Onderzoeksrapport "Prestatie- en effectmonitoring" Rekenkamercommissie Waterschap Aa en Maas Versie definitief

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Onderzoeksrapport "Prestatie- en effectmonitoring" Rekenkamercommissie Waterschap Aa en Maas Versie definitief"

Transcriptie

1 Onderzoeksrapport "Prestatie- en effectmonitoring" Rekenkamercommissie Waterschap Aa en Maas Versie definitief 's-hertogenbosch, 25 april 2012

2 Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 2

3 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 3 Hoofdstuk 1 Inleiding Achtergrond en aanleiding Doelstelling en onderzoeksvragen Afbakening Verantwoordelijke voor het object van onderzoek Aanpak Vooronderzoek Veldwerk en rapportage... 6 Hoofdstuk 2 Beleidsdoelen... 7 Hoofdstuk 3 Monitoring en rapportage Monitoringsvormen Basismonitoring (toestand en trend monitoring) Prestatiemonitoring Effectmonitoring Hoofdstuk 4 Verdiepingscasussen effectmonitoring jaar monitoring van natuur langs oevers Effecten van effluentlozingen van rwzi s op het watersysteem in het beheergebied van waterschap Aa en Maas Vismigratie Hertogswetering Bevindingen casussen Hoofdstuk 5 Conclusie Hoofdstuk 6 Aanbevelingen Hoofdstuk 7 Zienswijze Dagelijks Bestuur Hoofdstuk 8 Nawoord Rekenkamercommissie Bijlage 1. Bijlage 2. Bijlage 3. Bijlage 4. Bijlage 5. Bijlage 6. Bronnen Normenkader Bij het onderzoek betrokken medewerkers Beantwoording drie W-vragen WBP Definities en kenmerken monitoringsvormen watersysteem Effectmonitoringsprojecten Bijlage 7. Overzicht gebruikte afkortingen colofon 48 Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 3

4 Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 4

5 Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Achtergrond en aanleiding Begin 2011 heeft de rekenkamercommissie van Waterschap Aa en Maas haar jaarplan 2011 vastgesteld. Een van de onderwerpen voor 2011 is een onderzoek naar effectmonitoring. Dit rekenkamerrapport verschaft inzicht in hoe bij Aa en Maas het bereiken van de beleidsdoelstellingen wordt gemonitord. 1.2 Doelstelling en onderzoeksvragen Het waterschap beoogt met het uitvoeren van haar taken diverse producten te leveren en bepaalde effecten te bereiken. Doelstelling van het onderzoek is in beeld brengen hoe het waterschap het bereiken van deze beleidsdoelstellingen monitort en hoe deze informatie wordt gebruikt in de beleids- en verantwoordingscyclus. De beleidsdoelstellingen van het waterschap zijn vastgelegd in het WBP (waterbeheerplan). Dit vormt dan ook de basis (norm) voor dit onderzoek. De concrete vragen waarop het onderzoek is gebaseerd zijn: Wat wil het waterschap bereiken: Wat zijn de beoogde prestaties en effecten (beleidsdoelen)? Zijn de beleidsdoelen SMART 1 geformuleerd? Welk inzicht heeft het waterschap in de gerealiseerde prestaties en effecten? Wat is het systeem/de methodiek om de stand van zaken hiervan op enig moment vast te kunnen stellen om zodoende te kunnen toetsen aan deze doelstellingen? Hoe vindt rapportage plaats? Om meer inzicht te verkrijgen in de werking van effectmonitoring in de praktijk worden binnen dit onderzoek drie effectmonitoringsrapporten nader onder de loep genomen. Om te bepalen welke drie rapporten dit moeten zijn is op diverse plaatsen binnen de organisatie navraag gedaan welke monitoringsprojecten zijn uitgevoerd. Daarnaast is actief gezocht binnen de ter beschikking staande systemen (o.a. internet, intranet en netwerkschijven) en documenten. Aan de hand hiervan is een groslijst opgesteld. De monitoringsprojecten op deze groslijst zijn getoetst aan de volgende criteria: Belangrijk maatschappelijk doel; Bijdrage in te behalen doel Aa en Maas / effect van substantiële betekenis; Recent uitgevoerd; (Nagenoeg) afgerond; Gericht op uitspraak over effectiviteit; Redelijke afspiegeling van de taken van het waterschap; Voor een (relatieve) leek te begrijpen (niet te technisch inhoudelijk). Rekening houdend met bovengenoemde criteria is besloten de volgende drie rapporten nader te onderzoeken: jaar monitoring van natuur langs oevers; 2. Effecten van effluentlozingen van rwzi s op het watersysteem in het beheergebied van waterschap (2011); 3. Vismigratie Hertogswetering. 1 Specifiek, Meetbaar, Afgestemd, Realistisch en Tijdgebonden Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 5

6 1.3 Afbakening Onder doeltreffendheidsonderzoek wordt verstaan onderzoek naar de vraag in hoeverre dankzij het waterschapsbeleid (al dan niet in samenwerking met maatschappelijke partners) de gewenste beleidsresultaten worden bereikt. Onder beleidsresultaten worden zowel prestaties (output) als de daarmee gerealiseerde effecten (outcome) verstaan. 2 In dit onderzoek wordt dus gekeken naar output én outcome. Inzet van middelen (input) en oordeelsvorming over de efficiency vallen buiten de scope van het onderzoek. 1.4 Verantwoordelijke voor het object van onderzoek De directie is eindverantwoordelijk. Deelverantwoordelijk zijn de afdelingen Integraal Beleid (formulering beleid en normstelling) en Onderzoek en Monitoring (effectmonitoring) en het programmamanagement (prestatiemonitoring). Daarnaast is elk (primair) afdelingshoofd verantwoordelijk voor zijn eigen taakveld. 1.5 Aanpak Vooronderzoek Tijdens het vooronderzoek zijn relevante gegevens verzameld en bestudeerd. Een overzicht van de hierbij geraadpleegde bronnen is opgenomen in bijlage 1. Tevens is een referentiemodel 3 opgesteld (zie bijlage 2) welke als basis heeft gediend voor het verdere onderzoek. Dit model is afgestemd met de opdrachtgever. Tot slot zijn de direct betrokkenen bij het onderzoek geïnformeerd Veldwerk en rapportage Tijdens het veldwerk is de werkelijke situatie in beeld gebracht ( IST ). Dit is gebeurd aan de hand van dossieronderzoek en raadpleging van direct en indirect betrokkenen. Een overzicht van alle betrokkenen is opgenomen in bijlage 3. Vervolgens is de IST met het referentiemodel (de SOLL, het normenkader) vergeleken. Aan de hand van de bevindingen zijn conclusies getrokken en zijn aanbevelingen gedaan. In hoofdstuk 2 en 3 zijn de bevindingen uit het onderzoek weergegeven. Het normenkader ( SOLL ) is hierbij steeds in een grijs gearceerd kader opgenomen. 2 Vrij naar handleiding DDO, Algemene Rekenkamer Een referentiemodel dient om op basis van de verzamelde gegevens vooraf een situatie te schetsen van de gewenste situatie. Dit model wordt voor de start van het veldwerk afgestemd met de opdrachtgever. Hierbij wordt de SOLL-positie in beeld gebracht ofwel de situatie zoals die op basis van de beschikbare informatie zou moeten zijn (normenkader). Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 6

7 Hoofdstuk 2 Beleidsdoelen In het Waterbeheerplan (WBP) zijn de beleidsdoelen (effecten en prestaties) van het waterschap beschreven voor de periode Naast het WBP zijn ook doelen beschreven in bestuursakkoord samen werken aan water en Waterproof (strategienota organisatieontwikkeling). Waterproof bevat vooral organisatorische doelstellingen en valt buiten de scope van dit onderzoek. Het bestuursakkoord samen werken aan water geeft de bestuurlijke accenten aan in de bestuursperiode. Het WBP dekt deze doelen af. Daarom richt dit onderzoek zich uitsluitend op het WBP. De reguliere taken van het Waterschap liggen vast in de Waterschapswet en de Waterwet. Daarnaast stellen de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en het Nationaal bestuursakkoord Water (NBW) nieuwe eisen aan het watersysteem. Deze nieuwe eisen bieden ruimte voor streekgebonden interpretaties en ambities. Het waterschap heeft samen met gemeenten, provincie en Rijkswaterstaat de ambities en de daaruit voortvloeiende maatregelen in beeld gebracht en vastgelegd in zeven waterprogramma s. Deze waterprogramma s vormen samen met de reguliere taak van het waterschap (op orde houden watersysteem en waterketen) de basis voor het WBP. Het WBP bestaat dus uit wettelijke taken, bestuurlijke afspraken met partners en eigen ambities. Per programma is antwoord gegeven op de drie W-vragen: a) Wat willen we bereiken (doel)? (outcome, welk maatschappelijk effect willen we bereiken); b) Wat gaan we daarvoor doen? (output, prestaties). c) Wat mag dat kosten? (input) Normenkader In het WBP is per programma de volgende systematiek gevolgd: Wat is onze opgave (maatschappelijke doelstelling); Wat is onze strategie; Wat gaan we doen; Wat levert het op. In de tabellen is tevens het geraamde bedrag opgenomen voor de maatregelen. Qua structuur is dus antwoord gegeven op drie W-vragen. Een (samenvattend) overzicht van de antwoorden op de drie W-vragen per programma uit het WBP is opgenomen in bijlage 4. Normenkader De programmadoelen zijn ondubbelzinnig geformuleerd en vertaald in concrete prestaties, bij voorkeur door de tussenstap van het formuleren van operationele (hoofd- en/of sub)doelstellingen. Uit de formulering van, of toelichting op, de programmadoelen, operationele doelen en beoogde prestaties blijkt een logisch verband. Daaruit blijkt in hoeverre het Waterschap daadwerkelijk richting kan geven aan de doelstellingen (de stuurbaarheid) en in hoeverre zij daarvoor resultaatverantwoordelijk is. (m.a.w. duidelijk moet zijn tot waar het waterschap verantwoordelijk is en wat de afhankelijkheid is van derden of van maatschappelijke ontwikkelingen die buiten de invloed van het waterschap liggen. Een schematisch overzicht, waarin de relatie van hoofddoel naar subdoel en bijbehorende activiteiten (schematisch) zijn weergeven (doelenboom), is niet aangetroffen. Uit het WBP blijkt niet altijd wat de grondslag (wet, bestuurlijke afspraak met derden, eigen ambitie) is van een bepaald doel (effect of prestatie) 4. Het is niet altijd duidelijk of het waterschap verantwoordelijk is voor het effect van een prestatie of alleen voor het leveren van de prestatie op zich en wat de invloed van derden hierin is. 4 In de onlangs verschenen Mid Term Review van het bestuursakkoord zijn de grondslagen van de prestatiedoelen weergeven. Dit is echter nog steeds redelijk abstract. Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 7

