De Nieuwste School De praktijk na ruim één schooljaar

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De Nieuwste School De praktijk na ruim één schooljaar"

Transcriptie

1 De Nieuwste School De praktijk na ruim één schooljaar Ontwikkeld door OMO en APS Januari 2007 APS-OMO

2 Colofon Tekst: Sebo Ebbens Eindredactie: Elise Schouten Lay-out: APS, Publishing Service Centre Foto s: Sebo Ebbens, Paul de Hommel Druk: Giethoorn Ten Brink, Meppel APS/OMO, Utrecht, 2007 Het team van De Nieuwste School bestaat in het schooljaar uit: Tom van Kleef: directeur; Jef Frijns, Elles Kahlé-Muis, Coryse Melfor, Linda van Rooij, Patrick Smits, Rob Verhoeven, Yarko van Vugt, Linda van der Weele: vooral mentoren; Bram Arens, Janna Ebbens, Willem in t Groen, Elaine Kuypers, Mark Langerwerf, Jos Niewold, Egbert Pladdet, Annemarieke Schepers en Stephanie van Stiphout: vooral experts; Patty Hout en Bas Leijen: tutoren; Paul de Hommel: conciërge; Dimitry Schoenmakers: systeembeheerder; Jolanda van Kempen, Chantal van Gils en Maria Vromans: administratie; Corrie Bruens en Petra Hopmans: zorg voor het schoonhouden van het gebouw. In het eerste semester waren ook actief in de school als docenten in opleiding: Hanneke Bakkum, Kathi Barth, Nicole van Boxtel, Yves Eijck, Willem Habets, Jan van Loon, Uriah Maduro, Yvonne Salomons, Yorick Sanders, Joan Soemanta, Frank Vrijsen en Rob van Rijswijk. Adres: De Nieuwste School (DNS) Noordhoekring GG Tilburg Tel.: Fax: Website:

3 Voorwoord In NRC Handelsblad van zaterdag 4 november 2006 verscheen in de wetenschapsbijlage een interessant artikel van de hand van Niki Korteweg. De auteur bespreekt daarin het werk van Margriet Sitskoorn als neuropsycholoog en ontwikkelingspsycholoog verbonden aan het Universitair Medisch Centrum Utrecht en vooral haar recente boek Het maakbare brein, gebruik je hersens en word wie je wilt zijn. Het werk van mevrouw Sitskoorn staat in een relatief prille traditie van toegepast hersenonderzoek. Dat leert ons dat ons brein geen statisch fenomeen is, maar plastisch van aard is. Onze hersenen blijven zich tot op hoge leeftijd ontwikkelen en dat gegeven biedt ongekende perspectieven voor ons onderwijs. In 2002 werd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek in overleg met het Ministerie van OCW de Commissie Hersenen & Leren ingesteld. Daarmee werd het einde van het hersendecennium gemarkeerd dat in Nederland in 1992 was gestart en werd tevens de aanzet gegeven voor initiatieven die een uitwisseling tussen hersenwetenschap en onderwijswetenschap plus onderwijspraktijk nastreven. Toen de Raad van Bestuur van Ons Middelbaar Onderwijs het initiatief nam voor De Nieuwste School, gebeurde dat in de gedachte dat kinderen in staat geacht worden om zelf vorm te geven aan hun eigen leerproces. Deze gedachte lijkt thans ondersteund te worden door het onderzoek van Sitskoorn en anderen: gebruik je hersens en word wie je wilt zijn, een passender motto is nauwelijks denkbaar voor iedereen die de pedagogische opdracht van ons onderwijs een centrale rol wil geven. Dat geldt voor hen die op een traditionele wijze onderwijs vormgeven, dat geldt a fortiori voor vernieuwers die bij onderwijsvernieuwing de leerling zelf een belangrijke stem willen geven. Onderwijsvernieuwing gebeurt niet vanuit de naïeve gedachte dat alles wat in het onderwijs vandaag de dag (nog) niet goed gaat, vanzelf goed komt als je meer uitgaat van de aangeboren nieuwsgierigheid van kinderen. Ze gaat wél uit van het idee dat onze leerlingen in potentie tot veel meer in staat zijn dan waartoe we ze in het klassieke onderwijs uitdagen. Met het uitspreken van dit soort ideeën moet je altijd uitkijken, want de kans op polarisatie ligt al snel op de loer in het onderwijsdebat. Je hoeft immers maar op enigerlei wijze te laten weten dat er aspecten in anders leren te vinden zijn die wellicht interessant kunnen zijn in het licht van een zich immer 3

4 De Nieuwste School ontwikkelende leerling, of je wordt door columnisten en anderen die een mening hebben over beter onderwijs in Nederland, in de beklaagdenbank geplaatst van bedenkelijke nieuwlichters die verantwoordelijk zijn voor de teloorgang van het Nederlandse onderwijs. Ik ben de laatste die wil polariseren in de onderwijsdiscussie. Als voorzitter van de Raad van Bestuur weet ik als weinig anderen hoe hard er op alle scholen van Ons Middelbaar Onderwijs wordt gewerkt aan het welbevinden en de groeipotentie van onze leerlingen. Daarnaast acht ik het mijn plicht om ruimte te bieden aan initiatieven die out of the box de grenzen opzoeken van wat in innoverend opzicht mogelijk is. Op De Nieuwste School wordt dag in dag uit aangetoond dat leerlingen er heel veel leren, en wellicht heel veel meer dan wat in een curriculum staat. Leren met behulp van de hier ontwikkelde denkcirkel doet een beroep op het volledige intelligentiebereik dat bij leren kan worden aangeboord. Leren in een leergemeenschap geeft op een concrete manier vorm aan de sociale ontwikkeling van kinderen naar volwassenheid. En werken aan je persoonlijkheid stelt je in staat om die vaardigheden te ontwikkelen, die onontbeerlijk zijn voor adequaat functioneren in onze maatschappij. Wat mij in dit proces bijzonder verheugt, is dat niet alleen uitgebreid beschreven wordt wat leerlingen iedere dag opnieuw doen, maar ook waaróm ze daarmee bezig zijn. Gebrek aan verantwoording afleggen over wat er op school gebeurt, is wel het laatste wat je De Nieuwste School kunt verwijten. De Nieuwste School is een school in ontwikkeling. Vanaf de start van het concept is dat ook altijd duidelijk gemaakt: De Nieuwste School zou niet af zijn, maar wil een instituut zijn dat zich blijft ontwikkelen op basis van alle relevante onderwijsinzichten met als uiteindelijk doel een bijdrage te leveren aan wat in De Nieuwste School-termen een volledig ontwikkeld mens heet. Dit proces vraagt om een voortdurende reflectie op het onderwijskundig concept en op de uitwerking ervan. Het werk van Sebo Ebbens is een volgende stap in deze verantwoordingscyclus, het werk van Sitskoorn uit mijn inleiding biedt uitdagingen om verder op deze weg te gaan. Als ik Ebbens bedank voor alles wat tot nu toe op De Nieuwste School is ontwikkeld, dan doe ik dat door in mijn dank de kinderen, hun ouders en alle medewerkers van De Nieuwste School te betrekken. Zonder hun medewerking is er geen ontwikkeling op De Nieuwste School mogelijk. Rob Kraakman Voorzitter Raad van Bestuur van Ons Middelbaar Onderwijs 4

