drieluik over de fiscale behandeling van pensioensparen

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "drieluik over de fiscale behandeling van pensioensparen"

Transcriptie

1 nummer 6 MBB juni Drieluik De fiscale behandeling van pensioensparen Deel III: Zelfstandig (pensioen)sparen als alternatief Dr. A.H.H. Bollen-Vandenboorn 1, mr. M.E.C. Boumans cpl 2, mr. G. van Ginkel 3, E.H.M. Janssen MSc., LL.M 4 In het derde en tevens laatste deel van het drieluik over de fiscale behandeling van pensioensparen ligt de focus op het zelfstandig sparen voor de oude dag. Zelfstandig, omdat dit buiten de sfeer van de arbeidsverhouding tussen werkgever en werknemer ligt. Dat kan fiscaal gefacilieerd in de derde pijler, maar ook in de nettosfeer in box 3. Gelet op de tendens dat het aantal werkenden dat geen pensioen in de tweede pijler opbouwt toeneemt (zzp ers) en gelet op de versobering van de fiscale faciliëring, zal het belang van het zelfstandig pensioensparen toenemen om het gewenste pensioenniveau te kunnen realiseren. Daarnaast besteden we kort aandacht aan de ideeën om pensioen en wonen met elkaar te verbinden. 1. Inleiding De fiscale behandeling van pensioen vervult een centrale functie in het Nederlandse pensioenstelsel. In beide voorgaande delen van het drieluik stond de fiscale behandeling van het pensioen dat de werkgever en de werknemer in het kader van arbeidsverhouding met elkaar hebben afgesproken, centraal. Dit pensioen is een essentieel onderdeel van het inkomen van de ouderen in Nederland. 5 Er is echter duidelijk een tendens waar te nemen dat de burger steeds meer wordt aangesproken op zijn eigen verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor een adequate oudedagsvoorziening. De wetgever versobert de fiscale faci- 1 Werkzaam als universitair hoofddocent bij Maastricht Centre for Taxation, Maastricht University. 2 Werkzaam bij PGGM en als promovendus verbonden aan het Expertisecentrum Pensioenrecht van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij schreef dit artikel op persoonlijke titel. 3 Werkzaam als senior juridisch beleidsmedewerker bij PGGM. Zij schreef dit artikel op persoonlijke titel. 4 Werkzaam als pensioenadviseur bij Pensions, Actuarial & Insurance Services van PwC en werkzaam als promovendus bij het Maastricht Centre for Taxation, Maastricht University. 5 Kamerstukken II, , , nr. 3, p. 1. liëring en mogelijk dat de werkgever zijn zorgplicht aldus opvat dat deze niet verder reikt dan tot de fiscaal gefacilieerde grenzen. Gelet op deze opkomende eigen verantwoordelijkheid staan in dit artikel de mogelijkheden en de bijbehorende fiscale faciliëring centraal, om buiten de sfeer van de arbeidsverhouding tussen werkgever en werknemer pensioen op te bouwen. Wij noemen dit het zelfstandig pensioensparen. Het begrip pensioen dient hierbij opgevat te worden als een oudedagsvoorziening in de breedste zin van het woord. De vraag is hoe dit zelfstandig pensioensparen zich enerzijds verhoudt met het pensioen in de tweede pijler en anderzijds met de overige spaarmogelijkheden. Met andere woorden; waar sparen mensen voor, waarin onderscheidt het zelfstandig pensioensparen zich van het overige sparen, waar zitten de knelpunten en hoe wordt dit fiscaal begeleid? Naast de sturing naar eigen verantwoordelijkheid, constateren wij tevens dat er innovatieve ideeën ontstaan om de domeinen pensioen en wonen met elkaar te verbinden. In deze bijdrage gaan wij hier tevens kort op in. Wij sluiten dit drieluik af met de conclusie dat de huidige maatschappelijke ontwikkelingen ertoe leiden dat een verlegging van de focus plaats lijkt te vinden, via de aantasting van de omkeerregel en de introductie van de nettolijfrente en het nettopensioen, naar het zelfstandig pensioensparen. 2. Pensioensparen niet voor alle werkenden geïnstigeerd via arbeidsverhouding 2.1. Arbeidsgerelateerd pensioen Centraal in deze paragraaf staat de vraag wat in onze bijdrage onder het begrip pensioen moet worden verstaan en wie daar aanspraak op kan maken. Dat is nodig om een afbakening te maken ten opzichte van de individuele oudedagsvoorziening (in de derde pijler) en het individueel sparen (box 3). Voor de civielrechtelijke betekenis van het pensioenbegrip moeten we te rade gaan bij de Pensioenwet (hierna: PW). De PW geeft echter evenals diens voorganger, de Pensioenen Spaarfondsenwet, geen inhoudelijke omschrijving van het pensioenbegrip. In art. 1 PW wordt volstaan met een omschrijving van de pensioensoorten ouderdomspensioen, nabestaandenpensioen en arbeidsongeschiktheidspensioen. Daarbij wordt overigens duidelijk gemaakt dat het moet gaan om pensioen zoals dat tussen werkgever en werknemer is overeengekomen. 6 6 In deel II van ons drieluik zijn wij reeds ingegaan op de drie constitutieve vereisten van het pensioenbegrip. Zie deze bijdrage voor een verdere toelichting.

2 273 In de fiscale wetgeving is het pensioenbegrip evenmin gedefinieerd. Wel was het begrip pensioenregeling, tot de invoering van de Wet fiscale behandeling van pensioenen op 1 juni 1999, ondergebracht in art. 11, lid 3 (oud), Wet LB Dit begrip werd ingevuld via een open norm die erop neerkwam dat een pensioenregeling niet mag uitgaan boven hetgeen naar maatschappelijke opvatting, mede in verband met de genoten diensttijd en genoten beloning, redelijk mag worden geacht. Wij verwijzen hieromtrent naar deel I van ons drieluik. Met de komst van de Wet fiscale behandeling van pensioenen is deze open norm verlaten en is het begrip pensioenregeling veel strakker ingevuld. In art. 18, lid 1 en 2, Wet LB 1964 is sindsdien een opsomming opgenomen van regelingen die onder voorwaarden als pensioenregelingen worden aanvaard. Door de nadere specifieke vereisten is dit uitgegroeid tot een fijnmazig en gedetailleerd netwerk aan wet- en regelgeving en nadere beleidsregels. 7 In de literatuur bestaat van oudsher consensus dat pensioen een tweetal basiselementen kent. Ten eerste het element van de arbeidsinkomensvervanging. 8 Pensioen is in deze hoedanigheid een bron van inkomen die in de plaats treedt van het inkomen uit arbeid wegens ouderdom, overlijden of arbeidsongeschiktheid. Het andere element betreft het verzorgingselement. Verzorging houdt in dat pensioen het arbeidsinkomen vervangt met als doel in het levensonderhoud te voorzien van degenen die door het wegvallen van arbeidsinkomen worden geraakt. Daarbij wordt idealiter niet beoogd om alleen in het noodzakelijke levensonderhoud te voorzien, maar ook voor de handhaving van de levensstandaard. 9 Daarnaast komt het verzorgingselement tot uitdrukking in de periodieke termijnen die uitbetaald worden. Eenmalige uitkeringen, en derhalve dus afkoopsommen, druisen in tegen het verzorgingskarakter. In het kader van de begripsbepaling c.q. -afbakening zijn de volgende twee kwalificaties van het pensioenbegrip eveneens onmisbaar. Ten eerste dat pensioen een arbeidsvoorwaarde betreft en ten tweede dat het als uitgesteld loon wordt gezien Niet voor iedereen was dit 82%. 11 Het hoge percentage wordt veroorzaakt door de grote (verplichte deelname in een bedrijfstakpensioenfonds) en kleine (verplichte deelname via werkgever/cao) verplichtstelling. De verplichtstelling is voorwaardelijk. De voorwaarde ligt namelijk in de bereidheid van sociale partners om een verplichtstelling aan te vragen dan wel in die van de werkgever om een pensioenaanbod te doen. Een wettelijke pensioenplicht betekent dat werknemers rechtstreeks op grond van de wet verplicht zijn over hun arbeidsinkomen pensioen op te bouwen. Sinds eind jaren zestig van de vorige eeuw zijn verschillende plannen en rapporten uitgewerkt om te komen tot de invoering van een wettelijke pensioenplicht. 12 In de Pensioennota van 1991 besloot het kabinet hiervan af te zien. 13 Het kabinet was namelijk van mening dat de primaire verantwoordelijkheid op pensioengebied bij de sociale partners ligt en niet bij de overheid. Daarnaast werd de omvang van de wittevlekkenproblematiek te beperkt geacht om een pensioenplicht in te voeren. Toch is de discussie over een wettelijke pensioenplicht ook tegenwoordig nog steeds actueel. Zo had volgens Jacobs de invoering van een wettelijke pensioenplicht een van de kroonjuwelen van de PW moeten worden en pleitten jongerenorganisaties in 2013 voor een pensioenplicht voor werknemers en zelfstandigen. 14 Zoals hiervoor aangegeven bouwt meer dan 90% van de Nederlandse werknemers via hun werkgever pensioen op. Circa 76% daarvan is via het dienstverband met zijn werkgever verplicht aangesloten bij een bedrijfstakpensioenfonds. En ongeveer 12% bouwt via zijn werkgever pensioen op bij een ondernemingspensioenfonds. 15 De overige 12% van de werknemers bouwt pensioen op bij een pensioenverzekeraar of een premiepensioeninstelling. Circa 10% van de werknemers bouwt aldus geen pensioen op via de werkgever (witte vlek) en dient op zelfstandige basis een oudedagsvoorziening te treffen. In dit verband moet worden opgemerkt dat de arbeidsmarkt in toenemende mate wordt gekenmerkt door flexibilisering en differentiatie van arbeid en arbeidsverhoudingen. Bijna een op de vijf werknemers is flexwerker. 16 Hoewel meer dan 90% van de werknemers in Nederland deelneemt aan een pensioenregeling, bestaat in Nederland geen wettelijke pensioenplicht. 10 Ter vergelijking, in L.G.M. Stevens, B.G.J. Schuurman, Pensioen in de loonsfeer, Kluwer, Deventer 2008, p M.E.C. Boumans, Verplichte deelname van zelfstandigen in een bedrijfstakpensioenfonds, in: E. Lutjens (red.), De toekomst van het pensioenstelsel, Expertisecentrum Pensioenrecht, VU Amsterdam 2013, p J.O. Kuijkhoven, N. Romein, Fiscale regels rond pensioen verouderd en onnodig complex, Tijdschrift voor Pensioenvraagstukken, 2009/3, p Th.L.J. Bod, Pensioen en privaatrecht (diss. Nijmegen), H.D. Tjeenk Willink, Alphen aan den Rijn 1979, p ; E. Lutjens, De PSW, Wetshistorisch overzicht en commentaar, Kluwer, Deventer 1998, p. 6; P.M. Tulfer, Pensioen, fondsen en verzekeraars, Kluwer, Deventer 1997, p E.M.F. Schols, Inleiding pensioenrecht, Kluwer, Alphen aan den Rijn 2010, p Kamerstukken II, , , nr. 112, p Kamerstukken II, , , nr A.T.J.M. Jacobs, Pensioenrecht, De sociaalrechtelijke en sociaalpolitieke aspecten, Kluwer, Deventer 2007, p. 77. Verwezen wordt naar en (datum raadpleging: 14 mei 2014). 15 Commissie-Goudswaard, Een sterke tweede pijler, Naar een toekomstbestendig stelsel van aanvullende pensioenen, januari 2010, p Brief van de minister van SZW d.d. 22 juni 2012 inzake Kamervragen van het lid Klaver (AV/AR/2012/8658).

