Projectoverstijgende Verkenning Macrostabiliteit

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Projectoverstijgende Verkenning Macrostabiliteit"

Transcriptie

1 Projectoverstijgende Verkenning Macrostabiliteit Plan van Aanpak Deze verkenning maakt onderdeel uit van het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) POV

2 POV Macrostabiliteit Pagina 1 van 90

3 Impressiefoto s dijkversterkingen, aanpak stabiliteitsproblemen. POV Macrostabiliteit Pagina 2 van 90

4 1 Colofon Initiatiefnemer: Versie: Opgesteld door: Waterschap Rivierenland De Blomboogerd BX Tiel 2 e Concept voor review Frans van den Berg Meindert Van Jasper van de Hoef Wijnand Jelier Ellen Roks Dirk van Schie Ruud Termaat Vrijgave: Programmamanager: Opdrachtgever: Frans van den Berg Eric Jongmans POV Macrostabiliteit Pagina 3 van 90

5 Hoogwaterbeschermingsprogramma Project overstijgende verkenning Macrostabiliteit Plan van Aanpak Algemeen en Scope Projectnaam: Project overstijgende Verkenning Macrostabiliteit (POVM) Datum: 29 juni 2015 Versienummer: 2 e Concept voor review Programmamanager: Frans van den Berg Intern opdrachtgever: Eric Jongmans Streefkerk 1984, afschuiving als gevolg van opdrijven POV Macrostabiliteit Pagina 4 van 90

6 Inhoud 1 Colofon Samenvatting Inleiding Opgave Nieuwe veiligheidsnormen De Kansenscan De POVM Inleiding Doel plan van aanpak en leeswijzer Aanleiding Doel van de POV Macrostabiliteit Vervroegde marktbenadering Referentieprojecten Hoofdlijn structuur, onderwerpen en aanpak Nieuwe technieken Rekenen Monitoring Procesverbetering Het kader voor de scope POVM Programmabeschrijving Vigerende kaders Raakvlakken Scope Referentieprojecten Gorinchem- Waardenburg, noordelijke Waaldijk Tiel-Waardenburg, noordelijke Waaldijk Gouderak en Ouderkerk-Krimpen, Hollandsche IJssel Gouda, Hollandsche IJssel Markermeerdijk Resultaten Innovaties in versterkingstechnieken Denklijn...39 POV Macrostabiliteit Pagina 5 van 90

7 5.6.2 Hoekpunt 1 Vernagelingstechnieken Hoekpunt 2 Damwanden en rekbare constructies Hoekpunt 3 drainage constructies, in combinatie met huidige waterkering Hoekpunt 4, grondbermen en andere constructies Cluster Rekenmethodieken Benutten van de actuele sterkte Sterkte in de opbarstzone Niet stationair (tijdsafhankelijk) waterspanningsverloop Rekenen met ongedraineerd materiaalgedrag Eisen en randvoorwaarden bij het rekenen aan complexe versterkingsconstructies in waterkeringen Horizontale vervormingscapaciteit van paalfunderingen EEM Schematiseren van een 3D probleem EEM modellering definitief kookboek Generiek maken HWBP2 ankerkrachtontwikkelingen Cluster Monitoring van de sterkte Waterspanningsmetingen en waterspanningsmeters Lifecycle monitoring Innovatieve technieken: Datamanagement Waterspanningsmetingen en waterspanningsmeters... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd Lifecycle monitoring... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd Innovatieve technieken... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd Generiek maken HWBP2 ankerkrachtontwikkelingen Cluster Procesverbeteringen Bouweisen versus waterveiligheidseisen (Eurocode) Handreiking diepgang onderzoek en ontwerpuitwerking in verschillende fasen Opstellen protocol aanbesteden innovatie Eisen voor UAV-GC contracten Handreiking bouwen in gesloten seizoen en vereiste hoogwaterveiligheid tijdens de uitvoering Thermometer POVM resultaten en impact voor HWBP...56 POV Macrostabiliteit Pagina 6 van 90

8 6 Programma-aanpak Hoofdlijn Activiteiten Relatie POVM en Markt Samenvatting van gewenste eindproducten Aansturing Programmasturing Verantwoording Bestuurlijk draagvlak Afstemming op ambtelijk niveau Beschrijving taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd Stuurgroep (SG) Opdrachtgever (OG) Directeurenoverleg (DO K&I) Programmateam, programmamanager (PM), kernteam Ambtelijke klankbordgroep Externe stakeholders met bevoegdheden Gemeenten Programmadirectie HWBP DG Rijkswaterstaat (RWS) Beheersen Aanvraag tot subsidie Verantwoorden Toezicht Organisatie Penvoerder Kernteam en Projectgroep Programmamanagement Programmabeheersing Communicatie (en omgevingsmanagement) Technisch management en inhoudelijke coördinatie Contractmanagement Uitgangspunten bemensing...72 POV Macrostabiliteit Pagina 7 van 90

9 8.2.1 Benodigde capaciteit Projectteam Projectgroep Clusters Cluster Innovaties in versterkingstechnieken Cluster Rekenmethodieken Cluster Monitoring van de sterkte Cluster Procesverbetering Klankbordgroep Programmabeheersing Uitgangspunten voor de programmabeheersing... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd Bedrijfsvoering binnen het programma dijkverbetering Subsidieregeling HWBP... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd Scopebeheer Planningsmanagement Beheersing van de planning Financieel management Financieel management project KIJK Kostenraming... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd Risicomanagement Top 3 tijd en geldrisico's en beheersmaatregelen Documentmanagement Auditplan Kwaliteitsmanagement Principe van kwaliteitsmanagement Omgeving en Communicatie Algemeen Omgevingsmanagement Resultaten omgevingsmanagement Communicatie...87 POV Macrostabiliteit Pagina 8 van 90

10 Bijlagen 1 Planning 2 Uitgangspunten voor de planning 3 Kostenraming in SSK 4 Kostennotitie 5 Risicodossier 6 Risicomanagementstrategie 7 Communicatieplan Referenties 1 Achtergronddocument POVMacrostabiliteit augustus Handreiking Innovaties Waterkeringen, Groene versie. POV Macrostabiliteit Pagina 9 van 90

11 2 Samenvatting 2.1 Inleiding De waterschappen en het ministerie van Infrastructuur en Milieu voeren in het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) in een alliantie maatregelen uit om de primaire waterkeringen in Nederland aan de vereiste veiligheidsnorm te laten voldoen. Dat doen deze partijen op basis van afspraken, vastgelegd in het Bestuursakkoord Water van mei De primaire waterkeringen die zijn afgekeurd in de laatste (verlengde) derde toets ronde zijn opgenomen in de Landelijke Rapportage Toetsing (LRT-3+) en behoren tot de scope van het Hoogwaterbeschermingsprogramma(HWBP). Het Hoogwaterbeschermingsprogramma is onderdeel van het nationale Deltaprogramma. Het uitgangspunt van het HWBP is dat een afgekeurde kering die op basis van urgentie wordt geprogrammeerd na uitvoering weer aan de veiligheidsnorm voldoet. De beheerders voeren deze verbetering uit, beginnend met een brede verkenning, gevolgd door de planuitwerking- en uitvoeringsfase. De programmering van projecten die zijn gestart in 2014 tot 2019 zijn opgenomen in het Deltaprogramma Opgave De ambitie is om de opgave -dit is het totaal aan afgekeurde dijkvakken en kunstwerkenvanuit de 12-jaarlijkse toetsing steeds binnen 12 jaar te realiseren. Voor het HWBP is de opgave om 744 km aan afgekeurde dijkvakken en 264 afgekeurde kunstwerken aan te pakken. Om het HWBP binnen tijd uit te voeren moet de jaarlijkse productie omhoog. Het productievolume van de eerdere programma s, Deltaplan Grote Rivieren en HWBP-2, was gemiddeld 25 km/jaar. Voor het HWBP is de ambitie om vanaf 2016, 80 km/jaar aan dijkversterkingsprojecten om te zetten. Daarnaast moeten 264 kunstwerken aangepakt worden. Dit betekent dat de uitvoering van de HWBP zo mogelijk sneller en goedkoper moet worden uitgevoerd. Binnen de totale opgave van het HWBP is het faalmechanisme macrostabiliteit, op dit moment, bij 287 kilometer waterkering maatgevend. Aan een groot aantal van deze dijkvakken, met een totale lengte van 69,5 kilometer, is een hoge urgentie toegekend. Deze vakken zijn opgenomen in de HWBP programmering De totale projectkosten voor de versterking van de urgente dijkvakken (inclusief kosten voor voorbereiding, grondverwerving, etc.) worden geschat op circa 800 M. Dit is inclusief eventuele kosten voor maatregelen voor andere faalmechanismen dan macrostabiliteit van het binnentalud. De relatief hoge kosten per kilometer waterkering (bandbreedte 5 15 M /km) worden voor een belangrijk deel veroorzaakt door de omvang en complexiteit van de versterkingsmaatregelen ten gevolge van de slappe ondergrond, het opdrijven van het achterland in combinatie met de aanwezigheid van bij voorkeur te sparen bebouwing dicht op de dijk. Daar waar geen ruimte is voor een grondoplossing vanwege de aanwezigheid van bebouwing, bestaat de oplossing uit constructies zoals verankerde damwanden en betonnen diepwanden, waarvan de kosten hoog zijn. POV Macrostabiliteit Pagina 10 van 90

12 2.3 Nieuwe veiligheidsnormen Afgezien van deze actuele dijkversterkingsopgave die het resultaat is van de laatste toetsing, is er vanuit het Deltaprogramma een additionele opgave geschetst. Het Deltaprogramma heeft in september 2015 deltabeslissingen opgeleverd met voorkeur-strategieën voor de periode tot 2050 met een doorkijk richting Uitgangspunt is dat Nederland ten aanzien van de waterveiligheid afhankelijk blijft van waterkeringen (er worden voorlopig geen nieuwe dammen aangelegd of stormvloedkeringen gebouwd). De opgaven voor de dijken worden door de invloed van klimaatontwikkeling (zeespiegelstijging en toenemende rivierafvoer) maar ook maaivelddaling in veenweidegebieden, langzamerhand groter. Een aanvullend grote opgave voor veel dijkvakken ontstaat door de overgang van veiligheidsnormen gebaseerd op overschrijdingskansen nu, naar overstromingsrisico s straks. Samen met plaatselijk fors hogere normen, die zijn gebaseerd op lange termijn verwachtingen van slachtofferrisico s, schade en groepsrisico s, nemen de hydraulische randvoorwaarden toe en zullen de dijken in de komende tijd opnieuw omhoog moeten. De nieuwe normen zullen worden vastgelegd in de nieuwe Omgevingswet in In 2050 moeten de dijken voldoen aan de nieuwe veiligheidsnormering. Deze gecombineerde opgave heeft niet alleen direct gevolgen voor de hoogte van de dijken, maar eveneens voor de sterkte, c.q. de macrostabiliteit. De verwachting is dat als gevolg hiervan, na de eerstvolgende toetsing die in 2017 start, ca km primaire waterkering zal worden afgekeurd op hoogte en/of sterkte. Een belangrijk deel van deze opgave (30%) ligt in het rivierengebied. De totale kosten worden geraamd op 5 a 6,5 miljard euro. 2.4 De Kansenscan Op basis van een drietal kansenscans heeft het HWBP een aantal kansrijke innovaties en kennisontwikkelingen met betrekking tot macrostabiliteit geïdentificeerd, die door een versnelde doorontwikkeling en implementatie een significante bijdrage kunnen leveren aan de optimalisatie van de versterkingsopgave. Enerzijds is er een positieve invloed op de scope van de projecten, anderzijds hoeft er minder zwaar te worden geconstrueerd. Met een gezamenlijke inspanning van waterkering beheerders, kennisinstellingen, ingenieursbureaus, aannemers en producenten is deze optimalisatie naar verwachting haalbaar. Daarmee kunnen zij bijdragen aan de ambitie van het HWBP om het productievolume (in km/ jaar) te verhogen en de kosten per km te reduceren. Om deze kansen om te zetten in voor de HWBP-projecten toegesneden kennis- en productinnovaties, heeft het HWBP het initiatief genomen voor een projectoverstijgende verkenning POV Macrostabiliteit (POVM). Waterschap Rivierenland is trekker van de POVM. Samen met enkele andere betrokken waterschappen is een startdocument opgesteld, waarin de scope van de POVM wordt beschreven. Op basis van dit startdocument is eind 2014 besloten de POVM daadwerkelijk te starten. Medio 2015 wordt het voorliggende plan van aanpak POVM bij het HWBP ingediend voor het verkrijgen van een subsidiebeschikking. POV Macrostabiliteit Pagina 11 van 90

13 Er is een nadrukkelijke relatie met het Wettelijk Toetsinstrumentarium (WTI), waaraan op dit moment wordt gewerkt; dit geldt evenzo voor het Ontwerpinstrumentarium voor waterkeringen (OI), waarmee de activiteiten vanuit de POVM worden afgestemd. De POVM levert, vanuit de inzet die vooral is gericht op de referentieprojecten, input voor het WTI 2019 en het OI Het is de ambitie in de komende vier jaar, van 2015 tot en met 2018, waarbij het vierde jaar in feite een uitloopjaar is voor verschillende onderwerpen, concrete resultaten op te leveren waarmee dijkversterkingsprojecten substantieel sneller, beter en/of goedkoper kunnen worden gerealiseerd. Dit is een kritische succesfactor voor het slagen van de POVM. Daarnaast wordt hierdoor ook een complementaire bijdrage geleverd aan de kennisagenda s van WTI 2019 en OI In overleg met het Kennisplatform wordt de agenda en de planning toegelicht zodat ook daar helder is wie wat doet. Er is nu echter nog geen sprake van een in ieder opzicht eenduidig en concreet te benoemen eindresultaat. De verkenning heeft het karakter van een programma, waarin verschillende processen en projecten, die ook meer of minder risico s in zich hebben, zullen bijdragen aan het eindresultaat. De gekozen onderwerpen, die onderling samenhang hebben, worden op dit moment door inhoudelijk deskundigen, wel breed gezien als kansrijk. 2.5 De POVM De verwachting is dat de nu aanwezige- en door de tijd toenemende opgave voor macrostabiliteit kan worden verkleind door een gezamenlijke inspanning van waterkering beheerders, kennisinstellingen, ingenieursbureaus, aannemers en producenten. Zij kunnen daarmee een bijdrage leveren aan een strategische doelstelling van het HWBP: sneller, beter en goedkoper'. Goedkoper, een winstverwachting Verwacht mag worden dat de totale opgave voor macrostabiliteit kan worden verkleind en daar waar versterking nodig is met een kleinere ingreep kan worden volstaan. Om deze verwachte winst van de POVM nader financieel te kwantificeren zijn er drie invalshoeken: 1) Vanuit VNK is een inschatting gemaakt van de opgave in de derde toetsronde en die in de vierde toetsronde. In de derde toetsronde is een opgave van 725 km te versterkendijk waarvan 287 km macrostabiliteit betreft. Een raming voor de eerste 70 km geeft een gemiddeld versterkingsbedrag van 11,5 miljoen euro per km. Voor 725 km zou dat uitkomen op een totaal van 3,3 miljard euro. Voor de vierde toetsronde wordt verwacht dat door nieuwe normering de aanvullende opgave in het rivierengebied heel groot zal zijn (zie kaartjes par. 3.3). Voor heel Nederland loopt de verwachte opgave zelfs op naar 1900 km. Deels zullen versterkingen gecombineerd voor de derde en vierde toetsronde opgepakt worden. De opgave zal echter in de tijd fors groter worden en betreffende het mechanisme macrostabiliteit wordt door de POVM ingeschat dat deze opgave zeker groter is dan 5 miljard euro. Met een voorzichtige inschatting op basis van een aantal onderdelen van de POVM wordt voorzien dat de POVM zal bijdragen aan een besparing tussen de 2 en 6% op een investeringen ten aanzien van Macro-stabiliteit de komende jaren. POV Macrostabiliteit Pagina 12 van 90

14 Uitgaande van een investeringsopgave van meer dan 5 miljard euro leidt dit tot een besparing tussen de 100 en 300 miljoen euro. 2) Een tweede inschatting van de impact van de POVM wordt gemaakt op basis van een concrete inschatting van constructies in dijken en de daarbij te behalen kostenbesparingen. Met een aantal sommen is indicatief geraamd dat de impact van het kunnen toelaten van meer flexibiliteit in de constructies door de uiterste grenstoestand (waterveiligheid) en de bruikbaarheidstoestand (bouwveiligheid), een besparing op de op te nemen krachten door de constructie geeft van orde 20 a 25%. Het lijkt aannemelijk om uit te gaan dat deze besparing in krachten zal leiden tot vergelijkbare besparingen in versterkingskosten, dat wil zeggen minimaal 20%. Uitgaande van orde 10% aan dijkversterkingen met constructies zal er orde 100 a 200 km constructies in waterkeringen worden aangelegd. Rekening houdend met de gemiddelde kosten van constructieve oplossingen van 15 miljoen euro per km en 20% kostenreductie komt dit op 300 a 600 miljoen euro. Daarbovenop zal er een kostenreductie gerealiseerd worden door verkleining van de opgave. Scopeverkleining leidt snel tot grote aanvullende bedragen van de besparingen. 3) Tijdens de uitwerking van onderdelen van het rekencluster zijn voor alle onderdelen indicatieve inschattingen gemaakt van de mogelijke besparingen. Voor het onderdeel actuele sterkte wordt geraamd dat alleen voor de Hollandsche IJssel dit al meerdere tientallen miljoenen euro besparing zal geven. 4) Voor het onderdeel opbarsten werd een indicatieve besparing geraamd van orde 5 miljoen wat heeft geleid tot de keuze voor uitvoering van een nadere verkenning en het vooralsnog niet uitvoeren van een grote proevenserie in de POVM. Uit deze verkenning zal moeten blijken of er voldoende winst verwacht wordt om een investering in een grote proevenserie te rechtvaardigen. Dit principe, het vooraf inschatten van rendement, zal tijdens het verloop van de POVM worden gevolgd, waarbij vooraf in de detailplannen van aanpak een onderdeel zal worden uitgewerkt over de te verwachte impact, financieel of op andere doelstellingen. In het onderdeel thermometer zal ook steeds worden vastgesteld of de vooraf beoogde besparing nog steeds aan het eind realistisch blijkt. Tijdens de uitvoering van het programma zal de winst van de verschillende onderdelen dus verder nader worden gekwantificeerd en geevalueerd en wordt daar mede op gestuurd in de prioritering van onderdelen. Heel direct is er een verbinding gelegd met voorlopig zes referentieprojecten van vier verschillende waterschappen; dit zijn reeds in het HWBP geprogrammeerde dijkversterkingsprojecten waar macrostabiliteit het belangrijkste faalmechanisme is. Op deze manier wordt de aansluiting met de actualiteit het meest direct gemaakt. De vragen die vanuit deze projecten worden gesteld om de stabiliteitsproblemen snel en innovatief te kunnen aanpakken bepalen de richting en de scope van de POVM. De aanpassing van afgekeurde kunstwerken maakt overigens geen onderdeel uit van de scope van de POVM. POV Macrostabiliteit Pagina 13 van 90

15 Om de vragen verder uit te werken en de kansen te verkennen is in de POVM in vier thematische clusters onderzoek gedaan naar nieuwe ideeën en inzichten die kunnen helpen om macrostabiliteitsproblemen van dijken effectiever aan te pakken. De resultaten van de eerder door HWBP uitgevoerde kansenscans worden daarin meegenomen. Figuur 1: Clusters met kernonderwerpen De op te starten POVM moet deze verwachting omzetten in voor de HWBP-projecten toegesneden kennis- en productinnovaties. Dit Plan van Aanpak beschrijft het doel en de scope voor de project-overstijgende verkenning POV Macrostabiliteit : de inhoudelijke focus, de aanpak, de aansturing, de organisatie, de tijdshorizon, de planning en het budget. POV Macrostabiliteit Pagina 14 van 90

16 3 Inleiding De waterschappen en het ministerie van Infrastructuur en Milieu voeren in het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) in een alliantie maatregelen uit om de primaire waterkeringen aan de veiligheidsnorm te laten voldoen. Dat doen deze partijen op basis van afspraken, vastgelegd in het Bestuursakkoord Water mei De primaire waterkeringen die zijn afgekeurd in de (verlengde) derde toets ronde zijn opgenomen in de Landelijke Rapportage Toetsing (LRT-3+) behoren tot de scope van het Hoogwaterbeschermingsprogramma(HWBP). Het Hoogwaterbeschermingsprogramma is onderdeel van het nationale Deltaprogramma. Het uitgangspunt van het HWBP is dat een afgekeurde kering die op basis van urgentie wordt geprogrammeerd na uitvoering weer (langere tijd) aan de veiligheidsnorm voldoet. De beheerders voeren deze verbetering uit, beginnend met een brede verkenning, gevolgd door de planuitwerking- en uitvoeringsfase. De programmering van projecten die zijn gestart in 2014 tot 2019 zijn opgenomen in het Deltaprogramma Bij de start van het programma is een top 30 van de aangemelde maatregelen (projecten) vastgesteld op basis van urgentie. Jaarlijks stelt de Ministerraad (via Deltaprogramma) een (bijgestelde) programmering HWBP vast voor de zes jaar die erop volgen. Naast de top 30 projecten worden er vier zogenaamde project overstijgende verkenningen uitgevoerd, namelijk POV Piping, POV Waddenzee, POV Centraal Holland en de POV Macrostabiliteit. Tot de uitvoering van een voorgenomen POV Voorlanden is nog niet besloten. De POVM is in 2014 in de (concept) programmering van het HWBP opgenomen. Door het Waterschap Rivierenland is vervolgens in de brief aan het HWBP aangegeven dat het waterschap van deze POV wel trekker wilde zijn. Voorliggend plan van aanpak beschrijft de verkenning van de POV Macrostabiliteit. Aan de notitie Kennis- en innovatiestrategie van het HWBP (21 november 2012), waarin de ambitie en strategie kernachtig worden geschetst is de volgende passage ontleent: Ambitie HWBP De opgave van het HWBP is de afgekeurde primaire waterkeringen uit de derde toets ronde (november 2011) te versterken. De ambitie is om de opgave vanuit de 12-jaarlijkse toetsing steeds binnen 12 jaar te realiseren. Voor het HWBP is de opgave om 744 km aan afgekeurde dijkvakken en 264 afgekeurde kunstwerken aan te pakken. De uitvoeringsfase van het HWBP start in 2014 met een eerste serie van geprioriteerde projecten. Via een voortrollend programma wordt ieder jaar het lopende programma geëvalueerd en bijgesteld. Elk jaar start weer een nieuwe serie van geprioriteerde projecten met dijkvakken of kunstwerken die nog in portfolio zaten (en waar dus nog geen project voor was gemaakt). In deze bijstelling kan nieuwe kennis en de resultaten van de verlengde derde toets ronde worden meegenomen. De werkvoorraad neemt geleidelijk in de tijd af tot in 2023 de achterstanden zijn weggewerkt en de projecten zijn afgerond of in uitvoering zijn. In 2017 start de 4e toets ronde die tot en met 2023 loopt. POV Macrostabiliteit Pagina 15 van 90

17 Om het HWBP binnen tijd uit te voeren moet de jaarlijkse productie omhoog. Het productievolume van de eerdere programma s, Deltaplan Grote Rivieren en HWBP-2, was gemiddeld 25 km/jaar. Voor HWBP is de ambitie om vanaf km/jaar aan dijkversterkingsprojecten om te zetten. Daarnaast moeten 264 kunstwerken aangepakt worden. Het aantal kunstwerken is nog nooit zo groot geweest. Dit betekent dat de uitvoering van de HWBP een sneller en goedkoper moet worden uitgevoerd Strategie HWBP Het HWBP kan sneller en goedkoper worden uitgevoerd door het beter benutten van bestaande kennis en implementeren van technische en procesinnovaties in de uitvoeringsprojecten. Voldoende handelingsvrijheid voor overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen aan de voorkant van het proces in combinatie met een aantal concrete handvatten en richtlijnen voor de uitvoering van projecten zijn essentieel. De strategie bestaat uit drie speerpunten: 1. Slim programmeren: optimaliseren van de werkvoorraad, stimuleren van innovaties en benutten van kennis en ervaring uit andere projecten en beleidsvelden; 2. Verhogen productie: voorkomen van vertragingen in projecten door ruimte te bieden aan innovaties en door verbeterde samenwerking tussen alle actoren; 3. Reductie kosten per km: toepassen van nieuwe methoden en technieken en benutten van good practices. Binnen het HWBP wordt gewerkt met kansenscans om innovatiekansen op het spoor te komen en nieuwe technieken en/of methodes te vinden die effectief kunnen zijn om faalmechanismen van dijken aan te pakken. Voor macrostabiliteit zijn voorlopig 3 kansenscans (voorjaar 2013, oktober 2013 en 2014) uitgevoerd. De laatste HWBP kansenscan kennis en innovatie 2014 is als bijlage in het HWBP-programma beschikbaar. 3.1 Doel plan van aanpak en leeswijzer Dit plan van aanpak is bedoeld voor het: Vastleggen van het waarom: aanleiding, onderbouwing en doel van de POVM; Vastleggen van het wat en hoe: resultaten, governance, organisatie, aanpak en projectbeheersing; Vastleggen van relevante informatie om het hoe te kunnen toetsen. In de inleiding worden de aanleiding en motivatie voor de POVM toegelicht. In hoofdstuk 4 wordt de hoofdlijn van de structuur, aanpak en uitwerking beschreven. In hoofdstuk 5 vindt u een beschrijving van de vigerende kaders, randvoorwaarden en uitgangspunten, doel, te verwachten resultaten, de verbinding met de geselecteerde referentieprojecten en een implementatiestrategie. Hoofdstuk 6 beschrijft de aanpak en de activiteiten en de strategie om de markt vroegtijdig te betrekken. Hoofdstuk 7 gaat nader in op de aansturing van het programma, voorzien van de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. POV Macrostabiliteit Pagina 16 van 90