5 Inhoud Inleiding 7 1. De visie van De Nieuwste School Van leervraag tot presentatie Naar gemeenschappelijk kennis: kennisweken en kennisdagen Competenties en persoonlijke kwaliteiten ontwikkelen Het gebouw 51 5

6

7 Inleiding In het schooljaar nam de Raad van Bestuur van Ons Middelbaar Onderwijs (OMO) het initiatief voor een project dat leren een nieuwe inhoud wilde geven. Een eerste resultaat was de brochure Onderwijs: een ontdekkingsreis naar je talenten (juni 2002), waarin de contouren worden geschetst van een eigentijdse, nieuwe vorm van voortgezet onderwijs. De brochure beschrijft de uitgangspunten en de grote lijnen van het onderwijs van de school. Bij de uitwerking en verdieping van de uitgangspunten vroeg het OMO ondersteuning van het APS, omdat beide organisaties veel overeenkomstige ideeën hebben over leren en onderwijzen. In de eerste helft van 2003 werkten OMO en APS aan de verdere ontwikkeling van de nieuwe school, die al snel De Nieuwste School wordt genoemd. De opbrengsten van dat proces zijn vastgelegd in het in 2004 verschenen boekje De Nieuwste School. Ontwerp voor betekenisvol onderwijs. Een belangrijk moment was november 2004, toen de minister van Onderwijs toestemming gaf om op 1 augustus 2005 te starten met De Nieuwste School. In het voorjaar en de zomer van 2005 werkte een nieuw team van mentoren/experts hard aan de vormgeving van de school en werd het gebouw niet ver van het station van Tilburg gelegen verbouwd. Het was net op tijd klaar: op 29 augustus 2005 opende De Nieuwste School, na jaren van discussie, overleg en voorbereiding, haar deuren voor 75 leerlingen. De eerste vier maanden van het bestaan van de school zijn beschreven in het boekje De Nieuwste School. Leren in een leergemeenschap. De tussenstand na één trimester (januari 2006). Deze brochure is daarop een vervolg en beschrijft de stand van zaken zestien maanden na de oprichting van De Nieuwste School. Ideeën zijn verder aan de praktijk getoetst, tussentijds aangepast en bijgesteld, onder andere vanwege de komst van een nieuwe lichting van 125 leerlingen. Het gebouw is aangepast aan deze nieuwe instroom en er wordt hard gewerkt aan een adequate huisvesting voor de komende jaren. De Nieuwste School heeft inmiddels een heldere structuur: er is sprake van een doortimmerd dag-, week- en maandritme, waarin leerlingen op een uitdagende en interessante wijze authentiek en actief leren. Een team van betrokken en vakkundige mensen werkt 7

8 De Nieuwste School op een uitdagende en actieve wijze met de leerlingen van De Nieuwste School. Dit boekje beschrijft opnieuw een tussenstand en geeft een goede indruk van het doen en denken op De Nieuwste School. De ontwikkeling van het concept is nog niet af, maar de contouren zijn de afgelopen anderhalf jaar helder en duidelijk geworden. Tot slot nog een ietwat aangepast citaat uit het boekje De Nieuwste School. Ontwerp voor betekenisvol onderwijs. Uit de praktijk blijkt dat De Nieuwste School onderwijs biedt dat er anders uitziet dan we gewend zijn. Dat betekent niet dat de ontwerpers en het team geen respect en waardering hebben voor al die onderwijsgevenden, die hard werken om modern onderwijs gestalte te geven, evenals alle andere betrokkenen zoals ouders, beleidsmakers,... Zij allen worden uitgenodigd om te reageren op de ontwikkelde ideeën, want De Nieuwste School is niet af, maar zal altijd in ontwikkeling zijn. Het team, de Raad van Bestuur van OMO en het APS zien het als een uitdaging om ervoor te zorgen dat die ontwikkeling blijft doorgaan. Daarom hopen zij dat dit boekje veel lezers zal inspireren en zal prikkelen tot reacties en tot meedenken, zodat het draagvlak voor De Nieuwste School zal groeien en het concept steeds verder zal worden verrijkt. Deze boodschap staat nog volledig overeind. We hopen op veel reacties. Tom van Kleef Directeur De Nieuwste School NB Overal waar in deze publicatie hij staat, kan ook zij gelezen worden. 8

