Trefwoorden: gehospitaliseerde patiënten, kwaliteit van dienstverlening, patiëntentevredenheid, vragenlijsten, zorg

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Trefwoorden: gehospitaliseerde patiënten, kwaliteit van dienstverlening, patiëntentevredenheid, vragenlijsten, zorg"

Transcriptie

1 ABSTRACT Titel: Het meten van percepties van tevredenheid en kwaliteit van dienstverlening door patiënten: een vergelijkende studie. Doel: Deze masterproef beoogt onderzoek naar de mate van overeenstemming tussen percepties van tevredenheid en kwaliteit van dienstverlening bij gehospitaliseerde patiënten. Methode: Een cross-sectioneel onderzoek werd uitgevoerd bij een steekproef van zeven afdelingen in een Universitair Ziekenhuis in België. Na data-cleaning werden 205 patiënten behouden (respons ratio: 68%). Patiënten werden gevraagd om zowel een vragenlijst die peilt naar kwaliteit van dienstverlening als een vragenlijst die peilt naar patiëntentevredenheid in te vullen. Een exploratieve factoranalyse werd uitgevoerd voor beide vragenlijsten. De Cronbach alpha s werden berekend. Een bivariate correlatie werd uitgevoerd op de factoren van de beide vragenlijsten. Bevindingen: De exploratieve factoranalyse bracht vier factoren naar voor bij de SERVQUALvragenlijst en zes factoren bij de patiënttevredenheidvragenlijst. Het vierfactoren model werd bevestigd met een Cronbach alpha die groter was dan 0,75. Het zesfactor model werd niet helemaal bevestigd met een Cronbach alpha die groter was dan 0,67 voor vijf factoren, één factor had een Cronbach alpha van 0,37; r=0,16 (p=0,078). Er was een significante correlatie tussen verschillende factoren van de twee vragenlijsten, echter niet tussen alle factoren. Onze bevindingen geven aan dat de percepties van kwaliteit en tevredenheid van patiënten allebei belangrijk zijn om te meten. Conclusie: Uit de data kunnen we voorlopig besluiten dat tevredenheid en kwaliteit van zorg gecorreleerd zijn maar elkaar niet kunnen vervangen. Trefwoorden: gehospitaliseerde patiënten, kwaliteit van dienstverlening, patiëntentevredenheid, vragenlijsten, zorg I

2 INHOUDSTAFEL Abstract Inhoudstafel Woord Vooraf I II IV Inleiding 1. Tevredenheid en kwaliteit Meten van tevredenheid en kwaliteit Problemen bij het bevragen Bevragen van de NAHpatiënt. 6 Het onderzoek. 7 Engelstalig artikel 1. Abstract Introduction & Background The study Results Discussion Conclusion References 31 Conclusie 35 Voorstel voor vervolgonderzoek 36 Literatuurlijst 37 Bijlagen Bijlage 1: informatiebrief aan de verpleging. Bijlage 2: informatiebrief aan de patiënt. Bijlage 3: algemene informatie over de patiënt. Bijlage 4: SERVQUAL vragenlijst. Bijlage 5: tevredenheidvragenlijst. II

3 Bijlage 6: officiële vertaling van tevredenheidvragenlijst. Bijlage 7: opvolgdocument 1 Bijlage 8: opvolgdocument 2 Bijlage 9: opvolgdocument 3 Bijlage 10: opvolgdocument 4 Bijlage 11: opvolgdocument 5 Bijlage 12: opvolgdocument 6 Bijlage 13: opvolgdocument 7 Bijlage 14: opvolgdocument 8 Bijlage 15: opvolgdocument 9 Bijlage 16: opvolgdocument 10 Bijlage 17: opvolgdocument 11 Bijlage 18: opvolgdocument 12 Bijlage 19: opvolgdocument 13 Bijlage 20: opvolgdocument 14 III

4 WOORD VOORAF Ik wil hier een woord van dank richten aan mijn promotor Prof Dr Rik Verhaeghe voor het samen zoeken, discussiëren, nadenken over het onderwerp van deze masterproef en voor het nalezen, feedback geven over deelstappen tijdens het wordingsproces van dit geschrift. Ik wil ook Prof Dr Bart Vandekerckhove bedanken voor het accepteren van het co-promotorschap. Mijn dank gaat ook uit naar Prof Dr Dirk De Bacquer voor de goede raad tijdens de statistische verwerking van de data. Gert Lambrecht. IV

5 INLEIDING 1. Tevredenheid en kwaliteit. Kwaliteit van zorg en patiëntentevredenheid over de zorg zijn heel belangrijke begrippen geworden. Door het grote aanbod aan ziekenhuizen, met daardoor ook een mogelijk verloop van patiënten, is het voor ziekenhuizen heel belangrijk om tevreden cliënten te hebben. Een tevreden patiënt zal loyaler zijn, terugkeren, maar ook het ziekenhuis aanbevelen bij anderen (Dagger, Sweeney & Johnson, 2007; Ervin, 2006; Larrabee, 1995; Marley, Collier & Goldstein, 2004). Het is voor het management dus heel belangrijk om tevredenheid te meten bij patiënten, want het kost handenvol geld om klachten (van ontevreden patiënten) te behandelen (Press, Ganey & Malone, 1991). De tevredenheid is tevens een graadmeter voor het al dan niet geslaagd zijn van een doorgevoerde verandering (Avis, Bond & Arthur, 1995; Tasso et al., 2002). Het is echter niet enkel voor het management belangrijk om tevreden cliënten te hebben, ook voor de patiënt zelf is dit zo. Tevreden patiënten zullen zich veel meer aan de opgegeven behandeling houden, zullen meer follow-up afspraken nakomen, zullen ook meer geneigd zijn om veel informatie te verschaffen aan de behandelaar, zodat deze een meer geschikt, aangepast behandelplan kan opstellen (Andaleeb, Siddiqui & Khandakar, 2007; Janssen, Ommen, Neugebauer, Lefering & Pfaff, 2007; O Connor, Shewchuk & Carney, 1994; Orlando & Meredith, 2002). Door het meer compliant zijn aan het individueel aangepaste behandelplan, zal de patiënt een betere outcome hebben (Andaleeb et al., 2007). En aangezien een betere outcome op zijn beurt dan weer leidt tot tevredenheid (Ross, Frommelt, Hazelwood & Chang, 1987), heeft iedereen er alle belang bij om er voor te zorgen dat patiënten tevreden zijn. Zegt tevredenheid iets over de geboden kwaliteit? Kwaliteit wordt gezien als een determinant van tevredenheid (Dagger et al., 2007). Het meten van tevredenheid kan dus enigszins iets zeggen over de geboden kwaliteit. Het is echter mogelijk dat een ontevreden patiënt toch een kwalitatief hoogstaande behandeling heeft gekregen. Om dit 1

6 te begrijpen moeten we op zoek gaan naar de definitie van kwaliteit. Meestal wordt kwaliteit opgesplitst in twee delen: de functionele, technische kwaliteit en de inter-persoonlijke of procesmatige kwaliteit (Donabedian, 1988). Men kan stellen dat dit het onderscheid is tussen WAT gebeurd is een vrij objectief te controleren deel: is de patiënt behandeld volgens de laatste evidence based kennis? (Harvey, 1998) en HOE de zorg werd toegediend een subjectief deel: hoe was de relatie met de zorgverstrekker. In vroegere tijden werd enkel het eerste deel, wat is er gebeurd en wat is daar het gevolg van, als belangrijk gezien. Patiënt was onwetend, kon zich dus ook nergens over uitspreken, en moest enkel ondergaan (Andaleeb, 2001; Larrabee, 1995). Er was vooral een kwantificering van de kwaliteit van de geboden zorg: morbiditeit, mortaliteit, aantal ligdagen, aantal heropnames ten gevolge van medische fouten, (Dagger et al., 2007). Later werd ook het interpersoonlijk aspect als belangrijk genoeg bevonden om te meten (Avis et al., 1995; Sofaer & Firminger, 2005): een goed uitgevoerde operatie met onsympathieke verzorgenden tijdens de voorbereiding en de nabehandeling werd daardoor ook zichtbaar of het onmeetbare werd meetbaar gemaakt (Larrabee, 1995). Naast de indeling van technische- en proceskwaliteit wordt ook de outcome als onderdeel van kwaliteit gezien (Donabedian, 1988; Harvey, 1998; Lam, 1997). Voor sommige auteurs is tevredenheid een onderdeel van de outcome (Heidegger, Saal & Nuebling, 2006). De outcome kan de tevredenheid beïnvloeden. Iemand die veel beter is geworden door een ziekenhuisopname zal eerder geneigd zijn om tevreden te zijn, in vergelijking met de patiënt die gehoord heeft dat men in het ziekenhuis niets meer voor hem/haar kan doen. Echter iemand met een goede outcome kan ook minder tevreden zijn, denken we maar aan de patiënt die goed behandeld geweest is voor dichtslibbende bloedvaten, maar ook gehoord heeft dat hij moet stoppen met roken, op dieet moet, (Ervin, 2006). Kwaliteit van zorg en patiëntentevredenheid over de zorg hebben geen afgebakende definitie (Aspinal, Addington-hall, Hughes & Higginson, 2003; Säilä, Mattila, Kaila, Aalto & Kaunonen, 2008; Sower, Duffy, Kilbourne, Kohers & Jones, 2001). Veelal wordt kwaliteit gedefinieerd als het verschil tussen de ervaringen en de verwachtingen (Hart, 1996; Harvey, 1998; Pakdil & Harwood, 2005; 2

