Neila, Jom Kipoer , ; Derasja Rabbijn M. ten Brink

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Neila, Jom Kipoer , ; Derasja Rabbijn M. ten Brink"

Transcriptie

1 Neila, Jom Kipoer , ; Derasja Rabbijn M. ten Brink Aan het einde van deze lange dag staan we tussen het jizkor gedeelte van de dienst en Neila. We hebben onze dierbaren herdacht en zoals de metafoor zegt: selach lanoe sja'ar, open de hemelpoort nu het nog kan, nog net voordat de dag voorbij is. De deuren van de hemelpoorten staan nog net op een kier. We imiteren vandaag de dood, staan in wit, eten niet, drinken niet, het kan nog net dat onze gedachten en gevoelens naar buiten kunnen komen, net voordat we zelf zullen sterven. En dan staat het beeld voor ons van Rabbi Zoesja op zijn sterfbed. Rabbi Zoesja van Anipol, of Annopol in de Ukraine, lag op zijn sterfbed, hij werd omgeven door zijn leerlingen. Hij huilde en huilde en niemand kon hem troosten. Een van de studenten vroeg zijn leraar: "rabbi Zoesja, waarom huilt u zo?"u was bijna zo wijs als Mosje rabbenoe zelf, en u was zo rechtvaardig en oprecht als Awraham awienoe?" Door zijn tranen heen, antwoordde Zoesja: "Als ik deze wereld verlaat en voor het Hemelse Gerecht zal verschijnen zullen ze mij niet vragen: "Zoesja, waarom was je niet zo wijs als Mosje Rabbenoe en rechtvaardig als Awraham Awienoe?" Nee, ze zullen me vragen: "Waarom was jij niet Zoesja? Waarom heb jij niet dat wat in je zat, jouw potentie volop gebruikt, waarom heb je niet het pad gevolgd dat jouw pad was, dat jij moest volgen? Waarom niet??" Er is ook modernere versie van deze chassidische 18e eeuwse gedachte van Rabbi Zoesja, leerling van de Maggid van Mezrich. Ik citeer de 20 ste eeuwse amerikaanse Reform Rabbijn Harold Schulweis: "Think ought. Not what is a Jew, but what ought a Jew to be. Not what is a synagogue, but what ought a synagogue to be. Not what prayer is, but what prayer ought to be. Focus from is to ought, and our mindset is affected. Is faces me toward the present; ought turns me to the future. Ought challenges my creative imagination, opens me to the realm of possibilities, and to responsibilities to realize yesterday's dream. Ought and is are complementary. Without an is, the genius of our past and present collective wisdom is forgotten. Without an ought, the great visions of tomorrow fade. Ought demands not only a knowledge of history, but of exciting expectation. Is, is being, ought is becoming. Ought emancipates me from my status quo thinking. Ought is freedom of spirit. Ought we not Ought? Denk "zou moeten". Niet wat een Jood is, maar wat een Jood zou moeten zijn. Niet wat een synagoge is, maar wat een synagoge zou moeten zijn. Niet welk gebed is, maar welk gebed zou moeten zijn. De focus van is naar zou moeten, en onze manier van denken wordt beïnvloed. Is, richt mij op het heden; zou moeten richt me op de toekomst. Zou moeten daagt mijn creatieve verbeelding uit, het opent voor mij een zee van mogelijkheden, uitdagingen, en verantwoordelijkheden om mijn droom van gisteren te realiseren. Zou moeten en is zijn complementair. Zonder is, is de inspiratie van onze vroegere en huidige collectieve wijsheid vergeten. Zonder zou moeten, verdwijnt de grote visie van morgen langzaam. Zou moeten eist niet alleen een kennis van onze geschiedenis, maar ook van opwindende verwachting. Is, is zijn, zou moeten is worden. Zou moeten bevrijdt me van status-quo denken. Zou moeten is de vrijheid van geest. 1

