Schuldhulpverlening en -sanering in België en Nederland: een rechtsvergelijkende studie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Schuldhulpverlening en -sanering in België en Nederland: een rechtsvergelijkende studie"

Transcriptie

1 Faculteit Rechtsgeleerdheid Universiteit Gent Academiejaar Schuldhulpverlening en -sanering in België en Nederland: een rechtsvergelijkende studie Masterproef van de opleiding Master in de rechten Ingediend door Bernd Ysebaert (studentennr ) Promotor: Prof. dr. Karen Broeckx Commissaris: Prof. dr. Stefaan Voet

2

3 VOORWOORD De voornaamste beweegreden waarom ik acht jaar geleden aan de opleiding rechten begon, was mijn wil om mensen met problemen in onze complexe gejuridiseerde maatschappij te kunnen bijstaan, uitleg te verschaffen en oplossingen te kunnen aanreiken. Al gauw ondervond ik dat een universitaire opleiding meer was dan louter kennisoverdracht. De opleiding vormt in al zijn facetten een menselijke beproeving. Op academisch vlak vergt de studie in de eerste plaats volgehouden inspanning en doorzettingsvermogen. Motivatie is daarbij van ontzettend groot belang. Daarbuiten is het een leerproces op stap naar volwassenheid: leren keuzes maken, leren verantwoordelijkheid opnemen, leren omgaan met verwachtingen en ontgoochelingen. Gedurende de opleiding kreeg ik ook kansen aangeboden om ervaringen op te doen in het professionele milieu, weg van de boeken. Als notarieel medewerker zag ik hoe het recht ons leven beïnvloedt en organiseert. Dankzij mijn zus kon ik tevens aan de slag bij sociaal.nl, een private schuldhulpverleningsorganisatie in Nederland. Het gaf een enorme voldoening mensen daadwerkelijk te kunnen bijstaan, maar het was tegelijkertijd confronterend te zien in welke schrijnende situaties mensen terecht kunnen komen. Het sluitstuk van de universitaire opleiding is het schrijven van de masterproef omtrent een onderwerp dat in het interessegebied van de student valt. Mijn onderwerpkeuze, de bestudering van de schuldhulpverlening en sanering in België en Nederland, sluit dan ook aan bij mijn eerdere ervaringen. Ik wil hierbij mijn promotor, professor Karen Broeckx, bedanken mij dit onderwerp aan te reiken en de kans te bieden deze rechtsvergelijkende studie uit te werken. Ik hou mij eraan ook mijn oud-collega s bij sociaal.nl, en in het bijzonder mijn zus, te bedanken voor hun geboden hulp. Zij gidsten mij door het labyrint van de Nederlandse regelgeving inzake schuldhulpverlening en sanering. Het grootste woord van dank is voorbehouden aan mijn ouders voor hun blijvende ondersteuning en stimulering. 1 Bernd Ysebaert 13 augustus 2014

4 2

5 INHOUDSOPGAVE VOORWOORD... 1 INHOUDSOPGAVE... 3 DEEL 1: INLEIDING... 7 Hoofdstuk 1: Introductie Problematiek overmatige schuldenlast Cijfergegevens België Nederland Kader en doelstelling Hoofdstuk 2: Wettelijk kader België Pionierswetgeving De collectieve schuldenregeling Nederland Buitengerechtelijke ( minnelijke ) schuldhulpverlening Zelfregulering Wetgevend optreden De gerechtelijke schuldsaneringsregeling: Wsnp Evaluatie DEEL 2: DE BUITENGERECHTELIJKE SCHULDBEMIDDELING EN -HULPVERLENING Hoofdstuk 1: België Wet consumentenkrediet en schuldbemiddeling Schuldbemiddeling in Vlaanderen Schuldhulpverlening en de invloed van de collectieve schuldenregeling op de buitengerechtelijke praktijk Hoofdstuk 2: Nederland Wet op het consumentenkrediet en schuldbemiddeling De eigenlijke schuldhulpverlening

6 2.1 Overzicht Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en Algemene wet bestuursrecht Gedragscode schuldhulpverlening NVVK Convenanten De buitengerechtelijke schuldenregeling Wettelijke instrumenten ter versterking van het buitengerechtelijk traject Wet gemeentelijke schuldhulpverlening: het wettelijk breed moratorium Wet schuldsanering natuurlijke personen Het dwangakkoord Voorlopige voorziening bij bedreigende situatie: moratorium Effecten in de praktijk Hoofdstuk 3: Evaluatie DEEL 3: COLLECTIEVE SCHULDENREGELING VERSUS SCHULDSANERING NATUURLIJKE PERSONEN Hoofdstuk 1: Algemeen Hoofdstuk 2: Voor welke schuldenaren staan de procedures open? Belgische collectieve schuldenregeling Toepassingsvoorwaarden Natuurlijke personen met centrum van hun voornaamste belangen in België Niet-handelaren Geen vroegere herroeping Toelaatbaarheidsvoorwaarden Structurele financiële problematiek Niet kennelijk zijn onvermogen hebben bewerkt Procedurele goede trouw? Wet schuldsanering natuurlijke personen Toepassingsvoorwaarden Toelaatbaarheidsvoorwaarden Algemeen Toewijzingsgronden Afwijzingsgronden Hardheidsclausule Conclusie Hoofdstuk 3: Procedurele aspecten

7 1 Verzoekschrift Algemeen bijzonderheid: gehuwden/partners Behandeling en uitspraak Oproeping en zitting Uitspraak Publicatie Schuldenaar-verzoeker Schuldeisers Bijzondere kennisgeving aan andere actoren Algemene publicatie Rechtsmiddelen Afwijzende beslissing Toewijzende beslissing Hoofdstuk 4: Gevolgen van de toepassing van de schuldregelingen Boedelvorming: finaliteit Omvang van de boedel: het actief De algemene regel Uitzonderingen op de algemene regel Belgische collectieve schuldenregeling Wet schuldsanering natuurlijke personen Werking ten aanzien van de schuldenaar: beperking in de handelingsbekwaamheid België Nederland Conclusie Werking ten aanzien van schuldeisers Principe Algemeen Gevolgen: gelijkheids- en fixatiebeginsel Boedelschulden / nieuwe schulden Uitzonderingen België Nederland Conclusie Aangifte/aanmelding schuldvorderingen en nazicht/verificatie België Nederland

8 5 Bescherming tegen de schuldeisers Algemeen België Nederland Bijzonderheden Beding van eigendomsvoorbehoud Retentierecht (exceptio non adimpleti contractus) Uithuiszetting door verhuurder Nutsvoorzieningen Lot van de persoonlijke zekerheidssteller Nederland België Hoofdstuk 5: De eigenlijke schuld(sanerings)regeling De minnelijke fase België: minnelijke aanzuiveringsregeling Nederland: het akkoord De gerechtelijke fase België De gerechtelijke aanzuiveringsregeling De totale kwijtschelding van schulden: artikel 1675/13bis Gerechtelijk Wetboek Nederland: vereffening van de boedel Hoofdstuk 6: Einde van de procedure Regulier einde België: uitvoering van de aanzuiveringsregeling Nederland: verstrijken van de duur van de wsnp Onregelmatige beëindiging als sanctiemechanisme Algemeen Herroeping in België De tussentijdse beëindiging in Nederland BIBLIOGRAFIE

9 DEEL 1: INLEIDING Hoofdstuk 1: Introductie 1 Problematiek overmatige schuldenlast 1. Talloze burgers kampen in onze huidige maatschappij met een overmatige schuldenlast. Velen hebben moeite met de afbetalingen van hun hypothecaire leningen en consumentenkredieten, het betalen van hun huurgelden, maandelijkse lasten en onnoemelijke rekeningen die op hen afkomen. In 2010 gaf ruim één vierde van de EU-burgers aan dat zij het gevoel hadden het risico te lopen op een overmatige schuldenlast, terwijl 11,6% (tegenover 9,9% in 2007) moest toegeven dat zij reeds een betalingsachterstand hadden opgelopen met betrekking tot hun aangegane schulden of rekeningen. 1 Reeds decennia stijgt het gemak om krediet te verkrijgen en breidt het gamma aan financiële producten stelselmatig uit. Dit drijft consumenten tot de aankoop van consumptiegoederen waarvan ze achteraf moeten vaststellen deze financieel niet aan te kunnen. 2 Zij komen vervolgens in een neerwaartse spiraal terecht die ervoor zorgt dat ze uiteindelijk nog meer schulden aangaan. Men kan verscheidene sociale groepen onderscheiden die vatbaar zijn voor het risico van schuldoverlast: jongeren, eenoudergezinnen, alleenstaanden, grote gezinnen, mensen met een werkloosheids- of invaliditeitsuitkering, leefloontrekkers, laaggeschoolden, mensen met gezondheidsproblemen Maar opvallend is dat ook de goede verdieners steeds vaker op krediet kopen. 3 Daarenboven heeft de recente economische en financiële crisis geleid tot een aanzienlijke inkomensval te wijten aan verminderde werkuren of werkloosheid. In de herfst van 2008 werd maar liefst één op de vijf huishoudens in de Europese Unie geconfronteerd met minder inkomsten 1 H. DUBOIS, Household debt advisory services in the European Union, en 1 (hierna: H. DUBOIS, Household debt advisory services in the European Union). Een rechtsvergelijkend onderzoek uit 2012 naar de schuldhulpverlening in een aantal EU-lidstaten door Eurofound, de Europese Stichting tot Verbetering van de Levens- en Arbeidsomstandigheden. 2 EUROPEAN COMMISSION, Towards a common operational European definition of over-indebtness, pdf, 5. 3 K. DE KNIBBER, Preventie van de overmatige schuldenlast middels regelgeving, masterproef Rechten Universiteit Gent, , 8. 7

10 vergeleken met het jaar voordien. Vele gezinnen kunnen daardoor niet langer het hoofd bieden aan financiële verbintenissen die zij eerder aangingen in economisch betere tijden. Anderen slagen er niet in hun uitgavenpatroon aan de nieuwe financiële situatie aan te passen. Cijfers 4 tonen aan dat deze fenomenen zich niet enkel voordoen in de economisch zwakkere landen van de EU, zoals Griekenland, Ierland en Portugal. Ook in België en Nederland brengt de crisis gevolgen teweeg. Zij heeft dan ook ontegensprekelijk uitdagingen gecreëerd gezien de toegenomen vraag naar schuldhulpverlening. Een rechtsvergelijkende studie van de schuldhulpverlening en sanering in België en Nederland kan in dat opzicht tot nieuwe inzichten leiden voor de aanpak van deze uitdagingen. 2. Hoewel hier gesproken wordt over overmatige schuldenlast, moet men vaststellen dat omtrent dit begrip geen standaarddefinitie bestaat in de Europese Unie. 5 Tot dusver heeft de Europese Commissie dit begrip niet officieel gedefinieerd hoewel verschillende voorstellen en beschrijvingen in het publiek debat werden geponeerd. Zo heeft een groep van experts uit diverse Europese landen, met name de Group of Specialists on seeking legal solutions tot debt problems (CJ- S-Debt), in 2006 een ontwerp opgesteld voor een aanbeveling van de Raad van Europa aan de Europese lidstaten. 6 Daarin wordt aangegeven dat overmatige schuldenlast een variërend concept is dat tegelijkertijd problemen met aangegane kredieten als betalingsmoeilijkheden beslaat. Het betreft onder andere de situatie waarbij de schuldenlast van een individu of gezin manifest en langdurig de afbetalingscapaciteit overschrijdt. 7 Dit laatste werd dan ook als definitie aangenomen in de daaropvolgende aanbeveling van het Comité van Ministers van de Raad van Europa d.d. 20 juni Wegens dit gebrek aan standaarddefiniëring in de Europese Unie gebruiken verschillende lidstaten van de Europese Unie hun eigen definities. Over het algemeen hanteren overheden daarbij twee soorten criteria: juridisch-administratieve (zoals schuldregelingen) enerzijds en criteria gebaseerd op betalingsachterstanden anderzijds. 9 Rechtsvergelijkend onderzoek, uitgevoerd in opdracht van Eurofound (de Europese Stichting tot Verbetering van de Levens- en Arbeidsomstandigheden), leert ons dat de vele definities toch enkele gemeenschappelijke basiselementen bevatten. Zo evalueert 4 Infra nrs. 5 et seq. 5 EUROPEAN COMMISSION, Towards a common operational European definition of over-indebtness, 2008, pdf, 5. 6 A.J. NOORDAM, WSNP en goede trouw, Deventer, Kluwer, 2008, EUROPEAN COMMISSION, Towards a common operational European definition of over-indebtness, 2008, Recommendation CM/Rec(2007)8 of the Committee of Ministers to member states on legal solutions to debt problems, Council of Europe (20 June 2007), https://wcd.coe.int. 9 H. DUBOIS, Household debt advisory services in the European Union, supra noot 1, 34. 8

