Economie ICT-gebruik in lessen economie, SEI en bedrijfsbeheer

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Economie ICT-gebruik in lessen economie, SEI en bedrijfsbeheer"

Transcriptie

1 1 Katholieke Hogeschool Kempen Economie ICT-gebruik in lessen economie, SEI en bedrijfsbeheer Eindwerk van Helsen Willem Verswijvel Steven C A M P U S Vorselaar Departement Lerarenopleiding Bachelor in onderwijs: Secundair Onderwijs 3de jaar Promotor: Dirk De Bruyn Academiejaar

2

3 VOORWOORD Bij het maken van een eindwerk wordt een periode van je leven afgesloten, die de basis vormt voor een nieuwe toekomst. Als studenten van het derde jaar was het dit jaar onze beurt om deze zware klus te klaren. Dit eindwerk is gemaakt door Steven Verswijvel en Willem Helsen, 3BASOa, van de Katholieke Hogeschool Kempen, campus Vorselaar. Hierbij zouden we graag onze mentoren van onze stagescholen willen danken voor hun advies en medewerking om dit project mogelijk te maken. Doordat zij ons het vertrouwen gaven, was het mogelijk om onze theorie toe te passen in de praktijk. Graag willen we ook nog meneer De Bruyn danken om ons telkens in de juiste richting te sturen. Ten slotte willen we ook Microsoft danken voor hun uitgebreide rondleiding en hun vernieuwende ideeën inzake ICT-gebruik bij het lesgeven.

4

5 INHOUDSTAFEL Theoretisch deel 1 Informatie- en communicatietechnologie Geschiedenis van ICT Waarom worden jongeren op een jonge leeftijd reeds geconfronteerd met ICT? Gevolgen ICT-stroom Hoeveelheid beschikbare informatie neemt toe Informatie wordt snel en kort aangeboden Informatie is overal beschikbaar ICT integreren in diverse vakken Onderwijsvisies en ICT Directe instructie Het constructivisme Seymour Papert CTGV en verankerde instructie Behaviorisme en ICT Informatieverwerkingstheorie en ICT Invloed van ICT op het onderwijs De gevolgen van ICT bij het lesgeven Heeft ICT een positieve invloed op het leren? Ergonomie Inleiding Stoel Tafel Beeldscherm Toetsenbord en muis Klasinrichting Ergonomische hulpmiddelen Educatieve software Definitie Soorten educatieve software Hoe maak je gebruik van educatieve software? In de klas Thuis De voor- en nadelen van het gebruik van educatieve software in de klas Leerkracht Leerling Hot Potatoes Wat is het? Voor- en nadelen van Hot Potatoes Emindmaps Wat is een mindmap? Digitale databanken WebQuests Wat is een WebQuest? Waarom een WebQuest?...37

6 10 Onderzoek ICT-gebruik van leerkrachten economie Verantwoording Verwerking van de enquêtes Praktisch deel 1 Simulatiespellen Rollercoaster Tycoon 2 (3/4 ASO) Starter: Kinderen van Dewindt (5/6 BSO) Mindmaps (alle richtingen, eerste/tweede/derde graad) Inkomen uit beleggingen (2ASO / 2TSO) Centrale thema s van politieke partijen in Berlaar (2ASO / 2 TSO) Integratie van verschillende ICT-technieken in het hoekenwerk gezinsuitgaven (2ASO / 2TSO) De soorten uitgaven Besparingstips Enquête Filmfragment: Het leven zoals het is: Jos Kredieten (filmfragment) ICT als hulpmiddel voor zelfstandig werk Uitwerking: politiek in je gemeente (2ASO / 2TSO) Politieke partijen in Berlaar Verkiezingsuitslagen Berlaar De gemeenteraad en het schepencollege Aankoopkanalen (6BSO) Wat bepaalt het loon? (3ASO) ICT als hulpmiddel voor uitdagende opdrachten Muziekproject (2ASO / 2TSO) Het ondernemingsplan (3ASO) Naam van de onderneming: Duurzame ontwikkeling (4ASO) Betaalmiddelen (2ASO) Dit gebeurt in samenspraak met de leerkracht zodat ieder betaalmiddel behandeld wordt Stap 2: Via Internet ga je op zoek naar informatie over het onderwerp. De volgende vragen moet je zeker kunnen beantwoorden: Reclame (3ASO) ICT als hulpmiddel voor een onderwijsleergesprek Bedrijfssectoren (2ASO / 2TSO) ICT als hulpmiddel voor het vastzetten van leerstof Sociale vergoedingen (2ASO / 2TSO) Betaalmiddelen (2ASO / 2TSO) Oefening met hotspots Matchoefeningen (Hot Potatoes) Ik en de gemeenschap: Europa (2ASO) Het gebruik van filmfragmenten Verkopen moet je leren (3TSO)...119

7 8.2 Kredieten (3BSO) Een commercieel gesprek voeren (6BSO) Werkgelegenheid (3ASO) Bijlagen Bijlage Gebruik van software leidt niet zondermeer tot betere leerprestaties... 1 Elektronisch prentenboek verdubbelt taalwinst bij kleuters... 1 Betere schoolprestaties door ict... 2 Teaching with games... 2 Bewijs voor doeltreffendheid van ict in het onderwijs groeit... 3 De digitale generatie en onderwijs: uitdagingen... 3 Bijlage Enquête over ICT-gebruik in de lessen economie... 4

8

9 LIJST VAN ILLUSTRATIES Theoretisch deel Figuur 1: De juiste zithouding? Figuur 2: een goede computertafel Figuur 3: de hoogte van het beeldscherm Figuur 4: de muis moet passen in een kinderhand Figuur 5: het geslacht van de ondervraagden Figuur 6: de graad waarin de ondervraagden lesgeven Figuur 7: ICT-vaardigheden van de ondervraagden Figuur 8: Is bijscholing inzake ICT nodig? Figuur 9: Wordt de computer vaak in de les gebruikt? Figuur 10: Is de houding bij leerlingen achter de computer belangrijk Figuur 11: het evalueren van ICT-opdrachten Figuur 12: infrastructuur van de school Figuur 13: infrastructuur in het Sint-Jozefscollege Figuur 14: infrastructuur in het Francesco paviljoen Figuur 15: infrastructuur in het Sint-Jozefsinstituut Figuur 16: afstemming ICT-gebruik in handboeken... 47

10

11 INLEIDING We hebben gekozen om ons afstudeerproject specifiek te richten op het multimediagebruik in de lessen economie. Hoogstwaarschijnlijk zal u zich afvragen waarom we ons richten op het vak economie? Wij vinden dat er in economie meer gebruik kan en moet gemaakt worden van multimedia. Voor vakken zoals informatica is het bijna vanzelfsprekend dat er meerdere computers beschikbaar zijn in het vaklokaal. Zo zal je in iedere school computerklassen terugvinden waar de meeste leerlingen individueel over een computer kunnen beschikken om de lessen informatica te kunnen volgen. Op deze manier is het mogelijk om de leerlingen zelfstandig informatie te laten verwerven en verwerken. Iedere leerling heeft nu de mogelijkheid om op eigen tempo te werken waardoor iedere leerling uitgedaagd wordt. Voor het vak aardrijkskunde is er de afgelopen jaren ook heel wat veranderd. Zo beschikken tegenwoordig al heel wat scholen over een vaklokaal met een computer en beamer. Vroeger moesten leerkrachten zelf foto s afdrukken om de lessen meer kleur te geven. Natuurlijk was het niet mogelijk om dit voor elke les te doen. Daarom bleef het meestal bij de prenten in het hand- en werkboek. Tegenwoordig maken steeds meer en meer leerkrachten gebruik van een Powerpointpresentatie. Op deze manier worden de lessen een stuk interessanter omdat de leerstof op een concrete manier aangeboden wordt. Dit zorgt ervoor dat de lessen voor zowel de leerkracht als de leerlingen uitdagender worden. Voor het vak economie is het echter nog niet vanzelfsprekend om gebruik te maken van deze opkomende technologie. Daarom zullen wij u in dit eindwerk proberen te overtuigen van de mogelijkheden die het biedt om het leerproces te ondersteunen van de leerlingen. Veel leesplezier!

12

13 13 1 INFORMATIE- EN COMMUNICATIETECHNOLOGIE Computers beschikken over verschillende mogelijkheden om informatie te presenteren. De hedendaagse informatie- en communicatietechnologiëen bieden dan ook enorme kansen om leermaterialen multimediaal uit te werken. Men kan regelmatig informatie op verschillende wijzen aanbrengen bij leerlingen. Denk maar aan het gebruik van tekeningen, foto s, animaties, audio en video. Door te variëren in het aanbieden van informatie worden de leerlingen meer betrokken bij de les. Er is tegenwoordig al heel wat bestaande en bruikbare educatieve software beschikbaar waar je beroep op kan doen. Wanneer je op het Internet zoekt, zul je voor elk vakgebied talloze sites vinden die interactieve pakketten aanbieden. Het is aan jou om deze pakketten kritisch te beoordelen zodat je jezelf kan afvragen of ze bruikbaar zijn in je les. Als school is het belangrijk om op voorhand na te denken hoe ze ICT wil integreren in het onderwijs en welke stappen ze bereid zijn om te nemen. De opkomst van ICT is voor de school niet altijd even rooskleurig. Dagelijks worden ze immers overstelpt met nieuwe zaken: software, hardware, methodes en technieken. Wanneer de school geen helder beeld heeft over het gebruik van ICT in het onderwijs, dan is ze geneigd om alle nieuwe dingen op te nemen en eventueel uit te proberen. Dit is natuurlijk niet aan te raden omdat er op deze manier chaos ontstaat. Wanneer een school op voorhand goed nadenkt over hun ICT-beleid kunnen ze orde scheppen door enkel die zaken te selecteren die aansluiten bij hun visie. Niet alleen in het onderwijs is ICT belangrijker geworden, maar ook in ons dagelijkse leven. Een computer is niet meer weg te denken uit onze maatschappij. Daarom is het de plicht van de school om leerlingen wegwijs te maken in deze digitale wereld. Het is immers niet vanzelfsprekend dat iedereen even vlot overweg kan met een computer. We nemen langs de andere kant de jongste jaren de trend waar dat jongeren worden op een steeds jongere leeftijd vlotter in het omgaan met multimedia, dit betekent echter niet dat we de opkomst van het digitale tijdperk mogen verwaarlozen. In tegendeel, we moeten deze onderwijsvernieuwing juist stimuleren! Leerkrachten die ICT integreren in hun lessen slaan twee vliegen in één klap. Jongeren leren kritisch omgaan met multimedia én tegelijkertijd werkt dit betrokkenheidsverhogend aangezien de leerstof op interessantere manieren gepresenteerd kan worden aan de leerlingen. Denk maar aan de uitgebreide mogelijkheden die het Internet biedt om informatie op te zoeken in de digitale databanken. Er kan bovendien op een concretere manier omgegaan worden met de leerstof doordat de leerlingen in staat zijn om zelf grafieken te ontwerpen, presentaties voor te bereiden enzovoort. We komen later terug op de uitgebreide mogelijkheden van het multimediagebruik in de lessen economie. We nemen eerst de informatie- en communicatietechnologie onder de loep zodat we dit nadien specifiek kunnen toepassen op het vak economie. 1.1 Geschiedenis van ICT De kerngedachte van de informatie- en communicatietechnologie is het gebruik van computers in netwerken. De mogelijkheden van deze technologie zijn de jongste jaren enorm uitgebreid. Er werden op onderwijsniveau heel wat toepassingen ontworpen om het leren te ondersteunen via deze technologie. De afgelopen jaren werd er steeds meer en meer aandacht besteed aan het gebruik van ICT in het onderwijs. Oorspronkelijk werd de computer vooral gezien als een middel om individuele instructie te verstrekken. De afgelopen jaren kent computerondersteunend leren een sterke toename in de praktijk. Er werd gekozen voor een vorm waarbij naast het handboek, ook een verscheidenheid aan media, waaronder

14 14 Helsen Willem, Verswijvel Steven ICT, wordt gebruikt om het leerproces te ondersteunen. Deze evolutie kan men onderbrengen in een sociaal constructivistische onderwijsvisie, maar hier komen we later uitgebreid op terug. Op 1 september 1991 werd het vak informatica verplicht ingevoerd in alle studierichtingen van de 2de graad ASO, TSO en KSO. Op dat moment bleek dit de meest geschikte benadering om alle leerlingen verplicht te laten kennismaken met ICT. 15 jaar later is de situatie in aanzienlijke mate geëvolueerd. Er heerst nu een algemene consensus dat alle leerlingen de basisvaardigheden ICT op veel jongere leeftijd horen te verwerven. Daarom dienen de scholen voortaan de basisvaardigheden ICT aan alle leerlingen in het basisonderwijs en aan alle leerlingen van de eerste graad aan te leren. Hoewel de meeste scholen een ICT-coördinator in dienst nemen, is het de bedoeling dat de leerkrachten in de toekomst zelf ICT zullen integreren in hun lessen. 1.2 Waarom worden jongeren op een jonge leeftijd reeds geconfronteerd met ICT? Vooraleer leerlingen gebruik kunnen maken van de informatie- en communicatietechnologie, moeten ze de kans krijgen om de basisvaardigheden ICT te verwerven. Wanneer de leerlingen een goede basis hebben, kunnen leerkrachten ICT in hun lessen integreren. Stel je voor dat je de opdracht krijgt om iets op te zoeken, maar je hebt niet eens een flauw benul over hoe je een computer moet opstarten Daarom is het van belang dat steeds de beginsituatie van de leerlingen correct wordt ingeschat. Je mag er nooit vanuit gaan dat iedere leerling op dezelfde golflengte zit. Niet iedereen heeft het immers even breed thuis om over een gezinscomputer (al dan niet met internet) te beschikken! Cijfers van het Nationaal Instituut voor Statistiek geven aan dat 3 op de 10 Vlaamse gezinnen thuis niet over een pc beschikken. Het aantal gezinnen in de hoogste inkomensgroep dat over een pc beschikt, is 5 maal groter dan het aantal gezinnen in de laagste inkomensgroep dat over een pc beschikt. 1.3 Gevolgen ICT-stroom Hoeveelheid beschikbare informatie neemt toe We worden dagelijks overstelpt met informatie door een overweldigende invloed van een stroom aan informatie via televisie, radio, krant en computer. Daarom is het onmogelijk om ons te verrijken met alle informatie. We hebben nauwelijks tijd om stil te staan bij informatie. Daarom moeten we informatie filteren waarin we geïnteresseerd zijn of waarin we ons willen verdiepen. De school heeft haar accent moeten verleggen van kennisverwerving naar het ondersteunen van leerlingen bij het ordenen van informatie. Door de kennisexplosie is het niet langer mogelijk om alle leerstof te beheersen. Het is wel van belang om juiste strategieën te ontwikkelen om informatie op te zoeken. Leerlingen moeten klaargestoomd worden tot levenslang leren. De school kan kiezen om een structuur voor te kauwen voor de leerlingen (directe instructie) ofwel een samenwerkingsproces opzetten tussen leerkracht en leerlingen die samen op zoek gaan naar informatie (constructivisme). Er worden verschillende eisen gesteld aan de leerkracht. De leerkracht moet kennis van zaken hebben en moet tegelijkertijd in staat zijn om de denkprocedure van kinderen zodanig te sturen dat hun kennis gesorteerd wordt tot een geordend geheel. Door de immense hoeveelheid informatie die kinderen te verwerken krijgen, raken kinderen overgestimuleerd. Als gevolg kan er niet worden nagedacht over de

