BACHELORSCRIPTIE FISCALE ECONOMIE

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "BACHELORSCRIPTIE FISCALE ECONOMIE"

Transcriptie

1 BACHELORSCRIPTIE FISCALE ECONOMIE De btw-vrijstelling voor medische prestaties tot en vanaf 1 januari 2013 Sietze van Houten

2 BACHELORSCRIPTIE FISCALE ECONOMIE De btw-vrijstelling voor medische prestaties tot en vanaf 1 januari 2013 Naam: Sietze van Houten Emp.: ANR: Universiteit van Tilburg Faculty of Economics and Business Administration Pre-master Fiscale Economie Datum:

3 Lijst met afkortingen Art. Artikel Blz. Bladzijde(n) BNB Beslissingen in Belastingzaken Btw Belasting over de toegevoegde waarde Btw-richtlijn Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, Pb. 2010, L326 HR Hoge Raad der Nederlanden HVJ EU / EG Hof van Justitie van de Europese Unie (voorheen: Europese Gemeenschappen) j.o. juncto LJN Landelijk Jurisprudentie Nummer r.o. Rechtsoverweging Uitv. besch. OB Uitvoeringsbeschikking van de Wet Omzetbelasting VAR Verklaring arbeidsrelatie V-N Vakstudienieuws Wet BIG Wet Beroepen in de Individuele Gezondheidzorg Wet IB Wet inkomstenbelasting 2001 Wet OB 1968 Wet op de Omzetbelasting 1968 WFR Weekblad Fiscaal Recht 3

4 Inhoudsopgave Lijst met afkortingen... 3 Inhoudsopgave Inleiding Introductie probleemstelling Verantwoording van de opzet De omzetbelasting inleidend en het neutraliteitsbeginsel De Nederlandse omzetbelasting Een Europees geharmonieerde belasting Het doel van de omzetbelasting Het btw-mechanisme en het recht op aftrek van voorbelasting De ondernemer De vrijgestelde prestaties Het fenomeen van de vrijgestelde prestaties De gevolgen van het verrichten van vrijgestelde prestaties Het neutraliteitsbeginsel De uiteenzetting van het neutraliteitsbeginsel Het neutraliteitsbeginsel en de vrijstelling van prestaties Samenvatting De vrijstelling voor medische prestaties De vrijstelling voor medische prestaties in de Btw-richtlijn De btw-behandeling van medische prestaties in Nederland tot 1 januari De behandeling van de vrijstelling in de wettekst tot 1 januari De behandeling van de vrijstelling in rechtspraak tot 1 januari De btw-behandeling van medische prestaties in Nederland vanaf 1 januari Samenvatting Toetsing van de wijziging van de vrijstelling voor medische prestaties De wijziging; een praktische beslissing? Het doel van de vrijstelling en de wijziging van de vrijstelling De fiscale neutraliteit en de wijziging van de vrijstelling

5 5. Conclusie Literatuur en jurisprudentieoverzicht

6 1. Inleiding 1.1 Introductie probleemstelling Veel mensen hebben vast wel eens gehoord van de bekende komedieserie 'Two and a Half Men'. In deze serie speelt een personage, genaamd Alan Harper. Alan Harper is van beroep chiropractor en wordt in de serie vaak getreiterd vanwege zijn onhandigheden. Als zout in de wonden wordt hem regelmatig duidelijk gemaakt dat een chiropractor geen echte arts is. De in deze serie getoonde beelden van de bedrijfsactiviteiten van Alan lijken mij van weinig professionaliteit te getuigen. In dit verslag wil ik ingaan op de regeling voor btw-behandeling van medische prestaties. Er hebben recentelijk wijzigingen plaatsgevonden in btw-vrijstelling van deze regeling, en ik wil uitzoeken op welke ondernemers deze vrijstelling van toepassing is. Ik vraag mij af of de handelingen van ondernemers zoals Alan Harper te vergelijken zijn met de medische handelingen van artsen en of chiropractors gelijke rechten hebben als artsen. Bij een wijziging in de omzetbelasting, is het de vraag of rekening wordt gehouden met de gangbare normen. De omzetbelasting kent het neutraliteitsbeginsel. In dit verslag wil ik stilstaan bij dit neutraliteitsbeginsel, wat het beginsel inhoudt, en of dit beginsel een rol speelt bij de wijziging van de btw-heffing voor medische prestaties. De centrale vraagstelling luidt dan ook: Wat houdt de wijziging van de btw-vrijstelling voor medische prestaties precies in en is de wijziging, daarbij vooral gelet op neutraliteitsbeginsel, een juiste beslissing? 1.2 Verantwoording van de opzet Om de wijziging van de btw-vrijstelling voor medische prestaties te kunnen beoordelen, probeer ik eerst een overzicht te krijgen van het systeem van de omzetbelasting en de rol van de vrijgestelde prestaties. De omzetbelasting is een binnen Europa geharmoniseerd belastingsysteem. 1 Beginselen zoals het neutraliteitsbeginsel vinden hun oorsprong op Europees niveau. Een door Nederland genomen besluit met betrekking tot de omzetbelasting moet daarom passen binnen de Europese regels. In dit verslag geef ik weer welke regels op Europees niveau worden gesteld aan de behandeling van medische prestaties. Na behandeling van hetgeen hierboven is omschreven, wordt dieper ingegaan op de ontwikkeling van de toepassing van de vrijstelling voor medische prestaties in Nederland. Betwijfeld kan worden of de Nederlandse regelgeving met betrekking tot de vrijstelling voldoet aan eisen die zijn gesteld in de Europese regelgeving en de uitleg daarvan in de rechtspraak. 1 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz

7 Tot slot is het de bedoeling om de gevolgen van de wetswijziging in kaart te brengen en om hierover een eigen conclusie te vormen met behulp van de bestudeerde bronnen over fiscale neutraliteit. 7

8 2. De omzetbelasting inleidend en het neutraliteitsbeginsel 2.1 De Nederlandse omzetbelasting Een Europees geharmonieerde belasting Nederland is een lidstaat van de Europese Unie. Binnen de Europese Unie is overeengekomen om de belasting over toegevoegde waarde te harmoniseren. 2 Daartoe is de zogenaamde Btw-richtlijn opgesteld. Deze Btw-richtlijn geeft de regels weer die lidstaten moeten naleven bij het heffen van deze belasting. Het Hof van Justitie van de Europese Unie geeft uitleg over de wijze waarop de Btw-richtlijn moet worden geïnterpreteerd. De Europese Commissie heeft de bevoegdheid om te controleren of de lidstaten de Europese regelgeving en rechtspraak naleven Het doel van de omzetbelasting De omzetbelasting beoogt consumptief verbruik te belasten. 3 In de Btw-richtlijn wordt de omzetbelasting omschreven als een algemene verbruiksbelasting. 4 De veelgebruikte term omzetbelasting geeft daarom naar mijn mening een vertekend beeld. De term lijkt mij namelijk te suggereren dat de belastingdruk hoort te liggen bij de ondernemers die de belasting afdragen. De ondernemers zijn echter niet de verbruikers en horen de belasting slechts af te wentelen op de verbruikers. Om de consumptie van goederen en diensten, oftewel prestaties, te belasten, is uit praktische overwegingen besloten om niet de verbruiker zelf te belasten, maar de ondernemers die de prestaties aan de verbruiker verkopen. 5 De belasting wordt afgedragen door de ondernemers, maar het is de bedoeling dat de belastingdruk bij de verbruiker ligt. Om dat voor elkaar te krijgen, zal de ondernemer de volledige belastingdruk moeten afwentelen op de verbruiker. Deze afwenteling wordt bewerkstelligd doordat de ondernemer de verkoopprijzen verhoogt met een bedrag aan btw Het btw-mechanisme en het recht op aftrek van voorbelasting Aan de verkoop van prestaties die geschikt zijn voor consumptie gaat soms een heel productieproces vooraf. Verschillende ondernemers voegen hun waarde toe aan wat oorspronkelijk ruwe materialen waren. De wetgever heeft niet gewild dat de belastingdienst de consumptiebelasting enkel kan heffen bij de ondernemer die het eindproduct verkoopt aan de verbruiker. 6 Om die reden is het btw-systeem tot stand gekomen. Het btw-systeem houdt in dat elke ondernemer aan de belastingdienst belasting afdraagt over de waarde die hij heeft toegevoegd aan een product of dienst. Om dat systeem te bewerkstelligen, mag de ondernemer in beginsel de aan hem in rekening gebrachte btw in mindering brengen op de btw die door hem wordt afgedragen aan de belastingdienst 7. Per saldo draagt de ondernemer belasting af over de waarde die hij heeft toegevoegd aan een goed of dienst. 2 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz Art.1 lid 2 van de Btw-richtlijn. 5 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz Art.15, lid 1 Wet OB jo. Art 2 Wet OB. 8

9 Deze belastingdruk wentelt de ondernemer af op de verbruiker door de verkoopprijs te verhogen. De belastingdruk ligt bij degenen die het goed verbruiken, omdat verbruikers geen recht heeft om voorbelasting in aftrek te brengen De ondernemer Enkel personen die als btw-ondernemer kwalificeren, zijn in beginsel verplicht om btw te berekenen en af te dragen voor de door hen verrichte leveringen van goederen en diensten en hebben het recht om de aan hen in rekening gebrachte btw in aftrek te brengen. De Wet OB stelt dat ieder, die zelfstandig een bedrijf of beroep uitoefent een btw-ondernemer is. 9 Ook het exploiteren van een enkel vermogensbestanddeel kan leiden tot btw-ondernemerschap. 10 Het woord ieder geeft aan dat natuurlijke personen, rechtspersonen en vormen van samenwerkingsverbanden als btw-ondernemer kunnen kwalificeren. 11 Samenwerking in de vorm van een maatschap komt in de medische sector regelmatig voor. Hoewel de maten binnen een maatschap als afzonderlijke ondernemers worden behandeld voor de inkomstenbelasting, is de maatschap als geheel een enkele ondernemer voor de omzetbelasting mits zij zich naar buiten toe als een eenheid presenteert en zelfstandigheid bezit. 12 De eis van zelfstandigheid voorkomt vooral dat een dienstbetrekking kan leiden tot btwondernemerschap. 13 Zoals ik begrijp uit het boek 'Omzetbelasting', is een persoon zelfstandig als hij door een juridische band ondergeschikt is aan een opdrachtgever en een economisch bedrijfsrisico loopt. De grens blijkt in de praktijk niet altijd even duidelijk. Recentelijk is een artikel in de Telegraaf verschenen over de bestaande verwarring onder zzp ers, die zich als verpleegkundigen verhuren aan ziekenhuizen. 14 Zij beschouwen zichzelf als zelfstandigen, terwijl de belastingdienst een gezagsverhouding constateert. De belastingdienst is van mening dat er in dit specifieke geval sprake is van een dienstbetrekking en dat daarom de Wet OB onterecht wordt toegepast. Tot slot moet sprake zijn van het uitoefenen van een bedrijf. Er is daarvoor een organisatie van kapitaal en arbeid nodig, waarmee wordt beoogd om met enige regelmaat deel te nemen aan het economische verkeer. 15 Ook het uitoefenen van een beroep kan leiden tot een btw-ondernemerschap. Vergeleken met een bedrijf, speelt de factor arbeid daarbij een grote rol M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz Art. 7, lid 1 Wet OB. 10 Art. 7, lid 2, onderdeel b Wet OB. 11 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz. 78 tot en met Hoge Raad, 5 januari 1983, nr , BNB 1983/76 en art. 2.4 Wet IB. 13 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz P. van de Velde, 29 januari 2013, naheffing dreigt voor zzp-verpleegkundige, De Telegraaf, Naheffing_dreigt_voor_zzp-verpleegkundige.html [geraadpleegd op 15 februari 2013]. 15 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz

