Trainersdraaiboek. Interactievaardigheden

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Trainersdraaiboek. Interactievaardigheden"

Transcriptie

1 Trainersdraaiboek Interactievaardigheden : plezier en rendement! De training en deze handreiking zijn ontwikkeld door: - Thecla Brouwer (Spectrum CMO Gelderland) - Birgitte van Miltenburg (Basta trainingen) Met medewerking van: - Lia Kollaart (C. van de Graaf & Partners) - Isabell Drewes (E-school Kinderopvang)

2 Inleiding Dit startdocument Deze handreiking voor trainers van de training Interactievaardigheden is tot stand gekomen met subsidie van het Ministerie van SZW en is onderdeel van het project Corporate e-learning in de kinderopvang. De projectleiding hiervan is gevoerd door (E-school Kinderopvang). De training Interactievaardigheden is onderdeel van het leerarrangement Interactievaardigheden van pedagogisch medewerkers bij 1½ tot 4 jarigen. Dit leerarrangement bestaat uit een combinatie van een e-learning module, een training van een dagdeel en een praktijkdeel. Aanleiding voor het ontwikkelen van het leerarrangement in dit project is de uitslag van het onderzoek van het Nederlands Consortium Kinderopvang Onderzoek (NCKO) , waaruit blijkt dat de kwaliteit van interactie in de kinderopvang achteruit is gegaan (zie voor meer informatie bijlage 1). Deze handreiking is bedoeld voor trainers die de training geven als onderdeel van het leerarrangement. De trainers zijn ingevoerd in het hele leerarrangement. Naast deze handreiking ontvangen zij ook de informatie bij de e-learning module en het praktijkdeel. Doelgroep Pedagogisch medewerkers werkzaam binnen de kinderdagopvang (0-4 jaar) Opleidingsleveranciers (ROC s) Algemene doelen voor het (hele) leerarrangement De pedagogisch medewerker: - ziet het belang van het op juiste wijze en zo optimaal mogelijk toepassen van de Interactievaardigheden; - is zich bewust van de wijze waarop zij de interactievaardigheden op dit moment toepast in haar dagelijks werk; - zoekt actief naar mogelijkheden om de toepassing van de interactievaardigheden in haar dagelijks werk te optimaliseren; - en kan haar handelen uitleggen aan anderen, zoals ouders/verzorgers. Opzet van de praktijktraining De praktijktraining is een korte training van één dagdeel en bouwt voort op de e-learning module. In de training staan de zes interactievaardigheden van de pedagogisch medewerkers centraal. Deze zijn: Basale vaardigheden: 1 sensitieve responsiviteit; 2 respect voor autonomie; 3 structureren en grenzen stellen; Educatieve vaardigheden: 4 praten en uitleggen; 5 ontwikkelingsstimulering; 6 begeleiden van interacties. 2

3 Doel van de training: Vergroten van de interactievaardigheden van de pedagogisch medewerkers. Na de training kunnen de pedagogisch medewerkers: - aangeven wat het belang is van toepassen van (ieder van) deze interactievaardigheden; - de samenhang tussen de (basale en de educatieve) interactievaardigheden uitleggen; - aangeven op welke wijze ieder van deze interactievaardigheden kan worden toegepast en geïntegreerd in de verzorging en omgang met de dreumes en de peuter; - aangeven waarom en hoe zij haar eigen handelen kan verbeteren; - de interactievaardigheden toepassen in de praktijk. 3

4 Training interactievaardigheden een dagdeel 3 uur excl. pauze Programma: 1 5 min Opening, mededelingen, korte kennismaking 2 10 min Doel, opzet en werkwijze van het leerarrangement en toelichting programma 3 25 min De sleutelbos Communicatie met jonge kinderen 4 60 min Wat zou jij doen? Bekijken en bespreken van beeldmateriaal 5 30 min Praktisch oefenen educatieve interactievaardigheden 6 30 min Persoonlijke interactievaardigheden en plan van aanpak 7 20 min Toelichting praktijkdeel, evaluatie en afsluiting Nodig: Naamkaartjes Stiften Powerpoint presentatie (zie aparte bijlage) Laptop + beamer Dvd NCKO kwaliteitsmonitor 4

5 1 Opening, mededelingen, korte kennismaking Duur: 5 minuten 2 Doel, opzet en werkwijze van het leerarrangement en toelichting programma Duur: 10 minuten Doel: Deelnemers weten wat zij van deze training kunnen verwachten. Materiaal: - Powerpointpresentatie (zie bijlage): - Sheet met programma; - Sheet met informatie NCKO; - Sheet met beschrijving 6 interactievaardigheden; - Achtergrondinformatie voor trainer over NCKO en interactievaardigheden (zie bijlage 1); Werkwijze: Geef met sheet aan wat de globale inhoud van de bijeenkomst is. Benoem dat het om een korte praktijktraining training gaat van één dagdeel, die voortbouwt op de e-learning module en gevolgd wordt door de praktijkopdracht. Geef op sheet de achtergrondinformatie over het NCKO onderzoek en de 6 interactievaardigheden aan. Vertel dat de interactievaardigheden centraal staan in de training. Er zal vooral geoefend worden en gereflecteerd op eigen houding. Vertel, dat deelnemers zelf kiezen of zij aantekeningen maken. Vraag of er nog vragen of opmerkingen zijn. 5

6 3 De sleutelbos Duur: 25 minuten Materiaal: Doelen: Deelnemers en trainer maken kennis met elkaar; - Flap + stift; - Powerpointpresentatie: Deelnemers frissen hun algemene kennis over communicatie op; Deelnemers oefenen en zijn zich bewust van de basale communicatieve vaardigheden met kinderen. - Sheet communicatiecirkel; - Sheet Verkennen, Verbinden, Verrijken (V V V); - Achtergrondinformatie communicatie voor de trainer (zie bijlage 2). Werkwijze: Algemeen: de trainer vraagt deelnemers hun sleutelbos te pakken en vraagt een aantal deelnemers iets over hun sleutelbos te vertellen d.m.v. het antwoorden op open en gesloten vragen, het antwoord te herhalen, het vertelde samen te vatten, de groep te vragen naar vragen naar voorbeeld, door te vragen door het benoemen van non verbaal gedrag. Concreet: de trainer stelt de eerste 3 à 4 cursisten uitsluitend een gesloten vraag (bv. hoeveel sleutels zitten er aan je sleutelbos?), bedankt en vraagt niet door. Daarna 3 à 4 cursisten die een open vraag krijgen (bv. Wil je iets over je sleutelbos vertellen), de trainer vraagt door en legt verbinding met de rest van de groep (bv. hebben andere mensen ook een sleutelhanger?) en besteedt ook aandacht aan de onderlinge interactie. Vervolgens navraag: - Welke communicatieve vaardigheden werden ingezet? - Wat gebeurde er bij open en gesloten vraagstelling? - Bij doorvragen of vragen naar voorbeeld? - Bij benoemen non verbaal gedrag? - Bij deelnemers die geen aandacht kregen? - enz De trainer geeft toelichting op de verbale en non-verbale communicatie met jonge kinderen. 6

7 4 Wat zou jij doen? Bekijken en bespreken van beeldmateriaal Duur: 60 minuten Doel: Herkennen van interactievaardigheden/beoordelen/verbeteren/reflecteren Materiaal: - dvd uit de NCKO kwaliteitsmonitor; - papier, pennen; - invullijst + turfpapier bij oefening gericht kijken zie bijlage 3. Werkwijze: Er worden drie beeldfragmenten getoond van de drie verschillende educatieve vaardigheden. Alle drie fragmenten geven een hoge score op de betreffende educatieve interactievaardigheid. Dit ook benoemen naar de deelnemers. Vervolgens vragen uitwerken in tweetallen na ieder fragment. - Herkenbaar wat gebeurt? - Wat zou jij doen in deze situatie? - Is de pedagogisch medewerker ondersteunend aanwezig? - Heb je iets gemist in de situatie? Na de twee filmpjes over dezelfde vaardigheid, terugkoppelen in de groep. Wat is je opgevallen?, wat zou je zelf doen?, wat zou je anders doen?, hoe breng je verbeteringen aan in deze situatie? In totaal wordt er dus drie keer teruggekoppeld in de gehele groep. Soms is het raadzaam om na de nabespreking het filmpje nogmaals te laten zien. Wellicht wordt er dan anders of gerichter gekeken. Bij een tweede keer kijken kan je medewerkers de opdracht gegeven om gericht te kijken naar één of twee gedragsindicatoren. Deze staan in de bijlage uitgewerkt en kunnen uitgeprint worden om te turven tijdens het kijken. Om de interactievaardigheid goed in beeld te krijgen staan alle gedragsindicatoren op het turfpapier. Spreek onderling af wie op welke indicatoren let. Indien voldoende tijd is het ook mogelijk om de overige filmpjes over de andere drie interactievaardigheden op dezelfde manier te bespreken. In de training wordt de DVD gebruikt die hoort bij de NCKO kwaliteitsmonitor. Op deze DVD staan 12 filmfragmenten. Info voor de trainer: Bij onderdeel praten en uitleggen: eerst situatie 2 laten zien, vervolgens situatie 1. Praten en uitleggen Situatie 1 De pedagogisch medewerker praat met alle kinderen aan tafel. Ze luistert en reageert op vragen en opmerkingen van de kinderen en daarnaast stimuleert ze, door vragen te stellen, ook het taalgebruik van de kinderen. Ze begeleidt de interacties op een zeer vanzelfsprekende manier en praat vooral met de kinderen (en niet tegen) de kinderen, waardoor er een dialoog kan ontstaan tussen haar en de groep. Situatie 2 7