11 men veelal de situatie van overmatige schuldenlast in hoofde van het gezin (1). Men bekijkt de aangegane financiële verbintenissen (2) waaronder hypothecaire leningen, consumentenkredieten, huurlasten en vaste kosten als nutsvoorzieningen en telefoonabonnementen. Informele verbintenissen tussen schuldenaars en familie of vrienden worden hier meestal buitengelaten. De aangegane verbintenissen worden vervolgens ingeschat in functie van de afloscapaciteit (3). Overmatige schuldenlast impliceert bijgevolg de onmogelijkheid om te voldoen aan periodieke kosten en dit op structurele basis (4). Het betreft duurzame en langdurige betalingsmoeilijkheden. Een éénmalige, toevallige betalingsachterstand leidt niet meteen tot een overmatige schuldenlast. Bovendien tast de schuldenlast de levensstandaard (5) aan. Tot slot is er pas sprake van overmatige schuldenlast als men niet langer kredietwaardig (6) is. De debiteur kan de situatie niet meer oplossen door middel van de tegeldemaking van eigen bezittingen of het verkrijgen van krediet In België geeft de wet geen precieze definitie van overmatige schuldenlast. Wel is de burger met overmatige schuldenlast de adressaat van een collectieve schuldenregeling. 11 Naar luid van de memorie van toelichting van de wet betreffende de collectieve schuldenregeling 12 moet de verzoeker in een toestand van overmatige schuldenlast verkeren. Dit wil zeggen dat hij zijn opeisbare of nog te vervallen schulden onmogelijk kan betalen. 13 Luidens artikel 1675/2 van het Gerechtelijk Wetboek komt een natuurlijk persoon in aanmerking voor een collectieve schuldenregeling indien hij niet is staat is om, op duurzame wijze, zijn opeisbare of nog te vervallen schulden te betalen. De memorie van toelichting stipuleert verder dat de overmatige schuldenlast in het algemeen bepaald wordt als de duurzame of structurele onmogelijkheid zijn financiële verplichtingen na te komen. 14 Er bestaat onmogelijkheid in de zin van de wet zodra de verzoeker niet meer over voldoende middelen of inkomsten beschikt om zijn schuldeisers te betalen, aldus de memorie van toelichting. 15 LAMBRECHTS spreekt van een blijvende, niet incidentele situatie waarin de particulier niet in staat is zijn schulden terug te betalen EUROPEAN COMMISSION, Towards a common operational European definition of over-indebtness, 2008, G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten in E. DIRIX en P. TAELMAN (eds.), Collectieve schuldenregeling in de praktijk, Antwerpen Groningen, Intersentia, 1999, (169) 174 (hierna: G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten ). 12 Wet 5 juli 1998 betreffende de collectieve schuldenregeling en de mogelijkheid van verkoop uit de hand van de in beslag genomen onroerende goederen, BS 31 juli 1998, (hierna: wet collectieve schuldenregeling). 13 Memorie van toelichting bij het wetsontwerp betreffende de collectieve schuldenregeling en de mogelijkheid van verkoop uit de hand van de in beslag genomen onroerende goederen, Parl.St. Kamer , nr. 1073/1, MvT, Parl.St. Kamer , nr. 1073/1, MvT, Parl.St. Kamer , nr. 1073/1, M. LAMBRECHTS, Overmatige schuldenlast en kansarmoede: overmatig recht of arm recht. Beschouwingen over schuldbemiddeling en schuldsanering in S. BROUWERS (ed.), Arm recht? Kansarmoede en recht, Antwerpen Apeldoorn, Maklu, 1997, (113) 170 (hierna: M. LAMBRECHTS, Overmatige schuldenlast en kansarmoede: overmatig recht of arm recht ). 9

12 4. De Nederlandse wet neemt een erg brede definitie van overmatige schuldenlast als uitgangspunt. 17 In Nederland wordt derhalve beschouwd als toegelaten tot de wettelijke saneringsregeling en derhalve als overmatig met schulden belast, een natuurlijk persoon waarvan redelijkerwijs is te voorzien dat hij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen Cijfergegevens 5. Het hanteren van definities mag dan wel onontbeerlijk zijn in een juridische context, er is niets meer indicerend dan naakte cijfers. Deze bieden het beste overzicht van de problematiek en de situatie op het terrein. 2.1 België 6. De schuldenproblematiek in België en in Vlaanderen groeit alsmaar meer. Consumenten ondervinden de impact van de crisis en zien zich in toenemende mate met betalingsmoeilijkheden geconfronteerd. 19 Dit blijkt onder meer uit volgende cijfers 20 : Volgens de Centrale voor Kredieten aan Particulieren van de Nationale Bank van België 21 is het aantal uitstaande achterstallige contracten vorig jaar opnieuw gestegen: einde 2013 staan er wanbetalingen geregistreerd, een toename met 4,30% ten opzichte van Vaststellend dat teller van dit aantal uitstaande achterstallige contracten eind 2009 nog op stond, duidt dit gegeven aan dat de crisis hard heeft toegeslagen. Merk echter wel op dat een achterstallig contract niet meteen een overmatige schuldenlast impliceert. Toch vormt deze graadmeter een belangrijke indicator in die richting. Ook het aantal kredietnemers met een betalingsachterstal is aanzienlijk toegenomen. Eind 2013 bedraagt dit aantal personen, een stijging met 3,40% in vergelijking met G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) Artikel 284, eerste lid, Nederlandse Faillissementswet. 19 VLAAMS CENTRUM SCHULDENLAST, Onderzoeksrapport: cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2013, pdf, Bronnen: CENTRALE VOOR KREDIETEN AAN PARTICULIEREN VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIE, Statistisch verslag 2013, en VLAAMS CENTRUM SCHULDENLAST, Onderzoeksrapport: cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2013, pdf. 21 Deze centrale registreert kredieten van natuurlijke personen voor consumptie of hypotheek en de eventuele wanbetalingen die zich hierbij voordoen. 10

13 In 2009 daarentegen stonden slechts personen geboekt met een achterstallig contract. Het totale achterstallige bedrag loopt op tot 2,964 miljard euro, hetgeen een stijging met 8,90% inhoudt ten opzichte van 2012, en maar liefst met 60% tegenover einde De toenemende schuldenproblematiek blijkt ook uit de evolutie van het aantal uitstaande berichten collectieve schuldenregeling. In 2013 lopen in België procedures van collectieve schuldenregeling. Dit zijn procedures meer dan in 2012, een toename van 5,9%. 22 Het aantal procedures van in bewijst nog maar eens de impact van de voorbije crisis. Het aantal nieuwe berichten van toelaatbaarheid door de rechtbanken in 2013 gemeld, is Eveneens een stijging van 9,8% ten opzichte van Terwijl in 2008 slechts nieuwe berichten van toelaatbaarheid werden geregistreerd. Volledigheidshalve moet vermeld dat het jaar 2012 een significante daling optekende in het aantal nieuwe procedures collectieve schuldenregeling. Het aantal daalde tot nieuwe gevallen in 2012 ten opzichte van in Een trend die zich echter in 2013 niet kon verderzetten. Tabel: Uitstaande achterstallige contracten en hun kredietnemers Personen Contracten Achterstallig/eisbaar Bedrag (in miljoenen euro s) Persbericht van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren van de Nationale Bank van België van 22 januari 2014, 23 K. DE KNIBBER, Preventie van de overmatige schuldenlast middels regelgeving, masterproef Rechten Universiteit Gent, , CENTRALE VOOR KREDIETEN AAN PARTICULIEREN VAN DE NATIONALE BANK VAN BELGIE, Statistisch verslag 2012,

14 Aantal nieuwe berichten collectieve schuldenregeling Nederland 7. Ook in Nederland is sinds het ontstaan van de financiële crisis in 2008 een toename zichtbaar van het aantal mensen dat een beroep doet op de schuldhulpverlening. Cijfers laten zien dat veel huishoudens niet meer rond kunnen komen met hun inkomen. Dit blijkt onder meer uit het jaarverslag over het jaar 2013 van de Nederlandse vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren 25 (NVVK). 26 De NVVK werd opgericht in 1932 om de woeker te bestrijden. Inmiddels is deze uitgegroeid tot de brancheorganisatie inzake schuldhulpverlening waarbij ruim 90 organisaties zijn aangesloten. Het betreft zowel publieke instellingen, met name gemeentelijke kredietbanken en gemeenten, als private ondernemingen die diensten aanbieden in meer dan 400 van de 418 gemeenten die Nederland rijk is. Het jaarrapport toont aan dat in 2013 opnieuw een stijging kon vastgesteld worden van het aantal aanmeldingen bij de NVVK-leden, van tot Dit aantal heeft betrekking op het aantal unieke personen dat zich met een hulpvraag omtrent hun schuldsituatie heeft gericht tot een NVVKlid. In 2009 bedroeg dit nog , waarna het jaarlijks met uitzondering van 2011 steeg gedurende de crisisjaren. Ook de gemiddelde schuld van de personen die zich aanmeldden, steeg stelselmatig van in 2010 tot in Tabel: Aantal aanmeldingen bij de NVVK-leden 25 Oorspronkelijk de Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet genaamd en thans nog steeds afgekort als NVVK. 26 NVVK, Jaarverslag 2013, 12

15 Tabel: Gemiddelde schuld (in euro s) Het totaal aantal verzoeken tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling natuurlijke personen vormt een andere indicator. Sedert medio 2005 verschijnt de zogenoemde Wsnp-monitor. Dit jaarlijks uit te brengen instrument heeft als doel de stand van zaken te rapporteren aangaande de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) 27 en de effectiviteit daarvan kritisch te volgen. De Wsnp-monitor omvat een vaste kern van gegevens die jaarlijks geactualiseerd worden, naast een aantal, per jaar wisselende, thema s. 28 In oktober 2013 verscheen de negende meting over de periode Het aantal verzoeken tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen 29 is in 2012 gedaald tot een totaal van Hoewel dit 6% minder is dan in 2011, toen een recordaantal van verzoeken werd opgemeten, ligt dit aantal nog altijd fors boven het niveau van 2010, warende Ten opzichte van 2008 laat 2012 nog steeds een toename van het aantal verzoeken van 75% zien. Er werden in 2008 immers wsnp-verzoeken bij de rechtbank ingediend. 27 Wet 25 juni 1998 tot wijziging van de Faillissementswet in verband met de sanering van schulden van natuurlijke personen, Stb. 1998, 445 (hierna: Wet schuldsanering natuurlijke personen of Wsnp). 28 S. PETERS, L. COMBRINK-KUITERS en M. VLEMMINGS, Monitor Wsnp Negende meting over de periode 2012, Nijmegen, Wolf Legal Publishers, 2013, en Hierna: wsnp-verzoek(en). 13

16 Totaal aantal verzoeken tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling De dalende trend ten opzichte van 2011 lijkt zich ook in 2013 te hebben verdergezet. Het Projectbureau WSNP, belast met de organisatie van de landelijke implementatie van de invoering van de wettelijke regeling schuldsanering natuurlijke personen, houdt immers regelmatig peilingen 30 betreffende de instroom van het aantal zaken bij verschillende rechtbanken. Uit deze peilingen kan de dalende trend 31 worden afgeleid Instroom zaken vanaf 2009 op peildatum Te raadplegen via 31 Bron: 14

