Opleidingsstatuut. Logistiek en Economie Voltijd (Deel A) studiejaar

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Opleidingsstatuut. Logistiek en Economie Voltijd (Deel A) studiejaar 2014-2015"

Transcriptie

1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie Voltijd (Deel A) studiejaar Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

2 Inhoud Deel 1: Onderwijs aan de HAN... 6 Inleiding... 6 Algemene bepalingen... 6 Lesdagen en vakanties... 7 Studiekeuzecheck Uitgangspunten van het onderwijs De opbouw van de opleidingen Tentamens en examens Kwaliteitszorg Organisatiestructuur van de HAN Deel 2A: Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en examenregeling Logistiek en Economie Paragraaf 1 Algemene bepalingen Paragraaf 2 Toelating tot de opleiding Paragraaf 3 Opbouw van de opleiding Paragraaf 4 Propedeutische fase van de opleiding Paragraaf 5 Studieadvies in de propedeutische fase van de opleiding Paragraaf 6 Postpropedeutische fase van de opleiding Paragraaf 7 Tentamens, integrale toetsen en examens van de opleiding Paragraaf 7a Schakelprogramma s Paragraaf 7b Landelijke afspraken basiskennis Paragraaf 8 Examencommissie en examinatoren Paragraaf 9 Studieloopbaanbegeleiding Paragraaf 10 Judicium Abeundi Paragraaf 11 Slotbepalingen Bijlagen Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage 6a Bijlage 6b Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Bijlage Reglement examencommissies (BA-AD) Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

3 Reglement opleidingscommissie Logistiek en Economie Deel 3: Studiegids Voorwoord... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 1 Visie op het onderwijs... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 2 De opbouw van Logistiek en Economie Domein Logistiek en Facility Management De BBA-standaard Beroepen waarvoor Logistiek en Economie opleidt Beroepstaken logisticus Samenhang logistieke competentie, beroepsrollen, deelcompetenties en context in de beroepssituaties Eindkwalificaties opleiding Logistiek en Economie van de HAN Inrichting van de opleiding Logistiek en Economie Uitgangspunten Inrichting van het onderwijs De propedeuse De hoofdfase Toetsen in de opleiding Logistiek en Economie Plagiaat Bronvermeldingen Ephorus Curriculum per cohort (volgorde clusters) De stage en de stagedrempel De afstudeeropdracht en afstudeerdrempel De minoren Kiezen voor een tweede taal Studeren in het buitenland in de minorfase Studieloopbaanbegeleiding Lectoren en gastsprekers Studeren in het buitenland Studiewisselpunt FEM Veranderen van opleidingsvariant Klachtenregeling Wegwijs in LE Toevoeging aan het examenreglement Logistiek en Economie Tentamens en inzage Bepaling van de eindcijfers van onderwijseenheden Alluris vervangt HAN-SIS Beschrijving onderwijseenheden Deel 4: Interne organisatie Faculteiten, domeinen en instituten Management en organisatie op instituutsniveau Examencommisie(leden) Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

4 1.4 Medezeggenschap van studenten en medewerkers op HAN-, faculteits- en instituuts- niveau Kwaliteitszorg Lesdagen en lestijden Studentenvoorzieningen op faculteits- en instituutsniveau Klachtenregeling Studenteninformatievoorziening Bijlagen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

5 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

6 Deel 1: Onderwijs aan de HAN Inleiding In dit opleidingsstatuut geven wij je informatie over de gang van zaken tijdens je studie aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Je treft ook informatie aan over bijvoorbeeld de jaarplanning, uitgangspunten voor ons onderwijs, studieopbouw, ondersteunende faciliteiten, de examenregeling en de procedures met betrekking tot jouw rechtsbescherming. Volgens de wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW, artikel 7.59) dient een HBO-instelling een studentenstatuut vast te stellen en aan alle studenten bekend te maken. Het studentenstatuut bestaat uit twee delen: het instellingsspecifieke deel (dus: de HAN) en het opleidingsspecifieke deel (dus: de opleiding). Het instellingsspecifieke deel - we noemen het het studentenstatuut - bevat een beschrijving van jouw rechten en plichten, zoals die voortvloeien uit de wet, en een overzicht van de regelingen die jouw rechten beschermen: een beschrijving van de procedures voor bezwaar en beroep binnen de instelling, een beschrijving van de beroepsrechten die zijn ontleend aan de WHW en andere wettelijke regelingen, en; een beschrijving van aanvullende procedures die door de HAN zijn getroffen ter bescherming van jouw rechten. Dit instellingspecifieke deel kun je terugvinden op Het opleidingsspecifieke deel we noemen het verder het opleidingsstatuut (OS) bestaat uit vier delen: 1. Onderwijs aan de HAN. In dit onderdeel vind je de status van dit opleidingsstatuut en de doelgroep het jaarrooster, vakanties, tentamen- en herkansingsperiodes. Daarnaast de uitgangspunten voor het onderwijs bij de HAN. 2. Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens. Hier vind je de regels voor de uitvoering van het onderwijs en de tentamens en examens. 3. Studiegids. In dit onderdeel wordt de algemene tekst van deel 1 ingevuld per opleiding. Je vindt hier het curriculum van de opleiding, de beroepstaken, de competenties en de invulling van studieloopbaanbegeleiding. 4. Interne organisatie In dit onderdeel hebben we de interne organisatie van de faculteit, het instituut en de opleiding beschreven. Allerlei voorzieningen op hogeschool-, faculteits- of instituutsniveau vind je ook hier. De namen en adressen van relevante personen staan in de bijlage. Algemene bepalingen Dit statuut is het opleidingsspecifieke deel van het studentenstatuut als bedoeld in artikel 7.59 lid 4 van de wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW), hierna te noemen opleidingsstatuut. Dit opleidingsstatuut is van toepassing op de opleiding Logistiek en Economie, hierna te noemen de opleiding, in het studiejaar In dit opleidingsstatuut zijn jouw rechten en plichten enerzijds en van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen anderzijds zo goed mogelijk vastgelegd. Dit opleidingsstatuut omvat onder andere een beschrijving van de studieopbouw en de ondersteunende faciliteiten die je door de instelling worden aangeboden, de vastgestelde onderwijs- examenregeling en de procedures voor je rechtsbescherming in aanvulling op die van de instelling. Dit opleidingsstatuut is vastgesteld bij besluit van de faculteitsdirectie van de Faculteit Economie en Management op 30 juni De faculteitsraad heeft op 30 juni 2014 ingestemd met de tekst van het opleidingsstatuut. Op 11 november 2014 is bij besluit van de faculteitsdirectie een erratum behorende bij het opleidingsstatuut vastgesteld. De faculteitsraad heeft op 11 november 2014 ingestemd met de Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

7 tekst van dit erratum. Het erratumdocument is te raadplegen op insite HAN en op de website van de HAN. Wijzigingen van dit opleidingsstatuut worden door de faculteitsdirectie bij afzonderlijk besluit vastgesteld. Wijzigingen gedurende het lopende studiejaar vinden uitsluitend plaats indien dit noodzakelijk is voor de bescherming van de belangen van studenten. Wijzigingen kunnen al eerder genomen beslissingen op basis van het opleidingsstatuut, of één van de daarin opgenomen reglementen, niet ten nadele van studenten beïnvloeden. De faculteitsdirectie draagt zorg voor een passende bekendmaking van dit opleidingsstatuut, de daarin opgenomen reglementen en van eventuele wijzigingen van deze documenten. Een belangstellende kan het opleidingsstatuut raadplegen op Insite HAN en deels op de website van de HAN, zie onderstaand overzicht over de vindplaats van de delen van het Opleidingsstatuut. Deel Omschrijving Waar vind je ze? Deel 1 onderwijs aan de HAN website en Insite/Scholar Deel 2 regelingen betreffende het onderwijs en website en Insite/Scholar de tentamens Deel 3 studiegids website en Insite/Scholar Deel 4 interne organisatie Insite/Scholar Bijlage 1 plattegrond website en Insite/Scholar Bijlage 2 begrippenlijst website en Insite/Scholar Lesdagen en vakanties JAARPLANNING FEM wk datum periode lesw wk opstartweek introductie les les P E R I O D E les les les les les herfstvakantie les toetsen les les les les 49 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

8 JAARPLANNING FEM wk datum periode lesw wk les P E R 6 les I 52 O kerstvakantie D 1 E les les toetsen toetsen les les voorjaarsvakantie les P E R I O D E les les les les les toetsen toetsen les P E R I O D E les meivakantie les les les les les les 25 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

9 JAARPLANNING FEM wk datum periode lesw wk toetsen toetsen Diploma-uitreikingen/ herkansingen zomervakantie herkansingen / opstart introductie 35 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

10 Studiekeuzecheck Aspirant-studenten die zich uiterlijk op 1 mei voorafgaand aan het desbetreffende studiejaar aanmelden voor 1 of meer Bacheloropleidingen of Ad-programma s hebben recht om deel te nemen aan een studiekeuzecheck. Aspirant-studenten die zich na 1 mei voorafgaand aan het desbetreffende studiejaar aanmelden zijn verplicht deel te nemen aan de studiekeuzecheck. De rechten en plichten met betrekking tot de studiekeuzecheck en de geldige redenen voor niet deelname aan de studiekeuzecheck zijn opgenomen in artikel 2.10 van de Onderwijs- en examenregeling. De studiekeuzecheck kent de volgende procedure: 1. De aankomende student vult digitale vragenlijsten in met vragen over oriëntatie en motivatie, taalvaardigheden, rekenvaardigheden en analytisch vermogen en opleidingsspecifieke vragen. 2. Vervolgens wordt de aankomende student uitgenodigd voor de studiestartbijeenkomst. Tijdens deze bijeenkomst krijgt de aankomende student informatie over de opleiding, het beroep en kritische succesfactoren om de opleiding goed te doorlopen. 3. Uiterlijk 2 weken na de studiestartbijeenkomst ontvangt de aankomende student een studieadvies. Uitgangspunten van het onderwijs Uitgangspunten van het onderwijs aan de HAN In elke opleiding van de hogeschool word je, als student, opgeleid tot startbekwaam beroepsbeoefenaar. Maar je leert meer. Je doet gedurende de opleiding niet alleen kennis op, je spiegelt deze ook aan de mening van anderen. Op die manier leer je keuzes te maken en je een mening te vormen over je vakgebied. Dat geeft je straks de mogelijkheid vakkennis en vakbekwaamheid toe te passen in nieuwe, onbekende en deels onvoorziene situaties. De maatschappij heeft behoefte aan mensen die oplossingen bedenken voor nieuwe problemen. We leren je kennis en vaardigheden aan die je helpen om te blijven werken aan je professionele ontwikkeling. Goed beroepsonderwijs is afgestemd op ontwikkelingen in de samenleving en in het beroepenveld. Continu wordt aansluiting gezocht bij wat er wordt gevraagd van afgestudeerden; vorm en inhoud van het onderwijs zijn permanent in ontwikkeling met als doel om je zo goed mogelijk voor te bereiden op de arbeidsmarkt. Leren via beroepstaken Een belangrijke kernwaarde binnen de HAN is de centrale rol van de beroepspraktijk in het onderwijs. Het is onze opdracht je op te leiden tot een startbekwame beroepsbeoefenaar. Het leren via beroepstaken is daarbij een sturend uitgangspunt. Beroepstaken zijn betekenisvolle, hele taken zoals deze in al hun complexiteit in de werkelijkheid door de beroepsbeoefenaar (expert) worden uitgevoerd. Hele taak wil zeggen dat deze niet wordt opgeknipt in deelaspecten maar door jou steeds in zijn totaal wordt geoefend. De meeste beroepstaken doen een beroep op meerdere competenties. Zelfsturing Met ons onderwijs willen wij je leren om zelfstandig beroepstaken uit te voeren, je beroepshandelen te verbeteren en zelfstandig je loopbaan te ontwikkelen. Het gaat niet alleen om het succesvol afronden van je studie, maar ook om het blijvend succesvol functioneren in het werkveld. Voor jou zal het neerkomen op een geleidelijke ontwikkeling van minder naar meer zelfsturing en van afnemende sturing door docenten. Flexibilisering Flexibilisering is een belangrijk uitgangspunt. Je hebt in ieder geval 30 studiepunten vrije keuzeruimte in je opleiding om je opleiding te verbreden of te verdiepen. Wij noemen die keuzeruimte een minor. Hierdoor heb je de mogelijkheid je te richten op specifieke vragen van de arbeidsmarkt en je geeft vorm aan eigen profilering. Toetsing en beoordeling Of je in voltijd, in deeltijd of duaal studeert, je wordt getoetst op dezelfde, voor de opleiding geformuleerde, beroepstaken en competenties. Daarbij wordt gestreefd naar een maximale validiteit en be- Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

11 trouwbaarheid. Bij validiteit stellen we ons de vraag of het tentamen dat meet wat hij zou moeten meten. Bij betrouwbaarheid kijk je naar de vergelijkbaarheid van de resultaten. Onderwijseenheden Onderwijseenheden zijn georganiseerd rondom beroepstaken. Onderwijseenheden hebben als basis een omvang van 7.5 studiepunten of een veelvoud daarvan. Zij worden geprogrammeerd binnen de vier onderwijsperioden van het HAN-jaarrooster. In het belang van de kwaliteit van het onderwijs kan een onderwijseenheid een studielast van 2,5 studiepunten of een veelvoud daarvan omvatten. Studieloopbaanbegeleiding De HAN hecht er aan je zorg en ondersteuning te bieden bij het studeren aan de HAN en bij het inrichten van je studie. Studieloopbaanbegeleiding is daarom een belangrijk aspect van het HAN - onderwijs. De studieloopbaanbegeleider helpt je bij het ontwikkelen van de zelfsturing die je nodig hebt om je studie te volbrengen. Naast het bovengenoemde is hij voor jou het eerste aanspreekpunt in bijzondere situaties, bijvoorbeeld als de studie niet zo verloopt als je gepland had of bij langdurige ziekte of handicap. De studieloopbaanbegeleider kan je helpen wegen te zoeken om je resultaten bij de studievoortgang te verbeteren. Een bijzondere taak van de studieloopbaanbegeleider is het ondersteunen bij het kiezen van een minor in de hoofdfase van je opleiding. Wat wordt van de student gevraagd De vraag of je je doelen bereikt, is voor een belangrijk deel afhankelijk van je eigen inzet. Wij verwachten dat je doordachte keuzes maakt in je leerproces, dat je actief deelneemt aan het onderwijs, dat je aanwezig bent en je tijd vrijmaakt voor zelfstudie. Alleen dan kun je je studie succesvol afronden. Je krijgt het druk, maar de beloning is hoog: je beheerst straks een prachtig vak waar je je hele leven plezier van hebt. De opbouw van de opleidingen Het eerste jaar van je studie heet de propedeuse (officieel de propedeutische fase) en heeft een studielast van 60 studiepunten. (De studielast wordt uitgedrukt in studiepunten. Eén studiepunt is gelijk aan 28 uren studie.) De propedeuse heeft een drietal functies: een oriënterende, een verwijzende en een selecterende. Deze drie functies hangen nauw met elkaar samen. De propedeuse moet je een goed beeld geven van de hele studie. Gedurende dit eerste jaar word je in staat gesteld na te gaan of de opleiding aansluit bij je capaciteiten en interesses. Dit is de oriënterende functie van de propedeuse. In de loop van dit jaar kun je beslissen of je deze opleiding wilt blijven volgen, of voor een andere opleiding binnen of buiten de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen kiest. Studieadviezen in het midden en aan het eind van het propedeutisch jaar helpen bij die beslissing. Dit is de verwijzende functie van de propedeuse. Tot slot kent de propedeuse ook een selecterende functie. Die functie is tweeledig: aan de ene kant beoordeel je zelf of je geschikt bent voor de studie of niet. Anderzijds word je ook beoordeeld op basis van je studieresultaten, die steeds worden bezien in het licht van motivatie, studiehouding en persoonlijke omstandigheden. Studieadvies Uiterlijk aan het einde van het eerste jaar van de propedeutische fase krijg je een schriftelijk studieadvies, gebaseerd op het aantal behaalde studiepunten. Dat advies bepaalt of je je opleiding al dan niet kunt voortzetten. Je hoeft dat advies niet op te volgen, maar bent wel zelf verantwoordelijk voor de keuze die je maakt, tenzij het om een bindend negatief studieadvies (BNSA) gaat. In dit laatste geval word je direct uitgeschreven en kun je je voor dezelfde opleiding niet meer inschrijven. De basisindeling van elke opleiding bestaat uit een major en een minor. De major is je hoofdrichting, waarin je je beroepscompetenties ontwikkelt. Dit deel omvat maximaal 210 studiepunten. Daarnaast krijg je in een minor (30 studiepunten) de ruimte om je interesses en capaciteiten te specialiseren of juist te verbreden. In de onderstaande tabel is de omvang van de indelingen van de opleiding weergegeven in studielast uitgedrukt in studiepunten. Indeling van de Major Minor Totaal opleiding Propedeuse Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

12 postpropedeuse Totaal Je kiest zelf voor een minor als verbreding of verdieping van je studie. Ons totale aanbod aan minoren vind je in de HAN-onderwijscatalogus (HAN-SIS en Insite). Alle bacheloropleidingen hebben een studielast van 240 studiepunten. Uitzondering hierop zijn de bacheloropleidingen die een versneld traject hebben gericht op studenten met een VWO-diploma. Deze laatstgenoemde bacheloropleidingen hebben een studielast van 180 studiepunten. Er zijn ook vrije minoren, die je bij een andere onderwijsinstelling kunt volgen of die je zelf samenstelt uit onderdelen van onderwijs van verschillende instituten van de HAN of een andere (onderwijs)instelling. Kijk voor het totale minorenaanbod op of op Kies Op Maat is een online platform waar alle studenten aan het hoger onderwijs in Nederland kunnen kiezen uit minoren en vakken van de deelnemende instellingen. Het doel van Kies Op Maat is het vergroten van de mobiliteit van alle studenten binnen het Hoger Onderwijs. Voordat je een minor gaat volgen heb je toestemming nodig van de examencommissies. Als je een minor wilt volgen uit het minoraanbod van de HAN, dan is de toestemming van je studieloopbaanbegeleider voldoende. De regels voor het volgen van een vrije minor zijn te vinden op https://www.han.nl/han-insite/minoren/welke soorten minoren zijn er? Tentamens en examens Tentamens Tijdens de studie worden studenten regelmatig beoordeeld op kennis, inzicht, vaardigheden en attitude. De voortgang van de student wordt per onderwijseenheid getoetst door middel van tentamens (eventueel via deeltentamens). Als een onderwijseenheid meer dan een tentamen omvat, dan noemen we deze tentamens deeltentamens. Als alle deeltentamens van een onderwijseenheid behaald zijn, dan wordt het tentamen van de onderwijseenheid geacht te zijn behaald. (Deel)tentamens zijn toetsmomenten waarbij studenten laten zien dat ze bestudeerde leerstof beheersen. Er bestaan diverse schriftelijke en mondelinge toetsvormen. Denk hierbij aan scripties, werkstukken, simulaties, presentaties of audio-visueel materiaal. Je kunt ook zonder de onderwijseenheden te hebben gevolgd, alleen via tentamens aantonen over de benodigde competenties van de betreffende onderwijseenheden te beschikken. Dit noemen we een leerwegonafhankelijk tentamen. De examencommissie bepaalt of de bewijsstukken die je aandraagt (bijvoorbeeld ervaringsverslagen, getuigschriften, referenties, reflectieverslagen, video-opnamen van beroepshandelingen, werkstukken of certificaten) voldoen voor deelname aan het leerwegonafhankelijke tentamen. Tevens bepaalt de examencommissie of jij een of meer (deel)tentamens leerwegonafhankelijk volgens het reguliere toetsprogramma aflegt of een voor jou op maat opgesteld tentamen aflegt. Een leerwegonafhankelijk tentamen kan bij de start van de opleiding of tijdens de opleiding afgelegd worden. Daarnaast kan je via vrijstellingsverzoeken ingediend bij de examencommissie op basis van eerder met goed gevolg afgelegde (deel)tentamens of examens in het hoger onderwijs en/of ander bewijs van competentieverwerving aantonen over de benodigde competenties van de desbetreffende onderwijseenheden te beschikken. De gronden voor het besluit tot het verlenen van vrijstelling kunnen zijn gelegen in eerder afgelegde tentamens of examens in het hoger onderwijs of in officiële rapportages Erkenning Verworven Competenties (EVC). Je hoeft geen tentamen meer af te leggen. Tijdens de opleiding wordt in ieder geval op 3 niveaus integraal beoordeeld of de beroepstaken worden beheerst. Hierin wordt beoordeeld of de student competent is voor de volgende fase: is de student klaar voor de hoofdfase (hoofdfasebekwaam), voor de afstudeerfase (afstudeerbekwaam) en voor de arbeidsmarkt (beroepsbekwaam)? Examens In de opleiding worden de volgende examens afgelegd: het propedeutische examen en het afsluitend oftewel bachelorexamen of associate-degree examen. Je rondt de opleiding af als je bewijzen kunt overleggen dat je zowel de tentamens als integrale toetsen van de major als de minor(s) met een positief resultaat hebt afgesloten. Je ontvangt dan een wettelijk erkend HBO-getuigschrift (diploma) en Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

13 een wettelijke graad: bachelor of assiocate degree Daarbij hoort een Engelstalig internationaal erkend diplomasupplement. Je krijgt de mogelijkheid je afstudeerscriptie te bewaren en online te tonen via https://www.hbo-kennisbank.nl. De opleiding bepaalt welke scripties daarvoor in aanmerking komen. Daarbij wordt onder andere gelet op kwaliteit en vertrouwelijkheid. Kwaliteitszorg De HAN werkt voortdurend aan het verbeteren van de kwaliteit van onze opleidingen. Daarvoor hanteren we een integraal kwaliteitszorgsysteem. Door systematische evaluatie verzamelen we gegevens over de kwaliteit van alle onderwijsaspecten: doelstelling en profiel van de opleiding; programma met onderwijsaanbod, toetsprogramma en studieloopbaanbegeleiding; inzet van personeel; voorzieningen; interne kwaliteitszorg; resultaten. Wij betrekken alle belangengroepen actief in ons kwaliteitstraject: medewerkers, studenten, het werkveld en afgestudeerden. Om de kwaliteit van de opleiding te bewaken hechten we veel waarde aan de mening van deskundigen uit de werkvelden. Zij komen een aantal malen per jaar bijeen in vergaderingen. Naast deze interne kwaliteitsverbeteringen worden alle opleidingen van de HAN iedere zes jaar beoordeeld door een extern panel van de Nederlands Vlaamse Accreditatie Organisatie (NVAO). Deze accreditatie is een nationaal kwaliteitskeurmerk en is een voorwaarde voor wettelijke erkenning op nationaal en internationaal niveau van het getuigschrift van de opleiding. Organisatiestructuur van de HAN Interne organisatie De HAN bestaat uit de faculteiten Economie en Management (FEM), Educatie (FE), Gezondheid, Gedrag en Maatschappij (FGGM) en Techniek (FT). Domeinen, instituten en opleidingen Elke faculteit bestaat uit instituten. Een instituut bestaat weer uit opleidingen of uit een groep van opleidingen (domein genaamd). De competenties die studenten binnen de opleidingen van een instituut of een domein ontwikkelen zijn vergelijkbaar, soms zelfs deels gelijk. Elk domein kent een aantal gemeenschappelijke competenties. Studenten zijn ingeschreven bij een opleiding. De opleiding kent de volgende opleidingsnamen: Logistiek en Economie. Daarnaast heeft elke faculteit een afdeling contractactiviteiten voor uitvoering van marktactiviteiten, zoals posthbo-opleidingen, korte cursussen, trainingen en advieswerkzaamheden. Ten slotte kent elke faculteit een aantal lectoraten en expertisecentra voor onderzoekswerkzaamheden in opdracht van bedrijven en instellingen. De ondersteunende diensten, zoals Studentzaken (SZ), ICT en Marketing, Communicatie en Voorlichting (MCV), zijn ondergebracht in het Service Bedrijf (SB). Bachelor-master De HAN werkt met het bachelor-mastermodel. Het bachelor mastermodel is op Europees niveau ingericht om opleidingen in Europa met elkaar te kunnen vergelijken. Zowel bachelor als master zijn graden voor mensen die een opleiding in het hoger onderwijs hebben genoten. Met het diploma van een tweejarige associate degree, krijg je de graad associate degree. Met het diploma van een vierjarige bacheloropleiding, krijg je de graad bachelor. Daarna kun je nog één of twee jaar doorstuderen voor een mastergraad. Alle bacheloropleidingen in het HBO hebben een studielast van 240 studiepunten. Voor de masteropleidingen is dit per opleiding bepaald. Een aantal bacheloropleidingen heeft een associate degree programma. Dit is een verkorte HBO-studie van minimaal 120 studiepunten die tot een wettelijk erkend getuigschrift en graad (associate degree) leidt en uit een deel van de bijbehorende bachelorstudie bestaat. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

14 Deel 2A: Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en examenregeling Logistiek en Economie Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Toepasselijkheid van de regeling 1. Deze regeling is de onderwijs- en examenregeling als bedoeld in artikel 7.13 van de wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW). 2. Deze regeling is van toepassing op het onderwijs, de tentamens en de examens in het studiejaar van de bacheloropleiding Logistiek en Economie / Logistics Management (Economics), hierna te noemen: de opleiding. 3. Van deze regeling maken onverkort deel uit de aanhangende bijlagen 1 tot en met 11 alsook de concrete passages uit het opleidingsstatuut waarnaar in deze regeling wordt verwezen. 4. Van onderwijseenheden die zijn gevolgd en tentamens die met goed gevolg zijn afgelegd in voorgaande studiejaren van de opleidingen en die nu niet meer als zodanig zijn opgenomen in het curriculum als uitgewerkt in artikel 4.1 en 6.1 en de daarbij behorende bijlagen is in lid 5 van de artikelen 4.1 en 6.1 bepaald of en in hoeverre deze tot het curriculum en examen van deze regeling worden gerekend. 5. Van onderwijseenheden die zijn gevolgd en tentamens die met goed gevolg zijn afgelegd in de door de opleiding verzorgde minoren in voorgaande studiejaren en die nu niet meer als zodanig zijn opgenomen in het minoraanbod als uitgewerkt in artikel 3.4 en de daarbij behorende bijlage is in lid 9 van artikel 3.4 bepaald of en in hoeverre deze tot het programma van het vigerend minoraanbod worden gerekend. 6. N.v.t. Artikel 1.2 Begripsbepalingen Voor deze regeling gelden de begripsbepalingen die zijn opgenomen in de begrippenlijst in bijlage 2 van het opleidingsstatuut van de opleiding. Artikel 1.3 Doel van de opleiding De student verwerft op HBO-bachelorniveau de kennis, het inzicht en de vaardigheden van een startbekwame beroepsbeoefenaar vanuit de context / beroepssituatie van supply / demand chain management in het logistiek-economische en bedrijfskundige terrein. De eindkwalificaties zoals bedoeld in de eerst volzin, zijn opgenomen in bijlage 11 van deze regeling. Paragraaf 2 Toelating tot de opleiding Artikel 2.1 Vooropleidingseisen en nadere vooropleidingseisen Toelaatbaar tot de opleiding is de bezitter van: a. een havo-diploma met onderstaande VO-profielen zoals die tot 1 augustus 2007 werden aangeboden: i. het profiel Natuur en Techniek met het vak Economie 1 in het examen; ii. het profiel Natuur en Gezondheid met het vak Economie 1 in het examen; iii. het profiel Economie en Maatschappij; iv. het profiel Cultuur en Maatschappij. b. een havo-diploma met onderstaande VO-profielen zoals die vanaf 1 augustus 2007 worden aangeboden: i. het profiel Natuur en Techniek met het vak Economie of M&O in het examen; ii. het profiel Natuur en Gezondheid met het vak Economie of M&O in het examen; iii. het profiel Economie en Maatschappij; iv. het profiel Cultuur en Maatschappij met het vak Economie of M&O + Wiskunde A of Wiskunde B examen. c. een vwo-diploma met onderstaande VO-profielen zoals die tot 1 augustus 2007 werden aangeboden: i. het profiel Natuur en Techniek met het vak Economie 1 in het examen; ii. het profiel Natuur en Gezondheid met het vak Economie 1 in het examen; iii. het profiel Economie en Maatschappij; Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

15 iv. het profiel Cultuur en Maatschappij met het vak Economie 1 in het examen. d. een vwo-diploma met onderstaande VO-profielen zoals die vanaf 1 augustus 2007 worden aangeboden: i. het profiel Natuur en Techniek met het vak Economie of M&O in het examen; ii. het profiel Natuur en Gezondheid met het vak Economie of M&O in het examen; iii. het profiel Economie en Maatschappij; iv. het profiel Cultuur en Maatschappij met het vak Economie of M&O. e. een mbo-diploma middenkaderopleiding of specialistenopleiding hierna te noemen mbo-4. Artikel 2.2 Opheffing deficiënties nadere vooropleidingseisen Deficiënties in profielen en/of vakken en programmaonderdelen van de diploma s als vastgelegd in artikel 2.1 zijn bij besluit van de instituutsdirecteur opgeheven indien voor aanvang van de opleiding toelatingstentamens in de deficiënte vakken, die op het niveau van het examen HAVO respectievelijk MBO-4 worden afgenomen, met goed gevolg zijn afgelegd. Artikel 2.3 Vrijstelling van vooropleidingseisen op grond van andere diploma s en getuigschriften 1. Vrijgesteld van de vooropleidingseis als bedoeld in artikel 2.1 is de bezitter van een van de volgende diploma s en getuigschriften: a. een getuigschrift van een bacheloropleiding, b. een getuigschrift van een masteropleiding, c. een getuigschrift dat toegang geeft tot het hoger onderwijs in een land dat het verdrag inzake de erkenning van kwalificaties betreffende hoger onderwijs in de Europese regio heeft geratificeerd, d. een al dan niet in Nederland afgegeven diploma dat door de minister is aangewezen als ten minste gelijkwaardig aan het HAVO-diploma of e. een al dan niet in Nederland afgegeven diploma dat bij besluit van de instituutsdirecteur tenminste gelijkwaardig aan een HAVO, VWO of MBO- diploma wordt beschouwd. Ten behoeve van de besluitvorming kan een diplomawaardering bij de NUFFIC worden gevraagd. Bovengenoemde taak betreffende buitenlandse diploma s is gemandateerd aan het Admissions Office. 2. Indien het een buiten Nederland afgegeven diploma of getuigschrift betreft dient tevens naar het oordeel van de examencommissie blijk te zijn gegeven van voldoende beheersing van de Nederlandse taal voor het met vrucht kunnen volgen van de opleiding Logistiek en Economie; of Engelse taal voor het met vrucht kunnen volgen van de opleiding Logistics Management (Economics). 3. De instituutsdirecteur neemt het besluit dat op basis van het oordeel als bedoeld in het vorige lid of betrokkene al dan niet kan worden ingeschreven dan wel het besluit dat betrokkene kan worden ingeschreven maar dat deze nog geen examens of onderdelen daarvan mag afleggen dan nadat er een positief oordeel als bedoeld in het vorige lid is afgegeven. 4. N.v.t. Artikel 2.4 Vrijstelling van de vooropleidingseis op grond van toelatingsonderzoek Logistiek en Economie 1. Bij besluit van de instituutsdirecteur is vrijgesteld van de vooropleidingseisen als bedoeld in artikel 2.1 degene van 21 jaar en ouder die bij een toelatingsonderzoek naar het oordeel van de commissie toelatingsonderzoek blijk geeft van geschiktheid voor de opleiding en van voldoende beheersing van de Nederlandse taal voor het met vrucht kunnen volgen van de opleiding. 2. Het toelatingsonderzoek bestaat uit toelatingstentamens in de volgende vakken die op het niveau van het HAVO-examen worden afgenomen en levert de vrijstelling als bedoeld in het vorige lid op indien het toelatingsonderzoek met goed gevolg is afgelegd: - Nederlands; - Economie; - Wiskunde. 2.4a Vrijstelling van de vooropleidingseis op grond van toelatingsonderzoek Logistics Management (Economics) 1. Bij besluit van de instituutsdirecteur is vrijgesteld van de vooropleidingseisen als bedoeld in Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

16 artikel 2.1 degene van 21 jaar en ouder die bij een toelatingsonderzoek naar het oordeel van de commissie toelatingsonderzoek blijk geeft van geschiktheid voor de opleiding en van voldoende beheersing van de Engelse taal voor het met vrucht kunnen volgen van de opleiding. 2. Het toelatingsonderzoek bestaat uit toelatingstentamens in de volgende vakken die op het niveau van het HAVO-examen worden afgenomen en levert de vrijstelling als bedoeld in het vorige lid op indien deze toelatingstentamens met goed gevolg zijn afgelegd: - Engels - Economie - Wiskunde Artikel 2.5 Voldoende beheersing van de Nederlandse taal 1. Aan de eis van voldoende beheersing van de Nederlandse taal als bedoeld in artikel 2.3 lid 2 en in artikel 2.4 lid 1 in het geval betrokkene een andere taal dan het Nederlands als eerste taal voert wordt voldaan door: - het met goed gevolg afleggen van het staatsexamen Nederlands als tweede taal, niveau II dan wel, - het ten genoegen van de commissie die verantwoordelijk is voor het toelatingsonderzoek aantonen dat hij op een andere dan de hierboven bedoelde wijze(n) de Nederlandse taal in voldoende mate beheerst om het Nederlandstalige onderwijs met vrucht te kunnen volgen. 2. Aan het voldoen aan de eis als bedoeld in het vorige lid dient te zijn voldaan voor het moment van inschrijving. Artikel 2.5a Voldoende beheersing van de Engelse taal 1. Aan de eis van voldoende beheersing van de Engelse taal als bedoeld in artikel 2.3 lid 2 en in artikel 2.4a lid 1 in het geval betrokkene een andere taal dan het Nederlands als eerste taal voert wordt voldaan door: - an IELTS of TOEFL score of 6 or higher; or - a similar certificate or diploma, at the discretion of de Board of Admission. 2. Aan het voldoen aan de eis als bedoeld in het vorige lid dient te zijn voldaan voor het moment van inschrijving. Artikel 2.6 Aanvullende eisen N.v.t. Artikel 2.7 Eisen werkkring bij deeltijdopleidingen N.v.t. Artikel 2.8 Numerus fixus N.v.t. Artikel 2.9 Toelating tot versneld traject gericht op studenten met een VWO diploma N.v.t. Artikel 2.10 Deelname verplichte studiekeuzecheck 1. Aspirant-studenten die zich uiterlijk op 1 mei voorafgaand aan het desbetreffende studiejaar aanmelden voor 1 of meer bacheloropleidingen of Ad-programma s hebben recht om deel te nemen aan een studiekeuzecheck. 2. De procedure voor een studiekeuzecheck en de inhoud van een studiekeuzecheck zijn opgenomen in het opleidingsstatuut. 3. Deelname aan de studiekeuzecheck is voor studenten die zich uiterlijk op 1 mei aanmelden vrijwillig. 4. Elke student die zich heeft aangemeld en deel heeft genomen aan de studiekeuzecheck ontvangt een studiekeuzeadvies. Het advies kent drie vormen: positief, negatief of nadere actie noodzakelijk. 5. Bij een negatief studiekeuzeadvies kan de aspirant-student zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel, als hij voldoet aan de inschrijvingsvoorwaarden zoals opgenomen in paragraaf 2 van deze regeling, zich inschrijven. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

17 6. Aspirant-studenten die zich na 1 mei voorafgaand aan het desbetreffende studiejaar voor de eerste keer aanmelden voor een bacheloropleiding of Ad-programma, zijn verplicht om deel te nemen aan de studiekeuzecheck van de opleiding. 7. Indien de aspirant-student zoals bedoeld in lid 6 van dit artikel zonder geldige reden en na 1 herhaalde oproep niet deelneemt aan de verplichte studiekeuzecheck dan wordt de inschrijving voor de desbetreffende aspirant-student geweigerd. 8. Indien de aspirant-student zoals bedoeld in lid 6 van dit artikel een negatief studiekeuzeadvies krijgt, wordt de inschrijving voor de desbetreffende aspirant-student geweigerd. Dit geldt niet voor de aspirant-student die zich na 1 mei aanmeldt bij een andere opleiding dan die waarbij hij oorspronkelijk was ingeschreven en kan aantonen dat de nieuwe aanmelding het gevolg is van een bindend negatief studieadvies zoals bedoeld in paragraaf 5 van deze regeling op een zodanig tijdstip dat hij zich niet kon aanmelden voor 1 mei voorafgaand aan het studiejaar waarvoor hij zich wenst in te schrijven. 9. De aspirant-studenten die zich na 1 mei voorafgaand aan het desbetreffende studiejaar voor een andere bacheloropleiding of Ad-programma aanmelden dan waarvoor ze zich voor 1 mei reeds hadden aangemeld, zijn verplicht om deel te nemen aan de studiekeuzecheck van de opleiding. Lid 6 van dit artikel is ook van toepassing op de aspirant-student zoals bedoeld in de eerste volzin. 10. De bepalingen zoals opgenomen in lid 1 tot en met lid 9 van dit artikel zijn niet van toepassing op: - aspirant-studenten die zich willen inschrijven voor een opleiding waarvoor een selectieprocedure zoals bedoeld in artikel 2.8 van deze regeling, is ingesteld; - aspirant-studenten die vanwege het bezit van een buiten het Koninkrijk Nederland behaald diploma zijn vrijgesteld van de diploma-eisen (in bezit zijn van HAVO, VWO of MBOdiploma); - aspirant-studenten die reeds een Bachelor- of Mastergetuigschrift hebben 11. Indien de aspirant-student aan kan tonen dat hij om legitieme redenen niet kan deelnemen aan de verplichte studiekeuzecheck, wordt in overleg met de instituutsdirecteur bezien of de aspirantstudent alsnog moet deelnemen aan de verplichte studiekeuzecheck. De volgende gronden zijn in ieder geval legitiem om niet deel te nemen aan de verplicht gestelde studiekeuzecheck: a. persoonlijke omstandigheden; b andere onderwijsverplichtingen. 12.De studiekeuzecheck kent de volgende procedure: a. Voor de opleiding Logistiek en Economie voltijd: I. De aankomende student vult digitale vragenlijsten in met vragen over oriëntatie en motivatie, taalvaardigheden, rekenvaardigheden en analytisch vermogen en opleidingsspecifieke vragen. II. Vervolgens wordt de aankomende student uitgenodigd voor de studiestartbijeenkomst. Tijdens deze bijeenkomst krijgt de aankomende student informatie over de opleiding, het III. beroep en kritische succesfactoren om de opleiding goed te doorlopen. Uiterlijk 2 weken na de studiestartbijeenkomst ontvangt de aankomende student een studieadvies. b. Voor de opleiding Logistiek en Economie deeltijd/duaal: I. De aankomende student vult een digitale vragenlijst met algemene vragen over motivatie en studievaardigheden. II. Vervolgens wordt de aankomende student uitgenodigd voor de intakebijeenkomst. Tijdens de bijeenkomst wordt naar aanleiding van motivatie, vooropleiding en werkervaring ruim aandacht besteed aan verwachtingen voor wat betreft de opleiding, het werk en de persoonlijke omstandigheden. De aankomende student krijgt daarmee een completer (zelf)beeld van de geschiktheid voor de opleiding, het beroep en kritische succesfactoren om de opleiding goed te doorlopen. III. Na de intakebijeenkomst ontvangt de aankomende student een studieadvies. c. voor de opleiding Logistic Management (Economics): I. Aspirant-studenten met de Nederlandse nationaliteit worden uitgenodigd om deel te nemen aan de studiekeuzecheck. Deze bestaat uit het maken van digitale vragenlijsten en eventueel een intakegesprek op uitnodiging van de opleiding. II. Na het afronden van de studiekeuzecheck ontvangt de aspirant-student binnen twee weken een studieadvies. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

18 Paragraaf 3 Opbouw van de opleiding Artikel 3.1 Vorm van de opleiding 1. De opleiding wordt in de inrichtingsvormen voltijd, deeltijd en duaal verzorgd. a. Van een duale leerroute is sprake indien een leerarbeidsovereenkomst is gesloten als bedoeld in artikel 7.7 van de WHW. 2. De voltijd variant wordt ook in het Engels verzorgd. 3. De opleiding wordt ook met de bijzondere eigenschap van versneld/verkort voor VWO-ers verzorgd in de propedeutische fase van de voltijdse opleidingsvariant Logistiek en Economie. 4. In bijlage 1 en 4 van deze regeling is onder punt 2 (doelgroep) van de nadere uitwerking van de onderwijseenheden als bedoeld in de leden 2 van de artikelen 4.1 en 6.1 bepaald welke onderwijseenheden ten behoeve van welke inrichtingsvorm en bijzondere eigenschap worden verzorgd. Artikel 3.2 Indeling en examens van de opleiding 1. De opleiding kent een propedeutische en een postpropedeutische fase. 2. De opleiding kent drie oplopende niveaus van bekwaamheid: hoofdfasebekwaam, afstudeerbekwaam en beroepsbekwaam (niveau 1, 2 en 3). 3. De propedeutische fase is het deel van de major dat is gericht op het verkrijgen van inzicht in de inhoud van en de geschiktheid voor de opleiding en het beroep. 4. De postpropedeutische fase is het gedeelte van de opleiding, dat volgt op de propedeutische fase. 5. N.v.t. 6. De opleiding kent een honoursprogramma toegankelijk voor studenten die aan de hiervoor geldende vereiste selectiecriteria zoals bedoeld in artikel 3.7 lid 3 van deze regeling voldoen. Het honoursprogramma betekent een uitbreiding van de studielast als bedoeld in artikel 3.7 lid 1 sub c. 7. In bijlage 1 en 4 van deze regeling is onder punt 2 (doelgroep) van de nadere uitwerking van de onderwijseenheden en de daarbij behorende tentamens als bedoeld in de leden 2 van de artikelen 4.1 en 6.1 bepaald welke onderwijseenheden ten behoeve van welke fase, welk niveau en welke ten behoeve van het honoursprogramma worden verzorgd. 8. In bijlage 2 en 5 van deze regeling is onder punt 2 (doelgroep) van de nadere uitwerking van de integrale toetsen als bedoeld in de leden 4 van de artikelen 4.1 en 6.1 bepaald welke integrale toetsen ten behoeve van welke fase en welk niveau worden verzorgd. 9. N.v.t. 10. Het geheel van de opleiding bestaat uit een major en een minor. De minor is een onderdeel van de postpropedeutische fase. 11. In de opleiding worden de volgende examens afgelegd: a) het propedeutische examen; b) het afsluitend examen oftewel bachelorexamen. Artikel 3.3 Major 1. De major is het deel van de opleiding dat is gericht op het verwerven van de benodigde competenties voor de voorgeschreven beroepstaken van de startbekwame beroepsbeoefenaar op HBO-bachelorniveau. 2. De voorgeschreven beroepstaken voor de startbekwame beroepsbeoefenaar op HBObachelorniveau zijn als zodanig beschreven in bijlage 1 en 4 van deze regeling onder punt 3 (beroepstaak/beroepstaken) van de gegevens per onderwijseenheid als bedoeld in de leden 2 van de artikelen 4.1 en 6.1. Artikel 3.4 Minor 1. De minor is het deel van de postpropedeutische fase van de opleiding dat is gericht op het verdiepen of verbreden van de benodigde competenties voor de voorgeschreven beroepstaken van de startbekwame beroepsbeoefenaar op HBO-bachelorniveau. 2. De minor is een gecertificeerde HAN minor of een vrije minor. 3. De student die een minor gaat volgen dient hiervoor vooraf toestemming te vragen en te krijgen van de examencommissie. De studieloopbaanbegeleider begeleidt de student bij de aanvraag tot toestemming en adviseert de examencommissie bij de beslissing op aanvraag. 4. Een vrije minor is een minor die een student: a) bij een andere onderwijsinstelling volgt of; Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

19 b) heeft samengesteld uit onderdelen van minoren of andere onderwijseenheden bij verschillende instituten van de HAN of een andere onderwijsinstelling. 5. De examencommissie beoordeelt ter toestemming of de minor past binnen het beroepsprofiel van de opleiding, niet overlapt met de major, het juiste niveau heeft om verdiepend of verbredend te zijn, of de kwaliteit van de toetsing en beoordeling in de minor voldoende naar de standaard van de opleiding is geborgd en, in geval de vrije minor door de student is samengesteld, of deze bestaat uit een onderling afdoende samenhangend geheel van onderwijseenheden. 6. Toestemming door de examencommissie als bedoeld in de leden 3 en 5 van dit artikel houdt tevens in dat de aan de minor verbonden examinatoren als zodanig zijn aangewezen als examinator van de opleiding. 7. Onverkort het bepaalde in de vorige leden valt de ontwikkeling, verzorging en kwaliteitsborging van de volgende gecertificeerde HAN minoren en de daartoe behorende onderwijseenheden met de daarbij vermelde studielast onder de taakstelling en verantwoordelijkheid van de directie en examencommissie van de opleidingen: a) Minor Slim plannen en organiseren in de zorg: I. OWE PLZ; Praktijkproject Logistieke organisatie van de zorg (15 studiepunten) II. OWE ZPM; Zorg, zorgstelsel, processen en methodieken (15 studiepunten) 8. Bijlage 8 van deze regeling bevat van de minoren bedoeld in het vorige lid de gegevens met betrekking tot het onderwijs en de tentaminering. Artikel 6.1 lid 2 is hierbij van overeenkomstige toepassing. 9. Aan onderwijseenheden als bedoeld in lid 7 en aan daarbij behorende tentamens als uitgewerkt conform lid 8 worden gelijkgesteld de onderwijseenheden en tentamens van de minoren verzorgd door de opleidingen in voorgaande studiejaren die als zodanig zijn opgenomen in bijlage 9 van deze regeling. Artikel 3.5 Studielast, studiepunten en studieduur 1. De studielast van een opleiding en een onderwijseenheid wordt uitgedrukt in studiepunten. 2. Eén studiepunt is gelijk aan 28 uren studielast. 3. De opleiding heeft een studielast van 240 studiepunten. 4. De propedeutische fase van de opleiding, die wordt afgesloten 5. op het niveau van hoofdfasebekwaam (niveau 1), heeft een studielast van 60 studiepunten. 6. De postpropedeutische fase van de opleiding, omvattende de niveaus van afstudeerbekwaam en beroepsbekwaam (niveau 2 en 3), heeft een studielast van 180 studiepunten. 7. Het eerste deel van de postpropedeutische fase, dat wordt afgesloten op het niveau van afstudeerbekwaam (niveau 2), heeft los van een eventuele minor op dit niveau, een studielast van 90 studiepunten. 8. Het tweede deel van de postpropedeutische fase, dat wordt afgesloten op het niveau van beroepsbekwaam (niveau 3), heeft los van een eventuele minor op dit niveau, een studielast van 60 studiepunten. 9. De major heeft een studielast van 210 studiepunten 10. De minor, die wordt afgesloten op het niveau van afstudeerbekwaam of beroepsbekwaam, heeft een studielast van 30 studiepunten. 11. Een opleiding is zodanig ingericht dat een student in staat is het aantal studiepunten te behalen waarop de studielast voor een studiejaar is gebaseerd. 12. N.v.t. 13. De regulier geprogrammeerde studieduur van de deeltijdse inrichtingsvorm van de opleiding bedraagt 4 studiejaren. De jaarlijkse studielast van de deeltijdopleiding bedraagt 60 studiepunten. 14. De feitelijk geprogrammeerde studieduur van de programma s met de bijzondere eigenschap, van versneld/verkort als bedoeld in artikel 3.1 lid 3 en van de verkorte programma s als bedoeld in artikel 7.9 lid 5 bedraagt 3,5 studiejaren. Artikel 3.6 Studielast duale opleiding 1. De studielast van het onderwijsdeel van de duale opleiding dat als zodanig is beschreven in bijlage 1 en 4 van deze regeling bij de punten 6 (studiepunten/studielast), 7 (samenhang), 9 (algemene omschrijving), 17 (activiteiten) en 18 (werkvormen) van de gegevens van de onderwijseenheden als bedoeld in de artikelen 4.1 en 6.1 bedraagt 180 studiepunten. 2. De tijdsduur van de periode of de gezamenlijke tijdsduur van de perioden die tenminste in de beroepsuitoefening wordt doorgebracht bedraagt 24 uur, zijnde het totaal van de als zodanig in bijlage 1 en 4 van deze regeling bij punt 6 (studiepunten/studielast) beschreven gegevens van de onderwijseenheden als bedoeld in de artikelen 4.1 en 6.1. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

20 3. De studielast van het deel van de opleiding dat wordt gevormd door beroepsuitoefening dat als zodanig is beschreven in bijlage 1 en 4 van deze regeling bij de punten 6 (studiepunten/studielast),7 (samenhang),9 (algemene omschrijving),17 (activiteiten), 18 (werkvormen) en 19 (les-/contacturen) van de gegevens van de onderwijseenheden als bedoeld in de artikelen 4.1 en 6.1 bedraagt 60 studiepunten. Artikel 3.7 Uitbreiding studielast 1. In afwijking van het bepaalde in artikel 3.5 heeft de student additioneel de mogelijkheid zich te verbreden en/of te verdiepen door meer dan 240 studiepunten voor zijn opleiding te behalen. Dit is mogelijk door: a. een of meer extra minoren te volgen, b. een of meer extra onderwijseenheden te volgen en/of c. een honoursprogramma te volgen. 2. In alle bovengenoemde gevallen dient de student vooraf toestemming te vragen aan en te krijgen van de examencommissie. De examencommissie beoordeelt of de in lid 1 sub a, b of c bedoelde minoren en onderwijseenheden passen binnen het beroepsprofiel van de opleiding, niet overlappen met de opleiding, het juiste niveau hebben om verdiepend of verbredend te zijn, of de kwaliteit van de toetsing en beoordeling voldoende naar de standaard van de opleiding is geborgd en, in geval het een vrije minor betreft die door de student is samengesteld of deze bestaat uit een onderling afdoende samenhangend geheel van onderwijseenheden. 3. Toestemming voor een honoursprogramma als bedoeld in lid 1 sub c. kan slechts worden verleend indien de student geselecteerd is door de selectiecommissie van het honoursprogramma. Studenten worden geselecteerd op basis van een portfolio bestaande uit: curriculum vitae, cijferlijst, motivatiebrief en een gesprek. Kandidaten worden vervolgens uitgenodigd om te participeren in een simulatie. De resultaten van deze simulatie bepalen of de student wordt toegelaten. 4. Voor het volgen van een uitbreiding zoals bedoeld in lid 1 kan slechts toestemming worden verleend indien de student geen studievertraging heeft opgelopen en de feitelijke studieduur van de opleiding voor deze student naar verwachting vanwege de uitbreiding met niet meer dan zes maanden de regulier geprogrammeerde studieduur van de opleiding zal overschrijden. Artikel 3.8 Beroepstaken, onderwijseenheden en competenties 1. Een opleiding is een samenhangend geheel van onderwijseenheden. 2. In de opleiding worden beroepstaken geleerd die een startbekwame beroepsbeoefenaar moet kunnen uitvoeren. Een of meer van deze beroepstaken zijn gerelateerd aan onderwijseenheden. 3. De inhoud van een onderwijseenheid richt zich op een aantal samenhangende competenties. 4. Een onderwijseenheid heeft een studielast van 7,5 studiepunten of een veelvoud daarvan. In het belang van de kwaliteit van het onderwijs kan een onderwijseenheid een studielast van 2,5 studiepunten of een veelvoud daarvan omvatten. Paragraaf 4 Propedeutische fase van de opleiding Artikel 4.1 Samenstelling propedeutische fase 1. De propedeutische fase omvat per inrichtingsvorm als bedoeld in artikel 3.1 lid 1 en per programma met een bijzondere eigenschap als bedoeld in artikel 3.1 lid 3 de volgende onderwijseenheden met de daarbij vermelde studielast: A. Voltijd reguliere propedeuse Logistiek en Economie Niveau 1 A-cluster B-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Bedrijfskunde A Bedrijfskunde B ABA 7,5 stp. ABB 7,5 stp. Professionele en maatschappelijke verkenning A APA 7,5 stp. Professionele en maatschappelijke verkenning B APB 7,5 stp. Internationale logistieke vervoersoperatie A BLA 7,5 stp. Evenementenmanagement BVA 7,5 stp. Internationale logistieke vervoersoperatie B BLB 7,5 stp. Evenementenmanagement BVB 7,5 stp. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

21 B. Voltijd propedeuse vwo versneld/verkort Logistiek en Economie Niveau 1 A-cluster B-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Internationale Internationale logistieke logistieke vervoersoperatie A vervoersoperatie B BLA 7,5 stp. BLB 7,5 stp. Bedrijfskunde voor VWO ABA en ABB 15 stp. (vrijstelling van 5 stp.) Professionele en maatschappelijke verkenning voor VWO APA en APB 15 stp (vrijstelling van 4,5 stp.) Evenementenmanagement BVA 7,5 stp. Evenementenmanagement BVB 7,5 stp. C. Propedeuse deeltijd/duaal Logistiek en Economie nieuw (instroom vanaf cohort ). Niveau 1 A-cluster B-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Algemene Communicatie en Bedrijfseconomie, Distributielogistiek economie en onderzoek recht en marketing en Business Game logistiek COO 7,5 stp. BRM 7,5 stp. LOB 7,5 stp. AEL 7,5 stp. Praktijkopdracht 1: Organisatiebeschrijving L1PO 7,5 stp. Praktijkopdracht 2: Distributieanalyse L2PO 7,5 stp. Praktijkvaardigheden 1 LPV1 15 stp. D. Voltijd reguliere propedeuse Logistics Management (Economics) Niveau 1 A-cluster B-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Research & Business - ARB Applied Research & Business BARB 7.5 credits 7.5 credits Culture & Communication 1 ACC Culture & Communication 2 BCC 7.5 credits 7.5 credits Basic Business 1 ABB1 Basic Business 3 BBB3 7.5 credits 7.5 credits Basic Business 2 for IBMS/IFC/LME ABB2 Specific modules for LME BSMIL 7.5 credits 7.5 credits 2. Bijlage 1 van deze regeling bevat van alle onderwijseenheden als bedoeld in het vorige lid het overzicht van de volgende gegevens met betrekking tot het onderwijs en de tentaminering: 1. Opleiding 2. Doelgroep 3. Beroepstaak/beroepstaken 4. Centrale beroepstaak 5. Beroepsproducten 6. Studiepunten/studielast 7. Samenhang 8. Ingangseisen m.b.t. tentamens 9. Algemene omschrijving 10. Competenties 11. Beoordelingscriteria 12. Tentaminering 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

22 15. Software 16. Overig materiaal 17. Activiteiten 18. Werkvormen 19. Les-/contacturen 20. Onderwijsperiode 21. Maximum aantal deelnemers 3. In de propedeutische fase vindt een maal een integrale toets plaats als bedoeld in artikel 7.1 lid Bijlage 2 van deze regeling bevat van de integrale toets van de propedeutische fase het overzicht van de volgende gegevens: 1. Opleiding 2. Doelgroep 3. Beroepstaken 4. (Beroeps)producten 5. Studiepunten en/of samenvalt met reguliere tentamens 6. Samenhang met andere integrale toetsen en tentamens 7. Ingangseisen 8. Algemene omschrijving 9. Competenties 10. Beoordelingscriteria 11. Integrale toetskenmerken en vormen 12. Verplicht en aanbevolen materiaal 13. Onderwijsperiode 5. Aan onderwijseenheden als bedoeld in lid 1, aan daarbij behorende tentamens als uitgewerkt conform lid 2 en aan integrale toetsen als uitgewerkt conform lid 4 worden gelijkgesteld de onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen uit voorgaande studiejaren van de opleidingen die als zodanig zijn opgenomen in bijlage 3 van deze regeling. Paragraaf 5 Studieadvies in de propedeutische fase van de opleiding Artikel 5.1 Studieadvies propedeutische fase 1. Uiterlijk aan het einde van diens eerste jaar van inschrijving in de propedeutische fase van de opleiding ontvangt iedere student van de instituutsdirecteur een schriftelijk studieadvies over de voortzetting van zijn studie binnen of buiten de opleiding. 2. N.v.t. 3. Onverminderd het bepaalde in lid 1 kan aan de student een studieadvies uitgebracht worden zolang hij het propedeutisch examen nog niet met goed gevolg heeft afgelegd. 4. Het studieadvies als bedoeld in lid 1, 2 en 3 is positief of negatief. Artikel 5.2 Voorlopig studieadvies in het eerste jaar van inschrijving 1. In het eerste jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding, zo mogelijk vooreerst aan het eind van de vijfde maand van inschrijving en indien nodig volgend op een eerder gegeven studieadvies, ontvangt iedere student met op dat moment dusdanig onvoldoende studieresultaten dat een succesvolle studievoortgang niet waarschijnlijk is van de instituutsdirecteur als waarschuwing schriftelijk een voorlopig negatief studieadvies. 2. Tot het uitbrengen van een voorlopig negatief studieadvies zoals bedoeld in lid 1 wordt overgegaan indien de student: a. aan het einde van de tweede onderwijsperiode niet ten minste 22,5 of b. aan het einde van de derde onderwijsperiode niet ten minste 30 of c. aan het einde van het eerste jaar van inschrijving en/of niet ten minste 45 van de conform het toetsprogramma als volgend uit artikel 4.1 te behalen studiepunten heeft behaald. 2a. In afwijking van lid 2 geldt bij het uitbrengen van een voorlopig negatief studieadvies zoals bedoeld in lid 1 voor studenten die in februari gestart zijn met de opleiding en voor studenten die het International First Year (IFA) volgen de regeling zoals opgenomen in bijlage 6a. 3. N.v.t. 4. Tot het uitbrengen van een voorlopig positief studieadvies wordt overgegaan indien de student aan het einde van het eerste jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding 45 studiepunten of meer uit het toetsprogramma als volgend uit artikel 4.1, maar nog niet het propedeutisch examen, heeft behaald. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

23 Artikel 5.3 Definitief studieadvies in het eerste jaar van inschrijving 1. Tot het uitbrengen van een negatief studieadvies aan het einde van het eerste jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding wordt overgegaan indien de student niet ten minste 45 van de conform het toetsprogramma als volgend uit artikel 4.1 te behalen studiepunten heeft behaald tenzij vanwege inachtneming van de persoonlijke omstandigheden van de student door de instituutsdirecteur, onder door de instituutsdirecteur te stellen voorwaarden, hiervan wordt afgezien. 1a. In afwijking van lid 1 geldt voor studenten die in februari gestart zijn met de opleiding de regeling zoals opgenomen in bijlage 6a. 2. Aan een negatief studieadvies is een bindende afwijzing voor onbepaalde tijd verbonden (het bindend negatief studieadvies) mits het uitbrengen van een voorlopig advies als bedoeld in artikel 5.2 daadwerkelijk en minimaal 40 werkdagen aan het negatief studieadvies is voorafgegaan. Bij het bepalen van de termijn van minimaal 40 werkdagen moet rekening gehouden worden met de onderwijsvrije dagen conform het vigerende HAN-jaarrooster. 3. N.v.t. 4. Aan een negatief studieadvies is een bindende afwijzing voor onbepaalde tijd verbonden voor de opleiding en de opleidingen Bedrijfkunde MER, Human Resource Management en Facility Management, mits het uitbrengen van een voorlopig advies als bedoeld in artikel 5.2 daadwerkelijk en minimaal 40 werkdagen aan het negatief studieadvies is voorafgegaan. Bij het bepalen van de termijn van minimaal 40 werkdagen moet rekening gehouden worden met de onderwijsvrije dagen conform het vigerende HAN-jaarrooster. 5. Tot het uitbrengen van een positief studieadvies aan het einde van het eerste jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding wordt overgegaan indien de student het propedeutisch examen heeft behaald. Artikel 5.4 Voorlopig Studieadvies na het eerste jaar van inschrijving 1. Gaandeweg het tweede jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding ontvangt iedere student met op enig moment dusdanig onvoldoende studieresultaten dat een succesvolle studievoortgang niet waarschijnlijk is en aan wie nog niet eerder een voorlopig negatief advies is uitgebracht van de instituutsdirecteur als waarschuwing schriftelijk een voorlopig negatief studieadvies. 2. N.v.t. 3. Tot het uitbrengen van een voorlopig negatief studieadvies als bedoeld in lid 1 wordt overgegaan indien de student niet alle na het eerste jaar van inschrijving resterende op dat moment volgens het toetsprogramma als volgend uit artikel 4.1 te behalen studiepunten vanwege met goed gevolg afgelegde tentamens en integrale toetsen heeft behaald. 4. De leden 1, 2 en 3 zijn van overeenkomstige toepassing op studenten die voor een derde jaar voor de propedeutische fase van de opleiding zijn ingeschreven omdat zij nog geen bindend negatief studieadvies kregen. Artikel 5.5 Definitief studieadvies na het eerste jaar van inschrijving 1. Tot het uitbrengen van een negatief studieadvies na het eerste jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding wordt overgegaan indien de student aan het einde van het tweede jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding het propedeutisch examen niet heeft gehaald tenzij vanwege inachtneming van de persoonlijke omstandigheden van de student door de instituutsdirecteur, onder door de instituutsdirecteur te stellen voorwaarden, hiervan wordt afgezien. 1a. In afwijking van lid 1 geldt bij het uitbrengen van een negatief studieadvies zoals bedoeld in lid 1 voor studenten die in februari gestart zijn met de opleiding en voor studenten die het International First Year (IFA) volgen de regeling zoals opgenomen in bijlage 6a. 2. Aan het negatief studieadvies zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel is een bindende afwijzing voor onbepaalde tijd verbonden (het bindend negatief studieadvies) mits het uitbrengen van een voorlopig advies als bedoeld in artikel 5.2 of 5.4 daadwerkelijk en minimaal 40 werkdagen aan het negatief studieadvies is voorafgegaan. Bij het bepalen van de termijn van minimaal 40 werkdagen moet rekening gehouden worden met de onderwijsvrije dagen conform het vigerende HANjaarrooster. 3. N.v.t. 4. Aan een negatief studieadvies, zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel, is een bindende afwijzing voor onbepaalde tijd verbonden voor de opleiding en de opleidingen Facility Management, Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

24 Bedrijfskunde MER en Human Resource Management, mits het uitbrengen van een voorlopig advies als bedoeld in artikel 5.2 of 5.4 daadwerkelijk en minimaal 40 werkdagen aan het negatief studieadvies is voorafgegaan. Bij het bepalen van de termijn van minimaal 40 werkdagen moet rekening gehouden worden met de onderwijsvrije dagen conform het vigerende HAN-jaarrooster. 5. De leden 1, tot en met 4 zijn van overeenkomstige toepassing op studenten die voor een derde jaar voor de propedeutische fase van de opleiding zijn ingeschreven omdat zij nog geen bindend negatief studieadvies kregen. 6. Tot het uitbrengen van een positief studieadvies na het eerste jaar van inschrijving voor de propedeutische fase van de opleiding wordt overgegaan indien de student het propedeutisch examen heeft behaald. Artikel 5.6 Persoonlijke omstandigheden 1. Onder persoonlijke omstandigheden als bedoeld in de leden 1 van de artikelen 5.3 en 5.5 wordt uitsluitend verstaan: a) ziekte van de student; b) lichamelijke, zintuiglijke of andere functiestoornis van de student; c) zwangerschap van de studente; d) bijzondere familieomstandigheden; e) lidmaatschap van medezeggenschapsraad, deelraad, studentencommissie of opleidingscommissie; f) het lidmaatschap van het bestuur van een studentenorganisatie van enige omvang met volledige rechtsbevoegdheid, dan wel een vergelijkbare organisatie van enige omvang, bij wie de behartiging van het algemeen maatschappelijk belang op de voorgrond staat en die daartoe daadwerkelijk activiteiten ontplooit. 2. Zodra één of meer persoonlijke omstandigheden als bedoeld in het vorige lid zich voordoen, stelt de student zijn studieloopbaanbegeleider onverwijld hiervan in kennis. 3. Indien er sprake is van persoonlijke omstandigheden dan kan de instituutsdirecteur in afwijking van de artikelen 5.3 en 5.5 separate besluiten nemen waarbij in ieder geval wordt besloten binnen welke termijn de student aan de gestelde eisen zoals bedoeld in artikel 5.3 en 5.5 moet voldoen. Artikel 5.7 Het recht gehoord te worden Voordat een negatief studieadvies waaraan een bindende afwijzing voor onbepaalde tijd is verbonden als bedoeld in de leden 2 van de artikelen 5.3 en 5.5 wordt uitgebracht, wordt de betreffende student in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. Paragraaf 6 Postpropedeutische fase van de opleiding Artikel 6.1 Samenstelling postpropedeutische fase 1. De postpropedeutische fase van de opleiding omvat per inrichtingsvorm als bedoeld in artikel 3.1 lid 1 en per programma met een bijzondere eigenschap als bedoeld in artikel 3.1 lid 3 de volgende onderwijseenheden met de daarbij vermelde studielast en niveau: 2. A. Voltijd hoofdfase Logistiek en Economie Niveau 1/2 Niveau 2/3 C-cluster D-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Ketendiagram Distributie Intern Logistieke analyse CKD 7,5 stp. Analyse voorraadconcept DLA 15 stp. Advies en aanbestedingsdocument CAA 7,5 stp. CDA 7,5 stp. Service Level Agreement CSA 7,5 stp. DIV 7,5 stp. Logistiek concept DLC 7,5 stp. E-cluster F-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Praktijkstage EPS 30 stp. Enterprise Resource Planning & Business Intelligence FEB 7,5 stp. Logistics Polacy Plan FPP 7,5 stp. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

25 Niveau 3 Quality & Operations Management FQM 7,5 stp. Management, leadership and cultural awareness in the supply chain FML 7,5 stp. G-cluster H-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Minor Afstudeeropdracht 30 stp. HAO 30 stp. B. Deeltijd hoofdfase Logistiek en Economie oud 1 Niveau 1/2 Niveau 2/3 C-cluster D-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Logistiek Facilitair B Logistiek concept LFB 7,5 stp LLC 7,5 stp. Logistiek Facilitair A LFA 7,5 stp. Logistiek Projectopdracht LPO2 7,5 stp. Praktijkvaardigheden PKV2 7,5 stp. E cluster Logistiek Interne voorraad LIV 7,5 stp. Logistiek project LPO3 7,5 stp. Praktijkvaardigheden PKV2 7,5 stp. F-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Logistiek project: Logistiek project: logistieke analyse & Supply Chain quality of Control in de operations in de beroepspraktijk beroepspraktijk LPO5 7,5 stp. LPO4 7,5 stp. Logistiek analyse LLA 7,5 stp. Quality & Operations LQM 7,5 stp. Logistiek Enterprise Resource Planning & Business Intelligence LEB 7,5 stp. Logistiek Management & Leadership in the supply chain LML 7,5 stp. Praktijkvaardigheden PKV2 7,5 stp. Praktijkvaardigheden PKV2 7,5 stp. G-cluster H-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Niveau 3 Minor 30 stp. Logistiek Afstudeer Opdracht HAO 30 stp. C. Duaal hoofdfase Logistiek en Economie oud 2 Niveau 1/2 C-cluster D-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Ketendiagram Distributie Intern Logistieke analyse CKD 7,5 stp. Analyse voorraadconcept DLA 15 stp. Advies en aanbestedingsdocument CAA 7,5 stp. CDA 7,5 stp. Service Level Agreement CSA 7,5 stp. Praktijkvaardigheden (PWU3) en persoonlijk ontwikkel plan (POP 3) CU1 LE 7,5 stp. DIV 7,5 stp. Logistiek concept DLC 7,5 stp. Praktijkvaardigheden (PWU4) en persoonlijk ontwikkel plan (POP4) DU1 LE - 7,5 stp. 1 Het onderwijs van het C- en D-cluster van de inrichtingsvariant deeltijd wordt in het studiejaar niet meer aangeboden. Voor de beschrijvingen van de onderwijseenheden wordt verwezen naar de Onderwijs- en Examenregeling Logistiek en Economie (Deel)tentamens worden wel aangeboden voor studenten die in het onderwijs van het C- en D-cluster hebben gevolgd. 2 Het onderwijs van het C- en D-cluster van de inrichtingsvariant duaal wordt in het studiejaar niet meer aangeboden. Voor de beschrijvingen van de onderwijseenheden wordt verwezen naar de Onderwijs- en Examenregeling Logistiek en Economie (Deel)tentamens worden wel aangeboden voor studenten die in het onderwijs van het C- en D-cluster hebben gevolgd. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

26 Niveau 2/3 Niveau 2/ 3 Action Learning Opdracht CU2 LE 7,5 stp. Action Learning Opdracht DU2 LE 7,5 stp. E-cluster F-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Praktijkvaardigheden (PWU5) en Management, leadership and cultural persoonlijk ontwikkel plan (POP5) awareness in the supply chain EU1 LE 7,5 stp. FML 7,5 stp. Action Learning Opdracht EU2 - LE 7,5 stp. Praktijkvaardigheden (PWU6) en persoonlijk ontwikkel plan (POP6) FU1 LE 7,5 stp. Quality & Operations LQM 7,5 stp. Action Learning Opdracht FU2 LE 7,5 stp. G-cluster H-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Praktijkvaardigheden (PWU7) en Afstudeeropdracht persoonlijk ontwikkel plan (POP7) HAO 30 stp. GU1 LE 7,5 stp. Action Learning Opdracht GU2 - LE 7,5 stp. D. Deeltijd/duaal hoofdfase Logistiek en Economie nieuw Niveau 1/2 C-cluster D-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Externe logistiek Interne logistiek LEX- 7,5 stp 7,5 - stp Praktijkopdracht 3: Inkoop L3PO 7,5 - stp Projectmanagement, recht, communicatie PRC - 7,5 stp Praktijkvaardigheden 2: LPV2-30 stp (te behalen in C, D, E, F Cluster) Operations management, economie en onderzoek 7,5 - stp Praktijkopdracht 4: Interne logistiek L4PO 7,5 - stp E. Voltijd hoofdfase Logistics Management (Economics) voor studenten die in studiejaar het C-, D-, E- en F-cluster volgen. Niveau 2 Niveau 2 C-cluster D-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Tendering & Procurement DIL 7,5 EC CTP 7,5 EC Internal Logistics International Finance Quantitative Methods in Logistics CIF 7,5 EC DQM 7,5 EC External Logistics Integrated Logistic CEL - 7,5 EC Concept DLC 7,5 EC Professional Skills Professional Skills CPS 7,5 EC DPS 7,5 EC E-cluster F-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Study Abroad Placement ESA 30 EC FPL 30 EC G-cluster H-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Niveau 3 (In ontwikkeling) Graduation Assignment HGA 30 EC Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