7 Parasuraman, Zeithaml & Berry, 1985). Echter dezelfde definitie wordt gebruikt voor tevredenheid (Aspinal et al., 2003). Moeten we daar uit besluiten dat tevredenheid en kwaliteit één en hetzelfde construct zijn? Ons inziens niet: tevredenheid van de patiënt kan enkel gemeten worden bij de patiënt, het technische aspect van kwaliteit kan gemeten worden aan de hand van zeer objectieve standaarden. Meestal is de patiënt daar te onwetend over om dit te kunnen inschatten (Marley et al., 2004). Aangezien tevredenheid iets zeer persoonlijks is, wordt door sommige auteurs in vraag gesteld of het wel moet gemeten worden (Sofaer & Firminger, 2005). Het niet aanwezig zijn van objectieve criteria is naar ons oordeel geen beletsel om over te gaan tot een meting. Het is het kwantificeren van een moeilijk te meten gevoel dat verschillend is van dag tot dag, van persoon tot persoon (Aspinal et al., 2003; Parasuraman et al., 1985; Sofaer & Firminger, 2005). Als men vertrekt van de definitie dat kwaliteit het verschil is tussen perceptie en verwachting, moet men ook vaststellen dat dit heel individueel is (Sofaer & Firminger, 2005). Enerzijds neemt iedereen op zijn eigen manier waar, anderzijds worden verwachtingen bepaald door vroegere ervaringen, beloftes uit advertenties, imago van het ziekenhuis, tradities, ideologie, het soort en de ernst van de noden van de patiënt, de uitgebreidheid of de beperking van de keuze van ziekenhuis (Grönroos, 1993; John, 1992; Parasuraman et al., 1985; Sofaer & Firminger, 2005). Tevredenheid kan ook gezien worden als transactie-specifiek ( would expect ) en kwaliteit als een lange termijn evaluatie ( schould expect ) (Cronin & Taylor, 1992). Men zou dit ook kunnen vertalen als: tevredenheid geeft het gewenste weer, en kwaliteit het ideale (Aspinal et al., 2003); tevredenheid als minimumnorm (Sofaer & Firminger, 2005) en kwaliteit moet dat ietsje meer zijn (Avis et al., 1995). Dit wordt ook de zone of tolerance genoemd (Berry & Parasuraman, 1997). Kwaliteit als cognitief element duidt dan opnieuw op de objectieve criteria, en tevredenheid als affectief element duidt dan op de subjectieve (persoonlijke) invalshoek (John, 1992; Mowen, Licata & McPhail, 1993). 3

8 2. Meten van tevredenheid en kwaliteit. Het meten van tevredenheid en kwaliteit gebeurt meestal aan de hand van vragenlijsten. In de literatuur vonden we ook andere manieren: interviews (Lumby & England, 2000), observaties (Tasso et al., 2002), telefonische enquêtes (Edlund, Young, Kung, Sherbourne & Wells, 2003), vragenlijsten die per post/per mail worden opgestuurd (Kane, Maciejewski & Finch, 1997), focusgroepen (Hart, 1996) Sandra Gaynor (1999) geeft in haar artikel een heel mooi overzicht over de verschillende manieren van bevragen met respectievelijke voor- en nadelen, maar daar gaan we hier niet dieper op in want dat zou ons te ver leiden. Ook het soort vragen kan heel divers zijn, gaande van heel open vragen, tot semigestructureerde interviews, tot gesloten vragen, directe en indirecte vragen (Gaynor, 1999). Bij de gesloten vragen kan een Likert schaal gebruikt worden (Lee & Yom, 2007; Rao, Peters & Bandeen-Roche, 2006), of eventueel verschillende antwoordmogelijkheden naar voor geschoven worden (Gonzalez et al., 2005). Een VAS is een ander veel gebruikt systeem om patiënten te laten scoren (Aspinal et al., 2003). Men kan alle zorgontvangers bevragen of enkel de misnoegden (John, 1992) onder hen of een toevallig gekozen selectie of een groep vrijwilligers. Over het tijdstip van bevragen bestaan er heel uiteenlopende meningen. Sommige auteurs stellen voor om de bevraging van de patiënt te laten doorgaan tijdens de opname, maar na het moment dat de patiënt zijn ontslagdatum te horen heeft gekregen (Chou, Chen, Woodard & Yen, 2005). Anderen schuiven eerder de dag van ontslag naar voor als het meest ideale tijdstip (Andaleeb et al., 2007). In de literatuur vonden we artikels waarbij de bevraging gedaan werd enkele dagen (Mowen et al., 1993), enkele weken (Gonzalez et al., 2005), enkele maanden (Cheng, Yang & Chiang, 2003) tot één jaar (Andaleeb, 2001) na ontslag. Bij de afname van een vragenlijst bij ontslag, heeft men enerzijds nog een heldere kijk op de opname, die misschien wel vertroebeld kan zijn door het terug naar huis moeten, het onbekende dat wacht, eventueel nog pijn die men heeft. Men kan nog geen afstand nemen van de opname. Wacht men 4

9 tot enkele weken na het ontslag, dan kan men makkelijker afstand nemen, alles meer op een rijtje zetten. Het nadeel is echter hier dat er reeds bepaalde feiten zullen vergeten zijn. Heeft men echter een tijdje na de opname een objectiever beeld van de geboden service? Wil men een objectieve evaluatie of wil men net de subjectieve ervaring in kaart brengen (Harvey, 1998)? 3. Problemen bij het bevragen van tevredenheid en kwaliteit. Regelmatig wordt het ceiling-effect (Ross, Steward & Sinacore, 1995) aangegeven als één van de problemen bij een bevraging. Enerzijds is er het sociaal wenselijk willen antwoorden (Avis et al., 1995; Janssen et al., 2007), anderzijds durven patiënten (in hun afhankelijke situatie) niet altijd een slechte score toekennen aan hun behandelaars (Avis et al., 1995; Jenkinson et al., 2002). Er is dikwijls ook het gebrek aan variatie in mogelijke antwoorden dat er voor zorgt dat vragenlijsten moeilijk interpreteerbaar zijn (Avis et al., 1995). Cijfers zeggen ook niet alles: is 7,3 op 9 een goede score? Is goed, goed genoeg? Hoe tevreden is een tevreden patiënt (Berry & Parasuraman, 1997)? De socio-economische status, het geslacht, de leeftijd, de pijn, de fysieke beperkingen, de familiale consequenties van de ziekte kunnen een invloed hebben op de tevredenheid (Cheng et al., 2003; Lumby & England, 2000; Janssen et al., 2007). In verschillende researches wordt dit bevestigd, andere onderzoekers kunnen dit in hun onderzoek niet weerhouden (Chung, Hamill, Kim, Walters & Wilkins, 1999). Tevredenheid kan ook afhankelijk zijn van de outcome. Hoe beter de outcome, hoe meer tevreden. Daarbij wordt het onderscheid gemaakt tussen absolute outcome (wat kan de patiënt nog), en de relatieve outcome (hoeveel beter is de patiënt bij ontslag in vergelijking met de opnamestatus). Men stelt dat de absolute outcome meer de tevredenheid bepaalt dan de relatieve outcome (Kane et al., 1997). Door de mogelijke invloed van al deze variabelen, is bench marking heel moeilijk tussen verschillende diensten of ziekenhuizen, oa door de verschillende severity mix (Kane et al., 1997). Tevredenheidsmetingen kunnen slechts bij cognitief goede en taalvaardige patiënten (Tasso et al., 2002). Mensen met 5