9 Hoe is dit boekje opgebouwd? Hoofdstuk 1 beschrijft de visie van De Nieuwste School, die het afgelopen schooljaar is uitgebreid met nieuwe inzichten. Hoofdstuk 2 laat zien hoe leerlingen van het formuleren van een eigen leervraag, via het uitvoeren van onderzoek, komen tot een presentatie voor andere leerlingen. Hoofdstuk 3 besteedt aandacht aan de wijze waarop de kennis, die individuele leerlingen of groepjes leerlingen ontwikkelen, gemeenschappelijke kennis wordt van alle leerlingen en hoe de kennis wordt getoetst. Hoofdstuk 4 beschrijft aan welke competenties en persoonlijke kwaliteiten De Nieuwste School in het bijzonder aandacht besteedt. Hoofdstuk 5 toont het gebouw en de inrichting van het gebouw. In de kaders staat achtergrondinformatie over De Nieuwste School. Er is aandacht voor een rijke leeromgeving (kader 1), respect en tolerantie als belangrijke waarden (kader 2), de dagindeling van de leerlingen (kader 3), de thema s van het schooljaar (kader 4), kernbegrippen (kader 5), onderzoeksactiviteiten van leerlingen (kader 6), de beoordeling van presentaties (kader 7), het portfolio (kader 8), toetsen van kennis in gereedschapslessen (kader 9), criteria voor beoordeling van de kennistoets (kader 10), kennisdagen in het schooljaar (kader 11), het woordrapport (kader 12), de vijf persoonlijke kwaliteiten (kleuren) (kader 13), vijf kleuren in gesloten vorm (kader 14) en zes paradoxen bij de vormgeving en inrichting van het gebouw (kader 15). De foto s geven een indruk van het gebouw en de activiteiten van leerlingen, docenten en niet-onderwijzend personeel. 9

10

11 1. De visie van De Nieuwste School De visie van De Nieuwste School is eerder beschreven in de publicaties De Nieuwste School. Ontwerp voor betekenisvol onderwijs (2004) en De Nieuwste School. Leren in een leergemeenschap. De tussenstand na één trimester (2006). We breiden de visie uit met inzichten die in het eerste bestaansjaar van de school zijn opgedaan. Drie uitgangspunten De visie van De Nieuwste School is gebaseerd op drie uitgangspunten: uitgaan van de nieuwsgierigheid van leerlingen, leren in een leergemeenschap en het geleerde vastleggen. 1. Uitgaan van de nieuwsgierigheid van leerlingen Leerlingen van De Nieuwste School leren vanuit hun nieuwsgierigheid en verwondering. Zij formuleren eigen leervragen op basis van hun interesse, op basis van iets dat hen intrigeert en raakt. Om hun leervragen te beantwoorden, maken de leerlingen een individuele ontdekkingsreis: zij onderzoeken en verwerken hun leervragen zo diep en gevarieerd mogelijk. De leerlingen voeren onderzoeken uit in het kader van een thema en doen daarnaast eigen onderzoek over een zelf gekozen onderwerp. Bij de ontwikkeling en bij de verwerking van de leervragen krijgen leerlingen steun van mentoren, experts, medeleerlingen en eventueel externe experts. De kennis die leerlingen tijdens hun onderzoeken opdoen, presenteren zij binnen de leergemeenschap aan medeleerlingen. Leerlingen komen niet zomaar tot een leervraag. Veel leerlingen moeten op ideeën worden gebracht en hebben ondersteuning nodig bij het bedenken van hun leervragen. Daarvoor is het nodig dat er sprake is van een rijke leeromgeving (zie kader 1). 11

12 De Nieuwste School Kader 1: Een rijke leeromgeving Binnen het thema creëert de school een rijke leeromgeving door onder andere: l Een algemene oriëntatie op het thema door mentoren. l Oriëntaties door experts uit de drie leergebieden: mens- en maatschappijwetenschappen, natuurwetenschappen en kunsten. l Gesprekken met mentoren en experts (docenten of leerlingen). l Gesprekken met ouders. l Bronnenonderzoek: boeken en internet. l Ideeën van medeleerlingen. l Leercirkels: leerlingen met ongeveer dezelfde belangstelling binnen een leergebied worden bij elkaar gebracht. Voor het formuleren van leervragen voor het eigen onderzoek, creëert de school een rijke leeromgeving door onder andere: l Presentaties van de resultaten van leervragen van andere leerlingen. l Workshops over verschillende onderwerpen, soms gekoppeld aan de thema s. l Gesprekken met interne of externe experts (docenten, leerlingen of gasten). l Gesprekken met mentoren en ouders. l Open discussies in de stamgroep over allerlei onderwerpen. l Algemene informatie die de leerlingen regelmatig tegenkomen. l Medeleerlingen die meedenken en helpen leervragen te ontwikkelen. Daarnaast krijgen leerlingen gereedschappen en basiskennis aangereikt, waardoor ze hun onderzoeken beter kunnen uitvoeren. Zij krijgen inhoudelijke ondersteuning door onder andere: l Gereedschapslessen wiskunde/gecijferdheid, Engels, Nederlands/geletterdheid en bewegingsonderwijs. l Taalweken, waarin gedurende één of twee weken een moderne vreemde taal centraal staat. l Gecijferdheidsdagen, waarin er onder andere aandacht is voor het omgaan met kwantitatieve gegevens bij het onderzoeken van de leervragen. De leerlingen krijgen procesmatige ondersteuning door onder andere: l Mentorbijeenkomsten, waarin onderzoeksmethoden worden toegelicht (denkcirkel, zoeken op internet), aandacht wordt besteed aan competenties, met elkaar wordt gediscussieerd en ervaringen worden uitgewisseld. l Gesprekken met de experts. l Posters met mogelijke activiteiten binnen bepaalde fasen van onderzoek (zie ook kader 6). l Ondersteuning van medeleerlingen. 12

13 1. De visie van De Nieuwste School 2. Leren in een leergemeenschap De kennis die leerlingen tijdens hun onderzoeken verwerven, delen zij met anderen. Daardoor verrijken leerlingen, mentoren, experts, tutoren en eventuele andere belangstellenden hun kennis. Doordat leerlingen het geleerde presenteren (tijdens de viering ) ervaren zij dat zij tezamen in staat zijn veel te weten te komen en vergroten en verdiepen zij hun kennis. Dat is de kern van de leergemeenschap. De viering heeft, naast dit inhoudelijke aspect, natuurlijk ook een sociale functie. Presenteren Aan het eind van een themaperiode van (meestal) vier weken, presenteren de leerlingen op de donderdag en/of vrijdag van de vierde week de eindproducten van hun onderzoeken. De vorm van deze presentaties verschilt: het kan een mondelinge presentatie zijn, maar bijvoorbeeld ook een markt, een website of een experiment. Meestal hebben de presentaties plaats in heterogene groepen. Dat betekent dat leerlingen met een leervraag uit een bepaald leergebied (bijvoorbeeld natuurwetenschappen) presenteren aan leerlingen met leervragen uit andere leergebieden (bijvoorbeeld kunsten). Ook kunnen leerlingen hun resultaten presenteren aan leerlingen uit andere stamgroepen, het andere leerjaar, aan ouders en/of andere belangstellenden. Er wordt gezorgd voor zo veel mogelijk variatie. Teamvergadering woensdagmiddag 13

