Productiviteit en strategie. Handvatten voor gww-bedrijven

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Productiviteit en strategie. Handvatten voor gww-bedrijven"

Transcriptie

1 Productiviteit en strategie Handvatten voor gww-bedrijven

2

3 Productiviteit en strategie

4 Het auteursrecht voor de inhoud berust geheel bij de Stichting Economisch Instituut voor de Bouw. Overnemen van de inhoud (of delen daarvan) is uitsluitend toegestaan met schriftelijke toestemming van het EIB. Het is geoorloofd gegevens uit dit rapport te gebruiken in artikelen en dergelijke, mits daarbij de bron duidelijk en nauwkeurig wordt vermeld. April 2011

5 Productiviteit en strategie Handvatten voor gww-bedrijven A.J. van der Vlist drs. D.M. Holtackers M.H. Vrolijk, MSc dr. R. Semenov

6

7 Inhoudsopgave Conclusies op hoofdlijnen 7 1 Inleiding Achtergrond Doelstelling Aanpak en fasering Leeswijzer 10 2 Productiviteit in de gww-sector Gww-sector Productiviteit 13 3 Productietheorie en bedrijfsprocessen Productie en productiviteit Bedrijfsprocessen 20 4 Productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven Productiviteitsanalyse Data Populatie Beschrijvende analyse Resultaten Productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven Robuustheid van DEA Voorlopers en achterblijvers 35 5 Bedrijfsprocessen van gww-bedrijven Analyse van bedrijfsprocessen Data Handvatten 40 Literatuur 45 EIB-publicaties 47 5

8 6

9 Conclusies op hoofdlijnen Het onderzoek analyseert verschillen in productiviteit tussen gww-bedrijven in de periode We gebruiken hierbij 915 observaties die afkomstig zijn van de EIB Bedrijfseconomische monitor onder Nederlandse gww-bedrijven (hoofdaannemers) die geregistreerd staan bij Cordares Pensioenen. Op basis van multifactor productiviteit kunnen per bedrijfsgrootteklasse voorlopers en achterblijvers geïdentificeerd worden. Schema A geeft kenmerkende verschillen tussen voorlopers en achterblijvers. Eén belangrijk verschil is dat voorlopers winstgevender zijn dan achterblijvers. Schema A Kenmerkende verschillen van voorlopers ten opzichte van achterblijvers Kostenstructuur Financiële structuur Opdrachten Werkzaamheden Algemeen Klein Groot Kopen relatief veel Zijn groter gemeten Verwerven meer Voeren meer werkmateriaal en onder- naar balanstotaal, opdrachten uit zaamheden uit in aanneming in aantal werknemers openbare en onder- de civiele betonof omzet handse aanbesteding bouw Zetten relatief veel Hebben een hogere Verwerven meer Voeren meer werkeigen arbeid in het solvabiliteit dan opdrachten uit zaamheden uit in bouwproces in grote voorlopers onderaanneming Overige werkzaamheden Hebben een lager Zijn kapitaalinten- Doen minder Voeren minder aandeel overige siever gemeten naar klantenwerk werkzaamheden uit kosten vaste activa per in infrastructuur werkende Zijn winstgevender gemeten naar resultaat voor belasting en rentabiliteit Bron: EIB Uit gesprekken met zeven gww-bedrijven van verschillende grootte, activiteiten (infrastructuur, civiele betonbouw, kust- en oeverwerken en overig) en typering (voorloper, achterblijver, middenmotor) komt een aantal bedrijfsprocessen naar voren die de bedrijven belangrijk vinden om een goede productiviteit (bedrijfsprestatie) te realiseren. De kern is hierbij: Maak duidelijke keuzes in strategie; Behandel werknemers als waarde in plaats van een kostenpost; Voer technische en niet-technische verbeteringen door in overeenstemming met veranderingen in de bedrijfsomgeving; Overweeg bij inkoop aspecten als kwaliteit, prijs, hoeveelheid en timing; Stem het benodigde projectmanagement af op de grootte en complexiteit van het project; 7

10 Acquireer eerst met het oog op het garanderen van de continuïteit in werkzaamheden en bekostiging van overhead en daarna met het oog op winstgevendheid. Het onderzoek illustreert het bijzondere karakter van projectgebonden productie, zoals dat in de gww-sector plaatsvindt, en de samenhang van individuele projecten met de bedrijfs- en sectorprestaties. Om op voorhand meer zekerheid te hebben op een goede bedrijfsprestatie kunnen systematische rendement- en risicoanalyses op project- en portefeuilleniveau voor bedrijven van nut zijn om orderportefeuillekeuzes te onderbouwen. Vervolgonderzoek zou onder een groter aantal gww-bedrijven kunnen achterhalen welke vele specifieke mogelijkheden zij hebben om de productiviteit op peil te houden of te verbeteren. Vervolgens zou getoetst kunnen worden welke van die mogelijkheden het meeste invloed heeft op het verbeteren van productiviteit en waaraan dat ligt. 8

11 1 Inleiding 1.1 Achtergrond Hoe kunnen bedrijfsprestaties in de grond-, water- en wegenbouw (gww) verbeteren? Over het belang van deze vraag wordt niet getwijfeld. Goede bedrijfsprestaties staan synoniem voor de continuïteit van een onderneming. Op de vraag hoe dit gerealiseerd moet worden, is echter veel minder overeenstemming. De praktijk laat zien dat deze vraag op heel verschillende wijzen wordt ingevuld (Vrolijk, 2010). SBR (2005) geeft aan dat de wijze waarop dit wordt ingevuld onder meer afhangt van de werkwijze en visie van de onderneming: is het een uit-voerend bouwbedrijf of is het een regisserend en organiserend bouwbedrijf? Volgens de SBR zal een uitvoerend bouwbedrijf zich richten op bedrijfsprocessen om eigen werk te optimaliseren. Een regisserend bouwbedrijf zal daarentegen ondersteunende bedrijfsprocessen inzetten om uitbesteed werk te regisseren. Uit het onderzoek blijkt ook dat veel bouwbedrijven onvoldoende helder voor de geest hebben welke richting ze op gaan en op willen. In veel gevallen blijkt dat het (managers of directeuren van) bouwbedrijven niet duidelijk is welke bedrijfsprocessen geopti-maliseerd moeten worden om tot een beter resultaat te komen. De meeste aandacht gaat naar de technische aspecten van de bouw, zijnde nieuwbouw, onderhoud en renovatie. Tijd voor en kennis van ondersteunende processen als financiën, automatisering en kennismanagement is vaak niet voorhanden, waardoor ook niet duidelijk is hoe de bedrijfsprocessen geoptimaliseerd moeten worden. De sector heeft behoefte aan praktijkgerichte kennis en handvatten wat betreft de vraag welke en hoe bedrijfprocessen te verbeteren. Hierbij valt te denken aan zaken als acquisitie, calculatie, werkvoorbereiding en uitvoer. Op dit moment ontbreekt het aan kennis van en inzicht in de vraag in hoeverre deze bedrijfsprocessen een sleutel zijn voor een goede bedrijfsprestatie. 1.2 Doelstelling Het doel van dit onderzoek is om inzicht te geven in bedrijfsprocessen die een sleutelrol vervullen voor een goede bedrijfsprestatie. Het onderzoek geeft inzicht in de praktische betekenis van optimalisering van bedrijfsprocessen voor productiviteitsverbetering. Welke gww-bedrijven zijn voorlopers : bedrijven die een bovengemiddelde productiviteit hebben? Welke gww-bedrijven zijn achterblijvers? Hoe zijn deze bedrijven te typeren? Welke best practices zijn er van gww-bedrijven die hun bedrijfsproces succesvol geoptimaliseerd hebben? 1.3 Aanpak en fasering Het onderzoek is een combinatie van theorie en praktijk. In dit onderzoek beperken we ons tot de gww. We gaan in het onderzoek in op de volgende onderzoeksvragen: 1. Welke productiviteitsontwikkelingen zijn er op sectorniveau te registreren? 2. Hoe vergelijken we prestaties tussen bedrijven in relatie tot bedrijfsprocessen? 3. Welke gww-bedrijven zijn voorlopers en welke achterblijvers? 4. Hoe kunnen we overeenkomsten en verschillen in bedrijfsprocessen inventariseren bij voorlopers en achterblijvers? Per onderzoeksvraag wordt hieronder kort ons plan van aanpak gegeven. 1. Voor het bepalen van bedrijfsprestaties maken we gebruik van het begrip productiviteit. Productiviteit is kortweg de ratio prestatie versus inputs. In het onderzoek stellen we eerst de indicatoren voor prestaties en inputs vast. Vervolgens bepalen we de productiviteit. We gaan allereerst in op productiviteit in de gww-sector op basis van macro-cijfers. 2. Hoe zijn prestaties tussen bedrijven onderling te vergelijken? Aan welke bedrijfsprocessen moeten we denken? De economische literatuur gaat maar summier in op deze zachte kant van de organisaties. De bedrijfskundige en managementliteratuur geeft bedrijfsprocessen een sleutelrol in de verklaring van bedrijfsprestaties. In deze fase willen we een 9

12 korte samenvatting van de literatuur geven. 3. Om te bepalen welke gww-bedrijven voorlopers en welke achterblijvers zijn, rangschikken we gww-bedrijven op productiviteit. Voorlopers omvatten die bedrijven die bovengemiddeld presteren en aan de rechterkant van de productiviteitsverdeling zijn geconcentreerd. Achterblijvers omvatten bedrijven die ondergemiddeld presteren en aan de linkerkant van de verdeling geconcentreerd zijn. We gebruiken de EIB Bedrijfseconomische monitor over de jaren Om overeenkomsten en verschillen in bedrijfsprocessen te inventariseren bij voorlopers en achterblijvers hebben we met een aantal voorlopers en achterblijvers gesproken om tot handvatten voor gww-bedrijven te komen. 1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 gaan we in op productiviteitsontwikkelingen op sectorniveau. De onderliggende gegevens zijn afkomstig van de input-output tabellen van het CBS. Op basis van de ontwikkeling in de sectorale arbeidproductiviteit rijst de vraag hoe de spreiding is van arbeidsproductiviteit tussen gww-bedrijven onderling. Hiervoor gaan we in hoofdstuk 3 eerst in op de productietheorie om de samenhang tussen productiviteit en bedrijfsprocessen op bedrijfsniveau te beschrijven. Vervolgens berekenen we in hoofdstuk 4 de productiviteitsverdeling binnen de gww-sector. In dit hoofdstuk analyseren we de mate waarin de productiviteit van gww-bedrijven door de tijd heen verschuift. In hoofdstuk 5 doen we uitspraken in hoeverre de gemeten productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven in verband gebracht kunnen worden met de organisatie van bedrijfsprocessen. 10