18 Hoofdstuk 8 bevat een omschrijving van de structuur en de organisatie. Hoofdstuk 9 gaat over tijd, geld, kwaliteit en risico s. In hoofdstuk 10 tenslotte wordt het onderwerp communicatie toegelicht op basis van een stakeholder-analyse. 3.2 Aanleiding Het aantal dijkvakken dat in het kader van het HWBP programma moet worden versterkt vanwege onvoldoende sterkte voor macrostabiliteit is omvangrijk. Binnen de totale opgave van het HWBP is het faalmechanisme macrostabiliteit bij 287 kilometer waterkering maatgevend. Hiervan is 69,5 kilometer als urgent aangemerkt. Deze dijkvakken zijn opgenomen in de HWBP programmering De totale projectkosten voor de versterking van de urgente dijkvakken (inclusief kosten voor voorbereiding, grondverwerving, etc.) worden geschat op circa 800 miljoen euro (KOSWAT). Dit is overigens inclusief eventuele kosten voor maatregelen voor andere faalmechanismen dan macrostabiliteit van het binnentalud. De relatief hoge kosten per kilometer waterkering (bandbreedte 5 15 M /km) worden voor een belangrijk deel veroorzaakt door de omvang en complexiteit van de versterkingsmaatregelen ten gevolge van de slappe ondergrond, het opdrijven van het achterland in combinatie met de aanwezigheid van bij voorkeur te sparen bebouwing dicht op de dijk. Daar waar geen ruimte is voor een grondoplossing vanwege de aanwezigheid van bebouwing, bestaat de oplossing uit constructies, waarvan de kosten hoog zijn. Foto s dijkversterking Bergambacht-Schoonhoven, 2013, aanbrengen damwand en verankering. Op basis van een kansenscan heeft het HWBP een aantal kansrijke innovaties en kennisontwikkelingen met betrekking tot macrostabiliteit geïdentificeerd, die door een versnelde doorontwikkeling en implementatie een significante bijdrage kunnen leveren aan de optimalisatie van de versterkingsopgave. Enerzijds is er een positieve invloed op de scope van de projecten, anderzijds hoeft er minder zwaar te worden geconstrueerd. Met een gezamenlijke inspanning van waterkering beheerders, kennisinstellingen, ingenieursbureaus, aannemers en producenten is deze optimalisatie naar verwachting haalbaar. Daarmee POV Macrostabiliteit Pagina 17 van 90

19 kunnen zij bijdragen aan de ambitie van het HWBP om het productievolume (in km/ jaar) te verhogen en de kosten per km te reduceren. Om deze kansen om te zetten in voor de HWBP-projecten toegesneden kennis- en productinnovaties, heeft het HWBP het initiatief genomen voor het initiëren van een project overstijgende verkenning POV Macrostabiliteit (POVM). Aan waterschap Rivierenland is gevraagd, om samen met andere betrokken waterschappen een startdocument op te stellen, waarin de scope van de project-overstijgende verkenning POVM wordt beschreven. Op basis van dit startdocument van 20 augustus 2014, heeft het HWBP besloten deze POVM uit te laten voeren. Medio 2015 wordt het voorliggende plan van aanpak POVM bij het HWBP ingediend voor het verkrijgen van een subsidiebeschikking. 3.3 Doel van de POV Macrostabiliteit Het doel van de POV Macrostabiliteit is om samen met waterkeringbeheerders, bedrijfsleven en kennisinstellingen praktisch toepasbare kennis- en productinnovaties te realiseren in de HBWP projecten, inclusief de daarbij behorende rekentechnieken en procesverbeteringen, die een significante bijdrage leveren aan de ambitie van het HWBP om het productievolume (in km/ jaar) te verhogen en de kosten per km te reduceren zonder kwaliteitsverlies. De belangrijkste resultaten moeten uiterlijk 2018 in de toekomstige dijkversterkingsprojecten kunnen worden geimplementeerd. De ambitie sneller, beter, goedkoper moet in het perspectief worden gezien van de juist in deze tijd actuele nieuwe beleidsbeslissingen uit het Deltaprogramma zoals een nieuwe veiligheidsfilosofie (overstromingskansen), overwegend strengere veiligheidsnormen en nieuwe inzichten zoals ongedraineerd rekenen, die gezamenlijk in eerste instantie tot een substantiële verzwaring van de opgave zullen leiden; ook ten aanzien van de macrostabiliteit. Een eerste verkenning geeft de verwachting dat na 2017 opnieuw ca km primaire waterkering zal worden afgekeurd op hoogte en/of sterkte. De kosten hiervan worden geraamd op 5 a 6,5 miljard euro. Een belangrijk deel van deze opgave (30%) ligt in het rivierengebied. De POVM-resultaten kunnen de consequenties van deze nieuwe opgave in tijd en geld vervolgens wel weer beperken. POV Macrostabiliteit Pagina 18 van 90

20 Figuur 2 en Vervroegde marktbenadering De intentie van de waterschappen is om de marktpartijen vroeg in het versterkingsproject te betrekken en in een eerdere fase te komen tot een uitvraag. Dit betekent dat de markt een steeds grotere ontwerpverantwoordelijkheid krijgt. Dit vereist ook meer eenduidigheid in het onderliggende instrumentarium, rekenregels, beoordelings- en toets criteria, die nodig zijn voor een efficiënt ontwerp en daadwerkelijke toepassing. Voor zowel opdrachtgevers als marktpartijen is het van belang met meer duidelijkheid vooraf en dus met meer vertrouwen innovaties (onbewezen technieken) te kunnen toepassen. 3.5 Referentieprojecten De innovaties in het kader van de POV Macrostabiliteit moeten leiden tot daadwerkelijke toepassingen in de HWBP-projecten. Om dit te concretiseren zijn de activiteiten van de POVM worden gekoppeld aan onderstaande, reeds geprogrammeerde, HWBP-projecten: Dijkvak Lengte km Riviertak Beheerder HWBP dijkvak Gorinchem-Waardenburg 23 Merwede/Waal Waterschap Rivierenland 22A/H/I Tiel-Waardenburg 20 Waal Waterschap Rivierenland 22G/J/K(ged) Gouderak 3,5 Hollandsche IJssel HH van Schieland en de Krimpenerwaard 06C Ouderkerk-Krimpen 5 Hollandsche IJssel HH van Schieland en de Krimpenerwaard 06B Gouda 3,8 Hollandsche IJssel HH van Rijnland 05C Markermeerdijk 33 Markermeer Waterschap Hollands Noorderkwartier H HWBP2-dijkvak Voor deze projecten, die zijn aangemeld door de bij de POVM betrokken waterschappen zijn factsheets opgesteld met kentallen, planning, specifieke problematiek en de belangrijkste kansen. De richting en de planning van de POVM-activiteiten moeten aansluiten op deze HWBP-projecten, maar mogen niet leiden tot een vertraging in de planning van deze POV Macrostabiliteit Pagina 19 van 90

21 projecten. Om de risico s in dit opzicht te beperken nemen vertegenwoordigers uit de managementteams van de dijkverbeteringsprojecten deel aan de verschillende POVMprojecten. Op bestuurlijk niveau wordt de aanpak van de POVM-projecten beoordeeld in een stuurgroep die bestaat uit bestuurders van de betrokken waterschappen, aangevuld met een vertegenwoordiging vanuit het Ministerie van I&M vanwege de afstemming en borging van de resultaten in het WTI- en OI-instrumentarium en in bijzondere gevallen, op uitnodiging, de programmadirectie van het HWBP. Zij zullen oordelen over de bestuurlijke urgentie, adviseren over de samenhang, de risico s en eventuele go/no-go momenten per project. Belangrijk aandachtspunt is bv de keuze die gemaakt moet worden als een innovatie om enige reden dreigt te vertragen en niet (meer) past in de planning van een referentieproject. Daarnaast zullen ze adviseren over vooraf per hoofdspoor op te stellen businesscases. In de Stuurgroep POVM zal ook worden bepaald of eveneens op directeurenniveau regulier overleg moet worden georganiseerd. POV Macrostabiliteit Pagina 20 van 90

22 4 Hoofdlijn structuur, onderwerpen en aanpak De POVM werkt op basis van een structuur. Als principe geldt dat de resultaten antwoord geven op de belangrijkste vragen uit de referentieprojecten en ook direct dienstbaar en toepasbaar zijn voor deze referentieprojecten om daarmee deze afzonderlijke processen sneller, beter en/of goedkoper te kunnen doorlopen en uitvoeren. In gesprekken met de managementteams van de 6 eerder genoemde referentieprojecten zijn de belangrijkste vragen geïnventariseerd. Vanzelfsprekend is er ook het streven naar een generieke meerwaarde van de POVM voor alle dijktrajecten waar de stabiliteitsproblematiek nu of later reden is voor afkeuring. De POVM heeft tenslotte een project overstijgend karakter. Het beeld dat zich in algemene zin opdringt uit de gesprekken met de referentieprojecten is dat er aan opdrachtgeverskant sprake is van onvoldoende duidelijkheid en houvast als het gaat om toepassing van onbewezen technieken. Welke toetscriteria geef je mee bij uitbesteding, hoe moet je een nieuwe techniek beoordelen en hoe kom je tot acceptatie, validatie en goedkeuring. Wat is bijvoorbeeld de rol van ENW hierin. Ook bij marktpartijen is de drempel hoog; het is te ingewikkeld, kost te veel tijd, het is onduidelijk hoe je moet rekenen en zeer de vraag hoe de opdrachtgever een ontwerp tenslotte beoordeeld. Eenmaal aanbesteed en gegund komt het overigens wel voor dat in projecten alsnog nieuwe technieken als alternatief worden voorgesteld die dan meer als optimalisatie moeten worden gezien. Voor de POVM zijn de signalen uit de referentieprojecten leidend. Er is een samenhangend pakket aan maatregelen en onderzoek uit naar voren gekomen die geldt als scope van de POVM, waarmee innovatie en toepassing van nieuwe technieken, vooral door duidelijkheid over de aanpak, wordt gestimuleerd en waarmee antwoord kan worden gegeven op belangrijke vragen uit nieuwe inzichten (ongedraineerd rekenen) die nu nog de planning van de projecten dreigt te vertragen. De inhoudelijke activiteiten van het POVM, die ook al zo zijn genoemd- of een verbinding hebben met de onderwerpen die in het Startdocument zijn beschreven, worden uitgewerkt in vier thematische clusters die een sterke onderlinge samenhang hebben, tot het niveau waarop de onderwerpen individueel of in samenhang kunnen worden uitbesteed. Het gaat om de volgende clusters: Innovaties in versterkingstechnieken, Rekenmethodieken, Monitoring van de sterkte en Procesverbeteringen. De nieuwe- of door te ontwikkelen innovatieve technieken worden daarin ondersteund en bediend door de drie andere clusters. Als principe geldt dat pilots van onbewezen technieken, die na validatie en acceptatie rechtstreeks onderdeel kunnen zijn van een dijkversterkingsproject, hiervan ook onderdeel uitmaken in uitvoering en bekostiging. De los van referentieprojecten uit te voeren proeven worden uitgevoerd door de POVM. POV Macrostabiliteit Pagina 21 van 90

23 In onderstaand figuur is de schematische samenhang geschetst. Figuur 4 De input voor de inventarisatie en uiteindelijke selectie van de onderwerpen die, gegeven tijd en budget, maximaal bijdragen aan de meest effectieve aanpak van de macrostabiliteitsproblematiek in de referentieprojecten, is verder mede bepaald uit: Het Startdocument POVM 2014; De workshops op de startbijeenkomst van 19 januari 2015 in Volendam; Suggesties uit de klankbordgroep op 12 februari 2015; Individuele expertise van de clusterleden; Verwacht rendement, op basis van een eerste inschatting van kosten en baten. Binnen de vier clusters is gekeken naar kansrijke onderwerpen vanuit het perspectief: wat is er aan bestaande en gevalideerde kennis, wat is in ontwikkeling en waar is, complementair, vanuit kansen en witte vlekken vooral behoefte aan. Overkoepelend zijn de onderwerpen in de clusters gescoord op: no-regret. Dit gaat om een oordeel van deskundigen in de Clusters over een onderzoek en/of activiteit waarvan vrijwel unaniem werd geconstateerd dat deze inspanning direct was op te pakken als effectief en op korte termijn rendabel. POV Macrostabiliteit Pagina 22 van 90

24 4.1 Nieuwe technieken Uit inventarisatie van recent toegepaste of voorgestelde innovatieve oplossingen voor macrostabiliteitsproblemen blijkt dat het steeds gaat om varianten op een generiek thema. Eigenlijk gaat het om vier families : Vernagelingstechnieken; Langs constructies (al- dan niet verankerde wanden); Drainagetechnieken; Grondverbeteringen. Om de verschillende varianten van deze onbewezen technieken eenvoudiger te kunnen gaan toepassen gaat de POVM hiervoor generieke technische rapporten opstellen, waarmee ook allerlei hybride of samengestelde oplossingen kunnen worden ontworpen en beoordeeld. Begonnen wordt met het verzamelen van de bestaande kennis en vaststellen van de witte vlekken voor deze groepen van technieken. Via de pilots in de referentieprojecten worden de witte vlekken ingevuld voor die technieken die ook daadwerkelijk in de referentieprojecten toegepast kunnen worden. Het einddoel is technische rapporten op te leveren, waarmee zowel concrete technieken alsook gelijksoortige innovaties en technieken kunnen worden ontworpen en beoordeeld en die daarmee ook duidelijk aantoonbaar en navolgbaar geaccepteerd kunnen worden. Proactief wordt gezocht naar mogelijkheden voor pilots van technieken die als concept al bekend zijn, maar de eindstreep nog niet hebben gehaald, zoals vernageling (JLDklapankers), vacuümconsolidatie en verschillende drainagetechnieken. De referentieprojecten zijn daarvoor als eerste in beeld en hebben ook aangegeven daarin een rol te willen spelen. Om deze technische rapporten te kunnen maken en in de praktijk gebruiken is het wel nodig dat inhoudelijk stappen worden gezet op een drietal thema s die daarvoor de inhoud moeten aanleveren: Rekenen; Monitoring; Procesverbetering. 4.2 Rekenen Het is van belang rekentechnieken te ontwikkelen en vooruit te helpen waarmee innovaties eenduidig kunnen worden ontworpen en getoetst, met aandacht voor de veiligheidsfilosofie. Er worden ook kansen benut die tot nu toe zijn blijven liggen en als witte vlek gelden, zoals Actuele sterkte, vervormingseisen en onverankerde constructies, 3D-problematiek, e.d. In het rekencluster wordt op 4 onderwerpen gefocust. Allereerst wordt de overstap die met WTI 2017 gemaakt zal worden van Mohr- Coulomb naar Critical State (veelal ongedraineerdrekenen genoemd) nader uitgewerkt voor ontwerpvraagstukken in de referentieprojecten. Dit is een urgent onderwerp waar vanuit de projecten dringend behoefte aan is om snel de actuele opgave te kunnen bepalen; het gaat dan vooral om de werkwijze voor het grondonderzoek en de parameterbepaling. Ongedraineerd rekenen is in feite een (generiek) onderwerp dat binnen het OI past. De POVM richt zich op de met constructies te versterken dijken; in eerste instantie voor de referentieprojecten die daar snel mee aan de slag moeten. POV Macrostabiliteit Pagina 23 van 90

25 Voor opbarst-situaties wordt uitgezocht hoe daarmee in berekeningen omgegaan moet worden en of er optimalisaties mogelijk zijn. De grootste verwachte project-impact van het rekenluster betreft het onderdeel Actuele sterkte, waarbij voor de Hollandse IJsseldijken (project KIJK ) wordt nagegaan welke optimalisaties mogelijk zijn om, ten aanzien van de sterkte, dichter op de werkelijkheid te gaan zitten. Inhoudelijk zal in het rekencluster een grote stap gemaakt gaan worden in de berekeningen met de eindige elementen methoden (EEM), waar de slag gemaakt gaat worden om vervormingen te kunnen berekenen en de uiterste grenstoestand (waterveiligheid) en de bruikbaarheid grenstoestand (bouweisen) apart te kunnen beoordelen. Vooral voor constructies in dijken is de verwachting dat dit zal leiden tot forse besparingen. Voor al deze onderwerpen zal ook de veiligheidsfilosofie worden ontwikkeld binnen dit cluster. 4.3 Monitoring Het moet beheerorganisaties/waterschappen duidelijk worden dat tijdig meten aan vervormingen en met name waterspanningen veel winst kan opleveren. In de planfase van een dijkversterking kan veel tijd worden gewonnen en met grotere zekerheid worden ontworpen als monitoringsgegevens al beschikbaar zijn. De uitwerking van lifecyclemonitoring kan daar zeer bij helpen. In enkele referentieprojecten zullen hier pilots voor worden gestart. In welke fase van het beheer, afkeuren, ontwerpen en versterken is welke monitoring relevant en in welke fase kan die monitoring het beste plaatsvinden. Bijvoorbeeld een hoogwatermeting of een nulmeting moet meestal eerder plaatsvinden dan de fase waar het project in zit. De tweede belangrijke vraag betreft de overdracht van informatie van de ene naar de volgende projectfase en uiteindelijk weer naar beheer. Dit wordt in pilots in eerste instantie toegepast voor waterspanningen met een directe koppeling naar sterkte van de dijk in de verschillende fasen. Daarna wordt dit uitgebreid naar vervormingen om ook bouw- en waterveiligheidseisen te kunnen onderbouwen en beoordelen. 4.4 Procesverbetering In de interviewronde met referentieprojecten is duidelijk geworden dat de managementteams van de projecten zich zeker moeten voelen bij de acceptatie en toepassing van een onbewezen techniek. Er moeten duidelijke protocollen, c.q. procesbeschrijvingen komen waarmee vooraf helder wordt voor marktpartijen welke criteria de opdrachtgever hanteert ten aanzien van ontwerp, kwaliteit, beheer, e.d. en hoe een aangeboden techniek wordt beoordeeld. En het moet natuurlijk mogelijk zijn een eenmaal met constructies versterkte dijk ook weer te kunnen toetsen. Deze onderwerpen zijn in samenhang een antwoord op de belangrijkste vragen uit de referentieprojecten en ongetwijfeld ook voor veel dijkversterkingsprojecten met een macrostabiliteitsprobleem die nog zullen komen. Als totaal ontstaat zo een pakket aan maatregelen die de scope van de POVM vormt en waarmee de referentieprojecten het meest zijn geholpen. POV Macrostabiliteit Pagina 24 van 90

26 In hoofdstuk 3 is opgeschreven welke onderwerpen per cluster onderdeel zijn van de scope POVM. De verschillende voorstellen, eenmaal getoetst op prioriteit, worden uitgewerkt in afzonderlijke plannen van aanpak, waarbij wordt onderzocht in hoeverre de referentieprojecten dit geheel of gedeeltelijk, onderdeel kunnen maken van de eigen projectscope dijkversterking. De onderwerpen zijn onderling afgestemd qua inhoud en omvang en er zijn prioriteiten aangegeven die zijn doorvertaald naar begroting en planning. De aanpak van enkele noregret onderwerpen, die op korte termijn van groot belang kunnen zijn voor de referentieprojecten, wordt vooruitlopend op de beschikkingsaanvraag alvast opgestart. 4.5 Het kader voor de scope POVM De uitwerking van de geselecteerde onderwerpen moet in samenhang antwoord geven op de belangrijkste vragen uit de referentieprojecten (ten aanzien van macrostabiliteit). De consequenties van nieuwe veiligheidsfilosofie, nieuwe normen en ongedraineerd rekenen die zich aandienen, zijn in feite geen onderwerpen die binnen de scope van de POVM passen. Ze horen meer thuis in het Ontwerpinstrumentarium. De nieuwe hydraulische randvoorwaarden die volgen uit de nieuwe normen, zijn- of komen naar verwachting op tijd voor de referentieprojecten. Voor het ongedraineerd rekenen geldt dat echter niet. Er dreigt vertraging te ontstaan in de planvorming en er is vanuit de projecten nadrukkelijk behoefte aan een korte termijn-methode om de actuele versterkingsopgave goed te kunnen beoordelen, rekening houdend met ongedraineerd rekenen. De POVM wil de urgente vragen vanuit de referentieprojecten oppakken in afstemming met het OI. De generieke doorvertaling is een onderwerp voor het OI. Marktbenadering sec is een onderwerp van het programmabureau HWBP zelf en wordt niet door de POVM opgepakt. De POVM heeft integrale contractvorming wel als onderwerp met de vraag hoe je komt tot functionele uitvraag en de invulling van criteria die vooraf en bij beoordeling van een aanbieding worden gehanteerd. Als de vier clusters in perspectief worden gezet ontstaat in feite een matrix- organisatie. De Cluster techniek stuurt, maar wordt ook beïnvloed door de activiteiten in de andere drie clusters. POV Macrostabiliteit Pagina 25 van 90

27 Figuur 5 In Figuur 5 is verder aangegeven wat per cluster de uiteindelijke doelstelling is van de beoogde resultaten, die ook moeten bijdragen aan de HWBP-doelstelling sneller, beter, goedkoper. Per cluster is de globale denklijn die samenvat wat het cluster beoogd als hoofddoel in hoofdstuk 5 verder aangescherpt naar wat meer specifieke clusterdoelen. Elke activiteit draagt bij- of leidt tot een product in de vorm van een handreiking (receptenboek) of technisch rapport (ontwerpleidraad). In hoofdstuk 5 wordt de scope van de POVM verder uitgewerkt en is een tabel opgenomen met een totaaloverzicht van de POVM-onderwerpen, die gezamenlijk een coherent beeld geeft van de doelstellingen en de na te streven resultaten in de komende periode tot en met 2018, met een directe relatie per onderwerp naar een vragend referentieproject. POV Macrostabiliteit Pagina 26 van 90

28 Naast de hierboven uitgebreider beschreven Plan en Do-fase, wordt aandacht besteed aan de Check en Act-fasen. De eenmaal als antwoord op vragen uit referentieprojecten opgeleverde POVM-resultaten zullen worden gevolgd in de uitvoering en begeleid, in ieder geval zolang als de POVM loopt. In de ook als activiteit opgenomen Thermometer wordt jaarlijks geëvalueerd en gerapporteerd over de resultaten, het rendement en de effectiviteit in de toepassing daarvan. Om de resultaten ook goed en praktisch toepasbaar te maken is de rol van ENW van belang. Met dit adviesorgaan is overlegd over een specifieke rol voor de POVM. De technische rapporten en inhoudelijke rekenrecepten zullen aan ENW worden voorgelegd; in advisering heeft ENW vervolgens een belangrijke rol voor het draagvlak. Het gaat er tenslotte ook om dat niet alleen waterschappen, maar ook marktpartijen en adviesbureaus bekend worden met de resultaten om ze ook met vertrouwen in ontwerp- en adviespraktijk te kunnen toepassen. Er zijn vanuit de POVM concrete afspraken gemaakt met ENW (techniek) om de POVM-resultaten periodiek op de ENW-agenda te hebben. POV Macrostabiliteit Pagina 27 van 90

29 5 Programmabeschrijving 5.1 Vigerende kaders Goede afstemming tussen POVM en de kader stellende overheden is essentieel. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor een goed proces om deze afstemming te borgen, maar niet voor de benodigde wijzigingen van wet- en regelgeving zelf, dat blijft de verantwoordelijkheid van de kader stellende overheid. Dit proces loopt parallel aan de POVM gedurende de gehele looptijd. De belangrijkste vigerende kaders voor het project zijn: de Waterwet, c.q. de Omgevingswet; de subsidieregeling HWBP; de deltabeslissingen en de verankering daarvan in landelijke en provinciale wet- en regelgeving en beleid; de kaders (Handreikingen, Leidraden) voor de verbetering van de keringen; de primaire keringen worden door het rijk gesteld en die voor de regionale keringen door de provincies. Specifiek voor de macrostabiliteit De norm en ligging van de primaire keringen liggen vast in de Waterwet en in het landelijke waterveiligheidsbeleid. De beleidsmatige verankering van de deltabeslissingen (nieuwe veiligheidsfilosofie, nieuwe normen, gerelateerde besluiten zoals de voorkeursstrategie voor de Rijnmaasdelta) vond eind 2014 plaats in de partiële herziening van het Nationaal Waterplan. De integrale herziening vindt plaats in De planning voor het aanpassen van de Waterwet (wettelijke verankering nieuwe veiligheidsfilosofie en nieuwe normen en herziene primaire status C-keringen) is dat dit per 2017 wordt vastgesteld in wat dan naar verwachting de Omgevingswet zal heten. 5.2 Raakvlakken De kennis- en productinnovaties die in dit Plan van Aanpak worden genoemd vertonen op onderdelen parallellen met het onderzoek binnen het OI en de WTI programmering, maar zijn meer gericht op directe toepassing binnen het ontwerp en de uitvoering van de HWBPprojecten. Voor het generiek toepasbaar maken van de resultaten uit de POV Macrostabiliteit zal wel voortdurend aansluiting blijven met de OI en WTI programmering. De invoering van de risicobenadering en de nieuwe normen vraagt nieuw instrumentarium om de veiligheid van de waterkeringen te kunnen beoordelen (toetsen) en verbetermaatregelen te kunnen ontwerpen voor keringen die niet aan de normen voldoen. Het nieuwe toets instrumentarium komt in twee fasen beschikbaar. Op 1 januari 2017 is het instrumentarium voor de eerste fase gereed. Daarmee is het mogelijk waterkeringen die overduidelijk niet voldoen aan de nieuwe normen aan te melden voor het Hoogwaterbeschermingsprogramma. De tweede fase komt op 1 januari 2019 beschikbaar. POV Macrostabiliteit Pagina 28 van 90