14 De Nieuwste School 3. Het geleerde vastleggen Leerlingen stellen samen met medeleerlingen en mentoren/ experts vast wat ze van hun eigen onderzoek en van de presentaties van andere leerlingen hebben geleerd. De resultaten van de leerlingen worden gespiegeld aan de kernbegrippen van het betreffende thema. Kernbegrippen zijn die onderdelen van de drie leergebieden, waarvan de experts hebben vastgesteld dat alle leerlingen ze moeten kennen. De kennis die wordt vastgelegd, wordt bewaard in het portfolio van de leerling, in het persoonlijk archief van de mentor/expert en gaat mee naar de kennisdagen en kennisweken (zie hoofdstuk 3). Het vastleggen van het geleerde gebeurt in de zogenaamde vertraagde of witte tijd 1. Reflecteren op het geleerde Op de maandag na de presentaties is er sprake van witte tijd. Voor het tweede leerjaar bestaat deze witte tijd uit een dag, voor de eerstejaarsleerlingen uit een halve dag. In de witte tijd reflecteren de leerlingen, ieder op eigen wijze, op de presentaties van de andere leerlingen van de week daarvoor, stellen zij vast wat ze hebben geleerd en leggen dat vast in hun portfolio. Zij koppelen het geleerde (uit het eigen onderzoek en de onderzoeken van anderen) aan de kernbegrippen van het thema. Leerlingen vullen de witte tijd op eigen wijze in: bijvoorbeeld door met andere leerlingen samen te werken, door alleen rustig na te denken en een en ander nog eens door te lopen, door met een expert of mentor te praten of door het eindproduct van een andere leerling nog een keer te bekijken. Elke leerling brengt op zijn eigen wijze ordening aan in het geleerde. De reflectie leidt tot een samenvatting van minstens één A4 tje, dat aan het eind van de dag wordt besproken met de mentor en met de leerlingen van de stamgroep. Het A4 tje gaat (met de opmerkingen van de begeleiders) mee naar de kennisdagen en kennisweken, waar de vastgestelde kennis wordt overgedragen en getoetst (zie hoofdstuk 3). 14

15 1. De visie van De Nieuwste School Visieontwikkeling De drie bovengenoemde uitgangspunten zijn nog steeds belangrijk. Daar is het afgelopen schooljaar niets in veranderd. Toch kunnen we, na ruim een jaar, weer iets specifieker zijn over wat deze uitgangspunten betekenen voor de leerlingen en hun leren. We staan stil bij het eigenaarschap van het leren van de leerlingen en bij respect en tolerantie in de leergemeenschap. Eigenaar van het leren Veel scholen voelen zich zo verantwoordelijk voor het examen en de resultaten daarvan, dat het examen vanaf de eerste dag een belangrijke rol speelt in het denken van de docenten. Hun belangrijkste doelstelling is dat leerlingen genoeg weten om het examen te halen. Op De Nieuwste School is het de bedoeling dat er méér gebeurt: de leerlingen moeten het examen halen, maar moeten ook de eigenaar zijn van hun leren. De school streeft deze twee doelen na, omdat zij erin gelooft dat met name het eigenaarschap zorgt voor motivatie en geïntegreerde kennis. Als leerlingen eigenaar zijn van hun leren, weten zij wat het geleerde voor hen betekent en waarom ze iets doen. Daarnaast moeten leerlingen het examen halen, omdat zij daarmee een erkend diploma verwerven waarmee ze toegang hebben tot vervolgonderwijs of arbeidsmarkt. Dat De Nieuwste School deze twee eisen beide stelt, betekent dat er voortdurend wordt gezocht naar een goede balans tussen de exameneisen en wat leerlingen willen leren. Juist dit aspect maakt het onderwijs van De Nieuwste School vernieuwend en intensief. Het moge duidelijk zijn dat het examen een steeds belangrijker rol zal spelen naarmate het examen dichterbij komt. Voorbeelden eigenaarschap van het leren l Leerlingen bepalen hun eigen onderzoeksvragen. l Leerlingen voorzien de kernbegrippen die vanuit de leergebieden worden aangereikt, van een groot aantal voorbeelden en breiden deze uit. Zij begrijpen daardoor waar de door hen verworven kennis vandaan komt. l In de toetsweek aan het eind van het schooljaar formuleren de leerlingen, samen met de experts, dertig vragen over de thema s van de laatste zes maanden. De leerlingen weten zodoende hoe de vragen tot stand komen. l Leerlingen tonen in hun portfolio de onderzoeksresultaten waar ze trots op zijn. 15

16 De Nieuwste School Wanneer leerlingen werken aan een eigen leervraag, blijken ze vaak niet goed te weten wat ze hebben geleerd. Het leren gaat zo vanzelfsprekend, verloopt op een zo natuurlijke wijze, dat sommige leerlingen het idee hebben dat ze niets leren. Daarom is het belangrijk dat De Nieuwste School veel aandacht besteedt aan het expliciet maken van het geleerde. Het gaat zowel om het helder maken van wat de leerlingen inhoudelijk hebben geleerd, als om het expliciteren van de competenties (complexe vaardigheden) en persoonlijke kwaliteiten die de leerlingen hebben ontwikkeld. Hieraan heeft de school het laatste jaar veel aandacht besteed. Het expliciet maken van de inhoudelijke kennis gebeurt in de oriëntaties op de thema s, tijdens discussies in de leercirkels, bij de presentaties van de leerlingen, in de reflecties op de thema s en tijdens de kennisdagen en kennisweken (zie hoofdstuk 2 en 3). Het expliciteren van competenties en persoonlijke kwaliteiten gebeurt in de reflecties, gesprekken in de stamgroepen en persoonlijke gesprekken met de mentor (zie hoofdstuk 4). Naast het eigenaarschap rond het leren, streeft de school er ook naar dat de leerlingen mede-eigenaar zijn van het sociale klimaat op school. Voorbeelden eigenaarschap schoolklimaat l Veel afspraken in de stamgroep worden samen opgesteld naar aanleiding van gebeurtenissen en worden regelmatig bijgesteld op basis van ervaringen. l Het drinken en eten in de pauzes, de financiën daarvan en het schoonhouden van de keuken en het grand café worden, onder leiding van een docent, door leerlingen georganiseerd (de keukenploeg). Afsluiting voedselproject 16

