Faculteit Rechtsgeleerdheid. Academiejaar

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Faculteit Rechtsgeleerdheid. Academiejaar 2008 2009"

Transcriptie

1 Faculteit Rechtsgeleerdheid Academiejaar Juridische vragen rond de verkoop van beleggingsproducten door zelfstandige tussenpersonen die de activiteit van bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten cumuleren met de activiteit van verzekeringsbemiddeling Carine Vansteenbrugge Promotor : Prof. M. Tison Masterproef van de opleiding Master in het bedrijfsrecht

2 2 Inhoud 1. Inleiding Kader waarin de financiële tussenpersoon actief is Substitueerbare retail beleggingsproducten Desintermediatie en branchevervaging Middle offices Regelgeving met betrekking tot de verschillende statuten / activiteiten Privaatrechtelijk Relatie agent- principaal: wet op de handelsagentuur Makelaar in bank- en beleggingsdiensten en verzekeringsmakelaar Publiekrechtelijk Toegang tot het beroep Gedragsregels Verdeling van beleggingsproducten door tussenpersonen die het statuut van tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten cumuleren met het statuut van verzekeringsmakelaar Problemen met betrekking tot het agentschapscontract Adviesverlening Aansprakelijkheid ten aanzien van de klant Cumul statuut makelaar in bank- en beleggingsdiensten met dat van verzekeringsmakelaar Conclusie... 35

3 3 1. Inleiding In België gebeurt de verdeling van zowel bancaire, beleggings- als verzekeringsproducten voor een groot deel door zelfstandige tussenpersonen. Deze tussenpersonen cumuleren niet alleen vaak de activiteit van verzekeringsbemiddeling met de activiteit van bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten maar ook combineren zij het statuut van exclusieve handelsagent voor de ene activiteit met het statuut van makelaar voor de andere activiteit 1. Voor deze studie beperken we ons tot de cumul van activiteit van zelfstandig tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten met de activiteit van verzekeringstussenpersoon met betrekking tot beleggingsproducten. Daar waar nogal wat zelfstandige tussenpersonen zich exclusief richten op de bemiddeling in verzekeringsproducten, is het zo dat quasi alle zoniet alle zelfstandige bankagenten hun activiteit cumuleren met die van verzekeringstussenpersoon. Uit cijfers van de CBFA blijkt dat 87,60% van de bankagenten ook is ingeschreven als verzekeringstussenpersoon waarvan een kleine 50% hun activiteit de activiteit als bankagent combineert met het statuut van verzekeringsmakelaar. Van de overige 12% mag men ervan uitgaan dat deze ook hun activiteit combineren met het statuut van verzekeringstussenpersoon zij het via een andere rechtspersoon. Deze laatste beschikken dan over verschillende CBFA-nummers waardoor uit de cijfers van de CBFA niet blijkt dat zij hun activiteit van bankagent met deze van verzekeringstussenpersoon cumuleren 2. Ons onderzoek richt zich hier specifiek tot de distributie van de retail beleggingsproducten die zowel via het kanaal van de verzekeringen als via het bancair kanaal worden verdeeld. In de praktijk kan de zelfstandige bankagent verzekeringsbemiddelaar zowel via zijn activiteit als bankagent als via zijn activiteit van verzekeringsbemiddeling beleggingsproducten verkopen. De beroepsverenigingen van deze zelfstandigen gebruiken ook meer en meer de term financiële tussenpersonen voor hun leden in hun communicatie naar buiten toe. Met deze term worden dan zowel de verzekeringstussenpersonen als bankagenten bedoeld. Ook de zelfstandige tussenpersonen actief in beide sectoren profileren zich vaak als onafhankelijk financiële tussenpersoon waarbij het aanbod dat zij kunnen doen als bankagent enkel één stukje is van de activiteiten die zij aanbieden. Op websites van sommige van deze zelfstandige tussenpersonen worden zelfs enkel de verzekeringsbeleggingen naar voren geschoven. Bij andere zien we in het kader van hun verzekeringsbemiddeling termen zoals vermogensplanning, private banking Insurance en financiële planning opduiken. Het hoeft dan ook geen verbazing dat de doorsnee- consument geen zicht heeft op welke producten de tussenpersoon in welke hoedanigheid verkoopt en op het verschil in regelgeving, bescherming daarop van toepassing. Nochtans zijn deze activiteiten aan verschillende regelgeving onderworpen net zoals de producten die worden verdeeld onder een verschillende regelgeving en toezicht vallen. Op zich is dit reeds een 1 De activiteit van bemiddeling in bankdiensten wordt quasi altijd gecombineerd met de bemiddeling in beleggingsdiensten. De agentschapscontracten van de zelfstandige bankagenten voorzien steeds een exclusiviteit voor zowel bemiddeling in bank- als beleggingsdiensten. De kredietinstellingen waarvoor de bankagenten optreden zijn immers doorgaans tevens beleggingsonderneming. Er zijn wel agenten die enkel optreden voor een beursvennootschap. Daar deze de activiteiten niet cumuleren met de activiteit van verzekeringsbemiddeling laten we ze hier buiten beschouwing. 2 COMMISSIE VOOR HET BANK-, FINANCIE- EN ASSURANTIEWEZEN, Kwartaalcijfers, periode 01/01/ /03/2009.

4 4 voldoende moeilijkheid voor de tussenpersoon in kwestie. Daarnaast is het ook zo dat de ene activiteit namelijk deze van de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten quasi altijd als exclusieve handelsagent wordt verricht waarbij de tussenpersoon gebonden is aan de producten en de commerciële politiek van de bank waarvoor hij werkt terwijl de activiteit van verzekeringsmakelaar onder een contract sui generis wordt verricht waarbij er geen enkele vorm van afhankelijkheid is 3. Hierna gaan we na welke juridische vragen zich stellen met betrekking tot de cumul van deze statuten en meer specifiek de cumul van het statuut van tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten met dat van verzekeringsmakelaar met betrekking tot beleggingsproducten. De cumul met het statuut van verzekeringsagent laten we hier buiten beschouwing. Immers met betrekking tot de cumul van het statuut van zelfstandig bankagent en verzekeringsagent voor dezelfde principaal stellen zich minder problemen. De tussenpersoon handelt onder het statuut van handelsagent voor dezelfde principaal met één contract. Zelfs al is de toepasselijke wetgeving verschillend, dit wordt opgevangen op het niveau van de principaal. Ook ten aanzien van de consument is het duidelijk dat de tussenpersoon slechts één instelling vertegenwoordigt. Met betrekking tot de cumul van het statuut van zelfstandig bankagent en statuut van zelfstandig verzekeringsagent voor een verschillende principaal een situatie die niet zoveel voorkomt- zullen zich vooral problemen stellen indien de agentschapscontracten niet duidelijk zijn. Met betrekking tot de wetgeving en de gedragsregels moet de agent de richtlijnen van zijn principaal volgen. Voor de consument is deze situatie ook duidelijk want wat betreft bank vertegenwoordigt de agent X en wat betreft verzekeringen vertegenwoordigt hij Y. 2. Kader waarin de financiële tussenpersoon actief is 2.1. Substitueerbare retail beleggingsproducten Dit rapport beperkt zich tot beleggingsproducten precies omdat deze producten zowel via het verzekeringskanaal als via het kanaal van de kredietinstellingen en beleggingsondernemingen kunnen verdeeld worden en in de praktijk vaak als substituten voor elkaar worden gebruikt; het zijn producten waarin consumenten hun spaargeld kunnen beleggen 4. Deze substitueerbare producten vallen onder een volledig verschillende regelgeving en toezicht. De Europese commissie publiceerde eind 2007 een Call for evidence met betrekking tot substitute retail investment products om na te gaan of de bestaande regelgeving voldoende is om de retail beleggers te beschermen, en zoniet, of corrigerende actie nodig is 5. De Europese Commissie stelt dat de regulering vertrekt vanuit de producenten: financiële instellingen/ verzekeringsondernemingen met een verschillend prudentieel toezicht. De EUrichtlijnen werden opgesteld voor een landschap van verscheidene en functioneel onderscheiden 3 Op datum van 6 mei 2009 waren slechts 5 bankmakelaars ingeschreven in de lijst van tussenpersonen in banken beleggingsdiensten, 4 Zie ook, A. BRUYNEEL, Principaux aspects de la bancassurfinance : Phénomène importent mais ambigu?», Séminarie ULB Bancassurfinance, p Financial services:call for evidence for substitute investment products, Rapid - Press Releases, Brussels, 26 october 2007

5 5 producten, die werden aangeboden via specifieke distributiekanalen aan retail consumenten met verschillende objectieven. De Europese Commissie stelt vast dat sedertdien: - de grenzen tussen de financiële, bank en verzekeringsproducten vervagen, - het aanbod aan producten verruimt - de financiële producten complexer zijn, met verschillende profielen, maturiteit en doelen om te beantwoorden aan de verschillende beleggersnoden - het gebruik van wrappers toeneemt; hetzelfde beleggingsvoorstel kan verpakt worden in verschillende vormen en verkocht worden via een verscheidenheid aan distributiekanalen aan de retail consumenten, - de distributiekanalen minder en minder specifiek zijn voor bepaalde producten. Banken bieden financiële producten aan naast de traditionele bankproducten en vaak nemen ze in hun aanbod ook verzekeringsproducten op. Verzekeringsmakelaars hebben hun aanbod aan producten uitgebreid naar financiële of bankproducten. De tussenpersonen kunnen kiezen tussen een breder gamma aan producten Desintermediatie en branchevervaging Door het ontwikkelen van instrumenten zodat de kleine spaarder in plaats van sparen zou kunnen beleggen, dit wil zeggen rechtstreeks investeren in aandelen, obligaties etc. (desintermediatie) begonnen de banken een deel van hun klassieke werkingsmiddelen te verliezen. Banken hebben zich in die gewijzigde omgeving gepositioneerd door dienstverlening, door als tussenpersoon op te treden tussen zij die kapitaal zoeken op de kapitaalmarkt en de kleine belegger. In de jaren 80 was dit slechts in beperkte mate mogelijk. De ontvangst en uitvoering van beursorders was toen nog een monopolie van de wisselagenten. Doordat de banken actief werden in de beleggingssector vond ook een verschuiving plaats van spaargelden naar beleggingen. Daarnaast is er ook sprake van branchevervaging tussen de bank- en beleggingssector en de verzekeringssector 7. Het dubbelzinnig of hybride karakter van de in de jaren 80 ontwikkelde pensioenspaarproducten heeft ertoe geleid dat de oorspronkelijk uitgevende financiële instellingen, zijnde de banken, een samenwerking aanvingen met voor dergelijke producten concurrerende verzekeringsondernemingen, hierbij bijgestaan of gesteund door de toezichthouders 8. In sommige gevallen neemt de kredietinstelling tezelfdertijd de hoedanigheid van verzekeringtussenpersoon aan. In andere gevallen doet de verzekeraar niet een beroep op de 6 Call for evidence- need for a coherent approach to product transparency and distribution requirements for substitute retail investment products? European Commission DG markt G4 7 M. TISON, Cursus Grondige studie bank- en kapitaalmarktenrecht, UGent, M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p. 86.

6 6 kredietinstelling zelf maar wel op haar distributienetwerk van gevolmachtigde agenten zodat deze laatsten niet alleen als bancaire maar tevens als verzekeringstussenpersoon optreden 9. Daarnaast hebben verzekeringsondernemingen hun traditionele gamma uitgebreid met nieuwe producten van de takken 21 en 23 die buiten enkele verzekeringstechnische elementen, vanuit economisch standpunt en vanuit het standpunt van de financiële consument, in se spaar- en beleggingsproducten zijn, waardoor zij in directe concurrentie staan met klassieke bancaire spaar- en termijnrekeningen, kasbons of deelnemingen in instellingen voor collectieve beleggingen (ICBE s) 10. In geval van de verkoop door verzekeringsondernemingen van strikt financiële producten, of waarbij, anders gezegd, beleggingsondernemingen gebruik maken van het distributienetwerk van de verzekeraars voor de verkoop van financiële diensten en producten, spreekt men van assurfinance 11. Doordat de grote banken op structurele wijze een aanzienlijk aandeel verwierven in de distributie van dit soort van verzekeringsproducten werd het risico voor de banken wat betreft een verminderde verkoop van bankproducten gemilderd 12. De meeste zoniet alle kredietinstellingen verdelen intussen via hun zelfstandige distributienetwerk tegelijkertijd (beleggings-)verzekeringsproducten waardoor de zelfstandige bankagenten quasi allemaal als verzekeringstussenpersoon soms via een andere vennootschap- zijn ingeschreven bij de CBFA. Op die manier kunnen de banken de spaargelden in de groep houden en bovendien inkomsten halen uit deze activiteit. Ook de rendabiliteit van de eigen kantoren, de bediendekantoren kan door de verkoop van verzekeringsproducten worden opgedreven. Door het feit dat eenzelfde tussenpersoon gelijktijdig deze producten aanbiedt, zullen deze producten als economisch gelijkaardig voorgesteld worden, niettegenstaande het feit dat deze producten wel aan verschillende gespecialiseerde wetgevingen onderworpen zijn 13. Niet alleen de banken zagen evenwel voordelen in de verkoop van verzekeringsbeleggingen. Ook tal van zelfstandige bankagenten zagen brood in de verkoop van verzekeringsbeleggingen via een eigen activiteit van verzekeringsbemiddeling Middle offices We besteden hier ook bijzondere aandacht aan de zogenaamde middle offices. Deze spelen in België een belangrijke rol. Er is een belangrijke markt ontstaan waarbij verkoopteams van beleggingsfondsen en beleggingsondernemingen hun producten via verzekeringstussenpersonen verkopen. Daarbij wordt gezocht naar een verzekeringsmaatschappij die zorgt voor de wrapper. Vaak 9 K. TROCH en P. COLLE, Juridische organisatie van de distributiekanalen bekeken vanuit de verzekeringssector, in K. BYTTEBIER, E. DE BATSELIER en S. JANSSENS (eds.), Bankverzekeren/Bancassurance, Antwerpen, Kluwer, 2002, p M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p. 99.