15 15 informatie, er is geen tijd om te reflecteren over leerstof. Doordat kinderen vaak passief leerstof moeten bewerken, komen ze vaak de les buiten met een onbevredigend gevoel. Ze snakken naar gebeurtenissen die ze kunnen koppelen met hun leefwereld en naar zelfactiviteit. Die onbevredigende actiebehoefte kan leiden tot concentratiestoornissen bij sommige kinderen. Leerkrachten van het toekomstgerichte onderwijs moeten informatie kunnen en durven selecteren. Hiervoor moet een leerkracht een heldere visie hebben op de maatschappij. Het is belangrijk om rust te brengen in deze chaos aan prikkels die de leerlingen te verwerken krijgen. Leerkrachten moeten hen tonen hoe ze op een doordachte manier kunnen omgaan met een massa aan informatie. Samen met leerlingen actief omgaan met prikkels vormt voor leerkrachten de ultieme uitdaging. Een leerkracht moet geen allesweter meer zijn, maar iemand die informatie kan opsporen, ordenen en aanpassen Informatie wordt snel en kort aangeboden De gezinsauto heeft bijna onopgemerkt een enorme invloed op ons leven gehad. Hij zorgde voor een versnelling in de beeldcultuur. Vanuit de auto worden landschappen bestudeerd en kinderen leren zich hierdoor oriënteren. Door de snelle verplaatsingen leren kinderen vlug en oppervlakkig waarnemen waarbij ze beelden aanvullen met snelle associaties. Ook de televisie heeft hier invloed op gehad. Denk maar aan films en videoclips waar beelden aan een toegenomen snelheid worden getoond. Doordat kinderen steeds vlugger leren waarnemen heeft dit een invloed gehad op kinderboeken. Zij laten steeds meer illustraties zien om een verhaal over te brengen aan het kind. Het kind moet zelf verbanden leggen tussen mogelijke associaties die in een snel tempo getoond worden. Leerkrachten zullen met deze evolutie rekening moeten houden wanneer ze de interesse van kinderen willen vasthouden. Een stijl van snel en kort waarnemen, aangevuld met associaties en snelle classificatie is nodig. Er mag niet te lang gewacht worden om een besluit te trekken. Er moeten dus meer snelle besluiten genomen worden. Deze evolutie heeft natuurlijk ook negatieve gevolgen. Doordacht nadenken is moeilijk en minder geliefd. Het neemt immers tijd in beslag en filosoferen over de zin van informatie wordt als hinderlijk ervaren Informatie is overal beschikbaar Vroeger werd er vooral informatie overgedragen door leerkrachten. Onze samenleving is op korte tijd in die mate geëvolueerd dat we ons dit nog moeilijk kunnen voorstellen. Wanneer je over een computer met internetaansluiting beschikt kan je onbeperkt en onvoorwaardelijk informatie opvragen. Om op een doeltreffende manier de juiste informatie te vinden in deze digitale jungle, is het belangrijk dat we inhouden zo efficiënt mogelijk opslaan. Je kan het vergelijken met een bedrijf dat zijn stock inventariseert. Iedere stockeenheid krijgt zijn eigen label met een uniek nummer. Via de computer is later iedere eenheid vlot opvraagbaar via opslaglocaties die opgezocht worden in een database. Wanneer dit systeem ook doorgevoerd wordt voor het opslaan van digitale informatie, kunnen inhouden doelgericht opgezocht worden. Op deze manier zal er efficiënter gezocht kunnen worden naar informatie.

16 16 Helsen Willem, Verswijvel Steven 1.4 ICT integreren in diverse vakken Sinds enkele jaren benadrukt de overheid het belang van de integratie van ICT in het lesgeven. Scholen kunnen kiezen om ICT als afzonderlijk vak te beschouwen of te integreren in verschillende vakken. Leerkrachten kunnen hun lessen verrijken door inbreng van ICT. Wat de leerlingen moeten kennen blijft hetzelfde, maar er worden andere of bijkomende leermiddelen ingeschakeld. Zo kan het doel beter, sneller, meer gedifferentieerd en met meer motivatie bereikt worden. Wanneer de school beslist om de leerkrachten van diverse vakken ICT te laten integreren in hun lessen, ontstaat er natuurlijk een ruimer en gevarieerder aanbod. Het is belangrijk dat leerkrachten voldoende kunnen omgaan met deze technologie. Aangezien niet alleen hardware, maar ook software vlug veroudert, is het belangrijk dat iedereen op de hoogte blijft. Sommige scholen kiezen voor een projectmatige aanpak om een verwaterd en versnipperd aanbod te voorkomen. Natuurlijk is een goede samenwerking tussen leerkrachten noodzakelijk. Het stelt niet alleen hoge eisen aan de leerkrachten, maar ook aan de infrastructuur op school. In principe moeten immers alle betrokken vakken gebruik kunnen maken van een computerklas.

17 17 2 ONDERWIJSVISIES EN ICT 2.1 Directe instructie Objectivisten geven de voorkeur aan directe instructie (führen). De leerkracht is een allesweter terwijl hij zijn leerlingen als lege vaten, die opgevuld dienen te worden, beschouwt. Men heeft als doel leerlingen in te leiden in begrippen, regels, principes en vaardigheden. Hierdoor krijgen de leerlingen greep op de werkelijkheid. De leerkracht is een leidinggevend figuur en biedt informatie in kant-en-klare vorm aan. Deze informatie kan zonder bewerking worden opgenomen in het langetermijngeheugen van de lerende, zodat het later zonder problemen kan worden gereproduceerd. Wanneer er betekenisvol wordt geleerd, wordt nieuwe informatie verbonden met reeds aanwezige kennis in de cognitieve structuur. Leerkrachten die deze onderwijsvisie steunen, verkiezen individueel werk van de leerlingen boven het werken in groepsverband. Ze hebben weinig nood aan de nieuwe tendensen van de ICT en men test kennis hoofdzakelijk door gebruik te maken van traditionele toets- en testmethoden. 2.2 Het constructivisme Begin jaren '80 speelde het constructivisme steeds meer een belangrijke rol in het onderwijs. De 'informatieverwerking' maakte plaats voor de 'kennisconstructie' van het constructivisme. Het constructivisme besteedt veel aandacht aan de realiteit, de lerende zelf en het socio-emotionele aspect van het leren. De aanhangers van het constructivisme vinden dat er geen objectieve werkelijkheid onafhankelijk van ons denken en waarnemen bestaat. De werkelijkheid is een subjectieve werkelijkheid, die we zelf creëren of construeren; vandaar de term constructivisme. Men gaat er vanuit dat kennis door de leerling zelf actief tot stand wordt gebracht. Nieuwe informatie wordt aan de al aanwezige informatie gekoppeld zodat er als het ware schuiven worden gevuld waarvan alle relevante informatie in één schuif wordt opgeslagen. Informatie wordt telkens opnieuw geconstrueerd en gereconstrueerd door dit voortdurende actieve koppelingsproces. Je kan het vergelijken met een ijskast die je steeds opnieuw vult. Iedereen beschikt door zijn ervaringen over unieke voorstellingen. Achtergronden van de leerling en zijn persoonlijke ervaringen zijn erg belangrijk. Wanneer ik het woord film uitspreek, denkt de ene leerling spontaan aan zijn favoriete film Lord of the rings, terwijl een andere leerling denkt aan zijn filmpje dat hij gisteren zelf heeft opgenomen met zijn videocamera. Iedere leerling zal nieuwe informatie koppelen aan zijn eigen ervaringen. Dit verklaart waarom een leerling met veel achtergrondkennis beter nieuwe leerstof kan verwerven dan andere leerlingen. Vooral het sociaal constructivisme van Lev Vygotsky staat in de belangstelling. Volgens zijn visie brengen mensen door interactie hun eigen subjectieve werkelijkheid tot stand. Uitwisselen van kennis, aansluitend bij de eigen ervaring, zorgt voor nieuwe kennis. Het is niet meer over te brengen naar andere plaatsen in het geheugen. Om dit te bereiken zijn er afzonderlijke methoden nodig. Kennis die alleen in een bepaalde, dikwijls schoolse, situatie blijft werken wordt inerte kennis genoemd. Zo kan een leerling in de verkeersles leren hoe je de straat oversteekt, maar dat buiten in de praktijk niet aanwenden. De belangrijkste constructivistische principes zijn door Shuell kernachtig bijeen gebracht in de volgende definiëring van het begrip leren: leren is een interactief,

18 18 Helsen Willem, Verswijvel Steven constructief, cumulatief, zelfregulerend en doelgericht proces, waarin de lerende zelf de centrale rol speelt. Volgens Elen is er geen sprake van echt leren als bovenstaande kenmerken niet aanwezig zijn. Later worden de begrippen reflectief en diagnostisch er aan toegevoegd. Leren is een (inter)actief proces: Leerlingen worden benaderd als een actief, zelfstandig en zelfverantwoordelijk persoon. Effectieve verwerking van informatie tot persoonlijke kennis (leren) veronderstelt activiteit van de leerling zelf. Kennis ontstaat pas wanneer de leerling iets doet met de informatie. Peer tutoring, waarbij de leerlingen met meer kennis van een bepaald onderwerp, anderen met minder kennis helpen, vormt een belangrijk element in dit interactieproces. Leren is een constructief proces: Leren is een activiteit van de lerende waarin hij zijn eigen werkelijkheid construeert. Hij geeft een persoonlijke betekenis aan informatie. Het leggen van verbanden met eerder verworven kennis is daarbij bepalend voor de mate waarin het geleerde voor de lerende betekenisvol is. Leren is niet alleen een constructieproces, maar ook voor een deel een reconstructieproces. Leren is een cumulatief proces: Leren bouwt voort op reeds verworven kennis. Wat er uiteindelijk geleerd wordt, is in sterke mate afhankelijk van de kwaliteit en kwantiteit van de voorkennis. Relevante voorkennis moet dus steeds door de leerkracht geactiveerd worden en misconcepties moeten gecorrigeerd worden. Hoe meer voorkennis de lerende bezit, en hoe beter deze gestructureerd is, des te gemakkelijker is het om aan nieuwe informatie betekenis toe te kennen. Indien er geen of onvoldoende relatie gelegd kan worden met reeds aanwezige kennis, zal de nieuw geconstrueerde kennis onvoldoende betekenis krijgen. Leren is een zelfregulerend proces: Het leerproces moet bewaakt en gestuurd worden. De leerling reguleert en monitort in toenemende mate zijn eigen leren. Leren leren is bijgevolg een belangrijke doelstelling geworden in het huidige onderwijssysteem. Leren is een doelgericht proces: Het leerproces blijkt succesvoller te verlopen, wanneer de lerende een duidelijk doel met zijn leren voor ogen heeft of wanneer hij zijn eigen leerdoelen kan stellen.

19 19 Naar onze mening sluit deze onderwijsvisie goed aan bij ICT: Leren moet doorgaan in een rijke leeromgeving. In tegenstelling tot het traditionele kader waaruit het handboek, de leerkracht en de voorbewerkte materialen de hoofdrol spelen, gaan de constructivisten ervan uit dat leerstof samen actief opgebouwd moet worden met zoveel mogelijk concreet materiaal. ICT is met andere woorden een uitstekend hulpmiddel. (internet, educatieve software, , enz.). Coöperatief leren is een belangrijke werkvorm. Iedere leerling krijgt een subtaak. Het geheel komt tot stand door het samenvoegen van al deze subopdrachten. Bij deze methode is de samenwerking tussen de leerlingen in groep belangrijk om tot een oplossing te komen. Deze werkvorm kan gestimuleerd worden door ICT te integreren. (informatie opzoeken, verwerken, communicatie) Multimedia biedt enorme verrijkingskansen om de lessen aanschouwelijker te maken. Door middel van bijvoorbeeld een powerpointpresentatie kan er gebruik gemaakt worden van figuren, schema s, mindmaps en visuele effecten om de leerstof stap voor stap op te bouwen. Leren moet in contact staan met de eigen leefwereld. Hierdoor worden de leerlingen geprikkeld om te leren. Ook hier speelt ICT een grote rol. ICT helpt om de leerstof realistischer voor te stellen Seymour Papert Seymour Papert was een leerling van Piaget. Hij heeft een grote stempel gedrukt op het didactisch gebruik van computers en ICT. Hij begon te experimenteren met een nieuwe programmeertaal om de mogelijkheden ervan uit te testen bij jonge kinderen. Zo ontwierp hij een bestuurbare schildpad, die kinderen zelf konden programmeren via Logo. Hij wilde de wereld duidelijk maken dat het constructivisme met behulp van computers en ICT grote kansen biedt voor ons onderwijs. Volgens hem kunnen we met behulp van het goede materiaal en de goede leeromgeving intellectuele vermogens sneller laten ontwikkelen. Volgens sommige onderzoeken lijkt de cognitieve ontwikkeling te versnellen. Ook hoogbegaafden lijken te kunnen profiteren van de mogelijkheden dat het programma biedt, maar de hoge verwachtingen van wetenschappers zijn echter niet eenduidig bevestigd. Na een periode van enthousiasme in de jaren tachtig van de vorige eeuw verminderde de interesse van de leerkrachten voor de leeromgeving. Het tekort aan verband met de schoolse kennis en methoden blijkt voornamelijk de hindernis te zijn CTGV en verankerde instructie Een groep onderzoekers aan de Vanderbilt Universiteit in de Verenigde Staten heeft de praktische uitwerking van constructivisme binnen ICT een belangrijke impuls gegeven. Hun team, bekend onder de naam Cognition en Technology Group at Vanderbilt (CTGV) maakt gebruik van een aantal principes.

