EUROPESE SUBSIDIES VOOR DE SOCIALE

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "EUROPESE SUBSIDIES VOOR DE SOCIALE"

Transcriptie

1 Nota Ref: N62d-15-12i Brussel, 26 januari 2015 EUROPESE SUBSIDIES VOOR DE SOCIALE ECONOMIE Versie 14 - def dd 7 januari 2015 Opdracht: In C - Realisatie convenant Uitvoering van opdrachten door RED 2014 Lot 1.C. - Ontwikkeling praktijkinstrument Europese Fondsen. Kenniscentrum Sociaal Europa kreeg van in C, de ondersteuningsstructuur voor de sociale economie en gefinancierd door de Vlaamse overheid, de opdracht om de sociale economie-ondernemingen specifiek te ondersteunen rond Europese subsidies en projecten. Met deze opdracht ondersteunen we individuele projecten van sociale economie-ondernemingen en dragen we bij tot de realisatie van specifieke sectorale output. Deze handleiding is één van de projectresultaten. Ze beschrijft het gehele proces van projectidee tot afronding. Het begint al bij de vraag of de onderneming wel aan Europese samenwerking moet beginnen. Er wordt uitgelegd welke ondersteuning in elke fase beschikbaar is. Met dit project willen Kenniscentrum Sociaal Europa en in C sociale economie-ondernemingen op weg helpen naar meer Europese projecten en samenwerking. Project in samenwerking met in C, de ondersteuningsstructuur voor de sociale economie en gefinancierd door de Vlaamse overheid p. 1 van 45

2 LEESWIJZER EUROPEES BELEID EN PROJECTEN, OOK VAN BELANG VOOR DE VLAAMSE SOCIALE ECONOMIE Wist je dat Europa nu reeds meer dan twee derde van de Belgische en Vlaamse regelgeving bepaalt? Ook binnen het sociale beleid krijgt Europa steeds meer impact. Niet minder dan 20 Europese subsidielijnen zijn nuttig voor de socialprofitsector. Deze vernieuwde interesse voor sociaal beleid biedt kansen, maar Europa is ingewikkeld en complex! Sociale ondernemingen en sectorfederaties hebben nood aan informatie, advies en coaching rond Europees beleid, Europese projecten en projectfinanciering. Ook zo voor de sociale economie! Kenniscentrum Sociaal Europa kreeg van in C,,de opdracht om sociale-economieondernemingen specifiek te ondersteunen rond Europese subsidies en projecten, om zo de deelname aan Europese projecten te versterken. In het kader van deze opdracht zal Kenniscentrum Sociaal Europa volgende producten ontwikkelen: alle basis- en actualiteitsinfo over projectontwikkeling met Europese fondsen voor sociale-economieactoren zal beschikbaar zijn op een website. De informatie wordt permanent geactualiseerd met nieuwe oproepen en events. in een handleiding beschrijven we de mogelijkheden die Europese subsidies bieden en welke 5 fases een organisatie moet doorlopen om een succesvol EU project in te dienen. sociale-economiebedrijven worden zeer concreet en individueel begeleid bij de ontwikkeling en realisatie van hun Europese project we gaan na hoe consultants makkelijker ingeschakeld kunnen worden bij projectindiening. we organiseren provinciale infosessies specifiek over Europese subsidies en projectontwikkeling voor de sociale economie. De nota die je voor je hebt is de handleiding over Europese projecten. In deze handleiding zijn ook tools verwerkt die elke fase van Europese projectwerking ondersteunen. Deze handleiding, de tools en begeleiding van verschillende instanties moeten het voor SEondernemingen mogelijk maken om aan Europese projecten deel te nemen. VIJF FASEN BIJ HET INDIENEN VAN EEN EUROPEES PROJECT Om een EU-project tot een goed einde te brengen, moet je verschillende fases doorlopen. Deze fasen verschillen in wezen niet van elke andere projectwerking, alleen hebben we ze zeer specifiek vertaald naar Europese projecten. In deze handleiding lichten we deze fases toe, diepen we de impact ervan voor de projectindiener uit en beschrijven we welke ondersteuning er bestaat. Elke fase krijgt een apart hoofdstuk: Fase 1 = Interne voorwaarden in de organisatie: deze voorwaarden hebben betrekking op de strategische keuzes die een organisatie maakt rond het investeren in een projectomgeving. Deze projectomgeving is noodzakelijk om van projectideeën succesvolle EU projecten te maken. Fase 2 = Permanente screening informatie, voorbereiding en detectie opportuniteiten: deze fase heeft als doel de nodige elementen bij elkaar te krijgen waardoor een SEonderneming de stap zet naar het ontwikkelen en uitschrijven van een Europees project. Deze elementen zijn: een Europees subsidiekanaal, een projectidee, een promotor plus mogelijk reeds een aantal partners en een persoon die het dossier wil uitschrijven (dit kan samenvallen met het promotorschap). Fase 3 = Projectontwikkeling: vanaf deze fase beslist de organisatie om een EUproject te ontwikkelen en in te dienen samen met een aantal partnerorganisaties. We ontwikkelen een tool die alle elementen bevat om een coherent EU-project uit te schrijven. Fase 4 = Projectuitvoering: wanneer de organisatie een positief antwoord krijgt van de subsidieautoriteit, kan het echte projectwerk beginnen. Het opvolgen van de uitvoering van de werkpakketten en de op te leveren output is cruciaal om een duurzaam resultaat p. 2 van 45

3 voor alle partners en dus ook de subsidieautoriteit - te bereiken. Dit hoofdstuk geeft verschillende tips over hoe deze taak op te nemen. Fase 5 = Projectafronding: in deze fase besteden we aandacht aan projectevaluatie en rapportering. In elke fase wordt aangegeven welke concrete instrumenten er vanuit dit project beschikbaar zijn om SE-ondernemingen te ondersteunen en op welke instanties je een beroep kan doen om je project te ontwikkelen. Gebruikte afkortingen: SE: sociale economie p. 3 van 45

4 1 FASE 1: INTERNE VOORWAARDEN IN DE ORGANISATIE Dit hoofdstuk schenkt aandacht aan de interne voorwaarden die in je organisatie aanwezig moeten zijn om een succesvol project te kunnen ontwikkelen en uitvoeren zonder het eigen bestaan en je kernopdrachten in gevaar te brengen. Als deze voorwaarden in voldoende mate ingevuld zijn, dan kan de stap naar Europese samenwerking gezet worden. Om dit na te gaan hebben we een checklist ontwikkeld. Je moet niet op alle vragen positief scoren, vooraleer je richting Europa mag kijken. Het is een geheel van bouwstenen, waarbij je zelf moet oordelen of je organisatie er voldoende aan tegemoet komt. Een zwak punt kan gecompenseerd worden door een sterk. En sommige aanbevelingen zullen niet voor alle organisaties even relevant zijn. Als de organisatieverantwoordelijken inschatten dat deze voorwaarden onvoldoende gerealiseerd zijn, dan adviseren we om nog even op de rem te staan voor Europese samenwerking. Het opzetten van verbetertrajecten zal ook voor de kerndoelen van de organisatie een absolute meerwaarde zijn. Binnen de SE bestaan daarvoor goede sectorale ondersteuningsstructuren: Hefboom, Vooruitgangstraat 333 te 1030 Brussel Mentor Consult, Stasegemsesteenweg 110 te 8500 Kortrijk WEB (Consult), Steenweg op Tielen 70 te 2300 Turnhout Febecoop Adviesbureau Vlaanderen, Hoogstraat 28 te 1000 Brussel Meer info op de website Als de voorwaarden wel voldoende vervuld zijn, dan kan de organisatie beslissen om de volgende fase te starten. De volgende hoofdstukken van deze gids gaan hier verder op in. 1.1 STABIELE ORGANISATIE Alleen als je organisatie stabiel en solide is, is het verantwoord om in een Europees project te stappen. De Europese werking is enorm verrijkend en inspirerend, maar je organisatie moet de extra werklast kunnen opvangen en in staat zijn om aan de slag te gaan met de projectresultaten (intern en/of extern). Belangrijke kenmerken van stabiliteit zijn: Duurzame basisfinanciering; de Europese financiering is slechts een extra financiering voor een specifieke opdracht. Europese financiering dekt meestal ook niet alle kosten. Stabiele tewerkstellingsperspectieven voor de projectmedewerkers: het is absoluut belangrijk dat de projectverantwoordelijke (zie 1.4) minimaal voor de duur van het project in dienst kan blijven. Er is duidelijkheid over kostenvergoedingen rond projectkosten en buitenlandse verplaatsingen (zowel de reiskosten als persoonlijke uitgaven) De organisatie beschikt over een efficiënte backoffice op vlak van administratie en projectopvolging. Een systeem van dubbel boekhouden is een must voor een goede financiële en boekhoudkundige opvolging. Er is een goede communicatie tussen de boekhouding en de projectmedewerkers. De jaarlijkse turnover is voldoende in vergelijking met het totale projectbudget dat je aanvraagt. De organisatie mag voor haar gewone werking niet financieel afhankelijk zijn van projectwerking. Een zekere voorfinanciering moet haalbaar zijn. Cofinanciering: soms wordt een project voor het volledige bedrag gefinancierd (dit is bijvoorbeeld het geval binnen sommige ESF-oproepen), maar voor veruit de meeste subsidieprogramma s is een vorm van cofinanciering door de projectpartners nodig. Er is meestal voor 50% tot 100% van het totale projectbudget Europese financiering voorzien. Dit is evenwel niet steeds problematisch. Soms moet de formele cofinanciering niet bewezen worden, en wordt het vastgelegde percentage van de projectbegroting gefinancierd. Wanneer toch effectief de cofinanciering moet aangetoond worden, dan dient de initiatiefnemer dit vaak niet in cash te doen. Arbeidstijd en administratieve ondersteuning zijn de meest gebruikte vormen van inzet van eigen middelen. Bepaalde subsidielij- p. 4 van 45

