSÉANCE EN FAILLISSEMENT HR 13 mei 2005, RvdW 2005/72 (Curatoren BabyXL/Amstel Lease)

ONTBINDINGSCLAUSULE HUUROVEREENKOMST GELDIG IN SURSÉANCE EN FAILLISSEMENT HR 13 mei 2005, RvdW 2005/72 (Curatoren BabyXL/Amstel Lease) ONTBINDINGSCLAUSULE HUUROVEREENKOMST GELDIG IN SURSÉANCE EN FAILLISSEMENT HR 13 mei 2005, RvdW 2005/72 (Curatoren BabyXL/Amstel Lease) Inleiding In het hierna te bespreken arrest heeft de Hoge Raad beslist

Nadere informatie

Turbo-liquidatie en de bestuurder

Turbo-liquidatie en de bestuurder Turbo-liquidatie en de bestuurder Juni 2012 mr J. Brouwer De auteur heeft grote zorgvuldigheid betracht in het weergeven van delen uit het geldende recht. Evenwel is noch de auteur noch Boers Advocaten

Nadere informatie

Algemene voorwaarden voor financiële dienstverleners

Algemene voorwaarden voor financiële dienstverleners Algemene voorwaarden voor financiële dienstverleners Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door Vast & Zeker Advies (K.v.K. 09181054), gevestigd te Arnhem aan de Geitenkamp 7b, hierna te noemen:

Nadere informatie

Jurisprudentie Ondernemingsrecht

Jurisprudentie Ondernemingsrecht Jurisprudentie Ondernemingsrecht 3 februari 2015 Mr. P.J. Peters 1 HR 23 mei 2014, JOR 2014, 229 Kok/Maas q.q. Bestuurdersaansprakelijkheid/selectieve betaling Casus P. Kok ( Kok ) 100% bestuurder Kok

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN VAN BLANK ADVIES VERZEKERINGEN-HYPOTHEKEN

ALGEMENE VOORWAARDEN VAN BLANK ADVIES VERZEKERINGEN-HYPOTHEKEN ALGEMENE VOORWAARDEN VAN BLANK ADVIES VERZEKERINGEN-HYPOTHEKEN Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door Blank Advies verzekeringen-hypotheken, gevestigd te Tilburg aan de Groenstraat 252, 5021

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden

Algemene Voorwaarden Algemene Voorwaarden Inhoudsopgave algemene voorwaarden IT-People Inhuur Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18 Artikel 9 Artikel 10 Definities Toepasselijkheid

Nadere informatie

Juridische aspecten met betrekking tot Samenwerkende Catalogi

Juridische aspecten met betrekking tot Samenwerkende Catalogi Juridische aspecten met betrekking tot Samenwerkende Catalogi Versie 2.1 Datum 1 juni 2007 Status Definitief Inhoud 1 Inleiding 4 2 Juridische aspecten specifiek voor Samenwerkende Catalogi 5 2.1 Kan

Nadere informatie

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken:

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken: Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 52 d.d. 14 juli 2009 (mr R.J. Verschoof, voorzitter, mr drs M.L. Hendrikse en mr M.M. Mendel) 1. Procedure De Commissie beslist met inachtneming

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Procedure

Samenvatting. 1. Procedure Beslissing Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-133 d.d. 18 maart 2014 (mr. J. Wortel, voorzitter, de heren R.H.G. Mijné en H. Mik RA, leden en mr. D.M.A. Gerdes secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

Analyse proceskansen. Geachte heer R

Analyse proceskansen. Geachte heer R te Per e-mail Ministerie van Financiën uw ref. - inzake Analyse proceskansen 10 juli 2015 Geachte heer R 1 Inleiding 1.1 Vandaag, op 10 juli 2015, heeft de tweede aandeelhoudersvergadering van de N.V.