30 Daarmee zijn keringen meer in detail te beoordelen. De POVM zal daarvoor naar verwachting belangrijke input leveren. In navolgend kader wordt een beeld geschetst van verwante programma s en activiteiten waarmee de POVM moet afstemmen. Constructieve innovatie is een belangrijk activiteit van de POVM. Kennis die is ontwikkeld binnen het CUR-project INSIDE alsmede de ervaringen die hiermee zijn opgedaan in grootschalige pilots, is een belangrijke input voor de POVM en zal worden gebruikt voor de verdere doorontwikkeling van constructieve innovaties. Ten aanzien van de acceptatie van nieuwe technieken, zullen ervaringen en kennis worden uitgewisseld met de POV Piping. Voor zover passend in de tijd worden de resultaten die vanuit de POVM beschikbaar komen eveneens toegepast in de HWBP2-dijkvakken. In 2014 is door het Rijk, IPO, UvW en VNG een bestuursovereenkomst Deltaprogramma ondertekend waarmee de uitvoering van de deltabeslissingen en voorkeurs strategieën is geborgd. De implementatie van het nieuwe waterveiligheidsbeleid verloopt in drie fasen. In lijn met de wens van de Tweede Kamer is de risicobenadering nu al het uitgangspunt bij het prioriteren van maatregelen voor waterveiligheid (Hoogwaterbeschermingsprogramma). Het Rijk zal het rijksbeleid dat voortkomt uit de voorgestelde deltabeslissing Waterveiligheid verankeren met een partiële herziening van het Nationaal Waterplan (eind 2014). Daarna kan in verkenningen van het Hoogwaterbeschermingsprogramma rekening gehouden worden met de nieuwe normspecificaties. Het streven is dat het nieuwe waterveiligheidsbeleid en de nieuwe normering in 2017 in de wet verankerd zijn, omdat de volgende landelijke toetsing van primaire waterkeringen dat jaar van start gaat en het kabinet daarover in 2023 aan de Tweede Kamer moet rapporteren. POV Macrostabiliteit Pagina 29 van 90

31 5.3 Scope De scope van de verkenning betreft op hoofdlijnen: Ariaal: Zes referentieprojecten; de praktische spin-off is echter: alle waterkeringen waar nu of later sprake is van (macro-)stabiliteitsproblemen. Activiteiten: De inhoudelijke activiteiten van het POVM zijn ook genoemd- of hebben een verbinding met de onderwerpen die in het Startdocument zijn beschreven. Ze worden uitgewerkt in vier thematische clusters die een sterke onderlinge samenhang hebben. Het gaat om de volgende clusters: Innovaties in versterkingstechnieken, Rekenmethodieken, Monitoring van de sterkte en Procesverbeteringen. Om te komen tot innovaties in versterkingstechnieken moet daaraan ook inhoudelijk vanuit de thema s: rekenmethodieken, monitoring en procesverbeteringen worden bijdragen. Op 19 januari 2015 is een Startbijeenkomst gehouden voor de POVM. Tijdens de startbijeenkomst is in verschillende workshops per clusterteam gesproken over kansen, witte vlekken en belangrijke aandachtspunten. In afweging met de huidige praktijk en wat in ontwikkeling is, zijn de volgende inhoudelijke onderwerpen geagendeerd voor verdere uitwerking in de clusters. Jaarlijks zal steeds breed worden geëvalueerd met betrokken partijen of de focus van de POVM moet worden aangescherpt of verlegd, wat eventueel tot programma-aanpassing kan leiden om binnen de planperiode , en budget, tot optimaal resultaat te komen. Figuur 6 POV Macrostabiliteit Pagina 30 van 90

32 De meer inhoudelijke activiteiten per cluster zijn samengevat is navolgende vier plaatjes. Figuur 7 Figuur 8 POV Macrostabiliteit Pagina 31 van 90

33 Figuur 9 Figuur 10 POV Macrostabiliteit Pagina 32 van 90

34 5.4 Referentieprojecten In de inleiding zijn de zes referentieprojecten genoemd die zijn aangemeld door de waterschappen die daarmee ook direct bij de POVM zijn betrokken. De zes dijkversterkingsprojecten hebben alle zes de macrostabiliteitsproblematiek gemeenschappelijk als belangrijke reden voor afkeuring in de laatste toetsronde; zij het dat het karakter van de stabiliteitsproblematiek per project verschilt. Bij de dijken langs de Waal en de Merwede zijn het vooral de opdrijfcondities die de veiligheid beïnvloeden. Langs de Hollandsche IJssel gaat het meer om ondiepere glijvlakken door steile binnentaluds. In alle gevallen gaat het wel om dijkvakken waar dicht op de dijk staande bebouwing een aanvullend probleem oplevert voor een dijkversterking. Het is in planvorming vrijwel vanzelfsprekend dat op- of langs de dijk staande bebouwing uit oogpunt van cultuurhistorie, sociale betekenis en/ of landschappelijke waarde, zoveel mogelijk behouden blijft. Om de problematiek van de projecten te begrijpen en daarmee ook een verbinding te kunnen leggen met de belangrijkste behoefte in de projecten zelf zijn in de maanden maart/april 2015, werkbezoeken gebracht en is een interview-ronde gehouden. De resultaten daarvan zijn de belangrijkste input voor de scope van de POVM. De planning van de referentieprojecten is leidend voor de planning en uitvoering van de POVM-onderwerpen; er is daarmee ook een relatie gelegd en er zal voortdurend op worden gestuurd. Als hier knelpunten ontstaan wordt dit via de voorgestelde escalatielijn behandeld. Bij de beoordeling van go/no-go momenten door de stuurgroep POVM is dit ook een belangrijke afweging. De planning van POVM zal (extern) probabilistisch worden doorgerekend, overeenkomstig de eisen die daaraan worden gesteld. De belangrijkste opmerkingen en vragen van de projectteams aan de POVM samengevat: Gorinchem- Waardenburg, noordelijke Waaldijk Hoe ga je om met nieuwe/innovatieve technieken vanuit de markt, welke eisen stel je in het proces (vooraf, aan rekenmodellen en na aanbieding, bv acceptatiecriteria) en hoe zorg je voor acceptatie door afdelingen beheer en onderhoud. Ongedraineerd rekenen; zorgen dat we erin kunnen geloven. Dijkanalysemodule (DAM) opwerken tot een beter bruikbare tool. Monitoring is nu geheel ontwerp-gericht. Eerder meten levert tijdwinst op. GOWA is bereid mee te doen aan een pilot lifecycle monitoring in een sectie van het dijktraject. Er moet wel eerst een blauwdruk worden opgesteld. Toetsing nieuwe technieken. Generieke eisen voor rekenen door marktpartijen bij D&C, o.a. vervormingscriteria; waarmee benader je de markt. Zorg voor kennisdeling; belangstellende adviesbureaus moeten kunnen meedoen. POVM moet inzicht geven in wat efficiënt is in grondonderzoek, wat is passend in de keuze voor kwantiteit-kwaliteit (bv klasse 1 sonderingen). De bandbreedte van de parameters is een belangrijk uitgangspunt in de (rekenwaarde bij de) berekeningen. POV Macrostabiliteit Pagina 33 van 90

35 5.4.2 Tiel-Waardenburg, noordelijke Waaldijk Hoe om te gaan met bestaande constructies zoals kistdammen/damwand en ontlastputten, waar geen ontwerptekeningen meer van beschikbaar zijn. De volgende onderwerpen zijn belangrijk voor het project: Ongedraineerd rekenen Drainagetechnieken Grondbermen Sterkte in de opbartszone Lifecycle monitoringprojectteam TIWA staat open voor toepassing van innovatieve technieken, maar hoe doe je dat procedureel. Wat zijn de te doorlopen processtappen van de innovatie en hoe verhoudt zich dat tot de planning van het project. Vroege marktbenadering, acceptatiecriteria, wat is de rol van ENW Gouderak en Ouderkerk-Krimpen, Hollandsche IJssel De twee referentieprojecten Gouderak en Ouderkerk-Krimpen hebben een afzonderlijke doorlooptijd, maar de problematiek en de kansen komen overeen. Vanuit de projecten, die ook de verkenningsfase gezamenlijk doorlopen, zijn de volgende aandachtspunten per clusterthema genoemd: Rekenmethodieken: Rekenen met ongedraineerd materiaalgedrag (kennis uit DOV). Dit is voor de projecten interessant gezien de dikke laag slappe grond (incl. veen). Schematiseren van een 3D probleem. De projecten kennen veel lintbebouwing incl. opritten, voorlanden etc. Een 3D benadering zou kunnen leiden tot een aanscherping van de projectscope. Eisen en randvoorwaarden bij rekenen aan complexe versterkingsconstructies. Een zeer kansrijke verbetermaatregel voor de projecten is een constructief scherm over een grote lengte. Actuele sterkte. De waterkering wordt in dagelijkse omstandigheden al aanzienlijk belast. Mogelijk leidt meer kennis omtrent actuele strekte (en het in rekening mogen brengen) tot een aanscherping van de scope. Monitoring: Het project bevindt zich in de afkeurfase/ontwerpfase. Vroegtijdige monitoring naar de freatische lijn is kansrijk. Algemeen is er wat minder gevoel bij het onderscheidend vermogen voor de lijn Monitoring; Procesverbetering: De onderwerpen in de voorlopige scope POVM op dit thema zijn waardevol voor elk project. Voor de Hollandsche IJssel-projecten is met name het proces Ontwerp vs. Toetsing voor onbewezen naar geaccepteerde techniek waardevol. Innovaties in technieken: POV Macrostabiliteit Pagina 34 van 90

36 De sporen dijkvernageling en flexibele damwanden zijn interessant. Gezien de vele lintbebouwing zou het spoor wegnemen obstakels ook interessant kunnen zijn. Als toevoeging is een mogelijk interessant spoor de overstroombare dijk. Een lagere kruin zou de stabiliteit van de dijk kunnen verbeteren. Over het algemeen zien we de grootste kansen op korte termijn voor het spoor Rekenmethodieken en dan met name Actuele sterkte. Deze zouden de project-scope kunnen verkleinen. Dit spoor heeft voor de Hollandsche IJssel-projecten dan ook het meeste haast Gouda, Hollandsche IJssel Hoe krijg je een innovatief dijkontwerp, bv dijkvernageling of schuine damwand, snel gevalideerd en goedgekeurd (door ENW). Zorg voor handvatten voor goede contractuele borging van nieuwe technieken. Zorg voor heldere generieke acceptatiecriteria voor nieuwe technieken. Actuele sterkte is een belangrijk aandachtspunt (als de resultaten op tijd komen) Markermeerdijk Ongedraineerd rekenen is belangrijk voor de Markermeerdijken; het project Dijken op Veen heeft hiervoor al de belangrijkste input geleverd. Markermeerdijken accepteert alleen aanbiedingen met geaccepteerde technieken; voor niet-gevalideerde nieuwe technieken is geen plaats. Vanuit het project is er echter wel veel belangstelling om mee te doen met een pilot vacuüm consolidatie, als de POVM daarvoor althans het initiatief neemt en de resultaten op tijd komen. Lifecycle monitoring is interessant omdat dit thema meedoet in aanbesteding. Er worden eisen gesteld aan de overdracht van het opgeleverde project naar beheerafdelingen. Bouwen in het gesloten seizoen heeft ook de belangstelling. 5.5 Resultaten Navolgend is in tabelvorm aangegeven welke onderwerpen per cluster onderdeel zijn van de scope POVM. De voorstellen, die door de clusters individueel verder zijn uitgewerkt, zijn als achtergrondrapport beschikbaar. Er is een rechtstreekse relatie met de onderwerpen die al in het Startdocument van de POVM zijn benoemd. Het is de bedoeling de verschillende voorstellen, eenmaal getoetst op prioriteit verder uit te werken in afzonderlijke plannen van aanpak, waarbij ook wordt onderzocht in hoeverre de referentieprojecten dit geheel of gedeeltelijk, onderdeel kunnen maken van de eigen projectscope dijkversterking. Als principe geldt dat POVM-onderwerpen die integraal onderdeel zijn van de dijkversterking, in termen van kosten, communicatie en risico s onderdeel uitmaken van de projectscope van het betreffende dijkversterkingsproject. Voor meer generiek onderzoek en proeven op andere locaties geldt dat de verantwoordelijkheid volledig bij de POVM ligt. POV Macrostabiliteit Pagina 35 van 90

37 In een tweetal overleggen van de clustertrekkers met het kernteam zijn de voorstellen vanuit de clusters onderling afgestemd qua inhoud en omvang en zijn prioriteiten aangegeven. De opstart van de no-regret onderwerpen, die ook van evident belang zijn voor de referentieprojecten, wordt daarbij voorzien vanaf de eerste helft van De onderwerpen zijn als overzicht samengevoegd in de navolgende tabel, die ook verder uitgewerkt ten grondslag ligt aan de planning en kostenraming van de POVM (bijlagen 1 en 2). Met kruisjes is het belang van de onderwerpen voor de verschillende referentieprojecten geduid. De in de tabel vetgedrukte kruisjes zijn meer in het bijzonder van belang voor het betreffende referentieproject en geven antwoord op concrete vragen. POV Macrostabiliteit Pagina 36 van 90

38 5.6 Cluster Innovaties in versterkingstechnieken TIWA GOWA HIJ Gouda KIJK Mark Overall eerste ronde Innovatiescan x x x x x tweede ronde Innovatiescan x x x x x 1 Vernagelingstechnieken Concept technisch rapport (met nog witte vlekken) x x x X Technisch rapport x x x X JLD-klapankers, Fullscale test x x x X 2 Langsconstructies/wanden/verankeringen Concept technisch rapport (met nog witte vlekken) x X X x Monitoring bestaande constructie (verankerde damwand) x X x x Fullscale proef langsconstructie, voorbereiding en start x X x x Fullscale proef langsconstructie x X x x Technisch rapport x X x x 3 Drainagetechnieken Technisch rapport (met nog witte vlekken) X x Monitoring (1 installatie) X x Monitoring (2) X x Opstellen plan en begin monitoring pilot proef X x pilotproef DMC-buis X x Technisch rapport x x 4 Grondverbeteringen/bermen concept technisch rapport grondbermen (met nog witte vlekken) X X x voorbereiding proef vacuumconsolidatie x x X Proef vacuumconsolidatie x x X technisch rapport x x X 5.7 Cluster Rekenen 1 Benutten actuele sterkte ; handreiking met stappenplan X X Benutten actuele sterkte toepassing Hollandse Ijssel X X 2 Sterkte in de opbarstzone bestaande kennis bouwputten en impact X x Sterkte in de opbarstzone validatie in proeven en pilot X x 3 Niet stationair waterspanningsverloop (tool en kookboek) x X Niet stationair waterspanningsverloop toepassing in 2 ref cases x X 4 Ongedraineerd rekenen - handreiking ref projecten concept X X x x x Ongedraineerd rekenen handreiking ref projecten definitief en agendering (oi2018?) X X x x x 5 EEM Ontwikkeling rekenmethodiek korte palenwand (KIS 50%) x x x x x EEM berekeningsmethodiek van vervormingen van palenwand in een dijklichaam x x x x x EEM kookboek complexe versterkingsconstructies x X X x x Rekenmethodiek en validatie voor Horizontale vervormingscapaciteit van paalfunderingen x X x X EEM kookboek (Schematiseren van een 3D probleem) X x x x EEM modellering definitief kookboek (ongedraineerd, veiligheidsfilosofie, vervorming) x x x x x EEM implementatie kwaliteitsborging in (opdrachtgevers en advies)praktijk x x x x x Generiek maken HWBP2 ankerkrachtontwikkelingen x X x x 5.8 Cluster Monitoring 1 protocollen plaatsing en interpretatie waterspanningsmetingen (met updates ervaring) X x x x x ontwikkeling in waterspanningsmeters t.a.v. gasproblematiek X x x x x 2 groene versie handreiking Life cycle monitoring X x x X x update en definitieve versie handreiking Life cycle monitoring X x x X x toepassen raamwerk in 2 referentieprojecten x X uitvoeren van meetraaien in 2 referentieprojecten (waterspanning en vervorming) x X 3 innovatieve meettechnieken voor vervormingsmetingen (glasvezel en sateliet) X x x X x toepassing vervormingsmetingen in 2a en 2b X x x X x 4 Datamanegement in de projectfasen X x x X x Implementatie datamanegement in 2a en 2b en 2c 5 Generiek maken HWBP2 ankerkrachtontwikkelingen X x x X 5.9 Cluster Procesverbetering Ontwerpproces 1 handreiking performance based ontwerp (Bouweisen versus waterveiligheidseisen; eurocode) x x x X x 2 handreiking: Diepgang en ontwerpuitwerking in verschillende fasen X x x x x Uitvoeringsproces 3 Opstellen protocol aanbesteding innovatie x X x x 4 Eisen voor geintegreerde contracten X x X x 5 handreiking Bouwen in gesloten seizoen X x x x x Kwaliteitsproces 6 Thermometer POVM resultaten en impact voor HWBP x x x x x POV Macrostabiliteit Pagina 37 van 90

39 In de tabel is een product of combinatie van producten aangegeven. Voor 2015 kan de aanpak per onderwerp in meer detail worden beschreven, voor de jaren daarna gebeurt dat meer op hoofdlijnen, ook omdat de resultaten uit 2015 mede richting geven aan de invulling van de plannen voor 2016 en later. Per cluster is er een globale denklijn die samenvat wat het cluster beoogd als hoofddoel. Deze denklijnen zijn in de navolgende paragrafen verder uitgewerkt. Ze zijn ook steeds meegenomen in de gesprekken met de genoemde referentieprojecten en op basis van die gesprekken aangescherpt tot de versie die nu in dit plan van aanpak is opgeschreven. Elke activiteit draagt bij- of leidt tot een product in de vorm van een handleiding (kookboek) of technisch rapport (ontwerpleidraad). De referentieprojecten staan centraal. Dat wil zeggen dat de individuele POVM-producten, die voor een belangrijk deel ook vanuit de referentieprojecten zijn aangedragen, ook door deze referentieprojecten, in de persoon van projectmanager en technisch manager in voorbereiding en uitvoering worden begeleid en beoordeeld op kansrijkheid en bruikbaarheid. Op deze manier komt ook de implementatie in de projectomgeving het best tot stand. In de interviews met de projectteams werd deze opzet herkend en gewaardeerd. Er is een tweede manier waarop naar de resultaten wordt gekeken: vanuit waterschap Rivierenland zal de toepasbaarheid van de resultaten voor de beheerder (onderhoud, beheer, beleid en toetsing) worden beoordeeld en bijgestuurd, zodat ook de acceptatie vanuit deze visie verantwoord en met draagvlak wordt geborgd. De voorstellen zijn voorgelegd aan de POVM-klankbordgroep, die ook enkele aanvullende voorstellen heeft aangedragen en nadere accenten heeft gezet. Ook voor het vervolg wordt deze consultatie voortgezet in regelmatige besprekingen, waarin de plannen van aanpak voor de verschillende POVM-onderwerpen kunnen worden aangescherpt waardoor ze ook een betere praktische toepassing krijgen. 5.6 Innovaties in versterkingstechnieken Uit de inventarisatie, aangevuld met kansrijke ideeën uit de kansenscan Macrostabiliteit van het HWBP volgen een aantal principe technieken: Vernagelingstechnieken Wandtechnieken o Beperking ankerkrachttoename o Korte damwanden o Rekbare constructies Hybride-achtige combinaties van dijkversterkingstechnieken Grondverbeteringstechnieken (waaronder ook standaard berm) o Vacuüm consolidatie POV Macrostabiliteit Pagina 38 van 90

40 o Geotextielen o Maakbare grond concepten, waarbij met injectietechnieken of MIP technieken de eigenschappen van de grond kunnen worden aangepast Drainagetechnieken of waterontspanners Wegnemen van de belemmeringen in combinatie met grondverbeteringstechnieken o Opvijzelen of verplaatsen van panden o Optimalisaties afschermconstructies d.m.v. monitoring paalmomenten; bij KIS wordt ruimte gezocht in de toelaatbare paalmomenten d.m.v. monitoring. Deze manier van uitvoeren is grensverleggend en zou kunnen leiden tot een generieke aanpak bij andere dijkversterkingen waar starre afschermconstructies nodig zijn Denklijn De focus van de POVM ligt op het verder helpen van de concepten die in theorie binnen referentieprojecten toegepast kunnen worden. Bij het uitdagen van de markt kunnen technieken voorgesteld worden die nu nog slecht beoordeeld kunnen worden met de huidige richtlijnen en technische rapporten. Om toch uiteenlopende inschrijvingen te kunnen beoordelen en te kunnen ontwerpen moet het te ontwikkelen ontwerp- en evaluatieinstrumentarium praktisch en generiek van karakter zijn. De POVM gaat zich op vier typen oplossingen voor macrostabiliteit richten waarvoor meerdere technieken, c.q. varianten beschikbaar zijn waarop innovaties kunnen worden gericht. Er worden 4 principe-technieken, verder genoemd de hoekpunten, uitgewerkt tot generieke technische rapporten. Op basis van deze 4 technische rapporten (voor elk hoekpunt) zou het merendeel van de innovatieve ideeën (mits er een proof of concept van de techniek is) kunnen worden uitgewerkt tot een geaccepteerde techniek. De 4 hoekpunten markeren daarmee gezamenlijk het gehele ontwerpkader. Hybride technieken, dat wil zeggen combinaties van de 4 hoofdoplossingen vallen hier binnen en moeten kunnen worden ontworpen op basis van de set van 4 Technische rapporten die binnen dit cluster worden uitgewerkt. De 4 hoekpunten overspannen als het ware de totale ontwerpruimte. De hybride technieken, dat wil zeggen het combineren van technieken zijn dus niet individueel als zodanig opgenomen, maar kunnen worden uitgewerkt op basis van de 4 hoekpunten. Hybride technieken, waarbij elke techniek op zijn eigen sterkte wordt ingezet, wordt overigens als zeer kansrijk gezien voor verdere innovaties. Dit cluster beoogt dit soort van innovaties dan ook te ondersteunen met een ontwerp en beoordelingskader. De acceptatie van de 4 technische rapporten is essentieel om te kunnen toepassen in de project-praktijk. Hierin heeft ENW een belangrijke rol. ENW wordt betrokken bij de visie en de opzet en te zijner tijd in de vorm van een advies over elk van deze 4 technische rapporten. Voor elk van de 4 hoekpunten wordt dus een generiek technisch rapport opgesteld op basis van de huidige state of the art van het type oplossing. Witte vlekken in kennis worden zo zichtbaar gemaakt en worden ingevuld door specifieke pilots (bijvoorbeeld JLD-klapankers), tests en proeven. Elke specifieke test wordt daarna doorvertaald naar generieke kennis. Het POV Macrostabiliteit Pagina 39 van 90

41 doel van de POVM is dus niet alleen om individuele technieken uit te werken, maar vooral om het type van oplossingsrichting te ondersteunen met een ontwerp- en beoordelingsrapport. Tenslotte wordt tweemaal een innovatiescan uitgevoerd. In deze scan wordt gekeken welke technieken momenteel in de markt voor macrostabiliteit aanwezig zijn en wordt beoordeeld of met de set van 4 rapporten er voldoende informatie is om met dit soort van innovaties een ontwerp te kunnen maken en te beoordelen. Indien er nog kennisleemtes blijken te zijn, maar de techniek door de referentieprojecten wel als kansrijk wordt gezien, kan worden nagegaan hoe dit ingepast kan worden in de POVM. De behoefte binnen de referentieprojecten is bepalend voor het al of niet verder oppakken van een innovatie. Daarnaast is er natuurlijk een belangrijke adviserende stem vanuit de hiërarchische lijn en de klankbordgroep Hoekpunt 1 Vernagelingstechnieken Deze activiteit zorgt voor een Technisch Rapport voor vernageling (betreft onderdelen 1.2c en 1.2d in de tabel van bijlage Kostennota). Op basis van dit technische rapport moeten meerdere soorten vernagelingsconstructies kunnen worden ontworpen, getoetst en beheerd. Het Technische rapport omschrijft onder andere de conceptuele veiligheidsfilosofie. Vernagelingsconstructies kunnen de stabiliteit van de waterkering verhogen zonder dat daarbij uitwendig aanpassingen van het dijkprofiel nodig zijn. Dat maakt dit soort technieken kansrijk in omstandigheden met beperkte ruimte door bebouwing. Vanuit deze functie zou de omgeving beïnvloeding van de technieken in elke fase van de levensduur minimaal moeten zijn. Een ontwerpprotocol en een uitvoeringsprotocol of methode waarmee kan worden aangetoond dat de constructie na aanleg aan de gewenste betrouwbaarheid voldoet ontbreekt nog (uitvoeringsprotocol is belangrijk voor de D&C contractvorm). Momenteel loopt een pilot van de JLD ankerproef in Purmerend. Dit betreft een fullscale proef die binnen de POV Cluster Techniek wordt uitgevoerd (betreft onderdelen 1.2a en 1.2b in de tabel van bijlage Kostennota). Deze pilot wordt door een consortium van JLD contracting, Antea groep en Wiertsema getrokken en wordt naar verwachting in augustus 2015 afgerond. Daarnaast wordt een pilot met de techniek vernageling uitgevoerd bij dijkversterking Vianen en een pilot met dijkdeuvels bij de dijkversterking HOP. Deze pilots worden vanuit de dijkversterkingsprojecten uitgevoerd als complete versterkingsoplossing. In het verleden (2009 en 2012) zijn pilots met dijkdeuvels en met MIP uitgevoerd bij Nieuw- Lekkerland. De resultaten van eerder uitgevoerde (INSIDE) proeven en recente proeven zoals vernageling in Vianen worden meegenomen in de uitwerking van deze technieken tot generieke technische rapporten die om advies aan ENW worden voorgelegd. In het Technische rapport vernageling moeten de navolgende vragen worden uitgewerkt: 1. Ontwerprichtlijnen inclusief bijhorende veiligheidsfilosofie 2. Toets richtlijn met bijhorende veiligheidsfilosofie 3. Beheeraspecten Ad 1) Vanuit de nu lopende en hierboven genoemde pilots wordt duidelijk dat het ontwerpen van deze technieken uitgevoerd zou moeten worden met numerieke modellen. Hierbij is een verbinding met het cluster rekenen van groot belang. Met name de onderdelen EEM daarin. POV Macrostabiliteit Pagina 40 van 90