5 nen verwachten een tijdsregistratie. Uiteraard moeten de projectpartners de capaciteit hebben om het integrale project zoals ingediend/goedgekeurd te realiseren. De deelname aan een intervisiegroep met collega s (van binnen of buiten de organisatie) die ook enige Europese ervaring hebben verdient aanbeveling. 1.2 EUROPESE SAMENWERKING ALS STRATEGISCHE KEUZE VOOR INNOVATIE Europese samenwerking moet in elk geval binnen de organisatie gedragen worden. Het management moet de strategische beslissing nemen om op EU-projecten in te zetten en om de betrokken diensten en medewerkers erop af te stemmen. De organisatie wil een lerende organisatie zijn. Openheid, nieuwsgierigheid, innovatie en dynamiek behoren tot het DNA van de organisatie en de medewerkers. Er is duidelijk creatief en analytisch vermogen aanwezig. Uitwisseling en input van nieuwe ideeën en visies zijn permanente maar uiteraard gedoseerde - aandachtspunten. De organisatie wil op één of enkele specifieke domeinen innovatief zijn (zonder daarom revolutionair hoeven te zijn). Europese samenwerking en projectwerking is hiertoe uiteraard slechts één middel, maar het spreekt voor zich dat het bij uitstek voor vernieuwende (en financiële) input kan zorgen. 1.3 INVESTEER IN EEN PROJECTOMGEVING Een Europees project ontwikkelen is niet anders dan elk ander project met dezelfde stappen, dezelfde kwaliteits- en efficiëntiekenmerken, dezelfde opportuniteiten en valkuilen. Maar meedoen aan Europese projecten betekent wel: je inschrijven in een specifiek beleidskader. Op de bijzondere eigenschappen van Europese projecten gaan we in fase 2 dieper in. We gaan hier niet in op projectwerking in het algemeen. Daarover bestaat voldoende gespecialiseerde lectuur en vorming. We gaan ervan uit dat jouw organisatie reeds ervaring heeft met projectontwikkeling. Het is essentieel dat projecten goed en efficiënt beheerd worden. Op de markt is daarvoor heel wat gespecialiseerde software beschikbaar. Deze besparen tijd en middelen en voorkomen dat fouten gemaakt worden of documenten verloren gaan. Sommige basic softwarepakketten zoals Outlook, Office, de Google Suite en Dropbox bevatten nuttige ICT-tools (zowel gratis als betalend). Omdat projectfinanciering in de toekomst zal toenemen verdient het aanbeveling om te investeren in een goede, omvattende projecttool. Een cloud-oplossing heeft de voorkeur, zodat een gemeenschappelijk platform beschikbaar is om documenten te delen en te archiveren, om uitnodigingen te versturen, om deadlines te bewaken en contactgegevens up-todate te houden. 1.4 EEN EUROPA-VERANTWOORDELIJKE STAAT IN VOOR PERMANENTE SCREENING EN PROCESMANAGEMENT De belangrijkste succesfactor om met Europese projecten te starten is ongetwijfeld het opzetten van een permanente screeningsfunctie. Eén persoon op stafniveau screent intern (welk idee is middels een Europees project te realiseren?) en extern (project- en partneroproepen) de projectmogelijkheden. Hij neemt alle interessante info door en selecteert relevante info- en netwerkevents. Hij toetst intern ideeën af en neemt eventueel al onmiddellijk contact op bij buitenlandse partnersearchoproepen. (Voorzie zo mogelijk ook in een back up als de EU-verantwoordelijke toch de organisatie zou verlaten of langere tijd afwezig zou zijn). De screening vraagt niet noodzakelijk veel tijd en kan in drukke periodes op een laag pitje gezet worden. Het is ook mogelijk om niet intensief en systematisch te screenen, maar erop te vertrouwen dat interessante kansen zich wel zullen aandienen, door je in te schrijven op verschillende nieuwsbrieven. Hoe dan ook: de permanente screening dient duidelijk tot het takenpakket van een medewerker te horen! p. 5 van 45

6 Deze medewerker kiest welke bronnen op te volgen. Ze worden beschreven in fase 2 punt 1.3. De mogelijkheden zijn quasi onbegrensd, maar er is heel wat voorkennis vereist. Bovendien verloopt veruit de meeste officiële en feitelijke communicatie in het Engels. Als de basiskennis aanwezig is, dan vraagt het aanvankelijk wel een behoorlijke inspanning om vlot te lezen en te schrijven. Kennis van het Frans en andere Europese talen zijn een grote meerwaarde. Naar onze ervaring gebeurt de permanente screening best niet door de algemeen directeur, maar door een medewerker in zijn onmiddellijke omgeving. Het moet in elk geval iemand zijn met een brede kijk op de organisatie en met goede toegang tot zowel het directie- als het operationele niveau. Teveel medewerkers verantwoordelijk maken voor de screening werkt meestal ook niet, tenzij er een duidelijke taakverdeling mogelijk is. In fase 2 Permanente screening wordt dieper ingegaan op de concrete aanpak. Als beslist wordt om een projectidee concreet uit te werken (dus overgang naar fase 3), dan moet minstens één persoon van de organisatie daar op dat moment extra tijd voor kunnen vrijmaken. Voor deze tijd is in principe geen vergoeding voorzien. In sommige budgetlijnen mag de voorbereidingstijd in beperkte mate in de projectaanvraag ingebracht worden, maar dan nog is er alleen een compensatie als je project goedgekeurd werd. 1.5 PERFORMANTE BESLUITVORMING IN HET INTERNE PROCES Een performante en vlotte besluitvorming is essentieel. Een aantal essentiële vragen moeten in ogenschouw genomen worden: kan de directie beslissingen nemen of komen deze toe aan het bestuur of een ander periodiek overleg? Hoe wordt beslist welke projectideeën weerhouden worden? Hoe snel kunnen beslissingen genomen worden? Welk mandaat en beslissingsbevoegdheid hebben de medewerkers die projecten uitwerken en uitvoeren? Hoe vlot kunnen ze communiceren met de interne belanghebbenden (afdeling of dienst die inhoudelijk belang heeft bij het project) en andere interne betrokkenen (boekhouding, personeelsdienst, interne communicatie, )? Hoe verloopt de terugkoppeling naar en opvolging vanuit de directie? Wanneer zich in de screening een Europese kans aanbiedt, moet er soms maar niet altijd snel worden beslist. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een partnersearchoproep. De toekomstige promotor zoekt nog partners of een partner is onverwacht weggevallen. Als de inhoud van het projectidee relevant is, dan kan dit een uitstekende opportuniteit zijn omdat al heel wat voorbereidend werk door anderen is verricht. Is voor deze gevallen een duidelijke werkwijze voorzien? Als een snelle beslissing om welke reden dan ook niet mogelijk is, dan is dit niet noodzakelijk een ramp, maar moet er wel op een volgende opportuniteit gewacht worden. Wat met de opvolging: welke vragen worden aan de directie teruggekoppeld? En in welke fase van de screening gebeurt dit? Vermijd dat de projectmedewerker op een eiland werkt binnen de organisatie door regelmatig overleg en (mondelinge) rapportage te voorzien. Samengevat: welke interne beleidsorganen moeten geconsulteerd worden, is er een procedure als hierop niet gewacht kan worden, hoe verloopt de mandatering en tussentijdse opvolging, wie zet de finale handtekening als straks in een concreet project gestapt wordt? 1.6 BESLUIT Vooraleer richting Europa te kijken, neemt de onderneming best zichzelf onder de loep: zijn de verschillende voorwaarden aanwezig om succesvol Europese projecten te ontwikkelen? Wanneer op managementniveau de strategische keuze wordt gemaakt om Europees samen te werken, er op uitvoerend niveau voldoende draagvlak is en ook de andere voorwaarden in voldoende mate vervuld zijn, dan pas is er een goede basis. De SE-onderneming kan dan starten met de tweede fase: de geschikte EU-subsidieoproep afwachten voor één of enkele projectabstracts om van daaruit ook de andere puzzelstukken samen te krijgen. Je zult een p. 6 van 45

7 projectcoördinator, partners en een projectschrijver nodig hebben. Meer hierover in het volgende hoofdstuk. p. 7 van 45

8 BIJLAGE BIJ FASE 1 - CHECKLIST 'ONDERZOEK INTERNE VOORWAARDEN' Nr Criterium Voorwaarden realisatie Verbeter timing Fase 1 punt 1.1 Fase 1 punt 1.2 Fase 1 punt 1.3 Fase 1 punt 1.4 Stabiele organisatie: de organisatie is voldoende stabiel en zeker over haar toekomst om een project aan te gaan. De missie en visie van de organisatie ondersteunen Europese initiatieven en laten een zekere investering in tijd en middelen toe. Projectwerking is een basis skill binnen de organisatie De Europa verantwoordelijke Duurzame basisfinanciering Stabiele tewerkstellingsperspectieven voor de projectmedewerkers Er zijn duidelijke afspraken over kostenvergoedingen De organisatie beschikt over een efficiënte backoffice op vlak van administratie en projectopvolging De jaarlijkse turnover is voldoende in vergelijking met het totale projectbudget. Voorfinanciering kan opgevangen worden. De organisatie is in staat tot cofinanciering: ze kan de middelen mobiliseren om de afgesproken projectresultaten neer te zetten indien de projectsubsidie daarvoor niet zou volstaan. Is er een intervisiegroep waarin ervaringen kunnen gedeeld en verwerkt worden? Openheid, nieuwsgierigheid, innovatie en dynamiek behoren tot het DNA van de organisatie en haar medewerkers. Er is duidelijk creatief en analytische vermogen aanwezig Europese samenwerking wordt binnen de organisatie gedragen Welke afspraken worden gemaakt over het screenen van de berichten? Wie detecteert? Wat zijn de vervolgstappen? Aan wie wordt daarna feedback gegeven over mogelijke ideeën De organisatie heeft ervaring met projectwerking (algemeen) De organisatie beschikt over een 'projectmanagement tool'. Deze is geschikt 'voor eigen gebruik' als projectpartner of kan ook voldoende krachtig zijn om efficiënt een project aan te sturen. Er wordt beslist om arbeidstijd vrij te maken voor de verschillende projectfasen. Welke bronnen worden opgevolgd? Wordt een eigen bronnenlijst aangelegd of wordt gebruik gemaakt van beschikbare tools (zie fase 2)? Wie zal deze informatie ontvangen: alleen p. 8 van 45

9 Fase 1 punt 5 Er is een performante beslissingsstructuur de Europese verantwoordelijke of wordt ook een back up voorzien? Welke afspraken worden gemaakt over het screenen van de berichten? Wie detecteert? Wat zijn de vervolgstappen? Aan wie wordt daarna feedback gegeven over mogelijke ideeën? Hoe wordt beslist over projectideeën en indiening (proces van idee tot aanvraag)? Hoe snel kunnen beslissingen genomen worden? Is de beslissingsboom helder voor de betrokken medewerkers? Welk mandaat en beslissingsbevoegdheid hebben de medewerkers die projecten uitwerken en uitvoeren? Hoe vlot kunnen ze communiceren met de interne belanghebbenden (afdeling of dienst die inhoudelijk belang heeft bij het project, ) en andere interne betrokkenen (boekhouding, personeelsdienst, interne communicatie, )? Hoe verloopt de terugkoppeling naar en opvolging vanuit de directie? p. 9 van 45

