VALIDATIE VAN JURIDISCHE INFORMATIESYSTEMEN

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VALIDATIE VAN JURIDISCHE INFORMATIESYSTEMEN"

Transcriptie

1 HOOFDSTUK 9 VALIDATIE VAN JURIDISCHE INFORMATIESYSTEMEN C.N.J. DE VEY MESTDAGH 1 Inleiding Er zijn twee vormen van validatie van juridische informatiesystemen: juridische en technische. Beide zijn van belang voor een controleerbaar en betrouwbaar gebruik van deze systemen. Juridische validatie heeft betrekking op de bepaling van het gezag van juridische informatiesystemen als rechtsbron en als hulpmiddel bij de rechtsvinding. Technische validatie heeft betrekking op het bepalen van de volledigheid, de betrouwbaarheid en de consistentie van deze systemen. Juristen hebben zich altijd al intensief bezig gehouden met de juridische validatie van de door hen gebruikte rechtsbronnen. Het gezag van deze bronnen werd in hoofdzaak bepaald door de regels van formeel recht. Aan technische validatie bestond daarbij nog weinig behoefte, omdat het gebruik van de rechtbronnen en de rechtsvinding nog volledig menselijke activiteiten waren. De volledigheid, de betrouwbaarheid en de consistentie werden geacht te worden gegarandeerd door de ficties dat juristen uiteindelijk alle rechtsbronnen raadplegen, deze op een betrouwbare wijze gebruiken en hierbij geen inconsistenties tolereren. Deze wijze van validatie kon nog worden volgehouden ten aanzien van eenvoudige juridische informatiesystemen zoals juridische databanken en rechtsbronnen op CD-ROM. De huidige technische ontwikkelingen stellen echter hogere eisen. Er wordt in de rechtspraktijk in toenemende mate gebruik gemaakt van en vertrouwd op juridische informatiesystemen; De vorm van publicatie van de rechtsbronnen in deze systemen wijkt steeds meer af van de oorspronkelijke vorm. De tekst wordt samengevat en gestructureerd of zelfs in gegevens- en regelmodellen opgenomen; De functionaliteit van deze systemen wordt steeds verder uitgebreid. Eenvoudige juridische informatiesystemen helpen juristen bij het raadplegen van gegevens. Complexere juridische informatiesystemen raad- 161

2 C.N.J. de Vey Mestdagh plegen zelfstandig gegevens en nemen rechtsvindingsfuncties als redeneren en beslissen over. Deze ontwikkelingen ontnemen juristen een aantal validatiemogelijkheden en roepen nieuwe validatieproblemen op. Vergelijking met de oorspronkelijke bronnen wordt moeilijker; Er ontstaat een veelvoud van parallelle publicaties en publicatiekanalen; Complexere juridische informatiesystemen zijn voor juristen ondoorzichtiger en hun inhoud en werking zijn daardoor minder controleerbaar. Hierdoor ontstaat de behoefte aan nieuwe juridische validatie-instrumenten in de vorm van regulering van de openbaarheid, de transparantie, de authenticiteit en de technische kenmerken van juridische informatiesystemen. Daarnaast neemt het belang van technische validatie toe. De ficties van volledigheid, betrouwbaarheid en consistentie kunnen in het licht van de steeds zelfstandiger opererende juridische informatiesystemen niet worden volgehouden; Als deze systemen eenmaal aanvaard zijn, dan kan het vertrouwen van hun gebruikers te groot worden; 1 De nieuwe manipulatiemogelijkheden die deze systemen door hun ondoorzichtigheid aan hun gebruikers bieden kan de betrouwbaarheid van hun toepassing verminderen. Hiermee ontstaat niet alleen een nieuw gezagsprobleem maar tevens de behoefte aan nieuwe technische validatie-instrumenten. Juristen moeten bij de oplossing van dit probleem en bij de ontwikkeling van deze instrumenten de hoofdrol spelen. 2 Juridische validatie van juridische informatiesystemen Juridische validatie van juridische informatiesystemen heeft betrekking op het bepalen van het gezag van de in deze systemen vervatte en door deze systemen afgeleide normatieve uitspraken. Gezag heeft een formele en een informele betekenis. De formele betekenis heeft betrekking op de rechtsgeldigheid van normatieve uitspraken, de informele betekenis op de aan- 1 Vgl. onder andere J.J. Dijkstra, The influence of an expert system on the user s view: how to fool a lawyer, The New Review of Applied Expert Systems 1996, p

3 9 Validatie van juridische informatiesystemen vaardbaarheid van die uitspraken. Voor juristen zal het gezag van normatieve uitspraken in de meeste gevallen worden bepaald door hun rechtsgeldigheid. Voor rechtssubjecten speelt de aanvaardbaarheid de hoofdrol. Het gezag van normatieve uitspraken wordt voor hen bepaald door het vertrouwen dat zij hebben in de bron van die uitspraken. Dit vertrouwen berust voornamelijk op de verwachting dat de uitspraken voortkomen uit technisch valide bronnen en procedures. De juridische kennis van de wetgever, de bestuurder, de rechter, de advocaat, de adviseur wordt geacht volledig, betrouwbaar en consistent te zijn. Vanuit het perspectief van de rechtssubjecten is derhalve technische validiteit bepalend voor de juridische validiteit. De introductie van juridische informatiesystemen waarvan de technische validiteit kan worden vastgesteld vereist een nieuwe vorm van juridische validatie waarin de bepaling van de juridische en de technische validiteit in elkaars verlengde liggen. Deze introductie brengt namelijk niet alleen een grotere toegankelijkheid van rechtsbronnen voor juristen met zich mee, maar ook voor de rechtssubjecten. Juristen kunnen zich daarom niet langer verlaten op gezag dat louter is gebaseerd op vertrouwen maar moeten dit vertrouwen waarmaken door het aantonen van de volledigheid, de betrouwbaarheid en de consistentie van hun in juridische informatiesystemen vervatte en openbaargemaakte kennis. Methoden van juridische validatie Vanuit het perspectief van juristen kunnen voor de juridische validatie van eenvoudige juridische informatiesystemen de bestaande instrumenten worden gebruikt. Het betreft de toepassing van de regels van formeel recht waarmee de rechtsgeldigheid van in de rechtsbronnen vervatte uitspraken wordt bepaald, het leveren van dogmatisch commentaar waarin de aanvaarding in de juridische gemeenschap wordt uitgedrukt en de processen van juridische en democratische correctie via rechtsprekende en wetgevende colleges waarmee dominante juridische en maatschappelijke opvattingen tot uitdrukking worden gebracht. Complexe juridische informatiesystemen kunnen om verschillende redenen niet langer op deze wijze worden gevalideerd. De omvang van de ontsloten rechtsbronnen maakt het onmogelijk deze volledig op de gebruikelijke wijze te valideren. De validatie zal door een daartoe aangewezen bevoegd orgaan moeten plaatsvinden. De voorkeur gaat natuurlijk uit naar de bevoegde auteur(s) van wetgeving, bestuurlijke stukken en jurisprudentie zelf. Een zo vergaand gebruik van informatietechnologie door de wetgever, het bestuur en de rechter is echter voorlopig nog 163

4 C.N.J. de Vey Mestdagh ondenkbaar. Een alternatief is het instellen van een authentiseringsorgaan, dat ook juridische informatiesystemen die door derden zijn uitgegeven kan authentiseren. Een derde mogelijkheid is validatie door de gebruikers van de juridische informatiesystemen zelf. Deze is afhankelijk van de aanwezigheid van bronvermeldingen in het juridische informatiesysteem en van vergelijkingsmateriaal in de vorm van parallelle publicaties in betrouwbaar gebleken klassieke vorm. Voor complexe juridische informatiesystemen, waarbij deze parallelliteit zich niet meer voordoet, is dit alternatief onvoldoende. De validatie is daarbij afhankelijk van de algemene voorwaarden voor validatie van juridische informatiesystemen (openbaarheid en transparantie) en regulering die de kans op juridische en technische validiteit van juridische informatiesystemen verhoogt. Vanuit het perspectief van het rechtssubject brengt de introductie van juridische informatiesystemen ook een ingrijpende verandering op het gebied van de juridische validatie met zich mee. Berustte die validatie vanuit dit perspectief tot nu toe voornamelijk op vertrouwen en de daarmee samenhangende aanvaarding van het gezag van juristen, het toenemende voor het rechtssubject zichtbare gebruik van juridische informatiesystemen brengt met zich mee dat het vertrouwen kan afnemen. Juridische informatiesystemen kunnen door de rechtssubjecten als juridisch valide rechtsbronnen worden beschouwd als zij er van kunnen worden overtuigd dat deze systemen de uitdrukking van juridische kennis vormen van de personen waarin zij tot nu toe vertrouwen stelden. Dit betekent dat deze systemen zouden moeten worden geproduceerd door deze personen zelf. De wetgever, de bestuurder en de rechter zouden hun normatieve uitspraken met behulp van juridische informatiesystemen moeten produceren, waarmee het vertrouwen dat de rechtssubjecten in de auteurs stelden zou kunnen overgaan op deze systemen. Dit scenario van juridische validatie is voorlopig nog niet haalbaar. De vereiste technieken zijn weliswaar voorhanden, de technische (bij)scholing die hiervoor vereist is, is ook nog wel realiseerbaar, maar de organisatieverandering die dit vereist vergt een langere periode waarin het zelf ontwikkelen en introduceren van juridische informatiesystemen door juristen stap voor stap kan worden ingevoerd. Gelukkig biedt de bovenstaande beschrijving van aanvaarding een tussenoplossing die kan bestaan uit: 1. de regulering van het authentiseren van door derden geproduceerde juridische informatiesystemen door gezaghebbende juristen, en; 2. technische validatie van deze systemen. 164

