Investeringen bereikbaarheid. Handreiking onderbouwing effectiviteit en efficiëntie in de Stadsregio Amsterdam

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Investeringen bereikbaarheid. Handreiking onderbouwing effectiviteit en efficiëntie in de Stadsregio Amsterdam"

Transcriptie

1 Investeringen bereikbaarheid Handreiking onderbouwing effectiviteit en efficiëntie in de Stadsregio Amsterdam

2 Investeringen bereikbaarheid Handreiking onderbouwing effectiviteit en efficiëntie in de Stadsregio Amsterdam

3

4 Inhoudsopgave 3 1 Inleiding Aanleiding Scope van de handreiking Onderbouwing op projectniveau of programma niveau Leeswijzer 6 2 Stappenplan Startoverleg Probleemanalyse Doelstelling Oplossingsrichtingen Overleg Keuze afwegingsinstrument Vaststellen uitgangspunten Effectberekeningen Overleg Optimalisatie Presentatie en communicatie 14 3 Analysefase kosteneffectiviteit Toelichting berekening Weergave uitkomst 16 4 Analysefase kosten-batenanalyse Uitgangspunten kosten-batenanalyse Kwaliteitstoets en consistentie input Toelichting berekening effecten Weergave uitkomst 19 5 Handreiking presentatie en communicatie Interpretatie uitkomsten Weergave uitkomsten Overzichtstabel en toelichting Bandbreedte en gevoeligheidsanalyses Inzicht in stuurvariabelen Inzicht in verdeling effecten 23 Bijlage A: Toelichting afwegingsinstrumenten 24 Bijlage B: Overzicht verkeersmodellen 27 Bijlage C: Mogelijke effecten per type project 28 Bijlage D: Beslisboom voorbeeldproject OV 29 Bijlage E: Literatuuroverzicht 30

5 1. Inleiding Aanleiding 1.2 Scope van de handreiking Een juiste besteding van belastinggeld is iets waar alle overheden naar streven. Dit betekent dat bij de besluitvorming over projecten zicht moet zijn op nut en noodzaak van investeringen als ook op de effecten hiervan. In de Stadsregio Amsterdam loopt jaarlijks een groot aantal verkeer- en vervoerprojecten, variërend van fiets- en verkeersveiligheidsprojecten tot grootschalige investeringen in de weg en in het openbaar vervoer. Voor de aanvraag van subsidie bij de Stadsregio is een Handleiding subsidieaanvragen opgesteld. In deze handleiding staat dat er inzicht gegeven moet worden in de effectiviteit van de investeringen. De ervaring van de afgelopen jaren is dat deze onderbouwing sterk verschilt per project. Voor een goede afweging is het wenselijk dat de onderbouwing van projecten verbeterd wordt. Dit heeft niet alleen voordelen voor de beoordeling van het project, maar heeft ook voordelen voor het project zelf. Bij het juist doorlopen van de verschillende stappen voor de onderbouwing (zie hoofdstuk 2), is er een duidelijk en gedeeld beeld van het probleem, de doelstelling en de mogelijke oplossingsrichtingen. Voor de oplossingsrichtingen is duidelijk welke effecten deze opleveren en hoe de maatschappelijke baten zich verhouden tegenover de kosten. Ook is expliciet gekeken naar mogelijkheden om het project te optimaliseren en is duidelijk wie welke voordelen heeft bij het project. Met de verschillende stappen en spelregels uit deze handreiking wordt ernaar gestreefd om te komen tot een betere onderbouwing van projecten en ook tot betere projecten. De voorliggende handreiking gaat in op het gebruik van afwegingsinstrumenten, als hulpmiddel om een goed beeld te krijgen van de effectiviteit en efficiëntie van een project. Projecten in onderzoeksfase Uitvoeringsprogramma RVVP Deze handreiking is van toepassing op alle regionale projecten die passen binnen het Regionaal Verkeer- en Vervoerplan (RVVP) van de Stadsregio Amsterdam en die onderdeel zijn van het Uitvoeringsprogramma (UVP). Afhankelijk van de omvang van het project zijn er verschillende fases in het UVP. Deze handreiking richt zich op alle projecten die zich met ingang van 1 januari 2014 bevinden in fase 1 (prioritering / verkenning) of fase 2 (planstudie) 1. Onderbouwing effectiviteit en efficiëntie Het passeren van de erkenningsfase (fase 0) betekent voor de betreffende projecten dat een aantal beleidsvragen beantwoord is. Zoals de vraag of het project past binnen de doelstellingen (coherentie), of het acceptabel is dat er overheidsgeld in gestoken wordt (legitimiteit) en of er voldoende relatie is met andere projecten (samenhang). Deze vragen komen aan bod in de erkenningsfase. De handreiking richt zich daarom met name op de overgebleven beleidsvragen omtrent de effectiviteit en efficiëntie. Effectiviteit en efficiëntie De begrippen effectiviteit en efficiëntie staan centraal in deze handreiking : Een effectief project is een project dat de doelen die met het project worden nagestreefd ook daadwerkelijk realiseert. Dit betekent dat onder meer een helder beeld moet bestaan van de problemen waarvoor het project een oplossing moet bieden en dat het project hier duidelijk aan voldoet. Een efficiënt project is een project dat tegen lage of de laagste kosten de doelen van het project realiseert. Kortom, er is sprake van een kosteneffectief project. Dit betekent onder meer dat zicht moet bestaan op de kosten en effecten van eventuele alternatieven en varianten, en dat het voorgestelde project in vergelijking hiermee (het meest) kosteneffectief is. Een effectief project hoeft niet noodzakelijkerwijs efficiënt te zijn. Dit hangt sterk af van de kosten en effecten van het project. 1) Voor kleine projecten tot 5 miljoen Euro gaat het om fase 1 (prioritering) en fase 2 (planuitwerking). Voor middelgrote projecten tot 225 miljoen Euro gaat het om fase 1 (verkenningen) en fase 2 (planstudie). Grote projecten boven de 225 miljoen Euro volgen de nationale spelregels van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) (Ministerie I&M, ).

6 5 In de Handleiding subsidieaanvragen 2 van de Stadsregio Amsterdam is de verplichting opgenomen om informatie op te leveren omtrent de effectiviteit en efficiëntie van de projecten en de bijbehorende oplossingsrichtingen. Deze Handreiking geeft aan welke instrumenten hiervoor gebruikt kunnen worden en hoe die ingezet kunnen worden. De Handreiking is daarmee een hulpmiddel om de gevraagde informatie aan te leveren. Stadsregio Amsterdam, zo lang de noodzakelijke beslisinformatie beschikbaar is. Dit geldt vooral voor de kleine projecten onder de 1 miljoen euro. Toekomst handreiking Deze handreiking wordt door de Stadsregio Amsterdam gezien als eerste aanzet om te komen tot een betere onderbouwing van de effectiviteit en efficiëntie van projecten. Naast de handreiking wordt actief ingezet op kennisdeling. Studieproject Klein project < 5 miljoen Middelgroot project miljoen Groot project > 225 miljoen Initiatief Prioritering Initiatief MIRT procedure Ministerie I&M Uitwerking Planuitwerking Verkenning Realisatie Planstudie Planuitwerking Bron: Handleiding subsidieaanvragen (14 december 2012, Stadsregio Amsterdam) Realisatie Relatie met Handleiding Subsidieaanvragen In de Handleiding subsidieaanvragen 3 van de Stadsregio Amsterdam wordt onderscheid gemaakt in studieprojecten, kleine projecten (minder dan 5 miljoen), middelgrote projecten (tussen 5 miljoen en 225 miljoen) en de grote projecten (meer dan 225 miljoen). De laatste groep volgt in de regel de richtlijnen en informatieprofielen van het Ministerie van I&M. In de onderstaande figuur is aangegeven op welke fasen deze handreiking zich richt (rode arcering). Voor alle projecten in deze fasen moeten in principe dezelfde stappen uitgevoerd worden (zie hoofdstuk 2). Dit geldt ook indien sprake is van slechts één oplossingsrichting. Wel kan de diepgang van de analyse variëren naar gelang van de omvang van het project. Een omvangrijker, duurder en/of ingrijpender project vergt een nauwkeuriger onderbouwing dan een minder complex en kleinschalig project. In alle gevallen geldt dat stappen kunnen worden overgeslagen in overleg met de De komende periode wordt de toepassing van de handreiking, de ervaringen met de inhoud en de organisatie en rolverdeling nadrukkelijk gevolgd. Op basis daarvan wordt in de tweede helft 2014 bekeken of de Handreiking op punten aangepast of aangevuld moet worden. 1.3 Onderbouwing op projectniveau of programma niveau Deze handreiking richt zich expliciet op onderbouwing van effectiviteit en efficiëntie van individuele projecten. Een deel van de projecten in de SRA is onderdeel van een breder programma. Er bestaat ook behoefte om op programma niveau inzicht te krijgen in effectiviteit en efficiëntie. De genoemde stappen in hoofdstuk 2 kunnen hiervo or gevolgd worden. De invulling van enkele stappen kan op programma niveau anders zijn dan op projectniveau. Dit is maatwerk, waarvoor overleg met Stadsregio Amsterdam gewenst is. 2-3) Bron: Subsidies infrastructuur in de stadsregio Amsterdam; handleiding subsidieaanvragen, 14 december 2012.