27 F. Voltijd hoofdfase Logistics Management (Economics) voor studenten die in studiejaar het G-, en H-cluster volgen. Niveau 2 Niveau 2 Niveau 3 C-cluster D-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Tendering & Procurement Quantitative Methods Integrated CTP 7,5 EC in Logistics Logistic Concept DQM 7,5 EC DLC 7,5 EC International Finance Internal Logistics CIF 7,5 EC External Logistics CEL - 7,5 EC Professional Skills CPS 7,5 EC E-cluster DIL 7,5 EC Professional Skills DPS 7,5 EC F-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Distribution Management Study Abroad or Free Minor FDB 7,5 EC 30 EC Production FPR 7,5 EC Supply Chain Management FSC 7,5 EC Logistics Policy Plan FLP 7,5 EC G-cluster H-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4 Placement Graduation Assignment GPL 30 EC HGA 30 EC 3. Bijlage 4 van deze regeling bevat van alle onderwijseenheden als bedoeld in het vorige lid het overzicht van de volgende gegevens met betrekking tot het onderwijs en de tentaminering: 1. Opleiding 2. Doelgroep 3. Beroepstaak/beroepstaken 4. Centrale beroepstaak 5. Beroepsproducten 6. Studiepunten/studielast 7. Samenhang 8. Ingangseisen m.b.t. tentamens 9. Algemene omschrijving 10. Competenties 11. Beoordelingscriteria 12. Tentaminering 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software 16. Overig materiaal 17. Activiteiten 18. Werkvormen 19. Les-/Contacturen 20. Onderwijsperiode 21. Maximum aantal deelnemers 4. In de postpropedeutische fase vindt twee maal een integrale toets plaats als bedoeld in artikel 7.1 lid Bijlage 5 van deze regeling bevat van de integrale toetsen van de postpropedeutische fase het overzicht van de volgende gegevens: 1. Opleiding 2. Doelgroep 3. Beroepstaken 4. (Beroeps)producten Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

28 5. Studiepunten en/of samenval met reguliere tentamens 6. Samenhang met andere integrale toetsen en tentamens 7. Ingangseisen 8. Algemene omschrijving 9. Competenties 10. Beoordelingscriteria 11. Integrale toetskenmerken en vormen 12. Verplicht en aanbevolen materiaal 13. Onderwijsperiode 5. Aan onderwijseenheden als bedoeld in lid 1, aan daarbij behorende tentamens als uitgewerkt conform lid 2 en aan integrale toetsen als uitgewerkt conform lid 4 worden gelijkgesteld de onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen uit voorgaande studiejaren van de opleidingen die als zodanig zijn opgenomen in bijlage 6 van deze regeling. 6. N.v.t. Paragraaf 7 Tentamens, integrale toetsen en examens van de opleiding Artikel 7.1 (Deel)tentamen en integrale (deel)toets 1. Een tentamen is een onderzoek naar de competenties van de student, zijnde de kennis, het inzicht, de vaardigheden en attitude in samenhang met elkaar, die behoren bij een onderwijseenheid. Het tentamen omvat mede de beoordeling van de uitkomsten van dat onderzoek. 2. Een integrale toets is een onderzoek naar de competenties van de student, zijnde de kennis, het inzicht, de vaardigheden en attitude in samenhang met elkaar, die behoren bij het beroepshandelen waarin een of meer beroepstaken een rol spelen. De integrale toets omvat mede de beoordeling van de uitkomsten van dat onderzoek. 3. Aan iedere onderwijseenheid is een tentamen verbonden. Een tentamen kan bestaan uit deeltentamens. Het tentamen is behaald als het met goed gevolg is afgelegd, respectievelijk alle daartoe behorende deeltentamens met goed gevolg zijn afgelegd. 4. Op ieder niveau als bedoeld in artikel 3.2 lid 2 wordt met betrekking tot een of meer beroepstaken een integrale toets afgenomen. 5. Een integrale toets is aan een of meerdere onderwijseenheden verbonden. Een integrale toets kan bestaan uit deeltoetsen. De integrale toets is behaald als deze met goed gevolg is afgelegd, respectievelijk alle daartoe behorende deeltoetsen met goed gevolg zijn afgelegd. 6. Het volledige toetsprogramma van de opleiding in tentamens en integrale toetsen is qua inhoud, vorm en samenhang beschreven in de bijlagen 1, 2, 4 en 5 van deze regeling behorende bij de leden 2 en 4 van de artikelen 4.1 en In het toetsprogramma als bedoeld in het vorige lid is vastgelegd of en in hoeverre een of meerdere (deel)tentamens als bedoeld in de leden 1 en 3 gelden als een of meerdere integrale (deel)toetsen. 8. De examinator drukt de kwalificatie van een tentamen of een integrale toets uit in een cijfer. 9. Indien een tentamen of integrale toets bestaat uit deeltentamens respectievelijk deeltoetsen kunnen de kwalificaties van deze deeltentamens respectievelijk deeltoetsen zowel worden uitgedrukt in een cijfer als in de kwalificatie voldaan of niet voldaan. 10. De kwalificatie van een tentamen, niet zijnde een deeltentamen, of integrale toets, niet zijnde een deeltoets, wordt uitgedrukt in een van de volgende cijfers: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 of 10. Een 6 of hoger betekent dat de kandidaat voor het tentamen of voor de integrale toets is geslaagd; een 5 of lager betekent dat de kandidaat voor het tentamen of integrale toets niet is geslaagd. 11. Cijfers met de decimaal,1;,2;,3;,4 worden tot hele cijfers afgerond naar beneden. Cijfers met de decimaal,5,6;,7;,8;,9 worden tot hele cijfers afgerond naar boven. Een cijfer voor een deeltentamen of deeltoets wordt niet afgerond tot een heel cijfer, maar tot een cijfer met 1 decimaal. Cijfers met de tweede decimaal,.1;,.2;,.3;,.4 worden tot 1 decimaal afgerond naar beneden. Cijfers met de tweede decimaal,.5,.6;,.7;,.8;,.9 worden tot 1 decimaal afgerond naar boven. 12. De laatst behaalde kwalificatie voor een (deel)tentamen of een integrale (deel)toets geldt als definitieve kwalificatie. 13. Indien de student een voldoende heeft behaald voor een (deel)tentamen of een integrale (deel)toets, mag hij niet meer deelnemen aan hetzelfde (deel)tentamen of dezelfde integrale (deel)toets. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

29 14. In afwijking van lid 8 en lid 10 kan in de volgende gevallen in plaats van een cijfer de kwalificatie voldaan/niet voldaan worden gegeven: a. indien het gaat om een met goed gevolg afgelegd tentamen betrekking hebbend op een vrije minor behaald bij een buitenlandse onderwijsinstelling waarbij het niet mogelijk is om de daar behaalde kwalificatie om te zetten in een kwalificatie zoals bedoeld in lid 8 en lid 10. b. indien het gaat om een met goed gevolg afgelegd tentamen betrekking hebbend op een vrije minor behaald bij een andere Nederlandse onderwijsinstelling waarbij het niet mogelijk is om de daar behaalde kwalificatie om te zetten in een kwalificatie zoals bedoeld in lid 8 en lid Indien de student het bachelorexamen met genoegen of cum laude kan behalen en dit predicaat op zijn getuigschrift opgenomen wenst te hebben, dan is lid 14 van dit artikel niet van toepassing. De student dient dan een individuele beoordeling welke zal leiden tot een cijfer zoals bedoeld in lid 8 en lid 10 van dit artikel voor het desbetreffende tentamen aan te vragen bij de examencommissie. Artikel 7.2 Volgorde (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen 1. Voor deelname aan tentamens en integrale toetsen van de postpropedeutische fase geldt als eis het bezit van het propedeutisch getuigschrift van de opleiding van de HAN of van een andere instelling voor hoger onderwijs of het bezit van een door de instituutsdirecteur verleende vrijstelling daarvan. 2. In afwijking van het bepaalde in het vorige lid kan de examencommissie op verzoek van de student toestemming verlenen tot het afleggen van tentamens en integrale toetsen van de postpropedeutische fase nog voordat het propedeutisch examen is behaald. 3. Indien dit in de bijlagen als bedoeld bij de leden 2 van de artikelen 4.1 en 6.1 onder punt 8 (ingangseisen) van een onderwijseenheid wordt bepaald, is het met goed gevolg afgelegd hebben van een of meer benoemde tentamens en/of integrale toetsen een voorwaarde voor het mogen afleggen van het aan die onderwijseenheid verbonden tentamen. 4. Indien dit in de bijlagen als bedoeld bij de leden 4 van de artikelen 4.1 en 6.1 onder punt 7 (ingangseisen) van een integrale toets wordt bepaald, is het met goed gevolg afgelegd hebben van een of meer tentamens en/of integrale toetsen een voorwaarde voor het mogen afleggen van de desbetreffende integrale toets. Artikel 7.2a Onderwijseenheden met een aanwezigheidsverplichting 1. Indien dit in de bijlagen als bedoeld in artikel 4.1 lid 2 en artikel 6.1 lid 2 bij de punten 8 (ingangseisen), 11 (beoordelingscriteria) en/of 12 (tentaminering) van een onderwijseenheid wordt bepaald, dient de student deelgenomen te hebben aan (onderdelen van) het onderwijs binnen die onderwijseenheid om toegelaten te kunnen worden tot het afleggen van een (deel)tentamen of een integrale (deel)toets in die onderwijseenheid. 2. De examencommissie kan op verzoek van de student vrijstelling van de in lid 1 bedoelde verplichting verlenen, al dan niet onder oplegging van vervangende eisen. Artikel 7.3 Frequentie van de (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen 1. De opleiding stelt de student in de gelegenheid minimaal 2 keer per studiejaar een (deel)tentamen in een onderwijseenheid af te leggen. 2. De opleiding stelt de student in de gelegenheid minimaal 2 keer per studiejaar een integrale (deel)toets af te leggen. 3. In afwijking van het eerste en tweede lid alsook van artikel 7.1 lid 13 kan de examencommissie beslissen dat de student een extra gelegenheid heeft tot het afleggen van een (deel)tentamen of integrale (deel)toets. Daartoe dient de examencommissie tijdig een schriftelijk en met redenen omkleed verzoek van de student te ontvangen. De examencommissie draagt er zorg voor dat de betreffende examinatoren en student tijdig en schriftelijk geïnformeerd worden over haar besluit. Artikel 7.4 Vorm van de (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen 1. De (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen worden in de vormen afgelegd als bepaald in de bijlagen van deze regeling als bedoeld bij de leden 2 van de artikelen 4.1 en 6.1 onder punt 12 (tentaminering) en bij de leden 4 van de artikelen 4.1 en 6.1 onder punt 11 (integrale toetskenmerken en -vormen), behoudens de bevoegdheid van de examencommissie in bijzondere gevallen anders te bepalen. 2. De opleiding hanteert de volgende vormen voor (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen a. Schriftelijk tentamen b. Practicum / vaardigheidstoets / computertests Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

30 c. Luistertoets d. Mondeling tentamen e. Inleveropdracht / beroepsproduct f. Project g. Portfolio h. Continuous assessment, peer assessment en/of participatie i. Presentatie j. anders Artikel 7.4a Leerwegonafhankelijke (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen 1. De student die op basis van eerder met goed gevolg afgelegde (deel)tentamens of examens in het hoger onderwijs en/of ander bewijs van competentieverwerving onvoldoende bewijs heeft voor het verkrijgen van vrijstellingen voor tentamens maar niettemin beschikt over de competenties voor beroepstaken behorende bij een of meer onderwijseenheden, alsook de student die daar voldoende bewijs voor heeft maar geen regulier tentamen wenst te doen, kan de examencommissie verzoeken om in aanmerking te komen voor leerwegonafhankelijke (deel)tentamens en/of integrale (deel)toetsen. 2. Leerwegonafhankelijke (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen kunnen bij de start van de opleiding of tijdens de opleiding worden afgelegd zonder gebruik te hebben gemaakt van de door de opleiding aangeboden onderwijseenheden waaraan deze tentamens regulier verbonden zijn respectievelijk waarin inzicht in samenhang tussen de desbetreffende beroepstaken geleerd wordt. 3. Na beoordeling van het door de student ingediende verzoek als bedoeld in lid 1 en het bijbehorende bewijsmateriaal neemt de examencommissie daartoe een gemotiveerd besluit. Dit besluit deelt zij vervolgens binnen 20 werkdagen na indiening van het verzoek mee aan de betreffende student en de overige direct bij uitvoering van het besluit betrokken medewerkers. 4. In het besluit als bedoeld in het vorige lid worden tevens de examinatoren aangewezen en de toetsvormen bepaald en/of wordt bepaald dat deze (deel)tentamens en/of integrale (deel)toetsen leerwegonafhankelijk volgens het reguliere toetsprogramma worden afgelegd. Artikel 7.5 Het afleggen van (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen door studenten met handicap of chronische ziekte De examencommissie stelt de student met een handicap of chronische ziekte op diens verzoek in de gelegenheid (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen af te leggen op een wijze die is aangepast aan zijn functiebeperking(en), een en ander conform wat is bepaald in het instellingsspecifiek deel van het studentenstatuut. Artikel 7.6 Openbaarheid mondelinge (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen 1. Mondelinge (deel)tentamens en integrale (deel)toetsen zijn in beginsel openbaar. 2. De examencommissie kan in bijzondere gevallen de openbaarheid begrenzen of niet toestaan. Artikel 7.7 Bekendmaking uitslag tentamen en uitslag integrale toets 1. De uitslag van een mondeling (deel)tentamen of een mondelinge integrale (deel)toets wordt zo spoedig mogelijk bekend gemaakt aan de student, doch uiterlijk binnen 10 werkdagen. 2. De examinator stelt de uitslag van een niet mondeling afgenomen (deel)tentamen of een niet mondeling afgenomen integrale (deel)toets vast en draagt zorg voor de invoering in het studentinformatiesysteem van de HAN binnen 15 werkdagen na de dag waarop het (deel)tentamen of de integrale (deel)toets is afgelegd. 3. Op verzoek van de student deelt de examinator hem de uitslag van het (deel)tentamen of de uitslag van de integrale (deel)toets schriftelijk mee. Artikel 7.8 Inzagerecht De student kan binnen 20 werkdagen na de datum waarop hem de uitslag van het schriftelijke (deel)tentamen, respectievelijk de schriftelijke integrale (deel)toets bekend is gemaakt, inzage krijgen in zijn beoordeeld werk, vragen en opdrachten en de normen aan de hand waarvan de beoordeling heeft plaatsgevonden. Artikel 7.9 Vrijstelling van (deel)tentamens en integrale (deel) toetsen 1. De student die op basis van eerder met goed gevolg afgelegde (deel)tentamens of examens in het hoger onderwijs en/of ander bewijs van competentieverwerving aantoonbaar de competenties Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

31 voor beroepstaken behorende bij een of meer onderwijseenheden beheerst, kan de examencommissie een verzoek doen tot verlening van vrijstelling van het afleggen van een of meerdere (deel)tentamens en/of integrale (deel)toetsen betrekking hebbend op de onderwijseenheid of onderwijseenheden waarin deze competenties en beroepstaken geleerd worden. 2. Na beoordeling van het door de student ingediende verzoek en het bijbehorende bewijsmateriaal neemt de examencommissie daartoe een gemotiveerd besluit. Dit besluit deelt zij vervolgens binnen 20 werkdagen na indiening van het verzoek mee aan de betreffende student en overige direct bij het besluit betrokken medewerkers. 3. De gronden voor het besluit tot het verlenen van vrijstelling kunnen zijn gelegen in eerder afgelegde tentamens of examens in het hoger onderwijs, in officiële rapportages Erkenning Verworven Competenties (EVC) en in overige in en buiten het onderwijs opgedane kennis en vaardigheden. Bij de beoordeling van het verzoek als bedoeld in lid 1 hanteert de examencommissie de beoordelingscriteria die volgen uit en zijn vastgelegd in bijlage 1 en 4 van deze regeling bij de punten 3 (beroepstaak/beroepstaken), 4 (centrale beroepstaak), 5 (beroepsproducten), 10 (competenties), 11 (beoordelingscriteria) en 12 (tentaminering) en in bijlage 2 en 5 van deze regeling bij de punten 3 (beroepstaken), 4 (beroepsproducten), 9 (competenties), 10 (beoordelingscriteria) en 11 (integrale toetskenmerken en -vormen) van de gegevens van de onderwijseenheden als bedoeld in de artikelen 4.1 en 6.1 ten behoeve van de (deel)tentamens respectievelijk integrale (deel)toetsen in de met betrekking tot de aangevraagde vrijstelling van belang zijnde onderwijseenheden. 4. De examencommissie kan met goed gevolg afgelegde tentamens of getuigschriften van andere opleidingen, officiële rapportages Erkenning Verworven Competenties (EVC) en competentiemetingen afgenomen onder de eigen verantwoordelijkheid alsook welomschreven werkervaring gemotiveerd aanwijzen als grond voor één of meer vrijstellingen. De tweede volzin uit het vorige lid is hierbij van overeenkomstige toepassing. 5. Vrijstellingen op basis van aanwijzingsbesluiten als bedoeld in het vorige lid leiden tot verkorte programma s voor specifieke doelgroepen als opgenomen in bijlage Besluiten genomen door de examencommissie als in lid 4 gelden voor één studiejaar. Deze besluiten worden jaarlijks herzien. 7. De kwalificatie van een (deel)tentamen of integrale (deel)toets waarvan vrijstelling is verleend, wordt uitgedrukt als vrijstelling en niet als een cijfer van beoordeling zoals bedoeld in artikel 7.1. Artikel 7.10 Het propedeutisch examen 1. Het propedeutisch examen is gehaald indien alle tentamens en integrale toets met betrekking tot de onderwijseenheden uit de propedeutische fase als bedoeld in artikel 4.1 naar het oordeel van de examencommissie met goed gevolg zijn afgelegd. 2. Onder het met goed gevolg afleggen van een tentamen of integrale toets in de zin van het vorige lid wordt zowel het met de kwalificatie 6 of hoger zijn beoordeeld als het hebben verkregen van een vrijstelling begrepen. 3. Het propedeutisch examen is cum laude gehaald indien alle tentamens en integrale toets m.b.t. de onderwijseenheden uit de propedeutische fase als bedoeld in artikel 4.1 met de kwalificatie 8 of hoger zijn beoordeeld en er voor niet meer dan 30 studiepunten aan vrijstellingen hiervan zijn verleend. Bij de bepaling van het predicaat cum laude worden de additionele tentamens als bedoeld in artikel 3.7 niet meegenomen. Artikel 7.11 Het afsluitend examen oftewel bachelorexamen 1. Het afsluitend examen oftewel bachelorexamen is gehaald indien alle tentamens en integrale toetsen met betrekking tot de onderwijseenheden uit de postpropedeutische fase als bedoeld in artikel 6.1 naar het oordeel van de examencommissie met goed gevolg zijn afgelegd. 2. Onder het met goed gevolg afleggen van een tentamen of integrale toets in de zin van het vorige lid wordt zowel het met de kwalificatie 6 of hoger zijn beoordeeld, het met de kwalificatie voldaan zijn beoordeeld indien artikel 7.1 lid 14 van toepassing is als het hebben verkregen van een vrijstelling begrepen. 3. Het afsluitend examen oftewel bachelorexamen is met genoegen gehaald indien alle tentamens en integrale toetsen uit de postpropedeutische fase als bedoeld in artikel 6.1 inclusief de minor met de kwalificatie 7 of hoger zijn beoordeeld en er voor niet meer dan 75 studiepunten aan vrijstellingen hiervan zijn verleend. Bij de bepaling van het predicaat met genoegen worden de additionele tentamens als bedoeld in artikel 3.7 niet meegenomen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

32 4. Het afsluitend examen oftewel bachelorexamen is cum laude gehaald indien alle tentamens en integrale toetsen uit de postpropedeutische fase als bedoeld in artikel 6.1 inclusief de minor met de kwalificatie 8 of hoger zijn beoordeeld en er voor niet meer dan 75 studiepunten aan vrijstellingen hiervoor zijn verleend. Bij de bepaling van het predicaat cum laude worden de additionele tentamens als bedoeld in artikel 3.7 niet meegenomen. Artikel 7.11 a Externe toezichthouder 1. Voor elke opleiding of groep van opleidingen wordt één of meerdere externe toezichthouders benoemd. 2. Een extern toezichthouder heeft tot taak zich een oordeel te vormen over c.q. toezicht te houden op de kwaliteit van het examen. 3. De taken, competenties en positie van de externe toezichthouders zijn nader uitgewerkt in de door de faculteitsdirecteur vastgelegde regeling externe toezichthouders. Artikel 7.12 Resultatenoverzicht, bewijsstukken, getuigschriften en verklaringen 1. Binnen 15 werkdagen na een tentamen of integrale toets, kan de student via het studentinformatiesysteem van de HAN een cijferlijst waarin het resultaat van dit tentamen of deze integrale toets is opgenomen inzien en printen. Deze uitdraai geldt binnen de HAN als officieel bewijsstuk. Indien de student dit wenst, kan hij van de examinator(en) een ondertekend tentamenbriefje uitgereikt krijgen. 2. Op het bewijsstuk als bedoeld in het vorige lid staan de behaalde kwalificaties met betrekking tot de tentamens en integrale toetsen, de daarbij behorende onderwijseenheden en beroepstaken en de daarmee corresponderende studiepunten conform de artikelen 4.1 en 6.1 en de daarbij behorende bijlagen vermeld. 3. Als bewijs dat het examen met goed gevolg is afgelegd wordt door de examencommissie, nadat de instituutsdirecteur heeft verklaard dat aan de procedurele eisen voor afgifte is voldaan, een getuigschrift uitgereikt. 4. De student die aanspraak heeft op uitreiking van een getuigschrift, kan de examencommissie verzoeken nog niet daartoe over te gaan. 5. Een verzoek zoals bedoeld in lid 4 wordt slechts ingewilligd indien: a) De student op grond van artikel 3.7 toestemming heeft gekregen een of meer extra minoren en/of een of meer extra onderwijseenheden te volgen. b) de student het verzoek indient gedurende het lopende studiejaar. Verzoeken voor opschorting van het uitreiken van een getuigschrift waarbij de termijn van opschorting betrekking heeft op een nieuw studiejaar, worden niet toegekend tenzij er sprake is van een situatie als bedoeld onder sub a. 6. Degene die geslaagd is voor het afsluitend examen krijgt een Engelstalig diplomasupplement uitgereikt. 7. Degene die meer dan een tentamen of integrale toets met goed gevolg heeft afgelegd en aan wie geen getuigschrift als bedoeld in het derde lid kan worden uitgereikt, ontvangt desgevraagd een door de examencommissie af te geven verklaring waarin in elk geval de tentamens en/of integrale toetsen die door hem met goed gevolg zijn afgelegd, de beoordelingskwalificaties en studiepunten zijn vermeld. Indien het tentamens of integrale toetsen met betrekking tot additioneel onderwijs als bedoeld in artikel 3.7 lid 1 betreffen, worden eveneens de daarmee corresponderende onderwijseenheden vermeld. Artikel 7.13 Graad 1. De examencommissie, hiertoe gemandateerd door het college van bestuur, verleent bij vaststellingsbesluit dat de kandidaat is geslaagd voor het afsluitend examen van de bacheloropleiding als bedoeld in lid 1 van de artikelen 7.10 en 7.11 aan de geslaagde de graad Bachelor of Business Administration. 2. De verleende graad wordt op het getuigschrift van het afsluitend examen vermeld. 3. N.v.t. Paragraaf 7a Schakelprogramma s Artikel 7a.1 Ondersteuning en omvang schakelprogramma s N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

33 Paragraaf 7b Landelijke afspraken basiskennis Artikel 7b.1 Eisen basiskennis N.v.t. 7b.2 Landelijke rekentoets en landelijke taaltoets N.v.t. Paragraaf 8 Examencommissie en examinatoren Artikel 8.1 Examencommissie 1. De faculteitsdirectie stelt, op basis van een gedelegeerde bevoegdheid van het instellingsbestuur, voor elke opleiding of groep van opleidingen een examencommissie in. Er is een examencommissie voor de opleidingen Bedrijfskunde MER, Logistiek en Economie, Human Recource Management, Facility Management en HBO-Rechten van het instituut Bedrijfskunde en Rechten. 2. De examinatoren en de leden van de examencommissie hebben voldoende deskundigheid en hebben de basisscholing die wordt aangeboden door de HAN Academy of een vergelijkbare training gevolgd. 3. De examencommissie is het orgaan dat op objectieve en deskundige wijze vaststelt of een student voldoet aan de voorwaarden die dit reglement stelt ten aanzien van kennis, inzicht en vaardigheden, zijnde de eindkwalificaties die nodig zijn voor het verkrijgen van een graad. 4. De examencommissie blijft volledig verantwoordelijk voor eventueel door haar gemandateerde taken en/of bevoegdheden. 5. De examencommissie draagt er zorg voor dat door haar genomen mandaatbesluiten schriftelijk worden vastgelegd en worden opgenomen in een reglement examencommissie. Een kopie van de mandaatverlening wordt naar de (faculteits)controller verzonden. Artikel 8.2 Taken en bevoegdheden examencommissie Naast de taak zoals omschreven in artikel 8.1 lid 3, heeft de examencommissie de volgende taken en bevoegdheden: 1. Het borgen van de kwaliteit van tentamens, integrale toetsen en examens en het vaststellen van nadere (uitvoerings)regels ter zake. 2. Het vaststellen van richtlijnen en aanwijzingen binnen het kader van de OER om de tentamens, integrale toetsen en examens te beoordelen en de uitslag vast te stellen, inclusief het vaststellen van nadere (uitvoerings)regels ter zake. 3. Bij het vaststellen van richtlijnen en aanwijzingen zoals bedoeld in lid 2 wordt gewerkt met protocollen voor het beoordelen van werkstukken die aansluiten bij de landelijke eisen. 4. Het aanwijzen van examinatoren ten behoeve van het afnemen van tentamens en integrale toetsen en het vaststellen van de uitslag daarvan. 5. Het beëindigen van de aanwijzing als examinator. 6. Het vaststellen van nadere regels in verband met mogelijke fraude van een (aankomend) student of extraneus en de in dat verband te nemen maatregelen. 7. Het doen van voorstellen aan het college van bestuur om de inschrijving van een student te beëindigen bij ernstige fraude. 8. Het adviseren van het college van bestuur in verband met beëindigen van de opleiding van de student als gevolg van zijn gedraging in relatie tot toekomstige beroepsuitoefening. 9. Het, voor zover dat tot haar bevoegdheden behoort, beslissen op bezwaarschriften ingediend door studenten, conform het studentenstatuut. 10. Het beslissen bij verdenking van een door een student gepleegde onregelmatigheid en het zonodig treffen van maatregelen ter zake, een en ander conform het reglement examencommissie examens zoals vastgesteld is door de examencommissie. 11. Het beslissen op vrijstellingsverzoeken van studenten en groepen van studenten en het vaststellen van nadere (uitvoerings)regels ter zake. 12. Het beslissen op het verzoek van een student om een vrije minor te volgen. 13. Het beslissen op het verzoek van een student tot een extra gelegenheid voor het afleggen van een tentamen of integrale toets. 14. Het beslissen op het verzoek van de student voor het afleggen van een leerwegonafhankelijk tentamen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

34 15. Het beslissen dat een student tentamens en integrale toetsen van het afsluitend examen kan afleggen, voordat het propedeutisch examen met goed gevolg is afgelegd. 16. Het beslissen dat een student tentamens en integrale toetsen in een andere vorm mag afleggen als bepaald in de bijlagen van deze regeling, als bedoeld bij de leden 2 van de artikelen 4.1 en 6.1 onder punt 12 en bij de leden 4 van de artikelen 4.1 en 6.1 onder punt Studenten met een lichamelijke of zintuigelijke functiebeperking in de gelegenheid stellen op een aangepaste wijze tentamens en integrale toetsen af te leggen. 18. Het beslissen op een verzoek van een student om een mondeling tentamen of een mondelinge integrale toets niet openbaar te laten zijn. 19. Het uitreiken van bewijsstukken en verklaringen. 20. Het mede vorm geven aan het examenbeleid van de opleiding of groep van opleidingen. 21. Het adviseren van de faculteitsdirectie en instituutsdirectie over de OER 22. Het uitreiken van een getuigschrift ten bewijze dat een examen met goed gevolg is afgelegd, nadat door het instellingbestuur is verklaard dat aan de procedurele eisen voor afgifte is voldaan. Deze eisen zijn: a) de student dient voor het verlenen van de graad ingeschreven te staan bij de HAN; b) het collegegeld dient betaald te zijn; c) in het studentinformatiesysteem van de HAN is definitief en formeel vastgelegd dat alle tentamens met goed gevolg zijn afgelegd. 23. Het beslissen op het verzoek van de student om de uitreiking van het getuigschrift op te schorten. 24. Het desgevraagd - aan degene die meer dan één tentamen of integrale toets met goed gevolg heeft afgelegd en aan wie geen getuigschrift als bedoeld in artikel 7.11 lid 2 WHW kan worden uitgereikt - verstrekken van een verklaring waarin in elk geval de tentamens en/of integrale toetsen zijn vermeld die met goed gevolg zijn afgelegd. 25. Het uitreiken van een getuigschrift bekwaamheidsonderzoek als bewijs dat het bekwaamheidsonderzoek met goed gevolg is afgesloten in het kader van de zij-instroom in het beroep van leraar en docent. Artikel 8.3 Samenstelling examencommissie 1. De examencommissie bestaat uit ten minste drie leden, waaronder een voorzitter en een secretaris. Van deze leden is er: a) tenminste één als docent verbonden aan de opleiding of aan een van de opleidingen die tot de groep van opleidingen behoort waarvoor de examencommissie is ingesteld en; b) tenminste één belast met toegepast onderzoek bij/voor de opleiding of bij/voor een of meer van de opleidingen die tot de groep van opleidingen behoren waarvoor de examencommissie is ingesteld of tenminste één competent met betrekking tot toegepast onderzoek relevant voor de opleiding of voor een of meer van de opleidingen die tot de groep van opleidingen behoren waarvoor de examencommissie is ingesteld. c) tenminste één lid afkomstig van buiten de desbetreffende opleiding of een van de opleidingen die tot de groep van opleidingen behoort. 2. De examencommissie kan in zijn werkzaamheden worden ondersteund door een ambtelijk secretaris. 3. De examencommissie kan, voor aangelegenheden de dagelijkse gang van zaken betreffende, een dagelijkse commissie (DC) instellen. Deze commissie bestaat uit de voorzitter van de examencommissie en een ander lid en wordt - voor zover die functie wordt ingesteld - ondersteund door de ambtelijk secretaris. De dagelijkse commissie is, op basis van een algemeen mandaat, bevoegd om de lopende zaken te regelen. Ingeval in voorkomende situaties de DC niet tot besluitvorming komt, zal op zo kort mogelijke termijn de situatie aan de examencommissie ter besluitvorming worden voorgelegd. Artikel 8.4 Benoeming, schorsing, beëindiging en zittingsduur van de leden van de examencommissie 1. De faculteitsdirectie benoemt, op basis van een gedelegeerde bevoegdheid van het instellingsbestuur en op voordracht van de instituutsdirectie, de leden van de examencommissie waaronder de voorzitter, de secretaris, de plaatsvervangend voorzitter en de plaatsvervangend secretaris. Een en ander met inachtneming van artikel De faculteitsdirectie draagt er zorg voor dat de examencommissie zodanig is samengesteld dat deskundigheid geborgd is op de volgende terreinen: a) relevante wettelijke kaders (WHW) en overige relevante regelingen; Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

35 b) kennis van het te bereiken eindniveau van de opleiding(en) en het traject dat daarnaar leidt (curriculum); c) kwaliteitsborging en beleid met betrekking tot examens en toetsen (gelet op rol examencommissie bij accreditatie); d) methodologisch-technische aspecten van toetsen (zoals toetsconstructie, validiteit, betrouwbaarheid, transparantie en efficiëntie); e) toegepast onderzoek bij betreffende opleiding(en). 3. Ten behoeve van de voordracht en de benoeming van de leden van de examencommissie wordt een profielschets gehanteerd. In deze profielschets zijn eisen/criteria m.b.t. de vereiste competenties geformuleerd. 4. Ter bevordering van de onafhankelijkheid van de examencommissie kunnen faculteitsdirecteuren, instituutsdirecteuren, onderwijsmanagers, coördinatoren en docenten belast met de taak van curriculumvoorzitter, opleidingscoördinator of personen die financiële verantwoordelijkheid dragen binnen de instelling geen deel uitmaken van de examencommissie(s) van de opleiding(en) waar(in) ze werkzaam zijn. 5. Indien het gelet op de schaalgrootte van de opleiding of groep van opleidingen niet goed mogelijk is om in voldoende mate competente leden van de examencommissie te benoemen kan de faculteitsdirectie op verzoek van de instituutsdirectie - toestaan dat een docent belast met de taak van curriculumvoorzitter of opleidingscoördinator toch deel kan uitmaken van de examencommissie(s) van de opleiding(en) waar(in) deze werkzaam is, echter nooit in de functie van (plaatsvervangend) voorzitter. De faculteitsdirecteur bespreekt met betrokkene expliciet het belang van de onafhankelijkheid van zijn rol van als lid van de examencommissie. 6. De faculteitsdirectie kan een ambtelijk secretaris, en eventueel een plaatsvervangend ambtelijk secretaris, aan de examencommissie toevoegen. 7. De benoeming van de leden van de examencommissie geschiedt voor een periode van één jaar. 8. Leden zijn opnieuw benoembaar. 9. Alvorens tot (her)benoeming van een lid over te gaan, hoort de faculteitsdirectie de leden van de desbetreffende examencommissie. Hierbij worden de in lid 2 en 3 van dit artikel bedoelde deskundigheidseisen/-criteria expliciet betrokken. 10. Het niet naar behoren vervullen van de taken van de examencommissie kan niet leiden tot het ontslag door de faculteitsdirectie van de leden van de examencommissie. De faculteitsdirectie kan in dat geval wel ingrijpen door een of meer leden van de examencommissie te schorsen of de benoeming als lid van de examencommissie te beëindigen. 11. Beëindiging van de benoeming van de leden van de examencommissie door de faculteitsdirectie vindt plaats: a) na het verstrijken van de benoemingsperiode, tenzij er sprake is van herbenoeming zoals bedoeld in lid 8; b) tussentijds op eigen verzoek, waarbij in overleg met de faculteitsdirectie een redelijke termijn wordt gehanteerd; c) tussentijds bij besluit van de faculteitsdirectie. Dit besluit wordt schriftelijk meegedeeld. Daarbij geeft de faculteitsdirectie aan wat de reden van het besluit is en per welke datum de beëindiging van de benoeming ingaat. Artikel 8.5 Gezamenlijk overleg faculteitsdirectie, examencommissies en instituutsdirecties 1. De faculteitsdirectie overlegt minimaal twee keer per studiejaar (gezamenlijk) ten minste met alle voorzitters van de examencommissies van de betreffende faculteit en de betrokken instituutsdirecties. 2. De agenda van het gezamenlijk overleg wordt - in overleg met de voorzitters van de examencommissies en de instituutsdirecties - bepaald door de faculteitsdirectie. Met dien verstande dat in ieder geval de jaarlijkse rapportage van de examencommissie geagendeerd wordt. 3. De faculteitsdirectie draagt er zorg voor dat een vastgesteld verslag van het gezamenlijk overleg ter informatie wordt gestuurd naar de betreffende examencommissies en instituutsdirecties en ter beschikking wordt gesteld aan overige belangstellenden. Artikel 8.6 Jaarlijkse rapportage examencommissie en faculteitsdirectie 1. De examencommissie legt jaarlijks - door middel van een schriftelijke rapportage in de maand november - verantwoording af aan de faculteitsdirectie over haar beleidsvoering. 2. Uitgaande van de wettelijke taken van de examencommissie komen in ieder geval de volgende onderwerpen in aanmerking voor opname in de rapportage: Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

36 a) vaststellen of studenten aan het eindniveau van de opleiding voldoen (uitreiking getuigschriften); b) aanwijzing examinatoren (deskundigheid van de examinatoren vaststellen en borgen) c) het borgen van de kwaliteit van de tentamens en examens (toetsbeleid); d) het vaststellen van richtlijnen om de uitslag van tentamens te beoordelen en vast te stellen (beoordelingsnorm); e) klachtenbehandeling; f) behandeling bezwaren (aantal beslissingen op bezwaar); g) uitspraken college van beroep voor de examens (voor zover betrekking hebbend op de examencommissie); h) vrijstellingen en EVC s; i) beoordeling van programma s op maat van individuele studenten; j) fraude bij tentamens (aantal gevallen, genomen maatregelen); k) betrokkenheid bij accreditaties; l) samenstelling van de examencommissie (nieuwe benoemingen en beëindigingen van\ m) lidmaatschap); n) hantering profielschetsen; o) gevolgde deskundigheidsbevordering door leden; p) de vastlegging van de besluiten van de examencommissie; q) hantering handreiking examencommissies. 3. De betrokken instituutsdirectie(s) ontvangt (ontvangen) de rapportage van de examencommissie in afschrift. 4. De faculteitsdirectie rapporteert jaarlijks conform de handreiking aan faculteitsdirecteuren in verband met het verslag examencommissies, CvB-besluit d.d / CvB-besluit nummer 2012/303 - in de maand december schriftelijk aan het college van bestuur over de gang van zaken met betrekking tot de examencommissie. Daarbij wordt de rapportage zoals bedoeld in lid 1 voorzien van zijn reactie op onder meer de daarin opgenomen aandachts- en verbeterpunten, ook in relatie tot de vorige (jaar)rapportage. Voorts rapporteert hij over zijn rol bij het benoemingsbeleid (o.a. borging van deskundigheid, onafhankelijkheid en profiel), de wijze waarop hij invulling heeft gegeven aan het beleid betreffende de inzet van externe deskundigen en zijn reactie op de wijze waarop de examencommissie functioneert volgens de instituutsdirecteur. 5. De instituutsdirectie ziet toe op een goed functioneren van de examencommissie en rapporteert hierover aan de faculteitsdirectie. De instituutsdirectie houdt de R&O-gesprekken met de leden van de examencommissie en de examinatoren. De faculteitsdirectie kan op basis van de hierboven bij lid 1 bedoelde rapportage bepalen dat zij de instituutsdirectie aanwijzingen geeft voor het R&O-gesprek of het R&O gesprek zelf houdt. 6. De bij lid 4 en 5 van dit artikel bedoelde rapportages maken (ook) deel uit van de managementsrapportages en gesprekken. Artikel 8.7 Faciliteiten 1. Faculteits- en instituutsdirectie stellen de examencommissie voldoende faciliteiten ter beschikking. 2. In concreto impliceren deze faciliteiten het volgende: a) Jaarlijks stelt het college van bestuur een normering vast voor het aantal uren dat op (studie)jaarbasis beschikbaar is voor de leden van een examencommissie en een ambtelijk secretaris. b) Voor de externe deskundigen die zijn benoemd tot lid van de examencommissie of aangewezen zijn als examinator wordt een richtlijn t.b.v. een HAN-brede financiële vergoeding vastgesteld. c) Met inachtneming van artikel 8.1 lid 4 en 5 kan de examencommissie in overleg met de faculteitsdirectie een of meer deskundigen op een of meer van de in artikel 8.4 lid 2 genoemde terreinen inschakelen. d) De examencommissie kan in overleg met de instituutsdirectie beschikken over vergaderruimte, mogelijkheden tot reproductie/distributie van vergaderstukken en restauratieve voorzieningen. e) Er is een HAN-breed aanbod van deskundigheidsbevordering in de vorm van onder meer workshops. Het aanbod wordt jaarlijks vastgesteld door het bollege van bestuur (na schriftelijk advies van het netwerk examencommissies HAN ). f) Er is een jaarlijks te actualiseren handboek examencommissies HAN met relevante informatie: formats, voorbeeldbrieven e.d. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

37 g) Er is een vraagpunt examencommissies HAN met een eigen adres. Dit vraagpunt draagt er zorg voor dat - door een voorzitter en/of (ambtelijk) secretaris van een examencommissie - voorgelegde vragen zo spoedig mogelijk (integraal) beantwoord worden door ter zake deskundigen. h) Er is een (HAN-breed) netwerk examencommissies HAN waarvan voorzitters en/of (ambtelijk) secretarissen van examencommissies - op vrijwillige basis - deel uit maken. In onderling overleg bepalen de deelnemers de doelstelling(en), organisatie en werkwijze van het netwerk. Op verzoek van de voorzitter van het netwerk dragen de betrokken faculteitsdirecteuren zorg voor een passende facilitering van het netwerk. Artikel 8.8 Bescherming Het college van bestuur, de faculteitsdirectie en de instituutsdirectie dragen er zorg voor dat de leden van de examencommissie, de leden van de dagelijkse commissie en de ambtelijk secretaris - uit hoofde van hun lidmaatschap van, c.q. werkzaamheden voor, de examencommissie niet worden benadeeld in hun positie met betrekking tot de hogeschool. Paragraaf 9 Studieloopbaanbegeleiding Artikel 9.1 Doel van de studieloopbaanbegeleiding Met de studieloopbaanbegeleiding wordt beoogd studenten te begeleiden bij een resultaatgerichte studieloopbaan. Het dragen van de verantwoordelijkheid door de student voor het eigen leerproces is hierbij een essentieel leerdoel en uitgangspunt. Artikel 9.2 Structuur en opzet studieloopbaanbegeleiding 1. Studieloopbaanbegeleiding vindt zowel plaats in groepen van studenten als individueel. 2. Studieloopbaanbeleiding is er op gericht de studievoortgang van studenten actief te bewaken en studenten hierbij te ondersteunen. 3. Studieloopbaanbegeleiding is erop gericht (individuele) studenten te begeleiden en te ondersteunen bij studiegerelateerde vraagstukken of problemen. 4. Het programma van de studieloopbaanbegeleiding is nader uitgewerkt in de studiegids. Artikel 9.3 Portfolio N.v.t. Artikel 9.4 Persoonlijk ontwikkelingsplan N.v.t. Artikel 9.5 Studiecontract N.v.t. Paragraaf 10 Judicium Abeundi Artikel 10.1 Blijk van ongeschiktheid 1. Het college van bestuur kan in bijzondere gevallen na advies van de examencommissie en na zorgvuldige afweging van de betrokken belangen besluiten dat een student wordt afgewezen voor onbepaalde tijd en zijn inschrijving op grond daarvan beëindigen dan wel weigeren, als die student door zijn gedragingen of uitlatingen blijk heeft gegeven van ongeschiktheid voor de uitoefening van een of meer beroepen waartoe de door hem gevolgde opleiding hem opleidt/zal opleiden, dan wel voor de praktische voorbereiding op de beroepsuitoefening. 2. Indien de student bedoeld in lid 1 is ingeschreven voor een andere opleiding en daarbinnen het onderwijs volgt van een afstudeerrichting die overeenkomt met, of gelet op de praktische voorbereiding op de beroepsuitoefening verwant is aan de opleiding waarvoor hij is afgewezen, kan de student het recht op het volgen van onderwijs en het afleggen van tentamens in die afstudeerrichting of andere onderdelen van die opleiding tevens worden ontzegd. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

38 Artikel 10.2 Procedure voor de afwijzing en beëindiging van inschrijving wegens blijk van ongeschiktheid 1. De bevoegdheid tot het besluiten tot de weigering of beëindiging van de inschrijving als bedoeld in artikel 10.1 lid 1 komt toe aan het college van bestuur. 2. Aan een besluit als bedoeld in artikel 10.1 lid 1 gaat een advies van de examencommissie vooraf. 3. Dit advies is mogelijk op eigen initiatief van de examencommissie of op basis van een melding van ernstig laakbare gedragingen of uitlatingen van een student tijdens diens opleiding die zijn geconstateerd door een opleider, docent of examinator. 4. Het advies wordt op schrift gesteld en is met redenen omkleed. 5. Het college van bestuur beslist pas tot een afwijzing als bedoeld in artikel 10.1 lid 1 indien aannemelijk is geworden dat de student door zijn gedraging(en) en/of uitlating(en) blijk heeft gegeven van ongeschiktheid voor de uitoefening van een of meer beroepen waartoe de opleiding hem opleidt/zal opleiden, dan wel voor de praktische voorbereiding op die beroepsuitoefening, na een zorgvuldige belangenafweging van alle omstandigheden van het geval. 6. Voordat tot afwijzing als bedoeld in artikel 10.1 lid 1 wordt besloten, wordt de betreffende student in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. 7. Het besluit tot afwijzing wordt schriftelijk genomen en is met redenen omkleed. 8. Het besluit is voorzien van de rechtsmiddelenclausule dat tegen een besluit tot afwijzing bezwaar openstaat bij de geschillenadviescommissie. 9. Hangende het onderzoek naar een mogelijke afwijzing van de student en/of hangende het bezwaar, kan het college van bestuur besluiten, zulks al dan niet op advies van de examencommissie, tot het opleggen van een tijdelijke ordemaatregel, indien de omstandigheden van het geval deze ordemaatregel rechtvaardigen. 10. Na een besluit op grond van artikel 10.1 lid 1 wordt de inschrijving van de betreffende student beëindigd met ingang van de eerste van de maand volgend op de maand waarin het besluit is genomen. 11. Indien de inschrijving van een student is beëindigd op grond van het besluit tot afwijzing als bedoeld in artikel 10.1 lid 1, kan de betreffende (ex-)student niet opnieuw ingeschreven worden voor de opleiding of een aanverwante opleiding zoals bedoeld in artikel 10.1 lid 2, waarvoor hij is afgewezen, tenzij hij ten genoegen van de faculteitsdirectie heeft aangetoond dat hij niet langer ongeschikt is. Paragraaf 11 Slotbepalingen Artikel 11.1 Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin deze regeling niet voorziet beslist de instituutsdirecteur of, zo het geval tot de bevoegdheden van de examencommissie moet worden gerekend, de voorzitter van de examencommissie. De beslissing wordt zo spoedig mogelijk meegedeeld aan de belanghebbenden bij de beslissing. Artikel 11.2 Vaststelling Deze regeling is vastgesteld door de faculteitsdirecteur van de Faculteit Economie en Management op 30 juni 2014, na verkregen instemming van de Faculteitsraad FEM op 30 juni Op 11 november 2014 is bij besluit van de faculteitsdirectie een erratum behorende bij het opleidingsstatuut vastgesteld. De faculteitsraad heeft op 11 november 2014 ingestemd met de tekst van dit erratum. Het erratumdocument is te raadplegen op insite HAN en op de website van de HAN. Artikel 11.3 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 2014 en is geldig tot en met 31 augustus Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

39 Bijlagen Bijlage 1 Bijlage conform artikel 4.1 lid 2 Gegevens onderwijseenheden propedeutische fase Bijlage 2 Bijlage conform artikel 4.1 lid 4 Gegevens integrale toetsen propedeutische fase Bijlage 3 Bijlage conform artikel 4.1 lid 5 Opsomming van aan huidige onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen van de propedeutische fase gelijkgestelde oude onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen Bijlage 4 Bijlage conform artikel 6.1 lid 2 Gegevens onderwijseenheden postpropedeutische fase Bijlage 5 Bijlage conform artikel 6.1 lid 4 Gegevens integrale toetsen postpropedeutische fase Bijlage 6 Bijlage conform artikel 6.1 lid 5 Opsomming van aan huidige onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen van de postpropedeutische fase gelijkgestelde oude onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen Bijlage 6a Bijlage conform artikel 5.2 lid 2a Aanvullende regeling studieadvies studiejaar Bijlage 6b Bijlage conform artikel 7.2 lid 2 Richtlijnen voor het verlenen van toestemming tot het afleggen van tentamens/integrale toetsen van de postpropedeutische fase Bijlage 7 Bijlage conform artikel 7.9 lid 5 Overzicht verkorte programma s op basis van vrijstellingen voor welomschreven doelgroepen Bijlage 8 Bijlage conform artikel 3.4 lid 8 Gegevens onderwijseenheden door de opleiding(en) verzorgde HAN gecertificeerde minoren Bijlage 9 Bijlage conform artikel 3.4 lid 9 Opsomming van aan huidige onderwijseenheden en tentamens van de door de opleiding verzorgde minoren gelijkgestelde oude onderwijseenheden en tentamens Bijlage 10 Bijlage conform artikel 3.2 lid 6 Opsomming van de onderwijseenheden binnen de bacheloropleiding die na het behalen van de Adgraad nog behaald moeten worden om de bachelorgraad te verkrijgen Bijlage 11 Bijlage conform artikel 1.3 Opsomming van de eindkwalificaties welke de student dient te verwerven om het HBO-Bachelor graad te behalen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

40 Bijlage 12 Format oude beroepstaken, oude onderwijseenheden en (deel)tentamens die gelijkgesteld zijn aan nieuwe beroepstaken, onderwijseenheden en (deel)tentamens vanwege de conversie naar Alluris Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

41 Bijlage 1 Bijlage conform artikel 4.1 lid 2 Gegevens onderwijseenheden propedeutische fase Cesuurbepaling onderdeel van toetsconstructie Cesuur en toetskwaliteit Vooraf Voor de kwaliteit van toetsen geldt dat een goede toets valide en betrouwbare uitkomsten levert, en transparant en uitvoerbaar (bruikbaar) is. Deze kwaliteitseisen komen terug in alle fasen van het toetsen en beoordelen: de toetsconstructie, de toetsafname en het beoordelen en feedback geven. Eén van de stappen binnen de fase van toetsconstructie betreft het bepalen van de cesuur. De cesuur of grensscore is de grens tussen toetsscores die als voldoende worden gekwalificeerd en de toetsscores die als onvoldoende worden gekwalificeerd. Alle resultaten onder deze grens leiden tot een onvoldoende toetsresultaat. Het vaststellen van de cesuur van een toets is daarmee het vaststellen van de zak-/slaaggrens. Er zijn verschillende methodes om de cesuur te bepalen, waarbij in het algemeen een onderscheid wordt gemaakt tussen het vooraf (absoluut) of achteraf (relatief) vaststellen van de cesuur (Toetsontwikkeling in de praktijk, Teelen). Bij een absolute cesuur wordt vooraf een minimum vastgesteld dat de student moet halen om voor de toets te slagen. Bij een relatieve cesuur gebeurt dit achteraf, bijvoorbeeld op basis van een vooraf vastgesteld gewenst aantal of percentage geslaagden. Ook een combinatie is mogelijk. Uitgangspunten Een goede cesuur is een cesuur die verdedigbaar is en die goed is uit te leggen aan studenten, docenten, werkveld en accreditatiecommissies. Het weten wat de cesuur is en hoe de cesuur (voldoende/onvoldoende) wordt vastgesteld draagt dan ook bij aan de kwaliteitseis van transparantie. Vandaar dat de wijze waarop de cesuurbepaling plaats vindt, ook belangrijk is in de borging van de toetskwaliteit. Om dit aspect van de kwaliteit van de cesuurbepaling te borgen worden binnen de FEM de volgende uitgangspunten gehanteerd: om onderwijskundige redenen verdient een absolute cesuur de voorkeur: er wordt uitgegaan van minimumeisen op basis van de leerdoelen / leerstof / eindkwalificaties. Bij een relatieve cesuur kunnen relatief zwakke studenten de slaagkans voor anderen verhogen. Vandaar dat bij kleine groepen of groepen die uitsluitend uit herkansers bestaan ook geen relatieve cesuur gehanteerd moet worden; voor elk deeltentamen - ongeacht de toetsvorm - geldt dat er een cesuurbepaling is beschreven voor afname van het deeltentamen. Dit is een voorlopige cesuur; bij een absolute cesuur moet er rekening mee worden gehouden dat de kwaliteit van de toets het slaagpercentage beïnvloedt. Fouten in de toets kunnen aanleiding zijn om de cesuur aan te passen. Na afname van de toets wordt daarom de definitieve cesuur vastgesteld. In tien stappen naar cesuurbepaling Achtereenvolgens worden per toets de volgende stappen doorlopen: 1. het bepalen van de leerdoelen (afgeleid van de eindkwalificaties) die in het betreffende onderdeel worden gerealiseerd; 2. het bepalen van de beoordelingscriteria op basis waarvan studenten worden beoordeeld; 3. het maken van de toets volgens kwaliteitseisen van validiteit en betrouwbaarheid; 4. het maken van bijbehorend antwoordmodel (scoringsregels of -model/ beoordelingsformulier); 5. het bepalen van de voorlopige absolute cesuur; 6. het nakijken van de toets op basis van het antwoordmodel; 7. het toepassen van de voorlopige absolute cesuur; 8. het aanpassen van de cesuur indien de toets bij nader inzien onvolkomenheden bevat; 9. het vaststellen van de definitieve cesuur; 10. het toekennen van het cijfer. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

42 Kwaliteitsbewaking De toetscommissie controleert (al dan niet steekproefsgewijs) of de toetsen valide en betrouwbaar zijn, en controleert daarbij ook de verantwoording van de cesuur. Daarnaast worden toetsen steekproefsgewijs geëvalueerd op basis van onder andere monitoring/ evaluatie en analyse van toetsscores. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

43 Onderwijseenheden voltijd Logistiek en Economie OWE s propedeutische fase Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

44 Titel OWE ABA en ABB Bedrijfskunde Modulen Bedrijfskunde ABABDK1A Marketing ABAMKT1B Rekenvaardigheden ABARKV1A Excel ABAEXC1A Eigenaar Bedrijfskunde Marketing Algemene Economie Excel Projectbegeleiding door tutor Mw. ir. Ellen Burger (BGRE) ABBBDK1A ABBMKT1B ABBAEC1A ABBEXC1A ABBTUT1A 1. Opleiding Academie Diedenoort Facility Management Logistiek en Economie Bedrijfskunde MER Human Resource Management 2. Doelgroep Variant VT Cluster A Niveau 1 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak N.v.t. 5. (Beroeps)producten Portfolio. Assessment. 6. Studiepunten/ studielast Integraal beschrijven en analyseren van een organisatie. Studiepunten: ABA 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren - Zelfstudie/projectwerk Totaal 68 uur 5.5 uur uur 210 uur Studiepunten: ABB 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren - Zelfstudie/projectwerk 72 uur 7 uur 131 uur Totaal 210 uur 7. Samenhang met andere OWE s niveau. Dit vormt de basis voor de opleidingsspecifieke vakken die vanaf het B- In het A-cluster ligt het accent op Bedrijfskunde en op algemene basiskennis op hbocluster op het programma staan. In de onderwijseenheden ABA en ABB staat bedrijfskunde centraal. In de onderwijseenheden APA en APB professionele en maatschappelijke verkenning. 8. Ingangseisen N.v.t. 9. Algemene omschrijving Bedrijfskunde houdt zich bezig met vraagstukken binnen bedrijven en kijkt daar naar vanuit een integrale benadering. Het gaat daarbij om de organisaties zelf en om de marktomgeving waarin die organisaties staan. Bij het vak Marketing maak je kennis met marketinginstrumenten voor dienstverlenende organisaties. De vakken Algeme- Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

45 ne Economie en Rekenvaardigheden zijn een introductie op relevante (bedrijfs)economische onderwerpen en rekenvaardigheden. Daarnaast wordt aandacht besteed aan het werken met Excel. 10. Competenties/ eindkwalificaties In de tweede periode, bij ABB, werk je met een groep studenten aan een project onder begeleiding van een tutor. Het project bestaat uit verschillende opdrachten binnen een bepaalde casus die gerelateerd zijn aan het vak Bedrijfskunde. A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria K,I,T* Weging ABABDK1A.1 ABAMKT1B.1 De student: beschrijft het begrippenkader voor de organisatiekunde en past het juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft de belangrijkste stromingen in de organisatiekunde en past die juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip management en past dit juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft een strategische situatieanalyse en past die juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft een strategieontwikkeling en past die juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft ethiek in relatie tot maatschappelijk verantwoord ondernemen en internationaal zaken doen en formuleert een onderbouwde mening. De student: kan uitleggen wat marketing is. kent verschillende marketingconcepten en kan deze toepassen. kan strategieën aangeven om waarde voor de klant te creëren kan de strategische planning voor een bedrijf als geheel en de 4 fasen daarin beschrijven en een product vanuit een marketingoptiek beschrijven. kan verklaren wat de rol is van marketing bij strategische planning en hoe marketing samen met zijn partners klantwaarde creëert en levert kent de relatie tussen marketing en de micro-, meso- en macroomgeving. kent de kenmerken van koopgedrag van consumenten en organisaties en kan de verschillen en overeenkomsten benoemen. kent de verschillende stappen van doelgroepmarketing en kan ze uitleggen ABARKV1A.1 ABBBDK1A.1 kan de stappen voor het ontwikkelen van nieuwe producten aangeven en beschrijven. kan de verschillende fasen in de levenscyclus van een product beschrijven. De student: toont aan correct te kunnen werken met breuken, percentages (verhoudingsgetallen) en indexcijfers. voert op correcte wijze wiskundige berekeningen uit die veel voorkomen in de onderbouwing van eenvoudige economische rapportages. past de rekenregels correct toe. De student: beschrijft een strategie implementatie en past die juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip planning en past het juist toe in eenvoudige casussen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

46 ABBMKT1B.1 beschrijft het begrip organisatie (structuur en invulling) en past dit juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip leidinggeven en past dit juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip beheersing en past dit juist toe in eenvoudige casussen. De student: kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Product kent begrippen die relevant zijn voor dienstenmarketing. kan aangeven waaraan dienstverlening te herkennen is kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Prijs. kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Plaats. kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Promotie. ABBAEC1A.1 De student: beschrijft op correcte wijze de economische basisbegrippen t.a.v. macro-economische vraagstukken. beschrijft op correcte wijze de economische basisbegrippen t.a.v. marktwerking en de rol van de overheid daarin. voert op correcte wijze economische basisberekeningen uit t.a.v. de marktwerking en de rol van de overheid daarin. voert op correcte wijze economische basisberekeningen uit t.a.v. macro-economische vraagstukken. ABBEXC1A.2 De student: toont aan op correcte wijze basisfuncties en formules te kunnen toepassen op rekenmodellen in Excel met meerdere werkbladen. toont aan op correcte wijze rekenmodellen in Excel te kunnen opmaken en beveiligen. ABBASS1A.4 De student: past de bedrijfskundige concepten (inter-multidisciplinair denken) toe op verschillende organisaties en omgevingen (casus gerelateerd): toetst conceptueel denken en toepassen in een andere omgeving dan de getrainde omgeving (transfer). legt de relatie tussen veranderingen in de externe omgeving en de manier waarop de interne omgeving van een organisatie hiermee omgaat, en beredeneert dit in een als-dan betoog. benoemt modellen uit de bedrijfskundige literatuur (bijv. Porter, Maslow, BCG-matrix, Mintzberg, 7-S-en, etc.) en weet deze in een gesprek te concretiseren (met voorbeelden) voor een organisatie. toont in een gesprek aan bedrijfskundig jargon correct te kunnen gebruiken toont in een gesprek aan professioneel te kunnen handelen (rekening houdend met gesprekspartner, aanvullen, uit laten praten, stemgebruik). beredeneert de beantwoording van de vragen op een logische consistente wijze: causaal redeneren (oorzaak-gevolg). * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. I, T I, T K,I,T K,I,T K,I,T K,I,T K,I,T K,I,T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

47 12. Tentaminering ABA Naam/ toetscode ABABDK1A.1 ABAMKT1B.1 ABARKV1A.1 ABBEXC1A.2(*) * even klassen Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Schriftelijk tentamen: Toets Bedrijfskunde Schriftelijk tentamen: Toets Marketing Schriftelijk tentamen: Toets Rekenvaardigheden PC tentamen: Toets Excel 120 min. 120 min. 90 min. 90 min. Weging Periode afname en herkansing 5,5 3 T1/T3, herkansing T4 5,5 1 T1/T3, herkansing T4 5,5 2 T1/T3, herkansing T4 5,5 1 T1/T2/T3/T4 (telkens in laatste lesweek) herkansing T3 en T5 Toegestane hulpmiddelen N.v.t. 1 N.v.t. 1 Aantal examina-toren Rekenmachine (geen grafische) 1 N.v.t. 1 Tentaminering ABB ABBBDK1A.1 Schriftelijk tentamen: Toets Bedrijfskunde ABBMKT1B.1 Schriftelijk tentamen: Toets Marketing ABBAEC1A.1 Schriftelijk tentamen: Toets Algemene Economie ABBEXC1A.2** PC tentamen: ** oneven klassen Toets Excel ABBASS1A.4 Individueel werkstuk/ integrale toets: Portfolio en 120 min. 120 min. 90 min. 90 min. 5,5 4 T2/T4, herkansing T5 5,5 2 T2/T4, herkansing T5 5,5 3 T2/T4, herkansing T5 5,5 1 T1/T2/T3/T4 (telkens in laatste lesweek) herkansing T3 en T5 N.v.t. 5,5 2 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 1 N.v.t. 1 Rekenmachine (geen grafische) assessment Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur Jong, D.J. de, Lange, C.J. de. (2011). Algemene economische basisprincipes (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Reus, G.J.S., Mantel, A.F., Groen, W.E. (2014) Basisvaardigheden Toegepast Rekenen (3 e druk). Groningen: Noordhoff. (Het gebruik van de 1 e of 2 e druk wordt sterk afgeraden i.v.m. het grote aantal fouten en een andere volgorde van onderwerpen.) Thuis, P.T.H.J. (2013). Toegepaste organisatiekunde (6 e druk). Groningen: Noordhoff. Kotler, P. Nederlandse bewerking: Borchert, T., Hoek, P., van der. (2012). Marketing: De Essentie + extra MyLab (10 e editie). Amsterdam: Pearson. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 2 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

48 14. Aanbevolen literatuur N.v.t. 15. Software Microsoft Excel 16. Overig materiaal Studiehandleiding Bedrijfskunde ABA en ABB (HAN Scholar). Werkboek Bedrijfskunde (HAN Scholar). 17. Activiteiten/ 18. Werkvormen Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. Hoorcolleges Werkcolleges Excursie Zelfstudie Practica Er kan van studenten een bijdrage van maximaal 15,00 worden gevraagd voor een excursie naar een bedrijf in het kader van bedrijfskunde (ABBBDK). Deze bijdrage is voor het organiseren van het vervoer en een vergoeding voor het bedrijf. Deze excursie is verplicht en vormt een belangrijk deel van het onderwijsprogramma. In overleg met de docent is een alternatieve invulling mogelijk. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 ABABDK1A ABAMKT1B ABARKV1A ABAEXC1A* ABBBDK1A ^ ABBMKT1B ABBAEC1A ABBEXC1A** ABBTUT1A Excursie*** X * even klassen ** oneven klassen *** datum wordt later bekend gemaakt, aanwezigheid verplicht ^ assessment 20. Onderwijsperiode 1/2 en 3/ Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling De contacturen zijn in semester 1 en 2 verdeeld over 8 onderwijsweken. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

49 Titel OWE APA en APB Professionele en maatschappelijke verkenning Modulen Recht APAREC1A Engels APAENG1B Onderzoek APAOND1A Professionele communicatieve vaardigheden APAPCV1A Oriëntatie op het werkveld APAOOW1A Studieloopbaanbegeleiding APASLB1B Recht APBREC1A Engels APBENG1B Onderzoek APBOND1A Professionele communicatieve vaardigheden APBPCV1A Oriëntatie op het werkveld APBOOW1A Studieloopbaanbegeleiding APBSLB1B Eigenaar Mw. ir. Ellen Burger (BGRE) Academie Diedenoort Facility Management 1. Opleiding Logistiek en Economie Bedrijfskunde MER Human Resource Management 2. Doelgroep Variant VT Cluster A Niveau 1 3. Beroepstaak/ Werken aan de eigen professionaliteit in de maatschappelijke context. beroepstaken 4. Centrale N.v.t. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Opdracht observatieonderzoek. Blog Oriëntatie op het werkveld. Opdracht SLB. Rapport PCV. Presentatie. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: APA 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren - Zelfstudie/projectwerk Totaal 56 uur 4,5 uur 149,5 uur 210 uur Studiepunten: APB 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren - Zelfstudie/projectwerk Totaal 57 uur 3 uur 150 uur 210 uur 7. Samenhang met andere OWE s In het A-cluster ligt het accent op Bedrijfskunde en op algemene basiskennis op hboniveau. Dit vormt de basis voor de opleidingsspecifieke vakken die vanaf het B-cluster op het programma staan. In de onderwijseenheden ABA en ABB staat Bedrijfskunde centraal. In de onderwijseenheden APA en APB gaat het om een professionele en maatschappelijke verkenning. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

50 8. Ingangseisen N.v.t. 9. Algemene De onderwijseenheid Professionele en maatschappelijke verkenning bestaat uit omschrijving verschillende vakken. In het kader van Bedrijfskunde staat Recht op het programma. Engels en Nederlands zijn algemene basiskennis en vaardigheden. Daarnaast maak je in deze onderwijseenheid een start met onderzoeksvaardigheden en communicatieve professionele vaardigheden en besteden we aandacht aan de relatie van jou als student met het toekomstig beroep en de maatschappij. Tijdens gastcolleges maak je kennis met het toekomstig werkveld. 10. Competenties/ eindkwalificaties Bij studieloopbaanbegeleiding krijg je de informatie die je nodig hebt om in onze school je weg te vinden en goed voorbereid je tentamens te maken. Ook wordt hier aandacht besteed aan onderwerpen die te maken hebben met studeren en studievaardigheden. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria K,I,T* Weging APAOND1C.5 De student: beschrijft adequaat de context, probleem en doel- en vraagstelling van het observatieonderzoek geeft inzicht in het zoekproces op welke wijze waar relevante en 0.20 betrouwbare informatie is gevonden over een onderwerp in traditionele- en digitale media. onderbouwt het onderzoeksprobleem met relevante literatuur heeft een bronnenlijst samengesteld volgens APA richtlijnen, waarvan 0.25 minstens één internationale bron in de bronnenlijst is opgeno- men. APAOOW1A.5 De student: toont in groepsverband middels een presentatie aan kennis te hebben 0.15 van de hoofdlijnen van de leerstukken zelfkennis, het beroeps- profiel, het werkveld en ondermeer de rol van ethiek en duurzaamheid hierin toont in groepsverband middels een presentatie aan het belang van de actualiteit en maatschappelijke onderwerpen te zien in relatie tot zijn/haar beroepsprofiel en studie toont in groepsverband middels een plan van aanpak aan in staat te zijn een opdracht te kunnen structureren en faseren en tot gedegen samenwerkingsafspraken te komen behandelt middels een presentatie in groepsverband vanuit verschillende perspectieven het werkveld en belicht daarin ondermeer trends in het werkveld en daarmee verbonden maatschappelijke vraagstukken. APAREC1A.1 De student: past kennis van de structuur van het Nederlands recht juist toe past kennis van de rechtsbronnen juist toe past kennis van de hoofdlijnen van het verbintenissenrecht juist toe APAENG1B.1 De student: past de Engelse grammaticaregels correct toe. I, T 0.60 gebruikt zakelijk idioom correct beantwoordt vragen over tekststructuur correct. I, T 0.20 APANED1A.1 De student: past de regels voor de werkwoordspelling juist toe. I, T 0.30 past de regels voor interpunctie juist toe. I, T 0.20 past de regels voor de algemene spelling juist toe. I, T 0.20 past de regels voor correct woordgebruik en correcte zinsbouw juist I, T 0.30 toe. APBPCV1A.5 De student: past het voorwerk en het nawerk in een onderzoeksrapport op de I, T 0.50 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

51 APBOND1A.5 APBOOW1A.5 APBSLB1B.5 juiste wijze toe. schrijft het rapport in zakelijk en correct Nederlands. I, T 0.50 De student (in groepsverband): verantwoordt het onderzoeksontwerp en analyseplan kan de verzamelde gegevens verwerken, analyseren en 0.25 interpreteren geeft antwoord op de hoofdvraag en reflecteert op het onderzoeksproces en het onderzoeksproduct. De student: toont middels de presentatie van een blog aan het belang van de 0.15 actualiteit en maatschappelijke onderwerpen te zien in relatie tot het werkveld, het beroepsprofiel en de studie. behandelt middels de presentatie van een blog een vanuit verschillende 0.60 perspectieven genuanceerd maatschappelijk vraagstuk. legt schriftelijk verantwoording af over zijn/haar taak en de rolverdeling in het groepsproces evalueert schriftelijk kritisch de werkwijze, planning en samenwerking Voorwaarde De student: is aanwezig en heeft een actieve houding bij alle bijeenkomsten en workshops (maximaal 1x gemist toegestaan, mits daarvoor dan een vervangende opdracht gemaakt wordt). is tijdig aanwezig bij afspraken/gesprekken. levert de opdrachten op tijd in en deze zijn volledig en netjes verzorgd. APBPCV1A.6 De student houdt een presentatie over een beroepsgerelateerd onderwerp en: is goed verstaanbaar en formuleert duidelijk en in correct Nederlands. voorziet de presentatie van een goede inhoud en structuur. maakt goed gebruik van hulpmiddelen. ondersteunt de presentatie met mimiek en gebaren en maakt oogcontact met het publiek. APBREC1A.1 De student: past kennis van de structuur van het Nederlands recht juist toe. past kennis van de rechtsbronnen juist toe. past kennis van de hoofdlijnen van het ondernemingsrecht juist toe. APBENG1B.1 De student: past de grammaticaregels correct toe. gebruikt zakelijk idioom correct. beantwoordt vragen over tekststructuur correct. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. I, T I, T I, T I, T I, T I, T Tentaminering APA Naam/ toetscode APAOND1C.5 APAOOW1A.5 APAREC1A.1 APAENG1B.1 APANED1A.1 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Groepswerkstuk Observatieonderzoek Groepswerkstuk Oriëntatie op het werkveld Schriftelijk tentamen: toets Recht Schriftelijk tentamen: toets Engels Schriftelijk tentamen: Taaltoets Weging Periode afname en herkansing N.v.t. V T1/T3, herkansing na overleg N.v.t. V T1/T3, herkansing na overleg 90 min. 90 min. 90 min. 5,5 1 T1/T3, herkansing T4 5,5 1 T1/T3, herkansing T4 5,5 1 T1/T3, herkansing T4 Toegestane hulpmiddelen Aantal examinatoren N.v.t. 1 N.v.t. 1 Wettenbundel 1 (niet geannoteerd) N.v.t. 1 N.v.t. 1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