5 9 Validatie van juridische informatiesystemen 3 Technische validatie van juridische informatiesystemen Technische validatie van juridische informatiesystemen heeft betrekking op de bepaling van de mate waarin zij een goede afspiegeling zijn van de toepassing van het recht in de rechtspraktijk. Zij vormen een goede afspiegeling als ze volledig, betrouwbaar en consistent zijn. Volledigheid heeft betrekking op het opnemen van alle bekende en erkende rechtsbronnen op het door het juridisch informatiesysteem bestreken gebied. Betrouwbaarheid heeft betrekking op het bevatten of afleiden van uitspraken die in de rechtspraktijk zijn of zouden kunnen worden geformuleerd en heeft derhalve zowel betrekking op de gebruikte gegevens en regels als op de wijze waarop deze regels worden toegepast. Een betrouwbaar systeem sluit aan bij de werkelijk in de rechtspraktijk gevolgde procedures van rechtsvinding en is daarmee proceduregetrouw. Consistentie heeft betrekking op het niet aanwezig zijn van tegenspraken in de uitsprakenverzameling van het juridisch informatiesysteem. Als aan de eerste twee eisen zou kunnen worden voldaan dan is daarmee aangetoond dat het juridische informatiesysteem een goede weergave is van de rechtsbronnen en de rechtsvinding in de rechtspraktijk. De eis van consistentie is binnen het juridisch domein gek genoeg in strijd met het streven naar validiteit. Inconsistentie is kenmerkend voor rechtsbronnen en een consistent systeem is daarmee per definitie niet valide omdat het niet betrouwbaar is. De eis van consistentie heeft in een juridische context dan ook een andere betekenis. Hij moet worden geformuleerd als de eis van interne consistentie van individuele opvattingen en de eis van zichtbaarheid van inconsistentie. Aan deze eisen is voldaan als bij de oplossing van een individuele casus alle mogelijke intern consistente en eventueel onderling strijdige opvattingen worden gepresenteerd. Methoden van technische validatie De technische validiteit van juridische informatiesystemen kan worden bepaald door middel van onderzoek van de technische kenmerken van deze systemen en door empirisch onderzoek in de rechtsbronnen en in de rechtspraktijk. Dit type onderzoek is tot nu toe slechts systematisch in een wetenschappelijke context verricht. Een voorbeeld vormt het onderzoek naar de moge- 165

6 C.N.J. de Vey Mestdagh lijkheid juridische en technische kennis op het gebied van het milieuvergunningenrecht onder te brengen in een Expertsysteem voor het Milieuvergunningenrecht (ESM). 2 Het systeem maakt gebruik van complexe juridische en technische gegevensmodellen, wettelijke regels en jurisprudentie, maar ook van beslissingsregels zoals rechtsbeginselen, beleidsregels en belangenafwegingsregels. Het ESM is empirisch getoetst aan 430 praktijkbeslissingen. Het bleek in 425 van deze 430 gevallen overeenstemmende beslissingen voor te stellen. De vijf niet overeenstemmende beslissingen bleken in één geval te berusten op onvolledigheid van het systeem (een lokale regel) en in vier gevallen op een praktijkfout (het verkeerd toepassen van een regel in de rechtspraktijk). Daarenboven bleek het ESM in 134 van de 430 gevallen aanvullende of alternatieve beslissingen voor te stellen die, ook naar het oordeel van onafhankelijke beoordelaars, een verbetering betekenden. De oorzaak hiervan ligt in de juridische en technische complexiteit van het milieuvergunningenrecht. Een systeem dat over alle juridische en technische kennis beschikt blijkt in veel gevallen vollediger en genuanceerder te oordelen dan praktijkjuristen. Binnen het ESM-onderzoek is aandacht besteed aan de juridische en technische validatie van het ontwikkelde expertsysteem. De formele specificatie van het systeem, de methodische acquisitie (verwerving) van juridische kennis, het modelleren op grond van onderzoek in de rechtspraktijk en het toetsen van het resulterende expertsysteem aan de rechtspraktijk maken vergaande validatie mogelijk. De rechtsgeldigheid van de in het systeem opgenomen uitspraken is getoetst als onderdeel van de gevolgde kennisacquisitiemethode (de bron van elke opgenomen uitspraak is gecontroleerd en geregistreerd) en door een steekproefsgewijs oordeel van de onafhankelijke beoordelaars. De kennisacquisitiemethode vormt daarnaast een hulpmiddel waarmee de volledigheid van het systeem kan worden bevorderd omdat alle begrippen, regels en procedures binnen het desbetreffende kennisdomein hiermee op een systematische wijze worden geanalyseerd. Als onderdeel van het kennisacquisitie-onderzoek is bovendien gekeken naar de organisa- 2 Zie C.N.J. de Vey Mestdagh, Juridische Kennissystemen, Rekentuig of rekenmeester? Het onderbrengen van juridische kennis in een expertsysteem voor het milieuvergunningenrecht (diss. Groningen), Deventer: Kluwer 1997 en C.N.J. de Vey Mestdagh, Rechtsvinding 2001, in: H. Franken (red.), Privaatrecht in de 21e Eeuw, deel Rechtsinformatica, Deventer: Kluwer 1999, p

7 9 Validatie van juridische informatiesystemen tie en procedures van de toepassing van het milieuvergunningenrecht in de rechtspraktijk. Het overnemen van de aldus naar de praktijk gevormde organisatie- en proceduremodellen in het expertsysteem kunnen de betrouwbaarheid ervan verhogen, omdat de kans dat bij het oplossen van casus een andere dan de gebruikelijke procedure wordt gevolgd hierdoor afneemt. De aanvaardbaarheid en technische validiteit van de door het systeem gebruikte en afgeleide uitspraken zijn vastgesteld door de vergelijking met de steekproef van 430 praktijkbeslissingen. De consistentie van het systeem kon op formele wijze worden vastgesteld met behulp van de technische specificatie van het systeem. De verbeterende werking van het ESM wijst er op dat dergelijke systemen niet alleen een ongewenste maar ook een kwaliteitsverbeterende normatieve werking kunnen hebben. In een commerciële context vindt technisch validatie-onderzoek op informele en niet systematische wijze plaats. Voor de ontwikkeling van een nieuw juridisch informatiesysteem wordt marktonderzoek verricht en worden via redactiegroepen waarin ook praktijkjuristen zitting hebben eisen aan het eindproduct gesteld. Na aflevering vindt validatie plaats door het meten van verkoopcijfers (een goed verkopend product wordt blijkbaar door de eindgebruikers aanvaard) en door het verzamelen van reacties van eindgebruikers. Het is de vraag of deze methode wel tot voldoende betrouwbare resultaten leidt. Het is zeker dat de eindgebruikers geneigd zijn de gebreken van de aangeboden informatiesystemen te accepteren omdat hun papieren voorgangers dezelfde gebreken vertoonden en omdat er geen alternatieven zijn. Het staat bijvoorbeeld vast dat veel informatiesystemen niet volledig zijn. Vooral een groot deel van de jurisprudentie wordt door deze systemen niet ontsloten. Hierbij wordt vaak opgemerkt dat een volledige ontsluiting te duur, technisch niet haalbaar, maar vooral overbodig is. In dit opzicht hebben de huidige informatiesystemen een sterke normatieve werking. Een alternatief voor wetenschappelijke en commerciële validatie is het door de wetgever, de bestuurder en de rechter zelf ontwikkelen en onderhouden van juridische informatiesystemen. Hierbij kan het voldoen aan de eisen van technische validiteit worden gegarandeerd door het volgen van daarvoor binnen de wetenschap ontwikkelde procedures. Hoewel het vast staat dat deze situatie zich in de toekomst zal voordoen is in de tussentijd ook een technisch validatie-instrument vereist voor de gebruikte juridische informa- 167

8 tiesystemen. Dit kan worden gevonden in regulering van de technische eisen die aan juridische informatiesystemen worden gesteld. Deze regulering moet er op gericht zijn zowel centrale als individuele validatie van juridische informatiesystemen door juristen mogelijk te maken. Op deze regulering die de openbaarheid, de transparantie, de authenticiteit en de technische validiteit van juridische informatiesystemen moet bevorderen, wordt hieronder nader ingegaan. Samengevat zijn er drie methoden van technische validatie. De wetenschappelijke validatie, de commerciële validatie en de validatie door juristen zelf. De commerciële validatie schiet voor omvangrijker en complexer juridische informatiesystemen te kort. De wetenschappelijke validatie is waarschijnlijk een te zwaar en kostbaar middel om op het snel toenemende aantal juridische informatiesystemen in de rechtspraktijk toe te passen. Aan de wetenschappelijk methode kunnen wel eisen en instrumenten worden ontleend die via regulering en validatie door juristen zelf kunnen worden toegepast. 4 De rol van juristen bij validatie van juridische informatiesystemen 4.1 Quis custodiat ipsos custodes? C.N.J. de Vey Mestdagh Juridische en technische validatie van juridische informatiesystemen moeten zoals tot nu toe bij papieren rechtsbronnen gebruikelijk is door hun gebruikers (juristen en rechtssubjecten) zelf kunnen plaatsvinden. Alleen zo kan worden voorkomen dat er een te grote afhankelijkheid ontstaat van technische adviseurs. Hiervoor is een programma voor regulering en validatie van juridische informatiesystemen vereist. Algemene voorwaarden voor zowel juridische als technische validatie door gebruikers zijn openbaarheid en transparantie van juridische informatiesystemen. Gebruikers moeten toegang hebben tot juridische informatiesystemen en zij moeten de inhoud en werking van deze systemen kunnen begrijpen. Om het laatste te kunnen realiseren moeten juridische informatiesystemen over technische kenmerken beschikken die hun transparantie verhogen en moeten juristen in beperkte mate technisch worden geschoold. Uit mijn ervaringen binnen het juridisch onderwijs blijkt dat dit met een geringe inspanning mogelijk is. In een wat verder verwijderde toekomst zal de transparantie van juridische informatiesystemen bovendien worden verhoogd doordat juristen deze zelf 168