10 2 FASE 2: PERMANENTE SCREENING INFORMATIE, VOORBEREIDING EN DETECTIE OPPORTUNITEITEN Organisaties die beslist hebben om een Europese werking uit te bouwen, hoe klein ook, kijken aan tegen heel wat informatie, vragen en opportuniteiten. Je ontvangt verschillende soms aantrekkelijke, soms cryptische subsidieoproepen. Sommige organisaties nodigen je uit als partner voor hun project. Na een Europees event kom je met vele naamkaartjes en beloftevolle ideeën thuis. Maar hoe ga je hiermee aan de slag, hoe weet je welke mogelijkheden echt interessant zijn? Een belangrijke stap in het uitbouwen van een Europese werking is het systematisch screenen van informatie en detecteren van opportuniteiten. Zo kan je deze informatie en opportuniteiten matchen met de thema s die je als organisatie graag Europees zou ontwikkelen. Dit hoofdstuk besteedt aandacht aan welke informatie er moet opgevolgd worden, waar een organisatie opportuniteiten vindt en hoe je zelf kansen creëert. We beschrijven daarnaast ook een aantal tools die SE-ondernemingen ondersteunen in de permanente screening en detectie van opportuniteiten. De uitkomst van deze fase en dus de overgang naar fase 3 - is dat je de nodige elementen bij elkaar krijgt om de stap te zetten naar het aanvragen van een Europees project. Deze elementen zijn: een Europees subsidieoproep (of minimaal een geschikt subsidieprogramma) gedetecteerd hebben, een al enigszins uitgewerkt projectidee, een promotor plus mogelijks reeds een aantal partners (indien nodig voor de beoogde subsidieoproep) en iemand die het dossier zal uitschrijven. Verschillende rollen kunnen hierbij samenvallen. 2.1 HET BOS EN DE BOMEN... IN WELKE EU-SUBSIDIEPROGRAMMA S KAN IK MIJN PROJECTIDEE REALISEREN? Een eerste reactie bij EU-subsidieprogramma s is vaak dat men door het bos de bomen niet meer ziet. Er zijn te veel subsidieprogramma s die allemaal op een verschillende manier functioneren. Agentschappen, contactpunten en experten op Europees en Vlaams niveau sturen heel wat informatie, bieden verschillende diensten aan, Het valt niet te ontkennen: EU-subsidieprogramma s, en de machinerie errond, zijn complex. Mits voldoende voorselectie, door een juiste stroomlijning en duiding van informatie en het inroepen van de juiste expertise, is het zeker mogelijk voor een SE-onderneming om een geschikt EUsubsidieprogramma en -oproep te vinden EU-SUBSIDIEPROGRAMMA S: HOE WERKEN ZE? Er zijn heel wat Europese subsidiefondsen en een aanzienlijk deel 1 van de uitgaven van de Europese Unie is bestemd voor deze fondsen. Het zijn financieringsmogelijkheden voor SEondernemingen, vzw s, bedrijven, overheden en onderzoekers. Ze zijn bedoeld om de doelstellingen te realiseren die zijn vastgelegd voor de verschillende beleidsdomeinen van de EU. Binnen deze doelstellingen besteedt de EU veel aandacht aan thema s die van belang zijn voor de sociale economie: tewerkstelling, innovatie, opleiding, training en kwaliteitszorg, klimaat, energie, mobiliteit én sociaal ondernemerschap. 2 Deze thema s worden weerspiegeld in de EU-subsidieprogramma s. Dit betekent dat er kansen zijn voor SE-ondernemingen binnen deze fondsen. Maar hoe vind je als organisatie je weg in deze verschillende fondsen? Hoe weet je welke fondsen je het beste opvolgt en hoe bereid je je voor op een interessante call? 1 De Europese begroting voorziet 960 miljard euro, waarvan naar schatting 35% tot 50% procent ingezet wordt in diverse subsidieprogramma s. 2 Europa heeft op verschillende domeinen impact op de sociale economie. Analyse op p. 10 van 45

11 DE SUBSIDIEPROGRAMMA S TOEGELICHT PROGRAMMAPERIODE Het kader van alle subsidieprogramma s is vastgelegd voor een periode van zeven jaar: Per subsidieprogramma legt een financieringsprogramma de prioriteiten, doelstellingen, doelgroepen, het budget en de technische aspecten vast voor deze zeven jaar. VERSCHILLENDE SOORTEN EU SUBSIDIEPROGRAMMA S Er zijn verschillende soorten EU subsidieprogramma s: De Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF) zijn gefocust op socioeconomische ontwikkeling. Deze programma s werken volledig gedecentraliseerd en worden voornamelijk aangevraagd op Vlaams of provinciaal niveau. Tot deze fondsen horen ESF, EFRO en het fonds voor Plattelandsontwikkeling (PDPO III). De thematische programma s worden Europees opgesteld, gelden voor de gehele EU en worden dus centraal beheerd. Deze fondsen worden direct bij de EU aangevraagd. Het gaat onder andere om EaSI, Horizon2020 en het Europa-voor-de-Burgerprogramma. De gemengd gecentraliseerde/gedecentraliseerde fondsen. Dit zijn subsidieprogramma s die gedeeltelijk door de EU en gedeeltelijk door Vlaanderen worden beheerd. Erasmus+ en AAL zijn voorbeelden hiervan. OPERATIONELE PROGRAMMA S EN WERKPROGRAMMA S De operationele programma s en de werkprogramma s vertalen de hierboven vernoemde financieringsprogramma s naar concrete acties. Operationele programma s worden opgemaakt door de lidstaten/regio s voor de structuur- en investeringsfondsen. Werkprogramma s worden opgemaakt door de Europese Commissie voor de thematische en gemengd gecentraliseerde/gedecentraliseerde fondsen: Operationele programma s: het kader van de structuur- en investeringsfondsen wordt bepaald op niveau van de Europese Commissie. De concrete omzetting gebeurt op lidstaat- en regioniveau in de operationele programma s. Deze operationele programma s belopen de volledige periode Werkprogramma s: worden meestal jaarlijks gepubliceerd gedurende de periode In deze programma s kondigt men aan welke oproepen er zullen verschijnen, welke prioriteiten er zullen gelden, wat het budget wordt, PROGRAMMA S EN PROGRAMMAONDERDELEN Onder één programma zijn soms heel wat acties mogelijk: EU-programma s bestaan vaak uit verschillende onderdelen, sub programma s of programmaonderdelen. Dit zijn specifieke subsidiemogelijkheden binnen het overkoepelende programma met eigen budgeten, inhoudelijke prioriteiten, subsidieerbare acties en subsidieoproepen (en dus deadlines). SUBSIDIEOPROEPEN Wanneer de subsidieoproep wordt gepubliceerd, kan een organisatie hierop een projectvoorstel indienen. Let op de ultieme indieningsdatum. Elke aanvraag die na dit moment ingestuurd wordt is onherroepelijk niet subsidieerbaar. Zonder het belang van deze oproepen te onderschatten, is de informatie die in deze oproepen verschijnt meestal al bekend in de werkprogramma s. PARTNER SEARCH Partner search maakt formeel gezien geen deel uit van de cyclus van een Europese subsidieoproep. In de praktijk is het dikwijls echter een essentieel onderdeel, als de oproep vereist dat het project een samenwerking vereist tussen organisaties uit meerdere Europese lidstaten. Het aantal partners/partnerlanden en hun aard (lokale/regionale/nationale overheid, koepel, for-profit/not-for-profit onderneming, research, onderwijs/opleidingsinstelling, ) wordt vastgelegd in de subsidieoproep. Als een organisatie in haar netwerk niet de juiste p. 11 van 45

12 partners vindt wat meestal het geval is dan kan deze via een officieuze partner search gezocht worden. Omgekeerd kan je ook ingaan op een partner search oproep die voldoende aanleunt bij je eigen projectambities. Ondersteuners helpen je bij het zoeken naar de juiste partners (bijlage 1 bij dit hoofdstuk) en mogelijk adviseren ze je om een partner search template in te vullen waarin je je projectconcept beschrijft (bijlage 2 bij dit hoofdstuk). INHOUDELIJKE KENMERKEN Belangrijke kenmerken van Europese subsidies zijn: EU-subsidieprogramma s zijn gestoeld op Europees beleid en Europese beleidsprioriteiten. Elk programma heeft duidelijk omlijnde doelstellingen en je project moet binnen deze doelstellingen passen. EU-projecten zijn over het algemeen transnationaal: je werkt bijna altijd samen met Europese partners (ESF, EFRO Vlaanderen en het plattelandsprogramma zijn hierop uitzonderingen). Een Europees samenwerkingsverband wordt soms ook een consortium genoemd en het wordt geleid door de projectpromotor. Dit is de formele indiener van het project en hij is ten aanzien van de subsidiegever de enige inhoudelijke, juridische en financiële contractant voor het project. De promotor kan op zijn beurt overeenkomsten afsluiten met de projectpartners, al zijn deze niet zo makkelijk juridisch afdwingbaar. Europa hecht zeker vanaf de nieuwe programmaperiode groot belang aan de impact van het project: hoe garandeer je dat de projectresultaten, eenmaal het project is afgelopen, gebruikt en verduurzaamd kunnen worden? Elk project hoe miniem of omvangrijk ook moet aandacht hebben voor disseminatie. De projectresultaten moeten actief verspreid worden en beschikbaar zijn voor iedere geinteresseerde. De projectresultaten zijn geen eigendom van de projectpartners, maar van de subsidiegever. FINANCIËLE KENMERKEN Europese middelen zijn altijd projectmatig. Er wordt meestal aangegeven welk het maximum subsidiebedrag per projectaanvraag kan zijn. Enkel de ontvankelijke kosten zijn financierbaar. De omschrijving van wat tot de ontvankelijke kosten hoort, kan je lezen bij de subsidieoproep en in de programmagids (die meestal bij het subsidieprogramma hoort en bedoeld is voor de projectindieners). Een aantal subsidieprogramma s werken met forfaitaire vergoedingen wat de bewijslast fel vermindert. De meeste programma s bieden slechts cofinanciering voor een bepaald percentage van de projectkost. Van de ingediende projectbegroting wordt dus slecht een vooraf bepaald percentage gesubsidieerd. Het percentage kan variëren van 30% tot 100% van de projectbegroting. De eigen financiële inbreng kan soms maar niet steeds gebeuren via de inzet van arbeidstijd of via andere subsidies. De meeste programma s verwachten een gedeeltelijke prefinanciering. Er wordt meestal wel een voorschot voorzien, maar de eindafrekening volgt pas na goedkeuring van het afrekeningsdossier OVERZICHT VAN DE RELEVANTE SUBSIDIELIJNEN VOOR DE SOCIALE ECONOMIE Op deze website vind je een toegankelijk overzicht van alle relevante EU-programma s voor de brede socialprofitsector. Per EU-subsidieprogramma vind je op een aparte pagina de betekenis van de programma s voor de socialprofit ondernemingen, je vindt er de doelstellingen en technische informatie over hoe het programma functioneert. Voor de programma s met een directe betekenis voor de sociale economie - ze worden hierna besproken - maken we een extra analyse over het belang van het EU-programma voor een SE-onderneming: we geven aan voor welke thema s de SE bij dit programma terecht kan en welke activiteiten er binnen het programma gefinancierd kunnen worden. Aan de hand van de analyse over het belang van het EU-programma voor de SEondernemingen, kan je zelf een inschatting maken of het programma potentieel interessant is voor jouw organisatie. Op deze wijze kan je één of meerdere interessante subsidielijnen p. 12 van 45

