HET CARICOMSCHOOLBOEK. Derde Editie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "HET CARICOMSCHOOLBOEK. Derde Editie"

Transcriptie

1 HET Derde Editie

2

3 HET Samengesteld en geredigeerd door Rovin Deodat (Ph.D., Communicatie) Antigua & Barbuda Grenada St. Kitts & Nevis de Bahama s Guyana Saint Lucia Barbados Belize Dominica Haïti Jamaica Montserrat St. Vincent & de Grenadines Suriname Trinidad & Tobago

4 Dit -schoolboek beoogt eenvoudige basisinformatie te verstrekken over de oorsprong, groei en ontwikkeling van. Het boek is bruikbaar voor onze jonge mensen op school en voor -burgers, waar ook ter wereld, die meer willen weten over de integratiebeweging met de naam. Het materiaal opgenomen in dit schoolboek is bewerkt naar documenten geproduceerd door het -Secretariaat. Voor het eerst gepubliceerd door het -Secretariaat in 2003 Bijgewerkt voor de tweede editie: 2008 Herzien en bijgewerkt voor de derde editie: augustus 2010 Bijgewerkt: maart 2012 Printers: Caribbean Print Technologies (Trinidad entobago) Ontwerp en layout: Designz Unlimited (www.designzunlimited.net)

5 INHOUDSOPGAVE WEST-INDIË VÓÓR 5 DE CARIBISCHE VRIJHANDELSZONE 7 DE GEBOORTE EN GROEI VAN 11 DE DOELSTELLINGEN VAN 12 HOE WERKT 14 INSTITUTEN VAN 16 GEASSOCIEERDE INSTITUTEN VAN 23 HET -SECRETARIAAT 26 DE FUNCTIES VAN HET SECRETARIAAT 28 THEMATISCHE PRIORITEITEN VAN HET SECRETARIAAT 29 LOCATIE VAN HET SECRETARIAAT 31 VERSTERKING VAN HET VERDRAG VAN CHAGUARAMAS 31 DE INTERNE MARKT EN ECONOMIE CSME 34 INVOERING VAN DE CSME 36 REGIONALE PORTEFEUILLES 40 PRIORITAIRE GEBIEDEN VAN 42 DE MILLENIUMONTWIKKELINGSDOELEN VAN DE VERENIGDE NATIES 52 3

6 HET CARIBISCH HOF VAN JUSTITIE 54 DE CULTURELE BANDEN VAN 57 -ONDERSCHEIDINGEN 62 LANDENPROFIEL VAN -LIDSTATEN 67 Antigua en Barbuda De Bahama's Barbados Belize Dominica Grenada Guyana Haïti Jamaica Montserrat St. Kitts en Nevis Saint Lucia St. Vincent en de Grenadines Suriname Trinidad en Tobago LANDENPROFIEL VAN GEASSOCIEERDE LIDSTATEN 104 Anguilla Bermuda Britse Maagdeneilanden Caymaneilanden De Turks- en Caicoseilanden

7 WEST-INDIË VÓÓR De Caribische Gemeenschap is beter bekend als. Officieel, is ze ontstaan in 1973, maar in feite is ze een integratieproces dat geworteld is in koloniale tijden toen deze regio werd gezien als een enkele entiteit: WestIndië. In moderne tijden, echter, wordt het bewuste en gerichte streven de vele staten die gevormd zijn tijdens ons koloniaal verleden te versmelten tot een Caribische Gemeenschap vaak gedateerd rond 1958 het jaar waarin tien Caribische eilanden die toen nog Britse koloniën waren, zich verenigden in de West-Indische Federatie. Om een aantal redenen hield de West-Indische Federatie op te bestaan in Ironisch genoeg betekende dit niet het einde van de drang naar regionale integratie, maar leek het juist een versterking en verbreding van de mogelijkheid tot integratie op economisch, sociaal en functioneel niveau. Vroege Vormen van Functionele Samenwerking in het Caribisch Gebied Functionele samenwerking is het creëren van praktische systemen die ten voordele kunnen zijn van een groep landen die samen een gemeenschappelijke regio delen. Universitair Onderwijs, Verschepingen van het ene Caribisch Land naar het andere, en 5

8 weerspatronen die heel het Caribisch Gebied beïnvloeden, waren geschikte gebieden waarop de functionele samenwerking kon worden aangevangen. In 1962 werd een Conferentie Gemeenschappelijke Diensten bijeengeroepen om beslissingen te nemen ten aanzien van de University of the West Indies (UWI), die al in 1948 was opgericht (destijds geheten The University College of the West Indies (UCWI)), om ten dienste te staan van alle Engelssprekende landen van het Caribisch Gebied. Daarnaast, werd in de periode van de West- Indische Federatie de Regionale Scheepvaartdienst opgericht voor het beheren van de twee schepen die in 1962 waren gedoneerd door de regering van Canada. De schepen waren The Federal Palm en The Federal Maple. Voorts werd in 1963 de Caribische Meteorologische Dienst opgericht die Scheepvaartdienst de samen met belangrijkste de UWI gebieden en de van Regionale functionele samenwerking in het Caribische Gebied direct na het eind van de Federatie vertegenwoordigde. Het Idee van een Caribische Gemeenschap Tegen 1962 streefden enkele van de grotere Engelssprekende Caribische landen actief naar onafhankelijkheid van Groot-Brittanië, en zowel Trinidad en Tobago als Jamaica verkreeg politieke onafhankelijkheid in Trinidad en Tobago, in het bijzonder, begon het idee van regionale samenwerking uit te dragen op het economisch niveau. Bij de aankondiging van haar voornemen zich terug te trekken uit de Federatie, had de Regering van Trinidad en Tobago de oprichting voorgesteld van een Caribische Gemeenschap, bestaande uit niet alleen de 10 leden van de oude Federatie, maar ook de drie Guyana s en alle eilanden van de 6

9 Caribische Zee zowel de onafhankelijke als de nietonafhankelijke. De Eerste Conferentie van Regeringsleiders van het Caribisch Gebied De toenmalige Premier van Trinidad en Tobago, Dr. Eric Williams, belegde de eerste Conferentie van Regeringsleiders in juli 1963, in Trinidad en Tobago, om het idee van een Caribische Gemeenschap te bespreken. Deze Conferentie werd bijgewoond door de leiders van Barbados, Brits Guiana, Jamaica en Trinidad en Tobago. De Conferentie van 1963 werd beschouwd als de eerste Conferentie van Caribische Leiders en was de eerste van een reeks van conferenties tussen de leiders van de Caribische landen die behoren tot het Gemenebest. DE CARIBISCHE VRIJHANDELSZONE (CARIFTA) In juli 1965, tijdens een ontmoeting tussen de Premiers van Barbados en Brits Guiana en de Eerste Minister van Antigua en Barbuda, lag het accent op de mogelijkheid van het vormen van een vrijhandelszone in het Caribisch Gebied. De beslissing genomen tijdens de ontmoeting in juli 1965 resulteerde later die maand in de aankondiging van definitieve plannen om een Vrijhandelszone in te stellen. In december 1965 ondertekenden de Regeringsleiders van Antigua en Barbuda, Barbados en Brits Guiana een Overeenkomst te Dickenson Bay in Antigua en Barbuda, voor het instellen van de Caribische Vrijhandelszone (CARIFTA). 7

10 Teneinde een grotere groep tot het Gemenebest behorende landen in het Caribisch gebied erbij te betrekken, werd de feitelijke start van de Vrijhandelszone opzettelijk vertraagd om de rest van de Regio, Trinidad en Tobago, Jamaica en alle Windward-eilanden en Leewardeilanden in staat te stellen lid te worden van de pas gevormde Vrijhandelszone. De Vierde Conferentie van Regeringsleiders in 1967 kwam overeen CARIFTA formeel op te richten en zoveel mogelijk Caribische Gemenebestlanden erin te betrekken. Ook werd overeengekomen dat de Vrijhandelszone het begin Gemeenschappelijke Markt zou zou zijn van wat de Caribische worden. De nieuwe CARIFTA- Overeenkomst trad in werking op 1 mei 1968, met de participatie van Antigua en Barbuda, Barbados, Guyana en Trinidad en Tobago. De Overeenkomst werd in eerste instantie ondertekend te Dickenson Bay in Antigua, op 15 december 1965, door V.C. Bird, Eerste Minister van Antigua, E.W. Barrow, Premier van Barbados, en L.F.S. Burnham, Premier van Brits Guiana. Op 1 augustus 1968 traden Dominica, Grenada, St. Kitts/Nevis/Anguilla, Saint Lucia, St. Vincent en de Grenadines, Jamaica en Montserrat formeel toe tot CARIFTA. Brits Honduras (Belize) sloot zich aan in mei Samenvattend, CARIFTA bracht 12 Caribische Gemenebestlanden bijeen, zich uitstrekkend over de gehele lengte en breedte van het Caribisch Bassin, van Belize aan de kust van Midden-Amerika in het noordwesten tot Guyana aan de kust van Zuid-Amerika in het zuidoosten. Tien eilanden die ooit deel uitmaakten van de WestIndische Federatie en nu lid zijn van CARIFTA, strekten zich uit over de 8