9 9 Validatie van juridische informatiesystemen zullen produceren. Specifieke voorwaarden voor validiteit zijn eigenschappen van juridische informatiesystemen die de kans op juridische en technische validiteit verhogen. Voor het realiseren van deze algemene voorwaarden voor validatie en deze specifieke voorwaarden voor validiteit is regelgeving vereist. Deze regelgeving moet betrekking hebben op de openbaarheid en transparantie, op de juridische validiteit (authenticiteit), op de technische validiteit (volledigheid, betrouwbaarheid, consistentie) en op het gebruik van juridische informatiesystemen. De belangrijkste lacune in de bestaande regelgeving is het ontbreken van voorschriften die de kans op technische validiteit verhogen. Hieronder wordt nader op deze algemene voorwaarden, deze regulering en de te regelen technische eigenschappen die de kans op technische validiteit verhogen ingegaan. 4.2 Algemene voorwaarden voor validatie: openbaarheid en transparantie Openbaarheid De conditio sine qua non voor validatie van juridische informatiesystemen is openbaarheid. Het geldende recht omvat een aantal regels en beginselen die de openbaarheid van rechtsbronnen regelen. Aan deze regels kan afhankelijk van de politieke cultuur en de technische mogelijkheden een meer of minder restrictieve uitleg worden gegeven. Voor wetgeving bestaat een grondwettelijke bekendmakingsverplichting, voor rechtspraak een grondwettelijke openbaarheidsverplichting. Ook voor bestuurlijke uitspraken gelden op grond van de Grondwet en de Wet openbaarheid van bestuur duidelijke openbaarmakingsverplichtingen. Deze verplichtingen hebben echter een nogal formeel karakter. Zij garanderen dat de informatie op een bepaalde (formeel gedefinieerde) wijze naar buiten wordt gebracht maar niet dat deze informatie ook werkelijk bekend wordt en voor juristen en rechtssubjecten toegankelijk is. Het is de vraag of nieuwe technische mogelijkheden niet met zich meebrengen dat aan deze verplichtingen op een andere wijze uitvoering moet worden gegeven. De aan deze verplichtingen ten grondslag liggende algemene principes suggereren een bevestigend antwoord op deze vraag. Deze principes, op grond waarvan juridische informatie algemeen toegankelijk zou moeten zijn, vloeien voort uit de algemene verbindendheid van de wet- 169

10 C.N.J. de Vey Mestdagh geving, uit de beperkte precedentenwerking van de rechtspraak en uit het representatieve karakter van het bestuur. Het recht op toegang dat voortvloeit uit de algemene verbindenheid van wetgeving behoeft weinig toelichting. Het ligt in de rede te veronderstellen (en er naar te streven) dat een ieder die gebonden wordt door een regel ook van die regel op de hoogte is. De, niet wettelijke, fictie dat een ieder de wet behoort te kennen is hiervan een uitdrukking. Het is echter een uitdrukking die ontstaan is in een ander tijdsgewricht. De nieuwe mogelijkheden tot informatievoorziening nopen tot een herformulering: een ieder behoort in de gelegenheid gesteld te worden de wet te kennen. Het principe legt niet alleen een verplichting op aan het rechtssubject maar ook aan de overheid. Het mooie is dat de overheid hierbij nu niet langer met een gedwongen fictie maar met een (technische) mogelijkheid te maken heeft, die bovendien de voor het rechtssubject geldende fictie in individuele gevallen tot werkelijkheid kan maken. De beperkte precedentenwerking van de rechtspraak en van bestuurlijke beschikkingen is misschien een wat meer omstreden beginsel. Binnen het administratieve recht brengt het gelijkheidsbeginsel echter een vrij sterke precedentenwerking met zich mee. Daarnaast geldt hier ook het fair play beginsel. Dit beginsel brengt met zich mee dat de overheid de burger geen mogelijkheden mag ontnemen voor zijn belang op te komen, tenzij daar formeel wettelijke gronden voor bestaan. Nu dergelijke gronden en overigens ook financiële en technische obstakels ontbreken brengt dit beginsel met zich mee dat partijen in een conflict een recht op gelijke geïnformeerdheid zouden kunnen doen gelden. Het fair play beginsel en het gelijkheidsbeginsel kunnen door de beschikbaarheid van nieuwe technieken een grotere betekenis krijgen. Vooral binnen rechtsgebieden waarin beleidsruimte bestaat en het beleid deels neergelegd wordt in individuele beschikkingen en vervolgens medebepaald wordt door rechterlijke uitspraken in individuele gevallen. Het privaatrecht en het strafrecht kennen een grotere beslissingsautonomie dan het administratieve recht. Ook binnen deze rechtsgebieden kan de rechter zich echter in hoogste instantie slechts bij uitzondering onttrekken aan het volgen van in eerdere uitspraken geformuleerde algemene regels. Het representatieve karakter van het bestuur ten slotte brengt met zich mee dat eisen worden gesteld aan de openbaarheid van dit bestuur. De Wet open- 170

11 9 Validatie van juridische informatiesystemen baarheid van bestuur brengt met zich mee dat in individuele gevallen geëist kan worden dat beschrijvingen van bestuurlijk handelen openbaar gemaakt worden, maar ook dat het bestuur in het belang van een goede en democratische bestuursvoering uit eigen beweging informatie verschaft. De techniek maakt het mogelijk aan deze verplichting een ruimere uitvoering te geven. De conclusie moet zijn dat de juridische voorwaarden voor openbaarmaking zijn vervuld. De wetgever, de rechter en de bestuurder zijn verplicht hun uitspraken openbaar te maken en te motiveren. Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor met behulp van of door juridische informatiesystemen gegenereerde uitspraken. Het beschikbaar komen van nieuwe technieken voor openbaarmaking neemt bovendien een aantal van de ad hoc bezwaren weg, die nu nog tegen werkelijke en volledige openbaarmaking worden gehanteerd. Er zijn geen technische en financiële obstakels meer voor integrale openbaarmaking. De rechtsbronnen worden al digitaal aangemaakt, de aanmakers beschikken over de know how en de infrastructuur voor eventuele anonimisering en digitale verspreiding en de kosten zijn derhalve laag. Het argument dat er geen behoefte zou zijn aan integrale openbaarmaking wordt door de erkenning van de door een aantal rechtsbeginselen weerspiegelde behoeften weersproken. Het rechtszekerheidsbeginsel, het rechtsgelijkheidsbeginsel en het fair play beginsel brengen allen met zich mee dat rechtsbronnen en dus ook digitale rechtsbronnen zo mogelijk integraal openbaar gemaakt zouden moeten worden Transparantie Als systemen regels gaan toepassen ontstaat een discrepantie tussen de taal waarin de regels oorspronkelijk zijn geformuleerd en de taal waarin ze worden toegepast. Vertalingen leveren zoals bekend interpretatieproblemen op, die zowel betrekking kunnen hebben op de betekenis van gebruikte begrippen als op de structuur van de regels, bijvoorbeeld hun logica. Voor dit probleem bestaat slechts één oplossing. Het gebruiken van dezelfde taal door beide partners in het communicatieproces. In het geval van juridische informatiesystemen betekent dit het transparanter maken van deze systemen en het aan juristen leren van de technische vaardigheden, die zij nodig hebben om zelf valide systemen te kunnen ontwikkelen en om zelf de validiteit van deze systemen te kunnen beoordelen. Om juridische informatiesystemen controleerbaar te maken moeten zij voldoen aan het vereiste van transparantie. Aan dit vereiste kan een invulling worden gegeven die controle door 171

12 C.N.J. de Vey Mestdagh juristen mogelijk maakt. Een transparant juridisch informatiesysteem geeft van elk gegeven aan op welke interne en externe kennisbron(en) het berust. Het begrip transparantie betreft daarmee tenminste functies die uitleggen hoe het systeem werkt (welke kennisbestanden het gebruikt en welke functies het toepast), wat de vragen die het systeem stelt en de conclusies die het systeem trekt betekenen (toelichtingen), waarom het systeem deze vragen stelt (in verband met de toepassing van welke regel of functie), hoe het systeem bepaalde conclusies heeft afgeleid (op grond van welke gegevens en regels) en welke de oorspronkelijke bronnen van alle gebruikte gegevens en regels zijn. De transparantie van juridische informatiesystemen kan worden bevorderd door het voorschrijven van kenmerken die de transparantie verhogen maar ook door het zelf ontwikkelen van deze systemen door juristen. Als wetgevers, bestuurders en rechters hun uitspraken direct digitaliseren is bovendien het laatste (technische) obstakel voor het ten volle voldoen aan hun openbaarmakingsverplichtingen weggenomen. 4.3 Regulering die de kans op juridische en technische validiteit van juridische informatiesystemen verhoogt Om de validiteit van juridische informatiesystemen te verhogen kunnen juristen zelf technische hulpmiddelen gaan gebruiken voor het produceren van deze systemen en moeten juristen de voorwaarden stellen waaronder juridische informatiesystemen mogen worden gebruikt. Het produceren van wetgeving, bestuurlijke stukken en jurisprudentie met behulp van informatiesystemen kan de openbaarheid, de transparantie en de kans op juridische en technische validiteit van juridische informatiesystemen verhogen. 3 Ook als in de rechtspraktijk deze belangrijke en grote stap voorlopig niet wordt genomen zal er behoefte zijn aan regulering van de digitalisering van rechtsbronnen en rechtsvinding. Deze regulering van juridische informatiesystemen zal tenminste de volgende onderwerpen moeten omvatten: Het openbaar maken, de vertrouwelijkheid en de transparantie van gedigitaliseerde rechtsbronnen en rechtsvinding 3 Wetgeving, bestuur en rechtspraak (het scheppen van rechtsbronnen) met behulp van juridische informatiesystemen eist op zichzelf regulering. Aan deze behoefte aan regulering wordt in het volgende voorbij gegaan. 172