13 detecteren en van dichtbij opvolgen. Zo zal je alvast een beperktere maar juiste filter van subsidieoproepen bekomen, zodat kansen niet aan jou voorbij gaan in de veelheid van andere oproepen. Deze opportuniteiten vind je in de werkprogramma s, de subsidieoproepen, events en partnersearchoproepen. Hieronder geven we een alfabetisch overzicht van de programma s met relevantie voor de sociale economie met de analyse over het belang van het EU-programma voor de SE ondernemingen. Dit overzicht is tevens te vinden op deze webpagina. AAL Active and Assisted Living - Een nieuw ondernemingsdomein voor innovatieve ondernemingen uit de sociale en coöperatieve economie? Het AAL-programma lijkt op het eerste zicht geen voor de hand liggend programma voor de sociale economie, maar het thema 'kwalitatieve zorg voor ouderen via technologische innovatie' past natuurlijk wel perfect in de missie en het ondernemingsmodel van deze bedrijven. Bovendien zijn tal van SE-ondernemingen onder meer binnen de lokale diensteneconomie al actief in de zorgsector. Het AAL-programma kan dus zonder meer een sterke hefboom worden voor innovatieve sociale ondernemers die op deze sociaal en economisch belangrijke toekomstmarkt actief willen zijn. Er zijn mogelijkheden als investeerder in de ontwikkeling van nieuwe zorgtechnologie, als individuele onderneming of via een consortium van sociale ondernemingen en diverse partners. We raden aan enkel als partner aan dit programma deel te nemen of binnen Vlaanderen samenwerking te zoeken met bijvoorbeeld een universiteit of overheid. COSME Programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en kmo s Uitbouw van duurzaam toerisme via COSME: een opportuniteit voor de sector Bepaalde SE-ondernemingen zijn actief in het beheer van fiets- en wandelnetwerken, in duurzaam toerisme of streekontwikkeling. Voor deze groep loont het zeker de moeite om het toerismeluik van het COSME-programma nader te bekijken, aangezien tot de klemtonen van COSME onder meer sociaal toerisme, ICT-toepassingen in toerisme en de uitbouw van duurzaam toerisme behoren. Het programma heeft daarnaast ook aandacht voor de promotie van de sociale economie en het sociaal ondernemerschap, maar dan via de ondersteuning van conferenties en studies. Hierin liggen eventueel opportuniteiten voor de sociale economie als sector. We raden aan enkel als partner aan dit programma deel te nemen of binnen Vlaanderen samenwerking te zoeken met bijvoorbeeld een universiteit of overheid. COSME Erasmus voor jonge ondernemers Nieuwe ondernemers binnen de sociale economie kunnen een uitwisseling organiseren met een ervaren ondernemer uit een ander EU-land. Creatief Europa Artistieke producten en diensten van de sociale en coöperatieve economie Ook al heeft dit programma wellicht geen direct belang voor het geheel van de sociale economie, toch loont het misschien de moeite voor specifieke ondernemingen om de mogelijkheden die het biedt nauwkeuriger te doorlopen. Het gaat dan bijvoorbeeld om kringloopbedrijven die met creatief en artistiek hergebruik van materialen bezig zijn of de coöperatieve multimediabedrijven. EaSI Europees Programma voor Tewerkstelling en Sociale Innovatie De thema's die behandeld worden binnen EaSI, het programma voor Tewerkstelling en Sociale Innovatie, zijn uitermate relevant voor de sociale economie. EaSI richt zich in eerste instantie op dataverzameling, onderzoek naar sociale innovatie, sociale inclusie en beleidshervorming. Als ondernemingen uit de sociale economie toegang willen tot dit programmaluik dan zal het dus eerder zijn als partner, met bijvoorbeeld het uittesten van innovatieve methodieken en tools als specifieke rol. Daarnaast ondersteunt EaSI ook projecten die innovatieve activiteiten opzetten rond de grootste Europese uitdagingen inzake werkgelegenheid en sociale inclusie: de jongerenwerkloosheid en de inclusie van de meest kwetsbare groepen. Dit zijn domeinen waarin SE-ondernemingen bijzonder actief en ervaren zijn. We raden aan enkel als partner aan dit programma deel te nemen of binnen Vlaanderen samenwerking te zoeken met bijvoorbeeld een universiteit of overheid. p. 13 van 45

14 EEEF Europees Energie Efficiëntie Fonds Een mogelijk energiepartnerschap tussen SE ondernemingen en overheden Organisaties uit de sociale economie kunnen niet rechtstreeks een beroep doen op dit fonds, dat bedoeld is voor overheden. SE-ondernemingen kunnen uiteraard wel betrokken worden in de uitvoering van projecten rond energie-efficiëntie. EEEF is onder meer een stimulans en een opportuniteit voor SE-ondernemingen actief in de bouwsector, in klimaatwijken, alternatieve energie of alternatieve mobiliteit. Zij kunnen het initiatief nemen om overheden te overtuigen nieuwe samenwerkingen rond energieefficiëntie op te zetten. EFRO - Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling EFRO als hefboom voor een dynamische sociale economie Het EFRO-programma focust op economische ontwikkeling en werkgelegenheid. Afhankelijk van de sub programma s zit daar een sociale invalshoek aan. Dit programma bevat dus veel kansen voor de sociale economie. EFRO heeft al enige bekendheid in de sector en SEondernemingen die activiteiten (willen) ontwikkelen binnen de volgende thema's maken bovendien meer kans: koolstofarme economie, milieu en hulpbronnen, kenniseconomie en innovatie. Het is uiteraard belangrijk om als onderneming of groep van ondernemingen (consortium) nauwkeurig de diverse sub programma s te analyseren. Deze sub programma s zijn regionaal (EFRO Vlaanderen), grensoverschrijdend of transnationaal (Interreg). Elk sub programma legt eigen accenten. ERASMUS+ - Europees programma voor onderwijs en opleiding, jeugd en sport Erasmus+ bevat heel wat mogelijkheden voor organisaties binnen de sociale economie. Binnen Erasmus+ Leonardo da Vinci, kan bijvoorbeeld ingezet worden op de optimalisering van de kennis en vaardigheden van de medewerkers en op de verbetering van de interne werking van de organisatie om zo een betere ondersteuning te bieden aan de cliënten. Daarnaast kunnen ook projecten worden ontwikkeld met het oog op het verhogen van de arbeidsvaardigheden van de cliënten. Binnen Erasmus+ Youth in Action is er ook aandacht voor jongerentewerkstelling. ESF Europees Sociaal Fonds Naar een sterkere deelname aan het ESF door de sociale economie? Ondernemingen uit de sociale economie hebben ondertussen al een zekere ervaring met het ESF. Toch zou de sector zich nog intensiever op dit programma kunnen toespitsen. Het Europees Sociaal Fonds richt zich immers op werkgelegenheid en is dus inhoudelijk en strategisch zeer nuttig en relevant voor acties binnen de sociale economie. Bovendien heeft het ESF bijzondere aandacht voor projectvoorstellen gericht naar kansengroepen en beoogt het ook het bevorderen van de sociale economie. Europa voor de Burger Dit programma heeft geen directe betekenis voor de sociale economie, maar kan wel een extra opleveren voor ondernemingen die tijd en ruimte hebben en het systeem goed beheersen. Er kunnen immers heel uiteenlopende thema's aan bod komen in het Europa-voor-de- Burgerprogramma. In samenwerking met een lokale overheid zou bijvoorbeeld een uitwisseling met andere Europese gemeentes kunnen worden georganiseerd rond werkgelegenheid. Horizon Sociale en coöperatieve ondernemingen als partner in dit sleutelprogramma van de EU. Er zijn zeker thema's binnen het Horizon2020-programma die relevant zijn voor de sociale economie, maar het programma is zeer gericht op innovatief/wetenschappelijk onderzoek met toepassingen die vaak nog ver afstaan van onmiddellijke (markt)toepassingen. Wanneer een sociale onderneming deelneemt aan een project gefinancierd door Horizon 2020, dan is het aan te raden dit enkel als partner te doen of binnen Vlaanderen samenwerking te zoeken met bijvoorbeeld een universiteit of overheid. LIFE Nieuw Life voor milieuondernemingen Dit programma biedt vooral kansen voor sociale-economieprojecten die actief zijn in natuurbehoud en de verbetering van de leefomgeving. Bovendien is er binnen het programma oog p. 14 van 45

15 voor de sociaal-economische effecten van de projecten buiten de verwachte impact op het milieu, zoals werkgelegenheid. We raden aan enkel als partner aan dit programma deel te nemen of binnen Vlaanderen samenwerking te zoeken met bijvoorbeeld een universiteit of overheid. PDPO III Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling De maatregelen die erop gericht zijn om de sociale inclusie, armoedebestrijding en economische ontwikkeling te ondersteunen zijn zeker interessant voor de sociale economie. Deze zijn namelijk onder andere gericht op de creatie van werkgelegenheid en de socioeconomische ontwikkeling van plattelandsgebieden CONTACTPUNTEN EN SUBSIDIEAGENTSCHAPPEN Afhankelijk van het niveau (Europees, regionaal of provinciaal) waarop de subsidiekanalen worden beheerd, bestaan er agentschappen en contactpunten per subsidieprogramma. Elk subsidieprogramma heeft in elke lidstaat één of meerdere contactpunten. Ze zijn een informatiepunt van de Europese Commissie. In België zijn er meestal contactpunten per regio. Deze contactpunten organiseren vaak informatiesessies en je kan er informatie inwinnen over het betreffende programma en subsidieoproepen. De subsidieagentschappen beheren een bepaald subsidieprogramma. De subsidieagentschappen beslissen over de al dan niet goedkeuring van een project. Voor de structuur- en investeringsfondsen en andere gedecentraliseerde programma s valt het contactpunt meestal samen met de subsidieagentschappen. Deze Vlaamse subsidieagentschappen (bijvoorbeeld EPOS en JINT voor Erasmus+, ESF-agentschap Vlaanderen, ) zijn meestal toegankelijker dan hun Europese collega-agentschappen. Bovendien is de prioritering binnen de EU-subsidieprogramma s ook veel meer vertaald en in contact met de Vlaamse realiteit. De Vlaamse subsidieagentschappen kunnen ook ver gaan in het ondersteunen van projectaanvragen. Het indienen van projecten is hierdoor vaak eenvoudiger en kan soms ook in het Nederlands gebeuren (indien er geen internationale samenwerking noodzakelijk is). Voor de programma s die volledig Europees worden beheerd zijn er de Europese subsidieagentschappen. Veelal besteedt de Europese Commissie dit werk uit naar aparte uitvoerende agentschappen ( executive agencies ). Je kan deze agentschappen ook contacteren voor informatie, al blijven hun antwoorden in vele gevallen zeer algemeen (bijvoorbeeld vragen kunnen uitsluitend via gesteld worden en voor antwoorden wordt naar FAQ s verwezen). Wanneer je informatie wilt inwinnen over een specifiek programma of wanneer je beslist hebt een project te ontwikkelen binnen dit programma, is het een must met deze instanties contact op te nemen. Echter, elk contactpunt/subsidieagentschap heeft vooral kennis over het eigen programma, maar heeft veelal geen zicht op belendende programma s of op het volledige plaatje van Europese subsidieprogramma s gericht naar een welbepaalde sector, zoals bijvoorbeeld de Sociale Economie. Voor een analyse van de meest geschikte subsidieprogramma s voor jouw projectidee, doe je beter een beroep op andere instanties die wel een overzicht hebben op alle mogelijke subsidieprogramma s, zoals vleva, Kenniscentrum Sociaal Europa of de provincies. Een beschrijving van de precieze dienstverlening van deze organisaties, vind je in bijlage 1 bij dit hoofdstuk BESLUIT: EEN GEPASTE EU CALL? Binnen het EU-beleid is er heel wat aandacht voor thema s die ook voor de sociale economie prioritair zijn (onder andere tewerkstelling, innovatie, opleiding, training en kwaliteitszorg, klimaat, energie, mobiliteit én sociaal ondernemerschap). Deze beleidsdomeinen worden weerspiegeld in de Europese fondsen, waardoor er dus heel wat kansen zijn voor de SEondernemingen binnen deze fondsen. Eenmaal je één of meerdere subsidielijnen hebt gespot die voor je organisatie interessant kunnen zijn, is het belangrijk de actualiteit van deze subsidielijn op te volgen, zodat je de opportuniteiten detecteert: werkprogramma, subsidieoproep, events en partnersearchoproepen. p. 15 van 45