42 Op basis van 3-D numerieke modellen zal het ontwerp dienen te worden gemaakt waarbij belasting- en materiaalfactoren worden gehanteerd, zodanig dat het ontwerp aan de gestelde sterkte en vervormingseisen voldoet. Het gaat hierbij om een generiek kookboek hoe dit soort vernagelingstechnieken ontworpen zouden moeten worden, niet om een maatwerk ontwerpwijze voor 1 type van grondvernageling. De bruikbaarheid moet met name worden geborgd vanuit de beheerders. Ad 2) Vanuit de ontwerprichtlijn volgt vervolgens de toetsingsrichtlijn. Deze richtlijn moet het ook mogelijk maken om de constructie te toetsen bij gewijzigde uitgangspunten. De bruikbaarheid moet met name worden geborgd vanuit de beheerders en moet ondersteund worden met een ENW-advies. Ad 3) Na ontwerp moet de constructie beheerd en weer getoetst kunnen worden. Vanuit het ontwerp zullen aspecten volgen die niet gedurende de gehele levenscyclus kunnen worden gegarandeerd en die mogelijk periodiek moeten worden opgewaardeerd. De bruikbaarheid moet met name worden geborgd vanuit de beheerders Hoekpunt 2 Damwanden en rekbare constructies Binnen KIS en andere dijkversterkingen worden constructies ontworpen. Dit gebeurt volgens de laatste inzichten aangaande het dimensioneren van waterkerende langsconstructies (dit gebeurt meestal conform Ontwerprichtlijn Stabiliteitsschermen ). Deze ontwerprichtlijn is opgesteld voor de stalen damwand maar wordt momenteel ook wel toegepast voor andere soorten constructies. In het verleden is een korte damwandproef uitgevoerd. De binnen deze projecten opgedane kennis zou moeten worden gebundeld met de in de POVM nog te ontwikkelen kennis en worden verankerd in een technisch rapport met betrekking tot ontwerpen van langsconstructies (betreft onderdelen 1.3a en 1.3e in de tabel van bijlage Kostennota). Binnen het cluster rekenen wordt hiervoor ook een grote inspanning betreffende EEM (eindige elementen methode) gedaan, die voor dit onderdeel beschikbaar dient te komen. Dit technisch rapport dient breed te worden ingestoken zodat het document toepasbaar is voor een breed scala aan wandtechnieken die kunnen worden toegepast bij het verbeteren van dijken met stabiliteitsproblemen. Damwanden en rekbare constructies kunnen de stabiliteit van de waterkering verhogen zonder dat daarbij uitwendig aanpassingen aan het dijkprofiel wordt gedaan. Dit maakt dit soort technieken kansrijk in situaties met ruimtegebrek. Vanuit deze functie zou de omgevings-beïnvloeding van de technieken in elke fase van de levensduur minimaal moeten zijn. Binnen de POV macrostabiliteit moet er, voor de beoordeling van de omgeving (bv panden), kennis worden ontwikkeld over de vervormingen van waterkerende constructies (zowel grond als harde constructies). Door meer flexibiliteit in de eisen betreffende vervormingen te stellen, kunnen er naar verwachting forse optimalisaties in het ontwerp worden bereikt. De rekenmethodiek moet dan wel scherp gedefinieerd worden, zodat optimalisaties goed numeriek te onderbouwen zijn. Validatie van deze rekentechnieken is daarvoor essentieel, waarvoor praktijkproeven tot en met forse vervormingen of bezwijken benodigd zijn (betreft POV Macrostabiliteit Pagina 41 van 90

43 onderdelen 1.3b, 1.3c en 1.3d in de tabel van bijlage Kostennota). In een echte dijk (onderdeel 1.3.b) zijn hierbij meer beperkingen en daarom lijkt een fullscale test op een proefveld (onderdelen 1.3.c en 1.3.d) voor de hand liggend als validatietest. Vanuit het toets proces en vanuit beheer moet duidelijk zijn wat de vervormingseisen betekenen. Ook moet worden nagedacht over de te hanteren veiligheidsfilosofie van grotere vervormingen van constructies in zowel de bruikbaarheidsgrenstoestand als de uiterste grenstoestand. De eurocode (internationale bouwnormen) geeft al richting, evenals de praktijk rond aardbevingsonderwerpen; de juridische kant en eisen hierbij wordt in het procescluster (paragraaf 5.9) opgepakt. Daarnaast kunnen er maatregelen zijn om de grotere vervormingen qua waterveiligheid op te vangen zonder dat de dijk faalt. (kruinzakking te compenseren met extra overhoogte). En er moet voor beheerders kennis en beleid worden ontwikkeld hoe er moet worden omgegaan met de omgevingsbeïnvloeding (bebouwing, kabels en leidingen, op- en afritten), dit laatste punt is ook onderdeel van het procescluster. Het optimaliseren van verankeringen door grotere vervormingen toe te staan in een constructie (en de omgeving) kan verder worden onderbouwd door model (fullscale) onderzoek. Hierbij wordt voor de werkzaamheden vanuit de POVM ook aangesloten op de initiatieven die vanuit het HWBP2 binnen projecten op dit gebied worden genomen. (monitoring van zetting op ankers, dit betreft het onderdeel onder het rekencluster, 2.9B in de tabel van bijlage Kostennota). Andere aan dit hoekpunt gerelateerde constructies zijn flexibele constructies. Ideeën om daarbij andere materialen toe te passen of andere verankeringstechnieken (bijvoorbeeld ontlastankers) kunnen hierbij verder worden uitgewerkt. Hiervoor geldt dat er een aantal technieken zijn die kansrijk kunnen worden maar nog een grote stap in ontwikkeling nodig hebben als het gaat om maakbaarheid, materiaal onderzoek etc. Ook hiervoor geldt dat bij het ontwerp van dit soort technieken inzicht in vervorming belangrijk is. De constructie zal als gevolg van meer vervorming ook meer sterkte uit het bestaande dijklichaam kunnen halen waardoor de constructies beter samenwerken met de dijk en minder zwaar hoeven te worden gedimensioneerd. Dit generieke aspect wordt in de POVM verder uitgewerkt en valt qua werkzaamheden onder de pilot (betreft onderdeel 1.3c en 1.3d in de tabel van bijlage Kostennota). Vooral in de uitwerking van vervormingscriteria kan worden bezien of een oplossing met ontlastankers of flexibele constructies met veel vervorming kansrijk is. Hierbij kan ook gekeken worden naar oude getrokken palen onder woonhuizen, landhoofden etc. Dit wordt vanuit het rekencluster opgepakt (betreft onderdeel 2.6 in de tabel van bijlage Kostennota). Tevens wordt voorgesteld om bij de uitwerking een analyse op te stellen voor die technieken die in het verleden zijn uitgewerkt maar nog geen brede toepassing vinden. Hierbij dient achterhaald te worden of het niet toepassen van de techniek in het huidige arsenaal toe te schrijven is aan de techniek zelf of aan de toegepaste veiligheidsfilosofie en berekeningsmethode, zonder dat de werking van de techniek zelf aan de orde is. Dit vindt plaats samen met de innovatiescans (betreft onderdeel 1.1a en 1.1b in de tabel van bijlage Kostennota). POV Macrostabiliteit Pagina 42 van 90

44 5.6.4 Hoekpunt 3 drainage constructies, in combinatie met huidige waterkering Drainageconstructies zijn eigenlijk een vorm van hybride technieken; de dijk zorgt voor de sterkte en de hoogte van de waterkering en de drainagetechniek voor belastingreductie in de dijk zelf of in het diepe zand. Technieken om waterdruk te reduceren zijn ontlastputten, waterontspanners, DMC buis, die soms al zijn getest in proefopstellingen en daarbij effectief bleken. Binnen de POV piping is er een kleinschalige pilot (lengte ca. 100 m) opgestart met de DMC buis als piping preventiemaatregel. Daarnaast is er een aantal waterontspanners in het verleden geplaatst (stadswal Vianen, Opijnen, Jaarsveld) en wordt er momenteel een plan uitgewerkt voor een drainagetechniek voor Schoonhovenseveer- Langerak. Van deze projecten kan veel worden geleerd met eventueel aanvullend een gerichte monitoring. Voor enkele referentieprojecten, waarbij de stabiliteitsfactor maar weinig verbeterd behoefd te worden, worden waterontspanners als kansrijk gezien omdat de waterdrukverlaging mogelijk niet zo heel groot hoeft te zijn om tot voldoende stabiliteit te komen. Een voorbeeld hiervan is de dijkversterking Schoonhovenseveer Langerak. Een waterdrukverlaging van ruim 1,2 m onder de berm van de dijk leidt tot voldoende stabiliteit. Het debiet wat moet worden afgepompt om dit te realiseren lijkt mogelijk met een drainagetechniek. Een pilot waarbij bijvoorbeeld DMC wordt ingezet als stabiliteitsmaatregel is er nog niet. Door deze op te starten kan gezamenlijk met het project Schoonhovenseveer-Langerak de rekenmethode, maar meer nog de veiligheidsfilosofie van dit soort technieken generiek worden ontwikkeld en geoptimaliseerd. Dit resulteert in een Technisch Rapport (betreft onderdeel 1.4a en 1.4f in de tabel van bijlage Kostennota). Dit spoor kan gefaseerd worden opgepakt samen met één of enkele marktpartijen. In eerste instantie moet in een op te stellen technische rapport een generieke veiligheidsfilosofie worden ontwikkeld voor het ontwerp (betreft onderdeel 1.4a in de tabel van bijlage Kostennota).Vragen die hierbij generiek moeten worden beantwoord zijn; Hoe moet de toelaatbare faalkans van de waterontspanner/drainagetechniek bepaald worden) gegeven de faalkans van de dijk. Hoe moet de schadefactor voor de stabiliteitsanalyses worden bepaald. Hoe moet de waterontspanner worden ontworpen zodat deze aan de faalkans kan voldoen (foutenboom). Hoe moet worden omgegaan met onzekerheden in het functioneren of modeleren van de waterontspanner (belasting factoren in de reguliere stabiliteitsanalyse op de potentiaal in het zand). Omdat al veel is uitgezocht wordt verwacht dat het opschrijven van bovenstaande aspecten relatief snel zou kunnen. Als voorbereiding naar een pilotproject voor een waterontspanner/drainagetechniek wordt voorgesteld om op bestaande waterontspanners testen uit te voeren en monitoring op deze putten uit te breiden om meer te weten te komen van de langdurige werking van het systeem en eventueel degeneratie van het systeem (betreft onderdeel 1.4b, 1.4c en 1.4d in de tabel van bijlage Kostennota).Voorgesteld wordt om dit jaar al monitoringsplannen op te stellen en POV Macrostabiliteit Pagina 43 van 90

45 de monitoring voor het gesloten seizoen te plaatsen. Dit onderwerp is onderdeel van het cluster monitoring. In de periode 2016 tot 2018 zou een pilotproject kunnen worden uitgevoerd met vanuit het cluster monitoring de aanbeveling de monitoring zo snel mogelijk te installeren (betreft onderdeel 1.4e in de tabel van bijlage Kostennota) Hoekpunt 4, grondbermen en andere constructies Voor geogrids, geotextielen, Terre Armée, e.d. geldt dat in bijvoorbeeld de Handreiking Constructief ontwerpen uit 1995 al een aantal varianten zijn genoemd. In het laatste decennium zijn daar de maakbare grond concepten aan toegevoegd, zoals Versterkt Veen, biogrout, SmartSoils, en gels. Een groot aantal van deze technieken wordt in de wegenbouw toegepast voor bijvoorbeeld de uitvoeringsfase, maar ook voor de eindsituatie. In de waterkeringenwereld worden deze technieken nog nauwelijks toegepast. Het zijn slechts ideeën en ze vinden nagenoeg geen toepassing. Een gericht onderzoek naar de belemmeringen van deze technieken (los van alle dogma s die hierover zijn) zou kunnen helpen om dit soort concepten acceptabel en meer aantrekkelijk te maken; niet alleen voor ontwerp, maar ook voor beheer- en onderhoud Gels of andere technieken die gebruikt zouden kunnen worden om aquifers ondoorlatend(er) te maken kunnen mogelijk kansrijk zijn. Hierbij moet worden opgemerkt dat de combinatie van dit soort technieken met de andere genoemde technieken (hybride oplossingen) mogelijk wel kansrijk is. Injectietechnieken worden in de wegenbouw toegepast maar hebben hun weg naar waterkeringen nog niet gevonden. Versterkt veen wordt toegepast als lichte verharding bij wegen. Recentelijk is getracht om met versterkt veen een berm aan te leggen bij de Kadeversterking Ringdijk Zuiderlegmeer van Waternet. Deze pilot is op het laatste moment niet doorgegaan omdat a.g.v. milieuproblemen die niet binnen de duur van het project konden worden opgelost, het risicoprofiel van het project te hoog werd en van uitvoering werd afgezien. Bij bouwputten worden bijvoorbeeld injectiegels gebruikt om opbarsten van putbodems te voorkomen, zonder dat er onderwaterbeton wordt gebruikt. Injectie technieken als gels of smartsoils toepassingen, kunnen de doorlatendheid van het zand verkleinen. Soortgelijke technieken reduceren de respons van de waterdruk in de vaste zandlagen bij rivierwaterstandstijgingen, dat heeft een gunstig effect op de stabiliteit van dijken. In gevallen waarbij een verlaging van de respons van bijvoorbeeld 80 % naar 50- % leidt tot een voldoende veilige dijk kunnen dit soort technieken kansrijk zijn. Met behulp van vacuümconsolidatie kan de zogenaamde grensspanning in de ondergrond worden verhoogd waardoor de ongedraineerde schuifsterkte toe neemt. Ook kan met deze techniek een strook grond als het ware wordt ingepakt en voorzien van een luchtonderdruk, waardoor de consolidatie wordt versneld, de horizontale deformatie wordt beperkt en de grensspanning wordt verhoogd. Hierdoor kan, zonder fysiek een berm aan te brengen toch de ongedraineerde schuifsterkte van grond achter de dijk worden verhoogd. Hoekpunt 4 geeft enkele kansrijke methoden om de sterkte van de grond zelf te verhogen. Een aantal van de concepten hebben hun weg naar de waterkering nog niet gevonden en zijn nog ver van toepassing. Deze zouden vanuit de POVM een zet in de juiste richting kunnen krijgen POV Macrostabiliteit Pagina 44 van 90

46 Onder deze technieken vallen: Geo- claylineres Gels en andere injectietechnieken Geotextielen en grids Deze technieken worden via de eerder genoemde innovatiescan ingebracht en bekeken op kansrijkheid voor macrostabiliteit-toepassingen. Kansrijke toepassingen, waarbij de referentieprojecten belangrijke beoordelaars zijn, worden in het technisch rapport verder uitgewerkt (betreft onderdelen 1.5a en 1.5d in de tabel van bijlage Kostennota).Een techniek die al dicht tegen de toepassing aanzit is vacuümconsolidatie. In het verleden is deze techniek al vaker toegepast met name voor horizontale vervormingenbeperking en voor uitvoeringsversnelling. Nu het ongedraineerd rekenen wordt ingevoerd neemt de effectiviteit en kansrijkheid van deze techniek toe, omdat het ook sterkte toevoegt en variatie in sterkte verminderd. Door de grond extra te belasten neemt de grensspanning gecontroleerd toe en treedt samendrukking op. Door de vacuüm druk er na consolidatie weer af te laten zal de grond gaan reageren als overgeconsolideerde grond en daarmee is de sterkte toegenomen. Onderzoeksvragen die hierbij opgelost moeten worden liggen vooral in de mate waarin de spanningsverhoging doorwerkt (in de diepere lagen) en daadwerkelijk blijvend is. Daarnaast moeten richtlijnen worden opgesteld hoe dit effect verantwoord en op een veilige wijze kan worden gekwantificeerd. Er is veld- en laboratoriumonderzoek nodig (betreft onderdelen 1.5b en 1.5c in de tabel van bijlage Kostennota). Dit kan middels een proefveld, bijvoorbeeld in Noord Holland bij de Markermeerdijken. Een andere optie is om locaties te gaan zoeken in Nederland waar de grond met behulp van vacuümconsolidatie of tijdelijke terpen is voorbelast geweest. Door op deze locaties grondmonsters te steken en te beproeven kan worden geanalyseerd of de grensspanning in deze grondsoorten hoger is dan naastgelegen niet voorbelaste grond. 5.7 Cluster Rekenmethodieken Door het cluster rekenmethodieken zijn 8 onderwerpen benoemd, waarop in het 3 jarige POVM programma een grote stap voorwaarts kan worden gezet. Daarnaast is een aanvullend onderwerp, nummer 9, opgenomen betreffende het generiek maken van de pilots die plaatsvinden onder HWBP2 betreffende zetting op ankers (betreft onderdeel 2.9b in de tabel van bijlage Kostennota). Hieronder zijn de onderwerpen aangegeven en is vermeld welk type product of resultaat voor deze onderwerpen zal worden opgeleverd Benutten van de actuele sterkte Betreft onderdelen 2.1a en 2.1b in de tabel van bijlage Kostennota. De potentiele kostenbesparing voor alleen al de referentieprojecten is aanzienlijk. Nederland breed is dit nog veel groter. Met name voor dijken waar de stabiliteit onder normale omstandigheden niet veel afwijkt van maatgevende omstandigheden (daar waar opdrijven niet speelt en het POV Macrostabiliteit Pagina 45 van 90

47 freatisch vlak niet wordt beïnvloed door het buitenwater. In de adviespraktijk worden deze technieken, die voor groot gedeelte al bestaan, niet- of onvoldoende gebruikt. De urgentie is derhalve hoog. Mede omdat het onderzoek vele fasen kent, wordt geadviseerd de eerste fase(n) snel op te pakken. Het product of resultaat is een methode en handreiking met een stappenplan aan de hand van case Hollandse IJsseldijken en implementatie in ontwerp adviespraktijk. Ook buiten deze case zijn er veel kansen om besparingen te realiseren op dit onderwerp. Dit onderwerp is als no-regret al verder uitgewerkt in een deelplan Sterkte in de opbarstzone Voor de nog toe te passen sterkte in de opbarstzone wordt in het ontwerp in de praktijk c= phi= 0 toegepast, dat wil zeggen: er is geen enkele sterkte meer als de grond opbarst. Door verschillende waterschappen en ontwerpers wordt verschillend geïnterpreteerd bij welke opbarstveiligheid dit moet worden toegepast. In werkelijkheid zal de opbarstzone naar verwachting lokaal zijn en zal een sterkte hoger dan nul in de rekendwarsdoorsnede mogelijk blijken, maar wat dan mag worden toegepast is niet bekend. Door verschillende interpretaties wordt nu in een aantal gevallen vermoedelijk niet alleen te veilig geschematiseerd, er wordt waarschijnlijk ook onveilig geschematiseerd. Om de omvang van de impact van een studie naar de sterkte in de opbarstzone nader te bepalen wordt voorgesteld te beginnen met een verkennend onderzoek met een consequentieanalyse in de referentieprojecten en literatuurstudie (betreft onderdeel 2.2a in de tabel van bijlage Kostennota). Afhankelijk van de impact en het verwachte rendement in de projecten kan de diepgang van de daarna op te stellen handreiking hoe met sterkte bij opdrijven moet worden omgegaan worden uitgewerkt en gevalideerd. De mate van validatie (betreft onderdeel 2.2b in de tabel van bijlage Kostennota), zal bepalend zijn in de uiteindelijke nauwkeurigheid van de methodiek en daarmee in de mate waarin de sterkte mag worden toegepast in een ontwerp. De mate van validatie betreft een kostenafweging, omdat de validatie middels een full scale proef naar verwachting een relatief groot percentage kan zijn ten opzichte van de verwachte winst in de referentieprojecten Niet stationair (tijdsafhankelijk) waterspanningsverloop Betreft onderdeel 2.3a en 2.3b in de tabel van bijlage Kostennota). Dit onderwerp heeft in potentie een grote besparing in de referentieprojecten en is tevens onderdeel van de interpretatie van waterspanningen die uit het monitoringscluster komen. Het product betreft een handreiking met een stappenplan. Daarbij handvatten voor waar gebruik van niet stationaire berekeningen met het DGflow-model toepasbaar is en waar niet. Er wordt vanuit gegaan dat het DGflow model beschikbaar zal zijn voor ontwerp, anders dient dit aanvullend te worden opgepakt. Tevens wordt uitgewerkt welk protocol kan worden gevolgd voor parameterbepaling en inrichting van een monitoringsprogramma met de interpretatie van de resultaten. Dit onderdeel is in afstemming met het monitoringscluster. Implementatie in adviespraktijk middels een voorbeeldsituatie uit een referentieproject. POV Macrostabiliteit Pagina 46 van 90

48 5.7.4 Rekenen met ongedraineerd materiaalgedrag. In WTI wordt kennis ontwikkeld voor het toetsen met critical state modellen (ongedraineerd gedrag) en in DOV (dijken op veen) is dit tevens toepasbaar gemaakt voor het ontwerp van dijken op veen. In dit onderdeel wordt deze kennis toepasbaar gemaakt voor de referentieprojecten in de vorm van een handreiking betreffende het toepassen ongedraineerd materiaalgedrag voor ontwerp van met constructies te versterken dijken, vooruitlopend op een meer generieke en definitieve richtlijn vanuit OI. Dit sluit goed aan op urgente vragen uit de referentieprojecten. Gestart wordt met een protocol parameterbepaling t.b.v. ontwerp en een consequentieanalyse op de referentieprojecten. Parameterbepaling: Het deelonderwerp parameterbepaling wordt niet gezien als een onderwerp dat in de POVM dient te worden opgepakt. Dit hoort thuis in OI Wel is voor de POVM van belang dat een beperkte actie wordt uitgevoerd om te komen tot voorstellen voor aanpassing van protocollen voor parameterbepaling m.b.t. macrostabiliteit. Omdat parameterbepaling voor alle onderwerpen van belang is, dit onderwerp hoog scoorde tijdens de workshop op 19 januari 2015 en omdat de behoefte hieraan op korte termijn nadrukkelijk in de referentieprojecten werd uitgesproken, is de urgentie hoog. Deze inspanning kan in de eerste fase worden uitgevoerd. Rekenen met ongedraineerd materiaalgedrag: Ervan uitgaande dat rekenen met ongedraineerd materiaalgedrag de norm wordt, is het beschikbaar maken van deze kennis en het eventueel verder ontwikkelen van belang. Omdat er een link ligt met bijna alle andere onderwerpen binnen het cluster rekentechnieken heeft dit hoge prioriteit. Ook met de onderwerpen 1, 2, 4 en 5 die eveneens in de eerste fase worden opgestart. Het heeft ook hierom een hoge urgentie Eisen en randvoorwaarden bij het rekenen aan complexe versterkingsconstructies in waterkeringen Steeds meer ontwerpen worden uitgevoerd met EEM methoden. In de praktijk blijkt dat de kwaliteit van de berekeningen door marktpartijen niet altijd voldoende transparant en navolgbaar zijn. De kwaliteit van dit soort berekeningen is afhankelijk van meer aspecten dan bijvoorbeeld gebruikte software. Voor verbetering van de kwaliteitsborging van de (ontwerpberekening) zal bijvoorbeeld een set verificatieeisen een uitkomst bieden. Voor de invulling hiervan kan een brainstormsessie gehouden worden waarin vertegenwoordiger(s) van de WTI teams van Deltares aanwezig zijn (die met een tool voor macrostabiliteit bezig zijn), een aantal experienced gebruikers vanuit het bedrijfsleven, een aantal technische managers (die aantoonbaar ervaring hebben met EEM berekeningen).voorbereiding van de werksessie met scherpe formulering van de doelstelling en agenda kan door het Cluster Procesverbetering voorbereid worden. Uit de werksessie zal een eerste draft van de verificatie-eisen opgesteld worden. Het hoofddoel is om te komen met een EEM rekenmethodiek waarmee alle onderwerpen met constructies van het techniek cluster kunnen worden berekend. Belangrijk hierbij is dat onderscheid kan worden gemaakt tussen de uiterste grenstoestand en de bruikbaarheidsgrenstoestand. Daarom moeten de POV Macrostabiliteit Pagina 47 van 90

49 vervormingen van dijk en constructie kunnen worden gekwantificeerd. De aanpak hiervoor is EEM, maar de uitwerking is niet evident en momenteel niet eenduidig in de praktijk. Een tweede hoofddoel is om te komen met een veiligheidsbenadering in de rekenmethodiek, waarmee een constructie veilig, maar niet overdreven veilig wordt berekend. De huidige praktijk lijkt tot over dimensionering in constructies te komen als dit naast andere typen bouwwerken wordt gelegd. Een veiligheidsbenadering conform de c/phi reductie kan niet als er een critical state aanpak wordt gevolgd. Een alternatieve methode dient te worden vastgesteld. De resultaten zullen steeds in een van de referentieprojecten op werkbaarheid worden getoetst. Na deze stap wordt de impact geëvalueerd en worden de eisen eventueel aangescherpt/ aangepast. Dit onderdeel wordt daarom ook gestart vanuit een concrete projectopgave. Hiervoor wordt de case van een korte palenwand in KIS opgepakt (betreft 2.5a in de tabel van bijlage Kostennota).Hierdoor is de ontwikkeling van de kennis in dit onderdeel direct gekoppeld aan de concrete vragen van de ontwerppraktijk. In dit project kunnen lichtere constructies worden ontworpen door onderbouwd scherpere vervormingseisen te mogen toepassen. Het toepassen van ankers en gordingen kan dan waarschijnlijk worden voorkomen Horizontale vervormingscapaciteit van paalfunderingen Betreft onderdeel 2.6 in de tabel van bijlage Kostennota. Dit onderdeel sluit aan op de in paragraaf beschreven tekst over hoekpunt 2. De rekenmethodiek die nodig is voor dit hoekpunt betreffende wanden en schermen, wordt in dit onderdeel van het rekencluster uitgewerkt in de vorm van een kookboek EEM Schematiseren van een 3D probleem Betreft onderdeel 2.7 in de tabel van bijlage Kostennota. Voor het onderdeel dijknagels speelt groepswerking van meerdere nagels ten opzichte van een enkele nagel. Dit is een 3-dimensionaal probleem dat met een 3D EEM berekend zou kunnen worden. De wijze waarop dient verder te worden uitgewerkt. Bij dijkversterkingen komen meer 3D problemen voor. Denk aan het einde van een palenwand, een deuveloplossing en het kwantificeren van de opritten in de sterkte van een dijk. Voor al dit soort van technieken en oplossingen is een 3D rekenmethodiek benodigd om de oplossing te kwantificeren. In dit onderdeel wordt een receptenboek gegeven hoe een 3D som op een min of meer eenduidige wijze kan worden gemaakt EEM modellering definitief kookboek In de onderdelen 2.8a en 2.9a in de tabel van bijlage Kostennota, wordt het resultaat samengevat in een kookboek en vindt de verdere implementatie van de toepassingsmogelijkheid van EEM s naar de praktijk plaats Generiek maken HWBP2 ankerkrachtontwikkelingen Bij het ontwerp van een verankerde damwand/stabiliteitsscherm wordt berekend welke ankerkrachten op kunnen treden. Naast het effect van hoogwater wordt daarbij rekening gehouden met extra krachten, die gedurende de levensduur worden gegenereerd door zetting van grond op de ankers en de ankerstangen. Deze zetting is bijvoorbeeld het gevolg POV Macrostabiliteit Pagina 48 van 90