13 9 Validatie van juridische informatiesystemen Het authentiseren van gedigitaliseerde rechtsbronnen en rechtsvinding Het technisch valideren van gedigitaliseerde rechtsbronnen en rechtsvinding Algemene beginselen van behoorlijk gebruik van juridische informatietechnologie De openbaarmaking van rechtsbronnen is al volledig geregeld. Voor juridische informatiesystemen gelden dezelfde openbaarmakingsverplichtingen als voor papieren rechtsbronnen. De nieuwe technische mogelijkheden brengen bovendien met zich mee dat aan het bestaande stelsel van regels en beginselen een ruimere interpretatie zal moeten worden gegeven. Deze verplichtingen zullen bovendien de rechtsvindingsfuncties van moderne juridische informatiesystemen omvatten. Het motiveringsbeginsel verschaft hiervoor een voldoende argument. Voor de vertrouwelijkheid geldt hetzelfde. De bestaande rechtspraktijk wat betreft anonimisering en bescherming van de privacy kan ongewijzigd worden voortgezet nu er geen financiële en technische obstakels voor geanonimiseerde publicatie meer zijn. Alleen de transparantie van juridische informatiesystemen is nog niet geregeld. Zoals hierboven is gebleken is het goed mogelijk de eisen die aan transparante systemen moeten worden gesteld technisch te omschrijven. Als onderdeel van de regulering van transparantie zou ook de minimale technische scholing moeten worden opgenomen die juristen moeten ontvangen om transparante systemen te kunnen beoordelen. Het garanderen van de authenticiteit van juridische informatiesystemen kan natuurlijk het beste worden gerealiseerd door een wetgever, een bestuur en een rechter die deze systemen zelf uitgeeft. Zolang dit nog niet haalbaar is kan een algemene authentiseringsprocedure worden voorgeschreven waarmee de wetgever, het bestuur en de rechter kenbaar maken dat een niet door hen geproduceerd informatiesysteem juridisch valide is. In een beperkt aantal gevallen zal de eindgebruiker de authenticiteit van juridische informatiesystemen zelf kunnen beoordelen. Voorwaarde daarvoor is dat vermelding van de oorspronkelijke bronnen van juridische kennis verplicht wordt gesteld en dat deze voor de gebruiker toegankelijk zijn. De technische validiteit van juridische informatiesystemen kan worden bevorderd door het opstellen van technische voorschriften waaraan deze systemen moeten voldoen zoals deze hieronder worden besproken. Het is denk- 173

14 C.N.J. de Vey Mestdagh baar dat in een overgangsperiode waarin de technische scholing van juristen nog te kort schiet een overheidsorgaan als deskundig adviseur moet worden ingesteld. Bij voldoende transparantie en technische scholing wordt deze voorziening op termijn overbodig. Het is de vraag of als door regulering en validatie door juristen meer openbare, transparante en juridisch en technisch valide juridische informatiesystemen in de rechtspraktijk zullen worden gebruikt er nog specifieke voorschriften nodig zijn die het behoorlijk gebruik van deze systemen bevorderen. De bestaande voorschriften voor wetgeving, bestuur en rechtspraak zullen dan waarschijnlijk volstaan. Er is echter een andere reden om toch aandacht te besteden aan algemene beginselen van behoorlijk gebruik van juridische informatietechnologie. De wetgever is nog niet toe aan de uitgebreide en technische regulering van juridische informatiesystemen en het voorschrijven van de organisatie die nodig is om het voorgaande te realiseren. Een pragmatische benadering vereist daarom in de komende overgangsperiode beginselen die als richtsnoer voor geschillenbeslechting kunnen dienen. Hiertoe is door Franken 4 een aanzet gegeven in de vorm van algemene beginselen van behoorlijk ICT gebruik. 4.4 Eigenschappen die de kans op technische validiteit van juridische informatiesystemen verhogen Openbaarheid en transparantie zijn de algemene voorwaarden voor validatie van juridische informatiesystemen. Hierboven is de regulering van deze algemene voorwaarden en van het authentiseren, het technisch valideren en het behoorlijk gebruik van deze systemen besproken. Welke zijn nu de te reguleren eigenschappen van juridische informatiesystemen die de kans op technische validiteit verhogen? Deze eigenschappen kunnen worden toegelicht aan de hand van de formele eisen van technische validiteit: volledigheid, betrouwbaarheid en consistentie. 5 4 H. Franken, Juridisch theoretische achtergronden, in: H. Franken, H.W.K. Kaspersen & A.H. de Wild (red.), Recht en Computer, Deventer: Kluwer 1997, p Zie voor een eerdere bespreking vanuit het perspectief van de rechtspraak: C.N.J. de Vey Mestdagh, Kunnen wij kwade automatisering met goede automatisering uitbannen?, Tijdschrift voor de Rechterlijke Macht (Trema) b, p

15 9 Validatie van juridische informatiesystemen Volledigheid betekent dat alle algemeen erkende rechtsbronnen, alle gegevensstructuren van mogelijke casus, en alle regels en functies waarmee feitelijk genomen beslissingen kunnen worden gegenereerd in het juridische informatiesysteem zijn opgenomen. Het vaststellen van volledigheid vereist een systematische methode van acquisitie van juridische kennis vooraf en empirisch onderzoek achteraf waarin een steekproef van actuele uitspraken wordt vergeleken met de uitspraken van het informatiesysteem in gelijke gevallen. Een kenmerk van informatiesystemen dat de kans op volledigheid verhoogt is de garantie van permanent onderhoud. Dit kenmerk kan ook door praktijkjuristen gemakkelijk worden vastgesteld. Betrouwbaarheid betekent dat het systeem geen uitspraken kan opleveren die niet in de rechtspraktijk zouden kunnen worden genomen. Het vaststellen van betrouwbaarheid vereist het vaststellen van de juridische validiteit van alle in het informatiesysteem opgenomen uitspraken uit de rechtsbronnen en het volgens de op onderzoek naar de procedures in de rechtspraktijk gebaseerde specificatie functioneren van het systeem (organisatie- en proceduregetrouwheid). Kenmerken die de kans op betrouwbaarheid vergroten zijn openheid, dynamiek en gelaagdheid van het informatiesysteem. Een open informatiesysteem geeft aan waar zijn kennis ophoudt. Het gebruikt derhalve geen functies die in geval van ontbrekende gegevens of niet te trekken conclusies tot hun ontkenning concluderen (zoals negation by failure) en het werkt niet met standaardwaarden (defaults). De openheid van een informatiesysteem is vrij eenvoudig vast te stellen aan de hand van zijn specificatie en zijn werking in testcasus. Een dynamisch informatiesysteem kan door de eindgebruikers, worden aangepast aan verschillende omstandigheden (verschillende bestuursniveaus, verschillende colleges) en aan wijzigende juridische kennis (tijdsverloop, veranderende inzichten). Een dynamisch systeem is over het algemeen declaratief en niet procedureel van aard. Dit kan worden vastgesteld aan de hand van de specificatie en werking van het systeem. Ook de dynamiek kan onder het kopje onderhoudseisen worden geschaard. Er moet nu echter niet alleen sprake zijn van permanent onderhoud door de leverancier maar ook van de mogelijkheid van onderhoud door de eindgebruiker. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat horizontale en verticale gelaagdheid kenmerkend is voor de toepassing van juridische kennis in de rechtspraktijk. Een betrouwbaar informatiesysteem moet dan ook gelaagd zijn omdat het anders geen model van de rechtspraktijk is. Een horizontaal gelaagd systeem kan verschillende opvattingen 175

16 bevatten en afleiden en daarmee de beslissingsruimte en inconsistenties zichtbaar maken. Hiervoor moet het systeem beschikken over een redeneerprocedure die dit mogelijk maakt (in technische termen een niet-monotoon systeem). 6 Een verticaal gelaagd systeem kent een niveau van verschillende oplossingen voor een juridisch probleem (probleemoplossingsniveau) en een niveau van het beslissen welke oplossing zal worden gekozen (beslissingsniveau). Hiervoor moet het systeem beschikken over de mogelijkheid om beslissingsregels (geldigheidsregels, toepasselijkheidsregels, voorkeursregels) 7 te bevatten en toe te passen. Ook de gelaagdheid kan worden vastgesteld door raadpleging van de specificatie en beschouwing van de werking van het systeem. Het zelf technisch valideren van juridische informatiesystemen aan de hand van hun openheid, hun dynamiek en hun gelaagdheid blijkt voor niet bijzonder technisch onderlegde juristen mogelijk te zijn. De ervaringen met het valideren van dergelijke systemen door rechtenstudenten tonen dit aan. Consistentie betreft zoals eerder beschreven de interne consistentie van door juridische informatiesystemen gegenereerde antwoorden op rechtsvragen, maar niet de externe consistentie. Valide juridische informatiesystemen zullen juist in voorkomende gevallen onderling inconsistente antwoorden op rechtsvragen opleveren omdat dit kenmerkend is voor de rechtspraktijk. Het vereiste van consistentie betekent in dit geval dat deze verschillende opvattingen zichtbaar worden gemaakt. De hierboven omschreven gelaagde systemen voldoen aan dit vereiste. Interne consistentie kan alleen aan de hand van de formele specificatie van een informatiesysteem worden vastgesteld. 5 Conclusies C.N.J. de Vey Mestdagh Het toenemende gebruik van juridische informatiesystemen roept een aantal validatievragen op. Hoe kunnen wij de rechtsgeldigheid en de volledigheid en betrouwbaarheid van de uitspraken van deze systemen vaststellen? De complexiteit en daarmee samenhangende ondoorzichtigheid van deze 6 Zie Hoofdstuk Zie De Vey Mestdagh 1997, p. 48 e.v. (zie noot 2). 176

17 9 Validatie van juridische informatiesystemen systemen en het gebleken misplaatste onvoorwaardelijke vertrouwen in automatisering als deze eenmaal is aanvaard brengen met zich mee dat juristen zich met de beantwoording van deze vragen moeten bezighouden. Het antwoord op deze vragen kan deels worden gevonden in regulering van het gebruik van juridische informatiesystemen en deels in het verschaffen van de mogelijkheden aan juristen deze systemen zelf te valideren. De regels zouden vooral betrekking moeten hebben op het authentiseren, het vooraf technisch valideren en het openbaar maken van juridische informatiesystemen. De mogelijkheden tot validatie door juristen kunnen worden geschapen door het opstellen van technische voorschriften voor juridische informatiesystemen maar ook door technische scholing van juristen. De stand van zaken is echter dat er steeds meer juridische informatiesystemen in de rechtspraktijk worden ingevoerd en dat de validatiemiddelen in de vorm van regulering en onderwijs hier geen gelijke pas mee houden. Het is vrijwel zeker dat geen enkel op dit moment operationeel systeem aan de in dit hoofdstuk beschreven validiteitseisen voldoet. Dit brengt het risico met zich mee dat critici van het gebruik van juridische informatiesystemen gelijk krijgen zonder dat dit de invoering van invalide systemen zal stoppen en zonder dat daartoe de juridische en technische mogelijkheden aanleiding geven. 177