20 20 Helsen Willem, Verswijvel Steven Omgeving: Hoe levensechter de situaties zijn, hoe groter de kans dat de aangeleerde kennis en vaardigheden buiten de schoolsituatie toegepast kan worden. Er kan met andere woorden een transfer gemaakt worden. Systematische hulp: Leerlingen moeten steeds zelfstandiger leren werken, maar moeten wel hulp kunnen inschakelen wanneer dit nodig is. Deze opvatting wordt ondersteund door de visie van Vygotsky, namelijk het samenwerkend leren, ondersteund door zowel leerlingen als volwassenen die als deskundigen functioneren. Transfers: Het geleerde mag geen inerte kennis worden, hiermee bedoelen we dat het geleerde toegepast moet kunnen worden in het dagelijkse leven. De leerlingen moeten in staat zijn om de gepaste transfer te maken. Samenwerkend leren tussen leerlingen en volwassenen is een belangrijk element hiervan. Dit schept een situatie die overeenkomt met het leren in de echte beroepspraktijk. Multimediale ankers: Multimediale ankers blijken beter te werken dan geschreven verhalen of cases. Een video is in staat om een situatie completer weer te geven dan een geschreven tekst. De geschreven tekst geeft meestal de visie van de auteur weer. Bij het zien van een video voelt de kijker zich meer observator in plaats van iemand die het verhaal van een andere persoon leest. Doordat de video meerdere keren door een andere bril kan worden bekeken, kunnen meerdere perspectieven worden gehanteerd en kan de interpretatie verbreed worden. 2.3 Behaviorisme en ICT De voornaamste vertegenwoordiger van het behaviorisme is Skinner. Hij voerde proefjes uit op dieren. Volgens de behavioristen zijn hun resultaten objectief omdat hun resultaten gebaseerd worden op uiterlijk waarneembaar gedrag. Watson, één van de grondleggers van het behaviorisme, gaat er vanuit dat de mens kneedbaar is en dat men van hem kan maken wat men wenst. Leren ontstaat immers door een aaneenschakeling van een prikkel (stimulus) en reacties (respons) daarop. Die aaneenschakeling kun je versterken door het geven van een beloning of een straf. Op deze manier zal de persoon het gewenste gedrag stellen om de gewenste beloning te verkrijgen of om een straf te vermijden. Zo zullen leerlingen hun huistaak tegen hun zin maken omdat ze niet graag straf krijgen. Leerlingen van de lagere school zullen hun uiterste best doen om een goede toets te maken zodat ze van de juf een stempeltje krijgen. Want iedereen die tien stempeltjes heeft verdiend, krijgt er nog eens een verrassing bovenop! Dit zijn allebei voorbeelden die afstammen uit een behavioristische achtergrond. Vele computerprogramma s werken volgens dit principe. Dit wordt ook wel eens drilland-practice genoemd. Deze programma s richten zich op het inoefenen van leerstof en niet zozeer op het oplossen van problemen. Het resultaat is belangrijker dan het leerproces. Wat is het verkleinwoord van hond? Respons 1: Hontje Reïnforcement 1: Jammer, probeer het nog eens! Respons 2: Hondje Reïnforcement 2: Heel goed! Je hebt nu een extra punt verdiend :-)

21 21 Skinner was er zelf van overtuigd dat hogere denkvaardigheden zoals kritisch denken en creativiteit op behavioristische wijze geleerd kon worden. Hiervoor moesten er kettingen gemaakt worden van samenhangend gedrag. Zo moest je bijvoorbeeld om moeilijke berekeningen te maken, eerst de eenvoudige berekeningen kennen zoals optellen en aftrekken. Daarna kan je pas leren wat vermenigvuldigen en delen betekent. Leerstof moet met andere woorden opgebouwd worden met een stijgende moeilijkheidsgraad en complexiteit. Skinner was een tegenstander van het constructivisme omdat leerlingen volgens hem te vrij werden gelaten. 2.4 Informatieverwerkingstheorie en ICT Aanhangers van de informatieverwerkingstheorie vergelijken ons brein met een soort computer die ruwe data omzet in bruikbare informatie. Daarbij zijn drie opslagplaatsen aanwezig: Waarnemingsregisters: het deel van het geheugen waar alle gegevens via de zintuigen binnenkomt. Kortetermijngeheugen: informatie wordt hier tijdelijk vastgehouden totdat het blijvend wordt opgeslagen of verdwijnt. Informatie wordt hier gemiddeld acht seconden vastgehouden. Langetermijngeheugen: informatie wordt blijvend opgeslagen. De capaciteit ervan is vrijwel onbeperkt. Volgens deze theorie komen gegevens via de zintuigen binnen. Die gegevens worden voor een korte tijd vastgehouden in het waarnemingsregister. Vervolgens wordt de informatie getransporteerd naar het kortetermijngeheugen. Gegevens zullen na enkele seconden uit het kortetermijngeheugen verdwijnen of zullen opgenomen worden in het langetermijngeheugen. Voordat het hier blijvend kan worden opgeslagen, moet het worden verbonden met elementen die daar al aanwezig zijn. Eenmaal de nieuwe informatie verankerd is in het geheugen, blijft de informatie permanent aanwezig. De geheugenelementen moeten echter regelmatig geoefend worden. Als dat niet gebeurt, kan informatie toch verloren gaan of niet meer op te halen zijn. Zo is het best mogelijk dat leerlingen aandachtig de les proberen te volgen, maar niets geleerd hebben van de les omdat het niveau van de les niet aansloot bij de voorkennis van de leerlingen. Daarom is het belangrijk dat je als leerkracht goed de beginsituatie van de leerlingen inschat zodat je kan inspelen op de voorkennis van de leerlingen. Onderwijs gebaseerd op de standpunten van het behaviorisme en informatieverwerking accentueren een aantal zaken. Critici verafschuwen het onderwijssysteem waar de accenten nog steeds gelegd worden op reproductie. Dit is weinig motiverend voor leerlingen en bovendien kan er nauwelijks een transfer gelegd worden naar het dagelijkse leven. Leerlingen leren bovendien niet samenwerken en dat is essentieel in onze maatschappij.

22 22 Helsen Willem, Verswijvel Steven 3 INVLOED VAN ICT OP HET ONDERWIJS Het beeld van de ideale leerkracht is in de loop van de geschiedenis onafgebroken gewijzigd. 1. De Griekse filosoof Plato ( v.chr.) was van mening dat je wijzer werd door bewust te leven en te reflecteren. Volgens hem konden enkel en alleen wijzen het beroep van leraar uitoefenen. Dit had als gevolg dat leraars steeds een hogere leeftijd hadden en dus een grote levenswijsheid bereikt hadden. De oude, wijze mens, gerijpt door veel bewuste doorleefde ervaring, stond hoog in aanzien. 2. In de Middeleeuwen wordt niet alleen het kunnen lezen van boeken belangrijk gevonden, maar je moet ook de inhouden kennen zodat ze overgedragen kunnen worden aan de leerlingen. De kwaliteit van een leraar wordt beoordeeld volgens zijn kennis. Dit beeld blijft eeuwenlang ongeschonden. 3. Het beeld van de ideale leerkracht moest veranderen bij de opkomst van de computer. Kennis is niet langer het alleenrecht van de leerkrachten, het zit in computers en is voor iedereen bereikbaar. Leerkrachten worden meer managers van emotionele en cognitieve onderwijsleerprocessen. Het kunnen zoeken in en ordenen van de informatieberg is een van de hoofdopgaven voor de leerkracht in het informatietijdperk. Het gewijzigde beeld van de ideale leerkracht brengt nieuwe accenten voor de school en zijn leerkrachten mee. Leren via directe instructie verschuift naar constructivistisch leren. Leerlingen leren uit echte levenservaringen onder begeleiding van de leerkracht. Er wordt niet langer op een klassieke manier lesgegeven, maar op een actieve, onderzoekende leermethode. Hierbij staat niet de leerkracht, maar de leerling centraal. Het ontstaan van onze kennissamenleving heeft als gevolg dat leren niet alleen in een school plaatsvindt, maar overal en gedurende je hele leven. De school zal je dan ook moeten toerusten met vaardigheden om levenslang zelfstandig verder te kunnen leren. Dat geeft de school een grote uitdaging. De leerkracht als persoon met overzicht over de kennisgebieden, humor en empathie wordt steeds belangrijker. Leerkrachten zijn niet langer een exclusieve kennisbron, maar meer de begeleider van intelligente en emotionele leerervaringen. Vaardigheden worden centraal gesteld om informatie te verwerken in onze kennismaatschappij met haar overweldigend aanbod van telkens nieuwe inhouden. De aangeboden informatie veroudert ook erg snel. Er is zoveel informatie beschikbaar dat het verantwoord selecteren van informatie een noodzaak is. Nieuwe informatie selecteren en integreren in het bestaande kennisaanbod vormen de pijlers van de kennisopbouw van het individu. Leersituaties dienen op maat gebouwd te worden van de lerende omdat individuele verschillen tussen leerlingen groot zijn. Variatie is noodzakelijk door de enorme heterogeniteit wat betreft achtergrondkennis, leerstijl en motivatie. Een ideale oplossing kan aangeboden worden door te differentiëren. Het leerproces van de leerling staat centraal en niet langer de kennisoverdracht door de leraar. Een goede begeleiding van de leerlingen is noodzakelijk en mag niet verwaarloosd worden. Ten onrechte wordt zelfstandig leren soms in die zin getypeerd. Men moet streven naar leerlingen die in staat zijn om actief hun eigen leerproces in handen te nemen. Dit proces helpen organiseren en begeleiden is de taak van de leerkracht. Een leerlinggestuurde aanpak impliceert dat leersituaties zo ingericht dienen te worden dat leren optimale kansen krijgt en dat hij samen met de leerling de verantwoordelijkheid voor het leren in handen neemt.

23 23 Vele leerkrachten vragen zich af wat de nieuwe rol van leraar-coach inhoudt. Wat houdt bovendien het centraal stellen van het leerproces van de leerling concreet in? Heeft het inschakelen van ICT bij het creëren van de nieuwe leeromgevingen wel een meerwaarde? Deze vragen dienen beantwoord te worden zodat deze leerkrachten niet in het ongewisse blijven. ICT bevordert samenwerkend leren en dat is een meerwaarde op zich. Bovendien kan een ICT-onderbouwde leeromgeving leerlingen helpen bij het plannen en organiseren van hun studie-inspanningen. De laatste jaren werd de integratie van ICT in ons onderwijs gestimuleerd. Er komt bij deze onderwijsvernieuwing echter meer kijken dan infrastructuur en techniek. Opdat ICT werkelijk ingang zou vinden in het onderwijs moet aan een brede waaier van voorwaarden voldaan worden. Zo is het aanbod van digitaal lesmateriaal overweldigend, maar toch wordt er niet vaak gebruik van gemaakt. Dat heeft te maken met de hoge eisen die er (terecht) aan het didactisch materiaal worden gesteld voor het gebruik ervan in de klas. Het moet aansluiten bij de eindtermen, gemakkelijk in te passen zijn aan de onderwijssituaties in scholen, flexibel inzetbaar zijn en het mag niet al te veel tijd vergen om het materiaal eerst te verkennen en dan in te passen in de leersituatie. Kortom, in de praktijk verwacht men inspirerend, kwaliteitsvol en functioneel leermateriaal.

24 24 Helsen Willem, Verswijvel Steven 4 DE GEVOLGEN VAN ICT BIJ HET LESGEVEN Er zijn heel wat praktische en inhoudelijke struikelblokken bij het gebruik van ICT. Op inhoudelijk vlak kan men zeggen dat de zoektocht naar passend materiaal problematisch is. Veeleisende leerkrachten trekken uren uit om het gepaste materiaal te vinden. Voor leerkrachten met weinig ervaring en voorkennis van ICT gebeurt dit proces dan ook vrij chaotisch. Documenten of teksten zijn niet genormeerd volgens de eindtermen of leerplannen. Het is niet eenvoudig goed materiaal te vinden dat aangepast is aan de leefwereld van de leerlingen en bovendien past in het geheel van het leerproces. Door deze negatieve ervaringen bestaat het gevaar dat deze leerkrachten vroegtijdig afhaken en weer vlug zullen teruggrijpen naar de traditionele manier van lesgeven. De maatschappij heeft deze struikelblokken ondertussen opgemerkt en men heeft er meteen werk van gemaakt. Ondertussen zijn er al heel wat aanpassingen gebeurd op het vlak van Internet. Er zijn een aantal betrouwbare sites die schatten van informatie aanbieden voor leerkrachten, maar hier komen we later op terug. Verder heeft de overheid scholen subsidies verleend om hun ICT-infrastructuur verder uit te bouwen of te vernieuwen. Leerkrachten in opleiding krijgen bovendien een goede opleiding inzake ICT-gebruik. Toekomstige leerkrachten zouden dus minder problemen moeten ervaren op het gebied van multimediagebruik. Het probleem blijft zich echter situeren bij de leerkrachten die geen of te weinig ICTkennis hebben. Daarom zouden deze leerkrachten gestimuleerd moeten worden om bijscholingen te volgen. Natuurlijk juicht niet iedere leerkracht deze evolutie toe, maar de directie moet zorgen dat iedereen de mogelijkheid en de tijd krijgt om hierin tijd te investeren. Natuurlijk heeft deze recente revolutie niet alleen nadelen, maar ook belangrijke voordelen. Zo vinden leerlingen het werken met multimedia spannend en motiverend. Toch verliezen ook mooie kleuren, bewegende beelden en audio-effecten hun aantrekkelijkheid wanneer het voor de leerlingen bezigheidstherapie is en niet echt tot tastbare resultaten leidt. Werken met ICT mag geen louter entertainment zijn, de taken moeten zinvol blijven en een duidelijke plaats hebben in het leerplan. Er is een verandering in de rol van de leerkracht waarneembaar. Door gebruik te maken van multimedia wordt de leerkracht meer een begeleider, een coach, dan een leider. Waar hij vroeger de oefeningen dicteerde en uitlegde, staat hij nu samen met de leerlingen in een leerproces. Samen zorgen ze ervoor dat de leerdoelen bereikt worden. We kunnen stellen dat het gebruik van ICT in de klas vele gevolgen heeft. Meer structuur en begeleiding van de leerkracht zijn nodig om tot een efficiënt leermiddel te komen.

25 25 5 HEEFT ICT EEN POSITIEVE INVLOED OP HET LEREN? Er zijn ondertussen talloze onderzoeken verricht naar de invloed van ICT op het onderwijs. Daarom vinden we het belangrijk om enkele artikels kort te bespreken. De volledige artikels vindt u in bijlage 1 terug. 1 Volgens een onderzoek van de Universiteit Leiden leren kleuters per dag meer en vlugger nieuwe woorden door elektronische prentenboeken. Vooral kinderen met een taalachterstand halen profijt uit multimediale prentenboeken. Naast de verbeterde leerprestaties van de leerlingen, besparen de leerkrachten ook veel tijd. 2 Volgens een analyse uit 17 omvangrijke studies naar de impact van ICT in het onderwijs, verhogen de motivatie en de schoolprestaties van leerlingen bij gebruik van ICT. Daarnaast helpt ICT leerlingen bij zelfstandig leren en bevordert het de samenwerking tussen leerlingen. Zowel voor goed presterende leerlingen als leerlingen die speciale ondersteuning nodig hebben, is ICT een aanwinst! 3 Volgens een Engels onderzoek zal het leren niet aantrekkelijker of leuker worden door het introduceren van spelletjes op zich. De kwaliteit van de leraar speelt echter dé sleutelrol. Hij bepaalt in welke mate de leerlingen iets bijleren door zijn onderwijsaanpak. Spelletjes in de handen van goede leraren blijken wél een meerwaarde te bieden. 4 Wanneer leraren ICT adequaat gebruiken, halen leerlingen betere resultaten. Dit blijkt uit een analyse van onderzoeken waarin effecten van verschillende ICTtoepassingen zijn onderzocht. Adequaat gebruik van ICT wordt beïnvloed door leiderschap, kennis en vaardigheden van leraren en een juiste afstemming tussen onderwijsvisie en de inzet van ICT. We kunnen besluiten dat de meeste artikels de positieve effecten van het ICT-gebruik in het onderwijs benadrukken. We mogen ons echter niet alleen focussen op het positieve, maar we moeten het geheel overzien. Eerst en vooral betekent het niet dat een leraar beter les zal geven wanneer hij les kan geven in een computerklas. Dit is een misconceptie die verduidelijkt dient te worden. Er zijn enkele voorwaarden verbonden om positieve opbrengsten vast te stellen. De beschikbaarheid van technologische voorzieningen alleen is niet voldoende, maar ook de kwaliteit en de kwantiteit van ICT-gebruik is belangrijk! Leerkrachten moeten weten waarmee ze bezig zijn en het is belangrijk dat ICT op de juiste manier wordt geïntegreerd in de lessen.