7 7 zijn dit Luxemburgse en Ierse maatschappijen. Soms is het middle office een echt verkoopsteam van de beleggingsonderneming/ -fonds dat op deze manier via de tussenpersonen de Belgische markt wil bewerken. Soms gaat het middle office op zoek naar producten en wrappers om deze aan te bieden aan de tussenpersoon. In het ene geval wordt het contract rechtstreeks gesloten tussen de tussenpersoon en de verzekeringsmaatschappij( de wrapper), in het andere geval wordt de overeenkomst gesloten met het zogenaamde middle office dat de commissies aan de tussenpersoon uitbetaalt. In dat laatste geval gebeurt het dat een verzekeringsproduct onder label van het middle office wordt uitgebracht waarbij het middle office zich toelegt op het creëren en verkoop van beleggingsverzekeringen. Feit is ook dat middle offices zolang ze een service naar de verzekeraars toe leveren niet hoeven ingeschreven te worden bij de CBFA. Het gaat dan om een vorm van outsourcing door de verzekeraar. In dat geval mogen ze wel niet in contact komen met het publiek zoniet zou het wel om verzekeringsbemiddeling gaan. Dit heeft een aantal voordelen voor de beleggingsondernemingen, - fondsen : deze ( ook buitenlandse) kunnen op deze manier zonder veel kosten aan de man worden gebracht; het gaat namelijk om een plaatsing van het beleggingsproduct bij de verzekeringsmaatschappij. Het onderliggende fonds hoeft niet noodzakelijk een publiek beleggingsfonds te zijn. Gaat het wel om een publiek beleggingsfonds dan kan de consument de prospectus opvragen. Vaak is het onderliggende beleggingfonds een speciaal opgericht beleggingsfonds. Het onderliggende fonds dat niet aan het publiek wordt aangeboden, is niet onderworpen aan de wetgeving met betrekking tot de openbare uitgifte, hetgeen minder kosten met zich meebrengt. En niet onbelangrijk door de lagere kosten kan het commissieloon voor de tussenpersoon hoger liggen bij dit soort van producten. In het kader van de discussie in Europa met betrekking tot retail substitute investment products is gebleken dat de grote meerderheid van retail beleggingsproducten in Europa wordt verkocht via tussenpersonen, independent Financial advisors in the UK of bancassurance ketens in continentaal Europa. Simon Fraser, voorzitter Forum of European Asset Managers, stelt dat de product promotors tegen elkaar strijden om toegang te bekomen tot deze kanalen en de distributeur vergoeding betalen in de vorm van commissies ingebed in het product 14. Deze middle offices richten zich bij uitstek naar die tussenpersonen die zowel bankagent als verzekeringsmakelaar zijn omdat deze beter vertrouwd zijn met beleggingsproducten. Sommige van deze middle offices verdelen ook rechtstreeks private plaatsingen ( > ) via de tussenpersonen. Het betreft hier noch een verzekeringsbelegging noch een bancair beleggingsinstrument. De CBFA liet in september 2008 via de pers weten met lede ogen aan te zien dat het aantal advertenties van beleggingsvoorstellen die niet aan de goedkeuring van de CBFA zijn onderworpen toeneemt 15. De CBFA wijt de toename aan de Europese regelgeving. Europa verlaagde de beschermingsdrempel van naar Indien de inleg voor een belegging meer dan bedraagt dan is er geen sprake van een beroep op het openbaar spaarwezen en is de CBFA dus niet bevoegd. De CBFA stelt dat het belang van het advies van de tussenpersoon in zo n geval stijgt. Zo komt het er voor de tussenpersoon op aan om zijn klanten zo goed mogelijk over zo n producten te informeren, bijvoorbeeld op het vlak van de kosten- en vergoedingsstructuur. 14 S. FRASER, Record of the Open hearing on Retail Investment Products, Brussel, 15 juli 2008, p C.P., Aantal prospectusvrije voorstellen voor beleggingen klimt opmerkelijk, De Tijd, 11 sept. 2008

8 8 Bovendien is het van groot belang om in het kader van de know your client-vereiste na te gaan of dit product wel geschikt is voor een bepaalde klant. 16 De tussenpersonen, vaak verzekeringsmakelaars die hun statuut cumuleren met dat van bankagent stellen zich geen vragen en verkopen deze producten in hun hoedanigheid als verzekeringsmakelaar. Wanneer men bank- en beleggingsagent is, dan zal per definitie het agentschapscontract deze activiteit uitsluiten daar het gaat om concurrerende producten. Zijn verplichting tot loyaliteit en goede trouw ontnemen hem het recht, tenzij uitdrukkelijk of stilzwijgend akkoord van de principaal, om concurrerende producten te promoten 17. Ook de CBFA legt op dat indien de agent een andere beroepsactiviteit uitoefent, dat deze activiteit duidelijk gescheiden moet worden gehouden. Het publiek mag geenszins de indruk krijgen dat die andere werkzaamheden voor rekening van de kredietinstelling worden uitgeoefend 18. De bankagent mag wel beleggingsadvies verlenen doch enkel in naam en voor rekening van zijn principaal. Een private plaatsing die niet door zijn principaal wordt geleverd, valt daar niet onder. Agenten die toch dergelijke producten verkopen riskeren een opzeg wegens zware fout. Ook wie dit als verzekeringsmakelaar via een aparte vennootschap zou verkopen, zal erover moeten waken de precontractuele informatieplicht goed na te leven met het oog op zijn eventuele aansprakelijkheid ten aanzien van de klant 19. Het aantal verzekeringsmakelaars dat via middle offices tak 23-producten verkoopt, neemt toe. Het is evenwel niet altijd duidelijk voor de verzekeringsmakelaar wie het risico draagt, wie moet zorgen dat de verstrekte informatie correct is. In Luxemburg moeten deze fondsen vooraf aan het Commissariat aux assurances worden voorgelegd 20. In België geldt volgende bepaling : Voor elk product of type van product dat het voorwerp van haar activiteit uitmaakt, deelt de verzekeringsonderneming voorafgaand aan de toepassing ervan, de grondslagen en methodes die zij gebruikt voor het opstellen van haar tarifering, de berekening van de afkoopwaarden, de reductiewaarden en de voorziening voor verzekering leven, alsook de vergoedingen die ze zal 16 CBFA waarschuwt voor reclame voor prospectusvrije beleggingsproducten, Nieuwsbrief, BZB, 2008, september,p Y. MERCHIERS, De verzekeringsbemiddeling. Nieuwe aspecten, T. Verz. 2000, p CBF-Circulaire 93/5d.d. 21 oktober 1993 aan de kredietinstellingen, punt Nochtans bestaat hier het risico dat het om beleggingsadvies gaat en zouden de verzekeringsmakelaars kunnen beschouwd worden als beleggingsonderneming. Art. 46,9 van de wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen definieert beleggingsadvies als: het doen van gepersonaliseerde aanbevelingen aan een cliënt, hetzij op diens verzoek hetzij op initiatief van de beleggingsonderneming, met betrekking tot één of meer verrichtingen die betrekking hebben op financiële instrumenten. De vraag is of de verzekeringsmakelaar die deze private plaatsingen verkoopt onder de uitzondering in art. 45, 1, 4 wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het toezicht op de beleggingsondernemingen valt namelijk de personen die een beleggingsdienst of -activiteit als incidentele activiteit verrichten in het kader van een beroepswerkzaamheid, indien deze werkzaamheid aan wettelijke of bestuursrechtelijke voorschriften of aan een beroepscode is onderworpen en het verrichten van de dienst of de activiteit op grond daarvan niet is uitgesloten ; bijgevolg is een verzekeringsmakelaar die incidenteel private plaatsing doet, niet gehouden aan een vergunningsplicht op basis van deze wet doch wat is incidenteel? Wie kan dat controleren? Op de private plaatsing door de verzekeringsmakelaar is geen controle. Incidenteel? Dit is niet omschreven in de wet doch wanneer bv herhaaldelijk commissie zou worden uitbetaald op de vennootschap dan zou dit kunnen worden aanzien als zijnde in het kader van de bedrijfsuitoefening en zou dit een probleem scheppen in de zin dat de verzekeringstussenpersoon in dat geval beleggingsadvies zou verlenen in de zin van de wet op de beleggingsondernemingen zonder te beschikken over een vergunning daartoe. 20 Lettre circulaire 06/8 du Commissariat aux Assurances portant modification de la lettre circulaire modifiée 01/8 du Commissariat aux Assurances relative aux règles d'investissements pour les produits d'assurance-vie liés à des fonds d'investissement (version coordonnée de la LC01/8 suite aux LC06/8, LC05/5, LC04/8 et LC95/3).

9 9 toepassen, mee aan de CBFA. 21. Deze bepaling is niet te vergelijken met de Luxemburgse regeling waar de toezichthouder nauwer toezicht houdt op de samenstelling van de onderliggende fondsen. De middle offices hebben een contractuele verantwoordelijkheid naar de makelaar toe met betrekking tot de aan hem verstrekte informatie. In dat opzicht is het van belang dat de verzekeringsmakelaar de commerciële folders en de informatie die naar hem toe wordt verstrekt bijhoudt. Blijkt immers dat de verzekeringsmakelaar zelf niet altijd goed kan inschatten hoe een product in elkaar steekt en wat de risico s zijn. In België heeft de verzekeringssector op verzoek van de minister voor Consumentenzaken een gedragscode opgesteld met betrekking tot financiële verzekeringsproducten 22. Daarin wordt onder meer bepaald dat aan de consument voorafgaand aan de sluiting van het contract uitgebreide informatie moet worden verstrekt onder de vorm van een financiële infofiche levensverzekering ; dit is een gestandaardiseerde en niet-gepersonaliseerde infofiche die de consument toelaat kennis te nemen van de belangrijkste kenmerken van het product, o.a. van de waarborgen, het rendement en de kosten. Uit de resultaten van een enquête die de CBFA en de FOD Economie uitgevoerd hadden rond reclame voor financiële producten bleek dat er vooral voor de tak 23-producten nood was aan meer duidelijkheid. Heel wat klanten konden inderdaad niet weten dat hun beleggingsproduct in feite een verzekeringsovereenkomst was, of verkeerden in onduidelijkheid omtrent de kosten en het rendement van een bepaald contract 23. De gedragscode is pas vanaf 1 januari 2007 in werking getreden en wordt niet door alle buitenlandse verzekeraars nageleefd. Het opstellen van een infofiche is de verantwoordelijkheid van de verzekeraar zelfs indien het product onder het label van middle office wordt verkocht. 3. Regelgeving met betrekking tot de verschillende statuten / activiteiten Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen de regels die de relatie van de agent ten aanzien van zijn opdrachtgever ( principaal) of van de verzekeringsmakelaar ten aanzien van de maatschappijen waarmee hij werkt, betreffen en de regels die de activiteit zelf- de toegang tot het beroep en de gedragsregels van de tussenpersoon beheersen. De eerste moeten worden gekaderd binnen de privaatrechtelijke verhouding; de tweede binnen de publiekrechtelijke verhouding van de tussenpersoon ten aanzien van de derde-partij of consument van de financiële dienst met het oog op de bescherming van deze laatste Privaatrechtelijk Relatie agent- principaal: wet op de handelsagentuur De zelfstandige bankagent is een handelsagent en werkt in naam en voor rekening van een principaal. De relatie met zijn principaal wordt geregeld door de bepalingen uit de wet op de 21 Koninklijk Besluit van 14 november 2003 betreffende de levensverzekeringsactiviteit, B.S., 15 november 2003, art Gedragscode inzake reclame en informatieverstrekking over individuele levensverzekeringen, gewijzigd op 12 december Gedragscode inzake reclame en informatieverstrekking over individuele levensverzekeringen, Assurinfo, nr. 39, 2006, p M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p.23.