18

Sectie Rechtsinformatica RuG Expertsysteem Milieuvergunningenrecht

Sectie Rechtsinformatica RuG Expertsysteem Milieuvergunningenrecht Sectie Rechtsinformatica RuG Expertsysteem Milieuvergunningenrecht Sectie Rechtsinformatica RuG - Expertsysteem Milieuvergunningenrecht Sectie Rechtsinformatica RuG dr. mr. C.N.J. de Vey Mestdagh Oude

Nadere informatie

Samenvatting. Verkenning Prioriteiten e Justitie

Samenvatting. Verkenning Prioriteiten e Justitie Verkenning Prioriteiten e Justitie De Raad Justitie en Binnenlandse zaken van de EU heeft in november 2008 het eerste Meerjarenactieplan 2009 2013 voor Europese e justitie opgesteld. Op 6 december 2013

Nadere informatie

The Impact of the ECHR on Private International Law: An Analysis of Strasbourg and Selected National Case Law L.R. Kiestra

The Impact of the ECHR on Private International Law: An Analysis of Strasbourg and Selected National Case Law L.R. Kiestra The Impact of the ECHR on Private International Law: An Analysis of Strasbourg and Selected National Case Law L.R. Kiestra Samenvatting Dit onderzoek heeft als onderwerp de invloed van het Europees Verdrag

Nadere informatie

Over Plantinga s argument voor de existentie van een noodzakelijk bestaand individueel ding. G.J.E. Rutten

Over Plantinga s argument voor de existentie van een noodzakelijk bestaand individueel ding. G.J.E. Rutten 1 Over Plantinga s argument voor de existentie van een noodzakelijk bestaand individueel ding G.J.E. Rutten Introductie In dit artikel wil ik het argument van de Amerikaanse filosoof Alvin Plantinga voor

Nadere informatie

DEEL III. Het bestuursprocesrecht

DEEL III. Het bestuursprocesrecht DEEL III Het bestuursprocesrecht Inleiding op deel III In het voorgaande deel is het regelsysteem van art. 48 (oud) Rv besproken voor zover dit relevant was voor art. 8:69 lid 2 en 3 Awb. In dit deel

Nadere informatie

ADVIES. Inleiding. Voorstel. Commentaar. inzake

ADVIES. Inleiding. Voorstel. Commentaar. inzake ADVIES inzake Voorstel van wet van het Tweede-Kamerlid Halsema, houdende verklaring dat er grond bestaat een voorstel in overweging te nemen tot verandering in de Grondwet, strekkende tot invoering van

Nadere informatie

Woord vooraf. Epe, februari 2015. 1 Marten Toonder, Soms verstout ik mij: de zelfkant, de vergelder, Amsterdam: De Bezige Bij 1985.

Woord vooraf. Epe, februari 2015. 1 Marten Toonder, Soms verstout ik mij: de zelfkant, de vergelder, Amsterdam: De Bezige Bij 1985. Woord vooraf De aanleiding om dit boek te schrijven zijn de colleges die ik in de afgelopen jaren in het verplichte vak over rechtsvinding heb gegeven aan juridische bachelorstudenten aan de Hogeschool

Nadere informatie

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten

Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Commissie voor de toegang tot en het hergebruik van bestuursdocumenten Afdeling openbaarheid van bestuur 13 februari 2012 ADVIES 2012-8 met betrekking tot de openbaarheid van voorbereidende documenten

Nadere informatie

Interventie Syrië. Faculteit der Rechtsgeleerdheid Afdeling Internationaal en Europees recht

Interventie Syrië. Faculteit der Rechtsgeleerdheid Afdeling Internationaal en Europees recht Faculteit der Rechtsgeleerdheid Afdeling Internationaal en Europees recht Oudemanhuispoort 4-6 1012 CN Amsterdam Postbus 1030 1000 BA Amsterdam T 020 5252833 Interventie Syrië Datum 29 augustus 2013 Opgemaakt

Nadere informatie

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Ede (Gelderland)

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Ede (Gelderland) Registratienummer Afdeling Ede, 25565 Samenleving en beleid 10 februari Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede; gelet op artikel 18a, van de Participatiewet, artikel 20a van de

Nadere informatie

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder.

het college van bestuur van de Universiteit Leiden, gevestigd te Leiden, verweerder. Zaaknummer: 2008/008 Rechter(s): mrs. Loeb, Lubberdink, Mollee Datum uitspraak: 20 juni 2008 Partijen: appellant tegen college van bestuur van de Universiteit Leiden Trefwoorden: Bijzondere omstandigheden,

Nadere informatie

MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP MINISTERIE VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Nr. WJZ/2005/30013 (3764) (Hoofd) Afdeling DIRECTIE WETGEVING EN JURIDISCHE ZAKEN Nader rapport inzake het voorstel van wet houdende wijziging van de Wet

Nadere informatie

1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon.

1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon. Vastgesteld door de Raad van Bestuur, november 2010 Artikel 1 Begripsbepalingen 1.1 persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerd of identificeerbaar persoon. 1.2 verwerking van persoonsgegevens:

Nadere informatie

Nieuws1010 Onafhankelijke uitgave van Meer1010

Nieuws1010 Onafhankelijke uitgave van Meer1010 29-8-2014 16:22 Juni 2014-4 Stekerend installeren (4) Commentaar op NIEUWSBRIEF NEN 3140 van mei 2014 Stekerend installeren een tijdbom? Inleiding Jay Smeekes, die namens UNETO-VNI lid is van de normcommissie

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting SAMENVATTING

Nederlandse samenvatting SAMENVATTING SAMENVATTING 1. Doelstellingen van het onderzoek Dit onderzoek heeft tot doel om twee belangrijke wetten uit het Nederlandse familierecht te evalueren, de Wet openstelling huwelijk en de Wet geregistreerd

Nadere informatie

De elektronische handtekening en de Dienstenrichtlijn De elektronische handtekening Wat zegt een elektronische handtekening?

De elektronische handtekening en de Dienstenrichtlijn De elektronische handtekening Wat zegt een elektronische handtekening? De en de Dienstenrichtlijn Deze factsheet behandelt de Dit is een middel om te kunnen vertrouwen op berichten en transacties. Op 28 december 2009 moet in alle EU-lidstaten de Dienstenrichtlijn zijn ingevoerd.

Nadere informatie

ons kenmerk ECGR/U201301490 Lbr. 13/100

ons kenmerk ECGR/U201301490 Lbr. 13/100 Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad informatiecentrum tel. (070) 373 8393 betreft Modelverordening elektronische kennisgeving uw kenmerk ons kenmerk ECGR/U201301490 Lbr. 13/100 bijlage(n)

Nadere informatie

Zaak T-205/99. Hyper Srl tegen Commissie van de Europese Gemeenschappen

Zaak T-205/99. Hyper Srl tegen Commissie van de Europese Gemeenschappen Zaak T-205/99 Hyper Srl tegen Commissie van de Europese Gemeenschappen Douanerechten Invoer van televisietoestellen uit India Ongeldige certificaten van oorsprong Verzoek tot kwijtschelding van invoerrechten

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies

Algemene Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies Algemene Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies Artikel 1 Toepasselijkheid 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn vastgesteld door het bestuur van de Nederlandse Vereniging van Journalisten

Nadere informatie

het College bescherming persoonsgegevens, gevestigd in Den Haag, te dezen vertegenwoordigd door de voorzitter, hierna te noemen: het CBP

het College bescherming persoonsgegevens, gevestigd in Den Haag, te dezen vertegenwoordigd door de voorzitter, hierna te noemen: het CBP Samenwerkingsovereenkomst tussen het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het College bescherming persoonsgegevens met het oog op de uitvoering van de zelfevaluatie BRP door gemeenten

Nadere informatie

INTERNATIONAL STANDARD ON AUDITING (ISA)

INTERNATIONAL STANDARD ON AUDITING (ISA) INTERNATIONAL STANDARD ON AUDITING (ISA) ISA 720, DE VERANTWOORDELIJKHEDEN VAN DE AUDITOR MET BETREKKING TOT ANDERE INFORMATIE IN DOCUMENTEN WAARIN GECONTROLEERDE FINANCIËLE OVERZICHTEN ZIJN OPGENOMEN

Nadere informatie

Nederlands Instituut van Psychologen 070-8888500. inzagerecht testgegevens

Nederlands Instituut van Psychologen 070-8888500. inzagerecht testgegevens POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Nederlands Instituut van Psychologen

Nadere informatie

No.W03.12.0197/II 's-gravenhage, 16 juli 2012

No.W03.12.0197/II 's-gravenhage, 16 juli 2012 ... No.W03.12.0197/II 's-gravenhage, 16 juli 2012 Bij Kabinetsmissive van 18 juni 2012, no.12.001344, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Veiligheid en Justitie, bij de Afdeling advisering

Nadere informatie

Eindexamen filosofie vwo 2011 - I

Eindexamen filosofie vwo 2011 - I Beoordelingsmodel Opgave 1 Het bestaan van God en het voortbestaan van religie 1 maximumscore 3 een uitleg hoe het volgens Anselmus mogelijk is dat Pauw en Witteman het bestaan van God ontkennen: het zijn

Nadere informatie

Klachtenregeling. Directeur De directeur van Pool Management & Organisatie b.v.