11 Caribische zee Barbados, tussen Belize Dominica, St.Kitts/Nevis/Anguilla, en Guyana. Grenada, Saint Lucia, Dat waren: Jamaica, St. Vincent, Antigua, Montserrat, en Trinidad en Tobago. De Bahama s waren toen geen lid van CARIFTA, maar namen deel aan de economische regionale gebieden samenwerking op en waren lid van verscheidene de Conferentie nietvan Regeringsleiders. De doelstellingen van CARIFTA waren: het bevorderen van de uitbreiding en diversificatie van de handel in het gebied van de Associatie; het waarborgen van eerlijke concurrentie in de handel tussen de lidgebieden; het aanmoedigen van de progressieve ontwikkeling van de economieën in de Zone; en het stimuleren van de harmonieuze ontwikkeling en liberalisatie van de Caribische handel door het verwijderen van barrières die dat in de weg staan. De Oorsprong van het -Secretariaat en de CDB In voorbereiding op de wording van CARIFTA, is de Conferentie van Regeringsleiders in 1967 akkoord gegaan met de oprichting van het Regionaal Secretariaat ondersteuning het Caribisch Gemenebest van de Associatie. Dit Secretariaat, -Secretariaat Georgetown, voor werd, werd opgericht ter dat later het op 1 mei 1968 in Guyana. De Leiders kwamen eveneens overeen de Caribische 9

12 Ontwikkelingsbank op te richten die ten dienste zou staan van de groepering. De Caribische Ontwikkelingsbank (CDB) werd opgericht in oktober 1969 in Bridgetown, Barbados. in ontwikkeling Vanaf 1968 toen CARIFTA in werking trad tot 1972 ging deze Overeenkomst daarom grotendeels om handelskwesties in het Caribisch gebied. Maar het idee van een Caribische Gemeenschap was nog steeds onafhankelijke het streven van Engelssprekende vele nu Caribische onafhankelijke landen. Dit en niet- was een onderwerp dat de Caribische Regeringsleiders steeds opnieuw aan de orde zouden stellen op hun Conferenties. Op de Achtste Vergadering van Caribische Regeringsleiders te Georgetown, Guyana, in april 1973, stemden de Leiders in met het Georgetown-akkoord dat uitdrukking gaf aan en aankondiging deed van de spoedig op te richten Caribische Gemeenschap Gemeenschappelijke Markt ter vervanging van CARIFTA. Het Georgetown-akkoord bepaalde dat: De Caribische Gemeenschap, met inbegrip van de Caribische Gemeenschappelijke Markt, zal worden opgericht op basis van een Ontwerp-verdrag opgenomen in een Appendix bij het Akkoord. 1 0 en

13 DE GEBOORTE EN GROEI VAN Het Verdrag van Chaguaramas krachtens welke de Caribische Gemeenschap () werd opgericht, werd ondertekend te Chaguaramas, Trinidad, op 4 juli 1973 door Barbados, Guyana, Jamaica en Trinidad en Tobago, en trad in werking op 1 augustus Oorsponkelijk werd het Verdrag van Chaguaramas ondertekend door Premier Errol Barrow van Barbados, Premier Forbes Burnham van Guyana, Premier Michael Manley van Jamaica en Premier Eric Williams van Trinidad en Tobago. Daarna traden de andere acht Caribische gebiedsdelen toe tot in Deze waren Antigua en Barbuda, Brits Honduras (Belize), Dominica, Grenada, Montserrat, Saint Lucia, St. Kitts/Nevis/Anguilla (Anguilla trad later uit de unie met St. Kitts/Nevis) de en St. Vincent en de Grenadines. De Bahama s werden de 13 Lidstaat van de Gemeenschap op 4 juli 1983 maar traden niet toe tot de Gemeenschappelijke Markt. Suriname werd de 14 de Lidstaat van de Caribische Gemeenschap op 4 juli Haïti verwierf voorlopig lidmaatschap op 4 juli 1997 en werd volwaardig lid op 4 juli Aan enkele Caribische gebiedsdelen werd het Geassocieerd Lidmaatschap van toegekend. Deze zijn Anguilla op 4 juli 1998; Britse Maagdeneilanden op 2 juli 1991; Turks- en Caicoseilanden op 2 juli 1991; Caymaneilanden op 16 mei 2002 en Bermuda op 2 juli telt nu 15 Lidstaten en vijf Geassocieerde Leden. 11

14 DE DOELSTELLINGEN VAN De Caribische Gemeenschap heeft drie Algemene Doelstellingen: Handel en Economische Samenwerking: Dit was het primaire doel van de oprichting van CARIFTA in 1968 en werd de hoeksteen van het Verdrag van Chaguaramas waarbij werd opgericht in Het werd verder verfijnd en vergroot in het Herziene Verdrag van Chaguaramas en de ondertekening tot de inwerkingtreding van de Interne Markt en Economie (CSME) dat nu ziet als een enkele economische ruimte waarin handel, bedrijfsleven en arbeid actief kunnen zijn; Coördinatie van het Buitenlands Beleid: Dit doel erkent de staat van dienst in de coördinatie van het buitenlands beleid door de Regio in voorgaande jaren wat resulteerde in een aantal positieve stappen voor de Regio, zoals: de leiderspositie die het Caribisch gebied innam bij de oprichting van het de groep van staten in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (ACP); de leidersrol vervuld door de -Lidstaten in het Gemenebest en in het bijzonder ten aanzien van kwesties gerelateerd aan mensenrechten (apartheid) en democratisch bestuur; en de oprichting van de Associatie van Caribische Staten met als voornaamste doel van de Gemeenschap zich open te stellen voor de landen van de wijdere Caribische regio. Recente uitdagingen waaraan de regio nu het hoofd biedt, zijn onder andere de financiële crisis, klimaatverandering en nauw daarmee samenhangend, natuurrampen; Ontwikkeling van Mens en Maatschappij: Met het verdiepen van het integratieproces door de vorming van de Interne Markt en Economie, CSME, en te midden van veranderingen in het internationale milieu, is de verbetering van de kwaliteit van het leven van iedere burger nog belangrijker geworden. Als zodanig heeft de Ontwikkeling van Mens en Maatschappij een 12

15 hernieuwde vitaliteit aangenomen, welke van invloed is op alle activiteiten en programma s op maatschappelijk, milieuen economisch gebied. Hieronder vallen het delen van kennis en beste praktijken; het betrekken van alle belanghebbenden bij de ontwikkeling en toepassing van beleid en vooruitgang naar de verlening van gemeenschappelijke diensten; en het garanderen van een directere invloed van de voordelen van deze beleidslijnen op het leven van de gemiddelde Caribische Burger. Een vierde pijler is recentelijk toegevoegd Veiligheidssamenwerking: De veiligheidsbedreigingen waartegenover en het groter Caribisch gebied zich geplaatst zien, omvatten ook de grensoverschrijdende activiteiten die onze Regio bedreigen, zoals de illegale drugshandel en de ongeoorloofde handel in handvuurwapens en munitie. Deze bedreigingen voor de veiligheid zijn multidimensionaal van aard en roepen om regionale en hemisferische samenwerking. Andere bedreigingen, zoals de wereldwijde verspreiding van HIV/AIDS en het H1N1-griepvirus, tasten ook de veiligheid van de Regio aan vanwege hun negatieve maatschappelijke en economische invloeden en vragen eveneens een gezamenlijke reactie. De Specifieke Doelstellingen van de Caribische Gemeenschap zijn:- verbeterde levensstandaarden en arbeidsomstandigheden; volledige inzet van de beroepsbevolking en andere productiefactoren; versnelde, gecoördineerde en duurzame economische ontwikkeling en convergentie; uitbreiding van handels- en economische relaties met derde staten; verhoogde niveaus van internationaal concurrentievermogen; organisatie voor hogere 13

16 productie en productiviteit; het bereiken van een grotere mate van economische kracht en doeltreffendheid van Lidstaten bij het zakendoen met derde staten, groepen van staten en lichamen van welke soort ook; verhoogde coördinatie van het buitenlands en [buitenlands] economisch beleid van Staten; en verhoogde functionele samenwerking waaronder inbegrepen een efficiënter beheer van gemeenschappelijke diensten en activiteiten ten behoeve van haar volkeren; versnelde bevordering van beter begrip tussen haar volkeren en de verbetering van hun maatschappelijke, culturele en technologische ontwikkeling; en verhoogde activiteit op gebieden zoals gezondheid, onderwijs, transport en telecommunicatie. HOE WERKT De belangrijkste organen van de Caribische Gemeenschap zijn de Conferentie van Regeringsleiders, gewoonlijk de Conferentie genoemd, en de Raad van Ministers van de Gemeenschap, gewoonlijk de Raad genoemd. Conferentie van Regeringsleiders De Conferentie van Regeringsleiders (of de Conferentie) is het hoogste besluitvormingsorgaan van en bestaat uit de Premiers van alle Lidstaten van de Caribische Gemeenschap, uitgezonderd in het geval van Guyana, Suriname en Haïti die een President hebben en Montserrat met een Eerste Minister. De primaire verantwoordelijkheid van de Conferentie is het bepalen en verschaffen van beleidslijnen voor de Gemeenschap. Ze is de beslissende instantie voor het sluiten 14