13 2 Productiviteit in de gww-sector In dit hoofdstuk gaan we in op de eerste onderzoeksvraag hoe productiviteit in de gww-sector zich door de tijd heen heeft ontwikkeld. Allereerst wordt de gww-sector kort gekarakteriseerd. Vervolgens worden de ontwikkelingen in de productiviteit op sectorniveau aan de hand van arbeidsproductiviteit gepresenteerd. 2.1 Gww-sector De gww-sector bestaat uit een omvangrijk aantal bedrijven, waarbij veel ondernemers opgaan, blinken en verzinken. In de gww-sector zijn volgens de indeling van het CBS op 1 januari bedrijven werkzaam die goed zijn voor banen (CBS, 2011). De dynamiek in de sector is groot. In groeide het aantal gww-bedrijven van naar bedrijven. De groei is vooral toe te schrijven aan het toegenomen aantal bedrijven met 1-2 werkzame personen (zie figuur 2.1). De economische dip in is terug te vinden in een stabilisering van de groei. In andere grootteklassen is het aantal bedrijven over de periode gedaald of stabiel gebleven. Figuur 2.1 laat de ontwikkeling in het aantal gww-bedrijven per grootteklasse zien. Figuur 2.1 Aantal gww-bedrijven per grootteklasse en 2 3 tot tot of meer werkzame personen Bron: CBS (2011a) De gww-sector is samengesteld uit verschillende segmenten, zoals grondverzet, proefboren, bouwen van kunstwerken, leggen van kabels en buizen, aanleggen van wegen, luchthavens, spoorwegen en sportterreinen, stratenmaken en natte waterbouw. Figuur 2.2 geeft de samenstelling van de gww-sector naar aantal bedrijven en naar aantal banen van medewerkers. Uit figuur 2.2 is op te maken dat naar verhouding kleinere bedrijven actief zijn op het gebied van grondverzet en stratenmaken. Naar verhouding grotere bedrijven zijn actief op het gebied van kabels- en buizenleggen, aanleggen van wegen, luchthavens, spoorwegen en sportterreinen en natte waterbouw. 11

14 Figuur 2.2 Samenstelling gww-sector in procenten naar segment, 2007 Aantal bedrijven Natte waterbouw; 2,5 Grondverzet; 29,6 Stratenmaken; 40,7 Proefboren; 0,2 Bouwen van kunstwerken; 1,3 Aanleggen van wegen, luchthavens, spoorwegen en sportterreinen; 17,1 Leggen van kabels en buizen; 8,6 Banen van medewerkers Stratenmaken; 9,0 Natte waterbouw; 8,9 Grondverzet; 13,0 Proefboren; 0,2 Bouwen van kunstwerken; 3,7 Leggen van kabels en buizen; 23,4 Aanleggen van wegen, luchthavens, spoorwegen en sportterreinen; 41,9 Aanleggen van wegen, luchthavens, spoorwegen en sportterreinen is exclusief stratenmaken Bron: CBS (2011b) 12

15 2.2 Productiviteit Velen hebben zich door de tijd heen gebogen over de vraag wat productiviteit is. De OECD (2001) geeft kernachtig aan dat productivity is defined as a ratio of a volume measure of output to a volume measure of input use. Productiviteit is dus een verhouding: prestatie gedeeld door inputs. Tabel 2.1 geeft een overzicht van de verschillende productiviteitsmaatstaven. Om antwoord te geven op de vraag hoe productiviteit in de gww-sector zich door de tijd heen heeft ontwikkeld, richten we ons in dit onderzoek op maatstaven gebaseerd op toegevoegde waarde. De toegevoegde waarde is het verschil tussen de verkoopwaarde (productiewaarde) en de inkoopwaarde (verbruik) in het productieproces. We gebruiken de arbeidsproductiviteit in de gww in enge zin (exclusief bouwrijp maken, SBI451, en verhuur van bouw en sloopmachines, SBI455). De gegevens die we voor de beantwoording van de vraag gebruiken, komen uit de input-output tabellen van het CBS 1. Voor 2006 en 2007 gaan we uit van voorlopige cijfers. Tabel 2.1 Overzicht van productiviteitsmaatstaven Soort input maatstaven Soort output Arbeid Kapitaal Kapitaal en Kapitaal, arbeid maatstaven arbeid en toeleveringen (energie, materialen, diensten) Bruto omzet Arbeids- Kapitaal- Kapitaal-arbeid KLEMS productiviteit productiviteit MFP multifactor (gebaseerd op (gebaseerd op (gebaseerd op productiviteit bruto omzet) bruto omzet) bruto omzet) Toegevoegde Arbeids- Kapitaal- Kapitaal-arbeid - waarde productiviteit productiviteit MFP (gebaseerd op (gebaseerd op (gebaseerd op toegevoegde toegevoegde toegevoegde waarde) waarde) waarde) Partiële factor productiviteit maatstaven Multifactor (MFP) productiviteit maatstaven Bron: Vertaling uit OECD (2001:13) 1 Op basis van de gegevens van het CBS kan de productiviteit in de gww in ruime zin voor een langere periode (vanaf 1988) worden beschreven. De cijfers voor de gww in enge en ruime zin wijken in de meeste jaren met hooguit één procentpunt van elkaar af. In 2006 en 2007 echter was de productiviteitsgroei in de gww in ruime zin respectievelijk 2,1 en 1,5 procentpunt hoger dan in enge zin. 13

16 De groeifactor van arbeidsproductiviteit (ap) wordt door het CBS berekend als... (2.1) ap = tw / a, als functie van de groeifactor van bruto toegevoegde waarde (tw), en de groeifactor van gewerkte arbeidsjaren (a), waarbij. (2.2) ap ap/ t. In formule 2.1 wordt de groeifactor van gewerkte arbeidsjaren gebruikt. Het berekenen van de arbeidsproductiviteit op basis van gewerkte arbeidsjaren maakt het mogelijk om een uitsplitsing te maken voor de subtakken (zoals de gww-sector) van de bouwnijverheid. Uit figuur 2.3 blijkt dat het aantal gewerkte uren per arbeidsjaar in de bouwnijverheid redelijk stabiel bleef in Dit suggereert dat variatie in gewerkte arbeidsjaren in beperkte mate kan bijdragen aan de verklaring van variatie in de arbeidsproductiviteit in deze periode. Figuur 2.3 Aantal gewerkte uren per arbeidsjaar in de bouwnijverheid Bron: EIB Tabel 2.2 laat de groeipercentages van arbeidsproductiviteit in de gww-sector zien. De ontwikkeling is vrij volatiel, met een aantal jaren van sterke stijging of daling. Na de forse groei (cumulatief met bijna 12%) in daalde de arbeidsproductiviteit in met 12% en groeide vervolgens met 13% in de periode In 2007 was de arbeidsproductiviteit in de gww-sector echter nog niet terug op het niveau van Cumulatief is de arbeidsproductiviteit in met bijna 19% gestegen. Uit formule 2.1 volgt dat de daling van de arbeidsproductiviteit in toe te schrijven is aan de daling in toegevoegde waarde, aangezien het aantal gewerkte arbeidsjaren redelijk stabiel bleef. De toegevoegde waarde daalde in die periode met 22%. De daling is naast de economische teruggang in die jaren waarschijnlijk toe te schrijven aan het afronden van een aantal megaprojecten. 14

17 Tabel 2.2 Arbeidsproductiviteitgroei in de gww-sector, in procenten Arbeidsproductiviteitsgroei , , , , , , , , , , , ,9 Cumulatief 18,7 Gemiddelde 1,5 Bron: EIB Figuur 2.4 Ontwikkeling van arbeidsproductiviteit in de gww-sector en de andere subtakken van bouwnijverheid, 1995 = Gww B&u Installatie en afwerking Bron: EIB 15

18 Om de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit in de gww-sector te duiden, vergelijken we de ontwikkeling binnen de bouwnijverheid en de commerciële sector (waar de bouwnijverheid onderdeel van uitmaakt). De arbeidsproductiviteit in de gww-sector laat een sterkere groei zien dan in de burgerlijke en utiliteitsbouw (b&u) (zie figuur 2.4). In de b&u was de arbeidsproductiviteit in alle jaren na 1995 lager dan in De arbeidsproductiviteit in de gww-sector laat eveneens een sterkere groei zien dan die in de installatie- en afwerkingsector. Hier was het percentage in 2007 maar 3% hoger dan in Dit heeft vooral te maken met de hogere kapitaalintensiteit van de gww-sector. De arbeidsproductiviteit in de gww-sector groeide in ook sterker dan de productiviteit in de commerciële sector van de economie als geheel (zie figuur 2.5). De daling in was echter sterker dan in de gehele economie. De groeicijfers in waren weer hoger dan in de commerciële sector, maar konden niet zorgen voor een hogere cumulatieve groei in , vergeleken met de commerciële sector. Vergeleken met andere sectoren binnen de commerciële sector was de groei van de arbeidsproductiviteit in de gww-sector sterker dan in de delfstofwinning en zakelijke dienstverlening, maar minder sterk dan in de landbouw en veel minder sterk dan in de andere takken (zie figuur 2.6). Samenvattend kan de arbeidsproductiviteit in de gww-sector in de periode gekenmerkt worden door sterke fluctuaties. Deze fluctuaties in arbeidsproductiviteit houden grotendeels verband met fluctuaties in de toegevoegde waarde. In welke mate er verschillen in productiviteit tussen gww-bedrijven bestaan is niet uit deze cijfers te concluderen. In de volgende hoofdstukken analyseren we verschillen in productiviteit tussen gww-bedrijven. Figuur 2.5 Ontwikkeling van arbeidsproductiviteit in de gww-sector en de commerciële sector van de economie als geheel, 1995 = Gww Commerciële sector Bron: EIB 16

19 Figuur 2.6 Cumulatieve groei van arbeidsproductiviteit in de commerciële sector, , in procenten Vervoer en communicatie Energie en water Industrie Handel Totaal commerciële sector Landbouw Gww Delfstoffenwinning Zakelijke dienstverlening B&u, installatie en afwerking Bron: EIB 17

20 18

21 3 Productietheorie en bedrijfsprocessen De vraag rijst of en in welke mate productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven bestaan. Om dit te kunnen beantwoorden wordt in dit hoofdstuk eerst ingegaan op de vraag hoe productie binnen gwwbedrijven voorgesteld kan worden en hoe bedrijfsprocessen daarin een rol spelen. We baseren ons hierbij op de literatuur. Op basis van het literatuuronderzoek wordt een raamwerk gepresenteerd dat als startpunt dient voor de empirische analyse. 3.1 Productie en productiviteit Verschillen in productiviteit tussen bedrijven worden in de literatuur gerelateerd aan variërende efficiëntie van bedrijven. De productie omvat in essentie een transformatieproces waarbij inputs gebruikt worden om outputs te genereren. De productie is niet noodzakelijkerwijs volledig efficiënt. Een bedrijf kan technisch inefficiënt zijn als gevolg van inefficiënt gebruik van inputs, vanwege verspilling of gemaakte fouten. Efficiënte bedrijven produceren meer output bij gegeven input of, omgekeerd, gebruiken minder input bij gegeven output dan inefficiënte bedrijven. De productietechnologie 2 definieert de technische relatie tussen inputs en outputs. De productiegrens is de bovengrens van deze productiemogelijkheden, waarbij alle bedrijven gepositioneerd zijn op of beneden de productiegrens. De centrale kwestie bij het analyseren van efficiëntie is om de input-output-combinatie van een bedrijf te vergelijken met de best presterende bedrijven gerepresenteerd door de productiegrens. Figuur 3.1 geeft de productiegrens weer. Figuur 3.1 Productierelaties als weergave van de stand van de technologie y (b ) (b) y=f (x) y=f(x) (a) Bron: EIB 2 De productietechnologie wordt gekarakteriseerd door de verzameling van uitvoerbare input-output combinaties die voldoen aan specifieke regulariteitseigenschappen: geslotenheid, begrensdheid, convexiteit en gedefinieerd zijn op de verzameling van niet-negatieve inputvectoren. 19

