Thema 1 Pizzeria ANTWOORDEN

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Thema 1 Pizzeria ANTWOORDEN"

Transcriptie

1 1 Thema 1 Pizzeria ANTWOORDEN Deel 1 Consumptie 1. Ieder mens probeert zo veel mogelijk wensen te vervullen. Iedereen begint daarbij met de belangrijkste behoeften: eten, drinken, kleding en een dak boven je hoofd. Dat zijn dingen die je nodig hebt om te overleven. Deze noodzakelijke behoeften noemen we ook wel de basisbehoeften. Alle andere behoeften zijn luxe behoeften en behoren tot de overige behoeften. Zoals bijvoorbeeld tv kijken of op vakantie gaan. Meestal heb je meer behoeften dan geld. Omdat je geld maar één keer kan uitgeven, zul je keuzes moeten maken. Je vervult eerst de behoeften die je het belangrijkste vindt: je stelt prioriteiten. Bekijk de foto. Dit stel heeft de keuze gemaakt om pizza te eten. Eten en drinken behoren tot de behoeften om in leven te blijven. Vraag 1 a: noem nog een behoefte die je echt nodig hebt om in leven te blijven. kleding onderdak Vraag 1 b: Uit eten gaan is duurder dan thuis eten. Bedenk een reden waarom mensen toch uit eten gaan. gezelligheid, lekkerder, om iets te kunnen eten wat je zelf niet (goed) kan maken, geen afwas.

2 2 Vraag 1 c: Het stel op de foto heeft de rekening betaald. Met dit geld betaalt het restaurant allerlei kosten. Noem drie voorbeelden van kosten die de restauranthouder moet betalen. 1. salaris 2. ingrediënten 3. Huur, hypotheek, gas water en licht. Vraag 2: In welke van de volgende regels staan alleen maar basisbehoeften? Noteer je antwoord. A water, huis, televisie, brood B computer, stofzuiger, magnetron, auto C spijkerbroek, huis, winterjas, rijst D stofzuiger, water, rijst, televisie Vraag 3: Wat is prioriteiten stellen? Leg je antwoord uit. vaststellen wat het belangrijkste is van de dingen die je wilt/moet doen. Vervolgens, de belangrijkste dingen (bovenaan je lijstje) ook als eerste doen. 2. Een avondje uitgaan zou kunnen bestaan uit pizza eten en een bioscoopje pakken. Pizza s zijn tastbaar en noemen we goederen. In de bioscoop betaal je om naar de film te kijken. Je mag de band zelf niet mee naar huis nemen. Alle niet tastbare zaken noemen we diensten. Als er in de leerteksten producten staat, dan worden daar goederen én diensten mee bedoeld. Goederen, diensten en tijd zijn schaars. Gebruik je hout voor tafels, dan kun je er geen stoelen meer van maken. Gebruikt een kok zijn tijd om groenten te snijden, dan kan hij niet tegelijk de oven schoonmaken. Producten zijn schaars als je er andere mogelijkheden voor opoffert. Producten = goederen + diensten Producten zijn allemaal schaars, behalve vrije goederen zoals zonlicht en water van een rivier. Voor vrije goederen hoeft niets worden opgeofferd, geen goederen en

3 3 geen tijd. Vraag 4: Stel je hebt een kapperszaak. Noem dan een voorbeeld van goederen die je aanbiedt en diensten dat je aanbiedt. Goederen: shampoo, borstels, pruiken. Diensten: knippen, wassen, föhnen. Vraag 5: Bekijk onderstaande plaatjes. Geen aan ja of nee en wel of niet. Is het schilderij zeldzaam? Ja of nee. Is het schilderij schaars? Ja of nee. Zijn de punaises zeldzaam? Ja of nee. Zijn de punaises schaars? Ja of nee. Zeldzaam en schaars zijn daarom wel / niet het zelfde.

4 4 3. Nederland heeft zo n zestien miljoen consumenten. Dat zijn alle mensen die wel eens iets kopen. Het maakt niet uit wat je koopt. Als je iets koopt, consumeer je iets. Je gebruikt je geld als ruilmiddel. We noemen deze vorm van ruilen ook wel indirecte ruil. Jij doet iets voor een ander waar je geld mee verdient. Daarna ruil je dat geld weer voor andere producten. Ruil je producten rechtstreeks tegen andere producten, dan is er sprake van directe ruil. Bijvoorbeeld als jij de computer van de buurman installeert en hij in ruil daarvoor een pizza voor jou bakt. Directe ruil: producten producten Indirecte ruil: producten geld producten Vraag 6: Zijn de volgende beweringen juist of onjuist? Goederen ruilen tegen diensten is een voorbeeld van directe ruil. Juist Onjuist Schaarse goederen zijn goederen waar je iets voor opoffert. Juist Onjuist Goederen die je nodig hebt om te overleven zijn basisbehoeften. Juist Onjuist Diensten zijn nooit schaars. Juist Onjuist Vraag 7: Lees het volgende verhaaltje en beantwoord de vragen: Boer Harmsen heeft een goede oogst. Hij heeft behoorlijk wat maïs over. Fijn, denkt hij. Kan ik een paar kilo van de maïskolven ruilen tegen vier nieuwe stoelen. Hij gaat naar de meubelmaker. Maar die wil geen maïs, dat heeft hij al genoeg. Boer Harmsen moet eerst op zoek naar iemand die de maïs wil ruilen voor wat wol, want dat wil de meubelmaker wel hebben. Hij heeft geluk, want de wol handelaar wil de maïs graag hebben. Uiteindelijk komen ze tot de volgende verdeling: 1 stoel = 12 kilo wol 1 kilo wol = 3 kilo maïskolven a. Omschrijf twee nadelen van directe ruil. 1. Het kost tijd om de juiste ruilpartner te vinden.

