UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE"

Transcriptie

1 UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR Exit strategieën bij internationaal gefinancierde buyouts: een onderzoek naar de verschillen tussen de verschillende types van investeerders Masterproef voorgedragen tot het bekomen van de graad van Master in de Toegepaste Economische Wetenschappen: Handelsingenieur Charles Turcksin Jelle Van Roosbroeck onder leiding van Prof. dr. Miguel Meuleman Sofie De Prijcker

2 PERMISSION Ondergetekenden verklaren dat de inhoud van deze masterproef mag geraadpleegd en/of gereproduceerd worden, mits bronvermelding. Charles Turcksin Jelle Van Roosbroeck

3 Woord vooraf Vooreerst willen we onze promotor Prof. dr. Miguel Meuleman en onze begeleidende assistente Sofie De Prijcker bedanken voor hun belangrijke inbreng, steun en advies. Zij waren steeds bereikbaar en stonden steeds open voor constructieve feedback. Hartelijk bedankt hiervoor! Daarnaast willen we onze beide vriendinnen, Stéphanie en Yana, en onze families bedanken voor hun luisterend oor en morele steun. Zij hielpen ons steeds doorheen de meest stresserende momenten en stonden steeds klaar om ons moed in te spreken. Hiervoor willen we jullie heel hard bedanken! Tot slot willen we elkaar bedanken. Bedankt Charles, bedankt Jelle. Zonder jou was deze thesis maar half af. I

4 Inhoudsopgave Inleiding... 1! Onderzoek... 2! 1.! Achtergrond... 2! 1.1.! Private equity... 2! ! Belang van private equity... 2! ! Private equity investeerders... 3! A.! Onafhankelijke PE maatschappijen ( independents )... 3! B.! Afhankelijke PE maatschappijen ( captives )... 5! 1.2.! Buy-out... 5! ! Definitie van een buy-out... 6! ! Structuur van een buy-out... 6! ! Doelstelling van een buy-out... 8! ! Soorten buy-outs... 8! 1.3.! Exit... 9! ! Definitie van een exit... 9! ! Timing van een exit... 10! ! Soorten exit-routes... 10! A.! Initial Public Offering (IPO)... 10! B.! Trade Sale (TS)... 11! C.! Secondary Buy-out (SBO)... 12! 2.! Theoretisch raamwerk... 13! 2.1.! Independents versus captives... 13! ! Stimulansen... 13! ! Specialisatie... 13! ! Objectieven... 14! ! Structuur... 16! ! Overzicht van de verschillen tussen independents en captives... 17! 2.2.! Afleiden van de hypothesen... 18! ! Hypothesen met betrekking tot de gehanteerde exit-route... 18! A.! Sub-hypothese met betrekking tot IPO... 18! B.! Sub-hypothese met betrekking tot TS... 20! C.! Sub-hypothese met betrekking tot SBO... 20! ! Hypothese met betrekking tot het succes van de desinvestering... 21! ! Hypothese met betrekking tot de HP van de investering... 23! 3.! Data... 27! II

5 3.1.! Data verzameling... 27! 3.2.! Beschrijving van de data... 29! ! Hoofdvariabelen... 30! A.! Fondstype (onafhankelijke variabele FONDSTYPE )... 30! B.! Exit-type (afhankelijke variabele EXITTYPE )... 31! C.! Succesvolle versus onsuccesvolle exits (afhankelijke variabele (U)S-EXITS )... 32! D.! Holding Period (afhankelijke variabele HP )... 36! ! Controlevariabelen... 38! A.! Controlevariabelen die transactiekenmerken beschrijven ! A.1.! Jaar van investering ( JVI )... 40! A.2.! Aantal jaar men na het oprichtingsjaar van het fonds investeert ( JVIMOVF ). 40! A.3.! Land van investering ( LVI )... 41! A.4.! Bron van investering ( BVI )... 41! A.5.! Type van investering ( TVI )... 41! A.6.! Transactiegrootte of -waarde van de investering ( TW (log) )... 42! A.7.! Jaar van desinvestering ( JVE ) en timingsjaar van desinvestering ( TVE )... 42! B.! Controlevariabelen die fondskenmerken beschrijven ! B.1.! Oprichtingsjaar van het fonds ( OVF )... 43! B.2.! Fondsgrootte ( FG )... 44! B.3.! Status van het fonds ( FS )... 44! B.4.! Closed-End (CE) versus Open-End (OE) fonds ( OGF )... 45! B.5.! Limited Partners (LPs) ( T(ype)LP en L(and)LP )... 46! C.! Controlevariabelen die kenmerken van de lead-investeerder beschrijven ! C.1.! Land van hoofdzetel ( LVH )... 46! C.2.! Syndicatie ( SYND )... 47! C.3.! Ervaring en Reputatie... 48! C.3.1.! Ervaring... 48! C.3.2.! Reputatie... 50! ! Selectie van de controlevariabelen voor het verdere onderzoek... 51! 4.! Testen van hypothesen... 55! 4.1.! Bivariate verbanden... 55! ! Bivariate verbanden tussen de onafhankelijke en afhankelijke variabele(n)... 55! A.! FONDSTYPE met EXITTYPE... 55! B.! FONDSTYPE met (U)S-EXITS... 57! C.! FONDSTYPE met HP... 57! ! Bivariate verbanden tussen de controle- en afhankelijke variabele(n)... 59! A.! Gevonden verbanden tussen de relevante controlevariabelen en EXITTYPE... 59! III

6 4.1.2.B.! Gevonden verbanden tussen de relevante controlevariabelen en (U)S-EXITS... 60! C.! Gevonden verbanden tussen de relevante controlevariabelen en HP... 62! 4.2.! Multivariate verbanden... 63! ! De afhankelijke variabele EXITTYPE (testen van hypothese 1)... 64! ! De afhankelijke variabele (U)S-EXITS (testen van hypothese 2)... 66! ! De afhankelijke variabele HP (testen van hypothese 3)... 67! 5.! Discussie... 70! Algemeen besluit... 72! Lijst van geraadpleegde werken... 73! Appendix A... 86! Appendix B: Grafieken... 91! Appendix C: Tabellen... 94! IV

7 Lijst van gehanteerde afkortingen BO CE GP HP IPO LP NN OE PE RLBO SBO SE TS UE VC Buy-out Closed End General Partner Holding Period Initial Public Offering Limited Partner None Open End Private Equity Reverse Leveraged Buy-out Secondary Buy-out Succesful Exit Trade Sale Unsuccesful Exit Venture Capital V

8 Lijst van grafieken Grafiek 1: Procentuele verdeling van beide fondstypes naargelang de drie succesvolle(re) exit-routes: IPO, TS en SBO... 56! Grafiek 2: Procentuele verdeling van beide fondstypes naargelang het al dan niet succesvol zijn van hun investeringen... 57! Grafiek 3: Procentuele verdeling van beide fondstypes naargelang de definitief gekende HP van hun internationale BO investeringen... 58! Grafiek 4: Representativiteitscontrole van de gereduceerde database ten opzichte van de volledige database... 91! Grafiek 5: HP bij onsuccesvolle desinvesteringen... 92! Grafiek 6: Visuele voorstelling van de correlatie tussen de variabelen HP_Def (cont) en HP_Com (cont)... 93! Lijst van tabellen Tabel 1: Overzicht van de gebruikte variabelen... 94! Tabel 2: Beschrijvende statistieken van de onafhankelijke en afhankelijke variabele(n)... 96! Tabel 3: Beschrijvende statistieken van de controlevariabelen die transactiekenmerken beschrijven... 98! Tabel 4: Beschrijvende statistieken van de controlevariabelen die fondskenmerken beschrijven ! Tabel 5: Beschrijvende statistieken van de controlevariabelen die kenmerken van de lead-investeerder beschrijven (deel 1) ! Tabel 6: Beschrijvende statistieken van de controlevariabelen die kenmerken van de lead-investeerder beschrijven (deel 2) ! Tabel 7: Correlaties tussen de controlevariabelen ! Tabel 8: Overzicht van de geselecteerde controlevariabelen ! Tabel 9: Bivariate verbanden tussen de onafhankelijke en afhankelijke variabele(n) ! Tabel 10: Bivariate verbanden tussen de relevante controlevariabelen en de afhankelijke variabele EXITTYPE ! Tabel 11: Bivariate verbanden tussen de relevante controlevariabelen en de afhankelijke variabele TSE_dummy ! Tabel 12: Bivariate verbanden tussen de relevante controlevariabelen en de afhankelijke variabele HP_Def (cont) ! Tabel 13: Gecontroleerde verbanden tussen de onafhankelijke variabele FONDSTYPE en de afhankelijke variabele TS_SBO_Exit ! Tabel 14: Gecontroleerde verbanden tussen de onafhankelijke variabele FONDSTYPE en de afhankelijke variabele TSE_dummy ! VI

9 Tabel 15: Gecontroleerde verbanden tussen de onafhankelijke variabele FONDSTYPE en de afhankelijke variabele HP_Def (cont) ! VII

10 Inleiding Dit werkstuk wil een bijdrage leveren tot de bestaande literatuur die de invloed van verscheidene factoren op de verschillende dimensies van de exit-strategie voor een Private Equity (PE) investering nagaat. Meer specifiek gaat dit onderzoek dieper in op de verschillen tussen de verschillende types PE investeerders met betrekking tot (i) de exit-route, (ii) het succes van de desinvestering en (iii) de Holding Period (HP) van een internationale Buy-Out (BO) investering. Verscheidene studies wijzen immers op het belang van verder onderzoek naar verschillen tussen PE investeerders (Cumming, Siegel & Wright, 2007; Manigart, De Prijcker & Bose, 2009a; Tykvova, 2006; Tykvova & Schertler, 2006). Het onderzoek focust zich hierbij op het onderscheid tussen de twee belangrijkste types PE investeerders, namelijk independents en captives. De onderzochte PE investeringen betreffen BO investeringen aangezien deze vooral wat exit-strategieën betreft, in tegenstelling tot Venture Capital (VC) investeringen, minder aandacht hebben gekregen in de reeds verschenen literatuur (Ljungqvist, Richardson & Wolfenzon, 2007; Schmidt, Steffen & Szabo, 2010; Yousfi, 2010). Het onderzoek maakt gebruik van internationale BO gegevens op transactieniveau over de periode Deze gegevens zijn het resultaat van een combinatie van de Thomson ONE database en de database die wordt beheerd door the Centre for Management Buyout and Private Equity Research (CMBOR). De gegevens over de 303 resulterende internationale BO transacties werden verder aangevuld op basis van de jaarlijkse publicaties van de European Private Equity and Venture Capital Association (EVCA) en de bedrijfswebsites van de betrokken PE maatschappijen. Het onderzoek is opgedeeld als volgt. In sectie 1. Achtergrond worden de concepten private equity (1.1.), buy-out (1.2.) en exit (1.3.) nader toegelicht. In Sectie 2. Theoretisch raamwerk worden vooreerst de relevante theorieën met betrekking tot independents en captives aangehaald (2.1.) en op basis daarvan de hypothesen met betrekking tot de verschillende dimensies van de exit-strategie afgeleid (2.2.). Sectie 3. Data beschrijft enerzijds de wijze waarop de gegevens zijn verzameld (3.1.), anderzijds de variabelen die relevant kunnen zijn voor het testen van de hypothesen (3.2.). Sectie 4. Testen van de hypothesen vervolgt door enerzijds de bivariate (4.1.) en anderzijds de multivariate (4.2.) te testen. Ten slotte besluiten we het onderzoek in sectie 5. Discussie met het bespreken van de resultaten. 1