52 Tentaminering APB APBPCV1A.5 APBOND1A.5 APBOOW1A.5 APBSLB1B.5 APBPCV1A.6 APBREC1A.1 APBENG1B.1 Groepswerkstuk Onderzoeksverslag Groepswerkstuk Observatieonderzoek Groepswerkstuk Blog Individueel werkstuk: SLB Individueel werkstuk: Presentatie Schriftelijk tentamen: toets Recht Schriftelijk tentamen: toets N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 2 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 2 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. V T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg 90 min. 90 min. 5,5 2 T2/T4, herkansing T5 5,5 2 T2/T4, herkansing T5 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 Wettenbundel 1 (niet geannoteerd) N.v.t. 1 Engels Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur Baarda, B. et al. ( 2012). Basisboek Methoden en technieken. Kwantitatief praktijkgericht onderzoek op wetenschappelijke basis (5e druk). Groningen: Noordhoff Uitgevers. De Ruiter, G.W. & R. Westra (2014). Verbintenissenrecht & Ondernemingsrecht. (5e druk). Den Haag; Boom Juridische Uitgevers (verplicht 5 e druk aanschaffen). Janssen, D., Van der Loo, M., Van den Hurk,J., Jansen, F. (2012). Zakelijke communicatie voor professionals. (1 e druk; 6 e editie).groningen: Noordhoff. Marttin, R.K.M. (2011). Engels idioom voor het EAO (2 e druk). Holten: Walvaboek. Voort, P.J. van der (2013). Basic Business Grammar ( 2 e druk). Holten: Walvaboek. Zeijl, A.M.M.M. (2014). Wetteksten hoger onderwijs (30 e druk). Groningen: Noordhoff (29 e druk ook toegestaan). SN-0595 Syllabus Basiscursus Nederlandse taal. SN-0773 Werkboek Recht. SN-0755 Engels 1 en Aanbevolen N.v.t. literatuur 15. Software N.v.t. 16. Overig materiaal Studiehandleiding Professionele en maatschappelijke verkenning APA en APB (HAN Scholar). Handouts (HAN Scholar). Studiewijzer A Onderzoek doen (HAN Scholar). Reader PCV voor APA en APB (HAN Scholar). Artikelen, verwijzingen, formulieren en opdrachten (HAN Scholar). Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17. Activiteiten/ Hoorcolleges 18. Werkvormen Werkcolleges Gastcolleges Practica Zelfstudie 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 APAREC1A APAENG1A APAOND1A 2* 2* 2* 2* 2* 2* 2* APAPCV1A APAOOW1A 2* 2* 2* 2* APASLB1A 1* 1* 1* 1* 2*^ 2*^ 1* 1* Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

53 APBREC1A APBENG1A APBOND1A 2* 2* 2* 2* 2* 2* APBPCV1A 3* 3* 3*" 3*" 4* APBOOW1A 3*" 3*" 4* APBSLB1A 1* 2*^ 1* 2*^ 1* 1* Gastcolleges X* * aanwezigheid verplicht " halve klassen ^ 2 van de 4 workshops moeten gevolgd zijn 20. Onderwijsperiode 1/2 en 3/4 21. Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling De contacturen zijn in semester 1 en 2 verdeeld over 8 onderwijsweken. De duur van de tentamens Recht is verlengd naar 90 minuten. Bij de lessen van Onderzoek is aanwezigheid verplicht. Het programma van SLB is gewijzigd. De lessen OOW in periode 1 worden aangeboden aan halve groepen. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

54 Titel OWE BLA en BLB Internationale Logistieke Vervoersoperatie A en B Modulen Global Traffic Management BLAGTM1A Internationaal Vervoers- en Handelsrecht BLAIVH1A Onderzoek BLAOND1A PCV BLAPCV1B Engels BLAENG1A SLB BLASLB1B Global Traffic Management BLBGTM1A Internationaal Vervoers- en Handelsrecht BLBIVH1A Onderzoek BLBOND1A PCV BLBPCV1A Engels BLBENG1A SLB BLBSLB1B Stage BLBSTG1A Eigenaar Dhr. Theo H.R. Witjes (WJST) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster B Niveau 1 en 2 3. Beroepstaak/ beroepstaken A. Ontwikkelen van beleid. B. Aansturen van werkzaamheden. C. Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 4. Centrale C. Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Stagerapportage. Porfolio PCV. 6. Studiepunten/ studielast Groepsopdracht onderzoek. Studiepunten: BLA 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 60 uur 6 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: Totaal: Studiepunten: BLB 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 144 uur 210 uur 53 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 40 uur 113 uur Totaal: 210 uur 7. Samenhang met Deze onderwijseenheid is voor de studenten de eerste kennismaking met de andere OWE s operationele logistiek op uitvoerend niveau in de context van de internationale handel, met name gericht op de FMCG. De vakken Engels, Onderzoek en PCV zijn een vervolg op het A-cluster. 8. Ingangseisen A-cluster gevolgd. 9. Algemene In de onderwijseenheid Internationale Logistieke vervoersoperatie staat het logistiek omschrijving aspect van de internationale handel centraal. In de kern gaat het over de fysieke organisatie van internationale goederenstromen, de verschillende modaliteiten die hierbij ingezet worden, de documenten die daarbij horen en de juridische aspecten die Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

55 10. Competenties/ eindkwalificaties eraan verbonden zijn. Daarbij speelt eveneens de Algemene Economie op internationaal niveau een belangrijke rol. In de tweede periode gaan de studenten een week stagelopen in een organisatie waar ze kennis kunnen maken met het managen van logistieke processen. Zo maakt de student kennis met het toekomstige beroep en ervaart het management van de logistiek in de praktijk. Tevens werkt de student tijdens en na deze stage aan (reflectieve) opdrachten. Global Traffic Management A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen en inrichten van ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. Internationaal Vervoers en Handelsrecht B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. Onderzoek A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. Engels D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. PCV D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. Stage D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. E2: Heeft een professionele beroepshouding SLB E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging BLAGTM1A.1 A3: De student: K 0.60 kent de basisprincipes van internationaal ondernemen. kent de internationale samenwerkingsvormen. kent de basisprincipes van internationale financiën, verzekeringen en risicomanagement. BLAIVH1A.1 B2: C1: De student: heeft kennis en inzicht in de basisprincipes van transportplanning. heeft kennis en inzicht in transportoptimalisatie. heeft inzicht in de rol van Global Traffic Management in supply chain management. De student kan diverse internationaal privaatrechtelijke aspecten bij een internationale koopovereenkomst goed toepassen, zoals het vaststellen van het recht, de diverse mogelijkheden bij geschillenbeslechting en de uitvoering van buitenlandse vonnissen. C2: De student: heeft voldoende kennis van de Incoterms 2000 en 2010 om in verschillende praktijksituaties de juiste Incoterm te adviseren en vervolgens de conditie correct uit te voeren. K, I Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

56 BLAPCV1B.1 D2: De student: heeft voldoende kennis van de meest voorkomende betalingsvoorwaarden bij internationale koopovereenkomsten om in verschillende praktijksituaties bedrijven de juiste voorwaarde te adviseren en de condities stap voor stap correct uit te voeren. kent de kwaliteitseisen die gesteld worden aan een begeleidende brief, een verzoek om medewerking, een bevestiging van afspraken en een zakelijke en past deze toe. kent de eisen die gesteld worden aan een duidelijke en correcte woordkeus, een duidelijke en correcte zinsbouw en een duidelijke en correcte alinea-indeling en past deze toe. BLBOND1B.1 A1: De student: kan de relatie aangeven tussen probleemoriëntatie, onderzoeksvraag, onderzoeksdoelstelling en onderzoeksontwerp. weet op welke manieren een steekproef kan worden getrokken en kan berekeningen maken m.b.t. de nauwkeurigheid en betrouwbaarheid. BLBGTM1A.1 A3: weet wat de criteria zijn die aan een vragenlijst worden gesteld en kan een gegeven vragenlijst a.d.h.v. deze criteria beoordelen. kan onderzoeksgegevens statistisch analyseren, interpreteren en weergeven in tabellen en grafieken. De student kan voor een internationale keten de juiste vervoersmodaliteiten inzetten o.b.v. kostprijsberekeningen K, I K, I 0.50 B2: De student: heeft kennis van de alle vervoersmodaliteiten. heeft inzicht in welke vervoersmodaliteit ingezet dient te worden in de verschillende distributieketens. BLBIVH1A.1 B2: De student: kan de juridische relaties tussen partijen in de logistieke keten op juiste wijze kwalificeren en weet daarom welk recht en welke branche voorwaarden van toepassing zijn op expeditie en verschillende vervoersmodaliteiten. kan de functies van diverse vrachtbrieven in verschillende praktijksituaties correct toepassen. K K, I BLBENG1A.9 D2: C2: De student: weet hoe problemen bij de uitvoering van expeditie- en vervoerovereenkomsten moeten worden opgelost en kan aangeven in welke mate de expediteur en/of vervoerder aansprakelijk is. De student voert de volgende mondelinge opdrachten uit in het Engels: een zakelijk telefoongesprek waarin de student een bestelling plaatst of opneemt. een sollicitatie-interview. een zakelijke presentatie waarin de student een product presenteert. een zakelijke vergadering T 1.0 BLBPCV1A.9 Deze mondelinge activiteiten worden beoordeeld op het gebruik van het juiste vocabulaire en het toepassen van de grammaticaregels. Tevens wordt de student beoordeeld op de uitspraak, op het vloeiend en verstaanbaar spreken en op het vertonen van passend non-verbaal gedrag. Voorwaarde: De student krijgt een V (voldaan) als de student: actief deelneemt aan alle schrijflessen en de onderliggende T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

57 theorie actief toepast in zijn rapporten. feedback geeft en vraagt op schrijfproducten en ontvangen feedback zichtbaar (tekstueel) verwerkt in zijn schrijfproducten. aan het eind van de 3 schrijflessen een portfolio oplevert met daarin een uitwerking van alle schrijfopdrachten. BLBSLB1B.5 D2: Voorwaarde De student krijgt een V (voldaan) als de student: aanwezig is bij alle bijeenkomsten en daarbij een actieve houding toont. opdrachten op tijd inlevert en deze netjes verzorgt. aanwezig en op tijd bij afspraken/gesprekken is. bij een gemiste bijeenkomst een vervangende opdracht maakt indien van toepassing. zich afmeldt bij de slb er bij afwezigheid. T T Voorwaarde Oriëntatie op beroep De student: toont inzicht in belangrijke aandachtspunten m.b.t. de stage. benoemt de eigen leer- en groei-/ontwikkelpunten voor stage en studie. beschrijft sterke en zwakke punten van de aanpak m.b.t. stage en studie. levert opdrachten op tijd en netjes verzorgd in. Voorwaarde Individuele gesprekken De student: staat open voor feedback van de slb er. komt gemaakte afspraken na. bereidt alle individuele gesprekken voor. BLBOND1A.5 A1: De student heeft een onderzoeksrapport gemaakt dat voldoet aan de volgende eisen: uit de inleiding blijkt wat de relevantie is van het onderzoek. Er is een relatie gelegd tussen de doelstelling en de probleemstelling. de resultaten van de literatuurverkenning en het kwalitatief vooronderzoek zijn duidelijk beschreven. opzet en uitvoering van het onderzoek zijn duidelijk beschreven en verantwoord. kwalitatieve analysetechnieken zijn correct toegepast. kwantitatieve analysetechnieken zijn correct toegepast m.b.v. SPSS. de onderzoeksresultaten geven een antwoord op de deelvragen en worden duidelijk beschreven. op basis van de onderzoeksresultaten is een conclusie geformuleerd en uit de paragraaf discussie blijkt dat de student inhoudelijk kan reflecteren op het uitgevoerde onderzoek. de taakverdeling is verantwoord en de samenwerking is geëvalueerd. 1.0 Aanvullende voorwaarde voor toekenning van het groepscijfer: Het groepscijfer wordt toegekend aan studenten die: de practica SPSS met voldoende resultaat hebben gevolgd. aantoonbaar een inbreng hebben gehad bij het uitvoeren van de onderzoeksopdrachten. Dit blijkt o.a. uit de presentaties. BLBENG1B.1 D2: De student: past de grammaticaregels correct toe. gebruikt het juiste zakelijke vocabulaire en idioom. beantwoordt vragen over Engelse zakelijke teksten correct. T BLBSTG1A.9 D1: Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

58 De student kan samenwerken in een beroepsomgeving: heeft respect voor zijn collega s. komt afspraken na en is betrouwbaar. E2: De student heeft een professionele beroepshouding: neemt initiatief en werkt zelfstandig. kan feedback ontvangen. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing Tentaminering Naam/ toetscode BLAGTM1A.1 BLAIVH1A.1 BLAPCV1B.1 BLBOND1B.1 BLBGTM1A.1 BLBIVH1A.1 BLBENG1A.9 BLBPCV1A.9 BLBSLB1B.5 BLBOND1A.5 BLBENG1B.1 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Schriftelijk tentamen: toets Global Traffic Management Schriftelijk tentamen: toets Int. Vervoers en Handelsrecht Schriftelijk tentamen: toets PCV Schriftelijk tentamen: toets Onderzoek Schriftelijk tentamen: toets Global Traffic Management Schriftelijk tentamen: toets Int. Vervoers- en Handelsrecht Individueel werkstuk: Engels: Continuous assessment Individueel werkstuk: continuous assessment Individueel werkstuk: SLB Rekenmachine Groepswerkstuk: opdracht Onderzoek Schriftelijk tentamen: toets Engels 120 min. 120 min. 120 min. 90 min. 120 min. 120 min. Weging Periode afname en herkansing 5,5 3 T1/T3, herkansing T4 5,5 2 T1/T3, herkansing T4 5,5 1 T1/T3, herkansing T4 5,5 1 T2/T4, herkansing T5 5,5 1 T2/T4, herkansing T5 5,5 2 T2/T4, herkansing T5 N.v.t. V T2/T4, herkansing volgend semester N.v.t. V T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. V T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing 90 min. na overleg 5,5 1 T2/T4, herkansing T5 Toegestane hulpmiddelen Niet geannoteerde wetteksten Aantal examinatoren 1 Rekenmachine Woordenboek of woordenlijst der Nederlandse taal (groene boekje) Rekenmachine (niet grafisch) Wettenbundel en Syllabus Verdragen N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

59 BLBSTG1A.9 Participatie N.v.t. V T2/T4, N.v.t. 1 herkansing na overleg Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur Baarda, B., & Goede, M., de. (2012). Basisboek Methoden en technieken. Kwantitatief praktijkgericht onderzoek op wetenschappelijke basis (5 e druk). Groningen: Noordhoff. Janssen D.M.L. (2012). Zakelijke communicatie voor professionals (6 e editie: 1 e druk). Groningen: Noordhoff. Jethu-Ramsoedh, R., & Hendrickx, M. (2011). Internationaal ondernemen. Groningen: Noordhoff Uitgevers. Hall, S.E. van. (2008). Contracten in de internationale handel. Groningen: Noordhoff. Zeijl, A.M.M.M. (2013). Wetteksten hoger onderwijs (30 e editie). Groningen: Noordhoff. Syllabus Global Traffic Management. Arnhem: HAN Syllabus Verdragen. Arnhem: HAN N.v.t. 14. Aanbevolen literatuur 15. Software Aanbevolen voor OND: SPSS versie Overig materiaal Syllabus Professionele communicatieve vaardigheden op HAN Scholar. Hand-outs Engels op HAN Scholar. Studiewijzer B Onderzoek doen op HAN Scholar. SLB handleiding op HAN Scholar. Stagehandleiding op HAN Scholar. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen Het aanschaffen van een eigen laptop wordt aangeraden. Hoorcolleges. Werkcolleges. Practica. Praktijkstage. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 BLAGTM1A BLAIVH1A BLAOND1A * 2 2* 2* BLAPCV1B 2* 2*^ 2*^ 2*^ BLAENG1A 3* 3" 3" 3" 3" 3" 3" BLASLB1B 8 2* 1* 2* 1* BLBGTM1A BLBIVH1A BLBOND1A 2 2* 2* 2* 2* 2 BLBPCV1A 3*^ 3*^ 3*^ BLBENG1A 3" 3" 3" 3" 3" 3" BLBSLB1B 1* 1* BLBSTG1A 40 Excursie 6 Intro event 3 Gastcollege 2 * aanwezigheid verplicht 1 uur hele groep, 2x1 uur met halve groep, aanwezigheid verplicht ^ halve groepen door docent ingedeeld 2 x 2uur 20. Onderwijsperiode 1 t/m Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

60 jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling van het Landelijk Platform Logistiek HBO. De toetscriteria van BLBPCV1A.9 zijn aangepast. Studenten leveren een portfolio in met schrijfopdrachten. Het tentamen BLBIVO1A.1 is gesplitst in BLBGTM1A.1 en BLBIVH1A.1. Het SLB-programma is gewijzigd. De stageweek is met 20 uur uitgebreid (1,5 week). In week 1 van periode 1 worden 2 x 2 lesuren GTM gegeven. De contacturen zijn in semester 1 en 2 verdeeld over 8 onderwijsweken. Studenten die nog toetsen of projecten moeten herkansen uit de (gemeenschappelijke) propedeuse vinden actuele slepersinformatie van het A-cluster en B-cluster op Insite HAN > Economie, Management en Recht > Gemeenschappelijke propedeuse oud/slepers > Onderwijs > Slepers. Daarnaast krijgen deze studenten het advies dit te bespreken met de senior slb er. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

61 Titel OWE BVA en BVB Evenementenmanagement Modulen Bedrijfseconomie BVABEC1A Facility Management bij evenementen BVAFAM1A Logistiek BVALOG1A Projectmanagement BVAPRM1A Bedrijfseconomie BVBBEC1A Facility Management bij evenementen BVBFAM1A Logistiek BVBLOG1A Projectmanagement BVBPRM1A Eigenaar Dhr. drs. ing. Tony J. Ebben (EBNA) 1. Opleiding Academie Diedenoort Facility Management Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster B Niveau 1 3. Beroepstaak/ C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. beroepstaken Bovendien levert deze onderwijseenheid een bijdrage aan de algemene hbocompetenties: D: Sociale en communicatieve deelcompetenties. E: Zelfsturende deelcompetentie. 4. Centrale C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Situatieanalyse Masterplan Detailplan Afstemmingsoverleg 6. Studiepunten/ studielast Debat Studiepunten: BLA 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 64,5 uur 3,5 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: Totaal: Studiepunten: BLB 7.5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 142 uur 210 uur 50 uur 3,5 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 156,5 uur Totaal: 210 uur 7. Samenhang met In deze onderwijseenheid maken studenten kennis met Facility Management en andere OWE s Logistiek als basis voor de rest van de opleiding. 8. Ingangseisen N.v.t. 9. Algemene Bij Evenementenmanagement organiseren studenten een evenement in de rol van omschrijving opdrachtnemer met de nadruk op de operationele organisatorische aspecten van het evenement zelf, de voorbereiding hierop en de nazorg. Het gaat hierbij om aspecten op het gebied van Logistiek, Facility Management en Projectmanagement. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

62 10. Competenties/ eindkwalificaties C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, ollegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging BVASAN1A.7 De situatieanalyse moet een helder beeld verschaffen met betrekking tot I 1.0 de startsituatie en uitgangspositie van het evenement. BVAMPL1A.7 Het masterplan moet een algemeen en helder beeld verschaffen met T 1.0 betrekking tot wat men kan verwachten bij de organisatie van het evenement. BVAPRM1A.9 Voorwaarde: Verplichte aanwezigheid bij de lessen Projectmanagement. BVAEVM1A.1 FM Evenementen De student kent de basisbegrippen van Facility Management bij Evenementen en past deze op de juiste wijze toe. I, 0.40 Logistiek De student kent de eigenschappen van operationeel management in de dienstverlening en kan basiselementen van de logistiek hierop toepassen. I 0.40 BVABEC1A.1 Projectmanagement De student weet wat projectmanagement inhoudt en kan planningsmethoden toepassen. De student: interpreteert adequaat de externe financiële verslaggeving in grote lijnen en velt op basis daarvan een globaal oordeel over de financiele situatie van een bedrijf of bedrijfsactiviteit. kan een winstberekening uitvoeren en de verandering van de voorraad liquide middelen vaststellen. kan een balans interpreteren en wijzigingen in een balans vaststellen aan de hand van gebeurtenissen. kent de onderdelen van een financieel plan en kan de gegevens daarin interpreteren. kent de werking van belastingen als btw en vennootschapsbelasting en kan bijbehorende berekeningen uitvoeren. BVBDPL1A.7 In het detailplan zijn de logistieke aspecten die relevant zijn voor het eigen onderdeel benoemd en met voldoende diepgang uitgewerkt. BVBAFO1A.7 BVBDEB1A.7 BVBPRM1A.9 BVBEVM1A.1 In het detailplan zijn de facilitaire aspecten die relevant zijn voor het eigen onderdeel benoemd en met voldoende diepgang uitgewerkt. Uit het detailplan blijkt dat de methoden en technieken van projectmanagement op een goede manier zijn toegepast. Groepswerkstuk, afstemmingsoverleg: de student bereidt het afstemmingsoverleg voor en kan zijn/haar mening en inzichten in het overleg goed weergeven. Groepswerkstuk, debat: student levert een actieve bijdrage aan het debat met inhoud, overtuiging en een juiste onderbouwing van keuzes. Voorwaarde: Verplichte aanwezigheid bij de lessen Projectmanagement. FM Evenementen De student kent de basisbegrippen van Facility Management bij Evenementen en past deze op de juiste wijze toe. I T 0.30 T 0.30 T 0.40 I, 1.0 I 1.0 I 0.50 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

63 Logistiek De student kent de eigenschappen van operationeel management in de dienstverlening en kan basiselementen van de logistiek hierop toepassen. I 0.50 De student kan de juiste logistieke keuzes maken door verschillende technieken te gebruiken en kent concepten ter verbetering van de kwaliteit van een operatie. BVBBEC1A.1 De student: kent het verschil tussen vaste en variabele kosten en kan op basis daarvan een break-evenpunt vaststellen of een standaard kostprijs berekenen. kent het verschil tussen directe en indirecte kosten en kan op basis daarvan een kostprijs berekenen. kent de belangrijkste methodes voor het nemen van investeringsbeslissingen en kan die toepassen in eenvoudige praktijksituaties. kent de belangrijkste fiscale regelingen op het gebied van loonbelasting en sociale premies en kan op basis daarvan de arbeidskosten uitrekenen. kan relevante informatie voor een werknemer uit een loonstrook afleiden. Kan het effect van belangrijke fiscale wijzingen doorrekenen in een loonstrook. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. 12. Tentaminering BVA Naam/ toetscode BVASAN1A.7 BVAMPL1A.7 BVAPRM1A.9 BVAEVM1A.1 BVABEC1A.1 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Groepswerkstuk BP: Situatieanalyse Groepswerkstuk BP: Masterplan Schriftelijk tentamen: toets Bedrijfseconomie Weging Periode afname en herkansing N.v.t. 5,5 1 T1/T3, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 1 T1/T3, herkansing na overleg N.v.t. V T1/T3, herkansing na overleg 90 min. 120 min. 5,5 2 T1/T3, herkansing T4 5,5 2 T1/T3, herkansing T4 Toegestane hulpmiddelen Aantal examina toren N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 Individueel werkstuk: Projectmanagement: participatie Schriftelijk tentamen: toets Event Rekenmachine (geen grafische) Rekenmachine (geen grafische) 1 1 Tentaminering BVB BVBDPL1A.7 BVBAFO1A.7 BVBDEB1A.7 BVBPRM1A.9 Groepswerkstuk BP: Detailplan Groepswerkstuk BP: Afstemmingsoverleg Groepswerkstuk BP: Debat Individueel werkstuk: Projectmanagement: participatie N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. V T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 3 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

64 BVBEVM1A.1 BVBBEC1A.1 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte Grit, R. (2011). Projectmanagement (6 e druk). Groningen: Noordhoff. literatuur Heezen, A. (2011). Bedrijfsbeslissingen en financiële verantwoording (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Walstra, J. (2014). Operationeel management in de dienstverlening (3e druk). Harlow: Pearson Education. Syllabus FM op Evenementen. Arnhem: HAN Syllabus Werkboek Salarisadministratie Bedrijfskunde Arnhem: HAN Syllabus Achtergrondinformatie Salaris Arnhem: HAN 14. Aanbevolen N.v.t. literatuur 15. Software N.v.t. 16. Overig materiaal Projecthandleiding Evenementenmanagement. Studiematerialen op HAN Scholar. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Hoorcolleges en werkvormen Werkcolleges Practica 19. Les- / Contacturen Schriftelijk tentamen: Event Onderwijsweek / /10 BVABEC1A BVAFAM1A BVALOG1A BVAPRM1A 4* 4* 4* 4* 4* 4* 4* Gastcollege 3* BVBBEC1A BVBFAM1A BVBLOG1A BVBPRM1A 4* 4* 4* 4* 4* 2* * 80% van de PRM-lessen per periode verplichte aanwezigheid. 20. Onderwijsperiode 1/2 en 3/ Maximum aantal N.v.t. deelnemers 90 min. 120 min. 5,5 3 T2/T4, herkansing T5 5,5 3 T2/T4, herkansing T5 Rekenmachine (geen grafische) Schriftelijk tentamen: toets Bedrijfseconomie Rekenmachine (geen grafische) SN-3276 toegestaan 1 1 Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling De onderdelen 3, 4 en 10 van de beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. De contacturen zijn in semester 1 en 2 verdeeld over 8 onderwijsweken. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

65 Onderwijseenheden vwo-route Logistiek en Economie Deze OWE beschrijvingen zijn alleen bestemd voor studenten die de VWO route volgen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

66 Deze OWE beschrijving is alleen bestemd voor studenten die de VWO route volgen Titel OWE ABA en ABB Bedrijfskunde voor VWO-instroom Modulen Bedrijfskunde ABAVBK1A en ABBVBK1A Rekenvaardigheden vrijstelling* Excel vrijstelling Marketing ABAVMK1B Algemene Economie vrijstelling* Projectbegeleiding door tutor vrijstelling * Deze vrijstelling geldt niet voor VWO-ers die instromen in Human Resource Management zonder Economie in het pakket. Eigenaar Mw. ir. Ellen Burger (BGRE) Academie Diedenoort Facility Management 1. Opleiding Logistiek en Economie Bedrijfskunde MER Human Resource Management 2. Doelgroep Variant VT Cluster A Niveau 1 3. Beroepstaak/ beroepstaken Integraal beschrijven en analyseren van een organisatie. 4. Centrale beroepstaak N.v.t. 5. (Beroeps)producten N.v.t. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren - Zelfstudie/projectwerk 31 uur 6 uur 243 uur Totaal 280 uur 7. Samenhang met In het A-cluster ligt het accent op Bedrijfskunde en op algemene basiskennis op hboandere OWE s niveau. Dit vormt de basis voor de opleidingsspecifieke vakken die vanaf het B-cluster op het programma staan. In de onderwijseenheden ABA en ABB staat Bedrijfskunde centraal. In de onderwijseenheden APA en APB gaat het om een professionele en maatschappelijke verkenning. 8. Ingangseisen N.v.t. 9. Algemene omschrijving bijlage in de OER). In deze OWE-beschrijving is enkel weergegeven hoe het niet vrij- De VWO-instroom ontvangt vrijstelling voor een deel van het A-cluster (zie modulen en gestelde programma in het A-cluster wordt uitgevoerd. VWO-instromers volgen dit 10. Competenties/ eindkwalificaties programma versneld naast het B-cluster. A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

67 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria K, I,T* Weging ABAVBK1A.1 De student: beschrijft het begrippenkader voor de organisatiekunde en past het juist toe in eenvoudige casussen beschrijft de belangrijkste stromingen in de organisatiekunde en past die juist toe in eenvoudige casussen beschrijft het begrip management en past dit juist toe in eenvoudige casussen beschrijft een strategische situatieanalyse en past die juist toe in eenvoudige casussen beschrijft een strategieontwikkeling en past die juist toe in eenvoudige 0.15 casussen. beschrijft ethiek in relatie tot maatschappelijk verantwoord ondernemen 0.10 en internationaal zaken doen en formuleert een onderbouw- de mening. ABAVMK1B.1 De student: kan uitleggen wat marketing is. kent verschillende marketingconcepten en kan deze toepassen kan strategieën aangeven om waarde voor de klant te creëren. kan de strategische planning voor een bedrijf als geheel en de 4 fasen daarin beschrijven en een product vanuit een marketingoptiek beschrijven. kan verklaren wat de rol is van marketing bij strategische planning en hoe marketing samen met zijn partners klantwaarde creëert en levert kent de relatie tussen marketing en de micro-, meso- en macroomgeving. kent de kenmerken van koopgedrag van consumenten en organisaties en kan de verschillen en overeenkomsten benoemen. kent de verschillende stappen van doelgroepmarketing en kan ze uitleggen kan de stappen voor het ontwikkelen van nieuwe producten aangeven en beschrijven. kan de verschillende fasen in de levenscyclus van een product beschrijven kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Product. kent begrippen die relevant zijn voor dienstenmarketing. kan aangeven waaraan dienstverlening te herkennen is. kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Prijs. kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Plaats. kent de belangrijkste onderdelen die invulling geven aan de P van Promotie. ABBVBK1A.1 De student: beschrijft een strategie implementatie en past die juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip planning en past het juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip organisatie (structuur en invulling) en past dit juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip leidinggeven en past dit juist toe in eenvoudige casussen. beschrijft het begrip beheersing en past dit juist toe in eenvoudige casussen. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

68 12. Tentaminering ABV Naam/ toetscode ABAVBK1A.1 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Schriftelijk tentamen: toets Bedrijfskunde 120 min. Weging Periode afname en herkansing 5,5 6 T1/T3, herkansing T4 Toegestane hulpmiddelen Aantal examinatoren N.v.t. 1 ABARKV1A.1 Vrijstelling* N.v.t. 5,5 4 N.v.t. N.v.t. 1 ABAVMK1B.1 Schriftelijk tentamen: toets Marketing 120 min. 5,5 4 T1/T3, herkansing T4 N.v.t. 1 ABBVBK1A.1 Schriftelijk tentamen: toets Bedrijfskunde 120 min. 5,5 6 T2/T4, herkansing T5 N.v.t. 1 ABBAEC1A.1 Vrijstelling* N.v.t. 5,5 3 N.v.t. N.v.t. 1 ABBEXC1A.2 Vrijstelling N.v.t. 5,5 1 N.v.t. N.v.t. 1 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. * Deze vrijstelling geldt niet voor VWO-ers die instromen in Human Resource Management zonder Economie in het pakket. 13. Verplichte literatuur Thuis, P.T.H.J. (2013). Toegepaste organisatiekunde (6 e druk). Groningen: Noordhoff. Kotler, P. Nederlandse bewerking: Borchert, T., Hoek, P., van der. (2012). Marketing: De Essentie + extra MyLab (10 e editie). Amsterdam: Pearson. N.v.t. 14. Aanbevolen literatuur 15. Software N.v.t. 16. Overig materiaal Studiehandleiding Bedrijfskunde ABAVBK en ABBVBK (HAN Scholar). 17 en 18. Activiteiten en werkvormen Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. Hoorcolleges Werkcolleges Zelfstudie Practica 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 ABAVBK1A ABAVMK1B ABBBK1A Onderwijsperiode 1/2 en 3/4 21. Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling N.v.t. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

69 Deze OWE beschrijving is alleen bestemd voor studenten die de VWO route volgen Titel OWE APA en APB Professionele en maatschappelijke verkenning voor VWO-instroom Modulen Recht APAVRE1A Engels vrijstelling Onderzoek APAVON1A Professionele communicatieve vaardigheden vrijstelling Oriëntatie op het werkveld vrijstelling Studieloopbaanbegeleiding vrijstelling Eigenaar Mw. ir. Ellen Burger (BGRE) 1. Opleiding Academie Diedenoort Facility Management Logistiek en Economie Bedrijfskunde MER Human Resource Management 2. Doelgroep Variant VT Cluster A Niveau 1 3. Beroepstaak/ beroepstaken Werken aan de eigen professionaliteit in de maatschappelijke context. 4. Centrale beroepstaak N.v.t. 5. (Beroeps)producten Opdracht Onderzoek 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren - Zelfstudie/projectwerk 17 uur 1 uur 108 uur Totaal 126 uur 7. Samenhang met In het A-cluster ligt het accent op Bedrijfskunde en op algemene basiskennis op hboniveau. Dit vormt de basis voor de opleidingsspecifieke vakken die vanaf het B-cluster andere OWE s op het programma staan. In de onderwijseenheden ABA en ABB staat Bedrijfskunde centraal. In de onderwijseenheden APA en APB gaat het om een professionele en maatschappelijke verkenning. 8. Ingangseisen N.v.t. 9. Algemene omschrijving bijlage in de OER). In deze OWE-beschrijving is enkel weergegeven hoe het niet vrij- De VWO-instroom ontvangt vrijstelling voor een deel van het A-cluster (zie modulen en gestelde programma in het A-cluster wordt uitgevoerd. VWO-instromers volgen dit 10. Competenties/ eindkwalificaties 11. Beoordelingscriteria programma versneld naast het B-cluster. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. Toetscode Beoordelingscriteria K,I,T* Weging APAVON1C.5 De student: beschrijft adequaat de context, probleem en doel- en vraagstelling van het observatieonderzoek geeft door middel van een logboek inzicht in het zoekproces op 0.20 welke wijze waar betrouwbare en relevante informatie is gevonden over een onderwerp in traditionele- en digitale media. beschrijft een inhoudelijke oriëntatie voor het observatieonderzoek heeft een bronnenlijst samengesteld volgens APA-richtlijnen, waarvan 0.25 minstens één internationale bron in de bronnenlijst is opgeno- Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

70 men. APAVRE1A.1 De student: past kennis van de structuur van het Nederlands recht juist toe. past kennis van de rechtsbronnen juist toe. past kennis van de hoofdlijnen van het verbintenissenrecht en het ondernemingsrecht juist toe. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing Tentaminering APV Naam/ toetscode APAVON1C.5 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Aantal examinatoren Groepswerkstuk: Opdracht Onderzoek Weging Periode afname en herkansing N.v.t. V T1/T3, herkansing na overleg Toegestane hulpmiddelen N.v.t. 1 APAOOW1A.5 Vrijstelling N.v.t. V N.v.t. N.v.t. 1 APAVRE1A.1 Schriftelijk tentamen: toets Recht 90 min. 5,5 3 T1/T3, herkansing T4 Wettenbundel (niet geannoteerd) 1 APAENG1B.1 Vrijstelling N.v.t. 5,5 1 N.v.t. N.v.t. 1 APANED1A.1 Vrijstelling N.v.t. 5,5 1 N.v.t. N.v.t. 1 APBPCV1A.5 Vrijstelling N.v.t. 5,5 1 N.v.t. N.v.t. 1 APBOND1A.5 Vrijstelling N.v.t. 5,5 2 N.v.t. N.v.t. 1 APBOOW1A.5 Vrijstelling N.v.t. 5,5 2 N.v.t. N.v.t. 1 APBSLB1B.5 Vrijstelling N.v.t. V N.v.t. N.v.t. 1 APBPCV1A.6 Vrijstelling N.v.t. 5,5 1 N.v.t. N.v.t. 1 APBENG1B.1 Vrijstelling N.v.t. 5,5 2 N.v.t. N.v.t. 1 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur Baarda, B. et al. ( 2012). Basisboek Methoden en technieken. Kwantitatief praktijkgericht onderzoek op wetenschappelijke basis (5e druk). Groningen: Noordhoff Uitgevers. De Ruiter, G.W. & Westra R. (2014). Verbintenissenrecht & ondernemingsrecht (5 e druk). Amsterdam: Boom. (verplicht 5 e druk aanschaffen). Zeijl, A.M.M.M. (2013). Wetteksten hoger onderwijs (30e druk). Groningen: Noordhoff. (29 e druk ook toegestaan). SN-0773 Werkboek Recht. 14. Aanbevolen literatuur Janssen, D., Van der Loo, M., Van den Hurk, J., Jansen, F. (2012). Zakelijke communicatie voor professionals (1e druk; 6 e editie). Groningen: Noordhoff. 15. Software N.v.t. 16. Overig materiaal Studiewijzer A Onderzoek doen (HAN Scholar). Artikelen, verwijzingen, formulieren en opdrachten (HAN Scholar). 17 en 18. Activiteiten en werkvormen Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. Hoorcolleges. Werkcolleges. Zelfstudie. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

71 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 APAVRE1A APAVON1A Onderwijsperiode 1/2 en 3/4 21. Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling N.v.t. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

72 Bijlage 2 Bijlage conform artikel 4.1 lid 4 Gegevens Integrale Toetsen propedeutische fase Voltijd Titel integrale Toets BVB Evenementenmanagement en Assessment Bedrijfskunde ABBASS1A.4 1. Opleiding Academie Diedenoort Facility Management 2. Doelgroep Logistiek en Economie Voltijd B cluster, niveau 1 3. Beroepstaak/beroepstaken C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 4. (Beroeps)producten Situatieanalyse Masterplan Detailplan Afstemmingsoverleg Debat 5. Studiepunten en/of samenval met reguliere tentamens Samenhang met andere integrale toetsen en tentamens 7. Ingangseisen n.v.t. 8. Algemene omschrijving Bij Evenementenmanagement organiseren studenten een evenement in de rol van opdrachtnemer met de nadruk op de operationele organisatorische aspecten van het evenement zelf, de voorbereiding hierop en de nazorg. Het gaat hierbij om aspecten op het gebied van Logistiek, Facility Management en Projectmanagement. 9. Competenties C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, ollegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2:Heeft een professionele beroepshouding. 10. Beoordelingscriteria ABBASS1A.4: De student: past de bedrijfskundige concepten (inter-multidisciplinair denken) toe op verschillende organisaties en omgevingen (casus gerelateerd): toetst conceptueel denken en toepassen in een andere omgeving dan de getrainde omgeving (transfer). legt de relatie tussen veranderingen in de externe omgeving en de manier waarop de interne omgeving van een organisatie hiermee omgaat, en beredeneert dit in een als-dan betoog. benoemt modellen uit de bedrijfskundige literatuur (bijv. Porter, Maslow, BCG-matrix, Mintzberg, 7-S-en, etc.) en weet deze in een gesprek te concretiseren (met voorbeelden) voor een organisatie. toont in een gesprek aan bedrijfskundig jargon correct te kunnen gebruiken Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

73 toont in een gesprek aan professioneel te kunnen handelen (rekening houdend met gesprekspartner, aanvullen, uit laten praten, stemgebruik). beredeneert de beantwoording van de vragen op een logische consistente wijze: causaal redeneren (oorzaak-gevolg). Beoordelingscriteria BVB Evenementmanagement zie hieronder. 11. Integrale toetskenmerken en -vormen ABBASS1A.4 Individueel werkstuk/integrale toets: Portfolio en assessment BVB Evenementmanagement zie hieronder 12. Verplicht en aanbevolen materiaal Grit, R. (2011). Projectmanagement (6 e druk). Groningen: Noordhoff. Heezen, A. (2011). Bedrijfsbeslissingen en financiële verantwoording (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Walstra, J. (2014). Operationeel management in de dienstverlening (3e druk). Harlow: Pearson Education. Syllabus FM op Evenementen. Arnhem: HAN 13. Onderwijsperiode 1/2 en 3/4 Syllabus Salarisadministratie Arnhem: HAN Syllabus Achtergrondinformatie Salaris Arnhem: HAN Toetscode Beoordelingscriteria * Weging BVASAN1A.7 De situatieanalyse moet een helder beeld verschaffen met betrekking tot I 1.0 de startsituatie en uitgangspositie van het evenement. BVAMPL1A.7 Het masterplan moet een algemeen en helder beeld verschaffen met T 1.0 betrekking tot wat men kan verwachten bij de organisatie van het evenement. BVAPRM1A.9 Voorwaarde: Verplichte aanwezigheid bij de lessen Projectmanagement. BVAEVM1A.1 FM Evenementen De student kent de basisbegrippen van Facility Management bij Evenementen en past deze op de juiste wijze toe. I, 0.40 BVABEC1A.1 Logistiek De student kent de eigenschappen van operationeel management in de dienstverlening en kan basiselementen van de logistiek hierop toepassen. Projectmanagement De student weet wat projectmanagement inhoudt en kan planningsmethoden toepassen. De student: interpreteert adequaat de externe financiële verslaggeving in grote lijnen en velt op basis daarvan een globaal oordeel over de financiële situatie van een bedrijf of bedrijfsactiviteit. kan een winstberekening uitvoeren en de verandering van de voorraad liquide middelen vaststellen. kan een balans interpreteren en wijzigingen in een balans vaststellen aan de hand van gebeurtenissen. kent de onderdelen van een financieel plan en kan de gegevens daarin interpreteren. kent de werking van belastingen als btw en vennootschapsbelasting en kan bijbehorende berekeningen uitvoeren. BVBDPL1A.7 In het detailplan zijn de logistieke aspecten die relevant zijn voor het eigen onderdeel benoemd en met voldoende diepgang uitgewerkt. In het detailplan zijn de facilitaire aspecten die relevant zijn voor het eigen onderdeel benoemd en met voldoende diepgang uitgewerkt. I I T T T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

74 BVBAFO1A.7 BVBDEB1A.7 BVBPRM1A.9 BVBEVM1A.1 Uit het detailplan blijkt dat de methoden en technieken van projectmanagement op een goede manier zijn toegepast. Groepswerkstuk, afstemmingsoverleg: de student bereidt het afstemmingsoverleg voor en kan zijn/haar mening en inzichten in het overleg goed weergeven. Groepswerkstuk, debat: student levert een actieve bijdrage aan het debat met inhoud, overtuiging en een juiste onderbouwing van keuzes. Voorwaarde: Verplichte aanwezigheid bij de lessen Projectmanagement. FM Evenementen De student kent de basisbegrippen van Facility Management bij Evenementen en past deze op de juiste wijze toe. I, 1.0 I 1.0 I 0.50 Logistiek De student kent de eigenschappen van operationeel management in de dienstverlening en kan basiselementen van de logistiek hierop toepassen. I 0.50 BVBBEC1A.1 De student kan de juiste logistieke keuzes maken door verschillende technieken te gebruiken en kent concepten ter verbetering van de kwaliteit van een operatie. De student: kent het verschil tussen vaste en variabele kosten en kan op basis daarvan een break-evenpunt vaststellen of een standaard kostprijs berekenen. kent het verschil tussen directe en indirecte kosten en kan op basis daarvan een kostprijs berekenen. kent de belangrijkste methodes voor het nemen van investeringsbeslissingen en kan die toepassen in eenvoudige praktijksituaties. kent de belangrijkste fiscale regelingen op het gebied van loonbelasting en sociale premies en kan op basis daarvan de arbeidskosten uitrekenen. kan relevante informatie voor een werknemer uit een loonstrook afleiden. Kan het effect van belangrijke fiscale wijzingen doorrekenen in een loonstrook BVBDPL1A.7 BVBAFO1A.7 BVBDEB1A.7 BVBPRM1A.9 BVBEVM1A.1 BVBBEC1A.1 Groepswerkstuk BP: Detailplan Groepswerkstuk BP: Afstemmingsoverleg Groepswerkstuk BP: Debat Schriftelijk tentamen: toets Bedrijfseconomie N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. 5,5 1 T2/T4, herkansing na overleg N.v.t. V T2/T4, herkansing na overleg 90 min. 120 min. 5,5 3 T2/T4, herkansing T5 5,5 3 T2/T4, herkansing T5 N.v.t. 3 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 Individueel werkstuk: Projectmanagement: participatie Schriftelijk tentamen: Event Rekenmachine (geen grafische) Rekenmachine (geen grafische) SN-3276 toegestaan 1 1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

75 Bijlage 3 Bijlage conform artikel 4.1 lid 5 Opsomming van aan huidige onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen van de propedeutische fase gelijkgestelde oude onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen. In deze bijlagen worden per variant de gelijkstellingstabel en de conversietabel weergeven. De gelijkstellingstabel geeft op OWE-niveau de gelijkstellingen weer (het gaat hier om OWE s waarvan alle deeltentamens behaald zijn en waaraan derhalve de studiepunten zijn toegekend). De gelijkstellingstabel geeft bovendien per instroommoment (kolom) weer, welke OWE s deel uitmaken van het curriculum. De conversietabel geeft op deeltentamenniveau weer wat de verschillen zijn tussen de OWE s in het leerplan van en het leerplan van Daarbij wordt tevens aangegeven welke deeltentamens uit gelijkgesteld zijn aan de deeltentamens uit het curriculum van Toetsen die m.i.v vervallen, worden nog één of meerdere malen in de oorspronkelijke vorm aangeboden (zoals opgenomen in de OER ), zodat deze nog rechtsgeldig afgelegd kunnen worden. Deze toetsen maken dus geen deel meer uit van de tentaminering van de onderwijseenheden die worden aangeboden in A Gelijkstellingen vanaf Voltijd (geen wijzigingen sinds ) ABA (A-cluster) Bedrijfskunde A; 7.5 ABA (A-cluster) Bedrijfskunde A; 7.5 ABA (A-cluster) Bedrijfskunde A; 7.5 ABB (A-cluster) Bedrijfskunde B; 7.5 ABB (A-cluster) Bedrijfskunde B; 7.5 ABB (A-cluster) Bedrijfskunde B; 7.5 APA (A-cluster) Professionele en maatschappelijke verkenning A; 7.5 APA (A-cluster) Professionele en maatschappelijke verkenning A; APB (A-cluster) Professionele en maatschappelijke verkenning B; 7.5 BLA (B-cluster) Internationale logistieke vervoersoperatie A; 7.5 BLB (B-cluster) Internationale logistieke vervoersoperatie B; 7.5 BVA (B-cluster) Evenementenmanagement A; 7.5 BVB (B-cluster) Evenementenmanagement B; 7.5 APB (A-cluster) Professionele en maatschappelijke verkenning B; 7.5 BLA (B-cluster) Internationale logistieke vervoersoperatie A; 7.5 BLB (B-cluster) Internationale logistieke vervoersoperatie B; 7.5 BVA (B-cluster) Evenementenmanagement A; 7.5 BVB (B-cluster) Evenementenmanagement B; 7.5 Deeltijd oud (geen wijzigingen sinds ) APA (A-cluster) Professionele en maatschappelijke verkenning A; APB (A-cluster) Professionele en maatschappelijke verkenning B; 7.5 BLA (B-cluster) Internationale logistieke vervoersoperatie A; 7.5 BLB (B-cluster) Internationale logistieke vervoersoperatie B; 7.5 BVA (B-cluster) Evenementenmanagement A; 7.5 BVB (B-cluster) Evenementenmanagement B; BKA (A-cluster) Bedrijfskunde de basis A; 7.5 LKD (A-cluster) Logistiek Keten Diagram; 7.5 BKB (A-cluster) Bedrijfskunde de basis B; 7.5 BKC (A, B-cluster) Bedrijfskunde de basis C; 15 BKD (A-cluster) Bedrijfskunde de basis D: praktijkvaardigheden; 7.5 LDA1 (B-cluster) Distributie analyse; 7.5 LPO1 (B-cluster) Onderwijs wordt niet meer aangeboden. (Deel)tentamens worden wel aangeboden. Onderwijs en (deel)tentamens worden niet meer aangeboden. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

76 Praktijkopdracht; 7.5 Duaal oud (geen wijzigingen sinds ) AU1; (A-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU1) en persoonlijk ontwikkel plan (POP1); 7.5 AU2 (A-cluster) Bedrijfskunde: action learning opdracht; 7.5 AU3 (A-cluster) Economie en management 1; 7.5 AU4 (A-cluster) Economie en management 2; 7.5 BU1 (B-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU2) en persoonlijk ontwikkel plan (POP2); 7.5 BU2 (B-cluster) Action learning opdracht; 7.5 BU3 (B-cluster) Economie en management 3; 7.5 BU4 (B-cluster) Economie en management 4; 7.5 Onderwijs wordt niet meer aangeboden. (Deel)tentamens worden wel aangeboden Deeltijd / duaal nieuw (arceringen geven wijzigingen aan) AEL (A-cluster) Algemene economie en logistiek; 7.5 AEL (A-cluster) Algemene economie en logistiek; 7.5 COO (A-cluster) Communicatie en onderzoek; 7.5 L1PO (A-cluster) Praktijkopdracht 1: organisatiebeschrijving; 7.5 BRM (B-cluster) Bedrijfseconomie, recht en marketing; 7.5 LOB (B-cluster) Distributielogistiek en business game; 7.5 L2PO (B-cluster) Praktijkopdracht 2: distributieanalyse; 7.5 L1PV (A-cluster) Praktijkvaardigheden 1; 7.5 L2PV (B-cluster) Praktijkvaardigheden 1; 7.5 COO (A-cluster) Communicatie en onderzoek; 7.5 L1PO (A-cluster) Praktijkopdracht 1: organisatiebeschrijving; 7.5 BRM (B-cluster) Bedrijfseconomie, recht en marketing; 7.5 LOB (B-cluster) Distributielogistiek en business game; 7.5 L2PO (B-cluster) Praktijkopdracht 2: distributieanalyse; 7.5 LPV1 (A- en B-cluster) Praktijkvaardigheden; 15 Onderwijs en (deel)tentamens worden niet meer aangeboden. IFA N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

77 B Conversietabellen (deel)toetsen Voltijd A-cluster OWE: APA en APB Oud (Deel)tentamen Nieuw Toelichting APBSLB1A.5 Individueel werkstuk: APBSLB1B.5 Inhoud SLB is SLB gewijzigd Vink overzetten B-cluster OWE: BLA en BLB Oud 2013/2014 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting BLBSLB1A.5 BLBIVO1A.1 Individueel werkstuk: SLB Deeltentamen BLBIVO1A.1 BLBSLB1B.5 BLBGTM1A.1 en BLBIVH1A.1 Inhoud van SLB is gewijzigd Vink overzetten Tentamen gesplitst. Cijfer IVO overnemen voor GTM en IVH. Deeltijd oud N.v.t. Duaal oud N.v.t. Deeltijd / duaal nieuw A/B-cluster OWE: L1PV en L2PV Oud 2013/2014 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting L1PVPKV1A.8 L2PVPKV1A.8 Portfolio toets praktijkvaardigheden LPV1-PKV1A.8 L1PV en L2PV zijn samengevoegd tot 1 portfoliotoets LPV1. B-Cluster OWE: LOB Oud 2013/2014 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting Niet van toepassing IFA LOBCOM21A.9 LOBCOM31A.5 Deze toetsen zijn toegevoegd. Voor studenten die zijn gestart in studiejaar geldt dat de twee extra Communicatietoetsen niet tot het leerplan behoren. OWE: ABP (Deel)tentamen Oud 2013/2014 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

78 ABPBSP1C.5 ARB-BSP1A conversion ABPTPM2D.5 No conversion, must have been concluded in academic year ABPENG1D.1 ACC-ENG1A.1 conversion ABPENG1D.4 ACC-ENG1A.4 conversion ABPENG2E.1 ACC-ENG2A.1 conversion ABPENG2E.6 ACC-ENG2A.6 conversion ABPRST1D.1 No conversion ABPRST2D.2 ABP-SCC1A.5 No conversion No conversion, must have been concluded in academic year OWE: AMA (Deel)tentamen Oud 2013/2014 AMAACF1B.1 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting No conversion AMAACF2A.1 No conversion AMAMAN1C.1 ABB1-MAN1A.1 conversion AMAMAN1C.5 No conversion OWE: AML (Deel)tentamen Oud 2013/2014 AMLLOG1B.1 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting No conversion, last time in T1 AMLMKT1C.1 ABB1-MKT1A.1 conversion AMLMKT1C.6 lecturer decides (two opportunities in ) AMLMKT2C.1 ABB1-MKT2A.1 conversion AMLMKT2C.6 lecturer decides (two opportunities in ) OWE: BEB (Deel)tentamen Oud 2013/2014 BEBBUC1D.1 BEBBUC2D.1 BEBBUC2D.9 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting No conversion No conversion lecturer decides (two opportunities in ) No conversion BEBBUC2D.5 BIDDUT1E.1 ACC-DUT1A.1 conversion BIDDUT1E.3 ACC-DUT1A.3 conversion BIDDUT2F.6 ACC-DUT2A.6 conversion BIDDUT2F.1 ACC-DUT2A.1 conversion BIDDUT3E.1 BCC-DUT3A.1 conversion BIDDUT3E.3 BCC-DUT3A.3 conversion BIDDUT4F.1 BCC-DUT4A.1 conversion Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

79 BIDDUT4F.4 BCC-DUT4A.4 conversion BIFFRE1A.1 ACC-FRE1A.1 conversion BIFFRE1A.3 ACC-FRE1A.3 conversion BIFFRE2A.1 BCC-FRE2A.1 conversion BIFFRE2A.4 BCC-FRE2A.4 conversion BIGGER1B.1 ACC-GER1A.1 conversion BIGGER2B.1 ACC-GER2A.1 conversion BIGGER3A.4 BCC-GER3A.4 conversion BIGGER4A.4 BCC-GER4A.4 conversion BISSPL1C.1 No conversion BISSPL2C.1 No conversion BISSPL3C.1 No conversion BISSPL4C.3 BISSPL4C.4 No conversion lecturer decides (two opportunities in ) OWE: BBC (Deel)tentamen Oud 2013/2014 BEBECN1D.1 BEBECN2D.1 BMCSMC1C.1 BMCSMC2C.1 BMFSMF1C.1 BMFSMF2C.1 BMFSMF2C.5 BMISMI1C.4 BMLSML1B.1 BMLSML1B.5 BMMSMM1B.1 BMMSMM1B.6 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting No conversion, last time in T1 No conversion, last time in T2 and T4 No conversion, last time in T1 No conversion, last time in T2 and T4 No conversion, last time in T1 lecturer decides (two opportunities in ) lecturer decides (two opportunities in ) lecturer decides (two opportunities in ) No conversion, last time in T2 and T4 lecturer decides (two opportunities in ) lecturer decides (two opportunities in ) lecturer decides (two opportunities in ) OWE: LPL (Deel)tentamen Oud 2013/2014 (Deel)tentamen Nieuw 2014/2015 Toelichting BOPOPL1B.9 BARB-OPL1A conversion BOPOPL1B.0 BARB-OPL1A conversion Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

80 BOPOPL1B.5 BARB-OPL1A conversion BOPOPL1B.6 BARB-OPL1A conversion BOPMIF1D.2 No conversion BOPMIF2D.2 No conversion BOPRST3D.1 No conversion BOPRST4D.2 No conversion C. Herkansingen (deel)tentamens De in onderstaande tabel opgenomen (deel)tentamens maken in studiejaar geen onderdeel meer uit van de tentaminering van de onderwijseenheden. Studenten die in studiejaar of eerdere jaren één of meerdere van deze (deel)tentamens niet met goed gevolg hebben afgelegd, worden in studiejaar in de gelegenheid gesteld om deze alsnog rechtsgeldig af te leggen. Indien in studiejaar één of meerdere van deze (deel)tentamens met goed gevolg worden afgelegd, kan daarmee het tentamen met goed gevolg zijn afgelegd zoals beschreven in de onderwijseenheden van de Onderwijs en Examenregeling van In onderstaande tabel is de naam van de onderwijseenheid en de naam van het (deel)tentamen opgenomen waarvoor bovenstaande regeling in studiejaar geldt: Voltijd Naam onderwijseenheid uit studiejaar Duaal oud N.v.t. Naam (deel)tentamen uit studiejaar Propedeuse APA en APB APBSLB1A.5 n.v.t. BLA en BLB BLBSLB1A.5 n.v.t. Aanvullende bepalingen Deel tijd oud N.v.t. Deeltijd / Duaal nieuw Naam onderwijseenheid uit studiejaar Naam (deel)tentamen uit studiejaar Aanvullende bepalingen IFA Propedeuse Naam onderwijseenheid Naam (deel)tentamen uit Aanvullende bepalingen L1PV uit studiejaar L1PVPKV1A.8 studiejaar Laatste kans in T2 en T4 L2PV Propedeuse L2PVPKV1A.8 Laatste kans in T2 en T4 ABP ABPRST1D.1 Last time in T1 ABPRST2D.2 Last time in T2 AMA AMAACF1B.1 Last time in T1 AMAACF2A.1 Last time in T2 AMAMAN1C.5 Lecturer decides (two opportunities in ) AML AMLLOG1B.1 Last time in T1 AMLMKT1C.6 Lecturer decides (two opportunities in ) AMLMKT2C.6 Lecturer decides (two Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

81 opportunities in ) BEB BEBBUC1D.1 Last time in T1 BEBBUC2D.1 Last time in T2 en T4 BEBBUC2D.9 Lecturer decides (two opportunities in ) BEBBUC2D.5 Last time in T2 en T4 BISSPL1C.1 Last time in T1 BISSPL2C.1 Last time in T2 BISSPL3C.1 Last time in T1 BISSPL4C.3 Last time in T2 en T4 BISSPL4C.4 Lecturer decides (two opportunities in ) BCC BEBECN1D.1 Last time in T1 BEBECN2D.1 Last time in T2 and T4 BMCSMC1C.1 Last time in T1 BMCSMC2C.1 Last time in T2 and T4 BMFSMF1C.1 No conversion, last time in T1 BMFSMF2C.1 Lecturer decides (two opportunities in ) BMFSMF2C.5 Lecturer decides (two opportunities in ) BMISMI1C.4 Lecturer decides (two opportunities in ) BMLSML1B.1 Last time in T2 and T4 BMLSML1B.5 Lecturer decides (two opportunities in ) BMMSMM1B.1 Lecturer decides (two opportunities in ) BMMSMM1B.6 Lecturer decides (two opportunities in ) OPL BOPMIF1D.2 Last time in T1 BOPMIF2D.2 Last time in T2 and T4 BOPRST3D.1 Last time in T1 BOPRST4D.2 Last time in T2 and T4 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

82 Bijlage 4 Bijlage conform artikel 6.1 lid 2 Gegevens onderwijseenheden postpropedeutische fase Cesuurbepaling onderdeel van toetsconstructie Cesuur en toetskwaliteit Vooraf Voor de kwaliteit van toetsen geldt dat een goede toets valide en betrouwbare uitkomsten levert, en transparant en uitvoerbaar (bruikbaar) is. Deze kwaliteitseisen komen terug in alle fasen van het toetsen en beoordelen: de toetsconstructie, de toetsafname en het beoordelen en feedback geven. Eén van de stappen binnen de fase van toetsconstructie betreft het bepalen van de cesuur. De cesuur of grensscore is de grens tussen toetsscores die als voldoende worden gekwalificeerd en de toetsscores die als onvoldoende worden gekwalificeerd. Alle resultaten onder deze grens leiden tot een onvoldoende toetsresultaat. Het vaststellen van de cesuur van een toets is daarmee het vaststellen van de zak-/slaaggrens. Er zijn verschillende methodes om de cesuur te bepalen, waarbij in het algemeen een onderscheid wordt gemaakt tussen het vooraf (absoluut) of achteraf (relatief) vaststellen van de cesuur (Toetsontwikkeling in de praktijk, Teelen). Bij een absolute cesuur wordt vooraf een minimum vastgesteld dat de student moet halen om voor de toets te slagen. Bij een relatieve cesuur gebeurt dit achteraf, bijvoorbeeld op basis van een vooraf vastgesteld gewenst aantal of percentage geslaagden. Ook een combinatie is mogelijk. Uitgangspunten Een goede cesuur is een cesuur die verdedigbaar is en die goed is uit te leggen aan studenten, docenten, werkveld en accreditatiecommissies. Het weten wat de cesuur is en hoe de cesuur (voldoende/onvoldoende) wordt vastgesteld draagt dan ook bij aan de kwaliteitseis van transparantie. Vandaar dat de wijze waarop de cesuurbepaling plaats vindt, ook belangrijk is in de borging van de toetskwaliteit. Om dit aspect van de kwaliteit van de cesuurbepaling te borgen worden binnen de FEM de volgende uitgangspunten gehanteerd: om onderwijskundige redenen verdient een absolute cesuur de voorkeur: er wordt uitgegaan van minimumeisen op basis van de leerdoelen / leerstof / eindkwalificaties. Bij een relatieve cesuur kunnen relatief zwakke studenten de slaagkans voor anderen verhogen. Vandaar dat bij kleine groepen of groepen die uitsluitend uit herkansers bestaan ook geen relatieve cesuur gehanteerd moet worden; voor elk deeltentamen - ongeacht de toetsvorm - geldt dat er een cesuurbepaling is beschreven voor afname van het deeltentamen. Dit is een voorlopige cesuur; bij een absolute cesuur moet er rekening mee worden gehouden dat de kwaliteit van de toets het slaagpercentage beïnvloedt. Fouten in de toets kunnen aanleiding zijn om de cesuur aan te passen. Na afname van de toets wordt daarom de definitieve cesuur vastgesteld. In tien stappen naar cesuurbepaling Achtereenvolgens worden per toets de volgende stappen doorlopen: 1. het bepalen van de leerdoelen (afgeleid van de eindkwalificaties) die in het betreffende onderdeel worden gerealiseerd; 2. het bepalen van de beoordelingscriteria op basis waarvan studenten worden beoordeeld; 3. het maken van de toets volgens kwaliteitseisen van validiteit en betrouwbaarheid; 4. het maken van bijbehorend antwoordmodel (scoringsregels of -model/ beoordelingsformulier); 5. het bepalen van de voorlopige absolute cesuur; 6. het nakijken van de toets op basis van het antwoordmodel; 7. het toepassen van de voorlopige absolute cesuur; 8. het aanpassen van de cesuur indien de toets bij nader inzien onvolkomenheden bevat; 9. het vaststellen van de definitieve cesuur; 10. het toekennen van het cijfer. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

83 Kwaliteitsbewaking De toetscommissie controleert (al dan niet steekproefsgewijs) of de toetsen valide en betrouwbaar zijn, en controleert daarbij ook de verantwoording van de cesuur. Daarnaast worden toetsen steekproefsgewijs geëvalueerd op basis van onder andere monitoring/ evaluatie en analyse van toetsscores. Voltijd postpropedeuse Logistiek en Economie Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

84 Titel OWE CKD - Ketendiagram Modulen Bedrijfscommunicatie voor Logistici CKDBCV1B Engels CKDENV1A Excel voor Logistici CKDITV1A Logistiek CKDLGV1B Eigenaar Dhr. Erik J. van Zanten EMLog MTL (ZTNE) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster C Niveau 1 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. C Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 5. (Beroeps)producten Beroepsproduct ketendiagram (incl. plan van aanpak en Peer Assessment). Tentamen distributielogistiek. Practicumtoets MS-Excel. Tentamen Engels. Inleveropdrachten bedrijfscommunicatie. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 61 uur 15 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 130 uur Totaal: 210 uur 7. Samenhang met Bouwt voort op bedrijfskundige onderwijseenheden in de propedeuse, de modulen andere OWE s Engels, Excel en PCV en de logistieke onderwijseenheid in het B-cluster van de propedeuse. In aansluiting op deze onderwijseenheid volgt de onderwijseenheid CDA. 8. Ingangseisen 45 ec s uit propedeuse. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties In de onderwijseenheid Ketendiagram staan de thema s logistiek en distributielogistiek bij een internationaal kledingconcern centraal. De student werkt in een projectgroep aan het in kaart brengen van de hele keten van productie tot en met het leveren aan de eindklant en legt de resultaten vast in een beroeps(groeps)product. Het beroepsproduct wordt binnen een concrete beroepsomgeving uitgewerkt, in dit geval modebedrijf Zeeman. Er wordt antwoord gegeven op de vraag: hoe heeft Zeeman de wereldwijde logistiek in het algemeen en de distributielogistiek in het bijzonder georganiseerd? De studenten worden bij het leren begrijpen van de logistieke onderwerpen en het vertalen ervan naar de beroepsomgeving ondersteund door een tutor. In het kader van onderzoek doen wordt er in deze OWE veel aandacht besteed aan het leren vervaardigen van een PvA. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

85 beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en (maatschappelijk) verantwoord. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging CKDBCV1B.5 D2: 1 Drukt zich schriftelijk en mondeling helder uit in het Nederlands. CKDENV1A.1 D2: K, I 1 Heeft een aantoonbaar ruime Engelse woordenschat, met name op het gebied van logistieke teksten. Toont aan Engelstalige teksten te begrijpen. CKDITV1A.2 C1: I, T 0.50 Kan verschillende technieken in Excel toepassen ter ondersteuning van planning. C2: C3: CKDLGV1B.1 A1: C1: C2: CKDKDV1A.5 C1: C3: D2: Kan verschillende technieken in Excel toepassen om informatie uit data te genereren. Kan verschillende technieken in Excel toepassen om processen te monitoren. Kan het belang aangeven van concepten c.q. structuren om de logistiek van een organisatie te beschrijven en in te richten. Heeft aantoonbare kennis van en inzicht in een aantal logistieke concepten en terminologieën die gebruikt worden binnen distributiekanalen. Kan de fysieke goederenstroom van een logistieke keten vastleggen in een grondvorm en de daarbij behorende besturingswijzen aangeven. Kan (o.b.v. casuïstiek) voor- en nadelen benoemen van logistieke werkwijzen. Kan de inrichting, besturing en uitvoering van een logistieke distributieketen beschrijven en verklaren a.d.h.v. het SYMLADmodel en het Integrale Logistiek Concept. Kan de inrichting van de drie deelsystemen van distributie-logistiek van een organisatie beschrijven en verklaren. Kan de samenwerking tussen de schakels in een logistieke keten beschrijven en verklaren. Kan de wijze waarop een distributieketen wordt gemonitord beschrijven a.d.h.v. een analyse van de door een organisatie gebruikte logistieke doelstellingen en prestatie-indicatoren. Kan een beroepsproduct schrijven dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur en spelling. B1 B3 D1 E1: Past tijdens projectwerkzaamheden de voorgeschreven samenwerkingsinstrumenten concreet toe (plannen, organiseren, etc). * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. I, T I, T K, I K, I K, I K, I,T I, T (max. 12 malus) Peer assessment Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

86 12. Tentaminering Naam/ toetscode CKDBCV1B.5 CKDENV1A.1 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Inleveropdracht Schriftelijk tentamen Weging Periode afname en herkansing N.v.t. 5,5 10% P1/H. i.o.m. docent 120 min. CKDITV1A.2 Practicum 120 min. CKDLGV1B.1 CKDKDV1A.5 Schriftelijk tentamen Inleveropdracht/ casus 120 min. Toegestane hulpmiddelen Aantal examinato ren N.v.t. 1 5,5**) 10% T1/T2 Geen 1-2 5,5 10% P1 week 8/ P2 week 7 5,5 30% T1/T2 Rekenmachine (niet grafische) N.v.t. 5,5*) 40% P1/H. i.o.m. docent Geen 1 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. *) Deze minimumeis geldt na toepassing peerassessment. Een peerassessmentscore wordt alleen dan meegenomen in de eindcijfervaststelling indien aan de minimumvereisten van het (groeps)productcijfer is voldaan, te weten cijfer 60. **) Eindcijfer is het individuele tentamencijfer met daarbij opgeteld 10 bonuspunten die tijdens de module verdiend kunnen worden. Dit wordt tijdens de lessen toegelicht. Dit geldt alleen voor het 1e tentamen van het onderhavige jaar. Bij herkansing vervallen de bonuspunten. 1-2 N.v.t Verplichte literatuur Goor, A.R. van, Ploos van Amstel, M.J., & Ploos van Amstel, W. (2014). Fysieke distributie: werken aan toegevoegde waarde (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Janssen, D.M.L. (2012). Zakelijke communicatie voor professionals (6 e editie: 1 e druk). Groningen: Noordhoff. Pilbeam, A., & O Driscoll N. (2010). Market Leader Logistics Management. Harlow: Pearson Longman. Syllabus Ketendiagram distributieanalyse. Arnhem: HAN. 14. Aanbevolen literatuur Arnold, J.R.T., & Chapman, S.N. (2011). Introduction to materials management (new International Edition) (7 e druk). Upper Saddle River, NJ: Pearson. Atrill, P. (2012). Management accounting for decision makers (7 e druk). Harlow: Pearson Custom. Goor, A.R. van, & Weijers, S.J.C.M. (2009). Logistiek zakboek (4 e druk). Doetinchem: Reed Business. (In te zien via de mediatheek). Stoltz, H. (2009). Modellen ontwerpen in Excel Arnhem: MBES. Woordenboeken N-E, E-N. 15. Software MS Excel 16. Overig materiaal Engelse teksten en materiaal op Scholar. Informatie op Scholar. Informatie Zeeman. Studiewijzer Bedrijfscommunicatie (CKDBCV1B) Werkboek Excel voor Logistici op Scholar. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Hoorcolleges. en werkvormen Werkcolleges. Practica Excel. Projectgroepbijeenkomsten. Bedrijfsbezoeken en gastcolleges. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

87 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 CKDLGV1B* CKDBCV1B CKDENV1A CKDITV1A ** Introweek CKD*** 8 Bezoek 6 Zeeman*** SLB*** 1 * 2 lesuren hele groep, 2x halve groep, 2x halve groep. ** practicumtentamen, incl. herkansing. *** deelname verplicht. 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers N.v.t. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. De literatuurlijst is aangepast. De boeken Distributielogistiek en Fysieke Distributie zijn vervangen door de herziene versie van Fysieke Distributie, waarin nu ook de benodigde hoofdstukken uit Distributielogistiek zijn opgenomen. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

88 Titel OWE CAA Advies en aanbesteden Modulen Duurzame Logistiek CAADLV1B Inkoop (aanbesteden) CAAINV1B Recht (Europees aanbesteden) CAAREV1A Organisatiekunde CAAOKV1A Eigenaar Dhr. ing. Leo W.M. Peeters (PTSLW) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster C Niveau 2 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. C Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 5. (Beroeps)producten Adviespresentatie duurzame logistiek. Tentamen organisatiekunde. Tentamen inkoop. Tentamen recht. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 52 uur 8 uur 6 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 144 uur 7. Samenhang met andere OWE s 8. Ingangseisen 45 ec s uit propedeuse. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties Totaal: CAA (periode 1) wordt opgevolgd door CSA (periode 2). 210 uur In deze onderwijseenheid maken studenten een start met enkele deelgebieden van de externe logistiek, namelijk inkoop als belangrijk deelgebied van de aanvoerlogistiek, en met Europees recht, de basis voor het vrij verkeer van goederen, diensten, kapitaal en de regels betreffende het mededingingsrecht, zodat bedrijven weten wat de juridische randvoorwaarden zijn ten aanzien van import en export. Daarnaast wordt een vervolg gemaakt met de leerlijn duurzaamheid. Studenten maken een nulmeting van de duurzaamheidprestatie van een onderneming in de beroepspraktijk, en zij geven naar aanleiding van hun analyse een advies. Indien nodig kunnen de studenten begeleiding vragen bij de docent. In de module organisatiekunde leren studenten hoe algemene organisatiekundige inzichten helpen bij een adviestraject voor een organisatie. Zij passen die inzichten toe op de organisatie van hun duurzaamheidproject en bij de module inkoop (positionering van inkoop, inkoopproces in en tussen organisaties, Europees aanbesteden). A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E4: Draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. 11. Beoordelingscriteria Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