10 psychologische problemen dienen ook uitgesloten te worden van het invullen van vragenlijsten naar patiëntentevredenheid (Cho, Lee, Kim, Lee & Choi, 2004). Dit zorgt voor twee belangrijke problemen: hoe bepaal je wie taalvaardig genoeg is, wie cognitief sterk genoeg is om mee te doen met een tevredenheidonderzoek enerzijds, en anderzijds: het uitsluiten van al deze mensen zorgt voor een verminderde veralgemeenbaarheid. 4. Het bevragen van de patiënt met een niet-aangeboren hersenletsel (NAH). Omdat een deel van de bevraging bij mensen met een niet aangeboren hersenletsel zal gebeuren, vonden we het noodwendig om te onderzoeken hoe we de hoger geciteerde problemen kunnen oplossen. Door de aard van de problematiek (NAH), kunnen er motorische, cognitieve en fatische stoornissen zijn. Al deze mogelijke problemen zullen duidelijke consequenties hebben voor het afnemen van een vragenlijst. Hancock, Chenoweth & Chang (2003) beschrijven in hun artikel hoe ze een deel van de problemen oplossen: - Aangezien het zeer kwetsbare patiënten zijn, is het belangrijk om een praatje te maken over het onderzoek, alvorens de toestemming te vragen voor het onderzoek. Dit gesprekje dient ook om het cognitief niveau van de patiënt in te schatten om dan te beslissen welke patiënt mee kan doen met een onderzoek. - Bij visusproblemen kunnen de vragen op een groot bord geschreven worden, en eventueel voorgelezen. - Bij auditieve problemen kunnen de vragen heel traag gelezen worden, en kan men in afzondering gaan om alle achtergrond geluiden te weren. - Omdat veel patiënten last hebben van vermoeidheid is het belangrijk om de vragenlijst te beperken, of in delen af te nemen. Patiënten moeten uitgerust aan de vragenlijst kunnen beginnen, en mogen bvb niet net van therapie komen. - Cognitieve problemen kunnen opgevangen worden door korte, heel duidelijke vragen te stellen. 6

11 - Om het probleem van amnesie zoveel mogelijk te ontwijken, is het beter de vragenlijst af te nemen tijdens de opname en niet (een bepaalde tijd) na het ontslag. De inschatting van het cognitief functioneren van de patiënt door de therapeut is een vrij arbitraire methode. We vonden het daarom beter om op zoek te gaan naar meetinstrumenten die dit cognitieve probleem objectiveren. We vonden enkele mogelijke tests: de Camcog (de Koning et al., 1998), de Wais (Folstein, Folstein & McHugh, 1975), de MMSE (Hancock et al., 2003). Het is vooral Folstein et al (1975) die op dat vlak baanbrekend werk gedaan hebben. De meeste van deze testen, nemen echter (veel) tijd in beslag, en concentratie is net bij vele patiënten met een NAH een probleem. Sommige auteurs (Cheng et al., 2003; Pakdil & Harwood, 2005) ontlopen deze problemen door de familie de vragenlijst te laten invullen. Dit is ons inziens niet de juiste manier van werken: de noden van de familie kunnen verschillend zijn van die van de patiënt (Aspinal et al., 2003). Het zou dan ook kunnen gezien worden als een confounding factor als de familie de vragen beantwoord heeft (O Connor et al., 1994). Om het tijdrovende aspect (van het meten van de cognitieve en taalkundige vermogens van de patiënt) te vermijden, stellen Janssen et al. (2007) voor om de verpleegkundigen de patiënt te laten selecteren waarvan zij denken dat hij/zij in staat zal zijn om een vragenlijst te beantwoorden. HET ONDERZOEK We hebben in ons onderzoek patiënten bevraagd in het UZ Gent op zeven verschillende afdelingen. Een achtste afdeling weigerde zijn medewerking wegens overbevraagd in de periode voorafgaand aan ons onderzoek. Het ethisch comité, de hoofdarts van het ziekenhuis, de directie verpleging van het ziekenhuis, alsook de verschillende hoofdverpleegkundigen van de afdelingen keurden het onderzoek goed. 7

12 Aan de verpleging van vijf van de afdelingen werd gevraagd (door de onderzoeker of door de hoofdverpleegkundige) om de vragenlijsten uit te delen aan de patiënten waarvan zij dachten dat ze cognitief en taalkundig in staat waren om mee te werken. Per afdeling werden drie brieven voorzien met uitleg van het onderzoek en de referenties van de onderzoeker bij mogelijke onduidelijkheden bij de verpleegkundigen. (zie bijlage 1) Er werden per dienst twee dozen voorzien, één voor de uit te delen formulieren, en één voor de ingeleverde formulieren. In het revalidatiecentrum werden de formulieren door de onderzoeker uitgedeeld en door de patiënten rechtstreeks of onrechtstreeks terug bezorgd aan hem. Alle bundels hadden op elke bladzijde en volgnummer, zodat duidelijk werd in welke periode de formulieren ingevuld werden, op welke dienst patiënt verbleef. Dit nummer werd op elke bladzijde herhaald zodat papieren die los kwamen van elkaar toch terug tot één bundel konden samen gebracht worden. Elke bundel bestond uit een eerste blad met uitleg over het onderzoek, de mogelijkheid om niet deel te nemen zonder dat dit invloed had op de behandeling, het anoniem-zijn van de vragenlijst en de referenties van de onderzoeker. (zie bijlage 2) Op een tweede blad werd gevraagd om de demografische gegevens in te vullen (geslacht, leeftijd, afdeling, dagen in het ziekenhuis). (zie bijlage 3) Daarna kwam ofwel een patiënt-tevredenheid-vragenlijst of een vragenlijst naar de perceptie van de kwaliteit van de geboden service. Om bias uit te sluiten werden per dienst evenveel soorten bundels (met eerst de ene of de andere vragenlijst) afgeleverd. Elke bundel bevatte beide vragenlijsten, de verpleging werd niet op de hoogte gebracht van het feit dat de vragenlijsten een verschillende volgorde konden hebben. Dit was nodig om er voor te zorgen dat de lijsten atrandom uitgedeeld werden aan de verschillende patiënten. Als vragenlijst naar de perceptie van kwaliteit van de service door de patiënt werd de SERVQUALvragenlijst (Parasuraman, Zeithaml, & Berry, 1988) gebruikt. Dit is een veelvuldig gebruikt instrument, ook in de gezondheidszorg. De oorspronkelijke vragenlijst werd aangepast: met één item (aangepaste openingstijden) werd geen rekening gehouden in de 8

