Wetenschappelijk artikel

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Wetenschappelijk artikel"

Transcriptie

1 UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT POLITIEKE EN SOCIALE WETENSCHAPPEN DE SIMULTANE BLOOTSTELLING AAN PROGRAMMA- EN RECLAME-INHOUD: EEN EXPERIMENTEEL ONDERZOEK NAAR DE RECLAME-IMPACT VAN SPLIT-SCREEN EN DE MODERERENDE INVLOED VAN NEED FOR COGNITION. Wetenschappelijk artikel aantal woorden: 8034 JELLE VERHEYEN MASTERPROEF COMMUNICATIEWETENSCHAPPEN afstudeerrichting COMMUNICATIEMANAGEMENT PROMOTOR: PROF. DR. VEROLINE CAUBERGHE COMMISSARIS: KATARINA PANIC COMMISSARIS: DIETER GRAMMENS ACADEMIEJAAR

2 Inzagerecht in de masterproef (*) Ondergetekende, Jelle Verheyen geeft hierbij toelating / geen toelating (**) aan derden, behorend tot de examencommissie, om zijn/haar (**) proefschrift in te zien. Datum en handtekening 18/05/2011. Deze toelating geeft aan derden tevens het recht om delen uit de scriptie/ masterproef te reproduceren of te citeren, uiteraard mits correcte bronvermelding. (*) Deze ondertekende toelating wordt in zoveel exemplaren opgemaakt als het aantal exemplaren van de scriptie/masterproef die moet worden ingediend. Het blad moet ingebonden worden samen met de scriptie onmiddellijk na de kaft. (**) schrappen wat past 2

3 DE SIMULTANE BLOOTSTELLING AAN PROGRAMMA- EN RECLAME-INHOUD: EEN EXPERIMENTEEL ONDERZOEK NAAR DE RECLAME-IMPACT VAN SPLIT-SCREEN EN DE MODERERENDE INVLOED VAN NEED FOR COGNITION. Jelle Verheyen ABSTRACT Recent technologies on interactive digital television like the personal video recorder and video on demand allow viewers to avoid commercials. An alternative ad format, split-screen advertising, may overcome this limitation. Research about this sort of simultaneous advertising exists but is not yet investigated in relation to individual characteristics. This study investigates the influence of the presentation format on brand recall and ad-avoidance intention for different levels of need for cognition. In a 2 x 2 between-subjects factorial design of 216 subjects, presentation format (simultaneous vs sequential) is manipulated, with need for cognition (high NFC vs low NFC) as a measured variable. Results indicate that the simultaneous presentation format reduces ad-avoidance intention but also reduces brand recall. In relation to need for cognition results indicate that for people with a high need for cognition the simultaneous presentation leads to a higher brand recall and a lower ad-avoidance intention than for people with a low need for cognition. The sequential presentation leads to a lower brand recall and a higher ad-avoidance intention for people with a low need for cognition than for people with a high need for cognition. The findings confirm the elaboration likelihood model of persuasion and are linked to the theory of divided attention and interference. 1. INLEIDING Interactieve digitale televisie (IDTV) is meer uit onze huidige samenleving weg te denken en groeit steeds meer naar een penetratie van 100% (Braun & Calley, 2009). IDTV brengt een aantal nieuwe technologieën met zich mee zoals de personal video recorder (PVR) en video on demand (VOD), die toelaten om reclameboodschappen door te spoelen (Fortunato & Windels, 2005). Er vindt dus een controleverschuiving plaats van de adverteerder naar de consument toe en dit vormt een sterke bedreiging voor omroepen en adverteerders (Wilbur, 2008). De TV-spot moet anders, zo luidt het in de krant De Morgen. Peter Quaghebeur, directeur-generaal van de Vlaamse Media Maatschappij, geeft toe dat er een probleem aan het groeien is, 80% van de vtm kijkers die programma s uitgesteld 3

4 bekijken, spoelen deze immers door. Bijgevolg kunnen de zenders alle kijkcijfers doorrekenen aan de adverteerders met een verlies aan inkomsten tot gevolg (Debackere & Dumon, 2011). Als antwoord op deze wijziging van het traditionele reclamemodel onderscheiden we drie mogelijkheden voor omroepen en adverteerders. De eerste mogelijkheid is om de structuur van het reclameblok te wijzigen (1). Dit kan gedaan worden door de lengte van de reclameonderbreking te wijzigen, met name door het te verkorten tot één of enkele spots (Berte, 2010). De volgende twee oplossingen worden aangereikt door Cauberghe en De Pelsmacker (2008). Zij wijzen erop dat omroepen en adverteerders hun reclames beter kunnen maken zodat consumenten ze willen doorspoelen of weg zappen (2). Op deze tweede mogelijkheid wordt onder andere ingespeeld door tal van nieuwe interactieve reclamevormen die de aandacht van de consument willen trekken. Zo is er reeds heel wat onderzoek gedaan naar de Impulse Respons Ad, de DAL (Dedicated Advertiser Location), de mini-dal en de microsite (Cauberghe & De Pelsmacker, 2006; Bellman, Sweda & Varan, 2009). Ook het belang van uiterst creatieve en vernieuwende reclamespots plaatsen we onder deze noemer. Tot slot schuiven zij een derde mogelijkheid naar voor, consumenten dwingen om reclames te kijken. Deze gedwongen reclameboodschappen zijn skip-proof, doordat ze geïntegreerd zijn in de programmacontext en dus door te spoelen zijn zonder een gedeelte van het programma te missen (3). Een toepassing hiervan is onder andere terug te vinden in product placement, interactieve programma s, sponsoring, banners en split-screen reclames (Cauberghe & De Pelsmacker, 2008). Bij deze laatste vorm van gedwongen reclame, split-screen, vindt er een simultane presentatie plaats van het programma en de reclame. De kijker moet onvermijdelijk zijn aandacht verdelen tussen twee taken, namelijk de reclame-informatie en de programmacontext. Door de situatie van verdeelde aandacht speelt de informatieverwerkingstheorie en het limited capacity model (Lang, 2000) een belangrijke rol bij splitscreen reclame, de duale verwerkingsomgeving kan immers leiden tot een interferentie-effect waardoor de informatie uit de reclame in mindere mate verwerkt wordt (Chowdhury, Finn & Olsen, 2007, p. 86). Vorig onderzoek heeft reeds het belang aangetoond van interferentie en contexteffecten bij interactieve split-screen reclame. Zo hebben thematische congruentie en tijdsdruk bijvoorbeeld een belangrijke impact bij de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud (Panic, Cauberghe & De Pelsmacker, 2010; Cauberghe, De Pelsmacker & Janssens, 2009). Chowdhury e.a. (2007) maakten reeds een vergelijking tussen de simultane en sequentiële presentatie van programma- en reclame-inhoud en concludeerden dat de simultane presentatie leidt tot een lagere reclamevermijdingsintentie en een reductie van de cognitieve respons op advertenties. Onderzoek naar interferentie en verdeelde aandacht wijst vaak een modererende invloed aan van tal van persoonlijkheidskenmerken (Braun-LaTour, Puccinelli & Mast, 2006). In relatie tot reclameverwerking is need for cognition één van de meest invloedrijke persoonlijkheidskenmerken (Hallahan, 2008). Vermits onderzoek naar split-screen reclame zeer beperkt is en quasi onbestaande in relatie tot persoonlijkheidskenmerken wensen we de modererende invloed van need for cognition op te nemen in dit onderzoek. In deze studie wordt bijgevolg volgende onderzoeksvraag nagegaan: wat is de 4

5 reclame-impact van de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud bij verschillende niveaus van need for cognition bij de consument? Zowel het effect op brand recall als op intentie tot reclamevermijding wordt nagegaan met behulp van theoretische inzichten uit de informatieverwerkingstheorie en het elaboration likelikhood model. 2. CONCEPTUEEL KADER EN HYPOTHESEN Simultane vs sequentiële presentatie Traditioneel is sequentiële presentatie de meest frequente presentatievorm op televisie, hierbij vindt de uitzending van het programma en het reclameblok afzonderlijk plaats. Het programma wordt onderbroken en de verschillende reclames verschijnen achtereenvolgens in een venster dat het volledige scherm omvat. Chowdhury, Olsen & Pracejus (2008, p.9) omschrijven het als volgt the first stimulus occurs for a certain duration and is removed prior to the occurrence of the second. Daartegenover staat simultane presentatie, deze term verwijst naar de volgorde waarmee verschillende items elkaar opvolgen, twee of meer afzonderlijke items worden namelijk gelijktijdig door middel van een split-screen gepresenteerd (Chowdhury e.a., 2008, p. 8). De term split-screen kunnen we letterlijk opvatten als een scherm dat in verschillende delen is gesplitst. Deze techniek wordt eveneens in films, documentaires en televisieseries gebruikt om verschillende aanzichten of locaties te laten zien op hetzelfde ogenblik (Mondada, 2009). Zo onderzochten Scheufele, Kim & Brossard (2007) de invloed van split-screen presentatie op de evaluatie van de kandidaten tijdens de presidentiële debatten in Sinds kort wordt deze presentatievorm gebruikt als reclameformat in de strijd tegen reclamevermijdingsgedrag van de consument. Een algemeen aanvaarde definitie van split-screen reclame ontbreekt echter nog. Chowdhury e.a. (2007, p. 85) omschrijven het als this type of advertising reduces the size of the program to fit a smaller part of the screen during the presenation of the advertisement. Dit type van reclame wordt vaak gebruikt tijdens live-uitzendingen, zoals bijvoorbeeld sportwedstrijden omdat het zo evident is om deze zomaar te onderbreken (Chowdhury e.a., 2007, p.86). In Vlaanderen zien we deze reclamevorm hoofdzakelijk tijdens wieleren veldritwedstrijden op de commerciële zenders. Split-screen reclame bestaat zowel in een interactieve als in een lineaire vorm. Lineair staat hier voor alle traditionele types van reclameboodschappen waarbij er geen mogelijkheid is tot interactie met behulp van de afstandsbediening van het vaste televisietoestel (Bezjian-Avery, Calder & Iacobucci, 1998). De interactieve vorm vertoont grote gelijkenis met de banner reclame en pop-up reclame op internet. Onderzoek naar zowel interactieve split-screen reclame (Cauberghe e.a.., 2009; Panic e.a., 2010) als lineaire split-screen reclame (Chowdhury e.a., 2007) is uitgevoerd, maar tot op heden zeer beperkt en in relatie tot zeer weinig andere variabelen onderzocht. Binnen de zoektocht naar alternatieve reclamevormen op digitale televisie plaatsen we splitscreen reclame onder de noemer gedwongen vormen van reclame. Deze vormen van reclame willen 5