8 De doelen (effecten en prestaties) zijn concreet en SMART geformuleerd. Normenkader In diverse documenten wordt aangeven dat het WBP niet overal even SMART is. Dit wordt in de interviews bevestigd. Voorbeelden zijn: Memo effectmonitoring-doorstart zomer 2011 van projectleider effectmonitoring: In het WBP zijn de gewenste outputdoelstellingen niet altijd scherp gedefinieerd Tijdschrijft Het waterschap nummer 8/ artikel leren met de watermonitor : In het ontwerp waterbeheerplan wordt gewezen op de toenemende behoefte aan haalbare en afrekenbare beleidsdoelstellingen. Desondanks wordt in deze nota de nadruk gelegd op inspanningsverplichtingen in plaats van resultaatverplichtingen. Ondanks de goede voornemens zijn de doelstellingen van het waterschap nog weinig concreet. Abstracte doelstellingen bemoeilijken effectieve monitoring Projectplan programmamanagement (2009):.Bij het niet halen van de doelen en ambities worden de volgende factoren als mogelijke aanleiding genoemd: Doelen en ambities zijn vaak nog onvoldoende SMART geformuleerd. Hierdoor is met name bij nieuwe ambitie onduidelijk wat voor product (output) er tegen welke voorwaarden geleverd zal worden.. Memo van team programmamanagement aan MO-WSK, 18 maart 2010: Afhandeling vergunningen en ontheffingen binnen wettelijke proceduretijd - deze PI is niet duidelijk omschreven.uitvoeren kwaliteitsverbeterende maatregelen stedelijk gebied De opgave uit het WBP is niet SMART. Recreatie..De opgave uit het WBP is niet SMART. Schoon water.een deel van de PI s uit het WBP betreffen niet stuurbare activiteiten..in geval van de outcome-doelen was tot voor kort onduidelijk welke activiteiten moeten worden uitgevoerd om de gewenste outcome te realiseren.veilig en bewoonbaar beheersgebied.als output voor 2010 worden factsheets genoemd. Op basis van deze factsheets wordt nog onderzocht en berekend wat er moet gebeuren, hoe dit kan worden opgelost, wie dat gaat doen (gemeente of waterschap) en wanneer dat gebeurt. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek kan de output worden bepaald. Resultaten realiteitstoets op bestuurlijke ambities; processtap om te komen tot een realistisch WBP , april 2008: Om te zorgen dat het waterbeheerplan een realistisch en uitvoerbaar plan is, is door het waterschap een realiteitstoets uitgevoerd. (WBP pag 68). Dit zogenaamde realteam heeft vastgesteld dat het realisatietempo ten opzichte van 2007 aanzienlijk kan worden vergroot mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan maar ondanks dit heeft het realteam het beeld dat de bestuurlijk ambities voor de planperiode van het ontwerp WBP niet volledig kunnen worden gehaald. Een van de oorzaken van het niet (voldoende) SMART zijn van het WBP is dat niet overal duidelijk is wat de te nemen actie is. Voorbeelden hiervan zijn: WBP programma schoon water: Het waterschap zal de maatregelen die genomen dienen te worden om de waterkwaliteit te verbeteren nader uitwerken tot een gedetailleerd uitvoeringsprogramma ; WBP bijlage 4 tabel met maatregelen per waterlichaam zoals opgenomen in het Stroomgebiedbeheerplan (SGBP). In toelichting staat het is niet altijd exact bekend wanneer en waar de maatregelen uitgevoerd gaan worden in het stroomgebied. Daarom zijn diverse maatregelen aangeduid in hoeveelheden per cluster van RWSR 5 -gebieden. In interviews wordt aangegeven dat het WBP oorspronkelijk opgesteld is om naar de buitenwereld inzichtelijk te maken wat Aa en Maas doet c.q. gaat doen en niet bedoeld is als (SMART) planningsdocument. Het is met name gericht op te leveren prestaties (deze zijn ook veelal opgenomen in tabellen) en minder op effecten. Effecten zijn veelal in tekst verwoord en niet in meetbare termen/tabellen opgenomen. 5 Regionale watersysteem rapportage Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 8

9 In 1.3 van het WBP staat: In het plan is op hoofdlijnen opgenomen wat het waterschap in de periode gaat doen. Het plan is daarmee koersbepalend voor de activiteiten die het waterschap uitvoert. De in het plan opgenomen maatregelen worden in de vorm van vier uitvoeringsprogramma s nader geconcretiseerd. Via de jaarlijkse begrotingscyclus worden deze uitvoeringsprogramma s bewaakt en zo nodig bijgesteld. Door de projectgroep WBP is destijds voorgesteld naast het WBP een (SMART) uitvoeringsprogramma op te stellen wat als planningsdocument dient. Het DT achtte dat toen (begin 2009) niet noodzakelijk. Inmiddels zijn er binnen de organisatie op diverse terreinen wel acties in gang gezet om prestatiedoelstellingen uit het WBP verder te concretiseren (bijvoorbeeld voor EVZ s, beekherstel, regionale wateropgave) en oppervlaktewaterkwaliteit met Meerjarenuitvoeringsprogramma (MUP) schoon water) maar nog niet volledig dekkend voor alle doelen en taken van het waterschap. Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 9

10 Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 10

11 Hoofdstuk 3 Monitoring en rapportage 3.1 Monitoringsvormen In dit hoofdstuk wordt in beeld gebracht op welke wijze de monitoring van prestaties en effecten, inclusief de rapportage daarover, binnen het waterschap plaatsvindt. Ten behoeve van dit rekenkameronderzoek wordt het WBP als referentiekader gebruikt. In het WBP is het volgende geschreven over monitoring en evaluatie (tevens normenkader voor dit onderzoek): Normenkader Kennis en inzicht in de werking en toestand van het watersysteem en de afvalwaterketen zijn van essentieel belang om de werkzaamheden doelmatig en efficiënt uit te kunnen voeren. Het waterschap wil onder andere inzicht hebben in de actuele (grond)waterpeilen en debieten in het watersysteem, de aanwezigheid van ongewenste stoffen in het water en afvalwaterstromen. Veranderingen in hoeveelheden water en concentraties van stoffen in het water volgen wij ook (trends). Daarnaast willen we goed weten wat het effect van maatregelen op het gewenste doelbereik is. Om deze kennis te vergaren heeft het waterschap een goed meetnet met verschillende monitoringprogramma s. Hiermee voldoen we ook aan diverse (externe)verplichtingen met betrekking tot monitoring, onder andere vanuit de KRW, de zwemwaterrichtlijn en het beleidsmeetnet verdroging. We onderscheiden verschillende soorten monitoring: Basismonitoring, gericht op het volgend van de toestand en trends in het watersysteem als geheel; Onderzoeksmonitoring, hiermee worden kennisvragen uit de organisatie of daarbuiten beantwoord; Prestatiemonitoring, gaat over de kwantitatieve realisatie van doelstellingen; Effectmonitoring, hiermee worden de effecten, de effectiviteit en het rendement van specifieke (inrichtings)maatregelen en het reguliere beheer en onderhoud in beeld gebracht. De voortgang in het uitvoeren van maatregelen en het bereiken van de doelstellingen van het waterbeheerplan wordt gevolgd met behulp van de watermonitor. Dit is een jaarlijks geactualiseerde digitale rapportage over de voortgang. Dit maakt bijsturen mogelijk. Het monitoringsinstrumentarium van het waterschap is in diverse informatiebronnen beschreven, zoals: WBP (zie bovenstaand kader); Kredietvoorstellen effectmonitoring (AB 29 februari 2008 en 12 november 2010); (Concept) intern memo monitoring/effectmonitoring - doorstart zomer 2011 ; Informatienota voor commissie Watersysteembeheer Stand van zaken Effectmonitoring / Effecten Droogte 2011 (versie 25 oktober 2011); Verbeterplan Programmamanagement (conceptversie 0.8 d.d. 31 augustus 2011). Op basis van interviews en bestudering van de ter beschikking staande bronnen komt het volgende beeld naar voren: Onderzoek naar doeltreffendheid van beleid is gecompliceerd, omdat enerzijds sprake kan zijn van een lange beleidsketen en anderzijds omdat er externe factoren kunnen zijn die ook van invloed kunnen zijn op de te bereiken einddoelen. Hoe verder een prestatie of effect in de keten gelegen is, des te moeilijker de causale relatie is te leggen met het ingezette beleid; Binnen het gehele waterschap, van de werkvloer tot op bestuurlijk niveau, wordt de term monitoren (of monitoring) vaak gebruikt. Termen als effectmonitoring, Watermonitor, projectmonitoring, KRW-monitoring en reguliere monitoring komen regelmatig voorbij. Een heldere en eenduidige definitie van alle monitoringsvormen ontbreekt, evenals een integraal inzicht in wat er gemonitord wordt c.q. zou moeten worden; In het WBP staat dat de voortgang in het uitvoeren van de maatregelen en het bereiken van de doelstellingen van het WBP gevolgd wordt met behulp van de Watermonitor, een digitale rapportage over de voortgang van prestaties en effecten. Voorheen heeft de afdeling O&M een trekkende rol gespeeld bij het opstellen van deze rapportage. Het Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 11

12 instrument Watermonitor, dat in 2008 (over 2007) voor het laatst is opgesteld, is op basis van een onderlinge afspraak tussen afdelingshoofden Onderzoek en Monitoring en Advies Waterbeheer overgedragen aan programmamanagement. Hiermee is een tweedeling ontstaan tussen prestatiemonitoring (volgen van output) en effectmonitoring (volgen van de outcome (het effect (of impact) van de output op de omgeving/ samenleving). De Watermonitor als integrale digitale rapportage wordt niet meer opgesteld. Tijdens het onderzoek zijn geen signalen naar voren gekomen dat door het bestuur of directie naar (de status van) de watermonitor is gevraagd; Binnen de exploitatie en middels investeringskredieten is voor monitoring geld beschikbaar gesteld. De afdeling Onderzoek en Monitoring (O&M) heeft binnen het waterschap een belangrijke rol in veel monitoringsactiviteiten. Met het vastleggen van de procesbeschrijving Monitoring in 2011 is een eerste stap gemaakt in de herstructurering van monitoring binnen O&M. Een vervolgstap is het opstellen van een helder overzicht van de verschillende monitoringsvormen en de lopende en komende projecten, waarna andere organisatorische aspecten als wie doet wat? en de financiering worden uitgewerkt 6 ;. Op verzoek van het onderzoeksteam heeft de projectleider effectmonitoring de monitoringsvormen met betrekking tot het watersysteem op een rij gezet. Een overzicht van de monitoringsvormen is weergegeven in bijlage 5. Voor het onderzoek worden de volgende monitoringsvormen behandeld: o Basismonitoring (=Toestand- en trendmonitoring); o Prestatiemonitoring; o Effectmonitoring. De overige in het overzicht opgenomen monitoringsvormen vallen buiten de scope van het onderzoek (operationele signalering, schademonitoring, en overige (incidentele) monitoring (onder andere onderzoeksmonitoring)). In de volgende paragrafen wordt de stand van zaken van deze 3 monitoringsvormen toegelicht. Hierbij worden de volgende vragen beantwoord: 1. Wat wordt er gemonitord? 2. Welke rapportages en publicaties worden er opgesteld? 3. Welke data wordt verstrekt aan derden? Daarnaast wordt een nadere toelichting op de stand van zaken en de ontwikkelingen gegeven. 3.2 Basismonitoring (toestand en trend monitoring) Wat wordt er gemonitord? Om te toetsen of het watersysteem van Aa en Maas voldoet aan de landelijke normen, de KRW en (bestuurlijke) verplichtingen worden er met name fysisch/chemische bemonsteringen en ecologische analyses uitgevoerd. Voor het opbouwen van kennis van het watersysteem worden er zowel kwantiteits- als kwaliteits- en ecologische metingen verricht. Welke rapportages en publicaties worden er opgesteld? Naast de periodieke KRW-rapportages is met het project Watersysteem in Beeld (zie onderstaande alinea) de fysisch/chemische toestand van het watersysteem per district inzichtelijk gemaakt (november 2010) en worden de gegevens verwerkt in het project Waterbalansen. 6 Bron: concept intern memo monitoring / effectmonitoring doorstart zomer 2011 Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 12