50 van autonome bodemdaling over de 100 jaar levensduur. Door de zetting neemt de kracht van het anker op de damwand toe, waardoor zowel anker als damwand sterker gedimensioneerd moeten worden. Het effect van de zakkende grond op de ankerstangen is pas vrij recent onderkend en meegenomen in de dimensionering van de damwand. Het vermoeden is hierdoor dat er bij de berekening van het effect sprake is van overdimensionering. Daarnaast speelt mee dat er twee aparte modellen worden gebruikt voor de zetting van de grond op de ankers en het effect daarvan op de damwand. Deze twee modellen worden op een provisorische manier aan elkaar geknoopt. Een geïntegreerd model kan de optredende krachten nauwkeuriger beschrijven. 5.8 Cluster Monitoring van de sterkte Door het cluster monitoring zijn 4 onderwerpen benoemd, waarmee de POVM voor het HWBP-dijkversterkingsprogramma een significante en blijvende stap voorwaarts kan zetten. Navolgend is de samenhang met de referentieprojecten en de andere clusters aangegeven, en is aangegeven welk type product of resultaat voor deze onderwerpen zal worden opgeleverd Waterspanningsmetingen en waterspanningsmeters Waterspanningsmetingen en waterspanningsmeters adresseert een concreet probleem waar de waterkering beheerders al jarenlang mee worstelen. Er liggen al vele bouwstenen klaar, maar het ontbreekt aan overzicht van wensen en eisen, alsmede aan een door alle betrokkenen geaccepteerd beoordelingskader. De POVM wil hier de regierol oppakken om deze impasse te doorbreken en een methode, c.q. handreiking opleveren hoe hiermee op te gaan. Naast vervormingen zijn waterspanningen het belangrijkste onderwerp voor monitoring bij macrostabiliteit. Met name een gedegen kennis van de waterspanningen vooraf zal tot een beter ontwerp voor versterking leiden, vanwege de grote invloed van de waterspanningen, zeker bij ongedraineerd rekenen (referentieproject Gorinchem-Waardenburg). Maar ook metingen van de waterspanningen bij significante belastingen, zoals bij het maken van een versterking (uitvoeringsfase) of bij een hoogwater (doorgaans in de beheerfase) leiden tot een beter inzicht in het gedrag van de dijk (referentieprojecten Gouderak en Ouderkerk- Krimpen, mogelijk ook Markermeerdijken). Ten opzichte van eerdere initiatieven, zoals adhoc metingen in specifieke raaien of de recente LiveDijk-projecten, zal hier de nadruk worden gelegd op nauwkeurigheid van de metingen (zowel de plaatsingsnauwkeurigheid t.o.v. het referentievlak NAP als de nauwkeurigheid in de tijd), omdat daarmee vooral winst kan worden behaald ten opzichte van de in de leidraden en technische rapporten voorgeschreven conservatieve aannamen. Producten/resultaten: Opstellen raamwerk met protocollen/specificaties voor de kwaliteitsbeoordeling van waterspanningsmeetsystemen inclusief installatie. Dit zal starten met reeds beschikbare inventarisaties en inzichten (IJkdijk, STOWA), waarlangs ook de verbinding kan worden gelegd met alle relevante sensoraanbieders. POV Macrostabiliteit Pagina 49 van 90

51 Stimuleren van een kwaliteitsslag voor problematische toepassingen, met name hoe om te gaan met gasvorming, bijvoorbeeld in of boven humeuze kleien en veen. Met het cluster innovatieve technieken is er vooral een verband met de hoekpunten 3 (drainage constructies) en 4 (grondbermen en andere constructies). Met het cluster rekentechnieken hangt de beschikbaarheid van nauwkeuriger waterspanningsmetingen vooral samen met onderdeel 1 (benutten van de actuele sterkte), en verder met onderdelen 3 (niet-stationair waterspanningsverloop), 4 (rekenen met ongedraineerd materiaalgedrag) en 5 (complexe situaties). Met het cluster procesverbeteringen is er een verband met het onderdeel pilots uit het ontwerpproces, met het aspect van de diepgang in de ontwerpfasen en met het onderdeel bouwen in het gesloten seizoen onder uitvoeringsproces Lifecycle monitoring Lifecycle monitoring vormt de kapstok, waar de andere onderwerpen aan kunnen worden opgehangen. Ook dit is een onderwerp dat zonder impuls vanuit de POVM niet zal worden aangepakt, omdat zich geen duidelijke probleemeigenaar of investeerder aftekent. Lifecycle monitoring heeft betrekking op alle fasen die doorlopen worden: ontwerp, uitvoering, beheer en afkeuren (voorafgaand aan een volgend ontwerp van een versterking). Dit vormt een samenhangende keten, die thans echter niet als één geheel wordt benaderd. Het gevolg daarvan is dat er in iedere genoemde fase problemen die bij voldoende anticipatie in de vorige fase(n) vermeden hadden kunnen worden, zoals waterspanningsmetingen in de ontwerpfase die meteen na afkeuren op basis van de toetsing had kunnen worden ingezet, of metingen uit de ontwerpfase die bij de overgang naar de uitvoeringsfase of naar de beheerfase niet op adequate wijze worden overgedragen zodat deze in de beheerfase niet toegankelijk zijn. Het signaal is dat het ontbreken van dit keten-denken tot grote onnodige verspillingen en vertragingen in projecten leidt. In het verleden verloren gegane gegevens kunnen doorgaans niet meer worden teruggehaald, maar dit vormt wel een goede reden om naar de toekomst toe te voorkomen dat opnieuw essentiële gegevens verloren gaan. Dit onderwerp heeft daarom de allerhoogste prioriteit. Er zal een generieke methode, c.q. handreiking worden opgeleverd die dienstbaar moet zijn aan alle referentieprojecten. Elementen hiervoor zijn in de afgelopen jaren al ontwikkeld, zie bijvoorbeeld het artikel Monitoringsfilosofie voor de Nederlandse Waterkeringen (Geotechniek juli 2014, pp ). Raamwerk LCM-ketting, opeenvolgende Programma s van Eisen per projectfase, inclusief nut/impact van versnelde informatie-inwinning ten behoeve van de volgende fase, voor de 3 monitoringsdoelen (scopeverkleining, validatie en uitvoeringsversnelling). In het laatste jaar wordt dit tezamen met de andere bouwstenen verwerkt in een Handreiking Monitoring Dijken, versie 1.0. Dit heeft een relatie met activiteiten van het cluster procesverbetering. POV Macrostabiliteit Pagina 50 van 90

52 Blauwdrukken Monitoringplan voor concrete projecten, inclusief eerste lay-out op de kaart (direct in GIS). Focus op projecten in startfase, waarin we minstens een jaar de hartslag willen meten voordat we gaan opereren. Voor 2 referentieprojecten opzetten van een basis-monitoringsysteem, voor een geselecteerde sectie. Voorgesteld wordt om te starten met een sectie uit het referentieproject Gorinchem-Waardenburg, dat voornamelijk uit traditionele dijken bestaat. Daarna kan een vervolg worden gemaakt in het referentieproject Tiel-Waardenburg, waarin veel meer (langs)constructies voorkomen. Dit referentieproject doorloopt alle deelfasen van ontwerp tot uitvoering ongeveer een jaar later dan het project Gorinchem-Waardenburg, zodat een latere start van dit onderdeel geen probleem op hoeft te leveren. Hier zal bij voorkeur gekozen worden voor een sectie waar een innovatieve techniek zal worden ingezet. Het verband met het cluster innovatieve technieken zal hiermee duidelijk zijn. Omdat monitoring niet alleen bestaat uit meten, maar ook uit verwerking van de metingen en het uitvoeren van aanpassingen indien nodig, ligt er ook een verband met het cluster rekentechnieken waar behalve met aangenomen waarden ook met meetwaarden zal worden gewerkt Innovatieve technieken: Checklist kansrijke innovatieve technieken, inclusief kansen en bottlenecks, ten behoeve van invulling en verantwoording van het nut en gebruik van de meetresultaten in de projecten zelf. Speciale aandacht voor het meten van vervormingen. Inbedden in voorgaande onderdelen lifecyclemonitoring. De blauwdruk hiervan is ook basis voor verfijning: waar liggen kansen/mogelijkheden voor optimaal gebruik waterspanningsmeters en/of (andere) innovatieve technieken Datamanagement Hoofddoel: een zachte landing vanuit versterking in beheer: zoals bij onderdeel 2 al is aangegeven, is een adequate doorgifte van gegevens over de dijk over de fase- overgangen heen van groot belang voor doelmatig lifecycle beheer. Keuze welke tijdreeksen en welke meetpunten in beheerfase behouden moeten blijven, inclusief hoe te gebruiken. Voorbeeld hoe je waterspanningsmetingen kunt vertalen naar de geleverde kwaliteit bij oplevering en onzekerheidsreductie dus kwaliteitsverbetering in de inregelfase (implementatie in het concept van de meelopende restlevensduurvoorspelling) Ook dit inbedden in lifecyclemonitoring. Suggesties vooraf geven: welke meetpunten gaan later ook mee naar het beheer. Bij oplevering actualiseren. Aangeven hoe de projectdatabase in alle versterkingsfasen gekoppeld is aan de beheerdatabase en aan het DDSC. De onderwerpen die vanuit het cluster Monitoring als relevant worden voorgedragen zijn van betekenis voor de gehele cyclus: toeten, ontwerpen, versterken, beheren. De resultaten zijn belangrijk voor een betere bepaling van de macrostabiliteitsproblematiek en ze kunnen vanuit dat perspectief, na implementatie, veel bijdragen aan het sneller, beter en goedkoper uitvoeren van het HWBP-dijkversterkingsprogramma. POV Macrostabiliteit Pagina 51 van 90

53 5.8.5 Generiek maken HWBP2 ankerkrachtontwikkelingen Via een alternatief spoor, d.w.z. niet via cluster Monitoring, maar in rechtstreeks overleg met HWBP is het onderwerp Monitoring van ankerkrachten in beeld gekomen. Het onderwerp dat voor de POVM als kansrijk wordt gezien, kan inzicht geven in de daadwerkelijke toename van ankerkrachten door zetting. Hiermee kunnen de bestaande modellen gevalideerd/gekalibreerd worden c.q. kan een nieuw, geïntegreerd model gebouwd worden. De baten doen zich voor in de vorm van lichtere ontwerpen van damwand en van ankers (schatting respectievelijk 5% en 10%). Omdat damwanden dure constructies zijn, zijn de kosten van een monitoringprogramma relatief snel terugverdiend. Monitoring van ankerkrachten kan het best uitgevoerd worden bij de aanleg van een damwand bij een dijkversterkingsproject waar relatief grote zettingen van grond te verwachten zijn. In HWBP-2 project KIS is hier sprake van bij de aanleg van de jachthaven Streefkerk. Doordat hier een extra robuuste klimaatdijk wordt aangelegd vlak bij een te plaatsen damwand kan hier op een termijn van 2 à 3 jaar een forse zetting verwacht worden. Voor deze locatie is inmiddels een voorstel voor monitoring uitgewerkt. 5.9 Cluster Procesverbeteringen Vanuit het Cluster Procesverbeteringen zijn 6 onderwerpen aangedragen verdeeld over 3 hoofddoelen die bijdragen aan de HWBP-doelstelling sneller, beter, goedkoper. Deze 6 onderwerpen zijn: Verbeteren Ontwerpproces 1. Handreiking performance based ontwerp (Bouweisen versus waterveiligheidseisen; Eurocode) 2. Handreiking diepgang onderzoek en ontwerpuitwerking in verschillende fasen Verbeteren Uitvoeringsproces 3. Opstellen protocol aanbesteden innovatie 4. Eisen voor geïntegreerde contracten 5. Handreiking bouwen in het gesloten seizoen Verbeteren Kwaliteitsproces 6. Thermometer POVM-resultaten voor HWBP Bouweisen versus waterveiligheidseisen (Eurocode) Dit onderwerp valt in 2 stukken uiteen: Waterveiligheid Vanuit de Waterwet worden toelaatbare faalkansen per dijktraject gegeven. Vanuit het bouwbesluit/de Eurocode worden toelaatbare faalkansen voor objecten gegeven afhankelijk van de risicoklasse. Primaire waterkeringen vallen in de hoogste risicoklasse. Bij kleine toelaatbare faalkansen is de benodigde veiligheid volgens de Waterwet groter dan de benodigde veiligheid volgens de Eurocode. Bij grotere toelaatbare faalkansen is de POV Macrostabiliteit Pagina 52 van 90

54 benodigde veiligheid volgens de Eurocode groter dan de benodigde veiligheid volgens de Waterwet De vraag is: Moet de waterkering dan aan de veiligheidseisen volgens de Eurocode voldoen? Vervorming/schade aan bebouwing. Bij het ontwerpen van stabiliteitsvoorzieningen wordt vaak gekozen voor een constructieve oplossing als bermen i.v.m. bebouwing niet mogelijk zijn, omdat ze ruimtelijk in de weg staan, of omdat de belasting door de ophoging schade aan de bebouwing veroorzaakt. De constructieve oplossing voorkomt dan sloop of schade aan de bebouwing. In de situatie met MHW is de belasting groter dan onder dagelijkse omstandigheden. De vraag is: Moet de constructie ook schade aan de bebouwing voorkomen tijdens extreem hoog water met een bijbehorend extreem lage frequentie van voorkomen? Uit te voeren acties: Onderzoek (o.a. bestuurskundig en juridisch) laten uitvoeren welke veiligheidseisen in welke situatie zouden moeten gelden. Onderzoek laten uitvoeren en aanbevelingen laten doen door bestuurskundige/jurist naar de eisen waaraan de waterkering tijdens extreem hoogwater moet voldoen in relatie tot schade aan de omgeving, kabels en leidingen, huizen e.d. Een en ander op basis van beschikbare onderzoeken en jurisprudentie (o.a. Wilnis). Het goed vastleggen van de veiligheidseisen leidt tot een beter ontwerp. Het mogelijk toelaten van grotere vervorming van panden leidt tot een goedkoper ontwerp Handreiking diepgang onderzoek en ontwerpuitwerking in verschillende fasen Als gevolg van de manier waarop dijkversterkingsontwerpen worden uitgevraagd komt het voor dat ontwerpen vooral in de verkenningsfase worden gemaakt met onnodig veilige of juist conservatieve aannamen vanwege de beperkte niveau van informatie en geringe diepgang. Op basis hiervan wordt met de omgeving gecommuniceerd, verwachtingen gewekt en soms toezeggingen gedaan. Het komt daarom regelmatig voor dat een projectplan wordt vastgesteld waaraan onvoldoende onderzoek en detail engineering ten grondslag ligt. De projectplannen zijn vaak qua engineering op (hooguit) Voorontwerpniveau. Op basis van het projectplan worden de vergunnings- en grondaankoop procedures gestart. In vervolgfasen van de planuitwerking komt naar voren dat in eerdere fasen gemaakte keuzes niet de beste zijn. Het is dan moeilijk om planwijzigingen door te voeren; vergunningen zijn vaak al verleend, gronden al aangekocht enz. Daarnaast zien we regelmatig dat bij UAV-GC contracten tijdens de uitvoering, bij verrassingen in de ondergrond, een discussie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer ontstaat over de vraag wie dit risico moet dragen. Ook hier gaat het om de diepgang van het bodemonderzoek zodat een verantwoorde risico-toedeling mogelijk is. POV Macrostabiliteit Pagina 53 van 90

55 Het uitvragen van dijkversterkingsontwerpen moet zodanig worden ingericht dat de opdrachtnemer de ruimte krijgt om voldoende grondonderzoek, voldoende laboratoriumonderzoek en voldoende gedetailleerde engineeringsinspanning te leveren, zodanig dat tot een optimaal ontwerp kan worden gekomen die de knelpunten van het project het beste kan oplossen, zonder dat in een laat stadium, tussen opdrachtgever en opdrachtnemer verschil van inzicht ontstaat, bijvoorbeeld over toegepaste rekenmodellen. Uit te voeren acties: Het opstellen van een concept werkwijzer waarin, gerelateerd aan de contractvorm, een strategie wordt gegeven hoe te bepalen in welke fase van de planvorming welk niveau van onderzoek, zowel veld/lab als engineering noodzakelijk is. Hierin kunnen aanwijzingen worden gegeven over hoe het projectplan vorm kan worden gegeven zodanig dat ruimte wordt gelaten in VKA voor verdere uitwerking in een UAV-GC of andere contractvorm. Bij bovenstaande punten moeten antwoord gegeven worden op de vragen: Met welke diepgang laten we voldoende ruimte in VKA voor de markt in bijvoorbeeld UAVgc-, E&C-, en D&C-contracten zonder knelpunten in de vergunningverleningstraject (relatie met marktbenadering).hoe gedetailleerd moet de vraagspecificatie (design base) zijn om zeker te zijn dat de OG krijgt wat hij vraagt. Welke diepgang van onderzoek is nodig om tot een verantwoorde toedeling van risico s te komen. Een betere verkenning van de risico s en bepaling van de diepgang van het onderzoek zullen altijd leiden tot meer efficiency in meerdere ontwerpfases en in de procedure. Door een goed begrip van de risico s kunnen betere eisen aan het ontwerp en uitvoering gesteld worden door de OG wat automatisch leidt tot een beter ontwerp. Door een efficiënter/ doelmatiger ontwerpproces zal een kostenbesparing gerealiseerd worden. Omdat meer en gedetailleerdere informatie wordt gebruikt om tot een doelmatig ontwerp te komen zal het ontwerp ook goedkoper zijn Opstellen protocol aanbesteden innovatie Het is lastig via het proces van aanbesteding van een UAV-GC contract inschrijvingen te krijgen met niet bewezen technieken (innovaties). Opdrachtgevers zijn geneigd om veel risico s van innovaties bij de inschrijvers te leggen. De inschrijvers vinden de risico s die aan de ontwikkeling van een innovatie zit veelal te groot. Gevolg is dat innovaties die niet specifiek worden opgedragen moeilijk van de grond komen. De vraag is dan op welke wijze een proces bij de inschrijving wordt ingericht waarmee het inschrijven met een innovatie aantrekkelijk wordt, zonder dat dit tot onbeheersbare risico s voor de opdrachtgever leidt. Uit te voeren acties: Het uitvoeren van een inventarisatie naar toegepaste methoden om innovaties via een normale aanbesteding te ontwikkelen; Het opstellen van een protocol waarmee bij de aanbesteding duidelijkheid wordt gegeven hoe een innovatie wordt beoordeeld, welk proces doorlopen moet worden om tot een geaccepteerde techniek te komen en hoe de verdeling van risico s verloopt. POV Macrostabiliteit Pagina 54 van 90

56 Het protocol kan leiden tot het ontwikkelen en toepassen van innovaties in dijkversterkingsprojecten. Dit zal leiden tot een efficiënter dijkversterkingsplan Eisen voor UAV-GC contracten Bij UAV-GC contracten berust de verantwoordelijkheid voor het ontwerp bij de opdrachtnemer. In het contract moeten hiervoor de juiste regels worden opgenomen. Het zonder meer opnemen van de ENW-leidraden levert soms tegenstrijdige informatie op. Met dit onderdeel wordt beoogd om een stuk op te stellen wat in contracten van toepassing kan worden verklaard. Uit te voeren acties: Inventariseren van technische uitgangspunten die in verschillende leidraden zijn opgenomen Het opstellen van een contractstuk voor UAV-GC contracten waarin keuzes worden gemaakt of keuzemogelijkheden worden weergegeven. Met het contractstuk wordt richting gegeven aan het ontwerp en voorkomen dat niet gewenste uitgangspunten voor engineering worden gebruikt. Het leidt tot een beter ontwerp Handreiking bouwen in gesloten seizoen en vereiste hoogwaterveiligheid tijdens de uitvoering De meeste waterschappen hebben in hun keurbepalingen staan dat gedurende het gesloten seizoen (stormseizoen) geen werkzaamheden in- en aan de waterkering mogen worden uitgevoerd. Dit betekent dat dijkversterkingswerken gedurende circa 5 maanden per jaar stil liggen. Het bespaart tijd en geld als deze maanden ook benut kunnen worden voor het uitvoeren van dijkversterkingswerken. Sommige waterschappen hebben daarom een eigen beleid voor werken in het gesloten seizoen opgesteld. Soms wordt het ook oogluikend toegestaan. Het is gewenst om tot een meer uniforme aanpak hiervan te komen. Een aspect dat hierbij ook speelt is welke hoogwaterveiligheid een waterkering tijdens de uitvoering van een versterking minimaal moet hebben. Het gaat hierbij met name om de faalmechanismen hoogte, stabiliteit en erosiebestendigheid. Om doorwerken in het gesloten seizoen verantwoord mogelijk te maken wordt een generiek protocol opgesteld met voorwaarden waaronder werken in het gesloten seizoen mogelijk is. Hierin dienen de volgende zaken aan de orde te komen: Gerichte uitvoeringsrisicoanalyse in gezamenlijkheid van uitvoerende partij, beheerder en indien relevant kennispartij(en) vroegtijdig in traject van uitvoeringsontwerp. Uitvoeringsontwerp (gerelateerd aan de uitvoeringsplanning die doorloopt in gesloten seizoen) dat de risico s van het doorwerken in gesloten seizoen dekt. (Bestuurlijke) instemming betrokken waterschappen. Communicatie met omgeving. POV Macrostabiliteit Pagina 55 van 90

57 Uit te voeren acties: Om de waterschappen ambtelijk en bestuurlijk op een lijn te krijgen is het organiseren van een of twee workshops een manier om de visies op dit onderwerp te verzamelen. Vervolgens kan een en ander worden uitgewerkt in een doorwerkprotocol. Doorwerken in het stormseizoen kan tot een kortere uitvoeringsduur leiden. Dit leidt tot besparing van de algemene kosten voor projectmanagement. Doorwerken in het gesloten seizoen heeft geen positieve invloed op de kwaliteit van het dijkversterkingswerk. Het werken in het gesloten seizoen vraagt juist extra voorzieningen en aandacht om de kwaliteit niet negatief te beïnvloeden. Dijkbeheerders zijn individueel verantwoordelijk voor implementatie van de resultaten in beleid, maar generiek hou vast is een belangrijke eerste stap Thermometer POVM resultaten en impact voor HWBP Bij dit onderwerp gaat het erom jaarlijks de werkzaamheden en onderzoeken die zijn uitgevoerd in het kader van de POVM en de concrete resultaten hieruit op het HWBPdijkversterkingsprogramma weer te geven. In deze rapportage wordt de winst in termen van geld, tijd en kwaliteit van de POVM op het dijkversterkingsprogramma weergegeven. En wordt vooruit gekeken en er worden realistische verwachtingen gedeeld van nog uit te voeren onderzoeken en activiteiten. Uit te voeren acties: De belangrijkste garantie voor implementatie is een resultaat dat, ook in tijd, dienstbaar is aan de behoefte van in eerste instantie de referentieprojecten. In de planning en kostenraming wordt hierop ingezet. Er worden enkele technische rapporten opgeleverd die het mogelijk maken innovatieve technieken te kunnen ontwerpen en toetsen. Deze rapporten worden om advies voorgelegd aan ENW. Eenmaal gevalideerd en goedgekeurd zijn deze rapporten uitgangspunt voor innovatieve dijkontwerpen waarnaar kan worden verwezen. De implementatie van het POVM-resultaat vindt zich terug in het daadwerkelijk gebruik. Er is een nadrukkelijke relatie met het OI Hiermee wordt de POVM-scope vooraf ook afgestemd en de resultaten vanuit de POVM zullen hierin terug te vinden zijn. Jaarlijks wordt vanuit de POVM in landelijke bijeenkomsten informatie gegeven over de stand van zaken, de opgeleverde- en te verwachten resultaten, met het toepassingsgebied. Gedeelde kennis over toepassingen en kansrijkheid vergroot het draagvlak en vertrouwen. Bovendien is het van belang de kennis te delen op het niveau dat belangstellende dijkbeheerders, marktpartijen en adviesbureaus de (reken-)resultaten ook kunnen gebruiken en toepassen. POV Macrostabiliteit Pagina 56 van 90

58 6 Programma-aanpak 6.1 Hoofdlijn De POV Macrostabiliteit is een uniek en tijdelijk geheel van projecten en inspanningen die in onderlinge samenhang moet worden uitgevoerd om de strategische doelstellingen met minimale risico s en beperkte middelen te realiseren. Er zijn drie fases te onderkennen: 1. Een fase waarbij de scope, doelen en resultaten worden bepaald. De start-up van het programma, waarbij het vooral gaat om de doelbepaling en afbakening van het programma. 2. Een uitvoeringsfase waarbij de nadruk ligt op de uitvoering van onderzoeken, proeven en pilots. In dit kader geldt als definitie dat een pilot onderdeel uitmaakt van een dijkversterkingsproject, binnen de werkgrenzen hiervan wordt uitgevoerd en bij succesvolle uitvoering daaraan ook een directe bijdrage levert; voor een onderzoek en een proef hoeft dit niet zo te zijn, dit kan ook op een andere locatie worden uitgevoerd, zoals JLD klapankers in Purmerend en mogelijk vacuumconsolidatie langs het Markermeer. In deze gevallen heeft de POVM de regie. 3. Een fase met de implementatie waarbij de nadruk ligt op het laten landen van de uitkomsten van het programma. 6.2 Activiteiten 2014 Initiëren POV Macrostabiliteit door Waterschap Rivierenland. Opstellen Startdocument en verzoek Programmadirectie HWBP om instemming (20 augustus 2014). Instemming Programmadirectie HWBP opstellen Plan van Aanpak (november 2014). Formeren Kernteam en Projectgroep. Bevestigen Werkgroep Evaluatie Dijkversterking als klankbordgroep. Bemensen Clusters en startvergaderingen Samenstellen en organiseren projectorganisatie. Organiseren startbijeenkomst POVM, 19 januari Inventariseren problematiek en behoefte referentieprojecten. Invullen scope en focus POVM, via clusters en klankbordgroep. Afstemmen ontwerpscope POVM met OI, WTI, DGRW. Afstemmen met andere betrokken partijen, o.a. ENW, CIW, STOWA. Kaders verwerken in Plan van Aanpak POVM Indienen PvA POVM en aanvraag beschikking Opstellen Plannen van Aanpak voor afzonderlijke onderzoeken en activiteiten 2015 Uitbesteden (no-regret) onderzoeken en activiteiten 2015 POV Macrostabiliteit Pagina 57 van 90

