Inhoudsopgave: Inleiding

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Inhoudsopgave: Inleiding"

Transcriptie

1 Inhoudsopgave: Inleiding Hoofdstuk 1: Intelligentie 1.1 Theorieën over intelligentie Psychometrische theorieën Andere theorieën 1.2 Intelligentie tests 1.3 ISFIC-reeks 1.4 Terugkoppelingsmaten Hoofdstuk 2: De Capaciteitentest Figurenreeksen 2.1 Ontwikkeling 2.2 Interpretatie van de scores 2.3 Afname instructie Hoofdstuk 3: De Capaciteitentest Verbale Analogieën 3.1 Ontwikkeling 3.2 Interpretatie van de scores 3.3 Afname instructie Hoofdstuk 4: De Capaciteitentest Cijferreeksen 4.1 Ontwikkeling 4.2 Interpretatie van de scores 4.3 Afname instructie Literatuur

2 Inleiding In deze handleiding worden de capaciteitentesten uit de Ixly Series For Intellectual Capacities, oftewel de ISFIC-reeks, besproken. Momenteel bestaat deze test uit drie verschillende capaciteitentests, te weten de test Figurenreeksen, de test Verbale Analogieën en de test Cijferreeksen. In de toekomst zal deze reeks aangevuld worden met andere capaciteitentests. Aan de hand van de op dit moment bestaande tests uit deze serie kan een beeld gevormd worden van de intellectuele capaciteiten van een bepaald persoon op drie specifieke gebieden: abstractanalytisch vermogen (figurenreeksen); verbaalanalytisch vermogen (verbale analogieën) en cijfermatig analytisch inzicht (cijferreeksen). Deze handleiding begint met een algemeen hoofdstuk waarin het begrip Intelligentie nader wordt toegelicht. Verschillende theorieën omtrent dit begrip worden behandeld. Tevens wordt aandacht besteed aan het meten van intelligentie middels intelligentietests. Ook komt in dit eerste hoofdstuk de ISFIC-reeks aan bod. Het is van belang dit hoofdstuk goed te bestuderen voor u start met het afnemen van capaciteitentests. Dit hoofdstuk biedt u namelijk informatie over het precieze construct wat aan de hand van de tests gemeten wordt. Kennis hiervan is onmisbaar wilt u de tests in zijn volledigheid kunnen benutten. In de daaropvolgende hoofdstukken worden de hiervoor genoemde capaciteitentests stuk voor stuk behandeld. In deze hoofdstukken komen specifieke zaken met betrekking tot de afzonderlijke tests aan bod, zoals het ontwikkelingstraject en de interpretatie van de scores. In hoofdstuk 2 wordt de test Figurenreeksen besproken. In hoofdstuk 3 de test Verbale Analogieën en in hoofdstuk 4 de test Cijferreeksen.

3 Hoofdstuk 1: Intelligentie In dit hoofdstuk wordt het begrip Intelligentie nader toegelicht. Verschillende theorieën komen aan bod. Tevens wordt ingegaan op het meten van intelligentie middels intelligentie tests. Aan het eind van dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op de ISFIC- reeksen en de precieze theoretische achtergrond van deze reeks. 1.1 Theorieën over intelligentie In deze paragraaf worden een aantal theorieën besproken omtrent het begrip intelligentie. Er wordt een onderscheid gemaakt in de psychometrisch theorieën en overige theorieën over intelligentie Psychometrische theorieën Psychometrische theorieën vinden allemaal hun basis in de differentiële, ook wel psychometrische of correlationele school van psychologie. Het belangrijkste punt binnen deze visie op psychologie is de studie en het meten van individuele verschillen in psychologische karakteristieken (Walsh et al.,1990). De eerste die in wetenschappelijke zin aandacht besteedde aan het begrip Intelligentie was Galton (1883) aan het eind van de 19 e eeuw. Hij formuleerde een theorie die sprak van general mental ability in mensen. Deze theorie is gebaseerd op het volgende idee: aangezien alle informatie ons via onze zintuigen bereikt, is intellect de som van alle simpele afzonderlijke aspecten van sensorisch functioneren. Volgens Galton ontstaat intelligentie dus uit de snelheid en precisie van onze sensorische responsen op omgevingsstimuli. Cattell (1890) ontwikkelde verschillende tests om deze afzonderlijke delen van het menselijke intellect te meten, zoals test om het vermogen om verschillen in afmetingen, kleur en gewicht te bepalen. Zij noemden deze tests mental tests. Er bleken echter nogal wat tekortkomingen te zitten in zowel deze theorie als in de gerelateerde tests. Zo bleken de tests onderling nauwelijks te correleren en leken om deze reden dus niet het overkoepelende construct "general mental ability" te meten. Verder waren de vele verschillende tests die nodig waren om het construct te meten en de vele herhaalde afnamen die nodig waren om een betrouwbare score te krijgen nogal onpraktisch Aan het begin van de 21 e eeuw is deze kijk op intelligentie dan ook verlaten (Walsh et al., 1990; nda, 1998). Tegelijk met Galton en Cattell ontwikkelden Alfred Binet en Theophile Simon een duidelijke andere theorie met betrekking tot menselijke intelligentie. Zij deden dit met als doel een test te ontwikkelen die geestelijke gehandicapte kinderen zou kunnen onderscheiden van normale kinderen. Binet en Simon waren van mening dat onder intelligentie de hogere mentale processen zoals oordelen en redeneren, vielen. Ook stelden zij dat de capaciteit om deze hogere mentale processen uit te voeren zou moeten toenemen met de leeftijd van een kind. De score op de Binet-Simon test werd gegeven als het mentale niveau of de mentale leeftijd van een kind. Deze test kreeg veel aandacht en werd in 1916 bewerkt door Lewis Terman en later door enkele anderen, tot de test die nu bekend staat als de Stanford - Binet aan de hand waarvan de Intelligentie Quotiënt oftewel het IQ bepaald wordt. Charles Spearman (1923) onderzocht met zijn zelf ontwikkelde techniek van Factor Analyse de tests van Galton-Cattell. Hij concludeerde, in tegenstelling tot anderen, dat er veel van deze tests wel onderling positief correleerden. Hij trok hieruit de conclusie dat een general mental ability zoals Galton deze had gedefinieerd wel degelijk bestond. Hij noemde dit general intelligence oftewel g. Hij stelde verder dat testscores veroorzaakt werden door twee componenten: de g-factor en factoren specifiek voor de betreffende test, die hij s noemde. Deze theorie staat bekend als Spearman s Twee Factoren Theorie van Intelligentie (Spearman, 1923). Intelligentie als zijnde g kan als volgt gedefinieerd worden: intelligentie is niet wat we weten op een bepaald moment, maar hoe goed we kunnen redeneren, problemen oplossen, abstract denken, en informatie flexibel en efficiënt manipuleren, met name wanneer het stimulusmateriaal in bepaalde mate nieuw is (Walsh et al., 1990).

4 Spearman s theorie werd niet algemeen geaccepteerd door zijn tijdsgenoten. Een voorbeeld van een tegenstander van de twee- factor-theorie was Leon Thurstone (1938). Thurstone stelde dat de overlap tussen verschillende intelligentie tests niet veroorzaakt werd door de g-factor, maar door het feit dat bij het oplossen van bepaalde test dezelfde vaardigheden nodig waren. Thurstone meende dat intellectueel functioneren het best beschreven kon worden als een verzameling onafhankelijke vaardigheden. Middels multiple factor analyse formuleerde hij dertien van deze primary mental abilities. Om deze mogelijkheden te testen ontwikkelde hij een batterij tests, genaamd de Primary Mental Abilities Test (PMA). De theorie van Thurstone is, samen met bijvoorbeeld die van Guilford (1967), een voorbeeld van een Multiple Factor Theorie van Intelligentie. Kenmerkend van de multiple factor theorieën is dat zij ervan uitgaan dat alle factoren gelijk zijn wat betreft belangrijkheid en generaliteit. Andere onderzoekers waren echter van mening dat er wel degelijk een hiërarchie in de factoren was aan te tonen middels factor analyse. Deze kijk op de analyse van scores op mentale tests resulteerde in de Hierarchical models of the nature of mental abilities. Voorbeelden van onderzoekers die dergelijke modellen ontwikkelden zijn Vernon (1960) en Burt (1949) Andere theorieën Bovenstaande theorieën zijn allen psychometrische theorieën. Zij vormen de basis van de testbeweging. Er zijn echter nog andere theorieën over intelligentie. Deze focussen zich niet zozeer op het meten van intelligentie als wel op de beschrijving ervan. - ontwikkelingstheorieën Deze theorieën onderschrijven het idee van Binet dat intelligentie toeneemt met leeftijd, maar zij maken een verder onderscheid in de aard van de intelligentie die zich ontwikkelt. Een belangrijke voorbeeld van een dergelijke theorie is Piaget s stadia van intellectuele ontwikkeling (Piaget, 1952). Hij onderscheidt drie fasen in de intelligentie-ontwikkeling van een kind: 1. de sensorimotorische fase (0-2 jaar) die gekenmerkt wordt door weten aan de hand van een proces van sensorische en motorische interactie met de omgeving; 2. de concreet operationele fase (2-11) waarbij het kind leert concepten intern te representeren door middel van taal en gedachten; 3. de formeel operationele fase (vanaf 11 jaar) waarbinnen het vermogen tot abstract denken wordt ontwikkeld. - Cognitieve psychologische theorieën De theorieën onderzoeken het fenomeen menselijke intelligentie aan de hand van hun werk op het gebied van informatie verwerking. Studie van informatieverwerking is gebaseerd op de assumpties en methoden van de experimentele psychologie. In onderzoek binnen de experimentele psychologie ligt de nadruk op verschillen in prestatie als gevolg van variatie in stimuli toewijzing, in plaats van op individuele verschillen. - Neurologisch-biologische theorieën Deze theorieën tot slot onderzoeken intelligentie op het niveau van het functioneren van de hersenen. Zij veronderstellen bijvoorbeeld bepaalde relaties tussen intelligentie en fysiologische kenmerken van de hersenen of stellen dat bepaalde gebieden in de hersenen gespecialiseerd zijn in bepaalde mentale functies. Hoe wordt intelligentie nu vandaag de dag gedefinieerd? Uit onderzoek blijkt dat er na ruim een eeuw onderzoek op dit gebied nog steeds geen consensus bestaat over wat er nu precies onder intelligentie verstaan moet worden. Een hiërarchisch model met g aan de top vertegenwoordigd volgens onderzoek het standpunt van het merendeel, doch zeker niet alle onderzoekers op dit gebied. Naast het ontbreken van consensus omtrent het te hanteren model, bestaat er nog minder overeenstemming omtrent de exacte betekenis van g. Benamingen als mentale energie, gegeneraliseerd abstract redenatievermogen en een enkel statistische grootheid worden hiervoor gebruikt (nda, 1998). Voorzichtig kan wel gesteld worden dat zowel Binet's nadruk op het