10 10 handelsagentuur 25. Deze regels hebben betrekking op de sluiting van de overeenkomst, de betaling van de commissie, de modaliteiten en de verschillende verplichtingen van de partijen, regels met betrekking tot de beëindiging van de overeenkomst, vergoedingen en niet-concurrentiebeding. De wet op de handelsagentuurovereenkomst omschrijft de handelsagentuurovereenkomst als een overeenkomst waarbij de ene partij, de handelsagent, door de andere partij, de principaal, zonder dat hij onder diens gezag staat, permanent en tegen vergoeding belast wordt met het bemiddelen en eventueel het afsluiten van zaken in naam en voor rekening van de principaal 26. Specifiek voor de zelfstandige bankagent is dat hij wettelijk verplicht is exclusief voor slechts één principaal op te treden 27. Ook bepaalt de wet dat de samenwerking tussen de agent in banken beleggingsdiensten en zijn principaal het voorwerp moet uitmaken van een schriftelijke overeenkomst 28. Tevens wordt de inhoud van die overeenkomst in grote lijnen bepaald. Zo moeten daarin de door de agent na te leven boekhoudkundige en administratieve procedures worden vastgelegd, moet uitdrukkelijk bepaald worden dat de agent slechts aan bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten kan doen in naam en voor rekening van de principaal, en moet bepaald worden welke andere werkzaamheden dan bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten met het mandaat van agent in bank- en beleggingsdiensten mogen gecumuleerd worden en/of de procedure die dient gevolgd voor het bekomen van de toestemming daartoe van de principaal. Er wordt bovendien ruimte gelaten om bij Koninklijk Besluit andere bepalingen te verplichten teneinde de veiligheid van de uitgevoerde verrichtingen te verzekeren. In de circulaire 93/5, die voorheen onrechtstreeks via verplichtingen aan de kredietinstellingen het statuut van de bankagent regelde en die nog steeds van toepassing is, worden de verplicht op te nemen bepalingen in het contract iets ruimer beschreven. Deze richtlijn legt aan de banken volgende clausules op die opgenomen dienen te worden in de schriftelijke overeenkomst: - Op beperkende wijze vermelden welke werkzaamheden zijn toegestaan en voor welk soort verrichtingen de gevolmachtigde agent bevoegd is. - Het contract bevat een exclusiviteitsclausule. - Inzake kredietverlening moet het optreden van de agent beperkt blijven tot het verzamelen en verifiëren van de vereiste gegevens en handtekeningen en het overleggen van de stukken aan de kredietinstelling. Een agent kan evenwel, op basis van objectieve criteria, krediet mogen verlenen voor beperkte bedragen, waarvan de maxima door de kredietinstelling worden vastgesteld. - De uitoefening van een andere beroepsactiviteit moet vooraf schriftelijk ter kennis worden gebracht van de kredietinstelling. - De verplichting om zich te schikken naar de door de kredietinstelling voorgeschreven administratieve en boekhoudkundige procedures. - Geen methodes te gebruiken die tot doel of als gevolg hebben belastingontduiking door derden te bevorderen. - Binnen de door de kredietinstelling bepaalde termijnen de door hem verschuldigde bedragen en effecten overmaken en de stukken voor te leggen waaruit de financiële kredietverrichtingen blijken. 25 Wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst. 26 Art. 1 van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst. 27 Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten, art. 10, 1 28 Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten, art. 10, 3

11 11 - In geen geval een volmacht op rekening van één van zijn cliënten bezitten, tenzij van inwonende gezinsleden, noch zelf waarden of boekjes van cliënten in open bewaargeving houden. - In geen geval een vergoeding aanvaarden van de cliënteel. - Voor zijn werkzaamheden in het kader van het agentencontract enkel gebruik te maken van stukken, circulaires, teksten en reclamemateriaal van de kredietinstelling. - Alle boeken en stukken over zijn opdracht als agent aan de interne en externe controle van de kredietinstelling onderwerpen. - In de mogelijkheid voorzien om onverwijld een einde te maken aan de relaties met de gevolmachtigde agent, onverminderd de eventuele toekenning van een schadevergoeding, conform het gemeen recht 29. De gedwongen exclusiviteit zorgt voor een vanuit economisch standpunt bekeken zwakke en afhankelijke positie van de bankagent. In de meeste agentschapscontracten wordt een nietconcurrentiebeding opgenomen. Dit betekent dat indien de agent de samenwerking wil stopzetten, hij niet onmiddellijk voor een andere bank kan starten. Bovendien wanneer de agent zelf opzegt, heeft hij geen recht op een vergoeding. Hetzelfde geldt wanneer de principaal opzegt wegens zware fout 30. En dit gebeurt relatief vaak. Voor de verkoop van hun producten zijn er steeds meer regels en procedures die de agenten nauwgezet moeten volgen. Dat de agenten in de vele verrichtingen die zij dagelijks stellen soms fouten maken tegen die procedures is dus niet denkbeeldig. Wanneer evenwel de bank een agent liever kwijt is omdat hij zich niet voldoende richt naar de commerciële richtlijnen of omdat hij zich te onafhankelijk opstelt, gebeurt het wel dat de bank de agent opzegt wegens zware fout. Met dramatische gevolgen voor de zelfstandige agent want niet alleen heeft hij geen vergoeding en mag hij 6 maanden niet voor een andere instelling werken maar bovendien wordt naar de klanten toe de indruk gewekt dat hij gefraudeerd heeft of op zijn minst dat hij geen betrouwbare tussenpersoon is. In veel gevallen wordt de zware fout ten onrechte ingeroepen doch het kwaad is geschied. De agent kan wel procederen doch dit duurt jaren. De bank gebruikt ook deze opzeg wegens zware fout om voorbeelden te stellen. De beroepsvereniging van zelfstandige bank- en verzekeringsbemiddelaars heeft dit al diverse keren aangeklaagd 31. De wet op de handelsagentuur bevat een bepaling die een zekere macht geeft aan de bankagent namelijk in art. 15 wordt bepaald dat iedere eenzijdige wijziging van het oorspronkelijk overeengekomen commissie tijdens de uitvoering van de overeenkomst een handeling is die gelijkstaat met verbreking van de overeenkomst. Dit betekent dat in dergelijk geval de agent het 29 F. WILLEMS, Praktische gids voor agentenvertegenwoordigers in de paritaire overlegorganen, Oudenaarde, Beroepsvereniging van Zelfstandige Bank- en verzekeringsbemiddelaars, Art. 20 van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst. 31 Jaarverslag, Beroepsvereniging Zelfstandige Bank- en verzekeringsbemiddelaars, 2003, p.8: In 2003 vormden de richtlijnen en de gevoerde politiek bij de CBF met betrekking tot agenten die werden opgezegd wegens vermeende zware fout een rode draad in de contacten met de CBF. Ondanks herhaalde brieven en overlegmomenten waar deze problematiek aangesneden werd, werd in dit dossier geen enkele vooruitgang geboekt. Aan de situatie dat steeds meer banken lichtzinnig gebruik maken van de zware fout is intussen niets veranderd. De situatie blijft dezelfde in die zin dat nogal wat banken zich blijven bezondigen aan het lichtzinnig gebruik van de zware fout. Voor de bank is dit een succesvolle tactiek. In het slechtste geval moeten ze uiteindelijk toch de vergoeding betalen waarop de agent recht heeft. De agent is ondertussen commercieel en meestal ook mentaal gekraakt en naar de andere agenten toe werd een voorbeeld gesteld. Meestal schrikt men er ook niet voor terug om binnen het agentennetwerk dan nog foutieve informatie aangaande de begane fout te verspreiden.

12 12 contract kan verbreken en recht heeft op een opzeg- en uitwinningsvergoeding en geen nietconcurrentiebeding hoeft na te leven. Doch de lobby van de banksector heeft bij het toepasselijk maken van de wet op de handelsagentuur op bank- en verzekeringsagenten kunnen bekomen dat in de wet op de handelsagentuur wordt voorzien dat de commissies kunnen worden gewijzigd door een paritair overlegorgaan 32. De meeste banken hebben intussen dergelijk paritair overlegorgaan geïnstalleerd. Blijkt dat deze paritaire overlegorganen eigenlijk een enorme verzwakking van de positie van de bankagent met zich mee hebben gebracht. Immers de bankagent kan niet meer de eenzijdige opzeg van het contract inroepen bij een commissiewijziging. Deze paritaire overlegorganen functioneren in de praktijk als een orgaan dat de commerciële politiek van de banken en dus commissieverlagingen goedkeurt 33. Voorafgaande verklaart waarom de zelfstandige bankagent die exclusief voor één principaal werkt, genoodzaakt is om de commerciële richtlijnen van de bank veel nauwgezetter op te volgen. Het element verbondenheid speelt een veel grotere rol dan objectief juridisch kan worden vermoed. Gedragsregels corrigeren deze afhankelijkheid niet of nauwelijks 34. Wie de activiteit cumuleert met een andere activiteit staat veel sterker op dat punt. Zeker wie de activiteit combineert met de activiteit als verzekeringsmakelaar stelt zijn financiële zekerheid veiliger. Immers er bestaan heel wat alternatieven voor de bancaire beleggingsproducten in de verzekeringsbeleggingsproducten. Deze cumul van activiteiten laat de bankagent toe om zich onafhankelijker op te stellen. Het hoeft dan ook geen verwondering dat meer en meer kredietinstellingen proberen bij hun bankagenten de activiteit van verzekeringsmakelaar terug te schroeven. Enerzijds wil de bank zelf verdienen op de verkoop van verzekeringsproducten via haar netwerk en anderzijds wil zij op die manier beter greep houden op de zelfstandige agent. Tal van banken laten enkel nog nieuwe agenten toe die exclusief voor de bank werken ook voor verzekeringsproducten. Ook bij overnames van bestaande bankagentschappen wordt soms als voorwaarde gesteld dat dit enkel kan indien de overnemer niet cumuleert met een activiteit van verzekeringsmakelaar of wordt bij het ter beschikking stellen van een krediet aan de overnemer deze voorwaarde gesteld. Verder wordt ook via commissionering geprobeerd om de verzekeringsbeleggingen bij de groep te houden. Ook wordt soms het bekomen van de incentives ( reizen etc.) als voorwaarde gesteld dat een minimumproductie in verzekeringen bij de groep moet worden behaald Makelaar in bank- en beleggingsdiensten en verzekeringsmakelaar Het statuut van bankmakelaar is een nieuw statuut dat werd mogelijk gemaakt door de wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van 32 De oprichting, organisatie en de werking van deze paritaire overlegorganen wordt bepaald door het Koninklijk Besluit van 20 september 2002 betreffende de oprichting, organisatie en werking van een paritair overlegorgaan in de sector van het verzekeringswezen, van de kredietinstellingen en van de gereglementeerde effectenmarkten, B.S., 19 oktober Geen sectorinitiatief vanuit Febelfin inzake paritaire overlegorganen, Nieuwsbrief, BZB, december 2006, p. 8; BZB en Febelfin vaak rond de tafel,nieuwsbrief, BZB, september 2006, p.2; Overleg Febelfin-BZB over paritaire overlegorganen,nieuwsbrief, BZB, juni 2006, p Zie ook de getuigenissen in de reportage Bankgeheimen, Panorama, Canvas, 1 juni J. VAN MOLLE, voorzitter Federatie van Verzekeringsmakelaars, verklaring aan de Commissie, verslag door de heer Weyts namens de Commissie voor de Financiën en de Economische aangelegenheden, Gedr. St., Senaat, , nr /5, p.12.

13 13 financiële instrumenten. In die wet wordt de makelaar in bank- en beleggingsdiensten als volgt gedefinieerd: de tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten die geen agent in bank- en beleggingsdiensten is, en in de keuze van de gereglementeerde onderneming niet gebonden is ingevolge een vaste band met één of meerdere van deze ondernemingen 36. Zowel makelaar als agent oefenen de activiteit van bemiddeling uit. Het grote verschil met het statuut van agent zit in het feit dat de makelaar geen handelsagent is en dus niet op permanente basis belast wordt met de bemiddeling en eventueel de vertegenwoordiging van de principaal. De handelsagent daarentegen zal voor eenzelfde opdrachtgever herhaaldelijk en doorlopend handelen 37. Het makelaarscontract is een contract sui generis. De makelarij wordt door geen enkele wettekst omschreven. Doctrine en rechtspraak beschouwen de makelarij als een overeenkomst waarbij een onafhankelijke tussenpersoon, de makelaar, zich als professioneel gelast om twee of meer personen met elkaar in contact te brengen met het oog op het sluiten van een overeenkomst, waarbij de makelaar geen partij is 38. De makelaar blijft onderworpen aan het algemeen verbintenissenrecht, meer bepaald de regels inzake aanneming, eventueel in combinatie met de regels van lastgeving 39. Dit laatste doet zich meer bepaald voor bij de verzekeringsmakelarij. Bepaalde aspecten van de tussenkomst van de tussenpersoon kunnen aanzien worden als een lastgevingovereenkomst vb premie-inning, ondertekenen van de overeenkomst door de tussenpersoon; vb schaderegeling: bij volmacht ondertekenen van akkoord over de schaderegeling door de tussenpersoon. Het optreden van de tussenpersoon moet juridisch geanalyseerd worden naargelang het geval. Soms zal het om een dienstverleningscontract gaan, in andere gevallen om een lastgevingscontract met de consequenties van dien 40. Bij contracten die componenten van verschillende benoemde contracten bevatten, past men, behoudens andersluidend contractueel beding, op elke component de specifieke wettelijke regeling toe indien de componenten duidelijk te onderscheiden zijn Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten, art. 4, Y. MERCHIERS, De verzekeringsbemiddeling. Nieuwe aspecten, T. Verz. 2000, p Y. MERCHIERS, De verzekeringsbemiddeling. Nieuwe aspecten, T. Verz. 2000, p M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p K. BERNAUW, cursus verzekeringsrecht, UGent, S. STIJNS, Verbintenissenrecht, Brugge, die Keure, 2005, p. 27; K. BERNAUW, De bankier als verzekeringstussenpersoon, Bancassurfinance, Brussel, Bruylant, 2000, p. 174.