10 2.2 De vrijgestelde prestaties Het fenomeen van de vrijgestelde prestaties Zoals hiervoor besproken, is het erg eenvoudig om te voldoen aan de vereisten voor ondernemerschap voor de btw. Niet alle btw-ondernemers zijn echter per definitie btw verschuldigd over de hele omzet. In art. 1, onderdeel a Wet OB 1968 staat dat omzetbelasting wordt geheven over de in Nederland onder bezwarende titel verrichte leveringen van goederen en diensten door een als zodanig handelende ondernemer. Er zijn echter ook enkele prestaties ter zake waarvan geen btw aan de afnemer in rekening hoeft te worden gebracht. Er is in dat geval ook geen btw verschuldigd aan de belastingdienst. De keerzijde hiervan is dat de aan de ondernemer zelf in rekening gebrachte btw ter zake van deze prestaties niet als voorbelasting in aftrek mag worden gebracht. Deze prestaties worden de vrijgestelde prestaties genoemd. Het is belangrijk dat de vrijgestelde prestaties niet worden verward met de prestaties die zijn belast tegen het nultarief. 17 Deze groep prestaties, ook wel vrijstellingen met het recht op aftrek genoemd, geven namelijk wel het recht om de ter zake van die prestaties in rekening gebrachte btw volledig in aftrek te brengen De gevolgen van het verrichten van vrijgestelde prestaties De ondernemer die de hiervoor genoemde vrijgestelde prestaties verricht zoals bedoeld in art. 11 Wet OB 1968 heeft geen recht op aftrek van voorbelasting ter zake van de aan hem, door de leverancier, in rekening gebrachte btw over kosten die hij gebruikt voor de vrijgestelde prestaties. In het geval dat de ondernemer zowel vrijgestelde als belaste prestaties verricht, dient hij de kosten voor de btw-vrijgestelde prestaties te splitsen van de kosten voor de btw-belaste prestaties om de omvang van het recht op aftrek van voorbelasting te bepalen. 19 De aan deze ondernemer in rekening gebrachte btw ter zake van vrijgestelde prestaties treffen hem als extra kosten. De kosten zal hij verwerken in zijn verkoopprijs, maar niet met een btw etiket. De vrijgesteld presterende ondernemer bepaalt daarbij zelf hoeveel kosten precies worden doorberekend. Het kan zijn dat de vrijgestelde prestaties worden afgenomen door een belast presterende ondernemer. Deze afnemer kan in dat geval geen btw in aftrek brengen, ondanks dat zijn belaste prestaties dit wel zouden toestaan. Er is immers afgenomen van iemand die geen btw in rekening heeft gebracht. De belast presterende afnemer van vrijgestelde prestaties draagt wel btw af aan de belastingdienst. Er wordt dan btw berekend en afgedragen over een bedrag dat reeds een prijsverhogend effect heeft ondervonden, maar dat niet kon worden geneutraliseerd door een recht op aftrek van voorbelasting. Er is in dat geval sprake van cumulatie van belasting. 20 Dit betekent dat de druk van de btw-heffing niet meer strikt evenredig is aan de prijs van de prestatie. De totale btw die op een voor verbruik geschikte eindprestatie drukt is in dat geval niet meer te bepalen. 17 Art. 9, lid 2, onderdeel b Wet OB 18 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz Art.15, lid 6 Wet OB jo. Art 2 Wet OB en art. 11, lid 1 Uitv.Besch. OB M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz

11 Stel bijvoorbeeld dat ondernemer A enkel vrijgestelde prestaties verricht aan ondernemer B die enkel belaste prestaties verricht. Voor zijn onderneming koopt ondernemer A met btw belaste prestaties in van zijn leverancier Z. Over die inkoop betaalt A btw. A verricht enkel vrijgestelde prestaties en mag de btw die hij heeft betaald over de kosten heeft niet in aftrek brengen. Voor A is de inkoop door de btw duurder geworden. A wil wel winst blijven maken en bepaalt op basis van alle kosten de verkoopprijs voor zijn vrijgestelde prestaties aan B. Door de btw-kosten van A heeft de verkoopprijs een prijsverhogend effect ondervonden. A brengt geen btw in rekening aan B, maar er is wel sprake van een prijsverhogend effect. Omdat A geen btw in rekening brengt, is er voor B geen btw om af te trekken als voorbelasting. Ook B heeft te maken met een hogere kostprijs. B brengt btw in rekening en draag btw af over een bedrag dat reeds een effect van de btw heeft gekend. Ondanks problemen zoals belastingcumulatie zijn toch vrijstellingen ingevoerd. In het boek 'Omzetbelasting' verklaren Van Hilten en van Kesteren het bestaan ervan. 21 Zij stellen dat een btwheffing over bepaalde prestaties maatschappelijk gezien als onwenselijk wordt ervaren. Een voorbeeld van vrijgestelde prestaties zijn die prestaties die voor de gezondheidskundige verzorging van de mens. Ook uit jurisprudentie van het HVJ EU blijkt dat het vrijstellen van prestaties dient te voorkomen dat bepaalde prestaties ontoegankelijker worden vanwege de verhoogde prijs die een btw-heffing met zich mee kan brengen Het neutraliteitsbeginsel De uiteenzetting van het neutraliteitsbeginsel Het karakter van de omzetbelasting vereist dat rekening wordt gehouden met het neutraliteitsbeginsel. 23 Om een overzicht te krijgen van wat fiscale neutraliteit inhoudt, maken Van Hilten en Van Kesteren in hun boek 'Omzetbelasting' het onderscheid tussen inwendige en uitwendige neutraliteit. 24 De uitwendige neutraliteit splitsen zij vervolgens op in verschillende vormen van fiscale neutraliteit Inwendige neutraliteit Inwendige neutraliteit heeft betrekking op de doelstelling en de uitvoering van het heffen van btw. Eerder in dit verslag is omschreven dat de btw een consumptiebelasting is die via btw-ondernemers wordt geheven. Omdat btw-ondernemers niet degenen zijn die het goed verbruiken, is het niet de bedoeling dat zij hinder van de heffing ondervinden. De druk van de btw-heffing moet volledig op de verbruiker worden afgewenteld. De inwendige neutraliteit van btw houdt in dat de belastingdruk zo volledig mogelijk wordt gedragen door degenen die de wetgever heeft beoogd te belasten. 21 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz. 244, 245 en HVJ EG, 11 januari 2001, nr. C-76/99, Commissie EG/Frankrijk, r.o M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz

12 Uitwendige neutraliteit Uitwendige neutraliteit wordt door Van Hilten en Van Kesteren verdeeld in economische neutraliteit, juridische neutraliteit en externe neutraliteit. 25 De economische neutraliteit gaat over de concurrentieverhoudingen tussen ondernemers met soortgelijke prestaties. Het gaat er in dit geval niet om of een deel van de btw wel of niet wordt afgewenteld op de verbruiker, zoals dit bij inwendige neutraliteit het geval is, maar of ondernemers die soortgelijke prestaties verrichten de btw-heffing materieel verschillend ervaren. 26 De juridische neutraliteit volgt uit de Btw-richtlijn. 27 In art. 1, lid 2 van de Btw-richtlijn staat dat de te heffen btw strikt evenredig moet zijn aan de prijs van de geleverde goederen en diensten. De lengte van het productie- en distributieproces mag daarbij niet van belang zijn voor de totale btw-druk die een goed of dienst met zich meebrengt. Een omschrijving wordt gegeven in het boek 'Omzetbelasting'. 28 In het boek staat dat door de toepassing van vrijstellingen en tariefdifferentiatie, een duidelijke relatie verdwijnt tussen de eindprijs van een prestatie en het bedrag aan btw daarover. Het boek stelt, dat om die reden niet meer duidelijk is wat de omvang van het prijsverhogende effect op een prestatie uiteindelijk is. Hieruit valt af te leiden dat de totale waarde die wordt toegevoegd aan prestaties moet worden onderworpen aan een gelijke btw-heffing. 29 Externe neutraliteit heeft betrekking op grensoverschrijdende activiteiten. Ik zal deze vorm van neutraliteit niet uitwerken, omdat ik denk dat deze niet nodig is voor de behandeling van het onderwerp van dit verslag Het neutraliteitsbeginsel en de vrijstelling van prestaties In haar artikel 'vrijstellingen: hoe eng is strikt?' geeft Van Hilten aan dat de invoering van de vrijgestelde prestaties heeft geleid tot een schending van de juridische neutraliteit. 30 Omdat ondernemers die vrijgestelde prestaties verrichten de aan hen in rekening gebrachte btw niet in aftrek kunnen brengen, zullen zij deze kostenpost doorberekenen in de verkoopprijs. Er ontstaat, zoals Van Hilten het omschrijft, een "spookbelasting". Er is geen btw in rekening gebracht door de vrijgesteld presterende ondernemer, maar toch heeft de prestatie een prijsverhogend effect ondervonden. De spookbelasting is niet meetbaar en de strikte evenredigheid waarover in het eerste artikel 1, lid 2 van de Btw-richtlijn wordt gesproken, kan niet worden gecontroleerd. Van Hilten merkt in hetzelfde artikel op dat de omvang van de "spookbelasting" beperkt zal blijven in het geval dat een vrijgesteld presterende ondernemer prestaties verricht aan een verbruiker die de prestatie verbruikt. In het geval een vrijgestelde prestatie wordt verricht aan een belast presterende afnemer treedt belastingcumulatie op. Voor de afnemer is er in dit geval immers geen sprake van in rekening gebrachte btw dat in aftrek kan worden gebracht. Wel zal hij ter zake van zijn belaste prestaties op normale wijze 25 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz Art. 1 lid 2 van de Btw-richtlijn. 28 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz M.E. Van Hilten, Vrijstellingen: hoe eng is strikt?, WFR 2009/

13 btw moeten afdragen. Hij zal op basis van alle aan hem bij inkoop in rekening gebrachte kosten een verkoopprijs vaststellen. Omdat daarover btw wordt geheven, is een strikte evenredigheid van de btwheffing verdwenen. Ook wijst Van Hilten op het bestaan van economische fiscale neutraliteit. De economische neutraliteit betekent dat indien ondernemers gelijke activiteit verrichten, deze gelijke activiteiten voor de btw niet verschillend mogen worden behandeld. Om deze vorm van neutraliteit te beschermen, zo vertelt Van Hilten, kunnen meer prestaties worden vrijgesteld. Als van twee gelijke prestaties slechts één prestatie in aanmerking komt voor een btw-vrijstelling, dan eist de economische fiscale neutraliteit dat de andere prestatie op de zelfde wijze wordt behandeld. Stel bijvoorbeeld dat een arts en een chiropractor een zelfde prestatie verrichten. Stel ook dat de prestatie bij een arts is vrijgesteld, terwijl dezelfde prestatie bij een chiropractor wel is belast met btw. Om economische fiscale neutraliteit te bewaren, zou de prestatie van de chiropractor ook met een btwvrijstelling verricht moeten kunnen worden. De toepassing van de vrijgestelde prestaties wordt in dit geval verruimd. Echter, Van Hilten stelt dat een verruiming van de vrijstelling van prestaties leidt tot minder juridische neutraliteit, omdat er meer ondernemers zijn die een "spookbelasting" doorberekenen in hun prijzen. 31 Een andere mogelijkheid om de economische fiscale neutraliteit te bewaren, is om de chiropractische prestatie van de arts net als dezelfde prestatie van de chiropractor in de btw-heffing te betrekken. De toepassing van de vrijgestelde prestaties wordt in dit geval enger. Zoals ik uit het artikel 'vrijstellingen: hoe eng is strikt?' begrijp, wordt in dit geval de economische fiscale neutraliteit bewaard en verbetert ook de juridische fiscale neutraliteit. 2.3 Samenvatting Zoals hiervoor is besproken is de omzetbelasting een verbruiksbelasting. Niet al het verbruik wordt echter op dezelfde wijze behandeld. Als uitzondering op de regel van art. 1, onderdeel a Wet OB 1968, dat het leveren van goederen en diensten btw-belastbare feiten zijn, zijn er een aantal prestaties die van de btwheffing worden vrijgesteld. De vrijgestelde prestaties bestaan, omdat een prijsverhogend effect voor die prestaties niet maatschappelijk wenselijk is. 32 Het verrichten van vrijgestelde prestaties betekent voor de ondernemer dat hij voor deze prestaties geen btw in rekening hoeft te brengen aan zijn afnemer en hoeft af te dragen aan de belastingdienst, maar ook dat deze ondernemer ter zake van deze prestaties geen recht heeft op aftrek van voorbelasting. Om de last van aan hem in rekening gebrachte btw voor deze prestaties toch op eigen wijze door te berekenen ontstaat een "spookbelasting". 33 Deze doorberekening van de kosten in de verkoopprijs resulteert volgens haar in een ondermijning van de juridische fiscale neutraliteit. Dit effect wordt groter als het aantal vrijgestelde prestaties toeneemt. 31 M.E. Van Hilten, Vrijstellingen: hoe eng is strikt?, WFR 2009/ HVJ EG, 11 januari 2001, nr. C-76/99, Commissie EG/Frankrijk, r.o M.E. Van Hilten, Vrijstellingen: hoe eng is strikt?, WFR 2009/