17 van verdragen namens de Gemeenschap en voor het aangaan van relaties tussen de Gemeenschap en Internationale Organisaties en Staten. De Conferentie is ook verantwoordelijk voor het tot stand brengen van de financiële regelingen om de kosten van de Gemeenschap te financieren. In de regel worden besluiten van de Conferentie unaniem genomen. De Raad van Ministers van de Gemeenschap De Raad van Ministers van de Gemeenschap (of de Raad) is het tweede hoogste Orgaan. De Raad bestaat uit Ministers die verantwoordelijk zijn voor communautaire aangelegenheden en iedere andere Minister die door de Lidstaten geheel naar hun eigen goeddunken wordt benoemd. Hij is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van communautaire strategische planning en coördinatie op het vlak van economische integratie, functionele samenwerking, externe betrekkingen en veiligheid. Andere Organen van de Gemeenschap De twee belangrijkste Organen van de Gemeenschap worden bij de uitoefening van hun taken ondersteund door de volgende vijf Ministerraden: De Raad voor Handel & Economische Ontwikkeling [COTED] die zich inzet voor het bevorderen van de handel en economische ontwikkeling in de Gemeenschap en toeziet op het functioneren van de Interne Markt & Economie [CSME]. De Raad voor Buitenlandse & Gemeenschapsbetrekkingen [COFCOR] die de relaties bepaalt tussen de Gemeenschap en internationale organisaties en derde staten. 15

18 De Raad voor Ontwikkeling van Mens & Maatschappij [COHSOD] die de ontwikkeling van mens en maatschappij bevordert. De Raad voor Financiën en Planning [COFAP] die het economisch beleid en de financiële en monetaire integratie van de Lidstaten coördineert. De Raad voor Nationale Veiligheid en Wetshandhaving (CONSLE). INSTITUTEN VAN Krachtens het Verdrag zijn er diverse instituten verantwoordelijk voor het formuleren van beleid en het uitvoeren van taken met betrekking tot samenwerking. Elke Lidstaat wordt in elk Instituut vertegenwoordigd door een Minister. De volgende lichamen, opgericht door of onder auspiciën van de Gemeenschap, worden erkend als Instituten van de Gemeenschap: 1. ASSEMBLEE VAN PARLEMENTARIËRS VAN DE CARIBISCHE GEMEENSCHAP (ACCP) De ACCP bestaat uit vertegenwoordigers van Lidstaten van de Gemeenschap gekozen of aangesteld door hun Parlementen. Elke Lidstaat heeft recht op ten hoogste vier vertegenwoordigers op vergaderingen van de Assemblee en elk Geassocieerd Lid op ten hoogste twee vertegenwoordigers. De inaugurele vergadering van de ACCP werd gehouden van 27 tot 29 mei 1996, in Barbados. De hoofddoelen van de ACCP zijn: het betrekken van de mensen uit de Gemeenschap via hun vertegenwoordigers, bij het proces van het bestendigen en versterken van de Gemeenschap; het bieden van mogelijkheden voor betrokkenheid bij kwesties van het integratieproces door Parlementsleden in 16

19 elke Lidstaat en Geassocieerde Lidstaat van de Gemeenschap; het voorzien in een forum voor de mensen uit de Gemeenschap om hun standpunten bekend te maken via hun vertegenwoordigers; het bieden van een meer frequent mechanisme voor het toezien op het beleid van de Gemeenschap; het bieden van verhoogde mogelijkheden voor de coördinatie van het buitenlands beleid van Lidstaten; en het bevorderen van een beter begrip onder de Lidstaten en Geassocieerde Leden met als doel het verwezenlijken en waarborgen van de idealen en beginselen van democratische regeringen in de Gemeenschap. 2. Het CARIBISCH INSTITUUT VOOR LANDBOUWONDERZOEK EN -ONTWIKKELING (CARDI) CARDI werd opgericht in Zijn voornaamste doel is bij te dragen aan de ontwikkeling van de landbouw door het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek en door boeren en anderen betrokken bij de landbouw kennis te laten nemen van toepasselijke technologieën. Alle Leden en Geassocieerde Leden van zijn tevens lid van CARDI. Aan het hoofd van het Instituut staan de Ministers van Landbouw van elke Lidstaat. Verder heeft het een Raad van Toezicht bestaande uit vertegenwoordigers van Lidstaten, het -Secretariaat, de CDB, de CFC, de UWI en de University of Guyana. In 1999 werd het Caribisch Levensmiddelenbedrijf opgenomen in het Caribisch Instituut voor Landbouwonderzoek en -ontwikkeling. Het Instituut heeft zijn hoofdzetel in Trinidad en Tobago met filialen of afdelingen in alle Lidstaten. 3. CARIBISCH CENTRUM VOOR ONTWIKKELINGSBEHEER (CARICAD) CARICAD werd opgericht in 1980 krachtens een overeenkomst tussen -landen. Het biedt technische bijstand aan overheden van Lidstaten in hun streven de efficiëntie te verbeteren door middel van initiatieven voor het hervormen en moderniseren van de publieke sector. CARICAD richt zich, door middel van zijn diverse interventies, op de verbetering en versterking van de beheerscapaciteit van de publieke sector voor een effectievere uitvoering van overheidsbeleid in de gehele regio. Zijn hoofdkantoor is gevestigd in Bridgetown, Barbados. 17

20 4. HET CARIBISCH AGENTSCHAP VOOR RAMPENBESTRIJDING (CDEMA) Dit is de nieuwe naam van het regionaal orgaan voor rampenbeheersing dat voorheen bekend stond als het Caribisch Agentschap voor Spoedhulp bij Rampen (CDERA). De officiële overgang van CDERA naar CDEMA geschiedde op 1 september De hoofdzetel van CDEMA is in Barbados. Het uitgebreide mandaat van CDEMA plaatst het regionale orgaan voor rampenbeheersing in een strategischere positie voor het ten volle uitoefenen van zijn taak als facilitator, aanstuurder, coördinator en motivator voor het bevorderen en organiseren van Integrale Rampenbeheersing (CDM) in alle participerende staten. 5. CARIBISCH INSTITUUT VOOR MILIEUHYGIËNE (CEHI) CEHI werd opgericht in 1982, als een project, in reactie op de behoefte opgemerkt door de Ministers van Gezondheid van de Regio, voor een georganiseerde aanpak van de bezorgdheid van de mensen uit het Engelssprekend Caribisch gebied omtrent milieuhygiëne. In 1989 kreeg het Instituut rechtspersoonlijkheid. Het Caribisch Instituut voor Milieuhygiëne heeft zijn hoofdzetel in Saint Lucia. Zijn hoofddoel is het bieden van technische en adviesdiensten aan Lidstaten op elk gebied van milieubeheer, waaronder inbegrepen, doch niet beperkt tot, toezicht op de milieukwaliteit, evaluatie van de milieu-effecten, informatie over milieuhygiëne, waterbeheer, afvalbeheer (vloeibaar, vast en gevaarlijk afval), laboratoriumdiensten en projectontwikkeling en -beheer. 6. CARIBISCH INSTITUUT VOOR LEVENSMIDDELEN EN VOEDING (CFNI) CFNI is een gespecialiseerd centrum van de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie/Wereldgezondheidsorganisatie (PAHO/WHO), dat werd opgezet in 1967 om een regionale benadering voor het oplossen van de voedingsproblemen van het Caribisch gebied tot stand te brengen. Het staat ten dienste van een totale bevolking van ongeveer zes (6) miljoen in het Caribisch gebied. Het instituut heeft als doel het tot stand brengen van voedselveiligheid en het bereiken van een optimale voedingssituatie voor alle volkeren van het Caribisch gebied door in samenwerking met de Caribische landen essentiële voedingsproblemen te belichten, te beschrijven, te beheersen en te voorkomen en door hun capaciteit voor het verstrekken van effectieve voedingsdiensten te vergroten. Het Instituut heeft zijn hoofdzetel op de Mona Campus, University of the West Indies (UWI), Jamaica, met een onderafdeling op de St. Augustine Campus, UWI, Trinidad en Tobago. 18