11 Onderzoek 1. Achtergrond Dit werkstuk concentreert zich op exit-strategieën van internationale BO investeringen. Hiervoor is eerst inzicht vereist in enkele concepten binnen de wereld van PE. Deze concepten zullen achtereenvolgens in het volgende hoofdstuk worden besproken Private equity PE betreft in zijn ruimste betekenis investeringen in bedrijven die niet (langer) beursgenoteerd zijn (Povaly, 2006; Rochiramani, Doiphode & Chhabra, 2009). Niet-beursgenoteerde bedrijven kunnen immers geen financiering verkrijgen via de publieke markt en zijn daardoor gedwongen zich te wenden tot banken en private investeerders (Povaly, 2006; Rochiramani et al., 2009). Hoewel PE één van de duurste vormen van financiering is, is het voor hen soms de enige optie (Povaly, 2006). PE is een overkoepelende term die hoofdzakelijk verwijst naar de twee hoofdtypes van PE investeringen, namelijk VC ook durfkapitaal genoemd en BO investeringen (Aizenman & Kendall, 2008). Het onderscheid tussen VC en Bos hangt af van de ontwikkelingsfase waarin de investeringsentiteit het portfoliobedrijf zich bevindt. Bij VC wordt er geïnvesteerd in een jong bedrijf dat kapitaal behoeft voor het lanceren, ontwikkelen of uitbreiden van de onderneming (Gogineni & Megginson, 2010; Rochiramani et al., 2009). Een BO investering daarentegen betreft een volwassen en reeds functionerend bedrijf dat reeds de initiële groeifase succesvol doorstaan heeft en zich meer concentreert op (re-)organisatie van het bedrijf (Aizenman & Kendall, 2008; Schmidt et al., 2010). In dit opzicht worden BOs ook beschouwd als minder onzekere en dus minder risicovolle investeringen, gezien de maturiteit van de investeringsentiteit (Tykvova, 2006; Van Osnabrugge & Robinson, 2001). Daarnaast kan PE ook gebruikt worden voor het ontwikkelen van nieuwe producten en technologieën of ter financiering van synergie-creërende overnames (Rochiramani et al., 2009). De sterkte van PE ligt evenwel niet enkel in zijn financiering, maar ook in zijn adviserende, controlerende en ondersteunende rol bij het management van het portfoliobedrijf (Chen, Gompers, Kovner & Lerner, 2009; Cressy, Malipiero & Munari, 2006; Tykvova, 2006; Tykvova & Schertler, 2006). Wat Europa betreft, eveneens ons onderzoeksdomein, is de BO industrie veel groter dan de VC industrie (Manigart et al., 2009a). Zoals vermeld in de inleiding, concentreert dit onderzoek zich op BO investeringen Belang van private equity De PE industrie kende de laatste decennia globaal een enorme expansie. Vooral de Europese BO markt kende een enorme groei (Brinkhuis & De Maeseneire, 2007; Huyghebaert, Priem & Van de Gucht, 2011). In tegenstelling tot de Verenigde Staten van Amerika (VSA) ontwikkelde de PE industrie in Europa zich pas vanaf de vroege jaren tachtig, als gevolg van de wegwerking van een aantal historische barrières teneinde de PE activiteit te stimuleren (Beuselinck, Deloof & Manigart, 2009; Cornelius, Juttmann & 2

12 Langelaar, 2009; Povaly, 2006). Naast de opleving van de Europese economie zorgden verdere regeringsstimulansen voor een versnelde evolutie van deze markt in de vroege jaren negentig. Het Verenigd Koninkrijk (VK), Duitsland, Frankrijk en Nederland traden hier op de voorgrond (Povaly, 2006). Het belang van PE in de huidige Europese economische context blijkt onder andere uit het toegenomen aantal transacties, alsook het individueel transactievolume (Liu, 2009). Als oorzaak voor deze enorme groei de laatste jaren wijst men enerzijds op de aanwezigheid van goedkoop krediet en anderzijds op de toegenomen interesse in PE door institutionele investeerders om hun portfolio meer te diversifiëren (Gogineni & Megginson, 2010; Povaly, 2006). Voorts is de PE markt ook sterk geïnternationaliseerd, met als belangrijkste internationale spelers het VK en de VSA die beide sterk investeren in Europese transacties (Aizenman & Kendall, 2008; Cornelius et al., 2009). Ook de internationalisering van de Europese PE markt is sterk gegroeid in het laatste decennium, waarbij bijna 40% van de totale PE transacties in Europa in 2005 uitsluitend grensoverschrijdend waren (Aizenman & Kendall, 2008; Manigart et al., 2009a) Private equity investeerders De twee belangrijkste investeerders van PE kapitaal zijn onafhankelijke PE maatschappijen ( independents ) (1.1.2.A.) en afhankelijke PE ondernemingen ( captives ) (1.1.2.B.). Beide ondernemingen specialiseren zich in PE investeringen A. Onafhankelijke PE maatschappijen ( independents ) Independents fungeren als tussenpersoon tussen bedrijven die financiering beogen en externe investeerders (Povaly, 2006). Teneinde investeringen te verrichten, richten deze PE maatschappijen ook PE sponsors of PE investeerders genoemd PE fondsen op (Rochiramani et al., 2009). Doorgaans financieren de PE maatschappijen de opgerichte fondsen niet volledig met hun eigen kapitaal, maar verzamelen ze dit grotendeels op de markt (Povaly, 2006). Independents zijn niet verbonden aan een moederbedrijf vandaar independent en rekenen dus op die investeerdersmarkt voor het vergaren van voldoende kapitaal om hun fondsen te spijzen. De meeste PE Fondsen zijn gestructureerd als limited partnerships, waarbij Limited Partners (LPs) investeren in het fonds (Gompers, 1996; Phalippou, 2007). LPs zijn voornamelijk institutionele investeerders die zelf niet beschikken over de kennis of de expertise om zulke investeringen uit te voeren (Lerner, Hardymon & Leamon, 2004; Phalippou, 2007). Pensioenfondsen, verzekeringsmaatschappijen, universiteiten, investeringsbanken, bepaalde stichtingen en rijke individuen komen vaak voor als LP in een limited partnership (Axelson, Strömberg & Weisbach, 2009; Rochiramani et al., 2009). Zij beschouwen PE als een interessante investering gezien de vermoedelijk hogere returns en voordelen van portfoliodiversificatie (Fenn, Liang & Prowse, 1997). Vooral grote institutionele investeerders zoals pensioenfondsen worden aangezien als heel belangrijke leveranciers van kapitaal in de PE industrie (Povaly, 2006). Een andere belangrijke bron van 3

13 kapitaalverstrekking aan PE fondsen zijn de zogenaamde funds-of-funds. Deze fondsen verzamelen eveneens kapitaal van institutionele investeerders, worden net als PE fondsen geleid door managers en investeren op hun beurt in PE fondsen (Manigart, De Prijcker, Wright & De Maeseneire, 2009b). Kennis van de markt, contacten en betere diversificatie worden genoemd als redenen waarom investeerders hun kapitaal zouden toevertrouwen aan deze funds-of-funds in plaats van direct te investeren in een PE fonds (Manigart et al., 2009b; Povaly, 2006). Daartegenover staat natuurlijk een financiële vergoeding voor de prestatie van het management van zo n fund-of-funds (Povaly, 2006). Bij de oprichting van een fonds verbinden de LPs zich voor een bepaalde hoeveelheid kapitaal aan dat fonds (Ljungqvist & Richardson, 2003; Rochiramani et al., 2009). Bij ontdekking van een investeringsopportuniteit wordt dit kapitaal wordt vervolgens gradueel opgevraagd en door het fonds geïnvesteerd (De Zwart, Frieser & Van Dijck, 2007; Phalippou, 2007). PE maatschappijen doen zowel VC als BO investeringen, doorgaans via verschillende fondsen maar met overlappende management teams (Phalippou, 2007). Dit onderzoek focust zich op die fondsen die investeren in BOs. Het management van een fonds is in handen van de General Partners (GPs) van het PE fonds, die hun expertise, ervaring, specialisatie en netwerk inbrengen (Axelson et al., 2009; De Zwart et al., 2007). Deze GPs worden door de gespecialiseerde PE maatschappijen voorzien en zijn dus beter geplaatst dan de LPs voor het nemen van investeringsbeslissingen en het herkennen van investeringsopportuniteiten (Axelson et al., 2009; Cornelius et al., 2009; Lerner et al., 2004; Rochiramani et al., 2009). Een typisch fonds heeft twee tot tien GPs (Povaly, 2006). De rol van de LPs beperkt zich tot het ontvangen van periodieke updates over de vooruitgang van projecten en investeringsactiviteiten van het fonds, maar zij nemen geen deel aan de beleidsbeslissingen (Gompers & Lerner, 1996; Povaly, 2006). In ruil voor het management van het fonds, de verantwoordelijkheid, de aansprakelijkheid en de nodige expertise ontvangen de GPs een vaste compensatie management fee van één tot drie procent op het geïnvesteerde kapitaal. Daarnaast ontvangen ze nog een variabele vergoeding carry van circa twintig procent op de surpluswinsten van het fonds, welke wordt beschouwd als een stimulans voor de GP om elk project binnen het portfolio zorgvuldig te behandelen (Axelson et al., 2009; Chung, Sensoy, Stern & Weisbach, 2010; Kaplan & Strömberg, 2009; Lerner et al., 2004). Omwille van de vaste vergoeding hebben de PE bedrijven er alle belang bij te werken met grote fondsen. Men kan verwachten dat verminderde vaste vergoedingen en een hogere variabele vergoeding zou zorgen voor een betere overeenstemming van de objectieven van zowel de GPs als de LPs (Gompers, 1996). PE fondsen van independents (waarnaar in dit onderzoek zal worden gerefereerd als independent fondsen ) worden doorgaans opgericht voor een vooraf bepaalde periode, vandaar dat deze fondsen benoemd worden als closed-end fondsen (Manigart et al., 2000; Schwienbacher, 2005). Deze periode betreft meestal acht tot tien jaar, maar kan in sommige gevallen verlengd worden met drie tot vier jaar (Gompers & Lerner, 1996; Lerner, Schoar & Wongsunwai, 2007; Phalippou, 2007; Rochiramani et al., 2009). Deze voortzetting na het juridische einde van het fonds wordt vaak op een jaarlijkse basis door een gezamenlijke overeenkomst tussen de GPs en de LPs toegekend (Phalippou, 2007). Uit de praktijk blijkt 4