16 Het is eenvoudiger deze fondsen op te volgen wanneer je als organisatie één of meerdere ideeën afbakent die je graag Europees wilt ontwikkelen. Enerzijds maakt dit de screening van de informatie eenvoudiger. Anderzijds kan je maar een succesvol Europees project ontwikkelen wanneer je een match vindt tussen de eigen organisatiedoelstellingen en de Europese beleidsprioriteiten. In dat geval bestaat er immers ook een draagvlak op verschillende niveaus binnen je organisatie om rond deze thematiek te leren en te experimenteren en de projectresultaten te implementeren. In het volgende hoofdstuk gaan we in op de verschillende onderdelen van een projectidee. 2.2 SUBSIDIEOPROEPEN KOPPELEN AAN PROJECTIDEEËN Om gericht de Europese fondsen op te volgen is het noodzakelijk dat je weet welk soort project je wil ontwikkelen. Kijk je eerder richting een vorming voor je personeel, wil je een innovatieve productietechniek uitwerken of wil je nieuwe samenwerkingsvormen opzetten met een voor de sociale economie onbekende sector? Ben je als organisatie klaar om een groot project te coördineren of stap je liever in een kleiner uitwisselingsproject om je Europees netwerk uit te bouwen? Afhankelijk van de antwoorden op deze vragen zijn er verschillende Europese fondsen die voor je organisatie interessant kunnen zijn. Het is belangrijk hierin als organisatie een positie te bepalen om het opvolgen van EU-fondsen makkelijker te maken. Deze positie kan uiteraard over tijd wijzigen EEN PROACTIEVE HOUDING: ZELF EEN PROJECTIDEE EUROPA INSTUREN Sommige organisaties hebben een concreet idee dat ze willen ontwikkelen met steun van Europese fondsen en/of samen met Europese partners. Het is belangrijk dit projectidee duidelijk te omschrijven, zodat er binnen de organisatie eensgezindheid is over het project, het duidelijk kan gecommuniceerd worden naar potentiële Europese partners en het te matchen valt met één of meerdere EU subsidieprogramma s. Het projectidee wordt best in het Engels omschreven: Titel, EU programme, Project idea, Activities, Een template om je projectidee te beschrijven vind je in bijlage bij dit hoofdstuk. Daarna moet je projectidee uiteraard uitgestuurd worden naar potentiële Europese partners. Je kan hiervoor beroep doen op vleva, Kenniscentrum Sociaal Europa, de contactpunten van de Europese subsidieprogramma s of de provincies maar ook bijvoorbeeld Europese koepels die in jouw sector actief zijn, zie DE KAT UIT DE BOOM KIJKEN: AANSLUITING VINDEN BIJ EEN EUROPEES CONSORTIUM Misschien is er binnen jouw organisatie nog geen duidelijk afgebakend projectidee of heb je niet de middelen om zelf een Europees project te trekken? Dit betekent niet dat je geen toegang kunt krijgen tot Europese projecten. Een SE-onderneming kan aansluiting proberen te vinden bij andere projecten, gelanceerd door een Europese collega. Het voordeel hierbij is dat je als organisatie niet de leidende rol hebt, wat inhoudt dat je heel wat minder werk en tijd moet investeren in de ontwikkeling van het project. Een nadeel is dat je compromissen zal moeten sluiten in de inhoudelijke uitwerking. Je kan het project dus minder sturen richting de eigen organisatiedoelstellingen. Deze werkwijze is natuurlijk alleen maar van toepassing in projecten waar meerdere partners nodig zijn en waar er reeds een promotor is die het project zal indienen en indien goedgekeurd zal leiden. HOE DOE JE DIT? Een belangrijke hulp zijn de partnersearch-oproepen. Europese organisaties die aan een projectidee werken en die nog op zoek zijn naar partners versturen via verschillende kanalen een oproep om nog geschikte partners te vinden. Je vindt deze partnersearch-oproepen p. 16 van 45

17 onder andere via de websites van contactpunten gelinkt aan EU-programma s, regiobureaus 3, de websites van vleva en Kenniscentrum Sociaal Europa. Een andere mogelijkheid is om actief aanwezig te zijn op informatiesessies, workshops en netwerken die in het kader van verschillende subsidieoproepen worden georganiseerd (zie ook hoofdstuk 3 hieronder). Zo vergroot je je Europees netwerk en leer je verschillende organisaties kennen, die ook kennis kunnen nemen van jouw expertise. 2.3 MET WIE WIL JE SAMENWERKEN - PROMOTOR & PARTNERS Naast een subsidieoproep en een projectidee, is meestal een consortium van partners een noodzakelijk element om een EU-project in te dienen. De meeste Europese fondsen vragen namelijk een partnerschap dat is samengesteld uit organisaties uit verschillende EU-landen. Voor ESF, EFRO Vlaanderen, PDPO heb je in de regel geen buitenlandse partners nodig. De informatie hierna is dus niet van toepassing voor projecten binnen deze programma s. Als SE-onderneming kan je ervoor kiezen als promotor of partner aan de slag te gaan. Indien je voor de eerste keer deelneemt aan een Europees project, is het aan te raden deel te nemen als partner, zeker voor projecten met een omvangrijk partnerschap en budget. Als promotor kan je de richting bepalen van een project, maar heb je veel werk met projectbeheer en het aansturen van de partners. Als partner heb je vooral een inhoudelijke rol en kan je het reilen en zeilen van een Europees project stap voor stap leren kennen HOE VIND JE DE JUISTE PARTNERS? Een succesvol EU-project heeft goede partners nodig. Er moet nauw worden samengewerkt, dikwijls gedurende verschillende jaren, in een context die de samenwerking bemoeilijkt (taalbarrière, afstand, een verschillende sociale, culturele en organisatorische context, ). Daarom kan het nuttig zijn te investeren in een sterk netwerk alvorens in te schrijven op Europese projecten, zodat je aan de slag kan met stabiele en structurele partnerschappen. Een aantal kenmerken van goede partners 4 : Geëngageerd, betrouwbaar, flexibel en enthousiast, zowel op niveau van de algemene leiding als de uitvoerende projectverantwoordelijken. Een actieve deelname aan elk deel van het project. Het project moet ook voor de projectpartners een substantiële inhoudelijke meerwaarde bieden (niet participeren alleen maar om het project an sich). Een goede financiële basis en een sterke administratieve backoffice (om projectactiviteiten te pre-financieren, co-financieren en administreren). Expertise en vaardigheden die een meerwaarde betekenen voor de inhoud en beheer van het project. Beperkt personeelsverloop. Continuïteit van de projectmedewerker bij de partner is zeker belangrijk, maar kan uiteraard niet gegarandeerd worden. Het engagement van de directie om in alle gevallen de continuïteit te waarborgen is daarom essentieel. Ervaring met (Europese) projectwerking. Het opzetten van een sterk Europees netwerk is niet eenvoudig, zeker wanneer een organisatie uit het niets moet beginnen. Hieronder worden een aantal tips gegeven om (structurele) partnerschappen zelf op te zetten en uit te bouwen op Europees niveau: Bij de lancering van een subsidieoproep worden er vaak infosessies georganiseerd door de verantwoordelijke agentschappen (zowel op Vlaams als Europees niveau). Ga hier zeker naartoe, niet enkel om meer informatie te krijgen over de call en om je projectidee 3 Meer dan 250 Europese regio s en grote steden zijn fysiek aanwezig in Brussel door middel van een regiobureau. In meer of mindere mate zijn deze alle actief in Europese projecten en proberen ze de organisaties en overheden van hun regio in Europese projecten te betrekken. Deze regiobureaus kunnen de aangewezen tussenpersoon zijn. 4 Presentatie Stefan Helsen (SPK Kempen) Europese projecten Hoe eraan beginnen en hoe deze tot een goed einde brengen? p. 17 van 45

Europese subsidies voor de Sociale Economie

Europese subsidies voor de Sociale Economie Europese subsidies voor de Sociale Economie Kader en functioneren van Europese subsidies Hoe werken EU subsidies? 1 EU BELEIDSKADER BEPALEND VOOR DE INHOUD SUBSIDIEPROGRAMMA S (1) Europa 2020 doelstellingen

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Hoe een EU project ontwikkelen?

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Hoe een EU project ontwikkelen? Europese subsidies voor de Sociale Economie Hoe een EU project ontwikkelen? VIJF FASES BIJ HET INDIENEN VAN EEN EUROPEES PROJECT Fase 1: Interne voorwaarden in de organisatie: investeren in een projectomgeving

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies Europese subsidies voor de Sociale Economie Kader en functioneren van Europese subsidies Hoe werken EU subsidies? EU BELEIDSKADER BEPALEND VOOR DE INHOUD SUBSIDIEPROGRAMMA S (1) Thema s van belang voor

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Kader en functioneren van Europese subsidies Europese subsidies voor de Sociale Economie Kader en functioneren van Europese subsidies Hoe werken EU subsidies? EU BELEIDSKADER BEPALEND VOOR DE INHOUD SUBSIDIEPROGRAMMA S (1) Thema s van belang voor

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Hoe uw Europees project ontwikkelen?

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Hoe uw Europees project ontwikkelen? Europese subsidies voor de Sociale Economie Hoe uw Europees project ontwikkelen? Project in samenwerking met in C, de ondersteuningsstructuur voor de sociale economie en gefinancierd door de Vlaamse overheid

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Hoe uw Europees project ontwikkelen?

Europese subsidies voor de Sociale Economie. Hoe uw Europees project ontwikkelen? Europese subsidies voor de Sociale Economie Hoe uw Europees project ontwikkelen? Project in samenwerking met in C, de ondersteuningsstructuur voor de sociale economie en gefinancierd door de Vlaamse overheid

Nadere informatie

Europese subsidies voor de Sociale Economie Hoe uw Europees project ontwikkelen?

Europese subsidies voor de Sociale Economie Hoe uw Europees project ontwikkelen? Europese subsidies voor de Sociale Economie Hoe uw Europees project ontwikkelen? Project in samenwerking met in C, de ondersteuningsstructuur voor de sociale economie en gefinancierd door de Vlaamse overheid

Nadere informatie

Europese projecten in de praktijk. Maandag 8 december, Provincie West-Vlaanderen

Europese projecten in de praktijk. Maandag 8 december, Provincie West-Vlaanderen Europese projecten in de praktijk Maandag 8 december, Provincie West-Vlaanderen Europese projecten in de praktijk Waarom een Europees project? Hoe begin je aan een Europees project? Hoe stel je de aanvraag

Nadere informatie

Europese subsidies en de sociale economie

Europese subsidies en de sociale economie Europese subsidies en de sociale economie Tewerkstelling van vluchtelingen binnen de sociale economie 24 Mei 2016 Agenda 14:00 Welkom 14:15 Inleiding: Wie zijn de vluchtelingen? Quentin Callens, Agentschap

Nadere informatie

ons kenmerk DIR/EUI/U201401037 Lbr. 14/037

ons kenmerk DIR/EUI/U201401037 Lbr. 14/037 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad informatiecentrum tel. (070) 373 8393 betreft Dienstverlening Directie Europa VNG uw kenmerk ons kenmerk DIR/EUI/U201401037 Lbr. 14/037 bijlage(n) datum

Nadere informatie

FUNCTIEFAMILIE 5.3 Projectmanagement

FUNCTIEFAMILIE 5.3 Projectmanagement Doel van de functiefamilie Leiden van projecten en/of deelprojecten de realisatie van de afgesproken projectdoelstellingen te garanderen. Context: In lijn met de overgekomen normen in termen van tijd,

Nadere informatie

Raamcontract: het ei van Columbus? Juni 2009

Raamcontract: het ei van Columbus? Juni 2009 Juni 2009 2 Situering Eurodesk Oprichting van de EURODESK op 1 januari 2006 kadert in de groeiende bewustwording in de stad van de invloed van Europa Informatie en expertise rond Europese thema s die van

Nadere informatie

EU subsidies voor KRW opgaven

EU subsidies voor KRW opgaven EU subsidies voor KRW opgaven Themabijeenkomst op 26 november 2015 Govert Kamperman en Wimjan van der Heijden Waar staan we bij stil Kerndoelstellingen Europa Europa 2020-strategie EU subsidies, waar begint