14 Publiekrechtelijk Toegang tot het beroep Bankagent Met de wet van 2006 kregen de zelfstandige bankagenten uiteindelijk een wettelijk statuut 42. Daarvoor werd de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten door zelfstandige agenten enkel gereguleerd door een circulaire van de CBF aan de kredietinstellingen 43. Daarin wordt bepaald onder welke voorwaarden de kredietinstellingen een beroep kunnen doen op gevolmachtigde agenten en hoe op een dergelijk netwerk toezicht moet worden gehouden. Deze circulaire legde onder meer de exclusiviteit op aan de bankagenten. De circulaire bevat ook bepalingen met betrekking tot de functies die onverenigbaar zijn met het beroep, welke bepalingen in het agentencontract dienen te worden opgenomen, de interne procedures die de kredietinstelling moet opstellen om toezicht op de agenten mogelijk te maken (cfr supra). De wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten regelt de activiteit van bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten. Tussenpersonen in bank- en beleggingsdiensten die in België werkzaam zijn of willen zijn, moeten zich krachtens de wet inschrijven bij de CBFA, die belast is met de toepassing van en het toezicht op de wet en de ter uitvoering ervan genomen besluiten en reglementen. Om te kunnen worden ingeschreven moeten de tussenpersonen volgens artikel 8 van de wet aan de volgende vereisten voldoen : - de vereiste beroepskennis bezitten ; - voldoende financiële draagkracht waarborgen ; - voldoende geschiktheid en professionele betrouwbaarheid bezitten ; - zich niet bevinden in één van de gevallen opgesomd in artikel 19 van de bankwet; - de beroepsaansprakelijkheidsrisico s hebben verzekerd ; - zich ervan onthouden deel te nemen aan werkzaamheden van bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten die strijdig zijn met Belgische wettelijke en reglementaire bepalingen ; - enkel handelen voor rekening van ondernemingen die de vereiste erkenning hebben; - toetreden tot het klachtenregelingssysteem ; - de voorschriften van hoofdstuk III van de voornoemde wet naleven, dat specifieke bepalingen bevat ter bescherming van de spaarders en beleggers ; - een jaarlijks inschrijvingsrecht betalen Bankmakelaar Het statuut van bankmakelaar werd pas met de wet van 2006 ingevoerd. Hij voert zijn activiteiten uit buiten elke exclusieve agentuurovereenkomst of elke andere juridische verbintenis die hem verplicht zijn hele productie of een bepaald deel ervan te plaatsen bij een bepaalde gereglementeerde 42 Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten, B.S., 28 april CBF-Circulaire 93/5d.d. 21 oktober 1993 aan de kredietinstellingen. 44 COMMISSIE VOOR HET BANK-, FINANCIE- EN ASSURANTIEWEZEN, Toelichtingsnota bij de "Aanvraag tot inschrijving", p. 3.

15 15 onderneming. Bij zijn aanvraag om inschrijving voegt hij een verklaring op erewoord waarin hij dit bevestigt 45. Het contract van de bankmakelaar met de maatschappijen waarvoor hij actief is, wordt evenwel gescreend door de CBFA en wordt ook deels bepaald door de wet op de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten. Zo zal in het contract moeten staan dat de bankmakelaar geen cash mag ontvangen, dat hij indien hij de activiteit cumuleert met de activiteit van verzekeringsmakelaar hij geen cash mag ontvangen voor de beleggingsverzekeringen. De vereisten van art. 8 zijn ook op hem van toepassing Verzekeringsmakelaar Artikel 5 van de wet 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen bepaalt dat in België gevestigde verzekeringstussenpersonen verplicht zijn zich te laten inschrijven in het register van de verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen dat door de CBFA wordt bijgehouden alvorens hun activiteiten te mogen uitoefenen 46. Om in dit register te kunnen worden ingeschreven, moeten de kandidaatverzekeringstussenpersonen volgens artikel 10 van de wet aan de volgende voorwaarden voldoen: - de vereiste beroepskennis bezitten; - een voldoende financiële draagkracht waarborgen; - een voldoende geschiktheid en professionele betrouwbaarheid bezitten; - zich niet bevinden in één van de gevallen opgesomd in artikel 90, 2 van de controlewet verzekeringen; - een beroepsaansprakelijkheidsverzekering hebben onderschreven die het hele grondgebied van de Europese Economische Ruimte dekt; - zich ervan onthouden deel te nemen aan de promotie, de sluiting en de uitvoering van verzekeringsovereenkomsten die klaarblijkelijk strijdig zijn - met de wettelijke en reglementaire bepalingen van het Belgisch recht die van dwingende orde zijn, wanneer het gaat om verzekeringsovereenkomsten gesloten met een in België toegelaten verzekeringsonderneming - met de wettelijke en reglementaire bepalingen van het Belgisch recht die van algemeen belang zijn, wanneer het gaat om verzekeringsovereenkomsten gesloten met een in België gemachtigde verzekeringsonderneming; - wat hun verzekeringsbemiddelingsactiviteit in België betreft, slechts handelen met ondernemingen die met toepassing van de controlewet verzekeringen toegelaten of gemachtigd zijn om die activiteit in België uit te oefenen; - toetreden tot een buitengerechtelijke klachtenregeling; - de informatie verstrekken bedoeld in de artikelen 12bis tot en met quater van de wet; - een jaarlijks inschrijvingsrecht betalen Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten, art Wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen,b.s., 14 juni 1995 gewijzigd bij wet van 22 februari COMMISSIE VOOR HET BANK-, FINANCIE- EN ASSURANTIEWEZEN, Toelichtingsnota bij de "Aanvraag tot inschrijving", p.2-3.

16 16 De Wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen omschrijft de verzekeringsmakelaar als de verzekerings- of herverzekeringstussenpersoon die verzekeringsnemers en verzekeringsondernemingen, of verzekeringsondernemingen en herverzekeringsondernemingen, met elkaar in contact brengt, zonder in de keuze van deze gebonden te zijn 48 ; de verzekeringsagent wordt gedefinieerd als de verzekerings- of herverzekeringstussenpersoon die, uit hoofde van een of meer overeenkomsten of volmachten, in naam en voor rekening van één of meerdere verzekerings- of herverzekeringsondernemingen werkzaamheden van verzekerings- of herverzekeringsbemiddeling uitoefent 49 ; De verzekeringsmakelaar moet bij zijn verzoek om inschrijving een verklaring op erewoord voegen waaruit blijkt dat hij zijn beroepswerkzaamheden uitoefent buiten elke exclusieve agentuurovereenkomst of elke andere juridische verbintenis die hem verplicht zijn hele productie of een bepaald deel ervan te plaatsen bij een [verzekerings- of herverzekeringsonderneming] of [meerdere] [verzekerings- of herverzekeringsondernemingen] die tot eenzelfde groep behoren 50. De verzekeringstussenpersoon die een valse verklaring aflegt, zal strafrechtelijk kunnen vervolgd worden: hij pleegt meineed en zijn schriftelijke verklaring maakt een valsheid in geschrifte uit 51. Deze juridische onafhankelijkheid betekent evenwel niet dat de makelaar ook feitelijk onafhankelijk optreedt. De onafhankelijkheid van de verzekeringsmakelaar is ook relatief. Vanuit dat opzicht is het spijtig dat het tweede lid van art. 5 bis dat een zicht gaf op de feitelijke onafhankelijkheid van de verzekeringsmakelaar werd opgeheven door de wet van 22 februari Dit lid bepaalde : De tussenpersoon die ingeschreven staat in de categorie verzekeringsmakelaars kondigt in elk van zijn verkooppunten, op een heldere, leesbare en ondubbelzinnige wijze, met een affiche het aandeel aan van elke verzekeringsonderneming dat minstens 5 % vertegenwoordigde van zijn omzetcijfer in de loop van het laatste boekjaar en houdt het ter beschikking van elke kandidaat-verzekeringnemer die erom verzoekt. Reden waarom deze bepaling werd opgeheven wordt niet verduidelijkt in de toelichting noch is daar informatie over te vinden bij de beroepsverenigingen van de sector. In realiteit vertegenwoordigt de verzekeringsmakelaar per productgroep slechts een beperkt aantal maatschappijen 52. Dit hoeft ook niet te verbazen. Immers de commissionering, de incentives en andere faciliteiten ( vb schaderegelingsmogelijkheid) hangen samen met het volume aan productie. Hij is doorgaans dus minder een onafhankelijk adviseur dan wel een vertegenwoordiger van verschillende maatschappijen. Het is wel zo dat de verzekeringsmakelaar gemakkelijk kan beslissen andere maatschappijen te gaan vertegenwoordigen. In die zin behoudt hij wel degelijk zijn onafhankelijkheid. 48 Art. 1,6 van de Wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen. 49 Art. 1, 7 van de Wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen. 50 Art. 5bis, lid 1 van de Wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen. 51 Y. MERCHIERS, De verzekeringsbemiddeling. Nieuwe aspecten, T. Verz. 2000, p In het kader van de informatieplicht stelden de beroepsverenigingen van de verzekeringstussenpersonen dat om te kunnen spreken van een onpartijdige analyse een vergelijking op basis van 3 polissen zou volstaan. Zie ook D. NICOLAES, Editoriaal, Nieuwsbrief, BZB, maart 2007, p.1.

17 Gedragsregels Volgens Manou Eyskens boeten de sinds oudsher gekende kenmerken van de vertegenwoordigingsfiguur aan belang in en doen tezelfdertijd moderne criteria hun intrede waardoor de makelaar en de agent een consument en marktgerichte invulling krijgen. In hun vernieuwde hoedanigheid spelen volgens haar vooral de gedragsregels, meer in het bijzonder de informatieplicht een cruciale rol Bankagent De wet van 2006 legt expliciet gedragsregels op aan de zelfstandige tussenpersonen: zowel de agent in bank- en beleggingsdiensten als de bankmakelaar dienen zich op loyale, billijke en professionele wijze in te zetten voor de belangen van hun cliënteel. De door hen verstrekte informatie moet correct, duidelijk, niet misleidend en volledig zijn 54. Enkel de agent in bank- en beleggingsdiensten dient de gedragsregels na te leven die van toepassing zijn op gereglementeerde ondernemingen. Dit betekent dat de agent zowel eigen gedragsregels dient na te leven als deze van zijn principaal. In de wet wordt ook bepaald dat de agent optreedt onder de volledige en onvoorwaardelijke verantwoordelijkheid van de principaal 55. Let wel, kredietinstellingen ressorteren slechts onder deze gedragsregels voor zover zij beleggingsdiensten verrichten. Wat de loutere bankdiensten betreft in de klassieke zin van het woord alsook wat de activiteiten van verzekeringsondernemingen betreft, zijn evenwel geen gedragsregels van toepassing op de kredietinstellingen 56. Voor de bankagent daarentegen geldt ook voor de bemiddeling in bankdiensten de verplichting uit artikel 14 van de wet van Anderzijds bepaalt de wet op de handelsagentuur dat de agent de belangen van de principaal moet behartigen en loyaal en te goeder trouw handelen 57. Zoals hierboven uiteengezet, zal het verzoenen van zowel het loyaal handelen ten opzichte van de klant als loyaal handelen ten opzichte van de principaal geen evidentie zijn. De vraag is in hoeverre het behalen van de streefdoelen die de principaal vooropzet te rijmen zijn met het zich loyaal inzetten voor de belangen van het cliënteel. De gedragsregelen die nageleefd moeten worden bij de aanbieding van beleggingsdiensten liggen vervat in artikel 27 van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten en worden verder geconcretiseerd in het KB van 3 juni 2007 tot bepaling van nadere regels tot omzetting van de Richtlijn betreffende markten voor financiële instrumenten 58. De informatieverplichting in het kader van beleggingsdiensten beoogt de belegger in staat te stellen de aard en de risico s van de aangeboden beleggingsdienst en van de specifiek aangeboden categorie 53 M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p Art. 14 1van de Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten. 55 Art van de Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten. 56 M. EYSKENS, Makelaar en agent in de bank-, beleggings- en verzekeringssector, doctoraatsproefschrift, Katholieke Universiteit Leuven, 2006, p Art 6 van de Wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst. 58 KB van 3 juni 2007 tot bepaling van nadere regels tot omzetting van de Richtlijn betreffende markten voor financiële instrumenten, B.S., 18 juni 2007.