13 verwerking wegens niet relevant bij opgenomen patiënten. Alle statements werden positief verwoord om verwarring te vermijden. Er werd enkel naar de perceptie gevraagd en niet naar de verwachtingen of de belangrijkheid, wat wel het geval was in de initiële vragenlijst en de Servperf lijst (Cronin & Taylor, 1994). De lijst werd aangevuld met vier vragen: twee vragen naar de aanbeveling en twee naar eventueel hergebruik. Deze vier laatste items werden verder niet gebruikt in het onderzoek. Er werd telkens, volgens een likertschaal op zeven, een score verwacht van de patiënt. (zie bijlage 4) Als patiënt-tevredenheid-vragenlijst werd de enquête gebruikt zoals door Gonzalez et al. (2005) opgesteld. Deze oorspronkelijk Spaanstalige lijst, werd door een officieel vertaalbureau naar het Nederlands vertaald. De scores die naast de verschillende mogelijke antwoorden stonden werden weggehaald, omdat de hoogste score af en toe betekende niet van toepassing. De lijst bestaat uit een aantal vragen en een aantal zinnen die moeten aangevuld worden. Men kan telkens kiezen uit drie, vier of vijf verschillende antwoordmogelijkheden. (zie bijlage 5) Beide inleidingen zoals die op de originele vragenlijsten staan werden herschreven om ook daar geen bias mee te veroorzaken. Er waren twee periodes van twee weken (met enkele weken er tussen) om seizoensinvloeden te vermijden. De onderzoeker heeft alle formulieren verzameld zowel na de eerste als na de tweede periode om aldus de response rate te kunnen berekenen (enkel de niet-teruggegeven formulieren werden meegenomen in de berekening we hebben daardoor geen zicht op het aantal patiënten dat weigerde in te vullen en daardoor geen bundel gekregen had). Alle gegevens werden door de onderzoeker in SPSS15 ingebracht met controle van frequenties, gemiddelden en medianen om fouten uit te sluiten. Er werden gerandomiseerde controles uitgevoerd van de data om mogelijke fouten te kunnen opsporen. Bij de tevredenheidvragenlijst werd aan de hand van een scoreblad, alle antwoorden in cijfers omgezet. Alle niet-ingevulde items, dubbele antwoorden, of niet van toepassing werden in de data verwerkt als missing data. Vraag 34 van de tevredenheidvragenlijst werd gehercodeerd wegens omgekeerde scores. 9

14 Op beide vragenlijsten werd een factoranalyse uitgevoerd (oblimin methode) en de cronbach alpha berekend. Van één factor werd een interne correlatie berekend. Van de gevonden factoren (= constructs) werd de Spearman correlatie coëfficiënt berekend. Ten slotte werd de Spearman correlatie coëfficiënt van de verschillende factoren van de twee vragenlijsten ten opzichte van elkaar berekend. Hierna volgt het Engelstalig artikel, zoals het zal ingediend worden bij de redactie van het Journal of Advanced Nursing. Een A1 tijdschrift met een impactfactor van 1,518 in De indeling en het refereren werd reeds aangepast aan de vereisten van het Journal, zoals te vinden op hun website: http//www.journalof advancednursing.com Na het artikel volgt nog een conclusie met een voorstel van model dat nog openstaat voor verder onderzoek. Er werden twee referentielijsten opgemaakt. Eén die de referenties van de Nederlandstalige delen van deze masterproef weergeeft, en een andere die hoort bij het artikel. 10

15 ABSTRACT Title Measuring patients perceptions of satisfaction and quality of services: a comparative study Aim This paper is a report assessing the similarities and differences between perceptions of satisfaction and quality of services among patients in an inpatient clinic. Background It is widely accepted that measuring quality of services and patient satisfaction is important to attaining improved care. Both are frequently seen as one construct, raising the question: Are they interchangeable? Methods A cross sectional survey was carried out in a convenience sample of seven wards in a university hospital in Belgium over the course of two periods of two weeks in 2009 and Valid responses were obtained from 205 patients (response rate: 68%). Patients were asked to complete a perception of quality of services questionnaire and a patient satisfaction questionnaire. An exploratory factor analysis was carried out for both questionnaires. Cronbach s alpha coefficients were obtained. A bivariate correlation analysis was performed on the factors of both questionnaires. Findings Exploratory factor analysis yielded four factors for the SERVQUAL questionnaire and six factors for the patient satisfaction questionnaire. The four factor model was confirmed by a Cronbach alpha of >0.75. The six factor model was not completely confirmed. Five factors had a Cronbach alpha of >0.67. One factor (2 items) had a Cronbach alpha of 0.37; r=0.16 (p=0.078). There was a significant correlation between several factors in both questionnaires, although not between all of them. We concluded that perceptions of quality and satisfaction with services are both important to measure to attaining improved care. Conclusion Data provided preliminary evidence that satisfaction and quality of care are correlated but not interchangeable. Keywords Patient satisfaction, quality of services, inpatient clinic, nursing 11

16 INTRODUCTION Previous literature is inconclusive as to what extent factors of satisfaction with care are comparable with constructs of quality of care. BACKGROUND In the last decade, quality of care and patient satisfaction received a great deal of attention. Various meanings and definitions exist of these concepts and the link between satisfaction and quality is widely discussed. Donabedian (1988) states that quality has different dimensions: clinical quality and process quality. Grönroos (1993) used the terms technical and functional quality for the same dimensions. High technical process quality arises when actions are carried out according to the latest developments in the field and using state-ofthe-art technology (Harvey, 1998). In other words, this is the objective measure of quality, corresponding to what has been done. This has traditionally been measured using objective criteria, e.g. mortality and morbidity rates (Dagger et al., 2007). Process or functional quality, on the other hand, is subjective, looking at the interpersonal aspects of quality and indicating how are things done. Functional quality should be assessed by the patient, while technical quality should be assessed by the provider (Ward et al., 2005). Beyond these two dimensions, outcome, a result of technical quality, can be seen as a third dimension of quality (Lam, 1997). Dagger et al. (2007) identifies four dimensions: interpersonal quality, technical quality, environment quality and administrative quality. Different authors define quality as the (dis)congruence between experiences and expectations, needs, desires and beliefs. The consumer compares his/her expectations with his/her perception of service received (Hart, 1996; Harvey, 1998; John, 1992; Mowen et al., 1993; Pakdil et al., 2005; Parasuraman et al., 1985; Ross et al., 1987; Sofaer et al., 2005). Expectations are influenced by the image of the service offerer, word of mouth communication, promises, 12

17 traditions, ideology, previous experiences, the nature, number and seriousness of the patient s needs, the extent of choice available, knowledge of what to expect (John, 1992; Parasuraman et al., 1985; Sofaer et al., 2005). If quality is a result of both expectations and experiences, it is difficult to know if variations in ratings from one patient to another are the result of differences in their expectations or experiences (Sofaer et al., 2005). Different customers will value particular quality dimensions differently (Harvey, 1998). Both scales (perception and expectation) can be treated as one-dimensional and the items can be considered one composite set of individual measures (Lam, 1997). Patient satisfaction is also seen as evidence that the service has fulfilled his/her expectations. However, there is a lack of empirical support linking expectation-fulfilment and satisfaction (Avis et al., 1995). Patient satisfaction is an important indicator in the assessment of health care quality (Chung et al., 1999) and is an antecedent (or determinant) of consumer satisfaction (Cronin et al., 1992; Dagger et al., 2007, Marley et al., 2004; Yellen et al., 2002). It is multidimensional (Edlund et al., 2003) and moves beyond purely technical questions about deriving adequate measures (Hart, 1996). Why is measuring patient satisfaction so important? Satisfied patients may be more likely to participate in and comply with treatment and rehabilitation, thus increasing the likelihood of successful outcomes (while successful outcomes, in turn, are more likely to result in satisfied patients) (Janssen et al., 2007; Ross et al., 1987). Patients satisfaction affects future word-of-mouth communications and referrals, which can alter a hospital s revenues and marketing plans (John, 1992; Marley et al., 2004; Goldstein, 2003; Tasso et al., 2002). Satisfied patients tend to feel more confidence and trust in their providers and may be comfortable disclosing their symptoms and experiences. More activated patients can make it easier for care providers to deliver high quality care through better patient cooperation and compliance (Orlando et al., 2002). Measuring patient satisfaction can lead to improvements in care that are fully grounded in patients expressed values and aspirations (Avis et al., 1995). 13