5 vermogen te oordelen en redeneren, als ook Spearman's principe van het leren van relaties en correlaties, de basis vormen van onze huidige conceptie van intelligentie. Dit zou als volgt gedefinieerd kunnen worden: "Intelligentie is niet wat we op een bepaald moment weten, maar hoe goed we kunnen redeneren, problemen oplossen, abstract denken en informatie flexibel en efficiënt kunnen manipuleren, met name wanneer het stimulus- materiaal in bepaalde mate nieuw voor ons is." (Walsh et al.,1990) Kortom, het ontbreekt nog aan eenduidigheid op het gebied van exacte definiëring van het begrip Intelligentie. Dit neemt niet weg dat er vele testen zijn ontwikkeld om dit begrip te meten, ieder gebaseerd op een specifiek idee over wat onder intelligentie verstaan dient te worden. Deze veelheid aan testen komt in de volgende paragraaf aan bod. 1.2 Intelligentie tests Zoals in de vorige paragraaf reeds kort aangehaald zijn er in de loop der tijd zeer veel verschillende typen intelligentie tests ontwikkeld; van de sensorische testen van Cattell tot de vandaag de dag nog steeds gebruikte (sterk gereviseerde vierde editie van) Stanford-Binet (Thorndike et al., 1986). Intelligentie tests kunnen op een aantal manieren geclassificeerd worden. Eén van deze classificatiesystemen is die in individueel afgenomen testen en groepsgewijs afgenomen tests (Walsh et al., 1990). De individueel afgenomen tests worden door een speciaal getraind persoon afgenomen bij één individu. Deze tests bevatten onderdelen waarbij gewerkt wordt met allerlei materialen of waarbij de tijd opgenomen dient te worden. De prestatie van de kandidaat moet geobserveerd worden om te kunnen worden gescoord. De Stanford Binet is een voorbeeld van een test die individueel afgenomen dient te worden. Bij groepsgewijs afgenomen tests kunnen grote groepen mensen tegelijk dezelfde test afleggen. Voordeel boven de individueel afgenomen test is uiteraard de kosteneffectiviteit. Tevens is hier sprake van meer standaardisatie van de afname dan bij de individueel afgenomen tests. Nadeel is dat er bij een degelijke testafname minder rekening gehouden kan worden met specifieke individuele factoren en er dus een minder uitgebreide beschrijving van de persoon verkregen wordt. Naast een onderscheid in wijze van afname en scoring van tests, kan er ook een onderscheid in tests gemaakt worden op basis van de verschillende typen inhoud van de test. Zo kan er een onderscheid gemaakt worden in verbale tests (taal; gesproken of geschreven), non-verbale tests (figuren, symbolen) en prestatietests (puzzels, doolhoven). Tot slot kan er nog een onderscheid gemaakt worden in culturele-specificiteit-van-de-testinhoud. Cultuur geladen tests zijn tests die de nadruk leggen op kennis en vaardigheden zoals die worden aangeleerd in het onderwijs systeem van een bepaalde cultuur. Cultuurvrije items zijn non-verbale items en prestaties die niet specifiek zijn voor een specifieke cultuur of op school worden aangeleerd (Walsh et al.,1990). Het gaat te ver om hier een uitgebreide beschrijving van specifieke intelligentie tests te geven. Hiervoor wordt de lezer doorverwezen naar toegespitste literatuur op dit onderwerp. 1.3 ISFIC-reeks Zoals in paragraaf 1.1 beschreven zijn er vele verschillende theorieën omtrent intelligentie. De ISFICreeks is gebaseerd op het idee van de multiple factor theorie. Om deze reden bestaat de reeks uit verschillende tests die allen een verschillend aspect van intelligentie meten. Bij de ontwikkeling van de ISFIC-reeks is als uitgangspunt genomen het ontwikkelen van capaciteitentests welke met name van toepassing zijn op de werksituatie. Aangezien binnen verschillende functies verschillende capaciteiten van belang zijn, is het binnen de ISFIC-reeks mogelijk die test te kiezen die het best de capaciteiten meet die voor de desbetreffende functie van belang zijn. In plaats van een algemeen beeld van de intelligentie (oftewel "g") van een persoon wordt een specifiek, op dat moment relevant, onderdeel hiervan in kaart gebracht. Zo is het bijvoorbeeld bij een financiële functie van belang de cijfermatige capaciteiten van persoon in kaart te brengen. Verbale capaciteiten zijn voor een dergelijke functie minder van belang. Er kan dan gekozen worden de test Cijferreeksen af te nemen. Aan de hand van deze test wordt een goed beeld verkregen van de numerieke aanleg, oftewel het cijfermatig analytisch vermogen van de persoon.

6 Momenteel zijn binnen deze reeks de volgende test ontwikkeld: de tests Figurenreeksen, de test Verbale Analogieën en de test Cijferreeksen. Aan de hand van deze tests kan respectievelijk abstractanalytisch vermogen, verbaal analytisch vermogen en cijfermatig analytisch vermogen bepaald kan worden. De reeks zal in de toekomst uitgebreid worden. Bij de ontwikkeling van de testen in deze reeks is zoveel mogelijk getracht cultuurvrije items te ontwikkelen. De test Figurenreeksen zal uiteraard meer cultuurvrij zijn dan de test Verbale Analogieën. Bij het afnemen van deze testen dient dit cultuurelement in overweging genomen te worden. Wanneer de tests van de ISFIC-reeks onderverdeeld worden in verbaal/non-verbaal kan dit als volgt gedaan worden: de testen Figurenreeksen en Cijferreeksen kunnen benoemd worden als non-verbale tests, terwijl de test Verbale Analogieën een duidelijk verbale test is. Van de test Cijferreeksen bestaan twee versies, te weten een versie voor hoger opgeleiden (HBO/WO niveau) en een versie voor personen met een opleiding onder HBO-niveau. Van de testen Verbale Analogieën en Figurenreeksen is op dit moment één versie ontwikkeld. In de toekomst zullen naar verwachting ook van deze test verschillende versies ontwikkeld worden. Voor specifieke informatie over de afzonderlijke testen wordt verwezen naar de volgende hoofdstukken van deze handleiding. 1.4 Terugkoppelingsmaten De capaciteitentest worden teruggekoppeld aan de hand van een drietal maten: 1. sten scores Deze schaal loopt van 1 tot 10. Sten-scores zijn een vorm van standaardscores. De ruwe scores van de persoon worden gestandaardiseerd naar een bepaalde schaal, in het geval van sten-scores naar een schaal van 1 tot 10, met een vast gemiddelde en een vaste standaarddeviatie. Standaardscores, en dus ook sten-scores, geven een beeld van hoe een bepaalde score zich verhoudt tot het gemiddelde van alle scores. Uitgaande van een normale verdeling liggen sten 4,5,6 en 7 allemaal binnen 1 standaarddeviatie van het gemiddelde. Sten 2,3 en 8,9 liggen tussen 1 en 2 standaarddeviatie van het gemiddelde. Sten1 en 10 liggen meer dan 2 standaarddeviaties van het gemiddelde. De gemiddelde score in de normgroep ligt precies op de grens van de vijfde en zesde sten. De percentages die horen bij de afzonderlijke sten-scores zijn als volgt: Sten percentag e 2,3% 4,4% 9,2% 15% 19% 19% 15% 9,2% 4,4% 2,3% 2. T-score Deze schaal loopt van Ook t-scores zijn een vorm van standaard-scores. T-scores hebben een gemiddelde van 50 en een standaarddeviatie van 10. Binnen een normale verdeling kan gesteld worden dat 99,74% van alle scores binnen T-scores van 20 tot 80 vallen aangezien deze scores 3 standaarddeviaties boven of 3 standaarddeviaties onder het gemiddelde liggen. 3. Percentiel score Een percentiel score refereert naar de proportie mensen in de normgroep wiens score lager dan een bepaalde testscore was. Dus: als 15 procent van de personen in de normgroep een (ruwe) score lager dan 20 heeft behaald, dan wordt gesteld dat de (ruwe) score 20 een percentielscore van15 heeft. Bij de interpretatie van percentielscores dient men te onthouden dat hoe hoger de percentielscore is hoe hoger de score van de betreffende persoon, ten opzichte van anderen. Percentielen zijn niet evenredig verdeeld over een normale verdeling. Binnen een normaal verdeling is het grootste deel van de personen gecentreerd rond het midden. Personen met een extreem hoge of extreem lage score zijn er relatief weinig. De afstand tussen het 1 e en 2 e percentiel is om die reden veel groter dan de afstand tussen (bijvoorbeeld) het 5 e en 6 e percentiel.

7 Hoofdstuk 2: De Capaciteitentest Figurenreeksen In dit hoofdstuk wordt allereerst de ontwikkeling van de capaciteitentest Figurenreeksen behandeld. Verderop in dit hoofdstuk wordt ingegaan op de interpretatie van de resultaten van de test en de afname instructie. 2.1 Ontwikkeling Allereerst zijn er een 40-tal items ontwikkeld. Uitgangspunt hierbij is een bestaand format voor capaciteitentests op HBO / WO- niveau geweest. Deze lijst met 40 items is voorgelegd aan een groep van 27 personen. Bij het invullen van deze test hielden de personen de tijd bij die zij per opgave nodig hadden. Op deze manier kon een inschatting gemaakt worden van de benodigde tijd voor deze test. Het opleidingsniveau van deze groep was als volgt verdeeld: opleidingsniveau Aantal WO 59% HBO 19% VWO 11% MBO 11% Totaal 27 Tabel 1: opleidingsniveau personen versie 1 Figurenreeksen De gemiddelde leeftijd van deze groep was 31 jaar. Van deze groep was 59% vrouw en 41% man. De resultaten van deze 27 personen zijn geanalyseerd aan de hand van SPSS Van ieder van de items in deze lijst zijn de itemdifficulty en item-discriminability berekend. De itemdifficulty wordt uitgedrukt in p-waarde. Deze waarde geeft aan welke proportie van de personen die de test hebben gemaakt het betreffende item correct hebben beantwoord. De itemdiscriminability wordt uitgedrukt als Rbis. Deze waarde geeft aan in hoeverre de score op een bepaald item samenhangt met de uiteindelijke totaal score op de test. De verwachting is dat personen met een hoge intelligentie meer items goed hebben dan mensen met een lage intelligentie. Wanneer dus personen met een lage totaalscore op de test een bepaald item beter maken dan personen met een hoge totaalscore op de test dan kan men stellen dat het desbetreffende item niet goed discrimineert tussen hoge en lage intelligentie en dus geen goed item is. Bij de berekening van de Rbis is uitgegaan van een normale verdeling van het te meten construct, in dit geval verbaal-analytisch vermogen. Dit uitgangspunt is bepalend voor de keuze van formule aan de hand waarvan de Rbis berekend wordt. Aan de hand van deze berekeningen zijn 10 items uit de lijst verwijderd; de items met de hoogste p- waarde en de items met de laagste p-waarde en de laagste Rbis. De overige 30 items zijn gerangschikt op moeilijkheidsgraad en vormden versie 2 van de test Figurenreeksen. Vervolgens is deze lijst met 30 items voorgelegd aan 91 personen. De gemiddelde leeftijd van deze groep was 27 jaar. Van deze groep was 40% man en 60% vrouw. Het opleidingsniveau van deze groep was als volgt verdeeld: opleidingsniveau Aantal WO 6% HBO 11% VWO 8% HAVO 22% MBO 29% MAVO 13%