6 een antwoord bieden op het reclamevermijdingsgedrag dat alsmaar prominenter aanwezig is door toepassingen op IDTV zoals de personal video recorder en video on demand. Nam, Kyonghee & Sungjoon (2010) maken een onderscheid tussen drie soorten reclamevermijdingsgedrag: cognitief, gedragsmatig en mechanisch. Cognitieve reclamevermijding vindt plaats wanneer je focust op de reclames en afgeleid bent. Gedragsmatige reclamevermijding uit zich door de kamer te verlaten of door iets anders te gaan doen en mechanische reclamevermijding tot slot focust op het gebruik van de afstandsbediening om bijvoorbeeld van kanaal te veranderen. Het doorspoelen van reclames is een combinatie van gedragsmatige en mechanische reclamevermijding. Onderzoek naar reclamevermijdingsgedrag bij het sequentiële presentatie format heeft zich vooral geconcentreerd op de plaats van de reclame in het reclameblok en de plaats van het reclameblok binnen het programma (Siddarth & Chattopadhyay, 1998; Tse & Lee, 2001; Danaher, 1995; Cronin & Menelly, 1992). Met betrekking tot sponsoring tijdens programma s, eveneens een vorm van simultane presentatie, vonden Speck en Elliott (1997) dat er geen hogere zap-intentie is wanneer sponsor logo s in beeld komen. Ze verklaren dit door het feit dat wanneer de kijker zou zappen hij een stuk van het programma mist en dit een te hoge kost is wanneer hij geïnteresseerd is in het programma. Bovendien is ook bij het gebruik van interactieve aan het programma gerelateerde banners een reductie van de reclamevermijding gevonden (Dix, Bellman, Haddad, & Varan, 2010). In lijn met deze bevindingen vonden zowel Chowdhury e.a. (2007) als Nam e.a. (2010) bij de simultane presentatie van programma- en reclameinhoud een lagere zap-intentie dan bij de sequentiële presentatie van programma- en reclame-inhoud. De literatuur duidt dus een eenduidige richting aan, overeenstemmend met deze bevindingen stellen we volgende hypothese op: H1: Een simultane presentatie van programma en reclame-inhoud leidt tot een lagere intentie tot reclamevermijding dan een sequentiële presentatie van programma- en reclame-inhoud. Informatieverwerkingstheorie Doordat de kijker bij split-screen reclame zijn aandacht moet verdelen tussen twee verschillende stimuli speelt informatieverwerking een belangrijke rol. Dit verloopt via drie afzonderlijke subprocessen die ons geheugen simultaan kan uitvoeren; de fase van encodering, de opslagfase en tot slot de fase van retrieval (Lang, 2000). Verder leert de limited capacity theory van Lang (2000) ons dat ons werkgeheugen beperkt is en altijd alle informatie waaraan we worden blootgesteld kan verwerken. Bijvoorbeeld bij het televisie kijken zijn de beschikbare verwerkingsmiddelen die de kijker bezit bepalend voor het encoderen, opslaan en heropvragen van informatie. Wanneer een persoon onvoldoende middelen bezit om al deze processen uit te voeren, zullen bepaalde delen van de informatieverwerking hieronder lijden. Bij split-screen reclame moet de kijker informatie verwerken van zowel het programma als de reclames en wordt hij bovendien blootgesteld aan zowel visuele als 6

7 verbale informatie. Volgens de duale coderingstheorie bestaan er immers twee aparte systemen van informatieverwerking voor visuele en verbale informatie (Paivio & Clark, 1986). De kijker van splitscreen reclame moet zijn aandacht dus verdelen tussen enerzijds visuele en verbale informatie en anderzijds tussen de programma- en de reclamecontext. Tal van onderzoek wijst eenduidig aan dat wanneer aandacht verdeeld is tijdens het encoderen van informatie, de geheugencapaciteit veel lager zal zijn dan bij situaties met volle aandacht en dat het bijgevolg tijdens de retrievalfase moeilijker is om informatie terug te vinden, met lagere recall en recognition cijfers tot gevolg (Sacher, Taconnat, Souchay & Isingrini, 2009; Fernandes & Moscovitch, 2000; Kelley & Sahakyan, 2003). Opvallend is dat enkel wanneer de aandacht verdeeld is tijdens het encoderen en tijdens retrieval, er een grote invloed op recall wordt vastgesteld (Craik, Naveh-Benjamin, Ishaik & Anderson, 2000). In relatie met deze lagere geheugencapaciteit door de verdeelde aandacht zien we dat gelijktijdige blootstelling aan reclame en programma ook tot een interferentie-effect leidt (Cauberghe e.a., 2009; Chowdhury e.a., 2007). Interferentie is een herhaaldelijk onderzocht proces dat een negatieve invloed heeft op de effectiviteit van reclame en waarbij er een strijd is tussen nieuwe en oude elementen informatie in ons geheugen, waardoor het opvragen en herinneren van informatie bemoeilijkt wordt (Bettman, 1979; Burke & Srull, 1988; Kumar, 2000). In de literatuur kunnen we een onderscheid maken tussen enerzijds cognitieve interferentie, van toepassing wanneer een reclame geplaatst wordt in een programma met gelijkaardige inhoud (Furnham e.a., 2002), en anderzijds competitieve interferentie, waarbij Rye e.a. (2007) een verdere indeling maakt tussen content interference en contextual interference (verbaal vs nonverbaal). Door de gelijktijdige blootstelling aan verschillende stimuli is interference een belangrijk concept en relatie tot split-screen reclame. In relatie tot interactieve split-screen reclame onderzochten Cauberghe e.a. (2009) de invloed van zowel cognitieve en perceptuele interferentie. Met betrekking tot lineaire split-screen reclame stellen Chowdhurry e.a. (2007) dat de beeldspraak die geproduceerd wordt door het programma kan interfereren met de opvatting van de reclame, waardoor de informatie uit de reclame in minder mate geëncodeerd wordt (Unnava, Agarwal & Haugtvedt, 1996). Door de combinatie van de situatie van verdeelde aandacht met lagere geheugencapaciteit tot gevolg en de invloed van interferentie kunnen we met betrekking tot split-screen reclame volgende hypothese opstellen: H2: Een simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud leidt tot een lagere brand recall dan een sequentiële presentatie van programma en reclame-inhoud. De modererende invloed van need for cognition Naast deze cognitieve factoren zoals onze geheugencapaciteit en interferentie-effecten zijn er tal van persoonlijkheidskenmerken en psychologische processen met een belangrijke invloed op de effectiviteit en de verwerking van reclameboodschappen. Onder andere mood en need for closure zijn 7

8 twee belangrijke variabelen die een invloed hebben op consumentengedrag (LaTour & LaTour, 2009; Moorman, Neijens & Smit, 2002; Amichai-Hamberger, Fine & Goldstein, 2004; Haugtvedt, Petty & Cacioppo, 1992). Een andere zeer belangrijke persoonlijkheidsvariabele in relatie tot reclameverwerking is need for cognition. Need for cognition (NFC) verwijst naar an individuals s tendency to engage in and enjoy effortful cognitive endeavors (Cacioppo, Petty & Morris, 1983, p. 806). Het construct wordt gezien als een gemotiveerde aanleg of een persoonlijkheidskenmerk. Personen met een hoge NFC vinden het vaak leuker om complexe problemen op te lossen, hebben een hogere motivatie om informatie cognitief te verwerken, zijn sterker geneigd om na te denken en presteren beter op algemene cognitieve taken dan personen met een lage NFC (Batra & Stayman, 1990; Verplanken, Hazenberg & Palenéwen, 1992). Vaak wordt need for cognition vergeleken met intelligentie, hoewel er voor bepaalde onderdelen van intelligentie een beperkte overlapping is, wordt need for cognition beschouwd als een onafhankelijk construct (Fleischhauer, Enge, Brocke, Ullrich, Strobel & Strobel, 2010). Deze bevindingen met betrekking tot need for cognition vinden een bredere verklaring in het conceptuele kader ontwikkeld door Petty en Cacioppo (1982), het elaboration likelihood model (ELM). Dit model voorspelt hoe mensen informatie zullen verwerken (centraal of perifeer) en een attitude zullen vormen, afhankelijk van de motivation, ability en opportunity. Indien aan deze drie factoren voldaan is, zal er centrale verwerking plaatsvinden. Dit wil zeggen dat het individu de informatie en argumenten grondig gaat verwerken en evalueren. Als echter één van de drie factoren aanwezig is kan er een perifere verwerking plaatsvinden, hierbij gaat de aandacht uit naar de inhoud en de argumenten, maar naar perifere cues als de bron, de context en de hoeveelheid informatie (Cacioppo & Petty, 1984). Net zoals de kennis of intelligentie van een persoon bepalend is voor de factor ability uit het ELM, is need for cognition een operationalisering van de motivatiefactor (Hallahan, 2008). Personen met een hoge NFC zullen informatie centraal verwerken, terwijl personen met een lage NFC perifeer verwerken. Hoewel er naast need for cognition nog andere factoren zijn die de motivatie tot verwerking beïnvloeden, stellen Haugtvedt e.a. (1992) dat need for cognition de belangrijkste individuele variabele is in relatie tot verwerkingsmotivatie. Met betrekking tot de reclame-invloed van need for cognition toont onderzoek aan dat de attitudes van personen met een lage NFC gebaseerd zijn op eenvoudige perifere cues uit de reclame, terwijl attitudes van personen met een hoge NFC gebaseerd zijn op specifieke product attributen (Haugtvedt e.a., 1992). Dit werd bevestigd door tal van auteurs die de reclame-impact van need for cognition in relatie tot andere variabelen onderzochten. Zo werkt humor in reclame beter bij mensen met een lage NFC (Zhang, 1996), en vindt er een betere verwerking plaats bij mensen met een lage NFC wanneer er een positieve stemming wordt opgewekt in de reclame (Batra & Stayman, 1990). Hoewel de literatuur volledig eenduidig is over de richting van de relatie tussen need for cognition en (brand) recall (Cohen, 1957), wijst de overgrote meerderheid toch een positieve relatie aan tussen beide. Personen met een hoge NFC kunnen zich meer reclame-stimuli herinneren dan personen met 8