22 De input van een bedrijf wordt genoteerd met x, de output met y. De technische efficiëntie van een bedrijf wordt aangeduid met te; de productiegrens wordt genoteerd met ƒ. Het bestuderen van de productiegrens speelt zich typisch af op het macroniveau, waarbij elk bedrijf één punt representeert in de set productiemogelijkheden. Uitgaande van een inputgeoriënteerd model, wordt de technische efficiëntie gedefinieerd als te = y / ƒ (x). Als een bedrijf technisch efficiënt is, ligt het op de productiegrens of y = ƒ (x). Een technisch efficiënt bedrijf, zoals bedrijf (b), wordt dus gekarakteriseerd door te = 1. Een technisch inefficiënt bedrijf, zoals bedrijf (a), wordt gekarakteriseerd door te < 1. Bedrijf (a) zou er in deze situatie goed aan doen om bedrijf (b) als voorbeeld te nemen om bij gegeven input de output te verhogen. Het bestuderen van de technische efficiëntie van het bedrijf speelt zich typisch af op het microniveau. Een belangrijke veronderstelling in het voorgaande is dat bedrijven kunnen beschikken over dezelfde technologie. Als dat niet zo is, is er sprake van twee of meer verschillende technologieën en zijn er dus ook twee of meer productiegrenzen, bijvoorbeeld ƒ en ƒ zoals aangegeven in figuur 3.1. In deze situatie is bedrijf (b) nog altijd efficiënt ten opzichte van ƒ, maar niet ten opzichte van ƒ. Bedrijf (b ) is wel efficiënt ten opzichte van ƒ. Als (b) zich wilt verbeteren wat efficiëntie betreft, dan is de enige manier om de technologie van (b ) te verkrijgen. De productiegrens is onder een aantal aannames empirisch te benaderen. Een hiervan is de aanname of er voor bedrijven wel of geen schaalvoordelen te behalen zijn. In het eerste geval is er sprake van variabele schaalopbrengsten, terwijl in het tweede geval sprake is van constante schaalopbrengsten. In figuur 3.1 is een mogelijke benadering van ƒ onder constante schaalopbrengsten weergegeven met de groene lijn, waarbij de rode stapsgewijze lijn een mogelijke benadering van ƒ is onder variabele schaalopbrengsten. Op deze productiegrens wordt in hoofdstuk 4 nader ingegaan. 3.2 Bedrijfsprocessen De productie en de productietechnologie omvat in de praktijk een grote verzameling activiteiten. Een activiteit waarin een handeling plaatsvindt waarbij productiemiddelen omgezet worden in diensten en producten wordt een proces genoemd (Meredith & Shafer, 1999). In het productieproces worden de volgende elementen onderscheiden (zie figuur 3.2): Figuur 3.2 Productieproces Productiemiddelen -materiaal - -arbeid - -kapitaal - -overig - Transformatie -veranderen - -transporteren - -opslaan - opslaan -inspecteren - Output Output -producten - -diensten - Monitoring Monitoringen en beheersing beheersing Bron: : Bewerking van Meredith & Shafer (1999) 20

23 1. Productiemiddelen of input omvatten die dingen die voor de transformatie nodig zijn. In de literatuur wordt veelal uitgegaan van materiaal, arbeid, kapitaal en overige productie middelen (zie Gravelle & Rees, 1992). 2. Een transformatie omvat de wijze waarop toegevoegde waarde wordt gecreëerd. Vaak gebruiken bedrijven een combinatie van één van de volgende belangrijke manieren (Meredith & Shafer, 1999): Veranderen (in fysieke, gevoelsmatige of psychologische zin) Transporteren Opslaan Inspecteren 3. Output omvat het resultaat van de transformatie. Een gww-bedrijf kan een dienst leveren door het bouwproces te organiseren, alsook een product zoals een weg of viaduct. 4. Monitoring en beheersing omvat de activiteiten die nodig zijn om afwijkingen in het productieproces waar te nemen en te beheersen. Productiemiddelen Voor de analyse van de productiemiddelen onderscheiden we materiaal, arbeid, kapitaal (machines en gereedschappen) en overige productiefactoren. De literatuur noemt een aantal eigenschappen van de productiefactoren die een rol spelen bij de verklaring van verschillen in productiviteit tussen bedrijven. Verschillen in productiviteit zijn terug te voeren op verschillen in: Materiaal in termen van beschikbaarheid en kwaliteit (Dai e.a., 2007), prijs (Dai e.a., 2007; Arditi & Mochtar, 2000; Flapper, 1998) en prefabricaat en standaardisering (Arditi & Mochtar, 2000; Flapper, 1998). Arbeid in termen van ervaring, opleiding en motivatie (Rojas & Aramvareekul, 2003; Doloi, 2007), vakmanschap (Zakeri e.a., 1996), veiligheid (Zakeri e.a., 1996), verloop (Arditi & Mochtar, 2000) en verzuim (Zakeri e.a., 1996). Kapitaal in termen van bereikbaarheid en beschikbaarheid (Dai e.a., 2007), capaciteit en gebruik (Arditi & Mochtar, 2000) en moderniteit (Zakeri e.a., 1996) Overige productiemiddelen - in termen van IT (Rojas & Aramvareekul, 2003) en managementvaardigheden en planning (Zakeri e.a., 1996). Transformatieprocessen Om transformatieprocessen nader te onderscheiden wordt gebruik gemaakt van de waardeketen van Porter (1985). Porter geeft een raamwerk waarbij de transformatieprocessen in te delen zijn in ondersteunende activiteiten (algemeen management, human resource management, onderzoek en ontwikkeling, inkoop) en primaire activiteiten (ingaande logistiek, operations, uitgaande logistiek, marketing en sales, service) die nodig zijn om producten en diensten te leveren aan klanten. De waardeketen van het gww-bedrijf wijkt op twee punten af van de waardeketen van Porter. Het eerste punt heeft te maken met de projectorganisatie. Bij het gww-bedrijf vindt de productie in tegenstelling tot een traditioneel productiebedrijf in de maakindustrie plaats binnen projectorganisaties. De primaire activiteiten zijn dus projectafhankelijk. Daarnaast zijn er projectondersteunende activiteiten in de vorm van projectmanagement. We voegen projectmanagement daarom als ondersteunende activiteit aan de waardeketen toe. De primaire activiteiten en het projectmanagement samen noemen we projectspecifieke activiteiten. Het tweede punt heeft te maken met de plaatsing van marketing & sales in de waardeketen. In tegenstelling tot een traditioneel productiebedrijf in de maakindustrie, verkoopt het gww-bedrijf veelal haar diensten voordat productie plaatsvindt. Zodoende vindt marketing & sales voor ingaande logistiek plaats. Hierna specificeren we bovengenoemde activiteiten. Een schematisch overzicht van de activiteiten en processen op hoofdlijnen wordt in figuur 3.4 weergegeven. 21

24 Ondersteunende activiteiten Algemeen management Het algemeen management houdt zich bezig met plannen, organiseren, leiden en beheersen van een bedrijf (Blanchard e.a., 1996). Met plannen bepaalt het bedrijf doelen en een strategie om die doelen te bereiken. Strategie gaat over de manier waarop bedrijven een gunstige positie op een markt proberen te krijgen. Om hieraan invulling te geven, beantwoorden bedrijven twee vragen: in welke markten wil een bedrijf actief zijn en hoe wil het bedrijf in die markten concurreren. Op basis van deze twee vragen onderscheidt Porter (1980) drie algemene strategieën (zie figuur 3.3): differentiatiestrategie (meerdere segmenten, uniek volgens afnemers); kostenleiderschapstrategie (meerdere segmenten, laagste kosten); en focus (enkel segment, differentiatie of kostenleiderschap). Figuur 3.3 Algemene strategieën volgens Porter Uniek volgens afnemers Strategisch voordeel Laagste kosten Doelmarkt Meerdere segmenten Enkel segment Differentiatie (differentiatie) Focus Kostenleiderschap (kostenleiderschap) Focus Bron: Porter, 1980 Met organiseren worden formele en informele structuren en systemen binnen het bedrijf gebracht waarover mensen en materialen verdeeld worden om de plannen uit te voeren. Een belangrijk onderdeel hierin is het financiële management wat zorg draagt voor het verkrijgen van financiële middelen, de stroom van financiële middelen en de lange termijn uitgaven. Met leiden wordt het personeel bestuurd en gemotiveerd om de taken te volbrengen. Met beheersen wordt bijgehouden en beoordeeld of de gestelde doelen worden bereikt. Informatiesystemen en vooral accounting zijn van groot belang. Informatiesystemen verzamelen, verwerken, bewaren en verspreiden informatie ten behoeve van besluitvorming, beheersing en analyse. Accounting verzamelt financiële informatie, vat deze samen en rapporteert ten behoeve van besluitvorming. Human resource management De strategie die een bedrijf volgt, stelt eisen aan de gewenste werknemers. Human resource management zorgt ervoor dat een bedrijf voldoende geoefende en gemotiveerde werknemers heeft om de bedrijfsdoelstellingen te bereiken (Blanchard, e.a., 1996). Human resource management omvat het opstellen van functies, de werving en selectie van personeel, prestatiemetingen van werknemers, het opstellen van beloningstructuren en relatiebeheer met werknemers (Noe, e.a., 2003). Onderzoek en ontwikkeling Door onderzoek en ontwikkeling kunnen bedrijven producten, diensten en processen verbeteren, nieuwe ontwikkelen of gebruiken. Onderzoek en ontwikkeling omvat het zoeken naar mogelijkheden voor innovatie, het selecteren uit de gevonden mogelijkheden, uitvoering van de gekozen innovatieplannen en het pakken van de voordelen uit de innovatie (Tidd & Bessant, 2009). 22

25 Inkoop De inkoopfunctie van een bedrijf is verantwoordelijk voor de levering op het juiste moment en tegen de laagst mogelijke totale kosten van de gewenste kwaliteit materiaal, voorraden en diensten die nodig zijn. Naast het daadwerkelijk bestellen, betreft inkoop dus keuzes over de selectie en evaluatie van leveranciers, de controle op kwaliteit en de timing en hoeveelheid van bestellingen. Primaire activiteiten Flapper (1998) geeft een overzicht van het totale bouwproces. Op basis hiervan kunnen we de primaire activiteiten invullen. Zoals aangegeven onderscheiden wij daarnaast projectmanagement als ondersteunende activiteit aan de primaire activiteiten. Projectmanagement Projectmanagement omvat de beheersing van de omvang, tijd, geld, kwaliteit, organisatie, informatie en risico s binnen het (bouw)project (PMI, 1996). Marketing en sales Marketing en sales is het proces van het creëren, beprijzen, promoten en distribueren van ideeën, goederen en diensten om transacties te bewerkstelligen die tegemoetkomen aan de behoeften van klanten en het bedrijf (Blanchard e.a., 1996). Marketing en sales hangt samen met de wijze van opdrachtverkrijging en het type contract (zoals openbare en onderhandse aanbesteding, enkelvoudige uitnodiging, klantenwerk, bouwteam, design & construct). Voor het gww-bedrijf gaat het tijdens het initiatief, ontwerp en uitwerking van werken om het identificeren van kansen in de markt, het verzamelen van informatie ten behoeve van de acquisitie en de calculatie van werken. De calculatie van werken omvat de berekening van de kosten die samenhangen met de realisatie van werken bestaande uit onder andere materialen, materieel, onderaanneming en staartkosten (opslagen voor algemene kosten, winst en risico). Ingaande logistiek Na gunning van het werk vormt de ingaande logistiek het begin van het realisatieproces. Het betreft de werkvoorbereiding die nodig is om het werk te realiseren. Het gaat dus om activiteiten zoals het inrichten van de bouwplaats, de inkoop van materialen, de inhuur van machines, het contracteren van onderaannemers, het aantrekken van bouwvakpersoneel en het opstellen van werkinstructies. Operations Operations is de kern van het realisatieproces. Het betreft de uitvoering van het werk. Het gaat hierbij om de distributie van grondstoffen en bouwmaterialen, het transport op de bouwplaats en de assemblage. Uitgaande logistiek De uitgaande logistiek is het eind van het realisatieproces. Het betreft de oplevering van het werk. De uitgaande logistiek omvat zo de goedkeuring door de opdrachtgever van het werk en de overdracht van het werk aan de opdrachtgever. Service Nadat het werk is opgeleverd en in gebruik genomen, moet het werk worden beheerd om tijdens de levensduur bruikbaar blijven. Service omvat zo het nakomen van eventuele garantieverplichtingen en (afhankelijk van het contract) het onderhoud van het werk. 23