8 LBO 11% Totaal 91 Tabel 2: opleidingsniveau N= ,5 5,0 Std. Dev = 5,04 Mean = 15,8 N = 91,00 7,5 12,5 17,5 22,5 27,5 10,0 15,0 20,0 25,0 grafiek 1 verdeling totaalscore figurenreeksen Grafiek 1 geeft een overzicht van de verdeling van de totaalscores die behaald zijn op de test Figurenreeksen. Uit deze grafiek is ons inziens te concluderen dat de scores voldoende normaal verdeeld zijn om het gebruik van de Rbis-formule die uitgaat van een normale verdeling te rechtvaardigen. Ook is uit de grafiek op te maken dat de gemiddelde goedscore van deze groep van 91 personen 15.8 opgaven is met een standaarddeviatie van In een volgende analyse-ronde zijn de scores van deze 91 personen geanalyseerd met behulp van SPSS Ook van deze test zijn de p-waarden en de Rbis per item berekend. Uit deze 30 items zijn de items met een p-waarde hoger dan 0.91 (te makkelijk) en lager dan 0.15 (te moeilijk) verwijderd. Hierbij vielen 6 items af. Vervolgens zijn de vier items met de combinatie lage Rbis / lage p-waarde verwijderd. De verdeling van de waarden binnen deze test is minder gelijkmatig dan binnen de test Cijferreeksen en Verbale Analogieën zoals te zien is in de volgende twee hoofdstukken. De keuzes voor de te selecteren items zijn dus ook minder eenduidig als in deze overige twee testen. Uiteindelijk bleven er na deze analyse nog 20 items over. Deze items vormen versie 3 van de test Figurenreeksen. Deze versie is momenteel op de Toolkit terug te vinden. De tijd die voor deze versie staat is terug gebracht van 30 naar 20 minuten. vraagnr Rbis p Opgenomen in versie Nee 30 0,14 0,03 Nee

9 29-0,1 0,04 Te moeilijk Nee 21-0,18 0,1 Nee 28 0,18 0,14 Nee 27 0,51 0,16 P 0.15-P ,28 0,28 Nee 26 0,45 0, ,48 0, ,41 0, ,58 0, ,28 0,48 Nee 18 0,27 0,49 Nee P 0.31-P ,5 0, ,53 0, ,44 0, ,23 0,49 Nee 16 0,34 0, ,53 0,49 7 0,49 0,53 6 0,47 0,61 P 0.51-P ,51 0,71 8 0,31 0, ,37 0,78 2 0,52 0,8 P 0.71-P ,31 0,81 4 0,35 0,84 1 0,29 0,91 3 0,15 0,93 Te makkelijk Nee Tabel 3: opname items versie 2 in versie 3 De normgroep waarop de rapportage in de Toolkit gebaseerd is, is voorlopig gedestilleerd uit de groep van 91 personen die de 30-item versie hebben ingevuld. Specifieke gegevens met betrekking tot de Toolkit-versie van 20 items was op het moment van dit schrijven nog niet voorhanden. Wanneer dit voorhanden is worden deze gegevens aangevuld. Tevens zijn er op het moment van dit schrijven nog niet voldoende gegevens voorhanden om specifieke normgroepen voor verschillende opleidingsniveaus te genereren. Er is nu nog sprake van een algemene normgroep. Wanneer er voldoende gegevens beschikbaar zijn zullen de volgende normgroepen gegenereerd worden: - WO - HBO/ VWO - HAVO/ MBO - MAVO/ LBO 2.2 Interpretatie van de scores Met de test Figurenreeksen wordt het abstract-analytisch vermogen van de kandidaat bepaald. Aan de hand van de resultaten van deze test wordt een beeld verkregen van de mate waarin de kandidaat in staat is structuur en verbanden te ontdekken in abstract materiaal. Om deze structuur en verbanden te kunnen ontdekken dient men in staat te zijn overstijgend naar zaken te kijken. Personen die hoog op deze test scoren hebben een groot analytisch vermogen en zijn in staat orde en logica te ontdekken in schijnbaar onlogisch geordend materiaal. Analytisch vermogen is van groot belang bij zeer veel functies dus deze test is zeer breed inzetbaar.

10 2.3 Afname instructie De test Figurenreeksen bestaat uit 20 opgaven. De opgaven lopen op in moeilijkheidsgraad. Deze test is een test onder tijdsdruk. Dit houdt in dat de kandidaat een bepaalde vastgestelde tijd heeft om de test te maken. Voor deze test is dit 15 minuten. De kandidaat mag eventueel gebruik maken van kladpapier. Dit zal naar verwachting echter tot vertraging leiden bij het maken van de test en wordt om deze reden dan ook niet aangeraden. Overige instructies met betrekking tot de afname die gegeven kunnen worden zijn meer algemene instructies die in principe bij iedere testafname in acht genomen dienen te worden. Zo dient er sprake te zijn van een rustige ruimte waar de kandidaat zo min mogelijk wordt gestoord en afgeleid. Vanwege toepassing van de Toolkit is controle op de omgeving minder mogelijk. De test kan immers eventueel ook thuis gemaakt worden. Wel kan er een tijdsperiode worden aangegeven waarbinnen de test gemaakt dient te worden door de kandidaat. Deze tijdsperiode kan bijvoorbeeld afgestemd worden op de perioden dat de kandidaat aanwezig is op het werk. Hierdoor kan er toch enige mate van controle uitgeoefend worden. Tevens is het van belang dat de instructie voor de kandidaat helder is en dat precies duidelijk is hoe de test ingevuld dient te worden. Aangezien de test, door toepassing van de Toolkit niet perse in een omgeving gemaakt hoeft te worden waar professionele ondersteuning aanwezig is, is deze mogelijke afwezigheid van uitleg, getracht te ondervangen door bij iedere test een voorbeeld opgave met duidelijke uitleg aan te bieden. Tevens maakt de kandidaat voorafgaand aan de werkelijke test drie oefenopgaven waarbij telkens een uitgebreide toelichting wordt gegeven. Deze oefenopgaven kunnen bij onduidelijkheid zo vaak als voor de kandidaat wenselijk is herhaald worden. Bij alle testen binnen de ISFIC-reeks welke middels de Toolkit ingevuld worden, is het van belang voorafgaand aan de test bij de kandidaat te controleren of deze over een basisniveau aan computervaardigheden beschikt.

11 Hoofdstuk 3: De Capaciteitentest Verbale Analogieën In dit hoofdstuk wordt allereerst de ontwikkeling van de capaciteitentest Verbale Analogieën behandeld. Verderop in dit hoofdstuk wordt ingegaan op de interpretatie van de resultaten van de test en de afname instructie. 3.1 Ontwikkeling De ontwikkeling van deze test is begonnen met de ontwikkeling van een 80-tal items. Uitgangspunt hierbij is een bestaand format voor capaciteitentests op HBO / WO- niveau geweest. Deze lijst met 80 items is voorgelegd aan een groep van 24 personen. Bij het invullen van deze test hielden de personen de tijd bij die zij per opgave nodig hadden. Op deze manier kon een inschatting gemaakt worden van de benodigde tijd voor deze test. Van deze groep was 50% man en 50% vrouw. De gemiddelde leeftijd van deze groep was 33 jaar. De resultaten van deze personen zijn aan de hand van SPSS 10.1 geanalyseerd. Van ieder van de items in deze lijst zijn de itemdifficulty en item-discriminability berekend. De itemdifficulty wordt uitgedrukt in p-waarde. Deze waarde geeft aan welke proportie van de personen die de test hebben gemaakt het betreffende item correct hebben beantwoord. De itemdiscriminability wordt uitgedrukt als Rbis. Deze waarde geeft aan in hoeverre de score op een bepaald item samenhangt met de uiteindelijke totaal score op de test. De verwachting is dat personen met een hoge intelligentie meer items goed hebben dan mensen met een lage intelligentie. Wanneer dus personen met een lage totaalscore op de test een bepaald item beter maken dan personen met een hoge totaalscore op de test dan kan men stellen dat het desbetreffende item niet goed discrimineert tussen hoge en lage intelligentie en dus geen goed item is. Bij de berekening van de Rbis is uitgegaan van een normale verdeling van het te meten construct, in dit geval verbaal-analytisch vermogen. Dit uitgangspunt is bepalend voor de keuze van formule aan de hand waarvan de Rbis berekend wordt en in het verlengde hiervan dus voor de samenstelling van volgende versies van de test. Items met een p-waarde hoger dan 0.90 (te makkelijk) of een p-waarde lager dan 0.10 (te moeilijk) zijn uit de lijst verwijderd. Tevens zijn items met een lage Rbis uit de lijst verwijderd. Dit laatste is gedaan omdat de score op deze items een te geringe relatie hebben met de totaal score op de test. Uiteindelijk bleef een lijst van 32 item over. De na deze analyse-ronde ontstane lijst van 32 items is voorgelegd aan een groep van 111 personen. De gemiddelde leeftijd van deze groep was 27 jaar. Van deze groep was 34% man en 66% vrouw. Het opleidingsniveau van deze groep was als volgt verdeeld: opleidingsniveau Aantal WO 5% HBO 24% VWO 8% HAVO 19% MBO 21% MAVO 14% LBO 9% Totaal 111 Tabel 1: opleidingsniveau Grafiek 1 geeft een overzicht van de verdeling van de totaalscores die behaald zijn op de test Verbale Analogieën. Uit deze grafiek is ons inziens te concluderen dat de scores voldoende normaal verdeeld zijn om het gebruik van de Rbis-formule die uitgaat van een normale verdeling te rechtvaardigen.