89 Toetscode Beoordelingscriteria * Weging CAADLV1B.4 A1: T 0.10 Kan een adequaat plan van aanpak opstellen volgens de checklist van een plan van aanpak. Kan op verantwoorde wijze onderzoek uitvoeren. C1: C3: Kan haalbare duurzaamheid verbetervoorstellen geven die passen bij het onderhavige bedrijf. Kan de keuze voor de monitoringstool verantwoorden. D2: Kan een rapport schrijven dat voldoet aan de BCC normen. Kan overtuigend presenteren. T T T E4: CAAOKV1A.1 B3: CAAINV1B.1 C1: CAAREV1A.1 B2: De presentatie van het advies is zodanig dat de projectgroep bijdraagt aan de ontwikkeling van de professie in de beroepspraktijk. Herkent de organisatiekundige aspecten om organisaties te kunnen beschrijven. Kan de belangrijkste organisatiekundige aspecten bij en tussen verschillende organisaties toepassen. Herkent de effectiviteit en efficiency van verschillende medewerkers, management- en leiderschapsstijlen. Kan het tactisch/strategisch deel van inkoopprincipes en het inkoopproces voor verschillende organisatietypen plannen en uitvoeren. Kan de Europese regelgeving betreffende prijsbepaling van producten en diensten en de aanbesteding van opdrachten juist toepassen en een bedrijf een juist advies geven. T 0.10 I, T 1.0 I, T 1.0 I, T 0.50 C2: Weet welke Europese instellingen verantwoordelijk zijn voor diverse aspecten van Europees recht om problemen van een bedrijf op te lossen (Europees trias politica). Weet hoe problemen van bedrijven met betrekking tot het vrij verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal op te lossen. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. K, I Tentaminering Naam/ toetscode CAADLV1B.4 CAAOKV1A.1 CAAINV1B.1 CAAREV1A.1 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Toegestane hulpmiddelen Adviespresentatie Schriftelijk tentamen Schriftelijk tentamen Schriftelijk tentamen Weging Periode afname en herkansing N.v.t. 5,5 35% P1/H. i.o.m. docent 120 min. 120 min. 120 min. 5,5 15% T1/T2 Open boek tentamen 5,5 25% T1/T2 Rekenmachine 5,5 25% T1/T2 Wettenbundel Aantal examinato ren N.v.t. 1-2 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte Faber-De Lange, B., Pieters, R., & Weijers, S. (2009). Inkoop: werken vanuit een Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

90 literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software N.v.t. ketenbenadering (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Thuis, P. (2010). Toegepaste organisatiekunde (6 e druk). Groningen: Noordhoff. Zeijl, A.M.M.M. (2013). Wetteksten hoger onderwijs (30 e editie). Groningen: Noordhoff. Bakker, C. (2010). Europees recht (3 e druk). Harlow: Pearson Education. Syllabus Aanbesteden Inkoop (via docenten). Werkboek en reader Organisatiekunde C-cluster Syllabus Duurzaamheid (HAN Scholar) N.v.t. 16. Overig materiaal Studiehandleiding en overige informatie op Scholar. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Werkcollege en werkvormen Hoorcollege 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 CAADLV1B* CAAOKV1A CAAINV1B CAAREV1A Introductie 8 * Presentatie bij bedrijf (opnemen op video) 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers N.v.t. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

91 Titel OWE CDA - Distributieanalyse Modulen Economic Trade Offs CDAECV1A Engels CDAENV2A Logistiek CDALGV1A Eigenaar Dhr. Erik J. van Zanten MSc EMLog (ZTNE) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster C Niveau 1 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 5. (Beroeps)producten Beroepsproduct distributieanalyse incl. verdediging en Peer Assessment. Mondeling assessment C-cluster. Presentatie in het Engels. Toets Telephoning Engels. Tentamen Economic Trade Offs. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 44 uur 15 uur 2 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 149 uur 7. Samenhang met andere OWE s 8. Ingangseisen Deelname aan CKD. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties Totaal: Deze onderwijseenheid is een vervolg op CKD. 210 uur In de onderwijseenheid Distributieanalyse wordt het thema distributielogistiek verder gedetailleerd. De student werkt in een projectgroep aan het analyseren van de distributielogistiek en het formuleren van verbetervoorstellen op het gebied van distributie en legt de resultaten vast in een beroeps(groeps)product. Het beroepsproduct wordt binnen een concrete beroepsomgeving uitgewerkt, in dit geval Zeeman. Er wordt voor Zeeman aangegeven wat goed is aan haar distributielogistiek en waarom, wat verbetering behoeft, en in welke richting. De studenten worden bij het leren begrijpen en analyseren van de logistieke onderwerpen en het vertalen ervan naar de beroepsomgeving ondersteund door een tutor. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en (maatschappelijk) verantwoord. E4: Draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

92 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging CDAECV1A.1 B2: Kan vanuit bedrijfskundig perspectief met behulp van het GRIDmodel de best passende locatie van een warehouse of productielocatie bepalen. Kan beargumenteren waarom in een specifieke situatie een bepaalde kostentoerekeningsmethode het beste toegepast kan worden C1: Kan door middel van het bereken van financiële kengetallen bepalen of een investering bedrijfseconomisch verantwoord is. CDAENV2A.4 D2: Kan een correct zakelijk Engelstalig telefoongesprek voeren. Kan correct en zakelijk Engelstalig presenteren. CDADAV1A.5 A1: B2: Kan een Plan van Aanpak opstellen, waarin: de onderzoeksmethode, de wijze van dataverzameling en - analyse worden verantwoord. het onderzoeksmodel wordt toegelicht. wordt aangegeven op welke wijze er in het onderzoek rekening wordt gehouden t.a.v. de eisen die gesteld worden aan goed onderzoek. Kan in een reflectie op het onderzoek aangeven: In welke mate er is voldaan t.a.v. de gestelde eisen aan goed onderzoek. In welke mate de aanbevelingen bruikbaar zijn voor de opdrachtgever. Kan een theoretisch onderzoek uitvoeren, analyseren welke informatie relevant en bruikbaar is voor het onderzoek, en geeft een kernachtig antwoord op de theoretische vraag. Kan een met argumenten onderbouwd advies geven over welke aspecten uit de inrichting van de distributielogistiek van een organisatie om welke reden in de huidige vorm moeten worden voortgezet en welke aspecten verbetering behoeven en in welke richting deze verbetering kan worden gezocht I, T 0.15 C1: C2: D2: Kan o.b.v. markteisen en trends en de marktstrategie de consequenties hiervan doorvertalen naar de huidige inrichting van de distributielogistiek van een organisatie en een juist en kernachtig antwoord formuleren op de empirische vraag van het onderzoek. Kan o.b.v. een knelpuntenanalyse van de distributielogistiek in de betreffende organisatie een kernachtig antwoord geven op de analytische vraag van het onderzoek. Kan een beroepsproduct schrijven dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur en spelling. I, T (max malus) CDAAPV1A.4 A1: B1-B3-D1-E1: Past tijdens projectwerkzaamheden de voorgeschreven samenwerkingsinstrumenten concreet toe (plannen, organiseren etc.). De projectgroep geeft aan en beargumenteert in welke richting de logistiek van de betreffende organisatie kan verbeteren Peer assessment Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

93 B2: C2: De projectgroep geeft een kwalitatief oordeel over de effectiviteit en de efficiency van de logistieke processen van de betreffende organisatie. De projectgroep geeft aan en beargumenteert welke problemen er in de huidige logistieke operaties van de betreffende organisatie zijn. D2: De projectgroep: Presenteert overtuigend. Kan adequaat omgaan met vragen n.a.v. de presentatie. Het gebruik van hulpmiddelen is ondersteunend E2: De projectgroep heeft een actieve houding. Non-verbale communicatie van de projectgroep is ondersteunend. T 0.10 E3: De projectgroep presenteert zich als een team. Individuele studenten ondersteunen elkaar zichtbaar. T 0.10 E4: CDAPFV1A.4 D1: D2: De projectgroep heeft de afgevaardigden van de betreffende organisatie d.m.v. de presentatie positief verrast. Toont zich een goed gesprekspartner door effectief te luisteren, indien nodig door te vragen en door initiatief te nemen tijdens een gesprek. Toont zich een goed gesprekspartner door duidelijk en verstaanbaar te spreken, rustig te formuleren en door helder en duidelijk te formuleren. Heeft de benodigde theorie paraat en kan deze tijdens een gesprek toepassen op een gegeven praktijksituatie. Kan tijdens de toepassing van de theorie op een gegeven praktijksituatie de mogelijkheden en gevolgen van verschillende kanten bekijken en belichten. T E2: Neemt een actieve houding aan tijdens een gesprek. De non-verbale communicatie ondersteunt de verbale communicatie tijdens een gesprek. Vraagt indien nodig zelf om nadere informatie tijdens een gesprek E3: Geeft tijdens een gesprek anderen voldoende ruimte om te antwoorden en hun mening te geven. Kan inspelen en voortbouwen op voorstellen van gesprekpartners. CDAEXV1B.9 Ondersteunend aan EK s 1 t/m 7 en 12. Diverse interne en externe ondersteunende activiteiten die een directe relatie hebben met het beroepenveld. Verplichte deelname. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing Div. 100 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

94 12. Tentaminering Naam/ Toetsvorm Duur Cijfer toetscode (minimum) of vink CDAECV1A.1 CDAENV2A.4 CDADAV1A.5 Schriftelijk tentamen Schriftelijk* */ mondeling Inleveropdracht/ casus 120 min. Weging Periode afname en herkansing Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. *) Deze minimumeis geldt na toepassing peerassessment. Een peerassessmentscore wordt alleen dan mee genomen in de eindcijfervaststelling indien aan de minimumvereisten van het (groeps)productcijfer is voldaan, te weten cijfer 60. **) Deelname aan de telefoontoets is alleen toegestaan als de schriftelijke telefoontoets is gehaald (Go/No Go). Zowel de telefoontoets als de presentatie moeten minimaal een 5.5 worden afgesloten. ***) Deelname verplicht aan externe activiteiten door de opleiding georganiseerd en/of aan games en simulaties en/of aan gastcolleges. 13. Verplichte literatuur Atrill, P. (2012). Management accounting for decision makers (7 e druk). Harlow: Pearson Custom. Campen, T. van, & Siebelink, J. (1994). Telephone business (3 e druk). Holten: Walvaboek Goor, A.R. van, Ploos van Amstel, M.J., & Ploos van Amstel, W. (2014). Fysieke distributie: werken aan toegevoegde waarde (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Syllabus Ketendiagram distributieanalyse. 14. Aanbevolen literatuur Arnold, J.R.T., & Chapman, S.N. (2011). Introduction to materials management (new international edition) (7 e druk). Upper Saddle River, NJ: Pearson. Goor, A.R. van, & Weijers, S.J.C.M. (2009). Logistiek zakboek (4 e druk). Doetinchem: Reed Business. (In te zien via de mediatheek). Woordenboeken N-E, E-N. 15. Software N.v.t. 16. Overig materiaal English telephoning and presenting, op Scholar. Informatie op Scholar. Informatie Zeeman. Toegestane hulpmiddelen 5,5 30% T2/T3 Rekenmachine (niet grafische) Aantal examinato ren 1-2 N.v.t. 5,5**) 10% T2/T3 N.v.t. 1-2 N.v.t. 5,5*) 40% P2/H. i.o.m. docent CDAAPV1A.4 Mondeling N.v.t. 5,5*) 10% P2/H. i.o.m. docent CDAPFV1A.4 Mondeling 30 min. CDAEXV1B.9 Participatie *** 6,0 10% P2/H. i.o.m. docent N.v.t. 2 N.v.t. 2 N.v.t. 2 N.v.t. V N.v.t. N.v.t. N.v.t. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. Hoorcolleges. Werkcolleges. Projectgroepbijeenkomsten. Bedrijfsbezoeken en gastcolleges. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

95 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 CDALGV1A* ** CDAENV2A CDAECV1A Gastcolleges*** 2 Bedrijfsbezoeken*** 6 6 SLB*** 1 * 1 lesuur hele groep, 2x halve groep, 2x halve groep. ** presentaties, incl. herkansing. *** deelname verplicht. 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers N.v.t. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. De literatuurlijst is aangepast. De boeken Distributielogistiek en Fysieke Distributie zijn vervangen door de herziene versie van Fysieke Distributie, waarin nu ook de benodigde hoofdstukken uit Distributielogistiek zijn opgenomen. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

96 Titel OWE CSA Service Level Agreement Modulen Bedrijfscommunicatie voor Logistici CSABCV1A Inkoop CSAINV1A Recht (overeenkomst) CSAREV1A Eigenaar Dhr. ing. Leo W.M. Peeters (PTSLW) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster C Niveau 2 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. B: Aansturen van werkzaamheden. 5. (Beroeps)producten Service Level Agreement. Continuous assessment onderhandelen/gesprekstraining en procesverslag. Tentamen Inkoop. Tentamen Recht. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 42 uur 7 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 157 uur 7. Samenhang met andere OWE s 8. Ingangseisen 45 ec s uit propedeuse. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties Totaal: 210 uur Deze OWE bouwt voort op de OWE CAA Advies en aanbestedingsdocument. In de onderwijseenheid Service Level Agreement staat het contracteren centraal. Studenten sluiten namens een organisatie een contract af over dienstverlening. Zij werken in teams van twee of meer studenten. Elk team krijgt een eigen invalshoek: inkoopteam of verkoopteam. Het team bereidt de onderhandelingen voor door een marktonderzoek uit te voeren en, afhankelijk van hun rol, een pakket van eisen of een openingsbod neer te leggen, waarop de wederpartij kan reageren. Uiteindelijk dienen de teams in een aantal onderhandelingsrondes overeenstemming te bereiken over het niveau van de dienstverlening en de contractafspraken. Het eindresultaat leggen ze vast in een Service Level Agreement. Om de onderhandelingen succesvol te kunnen voeren zijn juridische expertise, onderhandelingsvaardigheden, gespreksvaardigheden en inkoopexpertise vereist. In deze onderwijseenheid worden deze drie invalshoeken gecombineerd in een simulatie van de beroepspraktijk. In de eerste helft van deze periode worden de teams aangestuurd, in de tweede helft werken de teams zelfstandig, en wordt ondersteuning op afroep verleend. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering ervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, D2 interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en (maatschappelijk) verantwoord. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

97 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging CSAONV1A.5 C1: T 0.40 Verricht een beknopt inkoopmarktonderzoek en trekt daaruit de relevante conclusies m.b.t. de inhoud van het SLA. Maakt een SLA dat: praktisch uitvoerbaar is en aansluit bij de bevindingen van het uitgevoerde inkoopmarktonderzoek. voldoet aan relevante wetgeving en passend is bij de casus. C3: CSABCV1A.5 D2: E1: Neemt in het SLA relevante prestatie-indicatoren op om de uitvoering van het contract te monitoren en geeft aan wat de consequenties zijn als de norm niet wordt gehaald. Kan effectief mondeling communiceren in eenvoudig gestructureerde onderhandelingssituaties en schoolse setting. Kan effectief mondeling communiceren in eenvoudig gestructureerde zakelijke gesprekssituaties: adviesgesprek, slecht nieuwsgesprek, disciplinegesprek. Past daarbij bekende gesprekstechnieken toe in schoolse oefensituaties. Laat in een procesverslag zien eigen competentieontwikkeling te kunnen sturen en reguleren, door verworven theoretisch inzicht in mondelinge communicatieve situaties toe te kunnen passen. eigen ontwikkeling/leerproces in gespreksvaardigheden te beschrijven. CSAINV1A.1 C1: Kent de aspecten die deel uitmaken van een inkoopcontract. Heeft inzicht in voor- en nadelen van uitbesteden. T 0.60 I, T 1.0 K, I 0.40 C2: E3: CSAREV1A.1 B2: C2: Kan prestatie-indicatoren opzetten voor het bewaken van leveranciersprestaties. Kan informatie over de kostenopbouw van de leverancier, de verschillende methoden van prijsstelling en total coast of ownership toepassen in een inkoopproces. Weet hoe inkoopkennis in te zetten bij een onderhandeling met leveranciers. Kan een inkoopproces vormgeven dat aansluit bij de uitgangspunten van de NEVI-gedragscode. Kan logistieke ontwikkelingen vertalen naar een contract. Weet welke bepalingen in contracten wel en niet zijn toegestaan en wat de juridische gevolgen hiervan zijn voor het contract. Weet welke acties ondernomen kunnen worden bij het niet nakomen van overeenkomsten. Kan de effectiviteit en de efficiency van de samenwerking (het contract) beoordelen en voorstellen doen ter verbetering. CSAPFV1A.4 D1: Neemt initiatief tijdens de bespreking van een stelling. Luistert effectief. Vraagt door. D2: Spreekt duidelijk en verstaanbaar. Praat rustig. Formuleert helder en duidelijk. Heeft benodigde theorie paraat Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

98 Kan aan de orde zijnde theorie toepassen. Kan alternatieve paden bewandelen. E2: Heeft een actieve houding. Non-verbale communicatie is ondersteunend. Vraagt uit zichzelf nadere informatie. E3: Bouwt voort op de voorstellen van anderen. Geeft collega-student spreekruimte. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. 12. Tentaminering Naam/ toetscode CSAONV1A.5 CSABCV1A.5 CSAINV1A.1 CSAREV1A.1 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software N.v.t. Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Toegestane hulpmiddelen Inleveropdracht/ casus Inleveropdracht/ continuous assessment Schriftelijk tentamen Schriftelijk tentamen Weging Periode afname en herkansing N.v.t. 5,5 30% P2/H i.o.m. docent N.v.t. V P2/H i.o.m. docent 120 min. 120 min. CSAPFV1A.4 Mondeling 30 min. 5,5 30% T2/T3 Rekenmachine 5,5 30% T2/T3 Wettenbundel 6,0 10% P2/H i.o.m. docent Aantal examinato ren N.v.t. 1-2 N.v.t. 1 Faber-De Lange, B., Pieters, R., & Weijers, S. (2009). Inkoop: werken vanuit een ketenbenadering (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Janssen, D. (2012). Zakelijke communicatie voor professionals (6 e editie: 1 e druk). Groningen: Noordhoff. Zeijl, A.M.M.M. (2013). Wetteksten hoger onderwijs (30 e editie). Groningen: Noordhoff. Ruygvoorn, M.R. (2013). Contracten in de praktijk. Deventer: Kluwer. Syllabus Service Level Agreement Inkoop. Arnhem: HAN. N.v.t. 16. Overig materiaal Studiehandleiding CSA op HAN-Scholar. Studiemateriaal op HAN-Scholar. Studiewijzer Onderhandelen en gesprekstechniek (CSABCV1A) (HAN Scholar) Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Werkcolleges en werkvormen Hoorcolleges Trainingen onderhandelen N.v.t. 2 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

99 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 CSAINV1A 3 3 3* CSAREV1A CSABCV1A 3** 3** 3** 2** 2** 2** 1 Gastcollege of bedrijfsbezoek*** * Training in halve groepen. ** Verplichte aanwezigheid, zie studiewijzer voor details. *** Deelname is verplicht. 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers N.v.t. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. Tentaminering: CSABCV1A.5: cijfer is vink CSAINV1A.1: weging is 30% CSAREV1A.1: weging is 30%. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

100 Titel OWE DIV - Intern voorraadconcept Modulen Analyse- en rapportagetechnieken DIVARV1A Engels DIVENV3A Productieplanning DIVPPV1A Voorraadbesturing DIVVBV1A Eigenaar Mw. drs. ing. Linda J. S. Schijven (SVNL) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster D Niveau 2 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. B: Aansturen van werkzaamheden. 5. (Beroeps)producten 3x analyserapport productieplanning. 3x analyserapport voorraadbeheer. Tentamen productieplanning en voorraadbeheer. Inleveropdrachten ARV-practicum + practicumtoets. Engels: tentamen. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 42 uur 17 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 147 uur 7. Samenhang met andere OWE s 8. Ingangseisen 45 ec s uit propedeuse. 9. Algemene omschrijving Totaal: 210 uur Op moduleniveau is er samenhang met de OWE s uit de propedeuse. OWE DLA bouwt voort op de OWE s DIV en DLC. In de onderwijseenheid Intern voorraadconcept staan productieplanning en voorraadbeheersing in een productieomgeving centraal. Om voorraden zo laag mogelijk te kunnen houden is ook datamanagement een middel dat de student moet beheersen. Vooral in productieondernemingen met een complexe distributiestructuur vormen de voorraden een belangrijk instrument om de service te waarborgen. De productie zal zo goed mogelijk aangestuurd en gepland worden om zo effectief aan de vraag van de klant te voldoen. Planning en het beheersen van voorraden, met de nadruk op de interne processen, worden in deze onderwijseenheid uitvoerig behandeld. De student past de theorie toe op een fictieve casus die gebaseerd is op een bestaande Nederlandse onderneming. 10. Competenties/ eindkwalificaties Tijdens de practica wordt door de vakdocent ondersteuning verleend (deels op afroep). B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

101 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging DIVIVV1A.5 B2: I, T 0.60 Past op correcte wijze de eerste 7 van de 8 stappen van voorraadbeheersing toe op een aangereikte casus. Past correct kennis over lange, middellange en korte termijnplannen toe en analyseert de samenhang tussen deze plannen (SBP/S&OP/MPSMRP/PAC). Geeft inzichtelijk aan welke verbetermogelijkheden in het planningsproces aanwezig zijn. C1: Vertaalt op een correcte en logische wijze een strategisch business plan in verschillende tussenstappen naar korte termijn productieplannen, zodat hiermee de planning voor de uitvoering van de productie bewerkstelligd wordt. I, T 0.35 D2: DIVIVV1A.1 B2: DIVARV1A.2 B2: Kan de uitwerkingen voor voorraadbesturing en productieplanning doeltreffend aan de opdrachtgever rapporteren. Kan op correcte wijze vraagvoorspelling, bestelniveau, -moment en -serie, voorraad- en bestelkosten, hoogte van veiligheidsvoorraden en de servicegraad bepalen. Herkent de basisbegrippen op het gebied van planning van lange, middellange en korte termijn planning die van toepassing zijn op het inrichten, beheersen en verbeteren van processen. Analyseert en bewerkt data, stap voor stap, op een correcte wijze met als doel gewenste informatie op te leveren. Vertaalt commerciële data naar de gewenste logistieke gegevens. I, T I, T 0.80 C1: C3: DIVARV1A.5 C1: B2: DIVENV3A.2 D2: D3: Kan op een gefundeerde wijze aangeven welke applicatie (MS Access of MS Excel) de beste functionaliteit biedt voor de gegeven situatie. Kan op juiste wijze prestaties beoordelen en interpreteren o.b.v. monitoring. Kan op juiste wijze, stap voor stap, queries opstellen t.b.v. het bevragen van databases en het opleveren van de juiste managementinformatie. Kan op juiste wijze logistieke informatie genereren. Genereert de juiste logistieke informatie t.b.v. het aansturen van commerciële processen. Kan een correct zakelijke schriftelijke Engelstalige handelscorrespondentie voeren. Student laat zien rekening te houden met cultuurverschillen door conventies en beleefdheidsvormen in acht te nemen m.b.t. zakelijke correspondentie in het Engels. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. I, T I, T I, T I, T I, T Voorwaardelijk Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

102 12. Tentaminering Naam/ toetscode DIVIVV1A.5 DIVIVV1A.1 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. *) Eindcijfer is het individuele tentamencijfer met daarbij opgeteld 10 bonuspunten die tijdens de module verdiend kunnen worden. Dit geldt alleen voor het 1e tentamen. Bij de herkansing vervallen de bonuspunten. **) Alle bronnen, inclusief internet, (online) woordenboeken, aantekeningen en de syllabus. Het is echter verboden tijdens het tentamen woordenboeken door te geven, te mailen, te msn-en of hoe dan ook (via internet) contact met elkaar te hebben. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software MS Excel. MS Access. 16. Overig materiaal Informatie op Scholar. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen 19. Les- / Contacturen Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Inleveropdracht /casus Schriftelijk tentamen Weging Periode afname en herkansing N.v.t. 5,5 30% P3/H i.o.m. docent 120 min. DIVARV1A.2 Practicum 120 min. DIVARV1A.5 Inleveropdracht /casus 120 min. DIVENV3A.2 Practicum 60 min. Toegestane hulpmiddelen Arnold, J.R.T., & Chapman, S.N. (2011). Introduction to materials management (new international edition) (7 e druk). Upper Saddle River, NJ: Pearson. English Business Correspondence 1 - LE. Arnhem: HAN. Scholar: https://online.han.nl/sites/2-lfm-le-alg/d-cluster/div/default.aspx Atrill, P. (2012). Management Accounting for decision makers (7 e druk). Harlow: Pearson Custom. Goor, A.R. van, & Weijers, S.J.C.M. (2009). Logistiek zakboek (4 e druk). Doetinchem: Reed Business. (In te zien via de mediatheek). Woordenboeken E-N, N-E. Practicumhandleiding DIVARV1A. Relevante internetsites en vaktijdschriften. Scholar voor de module Engels: grammaticadocumenten, opdrachten en uitwerkingen. Studiehandleiding LE-DIV. Studiewijzer Voorraadbesturing LE. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. Hoorcolleges. Werkcolleges. Practica. Bedrijfsbezoeken en gastcolleges. Aantal examinatoren N.v.t. 2 5,5 30% T3/T4 Rekenmachine 1-2 5,5 20% T3/T4 N.v.t. 1 5,5 10% P3/H i.o.m. docent N.v.t. 1 5,5*) 10% T3/T4 **) 1 Onderwijsweek / /10 DIVARV1A ** DIVENV3A *) ** DIVPPV1A DIVVBV1A Introductie D-cl ***) 2 Games ***) 8 Bedrijfsbezoek ***) 4 Gastcollege ***) 2 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

103 SLB*** 1 *) Indien groepsgrootte > 20 studenten, 1 ste uur halve groep x, 2 de uur hele groep, 3 de uur halve groep y. **) Practicumtoets, incl. herkansing. ***) Deelname is verplicht. 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers N.v.t. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

104 Titel OWE DLC - Logistiek concept Modulen Bedrijfscommunicatie voor logistici DLCBCV1B Kostenbeheersing DLCKBV1A Logistiek DLCLGV2A Procesanalyse DLCPAV1A Project DLCPRV1A Verandermanagement DLCVMV1A Eigenaar Mw. drs. ing. Linda J. S. Schijven (SVNL) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster D Niveau 2 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. B: Aansturen van werkzaamheden. 5. (Beroeps)producten Rapport logistiek concept. Individueel Peer Assessment. Tentamen Logistiek en procesanalyse en inleveropdracht Tentamen Verandermanagement. Inleveropdrachten en tentamen bedrijfscommunicatie. Tentamen Kostenbeheersing vindt plaats einde periode, onder toetscode DLAKBV1A Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 55 uur 2 uur 6 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 147 uur 7. Samenhang met andere OWE s 8. Ingangseisen 45 ec s uit propedeuse. 9. Algemene omschrijving Totaal: 210 uur Op moduleniveau is er samenhang met de OWE s uit de propedeuse. OWE DLA bouwt voort op de OWE s DIV en DLC. In de OWE DLC staan logistieke veranderingen in een productiebedrijf centraal. De student maakt zich de basiskennis en -vaardigheden eigen die nodig zijn om de logistiek van een productiebedrijf aan te passen aan de eisen van de markt. De student werkt in een projectgroep en vervaardigt o.b.v. een fictieve casus het beroepsproduct logistiek concept. Voor het kunnen vervaardigen van dit beroepsproduct zijn kennis van, en inzicht en vaardigheden nodig in: logistieke aspecten van de productie en distributie het doen van onderzoek methoden voor het vastleggen en analyseren van processen het managen van veranderingen kostenaspecten samenwerken, vergaderen en schriftelijke communicatie 10. Competenties/ eindkwalificaties Tijdens de wekelijkse formele projectvergaderingen komt dit alles bij elkaar en is er ondersteuning van een tutor. Separaat worden verschillende modules aangeboden ter ondersteuning van dit project. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

105 veranderingsprocessen binnen organisaties. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering ervan. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging DLCLCV1A.5 A1: I, T 0.25 Verantwoord de methode van onderzoek op concrete en transparante wijze. Reflecteert concreet op het onderzoek. Geeft o.b.v. de voorgeschreven onderwerpen een kernachtig antwoord op de theoretische vraag. B2: I, T 0.65 Geeft o.b.v. het integrale logistiek concept voor de ist-/soll situatie een kernachtig antwoord op de empirische vraag. Geeft o.b.v. de gevolgen van de voorgestelde veranderingen voor de inrichting van de fictieve organisatie, in combinatie met de haalbaarheid van de beoogde prestaties, een kernachtig antwoord op de analytische vraag. Maakt o.b.v. de NCW-methode een juiste kosten-batenanalyse. B4: C1: Geeft d.m.v. een compleet uitgewerkt implementatieplan aan hoe naar de gewenste inrichting van de organisatie te gaan. Leidt uit het onderzoek (middels TEA-stappen) consistente aanbevelingen af. Stelt een Plan van Aanpak op t.b.v. het DLC-project, waarbij een concrete inhoud wordt gegeven aan de voorgeschreven onderdelen (checklist PvA). B1-B3-D1-E1: Past tijdens projectwerkzaamheden de voorgeschreven samenwerkingsinstrumenten concreet toe (plannen, organiseren etc.). I, T I, T I, T 0.10 Voorwaardelijk P.a. D2: DLCVMV1A.1 B4: DLCLPV1A.1 B2: Schrijft een beroepsproduct dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur en spelling. Herkent verschillen in gedragsstijlen, bronnen van weerstand en motivatie van medewerkers en benoemt bijpassende interventies. Herkent en benoemt de relevante verandermanagementinstrumenten en hun functie in een veranderingsproces. Herkent algemene basisbegrippen, op het gebied van interne logistiek (zoals Lean, MRP en TOC, lay-outvormen en capaciteitsmanagement). Kan beargumenteren wat het effect is van deze basisbegrippen op het aansturen en verbeteren van processen in een productie-omgeving. Kan op algemeen bekende wijze, processen schematisch in kaart brengen, ordenen en de principes toepassen om processen op juiste wijze te verbeteren. Kan op juiste wijze MS Visio toepassen bij het opzetten van flowdiagrammen. I, T K, I Malus max 0.12 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

106 DLCBCV1B.1 D2: 12. Tentaminering Past kennis over kwaliteitsmanagementsystemen, zoals ISO 9001, op correcte wijze toe. Laat zien de principes, uitgangspunten en doelstellingen van procesmanagement inzichtelijk toe te kunnen passen. Communiceert effectief in het Nederlands in eenvoudige vergader- en overlegsituaties in schoolse setting in de rollen van voorzitter, deelnemer en notulist. Correspondeert (schriftelijk) in eenvoudige interne en externe communicatieve beroepssituaties ( - en briefverkeer), waarbij bekende, vaststaande conventies worden toegepast. E1: Stuurt en reguleert eigen ontwikkeling door in een procesverslag te laten zien inzicht te hebben in de communicatieve situatie vergaderen/werkoverleg en de eigen rol/vaardigheid daarin. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing Naam/ toetscode DLCVMV1A.1 DLCLPV1A.1 DLCBCV1B.1 DLCLCV1A.5 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. * Deze minimumeis geldt na toepassing peerassessment. Een peerassessmentscore wordt alleen dan meegenomen in de eindcijfervaststelling indien aan de minimumvereisten van het (groeps)productcijfer is voldaan, te weten cijfer 6.0. ** Cijfer bestaat uit 2 toetsen: een inleveropdracht dat voor 40% meetelt, en het individueel schriftelijk tentamen dat voor 60% meetelt. De inleveropdracht moet met een voldoende zijn afgerond om aan het individueel schriftelijk tentamen te mogen deelnemen. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software N.v.t. Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Schriftelijk tentamen Schriftelijk tentamen Schriftelijk tentamen / continuous assessment Inleveropdracht /casus 120 min. 120 min. 120 min. Weging Periode afname en herkansing Toegestane hulpmiddelen Aantal examinatore n 5,5 15% T3/T4 Geen 1-2 5,5 25% T3/T4 Niet grafische rekenmachine 5,5** 10% T3/T4 N.v.t. 1 N.v.t. 5,5* 50% P3/H. i.o.m. docent Arnold, J.R.T., & Chapman, S.N. (2011). Introduction to materials management (new international edition) (7 e druk). Upper Saddle River, NJ: Pearson. Atrill, P. (2012). Management Accounting for decision makers (7 e druk). Harlow: Pearson Custom. Baarda, B. (2014). Dit is onderzoek (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Dorr, D. (2009). Presteren met processen (5 e druk). Deventer: Kluwer. Goor, A. R. van (2009). Distributielogistiek: werken vanuit ketenperspectief (3 e druk). Groningen: Noordhoff. Goor, A.R. van, Ploos van Amstel, M.J., & Ploos van Amstel, W. (2014). Fysieke distributie: werken aan toegevoegde waarde (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Janssen, D.M.L. (2012). Zakelijke communicatie voor professionals (6 e editie: 1 e druk). Groningen: Noordhoff. Lubberding J., & Lubberding R. (2010). Zo maak je een veranderplan. Groningen: Noordhoff. Thuis, P. (2010). Toegepaste organisatiekunde (6 e druk). Groningen: Noordhoff. Goor, A.R. van, & Weijers, S.J.C.M. (2009). Logistiek zakboek (4 e druk). Doetinchem: Reed Business. (In te zien via de mediatheek). 1-2 N.v.t. 2 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

107 16. Overig materiaal Informatie op Scholar. Studiewijzer bedrijfscommunicatie. Studiehandleiding LE-DLC. Syllabus Kostenbeheersing. Arnhem: HAN. Syllabus Verandermanagement. Arnhem: HAN. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. Hoorcolleges. Werkcolleges. Projectgroepbijeenkomsten. Practica. Bedrijfsbezoeken en gastcolleges. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 DLCKBV1A DLCLGV2A DLCVMV1A DLCPAV1A DLCPRV1A**** DLCBCV1B** 2* 2* 2* Gastcollege VM*** 2 *) 3x2 lessen in halve groep en 4x2 lessen in hele groep. **) Aanwezigheid in de lessen is verplicht. ***) Deelname is verplicht. ****) Groep is verdeeld in twee halve groepen. 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers N.v.t. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

108 Titel OWE DLA - Logistieke analyse Modulen Bedrijfscommunicatie DLABCV3B Engels DLAENV4A Webwinkel DLAITV3A Kostenbeheersing DLAKBV1A Ketensamenwerking DLAKSV1A Project DLAPRV1A Magazijninrichting en WMS DLAWMV1A Duurzame logistiek DLADLV1B Eigenaar Dhr. ing. T. Langerak (LGR) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster D Niveau 2 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. B: Aansturen van werkzaamheden; 5. (Beroeps)producten Rapport logistieke analyse, individueel peer assessment en presentatie voor externe opdrachtgever. Tentamen ketensamenwerking en material handling. Tentamen kostenbeheersing. Adviesrapportage en ontwerp van een webwinkel. Practicum WMS. Rapportage en verdediging Magazijninrichting. Continuous assessment Engels. Inleveropdracht bedrijfscommunicatie. Inleveropdracht duurzaamheid (duurzaamheidscan). 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 15 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 105 uur 18 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 293 uur 7. Samenhang met andere OWE s 8. Ingangseisen 45 ec s uit propedeuse. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties Totaal: 420 uur Deze onderwijseenheid (DLA) in periode 4 volgt op de onderwijseenheden DIV en DLC uit periode 3. In de onderwijseenheid Logistieke analyse analyseert de student de logistiek van een onderneming volgens een bepaald model. De student werkt in een projectgroep aan drie beroepsproducten: een logistiek analyserapport, een duurzaamheidsscan en een mondelinge presentatie. De beroepsproducten worden binnen een concrete beroepsomgeving uitgewerkt. In dit geval is dat een onderneming uit het bedrijfsleven. De student moet zelf de opdrachtgever werven. Voor de beroepsproducten zijn de in het D-cluster opgedane kennis, vaardigheden, instrumenten en beroepshouding van belang. Verder leert de student in een praktijkcase op een efficiënte en effectieve manier een magazijn in te richten en maakt kennis met ICT ondersteuning hiervoor in een WMS module. Daarnaast leert de student een webwinkel op te zetten. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

109 C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. E1: Stuurt en regelt de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging DLAPFV2A.4 D2: 1.0 Assessment DLALAV1A.5 DLA rapport A1: De student toont aan, middels vakjargon en professionele houding, een volwaardig gesprekspartner te zijn binnen een logistieke context. De student voert op een aantoonbaar verantwoorde wijze onderzoek uit. T 0.10 B2: C1: D1: D2: E1: De student maakt in een projectgroep een analyse van de sterke en zwakke punten van de logistiek en daaraan gerelateerde bedrijfsonderdelen van een zelf gekozen bedrijf en geeft o.b.v. een relevant model adviezen voor de verbetering van bedrijfsprocessen. Stelt een Plan van Aanpak op, waarbij een concrete inhoud wordt gegeven aan de voorgeschreven onderdelen (checklist PvA). Werkt tijdens projectwerkzaamheden voldoende samen met collega-studenten. Past tijdens projectwerkzaamheden de voorgeschreven samenwerkingsinstrumenten concreet toe (plannen, organiseren etc.). Schrijft een beroepsproduct dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur en spelling. Vraagt tijdens projectwerkzaamheden om feedback over het eigen functioneren. Concretiseert zelfreflectie en werkt zichtbaar aan verbetering. I,T I, T I, T I, T 0.90 Go No go P.a. (max malus) P.a. DLAPRV1A.4 Presentatie DLA rapport DLABCV3B.5 D2: DLAKBV1A.1 B2: E2: Heeft een professionele houding in contacten met het bedrijf. D2: De student kan in een mondelinge presentatie met overtuiging de adviezen overbrengen en verdedigen aan het bedrijf. Kan een professionele presentatie houden over een logistiek onderwerp, waarbij contact met het publiek, stemgebruik, houding, opbouw, enthousiasme, overtuigingskracht en ondersteunende middelen effectief ingezet worden om de boodschap over te brengen. De student kan een financiële analyse maken van investeringsvoorstellen en kan prestatie indicatoren en budgetten opstellen. T P.a. T DLAITV3A.5 A3: 0.60 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

110 Kan adviseren over de introductie van een webwinkel vanuit het perspectief van de klantvraag en neemt IT-implicaties hierin mee die van belang zijn voor de aansturing van logistieke processen. DLAKMV2A.1 Dit is de toetsing van de modulen DLAKSV1A en DLAWMV1A B2 en D1 en E2: B2: B2: DLAENV4A.9 D2: DLAWMV1A.5 C1: DLAWMV2A.5 B2: DLADLV1B.5 A1: Ontwerpt in tweetal een webwinkel, zorgt voor de juiste logistieke inrichting. Kent de basisbegrippen en principes van magazijninrichtingen en magazijnprocessen, en kan daaruit de meest efficiënte en effectieve toepassing bepalen. Kent de basisbegrippen en principes van ketenintegratie en kan daaruit de meest efficiënte en effectieve toepassing bepalen. De student kan effectief en zakelijk communiceren in het Engels. D3: De studenten houdt rekening met cultuurverschillen. Kan een WMS-programma gebruiken voor het plannen en uitvoeren van logistieke processen in een praktijkcase. De student kan op basis van een praktijkgerichte case een goed onderbouwd inrichtingsvoorstel doen voor een magazijn. Analyseert het duurzaamheids- en MVO beleid van een organisatie en vergelijkt dit door een benchmark met externe ontwikkelingen D1 en E2 voorwaardelijk D3 voorwaardelijk A3: C1: D1: Geeft adviezen hoe MVO beleid in het bedrijf en in de keten verbeterd kan worden en te komen tot een optimale balans tussen People, Profit en Planet. Stelt een Plan van Aanpak op, waarbij een concrete inhoud wordt gegeven aan de voorgeschreven onderdelen (checklist PvA). Werkt tijdens projectwerkzaamheden voldoende samen met collega studenten. Past tijdens projectwerkzaamheden de voorgeschreven samenwerkingsinstrumenten concreet toe (plannen, organiseren etc.). I, T I, T 0.50 Go No go P.a. D2: Schrijft een beroepsproduct dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur en spelling. E2: Heeft een professionele houding in contacten met het bedrijf. DLAEXV1A.9 Ondersteunend aan B2 en E1 t/m4. Diverse interne en externe ondersteunende activiteiten die een directe relatie hebben met het beroepenveld. Verplichte deelname. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. I, T 0.05 T P.a. Div. 1.0 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

111 12. Tentaminering Naam/ toetscode Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink DLAPFV2A.4 Mondeling 30 min. DLALAV1A.5 Inleveropdracht /casus DLAPRV1A.4 Mondeling 45 min. DLABCV3B.5 DLAKBV1A.1 DLAITV3A.5 DLAKMV2A.1 DLAENV4A.9 DLAWMV1A.5 DLAWMV2A.5 DLADLV1B.5 Inleveropdracht/ continuous assessment Schriftelijk tentamen Inleveropdracht/ Participatie casus Schriftelijk tentamen Continuous assessment en/of participatie Inleveropdracht/ casus Inleveropdracht/ casus Aantal examinatoren Inleveropdracht (scan) Weging Periode afname en herkansing 6,0 10% P4/H. i.o.m. docent N.v.t. 5,5* 20% P4/H. i.o.m. docent 5,5** 10% P4/H. i.o.m. docent N.v.t. 5,5 10% P4/H. i.o.m. docent 120 min. Toegestane hulpmiddelen N.v.t. 2 N.v.t. 2 N.v.t. 3 N.v.t. 1 5,5 10% T4/T5 Niet-grafische rekenmachine N.v.t. 5,5 10% P4/H. i.o.m. docent 120 min. 1-2 N.v.t. 1 5,5 10% T4/T5 Niet-grafische rekenmachine N.v.t. 5,5 10% P4/H. i.o.m. docent N.v.t. 5,5 0% P4/H. i.o.m. docent N.v.t. 5,5 5% P4/H. i.o.m. docent N.v.t. 5,5 5% P4/H i.o.m. docent 1-2 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1-2 DLAEXV1A.9 Participatie*** N.v.t. V N.v.t. N.v.t. N.v.t. Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. *) Deze minimumeis geldt na toepassing peerassessment. Een peerassessmentscore wordt alleen dan meegenomen in de eindcijfervaststelling indien aan de minimumvereisten van het (groeps)productcijfer is voldaan, te weten cijfer 6.0. **) Indien een individueel cijfer voor DLALAV1A.5 kleiner is dan 5.5 wordt voor DLAPRV1A.4 dezelfde onvoldoende toegekend. ***) Deelname verplicht aan externe activiteiten door de opleiding georganiseerd en/of aan games en simulaties en/of aan gastcolleges. 13. Verplichte literatuur Arnold, J.R.T., & Chapman, S.N. (2011). Introduction to materials management (new international edition) (7 e druk). Upper Saddle River, NJ: Pearson. Atrill, P. (2012). Management accounting for decision makers (7 e druk). Harlow: Pearson Custom. Engelbregt, J., Kruijer C.A.T. (2009). Warehousing en fysieke distributie. Amsterdam: Boom Lemma. Goor, A. R. van. (2009). Distributielogistiek: werken vanuit ketenperspectief (3 e druk). Groningen: Noordhoff. Goor, A.R. van, Ploos van Amstel, M.J., & Ploos van Amstel, W. (2014). Fysieke distributie: werken aan toegevoegde waarde (2 e druk). Groningen: Noordhoff. Janssen, D.M.L. (2012). Zakelijke communicatie voor professionals (6 e editie: 1 e druk). Groningen: Noordhoff. Scholar: https://online.han.nl/sites/2-lfm-le-alg/d-cluster/dla/default.aspx Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

112 14. Aanbevolen literatuur Goor, A.R. van, & Weijers, S.J.C.M. (2009). Logistiek zakboek (4 e druk). Doetinchem: Reed Business. (In te zien via de mediatheek). Pieters, R. (2008). Logistiek in de Praktijk. (2 e druk). Arnhem: MBES. (In te zien via de mediatheek). Woordenboeken E-N, N-E. 15. Software WMS. E-commerce software. 16. Overig materiaal Modulehandleiding duurzame ontwikkeling. Studiehandleiding LE-DLA. Studiewijzer Bedrijfscommunicatie (DLABCV) (Scholar) Studiewijzer Ketensamenwerking (Scholar) Syllabus Webwinkel bronnen op Scholar. Arnhem: HAN. Syllabus Kostenbeheersing. Arnhem: HAN. Syllabus Meetings and Negotiations. Arnhem: HAN. Syllabus Warehouse Management with Dynamics Navision v. 5.0, via Scholar. Arnhem: HAN. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Hoorcolleges. en werkvormen Werkcolleges. Projectgroepbijeenkomsten. Practica. Bedrijfsbezoeken en gastcolleges. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / DLAKSV1A (2) DLAKBV1A DLAWMV1A (2) DLABCV3B***) 2** 2** 2** 2** 2 2 DLAENV4A*) (2) DLAITV3A*****(2) DLAPRV1A **** DLADLV1B*******) DLAPFV2A******) 1 Bedrijfsbezoek etc.****** ICT en/of lectoraat 17 en/of alumni******) SLB******) 1 *) 3 lesuren per week voor een gemiddelde groep (voor docent), 1,5 lesuur per halve groep (voor student). **) 4x2 lessen in halve groep, 2x2 lessen in hele groep. ***) Aanwezigheid in de lessen verplicht. ****) Inclusief herkansing. *****) Deelname aan de practicumbijeenkomsten is verplicht. ******) Deelname is verplicht. *******) Presentatie opnemen op video 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers N.v.t. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

113 Titel OWE EPS Praktijkstage Modulen Stagevoorbereiding EPSSTV1A Stage fase 1 (week 1-6) EPSSTV2A Stage fase 2 (week 7-20) EPSSTV3A Eigenaar Dhr. Theo H.R. Witjes (WJST) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster E Niveau 2 3. Beroepstaak/ A: Ontwikkelen van beleid. beroepstaken B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 4. Centrale B: Aansturen van werkzaamheden. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Plan van aanpak. POP. Presentatie verbeterplan. 6. Studiepunten/ studielast Eindrapport. Studiepunten: 30 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 9 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 827 uur Totaal: 840 uur 7. Samenhang met Beroepspraktische component waarin theoretische kennis en inzichten in de praktijk andere OWE s toegepast en verder geprofessionaliseerd worden door de student. Opvolgend op: A. de stageweek in de propedeuse, B. de stagevoorbereiding, lessen in het D-cluster, C. de praktijkprojecten in het 2 e leerjaar en D. in samenhang met de leerlijn onderzoek en de leerlijn PCV. 8. Ingangseisen Propedeuse afgerond en minimaal 45 ec s behaald in de hoofdfase. 9. Algemene In de onderwijseenheid praktijkstage wordt na een voorbereiding tijdens het D-cluster omschrijving stage gelopen bij een organisatie/bedrijf. De student werft zelf een stagetraject en werkt aan een door het bedrijf geformuleerde opdracht. Naast de opdracht wordt de student ook operationeel ingezet. Op basis van een POP en de voorbereidingsactiviteiten geeft de student gemotiveerd aan waarom voor het stagetraject gekozen is. De student geef in zijn POP weer, aan welke leerdoelen gewerkt wordt en er vindt reflectie plaats. Aan het eind van de stageperiode levert de student een stagerapport in en verzorgt de student tijdens het laatste bedrijfsbezoek een presentatie van zijn/haar verbeterscenario. Tijdens het stagetraject wordt geleerd op niveau 2 d.w.z. dat de student een complexe mono-disciplinaire opdracht in de praktijk onder begeleiding uitvoert. De student werkt ook operationeel mee en zodoende is de omgeving waarin de opdracht vervuld wordt redelijk bekend en gestructureerd. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

114 10. Competenties/ eindkwalificaties A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en maatschappelijk verantwoord. E4: Draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging EPSSTV1A.0 E1: T 0.50 De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan. E2: EPSSTV2A.R B1: C1: D1: D2: D3: E1: E2: De student toont betrokkenheid tijdens de voorbereidingslessen, werft zijn eigen stageopdracht en houdt zich aan deadlines. De student heeft als projectmanager van zijn eigen project doelmatig gewerkt. Er was sprake vaneen duidelijke projectfasering waarop effectief gestuurd is. De student heeft projectmatig gewerkt o.b.v. een juiste planning (projectfasering) en communicatieplan. Denkt samen met stakeholders na over doelen en gewenste inrichting van de processen o.b.v. multidisciplinariteit en collegialiteit. De student heeft een effectief en zakelijk communicatieplan uitgevoerd, dat een goede bijdrage heeft geleverd aan het projectresultaat. De student geeft duidelijk aan te beschikken over organisatiesensitiviteit. Hij/zij handelt vanuit een positief kritische houding, die zich aanpast aan de bedrijfscultuur. De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan en kan daarop reflecteren. De student wordt gedreven door willen begrijpen, willen innoveren. Hij/zij heeft een onderzoekende houding, toont inzet en betrokkenheid. T T T T T T T T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

115 E3: E4: EPSSTV3A.R A1: A2: B1: De student heeft naast bedrijfskundige aspecten ook oog voor maatschappelijk ondernemen en ethische grenzen. De student vraagt actief om feedback en gebruikt dit om zijn handelen te verbeteren. De student past de juiste onderzoekmethodologie toe en verantwoordt deze waardoor controleerbaarheid, betrouwbaarheid en validiteit aangetoond worden. De student past relevant (internationaal) literatuur onderzoek toe. Het advies geeft een oplossing voor het probleem, de onderzoeksvraag is goed beantwoord en verantwoord. Het advies levert een positieve bijdrage aan de strategische doelstellingen van het bedrijf en het maatschappelijk verantwoord ondernemen van het bedrijf. De student heeft als projectmanager van zijn eigen project doelmatig gewerkt. Er was sprake vaneen duidelijke projectfasering waarop effectief gestuurd is. T T T T T B2: Het verbetervoorstel verbetert aantoonbaar de efficiency en effectiviteit van de onderzochte processen. De financiële verantwoording van het advies is correct en transparant. Het implementatieplan is realistisch en volledig. T 0.06 B3: B4: C1: C2: D1: D2: De student gebruikt bij de analyse en het advies meerdere relevante modellen, zoals o.a. SWOT, Lean, QRM, visgraatdiagram, symladmodel, ILC model enz. De student ondersteunt het veranderingsproces n.a.v. zijn/haar advies d.m.v. draagvlakcreatie en juist inschatten van de veranderbereidheid bij de stakeholders. Het implementatieplan houdt ook duidelijk rekening met de verschillende stakeholders. De student werd bij de selectie van informatie gedreven door willen weten/begrijpen De student heeft projectmatig gewerkt o.b.v. een juiste planning (projectfasering) en communicatieplan. De analyse is correct uitgevoerd en de juiste kritieke punten zijn beschreven. Het verbeterscenario is haalbaar en bruikbaar voor de opdrachtgever. Denkt samen met stakeholders na over doelen en gewenste inrichting van de processen o.b.v. multidisciplinariteit en collegialiteit. De student heeft een effectief en zakelijk communicatieplan uitgevoerd, dat een goede bijdrage heeft geleverd aan het projectresultaat. T T T T T T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

116 D3: E1: E2: E3: De student geeft duidelijk aan te beschikken over organisatiesensitiviteit. Hij/zij handelt vanuit een positief kritische houding, die zich aanpast aan de bedrijfscultuur. De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan en kan daarop reflecteren. De student wordt gedreven door willen begrijpen, willen innoveren. Hij/zij heeft een onderzoekende houding, toont inzet en betrokkenheid De student heeft naast bedrijfskundige aspecten ook oog voor maatschappelijk ondernemen en ethische grenzen. E4: De student vraagt actief om feedback en gebruikt dit om zijn handelen te verbeteren. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. 12. Tentaminering (gehele EPS is integrale toets op HBO niveau 2) T T T T T Naam/ toetscode Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software N.v.t. Kempen, P.M., & Keizer J.A. (2011). Competent afstuderen en stagelopen (4 e druk). Groningen: Noordhoff. Reader (2014). Checklist & toelichting voor het maken van een plan van aanpak voor je afstudeeropdracht. Arnhem: HAN. N.v.t. 16. Overig materiaal Stagehandleiding en checklist Plan van Aanpak via Insite HAN en praktijkweb. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Practicum Games/Simulaties. en werkvormen Hoor/Werkcolleges. Praktijkleren in bedrijf en onderzoek doen. 19. Les- / Contacturen Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Onderwijsweek / /10 EPSSTV1A Bedrijfsbezoek 2 2 Terugkomdag 4 De lessen door de praktijkcoördinator worden in periode 2 van het D-cluster gegeven in week 1, 2 en 3 en de lessen door de BCC-docent worden in periode 2 week 4, 5 en 7 gegeven. 20. Onderwijsperiode 1 en 2 of 3 en 4 Weging Periode afname en herkansing EPSSTV1A.0 Participatie N.v.t. V P4/H i.o.m. docent EPSSTV2A.R Praktijkleren N.v.t. 5,5 30% P1/H i.o.m. docent EPSSTV3A.R Eindverslag, presentatie en praktijkleren N.v.t. 5,5 70% P2/H i.o.m. docent Toegestane hulpmiddelen Aantal examina toren N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

117 21. Maximum aantal deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling N.v.t. Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

118 Titel OWE FQM - Quality & Operations Management Modulen Operations Management FQMOMV1A Supply Chain Control FQMCCV1A Quality Management FQMQMV1A Eigenaar Dhr. drs. ing. Tony J. Ebben (EBNA) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster F Niveau 2 en 3 3. Beroepstaak/ A: Ontwikkelen van beleid. beroepstaken B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 4. Centrale B: Aansturen van werkzaamheden. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Bij QMV worden tijdens de les opdrachten gegeven die moeten worden uitgewerkt. Voor CCV worden ook opdrachten verstrekt die in een portfolio moeten worden verzameld en moeten uitmonden in een cijfermatig en kwalitatief onderbouwd en beredeneerd advies ten aanzien van de keteninrichting en het ketenmanagement van een organisatie ( keten naar keuze en enkele lesopdrachten). Binnen CCV schrijft de student een recensie op een artikel uit vakliteratuur. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 60 uur 3 uur 6 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 141 uur Totaal: 210 uur 7. Samenhang met Deze eenheid volgt op de D-clustereenheden DLC en DLA en vormt het slotstuk van andere OWE s het binnenschoolse deel van de leerlijn Logistieke Operations (interne Logistiek). Tevens volgt deze eenheid op de onderwijseenheden CKD en CDA en vormt het slotstuk van het binnenschoolse deel van de leerlijn Distributie Logistiek (externe logistiek). 8. Ingangseisen Propedeuse afgerond. 9. Algemene In de onderwijseenheid Quality & Operations Management staat de doorvertaling van omschrijving de ondernemingsstrategie naar de logistieke operatie en het kwaliteitsmanagement van de organisatie centraal. Het maken van keuzes t.a.v. de logistieke inrichting op basis van de strategie van een organisatie wordt uitgediept in de module OMV. In de module QMV wordt stilgestaan bij de verschillende kwaliteitsystemen. Hierbij ligt de nadruk op de LEAN-Six Sigma-methode van kwaliteitsverbetering. Verbeteringen worden concreet uitgewerkt met behulp van de DMAIC-methode. In de module CCV wordt gewerkt aan het weloverwogen gebruiken van verschillende concepten in Supply Chain Management om daarmee de managementfuncties planning en control te operationaliseren. Ook wordt de student uitgedaagd om op alternatieve wijze ketens te visualiseren en om recente artikelen op het vakgebied te 10. Competenties/ eindkwalificaties recenseren. A2 Formuleert beleid op één of meer domeinen van de logistiek. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

119 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging FQMOMV1A.1 B2: I 0.75 Kan de kenmerken en de positie van operations management binnen de logistiek herkennen en benoemen. Benoemt de logistieke knelpunten in een vraagstuk of casus en kan hiervoor een verbetervoorstel doen. Kan de juiste processen en lay-out types selecteren die het best passen bij verschillende logistieke situaties. Kan verbanden leggen tussen de organisatie, de werkzaamheden daarin en de gevolgen voor het operationeel management. A3: FQMQMV1A.1 C3: B2: B3: B4: FQMQMV1A.5 C3: B2: B3: Relateert de logistieke verbeteractiviteiten aan de strategie van de in de casus/vraagstuk genoemde organisatie. De student begrijpt logistieke beoordelingscriteria en kan ze op de juiste manier definiëren en meten. De student kan processen beschrijven, visualiseren, in de juiste volgorde inrichten waarbij verspilling verminderd wordt, knelpunten vastgesteld worden en de prestaties worden verbeterd. Daarna stelt de student nieuwe doelen op. De student kent diverse kwaliteitsconcepten en kan de juiste LEAN-Six Sigma-methodieken selecteren en toepassen op een casus. De student weet de juiste methodieken toe te passen om sociale en culturele weerstand te verminderen zodat het management ondersteund wordt om een proces van de huidige situatie naar een verbeterde situatie te krijgen. De student begrijpt logistieke beoordelingscriteria en kan ze op de juiste manier definiëren en meten. De student kan processen beschrijven, visualiseren, in de juiste volgorde inrichten waarbij verspilling verminderd wordt, knelpunten vastgesteld worden en de prestaties worden verbeterd. Daarna stelt de student nieuwe doelen op. De student kent diverse kwaliteitsconcepten en kan de juiste LEAN-Six Sigma-methodieken selecteren en toepassen op een casus. T K K, I K K I, T I, T I,T B4: FQMOMV1A.6 B2: De student weet de juiste methodieken toe te passen om sociale en culturele weerstand te verminderen zodat het management ondersteund wordt om een proces van de huidige situatie naar een verbeterde situatie te krijgen. De opdrachten worden ook naar behoren gepresenteerd. De student kan een casus analyseren met behulp van principes van operationeel management en deze analyse presenteren. I, T 0.10 T 1.0 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

120 FQMCCV1A.8 A2: D2: A2: Kan een eigen mening en een eigen visie vormen en onderbouwen over een in een recent Engelstalig artikel behandeld cursusgerelateerd thema in de vorm van een recensie. Kan een beroepsproduct schrijven dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur, spelling en bronvermeldingen. Kan de uitgangssituatie uit een case vastleggen en de genoemde knelpunten onderkennen. Kan een onderbouwd advies over de herinrichting van een logistieke keten uitbrengen en de consequenties voor de kosten en prestatie aangeven Knock-out criterium 0.60 D2: FQMGSV5A.9 D1: Kan een adviesgerichte presentatie maken, waarin de uitgangssituatie duidelijk voor het publiek wordt neergezet en waarin een advies, met behulp van verschillende met argumenten en kosten onderbouwde verbeterscenario s, wordt uitgebracht over de herinrichting van een logistieke keten. Kan een beroepsproduct schrijven dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur, spelling en bronvermeldingen. Kan een Excel-sheet maken dat logisch en duidelijk is opgebouwd, zodat het goed leesbaar is voor een derde. De student participeert actief en constructief in een logistiek game. FQMGSV6A.9 D1: De student participeert actief en constructief in een logistiek game. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing T 1.0 T 1.0 Knock-out criterium 12. Tentaminering Naam/ toetscode FQMOMV1A.1 FQMQMV1A.1 FQMQMV1A.5 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Schriftelijk tentamen Schriftelijk tentamen 5,5 25% T4/T5 Rekenmachine en woordenboek Inleveropdracht/ casus 90 min. 90 min. Weging Periode afname en herkansing Toegestane hulpmiddelen 5,5 25% T3/T4 Rekenmachine en woordenboek N.v.t. 5,5 10% T4/H i.o.m. docent FQMOMV1A.6 Presentatie N.v.t. 5,5 10% T3/H i.o.m. docent FQMCCV1A.8 Portfolio N.v.t. 5,5 30% T3/H i.o.m. docent N.v.t. N.v.t. N.v.t. Aantal examina -toren FQMGSV5A.9 Participatie* N.v.t. V N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. FQMGSV6A.9 Participatie* N.v.t. V N.v.t. N.v.t. N.v.t. N.v.t. Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

121 voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. *) Deelname verplicht aan externe activiteiten door de opleiding georganiseerd en/of aan Games en Simulaties. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur N.v.t. Slack, N. (2013). Operations management (7 e druk). Harlow: Pearson Custom. Emmerik, R. (2012). Kwaliteitsmanagement (2 e druk). Harlow: Pearson Education. 15. Software Bij het boek Operations management is een licentie verkrijgbaar om gebruik te kunnen maken van de elektronische leeromgeving MyOMlab, behorende bij het boek. Het wordt zeer aangeraden om over deze licentie te beschikken. 16. Overig materiaal Informatie op HAN Scholar Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17. en 18. Activiteiten Werkcolleges. en werkvormen Hoorcolleges. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 FQMOMV1A FQMQMV1A FQMCCV1A FQMGSV5A en 8 8 FQMGSV6A SLB Onderwijsperiode 3 en Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. De toetscode FQMOMV1A.2 (MyOMlab) is vervangen door FQMOMV1A.6. Cijferoverzetting kan plaatsvinden als FQMOMV1A.2 is behaald en FQMOMV1A.6 in het leerplan van de student opgenomen is. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

122 Titel OWE FEB - Enterprise Resource Planning & Business Intelligence Modulen Business Intelligence & Analyse FEBBIV1A Structuren en organisatievraagstukken FEBERV1A en FEBEBV1B Navision voltijd FEBNAV1A Eigenaar Dhr. drs. Ad J. van Kooten (KTNAJ) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster F Niveau 2 en 3 3. Beroepstaak/ beroepstaken A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. A. Ontwikkelen van beleid 4. Centrale beroepstaak 5. (Beroeps)producten Paper over ERP/Business Intelligence-ontwikkelingen (ERV). Uitwerkingen ERP-opdrachten Dynamics Navision. 6. Studiepunten/ Studiepunten: 7,5 studielast Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 45 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 161 uur Totaal: 210 uur 7. Samenhang met De onderwijseenheid FEB volgt op de modules Excel (propedeuse en CKD), op de andere OWE s modules DIVARV, DLAITV en DLAWMV en binnen de organisatiekundige leerlijn volgt deze eenheid op de modules CAAOKV en DLCVMV. 8. Ingangseisen Het programma van het C-cluster en D-cluster heeft de student doorlopen. 9. Algemene In de onderwijseenheid ERP en Business Intelligence staan IT-toepassingen in de omschrijving logistiek centraal. Met name ERP systemen (MS-Dynamics) komen aan de orde. De structuur en opbouw van deze systemen worden in het licht geplaatst van de rol die de logistiek manager in de beroepspraktijk heeft. De keuze voor bepaalde systemen, de rol van gebruikers en andere stakeholders zijn onderwerpen die aan de orde komen. Tevens wordt gewerkt met ERP-databases, het genereren van rapporten en het analyseren van data. De aspecten waar een Supply Chain Manager in zijn carrière op strategisch, tactisch en operationeel niveau mee te maken kan krijgen, worden besproken. Met behulp van de software van Microsoft MS Dynamics, als representant van ERP software, doorlopen studenten alle fases van het proces van klantorder tot inkoop, maken studenten inkoop- en productieplanning en onderzoeken ze de inrichting van de ERP software voor zover deze betrekking heeft op de ondersteuning van de 10. Competenties/ eindkwalificaties logistieke processen. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

123 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging FEBERV1A.5 A1: 0.50 Paper Student onderzoekt en beoordeelt zelfstandig een actueel en complex ERP-vraagstuk. Student verdedigt de in zijn of haar paper geformuleerde conclusies met logische argumentatie. FEBEBV1B.1 Tentamen A2: B2: Formuleert en onderbouwt een stelling over een actueel en complex ERP-beleidsvraagstuk op basis van literatuur. Kan logistieke processen op de juiste niveaus inrichten, beheersen en verbeteren met ERP FEBNAV1A.2 Practicum toets C2: A3: Onderkent en beoordeelt complexe problemen bij ERPimplementaties, op basis van theoretisch kader, en stelt diagnoses en correcties voor. Onderkent mogelijkheden van ERP-software om het ontwikkelen van relaties, netwerken en samenwerken in de keten te ondersteunen. K, I B2: Is in staat bij herinrichting van logistieke processen relevante gevolgen aan te geven voor het gebruik van een ERP-systeem. K, I 0.25 worden. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. 12. Tentaminering C1: FEBNAV1A.9 C2: C3: Toont aan ERP als instrument voor de planning van logistieke operaties te kunnen inzetten. Laat zien hoe bij problemen de logistieke planning binnen een ERP-systeem aangepast kan worden. Kan relevante output vanuit een ERP-systeem genereren waarmee logistieke processen gemonitord Naam/ toetscode Toetsvorm Duur Cijfer (minimum ) of vink Weging Periode afname en herkansin g Toegestane hulpmiddelen Aantal Examinatoren FEBERV1A.5 Inleveropdracht/ N.v.t. 5,5 40% T3/H i.o.m. N.v.t. 1 paper docent FEBEBV1B.1 Schriftelijk 120 5,5 30% T3/T4 Rekenmachine 1 tentamen min. FEBNAV1A.2 Practicum-toets 120 5,5 30% T3/H i.o.m. PC 1 min. docent FEBNAV1A.9 Continuous assessment N.v.t. V Zie overige info T3 NvT 1 Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

124 13. Verplichte Sneller, L. (2010). Basisboek ERP (2 e druk). Den Bosch: Tutein Nolthenius. literatuur 14. Aanbevolen N.v.t. literatuur 15. Software Er wordt gebruik gemaakt van ERP-software ( Microsoft Dynamics NAV ) op de computers van de HAN. 16. Overig materiaal Studiewijzer LE-FEB. Syllabus Navision Enterprise resource planning. Arnhem: HAN. Cursusmateriaal HAN-scholar. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen Beschikken over een laptop wordt aangeraden. Werkcolleges. Hoorcolleges. Practica. Aan de practicumtoets FEBNAV1A.2 kan pas worden deelgenomen indien de vink bij FEBNAV1A.9 is behaald. Let op: indien de inschrijving voor de toets al moet worden gedaan voordat de vink is behaald dan kan de student, ondanks de inschrijving, toch deelname aan de toets worden geweigerd. De practicumdocent beslist hierover op basis van de deelname aan de practicumcyclus en de beoordelingscriteria bij dit studieonderdeel. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 FEBERV1A FEBEBV1A FEBNAV1A FEBBIV1A Onderwijsperiode Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel jaar van het Landelijk Platform Logistiek HBO. Datum waarop de OWE niet meer aangeboden N.v.t. wordt en overgangsregeling Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

125 Titel OWE FML - Management, leadership and cultural awareness in the supply chain Modulen Cultural Awareness FMLCAV1A Supply Chain Management FMLSCV1A Management skills FMLSKV1A Eigenaar Mw. drs. Brigitte E. Faber-de Lange (LNGB) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster F Niveau 2 en 3 3. Beroepstaak/ A. Ontwikkelen van beleid. beroepstaken Deze onderwijseenheid staat ten dienste aan andere onderwijseenheden uit het F-cluster. Het gaat met name om de ontwikkeling van: sociale en communicatieve deelcompetenties. zelfsturende deelcompetentie. 4. Centrale Deze onderwijseenheid levert een bijdrage aan de algemene HBO-competenties: beroepstaak sociale en communicatieve deelcompetenties. zelfsturende deelcompetentie. en is daarmee ondersteunend aan drie beroepstaken: A. Ontwikkelen van beleid. B. Aansturen van werkzaamheden. C. Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 5. (Beroeps)producten Zelfevaluatierapport. Assessment Center. Tentamen Supply Chain Management (case, open vragen). 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 58 uur - 3 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 149 uur 7. Samenhang met andere OWE s Totaal: 210 uur De onderwijseenheid FML is een ondersteunende module bij de onderwijseenheid FPP. De modules Management Skills en Cultural Awereness maken deel uit van de organisatiekundige leerlijn en zijn een vervolg op de modules Organisatiekunde en Verandermanagement (DLAOKV en DLCVMV) en het vak Bedrijfskunde (ABABDK1A en ABBBDK1A) in de propedeuse. 8. Ingangseisen C- en D-cluster gevolgd. 9. Algemene omschrijving De module Supply Chain Management hangt samen met de theoretische inhoud van de onderwijseenheid FPP. Deze module is een vervolg op Global Traffic Management (BLAGTM1A), Ketendiagram (CKDLGV1B) en Distributielogistiek (CDALGV1A) en Ketensamenwerking (DLAKSV1A). In het F-cluster werkt de student aan een internationaal project (zie onderwijseenheid FPP). In deze onderwijseenheid wordt de theoretische kennis voor de onderwijseenheid FPP aangereikt in de module Supply Chain Management. De student verdiept zich hierbij in internationale supply chain netwerken, waarbij met name de aandacht uitgaat naar Fast Moving Consumer Goods (FMCG). De structuur en opbouw van de benodigde systemen worden in het licht geplaatst van de rol die de logistiek manager in de beroepspraktijk heeft, als deze opereert in een mondiale context. De strategische keuze voor bepaalde systemen en de inrichting van de gekozen netwerken zijn onderwerpen die aan de orde komen. De module wordt gegeven en getoetst in het Engels. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

126 10. Competenties/ eindkwalificaties De studenten worden voorbereid op een managersrol in een internationale context in de modules Management Skills en Cultural Awareness. De student wordt uitgedaagd om de eigen sterkten en zwaktes te herkennen en er worden mogelijkheden aangereikt om deze te verbeteren om in logistieke contexten optimaal te functioneren. De trainingen leiden tot een continue reflectie op de effecten van het eigen handelen en het ontdekken van strategieën om deze effecten te optimaliseren. Daartoe krijgt de student allerlei technieken, situaties en casuïstiek aangereikt. In een zelfevaluatierapport legt de student het proces en de resultaten vast. A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en (maatschappelijk) verantwoord. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging FMLSCV1A.1 A3: K, I 0.60 Kan logistieke modellen en concepten benoemen en beoordelen op bruikbaarheid voor toepassing op een casus. Kan consequenties aangeven van voorgestelde (verbeter-) concepten voor de organisatie en externe partijen in de keten. Kan op de juiste wijze de relatie leggen tussen de doelstellingen van de organisatie en die van ketenpartners en de voorgestelde (verbeter-)concepten. A2: Formuleert (onderdelen van) de logistieke strategie als afgeleide van de organisatiestrategie en/of ketenstrategie. FMLCAV1A.5 Deelrapport managementvaardigheden (50%) D2: Kan een feedbackgesprek voorbereiden aan de hand van observaties en kan het feedbackgesprek voeren. T I E1: Kan reflecteren op eigen gedrag. I Deelrapport cultural awareness (50%) D2: Heeft inzicht in de eigen cross-cultural communicatieve vaardigheden en kan dit vertalen in communicatief gedrag dat is aangepast aan verschillende culturele contexten. D3: E1: Kan culturen van landen of bevolkingsgroepen beschrijven en dit vertalen in praktische consequenties op beroepsmatig handelen van een logisticus. Verantwoordt zelfstandig met juiste diepgang zijn/haar handelen in casuïstiek of lessen en de eigen ontwikkeling en vertaalt dit in persoonlijke handelingsvoornemens. I I E3: FMLSKV1A.4 D2: D3: Kan ethische dilemma s herkennen en spiegelt handelen van anderen aan eigen handelen. Hanteert een adequate stijl van zakelijk communiceren (verbaal en non-verbaal) Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

127 E2: E3: 12. Tentaminering Laat een professionele deelname zien aan de managementteammeeting, passend bij de context en de eigen positie in relatie tot anderen. Laat in bijdragen aan de discussie zien dat deze ethische en zakelijke belangen afweegt. T I Naam/ toetscode FMLSCV1A.1 FMLCAV1A.5 FMLSKV1A.4* Mondeling groepsassessment Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. * Voorwaarde voor deelname aan mondeling assessment is deelname aan daaraan voorafgaande games en inleveren reflectieverslagen. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software Digitale games. Hunsaker, P.L. (2010). Managementvaardigheden (4 e druk). Harlow: Pearson Education Leeman, J.J.A. (2010). Supply Chain Management. Eigen beheer Leeman, J.J.A. (Engels). Nunez, C., Nunez, R., & Popma, L. (2010). Interculturele communicatie. Van ontkenning tot wederzijdse integratie (2 e druk). Assen: van Gorcum. Leeman, J.J.A. (2010). Export Planning. Amsterdam: Pearson Education. 16. Overig materiaal Diverse teksten op HAN Scholar of als handout. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Werkcolleges. en werkvormen Hoorcolleges. Rollenspelen. Simulaties. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 FMLSCV1A FMLCAV1A FMLSKV1A Onderwijsperiode 3 en Maximum aantal N.v.t. deelnemers Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Schriftelijk tentamen Inleveropdracht/ casus 120 min. Weging Periode afname en herkansing Toegestane hulpmiddelen 5,5 30% T4/T5 Rekenmachine niet-grafisch. Woordenboek N-E/E-N N.v.t. 5,5 40% T4/H i.o.m. docent 45 min. Aantal examinator en 2 N.v.t. 2 5,5 30% T3/T4 N.v.t. 2 Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