7 6 Indien er een onderbouwing op programma niveau is opge- en een toelichting op de keuze voor de voorkeursoplossing. het programma niet meer afzonderlijk onderbouwd hoeven thodiek van respectievelijk de kosteneffectiviteitsanalyse en steld, betekent dit niet dat de verschillende onderdelen van te worden. Er zijn ook dan voldoende voordelen voor afzonderlijke onderbouwing, mits er voldoende aandacht besteed wordt aan de consequenties van keuzes op programma niveau. In paragraaf 2.6 wordt ingegaan op de keuze voor een afwegingsinstrument. De vraag of het project onderdeel is van een programma of niet wordt meegenomen bij de keuze voor het afwegingsinstrument. 1.4 Leeswijzer In het volgende hoofdstuk 2 wordt in de vorm van een stap- In de hoofdstukken 3 en 4 wordt dieper ingegaan op de mede kosten-batenanalyse. In hoofdstuk 5 worden handreikingen gedaan voor de presentatie en communicatie van de uitkomsten. In de bijlagen is een toelichting opgenomen op de afwegingsinstrumenten (bijlage A), een overzicht van verkeersmodellen (bijlage B), een overzicht van mogelijke maatrege- len per type project (bijlage C) en een overzicht van relevante literatuur (bijlage E). penplan beschreven welke informatie aangeleverd moet Via de website (www.stadsregioamsterdam.nl) van de ëntie van projectaanvragen. Grofweg gaat het om een toe- over de aanleiding en wordt verwezen naar een aantal rele- worden voor de onderbouwing van de effectiviteit en effici- lichting op de problemen, opgaven en kansen, een beschrij- ving van de oplossingsrichtingen, de bijbehorende effecten Stadsregio Amsterdam is meer achtergrond opgenomen vante en interessante websites met meer informatie en ontwikkelingen binnen dit vakgebied.

8 2. Stappenplan 7 In het onderstaande schema staan de verschillende stappen beschreven die doorlopen moeten worden om de effectiviteit en efficiëntie van een project juist te kunnen beoordelen. In de volgende paragrafen worden de verschillende stappen toegelicht. Het is belangrijk om aan te geven dat deze stappen erop gericht zijn om een proces te doorlopen, wat leidt tot juiste en voldoende beslisinformatie. Het afwegingsinstrument is daarbij faciliterend. Voorbereiding Analyse Conclusie Startoverleg Probleemanalyse Doelstelling Oplossingsrichting Overleg Afwegingsinstrument Uitgangspunten Effectberekeningen Overleg Optimalisatie Presentatie / communicatie Plan van Aanpak en taakverdeling. Omschrijving problemen (kwantitatief) Doelstelling benoemen en operationaliseren Breed verkennen oplossingsrichtingen, beargumenteerd zeven Met breed gezelschap verkennen oplossingsrichtingen, effecten en verwachte omvang. Kosteneffectiviteitsanalyse of kosten-batenanalyse Alternatieven, uitgangspunten en input/deelstudies Effectberekening Uitkomsten analyse en mogelijke conclusies Optimalisatie baten- / kostenkant, fasering en/of timing Overzicht effecten en uitkomsten. Inzicht in stuurvariabelen en verdeling effecten 2.1 Startoverleg 2.2 Probleemanalyse Het Plan van Aanpak dat is opgesteld voor een Verkenning of een Planstudie wordt besproken met Stadsregio Amsterdam. In dat gesprek worden de verschillende stappen uit het plan van aanpak toegelicht en wordt ingegaan op de betrokkenheid van de Stadsregio en de taakverdeling tussen alle partijen. Voor wat betreft de onderbouwing van effectiviteit en efficiëntie kan de Stadsregio Amsterdam de voorbereidingsfase begeleiden of - in geval van een eigen project - uitvoeren. Afhankelijk van de complexiteit en diepgang van het project kan besloten worden om voor de analysefase aanvullende ondersteuning te vragen van het MKBA team of ondersteuning te vragen van een extern bureau. Een goede probleemanalyse schetst een duidelijk beeld van het probleem, geeft een afbakening en zorgt ervoor dat je kunt werken aan de kern van het probleem. Ondanks dat het verleidelijk is om gelijk over oplossingen na te denken, is het belangrijk om de tijd te nemen om een goede kwantitatief onderbouwde probleemanalyse te formuleren. De onderbouwing van ieder project start met de probleemanalyse; welk probleem moet het project oplossen. Wat is het probleem, waarom is dat een probleem, wat gebeurt er als we niets doen, hoe groot wordt dan het probleem, welke kansen kunnen we benutten? Belangrijk bij de beschrijving van de problematiek is dat deze zoveel mogelijk gekwantificeerd wordt. Als bijvoorbeeld de betrouwbaarheid van een OV-verbinding onvoldoende is, dan wordt idealiter aangegeven hoeveel ritten vertraagd zijn en hoeveel reizigers daardoor gedupeerd zijn. Indien een schakel in het fietsnetwerk ontbreekt, dan kan bijvoorbeeld 4) Het MKBA team bestaat uit MKBA experts vanuit de regionale overheden (onder andere gemeente Amsterdam en Stadsregio Amsterdam). Desgewenst kunnen zij via de Stadsregio Amsterdam benaderd worden voor ondersteuning.

9 8 aangegeven worden hoeveel fietsers momenteel gebruik maken van de verbinding en wat de omrijfactor is. Bij deze kwantificering is het belangrijk om duidelijk de gebruikte eenheden aan te geven in de berekeningen en de rapportages. Daarnaast biedt het veel inzicht om ook relatieve kwantitatieve informatie op te nemen; hoeveel procent van de fietsers moet eigenlijk omrijden, hoeveel procent van de ritten is vertraagd. Dit geeft naast de absolute omvang van het probleem ook zicht op de relatieve omvang ervan. Het voordeel van een kwantitatieve omschrijving van de problemen is dat er al vroegtijdig inzicht ontstaat in de omvang van het probleem en daarmee in de potentiele maatschappelijke baten van het project. Het objectiveert bovendien discussies en draagt bij aan de zoektocht naar passende oplossingen. Checklist probleemanalyse: Enkele vragen die kunnen helpen bij een duidelijke probleemanalyse. De vragen worden bij voorkeur kwantitatief beantwoord. Wat gebeurt er als we niets doen? Waar gebeurt dit en wanneer? Wat zijn daarvan de gevolgen op aspecten als reistijd, betrouwbaarheid, veiligheid etc. 2.3 Doelstelling Op basis van de probleemanalyse wordt de doelstelling van het project geformuleerd. Het kan zijn dat het project een eigen doelstelling heeft, maar het kan ook zijn dat het project onderdeel is van een overkoepelend programma. Ook als een project onderdeel is van een programma, en dus logischerwijs moet bijdragen aan de programmadoelstelling, moeten de doelstellingen van het project expliciet genoemd worden. Het is immers mogelijk dat een project niet alle doelstellingen van het programma dekt of juist dat er nog extra doelstellingen buiten het overkoepelende programma gediend worden. Deze doelen worden idealiter zo SMART mogelijk uitgewerkt. Ondanks dat een volledig uitgewerkte doelstelling op dit moment in het proces waarschijnlijk niet in alle gevallen haalbaar is, moet voorkomen worden dat de doelen te vaag geformuleerd worden. Zo mogelijk worden de doelen dan ook kwantitatief uitgewerkt. Checklist doelstellingen formuleren (SMART): Specifiek: Formuleer doel specifiek. Zorg dat het waarneembaar is wanneer het bereikt is. Meetbaar: Zorg dat je een meetbaar resultaat formuleert. Acceptabel: Zorg dat er draagvlak is voor gestelde doel, bij voorbeeld passend in beleid. Realistisch/relevant: Zorg dat het doel haalbaar is. Tijdgebonden: Zorg voor een deadline waarop het resultaat behaald moet zijn. 2.4 Oplossingsrichtingen In de Handreiking subsidieaanvragen staat dat de meest voor de hand liggende oplossingsrichtingen verkend moeten worden. Om de effectiviteit en efficiëntie te onderbouwen, is het nuttig om de oplossingsrichtingen breed te verkennen. Doel hiervan is om na te gaan of een probleem ook met minder zware ingrepen dan de uitbreiding of de aanleg van nieuwe infrastructuur kan worden opgelost. Checklist oplossingsrichtingen: De volgende oplossingsrichtingen kunnen verkend worden, voordat gekeken wordt naar uitbreiding van infrastructuur (gebaseerd op het gedachtengoed van de Ladder van Verdaas ). Daarbij moet steeds de vraag beantwoord worden of een deel van het probleem opgelost kan worden met maatregelen op het gebied van: Ruimtelijke ordening: kunnen bepaalde ruimtelijke ontwikkelingen elders plaatsvinden? Andere modaliteiten: kunnen bepaalde relaties met andere modaliteiten bediend worden, zoals bijvoorbeeld OV en/of fiets. Vraagbeïnvloeding en verkeersmanagement: kunnen bepaalde (deel) stromen beïnvloed worden om op een andere tijd, via een andere route of via een andere modaliteit te reizen of zelfs niet te reizen. Benutting aanwezige infrastructuur: zijn er nog kleinschalige maatregelen mogelijk om de infrastructuur beter te benutten (verbreden afrit, gedeeltelijke vrije busbaan etc.). 5) Dit is een gedachtegang van het Tweede Kamerlid Verdaas tijdens de regionale netwerkanalyses uit 2004, waarbij voorafgaand aan infrastructurele ingrepen gekeken wordt naar mogelijkheden op eerdere, minder ingrijpende, traptreden.