26 26 Helsen Willem, Verswijvel Steven 6 ERGONOMIE 6.1 Inleiding Ergonomie op school speelt een belangrijke rol bij het voorkomen van gezondheidsklachten. Nu en voor de toekomst. Door aandacht te schenken aan ergonomie, kunnen scholen een voorbeeldfunctie op dit gebied vervullen en meewerken aan preventie. Een te hoog geplaatst beeldscherm, weinig werkruimte, een te lage stoel of een te grote muis. In de praktijk veel voorkomende onergonomische situaties, die op lange termijn voor gezondheidsklachten kunnen zorgen. Een ergonomisch goed ingerichte computerwerkplek helpt dit te voorkomen Stoel Om pijn in uw rug te vermijden is het belangrijk om voor optimale ondersteuning te zorgen. Een goede stoel moet beschikken over een: een comfortabele zitting; een in hoogte instelbare zitting; een in hoogte instelbare rugleuning Tafel Figuur 1: De juiste zithouding? Een goede computertafel biedt: voldoende werk-, bewegings- en beenruimte; een goede werkhoogte. Om met ontspannen armen te kunnen werken speelt de tafelhoogte een cruciale rol. Opgetrokken schouders zijn het gevolg van een te hoge tafel. Een te lage tafel geeft onvoldoende steun en zorgt voor pijn in de bovenarmen. Het is belangrijk dat de tafel een hoogte aanhoudt die overeenkomt met de ellebooghoogte van een zittende leerling. Figuur 2: een goede computertafel Beeldscherm Een tekst lezen op het beeldscherm is erg vermoeiend voor de ogen. Om dit tegen te gaan, is het belangrijk om het beeldscherm af te stemmen op de gebruiker. Een goed beeldscherm: is instelbaar qua kleur, contrast en helderheid; is in hoogte instelbaar; vertoont geen trillingen in het beeld. Figuur 3: de hoogte van het beeldscherm

27 Toetsenbord en muis Gebruik een toetsenbord: met ondersteunende pootjes; met voldoende kabellengte; goed indrukbare toetsen die zo min mogelijk kracht vereisen. Gebruik een muis: waarbij de knoppen schuin aflopen; die goed in de hand past; waarvan de knoppen makkelijk in te drukken zijn. Figuur 4: de muis moet passen in een kinderhand Klasinrichting Het licht van een klaslokaal is belangrijk omdat licht een grote invloed heeft op de kwaliteit van het beeldscherm. Wanneer het beeld niet goed zichtbaar is, heeft dit ernstige gevolgen op de gezondheid van de computergebruiker. Vermoeidheid, last van hinderlijke spiegelingen, slechte leesbaarheid zijn belangrijke gevolgen. 6.2 Ergonomische hulpmiddelen Tegenwoordig is er steeds meer en meer aandacht voor ergonomische alternatieven voor de klassieke muis en toetsenbord. Allerlei randapparatuur (polssteunen, joy-sticks, touchpads, trackballs, ) worden aangeboden in computerwinkels. Veel van deze producten worden aangeraden als middel tegen RSI. Repetitive Strain Injury (RSI) is een verzamelnaam voor allerlei klachten die te maken hebben met het gedurende lange tijd herhaaldelijk uitvoeren van dezelfde, soms kleine, en op zich niet inspannend lijkende bewegingen.

28 28 Helsen Willem, Verswijvel Steven 7 EDUCATIEVE SOFTWARE 7.1 Definitie Educatieve software zijn computerprogramma s die een opvoedend en onderwijzend element bevatten. De combinatie van tekst, beeld, animatie, foto, video en geluid biedt ongelooflijke mogelijkheden om het leren te ondersteunen. Via onmiddellijke bevestiging bij een juist antwoord of een (kleine) terechtwijzing bij een fout komen kinderen spelenderwijs tot leren. De wijze waarop de bevestiging en de foutmelding worden gegeven zijn belangrijk voor de motivatie om het programma verder te doorlopen. Het doel van de software is de belangstelling van de leerling op te wekken en te behouden, om meer te leren en zo verder te komen in het programma. De kwaliteit van het programma en de inhoud van de opdracht of het avontuur bepaalt of de leerling het programma weer wil gebruiken. Om de leerling aan te spreken moet het programma leuk en uitdagend zijn. 7.2 Soorten educatieve software Bij het gebruik van educatieve software worden verschillende indelingen gehanteerd. De onderstaande manier van groeperen wordt veel gebruikt. Oefenprogramma s: dit zijn programma s gebaseerd op het behaviorisme. Ze worden gekenmerkt door drill & practice. Programma s als Edurom van Bruna behoren tot de oefenprogramma s. Gereedschappen: programma s die de gebruiker toelaten om zelf iets te maken en te ontwerpen. Voorbeelden van gereedschappen zijn tekstverwerkers. Interactief verhalenboek is een voorbeeld van een gereedschap. Met het programma kan het kind op een aangename manier zelf een verhaal schrijven. Remediërende programma s: deze programma s bieden hulp bij leerproblemen. Er zijn nog maar weinig programma s die dit kunnen alhoewel leerkrachten er veel behoefte aan hebben. Spelling is een voorbeeld van een remediërend programma. Denk- en puzzelprogramma s: deze programma s vragen een bepaalde manier van denken. Inzicht hebben en logisch redeneren zijn belangrijke aspecten die het kind zal leren tijdens het werken met een denk- of puzzelprogramma. Het succesvolste puzzelspel aller tijden is Tetris. Andere voorbeelden zijn letterval en Dammen. Avonturensoftware: in de vorm van een avontuur wordt de leerling meegenomen in een fantasiewereld. Hierin valt iets te leren over alle mogelijke onderwerpen en leergebieden. Howie s grote woordavontuur en Tom en de toveraardbei zijn enkele voorbeelden. Simulatieprogramma s: het doel van simulatieprogramma s is om de werkelijkheid zo goed mogelijk na te bootsen. Deze noemer omvat programma s waarin bijvoorbeeld een bedrijf gerund moet worden en waarbij op diverse factoren gelet moet worden. Een voorbeeld van zo n programma is Bizzkidz.

29 29 Edutainment: dit zijn programma s waarin het spelelement centraal staat, maar daarnaast ook een educatief element bevatten. Rayman is een voorbeeld van edutainment. Het is niet altijd even gemakkelijk om een spel onder te brengen in een van de zes besproken categorieën. Vaak zijn programma s een combinatie van verschillende speltypen. 7.3 Hoe maak je gebruik van educatieve software? In de klas Tijdens de les hoekenwerk kan je in de computerhoek de kinderen laten werken met educatieve softwareprogramma s. Je kan hierdoor makkelijk differentiëren naar interesse en niveau. Je kunt een volledige les geven aan de hand van een educatief software programma. Een vereiste hierbij is dat je school beschikt over een computerruimte. Eventueel kan je de kinderen per twee aan een computer plaatsen Thuis Leerlingen kunnen thuis de leerstof met educatieve software inoefenen. Dit kan vooral nuttig blijken als het kind meer oefening nodig heeft dan zijn klasgenoten. Wanneer het kind moeite heeft met Frans, is het aan te raden om het kind te laten oefenen op de computer via een cd-rom. Dit kan motiverend werken en fouten worden geremediëerd. 7.4 De voor- en nadelen van het gebruik van educatieve software in de klas Leerkracht Voordelen Bij het werken met educatieve software verschuift de rol van de leerkracht. In plaats van het leiden van de leerlingen, besteedt hij deze aan het begeleiden van kinderen die werken met de educatieve software. Op deze manier is het mogelijk om meer individuele aandacht te verlenen aan ieder kind. Doordat veel programma s een evaluatiesysteem met uitprintmogelijkheid bevatten heeft de leerkracht weinig of geen verbeterwerk. De meeste programma s remediëren immers samen met de leerlingen de fouten. Veel programma s bieden de mogelijkheid tot differentiatie op vlak van niveau, tempo en interesse. De leerkracht hoeft dus niet zelf op zoek te gaan naar een wijze van differentiatie. Educatieve software schenkt de leerkracht kant-en-klare oefeningen. Nadelen Werken met educatieve software vergt meer organisatie. De leerkracht moet het nodige materiaal op voorhand verzamelen en klaar zetten. Het is ook mogelijk dat het medialokaal van de school tijdig gereserveerd moet worden.

30 30 Helsen Willem, Verswijvel Steven De zoektocht naar geschikte educatieve programma s vraagt tijd. Via het internet kan je wel op zoek gaan naar bruikbare software. Natuurlijk moet je het programma eerst zelf uittesten Leerling Voordelen Het werken met computers, en dus ook met educatieve software, verhoogt de motivatie van de kinderen. Het werken met computers verbetert de leesvaardigheden. Bij kinderen die werken met computers stijgt het zelfvertrouwen. Ze zijn ook trots op hun eigen werk. Wanneer kinderen gebruik maken van educatieve software, zijn ze intenser bezig met de leerstof. Het werken met computers verhoogt de zelfstandigheid van kinderen. Veel educatieve programma s laten kinderen toe om op eigen tempo en niveau te werken. Kinderen krijgen bij het werken met educatieve software onmiddellijk feedback. Educatieve software prikkelt de nieuwsgierigheid van kinderen. Het werken met computers verbetert de oog-handcoördinatie van de leerlingen. Het werken met computers verbetert het ruimtelijk inzicht van de leerlingen. Een computer heeft steeds geduld met het kind, een leerkracht kan soms het geduld verliezen. Educatieve software biedt leerstof op een speelsere manier aan. Kinderen die werken met educatieve software zijn actief bezig en meer betrokken bij het gebeuren. Ze moeten niet wachten tot overige leerlingen klaar zijn met een opdracht om een volgende taak te krijgen. Nadelen Het werken met computers kan negatieve gevolgen hebben op de gezondheid van kinderen. Sommige educatieve software biedt weinig mogelijkheid tot samenwerking met meerdere kinderen. Hierdoor hebben de kinderen minder sociaal contact. 7.5 Hot Potatoes Wat is het? Hot Potatoes is hét bekendste educatief programma voor leraren. Met behulp van dit programma is het mogelijk om op eenvoudige wijze leerstofonderdelen interactief te maken. Doordat het programma erg gebruiksvriendelijk is, wordt de tijd die gebruikt wordt om een thema uit te werken geminimaliseerd.

31 31 De gemaakte websites kunnen gebruikt worden om de geziene leerstof in te oefenen. Dit inoefenen hoeft niet noodzakelijk in de klas te gebeuren. Wanneer de leerlingen thuis internet hebben, kunnen zij zonder problemen de oefeningen thuis maken doordat het programma zelf een controlefunctie heeft. Als leerkracht is het zelfs mogelijk om op vaak gemaakte fouten te anticiperen. Men heeft erg goed over dit programma nagedacht. Zo kan de leerkracht via een interactief platform verschillende soorten vragen opstellen. Hieronder volgt een overzicht: Kruiswoordraadsels met JCross: de gebruiker kan begrippen, die door de leerlingen gekend moeten zijn, omschrijven en omzetten in een kruiswoordraadsel. Wanneer de leerlingen de oefening voorgeschoteld krijgen, kunnen ze hun antwoord rechtstreeks in de browser invoeren en nadien kunnen ze onmiddellijk feedback verwachten. De grootte en inhoud van het kruiswoordraadsel kan zelf bepaald worden. Meer klassieke vragen met JQuiz: in dit onderdeel zijn er verschillende mogelijkheden: o o o o Multiple-choice: de leerlingen kiezen hun antwoord uit een aantal mogelijkheden. Short-answer: hierbij moeten de leerlingen een kort antwoord invoeren. Wanneer er een foutief antwoord gegeven wordt, krijgen ze onmiddellijk feedback waarbij een juist gedeelte van het antwoord gegeven wordt. Hybridevraag: de leerlingen krijgen twee kansen om het juiste antwoord in te geven. Wanneer er een foutief antwoord gegeven wordt bij de tweede kans, krijgen de leerlingen een reeks antwoorden te zien waaruit ze het juiste antwoord moeten selecteren. Multiselectvraag: de leerlingen kunnen hier meer dan één juist antwoord aanduiden. Invulvragen met JCloze: JCloze wordt gebruikt om invulvragen te ontwerpen. Wanneer alle antwoorden door de leerling gegeven zijn, klikt de leerling op Check. De juiste antwoorden vetgedrukt weergegeven terwijl de foutieve antwoorden bewerkt kunnen worden. Het programma beschikt over de mogelijkheid om een Hint -knop toe te voegen aan de oefening. Koppelen met JMatch: woorden en/of tekeningen moeten van de ene lijst naar een passend antwoord van de andere lijst gesleept worden. Werken met JMix: JMix wordt gebruikt om woorden of getallen te rangschikken. De leerlingen moeten de woorden op de juiste plaats en in de juiste volgorde plaatsen. Masher: de gebruiker is in staat om verschillende soorten oefeningen te combineren en samen te voegen. Op deze manier kunnen oefeningen met elkaar gekoppeld worden. Het programma is erg populair en is bovendien gratis wanneer het gebruikt wordt voor niet-commerciële doeleinden. Het programma kan je hier downloaden: Het bedrijfje dat Hot Potatoes uitgebracht heeft, is Half Baked. Dit bedrijf maakt deel uit van de the University of Victoria and the UVic Innovation and Development

32 32 Helsen Willem, Verswijvel Steven Corporation, dit is een universiteit in Canada. Door het groeiende succes van Hot Potatoes hebben de makers van het programma dit bedrijf opgericht zodat ze dit gemakkelijker konden verkopen Voor- en nadelen van Hot Potatoes Voordelen: + Het programma is gebruiksvriendelijk. Het programma kan op een snelle manier geleerd worden. + Een interactief platform is op een razendsnelle manier gemaakt. + Er is een ruim aanbod aan mogelijkheden voorzien om je oefeningen een eigen tintje te geven. + Er kunnen zes verschillende oefeningen ontworpen worden. + De oefeningen worden in een programmeertaal geschreven, maar de maker van de website moet niets van deze programmeertaal kennen om een oefening te ontwerpen. Nadelen: - Af en toe zitten er fouten (zogenaamde bugs) in het programma zodat je verplicht bent om handmatig de broncode te veranderen. Wanneer je de programmeertaal, waarop het programma gebaseerd is, niet begrijpt, moet je hulp inschakelen. (bv. achtergrond van de oefening transparant maken) - Het werken met figuren verloopt niet altijd even vlot. 7.6 Emindmaps Wat is een mindmap? Een mindmap is een schematische voorstelling van een leerstofonderdeel. Het helpt ons om informatie te structureren. Zo zijn we beter in staat om leerstof vast te zetten. Informatie wordt in ons geheugen opgeslagen wanneer het gestructureerd is. Het gebruik van mindmaps stimuleert het langetermijngeheugen. Daarom willen wij de leerlingen laten kennismaken met dit medium.