128 Titel OWE FPP - Logistics Policy Plan Modulen Logistics Policy Plan FPPCOV1A Project Financials FPPPFV1A Kick-off FPPKOV1A Eigenaar Dhr. Erik J. van Zanten MSc EMLog (ZTNE) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster F Niveau 2 en 3 3. Beroepstaak/ beroepstaken A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 4. Centrale A: Ontwikkelen van beleid. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Logistics Policy Plan: rapportage, presentatie en verdediging. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 19 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 191 uur Totaal: 210 uur 7. Samenhang met Deze eenheid volgt op de onderwijseenheden CDA, DLC, DLA en op FQM. andere OWE s In de module FMLSCV1A wordt belangrijke theoretische achtergrond aangereikt die hoort bij deze OWE. 8. Ingangseisen Propedeuse afgerond. 9. Algemene In de onderwijseenheid Logistics Policy Plan het ontwikkelen van beleid centraal. De omschrijving student schrijft, samen met medestudenten (eventueel uit de Engelstalige opleiding Logistic Management (Economics)) een businessplan gericht op de logistieke inrichting van een bestaande multinationale onderneming, bij het openen van een nieuwe markt. Volgens een methode van tien stappen wordt het plan uitgewerkt. De tien stappen worden verdeeld in drie fasen: analyse, strategische keuze, planning & implementatie. Centraal staat het Supply Chain System-model. De module 10. Competenties/ eindkwalificaties 11. Beoordelingscriteria FMLSCV1A uit OWE FML behandelt de theorie die aansluit aan bij deze OWE FPP. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. Toetscode Beoordelingscriteria * Weging FPPPFV1A.5 A1: Go / No go Rapport (70%) Toont met behulp van een Plan van Aanpak aan in staat te zijn om een onderzoek op te zetten, waarmee binnen de gestelde tijd wordt voldaan aan de eisen die gesteld worden aan toegepast onderzoek. Kan een gestructureerde analyse maken van de strategie van een organisatie Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

129 Kan op basis van een analyse van de interne en externe omgeving de gevolgen voor een organisatie en haar stakeholders gestructureerd in kaart brengen. A2: Kan in lijn met de ondernemingsstrategie en op basis van de in kaart gebrachte gevolgen van de interne en externe analyse een onderbouwd advies uitbrengen over de meest geschikte productmarktcombinatie en de entry mode. Kan de impact van het advies op de organisatie (structuur, cultuur en resources) overzien en gestructureerd in kaart brengen A3: Kan a.d.h.v. de gekozen product-marktcombinatie en entry mode de optimale marketingstrategie en inrichting van de logistieke keten bepalen. Kan de financiële consequenties van het uitgebrachte advies in kaart brengen en op basis van relevante kengetallen beoordelen en verantwoorden B2: Kan de mijlpalen van een implementatie bepalen, structureren en faseren C1: Kan de marktomvang bepalen a.d.h.v. kengetallen en logische aannamen. Kan op basis van de gekozen marketingstrategie en de marktomvang een verkoopplan opstellen. Kan een volledig, doordacht en onderbouwd capaciteitsplan van alle relevante resources en volumes opstellen D2: Schrijft een beroepsproduct dat voldoet aan de criteria binnen de bedrijfscommunicatie t.a.v. stijl, structuur en spelling (Engels). Drukt zich mondeling helder uit in het Engels over het vakgebied Presentatie en verdediging (30%) B3: Kan een adviespresentatie maken waarin het advies qua vorm en inhoud op een professionele en overtuigende wijze wordt overgebracht aan de doelgroep. Kan vragen naar aanleiding van het beroepsproduct en de presentatie op een professionele wijze beantwoorden Peer assesment D1: Kan samenwerken binnen een projectgroep. Peerassesment D2: Kan op een professionele wijze communiceren binnen een projectgroep. Peerassesment D3: Kan omgaan en rekening houden met cultuurverschillen binnen een projectgroep. Peerassesment E2: Heeft een professionele beroepshouding tijdens projecten. Peerassesment E4: Kan een relevante bijdrage leveren aan een project middels het aandragen en toepassen van structuren en modellen. Kan een relevante bijdrage leveren aan een project middels een goed planning van het project. Peerassesment * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

130 12. Tentaminering Naam/ toetscode FPPPFV1A.5 Inleveropdracht N.v.t. 5,5 100% T4/H. i.o.m. N.v.t. Minimaal 2 en presentatie docent Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software N.v.t. Leeman, J.J.A. (2010). Export Planning. Upper Saddle River, NJ: Pearson Education. Leeman, J.J.A. (2010). Supply Chain Management. Eigen beheer Leeman, J.J.A. (Engels). 16. Overig materiaal Studiehandleiding Logistics Policy Plan HAN-scholar Cursusmateriaal HAN-scholar (FPP). Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Consultancybijeenkomsten. en werkvormen Project. Werkcollege. Hoorcollege. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 FPPCOV1A FPPPFV1A 4 4 FPPKOV1A 3* * Voorafgaand aan de start van deze onderwijseenheid (in periode 3) vindt er een kick-offcollege plaats. 20. Onderwijsperiode Maximum aantal deelnemers Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink N.v.t. Weging Periode afname en herkansing Toegestane hulpmiddelen Aantal examinatoren Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

131 Titel OWE HAO Afstudeeropdracht Modulen Afstudeeropdracht HAFAOD1A Eigenaar Dhr. Theo H.R. Witjes (WJST) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster H Niveau 3 3. Beroepstaak/ beroepstaken A: Ontwikkelen van beleid. B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 4. Centrale A. ontwikkelen van beleid beroepstaak 5. (Beroeps)producten Plan van aanpak. POP en reflectieverslag. Afstudeerscriptie. 6. Studiepunten/ studielast Presentatie en verdediging. Studiepunten: 30 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen: - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen): 6 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 834 uur Totaal: 840 uur 7. Samenhang met Alle onderwijseenheden voorafgaan aan het AOD. andere OWE s 8. Ingangseisen Propedeuse afgerond en 135 ec s in de hoofdfase. 9. Algemene In de onderwijseenheid Afstudeeropdracht wordt een afstudeeropdracht uitgevoerd bij omschrijving een organisatie/bedrijf. De student werft zelf een afstudeeropdracht en werkt aan een door het bedrijf geformuleerde opdracht. Het onderzoek betreft een actueel bedrijfsknelpunt. Op basis van een POP en de voorbereidingsactiviteiten (Tien Stappen Plan) geeft de student gemotiveerd aan waarom voor de organisatie/opdracht gekozen is. De student rapporteert zijn onderzoeksresultaat inclusief een implementatieplan aan het einde van de afstudeerperiode. Daarnaast vindt er aan het einde van de afstudeerperiode een mondelinge verdediging plaats. Ook geeft de student in zijn POP aan, aan welke beroepstaken gewerkt wordt en vindt er reflectie plaats. De student werkt volledig zelfstandig aan een complexe, multidisciplinaire opdracht in een voor hem/haar onbekende beroepspraktijk. Alle deelcompetenties worden met 10. Competenties/ eindkwalificaties deze afstudeeropdracht op niveau 3 getoetst. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

132 E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en maatschappelijk verantwoord. E4: Draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging HAOAOD1A.R A1: T 0.10 De student past de juiste onderzoekmethodologie toe en verantwoordt deze waardoor controleerbaarheid, betrouwbaarheid en validiteit aangetoond worden. De student past relevant (internationaal) literatuur onderzoek toe. A2: A3: B1: Het advies geeft een oplossing voor het probleem, de onderzoeksvraag is goed beantwoord en verantwoord. Het advies levert een positieve bijdrage aan de strategische doelstellingen van het bedrijf en het maatschappelijk verantwoord ondernemen van het bedrijf. Het advies is integraal en optimaliseert de processen tussen afdelingen binnen de organisatie en of tussen de ketenpartners. De student heeft als projectmanager van zijn eigen project doelmatig gewerkt. Er was sprake vaneen duidelijke projectfasering waarop effectief gestuurd is. T T T B2: Het verbetervoorstel verbetert aantoonbaar de efficiency en effectiviteit van de onderzochte processen. De financiële verantwoording van het advies is correct en transparant. Het implementatieplan is realistisch en volledig. T 0.06 B3: B4: C1: C2: D1: De student gebruikt bij de analyse en het advies meerdere relevante modellen, zoals o.a. SWOT, Lean, QRM, visgraatdiagram, symladmodel, ILC model enz. De student ondersteunt het veranderingsproces n.a.v. zijn/haar advies d.m.v. draagvlakcreatie en juist inschatten van de veranderbereidheid bij de stakeholders. Het implementatieplan houdt ook duidelijk rekening met de verschillende stakeholders. De student werd bij de selectie van informatie gedreven door willen weten/begrijpen. De student heeft projectmatig gewerkt o.b.v. een juiste planning (projectfasering) en communicatieplan. De analyse is correct uitgevoerd en de juiste kritieke punten zijn beschreven. Het verbeterscenario is haalbaar en bruikbaar voor de opdrachtgever. Denkt samen met stakeholders na over doelen en gewenste inrichting van de processen o.b.v. multidisciplinariteit en collegialiteit. T T T T T 0, Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

133 D2: D3: E1: E2: E4: De student vraagt actief om feedback en gebruikt dit om zijn handelen te verbeteren. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. 12. Tentaminering (integrale toets) E3: De student heeft een effectief en zakelijk communicatieplan uitgevoerd, dat een goede bijdrage heeft geleverd aan het projectresultaat. De student geeft duidelijk aan te beschikken over organisatiesensitiviteit. Hij/zij handelt vanuit een positief kritische houding, die zich aanpast aan de bedrijfscultuur. De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan en kan daarop reflecteren. De student wordt gedreven door willen begrijpen, willen innoveren. Hij/zij heeft een onderzoekende houding, toont inzet en betrokkenheid. De student heeft naast bedrijfskundige aspecten ook oog voor maatschappelijk ondernemen en ethische grenzen. T T T T T T Naam/ toetscode HAOAOD1A.R* verdediging docent Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0. * Integrale toets, waarbij alle 3 de onderdelen (proces, product en verdediging) voldoende dienen te zijn. 13. Verplichte literatuur Kempen, P.M., & Keizer J.A. (2011). Competent afstuderen en stagelopen (4 e druk). Groningen: Noordhoff. Reader (2014) Checklist & toelichting voor het maken van een plan van aanpak voor je afstudeeropdracht. Arnhem: HAN. Geen. 14. Aanbevolen literatuur 15. Software Geen. 16. Overig materiaal Afstudeerhandleiding via Insite HAN en HAN-praktijkweb. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen 19. Les- / Contacturen Praktijkleren in de vorm van toegepast onderzoek. Onderwijsweek /10 Bedrijfsbezoek 2 2 Terugkomdag/voortgangsgesprek Onderwijsperiode 1 en 2 of 3 en Maximum aantal N.v.t. deelnemers Overige informatie Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Rapport incl. Weging Periode afname en herkansing N.v.t. 5,5 100% P1 t/m P4 / H. i.o.m. Toegestane hulpmiddelen Aantal examinatoren N.v.t. 2 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

134 Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

135 Onderwijseenheden van het honoursprogramma Titel OWE Modulen Eigenaar Honours Stage plus IBR Management van ontwikkelingen en trends Management van netwerken Luuk Aalbers en Yvonne Peterman 1. Opleiding Instituut Bedrijfskunde en Rechten (behalve HBO Rechten) 2. Doelgroep Variant Honours Cluster E Niveau 2 3. Beroepstaak/ beroepstaken 4. Centrale beroepstaak Beschrijven, analyseren, diagnosticeren en adviseren van de organisatie over een vraagstuk in de organisatie. Initiëren van innoveren in netwerken. 5. (Beroeps)producten Adviesnotitie management van ontwikkelingen en trends. Adviesnotitie management van netwerken. 6. Studiepunten/ studielast Studiepunten: 7,5 Studielast (in klokuren): 210 uur Aantal klokuren Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen (5x3) - Centrale Kennisateliers HP (4x3) - Begeleiding (plus deel stage) Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage - Centrale Kennisateliers HP 11,25 uur 9 uur 10 uur 160,75uur 19 uur 7. Samenhang met andere OWE s Totaal: 210 uur De OWE maakt deel uit van het Honoursprogramma van de FEM. Dit programma start in het E-cluster en loopt door t/m het H-cluster en levert 30 ECTS op. Het wordt gevolgd naast het reguliere voltijdprogramma van de opleiding. De student vervult zijn stage volgens de eisen die gesteld worden door de opleidingen binnen IBR en de aanvullende eisen die gesteld worden binnen het Honoursprogramma. Deze honoursmodule is verdiepend ten aanzien van strategische (interne en externe) analyse van een organisatie. Deze honoursmodule is een uitbreiding op de stage van de opleidingen van het Instituut Bedrijfskunde en Rechten (behalve HBO Rechten) en is een specifieke verdieping op het onderdeel interne en externe analyse (contextanalyse) binnen de opleidingen van het Instituut Bedrijfkunde en Rechten (behalve HBO Rechten). 8. Ingangseisen Toestemming voor een honoursprogramma als bedoeld in OER artikel 3.7 lid 1 sub c. kan slechts worden verleend indien de student geselecteerd is door de selectiecommissie van het honoursprogramma. Studenten worden geselecteerd op basis van een portfolio bestaande uit: curriculum vitae, cijferlijst, motivatiebrief en een gesprek. Kandidaten worden vervolgens uitgenodigd om te participeren in een simulatie. De resultaten van deze simulatie bepalen of de student wordt toegelaten. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties Identificeren en selecteren van relevante ontwikkelingen en trends in en rondom de stagebiedende organisatie en adviseren over de werkwijze om dit continue proces van strategische analyse te managen. Beschrijven en analyseren van het netwerk waarin de stagebiedende organisatie/afdeling/project actief is, de positionering daarin van alle belanghebbenden binnen dit netwerk en de betekenis van deze positioneringen in relatie tot het trendonderzoek voor mogelijke strategieën voor de stagebiedende organisatie. Het geven van correct gefundeerd advies voor het organiseren van trend- en omgevingsanalyses. Het ontwerpen, inrichten en onderhouden van een netwerk informatieproces. Ondernemerschap: initiëren, creëren en realiseren van producten en diensten. Bedrijfs-en omgevingsanalyse: vaststellen voor een onderneming van enerzijds de sterktes en zwaktes op basis van een analyse van de interne bedrijfsprocessen en Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

136 cultuur, als onderdeel van de waardeketen, en anderzijds van de kansen en bedreigingen op de lokale, nationale en/of internationale markt op basis van relevante nationale en internationale trends: kritische analytische vermogen. Ontwikkelen en onderhouden van professionele relaties: samenwerkend in proces en inhoud: netwerkend. Leiderschap en management: leidinggeven aan een project/proces: organiserend vermogen. Sociale en communicatieve competentie: de directe communicatie met partijen in het professionele netwerk. Zelfsturende competentie: reflectief en bijsturend vermogen in een professionele omgeving. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria K,I,T* Weging Advies Paper (5) De student: HSPMON1A.5 identificeert trends en ontwikkelingen in en rondom de 0.15 Honours stagebiedende organisatie. Management selecteert relevante trends en ontwikkelingen ontwikkelingen en evalueert een beperkt aantal trends en ontwikkelingen op basis I, T 0.30 trends van criteria (marktattractiviteit, besparingen, kosten). adviseert over de best passende werkwijze om up to date te I, T 0.40 blijven ten aanzien van trends en ontwikkelingen. Ontwerp Paper (5) De student: HSPMON2A.5 beschrijft het netwerk van de stagebiedende I, T 0.20 Honours organisatie/afdeling of het netwerk van een invloedrijk project. Management van identificeert en classificeert invloed belanghebbenden in relatie 0.30 netwerken tot een trend/ontwikkeling. ontwerpt strategieën voor stagebiedende organisatie t.a.v. I, T 0.50 belanghebbenden. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. 12. Tentaminering Naam/ toetscode Honours management ontwikkelingen/ trends Advies Paper (5) HSPMON1A.5 Honours management netwerk Advies Paper (5) HSPMON2A Verplichte literatuur Volti, R. (2013). Society and technological change (7 th edition). Worth Publischers. ISBN10: Artikelen op Scholar. 14. Aanbevolen literatuur Weggeman, M. (2000). Kennismanagement de Praktijk. Den Haag: Scriptum publishers. Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (2014). Van kenniseconomie naar een lerende economie. 15. Software N.v.t. 16. Overig materiaal N.v.t. 17en 18. Activiteiten en werkvormen Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Weging Periode afname en herkansing Introductiecollege. Expert en intervisiebijeenkomsten managementontwikkelingen. Expert en intervisiebijeenkomsten managen van netwerken. Toegestane hulpmiddelen Aantal examinatoren Beroepsproduct N.v.t T1, T3 1 Beroepsproduct N.v.t T2, T4 1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

137 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 Centrale Bijeenkomsten HP* 3 3 CE* 3 FM 3 BE* HRM BKM LE* Honours 3 3 kennismanagement Honours procesmanagement * Overkoepelende bijeenkomsten 20. Onderwijsperiode E-cluster, periode 3 en Maximum aantal deelnemers In overleg. Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling N.v.t. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

138 Bijlage 5 Bijlage conform artikel 6.1 lid 4 Gegevens integrale toetsen postpropedeutische fase Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

139 Titel OWE EPS Praktijkstage Modulen Stagevoorbereiding EPSSTV1A Stage fase 1 (week 1-6) EPSSTV2A Stage fase 2 (week 7-20) EPSSTV3A Eigenaar Dhr. Theo H.R. Witjes (WJST) 1. Opleiding LE 2. Doelgroep Variant VT Cluster E Niveau 2 3. Beroepstaak/ A: Ontwikkelen van beleid. beroepstaken B: Aansturen van werkzaamheden. C: Plannen, uitvoeren en monitoren van processen. 4. Centrale B: Aansturen van werkzaamheden. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Plan van aanpak. POP. Presentatie verbeterplan. 6. Studiepunten/ studielast Eindrapport. Studiepunten: 30 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 9 uur 4 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 827 uur Totaal: 840 uur 7. Samenhang met Beroepspraktische component waarin theoretische kennis en inzichten in de praktijk andere OWE s toegepast en verder geprofessionaliseerd worden door de student. Opvolgend op: A. de stageweek in de propedeuse, B. de stagevoorbereiding, lessen in het D-cluster, C. de praktijkprojecten in het 2 e leerjaar en D. in samenhang met de leerlijn onderzoek en de leerlijn PCV. 8. Ingangseisen Propedeuse afgerond en minimaal 45 ec s behaald in de hoofdfase. 9. Algemene In de onderwijseenheid praktijkstage wordt na een voorbereiding tijdens het D-cluster omschrijving stage gelopen bij een organisatie/bedrijf. De student werft zelf een stagetraject en werkt aan een door het bedrijf geformuleerde opdracht. Naast de opdracht wordt de student ook operationeel ingezet.. Op basis van een POP en de voorbereidingsactiviteiten geeft de student gemotiveerd aan waarom voor het stagetraject gekozen is. De student geef in zijn POP weer, aan welke leerdoelen gewerkt wordt en vindt er reflectie plaats. Aan het eind van de stageperiode levert de student een stagerapport in en verzorgt de student tijdens het laatste bedrijfsbezoek een presentatie van zijn/haar verbeterscenario. Tijdens het stagetraject wordt geleerd op niveau 2 d.w.z. dat de student een complexe monodisciplinaire opdracht in de praktijk onder begeleiding uitvoert. De student werkt ook operationeel mee en zodoende is de omgeving waarin de opdracht vervuld wordt redelijk bekend en gestrucureerd. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

140 10. BBA Competenties/ LPL(landelijk platform logistiek) deelcompetenties A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en maatschappelijk verantwoord. E4: Draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. 11. Beoordelingscriteria Toetscode Beoordelingscriteria * Weging EPSSTV1A.0 E1: T 0.50 De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan. E2: EPSSTV2A.R B1: De student toont betrokkenheid tijdens de voorbereidingslessen, werft zijn eigen stageopdracht en houdt zich aan deadlines. De student heeft als projectmanager van zijn eigen project doelmatig gewerkt. Er was sprake vaneen duidelijke projectfasering waarop effectief gestuurd is. T T C1: De student heeft projectmatig gewerkt o.b.v. een juiste planning (projectfasering) en communicatieplan. T 0.20 D1: Denkt samen met stakeholders na over doelen en gewenste inrichting van de processen o.b.v. multidisciplinariteit en collegialiteit. T 0.10 D2: De student heeft een effectief en zakelijk communicatieplan uitgevoerd, dat een goede bijdrage heeft geleverd aan het projectresultaat. T 0.10 D3: De student geeft duidelijk aan te beschikken over organisatiesensitiviteit. Hij/zij handelt vanuit een positief kritische houding, die zich aanpast aan de bedrijfscultuur. T 0.10 E1: De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan en kan daarop reflecteren. T 0.08 E2: De student wordt gedreven door willen begrijpen, willen innoveren. Hij/zij heeft een onderzoekende houding, toont inzet en betrokkenheid. T 0.08 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

141 E3: De student heeft naast bedrijfskundige aspecten ook oog voor maatschappelijk ondernemen en ethische grenzen. T 0.07 E4: EPSSTV3A.R A1: A2: De student vraagt actief om feedback en gebruikt dit om zijn handelen te verbeteren. De student past de juiste onderzoekmethodologie toe en verantwoordt deze waardoor controleerbaarheid, betrouwbaarheid en validiteit aangetoond worden. De student past relevant (internationaal) literatuur onderzoek toe. Het advies geeft een oplossing voor het probleem, de onderzoeksvraag is goed beantwoord en verantwoord. Het advies levert een positieve bijdrage aan de strategische doelstellingen van het bedrijf en het maatschappelijk verantwoord ondernemen van het bedrijf. T T T B1: De student heeft als projectmanager van zijn eigen project doelmatig gewerkt. Er was sprake vaneen duidelijke projectfasering waarop effectief gestuurd is. T 0.07 B2: Het verbetervoorstel verbetert aantoonbaar de efficiency en effectiviteit van de onderzochte processen. De financiële verantwoording van het advies is correct en transparant. Het implementatieplan is realistisch en volledig. T 0.06 B3: De student gebruikt bij de analyse en het advies meerdere relevante modellen, zoals o.a. SWOT, Lean, QRM, visgraatdiagram, symladmodel, ILC model enz. T 0.06 B4: De student ondersteunt het veranderingsproces n.a.v. zijn/haar advies d.m.v. draagvlakcreatie en juist inschatten van de veranderbereidheid bij de stakeholders. Het implementatieplan houdt ook duidelijk rekening met de verschillende stakeholders. De student werd bij de selectie van informatie gedreven door willen weten/begrijpen T T C1: C2: D1: D2: De student heeft projectmatig gewerkt o.b.v. een juiste planning (projectfasering) en communicatieplan. De analyse is correct uitgevoerd en de juiste kritieke punten zijn beschreven. Het verbeterscenario is haalbaar en bruikbaar voor de opdrachtgever. Denkt samen met stakeholders na over doelen en gewenste inrichting van de processen o.b.v. multidisciplinariteit en collegialiteit. De student heeft een effectief en zakelijk communicatieplan uitgevoerd, dat een goede bijdrage heeft geleverd aan het projectresultaat. T T T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

142 D3: De student geeft duidelijk aan te beschikken over organisatiesensitiviteit. Hij/zij handelt vanuit een positief kritische houding, die zich aanpast aan de bedrijfscultuur. T 0.04 E1: De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan en kan daarop reflecteren. T 0.03 E2: De student wordt gedreven door willen begrijpen, willen innoveren. Hij/zij heeft een onderzoekende houding, toont inzet en betrokkenheid T E3: De student heeft naast bedrijfskundige aspecten ook oog voor maatschappelijk ondernemen en ethische grenzen. T 0.03 E4: De student vraagt actief om feedback en gebruikt dit om zijn handelen te verbeteren. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. T Tentaminering (gehele EPS is integrale toets op HBO niveau 2) Naam/ Weging toetscode Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur 14. Aanbevolen literatuur 15. Software N.v.t. Toetsvorm Duur Cijfer (minimum ) of vink Kempen, P.M., & Keizer J.A. (2011). Competent afstuderen en stagelopen (4 e druk). Groningen: Noordhoff. Reader (2014). Checklist & toelichting voor het maken van een plan van aanpak voor je afstudeeropdracht. Arnhem: HAN. N.v.t. 16. Overig materiaal Stagehandleiding en checklist Plan van Aanpak via Insite HAN en praktijkweb. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Practicum Games/Simulaties. en werkvormen Hoor/Werkcolleges. Praktijkleren in bedrijf en onderzoek doen. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek / /10 EPSSTV1A Bedrijfsbezoek 2 2 terugkomdag 4 De lessen door de praktijkcoördinator worden in periode 2 van het D-cluster gegeven in week 1, 2 en 3 en de lessen door de BCC docent worden in periode 2 week 4, 5 en 7 gegeven. 20. Onderwijsperiode 1 en 2 of 3 en 4 Periode afname en herkansing EPSSTV1A.0 Participatie N.v.t. V P4/H i.o.m. docent EPSSTV2A.R Praktijkleren N.v.t. 5,5 30% P1/H i.o.m. docent EPSSTV3A.R Eindverslag, presentatie en praktijkleren N.v.t. 5,5 70% P2/H i.o.m. docent Toegestane hulpmiddelen Aantal examina toren N.v.t. 1 N.v.t. 1 N.v.t. 1 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

143 21. Maximum aantal deelnemers Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling N.v.t. Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

144 Titel OWE HAO Afstudeeropdracht Modulen Afstudeeropdracht HAFAOD1A Eigenaar Dhr. Theo H.R. Witjes (WJST) 1. Opleiding LE 2. Doelgroep Variant VT Cluster H Niveau 3 3. Beroepstaak/ beroepstaken A. Ontwikkelen van beleid B. Aansturen van logistieke operaties C. Uitvoeren van logistieke operaties 4. Centrale A. ontwikkelen van beleid beroepstaak 5. (Beroeps)producten Plan van aanpak. POP en reflectieverslag. Afstudeerscriptie. 6. Studiepunten/ studielast Presentatie en verdediging. Studiepunten: 30 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen: - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen): 6 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 834 uur Totaal: 840 uur 7. Samenhang met Alle onderwijseenheden voorafgaan aan het AOD. andere OWE s 8. Ingangseisen Propedeuse afgerond en 135 ec s in de hoofdfase. 9. Algemene In de onderwijseenheid Afstudeeropdracht wordt een afstudeeropdracht uitgevoerd bij omschrijving een organisatie/bedrijf. De student werft zelf een afstudeeropdracht en werkt aan een door het bedrijf geformuleerde opdracht. Het onderzoek betreft een actueel bedrijfsknelpunt. Op basis van een POP en de voorbereidingsactiviteiten (Tien Stappen Plan) geeft de student gemotiveerd aan waarom voor de organisatie/opdracht gekozen is. De student rapporteert zijn onderzoeksresultaat inclusief een implementatieplan aan het einde van de afstudeerperiode. Daarnaast vindt er aan het einde van de afstudeerperiode een mondelinge verdediging plaats. Ook geeft de student in zijn POP aan, aan welke beroepstaken gewerkt wordt en vindt er reflectie plaats. De student werkt volledig zelfstandig aan een complexe, multidisciplinaire opdracht in een voor hem/haar onbekende beroepspraktijk. Alle deelcompetenties worden met 10. BBA Competenties/ LPL(landelijk platform logistiek) deelcompetenties deze afstudeeropdracht op niveau 3 getoetst. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B2: Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C3: Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

145 11. Beoordelingscriteria E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. E2: Heeft een professionele beroepshouding. E3: Handelt professioneel, ethisch en maatschappelijk verantwoord. E4: Draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. Toetscode Beoordelingscriteria * Weging HAOAOD1A.R A1: T 0.10 De student past de juiste onderzoekmethodologie toe en verantwoordt deze waardoor controleerbaarheid, betrouwbaarheid en validiteit aangetoond worden. De student past relevant (internationaal) literatuur onderzoek toe. A2: Het advies geeft een oplossing voor het probleem, de onderzoeksvraag is goed beantwoord en verantwoord. Het advies levert een positieve bijdrage aan de strategische doelstellingen van het bedrijf en het maatschappelijk verantwoord ondernemen van het bedrijf. T 0.10 A3: Het advies is integraal en optimaliseert de processen tussen afdelingen binnen de organisatie en of tussen de ketenpartners. T 0.10 B1: De student heeft als projectmanager van zijn eigen project doelmatig gewerkt. Er was sprake vaneen duidelijke projectfasering waarop effectief gestuurd is. T 0.06 B2: Het verbetervoorstel verbetert aantoonbaar de efficiency en effectiviteit van de onderzochte processen. De financiële verantwoording van het advies is correct en transparant. Het implementatieplan is realistisch en volledig. T 0.06 B3: De student gebruikt bij de analyse en het advies meerdere relevante modellen, zoals o.a. SWOT, Lean, QRM, visgraatdiagram, symladmodel, ILC model enz. T 0,065 B4: De student ondersteunt het veranderingsproces n.a.v. zijn/haar advies d.m.v. draagvlakcreatie en juist inschatten van de veranderbereidheid bij de stakeholders. Het implementatieplan houdt ook duidelijk rekening met de verschillende stakeholders. De student werd bij de selectie van informatie gedreven door willen weten/begrijpen. T 0.06 C1: De student heeft projectmatig gewerkt o.b.v. een juiste planning (projectfasering) en communicatieplan. T C2: De analyse is correct uitgevoerd en de juiste kritieke punten zijn beschreven. Het verbeterscenario is haalbaar en bruikbaar voor de opdrachtgever. T D1: Denkt samen met stakeholders na over doelen en gewenste inrichting van de processen o.b.v. multidisciplinariteit en collegialiteit. T 0.03 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

146 D2: De student heeft een effectief en zakelijk communicatieplan uitgevoerd, dat een goede bijdrage heeft geleverd aan het projectresultaat. T 0.03 D3: De student geeft duidelijk aan te beschikken over organisatiesensitiviteit. Hij/zij handelt vanuit een positief kritische houding, die zich aanpast aan de bedrijfscultuur. T 0.04 E1: De student formuleert uitdagende leerdoelen met een SMART activiteitenplan en kan daarop reflecteren. T E2: De student wordt gedreven door willen begrijpen, willen innoveren. Hij/zij heeft een onderzoekende houding, toont inzet en betrokkenheid. T E3: De student heeft naast bedrijfskundige aspecten ook oog voor maatschappelijk ondernemen en ethische grenzen. T E4: De student vraagt actief om feedback en gebruikt dit om zijn handelen te verbeteren. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. T Tentaminering (integrale toets) Naam/ toetscode HAOAOD1A.R* verdediging docent Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0. * Integrale toets, waarbij alle 3 de onderdelen (proces, product en verdediging) voldoende dienen te zijn. 13. Verplichte literatuur Kempen, P.M., & Keizer J.A. (2011). Competent afstuderen en stagelopen (4 e druk). Groningen: Noordhoff. Reader (2014) Checklist & toelichting voor het maken van een plan van aanpak voor je afstudeeropdracht. Arnhem: HAN. Geen. 14. Aanbevolen literatuur 15. Software Geen. 16. Overig materiaal Afstudeerhandleiding via Insite HAN en HAN-praktijkweb. Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Rapport incl. Praktijkleren in de vorm van toegepast onderzoek. 19. Les- / Contacturen Onderwijsweek /10 Bedrijfsbezoek 2 2 Terugkomdag/voortgangsgesprek Onderwijsperiode 1 en 2 of 3 en Maximum aantal N.v.t. deelnemers Weging Periode afname en herkansing N.v.t. 5,5 100% P1 t/m P4 / H. i.o.m. Toegestane hulpmiddelen Aantal examinatoren N.v.t. 2 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

147 Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling De beoordelingscriteria zijn gerelateerd aan de nieuwe LPL deelcompetenties Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

148 Bijlage 6 Bijlage conform artikel 6.1 lid 5 Opsomming van aan huidige onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen van de postpropedeutische fase gelijkgestelde oude onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen In deze bijlagen worden per variant de gelijkstellingstabel en de conversietabel weergeven. De gelijkstellingstabel geeft op OWE-niveau de gelijkstellingen weer (het gaat hier om OWE s waarvan alle deeltentamens behaald zijn en waaraan derhalve de studiepunten zijn toegekend). De gelijkstellingstabel geeft bovendien per instroommoment (kolom) weer, welke OWE s deel uitmaken van het curriculum. De conversietabel geeft op deeltentamenniveau weer wat de verschillen zijn tussen de OWE s in het leerplan van en het leerplan van Daarbij wordt tevens aangegeven welke deeltentamens uit gelijkgesteld zijn aan de deeltentamens uit het curriculum van Toetsen die m.i.v vervallen, worden nog één of meerdere malen in de oorspronkelijke vorm aangeboden (zoals opgenomen in de OER ), zodat deze nog rechtsgeldig afgelegd kunnen worden. Deze toetsen maken dus geen deel meer uit van de tentaminering van de onderwijseenheden die worden aangeboden in Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

149 A Gelijkstellingen vanaf Voltijd CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CCA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CCA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CCA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CCA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CCA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CSA (C-cluster) Service level agreement; 7.5 CSA (C-cluster) Service level agreement; 7.5 CSA (C-cluster) Service level agreement; 7.5 CSA (C-cluster) Service level agreement; 7.5 CSA (C-cluster) Service level agreement; 7.5 DIV (D-cluster) Intern voorraadconcept; 7.5 DIV (D-cluster) Intern voorraadconcept; 7.5 DIV (D-cluster) Intern voorraadconcept; 7.5 DIV (D-cluster) Intern voorraadconcept; 7.5 DIV (D-cluster) Intern voorraadconcept; 7.5 DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 EPS (E-cluster) Praktijkstage; 30 EPS (E-cluster) Stage; 30 EPS (E-cluster) Stage; 30 EPS (E-cluster) Stage; 30 EPS (E-cluster) Stage; 30 FQM (F-cluster) Quality management; 7.5 FQM (F-cluster) Quality & operations management; FQM (F-cluster) Quality & operations management; FQM (F-cluster) Quality & operations management; FQM (F-cluster) Quality & operations management; FEB (F-cluster) Business intelligence; 7.5 FML (G-cluster) Management en leaderschip; 7.5 FPP (F-cluster) Logistics Policy Plan; 7.5 (G-cluster) Minor; 30 HAOF(H-cluster) Afstudeeropdracht; FEB (F-cluster) Enterprise resource planning & business intelligence; 7.5 FML (G-cluster) Management, leaderschip and cultural awareness in the supply chain; 7.5 FPP (F-cluster) Logistics Policy Plan; 7.5 (G-cluster) Minor; 30 HAO (H-cluster) Afstudeeropdracht; FEB (F-cluster) Enterprise resource planning & business intelligence; 7.5 FML (F-cluster) Management, leaderschip and cultural awareness in the supply chain; 7.5 FPP (F-cluster) Logistics Policy Plan; 7.5 (G-cluster) Minor; 30 HAO (H-cluster) Afstudeeropdracht; FEB (F-cluster) Enterprise resource planning & business intelligence; 7.5 FML (F-cluster) Management, leaderschip and cultural awareness in the supply chain; 7.5 FPP (F-cluster) Logistics Policy Plan; 7.5 (G-cluster) Minor; 30 HAO (H-cluster) Afstudeeropdracht; FEB (F-cluster) Enterprise resource planning & business intelligence; 7.5 FML (F-cluster) Management, leaderschip and cultural awareness in the supply chain; 7.5 FPP (F-cluster) Logistics Policy Plan; 7.5 (G-cluster) Minor; 30 HAO (H-cluster) Afstudeeropdracht; 30 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

150 Deeltijd oud LFA (C-cluster) Facilitair A; 7.5 LFA (C-cluster) Facilitair A; 7.5 LFA (C-cluster) Facilitair A; 7.5 LFB (C-cluster) Logistiek facilitair B; 7.5 LFB (C-cluster) Logistiek facilitair B; 7.5 LFB (C-cluster) Facilitair B; 7.5 LPO2 (C-cluster) LPO2 (C-cluster) LPO2 (C-cluster) Onderwijs wordt niet meer Logistiek projectopdracht; 7.5 Logistiek projectopdracht; 7.5 Logistiek projectopdracht; 7.5 aangeboden. (Deel)tentamens LIV (D-cluster) LIV (D-cluster) LIV (D-cluster) worden wel aangeboden Logistiek interne voorraad; 7.5 Logistiek interne voorraad; 7.5 Logistiek interne voorraad; 7.5 LLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 LLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 LLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 LPO3 (D-cluster) Logistiek project; 7.5 LPO3 (D-cluster) Logistiek project; 7.5 LPO3 (D-cluster) Logistiek project; 7.5 LLA (E-cluster) Logistieke analyse; 7.5 LLA (E-cluster) Logistieke analyse; 7.5 LLA (E-cluster) Logistieke analyse; 7.5 LLA (E-cluster) Logistieke analyse; 7.5 LQM (E-cluster) Quality & operations; 7.5 LQM (E-cluster) Quality & operations; 7.5 LQM (E-cluster) Quality & operations; 7.5 LQM (E-cluster) Quality & operations; 7.5 LPO4 (E-cluster) Logistiek project: logistieke analyse & quality of operations in de beroepspraktijk; 7.5 LPO4 (E-cluster) Logistiek project: logistieke analyse & quality of operations in de beroepspraktijk; 7.5 LPO4 (E-cluster) Logistiek project: logistieke analyse & quality of operations in de beroepspraktijk; 7.5 LPO4 (E-cluster) Logistiek project: logistieke analyse & quality of operations in de beroepspraktijk; 7.5 LEB (F-cluster) Logistiek enterprice resource planning & business intelligence; 7.5 LML (F-cluster) Logistiek Management & leadership in the supply chain; 7.5 LPO5 (F-cluster) Logistiek project; supply chain control in de beroepspraktijk; 7.5 PKV2 (C, D, E, F-cluster) Praktijkvaardigheden;30 (G-cluster) Minor; 30 LAO (H-cluster) Logistiek afstudeer opdracht; 30 LEB (F-cluster) Logistiek enterprice resource planning & business intelligence; 7.5 LML (F-cluster) Logistiek Management & leadership in the supply chain; 7.5 LPO5 (F-cluster) Logistiek project; supply chain control in de beroepspraktijk; 7.5 PKV2 (C, D, E, F-cluster) Praktijkvaardigheden;30 (G-cluster) Minor; 30 HAO (H-cluster) Logistieke afstudeer opdracht; 30 LEB (F-cluster) Logistiek enterprice resource planning & business intelligence; 7.5 LML (F-cluster) Logistiek Management & leadership in the supply chain; 7.5 LPO5 (F-cluster) Logistiek project; supply chain control in de beroepspraktijk; 7.5 PKV2 (C, D, E, F-cluster) Praktijkvaardigheden;30 (G-cluster) Minor; 30 HAO (H-cluster) Logistieke afstudeer opdracht; 30 LEB (F-cluster) Logistiek enterprice resource planning & business intelligence; 7.5 LML (F-cluster) Logistiek Management & leadership in the supply chain; 7.5 LPO5 (F-cluster) Logistiek project; supply chain control in de beroepspraktijk; 7.5 PKV2 (C, D, E, F-cluster) Praktijkvaardigheden;30 (G-cluster) Minor; 30 HAO (H-cluster) Logistieke afstudeer opdracht; 30 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

151 Duaal oud CKD (C-E-cluster) Ketendiagram; 7.5 CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CKD (C-cluster) Ketendiagram; 7.5 CAA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CAA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CDA (C-E-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CSA (C-E-cluster) Service level agreement; 7.5 Praktijkvaardigheden / werkactiviteit; 7.5 Action learning opdracht logistiek; 7.5 DIV (D-F-cluster) Intern voorraadconcept; 7.5 DLC (D-F-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLA (D-F-cluster) Logistieke analyse: adviesopdracht; 7.5 DLA (D-F-cluster) Logistieke analyse: ketensamenwerking; 7.5 Praktijkvaardigheden / werkactiviteit; 7.5 Action learning opdracht; 7.5 Praktijkvaardigheden / werkactiviteit; 7.5 Action learning opdracht; 7.5 Quality Management; 7.5 Praktijkvaardigheden / werkactiviteit; 7.5 CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CSA (C-cluster) Service level agreement; 7.5 CU1 LE (C-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU3) en persoonlijk ontwikkel plan (POP 3); 7.5 CU2 (C-cluster) Action learning opdracht; 7.5 DIV (D-cluster) Intern voorraadconcept; 7.5 DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 DU1 (D-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU4) en persoonlijk ontwikkel plan (POP4); 7.5 DU2 (D-cluster) Action learning opdracht; 7.5 EU1 (E-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU5) en persoonlijk ontwikkel plan (POP5); 7.5 EU2 (E-cluster) Action learning opdracht; 7.5 LQM (E-cluster) Quality & Operations; 7.5 FU1 (F-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU6) en persoonlijk ontwikkel plan (POP6); 7.5 CAA (C-cluster) Advies en aanbesteding; 7.5 CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 CSA (C-cluster) Service level agreement; 7.5 CU1 (C-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU3) en persoonlijk ontwikkel plan (POP3); 7.5 CU2 (C-cluster) Action Learning opdracht; 7.5 DIV (D-cluster) Intern vooraadconcept; 7.5 DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 DU1-LE (D-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU4) en persoonlijk ontwikkel plan (POP4); 7.5 DU2-LE (D-cluster) Action learning opdracht; 7.5 EU1-LE (E-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU5) en persoonlijk ontwikkel plan (POP5); 7.5 EU2-LE (E-cluster) Action learning opdracht; 7.5 LQM (E-cluster) Quality & operations; 7.5 FU1- LE (f-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU6) en persoonlijk ontwikkel plan (POP6); 7.5 Onderwijs wordt niet meer aangeboden. (Deel)tentamens worden wel aangeboden CDA (C-cluster) Distributieanalyse; 7.5 Onderwijs wordt niet meer aangeboden. (Deel)tentamens worden wel aangeboden DLC (D-cluster) Logistiek concept; 7.5 DLA (D-cluster) Logistieke analyse; 15 Onderwijs wordt niet meer aangeboden. (Deel)tentamens worden wel aangeboden EU1-LE (E-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU5) en persoonlijk ontwikkel plan (POP5); 7.5 EU2-LE (E-cluster) Action learning opdracht; 7.5 LQM (E-cluster) Quality & operations; 7.5 FU1- LE (f-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU6) en persoonlijk ontwikkel plan (POP6); 7.5 Action learning opdracht; 7.5 FU2 (F-cluster) FU2-LE (F-cluster) FU2-LE (F-cluster) Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

152 Management and leadership; 7.5 Praktijkvaardigheden / werkactiviteit; 7.5 Action learning opdracht; 7.5 HMS (H-cluster) Meesterstuk duaal; 30 Action learning opdracht; 7.5 Action learning opdracht; 7.5 Action learning opdracht; 7.5 FML (F-cluster) FML (F-clusters) FML (F-clusters) Management, leadership and Management, leadership and Management, leadership and cultural awareness in the supply cultural awareness in the supply cultural awareness in the supply chain; 7.5 chain; 7.5 chain; 7.5 GU1 (G-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU7) en persoonlijk ontwikkel plan (POP7); 7.5 GU2 (G-cluster) Action learning opdracht; 7.5 HAO (H-cluster) Afstudeeropdracht; 30 GU1 (G-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU7) en persoonlijk ontwikkel plan (POP7); 7.5 GU2-LE (G-cluster) Action learning opdracht; 7.5 HAO (H-cluster) Afstudeeropdracht; 30 GU1 (G-cluster) Praktijkvaardigheden (PWU7) en persoonlijk ontwikkel plan (POP7); 7.5 GU2-LE (G-cluster) Action learning opdracht; 7.5 HAO (H-cluster) Afstudeeropdracht; 30 Engels CTP (C cluster) Tendering & Procurement ; 7.5 CTP (C cluster) Tendering & Procurement ; 7.5 CTP (C cluster) Tendering & Procurement ; 7.5 CTP (C cluster) Tendering & Procurement ; 7.5 CIF (C cluster) International Finance; 7.5 CIF (C cluster) International Finance; 7.5 CIF (C cluster) International Finance; 7.5 CIF (C cluster) International Finance; 7.5 CEL (C cluster) Introduction to Supply Chain Management; 7.5 CEL (C cluster) Introduction to Supply Chain Management; 7.5 CEL (C cluster) Introduction to Supply Chain Management; DEM Business ethics; 7.5 OR Second foreign language CCB Business communication; 3.75 DCB Business communication (EEN); 3.75 DIL (D cluster) Internal Logistics; 7.5 DQM (D cluster) Quantitative Methods in Logistics; 7.5 DLC (D cluster) Integrated Logistical Concept; 7.5 EGM Global Marketing AND; 7.5 DEM Business ethics; 7.5 OR Second foreign language CCB Business communication; 3.75 DCB Business communication (EEN); 3.75 DIL (D cluster) Internal Logistics; 7.5 DQM (D cluster) Quantitative Methods in Logistics; 7.5 DLC (D cluster) Integrated Logistical Concept; 7.5 EGM Global Marketing AND; 7.5 CMS (C cluster) * Management Skills; 7.5 DMS (D cluster) Management Skills; 7.5 DIL (D cluster) Internal Logistics; 7.5 DQM (D cluster) Quantitative Methods in Logistics; 7.5 DLC (D cluster) Integrated Logistical Concept; 7.5 EGM Global Marketing AND; 7.5 CEL (C cluster) Introduction to Supply Chain Management; CMS (C cluster) Management Skills; 7.5 DMS (D cluster) Management Skills; 7.5 DIL (D cluster) Internal Logistics; 7.5 DQM (D cluster) Quantitative Methods in Logistics; 7.5 DLC (D cluster) Integrated Logistical Concept; 7.5 EMG is deels naar CEL verplaatst en gaat deels naar het nieuw te ontwikkelen G- cluster EMG Management AND; 7.5 SAB4 (E-cluster) Study Abroad, including Global Marketing EMG Management AND; 7.5 SAB4 (E-cluster) Study Abroad, including Global Marketing EMG Management AND; 7.5 SAB4 (E-cluster) Study Abroad, including Global Marketing De inhoud gaat naar het nieuw te ontwikkelen G-cluster SAB4 (E-cluster) Study Abroad, including Global Marketing Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

153 (EGM) and Management (EMG) or Free Minor; 30 FDB Distribution; 7.5 FPR Production; 7.5 (EGM) and Management (EMG) or Free Minor; 30 FDB Distribution; 7.5 FPR Production; 7.5 (EGM) and Management (EMG) or Free Minor; 30 FDB Distribution; 7.5 FPR Production; 7.5 (EGM) and Management (EMG) or Free Minor; 30 FDB is deels naar DIL verplaatst en gaat deels naar het nieuw te ontwikkelen G- cluster FPR is deels naar DLC verplaatst en gaat deels naar het nieuw te ontwikkelen G- cluster FLP Logistics Policy Plan; 15 GPL (G Cluster) Placement; 30 HGA (H cluster) Graduation Assingment; 30 FSC Supply Chain Management; 7.5 FLP Logistics Policy Plan; 7.5 GPL (G Cluster) Placement; 30 HGA (H cluster) Graduation Assingment; 30 FSC Supply Chain Management; 7.5 FLP Logistics Policy Plan; 7.5 GPL (G Cluster) Placement; 30 HGA (H cluster) Graduation Assingment; 30 De inhoud gaat naar het nieuw te ontwikkelen G-cluster G-cluster wordt dit studiejaar niet aangeboden De inhoud gaat naar het nieuw te ontwikkelen G-cluster G-cluster wordt dit studiejaar niet aangeboden PLC (E or F or G Cluster) Placement; 30 HGA (H cluster) Graduation Assingment; 30 * Was oorspronkelijk CPS (professional skills) resp. DPS (professional skills). Per errata gewijzigd in CMS (management skills) en DMS (management skills), om systeemtechnische redenen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

154 B Conversietabellen (deel)toetsen Voltijd OWE: FQM Oud (Deel)tentamen Nieuw Toelichting FQMOMV1A.2 practicum FQMOMV1A.6 Van een practicum naar een presentatie. Inhoud / competenties blijven gelij, dus cijfer overzetting is mogelijk Deeltijd oud Geen conversies Duaal oud Geen conversies Engels CEL-QNT1A.1 CMSQLT1A.1 CMSQLT1A.1 CEL-QNT1A.5 CMSQLT1A.5 CMSQLT1A.5 CIFCOS1A.5 CIFFDI1A.5 CIFIFC1A.1 CIFIFC2A.1 AND CIFIFC3A.1 DQMLTP1A.5 CELLTP1A.5 EGMIMA1A.5 CELIMA1A.5 CELIMA1A.5 EGMIMA1A.1 CELIMA1A.1 CELIMA1A.1 EGMSMM1A.5 DLCSMM1A.5 Contact SSCC EGMSMM1A.1 DLCSMM1A.1 Contact SSCC DLCQLT1A.1 DMSQNT1A.1 DMSQNT1A.1 DLCQLT1A.5 DMSQNT1A.5 DMSQNT1A.5 DMSSCC DMSSCC1A.5j DQMETF1A.5 Contact SSCC DQMLEF1A.1 Contact SSCC DQMMAC2A.1 DQMEXL1A.5 EMGQM1A.5 DQMQMT1A.1 EMGQM1A.1 DQMQMT1A.5 DILWMS1A.5 DILWMS1B.5 FPRPMT1A.5 DLCPMT1A.5 FPRPMT1A.1 DLCPMT1A.1 DLCILC1B5 DLCILC1B5.j PLCPGA1A.5 = FPPLGA1A.5j FPPLGA1A.5 DMSPLC1A.5 FDBWMS1B5 DILWMS1B5 DILWMS1B5 FDBWMS1A.1 DILWMS1A.1 DILWMS1A.1 FDBWMS1A.9 DILWMS1A.9 DILWMS1A.9 C. Herkansingen (deel)tentamens Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

155 De in onderstaande tabel opgenomen (deel)tentamens maken in studiejaar geen onderdeel meer uit van de tentaminering van de onderwijseenheden. Studenten die in studiejaar of eerdere jaren één of meerdere van deze (deel)tentamens niet met goed gevolg hebben afgelegd, worden in studiejaar in de gelegenheid gesteld om deze alsnog rechtsgeldig af te leggen. Indien in studiejaar één of meerdere van deze (deel)tentamens met goed gevolg worden afgelegd, kan daarmee het tentamen met goed gevolg zijn afgelegd zoals beschreven in de onderwijseenheden van de Onderwijs en Examenregeling van In onderstaande tabel is de naam van de onderwijseenheid en de naam van het (deel)tentamen opgenomen waarvoor bovenstaande regeling in studiejaar geldt: Voltijd Naam onderwijseenheid uit studiejaar Naam (deel)tentamen uit studiejaar Aanvullende bepalingen Hoofdfase FQM FQMOMV1A.2 Laatste kans in overleg met docent in T3 en T4 Deeltijd oud Naam onderwijseenheid uit studiejaar Naam (deel)tentamen uit studiejaar Aanvullende bepalingen Hoofdfase LFA LFADLD1A.1_D Laatste kans in T1 en T2 LFAIND1A.1_D LFARED1A.1_D Laatste kans in T1 en T2 Laatste kans in T1 en T2 LFB LFBBCD1A.5_D Laatste kans in overleg LFBIND1A.1_D Laatste kans in T1 en T2 LFBRED1A.1_D Laatste kans in T1 en T2 LPO2 LPO2APD1A.5_D Laatste kans in overleg LPO2MOD1A.5_D LPO2COD1A.5_D Laatste kans in overleg Laatste kans in overleg LIV LIVEND1A.1_D Laatste kans in T3,T4 LIVARD1A.2_D LIVVBD1A.1_D LIVVBD1A.5_D LIVBCD1A.5_D Laatste kans in T3,T4 Laatste kans in T3,T4 Laatste kans in overleg Laatste kans in overleg LLC LLCEND1A.4_D Laatste kans in overleg LLCKBD1A.1_D LLCLGD1A.1_D LLCVMD1A.1_D Laatste kans T3,T4 Laatste kans T3,T4 Laatste kans T3,T4 LPO3 LPO3LCD1A.5_D Laatste kans in overleg Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

156 Duaal oud Naam onderwijseenheid uit studiejaar Naam (deel)tentamen uit studiejaar Aanvullende bepalingen Hoofdfase CAA CAADLV1B.4 Laatste kans in overleg CAAOKV1A.1 Laatste kans in T1, T2 CAAINV1B.1 Laatste kans in T1, T2 CAAREV1A.1 Laatste kans in T1, T2 CSA CSAONV1A.5 Laatste kans in overleg CSABCV1A.5 Laatste kans in overleg CSAINV1A.1 Laatste kans in T2, T3 CSAREV1A.1 Laatste kans in T2, T3 DIV DIVIVV1A.5 Laatste kans in overleg DIVIVV1A.1 Laatste kans in T3, T4 DIVARV1A.2 Laatste kans in T3, T4 DIVARV1A.5 Laatste kans in overleg DIVENV3A.2 Laatste kans in T3, T4 DLA DLALAV1A.5 Laatste kans in overleg DLAPRV1A.4 Laatste kans in overleg DLABCV3B.5 Laatste kans in overleg DLAKBV1A.1 Laatste kans in T4, T5 DLAITV3A.5 Laatste kans in overleg DLAKMV2A.1 Laatste kans in T4, T5 DLAENV4A.9 Laatste kans in overleg DLAWMV1A.5 Laatste kans in overleg DLAWMV2A.5 Laatste kans in overleg DLADLV1B.5 Laatste kans in overleg DLAEXV1A.9 Laatste kans in overleg De OWE s van het 2 e jaar worden niet meer aangeboden voor de duale studenten. Echter, aangezien zij de voltijd-owe s volgen, hebben zij de gelegenheid om lessen en herkansingen te maken in het voltijd programma. Het betreft de volgende OWE s: CAA, CSA, DIV, DLA-KS Duale studenten krijgen tevens de mogelijkheid om de praktijkvaardigheden en POP s en de Action Learning Opdrachten van het 2 e jaar af te ronden. Engels Naam onderwijseenheid uit studiejaar Hoofdfase DQM - Quantitative Methods in Logistics DQM - Quantitative Methods in Logistics DLC - Integrated Logistic Concept EMG Management Naam (deel)tentamen uit studiejaar DQMETF1A.5j DQMLEF1A.1 DLCSMM1A.1 DLCSMM1A.5 EMGCCM1A.5 EMGCCM1A.6 Aanvullende bepalingen The two last DQMETF1A.5j assignment re-sits will be held in T3 and T5 The two last DQMLEF1A.1 exam resits will be held in T3 and T4 The two last DLCSMM1A.1 written exam re-sits will be held in T3 and T5 The two last DLCSMM1A.5 assignment re-sits will be held in P3 and P4, only after consultation with their Study Career Counselor and their teacher. The two last EMGCCM1A.5 and EMGCCM1A.6 re-sits will be held in P1 and P2, only after consultation with the Senior Study Career Counselor and Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

157 the teacher. EMG Management EMGMVT1A.9 The two last EMGMVT1A.9 re-sits will be held in P1 and P2, only after consultation with the Study Career Counselor and teacher. EGM Global Marketing FDB - Distribution EGMSMM1A.1 EGMSMM1A.5 FDBDBM1A.1 FDBDBM1A.5 The two last EGMSMM1A.1 written exam re-sits will be held in T1 and T2. The two last EGMSMM1A.5 assignment re-sits will be held in P3 and P4, only after consultation with the Study Career Counselor and teacher. The two last FDBDBM1A.1 written exam resits will be held in E3 and E5. The two last FDBDBM1A.5 assignment resits will be held in P3 and P4, only after consultation with the Study Career Counselor and teacher. FDB - Distribution FDBTRA1A.5 The two last FDBTRA1A.5 assignment re-sits will be held in P3 and P4, only after consultation with the Study Career Counselor and teacher. FPR Production FPRJSL1A.9 The two last FPRJSL1A9 assignment re-sits will be held in P2 and P4, only after consultation with the Study Career Counselor and teacher. FPR Production FSC Supply Chain Management FSC Supply Chain Management FLP Logistics Policy Plan FLP Logistics Policy Plan FPRERP1A.2 FPRERP1A.5 FSCETO1A.1 FSCSCM1A FLPPRM1A.5 FLPLPP1A.5 FLPLPP1A.6 The two last FPRERP1A.2 and FPRERP1A.5 assignment resits will be held in P3 and P4, only after consultation with the Study Career Counselor and teacher. The two last FSCETO1A.1 written exam resits will be held in T3, T4 and T5. The two last FSCSCM1A written exam resits will be held in T3 and T4. The two last FLPPRM1A.5 assignment re-sits will be held in P3 and P4, only after consultation with their Study Career Counselor and their teacher. The two last FLPLPP1A.5 and FLPLPP1A.6 assignment resits will be held in P3 and P4, only after consultation with their Study Career Counselor and their teacher. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

158 Bijlage 6a Bijlage conform artikel 5.2 lid 2a Aanvullende regeling studieadvies studiejaar Studieadvies Nederlandstalige opleidingen Datum Februari 2015 April 2015 Augustus 2015 Februari 2016 Augustus 2016 Februari 2017 Augustus 2017 Instroom Febr P nog niet behaald: VNSA < 60 stp: BNSA P moet behaald Sept P nog niet behaald: VNSA < 60 stp: BNSA P moet behaald Febr < 45 stp: VNSA < 52,5 stp: BNSA Indien nog geen VNSA ontvangen < 52,5 stp: VNSA P nog niet behaald: VNSA < 60 stp: BNSA P moet behaald Sept <22,5 stp: VNSA Indien nog geen VNSA ontvangen < 30 stp: VNSA Indien VNSA en < 45 stp: BNSA Indien nog geen VNSA ontvangen < 45 stp: VNSA P nog niet behaald: VNSA < 60 stp: BNSA P moet behaald Febr <22,5 stp: VNSA < 45 stp: VNSA < 52,5 stp: BNSA Indien nog geen VNSA ontvangen < 52,5 stp: VNSA P nog niet behaald: VNSA < 60 stp: BNSA P moet behaald Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

159 Studieadvies International First Year (IFA) datum Februari 2015 April 2015 Augustus 2015 Februari 2016 Augustus 2016 Februari 2017 Augustus 2017 instroom IFA Febr < 60 stp BNSA P moet behaald IFA Sept P nog niet behaald: VNSA < 60 studiepunten: BNSA IFA Febr < 45 stp en/of (deel) resultaat < 3,0 en/of > 2 (deel) resultaten < 4,0: VNSA P moet behaald Indien VNSA en < 45 stp en/of (deel) resultaat < 3,0 en/of > 2 (deel) resultaten < 4,0: BNSA < 60 studiepunten: BNSA P moet behaald Indien geen BNSA: < 60 stp: VNSA IFA Sept < 22,5 studiepunten: VNSA < 30 studiepunten: VNSA Indien VNSA en < 45 studiepunten: BNSA Indien nog geen VNSA ontvangen, < 45 studiepunten: VNSA P nog niet behaald: VNSA < 60 studiepunten: BNSA P moet behaald IFA Febr < 22,5 studiepunten: VNSA < 45 stp: VNSA Indien VNSA en < 52,5 stp: BNSA Indien geen BNSA: < 52,5 stp: VNSA P nog niet behaald: VNSA < 60 studiepunten: BNSA P moet behaald Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

160 Bijlage 6b Bijlage conform artikel 7.2 lid 2 Richtlijnen voor het verlenen van toestemming tot het afleggen van tentamens/integrale toetsen van de postpropedeutische fase Richtlijnen voor het verlenen van toestemming tot het afleggen van tentamens/integrale toetsen van de postpropedeutische fase nog voordat de student het propedeutisch examen heeft behaald. In artikel 7.2 lid 2 is vermeld dat de examencommissie of een door de examencommissie gemandateerde medewerker de student op zijn verzoek toestemming kan verlenen tot het afleggen van tentamens/integrale toetsen van de postpropedeutische fase nog voordat hij het propedeutisch examen heeft behaald. Deze toestemming wordt automatisch verleend indien: - studenten die per 1 september gestart zijn aan het eind van hun eerste studiejaar 45 studiepunten of meer behaald hebben; - studenten die per 1 februari gestart zijn aan het eind van hun eerste studiejaar 45 studiepunten of meer behaald hebben; Voor studenten die minder dan het hierboven genoemde aantal studiepunten behaald hebben, geldt dat zij expliciet om toestemming moeten verzoeken, zoals beschreven in artikel 7.2 lid 2. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

161 Bijlage 7 Bijlage conform artikel 7.9 lid 5 Overzicht verkorte programma s op basis van vrijstellingen voor welomschreven doelgroepen. A. VWO-route voor het studiejaar Opleidingen: Bedrijfskunde MER Human Resource Management Logistiek en Economie Facility Management Voor de versnelde VWO-route kunnen studenten met een VWO-diploma inschrijven die voldoen aan de toelatingseisen: BKM: - Het profiel EM geeft altijd toegang tot BKM; - De profielen NT, NG en CM geven toegang tot MER indien er M&O of Ec in het pakket zit; - Dit geldt ook voor studenten met een ontoereikend VWO-diploma die de instaptoetsen wiskunde en/of economie hebben behaald. HRM: - Alle profielen geven toegang tot HRM; - Er zit bij voorkeur Ec of M&O in het pakket; LE: - Het profiel EM geeft altijd toegang tot LE; - De profielen NT, NG en CM geven toegang tot LE, indien er ook Ec of M&O in het pakket zit; - Dit geldt ook voor studenten met een ontoereikend VWO-diploma die de instaptoetsen wiskunde en/of economie hebben behaald. ADFM: - Het profiel EM geeft altijd toegang tot ADFM; - De profielen NT, NG en CM geven toegang tot ADFM indien er M&O of Ec in het pakket zit; - Dit geldt ook voor studenten met een ontoereikend VWO-diploma die de instaptoetsen wiskunde en/of economie hebben behaald. De versnelde VWO-route houdt in dat er deels vrijstellingen op basis van een reeds behaald VWO diploma worden verleend en dat er deels versnelling wordt bereikt door in minder tijd dezelfde stof te behandelen. De versnelde route beslaat een half jaar in tegenstelling tot de reguliere propedeuse die een heel jaar duurt. In dat half jaar is een hogere studielast gepland dan in de reguliere propedeuse. Het vrijstellingenbeleid is niet van invloed op de te behalen competenties; m.a.w.: de student die de versnelde route volgt, wordt uiteindelijk aan dezelfde eisen onderworpen als de student die de reguliere route volgt. OWE Regulier VWO ABA Bedrijfskunde ADFM/LE/HRM/BKM 3,75 3,75 Marketing 1,25 1,25 2,5 Vrijgesteld Rekenvaardigheden (muv HRM zonder economie) ABB Bedrijfskunde Marketing ADFM/LE/HRM/BKM 2,5 2,5 2,5 2,5 2,5 Vrijgesteld Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

162 Algemene economie (muv HRM zonder economie) APA Recht Engels Onderzoek PCV OOW SLB ADFM/LE/HRM/BKM 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 V 1,5 Vrijgesteld 1,5 Vrijgesteld Vrijgesteld Vrijgesteld APB Recht Engels Onderzoek PCV OOW SLB ADFM/LE/HRM/BKM 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 V 1,5 Vrijgesteld Vrijgesteld Vrijgesteld Vrijgesteld Vrijgesteld BHA Hostmanship ADFM 7,5 7,5 BHB Hostmanship ADFM 7,5 7,5 BVA Evenementenmanagement ADFM/LE 7,5 7,5 BVB Evenementenmanagement ADFM/LE 7,5 7,5 BAC Arbeidsmarktcommunicatie HRM 7,5 7,5 BWS Werving & selectie HRM 7,5 7,5 BWA Goed werkgeverschap HRM/BKM 7,5 7,5 BWB Goed werkgeverschap HRM/BKM 7,5 7,5 BGA Businessgame BKM 7,5 7,5 BGB Businessgame BKM 7,5 7,5 BLA Logistiek LE 7,5 7,5 BLB Logistiek LE 7,5 7,5 Totaal ADFM/LE/HRM/BKM 60 ec 44,5 ec Het VWO-programma wordt als volgt aangeboden: B-cluster periode 1 B-cluster periode 2 Opleidingspecifieke OWE Domeinspecifieke OWE BHA voor ADFM BAC voor HRM BLA voor LE BGA voor BKM BVA voor ADFM/LE BWA voor HRM/BKM Opleidingspecifieke OWE Domeinspecifieke OWE Bedrijfskunde VWO ABA-VBK Bedrijfskunde VWO ABB-VBK Marketing VWO ABA-VMK Recht VWO APA-VRE Onderzoek VWO APA-VON BHB voor ADFM BWS voor HRM BLB voor LE BGB voor BKM BVB voor ADFM/LE BWB voor HRM/BKM Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

163 B. Mbo Doorstroomprogramma RxH Het programma is toegankelijk voor studenten in hun laatste (half)jaar van een economische MBO niveau 4 opleiding bij een van de ROC's uit het RxH- verband. Regeling voor studenten die het doorstroomprogramma volgen Studenten die het MBO doorstroomprogramma RxH volgen, kunnen, indien zij voor een of meer van de volgende deeltentamens uit het doorstroomprogramma een voldoende hebben behaald, vrijstelling aanvragen voor de hiermee corresponderende deeltentamens in de propedeutische fase, als zij eenmaal zijn ingeschreven aan de HAN: Rekenvaardigheden (ABARKV1A.1) Algemene Economie (ABBAEC1A.1 Nederlands taaltoets (APANED1A.1) Daarnaast volgen de studenten de vakken Engels, studieloopbaanbegeleiding en diverse workshops HBO-vaardigheden. Deze vakken leveren geen vrijstelling op bij de start van de studie maar zorgen voor een betere aansluiting tussen MBO en HBO. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

164 Bijlage 8 Bijlage conform artikel 3.4 lid 8 Gegevens onderwijseenheden door de opleiding verzorgde HAN gecertificeerde minoren Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

165 Titel OWE Minor Slim plannen en organiseren in de zorg ZPM Zorg, zorgstelsel, processen en methodieken Modulen Introductie van de Nederlandse zorg* LEGIZV1A Wet- en regelgeving* LEGWRV1A Financieringsstelsel* LEGFZV1A Kwaliteitssystemen* LEGKWV1A Ethiek in de zorg* LEGEZV1A Maatschappelijke -/marktontwikkelingen* LEGMOV1A Project Management en onderzoekstechnieken* LEGPMV1B LEAN Management* LEGLMV1A Basis Logistieke principes (Onderzoek ZKH)* LEGLPV1A Patiënten Logistiek I* LEGPLV1A Goederen Logistiek I* LEGGLV1A Zorglogistieke Gastcolleges LEGGCV1A Good Manufacturing and Distribution Practices (GMP, GDP) LEGGMV1A Organisatieontwikkeling in de Zorg LEGKOV1A Onderzoeksopzet en verantwoording Zorgspecifieke project LEGPAV1A Goederen logistiek II LEGGHV1B Patiënten logistiek II LEGBPV1B Logistiek van zorgketens (Zorggericht bouwen, Care) LEGLZV1A Ketensamenwerking in de logistiek (Zorggame en evaluatie) LEGKSV1A Eigenaar Dhr. Roeland B. Meijers MIB (MJSR) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster G Niveau 2 en 3 3. Beroepstaak/ A. Ontwikkelen van beleid. beroepstaken B. Aansturen van logistieke operaties. C. Uitvoeren van logistieke operaties. 4. Centrale B. Aansturen van logistieke operaties. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Schriftelijk MK-vragen tentamen Nederlandse Zorg en Zorgstelsel LEGNZZ1A.1 Beroepsproduct Morele Effecten Rapportage LEGEZV1A.5 Beroepsproduct Visie-rapport Maatschappelijke en Marktontwikkelingen LEGMMO1A.5 Beroepsproduct Project Case-analyse rapport LEGLPM1A.5 Schriftelijk MK-vragen tentamen Patiënten en Goederenlogistiek LEGPGL1A.1 Schriftelijk MK-vragen tentamen Good Manufacturing and Distribution Practices LEGGMP1A.1 Portfolio vaardigheden LEGZPM1A.8 Beroepsproduct Paper Zorgspecifieke processen en 6. Studiepunten/ studielast Onderzoekmethodiek Studiepunten: 15 Studielast (in klokuren): LEGPAP1A.5 Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 133,5 uur 5 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 281,5 uur 7. Samenhang met andere OWE s Totaal: 420 uur De binnen de minor aangeboden onderwijseenheden zijn erop gericht de beginnend beroepsbeoefenaar voor te bereiden op de sector Zorg als beroepenveld. De aan de minor voorafgaande onderwijseenheden gelden hierbij als ingangseisen. Deze hebben de student ofwel voorbereid op de specifieke context van de sector Zorg, ofwel voorbereid op (logistiek en) procesmanagement. De onderwijsmodules van deze OWE, onderwijsweken (gemerkt met *), dienen ter voorbereiding aan het onderzoeksproject centraal binnen de OWE PLZ Praktijkproject Logistieke organisatie van de zorg. Hierbij worden LEG-IZV1A, WRV1A, FZV1A en KWV1A gezamenlijk getoetst, en zijn bedoeld de student kennis te laten nemen van de sector Zorg, haar opbouw en structuren. De student werkt aan het ontwikkelen van een eigen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