9 een lage NFC (Peletier & Schibrowsky, 1994; Peracchio & Meyers-Levy, 2005; Cacioppo e.a., 1983; Hallahan, 2008). Naast recall vonden McKay-Nesbitt, Manchanda, Smith & Huhmann (2011) eveneens een hogere betrokkenheid en attitude tegenover de reclame voor mensen met een hoge NFC. Deze bevindingen met betrekking tot de relatie tussen need for cognition en reclameverwerking zijn volledig in lijn met het theoretische kader van het elaboration likelihood model. De belangrijkste focus van dit onderzoek is echter de relatie tussen de presentatiewijze enerzijds en need for cognition anderzijds. Zoals reeds aangehaald in het hoofdstuk rond informatieverwerking weten we dat de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud een situatie van verdeelde aandacht en een interferentie-effect teweeg kan brengen. Afhankelijk van de beschikbare geheugencapaciteit en het distractie-effect zullen sommige stukken informatie tijdens verdeelde aandacht in mindere mate geëncodeerd worden en moeilijker kunnen worden opgevraagd nadien (Sacher e.a., 2009; Skinner e.a., 2009) (1). In zo n situatie van verdeelde aandacht zal enkel de beschikbare geheugencapaciteit, maar eveneens de motivatie om informatie op te nemen bepalend zijn voor de manier en hoeveelheid van reclameverwerking. De motivatie tot informatieverwerking kan teruggekoppeld worden aan de voorwaarden voor centrale verwerking van het elaboration likelihood model. Aangezien een hoge motivatie tot informatieverwerking aanwezig is bij mensen met een hoge NFC verwachten we dat deze mensen in een duale verwerkingsomgeving sneller gemotiveerd zullen zijn om centraal te verwerken dan mensen met een lage NFC (Cacioppo & Petty, 1984) (2). Bovendien heeft onderzoek aangetoond dat mensen met een hoge NFC sneller dan mensen met een lage NFC, geneigd zijn om complexe boodschappen te verwerken (See, Petty & Evans, 2009) (3). Door een combinatie van (1) hogere cognitieve capaciteiten, (2) een hogere motivatie om informatie te verwerken en (3) een hogere neiging om complexe boodschappen te verwerken bij personen met een hoge NFC dan bij personen met een lage NFC verwachten we dat ze geen moeite hebben met de duale verwerkingsomgeving tijdens de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud. Voor mensen met een hoge NFC zal de informatie uit het reclameblok dus in dezelfde mate als bij de sequentiële presentatie van programma- en reclame-inhoud geëncodeerd worden in ons geheugen, met een even hoge brand recall tot gevolg. Voor personen met een lage NFC geldt dezelfde redenering in verband met informatieverwerking. Aangezien de cognitieve capaciteit van personen met een lage NFC, lager is dan die van personen met een hoge NFC zal er in de simultane conditie sneller interferentie optreden en zal informatie in mindere mate geëncodeerd worden dan in de sequentiële conditie. Personen met een lage NFC hebben immers meer moeite met het gelijktijdig encoderen van verschillende stimuli, ze kunnen deze duale verwerkingssituatie minder goed aan met een lagere brand recall tot gevolg (1). Naast het beschikbare geheugen is er eveneens motivatie nodig om tot grondige informatieverwerking over te gaan. Bij personen met een lage NFC ontbreekt deze motivatie echter en zal er bijgevolg geen grondige (centrale) verwerking van de reclamestimuli plaatsvinden. Deze motivatie is bij de simultane presentatie nog lager dan bij de sequentiële presentatie, aangezien personen met een lage NFC een 9

10 voorkeur hebben voor simpele boodschappen (See e.a., 2009) (2). Dit is tegenovergesteld bij personen met een hoge NFC waar er geen verschil is in motivatie tot verwerking voor de simultane of sequentiële conditie. Uit deze redenering volgt volgende hypothese: H3: Voor personen met een hoge need for cognition is er geen verschil in brand recall tussen de simultane en sequentiële blootstelling aan programma- en reclame-inhoud. Voor personen met een lage need for cognition leidt de simultane blootstelling aan programma- en reclame-inhoud tot een lagere brand recall dan de sequentiële blootstelling. In lijn met de literatuur rond reclamevermijding verwachten we ook voor deze afhankelijke variabele een modererende invloed van need for cognition. Onderzoek toont aan dat personen met een verschillende need for cognition een verschillende voorkeur hebben voor de inhoud van programma s enerzijds en van reclame anderzijds. Hallahan (2008) gaat in zijn onderzoek na hoe betrouwbaar en bruikbaar mensen met een hoge en lage NFC nieuws en reclame vinden. Zijn resultaten tonen aan dat personen met een hoge NFC een grotere voorkeur hebben voor nieuws in plaats van reclame wanneer er een keuze is tussen beide informatiebronnen. Wanneer we dit veralgemenen tot een sportprogrammacontext verwachten we dat personen met een hoge NFC een hogere reclamevermijdingsintentie zullen hebben in de sequentiële conditie omdat ze dan enkel aan reclame worden blootgesteld. In de sequentiële presentatie is er gedurende het reclameblok immers een lagere informatiewaarde dan bij de simultane presentatie en dus zullen personen met een hoge NFC sneller zappen of doorspoelen. Voor personen met een lage NFC geldt dit, zij hebben geen grotere voorkeur voor nieuwswaarde (Hallahan, 2008). Voor hen verwachten we in lijn met de informatieverwerkingstheorie en het limited capacity model dat zij de situatie van verdeelde aandacht aan kunnen door hun lagere cognitieve capaciteiten en hun lagere motivatie om verschillende stimuli gelijktijdig te verwerken (Lang, 2000). Bijgevolg zullen ze sneller geneigd zijn om een duale stimulusomgeving te vermijden en dus sneller reclame vermijden in de simultane dan wel in de sequentiële presentatie. Dit leidt tot volgende hypothese: H4: Voor personen met een hoge need for cognition leidt de sequentiële presentatie van programmaen reclame-inhoud tot een hogere intentie tot reclamevermijding dan de simultane blootstelling aan programma- en reclame-inhoud. Voor personen met een lage need for cognition leidt de simultane blootstelling aan programma- en reclame-inhoud tot een hogere reclamevermijdingsintentie dan de sequentiële presentatie. 10

11 3. METHODE Design en stimuli Dit onderzoek is gevoerd door gebruik te maken van een 2 (presentatievorm) x 2 (need for cognition) between-subjects factorial design waarbij we enkel de presentatievorm gemanipuleerd hebben en need for cognition gemeten hebben. Bij presentatievorm maken we een onderscheid tussen enerzijds de simultane presentatie en anderzijds de sequentiële presentatie van programma- en reclame-inhoud. Voor need for cognition hebben we een mediaansplit gemaakt die resulteert in twee groepen: hoge NFC en lage NFC. Naar analogie met de werkwijze van Chowdhury e.a. (2007) worden in de simultane conditie de reclames simultaan uitgezonden met een veldritwedstrijd door het gebruik van een split screen (cfr. DVD in appendix). Wanneer het reclameblok start, wordt het scherm in vier delen gesplitst. In de rechterbovenhoek wordt het reclameblok getoond (met audio), in de linker onderhoek de veldrit (zonder audio). De overige twee delen blijven leeg en hebben een licht blauwe kleur (cfr. stimulusmateriaal in appendix). Wanneer het reclameblok voorbij is, wordt de veldrit weer op het volledige scherm getoond. In de sequentiële conditie wordt dezelfde veldrit getoond, maar op het moment dat in de simultane conditie werd overgeschakeld op een split-screen, ging men hier over naar hetzelfde reclameblok in fullscreen. Bijgevolg missen de respondenten in de sequentiële conditie het gedeelte van de veldrit dat tijdens het reclameblok plaatsvond. Dit werd gedaan om de respondenten te laten aanvoelen dat ze een deel van een live-uitzending missen indien dit onderbroken wordt door een sequentieel reclameblok. De keuze voor veldrijden als programmacontext berust ten eerste op het feit dat live-sportuitzendingen zich zeer goed lonen voor deze reclamevorm (Chowdhury e.a., 2007). Ten tweede is het laten aanmaken van stimulusmateriaal in het kader van deze studie te duur en moesten we bijgevolg gebruik maken van het beperkte stimulusmateriaal dat beschikbaar is op de Vlaamse televisiezenders. Het videofragment van de veldrit duurde ongeveer 7 minuten, inclusief het reclameblok van 2min30 in het midden van het fragment. Het reclameblok bevat in totaal acht reclames (verwarmingsinstallaties, een krant, scheermesjes, twee keer een internetprovider, een kansspel, een deodorant en een reisoperator). De producten in deze reclames zijn van bestaande merken, deze keuze ligt eveneens bij praktische en financiële overwegingen. Respondenten en procedure De totale steekproef voor dit onderzoek bedraagt 216 respondenten, wat ruimschoots voldoende is gezien de richtlijn van minimum 30 respondenten per conditie. Van deze totale steekproef zijn 62,5% vrouwen en 37,5% mannen, met een gemiddelde leeftijd van 28 jaar oud. Aangezien geslacht en leeftijd geen invloedrijke variabelen zijn in dit experiment vormt deze ongelijke spreiding geen probleem. De respondenten zijn met behulp van de sneeuwbalmethode gecontacteerd via . Deze 11

12 bevat een link naar de online vragenlijst. De respondenten werden willekeurig verdeeld over één van beide condities. In ruil voor het invullen van deze enquête maakten ze kans op een cadeaubon van Fnac of één van de drie gratis filmtickets. Aan de deelnemers werd gezegd dat ze deelnamen aan een onderzoek naar mediabeleving, dit om te vermijden dat ze enkel op het reclameblok zouden focussen. Er werd uitdrukkelijk gevraagd om het fragment slechts eenmaal te bekijken en terug te keren, dit om de bevraging naar recall en recognition te beïnvloeden. Na het videofragment vulden de respondenten een vragenlijst in (cfr. vragenlijst in appendix). Op twee vragen na (verdeelde aandacht door split-screen) waren de vragenlijsten voor beide condities identiek. Aan het begin van de vragenlijst werd brand recall bevraagd, dit om te vermijden dat de respondenten zich door de vraagstelling van bepaalde vragen terug bepaalde merken zouden herinneren. Nadien werd een groot aantal afhankelijke (onder andere reclamevermijdingsintentie) en onafhankelijke variabelen bevraagd. Vervolgens werden enkele persoonlijkheidskenmerken (onder andere need for cognition) bevraagd en tot slot werden de demografische gegevens van de respondenten opgenomen. Inclusief het videofragment hadden de respondenten ongeveer 15 tot 20 minuten nodig om de vragenlijst te vervolledigen. Afhankelijke variabelen en metingen INTENTIE TOT RECLAMEVERMIJDING Naar analogie met Chowdhury e.a. (2007) beschouwen we intentie tot reclamevermijding als een samenvattende term voor enerzijds zap-intentie (met behulp van de afstandsbediening naar een andere post zappen) en anderzijds zip-intentie (met behulp van de afstandsbediening het programma doorspoelen tot na het reclameblok). Reclamevermijdingsintentie werd dus gemeten aan de hand van twee vragen. Ten eerste werd de respondenten gevraagd in welke mate ze de neiging hadden om naar een andere zender te zappen. Deze zap-intentie werd gemeten met behulp van een zevenpunten Likertschaal (gaande van 1 = helemaal tot 7 = helemaal ). Ten tweede werd de respondenten ook gevraagd of ze indien dit kon, het reclameblok zouden doorspoelen. Dit werd eveneens gemeten met behulp van een zevenpunten Likertschaal (gaande van 1= helemaal tot 7 = helemaal ). Met behulp van chronbach s alpha werd de betrouwbaarheid van deze schaal nagegaan, resulterend in een matige maar voldoende betrouwbaarheid (α =.70). Bovendien werd er een exploratieve factoranalyse uitgevoerd om de unidimensionaliteit van de schaal aan te tonen. Deze analyse laat zien dat de schaal één factor meet en dus bestaat uit onderliggende factoren (cfr. factoranalyse in appendix). De nieuwe somschaal die uit deze twee items ontstond werd omgevormd tot de variabele somzap. 12