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR LEVERING VAN DIENSTEN

ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR LEVERING VAN DIENSTEN ALGEMENE VOORWAARDEN VOOR LEVERING VAN DIENSTEN Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door Besloten Vennootschap Herenvest Groep, gevestigd te Haarlem, in het Oostpoort Centre, Diakenhuisweg 17,

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN. De Bedrijfsmakelaar.nl

ALGEMENE VOORWAARDEN. De Bedrijfsmakelaar.nl ALGEMENE VOORWAARDEN De Bedrijfsmakelaar.nl Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op de toegang en het gebruik van de website van De Bedrijfsmakelaar.nl. Deel I. Algemeen Artikel 1 Definities en

Nadere informatie

Algemene voorwaarden Zuidstad Financiële Planning

Algemene voorwaarden Zuidstad Financiële Planning Algemene voorwaarden Zuidstad Financiële Planning Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door Zuidstad Financiële Planning gevestigd te Rotterdam aan de Slinge 455, 3085 ES, hierna te noemen: Zuidstad

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Procedure

Samenvatting. 1. Procedure Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2012-303 d.d. 30 oktober 2012 (prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter, en de heren drs. L.B. Lauwaars RA en G.J.P. Okkema, leden, en mr. D.M.A.

Nadere informatie

KAS BEWAARDER KLANTENVERMOGEN BND B.V.

KAS BEWAARDER KLANTENVERMOGEN BND B.V. KAS BEWAARDER KLANTENVERMOGEN BND B.V. OVEREENKOMST VAN BEHEER EN BEWARING INZAKE BELEGGINGSFONDS INHOUDSOPGAVE Artikel Pagina Artikel 1 Algemeen... 3 Artikel 2 Bewaring... 3 Artikel 3 Belangenbehartiging

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN TMA Consultancy Group BV (versie TMA-2012)

ALGEMENE VOORWAARDEN TMA Consultancy Group BV (versie TMA-2012) ALGEMENE VOORWAARDEN TMA Consultancy Group BV (versie TMA-2012) Deze algemene voorwaarden worden gehanteerd door TMA Consultancy Group B.V., handelend onder TMA Consultancy, gevestigd te Driebergen-Rijsenburg,

Nadere informatie

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen

de bank ambtshalve onderzoek de bank Definitieve Bevindingen POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN de bank DATUM 17 maart 2006 CONTACTPERSOON

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden. Maart 2015. Anders Financieren +31( 0)165 396 788

Algemene Voorwaarden. Maart 2015. Anders Financieren +31( 0)165 396 788 Algemene Voorwaarden Maart 2015 Anders Financieren +31( 0)165 396 788 Anders Financieren 2 1. Definities Account: het door de Gebruiker op de Website middels registratie aangemaakt profiel welke toegang

Nadere informatie

DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V, gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen: Aangeslotene.

DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V, gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen: Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2014-372 d.d. 9 oktober 2014 (mr. P.A. Offers, prof. mr. E.H. Hondius en drs. W. Dullemond, leden en mr. E.E. Ribbers, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

2.3. Today s is onderdeel van de Todays s Groep, eveneens een online broker.

2.3. Today s is onderdeel van de Todays s Groep, eveneens een online broker. Caesar Capital Todays Vermogensbeheer DomJur 2011-679 Rechtbank Amsterdam, Sector civiel recht Zaaknummer/rolnummer: 483704 / KG ZA 11-314 P/PV Datum: 14 april 2011 Vonnis in kort geding van 14 april 2011

Nadere informatie

CE Credit Management III B.V.

CE Credit Management III B.V. CE Credit Management III B.V. (een besloten vennootschap naar Nederlands recht met statutaire zetel te Barendrecht) Supplement op het prospectus in verband met de aanbieding en uitgifte van maximaal 50.000

Nadere informatie

Noot bij ktr. Utrecht 16 september 2008, BF0857

Noot bij ktr. Utrecht 16 september 2008, BF0857 Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series Noot bij ktr. Utrecht 16 september 2008, BF0857 Z.H. Duijnstee-van Imhoff Published in WR 2009/109, p. 388-390. 1 Noot bij ktr. Utrecht 16 september

Nadere informatie