17 1. De visie van De Nieuwste School Respect en tolerantie, de grondslag van de leergemeenschap De Nieuwste School beschouwt respect en tolerantie als bijzonder belangrijke waarden (zie kader 2). Kader 2: Respect en tolerantie De Nieuwste School verstaat onder respect: elkaar als personen in waarde laten. De school verstaat onder tolerantie: elkaars ideeën in waarde laten. Vanuit deze omschrijving is het mogelijk dat iemand op een niet-respectvolle manier pleit voor tolerantie of dat iemand pleit voor respect op een manier die weinig tolerantie oproept. De combinatie van respect en tolerantie bepaalt voor een belangrijk deel het sociale klimaat in de school (en in een gesprek of debat). De enige opvattingen waar geen tolerantie voor wordt opgebracht, zijn de opvattingen die respect en/of tolerantie ter discussie stellen. Er zijn twee redenen waarom De Nieuwste School pleit voor respect en tolerantie. Allereerst beschouwt de school veiligheid als een zeer belangrijke voorwaarde voor het leren. Leerlingen die zich onveilig voelen kunnen niet leren, omdat zij hun tijd en aandacht moeten besteden aan overleven. De Nieuwste School besteedt daarom veel tijd en aandacht aan het voorkomen van onveilige situaties. Dat gebeurt onder andere in de stamgroep bij het opstellen van de regels, bij het bemiddelen in ruzies tussen leerlingen of in persoonlijke gesprekken met leerlingen. De Nieuwste School wil een veilige (en dus pestvrije) school zijn. De tweede reden om aandacht te besteden aan respect en tolerantie is dat het leren in de leergemeenschap op deze twee voor-waarden is gebaseerd. Deze twee waarden staan, bijvoorbeeld tijdens de presentaties, nooit ter discussie. Het is onacceptabel dat leerlingen elkaar beledigen. Dit betekent overigens niet dat leerlingen het met elkaar eens moeten zijn. Leerlingen mogen te allen tijde discussies met elkaar voeren omdat zij het niet met elkaar eens zijn, maar zij moeten dat altijd op een respectvolle manier doen en moeten de ideeën van de ander in waarde laten. Docenten en alle andere betrokkenen de directeur, niet-onderwijzend personeel, docenten in opleiding moeten leerlingen hierin tot voorbeeld zijn 2. 17

18 De Nieuwste School Wanneer een leerling (al dan niet met steun van de ouders) weigert om de waarden respect en tolerantie met het bijbehorende gedrag te erkennen bijvoorbeeld door een andere leerling te bedreigen is dat voor De Nieuwste School een reden om deze leerling dringend of dwingend te verzoeken een andere school te zoeken. Dat verzoek heeft niets te maken met antipathie van de schoolleider of een docent voor die leerling, maar komt voort uit het feit dat deze leerling één van de grondslagen van de school bedreigt. 1 Het begrip vertraagde tijd beschrijft de filosoof Arnold Cornelis in zijn boek De Vertraagde Tijd, Revance van de Geest als Filosofie van de Toekomst (Middelburg, Essence, 1999). Hij stelt dat het verwerven van inzicht tijd kost en dat inzicht de gedaante is van de vertraagde tijd. Ook stelt hij dat: vertraagde tijd betekent dat er meer en beter wordt nagedacht. De benaming witte tijd, die op De Nieuwste School wordt gebruikt, betekent hetzelfde en sluit aan bij de kleuren die op de school worden gebruikt (zie hoofdstuk 4). 2 Wat tot voorbeeld zijn betekent is helder beschreven in De pit van pedagogisch vakmanschap, van Johan Hamstra e.a. (2006) (met bijbehorende dvd). Utrecht: APS (www.aps.nl). 18

19 2. Van leervraag tot presentatie Leerlingen van De Nieuwste School formuleren een leervraag, vergaren kennis tijdens hun onderzoeken en presenteren die kennis vervolgens aan andere leerlingen. Dit proces, van leervraag tot presentatie, bestaat uit vijf fasen. We beschrijven hoe dit proces verloopt bij de thematische onderzoeken die leerlingen uitvoeren en bij de eigen onderzoeken van leerlingen. De Nieuwste School is voortdurend op zoek naar de beste manier van kennisontwikkeling. Aangezien het examen voor de eerste lichting leerlingen langzaam maar zeker dichterbij komt, is de kennisontwikkeling volop in beweging. In dit hoofdstuk (en in hoofdstuk 3) beschrijven we de manier waarop De Nieuwste School in het schooljaar vormgeeft aan kennisverwerving, maar het is goed mogelijk dat de kennisontwikkeling er in de toekomst, wanneer het eindexamen nadert, anders uit zal gaan zien, bijvoorbeeld gestructureerder of meer gestuurd. We zagen in hoofdstuk 1 dat leerlingen van De Nieuwste School kennis opdoen door eigen leervragen te formuleren, deze te onderzoeken en de verworven kennis te delen met anderen. Een belangrijke vraag is hoe de onderzoeken naar aanleiding van de individuele leervragen van leerlingen leiden tot gemeenschappelijke kennis in de gehele jaarlaag. Of met andere woorden: hoe ontstaat er kennis, als deze niet in cursussen wordt aangeboden? Vooraf geven we in kader 3 (zie volgende pagina) weer hoe een (willekeurige) schooldag er op De Nieuwste School uitziet. Instructie in de stamgroep 19