18 18 van financiële instrumenten in te schatten en derhalve met kennis van zaken een beleggingsbeslissing te nemen 59. We verwijzen hierna vooral naar wat Hein Lannoy, adviseur prudentieel beleid bij de CBFA in 2007 schreef over de gedragsregels bij het aanbieden van beleggingsdiensten. Het nieuwe artikel 27 1 van de wet van 2 augustus 2002 bepaalt dat de bemiddelaars zich bij het verrichten van beleggingsdiensten en/of, in voorkomend geval, nevendiensten, op loyale, billijke en professionele wijze dienen in te zetten voor de belangen van hun cliënten (to act in the best interest of the client). Deze gedragsregel kan gezien worden als een soort axioma waar alle andere gedragsregels uit voortvloeien. Bij de verdere uitwerking en toepassing van de afgeleide gedragsregels zal dan ook vaak naar deze algemene bepaling worden teruggegrepen als toetssteen om de bijzondere regels juist te kunnen interpreteren 60. Anderzijds is het loyauteitsbeginsel ook ruimer en kan het worden opgevat als een specifieke verwoording in het domein van de beleggingsdiensten van de algemene zorgvuldigheidsverplichting 61. Vooraleer de bemiddelaar zijn cliënten of potentiële cliënten beleggingsdiensten kan aanbieden dient hij na te gaan of deze cliënten wel over voldoende kennis en ervaring beschikken met betrekking tot deze diensten en de instrumenten waarop ze betrekking hebben, (appropriatenesstest). In geval van vermogensbeheer en beleggingsadvies dient de bemiddelaar bijkomend de financiële draagkracht evenals de beleggingsdoelstellingen van zijn cliënt te toetsen (suitabilitytest) 62. Het in kaart brengen van de kennis en ervaring van een cliënt met betrekking tot een bepaalde beleggingsdienst of een bepaald instrument heeft als doel te kunnen nagaan of de cliënt begrijpt welke risico's verbonden zijn aan de beleggingsdienst of de verrichting. De wetgever heeft nader bepaald over welk soort informatie de bemiddelaar moet beschikken aangaande de kennis en de ervaring van de cliënt 63. Hij dient meer bepaald te weten:met welk soort van dienst, verrichting en financieel instrument de cliënt vertrouwd is; wat de aard, het volume en de frequentie is van de transacties van de cliënt en in welke periode deze werden verricht; welk opleidingsniveau de cliënt heeft genoten, welk beroep hij uitoefent of, voor zover relevant, welk beroep hij heeft uitgeoefend. De op te vragen informatie zal variëren naargelang het soort cliënt (voor bestaande cliënten zal de bemiddelaar deels gebruik kunnen maken van de gegevens waarover hij al beschikt zoals de historiek van de verrichtingen), de beoogde transactie (de informatie over kennis en ervaring die vereist is in het kader van de aankoop van een eenvoudig instrument zoals een kasbon zal minder gedetailleerd moeten zijn dan de informatie in het kader van de aankoop van een complex risicovol instrument), de aard en de omvang van de verrichting (éénmalige verrichting voor een bescheiden bedrag versus opeenvolgende verrichtingen voor grote bedragen), de complexiteit ervan (aankoop van een 59 R. STEENNOT, Informatieverplichtingen als beschermingstechniek bij de verwerving van beleggingsdiensten door consumenten, in Van alle markten, liber amicorum Eddy Wymeersch,Antwerpen- Oxford, Intersentia, p. 783en p H. LANNOY, Het cliëntenprofiel en de zorgplicht onder MiFID, Bank Fin., 2007/7,p V. COLAERT en T. VAN DYCK, MiFID en de gedragsregels. Een nieuw juridisch kader voor beleggingsdiensten, T.B.H., 2008, p H. LANNOY, Het cliëntenprofiel en de zorgplicht onder MiFID, Bank Fin., 2007/7,p Artikel 17 van het Koninklijk besluit van 3 juni 2007

19 19 obligatie versus schrijven van een calloptie met aankoop van de onderliggende waarde) en de eruit voortvloeiende risico's 64. De bemiddelaar die een cliënt diensten van vermogensbeheer of beleggingsadvies wil aanbieden, dient ook gegevens in te winnen over de herkomst en de omvang van diens reguliere inkomsten, over zijn vermogen (waaronder liquide middelen, beleggingen en onroerend goed) en over zijn reguliere financiële verplichtingen. De aldus bekomen informatie moet het mogelijk maken om in het kader van de suitability-test te kunnen uitmaken of de cliënt de beleggingsrisico s financieel kan dragen. De mate waarin de van de cliënt te verkrijgen informatie gedetailleerd moet zijn, zal ook hier mee bepaald worden door de aard van de relatie met de cliënt. Ook het soort verrichting is van belang om uit te maken hoe diepgaand de te verkrijgen informatie met betrekking tot de financiële draagkracht moet zijn. Wanneer een cliënt in het kader van een éénmalige verrichting zijn bemiddelaar om advies vraagt, zal de te bekomen informatie in de regel niet even uitgebreid moeten zijn dan wanneer deze cliënt op een gestructureerde en permanente wijze beleggingsadvies verwacht over zijn portefeuille. In het kader van vermogensbeheer en beleggingsadvies moet de bemiddelaar ook de beleggingsdoelstellingen van zijn cliënt nagaan 65. Wanneer een bemiddelaar aldus beleggingsdiensten verricht die slechts bestaan in het uitvoeren van orders van cliënten en/of het ontvangen en doorgeven van deze orders en deze orders betrekking hebben op niet-complexe financiële instrumenten, mag de bemiddelaar deze beleggingsdiensten voor zijn cliënt verrichten zonder informatie betreffende de kennis en ervaring te hoeven inwinnen en de appropriateness-test uit te voeren, indien cumulatief aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Zo moet de dienst worden verricht op initiatief van de cliënt zelf en de cliënt dient te worden geïnformeerd over het feit dat de tussenpersoon bij het verrichten van de dienst niet verplicht is de appropriateness-test uit te voeren en dat de cliënt derhalve niet de bescherming van de toepasselijke gedragsregels geniet. De tussenpersoon moet wel de basisregel van art van de wet van 2 augustus 2002 naleven (obligation to act in the best interest of the client) 66. Bij de andere beleggingsdiensten dient de bemiddelaar zijn cliënt enkel te waarschuwen indien de voorgenomen verrichting niet passend zou zijn. Deze waarschuwing mag in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt 67. De verplichting bij de consument informatie in te winnen biedt een aanzienlijke meerwaarde, althans indien men aanvaardt dat de gereglementeerde onderneming op grond van de verplichting om mee te werken op het niveau van het bewijs, een document moet kunnen voorleggen waaruit blijkt dat de noodzakelijke informatie werd ingewonnen. Ook de verplichting bepaalde informatie te verstrekken kan de consument in belangrijke mate beschermen, aangezien enkel een geïnformeerd consument een beleggingsbeslissing met kennis van zaken kan nemen. Evenwel stelt Steennot dat momenteel zoveel informatie moet verstrekt worden dat een gemiddeld consument zich niet de moeite zal 64 H. LANNOY, Het cliëntenprofiel en de zorgplicht onder MiFID, Bank Fin., 2007/7,p H. LANNOY, Het cliëntenprofiel en de zorgplicht onder MiFID, Bank Fin., 2007/7,p H. LANNOY, Het cliëntenprofiel en de zorgplicht onder MiFID, Bank Fin., 2007/7,p H. LANNOY, Het cliëntenprofiel en de zorgplicht onder MiFID, Bank Fin., 2007/7,p. 417.

20 20 troosten om van al die informatie, daarin begrepen informatie die essentieel is, kennis te nemen 68. Dit is intussen ook in de praktijk vastgesteld Bankmakelaar Zoals hierboven gesteld dient ook de bankmakelaar zich op loyale, billijke en professionele wijze in te zetten voor de belangen van zijn cliënteel. De wet bepaalt evenwel niet dat de bankmakelaar de gedragsregels van de gereglementeerde onderneming waarvoor hij optreedt, moet naleven. In de praktijk verlangt de gereglementeerde onderneming dit wel. Dit wordt ook in de contracten opgenomen. De bankmakelaar heeft wettelijk nog wel deze beperking dat hij geen beleggingsadvies voor eigen rekening mag verstrekken. Dit is voorzien in de wet doch het desbetreffende artikel moet nog worden uitgevoerd bij Koninklijk Besluit. Dergelijk Koninklijk Besluit zou in voorbereiding zijn. Er zou daarin ook worden bepaald dat de bankmakelaar daarbij de gedragsregels voor het aanbieden van beleggingsdiensten zou moeten naleven Verzekeringsmakelaar De wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen bepaalt niet dat de verzekeringstussenpersonen zich op loyale, billijke en professionele wijze dienen in te zetten voor de belangen van hun cliënteel. Sedert de wet van 2006 heeft ook de verzekeringstussenpersoon een informatieplicht( de opdrachtgevende verzekeringsondernemingen worden hierdoor niet geviseerd). Overeenkomstig de richtlijn 2002/92/EG van het Europees Parlement en de Raad van 9 december 2002 betreffende verzekeringsbemiddeling heeft de wet van 22 februari 2006 een nieuw hoofdstuk IIbis, getiteld Informatievereisten, ingevoegd in de wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen. Ten eerste moet krachtens artikel 12bis, 1, alinea 1 van voornoemde wet van 27 maart 1995 de verzekeringstussenpersoon, alvorens een verzekeringsovereenkomst te sluiten en, zo nodig, wanneer de overeenkomst wordt gewijzigd of verlengd, de cliënt ten minste de volgende informatie verstrekken : zijn identiteit en adres, zijn inschrijvingsnummer in het register van de verzekeringstussenpersonen, de naam en het adres van de verzekeringsonderneming waarin hij een rechtstreekse of middellijke deelneming van 10 % of meer van de stemrechten of van het kapitaal bezit, de naam en het adres van de verzekeringsonderneming of de moederonderneming van een verzekeringsonderneming die een rechtstreekse of middellijke deelneming van meer dan 10 % van zijn stemrechten of van zijn kapitaal bezit, alsook de naam en het adres van de instantie waarbij de cliënten klachten over verzekeringstussenpersonen kunnen indienen. Ten tweede moet de verzekeringstussenpersoon krachtens artikel 12bis, 1, alinea 2 en 2 van de wet van 27 maart 1995 de cliënt, afhankelijk van het soort advies dat hij geeft, meedelen dat hij 68 R. STEENNOT, Informatieverplichtingen als beschermingstechniek bij de verwerving van beleggingsdiensten door consumenten, in Van alle markten, liber amicorum Eddy Wymeersch,Antwerpen- Oxford, Intersentia, p ; Zie ook Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot pakketproducten voor retailbeleggingen, COM (2009)204 definitief, Brussel, , p Interne informatie Beroepsvereniging Zelfstandige Bank- en verzekeringsbemiddelaars.

Uitrol van MiFID naar de verzekeringssector VMVM-ACAM

Uitrol van MiFID naar de verzekeringssector VMVM-ACAM Uitrol van MiFID naar de verzekeringssector VMVM-ACAM 20 maart 2014 Uitbreiding van de MiFID gedragsregels naar de verzekeringssector A. Reglementaire teksten B. Toepassingsgebied C. MiFID thema's die

Nadere informatie

RECHTSPERSOON v. 2010-03

RECHTSPERSOON v. 2010-03 cb AANVRAAG TOT TOETREDING TOT EEN COLLECTIEVE INSCHRIJVING IN HET REGISTER VAN DE TUSSENPERSONEN IN BANK- EN BELEGGINGSDIENSTEN RECHTSPERSOON v. 2010-03 Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling

Nadere informatie

NATUURLIJKE PERSOON v. 2010-03

NATUURLIJKE PERSOON v. 2010-03 cb AANVRAAG TOT TOETREDING TOT EEN COLLECTIEVE INSCHRIJVING IN HET REGISTER VAN DE TUSSENPERSONEN IN BANK- EN BELEGGINGSDIENSTEN NATUURLIJKE PERSOON v 2010-03 Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR HET BANK-, FINANCIE- EN ASSURANTIEWEZEN Controle Tussenpersonen

COMMISSIE VOOR HET BANK-, FINANCIE- EN ASSURANTIEWEZEN Controle Tussenpersonen COMMISSIE VOOR HET BANK-, FINANCIE- EN ASSURANTIEWEZEN Controle Tussenpersonen B TOELICHTINGSNOTA INHOUD 1. INLEIDING 2. WET VAN 22 MAART 2006 BETREFFENDE DE BEMIDDELING IN BANK- EN BELEGGINGSDIENSTEN

Nadere informatie

RECHTSPERSOON v. 2011-10

RECHTSPERSOON v. 2011-10 A AANVRAAG TOT INSCHRIJVING ALS VERZEKERINGSTUSSENPERSOON RECHTSPERSOON v. 2011-10 Wet van 27 maart 1995 betreffende de verzekerings- en herverzekeringsbemiddeling en de distributie van verzekeringen (officieuze