8 De pedagogisch medewerker voert op een zeer natuurlijke manier een gesprekje met de twee kinderen die bij haar staan. Ze heeft een goede balans tussen luisteren naar de inbreng van de kinderen en zelf praten. Ze stimuleert het taalgebruik van de kinderen door vragen te stellen; er is sprake van een dialoog tussen haar en de kinderen. Ontwikkelingsstimulering Situatie 1 De pedagogisch medewerker stimuleert de motorische vaardigheden door de kinderen zelf hun broodje te laten smeren. De kinderen die het nog moeilijk vinden en om hulp vragen, helpt ze door te laten zien en voelen hoe het moet. Ze biedt veel ontwikkelingsstimulering voor de kinderen aan tafel. Mogelijkheden tot verbetering Zelf ook een plek aan tafel innemen en zelf ook eigen brood smeren. Kinderen kunnen dan ook kijken hoe het moet. Tegen het kind dat te veel boter op z n broodje smeert zeggen, schuif de boter maar even door naar de volgende in plaats van de boter zelf een duw te geven. Situatie 2 De pedagogisch medewerker biedt veel en goed afgestemde ontwikkelingsstimulering voor het kind door het kind vragen te stellen en dingen te leren. Ze maakt op een natuurlijke wijze gebruik van de situaties die zich voordoen. Een dagelijkse handeling als verschonen is daardoor niet alleen een verzorgingsmoment, maar wordt in dit geval gebruikt om de ontwikkeling van het kind te stimuleren. Het kind wordt geprikkeld door de vragen die de pedagogisch medewerker stelt. Begeleiden van interacties Situatie 1 De pedagogisch medewerker gebruikt een liedje om de positieve interacties tussen de kinderen te bevorderen. Zo richten de kinderen zich ook op de ander. Door het nieuwe kind aan tafel voor te stellen moedigt zij kinderen aan om positieve interacties met elkaar aan te gaan. En met het noemen van de naam van het kind dat naast je zit, leert zij kinderen zich op de ander te richten. De pedagogisch medewerker begeleidt de interacties tussen de kinderen zeer goed. Situatie 2 De pedagogisch medewerker maakt in dit fragment gebruik van de gelegenheid en laat de kinderen zich op elkaar richten. Ze creëert daarmee een situatie voor de kinderen om positieve interacties met elkaar aan te gaan. De pedagogisch medewerker begeleidt de interacties tussen de kinderen goed. 8

9 5 Praktisch oefenen educatieve interactievaardigheden Duur: 30 minuten Doel: Vaardigheden in de praktijk brengen Materiaal: - A4tje met printversie oefeningen - zie bijlage 4; - Achtergrondinformatie houding pedagogisch medewerker bij oefeningen (trainer) zie bijlage 5; - Eventueel spelmateriaal om de situatie te ondersteunen. Werkwijze: Voorbereiding oefening De groep wordt opgedeeld in subgroepjes van 3 of 4. Zorg voor een rustige oefenruimte, deelnemers verspreiden zich indien mogelijk over meerdere ruimtes. De deelnemers ontvangen een kaartje met de situaties erop. Er is een deelnemer die speelt PM-er en een deelnemer speelt kind. In het geval dat er een derde deelnemer is, is zij de observant. Deze let op: - Intonatie en lichaamstaal; - Wordt er ingegaan op/geluisterd naar behoefte kind?; - Wordt er daadwerkelijk gesproken en uitgelegd?. Bij de nabespreking van iedere casus is het ook van belang dat de PM-er uitlegt waarom zij heeft gekozen voor die manier van reageren. Let op minimale interactie bij iedere situatie, meer mag altijd; PM-er zendt reactie naar kind, kind reageert en PM-er reageert daar weer op. Let bij de nabespreking van de oefening op de volgende zaken: - eerst de PM-er haar eigen ervaringen laten vertellen, hoe was het om te doen, wat ging goed, wat kan beter; - dan de andere rollenspelers aan het woord; - en tot slot de observator; - zijn er nog opmerkingen/aanvullingen uit de groep. Indien gewenst kan je ervoor kiezen om één of twee situaties voor de groep uit te laten spelen en vervolgens plenair na te spreken. Dan zijn bovengenoemde punten zeker van belang. Situatie 1 Bobby (3) en Anna (3,5) spelen samen in de poppenhoek. Rachid komt erbij en wil meespelen. Al snel verdeelt Rachid de rollen, hij is de papa en Bobby en Anna zijn de kinderen. Anna is het er niet mee eens en komt bij je om hulp vragen. Wat zou je doen? Info voor de trainer: In deze situatie is het van belang dat de PM-er, de kinderen leert om tegen elkaar te praten. Je gaat het als PM-er niet overnemen van het kind. Je leert het kind wat zij kan zeggen om te zorgen dat, in 9

10 dit geval, Anna weer verder kan spelen. Leer haar te vertellen aan de anderen waar zij ontevreden over is. Natuurlijk is ook een sensitive responsieve houding van belang. Laat de PM-er zo n rol op zich nemen zodat de interactie tussen de kinderen op gang wordt gebracht en zij dit goed begeleidt. Centraal in deze situatie staat het bevorderen van interacties tussen kinderen. Situatie 2 Peter (3) is naar de kinderboerderij geweest en is helemaal vol van de jonge biggetjes die hij daar heeft gezien. In het schriftje van Jens (2) heb je gelezen dat hij er ook is geweest. Jens luistert naar het verhaal van Peter. Wat doe je? En waarom maak je deze keuze? Info voor de trainer: Centraal in deze situatie staat de interactie tussen de kinderen (opgang brengen). De PM-er kan de interactie tussen de kinderen op gang brengen door vragen te stellen. Hiervoor kan de PM-er aan Jens vragen of hij de biggetjes ook heeft gezien. Of vragen of de kinderen elkaar zijn tegengekomen. Ook hier is het weer belangrijk dat dat de kinderen leren ook tegen elkaar praten en niet alleen via de PM-er. Wees daar alert op. Situatie 3 Bilal (3) zit met de blokken te spelen. Mika (2,5) komt eraan met boerderijdieren en gaat tussen de blokken zitten. Wat zeg je en waarom? Info voor de trainer: Belangrijk in deze situatie is om te kijken naar de reactie van de kinderen. De PM-er vindt het een ongewenste situatie en grijpt in. Hoe reageren Bilal en Mika daarop? Weet de PM-er het zo te brengen dat de kinderen meewerken? 10

11 6 Persoonlijke interactievaardigheden en plan van aanpak Duur: 30 minuten Doelen: Deelnemers zijn zich (meer)bewust van hun persoonlijke interactievaardigheden; Deelnemers kunnen aangeven op welke wijze deze interactievaardigheden worden toegepast; Deelnemers kunnen aangeven op welke wijze hun eigen handelen verbeterd kan worden; Deelnemers ondersteunen elkaar bij het versterken en ontwikkelen van interactievaardigheden. Materiaal: - Checklist interactievaardigheden bijlage 6; - Formulier Persoonlijke kwaliteiten en leerdoelen bijlage 7. Werkwijze: De trainer deelt de checklist interactievaardigheden uit en vraagt de deelnemers deze in te vullen minuten. Vervolgens legt de trainer het principe werken met een maatje uit 5 minuten; Een maatje is een kritische vriend die met je meedenkt: twee weten meer dan één en twee zien ook meer dan één.een collega kan als vast maatje een ondersteuning zijn voor het leerproces. Het biedt de mogelijkheid om te leren van een ander, om ervaringen uit te wisselen en om samen te oefenen. Iedere deelnemer krijgt een maatje. Dit kan een directe collega zijn of juist niet. Trainer heeft van te voren bepaald (in overleg met organisatie) voor welk constructie wordt gekozen. Maatjes zoeken elkaar op en de trainer deelt het formulier Persoonlijke kwaliteiten en leerdoelen uit en vraagt de deelnemers elkaar te steunen en kritische feedback te geven 15 minuten (als het kan dit vóór de training met leidinggevende afspreken of cursisten zelf hun maatje kiezen of worden ingedeeld door de leidinggevende). Plenair kort nabespreken. 11

12 7 Toelichting praktijkdeel, evaluatie en afsluiting Praktijkdeel: leg uit hoe de deelnemers individueel, met hun maatje en/of in teamverband verder gaan met hun plan van aanpak uit programma-onderdeel 6 van deze training. Let op: spreek dus voor de training met de leidinggevende(n)/ opdrachtgever van de training af hoe het vervolg in deze organisatie er uit ziet. Evaluatie: de trainer bepaalt zelf hoe hij of zij evalueert. Afsluiting: sluit de training af. 12