14 evenwel dat goed presterende fondsen een kortere levensduur hebben dan slecht presterende fondsen. De vooraf bepaalde levensduur van het fonds dient dus beschouwd te worden als een bovengrens die aanleiding geeft tot een grondige beoordeling van de niet-afgeloste posities, eerder dan een vaste levensduur van het fonds (Phalippou, 2007). Voor het einde van de gehele periode dient men de genomen posities af te lossen en de LPs terug te betalen (Gompers, 1996; Gompers & Lerner, 1999; Ljungqvist & Richardson, 2003; Yousfi, 2010). Dit zorgt er enerzijds voor dat er vaak geen investeringen meer verricht worden na de eerste vier of vijf jaar na het ontstaan van het fonds (Gompers, 1996; Phalippou, 2007). Een ander gevolg is dat de PE maatschappijen periodiek nieuwe fondsen moeten oprichten om zich te herfinancieren teneinde nieuwe investeringen te kunnen bewerkstelligen (Gompers, 1996; Gompers & Lerner, 1998). Om continuïteit te bewaren zullen PE maatschappijen dan ook vaak nieuwe fondsen ( follow-on fondsen) oprichten nog voor het vorige fonds voltooid is (Gompers, 1996; Lerner et al., 2007). Doorgaans gebeurt dit om de twee tot zes jaar (Gompers, 1996; Phalippou, 2007). Het kan dan ook voorkomen dat PE maatschappijen twee of drie lopende fondsen hebben op eenzelfde moment (Gompers, 1996) B. Afhankelijke PE maatschappijen ( captives ) Naast de independents vormen de captives een tweede belangrijke groep van PE investeerders. Deze maatschappijen zijn afhankelijk van een moederbedrijf en investeren doorgaans exclusief het kapitaal dat aan hen wordt verschaft door deze moederonderneming (Cressy et al., 2006; Povaly, 2006). Ze zijn dus gerelateerd aan een grotere instelling, doorgaans een bank, een industrieel bedrijf of de overheid (Tykvova & Schertler, 2006). In tegenstelling tot independents fungeren ze dus niet als tussenpersoon tussen de investeerders- en de investeringsmarkt, maar eerder als middel voor directe investeringen voor hun moederbedrijf (Cressy et al., 2006; Povaly, 2006). De hoeveelheid kapitaal die ze ontvangen is afhankelijk van de gehanteerde strategie van het moederbedrijf. Ondanks deze financiële afhankelijkheid bewaren ze echter vaak een operationele autonomie (Van Osnabrugge & Robinson, 2001). Gezien de financiering door een moederonderneming, dienen deze fondsen (waarnaar in dit onderzoek zal worden gerefereerd als captive fondsen ) doorgaans niet periodiek te worden afgesloten zoals independent fondsen, vandaar dat deze fondsen vaak open-ended genoemd worden (Van Osnabrugge & Robinson, 2001). In vergelijking met de VSA blijken vooral bank-gerelateerde captives in Europa een belangrijkere rol te spelen (Cumming et al., 2007; Tykvova, 2006) Buy-out De BO investering vormt de focus van dit onderzoek. Het concept wordt eerst nader toegelicht (1.2.1), waarna ook de structuur (1.2.2) en de doelstelling (1.2.3) van BOs en de verschillende soorten BOs (1.2.4.) aan bod komen. 5

15 Definitie van een buy-out Een BO is een PE investering in een middelgroot tot groot bedrijf dat wenst uit te breiden of van eigenaar of kapitaalstructuur te veranderen en daarom financiering zoekt (Schmidt et al., 2010). Ook bedrijven die zich op de aandelenbeurs bevinden, maar kampen met financiële problemen komen in aanmerking voor een BO. Zij worden dan geprivatiseerd en geherstructureerd (Povaly, 2006). Zowel publieke als private bedrijven kunnen dus onderwerp zijn van een BO, maar investeringen in deze laatstgenoemde komen het vaakst voor (Axelson, Jenkinson, Strömberg & Weisbach, 2010; Cornelius et al., 2009). Een BO wordt doorgaans gekenmerkt door een eenmalige investering die resulteert in een totale of meerderheidscontrole over de investeringsentiteit het portfoliobedrijf (Cornelius et al., 2009; Ljungqvist et al., 2007; Rochiramani et al., 2009). Dit in tegenstelling tot een VC investering, waarbij de PE maatschappij vaak slechts een minderheidsbelang inneemt (Kaplan & Strömberg, 2003). In ruil voor het geïnvesteerde PE kapitaal, wensen de GPs van de PE maatschappij steeds vertegenwoordiging in de Raad van Bestuur van het portfoliobedrijf (Povaly, 2006) Structuur van een buy-out Een BO investering vertoont doorgaans dezelfde structuur. Ze bestaat in de meeste gevallen uit een deel eigen vermogen ( equity ) wat aangevuld wordt met additioneel schuldkapitaal, in Europa respectievelijk circa dertig en zeventig procent (Axelson et al., 2010; Brinkhuis & De Maeseneire, 2007; Povaly, 2006; Rochiramani et al., 2009). Dit additionele gedeelte schuldkapitaal wordt verkregen op transactieniveau en bestaat uit een combinatie van verscheidene schuldinstrumenten die verschillen in termijn, betalingsprofiel, interest en voorkeurbehandeling (Axelson et al., 2009; Phalippou, 2007; Povaly, 2006; Rochiramani et al., 2009). Het grootste deel van de overname wordt dus gefinancierd door schuld, voornamelijk lange termijn schuld (Kaplan & Stein, 1993; Liu, 2009). Contractueel is immers bepaald dat de GPs slechts een beperkt deel van het totale fondskapitaal kunnen investeren in één bepaald project (Axelson et al., 2009; Brinkhuis & De Maeseneire, 2007). Het overige deel dient dus aangevuld te worden met schuldfinanciering. Hierdoor is men evenwel in staat grotere investeringen te bewerkstelligen, terwijl men zelf slechts een beperkt deel moet voorzien. Daarnaast bestaan nog andere verklaringen voor de gehanteerde schuldgraad. Zo zou externe schuldfinanciering zorgen voor een disciplinerend effect op het fondsmanagement (Cotter & Peck, 2001; Jensen, 1986). Dit wegens de externe doorlichting door de schuldverstrekker, die immers enkel wil investeren in veelbelovende projecten. Deze doorlichting zou het adverse selection probleem waarbij investeerders slechts over onvolledige informatie beschikken met betrekking tot hun investering tussen de GPs en de LPs verhelpen (Axelson et al., 2009). Schuldfinanciering zou ook het moral hazard probleem waarbij de investeerder geen zicht heeft op wat er met zijn investering gebeurt tussen de GPs en het management van het portfoliobedrijf aanpakken (Demiroglu & James, 2010; Jensen, 1989; Liu, 2009; Sahlman, 1990) (zie sectie ). Beide problemen zijn voorbeelden van agency conflicten, namelijk spanningen als gevolg van de scheiding tussen eigenaarschap en management (Darrough & 6

16 Stoughton, 1986; Povaly, 2006). Ze kunnen dus zowel voorkomen tussen de LPs en de GPs als tussen de GPs en het management van het portfoliobedrijf. Voorts zorgt de schuldfinanciering voor een hefboomwerking vandaar Leveraged Buy-Out (LBO) waardoor hogere rendementen kunnen behaald worden, in ruil voor een verhoogd risico (Axelson et al., 2009). Dit risico volgt uit de verhoogde faillissementskosten bij een hoge schuldgraad (Brinkhuis & De Maeseneire, 2007; Cotter & Peck, 2001). Ten slotte functioneert schuldgebruik ook als belastingschild, aangezien interestbetalingen belasting aftrekbaar zijn (Brinkhuis & De Maeseneire, 2007). Gezien het overgrote deel aan schuldfinanciering spreekt het voor zich dat de verhouding van schuld ten opzichte van equity en dus het gehanteerde niveau van leverage afhankelijk is van de marktomstandigheden met de geldende interestvoeten en de reputatie van de PE maatschappij (Axelson et al., 2010; Brinkhuis & De Maeseneire, 2007; Ljungqvist et al., 2007). Zo zal de verhouding groter zijn wanneer er gunstige interestvoeten zijn en wanneer een gerenommeerde PE maatschappij erbij betrokken is. Deze schuldfinanciering is overigens mogelijk aangezien er bij een BO in een volwassen bedrijf geïnvesteerd wordt, waardoor men niet alleen over een onderpand beschikt om de lening te waarborgen, maar ook over gegenereerde cashflows om aan de interestverplichtingen te voldoen (Axelson et al., 2009; Schmidt et al., 2010). Dit in tegenstelling tot een VC investering waarbij de portfoliobedrijven doorgaans enkel beschikken over ontastbare of een beperkt aantal tastbare activa, onzekere toekomstperspectieven en bovendien vaak een periode van negatieve cashflows moeten doorstaan. Dit maakt schuldfinanciering moeilijk (Lerner et al., 2004; Povaly, 2006; Rochiramani et al., 2009). De grootte van het totale fondskapitaal (equity) wordt vastgelegd bij oprichting van het fonds, nog voor enige investering is ontdekt (Axelson et al., 2009; Rochiramani et al., 2009). Vervolgens, wanneer zich een investeringsopportuniteit voordoet, worden delen van dit totale kapitaal door het fonds opgevraagd aan zijn LPs (Axelson et al., 2009; De Zwart et al., 2007; Ljungqvist & Richardson, 2003; Rochiramani et al., 2009; Van Osnabrugge & Robinson, 2001). Daarnaast kan de PE maatschappij ook zelf in mindere mate tot deze som bijdragen en ook het management van het portfoliobedrijf neemt vaak een kleine equity-positie ( equity stake ) voor zijn rekening (Povaly, 2006). Bij de zogenaamde club deals wordt het equity-gedeelte voorzien door een samenwerking tussen verschillende fondsen, waarbij gedeelde kennis, complementaire vaardigheden en contactnetwerken tot een grotere toegevoegde waarde kunnen leiden (Brander, Amit & Antweiler, 2002; Hsu, 2004; Lindsey, 2005). Deze fondsen investeren in eenzelfde participatie, teneinde portfoliodiversificatie te bereiken en grotere transacties te verrichten (Cumming, 2006; Lockett & Wright, 1999; Manigart et al., 2006; Meuleman, Lockett, Manigart & Wright, 2009b). Men spreekt hier van investeringssyndicatie, wat een belangrijk kenmerk is in PE (Axelson et al., 2010; Meuleman et al., 2009b; Sorenson & Stuart, 2002). Ook hier vormt het equitygedeelte nog steeds slechts een minderheid van de totale afkoopsom (ongeveer dertig procent) (Axelson 7