59 2016 Opstellen verantwoordingsrapportage 2015 Doorloop activiteiten vanuit 2015 Opstellen Plannen van Aanpak onderzoeken en activiteiten 2016 Uitbesteden onderzoeken en activiteiten PM PM 6.3 Relatie POVM en Markt Markt en uitbesteding activiteiten POVM De POVM zal voor deze HWBP-verkenning de benodigde diensten, onderzoeken en werken aanbesteden overeenkomstig het inkoop- en aanbestedingsbeleid van Waterschap Rivierenland. Uitgangspunt is daarin verder zoveel mogelijk de markt te betrekken als mag worden verondersteld dat de vereiste kennis binnen de markt aanwezig en beschikbaar is. Rekening zal worden gehouden met het bijzondere karakter van het project. De POVM slaagt alleen als het bedrijfsleven kansen ziet in de daadwerkelijke toepassing en doorontwikkeling van innovaties. Dit betekent dat er afstemming moet zijn met het bedrijfsleven over de inhoud en contractvorm van de uit te voeren POVM-projecten. Daar waar pilots nadrukkelijk gerelateerd zijn aan, en/of onderdeel uitmaken van (referentie- )projecten is het uitgangspunt dat deze werkzaamheden, in principe, geinitieerd, bekostigd en aangestuurd worden vanuit deze projecten zelf Relatie markt en producten POVM De producten van de POVM moeten de markt stimuleren om innovaties en nieuwe kennis toe te passen, die zullen leiden tot een snellere en goedkopere uitvoering van dijkversterkingsprojecten. De POVM wil dit bereiken door de markt de mogelijkheid te bieden om innovatieve technieken door te ontwikkelen tot geaccepteerde technieken en door het geven van eenduidige acceptatiecriteria, vastgelegd in acceptatieprotocollen. Daarnaast moeten eenduidige ontwerprichtlijnen, die tekstueel aansluiten op geïntegreerde contractvormen, en het benutten van monitoringsdata, betreffende de actuele sterkteconditie van de waterkering, het ontwerp en het ontwerpproces voor het bedrijfsleven optimaliseren. Eenduidige ontwerprichtlijnen en op het juiste abstractieniveau geformuleerde functionaliteit, zijn voorwaarden voor het kunnen neerleggen van de ontwerpverantwoordelijkheid bij de markt i.v.m. de door de sector zo gewenste vroegtijdige marktbenadering. In onderstaand kader is ter info een toelichting gegeven op de gewenste vroegtijdige betrokkenheid van de markt en de marktstrategie die ontwikkeld wordt. POV Macrostabiliteit Pagina 58 van 90

60 De POVM zal zich niet bezig houden met de marktbenadering bij de aanbesteding van daadwerkelijke dijkversterkingsprojecten. Dit is een onderwerp dat door de programmadirectie van het HWBP wordt opgepakt. Vroegtijdig betrekken van de markt Binnen het HWBP-programma is het mogelijk om de markt vroegtijdig bij de versterkingsmaatregelen te betrekken. Vroegtijdig betrekken van de markt kan meerwaarde opleveren voor de projecten. Van meerwaarde is sprake als eerdere betrokkenheid van de markt leidt tot een sobere en doelmatige aanpak, kwaliteitswinst, kostenbesparing en/of versnelling. De voordelen van vroegtijdig betrekken kunnen worden bepaald aan de hand van een zogenaamde marktscan. Deze marktscan wordt in de Verkenningsfase uitgevoerd om gemotiveerd af te kunnen wegen of de markt al vergaand betrokken kan worden in de Planuitwerkingsfase en Uitvoeringsfase. De marktscan maakt onderdeel uit van het Inkoopplan dat zal worden opgesteld. Ook zal de Taskforce Deltatechnologie (onderdeel van Agentschap NL voor kennisontwikkeling en innovatie) tijdens de verkenning worden ingeschakeld. Deze taskforce kan kennis en advies vanuit de zogenaamde gouden driehoek (overheid, kennisinstituten en marktpartijen) inbrengen bij het onderzoek of het vroegtijdig betrekken van de markt in de Verkenningsfase bij het genereren van mogelijke oplossingsrichtingen meerwaarde kan bieden. De uitvoerende markt geeft al langere tijd aan dat ze graag bij het maken van de plannen betrokken wil zijn, waardoor er in een later stadium de uitvoering geprofiteerd kan worden van procesinnovatie en slimme (ontwerp) oplossingen en technieken. Ook sluit het vroegtijdig betrekken van de markt prima aan bij een meer samenwerkende overheid, het stimuleren van innovatie en het integraal in de markt zetten van werkzaamheden. Een punt van aandacht van het vroegtijdig betrekken van marktpartijen is het risico van uitsluiting van die partijen die in de voorfase betrokken zijn voor de navolgende fases. Als beheermaatregel wordt door het waterschap Rivierenland een plan Scheiding van belang opgesteld. Uitgangspunt in de vigerende planning is vooralsnog dat de markt pas na vaststelling van het Plan van Aanpak zal worden benaderd. In de navolgende figuur staat schematisch een mogelijkheid weergegeven hoe de markt vroegtijdig, reeds tijdens de Verkenningsfase, betrokken zou kunnen worden. Figuur 11 Vroegtijdig betrekken markt gedurende de drie projectfases Marktbenaderingsstrategie Het afwegingskader marktbenadering dat door de programmadirectie van het Waterschap Rivierenland is ontwikkeld staat hiervoor model. Deze strategie bevat onder meer een inkoopplan en beschrijft op welke wijze en voor welke onderdelen de markt benaderd kan worden. Daarbij wordt ook onderzocht hoe de expertise van de uitvoerende markt in een vroegtijdig stadium in de verkenning kan worden ingebracht ten behoeve van de verkenning-, planuitwerkings- en realisatiefase. Om tot een succesvolle marktbenadering te komen zijn de kenmerken als voldoende ontwerpvrijheid, bestuurlijke commitment, concrete projectdoelen en randvoorwaarden POV Macrostabiliteit Pagina 59 van 90

61 essentieel. Van belang bij de marktbenaderingsstrategie is dat de mogelijkheden van de markt expliciet zijn gemaakt en ook de scope van in het project aanwezige vrijheden voor de markt zijn aangegeven. Factoren zoals marktsituatie, kennis en ervaring van de beheerder, kansen voor innovatie die kunnen leiden tot kostenbesparingen, versnelling of kwaliteitsverhoging, doelmatigheid, beheersbaarheid en risico s worden meegewogen in de strategie. Het vooraf bepalen van een contractvorm ligt niet voor de hand. De keuze van een contractvorm hangt nauw samen met het te bepalen pakket van uit te voeren maatregelen met bijbehorende (rand)voorwaarden. Aan de hand van het afwegingskader marktbenadering en de uitkomsten van het onderzoek over hoe de uitvoerende markt vroegtijdig kan worden betrokken bij de volgende fases, kan een aanbestedings- en contractvorm inclusief contractbeheersing vastgesteld worden voor de opeenvolgende fases. Dit alles zal zijn beslag krijgen in een nog op te stellen Inkoopplan. 6.4 Samenvatting van gewenste eindproducten In algemene zin is het gewenste eindproduct eigenlijk meer een situatie, waarin marktpartijen vanaf uiterlijk 2019, weinig of althans minder belemmeringen zien om innovatieve oplossingen voor macrostabiliteitsproblemen aan te kunnen bieden en dat opdrachtgevers innovatie stimuleren omdat dit met goed voorzienbare risico s voordelen oplevert in tijd, geld en kwaliteit. Om dit mogelijk te maken is het van belang dat er transparante beleidskaders zijn, dat regelgeving beschikbaar is en dat de eisen waaraan innovatieve aanbiedingen moeten voldoen vooraf voldoende helder zijn. Een marktpartij moet vooraf weten met welke gereedschap kan worden ontworpen en op welke criteria een ontwerp door de opdrachtgever wordt getoetst. Met heldere procesbeschrijvingen en het opstellen van technische rapporten voor ontwerp en toetsing van de vier principe-technieken en daarmee ook voor hybrideoplossingen die hieruit kunnen worden samengesteld, is het speelveld grotendeels bepaald en ontstaat er na 2018 een helder kader. De POVM geeft een belangrijke versnelling aan de oplossing van nu nog actuele vragen ten aanzien van o.a. actuele sterkte, opbarsten, ongedraineerd rekenen en de toepassing van EEM. Hierdoor is er nu niet alleen ontwerp-onzekerheid, maar blijven er ook kansen onbenut. Bij de beëindiging van de POVM in 2018 zijn deze vragen helder en kunnen de kansen die dit biedt optimaal worden benut. Voor monitoring geldt dat in brede zin wordt onderkent dat lifecycle monitoring noodzakelijk is in de cyclus: toetsen, ontwerpen, uitvoeren en beheren. Het is tenslotte, ook vanuit het Deltaprogramma, duidelijk dat we in Nederland afhankelijk blijven van dijken die voortdurend zullen moeten worden opgehoogd en versterkt. De informatie van de dijk zelf, van de ondergrond en van de wisselende waterspanningen, die nodig zijn om de een dijk goed te kunnen beheren, toetsen en versterken, moet vooral tijdig beschikbaar zijn. Daarmee kan een belangrijke versnelling worden bereikt in de verkenning- en planvormingsfase en in het ontwerpproces. POV Macrostabiliteit Pagina 60 van 90

62 Tenslotte is het ook de ambitie om de weerstand weg te nemen die innovatie c.q. toepassing van nieuwe technieken nog steeds oproept, zowel bij marktpartijen als opdrachtgevers. Er is nu nog onvoldoende vertrouwen en onduidelijkheid over: hoe hieraan te rekenen, het is ingewikkeld, hoe moet je dat controleren en het vraagt te veel tijd. De POVM zorgt er in 2018 voor dat er bij alle betrokken partijen een meer onbevangen houding kan zijn, door de beschikbaarheid van een helder kader en technische richtlijnen waarmee de macrostabiliteitsproblemen van dijken effectiever kunnen worden aangepakt. In die zin wordt een belangrijke bouwsteen geleverd aan de HWBP-doelstelling: sneller, beter en goedkoper. POV Macrostabiliteit Pagina 61 van 90

63 7 Aansturing De POV Macrostabiliteit is een samenwerkingsproject met overheden, marktpartijen en kennisinstellingen. Het resultaat komt in gezamenlijkheid tot stand, waarbij de onderlinge afhankelijkheid groot is. Niet alleen de besluiten die de keringbeheerders vanuit hun rol nemen zijn van belang, maar ook besluiten van anderen zoals marktpartijen om te investeren en mee te doen. Een heldere governance van de POVM is daarom van belang. 7.1 Programmasturing De POVM is een HWBP programma De besluitvorming binnen het HWBP is enerzijds van belang voor het verkrijgen van een subsidiebeschikking en anderzijds voor de programmering en prioritering van de resultaten uit de POVM op het doorlopende programma. De DG RWS is bevoegd te besluiten over reguliere aanvragen tot subsidie. Voor de POVM betreft dit de aanvraag tot subsidie voor de verkenning. Besluiten over de programmering en prioritering van projecten ten behoeve van het voortrollende programma worden door de stuurgroep HWBP genomen en voorgelegd (via het Deltaprogramma) aan de ministerraad ter besluitvorming. Voor de POVM zal de stuurgroep HWBP een besluit nemen voor de programmering en prioritering van de planuitwerking. De verdere besluitvorming binnen de randvoorwaarden van de subsidiebeschikking is aan de uitvoerder van de POVM, in casu Waterschap Rivierenland. De programmadirectie HWBP wordt jaarlijks geïnformeerd door de opdrachtgever POVM over de voortgang en mogelijke afwijkingen ten aanzien van de programmareferenties: scope, tijd, geld en risico s, door middel van kwartaalrapportages en een jaarlijkse voortgangsrapportage met een controleverklaring van een accountant. De opdrachtgever dient de voortgangsrapportage POVM in bij de programmadirectie HWBP. De programmadirectie legt op programmaniveau verantwoording af aan de stuurgroep HWBP en via de reguliere planning- en control cyclus binnen I&M. De portefeuillehouder van de Unie van Waterschappen legt verantwoording af aan de leden. De DG Rijkswaterstaat (vz. Stuurgroep HWBP) legt verantwoording af aan de minister van IenM en de minister aan de ministerraad. De regionaal projectbegeleider van het HWBP adviseert het kernteam en is voor de POVM de contactpersoon namens de programmadirectie. Er worden regelmatig te houden overlegmomenten ingepland tussen opdrachtgever en programmadirectie HWBP om de risico s, tijd geld en kwaliteit te kunnen bespreken en bijsturen. Hiermee kunnen de risico s ook beter worden beperkt en beheerst. Voor de POVM wordt een gezamenlijke stuurgroep ingericht die bestaat uit leden van de colleges van het dagelijks bestuur (portefeuillehouders) van de betrokken waterschappen alsmede een vertegenwoordiger van het Ministerie I&M vanwege de belangen vanuit WTI/OI en op uitnodiging de programmadirectie van het HWBP. POV Macrostabiliteit Pagina 62 van 90

64 De stuurgroep spreekt zich uit over de bestuurlijke urgentie, de prioriteit en de go/no-go momenten van de vijf POVM-businesscases (4 technieken en actuele sterkte). Zij heeft ook een rol in de samenhang ; de beoordeling van de POVM-planning ten opzichte van de planning van de individuele dijkversterkingsprojecten, de uitvoerbaarheid van de resultaten en de kwaliteitsborging. De stuurgroep POVM adviseert waterschap Rivierenland als opdrachtgever. Op deze manier worden ook het bestuurlijk draagvlak voor de POVM, de voornemens en de resultaten geborgd. Hieronder een schema van de structuur van het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Figuur 12 Sturingslijnen HWBP Een nadere toelichting van de governance Hoogwaterbeschermingsprogramma is te vinden in het programmaplan Hoogwaterbeschermingsprogramma Fase 3 ( ). De primaire sturingslijn loopt via de structuur die voor het Hoogwaterbeschermingsprogramma is opgezet, dat wil zeggen: directeurenoverleg K&I, Uniecommissie en Stuurgroep. De Stuurgroep is het besluitvormend orgaan van het project. De opdrachtgever is het primaire aanspreekpunt voor de programmamanager (PM), die het kernteam aanstuurt. 7.2 Verantwoording De programmamanager legt verantwoording af aan de opdrachtgever, informeel door regelmatig (maandelijks) overleg en formeel via een maandelijkse up-date van het dashboard, de Q-rapportages en de jaarlijkse voortgangsrapportage. De opdrachtgever legt POV Macrostabiliteit Pagina 63 van 90

65 verantwoording af aan de programmadirectie van het HWBP, c.q. de stuurgroep, onder andere aan de hand van de voortgangsrapportage Bestuurlijk draagvlak Het dagelijkse besturen van de betrokken waterschappen worden, los van de activiteiten van de stuurgroep POVM zelf, geïnformeerd door de ambtelijke waterschapsvertegenwoordigers in de projectgroep. De stuurgroep POVM komt naar behoefte, maar minimaal 2x per jaar bijeen Afstemming op ambtelijk niveau Vanwege de samenwerking is goede afstemming op ambtelijk niveau nodig, onder anderen t.a.v. personele inzet, administratie en interne besluitvormingsprocedures. De opdrachtgever wordt hierbij ondersteund door het Directeurenoverleg (DO). Binnen het programmateam zijn de verschillende beheerders in de clusters vertegenwoordigd. Het kernteam bewaakt het overzicht, regelmatig wordt in bredere samenstelling overlegd, waarbij alle deelnemende partijen vertegenwoordigd zijn Stuurgroep (SG) De stuurgroep van het HWBP, die ressorteert onder de Minister van I&M, is verantwoordelijk voor de aansturing en besluitvorming rond de POVM. De stuurgroep wordt geadviseerd door drie gremia; het directeurenoverleg Kennis en Innovatie, de programmadirectie HWBP, de Uniecommissie Waterkeringen die op haar beurt wordt geadviseerd door de Uniewerkgroep waterkeringen Opdrachtgever (OG) Het gedelegeerde opdrachtgeverschap voor de POVM is belegd bij de directeur van het Waterschap Rivierenland. De opdrachtgever stuurt de programmamanager aan. De opdrachtgever is het eerste aanspreekpunt voor organisatorische zaken gezien het penvoerderschap van Waterschap Rivierenland. De belangrijkste taken van de opdrachtgever zijn: Aansturen programmamanager; Organiseren en toewijzen mensen en middelen van en met betrokken partijen; Afstemming met deelnemers directeurenoverleg; Vrijgeven plan van aanpak (voorzien van programmareferenties scope, geld, tijd en risico s) en voortgangsrapportages; Bewaken voortgang Directeurenoverleg (DO K&I) Het directeurenoverleg K&I is adviserend richting Stuurgroep en ondersteunt en adviseert op verzoek de opdrachtgever. Adviseren en ondersteunen opdrachtgever; Afstemming over organisatie zaken en bedrijfsvoering Organiseren en toewijzen mensen en middelen. POV Macrostabiliteit Pagina 64 van 90

66 7.2.6 Programmateam, programmamanager (PM), kernteam Het programmateam bestaat uit een kernteam (KT), een projectgroep en vier thematische clusters. Het KT is verantwoordelijk voor de tactische en operationele uitvoering van het plan van aanpak. De programmamanager stuurt het projectteam aan conform het plan van aanpak en de aanvullende vigerende kaders die gesteld zijn door de opdrachtgever. De PM is het eerste aanspreekpunt voor de OG. Het kernteam bestaat uit de volgende deelnemers: Programmamanager; Projectsecretaris Inhoudelijk coördinator Communicatieadviseur Manager projectbeheersing Contractmanager Gegeven de relevantie van het onderwerp projectbeheersing wordt hier voldoende capaciteit op gezet; zo wordt ingezet op het tijdig kunnen controleren en/of doorrekenen van kostenbatenanalyses, alsmede het doorrekenen van businesscases voor de hoofdsporen van de POVM. Het gaat in dit verband om de voorstellen uit de vier clusters, de totstandkoming van de technische rapporten voor de principetechnieken, aangevuld met het spoor Actuele sterkte. Op basis van deze overzichten van kosten, baten en risico s kan een goede afstemming plaatsvinden met het betrokken referentieprojecten/waterschappen. Het is ook een onderbouwing voor de prioritering. Voor de ambtelijke begeleiding van de POVM is een projectgroep gevormd bestaande uit het KT en ambtelijk vertegenwoordigers van participerende waterschappen en de programmadirectie van het HWBP. De programmamanager is voorzitter van de projectgroep. Voor de inhoudelijke aansturing en de kwaliteitsbeheersing van projecten die onderdeel uitmaken van de verkenning zijn clusterteams samengesteld met inhoudelijk specialisten. Deze clusterteams zijn verantwoordelijk voor de formulering van het gewenste doel en de opdrachten om dit doel te bereiken. Deze opdrachten hebben een doorlooptijd van maximaal 3 jaar en moeten resultaten opleveren die direct toepasbaar zijn in de HWBP-projecten. Afhankelijk van de aard van de opdracht kan deze worden verleend aan een team van opdrachtnemers, een individuele opdrachtnemer of een kennisinstelling, overeenkomstig de uitgangspunten in paragraaf De clusterteams adviseren de programmamanager op inhoudelijk vlak en zorgen voor kwaliteitsborging. Ten behoeve van de kwaliteit van de clusterteams zijn deze samengesteld op basis van een profielschets en een selectie op basis van CV s. Daarnaast is ieder clusterteam een vertegenwoordiging uit de driehoek: overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven. De clusters worden begeleid door de projectsecretaris en de inhoudelijk coördinator Ambtelijke klankbordgroep De reeds lang bestaande Werkgroep Evaluatie Dijkversterking fungeert als klankbordgroep en adviseert op verzoek het kernteam. Deze klankbordgroep bestaat uit de ambtelijk vertegenwoordigers van waterschappen die direct betrokken zijn bij dijkversterkingen, POV Macrostabiliteit Pagina 65 van 90

67 provincie Z-H, Rijkswaterstaat, Deltares en de programmadirectie HWBP. De klankbordgroep heeft een onafhankelijke voorzitter. Er is vanuit de klankbordgroep ook een nauwe relatie met ENW. De klankbordgroep heeft een rol in het aanscherpen van de scopebepaling van de POVM, het beoordelen van de plannen van aanpak en de praktische en brede toepasbaarheid van de verschillende POVM-onderwerpen. Zij adviseert de programmamanager in dit opzicht Externe stakeholders met bevoegdheden Provincies, Gedeputeerde Staten, bevorderen op grond van de Waterwet de coördinatie van de besluiten en verlenen goedkeuring aan projectplannen voor primaire waterkeringen. De provincie ziet daarbij toe op een goede ruimtelijke doorwerking en ruimtelijke inpassing van projectplannen. De provincie is bevoegd gezag voor het doorlopen van de mer-procedure voor primaire keringen. Daarnaast is de provincie beleidsverantwoordelijk voor de regionale keringen en hiermee kader stellend richting de waterschappen met betrekking tot de veiligheidsnormeringen voor de regionale keringen. De belangrijkste taken/bevoegdheden voor de provincie zijn: Bevoegd Gezag Wet Milieubeheer (mer procedure); Bevoegd Gezag Waterwet (goedkeuring projectplan en coördinatie van de (hoofd)vergunningen en ontheffingen); Bevoegdheden Wet Ruimtelijke Ordening (toepassing inpassingsplan); Vergunning of ontheffing verlenende instantie (ontgrondingen, NB-wet, EHS). De provincies hebben geen directe rol in de POVM. Ze zijn mogelijk vergunningverlener voor individuele pilots Gemeenten De gemeenten zijn bevoegd gezag voor diverse vergunningen en het vastleggen of wijzigen van beschermingszones in bestemmingsplannen. Tevens heeft de gemeente een taak in het kenbaar maken van (nieuwe) ruimtelijke ontwikkelingen en mogelijke meekoppelkansen en zorgt zij voor afstemming met gemeentelijke taken Programmadirectie HWBP De programmadirectie HWBP is een organisatieonderdeel met een mix van medewerkers van de waterschappen en Rijkswaterstaat, die als boegbeeld voor de alliantie tussen Rijkswaterstaat en de waterschappen fungeert. De programmadirectie ondersteunt de beheerders bij aanvragen tot subsidie en heeft een advies-, review-, ondersteunings- en faciliteringsfunctie. Op deze wijze wordt de alliantie en de kennis en ervaring optimaal benut. Het eerste aanspreekpunt voor het kernteam is de regionaal programmabegeleider DG Rijkswaterstaat (RWS) De DG RWS is budgetverantwoordelijk voor de programmadirectie HWBP: budgettair, organisatorisch en ten aanzien van de programma uitvoering. De DG RWS is hiermee bevoegd om een aanvraag tot subsidie goed te keuren en een beschikking tot subsidie af te geven. De DG RWS is tevens huisbaas voor de programmadirectie HWBP. De DG RWS POV Macrostabiliteit Pagina 66 van 90

68 biedt de programmering HWBP aan de Minister van IenM ten behoeve van de vaststelling in de ministerraad. DG Ruimte en Water (RW) De DG RW is verantwoordelijk voor de beleidsadvisering over het HWBP van de Minister van IenM. De DG RW is binnen het Ministerie van IenM opdrachtgever van de DG RWS voor het HWBP. Wijziging en vastleggen van landelijk beleid en wetgeving worden ook getrokken door DGRW. Besluitvorming hierover vindt plaats in de Tweede Kamer Beheersen Voor het kernteam is voorliggend plan van aanpak het primaire sturingsdocument. Onder andere de sturing en beheersing is hierin vastgelegd. De dagelijkse sturing binnen het programma wordt ondersteund door projectbeheersingstools en instrumentarium. De organisatie en verdere inrichting is beschreven in hoofdstuk 8. Het beheersen van het programma is nader beschreven in hoofdstuk Aanvraag tot subsidie De aanvraag voor de subsidiebeschikking is gebaseerd op dit plan van aanpak met biojlagen en wordt vervolgens via de programmadirectie HWBP doorgeleid naar de DG RWS. In het plan van aanpak zijn de projectreferenties scope, geld, tijd en risico s opgenomen. Zodra het plan van aanpak is goedgekeurd gelden deze projectreferenties als initieel uitgangspunt Verantwoorden De voortgangsrapportage heeft drie doelen: In control zijn (OG en PM/KT): voortgangsbewaking, tijdig anticiperen op risico s en kansen; Verantwoording afleggen; Informeren voortgang aan het gehele programmateam, de stuurgroep POVM, de ambtelijke achterban, de programmadirectie- en stuurgroep HWBP. De uitgangspunten voor de sturings- en verantwoordingsinformatie zijn: Lean and mean en zoveel mogelijk aansluiten bij standaarden die beschikbaar en gevalideerd zijn; Geen controle op controle of zaken die niet relevant zijn voor besluitvorming of programmaresultaat; Transparantie, tijdig informeren op basis van de informatiebehoefte. Door de opdrachtgever wordt in principe maandelijks (in Q-rapportages) en jaarlijks verantwoording afgelegd. In de voortgangsrapportage wordt de voortgang gerapporteerd ten opzicht van het plan van aanpak, c.q. de meest recente voortgangsrapportage. Verder worden mogelijke afwijkingen gerapporteerd en wordt sturingsinformatie voorgelegd. Het uitgangspunt voor de verantwoording is dat de voortgangsrapportage een basis vormt voor de inhoud. De programmadirectie HWBP en de stuurgroepen wordt via een oplegnotitie geïnformeerd over mogelijke (bij)sturingsinformatie. (Mogelijke) afwijkingen worden hierin expliciet gemeld. POV Macrostabiliteit Pagina 67 van 90

69 Toezicht De toezichtrol is verdeeld in een extern en intern toezicht. Met extern toezicht wordt bedoeld buiten het kernteam, echter wel binnen de governance van het project. Het externe toezicht richt zich met name op de strategie, de besluitvorming, de governance en de systeem- en procestoetsing. Het interne toezicht wordt beschreven in hoofdstuk 9 bij projectbeheersing. POV Macrostabiliteit Pagina 68 van 90