14 In tegenstelling tot de juridische neutraliteit kan de economische neutraliteit verbeteren bij een toename van het aantal vrijgestelde medische prestaties. Om concurrentieverstoring tegen te gaan zullen ondernemers met gelijke prestaties voor die prestaties fiscaal gelijk moeten worden behandeld. 14

15 3. De vrijstelling voor medische prestaties 3.1 De vrijstelling voor medische prestaties in de Btw-richtlijn Als lidstaat van de Europese Unie dient Nederland de wetgeving overeen te stemmen met de Btw-richtlijn. In art. 132, lid 1, onderdeel c Btw-richtlijn staat het volgende: "De lidstaten verlenen vrijstelling voor de volgende handelingen: c) medische verzorging in het kader van de uitoefening van medische en paramedische beroepen als omschreven door de betrokken lidstaat;" Uit jurisprudentie van het HVJ EU (voor 1 december 2009: HVJ EG) blijkt dat lidstaten een ruime vrijheid hebben om te beoordelen hoe medische verzorging wordt gedefinieerd. 34 Ondanks een grote beoordelingsvrijheid voor lidstaten, moet het doel voor het vrijstellen van prestaties wel in de gaten worden gehouden. Dit doel komt naar voren in het arrest 'Commissie EG/ Frankrijk' van het HVJ EU. 35 In Frankrijk werd voor de btw-behandeling een onderscheid gemaakt tussen bij de wet verplichte analyses door specifieke laboratoria voor medische doeleinden en analyses door laboratoria op basis van een vrijwillige overeenkomst met dezelfde medische bedoeling. Anders dan in het tweede geval, was er in het eerste geval sprake van een heffing van btw. Frankrijk stelde zich op het standpunt dat op basis van Frans recht sprake was van juridisch en economisch afzonderlijke handelingen. 36 Frankrijk wilde hiermee rechtvaardigen dat zij de analyses voor de btw-heffing verschillend kon behandelden. Het HVJ EU was echter van mening dat van afzonderlijke handelingen geen sprake is, wanneer een extra verplichte analyse geen doelstelling voor de verbruiker op zich is. 37 Van verschillende prestaties kan daarom in deze situatie niet gesproken worden. Het HVJ EU overwoog dat in eerdere juristprudentie is bepaald dat de vrijstellingen strikt moeten worden uitgelegd. 38 Toch, zo begrijp ik uit het arrest 'Commissie EG/Frankrijk', wilde het HVJ EU graag dat het in de Btw-richtlijn omschreven begrip "medische verzorging" en de daarmee samenhangende diensten niet zo strikt moet worden toegepast dat met medische prestaties nauw samenhangende handelingen worden belast met btw, terwijl de medische hoofdprestatie is vrijgesteld. Uit r.o. 23 van de zaak 'Commissie EG/Frankrijk', blijkt dat dat de vrijstelling in de Btw-richtlijn moet voorkomen, dat medische verzorging door een btw-heffing ontoegankelijker wordt. Nauw samenhangende handelingen van voor de btw-heffing vrijgestelde medische prestatie mogen deze doelstelling niet verijdelen. 39 Onduidelijkheid over de interpretatie van de tekst in de Btw-richtlijn heeft ook geleid tot prejudiciële vragen van de Hoge Raad met betrekking tot de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' HVJ EU, 10 juni 2010, nr. C-58/09, Leo-Libera GmbH, r.o HVJ EG, 11 januari 2001, nr. C-76/99, Commissie EG/Frankrijk. 36 HVJ EG, 11 januari 2001, nr. C-76/99, Commissie EG/Frankrijk, r.o. 19 en HVJ EG, 11 januari 2001, nr. C-76/99, Commissie EG/Frankrijk, r.o HVJ EG, 15 juni 1989, nr. 348/87, Stichting Uitvoering Financiële Acties, r.o HVJ EG, 11 januari 2001, nr. C-76/99, Commissie EG/Frankrijk, r.o HVJ EG, 27 april 2006, nr. C-443/04 en C-444/04, Solleveld en Van den Hout- Eijnsbergen, V-N 2006/

16 In de zaak 'Solleveld' is er sprake van een paramedicus. De paramedicus had, op basis van de toen geldende Wet OB, het recht om voor zijn kernactiviteiten een btw-vrijstelling te toe te passen. Ook verrichtte hij handelingen die niet tot het gebied van de deskundigheid van zijn beroep behoren en waarover naar mening van de inspecteur geen btw-vrijstelling kon worden genoten. Indien een andere BIG-ondernemer zoals een arts deze prestaties zou verrichten, dan waren deze prestaties wel vrijgesteld van btw-heffing. De ondernemer in de zaak 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' heeft geen beroep zoals bedoeld in de Wet BIG, maar verricht met btw belaste prestaties waarvoor een btw-vrijstelling zou gelden, indien de prestatie door een BIG-ondernemer zouden zijn verricht. Het HVJ EU stelde op de eerste plaats dat medische prestaties enkel kunnen worden vrijgesteld als een juiste beroepskwalificatie beschikbaar is. 41 Dit vereiste haalde het HVJ EU uit de zaak Kügler. 42 Slechts bij voldoende kwaliteitsniveau kan sprake zijn van een juiste beroepskwalificatie. 43 Hierbij moet worden gelet op de beroepsopleiding. Het HVJ EU bepaalde ten tweede dat moet bij het van btw vrijstellen van prestaties rekening moet worden gehouden met de fiscale neutraliteit. De door het HVJ EU bedoelde fiscale neutraliteit houdt in dat een ondernemer voor de prestaties op het gebied van deskundigheid van zijn beroep of voor andere specifieke prestaties niet van de btw-vrijstelling mag worden uitgesloten indien andere ondernemers voor gelijke prestaties van een gelijke kwaliteit wel een btw-vrijstelling kunnen krijgen. 44 Van Hilten geeft aan dat het HVJ EU bij deze uitleg de concurrentieneutraliteit tussen ondernemers bedoeld. 45 Zij noemt deze vorm van neutraliteit de economische fiscale neutraliteit. 41 HVJ EG, 27 april 2006, nr. C-443/04 en C-444/04, Solleveld en Van den Hout- Eijnsbergen, V-N 2006/45.14, r.o HVJ EG, 10 september 2002, nr. C-141/00, Kügler, Jur. 2002, I HVJ EG, 27 april 2006, nr. C-443/04 en C-444/04, Solleveld en Van den Hout- Eijnsbergen, V-N 2006/45.14, r.o HVJ EG, 27 april 2006, nr. C-443/04 en C-444/04, Solleveld en Van den Hout- Eijnsbergen, V-N 2006/45.14, r.o M.E. Van Hilten, Vrijstellingen: hoe eng is strikt?, WFR 2009/

17 3.2 De btw-behandeling van medische prestaties in Nederland tot 1 januari De behandeling van de vrijstelling in de wettekst tot 1 januari 2013 Uit de Btw-richtlijn en de uitspraken van het HVJ EU blijkt dat lidstaten een grote vrijheid hebben om te beoordelen voor welke medische prestaties een btw-vrijstelling geldt. Nederland omschrijft de vrijstelling in art. 11 lid 1, onderdeel g, sub 1 Wet OB Daarin stond tot 1 januari 2013 dat onder bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen voorwaarden van de belasting is vrijgesteld: " gezondheidskundige verzorging van de mens door beoefenaren van een medisch of paramedisch beroep die een op dit beroep gerichte opleiding hebben voltooid waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg of gezondheidskundige verzorging van de mens door beoefenaren van een medisch of paramedisch beroep waarvoor regels, met inbegrip van kwaliteitseisen betreffende opleiding en beroepsuitoefening, zijn vastgesteld door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en welk beroep is vermeld in een door deze minister bij te houden register, voorzover de gezondheidskundige verzorging tot het gebied van deskundigheid van dit beroep behoort en onderdeel vormt van de bedoelde opleiding" Dit artikel stelt de prestaties voor de gezondheidskundige verzorging van de mens vrij van een btwheffing. Het artikel grijpt de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (oftewel: Wet BIG) aan. De in de Wet BIG genoemde beroepen zijn onder meer: artsen, apothekers, gezondheidszorgpsychologen, psychotherapeuten en tandartsen. 46 Ik maak op dat alle gezondheidskundige prestaties van de mens van deze BIG-ondernemers op basis dit artikel worden vrijgesteld van een btw-heffing. Dit betekent dat als een BIG-ondernemer medische prestaties verricht die niet behoren tot het gebied van de deskundigheid van het beroep, ook die prestaties zijn vrijgesteld voor de btw-heffing. Daarnaast biedt het tot 1 januari 2013 geldende wetsartikel een btw-vrijstelling voor ondernemers die niet in de Wet BIG worden genoemd, maar met betrekking tot hun prestaties voor de gezondheidskundige verzorging van de mens wel voldoen aan door de minister vast te stellen regels. Het belang van de kwaliteitseisen van de opleiding en van de beroepsuitoefening van die ondernemer komt in het artikel uitdrukkelijk naar voren. Ook spreekt het artikel over een door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport bij te houden register van deze ondernemers, het zogenoemde VWS-register. Hierin worden de niet-big'ers genoemd die wel in aanmerking komen voor een btw-vrijstelling voor bepaalde medische prestaties. Er kan worden opgemerkt dat de niet-big'ers die gezondheidskundige prestaties verrichten op basis van dit artikel niet voor alle gezondheidskundige verzorging een btw-vrijstelling kunnen krijgen, maar slechts voor de prestaties die tot het gebied van deskundigheid van hun beroep behoort en onderdeel vormt van de bedoelde opleiding. Alleen indien een niet-big'er over genoeg kwaliteiten beschikt met betrekking tot zijn gezondheidskundige handelingen, kan deze ondernemer aanspraak maken op een btw-vrijstelling. 46 Art. 3, lid 1 Wet BIG 17