26 Figuur 3.4 Waardeketen van het gww-bedrijf Marge Algemeen management Human resource management Onderzoek en ontwikkeling Inkoop Projectmanagement Algemeen management Financieel management Informatiesystemen en accounting Functie ontwerp Training en Prestatie Werving en selectie ontwikkeling meting Zoeken Selecteren Uitvoeren Beloningen Implementeren Selectie en evaluatie Bestellen Omvang, tijd, geld, kwaliteit, organisatie, informatie en risico' s Initiatief Werkvoorbereiding Uitvoering Oplevering Ontwerp Uitwerking Marketing & sales Ingaande logistiek Operations Uitgaande logistiek Primaire activiteiten Relatie- beheer Beheer Service Ondersteunende activiteiten activiteiten Bron: EIB Outputs Om het resultaat van de transformatieprocessen te beschrijven, onderscheiden we infrastructurele werken (INF), civiele betonbouw (CB), kust- en oeverwerken (KO) en overig (OV). Infrastructurele werken Infrastructurele werken omvatten de aanleg, reconstructie en onderhoud van infrastructuur. Deze zijn onder te verdelen in drie categorieën: (1) wegenbouw (wegenbouwkundige werken, straatwerk, rioleringen); (2) rail- en spoorwegbouwkundige werkzaamheden; (3) boven- en 24

27 ondergronds kabels en buizenwerk (leggen en monteren van kabels en buizen, installatie van elektra, telecom en cai, het leggen van zinkers en het doen van horizontale boringen. Gww-werkzaamheden m.b.t. het bouw- en woonrijpmaken, inclusief bijkomend grondwerk (waaronder ontgravingen, aanleg van zandlichamen, specialistisch grondverzet, droog baggerwerk) maken ook deel uit van infrastructurele werken. Civiele betonbouw Civiele betonbouw omvat de aanleg, reconstructie en onderhoud van civieltechnische werken in beton. Deze zijn onder te verdelen in drie categorieën: (1) voorzieningen voor het weg- en railverkeer (viaducten, fly-overs, tunnels, bruggen, geluidwerende voorzieningen, funderingen voor rijstrooksignalering); (2) voorzieningen voor de waterzuivering (zuiveringsinstallaties, gemalen en pompstations); en (3) voorzieningen voor het waterverkeer en de waterbeheersing (sluizen en stuwen, duikers, aquaducten, watergemalen en waterkrachtcentrales, keer-, kade- en walmuren, scheepshellingen, havenkraanbanen en vaste dokken. Kust- en oeverwerken Kust- en oeverwerken omvatten de aanleg, reconstructie en onderhoud van werken ten behoeve van kust- en oeververdediging, inclusief bijkomend grondwerk. Hieronder vallen bijvoorbeeld beschoeiingen, kribben, natuurvriendelijke oevers, dijken en golfbrekers. Overig Overig omvat de aanleg, reconstructie en onderhoud van zelfstandige opdrachten tot uitvoering van (1) waterwerken; natte infrastructuur, uitdiepen, zoet- en zoutbaggerwerk, zanden grindwinning en leveranties, opspuiten vanaf het water en (2) landschaps-, recreatie- en groenwerken, inclusief bijkomend grondwerk (zoals ontgravingen, aanleg van zandlichamen, specialistisch grondverzet, droog baggerwerk). 25

28 26

29 4 Productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven In welke mate bestaan er productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven? In dit hoofdstuk gaan we daar nader op in. 4.1 Productiviteitsanalyse De economische organisatietheorie geeft handvatten om de productietheorie te begrijpen. Data Envelopment Analysis (DEA) wordt gebruikt om de productiegrens te bepalen en de prestaties van bedrijven te evalueren. In feite betrekt DEA de identificatie van een empirische productiefunctie uit figuur 3.1, die het presteren van een bedrijf relatief meet ten opzichte van deze empirische productiegrens. DEA geeft aan welke bedrijven de productiegrens bepalen, waarbij bedrijven op de grens als efficiënt aangemerkt worden en bedrijven onder de grens als inefficiënt (zie ook Färe e.a., 1994). Data Envelopment Analyse Uitgaande van B bedrijven, M inputindicatoren en N outputindicatoren geldt voor het inputgeoriënteerde DEA model onder variabele schaalopbrengsten dat voor elk bedrijf b de maat te de uitkomst is van het algoritme: Noteer X als de M B matrix bestaande uit de geobserveerde inputvectoren en Y als de N B matrix bestaande uit de geobserveerde outputvectoren. Noteer bedrijf b s inputvector als x b, en outputvector als y b. Introduceer variabelen ϑ b en z b, waarbij ϑ b de maat te voor bedrijf b representeert en vector z b (van lengte B) de schatter is van de ideale combinatie van technisch efficiënte bedrijven die bedrijf b technisch efficiënt zou maken (in het geval b zelf technisch efficiënt is, is z b een nulvector op coëfficiënt b na, die de waarde 1 heeft). Minimaliseer ϑ b met betrekking tot de volgende voorwaarden: Xz b ϑ b x b, (4.1) Yz b y b, z b 0. Voer deze minimalisatie uit voor ieder bedrijf b = 1,,B. De inputgeoriënteerde parameter b geeft aan in welke mate bedrijf b s inputhoeveelheden kunnen worden verminderd zodanig dat de outputhoeveelheid gelijk blijft. Bijgevolg is ϑ b 1; b = 1 als bedrijf b technisch efficiënt is (zie Førsund & Sarafoglou, 2002). Aangezien DEA voor ieder bedrijf een maat van productiviteit geeft, kunnen bedrijven gerangschikt worden op basis van deze scores, zodat voorlopers en achterblijvers geïdentificeerd kunnen worden. 4.2 Data Populatie De data zijn afkomstig van de EIB Bedrijfseconomische monitor, gebaseerd op enquêtes uit de periode onder Nederlandse gww-bedrijven (hoofdaannemers) geregistreerd bij Cordares Pensioenen. In de gww-sector waren op 1 januari hoofdaannemingsbedrijven met personeel werkzaam volgens tellingen van het EIB 3. In termen van arbeidscapaciteit omvat het midden- en 3 Voor een uiteenzetting over verschillen tussen de CBS en EIB tellingen zie Van Rijswijk (2008). 27

30 kleinbedrijf (MKB) met personeel (tot 100 werknemers) 45% van de populatie en het grootbedrijf (100 en meer werknemers) 55%. De totale productie die de sector in 2007 tot stand bracht bedroeg 13,1 miljard euro, 23% van de totale bouwproductie (EIB, 2009). Tabel 4.1 geeft voor zowel de populatie als de steekproef informatie over de verdeling van het aantal gww-bedrijven naar jaren en grootteklassen. Er zijn drie grootteklassen gedefinieerd. Kleine bedrijven hebben 1-20 werknemers. Middelgrote bedrijven hebben werknemers. Grote bedrijven hebben meer dan 100 werknemers. De cijfers wijzen uit dat kleine bedrijven ondervertegenwoordigd zijn in de steekproef. Tabel 4.1 Aantal gww-bedrijven in de populatie en de steekproef per jaar en per grootteklasse, in Totaal Klein Midden Groot Totaal Schuingedrukte nummers verwijzen naar het aantal gww-bedrijven in de steekproef Bron: EIB Beschrijvende analyse In de enquête werden gww-bedrijven gevraagd om informatie te geven over output en input. We beschouwen de toegevoegde waarde als maat voor output (alle variabelen in monetaire waarden). De input betreft de kostenstructuur: inkoop, arbeid, kapitaal en overige kosten. Bij inkoop zijn inbegrepen materiaal- en uitbestedingskosten. Bij arbeidskosten zijn inbegrepen directe en indirecte loonkosten. Bij kapitaal zijn inbegrepen afschrijvings- en leasekosten en bij overige kosten algemene bedrijfs- en rentekosten. Tabel 4.2 geeft beschrijvende statistieken voor de kostenaandelen. De tabel laat zien hoe de kostenstructuur van een bedrijf varieert met de bedrijfsgrootte. Kleine bedrijven hebben een ondergemiddeld aandeel van inkoop (inclusief onderaanneming) en bovengemiddelde aandelen van arbeid, kapitaal en overige kosten. Voor grote bedrijven geldt het omgekeerde. Grote bedrijven hebben een bovengemiddeld aandeel inkoop en ondergemiddelde aandelen arbeid, kapitaal en overige kosten. Omdat vaste kosten veelal in kapitaal en overige kosten voorkomen, lijkt dit erop te wijzen dat vaste kosten voor kleine bedrijven bovengemiddeld zijn (zie Vrolijk & Van der Vlist, 2011). 28