10 9 Dat betekent dat als er bijvoorbeeld sprake is van een autobereikbaarheidsprobleem er niet vanaf het begin gekeken wordt naar verschillende varianten van een nieuwe wegontsluiting. Er wordt eerst gekeken naar mogelijkheden om voorziene ruimtelijke ontwikkelingen aan te passen en de bestaande infrastructuur beter te benutten. Indien deze oplossingsrichtingen niet relevant zijn, worden deze beargumenteerd weggeschreven, alvorens meer ingrijpende maatregelen worden verkend. Het resultaat is een brede set van onderbouwde oplossingsrichtingen. In de brede verkenning van oplossingsrichtingen vindt er zo nodig vervolgens een zeef plaats van kansrijke oplossingen. Dit zijn oplossingen met voldoende probleemoplossend vermogen, die voldoen aan de wet- en regelgeving en die realistisch zijn in termen van kosten en uitvoerbaarheid. Idealiter zijn er niet meer dan vijf kansrijke oplossingsrichtingen om de onderzoeklast beperkt te houden. Vanuit deze kansrijke oplossingen wordt uiteindelijk de voorkeursoplossing benoemd. 2.5 Overleg Op het moment dat er een beeld is in de projectgroep over de problemen, doelstelling en kansrijke oplossingen, is het goed om dit met een breed gezelschap van betrokkenen te delen en vast te leggen. Vervolgens kan gezamenlijk een inschatting gemaakt worden van de verwachte effecten en de omvang hiervan voor de verschillende oplossingen. Voor dit overleg kan gebruik gemaakt worden van de ideeën achter de Effectenarena. Toelichting Effectenarena: De effectenarena is een workshop met projectleden en/ of andere betrokkenen, waarin de relaties tussen investeringen, maatregelen en effecten gezamenlijk worden uitgedacht en vastgelegd. Dit biedt de kans om te toetsen of de gedachtegang tussen probleem, oplossingen en effecten juist is. Tegelijkertijd wordt de eerste stap richting het afwegingsinstrument gezet. Voor de kosten-effectiviteitsanalyse wordt duidelijk hoe de doelstelling geoperationaliseerd kan worden en voor de kosten-batenanalyse wordt duidelijk aan welke effecten aandacht gegeven moet worden. Concreet worden in een Effectenarena (een deel van) de volgende stappen doorlopen: Beschrijven van de probleem- en doelstellingen van het project; Expliciteren van het project en het referentiealternatief: wat zal er waarschijnlijk gebeuren als de investering niet plaatsvindt ; Benoemen van de partijen die investeren in het project; Identificeren van de directe en indirecte effecten van de interventie en het trekken van pijlen tussen project en effect ; Benoemen van mogelijke onbedoelde neveneffecten; Benoemen van de partijen die baat hebben bij of last ondervinden van de effecten en deze door middel van pijlen koppelen aan de effecten. Het voordeel van deze aanpak is dat er in een vroegtijdig stadium met alle betrokkenen gesproken wordt over de problemen en doelstelling van het project. Dit zorgt voor een gezamenlijke focus. Verder zorgt de brede samenstelling van betrokken partijen ervoor dat eventuele oplossingsrichtingen niet gemist worden en dat de mogelijke effecten gestructureerd langsgelopen worden. In bijlage C van deze Handreiking is overigens voor een aantal type projecten een overzicht opgenomen van mogelijke effecten. 2.6 Keuze afwegingsinstrument De groep van kansrijke oplossingen wordt nader op hun effecten onderzocht. De eerste stap hierbij vormt de keuze van het afwegingsinstrument. Hierbij zijn twee afwegingsinstrumenten het meest passend; de kosteneffectiviteitsanalyse en de kosten-batenanalyse. Beide instrumenten worden in de volgende hoofdstukken in detail toegelicht. Hieronder volgt een korte omschrijving.

11 10 Toelichting afwegingsinstrumenten Kosten-effectiviteitsanalyse (KEA); de effecten worden op het primaire doel van de maatregel vergeleken met de investeringskosten die hiermee gemoeid zijn. Hiermee wordt bepaald in welke mate de oplossingen bijdragen aan de projectdoelen en tegen welke kosten. Het effect van de maatregel worden zoveel mogelijk gekwantificeerd. Maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA); alle relevante maatschappelijke effecten van een maatregel worden gedurende een langere periode meegenomen. De verschillende effecten worden behalve gekwantificeerd ook zo veel mogelijk gemonetariseerd (in geld gewaardeerd). Hierdoor is het met een MKBA mogelijk om de maatschappelijke rentabiliteit van een investering aan te tonen. De Stadsregio Amsterdam wil dat de promotieverzoeken in verschillende fasen (verkenningen, planstudie, subsidieaanvraag) zo veel mogelijk op een uniforme wijze onderbouwd worden. Dit om een goede afweging te kunnen maken over het nut en de noodzaak van de eventuele subsidie. Daarom moeten alle projecten voorzien zijn van bij voorkeur een kosten-batenanalyse, dan wel een kosten-effectiviteitsanalyse. De keuze tussen beide instrumenten wordt in overleg met de Stadsregio Amsterdam gemaakt tijdens één van de werksessies. Hierbij geldt dat de kosten-batenanalyse de voorkeur verdient gelet op het integrale karakter van deze analyse. Enkele uitzonderingen hierop, waarbij gekozen kan worden voor een kosten-effectiviteitsanalyse, zijn: Voor een aantal projecten geldt dat zowel geen KEA als MKBA ingezet hoeft te worden, het gaat om projecten onder de 1 miljoen euro en projecten waarvoor wordt gewerkt met normbedrag (een vaste bijdrage per eenheid, bijvoorbeeld vaste bijdrage voor kilometer fietspad of parkeerplek P&R). Voorbeeld: inzet afwegingsinstrumenten Voor de Investeringsagenda OV (Plan 22) is in 2013 een kosten-batenanalyse opgesteld. Daarin is gekeken naar de investeringen in de stad gericht op het verbeteren van frequentie, snelheid en betrouwbaarheid van het OV. In de kosten-batenanalyse is primair gekeken naar de belangrijkste effecten op reistijd, betrouwbaarheid en exploitatie. Andere effecten zijn kwalitatief meegenomen. De bijdrage van de verschillende maatregelen is onderbouwd middels een kosteneffectiviteitsanalyse. Hieruit is gebleken dat het merendeel van de maatregelen maatschappelijk gezien kosteneffectief is en een deel zelfs bedrijfseconomisch kosteneffectief is. De andere projecten, die solitair minder kosteneffectief zijn, zijn nodig vanwege hun netwerksamenhang of knooppuntfunctie. De uitkomst van de kosten-batenanalyse op programma niveau van de Investeringsagenda OV is positief. Hiermee is de nut en noodzaak aangetoond van de in dit programma opgenomen investeringen in de periode tot Het is dan ook niet nodig om bij de uitwerking van individuele maatregelen nader onderzoek te doen naar de nut en noodzaak, tenzij de feiten die gedurende de uitwerking van het specifieke project bekend worden, te veel afwijken van de aannames waarvan uit is gegaan in de kostenbatenanalyse op programmaniveau. 1. Indien sprake is van een klein project tussen 1 en 5 miljoen Euro en sprake is van een duidelijk hoofdeffect. 2. Indien het project onderdeel is van een programma waarvoor een kosten-batenanalyse is opgesteld. Voor de individuele projecten kan dan middels een kosten-effectiviteitsanalyse aangetoond worden wat de bijdrage is aan de hoofddoelstellingen (en) van het programma. 3. Indien het project middelgroot is en in de verkenningenfase zit kan volstaan worden met een kosten-effectiviteitsanalyse, tenzij in de planstudiefase alsnog een kosten-batenanalyse uitgevoerd wordt. De inzet van een kosteneffectiviteitsanalyse of kostenbatenanalyse is niet nodig om nut en noodzaak aan te tonen, maar kan wel ingezet worden om verschillende projectvarianten te vergelijken of mogelijkheden van optimalisatie te verkennen. Zo kan een negatieve uitkomst van de kosten-batenanalyse, mogelijk nog verbeteren. In de besluitvorming moet de koppeling worden gelegd met de bredere analyse op programmaniveau, de Stadsregio kan dit aanleveren bij de projectleider.