166 visie op ontwikkelingen binnen de sector Zorg middels de beroepsproducten LEGMMO1A.5 en LEGEZV1A.5, behorende bij de modules LEGMOV1A en LEGEZV1A. Principes rond procesmanagement, en in het bijzonder logistieke stromen binnen deze processen worden bijgebracht middels de modules LEGPMV1B, LEGLMV1A, LEGLPV1A, LEGPLV1A en LEGGLV1A. Deze laatste twee modules worden kennismatig getoetst middels LEGPGL1A.1, het toepassen van de opgedane kennis van deze vijf modules wordt getoetst middels het beroepsproduct LEGLPM1A.5. De onderwijsmodules aangeboden in onderwijsweken zijn verdiepende onderwijsmodules, enerzijds gericht op specifieke onderwerpen gerelateerd aan de zorg, en anderzijds bedoeld als ondersteuning van het onderzoeksproject uit OWE PLZ. Het verdiepende karakter geldt voor de modules LEGGCV1A, LEGGMV1A, LEGGHV1B en LEGBPV1B worden getoetst middels enerzijds de kennistoets LEGGMP1A.1 en anderzijds middels het beroepsproduct LEGPAP1A.5. Dit beroepsproducts verdiept de onderzoeksmethodiek gekozen binnen het onderzoeksproject binnen de module LEGPBV1A van OWE PLZ. De begeleiding van deze paper vindt plaats middels module Onderzoeksopzet en verantwoording Zorgspecifieke project (LEGPAV1A). Ter verdere ondersteuning van het onderzoeksproject in de sector Zorg, werkt de student aan het reflecteren op de effecten van het eigen handelen en het ontdekken van strategieën om deze effecten te optimaliseren, middels zorggerelateerde managementgames en workshops binnen de modules LEGKOV1A (Organisatieontwikkeling in de zorg), LEGLZV1A (Logistiek van zorgketens) en LEGKSV1A (Ketensamenwerking in de zorg), getoetst middels beroepsproduct LEGZPM1A.8 (Portfolio Vaardigheden). 8. Ingangseisen De minor waartoe deze OWE behoort, is bedoeld voor studenten die minimaal 2 jaar een hbo management of zorggerelateerde opleiding gevolgd hebben of bezig zijn met het tweede jaar van een universitaire management of zorggerelateerde opleiding. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties 11. Beoordelingscriteria In de onderwijseenheid Zorg, zorgstelsel, processen en methodieken (ZPM) wordt de student voorbereid op het beroepenveld Zorg. De student verdiept zich in de sectorspecifieke processen en ontwikkelingen en leert zijn handelen af te stemmen op de mogelijkheden en uitdagingen van de zorgsector, om in deze zorglogistieke en zorgproces gerelateerde contexten optimaal te functioneren. Daartoe krijgt de student allerlei modellen, methodieken, technieken, situaties, trainingen en casuïstiek aangereikt die daarbij ingezet kunnen worden. Dit leidt, naast begrip van de specifieke context van de zorgsector, tot beheersing van modellen en systemen en begrip van het eigen handelen, welk de student ondersteunt in de rol die de zorglogistiek of zorgproces manager in de beroepspraktijk heeft. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. A3: Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. E1: Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. Toetscode Beoordelingscriteria * Weging LEGNZZ1A.1 C1: K, I van de OWE Onderkent zorglogistieke operaties, processen en maatschappelijke context en beoordeelt de uiteindelijke uitvoering hiervan. LEGEZV1A van de OWE C2: B4: D1: Onderkent problemen binnen de zorgsector, zorglogistieke operaties en processen, stelt diagnoses en correcties vast. Kan nieuwe ontwikkelingen in logistieke en andere relevant aangrenzende disciplines beoordelen op ethische consequenties binnen de context van de zorgsector. K, I I, T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

167 LEGMMO1A van de OWE A2: Kan aantonen dat een eigen beroepshouding en handelwijze ontwikkeld wordt met ruimte voor normatief-culturele aspecten, respect voor anderen, een beroepscode en ethische principes voor het professioneel handelen. Kan zorglogistiekbeleid in verschillende situaties benoemen, toepassen en communiceren. I, T 0.30 B4: Kan nieuwe ontwikkelingen in logistieke en andere relevante aangrenzende disciplines beoordelen op bruikbaarheid en toepassingsmogelijkheden binnen de context van de zorgsector. K, I 0.40 LEGLPM1A van de OWE D1: Kan aantonen dat een eigen relevante beroepshouding en handelwijze ontwikkeld wordt binnen de context van de zorgsector. A2: Kan zorglogistiek beleid in verschillende situaties benoemen, toepassen en communiceren. T B4: Kan zorglogistieke processen benoemen en beschrijven. Kan zorglogistieke processen beschrijven en beoordelen op ondermeer doelmatigheid en doeltreffendheid LEGPGL1A van de OWE C1: C2: A2: Kan zorggerelateerde processen beoordelen op het gebied van de efficiency en/of effectiviteit. Kan normstellingen voor prestatie-indicatoren bepalen om daarmee richting te geven aan verbeteractiviteiten. Kan zorglogistiek beleid in verschillende situaties benoemen, toepassen en communiceren. I, T T B4: Kan zorglogistieke processen benoemen en beschrijven. Kan zorglogistieke processen beschrijven en beoordelen op ondermeer doelmatigheid en doeltreffendheid LEGGMP1A van de OWE C1: C2: A2: A3: Kan zorggerelateerde processen beoordelen op het gebied van de efficiency en/of effectiviteit. Kan normstellingen voor prestatie-indicatoren bepalen om daarmee richting te geven aan verbeteractiviteiten. Kan zorglogistiek beleid in verschillende situaties benoemen, toepassen en communiceren. Kan een activiteitenplan opstellen op basis van de veranderingen binnen en buiten de organisatie binnen de kaders van de wettelijke vereisten van de geneesmiddelen- en medische hulpmiddelen wet- en regelgeving. I, T T B4: Kan zorglogistieke processen benoemen en beschrijven. Kan zorglogistieke processen beschrijven en beoordelen op ondermeer doelmatigheid en doeltreffendheid C1: C2: Kan zorggerelateerde processen beoordelen op het gebied van de efficiency en/of effectiviteit. Kan normstellingen voor prestatie-indicatoren bepalen om I, T T Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

168 LEGZPM1A van de OWE LEGPAP1A van de OWE B4: E1: A1: A2: daarmee richting te geven aan verbeteractiviteiten. Kan veranderingsprocessen ondersteunen door rekening te houden met stakeholders en hun verandervermogen. Kan reflecteren op eigen gedragsstijl in relatie tot de rol van adviseur /veranderaar. De student past de juiste onderzoekmethodologie toe en verantwoord deze waardoor controleerbaarheid, betrouwbaarheid en validiteit aangetoond worden. De student past relevant (internationaal) literatuur onderzoek toe. Het advies geeft een oplossing voor het probleem, de onderzoeksvraag is goed beantwoord en verantwoord. I, T I, T I,T T Tentaminering B3: De student gebruikt bij de analyse en het advies meerdere relevante modellen, zoals o.a. SWOT, Lean, QRM, visgraatdiagram, symladmodel, ILC model enz. C2: De analyse is correct uitgevoerd en de juiste kritieke punten zijn beschreven. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. I, T T Naam/ toetscode LEGNZZ1A.1 LEGEZV1A.5 LEGMMO1A.5 LEGLPM1A.5 LEGPGL1A.1 LEGGMP1A.1 Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Schriftelijk MKvragen tentamen: Nederlandse Zorg en Zorgstelsel 5,5 10% T1, resp. T2 Nietprogrammeerbare rekenmachine Beroepsproduct: Morele Effecten Rapportage N.v.t. 5,5 10% T1, resp. T2 Nietprogrammeerbare rekenmachine 1 N.v.t. 5,5 10% T1, resp. Geen 1 i.o.m. docent Beroepsproduct: Visierapport Maatschap-pelijke en Marktontwikkelingen Beroepsproduct: Project Case-analyse rapport Schriftelijk MKvragen Tentamen: Patiënten en Goederenlogistiek Schriftelijk MKvragen tentamen: Good Manufacturing and Distribution 120 min. Weging Periode afname en herkansing Toegestan e hulpmiddelen Aantal examina -toren 1 N.v.t. 5,5 20% T1, resp. i.o.m. docent 120 min. 60 min. 5,5 15% T1, resp. T2 Nietprogrammeerbare rekenmachine 5,5 10% T2, resp. T3 Nietprogrammeerbare rekenmachine Geen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

169 Practices LEGZPM1A.8 Portfolio: Vaardig-heden N.v.t. 5,5 10% T2, resp. i.o.m. docent Geen 1 LEGPAP1A.5 processen Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte Emmerik, R. ( 2012). Kwaliteitsmanagement (2 e druk). Amsterdam: Pearson. literatuur Glöckner, H.H., & Weijers, S.J.C.M. (2009). Logistiek in de zorg. Groningen: Noordhoff. Reader (2014) Checklist & toelichting voor het maken van een plan van aanpak voor je afstudeeropdracht. Arnhem: HAN. 14. Aanbevolen literatuur Verschuren, P., & Doorewaard, H. (2007). Het ontwerpen van een onderzoek (4 e druk). Den Haag: LEMMA. Baarda, B.D., & Goede, M. de. (2005). Basisboek kwalitatief onderzoek: handleiding voor het opzetten en uitvoeren van kwalitatief onderzoek; Methoden en technieken (3 e druk). Groningen: Stenfert Kroese. 15. Software Diverse management games. 16. Overig materiaal Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten Werkcolleges. en werkvormen Hoorcolleges. Rollenspelen. Simulaties (management games). Praktijkleren in de vorm van toegepast onderzoek. 19. Les- / Contacturen Beroepsproduct: Paper Zorgspecifieke Onderwijsweek / /10 LEGIZV1A LEGWRV1A 2 2 LEGFZV1A 3 3 LEGKWV1A LEGEZV1A LEGMOV1A LEGPMV1B* LEGLMV1A LEGLPV1A LEGPLV1A LEGGLV1A LEGGMV1A LEGKOV1A LEGGCV1A* LEGPAV1A* LEGGHV1B* LEGBPV1B* LEGLZV1A 4 LEGKSV1A Onderwijsperiode 1 en Maximum aantal 20 deelnemers N.v.t. 5,5 15% T2, resp. i.o.m. docent Geen 1 Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Modules ICT in de patiëntenzorg en logistiek (LEGITV1A) en Kwaliteit, Auditing en Monitoring (LEGKAV1A) komen te vervallen en worden vervangen door module Zorglogistieke Gastcolleges (LEGGCV1A). Alle drie genoemde modules zijn ondersteunend aan het onderzoeksproject binnen de module LEGPBV1A van OWE PLZ. Conversie is niet van toepassing. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

170 Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Module Project Management (LEGPMV1A) wordt vervangen door Project Management en onderzoekstechnieken (LEGPMV1B). De contacturen zijn uitgebreid 5 x 2 uur naar 5 x 3 uur i.v.m. het integreren van onderzoekstechnieken in deze module. Deze module is ondersteunend aan module Projectdefinitie en Plan van Aanpak (LEGPVV1A) van OWE PLZ. Conversie is niet van toepassing. Module Onderzoeksopzet en verantwoording Zorgspecifieke project (LEGPAV1A) is op verzoek van studenten toegevoegd. Deze module is ondersteunend aan beroepsproduct LEGPAP1A.5. Conversie is niet van toepassing. Op verder verzoek van studenten is de naamgeving van modules Logistiek van geneesmiddelen en medische hulpmiddelen (LEGGHV1A) en Besturingssystemen in de patiëntenlogistiek (LEGBPV1A) gewijzigd in Goederen logistiek II (LEGGHV1B) en Patiënten logistiek II (LEGBPV1B). Dit geeft de studenten beter inzicht in de inhoud en aansluiting van de modules. Inhoudelijk en toetstechnisch zijn deze modules ongewijzigd, conversie is niet van toepassing. Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

171 Titel OWE Minor Slim plannen en organiseren in de zorg PLZ Praktijkproject Logistieke organisatie van de zorg Modulen Projectdefinitie en Plan van Aanpak LEGPVV1A Zorggericht onderzoeksproject in beroepsomgeving LEGPBV1A Eigenaar Dhr. Roeland B. Meijers MIB (MJSR) 1. Opleiding Logistiek en Economie 2. Doelgroep Variant VT Cluster G Niveau 2 en 3 3. Beroepstaak/ A. Ontwikkelen van beleid. beroepstaken B. Aansturen van logistieke operaties. C. Uitvoeren van logistieke operaties. 4. Centrale A. Ontwikkelen van beleid. beroepstaak 5. (Beroeps)producten Plan van aanpak. 6. Studiepunten/ studielast Onderzoeksrapport, met presentatie en verdediging. Studiepunten: 15 Studielast (in klokuren): Geprogrammeerde contacttijd - Hoor- en werkcolleges/lessen - Begeleiding: - Tentamens/toetsing (niet tijdens lessen) 24 uur Geprogrammeerde onderwijstijd voor zelfwerkzaamheid en stage - Stage/afstudeeronderzoek/praktijkleren: - Zelfstudie/projectwerk: 396 uur 7. Samenhang met andere OWE s Totaal: 420 uur De binnen de minor aangeboden onderwijseenheden zijn erop gericht de beginnend beroepsbeoefenaar voor te bereiden op de sector Zorg als beroepenveld. De aan de minor voorafgaande onderwijseenheden gelden hierbij als ingangseisen. Deze hebben de student ofwel voorbereid op de specifieke context van de sector Zorg, ofwel voorbereid op (logistieke en) procesmanagement. De in de minor OWE ZPM aangeboden modules bereiden de student voor op het onderzoeksproject binnen de sector zorg, dan wel ondersteunen de studenten in het succesvol uitvoeren van een onderzoeksproject in de praktijk van het beroepenveld zorg. 8. Ingangseisen De minor waartoe deze OWE behoort, is bedoeld voor studenten die minimaal 2 jaar een hbo management of zorggerelateerde opleiding gevolgd hebben of bezig zijn met het tweede jaar van een universitaire management of zorggerelateerde opleiding. 9. Algemene omschrijving 10. Competenties/ eindkwalificaties In de onderwijseenheid Praktijkproject Logistieke organisatie van de zorg (PLZ) wordt een onderzoeksopdracht uitgevoerd binnen een organisatie/bedrijf in de zorgsector. De studenten, in twee- of drietallen, werken aan een door de organisatie en studenten ge(her)formuleerde onderzoeksopdracht. Het onderzoek betreft een actueel procesgericht bedrijfsknelpunt. Op basis van de voorbereidingsactiviteiten verwoorden de studenten het onderzoeksplan en de onderzoeksopdracht in een door de opdrachtgevende organisatie geaccordeerd Plan van Aanpak. De studenten rapporteren het onderzoeksresultaat inclusief verbetervoorstellen aan het einde van de onderzoeksperiode. Daarnaast vindt er aan het einde van de onderzoeksperiode, naast een presentatie binnen de organisatie, een mondelinge verdediging plaats. A1: Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders A2: Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. B1: Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. B3: Past managementtechnieken toe. B4: Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van verande ringsprocessen binnen organisaties. C1: Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. C2: Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correc ties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. D1: Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

172 11. Beoordelingscriteria D2: Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. D3: Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. Toetscode Beoordelingscriteria * Weging LEGPVA1A.5 C1: T LEGPRP1A.5 A1: A2: Stelt een plan van aanpak op t.b.v. de onderzoeksopdracht, waarbij concreet invulling wordt gegeven aan de voorgeschreven onderdelen (checklist PvA en LEGPMV1B) De student past de juiste onderzoekmethodologie toe en verantwoord deze waardoor controleerbaarheid, betrouwbaarheid en validiteit aangetoond worden. De student past relevant (internationaal) literatuur onderzoek toe. Het advies geeft een oplossing voor het probleem, de onderzoeksvraag is goed beantwoord en verantwoord. T T Voorwaardelijk Go/No Go Rapport (0.50) B3: B4: C2: B1: C1: D1: A1: A2: D2: D3: De student gebruikt bij de analyse en het advies meerdere relevante modellen, zoals o.a. SWOT, Lean, QRM, visgraatdiagram, symladmodel, ILC model enz. De student ondersteunt het veranderingsproces n.a.v. zijn/haar advies d.m.v. draagvlakcreatie en juist inschatten van de veranderbereidheid bij de stakeholders. De student werd bij de selectie van informatie gedreven door willen weten/begrijpen. De analyse is correct uitgevoerd en de juiste kritieke punten zijn beschreven. Het verbeterscenario is haalbaar en bruikbaar voor de opdrachtgever. De student heeft als projectmanager van zijn eigen project doelmatig gewerkt. Er was sprake vaneen duidelijke projectfasering waarop effectief gestuurd is. De student heeft projectmatig gewerkt o.b.v. een juiste planning (projectfasering) en communicatieplan. Denkt samen met stakeholders na over doelen en gewenste inrichting van de processen o.b.v. multidisciplinariteit en collegialiteit. De student presenteert de juiste onderzoekmethodologie toe en verantwoord deze waardoor controleerbaarheid, betrouwbaarheid en validiteit aangetoond worden. Het gepresenteerde advies geeft een oplossing voor het probleem, de onderzoeksvraag is goed beantwoord en verantwoord. De student heeft effectief en zakelijk gepresenteerd en beargumenteerd. De student geeft duidelijk aan te beschikken over organisatiesensitiviteit. Hij/zij handelt vanuit een positief kritische houding, T T T T T T T T T T Proces (0.20) Verdediging (0.30) Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

173 die zich aanpast aan de bedrijfscultuur. * is niveau van toetsing. K = Kennis, I = Inzicht, T = Toepassing. 12. Tentaminering Naam/ toetscode LEGPVA1A.5 LEGPRP1A.5 Rapport N.v.t. 5,5 100% I.o.m. docent N.v.t. 1 incl. verdediging Voorlopig cesuur/algemene aspecten van cesuur: voor elk afzonderlijk deeltentamen geldt: het gewogen gemiddelde van de beoordelingscriteria resulterend in een cijfer van 0,0-10,0 of resulterende in voldaan/niet voldaan. 13. Verplichte literatuur Reader (2014) Checklist & toelichting voor het maken van een plan van aanpak voor je afstudeeropdracht. Arnhem: HAN. 14. Aanbevolen literatuur Verschuren, P., & Doorewaard, H. (2007). Het ontwerpen van een onderzoek (4 e druk). Den Haag: LEMMA. Baarda, B.D., & Goede, M. de. (2005). Basisboek kwalitatief onderzoek: handleiding voor het opzetten en uitvoeren van kwalitatief onderzoek; Methoden en technieken (3 e druk). Groningen: Stenfert Kroese. 15. Software Geen. 16. Overig materiaal Het aanschaffen van een laptop wordt aangeraden. 17 en 18. Activiteiten en werkvormen 19. Les- / Contacturen Praktijkleren in de vorm van toegepast onderzoek. Onderwijsweek / LEGPVV1A LEGPBV1A* * Het onderzoeksproject wordt begeleid door twee begeleiders; een interne begeleider vanuit de opdrachtgever en een vakdocent vanuit de minor. De hier aangegeven contacturen betreffen slechts de uren van de vakdocent. Deze contacturen voor begeleiding vinden zo veel mogelijk plaats op locatie. 20. Onderwijsperiode 1 en Maximum aantal deelnemers Toetsvorm Duur Cijfer (minimum) of vink Plan van aanpak project 20 Weging Periode afname en herkansing Toegestane hulpmiddelen Aantal examinato ren N.v.t. V I.o.m. docent N.v.t. 1 Overige informatie Wijzigingen t.o.v. vorig jaar Datum waarop de OWE niet meer aangeboden wordt en overgangsregeling Beschrijving OWE is aangepast n.a.v. het vernieuwde beroeps- en opleidingsprofiel van het Landelijk Platform Logistiek HBO. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

174 Bijlage 9 Bijlage conform artikel 3.4 lid 9 Opsomming van aan huidige onderwijseenheden en tentamens van de door de opleiding verzorgde minoren gelijkgestelde oude onderwijseenheden en tentamens N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

175 Bijlage 10 Bijlage conform artikel 3.2 lid 6 Opsommingen van de onderwijseenheden binnen de bacheloropleidingen die na het behalen van de Ad-graad nog behaald moeten worden om de bachelorgraad te verkrijgen. N.v.t. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

176 Bijlage 11 Bijlage conform artikel 3.1 Opsommingen van de eindkwalificaties welke de student dient te verwerven om het HBO-Bachelor graad te behalen. Beroepstaak A Ontwikkelen van beleid B. Aansturen van werkzaamheden Competenties Logistiek specifieke competenties D. Sociale en communicatieve competenties 1. Onderzoeken en analyseren 1. Samenwerken in een beroepsomgeving 2. Beleid formuleren 3. Bijdrage leveren aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken 1. Leidinggeven aan het uitvoeren van processen 2. Processen inrichten, beheersen en verbeteren 2. Effectief en zakelijk communiceren 3. Rekening houden met (internationale) cultuurverschillen E. Zelfsturende competenties 1. Eigen ontwikkeling op het gebied van leren sturen 2. Professionele beroepshouding hebben 3. Professioneel, ethisch en maatschappelijk verantwoord handelen 4. Bijdragen aan de ontwikkeling van de professie in de breedte 3. Managementtechnieken toepassen 4. Veranderingsprocessen ondersteunen C. Plannen, uitvoeren en monitoren van processen 1. Plannen van processen en zorgdragen voor de uitvoering 2. Onderkennen, diagnosticeren van problemen en zorgdragen voor de uitvoering van correcties 3. Monitoren prestaties Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

177 Bijlage 12 Format oude beroepstaken, oude onderwijseenheden en (deel)tentamens die gelijkgesteld zijn aan nieuwe beroepstaken, onderwijseenheden en (deel)tentamens vanwege de conversie naar Alluris Bijlage conform artikel 4.1 lid 5, artikel 6.1 lid 5 en artikel 3.4 lid 9. Vanwege de conversie van HAN-SIS naar Alluris moeten sommige te lange beroepstaaknamen, namen van OWE s, namen van (deel)tentamens en codes van (deel)tentamens worden ingekort. Omdat de conversies betrekking kunnen hebben op zowel de propedeutische fase, de postpropedeutische fase als de minoren, is er voor gekozen om hiervan één bijlage te maken en die aan de Onderwijs- en examenregeling toe te voegen. In onderstaande tabel is opgenomen waar de gelijkstelling betrekking op heeft, wat de oude situatie was, wat de nieuwe situatie wordt en op welke OER de oude situatie betrekking had. Betreft wijziging beroepstaak, naam OWE, naam (deel)tentamen, toetscode Beroepstaak, naam OWE, naam (deel)tentamen of toetscode (was) Gelijkgesteld aan beroepstaak, naam OWE, naam (deel)tentamen, toetscode in studiejaar (wordt) Gelijkstelling m.b.t. OER studiejaar Toetscode LDA1.ECD1A.1_D LDA1ECD1A.1_D OER en van voor Toetscode LDA1.LGD1A.1_D LDA1LGD1A.1_D OER en van voor Toetscode LKD1.ITD1A.2_D LKD1ITD1A.2_D OER en van voor Toetscode LKD1.LGD1A.1_D LKD1LGD1A.1_D OER en van voor Toetscode LPO1.BBA1A.5_D LPO1BBA1A.5_D OER en van voor Toetscode LPO1.BMG1A.9_D LPO1BMG1A.9_D OER en van voor Toetscode LPO1.BMG1A.9_DJ LPO1.BMG1A.9J OER en van voor Toetscode BKA.BBK1A.5_DJ BKABBK1A.5_DJ OER en van voor Toetscode GU-PWU1A/SLU1A GU-PWU1ASLU1A OER en van voor Toetscode GU-PWU2B/SLU2B GU-PWU2BSLU2B OER en van voor Toetscode GU-PWU2B/SLU2B GU-PWU2BSLU2B OER en van voor Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

178 Reglement examencommissies (BA-AD) Reglement examencommissies voor de Bacheloropleidingen en Associate degree-programma van de Faculteit Economie en Management (FEM) Preambule De reglementen voor de examencommissies bij de HAN zijn in tweeën te verdelen. 1. In de onderwijs- en examenregeling (OER) is een aantal bepalingen opgenomen met betrekking tot examencommissie en examinatoren (paragraaf 8). Waar relevant wordt in voorliggend reglement naar (artikelen uit) deze paragraaf verwezen. 2. In het onderhavige reglement examencommissies FEM is eveneens een aantal bepalingen opgenomen met betrekking tot de examencommissies van de FEM. 3. Krachtens de WHW wordt de OER vastgesteld door het instellingsbestuur en het reglement examencommissies door de examencommissie. PARAGRAAF 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1.1 Begripsbepalingen Voor dit reglement gelden de definities en bepalingen die zijn opgenomen in de begrippenlijst van het opleidingsstatuut (bijlage van het opleidingsstatuut). Artikel 1.2 Status, toepasselijkheid en wijziging van het reglement 1. Dit reglement bevat regels over taken en bevoegdheden van de drie examencommissies van de FEM: - de examencommissie van het instituut Financieel Management, - de examencommissie van het instituut International Business and Communication, - de examencommissie van het instituut Bedrijfskunde en Rechten. en maatregelen die zij in dit verband kunnen nemen, alsmede regels over de uitvoering ervan. 2. Het reglement is vastgesteld door de examencommissie en van toepassing op tentamens, respectievelijk integrale toetsen en examens van alle Bacheloropleidingen en Associate degreeprogramma van de FEM van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN). PARAGRAAF 2 STATUS, SAMENSTELLING, WERKWIJZE EN VERGADERINGEN Artikel 2.1 Status, taken en bevoegdheden van de examencommissie 1. Status, taken en bevoegdheden van de examencommissie zijn geregeld in art. 8.1 en 8.2 van de OER Dit artikel (2.1) van het reglement examencommissies bevat aanvullende bepalingen. 2. Door derden aan de examencommissie gemandateerde taken zijn opgenomen in een overzicht dat geraadpleegd kan worden via Insite onder College van Bestuur. 3. Door de examencommissie kunnen aan perso(o)n(en) / orga(a)n(en) een of meer taken worden gemandateerd. De gemandateerde taken worden vastgelegd in aparte mandaatbesluiten. Deze besluiten zijn te raadplegen via Insite onder Examencommissies FEM. 4. De examencommissie draagt er zorg voor dat regelmatig aan haar schriftelijk gerapporteerd wordt betreffende de voortgang van door haar gemandateerde taken en/of bevoegdheden. Artikel 2.2 Samenstelling en werkwijze examencommissie 1. De samenstelling van de examencommissie is geregeld in art. 8.3 van de OER Dit artikel (2.2) van het reglement examencommissies bevat aanvullende bepalingen. 2. Examinatoren en overige betrokkenen kunnen zo nodig door de examencommissie worden gehoord en verstrekken de commissie de gevraagde inlichtingen en/of adviezen. 3. Examinatoren moeten desgevraagd de examencommissie kunnen voorzien van materiaal aan de hand waarvan de toetskwaliteit en de beoordelingswijze en resultaten beoordeeld kunnen worden (zoals: leerdoelen, toetsplan, toetsmatrijs, een antwoordmodel, beoordelingsschema, beoordelingscriteria bij opdrachten, het tentamen en/of de opdracht(en) zelf, de toetsresultaten en een analyse daarvan). Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

179 4. Desgewenst worden deskundigen van buiten de HAN als adviseur door de examencommissie gehoord. 5. De examencommissie dient bij haar verslaglegging uit te gaan van de HANdreiking t.b.v. jaarlijks(e) rapportage examencommissies. Artikel 2.3 Vergaderingen examencommissie 1. De examencommissie vergadert ten minste vier maal per jaar. 2. De data van de vergaderingen van de examencommissie worden zodanig gepland dat zij aansluiten bij de planningscyclus van de opleiding(en) en de faculteit. 3. De examencommissie beslist bij gewone meerderheid van uitgebrachte stemmen. 4. Indien bij stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter. 5. Bij gelegenheid van de eerstvolgende vergadering bekrachtigt de examencommissie formeel de beslissingen de dagelijkse gang van zaken betreffende, die de dagelijkse commissie op basis van haar algemeen mandaat tussentijds heeft genomen; evenals eventuele andere beslissingen die op basis van gemandateerde taken/bevoegdheden zijn genomen. 6. De secretaris van de examencommissie draagt er zorg voor dat van elke vergadering een verslag wordt gemaakt. Het conceptverslag wordt binnen tien werkdagen aan de leden van de examencommissie toegezonden. Het verslag wordt de eerstkomende vergadering van de examencommissie vastgesteld. Onderdeel van het verslag is een besluitenlijst. 7. De secretaris van de examencommissie draagt er zorg voor dat de faculteitsdirectie, de instituutsdirectie en de overige leden van de examencommissie tijdig een exemplaar van het vastgestelde verslag ontvangen. 8. De secretaris van de examencommissie draagt er zorg voor dat vastgestelde, geanonimiseerde, vergaderverslagen digitaal kunnen worden ingezien door docenten van de betrokken opleiding(en). PARAGRAAF 3 KWALITEITSBEWAKING EXAMENS EN TENTAMENS Artikel 3.1 Het borgen van de kwaliteit van tentamens 1. De examencommissie borgt de kwaliteit van de tentamens en de examens. De examencommissie wordt op haar verzoek daartoe door de examinatoren in het bezit gesteld van relevant materiaal. 2. De examencommissie zal daar waar nodig aanwijzingen ter verbetering doen. 3. Voor het waarborgen van de validiteit, betrouwbaarheid, uitvoerbaarheid en transparantie van de toetsing zijn toetsbeleidsplannen opgesteld. Deze plannen zijn te raadplegen via Insite onder Examencommissies FEM. Artikel 3.2 Richtlijnen en aanwijzingen t.b.v. de beoordeling van tentamens 1. De beoordeling van tentamens geschiedt door de examencommissie, of door examinatoren aangewezen door de examencommissie conform art 4.1 en 4.2 van dit reglement. 2. De examinatoren, dan wel de examencommissie, beoordelen de tentamens aan de hand van de in de OER opgenomen criteria en door de examencommissie vastgestelde normen. Artikel 3.3 Tegengaan van oneigenlijke toekenning of onthouding van studiepunten De examencommissie gaat oneigenlijke toekenning of onthouding van studiepunten tegen: zie hiervoor de jaarverslagen en de toetsbeleidsplannen. Artikel 3.4 Procedure(s) bij het bepalen (door de examencommissie) of een kandidaat geslaagd is voor een examen Ten behoeve van het besluit of een kandidaat al dan niet geslaagd is voor het examen hanteert de examencommissie een (afstudeer)protocol dat te raadplegen is via Insite. 3 Artikel 3.5 Het bevorderen van de deskundigheid van examinatoren 1. De examencommissie bevordert dat de examinatoren voldoende deskundig zijn. 2. Zij krijgt van de instituutsdirectie daarvoor een lijst van de examinatoren. 3. De examencommissie verzoekt de instituutsdirectie waar nodig maatregelen te treffen om de deskundigheid van examinatoren te bevorderen. 3 Is in ontwikkeling. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

180 4. De examencommissie kan (half) jaarlijks de aanwijzing van een examinator intrekken, wanneer deze niet - of niet meer - aan de gestelde deskundigheidseisen voldoet. 5. In het jaarverslag van de examencommissie is opgenomen hoe zij de deskundigheid bevorderd. Artikel 3.6 Externe validering van examenkwaliteit De examencommissie draagt zorg voor externe validering van de examenkwaliteit en neemt de eerste stappen in die richting door het bevorderen van: opleidings-/instituutsoverstijgende toetsing; het hanteren van een gezamenlijk protocol t.b.v. de beoordeling van eindwerkstukken; de inzet van externe deskundigen bij het opstellen van toetsen en beoordelingsprocedures; de inzet van externe deskundigen bij het beoordelen van toetsresultaten; het scholen en certificeren van docenten die bij toetsing betrokken zijn; het samenwerken met andere hogescholen rondom de beoordeling van toetsen w.o. afstudeeropdrachten. PARAGRAAF 4 AANWIJZEN VAN EXAMINATOREN Artikel 4.1 Aanwijzen van examinatoren 1. De examencommissie kan docenten belast met onderwijs in een bepaald vakgebied aanwijzen als examinator van de (deel)tentamens en (deel)integrale toetsen over dit vakgebied in de bijbehorende onderwijseenheid/-eenheden wanneer zij voldoen aan de eisen gesteld in artikel 4.2 van dit reglement. 2. Examinatoren zijn belast met het afnemen van (deel)tentamens en (deel)integrale toetsen en het vaststellen van de uitslag ervan. 3. De examencommissie dient (half) jaarlijks zowel examinatoren van binnen de opleiding als examinatoren van andere opleidingen aan te wijzen die voldoen aan de kwaliteitscriteria die bij de desbetreffende hbo-opleiding aan examinatoren worden gesteld. Artikel 4.2 Profielschets voor examinatoren 1. Examinatoren zijn deskundig in het vakgebied en beschikken over onderwijskundige kennis en vaardigheden wat betreft opstellen van toetsen, het vaststellen van beoordeelwijze en norm, het organiseren van toetsing en het kunnen analyseren van de toetsresultaten op basis van richtlijnen en criteria voor betrouwbare, valide en transparante toetsing en beoordeling. PARAGRAAF 5 TENTAMENS, VRIJSTELLINGEN EN LEERWEGONAFHANKELIJKE TENTA- MENS/TOETSEN Artikel 5.1 OER als kaderstellend document 1. In de OER zijn in paragraaf 8 kaderstellende bepalingen vastgelegd met betrekking tot de taken en bevoegdheden van de examencommissie op het gebied van (deel)tentamens, vrijstellingen en leerwegonafhankelijke (deel)tentamens/(deel)toetsen. 2. De in deze paragraaf (5) opgenomen artikelen zijn een nadere precisering van en/of aanvulling op deze OER-bepalingen. Artikel 5.2 Tentamenfaciliteiten ten behoeve van studenten met een handicap of chronische ziekte 2. Indien de student vraagt om voorzieningen die niet standaard zijn geregeld legt de studieloopbaanbegeleider het verzoek van de student ter goedkeuring, indien het om tentaminering en examinering gaat, voor aan de examen(advies)commissie. 2. De studieloopbaanbegeleider adviseert de examencommissie over deze aanvraag, draagt zorg voor de communicatie over en realisatie van de te treffen maatregelen en ziet er op toe dat de met de examencommissie overeengekomen extra bijzondere voorzieningen effectief worden uitgevoerd en vast worden gelegd in een overeenkomst. 3. De examencommissie verhoudt zich in deze tot het HAN-beleid inzake studeren met een handicap of chronische ziekte. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

181 Artikel 5.3 Toestemming om zonder propedeutisch getuigschrift tentamens af te leggen in de postpropedeutische fase De examencommissie kan een ingeschreven student die niet in het bezit is van het propedeutisch getuigschrift van de betreffende opleiding op diens schriftelijk verzoek schriftelijk toestemming verlenen om tentamens af te leggen in de postpropedeutische fase van die opleiding. Artikel 5.4 Verzoek tot vrijstelling van het afleggen van een (deel)tentamen/(deel)toets of tot het afleggen van een leerwegonafhankelijk(e)(deel)tentamen/(deel)toets 1. De student dient zijn schriftelijk verzoek tot vrijstelling van het afleggen van een (deel)tentamen / (deel)toets en/of het afleggen van een leerwegonafhankelijk(e)(deel)tentamen / (deel)toets - inclusief het bijbehorende bewijsmateriaal - rechtstreeks in bij de examencommissie. 2. Een vrijstellingsaanvraag op basis van een eerder afgelegd (deel)tentamen wordt alleen toegekend wanneer dat (deel)tentamen is behaald. 3. De examencommissie kan zich bij haar besluitvorming over het verzoek laten adviseren door een examinator dan wel een externe deskundige. 4. De examencommissie beslist binnen 20 werkdagen over het ingediende verzoek en deelt dit gemotiveerd schriftelijk aan de student mede. 5. Indien de vrijstelling is verleend of het leerwegonafhankelijk tentamen met een voldoende of hoger is beoordeeld, zorgt de examencommissie voor registratie van de verleende vrijstelling of de behaalde beoordeling in het geautomatiseerde studenteninformatiesysteem. PARAGRAAF 6 ONREGELMATIGHEID EN FRAUDE BIJ TENTAMENS Artikel 6.1 Definitie van onregelmatigheid en fraude 1. Onder onregelmatigheid wordt verstaan elk handelen of nalaten in een situatie waarvan de betrokkene door middel van een of meer ongeoorloofde activiteiten of ongeoorloofd nalaten bewust of onbewust een onjuiste indruk wekt van zijn kennis, inzicht en vaardigheden c.q. competentiebeheersing. Onder de definitie van onregelmatigheid wordt onder andere ook fraude begrepen. 2. Onder fraude wordt verstaan elk handelen (waaronder het plegen van plagiaat), of nalaten, waarvan betrokkene wist of behoorde te weten, dat dit handelen of nalaten het op de juiste wijze vormen van een oordeel over iemands kennis, inzicht en vaardigheden geheel of gedeeltelijk onmogelijk maakt. 3. Onder onregelmatigheid wordt in ieder geval begrepen: a) het als eigen werk opnemen in het portfolio en /of als eigen (groeps)werk presenteren c.q. inleveren van (groeps)werk (zoals scriptie, werkstuk, opdracht, toetsuitwerking) dat geheel of gedeeltelijk is overgenomen en/of door de student ongeoorloofd met een of meer andere(n) is gemaakt; b) het bekendmaken van tentamenvragen en/of antwoorden voorafgaand of tijdens het tentamen; c) het op enige wijze verlenen van hulp of steun aan een medestudent als gevolg waarvan een onjuiste indruk van het kennen en kunnen van de student wordt gewekt; d) het hulp of steun zoeken en/of verkrijgen van een medestudent als gevolg waarvan een onjuiste indruk van het kennen en kunnen van de student wordt gewekt; e) het binnen handbereik hebben van niet-toegestane hulpmiddelen tijdens het tentamen; f) het tijdens de toetsing gebruiken van toegestane hulpmiddelen waarin niet toegestane aantekeningen en/of toevoegingen voorkomen (bijgeschreven of op losse blaadjes); g) het zonder uitdrukkelijke toestemming verlaten van de tentamenlocatie en/of daarin terug te keren tijdens het tentamen; h) het verlaten van de tentamenlocatie met de uitwerking van een opdracht, ook wanneer deze uitwerking vervolgens wordt aangeboden aan de surveillant of diens plaatsvervanger; i) het aanbrengen van wijzigingen in de ter inzage gelegde uitwerkingen van tentamens, respectievelijk integrale toetsen; j) het maken van een tentamen onder de naam van een ander, dan wel dit laten doen; k) het overtreden van de regels voor inzage; l) al die overige zaken of voorvallen die als zodanig door de voorzitter van de examencommissie worden benoemd. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

182 Artikel 6.2 Inbeslagname bewijsmateriaal De examencommissie, en diegenen die namens haar aanwezig zijn bij het tentamen/de toets, zijn bevoegd tot inbeslagname van enig materiaal dat kan dienen als bewijs van de onregelmatigheid of fraude. Nadat de beslissing van de examencommissie als bedoeld in artikel 6.6, onherroepelijk is geworden, retourneert de examencommissie het materiaal onverwijld aan de student. Artikel 6.3 Maatregelen bij onregelmatigheid, respectievelijk fraude 1. Indien een student zich ten aanzien van enig deel van het tentamen aan enige onregelmatigheid heeft schuldig gemaakt of al dan niet rechtstreeks bij betrokken is, kan de examencommissie een of meer van de volgende maatregelen treffen: a. schriftelijke waarschuwing; b. schriftelijke berisping; c. het onthouden van het getuigschrift aan de student (indien de onregelmatigheid eerst na afloop van een toetsing wordt ontdekt); d. bepalen dat het getuigschrift slechts kan worden uitgereikt na een hernieuwde toetsing op een door de examencommissie te bepalen wijze, datum en tijd (indien de onregelmatigheid eerst na afloop van een toetsing wordt ontdekt); e. intrekking van het getuigschrift nadat deze is uitgereikt (indien de onregelmatigheid eerst na afloop van het uitreiken van het getuigschrift wordt ontdekt). 2. Bij fraude kan de examencommissie besluiten tot ontzegging van deelname aan één of meer toetsingen voor de termijn van ten hoogste 1 jaar. 3. Bij ernstige fraude kan de examencommissie het college van bestuur voorstellen de inschrijving voor de opleiding van betrokkene definitief te beëindigen. 4. De examencommissie geeft indien een student zich naar het oordeel van de examencommissie, ten aanzien van enig deel van het tentamen aan een onregelmatigheid schuldig heeft gemaakt, de volgende richtlijn: de examencommissie verklaart het tentamen van onwaarde en kent het cijfer 0 toe aan het betreffende tentamen. Artikel 6.4 Horen student 1. De examencommissie deelt onverwijld, zo mogelijk mondeling en in ieder geval schriftelijk, mee aan de student dat er een melding van onregelmatigheid bij een tentamen hem betreffende is ontvangen. 2. De examencommissie deelt haar voorgenomen besluit gemotiveerd en onverwijld mee aan de student, zo mogelijk mondeling en in ieder geval schriftelijk. 3. De examencommissie stelt de student in de gelegenheid te worden gehoord, alvorens er een definitief besluit wordt genomen. 4. Indien de student wenst te worden gehoord, dient hij dit schriftelijk kenbaar te maken en wel binnen 8 werkdagen na dagtekening van het schrijven waarin de student over de voorgenomen besluit is geïnformeerd. 5. De student wordt gehoord uiterlijk 10 werkdagen nadat het verzoek daartoe is ontvangen. 6. Voordat het horen plaatsvindt, wordt de student meegedeeld dat deze niet verplicht is tot antwoorden. 7. Indien de student niet wordt gehoord wordt het voorgenomen besluit, na het verstrijken van de 8 werkdagen na dagtekening van het schrijven waarin de student over de voorgenomen besluit werd geïnformeerd, omgezet in een definitief besluit. Artikel 6.5 Bekendmaking besluit Indien de student wordt gehoord, informeert de examencommissie de student onverwijld na het horen van de student schriftelijk over het genomen definitieve besluit, dan wel een voorstel/advies aan het college van bestuur. Artikel 6.6 Ongeldig verklaren van een tentamen en het tentamenresultaat waarvan de examencommissie de kwaliteit niet kan garanderen of ongeldig verklaren van een vermiste tentamenuitwerking 1. Indien een tentamen is afgenomen waarvan de examencommissie de kwaliteit niet kan garanderen, kan de examencommissie besluiten om (een deel van) het tentamen en (een deel van) het tentamenresultaat ongeldig verklaren. 2. Onder kwaliteit in de zin van het voorgaande lid wordt kwaliteit in de ruimste zin van het woord bedoeld, waaronder: validiteit, betrouwbaarheid, authenticiteit en transparantie. 3. Indien de uitwerking van een tentamen wordt vermist, wordt daaraan geen resultaat toegekend. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

183 Artikel 6.7 Bezwaar en beroep Tegen het besluit van de examencommissie, als bedoeld in artikel 6.5, kan de student een bezwaar maken en eventueel beroep instellen volgens de procedure beschreven in de regeling rechtsbescherming besluiten het onderwijs betreffende van het studentenstatuut. PARAGRAAF 7 GETUIGSCHRIFT EN DIPLOMASUPPLEMENT Artikel 7.1 OER als kaderstellend document 1. In de OER zijn in paragraaf 4, 6, 7 en 8 kaderstellende bepalingen vastgelegd met betrekking tot de taken en bevoegdheden van de examencommissie op het gebied van onderwijseenheden, tentamens en integrale toetsen. 2. De in deze paragraaf (7) opgenomen artikelen zijn een nadere precisering van en/of aanvulling op deze OER-bepalingen. Artikel 7.2 Vaststellen of de student voldoet aan de eindkwalificaties benodigd voor het verkrijgen van de graad 1. De kader-oer wordt (als onderdeel van het opleidingsstatuut) nader ingevuld door de instituutsdirecteur, door hem ter advisering voorgelegd aan de opleidingscommissie en vervolgens door hem ter vaststelling voorgelegd aan de faculteitsdirecteur. De faculteitsdirecteur legt zijn voorgenomen besluit ter vaststelling van de facultaire OER'en - ter instemming - voor aan de Faculteitsraad (FR). Na instemming van de Faculteitsraad stelt de faculteitsdirecteur de OER definitief vast. 2. De examencommissie dient op objectieve en deskundige wijze vast te stellen of een student voldoet aan de eisen die de OER stelt ten aanzien van kennis, inzicht en vaardigheden die nodig zijn voor het verkrijgen van een graad. 3. Examinatoren beoordelen de tentamens aan de hand van de in de OER opgenomen criteria en door de examencommissie vastgestelde normen. 4. De examinatoren verwerken de resultaten van de beoordeelde tentamens in studenteninformatiesysteem. 5. Het onderwijsbureau draagt er zorg voor dat het studenteninformatiesysteem vervolgens automatisch berekent of een student aan de eisen heeft voldaan voor het behalen van het getuigschrift en de graad. Artikel 7.3 Getuigschrift 1. De examencommissie verstrekt eenmalig een Nederlandstalig getuigschrift aan de kandidaat die geslaagd is voor een examen. 2. Bij het opstellen van het getuigschrift wordt door de examencommissie gebruik gemaakt van het door het college van bestuur van de HAN vastgestelde format. 3. De datum die op het getuigschrift staat is de datum waarop de examencommissie heeft besloten dat de kandidaat voor het betreffende examen geslaagd is. Deze datum geldt als de officiële datum van geslaagd zijn. 4. De examencommissie controleert de op de getuigschriften vermelde onderwijseenheden en studiepunten op juistheid. 5. Het instellingsbestuur is verantwoordelijk voor de verlening van de graad aan degene die met goed gevolg het afsluitend examen van een bacheloropleiding of associate degree-programma in het hoger beroepsonderwijs heeft afgelegd. 6. Het college van bestuur van de HAN heeft de verantwoordelijkheid tot het verlenen van de graad aan een student gemandateerd aan de examencommissies. 7. Aangezien de examencommissie vaststelt of het eindniveau voldoende is om een graad te verlenen en bovendien tot taak heeft het getuigschrift uit te reiken, verleent de examencommissie feitelijk de graad aan de student. Artikel 7.4 Diplomasupplement 1. Een kandidaat die het getuigschrift behorende bij het afsluitend examen uitgereikt krijgt, ontvangt van de examencommissie een Engelstalig diplomasupplement (DS). 2. Bij het opstellen van het diplomasupplement wordt door de examencommissie gebruik gemaakt van het door het college van bestuur van de HAN vastgestelde format. 3. Het onderwijsbureau draagt er zorg voor dat het studenteninformatiesysteem vervolgens automatisch controleer of een student aan de voorwaarden heeft voldaan door de op het document vermelde studiepunten en cijfers te controleren. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

184 4. Een diplomasupplement is voorzien van de naam en handtekening van de voorzitter van de examencommissie en van een stempel van de HAN. Artikel 7.5 Getuigschriftvertaling 1. Voor vertalingen kunnen afgestudeerden zich wenden tot een beëdigd tolk/vertaler (zie: 2. Alle kosten voor de vertalingen zijn voor rekening van de student. Artikel 7.6 Verlies getuigschrift Op verzoek van degene aan wie reeds een getuigschrift is uitgereikt, kan door de examencommissie uitsluitend een door haar gewaarmerkte kopie van het getuigschrift of een verklaring dat betrokkenen dd.mm.jjjj is afgestudeerd aan opleiding xxx van de HAN uitgereikt worden. PARAGRAAF 8 SLOTBEPALINGEN Artikel 8.1 Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin dit reglement niet voorziet en waarin een onmiddellijke beslissing noodzakelijk is, beslist, zo dit tot de bevoegdheden van de examencommissie behoort, de voorzitter van de examencommissie. Zijn beslissing deelt hij zo spoedig mogelijk mee aan de belanghebbenden bij de beslissing. Artikel 8.2 Klacht, bezwaar en beroep inzake beslissingen en handelswijzen van een examencommissie Zie hiervoor de regeling rechtsbescherming besluiten het onderwijs betreffende. Deze regeling is als bijlage 11 opgenomen in het studentenstatuut HAN Artikel 8.3 Vaststelling, inwerkingtreding en wijziging 1. Dit reglement is vastgesteld door de examencommissies van de FEM op 17 april 2014 en treedt in werking met ingang van 1 september Het reglement is ter vervanging van het reglement examencommissies van de FEM dat is vastgesteld op 2 april Dit reglement wordt bekendgemaakt aan de studenten en de medewerkers van de FEM via Insite van alle opleidingen van de FEM. 4. Dit reglement wordt bekendgemaakt aan de studenten en de medewerkers van de instituten genoemd in artikel 1.2 lid 1 van dit reglement door plaatsing via Insite onder Examencommissies FEM. 5. Wijzigingen van dit reglement worden door de betreffende examencommissie bij afzonderlijk besluit vastgesteld. Wijzigingen gedurende het lopende studiejaar vinden uitsluitend plaats indien dit noodzakelijk is voor de bescherming van de belangen van studenten. 6. Wijzigingen kunnen niet ten nadele van een student van invloed zijn op eerder genomen beslissingen van de examencommissie krachtens dit reglement. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

185 Reglement opleidingscommissie Logistiek en Economie Reglement opleidingscommissie voor de bacheloropleidingen en associatedegreeprogramma s van de HAN Artikel 1 Status en begripsbepalingen 1. Dit reglement is een reglement als bedoeld in artikel 25 4 van het bestuurs- en beheersreglement van de HAN. 2. Voor deze regeling gelden de definities en bepalingen die zijn opgenomen in de begrippenlijst van het opleidingsstatuut (bijlage 2 van het opleidingsstatuut). Artikel 2 Gezamenlijke (vergadering) opleidingscommissie(s) 1. Aan elke opleiding of groep van opleidingen is een opleidingscommissie verbonden. 2. In geval de opleidingen van één instituut niet een gezamenlijke opleidingscommissie hebben, vergaderen alle opleidingscommissies behorend tot het instituut gezamenlijk tenminste twee keer per jaar over de gemeenschappelijke punten, waaronder tenminste die genoemd in artikel 3 lid Bij het instituut Bedrijfskunde en Rechten bestaan de volgende opleidingscommissies: - OPC Facility Management - OPC Logistiek en Economie - OPC Bedrijfskunde MER - OPC Human Resource Management - OPC HBO-Rechten Artikel 3 Taken en bevoegdheden 1. Een opleidingscommissie heeft tot taak: Het uitbrengen van advies over de onderwijs- en examenregeling (OER) van de betreffende opleiding. Het jaarlijks beoordelen van de wijze van uitvoeren van de OER van de betreffende opleiding, alsmede het beoordelen van het systeem van kwaliteitszorg van de betreffende opleiding. Het desgevraagd of op eigen initiatief advies uitbrengen aan de instituutsdirectie, de faculteitsdirectie en/of de faculteitsraad over alle andere aangelegenheden betreffende het onderwijs in de betreffende opleiding(en). 2. De gezamenlijke vergadering heeft tot taak: De afzonderlijke adviezen over de OER van de opleidingscommissies die behoren tot een instituut te bespreken. Dit om tot één gezamenlijk advies te komen, zodat de OER op instituutsniveau kan worden vastgesteld. De afzonderlijke beoordelingen van de opleidingen over de wijze van uitvoeren van de OER, alsmede de afzonderlijke beoordelingen van het systeem van kwaliteitszorg bespreken. Dit om te komen tot een beoordeling over de wijze van uitvoering van de OER, alsmede het systeem van kwaliteitszorg op instituutsniveau. Het desgevraagd of op eigen initiatief advies uitbrengen aan de instituutsdirectie, de faculteitsdirectie en/of de faculteitsraad over alle andere aangelegenheden betreffende het onderwijs in de betreffende opleiding(en) op instituutsniveau. Artikel 4 Adviezen en beoordelingen 1. Een advies, respectievelijk beoordeling als bedoeld in artikel 3 lid 1 wordt uitgebracht aan de instituutsdirectie en - door de opleidingscommissie - ter kennisneming gezonden naar de faculteitsdirectie en de faculteitsraad. 2. Een advies, respectievelijk beoordeling als bedoeld in artikel 3 lid 2 wordt uitgebracht aan de instituutsdirectie en ter kennisneming gezonden naar de faculteitsdirectie en de faculteitsraad. 3. Alvorens advies uit te brengen kan de opleidingscommissie overgaan tot raadpleging van de studenten en/of de docenten van de betreffende opleiding. 4. Voor zover de instituutsdirectie een advies van de opleidingscommissie niet volgt, omkleedt zij het desbetreffende besluit met redenen en stelt daarvan de opleidingscommissie, de faculteitsdirectie en de faculteitsraad schriftelijk op de hoogte. Artikel 5 Samenstelling 1. De samenstelling van de opleidingscommissie is als volgt: Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

186 een opleidingscommissie voor één opleiding telt minimaal 4 leden. Een opleidingscommissie voor een groep van opleidingen telt minimaal 2 leden per tot die groep behorende opleidingen. Het aantal leden per opleidingscommissie wordt bepaald door de faculteitsdirectie. 2. Bij de opleidingscommissie wordt: a) de helft van het aantal leden benoemd uit en op voordracht van - de docenten van de betreffende opleiding. In bijzondere omstandigheden of indien betrokkene over bijzondere kwalificaties beschikt dan kunnen in plaats van docenten ook andere personeelsleden worden benoemd. b) de helft van het aantal leden benoemd uit en op voordracht van - de studenten van de betreffende opleiding. Er wordt naar gestreefd dat de verschillende opleidingsvarianten en -fases (voltijd, deeltijd, duaal, propedeuse, postpropedeuse e.d.) in de commissie vertegenwoordigd zijn. 3. De samenstelling van de gezamenlijke vergadering is als volgt: van elke opleidingscommissie wordt de voorzitter en één ander lid afgevaardigd. 4. De instituutsdirectie benoemt de leden van de opleidingscommissie zoals aangegeven in lid 2 en 3 van dit artikel. Artikel 6 Benoemingsprocedure 1. Met in achtneming van artikel 5 benoemt de instituutsdirecteur uit de studenten en de docenten van de opleiding minimaal 4 leden voor een opleidingscommissie voor één opleiding en voor een opleidingscommissie voor een groep van opleidingen. Zowel de studenten, als de docenten dragen zorg voor een voordracht van te benoemen leden. 2. Indien voor de opleidingen van een instituut niet één gezamenlijke opleidingscommissie is ingesteld -kiest elke afzonderlijke opleidingscommissie behorend tot dat instituut jaarlijks uit haar midden een docent en een student, die naast de voorzitter, worden afgevaardigd in de gezamenlijke vergadering. Artikel 7 Zittingsduur 1. De zittingsduur van de leden van een opleidingscommissie en leden van de gezamenlijke vergadering bedraagt 2 jaar, ingaande op 1 september. Aftredende leden kunnen opnieuw voor benoeming voorgedragen worden. 2. Jaarlijks wordt nagegaan of aan de vereisten van artikel 5 van dit reglement wordt voldaan. Indien nodig wordt een nieuwe voordracht opgesteld die aan deze vereisten voldoet. Artikel 6 is hierbij van toepassing. 3. Lid 1 van dit artikel is eveneens van toepassing op de gezamenlijke vergadering. Artikel 8 Beëindiging lidmaatschap 1. Het lidmaatschap van een opleidingscommissie en de gezamenlijke vergadering eindigt: a. na 2 jaar, in geval het lid niet opnieuw voorgedragen wordt; b. tussentijds; - in geval van overlijden; - in geval zich een situatie voordoet zoals beschreven in art. 7, lid 2, tweede volzin; - in geval de docent niet meer aan het instituut, respectievelijk de betreffende opleiding verbonden is; - in geval het student-lid de opleiding verlaten heeft; - in geval van schriftelijke opzegging door het lid - met vermelding van reden tegen het eind van de maand, met inachtneming van een opzegtermijn van 2 maanden. 2. Ingeval van tussentijdse beëindiging van het lidmaatschap van de gezamenlijke vergadering van een van haar leden, wordt met inachtneming van artikel 5 en 6 een nieuw lid uit haar midden benoemd. Artikel 9 Tussentijdse vacatures 1. In het geval van een tussentijdse vacature bij een opleidingscommissie benoemt de instituutsdirectie een opvolger, zoals aangegeven in artikel De benoeming van een opvolger geschiedt binnen 4 weken na het ontstaan van de tussentijdse vacature. 3. De tussentijdse opvolger treedt af op het moment dat degene wiens lidmaatschap tussentijds is geëindigd, had moeten aftreden. 4. Lid 2 en lid 3 van dit artikel zijn eveneens van toepassing op de gezamenlijke vergadering. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

187 Artikel 10 Voorzitter en secretaris 1. De opleidingscommissie kiest uit haar midden een voorzitter en een secretaris, en voor elk van beide een plaatsvervanger. 2. De gezamenlijke vergadering kiest uit haar midden een voorzitter en een secretaris, en voor elk van beide een plaatsvervanger. Artikel 11 Vergaderingen 1. De vergadering wordt bijeengeroepen door de voorzitter van de opleidingscommissie. Deze roept de vergadering minimaal tweemaal per jaar bijeen en voorts wanneer minstens de helft van het aantal leden van de opleidingscommissie hierom verzoekt. 2. De leden van de opleidingscommissie ontvangen uiterlijk 10 werkdagen voor de datum van de vergadering een schriftelijke uitnodiging inclusief de agenda. 3. De vergaderstukken dienen uiterlijk 5 werkdagen voor de vergadering in het bezit te zijn van de leden van de vergadering. Indien deze termijn niet in acht genomen is, kan de vergadering met meerderheid van stemmen besluiten geen advies uit te brengen. 4. De vergaderingen van de opleidingscommissie zijn openbaar, tenzij de opleidingscommissie anders beslist. In besloten vergaderingen kunnen geen besluiten worden genomen. 5. De opleidingscommissie draagt er zorg voor dat haar adviezen en voorstellen ter inzage liggen op een voor de docenten en de studenten van het instituut, respectievelijk de opleiding toegankelijke plaats. 6. De opleidingscommissie houdt tenminste 2 keer per jaar een openbare vergadering conform lid 1 van dit artikel. 7. De data van de openbare vergaderingen worden in overleg met de instituutsdirectie zodanig gepland, dat zij aansluiten bij de HAN-jaarplanning. 8. De opleidingscommissie bepaalt zelf of zij ter voorbereiding van een openbare vergadering een besloten vergadering houdt. 9. De vergadering van de gezamenlijke vergadering wordt door de voorzitter van de gezamenlijke vergadering bijeengeroepen Deze roept de vergadering bijeen zo vaak als is bepaald in artikel 2 lid Lid 2, 3, 4, 5, 7 en 8 van dit artikel zijn eveneens van toepassing op de gezamenlijke vergadering. artikel 12 Besluitvorming 1. De opleidingscommissie beslist bij gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen over het uitbrengen van een advies of voorstel. 2. De opleidingscommissie draagt er in voorkomende gevallen zorg voor dat ook het standpunt van de minderheid van de uitgebrachte stemmen kenbaar wordt gemaakt aan de instituutsdirectie. 3. Lid 1 en 2 van dit artikel zijn eveneens van toepassing op de gezamenlijke vergadering. Artikel 13 Verslaglegging 1. Van iedere vergadering wordt onder verantwoordelijkheid van de secretaris van de opleidingscommissie een verslag gemaakt. 2. Het verslag bevat tenminste: a. datum/tijd/plaats; b. aanwezige leden; c. afwezige leden; d. agenda; e. de hoofdlijnen van de discussie; f. de uitkomst van de adviesaanvragen (met eventuele stemming); g. eventuele stemverklaringen; h. besluitenlijst. 3. Het verslag wordt uiterlijk 15 werkdagen na de vergadering als concept naar de leden gestuurd. 4. Het verslag wordt vastgesteld in de eerstvolgende vergadering. 5. De verslagen van de openbare vergaderingen van de opleidingscommissie worden digitaal beschikbaar gesteld voor de docenten en studenten van het instituut, respectievelijk de betreffende opleiding. 6. Lid 1 tot en met lid 5 van dit artikel zijn eveneens van toepassing op de gezamenlijke vergadering. Artikel 14 Taken instituutsdirectie in relatie tot de opleidingscommissie 1. Zie artikelen 3 en 4. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

188 2. Op verzoek van de instituutsdirectie - of de door haar aangewezen plaatsvervanger dan wel op verzoek van de opleidingscommissie woont de instituutsdirectie of de door haar aangewezen plaatsvervanger - de vergaderingen van de opleidingscommissie of een gedeelte daarvan, bij. 3. De faculteitsdirectie, de instituutsdirectie en de opleidingscoördinator verstrekken de opleidingscommissie alle informatie die deze commissie redelijkerwijs nodig heeft voor de uitoefening van haar taken. 4. De instituutsdirectie draagt er zorg voor dat de studenten en de docenten van het betreffende instituut voldoende op de hoogte zijn van het bestaan en het functioneren van de opleidingscommissie. 5. Lid 1 tot en met lid 4 van dit artikel zijn eveneens van toepassing op de gezamenlijke vergadering. Artikel 15 Rapportage 1. De voorzitter van de opleidingscommissie brengt in elk geval jaarlijks in de maand november schriftelijk verslag uit aan de instituutsdirectie over het functioneren en de werkzaamheden van de commissie in het voorgaande studiejaar. De voorzitter zendt het verslag ter kennisneming aan de faculteitsdirectie en de faculteitsraad. 2. De voorzitter van de gezamenlijke vergadering opleidingscommissie brengt in elk geval jaarlijks in de maand november schriftelijk verslag uit aan de instituutsdirectie over het functioneren en de werkzaamheden van de gezamenlijke vergadering in het voorgaande studiejaar. De voorzitter zendt het verslag ter kennisneming aan de faculteitsdirectie en de faculteitsraad. 3. Het verslag bevat in elk geval informatie over de volgende onderwerpen: - de visie van de opleidingscommissie op haar taak en werkwijze; - het beleids- en activiteitenplan m.b.t. de afgelopen periode (= vorig studiejaar); - de samenstelling van de opleidingscommissie tijdens de afgelopen periode; - de door de opleidingscommissie uitgebrachte oordelen en adviezen in de afgelopen periode; - de reactie van (onder meer) de instituutsdirectie, resp. de voorzitter opleidingscommissie op deze adviezen; - evaluatie van het beleids- en activiteitenplan; - conclusies en aanbevelingen. 4. Het in de leden 1 en 2 bedoelde verslag wordt in ieder geval digitaal en indien gewenst schriftelijk beschikbaar gesteld voor de docenten en studenten van het instituut, respectievelijk de betreffende opleiding(en). Artikel 16 Facilitering en voorzieningen 1. De faculteits- en instituutsdirectie stellen voldoende faciliteiten aan de opleidingscommissie ter beschikking. 2. In concreto impliceren deze faciliteiten het volgende: a. Voor het geheel aan activiteiten van de opleidingscommissie (vergaderingen, voorbereiding) geldt voor elke docent en student een facilitering als richtlijn van minimaal 40 uur en maximaal 60 uur. b. De leden van de opleidingscommissie worden in de gelegenheid gesteld om gedurende een door de faculteits- en instituutsdirectie en de commissie gezamenlijk vast te stellen hoeveelheid tijd de scholing te ontvangen die de leden van de commissie voor de vervulling van hun taak nodig hebben. De docent-commissieleden worden in de gelegenheid gesteld de scholing in werktijd en met behoud van salaris te ontvangen. c. De opleidingscommissie kan in overleg met de instituutsdirectie beschikken over secretariële ondersteuning, vergaderruimte, mogelijkheden tot reproductie/distributie van vergaderstukken en restauratieve voorzieningen. 3. Lid 1 en lid 2 van dit artikel zijn eveneens van toepassing op de gezamenlijke vergadering. Artikel 17 Bescherming Het college van bestuur, de faculteitsdirectie, de instituutsdirectie en de opleidingscoördinator dragen er zorg voor dat de leden van de opleidingscommissie en de leden van de gezamenlijke vergadering - uit hoofde van hun lidmaatschap van de opleidingscommissie niet worden geschaad in hun positie en/of belangen met betrekking tot de hogeschool. Artikel 18 Geschillen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

189 Indien het advies van de opleidingscommissie niet wordt opgevolgd dan kan de opleidingscommissie dit melden aan de medezeggenschapsraad. De medezeggenschapsraad kan een geschil voor de opleidingscommissie aanspannen bij de geschillencommissie medezeggenschap. Artikel 19 Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin dit reglement niet voorziet en waaromtrent een onmiddellijke beslissing van de opleidingscommissie respectievelijk gezamenlijke vergadering, noodzakelijk is, beslist de voorzitter van de opleidingscommissie respectievelijke de voorzitter van de gezamenlijke vergadering. Zijn beslissing deelt hij zo spoedig mogelijk mee aan de overige leden van de opleidingscommissie respectievelijk de overige leden van de gezamenlijke vergadering, de instituutsdirectie, de betreffende opleidingscoördinator(en) en de faculteitsdirectie. Artikel 20 Inwerkingtreding Dit reglement treedt in werking op 1 september 2014 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

190 Deel 3: Studiegids Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

191 Logistiek en Economie Studiegids voltijd Faculteit Economie en Management Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

192 Voorwoord Voor je ligt de studiegids van de opleiding Logistiek en Economie voltijd voor het studiejaar Je vindt in de studiegids de organisatorische vormgeving van de opleiding, het onderwijsprogramma, de OWE-beschrijvingen (onderwijseenheden) en een beschrijving van de praktijkonderdelen die we binnen de opleiding aanbieden. Het curriculum, zoals hierin beschreven, is voortdurend aan ontwikkeling en verbetering onderhevig. We doen dit op basis van resultaten van onderwijsevaluaties en ontwikkelingen in het werkveld. Een goede communicatie tussen de opleiding en de studenten, alsmede de opleiding en het werkveld, is daarbij essentieel. Ons streven is naar intensief onderwijs gefocust op ons primaire proces: het lesgeven, we realiseren minimaal 15 klokuren wekelijkse contacttijd. Wij verwachten dat ook dit studiejaar een goede samenwerking positief bijdraagt aan de kwaliteit van en de sfeer in onze opleiding. Deze studiegids is onderdeel van het Opleidingsstatuut (OS) Logistiek en Economie. In het OS zijn de algemene rechten en plichten van de student opgenomen. In de Onderwijs- en Examenregeling (OER) staan alle regels waaraan opleiding en student zich moeten houden bij de uitvoering van het curriculum. Het OS geeft een compleet beeld van de inrichting en de inhoud van de opleiding. Het gehele OS is te vinden op Insite; het intranet van de HAN. Wij wensen je een succesvol en plezierig studiejaar toe! Arnhem, juli 2014 drs. Lilian Prevoo directeur Instituut Bedrijfskunde en Rechten ing. Jos Clee curriculumvoorzitter Logistiek en Economie Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

193 1 Visie op het onderwijs Logistiek en Economie (LE) is een opleiding aan de Faculteit Economie en Management (FEM). De opleiding wordt aangeboden als voltijdopleiding binnen de FEM. De huidige deeltijd en duale varianten zijn uitlopend (houden op te bestaan) bij de Faculteit Economie en Management. Zij worden vervangen door een soortgelijke opleiding bij het Instituut Werken en Leren. De opleiding Logistiek en Economie stelt zich ten doel het kennisplatform te zijn waarop de student zijn/haar competenties kan ontwikkelen om zich te ontwikkelen tot de nieuwe logisticus. In haar functie als kennisknooppunt, waar onderwijs, onderzoek en ondernemen samenkomen, biedt Logistiek en Economie moderne opleidingsprogramma s die de student de mogelijkheid bieden om op een solide theoretische en praktische ondergrond persoonlijke interesses na te streven. Logistiek en Economie onderscheidt zich door logistici op te leiden die open staan voor hun omgeving, maatschappelijk betrokken zijn en veranderingen binnen en rond de organisatie stimuleren, ondersteunen en realiseren. Iedere Logistiek en Economie opgeleide logisticus bezit, naast de meer algemene op het beroepenveld aansluitende competenties, individuele competenties die hem of haar uniek geschikt maken voor zijn/haar werkveld. De student Logistiek en Economie aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen is meer dan gemiddeld nieuwsgierig, ondernemend en (onderzoeks)vaardig in internationaal perspectief. Het opleiden van logistici waaraan de multinationale netwerksamenleving behoefte heeft én houdt. Voor het studiejaar betekent dit dat de opleiding Logistiek en Economie werkt aan het creeren van een inspirerende, activerende omgeving, zodat onze studenten en docenten vanuit een trots en betrokken gevoel voor de opleiding werken en studeren. De opleiding werkt aan het versterken van de relaties met het werkveld door actief accountbeheer en de inzet van docenten en studenten in onderzoekstrajecten en lectoraten. De opleiding biedt de student ruimte zijn/haar persoonlijk profiel te ontwikkelen, hetzij in een verbredende, meer bedrijfskundige vorm, hetzij in de vorm van specialisatie. Logistiek en Economie promoot actief het ervaren van andere culturen en organisaties middels een buitenlandse stage, minor of afstudeeropdracht, o.a. middels deelname aan buitenlandse programma s voor delen van de opleiding. Daarnaast stimuleert de opleiding de student te excelleren binnen zijn of haar profiel, middels het aanbieden van honoursprogramma s en top talent programma s. Logistiek en Economie is in april 2014 door de Stichting Duurzaam Hoger Onderwijs (www.dho.nl) onderscheiden met het 3-sterrenkeurmerk. Daarmee is Logistiek en Economie nog steeds de eerste en enige duurzame opleiding Logistiek en Economie in Nederland. Logistiek en Economie zet zich actief in voor duurzame ontwikkeling, zowel in onderzoek, bedrijfsvoering en personeelsbeleid als, uiteraard, in het onderwijs zelf. Door studenten op te leiden in een omgeving waarin duurzaamheid een vanzelfsprekendheid is, draagt de opleiding bij aan een verduurzaming van de maatschappij. Daarbij heeft de opleiding aandacht voor de 3 P s: People, Planet en Prosperity. Wij beraden ons op de mogelijkheid om in de nabije toekomst het 4-sterren keurmerk te behalen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

194 2 De opbouw van Logistiek en Economie 2.1 Domein Logistiek en Facility Management Logistiek en Economie vormt samen met de opleiding Academie Diedenoort Facility Management een domein binnen de HAN. De opleidingen binnen een domein richten zich op deels hetzelfde deel van de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld inkoopgerelateerde functies en facilitair logistieke functies. De competenties die studenten ontwikkelen binnen de opleidingen van een domein zijn vergelijkbaar en kunnen zelfs deels gelijk zijn. Beide opleidingen vallen binnen de landelijk vastgestelde BBA- standaard. 2.2 De BBA-standaard De arbeidsmarkt waarvoor hogescholen opleiden mondialiseert in hoog tempo. Afgestudeerden werken in toenemende mate buiten Nederland of hebben in Nederland te maken met buitenlandse markten en internationale wet- en regelgeving. Internationale herkenbaarheid van het opleidingsdiploma en van de opleidingsgraad is een must. Dit alles geldt zeker voor de afgestudeerden van de economische opleidingen van hogescholen, waaronder de LE-opleiding. Het is daarom dat de Vereniging Hogescholen besloten heeft voor het merendeel van die opleidingen de internationaal goed herkenbare en erkende graad Bachelor of Business Administration (BBA) af te geven. De inhoud van deze graad is vastgelegd in de BBA-standaard die per september 2012 is ingevoerd voor een groot aantal economische opleidingen in Nederland. Die hbo-standaard houdt in dat een opleiding er zorg voor dient te dragen dat - gevat in een zowel nationale als internationale context - studenten: een gedegen theoretische basis verkrijgen. het onderzoekend vermogen verwerven dat hen in staat stelt om bij te kunnen dragen aan de ontwikkeling van het beroep. over voldoende professioneel vakmanschap beschikken. de beroepsethiek en maatschappelijke oriëntatie ontwikkelen die past bij een verantwoordelijke professional. Gedegen theoretische basis Een pas afgestudeerde BBA-er heeft een theoretische basiskennis op een aantal kernvakgebieden die van belang zijn voor de (internationale) bedrijfsvoering en voor het vormgeven en innoveren van processen in, zowel de private, als in de publieke sector. Op welk niveau een specifieke BBAopleiding zélf een kernvakgebied aanbiedt en toespitst, hangt samen met het daaraan in het werkveld van die opleiding toegekende belang; dat kan dus variëren! Die kernvakgebieden zijn: accounting business law and ethics economics finance management information systems marketing organizational behavior quantitative techniques strategic management operations management Onderzoekend vermogen Een pas afgestudeerde BBA-er heeft het onderzoekend vermogen om langs de weg van reflectie en evidence based practice tot (te commercialiseren) innovatie van producten, diensten en processen in zowel de private als de publieke sector te komen. Daartoe heeft de BBA-er in de opleiding kennis en ervaring opgedaan met methoden en technieken van (praktijkgericht) onderzoek. Ook kan een BBA-er daarop reflecteren. Hij of zij heeft in de afstudeerfase van de opleiding bewezen dit onderzoekend vermogen in een concrete beroeps/praktijksituatie te kunnen uitoefenen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