12 ,0 Std. Dev = 4,26 Mean = 18,8 N = 111,00 10,0 15,0 20,0 25,0 30,0 7,5 12,5 17,5 22,5 27,5 grafiek 1: verdeling totaalscore Verbale Analogieen Ook is uit de grafiek op te maken dat de gemiddelde goedscore van deze groep van 111 personen 18.8 opgaven is met een standaarddeviatie van In een volgende analyse-ronde zijn de resultaten van deze groep aan de hand van SPSS 10.1 geanalyseerd. Wederom zijn de p-waarden (item-difficulty) en de Rbis (item-discriminability) berekend. Items met p-waarden hoger of gelijk aan 0.90 (te makkelijk) en items met p-waarden lager dan 0.10 (te moeilijk) zijn uit de lijst verwijderd. Dit waren respectievelijk items met p-waarden 0.91(2 items); 0.90; 0.05; 0.06 en Vervolgens zijn items met een Rbis van 0.33 en lager uit de lijst verwijderd. Dit waren items met Rbis van 0.18 (2 items) 0.22; 0.26; 0.31; Na deze analyses bleef uiteindelijk een lijst met 24 items over. Vraagnr. Rbis P Opgenomen in versie Nee Te moeilijk Nee Nee P Nee P Nee P

13 Nee Nee Nee P Nee Nee Te gemakkelijk Nee Nee Tabel 2: opname items versie 2 in versie 3 Verbale Analogieën De normgroep waarop de rapportage in de Toolkit gebaseerd is, is voorlopig gedestilleerd uit de groep van 111 personen die de 32-item versie hebben ingevuld. Specifieke gegevens met betrekking tot de Toolkit-versie van 24 items was op het moment van dit schrijven nog niet voorhanden. Wanneer dit voorhanden is worden deze gegevens aangevuld. Tevens zijn er op het moment van dit schrijven nog niet voldoende gegevens voorhanden om specifieke normgroepen voor verschillende opleidingsniveaus te genereren. Er is nu nog sprake van een algemene normgroep. Wanneer er voldoende gegevens beschikbaar zijn zullen de volgende normgroepen gegenereerd worden: - WO - HBO/ VWO - HAVO/ MBO - MAVO/ LBO 3.2 Interpretatie van de scores Met de test Verbale Analogieën wordt het verbaal- analytisch vermogen van de kandidaat bepaald. Dit geeft een beeld van de mate van inzicht dat een kandidaat heeft in verbaal materiaal, zijn algemene verbale aanleg. De score op deze test geeft een beeld van het vermogen om verbanden te zien tussen woorden, woorden in een bepaalde context te kunnen plaatsen; oftewel het vermogen te redenen op het verbale vlak. Tevens geeft het een beeld van de woordenschat van een persoon. Goed verbaal analytisch vermogen is van belang in functies waarin verwacht wordt dat men veel schrijft en/of leest en uit verbaal materiaal (teksten, gesprekken) snel de benodigde informatie moet kunnen destilleren. 3.3 Afname instructie De test Verbale Analogieën bestaat uit 24 opgaven. De opgaven lopen op in moeilijkheidsgraad. Deze test is een test onder tijdsdruk. Dit houdt in dat de kandidaat een bepaalde vastgestelde tijd heeft om de test te maken. Voor deze test is dit 12 minuten. De kandidaat mag eventueel gebruik maken van kladpapier. Dit zal naar verwachting echter tot vertraging leiden bij het maken van de test en wordt om deze reden dan ook niet aangeraden. Overige instructies met betrekking tot de afname die gegeven kunnen worden zijn meer algemene instructies die in principe bij iedere testafname in acht genomen dienen te worden. Zo dient er sprake te zijn van een rustige ruimte waar de kandidaat zo min mogelijk wordt gestoord en afgeleid. Vanwege toepassing van de Toolkit is controle op de omgeving minder mogelijk. De test kan immers eventueel ook thuis gemaakt worden. Wel kan er een tijdsperiode worden aangegeven waarbinnen

14 de test gemaakt dient te worden door de kandidaat. Deze tijdsperiode kan bijvoorbeeld afgestemd worden op de perioden dat de kandidaat aanwezig is op het werk. Hierdoor kan er toch enige mate van controle uitgeoefend worden. Tevens is het van belang dat de instructie voor de kandidaat helder is en dat precies duidelijk is hoe de test ingevuld dient te worden. Aangezien de test, door toepassing van de Toolkit niet perse in een omgeving gemaakt hoeft te worden waar professionele ondersteuning aanwezig is, is deze mogelijke afwezigheid van uitleg, getracht te ondervangen door bij iedere test een voorbeeld opgave met duidelijke uitleg aan te bieden. Tevens maakt de kandidaat voorafgaand aan de werkelijke test drie oefenopgaven waarbij telkens een uitgebreide toelichting wordt gegeven. Deze oefenopgaven kunnen bij onduidelijkheid zo vaak als voor de kandidaat wenselijk is herhaald worden. Bij alle testen binnen de ISFIC-reeks welke middels de Toolkit ingevuld worden, is het van belang voorafgaand aan de test bij de kandidaat te controleren of deze over een basisniveau aan computervaardigheden beschikt.

15 Hoofdstuk 4: De Capaciteitentest Cijferreeksen In dit hoofdstuk wordt allereerst de ontwikkeling van de capaciteitentest Cijferreeksen behandeld. Verderop in dit hoofdstuk wordt ingegaan op de interpretatie van de resultaten van de test en de afname instructie. 4.1 Ontwikkeling Van de test Cijferreeksen zijn twee versies ontwikkeld; een versie voor hoger opgeleiden, vanaf nu genoemd Cijferreeksen versie A; en een versie voor personen met een opleiding onder HBO/WOniveau, vanaf nu genoemd Cijferreeksen versie B. De ontwikkeling van de test Cijferreeksen versie A: Allereerst zijn er een 30-tal items ontwikkeld. Uitgangspunt hierbij is een bestaand format voor capaciteitentests op HBO / WO- niveau geweest. Deze lijst met 30 items is voorgelegd aan een groep van 23 personen. Bij het invullen van deze test hielden de personen de tijd bij die zij per opgave nodig hadden. Op deze manier kon een inschatting gemaakt worden van de benodigde tijd voor deze test. Het opleidingsniveau van deze groep personen was als volgt verdeeld: Opleidingsniveau Aantal WO 63% HBO 10% VWO 22% MBO 5% Totaal 23 Tabel 1: opleidingsniveau versie A De gemiddelde leeftijd van deze groep was 31 jaar. Van deze groep was 61% vrouw en 39% man. De resultaten van deze personen zijn geanalyseerd aan de hand van SPSS Van ieder van de items in deze lijst zijn de itemdifficulty en item-discriminability berekend. De itemdifficulty wordt uitgedrukt in p-waarde. Deze waarde geeft aan welke proportie van de personen die de test hebben gemaakt het betreffende item correct hebben beantwoord. De itemdiscriminability wordt uitgedrukt als Rbis. Deze waarde geeft aan in hoeverre de score op een bepaald item samenhangt met de uiteindelijke totaal score op de test. De verwachting is dat personen met een hoge intelligentie meer items goed hebben dan mensen met een lage intelligentie. Wanneer dus personen met een lage totaalscore op de test een bepaald item beter maken dan personen met een hoge totaalscore op de test dan kan men stellen dat het desbetreffende item niet goed discrimineert tussen hoge en lage intelligentie en dus geen goed item is. Bij de berekening van de Rbis is uitgegaan van een normale verdeling van het te meten construct, in dit geval cijfermatig analytisch inzicht. Dit uitgangspunt is bepalend voor de keuze van formule aan de hand waarvan de Rbis berekend wordt. Aan de hand van deze berekeningen zijn 10 items uit de lijst verwijderd; de items met de hoogste p- waarde (te gemakkelijk) en de items met de laagste p-waarde (te moeilijk) en de laagste Rbis (deze items hebben een te geringe relatie met de totaal score op de test). De overige 20 items zijn gerangschikt op moeilijkheidsgraad en vormen versie 2 van de test Cijferreeksen versie A. De ontwikkeling van de test Cijferreeksen versie B: Deze test is ontwikkeld voor personen met een opleiding onder HBO / WO-niveau. Ook voor deze test heeft een bestaand format voor capaciteitentest op dit niveau als uitgangspunt gediend. Allereerst zijn 30 items ontwikkeld. Deze items zijn aan 81 personen voorgelegd, waarvan het opleidingsniveau voor het grootste deel onder HBO / WO-niveau lag. Voor deze test hadden de personen 20 minuten de tijd.

16 Het opleidingsniveau van deze groep was als volgt verdeeld: opleidingsniveau Aantal WO 11% HBO 11% VWO 7% HAVO 19% MBO 19% MAVO 20% LBO 12% Totaal 81 Tabel 2: opleidingsniveau versie B De gemiddelde leeftijd van deze groep was 26,3 jaar. Van deze groep was 34,6% man en 65,4% vrouw. Grafiek 1 geeft een overzicht van de verdeling van de totaalscores die behaald zijn op de test Cijferreeksen. Uit deze grafiek is ons inziens te concluderen dat de scores voldoende normaal verdeeld zijn om het gebruik van de Rbis-formule die uitgaat van een normale verdeling te rechtvaardigen Std. Dev = 5,78 Mean = 15,5 0 N = 81,00 5,0 7,5 10,0 12,5 15,0 17,5 20,0 22,5 25,0 grafiek 1 verdeling totaalscore Cijfereeksen Versie B Ook is uit de grafiek op te maken dat de gemiddelde goedscore van deze groep van 81 personen 15.5 opgaven is met een standaarddeviatie van De scores van deze 81 personen zijn geanalyseerd met behulp van SPSS Ook van deze test zijn de p-waarden en de Rbis per item berekend. Uit deze 30 items zijn de items met een p-waarde hoger dan 0.9 en lager dan 0.1 verwijderd. Hierbij vielen 7 items af. Vervolgens zijn de drie items met de laagste Rbis verwijderd: 0.31 ; 0.48 en 0.49.

17 Uiteindelijk bleven er na deze analyse nog 20 items over. Deze items vormen versie 2 van de test Cijferreeksen versie B. Deze versie is momenteel op de Toolkit terug te vinden. Vraagnr. Rbis P Opgenomen in versie Nee Te moeilijk nee Nee Nee P P Nee Nee P Nee P Nee Te makkelijk Nee Nee Tabel 3 : opname items versie 1 in versie 2 Cijferreeksen De tijd die voor deze test staat is, vanwege het terugbrengen van het aantal items van 30 naar 20, verminderd van 20 naar 15 minuten. De normgroep waarop de rapportage in de Toolkit gebaseerd is, is voorlopig gedestilleerd uit de groep van 81 personen die de 30-item versie hebben ingevuld. Specifieke gegevens met betrekking tot de Toolkit-versie van 20 items was op het moment van dit schrijven nog niet voorhanden. Wanneer dit voorhanden is worden deze gegevens aangevuld. Tevens zijn er op het moment van dit schrijven nog niet voldoende gegevens voorhanden om specifieke normgroepen voor verschillende opleidingsniveaus te genereren. Er is nu nog sprake van een algemene normgroep. Wanneer er voldoende gegevens beschikbaar zijn zullen de volgende normgroepen gegenereerd worden: - WO - HBO/ VWO - HAVO/ MBO