Klachtenregeling. Directeur De directeur van Pool Management & Organisatie b.v. Klachtenregeling Inleiding Klachtenregeling Pool Management Academy inzake cursussen, trainingen, opleidingen, coaching of begeleidingstrajecten, uitgevoerd door Pool Management Academy in opdracht van

Nadere informatie

Uitbrengen van de rapportage Aanbevelingen voor psychiaters en psychologen pj rapporteurs. 1. Informatieplicht

Uitbrengen van de rapportage Aanbevelingen voor psychiaters en psychologen pj rapporteurs. 1. Informatieplicht Uitbrengen van de rapportage Aanbevelingen voor psychiaters en psychologen pj rapporteurs 1. Informatieplicht De NIP code (2007) is hierin duidelijk. Bij het aangaan van de professionele relatie dient

Nadere informatie

B E L A N G E N B E H A R T I G I N G L E D E N O M / Z M K W A L I T E I T R E C H T S P R A A K

B E L A N G E N B E H A R T I G I N G L E D E N O M / Z M K W A L I T E I T R E C H T S P R A A K Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak De minister van Justitie Mr. E.M.H. Hirsch Ballin Postbus 20301 2500 GH Den Haag Datum: 3 mei 2010 Ons kenmerk: B2.1.10/1793/RO Uw kenmerk: 5645121/10/6 Onderwerp:

Nadere informatie

voorstel aan dagelijks bestuur Onderwerp Besluiten per bekend maken

voorstel aan dagelijks bestuur Onderwerp Besluiten per  bekend maken voorstel aan dagelijks bestuur routing met data: overleg portefeuillehouder : 16-12-2010 dagelijks bestuur : 18-01-2011 commissie wb : commissie bcwvm : algemeen bestuur : steller : mr. Geert Vogels MMO

Nadere informatie

NRGD Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen

NRGD Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen NRGD Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen Het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen (NRGD) vergroot het vertrouwen in de Nederlandse rechtspraak door het waarborgen van een constante hoge

Nadere informatie

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige

De Minister van Veiligheid en Justitie. Postbus 20301 2500 EH Den Haag. Advies wetsvoorstel toevoegen gegevens aan procesdossier minderjarige POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Juliana van Stolberglaan 4-10 TEL 070-88 88 500 FAX 070-88 88 501 INTERNET www.cbpweb.nl www.mijnprivacy.nl AAN De Minister van Veiligheid en Justitie

Nadere informatie

Vertrouwende Partij Voorwaarden UZI-register

Vertrouwende Partij Voorwaarden UZI-register Vertrouwende Partij Voorwaarden UZI-register Het UZI-register koppelt op unieke wijze de fysieke identiteit aan een elektronische identiteit en legt deze vast in een certificaat. Hierbij maakt het UZI-register

Nadere informatie

Voorlopig oordeel inzake interconnectie

Voorlopig oordeel inzake interconnectie Contactpersoon Ons kenmerk Uw kenmerk Doorkiesnummer OPTA/IBT/2003/203596 Datum Onderwerp Bijlage(n) Interconnectieplicht Voorlopig oordeel inzake interconnectie Het college van de Onafhankelijke Post

Nadere informatie

INTERNATIONAL STANDARD ON AUDITING 560 GEBEURTENISSEN NA DE EINDDATUM VAN DE PERIODE

INTERNATIONAL STANDARD ON AUDITING 560 GEBEURTENISSEN NA DE EINDDATUM VAN DE PERIODE INTERNATIONAL STANDARD ON AUDITING 560 GEBEURTENISSEN NA DE EINDDATUM VAN DE PERIODE INHOUDSOPGAVE Paragraaf Inleiding... 1-3 Definities... 4 Gebeurtenissen die zich vóór de datum van de controleverklaring

Nadere informatie

Eerste uitwerking strategisch thema 'Betrouwbare digitale informatie is de basis'

Eerste uitwerking strategisch thema 'Betrouwbare digitale informatie is de basis' Eerste uitwerking strategisch thema 'Betrouwbare digitale informatie is de basis' versie 30 augustus 2013 De beschikbaarheid van betrouwbare digitale overheidsinformatie is de basis voor het goed kunnen

Nadere informatie

Faculteit Economie en Management Opleiding HBO-Rechten AFSTUDEEROPDRACHT (AOD) BEOORDELINGSFORMULIER VERDEDIGINGSWAARDIGHEID. studiejaar

Faculteit Economie en Management Opleiding HBO-Rechten AFSTUDEEROPDRACHT (AOD) BEOORDELINGSFORMULIER VERDEDIGINGSWAARDIGHEID. studiejaar Faculteit Economie en Management Opleiding HBO-Rechten AFSTUDEEROPDRACHT (AOD) BEOORDELINGSFORMULIER VERDEDIGINGSWAARDIGHEID studiejaar 2013-2014 Naam student Studentnummer Titel AOD Datum 1 Competenties

Nadere informatie

Datum 11 februari 2015 Vragen van het lid Bisschop (SGP) over de samenwerking tussen ROC Amsterdam en ROC Flevoland

Datum 11 februari 2015 Vragen van het lid Bisschop (SGP) over de samenwerking tussen ROC Amsterdam en ROC Flevoland >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA..DEN HAAG Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

Besluit tot openbaarmaking

Besluit tot openbaarmaking Besluit als bedoeld in artikel 8 van de Wet openbaarheid van bestuur Zaak: OB/001 Kenmerk: 00.061.063 Openbaarmaking onder kenmerk: Besluit tot openbaarmaking Besluit tot openbaarmaking van de besluiten

Nadere informatie

Examenprogramma natuurkunde havo

Examenprogramma natuurkunde havo Bijlage 1 Examenprogramma natuurkunde havo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden

Nadere informatie

Artikel 63 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen

Artikel 63 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen Memo Van prof. Mr. Ch.P.A. Geppaart Onderwerp Artikel 63 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen 1. Via het hoofd van de afdeling Directe belastingen van het Ministerie van Financiën ontving ik Uw

Nadere informatie

Context Informatiestandaarden

Context Informatiestandaarden Context Informatiestandaarden Inleiding Om zorgverleners in staat te stellen om volgens een kwaliteitsstandaard te werken moeten proces, organisatie en ondersteunende middelen daarop aansluiten. Voor ICT-systemen

Nadere informatie

Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door verzekeringstussenpersonen

Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door verzekeringstussenpersonen EIOPA(BoS(13/164 NL Richtsnoeren voor de behandeling van klachten door verzekeringstussenpersonen EIOPA WesthafenTower Westhafenplatz 1 60327 Frankfurt Germany Phone: +49 69 951119(20 Fax: +49 69 951119(19

Nadere informatie

Leidraad bij het sjabloon onderzoeksvoorstel Masterscriptie Deel I

Leidraad bij het sjabloon onderzoeksvoorstel Masterscriptie Deel I Leidraad bij het sjabloon onderzoeksvoorstel Masterscriptie Deel I Deze leidraad heeft tot doel om studenten uitleg te geven bij het opmaken van hun onderzoeksvoorstel voor de masterscriptie. Er wordt

Nadere informatie

Met het oog op uw vragen en kritiek zijn kort samengevat mijn conclusies de volgende:

Met het oog op uw vragen en kritiek zijn kort samengevat mijn conclusies de volgende: Geachte mevrouw Stembor, U heeft mij een aantal stellingen/vragen voorgelegd. Ik heb daaruit opgemaakt dat u kritiek heeft op de onduidelijkheid over de verhouding tussen de Wbtv en de wet van 8 mei 1878,

Nadere informatie

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar

Alleen ter besluitvorming door het College. Collegevoorstel Openbaar Openbaar Onderwerp Beslissingen op bezwaar gericht tegen last onder dwangsom Regentessestraat 3 Programma / Programmanummer Ruimte & Cultuurhistorie / 1031 BW-nummer D12.871468 Portefeuillehouder H. Kunst

Nadere informatie

Door: Commissie Wetsvoorstellen van het Register Belastingadviseurs

Door: Commissie Wetsvoorstellen van het Register Belastingadviseurs Commentaar op het wetsvoorstel Openbaarheid belastingrechtspraak Door: Commissie Wetsvoorstellen van het Register Belastingadviseurs Op 14 maart 2011 heeft het ministerie van Financiën het wetsvoorstel

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 11101 6 juni 2012 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 28 april 2012, nr. VO/389632, houdende

Nadere informatie

Rapport. Rapport over een klacht over de directeur van Bureau Jeugdzorg Zuid-Holland. Datum: 4 augustus 2011. Rapportnummer: 2011/233

Rapport. Rapport over een klacht over de directeur van Bureau Jeugdzorg Zuid-Holland. Datum: 4 augustus 2011. Rapportnummer: 2011/233 Rapport Rapport over een klacht over de directeur van Bureau Jeugdzorg Zuid-Holland. Datum: 4 augustus 2011 Rapportnummer: 2011/233 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de directeur van Bureau Jeugdzorg

Nadere informatie

5 havo Nederlands mevr. Rozendaal. Leesvaardigheid examenvoorbereidingen

5 havo Nederlands mevr. Rozendaal. Leesvaardigheid examenvoorbereidingen naam: Leesvaardigheid examenvoorbereidingen Opdracht: vul de juiste begrippen in op de lege plekken. Je kunt kiezen uit: acceptatie afhankelijk belanghebbend beschouwing betrouwbare deskundige discussiant

Nadere informatie

Computercommunicatie B: Informatiesystemen

Computercommunicatie B: Informatiesystemen Computercommunicatie B: Informatiesystemen Markus Egg Rijksuniversiteit Groningen Voorjaar 2007 Introductie: doelen van de cursus definitie van informatiesystemen voorbeelden van informatiesystemen klassieke

Nadere informatie

Na overleg met de gerechten, adviseert de Raad als volgt. 1

Na overleg met de gerechten, adviseert de Raad als volgt. 1 De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Dr. R.H.A. Plasterk Postbus 20011 2500 EA Den Haag bezoekadres Kneuterdijk 1 2514 EM Den Haag correspondentieadres Postbus 90613 2509 LP Den Haag

Nadere informatie

NBA handreiking xxxx. Opdrachten uitgevoerd ter ondersteuning van een standpunt bij (potentiële) geschillen 7 oktober 2013

NBA handreiking xxxx. Opdrachten uitgevoerd ter ondersteuning van een standpunt bij (potentiële) geschillen 7 oktober 2013 NBA handreiking xxxx een standpunt bij (potentiële) geschillen 7 oktober 2013 Consultatieperiode loopt tot 15 november 2013 NBA-handreiking xxxx NBA-handreiking nr. Van toepassing op: Onderwerp een standpunt