33 33 8 DIGITALE DATABANKEN Het internet is ondertussen goed ingeburgerd. Ondertussen zijn er op internet talrijke vrij toegankelijke databases beschikbaar met betrouwbaar materiaal. Dit materiaal is erg waardevol en kan ook meteen ingeschakeld worden in de klaspraktijk. Hier geven we een opsomming van enkele waardevolle digitale databanken: Een ruime collectie educatieve videoclips wordt aangeboden door SchoolTV. In de SchoolTV-beeldbank wordt een reusachtig archief aan clips uit alle vakgebieden en voor alle doelgroepen aangeboden. (Nederlandstalig) Erg degelijk voor onderwijs zijn de statistieken van het Ministerie voor economische zaken en de informatie die aangeboden wordt door de Nationale Bank. (Meerdere talen) De Europese Unie in cijfers. Dit is wat de bezoeker vindt op de indrukwekkende site van Eurostat, een deelorganisatie van de Europese Commissie. (Engelstalig, Franstalig en Duits)

34 34 Helsen Willem, Verswijvel Steven De eindtermen economie stellen probleemoplossende vaardigheden en doelgericht zoeken naar informatie voorop. Leerlingen moeten zelf in staat zijn economische vraagstukken te analyseren aan de hand van concreet cijfermateriaal. Op de webstek vinden ze hiervoor heel wat macro-economische informatie. Materiaalfiche: De gegevens worden gepresenteerd in overzichtelijke tabellen met de mogelijkheid om de presentatieeigenschappen aan te passen en grafieken te maken. De grote troef is de mogelijkheid om de tabellen om te zetten in rekenbladen, zodat ze handig te gebruiken zijn voor verdere verwerking door de leerlingen. De site is een product van de Nationale Bank van België in samenwerking met het Nationaal Instituut voor de Statistiek, twee instellingen die hun faam niet meer hoeven te bewijzen op het vlak van de betrouwbaarheid van hun informatie. Didactische toepassingen: De toepassingsmogelijkheden zijn ruim. Meerdere thema s komen in aanmerking. In de tweede graad: - Welvaart is afhankelijk van de toegevoegde waarde - Is er een tekort op de arbeidsmarkt? - Ondernemingen produceren voor de wereldmarkt - Economische groei meten Aandachtspunten en gebruikservaringen: Beginnende gebruikers moeten wegwijs gemaakt worden in de massa informatie. Alles is geordend in hoofdstukken, maar de titels zijn niet altijd duidelijk voor de leerlingen. De site geeft vooral macro-economische informatie rond het bbp. Maar er is ook veel cijfermateriaal te vinden over andere economische onderwerpen op andere plaatsen. Voor inkomensstatistieken is de FOD Financiën geschikt, voor de arbeidsmarkt FOD Arbeid en tewerkstelling. De site levert veel concreet cijfermateriaal dat gemakkelijk kan gebruikt worden. Dit maakt de lessen economie realistisch en boeiend voor de leerlingen. Belgostat is een belangrijk instrument geworden in het kader van de huidige visie op het economieonderwijs. Extra informatie: Bank van België :Nationaal Instituut voor de Statistiek :FOD Werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg : FOD Financiën

35 35 Zelfstandig kunnen werken houdt ook het hanteren van de juiste taal. Op het internet worden heel wat taaladviesdiensten ter beschikking gesteld. Weg met de taalfouten! De Taaltelefoon is de taaladviesdienst van de Vlaamse overheid. De Taaltelefoon geeft voor het Nederlands advies over spelling, woordgebruik, grammatica, uitspraak, tekstconventies zoals titulatuur en adressering, formulering en stijl. U kunt de Taaltelefoon zowel telefonisch als online raadplegen. Op vrttaal.net vinden we de taaldatabanken van één, de publieke Vlaamse radio- en televisieomroep terug. We vinden hier praktische tips terug over taalgebruik, correcte spelling en allerlei andere taalkwesties. Er zijn ook tips voor het schrijven van teksten en een lijst met landen- en eigennamen. Het geheel is vlot doorzoekbaar en erg degelijk geordend. Alle informatie wordt ook goed bijgehouden en regelmatig geactualiseerd. Men kan ook nieuwsbrieven met taaladvies raadplegen die bestemd zijn voor de VRT-medewerkers. In taaladvies.net vindt de gebruiker een antwoord op vele concrete vragen over taal en spelling. Deze site vindt zijn oorsprong bij de Nederlandse Taalunie. Extra informatiebronnen: / / /

36 36 Helsen Willem, Verswijvel Steven Het adequaat kunnen raadplegen van informatiebronnen behoort tot de eindtermen. Hiertoe behoren naslagwerken zoals woordenboeken en encyclopedieën. Op het net bestaan meerdere encyclopedieën. Wil men het aanbod beperken tot puur Nederlandstalige én tot gratis te raadplegen dan wordt het aanbod vrij beperkt. Wat Wikipedia uniek maakt is dat het een vrije encyclopedie is. Ze bestaat uitsluitend online, is gratis en wordt volledig samengesteld door vrijwilligers. Wikipedia is een gemeenschapsproject met als doel in elke taal vanuit een neutraal standpunt een vrije encyclopedie op het web te creëren. Mensen worden niet enkel als gebruikers van informatie beschouwd, maar ook als personen die actief bijdragen. Alle wijzigingen kunnen gemakkelijk getraceerd worden zodat vandalisme vermeden wordt. Gebruikers van deze vrije encyclopedie moeten er wel van bewust zijn dat iedereen zelf informatie kan aanleveren of wijzigen. Dit zorgt ervoor dat er enorm veel informatie beschikbaar is op wikipedia, maar als gebruiker is het van belang dat je kritisch stilstaat bij deze informatie. Didactische toepassingen: Wikipedia is in de eerste plaats geschikt als naslagwerk om vrije informatie op te zoeken. Leren zoeken is op zich al de moeite waard om voldoende aandacht aan te besteden. De gebruiker moet kritisch leren omgaan met de gevonden informatie. Rond het onderwerp: de oorsprong van geld, kan men Wikipedia inschakelen. De leerlingen vinden hier een schat aan informatie, maar het is belangrijk om ook de onnauwkeurigheden eruit te halen en deze door de leerlingen zelf te laten verbeteren. Gebruikservaringen: Wikipedia is een goede informatiebron die een extra educatieve waarde heeft omdat het van en voor het volk is. Kennis is namelijk geen eenrichtingsverkeer. Het wordt samen met anderen opgebouwd. Het kunnen bewerken van teksten en vergelijken van edities biedt enorme kansen. De meeste jongeren kunnen technisch vlot overweg met een computer. Er duiken echter veel problemen op wanneer jongeren informatie zoeken. In de zoekmachine tikken ze vaak zomaar wat in zonder al te veel na te denken. Ze hebben het moeilijk om te verwoorden wat ze juist zoeken. Jongeren haken dan ook vaak af omdat ze in een beeldcultuur leven. Vandaar is het belangrijk om het leren zoeken op internet via de knop afbeeldingen te laten gebeuren. De principes van Booleaans zoeken kunnen even goed via de afbeeldingen-route aangeleerd worden. Voor de leerlingen levert deze visuele weg veel directer en bevredigender resultaten op.

37 37 9 WEBQUESTS 9.1 Wat is een WebQuest? Een WebQuest is een gestructureerde multimediale zoektocht naar informatie gebruikmakend van internet. Op wordt het omschreven als een soort educatieve speurtocht voor zelfstandig (samen)werkende leerlingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van informatiebronnen, die op het Internet te vinden zijn. WebQuests hebben tot doel om leerlingen op een motiverende en gestructureerde wijze te leren omgaan met webbased-informatie. Bijzonder daarbij is dat leerlingen - meer dan in traditionele onderwijssetting, zonder tussenkomst van de docent - zelfstandig met de leerstof aan het werk zijn. Het model werd ontwikkeld in 1995 op de San Diego State University (Californië) door Bernie Dodge en Tom March. Dat een quest verschilt van gewone werkblaadjes blijkt uit de vaste ingrediënten die een webquest bevat: 1. Een inleiding: Deze heeft de bedoeling de leerlingen te motiveren voor de opdracht en tegelijkertijd te oriënteren op de taak die hen te wachten staat. 2. De opdracht: Kwaliteitseisen waaraan deze moet voldoen zijn minimaal: a. Exploratiedrang activeren bij de leerlingen b. Aansluiten bij de leerinhouden en eindtermen c. Leerlingen aanzetten tot een hoog niveau van informatieverwerking d. Goed gebruik maken van internet 3. De verwerking: Suggesties hoe de leerlingen de taak moeten aanpakken. Nogal vaak worden stappenplannen voorgelegd om taken aan te pakken. 4. De informatiebronnen: Duidelijke opgave van de bronnen waar de leerlingen relevante, kwaliteitsvolle en aangepaste informatie kunnen vinden. 5. De beoordeling: De criteria waarop de leerlingen beoordeeld moeten worden, moeten duidelijk aangegeven worden. 6. De afsluiting: Een leuke activiteit om de webquest af te ronden. 9.2 Waarom een WebQuest? Kinderen komen steeds jonger in aanraking met het Internet. Ook de scholen volgen al een tijdje de trend van het populaire computertijdperk. Scholen kopen steeds meer computerapparatuur aan om de nieuwe ICT-gestuurde onderwijsvisie vorm te geven. Het Internet bevat enorm veel informatie zodat het voor een beginnende gebruiker vaak vrij lastig is om wegwijs te raken in deze digitale jungle. Het is daarom erg belangrijk dat kinderen zich vaardigheden eigen maken om efficiënter om te gaan met een computer. WebQuests kunnen daarbij een ondersteunende rol bieden. WebQuests bieden namelijk de mogelijkheid om leerlingen op een motiverende en gestructureerde wijze te leren omgaan met op webgebaseerde informatie. Er zijn nog meerdere redenen

38 38 Helsen Willem, Verswijvel Steven te bedenken, die pleiten voor het gebruik van WebQuests binnen het onderwijs. Deze worden hieronder beschreven: Leerlinggeoriënteerd onderwijs Dit betekent dat de leerling in meer of mindere mate zelf kan bepalen welke informatie hij/zij wil verwerven en verwerken op eigen tempo. WebQuests zijn zeer geschikt doordat ze een extra motivatie kunnen zijn voor de leerlingen. Je kunt als leerkracht bepalen in welke mate je de leerlingen vrij wil laten. De ene groep leerlingen is bijvoorbeeld in staat zelf een onderwerp te kiezen en volledig zelfstandig een WebQuest te maken, terwijl een andere groep veel meer sturing nodig heeft. Sociale vaardigheden van kinderen stimuleren Door leerlingen samen aan een WebQuest te laten werken, kunnen hun sociale vaardigheden verrijkt worden. Het is hierbij van belang dat de leerlingen samen kunnen werken en in staat zijn om hun gezamenlijke leerproces in handen te nemen. Vakoverschrijdend werken Het vakoverschrijdend aspect is erg interessant. Zo neemt bijvoorbeeld het taalaspect een belangrijke positie in. Positieve invloed op computervaardigheden van leerlingen Het werken met WebQuests kan een positieve invloed hebben op de computervaardigheden van de leerlingen doordat ze dingen moeten opzoeken, bewerken en controleren.

39 39 10 ONDERZOEK ICT-GEBRUIK VAN LEERKRACHTEN ECONOMIE 10.1 Verantwoording We wilden graag onderzoeken in welke mate leerkrachten: gebruik maken van ICT-mogelijkheden; ICT-vaardigheden beheersen; tevreden zijn over de infrastructuur van hun school; tevreden zijn over de ICT-integratie van handboeken. Om een duidelijk beeld te krijgen over de ICT-evolutie, hebben we besloten om een enquête op te stellen en verschillende leerkrachten te bevragen. We hebben beroep gedaan op de medewerking van verschillende scholen in Herentals. Uiteindelijk hebben we de resultaten van 16 leerkrachten kunnen verwerken. In bijlage vindt u een leeg exemplaar van de enquête terug Verwerking van de enquêtes Vraag 1: Geslacht 13% man vrouw 87% Figuur 5: het geslacht van de ondervraagden We hebben 16 leerkrachten ondervraagd. 14 van de ondervraagde leerkrachten zijn vrouwelijk.

40 40 Helsen Willem, Verswijvel Steven Vraag 2: In welke graad wordt er lesgegeven? 2 11 eerste graad tweede graad derde graad 12 Figuur 6: de graad waarin de ondervraagden lesgeven We kunnen besluiten dat meerdere leerkrachten in meerdere graden lesgeven. Uit de resultaten blijkt dat de meeste ondervraagde leerkrachten lesgeven in de tweede graad. Vraag 3: In welke mate worden ICT-vaardigheden beheerst? (Word, Excel, Powerpoint,...) 19% 13% uitstekend goed matig 68% Figuur 7: ICT-vaardigheden van de ondervraagden De meeste leerkrachten vinden van zichzelf dat ze voldoende overweg kunnen met ICT. Slechts 13% vindt van zichzelf dat hij/zij uitstekend overweg kan met de verschillende ICT-mogelijkheden. Deze leerkrachten geven naast het vak economie ook nog informatica.

41 41 Vraag 4: Is bijscholing voor leerkrachten economie inzake ICT nodig? 6% 19% akkoord geen mening niet akkoord 75% Figuur 8: Is bijscholing inzake ICT nodig? De meeste leerkrachten vinden dat extra bijscholing nodig is. Een belangrijke opmerking hierbij is dat er genoeg tijd vrijgemaakt moet worden door de school. Leerkrachten willen bijscholingen volgen, maar de meeste leerkrachten vinden dat het leerkracht-zijn al zwaar genoeg is. Vraag 5: Hoe vaak wordt de computer in de les gebruikt? 19% 13% 43% veel regelmatig af en toe nooit 25% Figuur 9: Wordt de computer vaak in de les gebruikt? We kunnen besluiten dat 68% van de leerkrachten de computer regelmatig tot veel in de les betrekt. Wij zijn tevreden over dit resultaat en we hadden dit ook wel verwacht. We hebben zelf stage gedaan in deze scholen en we hebben gemerkt dat er een goede mentaliteit heerst over computergebruik in de lessen.

42 42 Helsen Willem, Verswijvel Steven Vraag 6: Wordt er gelet op de houding wanneer leerlingen achter de computer zitten? 6% ja geen mening 94% Figuur 10: Is de houding van leerlingen achter de computer belangrijk? Deze grafiek is overduidelijk. Leerkrachten vinden het belangrijk dat leerlingen een goede houding aannemen aan de computer. Dit vinden wij natuurlijk een heel positief resultaat, want een slechte houding kan voor de leerlingen in de toekomst nefaste gevolgen hebben. Vraag 7: Hoe worden de leerlingen geëvalueerd wanneer zij opdrachten moeten oplossen met behulp van een computer? 33% 62% co-assessment peer-assessment leerkracht 5% Figuur 11: het evalueren van ICT-opdrachten De grote meerderheid kiest hier voor de traditionele vorm van evalueren. Toch merken we dat de progressievere evaluatiemethodes hun weg in het onderwijs beginnen te vinden.

43 43 Vraag 8: Heeft de school voldoende infrastructuur ter beschikking? 50% 50% akkoord niet akkoord Figuur 12: infrastructuur van de school We kunnen besluiten dat de meningen evenwichtig verdeeld zijn. De leerkrachten kregen de kans om hun antwoord te nuanceren. Daarom hebben we besloten om per school de resultaten van de verschillende leerkrachten weer te geven en hun argumenten te vermelden: Het Sint-Jozefscollege te Herentals akkoord 100% Figuur 13: infrastructuur in het Sint-Jozefscollege In het Sint-Jozefscollege zijn alle leerkrachten tevreden over de infrastructuur. Er zijn voldoende lokalen beschikbaar en ze zijn goed uitgerust. Bovendien bevatten de meeste lokalen in de school minstens één computer, uitgerust met een beamer.

44 44 Helsen Willem, Verswijvel Steven Het Francesco Paviljoen te Herentals 33% akkoord niet akkoord 67% Figuur 14: infrastructuur in het Francesco Paviljoen De leerkrachten van het Francesco Paviljoen zijn minder tevreden over de infrastructuur. Zij vinden dat de computerlokalen niet goed genoeg uitgerust zijn. Bovendien zijn er regelmatig problemen om een computerlokaal te reserveren omdat de vraag te groot is. Het Sint-Jozefinstituut te Herentals 33% akkoord niet akkoord 67% Figuur 15: infrastructuur in het Sint-Jozefinstituut Ten slotte zijn de leerkrachten van het Sint-Jozefinstituut niet zo tevreden over de infrastructuur van hun school. De toestellen zijn verouderd en de printers werken niet allemaal even goed.