13 Bijlage 1 Het NCKO Het Nederlands Consortium Kinderopvang Onderzoek (NCKO) is een wetenschappelijk samenwerkingsverband waarin pedagogen en ontwikkelingspsychologen van verschillende Nederlandse universiteiten samenwerken aan onderzoek ter bevordering van de pedagogische kwaliteit van de Nederlandse kinderopvang voor 0 4 jarigen. Het onderzoek wordt gesubsidieerd door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SWZ) en later het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW) en is gestart in Een van de voornaamste doelstellingen van het onderzoek is het ontwikkelen van een goed instrument om de pedagogische kwaliteit van de kinderopvang op een wetenschappelijk verantwoorde wijze te meten. Het NCKO verstaat onder pedagogisch kwaliteit de in de Wet Kinderopvang (2005) genoemde vier pedagogische basisdoelen: - het bieden van voldoende veiligheid; - het bevorderen van de persoonlijke competentie; - het bevorderen van de sociale competentie; - het bevorderen van de morele competentie (eigen maken van waarden en normen). Het NCKO heeft een kwaliteitsmodel ontwikkeld waarin de belangrijkste kwaliteitskenmerken voor de kinderopvang zijn opgenomen. Hierbij worden twee typen kwaliteitskenmerken onderscheiden: - proceskwaliteiten: kwaliteit van het feitelijke zorg- en opvoedproces en van de dagelijkse ervaringen van de kinderen op het kinderdagverblijf * - structurele kwaliteitskenmerken: voorwaarden die van invloed zijn op de proceskwaliteit zoals groepsgrootte, staf-kindratio, opleiding pedagogisch medewerkers * De dagelijkse ervaringen doen kinderen op in de omgang met drie belangrijke aspecten van hun omgeving, nl. de pedagogisch medewerker, andere kinderen en de materiële omgeving (spelmateriaal, meubilair, inrichting van de ruimte) Van deze drie aspecten heeft de pedagogisch medewerker verreweg de grootste invloed op het welzijn en de ontwikkeling van kinderen. De PM-er beïnvloedt de kinderen namelijk niet alleen rechtstreeks in haar interacties met de kinderen zelf, maar zij bepaalt ook voor een groot deel de kwaliteit van de interacties tussen de kinderen onderling en van hun ervaring met het aanwezige spelmateriaal. Daarom beschouwt het NCKO de vaardigheden van de PM-er in de omgang met kinderen als de kern van de proceskwaliteit. Interactievaardigheden In het kwaliteitsmodel worden zes interactievaardigheden onderscheiden in de omgang met kinderen waarover de pedagogisch medewerker moet beschikken om de pedagogische basisdoelen optimaal te kunnen realiseren, namelijk: Basale vaardigheden: Educatieve vaardigheden: 1. sensitieve responsiviteit; 2. respect voor autonomie; 3. structureren en grenzen stellen; 4. praten en uitleggen; 5. ontwikkelingsstimulering; 6. begeleiden van interacties. Aanleiding voor het ontwikkelen van het leerarrangement interactievaardigheden is de uitslag van het onderzoek van het NCKO (2009), waaruit blijkt dat de kwaliteit van interactie in de kinderopvang achteruit is gegaan. 13

14 Bijlage 2 Communicatie met jonge kinderen Een stimulerende communicatie tussen PM-er en kinderen vormt het hart van de pedagogiek in kindercentra. Het delen van emoties en ervaringen, contact maken, kinderen uitdagen en helpen hun weg te vinden. Baby s, dreumesen en peuters communiceren op twee manieren: met hun lichaam (houding, mimiek en intonatie) en door woorden. Een veilige omgeving betekent dat de PM-er beide talen spreekt. Communiceren door lichaamstaal Lichaamstaal is alles wat zonder woorden gezegd kan worden. We denken dan aan houding, gebaren, stemhoogte, lichamelijke functies als hartslag, ademhaling, bloeddruk, gespannenheid in de rug. Voorbeelden van signalen van lichaamstaal zijn: Kijken (richting, duur en intensiteit van blik); Intonatie (klank van stem, snelheid, toonhoogte, volume); Gezichtsuitdrukking (geïnteresseerd, boos, ongeduldig, opgewekt); Motoriek (spierspanning, bewegingen van handen, armen, benen). Peuters gebruiken hoofdzakelijk lichaamstaal in hun communicatie met anderen. Met het opgroeien gaat de taal een belangrijk stukje van de communicatie invullen waardoor we vergeten te letten op de lichaamstaal. Het is goed om te controleren of je ideeën over wat het kind met zijn lichaam vertelt wel kloppen. Ook bij volwassenen is lichaamstaal een belangrijke boodschapper, in wat we zijn, voelen, willen. Onderzoekers hebben aangetoond dat 70-80% van onze communicatie door lichaamstaal plaatsvindt (zie bijlage communicatiecirkel). Bij gevoelsboodschappen ligt dit percentage nog hoger. De twee hoofdcomponenten van communicatie zijn: Verbale input (20-30%) = WAT - de feitelijke informatie (de inhoud/ de woorden) Non-verbale input (70-80%) = HOE - de manier waarop iets gezegd wordt: houding,mimiek en intonatie. Van belang is de overeenstemming tussen de verbale en non-verbale input. Een kind voelt of je daadwerkelijk met je aandacht bij hem bent en beschikbaar bent. Betekent dat je oog hebt voor signalen van het kind, deze goed interpreteert en op een passende manier reageert zodat het kind zich begrepen, geaccepteerd en veilig voelt, het gaat hier om sensitieve responsiviteit. Dit is de basis om ook de andere interactievaardigheden te kunnen inzetten (respect voor autonomie, structureren en grenzen stellen, praten en uitleggen, ontwikkelingsstimulering en het begeleiden van interacties) De didactiek van de drie V s Begrijpen wat een kind wil zeggen, begint met verkennen waar de aandacht van het kind naar uitgaat en welke emotie daaraan is verbonden. Communiceren met het kind begint met je verbinden met de belangstelling van het kind. Verkennen en Verbinden zijn voorwaarden voor Verrijken (verbreden en verdiepen) van de ontwikkeling. Een didactiek van de drie V s is een zinvolle manier voor het scheppen van veiligheid in communicatie. Verkennen: Goed kijken en luisteren naar het non verbale gedrag vormt de basis van communicatie. Verbinden: Inspelen op de belangstelling van het kind. Verrijken: De PM-er kan de spontane belangstelling verwoorden en uitbreiden, maar ze kan ook proberen de belangstelling van de kinderen te wekken door zelf zaken spannend en interessant te maken. Aansluiten bij kinderen betekent interactief met taal. Hoe jonger de kinderen, hoe minder ze praten. Volwassenen zijn geneigd veel te praten, juist bij kinderen is het belangrijk de tijd te nemen om kinderen zelf iets onder woorden te laten brengen. 14

15 Het is aangetoond dat in een gesprek tussen volwassenen het gebruikelijk is dat de ander binnen anderhalve seconde een reactie geeft op een vraag. Dat zijn wij gewend. Kinderen kunnen dat nog niet: zij kennen dat gebruik niet of hebben meer tijd nodig om hun antwoord te geven. Een kind leert taal in interactie met de personen uit zijn omgeving. Volwassenen staan model voor goed taalgebruik en helpen het kind om zijn taalvaardigheden verder te ontwikkelen. Soorten vragen Hoe opener de vraag is hoe meer een kind de inhoud en de vorm van zijn antwoord zelf kan bepalen. Maar die vrijheid is het grootst wanneer het kind op eigen initiatief praat. Pedagogisch medewerkers kunnen, naast het stellen van vragen ook andere strategieën gebruiken om kinderen uit te lokken tot praten, bijvoorbeeld door luisterresponsen te geven of stiltes te laten vallen. Het belangrijkste is dat de pedagogisch medewerker kinderen de ruimte geeft om te praten over onderwerpen die zij belangrijk vinden op het moment dat zij dat willen. Vaardigheden die belangrijk zijn bij het voeren van gesprekken met peuters zijn: Vaardigheid Beschrijving 1. Handelingen verwoorden Verwoord handelingen van jezelf of peuters: Ik moet nu eerst even mijn veters strikken. Anders val ik er straks nog over. 2. Beurt beschermen Schep een veilig klimaat door de groepjes zo samen te stellen dat iedereen zich veilig voelt en durft te praten. Bescherm de beurt van de peuter die aan het woord is: Even wachten Sanne, Ka Chun wil nog iets vertellen! Creëer kansen voor iedereen, laat alle kinderen aan bod komen. 3. Ruimte scheppen voor opmerkingen van de peuters Stel minder vragen. Geef luisterresponsen: Oh, Mmm, Zo, Echt waar? Laat stiltes vallen, wacht bijvoorbeeld 5 tot 10 sec. 4. Beurt doorspelen naar andere peuter Geef niet altijd meteen zelf antwoord, maar speel vragen en beurten door naar een andere peuter: Fatma zegt dat een slurf een soort neus is. Wat denk jij, Lucas? 5. Gevarieerd vragen stellen Vraagsoorten: Aanwijsvragen Ja/nee vragen, of/of vragen, wie/wat/waar vragen Waarom-vragen, hoe-vragen Tegendeelvragen Vragen naar eigen ervaringen Stel zo gevarieerd mogelijk vragen, vooral veel open vragen: Hoe kunnen we daar achter komen? Wat zou dat kunnen betekenen? Wat wil jij daarover vertellen? Stel ook wat moeilijker denkvragen: Hoe zou het nou komen dat? Houd rekening met het niveau van de peuter. 6. De kijk van de peuter accepteren Volg de gedachtegang van de peuters en respecteer hun kijk op het onderwerp: Anita zegt dat in het bos hondenbrokken groeien voor de dieren. Wat denken jullie? 7. Prikkelende beweringen doen Doe prikkelende beweringen: Ik vind spinnen een beetje eng! De peuters kunnen met hun antwoord nog alle kanten op. Bij een vraag als: Wie is er bang voor spinnen? Of Ben jij ook bang voor spinnen? is die ruimte er veel minder. 8. Ingaan op de inhoud Stel inhoudelijke vragen aan de peuters: Hebben jullie een deur in het huis gemaakt? Hier komt de beer. Hij wil naar binnen. Lukt dat? 9. Betekenisonderhandeling Vraag door. Toon echte interesse in wat het kind wil zeggen en probeer erachter te komen wat hij bedoelt: Wat is dat precies? Wat zou dat betekenen? Wat bedoel je precies of Bedoel je dat.? Wijs bij een vraag of probleem op de context, op datgene wat er in het gesprek of prentenboekverhaal naar voren is gekomen: We hebben het er net nog over gehad? Wie weet het nog? Of Kijk eens naar de plaatjes; daar kun je het antwoord vinden. 10. Parafraseren of herverwoorden tot een goede zin. Vul de uiting van de peuter aan tot een goede zin en breid deze eventueel uit door nieuwe woorden in te brengen. Als de peuter zegt: Ikke eet!, zeg dan bijvoorbeeld: Oh, jij wilt een boterham eten! 15