21 7. CARIBISCH INSTITUUT VOOR METEOROLOGIE EN HYDROLOGIE (CIMH) Het Caribisch Meteorologisch Instituut werd opgericht in 1967 door de lidstaten van de Caribische Meteorologische Organisatie (CMO). Het is halverwege de jaren 80 van de vorige eeuw gefuseerd met het Caribisch Operationeel Hydrologisch Instituut (COHI) tot het Caribisch Instituut voor Meteorologie en Hydrologie (CIMH), maar pas in september 1999 werd de naam officieel gewijzigd om de dubbele taak van het Instituut aan te geven. De verantwoordelijkheid voor het functioneren van het Instituut, dat gevestigd is in Barbados, berust bij de zestien Gemenebestregeringen die samen de CMO vormen. Het CIMH biedt training voor de weerwaarnemers en technici van de Regio, alsook weervoorspellers, specialisten in hydrologie, agrometeorologie en andere gerelateerde disciplines, en verzorgt verder training voor de graad van Bachelor of Science in Meteorologie in samenwerking met de University of the West Indies Cave Hill Campus. 8. CARIBISCHE METEOROLOGISCHE ORGANISATIE (CMO) De Caribische Meteorologische Organisatie, met haar hoofdzetel in Trinidad, is een gespecialiseerd agentschap van de Caribische Gemeenschap dat de gezamenlijke wetenschappelijke en technische activiteiten op het gebied van weer-, klimaat- en watergerelateerde wetenschappen coördineert in zestien (16) Engelssprekende Caribische landen. Ze is ontstaan uit de BritsCaribische meteorologische dienst, die was opgericht in Het hoogste orgaan van de Organisatie, de Caribische Meteorologische Raad, komt één keer per jaar bijeen om het beleid van de Organisatie te bepalen. Aangezien weer en klimaat geen nationale grenzen kennen, is samenwerking op regionaal en internationaal niveau essentieel voor het ontwikkelen van de meteorologie en de operationele hydrologie alsook het genieten van de voordelen van hun toepassing. De CMO biedt het raamwerk voor zodanige regionale en internationale samenwerking. Instituten binnen de Gemeenschap 9. CARIBISCH SYSTEEM VOOR TOEZICHT OP LUCHTVAARTVEILIGHEID (CASSOS) Het Caribisch Systeem voor Toezicht op Luchtvaartveiligheid (CASSOS) werd gelanceerd in februari CASSOS kwam in de plaats van de meer informele regeling van de zeven nationale autoriteiten voor de burgerluchtvaart in de Regio en biedt het platform voor de oprichting van een Regionale Burgerluchtvaartautoriteit. Zijn hoofddoelen zijn: het ondersteunen van Staten bij het nakomen van hun verplichtingen als 25

22 overeenkomstsluitende Staten bij de Conventie van Chicago, door het bereiken en in stand houden van volledige naleving van de normen en aanbevolen praktijken van de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie (ICAO); en het onder zijn Staten faciliteren en bevorderen van de ontwikkeling en harmonisatie van regelgeving, standaarden, praktijken en procedures voor de burgerluchtvaart in overeenstemming met de Bijlagen bij de Conventie van Chicago. CASSOS staat open voor alle -Lidstaten en Geassocieerde leden en andere Staten en Gebiedsdelen in het Caribisch gebied onder bepaalde voorwaarden. 10. CENTRUM VAN DE CARIBISCH GEMEENSCHAP VOOR KLIMAATVERANDERING (CCCCC) Het Centrum van de Caribische Gemeenschap voor Klimaatverandering (CCCC) coördineert de reactie vanuit de Caribische regio op klimaatverandering. Officieel geopend in augustus 2005 en gevestigd in Belize, is het Centrum het knooppunt voor informatie over aangelegenheden die verband houden met klimaatverandering en over de reactie vanuit de regio op het beheersen van en aanpassen aan Klimaatverandering in het Caribisch Gebied. Het is de officiële bewaarplaats en het officiële informatiedistributiecentrum voor gegevens inzake regionale klimaatverandering, vanwaaruit adviezen en richtlijnen betreffende het beleid inzake klimaatverandering aan de -Lidstaten worden verschaft via het -Secretariaat. In deze hoedanigheid wordt het Centrum erkend door het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake Klimaatverandering (UNFCCC), het Milieuprogramma van de Verenigde Naties (UNEP) en andere internationale agentschappen als het aanspreekpunt voor kwesties van klimaatverandering in het Caribisch gebied. 11. HET UITVOEREND AGENTSCHAP VAN DE CARIBISCHE GEMEENSCHAP VOOR CRIMINALITEIT EN VEILIGHEID (IMPACS) Het Uitvoerend Agentschap van de Caribische Gemeenschap voor Criminaliteit en Veiligheid (IMPACS) werd opgericht door de Zevenentwintigste Vergadering van de Conferentie van Regeringsleiders van in juli Het heeft kantoren in Trinidad en Tobago. IMPACS werd opgericht als de implementatiearm van een nieuwe Regionale Architectuur voor de ontwikkeling en het beheer van de Regionale Agenda voor Actie in aangelegenheden de Criminaliteit en Veiligheid rakende. Aan het hoofd van het Agentschap staat een Uitvoerend Directeur die rapporteert aan de -Raad van Ministers verantwoordelijk voor Nationale Veiligheid en Wetshandhaving. 20

23 12. CARIBISCHE EXAMENRAAD (CXC) De Caribische Examenraad (CXC) werd opgericht in 1972 krachtens een Overeenkomst tussen 15 Engelssprekende tot het Gemenebest behorende Caribische Landen en Gebiedsdelen. De Raad is gezeteld in Barbados. De doelstellingen van de CXC zijn: het bieden van regionaal en internationaal erkende einddiploma s van scholen voor secundair onderwijs welke beantwoorden aan de behoeften van de Caribische Regio; het ondersteunen bij algemene toelatingsexamens en andere soorten examens; het produceren van lesmateriaal en het oefenen van leerkrachten in het gebruik van de CXC-syllabi; en het adviseren van regionale overheden ten aanzien van onderwijszaken. De leden van de CXC zijn: Anguilla, Antigua en Barbuda, Barbados, Belize, Britse Maagdeneilanden, Caymaneilanden, Dominica, Grenada, Guyana, Jamaica, Montserrat, St Kitts en Nevis, Saint Lucia, St Vincent en de Grenadines, Trinidad en Tobago, Turks- en Caicoseilanden. 13. CARIBISCHE ORGANISATIE VAN BELASTINGAUTORITEITEN (COTA) COTA werd opgericht in 1971 op een vergadering van de Hoofden van Regionale Belastingadministratie bijeen in Saint Lucia. Het Statuut werd goedgekeurd in oktober 1972 door de Vaste Commissie van Ministers van Financiën in Trinidad & Tobago. Door de jaren heen is COTA behulpzaam geweest bij het formuleren van de belastingharmonisatie op diverse belangrijke gebieden van belastingheffing door middel van de -Overeenkomst inzake Dubbele Belasting. Met de hulp van de regionale organisaties, gaat COTA verder met het organiseren van regionale trainingsprogramma s voor capaciteitsopbouw ter versterking en vergroting van de technische en administratieve vaardigheden van hogere belastingfunctionarissen. 14. CARIBISCH REGIONAAL VISSERIJMECHANISME (CRFM) Het Caribisch Regionaal Visserijmechanisme (CRFM) werd opgericht in 2003 voor de verdere ontwikkeling van de institutionele capaciteit van de Regio in de visserijsector. Drie lichamen samen vormen het Mechanisme. Deze zijn: een Ministerieel Orgaan, een Visserijforum (het voornaamste technisch en wetenschappelijk besluitvormingslichaam) en een Technische Eenheid of Secretariaat voor de Visserij. CRFM bevordert het duurzaam gebruik van visserij- en aquacultuurhulpbronnen onder de Lidstaten, door het ontwikkelen, beheren en conserveren van deze hulpbronnen in samenwerking met de belanghebbenden ten voordele van de bevolking uit 25

HET CARICOM- SCHOOLBOEK. Derde Editie

HET CARICOM- SCHOOLBOEK. Derde Editie HET - SCHOOLBOEK Derde Editie HET - SCHOOLBOEK Samengesteld en geredigeerd door Rovin Deodat (Ph.D., Communicatie) Antigua & Barbuda de Bahama s Barbados Belize Dominica Grenada Guyana Haïti Jamaica Montserrat

Nadere informatie

HET KAPITAALVERKEER CARICOM Interne Markt en Economie (CSME)

HET KAPITAALVERKEER CARICOM Interne Markt en Economie (CSME) HET KAPITAALVERKEER CARICOM Interne Markt en Economie (CSME) INLEIDING Regionale integratie bestaat uit vier hoofdpijlers: Economische Integratie, Ontwikkeling van Mens en Maatschappij, Coördinatie van

Nadere informatie

AF/CARIFORUM/CE/nl 1

AF/CARIFORUM/CE/nl 1 SLOTAKTE AF/CARIFORUM/CE/nl 1 AF/CARIFORUM/CE/nl 2 De vertegenwoordigers van ANTIGUA EN BARBUDA, HET GEMENEBEST VAN DE BAHAMA'S, BARBADOS, BELIZE, HET GEMENEBEST DOMINICA, DE DOMINICAANSE REPUBLIEK, GRENADA,

Nadere informatie

Associatie Raamwerk Overeenkomst tussen de Republiek Suriname en MERCOSUR

Associatie Raamwerk Overeenkomst tussen de Republiek Suriname en MERCOSUR Associatie Raamwerk Overeenkomst tussen de Republiek Suriname en MERCOSUR De Argentijnse Republiek, de Federatieve Republiek Brazilië, de Republiek Paraguay, de Republiek ten oosten van de Uruguay, de

Nadere informatie

CARICOM staat voor Caribbean Community (Caribische Gemeenschap) and Common Market (Gemeenschappelijke Markt).