Nadere informatie

Europese Structuurfondsen Betty De Wachter

Europese Structuurfondsen Betty De Wachter Europese Structuurfondsen Betty De Wachter Politieke Academie 2013 Europese cohesiebeleid Doel: economische, sociale en territoriale samenhang of cohesie in de Europese Unie Principes: ontwikkeling herverdeling

Nadere informatie

Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma

Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma Departement Economie, Wetenschap en Innovatie Afdeling Strategie en Coördinatie Koning Albert II-laan 35 bus 10 1030 Brussel

Nadere informatie

Barones Monique van Oldeneel tot Oldenzeel - Venture Philantropy FAQ. Selectiecriteria

Barones Monique van Oldeneel tot Oldenzeel - Venture Philantropy FAQ. Selectiecriteria Barones Monique van Oldeneel tot Oldenzeel - Venture Philantropy FAQ 1. Kandidaten Kan een feitelijke vereniging zich kandidaat stellen? Kan een coöperatieve die werkt met de waarden van de sociale economie

Nadere informatie

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo

Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo Cultura Creative (RF) / Alamy Stock Photo DE EUROPESE STRUCTUUR- EN INVESTERINGSFONDSEN (ESI-FONDSEN) EN HET EUROPEES FONDS VOOR STRATEGISCHE INVESTERINGEN (EFSI) HET VERZEKEREN VAN COÖRDINATIE, SYNERGIEËN

Nadere informatie

Prioriteit 2. Versterken van het concurrentievermogen van kmo s. Oproep FICHE

Prioriteit 2. Versterken van het concurrentievermogen van kmo s. Oproep FICHE ESIF Doelstelling Investeren in groei en werkgelegenheid Operationeel programma EFRO Vlaanderen 2014 2020 Prioriteit 2. Versterken van het concurrentievermogen van kmo s Oproep FICHE Specifieke doelstelling

Nadere informatie

Europese projecten in de praktijk. Dinsdag 29 april 2014, PC Sint-Amandus

Europese projecten in de praktijk. Dinsdag 29 april 2014, PC Sint-Amandus Europese projecten in de praktijk Dinsdag 29 april 2014, PC Sint-Amandus Europese projecten in de praktijk Waarom een Europees project? Hoe begin je aan een Europees project? Hoe stel je de aanvraag op?

Nadere informatie

Dit moet gemotiveerd worden in het projectvoorstel en wordt mee beoordeeld bij de evaluatie.

Dit moet gemotiveerd worden in het projectvoorstel en wordt mee beoordeeld bij de evaluatie. 0 OP ESF Vlaanderen 2014-2020 FAQ oproep 315 Innovatie door adaptatie Prioriteit uit OP: 5 Innovatie en Transnationaliteit 1. Moeten de promotor en partners Vlaamse dienstverleners zijn? De promotor en

Nadere informatie

Dit moet gemotiveerd worden in het projectvoorstel en wordt mee beoordeeld bij de evaluatie.

Dit moet gemotiveerd worden in het projectvoorstel en wordt mee beoordeeld bij de evaluatie. 0 OP ESF Vlaanderen 2014-2020 FAQ oproep 315 Innovatie door adaptatie Prioriteit uit OP: 5 Innovatie en Transnationaliteit 1. Moeten de promotor en partners Vlaamse dienstverleners zijn? De promotor en

Nadere informatie

2. Worden laatstejaarsstudenten ook gezien als leden van de arbeidsbevolking?

2. Worden laatstejaarsstudenten ook gezien als leden van de arbeidsbevolking? 0 OP ESF Vlaanderen 2014-2020 FAQ oproep 311 Innovatie Prioriteit uit OP: 5 Innovatie en Transnationaliteit 1. Wat is de contractuele band tussen ESF Vlaanderen en de partner? ESF Vlaanderen heeft een

Nadere informatie

Startnotitie Digitaal Platform voor presentatie van het beste en mooiste van de Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking

Startnotitie Digitaal Platform voor presentatie van het beste en mooiste van de Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking Startnotitie Digitaal Platform voor presentatie van het beste en mooiste van de Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking Commissie Cultureel Verdrag Vlaanderen - Nederland Brussel, april 2014 CVN heeft

Nadere informatie

Projectoproep- en selectieprocedure

Projectoproep- en selectieprocedure ESIF Doelstelling Investeren in groei en werkgelegenheid Operationeel programma EFRO Vlaanderen 2014 2020 Projectoproep- en selectieprocedure 1. Algemeen In het kader van de uitvoering van het EFRO-programma

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

Erasmus+ Jeugd. Informatiebijeenkomst 20 januari 2014

Erasmus+ Jeugd. Informatiebijeenkomst 20 januari 2014 Erasmus+ Jeugd Informatiebijeenkomst 20 januari 2014 Erasmus+ Nieuwe EU-programma voor onderwijs, training, jeugd en sport 2014-2020 Youth in Action gaat samen met het onderwijsprogramma Leven Lang Leren

Nadere informatie

Inclusief onderwijs Maak het vanzelfsprekend!

Inclusief onderwijs Maak het vanzelfsprekend! 1 Projectoproep Inclusief onderwijs Maak het vanzelfsprekend! Deelnemingsformulier 2015 Hart voor Handicap streeft naar een warme en inclusieve samenleving. Een samenleving waar iedereen van tel is. Een

Nadere informatie

Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie

Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie B Projectoproep Kankerplan Actie 24 : Wetenschappelijke analyse in de onco-geriatrie Inleiding Deze projectoproep kadert binnen de verderzetting van Actie 24 van het Kankerplan: Steun aan pilootprojecten

Nadere informatie

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN

PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN PROVINCIERAAD VAN ANTWERPEN Vergadering van 28 mei 2015 Verslag van de deputatie Bevoegd deputatielid: Peter Bellens Telefoon: 03 240 52 40 Agenda nr. 10/1 Europa. Beheers- en uitvoeringsovereenkomst Samenwerkingsprogramma

Nadere informatie

Workshop consultants Europese fondsen 18 juni 2009

Workshop consultants Europese fondsen 18 juni 2009 Workshop consultants Europese fondsen 18 juni 2009 Inhoud Aanleiding Europees project Aanstelling consultant Verloop en knelpunten Evaluatie Aanleiding Europees project Herontwikkeling stationsomgeving:

Nadere informatie

Infosessie oproep 307. Opleidingen in bedrijven 20/02/2015

Infosessie oproep 307. Opleidingen in bedrijven 20/02/2015 Infosessie oproep 307 Opleidingen in bedrijven 20/02/2015 Oproep 307 Kader Wat Wie Hoe Wanneer Kader ESF Vlaanderen ESF = Europees Sociaal Fonds Subsidieagentschap in het domein Werk en Sociale Economie

Nadere informatie

Europa 2014-2020 voor gemeenten en provincies

Europa 2014-2020 voor gemeenten en provincies Europa 2014-2020 voor gemeenten en provincies Vincent Ketelaars ERAC B.V. Binnenlands Bestuur Europa-debat Houten, 21 november 2013 Inhoud van presentatie Indeling 1 Uw ervaringen in eerdere projecten?

Nadere informatie

SBO economisch programmadeel Handleiding voor de participatie van bedrijven (versie januari 2016)

SBO economisch programmadeel Handleiding voor de participatie van bedrijven (versie januari 2016) SBO economisch programmadeel Handleiding voor de participatie van bedrijven (versie januari 2016) 1. Situering van deze handleiding Voorliggende handleiding is bedoeld voor bedrijven die wensen betrokken

Nadere informatie

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ sformulier voor de projectvoorstellen. sformulier projectvoorstellen KFZ Callronde: Versie 14-02-13 Instelling: Naam project: 1) Algemeen Het beoordelingsformulier wordt gebruikt om de projectvoorstellen

Nadere informatie

COHESIEBELEID 2014-2020

COHESIEBELEID 2014-2020 GEÏNTEGREERDE TERRITORIALE INVESTERING COHESIEBELEID 2014-2020 De nieuwe wet- en regelgeving voor de volgende investeringsronde van het EU-cohesiebeleid voor 2014-2020 is in december 2013 formeel goedgekeurd

Nadere informatie

TUSSENTIJDSE EVALUATIE YOUTH in Action 2007 2013

TUSSENTIJDSE EVALUATIE YOUTH in Action 2007 2013 TUSSENTIJDSE EVALUATIE YOUTH in Action 2007 2013 In 2010 is het Europese programma Youth in Action halfweg. Het programma wordt door de Europese Commissie geëvalueerd. De Vlaamse Jeugdraad geeft zijn aanbevelingen

Nadere informatie

Programma Europadag van de Sociale Economie. donderdag 21 januari 2016 Elzenveld Antwerpen

Programma Europadag van de Sociale Economie. donderdag 21 januari 2016 Elzenveld Antwerpen Programma Europadag van de Sociale Economie donderdag 21 januari 2016 Elzenveld Antwerpen WEGWIJS OP ELZENVELD Plenair (voormiddag) vanaf 9u30 10u15 10u35 10u55 11u15 11u35 12u Auditorium Moderator Jos

Nadere informatie

Call 1: Meer Veerkracht, Langer Thuis

Call 1: Meer Veerkracht, Langer Thuis Call 1: Meer Veerkracht, Langer Thuis Programma voor alleenstaande ouderen met een beperking om hen langer zelfstandig te kunnen laten wonen, zonder verlies van kwaliteit van leven. Oproep tot het indienen

Nadere informatie

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Opbouw OP 2014-2020 OP 2014-2020 Prioriteit 1, loopbaanbeleid curatief, 8i (werkzaamheid); 8ii (werkzoekende jongeren); 8iii (ondernemerschap) Prioriteit 2,

Nadere informatie

Alleen organisaties met een culturele doelstelling en zonder winstoogmerk kunnen een aanvraag indienen.

Alleen organisaties met een culturele doelstelling en zonder winstoogmerk kunnen een aanvraag indienen. KUNSTPARTICIPATIE: OVER DEZE SUBSIDIE Met de programmalijn Kunstparticipatie wil het Fonds de vernieuwing van het aanbod van kunstbeoefening in de vrije tijd realiseren. Daarnaast wil het bijdragen aan

Nadere informatie

Van LLP Grundtvig naar Erasmus+

Van LLP Grundtvig naar Erasmus+ Van LLP Grundtvig naar Erasmus+ 2014-2020 Onder voorbehoud van officiële goedkeuring door het Europees Parlement, de Europese Raad en de Europese Commissie Versie 29-10-2013 Documenteigenaar Marissa van

Nadere informatie

Projectaanvraag implementatieproject

Projectaanvraag implementatieproject Aanvraag voor steun van Kom op tegen Kanker Projectaanvraag implementatieproject 1. Titel project. Projectvoorstel (in totaal niet meer dan 5 blz) a. Opzet Omschrijf het projectresultaat, het product,

Nadere informatie

Handleiding bij projectvoorstel Innovatie

Handleiding bij projectvoorstel Innovatie OP ESF Vlaanderen 2014-2020 Prioriteit uit OP: 5 Innovatie en Transnationaliteit Handleiding bij projectvoorstel Innovatie Analyse De bedoeling is dat je bij het beantwoorden van de vragen helder en to

Nadere informatie

WESTHOEK BUSINESS DISTRICT. een regionaal contactpunt voor bedrijven d.m.v. een officieel samenwerkingsverband

WESTHOEK BUSINESS DISTRICT. een regionaal contactpunt voor bedrijven d.m.v. een officieel samenwerkingsverband WESTHOEK BUSINESS DISTRICT een regionaal contactpunt voor bedrijven d.m.v. een officieel samenwerkingsverband AGENDA 1. Missie, doelstellingen en taakstellingen van Westhoek Business District 2. Inspirerende

Nadere informatie

Provinciale Staten van Noord-Holland

Provinciale Staten van Noord-Holland Provinciale Staten van Noord-Holland ` Voordracht Haarlem, Onderwerp: Kaderstelling Europabeleid door Provinciale Staten Inleiding Op 11 juni 2007 jl. is door de commissie FEPO de werkgroep Europa ingesteld.