3 274 Daarbij gaat het vooral om jongere werknemers. Volgens recent onderzoek van TNO bedraagt de flexibele schil in %. 17 Het is een utopie te denken dat deze groep werknemers ooit een fiscaal gefacilieerde pensioenopbouw van 75% over 40 aaneengesloten dienstjaren kan bereiken. Als deze werknemers op pensioendatum hierbij in de buurt willen uitkomen, zullen zij hiertoe zelf aanvullende maatregelen moeten treffen. Tevens is sinds het einde van de vorige eeuw sprake van een sterke toename van het aantal zzp ers. In 2000 was ruim 6% van de beroepsbevolking zzp er en in 2012 was dat gestegen naar ruim 10%. 18 Volgens het CPB is het waarschijnlijk dat het aantal zzp ers in de toekomst verder zal stijgen. 19 Zzp ers worden echter niet meegeteld als het om de omvang van de witte vlekken gaat. 20 Volgens het kabinet moet het begrip witte vlek worden omschreven als het aantal werknemers tussen de 25 en 65 jaar die geen arbeidsvoorwaardelijk pensioen opbouwen. Door de groep zelfstandigen uit te sluiten van de definitie van het begrip witte vlek, bestaat onzes inziens het risico dat een vertekend beeld kan ontstaan van de groepen werkenden die geen pensioen in de tweede pijler opbouwen en op de derde pijler zijn aangewezen. Als we zzp ers meetellen, dan heeft niet circa 10% van de werkenden geen pensioen in de tweede pijler, maar circa 20%. Wat betreft de zzp ers is het kabinet van mening dat zelfstandigen zelf verantwoordelijk zijn voor hun pensioenopbouw. 21 Zij voeren voor eigen risico en rekening een onderneming en zijn niet ondergeschikt aan hun opdrachtgevers. 3. Zelfstandig pensioensparen in de derde pijler 3.1. De omkeerregel in de derde pijler sioenuitkeringen pas vanaf pensioeningangsdatum genoten kunnen worden. Dit principe van de inkomensuitsteltheorie wordt tot heden ook toegepast bij de derdepijlervoorzieningen. Mits voldaan wordt aan de gestelde voorwaarden is het mogelijk om premie-aftrek te verkrijgen voor lijfrenteverzekeringen 22 en bankspaarproducten 23. Iedere belastingplichtige die nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt, komt voor deze premieaftrekfaciliteit in aanmerking. 24 De omvang van de premieaftrek is afhankelijk van de premiegrondslag. Premieaftrek kan echter alleen verkregen worden, wanneer sprake is van een pensioentekort. Het pensioentekort wordt bepaald door het berekenen van de jaarruimte. 25 De maximale jaarruimte bedraagt 15,5% van oftewel (2014). 26 Personen die in enig jaar geen of maar deels pensioen opbouwen in de tweede pijler, hebben de mogelijkheid om zelf te kiezen voor een aanvullende oudedagsvoorziening in de derde pijler. Het belang van deze derdepijlervoorziening zal mogelijk toenemen nu voor de dga onduidelijkheid bestaat over het voortbestaan van zijn fiscaal gefacilieerde tweedepijlerpensioen, de pensioenopbouw in eigen beheer. Bij het Ministerie van Financiën wordt nagedacht over alternatieve mogelijkheden waarbij een focus is aangebracht op de ontwikkeling van een nieuwe fiscale pensioenreserve die buiten de loonbelastingsfeer wordt geplaatst, zo blijkt uit de brief van 6 december Vooralsnog bestaat daarover geen duidelijkheid. Bij het volledig ontbreken van een tweedepijlerpensioen, betreft de derdepijlervoorziening de enige fiscaal gefacilieerde aanvulling op de AOW. Dit is met name van belang voor IB-ondernemers, zelfstandige beroepsbeoefenaren 28 en overige zzp ers. Door de huidige ontwikkelingen op het pensioenterrein met een risicoverschuiving naar de pensioendeelnemer en de aansturing op eigen verantwoordelijkheid resulterend in versoberde en mogelijk ook verbrokkelde pensioenen wordt het belang van zelfstandig pensioensparen groter. In deel I hebben wij het belang en de functie van de omkeerregel uiteengezet. De overheid kiest bewust voor toepassing van de omkeerregel om hiermee te bevorderen dat mensen sparen voor de oude dag. Daarbij geldt de verzorgingsgedachte als belangrijkste reden om te kiezen voor deze fiscale faciliëring. De rechtvaardiging voor de uitgestelde belastingheffing is vervolgens gelegen in het feit dat de pen Banksparen verdringt lijfrenteverzekeringen Statistische onderzoeksgegevens van DNB en het CBS laten zien dat steeds meer mensen sparen door middel van bankspaarproducten. Banksparen neemt steeds meer in populariteit toe. Tot 2008 waren levensverzekeringen de aangewezen methode voor Nederlandse huisgezinnen 22 Art Wet IB Art a Wet IB Art , lid 1, onderdeel a jo. art Wet IB Art Wet IB A. Goudswaard e.a., De toekomst van flex, TNO-rapportage voor Algemene Bond Uitzendondernemingen, 9 mei CBS Statline, Zelfstandigen zonder personeel; persoonskenmerken, februari CPB, De huidige en toekomstige groei van het aandeel zzp ers in de werkzame beroepsbevolking, 19 december 2012, p Kamerstukken II, , , nr. 2, p. 4-5; Kamerstukken II, , , nr. 188, p Kamerstukken II, , , nr In art , lid 1 jo. lid 3, Wet IB 2001 is opgenomen dat de maximale premiegrondslag bedraagt. Naar verwachting worden dit percentage en deze grondslag per 1 januari 2015 naar beneden bijgesteld naar 13,8 respectievelijk , resulterend in een maximale jaarruimte van Brief van de staatssecretaris van Financiën 6 december 2013, Aanbiedingsbrief over pensioen in eigen beheer, DB/2013/576, 28 Uitgezonderd de vrijeberoepsbeoefenaar die als beroepsgenoot deelneemt in een verplichte beroepspensioenregeling op grond van de Wet Verplichte Beroepspensioenregeling.

4 nummer 6 MBB juni om fiscaal voordelig vermogen op te bouwen. 29 Door de introductie van banksparen in 2008 kan fiscaal gefacilieerd sparen ook plaatsvinden bij een bank en een beleggingsinstelling. Sindsdien zien levensverzekeraars de verkoop van nieuwe individuele levensverzekeringsproducten dalen, terwijl het marktaandeel van banksparen fors toeneemt. Naar schatting behaalde het banksparen in 2010 een marktaandeel van ruim 40% in de verkoop van fiscale vermogensproducten. In de eerste helft van 2011 lijkt de verkoop van bankspaarproducten de verkoop van de individuele levensverzekeringen te evenaren of zelfs al voorbij te gaan (zie onderstaande grafiek) Lijfrenteverzekeringen versus banksparen Hoewel zowel bij lijfrenteverzekeringen als bij bankspaarproducten gespaard wordt voor de oude dag zijn er ook kenmerkende verschillen te noemen. Alvorens hierop in te gaan dient opgemerkt te worden dat het bancaire product waarover gesproken wordt twee verschijningsvormen heeft, namelijk de vorm van een lijfrentespaarrekening ondergebracht bij een bank of de vorm van een lijfrentebeleggingsrecht ondergebracht bij een beleggingsinstelling. 31 Het grootste verschil is dat het bancaire product geen overeenkomst van levensverzekering is, maar een geblokkeerde spaarrekening en/of beleggingsrekening betreft. Dit betekent dat bij overlijden van de deelnemer geen kapitaalverlies optreedt. Het bedrag dat resteert komt toe aan de erfge- 29 Er wordt hier gesproken over levensverzekeringen omdat hierin ook de kapitaalverzekeringen zijn opgenomen. De kapitaalverzekeringen laten wij buiten beschouwing vanwege het ontbreken van het periodieke karakter dat juist de verzorgingsgedachte typeert. 30 datum raadpleging 9 mei Art a Wet IB namen. Daar staat tegenover dat een bancair product niet daadwerkelijk tot een levenslange uitkering kan overgaan, omdat het geen verzekeringselementen kent. Dit in tegenstelling tot een lijfrenteverzekering. Onder levenslang bij een bancair product wordt ten minste 20 jaar verstaan. 32 Aangezien het bancaire product geen overlijdensrisicodekking kent, stoppen de uitkeringen zodra de overeengekomen uitkeringsduur is verstreken. Vanwege het ontbreken van de overlijdensdekking bestaat ook geen extra risicodekking ten behoeve van de partner Naar een arbeidsvormneutraal fiscaal pensioenkader De fiscale systematiek voor opbouw van oudedagsvoorzieningen is zowel in de tweede als de derde pijler gebaseerd op de inkomensuitsteltheorie. Door toepassing van de omkeerregel is het mogelijk gefacilieerd oudedagsvoorzieningen op te bouwen en pas in de uitkeringsfase in de heffing te betrekken. Wanneer specifieker naar deze wetssystematiek wordt gekeken, blijkt dat zowel in de opbouwfase als in de uitkeringsfase (nog) de nodige verschillen bestaan, terwijl de doelstelling in beide gevallen toch het bereiken van een adequate oudedagsvoorziening is. 34 De vraag dient zich dan aan waarom beide wettelijke kaders niet op elkaar aangepast zouden kunnen worden. In de thans voorliggende wetsvoorstellen tot wijziging van het Witteveenkader zien we dat de aanpassing van de percentages en de aftoppingsgrens op overeenkomstige wijze worden doorgetrokken naar de toepassing van de fiscale oudedagsreserve (FOR) en de derdepijlervoorzieningen. Het voorstel van de Commissie-Kappelle 35 en de werkgroep Arbeidsvormneutraal pensioenkader is om over te gaan naar een arbeidsvormneutraal pensioenkader. Hierbij wordt voor iedere werkende dezelfde fiscale ruimte geboden voor het opbouwen van een oudedagsvoorziening, ongeacht de aard van zijn werkzaamheden. Nu de huidige wetsvoorstellen passen in deze voorgestelde lijn, verdient het aanbeveling dit gedachtegoed verder op te pakken en in concrete wetgeving uit te werken. Dit laat onverlet dat door de versoberingen die doorgevoerd worden en de eerder genoemde verbrokkeling van de pensioenopbouw over de arbeidsjaren heen, werkenden aangezet worden om ook anderszins na te 32 Behoudens de situatie als bedoeld in art a, lid 4, Wet IB G.J.B. Dietvorst, Lijfrenten, in A.H.H. Bollen-Vandenboorn (red.), Pensioen en de belangrijkste toekomstvoorzieningen, Sdu Uitgevers, Den Haag 2014, p Zie het rapport Arbeidsvormneutraal pensioenkader: een logische vervolgstap van de werkgroep Arbeidsvormneutraal pensioenkader, Competence Centre for Pension Research, Tilburg 2013, p. 55 en 61. (http://www.maastrichtuniversity.nl/web/institutes/ Taxation/Research2/Pension1/PresentatiesEnBijdragen.htm). 35 Commissie-Kappelle, Fiscale behandeling van oudedagsvoorzieningen: het kan beter, eerlijker, efficiënter en eenvoudiger, Geschriften van de Vereniging voor Belastingwetenschap nr. 242, Kluwer, Deventer 2011.