20 De Nieuwste School Kader 3: Een (willekeurige) dag op DNS De thema-onderzoeken en de eigen onderzoeken van leerlingen hebben plaats in een weekritme, waarin ook het overleg in de stamgroep (aan het begin en eind van de dag), de gereedschapslessen en workshops een plaats hebben uur Bijeenkomst in de stamgroep (onder andere aandacht voor Nederlands) uur Themagericht onderzoek uur Pauze uur Themagericht onderzoek uur Eigen onderzoek uur Pauze uur Gereedschapsles (wiskunde/gecijferdheid, Nederlands, Engels, beweging) uur Workshop / Eigen onderzoek / Thema uur Afsluiting in de stamgroep uur Pauze voor degenen die op school blijven uur 2 Mogelijkheid om op school door te werken (op maandag, dinsdag en donderdag) Omdat De Nieuwste School waarde hecht aan een dagelijks ritme voor de leerlingen, houdt de school zich strikt aan de genoemde tijden. Dat betekent dat leerlingen voor de pauze alles opruimen en na de pauze weer verder gaan (tenzij ze een praktisch onderzoek doen) en dat zij om uur overschakelen van themagericht onderzoek naar eigen onderzoek. De school houdt aan dit ritme vast, omdat leerlingen daardoor steeds weer een frisse start maken. Zou dat niet zo zijn, dan zou de dag lang en wellicht saai zijn. Ongetwijfeld krijgen de leerlingen meer vrijheid naarmate ze ouder en zelfstandiger worden en meer gewend zijn aan de werkwijze van De Nieuwste School. Het themagericht onderzoek: van leervraag tot presentatie In het thematisch onderzoek, dat in totaal meestal vier weken duurt, onderscheiden we vijf fasen 3 : 1. Een leervraag formuleren. 2. Je eigen onderzoek ontwerpen. 3. Het onderzoek uitvoeren. 4. Het onderzoek presenteren. 5. Reflecteren op je eigen onderzoek en op de onderzoeken van anderen. 20

21 2. Van leervraag tot presentatie Fase 1: Een leervraag formuleren Aan het begin van een nieuw thema geeft de mentor in de stamgroep een korte introductie op het thema, zodat leerlingen een eerste indruk krijgen van de inhoud van het thema (zie voor een overzicht van de thema s kader 4). Ook horen de leerlingen tijdens deze introductie welke eisen aan hen worden gesteld en hoeveel uren ze voor het themaonderzoek ter beschikking hebben. Op basis van deze informatie gaan de leerlingen op zoek naar een eigen leervraag: ze grasduinen en voeren gesprekken met de mentor, de expert en medeleerlingen. Kader 4: De thema s dit schooljaar De geplande thema s in het eerste leerjaar: l Nieuw. l Helden. l Eten. l Mysteriën. l Natuurverschijnselen. l Picasso en zijn tijdgenoten. l Op straat. De geplande thema s in het tweede leerjaar: l Nieuw. l Media. l Europa en de grenzen van Europa, resulterend in: l De verkiezingen. l Energie. l Waarnemen. l Werk en geld. l De mens. Twee opmerkingen: 1. De school kiest ervoor om met een hele jaarlaag in thema s te werken, omdat leerlingen daardoor de kans krijgen samen functioneel kennis te ontwikkelen. De leerlingen onderzoeken immers verschillende onderwerpen van het thema en presenteren dat aan elkaar. Daarvan worden alle leerlingen rijker. 2. De thema s worden regelmatig afgewisseld met taalweken, gecijferdheidsdagen en zo nu en dan een sportdag. Daarnaast zijn er gereedschapslessen wiskunde/ gecijferdheid, Engels, Nederlands en bewegingsonderwijs. Om leerlingen bij het formuleren van hun leervraag te ondersteunen, bieden de experts van de drie leergebieden tijdens de eerste drie 21

22 De Nieuwste School dagen oriëntaties aan, die de leerlingen een indruk geven van wat dit thema betekent als je er vanuit een bepaald leergebied naar kijkt. Deze oriëntaties zijn voor alle leerlingen verplicht en leveren hen algemene informatie, beelden, verbazingwekkende feiten en ideeën voor mogelijke onderzoeksvragen. In de oriëntatie licht elke expert ook toe wat de kernbegrippen zijn voor het betreffende leergebied (zie kader 5). Door de oriëntaties krijgen leerlingen een goed beeld van de mogelijkheden die het thema biedt en van de eisen die worden gesteld. Op basis van de introductie, het grasduinen, de gesprekken en de oriëntaties, formuleren de leerlingen een eigen leervraag. Voor leerlingen die moeite hebben met het formuleren van leervragen, is er voor elk leergebied een aantal leervragen beschikbaar, waaruit zij kunnen kiezen. Bij het ontwikkelen van een leervraag wordt vaak gebruikgemaakt van een woordspin of woordkaart. Leerlingen brainstormen over het thema naar aanleiding van een overzicht dat ze van de experts hebben gekregen en brengen diverse gebieden en onderwerpen binnen het thema in kaart. Daardoor krijgen ze een goed beeld van wat er binnen het thema allemaal mogelijk is en kunnen ze beter kiezen. Op de volgende bladzijde ziet u de woordkaart die Jurjen (tweede leerjaar) maakte aan het begin van zijn eigen onderzoek over de vraag: Waardoor zijn de Franse revolutie en de verlichting ontstaan?. Elke leerling moet aan het einde van de eerste week een leervraag hebben geformuleerd. Voorbeelden van leervragen van eerstejaarsleerlingen bij het thema Eten l Wat zijn verschillen in de eetgewoontes in verschillende landen? Waarom bestaan die verschillen? l Hoe werkt flamberen bij eten? Welke soorten eten lenen zich goed voor flamberen en welke niet? l Wat doet gezond eten met je lichaam? En wat doet ongezond eten (zoals hamburgers)? l Hoe laat ik eten zo mooi mogelijk uitkomen op een foto? Voorbeelden van leervragen van tweedejaarsleerlingen bij het thema Europa l Wat maakt een stad tot een typische Europese stad? Waarin onderscheiden Europese steden zich van bijvoorbeeld Amerikaanse steden? Zijn er verschillen tussen Nederlandse steden en steden in 22

23 2. Van leervraag tot presentatie Woordspin Jurjen 23

Excellentie in ontwikkeling Werken met een persoonlijk leerplan

Excellentie in ontwikkeling Werken met een persoonlijk leerplan Excellentie in ontwikkeling Werken met een persoonlijk leerplan Esther de Boer, Jacques Poell en Elise Schouten Excellentie in ontwikkeling Werken met een persoonlijk leerplan Esther de Boer Jacques Poell

Nadere informatie

EN NU DE DOCENT NOG...!