18 - MAVO/ LBO 4.2 Interpretatie van de scores Met de test Cijferreeksen wordt het cijfermatig analytisch inzicht van de kandidaat bepaald. Dit houdt in dat er aan de hand van de scores op deze test een beeld verkregen wordt van het inzicht dat de kandidaat heeft in cijfermatig materiaal. Meestal wordt het onderliggende construct wat met deze test gemeten wordt omschreven als een subcomponent van het bredere concept abstracte intelligentie (Drenth, 2001). Het bepalen van dit inzicht is van belang bij functies waarin veel met cijfermateriaal gewerkt wordt en waarin men snel de logica in dit materiaal moet kunnen zien. Functies waarbij dit van belang is zijn bijvoorbeeld functies in de financiële sector, beleidsmatige functies en functies op het gebied van de ICT. 4.3 Afname instructie De test Cijferreeksen versie B bestaat uit 20 opgaven. De opgaven lopen op in moeilijkheidsgraad. Deze test is een test onder tijdsdruk. Dit houdt in dat de kandidaat een bepaalde vastgestelde tijd heeft om de test te maken. Voor deze test is dit 15 minuten. De kandidaat mag eventueel gebruik maken van kladpapier. Dit zal naar verwachting echter tot vertraging leiden bij het maken van de test en wordt om deze reden dan ook niet aangeraden. Overige instructies met betrekking tot de afname die gegeven kunnen worden zijn meer algemene instructies die in principe bij iedere testafname in acht genomen dienen te worden. Zo dient er sprake te zijn van een rustige ruimte waar de kandidaat zo min mogelijk wordt gestoord en afgeleid. Vanwege toepassing van de Toolkit is controle op de omgeving minder mogelijk. De test kan immers eventueel ook thuis gemaakt worden. Wel kan er een tijdsperiode worden aangegeven waarbinnen de test gemaakt dient te worden door de kandidaat. Deze tijdsperiode kan bijvoorbeeld afgestemd worden op de perioden dat de kandidaat aanwezig is op het werk. Hierdoor kan er toch enige mate van controle uitgeoefend worden. Tevens is het van belang dat de instructie voor de kandidaat helder is en dat precies duidelijk is hoe de test ingevuld dient te worden. Aangezien de test, door toepassing van de Toolkit niet perse in een omgeving gemaakt hoeft te worden waar professionele ondersteuning aanwezig is, is deze mogelijke afwezigheid van uitleg, getracht te ondervangen door bij iedere test een voorbeeld opgave met duidelijke uitleg aan te bieden. Tevens maakt de kandidaat voorafgaand aan de werkelijke test drie oefenopgaven waarbij telkens een uitgebreide toelichting wordt gegeven. Deze oefenopgaven kunnen bij onduidelijkheid zo vaak als voor de kandidaat wenselijk is herhaald worden. Bij alle testen binnen de OSVIC-reeks welke middels de Toolkit ingevuld worden, is het van belang voorafgaand aan de test bij de kandidaat te controleren of deze over een basisniveau aan computervaardigheden beschikt. Voor de test Cijferreeksen A wordt zodra deze lijst beschikbaar is voor de Toolkit een afname instructie bijgevoegd.

19 Literatuur Burt, C. (1949). The structure of the mind: a review of the results of factor analysis. British Journal of Educational Psychology, 19, , Cattell, J.M. (1890). Mental tests and measurement. Mind, 15, Drenth, J.D. (2001). Drenth Testserie Hoger Onderwijs. Handleiding. Swets & Zeitlinger B.V., Lisse Galton, F. (1883). Inquiries into human faculty and its development. London, Macmillian Guilford, J.P. (1967). The nature of human intelligence. New York, McGraw-Hill nda, L.H., (1998). Psychological Testing. Theory and Applications. Allyn & Bacon, Boston Piaget, J. (1952). The origins of intelligence in children. New York: International University Press Spearman, C. (1923). The nature of intelligence and the principles of cognition. London, Macmillan Thorndike, R.L., Hagen,E.P., Sattler, J.M. (1986). Guide for administering and scoring the fourth edition Stanford-Binet Intelligence Scale. Chicago; Riverside Thurstone, L.L. (1938). Primary mental abilities. Psychometric Monographs (whole no. 1) Vernon, P.E. (1960). The structure of human abilities. London: Methuen Walsh, W.B., Betz, N.E. (1990). Tests and Assessment. Prentice Hall, Englewood Cliffs, New Yersey. Second Edition

TECHNISCHE HANDLEIDING IQ TEST

TECHNISCHE HANDLEIDING IQ TEST TECHNISCHE HANDLEIDING IQ TEST 12 December 2011 INHOUDSOPGAVE TESTOVERZICHT Meetpretentie Theoretische achtergrond Kenmerken Samenstelling Toepassingsgebied Voorbeelditems TESTKENMERKEN Vraag die voor

Nadere informatie

Datum: 5 september 2014

Datum: 5 september 2014 Naam: Ruben Smit NewHR.nl heeft de ambitie je te faciliteren zodat je je optimaal kan ontwikkelen en duurzaam inzetbaar blijft, welke functie je dan ook hebt. Dit rapport is de eerste stap naar persoonlijke

Nadere informatie

IST Standaard. Intelligentie Structuur Test. meneer 1

IST Standaard. Intelligentie Structuur Test. meneer 1 IST Standaard Intelligentie Structuur Test ID 4589-1031 Datum 25.03.2015 IST Inleiding 2 / 12 INLEIDING De Intelligentie Structuur Test (IST) is een veelzijdig inzetbare intelligentietest voor jongeren

Nadere informatie

Capaciteitenrapport Naam: Alexander de Vries Datum: 19 juni 2008

Capaciteitenrapport Naam: Alexander de Vries Datum: 19 juni 2008 Capaciteitenrapport Naam: Alexander de Vries Datum: 19 juni 2008 Capaciteitenrapport Dit Capaciteitenrapport laat de score zien van Alexander de Vries voor de Verify Capaciteiten Test. Als deze test zonder

Nadere informatie

Inhoud. Introductie... 2. Bridge Abstract... 3. Bridge Abstract Scores...4

Inhoud. Introductie... 2. Bridge Abstract... 3. Bridge Abstract Scores...4 John Sample Inhoud Introductie... 2 Bridge Abstract... 3 Bridge Abstract Scores...4 Introductie De resultaten uit dit rapport zijn vertrouwelijk en alleen bedoeld voor de persoon die de test heeft ingevuld.

Nadere informatie

Capaciteitentest HBO. Denkvermogen en denkstijl

Capaciteitentest HBO. Denkvermogen en denkstijl Denkvermogen en denkstijl Naam: Ruben Smit Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. De uitslag... 4 3. Bijlage: Het lezen van de uitslag... 5 Pagina 2 van 7 1. Inleiding Op 5 april 2016 heeft Ruben Smit een

Nadere informatie

Capaciteitentest MBO. 1. Inleiding

Capaciteitentest MBO. 1. Inleiding Naam: Ruben Smit NewHR.nl heeft de ambitie je te faciliteren zodat je je optimaal kan ontwikkelen en duurzaam inzetbaar blijft, welke functie je dan ook hebt. Dit rapport is de eerste stap naar persoonlijke

Nadere informatie

Connector Ability Voorbereiding en veel gestelde vragen

Connector Ability Voorbereiding en veel gestelde vragen P E O P L E I M P R O V E P E R F O R M A N C E Connector Ability Voorbereiding en veel gestelde vragen www.picompany.nl Inhoud Inhoud... 2 Connector Ability... 3 De test maken... 3 Veel gestelde vragen...

Nadere informatie

Persoonlijke rapportage van B. Smit

Persoonlijke rapportage van B. Smit Persoonlijke rapportage van B. Smit P E O P L E I M P R O V E P E R F O R M A N C E Computerweg 1, 3542 DP Utrecht Postbus 1087, 3600 BB Maarssen tel. 0346-55 90 10 fax 0346-55 90 15 www.picompany.nl servicedesk@picompany.nl

Nadere informatie

CULTUURARME INTELLIGENTIETEST RAPPORT

CULTUURARME INTELLIGENTIETEST RAPPORT CULTUURARME INTELLIGENTIETEST RAPPORT Name: Datum: Website: Jan de Vries -05-206 www.2test.nl Deze IQ test meet je vermogen om logisch te redeneren. Cultuurarme IQ tests meten nonverbale capaciteiten.

Nadere informatie

Bayley III-NL Motoriekschaal

Bayley III-NL Motoriekschaal White paper Bayley III-NL Motoriekschaal Algemene introductie op de Bayley-III-NL Motoriekschaal, vergelijking met de vorige versie, de BSID-II-NL Motorische Schaal White paper 1 www.pearsonclinical.nl

Nadere informatie

Capaciteiten scan. Mw A. Demo. Naam. Datum assessment

Capaciteiten scan. Mw A. Demo. Naam. Datum assessment Capaciteiten scan Naam Datum assessment Mw A. Demo 4-4 - 2014 Gegevens kandidaat Naam E-mail Mw A. Demo ademo@abc.nl Geboortedatum 23-2 - 1986 Organisatie ABC BV Datum assessment 4-4 - 2014 Doel en reikwijdte

Nadere informatie

Detector Ability Achtergronden bij het instrument

Detector Ability Achtergronden bij het instrument Detector Ability Achtergronden bij het instrument P E O P L E I M P R O V E P E R F O R M A N C E Computerweg 1, 3542 DP Utrecht Postbus 1087, 3600 BB Maarssen tel. 0346-55 90 10 fax 0346-55 90 15 www.picompany.nl

Nadere informatie

HTS Report. d2-r. Aandachts- en concentratietest. David-Jan Punt ID 255-4 Datum 10.11.2015. Standaard. Hogrefe Uitgevers BV, Amsterdam

HTS Report. d2-r. Aandachts- en concentratietest. David-Jan Punt ID 255-4 Datum 10.11.2015. Standaard. Hogrefe Uitgevers BV, Amsterdam d2-r Aandachts- en concentratietest HTS Report ID 255-4 Datum 10.11.2015 Standaard d2-r Inleiding 2 / 14 INLEIDING De d2-r is een instrument voor het meten van de visuele selectieve aandacht, snelheid

Nadere informatie

Assessment rapport Alicia Jones

Assessment rapport Alicia Jones Assessment rapport Alicia Jones Swift Analysis Bekwaamheid Gegenereerd op: 23-jul-2013 Pagina 2 2014 Saville Consulting. Alle rechten voorbehouden. Inhoud Inleiding tot Assessment rapport... 3 Totale score...4

Nadere informatie

RAPPORT John Sample Datum: 21-08-2012

RAPPORT John Sample Datum: 21-08-2012 Vertrouwelijk RAPPORT John Sample Datum: 21-08-2012 John Sample 1 / 8 DAT voor HRM Figurenreeksen Op deze test die het non-verbaal abstractievermogen meet, behaalde de heer Sample een benedengemiddelde

Nadere informatie

Rapportage Capaciteiten. Bea het Voorbeeld. j.lem@meurshrm.nl. Naam: Datum: 09.03.2015. Email:

Rapportage Capaciteiten. Bea het Voorbeeld. j.lem@meurshrm.nl. Naam: Datum: 09.03.2015. Email: Rapportage Capaciteiten Naam: Bea het Voorbeeld Datum: 09.03.2015 Email: j.lem@meurshrm.nl Bea het Voorbeeld / 09.03.2015 / Capaciteiten (QCB) 2 Inleiding Wat is jouw werk- en denkniveau? Hoe goed kun

Nadere informatie

Handleiding Nederlandse Werkwaardentest

Handleiding Nederlandse Werkwaardentest Handleiding Nederlandse Werkwaardentest Versie 1.0 (c), mei 2008 Dr Edwin van Thiel Nederlandse werkwaardentest De Nederlandse werkwaardentest is eind 2006 ontwikkeld door 123test via een uitgebreid online

Nadere informatie

Van Gisteren naar Nu. Walter Magez. CAP vzw VVSP Studiedag 21/11/2013

Van Gisteren naar Nu. Walter Magez. CAP vzw VVSP Studiedag 21/11/2013 1 Van Gisteren naar Nu Walter Magez 2 In de ontwikkeling van de moderne intelligentietest kunnen we vanaf het ontstaan (1904) tot nu (2013) vier Golven * onderscheiden die een samenhangend patroon vertonen.