17 9. Bij deze cijfers kunnen twee conclusies naar voren worden geschoven. Vooreerst geven deze aan dat de crisis ook in Nederland hard heeft toegeslagen. Het aantal mensen dat met schulden kampt, is aanzienlijk, stelselmatig en voortdurend gestegen sedert Opvallend is echter de tegenstelling tussen het toenemend aantal mensen dat zich aanmeldt voor schuldhulpverlening en de dalende trend sinds 2011 in het aantal verzoeken tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. Blijkbaar slaagt men in Nederland de overmatige schuldenlast bij de burgers via andere instrumenten te remediëren dan de gerechtelijke weg van de wettelijke schuldsaneringsregeling. 3 Kader en doelstelling 10. Geconfronteerd met de steeds groter wordende maatschappelijke kwaal van overmatige schuldenlast, treden overheden reeds jaren regelgevend op. In principe stelt het recht de eigen verantwoordelijkheid van de schuldenaar voorop. Een schuld is een juridische verplichting die drukt op de schuldenaar. Hij is gehouden zijn schuld te voldoen. 32 Iedere schuldeiser heeft recht op betaling. Een rechter kan hem dit recht niet ontnemen. Bevindt de schuldenaar zich in de financiële onmogelijkheid om zijn verbintenissen na te komen, dan kunnen diens schuldeisers verhaal zoeken op zijn vermogen. 33 Gaandeweg werd de problematiek van overmatige schuldoverlast onderkend en groeide het besef dat de rechtsorde een uitkomst moest bieden aan schuldenaren met een problematische schuldenlast. Het beeld van schuldeisers die zich op ongeordende wijze op het vermogen van hun schuldenaar storten, werd steeds meer als ongewenst en inefficiënt ervaren. 34 De schuldenspiraal moet kunnen worden doorbroken Deze inzichten resulteerden vanaf de jaren 90 van de vorige eeuw in verscheiden wetgevende initiatieven ter bestrijding van de overmatige schuldenlast, zowel op Europees niveau als in België en Nederland. De aanpak van overmatige schuldenlast vereist een geheel van maatregelen, zowel van preventieve als curatieve aard. 32 F. SALOMONS, Schuldsanering voor natuurlijke personen in Nederland in A. NIEUWENHUIS, L. DRAGSTRA, J. VELAERS, L. HUYBRECHTS, H. WOLSWIJK, F. SALOMONS, B. DE GROOTE en S. VOET, Samenloop van grondrechten in verschillende rechtsstelsels, multiculturaliteit in het strafrecht & schuldsanering en collectieve schuldenregeling: preadviezen 2008, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2008, (229) 229 (hierna: F. SALOMONS, Schuldsanering voor natuurlijke personen in Nederland ). 33 E. DIRIX en A. De WILDE, Materieelrechtelijke aspecten van de collectieve schuldenregeling in E. DIRIX en P. TAELMAN (eds.), Collectieve schuldenregeling in de praktijk, Antwerpen Groningen, Intersentia, 1999, (17) 17 (hierna: E. DIRIX en A. De WILDE, Materieelrechtelijke aspecten van de collectieve schuldenregeling ) 34 Ibid. 35 E. DIRIX en P. TAELMAN (eds.), Collectieve schuldenregeling in de praktijk, Antwerpen Groningen, Intersentia, 1999, 5. 15

18 Deze bijdrage zal zich toespitsen op de regelgeving omtrent curatieve schuldhulpverlening in België en Nederland, met als pijlers de schuldbemiddeling en sanering. Hoofdzakelijk komt het tot een vergelijking tussen de wetgeving inzake de collectieve schuldenregeling in België en de wettelijke regeling voor schuldsanering van natuurlijke personen in Nederland met een focus op zowel de materieelrechtelijke als procedurele aspecten. Toch beperkt de curatieve schuldhulpverlening zich zeker in Nederland niet tot deze regelingen. 16

19 Hoofdstuk 2: Wettelijk kader 1 België 1.1 Pionierswetgeving 12. De eerste betekenisvolle wetgeving in verband met overmatige schuldenlast kwam er in België met de wet op het consumentenkrediet van 12 juni Deze wet werd ingevoerd in uitvoering van een Europese richtlijn, met name richtlijn 87/102/EEG. 37 Intussen is deze wetgeving meermaals gewijzigd 38, onder andere op basis van de vernieuwde Europese Consumentenrichtlijn 2008/48/EG. 39 Hoewel deze wetgeving zich vooral situeert op vlak van het preventieve luik in de strijd tegen overmatige schuldenlast, bevat ze tevens maatregelen van curatieve aard. Enerzijds voorziet zij in een regeling omtrent betalingsfaciliteiten bij moeilijkheden. Voorheen kon enkel beroep worden gedaan op artikel 1244 van het Burgerlijk Wetboek, op grond waarvan de rechter onder strikte voorwaarden betalingsuitstel kon verlenen. Anderzijds steekt met de wet op het consumentenkrediet de eerste reglementering met betrekking tot schuldbemiddeling de kop op. 40 Snel daarna werd ook het hypothecair krediet aan regelgeving onderworpen met de wet van 4 augustus op het hypothecair krediet. 41 Een bijkomend instrument in de strijd tegen overmatige schuldenlast. Op vlak van het curatieve luik vormt deze wet slechts een voetnoot met één enkele bepaling inzake de verplichte voorafgaandelijke poging tot minnelijke schikking bij elke vorm van uitvoerend beslag. 42 Vermeldenswaardig is dat zowel de wet consumentenkrediet, als de wet hypothecair krediet zal worden opgeheven. De betreffende regelgeving wordt ingeschreven in het nieuwe Wetboek van 36 Wet 12 juni 1991 op het consumentenkrediet, BS 9 juli 1991, (hierna: wet consumentenkrediet of WCK). 37 Richtlijn Raad nr. 87/102/EEG, 22 december 1986 betreffende de harmonisatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der Lid-Staten inzake het consumentenkrediet, Pb.L. 12 februari 1986, afl. 42, Met als belangrijkste: de wet 13 juni 2010 tot wijziging van de wet van 12 juni 1991 op het consumentenkrediet, BS 21 juni Richtlijn Europees Parlement en Raad nr. 2008/48/EG, van 23 april 2008 inzake kredietovereenkomsten voor consumenten en tot intrekking van Richtlijn 87/102/EEG van de Raad, Pb.L. 22 mei 2008, afl. 133, Vermeldenswaardig is dat de reglementering omtrent het consumentenkrediet werd opgenomen in boek VII van het Wetboek van Economisch Recht 4141 Wet 4 augustus 1992 op het hypothecair krediet, BS 19 augustus 1992, (hierna: wet hypothecair krediet of WHK). 42 Artikel 59 WHK. 17

20 Economisch Recht, meer bepaald in titel 4 van boek VII. 43 Deze zal in werking treden op 1 april In navolging op de wet consumentenkrediet kwamen de regio s op de proppen met decretale regelingen inzake de erkenning van instellingen voor schuldbemiddeling 45, in België een gemeenschapsbevoegdheid: Voor Vlaanderen: het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning en subsidiëring van de instellingen voor schuldbemiddeling en tot subsidiëring van een Vlaams Centrum Schuldenlast 46 en het besluit van de Vlaamse Regering van 25 maart 1997 tot uitvoering van het decreet van 24 juli 1996 houdende regeling tot erkenning en subsidiëring van de instellingen voor schuldbemiddeling en tot subsidiëring van een Vlaams Centrum Schuldenlast 47. Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: het Vlaams decreet op de schuldbemiddeling, het decreet van de Franse Gemeenschapscommissie van 5 maart 2009 betreffende het aanbod van ambulante diensten in de domeinen van de sociale actie, het gezin en de gezondheid 48 en de ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 7 november 1996 betreffende de erkenning van instellingen voor schuldbemiddeling. 49 Voor het Waalse Gewest 50 : titel III, boek I van deel 2 van het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid 51 en titel IV, boek II van het tweede deel van het reglementair deel van het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid Art. 3 wet 19 april 2014 houdende invoeging van boek VII "Betalings- en kredietdiensten" in het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan boek VII en van de straffen voor de inbreuken op boek VII, in de boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen, BS 28 mei Art. 2 koninklijk besluit 19 april 2014 tot bepaling van de inwerkingtreding van de wet van 19 april 2014 houdende invoeging van boek VII "Betalings- en kredietdiensten" in het Wetboek van economisch recht, houdende invoeging van de definities eigen aan boek VII en van de straffen voor de inbreuken op boek VII, in de boeken I en XV van het Wetboek van economisch recht en houdende diverse andere bepalingen, en van de wet van 19 april 2014 tot organisatie van de verhaalmiddelen tegen sommige beslissingen van de FSMA genomen met toepassing van boek VII of van boek XV van het Wetboek van economisch recht, en tot wijziging van de wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht op de financiële sector en de financiële diensten. 45 Zie hierover: J. STUYCK, Schuldbemiddeling: regionale initiatieven in OCE, Règlement collectif de dettes: les conditions de mise en oeuvre, Charleroi, Observatoire du Crédit et de l Endettement, 1997, BS 5 oktober 1996, (hierna: Vlaams decreet op de schuldbemiddeling). 47 BS 30 mei 1997, (hierna: het Vlaams uitvoeringsbesluit op de schuldbemiddeling). 48 BS 8 mei Uitvoeringsbesluit: B.Coll.Fr.Gem.Comm. 4 juni 2009 houdende toepassing van het decreet van 5 maart 2009 betreffende het aanbod van ambulante diensten in het domein van de sociale actie, het gezin en de gezondheid, BS 22 juli BS 30 november Uitvoeringsbesluit: B.Ver.Coll.Gem.Gem. 15 oktober 1998 betreffende de erkenning, de opleiding van het personeel en de kostprijs van de bemiddeling van de instellingen voor schuldbemiddeling, BS 11 november 1998, Het Waals Gewest oefent deze bevoegdheid van de Franse Gemeenschap uit krachtens art. 138 Gw. 18

21 Voor het Duits taalgebied: het decreet van de Duitstalige Gemeenschap van 29 april 1996 betreffende de bemiddeling en aanzuivering van schulden De collectieve schuldenregeling 14. Met de invoering van de collectieve schuldenregeling kwam uiteindelijk een volwaardig instrument tot stand met betrekking tot de curatieve schuldhulpverlening. De regeling werd door de op 1 januari 1999 in werking getreden wet van 5 juli 1998 betreffende de collectieve schuldenregeling en de mogelijkheid van de verkoop uit de hand van de in beslag genomen onroerende goederen 54 in het Gerechtelijk Wetboek verankerd, meer bepaald in de artikelen 1675/2 tot en met 1675/17 Gerechtelijk Wetboek. Intussen werden deze artikelen meermaals gewijzigd, maar de belangrijkste herziening vond plaats in Met twee wetten 55 heeft de Belgische wetgever toen de collectieve schuldenregeling grondig bijgespijkerd. 15. Met de wet collectieve schuldenregeling worden diverse doelstellingen van economische, sociale en procedurele aard nagestreefd. 56 De eerste doelstelling van de collectieve schuldenregeling is economisch, met name de consument bij te staan in het afbetalen van zijn schulden en hem opnieuw kredietwaardig maken. Luidens artikel 1675/3 Gerechtelijk Wetboek strekt de regeling ertoe de financiële toestand van de schuldenaar te herstellen, met name hem in staat te stellen in de mate van het mogelijke zijn schulden te betalen en tegelijkertijd te waarborgen dat hij zelf en zijn gezin een menswaardig leven kunnen leiden. Het herstel van het financiële evenwicht van de schuldenaar en dus de re-integratie van de consument in de markt als kredietwaardig marktdeelnemer, vormt de hoofddoelstelling van de wet collectieve schuldenregeling. Maar de wet gaat evenwel verder. Volgens de memorie van toelichting is het ook de bedoeling terug een uitzicht op beterschap te bieden aan personen die misschien in het 51 Aangenomen bij besluit van de Waalse Regering 29 september 2011 houdende codificatie van de wetgeving over de gezondheid en de sociale actie, BS 21 december 2011 en bevestigd bij decreet van het Waals Gewest 1 december 2011 houdende bevestiging van het besluit van de Waalse Regering van 29 september houdende codificatie van de wetgeving over de gezondheid en de sociale actie, BS 21 december Ingevoerd bij het besluit van de Waalse Regering 4 juli 2013 houdende de codificatie van de wetgeving inzake gezondheid en sociale actie in het reglementair deel van het Waals Wetboek van Sociale Actie en Gezondheid, BS 30 augustus BS 28 augustus Uitvoeringsbesluit: B.D.Gem.Reg. 15 juni 2004 betreffende de schuldbemiddeling, BS 20 december BS 31 juli (hierna: wet collectieve schuldenregeling). 55 De wet 13 december 2005 tot wijziging van de artikelen 81, 104, 569, 578, 580, 583, 1395 van het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 13 december 2005 houdende bepalingen betreffende de termijnen, het verzoekschrift op tegenspraak en de procedure van collectieve schuldregeling, BS 21 december G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169)