CARICOM staat voor Caribbean Community (Caribische Gemeenschap) and Common Market (Gemeenschappelijke Markt). ORGANEN VAN DE CARICOM SURINAME INTEGREERT CARICOM staat voor Caribbean Community (Caribische Gemeenschap) and Common Market (Gemeenschappelijke Markt). De organen van de CARICOM zijn: 1. De staatshoofden

Nadere informatie

HET KAPITAALVERKEER. CARICOM Interne Markt en Economie (CSME)

HET KAPITAALVERKEER. CARICOM Interne Markt en Economie (CSME) HET KAPITAALVERKEER CARICOM Interne Markt en Economie (CSME) Inhoudsopgave Inleiding Het bepaalde in het Herziene Verdrag ten aanzien van het kapitaalverkeer De huidige situatie in de lidstaten die deel

Nadere informatie

WERKERS IN BEWEGING IN DE CSME RECHTEN OP HET WERK EN VOORDELEN VOOR WERKNEMERS IN DE CARICOM INTERNE MARKT EN ECONOMIE

WERKERS IN BEWEGING IN DE CSME RECHTEN OP HET WERK EN VOORDELEN VOOR WERKNEMERS IN DE CARICOM INTERNE MARKT EN ECONOMIE WERKERS IN BEWEGING IN DE CSME RECHTEN OP HET WERK EN VOORDELEN VOOR WERKNEMERS IN DE CARICOM INTERNE MARKT EN ECONOMIE De Internationale Arbeidsorganisatie De Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) is

Nadere informatie

In deze rubriek brengen we enkele publicaties onder de aandacht van de lezer. KAMER

In deze rubriek brengen we enkele publicaties onder de aandacht van de lezer. KAMER Publicaties In deze rubriek brengen we enkele publicaties onder de aandacht van de lezer. Parlementaire stukken: KAMER 53 3072/001 VAN 31 OKTOBER 2013 Verantwoording van de algemene uitgavenbegroting voor

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 28 mei 2008 (04.06) (OR. en) 9935/08 SOC 316 COMPET 194 VERSLAG van: het Comité van permanente vertegenwoordigers (1e deel) aan: de Raad EPSCO Nr. vorig doc.: 9081/08

Nadere informatie

LATIJNS-AMERIKA EN HET CARIBISCH GEBIED

LATIJNS-AMERIKA EN HET CARIBISCH GEBIED LATIJNS-AMERIKA EN HET CARIBISCH GEBIED De betrekkingen van de EU met Latijns-Amerika en het Caribisch gebied zijn divers en vinden plaats op verschillende niveaus. De EU treedt via topconferenties met

Nadere informatie

SAMENVATTING SYLLABUS

SAMENVATTING SYLLABUS SAMENVATTING SYLLABUS Julie Kerckaert Inleiding tot het Europees en internationaal recht Academiejaar 2014-2015 Inhoudsopgave Deel 2: Inleiding tot het Europees recht... 2 1. Het juridisch kader van het

Nadere informatie

ILO-VERKLARING BETREFFENDE DE FUNDAMENTELE PRINCIPES EN RECHTEN OP HET WERK

ILO-VERKLARING BETREFFENDE DE FUNDAMENTELE PRINCIPES EN RECHTEN OP HET WERK Toelichting In het onderstaande zijn de afzonderlijke elementen van het normatieve kader integraal opgenomen en worden ze nader toegelicht en beschreven. Daarbij wordt aandacht besteed aan de volgende

Nadere informatie

CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en. Uniforme technische standaarden

CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en. Uniforme technische standaarden CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en COMITÉ REGLEMENT VAN ONDERZOEK WERKGROEP REGLEMENT VAN ONDERZOEK GEMEENSCHAPPELIJKE WERKGROEP

Nadere informatie

HET HOF VAN JUSTITIE VAN DE EUROPESE UNIE

HET HOF VAN JUSTITIE VAN DE EUROPESE UNIE HET HOF VAN JUSTITIE VAN DE EUROPESE UNIE Het Hof van Justitie van de Europese Unie is een van de zeven instellingen van de EU. Zij omvat drie rechtscolleges: het Hof van Justitie, het Gerecht en het Gerecht

Nadere informatie

Het Recht van Vestiging. CARICOM Interne Markt en Economie (CSME)

Het Recht van Vestiging. CARICOM Interne Markt en Economie (CSME) Het Recht van Vestiging CARICOM Interne Markt en Economie (CSME) Inhoudsopgave Inleiding DEEL I Wat betekent het Recht van Vestiging voor CARICOM-burgers? Basisinformatie over het Recht van Vestiging Wie

Nadere informatie

GOF. Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen

GOF. Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen Voorwoord In februari 2007 ontwikkelden de Europese mobiele providers en content providers een gezamenlijke structuur voor

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Recht en Criminaliteit in cyberspace

EUROPEES PARLEMENT. Recht en Criminaliteit in cyberspace EUROPEES PARLEMENT TIJDELIJKE COMMISSIE ECHELON-INTERCEPTIESYSTEEM SECRETARIAAT MEDEDELING TEN BEHOEVE VAN DE LEDEN De leden treffen als aanhangsel een document aan met de titel Recht en Criminaliteit

Nadere informatie

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN EPAs- ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMSTEN Het is belangrijk te weten dat de Economische Partnerschapsovereenkomst (EPA) niet de gehele Cotonou overeenkomst vervangt maar slechts het handelsgedeelte.

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0186 (E) 11290/14 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: ACP 109 COAFR 184 PESC 677 RELEX 538 BESLUIT

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie 10 april 2001 VOORLOPIGE VERSIE 2000/2243(COS) ONTWERPADVIES van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek

Nadere informatie

PROTOCOL 3. Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI. Besluit

PROTOCOL 3. Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI. Besluit PROTOCOL 3 Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI Besluit De Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR), gezien het belang dat zij

Nadere informatie

VAAK GESTELDE VRAGEN OVER DE DIRECTE STEUNREGELING

VAAK GESTELDE VRAGEN OVER DE DIRECTE STEUNREGELING VAAK GESTELDE VRAGEN OVER DE DIRECTE STEUNREGELING V1: Hoe moeten middelen worden aangevraagd volgens de Directe Steunregeling? A1: Aanvraagformulieren zijn beschikbaar op de website van Caribbean Export

Nadere informatie

Door de overname van Carestel is de reikwijdte van de EOR een eerste maal gewijzigd.

Door de overname van Carestel is de reikwijdte van de EOR een eerste maal gewijzigd. EUROPESE ONDERNEMINGSRAAD VAN DE WERKNEMERS VAN GROEP AUTOGRILL DE OVEREENKOMST Tussen de Hoofddirectie van de Groep Autogrill, overeenkomstig art. 2 van Wetsbesluit 74/2002 vertegenwoordigd door de Chief

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep drugshandel Ontwerp-aanbeveling van de Raad over de noodzakelijke

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5157/02 STUP 3

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5157/02 STUP 3 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5157/02 STUP 3 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep Drugshandel Ontwerp-conclusies van de Raad betreffende de noodzaak

Nadere informatie

Het Verdrag van Chaguaramas het oprichtingsverdrag van de CARICOM

Het Verdrag van Chaguaramas het oprichtingsverdrag van de CARICOM Inhoudsopgave Inleiding Geschiedenis van de Caricom Het Verdrag van Chaguaramas het oprichtingsverdrag van de CARICOM De belangrijkste organen van de Gemeenschap Het transformatieproces: de vestiging van

Nadere informatie

1/2. Staten-Generaal. 34 131 (R2044) Verdrag tot oprichting van het Caribisch Volksgezondheidsinstituut (CARPHA); Georgetown, 1 juni 2011

1/2. Staten-Generaal. 34 131 (R2044) Verdrag tot oprichting van het Caribisch Volksgezondheidsinstituut (CARPHA); Georgetown, 1 juni 2011 Staten-Generaal 1/2 Vergaderjaar 2014 2015 34 131 (R2044) Verdrag tot oprichting van het Caribisch Volksgezondheidsinstituut (CARPHA); Georgetown, 1 juni 2011 A/ Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE

Nadere informatie

TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT

TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT Aanbeveling... 2 Advies... 2 Algemeen commentaar... 2 Beleidsdocument... 3 Besluit... 3 Decreet... 3 Europees besluit... 3 Grondwet... 3 Koninklijk besluit... 3 Mededeling...