EN NU DE DOCENT NOG...! EN NU DE DOCENT NOG...! kernredacteur van dit nummer: Prof. Dr. J.G.L.C. Lodewijks MesoConsult B.V. Tilburg april 1996 1996 MesoConsult B.V. Tilburg Uit deze uitgave mag niets worden verveelvoudigd en/of

Nadere informatie

Een IKC dat staat als een huis!

Een IKC dat staat als een huis! Een IKC dat staat als een huis! Hoe bouw je een duurzaam integraal kindcentrum? Een IKC dat staat als een huis! Hoe bouw je een duurzaam integraal kindcentrum? Spier ten Doesschate Mark van der Pol APS

Nadere informatie

OPVATTINGEN VAN DOCENTEN OVER LEREN EN ONDER- WIJZEN

OPVATTINGEN VAN DOCENTEN OVER LEREN EN ONDER- WIJZEN juni 2004 nummer 57 OPVATTINGEN VAN DOCENTEN OVER LEREN EN ONDER- WIJZEN Studie huis Auteur Yvonne de Vries Redactie Wynand Wijnen en Jos Zuylen onder redactie van G.J. van Ingen Drs. R. Schut Prof. Dr.

Nadere informatie

Over drempels naar meer ict-gebruik in het voortgezet onderwijs

Over drempels naar meer ict-gebruik in het voortgezet onderwijs Rapport 4 Over drempels naar meer ict-gebruik in het voortgezet onderwijs Rapport naar aanleiding van het project DigilessenVO in 2009 Bert Zwaneveld Herman Rigter Ruud de Moor Centrum Ruud de Moor Centrum

Nadere informatie

Door de bomen het bos. Met tekstbijdragen van: Koos Baas Albert Boekhorst Jan Karmiggelt Dirk van der Veen Maarten van Veen Iwan Wopereis

Door de bomen het bos. Met tekstbijdragen van: Koos Baas Albert Boekhorst Jan Karmiggelt Dirk van der Veen Maarten van Veen Iwan Wopereis Met tekstbijdragen van: Koos Baas Albert Boekhorst Jan Karmiggelt Dirk van der Veen Maarten van Veen Iwan Wopereis Onder redactie van: Maarten van Veen Door de bomen het bos Informatievaardigheden in het

Nadere informatie

Handleiding focusgroep onderzoek

Handleiding focusgroep onderzoek Handleiding focusgroep onderzoek In deze handleiding komt aan de orde: 1. wat een focusgroep is; 2. wanneer een focusgroep onderzoek bruikbaar is; 3. plaats van het focusgroep onderzoek in de verbeter

Nadere informatie

Bezoek met een opdracht

Bezoek met een opdracht Bezoek met een opdracht 6 Visitaties in het voortgezet onderwijs Leren verbeteren Project voor risicoscholen en (zeer) zwakke afdelingen Een project van de VO-raad en AOC Raad Eerder verschenen in deze

Nadere informatie

De lerende organisatie: Wat is het en hoe geef je er vorm aan?

De lerende organisatie: Wat is het en hoe geef je er vorm aan? Onderzoeksrapport De lerende organisatie: Wat is het en hoe geef je er vorm aan? Resultaten van een onderzoek op twaalf Nederlandse scholen voor voortgezet onderwijs Universiteit Utrecht Onderwijsadvies

Nadere informatie

Op een dag ben je leraar

Op een dag ben je leraar Op een dag ben je leraar Zoektocht naar professionele identiteit van leraren Hanna de Koning Hella Kroon Op een dag ben je leraar Zoektocht naar professionele identiteit van leraren Hanna de Koning en

Nadere informatie

Mondelinge feedback bij zelfstandig werken

Mondelinge feedback bij zelfstandig werken KORTLOPEND ONDERWIJSONDERZOEK Vormgeving van leerprocessen 74 Mondelinge feedback bij zelfstandig werken Interactie tussen docenten en leerlingen in het VO Yvette Sol Karel Stokking Mondelinge feedback

Nadere informatie

Teamwerken is teamleren?

Teamwerken is teamleren? Teamwerken is teamleren? Vormgeven en ontwikkelen van teams in het onderwijs Hans Kommers en Marieke Dresen Ruud de de Moor Centrum Open Universiteit rdmc.ou.nl Teamwerken is teamleren? Vormgeven en ontwikkelen

Nadere informatie

Een schrijfwijzer om succesvolle interventies schriftelijk overdraagbaar te maken

Een schrijfwijzer om succesvolle interventies schriftelijk overdraagbaar te maken Een schrijfwijzer om succesvolle interventies schriftelijk overdraagbaar te maken Dit is een uitgave van het Samenwerkingsverband effectieve interventies. Auteurs: Marijke Booijink, Christine Kuiper, Gery

Nadere informatie

Rekenen verbeteren? Begin bij de leraar!

Rekenen verbeteren? Begin bij de leraar! Rekenen verbeteren? Begin bij de leraar! Kees Hoogland Dolf Janson Madeleine Vliegenthart Rachel van Vugt Ellen Zonneveld Annemieke Zwart Rekenen verbeteren? Begin bij de leraar! Kees Hoogland Dolf Janson

Nadere informatie

BEOORDELEN VAN ONDERZOEKS- VAARDIGHEDEN VAN LEERLINGEN

BEOORDELEN VAN ONDERZOEKS- VAARDIGHEDEN VAN LEERLINGEN BEOORDELEN VAN ONDERZOEKS- VAARDIGHEDEN VAN LEERLINGEN richtlijnen, alternatieven en achtergronden kernredactie: Dr. K.M. Stokking Drs. M.F. van der Schaaf MesoConsult B.V. Tilburg juni 1999 Deze brochure

Nadere informatie

Suzanne Beek, Arie van Rooijen & Cees de Wit. Samen. kun je meer dan alleen. Educatief partnerschap met ouders in primair en voortgezet onderwijs

Suzanne Beek, Arie van Rooijen & Cees de Wit. Samen. kun je meer dan alleen. Educatief partnerschap met ouders in primair en voortgezet onderwijs Suzanne Beek, Arie van Rooijen & Cees de Wit Samen kun je meer dan alleen Educatief partnerschap met ouders in primair en voortgezet onderwijs Colofon Deze brochure is één van de opbrengsten van een project