22 verleden blijk hebben gegeven van onvoorzienigheid 57. De schuldenaar moet de mogelijkheid worden geboden om aan een onoverkomelijke situatie van overmatige schuldenlast te ontsnappen en een perspectief worden verschaft op een nieuw leven. Deze gedachte van de fresh start of de schone lei vindt niet alleen steun in sociaal-ethische argumenten, maar krijgt ook een economische verantwoording. Uiteindelijk is immers niemand gebaat bij een levenslange verschuldigdheid. De onbeperkte aansprakelijkheid voor schulden ontneemt een consument immers elke motivatie om actief als marktdeelnemer op te treden, en dus nieuwe financiële middelen te genereren om de opgestapelde schulden te vereffenen. Ondanks het verhaalsrecht blijven de schuldvorderingen eens te meer onbetaald. Daarnaast dient de wet ook het algemeen belang. De memorie van toelichting verwoordt het als volgt: De bedoeling van de collectieve aanzuiveringsregeling is, de sociale kost te verminderen van de overmatige schuldenlast, die voortvloeit uit de sociale uitsluiting van personen met overmatige schuldenlast, het zwartwerk, ondergrondeconomie, bepaalde vormen van criminaliteit. 58 Tot slot wil de wet ook rekening houden met de (procedurele) belangen van de schuldeisers. De memorie van toelichting maakt gewag van het voordeel dat aan schuldeisers geboden wordt te genieten van een beperking van de gerechtelijke procedures en van de kosten verbonden aan invorderingen, alsook van een meer gelijke behandeling van de schuldvorderingen Om deze doelstellingen te bereiken voorziet de wet een gerechtelijke procedure voor de arbeidsrechtbank. Schuldenaren die aan de toepassingsvoorwaarden voldoen kunnen middels een verzoekschrift een aanvraag indienen om toegelaten te worden tot de collectieve schuldenregeling. De beschikking van toelaatbaarheid door de arbeidsrechter zet een proces in gang teneinde de overmatige schuldenlast op te lossen. Ten gevolge van deze beschikking ontstaat een situatie van samenloop onder de schuldeisers en wordt met de schorsing van de middelen van tenuitvoerlegging een algemeen moratorium ten aanzien van de schuldeisers afgekondigd. De beschikking brengt de onbeschikbaarheid van het vermogen met zich mee voor de schuldenaar en beperkt zijn handelingsbekwaamheid. Tegelijkertijd wordt een schuldbemiddelaar aangeduid die de spilfiguur zal worden en een sleutelrol zal spelen in het verdere verloop van de procedure. Middels bemiddeling met de schuldeisers zal deze eerst en vooral trachten een minnelijke aanzuiveringsregeling tot stand te brengen buiten de rechtbank om. Blijkt dit niet mogelijk te zijn, wordt overgegaan tot een gerechtelijke aanzuiveringsregeling. Deze aanzuiveringsmaatregelen hebben voornamelijk het uitstel 57 MvT, Parl.St. Kamer , nr. 1073/1, MvT, Parl.St. Kamer , nr. 1073/1, Ibid. 20

23 of de herschikking van de betaling tot voorwerp. 60 Indien ze niet volstaan, kan de rechter tot slot besluiten over te gaan tot een gedeeltelijke of zelfs totale kwijtschelding van de schulden. 2 Nederland 2.1 Buitengerechtelijke ( minnelijke ) schuldhulpverlening Zelfregulering 17. In Nederland is de mogelijkheid om op minnelijke wijze kwijtschelding van schulden te bekomen reeds lang ingeburgerd. De constructieve samenwerking tussen bij de schuldproblematiek betrokken actoren, die resulteerde in zelfreguleringsnormen, is daartoe de aanzet. 61 Gemeentelijke kredietbanken, sociale diensten en het maatschappelijk werk houden zich reeds langere tijd met minnelijke schuldhulpverlening bezig. De gemeentelijke kredietbanken zijn al ruim voor de Tweede Wereldoorlog ontstaan om via sociale kredietverlening woeker tegen te gaan. Gaandeweg hebben ze zich steeds meer op schuldhulpverlening toegelegd toen de commerciële kredietverlening aan consumenten na de oorlog een grote vlucht nam. In 1979 heeft hun koepelorganisatie, de NVVK, de gedragscode schuldregeling uitgewerkt. 62 Deze speelde een voortrekkersrol voor de uniformisering van schuldsanerings- en bemiddelingsactiviteiten. 63 Later volgden de gedragscode budgetbeheer, de gedragscode schuldhulpverlening voor ondernemers en de gedragscode sociale kredietverlening. 18. De gedragscode schuldregeling wijzigde meermaals. De meest ingrijpende wijzingen kwamen er in een reactie op wet- en regelgeving. Zo betrachtte de gedragscode schuldregeling 2000 een naadloze aansluiting op de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) die op 1 december 1998 in werking was getreden. De geactualiseerde gedragscode schuldhulpverlening 64 vervangt de gedragscode schuldregeling, budgetbeheer en schuldhulpverlening voor ondernemers. Deze vervanging moet gezien worden in het licht van de recent ingevoerde Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) B. DE GROOTE en S. VOET, Collectieve schuldenregeling, Brussel, Larcier, 2009, G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) F. SALOMONS, Schuldsanering voor natuurlijke personen in Nederland, supra noot 32, (229) G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) Vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, Gedragscode schuldhulpverlening, mei 2014, 21

24 19. Het belangrijkste uitgangspunt van de gedragscode blijft de 'schone lei-gedachte': een schuldenaar die zich gedurende een periode van maximaal 36 maanden volledig heeft ingezet om zijn schulden te betalen, heeft het recht op een nieuwe financiële start. Van de schuldenaar wordt wel verwacht, dat hij zich gedurende deze drie jaar werkelijk tot het uiterste inspant om zijn schulden te voldoen. 20. Daarnaast vindt de NVVK een goede samenwerking met schuldeisers belangrijk. Eén van de manieren om de onderlinge samenwerking te verbeteren is het afsluiten van convenanten. Door gezamenlijk overleg bewerkstelligt meer begrip over elkaars werkwijze en positie. Schuldeisers en schuldhulpverleners weten wat ze van elkaar kunnen verwachten met betrekking tot doorlooptijden en wederzijdse informatieverstrekking. Daarnaast zorgen convenanten voor duidelijkheid, onder andere over de voorwaarden waaronder een schuldeiser zijn incassomaatregelen kan opschorten en meewerkt aan een minnelijke schuldregeling. De NVVK heeft met diverse schuldeisers convenanten afgesloten, waaronder het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB), het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV), de Sociale Verzekeringsbank (SVB), Zorgverzekeraars Nederland, verschillende energie- en waterleveranciers en telecomoperatoren als UPC en Ziggo Wetgevend optreden Wet op het consumentenkrediet 21. Hoewel in Nederland een langere traditie van schuldbemiddeling en minnelijke schuldregelingen te bespeuren valt, was het ook daar wachten op de uitvoering van de Europese richtlijn 87/102/EEG voor het eerste wetgevend optreden ter zake. In de Nederlandse Wet op het consumentenkrediet van 4 juli werden voor het eerst grenzen gesteld aan de kring van schuldhulpverleners Wet gemeentelijke schuldhulpverlening 22. In de jaren tachtig van de vorige eeuw ontwikkelde de schuldhulpverlening zich tot een reguliere taak voor gemeentelijke sociale diensten met als gevolg dat vandaag alle gemeenten schuldhulpverlening aanbieden. En hoewel sinds de jaren negentig algemeen onderkend werd dat 65 Wet 9 februari 2012 tot het geven aan gemeenten van de verantwoordelijkheid voor schuldhulpverlening (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening), Stb. 2012, 78 (hierna: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening of Wgs). 66 Wet 4 juli 1990 houdende regels met betrekking tot het consumentenkrediet, Stb. 1990, 395 (hierna: Wet op het consumentenkrediet of WCK). 22

25 behalve het oplossen van problematische schuldsituaties ook preventie en het aanpakken van de achterliggende psychosociale problemen aandacht verdiende ('integrale schuldhulpverlening'), was er maar weinig sprake van een uniforme uitvoeringspraktijk. Lokale verschillen hingen mede samen met de omstandigheid dat schuldhulpverlening werd gerekend tot de beleidsvrijheid van gemeenten. Daarnaast werd men gaandeweg geconfronteerd met teleurstellende slagingspercentages van het minnelijk traject. In 1992 was dat nog 53%, doch daarna trad een gestage daling tot slechts 9% in Het kabinet Balkenende IV ( ) besloot daarop onderzoek te laten doen naar de effectiviteit van de gemeentelijke schuldhulpverlening. Uit onderzoek 68 bleek dat de tot dan toe bestaande gemeentelijke schuldhulpverlening met een aantal problemen kampte die leidde tot een beperkte effectiviteit, waaronder de beperkte toegankelijkheid, het niet meewerken van schuldenaren, lange wacht- en doorlooptijden en het ontbreken van adequaat gemeentelijk beleid. Bovendien zagen schuldeisers de gemeentelijke schuldhulpverlening niet als een aantrekkelijk alternatief voor de intussen ontwikkelde gerechtelijke regeling van de Wet schuldsanering natuurlijke personen De Nederlandse beleidsmakers beseften dat er, mede met de economisch en financiële crisis in het achterhoofd, werk aan de winkel was. Nieuwe wetgevende initiatieven kwamen tot stand dewelke resulteerden in de totstandkoming van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Deze is in werking getreden op 1 juli De Wgs beoogt gemeenten verantwoordelijk te maken voor het verlenen van integrale schuldhulpverlening aan hun inwoners. De wet geeft de Nederlandse gemeenten de regie over de schuldhulpverlening en schept een kader om de effectiviteit van de gemeentelijke schuldhulpverlening te verbeteren. 24. Volledigheidshalve moet opgemerkt worden dat de buitengerechtelijke schuldhulpverlening voornamelijk van administratiefrechtelijk aard is, gezien de gemeentelijke overheden een sleutelrol spelen. Derhalve wordt de rechten- en plichtenverhouding tussen de hulpzoekende schuldenaar en 67 F. SALOMONS, Schuldsanering voor natuurlijke personen in Nederland, supra noot 32, (229) Uitgevoerd onder de naam 'Schulden? De Gemeente helpt!' in 2008 door organisatie- en adviesbureau Hiemstra & De Vries BV. 69 K. KRANENDONCK-VON WEERSCH, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening in PS-special, Deventer, Kluwer, 2011, 9 (hierna: K. KRANENDONCK-VON WEERSCH, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening). 70 M.u.v. de artikelen 5 en 11 besluit van 26 maart 2012 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Stb. 2012,

26 de hulpverlenende gemeentelijke instantie hoofdzakelijk bepaald door de Nederlandse 'Algemene wet bestuursrecht' (Awb) De gerechtelijke schuldsaneringsregeling: Wsnp 25. De zelfreguleringsnormen en de minnelijke praktijk volstonden echter niet om het groeiend maatschappelijk probleem van overmatige schuldenlast op te lossen. Eind jaren tachtig, begin jaren negentig werd dan ook gepleit voor een wettelijke regeling voor sanering van schulden. Het startschot ligt in In het kader van de parlementaire behandeling van het wetsvoorstel Algemene regeling van beslag op loon, sociale uitkeringen en andere periodieke betalingen aanvaardde de Tweede Kamer de motie-biesheuvel. 72 In deze motie werd overwogen dat het wenselijk is dat de schuldenlast van privé-personen, niet ondernemer zijnde, na verloop van tijd beëindigd wordt. 73 Het daaropvolgende wetsvoorstel in verband met de sanering van schulden van natuurlijke personen 74 is eind 1992 bij de Tweede Kamer ingediend. Omdat in de Eerste Kamer politieke problemen waren ontstaan in verband met de vrees 75 dat de wet in de uitvoering te gecompliceerd zou uitpakken, werd in 1997 een wijzigingsvoorstel, ook bekend als de novelle ingediend. 76 De Wsnp kwam uiteindelijk pas op 25 juni 1998 tot stand en trad op 1 december 1998 in werking. De wet voert titel III Schuldsaneringsregeling natuurlijke personen in de Nederlandse Faillissementswet 77 (Fw) in. De regeling is terug te vinden in de artikelen 284 tot en met 362 Faillisementswet. De wettelijke schuldsaneringsregeling komt als derde instrument in de Faillissementswet naast het faillissement en de surseance van betaling. 78 Dit is een belangrijk verschilpunt met de Belgische wetgeving, waar de regeling is ingeschreven in het Gerechtelijk Wetboek. Verder zal aan bod komen dat de Belgische wetgever, in tegenstelling tot de Nederlandse, geopteerd heeft voor een duidelijk onderscheid tussen het faillissement voor ondernemers enerzijds en de collectieve schuldenregeling voor particulieren anderzijds. In Nederland daarentegen heeft 71 Wet 4 juni 1992 houdende algemene regels van bestuursrecht (Algemene wet bestuursrecht), Stb. 1992, 315 (hierna: Algemene wet bestuursrecht of Awb). 72 Motie (C.S. BIESHEUVEL) bij het ontwerp van wet houdende de algemene regeling van beslag op loon, sociale uitkeringen en andere periodieke betalingen, Kamerstukken II 1988/89, 17897, B. WESSELS, Schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen in Wessels Insolventierecht, Deventer, Kluwer, 2012, 1 (hierna: B. WESSELS, Schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen). 74 Voorstel van wet tot wijziging van de Faillissementswet in verband met de sanering van schulden van natuurlijke personen, Kamerstukken II 1992/93, 22969, Zie A. VAN HEES, De Eerste Kamer moet het wetsvoorstel Saneringsregeling natuurlijke personen verwerpen, NJB 1996, F. SALOMONS, Schuldsanering voor natuurlijke personen in Nederland, supra noot 32, (229) Wet 30 september 1893 op het faillissement en de surséance van betaling. 78 B. WESSELS, Schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen, supra noot 73,