31 Tabel 4.2 Kostenaandelen van productie-input per grootteklasse, 1999 Kostenaandeel (%) Klein Midden Groot Totaal Inkoop 49,1 (22,5) 55,4 (17,1) 61,1 (14,6) 53,2 (20,1) Arbeid 32,3 (19,0) 28,8 (13,4) 25,3 (8,6) 30,0 (16,0) Kapitaal 5,7 (5,4) 4,8 (4,8) 4,5 (5,3) 5,2 (5,2) Overige input 12,9 (9,4) 11,0 (7,6) 9,1 (7,4) 11,6 (8,6) Totaal Gemiddelde kostenaandelen in totale kosten, standaarddeviatie tussen haakjes Bron: EIB De kostenstructuur van de bedrijven in de steekproef wijzigt in beperkte mate door de tijd. Figuur 4.1 geeft de kostenstructuur door de tijd heen, gebaseerd op gegevens van zowel het CBS als van het EIB. Uit de figuur blijkt dat de EIB- en de CBS-gegevens wat deze kostenaandelen betreft goed met elkaar overeenkomen. De gemiddelde waarden van de kostenaandelen liggen in absolute zin dicht bij elkaar. In relatieve zin ten opzichte van de standaardafwijking zijn de verschillen ook klein. De CBS-gegevens hebben het voordeel dat ze meer gegevens bevatten (in de periode : 3.163, 3.765, 3.252, 3.044, en bedrijven). Uit figuur 4.1 is op te maken dat de EIB-data binnen de foutenmarge van de CBS gegevens liggen. Het kleiner aantal observaties in de EIB-data heeft daarmee geen serieuze gevolgen voor de kwaliteit van de data. Aangezien de analyse praktisch gezien eenvoudiger uitgevoerd kan worden met de EIB-data omdat gegevens recenter zijn, wordt in de analyse gebruik gemaakt van de EIB-data. Het kan zijn dat verschillen in de kostenstructuur worden veroorzaakt door verschillen tussen segmenten en mate van specialisatie. Dit kan gevolgen hebben voor de analyse van verschillen in productiviteit van bedrijven. Vooraf aan deze analyse hebben we daarom naar de kostenstructuur gekeken, per segment en mate van specialisatie (zie tabel 4.3). Uit tabel 4.3 blijkt dat de gemiddelde kostenaandelen nauwelijks variëren tussen de segmenten en de mate van specialisatie. We kunnen dus veronderstellen dat de gww-bedrijven beschikken over vergelijkbare technologie en dat er één productiegrens is (zie paragraaf 3.1). In het vervolg van de analyse berekenen we de productiviteit van elk bedrijf daarom op basis van een vergelijking binnen de gehele gww-sector, waarna we vervolgens per segment rapporteren. Tabel 4.4 laat de omzetsamenstelling naar segment zien van de steekproef. Gemiddeld wordt driekwart van de omzet gerealiseerd in infrastructurele werken. Ongeveer 9% wordt gemiddeld gerealiseerd in civiele betonbouw. De sectoren kust- en oeverwerken en overig zijn goed voor respectievelijk 5% en 11% van de omzet. Op basis van tabel 4.4 is op te maken dat de steekproef in beperkte mate afwijkt van de totale omzetverdeling van de gww-bedrijven in 2007 (zie Vrolijk, 2008). Daarnaast blijkt dat er in de steekproef door de tijd heen weinig fluctuatie in de omzetsamenstelling te constateren is. Dit geeft geen aanleiding om voor eventuele verschillen te moeten corrigeren. 29

32 Figuur 4.1 Ontwikkeling kostenaandelen in procenten volgens EIB en CBS over % Inkoop % Arbeid % 35 Overig + kapitaal CBS Aandeel + standaarddeviatie EIB Aandeel + standaarddeviatie CBS Aandeel EIB Aandeel CBS Aandeel - standaarddeviatie EIB Aandeel - standaarddeviatie Bron: EIB 30

33 Tabel 4.3 Gemiddelde kostenaandelen in procenten naar mate van specialisatie per segment, in procenten Bron: EIB 100% 70% 60% 50% > 0% INF N Inkoop 53,0 53,4 53,5 53,5 53,1 Arbeid 29,8 29,7 29,7 29,8 30,3 Kapitaal 5,4 5,3 5,3 5,3 5,2 Overige input 11,8 11,6 11,5 11,4 11,4 CB N Inkoop 56,5 56,3 55,4 56,0 52,9 Arbeid 27,8 28,0 28,9 28,9 31,2 Kapitaal 6,4 5,5 5,5 5,1 5,2 Overige input 9,3 10,2 10,2 10,0 10,7 KO N Inkoop 40,2 47,6 49,5 49,6 52,8 Arbeid 37,6 34,4 32,6 32,9 31,3 Kapitaal 6,1 4,6 4,3 4,5 4,5 Overige input 16,1 13,4 13,6 13,0 11,4 OV N Inkoop 48,2 47,3 47,7 47,8 53,4 Arbeid 28,6 31,4 31,8 32,5 29,8 Kapitaal 6,0 5,6 5,5 5,5 5,1 Overige input 17,2 15,7 15,0 14,2 11,7 N=915 Tabel 4.4 Gww-omzetsamenstelling van de steekproef in procenten naar segment per jaar Totaal INF 74,2 77,2 75,7 72,5 76,6 77,5 70,6 75,8 74,6 75,4 CB 6,6 7,1 8,9 10,9 10,0 8,5 11,1 9,3 12,5 8,7 KO 5,2 5,9 4,9 5,0 3,8 4,1 5,3 3,6 3,6 4,6 OV 14,0 9,8 10,5 11,6 9,6 9,9 13,0 11,3 9,3 11,1 N Bron: EIB 31

34 4.3 Resultaten Productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven Het DEA-model berekent een relatieve maatstaf voor productiviteit of efficiëntie voor elk bedrijf: op deze manier geeft het informatie over de productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven. De frequentieverdeling van efficiëntie wordt weergegeven in figuur 4.2. Uit figuur 4.2 blijkt dat de productiviteitscijfers grote verschillen in productiviteit tussen gwwbedrijven laten zien. Tabel 4.5 toont deze samenvattende statistieken per jaar en per segment, terwijl figuur 4.3 de frequentieverdelingen per jaar weergeeft. Deze geven zowel per jaar als per segment eveneens verschillen in productiviteit weer. Voordat bedrijven op basis van verschillen in productiviteit getypeerd worden, onderzoeken we of productiviteitsverschillen verband houden met de robuustheid van de DEA-methodiek. Daar gaan we in de volgende paragraaf op in. Figuur 4.2 Frequentieverdeling van technische efficiëntie, Frequentie ,1 0,2 0,3 0,4 0,5 0,6 0,7 0,8 0,9 1 Bron: EIB Tabel 4.5 Gemiddelde technische efficiëntie, gewogen naar segment Totaal INF 0,60 0,41 0,56 0,44 0,57 0,58 0,55 0,65 0,50 0,53 CB 0,53 0,49 0,64 0,44 0,58 0,68 0,59 0,72 0,54 0,57 KO 0,64 0,38 0,68 0,50 0,66 0,65 0,61 0,61 0,71 0,59 OV 0,59 0,46 0,63 0,42 0,54 0,58 0,59 0,69 0,60 0,57 Totaal 0,59 0,42 0,58 0,45 0,58 0,59 0,57 0,65 0,51 Bron: EIB 32

35 Figuur 4.3 Frequentieverdeling van efficiëntie per jaar Frequentie ,5 1 0,5 1 0,5 1 Bron: EIB Robuustheid van DEA In deze sectie wordt de robuustheid van DEA getest door deze methode te vergelijken met een andere methode genaamd Index Numbers (IN). Hiervoor is het nodig om de DEA-scores te transformeren naar waardes die één op één te vergelijken zijn met IN-scores. Dit wordt gedaan door de aangepaste DEA-scores μ DEA te bepalen door middel van (4.2) μ DEA = ln ϑ bt ln ϑ t, waarbij ϑ bt bedrijf b s technische efficiëntie in jaar t representeert (de normale DEA-score zoals eerder gedefinieerd) en lnϑ t de gemiddelde log van de technische efficiëntie in jaar t, waarbij t = 1999,, 2007 en b = 1,,B t. Bedrijf b s IN-score in jaar t wordt gedefinieerd door (4.3) μ N = (ln Q it ln Q t ) s L i t (ln L it ln L t ) (1 - ~ s L i t )((ln Q it (ln Q t ), waarbij ~ L s = ½ (s L + s L b ), s L het aandeel van arbeid representeert en de rest van de notatie vergelijkbaar is met de voorgaande definitie. Figuur 4.4 geeft een vergelijking weer van de twee t bt t methodes voor het eerste en laatste meetjaar van de dataset. Beide jaren geven dezelfde indruk: beide methoden komen in het algemeen goed met elkaar overeen en verschillen alleen, in meer of mindere mate, voor individuele gevallen. Voor de 33

36 Figuur 4.4 Vergelijking van DEA- en IN-scores in 1999 en Gerangschikt o.b.v. DEA 4 Gerangschikt o.b.v. IN Gerangschikt o.b.v. DEA 4 Gerangschikt o.b.v. IN Bron: EIB DEA-scores IN-scores Voor ieder jaar zijn de resultaten in de linkerfiguur gerangschikt m.b.t. (aangepaste) DEA, in de rechterfiguur m.b.t. IN 34

37 andere jaren is het beeld hetzelfde. Deze overeenkomst kan gekwantificeerd worden door de DEA- en IN-ranglijsten te vergelijken met behulp van de Kendall-Tau-maat, die de waarde 1 aanneemt in het geval van twee identieke ranglijsten, -1 in het geval van twee tegengestelde ranglijsten en ongeveer 0 in het geval van ranglijsten die niets gemeenschappelijks hebben. De uitkomst van deze vergelijking voor ieder meetjaar wordt weergegeven in tabel 4.6. Dit resultaat laat duidelijk zien dat er grote overeenkomst tussen de DEA- en IN-resultaten zijn. De robuustheid van DEA geeft dus geen aanleiding om de gevonden verschillen in productiviteit te heroverwegen. Met andere woorden blijkt dat DEA een robuuste methode is om productiviteitsverschillen tussen gww-bedrijven vast te stellen. Verschillen in productiviteit hangen daarmee niet samen met de methodiek. In de volgende paragraaf geven we een typering van voorlopers en achterblijvers om in hoofdstuk 5 in te gaan op mogelijke verschillen in bedrijfsprocessen als verklaring voor verschillen in productiviteit. Tabel 4.6 Kendall-Tau vergelijking van DEA- en IN-ranglijsten, Bron: EIB K-Tau (DEA, IN) 0,868 0,857 0,877 0,873 0,879 0,887 0,905 0,919 0, Voorlopers en achterblijvers In deze paragraaf wordt een karakterisering gegeven van voorlopers en achterblijvers in termen van financiële en bedrijfseconomische maatstaven. De rekenmethodiek is hierbij als volgt: 1. De observaties worden verdeeld naar grootteklassen. 2. Van de totale groep bedrijven worden op basis van de productiviteit (op basis van DEA) de top-15% en de bottom-15% geïdentificeerd. 3. Mochten er meer observaties zijn met dezelfde TE-score als de laatste van de top-15% (en analoog voor de bottom-15%), dan worden deze aan de top-15% toegevoegd. De beschrijving van de kenmerken is terug te vinden in tabel 4.8. De beschrijving is gebaseerd op 308 observaties (147 achterblijvers en 161 voorlopers). Uit tabel 4.8 is op te maken dat het profiel sterk verschilt met grootteklasse. De cijfers laten zien dat verschillen tussen grootteklasse omvangrijk zijn. Dit is te verwachten. Bedrijfsprestaties binnen een grootteklasse zijn vanwege vergelijkbare onderliggende bedrijfsprocessen beter te vergelijken dan die tussen grootteklassen. Zo geldt dat ten opzichte van grote gww-bedrijven kleine gww-bedrijven relatief meer uitvoerend personeel hebben en relatief veel vaste activa per werkende hebben. Overigens blijkt uit de onderste regel van tabel 4.8 dat de arbeidsproductiviteit in kleine gww-bedrijven niet lager is dan die in grote gww-bedrijven. Bovenstaande betekent overigens niet dat er binnen grootteklassen geen heterogeniteit is. Tabel 4.7 geeft de standaarddeviatie van de omvang van bedrijven in aantal werknemers. Hieruit blijkt dat vooral in de groep grootste gww-bedrijven de verschillen omvangrijk zijn. Deze heterogeniteit moet in acht genomen worden bij de hieronder gepresenteerde profielen van voorlopers en achterblijvers. 35

Productiviteit en strategie. Handvatten voor gww-bedrijven

Productiviteit en strategie. Handvatten voor gww-bedrijven Productiviteit en strategie Handvatten voor gww-bedrijven Productiviteit en strategie Het auteursrecht voor de inhoud berust geheel bij de Stichting Economisch Instituut voor de Bouw. Overnemen van de

Nadere informatie

MKB investeert in kennis, juist nu!