Nadere informatie

31 mei 2012 z2012-00245

31 mei 2012 z2012-00245 De Staatssecretaris van Financiën Postbus 20201 2500 EE DEN HAAG 31 mei 2012 26 maart 2012 Adviesaanvraag inzake openbaarheid WOZwaarde Geachte, Bij brief van 22 maart 2012 verzoekt u, mede namens de Minister

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Probleemstelling en hypotheses

Samenvatting. 1. Probleemstelling en hypotheses Samenvatting 1. Probleemstelling en hypotheses Doel van het onderzoek was na te gaan in hoeverre kenmerken van wetgeving die worden geacht de voorspelbaarheid van het overheidsgedrag te bernvloeden, effect

Nadere informatie

Paraplubestemmingsplan herziening begripsbepaling Peil

Paraplubestemmingsplan herziening begripsbepaling Peil Nota van Beantwoording Ontvangen n en beantwoording van n op Paraplubestemmingsplan herziening begripsbepaling Peil Amstelveen, juni 2014 Nota van beantwoording Paraplubestemmingsplan herziening begripsbepaling

Nadere informatie

Rapport. Datum: 1 juli 1998 Rapportnummer: 1998/258

Rapport. Datum: 1 juli 1998 Rapportnummer: 1998/258 Rapport Datum: 1 juli 1998 Rapportnummer: 1998/258 2 Klacht Op 10 oktober 1997 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer D. te Heemstede, met een klacht over een gedraging van de Huurcommissie

Nadere informatie

Beoordelingsformulier Proeve van Bekwaamheid 2 (Rol Ontwerper) 3.12

Beoordelingsformulier Proeve van Bekwaamheid 2 (Rol Ontwerper) 3.12 Beoordelingsformulier Proeve van Bekwaamheid 2 (Rol Ontwerper) 3.12 Naam student: Studentnummer: Naam beoordelende docent: Datum: Toets code Osiris: Algemene eisen (voor een voldoende beoordeling van het

Nadere informatie

artikel 40, eerste en tweede lid van de Archiefwet 1995 en artikel 36 van de gemeenschappelijke regeling RUD Utrecht

artikel 40, eerste en tweede lid van de Archiefwet 1995 en artikel 36 van de gemeenschappelijke regeling RUD Utrecht Archiefverordening RUD Utrecht 2014 Het algemeen bestuur van de RUD Utrecht gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van RUD Utrecht Gelet op: artikel 40, eerste en tweede lid van de Archiefwet 1995

Nadere informatie

Deze centrale vraag leidt tot de volgende deelvragen, die in het onderzoek beantwoord zullen worden.

Deze centrale vraag leidt tot de volgende deelvragen, die in het onderzoek beantwoord zullen worden. Aan: Gemeenteraad van Druten Druten, 27 juli 2015 Geachte voorzitter en leden van de gemeenteraad, In de eerste rekenkamerbrief van 2015 komt inkoop en aanbesteding aan bod. Dit onderwerp heeft grote relevantie,

Nadere informatie

Schriftelijke vragen. Inleiding door vragenstelster.

Schriftelijke vragen. Inleiding door vragenstelster. Gemeenteraad Schriftelijke vragen Jaar 2014 Datum akkoord college van b&w van 2 december 2014 Publicatiedatum 5 december 2014 Onderwerp Beantwoording schriftelijke vragen van het raadslid mevrouw M.D.

Nadere informatie

Datum van inontvangstneming : 14/06/2013

Datum van inontvangstneming : 14/06/2013 Datum van inontvangstneming : 14/06/2013 Vertaling C-258/13-1 Zaak C-258/13 Verzoek om een prejudiciële beslissing Datum van indiening: 13 mei 2013 Verwijzende rechter: Varas Cíveis de Lisboa (Portugal)

Nadere informatie

Privacy aspecten van apps

Privacy aspecten van apps Privacy aspecten van apps mr. Peter van der Veen Senior juridisch adviseur e: vanderveen@considerati.com t : @pvdveee Over Considerati Considerati is een juridisch adviesbureau gespecialiseerd in ICT-recht

Nadere informatie

PUBLICATIE NIEUWE NEN 3569; Wat zijn bouwbreed de gevolgen?

PUBLICATIE NIEUWE NEN 3569; Wat zijn bouwbreed de gevolgen? PUBLICATIE NIEUWE NEN 3569; Wat zijn bouwbreed de gevolgen? Bij het ter perse gaan van deze tweede nieuwsbrief ligt de ontwerp NEN 3569, handelend over vlakglas voor gebouwen, voor commentaar ter inzage.

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies. Artikel 1 Toepasselijkheid

Algemene Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies. Artikel 1 Toepasselijkheid Algemene Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies Artikel 1 Toepasselijkheid 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn vastgesteld door het bestuur van de Nederlandse Vereniging van Journalisten

Nadere informatie

Wijze waarop de NTTB invulling geeft aan het Toetsreglement Sport

Wijze waarop de NTTB invulling geeft aan het Toetsreglement Sport Wijze waarop de NTTB invulling geeft aan het Toetsreglement Sport Dit document is gebaseerd op het Toetsingsreglement Sport, waarvan het model is vastgesteld door de Algemene leden vergadering van NOC*NSF

Nadere informatie

Kern van het bestuursrecht

Kern van het bestuursrecht Kern van het bestuursrecht prof. mr. RJ.N. Schlösseis prof. mr. F.A.M. Stroink met medewerking van mr. C.L.G.RH. Albers mr. S. Hillegers Boom Juridische uitgevers Den Haag 2003 Inhoud Afkortingen 13 1

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2001 2002 26 732 Algehele herziening van de Vreemdelingenwet (Vreemdelingenwet 2000) Nr. 98 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE Aan de Voorzitter

Nadere informatie

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op:

2. In het arrest van 20 september 2001 heeft het Hof uitspraak gedaan over twee prejudiciële vragen die respectievelijk betrekking hadden op: Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 11 juni 2002 (26.06) (OR. fr) PUBLIC 9893/02 Interinstitutioneel dossier: 2001/0111 (COD) LIMITE 211 MI 108 JAI 133 SOC 309 CODEC 752 BIJDRAGE VAN DE IDISCHE

Nadere informatie

DISCLAIMER. Pagina 1 van 5. verkoop van registergoederen van de Stichting Kenter Jeugdhulp DE ONDERGETEKENDE(N):

DISCLAIMER. Pagina 1 van 5. verkoop van registergoederen van de Stichting Kenter Jeugdhulp DE ONDERGETEKENDE(N): Pagina 1 van 5 DE ONDERGETEKENDE(N): DISCLAIMER verkoop van registergoederen van de Stichting Kenter Jeugdhulp Naam rechtspersoon: Plaats statutaire zetel: Kantooradres: Nummer Kamer van Koophandel: e-mailadres:

Nadere informatie

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Vlaamse Regering Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid Afdeling Kanselarij Boudewijnlaan 30, bus 20 1000 Brussel

Nadere informatie

Gedragscode Privacy RRS

Gedragscode Privacy RRS Gedragscode ten behoeve van ritregistratiesystemen Gedragscode Privacy RRS Onderdeel van het Keurmerk RitRegistratieSystemen van de Stichting Keurmerk Ritregistratiesystemen (SKRRS) 7 november 2013 1 Inhoud

Nadere informatie

Legal Intelligence, een nieuwe dienst voor juristen

Legal Intelligence, een nieuwe dienst voor juristen Legal Intelligence, een nieuwe dienst voor juristen Vanaf 30 maart 2004 is Legal Intelligence als commerciële dienst beschikbaar voor een breed publiek. Maar waarom zou men eigenlijk moeten overwegen een

Nadere informatie

RECHTSORDE LOKAAL Het kantoorbrede contentintegratiesysteem. Het Overleg Februari 2007

RECHTSORDE LOKAAL Het kantoorbrede contentintegratiesysteem. Het Overleg Februari 2007 RECHTSORDE LOKAAL Het kantoorbrede contentintegratiesysteem Het Overleg Februari 2007 Inhoud van de presentatie Introductie C-CONTENT Introductie Rechtsorde Ontwikkelaar en toeleverancier van informatieontsluitingstechnologie

Nadere informatie

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst AAN: De Centrales van Overheidspersoneel, toegelaten tot het Sectoroverleg Rijkspersoneel De Voorzitter van het Sectoroverleg Rijkspersoneel Bijlagen 1 AAC/92.064

Nadere informatie

Samenwerken en elkaar begrijpen

Samenwerken en elkaar begrijpen Samenwerken en elkaar begrijpen over semantische interoperabiliteit Forum Standaardisatie Minder lasten, meer efficiëntie en een betere dienstverlening aan burgers en bedrijven. Door slimme ICT oplossingen.

Nadere informatie

Raad voor Accreditatie (RvA) Accreditatie van monsterneming

Raad voor Accreditatie (RvA) Accreditatie van monsterneming Raad voor Accreditatie (RvA) Accreditatie van monsterneming Documentcode: RvA-T021-NL Versie 3, 27-2-2015 Een RvA-Toelichting beschrijft het beleid en/of de werkwijze van de RvA met betrekking tot een

Nadere informatie

Kwaliteitscommissie TMI

Kwaliteitscommissie TMI Kwaliteitscommissie TMI Doel TMI is opgericht om commercieel vastgoed taxaties op een kwalitatief hoger niveau te brengen. Speerpunten zijn de kwaliteit van taxaties als wel de competenties van de taxateurs.