27 men met de wettelijke schuldsaneringsregeling een alternatief willen bieden aan natuurlijke personen voor het faillissement. 26. Al snel na de invoering rees er kritiek op de toepassing van de nieuwe regeling, mede in het licht van de vele duizenden schuldsaneringszaken die voor de rechter kwamen. Intussen zijn er twee structurele wijzigingen doorgevoerd. 79 Vooreerst werd met ingang van 15 januari 2005 een 15-tal wetswijzigingen aangebracht. 80 De wijzigingen hebben in het bijzonder betrekking op de invoering van het Centraal Insolventieregister, maar kennen ook enkele inhoudelijke bepalingen. De wijzigingen met ingang van 1 januari 2008 waren echter veel ingrijpender. 81 De herziening van de schuldsaneringsregeling leidde tot ruim vijftig wijzigingen en aanvullingen van titel III van de Faillissementswet. De hoofddoelstellingen waren de beheersing van het toenemende beroep op de schuldsaneringsregeling, alsmede de vereenvoudiging en flexibilisering van de gehele regeling. 27. De wetgever had bij de invoering van de wettelijke schuldsaneringsregeling drie doelstellingen geformuleerd. In eerste instantie heeft de wet als hoofddoel het voorkomen dat een natuurlijk persoon die in een problematische financiële situatie is terechtgekomen tot in de lengte van jaren met zijn schulden achtervolgd kan worden. Daarbij geldt als uitgangspunt dat bevrediging van schuldeisers geen voorwaarde kan zijn voor het bieden van uitzicht aan natuurlijke persoenen om als het ware weer met een schone lei verder te kunnen gaan. 82 Ook in de Nederlandse regeling komt de gedachte van de fresh start of de schone lei-gedachte naar boven. Tegenover dit uitgangspunt staat dat van de schuldenaar een zo groot mogelijke bijdrage en inspanning moet worden gevergd. 83 Voorts wordt beoogd faillissementen van natuurlijke personen zo veel mogelijk terug te dringen. 84 De artikelen 3, 3a en 3b Faillissementswet brengen de tweede doelstelling tot uitdrukking: bij natuurlijke personen geniet de toepassing van schuldsanering de voorkeur boven faillietverklaring. Zoals hierboven aangehaald, vormt deze doelstelling een duidelijk verschil met de Belgische regeling. 79 B. WESSELS, Schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen, supra noot 73, Wet 24 november 2004 tot wijziging van de Faillissementswet in verband met het bevorderen van de effectiviteit van surseance van betaling en faillissement, Stb. 2004, Wet 24 mei 2007 tot wijziging van de Faillissementswet in verband met herziening van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, Stb. 2007, Memorie van toelichting bij het voorstel van wet tot wijziging van de Faillissementswet in verband met de sanering van schulden van natuurlijke personen, Kamerstukken II 1992/93, 22969, 3, p Ibid. 84 Ibid. 25

28 Tot slot beoogt de regeling in belangrijke mate de buitengerechtelijke schuldsanering, alsmede de schuldhulpverlening, te vergemakkelijken en deze te bevorderen. 85 Door het bestaan van een wettelijke schuldsaneringsregeling zal de bereidheid van schuldeisers tot het treffen van regelingen in onderling overleg of tot het aangaan van een minnelijk akkoord met de schuldenaar worden bevorderd, aldus de memorie van toelichting. 86 In een eerste evaluatie van de Wsnp in 2001 kwamen verschillende aanwijzingen naar boven dat deze doelstelling niet werd gehaald. Het lijkt erop, zo vatte de regering samen, dat de Wsnp zelfs eerder als een stok naar de deur dan als een stok achter de deur werkt. 87 Na de wetswijzigingen in 2008 en de recente Wet gemeentelijke schuldhulpverlening moet vastgesteld worden dat de slagingspercentages van de minnelijke trajecten echter sterk gestegen zijn De huidige wettelijke saneringsregeling (wsnp) 89 voorziet vooreerst in een aantal wettelijke instrumenten ter versterking van het informele buitengerechtelijke traject, zoals het dwangakkoord en de voorlopige voorziening bij bedreigende situatie. Slagen problematische schuldenaars met de medewerking van de schuldhulpverlening er alsnog niet in op minnelijke wijze een schuldregeling te treffen, kunnen zij de rechtbank verzoeken de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken. Het toepasselijk verklaren, brengt de vorming van de boedel met zich mee. De boedel strekt tot verhaal van de vorderingen ten aanzien waarvan de schuldsaneringsregeling werkt, met name de vorderingen die reeds bestonden op het tijdstip van toelating tot de wsnp. Het collectieve verhaal komt, behoudens uitzonderingen, in de plaats van individuele beslag- en executiemaatregelen. Met onmiddellijke ingang van de toepassing worden immers alle tot verhaal van schulden aangevangen executies geschorst en wordt beslag op de tot de boedel behorende goederen onmogelijk gemaakt voor schuldeisers ten aanzien waarvan de schuldsaneringsregeling werkt. Daarnaast kan maar niet noodzakelijk een afkoelingsperiode worden afgekondigd waarin geen enkele schuldeiser, ook diegene niet ten aanzien waarvan de schuldsaneringsregeling niet werkt, executiemaatregelen kan aanwenden tegenover tot de boedel behorende goederen. Als keerzijde van deze beschermingsmedaille wordt aan de schuldenaar het beheer en de beschikking over zijn vermogen onttrokken. 85 B. WESSELS, Schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen, supra noot 73, MvT, Kamerstukken II 1992/93, 22969, 3, p Kamerbrief ministers van justitie en van sociale zaken en werkgelegenheid van 27 februari 2002, Kamerstukken II 2001/02, 28258, 1, p Infra nr Hierna: wsnp. 26

29 In tegenstelling tot de Belgische regeling, die in de eerste plaats een aanzuiveringsregeling beoogt, heeft de wettelijke schuldsaneringsregeling in beginsel de liquidatie van het vermogen tot doel gezien de pogingen een schuldenregeling uit te werken in de minnelijke fase vruchteloos bleken. Daartoe wordt een bewindvoerder aangesteld die het beheer over de tot de boedel behorende goederen van de schuldenaar verkrijgt, alsmede het recht om over deze goederen te beschikken. Naast het toezicht op de naleving door de schuldenaar van diens verplichtingen die uit de schuldsaneringsregeling voortvloeien, is de bewindvoerder aldus belast met het beheer en de vereffening van de boedel. Aan de bewindvoerder komen bijgevolg vergelijkbare bevoegdheden toe als aan de faillissementscurator. 90 Toch kan de schuldenaar, bij wijze van ultieme onderhandelingspoging om een schuldenregeling zonder liquidatie te bekomen, alsnog een ontwerp van akkoord aanbieden aan zijn schuldeisers. Die laatsten zullen met een mogelijke kwijtschelding van schulden in het vooruitzicht misschien sneller geneigd zijn hun instemming te verlenen. De homologatie van een eventueel akkoord brengt meteen het einde van de wsnp met zich mee. Naast de aanstelling van een bewindvoerder, wordt in de toelatingsbeschikking steeds een rechtercommissaris benoemd. Aan hem wordt het toezicht op de bewindvoerder en het verdere verloop van de wsnp opgedragen. Zowel bij de schuldenaar als bij de schuldeisers ligt immers een zeker wantrouwen tegen de bewindvoerder, niet in het minst omdat een deel of zelfs het geheel van de boedel opgaat aan diens salaris. De uiteindelijke saneringsregeling kent een looptijd van drie tot vijf jaar. Oorspronkelijk voorzag de wet in een saneringsplan. Omdat het saneringsplan niet als zinvol werd ervaren, is het met ingang van 2008 afgeschaft. Gedurende de wsnp wordt aan de schuldenaar een aantal verplichtingen opgelegd met als doel zijn vermogen ter voldoening van de schuldeisers te vergroten. Nakoming van de opgelegde verplichtingen geeft de schuldenaar zicht op een schone lei aan het einde van de wsnp. De schone lei houdt in dat de vorderingen waarvoor de schuldsaneringsregeling werkt, voor zover zij bij de beëindiging van de schuldsanering niet zijn voldaan, van hun afdwingbaarheid worden ontdaan en derhalve worden omgezet in natuurlijke verbintenissen. 91 Feitelijk komt dit voor de schuldenaar zelf neer op een finale kwijtschelding. 29. Tot slot moet opgemerkt worden dat de regels en formaliteiten met betrekking tot de behandeling van de uitspraak over een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling over 90 F. SALOMONS, Schuldsanering voor natuurlijke personen in Nederland, supra noot 32, (229) F. SALOMONS, Schuldsanering voor natuurlijke personen in Nederland, supra noot 32, (229)

30 twee niet-wettelijke regelingen zijn verspreid: de Recofa-richtlijnen en het procesreglement LOVCK Evaluatie 30. Een oppervlakkige bestudering van het wettelijk kader in België en Nederland levert reeds drie opmerkelijke conclusies op. Vooreerst valt op dat de regulering van de buitengerechtelijke schuldbemiddeling en hulpverlening in Nederland veel verder staat. Dit is voornamelijk te danken aan de zelfregulering door en onderlinge afspraken tussen de verschillende actoren in het veld. Toch speelt ook de Nederlandse wetgever een rol door een wettelijk kader te creëren. In België daarentegen beperkt de overheid zich tot de uitvoering van de Europese richtlijn inzake het consumentenkrediet en reglementering omtrent de erkenning van schuldbemiddelingsinstanties. Daarenboven komt duidelijk naar voren dat de Nederlandse beleidsmakers de noden op vlak van de schuldhulpverlening als gevolg van de recente crisis heeft aangegrepen om het bestaande wettelijk kader te evalueren en bij te spijkeren. Dit zou als inspiratie kunnen werken voor de Belgische beleidsmakers die de afgelopen jaren niet verder kwamen dan enkele beperkte bijsturingen in de regelgeving omtrent de collectieve schuldenregeling. Tot slot onderscheiden de wettelijke regelingen om via een gerechtelijke procedure de burgers met problematische schulden een uitweg te bieden zich toch op twee vlakken. Het eerste onderscheid ligt in de methodiek. De Belgische collectieve schuldenregeling richt zich in de eerste plaats op het bekomen van een aanzuiveringsregeling, met een duidelijke voorkeur naar een minnelijke onderhandelde oplossing zonder al te veel tussenkomst van de rechter binnen deze gerechtelijke procedure. De belangrijkste actor is dan ook de benoemde schuldbemiddelaar. De Nederlandse wettelijke schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen daarentegen beoogt in het gerechtelijk wettelijk traject voornamelijk de liquidatie van het vermogen. Het bekomen van een schuldenregeling met schuldeisers moet het voorwerp zijn van het zogenaamde minnelijke traject, 92 Vereniging van Rechters-commissarissen in Faillissement, Recofa-richtlijnen voor schuldsaneringsregelingen, 23 maart 2009, (hierna: Recofarichtlijnen). 93 Landelijk overleg van de Voorzitters van de Civiele sectoren van de rechtbanken en kantonsectoren van de rechtbanken, Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbanken, 5 november 2012, Stcrt. 2012, en (hierna: procesreglement LOVCK). 94 B. WESSELS, Schuldsaneringsregeling voor natuurlijke personen, supra noot 73, 7. 28

31 m.n. de buitengerechtelijke schuldbemiddeling en hulpverlening. De belangrijkste actor in de wsnp is bijgevolg de aangestelde bewindvoerder. Het tweede onderscheid blijkt uit de plaats in de wetgeving die de regelingen innemen. De wsnp vindt men terug in de Nederlandse Faillissementswet. De wsnp is dan ook bedoeld als alternatief voor het faillissement en geniet zelfs de voorkeur op het faillissement. De collectieve schuldenregeling, ingeschreven in het Gerechtelijk Wetboek, moet daarentegen onderscheiden worden van het faillissement. Dit zal duidelijk worden bij de bespreking van de toegangsvoorwaarden tot de regeling Infra nrs. 88 et seq. 29

32 30

33 DEEL 2: DE BUITENGERECHTELIJKE SCHULDBEMIDDELING EN -HULPVERLENING Hoofdstuk 1: België 1 Wet consumentenkrediet en schuldbemiddeling 31. Schuldbemiddeling was in België voor het eerst het voorwerp van reglementering in de wet op het consumentenkrediet. Artikel 1.13 WCK definieert schuldbemiddeling als de dienstverlening, met uitsluiting van het sluiten van een kredietovereenkomst, met het oog op het totstandbrengen van een regeling omtrent de wijze van betaling van de schuldenlast die geheel of ten dele uit een of meer kredietovereenkomsten voortvloeit. Dit betekent dat van zodra één schuld betrekking heeft op een kredietovereenkomst in de zin van de wet consumentenkrediet, het geheel van de schuldbemiddeling onder artikel 67 WCK ressorteert Artikel 67 WCK behoudt de schuldbemiddelingsactiviteit voor aan een beperkt aantal professionelen met de bedoeling wildgroei en de daaraan verbonden kwaliteitsverlaging tegen te gaan. 97 Het artikel luidt als volgt: De schuldbemiddeling is verboden, behalve: 1 wanneer zij wordt verricht door een advocaat, een ministerieel ambtenaar of een gerechtelijk mandataris in de uitoefening van zijn beroep of zijn ambt; 2 wanneer zij wordt verricht door overheidsinstellingen of door particuliere instellingen die daartoe door de bevoegde overheid zijn erkend. De personen bedoeld onder artikel 67, 1 mogen m.a.w. ambtshalve en zonder bijzondere erkenning aan schuldbemiddeling doen, tenminste voor zover zij daarbij binnen de uitoefening van hun beroep en/of opdracht blijven. De onder artikel 67, 2 bedoelde instellingen, zowel de overheidsinstellingen als de particuliere instellingen, moeten worden erkend om aan schuldbemiddeling te mogen doen G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) 213, nr M. LAMBRECHTS, Overmatige schuldenlast en kansarmoede: overmatig recht of arm recht, supra noot 16, (113)