Nadere informatie

INhOud Voorwoord Inleiding Vooronderzoek en constructieonderzoek Beschrijving van de SON-R 6-40 Normering van de testscores

INhOud Voorwoord Inleiding Vooronderzoek en constructieonderzoek Beschrijving van de SON-R 6-40 Normering van de testscores Inhoud Voorwoord 9 1 Inleiding 13 1.1 Kenmerken van de SON-R 6-40 13 1.2 Geschiedenis van de SON-tests 14 1.3 Aanleiding voor de revisie van de SON-R 5V-17 17 1.4 De onderzoeksfasen 18 1.5 Indeling van

Nadere informatie

Handleiding Adaptieve Capaciteiten Test. Algemene Intelligentie

Handleiding Adaptieve Capaciteiten Test. Algemene Intelligentie Handleiding Adaptieve Capaciteiten Test Algemene Intelligentie Versie 1.0 Ixly 2015 Powered by Auteurs Drs. Diddo van Zand Dirk Pelt, MSc. Merel Schrijver, MSc. Ixly 2015 Alle rechten voorbehouden. 1 Leeswijzer

Nadere informatie

abstract Handleiding voor kandidaten Abstracte capaciteitentest - online afname

abstract Handleiding voor kandidaten Abstracte capaciteitentest - online afname Handleiding voor kandidaten Abstracte capaciteitentest - online afname Handleiding The Bridge Abstract Deze instructiefolder is gemaakt om jou wat achtergrond over The Bridge Abstract te geven. Dit kan

Nadere informatie

In dienst van kinderen, jongeren en hun ouders

In dienst van kinderen, jongeren en hun ouders Gastdocent: Drs. Fernando Cunha (Child Support Europe) Ontwikkelingspsycholoog Gezondheidspsycholoog (BIG) Kinder- en Jeugdpsycholoog (NIP) Onderwijsspecialist http://www.child-support-europe.com In dienst

Nadere informatie

HTS Report. d2-r. Aandachts- en concentratietest. Jan Janssen ID 15890-10 Datum 02.05.2016. Standaard. Hogrefe Uitgevers BV, Amsterdam

HTS Report. d2-r. Aandachts- en concentratietest. Jan Janssen ID 15890-10 Datum 02.05.2016. Standaard. Hogrefe Uitgevers BV, Amsterdam d2-r Aandachts- en concentratietest HTS Report ID 15890-10 Datum 02.05.2016 Standaard d2-r Interpretatie 2 / 13 ALGEMENE TOELICHTING Informatie over de d2-r De d2-r is een instrument voor het meten van

Nadere informatie

In het geval van Carl ziet u op pagina 4 bij de factoranalyses direct: *Laag bij P-IQ Motivatie niveau *Hoog bij P-IQ Non-verbaal redeneren

In het geval van Carl ziet u op pagina 4 bij de factoranalyses direct: *Laag bij P-IQ Motivatie niveau *Hoog bij P-IQ Non-verbaal redeneren Voorbeeld WAIS-III Analyse-rapport Fijn dat u de tijd neemt om echt inhoudelijk kennis te maken met het resultaat van een analyse uit ons kennissysteem. Een kennissysteem dat ik in de afgelopen 25 jaar

Nadere informatie

HET ASSESSMENT INFORMATIE

HET ASSESSMENT INFORMATIE HET ASSESSMENT INFORMATIE HET ASSESSMENT U bent uitgenodigd voor een assessment. In de praktijk blijkt dat bij veel kandidaten vragen leven met betrekking tot dit soort onderzoek. In het hiernavolgende

Nadere informatie

Assessment Center voor Teamleiders

Assessment Center voor Teamleiders Assessment Center voor Teamleiders Wilt u weten of uw teamleider(s) werkelijk leidinggevende(n) zijn, of bent u daarvan al overtuigd maar vraagt u zich af of hij/zij past binnen de ontwikkelingen die uw

Nadere informatie

Taal en Connector Ability

Taal en Connector Ability Taal en Connector Ability Nico Smid Taal en Intelligentie Het begrip intelligentie gedefinieerd als G ( de zogenaamde general factor) verwijst naar het algemene vermogen om nieuwe problemen in nieuwe situaties

Nadere informatie

Competentie Thermometer

Competentie Thermometer Competentie Thermometer Een paar ipad basisvaardigheden checken Competentie Thermometer Begin with the end in mind Even voorstellen Naam Organisatie Soort werkzaamheden Ervaring met assessments Favoriete

Nadere informatie

1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items

1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items 1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items item Persoon 1 2 3 1 1 0 0 2 1 1 0 3 1 0 0 4 0 1 1 5 1 0 1 6 1 1 1 7 0 0 0 8 1 1 0 Er geldt: (a) de p-waarden van item 1 en item 2 zijn

Nadere informatie

Master Competence Analysis. Feedback Rapport Demo (feedback) 2 17-03-2006

Master Competence Analysis. Feedback Rapport Demo (feedback) 2 17-03-2006 Master Competence Analysis Feedback Rapport Demo (feedback) 2 17-03-2006 I N L E I D I N G In dit rapport vindt u de uitslag van uw Master Competence Analysis (MCA). Het doel ervan is u een eerlijk, nauwkeurig

Nadere informatie

Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest

Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest Respondent: Johan den Doppelaar Email: info@123test.nl Geslacht: man Leeftijd: 37 Opleidingsniveau: hbo Vergelijkingsgroep: Nederlandse beroepsbevolking

Nadere informatie

ONESTO. Human Resource Management HR Advies & Interim Management Coaching, Counseling & Loopbaanbegeleiding

ONESTO. Human Resource Management HR Advies & Interim Management Coaching, Counseling & Loopbaanbegeleiding Tarievenlijst en instrumenten bij Psychologisch onderzoek & Assessment Ons basis assessment bestaat uit de volgende onderdelen: Voorbereiding: ongeveer 1-1 ½ uur. Uitnodiging van kandidaat Psychologische

Nadere informatie

E-assessment. The Bridge Personality (Short) Het E-assessment bestaat uit de volgende twee onderdelen:

E-assessment. The Bridge Personality (Short) Het E-assessment bestaat uit de volgende twee onderdelen: E-assessment Het E-assessment bestaat uit de volgende twee onderdelen: 1. The Bridge Personality (short): een persoonlijkheidstest 2. The Bridge Ability Suite: een capaciteitentest Hieronder volgt een

Nadere informatie

Lienke de Kroon Testadvies. - Afnameduur: 30-45 minuten (individueel) - 12 subtests verschillende deelvaardigheden van rekenen

Lienke de Kroon Testadvies. - Afnameduur: 30-45 minuten (individueel) - 12 subtests verschillende deelvaardigheden van rekenen ZAREKI-R-NL Lienke de Kroon Testadvies ZAREKI-R-NL Wat is de ZAREKI-R-NL? 1. Wat is de ZAREKI-R-NL? 2. Subtests 3. Scoring en percentielrange 4. Psychometrische eigenschappen 5. Casus uit de handleiding

Nadere informatie

Het Assessment Center is zeer praktisch opgezet en onze instrumenten en werkwijze zorgen ervoor dat zichtbaar wordt:

Het Assessment Center is zeer praktisch opgezet en onze instrumenten en werkwijze zorgen ervoor dat zichtbaar wordt: Inleiding Wilt u weten of uw Teamleider werkelijk een leidinggevende is, of bent u daar al van overtuigd, maar vraagt u zich af of hij/zij past binnen de ontwikkelingen die uw organisatie doormaakt? Wellicht

Nadere informatie

Vaardigheden. 1. Q1000 Spelling- en grammatica 2. Q1000 Nauwkeurigheid 3. Q1000 Typevaardigheid 4. Q1000 Engels taalniveau

Vaardigheden. 1. Q1000 Spelling- en grammatica 2. Q1000 Nauwkeurigheid 3. Q1000 Typevaardigheid 4. Q1000 Engels taalniveau Vaardigheden Wat zijn vaardigheden? Vaardigheden geven aan waar iemand bedreven in is. Ze zijn meestal aan te leren. Voorbeelden van vaardigheden zijn typen en kennis van het Nederlands. Wat meet Q1000

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde A1 Compex. Vragen 1 tot en met 13. In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt.

Examen VWO. wiskunde A1 Compex. Vragen 1 tot en met 13. In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt. Examen VWO 2007 tijdvak 1 vrijdag 1 juni totale examentijd 3,5 uur wiskunde A1 Compex Vragen 1 tot en met 13 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt. Bij dit

Nadere informatie

ONESTO. Human Resource Management HR Advies & Interim Management Coaching, Counseling & Loopbaanbegeleiding

ONESTO. Human Resource Management HR Advies & Interim Management Coaching, Counseling & Loopbaanbegeleiding Tarievenlijst en instrumenten bij Psychologisch onderzoek & Assessment Onderdelen op basis waarvan een maatwerk assessment kan worden samengesteld. 1. Psychologische gedragskenmerken test: OPQ van SHL,

Nadere informatie

Referentieniveaus uitgelegd. 1S - rekenen Vaardigheden referentieniveau 1S rekenen. 1F - rekenen Vaardigheden referentieniveau 1F rekenen

Referentieniveaus uitgelegd. 1S - rekenen Vaardigheden referentieniveau 1S rekenen. 1F - rekenen Vaardigheden referentieniveau 1F rekenen Referentieniveaus uitgelegd De beschrijvingen zijn gebaseerd op het Referentiekader taal en rekenen'. In 'Referentieniveaus uitgelegd' zijn de niveaus voor de verschillende sectoren goed zichtbaar. Door

Nadere informatie

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. 360 Feedback Competentietest

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. 360 Feedback Competentietest Simon Voorbeeld 360 Feedback Competentietest 2015 Testcentrum Groei De Algemene Voorwaarden van Testcentrum Groei B.V., die zijn na te lezen op www.testcentrumgroei.nl zijn van toepassing op het gebruik

Nadere informatie

Hoofdstuk 8 Kenmerken van de thuisomgeving

Hoofdstuk 8 Kenmerken van de thuisomgeving Hoofdstuk 8 Kenmerken van de thuisomgeving De relatie tussen leesvaardigheid en de ervaringen die een kind thuis opdoet is in eerder wetenschappelijk onderzoek aangetoond: ouders hebben een grote invloed

Nadere informatie

GIA. Persoonlijk & Vertrouwelijk. Tom Smit. Gemaakt - Goed = Fout Gewogen Score

GIA. Persoonlijk & Vertrouwelijk. Tom Smit. Gemaakt - Goed = Fout Gewogen Score GIA Persoonlijk & Vertrouwelijk Tom Smit Onbewerkte Scores Gestandaardiseerde Scores Gemaakt Goed = Fout Gewogen Score Percentiel Positie Redeneren 54 53 1 52 99 Perceptie Snelheid 57 56 1 55,75 93 Cijfersnelheid