13 BRAND RECALL Voor het meten van brand recall maakten we gebruik van de free recall methode. In tegenstelling tot de cued recall methode krijgen de respondenten hier geen hulpmiddelen of geheugensteuntjes. De respondenten moesten zelf zoveel mogelijk merken opschrijven die ze zich nog konden herinneren. Tijdens de analysefase werd voor elke respondent opgeteld hoeveel reclames hij/zij zich nog kon herinneren. Dit gaf aanleiding tot een nieuwe variabele RecallNr die voor iedere respondent een waarde bevat tussen 1 en 8, overeenkomstig met het aantal merken dat hij/zij zich nog kon herinneren. NEED FOR COGNITION Need for cognition hebben we gemeten met behulp van een verkorte versie van de NFC-schaal ontwikkeld door Cacioppo e.a. (1984). De schaal die oorspronkelijk uit 24 items bestaat, werd ingekort tot drie items, gemeten aan de hand van zevenpunts likertschalen (gaande van 1 = helemaal tot 7 = helemaal ). De items gerelateerd aan een lage NFC zijn Ik doe liever iets waarbij weinig nagedacht moet worden dan iets waarbij mijn denkvermogen op de proef wordt gesteld en Ik houd van taken waarbij weinig nagedacht moet worden eens ik ze geleerd heb. Het item dat gerelateerd is aan een hoge NFC is Iets langdurig en precies afwegen geeft me voldoening. Dit laatste item hebben we nadien omgekeerd geschaald zodat alle items in dezelfde richting staan. De betrouwbaarheid van de schaal werd nagegaan, eveneens resulterend in een matige maar voldoende betrouwbaarheid (α =.71). Om de unidimensionaliteit na te gaan, werd bijkomend een factoranalyse gedaan waaruit we besluiten dat de schaal slechts één factor meet (cfr. factoranalyse in appendix). De somschaal die hieruit verder kwam gaven we de naam somnfc. Later werd deze variabele met behulp van een mediaansplit omgevormd tot splitnfc. De items van zowel de schaal voor reclamevermijdingsintentie als need for cognition werden vertaald van het Engels naar het Nederlands. Om het risico van een foutieve of vrije vertaling te beperken werden de items nadien terug vertaald door een ander persoon en werden de vertalingen vergeleken. 13

14 4. RESULTATEN Vermits we in deze studie slechts één variabele, presentatiewijze, hebben gemanipuleerd, is het onnodig manipulatie checks uit te voeren. Het is immers onmogelijk dat het stimulus materiaal, respectievelijk het simultane videofragment en het sequentiële videofragment, voldoende van elkaar te onderscheiden of foutief gemanipuleerd zouden zijn. Verder werden er in het kader van dit experiment geen pretesten uitgevoerd. Hoofdeffecten Om de eerste hypothese te testen werd een onafhankelijke t-test uitgevoerd met reclamevermijdingsintentie als afhankelijke variabele en presentatiewijze als onafhankelijke variabele (cfr. output 1 in appendix). De resultaten geven aan dat er een significant hoofdeffect is voor presentatiewijze (t(214) = 2,456, p <.05). Respondenten die het fragment met de sequentiële presentatie zagen hadden een hogere intentie tot reclamevermijding (M sequentieel = 5,56) dan respondenten die de simultane presentatie zagen (M simultaan = 5,97). Deze resultaten bevestigen H1, de simultane presentatie zorgt voor een reductie van de reclamevermijdingsintentie. Eveneens aan de hand van een t-test werd de tweede hypothese getest. In de sequentiële presentatie conditie werd een significant (t(212) = 3,451, p <.01) hogere brand recall (M sequentieel = 3,02) gevonden dan in de simultane conditie (M simultaan = 2,41). Hieruit kunnen we besluiten dat ook H2 bevestigd wordt, de simultane presentatie heeft een lagere brand recall tot gevolg van de sequentiële presentatie (cfr. output 2 in appendix). Interactie-effecten Deze hoofdeffecten van presentatiewijzen ondergaan bovendien een modererende invloed van need for cognition. Die interactie-effecten werden nagegaan aan de hand van two-way ANOVA testen. Need for cognition werd aan de hand van een mediaansplit hervormd tot een dummyvariabele die de respondenten opdeelt in twee groepen, namelijk hoge NFC en lage NFC. Waarbij de respondenten met een hogere NFC dan het gemiddelde code 1 kreeg en de respondenten met een NFC lager dan het gemiddelde code 0. De variabele somnfc is dus omgevormd naar splitnfc. Het interactie-effect uit de derde hypothese werd nagegaan met brand recall als afhankelijke variabele en presentatiewijze en need for cognition als onafhankelijke variabelen (output 3 in appendix). De resultaten duiden een significant interactie-effect aan (F(3,207) = 8,127, p <.05). 14

15 Om de significantie van de interactie-effecten na te gaan, werden t-testen gedaan met behulp van select cases (output 4 in appendix). Voor de eerste t-test selecteerden we enkel de respondenten met waarde 1 op de variabele splitnfc, voor de tweede t-test selecteerden we de respondenten met waarde 0 op splitnfc. Daarna voerden we de t-testen uit met brand recall als afhankelijke variabele en presentatiewijze als onafhankelijke variabele. Zoals in figuur 1 te zien is, geven de resultaten aan dat voor personen met een hoge need for cognition geen statistisch significant verschil in brand recall wordt gevonden tussen de sequentiële (M sequentiëel = 2,74) en de simultane presentatie (M simultaan = 2,70, t(86) = 0,150, p >.05) van programma- en reclame-inhoud. Bij mensen met een lage need for cognition leidt de simultane blootstelling tot een lagere brand recall (M simultaan = 2,18) dan bij de sequentiële presentatie (M sequentieel = 3,24, t(120) = 4,770, p =.00). Bijgevolg is H3 bevestigd. Ten slotte voorspelde de vierde hypothese dat voor mensen met een hoge NFC de sequentiële presentatie van programma- en reclame-inhoud leidt tot een hogere reclamevermijdingsintentie dan de simultane presentatie, en dat voor personen met een lage NFC de simultane blootstelling aan programma- en reclame-inhoud leidt tot een hogere reclamevermijdingsintentie dan de sequentiële presentatie. Dit interactie-effect werd bevestigd door de resultaten van de two-way ANOVA test (F(3, 209)= 0,778, p= 0,379) en dus verwerpen we H4 (output 5 in appendix), de interactie tussen need for cognition en presentatiewijze heeft geen significante invloed op reclamevermijdingsintentie. Bijkomende t-testen werden bijgevolg uitgevoerd voor dit interactie-effect. 15

16 5. DISCUSSIE EN CONCLUSIE De focus van deze studie is de reclame-effectiviteit na te gaan van een alternatieve reclamevorm die een oplossing kan bieden voor de gevolgen van personal video recorders en video on demand. We onderzochten presentatiewijze (simultaan vs sequentiëel) in relatie tot de modererende invloed van need for cognition voor zowel brand recall als reclamevermijdingsgedrag. Deze studie maakte de voorspelling dat in vergelijking met de sequentiële presentatie, de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud tot een lagere reclamevermijdingsintentie leidt. De resultaten bevestigen deze voorspelling in verband met reclamevermijdingsgedrag en dus kunnen we concluderen dat split-screen reclame gebruikt kan worden in de strijd tegen reclamevermijding op IDTV. Dit resultaat is bovendien in overeenstemming met vorige onderzoeken naar de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud (Speck & Elliot, 1997; Nam e.a., 2010; Chowdhury e.a., 2007). Hieruit eenduidig besluiten dat de simultane presentatie superieur is aan de sequentiële presentatie is echter te voorbarig en foutief. De hypothese dat de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud leidt tot een lagere brand recall dan de sequentiële presentatie wordt immers bevestigd door de resultaten uit de analyse. Dit is in lijn met de informatieverwerkingstheorie en het limited capacity model (Lang, 2000). Tijdens de simultane presentatie is onze aandacht immers verdeeld, hierdoor hebben we een lagere geheugencapaciteit en zal het nadien moeilijker zijn om informatie terug op te vragen (Sacher e.a., 2009). Samen met het interferentie-effect dat kan optreden, vormt dit een verklaring voor de lagere brand recall bij de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud. Daarnaast tonen de resultaten van het experiment aan dat need for cognition een belangrijke modererende variabele is in relatie tot presentatiewijze. Voor personen met een lage NFC leidt de simultane blootstelling aan programma- en reclame-inhoud tot een lagere brand recall dan de sequentiële presentatie. Dit is volledig in overeenstemming met het elaboration likelihood model en het limited capacity model. Vermits er een combinatie is van een interferentie-effect dat sneller optreedt en een lagere motivatie tot verwerking in de simultane conditie, aangezien personen met een lage NFC een voorkeur hebben voor simpele boodschappen (See e.a., 2009). Voor personen met een hoge NFC is er geen verschil in brand recall tussen de simultane en sequentiële blootstelling aan programma- en reclame-inhoud. Dit verklaren we binnen hetzelfde theoretische kaderwerk, door de hogere motivatie en hogere cognitieve capaciteiten hebben personen met een hoge NFC geen moeite met de duale verwerkingsomgeving en kunnen ze de stimuli even goed verwerken als in de sequentiële presentatie conditie. Het tweede voorspelde interactie-effect, dat van presentatiewijze en need for cognition op reclamevermijdingsintentie, wordt bevestigd door de resultaten van de two-way ANOVA test. Onze verwachting dat voor personen met een hoge NFC de sequentiële presentatie leidt tot een hogere intentie tot reclamevermijding dan de simultane presentatie en dat voor personen met een lage NFC de simultane presentatie tot een hogere reclamevermijdingsintentie leidt dan de sequentiële 16