13 Welke data worden verstrekt aan derden? De KRW-resultaten worden (indirect via stroomgebied, Provincie of Rijk) periodiek (3 jaarlijks) gerapporteerd aan Brussel. Nadere toelichting stand van zaken en ontwikkelingen Integraal meetplan watersysteem Eind 2004 is door de afdeling Onderzoek en Monitoring een project opgestart om te komen tot een geïntegreerd en geoptimaliseerd meetnet voor de benodigde basisinformatie van het watersysteem van Aa en Maas. Belangrijke randvoorwaarde hierbij was dat het basismeetnet voor het watersysteem moet voldoen aan de verplichtingen vanuit de KRW. Het integraal meetplan gaat overigens breder dan alleen toestand- en trendmonitoring (zie ook effectmonitoring). In 2009 is dit meetplan geëvalueerd en geactualiseerd. Als onderdeel van de visie integraal meetplan is in 2005 een krediet aangevraagd van ten behoeve voor voltooiing van het oppervlaktewatersysteemmeetnet. Mede naar aanleiding van de evaluatie van het meetplan in 2009 is geconcludeerd dat de beoogde investeringen niet meer nodig zijn dan wel onvoldoende aanvullende informatie bieden of de toepassing door de tijd is achterhaald. Het krediet is vervolgens in 2010 afgesloten, zonder dat er uitgaven ten laste van het krediet zijn gebracht. Watersysteem in beeld Om te controleren of de waterkwaliteit voldoet aan de in de KRW gestelde normen heeft het waterschap een meetnet ingericht. Binnen dit meetnet zijn bepaalde meetlocaties aangewezen die het vastleggen van toestand en trends tot doel hebben. Met de meetresultaten die uit deze meetlocaties worden verkregen kan in beeld worden gebracht hoe de waterkwaliteit er voor staat en in welke mate deze verandert. De afgelopen jaren heeft het waterschap veel meetresultaten verzameld, maar deze nog slechts weinig en structureel omgezet naar informatie. Eind 2010 is per district een (vooralsnog eenmalige) rapportage watersysteem in beeld opgesteld, welke het eerste product is dat de toestand en trends van de waterkwaliteit op fysisch-chemisch gebied beschrijft. Deze rapportages geven inzicht in de toestand en trends van het watersysteem. Knelpunten en opmerkelijkheden worden beschreven en verklaard. Tevens zijn aanbeveling gedaan voor ander onderzoek en naar de betreffende afdelingen. De doelgroep van deze basisrapportages zijn primair de vakinhoudelijke medewerkers binnen de afdeling Onderzoek en Monitoring van Waterschap Aa en Maas en secundair de districten. Rapportage Oppervlaktewaterkwaliteit 2010 Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan een (mede) op bovengenoemde rapportages gebaseerde rapportage Oppervlaktewaterkwaliteit 2010; programma Schoon Water (werktitel) voor de doelgroepen: Afdeling Integraal Beleid ten behoeve van beleidsvorming; Afdeling Onderzoek & Monitoring ten behoeve van verdere kennisontwikkeling; Dagelijks Bestuur teneinde te informeren over de voortgang van het WBP. Doel van de rapportage is het beschrijven van de tussenstand over 2010 betreffende de chemische toestand, trends en effecten (outcome) van maatregelen, getoetst aan het WBP. Het is de eerste keer dat deze rapportage is/wordt opgesteld. De bedoeling is de rapportage periodiek (jaarlijks) uit te brengen. Waterbalansen In het Algemeen Bestuur van 24 februari 2011 is een kredietvoorstel, groot , gevoteerd voor het project Waterbalans in Beeld. Het doel van het project - dat een beoogde looptijd heeft van 2011 tot en met is het vermeerderen, verspreiden en borgen van het inzicht in het totale watersysteem. Dit inzicht is nodig om beleidskeuzes te kunnen maken over de watervoorziening nu en in de toekomst. Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 13

14 In het project is een aantal thematische fasen geformuleerd: Fase 1: Waterbalansen per deelstroomgebied bepalen; Fase 2: Trendanalyse waterbalansposten (neerslag, verdamping, gebruik (technisch systeem), grondwaterstanden): tijdreeksen en voorspellingen; Fase 3: Effectanalyse beleid en maatregelen: wateraanvoer, waterconservering, teeltkeuze, maatregelen bebouwd gebied, grootschalige grondwaterberegening, maaibeleid, etc; Fase 4: Verfijnen naar aandachtsgebieden en verbeteren van de betrouwbaarheid van gegevens. 3.3 Prestatiemonitoring Wat wordt er gemonitord? In het Waterbeheerplan (WBP) zijn de doelstellingen (deels) gedefinieerd als output. De voortgang van de prestaties (output) die zijn opgenomen in de prestatietabel van het WBP, of in een later stadium nader geconcretiseerd zijn, worden periodiek (in ieder geval jaarlijks) vergeleken met de doelen. Welke rapportages en publicaties worden er opgesteld? In de reguliere P&C-(verantwoordings)documenten wordt gerapporteerd over de voortgang van de in de prestatietabellen van het WBP opgenomen output. Ook in incidentele rapportages, zoals de recent uitgevoerde MidTermReview, worden de beoogde en gerealiseerde prestaties met elkaar geconfronteerd. Welke data worden verstrekt aan derden? Prestatiemonitoring is primair bedoeld om de voortgang van de gewenste output te bewaken en om hierop te kunnen sturen. Via de bestuurlijke P&C-documenten worden de resultaten gerapporteerd en verantwoord aan het AB. Hiermee zijn de rapportages openbaar en voor derden beschikbaar. Daarnaast worden jaarlijks de totalen per KRW maatregel (zoals opgenomen in bijlage 4 van het WBP) via de tweede kamer aan de Europese Unie gerapporteerd (output). Nadere toelichting stand van zaken en ontwikkelingen Introductie programmamanagement Eind 2008 is programmamanagement geïntroduceerd bij Aa en Maas. In het projectplan van programmamanagement is als doelstelling opgenomen: Uiteindelijk doel van programmamanagement is de realisatie van de doelen uit het WBP en bestuursakkoord op basis van een bewuste en gedragen sturing, zodat het mogelijk wordt: De doelen te realiseren in een steeds veranderende interne en externe omgeving; Projecten, processen, middelen en capaciteit op elkaar af te stemmen; Prioriteiten te kunnen stellen; Samenhangend te kunnen (be)sturen. Evaluatie programmamanagement Bij de start van het programmamanagement is afgesproken om na twee jaar de doeltreffendheid ervan te evalueren. De bevindingen van het programmamanagementteam zijn in deze evaluatie verder uitgewerkt. De evaluatie is in het MT (management team) van 9 september 2010 besproken. Als grootste successen worden genoemd: 1. Output begint binnen het waterschap meer leidend te worden; Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 14

15 2. Er is overzicht in prestaties en doelgaten 7 ; 3. De koppeling tussen P&C en afdelingsplannen is niet meer vrijblijvend; 4. Programmadenken heeft een plek gekregen in organisatie. Als belangrijkste verbeterpunten worden benoemd: 1. Interne sturing ontbreekt binnen het programmateam; 2. Er is te weinig geautomatiseerd waardoor nog veel handwerk plaats vindt. 3. Er is nog te weinig regie op de planning; Er vindt nog weinig echte sturing vanuit programma s naar organisatie plaats; 4. Er is nog weinig gebeurd met de voorgenomen verbetering van KSF s (Kritische succesfactoren) en KPI s (kritische prestatie-indicatoren); 5. Outcome is nog niet opgepakt; 6. De lijnorganisatie neemt zijn verantwoordelijkheid nog te beperkt; 7. Echt programmeren en programmafinanciering moet nog doorgevoerd worden. Verbeterplan programmamanagement De directie heeft programmamanagement verzocht om een visie en strategische aanpak te ontwikkelen voor de (door)ontwikkeling van programmamanagement. Een eerste concept hiervan is eind augustus 2011 opgeleverd 8 : In 2011 is besloten om programmamanagement als instrument te integreren in het besturingsmodel van het waterschap. Integreren betekent dat de processen, rollen, instrumenten en informatievoorziening ten behoeve van programmasturing worden verbonden met het lijn- en projectmanagement. Dat programmasturing onontbeerlijk is voor het realiseren van de opgaven van onze organisatie wordt bevestigd door directie en bestuur. In dit verbeterplan worden de stappen uitgewerkt waarmee programmamanagement stevig wordt verankerd in het waterschap en er een fundament is gelegd voor sturing op doelen en effecten. Het plan is opgebouwd uit een visie waarin het kader wordt geschetst, een strategie waarin deze wordt vertaald naar oplossingsrichtingen en een stappenplan waarin operationele acties zijn benoemd. 7 Onder doelgat wordt verstaan het verschil tussen de in het WBP beoogde prestaties en de in (meerjarenraming) begrote prestaties. 8 Dit verbeterplan is inmiddels vastgesteld in het DT en met het MT gedeeld. Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 15