Nadere informatie

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals Gedragsproblemen komen veel voor onder kinderen en adolescenten. Als deze problemen ernstig zijn en zich herhaaldelijk voordoen, kunnen ze een negatieve invloed hebben op het dagelijks functioneren van

Nadere informatie

Resultaten instaptoetsen Rekenen en Nederlands 2010 Rapportage aan de Profijtscholen

Resultaten instaptoetsen Rekenen en Nederlands 2010 Rapportage aan de Profijtscholen Resultaten instaptoetsen Rekenen en Nederlands 2010 Rapportage aan de Profijtscholen Rapportage: Analyse en tabellen: 4 Februari 2011 Mariëlle Verhoef Mike van der Leest Inleiding Het Graafschap College

Nadere informatie

Kandidaatbrochure met oefenvragen Opleidingsniveau: (V)MBO1-2-3

Kandidaatbrochure met oefenvragen Opleidingsniveau: (V)MBO1-2-3 P E O P L E I M P R O V E P E R F O R M A N C E Kandidaatbrochure met oefenvragen Opleidingsniveau: (V)MBO1-2-3 1 van 37 / PiCompany 2005iMedia 2005 www.picompany.nl tel. 0346-55 90 10 0346-55 90 15 www.picompany.nl

Nadere informatie

Hebben mannen en vrouwen gelijke kansen. bij selectieproeven met intelligentietests? Samenvatting

Hebben mannen en vrouwen gelijke kansen. bij selectieproeven met intelligentietests? Samenvatting FACULTEIT PSYCHOLOGIE EN PEDAGOGISCHE WETENSCHAPPEN DEPARTEMENT PSYCHOLOGIE ONDERZOEKSGROEP HOGERE COGNITIE EN INDIVIDUELE VERSCHILLEN CENTRUM VOOR ORGANISATIE- EN PERSONEELSPSYCHOLOGIE TIENSESTRAAT 102

Nadere informatie

Traditionele tests die nu nog in hoofdzaak gebruikt worden schieten op deze aspecten te kort. De voordelen van de Connector Ability zijn:

Traditionele tests die nu nog in hoofdzaak gebruikt worden schieten op deze aspecten te kort. De voordelen van de Connector Ability zijn: P E O P L E I M P R O V E P E R F O R M A N C E Com puterw eg 1,3542 D P U trecht Postbus 1087,3600 BB Maarssen tel.0346-55 90 10 fax 0346-55 90 15 w w w.picom pany.nl servicedesk@ picom pany.nl Connector

Nadere informatie

VERTROUWELIJK. Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg

VERTROUWELIJK. Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg VERTROUWELIJK Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg School: Opleiding: Klas: Fontys Economische Hogeschool Tilburg Communicatie 1CD E-mail: jotamdveer@home.nl Studentnummer:

Nadere informatie

Capaciteitentesten: de voordelen tijdens selectie. TestGroup Consulting

Capaciteitentesten: de voordelen tijdens selectie. TestGroup Consulting Capaciteitentesten: de voordelen tijdens selectie TestGroup Consulting Maart 2010 Management samenvatting Met de opkomst van nieuwe technologie en goedkopere instrumenten zijn bedrijven steeds meer gaan

Nadere informatie

Test- en trainingscentrum Onderwijsadviesbureau TESTEN IS MEER DAN EEN UITKOMST

Test- en trainingscentrum Onderwijsadviesbureau TESTEN IS MEER DAN EEN UITKOMST Test- en trainingscentrum Onderwijsadviesbureau TESTEN IS MEER DAN EEN UITKOMST Programma Wie zijn wij? Eindtoets ROUTE 8 Aanmeldprocedure Adaptieve Digitale Intelligentietest (ADIT) Wie zijn wij? Bevordering

Nadere informatie

Het meetinstrument heeft betrekking op de volgende categorieën Lichaamsregio Overige, ongespecificeerd

Het meetinstrument heeft betrekking op de volgende categorieën Lichaamsregio Overige, ongespecificeerd Uitgebreide toelichting van het meetinstrument Utrechtse Coping Lijst (UCL) November 2012 Review: 1. A. Lueb 2. M. Jungen Invoer: E. van Engelen 1 Algemene gegevens Het meetinstrument heeft betrekking

Nadere informatie

Normering en schaallengte

Normering en schaallengte Bron: www.citogroep.nl Welk cijfer krijg ik met mijn score? Als je weet welke score je ongeveer hebt gehaald, weet je nog niet welk cijfer je hebt. Voor het merendeel van de scores wordt het cijfer bepaald

Nadere informatie

HBO Toegepaste psychologie Contactdag GGZ Kinderen en Jeugd. Drs. Yèrma van Egeraat Registerpsycholoog NIP

HBO Toegepaste psychologie Contactdag GGZ Kinderen en Jeugd. Drs. Yèrma van Egeraat Registerpsycholoog NIP HBO Toegepaste psychologie Contactdag GGZ Kinderen en Jeugd Drs. Yèrma van Egeraat Registerpsycholoog NIP Programma Kennismaking Competenties Gespreksvaardigheden Anamnesegesprek: o Uitvoeren o Observeren

Nadere informatie

Intelligentie meting bij allochtonen

Intelligentie meting bij allochtonen Intelligentie meting bij allochtonen Vraag van de opdrachtgever: Cliënt(e) spreekt weinig Nederlands. Wat is het niveau van functioneren, wat is de leerbaarheid? - Vraag van de opdrachtgever: wat is het

Nadere informatie

CBS De Schakel Vlaardingen. Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2013. Haarlem, juli 2013

CBS De Schakel Vlaardingen. Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2013. Haarlem, juli 2013 CBS De Schakel Vlaardingen Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2013 Haarlem, juli 2013 Scholen met Succes Postbus 3386 2001 DJ Haarlem www.scholenmetsucces.nl info@scholenmetsucces.nl tel: 023

Nadere informatie

Een goede voorbereiding

Een goede voorbereiding Een goede voorbereiding is het halve werk. Ranger Human Capital wilt u graag ondersteunen bij de voorbereiding op uw assessment. Deze pagina biedt u de mogelijkheid om meer achtergrond te lezen over wat

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde A1,2 (nieuwe stijl)

Examen VWO. wiskunde A1,2 (nieuwe stijl) wiskunde A1,2 (nieuwe stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Dinsdag 1 juni 13.3 16.3 uur 2 4 Voor dit examen zijn maximaal 87 punten te behalen; het examen bestaat uit 21

Nadere informatie

Kandidaatbrochure met oefenvragen Opleidingsniveau: MBO4-BA-MA

Kandidaatbrochure met oefenvragen Opleidingsniveau: MBO4-BA-MA P E O P L E I M P R O V E P E R F O R M A N C E Kandidaatbrochure met oefenvragen Opleidingsniveau: MBO4-BA-MA 1 van 34 / PiCompany 2005iMedia 2005 www.picompany.nl tel. 0346-55 90 10 fax 0346-55 90 15

Nadere informatie

Informatiebrochure gebruik van de Flexibiliteits Index Test (FIT-60)

Informatiebrochure gebruik van de Flexibiliteits Index Test (FIT-60) Informatiebrochure gebruik van de Flexibiliteits Index Test (FIT-60) Auteurs: T. Batink, G. Jansen & H.R.A. De Mey. 1. Introductie De Flexibiliteits Index Test (FIT-60) is een zelfrapportage-vragenlijst

Nadere informatie

numeriek Handleiding voor kandidaten Numerieke capaciteitentest - online afname

numeriek Handleiding voor kandidaten Numerieke capaciteitentest - online afname Handleiding voor kandidaten Numerieke capaciteitentest - online afname Handleiding The Bridge Numeriek Deze instructiefolder is gemaakt om jou wat achtergrond over The Bridge Numeriek te geven. Dit kan

Nadere informatie

Q1000 Richtlijnen voor verantwoord testgebruik

Q1000 Richtlijnen voor verantwoord testgebruik Q1000 Richtlijnen voor verantwoord testgebruik Inleiding Tests vormen een belangrijk hulpmiddel bij het adviseren aan en het selecteren van personen. Voor de geteste personen kunnen de resultaten verstrekkende

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde A1,2 Compex. Vragen 1 tot en met 12. In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt.

Examen VWO. wiskunde A1,2 Compex. Vragen 1 tot en met 12. In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt. Examen VWO 2007 tijdvak 1 vrijdag 1 juni totale examentijd 3,5 uur wiskunde A1,2 Compex Vragen 1 tot en met 12 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet wordt gebruikt. Bij dit

Nadere informatie

LoopbaanIndicator. Voor een duurzame loopbaanplanning

LoopbaanIndicator. Voor een duurzame loopbaanplanning LoopbaanIndicator Voor een duurzame loopbaanplanning 1. Inleiding LoopbaanIndicator wordt ingezet om alle relevante waarden rondom menselijke inzetbaarheid gestructureerd en genormeerd in kaart te brengen,

Nadere informatie

Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak

Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak 1 Achtergrond van het onderzoek Bedrijven vertrouwen meer en meer op social media om klanten te betrekken

Nadere informatie

Reasoning for Business TM

Reasoning for Business TM Managerial & Graduate Informatie- en Oefenbrochure Psychometrische tests worden door organisaties gebruikt voor het beoordelen van mensen voor selectie- en ontwikkelingsdoeleinden. Deze flyer geeft je

Nadere informatie

Inhoud. Introductie tot de cursus

Inhoud. Introductie tot de cursus Inhoud Introductie tot de cursus 1 Inleiding 7 2 Voorkennis 7 3 Het cursusmateriaal 7 4 Structuur, symbolen en taalgebruik 8 5 De cursus bestuderen 9 6 Studiebegeleiding 10 7 Huiswerkopgaven 10 8 Het tentamen

Nadere informatie

Serv Amesz. Voorbeeld Analyse-rapport

Serv Amesz. Voorbeeld Analyse-rapport Voorbeeld Analyse-rapport Fijn dat u de tijd neemt om echt inhoudelijk kennis te maken met het resultaat van een analyse uit ons kennissysteem. Een kennissysteem dat ik in de afgelopen 25 jaar heb opgebouwd

Nadere informatie

Hebben autochtonen en allochtonen gelijke kansen. bij selectieproeven met intelligentietests? Samenvatting

Hebben autochtonen en allochtonen gelijke kansen. bij selectieproeven met intelligentietests? Samenvatting FACULTEIT PSYCHOLOGIE EN PEDAGOGISCHE WETENSCHAPPEN DEPARTEMENT PSYCHOLOGIE ONDERZOEKSGROEP HOGERE COGNITIE EN INDIVIDUELE VERSCHILLEN CENTRUM VOOR ORGANISATIE- EN PERSONEELSPSYCHOLOGIE TIENSESTRAAT 102

Nadere informatie

Instructiebrochure voor kandidaten. Cognitieve capaciteitentest mbo-niveau

Instructiebrochure voor kandidaten. Cognitieve capaciteitentest mbo-niveau Instructiebrochure voor kandidaten Cognitieve capaciteitentest mbo-niveau 1. Introductie 1.1 Het doel van deze brochure Deze brochure geeft u inzicht in de testprocedure die u te wachten staat. Het is

Nadere informatie

NEDERLANDS INSTITUUT VAN PSYCHOLOGEN Commissie Testaangelegenheden Nederland. Beoordeling van de AMN Eindtoets 2016

NEDERLANDS INSTITUUT VAN PSYCHOLOGEN Commissie Testaangelegenheden Nederland. Beoordeling van de AMN Eindtoets 2016 NEDERLANDS INSTITUUT VAN PSYCHOLOGEN Commissie Testaangelegenheden Nederland Beoordeling van de AMN Eindtoets 2016 Beoordeling 2015 onvoldoende* voldoende goed 1. Uitgangspunten x 2. Kwaliteit testmateriaal

Nadere informatie

Instructiebrochure voor kandidaten HOOG VERKORT

Instructiebrochure voor kandidaten HOOG VERKORT Instructiebrochure voor kandidaten HOOG VERKORT Inhoud 1 Introductie... 3 2 Q1000 capaciteiten... 5 1 Diagrammen... 6 2 Figuurreeksen... 8 3 Cijferreeksen... 10 4 Analogieën... 11 3 Antwoorden op de oefenopgaven...