5 5 2. Waarde is moeilijk in te schatten. b. Bereken hoeveel kilo maïs boer Harmsen moet betalen om vier stoelen te bemachtigen. Maïs wol 4 stoelen 12 kg 1 stoel? 4 stoelen 4 x 12 = 48 kg 3 kg maïs 1 kg wol 48 (kg wol) x 3 (kg maïs) = 144 kg maïs. 4. Om te kunnen consumeren moet je eerst geld verdienen. De meeste mensen verdienen hun inkomen door te werken: loon of salaris. De kok en de serveerster in de pizzeria bijvoorbeeld. Maar de kok mag misschien ook gratis zijn eigen pizza eten. In dat geval ontvangt hij een inkomen in natura: producten in plaats van geld. Je kunt ook inkomen verdienen met dingen die je bezit. De eigenaar van een pizzeria maakt winst. Die winst is zijn inkomen. Als de pizzeria het pand heeft gehuurd, ontvangt de verhuurder van het pand huur. Misschien moet de pizzeria de grond waarop de pizzeria staat pachten. De pacht is een inkomstenbron voor de grondbezitter. Ten slotte kun je ook met geld dat je bezit een inkomen krijgen. De serveerster die een deel van haar geld op een spaarrekening van de bank zet, verdient daarmee rente. Inkomen: loon rente winst huur pacht inkomen in natura Vraag 8: Maak de zinnen af. a. Als je spaargeld hebt op de bank ontvang je als beloning: rente

6 6 b. Als je huizen verhuurt, ontvang je als beloning: huur c. Werk je in dienst van een bedrijf, dan ontvang je als beloning: loon d. Mag je gratis taken bij je baas, dan ontvang je als beloning: inkomen in natura Vraag 9: Bekijk bron 1. Boris is 16 jaar en werkt 8 uur per week als ober in een pizzeria. a. Bereken voor Boris wat zijn inkomen per maand is. Rond af op 2 decimalen. 535:38x32 = 450,53 b. Bereken voor Boris wat zijn inkomen per maand wordt als hij 17 jaar wordt. Rond af op 2 decimalen. 669:38*32 = 563,37 c. Met hoeveel euro is zijn inkomen per maand gestegen als hij 17 jaar wordt? Rond af op een geheel getal. 563,37-450,53 = 112,84 113,-

7 7 Bron 1 Salaris in de horeca per maand, uitgaande van een 38-urige werkweek Leeftijd Salaris in euro s Vraag 10: Gebruik bron 2. Noteer altijd je berekeningen! a. Wat is het gemiddelde loon per jaar? 23,4 x = ,- b. Bereken de gemiddelde winst per maand. Rond af op 2 decimalen. 20,3 x = ,- per jaar : 12 = 1.691,67 per maand. c. Bereken hoeveel euro alle Nederlanders samen per jaar verdienen aan rente en huur. 0,4 x = x x = ,- d. Bereken hoeveel euro alle Nederlanders samen per maand verdienen aan rente en huur ,- : 12 = ,- Bron 2 Jaarinkomens in Nederland Inkomensvorm Aantal personen (x 1000) Gemiddeld bedrag (x 1.000) Winst ,3 Loon ,4 Rente en huur ,4

Thema 1 Pizzeria. Deel 1 Consumptie

Thema 1 Pizzeria. Deel 1 Consumptie 1 Thema 1 Pizzeria Deel 1 Consumptie 1. Ieder mens probeert zo veel mogelijk wensen te vervullen. Iedereen begint daarbij met de belangrijkste behoeften: eten, drinken, kleding en een dak boven je hoofd.

Nadere informatie

ECONOMIE VOOR VMBO BOVENBOUW. 3 vmbo - (k)gt ANTWOORDENBOEK

ECONOMIE VOOR VMBO BOVENBOUW. 3 vmbo - (k)gt ANTWOORDENBOEK ECONOMIE VOOR VMBO BOVENBOUW 3 vmbo - (k)gt ANTWOORDENBOEK Hoofdstuk 2 Het inkomen van consumenten Paragraaf 1 Welke soorten inkomens zijn er? 1 Oppassen. 2 3 Werken in de horeca mag je pas na je zestiende.

Nadere informatie

Oefentoets Klas: havo 3 / vwo 3

Oefentoets Klas: havo 3 / vwo 3 Oefentoets Klas: havo 3 / vwo 3 Vak: economie Toets over: h1 en h2 Lesbrief: kopen en werken Hulpmiddelen: gewone rekenmachine DEZE OEFENTOETS BESTAAT UIT 8 OPGAVEN! Opgave 1 Begrippen 1 Noem alle productiefactoren

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL - COMPEX

Examen VMBO-GL en TL - COMPEX Examen VMBO-GL en TL - COMPEX 2008 tijdvak 1 woensdag 28 mei totale examentijd 2 uur economie CSE GL en TL COMPEX Vragen 1 tot en met 22 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet

Nadere informatie

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op.

Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. De heilige koe Bij de beantwoording van de vragen 1 tot en met 5 moet je soms gebruikmaken van de informatiebronnen 1 en 2. Nederlanders

Nadere informatie

Loen Educatie & Schrijfwerk www.economieweb.nl. (N)iets op de bank? Lesbrief over sparen en lenen

Loen Educatie & Schrijfwerk www.economieweb.nl. (N)iets op de bank? Lesbrief over sparen en lenen (N)iets op de bank? Lesbrief over sparen en lenen Het is makkelijk en verstandig om geld achter de hand te hebben. Er kan bijvoorbeeld iets kapot gaan in huis, of je spaart voor iets dat je graag wil hebben.

Nadere informatie

Hoofdstuk 2: Kom je ermee uit?

Hoofdstuk 2: Kom je ermee uit? Hoofdstuk 2: Kom je ermee uit? Een middagje shoppen. a 75 209 x 100% = 35,9%. b 209 : 3,72 = 56,18. Dus zij moet 57 uur werken om de nieuwe jas te kunnen kopen. c Zij had eerst kunnen sparen of zij had

Nadere informatie

Thema Informatie vragen bij een instelling

Thema Informatie vragen bij een instelling http://www.edusom.nl Thema Informatie vragen bij een instelling Lesbrief 28. De belastingaanslag. Wat leert u in deze les? Informatie over uw inkomsten begrijpen. Informatie over uw uitgaven begrijpen.