16 Bijlage 3a Invullijst bij oefening gericht kijken Beantwoord de volgende vragen, eventueel in tweetallen, na ieder fragment. - Is het herkenbaar wat er gebeurt? - Wat zou jij doen in deze situatie? - Is de pedagogisch medewerker ondersteunend aanwezig? - Heb je iets gemist in de situatie? Praten en uitleggen Fragment 2 Praten en uitleggen Fragment 1 Ontwikkelingsstimulering Fragment 1 Ontwikkelingstimulering Fragment 2 Begeleiden van interacties Fragment 1 Begeleiden van interacties Fragment 2 16

17 Bijlage 3b Turfpapier bij oefening gericht kijken Beeldfragment Praten en uitleggen: de pedagogisch medewerker verwoordt veel. Bijvoorbeeld bedoelingen en gevoelens van de kinderen. Ook benoemt zij wat er gebeurt en gaat gebeuren. Ze houdt luisteren naar en reageren op in evenwicht. Ze stemt af op het niveau en de interesses van de kinderen. Ze praat niet tegen, maar met kinderen. Zij luistert naar de kinderen. (aantal keren) gezien in fragment 2 (aantal keren) gezien in fragment 1 Het taalaanbod past bij het kind en bij de situatie. De talige reacties op kinderen zijn afgestemd op het niveau en de interesses van het kind. Zij vertelt en leest voor. Beeldfragment Begeleiden van interacties: de pedagogisch medewerker reageert positief op de interacties die zich spontaan tussen kinderen voordoen én bevordert zelf positieve interacties tussen kinderen door kinderen actief op elkaar te richten ( Kijk eens wat een hoge toren heeft gebouwd! of Wil jij even helpen? ). Zij heeft van elk kind een beeld hoe het met anderen omgaat en hoe anderen met dit kind omgaan. Zij vergroot de kans op positieve interacties tussen kinderen. Zij geeft positieve aandacht wanneer een kind sociaal gedrag laat zien. Zij bevordert positieve interacties tussen kinderen. (aantal keren) gezien in fragment 1 (aantal keren) gezien in fragment 2 Beeldfragment Ontwikkelingsstimulering = de extra dingen die de pedagogisch medewerker doet om de persoonlijke competenties (motorisch, verstandelijk, taal, creatief) van de kinderen te stimuleren: de aandacht van de kinderen op bepaalde dingen richten, nieuwe activiteiten en spelmaterialen aanbieden, wijzen op nieuwe mogelijkheden van het bekende spelmateriaal, enz. De stimulering is afgestemd op de aandacht, het niveau, de toestand en de interesses van de kinderen. Zij weet van ieder kind in onze groep wat zijn of haar ontwikkelingsniveau en interesses op (aantal keren) gezien in fragment 1 (aantal keren) gezien in fragment 2 17

18 dit moment zijn. Zij stemt af op de ontwikkelingsbehoeften van ieder kind. Zij gebruikt spel om de ontwikkeling van kinderen te stimuleren. 18

19 Bijlage 4 Printversie oefeningen Situatie 1 Bobby (3) en Anna (3,5) spelen samen in de poppenhoek. Rachid komt erbij en wil meespelen. Al snel verdeelt Rachid de rollen, hij is de papa en Bobby en Anna zijn de kinderen. Anna is het er niet mee eens en gaat naar de PM-er om hulp te vragen. Jij bent Anna -> rolbeschrijving Anna Anna begint de situatie. Je loopt naar de PM-er toe en zegt iets in de trant dat je niet wilt spelen. Kijk vervolgens hoe de PM-er hierop reageert. Situatie 1 Bobby (3) en Anna (3,5) spelen samen in de poppenhoek. Rachid komt erbij en wil meespelen. Al snel verdeelt Rachid de rollen, hij is de papa en Bobby en Anna zijn de kinderen. Anna is het er niet mee eens en gaat naar de PM-er om hulp te vragen. Jij bent Rachid -> rolbeschrijving Rachid Rachid zegt in eerste instantie niet zo veel, je snapt niet dat Anna niet doet wat je vraagt. Jij wil gewoon de vader spelen, dat vind jij het leukst. Situatie 1 Bobby (3) en Anna (3,5) spelen samen in de poppenhoek. Rachid komt erbij en wil meespelen. Al snel verdeelt Rachid de rollen, hij is de papa en Bobby en Anna zijn de kinderen. Anna is het er niet mee eens en komt bij je om hulp vragen. Wat zou je doen? Jij bent de PM-er -> rolbeschrijving PM-er De PM-er wordt geconfronteerd met Anna die ontevreden is over het samenspel met Rachid. Hoe ga jij dit als PM-er oppakken en de kinderen helpen het conflict op te lossen. Deze oefening is bedoeld om interacties tussen kinderen te stimuleren. Situatie 1 Bobby (3) en Anna (3,5) spelen samen in de poppenhoek. Rachid komt erbij en wil meespelen. Al snel verdeelt Rachid de rollen, hij is de papa en Bobby en Anna zijn de kinderen. Anna is het er niet mee eens en komt bij de PM-er om hulp vragen. Wat zou je, als PM-er doen? Jij bent observator Let op: - Intonatie en lichaamstaal; - Wordt er ingegaan op/geluisterd naar behoefte kind?; - Wordt er daadwerkelijk gesproken en uitgelegd?; - Komen de kinderen met hulp van de PM-er tot een oplossing waarbij iedereen tevreden is? 19

20 Situatie 2 Peter (3) is naar de kinderboerderij geweest en is helemaal vol van de jonge biggetjes die hij daar heeft gezien. In het schriftje van Jens (2) heb je gelezen dat hij er ook is geweest. Jens luistert naar het verhaal van Peter. Wat doe je? En waarom maak je deze keuze? Jij bent Peter -> rolbeschrijving Peter Jij vertelt honderduit over het bezoek aan de kinderboerderij. Vooral de jonge biggetjes hebben veel indruk op je gemaakt. Situatie 2 Peter (3) is naar de kinderboerderij geweest en is helemaal vol van de jonge biggetjes die hij daar heeft gezien. In het schriftje van Jens (2) heb je gelezen dat hij er ook is geweest. Jens luistert naar het verhaal van Peter. Wat doe je? En waarom maak je deze keuze? Jij bent Jens -> rolbeschrijving Jens Je geniet zichtbaar van het verhaal van Peter. Je probeert ook te vertellen dat jij er geweest bent en dat je de biggetjes ook gezien hebt. Situatie 2 Peter (3) is naar de kinderboerderij geweest en is helemaal vol van de jonge biggetjes die hij daar heeft gezien. In het schriftje van Jens (2) heb je gelezen dat hij er ook is geweest. Jens luistert naar het verhaal van Peter. Wat doe je? En waarom maak je deze keuze? Jij bent de PM-er -> rolbeschrijving PM-er Je luistert met alle aandacht naar Peter. In eerste instantie is alle aandacht op hem gericht. Daarna probeer je de interactie tussen Peter en Jens op gang te brengen. Situatie 2 Peter (3) is naar de kinderboerderij geweest en is helemaal vol van de jonge biggetjes die hij daar heeft gezien. In het schriftje van Jens (2) heb je gelezen dat hij er ook is geweest. Jens luistert naar het verhaal van Peter. Wat doe je als PM-er? En waarom maak je deze keuze? Jij bent observator Let op: - Intonatie en lichaamstaal; - Wordt er ingegaan op/geluisterd naar behoefte kind?; - Wordt er daadwerkelijk gesproken en uitgelegd?; - Komt de interactie tussen de kinderen op gang en zo ja waardoor/waarom? 20

Nederlands Consortium Kinderopvang Onderzoek (NCKO)

Nederlands Consortium Kinderopvang Onderzoek (NCKO) Nederlands Consortium Kinderopvang Onderzoek (NCKO) dr. Ruben Fukkink dr. Mirjam Gevers Deynoot-Schaub drs. Katrien Helmerhorst workshops ABVAKABO FNV 7 oktober 2009 STRUCTURELE KENMERKEN PROCESKWALITEIT

Nadere informatie

5 pedagogisch medewerkers

5 pedagogisch medewerkers 5 pedagogisch medewerkers In dit hoofdstuk gaan we in op de pedagogisch medewerker. Zij heeft grote invloed op het welzijn en de ontwikkeling van kinderen in de opvang. Door individuele interactie met

Nadere informatie

Observeerbare Termen. Pedagogisch basisdoel: Sociale en emotionele veiligheid. Pedagogisch basisdoel: Sociale en emotionele veiligheid 2

Observeerbare Termen. Pedagogisch basisdoel: Sociale en emotionele veiligheid. Pedagogisch basisdoel: Sociale en emotionele veiligheid 2 1 Observeerbare Termen Pedagogisch basisdoel: Sociale en emotionele veiligheid Leeftijdscategorie De kinderen worden opgevangen in een schone en veilige omgeving. 2 4 jaar 1. De leidster instrueert kind

Nadere informatie

Verbindingsactietraining

Verbindingsactietraining Verbindingsactietraining Vaardigheden Open vragen stellen Luisteren Samenvatten Doorvragen Herformuleren Lichaamstaal laten zien Afkoelen Stappen Werkafspraken Vertellen Voelen Willen Samen Oplossen Afspraken

Nadere informatie

Tijdschrift Kindermishandeling April 2013 Onderwijsspecial deel 2. 8 tips voor een goed gesprek met je leerling

Tijdschrift Kindermishandeling April 2013 Onderwijsspecial deel 2. 8 tips voor een goed gesprek met je leerling 8 tips voor een goed gesprek met je leerling Edith Geurts voor Tijdschrift Kindermishandeling Het kan zijn dat je als leerkracht vermoedt dat een kind thuis in de knel zit. Bijvoorbeeld doordat je signalen

Nadere informatie

toont enthousiasme (lacht, kirt, trappelt met de beentjes)

toont enthousiasme (lacht, kirt, trappelt met de beentjes) 1 Omgaan met en uiten van eigen gevoelens en ervaringen toont enthousiasme (lacht, kirt, trappelt met de beentjes) laat non-verbaal zien dat hij/zij iets niet wil (bijv. slaat fles weg, draait hoofd als

Nadere informatie

Pedagogisch beleid Kinderopvang Haarlem Spelend Groeien

Pedagogisch beleid Kinderopvang Haarlem Spelend Groeien Pedagogisch beleid Kinderopvang Haarlem Spelend Groeien Inleiding Kinderopvang Haarlem heeft één centraal pedagogisch beleid. Dit is de pedagogische basis van alle kindercentra van Kinderopvang Haarlem.