5 276 denken op welke wijze zij invulling kunnen dan wel moeten geven aan hun oudedagsvoorziening. 4. Zelfstandig (pensioen)sparen in de privésfeer 4.1. Niet drie maar vijf pensioenpijlers Het fiscaal gefacilieerd sparen voor de oude dag kent een afgeschermde bestedingsdoelstelling die nergens anders voor kan en mag worden aangewend. Tussentijdse opname, bijvoorbeeld ingeval van calamiteiten (zoals werkloosheid), is niet mogelijk. Zo geldt op grond van art. 65 PW een afkoopverbod van pensioen. Fiscaal wordt dit ook gesanctioneerd. Wanneer sprake is van een afkoop van een lijfrente of bankspaarproduct in de derde pijler leidt dat tot een heffing op grond van art Wet IB 2001 en het in rekening brengen van revisierente op grond van art. 30i AWR, hetgeen hoogst onaantrekkelijk is. 36 Het fiscaal gefacilieerd sparen voor de oude dag is omgeven door een scala aan wettelijke regels die vooral sinds de invoering van het Witteveenkader in 1999 fors zijn toegenomen. Per saldo heeft dit geleid tot een versobering van de mogelijkheden om fiscaal gefacilieerd een pensioen c.q. een oudedagsvoorziening op te bouwen. Mensen hebben straks minder voor hun pensioen gespaard en zullen vanaf de pensioendatum dus een lagere pensioenuitkering ontvangen. Deze terugtredende bewegingen van de overheid ten aanzien van de fiscale faciliëring van pensioen, maar ook andere ontwikkelingen, zoals de individualisering van de samenleving, de flexibilisering van de arbeidsmarkt en het idee om de domeinen wonen, zorg en pensioen met elkaar te verbinden, geeft aanleiding om anders tegen pensioen en het bestaande pensioenstelsel aan te kijken. Een interessante ontwikkeling in het pensioendenken is om niet langer te spreken over een driepijlerstelsel maar over een vijfpijlerstelsel. In dit stelsel wordt aan het bestaande driepijlerstelsel als vierde pijler het menselijk kapitaal (bestaande uit het vermogen om geheel of gedeeltelijk door te werken c.q. op de arbeidsmarkt actief te blijven) en als vijfde pijler het zelfgespaarde vermogen toegevoegd. Deze vierde en vijfde pijler gaan naar onze verwachting als gevolg van de versobering in de tweede en derde pijler een grotere rol spelen bij de pensioenplanning. 37 Dit nieuwe denken in termen van een vijfpijlerstelsel is in pensioenland overigens nog niet breed geïntegreerd en geaccepteerd. Toch komen we dit nieuwe denken regelmatig tegen. Zo heeft het NIBUD het vijfpijlerdenken inmiddels omarmd. Op de website van het NIBUD is de zogenoemde pensioenschijf van vijf opgenomen. Dit is een rekentool waarmee consumenten rekening houdend met alle vijf pijlers het besteedbare inkomen na pensionering kunnen benaderen. 38 En zo volgt met betrekking tot de vierde pijler uit onderzoek van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut dat de trend onder ouderen om na pensionering terug te keren op de arbeidsmarkt, deels vanwege financiële motieven, is ingezet. Het percentage zogenoemde doorstarters na pensionering is gestegen van 16% in 2002 naar 23% in De vijfde pijler als alternatief Wij gaan hier nader in op deze zogenoemde vijfde pijler en laten de vierde pijler buiten beschouwing. 40 Onder deze vijfde pijler kan het privévermogen worden verstaan dat in box 3 wordt gespaard. Hierbij kan worden gedacht aan spaar- en beleggingsrekeningen, effectenportefeuilles, kapitaal- en overlijdensrisicoverzekeringen en zelfs aan hetgeen in een oude sok is gespaard. 41 Ook het opgebouwde vermogen in de eigen woning wordt tot het vijfdepijlervermogen gerekend. Op de relatie pensioen en eigen woning wordt in de volgende paragraaf nader ingegaan. De fiscale behandeling van het privévermogen in de vijfde pijler verloopt wezenlijk anders dan de fiscale behandeling van pensioen in de tweede en derde pijler, omdat de fiscale faciliëring vooralsnog ontbreekt. Vanaf 1 januari 2015 wordt (naar verwachting) de vrijstelling voor de 100k+ nettoregeling in de wet opgenomen als een eerste fiscale faciliteit in deze privé pijler (voor zover het buiten de sfeer van de arbeidsrelatie wordt aangewend). De inleg om vermogen te sparen is echter niet fiscaal aftrekbaar. Er wordt gespaard uit het inkomen na belasting. 42 In box 3 wordt dit vermogen als het voordeel uit sparen en beleggen belast via een belastingheffing van 30% over een forfaitair rendement van 4% van het gemiddelde van de rendementsgrondslag op de peildatum, voor zover dit vermogen boven het heffingsvrije vermogen uitkomt (2014: 38 (datum raadpleging: 15 mei 2014). 39 H. van Solinge, E. Dingemans, Doorwerken na pensioen: wie, wat, waarom?, Pensioen Bestuur & Management, In dit drieluik focussen wij ons op pensioensparen en niet op de inzet van arbeid. 41 Volgens Plus Magazine blijkt op basis van een schatting uit eigen onderzoek uit In dit kader moet worden vermeld dat het kabinet het mogelijk wil maken om de derdepijlervoorziening zonder heffing van revisierente op te nemen ingeval van arbeidsongeschiktheid. Kamerstukken II, , , nr. 188; Kamerstukken II, , , nr G.J. Dietvorst, Pensioen is ook pensioen als er geen pensioen op staat, Pensioen Magazine, onder 50-plussers, dat de inhoud van de oude sok in huis in Nederland 375 miljoen bedraagt: (datum raadpleging 14 mei 2014). Zie ook publication/default.aspx?dm=slnl&pa=80454ned&d1=0&d2=0%2c2%2c4-5%2c7-12%2cl&d3=1-l&hdr=t%2cg2&stb=g1&vw=d (datum raadpleging 16 mei 2014.) 42 G.J.B. Dietvorst, Van 3 naar 5 pijlers, VP bulletin,

6 nummer 6 MBB juni per persoon). 43 De vermogensrendementsheffing bedraagt 1,2% van de grondslag. De toerekening van dit forfaitaire rendement geschiedt ongeacht de feitelijke hoogte van het rendement. Tegen deze forfaitaire heffing bestaat sinds de invoering van de vermogensrendementsheffing in 2001 de nodige kritiek, omdat het geen rekening houdt met de daadwerkelijk gerealiseerde rendementen. 44 In tijden van hoge economische voorspoed zou dit overigens niet tot groot ongenoegen onder de belastingplichtigen leiden, omdat over behaalde rendementen van meer dan 4% geen belasting betaald hoeft te worden. In tijden van economische tegenspoed, zoals thans het geval is, wringt echter juist de schoen. Thans ligt bijvoorbeeld de gemiddelde spaarrente op 1,37% (opneembaar), terwijl wel over 4% belasting betaald moet worden. 45 De Commissie-Van Dijkhuizen heeft in 2013 voorgesteld om de vermogensrendementsheffing niet langer te koppelen aan een forfaitair tarief van 4%, maar vanaf 2015 te koppelen aan het gemiddelde vijfjaarsrendement op spaarrekeningen (wat dan 2,4% zou zijn). 46 De reactie van het kabinet op de voorstellen van de Commissie-Van Dijkhuizen wordt overigens in het tweede kwartaal van 2014 verwacht Voor- en nadelen Het zelfstandig (pensioen)sparen in de vijfde pijler biedt een aantal voordelen. Een persoon bepaalt zelf of, hoeveel, hoelang, op welke wijze en bij welke aanbieder wordt gespaard. Daarnaast is de vrijheid en flexibiliteit zodanig groot (geen opgelegde verplichting vanuit de fiscale wetgever en de werkgever), dat het spaargedrag en spaarbestemming c.q. -aanwending op de eigen persoonlijke financiële planning kan worden afgestemd. Van een afgeschermde pensioenbestemming is geen sprake, zodat het gespaarde kapitaal ingeval van calamiteiten ook kan worden opgenomen dan wel over een langere periode kan worden uitgesmeerd. Maatwerk in optima forma. Toch zijn er ook de nodige nadelen. Zo heeft de kredietcrisis aangetoond dat financiële instellingen kunnen omvallen en dat de situatie waarin zij hun verplichtingen jegens hun klanten niet meer kunnen nakomen niet ondenkbeeldig is. 48 Weliswaar garandeert het depositogarantiestelsel bepaalde tegoeden van rekeninghouders tot maximaal , maar de crisis heeft grote schade aangericht in het vertrouwen van consumenten in de financiële sector. Belangrijkste nadeel c.q. risicofactor van zelfstandig (pensioen)sparen in de vijfde pijler achten wij het beperkte rationele gedrag van consumenten zelf als het op de verantwoordelijkheid voor hun eigen financiële planning aankomt. Uit diverse sociologische en gedragseconomische onderzoeken blijkt dat consumenten in het algemeen een beperkte zelfbeheersing hebben en geld liever aanwenden voor kortetermijndoelstellingen dan voor langetermijndoelstellingen, waaronder pensioen. 49 Het vergt wilskracht om daadwerkelijk tot pensioensparen over te gaan. Dit wilskrachtprobleem en de menselijke neiging tot uitstelgedrag verklaren waarom mensen het sparen voor hun pensioen voor zich uitschuiven. 50 En van uitstel komt afstel. Financiële voorlichting en educatie leidt er niet direct toe dat consumenten ook daadwerkelijk voor hun oude dag gaan sparen. 51 Vanwege het wilskrachtprobleem in relatie tot het toenemende belang om zelf aanvullend voor zijn oude dag te sparen, wordt de consument in een fundamentele spagaat gebracht. Van de ene kant wordt een groter beroep gedaan op zijn eigen verantwoordelijkheid c.q. zelfredzaamheid, van de andere kant kost het de grootste moeite om hier daadwerkelijk zelf voor te zorgen. Wij verwachten dat er wezenlijke spanning zal optreden tussen de eigen verantwoordelijkheid en zijn irrationele gedrag. Onzes inziens moet de overheid hier als goed huisvader tijdig op gaan sturen, teneinde de burger bewust(er) te maken van zijn nieuwe rol als eigen financieel planner, hoewel wij ons ook realiseren dat financiële educatie tot beperkte resultaten leidt. Beter is het wellicht om te sturen aan de aanbodzijde, door de financiële producten transparanter, eenvoudiger en inzichtelijker te maken. Wij zijn benieuwd hoe zich deze spagaat in de komende jaren zal ontwikkelen. Kijken we naar het huidige belang van het zelf gespaarde vermogen in box 3 als onderdeel van de totale pensioenannuïteit na pensionering, dan blijkt uit onderzoek dat het belang daarvan thans beperkt is. 52 Bijna 10% van de totale 43 Voor belastingplichtigen die de AOW-ingangsdatum hebben bereikt geldt op grond van art. 5.6 Wet IB 2001 een ouderentoeslag die het heffingsvrij vermogen verhoogt. 44 Onder meer: S. Cnossen en A.L. Bovenberg, Vermogensrendementsheffing: Vondst of miskleun?, WFR 2000/6369, p DNB, Spaarrente en hypotheekrente verder gedaald, Statistisch Nieuwsbericht, 29 april Commissie inkomstenbelasting en toeslagen, Eindrapport Naar een activerender belastingstelsel, juni 2013, p Zie ook: S.M.H. Dusarduijn, Van Dijkhuizens vermogensrendementsheffing, MBB 2013, nr. 9, p Kamerstukken II, , , nr. 4. Ten tijde van de kopijaanlevering van deze bijdrage was de kabinetsreactie nog niet bekend. 48 Bijvoorbeeld Icesave in 2008 en DSB Bank in Onder meer: J. Krijnen, S. Breugelmans en M. Zeelenberg, Waarom mensen de pensioenvoorbereiding uitstellen en wat daar tegen te doen is, Netspar NEA Paper, 2014, nr J. Potters, H. Prast, Gedragseconomie in de praktijk, in: W.L. Tiemeijer, C. L. Thomas, H.M. Prast (red.), De menselijke beslisser, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), 2009, p A. van Soest, H. Prast, Pensioenbewustzijn, Netspar Panel Paper, 2014, nr. 37, p M. Knoef, J. Been, R. Alessie, K. Caminada, K. Goudswaard, Drie scenario s voor de pensioenopbouw in Nederland, Pensioen Magazine, 2014/61. Zie ook: M. Knoef, J. Been, R. Alessie, K. Caminada, K. Goudswaard en A. Kalwij, Measuring retirement savings adequacy, Netspar Design Paper, 2013, nr. 25.