17 presentatie, wordt bevestigd door de resultaten. Een mogelijke verklaring hiervoor is het feit dat in tegenstelling tot voor brand recall er voor reclamevermijdingsintentie geen invloed is van de motivatie tot verwerking. Motivatie tot verwerking kan gekoppeld worden aan het elaboration likelihood model en de persoonlijkheidsvariabele need for cognition. Aangezien need for cognition een invloed heeft op de manier van verwerken is deze variabele relevant in relatie met reclamevermijding aangezien het weg zappen of doorspoelen reeds plaats vindt voordat het verwerkingsproces start. Deze studie kan een zinvolle bijdrage zijn voor adverteerders en mediaplanners doordat ze laat zien dat mensen op een uniforme wijze omgaan met verschillende reclamevormen. Need for cognition, en mogelijk ook andere persoonlijkheidskenmerken, hebben een invloed op de reclameeffectiviteit van split-screen reclame. Wanneer adverteerders gebruik wensen te maken van deze alternatieve reclamevorm is het interessant om vooraf de doelmarkt te segmenteren op basis van need for cognition. Wanneer dit uitwijst dat de doelgroep hoofdzakelijk bestaat uit personen met een lage NFC is het in termen van brand recall mogelijk interessanter om toch voor split-screen reclame te kiezen. Indien het onmogelijk is om de doelgroep op basis van need for cognition te segmenteren is het ook mogelijk om naar de programmacontext te kijken. Programma s met een hoge informatiewaarde, die meer cognitieve capaciteit vereisen om te verwerken, zullen vermoedelijk doorgaans meer bekeken worden door personen met een hoge NFC dan door personen met een lage NFC. In termen van brand recall is het voor adverteerders in die situatie waarschijnlijk interessant om gebruik te maken van split-screen reclame. Concluderend kunnen we besluiten dat de simultane presentatie van programma- en reclameinhoud enerzijds zorgt voor een reductie van de reclamevermijdingsintentie, maar anderzijds voor een daling van de brand recall in vergelijking met de sequentiële presentatie. Verder is er een modererende invloed van need for cognition, voor personen met een lage NFC zal er een hogere brand recall zijn in de sequentiële dan in de simultane presentatie conditie. Voor personen met een hoge NFC is er geen significant verschil tussen beide reclamevormen. Split-screen reclame biedt volgens onze inzichten een oplossing voor de stijgende reclamevermijding als gevolg van de komst van IDTV, mits er rekening wordt gehouden met onder andere de invloed van need for cognition. Opgelet, we stellen een reductie vast van de reclamevermijding bij split-screen reclame, dit is echter zeker geen eliminatie en bovendien heeft deze reclamevorm ook te negeren beperkingen zoals de lagere brand recall. 6. BEPERKINGEN EN VERDER ONDERZOEK Deze studie heeft een aantal beperkingen die aanleiding kunnen geven tot verder onderzoek. Een eerste belangrijke beperking is de invloed van de schermgrootte. Tijdens de simultane presentaite conditie nam het reclameblok slechts één vierde van het scherm in, terwijl het reclameblok in de sequentiële presentatie conditie het volledige scherm omvatte. Hierdoor is brand recall mogelijk beïnvloed door de schermgrootte en is dit een verklaring voor de lagere brand recall tijdens de 17

18 simultane presentatie conditie. Verder onderzoek zou de impact van de schermgrootte kunnen nagaan. We dienen hierbij echter wel op te merken dat de schermgroottes in dit experiment gelijkaardig zijn aan hoe mensen de reclames te zien krijgen in real-life op televisie. Een tweede beperking met betrekking tot de methodologie is het feit dat we gebruik maakten van bestaande merken zonder vooraf pretesten uit te voeren om na te gaan in welke mate de respondenten deze merken al kenden. Ten derde is split-screen reclame een reclamevorm die hoofdzakelijk gebruikt wordt tijdens liveuitzendingen. Aangezien het fragment uit ons experiment enkele maanden voordien opgenomen was, was dit meer live met als gevolg dat de programmabetrokkenheid waarschijnlijk een stuk lager lag dan wanneer de respondenten het programma live zouden zien. Zeker in relatie tot need for cognition en de motivatie tot verwerking is programmabetrokkenheid een interessante variabele om te manipuleren in verder onderzoek naar split-screen reclame. Ten vierde onderzoekt deze studie enkel de invloed op reclamevermijdingsintentie en brand recall. Om een volledige overzicht te krijgen van de effectiviteit van split-screen reclame dienen ook andere variabelen zoals de attitude tegenover de reclame en het product onderzocht te worden. Dit geldt overigens voor alle vormen van gedwongen reclame, de reclamevermijding kan dan lager liggen, maar weegt dit op tegen de irritatie en de attitudes die het teweeg brengt? Ten vijfde stellen we de interne validiteit van dit experiment in vraag. De respondenten zagen het videofragment immers op een computerscherm, dit is een totaal andere setting dan in de real-life situatie waarbij mensen televisie kijken in de woonkamer vanuit hun zetel. Het belangrijkste verschil met deze situaties is de aanwezigheid van een afstandsbediening waarmee veel sneller zal worden doorgespoeld dan met de muis op de computer. Hoewel de respondenten gevraagd werd om zich in te beelden dat ze gewoon voor hun televisiescherm zaten, kan uitgesloten worden dat er toch een invloed is op reclamevermijdingsintentie. Verder onderzoek kan voldoen aan deze beperking door de impact van split-screen reclame na te gaan aan de hand van een veldexperiment in een natuurlijke setting bij de mensen thuis. Bovendien kunnen personal video recorders en andere technologieën hierbij een hulpmiddel vormen door de zap- en zip-intentie op te meten bij een panel van kijkers tijdens programma s met split-screen reclame. Tot slot willen we nog benadrukken dat andere persoonlijkheidskenmerken als need for closure of dispositionele factoren als intelligentie een zinvol perspectief zijn voor verder onderzoek naar de simultane presentatie van programma- en reclame-inhoud. Met oprechte dank aan prof. dr. Cauberghe en Ellen Matthé. 18

19 7. REFERENTIES Amichai-Hamberger, Y., Fine, A. & Goldstein, A. (2004). The impact of internet interactivity and need for closure on consumer preference. Computers in Human Behavior, 20(1), Batra, R. & Stayman, D.M. (1990). The role of mood in advertising effectiveness. The Journal of Consumer Research, 17(2), Bellman, S., Schweda, A. & Varan, D. (2009). A comparison of three interactive television ad formats. The Journal of Interactive Advertising, 10(1), Berte, K. (2010). Reclame in een digitaal medialandschap. Uitdagingen, knelpunten en opportuniteiten voor reclame op interactieve digitale televisie. (doctoraal proefschrift). Universiteit Gent, Gent. Bettman, J.R. (1979). Memory factors in consumer choice. Journal of Marketing, 43(2), Bezjian-Avery, A., Calder, B. & Iacobucci, D. (1998). New media interactive advertising vs. traditional advertising. Journal of Advertising Research, 38(july), Braun, J. & Calley, A. (2009, mei). TV consumption is growing Latest trends in TV consumption worldwide. Paper gepresenteerd voor ESOMAR, Worldwide Media Measurement, Stockholm. Braun-LaTour, K.A., Puccinelli, N.M. & Mast, F.W. (2007). Mood, information congruency, and overload. Journal of Business Research, 60(11), Bruner, G.C., Hensel, P.J. & James, K.E. (2005). Marketing scales handbook: a compilation of multi-item measures for consumer behavior and advertising. Mason, Ohio: Thomson/South Western. Burke, R.R. & Srull, T.K. (1988). Competitive interference and consumer memory for advertising. The Journal of Consumer Research, 15(1), Cacioppo, J.T. & Petty, R.E. (1982). The need for cognition. Journal of Personality and Social Psychology, 42(1),

20 Cacioppo, J.T., Petty, R.E. & Kao, C.F. (1984). The efficient assessment of need for cognition. Journal of Personality Assessment, 48(3), Cacioppo, J.T., Petty, R.E. & Morris, K.J. (1983). Effects of need for cognition on message evaluation, recall and persuasion. Journal of Personality and Social Psychology, 45(4), Cauberghe, V. & De Pelsmacker, P. (2006). Opportunities and thresholds for advertising on interactive digital TV: a view from advertising professionals. Journal of Interactive Advertising, 7(1), Cauberghe, V. & De Pelsmacker, P. (2008). The advertising impact of an interactive TV program on the recall of an embedded commercial. Journal of Advertising Research, 48(3), Cauberghe, V., De Pelsmacker, P. & Janssens, W. (2010). Simultaneous exposure to a program and advertising content in an interactive context: perceptual and semantic interference and reinforcement. Journal of Business Research, 63(9-10), Chowdhury, R.M.M.I., Finn, A. & Olsen, D. (2007). Investigating the simultaneous presentation of advertising and television programming. Journal of Advertising, 36(3), Chowdhury, R.M.M.I., Olsen, D. & Pracejus J.W. (2008). Affective responses to images in print advertising. Affect integration in a simultaneous presentation context. Journal of Advertising, 37(3), Cohen, A. R., Stotland, E., & Wolfe, D. M. (1955). An experimental investigation of need for cognition. Journal of Abnormal and Social Psychology, 57, Craik, F.I.M, Naveh-Benjamin, M., Ishaik, G. & Anderson, N.D. (2000). Divided attention during encoding and retrieval: differential control effects? Journal of Experimental Psychology- Learning Memory and Cognition, 26(6), Cronin, J. & Menelly, N.E. (1995). Discrimination vs. avoidance: zipping of television commercials. Journal of Advertising, 21(2), 1-7. Danaher, P.J. (1995). What happens to television rating during commercial breaks? Journal of Advertising Research, 35(1), Debackere, J. & Dumon, P. (2011, 13 mei). De TV-spot moet anders. De Morgen, pp

Wat weten we over product placement?