18 As mentioned, satisfaction is a multidimensional construct (Kane et al., 1997). The patient may not have the opportunity, expertise or equipment to properly evaluate clinical quality (i.e. via objective measures) (Marley et al., 2004) and most patients base their evaluations of the medical care process on the functional performance of the medical care provider (Lam, 1997). Further, the manner in which the care was given is a typical subject of evaluation for patients. As care recipients, they are able to judge it based on these characteristics. Some authors view quality and satisfaction as a single construct (Aspinal et al., 2003) and they use the SERVQUAL questionnaire to measure patient satisfaction (Andaleeb et al., 2007; Chou et al., 2005; Uzun, 2001). However, in this paper, we argue that both constructs are interrelated but different. The definition of quality as congruency between expectations and perceptions is also used as the definition for patient satisfaction (Harvey, 1998; John, 1992; Pakdil et al., 2005; Ross et al., 1987; Scardina, 1994; Sofaer et al., 2005). Measuring patient satisfaction is not easy as there exists no widely accepted definition of the term (Aspinal et al., 2003). Chou et al. (2005) use their own definition of satisfaction, calling it conscious evaluation or judgement that both overall hospital service and nursing care have been performed well. However, any single definition is debated, because satisfaction varies over time (Sofaer et al., 2005) depending on care settings and client groups (Aspinal et al., 2003; Parasuraman et al., 1985). Moreover, services, which lead to satisfaction, are intangible, heterogeneous and inseparable, and they cannot be counted, measured, inventoried, tested, or verified in advance. This is partly because production and consumption of services occur simultaneously (Parasuraman et al., 1985). Consequently, there is also no single, universally accepted method for measuring patient satisfaction (Säilä et al., 2008). Because assessing patient satisfaction depends on the way in which quality care is defined (Tasso et al., 2002), it should not been used to measure quality in health care until the concept is clearly defined and understood (Aspinal et al., 2003). 14

19 We designed this study to find out if patient satisfaction and patient perception of quality consist of the same constructs. Our hypothesis is that these constructs are related, but are not the same. While quality focuses on the technical part of the job, satisfaction deals with issues like how was the care delivered (interpersonal matters) or the clinic s food, rooms, parking space, etc. 15

20 THE STUDY AIM: The aim of this study was to find out if constructs of satisfaction are related to constructs of quality of health care, and if quality questionnaires and satisfaction questionnaires can be used interchangeably. We hypothesised that patient satisfaction (with care) and perception of care quality are related but not interchangeable. DESIGN: A cross sectional survey design was used, comparing two questionnaires (patient satisfaction with care and patient perception of care quality) in an inpatient clinic. PARTICIPANTS: Pre-discharged hospital patients were recruited in a large hospital in Belgium. A convenience sample of seven wards was selected. Nurses were asked to hand out questionnaires to the patients. It was up to the nurses to exclude patients who were not capable of filling out questionnaires (Hancock et al., 2003; Uzun, 2001). Patients were asked to complete both questionnaires. The main inclusion criteria were: at least one overnight stay; the mental capacity to consent to and fill out the questionnaires. Assistance in completing the questionnaires was allowed, but only by recording the patient s answers (Aspinal et al., 2003; O Connor et al., 1994). Each set of questionnaires began with an explanation of the study and task, and handing in the questionnaires was seen as informed consent. Exclusion criteria consisted of: an age under 16, no overnight stay, disorientation, severe apraxia or aphasia. During two periods of two weeks each, patients were asked to fill out the questionnaires. A total of 205 completed the questionnaires (response rate: 68%, range from 57% to 92%). Refusals were not taken into account to measure response rate. DATA COLLECTION: Data were collected using two questionnaires. Every patient was asked to fill out both questionnaires. Data were collected from 23 16

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen

Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting. aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinanten en Barrières van Seksuele Patiëntenvoorlichting aan Kankerpatiënten door Oncologieverpleegkundigen Determinants and Barriers of Providing Sexual Health Care to Cancer Patients by Oncology

Nadere informatie

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim The Relationship between Work Pressure, Mobbing at Work, Health Complaints and Absenteeism Agnes van der Schuur Eerste begeleider:

Nadere informatie

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers

Nadere informatie

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering The Relationship between Daily Hassles and Depressive Symptoms and the Mediating Influence

Nadere informatie

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Bottlenecks in Independent Learning: Self-Regulated Learning, Stress

Nadere informatie

Running head: BREAKFAST, CONSCIENTIOUSNESS AND MENTAL HEALTH 1. The Role of Breakfast Diversity and Conscientiousness in Depression and Anxiety

Running head: BREAKFAST, CONSCIENTIOUSNESS AND MENTAL HEALTH 1. The Role of Breakfast Diversity and Conscientiousness in Depression and Anxiety Running head: BREAKFAST, CONSCIENTIOUSNESS AND MENTAL HEALTH 1 The Role of Breakfast Diversity and Conscientiousness in Depression and Anxiety De Rol van Gevarieerd Ontbijten en Consciëntieusheid in Angst

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit

Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit 1 Intercultural Mediation through the Internet Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit 2 Structure of the presentation - What is intercultural mediation through the internet? - Why

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource.

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource. Open Universiteit Klinische psychologie Masterthesis Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: De Leidinggevende als hulpbron. Emotional Job Demands, Vitality and Opportunities

Nadere informatie

LinkedIn Profiles and personality

LinkedIn Profiles and personality LinkedInprofielen en Persoonlijkheid LinkedIn Profiles and personality Lonneke Akkerman Open Universiteit Naam student: Lonneke Akkerman Studentnummer: 850455126 Cursusnaam en code: S57337 Empirisch afstudeeronderzoek:

Nadere informatie

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen tussen Leeftijdsgroepen Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles between Age Groups Rik Hazeu Eerste begeleider:

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie

CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden

CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden Laatst bijgewerkt op 25 november 2008 Nederlandse samenvatting door TIER op 5 juli 2011 Onderwijsondersteunende

Nadere informatie

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit

The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy. on Sociosexuality. Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie. op Sociosexualiteit The Effect of Gender, Sex Drive and Autonomy on Sociosexuality Invloed van Sekse, Seksdrive en Autonomie op Sociosexualiteit Filiz Bozkurt First supervisor: Second supervisor drs. J. Eshuis dr. W. Waterink

Nadere informatie

Effecten Omgevingsinterventie en Fysieke Activiteit 1. Hoofdeffecten en Mediators van een Omgevingsinterventie op Maat ter Bevordering van

Effecten Omgevingsinterventie en Fysieke Activiteit 1. Hoofdeffecten en Mediators van een Omgevingsinterventie op Maat ter Bevordering van Effecten Omgevingsinterventie en Fysieke Activiteit 1 Hoofdeffecten en Mediators van een Omgevingsinterventie op Maat ter Bevordering van Fysieke Activiteit bij Ouderen Main Effects and Mediators of a

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

PERSOONLIJKHEID EN OUTPLACEMENT. Onderzoekspracticum scriptieplan Eerste begeleider: Mw. Dr. T. Bipp Tweede begeleider: Mw. Prof Dr. K.

PERSOONLIJKHEID EN OUTPLACEMENT. Onderzoekspracticum scriptieplan Eerste begeleider: Mw. Dr. T. Bipp Tweede begeleider: Mw. Prof Dr. K. Persoonlijkheid & Outplacement: Wat is de Rol van Core Self- Evaluation (CSE) op Werkhervatting na Ontslag? Personality & Outplacement: What is the Impact of Core Self- Evaluation (CSE) on Reemployment

Nadere informatie

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5)

Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometrische Eigenschappen van de Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Psychometric Properties of the Youth Anxiety Measure for DSM-5 (YAM-5) Hester A. Lijphart Eerste begeleider: Dr. E. Simon Tweede

Nadere informatie

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Gender Differences in Crying Frequency and Psychosocial Problems in Schoolgoing Children aged 6

Nadere informatie

Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity. Hiske Feenstra Cito, The Netherlands

Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity. Hiske Feenstra Cito, The Netherlands Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity Hiske Feenstra Cito, The Netherlands Outline Research project Objective writing tests Evaluation of objective writing tests Research

Nadere informatie

Validatie van een idiografische hechtingslijst. voor volwassenen in relatie tot ZKM-affecten. Validation of an idiographic attachment list

Validatie van een idiografische hechtingslijst. voor volwassenen in relatie tot ZKM-affecten. Validation of an idiographic attachment list Validatie van een idiografische hechtingslijst voor volwassenen in relatie tot ZKM-affecten. Validation of an idiographic attachment list for adults in relation to SCM-affects. Mieke van den Boogaard van

Nadere informatie

Mentaal Weerbaar Blauw

Mentaal Weerbaar Blauw Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.