Nadere informatie

De jeugd van je opa en oma

De jeugd van je opa en oma De jeugd van je opa en oma Welvaart na de Tweede Wereldoorlog Lesduur: 50 minuten Werkvorm: solo Lesvorm: vragen beantwoorden Opdracht Beantwoord de vragen zo goed mogelijk. Neem ze later mee naar je opa

Nadere informatie

Management en Organisatie. Proefles

Management en Organisatie. Proefles Management en Organisatie Proefles I. Geld lenen. Stel: je wordt 18 jaar, je haalt je rijbewijs en je wilt dan direct een auto hebben. Die kost 25.000, maar jij hebt geen cent. Je kijkt naar de TV en je

Nadere informatie

Wat doe je met je geld? vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Wat doe je met je geld? vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 20 October 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62277 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

CPI = 122,5 Wat zegt dit? Hoe bereken je dit? Categorieën Aandeel Prijsstijging Optelling. Voeding 40% 10% Kleding 35% -5% Overig 0 CPI 102,25

CPI = 122,5 Wat zegt dit? Hoe bereken je dit? Categorieën Aandeel Prijsstijging Optelling. Voeding 40% 10% Kleding 35% -5% Overig 0 CPI 102,25 CPI = 122,5 Wat zegt dit? Hoe bereken je dit? Categorieën Aandeel Prijsstijging Optelling Voeding 40% 10% Kleding 35% -5% Overig 0 CPI 102,25 ConsumentenPrijsIndexcijfer Consumenten Prijsindexcijfer in

Nadere informatie

Uitdaging Workshop 3 Een keuze maken Kun jij goed kiezen?

Uitdaging Workshop 3 Een keuze maken Kun jij goed kiezen? Uitdaging Workshop 3 Een keuze maken Kun jij goed kiezen? Je gaat een nieuw mobieltje kopen. A Je gaat 20 mobieltjes bekijken voor je een keuze maakt. B Je gaat naar de winkel en je koopt er een. C Je

Nadere informatie

Lesbrief Kopen en Werken 2 e druk Hoofdstuk 2 Geld om van te leven 2.1 a. 64,796838. b. 64,7968. c. 64,80. d. 65.

Lesbrief Kopen en Werken 2 e druk Hoofdstuk 2 Geld om van te leven 2.1 a. 64,796838. b. 64,7968. c. 64,80. d. 65. Hoofdstuk 2 Geld om van te leven 2.1 a. 64,796838. b. 64,7968. c. 64,80. d. 65. 2.2 Gemiddelde = (6,5 + 5,8 + 8,7 + 7,7)/4 = 28,7/4 = 7,175 afgerond 7,2. 2.3 a. Gemiddelde = (1 6,5 + 1 5,8 + 2 8,7 + 2

Nadere informatie

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen

Goede tijden, slechte tijden. Soms zit het mee, soms zit het tegen Slides en video s op www.jooplengkeek.nl Goede tijden, slechte tijden Soms zit het mee, soms zit het tegen 1 De toegevoegde waarde De toegevoegde waarde is de verkoopprijs van een product min de ingekochte

Nadere informatie

2. Inkomen uit arbeid

2. Inkomen uit arbeid Jijzelf en/of het gezin waarvan je deel uitmaakt, kunnen dus op verschillende manieren aan een inkomen geraken. Er zijn drie grote categorieën. inkomen uit arbeid inkomen uit sociale vergoedingen en toevallige

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Kredietcrisis

Hoofdstuk 1 Kredietcrisis Hoofdstuk 1 Kredietcrisis 1.1 a. Banken lenen minder geld uit aan consumenten en bedrijven. b. Geen krediet, dus minder vraag naar koopwoningen en bedrijfspanden. Hierdoor raakt de orderportefeuille van

Nadere informatie

Inhoud. Mijn leven. ik ga verhuizen

Inhoud. Mijn leven. ik ga verhuizen Inhoud Inleiding...3 Hoofdstuk 1 Plannen... 4 Hoofdstuk 2 Meubels enzo... 6 Hoofdstuk 3 Geld... 8 Hoofdstuk 4 Winkelen... 10 Hoofdstuk 5 Adreswijziging... 12 Hoofdstuk 6 De sleutel!... 14 Hoofdstuk 7 Voorbereiden...

Nadere informatie

Hoofdstuk 1: Schaarste

Hoofdstuk 1: Schaarste Hoofdstuk 1: Schaarste Economie HAVO 2011/2012 www.lyceo.nl H1: Schaarste Economie 1. Schaarste 2. Ruil 3. Markt 4. Ruilen over tijd 5. Samenwerken en onderhandelen 6. Risico en informatie 7. Welvaart

Nadere informatie

Bruto binnenlands product

Bruto binnenlands product Bruto binnenlands product Binnenlands = nationaal Productie bedrijven Individuele goederen Omzet Inkoop van grond- en hulpstoffen - Bruto toegevoegde waarde Afschrijvingen- Netto toegevoegde waarde = Beloningen

Nadere informatie

Maak je eigen jaarbegroting

Maak je eigen jaarbegroting Maak je eigen jaarbegroting Inleiding Een begroting maken. Het woord begroting wordt normaal gesproken alleen gebruikt bij bedrijven en de overheid. Maar het is tijd om ook jouw budget dezelfde aandacht

Nadere informatie

1.5 Consumeren of sparen. Bij hun afweging speelt een rol of ze het geld later nodig denken te hebben of niet.

1.5 Consumeren of sparen. Bij hun afweging speelt een rol of ze het geld later nodig denken te hebben of niet. Hoofdstuk 1 Kiezen 1.1 a. Een bedrijf bekijkt of het goedkoper kan produceren met arbeid of met robots. b. Remedial teacher, wachtlijstcoördinator, pretparkmedewerker, enz. 1.2 De werkloosheid is gestegen

Nadere informatie

p1 = 20 euro p2 =10 euro Budget = 100 euro Stel budgetvergelijking op en teken budgetlijn Budgetvergelijking: B = 20q 1 + 10q 2 Budgetlijn.

p1 = 20 euro p2 =10 euro Budget = 100 euro Stel budgetvergelijking op en teken budgetlijn Budgetvergelijking: B = 20q 1 + 10q 2 Budgetlijn. 1. Wat zijn behoeften? 2. Waarom is er sprake van schaarste bij behoeften? 3. Leg uit waarom netto-baten een beter begrip bij te keuzen maken dan baten. 4. Leg met een voorbeeld uit wat alternatief aanwendbaar

Nadere informatie

Doel Leerlingen kunnen in eigen woorden formuleren waarvoor en wanneer de berekeningen nodig zijn en deze op een correcte manier uitrekenen.