Wat weten we over product placement? Naam: Annika van Berkel Studentnummer: 5738814 Vak: Bachelorseminar Mediaplanning Docente: Drs. Sheila van Pelt Datum: 29 mei 2009 Wat weten we over product placement? De televisie als reclamemedium is

Nadere informatie

(In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem

(In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem (In)effectiviteit van Angstcommunicaties 1 (In)effectiviteit van Angstcommunicaties op Verminderen van Lichamelijke Inactiviteit: Rol van Attitudefuncties, Self-Monitoring en Self-Esteem (In)effectiveness

Nadere informatie

Effecten van embedded advertising. Vandaag. Waarom Werkt Embedded Advertising? Bewijs van effectiviteit en 3 verklaringen. Effecten van regelgeving

Effecten van embedded advertising. Vandaag. Waarom Werkt Embedded Advertising? Bewijs van effectiviteit en 3 verklaringen. Effecten van regelgeving Effecten van embedded advertising en de bijbehorende regelgeving dr. Eva van Reijmersdal (dr.) Sophie Boerman Universiteit van Amsterdam Vandaag Bewijs van effectiviteit en 3 verklaringen 1. Likeability

Nadere informatie

Hoe marketingcommunicatie werkt

Hoe marketingcommunicatie werkt OHT 3.1 Hoe marketingcommunicatie werkt In dit hoofdstuk zul je het volgende leren: Hoe de hiërarchie van effecten de werking van communicatie kan beschrijven Het belang van attitudevorming voor het overtuigen

Nadere informatie

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:

Nadere informatie

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen Running head: ACTIEVE OUDEREN EN BEWEGEN 1 De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de Lichaamsbeweging van Ouderen The Influence of Identification with 'Active Elderly' and Wellbeing

Nadere informatie

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Test-taker Attitudes of Job Applicants: Test Anxiety and Belief in Tests as Antecedents of

Nadere informatie

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars Management Summary Wat voor een effect heeft de vorm van een bericht op de waardering van de lezer en is de interesse in nieuws een moderator voor dit effect? Auteur Tessa Puijk Organisatie Van Diemen

Nadere informatie

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality

de Rol van Persoonlijkheid Eating: the Role of Personality De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Emotioneel Eten: de Rol van Persoonlijkheid The Relationship between Daily Stress and Emotional Eating: the Role of Personality Arlette Nierich Open Universiteit

Nadere informatie

Best Formats In Media Sponsoring. Marketing June 2015

Best Formats In Media Sponsoring. Marketing June 2015 Best Formats In Media Sponsoring Inleiding Advertising or sponsoring TV & Web formats The audience s point of view Key learnings Best Formats in Media Sponsoring is een studie over de waardering van sponsoring

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme

Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effecten van contactgericht spelen en leren op de ouder-kindrelatie bij autisme Effects of Contact-oriented Play and Learning in the Relationship between parent and child with autism Kristel Stes Studentnummer:

Nadere informatie

Just Stream It. De effectiviteit van online video. 4 november 2008 MIE, Rotterdam. Menno van der Steen, Universal Media Andy Santegoeds, RTL Nederland

Just Stream It. De effectiviteit van online video. 4 november 2008 MIE, Rotterdam. Menno van der Steen, Universal Media Andy Santegoeds, RTL Nederland Just Stream It De effectiviteit van online video 4 november 2008 MIE, Rotterdam Menno van der Steen, Universal Media Andy Santegoeds, RTL Nederland Agenda 2 Online video is booming Uitgesteld kijken Grootschalig

Nadere informatie

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch

Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Knelpunten in Zelfstandig Leren: Zelfregulerend leren, Stress en Uitstelgedrag bij HRM- Studenten van Avans Hogeschool s-hertogenbosch Bottlenecks in Independent Learning: Self-Regulated Learning, Stress

Nadere informatie

De Rol van Sociale Identiteit in de Effectiviteit van Angstcommunicaties: Invloed op Kwetsbaarheid en Moderatie bij Roken en Alcoholgebruik

De Rol van Sociale Identiteit in de Effectiviteit van Angstcommunicaties: Invloed op Kwetsbaarheid en Moderatie bij Roken en Alcoholgebruik SOCIALE IDENTITEIT IN ANGSTCOMMUNICATIES 1 De Rol van Sociale Identiteit in de Effectiviteit van Angstcommunicaties: Invloed op Kwetsbaarheid en Moderatie bij Roken en Alcoholgebruik The Role of Social

Nadere informatie

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar

Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen. bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Sekseverschillen in Huilfrequentie en Psychosociale Problemen bij Schoolgaande Kinderen van 6 tot 10 jaar Gender Differences in Crying Frequency and Psychosocial Problems in Schoolgoing Children aged 6

Nadere informatie

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken 1 Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken Smoking Cessation in Cardiac Patients Esther Kers-Cappon Begeleiding door:

Nadere informatie

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders

Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy. Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Invloed van Mindfulness Training op Ouderlijke Stress, Emotionele Self-Efficacy Beliefs, Aandacht en Bewustzijn bij Moeders Influence of Mindfulness Training on Parental Stress, Emotional Self-Efficacy

Nadere informatie

MASTERPROEF. Bram Roosens

MASTERPROEF. Bram Roosens MASTERPROEF Bram Roosens Inhoudsopgave Abstract... 4 1. Inleiding... 5 2. Theoretisch kader... 8 2.1 Ad avoidance... 8 2.1.1 Soorten ad avoidance... 8 2.1.2 Determinanten voor ad avoidance... 9 2.2 Ad

Nadere informatie

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit

Tahnee Anne Jeanne Snelder. Open Universiteit Effecten van Gedragstherapie op Sociale Angst, Zelfgerichte Aandacht & Aandachtbias Effects of Behaviour Therapy on Social Anxiety, Self-Focused Attention & Attentional Bias Tahnee Anne Jeanne Snelder

Nadere informatie

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior

De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag. The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior De Invloed van Perceived Severity op Condoomgebruik en HIV-Testgedrag The Influence of Perceived Severity on Condom Use and HIV-Testing Behavior Martin. W. van Duijn Student: 838797266 Eerste begeleider:

Nadere informatie

2nd, 3th en Xth Screen

2nd, 3th en Xth Screen MIE 2012 2nd, 3th en Xth Screen Verzorgd door Bas de Vos directeur SKO Paul van Niekerk directeur Media Intomart GfK Moving Pictures: NL 2011 Presentatie voor MIE Bas de Vos Directeur SKO MIE 2012 De kijkcijfers

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten

Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van. zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten Denken is Doen? De cognitieve representatie van ziekte als determinant van zelfmanagementgedrag bij Nederlandse, Turkse en Marokkaanse patiënten met diabetes mellitus type 2 in de huisartsenpraktijk Thinking

Nadere informatie

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim

De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim De Relatie tussen Werkdruk, Pesten op het Werk, Gezondheidsklachten en Verzuim The Relationship between Work Pressure, Mobbing at Work, Health Complaints and Absenteeism Agnes van der Schuur Eerste begeleider:

Nadere informatie

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner

De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner De Relatie tussen Momentaan Affect en Seksueel Verlangen; de Modererende Rol van de Aanwezigheid van de Partner The association between momentary affect and sexual desire: The moderating role of partner

Nadere informatie

Print & Tablets A healthy future together. Nancy Detrixhe, Research Manager

Print & Tablets A healthy future together. Nancy Detrixhe, Research Manager Print & Tablets A healthy future together. Nancy Detrixhe, Research Manager Tijdschriften lezen. Totale consumptie van magazine content stijgt. Since I began reading magazines in electronic form,

Nadere informatie

Sociolinguïstiek en sociale psychologie:

Sociolinguïstiek en sociale psychologie: Sociolinguïstiek en sociale psychologie: Nieuwe methodes voor attitudemeting Laura Rosseel, Dirk Geeraerts, Dirk Speelman OG Kwantitatieve Lexicologie en Variatielinguïstiek Inleiding sinds de jaren 1960

Nadere informatie

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility.

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility. RELATIE ANGST EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility Jos Kooy Eerste begeleider Tweede

Nadere informatie

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Validatie van het EHF meetinstrument tijdens de Jonge Volwassenheid en meer specifiek in relatie tot ADHD Validation of the EHF assessment instrument during Emerging Adulthood, and more specific in relation

Nadere informatie

TV+: Impact van nieuwe technologie op TV gedrag

TV+: Impact van nieuwe technologie op TV gedrag TV+: Impact van nieuwe technologie op TV gedrag Op verzoek van SPOT heeft het Technology Media Telecoms team (TMT) van Deloitte in samenwerking met Intomart GfK een rapport geschreven over de Nederlandse

Nadere informatie

De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de. Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers. and Work Satisfaction of Employees

De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de. Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers. and Work Satisfaction of Employees De Invloed van Werkeisen en Hulpbronnen op de Psychische Vermoeidheid en het Plezier in het Werk bij Werknemers The Influence of Job Demands and Job Resources on Psychological Fatigue and Work Satisfaction

Nadere informatie

De impact van Timeshifted Viewing

De impact van Timeshifted Viewing De impact van Timeshifted Viewing op tv-reclame in België Timeshifted Viewing is de mogelijkheid om een tv-programma later of uitgesteld te bekijken met gebruik van een video- of dvd-recorder, of via een

Nadere informatie

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten

De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk. en Lichamelijke Gezondheidsklachten De Modererende Invloed van Sociale Steun op de Relatie tussen Pesten op het Werk en Lichamelijke Gezondheidsklachten The Moderating Influence of Social Support on the Relationship between Mobbing at Work

Nadere informatie

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles

Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen. Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles Verschillen in het Gebruik van Geheugenstrategieën en Leerstijlen tussen Leeftijdsgroepen Differences in the Use of Memory Strategies and Learning Styles between Age Groups Rik Hazeu Eerste begeleider:

Nadere informatie

TV en video consumptie in het jaar 2020

TV en video consumptie in het jaar 2020 TV en video consumptie in het jaar 2020 Liesbeth Nekkers Hilversum, 27 november 2015 1 De toekomst voorspellen Onderzoek Tetlock (University of Pennsylvania) Super forecasters: Open-mindness: how well

Nadere informatie

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer

Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Met opmaak: Links: 3 cm, Rechts: 2 cm, Boven: 3 cm, Onder: 3 cm, Breedte: 21 cm, Hoogte: 29,7 cm Stigmatisering van Mensen met Keelkanker: de Rol van Mindfulness van de Waarnemer Stigmatisation of Persons

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

VIDEO IMPACT ONDERZOEK

VIDEO IMPACT ONDERZOEK VIDEO IMPACT ONDERZOEK INHOUD Samenvatting Achtergrond en doelstelling Onderzoeksopzet Resultaten Impact van video Gebruik en beleving van video Conclusies en aanbevelingen SAMENVATTING (1) Grootschalig

Nadere informatie

TV reclame creëert sterke en blijvende emotionele banden met het merk

TV reclame creëert sterke en blijvende emotionele banden met het merk TV reclame creëert sterke en blijvende emotionele banden met het merk Leveraging Synergy and Emotion in a Multi-platform World A Neuroscience-Informed Model of Engagement, Journal of Advertising Research

Nadere informatie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie

De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een. Vergelijking met Rusten in Liggende Positie De Effectiviteit van een Mindfulness-gebaseerde Lichaamsscan: een Vergelijking met Rusten in Liggende Positie The Effectiveness of a Mindfulness-based Body Scan: a Comparison with Quiet Rest in the Supine

Nadere informatie

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten

Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitieve Bias Modificatie van Interpretatiebias bij Faalangstige Studenten Cognitive Bias Modification of Interpretation Bias in Students with Anxiety Janneke van den Heuvel Eerste begeleider: Tweede

Nadere informatie

How to present online information to older cancer patients N. Bol

How to present online information to older cancer patients N. Bol How to present online information to older cancer patients N. Bol Dutch summary (Nederlandse samenvatting) Dutch summary (Nederlandse samenvatting) Goede informatievoorziening is essentieel voor effectieve

Nadere informatie

Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity. Hiske Feenstra Cito, The Netherlands

Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity. Hiske Feenstra Cito, The Netherlands Assessing writing through objectively scored tests: a study on validity Hiske Feenstra Cito, The Netherlands Outline Research project Objective writing tests Evaluation of objective writing tests Research

Nadere informatie

PERSOONLIJKHEID EN OUTPLACEMENT. Onderzoekspracticum scriptieplan Eerste begeleider: Mw. Dr. T. Bipp Tweede begeleider: Mw. Prof Dr. K.