12 11 Niet alle OV-projecten die in onderzoek komen, zullen zijn opgenomen in de voor de Investeringsagenda OV uitgevoerde kosten-batenanalyse. Dit geldt bijvoorbeeld voor maatregelen op comforttrajecten, generieke projecten, projecten op knooppunten en projecten waarvan realisatie pas na 2025 is voorzien. De beoordeling van dit type projecten is maatwerk: per project dient in gezamenlijkheid te worden afgewogen welk afwegingsinstrument het meest geschikt is. In bijlage D is een beslisboom opgenomen waarin duidelijk de stappen voor het wel of niet toepassen van een afwegingsinstrument worden uitgelegd. 2.7 Vaststellen uitgangspunten Voor beide afwegingsinstrumenten, de kosteneffectiviteitsanalyse en de kosten-batenanalyse, gelden enkele algemene uitgangspunten. Deze worden hieronder beschreven. In de hoofdstukken hierna gaan we verder in op respectievelijk de methodiek van de kosteneffectiviteitsanalyse en die van de kosten-batenanalyse. Referentie en projectalternatief De effecten van een projectalternatief worden bepaald door een vergelijking te maken tussen de toekomstige situatie met het project (projectalternatief / kansrijke oplossingen) en de toekomstige situatie zonder het project (referentiealternatief). Welke effecten relevant zijn hangt af van het type project (zie bijlage C voor mogelijke effecten per type project). Algemene uitgangspunten Het vaststellen van het referentiealternatief is een belangrijke stap waar zorgvuldig mee omgegaan moet worden. Vanwege het streven naar een uniforme aanpak en beoordeling van de verschillende projecten, is het belangrijk om zoveel mogelijk uit te gaan van dezelfde referentiesituatie zonder project. Een aantal belangrijke keuzes is al gemaakt in het Handboek VENOM (24 januari 2012). Toekomstscenario s. Om de effecten van verschillende alternatieven voor langere periode te kunnen beschrijven, wordt gebruik gemaakt van toekomstscenario s (WLOscenario s). Conform het Handboek VENOM en de landelijke richtlijnen wordt aanbevolen om een hoger en lager economisch scenario te kiezen 6. Door beide scenario s te

13 12 bekijken, wordt een bandbreedte weergegeven waarbinnen het project zich waarschijnlijk zal ontwikkelen. Ruimtelijke ontwikkelingen. Daarnaast moet bekeken worden welke ruimtelijke (economische) ontwikkelingen in het studiegebied gepland zijn. In het Handboek VENOM is voor deze ontwikkelingen aangesloten bij de regionale ontwikkelingen volgens landelijke richtlijnen. Deze zijn verder verfijnd voor de regio en werken bijvoorbeeld door in alle verkeersmodellen. Benodigde input c.q. deelstudies Voor zowel de kosten-effectiviteitsanalyse als de kostenbatenanalyse moet duidelijk gemaakt worden welke input nodig is. Voor beide instrumenten gaat dat in ieder geval om een kostenraming en een vervoerwaardeanalyse. Deze handreiking gaat hier in de volgende hoofdstukken nader op in. Checklist input afwegingsinstrument Voor een juiste afweging is minimaal inzicht nodig in investeringskosten en de belangrijkste effecten op de doelstelling. De exacte informatie is afhankelijk van het type effecten dat in kaart gebracht wordt (zie bijlage C). Indien een verkeersmodel gebruikt wordt, dan is de volgende informatie minimaal gewenst: Herkomst-bestemmingsmatrices met verplaatsingen en reistijden (opgesplitst naar motief, dagdeel en/of deel van de reis). Voertuigkilometers naar type modaliteit (opgesplitst naar binnen en buiten bebouwde kom) Ondersteunende kaartbeelden met I/C-verhoudingen, voertuigverliesuren en/of intensiteiten. 2.8 Effectberekeningen In de vervoerwaardeanalyse wordt inzicht gegeven in het aantal gebruikers dat profijt heeft van het project (bijvoorbeeld weggebruikers, OV-reizigers of fietsers) en de reistijd effecten die optreden. Voor de vervoerwaardeanalyse kan gebruik gemaakt worden van een verkeersmodel, maar dit hoeft lang niet in alle gevallen. Een verkeersmodel is met name zinvol als de effecten op meerdere modaliteiten en lijnen doorwerken (netwerkeffecten). Indien er gebruik gemaakt wordt van een verkeersmodel, zal het verkeersmodel duidelijk benoemd moeten worden samen met eventuele projectspecifieke aannames. Er bestaan in de regio verschillende modellen. Per project kan beargumenteerd gekozen worden voor een verkeersmodel (zie ook overzichtstabel in bijlage B). De volgende stap is het berekenen van de effecten. Deze stap verloopt verschillend voor beide afwegingsinstrumenten. In de hoofdstukken 3 en 4 wordt ingegaan op respectievelijk de kosten-effectiviteitsanalyse en de kosten-batenanalyse. 2.9 Overleg In een overleg met betrokkenen worden de uitkomsten van de kosten-effectiviteits- of kosten-batenanalyse gepresenteerd. Tijdens dit overleg kan bekeken worden of de uitkomst overeen komt met de verwachtingen, zoals ook verwoord in het overleg aan het eind van de voorbereidingsfase. In hoofdstuk 5.1 worden enkele aandachtspunten gegeven voor de interpretatie van de uitkomsten. Huidige situatie 2020 zonder project 2020 met project { Projecteffect Naast een discussie over de uitkomsten kan tijdens het overleg ingegaan worden op de conclusies die uit die uitkomsten getrokken kunnen worden. Door deze met elkaar te bespreken alvorens ze uit te schrijven, neemt de kwaliteit en de bruikbaarheid van de conclusies toe. 6) Er wordt aanbevolen om te werken met de volgende lange termijn scenerio s van het Centraal Planbureau; Global Economy (GE) en Regional Communities (RC). Dit zijn de twee scenario s (van de vier beschikbare scenario s) met respectievelijk de hoogste en laagste economische groei.

Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC)

Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC) Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC) notitie Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Johan Visser April 2011 Pagina 1 van 9 scenario s en gevoeligheidsanalyse

Nadere informatie

Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC)

Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC) Kwaliteitstoets op Quick scan welvaartseffecten Herontwerp Brienenoord en Algeracorridor (HBAC) notitie Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Johan Visser April 2011 Pagina 1 van 9 Samenvatting Het Kennisinstituut

Nadere informatie

Kosteneffectiviteit en het programma Beter Benutten

Kosteneffectiviteit en het programma Beter Benutten Kosteneffectiviteit en het programma Beter Benutten Beter Benutten: kosteneffectieve maatregelen Rijk, regio en bedrijfsleven werken in het programma Beter Benutten samen om de bereikbaarheid in de drukste

Nadere informatie

Module: Ontbrekende schakel in netwerk

Module: Ontbrekende schakel in netwerk Module: Ontbrekende schakel in netwerk Invullen In de onderstaande tabel staat een toelichting op de in te vullen gegevens. Onderdeel Invoervariabelen Investeringen Meerkosten beheer- en onderhoud Reductie

Nadere informatie

Module: Aanpassing kruispunt

Module: Aanpassing kruispunt Module: Aanpassing kruispunt Invullen van de tool In de onderstaande tabel staat een toelichting op de in te vullen gegevens. Onderdeel Invoervariabelen Meerkosten beheer- en onderhoud Reductie reistijd

Nadere informatie

Nut & noodzaak MIRT-projecten. Review van het gebruik van economische scenario s bij doorrekening van MIRT-projecten

Nut & noodzaak MIRT-projecten. Review van het gebruik van economische scenario s bij doorrekening van MIRT-projecten Nut & noodzaak MIRT-projecten Review van het gebruik van economische scenario s bij doorrekening van MIRT-projecten Overzicht Korte introductie CE Delft Achtergrond Aanleiding en doel van het onderzoek

Nadere informatie

CORT & Krachtig. Versie 1.0, 14 maart 2014. CORT & KRACHTIG is ontwikkeld door het PubLab (HU) en Programmadirectie Beter Benutten (IenM)

CORT & Krachtig. Versie 1.0, 14 maart 2014. CORT & KRACHTIG is ontwikkeld door het PubLab (HU) en Programmadirectie Beter Benutten (IenM) CORT & Krachtig Versie 1.0, 14 maart 2014 CORT & KRACHTIG is ontwikkeld door het PubLab (HU) en Programmadirectie Beter Benutten (IenM) 1 CORT en Krachtig: inleiding Context: waarom CORT en Krachtig? Op

Nadere informatie

5 Opstellen businesscase

5 Opstellen businesscase 5 Opstellen In de voorgaande stappen is een duidelijk beeld verkregen van het beoogde project en de te realiseren baten. De batenboom geeft de beoogde baten in samenhang weer en laat in één oogopslag zien

Nadere informatie

Bereikbaarheid, MKBA en bekostiging

Bereikbaarheid, MKBA en bekostiging Bereikbaarheid, MKBA en bekostiging De MKBA is meer dan alleen maar een instrument om subsidie op te halen Dag van de lightrail, 28 Januari 2015 Barry Ubbels www.seo.nl - secretariaat@seo.nl - +31 20 525

Nadere informatie

Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject

Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject Succesvolle toepassing van 360 graden feedback: De keuze van het 360 instrument en de voorbereiding op het 360 traject Augustus 2011 Waar werknemers onderdeel zijn van een organisatie, wordt beoordeeld.