Doel Leerlingen kunnen in eigen woorden formuleren waarvoor en wanneer de berekeningen nodig zijn en deze op een correcte manier uitrekenen. Algemene informatie: De aankomende 2 lessen ga je in groepjes van drie personen je bezig houden met het berekenen van procenten. Er zijn drie vormen en iedereen behandeld alle vormen. Jullie wisselen om

Nadere informatie

= een rij struiken of planten die dichtbij elkaar staan. = een hoge lamp die langs de weg staat.

= een rij struiken of planten die dichtbij elkaar staan. = een hoge lamp die langs de weg staat. Woordenschat blok 1 gr4 Les 1 De heg De lantaarn De plant Het tuinhek Het terras De garage Het dorp De stad De zwerver De stoep De woonwijk = een rij struiken of planten die dichtbij elkaar staan. = een

Nadere informatie

Wat kun je verwachten?

Wat kun je verwachten? Wat kun je verwachten? Urenverdeling V4: 3 uur per week V5: 3 uur per week V6: 3 uur per week Overhoringen Minimaal 2 overhoringen per periode (weging varieert) Weging Proefwerk: 3-4x (in april: 6x!) SO:

Nadere informatie

Rekenmodule procenten Pagina 1

Rekenmodule procenten Pagina 1 % Rekenmodule procenten Pagina 1 Inleiding Omdat gebleken is dat nog niet iedereen van jullie helemaal thuis is in procenten gaan we het nu hebben over dit onderwerp. Met behulp van deze module proberen

Nadere informatie

Budgettering vmbo12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Budgettering vmbo12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 21 July 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/77298 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Les 1 woordenschat 2F. de markt de uitvinding favoriet waarde hechten aan waar voor je geld krijgen de consumptie de trend de claim

Les 1 woordenschat 2F. de markt de uitvinding favoriet waarde hechten aan waar voor je geld krijgen de consumptie de trend de claim Fris innoveert Woorden van deze les de markt de uitvinding favoriet waarde hechten aan waar voor je geld krijgen de consumptie de trend de claim de omzet innoveren Wat weet je al? Lees het woord. Kun jij

Nadere informatie

H1: Economie gaat over..

H1: Economie gaat over.. H1: Economie gaat over.. 1: Belangen Geld is voor de economie een smeermiddel, door het gebruik van geld kunnen we handelen, sparen en goederen prijzen. Belangengroep Belang = Ze komen op voor belangen

Nadere informatie

Het verkoop-adviesgesprek. Waar gaat deze kaart over? Wat wordt er van je verwacht? Verkopen

Het verkoop-adviesgesprek. Waar gaat deze kaart over? Wat wordt er van je verwacht? Verkopen Waar gaat deze kaart over? Deze kaart gaat over verkopen aan en adviseren van gasten in horecabedrijven. Oftewel: het verkoopadviesgeprek. Wat wordt er van je verwacht? Na het bestuderen van deze kaart

Nadere informatie

SPEL VAN DE GOUDEN EEUW - LESMATERIAAL

SPEL VAN DE GOUDEN EEUW - LESMATERIAAL Amsterdam in 1594, aan het begin van de Gouden Eeuw. De Nederlandse kunst, wetenschap en vooral de economie bloeien op. Ondernemers krijgen nieuwe kansen en kunnen steeds grotere investeringen doen. De

Nadere informatie

REGELS. Onderstreep de pluralisvorm in de zin.

REGELS. Onderstreep de pluralisvorm in de zin. 61 61 REGELS 1 Onderstreep de pluralisvorm in de zin. 1 Ik woon met mijn gezin in een rijtjeshuis met vier slaapkamers. 2 De vijf appartementen in deze flat zijn heel klein. 3 Hij heeft een groot huis

Nadere informatie

Lesbrief Meneer Beer

Lesbrief Meneer Beer Lesbrief Meneer Beer Het verhaal Het verhaal gaat over Meneer Beer. Hij is verliefd op een prachtig berinnetje, maar hij durft het haar niet te vertellen. Hij vindt zichzelf maar een eenvoudige beer. Om

Nadere informatie

Geldtips van de Geld Universiteit. Een gratis e book gevuld met handige tips om goed met geld om te gaan.

Geldtips van de Geld Universiteit. Een gratis e book gevuld met handige tips om goed met geld om te gaan. Geldtips van de Een gratis e book gevuld met handige tips om goed met geld om te gaan. 1 Aankopen 1. Vermijd impulsaankopen, vaak heb je later spijt als het saldo van je bankrekening te laag is geworden

Nadere informatie

BEDRIJFSREKENEN OPDRACHTEN BASIS EN KADER

BEDRIJFSREKENEN OPDRACHTEN BASIS EN KADER BEDRIJFSREKENEN OPDRACHTEN BASIS EN KADER OPDRACHTEN BASIS EN KADER PROCENTEN 1. Bereken de volgende percentages: a. 4% van 13,25 = b. 7% van 27,75 = c. 6% van 44,80 = d. 5% van 53,75 = e. 8% van 885,90