Nadere informatie

Adres Straat Nr Bus. Adres Straat Nr Bus. Adres Straat Nr Bus

Adres Straat Nr Bus. Adres Straat Nr Bus. Adres Straat Nr Bus A AANVRAAG TOT INSCHRIJVING ALS VERZEKERINGSTUSSENPERSOON RECHTSPERSOON v. 2015-01 Wet van 4 april 2014 betreffende de verzekeringen I. INSCHRIJVING Categorie Verzekeringsmakelaar Verzekeringsagent 2 Verzekeringssubagent

Nadere informatie

RECHTSPERSOON v. 2015-01

RECHTSPERSOON v. 2015-01 ca AANVRAAG TOT TOETREDING TOT EEN COLLECTIEVE INSCHRIJVING IN HET REGISTER VAN DE VERZEKERINGSTUSSENPERSONEN RECHTSPERSOON v. 2015-01 Wet van 4 april 2014 betreffende de verzekeringen O. IDENTITEIT VAN

Nadere informatie

MiFID Een praktische gids

MiFID Een praktische gids MiFID Een praktische gids Tom Van Dyck T: 02 551 15 51 maart 2014 M: 0491 340 782 E: t.vandyck@liedekerke.com Wat kan Liedekerke Banking voor u betekenen? Know-how: Nieuwsbrieven en trainingen Adviesverlening:

Nadere informatie

Rolnummer 3134. Arrest nr. 41/2005 van 16 februari 2005 A R R E S T

Rolnummer 3134. Arrest nr. 41/2005 van 16 februari 2005 A R R E S T Rolnummer 3134 Arrest nr. 41/2005 van 16 februari 2005 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 3, 2, van de wet van 13 april 1995 betreffende de handelsagentuurovereenkomst, vóór de opheffing

Nadere informatie

N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES. over

N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES. over N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES over EEN ONTWERP VAN WET INZAKE HET STATUUT VAN EN HET TOEZICHT OP DE ONAFHANKELIJK FINANCIËLE PLANNERS EN INZAKE HET VERSTREKKEN

Nadere informatie

FSMA_2015_14 dd. 1/09/2015

FSMA_2015_14 dd. 1/09/2015 Circulaire FSMA_2015_14 dd. 1/09/2015 Aanpassing van de circulaire FSMA_2014_02 d.d. 16/04/2014 met betrekking tot de wijziging van de wet van 27 maart 1995 en de uitbreiding van de MiFIDgedragsregels

Nadere informatie

AANVRAAG TOT INSCHRIJVING ALS TUSSENPERSOON IN BANK- EN BELEGGINGSDIENSTEN RECHTSPERSOON v. 2015-01

AANVRAAG TOT INSCHRIJVING ALS TUSSENPERSOON IN BANK- EN BELEGGINGSDIENSTEN RECHTSPERSOON v. 2015-01 B AANVRAAG TOT INSCHRIJVING ALS TUSSENPERSOON IN BANK- EN BELEGGINGSDIENSTEN RECHTSPERSOON v. 2015-01 Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van

Nadere informatie

, COMMISSIE VOOR HET BANK- EN FINANCIEWEZEN

, COMMISSIE VOOR HET BANK- EN FINANCIEWEZEN , COMMISSIE VOOR HET BANK- EN FINANCIEWEZEN Prudentieel Toezicht BRUSSEL, 9 december 1996. OHZEZNDBRIEP Dl/3198 AAN DE KREDIETINSTELLINGEN Hevrouw, Hijnheer, De vet van 22 maart 1993 heeft een wettelijk

Nadere informatie

Brussel, 21 oktober 1993. CIRCULAIRE B 93/5 AAN DE KREDIETINSTELLINGEN

Brussel, 21 oktober 1993. CIRCULAIRE B 93/5 AAN DE KREDIETINSTELLINGEN . COMMISSIE VOOR HET BANK- EN FINANCIEWEZEN, Prudentieel Toezicht Brussel, 21 oktober 1993. CIRCULAIRE B 93/5 AAN DE KREDIETINSTELLINGEN Geachte mevrouw, Geachte heer, In het kader van de bescherming van

Nadere informatie

Leuven, 7 oktober 2009. Marcia DE WACHTER

Leuven, 7 oktober 2009. Marcia DE WACHTER De bescherming van de consument van financiële diensten Leuven, 7 oktober 2009 Marcia DE WACHTER Een enquête van Ivox midden februari 2009 88,6 % heeft geen vertrouwen meer in de aandelenbeurzen 41,5 %

Nadere informatie

Informatie over ons kantoor

Informatie over ons kantoor Informatie over ons kantoor NV Verzekeringen P. Geeurickx & Co info@geeurickx.be Leopoldlaan 85 bus 1 9300 Aalst Tel. 053 78 74 75 Fax 053 78 73 61 e-mail : info@geeurickx.be RPR: 0422.714.221 Verzekeringsmakelaar

Nadere informatie

Samenvatting van het advies goedgekeurd op 9 juni 2004 en uitgebracht op grond van artikel 133, tiende lid van het Wetboek van vennootschappen

Samenvatting van het advies goedgekeurd op 9 juni 2004 en uitgebracht op grond van artikel 133, tiende lid van het Wetboek van vennootschappen ADVIES- EN CONTROLECOMITÉ OP DE ONAFHANKELIJKHEID VAN DE COMMISSARIS Ref: Accom ADVIES 2004/2 Samenvatting van het advies goedgekeurd op 9 juni 2004 en uitgebracht op grond van artikel 133, tiende lid

Nadere informatie

Wat is MiFID? Doelstellingen?

Wat is MiFID? Doelstellingen? 2 Voor een betere bescherming van de belegger Wat is MiFID? Doelstellingen? De Lissabon Agenda, in het leven geroepen door de Europese Commissie in 2000, bevat de ambitieuze doelstelling om tegen 2010

Nadere informatie

Europese Richtlijn betreffende Markten voor Financiële Instrumenten: MiFID

Europese Richtlijn betreffende Markten voor Financiële Instrumenten: MiFID Europese Richtlijn betreffende Markten voor Financiële Instrumenten: MiFID 1. Wat is MiFID? De Lissabon Agenda, in het leven geroepen door de Europese Commissie in 2000, bevat de ambitieuze doelstelling

Nadere informatie

Aansluitingsformulier voor de verzekering BEROEPSAANSPRAKELIJKHEID voor BZB-leden

Aansluitingsformulier voor de verzekering BEROEPSAANSPRAKELIJKHEID voor BZB-leden Aansluitingsformulier voor de verzekering BEROEPSAANSPRAKELIJKHEID voor BZB-leden Als er onvoldoende ruimte is voorzien voor het beantwoorden van een vraag, schrijf dan zie bijvoegsel en schrijf het nummer

Nadere informatie

Aansluitingsformulier voor de verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid. Verzekeringsbemiddeling en distributie van verzekeringen

Aansluitingsformulier voor de verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid. Verzekeringsbemiddeling en distributie van verzekeringen 1 Aansluitingsformulier voor de verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid Verzekeringsbemiddeling en distributie van verzekeringen Verzekeringsmakelaars en -agenten 1. Algemene gegevens

Nadere informatie

Inlichtingen betreffende de fysieke persoon dewelke de profiliscoop opstelt :

Inlichtingen betreffende de fysieke persoon dewelke de profiliscoop opstelt : PROFILOSCOOP Doelstelling inzake rendement en risicoprofiel : Het rendement dat u beoogt is wezenlijk en onverbiddelijk verbonden aan het risico dat u aanvaardt te lopen of niet te lopen om dit te bekomen.

Nadere informatie

Ons kantoor. Groep NBA verzekeringsmakelaars - handelsnaam. Feys, Renard, Bossuyt & Sinnesael NV officiële benaming Kennedypark 24/1 8500 Kortrijk

Ons kantoor. Groep NBA verzekeringsmakelaars - handelsnaam. Feys, Renard, Bossuyt & Sinnesael NV officiële benaming Kennedypark 24/1 8500 Kortrijk Ons kantoor Groep NBA verzekeringsmakelaars - handelsnaam Feys, Renard, Bossuyt & Sinnesael NV officiële benaming Kennedypark 24/1 8500 Kortrijk RPR 413645216 Telefoon: 056 231 870 Fax: 056/ 223 541 E-mail:

Nadere informatie

BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID VAN DE ARCHITECT VERBONDEN DOOR EEN ARBEIDSOVEREENKOMST

BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID VAN DE ARCHITECT VERBONDEN DOOR EEN ARBEIDSOVEREENKOMST BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID VAN DE ARCHITECT VERBONDEN DOOR EEN ARBEIDSOVEREENKOMST 1) Omschrijving van de arbeidsovereenkomst Artikel 3 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten

Nadere informatie

AssurMiFID Twin Peaks 2

AssurMiFID Twin Peaks 2 AssurMiFID Twin Peaks 2 BZB-Congres Van een distributiemodel naar een succesvol servicemodel Twin Peaks 2: een half jaar later Jean-Paul Servais Voorzitter van de FSMA Europese agenda inzake vergoedingen

Nadere informatie

A. Gedematerialiseerde effecten van de overheidsschuld

A. Gedematerialiseerde effecten van de overheidsschuld PPB-2007-4-CPB-2 BIJLAGE II : OVERZICHT VAN DE REGLEMENTERING INZAKE HET BIJHOUDEN VAN GEDEMATERIALISEERDE EFFECTEN A. Gedematerialiseerde effecten van de overheidsschuld 1 Erkenning voor het bijhouden

Nadere informatie

Verklaring betreffende de identiteit van de uiteindelijke begunstigde(n) van een vennootschap of vereniging

Verklaring betreffende de identiteit van de uiteindelijke begunstigde(n) van een vennootschap of vereniging Verklaring betreffende de identiteit van de uiteindelijke begunstigde(n) van een vennootschap of vereniging De wet ter voorkoming van witwassen van geld en terrorismefinanciering verplicht de banken tot

Nadere informatie

1 "de wet" : de wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten;

1 de wet : de wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten; 1 JULI 2006. Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten. HOOFDSTUK I. Definities.

Nadere informatie

BELANGENCONFLICTENBELEID

BELANGENCONFLICTENBELEID BELANGENCONFLICTENBELEID DEEL 1: ALGEMEEN KADER 1.1. Vanaf 30 april 2014 zijn de AssurMiFID gedragsregels van kracht. Zij vinden hun wettelijke basis in de wet van 30 juli 2013 tot versterking van de bescherming

Nadere informatie

MiFID. Beleid inzake belangenconflicten

MiFID. Beleid inzake belangenconflicten MiFID Beleid inzake belangenconflicten MiFID 3 INLEIDING Een financiële instelling is onderworpen aan een geheel van wettelijke en prudentiële verplichtingen, die erop gericht zijn haar integriteit te

Nadere informatie

Het statuut en de verplichtingen van tussenpersonen bij de distributie van financiële producten

Het statuut en de verplichtingen van tussenpersonen bij de distributie van financiële producten Faculteit Rechtsgeleerdheid Universiteit Gent Academiejaar 2009-10 Het statuut en de verplichtingen van tussenpersonen bij de distributie van financiële producten Masterproef van de opleiding Master in

Nadere informatie

Inleiding / Doel van de vraag om advies. Belangrijkste gegevens van het dossier. Ref: Accom AFWIJKING 2004/1

Inleiding / Doel van de vraag om advies. Belangrijkste gegevens van het dossier. Ref: Accom AFWIJKING 2004/1 ADVIES- EN CONTROLECOMITE OP DE ONAFHANKELIJKHEID VAN DE COMMISSARIS Ref: Accom AFWIJKING 2004/1 Samenvatting van het advies met betrekking tot een vraag om afwijking van de regel die het bedrag beperkt

Nadere informatie

De uitbreiding van de bescherming van de verzekeringsnemer-consument dankzij de nieuwe Wet Verzekeringen van 4 april 2014

De uitbreiding van de bescherming van de verzekeringsnemer-consument dankzij de nieuwe Wet Verzekeringen van 4 april 2014 De uitbreiding van de bescherming van de verzekeringsnemer-consument dankzij de nieuwe Wet Verzekeringen van 4 april 2014 FORUM ADVOCATEN BVBA Nassaustraat 37-41 2000 Antwerpen T 03 369 95 65 F 03 369

Nadere informatie

Bemiddelingsfiche voor het sparen of beleggen met een levensverzekering

Bemiddelingsfiche voor het sparen of beleggen met een levensverzekering BVBA Kantoor Decapmaker Oostlaan 18 8970 Poperinge Ondernemingsnummer: 0426.185.831 info@decapmaker.be, tel: 057/33 65 65, fax: 057/ 33 87 47, www.decapmaker.be Bankagent Crelan en Verzekeringsmakelaar

Nadere informatie

MiFID Brochure. ERGO Life, merk van ERGO Insurance NV

MiFID Brochure. ERGO Life, merk van ERGO Insurance NV MiFID Brochure ERGO Life, merk van ERGO Insurance NV 30 april 2014 Uw bescherming bij het afsluiten van een verzekeringsovereenkomst conform de MIFID-gedragsregels 1. Inleiding De bescherming van afnemers

Nadere informatie

Samenvatting beleid BNP Paribas Fortis NV inzake belangenconflicten FINTRO, GAAT VER, BLIJFT DICHTBIJ.