45 45 Vraag 9: Zijn de handboeken voldoende afgestemd op ICTgebruik? 27% akkoord niet akkoord 73% Figuur 16: afstemming ICTgebruik in handboeken Over het algemeen zijn de leerkrachten tevreden over de ICT-integratie in handboeken. Toch zijn er nog heel wat werkpunten. Volgens de ondervraagden is het modulair systeem niet aangepast aan de nieuwe ICT-mogelijkheden. Enkele leerkrachten hadden bovendien als opmerking dat de materialen gebruiksvriendelijker aangeboden moeten worden.

46

47 47 1 SIMULATIESPELLEN 1.1 Rollercoaster Tycoon 2 (3/4 ASO) Inleiding We hebben voor dit simulatiespel gekozen omdat de leerstofonderdelen van het 3 de en 4 de jaar secundair op een concrete manier aan bod komen. Leerlingen leren spelenderwijs omgaan met de leerstof. Bedoeling van het spel De leerlingen gaan zelfstandig een pretpark leiden. Ze moeten als bedrijfsleider allerlei beslissingen nemen. Het doel van het spel is om een pretpark succesvol te leiden zodat het voldoende enthousiaste bezoekers aantrekt. Het is erg belangrijk om goed na te denken over de mogelijkheden van je park. In het spel kunnen de leerlingen het resultaat beïnvloeden door volgende beslissingen te nemen: Attracties: bouwen, herstellen en afbreken. Werknemers: aannemen, ontslaan. Verschillende reclamecampagnes voeren (bv. gratis eten, korting op een attractie ). Inspelen op de behoefte van de bezoekers van het park door hun gedachten te analyseren. Alle genomen beslissingen hebben een effect op de financiële situatie van het park. De leerlingen kunnen op een realistische manier de inkomsten en uitgaven analyseren aan de hand van cijfers en grafieken. Rol van de leerkracht De leerkracht begeleidt de leerlingen tijdens het leerproces. Evaluatie De leerlingen moeten tijdens het lesuur drie doordachte beslissingen nemen om hun handelen te verantwoorden. Ze moeten voorspellen wat het gevolg zal zijn van hun beslissing. Daarna controleren ze of hun voorspelling is uitgekomen. Uiteindelijk moeten ze hun eigen beslissing beoordelen. De leerlingen moeten verantwoorden of hun beslissing een goede of slechte invloed had op het resultaat van het park. Aan het einde van het lesuur volgt er een korte bespreking over de ervaringen van de leerlingen. Er kan bovendien een ondernemer van het uur verkozen worden. Deze persoon wordt verkozen aan de hand van het bezoekersaantal en de financiële situatie van het pretpark.

48 48 Helsen Willem, Verswijvel Steven Handleiding: Rollercoaster Tycoon 2 Pauzeknop. Met deze knop kan je de tijd stilzetten. TIP: gebruik deze knop wanneer je het evaluatieblad invult! Deze knop kan je gebruiken om het bestand op te slaan. Met deze knoppen kan je in- en uitzoomen in het spel Door op deze knop te klikken kan je het park uit verschillende oogpunten bekijken. Hiermee kan je bepalen wat je wilt bekijken. Bv. ik wil dat enkel en alleen de attracties zichtbaar zijn, zonder bomen. Dat kan je met deze knop instellen. Handleiding: Rollercoaster Tycoon 2

49 49 Je krijgt een plattegrond van het park. Dit kan je gebruiken om te kijken waar er nog plaats vrij is om een nieuwe attractie te bouwen. Met deze knop kan je bomen, bloemperken, verwijderen. TIP: gebruik de rechtermuisknop! Met deze knop kan je verschillende attractieverhogende voorwerpen toevoegen: zoals bankjes, fonteinen, standbeelden, Met deze knop kan je paden aanleggen naar verschillende attracties. Opmerking: Dit is noodzakelijk om een bepaalde attractie te bereiken! Met deze knop kan je attracties bouwen. Hierbij kan je een keuze maken uit rustige ritten, thrill-rides (achtbaan, ), waterattracties of kleine winkeltjes. Hieronder zie je een voorbeeld van enkele winkeltjes. Deze knop toont je welke attracties je allemaal hebt gebouwd. Met deze knop kan je ook controleren of een attractie stuk of gesloten is. Handleiding: Rollercoaster Tycoon 2

50 50 Helsen Willem, Verswijvel Steven Deze knop heb je nodig om werknemers aan te nemen. Een park kan immers niet functioneren zonder werknemers. Je hebt een keuze uit mecaniciens, tuinmannen, veiligheidsagenten en animatieverzorgers. Deze knop geeft de mening van de bezoekers weer. Alle mensen hebben een menig over jouw park. Het is aan te raden om de meningen van de verschillende mensen af en toe te bekijken. Op basis van deze gegevens kan je beslissingen nemen om je pretpark af te stemmen op de noden van de mensen. Figuur 13: infrastructuur in het Sint-Jozefscollege te Herentals Door op deze knop te klikken krijg je een overzicht van de ingang van het park. Hier kan je bijvoorbeeld bekijken hoe de algemene beoordeling van het park is. Tijdstip wanneer het park open is. In dit spel bedraagt een parkseizoen acht maanden (van 1 maart 31 oktober). Handleiding: Rollercoaster Tycoon 2

51 51 Hier kan je zien hoeveel geld je nog hebt. Dit kan belangrijk zijn voor het aanmaken van attracties. Indien je geen geld meer hebt kan je altijd gaan lenen. Je klikt op geldbedrag waardoor je bij de financiële situatie van het park terecht komt. In het eerste tabblad kan je bepalen of je nog geld wil bijlenen. Ook kan je de uitgaven en inkomsten van het park per maand bekijken. Deze grafiek geeft de toestand van het park weer. Hier kan je merken dat het bedrijf zwaar in de schulden zit. Je kan best zo weinig mogelijk schulden aangaan. Handleiding: Rollercoaster Tycoon 2

52 52 Helsen Willem, Verswijvel Steven De grafiek geeft weer hoeveel geld het park op een bepaald moment waard is. Dit tabblad geeft de wekelijkse winst weer. Aan de hand van deze grafiek kan je aflezen in welke periodes je winst en verlies hebt gemaakt. Hier kan je verschillende reclamecampagnes uitvoeren. Door meer reclame te voeren, zal je meer bezoekers aantrekken. Handleiding: Rollercoaster Tycoon 2

53 53 In dit tabblad kan je het bedrag naar onderzoek en ontwikkeling van nieuwe attracties verhogen of verlagen. Wanneer je vernieuwend wil zijn, heb je veel onderzoek en ontwikkeling nodig. Handleiding: Rollercoaster Tycoon 2

54 54 Helsen Willem, Verswijvel Steven Kies een scenario Scenario 1 Werkbundel: Rollercoaster Tycoon 2 Het pretpark Fun4You werd de jongste jaren slecht beheerd. Het park was allesbehalve attractief. Daardoor bezochten steeds minder bezoekers het park. Op dit moment is de situatie rampzalig. Er wordt geen winst meer gemaakt en er moeten dringend nieuwe attracties komen. Maar dat kost geld! Jij wordt nu aangesteld als nieuwe directeur van Fun4You. Schrijf op je evaluatieformulier welke beslissingen je neemt en welke invloed ze zouden hebben op de evolutie van het pretpark. Scenario 2 John Cash heeft zopas een verouderd pretpark overgenomen. Het pretpark verkeerde in zo n slechte staat dat alles afgebroken werd. John Cash wil zijn pretpark een nieuw imago aan zijn pretpark geven en wil alles opnieuw opbouwen. Hij hecht veel belang aan de mening van zijn bezoekers en doet er alles aan om zoveel mogelijk klanten tevreden te stellen. Jij wordt aangenomen als marketingmanager. Schrijf op je evaluatieformulier welke beslissingen je neemt en welke invloed ze hebben op de evolutie van het pretpark. Scenario 3 Andy Cheap is trotse eigenaar van Loopy Landscapes. Hij is erg ambitieus, maar spijtig genoeg is hij een beetje gierig. Bezoekers klagen over smerige paden, vandalisme, attracties die niet gemaakt worden, weinig entertainment,. Het imago van het pretpark lijdt hieronder. Andy Cheap heeft gezondheidsproblemen en vertrouwt jou om het bedrijf succesvol te leiden. Om het pretpark opnieuw attractief te maken, zal je personeel moeten aanwerven om het pretpark proper te houden, attracties te herstellen, bezoekers te entertainen,. Kan jij het pretpark redden? Schrijf op je evaluatieformulier welke beslissingen je neemt en welke invloed deze beslissingen hebben op de evolutie van het pretpark. Evaluatie 1. Tijdens het spel moet je minstens drie doordachte beslissingen genomen hebben. Je vult bovenaan in het kader welke beslissing je genomen hebt en welk effect dat deze beslissing had. Werkbundel: Rollercoaster Tycoon 2

55 55 1) Wat denk je dat het resultaat zal zijn van jouw beslissing? Deze beslissing had een positief effect op het pretpark. Wat is het gevolg van jouw beslissing? (bv. meer bezoekers) Hoe verklaar je dat gevolg? Mijn genomen beslissing voel ik aan als: 2) Wat denk je dat het resultaat zal zijn van jouw beslissing? Deze beslissing had een positief effect op het pretpark. Wat is het gevolg van jouw beslissing? (bv. meer bezoekers) Hoe verklaar je dat gevolg? Mijn genomen beslissing voel ik aan als: Werkbundel: Rollercoaster Tycoon 2

56 56 Helsen Willem, Verswijvel Steven 3) Wat denk je dat het resultaat zal zijn van jouw beslissing? Deze beslissing had een positief effect op het pretpark. Wat is het gevolg van jouw beslissing? (bv. meer bezoekers) Hoe verklaar je dat gevolg? Mijn genomen beslissing voel ik aan als: 2. Wat vond je van Rollercoaster Tycoon 2? Ik vond het spel: De uitleg bij het spel vond ik: 3. Wat heb je bijgeleerd?.. Werkbundel: Rollercoaster Tycoon 2

57 Starter: Kinderen van Dewindt (5/6 BSO) Inleiding: Starter is een educatief simulatiespel waarin leerlingen een kledingwinkel opstarten en beheren in Antwerpen. Jongeren leren op deze manier op een leuke en speelse manier hoe je een onderneming kan opstarten. Bedoeling van het spel: In de eerste fase moet de leerling een zichtrekening openen op naam van een nog op te richten vennootschap. De notaris stelt vervolgens een oprichtingsakte op zodat de leerling zijn onderneming kan registreren bij de KBO. Ten slotte moet de leerling een winkelpand kiezen, rekeninghoudend met huurprijs en opslagruimte. Elke speler begint met honderd spelpunten. Wanneer de leerling fouten maakt wordt hij/zij hiervan op de hoogte gebracht en worden er punten afgetrokken. Tijdens de tweede spelfase moet de leerling zijn onderneming een jaar lang succesvol beheren. Het doel is om iedere maand met een positief saldo te eindigen. De leerling heeft ook altijd de mogelijkheid om zijn balans te controleren zodat hij/zij kan bijsturen waar nodig. Rol van de leerkracht: De leerkracht begeleidt de leerlingen tijdens het leerproces. Evaluatie: De leerlingen moeten tijdens het lesuur de opdrachten in hun werkbundel oplossen. De leerlingen moeten de stappen in de juiste volgorde vermelden die nodig zijn om een eigen zaak op te richten en verantwoorden waarom ze bepaalde beslissingen genomen hebben (keuze huurpand, keuze handelsgoederen en keuze marketingcampagne) Aan het einde van het lesuur volgt er een korte bespreking over de ervaringen van de leerlingen. Er kan bovendien een ondernemer van het uur verkozen worden. Deze persoon wordt verkozen aan de hand van het marketingaandeel en winst van zijn/haar onderneming.

58 58 Helsen Willem, Verswijvel Steven Inleiding Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt) Met Starter zal je een eigen kledingwinkel opstarten in het centrum van Antwerpen. Doorheen het spel zal je verschillende stappen moeten volgen om een zaak te kunnen uitbaten. Je zal een keuze moeten maken tussen een aantal huurhuizen. Het is belangrijk dat je rekening houdt met de grootte van het pand en de huurprijs ervan. Wanneer je hierin geslaagd bent, moet je de kersverse zaak zo goed mogelijk leiden. Je zal een aantal beslissingen moeten nemen die ingrijpende gevolgen kunnen hebben op het succes van je zaak. Zo kan je zelf kiezen hoe groot je voorraad is en uit welke goederen je voorraad bestaat. Vervolgens is het belangrijk om een goede prijs te zetten zodat je kan concurreren met andere winkels in een harde modewereld. Om je bedrijf te promoten kan je gebruik maken van verschillende reclamecampagnes. Aan jou om de juiste beslissingen te nemen! Veel succes! Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

59 59 Hoe is het spel opgebouwd? Balans Met deze knop kan je de balans van je bedrijf opvragen. Een balans is een overzicht van bezittingen, schulden en eigen vermogen van een onderneming op een bepaald moment. De bezittingen worden aangeduid met "activa", de schulden en het eigen vermogen met "passiva". Rechtsonder kan je op de knop klikken om de resultatenrekening van het bedrijf op te vragen. De resultatenrekening geeft de opbrengsten en de kosten over een bepaalde periode van het bedrijf weer. Het saldo van de resultatenrekening is de over de periode behaalde winst (positief saldo) of verlies (negatief saldo). Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

60 60 Helsen Willem, Verswijvel Steven Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

61 61 Personeel In het spel beschik je over de mogelijkheid om mensen te screenen. Je kan van iedere kandidaat persoonlijke informatie, kwaliteiten en ervaring bekijken. Zo kan je uiteindelijk de persoon, die jou het meest geschikt lijkt als winkelbediende, in dienst nemen in jouw winkel. Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

62 62 Helsen Willem, Verswijvel Steven Marketing Promotie is heel belangrijk voor een bedrijf. Je kan beroep doen op verschillende deskundigen op het gebied van marketing. Zij zullen ervoor zorgen dat je bedrijf naambekendheid verwerft. De kanalen, waarlangs dit gebeurt, kan je zelf kiezen. Je beschikt over de mogelijkheden om reclame te voeren via televisie, flyers, radio, krant, reclamepaneel of winkelinrichting. Vergeet niet de kwaliteit en de prijs van iedere methode grondig te bestuderen! Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

63 63 Goederen Natuurlijk beschik je over de mogelijkheid om een voorraad aan te kopen. Het is immers belangrijk dat je kan voldoen aan de behoeften van de klanten. Je kiest zelf bij welke leveranciers je goederen koopt en de hoeveelheid ervan. Besteed voldoende aandacht aan het profiel van je winkel. Wil je bekend staan als een winkel met kwalitatieve producten of eerder als een betaalbare winkel met modieuze kledij? Zorg ervoor dat je de juiste hoeveelheden per klasse aankoopt. Wanneer je voorraad te beperkt is, zullen klanten naar de concurrentie stappen. Langs de andere kant is een te grote voorraad niet aan te raden. Het is immers bijzonder duur om een grote voorraad te bezitten als bedrijf. Een gulden middenweg is in dit geval de beste oplossing. Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

64 64 Helsen Willem, Verswijvel Steven Documenten Vooraleer je zelfstandige kan worden moet je voldoen aan een aantal vereisten en moet je een aantal stappen volgen om je eigen zaak op te richten. Een overzicht hiervan vind je terug in dit dialoogvenster. Zo moet je beschikken over een getuigschrift Bedrijfsbeheer en moet je minstens 18 jaar oud zijn om een eigen zaak te kunnen opstarten. Vervolgens moet je volgende elementen bezitten: financieel plan, zichtrekening, oprichtingsakte, aangifte FOD, registratie KBO, verzekeringsfonds, brandverzekering, personeelsverzekering, schadeverzekering en diefstalverzekering. Aan jou om de juiste stappen in de juiste volgorde te nemen om zelfstandige te worden! Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