16 3.4 Effectmonitoring Wat wordt er gemonitord? Binnen de vier programma s van het WBP wordt effectmonitoring op projectmatige basis (per gebied / maatregel) opgepakt. Ten behoeve van GGOR(natuur)-projecten, beekherstel en EVZ-trajecten worden monitoringsprogramma s uitgevoerd. Dit betreft grond- en oppervlaktewaterstandmetingen, (grond)water(bodem)kwaliteitsbemonsteringen en ecologische inventarisaties. Er wordt nu onderzocht in hoeverre samenwerking met terreinbeherende organisaties en vrijwilligers van natuurverenigingen voor met name ecologische inventarisaties mogelijk is. Welke rapportages en publicaties worden er opgesteld? Op dit moment worden nog geen periodieke rapportages opgesteld voor programmamanagement, de directie en/of het bestuur. Bij de tweede kredietaanvraag voor effectmonitoring is toegezegd dat periodiek (minimaal jaarlijks) wordt gerapporteerd over voortgang en inhoud. Welke data worden verstrekt aan derden? Op dit moment worden er op structurele basis geen gegevens verstrekt aan derden. Dit gebeurt wel incidenteel, zoals ten behoeve van enkele GGOR-trajecten en beekherstel- en EVZ-trajecten waarbij de resultaten gedeeld worden met belanghebbenden. Een overzicht over 2011 (tot en met november) is opgenomen in bijlage 6. Ook wordt incidenteel onderzoek uitgevoerd samen met derden. Zo is in 2008 is samen met de provincie, Brabants Landschap en de Brabantse Waterschappen onderzoek gedaan naar het effect van 11 EVZ s in Brabant. Op dit moment lopen initiatieven om de samenwerking met terreinbeherende organisaties te intensiveren. Ook lopen enkele initiatieven om op thema/onderwerp met collegawaterschappen informatie/resultaten te delen. Recent zijn enkele uitwisselingsmomenten geweest met onder andere Waterschap Brabantse Delta en Het Hoogheemraadschap van Rijnland. Stand van zaken en ontwikkeling Kredietaanvragen effectmonitoring Op 29 februari 2008 heeft het AB een eerste krediet beschikbaar gesteld voor effectmonitoring. In dit kredietvoorstel is aangegeven dat er in het voorjaar van 2009 een nieuwe kredietaanvraag zou worden voorgelegd. Deze 2 e kredietaanvraag voor effectmonitoring is 1,5 jaar later dan de oorspronkelijke planning aangevraagd (AB 12 november 2010). De samenhang tussen de kredietaanvragen effectmonitoring is in onderstaande figuur zichtbaar gemaakt. De probleemstelling in de 2 e kredietaanvraag effectmonitoring is: In het WBP zijn de ambities beschreven waar het waterschap de komende jaren invulling aan wil geven. Om de toestand van het watersysteem en de effecten van de maatregelen en reguliere werkzaamheden op het watersysteem te volgen is monitoring noodzakelijk (kwalitatieve beoordeling: effectmonitoring). Met het project effectmonitoring wordt beoogd dat: Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 16

17 Jaarlijks aan bestuurders en directie gerapporteerd wordt over de voortgang van maatregelen en daarmee doelen en maatregelen bijgestuurd kunnen worden Inhoudelijke adviseurs lering trekken uit de effectiviteit van het type maatregelen bij het eventueel herijken van maatregelen binnen bestaande projecten of beheerstrategieën; Externe partijen geïnformeerd worden over de resultaten van onze werkzaamheden. Procesmatig moeten volgens het kredietvoorstel de komende jaren ( ) de volgende stappen gezet worden: Interne organisatie effectmonitoring verder professionaliseren (dit schept duidelijkheid binnen de organisatie); Heldere communicatietrajecten binnen en buiten de organisatie opzetten (speerpunt ligt in eerste instantie op het interne traject), hieronder vallen ook publicaties in vaktijdschriften en presentaties op vakgerelateerde symposia of bijeenkomsten; Afstemming zoeken met andere waterschappen voor uitwisseling en delen van kennis. Specifiek voor het komende jaar (lees 2011) is het van belang dat effectmonitoring verankerd wordt binnen de programmateams en dat de inhoudelijke terugkoppeling met de DB-leden (start voorjaar 2011) verder wordt vormgegeven. Concept intern memo effectmonitoring doorstart zomer 2011 Medio 2011 is door de projectleider effectmonitoring, enerzijds naar aanleiding van dit rekenkameronderzoek en anderzijds om een doorstart voor effectmonitoring te bewerkstelligen, het concept memo effectmonitoring doorstart zomer 2011 opgesteld. De afgelopen jaren zijn een aantal effectmonitoringsprojecten (inrichting, beheer en onderhoudsprojecten) opgestart, echter is nog niet helder wat het waterschap (bestuurlijk en ambtelijk) precies met effectmonitoring wil en hoe dit vorm te geven. Effectmonitoring staat daarmee nog in de startblokken. Dit wordt eveneens onderschreven in het concept verbeterplan programmamanagement. Verbeterplan programmamanagement (conceptversie 0.8, 31 augustus 2011) In het recent opgestelde concept verbeterplan programmamanagement staat over outcome monitoring: Met de realisatie van projecten en de uitvoering van activiteiten realiseren we onze programmadoelen (output). Hierbij veronderstellen we dat we ook het gewenste effect (outcome) bereiken. De afdeling Onderzoek en Monitoring heeft in 2010 aangegeven zich verantwoordelijk te voelen voor het bewaken van deze veronderstelling. Momenteel is onduidelijk hoe dit werkt. We stellen voor om in overleg met O&M een monitoringsplan op te stellen. Dit plan is bedoeld om naast het bestaande inzicht in budgetuitputting en voortgang informatie beschikbaar te stellen voor doel- en effectsturing. Daarmee stellen we bestuur en management in staat om te sturen op de effectiviteit van de programma s. In het verbeterplan programmamanagement wordt als tijdspad voor het opstellen en implementeren van dit plan de periode genoemd, waarbij het vanaf 2014 op orde dient te zijn. In het DT van 19 september 2011 is besloten dat O&M in overleg en afstemming met de programmamanager dit monitoringsplan opstelt. Afdelingsplan van O&M De monitoring zoals bedoeld heeft daarbij ook de functie om in beeld te brengen of de WBP-doelen leiden tot de juiste effecten in termen van outcome (biodiversiteit, grondwaterstanden, KRW-doelen). O&M moet hier meer eigenaarschap vertonen en meer regie nemen. Een en ander zal worden opgepakt binnen de diverse projecten Effectmonitoring.. Informatienota voor commissie Watersysteembeheer Stand van zaken Effectmonitoring / Effecten Droogte 2011 (versie 25 oktober 2011) Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 17

18 In de memo stand van zaken effectmonitoring oktober 2011, die als bijlage bij de informatienota is gevoegd is aangegeven: "In de kredietaanvraag is aangegeven dat het beoogde effect is dat het bestuur en directie jaarlijks wordt gerapporteerd over de voortgang van de maatregelen. Hiermee zouden de doelen en maatregelen bijgestuurd te kunnen worden. Samen met Programmamanagement wordt hier structuur in aangebracht." Hiermee wordt de genoemde actie in het verbeterplan programmamanagement, conform besluit in het DT van 19 september 2011, (her)bevestigd. Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 18

19 Hoofdstuk 4 Verdiepingscasussen effectmonitoring In voorgaande hoofdstukken zijn het WBP (de beleidsdoelen) en het monitoringsinstrumentarium aan de orde geweest. In dit hoofdstuk worden drie casussen belicht waarbij door of namens de organisatie onderzoek is gedaan naar het effect van concrete maatregelen. Per casus wordt getoetst of het doel en de maatregel gerelateerd zijn aan het WBP en of er daadwerkelijk een oordeel over de effecten van de maatregel wordt gegeven jaar monitoring van natuur langs oevers Rapport: 10 jaar monitoring van natuur langs oevers - planten, libellen, amfibieën en vlinders langs waterlopen van Waterschap Aa en Maas Door : M. Kits, B. Brugmans, P. Verstappen en B. Engels Datum: september 2011 Doel (te toetsen beoogd effect) In bovengenoemd monitoringsrapport wordt het te toetsen doel als volgt geformuleerd: Zorgen voor betere leefomgeving voor planten en dieren in en om het water. Deze doelen zijn verwoord in streefbeelden voor natuurlijk water (ecologische verbindingszones, beekherstel, natuurvriendelijke oever). De soortengroepen die gemonitord worden zijn vegetatie, libellen en soms ook dagvlinders en amfibieën. Maatregel om het effect te bereiken: De in het monitoringsrapport te onderzoeken maatregel betreft: Ontwikkelen van natuur langs waterlopen (natuurlijker inrichten watersysteem door inrichten van ecologische verbindingszones (EVZ), beekherstel, en aanleg natuurvriendelijke oevers en uitvoeren natuurvriendelijk onderhoud). Onderzoeksvragen monitoringsrapport In het monitoringsrapport worden onderstaande onderzoeksvragen gesteld: 1. Hoe heeft de natuur op verschillende locaties zich de afgelopen jaren ontwikkeld? 2. Wat is de algemene conclusie over de ontwikkeling van natuur langs waterlopen; 3. In hoeverre behalen we onze doelen en streefbeelden? (NB. het behalen van KRWdoelen was geen onderzoeksvraag omdat dit monitoringsproject niet op die manier is ingericht omdat te kunnen meten); 4. Wat hebben we geleerd, wat zijn de successen in ontwikkeling en welke zaken moeten we in de toekomst wellicht anders doen? Kortom, welke aanbevelingen kunnen worden geformuleerd uit de tot dusverre verkregen onderzoeksresultaten? Met name vraag 3 is hierbij direct gericht op een oordeel over de effectiviteit. In de conclusie van het rapport wordt antwoord gegeven op de onderzoeksvragen. Van de onderzochte locaties kan worden gezegd dat ze bijdragen aan het behalen van onze doelen. Streefbeelden worden gedeeltelijk en soms bijna gehaald. Er wordt dus een oordeel gegeven over de effectiviteit van de maatregel. Tevens worden een aantal oorzaken gegeven van het (nog) niet behalen van de streefbeelden (nog te nemen inrichtingsmaatregelen, tijd benodigd voor natuurontwikkeling, onderhoud(sregime), waterkwaliteit, peilbeheer). Relatie met WBP Het monitoringsrapport heeft betrekking op het programma natuurlijk en recreatief water. Doel van dit programma is: oppervlaktewateren vormen een goede leefomgeving voor planten en dieren; Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 19