Nadere informatie

TRAINING interactievaardigheden BSO

TRAINING interactievaardigheden BSO TRAINING interactievaardigheden BSO Eerste bijeenkomst: Kinderen en hun ontwikkeling in de bso Leerdoelen van de eerste bijeenkomst: Duur van de bijeenkomst: De pedagogisch medewerkers weten grofweg welke

Nadere informatie

Bijeenkomst over geloofsopvoeding Communiceren met je puber Deze bijeenkomst sluit aan bij Moments, magazine voor ouders van jongeren van 12-18 jaar

Bijeenkomst over geloofsopvoeding Communiceren met je puber Deze bijeenkomst sluit aan bij Moments, magazine voor ouders van jongeren van 12-18 jaar DOELSTELLINGEN Ouders zijn zich ervan bewust dat je altijd en overal communiceert Ouders wisselen ervaringen met elkaar uit over hoe de communicatie met hun pubers verloopt Ouders verwerven meer inzicht

Nadere informatie

Pedagogisch beleidsplan. Kid@home

Pedagogisch beleidsplan. Kid@home Pedagogisch beleidsplan Kid@home Pedagogisch beleidsplan Inhoud: 1. Inleiding 2. Pedagogische visie 3. Verzorging 4. Emotionele veiligheid 5. Persoonlijke competenties 6. Sociale competenties 7. Normen

Nadere informatie

Trainershandleiding Brugklas Bikkels. Inkijkexemplaar

Trainershandleiding Brugklas Bikkels. Inkijkexemplaar Trainershandleiding Brugklas Bikkels versie 2014 Inhoudsopgave Introductie Organiseer je training Praktische tips De werkmap Powerpoint presentatie Ouderbrieven Draaiboek Bijeenkomst 1 Bijeenkomst 2 Bijeenkomst

Nadere informatie

Activiteitenbeleid 2013

Activiteitenbeleid 2013 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Hoofdstuk 2: Hoofdstuk 3: Hoofdstuk 4: Hoofdstuk 5: Hoofdstuk 6: Pedagogisch beleid TintelTuin De 6 competenties Visie Activiteitenbeleid binnen het (dag)programma Laat zien

Nadere informatie

Wenbeleid Kinderopvang/BSO Het Kinderparadijs

Wenbeleid Kinderopvang/BSO Het Kinderparadijs Wenbeleid Kinderopvang/BSO Het Kinderparadijs Kinderdagverblijf/BSO Het Kinderparadijs 1 januari 2016 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. De eerste kennismaking... 5 3. Het afscheid... 7 4. De gehele periode van

Nadere informatie

Het spel der democratische opvoeding Wat vooraf ging: Aan de hand van de 4 pijlers deden de ambassadeurs van Triodus samen goed voor later en de werkgroep wat iedere kindwijzerorganisatie deed, inventariseren!

Nadere informatie

TAAL IS LEUK. Adviezen om de taalontwikkeling te stimuleren

TAAL IS LEUK. Adviezen om de taalontwikkeling te stimuleren TAAL IS LEUK Adviezen om de taalontwikkeling te stimuleren 1 Inhoudsopgave Pagina Besteed extra aandacht aan de taal van uw kind 4 Adviezen die u kunt toepassen tijdens een gesprekje met uw kind 5 Maak

Nadere informatie

Luisteren en samenvatten

Luisteren en samenvatten Luisteren en samenvatten Goede communicatie, het voeren van een goed gesprek valt of staat met luisteren. Vaak denk je: Dat doe ik van nature. Maar schijn bedriegt: luisteren is meer dan horen. Vaak luister

Nadere informatie

Peuters Groep 1 Groep 2 Groep 3 BP MP EP M1 E1 M2 E2 M3

Peuters Groep 1 Groep 2 Groep 3 BP MP EP M1 E1 M2 E2 M3 1. Omgaan met jezelf, met en met volwassenen Peuters Groep 1 Groep 2 Groep 3 BP MP EP M1 E1 M2 E2 M3 Zelfbeeld Sociaal gedrag belangstelling voor andere kinderen, maar houden weinig rekening met de ander

Nadere informatie

Tijdens de video- hometraining worden verschillende begrippen gebruikt. In de bijlage geven we een korte omschrijving van deze begrippen.

Tijdens de video- hometraining worden verschillende begrippen gebruikt. In de bijlage geven we een korte omschrijving van deze begrippen. Bijlage 11 Voorbeeld informatie VHT: Bouwstenen voor geslaagd contact Informatie Video - hometraining Belangrijke begrippen initiatieven herkennen volgen ontvangstbevestiging beurt verdelen leidinggeven

Nadere informatie

Observatielijst Groepsfunctioneren

Observatielijst Groepsfunctioneren Observatielijst Groepsfunctioneren Toelichting De Observatielijst Groepsfunctioneren is verdeeld in twee leeftijdscategorieën: kinderen tot 1,5 jaar en kinderen ouder dan 1,5 jaar. Met de lijst wordt de

Nadere informatie

Tussendoelen sociaal - emotionele ontwikkeling - Relatie met andere kinderen

Tussendoelen sociaal - emotionele ontwikkeling - Relatie met andere kinderen Tussendoelen sociaal - emotionele ontwikkeling - Relatie met andere kinderen 1. Kijkt veel naar andere kinderen. 1. Kan speelgoed met andere kinderen 1. Zoekt contact met andere kinderen 1. Kan een emotionele

Nadere informatie

Leerjaar 4, 8 jaar. Leerjaar 5, 9 Jaar

Leerjaar 4, 8 jaar. Leerjaar 5, 9 Jaar ARRANGEMENTKAART SOCIAAL-EMOTIONELE ONTWIKKELING / SOCIAAL GEDRAG SO- AFDELING Standaarden Rafael Leeftijd 5 6 7 8 9 10 11 12 Gevorderd 25% 5 5 6 6 7 7 8 9 Voldoende 75% 3 3 4 4 5 5 6 6 Minimum 90% 1 2

Nadere informatie

1.1. Het creëren van een veilige en vertrouwde omgeving

1.1. Het creëren van een veilige en vertrouwde omgeving Pedagogisch Beleidsplan 1.1. Het creëren van een veilige en vertrouwde omgeving Een veilige en vertrouwde omgeving is de basis van waaruit een kind zich kan gaan ontwikkelen. Het is dus belangrijk dat

Nadere informatie

COMPETENTIEPROFIEL BIJLAGE 3D-MAP

COMPETENTIEPROFIEL BIJLAGE 3D-MAP COMPETENTIEPROFIEL BIJLAGE 3D-MAP Dit competentieprofiel is een (zelf)reflectiedocument betreffende het functioneren van de BIO op een bepaald moment. Het wordt ingevuld: 1) door de begeleider zelf tijdens

Nadere informatie

Checklist Gesprek voeren 2F - handleiding

Checklist Gesprek voeren 2F - handleiding Checklist Gesprek voeren 2F - handleiding Inleiding De checklist Gesprek voeren 2F is ontwikkeld voor leerlingen die een gesprek moeten kunnen voeren op 2F. In deze handleiding wordt toegelicht hoe de

Nadere informatie

4 communicatie. Ik weet welke informatie anderen nodig hebben om mij te kunnen begrijpen. Ik vertel anderen wat ik denk of voel.

4 communicatie. Ik weet welke informatie anderen nodig hebben om mij te kunnen begrijpen. Ik vertel anderen wat ik denk of voel. 4 communicatie Communicatie is het uitwisselen van informatie. Hierbij gaat het om alle informatie die je doorgeeft aan anderen en alle informatie die je van anderen krijgt. Als de informatie aankomt,

Nadere informatie

Pedagogiek op maat helpt co nc n re c et Deelsessie 12

Pedagogiek op maat helpt co nc n re c et Deelsessie 12 Pedagogiek op maat helpt concreet Deelsessie 12 Voorstellen Ank Greijmans José Reijntjens Carolien Hamer Warme Professional Brede concensus dtht dat het opvoeden van jonge kinderen in de kinderopvang een

Nadere informatie

Vul hieronder als eerste jouw naam in en de datum waarop je deze scan hebt ingevuld!!