7 278 pensioenannuïteit bestaat uit spaarrekeningen en aandelen/ obligaties. Ter vergelijking: de eerste en tweede pijler tezamen bedragen ongeveer 75% van de totale pensioenannuïteit. Verder bestaat bijna 10% uit onroerend goed (minus de hypotheekschuld). Nu de tweede (en derde) pijler wat betreft de fiscale faciliëring verder zal afbrokkelen, valt er de komende jaren nog veel zendingswerk te verrichten door overheid en pensioensector. 5. De rol van de eigen woning en andere domeinoverstijgende innovaties 5.1. Pensioen en eigen woning onderdeel van pensioendialoog In het licht van de financiële toekomstbestendigheid van het pensioenstelsel heeft het kabinet aangekondigd een brede dialoog te willen starten. 53 Daartoe heeft het kabinet aan de SER gevraagd eind 2014 een advies uit te brengen met daarin aandacht voor de relatie tussen vermogensopbouw voor pensioen, zorg en de eigen woning. 54 Het vraagstuk pensioen en eigen woning kan op verschillende wijzen benaderd worden. Een denkrichting is het verzilveren van de eigen woning ten behoeve van pensioen. Een andere denkrichting is het inzetten van pensioenvermogen ten behoeve van de eigen woning Verzilveren van eigen woning ten behoeve van pensioen Onder het verzilveren van de eigen woning ten behoeve van pensioen wordt verstaan het liquide maken van het vermogen dat in de eigen woning zit. De verkregen liquide middelen kunnen vervolgens als inkomen gebruikt worden voor de oude dag. Hiertoe zijn diverse verzilveringsconstructies mogelijk. Het vormgeven van een constructie waarmee de eigen woning een rol van betekenis speelt voor de oudedagsvoorziening betekent niet per definitie dat dit zijn uitwerking zal krijgen in de praktijk. In de huidige praktijk komt het nauwelijks voor dat de eigen woning verkocht wordt en een verhuizing plaatsvindt naar een betaalbare en toegankelijke huurwoning. 55 Door de verkoop wordt het vermogen in de woning liquide gemaakt en de woonlasten gaan omlaag vanwege de lage huurprijs. Uit onderzoek blijkt dat twee derde van de oudere woningbezitters de woning geheel vrij heeft, hetgeen voldoende mogelijkheden lijkt te geven. Uit onderzoek blijkt echter ook dat naarmate de leeftijd stijgt er steeds minder bereidheid is om te verhuizen. 56 Ook zonder te verhuizen kan het vermogen in de woning opgenomen worden ter financiering van bijvoorbeeld een woningaanpassing, hulp aan huis, overbrugging naar pensioen, inkoop van zorg. Door het aangaan van een hypothecaire lening is er geen sprake meer van een vrij huis en ontstaan renteverplichtingen, al dan niet met de mogelijkheid tot bijschrijving bij de hoofdsom. 57 Aflossingsverplichtingen en rentebetalingen zullen dan toch weer drukken op het huishoudbudget van de gepensioneerde. Varianten hierop die tegemoetkomen aan dit knelpunt zijn de zogenoemde verzilverproducten. Genoemd kunnen worden de Omkeerhypotheek, de Verkoop-en-terughuur en de Overwaardelijfrente. De eerste twee genoemde verzilverproducten verstrekken een voorschot op de toekomstige verkoopopbrengst van het huis, waarmee een bedrag ineens wordt verkregen en tevens de toekomstige rente dan wel huur betaald kan worden. Met deze constructies ontstaat meer bestedingsruimte voor ouderen en kan het inkomen aangevuld worden. 58 Deze constructies zijn echter niet zonder risico, zeker ook voor de geldverstrekker. Bij een omgekeerde hypotheek wordt de rente bijgeschreven bij de schuld. Hiermee loopt de geldverstrekker een woningmarktrisico (prijsdaling van de huizen) en een langlevenrisico (looptijd overschrijdt de gemiddelde levensverwachting). 59 Deze risico s doen zich ook voor bij de Verkoop-en-terughuurvarianten. Wat de vormgeving van deze producten betreft, kan gedacht worden aan een huurvariant en een koopvariant. In het eerste geval wordt het huis verkocht voor een redelijk hoog percentage van de marktwaarde (75%-90%), waarna de huurprijs afhankelijk is van dit percentage (hoe hoger het percentage, hoe hoger de huur). Het eigendomsrecht wordt omgezet in een recht op bewoning voor onbepaalde tijd tegen een overeengekomen huur. Voordeel is dat de waarde van de eigen woning liquide is gemaakt en ingezet kan worden als aanvulling op het inkomen. In geval van een koopvariant wordt het huis verkocht tegen een relatief klein percentage van de marktwaarde en vervolgens hoeft er levenslang geen huur meer betaald te worden. De totale 56 Taskforce Verzilveren, Eigen haard is zilver waard, p. 33; M. de Graaf, J. Rouwendal, Mijn pensioen staat als een huis, Netspar NEA Paper nr. 51, Tilburg 2013, p. 19, 20; W. Asbeek Brusse, C.J. van Montfort (red.), Wonen, zorg en pensioenen, hervormen en verbinden, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), Den Haag 2012, p M. de Graaf, J. Rouwendal, Mijn pensioen staat als een huis, Netspar NEA Paper nr. 51, Tilburg 2013, p. 30; W. Asbeek Brusse, C.J. van Montfort (red.), Wonen, zorg en 53 Brief van 18 december 2013, nr. AFP/2013/865U, NTFR 2014/ Adviesaanvraag 4 april 2014, , Op het zorgdomein gaan we hier niet nader in. 55 Wanneer zelfstandig wonen niet meer mogelijk is, verhuist men normaliter naar een verzorgingshuis. Dit wordt echter bemoeilijkt door de nieuwe invulling van de ouderenzorg, alleen als men veel zorg nodig heeft, is dat een mogelijkheid. pensioenen, hervormen en verbinden, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), Den Haag 2012, p Taskforce Verzilveren, Eigen haard is zilver waard, p. 6, 8; W. Asbeek Brusse, C.J. van Montfort (red.), Wonen, zorg en pensioenen, hervormen en verbinden, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), Den Haag 2012, p Op dit moment is slechts één product hiervan op de markt (Floriushypotheek).

8 nummer 6 MBB juni huursom wordt als het ware door de lagere verkoopprijs in één keer afgekocht. Bij deze variant zijn er geen woonlasten meer die drukken op het inkomen en de waarde van de woning wordt liquide gemaakt. Nadeel is dat bij voortijdig overlijden geen optimaal rendement uit het vrijgemaakte woongenoot is gehaald en de eigendom reeds voor een lagere prijs verkocht is. 60 Het idee van een overwaardelijfrente gaat uit van het te gelde maken van het vermogen uit de eigen woning waarmee vervolgens periodieke uitkeringen worden aangekocht. Onder voorwaarden zou hiervoor een box 3-vrijstelling verkregen moeten kunnen worden. 61 Deze vrijstelling zou alleen toegekend moeten worden aan degene die onvoldoende pensioen heeft opgebouwd. Op deze wijze worden belastingplichtigen die niet over pensioenrechten beschikken, zoals bijvoorbeeld zelfstandigen, maar die wel een oudedagsvoorziening hebben opgebouwd in de vorm van vermogen (de eigen woning) op een vergelijkbare wijze behandeld als degenen die fiscaal gefacilieerd pensioen opbouwen. 62 Ondanks de mogelijke constructies is het de vraag of de mensen behoefte hebben aan het verzilveren van de overwaarde van hun huis en of de praktijk deze constructies wel wil aangaan. Vele factoren spelen een rol, bijvoorbeeld het hebben van (on)voldoende liquide middelen, de gezondheidssituatie, de kenmerken van de woning, de woonomgeving, het (pensioen)inkomen en de wens om al dan niet een erfenis achter te laten. 63 Dat neemt niet weg dat het interessante ideeën zijn die onzes inziens om een nadere uitwerking vragen Inzet van pensioenvermogen ten behoeve van eigen woning Bij de in paragraaf 5.2 genoemde mogelijkheden heeft de pensioensector een passieve rol. De pensioenuitvoerders kunnen ook een actievere rol hebben. Pensioenuitvoerders zou de wettelijke ruimte gegeven kunnen worden om aan deelnemers een bedrag ineens uit te keren, gevolgd door een lager pensioen. Dit kapitaal of deze lumpsum zou dan wel aangewend moeten worden voor bijvoorbeeld een (gedeeltelijke) aflossing van een hypotheek of restschuld, de aankoop van een eigen woning (voor starters), investeringen in seniorenaanpassingen in de eigen woning of kosten 60 W. Asbeek Brusse, C.J. van Montfort (red.), Wonen, zorg en pensioenen, hervormen en verbinden, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), Den Haag 2012, p Z.D.M. van den Boogaard, De eigen woning, de oude dag & de fiscaliteit, Brochures Toekomstvoorzieningen nr. 10, Competence Centre for Pension Research, Tilburg University, Tilburg 2014, p A.L. Bovenberg, Een hogere AOW-leeftijd en de gevolgen voor aanvullende pensioenen, TPV, 2010/9, par Reactie op het WRR-rapport Wonen, zorg en pensioenen en het rapport van de Taskforce Verzilveren, van zorg. 64 De overheid moet voorkomen dat bij verkoop van het huis de mensen het kapitaal anders gebruiken dan voor hun oude dag. 65 Een variant hierop is om toe te staan dat pensioen als onderpand gebruikt wordt voor een hypothecaire lening. 66 De omvang van de hypotheek blijft weliswaar hetzelfde, maar het risico wordt verkleind voor de bank waardoor een lagere rente verschuldigd is, waardoor de woonlasten dalen. 67 In het buitenland is het al mogelijk om pensioenvermogen in te zetten voor de financiering van een eigen woning. 68 In Nederland is dit thans wettelijk niet mogelijk. Ten slotte komen we bij het idee om een deel van de pensioenpremie te gebruiken voor de aflossing van de hypotheek, zoals opgenomen in het Pensioenakkoord van 18 december Deze mogelijkheid is ook al eens eerder geopperd. 69 Het kabinet heeft laat weten bereid te zijn deze keuzemogelijkheid te bieden. In het voorstel wordt het werknemersdeel van de pensioenpremie gebruikt voor een extra aflossing op de hypotheek. Dit kan aantrekkelijk zijn voor mensen van wie de woning onder water staat en die met een restschuldprobleem zitten. Het voorstel is ook interessant voor starters op de woningmarkt of voor mensen die versneld willen aflossen. Keerzijde van de medaille is wel dat er minder pensioen voor de uitkeringsfase wordt opgebouwd. Dit wordt aldus gecompenseerd door lagere woonlasten in de toekomst. Een vrijgespaarde woning dient in dit verband gezien te worden als pensioen in natura. Daarnaast kan het voorstel een impuls betekenen voor de woningmarkt en leiden tot een verkorting van de balans van banken. 70 Voordeel voor de fiscus is dat door de aflossingen een minder groot beroep gedaan wordt op de hypotheekrenteaftrek. Anderzijds zal echter binnen de pensioensfeer wel rekening gehouden moet worden met de impact hiervan op de solidariteit en de doorsneepremiesystematiek. 71 Tevens bestaat het risico dat de eigenaar het vrijgespaarde vermogen te gelde maakt door de woning te 64 M.E.C. Boumans, Pensioen in natura, TPV, 2012/2; S. Bakels e.a., Een toekomstperspectief voor premieovereenkomsten, Netspar Occasional Papers, Tilburg 2014, p. 13; H. Adriaansen, A.L. Bovenberg, N. Kortleve, Pensioen inzetten voor eigen woning, TPV, 2014/18, par H. Adriaansen, A.L. Bovenberg, N. Kortleve, Pensioen inzetten voor eigen woning, TPV, 2014/18, par Taskforce Verzilveren, Eigen haard is zilver waard, p H. Adriaansen, A.L. Bovenberg, N. Kortleve, Pensioen inzetten voor eigen woning, TPV, 2014/18, par Zwitserland, Canada, Verenigde Staten. 69 W. Asbeek Brusse, C.J. van Montfort (red.), Wonen, zorg en pensioenen, hervormen en verbinden, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), Den Haag 2012, p Brief van 18 december 2013, nr. AFP/2013/865U, NTFR 2014/308. Zie ook brief van 2 april 2014, nr , NTFR 2014/ S. Bakels, B.J. Bosboom, G.J.B. Dietvorst, A. Joseph, K. Kamminga, M. Meniar, Th. Nijman, T. Steenkamp, B. Werker, Een toekomstperspectief voor premieovereenkomsten, Netspar Occasional Papers, Tilburg 2014, p. 24.