Nadere informatie

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Dit document beschrijft kort de bevindingen uit het onderzoek over biseksualiteit van het AmsterdamPinkPanel.

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde A1-2 vwo 2007-I

Eindexamen wiskunde A1-2 vwo 2007-I Restzetels Op 2 maart 1994 vonden er in Nederland gemeenteraadsverkiezingen plaats. In de gemeente Enschede werden 67 787 stemmen uitgebracht. De verkiezingsuitslag is weergegeven in tabel 1. In de tweede

Nadere informatie

Als expert aan de slag met loopbaanvelden

Als expert aan de slag met loopbaanvelden P E O P L E I M P R O V E P E R F O R M A N C E Als expert aan de slag met loopbaanvelden www.picompany.biz Als expert aan de slag met loopbaanvelden In de Career Scan wordt het onderdeel over loopbaanvelden

Nadere informatie

DATA-ANALYSEPLAN (20/6/2005)

DATA-ANALYSEPLAN (20/6/2005) DATA-ANALYSEPLAN (20/6/2005) Inleiding De manier waarop data georganiseerd, gecodeerd en gescoord (getallen toekennen aan observaties) worden en welke technieken daarvoor nodig zijn, dient in het ideale

Nadere informatie

Rapportgegevens IQ t. Agrarische Vacaturebank

Rapportgegevens IQ t. Agrarische Vacaturebank Rapportgegevens IQ t Respondent: Suzan Voorbeeld E mail testen@agrarischevacaturebank.nl Geslacht: vrouw Leeftijd: 33 Opleidingsniveau: HBO Vergelijkingsgroep: De Nederlandse beroepsbevolking Testdatum:

Nadere informatie

Rapportage. Mevrouw A. Noniem

Rapportage. Mevrouw A. Noniem Rapportage Mevrouw A. Noniem Deze rapportage is vertrouwelijk. Deze rapportage is opgesteld inzake het in kaart brengen van de werknemersvaardigheden van betrokkene. Het huidige onderzoek betreft een momentopname.

Nadere informatie

Samenvatting Nederlands

Samenvatting Nederlands Samenvatting Nederlands 178 Samenvatting Mis het niet! Incomplete data kan waardevolle informatie bevatten In epidemiologisch onderzoek wordt veel gebruik gemaakt van vragenlijsten om data te verzamelen.

Nadere informatie

Duurzaamheid uitstroom uit een Abw- en WW-uitkering

Duurzaamheid uitstroom uit een Abw- en WW-uitkering Duurzaamheid uitstroom uit een Abw- en WW-uitkering verschillen tussen uitstroom naar Bedrijf en Loondienst Inspectie Werk en Inkomen (februari 2006) 1 Inhoud \ Managementsamenvatting 3 1 Inleiding 4 2

Nadere informatie

Eindexamen wiskunde A1-2 vwo 2004-I

Eindexamen wiskunde A1-2 vwo 2004-I Examenresultaten Voor de invoering van de tweede fase bestonden de vakken wiskunde A en wiskunde B. In 2 werden deze vakken voor het laatst op alle VWO-scholen geëxamineerd. Bij het Centraal Examen wiskunde

Nadere informatie

Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test

Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test Rapportgegevens Marketing en sales potentieel test Respondent: Jill Voorbeeld Email: voorbeeld@testingtalents.nl Geslacht: vrouw Leeftijd: 39 Opleidingsniveau: wo Vergelijkingsgroep: Normgroep marketing

Nadere informatie

EXAMEN kunst (algemeen) havo 2014

EXAMEN kunst (algemeen) havo 2014 EXAMEN kunst (algemeen) havo 2014 Hugo Gitsels, toetsdeskundige kunstvakken, Cito Op maandag 12 mei maakten ongeveer 7.600 kandidaten het examen kunst (havo). De N-term werd vastgesteld op 1,3. Dit geeft

Nadere informatie

6DPHQYDWWLQJ. De studie psychologie aan de Open Universiteit Nederland (OUNL) kent een hoge uitval.

6DPHQYDWWLQJ. De studie psychologie aan de Open Universiteit Nederland (OUNL) kent een hoge uitval. 6DPHQYDWWLQJ De studie psychologie aan de Open Universiteit Nederland (OUNL) kent een hoge uitval. Van de ongeveer 1200 studenten die per jaar instromen, valt de helft binnen drie maanden af. Om een antwoord

Nadere informatie

BS St. Martinus Millingen aan de Rijn. Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2014. Haarlem, maart 2014

BS St. Martinus Millingen aan de Rijn. Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2014. Haarlem, maart 2014 BS St. Martinus Millingen aan de Rijn Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2014 Haarlem, maart 2014 Scholen met Succes Postbus 3386 2001 DJ Haarlem www.scholenmetsucces.nl info@scholenmetsucces.nl

Nadere informatie

Product Informatie Blad - Rekentoets

Product Informatie Blad - Rekentoets Product Informatie Blad - Rekentoets PIB240-2010-Rekentoets Context In opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft de commissie Meijerink onderzoek gedaan naar wat leerlingen

Nadere informatie

The Disability Assessment Structured Interview

The Disability Assessment Structured Interview RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN The Disability Assessment Structured Interview Its reliability and validity in work disability assessment Proefschrift ter verkrijging van het doctoraat in de Medische Wetenschappen

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 9161 26 mei 2011 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 27 april 2011, nr. VO/289008, houdende

Nadere informatie

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. Competentietest

Simon Voorbeeld VERTROUWELIJK. Competentietest Simon Voorbeeld Competentietest 2015 Testcentrum Groei De Algemene Voorwaarden van Testcentrum Groei B.V., die zijn na te lezen op www.testcentrumgroei.nl zijn van toepassing op het gebruik van deze testrapportage.

Nadere informatie

Resultaten IEP Eindtoets 2015

Resultaten IEP Eindtoets 2015 Resultaten IEP Eindtoets 2015 1 1. Samenvatting In de periode van november 2014 tot en met januari 2015 hebben 271 schoolvestigingen met in totaal 6.971 leerlingen zich aangemeld om de IEP Eindtoets af

Nadere informatie

Overzicht meetinstrumentarium

Overzicht meetinstrumentarium Overzicht meetinstrumentarium Inhoud Functietyperen P. 2 Vragenlijsten Inleiding en beschikbaarheid talen P. 3 Shapes executive P. 4 Shapes P. 5 Shapes Basic P. 6 Views P. 7 Tests Inleiding en beschikbaarheid

Nadere informatie

Examen VWO. wiskunde A1. tijdvak 1 vrijdag 1 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.

Examen VWO. wiskunde A1. tijdvak 1 vrijdag 1 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Examen VWO 2007 tijdvak 1 vrijdag 1 juni 13.30-16.30 uur wiskunde A1 Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Dit examen bestaat uit 19 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 79 punten te behalen. Voor

Nadere informatie

Onze Online Assessment experts hebben de antwoorden op de meest gestelde vragen over Online Assessment.

Onze Online Assessment experts hebben de antwoorden op de meest gestelde vragen over Online Assessment. Alles wat de HR professional wil weten over Online Assessments Wilt u een kandidaat uitnodigen om deel te nemen aan een Online Assessment? Wilt u weten hoe een Online Assessment is samengesteld of welke

Nadere informatie

BS Het Voorbeeld Haarlem. Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2013. Haarlem, mei 2013

BS Het Voorbeeld Haarlem. Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2013. Haarlem, mei 2013 BS Het Voorbeeld Haarlem Leerlingtevredenheidspeiling Basisonderwijs 2013 Haarlem, mei 2013 BS Het Voorbeeld, Haarlem Scholen met Succes Postbus 3386 2001 DJ Haarlem www.scholenmetsucces.nl info@scholenmetsucces.nl

Nadere informatie

HTS internet testen: testafnames via het internet en administratie op eigen pc

HTS internet testen: testafnames via het internet en administratie op eigen pc HTS internet testen: testafnames via het internet en administratie op eigen pc Na de installatie van het programma vindt u een icoon voor HTS op uw desktop, onder Start en in uw Programma folder. Wanneer

Nadere informatie

Handscoring Eindtoets Basisonderwijs 2009

Handscoring Eindtoets Basisonderwijs 2009 Cito Primair onderwijs Handscoring Eindtoets Basisonderwijs 2009 Aanwijzingen voor de omzetting van ruwe scores naar standaardscores Toelichting Met behulp van onderstaande aanwijzingen kunt u zelf de

Nadere informatie

Rapport SQ-Sales. Lydia Beelders 07 juli 2011 V1.1

Rapport SQ-Sales. Lydia Beelders 07 juli 2011 V1.1 Rapport SQ-Sales Lydia Beelders 07 juli 2011 V1.1 Rapportage SQ-test voor commerciële competenties. Gebruikersnaam: proef Naam: Lydia Beelders Geslacht: Vrouw Geboortejaar: 1988 Opleiding: HBO Testdatum:

Nadere informatie

Handscoring Eindtoets Basisonderwijs 2010

Handscoring Eindtoets Basisonderwijs 2010 Cito Primair onderwijs Handscoring Eindtoets Basisonderwijs 2010 Aanwijzingen voor de omzetting van ruwe scores naar standaardscores Toelichting Met behulp van onderstaande aanwijzingen kunt u zelf de

Nadere informatie

Het meetinstrument heeft betrekking op de volgende categorieën Lichaamsregio Hoofd / hals Overige, ongespecificeerd

Het meetinstrument heeft betrekking op de volgende categorieën Lichaamsregio Hoofd / hals Overige, ongespecificeerd Uitgebreide toelichting van het meetinstrument ComVoor Voorlopers in communicatie 31 oktober 2011 Review M. Jungen Invoer: E. van Engelen 1 Algemene gegevens Het meetinstrument heeft betrekking op de volgende

Nadere informatie