Nadere informatie

Goed op weg met de Mobiliteitsscan? Discussieer mee aan de hand van P+R als voorbeeldmaatregel.

Goed op weg met de Mobiliteitsscan? Discussieer mee aan de hand van P+R als voorbeeldmaatregel. Goed op weg met de Mobiliteitsscan? Discussieer mee aan de hand van P+R als voorbeeldmaatregel. Henk Tromp Hans Voerknecht Dirk Bussche (Henk Tromp en Dirk Bussche zijn werkzaam bij Goudappel Coffeng,

Nadere informatie

Second opinion kosten-batenanalyse MIRT Haaglanden. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Pauline Wortelboer

Second opinion kosten-batenanalyse MIRT Haaglanden. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Pauline Wortelboer Second opinion kosten-batenanalyse MIRT Haaglanden Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Pauline Wortelboer Mei 2012 Analyses van mobiliteit en mobiliteitsbeleid. Dat is waar het Kennisinstituut voor

Nadere informatie

Reactie op SEO-studie naar welvaartseffecten van splitsing energiebedrijven

Reactie op SEO-studie naar welvaartseffecten van splitsing energiebedrijven CPB Notitie Datum : 6 juli 2006 Aan : Ministerie van Economische Zaken Reactie op SEO-studie naar welvaartseffecten van splitsing energiebedrijven 1 Inleiding Op 5 juli 2006 heeft SEO, in opdracht van

Nadere informatie

Positieve effecten van de crisis: rationaliseren van keuzes beheer en onderhoud

Positieve effecten van de crisis: rationaliseren van keuzes beheer en onderhoud Positieve effecten van de crisis: rationaliseren van keuzes beheer en onderhoud Teije Gorris TNO Teije.Gorris@tno.nl Chris Engelsman Twynstra Gudde ceg@tg.nl Bijdrage aan het Colloquium Vervoersplanologisch

Nadere informatie

3. De bereikbaarheidsindicator

3. De bereikbaarheidsindicator 3. De bereikbaarheidsindicator Achtergrond Het begrip bereikbaarheid leidt nogal eens tot verwarring. Dit komt doordat onderzoekers, beleidsambtenaren en politici het begrip vanuit verschillende invalshoeken

Nadere informatie

Instrument: De maatschappelijke kostenbaten analyse van een warmteuitwisselingsproject. 1. Wat is een maatschappelijke kosten-batenanalyse?

Instrument: De maatschappelijke kostenbaten analyse van een warmteuitwisselingsproject. 1. Wat is een maatschappelijke kosten-batenanalyse? Instrument: De maatschappelijke kostenbaten analyse van een warmteuitwisselingsproject 1. WAT IS EEN MAATSCHAPPELIJKE KOSTEN-BATENANALYSE?...1 2. DE MAATSCHAPPELIJKE KOSTEN EN BATEN VAN EEN WARMTE-UITWISSELINGSPROJECT...2

Nadere informatie

Olde Bijvank Advies Organisatieontwikkeling & Managementcontrol. Datum: dd-mm-jj

Olde Bijvank Advies Organisatieontwikkeling & Managementcontrol. Datum: dd-mm-jj BUSINESS CASE: Versie Naam opdrachtgever Naam opsteller Datum: dd-mm-jj Voor akkoord: Datum: LET OP: De bedragen in deze business case zijn schattingen op grond van de nu beschikbare kennis en feiten.

Nadere informatie

OV-knooppunt met P+R bij De Punt. Analyse van nut en noodzaak

OV-knooppunt met P+R bij De Punt. Analyse van nut en noodzaak OV-knooppunt met P+R bij De Punt Analyse van nut en noodzaak Inhoud Aanleiding & doel van het onderzoek Probleemanalyse Oplossingsrichtingen Advies Aanleiding & doel van dit onderzoek Omgevingsvisie Drenthe:

Nadere informatie

MKBA basiscursus. Ervaringen met de cursus uit het kennis en leerprogramma van de ontwikkelagenda MKBA

MKBA basiscursus. Ervaringen met de cursus uit het kennis en leerprogramma van de ontwikkelagenda MKBA MKBA basiscursus Ervaringen met de cursus uit het kennis en leerprogramma van de ontwikkelagenda MKBA Amersfoort, 2 oktober 2013 Niels Hoefsloot Doelen Ontwikkelagenda MKBA werken aan de MKBA werken met

Nadere informatie

Projectvoorstellen maken

Projectvoorstellen maken Projectvoorstellen maken 1. Kader 1.1. Gebruiksaanwijzing 1.2. Wat zijn de eisen aan een projectvoorstel? 2. Inleiding 2.1 Signalering 2.2 Vooronderzoek 2.3 Probleemsituatie 3. Doelstellingen en randvoorwaarden

Nadere informatie

DVM in Amsterdam, de ambities waargemaakt door de systemen!

DVM in Amsterdam, de ambities waargemaakt door de systemen! (Bijdragenr. 56) DVM in Amsterdam, de ambities waargemaakt door de systemen! Bert van der Veen Advin b.v. Rien Borhem Gemeente Amsterdam 1. Inleiding Om het verkeer in goede banen te leiden wordt steeds

Nadere informatie

Stappenplan nieuwe Dorpsschool

Stappenplan nieuwe Dorpsschool Stappenplan nieuwe Dorpsschool 10 juni 2014 1 Inleiding Het college van burgemeester en wethouders heeft op 10 juni 2014 dit stappenplan vastgesteld waarin op hoofdlijnen is weergegeven op welke wijze

Nadere informatie

Kracht van Utrecht. De ladder van Verdaas Trede 5. Beter benutten bestaande infra: Opties voor binnen de bak van Amelisweerd

Kracht van Utrecht. De ladder van Verdaas Trede 5. Beter benutten bestaande infra: Opties voor binnen de bak van Amelisweerd Kracht van Utrecht De ladder van Verdaas Trede 5 Beter benutten bestaande infra: Opties voor binnen de bak van Amelisweerd MER 2 de fase en Kosten-Baten-Analyse-Aspecten Ir. Jan Fransen Drs. Jan Morren

Nadere informatie

Stappenplan Social Return on Investment. Onderdeel van de Toolkit maatschappelijke business case ehealth

Stappenplan Social Return on Investment. Onderdeel van de Toolkit maatschappelijke business case ehealth Stappenplan Social Return on Investment Onderdeel van de Toolkit maatschappelijke business case ehealth 1 1. Inleiding Het succesvol implementeren van ehealth is complex en vraagt investeringen van verschillende

Nadere informatie

Inschatting duurzaamheidseffecten. programma. Goudappel Coffeng, 2 december 2013

Inschatting duurzaamheidseffecten. programma. Goudappel Coffeng, 2 december 2013 Inschatting duurzaamheidseffecten programma Beter Benutten Goudappel Coffeng, 2 december 2013 2 Colofon Dit document is opgesteld door de Goudappel Coffeng in samenwerking met Rijkswaterstaat Water, Verkeer

Nadere informatie

rendement van cultureel erfgoed

rendement van cultureel erfgoed 29 januari 2013: Het effect van investeringsprojecten op het maatschappelijk rendement van cultureel erfgoed Floris Lazrak VU University RIGO Research en Advies Floris.Lazrak@rigo.nl Inleiding De bescherming

Nadere informatie

&\toirly Dat.ontv.: 2 4 DEC 2015

&\toirly Dat.ontv.: 2 4 DEC 2015 PROVINCIALE STATEN VAN OVERIJSSEL Reg.nr. &\toirly Dat.ontv.: 2 4 DEC 2015 Luttenbergstraat 2 Postbus 10078 8000 GB Zwolle Telefoon 038 499 88 99 Fax 038 425 48 88 overijssel.nl postbus@overljssel.nl Provinciale

Nadere informatie

Second opinion quick scan KBA Aquaduct Skarster Rien. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Pauline Wortelboer-van Donselaar

Second opinion quick scan KBA Aquaduct Skarster Rien. Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid. Pauline Wortelboer-van Donselaar Second opinion quick scan KBA Aquaduct Skarster Rien Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid Pauline Wortelboer-van Donselaar Juni 2013 Analyses van mobiliteit en mobiliteitsbeleid. Dat is waar het Kennisinstituut

Nadere informatie

Nieuwe data voor (nieuwe) OV modellen

Nieuwe data voor (nieuwe) OV modellen Nieuwe data voor (nieuwe) OV modellen Beeld plaatsen ter grootte van dit kader Niels van Oort Ties Brands Erik de Romph 2 Uitdagingen in het OV Kosten staan onder druk: lijnen schrappen, frequenties verlagen?