Nadere informatie

Courtesy Vertaling. Onafhankelijk onderzoek naar de rapportageprocedure van het IPCC. Taakomschrijving

Courtesy Vertaling. Onafhankelijk onderzoek naar de rapportageprocedure van het IPCC. Taakomschrijving Courtesy Vertaling Onafhankelijk onderzoek naar de rapportageprocedure van het IPCC Taakomschrijving Achtergrond Tegen het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw werd de wereldwijde opwarming van

Nadere informatie

OTA BESLUIT VAN DE RAAD houdende vaststelling van het standpunt van de Gemeenschap in de Commissie voor de tonijnvisserij in de Indische Oceaan

OTA BESLUIT VAN DE RAAD houdende vaststelling van het standpunt van de Gemeenschap in de Commissie voor de tonijnvisserij in de Indische Oceaan Conseil UE RAAD VA DE EUROPESE U IE Brussel, 13 maart 2009 (17.03) (OR. en) PUBLIC 7537/09 LIMITE PECHE 62 OTA Betreft: BESLUIT VAN DE RAAD houdende vaststelling van het standpunt van de Gemeenschap in

Nadere informatie

COHESIEBELEID 2014-2020

COHESIEBELEID 2014-2020 GEÏNTEGREERDE TERRITORIALE INVESTERING COHESIEBELEID 2014-2020 De nieuwe wet- en regelgeving voor de volgende investeringsronde van het EU-cohesiebeleid voor 2014-2020 is in december 2013 formeel goedgekeurd

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995.

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument SEC(2008) 1995. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 12 juni 2008 (13.06) (OR. fr) Interinstitutioneel dossier: 2008/0110 (COD) 10637/08 ADD 2 AGRILEG 104 CODEC 769 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Zitting 1974-1975 13 412 Protocol van de regeringsconferentie Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen, van 20 en 21 mei te Paramaribo, en de conclusies van het

Nadere informatie

Vaak gestelde vragen. over het Hof van Justitie van de Europese Unie

Vaak gestelde vragen. over het Hof van Justitie van de Europese Unie Vaak gestelde vragen over het Hof van Justitie van de Europese Unie WAAROM EEN HOF VAN JUSTITIE VAN DE EUROPESE UNIE (HVJ-EU)? Om Europa op te bouwen hebben een aantal staten (thans 28) onderling verdragen

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5124/07 PESC 11 COEST 5 COSDP 3

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5124/07 PESC 11 COEST 5 COSDP 3 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5124/07 PESC 11 COEST 5 COSDP 3 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VAN DE RAAD houdende benoeming

Nadere informatie

Ontwerp van samenwerkingsakkoord

Ontwerp van samenwerkingsakkoord Ontwerp van samenwerkingsakkoord Tussen: de Franse Gemeenschap Vertegenwoordigd door Mevrouw Fadila LAANAN, Minister van Cultuur, Audiovisuele Zaken, Gezondheid en Gelijkheid van Kansen En: de Vlaamse

Nadere informatie

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité van permanente vertegenwoordigers / de Raad Verslag over de stand

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 9.10.2008 COM(2008) 622 definitief 2008/0189 (ACC) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD inzake de sluiting van een Overeenkomst in de vorm van

Nadere informatie

Nieuwe regels voor Europese ondernemingsraden. Inzicht in Richtlijn 2009/38/EG

Nieuwe regels voor Europese ondernemingsraden. Inzicht in Richtlijn 2009/38/EG Nieuwe regels voor Europese ondernemingsraden Inzicht in Richtlijn 2009/38/EG Wat zijn de taken van Europese ondernemingsraden? Europese ondernemingsraden (EOR s) zijn organen die de Europese werknemers

Nadere informatie

MEMORANDUM VAN OVEREENSTEMMING OVER ONTWIKKELINGSSAMENWERKING TUSSEN DE REGERING VAN DE REPUBLIEK ZUID-AFRIKA EN DE VLAAMSE REGERING

MEMORANDUM VAN OVEREENSTEMMING OVER ONTWIKKELINGSSAMENWERKING TUSSEN DE REGERING VAN DE REPUBLIEK ZUID-AFRIKA EN DE VLAAMSE REGERING - 1 - MEMORANDUM VAN OVEREENSTEMMING OVER ONTWIKKELINGSSAMENWERKING TUSSEN DE REGERING VAN DE REPUBLIEK ZUID-AFRIKA EN DE VLAAMSE REGERING INLEIDING De regering van de Republiek Zuid-Afrika (hierna "Zuid-Afrika"

Nadere informatie

De doelen van de CARICOM zijn de volgende:

De doelen van de CARICOM zijn de volgende: Wat is de CARICOM? De Caribbean Community en Common Market (CARICOM) is een economische unie van landen, die vroeger de Commonwealth Caribbean uitmaakte. De voorgangers van de CARICOM waren de British

Nadere informatie

MINISTERIE VAN HANDEL EN INDUSTRIE

MINISTERIE VAN HANDEL EN INDUSTRIE MINISTERIE VAN HANDEL EN INDUSTRIE VRAGEN OVER MEDEDINGING CONTACT INFORMATIE: Telefoon: 402080 of 402339 tst. 1080 Fax: 404834 E-mail: juridischezaken@yahoo.com Paramaribo, december 2011 Ministerie van

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66 NOTA van: aan: Betreft: het Italiaanse voorzitterschap de horizontale Groep drugs Ontwerp-resolutie van

Nadere informatie

TETRALERT - ONDERNEMING VOORSTEL TOT HERZIENING VAN DE RICHTLIJN AANDEELHOUDERSRECHTEN

TETRALERT - ONDERNEMING VOORSTEL TOT HERZIENING VAN DE RICHTLIJN AANDEELHOUDERSRECHTEN TETRALERT - ONDERNEMING VOORSTEL TOT HERZIENING VAN DE RICHTLIJN AANDEELHOUDERSRECHTEN 1. Inleiding Op 9 april 2014 maakte de Europese Commissie aan het Europees Parlement een voorstel van richtlijn over

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66 NOTA van: het Italiaanse voorzitterschap aan: de horizontale Groep drugs nr. vorig doc.: 11051/03 CORDROGUE

Nadere informatie

Stuk 1068 (2006-2007) Nr. 1. Zitting 2006-2006. 18 januari 2007 ONTWERP VAN DECREET

Stuk 1068 (2006-2007) Nr. 1. Zitting 2006-2006. 18 januari 2007 ONTWERP VAN DECREET Stuk 1068 (2006-2007) Nr. 1 Zitting 2006-2006 18 januari 2007 ONTWERP VAN DECREET houdende instemming met de overeenkomst inzake zeevervoer tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds,

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD NL NL NL EUROPESE COMMISSIE Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD Brussel, 19.4.2010 COM(2010)153 definitief 2010/0083 (NLE) betreffende de Overeenkomst in de vorm van een briefwisseling tussen de Europese

Nadere informatie

KROATIË BENODIGDE TRANSPORTVERGUNNINGEN. 1. Benodigde transportvergunningen voor Nederlandse vervoerders

KROATIË BENODIGDE TRANSPORTVERGUNNINGEN. 1. Benodigde transportvergunningen voor Nederlandse vervoerders KROATIË BENODIGDE TRANSPORTVERGUNNINGEN 1. Benodigde transportvergunningen voor Nederlandse vervoerders - Gewaarmerkte kopie Eurovergunning voor grensoverschrijdend vervoer. - Voor het vervoer naar, van

Nadere informatie

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 bron : http://www.emis.vito.be Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen dd. 27-06-2000 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 Gewijzigd voorstel voor een beschikking

Nadere informatie

Bijlage 3. Intern reglement van het Auditcomité

Bijlage 3. Intern reglement van het Auditcomité Bijlage 3 Intern reglement van het Auditcomité 1. Samenstelling en vergoeding Het Comité bestaat uit twee leden die door de Raad van Bestuur van de Zaakvoerder worden aangeduid uit de onafhankelijke Bestuurders.