Nadere informatie

Eindexamen vmbo gl/tl economie 2011 - II

Eindexamen vmbo gl/tl economie 2011 - II Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend. MINpunten 1 maximumscore 1 2 / 6 x 100 % = 33,3% 2 maximumscore 1 Voorbeeld van een juiste reden: Klantenbinding:

Nadere informatie

Rabobank s-hertogenbosch en omstreken

Rabobank s-hertogenbosch en omstreken Rabobank s-hertogenbosch en omstreken Jouw spreekbeurt over de bank Wie aan de bank denkt, denkt waarschijnlijk aan veel geld. Grote gebouwen en mannen en vrouwen in pak. Maar wat doen ze nou eigenlijk

Nadere informatie

Rekenmodule procenten Pagina 1

Rekenmodule procenten Pagina 1 % Rekenmodule procenten Pagina 1 Rekenmodule procenten Pagina 2 Inleiding Omdat gebleken is dat nog niet iedereen van jullie helemaal thuis is in procenten gaan we het nu hebben over dit onderwerp. Met

Nadere informatie

Spreekopdrachten thema 4 Wonen

Spreekopdrachten thema 4 Wonen Spreekopdrachten thema 4 Wonen Opdracht 1 bij 4.1 ** Uitleg voor de docent: Op de volgende pagina vind je een blad met plaatjes. Knip de plaatjes uit en doe ze in een envelop. Geef elk tweetal een envelop.

Nadere informatie

Dat is een koopje! HOOFDSTUK 8 WOORDEN. Kies het goede woord. Ik ga even naar de... Ik ga sla en tomaten halen. a groenteman b slager

Dat is een koopje! HOOFDSTUK 8 WOORDEN. Kies het goede woord. Ik ga even naar de... Ik ga sla en tomaten halen. a groenteman b slager 119 119 HOOFDSTUK 8 Dat is een koopje! WOORDEN 1 2 3 1 Ik ga even naar de.... Ik ga sla en tomaten halen. a groenteman b slager 2 Wil je wat drinken? Ja graag, een... koffie alsjeblieft. a fles b beker

Nadere informatie

VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST

VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST - LEERLING SuccesformulesVoorkant_Opmaak 1 06-10-14 10:08 Pagina 1 VERSCHILLENDE TARIEVEN VOOR MEER WINST 1 anigap 80:01 41-01-60 1 kaampo_tnakroovselumrofseccus

Nadere informatie

Inhoud. Mijn leven. ik regel mijn geldzaken

Inhoud. Mijn leven. ik regel mijn geldzaken Inhoud Inleiding...3 Hoofdstuk 1 Bewaren...5 Hoofdstuk 2 Administratie...7 Hoofdstuk 3 Inkomsten... 8 Hoofdstuk 4 Uitgaven... 10 Hoofdstuk 5 Sparen... 12 Hoofdstuk 6 Verzekeringen...15 Hoofdstuk 7 Begroting...

Nadere informatie

handel en administratie thema de afdeling boekhouding Kaderberoepsgerichte leerweg Gemengde leerweg

handel en administratie thema de afdeling boekhouding Kaderberoepsgerichte leerweg Gemengde leerweg handel en administratie thema de afdeling boekhouding Kaderberoepsgerichte leerweg Gemengde leerweg inhoud van katern thema de afdeling boekhouding Thema de afdeling Boekhouding Taak 1 De balans 5 Taak

Nadere informatie

Slagvaardig met geld!

Slagvaardig met geld! Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend. Slagvaardig met geld! 1 maximumscore 2 voorbeelden van juiste voordelen: Hij kan het drumstel direct kopen (en gebruiken). Hij

Nadere informatie

De rente stijgt: welke gevolgen heeft dat voor u?

De rente stijgt: welke gevolgen heeft dat voor u? De rente stijgt: welke gevolgen heeft dat voor u? Onafhankelijke informatie voor consumenten Wat is renterisico? Als u geld nodig heeft, kunt u een lening afsluiten. U moet het geleende geld wel terugbetalen.

Nadere informatie

4.1 Klaar met de opleiding

4.1 Klaar met de opleiding 4.1 Klaar met de opleiding 1. Werken in loondienst - Bij een bedrijf of bij de overheid (gemeente, provincie, ministerie); - Je krijgt loon/salaris; - Je hebt een bepaalde zekerheid, dat je werk hebt,

Nadere informatie

Thema: Wat is economie? vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Thema: Wat is economie? vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 03 May 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/76203 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Fris innoveert. Vooraf. Les 1 Sleutel 2F

Fris innoveert. Vooraf. Les 1 Sleutel 2F Fris innoveert Vooraf Onderwerp: Fris innoveert Strategie: Voorspellen CLIB-niveau van de tekst: 82/8 (2F) MI-tip: laat de studenten een onderzoek doen naar het drinkgedrag in de klas. Let op: in deze

Nadere informatie

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 MEMORY WOORDEN 1.1 TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1 ik jij hij zij wij jullie zij de baby het kind ja nee de naam TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 2 MEMORY WOORDEN 1.2 TaalCompleet A1 Memory Woorden

Nadere informatie

Rendement = investeringsopbrengst/ investering *100% Reëel rendement = Nominaal rendement / CPI * 100-100 Als %

Rendement = investeringsopbrengst/ investering *100% Reëel rendement = Nominaal rendement / CPI * 100-100 Als % Inflatie Stijging algemene prijspeil Consumenten Prijs Indexcijfer Gewogen gemiddelde Voordeel: Mensen met schulden Nadeel: Mensen met loon, spaargeld Reële winst bedrijven daalt Rentekosten bedrijven

Nadere informatie

Wat weet jij over wonen? Dat ga je met je groepje opschrijven in een woordspin.