Nadere informatie

Startnotitie Visie winkelcentra Heemstede (eerste fase)

Startnotitie Visie winkelcentra Heemstede (eerste fase) Startnotitie Visie winkelcentra Heemstede (eerste fase) 1. Inleiding In het collegeakkoord voor de periode 2014-2018 is als één van de doelstellingen geformuleerd: Het college zet zich in voor een florerende

Nadere informatie

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten

Samenvatting ... ... Tabel 1 Kwalitatieve typering van de varianten Samenvatting................. In juli 2008 heeft de Europese Commissie een strategie uitgebracht om de externe kosten in de vervoersmodaliteiten te internaliseren. 1 Op korte termijn wil de Europese Commissie

Nadere informatie

Resultaat Toetsing TNO Lean and Green Awards

Resultaat Toetsing TNO Lean and Green Awards ID Naam Koploper Datum toetsing 174 M. Van Happen Transport BV 2-4-2012 Toetsingscriteria 1. Inhoud en breedte besparingen 2. Nulmeting en meetmethode 3. Haalbaarheid minimaal 20% CO2-besparing na 5 jaar

Nadere informatie

Rapport: Hillegoms Verkeers- en Vervoerplan (HVVP)

Rapport: Hillegoms Verkeers- en Vervoerplan (HVVP) GEMEENTE HILLEGOM Hoofdstraat 115 2181 EC Hillegom T 14 0252 Postbus 32, 2180 AA Hillegom F 0252-537 290 E info@hillegom.nl I www.hillegom.nl Rapport: Hillegoms Verkeers- en Vervoerplan (HVVP) Onderdeel

Nadere informatie

INITIATIEFVOORSTEL Gemeente Velsen

INITIATIEFVOORSTEL Gemeente Velsen INITIATIEFVOORSTEL Gemeente Velsen Raadsvergadering d.d. : 1 december 2011 Raadsbesluitnummer : R11.081 Carrousel d.d. : 17 november 2011 Onderwerp : Eindrapport Rekenkamercommissie kwaliteit Grondbeleid

Nadere informatie

STAPPENPLAN: ONTWIKKELEN VAN VRAAGGERICHTE MODULAIRE ZORG EN DIENSTVERLENING

STAPPENPLAN: ONTWIKKELEN VAN VRAAGGERICHTE MODULAIRE ZORG EN DIENSTVERLENING STAPPENPLAN: ONTWIKKELEN VAN VRAAGGERICHTE MODULAIRE ZORG EN DIENSTVERLENING Inhoudsopgave Inleiding Stap 1: Identificeren van doelgroepen en hun behoeften Stap 2: Samenstellen multidisciplinaire projectgroep

Nadere informatie

Modellen als hulpmiddel bij het ontwerpen van een optimaal multimodaal verkeersnetwerk Ties Brands 06/03/2014 1

Modellen als hulpmiddel bij het ontwerpen van een optimaal multimodaal verkeersnetwerk Ties Brands 06/03/2014 1 Modellen als hulpmiddel bij het ontwerpen van een optimaal multimodaal verkeersnetwerk Ties Brands 06/03/2014 1 Ties Brands Promovendus bij Centre for Transport Studies Dagelijks begeleider: Luc Wismans

Nadere informatie

6. Project management

6. Project management 6. Project management Studentenversie Inleiding 1. Het proces van project management 2. Risico management "Project management gaat over het stellen van duidelijke doelen en het managen van tijd, materiaal,

Nadere informatie

Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer. 1. Inleiding

Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer. 1. Inleiding Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer 1. Inleiding Zoetermeer wil zich de komende jaren ontwikkelen tot een top tien gemeente qua duurzaam leefmilieu. In het programma duurzaam Zoetermeer

Nadere informatie

IAK. Het Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving. 3 fasen. in kaart en kleur

IAK. Het Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving. 3 fasen. in kaart en kleur IAK 3 fasen Het Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving in kaart en kleur wat is het IAK? Het Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving (IAK) is zowel een werkwijze als een bron van

Nadere informatie

Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der Meer)

Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der Meer) Vergadering: 11 december 2012 Agendanummer: 12 Status: Besluitvormend Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 E mail: gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der

Nadere informatie

Plan van aanpak overweg(en)naam i.h.k.v. het Landelijk Verbeterprogramma Overwegen

Plan van aanpak overweg(en)naam i.h.k.v. het Landelijk Verbeterprogramma Overwegen Plan van aanpak overweg(en)naam i.h.k.v. het Landelijk Verbeterprogramma Overwegen Datum 13 mei 2015 Status Definitief Handreiking opbouw voor een door een wegbeheerder in te dienen initieel Plan van Aanpak;

Nadere informatie

Economisch perspectief verdieping Nieuwe Waterweg / Botlek

Economisch perspectief verdieping Nieuwe Waterweg / Botlek Economisch perspectief verdieping Nieuwe Waterweg / Botlek Sigrid Schenk Irene Pohl Rotterdam, januari 2014 Aanleiding voor verdieping NWW / Botlek Page 2 BRON: HBR Het Botlekgebied / Pernis vormt het

Nadere informatie

Analysekader: uw verandertraject in kaart!

Analysekader: uw verandertraject in kaart! Analysekader: uw verandertraject in kaart! Op weg naar een toekomstbestendige organisatie Met deelname aan In voor zorg! (IVZ) werkt u aan de toekomstbestendigheid van uw organisatie. De omgeving verandert

Nadere informatie

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR datum vergadering 17 juni 2010 auteur Daniëlle Vollering telefoon 033-43 46 133 e-mail dvollering@wve.nl afdeling Staf behandelend bestuurder drs. J.M.P. Moons onderwerp agendapunt Uitkomst en benutting

Nadere informatie

MKBA Windenergie Lage Weide Samenvatting

MKBA Windenergie Lage Weide Samenvatting MKBA Windenergie Lage Weide Delft, april 2013 Opgesteld door: G.E.A. (Geert) Warringa M.J. (Martijn) Blom M.J. (Marnix) Koopman Inleiding Het Utrechtse College en de Gemeenteraad zetten in op de ambitie

Nadere informatie

Plan van aanpak Uitvoeringsprogramma OV Holland Rijnland

Plan van aanpak Uitvoeringsprogramma OV Holland Rijnland Plan van aanpak Uitvoeringsprogramma OV Holland Rijnland Projectnaam/ onderwerp: Uitvoeringsprogramma OV Holland Rijnland Status: concept Datum en versienr.: 14 november 2011, versie 1.1 Naam auteur(s):

Nadere informatie

HANDLEIDING VOOR HET OPSTELLEN VAN MEETBARE DOELSTELLINGEN

HANDLEIDING VOOR HET OPSTELLEN VAN MEETBARE DOELSTELLINGEN HANDLEIDING VOOR HET OPSTELLEN VAN MEETBARE DOELSTELLINGEN drs. A.L. Roode Centrum voor Onderzoek en Statistiek (COS) juni 2006 Centrum voor Onderzoek en Statistiek (COS) Auteur: drs. A.L. Roode Project:

Nadere informatie

Het stuurmodel voor een opdrachtgever

Het stuurmodel voor een opdrachtgever Het stuurmodel voor een opdrachtgever Ir. Derk K. Kremer 1. Inleiding In één van mijn eerdere artikelen heb ik al aangegeven dat de rol van opdrachtgever op zich geen moeilijke rol is. Voor een ervaren

Nadere informatie

Life Cycle. Management. . als aandachtsgebied binnen Asset Management. Jaap Bakker Senior Adviseur Asset Management Rijkswaterstaat.

Life Cycle. Management. . als aandachtsgebied binnen Asset Management. Jaap Bakker Senior Adviseur Asset Management Rijkswaterstaat. Realisatie Verkenning Planuitwerking Life Cycle Prestaties Life Cycle Risico s Life Cycle Kosten Life Cycle Management. als aandachtsgebied binnen Asset Management Beheer, onderhoud, exploitatie Jaap Bakker

Nadere informatie

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Plan van Aanpak POV Auteur: Datum: Versie: POV Macrostabiliteit Pagina 1 van 7 Definitief 1 Inleiding Op 16 november hebben wij van u

Nadere informatie

Maatschappelijke kosten baten analyse (MKBA)

Maatschappelijke kosten baten analyse (MKBA) Maatschappelijke kosten baten analyse (MKBA) Een introductie Inhoud Deel 1 - Theorie Wat is een MKBA? Hoe stel ik een MKBA op? Voor- en nadelen Deel 2 - Praktijk Praktijkvoorbeeld: bedrijventerrein t Heen

Nadere informatie

Meetlat Projectplanning, monitoring & evaluatie

Meetlat Projectplanning, monitoring & evaluatie Meetlat Projectplanning, monitoring & evaluatie Managementsamenvatting/advies: Meetlat met toetscriteria Toetscriterium 1. Kansen en bedreigingen, behoefte- en omgevingsanalyse Door een analyse te maken

Nadere informatie

Startbeslissing. Verbreding A4 Vlietland N14. Datum 12 september 2013. De Minister van Infrastructuur en Milieu, mw. drs. Schultz van Haegen.