20 Planten en dieren kunnen zich verplaatsen tussen natuurgebieden. In het WBP staat dat de te volgen strategie is: we pakken de inrichting van het watersysteem aan Een van de hiervoor te nemen maatregelen is aanleg van natuurvriendelijk oevers (zie WBP 14.3). Wat een natuurvriendelijke oever precies inhoudt precies inhoudt wordt in het WBP niet aangegeven. Ook blijkt uit het WBP niet voor welke planten en dieren de oppervlaktewateren een goede leefomgeving moeten zijn. In het monitoringsrapport is daarvoor gekeken naar planten, libellen, amfibieën en vlinders. Dit zijn min of meer watergerelateerde soorten die echt iets kunnen zeggen over de ontwikkeling van natuur langs het water. De onderzochte soortgroepen betreffen vooral de natuurwaarden van het landdeel van de oever. Daarnaast heeft het waterschap ook een meetnet voor echt watergebonden natuur zoals vis, macrofauna en fytoplankton. Deze gegevens zijn nu (nog) niet meegenomen in de beoordeling. Daarnaast zijn er meer interessante soortgroepen zoals vogels en zoogdieren, maar die worden niet onderzocht omdat dit verder gaat dan de taak die wij als waterbeheerder hebben. Dit geldt ook voor bijvoorbeeld onderzoek of een ecologische verbindingszone echt werkt. Er wordt getoetst aan streefbeeld en natuurkwaliteit. Hoe/waar deze bepaald zijn blijkt niet uit het monitoringsrapport. Een van de aanbevelingen uit het rapport is werk streefbeelden voor oevervegetatie concreter uit en kijk daarbij naar de haalbaarheid. Hieruit blijkt dat de streefbeelden nog niet voor alle onderdelen SMART genoeg zijn uitgewerkt. Wordt in het monitoringsrapport gebruik gemaakt van onderzoeksgegevens van derden of eerdere onderzoeken? In de inleiding van het rapport staat Het onderzoek is gebaseerd op onderzoeksresultaten uit 10 jaar monitoring van ecologie langs oevers. Het betreft hier met name onderzoek dat door of in opdracht van het waterschap is uitgevoerd (een serie jaarrapportages over verschillende waterlopen waarin elk jaar andere onderzoekslocaties worden beschreven). Daarnaast is ook gebruik gemaakt van onderzoeksinformatie van derden. In de bronvermelding worden 4 bronnen genoemd, waarvan 1 extern (onderzoek in opdracht van de provincie en enkele waterschappen naar de werking van EVZ s). In de tekst van het rapport wordt expliciet verwezen naar 2 van de 4 bronnen. 4.2 Effecten van effluentlozingen van rwzi s op het watersysteem in het beheergebied van waterschap Aa en Maas Rapport: Effecten van effluentlozingen van rwzi s op het watersysteem in het beheergebied van waterschap Aa en Maas Door: B. Brugmans Datum: januari 2011 Doel (te toetsen beoogd effect) In bovengenoemd monitoringsrapport is als te toetsen doel het volgende geformuleerd: Het opstellen van een kennisdocument over het huidige effect/ aandeel van de lozingen van iedere rwzi op de waterkwaliteit (fysisch-chemisch en ecologisch) van het ontvangend oppervlaktewater. Maatregel om het effect te bereiken: De in het monitoringsrapport te onderzoeken maatregel betreft: Zuivering van afvalwater op een rioolwaterzuiveringsinstallatie (rwzi) 9. 9 In het rapport is onderzocht wat het effect van een lozing van een rwzi op het oppervlaktewater is. De feitelijke zuivering van afvalwater is niet onderzocht. Onderzoeksrapport Prestatie- en effectmonitoring 20

Bestuursrapportage 2014 waterschap Vechtstromen Versie 24 november 2015

Bestuursrapportage 2014 waterschap Vechtstromen Versie 24 november 2015 Bestuursrapportage 204 Vechtstromen Versie 24 november 205 Deze rapportage bevat een overzicht op hoofdlijnen van de voortgang van de uitvoering van het waterbeleid en dient als basis voor jaarlijks bestuurlijk

Nadere informatie

*1475555* Mededeling. Financien. Geachte Staten,

*1475555* Mededeling. Financien. Geachte Staten, Mededeling Datum 21 maart 2013 Aan Provinciale en Gedeputeerde Staten Afdeling CC Van drs. G. de Vos Doorkiesnummer 759 Betreft Uitwerking fase 2 Doorontwikkeling begroting (SMART) Registratienummer: 1475555

Nadere informatie

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V.

Balanced Scorecard. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Balanced Scorecard Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van: SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 9 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER... 3 2 DE

Nadere informatie

VOORSTEL AB AGENDAPUNT :

VOORSTEL AB AGENDAPUNT : VOORSTEL AB AGENDAPUNT : PORTEFEUILLEHOUDER : M.M. Kool AB CATEGORIE : B-STUK (Beleidsstuk) VERGADERING D.D. : 26 november 2013 NUMMER : WS/WRM/CR/JEs/7985 OPSTELLER : ing. J. Esenkbrink, 0522-276829 FUNCTIE

Nadere informatie

KRW- doelen voor de overige wateren in Noord- Brabant: een pragma:sche uitwerking

KRW- doelen voor de overige wateren in Noord- Brabant: een pragma:sche uitwerking KRWdoelen voor de overige wateren in NoordBrabant: een pragma:sche uitwerking Frank van Herpen (Royal HaskoningDHV), Marco Beers (waterschap Brabantse Delta), Ma>hijs ten Harkel en Doesjka Ertsen (provincie

Nadere informatie

1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen. Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen

1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen. Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen 1 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen Samenwerking in de Rotterdamse afvalwaterketen 2 Samenwerkingsovereenkomst Rotterdamse afvalwaterketen Bestuurlijke overeenkomst voor Samenwerking

Nadere informatie

Informatieve presentatie Waterplan Land van Cuijk

Informatieve presentatie Waterplan Land van Cuijk Waterplan Land van Cuijk 1 Inhoud Waterplan land van Cuijk: 1. Waarom het 2. Wat is het 3. Totstandkoming 4. Communicatie over 5. Uitvoeringsprogramma 6. Vragen 2 1 Raad gemeente Heeft u nog iets te kiezen?

Nadere informatie

Energiemanagementprogramma HEVO B.V.

Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Energiemanagementprogramma HEVO B.V. Opdrachtgever HEVO B.V. Project CO2 prestatieladder Datum 7 december 2010 Referentie 1000110-0154.3.0 Auteur mevrouw ir. C.D. Koolen Niets uit deze uitgave mag zonder

Nadere informatie

Energie management Actieplan

Energie management Actieplan Energie management Actieplan Conform niveau 3 op de CO 2 -prestatieladder 2.2 Auteur: Mariëlle de Gans - Hekman Datum: 30 september 2015 Versie: 1.0 Status: Concept Inhoudsopgave 1 Inleiding... 2 2 Doelstellingen...

Nadere informatie

agendapunt 04.01 Aan Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit WATERKWALITEITSRAPPORTAGE GLASTUINBOUWGEBIED

agendapunt 04.01 Aan Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit WATERKWALITEITSRAPPORTAGE GLASTUINBOUWGEBIED agendapunt 04.01 910789 Aan Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit WATERKWALITEITSRAPPORTAGE GLASTUINBOUWGEBIED Voorstel Commissie Watersystemen - kwaliteit en kwantiteit 1-2-2011 Kennis te

Nadere informatie

Onderwerp: Onderzoek naar de overschrijding van de raming Brandweerkazerne Cothen-Langbroek

Onderwerp: Onderzoek naar de overschrijding van de raming Brandweerkazerne Cothen-Langbroek Raadsvergadering, 22 april 2008 Voorstel aan de Raad Nr: 228 Agendapunt: 6 Datum: 9 april 2008 Onderwerp: Onderzoek naar de overschrijding van de raming Brandweerkazerne Cothen-Langbroek Onderdeel raadsprogramma:

Nadere informatie

Onderzoeksopzet De Poort van Limburg gemeente Weert

Onderzoeksopzet De Poort van Limburg gemeente Weert Onderzoeksopzet De Poort van Limburg gemeente Weert Weert, 6 september 2011. Rekenkamer Weert Inhoudsopgave 1. Achtergrond en aanleiding 2. Centrale vraagstelling 3. De wijze van onderzoek 4. Deelvragen

Nadere informatie

Meetlat Projectplanning, monitoring & evaluatie

Meetlat Projectplanning, monitoring & evaluatie Meetlat Projectplanning, monitoring & evaluatie Managementsamenvatting/advies: Meetlat met toetscriteria Toetscriterium 1. Kansen en bedreigingen, behoefte- en omgevingsanalyse Door een analyse te maken

Nadere informatie

INITIATIEFVOORSTEL Gemeente Velsen

INITIATIEFVOORSTEL Gemeente Velsen INITIATIEFVOORSTEL Gemeente Velsen Raadsvergadering d.d. : 1 december 2011 Raadsbesluitnummer : R11.081 Carrousel d.d. : 17 november 2011 Onderwerp : Eindrapport Rekenkamercommissie kwaliteit Grondbeleid

Nadere informatie

Vervolg en gebiedsproces WBP 5

Vervolg en gebiedsproces WBP 5 Vervolg en gebiedsproces WBP 5 1 Inleiding Het WBP5 strategisch deel ligt voor. Hiermee is het WBP 5 niet af, maar staat het aan het begin van het gebiedsproces en het interne proces om tot een uitvoeringsprogramma

Nadere informatie

Rekenkamercommissie Wijdemeren

Rekenkamercommissie Wijdemeren Rekenkamercommissie Wijdemeren Protocol voor het uitvoeren van onderzoek 1. Opstellen onderzoeksopdracht De in het werkprogramma beschreven onderzoeksonderwerpen worden verder uitgewerkt in de vorm van

Nadere informatie

Waterkwaliteit verbeteren!

Waterkwaliteit verbeteren! Waterkwaliteit verbeteren! Erwin Rebergen Beheerder grond- en oppervlaktewater 6 juni 2013 1 Onderwerpen Waarom spant zich in om de waterkwaliteit te verbeteren? Wat willen we bereiken? Hoe willen we een

Nadere informatie

Onderzoek naar de evalueerbaarheid van gemeentelijk beleid

Onderzoek naar de evalueerbaarheid van gemeentelijk beleid Onderzoek naar de evalueerbaarheid van gemeentelijk beleid Plan van aanpak Rekenkamer Maastricht februari 2007 1 1. Achtergrond en aanleiding 1 De gemeente Maastricht wil maatschappelijke doelen bereiken.

Nadere informatie

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat

Werkwijze Cogo 2004. abcdefgh. Cogo publicatienr. 04-03. Ad Graafland Paul Schepers. 3 maart 2004. Rijkswaterstaat Werkwijze 2004 publicatienr. 04-03 Ad Graafland Paul Schepers 3 maart 2004 abcdefgh Rijkswaterstaat Werkwijze 2/16 I Inleiding Verandering In 2003 is de organisatie van de ingrijpend veranderd. Twee belangrijke

Nadere informatie

Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming

Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming Prestatiebeloning werkt nauwelijks, maar prestatieafstemming werkt wel André de Waal Prestatiebeloning wordt steeds populairder bij organisaties. Echter, deze soort van beloning werkt in veel gevallen

Nadere informatie

Gecombineerde Commissie

Gecombineerde Commissie Gecombineerde Commissie Onderwerp: Afronding KRW-Moederkrediet en KRW-Kansenkrediet Portefeuillehouder: G.P. Beugelink Vertrouwelijk: nee Vergaderdatum: 30 september 2015 Afdeling: WSB Medewerker: Y. Wessels

Nadere informatie

Effectmeting van de aanbevelingen uit het rekenkameronderzoek naar de programmabegroting

Effectmeting van de aanbevelingen uit het rekenkameronderzoek naar de programmabegroting Rekenkamercommissie Alphen-Chaam / Baarle-Nassau Effectmeting van de aanbevelingen uit het rekenkameronderzoek naar de programmabegroting Rapportage Alphen-Chaam 02 juni 2009 R A P P O R T A G E E F F

Nadere informatie

Kwaliteit begrotingsprogramma's Gemeente Dordrecht Bijlage 1

Kwaliteit begrotingsprogramma's Gemeente Dordrecht Bijlage 1 Kwaliteit begrotingsprogramma's Gemeente Dordrecht Bijlage 1 Beoordelingskader, ofwel hoe wij gekeken en geoordeeld hebben Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 2 Uitgangspunten 2 3 Beoordelingscriteria 3 4 Hoe