Vul hieronder als eerste jouw naam in en de datum waarop je deze scan hebt ingevuld!! 4.1 Personeelsbeleid: 1.4 funtioneringsprocedure. 9 Competentiescan blz. 1 van 7 Vragen competentiescan POP pedagogisch medewerkers Bij de beoordeling geldt: maak een keuze uit: 1 = o / 2 = m / 3 = v /

Nadere informatie

Veiligheid en welbevinden. Hoofdstuk 1

Veiligheid en welbevinden. Hoofdstuk 1 30 Veiligheid en welbevinden Kees (8) en Lennart (7) zitten in de klimboom. Kees geeft Lennart een speels duwtje en Lennart geeft een duwtje terug. Ze lachen allebei. Maar toch kijkt Lennart even om naar

Nadere informatie

Hoe kijken wij naar kinderen? Pedagogisch beleid

Hoe kijken wij naar kinderen? Pedagogisch beleid Hoe kijken wij naar kinderen? Pedagogisch beleid Inleiding Wij vinden het belangrijk dat u uw kind met een gerust hart naar één van onze kindercentra brengt. In deze brochure laten wij u zien dat wij

Nadere informatie

Observatielijst sportpedagogische competenties. De sportbegeleider zorgt voor een veilig en ordelijk klimaat

Observatielijst sportpedagogische competenties. De sportbegeleider zorgt voor een veilig en ordelijk klimaat Naam sportbegeleider: Doelgroep training: Sporttraining / sportvereniging: Datum sporttraining: Naam observator: De sportbegeleider zorgt voor een veilig en ordelijk klimaat Noemt elke deelnemer bij zijn

Nadere informatie

CHECKLIST LEIDSTERVAARDIGHEDEN DE TAALLIJN

CHECKLIST LEIDSTERVAARDIGHEDEN DE TAALLIJN CHECKLIST LEIDSTERVAARDIGHEDEN DE TAALLIJN CHECKLIST LEIDSTERVAARDIGHEDEN Binnen de Taallijn staat de deskundigheidsbevordering van (toekomstige) leidsters centraal. De nadruk in de scholing ligt dan ook

Nadere informatie

Samen de Wereld Kleuren. Pedagogische visie

Samen de Wereld Kleuren. Pedagogische visie Samen de Wereld Kleuren Pedagogische visie 2 SWK-Kinderopvang Samen de Wereld Kleuren Samen de Wereld Kleuren SWK-Kinderopvang: Samen de Wereld Kleuren Onze kinderopvangorganisaties hebben aandacht voor

Nadere informatie

Observeerbare Termen Pedagogisch medewerker = PM-er

Observeerbare Termen Pedagogisch medewerker = PM-er 1 Observeerbare Termen Pedagogisch medewerker = PM-er Pedagogisch basisdoel: Sociale en emotionele veiligheid Leeftijdscategorie De kinderen worden opgevangen in een schone en veilige omgeving 4 8 jaar

Nadere informatie

Pedagogisch beleid Kinderdagverblijf de Harlekijn

Pedagogisch beleid Kinderdagverblijf de Harlekijn 1 Inhoud Inleiding... 3 Visie Kinderdagverblijf de Harlekijn... 4 Een gevoel van emotionele veiligheid en geborgenheid bieden... 5 Veiligheid en geborgenheid... 5 Persoonlijke competentie... 7 Ieder kind

Nadere informatie

Gastlessen voor studenten 1 e leerjaar PW 3 en 4 Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar - Docentenhandleiding. Doelgroepen in de kinderopvang

Gastlessen voor studenten 1 e leerjaar PW 3 en 4 Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar - Docentenhandleiding. Doelgroepen in de kinderopvang Gastlessen voor studenten 1 e leerjaar PW 3 en 4 Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar - Docentenhandleiding Doelgroepen in de kinderopvang Gastles Doelgroepen in de KO- Docentenhandleiding Deze lesmodule

Nadere informatie

In gesprek gaan met ouders in verband met een vermoeden van kindermishandeling

In gesprek gaan met ouders in verband met een vermoeden van kindermishandeling In gesprek gaan met ouders in verband met een vermoeden van kindermishandeling 1. Aandachtspunten voor een gesprek met ouders i.v.m. een vermoeden van kindermishandeling: Als je je zorgen maakt over een

Nadere informatie

ADHD en lessen sociale competentie

ADHD en lessen sociale competentie ADHD en lessen sociale competentie Geeft u lessen sociale competentie én heeft u een of meer kinderen met ADHD in de klas, dan kunt u hier lezen waar deze leerlingen tegen aan kunnen lopen en hoe u hier

Nadere informatie

Leerlijn Sociaal-emotionele ontwikkeling

Leerlijn Sociaal-emotionele ontwikkeling Leerlijn 1.1. Emotioneel 1.2. Sociaal Stamlijn Niveau A Merkt zintuiglijke stimulatie op (aanraking, vibratie, smaken, muziek, licht) Uit lust- en onlustgevoelens Kijkt gericht enkele seconden naar een

Nadere informatie

Pedagogisch beleidsplan. Inleiding. BSO Vrij Spel

Pedagogisch beleidsplan. Inleiding. BSO Vrij Spel Pedagogisch beleidsplan Inleiding U heeft gekozen voor Vrij Spel en mag erop vertrouwen dat wij goed voor uw kind zullen zorgen. Uw kind zal in uw afwezigheid liefdevol en veilig worden opgevangen. Wij

Nadere informatie

ZML SO Leerlijn Sociale en emotionele ontwikkeling: zelfbeeld en sociaal gedrag

ZML SO Leerlijn Sociale en emotionele ontwikkeling: zelfbeeld en sociaal gedrag ZML SO Leerlijn Sociale en emotionele ontwikkeling: zelfbeeld en sociaal gedrag SOCIALE EN EMOTIONELE ONTWIKKELING: ZELFBEELD EN SOCIAAL GEDRAG Leerlijnen Kerndoelen 1.1. Jezelf presenteren 1.2. Een keuze

Nadere informatie

Pedagogisch Beleid. Nanny Association

Pedagogisch Beleid. Nanny Association Pedagogisch Beleid Nanny Association Rijen, juni 2006 Inhoud Inleiding 1. Nanny Association 2. Profiel nanny 3. Functie- en taakomschrijving 4. Accommodatie en materiaal 5. Ouderbeleid 6. Pedagogische

Nadere informatie

Gedragscode. Gewoon goed doen

Gedragscode. Gewoon goed doen Gedragscode Gewoon goed doen 2 Inhoudsopgave pagina 1. Missie, ambitie en kernwaarden 4 2. Gewoon goed doen 5 3. Waarom een gedragscode? 6 4. Omgaan met de patiënt/klant: respectvol en gastvrij 7 5. Professioneel

Nadere informatie

Samen werken = samenwerken bij De Belvertshoeve

Samen werken = samenwerken bij De Belvertshoeve Themabundel Samen werken = samenwerken bij De Belvertshoeve Assistent medewerker Dit project is mede mogelijk gemaakt met een bijdrage uit het Europees Sociaal Fonds Voorwoord Deze themabundel is bedoeld

Nadere informatie

Mogelijkheden in de (non-) verbale communicatie

Mogelijkheden in de (non-) verbale communicatie Mogelijkheden in de (non-) verbale communicatie Non verbaal werken in de AZC s Inleiding In toenemende mate krijgen we in de AZC s te maken met nieuwkomers. Bewoners die onze taal niet spreken en wij,

Nadere informatie

Peuter gegevens 2. Zelfredzaamheid / zelfregeling 3. Weerbaarheid / Welbevinden 4. Relatie met andere kinderen 5. Relatie met de leidster 6

Peuter gegevens 2. Zelfredzaamheid / zelfregeling 3. Weerbaarheid / Welbevinden 4. Relatie met andere kinderen 5. Relatie met de leidster 6 Overdrachtsformulier van peuterspeelzaal naar onderbouw PO INHOUDSOPGAVE Bladzijde Peuter gegevens 2 Zelfredzaamheid / zelfregeling 3 Weerbaarheid / Welbevinden 4 Relatie met andere kinderen 5 Relatie

Nadere informatie

Bekijk het maar! met Suus & Luuk

Bekijk het maar! met Suus & Luuk Bekijk het maar! met Suus & Luuk Richtlijnen voor taal en sociaal emotionele ontwikkeling die gebruikt kunnen worden in het werken met Bekijk het maar! met Suus & Luuk Taal Midden peuters (ca. 3 jaar)

Nadere informatie

Inhoud van de ochtend

Inhoud van de ochtend Inhoud van de ochtend 1. Introductie in Pedagogisch kader 2. Begeleiden van de groep 3. Ontwikkelingsgericht werken 4. Pauze (15 minuten) 5. Kinderparticipatie 6. Vragen over andere onderwerpen 7. Voornemens

Nadere informatie

Inleiding. Pedagogisch medewerker in de kinderopvang: een belangrijk en verantwoordelijk beroep!

Inleiding. Pedagogisch medewerker in de kinderopvang: een belangrijk en verantwoordelijk beroep! Inleiding Weten en kijken Pedagogisch medewerker in de kinderopvang: een belangrijk en verantwoordelijk beroep! Goede kinderopvang is een waardevolle aanvulling op de opvoeding thuis. Kinderopvang biedt

Nadere informatie

Inhoudsopgave Pedagogische Visie

Inhoudsopgave Pedagogische Visie Inhoudsopgave Pedagogische Visie 1. Pedagogische visie 1.1 Persoonlijke competentie 1.2 Emotionele veiligheid 1.3 Sociale competentie 1.4 Overdracht van normen en waarden 2. Persoonlijke competentie 2.1

Nadere informatie

Tot een geloofsgesprek komen. I Ontmoeten

Tot een geloofsgesprek komen. I Ontmoeten Tot een geloofsgesprek komen I Ontmoeten Het geloofsgesprek vindt plaats in een ontmoeting. Allerlei soorten ontmoetingen. Soms kort en eenmalig, soms met mensen met wie je meer omgaat. Bij de ontmoeting

Nadere informatie

Handleiding lesmethode Groep 8 Brugklas Bikkels. Inkijkexemplaar

Handleiding lesmethode Groep 8 Brugklas Bikkels. Inkijkexemplaar Handleiding lesmethode Groep 8 Brugklas Bikkels versie 2016 Inhoudsopgave Introductie 4 Verantwoording Methodiek 5 Doorgaande lijn Po en Vo 6 Preventief en curatief 7 Organiseer je les 8 Praktische tips

Nadere informatie

Visie in de praktijk

Visie in de praktijk Gastlessen voor studenten 2 e leerjaar PW 3 en 4 Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar - Docentenhandleiding Visie in de praktijk Gastles visie in de praktijk - Docentenhandleiding Theorie over dit onderwerp:

Nadere informatie

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL KINDEREN LEKKER IN HUN VEL 1. Welkom wij zijn Karin Hallegraeff en Noelle van Delden van Praktijk IKKE Karin stelt zich voor en er komt een foto van Karin in beeld. Noelle stelt zich voor en er komt een

Nadere informatie

Emotionele Intelligentie

Emotionele Intelligentie Emotionele Intelligentie ubeon Academy Programma Emotionele intelligentie (EQ) staat voor het vermogen om eigen en andermans gevoelens te herkennen en er op effectieve wijze mee om te gaan. 70 % van communicatie

Nadere informatie

Didactisch partnerschap

Didactisch partnerschap Didactisch partnerschap Vijf routekaarten om lastige situaties in het samenwerken met ouders te hanteren Het klinkt zo mooi: didactisch partnerschap. Zie daar als leraar maar eens een goede invulling aan

Nadere informatie

DEEL 1. WERKBOEK 5 Eigen keuze. 2015 Monique van Dam YOU: De keuze is aan jou!