70 8 Organisatie In de onderstaand Figuur 12 is de governance en organisatie van de POVM geschetst. Figuur 12, Organogram POVM 8.1 Penvoerder Waterschap Rivierenland vraagt als penvoerder de HWBP-subsidie aan en voert de financiële administratie en bedrijfsvoering. De dagelijkse (operationele) sturing vindt plaats binnen Waterschap Rivierenland, conform de vigerende kaders en de administratieve organisatie en interne controle (systemen en processen). Hierbij wordt ook de interne mandatering (tekenbevoegdheid) van Waterschap Rivierenland gevolgd. Binnen de POVM wordt gebruikt gemaakt van het Integraal Projectmanagement Model (IPM) van Rijkswaterstaat Kernteam en Projectgroep Het kernteam bestaat uit een programmamanager die zorgt voor de aansturing van een kernteam waarin de volgende taken/rollen zijn belegd: Projectsecretaris Inhoudelijk coördinator POV Macrostabiliteit Pagina 69 van 90

71 Communicatieadviseur Projectbeheerser Contractmanager Hieronder een korte beschrijving van de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de kernteamleden. De POVM is in aard meer een proces- en/of een programma dan een project. Voor de herkenbaarheid van de rollen gebruiken we hier toch zoveel mogelijk de IPM beschrijvingen. De praktische consequenties van de POVM voor de (referentie)projecten worden in termen van management onderdeel van deze individuele dijkversterkingsprojecten Programmamanagement De programmamanager is overall verantwoordelijk voor de voorbereiding en realisatie van de doelen en resultaten. De programmamanager stuurt het kernteam aan en borgt de afstemming met de opdrachtgever. De programmamanager is eindverantwoordelijk voor de integrale voortgang van de POVM en de kwaliteit en integraliteit van alle producten Programmabeheersing De manager programmabeheersing is verantwoordelijk voor de integrale beheersing van het programma en coördineert het risicomanagement. De manager programmabeheersing is samen met de secretaris verantwoordelijk voor de sturings- en verantwoordingsinformatie, het informatiemanagement en het documentmanagement. De manager programmabeheersing is toetsend, adviserend (primair op het functioneren van het systeem en de interne administratieve organisatie en interne controleprocessen van het project) en ondersteunend. De integrale programmabeheersing bestaat uit: Scope- en wijzigingenbeheer Planningsmanagement Financieel management Risicomanagement Sturings- en verantwoordingsrapportages Informatie- en documentmanagement Kwaliteitsmanagement Beoordelen en doorrekenen van kosten-batenanalyses en businesscases Communicatie (en omgevingsmanagement) De communicatieadviseur is verantwoordelijk voor interactie tussen het programma en de omgeving. Hij/zij voert daarmee de volgende processen uit: Strategisch omgevingsmanagement Communicatie en participatie Dit betekent dat de communicatieadviseur ervoor zorgt dat buiten de POVM voldoende aandacht is voor het programma en dat er mogelijkheden zijn om actief en passief te communiceren over de POVM (o.a. website en social media). POV Macrostabiliteit Pagina 70 van 90

72 De communicatieadviseur onderhoudt de contacten met de communicatieteams en/of omgevingsmanagers van de referentieprojecten en stemt af over wederzijdse communicatiedoelstellingen. De communicatieadviseur heeft een taak in het actueel houden van de communicatiemiddelen, zoals de website; hij/zij heeft een initiatiefrol in het opstellen van nieuwsbrieven Technisch management en inhoudelijke coördinatie De technisch manager c.q. inhoudelijk coördinator, gaat over de technische inhoud van het project en is verantwoordelijk voor de werkzaamheden binnen de vier thematische clusters. De inhoudelijk coördinator is in alle fasen van het project verantwoordelijk voor de borging van de kwaliteit van technische informatie, uitgangspunten en eisen. Hij is verantwoordelijk voor de samenhang van de werkzaamheden die in de vier clusters worden uitgevoerd en stuurt inhoudelijke specialisten en opdrachtnemers (marktpartijen) aan. De inhoudelijk coördinator is verantwoordelijk voor de volgende processen (niet limitatief): Scope van de verschillende clusters; Technische en procesmatige uitgangspunten in de clusters; Begeleiding en bijsturing van de werkzaamheden in de clusters; Voorstellen voor kansrijke oplossingsrichtingen en pilots; Belangrijke taak voor de inhoudelijk coördinator is de zorg voor de samenhang en de toegevoegde waarde van de verschillende verkenningen en pilots. Daarnaast levert de inhoudelijk coördinator een bijdrage in de afstemming van de werkzaamheden vanuit de clusters en de voorstellen richting de referentieprojecten. Hij heeft een taak in het aandragen en signaleren van risico s Contractmanagement De contractmanager is verantwoordelijk voor de procesmatige beheersing van het vaststellen van de inkoopbehoefte, het opstellen van het inkoop- en marktbenaderingsstrategie, de contractvoorbereiding, contractaanbesteding, -uitvoering en - beheersing richting verschillende marktpartijen. Hiervoor wordt aangesloten bij het inkoopen aanbestedingsbeleid van WSRL. Technische innovaties worden zoveel mogelijk al dan niet als pilot- direct in referentieprojecten toegepast; het is dan meer voor de hand liggend het management ook vanuit deze projecten te laten plaatsvinden Projectsecretariaat De projectsecretaris is verantwoordelijk voor de voorbereiding, agendering, verslaglegging van de vergaderingen van het kernteam, de projectgroep en de clusterteams. De secretaris ondersteunt de programmamanager bij het gehele proces rond de POVM. Hij onderhoudt contacten van relevante stakeholders en managers van de referentieprojecten. Hij signaleert procesmatige en procedurele knelpunten en levert een bijdrage aan de oplossing daarbij. POV Macrostabiliteit Pagina 71 van 90

73 8.2 Uitgangspunten bemensing Deelnemers/leden van het kernteam: Frans van den Berg, programmamanager Meindert Van, technisch manager/inhoudelijk coördinator Dirk van Schie, projectsecretaris Ellen Roks, communicatieadviseur Wijnand Jelier, contractmanager en projectbeheersing Jasper van de Hoef, inkoop en contractbeheer Ruud Termaat, kwartiermaker/adviseur Benodigde capaciteit Om de producten en mijlpalen te behalen conform plan van aanpak is de benodigde capaciteit geraamd. Hieronder een overzicht van de benodigde capaciteit, waarbij de projectondersteuning apart is weergegeven. In bijlage 1 (Kostennota) is een nadere onderbouwing van de teams opgenomen. Kernteam Programmamanager 0,25 0,25 0,25 0,25 Projectbeheersing 0,4 0,4 0,4 0,4 Inhoudelijk coördinator 0,45 0,45 0,45 0,45 Projectsecretaris 0,9 0,9 0,9 0,9 Communicatieadviseur 0,2 0,2 0,2 0,2 Contractmanager 0,2 0,2 0,2 0,2 Secretariële ondersteuning 0,1 0,1 0,1 0,1 Totaal 2,5 2,5 2,5 2, Projectteam Het projectteam bestaat uit een kernteam en een projectgroep. De samenstelling van het kernteam is hierboven beschreven. De projectgroep bestaat uit de leden van het kernteam, aangevuld met een vertegenwoordiger van de programmadirectie van het HWBP en de ambtelijk vertegenwoordigers van voorlopig vijf waterschappen van wie er vier deelnemen met een referentieproject. Het gaat om de volgende waterschappen: Rivierenland Schieland en de Krimpenerwaard Groot Salland (geen referentieproject) Rijnland Hollands Noorderkwartier Het projectteam kan ad hoc, afhankelijk van de agenda worden uitgebreid met externe deskundigen of belanghebbenden; met name vanwege de relevantie van de projectbeheersing wordt voor dit thema aanvullend capaciteit beschikbaar gesteld voor de POV Macrostabiliteit Pagina 72 van 90

74 projectgroep. Er kunnen ook nieuwe referentieprojecten worden toegevoegd, afhankelijk van actuele vragen die direct aansluiten bij de POVM-scope Projectgroep De projectgroep is een ambtelijke begeleidingsgroep. De deelnemers van de projectgroep zijn medeverantwoordelijk voor de kwaliteit van technische informatie, uitgangspunten en eisen van de opgave en het ontwerp. Door de betrokkenheid van alle deelnemers wordt optimaal gebruik gemaakt van de beschikbare gebiedskennis en wordt de verbinding gelegd met de (referentie-)projecten. Hiermee wordt bereikt dat de resultaten van de onderzoeken ook direct bij de deelnemers beschikbaar zijn. Deelnemers: Frans van den Berg, WSRL (vz) Meindert Van, Deltares (inhoudelijk coördinator) Ruud Termaat, Deltares (kwartiermaker) Dirk van Schie, WSRL (secretaris) Jasper van de Hoef (contractmanagement) Kenrick Heijn, HWBP Ellen Roks (communicatie adviseur) WSRL Wijnand Jelier (projectbeheersing) WSRL Jaap Stoop, HHSK Charles Hartogh, Groot Salland Jasper Smulders, Rijnland Alex Roos, Hollands Noorderkwartier Clusters Een belangrijk deel van het inhoudelijke werk, onderzoek en analyse, wordt gedaan binnen de vier thematische clusters. De deelnemers aan de clusters zijn geselecteerd op persoonlijke expertise en afkomstig uit de driehoek: overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven. POV Macrostabiliteit Pagina 73 van 90

75 Figuur Cluster Innovaties in versterkingstechnieken Dijkversterking ten gevolge van macrostabiliteit wordt vooral een probleem als er op en naast de dijk panden aanwezig zijn. Bestaande en innovatieve uitvoeringstechnieken bestaan veelal uit wanden-, vernageling- of drainageoplossingen en komen in beeld als een traditionele berm niet kan, c.q. leidt tot sloop van bebouwing. Ook voor de interactie van dijk met panden en andere constructies zijn er innovatieve oplossingsrichtingen denkbaar. Voor een aantal innovaties willen we binnen de POVM de stap maken naar de praktijk. Daarbij dienen de algemene principes op grond waarvan de innovaties werken en controleerbaar zijn beter begrepen en vastgelegd te worden, zodat deze ook breder toepasbaar worden. Vanuit dit cluster zullen vragen worden gesteld aan de andere drie clusters die daarmee ook een beeld krijgen van de praktische behoefte. Deelnemers: Huub de Bruijn, Deltares (vz) Meindert Van, Deltares Dirk van Schie, WSRL (secr.) Jaap Stoop, HHSK Hessel Voortman, Arcadis Jan van Dijk, GMB Christophe Bauduin, Besix POV Macrostabiliteit Pagina 74 van 90

Projectoverstijgende Verkenning Macrostabiliteit

Projectoverstijgende Verkenning Macrostabiliteit Projectoverstijgende Verkenning Macrostabiliteit Programmamanager: Frans van den Berg Secretaris: Dirk van Schie Technisch manager: Meindert Van Projectbeheersing :Wijnand Jelier Communicatie: Ellen Roks

Nadere informatie

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Plan van Aanpak POV Auteur: Datum: Versie: POV Macrostabiliteit Pagina 1 van 7 Definitief 1 Inleiding Op 16 november hebben wij van u

Nadere informatie

Pipingonderzoek WTI2017

Pipingonderzoek WTI2017 Pipingonderzoek WTI2017 Ulrich Förster (Deltares) Peter Blommaart (RWS-VWL) Inhoud Inleiding programma WTI 2017 Doel van de toetsing Verschillende toetslagen Planning cluster toetsen piping Ulrich Förster

Nadere informatie

Nieuw Waterveiligheidsbeleid

Nieuw Waterveiligheidsbeleid 07-09-2015 Nieuw Waterveiligheidsbeleid Annemiek Roeling (DGRW) Inhoud De aanloop Aanleiding Doelen nieuwe waterveiligheidsbeleid Meerlaagsveiligheid en normen voor de kering Verankering van het beleid

Nadere informatie

Assetmanagement bij waterkeringen

Assetmanagement bij waterkeringen Assetmanagement bij waterkeringen Frank den Heijer NVRB symposium Assetmanagement in de publieke sector Assetmanagement bij waterkeringen Historie en context Toetsproces waterkeringen Cases: toetsronden

Nadere informatie

PUNT NR. 9 VAN DE AGENDA VAN DE VERGADERING VAN HET ALGEMEEN BESTUUR D.D. 19 december 2013.

PUNT NR. 9 VAN DE AGENDA VAN DE VERGADERING VAN HET ALGEMEEN BESTUUR D.D. 19 december 2013. PUNT NR. 9 VAN DE AGENDA VAN DE VERGADERING VAN HET ALGEMEEN BESTUUR D.D. 19 december 2013. Zwolle, 20 november 2013 Nr. Bestuur-4232 Aan het algemeen bestuur Onderwerp: HWBP Plannen van Aanpak Verkenningsfase

Nadere informatie

Een nieuw "UITVRAAGMODEL" voor een. Frank Goossensen, 10 februari 2011. Imagine the result

Een nieuw UITVRAAGMODEL voor een. Frank Goossensen, 10 februari 2011. Imagine the result Regionale keringen versneld es edverbeteren ebeee Een nieuw "UITVRAAGMODEL" voor een integrale aanpak Frank Goossensen, 10 februari 2011 Imagine the result Aanleiding Regionale keringen staan volop in

Nadere informatie

BESTUURLIJKE SAMENVATTING AFSTEMMEN INVESTERINGEN

BESTUURLIJKE SAMENVATTING AFSTEMMEN INVESTERINGEN BESTUURLIJKE SAMENVATTING AFSTEMMEN INVESTERINGEN Aanpak De opdracht Afstemmen investeringen is voortvarend opgepakt door de werkgroep, bestaande uit vertegenwoordigers van de Gelderse waterschappen en

Nadere informatie

Stappenplan nieuwe Dorpsschool

Stappenplan nieuwe Dorpsschool Stappenplan nieuwe Dorpsschool 10 juni 2014 1 Inleiding Het college van burgemeester en wethouders heeft op 10 juni 2014 dit stappenplan vastgesteld waarin op hoofdlijnen is weergegeven op welke wijze

Nadere informatie

AGENDAPUNT ONTWERP. Onderwerp: Projectoverstijgende Verkenning (POV) Centraal Holland Nummer: 871302. Voorstel

AGENDAPUNT ONTWERP. Onderwerp: Projectoverstijgende Verkenning (POV) Centraal Holland Nummer: 871302. Voorstel VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR AGENDAPUNT Onderwerp: Projectoverstijgende Verkenning (POV) Centraal Holland Nummer: 871302 In D&H: 11-11-2014 Steller: Jannes van Hove In Cie: BMZ 25-11-2014 Telefoonnummer:

Nadere informatie

Voorstel Het dagelijks bestuur adviseren over onderstaand conceptvoorstel aan het algemeen bestuur.

Voorstel Het dagelijks bestuur adviseren over onderstaand conceptvoorstel aan het algemeen bestuur. Onderwerp: Programmaplan versnelling HWBP dijkversterking WPM Regi_stratienummer: 2016.03155 Gezamenlijke commissie Portefeuillehouder: Rein Dupont Datum: 4 mei 2016 Vergaderingnummèr: 1 Agendapunt: 4

Nadere informatie

Versterking Markermeerdijk. Edam-Amsterdam. Marja van Hezewijk Omgevingsmanager Markermeerdijken

Versterking Markermeerdijk. Edam-Amsterdam. Marja van Hezewijk Omgevingsmanager Markermeerdijken Versterking Markermeerdijk Edam-Amsterdam Marja van Hezewijk Omgevingsmanager Markermeerdijken Dijkversterking Edam - Amsterdam 5-jaarlijkse toetsing 2006: 16 van de 29 km tussen Edam en Amsterdam voldoet

Nadere informatie

POV CENTRAAL HOLLAND Oplegnotitie bij SOK t.b.v. interne bestuurlijke behandeling najaar 2014.

POV CENTRAAL HOLLAND Oplegnotitie bij SOK t.b.v. interne bestuurlijke behandeling najaar 2014. POV CENTRAAL HOLLAND Oplegnotitie bij SOK t.b.v. interne bestuurlijke behandeling najaar 2014. Inleiding Op 8 oktober jl. heeft de Stuurgroep POV Centraal Holland de volgende besluiten genomen t.a.v. de

Nadere informatie

Veiligheid Nederland in Kaart 2

Veiligheid Nederland in Kaart 2 Veiligheid Nederland in Kaart 2 Ruben Jongejan 2007 Veiligheid Nederland in Kaart pagina 1 Inhoud 1. Wat is VNK2? 2. Methoden en technieken 3. Toepassingen 4. Samenvatting 2007 Veiligheid Nederland in

Nadere informatie

Project Dijkversterking Krimpen

Project Dijkversterking Krimpen Project Dijkversterking Krimpen Dijkversterking & UAV-gc Samenwerken met de opdrachtnemer Huub Verbruggen Projectmanager Dijkversterking Krimpen Even voorstellen Huub Verbruggen Projectmanager van beroep

Nadere informatie

Veiligheidsoordeel beheersgebied Hollandse Delta. Resultaten verlengde 3 e toetsronde Primaire Waterkeringen

Veiligheidsoordeel beheersgebied Hollandse Delta. Resultaten verlengde 3 e toetsronde Primaire Waterkeringen Veiligheidsoordeel beheersgebied Hollandse Delta Resultaten verlengde 3 e toetsronde Primaire Waterkeringen Veiligheidsoordeel beheersgebied Hollandse Delta Resultaten verlengde 3 e toetsronde Primaire

Nadere informatie

10/09/2013. 4 Maatregelen Nederrijn. Wie zijn we. Wat doen we. Wat doen we anders. Waarom doen we dit? Rijkswaterstaat Boskalis.

10/09/2013. 4 Maatregelen Nederrijn. Wie zijn we. Wat doen we. Wat doen we anders. Waarom doen we dit? Rijkswaterstaat Boskalis. Nederland efficiënter beschermen tegen hoogwater 4 Maatregelen Nederrijn 10 september 2013 Waterschap Rivierenland, Tiel Dirk-Jan Zwemmer (PM Boskalis) Jeroen Eikholt (CM ) Wie zijn we Wat doen we Wat

Nadere informatie

Startbijeenkomst. Dijkverbetering Gorinchem-Waardenburg

Startbijeenkomst. Dijkverbetering Gorinchem-Waardenburg Startbijeenkomst Dijkverbetering Gorinchem-Waardenburg welkom Het projectteam Gert-Jan Goelema Martin Groenewoud Hans Verkerk en Henriëtte Nonnekens Jelle Sipkema Ivo van de Berg Lia Steensma Ellen Roks

Nadere informatie

Vervolg en gebiedsproces WBP 5

Vervolg en gebiedsproces WBP 5 Vervolg en gebiedsproces WBP 5 1 Inleiding Het WBP5 strategisch deel ligt voor. Hiermee is het WBP 5 niet af, maar staat het aan het begin van het gebiedsproces en het interne proces om tot een uitvoeringsprogramma

Nadere informatie

Bestuursrapportage 2014 waterschap Vechtstromen Versie 24 november 2015

Bestuursrapportage 2014 waterschap Vechtstromen Versie 24 november 2015 Bestuursrapportage 204 Vechtstromen Versie 24 november 205 Deze rapportage bevat een overzicht op hoofdlijnen van de voortgang van de uitvoering van het waterbeleid en dient als basis voor jaarlijks bestuurlijk

Nadere informatie

De ondergrond in de 4 e toetsronde

De ondergrond in de 4 e toetsronde De ondergrond in de 4 e toetsronde Producten voor de ondergrond in het Wettelijk Toets- Instrumentarium 2017 Robert Slomp Inhoud 1. Het belang van de ondergrond bij het toetsen van waterkeringen 2. Het

Nadere informatie

Referentieprofielen Kennis-, ervaring, vaardigheden, houding en gedrag voor rollen in projecten

Referentieprofielen Kennis-, ervaring, vaardigheden, houding en gedrag voor rollen in projecten Rollen&Projectmanager,&Omgevingsmanager,&Technisch&manager,&Contractmanager,&Manager&Projectbeheersing& & Visie, doel en uitgangspunten bij de referentieprofielen: Visie Het succes van een project of programma

Nadere informatie

Welke informatie wordt bij het risico-oordeel getoond?

Welke informatie wordt bij het risico-oordeel getoond? Welke informatie wordt bij het risico-oordeel getoond? Het risico-oordeel richt zich op primaire en regionale waterkeringen. Primaire waterkeringen beschermen tegen een overstroming uit zee, de grote meren

Nadere informatie

Datamanagement in de vierde toetsronde: naar een efficiënte koppeling tussen dagelijks gegevensbeheer en de toetsing

Datamanagement in de vierde toetsronde: naar een efficiënte koppeling tussen dagelijks gegevensbeheer en de toetsing Datamanagement in de vierde toetsronde: naar een efficiënte koppeling tussen dagelijks gegevensbeheer en de toetsing Huibert-Jan Lekkerkerk (IHW) Kin Sun Lam (Deltares) Beter informatiemanagement kan!

Nadere informatie

Bijlage 2 Indicatieve doorlooptijden (open) aanbesteding(svarianten)

Bijlage 2 Indicatieve doorlooptijden (open) aanbesteding(svarianten) Bijlage 2 Indicatieve doorlooptijden (open) aanbesteding(svarianten) Wanneer duidelijkheid burger* Aanbestedings dossier gereed Opties 0 en 1 Optie 2 Optie 3 Optie 4 DT Noord (verlegd en verdiept**) met

Nadere informatie

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR Aandachtsveldhouder J. Lamberts Vergadering : 6 mei 2014 Agendapunt : 6. Bijlagen : 1. Concept nieuw waterveiligheidsbeleid NB: ter inzage bij directiesecretariaat 2.

Nadere informatie

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ

Beoordelingsformulier projectvoorstellen KFZ sformulier voor de projectvoorstellen. sformulier projectvoorstellen KFZ Callronde: Versie 14-02-13 Instelling: Naam project: 1) Algemeen Het beoordelingsformulier wordt gebruikt om de projectvoorstellen

Nadere informatie

Dijken op Veen: Vraag & Antwoord

Dijken op Veen: Vraag & Antwoord Dijken op Veen: Vraag & Antwoord Mag deze ontwikkelde methode nu al officieel worden toegepast voor de Markermeerdijken? Het Expertise Netwerk Waterveiligheid (ENW) is gevraagd de methodiek te beoordelen.

Nadere informatie

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat Werkwijze 2004 publicatienr. 04-03 Ad Graafland Paul Schepers 3 maart 2004 abcdefgh Rijkswaterstaat Werkwijze 2/16 I Inleiding Verandering In 2003 is de organisatie van de ingrijpend veranderd. Twee belangrijke

Nadere informatie

Actieplan naar aanleiding van BDO-onderzoek. Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. Woensdag 13 juni 2012

Actieplan naar aanleiding van BDO-onderzoek. Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. Woensdag 13 juni 2012 Actieplan naar aanleiding van BDO-onderzoek Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. Woensdag 13 juni 2012 Inhoudsopgave - Actieplan GVB Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. n.a.v. BDO-rapportage 13

Nadere informatie

Deltaprogramma 2014. Bijlage F. Bestuurlijke Planning DP2015

Deltaprogramma 2014. Bijlage F. Bestuurlijke Planning DP2015 Deltaprogramma 2014 Bijlage F Bestuurlijke Planning DP2015 Deltaprogramma 2014 Bijlage F Bestuurlijke Planning DP2015 Deltaprogramma 2014 Bijlage F 2 Bestuurlijke planning In deze bijlage is de bestuurlijke

Nadere informatie

1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen. Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen

1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen. Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen 1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen 2 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen Bestuurlijke overeenkomst voor Samenwerking

Nadere informatie

Plan van aanpak voor het Programma HWBP 2016-2021

Plan van aanpak voor het Programma HWBP 2016-2021 Plan van aanpak voor het Programma HWBP 2016-2021 Concept versie 13 mei 2014 Inleiding Dit plan van aanpak (PVA) geeft aan hoe het Programma 2016-2021 van het HWBP tot stand zal komen en welke vorm dit

Nadere informatie

Hoogwaterbeschermingsprogramma. Projectenboek 2015

Hoogwaterbeschermingsprogramma. Projectenboek 2015 Hoogwaterbeschermingsprogramma Projectenboek 2015 Middelburg Vlissingen Scheldestromen Terneuzen u Den Haag Schiedam Vlaardingen Spijkenisse Bergen op Zoom Katwijk Roosendaal Leiden Zoetermeer Oude Capelle

Nadere informatie

Aan de raad van de gemeente Lingewaard

Aan de raad van de gemeente Lingewaard 6 Aan de raad van de gemeente Lingewaard *14RDS00194* 14RDS00194 Onderwerp Nota Risicomanagement & Weerstandsvermogen 2014-2017 1 Samenvatting In deze nieuwe Nota Risicomanagement & Weerstandsvermogen

Nadere informatie

1. FORMAT PLAN VAN AANPAK

1. FORMAT PLAN VAN AANPAK INHOUDSOPGAVE 1. FORMAT PLAN VAN AANPAK 1.1. Op weg naar een kwaliteitsmanagementsysteem 1.2. Besluit tot realisatie van een kwaliteitsmanagementsysteem (KMS) 1.3. Vaststellen van meerjarenbeleid en SMART

Nadere informatie

Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012)

Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012) -1- Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012) 1 Aanleiding voor het project Arbeidsparticipatie is een belangrijk onderwerp voor mensen met een chronische ziekte of functiebeperking

Nadere informatie

Projectformat Agenda van Twente, jaarschijf 2010 Aanvrager: gemeente Almelo Project : Transitiestrategie Noordflank Bijlagen:

Projectformat Agenda van Twente, jaarschijf 2010 Aanvrager: gemeente Almelo Project : Transitiestrategie Noordflank Bijlagen: Projectformat Agenda van Twente, jaarschijf 2010 Aanvrager: gemeente Almelo Project : Transitiestrategie Noordflank Bijlagen: Algemene informatie over het project Aanleiding voor het project Het Almelose

Nadere informatie

Veilig achter duin en dijk Hoogwaterbeschermingsprogramma

Veilig achter duin en dijk Hoogwaterbeschermingsprogramma Veilig achter duin en dijk Hoogwaterbeschermingsprogramma Veiligheid van bewoners voorop Bescherming tegen overstromingen is voor Nederland van levensbelang. Een groot deel van de inwoners woont beneden

Nadere informatie

Energiemanagement Actieplan

Energiemanagement Actieplan 1 van 8 Energiemanagement Actieplan Datum 18 04 2013 Rapportnr Opgesteld door Gedistribueerd aan A. van de Wetering & H. Buuts 1x Directie 1x KAM Coördinator 1x Handboek CO₂ Prestatieladder 1 2 van 8 INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

Het succes van de A12

Het succes van de A12 Het succes van de A12 Meer markt én meer samenwerking!! Carel van Belois (RWS) Jan Willem Bruining (BAM) Oktober 2014 1 Inhoud presentatie Het project A12 Luve: wat behelsde het? Wat was het Samenwerkingsmodel?