Nadere informatie

Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's

Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's Aan Veiligheidsberaad Van DB Veiligheidsberaad Datum 17 september Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's Context en aanleiding Tijdens het Veiligheidsberaad

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Baggerbedrijf West Friesland

Energiemanagement actieplan. Baggerbedrijf West Friesland Baggerbedrijf West Friesland Gebruikte handelsnamen: Baggerbedrijf West Friesland Grond & Cultuurtechniek West Friesland Andijk, februari-mei 2014 Auteurs: M. Komen C. Kiewiet Geaccordeerd door: K. Kiewiet

Nadere informatie

BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version

BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version Introductie Quickscan De financiële organisatie moet, net zo als alle andere ondersteunende diensten, volledig gericht zijn

Nadere informatie

Rekenkamercommissie Oostzaan

Rekenkamercommissie Oostzaan Rekenkamercommissie Oostzaan Jaarplan 2015 Missie Rekenkamercommissie De rekenkamer heeft de ambitie om door middel van haar onderzoeken een positieve bijdrage te leveren aan de kwaliteit van het bestuur

Nadere informatie

Samenvatting projectplan Kwaliteit en Vergelijkbaarheid

Samenvatting projectplan Kwaliteit en Vergelijkbaarheid Projectdoelstellingen resultaten De doelstelling van het project Kwaliteit en is het vergroten van het lerend vermogen van de veiligheidsregio s en het verbeteren van de samenwerking. Door kwaliteitszorg

Nadere informatie

Energiemanagementsysteem

Energiemanagementsysteem Energiemanagementsysteem BVR Groep B.V. Roosendaal, 20-06-2014. Auteur(s): H. Schrauwen, Energie & Technisch adviseur. Geaccordeerd door: M. Soenessardien,Manager KAM, Personeel & Organisatie Pagina 1

Nadere informatie

Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der Meer)

Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der Meer) Vergadering: 11 december 2012 Agendanummer: 12 Status: Besluitvormend Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 E mail: gemeente@winsum.nl (t.a.v. J. van der

Nadere informatie

: *14IT026339* Aanvraag uitvoeringskrediet maatregelen in het Markdal

: *14IT026339* Aanvraag uitvoeringskrediet maatregelen in het Markdal Behandelend ambtenaar: P.A.M. Janssen Beleidsveldbeheerder: A. Meuleman Portefeuillehouder: J. van der Aa Ambtenaar aanwezig bij het DT: Ja Zaaknr. : 14.ZK08934/14.B0287 Kenmerk : 14IT026339 Barcode :

Nadere informatie

Uitgangspunten procescriteria: waar dienen ze wel en waar dienen ze niet toe? Methode: hoe zijn de criteria opgebouwd en hoe zijn we daartoe gekomen?

Uitgangspunten procescriteria: waar dienen ze wel en waar dienen ze niet toe? Methode: hoe zijn de criteria opgebouwd en hoe zijn we daartoe gekomen? 5 Procescriteria In dit hoofdstuk komen achtereenvolgens aan de orde: Uitgangspunten procescriteria: waar dienen ze wel en waar dienen ze niet toe? Methode: hoe zijn de criteria opgebouwd en hoe zijn we

Nadere informatie

Dia 1. Dia 2. Dia 3 WORKSHOP PRESTATIEGERICHT STUREN. Aanleidingen voor KPI s KPI. Beleid. Proces KPI KPI. Risico. Beleid en indicatoren

Dia 1. Dia 2. Dia 3 WORKSHOP PRESTATIEGERICHT STUREN. Aanleidingen voor KPI s KPI. Beleid. Proces KPI KPI. Risico. Beleid en indicatoren Dia 1 WORKSHOP PRESTATIEGERICHT STUREN Verbeteren door prestaties Dia 2 Aanleidingen voor KPI s Beleid Proces KPI KPI Risico KPI Dia 3 Beleid en indicatoren Dia 4 Beleid en indicatoren Definities Kritische

Nadere informatie

Beoordelingskader Dashboardmodule Betalingsachterstanden hypotheken

Beoordelingskader Dashboardmodule Betalingsachterstanden hypotheken Beoordelingskader Dashboardmodule Betalingsachterstanden hypotheken Hieronder treft u per onderwerp het beoordelingskader aan van de module Betalingsachterstanden hypotheken 2014-2015. Ieder onderdeel

Nadere informatie

Rapportage onderzoek programmamanagement. Kaders, ruimte en verantwoording?

Rapportage onderzoek programmamanagement. Kaders, ruimte en verantwoording? Rapportage onderzoek programmamanagement Kaders, ruimte en verantwoording? Rekeningcommissie Waterschap De Dommel 12-8-2010 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Samenvatting 4 3. Onderzoeksplan 6 3.1 Uitgangspunten

Nadere informatie

voorstel aan dagelijks bestuur Onderwerp Deelname van WPM in projecten voor 2 e tender innovatieprogramma KRW

voorstel aan dagelijks bestuur Onderwerp Deelname van WPM in projecten voor 2 e tender innovatieprogramma KRW voorstel aan dagelijks bestuur routing met data: overleg portefeuillehouder : Jan Classens dagelijks bestuur : 9 september algemeen bestuur adviserend : algemeen bestuur besluitvormend : steller : Vivian

Nadere informatie

agendapunt 3.b.3 Aan College van Dijkgraaf en Hoogheemraden VOORTGANG AFRONDING JUIST (NU) AANSLUITEN Datum 7 januari 2014

agendapunt 3.b.3 Aan College van Dijkgraaf en Hoogheemraden VOORTGANG AFRONDING JUIST (NU) AANSLUITEN Datum 7 januari 2014 agendapunt 3.b.3 1072908 Aan College van Dijkgraaf en Hoogheemraden VOORTGANG AFRONDING JUIST (NU) AANSLUITEN Portefeuillehouder Woorst, I.J.A. ter Datum 7 januari 2014 Aard bespreking Besluitvormend Afstemming

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Van Schoonhoven Infra BV

Energiemanagement actieplan. Van Schoonhoven Infra BV BV Leusden, oktober 2013 Auteurs: G.J. van Schoonhoven D.J. van Boven Geaccordeerd door: D.J. van Boven Directeur eigenaar INLEIDING Ons bedrijf heeft een energiemanagement actieplan conform NEN-ISO 50001.

Nadere informatie

ROAD MAP VOOR HET CONCRETISEREN EN HET IMPLEMENTEREN VAN DE STRATEGIE Strategisch performance management

ROAD MAP VOOR HET CONCRETISEREN EN HET IMPLEMENTEREN VAN DE STRATEGIE Strategisch performance management De road map is erop gericht om het beoogde succes van een organisatie (de strategische ambitie) te helpen maken. De road map gaat in op hoe de weg naar het succes expliciet en concreet te maken Jan Scheffer

Nadere informatie

Rapport bij de jaarstukken 2007 provincies Noord-Brabant en Limburg

Rapport bij de jaarstukken 2007 provincies Noord-Brabant en Limburg Startnotitie Rapport bij de jaarstukken 2007 provincies Noord-Brabant en Limburg 1 Aanleiding voor het onderzoek In de jaarrekening en het jaarverslag leggen Gedeputeerde Staten jaarlijks verantwoording

Nadere informatie

Rekenkamerbrief betreffende vertaling coalitieakkoord 2007-2011 Vertrouwen verbinden versnellen in programmabegroting 2008

Rekenkamerbrief betreffende vertaling coalitieakkoord 2007-2011 Vertrouwen verbinden versnellen in programmabegroting 2008 Provincie Overijssel Luttenbergstraat 2 8012 EE Zwolle Aan: Provinciale Staten van Overijssel In kopie aan: Commissaris van de Koningin, dhr. G. Jansen Gedeputeerde Staten van Gelderland Betreft: Rekenkamerbrief

Nadere informatie

Een OVER-gemeentelijke samenwerking tussen Oostzaan en Wormerland

Een OVER-gemeentelijke samenwerking tussen Oostzaan en Wormerland OVER OOSTZAAN Een OVER-gemeentelijke samenwerking tussen Oostzaan en Wormerland WORMERLAND. GESCAND OP 13 SEP. 2013 Gemeente Oostzaan Datum : Aan: Raadsleden gemeente Oostzaan Uw BSN : - Uw brief van :

Nadere informatie

De SYSQA dienst auditing. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V.

De SYSQA dienst auditing. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. De SYSQA dienst auditing Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 8 Inhoudsopgave 1 INLEIDING... 3 1.1 ALGEMEEN... 3 1.2 VERSIEBEHEER... 3

Nadere informatie

KRW-verkenner in gebruik

KRW-verkenner in gebruik KRW-verkenner in gebruik 4 praktijkvoorbeelden Johan Bode Gis-analist /medewerker onderzoek Waterschap Peel en Maasvallei Inhoud Wat is de KRW-verkenner? Inhoud KRW-verkenner Gebiedsdatabase Kennisdatabase

Nadere informatie

HANDLEIDING VOOR HET OPSTELLEN VAN MEETBARE DOELSTELLINGEN

HANDLEIDING VOOR HET OPSTELLEN VAN MEETBARE DOELSTELLINGEN HANDLEIDING VOOR HET OPSTELLEN VAN MEETBARE DOELSTELLINGEN drs. A.L. Roode Centrum voor Onderzoek en Statistiek (COS) juni 2006 Centrum voor Onderzoek en Statistiek (COS) Auteur: drs. A.L. Roode Project:

Nadere informatie

Projectplan Duurzaam Inkopen

Projectplan Duurzaam Inkopen Projectplan Duurzaam Inkopen Gemeente Franekeradeel, afdeling Bouwen en Milieu Minke Lotens - Eichhorn Augustus 2010 status: Definitief Inhoudsopgave Inleiding 3 Doelstellingen projectplan 4 Overige resultaten

Nadere informatie

Voorblad agendapunt 3 Stand van zaken speerpunt Informatiemanagement

Voorblad agendapunt 3 Stand van zaken speerpunt Informatiemanagement Voorblad agendapunt 3 speerpunt Informatiemanagement Ruud vd Belt en Peter Antonis In bijgaande notitie treft u de bestuursopdracht Informatiemanagement (IM) aan. De samenleving en werkorganisaties zijn

Nadere informatie

INVESTERINGSVOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR

INVESTERINGSVOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR INVESTERINGSVOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR Aandachtsveldhouder E.T.J.M. Rutting Vergadering : 10 september 2013 Agendapunt : 7. Bijlagen : Situatietekening Onderwerp : EVZ Oude IJssel, deelgebied Aa-strang

Nadere informatie

agendapunt B.04 Aan Verenigde Vergadering BELEIDSKADER DUURZAAMHEID

agendapunt B.04 Aan Verenigde Vergadering BELEIDSKADER DUURZAAMHEID agendapunt B.04 851617 Aan Verenigde Vergadering BELEIDSKADER DUURZAAMHEID Gevraagd besluit Verenigde Vergadering 28-10-2010 In te stemmen met de beleidsuitgangspunten, genoemd in hoofdstuk 5 van het Beleidskader