Samenvatting beleid BNP Paribas Fortis NV inzake belangenconflicten FINTRO, GAAT VER, BLIJFT DICHTBIJ. Samenvatting beleid BNP Paribas Fortis NV inzake belangenconflicten FINTRO, GAAT VER, BLIJFT DICHTBIJ. Inhoud Inleiding 3 Ons beleid inzake belangenconflicten 4 Belangenconflicten 5 Doorgevoerde maatregelen

Nadere informatie

Ons kantoor. Jean Nelissen NV Laagdorp 5 3570 Alken

Ons kantoor. Jean Nelissen NV Laagdorp 5 3570 Alken Ons kantoor Jean Nelissen NV Laagdorp 5 3570 Alken RPR 0434.221.686 Telefoon: 011 590 790 Fax: 011 590 791 E-mail: info@nelissenverzekeringen.be FSMA nr: 017920A Erkend als Verzekeringsmakelaar Toezichthoudende

Nadere informatie

BERAADSLAGING RR Nr 32 / 2005 VAN 15 JUNI 2005

BERAADSLAGING RR Nr 32 / 2005 VAN 15 JUNI 2005 KONINKRIJK BELGIE Brussel, Adres : Hoogstraat, 139, B-1000 Brussel Tel. : +32(0)2/213.85.40 E-mail : commission@privacy.f gov.be Fax. : +32(0)2/213.85.65 http://www.privacy.fgov.be/ COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING

Nadere informatie

VMOBB BELEID INZAKE PREVENTIE EN BEHEER VAN BELANGENCONFLICTEN

VMOBB BELEID INZAKE PREVENTIE EN BEHEER VAN BELANGENCONFLICTEN VMOBB Beleid inzake preventie en beheer van belangenconflicten BELEID INZAKE PREVENTIE EN BEHEER VAN BELANGENCONFLICTEN VMOBB - Verzekeringsmaatschappij van Onderlinge Bijstand van Brabant Zuidstraat 111

Nadere informatie

hierna elk afzonderlijk "de Autoriteit" en gezamenlijk "de Autoriteiten" genoemd,

hierna elk afzonderlijk de Autoriteit en gezamenlijk de Autoriteiten genoemd, 1 Samenwerkingsprotocol tussen de Nationale Bank van België en de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten over de buitenlandse beleggingsondernemingen De Nationale Bank van België (hierna "de Bank"),

Nadere informatie

HANDVEST VAN GOED GEDRAG

HANDVEST VAN GOED GEDRAG PATRIMONIALE OPDRACHTBRIEF Makelaar geregistreerd onder nr. Ondernemingsnr. HANDVEST VAN GOED GEDRAG Onafhankelijke makelaars die advies geven op het gebied van vermogensbeheer, verbinden zich ertoe een

Nadere informatie

STAGEOVEREENKOMST 1 2

STAGEOVEREENKOMST 1 2 B.I.V. - stageovereenkomst - 2010 - Pagina 1/6 Luxemburgstraat 16 B 1000 BRUSSEL Tel. : 02/505.38.50 Fax : 02/503.42.23 www.biv.be STAGEOVEREENKOMST 1 2 1 WAARSCHUWING Door dit model te gebruiken erkennen

Nadere informatie

TWIN PEAKS II INHOUD. Bemiddelingsfiches

TWIN PEAKS II INHOUD. Bemiddelingsfiches INHOUD Dit document bevat de bemiddelingsfiches uitgewerkt door de sector en deels aangepast door BZB. De basis werd behouden, er zijn voornamelijk elementen toegevoegd om te voldoen aan de precontractuele

Nadere informatie

Boek I, titel 2 van het Wetboek van economisch recht Hoofdstuk 5. Definities eigen aan boek XIV:

Boek I, titel 2 van het Wetboek van economisch recht Hoofdstuk 5. Definities eigen aan boek XIV: Vrij beroep 1/ België Wet van 15 mei 2014 houdende invoeging van Boek XIV "Marktpraktijken en consumentenbescherming betreffende de beoefenaars van een vrij beroep" in het Wetboek van economisch recht

Nadere informatie

STAGEOVEREENKOMST 1. 1. Vul drie exemplaren van de stageovereenkomst volledig in en onderteken ze allen.

STAGEOVEREENKOMST 1. 1. Vul drie exemplaren van de stageovereenkomst volledig in en onderteken ze allen. B.I.V. - stageovereenkomst 2015-2 - Pagina 1/6 Luxemburgstraat 16 B 1000 BRUSSEL Tel. : 02/505.38.50 Fax : 02/503.42.23 www.biv.be STAGEOVEREENKOMST 1 PRAKTISCHE INSTRUCTIES: 1. Vul drie exemplaren van

Nadere informatie

FORTIS INVESTMENTS ALGEMENE VOORWAARDEN INZAKE BELEGGINGSDIENSTEN

FORTIS INVESTMENTS ALGEMENE VOORWAARDEN INZAKE BELEGGINGSDIENSTEN Versie oktober 2007 FORTIS INVESTMENTS ALGEMENE VOORWAARDEN INZAKE BELEGGINGSDIENSTEN Fortis Investment Management Netherlands N.V. is statutair gevestigd te Utrecht en kantoorhoudend te 1101 BH Amsterdam

Nadere informatie

Aansluitingsformulier voor verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid

Aansluitingsformulier voor verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid 1 Aansluitingsformulier voor verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid Bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten en distributie van financiële instrumenten 1. Algemene gegevens Is

Nadere informatie

Bijlage 1 bij Circulaire WAP nr. 7 over de regels betreffende het paritair beheer en het toezichtscomité INHOUD

Bijlage 1 bij Circulaire WAP nr. 7 over de regels betreffende het paritair beheer en het toezichtscomité INHOUD Toezicht op de pensioeninstellingen en de binnenlandse verzekeringsondernemingen Bijlage 1 bij Circulaire WAP nr. 7 over de regels betreffende het paritair beheer en het toezichtscomité * In de tekst moeten

Nadere informatie

Te stellen vragen bij het opzetten van een crowdfundingproject

Te stellen vragen bij het opzetten van een crowdfundingproject FSMA_2012_15-1 dd. 12/07/2012 Te stellen vragen bij het opzetten van een crowdfundingproject Indien u promotor bent van een crowdfundingproject, dient u na te gaan of een aantal financiële reglementeringen

Nadere informatie

Informatieplichten voor beleggingsverzekeringen

Informatieplichten voor beleggingsverzekeringen FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSWETENSCHAPPEN Informatieplichten voor beleggingsverzekeringen Carmen Van den Bosch In samenwerking met Marjan Beeckman R0304081 Masterproef aangeboden tot het behalen van

Nadere informatie

BELANGENCONFLICTENBELEID Euromex NV

BELANGENCONFLICTENBELEID Euromex NV BELANGENCONFLICTENBELEID Euromex NV Verzekeringsbemiddelingsdiensten moeten altijd het belang van verzekerden respecteren. Euromex NV heeft een jarenlange ervaring als onafhankelijke rechtsbijstandsverzekeraar

Nadere informatie

BEMIDDELAARS INZAKE HYPOTHECAIR KREDIET NA RICHTLIJN 2014/17/EU

BEMIDDELAARS INZAKE HYPOTHECAIR KREDIET NA RICHTLIJN 2014/17/EU BEMIDDELAARS INZAKE HYPOTHECAIR KREDIET NA RICHTLIJN 2014/17/EU Prof. dr. Diederik BRULOOT Bemiddelaars inzake hypothecair krediet SITUERING 1 RICHTLIJN 2014/17/EU (MCD) Dubbel doel 1. Hoog niveau van

Nadere informatie

ABLYNX NV. (de Vennootschap of Ablynx )

ABLYNX NV. (de Vennootschap of Ablynx ) ABLYNX NV Naamloze Vennootschap die een openbaar beroep heeft gedaan op het spaarwezen Maatschappelijke zetel: Technologiepark 21, 9052 Zwijnaarde Ondernemingsnummer: 0475.295.446 (RPR Gent) (de Vennootschap

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN FEDICT DIENSTEN

ALGEMENE VOORWAARDEN FEDICT DIENSTEN ALGEMENE VOORWAARDEN FEDICT DIENSTEN Doel van het document: De algemene voorwaarden voor Fedict diensten bevatten de standaardvoorwaarden voor het gebruik van alle Fedict diensten. Ze worden aangevuld

Nadere informatie

Corporate Governance Charter

Corporate Governance Charter Corporate Governance Charter Dealing Code Hoofdstuk Twee Euronav Corporate Governance Charter December 2005 13 1. Inleiding Op 9 december 2004 werd de Belgische Corporate Governance Code door de Belgische

Nadere informatie

NIEUWE INFORMATIEVERPLICHTING VOOR VERZEKERINGSTUSSENPERSONEN

NIEUWE INFORMATIEVERPLICHTING VOOR VERZEKERINGSTUSSENPERSONEN NIEUWE INFORMATIEVERPLICHTING VOOR VERZEKERINGSTUSSENPERSONEN TOELICHTINGSNOTA FICHE VOOR HET SPAREN OF BELEGGEN MET EEN LEVENSVERZEKERING FICHE VOOR EEN LEVENSVERZEKERING FICHE VOOR EEN VERZEKERING NIET-LEVEN

Nadere informatie

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt:

De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt: De VLAAMSE RAAD heeft aangenomen en Wij, EXECUTIEVE, bekrachtigen hetgeen volgt: Artikel 1 Dit decreet regelt een aangelegenheid bedoeld in artikel 107quater van de Grondwet. Artikel 2 Bij het Ministerie

Nadere informatie

Tabel met de geldende regels, onderscheiden naargelang het soort verzekering en de betrokken dienstverleners

Tabel met de geldende regels, onderscheiden naargelang het soort verzekering en de betrokken dienstverleners Bijlage Circulaire FSMA_2014_02-3 dd. 16/04/2014 Tabel met de geldende regels, onderscheiden naargelang het soort verzekering en de betrokken dienstverleners Toepassingsveld: Verzekeringsondernemingen

Nadere informatie

Slim Vermogensbeheer B.V. Slimmer Vermogensbeheerovereenkomst

Slim Vermogensbeheer B.V. Slimmer Vermogensbeheerovereenkomst Slim Vermogensbeheer B.V. Slimmer Vermogensbeheerovereenkomst DE ONDERGETEKENDEN: Deelnemer Na(a)m(en): Adres: Postcode en plaats: Land: Nederland hierna te noemen "Cliënt"; en 2. Slim Vermogensbeheer

Nadere informatie

Grote kantoren hebben specialist

Grote kantoren hebben specialist "Waar koopt u best uw spaar-en beleggingsproducten? Kies de financieel adviseur die best bij u past. Netto zet de sterke en zwakke punten van de verschillende financiële tussenpersonen voor u op een rijtje."

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 2013/5 - De aandeelhoudersstructuur van ondernemingen: opname in de toelichting van de jaarrekening

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies 2013/5 - De aandeelhoudersstructuur van ondernemingen: opname in de toelichting van de jaarrekening COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN CBN-advies 2013/5 - De aandeelhoudersstructuur van ondernemingen: opname in de toelichting van de jaarrekening I. Inleiding Advies van 4 maart 2013 1. Zowel het volledig

Nadere informatie

Samen uw risicoprofiel bepalen - Natuurlijke personen

Samen uw risicoprofiel bepalen - Natuurlijke personen Samen uw risicoprofiel bepalen - Natuurlijke personen Beleggen is keuzes maken. Hoe weet u als belegger welk type belegging voor u het meest geschikt is? Hoe vindt u het juiste evenwicht tussen rendement

Nadere informatie

Stappenplan - Beroepskennis

Stappenplan - Beroepskennis Stappenplan - Beroepskennis 1 Stappenplan - Beroepskennis Om te weten welke personen aan welke vereisten moeten voldoen inzake beroepskennis, gaat u best stapsgewijs te werk. Stap 1: Bent u natuurlijke

Nadere informatie

OPROEPING TOT DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING DIE ZAL WORDEN GEHOUDEN OP 12 AUGUSTUS 2014

OPROEPING TOT DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING DIE ZAL WORDEN GEHOUDEN OP 12 AUGUSTUS 2014 TiGenix Naamloze vennootschap die een openbaar beroep doet of heeft gedaan op het spaarwezen Romeinse straat 12 bus 2 3001 Leuven BTW BE 0471.340.123 RPR Leuven OPROEPING TOT DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING

Nadere informatie

Compliance Charter ERGO Insurance nv

Compliance Charter ERGO Insurance nv Compliance Charter ERGO Insurance nv Inleiding Op basis van de circulaire PPB/D. 255 van 10 maart 2005 over compliance aan de verzekeringsondernemingen werd een wettelijke verplichting opgelegd aan de

Nadere informatie

De premies die de tijdelijke handelsvennootschap (THV) DIB-Ethias Lokale Contractanten ontvangt, worden op verscheidene manieren beschermd:

De premies die de tijdelijke handelsvennootschap (THV) DIB-Ethias Lokale Contractanten ontvangt, worden op verscheidene manieren beschermd: Welke zekerheden en garanties werden er ingebouwd in de groepsverzekering van de tweede pijler voor de contractuele personeelsleden van de lokale besturen? De premies die de tijdelijke handelsvennootschap

Nadere informatie

Bemiddelingsfiche, Kennis en ervaring, financiële situatie, horizon en doelstelling

Bemiddelingsfiche, Kennis en ervaring, financiële situatie, horizon en doelstelling Kantoor BEVERNAGE NV Bevernage invest : maatschappelijke & uitbatingszetel : Woestendorp 45 8640 Woesten Ondernemingsnummer : 0439.040.509 Tel : 057 42 21 82 - email : info@bevernage.be - www.bevernage.be

Nadere informatie

SOVAL INVEST NV INFORMATIE MEMORANDUM

SOVAL INVEST NV INFORMATIE MEMORANDUM SOVAL INVEST NV Naamloze vennootschap met maatschappelijke zetel te [ ] INFORMATIE MEMORANDUM met betrekking tot een private plaatsing van obligaties met een duurtijd van 5 jaar en een jaarlijkse intrestvoet

Nadere informatie

BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS

BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS UCB NV - Researchdreef 60, 1070 Brussel - Ondernemingsnr. 0403.053.608 (RPR Brussel) BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS over het gebruik en de nagestreefde doeleinden van het

Nadere informatie

Informatie over de Autoriteit Financiële Markten. Een kennismaking. Wat doet de AFM?