17 et al., 2010). In dit geval worden de beleidsbeslissingen genomen door de lead-investeerder, die ook het grootste deel van het kapitaal voorziet (Huyghebaert et al., 2011) Doelstelling van een buy-out Het oorspronkelijke doel van PE maatschappijen was ondergewaardeerde bedrijven opkopen en deze later verkopen met winst (Sudarsanam & Nwaghodoh, 2005). Later hebben ze hun strategieën verbreed door ook de organisatie van het portfoliobedrijf te beïnvloeden. Zo kon men de operationele efficiëntie opvoeren en de waarde van het bedrijf verhogen buy-and-grow benadering om het nadien te verzilveren (Holthausen & Larcker, 1996; Kreuter, Gottschalg & Zollo, 2005; Povaly, 2006; Sudarsanam & Nwaghodoh, 2005). Men tracht op verschillende wijzen waarde toe te voegen. Enerzijds verwerft een PE fonds door middel van een BO investering een meerderheidscontrole over een portfoliobedrijf (Cornelius et al., 2009; Ljungqvist et al., 2007). Het PE fonds beschikt over sterke supervisie- en controle rechten en is in staat de controle over het portfoliobedrijf te bewaren (Bottazzi & Da Rin, 2002; Fenn et al., 1997). Anderzijds spelen de GPs ook een actieve, adviserende rol met betrekking tot de gehanteerde strategie en organisatie van het portfoliobedrijf (Cressy et al., 2006; von Drathen & Faleiro, 2007). Voorts beïnvloedt men vaak de compositie van het management en voorziet men nuttige contacten en potentiële klanten (Mäkelä & Maula, 2005; Povaly, 2006). Ten slotte zorgt de hoge schuldenlast die samengaat met de BO voor zowel een belastingvoordeel als een oplossing voor het moral hazard probleem tussen de GPs en het management van het portfoliobedrijf (zie sectie ). Door de hoge afbetalingsvereisten blijft er immers weinig over dat zou kunnen gebruikt worden voor een niet-rendabele investering. Deze disciplinerende vereisten hebben hun nut omdat managers niet altijd de meeste waardevolle beslissingen nemen, waarbij het eigenbelang soms primeert (Jensen, 1989; Liu, 2009; Sahlman, 1990). PE investeerders verzilveren hun investering op het moment dat het portfoliobedrijf de meeste verbeteringen heeft ondergaan (Cao, 2008). Op dat ogenblik weegt de toegevoegde waarde van een extra inspanning niet langer op tegen de marginale kost zowel directe kosten als opportuniteitkosten (Cumming & MacIntosh, 2003a; Gifford, 1997; Gompers & Lerner, 2001; Lerner et al., 2004). Er bestaan echter ook PE investeerders die andere stimulansen ondervinden en bijvoorbeeld reeds portfoliobedrijven van de hand doen nog voor het herstructureringsproces is voltooid (zie sectie ) Soorten buy-outs Hoewel verschillende auteurs de LBO-groep als homogeen beschouwen, maken sommige studies een verdere opsplitsing naar gelang de initiatiefnemer van de BO. De voornaamste vormen zijn Management Buy-Out (MBO), Management Buy-In (MBI) en Institutional Buy-Out (IBO) (Cumming et al., 2007; Meuleman, Amess, Scholes & Wright, 2009a; Renneboog & Simons, 2005; Schmidt et al., 2010). Een MBO wordt geïnitieerd door het bestaande management van het portfoliobedrijf. Het bestaande management zal in dit geval zelf investeren in het bedrijf in ruil voor een deel van het eigen vermogen 8

18 (Meuleman et al., 2009a; Renneboog & Simons, 2005). Bij een MBI daarentegen neemt een nieuw management van buitenaf het roer over om het bedrijf te leiden (Meuleman et al., 2009a; Renneboog & Simons, 2005; Rochiramani et al., 2009). Met zo n transactie gaan grotere risico s gepaard aangezien dit nieuwe management het bedrijf niet door en door kent, in tegenstelling tot de situatie bij een MBO (Meuleman et al., 2009a; Renneboog & Simons, 2005; Rochiramani et al., 2009). Bij zowel een MBO als een MBI worden de management groepen vaak gesteund door PE investeerders (Manigart, Goossens & Meuleman, 2008; Renneboog & Simons, 2005; Rochiramani et al., 2009). Beide soorten komen overigens zowel voor aan de BO zijde, als aan de exit zijde. Wanneer enkel PE investeerders of institutionele investeerders het portfoliobedrijf overnemen, spreekt men van een IBO (Meuleman et al., 2009a; Renneboog & Simons, 2005). Zij kunnen ervoor opteren het bestaande management te behouden of een nieuw management aan te stellen om het bedrijf te runnen (Meuleman et al., 2009a) Exit Het concept exit wordt eerst nader toegelicht (1.3.1.), waarna ook de timing van een exit (1.3.2.) en de belangrijkste exit-routes (1.3.3.) aan bod komen Definitie van een exit Kenmerkend voor PE financiering is dat investeerders hun investeringen maar voor een beperkte periode houden. Een tijdige afwikkeling van de genomen posities is vereist aangezien de LPs er immers op vertrouwen dat het PE fonds met hun kapitaalinzet succesvol rendementen kan realiseren (Povaly, 2006). De keuze van de exit-strategie bepaalt wanneer en op welke manier de rendementen gerealiseerd worden en is dus van groot belang voor de LPs (Schmidt et al., 2010). Een PE investering stelt immers een illiquide investering voor die niet gemakkelijk van de hand kan worden gedaan. Daarom is de uiteindelijke desinvestering cruciaal voor het behalen van winsten (Huyghebaert et al., 2011; Ljungqvist et al., 2007; Rochiramani et al., 2009). Men kan dus stellen dat het succes van een BO investering in zijn geheel afhankelijk is van het succes van zijn exit (Lerner et al., 2004; Neus & Walz, 2004). Bij de exit wordt immers de waarde die gecreëerd werd door de BO (zie ), gerealiseerd (Sudarsanam & Nwaghodoh, 2005). Men heeft er dus alle belang bij reeds vroeg in het investeringsproces rekening te houden met exit mogelijkheden, zelfs nog voor de initiële BO (Lieber, 2004; Schwienbacher, 2005). Wanneer een investering in een portfoliobedrijf verzilverd wordt, worden de opbrengsten geleidelijk in cash of in aandelen verdeeld over de LPs gedurende de looptijd van het fonds (von Drathen & Faleiro, 2007; Ljungqvist & Richardson, 2003; Phalippou, 2007). Wanneer deze geldstromen plaatsvinden, is meestal op voorhand gekend (Phalippou, 2007; Rochiramani et al., 2009). Vaak is de herinvestering van opbrengsten immers contractueel begrensd (Gompers & Lerner, 1996; Ljungqvist & Richardson, 2003). Het deel dat toebehoort aan de PE maatschappij, vloeit terug naar het PE fonds en kan eventueel opnieuw geïnvesteerd worden in nieuwe transacties (Sudarsanam & Nwaghodoh, 2005; Yousfi, 2010). 9

19 Ook voor het portfoliobedrijf is de exit van groot belang aangezien het een nieuwe fase aangeeft waarin het bedrijf kan rekenen op publieke financiering of terecht komt onder de hoede van een nieuwe eigenaar (Povaly, 2006) Timing van een exit Met de term Holding Period (HP) refereert men naar de tijdsduur dat een PE fonds zijn investeringen in portefeuille houdt. Voor BO investeringen beloopt deze periode doorgaans drie tot vijf jaar (Bottazzi & Da Rin, 2002; von Drathen & Faleiro, 2007; Giot & Schwienbacher, 2007; Lerner et al., 2004; Schmidt et al., 2010; Xu, 2004; Yousfi, 2010). Dit in tegenstelling tot VC investeringen waarbij zeven tot tien jaar niet ongewoon is (Xu, 2004). Deze laatste vereisen immers meer inspanning (Ljungqvist & Richardson, 2003; Norton, 1995). Nadien wordt het portfoliobedrijf van de hand gedaan via één van de mogelijke exit-routes Soorten exit-routes Het bepalen van de gehanteerde desinvesteringsmethode is een strategische en complexe beslissing. Hierbij dient men immers rekening te houden met gevolgen van de timing en de karakteristieken van het exit-type. Voorts kunnen ook een aantal andere factoren meespelen zoals bedrijfskarakteristieken en marktomstandigheden, die bovendien vaak veranderlijk zijn in de tijd (Schmidt et al., 2010; Sudarsanam & Nwaghodoh, 2005). Hieronder worden de drie meest voorkomende types exit-routes besproken, namelijk de Initial Public Offering (IPO) (sectie A.), de Trade Sale (TS) (sectie B.) en de Secondary BO (SBO) (1.3.3.C.) (Povaly, 2006; Sudarsanam & Nwaghodoh, 2005) A. Initial Public Offering (IPO) De IPO, ook vaak Reverse Leveraged BO (RLBO) genoemd in het kader van BOs, komt met ongeveer drie à tien procent van de BO transacties in Europa minder vaak voor dan TS en SBO (Cao, 2010; EVCA, 2009a en 2010; Povaly, 2006). Bij een IPO biedt een bedrijf, hier het portfoliobedrijf, voor de eerste keer een deel van zijn aandelen aan publieke investeerders aan (Cumming & MacIntosh, 2003a). Dit gaat doorgaans gepaard met een deelname op een aandelenbeurs. Hierdoor beschikken de eigenaars over een grotere graad van liquiditeit, wat leidt tot een hogere waardering van het portfoliobedrijf (Cumming & MacIntosh, 2003b; Povaly, 2006). De PE fondsen zelf verkopen initieel vaak weinig of geen aandelen. Ze houden zich vaak aan een lock-up periode. Hierbij komen ze met de investeringsbank (d.i. de underwriter ) die de IPO uitgeeft overeen hun aandelen gedurende een bepaalde periode na de IPO niet van de hand te doen (Cumming & MacIntosh, 2003a; Gompers & Lerner, 1998; Lin & Smith, 1998). Deze periode beloopt doorgaans zes tot twaalf maanden. Indien de PE maatschappij zijn aandelen onmiddellijk zou verkopen, zou dit door de markt kunnen geïnterpreteerd worden als een signaal van twijfel over de werkelijke waarde van de investering (Cumming & MacIntosh, 2003b). Na deze lock-up periode worden de aandelen verkocht of verdeeld over de LPs (Cumming & MacIntosh, 2003a; Gompers & Lerner, 1998; Povaly, 2006). 10