Wat weet jij over wonen? Dat ga je met je groepje opschrijven in een woordspin. Opdracht 1 Deze opdracht maak je in een groepje van vier. Nodig: 1 vel A3-papier, zwarte en een rode stift Wat weet jij over wonen? Dat ga je met je groepje opschrijven in een woordspin. Je doet het zo:

Nadere informatie

Thema In en om het huis

Thema In en om het huis http://www.edusom.nl Thema In en om het huis Les 26. Herhaling thema Wat leert u in deze les? De woorden uit les 22, 23, 24 en 25 Veel succes! Deze les is ontwikkeld in opdracht van: Gemeente Den Haag

Nadere informatie

Examen VMBO-BB. economie CSE BB. tijdvak 1 vrijdag 25 mei 9.00-10.30 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Examen VMBO-BB. economie CSE BB. tijdvak 1 vrijdag 25 mei 9.00-10.30 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Examen VMBO-BB 2007 tijdvak 1 vrijdag 25 mei 9.00-10.30 uur economie CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Dit examen bestaat uit 36 vragen. Voor dit examen

Nadere informatie

Gastles: Hoe word ik rijk?

Gastles: Hoe word ik rijk? Gastles: Hoe word ik rijk? Hoe word je rijk? Dat willen we natuurlijk allemaal weten. In deze presentatie krijg je veel tips. Eerst een quiz om te kijken hoe veel jullie weten. Wie weet er veel? Pak je

Nadere informatie

Eindexamen economie 1 havo 2001-I

Eindexamen economie 1 havo 2001-I Eindexamen economie havo 2-I 4 Antwoordmodel Opgave Algemene regel 3.6 is ook van toepassing als gevraagd wordt een gegeven antwoord toe te lichten, te beschrijven en dergelijke. Maximumscore centrale

Nadere informatie

Voorbeeld van mensen die een tweedehands wagen wensen aan te kopen die ouder is dan 2 jaar met een lening bij ING.

Voorbeeld van mensen die een tweedehands wagen wensen aan te kopen die ouder is dan 2 jaar met een lening bij ING. Voorbeeld van mensen die een tweedehands wagen wensen aan te kopen die ouder is dan 2 jaar met een lening bij ING. Bij deze data moeten we het 1 en ander uitleggen. Jouw geld dat je hebt ontvangen, maakt

Nadere informatie

Domein E: Concept Ruilen over de tijd

Domein E: Concept Ruilen over de tijd 1. Het bruto binnenlands product is gestegen met 0,9%. Het inflatiepercentage bedraagt 2,1%. Bereken de reële groei van het BBP. 2. Waarmee wordt het inflatiepercentage gemeten? 3. Lees de onderstaande

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend.

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. De goedkoopste auto van Nederland 1 B 2 maximumscore 1 7.498-2.024 = 5.474 3 maximumscore 2 De brandstofkosten

Nadere informatie

Geld en economie vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Geld en economie vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 24 August 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62262 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Examenopgaven VMBO-KB 2004

Examenopgaven VMBO-KB 2004 Examenopgaven VMBO-KB 2004 tijdvak 1 maandag 24 mei tijdsduur voor het gehele examen 09:00-11:00 uur LANDBOUW EN NATUURLIJKE OMGEVING AGRARISCHE BEDRIJFSECONOMIE CSE KB Het examen landbouw en natuurlijke

Nadere informatie

Een nieuwe bank. Lesvoorbereiding Crisis graad 2. Verwondering

Een nieuwe bank. Lesvoorbereiding Crisis graad 2. Verwondering Een nieuwe bank Lesvoorbereiding Crisis graad 2 Voorzie speelgoed - geld, echte kleine muntstukken of print het blad met de centen. Op elk blad staan 100 centen in rijen van 10. Zo kan je gemakkelijk het

Nadere informatie

Eindexamen economie 1 havo 2000-I

Eindexamen economie 1 havo 2000-I Opgave 1 Meer mensen aan de slag Het terugdringen van de werkloosheid is in veel landen een belangrijke doelstelling van de overheid. Om dat doel te bereiken, streeft de overheid meestal naar groei van

Nadere informatie

Rente de prijs van tijd. Als rente hoger is dan de opofferingskosten individuele prijs van tijd niet lenen maar sparen

Rente de prijs van tijd. Als rente hoger is dan de opofferingskosten individuele prijs van tijd niet lenen maar sparen Rente de prijs van tijd. Als rente hoger is dan de opofferingskosten individuele prijs van tijd niet lenen maar sparen Ruilen over de tijd Intertemporele substitutie Bedrijven lenen geld om te investeren

Nadere informatie

Checklist samenwonen voor partners waarvan alleen de man kinderen heeft

Checklist samenwonen voor partners waarvan alleen de man kinderen heeft Checklist samenwonen voor partners waarvan alleen de man kinderen heeft Vul afzonderlijk van elkaar allebei de vragen in. Bij elke vraag moet je een antwoord kiezen. Als je niet kunt kiezen, kies dan het

Nadere informatie

Antwoorden Thema 5 Vrije tijd

Antwoorden Thema 5 Vrije tijd Antwoorden Thema 5 Vrije tijd Luisteren Oefening 2 hobby Willem Linda hockeyen squashen tennissen voetballen bioscoop theater ballet kroegbezoek concertbezoek popmuziek jazz klassieke muziek Spreken Oefening

Nadere informatie

a Wie lenen er allemaal voor de aanschaf van een duurzaam consumptiegoed? b Wie lenen er allemaal wegens een onverwachte tegenslag?

a Wie lenen er allemaal voor de aanschaf van een duurzaam consumptiegoed? b Wie lenen er allemaal wegens een onverwachte tegenslag? Eindtoets hoofdstuk 1 Kopen doe je zo (CONSUMEREN) 1.3 Ik spaar, leen en beleg mijn geld 1 REDENEN OM TE SPAREN Hier staan zes mensen die sparen: Linda zet geld opzij voor haar vakantie Roy belegt in aandelen

Nadere informatie

Ik en de maatschappij. Rondkomen

Ik en de maatschappij. Rondkomen Ik en de maatschappij Rondkomen Colofon Uitgeverij: Edu Actief b.v. 0522-235235 info@edu-actief.nl www.edu-actief.nl Auteur: Jacobien Ubbink, Tessel Mulder Philein Educatieve Teksten Inhoudelijke redactie:

Nadere informatie

DE ERKEND HYPOTHECAIR PLANNER INFORMEERT U GRAAG OVER: Uw woning huren of kopen?