Nadere informatie

Ius Commune Training Programme 2015-2016 Amsterdam Masterclass 16 June 2016

Ius Commune Training Programme 2015-2016 Amsterdam Masterclass 16 June 2016 www.iuscommune.eu Dear Ius Commune PhD researchers, You are kindly invited to attend the Ius Commune Amsterdam Masterclass for PhD researchers, which will take place on Thursday 16 June 2016. During this

Nadere informatie

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten met diabetes mellitus type 2 in de huisartsenpraktijk Thinking

Nadere informatie

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit Effecten van Gedragstherapie op Sociale Angst, Zelfgerichte Aandacht & Aandachtbias Effects of Behaviour Therapy on Social Anxiety, Self-Focused Attention & Attentional Bias Tahnee Anne Jeanne Snelder

Nadere informatie

De Invloed van Familie op

De Invloed van Familie op De Invloed van Familie op Depressie- en Angstklachten van Verpleeghuisbewoners met Dementie The Influence of Family on Depression and Anxiety of Nursing Home Residents with Dementia Elina Hoogendoorn Eerste

Nadere informatie

Mindfulness als Aanvullende Hulpbron bij het JD R model voor het. Verklaren van Bevlogenheid bij Werknemers uit het Bankwezen in.

Mindfulness als Aanvullende Hulpbron bij het JD R model voor het. Verklaren van Bevlogenheid bij Werknemers uit het Bankwezen in. Mindfulness als Aanvullende Hulpbron bij het JD R model voor het Verklaren van Bevlogenheid bij Werknemers uit het Bankwezen in Vlaanderen Mindfulness as an Additional Resource for the JD R Model to Explain

Nadere informatie

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking

De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking Kenmerken van ADHD en de Theory of Mind 1 De Invloed van Kenmerken van ADHD op de Theory of Mind: een Onderzoek bij Kinderen uit de Algemene Bevolking The Influence of Characteristics of ADHD on Theory

Nadere informatie

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior Martin. W. van Duijn Student: 838797266 Eerste begeleider:

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen The Association between Daily Hassles, Negative Affect and the Influence of Physical Activity Petra van Straaten Eerste begeleider

Nadere informatie

Tijdelijk en Toch Bevlogen

Tijdelijk en Toch Bevlogen De Invloed van Taakeisen, Ontplooiingskansen en Intrinsieke Arbeidsoriëntatie op Bevlogenheid van Tijdelijke Werknemers. The Influence of Job Demands, Development Opportunities and Intrinsic Work Orientation

Nadere informatie

Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het. Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met. een Psychotische Stoornis.

Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het. Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met. een Psychotische Stoornis. Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met een Psychotische Stoornis. The Effect of Assertive Community Treatment (ACT) on

Nadere informatie

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS Persoonskenmerken en ervaren lijden bij verslaving en PTSS 1 De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij Verslaafde Patiënten met PTSS The Relationship between Personality Traits and Suffering

Nadere informatie

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Emotioneel Eten: de Rol van Persoonlijkheid The Relationship between Daily Stress and Emotional Eating: the Role of Personality Arlette Nierich Open Universiteit

Nadere informatie

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effects of Contact-oriented Play and Learning in the Relationship between parent and child with autism Kristel Stes Studentnummer:

Nadere informatie

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Influence of Mindfulness Training on Parental Stress, Emotional Self-Efficacy

Nadere informatie

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility.

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility. RELATIE ANGST EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility Jos Kooy Eerste begeleider Tweede

Nadere informatie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie

De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en. Discrepantie De Relatie tussen Betrokkenheid bij Pesten en Welbevinden en de Invloed van Sociale Steun en Discrepantie The Relationship between Involvement in Bullying and Well-Being and the Influence of Social Support

Nadere informatie

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken 1 Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken Smoking Cessation in Cardiac Patients Esther Kers-Cappon Begeleiding door:

Nadere informatie

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers The Influence of Cognitive Stimulation in the Form of Active Learning on Mental Health

Nadere informatie

Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2

Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2 167 Appendix A: List of variables with corresponding questionnaire items (in English) used in chapter 2 Task clarity 1. I understand exactly what the task is 2. I understand exactly what is required of

Nadere informatie

Question-Driven Sentence Fusion is a Well-Defined Task. But the Real Issue is: Does it matter?

Question-Driven Sentence Fusion is a Well-Defined Task. But the Real Issue is: Does it matter? Question-Driven Sentence Fusion is a Well-Defined Task. But the Real Issue is: Does it matter? Emiel Krahmer, Erwin Marsi & Paul van Pelt Site visit, Tilburg, November 8, 2007 Plan 1. Introduction: A short

Nadere informatie

The Dutch mortgage market at a cross road? The problematic relationship between supply of and demand for residential mortgages

The Dutch mortgage market at a cross road? The problematic relationship between supply of and demand for residential mortgages The Dutch mortgage market at a cross road? The problematic relationship between supply of and demand for residential mortgages 22/03/2013 Housing market in crisis House prices down Number of transactions

Nadere informatie

De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en. proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten

De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en. proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten De relatie tussen depressie- en angstsymptomen, diabetesdistress, diabetesregulatie en proactieve copingvaardigheden bij type 2 diabetespatiënten The relationship between depression symptoms, anxiety symptoms,

Nadere informatie

Abstract. Keywords. Foot and Ankle Outcome Score (FAOS), Ankle, PROM, Validity, Reliability, Dutch translation

Abstract. Keywords. Foot and Ankle Outcome Score (FAOS), Ankle, PROM, Validity, Reliability, Dutch translation Validation of the Dutch language version of the Foot and Ankle Outcome Score I. N. Sierevelt, L. Beimers, C. J. A. van Bergen, D. Haverkamp, C. B. Terwee, G. M. M. J. Kerkhoffs Abstract Purpose. The aim

Nadere informatie

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:

Nadere informatie

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt The role of mobility in higher education for future employability

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt The role of mobility in higher education for future employability The role of mobility in higher education for future employability Jim Allen Overview Results of REFLEX/HEGESCO surveys, supplemented by Dutch HBO-Monitor Study migration Mobility during and after HE Effects

Nadere informatie

Laatst bijgewerkt op 2 februari 2009 Nederlandse samenvatting door TIER op 25 mei 2011

Laatst bijgewerkt op 2 februari 2009 Nederlandse samenvatting door TIER op 25 mei 2011 Effective leesprogramma s voor leerlingen die de taal leren en anderssprekende leerlingen samenvatting voor onderwijsgevenden Laatst bijgewerkt op 2 februari 2009 Nederlandse samenvatting door TIER op

Nadere informatie

Depressieve Klachten bij Adolescenten: Risicofactoren op School en de Invloed. van Geslacht, Coping, Opleiding en Sport

Depressieve Klachten bij Adolescenten: Risicofactoren op School en de Invloed. van Geslacht, Coping, Opleiding en Sport Depressieve Klachten bij Adolescenten: Risicofactoren op School en de Invloed van Geslacht, Coping, Opleiding en Sport Depressive Complaints in Adolescents: Risk Factors at School and the Influence of

Nadere informatie

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten CBM-I bij Faalangst in een Studentenpopulatie 1 Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitive Bias Modification of Interpretation Bias for Students with Test Anxiety

Nadere informatie

Invloed van Bewegen op Depressieve Klachten in de. Fysiotherapie Praktijk. Influence of Movement on Depression in the. Physiotherapy Practice

Invloed van Bewegen op Depressieve Klachten in de. Fysiotherapie Praktijk. Influence of Movement on Depression in the. Physiotherapy Practice Invloed van Bewegen op Depressieve Klachten in de Fysiotherapie Praktijk Influence of Movement on Depression in the Physiotherapy Practice J.A. Michgelsen Eerste begeleider: dr. A. Mudde Tweede begeleider:

Nadere informatie

Het Signaleren van Problemen 3 Maanden na Ontslag van de Intensive. Care en de Noodzaak van een Nazorgprogramma

Het Signaleren van Problemen 3 Maanden na Ontslag van de Intensive. Care en de Noodzaak van een Nazorgprogramma Running head: HET SIGNALEREN VAN PROBLEMEN NA EEN IC-OPNAME 1 Het Signaleren van Problemen 3 Maanden na Ontslag van de Intensive Care en de Noodzaak van een Nazorgprogramma The Screening of Problems 3

Nadere informatie

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Test-taker Attitudes of Job Applicants: Test Anxiety and Belief in Tests as Antecedents of

Nadere informatie

Diabetespatiënten in Verpleeghuizen De Relatie tussen Diabetes, Depressieve Symptomen en de Rol van Executieve Functies