Nadere informatie

Avec le soutien financier de la Commission Européenne With the financial support of the European Commission

Avec le soutien financier de la Commission Européenne With the financial support of the European Commission De nieuwe gewijzigde EOR richtlijn 2009/38/EU : Ontwerp van aanbevelingen met betrekking tot de onderhandelingen tijdens de periode van omzetting (van 5 juni 2009 tot 5 juni 2011) [vertaald door AC-ABVV]

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 november 2005 (OR. fr) 13953/05 COSDP 737 PESC 940 COAFR 187 EUSEC-RDC 26 OC 775

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 november 2005 (OR. fr) 13953/05 COSDP 737 PESC 940 COAFR 187 EUSEC-RDC 26 OC 775 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 28 november 2005 (OR. fr) 13953/05 COSDP 737 PESC 940 COAFR 187 EUSEC-RDC 26 OC 775 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Gemeenschappelijk Optreden 2005/.../GBVB

Nadere informatie

EUROPESE CENTRALE BANK

EUROPESE CENTRALE BANK NL Deze inofficiële versie van de Gedragscode voor de leden van de Raad van Bestuur dient uitsluitend ter informatie B EUROPESE CENTRALE BANK GEDRAGSCODE VOOR DE LEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR (2002/C 123/06)

Nadere informatie

PROCEDURES BETREFFENDE DE VERWERVING DOOR HET EUROPEES PARLEMENT VAN PRIVEARCHIEVEN VAN LEDEN EN VOORMALIGE LEDEN

PROCEDURES BETREFFENDE DE VERWERVING DOOR HET EUROPEES PARLEMENT VAN PRIVEARCHIEVEN VAN LEDEN EN VOORMALIGE LEDEN 2.2.8. PROCEDURES BETREFFENDE DE VERWERVING DOOR HET EUROPEES PARLEMENT VAN PRIVEARCHIEVEN VAN LEDEN EN VOORMALIGE LEDEN BESLUIT VAN HET BUREAU VAN 10 MAART 2014 HET BUREAU VAN HET EUROPEES PARLEMENT,

Nadere informatie

ONTWERPVERSLAG. NL In verscheidenheid verenigd NL 2010/2169(DEC) 3.2.2011

ONTWERPVERSLAG. NL In verscheidenheid verenigd NL 2010/2169(DEC) 3.2.2011 EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie begrotingscontrole 2010/2169(DEC) 3.2.2011 ONTWERPVERSLAG over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Waarnemingscentrum voor

Nadere informatie

Londen, 4 november 2004

Londen, 4 november 2004 Ref: lon-pa/031104/001 Londen, 4 november 2004 Mijnheer, Ik heb de eer te verwijzen naar de tekst van de voorgestelde Modelovereenkomst tussen de Regering van Anguilla en de Regering van het Koninkrijk

Nadere informatie

Organisatie van advies en inspraak van het lokaal cultuurbeleid 2013-2018

Organisatie van advies en inspraak van het lokaal cultuurbeleid 2013-2018 Organisatie van advies en inspraak van het lokaal cultuurbeleid 2013-2018 1. DOELSTELLING : ADVIES EN INSPRAAK BIJ HET LOKAAL CULTUURBELEID 1.1. Met het oog op de voorbereiding en de evaluatie van het

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2002 Nr. 112. Europees Verdrag inzake de erkenning van de rechtspersoonlijkheid

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2002 Nr. 112. Europees Verdrag inzake de erkenning van de rechtspersoonlijkheid 50 (1986) Nr. 2 1 ) TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2002 Nr. 112 A. TITEL Europees Verdrag inzake de erkenning van de rechtspersoonlijkheid van internationale niet-gouvernementele

Nadere informatie

DE RAAD VAN EUROPA HOEDER VAN DE MENSENRECHTEN SAMENVATTING

DE RAAD VAN EUROPA HOEDER VAN DE MENSENRECHTEN SAMENVATTING DE RAAD VAN EUROPA HOEDER VAN DE MENSENRECHTEN SAMENVATTING Non-member state of the Council of Europe (Belarus) LIDSTATEN HOOFDZETEL EN OVERIGE VESTIGINGEN BEGROTING Albanië, Andorra, Armenië, Azerbeidzjan,

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1994 Nr. 266

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1994 Nr. 266 15 (1965) Nr. 5 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1994 Nr. 266 A. TITEL Verdrag tot instelling van één Raad en één Commissie welke de Europese Gemeenschappen gemeen hebben, met

Nadere informatie

geraadpleegd door de Raad overeenkomstig artikel 39, lid 1 van het EU-Verdrag (C5-0757/2000),

geraadpleegd door de Raad overeenkomstig artikel 39, lid 1 van het EU-Verdrag (C5-0757/2000), P5_TA(2002)0430 Europees netwerk voor justitiële opleiding * Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement over het initiatief van de Franse Republiek met het oog op de aanneming van het besluit van de

Nadere informatie

Regels inzake gemeenschappelijke wisselkoersarrangementen van de euro, alsmede wijziging van enkele andere wetten.

Regels inzake gemeenschappelijke wisselkoersarrangementen van de euro, alsmede wijziging van enkele andere wetten. Regels inzake gemeenschappelijke wisselkoersarrangementen van de euro, alsmede wijziging van enkele andere wetten. Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau,

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VAN DE RAAD tot wijziging en verlenging

Nadere informatie

Workshop over ecologische verbindingszones in het. Guyanaschild met als doel de steunacties voor de verwezenlijking van de Aichi

Workshop over ecologische verbindingszones in het. Guyanaschild met als doel de steunacties voor de verwezenlijking van de Aichi Workshop over ecologische verbindingszones in het Guyanaschild met als doel de steunacties voor de verwezenlijking van de Aichi Biodiversiteitsdoelstellingen te stroomlijnen ONTWERP ACTIEPLAN Voorwoord:

Nadere informatie

Wij danken allen die het mogelijk hebben gemaakt om deze Conferentie te houden.

Wij danken allen die het mogelijk hebben gemaakt om deze Conferentie te houden. Voorwoord Dit concept document is tot stand gekomen vanuit presentaties, discussies en overwegingen met verschillende belangengroepen bij de Organisatie van de Conferentie Ordening Goud sector in Suriname

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST AF/EEE/BG/RO/DC/nl 1 BETREFFENDE DE TIJDIGE BEKRACHTIGING VAN DE OVEREENKOMST BETREFFENDE

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0161 (E) 11292/14 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: ACP 110 WTO 197 COLAC 39 RELEX 539 BESLUIT

Nadere informatie

PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE)

PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE) Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 april 2010 (OR. en) PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE) LIMITE COEST 89 PESC 444 NIS 25 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN

Nadere informatie

BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK. van 17 november 2008. tot vaststelling van het kader voor de gezamenlijke aanbesteding van het Eurosysteem

BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK. van 17 november 2008. tot vaststelling van het kader voor de gezamenlijke aanbesteding van het Eurosysteem NL BESLUIT VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK van 17 november 2008 tot vaststelling van het kader voor de gezamenlijke aanbesteding van het Eurosysteem (ECB/2008/17) DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 23.5.2013 2012/0271(E) *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting

Nadere informatie

Gemeenschappelijke Raadszitting van donderdag 2 mei 2002 ----------------------------------------------------------------------------------

Gemeenschappelijke Raadszitting van donderdag 2 mei 2002 ---------------------------------------------------------------------------------- CENTRALE RAAD VOOR HET BEDRIJFSLEVEN NATIONALE ARBEIDSRAAD ADVIES Nr. 1.402 Gemeenschappelijke Raadszitting van donderdag 2 mei 2002 ----------------------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 21.10.2015 COM(2015) 603 final 2015/0250 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot vaststelling van maatregelen om geleidelijk een gezamenlijke vertegenwoordiging van

Nadere informatie

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn 98/49/EG van de Raad van 29 juni 1998 betreffende de bescherming van de rechten op aanvullend pensioen van werknemers en zelfstandigen

Nadere informatie

BIJLAGE I REFERENTIEKADER VOOR HET INTERNATIONAAL PARTNERSCHAP VOOR SAMENWERKING INZAKE ENERGIE-EFFICIËNTIE

BIJLAGE I REFERENTIEKADER VOOR HET INTERNATIONAAL PARTNERSCHAP VOOR SAMENWERKING INZAKE ENERGIE-EFFICIËNTIE 16.12.2009 Publicatieblad van de Europese Unie L 330/39 BIJLAGE I REFERENTIEKADER VOOR HET INTERNATIONAAL PARTNERSCHAP VOOR SAMENWERKING INZAKE ENERGIE- De ondertekenende nationale regeringsinstanties

Nadere informatie

GOEDGEKEURDE VERSIE. Centrum voor Strategische Defensiestudies Zuid Amerikaanse Defensieraad Unie van Zuid Amerikaanse Naties.

GOEDGEKEURDE VERSIE. Centrum voor Strategische Defensiestudies Zuid Amerikaanse Defensieraad Unie van Zuid Amerikaanse Naties. PRELIMINAIR RAPPORT VAN HET CEED VOOR DE ZUID-AMERIKAANSE DEFENSIERAAD BETREFFENDE REFERENTIETERMEN VOOR DE CONCEPTEN VEILIGHEID EN DEFENSIE IN DE ZUID- AMERIKAANSE REGIO Het (CEED) is een kennisinstantie

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 september 2006 (OR. en) 12758/06 Interinstitutioneel dossier: 2005/0204 (CNS) ASIM 63 OC 655 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESCHIKKING VAN DE

Nadere informatie

Ondergetekenden onder 1 en 2 hierna gezamenlijk aan te duiden als: Partijen.