18 3.2.2 De behandeling van de vrijstelling in rechtspraak tot 1 januari 2013 De fiscale neutraliteit voor de btw-heffing was na de uitleg van het HVJ EU bij de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' tot eind 2012 het onderwerp in verscheidende rechtzaken. Zo werden de prestaties van pedagogen door rechtspraak vrijgesteld. 47 Er trad een nieuw besluit in werking waarin de staatssecretaris bepaalde dat naast de gezondheidskundige prestaties van BIG-ondernemers ook voor de kernprestaties van pedagogen een vrijstelling gold op grond van art. 11 lid 1, onderdeel g, sub 1 Wet OB Kort daarop werden ook de kernprestaties van een chiropractor door rechtspraak vrijgesteld van een btwheffing. 49 Vanwege de opleiding, beroepskwalificaties en de aard van de handelingen konden zij een vrijstelling krijgen voor chiropratische prestaties, omdat die presaties zouden zijn vrijgesteld als ze door een arts zouden worden verricht. Een poging van een paranormale therapeut om een btw-vrijstelling te krijgen voor zijn paramedische prestaties faalde. 50 Echter, deze ondernemer kon niet aannemelijk maken dat zijn prestaties van gelijke kwaliteit waren als de prestaties waarvoor BIG-ondernemers een btw-vrijstelling konden krijgen. Het meest interessant vind ik de zaak met betrekking tot een medisch tatoeëerder. Het Hof s-gravenhage concludeerde eind 2011 dat de tatoeëerder die zijn vaardigheden gebruikte voor plastische behandelingen voor die prestaties is vrijgesteld van een btw-heffing. 51 De medische tatoeëerder heeft geen beroep als bedoeld in de Wet BIG en heeft geen (para)medische opleiding gevolgd, maar het Gerechtshof s- Gravenhage was van mening dat de prestaties van de medische tatoeëerder van kwalitatief gelijk niveau waren als dat van de uiteindelijk verantwoordelijke plastische chirurgen voor wie de tatoeëerder de behandelingen uitvoerde. Voor dezelfde handelingen konden chirurgen wel een btw-vrijstelling krijgen. Op basis van de wettekst van de vrijstelling voor medische prestaties tot 1 januari 2013 heeft een in de Wet BIG geregistreerde arts een btw-vrijstelling voor prestaties die betrekking hebben op de gezondheidskundige verzorging van de mens. Indien de arts zou besluiten om naast zijn werkzaamheden als arts chiropractische prestaties te verrichten, zouden ook deze prestaties zijn vrijgesteld van een btwheffing. De door het HVJ EU beschreven fiscale neutraliteit in de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' heeft betrekking op concurrentieverstoringen tussen ondernemers. Op basis van die uitleg van het HVJ EU heeft een chiropractor zoals Alan Harper ook recht op een btw-vrijstelling ter zake van zijn prestaties, mits hij kan aantonen dat artsen ter zake van chiropractische prestaties een btw-vrijstelling zouden krijgen en dat de kwaliteit van de door hem genoten opleiding en zijn beroepsuitoefening voldoende is. Alleen dan kan van een gelijkwaardige kwaliteit worden gesproken. 47 Gerechtshof s-gravenhage, 1 februari 2007, V-N 2007/ Besluit, 23 maart 2007, nr. CPP2007/374M, V-N 2007/18.24, Stcrt Rechtbank Breda, 26 maart 2007, V-N 2007/ Zie ook: Besluit, 28 februari 2008, nr. CPP2008/78M, V-N 2008/ Rechtbank Breda, 15 februari 2012, 11/4077, LJN: BV Gerechtshof s-gravenhage, 2 december 2011, nr. BK-10/00288, LJN: BU

19 3.3 De btw-behandeling van medische prestaties in Nederland vanaf 1 januari 2013 Op 1 januari 2013 is een wijziging van art. 11 lid 1, onderdeel g, sub 1 Wet OB 1968 in werking getreden. Vanaf die datum staat er in het artikel, dat onder bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen voorwaarden van de belasting zijn vrijgesteld: "de diensten op het vlak van de gezondheidskundige verzorging van de mens door beoefenaren van een medisch of paramedisch beroep die een op dit beroep gerichte opleiding hebben voltooid waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg, voor zover deze diensten tot het gebied van deskundigheid van dit beroep behoren en onderdeel vormen van bedoelde opleiding" De regeling van de wetswijziging is in een besluit uit 14 december 2012 door de staatssecretaris uitgewerkt. 52 Uit het artikel is op te maken dat alleen een btw-vrijstelling wordt verleend voor de gezondheidskundige diensten van ondernemers genoemd in de Wet BIG. Het artikel dat gold voor 1 januari 2013 sprak niet van het woord "diensten". De staatssecretaris merkt in het besluit op dat (para)medische handelingen niet kunnen worden gesplitst als die handelingen een enkele dienst vormen. Nauw met de hoofddienst samenhangende handelingen worden voor de btw-heffing hetzelfde behandelend als de hoofddienst. Het artikel spreekt niet van een mogelijkheid om andere ondernemers dan de ondernemers die in de Wet BIG zijn geregistreerd, vrijstelling te verlenen voor hun gezondheidskundige diensten. Omdat BIG-ondernemers geen btw-vrijstelling krijgen voor prestaties die niet tot het gebied van hun deskundigheid behoren, wordt naar mijn idee voorkomen dat niet-big'ers een vrijstelling kunnen eisen op grond van de economische fiscale neutraliteit. Het VWS-register, waarover het art. 11 lid 1, onderdeel g, sub 1 Wet OB 1968 tot 1 januari 2013 spreekt, is er nooit gekomen. In het 'Memorie Van Toelichting Wet Uitwerking Maatregelen Begrotingsakkoord 2013' zegt de staatsecretaris aan dat een VWS-register naast het register van de Wet BIG geen goede beslissing is, omdat het VWS-register ten onrechte als een keurmerk voor kwaliteit kan worden gezien. De staatsecretaris geeft toe dat aan de keuze om van een VWS-register af te zien ook budgettaire argumenten ten grondslag liggen. Om terug te komen op het voorbeeld van de arts en de chiropractor is de situatie vanaf 1 januari 2013 als volgt: een arts heeft alleen recht op een btw-vrijstelling voor de gezondheidskundige diensten van de mens die horen bij het gebied van deskundigheid van zijn beroep als arts. Alle gezondheidskundige prestaties van de chiropractor zijn vanaf dat momtent belast met btw, omdat het beroep van chiropractie niet in de Wet BIG geregistreerd is. Als de arts besluit om diensten te verrichten die te maken hebben met chiropractie, dan heeft de arts geen btw-vrijstelling meer voor deze diensten. Dit betekent dat de arts zijn prestaties administratief zal moeten splitsen om de aftrek van voorbelasting te bepalen ter zake van de prestaties die te maken hebben met chiropractie. Alleen de kosten die bedoeld zijn voor chiropractische prestaties zijn in dat geval aftrekbaar. 52 Besluit, 14 december 2012, nr. BLKB/2012/1868M, Stcrt

20 Het feit dat de chiropractische prestaties van de arts wel in de btw-heffing worden betrokken, voorkomt naar mijn idee dat qua kwaliteit gelijkwaardige chiropractische prestaties van artsen en chiropractors fiscaal ongelijk worden behandeld. Ik denk dat hierdoor rekening wordt gehouden met de door het HVJ EU bedoelde fiscale neutraliteit in de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen'. 3.4 Samenvatting Uit de Btw-richtlijn kan worden opgemaakt dat medische verzorging moet worden vrijgesteld van btwheffing. Bij de toepassing van deze vrijstelling hebben lidstaten veel vrijheid. Wel heeft het HVJ EU in het arrest 'Commissie EG/Frankrijk' een doelstelling van de vrijstelling duidelijk gemaakt. De vrijstelling is namelijk bedoeld om te voorkomen dat medische zorg ontoegankelijker wordt door het prijsverhogende effect van een btw-heffing. Uit de uitleg van het HVJ EU met betrekking tot de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' is af te leiden dat bij de toepassing van de vrijstelling de fiscale neutraliteit moet worden bewaard. Het HVJ EU ziet hiermee op de door Van Hilten en Van Kesteren in hun boek 'omzetbelasting' beschreven economische neutraliteit. Deze vorm van neutraliteit beschrijft de concurrentieverhoudingen tussen ondernemers. In de nationale rechtspraak over de toepassing van de btw-vrijstelling voor medische prestaties is in Nederland rekening gehouden met de uitleg van de Btw-richtlijn door het HVJ EU. Naar aanleiding van de uitleg over fiscale neutraliteit bij de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' werden bepaalde ondernemers, zoals de pedagoog en de chiropractor, voor gezondheidskundige kernprestaties vrijgesteld van de btw-heffing. Indien sprake was van de juiste beroepspecificaties, niveau van de opleidingen en dergelijke, werd bepaald dat de prestaties gelijkwaardig zijn met prestaties van BIGgeregistreerde ondernemers en kon met betrekking tot die prestaties een btw-vrijstelling worden toegepast. In Nederland is de vrijstelling voor medische prestaties per 1 januari 2013 door een wetswijziging ingeperkt. Alleen de medici en paramedici die worden genoemd in de Wet BIG hebben vanaf dat moment nog recht op een btw-vrijstelling, voorzover de diensten tot het gebied van deskundigheid van hun beroep behoren en onderdeel vormen van bedoelde opleiding. 20

21 4. Toetsing van de wijziging van de vrijstelling voor medische prestaties 4.1 De wijziging; een praktische beslissing? De wettekst in de Wet OB die ziet op de btw-vrijstelling voor medische prestaties zoals het geldt vanaf 1 januari 2013, stelt alleen de diensten van BIG-geregistreerde ondernemers vrij van de btw, voorzover deze diensten tot het gebied van deskundigheid van hun beroep horen en onderdeel vormen van de genoten opleiding. In zijn artikel over de wijziging wijst Dekker op een onrechtmatige tweedeling van prestaties, omdat er maar weinig onderscheid zou zijn tussen opleiding en beroepsuitoefening van bijvoorbeeld in de Wet BIG geregistreerde gezondheidszorgpsychologen en psychologen die niet in de Wet BIG zijn geregistreerd. 53 Omdat ik niet weet hoe groot dit onderscheid is, vind ik het moeilijk om hierover een oordeel te hebben. Wel heb ik contact gehad met een ervaren gezondheidszorgpsycholoog en ik kreeg daarbij de indruk dat er wel degelijk een verschil kan bestaan tussen de activiteiten van deze verschillende psychologen. Het kan zijn dat BIG-geregistreerde ondernemers per 1 januari van dit jaar hun prestaties moeten splitsen om de omvang van het recht op aftrek van voorbelasting te bepalen. Indien zij prestaties verrichten die niet tot het gebied van de deskundigheid van hun beroep behoort, hebben zij ter zake van die prestaties een recht op aftrek van voorbelasting. Voor deze groep ondernemers zal de administratie niet eenvoudiger worden. Voor de niet- BIG'ers die gezondheidskundige prestaties verrichten, is een splitsing van prestaties vanaf 1 januari 2013 niet meer nodig. De last om prestaties te splitsen, wordt door de wetswijziging daarom slechts verschoven. In het VWS-register zouden ondernemers komen te staan die niet in de Wet BIG genoemd worden, maar wel recht hadden op een btw-vrijstelling voor bepaalde prestaties. Het zou een hulpmiddel zijn voor de toepassing van de vrijstelling voor medische prestaties zoals het gold tot 1 januari De wettekst werd gewijzigd en het VWS-register komt er niet. In de memorie van antwoord Wet uitwerking fiscale maartregelen 2013 probeert de staatssecretaris volgens mij duidelijk te maken dat het opstellen van een lijst met ondernemers die voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen, die voor de btw-heffing relevant zijn, onbedoeld als een keurmerk kan worden gezien. Het zou niet de taak van de overheid zijn om naast de lijst van de Wet BIG bepaalde ondernemers die gezondheidskundige prestaties verrichten naar kwaliteit te onderscheiden. Dekker denkt dat de redenen om af te zien van een VWS-register vooral financieel van aard zijn Het doel van de vrijstelling en de wijziging van de vrijstelling In de zaak 'Commissie EG/Frankrijk' weegt het HVJ EU standpunten uit eerdere jurisprudentie tegen elkaar af om te oordelen over een situatie waarin nauw met elkaar samenhangende handelingen verschillend worden behandeld voor de btw-heffing. Het HVJ EU is van mening dat de vrijstellingen 53 A.F.P. Dekker, Wijziging medische vrijstelling per 1 januari 2013: praktische eenvoud en neutraliteit?, BTW-bulletin 2012/90 54 A.F.P. Dekker, Wijziging medische vrijstelling per 1 januari 2013: praktische eenvoud en neutraliteit?, BTW-bulletin 2012/90 21