Nadere informatie

CM01-025 Utrecht, 23 oktober 2001. Betreft: implementatie Richtlijn 2001/55 inzake tijdelijke bescherming van ontheemden

CM01-025 Utrecht, 23 oktober 2001. Betreft: implementatie Richtlijn 2001/55 inzake tijdelijke bescherming van ontheemden Permanente commissie Secretariaat van deskundigen in internationaal vreemdelingen-, telefoon 31 (30) 297 42 14/43 28 telefax 31 (30) 296 00 50 e-mail cie.meijers@forum.nl postbus 201, 3500 AE Utrecht/Nederland

Nadere informatie

Gedragscode Privacy RRS

Gedragscode Privacy RRS Gedragscode ten behoeve van ritregistratiesystemen Gedragscode Privacy RRS Onderdeel van het Keurmerk RitRegistratieSystemen van de Stichting Keurmerk Ritregistratiesystemen (SKRRS) Versie no 4: 1 juli

Nadere informatie

Auteur. Elfri De Neve. www.elfri.be. Onderwerp. Echtscheiding in gemeen akkoord. Copyright and disclaimer

Auteur. Elfri De Neve. www.elfri.be. Onderwerp. Echtscheiding in gemeen akkoord. Copyright and disclaimer Auteur Elfri De Neve www.elfri.be Onderwerp Echtscheiding in gemeen akkoord Copyright and disclaimer Gelieve er nota van te nemen dat de inhoud van dit document onderworpen kan zijn aan rechten van intellectuele

Nadere informatie

KLOKKENLUIDERSREGELING. Stichting Surplus en Stichting Samenwerkingsschool Slootdorp. Juridische grondslag. Definities. Procedure

KLOKKENLUIDERSREGELING. Stichting Surplus en Stichting Samenwerkingsschool Slootdorp. Juridische grondslag. Definities. Procedure KLOKKENLUIDERSREGELING Stichting Surplus en Stichting Samenwerkingsschool Slootdorp Juridische grondslag Het College van Bestuur van Stichting Surplus hecht veel waarde aan Good Governance: optimalisering

Nadere informatie

MOTIVERING CASSATIEBEROEPSCHRIFT

MOTIVERING CASSATIEBEROEPSCHRIFT MOTIVERING CASSATIEBEROEPSCHRIFT Cassatiemiddelen Schending van het recht, in het bijzonder doel en strekking van artikel 16 lid 2 letter c van de Algemene Wet Rijksbelastingen (hierna ook: I6,2,c AWR),

Nadere informatie

Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies

Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies Voorwaarden NVJ voor rechtsbijstand en juridisch advies Artikel 1 Toepasselijkheid 1.1 Deze voorwaarden zijn vastgesteld door het bestuur van de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ). 1.2 Alle

Nadere informatie

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 720 ANDERE GEGEVENS IN DOCUMENTEN WAARIN DE GECONTROLEERDE FINANCIELE OVERZICHTEN ZIJN OPGENOMEN

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 720 ANDERE GEGEVENS IN DOCUMENTEN WAARIN DE GECONTROLEERDE FINANCIELE OVERZICHTEN ZIJN OPGENOMEN INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 720 ANDERE GEGEVENS IN DOCUMENTEN WAARIN DE GECONTROLEERDE FINANCIELE OVERZICHTEN ZIJN OPGENOMEN INHOUDSOPGAVE Paragrafen Inleiding... 1-8 Het beschikbaar komen van andere

Nadere informatie

COMMENTAAR OP HET WETSVOORSTEL BEVORDERING VAN MEDIATION IN HET BURGERLIJK RECHT VAN 25 APRIL 2013

COMMENTAAR OP HET WETSVOORSTEL BEVORDERING VAN MEDIATION IN HET BURGERLIJK RECHT VAN 25 APRIL 2013 COMMENTAAR OP HET WETSVOORSTEL BEVORDERING VAN MEDIATION IN HET BURGERLIJK RECHT VAN 25 APRIL 2013 9 MEI 2013 Herengracht 551 Contactpersoon: 1017 BW Amsterdam Ellen Soerjatin T 020 530 5200 E ellen.soerjatin@steklaw.com

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 11699 8 juni 2012 Rectificatie Examenprogramma natuurkunde vwo van 28 april 2012, kenmerk VO2012/389632 In de regeling

Nadere informatie

Korte scriptiehandleiding

Korte scriptiehandleiding Korte scriptiehandleiding Inhoudsopgave 1. Inleiding...2 2. Het onderwerp...2 3. De probleemstelling...3 4. De relatie tussen probleemstelling en tekststructuur...5 5. Toepassingen op juridisch gebied...7

Nadere informatie

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies

COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN. CBN-advies Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies COMMISSIE VOOR BOEKHOUDKUNDIGE NORMEN Omrekening van kapitaal bij grensoverschrijdende fusies Advies van 16 december 2009 I. INLEIDING De Belgische wetgever heeft de grensoverschrijdende fusie, voorzien

Nadere informatie

Ingezonden bijdrage; De kruimelvergunning en het begrip stedelijk ontwikkelingsproject: voorstel tot een praktische toetsingsmaatstaf

Ingezonden bijdrage; De kruimelvergunning en het begrip stedelijk ontwikkelingsproject: voorstel tot een praktische toetsingsmaatstaf Actualiteiten Bouwrecht Nieuws Ingezonden bijdrage; De kruimelvergunning en het begrip stedelijk ontwikkelingsproject: voorstel tot een praktische toetsingsmaatstaf Publicatiedatum: 24-11-2016 En weer

Nadere informatie

Leidraad 20 Accountantsrapportage over de bestuurlijke mededeling bij een aanvraag van het predicaat Koninklijk en Hofleverancier

Leidraad 20 Accountantsrapportage over de bestuurlijke mededeling bij een aanvraag van het predicaat Koninklijk en Hofleverancier Leidraad 20 Accountantsrapportage over de bestuurlijke mededeling bij een aanvraag van het predicaat Koninklijk en Hofleverancier Titel Leidraad Accountantsrapportage over de bestuurlijke mededeling bij

Nadere informatie

3. Een norm voor valide examenproducten norm voor valide examenproducten cesuur exameninstrumentarium

3. Een norm voor valide examenproducten norm voor valide examenproducten cesuur exameninstrumentarium Dit document is een onderdeel uit het advies Drie routes naar een valide examenproduct van mei 2016. De uitwerking van het advies vindt plaats vanaf augustus 2016 door de hiervoor aangestelde kwartiermaker

Nadere informatie

ENERGIEKAMER. Atoomstroom B.V. Informele zienswijze: SWAP-methode bij stroometikettering. Geachte,

ENERGIEKAMER. Atoomstroom B.V. Informele zienswijze: SWAP-methode bij stroometikettering. Geachte, ENERGIEKAMER Aan Atoomstroom B.V. Datum Uw kenmerk Ons kenmerk Bijlage(n) 1 Onderwerp Informele zienswijze: SWAP-methode bij stroometikettering Geachte, U heeft de Energiekamer van de Nederlandse Mededingingsautoriteit

Nadere informatie

Vanuit de Wlz afmaken van behandeltraject met verblijf (vanwege combinatie licht verstandelijke handicap en gedragsproblemen)

Vanuit de Wlz afmaken van behandeltraject met verblijf (vanwege combinatie licht verstandelijke handicap en gedragsproblemen) Onderwerp Type interventie Standpunt/advies in het kader van Advies/standpunt Betrokken commissie Vanuit de Wlz afmaken van behandeltraject met verblijf (vanwege combinatie licht verstandelijke handicap

Nadere informatie

IORE-1AR (Inleiding Ondernemingsrecht) IORE-1AE (Economie voor Juristen) IORE-1AR: de heer mr. S. Boelens IORE-1AE: de heer R.

IORE-1AR (Inleiding Ondernemingsrecht) IORE-1AE (Economie voor Juristen) IORE-1AR: de heer mr. S. Boelens IORE-1AE: de heer R. Algemene informatie Titel OWE Code OWE Onderdelen Eigenaar OWE Inleiding Ondernemingsrecht IORE IORE-1AR (Inleiding Ondernemingsrecht) IORE-1AE (Economie voor Juristen) IORE-1AR: de heer mr. S. Boelens

Nadere informatie

3 Rechtsvinding in procesrechtelijk perspectief 53

3 Rechtsvinding in procesrechtelijk perspectief 53 Inhoud Inleiding 15 2 De staatsrechtelijke positie van de rechter 21 2.1 Het begrip rechtsvinding 21 2.2 Verband tussen recht en rechtvaardigheid 22 2.3 Het primaat van de wet 24 2.4 Drie staatstypen en

Nadere informatie

Commissie van Advies bezwaren functiewaardering Politie

Commissie van Advies bezwaren functiewaardering Politie Functie : Senior Medewerker Technische Observatie Schaal ingedeeld : schaal 8 gevraagd : schaal 9 Dossier: 13.38 Uitspraak: 2013 Argumenten van het bevoegd gezag en de ambtenaar Samengevat komen de argumenten

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol CBP-IGZ

Samenwerkingsprotocol CBP-IGZ Samenwerkingsprotocol CBP-IGZ Afspraken tussen het College bescherming persoonsgegevens en de Inspectie voor de gezondheidszorg over de wijze van samenwerking bij het toezicht op de naleving van de bepalingen

Nadere informatie

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen.

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen. Reactie op de brief van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) inzake het wetsvoorstel tot wijziging van Boek 7, titel 10, van het Burgerlijk Wetboek in verband met het limiteren van de hoogte van de

Nadere informatie

WHOIS-beleid.eu-domeinnamen v.1.0. WHOIS-beleid.eu-domeinnamen

WHOIS-beleid.eu-domeinnamen v.1.0. WHOIS-beleid.eu-domeinnamen DEFINITIES De termen zoals gedefinieerd in de Bepalingen en voorwaarden en/of de.eu- Regels voor geschillenbeslechting worden in dit document gebruikt en geschreven met een hoofdletter. PARAGRAAF 1. PRIVACYBELEID

Nadere informatie

Welzijn, Educatie en Zorg. telefoon (0184)

Welzijn, Educatie en Zorg. telefoon (0184) Boeteverordening Wet Inburgering nieuwkomers Sliedrecht Verantwoordelijke afdeling Welzijn, Educatie en Zorg. telefoon (0184) 495885 De getoonde verordeningen zijn een weergave van de actuele situatie.

Nadere informatie

Reglement bezwaar en beroep Ingangsdatum en versie: 26 september 2013

Reglement bezwaar en beroep Ingangsdatum en versie: 26 september 2013 Reglement bezwaar en beroep Ingangsdatum en versie: 26 september 2013 Dit reglement, volledig genaamd Reglement Bezwaar- en Beroepsprocedures Kwaliteitsregister Tandartsen is onderhevig aan de statuten

Nadere informatie