Diabetespatiënten in Verpleeghuizen De Relatie tussen Diabetes, Depressieve Symptomen en de Rol van Executieve Functies Diabetespatiënten in Verpleeghuizen De Relatie tussen Diabetes, Depressieve Symptomen en de Rol van Executieve Functies Diabetic Patients in Nursing Homes The Relationship between Diabetes, Depressive

Nadere informatie

Assessment van Gespreksvaardigheden via de Webcamtest: Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren

Assessment van Gespreksvaardigheden via de Webcamtest: Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren : Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren Assessment of Counseling Communication Skills by Means of the Webcamtest: A Study of Reliability, Experience and Correlation

Nadere informatie

Quick scan method to evaluate your applied (educational) game. Validated scales from comprehensive GEM (Game based learning Evaluation Model)

Quick scan method to evaluate your applied (educational) game. Validated scales from comprehensive GEM (Game based learning Evaluation Model) WHAT IS LITTLE GEM? Quick scan method to evaluate your applied (educational) game (light validation) 1. Standardized questionnaires Validated scales from comprehensive GEM (Game based learning Evaluation

Nadere informatie

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitive Bias Modification of Interpretation Bias in Students with Anxiety Janneke van den Heuvel Eerste begeleider: Tweede

Nadere informatie

Danny Wilms. Eerste begeleider: dr. Jef Syroit. Tweede begeleider: prof. dr. Jasper von Grumbkow. Versie: correctie (2) 8 oktober 2008

Danny Wilms. Eerste begeleider: dr. Jef Syroit. Tweede begeleider: prof. dr. Jasper von Grumbkow. Versie: correctie (2) 8 oktober 2008 1 Het Effect van Taakkenmerken op de Intrinsieke Motivatie en Arbeidssatisfactie en de Rol van Persoonsgerelateerde Groeibehoefte bij Preventiemedewerkers Werkzaam in de Transport en Logistiek Sector.

Nadere informatie

Ontpopping. ORGACOM Thuis in het Museum

Ontpopping. ORGACOM Thuis in het Museum Ontpopping Veel deelnemende bezoekers zijn dit jaar nog maar één keer in het Van Abbemuseum geweest. De vragenlijst van deze mensen hangt Orgacom in een honingraatpatroon. Bezoekers die vaker komen worden

Nadere informatie

Does the method of assessment affect memoryperformances?

Does the method of assessment affect memoryperformances? Beïnvloedt de wijze van testafname de geheugenprestaties? Onderzoek naar de validiteit van een woordenleertest binnen het Virtueel Laboratorium van de Open Universiteit Does the method of assessment affect

Nadere informatie

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim.

Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Pesten op het werk en de invloed van Sociale Steun op Gezondheid en Verzuim. Bullying at work and the impact of Social Support on Health and Absenteeism. Rieneke Dingemans April 2008 Scriptiebegeleider:

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Stemming met Modererende Invloed van Coping stijl

De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Stemming met Modererende Invloed van Coping stijl De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Stemming met Modererende Invloed van Coping stijl The Relation between Daily Stress and Affect with Moderating Influence of Coping Style Bundervoet Véronique Eerste

Nadere informatie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een Vergelijking met Rusten in Liggende Positie The Effectiveness of a Mindfulness-based Body Scan: a Comparison with Quiet Rest in the Supine

Nadere informatie

De Relatie tussen Existential Fulfilment, Emotionele Stabiliteit en Burnout. bij Medewerkers in het Hoger Beroepsonderwijs

De Relatie tussen Existential Fulfilment, Emotionele Stabiliteit en Burnout. bij Medewerkers in het Hoger Beroepsonderwijs De Relatie tussen Existential Fulfilment, Emotionele Stabiliteit en Burnout bij Medewerkers in het Hoger Beroepsonderwijs The Relationship between Existential Fulfilment, Emotional Stability and Burnout

Nadere informatie

Process Mining and audit support within financial services. KPMG IT Advisory 18 June 2014

Process Mining and audit support within financial services. KPMG IT Advisory 18 June 2014 Process Mining and audit support within financial services KPMG IT Advisory 18 June 2014 Agenda INTRODUCTION APPROACH 3 CASE STUDIES LEASONS LEARNED 1 APPROACH Process Mining Approach Five step program

Nadere informatie

De Effecten van de Kanker Nazorg Wijzer op Psychologische Distress en Kwaliteit van. Leven

De Effecten van de Kanker Nazorg Wijzer op Psychologische Distress en Kwaliteit van. Leven De Effecten van de Kanker Nazorg Wijzer op Psychologische Distress en Kwaliteit van Leven The Effects of the Kanker Nazorg Wijzer on Psychological Distress and Quality of Life Miranda H. de Haan Eerste

Nadere informatie

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch Stress en Psychose 59 Noord Stress and Psychosis 59 North A.N.M. Busch Prevalentie van Subklinische Psychotische Symptomen en de Associatie Met Stress en Sekse bij Noorse Psychologie Studenten Prevalence

Nadere informatie

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen.

De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. De relatie tussen intimiteit, aspecten van seksualiteit en hechtingsstijl in het dagelijks leven van heteroseksuele mannen en vrouwen. The Relationship between Intimacy, Aspects of Sexuality and Attachment

Nadere informatie

Leading in Learning -> studiesucces. Ellen Bastiaens Programmamanager Leading in Learning 13 juni 2012

Leading in Learning -> studiesucces. Ellen Bastiaens Programmamanager Leading in Learning 13 juni 2012 Leading in Learning -> studiesucces Ellen Bastiaens Programmamanager Leading in Learning 13 juni 2012 Implementatie van matchingsinstrument Matching na de poort wordt aan de poort Vooropleiding Bachelor

Nadere informatie

Verschillen in Interventiegedrag tussen Arbeids- en Organisatiepsycholoog-mediators en Jurist-mediators

Verschillen in Interventiegedrag tussen Arbeids- en Organisatiepsycholoog-mediators en Jurist-mediators Verschillen in Interventiegedrag tussen Arbeids- en Organisatiepsycholoog-mediators en Jurist-mediators Differences in Behavior Interventions between Work and Organisational Psychologist-mediators and

Nadere informatie

DOELGROEP De WSD werd gevalideerd bij patiënten met een beroerte (Westergren et al. 1999).

DOELGROEP De WSD werd gevalideerd bij patiënten met een beroerte (Westergren et al. 1999). WESTERGREN S SCREENING FOR DYSPHAGIA (WSD) Westergren, A., Hallberg, I.R., & Ohlsson, O. (1999). Nursing assessment of Dysphagia among patients with stroke. Scandinavian journal of Caring Sciences, 13,

Nadere informatie

Understanding and being understood begins with speaking Dutch

Understanding and being understood begins with speaking Dutch Understanding and being understood begins with speaking Dutch Begrijpen en begrepen worden begint met het spreken van de Nederlandse taal The Dutch language links us all Wat leest u in deze folder? 1.

Nadere informatie

De Effecten van Informeel Werkplekleren op Duurzame Inzetbaarheid in de Nederlandse. Maakindustrie

De Effecten van Informeel Werkplekleren op Duurzame Inzetbaarheid in de Nederlandse. Maakindustrie De Effecten van Informeel Werkplekleren op Duurzame Inzetbaarheid in de Nederlandse Maakindustrie The effects of Informal Workplace Learning on Employability in the Dutch manufacturing sector Jochem H.

Nadere informatie

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten The Moderating Influence of Social Support on the Relationship between Mobbing at Work

Nadere informatie

Auteur Bech, Rasmussen, Olsen, Noerholm, & Abildgaard. Meten van de ernst van depressie

Auteur Bech, Rasmussen, Olsen, Noerholm, & Abildgaard. Meten van de ernst van depressie MAJOR DEPRESSION INVENTORY (MDI) Bech, P., Rasmussen, N.A., Olsen, R., Noerholm, V., & Abildgaard, W. (2001). The sensitivity and specificity of the Major Depression Inventory, using the Present State

Nadere informatie

Een Behoeftepeiling bij Voormalig Intensive Care Patiënten en hun Naasten betreffende een. Bezoek aan de Nazorgpoli

Een Behoeftepeiling bij Voormalig Intensive Care Patiënten en hun Naasten betreffende een. Bezoek aan de Nazorgpoli en hun Naasten betreffende een Bezoek aan de Nazorgpoli A Needs Assessment for Former Intensive Care Patients and their Caregivers regarding ICU Follow Up Elisabeth W. Overduin - de Vreede Eerste begeleider:

Nadere informatie

Het Welbevinden van Mantelzorgers in Vlaanderen: Relaties tussen Sociale Steun, Sense of Coherence, Bevlogenheid en Welbevinden.