9 280 verkopen. Dit kan ertoe leiden dat alsnog een beroep wordt gedaan op allerlei inkomensafhankelijke voorzieningen, zoals een huur- of zorgtoeslag. 72 Met uitzondering van een eventuele introductie van een box 3-vrijstelling en een toegestane belenings- en afkoopmogelijkheid in art. 19b Wet LB 1964 lijkt een verdere aanpassing van de fiscale wetgeving bij genoemde constructies vooralsnog niet nodig te zijn. 6. Ter afsluiting In ons drieluik zijn wij ingegaan op de fiscale behandeling van pensioensparen. De omkeerregel is stevig geworteld in het Nederlandse pensioenstelsel. Sinds de eerste aanzet in de Wet op de inkomstenbelasting 1914 is opgenomen, heeft de omkeerregel in de 100 jaar van zijn bestaan een flink aantal ontwikkelingen doorgemaakt en doorstaan. Met name sinds de invoering van het Witteveenkader is er een neerwaartse trend waarneembaar van hetgeen naar maatschappelijke opvattingen als een fiscaal gefacilieerd pensioen moet worden begrepen. Desalniettemin blijft de fiscale faciliëring van pensioen van wezenlijk belang voor het inkomen na het arbeidzame leven. De inkomensuitstelgedachte, die ervan uitgaat dat belastingheffing plaatsvindt op het daadwerkelijke genietingsmoment, vervult ook in het huidige tijdsgewricht dé centrale spilfunctie: pas als het pensioen tot uitkering komt, wordt het pensioen genoten en kan belastingheffing over het pensioen worden gerechtvaardigd. Er is in het verleden wel eens gepleit om de omkeerregel af te schaffen en over te stappen van een EET- naar een TEE-systeem, maar de voordelen van de omkeerregel hebben tot op heden altijd opgewogen tegen de nadelen daarvan. Volledige afschaffing van de omkeerregel en de overstap naar een ander stelsel is niet aan de orde en onzes inziens niet opportuun. voorwaarden waaronder de 100k+ nettopensioenregeling moet worden vormgegeven en hoe de afbakening met het brutopensioen moet worden vormgegeven. Tevens wordt gesproken over de vraag hoe het 100k+ nettopensioen civiel- en fiscaalrechtelijk moet worden getypeerd; als pensioen of als lijfrente. Vanuit de pensioensector bestaat overigens bezorgdheid dat de aftopping op wel eens op termijn kan leiden tot een verdergaande neerwaartse bijstelling van de fiscale faciliëring van pensioen, naar bijvoorbeeld tweemaal modaal. Gezien bovenstaande ontwikkelingen zal de burger steeds meer worden aangesproken op zijn eigen verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor een adequate oudedagsvoorziening. Daarnaast groeit de groep zzp ers die geen pensioen heeft. Ook zij hebben een eigen verantwoordelijk om voor de oude dag te zorgen. Dat kan fiscaal gefacilieerd in de derde pijler, echter ook in deze pijler vindt neerwaartse bijstelling plaats. Om het inkomen voor de oude dag op het gewenste niveau te houden, verwachten wij dat de burger in de toekomst steeds vaker zijn toevlucht zal moeten zoeken tot de zogenoemde vijfde pijler, bestaande uit het zelfgespaarde (box 3-)vermogen. De koppeling tussen pensioen en wonen zal hierin een steeds belangrijkere rol gaan spelen. Dat heeft als voordeel dat hij dit op zijn eigen wensen en behoeften kan afstemmen. Belangrijk nadeel is dat mensen beperkt rationeel zijn als het op financiële planning aankomt. Toch zullen er wegen gevonden moeten worden, al dan niet gestuurd door de overheid en pensioensector, om de burger bewust te maken van de toegenomen eigen verantwoordelijkheid ten aanzien van zijn eigen oude dag. Om die reden halen we graag een slogan uit de jaren negentig van de vorige eeuw terug, maar dan net even anders: Een beter pensioen begint bij jezelf. Ingegeven door bezuinigingen vanwege het begrotingstekort wordt de fiscale faciliëring van pensioen vanaf 2015 verder versoberd en wordt de toepassing van de omkeerregel voor inkomen boven de volledig afgeschaft (aftopping). In plaats daarvan wordt per 2015 een nieuwe nettopensioenregeling (100k+ nettopensioenregeling) geïntroduceerd, op grond waarvan het mogelijk wordt om op vrijwillige basis over het inkomensdeel boven de in de netto (box 3-)sfeer pensioen op te bouwen. Bij een nettopensioenregeling worden de aanspraken belast, zijn premies niet aftrekbaar en zijn de uitkeringen vrijgesteld. Op dit moment wordt in de politiek gesproken over de 72 W. Asbeek Brusse, C.J. van Montfort (red.), Wonen, zorg en pensioenen, hervormen en verbinden, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), Den Haag 2012, p. 44; H. Adriaansen, A.L. Bovenberg, N. Kortleve, Pensioen inzetten voor eigen woning, TPV, 2014/18, par

Help, mijn pensioen Slim sparen voor de toekomst

Help, mijn pensioen Slim sparen voor de toekomst Begin tijdig met het optimaliseren van uw oudedagsvoorziening Help, mijn pensioen Slim sparen voor de toekomst De media staan er vol mee. Ons pensioen loopt gevaar. Door de economische crisis, tegenvallende

Nadere informatie

Versobering van de fiscale pensioenopbouw

Versobering van de fiscale pensioenopbouw Versobering van de fiscale pensioenopbouw 1. Hoofdlijnen van het wetsvoorstel Als het aan het kabinet ligt, dan wordt het Witteveenkader op drie manieren aangepast: verhoging van de pensioenrichtleeftijd,

Nadere informatie

Wet Witteveen 2015 voor IBondernemers

Wet Witteveen 2015 voor IBondernemers Wet Witteveen 2015 voor IBondernemers Rogier van den Heuvel Met ingang van 1 januari wordt de Wet verlaging maximumopbouw- en premiepercentages pensioen en maximering pensioengevend inkomen ("Wet Witteveen

Nadere informatie

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Toekomstbestendig pensioenstelsel: doorhakken van een Gordiaanse knoop Hoofdstuk 2 Doel van pensioen

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Toekomstbestendig pensioenstelsel: doorhakken van een Gordiaanse knoop Hoofdstuk 2 Doel van pensioen Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Toekomstbestendig pensioenstelsel: doorhakken van een Gordiaanse knoop... 1 1.1 Inleiding... 1 1.2 Ontwikkelingen... 1 1.2.1 Aanleiding... 1 1.2.2 Ontwikkelingen... 1 1.3 Aanpak

Nadere informatie

AANPAK 100K+ COMPENSATIE PENSIOEN

AANPAK 100K+ COMPENSATIE PENSIOEN AANPAK 100K+ COMPENSATIE PENSIOEN De aftopping van het pensioengevend inkomen heeft naar verwachting voor ongeveer 125.000 werknemers in Nederland gevolgen. Dit is weliswaar een relatief kleine groep,

Nadere informatie

DOEN MET JE PENSIOEN!

DOEN MET JE PENSIOEN! 7 TIPS OM JE PENSIOENPLANNING IN EIGEN HAND TE NEMEN! DOEN MET JE PENSIOEN! Maak jij je zorgen over je pensioen? Je bent niet de enige! Ruim veertig procent van de Nederlanders doet dat!; Wil jij in alle

Nadere informatie

Q&A Evi Pensioenbeleggen. www.evipensioen.nl. 2. Wanneer kies ik voor Evi Pensioenbeleggen, Evi Netto Pensioenbeleggen of voor Evi?