195 Professioneel vakmanschap Een pas afgestudeerde BBA-er heeft zich ontwikkeld tot professioneel vakman of vrouw. Hij of zij: is innovatief en ondernemend. bezit goede adviesvaardigheden. beschikt over goede mondelinge en schriftelijke communicatieve vaardigheden. houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. is gericht op (multidisciplinaire) samenwerking. fungeert als sparringpartner zowel binnen als buiten de eigen werkorganisatie. ontwikkelt voortdurend de eigen professionaliteit (persoonlijk leiderschap) en draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. Verantwoord handelen Een pas afgestudeerde BBA-er is zich bewust van de maatschappelijke context van zijn gedurende de opleiding opgedane kennis en vaardigheden. Hij of zij weet dat ethisch handelen onderdeel van zijn of haar professioneel vakmanschap is en moet zijn. Maatschappelijk verantwoord ondernemen, bedrijfsethiek en duurzaamheid zijn onderwerpen van debat in de opleiding. Illustratie Visitekaartje BBA-er Ik ben pas afgestudeerd aan een BBA-opleiding van een Nederlandse hogeschool. Ik heb de graad Bachelor of Business Administration. Ik ben dus een BBA-er. Daar ben ik trots op. Net zoals andere BBA-ers werk ik bedrijfsmatig, klant- en oplossingsgericht. Verder ben ik onderzoekend, innovatief en ondernemend. You too? Voor mij begint overmorgen altijd al vandaag. Zowel in de private als in de publieke sector voel ik me thuis. Thuis houdt niet op bij de Nederlandse grens. Ik laat me de kaas niet van het brood eten. Ja, de rol van sparringpartner in een organisatie past me goed. Samenwerken is deel van mijn professionele instelling, ethisch handelen eveneens. Mijn professie hangt samen met welke opleiding ik precies heb gevolgd. Immers de ene BBA-er is de andere niet. 2.3 Beroepen waarvoor Logistiek en Economie opleidt De (afgestudeerde) logisticus komt terecht in profit en non-profit organisaties in binnen- en buitenland. Logistici komen steeds vaker terecht in de zakelijke dienstverlening met name bij adviesbureaus die de logistieke informatie- en communicatietechnologie verzorgen. Bij het Midden- en Kleinbedrijf (MKB) en non-profit organisaties, zoals overheden en ziekenhuizen, is een startfunctie op managementniveau geen uitzondering. Bij grotere organisaties kan de logisticus via verschillende gespecialiseerde functies groeien naar een leidinggevende positie. Concrete voorbeeldfuncties waarin logistici terecht komen, gekoppeld aan voorbeeldactiviteiten/-taken op het niveau van de beginnend beroepsbeoefenaar in het werkveld, zijn: inkoper: inkoopmanagement en voorraadbeheer productieplanner: productiemanagement en -planning chef bedrijfsbureau: productiemanagement en planning material manager: productiemanagement, productieplanning, inkoopmanagement, magazijnbeheer, customer service hoofd fysieke distributie/logistiek: voorraadbeheer, inkoopmanagement, magazijnbeheer, magazijnoperatie, transportmanagement, transportplanning, traffic management, supply chain management, kwaliteitsmanagement warehouse manager: magazijnbeheer, traffic management, material handling, kwaliteitsmanagement kwaliteitsmanager: logistiek advies, magazijnbeheer, transportmanagement, productiemanagement, kwaliteitsmanagement expediteur: transport management, traffic management, transport planning stafmedewerker logistiek: logistiek advies, logistiek management, voorraadbeheer, productiemanagement, etc. account manager logistiek: customer service beleid, marketing & sales, kwaliteitsmanagement, supply chain management, logistieke ICT, after sales ICT-specialist: logistiek management, transportmanagement, productiemanagement, logistieke ICT, kwaliteitsmanagement, supply/demand chain management logistiek adviseur: logistiek management, transportmanagement, productiemanagement, logistiek Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

196 ICT, workflow management, kwaliteitsmanagement, supply chain management logistiek manager: logistiek management, customer service, inkoopmanagement, marketing & sales, supply/demand chain management, logistieke ICT 2.4 Beroepstaken logisticus De economisch georiënteerde logisticus richt zich op procesoptimalisatie in organisaties en in ketens. Hij of zij heeft aandacht voor marketing, inkoop, bedrijfseconomie, bedrijfskundige processen en juridische aspecten. De ontwikkelingen op het gebied van informatie- en communicatietechnologie, globalisering en het ketendenken zijn zeer belangrijk. Het Landelijk Platform Logistiek HBO heeft, op basis van deze ontwikkelingen en de trends in het beroepenveld, de Dublin Descriptoren en de BBA-standaard (zie paragraaf 2.2) en, in overleg met vertegenwoordigers uit het logistieke beroepenveld, de logistieke competentie geformuleerd. Deze luidt: Het op professionele wijze ontwikkelen, aansturen en uitvoeren van logistieke processen. Duiding van deze logistieke competentie: Professionele duidt op het hbo-niveau dat generiek wordt aangegeven door de Dublin descriptoren. Dit zijn algemene niveaubepalingen die in Europa gangbaar zijn voor hoger onderwijs opleidingen. Het betreft de volgende niveau bepalingen: Kennis en inzicht: een afgestudeerde logisticus heeft actuele multidisciplinaire kennis, inzichten en vaardigheden verworven en een beroepshouding ontwikkeld die passend is voor een logisticus. Toepassing van kennis en inzicht: een afgestudeerde logisticus kan opgedane kennis, inzichten en vaardigheden in combinatie met een passende beroepshouding toepassen bij het oplossen van complexe problemen in de beroepspraktijk. Oordeelsvorming: een afgestudeerde logisticus kan relevante gegevens verzamelen en interpreteren en van daaruit een oordeel vormen dat mede gebaseerd is op maatschappelijke, wetenschappelijke en ethische overwegingen. Communicatie: een afgestudeerde logisticus kan informatie, ideeën en oplossingen communiceren en samenwerken met anderen in een multidisciplinaire en/of internationale omgeving. Leerervaringen: een afgestudeerde logisticus bezit leervaardigheden om een vervolgstudie met een hoog niveau van autonomie aan te gaan. Ontwikkelen, aansturen en uitvoeren verwoorden de verschillende beroepsrollen die de beroepsbeoefenaar kan uitvoeren. Logistieke processen zijn gedefinieerd in de belangrijkste deelgebieden waarin het logistieke thema een rol speelt: de beroepssituaties. De logistieke competentie is uitgewerkt in beroepsrollen. Het Landelijk Platform Logistiek HBO (in het Landelijk Beroeps- en Opleidingsprofiel Logistiek, maart 2013 ) onderscheidt de volgende 3 beroepsrollen voor een logisticus: 1. Ontwikkelen van beleid (Beleid en Strategie) ==> Uitgewerkt in bijdragen aan ondernemingsniveau, aan relaties tussen organisaties en schakels in de keten. 2. Aansturen van werkzaamheden (Organiseren) ==> Uitgewerkt in (eenvoudige) leidinggevende taken en bijdragen aan (eenvoudige) veranderingsprocessen. 3. Uitvoeren (Operaties) ==> Uitvoerende taken (beginnend beroepsbeoefenaar). Daaraan voegt het Landelijk Platform Logistiek HBO expliciet nog 2 generieke competenties voor beginnend beroepsbeoefenaren toe: 1. Sociale en communicatieve competentie: de beginnend beroepsbeoefenaar communiceert en werkt samen op professionele wijze. 2. Zelfsturende deelcompetentie: de beginnend beroepsbeoefenaar werkt actief aan de eigen ontwikkeling. Beide toegevoegde competenties appelleren in sterke mate aan ontwikkelingen die de opleiding in de beroepspraktijk waarneemt. Verwachtingen van zowel klanten en organisatie als het gaat om producten, servicegerichtheid, duurzaamheid, werkomgeving en maatschappelijke zingeving, veranderen voortdurend, mede gevoed door een brede stroom aan vrijelijk verkrijgbare real-time informatie. De rol van de communities is er niet langer één van sociaal netwerk alleen, maar is tevens Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

197 vraagpunt, markt, initiator, (scherp)rechter en autoriteit. Het succes van een onderneming zal meer en meer afgemeten worden aan haar vermogen snel en doorlopend te kunnen initiëren en innoveren. Dit vergt van de nieuwe logisticus, naast een brede basiskennis van logistiek en management, de competentie snel te kunnen schakelen tussen strategische, tactische en operationele niveaus, tussen lokaal, nationaal, regionaal en globaal niveau, tussen verschillende menstypen, verschillende culturen en verschillende managementstijlen. Hierbij zal het durven toelaten van onzekerheden, risico s en mogelijke foute keuzes een kerncompetentie van de nieuwe logisticus moeten zijn. Het werkveld van de logisticus is bij uitstek een internationaal werkveld. Dit betekent dat de beroepstaken alle in een internationale context uitgevoerd (kunnen) worden. De opleiding LE aan de HAN heeft gekozen om de beroepstaken middels het werken aan beroepsproducten te operationaliseren in het onderwijs. Bij de keuze voor beroepsproducten is mede gelet op de internationale component ervan en daarbinnen. Kenmerkende beroepsproducten waarin internationalisering een belangrijke rol speelt zijn, onder andere: Internationaal Ketendiagram, Internationale Distributieanalyse, Europees Aanbestedingsdocument, Internationaal Logistiek Beleidsplan en Cross Cultural Management and Leadership. De internationaliseringcomponent is daarom niet doorvertaald in specifieke eindkwalificaties op het terrein van internationalisering. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

198 2.5 Samenhang logistieke competentie, beroepsrollen, deelcompetenties en context in de beroepssituaties Het Landelijk Platform Logistiek HBO (in het Landelijk Beroeps- en Opleidingsprofiel Logistiek, maart 2013 ) onderscheidt een drietal rollen waarmee ook een niveau-onderscheid wordt gemaakt, te weten: uitvoeren (operationeel niveau) aansturen (tactisch, organiserend en leidinggevend niveau) ontwikkelen (strategisch, beleidsmatig niveau) In het volgende schema geeft het Landelijk Platform Logistiek HBO (LPL HBO) de samenhang aan tussen de logistieke competentie, de 3 beroepsrollen, de deelcompetenties en de beroepssituaties waarin de context wordt verwoord. Complexiteit ONTWIKKELEN (Beleid en strategie) AANSTUREN (Organiseren) UITVOEREN (Operaties) Beroepsrol Beroepssituatie Het op professionele wijze ontwikkelen, aansturen en uitvoeren van logistieke processen. 1. Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. 2. Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. 3. Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken. 1. Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. 2. Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. 3. Past managementtechnieken toe. 4. Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. 1. Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. 2. Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. 3. Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. Demand / Supply Chain Management Transport (inkoop/operations/ verkoopmarkt) Warehousing (inkoop/ operations/ verkoopmarkt) Productie (inkoop/ operations/ verkoopmarkt) Zelfstandigheid Figuur 1 Samenhang tussen de logistieke competentie, de beroepssituaties van een logisticus en de beroepsrollen. (Bron: Landelijk Platform Logistiek; maart 2013; Landelijk Beroeps- en Opleidingsprofiel Logistiek). De eindkwalificaties geven aan waar een student aan het eind van de studie toe in staat moet zijn. Gedurende de opleiding ontwikkelt de student zich naar dit eindniveau. Per onderwijseenheid is aangegeven op welk niveau wordt gewerkt aan de eindkwalificaties. Dit niveau wordt bepaald op grond van: a. Omvang en complexiteit van de taak. b. Complexiteit van de professionele situatie (context). c. Mate van zelfstandigheid en verantwoordelijkheid. Per onderwijseenheid is door middel van beoordelingscriteria geoperationaliseerd op welk niveau de eindkwalificaties worden getoetst. Deze beoordelingscriteria zijn gebaseerd op de niveaubeschrijving, zoals is opgenomen in onderstaande tabel. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

199 Aard van de taak Aard van de context Mate van zelfstandigheid Niveau 1 Niveau 2 Niveau 3 Eenvoudig, Complex, gestructureerd, past gestructureerd, past bekende methoden bekende methoden direct toe volgens aan wisselende vaststaande normen. situaties aan. Bekend, eenvoudig, monodisciplinair, in schoolsituatie. Sturende begeleiding. Bekend, complex, monodisciplinair, in de praktijk onder begeleiding. Begeleiding indien nodig. Complex, ongestructureerd, verbetert methoden en past normen aan de situatie aan. Onbekend, complex, multidisciplinair, in de praktijk. Zelfstandig. Bron: Landelijk Platform Logistiek. Maart Landelijk Beroeps- en Opleidingsprofiel Logistiek. 2.6 Eindkwalificaties opleiding Logistiek en Economie van de HAN Het LPL HBO definieert 3 beroepsrollen (ontwikkelen, aansturen, uitvoeren) in de logistieke competentie. Daarnaast zijn er op algemeen niveau 4 beroepssituaties die de logistieke processen beschrijven: 1 Transport 2 Warehousing 3 Productie 4 Supply Chain Management en/of Demand Chain Management De situaties moeten gezien worden in de logistieke context en zijn inclusief inkoop/sourcing, operations en verkoop/markt. Op basis van de logistieke competentie, de beroepsrollen en situaties en de Dublin descriptoren zijn 3 logistieke deelcompetenties en 2 generieke deelcompetenties voor beginnend beroepsbeoefenaren geformuleerd. De eindkwalificaties van de opleiding LE zijn vastgelegd in termen van deze competenties. De competenties worden per onderwijseenheid benoemd en de beoordelingscriteria zorgen voor adequate aftoetsing hiervan. Logistieke deelcompetenties Ontwikkelen van beleid: 1. Voert onderzoek uit door middel van analyse en vertaalt externe en interne ontwikkelingen naar consequenties voor de organisatie en haar stakeholders. 2. Formuleert beleid op één of meerdere domeinen van de logistiek. 3. Levert een bijdrage aan het ontwikkelen van relaties, ketens en netwerken in samenhang met economische ontwikkelingen. Aansturen van werkzaamheden: 1. Geeft leiding aan het uitvoeren van processen binnen de logistieke domeinen. 2. Kan logistieke processen inrichten, beheersen en verbeteren. 3. Past managementtechnieken toe. 4. Ondersteunt bij het ontwikkelen, implementeren en evalueren van veranderingsprocessen binnen organisaties. Uitvoeren: 1. Plant logistieke operaties en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. 2. Onderkent problemen binnen de logistieke operaties, stelt diagnoses en correcties vast en draagt zorg voor de uitvoering hiervan. 3. Monitort prestaties binnen alle logistieke domeinen. Generieke deelcompetenties Sociale en communicatieve deelcompetentie: 1. Werkt samen in een beroepsomgeving en denkt mee over doelen en inrichting van de organisatie met als kenmerken multidisciplinariteit, interdisciplinariteit, collegialiteit en leidinggeven. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

200 2. Communiceert effectief en zakelijk in de gangbare bedrijfstaal en in relevante beroepssituaties op alle niveaus. 3. Houdt rekening met (internationale) cultuurverschillen. Zelfsturende deelcompetenties 1. Stuurt en reguleert de eigen ontwikkeling op het gebied van leren. 2. Heeft een professionele beroepshouding. 3. Handelt professioneel, ethisch en (maatschappelijk) verantwoord. 4. Draagt bij aan de ontwikkeling van zijn of haar professie in de breedte. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

201 3 Inrichting van de opleiding Logistiek en Economie In dit hoofdstuk lees je hoe de opleiding is ingericht. De structuur van de opleiding en de onderwijsvormen die binnen de opleiding worden toegepast komen hierin aan bod. 3.1 Uitgangspunten De opleiding Logistiek en Economie leidt studenten op tot het hbo-niveau. Zij kunnen zelfstandig beroepsmatig handelen in uiteenlopende situaties die variëren in complexiteit. Deze (variatie in) complexiteit, het multidisciplinair kunnen benaderen van en denken over materie, overzicht weten te behouden en onder tijdsdruk kunnen handelen zijn kenmerken van het werken op hbo-niveau. Het onderwijs is resultaatgericht. Niet meer wat de student moet doen staat centraal, maar wat de student moet kunnen. Daarbij wordt rekening gehouden met het perspectief van de student; het onderwijs moet voor de student plaatsbaar zijn tegen de achtergrond van het beroep. Het onderwijs binnen LE is resultaatgericht opgezet. Dat wil zeggen dat het onderwijs zoveel mogelijk wordt gekoppeld aan problematiek die is ontleend aan de praktijk. Middels verschillende didactische werkvormen, worden die vraagstukken en problemen vervolgens opgelost. Al deze uitgangspunten leiden tot de volgende onderwijsvormen: Probleemgeoriënteerd onderwijs Groepen studenten werken aan het (leren) analyseren en oplossen van problemen eventueel gestuurd door taken en onder begeleiding van een docent-tutor. Op deze wijze wil de opleiding een actieve leerhouding en het leren te leren bevorderen. Projectonderwijs Groepen studenten leren de verworven kennis te integreren en methodisch toe te passen in een praktijkomgeving. Werkgroepen Groepen studenten verwerken door het uitvoeren van opdrachten informatie van ondersteunende disciplines. Simulaties Studenten zullen meermaals in een serious-gaming omgeving geplaatst worden, waarbinnen ze in een logistiek kader een bepaalde rol vervullen. Trainingsgroepen Groepen studenten trainen sociale, communicatieve en beroepsvaardigheden en bekwaamheden. Hoor- en werkcolleges Directe informatieoverdracht aan alle studenten van een studiejaar/cluster staat hier centraal. Individuele begeleiding Begeleiding van die activiteiten die om een individuele benadering vragen: het betreft hier met name studieloopbaanbegeleiding, stagebegeleiding en begeleiding bij de afstudeeropdracht. Praktijkleren Het ervaren van de beroepspraktijk tijdens stages, action learning of afstuderen. 3.2 Inrichting van het onderwijs De inrichting van het onderwijs leidt tot manieren van leren en studeren waarbij kennisverwerving in dienst staat van kennisverwerking, kennistoepassing en probleemoplossing. Bovendien leert de student zijn eigen leerproces te reguleren. Daarbij neemt de opleiding de geïntegreerde aanpak van logistieke vraagstukken als uitgangspunt. De opbouw van het programma sluit aan bij deze aanpak. De opleiding kiest ervoor om binnen een onderwijseenheid verschillende beroepstaken geïntegreerd aan bod te laten komen en ook deze beroepstaken deels geïntegreerd te toetsen in beroepsproducten. De opbouw, over de leerjaren heen beschouwd, gaat van meer gericht op operationele beroepstaken naar beroepstaken die meer tactisch en strategisch van aard zijn met daarbij steeds een duidelijke plaats voor leren in en vanuit de praktijk. Studenten logistiek zullen in hun werk oplossingsgericht moeten werken en daartoe problemen moeten kunnen herkennen, analyseren en oplossen. De oplossing zal veelal geïmplementeerd worden in samenwerking met mensen uit verschillende disciplines. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

202 Daarom is gekozen voor de toepassing van de werkvormen waarbij studenten in overleg/discussie/ gesprek met elkaar treden zoals bijvoorbeeld in probleemgeoriënteerd onderwijs en in projectonderwijs. De opleiding Logistiek en Economie is opgebouwd uit onderwijseenheden, die zijn benoemd in de onderwijs- en examenregeling (OER) en in het opleidingsstatuut (OS). Voor een inhoudelijke beschrijving van de OWE s zie hoofdstuk 5. De propedeuse van de opleiding LE bestaande uit de clusters A en B, is deels gemeenschappelijk met de propedeuses van de andere opleidingen binnen het Instituut Bedrijfskunde en Rechten van de Faculteit Economie en Management (FEM). Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

203 3.2.1 De propedeuse Het eerste jaar van jouw opleiding Logistiek en Economie (LE) heet de propedeuse. Tijdens het eerste jaar maak je kennis met de bedrijfskundige aspecten van de opleiding en met het beroepenveld van de logistiek professional. Je bereidt je daarmee ook voor op de hoofdfase van de opleiding (jaar 2 tot en met 4). Het eerste jaar heeft dan ook als doel na te gaan of je de goede studie hebt gekozen en of de manier van werken en denken aan het hbo je past. We noemen dit de oriënterende en selecterende functie van het propedeutische jaar. Wat leer je tijdens de propedeuse? In het eerste halfjaar van de propedeuse staat bedrijfskunde centraal. Bedrijfskunde is het gemeenschappelijk vertrekpunt van de opleidingen Logistiek en Economie, Bedrijfskunde MER, Facility Management en Human Resource Management. Dit betekent dat alle vier de opleidingen hetzelfde programma kennen gedurende het eerste half jaar. In dat eerste halfjaar wordt de basis gelegd voor Logistiek en Economie als toegepaste bedrijfskundige opleiding. In het tweede halfjaar maak je verder kennis met de beroepspraktijk van de LE-er door een korte stage en door logistieke vakken rond de thema s Evenementenmanagement en Internationale handel, vervoer en distributie. Je hebt zo n 20 (les)uur ingeroosterde contacturen per week. Daarnaast is er tijd nodig om met collega-studenten aan de verschillende projecten te werken. Opbouw van de propedeutische fase In onderstaand schema staat een beknopt overzicht van de onderwerpen die je in het eerste jaar van de opleiding Logistiek en Economie volgt. Eerste halfjaar Tweede halfjaar Bedrijfskunde Marketing Bedrijfseconomie Recht Engels Onderzoek Beroepsoriëntatie Student, beroep en maatschappij Communicatieve vaardigheden Evenementenmanagement Internationale Handel Internationaal vervoer Internationaal recht Korte stage Communicatieve vaardigheden Bedrijfseconomie Engels Onderzoek De structuur van het eerste jaar in onderwijseenheden is als volgt: A-cluster B-cluster Periode 1 Periode 2 Periode 3 Periode 4* ABA ABB BVA BVB APA APB BLA BLB * Voor studenten die halverwege het studiejaar instromen, geldt dat zij in periode 3 starten met de onderwijseenheid ABA, ABB etc. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

204 Het eerste halfjaar (cluster A) In het eerste half jaar, het A-cluster, ligt het accent op bedrijfskunde, op algemene basiskennis en vaardigheden op hbo-niveau. Bedrijfskunde houdt zich bezig met vraagstukken binnen bedrijven en kijkt daarnaar vanuit een integrale benadering. Het gaat daarbij om de organisaties zelf en om de marktomgeving waarin die organisaties staan. Zo staan vakken als Bedrijfseconomie, Marketing en Recht op het programma en werk je in projectgroepen aan opdrachten. Bij Bedrijfseconomie gaat het hier om basiskennis en vaardigheden: een introductie op relevante (bedrijfs)economische onderwerpen en rekenvaardigheden. Daarnaast wordt aandacht besteed aan Onderzoek en Engels. Ook schriftelijke en mondelinge communicatieve vaardigheden staan op het programma. Via gastcolleges maak je kennis met het werkveld van de logistiek professional. Het A-cluster omvat twee onderwijseenheden: Bedrijfskunde en Professionele en maatschappelijke verkenning. Deze onderwijseenheden hebben beide een omvang van 2 x 7,5 ec s (15 ec s per onderwijseenheid) en worden aangeboden gedurende twee periodes. De onderwijseenheden kennen de volgende afkortingen: ABA en ABB voor Bedrijfskunde en APA en APB voor Professionele en maatschappelijke verkenning. De eerste letter staat voor het cluster, de tweede letter voor de titel van de onderwijseenheid en de derde letter voor de periode waarin de onderwijseenheid gepland staat/aangeboden wordt. Waarbij A staat voor de eerste periode van het semester en B voor de tweede periode van het semester. De onderwijseenheid Bedrijfskunde bestaat uit de vakken: Bedrijfskunde, Algemene Economie en Rekenvaardigheden en Marketing. De onderwijseenheid Professionele en maatschappelijke verkenning bestaat uit verschillende vakken. In het kader van Bedrijfskunde staat Recht op het programma. Engels en Nederlands zijn algemene basiskennis en vaardigheden. Daarnaast wordt er een start gemaakt met onderzoeksvaardigheden en communicatieve professionele vaardigheden en wordt aandacht besteed aan de relatie student, het toekomstige beroep en de maatschappij. Tijdens gastcolleges en excursies maakt de student kennis met het toekomstig werkveld. Bij Studieloopbaanbegeleiding krijgen studenten de informatie die nodig is om de weg te vinden in de school en in de opleiding. Er wordt aandacht besteed aan onderwerpen die te maken hebben met studeren en studievaardigheden. Het tweede halfjaar (cluster B) In het tweede halfjaar staat een onderwijseenheid Evenementenmanagement op het programma. Door het organiseren van een evenement maak je kennis met de projectmatige en logistieke kant van evenementen. Als tweede onderwijseenheid staat het thema Operationele internationale handel en vervoer gepland. In deze onderwijseenheid ga je dieper in op praktische zaken rondom internationale handel: Wat moet er allemaal geregeld worden om goederen van de ene plek op de wereld naar de andere te krijgen? is de vraag die centraal staat. Uiteraard besteden we aandacht aan een professionele houding, vaardigheden en ethisch handelen. In een korte stage maak je kennis met logistieke aspecten in de praktijk. Ook in dit halfjaar staan Onderzoek en Engels op het programma. Verschillende werkvormen Tijdens de propedeuse werk je samen met andere studenten aan opdrachten. Daarnaast heb je individuele toetsen en opdrachten. Als ondersteuning voor de verschillende opdrachten volg je trainingen, neem je deel aan hoor- en werkcolleges en raadpleeg je docenten. Je hebt zo n 20 contacturen per week. Tijdens een contactuur ben je op school aanwezig voor colleges of afspraken met een docent. Buiten deze contacturen is er tijd om met medestudenten te werken aan opdrachten. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

205 3.2.2 De hoofdfase De hoofdfase van de opleiding is onderverdeeld in zes clusters aangeduid met de letters C t/m H. Ieder cluster omvat één of meerdere onderwijseenheden. In totaal kent de hoofdfase van de opleiding Logistiek en Economie in de voltijd voor het major-deel 13 onderwijseenheden. Voor een gedetailleerd overzicht van deze 13 onderwijseenheden wordt verwezen naar paragraaf 5. Elke onderwijseenheid in de hoofdfase kent de volgende gemeenschappelijke kenmerken: - er wordt gewerkt met individuele en met groepsopdrachten. - je leert (geïntegreerd) logistiek te denken. - je traint je persoonlijke vaardigheden. - de nadruk ligt op multidisciplinariteit. - je wordt gestimuleerd tot zelfstudie en creatief denken. - je krijgt veel beroepsgerelateerde opdrachten. De opleiding heeft ervoor gekozen de onderwijseenheden thematisch op te zetten en binnen een onderwijseenheid bij het werken aan een beroepsproduct meerdere beroepstaken aan de orde te stellen. Binnen de leerjaren is er geen noodzakelijke volgtijdelijkheid van onderwijseenheden tussen de verschillende clusters. Tussen de leerjaren geldt deze volgtijdelijkheid wel. Schematisch is de opleiding met zijn thema s als volgt weer te geven: jaar 4 Semester H - afstudeerstage jaar 3 jaar 2 jaar 1 Semester G - minor Semester F - logistiek management Semester E - de beroepspraktijk: stage Semester C - Semester D - externe interne aspecten aspecten logistiek logistiek Propedeuse semester A + B Elk onderwijscluster valt samen met een onderwijssemester. Een cluster/semester kent een standaardomvang van 30 studiepunten (840 studiebelastingsuren). Een cluster of semester bestaat uit een of meerdere onderwijseenheden met een minimale omvang van 7,5 studiepunt (210 studiebelastingsuren) en of veelvouden hiervan. Onderstaande tabel geeft een beknopt overzicht van de vierjarige opleiding Logistiek en Economie, dus propedeuse, major en minor. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

206 - Tabel 2: Opleidingsprogramma voltijdopleiding Logistiek en Economie HAN PROPEDEUSE HOOFDFASE Cluster A Cluster B Cluster C Cluster D Cluster E Cluster F Cluster G Cluster H Bedrijfskunde A Evenementen management Ketendiagram Intern voorraad concept Praktijk stage Minor Quality Management Afstudeerproject 7,5 EC 7,5 EC 7,5 EC 7,5 EC Professionele en Maatschappelijke Verkenning A Aanbestedingsdocument Logistiek concept ERP en Business Intelligence 7,5 EC 15 EC 7,5 EC 7,5 EC 7,5 EC Bedrijfskunde B Internationale Vervoers Operatie Logistieke analyse Distributieanalyse Management & Leadership 7,5 EC 7,5 EC 7,5 EC Professionele en Maatschappelijke Verkenning B Service Level Agreement Policy Plan Logistics - 7,5 EC 15 EC 7,5 EC 15 EC 30 EC 7,5 EC 30 EC De opleiding streeft ernaar het curriculum voor zoveel mogelijk studenten aan te bieden in hierboven gepresenteerde chronologische volgorde. Afwijkingen kunnen voorkomen, mede afhankelijk van instroommoment. Afwijkingen kunnen ook optreden in geval van studie buitenland, zij-instromers bij wisseling van opleidingsvariant dan wel een groot aantal sleep-onderdelen (niet behaalde ec s) en door persoonlijke studiekeuzes van de student. De opleiding stelt zich uitdrukkelijk op het standpunt dat de stage (cluster E) een belangrijke fase in het curriculum is en bij voorkeur zo vroeg mogelijk in het curriculum plaats heeft. Dit betekent dat indien hiervoor aanleiding is, in individuele gevallen, het stagecluster naar een eerder moment in het curriculum verschoven kan worden. Het verschuiven van de stage naar een later moment in het curriculum wordt afgeraden. Voor de afstudeerfase geldt dat deze in principe aan het einde van de opleiding wordt geprogrammeerd. 30 EC Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

207 3.3 Toetsen in de opleiding Logistiek en Economie In de opleiding ontwikkelt de student de competenties om de beroepstaken uit te kunnen voeren. De beroepstaken zijn vertaald naar onderwijseenheden. De competentieontwikkeling wordt vastgesteld door middel van tentamens gekoppeld aan deze onderwijseenheden of via integrale toetsen. De opleiding LE kent verschillende vormen van toetsen. Zo is er onder andere sprake van individuele schriftelijke tentamens, individuele mondelinge toetsen, individuele practicumtoetsen, papers, individuele en groepsberoepsproducten. In de beschrijving van de onderwijseenheden in deze studiegids kun je vinden welke toetsen, met toetscodes, er voor elke onderwijseenheid geprogrammeerd zijn. Ook vind je in deze beschrijvingen informatie over het toetsmoment, vereiste minimumscore en de wegingsfactor die het toetsresultaat heeft in de uiteindelijke cijferbepaling van de onderwijseenheid. Ook tref je in de beschrijvingen van de onderwijseenheden welke beoordelingscriteria er gelden. Elke eindkwalificatie wordt meerdere malen getoetst, met verschillende toetsvormen. Elke toets bij een afzonderlijke eindkwalificatie toetst een specifiek onderdeel van de betreffende eindkwalificatie. Dit betekent dat verschillende toetsen bij een eindkwalificatie complementair zijn en dus niet onderling verwisselbaar. Om een eindkwalificatie behaald te hebben, moet dus elke toets afzonderlijk gehaald zijn. De opleiding LE werkt daarnaast, in het tweede leerjaar, ook met mondelinge assessments. Tijdens deze assessments bediscussieer je in tweetallen met een tweetal assessoren stellingen op het vakgebied. Voor de specifieke procedure rondom deze mondelinge assessments wordt verwezen naar paragraaf 4.2 in deze studiegids. In het derde leerjaar werkt de opleiding ook met simulaties (games) als toetsinstrument. Op drie momenten in de opleiding leggen studenten een integrale toets af. Dit zijn in de propedeuse OWE BVB (cluster B), inclusief toets ABB-ASS1A.4 (cluster A)), de stage in de hoofdfase (cluster E) en de afstudeerfase (cluster H) Plagiaat Een van de dingen die je als student moet leren tijdens je opleiding is op een verantwoorde manier omgaan met bronnen. Het is heel belangrijk bronnen te gebruiken om tot een degelijk antwoord of product te komen. Zelf kan je niet alles weten en bouwen op kennis van anderen maakt jouw stuk betrouwbaarder en beter. Het is ook belangrijk dat je kan laten zien dat je weet wat er over het gebied waar jij over schrijft al geschreven is. Het is belangrijk deze bronnen correct te vermelden. Doe je dit niet dan ben je schuldig aan plagiaat. Het is niet toegestaan om andermans werk te gebruiken en net te doen alsof jij het geschreven of bedacht hebt. Wees dus heel zorgvuldig met je bronvermeldingen. Plagiaat is het gebruiken van een werk zonder toestemming en zonder vermelding van de oorspronkelijke auteur, waarbij de pleger van het plagiaat het doet voorkomen alsof dit zijn eigen oorspronkelijke werk is. Bij de HAN valt plagiaat onder onregelmatigheden. Deze staan beschreven in het OER. Gevolgen van plagiaat Wanneer plagiaat wordt geconstateerd in een rapport/beroepsproduct/verslag door de examencommissie dan zal de examencommissie conform artikel 6.3 van het Reglement examencommissies van de Faculteit Economie en Management in principe de volgende sancties opleggen: 1. Het rapport/verslag/beroepsproduct wordt van onwaarde verklaard. 2. Je wordt uitgesloten van deelname aan het tentamen voor het lopende en komende semester. Als het om een beroepsproduct/verslag gaat, kun je het onderwijs na de periode van uitsluiting weer volgen naast andere onderwijseenheden en het alsnog met succes afronden. Als het om een stage of afstudeeropdracht gaat, dan zal jij je stage of afstudeeropdracht geheel opnieuw moeten doen, dus inclusief het praktijkdeel Bronvermeldingen Bij de HAN wordt extra aandacht besteed aan het tegen gaan van plagiaat. We vinden het belangrijk dat studenten leren om hun bronnen op een goede manier te verantwoorden. Bijna alle opleidingen gebruiken de APA-methode van bronvermeldingen, zo ook de opleiding Logistiek en Economie. Meer informatie over correcte bronvermelding en het maken van een literatuurlijst etc. vind je op: Ephorus De HAN heeft een applicatie aangeschaft die docenten helpt in het opsporen van plagiaat. Ephorus is een webbased programma dat teksten met elkaar vergelijkt. Het is mogelijk dat de opleiding vraagt Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

208 om een document, behalve direct bij de docent, ook via Ephorus in te leveren. De docent krijgt dan een rapportage waarin hij of zij kan zien welke bronnen de student heeft gebruikt en of deze netjes zijn vermeld. Om een product in te kunnen leveren bij Ephorus heeft de student een inlevercode nodig. Deze code geeft de docent. Producten kunnen worden ingeleverd door naar te gaan, alle velden in te vullen, een product te kiezen en het vinkje onderaan aan te vinken. 3.4 Curriculum per cohort (volgorde clusters) Studenten die per 1 september in de hoofdfase instromen of studenten die per 1 februari in de hoofdfase instromen doorlopen de onderwijsclusters in verschillende volgorden. Onderstaande tabel geeft voor elk mogelijk startmoment de geadviseerde volgorde van clusters aan. Afwijken van de genoemde volgorde is in principe niet mogelijk alleen in individuele gevallen, na overleg met en goedkeuring door de (senior) studieloopbaanbegeleider. Voor de propedeuse geldt altijd de volgorde A - B. Tabel 3: Volgorde clusters bij instroom in september en in februari start: september 201X februari 201X+1 september 201X+1 februari 201X C D E F (stage) B D C E (stage) september 201X+2 G (minor) G (minor) februari 201X+3 H (afstuderen) F september 201X+3 H (afstuderen) 3.5 De stage en de stagedrempel Je mag pas aan de stage beginnen als je de stagedrempel hebt gehaald. De stagedrempel is: je hebt de propedeuse met succes afgerond. je hebt in de hoofdfase tenminste 45 ec s behaald. je hebt een positief stage-advies van je studieloopbaanbegeleider. je stageplaats en eventuele stageopdracht zijn goedgekeurd door de praktijkcoördinator. Voor de procedures rondom de stage, te weten informatiebijeenkomsten, trainingen, stagewerving, stageproces e.d. wordt verwezen naar de stagehandleiding en de beschrijving van de onderwijseenheid stage verderop in deze studiegids. Een aantal activiteiten ter voorbereiding op het stagecluster vindt plaats in het cluster voorafgaand aan de stage. In het Studieloopbaantraject voorafgaand aan het stagecluster neemt de keuze voor een stageplaats een belangrijke plaats in. De studieloopbaanbegeleider zal je dan ook ondersteunen bij het maken van een keuze. Wil je op stage gaan dan dien je je altijd vooraf aan te melden bij de praktijkcoördinatoren van de opleiding. De opleiding biedt ook de mogelijkheid om in het buitenland op stage te gaan. Heb je hierin interesse, neem dan contact op met de praktijkcoördinator en met Bureau Internationale Betrekkingen FEM of met de Balie International Office HAN, te Arnhem Ruitenberglaan 31, kamer E1.01 en te Nijmegen Kapittelweg 33, kamer B0.02. In paragraaf 3.10 van de studiegids tref je ook nog informatie aan over stage lopen in het buitenland. Let op: voldoe je niet aan de stagedrempel en ga je toch op stage zonder vooroverleg met de de praktijkcoördinator, dan word je onmiddellijk verwijderd van de stageplek. 3.6 De afstudeeropdracht en afstudeerdrempel Het tweede semester van het vierde studiejaar bestaat uit de afstudeeropdracht. Daaraan voorafgaand word je grondig geïnformeerd over de afstudeeropdracht. In eerste aanleg ben je zelf verantwoordelijk voor het aandragen van een afstudeeropdracht van voldoende diepgang en omvang. In overleg met de praktijkcoördinator wordt vastgesteld of een onderzoeksopdracht van het vereiste niveau en omvang is. De opdracht moet door de praktijkcoördinator worden goedgekeurd. Je treedt op als een beginnend beroepsbeoefenaar, je doet in het kader daarvan een onderzoek voor een organisatie en geeft vervolgens een advies en implementatievoorstel waarbij je antwoord geeft op de voorafgestelde probleemstelling. Voor de procedures rondom de afstudeeropdracht, te weten informatiebijeenkomsten, trainingen, opdrachtwerving, afstudeerproces e.d. wordt verwezen naar de afstudeerhandleiding en de beschrijving van de onderwijseenheid Afstuderen verderop in deze studiegids. In het Studieloopbaantraject voorafgaand aan het afstudeercluster neemt de keuze voor een afstudeerplaats en -onderwerp een belangrijke plaats in. De studieloopbaanbegeleider zal je dan ook ondersteunen bij het maken van een keuze. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

209 Wil je afstuderen dan dien je je altijd vooraf aan te melden bij de praktijkcoördinator van de opleiding. Aan de afstudeeropdracht mag je beginnen als je aan een aantal voorwaarden voldoet (de afstudeerdrempel). De afstudeerdrempel is als volgt: - je moet minimaal de volgende ec s hebben behaald: - propedeuse (60 ec s) - 75 ec s behaald in de clusters C, D en F van de opleiding - stage (30 ec s) - minor (30 ec s) - je hebt een positief afstudeeradvies van je studieloopbaanbegeleider - je afstudeerplaats en afstudeeropdracht zijn goedgekeurd door de praktijkcoördinator De opleiding biedt ook de mogelijkheid om in het buitenland af te studeren. Heb je hierin interesse, neem dan contact op met de opleidingscoördinator LE (dhr. Jos Clee) en de praktijkcoördinator LE (dhr. Theo Witjes) en met Bureau Internationale Betrekkingen FEM of met de Balie International Office HAN, te Arnhem Ruitenberglaan 31, kamer E1.01 en te Nijmegen Kapittelweg 33, kamer B0.02. In paragraaf 3.10 van de studiegids tref je ook nog informatie aan over afstuderen in het buitenland. De opleiding biedt in samenwerking met het Lectoraat Logistiek in Allianties ook de mogelijkheid om in het kader van de afstudeeropdracht deel te nemen aan het traject Topcoaches voor Toptalent, een traject dat geïnitieerd wordt door elf hogescholen, de Eigen Verladers Organisatie (EVO) en het platform Kennisakkoord Logistiek. Kern van dit traject is dat de student tijdens zijn laatste studiejaar, gedurende cluster G en de afstudeerfase intensief begeleid wordt door een topmanager van de organisatie waar de afstudeeropdracht wordt uitgevoerd, en nog meer dan in de reguliere situatie stilgestaan wordt bij de persoonlijke ontwikkeling en de groei naar een managementfunctie. Het betreft opdrachten bij gerenommeerde bedrijven zoals bijvoorbeeld SABIC, Shell, DAF, Heineken en Corus. Landelijk worden studenten van de verschillende opleidingen Logistiek en Economie en opleidingen Logistiek en Technische Vervoerskunde gerecruteerd. Uit de aanmelders wordt landelijk, na een selectieprocedure, een aantal studenten gekozen dat daadwerkelijk mag starten. Voor meer informatie kun je contact opnemen met de praktijkcoördinatoren of de website raadplegen: Let op: voldoe je niet aan de afstudeerdrempel en ga je de opdracht toch bij een bedrijf doen zonder vooroverleg met de praktijkcoördinator, dan word je onmiddellijk verwijderd van de afstudeerplek. 3.7 De minoren In cluster G (eerste semester vierde leerjaar) kan de student zich voor 30 ec s verder verdiepen of verbreden in een aantal keuzerichtingen, de zogenaamde minor. De opleiding verzorgt zelf een minor: Slim plannen en organiseren in de zorg. Het Instituut Bedrijfskunde en Rechten, waar de opleiding LE een onderdeel van is, biedt daarnaast ook minoren aan. Kies je voor een minor uit deze lijst dan moet je vooraf overleg plegen met de SSLB er. De SSLB er toetst na overleg met de examencommissie onder andere of de aangevraagde minor past binnen de diplomeringsvereisten van de opleiding LE. Alle informatie m.b.t. minoren kun je vinden op: HAN Insite -> Economie, Management en Recht -> Logistiek en Economie -> Onderwijs -> Minoren. Minoren die bij andere instituten aangeboden worden, kunnen voor een student Logistiek en Economie wellicht ook passend zijn in de persoonlijke ontwikkeling. Hiervoor gelden dezelfde regels als hierboven genoemd. Kies je voor een minor hier uit dan moet je vooraf overleg plegen met de SSLB er. De SSLB er toetst na overleg met de examencommissie onder andere of de aangevraagde minor past binnen de diplomeringsvereisten van de opleiding LE. Voor een aantal minoren geldt dat deze alleen aangeboden worden bij voldoende inschrijvers en/of dat deze één maal per studiejaar aangeboden worden. Informeer je dus vooraf goed over de minoren. Minimaal één maal per jaar wordt er door de HAN een minorenmarkt georganiseerd. Op de website HAN Insite -> opleiding LE ->Direct naar Minoren, kun je meer informatie vinden over de minoren en over de wijze van inschrijving. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

210 Wil je geen minor uit het aanbod volgen, maar zelf een minor samenstellen, de zogenaamde vrije minor, dan dien je hiervoor contact op te nemen met de SSLB er en goedkeuring te verkrijgen van de examencommissie van het Instituut Bedrijfskunde en Rechten. Het is ook mogelijk om je minor te volgen bij een andere instelling voor hoger onderwijs. Minoren en Alluris Inschrijven voor een minor kan in 2014 in HAN-SIS. Vanaf 2015 vindt de inschrijving op een minor in Alluris plaats. Zie t.z.t. voor de handleidingen Kiezen voor een tweede taal Je kunt tijdens de minor je talenkennis verdiepen en/of verbreden. Zo biedt het instituut Bedrijfskunde en Rechten onder andere de mogelijkheid om een minor Duits van 7,5 EC s te volgen. Uiteraard kun je elders binnen de HAN Spaans of verdiepende modules Engels volgen. Je kunt bijvoorbeeld kijken op Insite, HAN-sites, HAN Talencentrum. Verder kun je in de studiegidsen van CE, CO, IBMS of IBL kijken of er een verdiepende module Engels is die je interessseert Studeren in het buitenland in de minorfase Zie paragraaf Studieloopbaanbegeleiding De opleiding LE kent Studieloopbaanbegeleiders (SLB er) en Senior Studieloopbaanbegeleiders (SSLB er). In het eerste leerjaar krijgt elke student een studieloopbaanbegeleider toegewezen die je gedurende de propedeuse begeleidt. In de hoofdfase krijg je meestal een nieuwe studieloopbaanbegeleider. Binnen studieloopbaanbegeleiding in de hoofdfase van de LE wordt met name aandacht besteed aan de te maken keuzes voor stage, minor en afstudeeropdracht die in het verlengde liggen van een door jezelf gemaakt POP, dat de studieweg beschrijft. Naast individuele gesprekken, organiseert de studieloopbaanbegeleider ook groepsbijeenkomsten. In de SLB-handleiding tref je alle informatie aan met betrekking tot studieloopbaanbegeleiding. Tijdens je studie kun je in aanraking komen met meerdere studiebegeleiders. Hieronder staat aangegeven bij wie je waarvoor terecht kunt. Studieloopbaanbegeleider (SLB er) Elke klas wordt begeleid door een SLB er. De SLB er is jouw eerste aanspreekpunt voor vragen en zal je helpen bij het oplossen van problemen. Tevens voert hij/zij gesprekken met je over jouw studieloopbaan. De SLB er informeert, begeleidt en adviseert je bij de studie en bij de studievoortgang. Hij/zij biedt daarnaast begeleiding bij reflectie op en aansturing van de eigen competentieontwikkeling. Gedurende de opleiding is hij/zij je behulpzaam bij het maken van keuzes. Bij persoonlijke problemen die leiden tot studievertraging is het van groot belang dat je dit tijdig aangeeft, d.w.z. op het moment dat ze zich voordoen. Indien nodig, afhankelijk van het probleem, verwijst jouw SLB er je door naar de Senior Studieloopbaanbegeleider, de campusdecaan of de coördinator propedeuse. Senior Studieloopbaanbegeleider (SSLB er) Als je door ziekte, persoonlijke problemen of bijzondere omstandigheden niet voldoende kunt presteren, zal jouw SLB er je doorverwijzen naar de SSLB er van de propedeuse of de SSLB er van de hoofdfase. (Je kunt overigens ook zelf contact met hen opnemen). In overleg kan dan samen met jou het studieprogramma worden aangepast. Daarnaast kun je bij de SSLB er terecht wanneer je vragen hebt over: extra faciliteiten bij tentamens. Bindend Negatief Studieadvies (BNSA). stoppen met de studie. overstappen naar andere opleidingen. studiefinanciering. regelingen uit het studentenstatuut. de combinatie van topsport en studie. studeren met een functiebeperking. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

211 Bij specifiekere vragen, bijvoorbeeld over financiële ondersteuning, speciale voorzieningen vanwege een functiebeperking of verwijzing naar de studentenpsycholoog kan de SSLB er je doorsturen naar de campusdecaan. De SSLB ers voor de propedeuse zijn: Arnhem, Ruitenberglaan 31, kamer C1.09: Saskia ten Horn. Je kunt via de mail vragen stellen, of een afspraak maken: Nijmegen, Laan van Scheut, kamer 2.02 (2 e verdieping secretariaat): Vera Roelofs. Je kunt langskomen, via de mail vragen stellen of een afspraak maken: De SSLB ers voor de hoofdfase zijn: Arnhem, Ruitenberglaan 31, kamer C3.10: Linda Schijven; Nijmegen, Laan van Scheut, kamer 2.02 (2e verdieping secretariaat): Tony Ebben; Zie voor meer informatie: Insite HAN -> opleiding kiezen -> onderwijs -> studiebegeleiding. Campusdecaan De senior studieloopbaanbegeleider kan de student zo nodig doorverwijzen naar het campusdecanaat. Voorbeelden van vragen kunnen zijn: Je loopt ten gevolge van ziekte of bijzondere omstandigheden studievertraging op en je hebt daardoor financiële problemen. Je hebt een acuut financieel probleem waardoor je studie niet goed gaat. Je hebt specifieke ondersteuning nodig bij je studie in verband met je functiebeperking, je topsport of anderszins. Je hebt vragen over je studiefinanciering. Je hebt vragen over bezwaar- of beroepsprocedures. Je wilt doorverwezen worden naar andere hulpverleners bijv. de studentenpsycholoog van de HAN. De decanen van de campus in Nijmegen zijn: Ton van Amelsvoord en Liesbeth Diemel, De decanen van de campus in Arnhem zijn: Peter Hoekstra en Ingrid van der Heijden, HAN Insite -> Economie, Management en Recht -> Onderwijs -> Studieloopbaanbegeleiding -> Campusdecanaat. De vertrouwenspersonen Wanneer een student te maken krijgt met ongewenst gedrag kan hij of zij zich wenden tot één van de vertrouwenspersonen. Iedere melding wordt strikt vertrouwelijk behandeld. Slechts na toestemming van de student onderneemt de vertrouwenspersoon eventuele verdere stappen. Voor meer informatie zie Insite HAN Insite -> Economie, Management en Recht -> Onderwijs -> Studieloopbaanbegeleiding -> Vertrouwenspersonen. 3.9 Lectoren en gastsprekers De HAN heeft diverse lectoren in dienst. Zij zijn gespecialiseerd in bepaalde onderwerpen. Een van de lectoren heeft specifiek de Logistiek als onderzoeksgebied. Dit lectoraat heet: Logistiek en Allianties. De lector draagt actief bij aan de inhoud van de opleiding LE en biedt onder andere studenten in de afstudeerfase de mogelijkheid om via het lectoraat een afstudeeropdracht te werven en uit te voeren. Daarnaast verzorgt de lector gastcolleges in de opleidingen en werkt hij mee aan de ontwikkeling van een masteropleiding. Wil je meer informatie over het lectoraat Logistiek en Allianties, neem dan contact op met de lector: de heer Stef Weijers Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

212 3.10 Studeren in het buitenland De Faculteit Economie en Management biedt studenten de mogelijkheid om te studeren aan één van de partnerinstellingen in het buitenland. Het is mogelijk om een stage te lopen in het buitenland of een (zelf samengestelde) vrije minor te volgen bij een onderwijsinstelling in het buitenland of om af te studeren in het buitenland. De school beschikt over een netwerk van meer dan honderd partnerinstellingen in Europa, Noord- en Zuid-Amerika, Azië, Australië en Afrika en heeft jarenlange ervaring met de uitwisseling van studenten. Oriëntatie Jaarlijks worden er in november een voorlichtingsbijeenkomst en informatiemarkt gehouden waar studenten zich kunnen oriënteren op een semester studeren in het buitenland. Verder is er informatie te verkrijgen via de Study Abroad Coördinatoren en biedt internet de mogelijkheid tot informatie over de partnerinstellingen in het buitenland. Algemene informatie over Study Abroad is te vinden op de webpagina s van het International Office op Insite. Een zelf samengestelde vrije minor (30 studiepunten) volgen bij een onderwijsinstelling in het buitenland Voorwaarden Om een zelf samengestelde vrije minor in het G-cluster te mogen volgen bij een onderwijsinstelling in het buitenland moet de student aan de minordrempel voldoen. De student bewijst dat hij over de desbetreffende studiepunten beschikt. In uitzonderlijke gevallen kan de SSLB er dispensatie voor deze drempel verlenen. Een (zelf samengestelde) vrije minor mag alleen worden gevolgd als de examencommissie hiervoor toestemming heeft verleend. Procedure Studenten dienen voor de aangegeven deadline (normaliter begin december van het jaar voorafgaande aan het academische jaar waarin de student een studie buitenland wil volgen) een compleet ingevuld application to study abroad in bij het International Office met daarbij gevoegd een cv en een motivatierapport. Op dit formulier dienen zij eerste, tweede en derde keuze voor partnerinstellingen aan te geven. Vervolgens vinden er gesprekken plaats met de Study Abroad Coördinatoren waarbij de student zijn voorkeuren en motivatie kan toelichten. De toekenning van de studieplaats vindt plaats op basis van studieresultaten en motivatie. Bekeken wordt o.a. de kans die er bestaat dat studenten aan het eind van het tweede jaar voldoen aan de voorwaarden. Indien er sprake is van meer vraag dan studieplaatsen, krijgen studenten die hun propedeuse al hebben om deze reden ook voorrang op de studenten die deze nog niet hebben behaald. Studenten ontvangen vervolgens een brief waarin zij een studieplaats krijgen aangeboden. Middels een formulier dient de student aan te geven of hij de aangeboden studieplaats accepteert. Indien dit het geval is, zal hij vervolgens een vakkenpakket samen dienen te stellen met een studielast evenredig aan 45 studiepunten waarbij 1 studiepunt een studielast van 28 uur betekent. Het vakkenpakket moet relevant zijn voor en een toevoeging zijn op het studieprogramma aan de Faculteit Economie en Management. De examencommissie van het instituut Bedrijfskunde en Rechten heeft er bewust voor gekozen om studenten een vakkenpakket van 45 studiepunten te laten samenstellen, omdat in de praktijk soms blijkt dat er bij aanvang van de vrije minor een aantal vakken niet worden aangeboden. De student vult een aanvraagformulier voor een zelf samengestelde vrije minor. Dit formulier kan worden gedownload via Insite Onderwijs Examencommissies FEM. Het ingevulde formulier met informatie van de gekozen vakken (te downloaden of op te vragen bij de onderwijsinstelling in het buitenland) laat de student van advies voorzien door zijn SSLB er. Het aanvraagformulier voor een zelf samengestelde vrije minor met bewijslast en de door de student ingevulde Learning Agreement, wordt door de student ingeleverd bij het ambtelijk secretariaat examencommissie IBR. Zodra de examencommissie IBR de aanvraag voor de zelf samengestelde vrije minor heeft goedgekeurd, ontvangt de student het besluit van de examencommissie. De student zorgt dat de de Learning Agreement overhandigd wordt aan de bevoegde persoon bij International Office. Het Study Abroad Handbook dat verkrijgbaar is bij het International Office, biedt uitgebreide informatie over de aanvraagprocedure en over alle andere zaken die te maken hebben met studeren in het buitenland als uitwisselingsstudent. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

213 Kosten De student betaalt zijn collegegeld aan de Faculteit Economie en Management en betaalt geen collegegeld bij de buitenlandse partnerinstelling. Studenten die in Europa studeren, krijgen een Socrates Erasmusbeurs die een gedeelte van de extra kosten dekt. De Faculteit Economie en Management verzorgt de aanvraag van deze beurzen voor de studenten. Voor buiten Europa zijn er incidentele beurzen beschikbaar vanuit overheidsinstanties. Voor de aanvraag van deze beurzen is de student zelf verantwoordelijk. Stage lopen in het buitenland Zie ook onderwijseenheid stage in deze studiegids. Voorwaarden Om stage te mogen doen in het buitenland, moet de student aan de stagedrempel voldoen (zie paragraaf 3.5). Afstuderen in het buitenland De meeste studenten kiezen ervoor hun afstudeeropdracht uit te voeren bij een (internationaal) bedrijf of organisatie in Nederland. Afstuderen bij een bedrijf of organisatie in het buitenland behoort ook tot de mogelijkheden. De student is zelf verantwoordelijk voor het vinden van een geschikte afstudeeropdracht in het buitenland. Studenten die de intentie hebben af te studeren bij een bedrijf of organisatie in het buitenland, moeten rekening houden met de volgende voorwaarden: de student informeert de praktijkcoördinator én de opleidingscoördinator over zijn intentie de afstudeeropdracht bij een bedrijf of organisatie in het buitenland uit te voeren en houdt hen op de hoogte van het wervingstraject. het bedrijf plus de afstudeeropdracht moeten goedgekeurd worden door de praktijkcoördinator, voordat de student bij het bedrijf aan de slag gaat. de eisen/criteria die voor een afstudeeropdracht in Nederland gelden, gelden ook voor afstudeeropdrachten in het buitenland. Als een student kiest voor een afstudeertraject bij een bedrijf in het buitenland, is het volgende van belang: het is de verantwoordelijkheid van de student om tijdens zijn verblijf in het buitenland contact te houden met de docentbegeleider van de Bedrijfskunde MER-opleiding; de begeleidend docent zal in principe geen bezoek brengen aan het bedrijf waar de afstudeeropdracht wordt uitgevoerd. Het contact zal daarom voornamelijk via of andere social media plaatsvinden. Het afstudeergesprek en de beoordeling vinden in Nederland plaats. Voorwaarden Om te mogen afstuderen in het buitenland, moet de student aan de afstudeerdrempel voldoen zie (3.6) Studiewisselpunt FEM Ben je begonnen aan je studie en heb je het gevoel dat je niet de juiste keuze hebt gemaakt, dat je niet op je plaats zit? Heb je een BNSA gekregen, of verwacht je een BNSA te krijgen? Weet je niet welke opleiding wel bij jou past? Wil je hulp bij het maken van de juiste studiekeuze? Neem dan eventueel, na overleg met je SLB er, contact op met het Studiewisselpunt FEM. Je kunt bij het Studiewisselpunt terecht voor: een persoonlijk gesprek. heroriëntatie. Workshops Studiekeuze. interessetesten. informatie over opleidingen van de HAN. tips om actief aan de slag te gaan met jouw studiekeuze. Je kunt per mail contact opnemen met Wil je liever langs komen dan kun je terecht bij de balie in Arnhem C3.00 en in Nijmegen in ruimte F0.56 (ma, di, wo en vr). Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

214 3.12 Veranderen van opleidingsvariant De opleiding LE wordt niet alleen in de voltijdvariant aangeboden. De LE kent binnen de HAN ook een deeltijd en duale variant (Instituut Werken & Leren) en een Engelstalige variant (Arnhem Business School). Deze laatste heet Logistics Management (Economics). De overstap van de voltijdopleiding naar een van de andere varianten is in sommige gevallen mogelijk. Mocht je dit overwegen, na een gesprek met je SLB er, dan kun je het beste contact opnemen met de SSLB er en met de volgende personen: voor een overstap naar Logistics Management (Economics): Rita van der Veen voor een overstap naar LE deeltijd/duaal: Brigitte Faber-de Lange 3.13 Klachtenregeling Ben je ontevreden over een module, een docent, de literatuur of heb je een andere klacht. Blijf dan niet rondlopen met je ontevredenheid, maar meld je klacht digitaal of direct op een correcte wijze bij de juiste contactpersoon. Klacht over docent Klacht over tentamen Klacht over literatuur/syllabi Bespreek eerst de klacht met de docent zelf. Bij geen oplossing vul je het digitale klachtenformulier op internet in en zal de opleidingscoördinator de klacht behandelen. Je krijgt binnen 48 uur een reactie. De klacht over literatuur of syllabi kan via het digitale klachtenformulier worden ingediend. Klacht over studieloopbaanbegeleiding Bespreek eerst de klacht met je eigen slb er. Bij geen oplossing kun je of de klacht bespreken met de sslb er of de klacht indienen via het digitale klachtenformulier. Klacht over roostering Een schriftelijke klacht De klacht kan via het digitale klachtenformulier worden ingediend. Een schriftelijke klacht kun je indienen bij 't Vraagpunt in een klachtenbus. Vraag bij de baliemedewerker een hiervoor bestemd klachtenformulier en deponeer deze in een daarvoor bestemde klachtenbus. Digitaal klachtenformulier en overige informatie zie Insite: Management, Economie en Recht -> Vragen/Klachten -> Oneens met Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

215 3.14 Wegwijs in LE Wat Wie Waar Vragen over lessen Docent of tutor Flexplekken / Vragen over stage/ afstudeeropdracht Vragen over stage/studie buitenland Praktijkcoördinator Theo Witjes Medewerker Praktijkbureau Anja van der Weerd International Office Arnhem International Office Nijmegen R31 C3.03 R31 C3.02 R31 E1.01 K33 B0.02 Vragen over eigen studievoortgang Senior Studieloopbaanbegeleiding Propedeuse: Arnhem: Saskia ten Horn Nijmegen: Vera Roelofs Hoofdfase: Arnhem: :Linda Schijven Nijmegen: Tony Ebben R31: C1.09 (mailen of op afspraak) LS10: F2.02 R31 C3.10 LS10 F2.02 Vragen over onderwijsprogramma Curriculumvoorzitter Jos Clee R31 C3.03 LS10 F2.02 Vragen over cijfers Vragen over roosters Vragen over totale gang van zaken Intranet / cijferadministratie Propedeuse: Ans Verbeek Hoofdfase: Arnhem: Tiny Rengelink Nijmegen: Sanne de Jong Intranet Directie Instituut Bedrijfskunde en Rechten Lilian Prevoo LS10 F2.02 R31 C3.02 LS10 F2.02 Voor alle 3 personen: LS10 F2.02 Overige vragen Secretariaat Instituut Bedrijfskunde en Rechten Yvonne Clevers Ingrid Lenting-Lamers R31 - C3.02 Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

216 4 Toevoeging aan het examenreglement Logistiek en Economie In deel 2 van het opleidingsstatuut wordt aandacht besteed aan de tentamenregelingen (OER). In het navolgende geven we uitleg met betrekking tot de toepassing van deze regels, zoals die in het opleidingsstatuut vermeld staan. We verzoeken je met klem onderstaande goed te lezen. 4.1 Tentamens en inzage Tentamenrooster Voorafgaand aan de inschrijving voor toetsen wordt het tentamenrooster per afdeling bekendgemaakt via Insite FEM Roosters Tentamenrooster per afdeling. Inschrijving voor, resp. deelname aan, (deel)tentamens/(deel)toetsen Deelname aan (deel)tentamens, respectievelijk integrale (deel)toetsen geschiedt op basis van individuele inschrijving, tenzij anders bepaald in het opleidingsstatuut. Het verzoek tot inschrijving dient tijdig volgens de procedure, zoals opgenomen is in het Opleidingsstatuut, te worden gedaan. Studenten die willen deelnemen aan een (deel)tentamen dienen zich binnen de reguliere inschrijvingstermijn zelf in te schrijven. Een student mag zich per collegejaar (maximaal) 2 keer inschrijven voor een tentamen. Als het de student niet lukt zich in te schrijven voor tentamens moet hij dit tijdens de inschrijfperiode melden met behulp van het Meldingsformulier Tentamen in- en uitschrijving. Dit formulier is te vinden via FEM Insite Roosters. Let op: De toetsdatum die wordt weergegeven in HAN-SIS is fictief. De werkelijke datum is te vinden op het tentamenrooster. Uitschrijving tentamens Tijdens de inschrijfperiode kan de student de tentameninschrijving zelf nog intrekken via het studenteninformatiesysteem. Na sluiting van de inschrijfperiode is uitschrijving in principe niet meer mogelijk. Alleen bij bijzondere omstandigheden kunnen studenten een verzoek tot uitschrijving indienen via het Meldingsformulier Tentamen in- en uitschrijving. Het Onderwijsbureau stemt dit verzoek zo nodig af met de Senior Studieloopbaanbegeleider. Dit formulier is te vinden via FEM Insite Roosters. Voor tentamens in periode 5 (T5) is uitschrijving niet nodig! Tentameninschrijfperiode en inzage Controleer Insite voor de inschrijvingstermijnen, de data waarop de inzage plaatsvindt en overige informatie! Individueel tentamenrooster In de week voorafgaand aan de tentamenweek zal op vrijdag het definitieve individueel tentamenrooster gepubliceerd worden. Hierop kan de student zien welk tentamen in welk lokaal gemaakt moet worden. Zie Insite voor exacte data van concept en definitief tentamenrooster. Twee tentamens op hetzelfde tijdstip Indien twee tentamens op hetzelfde tijdstip zijn gepland, zorgt de tentamenorganisatie ervoor dat de student beide tentamens aaneengesloten kan maken in hetzelfde lokaal, zonder pauze. Op het individuele tentamenrooster is dit niet zichtbaar; daar blijft het oorspronkelijke tijdstip van betreffende tentamens vermeld staan. Het tentamenbureau beslist welk tentamen er als eerste wordt gemaakt. Dit is alleen van toepassing als het tentamens betreft van de opleiding waar de student voor ingeschreven staat en niet wanneer de student aansluit bij een tentamen van een andere opleiding. Schrijfmateriaal bij tentamens Bij de uitwerking van een tentamen mag alleen gebruik worden gemaakt van een blauw- of zwartschrijvende pen. Cijfers Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

217 De cijfers worden in HAN-SIS of Alluris ingevoerd door docenten. De student dient zelf te controleren of die cijfers kloppen. Bij onjuistheden moet de student de betreffende docent hierover mailen. Via Insite Service Bedrijf Studentzaken vind je informatie en handleidingen over HAN-SIS en Alluris. Aangepaste tentamens Studenten die op een aangepaste wijze tentamens willen afleggen, kunnen hiertoe bij de senior studieloopbaanbegeleider die het verzoek beoordeelt en afhandelt. Voorbeelden van aangepaste tentamens zijn: - verlenging tentamenduur - vergroot tentamen - gebruik laptop tijdens een tentamen Verzoeken dienen een maand voordat de inschrijfperiode van de tentamenperiode begint te worden ingediend. Afstuderen Afstuderen, examendata, uitschrijven, uitreiking 1. Controleer in de laatste fase van je studie (nogmaals) of alle cijfers correct zijn ingevoerd. Mochten er cijfers ontbreken, neem dan contact op met de betreffende docent. 2. Zodra je denkt je studie afgerond te hebben, meld je dit bij het Onderwijsbureau De medewerkers van het Onderwijsbureau dragen zorg voor het getuigschrift. 3. De examencommissies bepalen de datum waarop de student is geslaagd. Dit is tevens de datum die op het getuigschrift en het diploma supplement wordt vermeld. 4. De examendatum wordt bepaald op basis van de vastgestelde examendata. Zie voor de examendata Insite Examencommissie FEM Afstudeerprotocol examencommissies FEM. 5. De student wordt geadviseerd zich in de maand dat het laatste resultaat is ingevoerd uit te schrijven in Studielink met als reden Examen. Zie Insite SZ Rondom mijn studie Mijn inschrijving. 6. Normaliter ontvangen de studenten een uitnodiging voor de uitreiking van de getuigschriften. Mocht de student het getuigschrift buiten de uitreiking om willen ophalen, dan kan dit in overleg met de medewerker van het Onderwijsbureau. Let op: Studenten die in tentamenperiode 5 hun laatste cijfer(s) halen, kunnen om organisatorische redenen niet meedoen met de reguliere uitreiking in juli. Inzage Inzage, hercorrectie (protest) 1. De uitslag van volledig of deels schriftelijk of middels enige andere vorm van indirecte communicatie afgenomen tentamens wordt uiterlijk binnen 15 werkdagen nadat het tentamen is afgelegd door de examinatoren bekendgemaakt aan de student, doch ten minste 1 werkdag voordat de inzage plaatsvindt. 2. De uitslag van mondelinge of anderszins direct communicatief afgenomen tentamens wordt uiterlijk binnen 10 werkdagen nadat het tentamen is afgelegd door de examinatoren bekendgemaakt aan de student. 3. Wanneer een uitslag (cijfer) niet bekend wordt gemaakt of na bekendmaking onjuist lijkt te zijn, dient de student binnen 15 werkdagen doch ten minste 1 werkdag voordat de inzage plaatsvindt contact op te nemen met de examinator. 4. Binnen 20 werkdagen, nadat de uitslag van de tentamens bekend is gemaakt, worden de studenten in de gelegenheid gesteld het gemaakte schriftelijke werk in te zien volgens de daarbij gestelde regels (zie artikel 4.2). Daarbij worden de opgaven, de standaarduitwerking en de normering ter beschikking gesteld. 5. Direct na afloop van de inzage kunnen studenten bij de examinator via het protestformulier een inhoudelijk gemotiveerd verzoek indienen om delen van of de gehele uitwerking opnieuw te corrigeren (protest). Op het protestformulier kunnen studenten kort en duidelijk inhoudelijke opmerkingen over het gecorrigeerde werk en/of over de toepassing van de beoordelingsnormen vermelden. De examinator dient binnen 5 werkdagen na het verzoek om hercorrectie (protest) de uitslag van de hercorrectie schriftelijk inhoudelijk gemotiveerd mee te delen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

218 6. Voor (onderdelen van) tentamens waarvoor geen inzage is, kunnen studenten binnen 5 werkdagen na bekendmaking van het resultaat een inhoudelijk gemotiveerd protest indienen bij de examinator. De examinator dient binnen 5 werkdagen na het protest de uitslag hierop inhoudelijk gemotiveerd mee te delen. 7. In bijzondere gevallen kan de instituutsdirecteur van de in bovenstaande leden genoemde termijnen afwijken. De instituutsdirecteur bepaalt in dat geval de gewijzigde termijnen. Gedragsregels voor studenten tijdens tentamenafname 1. In het studentenstatuut HAN (instellingsspecifieke deel) is een gedragsreglement voor studenten opgenomen. Dit reglement bevat naast algemene bepalingen ook bepalingen ten aanzien van het gedrag van studenten in de tentamenlocaties. Iedere medewerker en student van de HAN wordt geacht op de hoogte te zijn van de inhoud van dit gedragsreglement. 2. Hieronder staan additionele bepalingen m.b.t. met name schriftelijke en digitale tentamens. De student: Gedrag 1. volgt de instructies van de surveillant op en gaat respectvol met de surveillant om. 2. gedraagt zich zodanig dat hij/zij andere studenten niet stoort bij binnenkomst en bij vertrek van de tentamenlocatie alsmede tijdens de tentamenafname. De student dient voor, gedurende en na het tentamen stilte in acht te nemen in de ruimte waarin het tentamen plaatsvindt. Dit geldt ook voor de directe omgeving van de ruimte. Identificatie en toelating 3. meldt zich 15 minuten voor aanvang van het tentamen bij het tentamenlokaal; 4. toont de surveillant ter identificatie zijn collegekaart en een geldig identificatiebewijs: een paspoort; een Europees identiteitsbewijs; een Nederlands rijbewijs; een Nederlands vreemdelingendocument. a. Wanneer de student geen collegekaart én geldig identificatiebewijs kan tonen, wordt hij/zij uitgesloten van tentamendeelname. b. Indien geen legitimatie getoond kan worden door bijvoorbeeld diefstal of verlies van het identiteitsbewijs, kan alleen met een originele aangifte van diefstal en/of een originele aanvraag nieuw identiteitsbewijs van de gemeente een bewijs van inschrijving aangevraagd worden bij het Tentamenbureau van Studentzaken om toegelaten te worden tot de tentamenlocatie; c. Indien de student geen collegekaart kan tonen, dan kan de student bij het vraagpunt een kopie uitdraai van zijn collegekaart vragen. 5. wordt door de surveillant afgevinkt op de presentielijst ter bevestiging van deelname aan het tentamen; 6. die niet op de presentielijst vermeld staat maar wel in het bezit is van een na-inschrijving ( kopie mail van onderwijsbureau), kan zich melden bij het Vraagpunt van Studentzaken voor een toelatingsbewijs voor het na-inschrijflokaal. 7. dient ter controle van zijn identiteit door de surveillant - zijn geldige collegekaart en geldig identificatiebewijs rechtsboven op de tafel te leggen gedurende de tentamenafname. Aanvang 1. legt uitsluitend zaken die hij/zij nodig heeft voor het maken van een tentamen op de tafel. De student dient jassen, tassen, etuis, smartphone etc. neer te leggen op de door de surveillant aangewezen plaats. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