Ondergetekenden onder 1 en 2 hierna gezamenlijk aan te duiden als: Partijen. VERSIE januari 2011 OVEREENKOMST INZAKE AANVRAAG ESF SUBSIDIES 2007-2013 AANVRAAGTIJDVAK FEBRUARI 2011 De Ondergetekenden: De Stichting Arbeidsmarkt Gehandicaptenzorg (StAG), gezeteld te Den Haag, aan

Nadere informatie

VRIJ VERKEER VAN BEKWAME BURGERS

VRIJ VERKEER VAN BEKWAME BURGERS Technologische Ontwikkeling en Milieu Onderdirectoraat Juridische en Internationale Zaken BROCHURE Secretariaat Vrij Verkeer van Personen Adres: Wagenwegstraat 20b Telefoon: (597)476540/(597)475241 tst.

Nadere informatie

(2002/C 42/07) Gelet op de Overeenkomst tot oprichting van een Europese Politiedienst ( 1 ), inzonderheid op artikel 43, lid 1,

(2002/C 42/07) Gelet op de Overeenkomst tot oprichting van een Europese Politiedienst ( 1 ), inzonderheid op artikel 43, lid 1, C 42/8 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen 15.2.2002 II (Voorbereidende besluiten krachtens titel VI van het Verdrag betreffende de Europese Unie) Initiatief van het Koninkrijk Belgiº en het

Nadere informatie

EUROPESE CONVENTIE SECRETARIAAT. Brussel, 23 april 2003 (24.04) (OR. fr) CONV 691/03. NOTA het praesidium de Conventie

EUROPESE CONVENTIE SECRETARIAAT. Brussel, 23 april 2003 (24.04) (OR. fr) CONV 691/03. NOTA het praesidium de Conventie EUROPESE CONVENTIE SECRETARIAAT Brussel, 23 april 2003 (24.04) (OR. fr) CONV 691/03 NOTA van: aan: Betreft: het praesidium de Conventie Instellingen - Ontwerp-artikelen voor titel IV van deel I van de

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1995 466 Besluit van 7 september 1995, houdende wijziging van het Besluit goederenvervoer over de weg en het Besluit personenvervoer in verband met

Nadere informatie

13395/2/01 REV 2 ADD 1 gys/hb/dm 1 DG I

13395/2/01 REV 2 ADD 1 gys/hb/dm 1 DG I RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 december 2001 (08.01) (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2000/0227 (COD) 13395/2/01 REV 2 ADD 1 ENV 528 CODEC 1098 Betreft: Gemeenschappelijk standpunt van de Raad

Nadere informatie

S T A T U U T. aangenomen op het 6de EUCDW-congres 15 maart 1993 KÖNIGSWINTER - D. aangepast op het 7de EUCDW-congres 6 september 1997 ROME - I

S T A T U U T. aangenomen op het 6de EUCDW-congres 15 maart 1993 KÖNIGSWINTER - D. aangepast op het 7de EUCDW-congres 6 september 1997 ROME - I S T A T U U T aangenomen op het 6de EUCDW-congres 15 maart 1993 KÖNIGSWINTER - D aangepast op het 7de EUCDW-congres 6 september 1997 ROME - I aangepast op het 8 ste EUCDW-congres 26 november 2001 in BRUSSEL

Nadere informatie

Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 betreffende de Brusselse Instellingen, inzonderheid op de artikelen 42 en 63;

Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 betreffende de Brusselse Instellingen, inzonderheid op de artikelen 42 en 63; Samenwerkingsakkoord tussen de staat, de gemeenschappen, de gemeenschappelijke gemeenschapscommissie en de gewesten tot oprichting van een algemene gegevensbank Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 maart 2003 (OR. en) 6505/03 CRIMORG 11

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 maart 2003 (OR. en) 6505/03 CRIMORG 11 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 maart 2003 (OR. en) 6505/03 CRIMORG 11 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Initiatief van het Koninkrijk Denemarken met het oog op de aanneming van

Nadere informatie

Afdeling 1. Definities. Artikel 1.- Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :

Afdeling 1. Definities. Artikel 1.- Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : Koninklijk besluit van 27 oktober 2009 betreffende de oprichting van een gemeenschappelijke interne dienst voor preventie en bescherming op het werk (B.S. 16.11.2009) Afdeling 1. Definities Artikel 1.-

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 29.11.2007 COM(2007) 761 definitief 2007/0266 (ACC) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD over het standpunt van de Gemeenschap in het Gemengd Comité EG-Faeröer

Nadere informatie

WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het Europees justitieel netwerk

WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het Europees justitieel netwerk RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 november 2008 (OR. en) 14914/08 COPEN 199 EUROJUST 87 EJN 65 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het Europees justitieel

Nadere informatie

CALRE. Conferentie van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees Verklarende noot

CALRE. Conferentie van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees Verklarende noot CALRE Conferentie van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees Verklarende noot De CALRE verenigt vierenzeventig voorzitters van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees: de parlementen van de Spaanse

Nadere informatie

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument C(2010) 8467 definitief

Hierbij gaat voor de delegaties Commissiedocument C(2010) 8467 definitief RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 7 december 2010 (09.12) (OR. fr) 17573/10 MI 533 COMPET 421 EF 204 ECOFIN 820 TELECOM 149 INGEKOMEN DOCUMENT van: de heer Jordi AYET PUIGARNAU, directeur, namens de secretarisgeneraal

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 2010/0011(E) 16.3.2011 *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad over de sluiting van

Nadere informatie

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMST TUSSEN DE CARIFORUM-STATEN, ENERZIJDS, EN DE EUROPESE GEMEENSCHAP EN HAAR LIDSTATEN, ANDERZIJDS

ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMST TUSSEN DE CARIFORUM-STATEN, ENERZIJDS, EN DE EUROPESE GEMEENSCHAP EN HAAR LIDSTATEN, ANDERZIJDS ECONOMISCHE PARTNERSCHAPSOVEREENKOMST TUSSEN DE CARIFORUM-STATEN, ENERZIJDS, EN DE EUROPESE GEMEENSCHAP EN HAAR LIDSTATEN, ANDERZIJDS CARIFORUM/CE/nl 1 ANTIGUA EN BARBUDA, HET GEMENEBEST VAN DE BAHAMA'S,

Nadere informatie

VLAAMSE RAAD ONTWERP VAN DECREET

VLAAMSE RAAD ONTWERP VAN DECREET Stuk 123 (1981-1982) - Nr. 1 VLAAMSE RAAD TERUGBEZORGEN VLAAMSE RAAD ZITTING 1981-1982 23 JUNI 1982 ONTWERP VAN DECREET houdende goedkeuring van het Cultureel Akkoord tussen de Regering van het Koninkrijk

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 17.2.2014 COM(2014) 70 final 2014/0036 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de ondertekening, namens de Unie, van de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst

Nadere informatie

REGLEMENT VOOR DE AUDIT, COMPLIANCE EN RISICO COMMISSIE VAN PROPERTIZE B.V.

REGLEMENT VOOR DE AUDIT, COMPLIANCE EN RISICO COMMISSIE VAN PROPERTIZE B.V. REGLEMENT VOOR DE AUDIT, COMPLIANCE EN RISICO COMMISSIE VAN PROPERTIZE B.V. Datum: 11 mei 2015 Artikel 1. Definities AvA: Commissie: Reglement: RvB: RvC: Vennootschap: de algemene vergadering van aandeelhouders

Nadere informatie

A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 -----------------------------------------------------

A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 ----------------------------------------------------- A D V I E S Nr. 1.917 ----------------------------- Zitting van dinsdag 25 november 2014 ----------------------------------------------------- Nationaal profiel voor veiligheid en gezondheid op het werk

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming

EUROPEES PARLEMENT. Commissie interne markt en consumentenbescherming. Commissie interne markt en consumentenbescherming EUROPEES PARLEMENT 2004 2009 Commissie interne markt en consumentenbescherming 9.11.2007 WERKDOCUMENT over het voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 april 2002 (02.05) (OR. en) 8318/02 LIMITE PROCIV 16 FSTR 3

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 april 2002 (02.05) (OR. en) 8318/02 LIMITE PROCIV 16 FSTR 3 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 april 2002 (02.05) (OR. en) 8318/02 LIMITE PROCIV 16 FSTR 3 RESULTAAT BESPREKINGEN van: Groep civiele bescherming d.d.: 16 april 2002 nr. vorig doc.: 7573/02 prociv

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie verzoekschriften MEDEDELING AAN DE LEDEN

EUROPEES PARLEMENT. Commissie verzoekschriften MEDEDELING AAN DE LEDEN EUROPEES PARLEMENT 2004 Commissie verzoekschriften 2009 25.11.2008 MEDEDELING AAN DE LEDEN Betreft: Verzoekschrift 1103/2007, ingediend door Laurent Hermoye (Belgische nationaliteit), namens de vereniging

Nadere informatie