Het Welbevinden van Mantelzorgers in Vlaanderen: Relaties tussen Sociale Steun, Sense of Coherence, Bevlogenheid en Welbevinden. Het Welbevinden van Mantelzorgers in Vlaanderen: Relaties tussen Sociale Steun, Sense of Coherence, Bevlogenheid en Welbevinden. Well-being of Family Caregivers in Flanders: The Relationships between Social

Nadere informatie

Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie. I feel nothing though in essence everything:

Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie. I feel nothing though in essence everything: Ik voel niets maar eigenlijk alles: Verbanden tussen Alexithymie, Somatisatiestoornis en Depressie I feel nothing though in essence everything: Associations between Alexithymia, Somatisation and Depression

Nadere informatie

Graves' Ophthalmopathy Quality Of Life questionnaire GO-QOL. Versie NL1.2. 3 versie: juli 1999

Graves' Ophthalmopathy Quality Of Life questionnaire GO-QOL. Versie NL1.2. 3 versie: juli 1999 Graves' Ophthalmopathy Quality Of Life questionnaire GO-QOL Versie NL1.2 3 versie: juli 1999 (aangepast van 1e versie: British Journal of Ophthalmology 1998;82:773-779) (aangepast naar aanleiing van Engelse

Nadere informatie

De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de. Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers. and Work Satisfaction of Employees

De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de. Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers. and Work Satisfaction of Employees De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers The Influence of Job Demands and Job Resources on Psychological Fatigue and Work Satisfaction

Nadere informatie

Modereren Roeping en Spiritualiteit de Relatie Tussen

Modereren Roeping en Spiritualiteit de Relatie Tussen MODEREREN ROEPING EN SPIRITUALITEIT? 1 Modereren Roeping en Spiritualiteit de Relatie Tussen Emotionele Belasting en Emotionele Uitputting? Do Calling and Spirituality Have a Moderating Effect on the Relationship

Nadere informatie

Overview of the presentation

Overview of the presentation 1 Intercultural mediation in health care in the EU: theory and practice Hans Verrept Intercultural mediation and policy support unit 2 Overview of the presentation 1. Policy issues 2. Why do we need medical

Nadere informatie

Digital municipal services for entrepreneurs

Digital municipal services for entrepreneurs Digital municipal services for entrepreneurs Smart Cities Meeting Amsterdam October 20th 2009 Business Contact Centres Project frame Mystery Shopper Research 2006: Assessment services and information for

Nadere informatie

Socio-economic situation of long-term flexworkers

Socio-economic situation of long-term flexworkers Socio-economic situation of long-term flexworkers CBS Microdatagebruikersmiddag The Hague, 16 May 2013 Siemen van der Werff www.seo.nl - secretariaat@seo.nl - +31 20 525 1630 Discussion topics and conclusions

Nadere informatie

Groot IB de, Favejee M, Reijman M, Verhaar JAN, Terwee CB.

Groot IB de, Favejee M, Reijman M, Verhaar JAN, Terwee CB. Published in Health Qual Life Outcomes. 2008 Feb 26;6:16 Abstract Validation of the Dutch version of the Knee disability and Osteoarthritis Outcome Score. The Dutch version of the knee injury and osteoarthritis

Nadere informatie

The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care

The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care The downside up? A study of factors associated with a successful course of treatment for adolescents in secure residential care Annemiek T. Harder Studies presented in this thesis and the printing of this

Nadere informatie

Het effect van een verkorte mindfulness training bij ouderen op mindfulness, experiëntiële vermijding, self-efficacy in het omgaan met emoties,

Het effect van een verkorte mindfulness training bij ouderen op mindfulness, experiëntiële vermijding, self-efficacy in het omgaan met emoties, Het Effect van een Verkorte Mindfulness Training bij Ouderen op Mindfulness, Experiëntiële Vermijding, Self-Efficacy in het Omgaan met Emoties, Zelftranscendentie, en Quality of Life The Effects of a Shortened

Nadere informatie

De Invloed van Self-efficacy en Optimisme op de Bevlogenheid, Organisatiebetrokkenheid, Arbeidstevredenheid en Verloopintentie van Verzorgenden

De Invloed van Self-efficacy en Optimisme op de Bevlogenheid, Organisatiebetrokkenheid, Arbeidstevredenheid en Verloopintentie van Verzorgenden De Invloed van Self-efficacy en Optimisme op de Bevlogenheid, Organisatiebetrokkenheid, Arbeidstevredenheid en Verloopintentie van Verzorgenden in de Verpleeg- en Verzorgingshuizen The Influence of Self-efficacy

Nadere informatie

Angstige Moeder, Angstig Kind? De Modererende Invloed van Maternale Zelfwaardering en. Sociale Steun

Angstige Moeder, Angstig Kind? De Modererende Invloed van Maternale Zelfwaardering en. Sociale Steun Running head: ANGSTIGE MOEDER, ANGSTIG KIND? Angstige Moeder, Angstig Kind? De Modererende Invloed van Maternale Zelfwaardering en Sociale Steun Anxious Mother, Anxious Child? The Moderating Influence

Nadere informatie

Het beheren van mijn Tungsten Network Portal account NL 1 Manage my Tungsten Network Portal account EN 14

Het beheren van mijn Tungsten Network Portal account NL 1 Manage my Tungsten Network Portal account EN 14 QUICK GUIDE C Het beheren van mijn Tungsten Network Portal account NL 1 Manage my Tungsten Network Portal account EN 14 Version 0.9 (June 2014) Per May 2014 OB10 has changed its name to Tungsten Network

Nadere informatie

Invloed van Carrièreontwikkeling en Werkgerelateerde Kenmerken op. Bevlogenheid bij Werknemers van Commerciële Adviesbureaus

Invloed van Carrièreontwikkeling en Werkgerelateerde Kenmerken op. Bevlogenheid bij Werknemers van Commerciële Adviesbureaus Invloed van Carrièreontwikkeling en Werkgerelateerde Kenmerken op Bevlogenheid bij Werknemers van Commerciële Adviesbureaus Influence of Career Development and Work Characteristics on Work Engagement of

Nadere informatie

2 Are you insured elsewhere against this damage or loss? o yes o no If so, Company:

2 Are you insured elsewhere against this damage or loss? o yes o no If so, Company: GENERAL CLAIM FORM ACE European Group Limited, attn. Claims Department, PO Box 8664, 3009 AR Rotterdam. Tel. +31 010 289 4150 Email: beneluxclaims@acegroup.com Important: - fill in all applicable questions

Nadere informatie

Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA

Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA Het meten van de kwaliteit van leven bij kinderen met JIA Measuring quality of life in children with JIA Masterthese Klinische Psychologie Onderzoeksverslag Marlot Schuurman 1642138 mei 2011 Afdeling Psychologie

Nadere informatie

De Relatie tussen Voorlichting over Leerlingen met een Speciale Onderwijsbehoefte en

De Relatie tussen Voorlichting over Leerlingen met een Speciale Onderwijsbehoefte en De Relatie tussen Voorlichting over Leerlingen met een Speciale Onderwijsbehoefte en de Attitude en Self-efficacy van Docenten in het Voortgezet Onderwijs The Relation between Information about Pupils

Nadere informatie

De bijsluiter in beeld

De bijsluiter in beeld De bijsluiter in beeld Een onderzoek naar de inhoud van een visuele bijsluiter voor zelfzorggeneesmiddelen Oktober 2011 Mariëtte van der Velde De bijsluiter in beeld Een onderzoek naar de inhoud van een

Nadere informatie

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g

S e v e n P h o t o s f o r O A S E. K r i j n d e K o n i n g S e v e n P h o t o s f o r O A S E K r i j n d e K o n i n g Even with the most fundamental of truths, we can have big questions. And especially truths that at first sight are concrete, tangible and proven

Nadere informatie