Nadere informatie

Overzichtsstudie van wetenschappelijk onderzoek naar duurzaam vernieuwen in het voortgezet onderwijs

Overzichtsstudie van wetenschappelijk onderzoek naar duurzaam vernieuwen in het voortgezet onderwijs Leren over innoveren Overzichtsstudie van wetenschappelijk onderzoek naar duurzaam vernieuwen in het voortgezet onderwijs Expeditie durven, delen, doen durven delen doen Sietske Waslander Colofon Leren

Nadere informatie

Koppen bij elkaar! Handleiding voor intercollegiaal overleg in de verzorging

Koppen bij elkaar! Handleiding voor intercollegiaal overleg in de verzorging Koppen bij elkaar! Handleiding voor intercollegiaal overleg in de verzorging Sting, maart 2008 Koppen bij elkaar! Handleiding voor intercollegiaal overleg in de verzorging. Tekst: Ineke Bakx, Rineke Sturm,

Nadere informatie

De 10 tips voor. Succesvol Communiceren

De 10 tips voor. Succesvol Communiceren De 10 tips voor Succesvol Communiceren Wat je geeft, ontvang je terug ICM Uitgave De 10 tips voor Succesvol Communiceren Extra tip: Print dit 10 tips e-book voor optimaal resultaat 1 De 10 tips voor Succesvol

Nadere informatie

Digitaal leren moet je leren

Digitaal leren moet je leren LOOK Rapport 38 Renny Beers Reggie Berkers Karel Kreijns Hartger Wassink Digitaal leren moet je leren Ict-ontwikkeling in teams op SG Were Di Wetenschappelijk Centrum Leraren Onderzoek Open Universiteit

Nadere informatie

Omgaan met verschillen op het snijvlak van pedagogisch en didactisch handelen

Omgaan met verschillen op het snijvlak van pedagogisch en didactisch handelen Omgaan met verschillen op het snijvlak van pedagogisch en didactisch handelen Een verkenning Klaas Hiemstra Jacqueline Schoones Otto de Loor Monica Robijns APS is een toonaangevend onderwijsadviesbureau

Nadere informatie

Een effectieve leeromgeving in het primair en voortgezet onderwijs

Een effectieve leeromgeving in het primair en voortgezet onderwijs 8 Doorlopende leerlijnen Marjan van der Maas Een effectieve leeromgeving in het primair en voortgezet onderwijs Onderzoeksrapportage Inrichten leeromgevingen PO en VO 2008-2010 Een effectieve leeromgeving

Nadere informatie

Op weg naar een duurzame sportvereniging

Op weg naar een duurzame sportvereniging Op weg naar een duurzame sportvereniging 1 Inhoud Inleiding... 4 De fasen op een rij... 10 1. Dromen... 11 1.1 Het begint met een droom... 11 1.2 Mandaat van bestuur en leden... 12 1.3 Wijs verantwoordelijke(n)

Nadere informatie

Talentontwikkeling op de havo

Talentontwikkeling op de havo Talentontwikkeling op de havo Verhalen uit de praktijk regionale talentnetwerken Talentontwikkeling op de havo Verhalen uit de praktijk Talentontwikkeling op de havo Inhoudsopgave 1. Over deze publicatie

Nadere informatie

Excellentie en differentiatie

Excellentie en differentiatie Excellentie en differentiatie Met praktijkvoorbeelden van vo-scholen uit het netwerk van het Junior College Utrecht Dr. Ton van der Valk Met dank aan: Judith Schenzel, voor haar bijdrage aan de research

Nadere informatie

Zorg voor senioren; hoe eerder, hoe beter! Beschrijving van het project Buurtcontactpersonen in Utrecht Binnenstad en Utrecht Noordoost

Zorg voor senioren; hoe eerder, hoe beter! Beschrijving van het project Buurtcontactpersonen in Utrecht Binnenstad en Utrecht Noordoost Zorg voor senioren; hoe eerder, hoe beter! Beschrijving van het project Buurtcontactpersonen in Utrecht Binnenstad en Utrecht Noordoost Stade Advies Utrecht, mei 2008 Lous Brouwer in opdracht van i.s.m.

Nadere informatie

Het CJG, de oplossing voor de jeugdzorg? De invloed van vertrouwen en samenwerking op de organisaties binnen het Centrum voor Jeugd en Gezin.

Het CJG, de oplossing voor de jeugdzorg? De invloed van vertrouwen en samenwerking op de organisaties binnen het Centrum voor Jeugd en Gezin. Het CJG, de oplossing voor de jeugdzorg? De invloed van vertrouwen en samenwerking op de organisaties binnen het Centrum voor Jeugd en Gezin. Auteur: Eva Geesing 2 Het CJG, de oplossing voor de jeugdzorg?

Nadere informatie

Rekenen, maar dan anders! Naar een visiegeleide aanpak van rekenen op de basisschool

Rekenen, maar dan anders! Naar een visiegeleide aanpak van rekenen op de basisschool Rekenen, maar dan anders! Naar een visiegeleide aanpak van rekenen op de basisschool Kris Verbeeck Colofon Auteur Kris Verbeeck KPC Groep Yvonne Meulman, Astrid van den Hurk, Harry Gankema, Cees de Wit,

Nadere informatie

Ten geleide ANDERS LEREN. Deze uitgave over Anders leren bij Daelzicht kwam tot stand met steun

Ten geleide ANDERS LEREN. Deze uitgave over Anders leren bij Daelzicht kwam tot stand met steun HOE LEREN WE IN DE 21STE EEUW? Hoe leiden we mensen op die functioneren in een wereld die voortdurend in beweging is en waarin kennis sneller veroudert én overvloediger dan ooit beschikbaar is? En hoe

Nadere informatie

Werken op dezelfde golflengte

Werken op dezelfde golflengte Onderwijsprofessionals kiezen steeds vaker voor onderzoek om beter inzicht te krijgen in hun onderwijspraktijk. Vaak blijven de onderzoeksresultaten echter nog beperkt tot de school in kwestie. De ontwikkel-

Nadere informatie