65 65 Berichten Met deze knop kan je berichten bekijken die je van betrokken personen hebt gekregen. Op deze manier kan je opnieuw bekijken welke stappen je genomen hebt om je zaak op te richten en welke belangrijke beslissingen je genomen hebt als zelfstandige. Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

66 66 Helsen Willem, Verswijvel Steven Evaluatie Wanneer je tijdens het spel op Escape (toetsenbord), kom je terecht in het hoofdmenu van het spel. Hier kan je klikken op een knop Evaluatie. Op deze manier kan je een tussentijdse beoordeling opvragen. Je krijgt dan een overzicht van allerlei beslissingen die je doorheen het spel hebt genomen. Het spel berekent automatisch een ecologische, sociale en etnische score. Handleiding: Starter (Kinderen van Dewindt)

67 67 Scenario Werkbundel: Starter (Kinderen van Dewindt) In dit spel kruip je in de huid van het personage Lies. Net als zij, ben jij een gemotiveerd persoon die als doel heeft de winkelstraten te veroveren met een vernieuwende en modieuze winkel. Jammer genoeg heb je nog geen ervaring en hoop je de juiste keuzes te maken in de toekomst. Passie voor mode en doorzettingsvermogen zijn kernelementen om te slagen in een harde modewereld. Gelukkig kan je rekenen op een goede zakenpartner die je tijdens het spel mee zal begeleiden. Aan de slag maar! Werkbundel: Starter (Kinderen van Dewindt)

68 68 Helsen Willem, Verswijvel Steven Opdrachten I. Richt een winkel op in Antwerpen. A. Welke stappen moet je ondernemen om een zaak op te richten? B. 1) Ik heb een huurpand gekozen met: - huurprijs: - voorraadruimte: 2) Waarom heb je dit huurpand gekozen? C. 1) Welke goederen heb je aangekocht? Omschrijving Aantal Aankoopprijs Verkoopprijs 2) Verantwoord je keuze: Werkbundel: Starter (Kinderen van Dewindt)

69 69 II. In de volgende fase krijg je een jaar tijd om je zaak succesvol te maken. Verkoop de juiste producten aan de juiste prijs, maak je winkel aantrekkelijk, en hou rekening met de concurrentie. A. 1) Voer tijdens het spel een nieuwe campagne om je winkel te promoten: Marketingbureau: Kanaal: Tijdsduur: Prijs: 2) Motiveer je keuze: B. Tijdens het spel moet je een aantal beslissingen nemen die een grote invloed kunnen hebben op je succes. 1) Vermeld één genomen beslissing 2) Verantwoord je keuze: Evaluatie Mijn ondernemerskwaliteiten Ben je het spel beëindigd met winst of verlies? Hoeveel? Ik ben tevreden over het eindresultaat. Ik ben tevreden over mijn genomen beslissingen. Noem 1 beslissing die je een volgende keer opnieuw zou nemen. Waarom? Wat zou je een volgende keer anders doen? Waarom? Werkbundel: Starter (Kinderen van Dewindt)

70 70 Helsen Willem, Verswijvel Steven Wat vond ik van het spel? Ik vond het spel uitdagend. Ik heb veel uit het spel geleerd. Het was duidelijk wat er van mij verwacht werd. Wat heb je bijgeleerd? Werkbundel: Starter (Kinderen van Dewindt)

71 71 2 MINDMAPS (ALLE RICHTINGEN, EERSTE/TWEEDE/DERDE GRAAD) 2.1 Inkomen uit beleggingen (2ASO / 2TSO) 2.2 Centrale thema s van politieke partijen in Berlaar (2ASO / 2 TSO)

72 72 Helsen Willem, Verswijvel Steven 3 INTEGRATIE VAN VERSCHILLENDE ICT-TECHNIEKEN IN HET HOEKENWERK GEZINSUITGAVEN (2ASO / 2TSO) 3.1 De soorten uitgaven De leerlingen krijgen een inleidende oefening op het leerstofonderdeel. In deze oefening moeten ze logisch nadenken. Dit is een matchoefening ontworpen met Hot Potatoes. 3.2 Besparingstips Enquête De leerlingen vullen een enquête in op de site van Vervolgens krijgen ze een uitgavenprofiel te zien waaraan ze voldoen. De leerlingen krijgen enkele tips over hoe ze geld kunnen besparen. Zo staan de leerlingen stil bij hun eigen levensstijl en kunnen ze hieraan werken in de toekomst. Werkbundel: politiek in je gemeente

73 Filmfragment: Het leven zoals het is: Jos De leerlingen krijgen een filmfragment van het leven van Jos te zien. Ze zien in dat Jos een verkeerde houding aanneemt. Hij maakt geen gebruik van kortingsbonnen, gebruikt geen spaarknop van het toilet, laat de lichten branden 3.3 Kredieten (filmfragment) De leerlingen krijgen een nieuwsbericht te zien over Animo die actie voert tegen kredieten. In dit filmpje worden enkele mensen geïnterviewd en moeten de leerlingen zelf stilstaan bij de voor- en nadelen van kredieten.

74 74 Helsen Willem, Verswijvel Steven 4 ICT ALS HULPMIDDEL VOOR ZELFSTANDIG WERK 4.1 Uitwerking: politiek in je gemeente (2ASO / 2TSO) Politieke partijen in Berlaar Het is belangrijk dat de leerlingen inzicht krijgen in politiek. Om inzicht te krijgen in iedere politieke partij is het van belang dat leerlingen zelf op onderzoek kunnen gaan en niet alle informatie voorgeschoteld krijgen. Op deze manier zullen ze het meest leren omdat er immers activiteit van de leerling vereist is. In de werkbundel voor de leerlingen wordt er voor iedere politieke partij, die actief is in Berlaar, een fiche opgenomen. Deze fiches dienen de leerlingen in te vullen aan de hand van de informatie die ze kunnen terugvinden op Internet. De leerlingen moeten hiervoor de websites van de verschillende politieke partijen raadplegen en op zoek gaan naar de belangrijkste standpunten rond maatschappelijke problemen. Door op deze manier te werk te gaan, leren leerlingen informatie op te zoeken en gegevens te interpreteren. Vervolgens krijgen de leerlingen een beknopt overzicht over iedere politieke partij en kunnen ze voor zichzelf uitmaken welke partij het meest aansluit bij hun visie op de maatschappij. Om de leerstof vast te zetten kan er gebruik gemaakt worden van een mindmap. Hiervan kan gebruik gemaakt worden van het programma emindmaps. Een praktische uitwerking voor deze les vindt u terug in hoofdstuk Verkiezingsuitslagen Berlaar In een volgende opdracht worden de leerlingen verwezen naar volgende website: Op deze site kunnen de leerlingen de verkiezingsuitslagen van gemeenteraden (2006) bekijken. Vervolgens kunnen de leerlingen de gemeente ingeven waarvan ze de verkiezingsuitslag willen bekijken. Ze krijgen nu een mooi overzicht van de resultaten voor Berlaar. Deze gegevens moeten de leerlingen interpreteren om de bijbehorende vragen in de werkbundel op te lossen. Zo moeten ze resultaten van de verkiezingsuitslagen van 2006 vergelijken met die van Ten slotte moeten ze een mogelijke verklaring vinden voor het succes van de grootste partij en de teleurstellende resultaten van de zwakste politieke partij De gemeenteraad en het schepencollege De leerlingen gaan zelf op zoek op de site van Berlaar waarvoor de gemeenteraad bevoegd is. Op deze manier leren ze zelf hoe een gemeenteraad opgebouwd is, welke mensen hieraan deelnemen en wat het verschil is met het schepencollege. Doordat hier een duidelijk onderscheid gemaakt wordt tussen beide politieke organen, kan hier volgende les dieper op ingegaan worden (scheiding der machten). De leerlingen krijgen ten slotte ook de opdracht om op te zoeken wie de burgemeester en schepenen zijn van Berlaar. Werkbundel: politiek in je gemeente

75 75 Werkbundel Politieke partijen van je gemeente onder de loep! Partijfiches Opdracht: Vul voor iedere partij die opkomt in jouw gemeente onderstaande fiche in aan de hand van hun website. Partijnaam: Sociaal Progressief Alternatief Afkorting: sp.a Voorzitter: Één bekende politicus: Duid alle thema s aan die deze partij belangrijk vindt: o o o Onderwijs Sociale zekerheid Belastingen o o o Politie Cultuur Milieu o o o Veiligheid Sport Ruimtelijke ordening o o o Mobiliteit Partijnaam: Groen! Voorzitter: Één bekende politicus: Duid alle thema s aan die deze partij belangrijk vindt: o o o Onderwijs Sociale zekerheid Belastingen o o o Politie Cultuur Milieu o o o Veiligheid Sport Ruimtelijke ordening o o o Mobiliteit Partijnaam: Vlaamse Liberalen en Democraten Afkorting: VLD Voorzitter: Één bekende politicus: Duid alle thema s aan die deze partij belangrijk vindt: o o o Onderwijs Sociale zekerheid Belastingen o o o Politie Cultuur Milieu o o o Veiligheid Sport Ruimtelijke ordening o o o Mobiliteit Werkbundel: politiek in je gemeente

76 76 Helsen Willem, Verswijvel Steven Partijnaam: Christen-Democratisch en Vlaams Afkorting: CD&V Voorzitter: Één bekende politicus: Duid alle thema s aan die deze partij belangrijk vindt: o o o Onderwijs Sociale zekerheid Belastingen o o o Politie Cultuur Milieu o o o Veiligheid Sport Ruimtelijke ordening o o o Mobiliteit Partijnaam: Vlaams Belang Voorzitter: Één bekende politicus: Duid alle thema s aan die deze partij belangrijk vindt: o o o Onderwijs Sociale zekerheid Belastingen o o o Politie Cultuur Milieu o o o Veiligheid Sport Ruimtelijke ordening o o o Mobiliteit Verkiezingsuitslagen van Berlaar Opdracht: - Surf naar - Kies voor de verkiezingsuitslagen van Voer bij gemeente Berlaar in en bekijk de gegevens van de gemeenteraad. Vragen bij opdracht: Welke partij heeft het grootste aantal stemmen? Was deze partij 6 jaar geleden ook de grootste? Zoek een verklaring voor bovenstaand antwoord... Welke partij heeft het kleinste aantal stemmen? Verklaar het lage succes van deze partij... Werkbundel: politiek in je gemeente

77 77 Inspraak in je gemeente Opdracht 3: Surf naar en los onderstaande vragen op: De gemeenteraad is een groep van gekozen volksvertegenwoordigers binnen een gemeente. Ze controleren het bestuur van een gemeente. Een lid van de gemeenteraad wordt een gemeenteraadslid genoemd. Hoeveel gemeenteraadsleden heeft Berlaar? Welke partijen zetelen in de gemeenteraad?.. Wanneer vergadert de gemeenteraad? Hoe vaak zijn er gemeenteraadsverkiezingen? Het College van Burgemeester en Schepenen bestaat uit de burgemeester, de voorzitter van het OCMW en een aantal schepenen (verkozen uit de gemeenteraad). Zij hebben de opdracht om alle beslissingen van de gemeenteraad uit te voeren. Wie is burgemeester van Berlaar? Tot welke partij behoort hij/zij? Welke schepenen heeft Berlaar? Tot welke partij behoren ze?.... Mijn mening Ik vind het moeilijk om voor één partij te kiezen. Ik ken politici enkel van op televisie en in de krant. Het vorige beleid heeft een invloed gehad op de verkiezingsuitslag. Politiek is vuil, vies en corrupt. 40% van de jongeren zegt dat politiek hen niet interesseert. Ik ben één van hen. Ja Neen Werkbundel: politiek in je gemeente

78 78 Helsen Willem, Verswijvel Steven 4.2 Aankoopkanalen (6BSO) De les wordt ingeleid door de leerkracht. Er worden een foto van een kleinhandel en een foto van een groothandel getoond. Op deze manier wordt het verschil tussen beide aankoopkanalen duidelijk gemaakt. Vervolgens worden aan de hand van foto s van een auto en een huis andere aankoopkanalen aangebracht (bv. makelaar). De leerkracht vertelt de leerlingen dat dit allemaal verschillende aankoopkanalen zijn en dat er deze les dieper op ingegaan wordt. Voor dit lesonderdeel is er een website voorzien die door ons zelf ontworpen is. Aan de hand van deze website en hun werkbundel gaan de leerlingen zelf aan het werk. Zo ontdekken de leerlingen de taken van de verschillende aankoopkanalen en op welke vlakken ze verschillen en gelijkenissen vertonen. Een mooi overzicht wordt getoond op de laatste pagina van de werkbundel waar de leerlingen alle tussenpersonen met elkaar kunnen vergelijken door middel van een overzichtelijke tabel. De informatie die de leerlingen moeten opzoeken kunnen ze voor het grootste deel terugvinden op een website die door onszelf is ontworpen. U krijgt alvast een voorsmaakje: Verdere informatie kunnen de leerlingen vinden door gebruik te maken van zoekmachines (bv. Google), woordenboeken (bv. Van Dale) en websites van kranten (bv. De Morgen). De leerlingen moeten ten slotte voor verschillende aankoopkanalen een persoon / bedrijf opzoeken die aansluit bij hun specifieke beroepssector. Dit kunnen ze opzoeken in gegevensbanken (bv. Goudengids.be). Om de leerstof vast te zetten is er aan het einde van de les een matchoefening (gemaakt met Hot Potatoes) voorzien.