DE ERKEND HYPOTHECAIR PLANNER INFORMEERT U GRAAG OVER: Uw woning huren of kopen? DE ERKEND HYPOTHECAIR PLANNER INFORMEERT U GRAAG OVER: Uw woning huren of kopen? 1 Met de vraag 'Een huis kopen of een huis huren?' kunt u op verschillende momenten in uw leven te maken krijgen. Bijvoorbeeld

Nadere informatie

Examen VMBO-KB. economie CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 17 juni 2 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen VMBO-KB. economie CSE KB. tijdvak 2 dinsdag 17 juni 2 13.30-15.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VMBO-KB 2014 tijdvak 2 dinsdag 17 juni 2 13.30-15.30 uur economie CSE KB Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 41 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 49 punten te behalen. Voor

Nadere informatie

De grootste financiële beslissing in een mensenleven

De grootste financiële beslissing in een mensenleven De grootste financiële beslissing in een mensenleven 1 520.000.000.000,- ( 520 mrd) Totale hypotheekschuld van Nederlandse huishoudens Bron: NMa 2 170.000,- De gemiddelde grootte van een hypotheek in Nederland

Nadere informatie

Geld Wat is de index?

Geld Wat is de index? Centrum Basiseducatie Brusselleer Oefenmap lezen en schrijven p. 1 Geld Wat is de index? Het leven wordt steeds duurder. Een brood kost vandaag meer dan vorig jaar. Het index-cijfer is gestegen, is dan

Nadere informatie

Kostgeld 2016 Wat is redelijk?

Kostgeld 2016 Wat is redelijk? Kostgeld 2016 Wat is redelijk? Kostgeld is een vergoeding voor de gezamenlijke uitgaven van een huishouden, zoals de huur, hypotheek en energiekosten. Individuele uitgaven, zoals uitgaven aan kleding,

Nadere informatie

Internetopdracht huren of kopen?

Internetopdracht huren of kopen? Internetopdracht huren of kopen? Voor deze opdracht heb je Internet nodig. Zet je antwoorden in een word document, Sla je werk (regelmatig) op. Veel mensen moeten minstens één keer in hun leven een keuze

Nadere informatie

Vroeg wijs met geld. gemeente www.heumen.nl. Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld

Vroeg wijs met geld. gemeente www.heumen.nl. Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld Vroeg wijs met geld Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld gemeente www.heumen.nl Heumen HU.090 brch vroeg wijs met geld.indd 1 04-02-14 09:30 Inhoudsopgave Zakgeld

Nadere informatie

Vervangende les 2 Wat is geld waard?

Vervangende les 2 Wat is geld waard? Vervangende les 2 Wat is geld waard? Leerdoelen Je leert wat het verschil tussen directe en indirecte ruil is. Je begrijpt waarom indirecte ruil handiger is dan directe ruil. Je kent de twee soorten geld.

Nadere informatie

Boek 4 Hoofdstuk 7: De overheid en ons inkomen

Boek 4 Hoofdstuk 7: De overheid en ons inkomen Boek 4 Hoofdstuk 7: De overheid en ons inkomen Valt het mee of tegen? a Als Yara een appartement koopt moet ze een hypotheek afsluiten. Hiervoor betaalt ze iedere maand een bepaald bedrag. Dit zijn haar

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend.

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Klein bedrag? Pinnen mag! 1 C 2 maximumscore 1 Voorbeelden van een juist voordeel (één van de volgende): geld staat

Nadere informatie

Economie en welvaart vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Economie en welvaart vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 20 October 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62263 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

5.1 Het speelkwartier

5.1 Het speelkwartier 5.1 Het speelkwartier Economie gaat over het maken van keuzes. Iedereen maakt in het leven constant keuzes. Deze keuzes hebben economische gevolgen: Welke studie ga je volgen? Wanneer ga je op jezelf wonen?

Nadere informatie

Sparen voor je hartenwens

Sparen voor je hartenwens Sparen voor je hartenwens Woorden van deze les de periode de rente iets lenen aan iemand de overuren sparen bepaald carrière maken de optie het contract het inkomen Wat weet je al? Lees het woord. Kun

Nadere informatie

Verantwoord lenen bij Delta Lloyd

Verantwoord lenen bij Delta Lloyd Verantwoord lenen bij Delta Lloyd Beste klant, De huizenprijzen zijn de laatste jaren flink gedaald. Daardoor houden steeds meer mensen na verkoop van de woning een restschuld over. Als de verkoopopbrengst

Nadere informatie

BLAD 1: PLEINTJES, ZAKKEN DROP EN WORST

BLAD 1: PLEINTJES, ZAKKEN DROP EN WORST BLAD 1: PLEINTJES, ZAKKEN DROP EN WORST 1. Pleintjes en zakken drop a. Tegelpleintjes Een plein van 4 bij 6 tegels. Totaal... tegels Een plein van 8 bij 15 tegels. Totaal... tegels Een plein van 12 bij

Nadere informatie

Lees je mee? Blaffende agent en andere bijzondere verhalen. werkbladen om methodisch en thematisch te werken aan leesbeleving

Lees je mee? Blaffende agent en andere bijzondere verhalen. werkbladen om methodisch en thematisch te werken aan leesbeleving Lees je mee? Blaffende agent en andere bijzondere verhalen werkbladen om methodisch en thematisch te werken aan leesbeleving 2013 De Stiep Educatief Werkbladen bij de boeken voor het project Taal voor

Nadere informatie

DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD. Module 4 Nu en later

DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD. Module 4 Nu en later DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD Module 4 Nu en later Inflatie Definitie: stijging van het algemeen prijspeil Gevolgen van inflatie koopkracht neemt af Verslechtering internationale concurrentiepositie Bij

Nadere informatie

De wensen van mensen zijn onbegrensd. Hoe noemen we in de economie deze wensen? BEHOEFTEN. Categorie Vraag & Antwoord

De wensen van mensen zijn onbegrensd. Hoe noemen we in de economie deze wensen? BEHOEFTEN. Categorie Vraag & Antwoord Categorie Vraag & Antwoord De wensen van mensen zijn onbegrensd. Hoe noemen we in de economie deze wensen? BEHOEFTEN Er zijn te weinig middelen om in alle behoeften te kunnen voorzien. Hoe heet dit verschijnsel?