DEEL 1. WERKBOEK 5 Eigen keuze. 2015 Monique van Dam YOU: De keuze is aan jou! DEEL 1 1 WERKBOEK 5 Eigen keuze Inhoud 2 1. Hoe zit het met je keuzes? 3 2. Hoe stap je uit je automatische piloot? 7 3. Juiste keuzes maken doe je met 3 vragen 9 4. Vervolg & afronding 11 1. Hoe zit het

Nadere informatie

Pedagogisch beleid. kinderdagverblijf

Pedagogisch beleid. kinderdagverblijf Pedagogisch beleid kinderdagverblijf maatwerk kinderopvang voor elk gezin Voorwoord Dit pedagogisch beleid is met het doel geschreven om duidelijkheid te geven aan de inhoud van een pedagogisch beleidsplan.

Nadere informatie

PEDAGOGISCH Beleid Gastouderbureau van Twente

PEDAGOGISCH Beleid Gastouderbureau van Twente PEDAGOGISCH Beleid Gastouderbureau van Twente Inleiding Met dit Pedagogisch beleid willen wij u graag informeren over onze visie op opvoeden, welke voorwaarden worden gesteld en welke afspraken gemaakt

Nadere informatie

Inleiding. Autisme & Communicatie in de sport

Inleiding. Autisme & Communicatie in de sport Sanne Gielen Inleiding Starten met een nieuwe sport is voor iedereen spannend; Hoe zal de training eruit zien? Zal de coach aardig zijn? Heb ik een klik met mijn teamgenoten? Kán ik het eigenlijk wel?

Nadere informatie

STA STERK TRAINING 1. sta sterk training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl

STA STERK TRAINING 1. sta sterk training. www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl STA STERK TRAINING 1 sta sterk training www.kinderpraktijklandsmeer.nl info@kinderpraktijklandsmeer.nl 2 KINDERPRAKTIJK LANDSMEER STA STERK TRAINING 3 De sta sterk training achtergrond sta sterk Training

Nadere informatie

Inspectierapport 't Klavertje (KDV) Bolstweg 10a 5464TC VEGHEL Registratienummer 503083665

Inspectierapport 't Klavertje (KDV) Bolstweg 10a 5464TC VEGHEL Registratienummer 503083665 Inspectierapport 't Klavertje (KDV) Bolstweg 10a 5464TC VEGHEL Registratienummer 503083665 Toezichthouder: GGD Hart voor Brabant In opdracht van gemeente: Veghel Datum inspectie: 21-04-2015 Type onderzoek

Nadere informatie

maakt (kirrende) geluidjes of brabbelt (tegen personen en speelgoed) begint steeds meer woorden te herhalen en (na) te zeggen

maakt (kirrende) geluidjes of brabbelt (tegen personen en speelgoed) begint steeds meer woorden te herhalen en (na) te zeggen Mondelinge taal 1 Spraak-taalontwikkeling Baby blauw maakt (kirrende) geluidjes of brabbelt (tegen personen en speelgoed) herhaalt geluidjes Dreumes brabbelt bij (eigen) spel oranje begint steeds meer

Nadere informatie

PEDAGOGISCH BELEID KINDERDAGVERBLIJF HOJPIEPELOJ TE BREDA

PEDAGOGISCH BELEID KINDERDAGVERBLIJF HOJPIEPELOJ TE BREDA PEDAGOGISCH BELEID KINDERDAGVERBLIJF HOJPIEPELOJ TE BREDA Breda, september 2005 INLEIDING: In de wet kinderopvang wordt o.a. aangegeven wat de overheid verstaat onder kwaliteit in de kinderopvang: verantwoorde

Nadere informatie

Wat het effect van een vraag is, hangt sterk af van het soort vraag. Hieronder volgen enkele soorten vragen, geïllustreerd met voorbeelden.

Wat het effect van een vraag is, hangt sterk af van het soort vraag. Hieronder volgen enkele soorten vragen, geïllustreerd met voorbeelden. Actief luisteren Om effectief te kunnen communiceren en de boodschap van een ander goed te begrijpen, is het belangrijk om de essentie te achterhalen. Je bent geneigd te denken dat je een ander wel begrijpt,

Nadere informatie

Methodisch werken binnen Lang Verblijf. woonzorg en dagbesteding

Methodisch werken binnen Lang Verblijf. woonzorg en dagbesteding Methodisch werken binnen Lang Verblijf woonzorg en dagbesteding 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Gentle Teaching 4 Middelen 5 Voor wie is Gentle Teaching? 5 3. Competentievergrotend werken 6 Middelen

Nadere informatie

Pedagogische kwaliteit in beweging

Pedagogische kwaliteit in beweging Pedagogische kwaliteit in beweging De kinderopvang staat voor grote uitdagingen: kinderen een veilige basis en voldoende uitdaging bieden voor een gezonde ontwikkeling en hen voorbereiden op het basisonderwijs.

Nadere informatie

Creatief en flexibel toepassen van Triplep. Maarten Vos Doe, laat zien, lach, oefen en geef applaus

Creatief en flexibel toepassen van Triplep. Maarten Vos Doe, laat zien, lach, oefen en geef applaus Creatief en flexibel toepassen van Triplep Maarten Vos Doe, laat zien, lach, oefen en geef applaus Programma Overzicht Kennismaking Persoonlijke werving van ouders Een goede relatie opbouwen met de ouders

Nadere informatie

Mijn computer is leuk

Mijn computer is leuk Handleiding Mijn computer is leuk Ouders praten samen over computers, kinderen en opvoeding Pharos, 2014 Marjolijn van Leeuwen INHOUDSOPGAVE Inleiding blz. 3 De themabijeenkomst blz. 5 Thema 1, oefeningen

Nadere informatie

Copyright Marlou en Anja Alle rechten voorbehouden Opeenrijtje.com info@opeenrijtje.com 3.0

Copyright Marlou en Anja Alle rechten voorbehouden Opeenrijtje.com info@opeenrijtje.com 3.0 2 Deel 1 Beïnvloeden van gedrag - Zeg wat je doet en doe wat je zegt - 3 Interactie Het gedrag van kinderen is grofweg in te delen in gewenst gedrag en ongewenst gedrag. Gewenst gedrag is gedrag dat we

Nadere informatie

Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering.

Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering. Bij SNAP leren we ouders en kinderen vaardigheden om problemen op te lossen en meer zelfcontrole te ontwikkelen. Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering. SNAP (STOP

Nadere informatie

Pedagogisch beleid Flexkidz

Pedagogisch beleid Flexkidz Pedagogisch beleid Flexkidz Voor u ligt het verkorte pedagogisch beleidsplan van Flexkidz. Hier beschrijven we in het kort de pedagogische visie en uitgangspunten. In dit pedagogisch beleidsplan beschrijven

Nadere informatie

Smart Competentiemeting BSO

Smart Competentiemeting BSO Smart Competentiemeting BSO Pedagogisch medewerker Naam: Josà Persoon Email Testcode : jose_p@live.nl : NMZFIC Leeftijd (jaar) : 1990 Geslacht Organisatie Locatie : v : Okidoki : Eikenlaan Datum invoer

Nadere informatie

Communiceren is teamwork

Communiceren is teamwork Communiceren is teamwork Je werkt vaak zelfstandig, maar blijft altijd onderdeel van je team. Samen met je collega s zorg je zo goed mogelijk voor jullie cliënten. Samenwerken vereist veel communicatie.