Startbeslissing. Verbreding A4 Vlietland N14. Datum 12 september 2013. De Minister van Infrastructuur en Milieu, mw. drs. Schultz van Haegen. Startbeslissing Verbreding A4 Vlietland N14 Datum 12 september 2013 Status Eindversie De Minister van Infrastructuur en Milieu, mw. drs. Schultz van Haegen. Inhoud 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Afbakening

Nadere informatie

Bijlage 5. Concept overeenkomst Uitvoeringsafspraken Verkeer en Vervoer Gemeente. Stadsregio 2004 tot en met 2007

Bijlage 5. Concept overeenkomst Uitvoeringsafspraken Verkeer en Vervoer Gemeente. Stadsregio 2004 tot en met 2007 Bijlage 5 Concept overeenkomst Uitvoeringsafspraken Verkeer en Vervoer Gemeente. Stadsregio 2004 tot en met 2007 De Partijen A. De gemeente, ingevolge artikel 171 van de Gemeentewet, te dezen vertegenwoordigd

Nadere informatie

Gemeentelijk verkeer en vervoersplan en Verkeersmodel Venray. OV en modellen. Robert van Leusden. - Anne Koot. - Eric Pijnappels

Gemeentelijk verkeer en vervoersplan en Verkeersmodel Venray. OV en modellen. Robert van Leusden. - Anne Koot. - Eric Pijnappels Gemeentelijk verkeer en vervoersplan en Verkeersmodel Venray OV en modellen Robert van Leusden - Anne Koot - Eric Pijnappels Doel In beeld brengen mogelijkheden verkeersmodellen voor beantwoorden OV-beleidsvragen

Nadere informatie

Projectformat Agenda van Twente, jaarschijf 2010 Aanvrager: gemeente Almelo Project : Transitiestrategie Noordflank Bijlagen:

Projectformat Agenda van Twente, jaarschijf 2010 Aanvrager: gemeente Almelo Project : Transitiestrategie Noordflank Bijlagen: Projectformat Agenda van Twente, jaarschijf 2010 Aanvrager: gemeente Almelo Project : Transitiestrategie Noordflank Bijlagen: Algemene informatie over het project Aanleiding voor het project Het Almelose

Nadere informatie

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek.

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. In de BEROEPSCOMPETENTIES CIVIELE TECHNIEK 1 2, zijn de specifieke beroepscompetenties geformuleerd overeenkomstig de indeling van het beroepenveld.

Nadere informatie

Rapport Methodiek Risicoanalyse

Rapport Methodiek Risicoanalyse Versie 1.5 31 december 2014 A.L.M. van Heijst emim drs. R.B. Kaptein drs. A. J. Versteeg Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Methodiek... 3 3. Stappenplan uitvoering risicoanalyse... 6 3.1 Landelijke risicoanalyse...

Nadere informatie

De Ronde 21-06-2011 Aanvang: 19:00

De Ronde 21-06-2011 Aanvang: 19:00 De Ronde 21-06-2011 Aanvang: 19:00 Tijd Raadzaal 1.02 Molendijkzaal 0.01 Vermeerzaal 1.03 19:00 Basisrichting Structuurvisie Amersfoort 2030 Informatie Regionaal Werkvoorzieningschap Amersfoort en omgeving:

Nadere informatie

S A U S R R A O E. Naar lagere lokale emissies in de stadsregio Arnhem Nijmegen

S A U S R R A O E. Naar lagere lokale emissies in de stadsregio Arnhem Nijmegen S R L G S A H R R U T Y O U A E E D R A F O R A S Naar lagere lokale emissies in de stadsregio Arnhem Nijmegen Eolus Naar lagere lokale emissies in de stadsregio Arnhem Nijmegen Het programma Eolus beantwoordt

Nadere informatie

Werkinstructie van GREX naar MKBA

Werkinstructie van GREX naar MKBA Werkinstructie van GREX naar MKBA Symposium Betere Besluitvorming met MKBA Jaap Bovens Senior Adviseur Amersfoort, 2 oktober 2013 Buck Consultants International Postbus 1456 6501 BL Nijmegen Telnr : 024

Nadere informatie

Business case modelcasus

Business case modelcasus 1/5 Modelcasus Van Bleek fabriek - Business Case Business case modelcasus Inleiding De Business case geeft antwoord op de vraag of het financiële resultaat over de gehele levensduur van het project voldoende

Nadere informatie

Kosten-batenanalyse toelichting en uitkomsten

Kosten-batenanalyse toelichting en uitkomsten ten Haaglanden Katwijk Gemeente Katwijk Rijnsburg Gemeente Oegstgeest Leiden Gemeente Leiden Leiderdorp Wassenaar A44 Gemeente Leiderdorp Gemeente Wassenaar N44 Gemeente Voorschoten Voorschoten Gemeente

Nadere informatie

Maatschappelijke Kosten Baten Analyse Waarheen met het Veen

Maatschappelijke Kosten Baten Analyse Waarheen met het Veen Maatschappelijke Kosten Baten Analyse Waarheen met het Veen Ernst Bos en Theo Vogelzang (LEI) Opgave LEI: Beoordeel peilstrategieën Groene Hart op basis van Maatschappelijke Kosten en Baten Opbouw presentatie:

Nadere informatie

handleiding Veiligheidsplanner voorwoord inleiding De stappen van de Lokale stap 01 profiel stap 02 wat is het probleem? stap 03 wat doen wij al?

handleiding Veiligheidsplanner voorwoord inleiding De stappen van de Lokale stap 01 profiel stap 02 wat is het probleem? stap 03 wat doen wij al? handleiding lokale veiligheidsplanner 1 veiligheid door samenwerking handleiding handleiding lokale veiligheidsplanner 2 Welkom bij de internettoepassing Lokale. Het Centrum voor Criminaliteitspreventie

Nadere informatie

Mededeling van het college aan de gemeenteraad (2013-119)

Mededeling van het college aan de gemeenteraad (2013-119) Onderwerp: Nota verkeerslichten 2013 Portefeuillehouder: Wethouder Drenth Datum: 24 oktober 2013 Aanleiding voor de mededeling Doetinchem werkt hard aan het verbeteren van haar bereikbaarheid. Het is daarbij

Nadere informatie

Rapport bij de jaarstukken 2007 provincies Noord-Brabant en Limburg

Rapport bij de jaarstukken 2007 provincies Noord-Brabant en Limburg Startnotitie Rapport bij de jaarstukken 2007 provincies Noord-Brabant en Limburg 1 Aanleiding voor het onderzoek In de jaarrekening en het jaarverslag leggen Gedeputeerde Staten jaarlijks verantwoording

Nadere informatie

De vergeten baten van light rail

De vergeten baten van light rail De vergeten baten van light rail dr. ir. Niels van Oort Assistant professor openbaar vervoer Dag van de Light rail, Maart 2013 1 Inhoud Transport Institute Delft Light rail De vergeten baten van light

Nadere informatie

Samen aan de IJssel Inleiding

Samen aan de IJssel Inleiding Samen aan de IJssel Samenwerking tussen de gemeenten Capelle aan den IJssel en Krimpen aan den IJssel, kaders voor een intentieverklaring en voor een onderzoek. Inleiding De Nederlandse gemeenten bevinden

Nadere informatie

Startnotitie Visie winkelcentra Heemstede- fase 2

Startnotitie Visie winkelcentra Heemstede- fase 2 Startnotitie Visie winkelcentra Heemstede- fase 2 1. Inleiding In het collegeakkoord voor de periode 2014-2018 is als één van de doelstellingen geformuleerd: Het college zet zich in voor een florerende

Nadere informatie

Big Data en OV Beeld plaatsen ter grootte van dit kader

Big Data en OV Beeld plaatsen ter grootte van dit kader Big Data en OV Beeld plaatsen ter grootte van dit kader Kansen op beter en efficiënter OV Niels van Oort 2 Uitdagingen in het OV Kosten staan onder druk: lijnen schrappen, frequenties verlagen? Reiziger

Nadere informatie

Notitie Hoe verhoudt de Gebiedsvisie A15-A12 zich tot de afspraken in de bestuursovereenkomst

Notitie Hoe verhoudt de Gebiedsvisie A15-A12 zich tot de afspraken in de bestuursovereenkomst Projectbureau ViA15 Datum: 22 oktober 2008 Notitie Hoe verhoudt de Gebiedsvisie A15-A12 zich tot de afspraken in de bestuursovereenkomst Op 28 augustus 2008 heeft projectbureau ViA15 formeel de met erratum

Nadere informatie

Commentaar bij het Onderzoeksrapport Tussenfase Planstudie Ring Utrecht (Twijnstra&Gudde, november 2009)

Commentaar bij het Onderzoeksrapport Tussenfase Planstudie Ring Utrecht (Twijnstra&Gudde, november 2009) Commentaar bij het Onderzoeksrapport Tussenfase Planstudie Ring Utrecht (Twijnstra&Gudde, november 2009) Op 3 juli 2009 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen over De Kracht van Utrecht. Deze luidde