22 strikt moeten worden uitgelegd, omdat de vrijstellingen uitzonderingen zijn op de regel dat over alle goederen en diensten btw wordt geheven. 55 Maar in de zaak 'Leo-Libera' werd bepaald dat de lidstaten een ruime beoordelingsvrijheid hebben om de toepassing van de vrijstellingen te bepalen. 56 In de zaak 'Commissie EG/Frankrijk' wijst het HVJ EU op de doelstelling om medische verzorging door een btwvrijstelling toegankelijk te houden. 57 Omdat het HVJ EU in deze zaak nauw met elkaar samenhangende handelingen constateert, vraag ik mij af hoe zwaar de verschillende standpunten wegen in een situatie waarin twee niet nauw met elkaar samenhangende prestaties die de medische verzorging van de mens bevorderen voor de btw-heffing verschillend worden behandeld. In de reeds besproken zaak over de medisch tatoeëerder is niet in geschil dat de diensten van deze tatoeëerder medisch van aard zijn. 58 Chirurgen zouden wel een vrijstelling krijgen voor dergelijke prestaties. Door de wijziging van het artikel dat ziet op de vrijstelling voor medische prestaties, is geen btw-vrijstelling meer mogelijk voor niet in de Wet BIG geregistreerde ondernemers zoals de tatoeëerder. Het oordeel van het Gerechtshof 's-gravenhage in 2011 lijkt mij om die reden voor de tatoeëerder niet meer bepalend. De rechter heeft namelijk niet de macht om wetgeving te veranderen en kan slechts oordelen op basis van bestaande regelgeving. Gezien de standpunten van het HVJ EU over de vrijstelling vraag ik me af of de vrijstelling wel zo strikt moet worden toegepast. De doelstelling is immers om medische verzorging niet ontoegankelijker te maken. Medische verzorging kan echter op een erg ruime manier worden gedefinieerd. Omdat het HVJ EU ook aangeeft dat de vrijstellingen strikt moeten worden uitgelegd en dat lidstaten zelf veel beoordelingsvrijheid hebben, denk ik niet dat de hiervoor genoemde doelstelling een leidraad kan zijn. Naar mijn mening wordt de vrijstelling voor medische prestaties vanaf 1 januari 2013 erg strikt toegepast, maar handelt Nederland in dit geval niet in strijd met Europees recht. 4.3 De fiscale neutraliteit en de wijziging van de vrijstelling Bij de uitleg voor de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' wijst het HVJ EU op het belang van de fiscale neutraliteit. Het HVJ EU stelt dat bij het heffen van btw zo min mogelijk concurrentieverstoringen mogen worden veroorzaakt. Deze vorm van neutraliteit noemt Van Hilten: de economische fiscale neutraliteit. Zij attendeert op het bestaan van de juridische fiscale neutraliteit; de strikte evenredigheid van de btw aan de kleinhandelsprijs. 59 Van Hilten stelt dat de vrijstellingen in de btw-heffing een uitzondering op de regel zijn en strikt moeten worden uitgelegd, omdat een ruime toepassing van de vrijstellingen ten koste gaat van de juridische fiscale neutraliteit. Een toename van het aantal vrijgestelde prestaties leidt tot een toename van de omvang van de "spookbelasting" en een afname van de evenredigheid van de btw aan de prijs van prestaties. Ik ben het met Van Hilten eens dat een juiste combinatie moet worden gezocht tussen juridische en economische fiscale neutraliteit. 55 HVJ EG, 15 juni 1989, nr. C-348/87, Stichting Uitvoering Financiële Acties, r.o HVJ EU, 10 juni 2010, nr. C-58/09, Leo-Libera GmbH, r.o HVJ EG, 11 januari 2001, nr. C-76/99, Commissie EG/Frankrijk, r.o Gerechtshof s-gravenhage, 2 december 2011, nr. BK-10/00288, LJN: BU M.E. Van Hilten, Vrijstellingen: hoe eng is strikt?, WFR 2009/

23 5. Conclusie Het HVJ EU beschermt naar mijn mening terecht de fiscale neutraliteit. Echter, het HVJ EU houdt bij de uitleg van de zaken 'Solleveld' en 'Van den Hout-Van Eijnsbergen' vooral rekening met, zoals Van Hilten het noemt, de economische fiscale neutraliteit die betrekking heeft op de concurrentieverhoudingen tussen ondernemers. Van Hilten wijst erop dat naast de economische fiscale neutraliteit een juridische fiscale neutraliteit bestaat. Deze vorm van fiscale neutraliteit ziet op de strikte evenredigheid van de btw aan de prijs van prestaties. De juridische neutraliteit verbetert door een striktere toepassing van de btwvrijstellingen In het boek 'Omzetbelasting' stellen Van Hilten en Van Kesteren dat een belasting meetbaar moet zijn aan de grondslag waarover de belasting wordt geheven. 60 Alleen op die manier, zo stellen zij, is het mogelijk om wat gelijk is, gelijk te behandelen. Ik deel dit standpunt. In de wettekst voor de vrijstelling voor medische prestaties staat vanaf 1 januari 2013 dat BIGgeregistreerde ondernemers slechts een btw-vrijstelling kunnen krijgen, voorzover de diensten behoren tot het gebied van deskundigheid van hun beroep. Het lijkt mij dat op deze manier wordt voorkomen dat er een schending van de economische fiscale neutraliteit ontstaat, terwijl de striktere toepassing van de vrijstelling de juridische fiscale neutraliteit bevorderd. Het HVJ EU legt in de zaak 'commissie - Frankrijk' uit dat met het vrijstellen van medische prestaties voor de btw wordt voorkomen dat een prijsverhogend effect medische verzorging ontoegankelijker maakt. Echter, in de zaak 'commissie - Frankrijk' is sprake van nauw met elkaar samenhangende handelingen. Het vergelijken van prestaties van bijvoorbeeld chiropractors en BIG-geregistreerde artsen is niet hetzelfde als hetgeen het HVJ EU in die zaak heeft overwogen. Het HVJ EU heeft kenbaar gemaakt dat lidstaten een grote vrijheid hebben om "medische verzorging" te definiëren. Ik vind daarom dat Nederland met de verenging van de vrijstelling voor medische prestaties niet handelt in strijd met Europese wetgeving en jurisprudentie. De striktere toepassing van de vrijstelling zal voor niet-big'ers en voor bepaalde BIG'ers veel verontwaardiging opwekken. Mede gelet op de huidige economische situatie is het volgens mij erg frustrerend om van het een op het andere moment btw aan de klant in rekening te moeten brengen. Het recht op aftrek van voorbelasting zal voor het gros van deze ondernemers een schrale troost zijn. De Nederlandse overheid kan denk ik tevreden zijn. Zij kunnen door de wetswijziging meer btwinkomsten tegemoet zien zonder de regels te overtreden. 60 M.E. Van Hilten en H.W.M Van Kesteren, Omzetbelasting, Deventer: Kluwer 2012, blz

DE MEDISCHE VRIJSTELLING IN DE BTW. Kanttekeningen bij de Nederlandse interpretatie van een Europese richtlijn

DE MEDISCHE VRIJSTELLING IN DE BTW. Kanttekeningen bij de Nederlandse interpretatie van een Europese richtlijn DE MEDISCHE VRIJSTELLING IN DE BTW Kanttekeningen bij de Nederlandse interpretatie van een Europese richtlijn Bachelor scriptie Erasmus Universiteit Rotterdam Erasmus School of Economics, Fiscaal Economisch

Nadere informatie

Het uitbesteden van kredietbeheer; een onfortuinlijk resultaat?

Het uitbesteden van kredietbeheer; een onfortuinlijk resultaat? Masterthesis Fiscale Economie Het uitbesteden van kredietbeheer; een onfortuinlijk resultaat? De perikelen met betrekking tot kredietbeheer voor de omzetbelasting. Masterthesis Fiscale Economie Het uitbesteden

Nadere informatie

Een bouwterrein in de zin van de BTW

Een bouwterrein in de zin van de BTW Een bouwterrein in de zin van de BTW Naam: Conny Peters Adres: Grote Loef 13 6581 JE Malden Telefoon: 06-49394131 Studie: Fiscaal Recht ARN: 987526 Datum: 13 september 2010 Examinator: mr. dr. A.J. van

Nadere informatie

Verruiming btw-sportvrijstelling

Verruiming btw-sportvrijstelling omzetbelasting Verruiming btw-sportvrijstelling FISCAAL PRAKTIJKBLAD 2015-16 6 oktober 2015 De btw-sportvrijstelling voor sportverenigingen moet op termijn verruimd worden. Dit heeft de Staatssecretaris

Nadere informatie

De medische vrijstelling van voldoende kwaliteit?

De medische vrijstelling van voldoende kwaliteit? ERASMUS UNIVERSITEIT ROTTERDAM NADRUK VERBODEN Erasmus School of Economics Masterthesis De medische vrijstelling van voldoende kwaliteit? Een onderzoek naar de verhouding van de medische vrijstelling in

Nadere informatie

BTW vrijstelling zorgsector

BTW vrijstelling zorgsector 2013 BTW vrijstelling zorgsector Johan Marrink Stichting ZZP Nederland 14-10-2013 Btw in de zorgsector De Belastingdienst liet vrijgestelde ZZP ers in de zorgsector begin dit jaar plotseling weten dat

Nadere informatie

Hoorcollege 1: Inleiding

Hoorcollege 1: Inleiding Hoorcollege 1: Inleiding Datum: 9 november 2009 Studiestof: hoofdstuk 5 Drs. O.L. Mobach INLEIDING De omzetbelasting is vak dat altijd actueel is. In de Verenigde Staten is er op dit moment bijvoorbeeld

Nadere informatie

De centrale vraag is dus of de activiteiten van echoscopisten kunnen delen in de btw-vrijstelling en wat hiervoor de argumenten zijn.

De centrale vraag is dus of de activiteiten van echoscopisten kunnen delen in de btw-vrijstelling en wat hiervoor de argumenten zijn. MEMO INZAKE BTW-GEVOLGEN ECHOSCOPISTEN AAN : STICHTING THUISBEVALLING NEDERLAND T.A.V. DHR. F. ANNOT EN KONINKLIJKE NEDERLANDSE ORGANISATIE VAN VERLOSKUNDIGEN VAN : VAN DRIEL FRUIJTIER BTW-SPECIALISTEN

Nadere informatie

BIJLAGE Nadere uitwerking samenwerkingsverbanden en btw-wetgeving

BIJLAGE Nadere uitwerking samenwerkingsverbanden en btw-wetgeving BIJLAGE Nadere uitwerking samenwerkingsverbanden en btw-wetgeving Zoals het er nu naar uit ziet worden als gevolg van de drie grote decentralisaties in het sociale domein per 1 januari 2015 nieuwe taken

Nadere informatie

Btw-heffing over sportbeoefening en het geven van gelegenheid tot sportbeoefening

Btw-heffing over sportbeoefening en het geven van gelegenheid tot sportbeoefening drs. Klaas Dijkstra; mr. Iris Duinker 1 Btw-heffing over sportbeoefening en het geven van gelegenheid tot sportbeoefening Het rommelt in de btw-regelgeving ten aanzien van sportbeoefening, zowel voor wat

Nadere informatie

De Nederlandse integratieheffing in Europees perspectief: Is het einde van de Nederlandse integratieheffing nabij?