34 2 Schuldbemiddeling in Vlaanderen Ingevolge artikel 6 van het Vlaams decreet op de schuldbemiddeling komen in Vlaanderen openbare centra voor maatschappelijk welzijn (OCMW S) en door de Vlaamse overheid erkende instellingen voor algemeen welzijnswerk (CAW s) in aanmerking voor erkenning om aan schuldbemiddeling te mogen doen. Artikel 5 onderwerpt de instellingen aan twee cumulatieve voorwaarden voor erkenning. Zij moeten ten behoeve van schuldbemiddeling een maatschappelijk werker ter beschikking hebben die een gespecialiseerde opleiding van minimaal zestig uren doorliep of het bewijs levert van ten minste drie jaar nuttige beroepservaring. Tegelijkertijd moeten zij het bewijs leveren een doctor of licentiaat in de rechten tewerk te stellen met voornoemde kwalificatie of een overeenkomst gesloten hebben hetzij met een doctor of licentiaat in de rechten die aan minstens één van de voorwaarden voldoet, hetzij met een orde van advocaten bij een balie. De erkenning wordt initieel toegekend voor een periode van drie jaar en is daarna hernieuwbaar voor een periode van onbepaalde duur. 100 De schuldbemiddeling is in beginsel kosteloos, behoudens de aan de schuldbemiddelingsprocedure verbonden kosten 101, d.w.z. telefoon-, briefwisselings-, verplaatsingskosten, reiskosten, kosten m.b.t. het verzamelen van informatie, kortom de werkingskosten. 102 Voorts voorziet het decreet in de oprichting van het Vlaams Centrum Schuldenlast (VCS). 103 Deze door de Vlaamse overheid gesubsidieerde instelling is het steunpunt en expertisecentrum inzake de schuldenthematiek in Vlaanderen De artikelen 1 tot en met 11 van het Vlaams uitvoeringsbesluit op de schuldbemiddeling regelen de erkenningsprocedure. Daarnaast bepaalt artikel 12 de gespecialiseerde opleiding tot schuldbemiddelaar waarvan sprake in het decreet. Het uitvoeringsbesluit stelt een opleiding in financiële hulpverlening in, met als opleidingsonderdelen: de maatschappelijke situering van de financiële hulpverlening en 99 Worden niet besproken in deze bijdrage: de regelingen in het Waals Gewest, het Duitstalig Gebied en het Brussels hoofdstedelijk gebied. 100 Art. 4 Vlaams decreet op de schuldbemiddeling. 101 Art. 7 Vlaams decreet op de schuldbemiddeling. 102 G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) 213, nr Art. 10ter Vlaams decreet op de schuldbemiddeling

35 schuldbemiddeling, de juridische en financiële aspecten van schuldbemiddeling, de methodologie en deontologie van de schuldbemiddelaar. 105 Artikel 13 geeft aan op welke wijze een nuttige beroepservaring van tenminste drie jaar tot erkenning kan leiden. De nuttige beroepservaring moet blijken uit een schriftelijke verklaring van de persoon met wie de instelling een overeenkomst sloot. De verklaring geeft aan op welke wijze en op welke terreinen men beroepservaring inzake financiële hulpverlening heeft verworven, alsook de periode van de ervaring. De instelling bij wie of met wie de beroepservaring werd opgedaan, moet de schriftelijke verklaring attesteren. 106 Artikel 14 beperkt de procedurekosten die kunnen aangerekend worden. Private instellingen kunnen daadwerkelijke procedurekosten terugvorderen ten belope van een maximumbedrag. Het betreft de rechtstreeks aan de schuldbemiddelingsprocedure verbonden reële werkingskosten. Terugvorderen kan slechts na het beëindigen van de schuldbemiddelingsactiviteit. De terugvordering is facultatief. Van personen die een inkomen hebben dat niet hoger is dan het bestaansminimum mogen echter geen kosten teruggevorderd worden. Het uitvoeringsbesluit voorziet eveneens een modelovereenkomst bij schuldbemiddeling dat verplicht gebruikt moet worden door de instellingen. 107 Tot slot reglementeert het uitvoeringsbesluit de werking en subsidiëring van het Vlaams Centrum Schuldenlast. 3 Schuldhulpverlening en de invloed van de collectieve schuldenregeling op de buitengerechtelijke praktijk 35. In de praktijk bestaan in Vlaanderen enkele zeer specifieke vormen van hulp voor mensen met schulden. Zij kunnen daarvoor meestal terecht bij het OCMW uit de gemeente waar men woonachtig is of bij een CAW in de regio. 36. Deze verlenen in de eerste plaats budgethulpverlening onder de vorm van budgetbegeleiding en budgetbeheer. Budgetbegeleiding is de minst ingrijpende vorm van budgethulpverlening. Het doel van budgetbegeleiding is dat men goed leert hoe men inkomsten en uitgaven kan beheren. De 105 G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) , nr G. STRAETMANS, Consumentenrechtelijke aspecten, supra noot 11, (169) 214, nr Art. 9, 7 van het Vlaams decreet op de schuldbemiddeling. 33

36 hulpzoekende beheert het budget zelf, bijgestaan in raad en daad door een maatschappelijk werker. De maatschappelijk werker helpt met het opmaken van een budgetplan, een inventaris van de schulden, geeft advies en biedt persoonlijke ondersteuning. Bij moeite met het zelfstandig betalen van de rekeningen, het bijhouden van de administratie en het volgen van een budgetplan, is het voor de hulpzoekende aan te raden budgetbeheer te overwegen. Het doel van budgetbeheer is hetzelfde als dat van budgetbegeleiding, maar gaat wel verder. Het verschil met budgetbegeleiding is dat de maatschappelijk werker nu het beheer van het vermogen overneemt van de hulpzoekende. Dit betekent dat de maatschappelijk werker de inkomsten ontvangt en de betaling van de vaste kosten en schulden in de plaats van de hulpzoekende. Deze laatste krijgt een leefgeld om eten of andere noodzakelijke aankopen te kunnen betalen. 37. Deze vormen van budgethulpverlening bieden echter geen oplossing voor personen met grote schuldproblemen. OCMW s en CAW s zullen in dat geval overgaan tot schuldhulpverlening onder de vorm van schuldbemiddeling. Zoals aangehaald is schuldbemiddeling door advocaten, notarissen en gerechtsdeurwaarders eveneens toegelaten, maar dit komt minder voor. 108 Hoewel er behoudens de opleiding van de schuldbemiddelaars en erkenningsvoorwaarden van de schuldbemiddelingsinstellingen geen regels voorhanden zijn, vormt de buitengerechtelijke schuldhulpverlening een niet onbelangrijke schakel in de curatieve strijd tegen de schuldoverlast. Onderstaande tabel 109 geeft het aantal gezinnen in Vlaanderen weer die in 2013 een beroep deden op de buitengerechtelijke hulpverlening zonder zich te moeten wenden tot de rechter met een verzoek tot toelating tot de collectieve schuldenregeling Bron: VLAAMS CENTRUM SCHULDENLAST, Onderzoeksrapport: cijfer- en profielgegevens van de Vlaamse huishoudens in budget- en/of schuldhulpverlening anno 2013, pdf, 7. 34

37 38. De wettelijke regeling van de gerechtelijke procedure tot de collectieve schuldenregeling heeft echter een onmiskenbare invloed op de buitengerechtelijke schuldbemiddeling. In de collectieve schuldenregeling zit de buitengerechtelijke aanpak van schuldenproblemen immers voor een deel ingebakken. Eens de arbeidsrechter de schuldenaar heeft toegelaten tot de regeling in zijn beschikking, wordt een schuldbemiddelaar aangeduid en breekt de fase van de minnelijke aanzuiveringsregeling aan. De schuldbemiddelaar tracht buiten de rechtbank om een akkoord te vormen met de schuldeisers die hij vervolgens ter homologatie zal aanbieden aan de rechter. Gezien dit verloop alsmede de bescherming die de procedure aan de schuldenaar biedt tegen zijn schuldeisers, wordt vrij snel en vaker beroep gedaan op de gerechtelijke procedure. Het lijkt nochtans logischer om meer wettelijke instrumenten ter beschikking te stellen die het minnelijk buitengerechtelijk traject versterken. 110 De aanwending van de insolventieprocedure zou slechts in subsidiaire orde mogen worden aangewend. 110 M. EL OMARI, Visie, ervaringen en aanbevelingen van de erkende instellingen voor schuldbemiddeling in Vlaanderen in F. MOEYKENS (ed.), De Praktijkjurist XVII 10 jaar collectieve schuldenregeling, Gent, Story, 2011 en

Hoofdstuk I: Inzake de toepasselijke wetgeving:

Hoofdstuk I: Inzake de toepasselijke wetgeving: Hoofdstuk I: Inzake de toepasselijke wetgeving: Afdeling I: De oorspronkelijke wet van 5 juli 1998 en de diverse wetswijzigingen: Bij wet van 5 juli 1998 2 werd een titel IV toegevoegd aan het Gerechtelijk

Nadere informatie

No.W03.04.0378/I 's-gravenhage, 10 september 2004

No.W03.04.0378/I 's-gravenhage, 10 september 2004 No.W03.04.0378/I 's-gravenhage, 10 september 2004 Bij Kabinetsmissive van 27 juli 2004, no.04.002990, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Justitie, bij de Raad van State ter overweging

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer,

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, ADVIES Nr 03 / 1999 van 27 januari 1999 O. Ref. : 10 / A / 98 / 030 / 10 BETREFT : Ontwerp van koninklijk besluit tot regeling van de registratie van de berichten van collectieve schuldenregeling door

Nadere informatie

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening Artikel 1. Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: college:college van burgemeester en wethouders van de gemeente Staphorst waarmee de GKB een

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 24 515 Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting Nr. 190 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt Den Haag, 3 november 2006 Aan de leden en de plv. leden van de Vaste Commissie voor Justitie OVERZICHT van stemmingen in de Tweede Kamer betreffende

Nadere informatie

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Velsen 2013

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Velsen 2013 Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Velsen 2013 Artikel 1 Begripsbepalingen In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a. college: college van burgemeester en wethouders van Velsen; b. inwoner:

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 33 400 VI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (VI) voor het jaar 2013 Nr. 16 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS

Nadere informatie

Jaarverslag Juridische dienstverlening

Jaarverslag Juridische dienstverlening Jaarverslag Juridische dienstverlening Woensdag 10 april 2013 Lovendegem Bianca Buysse Renate Cools Sarah Forsyth Jaarverslag juridische dienstverlening Welzijnsband Meetjesland Woensdag 10 april 2013

Nadere informatie

Toelating schuldhulpverlening gemeente Waalwijk

Toelating schuldhulpverlening gemeente Waalwijk Het College van Waalwijk, gelet op de artikelen 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs), overwegende dat de Raad van Waalwijk bij besluit van 13 september 2012 een plan heeft vastgesteld

Nadere informatie

Datum 10 december 2014 Betreft Kamervragen van de leden Yïcel (PvdA) en Schouten (CU) over onoplosbare schulden

Datum 10 december 2014 Betreft Kamervragen van de leden Yïcel (PvdA) en Schouten (CU) over onoplosbare schulden > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1998 477 Besluit van 15 juli 1998, houdende regels ter uitvoering van artikel 320, zesde lid, van de Faillissementswet in verband met de vaststelling

Nadere informatie

BELEIDSREGELS SCHULDHULPVERLENING GEMEENTE MONTFOORT

BELEIDSREGELS SCHULDHULPVERLENING GEMEENTE MONTFOORT BELEIDSREGELS SCHULDHULPVERLENING GEMEENTE MONTFOORT 1 Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Montfoort 2013 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montfoort Gelet op: de Algemene

Nadere informatie

Samenloop van grondrechten in verschillende rechtsstelsels, multiculturaliteit in het strafrecht & schuldsanering en collectieve schuldenregeling

Samenloop van grondrechten in verschillende rechtsstelsels, multiculturaliteit in het strafrecht & schuldsanering en collectieve schuldenregeling Vereniging voor de vergelijkende studie van het recht van Belgié en Nederland Samenloop van grondrechten in verschillende rechtsstelsels, multiculturaliteit in het strafrecht & schuldsanering en collectieve

Nadere informatie

Schuldeisers kunnen kiezen

Schuldeisers kunnen kiezen Schuldeisers kunnen kiezen Welke stappen kunnen schuldeisers zetten om vorderingen te innen? Raad voor Rechtsbijstand s-hertogenbosch Bureau Wsnp (0900) 202 66 20 ( 0,10 p/m) wsnpinfo@rvr.org schuldeisers

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 15 JANUARI 2010 C.08.0349.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. C.08.0349.F A. S., Mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, tegen D. A. M., Mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof

Nadere informatie

De beleidsregels treden in werking, de dag na publicatie, 21 februari 2013.