MKB investeert in kennis, juist nu! M201016 MKB investeert in kennis, juist nu! drs. B. van der Linden drs. P. Gibcus Zoetermeer, september 2010 MKB investeert in kennis, juist nu! MKB-ondernemers blijven investeren in bedrijfsopleidingen,

Nadere informatie

M200616. De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB

M200616. De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB M200616 De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB dr. J.M.P. de Kok drs. J.M.J. Telussa Zoetermeer, december 2006 Prestatieverhogend HRM-systeem MKB-bedrijven met een zogeheten 'prestatieverhogend

Nadere informatie

Monitor Bouwketen. Voorjaar 2015. Marien Vrolijk

Monitor Bouwketen. Voorjaar 2015. Marien Vrolijk Monitor Bouwketen Voorjaar 2015 Marien Vrolijk 2 Inhoudsopgave Conclusies op hoofdlijnen 5 1 Bouwketen 6 1.1 Recente ontwikkelingen 6 1.2 Conjunctuur bouwketen 8 2 Architectenbureaus 10 3 Ingenieursbureaus

Nadere informatie

Bedrijfs- economische kencijfers. b&u- en gww-bedrijven 2010

Bedrijfs- economische kencijfers. b&u- en gww-bedrijven 2010 Bedrijfs- economische kencijfers b&u- en gww-bedrijven 2010 Bedrijfseconomische kencijfers 2010 Het auteursrecht voor de inhoud berust geheel bij de Stichting Economisch Instituut voor de Bouw. Overnemen

Nadere informatie

Structurele ondernemingsstatistieken

Structurele ondernemingsstatistieken 1 Structurele ondernemingsstatistieken - Analyse Structurele ondernemingsstatistieken Een beeld van de structuur van de Belgische economie in 2012 en de mogelijkheden van deze databron De jaarlijkse structurele

Nadere informatie

Marktanalyse rapport Voorbeeld klanten

Marktanalyse rapport Voorbeeld klanten Marktanalyse rapport Voorbeeld klanten Gemaakt door: Rino Both Bedrijfsnaam: D&B SLiM testomgeving - Olbico Datum: 8 mei 2015 1. Inhoud 1. Inhoud 2. Inleiding 3. Beschrijvingen van de selectie, markt en

Nadere informatie

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Klantgerichtheid Selecteren van een klant Wanneer u hoog scoort op 'selecteren

Nadere informatie

Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk

Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk M201210 Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk Arjan Ruis Zoetermeer, september 2012 Vergrijzing MKB-ondernemers zet bedrijfsprestaties onder druk De leeftijd van de ondernemer blijkt

Nadere informatie

Impressie Benchmark Medische Technologie 2013

Impressie Benchmark Medische Technologie 2013 Impressie Benchmark Medische Technologie 2013 Impressie Benchmark Medische Technologie 2013 Inzicht in prestaties door benchmarking van kosten en kwaliteit van medische technologie met andere ziekenhuizen.

Nadere informatie

Bedrijfs- economische kencijfers. b&u- en gww-bedrijven 2011

Bedrijfs- economische kencijfers. b&u- en gww-bedrijven 2011 Bedrijfs- economische kencijfers b&u- en gww-bedrijven 2011 Bedrijfseconomische kencijfers 2011 Het auteursrecht voor de inhoud berust geheel bij de Stichting Economisch Instituut voor de Bouw. Overnemen

Nadere informatie

MKB-ondernemers met oog voor de toekomst

MKB-ondernemers met oog voor de toekomst M200803 MKB-ondernemers met oog voor de toekomst Bedrijfsstrategieën in het MKB drs. M. Mooibroek Zoetermeer, juli 2008 MKB-ondernemers met oog voor de toekomst Ongeveer de helft van de MKB-ondernemers

Nadere informatie

Sociaal-economische kerngegevens

Sociaal-economische kerngegevens Sociaal-economische kerngegevens voor de vervaardiging van aardappelproducten Deze folder is voor werknemers en werkgevers in: de aardappelproductensector. De folder geeft een beeld van sociaal-economische

Nadere informatie

SCOPE 3 analyse van GHG genererende (keten) activiteiten

SCOPE 3 analyse van GHG genererende (keten) activiteiten SCOPE 3 analyse van GHG genererende (keten) Inhoud 1. Inleiding... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 2. Bedrijf... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 3. Energieverbruik en energieverbruikers... Fout!

Nadere informatie

Het belang van het MKB

Het belang van het MKB MKB Regio Top 40 Themabericht Rogier Aalders De nieuwe MKB Regio Top 40 is uit. Zoals u van ons gewend bent, rangschikken we daarin de veertig Nederlandse regio s op basis van de prestaties van het MKB

Nadere informatie

Scope 3 Analyse 2011

Scope 3 Analyse 2011 Algemeen gedeelte Blad : 1 van 7 Scope 3 Analyse 2011 Ippel Civiele Betonbouw B.V. Scope 3 Analyse Pag. 1 van 7 Algemeen gedeelte Blad : 2 van 7 INHOUDSOPGAVE Inleiding Stap 1: De hoofdlijnen van de waardeketen

Nadere informatie

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey ICOON Paper #1 Ferry Koster December 2015 Inleiding Dit rapport geeft inzicht in de relatie

Nadere informatie

RRBOUWRAPPORT 140. Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010

RRBOUWRAPPORT 140. Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010 RRBOUWRAPPORT 140 Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010 1 RRBouwrapport 140 Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010 2 RRBOUWRAPPORT 140 Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van

Nadere informatie

RRBOUWRAPPORT 140. Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010

RRBOUWRAPPORT 140. Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010 RRBOUWRAPPORT 140 Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010 samenvatting 1 RRBOUWRAPPORT 140 - SAMENVATTING Algemene BouwplaatsKosten (ABK) van B&U-projecten 2010 In opdracht van de Stichting

Nadere informatie

M200704. Markt- en klantgerichtheid in het MKB. drs. S.C. Oudmaijer

M200704. Markt- en klantgerichtheid in het MKB. drs. S.C. Oudmaijer M200704 Markt- en klantgerichtheid in het MKB drs. S.C. Oudmaijer Zoetermeer, februari 2007 Markt- en klantgerichtheid in het MKB In de rapportage beschrijft EIM drie indicatoren om de klant- en marktgerichtheid

Nadere informatie

MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager

MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager M201120 MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager drs. B van der Linden Zoetermeer, december 2011 MKB-ondernemer ziet zichzelf vooral als manager Ondernemers zijn te verdelen in managers, marktzoekers,

Nadere informatie

OPEN VRAGEN 1. Welke ondernemingsvorm komt het meest voor in Nederland en wat zouden daarvoor de belangrijkste redenen kunnen zijn?

OPEN VRAGEN 1. Welke ondernemingsvorm komt het meest voor in Nederland en wat zouden daarvoor de belangrijkste redenen kunnen zijn? Vragen hoofdstuk 3: De onderneming nader bekeken OPEN VRAGEN 1. Welke ondernemingsvorm komt het meest voor in Nederland en wat zouden daarvoor de belangrijkste redenen kunnen zijn? 2. Noem minimaal drie

Nadere informatie

Fact sheet. Ondernemerschap in Westpoort. Vestigingen en ondernemingen in Westpoort. Ondernemerschap in Westpoort. november 2011

Fact sheet. Ondernemerschap in Westpoort. Vestigingen en ondernemingen in Westpoort. Ondernemerschap in Westpoort. november 2011 Fact sheet november 211 Ondernemerschap in is het haven-, industrie- en kantorengebied aan de westkant van. Hoewel er in weinig ondernemingen te vinden zijn, zijn er veel personen werkzaam. Daarnaast kennen

Nadere informatie

M200719. Een 'directe buitenlandse investering' is méér dan investeren alleen. Buitenlandse investeringen door MKB-bedrijven

M200719. Een 'directe buitenlandse investering' is méér dan investeren alleen. Buitenlandse investeringen door MKB-bedrijven M200719 Een 'directe buitenlandse investering' is méér dan investeren alleen Buitenlandse investeringen door MKB-bedrijven drs. R.M. Braaksma dr. J. Meijaard Zoetermeer, november 2007 Een 'directe buitenlandse

Nadere informatie

2 Constante en variabele kosten

2 Constante en variabele kosten 2 Constante en variabele kosten 2.1 Inleiding Bij het starten van een nieuw bedrijf zal de ondernemer zich onder andere de vraag stellen welke capaciteit zijn bedrijf moet hebben. Zal hij een productie/omzet

Nadere informatie

Verzuimcijfers 2010 sector Gemeenten

Verzuimcijfers 2010 sector Gemeenten Verzuimcijfers 00 sector Gemeenten A+O fonds Gemeenten, april 0 Ziekteverzuim bij gemeenten daalt licht tot, procent in 00 Het ziekte van gemeenten is in 00 licht gedaald tot, procent. Ten opzichte van

Nadere informatie

M200412 Opleidingsniveau in MKB stijgt

M200412 Opleidingsniveau in MKB stijgt M200412 Opleidingsniveau in MKB stijgt A.M.J. te Peele Zoetermeer, 24 december 2004 Meer hoger opgeleiden in het MKB Het aandeel hoger opgeleiden in het MKB is de laatste jaren gestegen. Met name in de

Nadere informatie

Monitor openbare aanbestedingen. De Nederlandse aanbestedingsmarkt van bouwwerken in beeld

Monitor openbare aanbestedingen. De Nederlandse aanbestedingsmarkt van bouwwerken in beeld Monitor openbare aanbestedingen De Nederlandse aanbestedingsmarkt van bouwwerken in beeld 1 Monitor openbare aanbestedingen Inschrijven op openbare aanbestedingen is voor veel bedrijven een belangrijke

Nadere informatie

Rapportage klanttevredenheidsonderzoek Inclusief vergelijk 2012. Koro Enveloppen & Koro PackVision

Rapportage klanttevredenheidsonderzoek Inclusief vergelijk 2012. Koro Enveloppen & Koro PackVision Rapportage klanttevredenheidsonderzoek Inclusief vergelijk 2012 Opdrachtgever: Uitvoering: Koro Enveloppen & Koro PackVision Tema BV December 2014 1 I N L E I D I N G In 2014 heeft Tema voor de vijfde

Nadere informatie

Zzp ers in de provincie Utrecht 2013. Onderzoek naar een groeiende beroepsgroep

Zzp ers in de provincie Utrecht 2013. Onderzoek naar een groeiende beroepsgroep Zzp ers in de provincie Utrecht 2013 Onderzoek naar een groeiende beroepsgroep Ester Hilhorst Economic Board Utrecht Februari 2014 Inhoud Samenvatting Samenvatting Crisis kost meer banen in 2013 Banenverlies

Nadere informatie

Basisverlegging prijsindexcijfers Grond-, Water- en Wegenbouw

Basisverlegging prijsindexcijfers Grond-, Water- en Wegenbouw Publicatiedatum CBS-website Centraal Bureau voor de Statistiek 29 april 2005 Basisverlegging prijsindexcijfers Grond-, Water- en Wegenbouw Mevr. drs. S.C. Elfering Centraal Bureau voor de Statistiek, Voorburg/Heerlen,

Nadere informatie

Monitor Bouwketen. Najaar 2015. Jerzy Straatmeijer

Monitor Bouwketen. Najaar 2015. Jerzy Straatmeijer Monitor Bouwketen Najaar 2015 Jerzy Straatmeijer 2 Inhoudsopgave Conclusies op hoofdlijnen 5 1 Bouwketen 7 1.1 Recente ontwikkelingen 7 1.2 Conjunctuur bouwketen 10 2 Architectenbureaus 12 3 Ingenieursbureaus

Nadere informatie

Wat motiveert u in uw werk?