Nadere informatie

De auto als actuator

De auto als actuator De auto als actuator Martie van der Vlist Goudappel Coffeng BV mvdvlist@goudappel.nl Rolf Krikke Quest-TC rolf@quest-tc.nl Samenvatting De auto als actuator Communicatiemiddelen in de auto worden gebruikt

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2531 AA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2531 AA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2531 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie

MKBA Windenergie binnen de 12-mijlszone

MKBA Windenergie binnen de 12-mijlszone MKBA Windenergie binnen de 12-mijlszone Den Haag, 3 november 2014 Niels Hoefsloot Ruben Abma Inhoud presentatie 1. Onderzoeksmethode en uitgangspunten 2. Directe effecten 3. Indirecte/externe effecten

Nadere informatie

ACTIEPLAN FIETS 2009. Actieplan Fiets 2009 1

ACTIEPLAN FIETS 2009. Actieplan Fiets 2009 1 ACTIEPLAN FIETS 2009 1 Inhoudsopgave 1 INLEIDING...3 2 MAATREGELEN...4 2.1 VERBETERING/ COMPLETERING FIETSNETWERK...4 2.2 FIETSPARKEREN...4 2.3 EDUCATIE, COMMUNICATIE EN HANDHAVING...5 2.4 MONITORING DOELSTELLING

Nadere informatie

Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon

Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon Maatschappelijke Kosten- en Baten Analyse: energie uit wind en zon. Inleiding Het veenkoloniaal gebied in Drenthe is door het Rijk aangewezen

Nadere informatie

Recept 4: Hoe meten we praktisch onze resultaten? Weten dat u met de juiste dingen bezig bent

Recept 4: Hoe meten we praktisch onze resultaten? Weten dat u met de juiste dingen bezig bent Recept 4: Hoe meten we praktisch onze resultaten? Weten dat u met de juiste dingen bezig bent Het gerecht Het resultaat: weten dat u met de juiste dingen bezig bent. Alles is op een bepaalde manier meetbaar.

Nadere informatie

Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor Second opinion

Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor Second opinion Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor Second opinion Jan Francke Jan Anne Annema oktober 2007 Second opinion ProRail studie Marktverwachting vervoer gevaarlijke stoffen per spoor...............................................................................

Nadere informatie

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V.

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Balanced Scorecard Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 9 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER... 3 2 DE

Nadere informatie

Energiemanagementprogramma HEVO B.V.

Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Opdrachtgever HEVO B.V. Project CO2 prestatieladder Datum 7 december 2010 Referentie 1000110-0154.3.0 Auteur mevrouw ir. C.D. Koolen Niets uit deze uitgave mag zonder

Nadere informatie

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ sformulier voor de projectvoorstellen. sformulier projectvoorstellen KFZ Callronde: Versie 14-02-13 Instelling: Naam project: 1) Algemeen Het beoordelingsformulier wordt gebruikt om de projectvoorstellen

Nadere informatie

HET PROJECTPLAN. a) Wat is een projectplan?

HET PROJECTPLAN. a) Wat is een projectplan? HET PROJECTPLAN a) Wat is een projectplan? Vrijwel elk nieuw initiatief krijgt de vorm van een project. In het begin zijn het wellicht vooral uw visie, ideeën en enthousiasme die ervoor zorgen dat de start

Nadere informatie

Gebied, locatie of lijn!? Projectontwikkeling ViA15

Gebied, locatie of lijn!? Projectontwikkeling ViA15 Gebied, locatie of lijn!? Projectontwikkeling ViA15 David van Hasselt Projectbureau ViA15 t.b.v. Kennismiddag RO & bereikbaarheid LEF Futurcenter Rijkswaterstaat d.d. 22 oktober 2008 Problemen rond Arnhem

Nadere informatie

Energie Management Programma. InTraffic

Energie Management Programma. InTraffic Energie Management Programma InTraffic Wijzigingsblad Versie Datum Auteur Wijzigingen 0.1 17/2/2012 Marije de Vreeze Opzet structuur 0.2 13/3/2012 Marije de Vreeze Gegevens 0.3 5/4/2012 Dirk Bijkerk Input

Nadere informatie

Overzicht reacties externe partijen op strategische MER Hoevelaken en hoe hier mee om te gaan

Overzicht reacties externe partijen op strategische MER Hoevelaken en hoe hier mee om te gaan Overzicht reacties externe partijen op strategische MER Hoevelaken en hoe hier mee om te gaan Het eindconcept MER is gepresenteerd tijdens diverse raadscommissies van de betrokken gemeente en tijdens informatieavonden

Nadere informatie

StadsDashboard. Staat van de Stad brengt slimme logistiek in beeld. Merle Blok 12 mei 2015

StadsDashboard. Staat van de Stad brengt slimme logistiek in beeld. Merle Blok 12 mei 2015 StadsDashboard Staat van de Stad brengt slimme logistiek in beeld Merle Blok 12 mei 2015 Missie TNO verbindt mensen en kennis om innovaties te creëren die de concurrentiekracht van bedrijven en het welzijn

Nadere informatie

Wilt u continu verbeteren én besparen?

Wilt u continu verbeteren én besparen? Wilt u continu verbeteren én besparen? RORE staat voor Return on Real Estate; continu verbeteren en besparen mét uw vastgoedportefeuille. Middels de RORE-raamovereenkomst wordt afgesproken dat wij risicodragend,

Nadere informatie

Meerwaarde van microsimulatiemodel bij het beoordelen van EMVI. Ervaringen uit aanbesteding N242-Zuidtangent-Broekerweg

Meerwaarde van microsimulatiemodel bij het beoordelen van EMVI. Ervaringen uit aanbesteding N242-Zuidtangent-Broekerweg Meerwaarde van microsimulatiemodel bij het beoordelen van EMVI Ervaringen uit aanbesteding N242-Zuidtangent-Broekerweg Inhoud 2 Inleiding 3 N242 Regionale stroomweg Verbinding regio Alkmaar met noord NL

Nadere informatie

Extra impuls gemeenten voor afvalpreventie en afvalscheiding huishoudelijk afval

Extra impuls gemeenten voor afvalpreventie en afvalscheiding huishoudelijk afval Extra impuls gemeenten voor afvalpreventie en afvalscheiding huishoudelijk afval Inhoud 1. Inleiding 3 2. Opzet plannen voor ondersteuning 4 3. Plannen voor verminderen huishoudelijk restafval 5 3.1 Eisen

Nadere informatie

HET KWALITEITSSTRUCTUURPLAN

HET KWALITEITSSTRUCTUURPLAN HET KWALITEITSSTRUCTUURPLAN 1. INLEIDING De omvang van de kosten voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte wordt bepaald door: - Stedenbouwkundige opzet (woon- en werkmilieus: verdeling van grond)

Nadere informatie

Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu!

Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu! 18 Optimaliseren afsluiten rapportage proces: juist nu! Belang van snelle en betrouwbare informatie groter dan ooit Drs. Wim Kouwenhoven en drs. Maarten van Delft Westerhof Drs. W.P. Kouwenhoven is manager

Nadere informatie

Factsheet eerste effecten Beter Benutten regio Twente

Factsheet eerste effecten Beter Benutten regio Twente Factsheet Factsheet eerste Beter effecten Benutten Beter Benutten regio Maastricht regio Twente Factsheet eerste effecten Beter Benutten regio Twente Inleiding Voor de montoring en evaluatie van de tien

Nadere informatie

Workspace Design Onderzoeksopzet voor SOZAWE

Workspace Design Onderzoeksopzet voor SOZAWE Workspace Design Onderzoeksopzet voor SOZAWE Datum: 16 december 2010 Ir. Jan Gerard Hoendervanger Docent-onderzoeker Lectoraat Vastgoed Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling NoorderRuimte Hanzehogeschool Groningen

Nadere informatie

De rol van de controller bij VBTB

De rol van de controller bij VBTB Drs. Yolanda van Koppen en drs. Macs Rosielle, management consultants bij CMG Public Sector BV, divisie Management Consultancy OVERHEID Doelstellingen vasthouden met behulp van het INK-managementmodel

Nadere informatie

TEN effecten in Den Haag, Duurzaam Dynamisch Verkeersmanagement door integrale afweging van Traffic, Emissie en Noise (TEN) bij inzet van scenario s

TEN effecten in Den Haag, Duurzaam Dynamisch Verkeersmanagement door integrale afweging van Traffic, Emissie en Noise (TEN) bij inzet van scenario s TEN effecten in Den Haag, Duurzaam Dynamisch Verkeersmanagement door integrale afweging van Traffic, Emissie en Noise (TEN) bij inzet van scenario s Tanja Vonk (TNO) Arjen Reijneveld (Gemeente Den Haag)

Nadere informatie

"! " # $ % & ' ( ) % * ' ( $ +, -! *

!  # $ % & ' ( ) % * ' ( $ +, -! * ! "!"#$ %&' () %*' ($ +,-!* Maatschappelijke kosten baten analyses Jeroen Frissen Maatschappelijk rendement in het nieuws De maatschappelijke nutsfunctie van schiphol als mainport van Nederland wordt de

Nadere informatie