20 Na een IPO blijft de PE maatschappij dus controlerende aandeelhouder en blijft bijgevolg een actieve rol spelen. Ze houdt haar aandelen via het PE fonds, waardoor ze nog mee kan genieten van eventuele toekomstige successen van het portfoliobedrijf (Cao, 2008). Wanneer ze haar aandelen dan toch van de hand doet, hangt af van de marktomstandigheden en van de cashflows die het portfoliobedrijf voortbrengt (Cao, 2010; Zingales, 1995). Vaak neemt dit een aantal jaren in beslag (Cao, 2008). Zo zal de PE hiermee langer wachten indien de markt ongunstig is en indien het portfoliobedrijf hoge cashflows produceert (Cao, 2010). De IPO is dus in se geen exit, maar wordt wel zo geclassificeerd aangezien ze meestal een definitieve exit voorafgaat en vergemakkelijkt (Cumming & MacIntosh, 2003b). Samen met de intensieve voorbereiding om te voldoen aan de openbaarmakingsvereisten zorgt dit ervoor dat de IPO beschouwd wordt als een arbeidsintensieve en trage exit-methode (Povaly, 2006). Bovendien gaan met een IPO hoge transactiekosten gepaard (Povaly, 2006). Enkel grote portfoliobedrijven zijn in staat deze zware kosten te dragen (Brau, Francis & Kohers, 2003; Pagano, Paneta & Zingales, 1998). Samen met de minder ontwikkelde staat van de Europese kapitaalmarkt, zorgt dit ervoor dat de IPO hier een minder voorkomende optie is (Povaly, 2006; Relander, Syrjanen & Miettinen, 1994; Schwienbacher, 2005). De IPO wordt evenwel vaak beschouwd als de hoogvlieger onder de exit-routes, aangezien enkel de meest winstgevende bedrijven een IPO ondergaan (Bienz, 2004; Schmidt et al., 2010; Schwienbacher, 2005; Sudarsanam & Nwaghodoh, 2005; Wright & Robbie, 1998). Deze bedrijven beschikken over mooie groeivooruitzichten, wat sterk gesmaakt wordt door de publieke investeerder. Bovendien is hun waardering vaak het hoogste via de beurs (Bienz, 2004; Gompers & Lerner, 2000; Lerner, 1994; Smith & Wall, 1998; Yousfi, 2010). Aangezien BOs volwassen bedrijven betreffen die lagere groeivooruitzichten hebben, is de kans op een IPO hier kleiner dan bij een VC investering (Aizenman & Kendall, 2008; Das, Jagannathan & Sarin, 2003; Yousfi, 2010). De grootste, meest succesvolle BO portfoliobedrijven worden bij voorkeur wel nog steeds van de hand gedaan via IPO (Renneboog, Simons, Scholes & Wright, 2006). Bovendien is de IPO ook een manier om vers kapitaal te bekomen, waarmee PE fondsen vaak een deel van de aangegane schulden die hun maturiteit naderen, aflossen (Cao, 2010; Degeorge & Zeckhauser, 1993; Povaly, 2006) B. Trade Sale (TS) De TS is het meest voorkomende exit-type in de Europese PE markt (Bienz, 2004; Cumming & MacIntosh, 2003a; Das et al., 2003; Giot & Schwienbacher, 2007; Povaly, 2006). Het neemt ongeveer twintig tot dertig procent van de desinvesteringen in Europa voor zijn rekening (EVCA, 2009a en 2010; Povaly, 2006). Hierbij wordt het portfoliobedrijf overgenomen door een strategische koper, vaak een gevestigde concurrent van het portfoliobedrijf, die tot doel heeft synergievoordelen te bereiken of de technologie over te nemen (Brau et al., 2003; Cumming & MacIntosh, 2003a). Deze kopers bevinden zich doorgaans in dezelfde industrie en bevinden zich dus in een goede positie om de waarde van het bedrijf in te schatten (Povaly, 2006). 11

HEDGEFONDSEN EN PRIVATE EQUITY IN NEDERLAND

HEDGEFONDSEN EN PRIVATE EQUITY IN NEDERLAND HEDGEFONDSEN EN PRIVATE EQUITY IN NEDERLAND samenvatting Prof. dr. A. de Jong Dr. P. J.G. Roosenboom Prof. dr. M.J.C.M. Verbeek Drs. P. Verwijmeren RSM Erasmus University, Rotterdam 4 oktober 2007 Dit

Nadere informatie

Gerapporteerde versus gerealiseerde rendementen in private equity fondsen

Gerapporteerde versus gerealiseerde rendementen in private equity fondsen UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR 2012 2013 Gerapporteerde versus gerealiseerde rendementen in private equity fondsen Masterproef voorgedragen tot het bekomen van de graad

Nadere informatie

TOEGANG TOT FINANCIERING

TOEGANG TOT FINANCIERING TOEGANG TOT FINANCIERING Opzet van de enquête De toegang tot financiering is essentieel voor het welslagen van een onderneming en een belangrijke factor voor economische groei in Europa na de economische

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

Literatuurstudie Durfkapitaal

Literatuurstudie Durfkapitaal Literatuurstudie Durfkapitaal Samenvatting Durfkapitalisten zijn financiële intermediairs welke zich toeleggen op het investeren in nietbeursgenoteerde bedrijven die gelet op hun ontwikkelingsfase, bedrijfsactiviteit

Nadere informatie

Kennis en kapitaal zorgen voor succes

Kennis en kapitaal zorgen voor succes Kennis en kapitaal zorgen voor succes Kennis en kapitaal zorgen voor succes Synergia Capital Partners is een onafhankelijke participatiemaatschappij die in 1999 is opgericht en waarvan het vermogen bijeengebracht

Nadere informatie

Een empirische studie naar de samenstelling en structuur van aandelen- en schuldsyndicaten in de LBO markt

Een empirische studie naar de samenstelling en structuur van aandelen- en schuldsyndicaten in de LBO markt UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR 2010 2011 Een empirische studie naar de samenstelling en structuur van aandelen- en schuldsyndicaten in de LBO markt Masterproef voor

Nadere informatie

Het realiseren van een MBO - 10 veel gestelde vragen en antwoorden 1

Het realiseren van een MBO - 10 veel gestelde vragen en antwoorden 1 Het realiseren van een MBO - 10 veel gestelde vragen en antwoorden PricewaterhouseCoopers Corporate Finance heeft jarenlange ervaring in het begeleiden van teams bij het succesvol realiseren van management

Nadere informatie

Bedrijfsoverdracht in Vlaanderen

Bedrijfsoverdracht in Vlaanderen Bedrijfsoverdracht in Vlaanderen Onderzoek over de planning van de bedrijfsoverdracht uitgevoerd met de steun van Agentschap Ondernemen: Executive summary Prof. dr. Tensie Steijvers drs. Ine Umans Universiteit

Nadere informatie

EXTERNAL INVESTORS IN PRIVATE FAMILY FIRMS AN EXPLORATORY STUDY OF FAMILY FIRM HETEROGENEITY JEROEN NECKEBROUCK, SOPHIE MANIGART & MIGUEL MEULEMAN

EXTERNAL INVESTORS IN PRIVATE FAMILY FIRMS AN EXPLORATORY STUDY OF FAMILY FIRM HETEROGENEITY JEROEN NECKEBROUCK, SOPHIE MANIGART & MIGUEL MEULEMAN EXTERNAL INVESTORS IN PRIVATE FAMILY FIRMS AN EXPLORATORY STUDY OF FAMILY FIRM HETEROGENEITY JEROEN NECKEBROUCK, SOPHIE MANIGART & MIGUEL MEULEMAN Overzicht Controle in het familiebedrijf Governance en

Nadere informatie

Directe investeringen Investeren buiten traditionele financiële markten

Directe investeringen Investeren buiten traditionele financiële markten Directe investeringen Investeren buiten traditionele financiële markten CLAVIS Vermogensstructurering Directievoering Trustdiensten Vermogensbeheer (Infra)structuur Vermogensplanning Transactiebegeleiding

Nadere informatie

ER CAPITAL BEDRIJFSPARTICIPATIES

ER CAPITAL BEDRIJFSPARTICIPATIES ER CAPITAL BEDRIJFSPARTICIPATIES GEZAMENLIJK INVESTEREN IN DE TOP VAN HET MKB INFORMATIEBROCHURE AANDELENUITGIFTE 80.000 AANDELEN TEGEN EEN UITGIFTEKOERS VAN 30,- TOTAAL 2.400.000,- ER CAPITAL PARTICIPATIEFONDS

Nadere informatie

10 punten bij het voorleggen van een aandelenplan voor werknemers aan de Belastingdienst

10 punten bij het voorleggen van een aandelenplan voor werknemers aan de Belastingdienst 10 punten bij het voorleggen van een aandelenplan voor werknemers aan de Belastingdienst 10 punten bij het voorleggen van een aandelenplan voor werknemers aan de Belastingdienst Als uw onderneming wil

Nadere informatie

Een praktische kijk op. KMO financiering

Een praktische kijk op. KMO financiering Een praktische kijk op KMO financiering PMV nv is een Vlaamse investeringsmaatschappij PLAATS VAN PMV IN HET VLAAMSE INVESTERINGSLANDSCHAP PUBLIEK & INSTITUTIONELE INVESTEERDERS VLAAMS GEWEST 100 % 100

Nadere informatie

Bijlage 1: Beschrijving Seed Capital

Bijlage 1: Beschrijving Seed Capital Bijlage 1: Beschrijving Seed Capital Doel Het doel van de Seed-faciliteit is: De onderkant van de Nederlandse risicokapitaalmarkt zodanig stimuleren en mobiliseren, dat technostarters in hun kapitaalbehoefte

Nadere informatie

Imtech Traffic & Infra. Veel gestelde commerciële vragen

Imtech Traffic & Infra. Veel gestelde commerciële vragen Imtech Traffic & Infra Veel gestelde commerciële vragen Royal Imtech N.V. organisatie: opheldering Royal Imtech NV (holding) Divisies Gebaseerd op landen Benelux Duitsland & Oost-Europa Nordic Spanje Verenigd