De beleidsregels treden in werking, de dag na publicatie, 21 februari 2013. Gemeenteblad Nijmegen Jaartal / nummer 2013 / 038 Naam Beleidsregels schuldhulpverlening 2013 Publicatiedatum 20 februari 2013 Opmerkingen - Besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 19 februari 2013,

Nadere informatie

NOTA VAN TOELICHTING ALGEMEEN. 1. Inleiding

NOTA VAN TOELICHTING ALGEMEEN. 1. Inleiding NOTA VAN TOELICHTING ALGEMEEN 1. Inleiding Schuldbemiddeling betreft activiteiten gericht op de totstandkoming van een regeling met betrekking tot de bestaande schuldenlast van een schuldenaar met zijn

Nadere informatie

GEDRAGSCODE SOCIALE KREDIETVERLENING

GEDRAGSCODE SOCIALE KREDIETVERLENING GEDRAGSCODE SOCIALE KREDIETVERLENING vastgesteld november 2015 Titel 1 ALGEMENE BEPALINGEN De leden van de NVVK, vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, in aanmerking nemende dat: zij

Nadere informatie

Mogelijkheden Juridische Dwangmiddelen in het minnelijke traject

Mogelijkheden Juridische Dwangmiddelen in het minnelijke traject Mogelijkheden Juridische Dwangmiddelen in het minnelijke traject Karen Stoffels-Montfoort, Zuidweg & Partners Het dwangakkoord De voorlopige voorziening bij bedreigende schulden: "het moratorium" De voorlopige

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2515 AA 's-gravenhage W&B/B&K/05/10446

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2515 AA 's-gravenhage W&B/B&K/05/10446 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2515 AA 's-gravenhage Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Renkum 2012 e.v.

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Renkum 2012 e.v. Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Renkum 2012 e.v. Artikel 1. Begripsbepalingen In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente

Nadere informatie

2008D17655 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG

2008D17655 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG 2008D17655 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG De vaste commissie voor Justitie heeft een aantal vragen voorgelegd aan de minister van Justitie naar aanleiding van de brief van 27 oktober 2008 inzake

Nadere informatie

De collectieve schuldenregeling in de praktijk

De collectieve schuldenregeling in de praktijk De collectieve schuldenregeling in de praktijk De collectieve schuldenregeling is een gerechtelijke procedure die u in staat stelt om uw schulden te betalen en tegelijkertijd waarborgt dat u een menswaardig

Nadere informatie

a. college: college van burgemeester en wethouders van Menterwolde;

a. college: college van burgemeester en wethouders van Menterwolde; Burgemeester en Wethouders van de gemeente Menterwolde; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Besluiten vast te stellen de volgende beleidsregels: Beleidsregels

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 24 515 Preventie en bestrijding van stille armoede en sociale uitsluiting Nr. 59 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Nadere informatie

Workshop consumentenkredieten

Workshop consumentenkredieten Workshop consumentenkredieten Inspiratiedag financiële vorming Maandag 26 oktober 2015 Inhoud van de workshop I. Korte toelichting II. Concrete voorbeelden III. (Overmatige) schuldenlast IV. Vragen en

Nadere informatie

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer Januari 2016 Kenmerk: I-SZ/2015/3138 / RIS 2016-122 (Bijlage 1) . Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening

Beleidsregels Schuldhulpverlening Beleidsregels Schuldhulpverlening Het college van burgemeester en wethouders van Kaag en Braassem; - gezien het voorstel van 11 december 2012; - gelet op artikel 147 lid 3 van de Gemeentewet; besluit vast

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Schulden, hoe kom ik ervan af? Ik kan de rekeningen niet meer betalen. Wat nu? Wat kan ik zelf doen aan mijn schulden?

Inhoudsopgave. Schulden, hoe kom ik ervan af? Ik kan de rekeningen niet meer betalen. Wat nu? Wat kan ik zelf doen aan mijn schulden? met schulden Inhoudsopgave 3 Schulden, hoe kom ik ervan af? 4 5 6 7 8 10 11 12 13 14 Ik kan de rekeningen niet meer betalen. Wat nu? Wat kan ik zelf doen aan mijn schulden? Bij wie kan ik terecht voor

Nadere informatie

Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Gemeente IJsselstein

Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Gemeente IJsselstein Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Gemeente IJsselstein Mei 2012 1 Inhoudsopgave Artikel 1. Begripsbepalingen...3 Artikel 2. Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening...3 Artikel 3. Aanbod schuldhulpverlening...3

Nadere informatie

ontvangen van alle inkomsten van de cliënt ter reservering van de afloscapaciteit en ter doorstorting van het restant naar de cliënt;

ontvangen van alle inkomsten van de cliënt ter reservering van de afloscapaciteit en ter doorstorting van het restant naar de cliënt; Veren ging uoor schuldhulpv rl n ng n sociaal bank eren ALGEMENE VOORWAARDEN SCHULDBEM IDDELING Definities 1. ln deze algemene voonruaarden wordt verstaan onder: Budgetbeheer: Cliënt: Financieel beheer:

Nadere informatie

Rolnummer 3739. Arrest nr. 79/2006 van 17 mei 2006 A R R E S T

Rolnummer 3739. Arrest nr. 79/2006 van 17 mei 2006 A R R E S T Rolnummer 3739 Arrest nr. 79/2006 van 17 mei 2006 A R R E S T In zake : het beroep tot vernietiging van de artikelen 413bis tot 413octies van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingevoegd bij

Nadere informatie

Van schuld naar schone lei; evaluatie Wet Schuldsanering natuurlijke personen

Van schuld naar schone lei; evaluatie Wet Schuldsanering natuurlijke personen Van schuld naar schone lei; evaluatie Wet Schuldsanering natuurlijke personen N. Jungmann, E. Niemeijer, M.J. ter Voert Onderzoek en beleid, nr. 190 Samenvatting Achtergrond Sinds 1 december 1998 is de

Nadere informatie

Bijlage 1: Bijzondere bijstand

Bijlage 1: Bijzondere bijstand 07.0001914 Bijlage 1: Bijzondere bijstand Individuele bijzondere bijstand Niet iedereen zal een duidelijk beeld hebben van wat bijzondere bijstand precies inhoudt. Daarom wordt hierbij een korte omschrijving

Nadere informatie

Beleidsregels. Schuldhulpverlening. gemeente Reimerswaal

Beleidsregels. Schuldhulpverlening. gemeente Reimerswaal Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Reimerswaal D:\bct\3party\neevia.com\Document Converter\temp\DSPDF_9D2_31303938323735313332.DOC 1 Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Reimerswaal GEMEENTE

Nadere informatie

Een schuldregeling KREDIETBANK

Een schuldregeling KREDIETBANK SOZAWE Een schuldregeling KREDIETBANK De Groningse Kredietbank (GKB), onderdeel van de Een schuldregeling: hulp bij problematische schulden dienst Sociale Zaken en Werk van de gemeente Het kan gebeuren

Nadere informatie

Foto: ANP/ Lex van Lieshout

Foto: ANP/ Lex van Lieshout Hulp bij schulden Foto: ANP/ Lex van Lieshout Hulp bij schulden In Nederland hebben veel huishoudens te kampen met problematische schulden. Behoort ook ú daartoe en vindt u het vervelend om hulp te vragen

Nadere informatie

De Raad voor Rechtsbijstand geeft met betrekking tot de Wsnp nog enkele andere folders uit, namelijk:

De Raad voor Rechtsbijstand geeft met betrekking tot de Wsnp nog enkele andere folders uit, namelijk: De Raad voor Rechtsbijstand geeft met betrekking tot de Wsnp nog enkele andere folders uit, namelijk: Werken aan een schuldenvrije toekomst (Deze folder geeft informatie aan schuldenaren over de mogelijkheden

Nadere informatie

Beleidsregels Toelating tot de schuldhulpverlening

Beleidsregels Toelating tot de schuldhulpverlening Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heusden, gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, besluiten vast te stellen de volgende beleidsregels: Beleidsregels

Nadere informatie

Rapport. Datum: 8 april 2005 Rapportnummer: 2005/111

Rapport. Datum: 8 april 2005 Rapportnummer: 2005/111 Rapport Datum: 8 april 2005 Rapportnummer: 2005/111 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), kantoor Alkmaar, het door de Belastingdienst gelegde beslag

Nadere informatie

ZELFREDZAAMHEID in Amsterdam

ZELFREDZAAMHEID in Amsterdam PROBLEMATISCHE SCHULDEN EN ZELFREDZAAMHEID in Amsterdam oktober 2013 Steeds meer mensen hebben schulden en de schulden die zij hebben zijn groter dan voorheen. In 2012 melden 11% meer mensen zich bij kredietbanken

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 32 123 VI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Justitie (VI) voor het jaar 2010 Nr. 125 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Januari 2013. Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren?

Januari 2013. Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren? Januari 2013 Krediet en overmatige schuldenlast: wat leren wij uit de cijfers 2012 van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren? Analyse uitgevoerd voor het Observatorium Krediet en Schuldenlast Duvivier

Nadere informatie

College van B en W van de Gemeente Breda. Beleidsregels over toelating tot schuldhulpverlening

College van B en W van de Gemeente Breda. Beleidsregels over toelating tot schuldhulpverlening Beleidsregels Schuldhulpverlening Breda Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is geldig tot Onderwerp Gemeente

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon

Nadere informatie

FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN.

FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN. FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN. HOOGTE WETTELIJKE BASIS BEREKENING WETTELIJKE RENTEVOET Voor het jaar 2015: 2,5% Mededeling in het Belgisch Staatsblad van 30/01/2015. -Wet van 05/05/1865 betreffende de lening

Nadere informatie

*Z01051DA582* Registratienummer:Z -13-00686/1826

*Z01051DA582* Registratienummer:Z -13-00686/1826 *Z01051DA582* Registratienummer:Z -13-00686/1826 Burgemeester en wethouders van de gemeente Goeree-Overflakkee besluiten, gelet op artikel 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, vast te stellen

Nadere informatie

Projectoproep. Gericht aan de schuldbemiddelingssector. Innoverende projecten of nieuwe initiatieven inzake preventie van overmatige schuldenlast

Projectoproep. Gericht aan de schuldbemiddelingssector. Innoverende projecten of nieuwe initiatieven inzake preventie van overmatige schuldenlast Projectoproep Gericht aan de schuldbemiddelingssector Innoverende projecten of nieuwe initiatieven inzake preventie van overmatige schuldenlast Uiterste datum voor het indienen van de projecten : 6 juli

Nadere informatie

Statistieken. Centrale voor kredieten aan particulieren - 2009

Statistieken. Centrale voor kredieten aan particulieren - 2009 Statistieken Centrale voor kredieten aan particulieren - 2009 Nationale Bank van België, Brussel. Alle rechten voorbehouden. De volledige of gedeeltelijke verveelvoudiging van deze brochure voor educatieve

Nadere informatie

gemeente Steenbergen De Heen Dinteloord Kruisland Nieuw-Vossemeer Steenbergen Welberg

gemeente Steenbergen De Heen Dinteloord Kruisland Nieuw-Vossemeer Steenbergen Welberg IIMIM III III II III IIII BM1401251 De raad van de gemeente Steenbergen; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 4 juni 2014; gelet op: gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet,

Nadere informatie

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Loon op Zand; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening,

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Loon op Zand; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Loon op Zand; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Besluiten vast te stellen de volgende beleidsregels: Beleidsregels

Nadere informatie

FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN.

FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN. FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN. HOOGTE WETTELIJKE RENTEVOET Voor het jaar 2014: 2,75% Mededeling in het Belgisch Staatsblad van 20/01/2014. WETTELIJKE RENTEVOET IN DE HANDELSTRANSACTIES - Eerste semester

Nadere informatie

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Als u als (ex-)ondernemer problematische schulden heeft Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Inhoudsopgave Problematische schulden herkenbaar? 3 Wat is de Wsnp? 4 Hoe komt u in de Wsnp? 6 Wat

Nadere informatie

Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering

Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering Monografieen Privaatrecht Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering Mr. A.M.J. van Buchem-Spapens Mr. Th.A. Pouw Achtste druk Kluwer - Deventer - 2008 Inhoud Lijst van afkortingen XI I. INLEIDING

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2010 2011 32 291 Het geven aan gemeenten van de verantwoordelijkheid voor schuldhulpverlening (Wet gemeentelijke schuldhulpverlening) A GEWIJZIGD VOORSTEL

Nadere informatie

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag

Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Richtlijn 98/59/EG van de Raad van 20 juli 1998 betreffende de aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake collectief ontslag Publicatieblad Nr. L 225 van 12/08/1998 blz. 0016-0021 DE RAAD VAN

Nadere informatie

Percentage achterstallige kredietnemers 5,2 % 5,4 %

Percentage achterstallige kredietnemers 5,2 % 5,4 % Departement Micro-economische informatie Laatste geregistreerde gegevens augustus 213 1. Kerncijfers TABEL 1. AANTAL KREDIETNEMERS 212-8 213-8 Variatie Met minstens: - één uitstaand contract 6.216.65 6.242.148

Nadere informatie

Datum 4 juni 2010 Betreft Schuldhulpverlening; stand van zaken toezeggingen AO 17 december 2009

Datum 4 juni 2010 Betreft Schuldhulpverlening; stand van zaken toezeggingen AO 17 december 2009 > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening Achtkarspelen

Beleidsregels Schuldhulpverlening Achtkarspelen Beleidsregels Schuldhulpverlening Achtkarspelen Artikel 1. Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. college:college van burgemeester en wethouders van de gemeente; b. inwoner: ingezetene

Nadere informatie

CONVENANT. NVVK en CJIB

CONVENANT. NVVK en CJIB CONVENANT NVVK en CJIB De ondergetekenden: 1. De Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet, statutair gevestigd te Amsterdam, in deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door drs. ing. G. Jaarsma en A.A. de Jong,

Nadere informatie

Schuldhulp- verlening

Schuldhulp- verlening Schuldhulpverlening De gemeente Nederweert kan u helpen een problematische schuldsituatie op te lossen of in de toekomst te voorkomen. Dit noemen we ook wel schuldhulpverlening. We zijn verantwoordelijk

Nadere informatie

Een goede aansluiting voorkomt vertraging. Deel 2. Inwoners, afdeling Budgetondersteuning Inburgering en Sociale recherche

Een goede aansluiting voorkomt vertraging. Deel 2. Inwoners, afdeling Budgetondersteuning Inburgering en Sociale recherche datum februari 0 versie Auteur(s) I. Dudink M. Loeven WSNP BEWINDVOERING Een goede aansluiting voorkomt vertraging Deel Inwoners, afdeling Budgetondersteuning Inburgering en Sociale recherche bezoekadres

Nadere informatie

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Tiel

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Tiel Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Het college van burgemeester en wethouders van de ; gelet op de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage B&GA/IW/03/50119. 1. Inleiding

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage B&GA/IW/03/50119. 1. Inleiding Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a 2513 AA s-gravenhage Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon

Nadere informatie

Wanbetalers in de zorgverzekering. Dilemma s in beleid. Janneke Boer Erik van den Berg Directie Zorgverzekeringen Cluster Verzekerden

Wanbetalers in de zorgverzekering. Dilemma s in beleid. Janneke Boer Erik van den Berg Directie Zorgverzekeringen Cluster Verzekerden Wanbetalers in de zorgverzekering Dilemma s in beleid Janneke Boer Erik van den Berg Directie Zorgverzekeringen Cluster Verzekerden Inhoud Aanleiding om de wet aan te passen De belangrijkste aanpassingen

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Geertruidenberg 2016. Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Geertruidenberg;

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Geertruidenberg 2016. Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Geertruidenberg; GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Geertruidenberg. Nr. 66900 26 mei 2016 Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Geertruidenberg 2016 Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente

Nadere informatie

Trage afwikkeling schuldregeling Gemeente Zaanstad Dienst Publiek Gemeentelijke Kredietbank Zaanstreek

Trage afwikkeling schuldregeling Gemeente Zaanstad Dienst Publiek Gemeentelijke Kredietbank Zaanstreek Rapport Gemeentelijke Ombudsman Trage afwikkeling schuldregeling Gemeente Zaanstad Dienst Publiek Gemeentelijke Kredietbank Zaanstreek 23 augustus 2011 RA111137 Samenvatting Een man en een vrouw hebben

Nadere informatie

VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W.

VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W. VERZOEKSCHRIFT INZAKE COLLECTIEVE SCHULDBEMIDDELING Art. 1675/4 Ger.W. Aan de Voorzitter bij de Arbeidsrechtbank Gent, afdeling ****** Ten verzoeke van: 1. Eerste verzoeker: Geboorteplaats: Burgerlijke

Nadere informatie

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aa en Hunze;

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aa en Hunze; Beleidsregels integrale schuldhulpverlening gemeente Aa en Hunze Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aa en Hunze; besluit: vast te stellen de navolgende Beleidsregels integrale schuldhulpverlening

Nadere informatie

Schulden oplossen met de Wsnp

Schulden oplossen met de Wsnp Schulden oplossen met de Wsnp Informatie over schuldsanering bij problematische schulden Inhoudsopgave Problematische schulden herkenbaar? 3 Wat is de Wsnp? 4 Hoe komt u in de Wsnp? 5 Wat doet de bewindvoerder?

Nadere informatie

Datum 27 maart 2015 Onderwerp Antwoorden kamervragen over de Wet schuldsanering natuurlijke personen

Datum 27 maart 2015 Onderwerp Antwoorden kamervragen over de Wet schuldsanering natuurlijke personen 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

behandeld door Mevr. J.A. Beerens e-mail sbeerens@waalwijk.nl

behandeld door Mevr. J.A. Beerens e-mail sbeerens@waalwijk.nl SGP-fractie Zuidhollandsedijk 44 5161 HL SPRANG-CAPELLE ons kenmerk Z14-011266 uw schrijven behandeld door Mevr. J.A. Beerens e-mail sbeerens@waalwijk.nl uw kenmerk telefoonnummer 0416 683593 verzonden

Nadere informatie

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Als u als (ex-)ondernemer problematische schulden heeft Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Inhoudsopgave Problematische schulden herkenbaar? 3 Wat is de Wsnp? 4 Hoe komt u in de Wsnp? 6 Wat

Nadere informatie

Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering

Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering Monografieén Privaatrecht Faillissement, surseance van betaling en schuldsanering Mr. A.M.J. van Buchem-Spapens Mr. Th.A. Pouw Zevende druk Deventer - 2004 Inhoud Lijst van afkortingen XI I. INLEIDING

Nadere informatie

FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN.

FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN. FICHE WETTELIJKE RENTEVOETEN. HOOGTE WETTELIJKE RENTEVOET Voor het jaar 2015: 2,5% Mededeling in het Belgisch Staatsblad van 30/01/2015. WETTELIJKE RENTEVOET IN DE HANDELSTRANSACTIES - Eerste semester

Nadere informatie

Beleidsregels Schulddienstverlening Eindhoven

Beleidsregels Schulddienstverlening Eindhoven Beleidsregels Schulddienstverlening Eindhoven Burgemeester en Wethouders van de gemeente Eindhoven Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (32.291, Staatsblad 2012,

Nadere informatie

Datum 23 april 2013 Onderwerp Beantwoording Kamervragen over toetredingsvoorwaarden van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen

Datum 23 april 2013 Onderwerp Beantwoording Kamervragen over toetredingsvoorwaarden van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den

Nadere informatie

SCHULDHULPVERLENING september 2013 1

SCHULDHULPVERLENING september 2013 1 SCHULDHULPVERLENING september 2013 1 2 Inhoudsopgave Als schulden een probleem worden... 4 Hoe vraag ik schuldhulpverlening aan? 5 Wanneer kom ik in aanmerking voor schuldhulpverlening? 5 Waaruit bestaat

Nadere informatie

Percentage achterstallige kredietnemers 5,7 % 5,2 %

Percentage achterstallige kredietnemers 5,7 % 5,2 % Departement Micro-economische informatie Laatste geregistreerde gegevens oktober 212 1. Kerncijfers TABEL 1. AANTAL KREDIETNEMERS 211-1 212-1 Variatie Met minstens: - één uitstaand contract 5.462.345 6.223.412

Nadere informatie

Invloed van het buitengerechtelijk minnelijk akkoord of de gerechtelijke reorganisatie op de schulden en vorderingen. Ontwerpadvies 2010/X

Invloed van het buitengerechtelijk minnelijk akkoord of de gerechtelijke reorganisatie op de schulden en vorderingen. Ontwerpadvies 2010/X Invloed van het buitengerechtelijk minnelijk akkoord of de gerechtelijke reorganisatie op de schulden en vorderingen Ontwerpadvies 2010/X De Wet betreffende de continuïteit van de ondernemingen 1 vervangt

Nadere informatie

Voorstel voor burgemeester en wethouders

Voorstel voor burgemeester en wethouders Voorstel voor burgemeester en wethouders Datum 18 juni 2013 Onderwerp Beleidsregels Integrale schuldhulpverlening Voorgesteld Besluit 1. De voorliggende beleidsregels vaststellen 2. De directeur van de

Nadere informatie

Samenwerkingsprotocol

Samenwerkingsprotocol Samenwerkingsprotocol Consumentenautoriteit Stichting Reclame Code 1 Samenwerkingsprotocol tussen de Consumentenautoriteit en de Stichting Reclame Code Partijen: 1. De Staatssecretaris van Economische

Nadere informatie

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Hilversum Gelet op artikel 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening,

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Hilversum Gelet op artikel 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, C:\WINDOWS\TEMP\convert13936.doc Beheerder: B&P M. van Diemen Versie: 1.0 Status: geactualiseerd Versiedatum: 07-08-2012 Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Hilversum Gelet op artikel 2 en 3 van

Nadere informatie

Centrale voor kredieten aan particulieren

Centrale voor kredieten aan particulieren Brussel, 16 oktober 2013 Peter NEEFS Rol & belang van CKP Is CKP een wondermiddel? NEE Kan CKP ervoor zorgen dat er geen wanbetalingen meer zijn? NEE Kan CKP ervoor zorgen dat de overmatige schuldenlast

Nadere informatie

Bijlage 1. Startnotitie wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening

Bijlage 1. Startnotitie wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening Bijlage 1 Startnotitie wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening 1. Inleiding Een belangrijk uitgangspunt van kabinetsbeleid is het voorkomen en wegnemen van drempels die participatie in gevaar brengen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 29 942 Wijziging van de Faillissementswet in verband met herziening van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen Nr. 4 ADVIES RAAD VAN STATE

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Parnassusplein 5 T 070 333

Nadere informatie

GOF. Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen

GOF. Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen Belgische gedragscode voor veiliger gsm-gebruik door jonge tieners en kinderen Voorwoord In februari 2007 ontwikkelden de Europese mobiele providers en content providers een gezamenlijke structuur voor

Nadere informatie

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 100 A,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 100 A, RICHTLIJN VAN DE RAAD van 22 februari 1990 tot wijziging van Richtlijn 87/102/EEG betreffende de harmonisatie van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der Lid-Staten inzake het consumentenkrediet

Nadere informatie

Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Werk en Inkomen Lekstroom

Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Werk en Inkomen Lekstroom Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Werk en Inkomen Lekstroom Vastgesteld in ab/db van 18-4-2013 Publicatie omstreeks 26 juni 2013 in de lokale bladen en werkt terug tot 1 mei 2013 Beleidsregels

Nadere informatie

Schuldhulpverlening gemeente Gouda Nota van Conclusies en Aanbevelingen

Schuldhulpverlening gemeente Gouda Nota van Conclusies en Aanbevelingen Schuldhulpverlening gemeente Gouda Nota van Conclusies en Aanbevelingen Rekenkamer Gouda - CONCEPT EN VERTROUWELIJK - Versie d.d. 12 mei 2012 Inhoudsopgave 1. Onderzoekskader schuldhulpverlening in Gouda

Nadere informatie

VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven,

VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING. Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, VERZOEKSCHRIFT TOT COLLECTIEVE SCHULDENREGELING Aan de beslagrechter bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, Op verzoek van : (adres) (adres) (raadsman) (vorige adressen in de afgelopen drie jaar)

Nadere informatie

Beleidsregels Schulddienstverlening Almere. Burgemeester en wethouders van de gemeente Almere,

Beleidsregels Schulddienstverlening Almere. Burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, Beleidsregels Schulddienstverlening Almere Burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, Gelet op artikel 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, BESLUIT: Vast te stellen de Beleidsregels

Nadere informatie

De (herziene) Europese Overeenkomst inzake adoptie van kinderen

De (herziene) Europese Overeenkomst inzake adoptie van kinderen De (herziene) Europese Overeenkomst inzake adoptie van kinderen SARiV Advies 2013/19 SAR WGG Advies 11 juli 2013 Strategische Adviesraad internationaal Vlaanderen Boudewijnlaan 30 bus 81 1000 Brussel T.

Nadere informatie