Nadere informatie

Tussenstand OP EFRO Noord-Nederland 2014 2020. SNN PS bijeenkomst 25 juni Yvonne van Mastrigt

Tussenstand OP EFRO Noord-Nederland 2014 2020. SNN PS bijeenkomst 25 juni Yvonne van Mastrigt Tussenstand OP EFRO Noord-Nederland 2014 2020 SNN PS bijeenkomst 25 juni Yvonne van Mastrigt Noordelijke specialisatie in beeld Samengestelde behoeften Samengestelde oplossingen Achtertuin als proeftuin/

Nadere informatie

Samenwerken over sectoren heen

Samenwerken over sectoren heen Samenwerken over sectoren heen Inhoud In deze workshop wordt de betekenis en de meerwaarde van samenwerken tussen verschillende organisaties uitgewerkt. We schetsen hoe zo n samenwerking kan evolueren,

Nadere informatie

FAQ Saldoseminarie. Oproepen Mensgericht Ondernemen & Innovatie Vrijdag 4 oktober 2013 BRUSSEL

FAQ Saldoseminarie. Oproepen Mensgericht Ondernemen & Innovatie Vrijdag 4 oktober 2013 BRUSSEL FAQ Saldoseminarie Oproepen Mensgericht Ondernemen & Innovatie Vrijdag 4 oktober 2013 BRUSSEL VRAAG: Wat moeten we doen met de opmerkingen die in de goedkeuring gemaakt werden m.b.t. de kwaliteitsopstap

Nadere informatie

VERSLAG PROJECT EUROPESE SUBSIDIES STUURGROEP 19 JUNI 2014

VERSLAG PROJECT EUROPESE SUBSIDIES STUURGROEP 19 JUNI 2014 PROJECT EUROPESE SUBSIDIES Verslag Ref: N62m-14-03 Brussel, 10 juli 2014 VERSLAG PROJECT EUROPESE SUBSIDIES STUURGROEP 19 JUNI 2014 Aanwezig: Dany Neudt (De Punt), Jürgen Blondeel (Komosie), Karel Verhaeghe

Nadere informatie

Samenvatting van de partnerschapsovereenkomst voor Nederland, 2014-2020

Samenvatting van de partnerschapsovereenkomst voor Nederland, 2014-2020 EUROPESE COMMISSIE Samenvatting van de partnerschapsovereenkomst voor Nederland, 2014-2020 Algemene informatie De partnerschapsovereenkomst (PO) van Nederland is het overkoepelende strategische document

Nadere informatie

Infosessie Zorg 29 april 2014 Europese subsidieprogramma s 2014-2020

Infosessie Zorg 29 april 2014 Europese subsidieprogramma s 2014-2020 Infosessie Zorg 29 april 2014 Europese subsidieprogramma s 2014-2020 Europa 2020 SLIMME GROEI DUURZAME GROEI INCLUSIEVE GROEI De uitdagingen Groei en banen scheppen Klimaatverandering en Energieafhankelijkheid

Nadere informatie

Onderwerp: projectoproep 2 april 2015 Subsidies voor sociale economie projecten in de provincie Antwerpen

Onderwerp: projectoproep 2 april 2015 Subsidies voor sociale economie projecten in de provincie Antwerpen NOTA Datum: 2 april 2015 Van: Dienst Economie en Internationale Samenwerking Team Sociale Economie Onderwerp: projectoproep 2 april 2015 Subsidies voor sociale economie projecten in de provincie Antwerpen

Nadere informatie

Oproep experts Erasmus+ jeugd

Oproep experts Erasmus+ jeugd Oproep experts Erasmus+ jeugd Het programma Erasmus+ is de opvolger van onder meer het Youth in Action-programma en loopt van 2014 tot en met 2020. Door te investeren onderwijs, niet-formeel leren en training

Nadere informatie

Nationale Infodag, Brussel, 30 maart 2009 Dr. Guy Dargent Uitvoerend Agentschap voor Gezondheid en Consumenten, EAHC

Nationale Infodag, Brussel, 30 maart 2009 Dr. Guy Dargent Uitvoerend Agentschap voor Gezondheid en Consumenten, EAHC Nationale Infodag, Brussel, 30 maart 2009 Dr. Guy Dargent Uitvoerend Agentschap voor Gezondheid en Consumenten, EAHC Werkplan 2009 Deelnemende landen Projectleiders en partners uit: 27 EU-lidstaten Kroatië

Nadere informatie

pilootprojecten (deel 1) Oost-Vlaanderen

pilootprojecten (deel 1) Oost-Vlaanderen pilootprojecten (deel 1) Oost-Vlaanderen dhr. Arne Oosthuyse projectcoördinator Voka - Kamer van Koophandel O-Vl. VON-sessie: Allochtoon ondernemerschap in Vlaanderen Donderdag 9 juni 2011 Huis van de

Nadere informatie

WEBINAR. Verdieping INTERREG North West Europe (NWE) voor gevorderden INTERREG 2014 - >> Duurzaam, Agrarisch, Innovatief en Internationaal ondernemen

WEBINAR. Verdieping INTERREG North West Europe (NWE) voor gevorderden INTERREG 2014 - >> Duurzaam, Agrarisch, Innovatief en Internationaal ondernemen WEBINAR Verdieping INTERREG North West Europe (NWE) voor gevorderden INTERREG 2014-2020 >> Duurzaam, Agrarisch, Innovatief en Internationaal ondernemen Introductie > Gé Huismans > Jacqueline Brouwer!Alle

Nadere informatie

25-3-2013. 01 Inhoud van presentatie. Het subsidiebeleid van de toekomst Europese programma s 2014 2020 in Nederland. Vincent Ketelaars ERAC B.V.

25-3-2013. 01 Inhoud van presentatie. Het subsidiebeleid van de toekomst Europese programma s 2014 2020 in Nederland. Vincent Ketelaars ERAC B.V. Het subsidiebeleid van de toekomst se programma s 2014 2020 in Nederland Vincent Ketelaars ERAC B.V. 11 april 2013 Elsevier subsidiecongres 01 Inhoud van presentatie Indeling 01 Inhoud van presentatie

Nadere informatie

Europa wil slim, duurzaam en inclusief

Europa wil slim, duurzaam en inclusief Europa wil slim, duurzaam en inclusief Noord-Nederland bereidt zich intensief voor op de Europese programma s in de periode 2014 2020. Het SNN biedt u met dit bericht inzicht in voortgang en verwachtingen.

Nadere informatie

Functiebeschrijving: Projectportfoliobeheerder

Functiebeschrijving: Projectportfoliobeheerder Functiebeschrijving: Projectportfoliobeheerder Functiefamilie organisatie ondersteunende functies Voor akkoord Naam leidinggevende Dries Van Den Broucke Datum + handtekening Naam functiehouder Datum +

Nadere informatie

Het Europese subsidieprogramma Erasmus+ (2014-2020) is de opvolger van onder andere het Leven Lang Leren programma (LLP, 2007-2013).

Het Europese subsidieprogramma Erasmus+ (2014-2020) is de opvolger van onder andere het Leven Lang Leren programma (LLP, 2007-2013). Het Europese subsidieprogramma Erasmus+ (2014-2020) is de opvolger van onder andere het Leven Lang Leren programma (LLP, 2007-2013). Deze FAQ (frequently asked questions) is samengesteld om subsidieontvangers

Nadere informatie

Financieel plan Waaraan zal de school de subsidie besteden? Worden er nog andere subsidies gevraagd voor hetzelfde project?

Financieel plan Waaraan zal de school de subsidie besteden? Worden er nog andere subsidies gevraagd voor hetzelfde project? Reglement voor subsidies aan EcoScholen Wat is de doelstelling van deze subsidies? De stad Antwerpen wil via het toekennen van subsidies in het kader van EcoScholen Antwerpse kleuter, basis- en secundaire

Nadere informatie

PROJECTMANAGEMENT 1 SITUATIE

PROJECTMANAGEMENT 1 SITUATIE PROJECTMANAGEMENT George van Houtem 1 SITUATIE Het werken in en het leidinggeven aan projecten is tegenwoordig eerder regel dan uitzondering voor de hedendaagse manager. In elk bedrijf of organisatie komen

Nadere informatie

Workshop HR-scan. Naar een duurzaam HRM beleid

Workshop HR-scan. Naar een duurzaam HRM beleid Workshop HR-scan Naar een duurzaam HRM beleid Inhoud Voorstelling Wat is Human Resources? Overzicht bestaande tools Waarom de HRM Cockpit? Doel van de HRM Cockpit Opbouw van het model De HRM Cockpit Aan

Nadere informatie

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie.

De doelstellingen van directie en personeel worden expliciet omschreven in een beleidsplan en worden jaarlijks beoordeeld door de directie. FUNCTIE: Directeur POC AFKORTING: DIR AFDELING: Management 1. DOELSTELLINGEN INSTELLING De doelstellingen staan omschreven in het beleidsplan POC. Vermits de directie de eindverantwoordelijkheid heeft

Nadere informatie

VLAAMSE RAAD VOOR WETENSCHAPSBELEID

VLAAMSE RAAD VOOR WETENSCHAPSBELEID VLAAMSE RAAD VOOR WETENSCHAPSBELEID ADVIES BETREFFENDE DE ORGANISATIE VAN DE INFORMATIE EN DE BEVORDERING VAN DE VLAAMSE PARTICIPATIE INZAKE DE EUROPESE R & D-PROGRAMMA S. VRWB-R/ADV- 15 16 november 1989.

Nadere informatie

DOELSTELLINGENNOTA 2014

DOELSTELLINGENNOTA 2014 AG Infrastructuur Maaseik Markt 1 3680 Maaseik NIS-code : null DOELSTELLINGENNOTA 2014 Secretaris Peter Graux Financieel beheerder Voorzitter: Dirk Verlaak Maaseik Maaseik wil een optimale, klantvriendelijke

Nadere informatie

Koolstofarme economie Link met andere EU- subsidieprogramma s. 25 april 2014

Koolstofarme economie Link met andere EU- subsidieprogramma s. 25 april 2014 Gerichte infosessie Interreg: Noordzee Regio en Noordwest Europa 2014-2020 Koolstofarme economie Link met andere EU- subsidieprogramma s 25 april 2014 Vlaams- Europees verbindingsagentschap Joke Hofmans

Nadere informatie

Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard!

Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! > www.vrom.nl Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! 2e Tender Waddenfonds 8 september tot en met 17 oktober 2008 Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! 2e Tender

Nadere informatie

Zonder partners lukt het niet

Zonder partners lukt het niet Zonder partners lukt het niet Vorm een breedspectrum BOEBS-team. Waarom? Hoe? Het BOEBS-team heeft het meeste kans op slagen als het uit een breed gamma van partners is samengesteld, die elk vanuit een

Nadere informatie

Europese subsidies en staatssteun

Europese subsidies en staatssteun Europese subsidies en staatssteun Workshop 1 Landelijk staatssteunnetwerk Rotterdam, 17 november 2014 footer date 1 Welkom Dorianne Bos, juridisch adviseur Vincent Ketelaars, manager / senior adviseur

Nadere informatie

Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties

Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties Het gaat om de volgende zeven verandercompetenties. De competenties worden eerst toegelicht en vervolgens in een vragenlijst verwerkt. Veranderkundige

Nadere informatie

Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie

Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Europese EFRO-subsidies voor innovatie en CO 2 -reductie Via het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) stimuleert Europa de regionale

Nadere informatie

Opdracht. Hoe? Agentschap Ondernemen bondig voorgesteld. Voorbereiden en uitvoeren van economie- en ondernemingsbeleid:

Opdracht. Hoe? Agentschap Ondernemen bondig voorgesteld. Voorbereiden en uitvoeren van economie- en ondernemingsbeleid: Agentschap Ondernemen bondig voorgesteld 25/02/2011 Opdracht Voorbereiden en uitvoeren van economie- en ondernemingsbeleid: Bedrijven door de crisis helpen Meer en sterker ondernemerschap Een meer groene

Nadere informatie

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Doel (Mede)zorgdragen voor de vormgeving en door het geven van adviezen bijdragen aan de uitvoering van het beleid binnen de Hogeschool Utrecht kaders en de ter

Nadere informatie

Het museum: - beschikt over een kwaliteitslabel als museum - heeft tijdig een aanvraag ingediend voor Vlaamse indeling en subsidiëring

Het museum: - beschikt over een kwaliteitslabel als museum - heeft tijdig een aanvraag ingediend voor Vlaamse indeling en subsidiëring Museum voor Industriële Archeologie en Textiel (MIAT), Gent 1. Gemotiveerd advies van de beoordelingscommissie Collectiebeherende Cultureel-erfgoedorganisaties over indeling bij het Vlaamse niveau en toekenning

Nadere informatie

Naar een optimale relatie tussen mens en werk

Naar een optimale relatie tussen mens en werk Naar een optimale relatie tussen mens en werk Wij optimaliseren de mens-werkrelatie In een veranderende omgeving kan uw bedrijf of organisatie niet achterblijven. Meer dan ooit wordt u uitgedaagd om de

Nadere informatie

6. Project management

6. Project management 6. Project management Studentenversie Inleiding 1. Het proces van project management 2. Risico management "Project management gaat over het stellen van duidelijke doelen en het managen van tijd, materiaal,

Nadere informatie

Functiebeschrijving: Projectbeheerder

Functiebeschrijving: Projectbeheerder Functiebeschrijving: Projectbeheerder Functiefamilie dossierbeheerder externe aanvragen Voor akkoord Naam leidinggevende Louis Vervloet Datum + handtekening Naam functiehouder Datum + Handtekening 1. Context

Nadere informatie

Post HBO opleiding Management in Zorg en Welzijn

Post HBO opleiding Management in Zorg en Welzijn Zorg en Welzijn Algemeen De post-hbo opleiding Management in Zorg en Welzijn is een opleiding van 1,5 jaar voor mensen met een afgeronde hbo-opleiding die werkzaam zijn in de sector zorg en welzijn en

Nadere informatie

F U N C T I E P R O F I E L

F U N C T I E P R O F I E L F U N C T I E P R O F I E L I. I D E N T I F I C A T I E G E G E V E N S Functiebenaming Weddeschaal Graad Directie - dep - dienst Functiefamilie maatschappelijk werker Sociale Dienst B1-B2-B3 maatschappelijk

Nadere informatie

Hoofdstuk 2: Toekenningsvoorwaarden

Hoofdstuk 2: Toekenningsvoorwaarden REGLEMENT BETREFFENDE DE COFINANCIERING VAN EUROPESE PROJECTEN Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen Inleiding Binnen de perken van de dotatie, die op de goedgekeurde begroting van de provincie Antwerpen voorzien

Nadere informatie

P-kaffee JEUGDWERK JINT 20 mei 2015

P-kaffee JEUGDWERK JINT 20 mei 2015 P-kaffee JEUGDWERK JINT 20 mei 2015 Inhoudelijke accenten 1. Projectmatig werken 2. Criteria uit het decreet 3. Duurzaamheid Ondersteuning van Demos 1 Projectmatig werken Projectmatig werken heeft eigen

Nadere informatie

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Caroline Meyers. caroline.meyers@esf.vlaanderen.be. Opbouw OP 2014-2020

ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Caroline Meyers. caroline.meyers@esf.vlaanderen.be. Opbouw OP 2014-2020 ESF Vlaanderen OP 2014-2020 Sociale Economie Caroline Meyers caroline.meyers@esf.vlaanderen.be Opbouw OP 2014-2020 1 OP 2014-2020 Prioriteit 1, loopbaanbeleid curatief, 8i (werkzaamheid); 8ii (werkzoekende

Nadere informatie

Stedelijk reglement voor de subsidiëring van initiatieven ter bevordering van het interculturele en interlevensbeschouwelijke samenleven in Gent

Stedelijk reglement voor de subsidiëring van initiatieven ter bevordering van het interculturele en interlevensbeschouwelijke samenleven in Gent Stedelijk reglement voor de subsidiëring van initiatieven ter bevordering van het interculturele en interlevensbeschouwelijke samenleven in Gent Goedgekeurd in de gemeenteraad van 15 december 2009 Bekendgemaakt

Nadere informatie

Make it work! Virtuele mobiliteit in internationale stages integreren: een snelgids

Make it work! Virtuele mobiliteit in internationale stages integreren: een snelgids Make it work! Virtuele mobiliteit in internationale stages integreren: een snelgids Wat? Internationale stages worden steeds belangrijker in de context van de internationalisering van hoger onderwijs en

Nadere informatie

Kabinet Ingrid Lieten, viceminister-president van de Vlaamse Regering Vlaams minister van Innovatie, Overheidsinvesteringen, Media en

Kabinet Ingrid Lieten, viceminister-president van de Vlaamse Regering Vlaams minister van Innovatie, Overheidsinvesteringen, Media en Sociale Innovatie: achtergrond conceptnota Innovatiecentrum Vlaanderen VR innovatie moet bijdragen tot het aanpakken van de grote maatschappelijke en economische uitdagingen challenge driven wetenschappelijke

Nadere informatie

Besluitvorming. Plafond/streefbedrag 10.000.000. Minimumbedrag 0

Besluitvorming. Plafond/streefbedrag 10.000.000. Minimumbedrag 0 Criteria Naam en nummer Soort Instellingsdatum Besluitvorming Nut en noodzaak Functie Doel Ambtelijk beheerder Voeding Toelichting B0442003 Reserve Cofinancieringsfonds Kennis en innovatie Bestemmingsreserve

Nadere informatie

?Hoe Zo! >> Werken bij de gemeente betekent je inzetten voor burgers en bedrijven. En daarbij geldt:

?Hoe Zo! >> Werken bij de gemeente betekent je inzetten voor burgers en bedrijven. En daarbij geldt: Wabo effectief ?Hoe Zo! >> Het toepassen van de Wabo is meer dan alleen de IT-structuur aanpassen, de procedures herzien en/of de processen opnieuw beschrijven en herinrichten. Het zijn de medewerkers

Nadere informatie

Investeren in klimaatactie, investeren in LIFE

Investeren in klimaatactie, investeren in LIFE istock Investeren in klimaatactie, investeren in LIFE Overzicht van het nieuwe LIFE-subprogramma Klimaatactie 2014-2020 Klimaat Wat is het nieuwe LIFE-subprogramma Klimaatactie? De Europese staatshoofden

Nadere informatie

Financieringsreglement Projectsubsidie Opvoedingsondersteuning

Financieringsreglement Projectsubsidie Opvoedingsondersteuning Financieringsreglement Projectsubsidie Opvoedingsondersteuning Artikel 1 Wat is de doelstelling van een projectsubsidie? De stad Antwerpen kan, onder de voorwaarden bepaald in dit reglement en binnen de

Nadere informatie

De Octrooicellen. Bescherm en valoriseer uw uitvindingen. Gratis sectorale ondersteuning rond intellectuele eigendom op maat van uw onderneming

De Octrooicellen. Bescherm en valoriseer uw uitvindingen. Gratis sectorale ondersteuning rond intellectuele eigendom op maat van uw onderneming De Octrooicellen Bescherm en valoriseer uw uitvindingen Gratis sectorale ondersteuning rond intellectuele eigendom op maat van uw onderneming De octrooicellen Bescherm en valoriseer uw uitvindingen Gratis

Nadere informatie

ZELFEVALUATIE VAN DE THEMA S HOOG RISICO MEDICATIE IDENTITOVIGILANTIE

ZELFEVALUATIE VAN DE THEMA S HOOG RISICO MEDICATIE IDENTITOVIGILANTIE COÖRDINATIE KWALITEIT EN PATIËNTVEILIGHEID TWEEDE MEERJARENPLAN 2013-2017 Contract 2013 ZELFEVALUATIE VAN DE THEMA S HOOG RISICO MEDICATIE IDENTITOVIGILANTIE Sp-ziekenhuizen 1 1. Inleiding Hierna volgt

Nadere informatie

Beleidsplan 2012-2015 Stichting Steensoep

Beleidsplan 2012-2015 Stichting Steensoep Beleidsplan 2012-2015 Stichting Steensoep Marian Bentvelzen en Monique Strijk Juli 2012 Brede Hilledijk 590, 3072 NK Rotterdam Tel.: 0613467100, 0653224897 KvK: 54218853 E: moniquestrijk@hotmail.com, post@marianbentvelzen.nl

Nadere informatie

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Doel Zorgdragen voor de vorming van beleid voor de eigen functionele discipline, alsmede zorgdragen voor de organisatorische en personele aansturing van een of

Nadere informatie

Jouw gemeente in de wereld De wereld in jouw gemeente

Jouw gemeente in de wereld De wereld in jouw gemeente VVSG internationaal Jouw gemeente in de wereld De wereld in jouw gemeente Jouw gemeente in de wereld De wereld in jouw gemeente Arctic Circle Line Date International Tropic of Cancer Equator International

Nadere informatie

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU

MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU MINISTERIE VAN SOCIALE ZAKEN, VOLKSGEZONDHEID EN LEEFMILIEU Europese Unie LIFE. - Communautair Financieel instrument voor het Leefmilieu Programma LIFE Natuur 1999 1. Context. In het kader van de verordening

Nadere informatie

Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016

Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016 Toelichting criteria kleine projecten Brabant C versie 18-01-2016 Om in aanmerking te komen voor een subsidie tussen 25.000 en 65.000 euro moet een project aan de volgende criteria voldoen: 1. het project

Nadere informatie

Projectindiening en Beoordelingsprocedure

Projectindiening en Beoordelingsprocedure PROGRAMME DE COOPÉRATION TRANSFRONTALIÈRE GRENSOVERSCHRIJDEND SAMENWERKINKSPROGRAMMA Projectindiening en Beoordelingsprocedure AVEC LE SOUTIEN DU FONDS EUROPÉEN DE DÉVELOPPEMENT RÉGIONAL MET STEUN VAN

Nadere informatie

Georges Dockx JUISTE MARKETING. Voor kmo s en zelfstandigen die meer resultaat willen met minder budget

Georges Dockx JUISTE MARKETING. Voor kmo s en zelfstandigen die meer resultaat willen met minder budget Georges Dockx DE JUISTE MARKETING Voor kmo s en zelfstandigen die meer resultaat willen met minder budget Uitgegeven door Georges Dockx in samenwerking met BOEK MAKERIJ.be D/2015/Georges Dockx, auteur-uitgever

Nadere informatie