Nadere informatie

Financieren van grote windprojecten Juni 2013. Vertrouwelijk NWEA Winddag

Financieren van grote windprojecten Juni 2013. Vertrouwelijk NWEA Winddag Financieren van grote windprojecten Juni 2013 Green Giraffe Energy Bankers gespecialiseerd in duurzame energie financieringen Focus op de duurzame energie: Green Giraffe Energy Bankers is opgericht door

Nadere informatie

Sicav naar Luxemburgs recht

Sicav naar Luxemburgs recht Sicav naar Luxemburgs recht Best Choice Best Choice is een selectie van fondsen die spe ciaal werd samengesteld voor wie vandaag flexibel en verstandig wil beleggen. Best Choice werd opgericht onder de

Nadere informatie

Specialisten. bedrijfsovernames. Company Brokers, Bedrijfsopvolging, altijd maatwerk. Specialist. Serieus en betrouwbaar. Resultaat georiënteerd

Specialisten. bedrijfsovernames. Company Brokers, Bedrijfsopvolging, altijd maatwerk. Specialist. Serieus en betrouwbaar. Resultaat georiënteerd Specialisten bedrijfsovernames Company Brokers, Bedrijfsopvolging, altijd maatwerk Al meer dan 15 jaar ondersteunt Company Brokers ondernemers bij de overdracht of aankoop van de onderneming en richt zich

Nadere informatie

Main Capital Partners

Main Capital Partners Main Capital Partners Private Equity fondsen gericht op succesvolle software bedrijven Charly Zwemstra Managing Partner - Main Capital Partners Profiel Main Capital Partners Algemeen 11 ervaren professionals

Nadere informatie

Essentiële beleggersinformatie

Essentiële beleggersinformatie Dit document verschaft u essentiële beleggersinformatie aangaande dit fonds. Het is geen marketingmateriaal. De verstrekte informatie is bij wet voorgeschreven en is bedoeld om u meer inzicht te geven

Nadere informatie

ING, partner van familiale ondernemers

ING, partner van familiale ondernemers ING, partner van familiale ondernemers Familiebedrijven, de motor van de economie Leidt u een familiebedrijf? Familiebedrijven professionaliseren In België vertegenwoordigen familiebedrijven maar liefst

Nadere informatie

TETRALERT - ONDERNEMING VOORSTEL TOT HERZIENING VAN DE RICHTLIJN AANDEELHOUDERSRECHTEN

TETRALERT - ONDERNEMING VOORSTEL TOT HERZIENING VAN DE RICHTLIJN AANDEELHOUDERSRECHTEN TETRALERT - ONDERNEMING VOORSTEL TOT HERZIENING VAN DE RICHTLIJN AANDEELHOUDERSRECHTEN 1. Inleiding Op 9 april 2014 maakte de Europese Commissie aan het Europees Parlement een voorstel van richtlijn over

Nadere informatie

Luxempart: defensief, groeipotentie en prima track record

Luxempart: defensief, groeipotentie en prima track record Luxempart: defensief, groeipotentie en prima track record In Luxemburg bedraagt het netto vermogen per inwoner ruim 700.000. Daarmee is het Groot Hertogdom het meest welvarende land in het Euro-gebied.

Nadere informatie

OEFENINGEN HOOFDSTUK 6

OEFENINGEN HOOFDSTUK 6 OEFENINGEN HOOFDSTUK 6 1 OEFENING 1 EEN INDIVIDU NEEMT EEN BELEGGING IN OVERWEGING MET VOLGENDE MOGELIJKE RENDEMENTEN EN HUN WAARSCHIJNLIJKHEDEN VAN VOORKOMEN: RENDEMENTEN -0,10 0,00 0,10 0,0 0,30 WAARSCHIJNLIJKHEID

Nadere informatie

KAPITAALVERHOGING COFINIMMO: VAAK GESTELDE VRAGEN

KAPITAALVERHOGING COFINIMMO: VAAK GESTELDE VRAGEN KAPITAALVERHOGING COFINIMMO: VAAK GESTELDE VRAGEN INSCHRIJVEN OP HET AANBOD Q1: Wat is het doel van het Aanbod? Ervan uitgaand dat er volledig wordt op ingeschreven, zullen de netto opbrengsten van de

Nadere informatie

HANDLEIDING START-UP PLAN

HANDLEIDING START-UP PLAN HANDLEIDING START-UP PLAN HANDLEIDING START-UP PLAN Dit document geeft informatie aan ondernemers, investeerders en burgers die interesse hebben voor het Start-up Plan. Deze handleiding moet samen met

Nadere informatie

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige

Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Test naam Marktgerichtheidsscan Datum 28-8-2012 Ingevuld door Guest Ingevuld voor Het team Team Guest-Team Context Overige Klantgerichtheid Selecteren van een klant Wanneer u hoog scoort op 'selecteren

Nadere informatie

Inhoudstafel. Winstdelingsreglement Allianz Invest V896 NL Ed. 04/13 2

Inhoudstafel. Winstdelingsreglement Allianz Invest V896 NL Ed. 04/13 2 Inhoudstafel HOOFDSTUK I WINSTDELINGSREGLEMENT...3 1. Doel van het reglement...3 2. Quotiteit van de verzekerde prestaties gebonden aan elk van de gekantonneerde fondsen...3 3. Bepaling van het globaal

Nadere informatie

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V.

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Balanced Scorecard Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 9 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER... 3 2 DE

Nadere informatie

ICP Corporate Finance

ICP Corporate Finance ICP Corporate Finance Corporate Finance Adviseurs Bedrijfsprofiel Januari 2013 Profiel ICP Corporate Finance Corporate Finance Adviseur van management en aandeelhouders bij complexe Corporate Finance vraagstukken

Nadere informatie

Business Angel en Venture Capital financiering in de financiële groeicyclus van Belgische ondernemingen

Business Angel en Venture Capital financiering in de financiële groeicyclus van Belgische ondernemingen UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR 2011 2012 Business Angel en Venture Capital financiering in de financiële groeicyclus van Belgische ondernemingen Masterproef voorgedragen

Nadere informatie

Essentiële beleggersinformatie

Essentiële beleggersinformatie Dit document verschaft u essentiële beleggersinformatie aangaande dit fonds. Het is geen marketingmateriaal. De verstrekte informatie is bij wet voorgeschreven en is bedoeld om u meer inzicht te geven

Nadere informatie

BUITEN DE BEURS ZIJN OLOP KANSEN TE VINDEN

BUITEN DE BEURS ZIJN OLOP KANSEN TE VINDEN R O B E C O P R I VAT E E Q U I T Y C E RT I F I C A AT ( E U R ) B E L E G G E N I N N I E T- B E U R S G E N OT E E R D E O N D E R N E M I N G E N BUITEN D N DE BEURS ZIJN O EN OLOP KANSEN TE VINDEN

Nadere informatie

Beleggersprofiel - Vragenlijst voor de klant(en) :

Beleggersprofiel - Vragenlijst voor de klant(en) : Beleggersprofiel - Vragenlijst voor de klant(en) : Naam persoon 1 :.Voornaam :.. Naam persoon 2 :.Voornaam :.. Adres :. Heeft u een partner? : ja / neen Aantal kinderen ten laste + hun leeftijd :. Voor

Nadere informatie

Samenvatting onderzoek: Diversificatiestrategieën van accountantskantoren

Samenvatting onderzoek: Diversificatiestrategieën van accountantskantoren UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT ECONOMIE EN BEDRIJFSKUNDE ACADEMIEJAAR 2010 2011 Samenvatting onderzoek: Diversificatiestrategieën van accountantskantoren Frederik Verplancke onder leiding van Prof. dr. Gerrit

Nadere informatie

Rentabiliteitsratio s

Rentabiliteitsratio s 18 Rentabiliteitsratio s Nu we de begrippen balans, resultatenrekening en kasstromentabel onder de knie hebben, kunnen we overgaan tot het meer interessante werk, nl. het onderzoek naar de performantie

Nadere informatie

TH-SCI Sales Capability Indicator. Best Peter Sales Representative

TH-SCI Sales Capability Indicator. Best Peter Sales Representative Best Peter Sales Representative TH-SCI Sales Capability Indicator Dit rapport werd gegenereerd op 03-09-2013 door White Alan van Brainwave Ltd.. De onderliggende data dateren van 24-07-2013. OVER DE SALES

Nadere informatie

Deceuninck Naamloze vennootschap Brugsesteenweg 374 8800 Roeselare RPR Gent, afdeling Kortrijk BTW BE 0405.548.486. (de Vennootschap )

Deceuninck Naamloze vennootschap Brugsesteenweg 374 8800 Roeselare RPR Gent, afdeling Kortrijk BTW BE 0405.548.486. (de Vennootschap ) Deceuninck Naamloze vennootschap Brugsesteenweg 374 8800 Roeselare RPR Gent, afdeling Kortrijk BTW BE 0405.548.486 (de Vennootschap ) BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR OVEREENKOMSTIG ARTIKELEN

Nadere informatie

Financieel Forum Leuven 11 oktober 2010. Herman Daems

Financieel Forum Leuven 11 oktober 2010. Herman Daems Financieel Forum Leuven 11 oktober 2010 Banken en ondernemingen Op zoek naar een nieuwe relatie Herman Daems Deze presentatie is onvolledig zonder de mondelinge toelichting van de auteur. Gelieve dit document

Nadere informatie

Succesvol financieren

Succesvol financieren Informatieblad 06-07-14 Succesvol financieren Het is voor bedrijven nog steeds lastig om geld te lenen bij een bank. Maar u bent tegenwoordig voor een financiering niet meer alleen afhankelijk van de bank.