Nadere informatie

ALGEMENE VERGADERING. Relevante kaders - Waterwet - Verordening voor de Fysieke Leefomgeving Flevoland (VFL) Lelystad, 21 maart 2013

ALGEMENE VERGADERING. Relevante kaders - Waterwet - Verordening voor de Fysieke Leefomgeving Flevoland (VFL) Lelystad, 21 maart 2013 VERGADERDATUM 23 april 2013 SSO SECTOR/AFDELING STUKDATUM NAAM STELLER 3 april 2013 R.J.E. Peeters ALGEMENE VERGADERING AGENDAPUNT 12 Voorstel Kennisnemen van het projectplan voor Waterbeheerplan 3 waarin

Nadere informatie

Energiemanagementsysteem. Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV

Energiemanagementsysteem. Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV Van de Kreeke Beheer BV en Habets-van de Kreeke Holding BV Nuth,20augustus 2015 Auteur(s): Tom Kitzen Theo Beckers Geaccordeerd door: Serge Vreuls Financieel Directeur C O L O F O N Het format voor dit

Nadere informatie

Ons beeld van de stand van zaken

Ons beeld van de stand van zaken Ons beeld van de stand van zaken Maart 2005 heeft de rekenkamer een onderzoek naar de begroting 2005 gepubliceerd. De aanbevelingen uit dit onderzoek (zie pagina 12) zijn in deze brief in cursief overgenomen

Nadere informatie

Energiemanagementplan Carbon Footprint

Energiemanagementplan Carbon Footprint Energiemanagementplan Carbon Footprint Rapportnummer : Energiemanagementplan (2011.001) Versie : 1.0 Datum vrijgave : 14 juli 2011 Klaver Infratechniek B.V. Pagina 1 van 10 Energiemanagementplan (2011.001)

Nadere informatie

Notitie. 1. Beleidskader Water

Notitie. 1. Beleidskader Water Notitie Ingenieursbureau Bezoekadres: Galvanistraat 15 Postadres: Postbus 6633 3002 AP Rotterdam Website: www.gw.rotterdam.nl Van: ir. A.H. Markus Kamer: 06.40 Europoint III Telefoon: (010) 4893361 Fax:

Nadere informatie

Factsheet: NLGWSC0005 Grondwater in diepe zandlagen

Factsheet: NLGWSC0005 Grondwater in diepe zandlagen Factsheet: NLGWSC0005 -DISCLAIMER- De informatie die in deze factsheet wordt weergegeven is bijgewerkt tot en met 25 april 2014. Deze factsheet dient gezien te worden als een werkversie ten behoeve van

Nadere informatie

Rapportage. Effectmeting naar onderzoek Weten waarom uit 2008. Alphen-Chaam. Rekenkamercommissie Alphen-Chaam / Baarle-Nassau.

Rapportage. Effectmeting naar onderzoek Weten waarom uit 2008. Alphen-Chaam. Rekenkamercommissie Alphen-Chaam / Baarle-Nassau. 1 Rekenkamercommissie Alphen-Chaam / Baarle-Nassau Rapportage Effectmeting naar onderzoek Weten waarom uit 2008 Alphen-Chaam 7 juli 2011 W E T E N W A A R O M A L P H E N - C H A A M 2 1 Inleiding De Rekenkamercommissie

Nadere informatie

Inhuur in de Kempen. Eersel, Oirschot en Reusel-De Mierden. Onderzoeksaanpak

Inhuur in de Kempen. Eersel, Oirschot en Reusel-De Mierden. Onderzoeksaanpak Inhuur in de Kempen Eersel, Oirschot en Reusel-De Mierden Onderzoeksaanpak Rekenkamercommissie Kempengemeenten 21 april 2014 1. Achtergrond en aanleiding In gemeentelijke organisaties met een omvang als

Nadere informatie

agendapunt 04.H.14 Aan Commissie Waterkwaliteit

agendapunt 04.H.14 Aan Commissie Waterkwaliteit agendapunt 04.H.14 1146492 Aan Commissie Waterkwaliteit AANPASSING INVESTERINGSPLAN EN AANVRAAG UITVOERINGSKREDIET VERBREDING VAN EN AANLEG NATUURVRIENDELIJKE OEVERS SLINKSLOOT (GEMEENTE MIDDEN-DELFLAND)

Nadere informatie

SERVICECODE AMSTERDAM

SERVICECODE AMSTERDAM SERVICECODE AMSTERDAM Inleiding Stadsdeel Zuidoost heeft de ambitie om tot de top drie van stadsdelen met de beste publieke dienstverlening van Amsterdam te horen. Aan deze ambitie wil het stadsdeel vorm

Nadere informatie

Jaarverslag 2014 en. jaarprogramma 2015. Rekenkamercommissie AGV. Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht Rekenkamercommissie

Jaarverslag 2014 en. jaarprogramma 2015. Rekenkamercommissie AGV. Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht Rekenkamercommissie Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht Rekenkamercommissie Jaarverslag 2014 en jaarprogramma 2015 Rekenkamercommissie AGV Korte Ouderkerkerdijk 7 Amsterdam Postbus 94370 1090 GJ Amsterdam T 0900 93 94

Nadere informatie

PLAN VAN AANPAK PROJECT VINKENSLAG, versie 4 september 2008

PLAN VAN AANPAK PROJECT VINKENSLAG, versie 4 september 2008 PLAN VAN AANPAK PROJECT VINKENSLAG, versie 4 september 2008 1. Achtergrond en aanleiding De Rekenkamer Maastricht doet onderzoek naar de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van het gevoerde

Nadere informatie

Evaluatie bijdrageregeling Regionale samenwerking -samenvatting-

Evaluatie bijdrageregeling Regionale samenwerking -samenvatting- WODC Evaluatie bijdrageregeling Regionale samenwerking -samenvatting- Hoofddorp, 8 mei 2003 Projectnummer: 3863 KPMG Bureau voor Economische Argumentatie Postbus 559 2130 AN Hoofddorp Tel. 023-5547700

Nadere informatie

Stappenplan nieuwe Dorpsschool

Stappenplan nieuwe Dorpsschool Stappenplan nieuwe Dorpsschool 10 juni 2014 1 Inleiding Het college van burgemeester en wethouders heeft op 10 juni 2014 dit stappenplan vastgesteld waarin op hoofdlijnen is weergegeven op welke wijze

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan. Koninklijke Bammens

Energiemanagement actieplan. Koninklijke Bammens Maarssen, 16 februari 2015 Auteur(s): Niels Helmond Geaccordeerd door: Simon Kragtwijk Directievertegenwoordiger Milieu / Manager Productontwikkeling C O L O F O N Het format voor dit document is opgesteld

Nadere informatie

aan kopie aan datum Afdeling Programmeren

aan kopie aan datum Afdeling Programmeren MEMO aan kopie aan datum Bestuurscommissies 21 augustus 2014 Watersysteem, Waterketen en Besturen en Organiseren Van Dagelijks Bestuur Afdeling Programmeren bijlage(n) 2 onderwerp Programmering investeringen

Nadere informatie

Factsheet: NLGW0013 Zout Maas

Factsheet: NLGW0013 Zout Maas Factsheet: NLGW0013 Zout Maas -DISCLAIMER- Deze factsheet behoort bij het ontwerp water(beheer)plan. De hier weergegeven 2014 en de realisatie van de maatregelen in de periode 2010-2015 zijn gebaseerd

Nadere informatie

VOORSTEL AB AGENDAPUNT :

VOORSTEL AB AGENDAPUNT : VOORSTEL AB AGENDAPUNT : PORTEFEUILLEHOUDER : F.K.L. Spijkervet AB CATEGORIE : B-STUK (Beleidsstuk) VERGADERING D.D. : 26 november 2013 NUMMER : WM/MIW/RGo/7977 OPSTELLER : R. Gort, 0522-276805 FUNCTIE

Nadere informatie

Energiemanagement actieplan

Energiemanagement actieplan Energiemanagement actieplan Vandervalk+degroot-groep Waalwijk, 15 oktober 2013 Auteur(s): Arend-Jan Costermans Ed den Breejen Antoine Steentjes Joni Ann Hardenberg Geaccordeerd door: Leo van der Valk Algemeen

Nadere informatie

ENERGIEMANAGEMENT ACTIEPLAN. 3 oktober 2013

ENERGIEMANAGEMENT ACTIEPLAN. 3 oktober 2013 ENERGIEMANAGEMENT ACTIEPLAN code: B1308 3 oktober 2013 datum: 3 oktober 2013 referentie: lak code: B1308 blad: 3/8 Inhoudsopgave 1. Inleiding 4 2. Onderdelen van het energiemanagement actieplan 5 2.1

Nadere informatie

Middelburg, 7 juli 2011

Middelburg, 7 juli 2011 AAN Het college van B&W van de gemeente Middelburg d.t.v. de raadsgriffier Postbus 6000 4330 LA Middelburg. Onderwerp: Wederhoor m.b.t. quick-scan onderzoek naar de WMO Geacht College, Middelburg, 7 juli

Nadere informatie

Facilitair accountmanager

Facilitair accountmanager Facilitair accountmanager Doel Inventariseren en analyseren van de wensen en ervaringen van klanten van de dienst ten aanzien van de dienstverlening en het uitzetten van daaruit voorvloeiende activiteiten,

Nadere informatie

Functieprofiel: Beleidsmedewerker Functiecode: 0301

Functieprofiel: Beleidsmedewerker Functiecode: 0301 Functieprofiel: Beleidsmedewerker Functiecode: 0301 Doel Ontwikkelen, implementeren, evalueren en bijstellen van beleid op één of meerdere aandachtsgebieden/beleidsterreinen ten behoeve van de instelling,

Nadere informatie

*ZE9C48C23CC* Raadsvergadering d.d. 16 december 2014

*ZE9C48C23CC* Raadsvergadering d.d. 16 december 2014 *ZE9C48C23CC* Raadsvergadering d.d. 16 december 2014 Agendanr.. Aan de Raad No.ZA.14-26406/DV.14-396, afdeling Ruimte. Sellingen, 11 december 2014 Onderwerp: Vaststellen Nota OOR (Onderhoud van de Openbare

Nadere informatie

Uitvoeringsplan organisatieontwikkeling 2014

Uitvoeringsplan organisatieontwikkeling 2014 Uitvoeringsplan organisatieontwikkeling 2014 Theo van Waes Interim-secretaris December 2013 1 Inleiding In het kader van de Koersnotitie een viertal programma s ontwikkeld, o.a. het Programma Organisatieontwikkeling.

Nadere informatie

agendapunt 3.b.15 Aan College van Dijkgraaf en Hoogheemraden UITVOERINGSPROGRAMMA 2013 WATERPLAN WESTLAND Datum 19 maart 2013

agendapunt 3.b.15 Aan College van Dijkgraaf en Hoogheemraden UITVOERINGSPROGRAMMA 2013 WATERPLAN WESTLAND Datum 19 maart 2013 agendapunt 3.b.15 1052260 Aan College van Dijkgraaf en Hoogheemraden UITVOERINGSPROGRAMMA 2013 WATERPLAN WESTLAND Portefeuillehouder Berg, A. van den Datum 19 maart 2013 Aard bespreking Besluitvormend

Nadere informatie

Blijvend geld en aandacht nodig voor Nationale landschappen, Provincies doen meer dan het Rijk

Blijvend geld en aandacht nodig voor Nationale landschappen, Provincies doen meer dan het Rijk Nationale landschappen: aandacht en geld nodig! 170610SC9 tk 7 Blijvend geld en aandacht nodig voor Nationale landschappen, Provincies doen meer dan het Rijk De Rekenkamer Oost-Nederland heeft onderzoek

Nadere informatie

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek.