Q&A Evi Pensioenbeleggen. www.evipensioen.nl. 2. Wanneer kies ik voor Evi Pensioenbeleggen, Evi Netto Pensioenbeleggen of voor Evi? Q&A Evi Pensioenbeleggen www.evipensioen.nl Inhoudsopgave 1. Wat is Evi Pensioen? 2. Wanneer kies ik voor Evi Pensioenbeleggen, Evi Netto Pensioenbeleggen of voor Evi? 3. Waarom gebruiken we de life-cycle

Nadere informatie

Beleidsregels Middelentoets voor pensioenvermogens in de 3 de pijler

Beleidsregels Middelentoets voor pensioenvermogens in de 3 de pijler Beleidsregels Middelentoets voor pensioenvermogens in de 3 de pijler Inhoudsopgave Hoofdstuk I Algemeen 2 Hoofdstuk II Pensioenvermogen 2 Hoofdstuk III Slotbepalingen 3 Toelichting 4 I-SZ/2015/2582: Beleidsregels

Nadere informatie

Wat kunt ú doen voor uw eigen pensioen. Ruben Stam

Wat kunt ú doen voor uw eigen pensioen. Ruben Stam Wat kunt ú doen voor uw eigen pensioen Ruben Stam Programma Er was eens. - ons huidige pensioenstelsel nader belicht Roerige tijden - het pensioenstelsel onder hoogspanning Wat ú kunt doen! - Úw keuzes

Nadere informatie

BIJLAGE 1: Vergelijking Nettopensioen ABP en Nettolijfrente Loyalis

BIJLAGE 1: Vergelijking Nettopensioen ABP en Nettolijfrente Loyalis Loyalis Netto lijfrente (3 e pijler) Naam Netto pensioenregeling Loyalis Top ouderdoms lijfrente Loyalis Top nabestaanden lijfrente werknemer Productvorm / modules Soort product Opbouw pakket (OP) Risicopakket

Nadere informatie

iiaj JIJ JIJ de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs Commissie Wetsvoorstellen

iiaj JIJ JIJ de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs Commissie Wetsvoorstellen iiaj JIJ JIJ de Nederlandse Orde van Belastingadviseurs Commissie Wetsvoorstellen Aan de Vaste commissie voor Financiën van de Tweede Kamer der Staten-Generaal mr. R.F. Berck Postbus 2001 8 2500 EA DEN

Nadere informatie

Veelgestelde vragen nettopensioenregeling

Veelgestelde vragen nettopensioenregeling Veelgestelde vragen nettopensioenregeling Vragen en antwoorden over pensioenopbouw en verzekeren nabestaandenpensioen over uw pensioengevend salaris boven 100.000 Pagina 1 van 7 Vragen en antwoorden Wat

Nadere informatie

Q&A Evi Pensioenbeleggen

Q&A Evi Pensioenbeleggen Q&A Evi Pensioenbeleggen 1. Wat is Evi Pensioen? 2. Wanneer kies ik voor Evi Pensioenbeleggen, Evi Netto Pensioenbeleggen of voor Evi? 3. Waarom gebruiken we de lifecyclesystematiek? 4. Waar beleggen wij

Nadere informatie

AEGON Lijfrenterekening. Voorwaarden

AEGON Lijfrenterekening. Voorwaarden AEGON Lijfrenterekening Voorwaarden Voorwaarden AEGON Lijfrenterekening De AEGON Lijfrenterekening is een beleggingsrekening en een spaarrekening. Artikel 1 Definities Als in de Voorwaarden AEGON Lijfrenterekening

Nadere informatie

Zeven manieren om zelf je pensioen te regelen

Zeven manieren om zelf je pensioen te regelen #1 okt 2015 Zeven manieren om zelf je pensioen te regelen Goed dat je deze whitepaper hebt gedownload! Je bent ondernemer, zzp er of je werkt in loondienst en je hebt geen pensioenregeling. Daarom wil

Nadere informatie

Een goede oudedagsvoorziening? Werknemers zijn aan zet

Een goede oudedagsvoorziening? Werknemers zijn aan zet 28 november 2014 Een goede oudedagsvoorziening? Werknemers zijn aan zet Jarenlang was pensioen géén actueel onderwerp. Je kreeg AOW als je 65 was en daarnaast een gegarandeerd pensioen dat via een werkgever

Nadere informatie

Het inrichten van een nettopensioenregeling bij een pensioenfonds

Het inrichten van een nettopensioenregeling bij een pensioenfonds Het inrichten van een nettopensioenregeling bij een pensioenfonds 19 november 2014 mr. S.J. (Jeroen) Roder, hoofd pensioenjuridische adviesgroep Blue Sky Group 2 In den beginne Regeerakkoord Rutte II:

Nadere informatie

Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen

Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen - Aanpassen AOW-leeftijd en Witteveenkader -Afstemming tweede en derde pijler Zeist, 14 juni 2011 Prof. Mr. Herman M. Kappelle Bijzonder hoogleraar Fiscaal Pensioenrecht

Nadere informatie

100K+/Netto Pensioen/Netto Lijfrente. Versie 19 januari 2015

100K+/Netto Pensioen/Netto Lijfrente. Versie 19 januari 2015 100K+/Netto Pensioen/Netto Lijfrente Versie 19 januari 2015 Wat is er veranderd per 1-1-2015? Voor 1-1-2015 gold er geen salarisbeperking waarover met pensioen op mocht bouwen. Vanaf 1-1-2015 is wetgeving

Nadere informatie

drieluik De fiscale behandeling van pensioensparen.

drieluik De fiscale behandeling van pensioensparen. nummer 5 MBB mei 2014 Drieluik De fiscale behandeling van pensioensparen Deel II: Wat heeft netto in petto? 221 Dr. A.H.H. Bollen-Vandenboorn 1, mr. M.E.C. Boumans cpl 2, mr. G. van Ginkel 3 en E.H.M.

Nadere informatie

Oplossingsrichtingen Pensioen in eigen beheer

Oplossingsrichtingen Pensioen in eigen beheer Oplossingsrichtingen Pensioen in eigen beheer Op 01 juli 2015 heeft de Staatssecretaris van Financiën, Eric Wiebes, de Tweede Kamer geïnformeerd over de mogelijke oplossingsrichtingen pensioen in eigen

Nadere informatie

Vormen van levensverzekering. Een overzicht

Vormen van levensverzekering. Een overzicht Vormen van levensverzekering Een overzicht 1 In deze special worden diverse aspecten van verzekeringen besproken. In dit artikel geven we een algemeen overzicht van verzekeringsvormen uit heden en verleden.

Nadere informatie

ALV CDAV Brabant 3 oktober 2015

ALV CDAV Brabant 3 oktober 2015 Vrouw en Pensioen anno 2015 e.v. Balans tussen werk, zorg en invloed ALV CDAV Brabant 3 oktober 2015 Mr. Caroline Jones Groeneweg RB Even voorstellen 3 pijlers Nederlands pensioenstelsel 3.Privé 2.De werkgever

Nadere informatie

Vormen van levensverzekering

Vormen van levensverzekering Vormen van levensverzekering In deze special worden diverse aspecten van verzekeringen besproken. In dit artikel geven we een algemeen overzicht van verzekeringsvormen uit heden en verleden. Levensverzekeringen

Nadere informatie

Belastingcijfers 2015

Belastingcijfers 2015 Belastingcijfers 2015 Box 1 - inkomen uit werk en woning Schijventarief voor personen jonger dan de AOW-gerechtigde leeftijd: Belastbaar inkomen doch niet belastingtarief tarief premie volksverzekeringen

Nadere informatie

Pensioen voor ZZP ers. 12 juni 2015 - AMSTERDAM

Pensioen voor ZZP ers. 12 juni 2015 - AMSTERDAM Pensioen voor ZZP ers 12 juni 2015 - AMSTERDAM 1 Inhoud Een oudedagsvoorziening opbouwen Drie nieuwe initiatieven Fiscaliteiten Vermogensbeheer Uitkering bij Arbeidsongeschiktheid Wat gebeurt er bij Overlijden?

Nadere informatie

Hoe zit het met op 31-12-2012 al bestaande hypotheken vanaf 1-1-2013?

Hoe zit het met op 31-12-2012 al bestaande hypotheken vanaf 1-1-2013? Hoe zit het met op 31-12-2012 al bestaande hypotheken vanaf 1-1-2013? Voor alle op 31 december 2012 bestaande hypotheken blijven de oude hypotheekregels van kracht. Oversluiten van een bestaande schuld

Nadere informatie

Prinsjesdagspecial 2014. De pensioennota. Samenvatting

Prinsjesdagspecial 2014. De pensioennota. Samenvatting Prinsjesdagspecial 2014 De pensioennota Samenvatting 1 2 Inhoudsopgave Prinsjesdagspecial de Pensioennota 1 Pensioen 3 1.1 Aangepast Witteveenkader 3 1.2 Verlaging maximum opbouw- en premiepercentages

Nadere informatie

logische vervolgstap

logische vervolgstap Arbeidsvormneutraal pensioenkader: een logische vervolgstap 2013 Tilburg University Arbeidsvormneutraal pensioenkader: een logische vervolgstap De werkgroep ANP is een initiatief van het Competence Centre

Nadere informatie

Beantwoording Kamervragen over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw

Beantwoording Kamervragen over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw Beantwoording Kamervragen over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw Het Tweede Kamerlid Omtzigt (CDA) heeft aan de staatssecretarissen Wiebes (Financiën) en Klijnsma (SZW) een

Nadere informatie

Nieuwsbrief. Fiscaal Juridisch Adviesbureau

Nieuwsbrief. Fiscaal Juridisch Adviesbureau Nieuwsbrief Fiscaal Juridisch Adviesbureau M a a n d e l i j k s i n f o r m a t i e b u l l e t i n v o o r v e r z e k e r i n g s a d v i s e u r s Nummer 64a september 2008 Inhoud Special Prinsjesdag

Nadere informatie

Belastingcijfers 2016

Belastingcijfers 2016 Belastingcijfers 2016 Box 1 - inkomen uit werk en woning Schijventarief voor personen jonger dan de AOW-gerechtigde leeftijd: totaal tarief heffing over totaal - 19.922 8,40% 28,15% 36,55% 7.281 19.922

Nadere informatie

De regeling nettopartnerpensioen is een product van Stichting Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW).

De regeling nettopartnerpensioen is een product van Stichting Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW). Kenmerken en voorwaarden regeling nettopartnerpensioen De regeling nettopartnerpensioen is een product van Stichting Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW). Over deze kenmerken en voorwaarden Het doel van

Nadere informatie

Wat zie je? Slides Video Chat Onderwerpen. Hoe bouw jij pensioen op? Slimme tips Financieel overzicht Voordeel voor jou als ondernemer Enquête

Wat zie je? Slides Video Chat Onderwerpen. Hoe bouw jij pensioen op? Slimme tips Financieel overzicht Voordeel voor jou als ondernemer Enquête 2014 Wat zie je? Slides Video Chat Onderwerpen Hoe bouw jij pensioen op? Slimme tips Financieel overzicht Voordeel voor jou als ondernemer Enquête Poll 1 Wat zie jij als jouw pensioen? Hoe bouw jij pensioen

Nadere informatie

Algemeen Geen Gering Globaal Goed. Aankoop woning Geen Gering Globaal Goed. Hypotheek algemeen Geen Gering Globaal Goed

Algemeen Geen Gering Globaal Goed. Aankoop woning Geen Gering Globaal Goed. Hypotheek algemeen Geen Gering Globaal Goed Risicoprofiel Hoe is uw kennis en ervaring met / over: Algemeen Geen Gering Globaal Goed Ontwikkelingen op de financiële markten Financiële producten in het algemeen Fiscale wetgeving Sociale voorzieningen

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag 2511 DP Uw kenmerk

Nadere informatie

Persoonlijk profiel. Netto maximale maandelijkse woonlasten Tussen en netto per maand

Persoonlijk profiel. Netto maximale maandelijkse woonlasten Tussen en netto per maand Persoonlijk profiel In het kader van de Wet Financiële toezicht (Wft) leggen wij u een aantal vragen voor die betrekking hebben op uw toekomstverwachtingen en levensstijl. Toekomstperspectief aanvrager

Nadere informatie

Erfrente verdient nieuwe kans. Petra van der Ham - den Haan Productspecialist Leven bij Reaal

Erfrente verdient nieuwe kans. Petra van der Ham - den Haan Productspecialist Leven bij Reaal Erfrente verdient nieuwe kans Petra van der Ham - den Haan Productspecialist Leven bij Reaal 1 Een blik in onze verzekeringsportefeuille leert ons al snel dat de erfrente vroeger voornamelijk als aanvullende

Nadere informatie

Algemene informatie oudedagvoorzieningen

Algemene informatie oudedagvoorzieningen Algemene informatie oudedagvoorzieningen Wij zetten de belangrijkste begrippen voor u op een rijtje: De productvormen... 2 Direct ingaande bancaire lijfrente... 2 Direct ingaande verzekerde lijfrente...