Wat motiveert u in uw werk? Wat motiveert u in uw werk? Begin dit jaar heeft u kunnen deelnemen aan een online onderzoek naar de motivatie en werktevredenheid van actuarieel geschoolden. In dit artikel worden de resultaten aan u

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Alle verzuimgrootheden worden berekend exclusief zwangerschap, tenzij anders vermeld.

Inhoudsopgave. Alle verzuimgrootheden worden berekend exclusief zwangerschap, tenzij anders vermeld. Inhoudsopgave 1. Verzuim naar geslacht 2. Tijdreeks verzuimcijfers 3. Verzuim naar grootteklasse 4. Verzuim en meldingsfrequentie naar leeftijd 5. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 6.

Nadere informatie

De civiele betonbouw tot 2016. Ontwikkelingen op de markt en in de rolverdeling in het bouwproces

De civiele betonbouw tot 2016. Ontwikkelingen op de markt en in de rolverdeling in het bouwproces De civiele betonbouw tot 2016 Ontwikkelingen op de markt en in de rolverdeling in het bouwproces De civiele betonbouw tot 2016 Het auteursrecht voor de inhoud berust geheel bij de Stichting Economisch

Nadere informatie

Prijsindexcijfers advocatuur, 2002 2004

Prijsindexcijfers advocatuur, 2002 2004 Centraal Bureau voor de Statistiek Telefoon: 0900-0227 ( 0,50 p/m) E-mail: infoservice@cbs.nl Bron: CBS Prijsindexcijfers advocatuur, 2002 2004 Mw. M. Noordam en mw. R. Vleemink Centraal Bureau voor de

Nadere informatie

Bedrijfsproces-Architectuur

Bedrijfsproces-Architectuur Bedrijfsproces-Architectuur Methoden en Richtlijnen in de Praktijk HET NUT VAN PROCES-ARCHITECTUUR Bij het in kaart brengen van de processen in een organisatie, speelt een groot aantal vragen. Het zijn

Nadere informatie

Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming

Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming werkt wel André de Waal Prestatiebeloning wordt steeds populairder bij organisaties. Echter, deze soort van beloning werkt in veel gevallen

Nadere informatie

Conjunctuurenquête voorjaar 2013

Conjunctuurenquête voorjaar 2013 Conjunctuurenquête voorjaar 2013 Vereniging FME-CWM, Zoetermeer, februari 2013 Kasper Buiting, beleidsadviseur Onderzoek en Economie www.fme.nl Vereniging FME-CWM, Zoetermeer, februari 2013 Alle rechten

Nadere informatie

Bedrijven die investeren in sociale innovatie hebben minder last van de crisis

Bedrijven die investeren in sociale innovatie hebben minder last van de crisis Erasmus Concurrentie en Innovatie Monitor 2009 Bedrijven die investeren in sociale innovatie hebben minder last van de crisis Rotterdam, 6 oktober 2009 INSCOPE: Research for Innovation heeft in opdracht

Nadere informatie

De strategische keuzes die moeten gemaakt worden zijn als volgt: Interne controle of zelfcontrole/sociale controle

De strategische keuzes die moeten gemaakt worden zijn als volgt: Interne controle of zelfcontrole/sociale controle 1 Hoofdstuk 1 1.1 Dirigeren en coördineren p43 1.1.1 Dirigeren Dirigeren is een synoniem voor delegeren. Dirigeren houdt in dat bepaalde bevoegdheden overgedragen worden naar een persoon met een lagere

Nadere informatie

Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting

Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting Monitor HH(T) 4 e kwartaalmeting Marlijn Abbink-Cornelissen Marcel Haverkamp Janneke Wilschut 5 April 2016 1 Samenvatting Samenvatting Dit is het vijfde rapport van de monitor HH(T). Deze monitor inventariseert

Nadere informatie

Dip in aantal bedrijven dat aan bewegingsstimulering doet.

Dip in aantal bedrijven dat aan bewegingsstimulering doet. Dip in aantal bedrijven dat aan bewegingsstimulering doet. Monique Simons, Claire Bernaards, Vincent H. Hildebrandt, TNO Kwaliteit van leven Inleiding Sinds 1996 meet TNO periodiek hoeveel bedrijven in

Nadere informatie

Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting

Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting xvii Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting Samenvatting IT uitbesteding doet er niet toe vanuit het perspectief aansluiting tussen bedrijfsvoering en IT Dit proefschrift is het

Nadere informatie

Analyse ontwikkeling leerlingaantallen

Analyse ontwikkeling leerlingaantallen Analyse ontwikkeling leerlingaantallen Naar aanleiding van de 1 oktobertelling 2014 heeft VGS Adivio weer een korte analyse uitgevoerd waarbij onderzocht is in hoeverre de leerlingaantallen onderhevig

Nadere informatie

De Staat van Nederland Innovatieland: een gouden ei? Walter Manshanden

De Staat van Nederland Innovatieland: een gouden ei? Walter Manshanden De Staat van Nederland Innovatieland: een gouden ei? Walter Manshanden Van der Zee, F., W. Manshanden, F. Bekkers, T. van der Horst ea (2012). De Staat van Nederland Innovatieland 2012. Amsterdam: AUP

Nadere informatie

De 17 principes van lean working

De 17 principes van lean working De 17 principes van lean working Lean working kan samengevat worden in 17 basis principes. De totale aanpak is hieruit opgebouwd. Het kennen en beheersen van de principes is belangrijk voor de continu

Nadere informatie

Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V.

Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V. Medewerkerstevredenheidsonderzoek Fictivia 2008.V. Opdrachtgever: Uitvoerder: Plaats: Versie: Fictivia B.V. Junior Consult Groningen Fictief 1 Inhoudsopgave Inleiding 3 Directieoverzicht 4 Leiderschap.7

Nadere informatie

Werkgelegenheidsonderzoek 2010

Werkgelegenheidsonderzoek 2010 2010 pr ov i nc i e g r oni ng e n Wer kgel egenhei dsonder zoek Eenanal ysevandeont wi kkel i ngen i ndewer kgel egenhei di nde pr ovi nci egr oni ngen Werkgelegenheidsonderzoek 2010 Werkgelegenheidsonderzoek

Nadere informatie

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Zuid-Holland. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Zuid-Holland. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie Zuid-Holland Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen Februari 2013 Centrale vraag in deze presentatie Welke

Nadere informatie

BEPERKINGEN VAN BENCHMARKING

BEPERKINGEN VAN BENCHMARKING BEPERKINGEN VAN BENCHMARKING "No methodology can substitute for good judgment." 1. Twijfel over nut Juichend zijn consultants over benchmarking. En niet alleen zij; ook politici en bestuurders zien het

Nadere informatie

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011

IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 IMPRESSIE ICT BENCHMARK GEMEENTEN 2011 Sparrenheuvel, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 offertebureau@mxi.nl www.mxi.nl Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 1.1 Zevende ronde ICT Benchmark Gemeenten 2011 3 1.2 Waarom

Nadere informatie

Meest gestelde vragen & antwoorden 6% btw. Versie: 20 december 2013

Meest gestelde vragen & antwoorden 6% btw. Versie: 20 december 2013 Meest gestelde vragen & antwoorden 6% btw Versie: 20 december 2013 Branchevereniging VHG heeft de meest gestelde vragen over het toepassen van het verlaagd btw-tarief voor u in beeld gebracht. De antwoorden

Nadere informatie

Inzicht door benchmarking van kosten en kwaliteit van medische technologie IMPRESSIE BENCHMARK MEDISCHE TECHNOLOGIE 2014

Inzicht door benchmarking van kosten en kwaliteit van medische technologie IMPRESSIE BENCHMARK MEDISCHE TECHNOLOGIE 2014 Inzicht door benchmarking van kosten en kwaliteit van medische technologie IMPRESSIE BENCHMARK MEDISCHE TECHNOLOGIE 2014 Sparrenheuvel 32, 3708 JE Zeist (030) 2 270 500 info@mxi.nl www.mxi.nl Versie 00-01

Nadere informatie

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL

artikel SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH TECHNISCH ARTIKEL SUSTAINGRAPH is een Europees project, gericht (op het verbeteren van) de milieuprestaties van Europese Grafimediabedrijven binnen de productlevenscyclus van hun grafimedia

Nadere informatie

Bedrijfsopleidingen in de industrie 1

Bedrijfsopleidingen in de industrie 1 Bedrijfsopleidingen in de 1 M.J. Roessingh 2 Het aantal bedrijfsopleidingen dat een werknemer in de in 1999 volgde, is sterk gestegen ten opzichte van 1993. Ook zijn er meer opleidingen gaan volgen. Wel

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

Een steekproef van 20.000 personen is in januari 2006 door het Nederlandse Donateurspanel benaderd om mee te doen aan delweemaandelijkse monitor van

Een steekproef van 20.000 personen is in januari 2006 door het Nederlandse Donateurspanel benaderd om mee te doen aan delweemaandelijkse monitor van Een steekproef van 20.000 personen is in januari 2006 door het Nederlandse Donateurspanel benaderd om mee te doen aan delweemaandelijkse monitor van het donateursvertrouwen. Het veldwerk is uitgevoerd

Nadere informatie

26 november 2015 Rapportage & achtergronden

26 november 2015 Rapportage & achtergronden 26 november 2015 Rapportage & achtergronden Inhoud 1. Inleiding 1. Onderzoeksopdracht 2. Onderzoeksmethode 3. Respons en betrouwbaarheid 2. Steekproefsamenstelling 3. Resultaten 1. Eerder onderzoek 2.

Nadere informatie

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek.

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. In de BEROEPSCOMPETENTIES CIVIELE TECHNIEK 1 2, zijn de specifieke beroepscompetenties geformuleerd overeenkomstig de indeling van het beroepenveld.

Nadere informatie

Verkoop moet huidige klanten niet over het hoofd zien!

Verkoop moet huidige klanten niet over het hoofd zien! Verkoop moet huidige klanten niet over het hoofd zien! Klant is een van de belangrijkste factoren voor de winstgevendheid van een onderneming. Kleine veranderingen in de hebben al grote invloed op de winst.