Informatie over de Autoriteit Financiële Markten. Een kennismaking. Wat doet de AFM? Informatie over de Autoriteit Financiële Markten Een kennismaking Wat doet de AFM? Wie is de AFM? AFM is de afkorting voor Autoriteit Financiële Markten. De AFM is de gedragstoezichthouder op de financiële

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus April 2010 TRIODOS SICAV I sicav naar Luxemburgse recht conform Richtlijn 85/611/EEG Route D Esch, 69, 1470 Luxemburg LUXEMBURG De informatie die in deze bijlage

Nadere informatie

Instelling. Onderwerp. Datum

Instelling. Onderwerp. Datum Instelling Newsflash Laga www.laga.be Onderwerp Toepassing van financiële consumentenbescherming op beleggingsvastgoed? Datum 8 januari 2015 Copyright and disclaimer De inhoud van dit document kan onderworpen

Nadere informatie

VERSLAG AAN DE KONING

VERSLAG AAN DE KONING Koninklijk besluit van 21 december 2006 tot vaststelling van de voorwaarden en de wijze van het sluiten van de collectieve verzekering tot dekking van de burgerrechtelijke aansprakelijkheid buiten overeenkomst

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN FIRST FISCAAL FIRST PENSIOENSPAREN

ALGEMENE VOORWAARDEN FIRST FISCAAL FIRST PENSIOENSPAREN ALGEMENE VOORWAARDEN FIRST FISCAAL FIRST PENSIOENSPAREN Inhoudstafel Blz. Artikel 1 : Definities 4 Artikel 2 : Doel van het contract - Algemene beschrijving 4 Artikel 3 : Ingangsdatum van het contract

Nadere informatie

Kredietbemiddeling. Wat staat u te doen? Consumentenkrediet. Hypothecair krediet. Verbonden Agent. Verbonden Agent. Agent in nevenfunctie.

Kredietbemiddeling. Wat staat u te doen? Consumentenkrediet. Hypothecair krediet. Verbonden Agent. Verbonden Agent. Agent in nevenfunctie. Momentum 5 Kredietbemiddeling Wat staat u te doen? U bent bank- en/of verzekeringstussenpersoon en doet aan bemiddeling in hypothecair krediet en/of consumentenkrediet? Dan moet u binnenkort een aanvraag

Nadere informatie

WETTELIJKE INFORMATIE

WETTELIJKE INFORMATIE WETTELIJKE INFORMATIE Het Wetboek Economisch Recht legt de verplichting op bepaalde informatie te verstrekken. Wij verzoeken U uitdrukkelijk hiervan kennis te nemen en ook de andere pagina s van deze website

Nadere informatie

TC/95/86. Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid;

TC/95/86. Gelet op de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid; TC/95/86 BERAADSLAGING Nr. 95/58 VAN 24 OKTOBER 1995, GEWIJZIGD OP 12 MEI 1998, BETREFFENDE DE MEDEDELING BUITEN HET NETWERK VAN SOCIALE GEGEVENS VAN PERSOONLIJKE AARD DOOR DE INSTELLINGEN VAN SOCIALE

Nadere informatie

De institutionele instellingen voor collectieve belegging in schuldvorderingen. Hoofdstuk II. Bedrijfsvergunning en bedrijfsuitoefening

De institutionele instellingen voor collectieve belegging in schuldvorderingen. Hoofdstuk II. Bedrijfsvergunning en bedrijfsuitoefening Belgisch recht" ofwel volgen deze woorden onmiddellijk op haar naam. Indien uit deze naam niet blijkt voor welke categorie van toegelaten beleggingen zij overeenkomstig artikel 7, eerste lid heeft geopteerd,

Nadere informatie

VRAGENLIJST BIJ DE KANDIDATUURSTELLING. EAN15AD053-01 Bancaire lening 2015

VRAGENLIJST BIJ DE KANDIDATUURSTELLING. EAN15AD053-01 Bancaire lening 2015 VRAGENLIJST BIJ DE KANDIDATUURSTELLING EAN15AD053-01 Bancaire lening 2015 Gelieve alle gegevens in drukletters in te vullen. III.2) VOORWAARDEN VOOR DEELNEMING III.2.1) Persoonlijke situatie van ondernemers,

Nadere informatie

Conflicterende interpreta.es of onzorgvuldige regelgeving

Conflicterende interpreta.es of onzorgvuldige regelgeving Conflicterende interpreta.es of onzorgvuldige regelgeving mr. dr. Cees de Jong Privaatrechtelijk Van handelsagent naar opdrachtnemer 2 1 Publiekrechtelijk Van bedrijfsregeling naar toezichtregime - Wet

Nadere informatie

FEDAFIN. De gedragsregels zijn van toepassing op alle opleidingen die plaatsvinden na 1 september 2015. 1 Versie 12 juin 2015.

FEDAFIN. De gedragsregels zijn van toepassing op alle opleidingen die plaatsvinden na 1 september 2015. 1 Versie 12 juin 2015. FEDAFIN GEDRAGSREGELS VAN DE VERZEKERINGS- EN HERVERZEKERINGSSECTOR 1 EN DE SECTOR VAN DE BANK- EN BELEGGINGSDIENSTEN INZAKE GEREGELDE BIJSCHOLING VAN DE BEROEPSKENNIS Aan de hand van deze gedragsregels,

Nadere informatie

BELEGGINGSPROFIEL. Naam cliënt: Cliëntnummer: Rekening nummer: Datum: Referentie:

BELEGGINGSPROFIEL. Naam cliënt: Cliëntnummer: Rekening nummer: Datum: Referentie: BELEGGINGSPROFIEL Naam cliënt: Cliëntnummer: Rekening nummer: Datum: Referentie: Beleggingsadvies impliceert in de eerste plaats dat wij een voldoende inzicht krijgen in uw risico-profiel, uw kennis en

Nadere informatie

Uitdagingen voor de FSMA

Uitdagingen voor de FSMA Jean-Paul Servais Voorzitter Financieel Forum Antwerpen 16/01/2012 Context Lessen van de crisis: belang van een stabiele financiële sector Evoluties in de internationale en nationale normen van prudentiële

Nadere informatie

partijen zijn op de hoogte van de Richtlijn/Adviesregeling Arbeidsvoorwaarden Bestuurder kinderopvang van de NVTK (hierna: de Richtlijn).

partijen zijn op de hoogte van de Richtlijn/Adviesregeling Arbeidsvoorwaarden Bestuurder kinderopvang van de NVTK (hierna: de Richtlijn). MODEL ARBEIDSOVEREENKOMST BESTUURDER KINDEROPVANG DE ONDERGETEKENDEN: 1. [NAAM RECHTSPERSOON], gevestigd te [PLAATS], ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM], in zijn/haar hoedanigheid van [FUNCTIE],

Nadere informatie

MEDEDELING NR. D. 134

MEDEDELING NR. D. 134 70.293/PC4A/MS Brussel, 18 april 1995 MEDEDELING NR. D. 134 Betreft : Aanwenden als dekkingswaarden van "vorderingen op herverzekeraars". Toepassing van artikel 10 3-8 van het koninklijk besluit van 22

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN ONMIDDELLIJKE RENTE OP ÉÉN HOOFD

ALGEMENE VOORWAARDEN ONMIDDELLIJKE RENTE OP ÉÉN HOOFD ALGEMENE VOORWAARDEN ONMIDDELLIJKE RENTE OP ÉÉN HOOFD Inhoudstafel Blz. Definities 5 Voorwerp van het contract 7 Artikel 1 : Aanvang van het contract 7 Artikel 2 : Duur van het contract 7 Artikel 3 : Eénmalige

Nadere informatie

AssurMiFID gedragsregels

AssurMiFID gedragsregels AssurMiFID gedragsregels Ons kantoor is gehouden tot het naleven van de "AssurMiFID-gedragsregels" en deelt u in u dit verband volgende informatie mee: 1. AANGEBODEN PRODUCTEN EN DIENSTEN 1.1. Informatie

Nadere informatie

Rolnummer 1058. Arrest nr. 20/98 van 18 februari 1998 A R R E S T

Rolnummer 1058. Arrest nr. 20/98 van 18 februari 1998 A R R E S T Rolnummer 1058 Arrest nr. 20/98 van 18 februari 1998 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 4, eerste lid, van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, gesteld door

Nadere informatie

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010

Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010 Belgische bijlage bij het uitgifteprospectus 4 januari 2010 ARGENTA FUND OF FUNDS De vennootschap ARGENTA FUND OF FUNDS (hierna de vennootschap genoemd) is een beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal

Nadere informatie

FSMA_2014_02 dd. 16/04/2014

FSMA_2014_02 dd. 16/04/2014 FSMA_2014_02 dd. 16/04/2014 Verzekeringsondernemingen naar Belgisch recht, verzekeringsondernemingen die ressorteren onder het recht van een Staat die geen lid is van de Europese Economische Ruimte (EER)

Nadere informatie

CVO14061 29 september 2014 BERICHT VAN WIJZIGING VAN VERZEKERINGSTUSSENPERSOON. Nieuw model. Verklarende nota 1

CVO14061 29 september 2014 BERICHT VAN WIJZIGING VAN VERZEKERINGSTUSSENPERSOON. Nieuw model. Verklarende nota 1 CVO14061 29 september 2014 BERICHT VAN WIJZIGING VAN VERZEKERINGSTUSSENPERSOON Nieuw model Verklarende nota 1 A. Inleiding De vervanging van de verzekeringstussenpersoon op initiatief van de cliënt is

Nadere informatie

De nieuwe toezichtsarchitectuur voor de financiële sector

De nieuwe toezichtsarchitectuur voor de financiële sector Mededeling _2011_15 dd. 23 maart 2011 De nieuwe toezichtsarchitectuur voor de financiële sector Toepassingsgebied: Alle instellingen onder toezicht van de of van het CSRSFI. Samenvatting/Doelstelling:

Nadere informatie

Aansluitingsformulier voor gecombineerde verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid

Aansluitingsformulier voor gecombineerde verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid 1 Aansluitingsformulier voor gecombineerde verzekering van de burgerrechtelijke beroepsaansprakelijkheid Verzekeringsbemiddeling en distributie van verzekeringen & Bemiddeling in bank- en beleggingsdiensten

Nadere informatie

RECHTSBIJSTAND. Hoofdstuk 5. Art.21. Voorafgaandelijke bepaling

RECHTSBIJSTAND. Hoofdstuk 5. Art.21. Voorafgaandelijke bepaling Hoofdstuk 5 RECHTSBIJSTAND Voorafgaandelijke bepaling Gewaarborgd schadegeval Art.21 De bepalingen van de overige hoofdstukken van deze overeenkomst zijn van toepassing op Rechtsbijstand voor zover ze

Nadere informatie

Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis?

Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis? Abnormale of goedgunstige voordelen toch geen minimale belastbare basis? Aan de hand van bepaalde transacties wordt binnen groepen van vennootschappen soms gepoogd om winsten te verschuiven naar de vennootschappen

Nadere informatie

STAGEOVEREENKOMST 1 PRAKTISCHE INSTRUCTIES:

STAGEOVEREENKOMST 1 PRAKTISCHE INSTRUCTIES: B.I.V. - stageovereenkomst 2012 - Pagina 1/6 Luxemburgstraat 16 B 1000 BRUSSEL Tel. : 02/505.38.50 Fax : 02/503.42.23 www.biv.be STAGEOVEREENKOMST 1 PRAKTISCHE INSTRUCTIES: 1. Vul drie exemplaren van de

Nadere informatie