De Nederlandse integratieheffing in Europees perspectief: Is het einde van de Nederlandse integratieheffing nabij? De Nederlandse integratieheffing in Europees perspectief: Is het einde van de Nederlandse integratieheffing nabij? Door: mr. A.M. Kruijer 2012/2013 Inhoudsopgave Inleiding 3 Hoofdstuk 1 De integratieheffing

Nadere informatie

BTW en fondswerving Ondernemers moeten btw berekenen Geen btw voor vrijwillige bijdragen

BTW en fondswerving Ondernemers moeten btw berekenen Geen btw voor vrijwillige bijdragen BTW en fondswerving Drs. W. van Vliet Vorig jaar ontstond er ophef over de btw-heffing bij kerken. Dit naar aanleiding van een waarschuwing van de Europese Commissie aan het adres van de Nederlandse regering

Nadere informatie

Incidenteel beroep in cassatie zaaknummer F 13/00282

Incidenteel beroep in cassatie zaaknummer F 13/00282 i Incidenteel beroep in cassatie zaaknummer F 13/00282 Edelhoogachtbaar College, De uitspraak van de Rechtbank te Arnhem van 6 december 2012, nr. 11 / 04103, betreft de X in geschil zijnde vraag of belanghebbende,

Nadere informatie

Aftrek en/of compensatie van btw definitief na verwerken factuur?

Aftrek en/of compensatie van btw definitief na verwerken factuur? Aftrek en/of compensatie van btw definitief na verwerken factuur? Onlangs heeft de rechtbank Arnhem uitspraak gedaan in een zaak waarbij de Belastingdienst een naheffingsaanslag omzetbelasting heeft opgelegd,

Nadere informatie

Wettelijk geregeld onderwijs: Overheidshandelen of vrijgestelde ondernemersprestatie?

Wettelijk geregeld onderwijs: Overheidshandelen of vrijgestelde ondernemersprestatie? Wettelijk geregeld onderwijs: Overheidshandelen of vrijgestelde ondernemersprestatie? Door: Chantal Waage 2011/ 2012 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding Blz 2 Hoofdstuk 2 Onderwijsvrijstelling Blz 4 2.1

Nadere informatie

Masterscriptie Fiscaal Recht

Masterscriptie Fiscaal Recht Masterscriptie Fiscaal Recht Accent Indirecte Belastingen Een scriptie over de integratieheffing en het recht op aftrek van voorbelasting: Wordt door de toepassing van de pro rata plus de doelstelling

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA 'S-GRAVENHAGE Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen. Besluit van 26 maart 2013, nr. BLKB/2013/400M,

Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen. Besluit van 26 maart 2013, nr. BLKB/2013/400M, Omzetbelasting. Kleine ondernemersregeling Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen Besluit van 26 maart 2013, nr. BLKB/2013/400M, De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Nadere informatie

INZAKE PRIVÉGEBRUIK AUTO

INZAKE PRIVÉGEBRUIK AUTO MEMO INZAKE PRIVÉGEBRUIK AUTO AAN : VOLGERS BTW-PLAZA VAN : VAN DRIEL FRUIJTIER BTW-SPECIALISTEN DATUM : 30 JUNI 2011 1 Inleiding Het is al jaren onrustig ten aanzien van de btw-aftrekcorrectie voor het

Nadere informatie

Titelstijl van model bewerken. Titel: Jaarcongresaccountant.nl. BTW wat is nieuw. mr. Marja van den Oetelaar Het BTW Advieskantoor

Titelstijl van model bewerken. Titel: Jaarcongresaccountant.nl. BTW wat is nieuw. mr. Marja van den Oetelaar Het BTW Advieskantoor Titelstijl van model bewerken Titel: BTW wat is nieuw mr. Marja van den Oetelaar Het BTW Advieskantoor Jaarcongresaccountant.nl Onderwerpen - HOLDING PROBLEMATIEK - MEDISCHE VRIJSTELLING - ELEKTRONISCHE

Nadere informatie

De heer R.J.A.M. Sadée wil ik bedanken voor zijn kritische blik en zijn bijdrage aan het redigeren van mijn scriptie.

De heer R.J.A.M. Sadée wil ik bedanken voor zijn kritische blik en zijn bijdrage aan het redigeren van mijn scriptie. Voorwoord Beste lezer, Voor u ligt mijn masterscriptie, waarin ik de herzieningsregels in de btw onder de loep neem. Met deze scriptie komt een einde aan mijn zeven jaar durende studententijd waarvan ik

Nadere informatie

Bachelor Thesis Fiscale Economie 2012/2013. De onbelastbare subsidie en het recht op aftrek van voorbelasting.

Bachelor Thesis Fiscale Economie 2012/2013. De onbelastbare subsidie en het recht op aftrek van voorbelasting. Bachelor Thesis Fiscale Economie 2012/2013 De onbelastbare subsidie en het recht op aftrek van voorbelasting. Naam: Guusje Mulders ANR: S. 930486 Faculteit: Economie en bedrijfswetenschappen Studierichting:

Nadere informatie

Een onderzoek naar de reikwijdte van de vrijstelling voor het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen

Een onderzoek naar de reikwijdte van de vrijstelling voor het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen Een onderzoek naar de reikwijdte van de vrijstelling voor het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen Masterthesis Fiscale Economie Naam: Ruby- Jane de Jong Administratienummer: s505882 Universiteit:

Nadere informatie

Belastingen en de boekhouding

Belastingen en de boekhouding BAD1.1 les 7 programma Belastingen en de boekhouding Drie groepen belastingen Ondernemer als onbezoldigd ontvanger Loonbelasting Omzetbelasting Belastingen Drie groepen zakelijke belastingen waterschapslasten,

Nadere informatie

Naar aanleiding van uw brief van 18 oktober 2011 heb ik de eer het volgende op te merken.

Naar aanleiding van uw brief van 18 oktober 2011 heb ik de eer het volgende op te merken. Den Haag, 2 9 NOV 2011 Kenmerk: DGB 2011-6473 Motivering van het beroepschrift in cassatie (rolnummer 11/04540) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-hertogenbosch van 2 september 2011, nr. r, 2

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2006 2007 30 061 Wijziging van de Wet op de omzetbelasting 1968 in verband met de aanpak van constructies met betrekking tot (on)roerende zaken alsmede in

Nadere informatie

Herziening en verhuur van onroerende zaken in de btw

Herziening en verhuur van onroerende zaken in de btw Herziening en verhuur van onroerende zaken in de btw Wordt er overeenkomstig het neutraliteitsbeginsel gehandeld? Door Laurens van Drie Nummer: 344531 Begeleider: Prof. dr. R.N.G. van der Paardt Inhoudsopgave

Nadere informatie

Workshop. Casus woningen en beperking btw druk. Bedrijfsonroerend goed; leegstand en btw aftrek. pagina 1

Workshop. Casus woningen en beperking btw druk. Bedrijfsonroerend goed; leegstand en btw aftrek. pagina 1 Workshop Casus woningen en beperking btw druk Bedrijfsonroerend goed; leegstand en btw aftrek pagina 1 Casus Ontwikkelende bouwer bouwt woningen en verkoopt die aan woningbelegger Grond 100 ovb 6 Bouwkosten

Nadere informatie

De Nederlandse BV als een vaste inrichting van een buitenlandse vennootschap

De Nederlandse BV als een vaste inrichting van een buitenlandse vennootschap De Nederlandse BV als een vaste inrichting van een buitenlandse vennootschap Rashmi Gangaram Panday 5606306 Semester 2, studiejaar 2008/2009 Juli 2009 Bachelorscriptie Begeleider : dhr. mr. drs. W.A.P.

Nadere informatie

ECLI:NL:RBDHA:2014:14470

ECLI:NL:RBDHA:2014:14470 ECLI:NL:RBDHA:2014:14470 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 19-11-2014 Datum publicatie 15-04-2015 Zaaknummer 14_7761 OB Rechtsgebieden Belastingrecht Bijzondere kenmerken Bodemzaak Eerste aanleg

Nadere informatie

UNIVERSITEIT VAN TILBURG

UNIVERSITEIT VAN TILBURG UNIVERSITEIT VAN TILBURG Modernisering van de vrijstelling voor betalingsverkeer Onderzoek naar de reikwijdte en toepassing van de vrijstelling ten behoeve van het moderne betalingsverkeer Naam: A.W. Groeneweg

Nadere informatie

1. Inleiding. Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, Sector brieven & beleidsbesluiten

1. Inleiding. Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, Sector brieven & beleidsbesluiten Omzetbelasting, motorrijtuigenbelasting en belasting van personenauto s en motorrijwielen. Directeur-grootaandeelhouder en gevolgen Van der Steen arrest Hof van Justitie EG, zaak C-355/06 1 Omzetbelasting,

Nadere informatie

HOE NEUTRAAL IS DIT? Naam Studentnr. Begeleider Datum Opleidingsinstituut Opleiding

HOE NEUTRAAL IS DIT? Naam Studentnr. Begeleider Datum Opleidingsinstituut Opleiding Ontbreken van btw-aftrekrecht van gemeenten op de aanlegkosten van gemeenschapsvoorzieningen bij de uitvoering van bestemmingsplannen HOE NEUTRAAL IS DIT? Naam Studentnr. Begeleider Datum Opleidingsinstituut

Nadere informatie

Gevolgen wijziging aftrekbeperking artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968 Toegespitst op (deels) gesubsidieerde instellingen

Gevolgen wijziging aftrekbeperking artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968 Toegespitst op (deels) gesubsidieerde instellingen Gevolgen wijziging aftrekbeperking artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968 Toegespitst op (deels) gesubsidieerde instellingen Elise Braas Studentnummer: 0563390 President Steynstraat 12 1091 NC

Nadere informatie

HOOFDSTUK 1 Een systematiek voor het oplossen van btw-problemen

HOOFDSTUK 1 Een systematiek voor het oplossen van btw-problemen HOOFDSTUK 1 Een systematiek voor het oplossen van btw-problemen De wijze waarop internationale transacties in de heffing van btw worden betrokken, wordt bepaald door de systematiek van de btw-wetgeving.

Nadere informatie

Faculteit der Economische Wetenschappen Masterscriptie. Bouwterrein in de btw : Tijd om te slopen?

Faculteit der Economische Wetenschappen Masterscriptie. Bouwterrein in de btw : Tijd om te slopen? ERASMUS UNIVERSITEIT ROTTERDAM Faculteit der Economische Wetenschappen Masterscriptie Nadruk verboden Bouwterrein in de btw : Tijd om te slopen? Naam John Abadier Nummer 303161 Begeleider Prof. Dr. R.N.G.

Nadere informatie

Wij gaan gewoon door!

Wij gaan gewoon door! BTWijzer De nieuwsbrief van BTW Nederland jaargang 2 nummer 1 maart 2010 Wij gaan gewoon door! Nu ja, zo gewoon is dat eigenlijk niet. Het zal u zijn opgevallen, ons kabinet is er bijvoorbeeld mee opgehouden.

Nadere informatie

De schijnbaar oneindige discussie over bouwterreinen

De schijnbaar oneindige discussie over bouwterreinen Begraafplaatsen Recent heeft rechtbank Den Haag een beslissing genomen over de behandeling van gemeentelijke begraafplaatsen voor het BTW-compensatiefonds. De rechtbank hanteert daarvoor een bijzondere

Nadere informatie

Masterscriptie Fiscale Economie

Masterscriptie Fiscale Economie Masterscriptie Fiscale Economie De behandeling van de aftrek van voorbelasting bij de verkoop van een deelneming getoetst aan het fiscale neutraliteitsbeginsel Naam: H.J.L. van der Sanden Opleiding: Master

Nadere informatie

Bepaal nu of u dit jaar of pas volgend jaar investeert

Bepaal nu of u dit jaar of pas volgend jaar investeert Nieuwsbrief eindejaarstips 2009 Bepaal nu of u dit jaar of pas volgend jaar investeert Voor de investeringsaftrek een percentage van het totaal aan bedrijfsmiddelen bestede bedrag is het bestelmoment bepalend.