2 Zouden wij niet moeten: zouden moeten? (R. Harold Schulweis) Misschien even op u in laten werken? Daarom heb ik het zowel in het originele Engels als in het door mij vertaalde Nederlands geciteert. Het raakt de kern van het thema van deze feestdagen, op een prachtige en indringende manier geschreven. Rabbi Zoesja van Anipol vroeg zich angstig af, toen hij op het punt stond deze wereld te verlaten, of hij niet te veel 'is' is geweest, en te weinig 'ought', 'zou moeten' is geweest. Nu was het te laat, hij kon nu niet meer veranderen. Voor ons is het niet te laat. Hoewel niemand weet hoe lang we te leven hebben, zou je zoals onze joodse traditie aangeeft eigenlijk iedere dag moeten zien en voelen als de laatste dag van je leven. Zeker nu, na het moment van herdenken, van zoveel dierbaren, namen die ik noemde van bekenden maar ook van onbekende, mensen met dromen, mensen met geschiedenis, mensen die misschien nog zoveel wilden doen in het leven. Als wij aan hen denken, aan wat zij ons hebben meegegeven, kunnen wij zelf aan het einde van deze Jom Kipoer dienst proberen onze mindset te veranderen in het worstelen met de vraag: wat zouden we moeten? Waarom is dit alles in werking gezet, Waarom is de schepping, en wat is mijn deel daarin, of verlaat ik straks deze wereld, met dezelfde angsten als Zoesja van Anipol? Ik kan geen Mosje zijn, ik kan geen Awraham zijn, ik ben geen Dr Martin Luther King, die ik een aantal keren als voorbeeld heb genomen. Maar ik kan wel proberen u te inspireren, vanuit de inspiratie die ik zelf heb meegekregen van mijn ouders, mijn familie, mijn leraren, mijn geschiedenis, van de droom waarin iemand als Martin Luther King, ook mij, in alle bescheidenheid als de kleine jongen die ik toen was, heeft mee weten te nemen, om mijn aandeel te proberen te geven om deze wereld een betere plek te maken dan hij nu is. Een wereld waar de focus op ought, op 'zou moeten' moet liggen en niet alleen op 'is'. Ik vraag u vandaag om daarmee ana de gang te gaan. Ik heb u de afgelopen 10 dagen proberen mee te nemen op een reis, vanaf de schepping naar de toekomst, vanaf was, naar is, naar zou moeten zijn. Een reis vanuit een begin, waar wij zelf debet aan zijn geweest volgens onze traditie, dat we het paradijs op aarde zijn uitgezet, omdat we juist niet voldeden aan dat allereerste gebod, het Waarom van het bestaan van de mens: de schepping bewaken en beschermen. Eens is de hoop en het geloof dat wij op een gegeven moment die uitgebalanceerde situatie weer terug kunnen krijgen van het begin: het paradijs op aarde. Ik heb u meegenomen aan de hand van anders te leren denken over ondernemen, want de wereld is een grote onderneming, geïnspireerd door de Grote Chief Executive Officer, die wij God noemen, die ons zijn Roeach hakodesj heeft gegeven om aan de slag te gaan met die vraag van het Waarom? Tora is daarbij onze beste leidraad om het antwoord van het onbegrijpelijke te proberen te vinden. Misschien lukt dat niet in ons leven, maar we mogen nooit stoppen om het te proberen te vinden. Wij zijn als Joden en Joodse gemeenschap gewend om uitdagingen aan te gaan, dat zit verankerd in onze Hebreeuwse naam: ivri, diegene die op de oever van de rivier staan en de keuze hebben. Blijven staan, teruggaan naar waar je vandaan komt, of een weg vinden om de rivier over te steken en de toekomst in te gaan, ook al weten we niet precies waar die heenleidt. Wij willen als LJG Amsterdam die toekomst inhoudelijk vorm geven, op een positieve manier. Wij proberen onze droom in vervulling te laten gaan, door te beginnen met concrete stappen letakeen olam, bemalchoet Sjaddai, door het herstel van de niet perfecte wereld, Gods Koninkrijk op aarde te vestigen. Klinkt onbereikbaar? Klinkt wel erg 2