PERSOONLIJKHEID EN OUTPLACEMENT. Onderzoekspracticum scriptieplan Eerste begeleider: Mw. Dr. T. Bipp Tweede begeleider: Mw. Prof Dr. K. Persoonlijkheid & Outplacement: Wat is de Rol van Core Self- Evaluation (CSE) op Werkhervatting na Ontslag? Personality & Outplacement: What is the Impact of Core Self- Evaluation (CSE) on Reemployment

Nadere informatie

Vergelijken of corrigeren? De processen die ten grondslag liggen aan contextuele invloeden. op de beoordeling van nieuwe objecten

Vergelijken of corrigeren? De processen die ten grondslag liggen aan contextuele invloeden. op de beoordeling van nieuwe objecten Vergelijken of corrigeren? 1 VERGELIJKEN OF CORRIGEREN? Vergelijken of corrigeren? De processen die ten grondslag liggen aan contextuele invloeden op de beoordeling van nieuwe objecten Wouter M. van den

Nadere informatie

Toegevoegde waarde pre-roll naast een televisiecampagne

Toegevoegde waarde pre-roll naast een televisiecampagne Toegevoegde waarde pre-roll naast een televisiecampagne Agenda 1. Wat weten we al? 2. Doelstelling onderzoek 3. Opzet onderzoek 4. Resultaten 5. Advies Pre-rolls krijgen meer aandacht, worden beter onthouden

Nadere informatie

Onderzoek naar mediagebruik van kinderen

Onderzoek naar mediagebruik van kinderen Onderzoek naar mediagebruik van kinderen Experience sampling en dagboekstudies Sanne Opree NPSO-dag Surveys onder kinderen en jongeren Amsterdam 28 mei 2013 Persoonlijke achtergrond Promovenda op het NWO-project

Nadere informatie

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind.

Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Pesten onder Leerlingen met Autisme Spectrum Stoornissen op de Middelbare School: de Participantrollen en het Verband met de Theory of Mind. Bullying among Students with Autism Spectrum Disorders in Secondary

Nadere informatie

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering

De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering De Samenhang tussen Dagelijkse Stress en Depressieve Symptomen en de Mediërende Invloed van Controle en Zelfwaardering The Relationship between Daily Hassles and Depressive Symptoms and the Mediating Influence

Nadere informatie

De invloed van de residentiële mismatch op het verplaatsingsgedrag in Vlaanderen

De invloed van de residentiële mismatch op het verplaatsingsgedrag in Vlaanderen De invloed van de residentiële mismatch op het verplaatsingsgedrag in Vlaanderen De laatste decennia is het autogebruik sterk toegenomen. Het toenemende gebruik van de wagen brengt echter negatieve gevolgen

Nadere informatie

The Future of Advertising. Dinsdag 8 september 2015

The Future of Advertising. Dinsdag 8 september 2015 Van harte welkom op de workshop The Future of Advertising Dinsdag 8 september 15 8/9/15 Deliverables AdLit project: Departement Marketing Kristien Daems Prof. dr. Patrick De Pelsmacker Overzicht presentatie

Nadere informatie

De logica achter de ISA s en het interne controlesysteem

De logica achter de ISA s en het interne controlesysteem De logica achter de ISA s en het interne controlesysteem In dit artikel wordt de logica van de ISA s besproken in relatie met het interne controlesysteem. Hieronder worden de componenten van het interne

Nadere informatie

De Invloed van Familie op

De Invloed van Familie op De Invloed van Familie op Depressie- en Angstklachten van Verpleeghuisbewoners met Dementie The Influence of Family on Depression and Anxiety of Nursing Home Residents with Dementia Elina Hoogendoorn Eerste

Nadere informatie

Assessment van Gespreksvaardigheden via de Webcamtest: Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren

Assessment van Gespreksvaardigheden via de Webcamtest: Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren : Onderzoek naar Betrouwbaarheid, Beleving en de Samenhang met Persoonlijksfactoren Assessment of Counseling Communication Skills by Means of the Webcamtest: A Study of Reliability, Experience and Correlation

Nadere informatie

Mentaal Weerbaar Blauw

Mentaal Weerbaar Blauw Mentaal Weerbaar Blauw de invloed van stereotypen over etnische minderheden cynisme en negatieve emoties op de mentale weerbaarheid van politieagenten begeleiders: dr. Anita Eerland & dr. Arjan Bos dr.

Nadere informatie

Marketing & Communications DNS.be 2010 & 2011. 28 april 2011

Marketing & Communications DNS.be 2010 & 2011. 28 april 2011 Marketing & Communications DNS.be 2010 & 2011 28 april 2011 CENTR Marketing Workshop April 2011 - Helsinki 2 Agenda Campaign 2010: Goal Campaign Results & Learnings Market research: Goal Outcome Learnings

Nadere informatie

Welke rol speelt gamen bij het passief leren van Engelse taalvaardigheden?

Welke rol speelt gamen bij het passief leren van Engelse taalvaardigheden? Probleemstelling Het spelen van video-games wordt gezien als een vorm van vrijetijdsbesteding, maar is het zo dat je er niks van leert? Is het mogelijk dat gamende middelbare scholieren onbewust door gamen

Nadere informatie

Wetenschappelijk artikel

Wetenschappelijk artikel UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT POLITIEKE EN SOCIALE WETENSCHAPPEN Advertising in een mediamultitasking context: een experimenteel onderzoek naar de modererende impact van emotionele en rationele appeals in

Nadere informatie

Marketing & Research Multi Media Impact Barometer (Multi-MIB) reclame-impact diverse media Insites Consulting posttest 300 respondenten,

Marketing & Research Multi Media Impact Barometer (Multi-MIB) reclame-impact diverse media Insites Consulting posttest 300 respondenten, MULTI-MIB DELA De Marketing & Research afdeling binnen VMMa, onderzoekt de impactresultaten van reclamecampagnes. Dit onderzoek, genaamd Multi Media Impact Barometer (Multi-MIB), is EFFIE Approved. Sinds

Nadere informatie

ESOMAR PAPER: Four simple strategies: 25% more ROI for newspaper advertisement

ESOMAR PAPER: Four simple strategies: 25% more ROI for newspaper advertisement ESOMAR PAPER: Four simple strategies: 25% more ROI for newspaper advertisement Learnings from 2011 case for: Erdee Media Group Cebuco, Amsterdam BY Martin Leeflang (Validators) Esomar Paper Augustus 2011

Nadere informatie

COMMERCIËLE POLITIEK ONLINE ADVERTISING 2016

COMMERCIËLE POLITIEK ONLINE ADVERTISING 2016 COMMERCIËLE POLITIEK ONLINE ADVERTISING 2016 COMMERCIËLE MOGELIJKHEDEN ONLINE VIDEO ADVERTISING De consument kan vandaag bij Medialaan TV kijken in al zijn vormen. Live, licht uitgesteld tot VOD. En dit

Nadere informatie

Pascale Peters (Radboud Universiteit) Laura den Dulk (Universiteit Utrecht) Judith de Ruijter (A&O Consult)

Pascale Peters (Radboud Universiteit) Laura den Dulk (Universiteit Utrecht) Judith de Ruijter (A&O Consult) Mag ik thuiswerken? Een onderzoek naar de attitudes van managers t.a.v. telewerkverzoeken Pascale Peters (Radboud Universiteit) Laura den Dulk (Universiteit Utrecht) Judith de Ruijter (A&O Consult) Nederland

Nadere informatie

COMMERCIËLE POLITIEK ONLINE ADVERTISING 2016

COMMERCIËLE POLITIEK ONLINE ADVERTISING 2016 COMMERCIËLE POLITIEK ONLINE ADVERTISING 2016 COMMERCIËLE MOGELIJKHEDEN ONLINE VIDEO ADVERTISING De consument kan vandaag bij Medialaan TV kijken in al zijn vormen. Live, licht uitgesteld tot VOD. En dit

Nadere informatie

De Invloed van Religieuze Coping op. Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie. Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria

De Invloed van Religieuze Coping op. Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie. Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria De Invloed van Religieuze Coping op Internaliserend Probleemgedrag bij Genderdysforie Religious Coping, Internal Problems and Gender dysphoria Ria de Bruin van der Knaap Open Universiteit Naam student:

Nadere informatie

Online reclame: het effect van de online context op de verwerking van de bannerreclame

Online reclame: het effect van de online context op de verwerking van de bannerreclame Online reclame: het effect van de online context op de verwerking van de bannerreclame Een onderzoek naar de invloed van thematische congruentie op de herinnering van de bannerreclame in een real-life

Nadere informatie

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and

Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch. en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa. Physical factors as predictors of psychological and Lichamelijke factoren als voorspeller voor psychisch en lichamelijk herstel bij anorexia nervosa Physical factors as predictors of psychological and physical recovery of anorexia nervosa Liesbeth Libbers

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen The Association between Daily Hassles, Negative Affect and the Influence of Physical Activity Petra van Straaten Eerste begeleider

Nadere informatie

Invloed van Carrièreontwikkeling en Werkgerelateerde Kenmerken op. Bevlogenheid bij Werknemers van Commerciële Adviesbureaus

Invloed van Carrièreontwikkeling en Werkgerelateerde Kenmerken op. Bevlogenheid bij Werknemers van Commerciële Adviesbureaus Invloed van Carrièreontwikkeling en Werkgerelateerde Kenmerken op Bevlogenheid bij Werknemers van Commerciële Adviesbureaus Influence of Career Development and Work Characteristics on Work Engagement of

Nadere informatie

Interaction Design for the Semantic Web

Interaction Design for the Semantic Web Interaction Design for the Semantic Web Lynda Hardman http://www.cwi.nl/~lynda/courses/usi08/ CWI, Semantic Media Interfaces Presentation of Google results: text 2 1 Presentation of Google results: image

Nadere informatie

GfK Twitter TV ratings

GfK Twitter TV ratings GfK Twitter TV ratings Paul van Niekerk GfK 31 maart 2015 1 Agenda 1 2 3 GfK Audience Measurement Trends in kijken en keuze voor TV-content GfK Twitter TV ratings 2 GfK Audience Measurement 3 Video optie