Nadere informatie

FOTOREGELS. Uitleg en regels rondom het gebruik van foto s. Het auteursrecht. Als ik een foto koop, krijg ik dan ook de rechten op de foto?

FOTOREGELS. Uitleg en regels rondom het gebruik van foto s. Het auteursrecht. Als ik een foto koop, krijg ik dan ook de rechten op de foto? FOTOREGELS Uitleg en regels rondom het gebruik van foto s Over auteursrecht op foto s is bij consumenten wel eens onduidelijkheid. Soms kan dat tot vervelende situaties leiden voor zowel klant als fotograaf.

Nadere informatie

Uitgeven. E-book over de mogelijkheden bij het uitgeven van je eigen boek. een boek om trots op te zijn!

Uitgeven. E-book over de mogelijkheden bij het uitgeven van je eigen boek. een boek om trots op te zijn! Uitgeven E-book over de mogelijkheden bij het uitgeven van je eigen boek. een boek om trots op te zijn! E-book Uitgeven Het kostte bloed, zweet en tranen maar het is ein-de-lijk af. Jouw manuscript is

Nadere informatie

Aflevering 6: Eigen bedrijf

Aflevering 6: Eigen bedrijf Aflevering 6: Eigen bedrijf Vragen vooraf: Heb je wel eens een eigen bedrijf gehad? Ken je mensen met een eigen bedrijf? Wat voor soort bedrijf is dat? Hoofditem Fragment 1 Korte inhoud: Khalid wil een

Nadere informatie

1.1 Elke generatie kiest opnieuw

1.1 Elke generatie kiest opnieuw 1.1 Elke generatie kiest opnieuw Op elk moment in je leven moet je keuzes maken: De keuze naar welke middelbare school je gaat; De keuze waar je op vakantie gaat; De keuze waar je gaat wonen als je het

Nadere informatie

1. Hoeveel per stuk? a. Hiernaast zie je vier aanbiedingen uit de supermarkt. Hoeveel moet je per stuk ongeveer betalen?...

1. Hoeveel per stuk? a. Hiernaast zie je vier aanbiedingen uit de supermarkt. Hoeveel moet je per stuk ongeveer betalen?... BLAD 26: BREUKEN 1. Hoeveel per stuk? a. Hiernaast zie je vier aanbiedingen uit de supermarkt. Hoeveel moet je per stuk ongeveer betalen?............ b. Neem je rekenmachine en bepaal de precieze prijs

Nadere informatie

Sparen voor je hartenwens

Sparen voor je hartenwens Sparen voor je hartenwens Vooraf Onderwerp: Sparen voor je hartenwens Strategie: Ophelderen van onduidelijkheden CLIB-niveau van de tekst: 62\8 MI-tip: de studenten maken een portret van een mede-student.

Nadere informatie

Scenario 1 Er liggen ongeopende letters op tafel. Ze liggen er al langer dan een week.

Scenario 1 Er liggen ongeopende letters op tafel. Ze liggen er al langer dan een week. Aanvullende dialogen Scenario 1 Er liggen ongeopende letters op tafel. Ze liggen er al langer dan een week. Scenario 1 Er liggen ongeopende letters op tafel. Ze liggen er al langer dan een week. Scenario:

Nadere informatie

Belastingaangifte over 2010. Nibud, maart 2011

Belastingaangifte over 2010. Nibud, maart 2011 Belasting over 2010 Nibud, maart 2011 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Aangifte doen... 4 3. Maandelijkse belastingteruggaaf... 5 4. Belastingteruggaaf over het afgelopen jaar... 6 5. Geld betalen... 7 6. Wijzigingen

Nadere informatie

Opmaak pilot Geld 25-01-2005 10:44 Pagina 1. Geld

Opmaak pilot Geld 25-01-2005 10:44 Pagina 1. Geld Opmaak pilot Geld 25-01-2005 10:44 Pagina 1 Geld Opmaak pilot Geld 25-01-2005 10:44 Pagina 2 GELD UITGEVEN Vraag 1 Bekijk deze advertentie. Welke afgebeelde producten koop jij wel eens? 2 Opmaak pilot

Nadere informatie

UNIFORM HEREXAMEN MULO tevens IIe ZITTING STAATSEXAMEN MULO 2009

UNIFORM HEREXAMEN MULO tevens IIe ZITTING STAATSEXAMEN MULO 2009 MNSTERE VN ONERWJS EN VOLKSONTWKKELNG EXMENUREU UNFORM HEREXMEN MULO tevens e ZTTNG STTSEXMEN MULO 2009 VK : ERJFSREKENEN TUM: MNG 10 UGUSTUS 2009 TJ : 07.30 09.30 UUR EZE TK ESTT UT 36 TEMS. NTREST Welke

Nadere informatie

Domein Markt. Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit. vwo Frans Etman

Domein Markt. Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit. vwo Frans Etman Domein Markt Zie steeds de eenvoud!! totale winst, elasticiteit vwo Frans Etman Opgave 1 Opgave 2 1.Lees in de grafiek af hoe hoog de totale omzet (TO) en de totale kosten (TK) is bij een afzet van 3 producten,

Nadere informatie

Inkomsten overheid vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Inkomsten overheid vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 24 August 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73818 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

economie CSE GL en TL COMPEX

economie CSE GL en TL COMPEX Examen VMBO-GL en TL 2010 tijdvak 1 donderdag 27 mei 272010 mei totale examentijd 2 uur economie CSE GL en TL COMPEX Vragen 1 tot en met 22 In dit deel van het examen staan vragen waarbij de computer niet

Nadere informatie