3 religieus terwijl u dat helemaal niet bent misschien? Wel er is niets ver aan, en u hoeft helemaal niet diep vroom en religieus te zijn of te worden. Het gaat er gewoon om dat we door dat wat we doen, voor anderen bijvoorbeeld, ook het antwoord formuleren op de Waarom vraag van onze onderneming. Tikoen Olam zal inhouden, hopelijk met uw eigen hulp en inzet, waardoor uw eigen diepe maar bereikbare droom voor tikoen olam, verwezenlijkt kan worden. Een project voor kinderen in Afrika, door een ecologisch project te helpen ontwikkelen in Israël, door eens te kijken of we hier zonnepanelen op het dak kunnen laten maken, groenere stroom generen, en het uiteindelijk voor ons goedkoper te maken, en wellicht dat we het ook samen met de buurt kunnen realiseren: een win-win situatie. Door meer te doen aan de mitswot been adam lechaweroe, tussen de mensen onderling, door duurzaamheid te benadrukken, bijvoorbeeld door hier in ons gebouw beter te letten op de energie, maar ook eco kasjroet in te voeren. Door ons veel meer te verdiepen in wat het Jodendom nu eigenlijk te bieden heeft om die Waarom vraag te beantwoorden. We zullen hiermee beginnen op 3 november, met een inspirerend verhaal van Robert Benninga en voor de kinderen op de Wereld Mitswe dag op 17 november tijdens de Talmoed Tora lessen. Vanuit onz e kerngroep Tikoen Olam, zullen we u proberen er actief bij te betrekken, en als u iets wilt doen, waar u goed in bent, of waar u meer over wilt leren: kom en doe mee, met wat deze gemeente ought to be, zou moeten zijn, wat u ought to be, zou moeten zijn. Wij hebben als LJG een prachtig en duurzaam product dat wij in onze onderneming produceren, en daarvan wil ik erg graag dat u daar ook overtuigd van bent en onze verkopers bent, onze ambassadeurs in Amsterdam en in ons land. Dat product is de essentie van Liberaal Jodendom: het antwoord geven op de vraag 'Waarom' we hier zijn. Op basis van Tora en traditie, wegen te zoeken, eventueel radicaal nieuwe wegen, om deze wereld een stukje beter achter te laten dan wij hem hebben aangetroffen. Dat doen wij met onze vrije, Liberaal Joodse, wil, die beinvloed mag worden door de dromen die wij dromen, door de inspiratie van leiders. Door trots te kunnen zijn, door wat wij doen, op ons product. Vaak merk ik nog te veel dat dat diepe commitment ontbreekt, de positieve kant waarom u lid bent van onze kehilla. Het is vaak nog steeds een volstrekt misplaatst minderwaardigheidsgevoel t.o.v. andere stromingen in het Jodendom, zoals het voorbeeld van de Chafeets Chajim, R. Israel Meir Kagan illustreert: Het verhaal gaat dat de Chafeets Chajiem eens in een afgelegen dorpje was in het huidige Polen. Hij was op zoek naar een wagen, die terug naar zijn eigen stad ging, en ontmoette een man op de bok van een paard en wagen en vroeg de man waar hij naar toe ging; de man wist niet wie de lifter was. Toen hij hoorde dat de man naar zijn stad reed, vroeg hij of hij mee mocht. De Chafets Chajiem vroeg de man waarom hij daar naar toe ging, en hij antwoordde enthosuiast: "ik ga daar de Chafeets Chajiem ontmoeten, om mij door zijn inspiratie en lessen op Rosj Hasjana en Jom Kipoer voor te bereiden." De Chafeets Chajiem, zonder te zeggen dat hij het was, trok zijn wenkbrauwen op en zei: "O, maar ik ken de Chafeets Chajiem, R. Israel Meir Kagan, en geloof me, hij is echt niet zo bijzonder als jij denkt dat hij is." Na die woorden, sloeg de man de Chafeets Chajiem hard in het gezicht en gooide hem van zijn wagen. 3