Nadere informatie

De internationale vastgoedmarkt

De internationale vastgoedmarkt De internationale vastgoedmarkt Auteur(s): Eichholtz, P.M.A. (auteur) Graaf, N. de (auteur) De auteurs zijn werkzaam bij Global Property Research te Maastricht. Eichholtz is daarnaast verbonden aan de

Nadere informatie

Uitgebreide samenvatting

Uitgebreide samenvatting Uitgebreide samenvatting Bereik van het onderzoek De Nederlandse minister van Economische Zaken heeft een voorstel gedaan om het huidig toegepaste systeem van juridische splitsing van energiedistributiebedrijven

Nadere informatie

ABN AMRO Basic Funds N.V. Jaarrekening 2013

ABN AMRO Basic Funds N.V. Jaarrekening 2013 Jaarrekening 2013 Pagina 1 van 12 INHOUD Pagina Directieverslag 3 Balans per 31 december 2013 4 Winst- en verliesrekening 2013 5 Toelichting algemeen 6 Toelichting op de balans per 31 december 2013 8 Toelichting

Nadere informatie

Hoe cashflow te interpreteren. Volgens de lesgever <> begin liquiditeit einde liquiditeit hoewel alle reporting modellen wel zo

Hoe cashflow te interpreteren. Volgens de lesgever <> begin liquiditeit einde liquiditeit hoewel alle reporting modellen wel zo Hoe cashflow te interpreteren. Volgens de lesgever begin liquiditeit einde liquiditeit hoewel alle reporting modellen wel zo zijn opgemaakt (ook onder IFRS) IAS 7 maakt gebruik van cashstroom tabellen,

Nadere informatie

Gevolgen voor de werkgelegenheid

Gevolgen voor de werkgelegenheid KRACHTIG ADVISEREN BIJ FUSIES EN OVERNAMES Met een divers team van organisatieadviseurs ondersteunen we ondernemingsraden bij het beoordelen van voorgenomen verkoop, fusies en overnames van bedrijven.

Nadere informatie

Onderbouwing van de rendementsverwachtingen

Onderbouwing van de rendementsverwachtingen Onderbouwing van de rendementsverwachtingen 2013 Portfolio Management Ostrica BV Februari 2013 Rendementsverwachtingen Ostrica 2013 In dit document wordt een onderbouwing gegeven van de rendementsverwachtingen

Nadere informatie

Financiering. (Alternatieve) Financiering en Voorwaarden. Financiering - MCN

Financiering. (Alternatieve) Financiering en Voorwaarden. Financiering - MCN Financiering (Alternatieve) Financiering en Voorwaarden Financiering - MCN De kapitaalmarkt in Beweging Toegang tot bancaire financiering meer onder druk Investeerders schuiven op in het gat dat banken

Nadere informatie

* totaal rendement, exclusief emissiekosten en voor belastingen

* totaal rendement, exclusief emissiekosten en voor belastingen Door de samenwerking met Direct Wonen kan Annexum particuliere beleggers de mogelijkheid bieden om in woningen te investeren. Middels uw deelname in Woningfonds Apeldoorn CV belegt u in drie woontorens

Nadere informatie

Checklist beleggen in vastgoed

Checklist beleggen in vastgoed i van 5 Checklist beleggen in vastgoed Je kunt beleggen in beursgenoteerde vastgoedfondsen (vaak aandelen die dagelijks verhandelbaar zijn op de beurs) en in niet-beursgenoteerde vastgoedfondsen. Deze

Nadere informatie

VOORAANKONDIGING. Haerzathe Short-Term Fund I

VOORAANKONDIGING. Haerzathe Short-Term Fund I VOORAANKONDIGING Haerzathe Short-Term Fund I OBLIGATIE HAERZATHE SHORT - TERM FUND I B.V. Obligatielening Haerzathe Short-Term Fund I B.V. Na de succesvolle plaatsing van de obligatieleningen Haerzathe

Nadere informatie

Rendement. 9 de jaargang maart 2015 nr 30 FINANCIEEL NIEUWS

Rendement. 9 de jaargang maart 2015 nr 30 FINANCIEEL NIEUWS Rendement 9 de jaargang maart 2015 nr 30 FINANCIEEL NIEUWS De voordelen van globale diversificatie Ondanks de sterk toegenomen globalisering blijft internationale diversificatie in aandelenportefeuilles

Nadere informatie

Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af

Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af Huishoudens bouwen hun effectenportefeuille af Inleiding Door de opkomst van moderne informatie- en communicatietechnologieën is het voor huishoudens eenvoudiger en goedkoper geworden om de vrije besparingen,

Nadere informatie

Bedrijfsfinanciering: Van subsidie naar overheidsinstrumenten anno 2014

Bedrijfsfinanciering: Van subsidie naar overheidsinstrumenten anno 2014 Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Ministerie van Economische Zaken Bedrijfsfinanciering: Van subsidie naar overheidsinstrumenten anno 2014 Roland Starmans Manager Product Ontwikkeling Bancair, Investment

Nadere informatie

Toelichting specifieke diensten zoals genoemd in het Abonnement Financiële Planning Balans Onafhankelijke Financiële Dienstverlening B.V.

Toelichting specifieke diensten zoals genoemd in het Abonnement Financiële Planning Balans Onafhankelijke Financiële Dienstverlening B.V. Toelichting specifieke diensten zoals genoemd in het Abonnement Financiële Planning Balans Onafhankelijke Financiële Dienstverlening B.V. BEHEER HYPOTHEEKOVEREENKOMST Archivering van documenten Wij archiveren

Nadere informatie

RFM Regulated Fund Management BV HALFJAARBERICHT 2012

RFM Regulated Fund Management BV HALFJAARBERICHT 2012 RFM Regulated Fund Management BV HALFJAARBERICHT 2012 Inhoudsopgave pagina Algemeen Directieverslag 2 Halfjaarrekening Balans 4 Winst- en verliesrekening 5 Kasstroomoverzicht 6 Toelichting algemeen en

Nadere informatie

Kennisgeving van Fusie tussen Sub-fondsen

Kennisgeving van Fusie tussen Sub-fondsen Kennisgeving van Fusie tussen Sub-fondsen Samenvatting Dit deel bevat belangrijke informatie over de fusie die voor u als aandeelhouder van belang is. Meer informatie kunt u vinden in de Gedetailleerde

Nadere informatie

a) Hoeveel aanvraagdossiers werden in de periode 2009-2014 jaarlijks ingediend voor de Innovatiemezzanine? Over hoeveel ondernemingen gaat het?

a) Hoeveel aanvraagdossiers werden in de periode 2009-2014 jaarlijks ingediend voor de Innovatiemezzanine? Over hoeveel ondernemingen gaat het? SCHRIFTELIJKE VRAAG nr. 702 van WILLEM-FREDERIK SCHILTZ datum: 7 juli 2015 aan PHILIPPE MUYTERS VLAAMS MINISTER VAN WERK, ECONOMIE, INNOVATIE EN SPORT Participatiemaatschappij Vlaanderen - Innovatiemezzanine

Nadere informatie

OPEN VRAGEN 1. Welke ondernemingsvorm komt het meest voor in Nederland en wat zouden daarvoor de belangrijkste redenen kunnen zijn?

OPEN VRAGEN 1. Welke ondernemingsvorm komt het meest voor in Nederland en wat zouden daarvoor de belangrijkste redenen kunnen zijn? Vragen hoofdstuk 3: De onderneming nader bekeken OPEN VRAGEN 1. Welke ondernemingsvorm komt het meest voor in Nederland en wat zouden daarvoor de belangrijkste redenen kunnen zijn? 2. Noem minimaal drie

Nadere informatie

Vermogensbeheerder institutioneel - Informatievoorziening

Vermogensbeheerder institutioneel - Informatievoorziening Vermogensbeheerder institutioneel - Informatievoorziening Beschrijving Rens Vos is vermogensbeheerder bij de Veerbank. Hieronder staan vijf situaties rondom informatievoorziening die hij heeft meegemaakt.

Nadere informatie

MPC PRIVATE EQUITYFONDS

MPC PRIVATE EQUITYFONDS MPC PRIVATE EQUITYFONDS GLOBAL 8 CV GRONINGEN Financieel verslag 2011 MPC Private Equityfond Global 8 CV Groningen JAARVERSLAG Hierbij bieden wij u het jaarverslag 2011 aan van MPC Private Equityfonds

Nadere informatie

Onderzoek Mercuri Urval achtergrondinformatie voor de media Klantgerichtheid is de belangrijkste aanjager voor economische groei in Europa

Onderzoek Mercuri Urval achtergrondinformatie voor de media Klantgerichtheid is de belangrijkste aanjager voor economische groei in Europa Voor nadere informatie, neem contact op met: Wilma Buis Algemeen Directeur van Mercuri Urval b.v. Tel: 033 450 1400 of 06 5025 3038 wilma.buis@mercuriurval.com Onderzoek Mercuri Urval achtergrondinformatie

Nadere informatie

Plan van aanpak bij het kopen van bedrijven:

Plan van aanpak bij het kopen van bedrijven: Plan van aanpak bij het kopen van bedrijven: I. Analyse fase: 1. Vaststelling ondernemings-strategie en missie 2. Vaststelling van de financierings-structuur II. Search fase: 3. Search van overname-kandidaten

Nadere informatie

Marktlink Fusies & Overnames

Marktlink Fusies & Overnames Marktlink Fusies & Overnames Workshop Zoeken en vinden van een koper / verkoper Jeroen Oldengarm j.oldengarm@marktlink.nl 06 30 39 42 11 Mei 2013 Inhoud Doel Introductie Marktlink Marktontwikkelingen en

Nadere informatie

De tien gouden regels voor het beleggen in aandelen door Aberdeen Asset Management

De tien gouden regels voor het beleggen in aandelen door Aberdeen Asset Management De tien gouden regels voor het beleggen in aandelen door Aberdeen Asset Management Finance Avenue, 14 november 2015 Christophe Palumbo, Senior Business Development Manager Benelux Aberdeen Asset Management

Nadere informatie

WAAR JE ZIT IS WAAR JE STAAT

WAAR JE ZIT IS WAAR JE STAAT WAAR JE ZIT IS WAAR JE STAAT Posities als antecedenten van management-denken over concernstrategie ACHTERGROND (H. 1-3) Concernstrategie heeft betrekking op de manier waarop een concern zijn portfolio

Nadere informatie

Autoriteit Financiële Markten

Autoriteit Financiële Markten AFM consulteert Concept Beleidsregel aangaande de methodiek voor het berekenen van het aantal aandelen waarop financiële instrumenten betrekking hebben en de meldingsplicht bij indices en mandjes Ter consultatie

Nadere informatie

AEGON Equity Fund. vierde kwartaal 2006

AEGON Equity Fund. vierde kwartaal 2006 Profiel Het AEGON Equity Fund is een besloten fonds voor gemene rekening, waarin verzekeringsrelaties van AEGON kunnen participeren. Het AEGON Equity Fund belegt wereldwijd in aandelen met de nadruk op

Nadere informatie

Private Banking De essentie: een toekomst voor uw vermogen

Private Banking De essentie: een toekomst voor uw vermogen Private Banking De essentie: een toekomst voor uw vermogen NL samen naar de essentie 504452_DEXIA_tripyque_private_banking_NL.indd 3 11/19/10 8:44:20 AM Private Banking De essentie: een toekomst voor uw