Nadere informatie

Wettelijk Toets Instrumentarium (WTI) Ferdinand Diermanse Deltares

Wettelijk Toets Instrumentarium (WTI) Ferdinand Diermanse Deltares Wettelijk Toets Instrumentarium (WTI) Ferdinand Diermanse Deltares Deltares Kennisinstituut op het gebied van water en geotechniek Ongeveer 800 werknemers Vestigingen in Utrecht en Delft (+ USA, Singapore,

Nadere informatie

Iedereen denkt bij informatieveiligheid dat het alleen over ICT en bedrijfsvoering gaat, maar het is veel meer dan dat. Ook bij provincies.

Iedereen denkt bij informatieveiligheid dat het alleen over ICT en bedrijfsvoering gaat, maar het is veel meer dan dat. Ook bij provincies. Iedereen denkt bij informatieveiligheid dat het alleen over ICT en bedrijfsvoering gaat, maar het is veel meer dan dat. Ook bij provincies. Gea van Craaikamp, algemeen directeur en provinciesecretaris

Nadere informatie

Green-Consultant - info@green-consultant.nl - Tel. 06-51861495 Triodos Bank NL17TRIO0254755585 - KvK 58024565 - BTW nummer NL070503849B01 1

Green-Consultant - info@green-consultant.nl - Tel. 06-51861495 Triodos Bank NL17TRIO0254755585 - KvK 58024565 - BTW nummer NL070503849B01 1 Bestemd voor: Klant t.a.v. de heer GoedOpWeg 27 3331 LA Rommeldam Digitale offerte Nummer: Datum: Betreft: CO 2 -Footprint & CO 2 -Reductie Geldigheid: Baarn, 24-08-2014 Geachte heer Klant, Met veel plezier

Nadere informatie

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas Duurzame energie Leveranciersdag Rijk 27 november 2015 Piet Glas P.Glas@mindef.nl Categoriemanager Energie Frans van Beek frans.beek@minbzk.nl BZK - DG Organisatie Bedrijfsvoering Rijk Opzet workshop 1.

Nadere informatie

Toelichting Model vraagspecificatie bestaande bouw

Toelichting Model vraagspecificatie bestaande bouw 2/7 Toelichting Model vraagspecificatie bestaande bouw Inhoud Algemeen 1 INLEIDING 1.1 Projectomschrijving 1.2 Organisatie 1.3 Scope van het werk 1.4 Randvoorwaarden 1.5 Budget 1.6 Opzet van de Vraagspecificatie

Nadere informatie

INLEIDING GEORISICOSCAN 2.0 VOOR TE TOETSEN PROJECTEN

INLEIDING GEORISICOSCAN 2.0 VOOR TE TOETSEN PROJECTEN INLEIDING GEORISICOSCAN 2.0 VOOR TE TOETSEN PROJECTEN Wat is de GeoRisicoScan (GRS) 2.0? De GRS 2.0 is een instrument om de kwaliteit van de toepassing van GeoRM in een project te toetsen. Wat is het doel

Nadere informatie

HWBP Vakdag Kennis & Innovatie 26 juni 2014 - verslag

HWBP Vakdag Kennis & Innovatie 26 juni 2014 - verslag HWBP Vakdag Kennis & Innovatie 26 juni 2014 - verslag Ellen Tromp, Michelle Hendriks (met input van derden) Op donderdag 26 juni werd de eerste vakdag Kennis & Innovatie gehouden door het HWBP. Zo n vijftig

Nadere informatie

Projectoverstijgende verkenning Waddenzeedijken Plan van aanpak Fase 2

Projectoverstijgende verkenning Waddenzeedijken Plan van aanpak Fase 2 Projectoverstijgende verkenning Waddenzeedijken Plan van aanpak Fase 2 WFN1516975 Plan van Aanpak POV Waddenzeedijken fase 2 AKKOORD OPDRACHTGEVER AKKOORD PROJECTMANAGER NAAM Jannes Krol NAAM Ate R. Wijnstra

Nadere informatie

Hydraulische Randvoorwaarden 2011concept

Hydraulische Randvoorwaarden 2011concept Hydraulische Randvoorwaarden 2011concept Globale verkenning waterveiligheid Delfzijl ir. A. Prakken Waterdienst / Water Verkeer & Leefomgeving Hydraulische Randvoorwaarden toetsen veiligheid primaire waterkeringen

Nadere informatie

Extra impuls gemeenten voor afvalpreventie en afvalscheiding huishoudelijk afval

Extra impuls gemeenten voor afvalpreventie en afvalscheiding huishoudelijk afval Extra impuls gemeenten voor afvalpreventie en afvalscheiding huishoudelijk afval Inhoud 1. Inleiding 3 2. Opzet plannen voor ondersteuning 4 3. Plannen voor verminderen huishoudelijk restafval 5 3.1 Eisen

Nadere informatie

Innovatieve dijkversterking Waterontspanner 10 september 2015 Kivi Lezingenavond Den Haag

Innovatieve dijkversterking Waterontspanner 10 september 2015 Kivi Lezingenavond Den Haag Innovatieve dijkversterking Waterontspanner 10 september 2015 Kivi Lezingenavond Den Haag 21 augustus 2015 Onno Langhorst Movares B.V. Onderwerpen 1. 2. 3. 4. Aanleiding Variantenstudie Lekdijk Haalbaarheidstudie

Nadere informatie

Overstromingsrisico van dijkringgebieden 14, 15 en 44

Overstromingsrisico van dijkringgebieden 14, 15 en 44 Overstromingsrisico van dijkringgebieden 14, 15 en 44 November 2012 Veiligheid Nederland in Kaart 2 Overstromingsrisico van dijkringgebieden 14, 15 en 44 Documenttitel Veiligheid Nederland in Kaart 2 Overstromingsrisico

Nadere informatie

Onderwerp: Risico inventarisatie project rwzi Utrecht Nummer: 604438. Dit onderwerp wordt geagendeerd ter kennisneming ter consultering ter advisering

Onderwerp: Risico inventarisatie project rwzi Utrecht Nummer: 604438. Dit onderwerp wordt geagendeerd ter kennisneming ter consultering ter advisering COLLEGE VAN DIJKGRAAF EN HOOGHEEMRADEN COMMISSIE BMZ ALGEMEEN BESTUUR Agendapunt 9A Onderwerp: Risico inventarisatie project rwzi Utrecht Nummer: 604438 In D&H: 22-01-2013 Steller: Drs. J.L.P.A. Dankaart

Nadere informatie

Omgevingsmanagement vanuit twee perspectieven. Dijkversterking BAS, RAW-contract Marco van Leeuwen: OM-OG

Omgevingsmanagement vanuit twee perspectieven. Dijkversterking BAS, RAW-contract Marco van Leeuwen: OM-OG Omgevingsmanagement vanuit twee perspectieven Dijkversterking BAS, RAW-contract Marco van Leeuwen: OM-OG en Dijkverbetering KIS, UAV-GC contract (D&C) Max Slimmens OM-OG Marco van Leeuwen OM-ON Marco van

Nadere informatie

Structuur regionale samenwerking in Regio Rivierenland

Structuur regionale samenwerking in Regio Rivierenland Structuur regionale samenwerking in Regio Rivierenland Gemeenteraden Ambitiebepaling, kaderstelling en controle op hoofdlijnen van beleid Besluiten over meerjarenprogramma s speerpunten Besluiten over

Nadere informatie

agendapunt H.06 Aan Verenigde Vergadering VERBETERING PRIMAIRE WATERKERING: DIJKVAKKEN DELFLANDSE DIJK

agendapunt H.06 Aan Verenigde Vergadering VERBETERING PRIMAIRE WATERKERING: DIJKVAKKEN DELFLANDSE DIJK agendapunt H.06 1111302 Aan Verenigde Vergadering VERBETERING PRIMAIRE WATERKERING: DIJKVAKKEN DELFLANDSE DIJK Gevraagd besluit Verenigde Vergadering 24-04-2014 I. het dijkvak Spuihaven te Schiedam, los

Nadere informatie

Beter benutten actuele sterkte

Beter benutten actuele sterkte POV Macrostabiliteit: Inhoudelijk Plan van aanpak deelonderzoek Beter benutten actuele sterkte 2/34 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Probleembeschrijving beter benutten actuele sterkte 4 2.1 Algemeen 4 2.2 Case

Nadere informatie

Voorstel aan dagelijks bestuur

Voorstel aan dagelijks bestuur Voorstel aan dagelijks bestuur Datum vergadering 25-03-2014 Agendapunt 7 Steller / afdeling M.J. Potter / Projecten en waterkeringen Openbaar Ja Bestuurder L.H. Dohmen Bijlage(n) 2 Programma Waterkeringszorg

Nadere informatie

Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard!

Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! > www.vrom.nl Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! 2e Tender Waddenfonds 8 september tot en met 17 oktober 2008 Investeren in het waddengebied is de moeite meer dan waard! 2e Tender

Nadere informatie

1. Aanleiding. 2. Voorstel

1. Aanleiding. 2. Voorstel DATUM VERGADERING 21 September 2006 AGENDAPUNTNUMMER ƒ *\ BULAGE(N) 3 REGISTRATIENUMMER VOORSTEL D8iH DATUM BEHANDELING IN D&H 15 dugustus 2006 AAN DE VERENIGDE VERGADERING B0601316 UITBREIDEN PERSONEELSBESTAND

Nadere informatie

Samenvatting projectplan Kwaliteit en Vergelijkbaarheid

Samenvatting projectplan Kwaliteit en Vergelijkbaarheid Projectdoelstellingen resultaten De doelstelling van het project Kwaliteit en is het vergroten van het lerend vermogen van de veiligheidsregio s en het verbeteren van de samenwerking. Door kwaliteitszorg

Nadere informatie

Toetsing Regionale keringen en databeheer

Toetsing Regionale keringen en databeheer Toetsing Regionale keringen en databeheer Door: Derk-Jan Sluiter Waterschap Groot Salland Toetsing en databeheer inhoud presentatie Regionale keringen Waterschap Groot Salland Aanpak toetsing (DAM) Gegevensbeheer

Nadere informatie

Water en Natuur: Een mooi koppel!

Water en Natuur: Een mooi koppel! Water en Natuur: Een mooi koppel! Onderzoek naar de succesfactoren, belemmeringen en kansen voor het meekoppelen van water en natuur Tim van Hattum (Alterra Wageningen UR) Aanleiding Deltaprogramma gaat

Nadere informatie

h.ebels(&gemeentelangediik.ni en (in cc.) s.appeiman(d~c~emeenteiangediik.nl

h.ebels(&gemeentelangediik.ni en (in cc.) s.appeiman(d~c~emeenteiangediik.nl gemeente Langedijk Urhahn Urban Design Tav. de heer S. Feenstra Laagte Kadijk 153 1O18ZD AMSTERDAM Datum 17 maart 2015 B P/PEZ/SA Afdeling/team Uw brief/nummer Inlichtingen bi1 Onderwerp Bijiage(r) De

Nadere informatie

1. Het Investeringsplan complex buitengewoon onderhoud regionale keringen 2013-2020 ter

1. Het Investeringsplan complex buitengewoon onderhoud regionale keringen 2013-2020 ter agendapunt H.08 1067569 Aan Verenigde Vergadering INVESTERINGSPLAN EN KREDIET COMPLEX BUITENGEWOON ONDERHOUD REGIONALE KERINGEN Gevraagd besluit Verenigde Vergadering 20-06-2013 I. Het Investeringsplan

Nadere informatie

Addendum ondersteuning Kwaliteitsinstituut. bij Programma Kwaliteit van Zorg: Versnellen, verbreden, vernieuwen

Addendum ondersteuning Kwaliteitsinstituut. bij Programma Kwaliteit van Zorg: Versnellen, verbreden, vernieuwen Addendum ondersteuning Kwaliteitsinstituut bij Programma Kwaliteit van Zorg: Versnellen, verbreden, vernieuwen December 2012 1. Inleiding In de algemene programmatekst Kwaliteit van Zorg zijn drie programmalijnen

Nadere informatie

LANDSCHAP WATERLAND Adviescommissie 2 april 2012 (mededeling) agendapunt 5. Algemeen bestuur 28 juni 2012. Aantal bijlagen 2

LANDSCHAP WATERLAND Adviescommissie 2 april 2012 (mededeling) agendapunt 5. Algemeen bestuur 28 juni 2012. Aantal bijlagen 2 LANDSCHAP WATERLAND Adviescommissie 2 april 2012 (mededeling) agendapunt 5 Dagelijks bestuur 12 april 2012 (mededeling) Algemeen bestuur 28 juni 2012 Aantal bijlagen 2 Onderwerp Uitwerking meekoppelingsprojecten

Nadere informatie

Portal Planning Process

Portal Planning Process BROCHURE Portal Planning Process SAMENWERKEN AAN EEN WAARDEVOL PORTAAL BROCHURE PORTAL PLANNING PROCESS 2 Axians PORTAL PLANNING PROCESS BROCHURE Inhoud Introductie 4 3 Portal Planning Process 5 4 Uitdagingen

Nadere informatie

Ontwerp-MER Waterkwaliteit Volkerak-Zoommeer

Ontwerp-MER Waterkwaliteit Volkerak-Zoommeer Ontwerp-MER Waterkwaliteit Volkerak-Zoommeer Portefeuillehouder: A. van den Berg Vergaderdatum: 2 maart 2010 Agendapunt: Beleidsveld: 150 Kenmerk D&H: 840252 Aard voorstel: Besluitvormend Kenmerk VV: Steller:

Nadere informatie

VAN AMBITIE NAAR UITVOERING - INRICHTING EN BESTURING I&A DELFLAND. 31 augustus 2013

VAN AMBITIE NAAR UITVOERING - INRICHTING EN BESTURING I&A DELFLAND. 31 augustus 2013 VAN AMBITIE NAAR UITVOERING - INRICHTING EN BESTURING I&A DELFLAND 31 augustus 2013 CONTEXT Delfland wordt de komende jaren geconfronteerd met een groeiende interne en externe vraag naar (innovatieve)

Nadere informatie

aan kopie aan datum Afdeling Programmeren

aan kopie aan datum Afdeling Programmeren MEMO aan kopie aan datum Bestuurscommissies 21 augustus 2014 Watersysteem, Waterketen en Besturen en Organiseren Van Dagelijks Bestuur Afdeling Programmeren bijlage(n) 2 onderwerp Programmering investeringen

Nadere informatie

Grebbedijk - Deltadijk? Studie naar de betekenis van actualisering van de beschermingsniveaus van de Grebbedijk

Grebbedijk - Deltadijk? Studie naar de betekenis van actualisering van de beschermingsniveaus van de Grebbedijk Grebbedijk - Deltadijk? Studie naar de betekenis van actualisering van de beschermingsniveaus van de Grebbedijk Rapport Waterschap Vallei en Veluwe Januari 2014 (geactualiseerde versie) Definitief v3.1

Nadere informatie

De waterschappen als publieke opdrachtgever

De waterschappen als publieke opdrachtgever De waterschappen als publieke opdrachtgever (periode 2014-2016) Voor iedereen die met de waterschappen te maken krijgt als opdrachtgever voor de realisatie van, of het beheer en onderhoud aan, (waterschaps)werken,

Nadere informatie

Aanpak Duurzaam GWW- Aan de slag!

Aanpak Duurzaam GWW- Aan de slag! Aanpak Duurzaam GWW- Aan de slag! Johan van Dalen, ProRail, Cindy de Groot, Provincie Zuid-Holland Esther Veendendaal, RVO 5 juni 2014 Ontstaan van Duurzaam GWW Het begon met Duurzaam Inkopen Nu verder

Nadere informatie

Voorzitters en leden stuurgroepen gebiedsgerichte deelprogramma s; voorzitters UvW en VNG-commissie Water en portefeuillehouder water IPO.

Voorzitters en leden stuurgroepen gebiedsgerichte deelprogramma s; voorzitters UvW en VNG-commissie Water en portefeuillehouder water IPO. > Retouradres Postbus 90653 2509 LR Den Haag Voorzitters en leden stuurgroepen gebiedsgerichte deelprogramma s; voorzitters UvW en VNG-commissie Water en portefeuillehouder water IPO. In afschrift aan:

Nadere informatie

Typering kennisbehoeften binnen de kennisagenda en relatie met programmering. Strategische kennisbehoeften

Typering kennisbehoeften binnen de kennisagenda en relatie met programmering. Strategische kennisbehoeften Procesgang vanaf de Nationale kennis- en innovatieagenda Water In het Nationaal Waterplan van 22 december 2009 is in Bijlage 2 de nationale kennis- en innovatieagenda Water (NKIAW) opgenomen. Deze kennis-

Nadere informatie

Zeetoegang IJmond. Rijkswaterstaat Noord-Holland. Beter Benutten Brabant. Programmateam Beter Benutten Brabant. Oktober 2012 - heden

Zeetoegang IJmond. Rijkswaterstaat Noord-Holland. Beter Benutten Brabant. Programmateam Beter Benutten Brabant. Oktober 2012 - heden Zeetoegang IJmond Vormgeving en aansturing van risicomanagement ter voorbereiding op aanbesteding en realisatie van nieuwe zeesluis bij IJmuiden in een DBFM-contract, met toepassing van parallelle procedures

Nadere informatie

Kennis Platform Water. Samenvatting advies 2012

Kennis Platform Water. Samenvatting advies 2012 Kennis Platform Water Samenvatting advies 2012 Samenvatting advies 2012 Voor u ligt het eerste advies van het kennisplatform water Nieuwe Stijl over strategisch wateronderzoek. Dit (informele) platform

Nadere informatie

Energie management Actieplan

Energie management Actieplan Energie management Actieplan Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Auteur: Mariëlle de Gans - Hekman Datum: 30 september 2015 Versie: 1.0 Status: Concept Inhoudsopgave 1 Inleiding... 2 2 Doelstellingen...

Nadere informatie

Klankbordgroep nhwbp en nieuwe normering Op 9 maart vond een klankbordbijeenkomst plaats over de voortgang van het nhwbp en de nieuwe normering.

Klankbordgroep nhwbp en nieuwe normering Op 9 maart vond een klankbordbijeenkomst plaats over de voortgang van het nhwbp en de nieuwe normering. Nieuwsbrief voorzitters en secretarissendirecteuren week 10 Landelijke toetsdag waterkeringen Op deze dag werden door het ministerie van I&M de resultaten van de 3e toetsing gepresenteerd. Ook werd uitleg

Nadere informatie

Energie Management Programma. InTraffic

Energie Management Programma. InTraffic Energie Management Programma InTraffic Wijzigingsblad Versie Datum Auteur Wijzigingen 0.1 17/2/2012 Marije de Vreeze Opzet structuur 0.2 13/3/2012 Marije de Vreeze Gegevens 0.3 5/4/2012 Dirk Bijkerk Input

Nadere informatie

Tussenbalans en richten van het vervolgproces

Tussenbalans en richten van het vervolgproces Raadsnotitie Samen bouwen aan het huis van de democratie in Bloemendaal: Tussenbalans en richten van het vervolgproces Aan De gemeenteraad van Bloemendaal Van Waarnemend burgemeester van gemeente Bloemendaal

Nadere informatie

Analyse Technische Uitgangspunten OI2014v3 HWBP-projecten

Analyse Technische Uitgangspunten OI2014v3 HWBP-projecten Analyse Technische Uitgangspunten OI2014v3 HWBP-projecten Vakdag nieuwe normering Defne Osmanoglou RWS Trainee 25 november 2015 RWS Trainee in waterveiligheidsland Afgestudeerd RWS Trainee start Nu 2 De

Nadere informatie

Portfoliomanagement. Management in Motion 7 maart 2016

Portfoliomanagement. Management in Motion 7 maart 2016 Portfoliomanagement Management in Motion 7 maart 2016 PMO Institute Julianalaan 55 3761 DC Soest I: www.pmoinstitute.com I: www.thinkingportfolio.nl E: info@pmoinstitute.com Tjalling Klaucke E: tj.klaucke@pmoinstitute.com

Nadere informatie

: 3 informatiseringsprojecten Load-it, Z-info en Mcmain

: 3 informatiseringsprojecten Load-it, Z-info en Mcmain A L G E M E E N B E S T U U R Vergadering d.d. : 7 september 2011 Agendapunt: 13 Onderwerp : 3 informatiseringsprojecten Load-it, Z-info en Mcmain KORTE SAMENVATTING: Binnen het programma Gezuiverd water

Nadere informatie

agendapunt 4.05 Aan Commissie Waterketen en Waterkeringen INVESTERINGSPLAN EN KREDIET NOORDEINDSEWEG TE BERKEL EN RODENRIJS

agendapunt 4.05 Aan Commissie Waterketen en Waterkeringen INVESTERINGSPLAN EN KREDIET NOORDEINDSEWEG TE BERKEL EN RODENRIJS agendapunt 4.05 991097 Aan Commissie Waterketen en Waterkeringen INVESTERINGSPLAN EN KREDIET NOORDEINDSEWEG TE BERKEL EN RODENRIJS Voorstel Commissie Waterketen en Waterkeringen 3-4-2012 I. Het Investeringsplan

Nadere informatie

Energiemanagementprogramma HEVO B.V.

Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Opdrachtgever HEVO B.V. Project CO2 prestatieladder Datum 7 december 2010 Referentie 1000110-0154.3.0 Auteur mevrouw ir. C.D. Koolen Niets uit deze uitgave mag zonder

Nadere informatie

Planning april november 2014 April-mei 2014 Juni-juli 2014 Augustus oktober 2014 Oktober 2014 November 2014

Planning april november 2014 April-mei 2014 Juni-juli 2014 Augustus oktober 2014 Oktober 2014 November 2014 Factsheets Workshop Hydraulische randvoorwaarden Update: 4 juli 2014. Onderzoek HR-01 Hertoetsen afgekeurde dijkvakken met WTI 2011 De scope van de POV is gebaseerd op de toetsresultaten van de derde toetsronde.

Nadere informatie

P & R Naar een gezamenlijke strategie Projectplan

P & R Naar een gezamenlijke strategie Projectplan P & R Naar een gezamenlijke strategie Projectplan Datum 26 mei 2010 dsfgsdfgasdfg Kantoorgebouw Leeuwensteyn Jaarbeursplein 15, 3521 AM Utrecht Postbus 24051, 3502 MB Utrecht T 030 291 82 20 E secretariaat@ov-bureaurandstad.nl

Nadere informatie

ENERGIE MANAGEMENT ACTIEPLAN 2014

ENERGIE MANAGEMENT ACTIEPLAN 2014 ENERGIE MANAGEMENT ACTIEPLAN DRAAGT EEN STEENTJE BIJ CO 2 -PRESTATIELADDER Index Datum Redactie Goedgekeurd door 28-01- B. de Klerk A.W. Bontrup 28-01- Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Beleid... 3 3. Borging...

Nadere informatie

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek.

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. In de BEROEPSCOMPETENTIES CIVIELE TECHNIEK 1 2, zijn de specifieke beroepscompetenties geformuleerd overeenkomstig de indeling van het beroepenveld.

Nadere informatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie

Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie Sector- en keteninitiatieven 2014-2015 CO 2 -prestatie Mouwrik Waardenburg b.v. Steenweg 63 4181 AK WAARDENBURG tel. 0031 418 654 620 fax 0031 418 654 629 www.mouwrik.nl Opgesteld d.d.: Januari 2015 Revisie:

Nadere informatie

Medewerker administratieve processen en systemen

Medewerker administratieve processen en systemen processen en systemen Doel Voorbereiden, analyseren, ontwerpen, ontwikkelen, beheren en evalueren van procedures en inrichting van het administratieve proces en interne controles, rekening houdend met

Nadere informatie

ALGEMENE VERGADERING. Relevante kaders - Waterwet - Verordening voor de Fysieke Leefomgeving Flevoland (VFL) Lelystad, 21 maart 2013

ALGEMENE VERGADERING. Relevante kaders - Waterwet - Verordening voor de Fysieke Leefomgeving Flevoland (VFL) Lelystad, 21 maart 2013 VERGADERDATUM 23 april 2013 SSO SECTOR/AFDELING STUKDATUM NAAM STELLER 3 april 2013 R.J.E. Peeters ALGEMENE VERGADERING AGENDAPUNT 12 Voorstel Kennisnemen van het projectplan voor Waterbeheerplan 3 waarin

Nadere informatie

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR

VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR datum vergadering 17 juni 2010 auteur Daniëlle Vollering telefoon 033-43 46 133 e-mail dvollering@wve.nl afdeling Staf behandelend bestuurder drs. J.M.P. Moons onderwerp agendapunt Uitkomst en benutting

Nadere informatie

Volgens goed gebruik worden de activiteiten en aandachtspunten binnen de vereniging ingericht op een planmatige aanpak vertaald in dit jaarplan.

Volgens goed gebruik worden de activiteiten en aandachtspunten binnen de vereniging ingericht op een planmatige aanpak vertaald in dit jaarplan. JAARPLAN 2014 Inleiding Volgens goed gebruik worden de activiteiten en aandachtspunten binnen de vereniging ingericht op een planmatige aanpak vertaald in dit jaarplan. De vereniging heeft vertrouwen in

Nadere informatie

Strategie en structuur IBT

Strategie en structuur IBT Strategie en structuur IBT Datum: Augustus 2014 De werkgroep Interbestuurlijke Trainees (IBT) brengt trainees van verschillende overheidslagen bij elkaar en laat deze over actuele onderwerpen nadenken,

Nadere informatie