Nadere informatie

Sturen op rendement en cashflow

Sturen op rendement en cashflow Sturen op rendement en cashflow Jacques Adriaansen VKL Jaarcongres 2004 04 november 2004 Jacques Adriaansen Sturen op rendement en cashflow Van strategie naar bedrijfsvoering Optimalisatie (kosten versus

Nadere informatie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie Productiviteit, concurrentiekracht en economische ontwikkeling Concurrentiekracht wordt vaak beschouwd als een indicatie voor succes of mislukking van economisch beleid. Letterlijk verwijst het begrip

Nadere informatie

Analyse van de inkoopfunctie

Analyse van de inkoopfunctie Ir. ing. D. Mostert, DME Advies Inkoopgebonden kosten zijn vaak een aanzienlijk deel van de totale kosten, hierdoor vormt de inkoopfunctie een belangrijke potentiële winstbron. Niet alleen door de invloed

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Werkgelegenheid commerciële sector daalt. Minder banen in industrie en zakelijke dienstverlening

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Werkgelegenheid commerciële sector daalt. Minder banen in industrie en zakelijke dienstverlening Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB02-196 26 september 2002 9.30 uur Werkgelegenheid commerciële sector daalt Voor het eerst sinds 1994 is het aantal banen van werknemers in commerciële bedrijven

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen

Instituut voor de nationale rekeningen Instituut voor de nationale rekeningen 2015-02-17 Links: Publicatie BelgoStat Online Algemene informatie Broos herstel in 2013 na krimp in 2012 in Brussel en Wallonië; verdere groeivertraging in 2013 in

Nadere informatie

B-segment Onderzoek naar de belangrijkste ontwikkelingen 1

B-segment Onderzoek naar de belangrijkste ontwikkelingen 1 B-segment Onderzoek naar de belangrijkste ontwikkelingen 1 Managementsamenvatting In opdracht van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) heeft Gupta Strategists onderzoek gedaan naar de belangrijkste

Nadere informatie

M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB

M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB M200413 Beperkte groei werkgelegenheid in het MKB A.M.J. te Peele Zoetermeer, 24 december 2004 Beperkte groei werkgelegenheid MKB in 1999-2002 De werkgelegenheid in het MKB is in 2002 met 3% toegenomen

Nadere informatie

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Utrecht. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Utrecht. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie Utrecht Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen Februari 2013 Centrale vraag in deze presentatie Welke investeringsagenda

Nadere informatie

Projectgestuurd. Noodzaak van organiseren

Projectgestuurd. Noodzaak van organiseren Projectgestuurd Noodzaak van organiseren Waar gaat het om? Projectgestuurd werken betekent vaak dynamiek en vraagt dus om organisatie. Inzicht is daarbij het sleutelwoord. Om te beginnen is het belangrijk

Nadere informatie

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Noord-Brabant. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Noord-Brabant. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie Noord-Brabant Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen Februari 2013 Centrale vraag in deze presentatie Welke

Nadere informatie

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Overijssel. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Overijssel. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie Overijssel Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen Februari 2013 Centrale vraag in deze presentatie Welke investeringsagenda

Nadere informatie

Uitgebreide inhoudsopgave: Werken met ken- en stuurgetallen DEEL I WAT ZIJN KEN- EN STUURGETALLEN?

Uitgebreide inhoudsopgave: Werken met ken- en stuurgetallen DEEL I WAT ZIJN KEN- EN STUURGETALLEN? DEEL I WAT ZIJN KEN- EN STUURGETALLEN? 1. Inleiding...3 2. Waarom is kwantificering noodzakelijk?...6 3. Ken- en stuurgetallen als instrument van personeelsmanagers...7 4. Enkele begripsomschrijvingen...10

Nadere informatie

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Gelderland. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Gelderland. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie Gelderland Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen Februari 2013 Centrale vraag in deze presentatie Welke investeringsagenda

Nadere informatie

Samenvatting. Beginselen van Productie. en Logistiek Management

Samenvatting. Beginselen van Productie. en Logistiek Management Samenvatting Beginselen van Productie en Logistiek Management Pieter-Jan Smets 5 maart 2015 Inhoudsopgave I Voorraadbeheer 4 1 Inleiding 4 1.1 Globalisering........................................... 4

Nadere informatie

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin ruime zin in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland in 2014 Directie Statistieken, Begroting en Studies stat@rva.be Inhoudstafel: 1

Nadere informatie

Meting economisch klimaat, november 2013

Meting economisch klimaat, november 2013 Meting economisch klimaat, november 2013 1.1 Beschrijving respondenten Er hebben 956 ondernemers meegedaan aan het onderzoek, een respons van 38. De helft van de respondenten is zzp er (465 ondernemers,

Nadere informatie

M200513 Tijdsbesteding ondernemend Nederland

M200513 Tijdsbesteding ondernemend Nederland M200513 Tijdsbesteding ondernemend Nederland R. Hoevenagel Zoetermeer, december 2005 Tijdsbesteding ondernemend Nederland Ondernemers in Nederland maken lange werkweken. Uit onderzoek van EIM komt naar

Nadere informatie

Dun & Bradstreet Onderzoek naar betalingstermijnen bij bedrijven onderling

Dun & Bradstreet Onderzoek naar betalingstermijnen bij bedrijven onderling Dun & Bradstreet Onderzoek naar betalingstermijnen bij bedrijven onderling Analyse voor: Ministerie van Economische Zaken 24 augustus 2015 Dun & Bradstreet Inhoud Dun & Bradstreet Onderzoek naar betalingstermijnen

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

Huidig economisch klimaat

Huidig economisch klimaat Huidig economisch klimaat 1.1 Beschrijving respondenten Er hebben 956 ondernemers meegedaan aan het onderzoek, een respons van 38. De helft van de respondenten is zzp er (465 ondernemers, 49). Het aandeel

Nadere informatie

Beschikbare modules iv- V Online

Beschikbare modules iv- V Online Beschikbare modules iv- V Online Inleiding Hoe belangrijk is het voor een organisatie om vanuit een visie een strategie te ontwikkelen, de benodigde bedrijfsonderdelen en of afdelingen goed in te richten

Nadere informatie

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V.

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Balanced Scorecard Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 9 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER... 3 2 DE

Nadere informatie

Werkgelegenheid in Twente. Jaarbericht 2014

Werkgelegenheid in Twente. Jaarbericht 2014 Werkgelegenheid in Twente Jaarbericht 214 Inhoudsopgave 1. Ontwikkeling werkzame personen en vestigingen (groei / afname) Ontwikkeling naar sectoren 2. Ontwikkeling naar sectoren Ontwikkeling naar branches

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Alle verzuimgrootheden worden berekend exclusief zwangerschap, tenzij anders vermeld.

Inhoudsopgave. Alle verzuimgrootheden worden berekend exclusief zwangerschap, tenzij anders vermeld. Inhoudsopgave 1. Tijdreeks verzuimcijfers 2. Verzuim naar geslacht 3. Verzuim naar grootteklasse 4. Verzuim en meldingsfrequentie naar leeftijd 5. Combinatie verzuimpercentage en meldingsfrequentie 6.

Nadere informatie

Benchmarkmodel. Bedrijf XYZ. eindresultaten klanten beleid. Analyse en leggen verbanden. Kwaliteit Tevredenheid Kosten. Waardering.

Benchmarkmodel. Bedrijf XYZ. eindresultaten klanten beleid. Analyse en leggen verbanden. Kwaliteit Tevredenheid Kosten. Waardering. Benchmarken In feite is benchmarken meten, vergelijken, leren en vervolgens verbeteren. Dit kan op zeer uiteenlopende gebieden. Van de behandelresultaten van een zorgmedewerker tot de resultaten van het

Nadere informatie

Nieuwsbrief Zeeuwse arbeidsmarktmonitor Nummer 5: december 2015

Nieuwsbrief Zeeuwse arbeidsmarktmonitor Nummer 5: december 2015 Nieuwsbrief Zeeuwse arbeidsmarktmonitor Nummer : december 2 Zeeuwse ondernemers blijven gunstig gestemd Winstgevendheid bouwondernemers pas volgend jaar op peil Krapte aan personeel in sectoren ICT en

Nadere informatie

Financiële analyse. Les 3 Kengetallen. Opdracht voor volgende lesweek

Financiële analyse. Les 3 Kengetallen. Opdracht voor volgende lesweek Financiële analyse Les 3 Kengetallen Opdracht voor volgende lesweek 1. Ieder teamlid download de financiele gegevens en berekent voor zijn bedrijf uit elke categorie van kengetallen (liquiditeit, solvabiliteit,

Nadere informatie

Duurzame innovaties in het MKB

Duurzame innovaties in het MKB M201117 Duurzame innovaties in het MKB Coen Bertens Johan Snoei Zoetermeer, november 2011 Duurzame innovaties in het MKB Eerder onderzoek van EIM liet al zien dat MKB'ers duur ondernemen als een blijver

Nadere informatie

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Friesland. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen

De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie. Friesland. Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen De internationale concurrentiepositie van de topsectoren in de provincie Friesland Otto Raspe, Anet Weterings, Mark Thissen & Frank van Dongen Februari 2013 Centrale vraag in deze presentatie Welke investeringsagenda

Nadere informatie

Update Financieringsmonitor MKB September 2009

Update Financieringsmonitor MKB September 2009 Update Financieringsmonitor MKB September Lia Smit Joris Meijaard Johan Snoei Pim van der Valk Zoetermeer, 10 september Financieringssituatie MKB blijft zorgelijk De vierde meting van de MKB-Financieringsmonitor

Nadere informatie

Inleiding: De vragenlijst wordt afgesloten met de vraag om uw kennisvraag 2 ledig in maximaal 100 woorden te formuleren.

Inleiding: De vragenlijst wordt afgesloten met de vraag om uw kennisvraag 2 ledig in maximaal 100 woorden te formuleren. Inleiding: Deze vragenlijst bestaat uit 45 vragen en dient ertoe om het innovatietraject strategischeen zoekmachine marketing zo Efficiënt, Effectief en Educatief mogelijk te laten verlopen. Deze kunt

Nadere informatie

Documentatierapport Relaties van baansleutels tussen nieuwe en oude baandefinities (KOPPELBAANSLEUTELSTAB)

Documentatierapport Relaties van baansleutels tussen nieuwe en oude baandefinities (KOPPELBAANSLEUTELSTAB) Centraal Bureau voor de Statistiek Centrum voor Beleidsstatistiek Documentatierapport Relaties van baansleutels tussen nieuwe en oude baandefinities (KOPPELBAANSLEUTELSTAB) Datum: 18 februari 2014 Bronvermelding

Nadere informatie

Bedrijfscultuur en ARBEIDSVEILIGHEID

Bedrijfscultuur en ARBEIDSVEILIGHEID Bedrijfscultuur en ARBEIDSVEILIGHEID Onderzoek in het kader van het program ma Versterking Arbeids veiligheid van het minis terie van Soc iale Z ak en en W erkgeleg enh eid Gepresenteerd op het jaarcongres

Nadere informatie

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen nen geven veel vaker leiding dan vrouwen Astrid Visschers en Saskia te Riele In 27 gaf 14 procent van de werkzame beroepsbevolking leiding aan of meer personen. Dit aandeel is de afgelopen jaren vrijwel

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting (summary in Dutch)

Nederlandse samenvatting (summary in Dutch) Nederlandse samenvatting (summary in Dutch) Relatiemarketing is gericht op het ontwikkelen van winstgevende, lange termijn relaties met klanten in plaats van het realiseren van korte termijn transacties.

Nadere informatie

Exact Synergy Enterprise. Krachtiger Financieel Management

Exact Synergy Enterprise. Krachtiger Financieel Management Exact Synergy Enterprise Krachtiger Financieel Management 1 Inleiding Waar gaat het om? Makkelijke vragen zijn vaak het moeilijkst te beantwoorden. Als het hectische tijden zijn, moet u soms veel beslissingen

Nadere informatie

Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI)

Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI) Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI) Het zelfbeoordelingsformulier Het doel van deze evaluatie is om u te helpen bij het bepalen van de belangrijkste aandachtsvelden van uw leidinggevende

Nadere informatie

Organisatie inrichting als een van de sleutels voor een efficiënt beheer

Organisatie inrichting als een van de sleutels voor een efficiënt beheer Organisatie inrichting als een van de sleutels voor een efficiënt beheer 27 november 2014 Jan Demey & Rianne Welvaarts Organisatie inrichting als een van de sleutels voor een efficiënt beheer AGENDA Definitie

Nadere informatie