Nadere informatie

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2013

Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM. Rapport inzake de jaarrekening 2013 Global Opportunities (GO) Capital Asset Management BV gevestigd te AMSTERDAM Rapport inzake de jaarrekening 2013 Inhoudsopgave Pagina Opdracht 1 Algemeen 1 Resultaten 1 Financiële positie 2 Kengetallen

Nadere informatie

Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE

Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

HET GAAT NIET ALLEEN OM FINANCIERING, MAAR OM FINANCIERING, CAPACITEITSOPBOUW EN DUURZAAMHEID

HET GAAT NIET ALLEEN OM FINANCIERING, MAAR OM FINANCIERING, CAPACITEITSOPBOUW EN DUURZAAMHEID HET GAAT NIET ALLEEN OM FINANCIERING, MAAR OM FINANCIERING, CAPACITEITSOPBOUW EN DUURZAAMHEID Micro-, kleine en middelgrote ondernemingen financieren = werkgelegenheid en inkomen creëren In ontwikkelingslanden

Nadere informatie

De private-equitygolf

De private-equitygolf De private-equitygolf Han T.J. Smit en Ward A. van den Berg SAMENVATTING In de laatste decennia heeft private equity zich ontwikkeld tot een belangrijke component van ondernemingsfinanciering. Private

Nadere informatie

FOUNDING PARTNERS GOLD PARTNERS SILVER PARTNERS MEDIA PARTNERS

FOUNDING PARTNERS GOLD PARTNERS SILVER PARTNERS MEDIA PARTNERS FOUNDING PARTNERS GOLD PARTNERS SILVER PARTNERS MEDIA PARTNERS Wie financiert mijn overname? Trends en mogelijkheden in de leveraged finance markt Jeroen van Harten, ABN AMRO Leveraged Syndicate & Sales

Nadere informatie

Overwegingen voor verkoop

Overwegingen voor verkoop VERTROUWELIJK VOOR DISCUSSIE Overwegingen voor verkoop Presentatie Navius Corporate Finance & Strategy Utrecht, februari 2006 AGENDA Introductie Navius Rationale van verkoop Het verkoopproces Enkele suggesties

Nadere informatie

In vijf dagdelen bent u optimaal voorbereid op de overname van een onderneming LEERGANG BEDRIJF KOPEN

In vijf dagdelen bent u optimaal voorbereid op de overname van een onderneming LEERGANG BEDRIJF KOPEN In vijf dagdelen bent u optimaal voorbereid op de overname van een onderneming LEERGANG BEDRIJF KOPEN Leergang Bedrijf Kopen U bent van plan een bedrijf over te nemen. Er komt veel inhoudelijke en financiële

Nadere informatie

BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS

BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS UCB NV - Researchdreef 60, 1070 Brussel - Ondernemingsnr. 0403.053.608 (RPR Brussel) BIJZONDER VERSLAG VAN DE RAAD VAN BESTUUR AAN DE AANDEELHOUDERS over het gebruik en de nagestreefde doeleinden van het

Nadere informatie

Respect voor klanten, partners en medewerkers

Respect voor klanten, partners en medewerkers Respect voor klanten, partners en medewerkers Service : een ander woord voor het respect dat een onderneming verschuldigd is aan haar klanten, medewerkers en partners. Voertuigbeglazing KERNCIJFERS (in

Nadere informatie

Checklist beleggen in vastgoed

Checklist beleggen in vastgoed i van 5 Checklist beleggen in vastgoed Je kunt beleggen in beursgenoteerde vastgoedfondsen (vaak aandelen die dagelijks verhandelbaar zijn op de beurs) en in niet-beursgenoteerde vastgoedfondsen. Deze

Nadere informatie

vooruitgang met financieringsinstrumenten vanuit ESI-fondsen Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij Financieringsinstrumenten

vooruitgang met financieringsinstrumenten vanuit ESI-fondsen Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij Financieringsinstrumenten vooruitgang met financieringsinstrumenten vanuit ESI-fondsen Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij medegefinancierd door Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij zijn een duurzame en efficiënte

Nadere informatie

MKBi-Groeifonds Obligaties

MKBi-Groeifonds Obligaties MKBi-Groeifonds Obligaties Brede kennis en ervaring in zowel de financiële wereld als het ondernemerschap is de basis van het MKBi Groeifonds Geef het mkb de juiste impuls met het MKBi Groeifonds! Meer

Nadere informatie

Risicoprofielen voor Vermogensbeheer A la Carte

Risicoprofielen voor Vermogensbeheer A la Carte Risicoprofielen voor Vermogensbeheer A la Carte Inleiding Onze risicoprofielen 1. Wat is een risicoprofiel? 2. Wat zijn vermogenscategorieën? 3. Welke risicoprofielen gebruiken wij? Uw risicoprofiel 4.

Nadere informatie

Beluga 5. PORTEFEUILLE. Beursgenoteerde investeringen

Beluga 5. PORTEFEUILLE. Beursgenoteerde investeringen Beursgenoteerde investeringen Per 31 december 2005 had Beluga 7 beursgenoteerde investeringen in portefeuille met een totale geraamde intrinsieke waarde van 1,037 mio (14,5% IWP en 7,0% IW). beurs aantal

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Dit proefschrift bestudeert het gebruik van handelskrediet in de rijstmarkten van Tanzania. 18 We richten ons daarbij op drie aspecten. Ten eerste richten we ons op het

Nadere informatie

Verder zien. Meer weten.

Verder zien. Meer weten. Verder zien. Meer weten. 1 EEN SOLIDE LANGETERMIJN BELEGGING Dankzij de gebundelde expertise van topbeleggers 2 De beste beleggers voor de beste resultaten Toegang tot de meest exclusieve fondsen ter wereld

Nadere informatie

Doe veilig zaken het is gedekt!

Doe veilig zaken het is gedekt! Doe veilig zaken het is gedekt! Vooruitgang brengt altijd risico s met zich mee Frederick B. Wilcox Waar ligt u s nachts wakker van? Zorgen over niet betaald worden? Geen bankkrediet verkrijgen? Cashflow

Nadere informatie

Ivan VAN DE CLOOT Chief Economist Itinera Executive professor AMS. www.itinerainstitute.org

Ivan VAN DE CLOOT Chief Economist Itinera Executive professor AMS. www.itinerainstitute.org Ivan VAN DE CLOOT Chief Economist Itinera Executive professor AMS www.itinerainstitute.org Overzicht 1. Determinanten 2. Evidentie over durfkapitaal 3. Belang relatiebankieren p.2 Uiteraard zoveel meer

Nadere informatie

VASTGOEDFINANCIERING IN DE ZORG

VASTGOEDFINANCIERING IN DE ZORG VASTGOEDFINANCIERING IN DE ZORG PIM DIEPSTRATEN Doorn, 1 december 2015 AGENDA 1 Financieringsstrategie zorginstelling 2 Huidige financiers en het WFZ 3 Perspectief investeerder op de zorgmarkt 4 Alternatieve

Nadere informatie

PRINCIPLES OF FUND GOVERNANCE COMMODITY DISCOVERY FUND Bijgewerkt tot 8 juli 2014

PRINCIPLES OF FUND GOVERNANCE COMMODITY DISCOVERY FUND Bijgewerkt tot 8 juli 2014 PRINCIPLES OF FUND GOVERNANCE COMMODITY DISCOVERY FUND Bijgewerkt tot 8 juli 2014 Principles of Fund Governance Pag. 1/5 1. INLEIDING Commodity Discovery Management B.V. (de Beheerder ) is de beheerder

Nadere informatie

Kredietverlening aan Nederlandse bedrijven loopt terug

Kredietverlening aan Nederlandse bedrijven loopt terug Het Nederlandse bedrijfsleven is in sterke mate afhankelijk van bancaire kredietverlening. De groei van de zakelijke kredietverlening is in de tweede helft van 28 vertraagd. Dit hangt grotendeels samen

Nadere informatie

Eerstekwartaalcijfers

Eerstekwartaalcijfers Value8 Profiel: Value8 N.V. is een beursgenoteerde onderneming die diensten verleent aan en investeert in kleinere en middelgrote bedrijven. Value8 N.V. richt zich op succesvolle ondernemingen in lange

Nadere informatie

Orderuitvoeringsbeleid IBS Asset Management

Orderuitvoeringsbeleid IBS Asset Management Orderuitvoeringsbeleid IBS Asset Management Inleiding In dit document informeren wij u over de wijze waarop wij effectenorders voor u uitvoeren en de procedures die hierbij worden gehanteerd. Wij maken

Nadere informatie

HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast

HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN. Halfjaarcijfers per 30 juni 2014. Geen accountantscontrole toegepast HOLLAND IMMO GROUP INSINGER DE BEAUFORT BEHEER B.V. TE EINDHOVEN Halfjaarcijfers per 30 juni 2014 Balans per 30 juni 2014 Vóór resultaatbestemming ACTIVA 30 juni 2014 31 december 2013 Vlottende activa

Nadere informatie

Q&A met betrekking tot een claimemissie. Schiphol, 24 november 2014. 1 Q&A met betrekking tot een claimemissie

Q&A met betrekking tot een claimemissie. Schiphol, 24 november 2014. 1 Q&A met betrekking tot een claimemissie Q&A met betrekking tot een claimemissie Schiphol, 24 november 2014 1 Q&A met betrekking tot een claimemissie Wereldhave Q&A met betrekking tot een claimemissie NIET BESTEMD VOOR PUBLICATIE Of VERSPREIDING

Nadere informatie

Verder zien. Meer weten. 1 EEN SOLIDE LANGETERMIJN BELEGGING Dankzij de gebundelde expertise van topbeleggers 2 De beste beleggers voor de beste resultaten Toegang tot de meest exclusieve fondsen ter wereld

Nadere informatie

Agenda. Wie is De Hooge Waerder?

Agenda. Wie is De Hooge Waerder? 1 Agenda 1. Wie is De Hooge Waerder? 2. Wat is mijn bedrijf waard? 3. Is uw bedrijf verkoopklaar? Vestigingen Wie is De Hooge Waerder? 2 Wie is De Hooge Waerder? Divisies: op alle vestigingen zijn alle

Nadere informatie

Partner van uw ambities

Partner van uw ambities Partner van uw ambities Professionnal van de financiële sector, erkend door en onderworpen aan het toezicht van de Commission de Surveillance du Secteur Financier (CSSF) uw activiteit ontwikkelt zich u

Nadere informatie

MKB investeert in kennis, juist nu!

MKB investeert in kennis, juist nu! M201016 MKB investeert in kennis, juist nu! drs. B. van der Linden drs. P. Gibcus Zoetermeer, september 2010 MKB investeert in kennis, juist nu! MKB-ondernemers blijven investeren in bedrijfsopleidingen,

Nadere informatie