Nadere informatie

Notitie inzake: NETTO PENSIOEN IN DE TWEEDE PIJLER EXPERTISECENTRUM PENSIOENRECHT

Notitie inzake: NETTO PENSIOEN IN DE TWEEDE PIJLER EXPERTISECENTRUM PENSIOENRECHT EXPERTISECENTRUM PENSIOENRECHT Notitie inzake: NETTO PENSIOEN IN DE TWEEDE PIJLER Prof. mr. Herman Kappelle Prof. dr. Erik Lutjens Mr. Ivor Witte - hoogleraar Fiscaal Pensioenrecht - hoogleraar Pensioenrecht

Nadere informatie

Fiscale hervorming pensioenopbouw 2015

Fiscale hervorming pensioenopbouw 2015 Fiscale hervorming pensioenopbouw 2015 De parlementaire behandeling van de fiscale hervorming van de pensioenen is afgerond. Op dinsdag 27 mei is de Eerste Kamer in meerderheid akkoord gegaan met de plannen

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4

Nadere informatie

SNS Online Pensioen Seminar Erik Beckers

SNS Online Pensioen Seminar Erik Beckers SNS Online Pensioen Seminar Erik Beckers SNS Bank - september 2012 uit onderzoek blijkt Wat doe je het liefst van de volgende vijf activiteiten? Naar de tandarts gaan Op vakantie gaan Examen doen Pensioenregeling

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2002 101 Besluit van 5 februari 2002 tot vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in de artikelen 2b, vijfde lid, 2c, tweede

Nadere informatie

O Denkt aan vervroegd pensioen O Denkt aan geheel stoppen met werken O Aanvullende opmerkingen

O Denkt aan vervroegd pensioen O Denkt aan geheel stoppen met werken O Aanvullende opmerkingen Persoonlijk profiel In het kader van de Wet Financiële toezicht (Wft) leggen wij u een aantal vragen voor die betrekking hebben op uw toekomstverwachtingen en levensstijl. Uw antwoorden op onderstaande

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2005 2006 30 330 Wijziging van de Wet op de loonbelasting 1964 en van enige andere wetten (Wet aanvullend overgangsrecht fiscale behandeling pensioen) Nr.

Nadere informatie

Witteveen 2015. 1. Algemeen

Witteveen 2015. 1. Algemeen Witteveen 2015 1. Algemeen Eind vorig jaar zijn tussen de regeringsfracties van de VVD en de PvdA enerzijds en de oppositiepartijen D66, de SGP en de CU anderzijds pensioenafspraken gemaakt. Een groot

Nadere informatie

De Roche. Hypotheek waaier. Een persoonlijke keus voor uw toekomst. Het kiezen van de juiste hypotheekvorm is

De Roche. Hypotheek waaier. Een persoonlijke keus voor uw toekomst. Het kiezen van de juiste hypotheekvorm is De Roche Hypotheek waaier Een persoonlijke keus voor uw toekomst Het kiezen van de juiste hypotheekvorm is zeker niet eenvoudig; er zijn ontzettend veel mogelijkheden en bovendien vormt uw beslissing de

Nadere informatie

Voorbeeld Toelichting Uniform Pensioenoverzicht Model 2 pensioenregeling

Voorbeeld Toelichting Uniform Pensioenoverzicht Model 2 <kapitaalovereenkomst> <premieovereenkomst> <netto><bruto> pensioenregeling Voorbeeld Toelichting Uniform Pensioenoverzicht Model 2 pensioenregeling Wat heeft u aan het Uniform Pensioenoverzicht? Het Uniform Pensioenoverzicht

Nadere informatie

2014Z21984. Antwoord 1

2014Z21984. Antwoord 1 2014Z21984 Vragen van het lid Omtzigt (CDA) aan de staatssecretarissen van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van Financiën over de pensioenmaximering op 100.000 en de verlaging van de opbouw, die bij

Nadere informatie

CAPGEMINI PENSIOENFONDS. Wat krijgt u in onze pensioenregeling? Hoe is uw pensioen geregeld?

CAPGEMINI PENSIOENFONDS. Wat krijgt u in onze pensioenregeling? Hoe is uw pensioen geregeld? Stichting PENSIOENFONDS CAPGEMINI Nederland Hoe is uw pensioen geregeld? In dit Pensioen 1-2-3 leest u wat u wel en niet krijgt in onze pensioenregeling. Pensioen 1-2-3 bevat geen persoonlijke informatie

Nadere informatie

Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) VOORSTEL VAN WET

Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) VOORSTEL VAN WET Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) VOORSTEL VAN WET Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten: Alzo Wij in overweging genomen

Nadere informatie

Hypotheekvormen samengevat

Hypotheekvormen samengevat Hypotheekvormen samengevat Er bestaan in Nederland enkele honderden hypotheekvarianten. Dat lijkt heel veel, maar de meeste varianten zijn afgeleid van een aantal hoofdvormen. Uw eigen wensen en persoonlijke

Nadere informatie

Overzicht van voor- en nadelen van pensioenopbouw in eigen beheer

Overzicht van voor- en nadelen van pensioenopbouw in eigen beheer Pagina 1/6 Overzicht van voor- en nadelen van pensioenopbouw in eigen beheer Momenteel bouwt u pensioen op bij uw eigen vennootschap. Dit betekent dat de vennootschap recht heeft op premieaftrek voor uw

Nadere informatie

2. De directeur-grootaandeelhouder (DGA) en pijler 1

2. De directeur-grootaandeelhouder (DGA) en pijler 1 1. Wegwijs in pensioenland 1.1. Waarom eens stilstaan bij uw pensioen?...1 1.2. Oudedagsvoorziening is eigenlijk een beter woord............. 1 1.3. De drie pijlers van ons pensioensysteem.....................

Nadere informatie

Mijn pensioen. De heer R.R. Pietersen en Mevrouw J. Jenniskens. Op 21-09-2015 samengesteld door: P. de Groot R. Janssen ...

Mijn pensioen. De heer R.R. Pietersen en Mevrouw J. Jenniskens. Op 21-09-2015 samengesteld door: P. de Groot R. Janssen ... Mijn pensioen De heer R.R. Pietersen en Mevrouw J. Jenniskens P. de Groot R. Janssen Op 21-09-2015 samengesteld door:...... Handtekening(GR1221) Handtekening(JA1234) 15092175567210 Inhoudsopgave Inleiding

Nadere informatie

FISCALE CIJFERS 2014 SCFB adviseert het Fintool.nl abonnement

FISCALE CIJFERS 2014 SCFB adviseert het Fintool.nl abonnement Postbus 224 2700 AE Zoetermeer Tel. 085 111 88 88 Fax 085 111 88 80 E-mail info@scfb.nl Internet www.scfb.nl Bank ABN AMRO IBAN NL05ABNA0597042454 BIC ANBANL2A KvK Den Haag 27198895 FISCALE CIJFERS 2014

Nadere informatie

Je eigen woning en de Belastingdienst in 2012

Je eigen woning en de Belastingdienst in 2012 Je hypotheek en de belasting in 2012 Hier vind je een toelichting op het jaaroverzicht van je SNS Hypotheek. Ook lees je hier de belangrijkste fiscale regels die in 2012 gelden voor de eigen woning, hypotheek,

Nadere informatie

Commentaar RB op de reactie Maatregelen op het gebied van het pensioen in eigen beheer

Commentaar RB op de reactie Maatregelen op het gebied van het pensioen in eigen beheer Commentaar RB op de reactie Maatregelen op het gebied van het pensioen in eigen beheer 1 Inleiding Het Register Belastingadviseurs (hierna het RB) heeft met belangstelling kennis genomen van de reactie

Nadere informatie

Netto maximale maandelijkse woonlasten Tussen en netto per maand

Netto maximale maandelijkse woonlasten Tussen en netto per maand Persoonlijk profiel van: (naam): In het kader van de Wet Financiële toezicht (Wft) leggen wij u een aantal vragen voor die betrekking hebben op uw toekomstverwachtingen en levensstijl. Uw antwoorden op

Nadere informatie

Beschrijving en analyse van de vier fiscale varianten voor de koopmarkt

Beschrijving en analyse van de vier fiscale varianten voor de koopmarkt BIJLAGE C Beschrijving en analyse van de vier fiscale varianten voor de koopmarkt 1. Eigen woning als beleggingsgoed (variant 1) Wat verandert er? In deze variant wordt de eigen woning beschouwd als vermogen

Nadere informatie

Aan Werkgevers & Werknemers

Aan Werkgevers & Werknemers Primair Arbeidsvoorwaarden Advies Employee Benefits Financiële Diensten Verzekeringen Aan Werkgevers & Werknemers Dobbedreef 135 Postbus 11111 2301 EC Leiden T 071 52 88 000 F 071 52 88 222 Behandeld door

Nadere informatie

Pensioenbericht februari 2015. Nettopensioen UPDATE

Pensioenbericht februari 2015. Nettopensioen UPDATE Pensioenbericht februari 2015 Nettopensioen UPDATE Dit betreft de meest recente actualisering van ons eerdere nieuwsbericht van 2 december 2014 over ditzelfde onderwerp. In ons nieuwsbericht van 2 december

Nadere informatie

white paper september 2014

white paper september 2014 white paper september 2014 Wat te doen met nabestaandenpensioen na 1 januari 2015 Het kabinet kijkt naar de toekomst. De economie trekt aan, er is hier en daar weer budget voor extra investeringen zoals

Nadere informatie

Bijlage bij lesbrief Pensioenworkshop Mañana

Bijlage bij lesbrief Pensioenworkshop Mañana Stichting Weet Wat Je Besteedt (WWJB) Extra uitleg en Q&A Bijlage bij lesbrief Pensioenworkshop Mañana Wat is pensioen? Tekst uit het filmpje Wist je dat je nu waarschijnlijk al pensioen opbouwt? Een klein

Nadere informatie

Nieuwe spelregels pensioen Versorbering van het Witteveenkader per 1 januari 2015

Nieuwe spelregels pensioen Versorbering van het Witteveenkader per 1 januari 2015 mr. Monica Swalef Nieuwe spelregels pensioen Versorbering van het Witteveenkader per 1 januari 2015 11 september 2014 Leeswijzer Stand van zaken per 2 september 2014 Pensioenontwikkelingen gaan razendsnel

Nadere informatie

Effect van maximaal fiscaal gefaciliteerd pensioengevend inkomen

Effect van maximaal fiscaal gefaciliteerd pensioengevend inkomen CPB Notitie Nummer : 2004/3 Datum : 29 januari 2004 Aan : Tweede Kamerfractie PvdA (de heer Crone en de heer Depla) Effect van maximaal fiscaal gefaciliteerd pensioengevend inkomen Verzoek De Tweede Kamerleden

Nadere informatie

VOORSTEL VAN WET ZOALS GEWIJZIGD NAAR AANLEIDING VAN HET ADVIES VAN DE RAAD VAN STATE

VOORSTEL VAN WET ZOALS GEWIJZIGD NAAR AANLEIDING VAN HET ADVIES VAN DE RAAD VAN STATE 30 432 Voorstel van wet van de leden Depla en B.M. de Vries houdende wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 en van enige andere wetten inzake fiscale facilitering banksparen ten behoeve van pensioenopbouw

Nadere informatie

Overzicht Beleid & Wet- en regelgeving pensioenen

Overzicht Beleid & Wet- en regelgeving pensioenen Overzicht Beleid & Wet- en regelgeving pensioenen 14 september 2015 VERD VERD VERD VERD GEWIJZI Vooraf VERD VERD 08 VERD Herziening IORP-richtlijn VERD G 01 02 03 04 05 VERD Toekomst pensioenstelsel Algemeen

Nadere informatie

De feiten op een rij. De beschikbare premieregeling

De feiten op een rij. De beschikbare premieregeling De feiten op een rij De beschikbare premieregeling De beschikbare premieregeling: de feiten op een rij De beschikbare premieregeling Verzekeraars bieden diverse pensioenregelingen aan, waaraan werknemers

Nadere informatie

Martin Gast. Edmond Halley BV Increase PensioenKnowHow BV. Increase Pensioen KnowHow

Martin Gast. Edmond Halley BV Increase PensioenKnowHow BV. Increase Pensioen KnowHow Martin Gast Edmond Halley BV Increase PensioenKnowHow BV Even voorstellen Wat is er aan de hand in lijfrenteland? Pensioenactualiteiten Kansen 3e pijler Ik ben Martin Gast Edmond Halley BV Pensioenconsultants

Nadere informatie

VOORWAARDEN SYNVEST LIJFRENTEBELEGGINGSRECHT

VOORWAARDEN SYNVEST LIJFRENTEBELEGGINGSRECHT Blad 1 van 5 Inhoudsopgave Artikel 1. Uitleg en definities... 1 2. Toepasselijkheid... 2 3. Inleg algemeen... 2 4. Inleg uitgesteld lijfrentebeleggingsrecht. 2 5. Inleg direct ingaand lijfrentebeleggingsrecht...