Nadere informatie

Online Video. Praktijkervaringen Menno van der Steen / Casper van der Waal

Online Video. Praktijkervaringen Menno van der Steen / Casper van der Waal Online Video Praktijkervaringen Menno van der Steen / Casper van der Waal Inhoud Voorstellen UM en sprekers Wanneer is online video relevant & interessant? Mediabeleving 2007 en Internet TV Overige onderzoeken

Nadere informatie

Het effect van Trust and Value op adlikeability KJELL MASSEN MARTIJN VAN DER VEEN AMSTERDAM, JULI 2013

Het effect van Trust and Value op adlikeability KJELL MASSEN MARTIJN VAN DER VEEN AMSTERDAM, JULI 2013 Het effect van Trust and Value op adlikeability KJELL MASSEN MARTIJN VAN DER VEEN AMSTERDAM, JULI 2013 2 ACHTERGROND ACHTERGROND In 2012 heeft Cebuco in samenwerking met Intomart Gfk een Trust en Value

Nadere informatie

Communicatiewetenschap, Universiteit van Amsterdam

Communicatiewetenschap, Universiteit van Amsterdam Een onderzoek naar de invloed van een waarschuwing voor brand placement in games op merkherinnering, merkherkenning en merkattitude en welke rol stemming en ervaring hierin spelen Master scriptie Persuasieve

Nadere informatie

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS Persoonskenmerken en ervaren lijden bij verslaving en PTSS 1 De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij Verslaafde Patiënten met PTSS The Relationship between Personality Traits and Suffering

Nadere informatie

Het effect van een verkorte mindfulness training bij ouderen op mindfulness, experiëntiële vermijding, self-efficacy in het omgaan met emoties,

Het effect van een verkorte mindfulness training bij ouderen op mindfulness, experiëntiële vermijding, self-efficacy in het omgaan met emoties, Het Effect van een Verkorte Mindfulness Training bij Ouderen op Mindfulness, Experiëntiële Vermijding, Self-Efficacy in het Omgaan met Emoties, Zelftranscendentie, en Quality of Life The Effects of a Shortened

Nadere informatie

Depressieve Klachten bij Adolescenten: Risicofactoren op School en de Invloed. van Geslacht, Coping, Opleiding en Sport

Depressieve Klachten bij Adolescenten: Risicofactoren op School en de Invloed. van Geslacht, Coping, Opleiding en Sport Depressieve Klachten bij Adolescenten: Risicofactoren op School en de Invloed van Geslacht, Coping, Opleiding en Sport Depressive Complaints in Adolescents: Risk Factors at School and the Influence of

Nadere informatie

Sekseneutrale reclame: liever een man of liever een vrouw?

Sekseneutrale reclame: liever een man of liever een vrouw? Sekseneutrale reclame: liever een man of liever een vrouw? Een onderzoek naar de invloed van de sekse van de afgebeelde persoon in een sekseneutrale reclame op de waardering van het product en de persoon

Nadere informatie

Alcohol policy in Belgium: recent developments

Alcohol policy in Belgium: recent developments 1 Alcohol policy in Belgium: recent developments Kurt Doms, Head Drug Unit DG Health Care FPS Health, Food Chain Safety and Environment www.health.belgium.be/drugs Meeting Alcohol Policy Network 26th November

Nadere informatie

4. De effectiviteit van crossmediacampagnes

4. De effectiviteit van crossmediacampagnes 4. De effectiviteit van crossmediacampagnes HILDE A.M. VOORVELD, PETER C. NEIJENS en EDITH G. SMIT SAMENVATTING Onderzoek naar de effectiviteit van crossmediacampagnes is schaars. In dit artikel beantwoorden

Nadere informatie

Welke van de volgende dimensies zou je gekozen hebben voor verbetering als je weet dat de schaal van 1 tot 5 loopt, waarbij 5 de hoogste score is?

Welke van de volgende dimensies zou je gekozen hebben voor verbetering als je weet dat de schaal van 1 tot 5 loopt, waarbij 5 de hoogste score is? Vraag 1 Wat is tevredenheid in het volgende model? PSQ Tevredenheid Loyaliteit A) Een afhankelijke variabele B) Een onafhankelijke variabele C) Zowel een onafhankelijke als een afhankelijke variabele D)

Nadere informatie

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource.

Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: The Manager as a Resource. Open Universiteit Klinische psychologie Masterthesis Emotioneel Belastend Werk, Vitaliteit en de Mogelijkheid tot Leren: De Leidinggevende als hulpbron. Emotional Job Demands, Vitality and Opportunities

Nadere informatie

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers

De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers De Invloed van Cognitieve Stimulatie in de Vorm van Actief Leren op de Geestelijke Gezondheid van Vijftigplussers The Influence of Cognitive Stimulation in the Form of Active Learning on Mental Health

Nadere informatie

1 Debriefing NOS op 3 MediaLAB Project

1 Debriefing NOS op 3 MediaLAB Project 1 Debriefing NOS op 3 MediaLAB Project Beschrijving van de organisatie Volgens de website van de NOSop3 (nos.nl 2011) doet NOSop3 24 uur per dag, 7 dagen per week, as it happens verslag van het laatste

Nadere informatie

PERSBERICHT CIM 22/04/2015

PERSBERICHT CIM 22/04/2015 PERSBERICHT CIM 22/04/2015 Nieuwe CIM studie over kijkgedrag op nieuwe schermen Belgen keken nooit eerder zoveel naar TV-content Het CIM, verantwoordelijk voor kijkcijferstudies in België, volgt sinds

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Stemming met Modererende Invloed van Coping stijl

De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Stemming met Modererende Invloed van Coping stijl De Relatie tussen Dagelijkse Stress en Stemming met Modererende Invloed van Coping stijl The Relation between Daily Stress and Affect with Moderating Influence of Coping Style Bundervoet Véronique Eerste

Nadere informatie

Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 2012-2013

Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 2012-2013 Evaluatie van het project Mantelluisteren academiejaar 212-21 In academiejaar 212-21 namen 5 mantelzorgers en 5 studenten 1 ste bachelor verpleegkunde (Howest, Brugge) deel aan het project Mantelluisten.

Nadere informatie

Game Usability. Les 3 jaar 2. Ontwerp doelstellingen en randvoorwaarden

Game Usability. Les 3 jaar 2. Ontwerp doelstellingen en randvoorwaarden Game Usability Les 3 jaar 2 Ontwerp doelstellingen en randvoorwaarden Wat gaan we doen? Herhaling vorige week Ontwerpdoelen en ontwerpdoelstellingen ISO Definition of Usability (9241-11) Usability is the

Nadere informatie

Heerlijk Helder Heineken Alcoholgebruik in de Media. Rutger Engels, Behavioural Science Institute Radboud Universiteit Nijmegen

Heerlijk Helder Heineken Alcoholgebruik in de Media. Rutger Engels, Behavioural Science Institute Radboud Universiteit Nijmegen Heerlijk Helder Heineken Alcoholgebruik in de Media Rutger Engels, Behavioural Science Institute Radboud Universiteit Nijmegen 1.Herkennen van brand logos bij kinderen (Dalton et al., 2003) 2.Herkennen

Nadere informatie

Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het. Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met. een Psychotische Stoornis.

Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het. Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met. een Psychotische Stoornis. Het Effect van Assertive Community Treatment (ACT) op het Sociaal Functioneren van Langdurig Psychiatrische Patiënten met een Psychotische Stoornis. The Effect of Assertive Community Treatment (ACT) on

Nadere informatie

Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans

Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans Experimentele psychopathologie Op zoek naar de psychologische processen die een rol spelen bij het ontstaan, in stand houden en terugval van psychopathologie

Nadere informatie

Effectieve strategieën voor zelfgereguleerd leren

Effectieve strategieën voor zelfgereguleerd leren Effectieve strategieën voor zelfgereguleerd leren NWO Onderzoek van Hester de Boer, Anouk S. Donker-Bergstra, Danny D.N.M. Kostons (2012, GION) Samengevat door Irma van der Neut (IVA Onderwijs) Zelf gereguleerd

Nadere informatie

CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden

CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden CSRQ Center Rapport over onderwijsondersteunende organisaties: Samenvatting voor onderwijsgevenden Laatst bijgewerkt op 25 november 2008 Nederlandse samenvatting door TIER op 5 juli 2011 Onderwijsondersteunende

Nadere informatie

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch Stress en Psychose 59 Noord Stress and Psychosis 59 North A.N.M. Busch Prevalentie van Subklinische Psychotische Symptomen en de Associatie Met Stress en Sekse bij Noorse Psychologie Studenten Prevalence

Nadere informatie

Expliciete en impliciete effecten van dunne en ronde advertentiemodellen op productevaluaties

Expliciete en impliciete effecten van dunne en ronde advertentiemodellen op productevaluaties Expliciete en impliciete effecten van dunne en ronde advertentiemodellen op productevaluaties Arend ten Oever (0485292) Juli 2008 Universiteit Utrecht Samenvatting Veel onderzoek richt zich op de zelf-evaluatieve

Nadere informatie

Marketing. De uitgebreide marketingmix Hoorcollege 5

Marketing. De uitgebreide marketingmix Hoorcollege 5 Marketing De uitgebreide marketingmix Hoorcollege 5 Vorige week: wat is een product 2 Propedeuse CMDA Marketing HC 5 Goed om te weten omdat: 3 Propedeuse CMDA Marketing HC 5 Vorige week: kernstrategie

Nadere informatie

First of second screen?

First of second screen? First of second screen? EEN ONDERZOEK NAAR DE INVLOED VAN SECOND SCREEN OP TV KIJKGEDRAG Stroom Mediacommunicatie B.V. Auteurs: Titus Eikelboom, Rutger Mackenbach, Remco de Stigter & Miranda Euser 17 APRIL

Nadere informatie

Innovaties in de chronische ziekenzorg 3e voorbeeld van zorginnovatie. Dr. J.J.W. (Hanneke) Molema, Prof. Dr. H.J.M.

Innovaties in de chronische ziekenzorg 3e voorbeeld van zorginnovatie. Dr. J.J.W. (Hanneke) Molema, Prof. Dr. H.J.M. Innovaties in de chronische ziekenzorg 3e voorbeeld van zorginnovatie Dr. J.J.W. (Hanneke) Molema, Prof. Dr. H.J.M. (Bert) Vrijhoef Take home messages: Voor toekomstbestendige chronische zorg zijn innovaties

Nadere informatie

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals Gedragsproblemen komen veel voor onder kinderen en adolescenten. Als deze problemen ernstig zijn en zich herhaaldelijk voordoen, kunnen ze een negatieve invloed hebben op het dagelijks functioneren van

Nadere informatie