Nadere informatie

Kids2b. Een koffer vol bagage. Kleine kinderen worden groot. REIS vormt de kern van ons handelen; RES PEC VOOR. Het pedagogisch beleid

Kids2b. Een koffer vol bagage. Kleine kinderen worden groot. REIS vormt de kern van ons handelen; RES PEC VOOR. Het pedagogisch beleid Op REIS met Kids2b Kids2b Kids2b is zeer verheugd dat u uw kind aan ons toevertrouwd. Wij begrijpen dat het voor S I E R u als ouder een grote stap is om een deel van de zorg en opvoeding van uw kind te

Nadere informatie

Pedagogisch beleid Tussenschoolse opvang

Pedagogisch beleid Tussenschoolse opvang Pedagogisch beleid Tussenschoolse opvang Introductie Introductie Het pedagogisch beleid van de tussenschoolse opvang SKN s Eetclub biedt een kader dat de overblijfkrachten en de coördinatoren tussenschoolse

Nadere informatie

Handleiding Werkvormen Vragen stellen

Handleiding Werkvormen Vragen stellen Handleiding Werkvormen Vragen stellen Inhoud 1. Inleiding 2. Vragen stellen 3. Werkvormen 3.1. Vragenvuurtje 3.2. Geen Ja / Geen Nee 3.3. Doorzagen 3.4. De onbekende weg 1. Inleiding Voor de dialoog is

Nadere informatie

Toetsopdracht. Communicatieve vaardigheden 2 de stage(cova 2S) Naam: Sanne Terpstra. Studentnummer: 500646500. Klas: 2B2

Toetsopdracht. Communicatieve vaardigheden 2 de stage(cova 2S) Naam: Sanne Terpstra. Studentnummer: 500646500. Klas: 2B2 Toetsopdracht Communicatieve vaardigheden 2 de stage(cova 2S) Naam: Sanne Terpstra Studentnummer: 500646500 Klas: 2B2 Datum: 15 januari 2013 Reflectieverslag bijeenkomst 1,2 en 3 Zingevingsgesprekken Dit

Nadere informatie

STICHTING DE BROODTROMMEL. Pedagogisch Beleid Tussenschoolse Opvang

STICHTING DE BROODTROMMEL. Pedagogisch Beleid Tussenschoolse Opvang STICHTING DE BROODTROMMEL Pedagogisch Beleid Tussenschoolse Opvang Inleiding Tijdens de TSO (tussenschoolse opvang) houden wij rekening met het beleid van de basisschool St. Joseph. Om verwarring te voorkomen,

Nadere informatie

Training Netwerken Forum 12-5-2014

Training Netwerken Forum 12-5-2014 Training Netwerken Forum 12-5-2014 Inhoudsopgave Inleiding 3 Doelen 4 Deelnemers 4 Werkvormen 4 Programma 4 Voorstellen & introductie 5 Inleiding 6 Opdracht Je eigen netwerk 7 Theorie 8 Opdracht In gesprek

Nadere informatie

PeerEducatie Handboek voor Peers

PeerEducatie Handboek voor Peers PeerEducatie Handboek voor Peers Handboek voor Peers 1 Colofon PeerEducatie Handboek voor Peers december 2007 Work-Wise Dit is een uitgave van: Work-Wise info@work-wise.nl www.work-wise.nl Contactpersoon:

Nadere informatie

Feedback geven en ontvangen

Feedback geven en ontvangen Feedback geven en ontvangen 1 Inleiding In het begeleiden van studenten zul je regelmatig feedback moeten geven en ontvangen: feedback is onmisbaar in de samenwerking. Je moet zo nu en dan kunnen zeggen

Nadere informatie

PEDAGOGISCH BELEIDSPLAN 0 4 JAAR

PEDAGOGISCH BELEIDSPLAN 0 4 JAAR PEDAGOGISCH BELEIDSPLAN 0 4 JAAR Inhoudsopgave Inleiding... 3 Kinderen... 4 Ik ben ik en jij bent jij... 4 Veiligheid... 4 Vertrouwde relaties... 4 Structuur en voorspelbaarheid... 5 Een gezonde omgeving...

Nadere informatie

Aan de slag blijven. Schematisch overzicht van thema s, leerdoelen en inhoud

Aan de slag blijven. Schematisch overzicht van thema s, leerdoelen en inhoud Schematisch overzicht van thema s, leerdoelen en inhoud Jezelf presenteren De medewerker moet zichzelf goed presenteren. Bijvoorbeeld door er schoon en verzorgd uit te zien. Zo laat hij/zij een goede indruk

Nadere informatie

Kaarten voor Leerling-bemiddeling

Kaarten voor Leerling-bemiddeling Math Boesten Communicatie & Conflicthantering Mediation Training Coaching Arno Callemeijn Communicatie & Conflicthantering Mediation Training Coaching Kaarten voor Leerling-bemiddeling Een handzaam hulpmiddel

Nadere informatie

TRAINING 1. Tijd: Onderwerp: Waarom Resultaat Werkvorm Materiaal

TRAINING 1. Tijd: Onderwerp: Waarom Resultaat Werkvorm Materiaal DRAAIBOEK TRAINING 1, 2,3,4,5 REALISTEN ROADMOVIE De prezi presentatie voor de trainingsbijeenkomsten vindt u via de onderstaande link. https://prezi.com/0txqqdqmauta/training-realisten-roadmovie-5-bijeenkomsten/

Nadere informatie

VoorleesExpress. Samen met ouders aan de slag. Praktische tips

VoorleesExpress. Samen met ouders aan de slag. Praktische tips VoorleesExpress Samen met ouders aan de slag Praktische tips Samen met ouders aan de slag Ouders betrekken bij het voorlezen Je gaat straks via de VoorleesExpress twintig weken voorlezen bij een of meerdere

Nadere informatie

In gesprek met ouders. Spel en ontwikkeling! (module 1 en 2) (module 3 en 4) Doel Verkrijgen van inzicht in het belang van spel en

In gesprek met ouders. Spel en ontwikkeling! (module 1 en 2) (module 3 en 4) Doel Verkrijgen van inzicht in het belang van spel en Peuters spelender wijs! Een praktische verdiepingscursus voor pedagogisch medewerkers in peuterspeelzalen en kinderdagverblijven De ontwikkeling van jonge kinderen gaat snel. Ze zijn altijd op ontdekkingstocht

Nadere informatie

Werkinstructie invuller kijklijst

Werkinstructie invuller kijklijst Werkinstructie invuller kijklijst 1. Inleiding: De peuterspeelzaal en het kinderdagverblijf vinden het belangrijk een bijdrage te leveren aan de doorgaande ontwikkelingslijn van kinderen. Om de overgang

Nadere informatie

TIME-OUT PROTOCOL DON BOSCOSCHOOL 2014-2015

TIME-OUT PROTOCOL DON BOSCOSCHOOL 2014-2015 TIME-OUT PROTOCOL DON BOSCOSCHOOL 2014-2015 Op de Don Boscoschool werken we in alle groepen op dezelfde wijze met een time-outplek, een boos-plek en een rustig werken-plek. Uitgangspunt in het time-outprotocol

Nadere informatie

VOORBEELD UIT HET PEDAGOGISCH BELEIDSPLAN. VEILIGHEID EN GEBORGENHEID BIEDEN - BABY S

VOORBEELD UIT HET PEDAGOGISCH BELEIDSPLAN. VEILIGHEID EN GEBORGENHEID BIEDEN - BABY S VOORBEELD UIT HET PEDAGOGISCH BELEIDSPLAN. VEILIGHEID EN GEBORGENHEID BIEDEN - BABY S ALGEMEEN: EMOTIONELE EN FYSIEKE VEILIGHEID BABY S Het pedagogisch beleidsplan geeft de grenzen (pedagogisch medewerker/kindratio

Nadere informatie

Middelpunt. In het. pedagogisch beleid. servicecentrum Postbus 7525 8903 JM Leeuwarden

Middelpunt. In het. pedagogisch beleid. servicecentrum Postbus 7525 8903 JM Leeuwarden In het Middelpunt pedagogisch beleid Sinne kinderopvang Goudsbloemstraat 2 8922 GW Leeuwarden servicecentrum Postbus 7525 8903 JM Leeuwarden T 058-267 28 50 E info@sinnekinderopvang.nl I www.sinnekinderopvang.nl

Nadere informatie

Aanvulling Vuistregels NT2

Aanvulling Vuistregels NT2 Aanvulling Vuistregels NT2 Vuistregels Een kind kan pas leren als het zich veilig voelt en over een gezonde dosis zelfvertrouwen beschikt. Het verdient dus prioriteit om dit te realiseren. Leiders/leerkrachten

Nadere informatie

Pedagogisch beleidsplan

Pedagogisch beleidsplan Pedagogisch beleidsplan Inhoudsopgave Inleiding... 3 Pedagogische visie... 4 o Mijn doelstelling... 4 Emotionele veiligheid... 4 Persoonlijke competentie... 5 Sociale competentie... 6 Overdracht van normen

Nadere informatie

Voel jij wat ik bedoel? www.psysense.be 17/5/2008

Voel jij wat ik bedoel? www.psysense.be 17/5/2008 Voel jij wat ik bedoel? www.psysense.be 17/5/2008 Gevoel en emoties / definitie Emoties: in biologische zin: affectieve reacties. Prikkeling van dit systeem geeft aanleiding tot allerlei lichamelijke reacties.

Nadere informatie

Het voeren van een begeleidend gesprek met een zorgvrager

Het voeren van een begeleidend gesprek met een zorgvrager OPDRACHTFORMULIER Het voeren van een begeleidend gesprek met een zorgvrager Naam student: Datum: 1 Lees het handelingsformulier bij deze vaardigheid en noteer vragen en opmerkingen. Bespreek deze met medestudenten

Nadere informatie

Preview. Kwaliteit van VVE in de Kinderopvang. Pedagogische doelen. Wat is kwaliteit?

Preview. Kwaliteit van VVE in de Kinderopvang. Pedagogische doelen. Wat is kwaliteit? Kwaliteit van VVE in de Kinderopvang Preview Wat is kwaliteit? Stand van zaken anno 2009 Waarom VVE in de kinderopvang? Doelgroepen Professionalisering Kwaliteit van VVE: wat werkt? Wat voegt VVE toe?

Nadere informatie

Diversiteit en beroepsvaardigheden Leer jezelf kennen Basishouding en diversiteit Discriminatie Gedrag bij diversiteit Pesten. Hoofdstuk 2: werken

Diversiteit en beroepsvaardigheden Leer jezelf kennen Basishouding en diversiteit Discriminatie Gedrag bij diversiteit Pesten. Hoofdstuk 2: werken Diversiteit en beroepsvaardigheden Leer jezelf kennen Basishouding en diversiteit Discriminatie Gedrag bij diversiteit Pesten Hoofdstuk 2: werken Werkwijze en opdrachten Boek en laptop nodig voor iedere

Nadere informatie