4 Toen hij even later hersteld was en terug dacht aan wat er gebeurd was, zei de Chafeets Chajiem dat de man hem een hele belangrijke les had geleerd: "Spreek nooit slecht of minderwaardig over anderen, zelfs niet over jezelf!!" De Feestdagen roepen ons op om eerlijk en oprecht niet alleen over anderen te denken, maar ook over onszelf. Over hoe we eigenlijk zouden moeten leven en zouden moeten zijn. Spreek met trots over ons Jodendom, want we hebben alle reden om trots te mogen zijn. We mogen ook gewoon mens zijn, die vecht met de vraag van het Waarom van dit alles. Het gaat heel simpel om de menselijke mogelijkheden om onszelf de juiste zaken te laten doen, de goeie commitments te maken, de juiste mensen te omhelzen, het goede te doen, te werken aan Tikoen Olam. Letakeen Olam bemalchoet Sjaddai, Sjaddai is een van de namen van God, die juist God s beschermende aanwezigheid aangeeft. Als geschapen naar dat beeld zijn wij verplicht anderen deze bescherming te bieden. Het aleenoe is niet alleen voor onszelf, maar het geeft de universalistische gedachten van het Jodendom: wij zijn niet alleen op deze wereld, maar wij hebben een verantwoordelijkheid voor onszelf en voor anderen, voor Joden en niet Joden, om deze wereld een betere plek te maken dan hij nu is. Als wij een or lagojiem, een licht onder de volkeren, zijn, wat betekent dat dan in de praktijk? Wat doen wij om onze joodse normen en waarden uit te dragen en te proberen in ieder geval mee te helpen de problemen en ellende in de wereld, op te lossen. Nietsdoen is geen optie. Het Jodendom biedt daartoe enorm veel mogelijkheden. Die mogelijkheden noemen wij mitswot omdat ze voortkomen uit die Roeach Elohiem, die oer inspiratie, want we doen ze met een doel, dat komt van het Waarom wij hier zijn. Die mitswot zijn die tussen mensen onderling. De andere mitswot tussen u en God (mezoeza, tefillien, gebeden zeggen, geen schaal en schelpdieren eten) zijn er om je steeds te realiseren dat we een typisch joodse manier hebben om met elkaar om te gaan. Hierbij denk ik verder aan: Ba al tasjchiet: het niet onnodig vernietigen van alles waar de mens nut van kan hebben: de fauna, flora en de materiële wereld. Eco-kasjroet, tsa ar ba alee chajiem (de zorg voor de dieren), niet verkwisten van natuurlijke bronnen en voedsel. De zorg voor mensen die het minder hebben dan wij: armoede bestrijding, werkverschaffing, zorg voor voldoende voedsel, zorg voor onderdak aan dak- thuislozen, vluchtelingen helpen, en asielzoekers (want waren wij niet eens zelf vreemdelingen in Egypte en moesten wij niet vele malen in de geschiedenis vluchten?). Maar ook zorg voor mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking, thuis of in een zorginstelling. Ouderen helpen, waar de zorg vaak zoveel te wensen overlaat en steeds moeilijker gaat worden in onze zogenaamde welvaartstaat. Inzet om zieken te genezen en te ondersteunen, door bijvoorbeeld ideële doelen geldelijk te steunen, het redden van een mensenleven staat gelijk aan het redden van de hele wereld. Er zijn oneindig veel manieren om iets te doen voor een ander, wij zullen dit als joodse gemeente nog veel actiever ter hand moeten nemen, het is een bewustwordingsproces, en daar waar mogelijk als Liberaal Joodse Gemeente initiatieven moeten gaan ontwikkelen om onze leden, en daarmee ook vele anderen, te stimuleren zich in te gaan zetten voor de vele doelen van Tikoen Olam. Daarmee kunnen wij groeien naar een gemeente die zich extroverter op kan stellen als een or lagojiem, een licht tussen en voor de volkeren. Ons Tikoen Olam project, is gebaseerd op de allereerste mitswa in Tora: wij hebben de plicht de schepping te bewaken en te beschermen, zoals Rabbijn Awraham Jehosjoea Heschel zei: "In een samenleving bestaan vreselijke dingen. Alleen 4

5 sommigen van ons zijn daar maar schuldig aan, maar iedereen is verantwoordelijk." Hij liep mee met Martin Luther King in de beroemde March of Washington die ik eerder aanhaalde Hij liep niet mee vanwege King. Nee hij liep mee, omdat dr King een droom had, waarmee hij ook rabbijn Awraham Jehosjoea Heschel heeft weten te inspireren, dat mensen gelijkwaardig zijn, en dat zolang de menselijke wetten niet gelijk zijn aan de wetten van de Roeach Elohiem, deze wereld nog niet volmaakt is. King wist Waarom hij het wilde, nu was het aan de mensen om hem heen, om zijn droom over te nemen en het uit te werken, naar het Hoe en Wat. Het Waarom van onze kehilla, van ons Jodendom, van uw loyaliteit en actieve betrokkenheid, het Waarom van de dromen die wij dromen, heb ik deze dagen geprobeerd aan u over te brengen. Onder meer via het model van een onderneming, die de wereld is, die wij zijn. Nu is het aan u allemaal, om voordat de poorten van Jom Kipoer zich sluiten, te bedenken: Hoe wil ik dat waarmaken, Wat wil ik daarmee doen. U kunt nog steeds bladeren aan de boom van kennis van goed en kwaad hangen met uw ideen en plannen. Tot slot wil ik nog een keer Simon Sinek citeren (p.150) uit zijn boek Begin met het Waarom: "Als een Waarom helder is, zullen degenen die het geloof erin delen ertoe aangetrokken worden en misschien willen meehelpen om het tot leven te brengen. Als zo'n overtuiging wordt bekrachtigd, kan zij nog meer gelovers op de been brengen die hun hand opsteken en zeggen: "Ik wil helpen". Wanneer een groep gelovers zich massaal inzet voor een gemeenschappelijk doel, motief of geloof, kunnen er verbluffende dingen gebeuren. Maar daarvoor is meer nodig dan inspiratie. Inspiratie zwengelt het proces alleen maar aan; om een beweging op gang te houden heb je nog iets meer nodig." Het is nu aan u, om deze beweging op gang te houden en mee te werken aan het doel van onze onderneming: Letakeen Olam bemalchoet Sjaddai. Rabbijn Menno ten Brink, Neila 5774/2013 5