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek. In de BEROEPSCOMPETENTIES CIVIELE TECHNIEK 1 2, zijn de specifieke beroepscompetenties geformuleerd overeenkomstig de indeling van het beroepenveld.

Nadere informatie

Datum 14 januari 2011 Opgemaakt door afdeling Planvorming. Huidige samenwerking in de Veluwse afvalwaterketen

Datum 14 januari 2011 Opgemaakt door afdeling Planvorming. Huidige samenwerking in de Veluwse afvalwaterketen Datum 14 januari 2011 Opgemaakt door afdeling Planvorming Huidige samenwerking in de Veluwse afvalwaterketen Blad 2 van 6 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Huidige situatie; wat is er al bereikt?... 4

Nadere informatie

Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012)

Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012) -1- Projectplan Monitor bevordering arbeidsparticipatie (2009-2012) 1 Aanleiding voor het project Arbeidsparticipatie is een belangrijk onderwerp voor mensen met een chronische ziekte of functiebeperking

Nadere informatie

AGENDAPUNT 3.3 ONTWERP. Onderwerp: Ontwerp begroting 2015 Nummer: 860110. Voorstel

AGENDAPUNT 3.3 ONTWERP. Onderwerp: Ontwerp begroting 2015 Nummer: 860110. Voorstel VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR AGENDAPUNT 3.3 Onderwerp: Ontwerp begroting 2015 Nummer: 860110 ONTWERP In D&H: 30 september 2014 Steller: A Peek In Cie: BMZ 29 oktober 2014 Telefoonnummer: 6013 SKK

Nadere informatie

DATUM BEHANDELING IN D&H 12 febľ"uaľï 2013. COMMISSIE 0 MBH (6 maart 2013)

DATUM BEHANDELING IN D&H 12 febľuaľï 2013. COMMISSIE 0 MBH (6 maart 2013) DATUM VERGADERING 21 maart 2013 BIJLAGE(N) 1 AGENDAPUNTNUMMER j į) DATUM BEHANDELING IN D&H 12 febľ"uaľï 2013 COMMISSIE 0 MBH (6 maart 2013) AAN DE VERENIGDE VERGADERING AANVRAAG PROJECTINVESTERINGSKREDIET

Nadere informatie

Doel: In samenwerking met maatschappelijke partners organiseren van een proces dat leidt tot een herijkte visie op Borne in 2030

Doel: In samenwerking met maatschappelijke partners organiseren van een proces dat leidt tot een herijkte visie op Borne in 2030 Projectvoorstel Projectopdracht / -voorstel Datum: 8 juli 2010 Versie: definitief t.b.v. definitiefase en ontwerpfase Pagina: 1 / 9 Soort project Extern/Lijn Projectnaam MijnBorne2030 (Herijking Toekomstvisie)

Nadere informatie

Energiemanagement Actieplan 1.A.1-1.A.2-1.A.3 2.A.1-2.A.2-2.A.3 2.C.2 3.B.2

Energiemanagement Actieplan 1.A.1-1.A.2-1.A.3 2.A.1-2.A.2-2.A.3 2.C.2 3.B.2 1.A.1-1.A.2-1.A.3 2.A.1-2.A.2-2.A.3 2.C.2 3.B.2 Opdrachtgever Van der Waal & Partners B.V. Colofon Opdrachtgever Van der Waal & Partners B.V. Projectnaam Energiemanagement Actieplan Projectnummer 9222

Nadere informatie

Service Level Agreement (SLA)

Service Level Agreement (SLA) Service Level Agreement (SLA) Marcel Spruit Wat is een SLA Een SLA (Service Level Agreement) is een schriftelijke overeenkomst tussen een aanbieder en een afnemer van bepaalde diensten. In een SLA staan,

Nadere informatie

Ecologische monitoring

Ecologische monitoring Ecologische monitoring Op dit deel van de website staan de monitoringsgegevens die Eco-Niche heeft verzameld voor de jaarlijkse ecologische monitoring van de Meeslouwerplas. Gegevens over vissen, vogels,

Nadere informatie

Implementatieplan interactief beleid

Implementatieplan interactief beleid Implementatieplan interactief beleid (juni 2010 t/m mei 2011) Gemeente Weert, 15 juli 2010 Portefeuillehouder interactief beleid: wethouder H. Litjens Regisseur wijkgericht werken: Marianne Schreuders

Nadere informatie

Samen werken aan waterkwaliteit. Voor schoon, voldoende en veilig water

Samen werken aan waterkwaliteit. Voor schoon, voldoende en veilig water Samen werken aan waterkwaliteit Voor schoon, voldoende en veilig water D D Maatregelenkaart KRW E E N Z D E Leeuwarden Groningen E E W A IJSSELMEER Z Alkmaar KETELMEER ZWARTE WATER MARKER MEER NOORDZEEKANAAL

Nadere informatie

Planning & Control. Inleiding. Inhoudsopgave

Planning & Control. Inleiding. Inhoudsopgave Planning & Control Inleiding Planning & Control is de Engelse benaming voor coördinatie en afstemming. Het is gericht op interne plannings- en besturingsactiviteiten. Een heldere Planning & Control functie

Nadere informatie

COMMUNICATIEPLAN CO2-REDUCTIESYSTEEM 3.C.2_1 VERSIE: 01 06/05/2013

COMMUNICATIEPLAN CO2-REDUCTIESYSTEEM 3.C.2_1 VERSIE: 01 06/05/2013 Heereweg 1a 2161 AB Lisse 0252-417788 COMMUNICATIEPLAN CO2-REDUCTIESYSTEEM 3.C.2_1 VERSIE: 01 06/05/2013 Conform niveau 3 op de prestatieladder 2.0 Status Versie/ Datum Opgesteld Geautoriseerd Akkoord

Nadere informatie

Hydrobiologische Monitoring

Hydrobiologische Monitoring Opzet presentatie Hydrobiologische Monitoring Dille Wielakker & Jos Spier Wat is Hydrobiologie? Historie van de Hydrobiologie Monitoringsmethodieken Belang van standaardisatie Door Bureau Waardenburg bv

Nadere informatie

Collegeonderzoek Beheerplannen Openbare Ruimte

Collegeonderzoek Beheerplannen Openbare Ruimte College Onderwerp: V200701018 Collegeonderzoek Beheerplannen Openbare Ruimte Samenvatting: Inleiding: In het programma 2007 voor collegeonderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid staat voor 2007 onder

Nadere informatie

Jaarverslag 2015. Bouwen aan een gezamenlijke toekomst, de ODBN verandert

Jaarverslag 2015. Bouwen aan een gezamenlijke toekomst, de ODBN verandert Jaarverslag 2015 Bouwen aan een gezamenlijke toekomst, de ODBN verandert Voorwoord Hierbij bied ik u het jaarverslag 2015 aan. Een jaar waarin de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) aanzienlijk is doorontwikkeld

Nadere informatie

Orientatieavond VBC-Veluwe 7 oktober 2010. Andre Nooteboom (heemraad)

Orientatieavond VBC-Veluwe 7 oktober 2010. Andre Nooteboom (heemraad) Orientatieavond VBC-Veluwe 7 oktober 2010 Andre Nooteboom (heemraad) Doelstellingen avond Elkaar meenemen in oprichtingsproces VBC-Veluwe Zorgen voor draagvlak en enthousiasme Kennis en informatie overdracht

Nadere informatie

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen

Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Protocol Bouwen in het gesloten seizoen aan primaire waterkeringen Plan van Aanpak POV Auteur: Datum: Versie: POV Macrostabiliteit Pagina 1 van 7 Definitief 1 Inleiding Op 16 november hebben wij van u

Nadere informatie

Ordening van processen in een ziekenhuis

Ordening van processen in een ziekenhuis 4 Ordening van processen in een ziekenhuis Inhoudsopgave Inhoud 4 1. Inleiding 6 2. Verantwoording 8 3. Ordening principes 10 3.0 Inleiding 10 3.1 Patiëntproces 11 3.2 Patiënt subproces 13 3.3 Orderproces

Nadere informatie

Aanpak projectaudits

Aanpak projectaudits Aanpak projectaudits 1. Inleiding Veel lokale overheden werken op basis van een standaardmethodiek Projectmatig Werken. Op die manier wordt aan de voorkant de projectfasering, besluitvorming en control

Nadere informatie

Bij deze bieden wij u de resultaten aan van het onderzoek naar de eerste effecten van de decentralisaties in de gemeente Barneveld.

Bij deze bieden wij u de resultaten aan van het onderzoek naar de eerste effecten van de decentralisaties in de gemeente Barneveld. rriercoj Gemeenteraad Barneveld Postbus 63 3770 AB BARNEVELD Barneveld, 27 augustus 2015 f Ons kenmerk: Ö^OOJcfc Behandelend ambtenaar: I.M.T. Spoor Doorkiesnummer: 0342-495 830 Uw brief van: Bijlage(n):

Nadere informatie

Effectiviteit KRW maatregelen. Halen we met de geplande maatregelen de ecologische doelen?

Effectiviteit KRW maatregelen. Halen we met de geplande maatregelen de ecologische doelen? Effectiviteit KRW maatregelen Halen we met de geplande maatregelen de ecologische doelen? 1 Maatregelen Kaderrichtlijn Water Kwaliteit Doelstelling Beleidstekort Maatregelen 2 Welke maatregelen worden

Nadere informatie

Besluit van Onderwerp Kenmerk. dagelijks bestuur rwzi Schoonoord B2014/u124 Portefeuillehouder/Aandachtsveldhouder R. v.d. Veen M.J.L.A.

Besluit van Onderwerp Kenmerk. dagelijks bestuur rwzi Schoonoord B2014/u124 Portefeuillehouder/Aandachtsveldhouder R. v.d. Veen M.J.L.A. Besluit van Onderwerp Kenmerk dagelijks bestuur rwzi Schoonoord B2014/u124 Portefeuillehouder/Aandachtsveldhouder R. v.d. Veen M.J.L.A. Langeslag- Opsteller/indiener M. Oosterhuis/ S. Fortkamp Contactgegevens

Nadere informatie

Hoofdlijnen van de landelijke monitoring en evaluatie van de matchingsregeling

Hoofdlijnen van de landelijke monitoring en evaluatie van de matchingsregeling Matchingsregeling Cultuureducatie met kwaliteit in het primair onderwijs Hoofdlijnen van de landelijke monitoring en evaluatie van de matchingsregeling Waarom monitoren en evalueren? Het Fonds voor Cultuurparticipatie

Nadere informatie