219 2. dient de smartphone uit te zetten alvorens hij/zij de smartphone weg legt vermeldt bij aanvang van het tentamen op alle tentamendocumenten zijn naam, studentnummer, klas/groep en verdere door de surveillant gevraagde gegevens. Bij gebruik van kladpapier, noteert de student deze gegevens ook hierop; 4. heeft na de feitelijke aanvang van het tentamen nog maximaal 30 minuten toegang tot de tentamenlocatie. De student ontvangt geen extra tijd voor het maken van het tentamen wanneer hij of zij te laat is. Dertig minuten na het begin van de tentamenzitting worden er geen studenten meer toegelaten. Tijdens het tentamen 5 5. mag tijdens de tentamenzitting van 150 minuten of korter geen gebruik maken van het toilet 6. Bij een tentamenzitting die langer duurt dan 150 minuten, is toiletbezoek na 150 minuten onder begeleiding van een surveillant toegestaan; 6. mag tijdens de eerste 30 minuten na de aanvang van een tentamenzitting niet vertrekken of zijn werk inleveren; 7. kan na de eerste 30 minuten na de aanvang van een tentamenzitting de zitting tussentijds beeindigen door inlevering van de tentamendocumenten en het verlaten van het tentamenlokaal; 8. die middels een daartoe strekkend besluit van de senior studieloopbaanbegeleider recht heeft op extra tentamenfaciliteiten wordt daartoe in de gelegenheid gesteld; 9. mag tijdens het tentamen geen etenswaren nuttigen; bij een tentamenzitting van 150 minuten of langer mag de student etenswaren nuttigen die minimale overlast voor medestudenten veroorzaken3; 10. mag alleen drinkwaren uit een af te sluiten flesje nuttigen; 11. dient het tentamen met de voorgeschreven schrijfbenodigdheden zoals vermeld op het voorblad (zwart- of blauwschrijvende pen of een potlood) te maken; 12. draagt er zorg voor dat schrapkaarten op de juiste wijze en volgens de instructie van de surveillant worden ingevuld; 13. is niet toegestaan op welke manier dan ook (delen van) tentamens te kopiëren of op welke andere wijze dan ook (de inhoud van) tentamens buiten de tentamenlocaties te brengen. Hulpmiddelen 14. mag geen andere hulpmiddelen gebruiken dan die zijn toegestaan. De toegestane hulpmiddelen worden vooraf aan het tentamen door de opleiding vermeld en staan tevens vermeld op het tentamenvoorblad; 15. draagt er zorg voor dat hulpmiddelen niet zijn voorzien van bijschrijvingen etc., behalve als op het tentamenvoorblad staat aangegeven dat dit toegestaan is; Onregelmatigheid 16. wordt voor onregelmatigheden, sancties bij onregelmatigheid en inbeslagname van bewijsmateriaal verwezen naar de geldende bepalingen die zijn opgenomen in het reglement examencommissies (zie reglement examencommissies van de FEM); 4 Gezien de zeer snelle ontwikkeling van de informatietechnologie/digitalisering is het onmogelijk om een uitputtend overzicht op te nemen van tijdens het tentamen verboden digitale media. De melding betreft apparatuur waarmee data kunnen worden weergegeven of opgenomen. Enkele voorbeelden zijn smartphones, usb-sticks, horloges en brillen.. 5 Wanneer de surveillant onverwijld noodzakelijke beslissingen dient te nemen, wordt dit in overleg met de coördinator surveillant gedaan 6 Alleen met een verklaring van de desbetreffende Senior SLB-er kan door de student van deze regel afgeweken worden. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

220 17. mag in geval van constatering van een vermoedelijke onregelmatigheid door de surveillant het tentamen afmaken en ontvangt een kopie van het door de surveillant ingevulde formulier vermoedelijke onregelmatigheid (zie bijlage). Inleveren tentamendocumenten 18. controleert vóór inlevering van de tentamenuitwerking en opdracht(en) of op alle in te leveren tentamenstukken zijn naam, studentnummer, klas/groep en verdere door surveillant gevraagde gegevens (juist) zijn ingevuld; 19. levert alle tentamendocumenten inclusief gebruikt en ongebruikt kladpapier in bij de surveillant en plaatst ter bevestiging hiervoor zijn handtekening op de presentielijst; 20. zorgt ervoor dat alles netjes en opgeruimd wordt achtergelaten alvorens de tentamenlocatie te verlaten. Gedragsregels voor studenten tijdens inzage Regels voor inzage 1. Tassen en jassen moeten vóór in het lokaal worden gedeponeerd. 2. De surveillant of diens plaatsvervanger mag de student te allen tijde vragen een geldige collegekaart en identiteitsbewijs te tonen. 3. De student dient zich te houden aan de instructies die worden gegeven door de surveillant of diens plaatsvervanger. 4. Het gebruiken van eigen schrijfbenodigdheden is niet toegestaan; er mag alleen gebruik worden gemaakt van de door de surveillant of diens plaatsvervanger uitgereikte groene pennen. 5. Studenten van de opleiding HBO-Rechten kunnen tijdens de inzage gebruik maken van een niet geannoteerde wettenbundel. 6. Er mogen geen aantekeningen of wijzigingen worden aangebracht in de gemaakte tentamenuitwerkingen. 7. Standaarduitwerkingen of opgaven mogen niet worden meegenomen, overgenomen of worden gekopieerd. Ook het overnemen van de eigen uitwerkingen is niet toegestaan. 8. Alle gevraagde gegevens op het protestformulier dienen nauwkeurig te worden ingevuld. 9. Alleen vragen op het protestformulier die inhoudelijk worden gemotiveerd, worden beantwoord. 10. Inzage is alleen mogelijk tijdens de vastgestelde dagen die voor het gehele collegejaar vaststaan in de jaaragenda. 11. Bij onduidelijkheden voor en/of tijdens de inzage kan men zich wenden tot de surveillant of diens plaatsvervanger en zo nodig tot het Vraagpunt. Klachten en geschillen inzake beslissingen en handelwijzen van medewerkers en/of surveillanten Indien een student of extraneus het niet eens is met een beslissing of handelwijze van een medewerker en/of een surveillant kan hij middels het klachtenformulier van de betreffende opleiding een klacht indienen bij de instituutsdirectie. Een student die het vervolgens niet eens is met een besluit van de instituutsdirectie naar aanleiding van een klacht kan contact opnemen met Bureau Klachten en Geschillen van de HAN en de procedure volgen conform de Regeling rechtsbescherming besluiten het onderwijs betreffende die is opgenomen in het Studentenstatuut van de HAN. Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin dit reglement niet voorziet en waarin een beslissing noodzakelijk is, beslist de betreffende instituutsdirectie of examencommissie. Zijn/haar beslissing deelt hij/zij zo spoedig mogelijk mee aan de belanghebbenden bij de beslissing. Inwerkingtreding Dit reglement is vastgesteld door A. van Dijk van de FEM op 07 mei 2014 en treedt in werking per 1 september Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

221 Het Vraagpunt Bij het Vraagpunt kan de student terecht met vragen over de volgende onderwerpen: Vragen over het betalen van collegegeld Machtigingsformulier betaling collegegeld / wijzigingsformulier Vragen over de collegekaart Vragen over roosters en reservering van lokalen Informatie over zelfstandig bekijken van studieresultaten Vragen over (inschrijven voor) tentamens Bewijs van inschrijving/uitschrijving Uitgifte van propedeusecertificaten Uitgifte van gewaarmerkte kopieën van getuigschriften Stageverklaringen voor studenten die naar het buitenland gaan. Informatie over Studielink Maken van statements t.b.v. stage/studie buitenland Verificatie getuigschriften Invullen formulieren Bafög Invullen formulieren DUO En veel meer. Mailen kan ook: Voor het reserveren van lokalen: Ga naar Insite FEM, selecteer "roosters" en kies: "aanvraag lokaal (formulier)" 4.2 Bepaling van de eindcijfers van onderwijseenheden In het examenreglement is bepaald, dat op basis van de deeltentamens en de bijbehorende wegingsfactoren het eindcijfer van de onderwijseenheid wordt vastgesteld. Merk op dat het eindcijfer pas bepaald wordt, als voor alle deeltentamens binnen de onderwijseenheid, minimaal een cijfer 5,5 is gehaald. Cijfervaststelling beroepsproducten per onderwijseenheid en herkansingen 1 De minimumscore voor een beroepsproduct (groepscijfer) in een onderwijseenheid is vastgesteld op het cijfer 6,0. 2 De minimumscore voor een individuele student is vastgesteld op cijfer 5,5. Een score lager dan cijfer 5,5 betekent dat de student het beroepsproduct moet herkansen. 3 Voor onderwijseenheden waarin NIET gewerkt wordt met een Peer Assessment score (onderlinge beoordeling van studenten) is het cijfer voor het (groeps)beroepsproduct tevens het individuele eindcijfer van de student voor dit beroepsproduct. 4 Voor onderwijseenheden waarin WEL gewerkt wordt met een Peer Assessment score, wordt het individuele eindcijfer voor de student vastgesteld door het toepassen van een Peer Assessment factor op het (groeps)beroepsproductcijfer. 5 Een Peer Assessment score wordt alleen dan meegenomen in de eindcijfervaststelling indien aan de minimumvereisten van het (groeps)productcijfer is voldaan, te weten cijfer 6,0. 6 De tutor betrokken bij de onderwijsuitvoering van een beroepsproduct bepaalt op basis van het groepsberoepsproductcijfer, de Peer Assessment score en de eigen observatie, het eindcijfer voor de individuele student. De Peer Assessment score van een student wordt door de betrokkenen gecommuniceerd met de studieloopbaanbegeleider van de student. 7 Indien het eindcijfer, na toepassing van de Peer Assessmentprocedure genoemd onder sub. 5 en 6, voor een individuele student lager is dan 5,5, betekent dit dat de student het beroepsproduct moet herkansen. 8 Indien het (groeps)beroepsproductcijfer lager dan 5,0 is, zullen alle studenten die aan dit beroepsproduct gewerkt hebben het beroepsproduct in zijn geheel moeten overdoen in de eerstvolgende onderwijsperiode waarin het onderwijs behorend bij dit beroepsproduct wordt aangeboden. Indien het (groeps)beroepsproductcijfer lager is dan 6,0 en tevens hoger dan of gelijk aan 5,0, dan krijgt de betreffende studentengroep op eigen initiatief een reparatiemogelijkheid van de tutor om het (groeps)beroepsproductcijfer op de minimaal vereiste minimumscore te brengen, waarna lid 1 t/m 6 worden toegepast ter vaststelling van het eindcijfer van de individuele student. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

222 Assessments en herkansingen van assessments 1 De semesters/clusters C en D worden afgesloten met een mondeling assessment. 2 De assessments toetsen of de student kan communiceren over onderwerpen in de keten. 3 De voorbereiding op de assessments vindt deels plaats middels de didactische werkwijze in de clusters (werkvormen zoals onderwijsleergesprek, discussie in projectgroepen) en deels middels onderdelen binnen de BCC-lijn (presenteren en professionele houding) in het curriculum. 4 Het resultaat op een assessment wordt uitgedrukt in een cijfer (4,0 of 6,0 of 8,0). 5 Het behaalde resultaat wordt administratief toegerekend aan twee onderwijseenheden van het betreffende semester en de behaalde score kent daarbinnen een wegingsfactor van 10%. 6 Het assessment is inhoudelijk gekoppeld aan de beroepsproducten waaraan de student in het betreffende semester gewerkt heeft en staat dien ten gevolge volledig los van andere assessments in de opleiding. 7 De student schrijft zich in voor een assessment op de door de coördinator van het onderwijsblok aangegeven wijze. 8 Het assessment wordt in de vorm van een mondeling afgenomen. 9 Het assessment wordt door twee assessoren afgenomen. 10 Het assessment wordt afgenomen in tweetallen studenten. Bij een oneven totaal aantal deelnemers aan een assessmentronde kan hiervan worden afgeweken. 11 Het assessment heeft een duur van 30 minuten. 12 Het assessment wordt gebaseerd op stellingen, die de studenten uiterlijk één week voor aanvang van het assessment aangereikt krijgen. 13 De stellingen kennen een docentuitwerking, waarin kort aangegeven wordt welke inhoudelijke reacties op de stellingen mogelijk zijn en welke begrippen (jargon) aan de orde dienen te komen. 14 De assessor koppelt de resultaten terug middels een gestandaardiseerd formulier. 15 De student legt een kopie van het terugkoppelingsformulier over aan zijn/haar studieloopbaanbegeleider. 16 Indien de student een onvoldoende (cijfer 4,0) behaalt voor een assessment dient de student het assessment te herkansen tijdens de eerstvolgende regulier geplande mogelijkheid. De student dient dit zelf te initiëren richting de clustercoördinator van het cluster waarin het assessment wordt afgenomen. Indien er sprake is van overmacht of anderszins sprake is van voorvallen waarin bovenstaande niet voorziet heeft de coördinator de bevoegdheid af te wijken van het hierboven gestelde. Belangrijke informatie voor afstudeerders: studenten die in de 5 e periode (T5) nog moeten herkansen, kunnen niet deelnemen aan de diploma-uitreiking in juli. In september/oktober wordt hier nog een extra diploma-uitreiking voor georganiseerd. In principe gelden bovenstaande regels voor, zowel de schriftelijke, als niet-schriftelijke tentamens. Dit betekent dus óók voor de niet-schriftelijke tentamens dat een planning openbaar gemaakt wordt, van het rooster waarop deze deeltentamens in die periode uiterlijk ingeleverd dienen te zijn. Indien een toets ná het hierboven bedoelde moment wordt ingeleverd, dan zal geen (eind-)beoordeling meer in die periode kunnen plaatsvinden. De student kan zijn product(-en), dan in de volgende periode weer herkansen, conform het opleidingsstatuut. De producten/inleveropdrachten/verslagen die herkanst moeten worden, mogen niet eerder en niet later dan uiterlijk de vrijdag in week 6 bij de docent ingeleverd worden. Ook de docent heeft hierin verplichtingen. De docent heeft zes werkdagen (vakantiedagen zijn dus geen werkdagen) de tijd om de weekopdrachten na te kijken. Het rooster wordt overeenkomstig het opleidingsstatuut uiterlijk 3 weken voorafgaande aan de tentamenperiode gepubliceerd. Beoordeling schriftelijke producten In het opleidingsstatuut worden bepalingen genoemd over het resultaat van de deeltentamens. Binnen de opleiding Logistiek en Economie geldt dat bij een beoordeling van een schriftelijk product het zorgvuldig gebruik van de taal getoetst wordt. Onzorgvuldig gebruik van de taal zal leiden tot puntenaftrek of het niet beoordelen van het schrijfproduct. 4.3 Alluris vervangt HAN-SIS In december 2014 gaan we over op het nieuwe studie-informatiesysteem Alluris. Deze studiegids is hierop nog niet aangepast. Lees per 2015 Alluris voor HAN-SIS. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

223 Informatievoorziening overstap naar Alluris In november 2014 en in januari 2015 ontvang je meer informatie met betrekking tot de overstap naar Alluris. Hierin wordt duidelijk vermeld wanneer welke actie van studenten wordt verwacht en wat te doen bij vragen of problemen. Overstap naar Alluris: check je studievoortgang/resultaten De informatie die je rond live-gang ontvangt, betreft de volgende acties: Controleer je cijferlijst in HAN-SIS voor 1 december Missen er resultaten of constateer je fouten? Neem dan zo spoedig mogelijk contact op met de desbetreffende docent. Op 1 december 2014 zal HAN-SIS sluiten. Dit betekent dat er vanaf dat moment geen cijfers meer kunnen worden ingevoerd in HAN-SIS. Alle resultaten uit HAN-SIS die vóór 1 december 2014 zijn ingevoerd, zullen worden overgezet naar Alluris. Vanaf 1 december 2014 kun je wel nog steeds je studieresultaten bekijken in HAN-SIS. Met ingang van 5 januari 2015 zul je je studievoortgang bekijken via Alluris. Uiteraard zorgt de HAN ervoor dat jouw behaalde resultaten worden overgezet van HAN-SIS naar Alluris. Het is echter van belang dat je de resultaten zelf controleert. Bekijk daarom vanaf 5 januari 2015 jouw cijferlijst in Alluris om vast te stellen dat al jouw behaalde resultaten ook daadwerkelijk goed zijn overgezet naar Alluris. Let er wel op dat alle resultaten die je hebt behaald in de periode na 1 december 2014 vanaf 5 januari 2015 in Alluris worden ingevoerd. Minoren en Alluris Inschrijven voor een minor kan in 2014 in HAN-SIS. Vanaf 2015 vindt de inschrijving op een minor in Alluris plaats. Zie t.z.t. de handleidingen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

224 5 Beschrijving onderwijseenheden In deze paragraaf wordt elke onderwijseenheid, die de opleiding aanbiedt, beschreven. De beschrijving omvat informatie over organisatorische zaken, inhoudelijke doelen en toetsing. Elke onderwijseenheid is volgens dezelfde methodiek beschreven. Voor verdere of andere details wordt verwezen naar de handleiding die horen bij de verschillende onderwijseenheden en de afzonderlijke modules daarbinnen. Rooster- en toetscodes LE per onderwijseenheid In de beschrijving tref je per onderwijseenheid de roostercodes van de onderwijsmodules en de toetscodes van de toetsen aan. Ter toelichting op gebruikte coderingen tref je hieronder informatie aan. Roostercodes Elke eenheid kent een basiscode die gebaseerd is op het cluster waarin de eenheid wordt aangeboden (eerste positie) en het centrale beroepsproduct (positie 2 en 3). Elke deelmodule binnen de eenheid kent een moduleafkorting van 2 letters en in positie 6 een toevoeging, te weten V voor voltijd. De posities 7 en 8 geven het volgnummer en de versie van de betreffende module aan binnen het curriculum. Toetscodes Op het tentamenrooster staan de toetscodes van de tentamens van de betreffende periode. Elke toets kent een code die gebaseerd is op het cluster en beroepsproduct waarbinnen de toets wordt afgenomen (posities 1, 2 en 3). Elke toets binnen een onderwijseenheid kent een toetsafkorting van 2 letters en in positie 6 een toevoeging, te weten V voor voltijd. De posities 7 en 8 geven het volgnummer en de versie van de betreffende toets aan binnen het curriculum. Positie 10 staat voor de toetsvorm voorafgegaan door een punt (positie 9). Lijst toetscodes: 1 = schriftelijk tentamen 2 = practicum 3 = luistertoets 4 = (mondelinge) presentatie 5 = inleveropdracht 6 = presentatie 7 = project 8 = portfolio 9 = continuous assessment en/of participatie 0 = overig R = rapport Voorbeeld: In de onderstaande tabel staat de toetscode ABAMKT1A.1 A = Clustercode BA Bedrijfskunde deel A = Naam onderwijseenheid MKT Marketing = Modulenaam 1 = Onderdeel A = Versie. 1 schriftelijke tentamen = Toetsvorm Lijst hulpmiddelen: GRM : rekenmachine RM : rekenmachine (niet grafisch) WB : woordenboeken Wettenbundel: wettenbundel en verdragsteksten zonder aantekeningen Alle : alle hierboven genoemde hulpmiddelen Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

225 Iedere opleiding wordt verdeeld in onderwijseenheden, die gevormd worden uit een samenstel van leerstofonderdelen resp. praktijkcomponenten. De studielast (sbu s) van elke opleiding c.q. onderwijseenheid wordt uitgedrukt in European Credits (EC s). De normatieve studielast per collegejaar is 1680 klokuren, opgebouwd uit 42 weken van 40 uur. Eén studiepunt is gelijk aan 28 uren studie en dus 1,5 studiepunt is gelijk aan 42 uren studie. Dit is een berekening conform het European Credit Transfer System (ECTS). De opleiding LE omvat 240 EC s; hiervan worden er 60 toegerekend aan de propedeuse en 180 aan de hoofdfase (2, 3, 4 LE). Raadpleeg voor een goed begrip van deze materie het examenreglement gepubliceerd als de Onderwijs- en Examenregeling van de opleiding Logistiek en Management. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

226 Deel 4: Interne organisatie 1.1 Faculteiten, domeinen en instituten De HAN kent de volgende 4 faculteiten (werkmaatschappijen): Economie en Management (FEM); Educatie (FE); Gezondheid, Gedrag en Maatschappij (FGGM); Techniek (FT). De ondersteunende diensten van de HAN zijn ondergebracht in het Service Bedrijf. De faculteit Economie en Management bestaat vanaf augustus 2013 uit 4 instituten waarbinnen (verwante) bacheloropleidingen worden aangeboden. Het instituut Bedrijfskunde en Rechten (IBR) kent de volgende opleidingen: - Bedrijfskunde MER - Human Resource Management - Logistiek en Economie - Facility Management (Academie Diedenoort) - HBO-Rechten 1.2 Management en organisatie op instituutsniveau Instituutsdirectie Secr. Arnhem Secr. Nijmegen Planning & Roostering Kwaliteits zorg Logistiek & Economie Facility Management Human Resource Management Bedrijfskunde MER HBO-Rechten Praktijk-coörd. S-SLB Praktijk coörd. S-SLB Praktijkcoörd. S-SLB Praktijkcoörd. S-SLB Praktijkcoord. S-SLB CCC LE CCC FM CCC HRM CCC BKM CCC HR Figuur: organogram Instituut Bedrijfskunde en Rechten (IBR) 1.3 Examencommisie(leden) De examencommissie stelt vast of een student voldoet aan de voorwaarden die in de Onderwijs- en examenregeling (OER) worden gesteld ten aanzien van kennis, inzicht en vaardigheden die nodig zijn voor het verkrijgen van de bachelorgraad. De examencommissie wijst voor het afnemen van tentamens en het vaststellen van de uitslag daarvan examinatoren aan. De leden van de examencommissie worden benoemd door de faculteitsdirecteur. Verzoeken aan de examencommissie dienen te worden gericht aan het ambtelijk secretariaat van de examencommissie van het Instituut Bedrijfskunde en Rechten: via via de post: Examencommissie IBR, Postbus 6960, 6503 GL Nijmegen. via de interne post: postvak Examencommissie IBR, Ruitenberglaan 31 te Arnhem of postvak Examencommissie IBR, Laan van Scheut 10 te Nijmegen. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

227 Bezoekadres: Examencommissie IBR, Laan van Scheut 10, 6525 EM Nijmegen, ruimte F Telefonisch bereikbaar via: of Zie ook het model reglement examencommissie (deel 2 van dit opleidingsstatuut). Leden van de examencommissie van het instituut Bedrijfskunde en Rechten: Janny Vogelzang (voorzitter) - BKM en BMS Sonja van Hall (secretaris) - LE en LM(E) Henk Berendsen (plaatsvervangend secretaris) - FM Esther Moons (lid) - HRM Marleen Huls (plaatsvervangend voorzitter) HR Ruud Voets extern lid 1.4 Medezeggenschap van studenten en medewerkers op HAN-, faculteits- en instituutsniveau Bij de HAN is inspraak geregeld op verschillende niveaus binnen de organisatie. Je hebt opleidingscommissies, faculteitsraden en de (centrale) medezeggenschapsraad. Faculteitsraad (FR) Op faculteitsniveau is er een faculteitsraad. Deze raad heeft het recht om alle faculteitszaken te bespreken, vragen te stellen en gevraagd of ongevraagd advies te geven aan de directie. Deze is verplicht hierop gemotiveerd te reageren. De faculteitsraad heeft instemmingsrecht als het gaat om beleid, begroting, onderwijs- en examenregelingen. Een faculteitsraad bestaat uit 12 leden, 6 personeelsleden en 6 studenten. Als student of docent/medewerker kun je in de faculteitsraad meepraten over het beleid dat door het managementteam van de faculteit wordt voorbereid. Het gaat niet alleen om het beleid voor de faculteit, maar ook voor alle instituten die onder de faculteit vallen. De faculteitsraad wordt ondersteund door een secretaresse. Buiten vergaderingen kun je de FR bereiken via Voor informatie over de faculteitsraad zie Insite: https://www1.han.nl/insite/economie/overleg/faculteitsraad/overleg_front_content.xml?lang=nld&&inn o_gen=gen_id_189&sitedir=/insite/mr Medezeggenschapsraad (MR) Via de Medezeggenschapsraad (MR) hebben personeel en studenten op HAN-niveau inspraak. Het CvB is verplicht op vragen en opmerkingen gemotiveerd te reageren. De MR heeft instemmings- en adviesrecht. Instemming of advies van de MR is vereist voor alle beslissingen op het gebied van hogeschoolbeleid, huisvesting, opleidingsaanbod en financiën. De MR bestaat uit zestien leden: acht personeelsleden en acht studenten. In de even jaren worden de personeelsleden gekozen, in de oneven jaren de studentleden. Als student of medewerker kun je in de MR meepraten over het algemene en vaak abstracte beleid van de hogeschool. Voor informatie over de medezeggenschapsraad zie Insite: https://www1.han.nl/insite/mr/home_opl.xml Opleidingscommissie (OC) Op opleidingsniveau is er een opleidingscommissie (OC). Deze heeft geen instemmingsrecht maar adviseert wel over allerlei opleidingszaken. Bijvoorbeeld over de Onderwijs- en Examenregeling en de uitvoering ervan. Het aantal leden van de opleidingscommissie varieert per opleiding. De helft van de OC bestaat uit docenten, de helft uit studenten. Als student of docent kun je via de opleidingscommissie meedenken over het onderwijs en de organisatie van jouw opleiding. Vraag bij je opleidingsmanager meer informatie over de OPC's. Zie ook het HAN-reglement opleidingscommissies (deel 2 van dit Opleidingsstatuut). Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

228 Leden van de opleidingscommissie: Docenten: Tony Ebben Leo Peeters Jos Clee Theo Witjes Studenten: Daan Meinen (voorzitter) Jelle Breur Joris van Duren Wouter Smits Joris Gramberg Denise Proosdij Inge van Gameren 1.5 Kwaliteitszorg Systeem van kwaliteitszorg van het domein/instituut Het instituut peilt regelmatig de mening van studenten over allerlei zaken die betrekking hebben op het onderwijs in de ruime zin van het woord. In de eerste plaats het feitelijke onderwijs dat je in een bepaalde periode gevolgd hebt, maar bijvoorbeeld ook het studiemateriaal, planning van de uren en studietaken. Voor vragen of opmerkingen over evaluaties van het onderwijs of andere kwaliteitszorg gerelateerde onderwerpen mail met of Beroepenveldcommissie(s) Om de kwaliteit van de opleiding te kunnen bewaken, hecht de HAN groot belang aan de mening van deskundigen uit de werkvelden waarvoor opgeleid wordt. Deze deskundigen komen minstens 3 maal per jaar bijeen in de vergaderingen van de beroepenveldcommissie. De beroepenveldcommissie bestaat uit de volgende leden: Dhr. C. Jansen (1-2 Think Logical B.V.) Dhr. H. Hatumena (Nunhems Netherlands B.V.) Mevr. M. Harbers (Randstand Nederland B.V.) Dhr. W. Griffioen (Ziekenhuis Gelderse Vallei) Dhr. W. de Bruin (voorzitter) Dhr. J. Hermans (Lely CA B.V.) Dhr. T. Witjes (Praktijkcoördinator HAN) Dhr. H. H. Glöckner (hoofddocent/lid kenniskring lectoraat) Vacature (instituutsdirecteur HAN) Dhr. J. Clee (onderwijscoördinator Logistiek en Economie HAN) Dhr. S. Weijers (lector Logistieke Allianties) Daan Meinen (voorzitter OPC HAN) 1.6 Lesdagen en lestijden Voltijdopleidingen maandag tot en met vrijdag: uur uur Pauze uur uur uur uur uur uur uur Pauze uur uur uur uur Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

229 uur Duale opleidingen Donderdag en vrijdag (conform de tijden van de voltijd). Deeltijdopleidingen - dinsdagavond uur - donderdagavond uur - zaterdag uur 1.7 Studentenvoorzieningen op faculteits- en instituutsniveau In dit onderdeel vind je allereerst praktische informatie om je wegwijs te maken binnen de HAN, faculteit en de opleiding. Actuele informatie: Insite en HAN Scholar. Insite HAN/Faculteit Economie en Management/Logistiek en Economie. De campusdecanen De senior studieloopbaanbegeleider kan de student zo nodig doorverwijzen naar het campusdecanaat. De decanen van de campus in Nijmegen zijn: Ton van Amelsvoord en Liesbeth Diemel, De decanen van de campus in Arnhem zijn: Peter Hoekstra en Ingrid van der Heijden, Zie voor meer informatie: De vertrouwenspersonen Wanneer een student te maken krijgt met ongewenst gedrag kan hij of zij zich wenden tot één van de vertrouwenspersonen. Iedere melding wordt strikt vertrouwelijk behandeld. Slechts na toestemming van de student onderneemt de vertrouwenspersoon eventuele verdere stappen. Voor meer informatie zie Insite: https://www1.han.nl/insite/pz_new/content/vertrouwens_personen.xml?lang=nld&&inno_gen=gen_id_ 189&sitedir=/insite/mr. Ombudsman Met klachten over onbehoorlijke gedragingen of situaties binnen de HAN kun je terecht bij een onafhankelijke ombudsman. Zijn rol is bemiddelend; uitspraken van de ombudsman zijn juridisch niet bindend. De ombudsman is de heer Egbert Hulshof. E: / T: (024) / (06) B: Bisschop Hamerhuis, kamer 006, Verlengde Groenestraat 75 in Nijmegen Studentzaken/Rooster en planning Vraagpunt Nijmegen: Laan van Scheut 10. Telefoon: (024) , Arnhem: Ruitenberglaan 31. Telefoon (026) , Hier kan je terecht voor: - Vragen over het betalen van collegegeld - Machtigingsformulier betaling collegegeld - Vragen over de collegekaart - Vragen over roosters - Informatie over zelfstandig bekijken van studieresultaten Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

230 - Bewijs van inschrijving/betaling - Uitgifte van propedeusecertificaten - Uitgifte van gewaarmerkte kopieën - Doorgeven wijzigingen adresgegevens - Stageverklaringen voor studenten die naar het buitenland gaan - Informatie over Studielink Studievoortgang (cijferadministratie) Arnhem: Tiny Rengelink, kamer C3.02, Ruitenberglaan 31, telefoon (026) Nijmegen: Sanne de Jong, kamer 2.02, Laan van Scheut 10, telefoon (024) Nijmegen: Ans Verbeek, kamer 2.02, Laan van Scheut 10, telefoon (024) Administratie: afdelingssecretariaat Yvonne Clevers (026) en Ingrid Lenting-Lamers (026) Kamer C3.02 op de 3e verdieping FEM gebouw, Ruitenberglaan 31. Docenten Werkplekken van docenten bevinden zich in Arnhem aan de Ruitenberglaan 31 in kamer C3.04 en in Nijmegen op de 2e verdieping FEM gebouw, Laan van Scheut 10 (ruimte F2.02 t/m F2.10). Instituutsdirectie De instituutsdirectie is verantwoordelijk voor de organisatie en de inhoud van de opleiding Logistiek en Economie en legt verantwoording af aan de faculteitsdirectie. Hoewel je het antwoord op je vragen meestal kunt krijgen bij de onderwijscoördinator, de voorzitter van het cluster waarin je bent ingedeeld of bij de studentbegeleider, kun je uiteindelijk ook bij de instituutsdirecteur terecht met vragen over de opleiding. Lilian Prevoo (instituutsdirecteur) telefoon (024) of (024) (secretariaat IBR Laan van Scheut 10 ruimte F2.02). Vacature (instituutsdirecteur) kamer C3.07; telefoon (026) (Ruitenberglaan 31, Arnhem). Propedeuse Coördinatie De coördinatoren propedeuse hebben de verantwoording voor het studieproces van elke student. Zij zijn aanspreekbaar op, en houden zich bezig met: onderwijsinhoud van de propedeuse. officiële berichtgeving over studievoortgang. studieadviezen (voorlopig) positief en (voorlopig) bindend negatief studieadvies in februari en juli. zaken met betrekking tot de propedeuse zoals klachten, adviezen en geschillen. Coördinatoren propedeuse Arnhem en Nijmegen: Ellen Burger tel.: (06) , (secretariaat Nijmegen IBR, tel. (024) ). Nijmegen: Marieke Legemaat-de Jong: Arnhem: Martin Linde: (secretariaat Arnhem IBR, tel. (026) Onderwijscoördinator/curriculumvoorzitter De onderwijscoördinator is samen met de curriculumcommissie verantwoordelijk voor de inhoud van het onderwijsprogramma. Verder is de onderwijscoördinator verantwoordelijk voor de lopende zaken binnen de opleiding. Curriculumcommissie (CC) De curriculumcommissie is de denktank van de opleiding. Deze commissie bewaakt de kwaliteit van de opleiding, zorgt voor samenhang binnen de clusters en afstemming tussen de clusters. Jos Clee: (onderwijscoördinator/curriculumvoorzitter). Kamer C3.03. Telefoon (026) Theo Witjes: (praktijkcluster; E- en H-cluster) Leo Peeters: (C en D-cluster) Tony Ebben: (F-cluster) Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

231 Opleidingsstatuut Zie Insite HAN/Economie en Management/Management Economie Recht/Onderwijsprogramma/ documenten/opleidingsstatuut: conomie/le Praktijkcoördinatie PraktijkcoördinatorTheo Witjes, Ruitenberglaan 31 Arnhem, kamer C3.03, telefoon (026) , Praktijkbureau: Anja van der Weerd, Ruitenberglaan 31 Arnhem, kamer C3.02, telefoon (026) , 1.8 Klachtenregeling Er gaat veel goed binnen de HAN. Maar soms gaat er ook eens iets mis. Vaak kan je dat zelf oplossen als je maar weet waar je moet zijn. En anders wil je dat er iemand is die je vraag, klacht of probleem hoort en beantwoordt. Via Insite kun je je klacht melden bij het instituut waar je opleiding onder valt: 1.9 Studenteninformatievoorziening HAN Voorlichtingscentrum Met al je vragen kun je terecht bij de medewerkers van het HAN VoorlichtingsCentrum. Zij kunnen je alles vertellen over bijvoorbeeld de (master)opleidingen, samenwerkingsvormen, voorlichtingsactiviteiten of organisatiegegevens van de HAN. De contactgegevens zijn: HAN VoorlichtingsCentrum (HVC) Openingstijden: maandag t/m vrijdag uur T (024) F (024) E Studiecentra De HAN beschikt over 5 studiecentra, 2 in Arnhem en 3 in Nijmegen. Hier kun je uitgebreid zoeken in papieren en digitale bronnen, of rustig werken aan een werkstuk of presentatie. De HAN studiecentra zijn meer dan mediatheken. Je kunt er natuurlijk zoeken in boeken, tijdschriften, naslagwerken en afstudeeropdrachten. Daarnaast heb je toegang tot dvd s, cd s, cd-roms, digitale informatiebronnen en streaming video. Op de volgende locaties kan van een studiecentrum gebruik worden gemaakt: Studiecentrum Economie-Techniek-Informatica; Ruitenberglaan 31, Arnhem Studiecentrum Pabo Arnhem; Ruitenberglaan 27, Arnhem Studiecentrum Kapittelweg; Kapittelweg 33, Nijmegen Studiecentrum Gymnasion; Heyendaalseweg 141, Nijmegen Studiecentrum Pabo Nijmegen; Groenewoudseweg 1, Nijmegen Voor meer informatie, onder andere over de openingstijden en telefoonnummers, kun je terecht op de website van de studiecentra: International Office HAN University of Applied Sciences arranges a number of international activities that are coordinated by our International Offices in Arnhem and Nijmegen. If you are an international student, HAN International Office is your main point of contact when you need information. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

232 International activities Our international activities vary from staff and student exchanges to developing joint degrees with partner universities. We also provide help and support for community projects in Africa and Eastern Europe. The International Office staff will be ready to provide information and help with everything from arranging paperwork to personal matters for all international guests. As a student you can call on the International Offices for help with your Learning Agreement, as well as for any special requirements you may have regarding your stay at HAN. For more information and contact details, check the follow website: Overige voorzieningen Studentenvereniging STURAD Studentenvereniging STURAD richt zich op de studenten van de HAN in Nijmegen. De vereniging organiseert activiteiten die een toegevoegde waarde hebben voor de studietijd van de studenten. Er is een tiental commissies dat activiteiten organiseert zoals een gala, een introductiekamp en een jaarfeest. Sportfaciliteiten Studenten van de HAN kunnen een sportkaart aanschaffen, waarmee gebruik gemaakt kan worden van de accommodaties van HAN Seneca (het centrum voor sport en gezondheid van de HAN), de accommodaties van de gemeente Arnhem of de sportfaciliteiten van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zie voor meer informatie de volgende website: en HAN Employment HAN Employment is het arbeidsloket van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen dat bemiddelt tussen HBO/WO-afgestudeerden, studenten en werkgevers. Wij bieden bedrijven en instellingen de mogelijkheid om via onze afdeling vacatures voor vaste banen, bijbanen en werkervaringsplaatsen onder de aandacht te brengen bij onze studenten en alumni. Kandidaten en studenten kunnen bij ons terecht voor trainingen op het gebied van solliciteren, netwerken en arbeidsmarktoriëntatie. Zie voor meer informatie en de contactgegevens de volgende website: HAN centrum voor ondernemerschap (CVO) Het centrum voor ondernemerschap is hét expertisecentrum van de HAN voor het bevorderen van ondernemendheid en ondernemerschap bij studenten, docenten, werknemers en (potentiële) ondernemers. Je kunt bij het centrum voor ondernemerschap terecht voor onderwijs, docententrainingen, onderzoek, starterbegeleiding, conceptontwikkeling en het certificaat ondernemerschap. Zie voor meer informatie over het centrum voor ondernemerschap de volgende website: Arbobeleid voor studenten Wil je meer weten over regelgeving en voorzieningen voor studenten op het gebied van veiligheid en gezondheid? Kijk dan op Insite Arbo op de speciale pagina voor studenten: https://www1.han.nl/insite/pz_new/arbo/content/studenten.xml?lang=nld&menusub=arbo%20en%20st udenten&inno_gen=gen_id_289&sitedir=/insite/pz_new/arbo HAN-talencentrum Bij het HAN-talencentrum kunnen studenten, medewerkers en externe partijen terecht voor al hun vertaalvragen en voor uiteenlopende cursussen, trainingen en workshops op het gebied van taalvaardigheid. Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

233 We hebben een uitgebreid en gevarieerd aanbod met cursussen Nederlands, Engels, Duits, Frans en Spaans. HAN-studenten ontvangen 30% korting op een cursus moderne vreemde taal. Daarnaast kunnen studenten bij het HAN-talencentrum terecht voor cursussen schrijven en spelling. Er is ook een cursus voor studenten met dyslexie. De cursussen zijn bedoeld voor Nederlandstalige, Duitstalige en anderstalige studenten. Zie voor meer informatie en de contactgegevens de volgende website: Het Hogeschoolblad Sensor Op de hoogte blijven van alles wat te maken heeft met de HAN? In het magazine Sensor vind je alles over belangrijke gebeurtenissen en ontwikkelingen binnen en buiten de HAN. En natuurlijk staan er spraakmakende artikelen in over studeren, stagelopen en vrije tijd. Op de website van Sensor kun je alles nalezen en reageren op de artikelen: Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

234 Bijlagen Bijlage 1: Plattegrond Opleidingen Faculteit Economie en Management - Nijmegen HAN Campus Laan van Scheut EM Nijmegen legenda Vrij parkeren Bron: Parkeren met HANpas Betaald parkeren Betaalde parkeergarage Bushalte Looproute Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

235 Opleidingen en lectoraten Faculteit Economie en Management - Arnhem HAN Campus Ruitenberglaan CC Arnhem Bron: Opleiding HBO-Rechten (gebouw HTS Autotechniek en lectoraat Automotive) HAN Campus Ruitenberglaan CC Arnhem Bron: Opleidingsstatuut Logistiek en Economie voltijd

1a Onderwijs aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

1a Onderwijs aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Opleidingsstatuut Instituut Engineering Bacheloropleidingen (en Ad-programma s): - Elektrotechniek - Industrieel Product Ontwerpen - Technische Bedrijfskunde - Werktuigbouwkunde Studiejaar 2015 2016 Deel

Nadere informatie

Onderwijs aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen

Onderwijs aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Opleidingsstatuut Associate degree programma Directievoering Civieltechnische Projecten (DCP) Associate degree programma Projectvoorbereiding en Realisatie (PVR) Studiejaar 2014 2015 Deel 1 Onderwijs aan

Nadere informatie

Opleidingsstatuut. voor de bacheloropleiding. Fiscaal Recht en Economie voltijd. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. studiejaar 2014 2015

Opleidingsstatuut. voor de bacheloropleiding. Fiscaal Recht en Economie voltijd. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. studiejaar 2014 2015 Opleidingsstatuut voor de bacheloropleiding Fiscaal Recht en Economie voltijd Hogeschool van Arnhem en Nijmegen studiejaar 2014 2015 Versie 11-11-2014 (inclusief errata) Inhoud Deel 1: Onderwijs aan de

Nadere informatie

Opleidingsstatuut. Bedrijfskunde MER Voltijd (Deel A) studiejaar 2014-2015

Opleidingsstatuut. Bedrijfskunde MER Voltijd (Deel A) studiejaar 2014-2015 Opleidingsstatuut Bedrijfskunde MER Voltijd (Deel A) studiejaar 2014-2015 1 Contents Deel 1A: Onderwijs aan de HAN... 6 Inleiding... 6 Algemene bepalingen... 6 Lesdagen en vakanties... 7 Uitgangspunten

Nadere informatie

Sport, Gezondheid en Management

Sport, Gezondheid en Management Opleidingsstatuut voor de bacheloropleiding Sport, Gezondheid en Management Hogeschool van Arnhem en Nijmegen Sport en Bewegen studiejaar 2014-2015 Inhoud Deel 1: Onderwijs aan de HAN 5 Algemene bepalingen

Nadere informatie

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Bouwkunde Studiejaar 2014 2015. Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens

Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Bouwkunde Studiejaar 2014 2015. Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Bouwkunde Studiejaar 2014 2015 Deel 2 Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs en Examen Regeling (OER) Inhoudsopgave Paragraaf 1 Algemene bepalingen...

Nadere informatie

- Elektrotechniek / Embedded Systems Engineering - Industrieel Product Ontwerpen - Technische Bedrijfskunde - Werktuigbouwkunde

- Elektrotechniek / Embedded Systems Engineering - Industrieel Product Ontwerpen - Technische Bedrijfskunde - Werktuigbouwkunde Opleidingsstatuut instituut Engineering Bacheloropleiding(en) - Elektrotechniek / Embedded Systems Engineering - Industrieel Product Ontwerpen - Technische Bedrijfskunde - Werktuigbouwkunde Studiejaar

Nadere informatie

Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en Examen Regeling (OER)

Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en Examen Regeling (OER) Opleidingsstatuut Bacheloropleiding Civiele Techniek Studiejaar 2015 2016 Deel 2 Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en Examen Regeling (OER) Inhoudsopgave Paragraaf 1 Algemene

Nadere informatie

Opleidingsstatuut bacheloropleidingen van ICA, studiejaar 2015-2016

Opleidingsstatuut bacheloropleidingen van ICA, studiejaar 2015-2016 Opleidingsstatuut bacheloropleidingen van ICA, studiejaar 2015-2016 Deel 2 Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Deel 2A Onderwijs- en examenregeling (OER)... 2 Deel 2B Reglement Examencommissie...

Nadere informatie

OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR VAKTHERAPEUTISCHE EN PSYCHOLOGISCHE STUDIES

OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR VAKTHERAPEUTISCHE EN PSYCHOLOGISCHE STUDIES OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR VAKTHERAPEUTISCHE EN PSYCHOLOGISCHE STUDIES 2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 3 Inleiding... 5 Deel 1: Studiegids... 8 Deel 2: Regelingen betreffende het onderwijs

Nadere informatie

Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en Examen Regeling (OER)

Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en Examen Regeling (OER) Opleidingsstatuut voor de Associate-degree programma s Civiele Techniek: - Directievoering Civieltechnische Projecten (DCP) - Projectvoorbereiding en Realisatie (PVR) Studiejaar 2015 2016 Deel 2 Regelingen

Nadere informatie

Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en Examen Regeling (OER)

Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens Onderwijs- en Examen Regeling (OER) Opleidingsstatuut Associate Degree Werktuigbouwkunde Constructeur Studiejaar 2014 2015 Deel 2 Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens 1 Opleidingsstatuut 2014-2015 Associate Degree Werktuigbouwkunde

Nadere informatie

OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR MAATSCHAPPELIJKE EN SOCIAAL-CULTURELE STUDIES

OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR MAATSCHAPPELIJKE EN SOCIAAL-CULTURELE STUDIES OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR MAATSCHAPPELIJKE EN SOCIAAL-CULTURELE STUDIES 2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 3 Inleiding... 5 Deel 1: Studiegids... 8 Deel 2: Regelingen betreffende het onderwijs

Nadere informatie

OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR SOCIALE EN PEDAGOGISCHE STUDIES

OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR SOCIALE EN PEDAGOGISCHE STUDIES OPLEIDINGSSTATUUT 2015-2016 INSTITUUT VOOR SOCIALE EN PEDAGOGISCHE STUDIES 2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 3 Inleiding... 5 Deel 1: Studiegids... 8 Deel 2: Regelingen betreffende het onderwijs en de tentamens...

Nadere informatie

De onderwijs- en examenregeling

De onderwijs- en examenregeling De onderwijs- en examenregeling Algemeen In de onderwijs- en examenregeling (OER) wordt informatie gegeven over het onderwijs van een opleiding of een groep van opleidingen. Heeft de OER betrekking op

Nadere informatie

Begrippenlijst Studentenstatuut (belangrijkste begrippen in alfabetische volgorde) 1

Begrippenlijst Studentenstatuut (belangrijkste begrippen in alfabetische volgorde) 1 Begrippenlijst Studentenstatuut (belangrijkste begrippen in alfabetische volgorde) 1 In het HAN Studentenstatuut en de bijgevoegde reglementen wordt verstaan onder: A B C Ambtelijk secretaris: een medewerker

Nadere informatie

Bijlage 1 Begrippenlijst Opleidingsstatuut en Studentenstatuut (belangrijkste begrippen in alfabetische volgorde) 1

Bijlage 1 Begrippenlijst Opleidingsstatuut en Studentenstatuut (belangrijkste begrippen in alfabetische volgorde) 1 Bijlage 1 Begrippenlijst Opleidingsstatuut en Studentenstatuut (belangrijkste begrippen in alfabetische volgorde) 1 In het studentenstatuut en in het opleidingsstatuut en de daarin opgenomen reglementen

Nadere informatie

OPLEIDINGSSTATUUT 2012-2013 ICA. Opleidingen CMD, BIM, I, TI en CS (DC) voltijd / deeltijd

OPLEIDINGSSTATUUT 2012-2013 ICA. Opleidingen CMD, BIM, I, TI en CS (DC) voltijd / deeltijd OPLEIDINGSSTATUUT 2012-2013 ICA Opleidingen CMD, BIM, I, TI en CS (DC) voltijd / deeltijd 2 Voorwoord instituutsdirectie Als HAN-student heb je er recht op te weten wat de opleiding van jou verwacht en

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie. Paragraaf 1 Algemene bepalingen. art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling [60717] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Dramaturgie Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs en

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek Studiejaar 2013-2014 Algemeen 1. Deze bijlage bij het algemene gedeelte van de Onderwijs- en examenregeling van Codarts is van toepassing

Nadere informatie

A. Hieronder is voor zover van toepassing nadere facultaire invulling per artikel gegeven

A. Hieronder is voor zover van toepassing nadere facultaire invulling per artikel gegeven 10 SPECIFIEKE FACULTAIRE BEPALINGEN Faculteit Economie en Management A. Hieronder is voor zover van toepassing nadere facultaire invulling per artikel gegeven Artikel 32 Inschrijving voor cursussen. 3A

Nadere informatie

Toelichting: tekst mag vervallen indien deze niet van toepassing is er moet een uitwerking worden opgenomen die specifiek is voor de opleiding

Toelichting: tekst mag vervallen indien deze niet van toepassing is er moet een uitwerking worden opgenomen die specifiek is voor de opleiding Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2013-2014 van Bacheloropleiding(en).. CROHO-nummer(s). Graad: Bachelor of. De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding is onderdeel van het opleidingsspecifieke

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen. Deel 2 (Opleidingsspecifiek deel): Bachelor Wijsbegeerte

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen. Deel 2 (Opleidingsspecifiek deel): Bachelor Wijsbegeerte ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING 2015-2016 Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen Deel 2 (Opleidingsspecifiek deel): Bachelor Wijsbegeerte Deze onderwijs- en examenregeling (OER-FFTR) treedt

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding tot verpleegkundige. CROHO-nummer: 34560. Graad: Bachelor of Nursing

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding tot verpleegkundige. CROHO-nummer: 34560. Graad: Bachelor of Nursing Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding tot verpleegkundige CROHO-nummer: 34560 Graad: Bachelor of Nursing De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1. 1 INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.4 Onderwijs- en examenregeling... 4 2. TOELATING TOT DE OPLEIDING...

Nadere informatie

Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde

Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde Toelatings- en vrijstellingsbeleid Hbo Bachelor Verpleegkunde Toelating Hbo-ba Verpleegkunde vs.29.10.2015 Pagina 1 1. Toelatingsbeleid 1.1 Officiële toelatingseisen Als voorwaarde voor toelating tot de

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Bacheloropleiding Logistiek en Economie voltijd, crohonummer 34436 Logistiek en Economie duaal, crohonummer 34436 Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d.

Nadere informatie

Business, IT & Management

Business, IT & Management Business, IT & Management Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 Betrokken academies AE&I Opleiding Business, IT & Management Datum vaststelling academiedirectie AE&I 14 juli 2015 Datum advies opleidingscommissie

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [66810] Onderwijs- en examenregeling 2004-2005 Masteropleiding Spaanse taal en cultuur Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het onderwijs

Nadere informatie

OER. Uitleg over de. Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

OER. Uitleg over de. Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Fractie VUUR, Universiteitsraad www.verenigingvuur.nl info@verenigingvuur.nl Voorwoord De Onderwijs-

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING (OER) DEEL 1: AVANS GENERIEK

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING (OER) DEEL 1: AVANS GENERIEK ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING (OER) DEEL 1: AVANS GENERIEK 1 De inhoud van de Onderwijs- en Examenregelingen Hoofdstuk 1 ALGEMEEN 1.1 Algemene bepalingen 1 Avans Hogeschool kent, conform artikel 7.59. van

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING (OER) DEEL 1: AVANS GENERIEK

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING (OER) DEEL 1: AVANS GENERIEK ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING (OER) DEEL 1: AVANS GENERIEK 1 De inhoud van de Onderwijs- en Examenregelingen Hoofdstuk 1 ALGEMEEN 1.1 Algemene bepalingen 1 Avans Hogeschool kent, conform artikel 7.59. van

Nadere informatie

Leisure Management. Onderwijs- en examenregeling 2013 2014. Stenden Hogeschool Rengerlaan 8 Postbus 1298 8900 CG Leeuwarden

Leisure Management. Onderwijs- en examenregeling 2013 2014. Stenden Hogeschool Rengerlaan 8 Postbus 1298 8900 CG Leeuwarden Leisure Management Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Stenden Hogeschool Rengerlaan 8 Postbus 1298 8900 CG Leeuwarden Algemeen T (058) 2441441 info@stenden.com Opleiding T (058) 2441253 1 Onderwijs-

Nadere informatie

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2015-2016

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2015-2016 10 FACULTAIRE OER: FACULTEIT COMMUNICATIE EN JOURNALISTIEK Vastgesteld door de faculteitsdirecteur op 2 maart 2015 Met nstemming van de facultaire medezeggenschapsraad A. Nadere facultaire invulling van

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding tot Fysiotherapie. CROHO-nummer: 34570

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding tot Fysiotherapie. CROHO-nummer: 34570 Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding tot Fysiotherapie CROHO-nummer: 34570 Graad: Bachelor of Physiotherapy De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2014 2015. Bacheloropleiding Technische Informatica voltijd, crohonummer 34475

Onderwijs- en examenregeling 2014 2015. Bacheloropleiding Technische Informatica voltijd, crohonummer 34475 Onderwijs- en examenregeling 2014 2015 Bacheloropleiding Technische Informatica voltijd, crohonummer 34475 [Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. 6-6-2014] [Instemming verleend door Centrale

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding: Toegepaste Psychologie voltijd. CROHO-nummer: 34507

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding: Toegepaste Psychologie voltijd. CROHO-nummer: 34507 Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding: Toegepaste Psychologie voltijd CROHO-nummer: 34507 Graad: Bachelor of Applied Psychology De Onderwijs- en examenregeling

Nadere informatie

Werktuigbouwkunde. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016

Werktuigbouwkunde. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 Werktuigbouwkunde Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 Betrokken academies Opleiding Datum vaststelling academiedirectie AI&I Datum vaststelling academiedirectie AE&I Datum advies opleidingscommissie

Nadere informatie

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2014-2015

A. Nadere facultaire invulling van onderstaande artikelen uit de HU-OER 2014-2015 10 FACULTAIRE OER: FACULTEIT COMMUNICATIE EN JOURNALISTIEK Vastgesteld door de faculteitsdirecteur op 27 januari 2014 Instemming van de facultaire medezeggenschapsraad op..2014 A. Nadere facultaire invulling

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2012 2013

Onderwijs- en examenregeling 2012 2013 Onderwijs- en examenregeling 2012 2013 Bacheloropleiding Werktuigbouwkunde voltijd, crohonummer 34280. Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. mei 2012 Instemming verleend door Centrale Medezeggenschap,

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen

Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur. Paragraaf 1 Algemene bepalingen [66809] Onderwijs- en examenregeling 2005-2006 Masteropleiding Italiaanse taal en cultuur Paragraaf 1 Algemene bepalingen art. 1.1 toepasselijkheid van de regeling Deze regeling is van toepassing op het

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding(en).. CROHO-nummer(s). Graad: Bachelor of.

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding(en).. CROHO-nummer(s). Graad: Bachelor of. 150305 BA Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding(en).. CROHO-nummer(s). Graad: Bachelor of. De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding is onderdeel

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Bacheloropleiding Leraar Basisonderwijs voltijd, chrohonummer 34808 [Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. 17 juni 2013] [Instemming verleend door Centrale

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Commerciële Economie. CROHO-nummer 34405

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Commerciële Economie. CROHO-nummer 34405 Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Commerciële Economie CROHO-nummer 34405 Graad: Bachelor of Business Administration De Onderwijs- en examenregeling (OER) van

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016

Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016 Onderwijs- en examenregeling Hoofdstuk 3 Opleidingsdeel LVO 2015-2016 Opleidingsdeel voor de bachelor lerarenopleidingen voortgezet onderwijs van Driestar hogeschool (onderdeel van Driestar educatief)

Nadere informatie

Vastgesteld door de decaan van de faculteit Wiskunde&Informatica op 28 augustus 2003

Vastgesteld door de decaan van de faculteit Wiskunde&Informatica op 28 augustus 2003 Onderwijs- en examenregeling 2003 van de Masteropleiding Computer Science Vastgesteld door de decaan van de faculteit Wiskunde&Informatica op 28 augustus 2003 Inhoud: 1. Algemeen 2. Inrichting van de opleiding

Nadere informatie

Management in de Zorg

Management in de Zorg Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 ACADEMIE VOOR DEELTIJD Vastgesteld per 14 juli 2015 pagina 2 van 56 Inhoudsopgave 1 Over de Onderwijs- en examenregeling 5 1.1 Voor wie is deze OER? 5 1.2 Hoe lees

Nadere informatie

Leisure Management. Onderwijs- en examenregeling 2014 2015. Stenden Hogeschool Rengerlaan 8 Postbus 1298 8900 CG Leeuwarden

Leisure Management. Onderwijs- en examenregeling 2014 2015. Stenden Hogeschool Rengerlaan 8 Postbus 1298 8900 CG Leeuwarden Leisure Management Onderwijs- en examenregeling 2014 2015 Stenden Hogeschool Rengerlaan 8 Postbus 1298 8900 CG Leeuwarden Algemeen T (058) 2441441 info@stenden.com Opleiding T (058) 2441253 Onderwijs-

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2012 2013

Onderwijs- en examenregeling 2012 2013 Onderwijs- en examenregeling 2012 2013 Bacheloropleiding Vrijetijdsmanagement voltijd, crohonummer 34438 en Vrijetijdsmanagement duaal, crohonummer 34438 [Advies afgegeven door Opleidingscommissie, [Instemming

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding tot Fysiotherapeut. CROHO-nummer 34570. Graad: Bachelor of Science

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding tot Fysiotherapeut. CROHO-nummer 34570. Graad: Bachelor of Science Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding tot Fysiotherapeut CROHO-nummer 34570 Graad: Bachelor of Science De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding is

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2012 2013

Onderwijs- en examenregeling 2012 2013 Onderwijs- en examenregeling 2012 2013 Bacheloropleiding Bedrijfseconomie voltijd, crohonummer 34401 Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. 16 mei 2012 Instemming verleend door Centrale Medezeggenschap,

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Communicatie. CROHO-nummer: 34402. Graad: Bachelor of Communication

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Communicatie. CROHO-nummer: 34402. Graad: Bachelor of Communication Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Communicatie CROHO-nummer: 34402 Graad: Bachelor of Communication De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding

Nadere informatie

Creatieve Therapie. Onderwijs- en Examen Reglement 2013-2014. [Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. 13-06-2013]

Creatieve Therapie. Onderwijs- en Examen Reglement 2013-2014. [Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. 13-06-2013] Creatieve Therapie Onderwijs- en Examen Reglement 2013-2014 [Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. 13-06-2013] [Instemming verleend door Centrale Medezeggenschap, d.d. 03-07-2013] [Vastgesteld

Nadere informatie

Bestuurskunde. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AVB en AVD

Bestuurskunde. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AVB en AVD Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 AVB en AVD Vastgesteld per 7 juli 2015 pagina 2 van 57 Inhoudsopgave 1 Over de Onderwijs- en examenregeling 5 1.1 Voor wie is deze OER? 5 1.2 Hoe lees je de OER?

Nadere informatie

Intake- en vrijstellingsregels voor de HBO-bacheloropleiding Informatica 2013-2014 Vastgesteld door de examencommissie NOH-I op 16 september 2013.

Intake- en vrijstellingsregels voor de HBO-bacheloropleiding Informatica 2013-2014 Vastgesteld door de examencommissie NOH-I op 16 september 2013. Intake- en vrijstellingsregels voor de HBO-bacheloropleiding Informatica 2013-2014 Vastgesteld door de examencommissie NOH-I op 16 september 2013. Artikel 1. Begripsbepaling. In deze regeling wordt verstaan

Nadere informatie

Management in de Zorg

Management in de Zorg Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 ACADEMIE VOOR DEELTIJD Vastgesteld per 14 juli 2015 Gewijzigd per 1 september 2015 Goedgekeurd door directie 1 september 2015 Goedgekeurd door Academieraad 1 september

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding Bio-informatica. CROHO-nummer 39215. Graad: Bachelor of Science

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding Bio-informatica. CROHO-nummer 39215. Graad: Bachelor of Science Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding Bio-informatica CROHO-nummer 39215 Graad: Bachelor of Science De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding is onderdeel

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. CROHO-nummer 34538 CROHO-nummer 800011(Associate degree) Graad: Bachelor of Health Care Management

Hogeschool Leiden. CROHO-nummer 34538 CROHO-nummer 800011(Associate degree) Graad: Bachelor of Health Care Management Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Management in de Zorg inclusief Associate degree (Operationeel Management) CROHO-nummer 34538 CROHO-nummer 800011(Associate

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Informatica. CROHO-nummer: 34479. Graad: Bachelor of ICT

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Informatica. CROHO-nummer: 34479. Graad: Bachelor of ICT Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Informatica CROHO-nummer: 34479 Graad: Bachelor of ICT De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding is onderdeel

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding Commerciële Economie. CROHO-nummer 34405

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding Commerciële Economie. CROHO-nummer 34405 Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding Commerciële Economie CROHO-nummer 34405 Graad: Bachelor of Business Administration De Onderwijs- en examenregeling (OER) van

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014. Bacheloropleiding Human Resource Management, crohonummer 34609

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014. Bacheloropleiding Human Resource Management, crohonummer 34609 Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Bacheloropleiding Human Resource Management, crohonummer 34609 Advies afgegeven door Opleidingscommissie, d.d. 19 juni 2013 Instemming verleend door Centrale Medezeggenschap,

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2014-2015

Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 Bacheloropleiding OPLEIDING LOGISTIEK EN ECONOMIE voltijd CROHO-nummer 446 Deze Onderwijs- en examenregeling is onderdeel van het Studentenstatuut van de Hogeschool

Nadere informatie

Opleiding Communicatie

Opleiding Communicatie Opleiding Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 ACUE & AVD Academie voor en User Experience Academie voor Deeltijd Vastgesteld per 8 juli 2015 pagina 3 van 90 Inhoudsopgave 1 Over de Onderwijs- en examenregeling

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling Bacheloropleiding 2014-2015

Onderwijs- en examenregeling Bacheloropleiding 2014-2015 Onderwijs- en examenregeling Bacheloropleiding 2014-2015 Eigenaar O2 Instemming van de CMR d.d. 17 december 2013 Vastgesteld door het College van Bestuur d.d. 17 december 2013 2013, Hogeschool van Amsterdam

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014

Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Onderwijs- en examenregeling 2013 2014 Bacheloropleiding Informatica voltijd, crohonummer 34479 Associate Degree-opleiding ICT-Beheer voltijd, crohonummer 80071 [Advies afgegeven door Opleidingscommissie,

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 05-06 Master Pedagogiek CROHO-nummer 443 variant: deeltijd NHL Hogeschool Afdeling: Zorg en Welzijn Versie: Concept besproken met AO-M.Peda 8-4-5 / definitief

Nadere informatie

Bedrijfskunde MER. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AAFM, AVD en AHB

Bedrijfskunde MER. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AAFM, AVD en AHB Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 AAFM, AVD en AHB Vastgesteld per 13 juli 2015 pagina 2 van 90 Inhoudsopgave 1 Over de Onderwijs- en examenregeling 6 1.1 Voor wie is deze OER? 6 1.2 Hoe lees je de

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2014-2015 Master leraar Algemene Economie Croho: 45275 deeltijd 1 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie

Nadere informatie

REGLEMENT STUDIEKEUZECHECK WINDESHEIM

REGLEMENT STUDIEKEUZECHECK WINDESHEIM REGLEMENT STUDIEKEUZECHECK WINDESHEIM Inhoud Preambule... 3 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen... 4 Hoofdstuk 2 Doelgroep... 5 Hoofdstuk 3 Rechten en plichten bij aanmelding... 5 Hoofdstuk 4 Studiekeuzecheck...

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2009-2010 Bacheloropleiding [Opleidingsnaam/namen invullen]

Onderwijs- en examenregeling 2009-2010 Bacheloropleiding [Opleidingsnaam/namen invullen] Onderwijs- en examenregeling 2009-2010 Bacheloropleiding [Opleidingsnaam/namen invullen] CROHO-nummer [CROHO opleidingscode(s) invullen] [Vul hierboven alle officiële opleidingsnamen en alle CROHO-nummers

Nadere informatie

BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR

BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR Nummer : 684 Paraaf: Onderwerp : Reglement Studiekeuzecheck Windesheim (Aanmelding, studiekeuzeactiviteiten en studiekeuzeadvies voor het studiejaar 2014-2015) Besluit : Het

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2012-2013 bacheloropleiding HBO-Rechten

Onderwijs- en examenregeling 2012-2013 bacheloropleiding HBO-Rechten College van bestuur Onderwijs- en examenregeling 2012-2013 bacheloropleiding HBO-Rechten ) U2012-04405-BGA I Algemeen deel 1. Algemeen Artikel 1. Toepasselijkheid van de regeling Het Algemeen Deel (Deel

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2014-2015

Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 Bacheloropleiding OPLEIDING LOGISTIEK EN TECHNISCHE VERVOERSKUNDE voltijd en deeltijd CROHO-nummer 34390 Deze Onderwijs- en examenregeling is onderdeel van het Studentenstatuut

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Human Resource Management. CROHO-nummer: 34609

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Human Resource Management. CROHO-nummer: 34609 Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding CROHO-nummer: 34609 Graad: Bachelor of Human Resource De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding is onderdeel

Nadere informatie

Human Resource Management

Human Resource Management Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 AAFM, AVD en AHB Vastgesteld 1 september 2015 pagina 2 van 92 Inhoudsopgave 1 Over de Onderwijs- en examenregeling 6 1.1 Voor wie is deze OER? 6 1.2 Hoe lees je de

Nadere informatie

Bouwkunde Bouwmanagement en Vastgoed Bouwtechnische Bedrijfskunde Civiele Techniek Ruimtelijke Ontwikkeling

Bouwkunde Bouwmanagement en Vastgoed Bouwtechnische Bedrijfskunde Civiele Techniek Ruimtelijke Ontwikkeling Bouwkunde Bouwmanagement en Vastgoed Bouwtechnische Bedrijfskunde Civiele Techniek Ruimtelijke Ontwikkeling Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 Academie voor Bouw & Infra Datum vaststelling academiedirectie

Nadere informatie

BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR

BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR BESLUIT COLLEGE VAN BESTUUR Nummer : 763 Paraaf: Onderwerp : Reglement Studiekeuzecheck Windesheim (van toepassing voor de inschrijving voor het studiejaar 2016-2017) Besluit : Het College van Bestuur

Nadere informatie

Integrale Veiligheid. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AVB en AVD

Integrale Veiligheid. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AVB en AVD Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 AVB en AVD Vastgesteld per 7 juli 2015 pagina 2 van 74 Inhoudsopgave 1 Over de Onderwijs- en examenregeling 5 1.1 Voor wie is deze OER? 5 1.2 Hoe lees je de OER?

Nadere informatie

Bedrijfskunde MER. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AAFM, AVD en AHB. Vastgesteld per 1 september 2015

Bedrijfskunde MER. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016. AAFM, AVD en AHB. Vastgesteld per 1 september 2015 Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 AAFM, AVD en AHB Vastgesteld per 1 september 2015 pagina 2 van 90 Inhoudsopgave 1 Over de Onderwijs- en examenregeling 6 1.1 Voor wie is deze OER? 6 1.2 Hoe lees

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding: Biologie en medisch laboratoriumonderzoek. CROHO-nummer 34397

Hogeschool Leiden. Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding: Biologie en medisch laboratoriumonderzoek. CROHO-nummer 34397 Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2015-2016 van Bacheloropleiding: Biologie en medisch CROHO-nummer 34397 Graad: Bachelor of Science De Onderwijs- en examenregeling (OER) van een opleiding

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Arabische Taal en Cultuur

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de masteropleiding. Arabische Taal en Cultuur FACULTEIT DER LETTEREN RADBOUD UNIVERSITEIT NIJMEGEN ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING van de masteropleiding Arabische Taal en Cultuur 2008-2009 Par. 1 - Algemene bepalingen Artikel 1 - Toepasselijkheid van

Nadere informatie

Onderwijs- en Examenregeling LS&T/SMS&TI (Bacheloropleiding) 2004-2005

Onderwijs- en Examenregeling LS&T/SMS&TI (Bacheloropleiding) 2004-2005 Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen van de Universiteit Leiden & Faculteit Technische Natuurwetenschappen van de Technische Universiteit Delft 1 van de Bacheloropleidingen Life Science & Technology

Nadere informatie

Hogeschool Leiden. CROHO-nummer(s) 35288 en 35421. Graad: Bachelor of Education

Hogeschool Leiden. CROHO-nummer(s) 35288 en 35421. Graad: Bachelor of Education Hogeschool Leiden Onderwijs- en examenregeling 2014-2015 van Bacheloropleiding Tweedegraads Lerarenopleiding Gezondheidszorg & Welzijn en Tweedegraads Lerarenopleiding Omgangskunde CROHO-nummer(s) 35288

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de bacheloropleiding. Arabische Taal en Cultuur

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING. van de bacheloropleiding. Arabische Taal en Cultuur FACULTEIT DER LETTEREN RADBOUD UNIVERSITEIT NIJMEGEN ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING van de bacheloropleiding Arabische Taal en Cultuur 2008-2009 Par. 1 - Algemene bepalingen Artikel 1 - Toepasselijkheid

Nadere informatie

Bouwkunde Bouwmanagement en Vastgoed Bouwtechnische Bedrijfskunde Civiele Techniek Ruimtelijke Ontwikkeling

Bouwkunde Bouwmanagement en Vastgoed Bouwtechnische Bedrijfskunde Civiele Techniek Ruimtelijke Ontwikkeling Bouwkunde Bouwmanagement en Vastgoed Bouwtechnische Bedrijfskunde Civiele Techniek Ruimtelijke Ontwikkeling Onderwijs- en examenregeling 205 206 Academie voor Bouw & Infra Datum vaststelling academiedirectie

Nadere informatie

Onderwijs en examenregeling 2013 2014

Onderwijs en examenregeling 2013 2014 Onderwijs en examenregeling 2013 2014 Bacheloropleiding o o Small Business en Retail Management voltijd, crohonummer 34422 Small Business en Retail Management duaal, crohonummer 34422 Associate degree

Nadere informatie

Informatica. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016

Informatica. Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 Informatica Onderwijs- en examenregeling 205 206 Betrokken academies Opleiding Datum vaststelling academiedirectie AI&I Datum vaststelling academiedirectie AE&I Datum advies opleidingscommissie AI&I Datum

Nadere informatie

Onderwijs- en examenregeling 2015 2016

Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 Bedrijfseconomie Onderwijs- en examenregeling 2015 2016 Academie voor Algemeen en Financieel Management Academie voor Financieel Management Academie Voor Deeltijd Avans School for International Studies

Nadere informatie

Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER)

Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Uitleg over de OER Alles wat iedere student moet weten over zijn of haar Onderwijs- en Examenregeling (OER) Fractie VUUR, Universiteitsraad www.verenigingvuur.nl info@verenigingvuur.nl - 2 - Voorwoord

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Naam bachelor-opleiding volgens CROHO CROHO-nummer variant: deeltijd NHL Hogeschool Afdeling: Communicatie Versie: Definitief 27 mei 2015 INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016

Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Studentenstatuut (opleidingsspecifiek deel) 2015-2016 Master Leraar Algemene Economie CROHO: 45275 variant: deeltijd NHL Hogeschool Afdeling: IEC Versie: Concept besproken met kernteam 29-4-15 / definitief

Nadere informatie