Nadere informatie

Kenmerken van diverse basisvormen van hypothecaire leningen

Kenmerken van diverse basisvormen van hypothecaire leningen Hypotheekvormen Kenmerken van diverse basisvormen van hypothecaire leningen Onderstaand geven wij u een korte beschrijving van de verschillende hypotheekvormen. Het betreft slechts een opsomming van de

Nadere informatie

Beleggingsverzekering in de vorm van een Lijfrente

Beleggingsverzekering in de vorm van een Lijfrente Beleggingsverzekering in de vorm van een Lijfrente Algemeen Wat leest u in deze productwijzer Wat is een beleggingsverzekering Risico s Maak een bewuste keuze Welk product heeft u U heeft een Lijfrenteverzekering

Nadere informatie

Wanneer ga jij met pensioen?

Wanneer ga jij met pensioen? Wanneer ga jij met pensioen? Inhoudsopgave Inleiding... 3 1 AOW-gerechtigde leeftijd... 4 1.1 Algemeen... 4 1.2 Verhoging van 65 naar 67... 4 1.3 Verdere verhoging op basis van de levensverwachting...

Nadere informatie

de pensioengerechtigde leeftijd of bij eerder overlijden, zoals aanspraken op ouderdomsen nabestaandenpensioen en pré-pensioen.

de pensioengerechtigde leeftijd of bij eerder overlijden, zoals aanspraken op ouderdomsen nabestaandenpensioen en pré-pensioen. de pensioengerechtigde leeftijd of bij eerder overlijden, zoals aanspraken op ouderdomsen nabestaandenpensioen en pré-pensioen. De hierna opgenomen bepalingen worden niet alleen toegepast op formeel overeengekomen

Nadere informatie

Uw pensioen goed geregeld

Uw pensioen goed geregeld Uw pensioen goed geregeld 2 Uw aanvullend pensioen geregeld Als u aan het begin van uw loopbaan staat, is de tijd na uw pensioen niet het eerste waar u aan denkt. Maar hebt u er al een flink aantal jaren

Nadere informatie

Nu kiezen voor zekerheid. Straks wonen tegen aantrekkelijke maandlasten. Fiscaal Voortzetten. in de BankSpaar Plus Hypotheek

Nu kiezen voor zekerheid. Straks wonen tegen aantrekkelijke maandlasten. Fiscaal Voortzetten. in de BankSpaar Plus Hypotheek Nu kiezen voor zekerheid Straks wonen tegen aantrekkelijke maandlasten Fiscaal Voortzetten in de BankSpaar Plus Hypotheek Nationale-Nederlanden maakt Fiscaal Voortzetten in de BankSpaar Plus Hypotheek

Nadere informatie

Hoe bouwt u pensioen op? Wat krijgt u in onze pensioenregeling? Wat krijgt u in onze pensioenregeling niet?

Hoe bouwt u pensioen op? Wat krijgt u in onze pensioenregeling? Wat krijgt u in onze pensioenregeling niet? U kunt vanaf 1 januari 2015 nettopensioen bij ons opbouwen. In dit Pensioen 1-2-3 leest u wat u wel en niet krijgt in deze nettopensioenregeling. Dat is belangrijk om te weten, bijvoorbeeld als u van baan

Nadere informatie

Belastingplan 2013: Wet herziening fiscale behandeling eigen woning

Belastingplan 2013: Wet herziening fiscale behandeling eigen woning Regelingen en voorzieningen CODE 3.2.3.30 verwachte wijzigingen Belastingplan 2013: Wet herziening fiscale behandeling eigen woning bronnen Informatieblad Woningmarkt 18.9.2012 Vragen en antwoorden over

Nadere informatie

Op het moment dat een oud regime polis tot uitkering komt, heeft u de keuze uit de volgende mogelijkheden:

Op het moment dat een oud regime polis tot uitkering komt, heeft u de keuze uit de volgende mogelijkheden: Oud regime lijfrente Als u de mogelijkheden die u heeft bij een oud regime lijfrente vergelijkt met de mogelijkheden die u heeft bij een nieuwe regime lijfrente, dan zult u zien dat de oud regime lijfrente

Nadere informatie

Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen)

Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) Memorie van toelichting Inhoudsopgave I. ALGEMEEN... 2 1. Inleiding... 2 2. Pensioenexcedentregelingen... 2 3.

Nadere informatie

DE LIJFRENTEWIJZER UW LIJFRENTE KOMT VRIJ, WAT KUNT U DOEN?

DE LIJFRENTEWIJZER UW LIJFRENTE KOMT VRIJ, WAT KUNT U DOEN? n Laten uitkeren via een DE LIJFRENTEWIJZER UW LIJFRENTE KOMT VRIJ, WAT KUNT U DOEN? n Laten uitkeren via een UW LIJFRENTE KOMT VRIJ Uw lijfrentekapitaal komt binnenkort vrij. Weet u al wat u met het geld

Nadere informatie

Cijfers 2016. Algemeen. Schijventarief box 1 jonger dan AOW-leeftijd Belastbaar inkomen meer dan. maar niet meer dan. belastingtarief tarief premie

Cijfers 2016. Algemeen. Schijventarief box 1 jonger dan AOW-leeftijd Belastbaar inkomen meer dan. maar niet meer dan. belastingtarief tarief premie Cijfers 2016 31-12-2015 Door de redactie In dit overzicht geven we de belangrijkste fiscale en sociale cijfers voor 2016 weer. Daarbij geven we uitsluitend de officieel gepubliceerde cijfers weer. Ook

Nadere informatie

Pensioen Continu Plan

Pensioen Continu Plan Pensioen Continu Plan Een nettolijfrente oplossing Voor werknemers met een salaris boven 100.000 Per 1 januari 2015 gelden er belangrijke nieuwe regels voor pensioen. Hierdoor bouwen veel werknemers minder

Nadere informatie

Voorbeeld Toelichting Uniform Pensioenoverzicht Model 3 Premieovereenkomst pensioenregeling

Voorbeeld Toelichting Uniform Pensioenoverzicht Model 3 Premieovereenkomst <netto><bruto> pensioenregeling Voorbeeld Toelichting Uniform Pensioenoverzicht Model 3 Premieovereenkomst pensioenregeling Wat heeft u aan het Uniform Pensioenoverzicht? Het Uniform Pensioenoverzicht geeft u inzicht in

Nadere informatie

33 672 Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) Nadere Memorie van Antwoord.

33 672 Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) Nadere Memorie van Antwoord. 33 672 Invoering van pensioen- en lijfrente-excedentregelingen (Wet pensioenaanvullingsregelingen) Nadere Memorie van Antwoord Inleiding Het kabinet heeft met interesse kennisgenomen van de nadere vragen

Nadere informatie

Persoonlijk Pensioen Plan

Persoonlijk Pensioen Plan Persoonlijk Pensioen Plan Brochure voor u als werkgever Als werkgever hebt u behoefte aan een betaalbare pensioenregeling. Tegelijkertijd wilt u een regeling die past in een goed arbeidsvoorwaardenbeleid.

Nadere informatie

17-4-2014. Onderwerpen: Wet op de inkomstenbelasting 2001

17-4-2014. Onderwerpen: Wet op de inkomstenbelasting 2001 Onderwerpen: Korte uitleg heffingssysteem inkomstenbelasting Korte uitleg heffingssysteem vennootschapsbelasting Vrijstellingen en heffingskortingen Aflossen eigenwoningschuld Familielening eigen woning

Nadere informatie

Klik hier om het document te openen in een browser venster Vindplaats: VFP 2013/95 Bijgewerkt tot: 07-10-2013 Auteur: Drs. M.C.B.

Klik hier om het document te openen in een browser venster Vindplaats: VFP 2013/95 Bijgewerkt tot: 07-10-2013 Auteur: Drs. M.C.B. Vakblad Financiële Planning, Aftoppen en optoppen Klik hier om het document te openen in een browser venster Vindplaats: VFP 2013/95 Bijgewerkt tot: 07-10-2013 Auteur: Drs. M.C.B. Bril MFP [1] Aftoppen

Nadere informatie

De doorsneepremie ZO DENKEN WIJ ER OVER. De doorsneepremie. De doorsneepremie

De doorsneepremie ZO DENKEN WIJ ER OVER. De doorsneepremie. De doorsneepremie Zo denken wij er over is een uitgave van ABP Corporate Communicatie. Voor meer informatie verwijzen wij u naar www.abp.nl. september 2007 ZO DENKEN WIJ ER OVER Collectief versus individueel Juridische

Nadere informatie

Dit besluit is per 1 januari 2015 vervangen door het besluit van 23 september 2014, nr. BLKB2014/1702M) Het vervallen besluit is hierna opgenomen.

Dit besluit is per 1 januari 2015 vervangen door het besluit van 23 september 2014, nr. BLKB2014/1702M) Het vervallen besluit is hierna opgenomen. Dit besluit is per 1 januari 2015 vervangen door het besluit van 23 september 2014, nr. BLKB2014/1702M) Het vervallen besluit is hierna opgenomen. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der

Nadere informatie

Nieuw pensioenstelsel is broodnodig: op zoek naar de juiste ingrediënten! mr. drs. Michael Visser Tilburg University / Pensioen GeMi

Nieuw pensioenstelsel is broodnodig: op zoek naar de juiste ingrediënten! mr. drs. Michael Visser Tilburg University / Pensioen GeMi Nieuw pensioenstelsel is broodnodig: op zoek naar de juiste ingrediënten! mr. drs. Michael Visser Tilburg University / Pensioen GeMi Bent u er klaar voor? Bron: AMweb 6 april 2014 Programma Even voorstellen

Nadere informatie

NIEUWSOVERZICHT KABINETSPLANNEN DECEMBER 2012

NIEUWSOVERZICHT KABINETSPLANNEN DECEMBER 2012 NIEUWSOVERZICHT KABINETSPLANNEN DECEMBER 2012 Dat er een nieuwe regering is zal niemand zijn ontgaan. En dat de voorstellen verstrekkende gevolgen hebben ook niet. Het vervelende is dat we nu in een periode

Nadere informatie