Nadere informatie

Fiscaal bouwrecht. belastingplichtige onder bezwarende titel worden verricht; 2. de invoer van goederen.'

Fiscaal bouwrecht. belastingplichtige onder bezwarende titel worden verricht; 2. de invoer van goederen.' Tijdschrift voor Bouwrecht Fiscaal bouwrecht TBR 2013/150 Hof van Justitie EU, 8 november 2012 C 299/Ï1 (Reikwijdte integratieheffing) A. Tizzano, A. Borg Barthet, M.Ilesic (rapporteur), E. Levits en M.

Nadere informatie

Aan- of inbesteden en de btw-gevolgen

Aan- of inbesteden en de btw-gevolgen Aan- of inbesteden en de btw-gevolgen Menig btw-vraagstuk wordt tegen het licht gehouden van de Europese BTW-richtlijn en de uitlegging daarvan door het Hof van Justitie (HvJ). Het Hof streeft naar eenheid

Nadere informatie

88 De Pensioenwereld in 2015

88 De Pensioenwereld in 2015 09 88 De Pensioenwereld in 2015 Fiscaliteiten & grensoverschrijding 89 Kansen voor vermindering btw-druk bij pensioenfondsen Auteurs: Karim Hommen en Gert-Jan van Norden Een recente uitspraak van het Europese

Nadere informatie

De overgang van een algemeenheid van goederen (art. 31 Wet OB) aan en/of door verschillende ondernemers

De overgang van een algemeenheid van goederen (art. 31 Wet OB) aan en/of door verschillende ondernemers Master scriptie Fiscaal recht De overgang van een algemeenheid van goederen (art. 31 Wet OB) aan en/of door verschillende ondernemers Auteur: Marit Heesen Geldereschweg 42, 7104 AK Winterswijk ANR: 780980

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN. Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD NL NL NL COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 24.11.2009 COM(2009)641 definitief Voorstel voor een BESCHIKKING VAN DE RAAD waarbij de Portugese Republiek wordt gemachtigd een maatregel toe

Nadere informatie

Memo btw-aspecten Praktijkondersteuner Huisartsenpraktijk (POH)

Memo btw-aspecten Praktijkondersteuner Huisartsenpraktijk (POH) Memo btw-aspecten Praktijkondersteuner Huisartsenpraktijk () In dit memo gaan wij in op de btw-aspecten die zijn verbonden aan de werkzaamheden van de praktijkondersteuner huisartsenpraktijk (hierna )

Nadere informatie

Kluwer Online Research

Kluwer Online Research Weekblad voor Fiscaal Recht Afnemer in de btw: wie is het? Auteur: Mevr. mr. dr. M.M.W.D. Merkx[1] Op 2 december 2011 wees de Hoge Raad een belangrijk arrest over de bewijslastverdeling betreffende het

Nadere informatie

Utrecht 21 april 2015

Utrecht 21 april 2015 Utrecht 21 april 2015 ONDERWERPEN Algemene inleiding BTW verschuldigd over subsidies? Invloed van subsidies op de aftrek van BTW KARAKTER VAN DE BTW Belast het verbruik door consument / eindverbruiker

Nadere informatie

Is de Nederlandse vrijstelling voor medische diensten in het licht van het Europese recht wel juist gediagnostiseerd?

Is de Nederlandse vrijstelling voor medische diensten in het licht van het Europese recht wel juist gediagnostiseerd? Is de Nederlandse vrijstelling voor medische diensten in het licht van het Europese recht wel juist gediagnostiseerd? Door: mr. J.M.A.T. Smits Post-Master Indirecte Belastingen Jaar (2013-2014) Hoofdstuk

Nadere informatie

TIPS. Internationaal zaken doen en BTW (deel 2) www.hlb-van-daal.nl

TIPS. Internationaal zaken doen en BTW (deel 2) www.hlb-van-daal.nl TIPS Internationaal zaken doen en BTW (deel 2) Handel en BTW In dit memo worden aspecten van BTW behandeld, die van toepassing kunnen zijn bij internationale handel. Het is geen volledig overzicht, maar

Nadere informatie

Btw; never a dull moment!

Btw; never a dull moment! Btw; never a dull moment! Dr. Redmar Wolf 1 24 De btw (en onze nationale variant: de omzetbelasting) is uw belangstelling meer dan waard. Deze op EU-niveau alle EU-lidstaten een belangrijke - zo niet belangrijkste

Nadere informatie

8. De btw. 8.2. Aftrek van voorbelasting. De btw

8. De btw. 8.2. Aftrek van voorbelasting. De btw ..1. Inleiding Een ondernemer (ook als u een zelfstandig of een vrij beroep uitoefent ) die een auto gebruikt in het kader van zijn onderneming, rekent de auto veelal tot het ondernemingsvermogen. Daarom

Nadere informatie

VRAAG 1 VRAAG 2. Intracommunautaire levering

VRAAG 1 VRAAG 2. Intracommunautaire levering VRAAG 1 Intracommunautaire levering Op grond van art. 12, lid 2, onderdeel a, 2 Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 is voor de toepassing van het nultarief voor intracommunautaire leveringen vereist

Nadere informatie

Als u een bedrijfspand gaat huren of verhuren

Als u een bedrijfspand gaat huren of verhuren Als u een bedrijfspand gaat huren of verhuren Gevolgen voor de btw Gaat u een bedrijfspand huren of verhuren? Dan hebt u te maken met bepaalde btw-regels. De verhuur van een bedrijfspand is meestal vrijgesteld

Nadere informatie

Het etiket van het gemeentehuis

Het etiket van het gemeentehuis Het etiket van het gemeentehuis Door: drs. Job van der Laan 2007/2008 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding Blz 2 Hoofdstuk 2 Waterschap Zeeuws-Vlaanderen Blz 3 2.1 Algemeen Blz 3 2.2 Feiten en uitgangspunten

Nadere informatie

BTW tjes actualiteiten juli 2010

BTW tjes actualiteiten juli 2010 Inhoudsopgave 1. Ziekenhuis BTW verschuldigd over administratieve diensten 2. Kosten voor gemene rekening 3. School kan slechts een klein deel van de voorbelasting in aftrek brengen 4. Besluit tot wijziging

Nadere informatie

Vrijwillige premie beroepspensioenregeling werknemer

Vrijwillige premie beroepspensioenregeling werknemer Vrijwillige premie beroepspensioenregeling werknemer Inleiding Dit memo bevat de argumenten voor de fiscale aftrek van de premie betreffende het vrijwillige gedeelte van een beroepspensioenregeling bij

Nadere informatie

Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 20.10.2016 COM(2016) 665 final 2016/0326 (NLE) Voorstel voor een UITVOERINGSBESLUIT VAN DE RAAD tot wijziging van Beschikking 2009/790/EG waarbij Polen wordt gemachtigd een

Nadere informatie

Btw en combinatiefuncties

Btw en combinatiefuncties Btw en combinatiefuncties 1 Inhoudsopgave 1. Achtergrondinformatie 3 1.1 Wat is een combinatiefunctie? 3 1.2 Inhoud brochure 3 2. Btw 3 3. Btw-gevolgen als een werknemer tegen vergoeding wordt uitgeleend/gedetacheerd

Nadere informatie

de inspecteur van de Belastingdienst[te P], verweerder.

de inspecteur van de Belastingdienst[te P], verweerder. Uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Team belastingrecht zaaknummer: SGR 13/6388 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 november 2013 in de zaak tussen [X], wonende te [Z],

Nadere informatie

Leerlingenvervoer en btw Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie

Leerlingenvervoer en btw Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie Leerlingenvervoer en btw Hoge Raad stelt prejudiciële vragen aan het Europese Hof van Justitie In deze nieuwsbrief informeren wij u over de laatste ontwikkelingen inzake de procedures over btw en leerlingenvervoer.

Nadere informatie

Directoraat-Generaal Belastingdienst Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag

Directoraat-Generaal Belastingdienst Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag Directoraat-Generaal Belastingdienst Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl Ons kenmerk DGB/2012/465 Uw brief (kenmerk) 2012Z00498 > Retouradres Postbus 20201

Nadere informatie

Toepassing van de btw-vrijstelling afhankelijk van de erkenning en omschrijving door de betrokken lidstaat

Toepassing van de btw-vrijstelling afhankelijk van de erkenning en omschrijving door de betrokken lidstaat Toepassing van de btw-vrijstelling afhankelijk van de erkenning en omschrijving door de betrokken lidstaat Door: drs. R.C. van der Aalst Post-Master Indirecte Belastingen 2013-2014 Inhoudsopgave Inhoudsopgave...1

Nadere informatie

Kluwer Online Research. Vermogende Particulieren Bulletin Wijzigingen inzake btw-correctie in geval van privégebruik auto van de zaak

Kluwer Online Research. Vermogende Particulieren Bulletin Wijzigingen inzake btw-correctie in geval van privégebruik auto van de zaak Vermogende Particulieren Bulletin Wijzigingen inzake btw-correctie in geval van privégebruik auto van de zaak Auteur: Mevrouw mr. J. Westerveld[1] Wijzigingen inzake btw-correctie in geval van privégebruik

Nadere informatie

De overdracht van een algemeenheid van goederen bij de verkoop van een deelneming: Is er sprake van een kijkdoos gedachte?

De overdracht van een algemeenheid van goederen bij de verkoop van een deelneming: Is er sprake van een kijkdoos gedachte? De overdracht van een algemeenheid van goederen bij de verkoop van een deelneming: Is er sprake van een kijkdoos gedachte? Door: J.I. (Joanna) Rossa MSc 2012/2013 Inhoudsopgave Lijst van gebruikte afkortingen

Nadere informatie

Hoge Raad 24-04-2015 24-04-2015 13/03775. Belastingrecht. Cassatie. Rechtspraak.nl

Hoge Raad 24-04-2015 24-04-2015 13/03775. Belastingrecht. Cassatie. Rechtspraak.nl ECLI:NL:HR:2015:1084 Instantie Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Hoge Raad 24-04-2015 24-04-2015 13/03775 In cassatie op

Nadere informatie

Kluwer Online Research. Nieuwe regels privégebruik ondernemingsauto in de omzetbelasting

Kluwer Online Research. Nieuwe regels privégebruik ondernemingsauto in de omzetbelasting Belastingadvies Actualiteiten auto in de omzetbelasting Nieuwe regels privégebruik ondernemingsauto in de omzetbelasting Per 1 juli 2011 geldt een nieuwe regeling voor het in de heffing betrekken van privégebruik

Nadere informatie

Btw-belast of btw-vrijgesteld vermogensbeheer. Waar ligt de fiscaal neutrale grens?

Btw-belast of btw-vrijgesteld vermogensbeheer. Waar ligt de fiscaal neutrale grens? Btw-belast of btw-vrijgesteld vermogensbeheer. Waar ligt de fiscaal neutrale grens? Door: D. (Dieuwertje) Euser MSc Post-Master Indirecte Belastingen 2013/2014 Inhoudsopgave Lijst met gebruikte afkortingen...

Nadere informatie

HET GEDIGITALISEERDE GOED IN DE OMZETBELASTING -EEN WELKOME AFSPLITSING VAN DE ELEKTRONISCHE DIENST-

HET GEDIGITALISEERDE GOED IN DE OMZETBELASTING -EEN WELKOME AFSPLITSING VAN DE ELEKTRONISCHE DIENST- HET GEDIGITALISEERDE GOED IN DE OMZETBELASTING -EEN WELKOME AFSPLITSING VAN DE ELEKTRONISCHE DIENST- Tilburg 30/04/2014 J. van Huijstee Masterscriptie Fiscaal Recht Accent indirecte belastingen Administratienummer:

Nadere informatie

ABC-transacties binnen de interne markt: geen koud kunstje

ABC-transacties binnen de interne markt: geen koud kunstje ABC-transacties binnen de interne markt: geen koud kunstje mr. I.M. Duinker; mr. P. de Kock 1 Met ingang van 1 januari 2012 zijn in de Wet op de omzetbelasting 1968 wijzigingen aangebracht in het kader

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 11/08/2015

Datum van inontvangstneming : 11/08/2015 Datum van inontvangstneming : 11/08/2015 Vertaling C-332/15-1 Zaak C-332/15 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 6 juli 2015 Verwijzende rechter: Tribunale di Treviso / Italië Datum

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Inleiding Inleiding Probleemstelling Verantwoording van het onderzoek 6. Hoofdstuk 2 De Btw-richtlijn 7

Hoofdstuk 1 Inleiding Inleiding Probleemstelling Verantwoording van het onderzoek 6. Hoofdstuk 2 De Btw-richtlijn 7 Het BUA en de Btw-richtlijn Laura Philippen S404458 1 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding 5 1.1 Inleiding 5 1.2 Probleemstelling 6 1.3 Verantwoording van het onderzoek 6 Hoofdstuk 2 De Btw-richtlijn 7

Nadere informatie

ARREST VAN HET HOF (Derde kamer) 13 juli 1989*

ARREST VAN HET HOF (Derde kamer) 13 juli 1989* SKATTEMINISTERIET / HENRIKSEN ARREST VAN HET HOF (Derde kamer) 13 juli 1989* In zaak 173/88, betreffende een verzoek aan het Hof krachtens artikel 177 EEG-Verdrag van het Højesteret, in het aldaar aanhangig

Nadere informatie

WEA Deltaland Accountants & Adviseurs. Henk Coehoorn

WEA Deltaland Accountants & Adviseurs. Henk Coehoorn WEA Deltaland Accountants & Adviseurs Henk Coehoorn Agenda Van VAR naar DBA (Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties) Waarom geen VAR meer? Huidige VAR: werking en problemen?! Beoordeling arbeidsrelatie

Nadere informatie

Het leerstuk van de kosten voor gemene rekening en risico

Het leerstuk van de kosten voor gemene rekening en risico Het leerstuk van de kosten voor gemene rekening en risico Page 1 of 8 INHOUDSOPGAVE HET LEERSTUK VAN DE KOSTEN VOOR GEMENE REKENING EN RISICO... 1 INTRODUCTIE... 3 ALGEMENE REGELGEVING... 3 VOORWAARDE

Nadere informatie

VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld -------------------------

VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld ------------------------- 29 282 Arbeidsmarktbeleid en opleidingen zorgsector Nr. VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld ------------------------- In de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport bestond er

Nadere informatie

In wezen nieuwbouw, ver(nieuw)bouwd?

In wezen nieuwbouw, ver(nieuw)bouwd? In wezen nieuwbouw, ver(nieuw)bouwd? Master thesis Fiscaal recht, accent indirecte belastingen K.M.T. Helwegen (s247743) Afstudeerdatum: 18 juni 2013 Hoogleraar: Prof. dr. H.W.M. van Kesteren Begeleiders:

Nadere informatie

Inleiding tot het BTW-recht

Inleiding tot het BTW-recht Inleiding tot het BTW-recht Inleiding tot het BTW-recht Overzicht belastingsystemen inkomstenbelastingen vermogensbelastingen verbruiksbelastingen belasting heffen bij de besteding van het inkomen of het

Nadere informatie

pagina 1 van 10 Besluiten Geactualiseerd besluit over btw-vrijstelling medische diensten Belastingsoort(en): Omzetbelasting Bron/Instantie: Besluit Staatssecretaris van Financiën Bron-/zaaknummer: BLKB2013/810

Nadere informatie

NOTITIE BTW & correctie privégebruik auto

NOTITIE BTW & correctie privégebruik auto januari 2009 NOTITIE BTW & correctie privégebruik auto De regels rondom de BTW-correctie voor het privégebruik van de auto zijn verre van eenvoudig. Deze notitie beoogt aan de hand van diverse casusposities

Nadere informatie

Stimuleringsmaatregelen

Stimuleringsmaatregelen BTWijzer De nieuwsbrief van BTW Nederland jaargang 2 nummer 2 september 2010 Stimuleringsmaatregelen Op 30 augustus jl. is bekend geworden dat er op verzoek vanuit de Tweede Kamer maatregelen worden genomen

Nadere informatie

AAN : LEDEN BTW-PLAZA VAN : VAN DRIEL FRUIJTIER BTW-SPECIALISTEN DATUM : JANUARI Inleiding

AAN : LEDEN BTW-PLAZA VAN : VAN DRIEL FRUIJTIER BTW-SPECIALISTEN DATUM : JANUARI Inleiding MEMO BTW & ZONNEPANELEN AAN : LEDEN BTW-PLAZA VAN : VAN DRIEL FRUIJTIER BTW-SPECIALISTEN DATUM : JANUARI 2014 1 Inleiding Door het HvJ EU is in de zaak Fuchs 1 geoordeeld dat een huiseigenaar btw-ondernemer

Nadere informatie

Als u deze situatie onderkent bij uw gemeente, vragen wij uw bijzondere aandacht voor een uitspraak van de rechtbank Breda.

Als u deze situatie onderkent bij uw gemeente, vragen wij uw bijzondere aandacht voor een uitspraak van de rechtbank Breda. Nieuwsbrief gemeenten 2010/11 Geachte lezer, Voor u ligt de nieuwsbrief, waarin items zijn opgenomen die in het bijzonder betrekking hebben op het karakter van een te betalen, of een te ontvangen vergoeding

Nadere informatie

Cliëntenbrief Nieuwe factureringsregels vanaf 1 januari 2013: alle wijzigingen op een rij

Cliëntenbrief Nieuwe factureringsregels vanaf 1 januari 2013: alle wijzigingen op een rij Cliëntenbrief Nieuwe factureringsregels vanaf 1 januari 2013: alle wijzigingen op een rij Onderwerp: nieuwe factureringsregels per 1 januari 2013 Doel: informeren en adviseren Bestemd voor: alle ondernemers

Nadere informatie

Besluit van 25 januari 2013, nr. BLKB 2013/82M, De staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Besluit van 25 januari 2013, nr. BLKB 2013/82M, De staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten. Omzetbelasting. Heffing van omzetbelasting ten aanzien van en en mobiele telefoonabonnementen Belastingdienst/Landelijk Kantoor Belastingdienstregio s, Brieven en beleidsbesluiten Besluit van 25 januari

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 22561 29 april 2016 Dividendbelasting; Inkomstenbelasting; Vennootschapsbelasting; EU-recht 25 april 2016 nr. DGB 2016/1731M

Nadere informatie

Het hoe en waarom van de belastingheffing

Het hoe en waarom van de belastingheffing Hoofdstuk 1 Het hoe en waarom van de belastingheffing 1.1 Onderscheid in belastingen De sociale, economische maar ook de juridische gevolgen van de belastingheffing verschillen naar gelang het type belasting.

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 35894 23 december 2013 Omzetbelasting. Fondswerving en kantines 18 december 2013 Nr. BLKB 2013/2001M Belastingdienst/Directie

Nadere informatie

Aan de voorzitter van Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Aan de voorzitter van Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag > Retouradres Postbus 20201 2500 EE Den Haag Aan de voorzitter van Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Korte Voorhout 7 2511 CW Den Haag Postbus 20201 2500 EE Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

1 Rechtbank Breda, 13 juli 2012

1 Rechtbank Breda, 13 juli 2012 BEDRIJFSOPVOLGINGSFACILITEIT SUCCESSIEWET OOK VOOR PRIVÉVERMOGEN? Op 13 juli 2012 heeft rechtbank Breda uitspraak gedaan in een zaak over de bedrijfsopvolgingsfaciliteit uit de Successiewet 1956 (LJN:

Nadere informatie

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning

AANBEVELING VAN DE COMMISSIE. van 6.12.2012. over agressieve fiscale planning EUROPESE COMMISSIE Brussel, 6.12.2012 C(2012) 8806 final AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale planning NL NL AANBEVELING VAN DE COMMISSIE van 6.12.2012 over agressieve fiscale

Nadere informatie

Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden. Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen

Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden. Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen Besluit van 7 maart 2016, nr. BLKB 2016/360M De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 13309 17 maart 2016 Inkomstenbelasting. Aftrek van uitgaven voor monumentenpanden 7 maart 2016 nr. BLKB 2016/360M Belastingdienst/Directie

Nadere informatie

Freelancers en zzp'ers

Freelancers en zzp'ers Freelancers en zzp'ers Zelfstandig of toch niet? Arbeidsrecht Belastingen Maart 2011 / E-0444 Kamer van Koophandel Nederland, Woerden Freelancers en zzp's E-0444 03-2011 1 In deze brochure: 1. Zelfstandig

Nadere informatie

Besluit van 25 januari 2007, nr. CPP2006/2847M, Stcrt. nr. 24. De minister van Financiën heeft het volgende besloten.

Besluit van 25 januari 2007, nr. CPP2006/2847M, Stcrt. nr. 24. De minister van Financiën heeft het volgende besloten. Omzetbelasting. Leasing 1 Omzetbelasting. Leasing Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, Sector brieven & beleidsbesluiten Besluit van 25 januari 2007, nr. CPP2006/2847M, Stcrt. nr.

Nadere informatie

Freelancers en zzp ers

Freelancers en zzp ers Freelancers en zzp ers Zelfstandig of toch niet? Arbeidsrecht Belastingen Juli 2013 / E-0444 Kamer van Koophandel Nederland, Woerden Hoewel aan deze tekst veel zorg is besteed, wordt voor de inhoud geen

Nadere informatie

Als u een bedrijfs pand gaat huren of verhuren Gevolgen voor de btw

Als u een bedrijfs pand gaat huren of verhuren Gevolgen voor de btw Gevolgen voor de btw Gaat u een bedrijfspand huren of verhuren? Dan hebt u te maken met bepaalde btw-regels. De verhuur van een bedrijfspand is meestal vrijgesteld van btw. Vaak is het voordelig om de

Nadere informatie

Scriptie Fiscale Economie. Een onderzoek naar de reisbureauregeling: Is de eindbestemming in zicht?

Scriptie Fiscale Economie. Een onderzoek naar de reisbureauregeling: Is de eindbestemming in zicht? Scriptie Fiscale Economie Een onderzoek naar de reisbureauregeling: Is de eindbestemming in zicht? Naam: T.J. Neijzen Administratienummer: 328689 Opleiding: Master Fiscale Economie - Accent Indirecte Belastingen

Nadere informatie

r-3, vnig ^ U./U.o (070) 373 8393 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad Lbr. 14/011

r-3, vnig ^ U./U.o (070) 373 8393 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad Lbr. 14/011 U./U.o Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad r-3, vnig ^ 1 Vereniging van Nederlandse Gemeenten informatiecentrum tel (070) 373 8393 betreft BTW-gevolgen decentralisaties uw kenmerk ons kenmerk

Nadere informatie

A. Het in het belastbaar inkomen 1998 begrijpen van het voordeel uit het tegen inkoopsprijs aankopen vaneen auto, groot fl 15.000.

A. Het in het belastbaar inkomen 1998 begrijpen van het voordeel uit het tegen inkoopsprijs aankopen vaneen auto, groot fl 15.000. C/& Z^o^jr Edelhoogachtbaar College, y> "2_ Op 17 februari j.l. is door mij namens C igllllllpljp te IHllIll^, hierna belanghebbende, beroep in cassatie aangetekend tegen de uitspraak van het Gerechtshof

Nadere informatie