79 79 Werkbundel Inleiding Goederen of diensten kan je via verschillende wegen of kanalen aankopen. We gaan deze les onderzoeken op welke manieren dit kan gebeuren. Deze werkbundel is opgebouwd uit een aantal opdrachten rond verscheidene aankoopkanalen. Je zal van volgende sites gebruik moeten maken om de opdrachten tot een goed einde te leiden: Je zult ongetwijfeld dit lesuur woorden tegenkomen die je niet goed begrijpt. Je zoekt deze woorden zelf op door gebruik te maken van een woordenboek (bv. Woordenlijst Werkbundel: Specifieke aankoopkanalen

80 80 Helsen Willem, Verswijvel Steven Specifieke aankoopkanalen Inleiding Opdracht: Verbind aan ieder begrip de juiste omschrijving. Informatie kan je opzoeken op de website! Groothandel Goederen worden in kleine hoeveelheden aangekocht en doorverkocht aan de consument. Tussenpersonen Handelaars bundelen hun krachten in een vereniging en gaan gezamenlijk goederen aankopen. Samenaankoop Handel tussen ondernemers. Goederen worden in grote hoeveelheden aangekocht bij producenten en verkocht in kleine hoeveelheden aan kleinhandelaars. Kleinhandel Personen die bemiddelen of onderhandelen tussen koper en verkoper. Groothandel Probeer onderstaand schema te verklaren. Mogelijke vragen die je jezelf kan afvragen zijn: Hoe koopt de groothandel aan? Aan wie verkoopt de groothandel zijn goederen? Hoe komen deze goederen bij de consument terecht? Werkbundel: Specifieke aankoopkanalen

81 81 Geef voor zowel de groothandel als de kleinhandel 2 belangrijke kenmerken Groothandel Kleinhandel Zoek 3 voorbeelden op van groothandelaars (liefst van jouw beroepssector) o o o Samenaankoop Wat is het voordeel van een samenaankoop? Zoek 2 voorbeelden van aankoopverenigingen specifiek voor jouw beroepssector. Ook consumenten zitten af en toe in een samenaankoop. Surf naar Google en probeer er één te vinden. Naam vereniging: Soort goed: Tussenpersonen Personen die bemiddelen of onderhandelen tussen koper en verkoper noemen we tussenpersonen. Hieronder krijgen jullie een lijst van belangrijke tussenpersonen. Opmerking: Neem de laatste bladzijde van dit bundeltje er bij. Zet kruisjes waar ze passen. Deze tabel zal uiteindelijk een overzicht geven van de verschillende tussenpersonen! Werkbundel: Specifieke aankoopkanalen

82 82 Helsen Willem, Verswijvel Steven Makelaar Geef één voorbeeld van een makelaar in jouw specifieke beroepssector Commissionair Geef één voorbeeld van een commissionair in jouw specifieke beroepssector Wat is het verschil tussen een inkoopcommissionair en een verkoopcommissionair? Handelsagent Geef één voorbeeld van een handelsagent in jouw specifieke beroepssector Wat is het verschil tussen een handelsagent en een makelaar? Concessiehouder Geef één voorbeeld van een concessiehouder in jouw specifieke beroepssector Handelsvertegenwoordiger Wat is het verschil tussen een handelsvertegenwoordiger en een handelsagent? Werkbundel: Specifieke aankoopkanalen

83 83 Franchise Wat betekent franchise? Wat moet de franchisegever doen? Wat moet de franchisenemer doen? Werkbundel: Specifieke aankoopkanalen

84 84 Helsen Willem, Verswijvel Steven Overzicht van tussenpersonen Plaats een x in een vak wanneer de omschrijving van toepassing is bij de bijbehorende tussenpersoon. bv. wanneer een makelaar in eigen naam handelt, plaats je een x in het eerste vak. Makelaar Commissionair Handelsagent Concessiehouder Handelsvertegenwoordiger Handelsreiziger In eigen naam Voor eigen rekening Afsluiten contracten Vergoeding Werkbundel: Specifieke aankoopkanalen

85 Wat bepaalt het loon? (3ASO) Tijdens deze les leerden de leerlingen de vraag- en aanbodszijde van de looncurve. Dit werd aangebracht door middel van een onderwijsleergesprek. Vervolgens gingen de leerlingen zelfstandig aan de slag. Ze kregen een stappenplan waarin vermeld stond hoe de leerlingen te werk moesten gaan om een grafiek te ontwerpen met Excel. Met behulp van dit elektronische werkblad kan je op een zeer eenvoudige en gestructureerde wijze gegevens weergeven. Het voordeel van deze methode is dat de leerlingen niet steeds alle grafieken zelf moeten tekenen in hun boek. Zo kan er meer aandacht besteed worden aan de leerstof zelf. Verkennen uurloon aangeboden hoeveelheid arbeid aangeboden hoeveelheid arbeid gevraagde hoeveelheid arbeid

86 86 Helsen Willem, Verswijvel Steven 5 ICT ALS HULPMIDDEL VOOR UITDAGENDE OPDRACHTEN 5.1 Muziekproject (2ASO / 2TSO) Situering: Het project werkt vakoverschrijdend met het vak wetenschappelijk werk. Het muziekproject kan perfect in economisch standpunt bestudeerd worden, maar ook als natuur-, gedrags- & cultuurwetenschap. Dit zijn ook de vereisten voor het leerplan. Deze lessen zijn een ultieme kans om op een concrete en creatieve manier om te gaan met de leerstof. ICT is hierbij een troef om dit doel te bereiken. Een eerste les dient als inleiding. De leerlingen maken kennis met verschillende muziekstijlen. Op deze manier komen ze in aanraking met verschillende culturen en kan hierop ingespeeld worden (cultuurwetenschap). Vervolgens worden er een aantal stellingen voorzien zodat de leerlingen met elkaar over muziek kunnen discussiëren (gedragswetenschap). Nadien krijgen de leerlingen een artikel over Rock Werchter te lezen. Hierin wordt vermeld dat de prijs van Rock Werchter de laatste jaren enorm gestegen is. Er volgt vervolgens een kort klassengesprek over deze evolutie. Ten slotte krijgen de leerlingen de opdracht om tijdens de volgende les op zoek te gaan naar de kostprijs van een bepaald festival (inclusief ticketprijs, vervoerskosten, eten & drinken, overnachting ) en moeten ze deze opdracht tijdens de laatste les per twee creatief voorstellen. Opdracht: De groepjes worden op voorhand door mij ingedeeld. Er zullen zes festivals onderzocht worden. Dit wil zeggen dat ieder festival onderzocht wordt door twee groepjes. Vervolgens worden er met de leerlingen duidelijke afspraken gemaakt. Leerlingen krijgen 40 minuten tijd om informatie op te zoeken Er wordt rustig gewerkt (fluisteren!) De gevonden informatie wordt opgeschreven Volgende les volgt er een presentatie (ppt mogelijk, maar niet verplicht!) Uitbreidingsopdracht: Promoot het festival: probeer anderen ervan te overtuigen om naar het festival te gaan! Bijvoorbeeld: muziekgroepen kort voorstellen slogan verzinnen eenvoudige affiche maken De leerlingen gaan per twee op zoek naar de kostprijs van een festival door rekening te houden met verschillende factoren. Ze moeten niet alleen de kostprijs van tickets opzoeken, maar ook zelf op zoek gaan naar overnachtingsmogelijkheden (bv. jeugdherberg indien er geen camping is). Natuurlijk is het ook belangrijk om het festival te bereiken. Openbaar vervoer verleent zich hier perfect toe. Leerlingen zullen dus zelf op zoek moeten gaan naar het vervoerstraject dat ze moeten afleggen en de kostprijs ervan door te surfen op de site van De Lijn en/of NMBS.

87 87 Wanneer de leerlingen de informatie gevonden hebben over hun festival, is het de bedoeling dat ze deze informatie op een creatieve manier presenteren tijdens de volgende les. Een uitstekend hulpmiddel om dit doel te bereiken is een Powerpointpresentatie. Leerlingen kunnen gebruikmaken van kernwoorden, teksteffecten, afbeeldingen en filmfragmenten. Wanneer de leerlingen tevreden zijn over hun resultaat kunnen ze werken aan de uitbreidingsopdracht. Zo kunnen ze bijvoorbeeld een slogan maken of een affiche ontwerpen om mensen aan te sporen om het festival te bezoeken. De leerlingen kunnen met andere woorden hun creatieve geest laten werken om van hun presentatie een succes te maken. Doel: De leerlingen beseffen dat de leerstof niet wereldvreemd is, maar juist heel dicht aansluit bij hun eigen leefwereld. Ze zien in dat de kennis die ze tijdens het jaar vergaard hebben, in realiteit aangewend kan worden. Verantwoording: Door op deze manier te werk te gaan, wordt er beroep gedaan op heel wat vaardigheden van de leerlingen. Ze krijgen een probleem voorgeschoteld en er bestaat geen kant-en-klare oplossing. De leerlingen moeten zelf hun onderzoeksstrategie bepalen om tot een oplossing te komen. Ze moeten verschillende sites doornemen om informatie te vinden om hun opdracht op te lossen. Doordat de leerlingen geconfronteerd worden met een leefwereldgebonden probleem worden ze uitgedaagd om de leerstof te transfereren. Bovendien krijgen de leerlingen de kans om hun gegevens op een creatieve manier te verwerken.

88 88 Helsen Willem, Verswijvel Steven Werkbundel Opdracht: van Berlaar naar Je gaat samen met een klasgenoot dit jaar 2 dagen naar een festival. Zorg ervoor dat je op het festival geraakt en dat je terug naar huis kan. Je zal rekening moeten houden met verschillende kosten. Per persoon heb je 200 ter beschikking. Volgende les stel je de gevonden informatie voor. Hiervoor kan je gebruik maken van een Powerpointpresentatie (dit moet niet!). Ik bezoek het festival Benodigdheden Doelgroepen Kostprijs tickets Overnachting Totaal: Totaal: Werkblad: van Berlaar naar

89 89 Vervoer+traject Heen: Berlaar station Terug: Eten Totaal: Totaal: Totale kostprijs: Prijslijst eten en drinken kleine friet 3,00 grote friet 5,00 saus 0,50 vlees 2,00 wafel 2,50 pita 5,00 hot dog 3,00 belegd broodje 4,00 pizza 5,00 frisdrank 2,00 Werkblad: van Berlaar naar

90 90 Helsen Willem, Verswijvel Steven Beoordelen van de presentaties Muziekproject:.. Erg onv Onvold. Vold. Goed Z. goed Groep 1 Rock Werchter /10 - Medewerking in de les - Goede verdeling - Illustraties - Correcte informatie - Niet alles aflezen op blad Groep 2 Rock Werchter /10 - Medewerking in de les - Goede verdeling - Illustraties - Correcte informatie - Niet alles aflezen op blad Groep 3 Dour Festival 2008 /10 - Medewerking in de les - Goede verdeling - Illustraties - Correcte informatie - Niet alles aflezen op blad Groep 4 Maanrock /10 - Medewerking in de les - Goede verdeling - Illustraties - Correcte informatie - Niet alles aflezen op blad Groep 5 Suikerrock /10 - Medewerking in de les - Goede verdeling - Illustraties - Correcte informatie - Niet alles aflezen op blad Groep 6 Pukkelpop /10 - Medewerking in de les - Goede verdeling - Illustraties - Correcte informatie - Niet alles aflezen op blad Beoordelen: van Berlaar naar

91 Verbetersleutel presentaties (transparant) Rock Werchter Dour Suikerrock Pukkelpop Maanrock Doelgroepen Jeugd Jonge volwassenen Volwassenen Gepensioneerden Jeugd Jonge volwassenen Volwassenen Gepensioneerden Jeugd Jonge volwassenen Volwassenen Gepensioneerden Jeugd Jonge volwassenen Volwassenen Gepensioneerden Jeugd Jonge volwassenen Volwassenen Gepensioneerden Muziekstijl Commerciëel Alternatief Commerciëel Alternatief Commerciëel Alternatief Commerciëel Alternatief Commerciëel Alternatief Kostprijs tickets 150 EUR 85 EUR 38,8 EUR 130 EUR 0 EUR Overnachting 17 EUR 15 EUR 15 EUR 0 EUR 15 EUR Berlaar Leuven (trein) Berlaar Leuven (trein) Berlaar Leuven (trein) Berlaar Aarschot (trein) Berlaar Antw Berch (trein) Vervoer + traject Leuven Werchter (bus) 0 EUR Leuven Bergen (trein) Bergen Dour (bus) 30 EUR Leuven Tienen (trein) 8,20 EUR Aarschot Hasselt (trein) 0 EUR Antw Berch Mecheln (trein) 7,20 EUR Totaal 167 EUR 130 EUR 62 EUR 130 EUR 22,20 EUR Verbetersleutel: van Berlaar naar 91

92 92 Helsen Willem, Verswijvel Steven 5.2 Het ondernemingsplan (3ASO) Situering: Het is van belang dat de leerlingen de theorie beheersen vooraleer ze aan deze opdracht kunnen werken. Deze werkbladen zijn ook in de werkbundel voorzien. Stap voor stap wordt het nut en het doel van een ondernemingsplan opgebouwd. In de eerste opdracht moeten de leerlingen gegevens interpreteren en een mogelijke verklaring zoeken waarom jonge bedrijven snel failliet gaan. In de volgende opdracht wordt de overlevingsgraad volgens leeftijdsklasse van ondernemers bestudeerd. De leerlingen moeten verklaren waarom ondernemers tussen 40 en 44 jaar de meeste slaagkansen hebben. In een laatste opdracht wordt er een vergelijking gemaakt met een huis bouwen. De leerlingen zien in dat een onderneming starten geen impulsieve beslissing is, maar dat je heel doordacht te werk moet gaan. Opdracht: Nadat de leerlingen een les ter inleiding gehad hebben, kunnen ze zelf aan het werk. In een eerste opdracht worden de leerlingen verwezen naar een URL van unizo. Hier wordt het ondernemingsplan stap voor stap opgebouwd. Hier moeten ze op zoek gaan naar de vijf bouwstenen van een ondernemingsplan en verklaren wat deze bouwstenen inhouden. Om de lessenreeks af te ronden kunnen de leerlingen zelf een ondernemingsplan opstellen voor een fictief bedrijf naar keuze. Er zijn een aantal voorstellen opgenomen in de werkbundel indien de leerlingen geen inspiratie zouden hebben. In een laatste les kunnen de leerlingen hun ondernemingsplan voorstellen aan hun leeftijdsgenoten. Een lokaal reserveren met beamer zou een meerwaarde kunnen geven aan de les. Op deze manier zijn de leerlingen in staat om hun presentatie aantrekkelijker en realistischer te maken.

93 93 Werkbundel Wat zijn we van plan? Op een dag heb je een briljant idee Vele genieën en uitvinders zijn arm gestorven. Zo heeft Edison nooit zelf munt uit zijn gloeilamp kunnen slaan. De Amerikaanse apotheker die het recept van Coca-Cola heeft ontdekt, heeft zijn apotheek moeten sluiten omwille van een nijpend geldgebrek. Briljante geesten zijn blijkbaar niet altijd briljante economen. Bron 1: Faillissementen in september 2006 Het Nationaal Instituut voor de Statistiek (NIS) publiceerde onlangs volgende cijfers: Opdrachten bij bron 1: Faillissementen in september 2006 Hoeveel bedrijven zijn in september 2006 failliet verklaard? Hoeveel bedrijven zijn binnen de 4 jaar na de oprichting failliet verklaard? Waarom gaan er volgens jou zoveel jonge bedrijven snel failliet? Werkbundel: het ondernemingsplan

94 94 Helsen Willem, Verswijvel Steven Hoe zou je kunnen vermijden dat je briljant idee een financieel fiasco wordt? Bron 2: Overlevingsgraad volgens leeftijdsklasse van ondernemers die vijf jaar gelden zijn gestart (bron: Startersatlas, unizo) Leeftijdsklasse Totaal aantal Overlevers Overlevingsgraad starters ,86 % ,71 % ,86 % ,88 % ,96 % ,14 % ,45 % ,78 % ,46 % ,14 % ,73 % Totaal ,11 % Opdrachten bij bron 2: Overlevingsgraad volgens leeftijdsklasse Welke leeftijdsklasse heeft de hoogste slaagkansen? Welke leeftijdsklasse heeft de laagste slaagkansen? Geef drie redenen die dit verschil kunnen verklaren. Werkbundel: het ondernemingsplan

95 95 Bron 3: Een goede voorbereiding Stel je eens voor Jan komt de liefde van zijn leven tegen. Na een tijdje beslist hij om onmiddellijk met Els een eigen huis te bouwen. Ze zijn erg ongeduldig en willen zo vlug mogelijk starten met de bouw van hun droomhuis. De architect is met vakantie maar toch willen ze dat de aannemer start met de werken. Ze geven wat vage informatie, neergepend op allerlei papiertjes. Maar het gaat vooruit en dat is het enige wat telt! Enkele maanden later kunnen Jan en Els verhuizen naar hun droomhuis. Maar al gauw blijken ze te beseffen dat er verschillende zaken zijn misgelopen. Hun auto past niet in de garage, de wandkast kan nergens worden geplaatst, bepaalde deuren draaien verkeerd open Miserie alom! Opdrachten bij bron 3: Een goede voorbereiding Wat is er misgelopen bij Jan en Els? Hoe kan je dit verklaren? Zou jij dit kunnen vermijden? Hoe? Pas bovenstaande situatie toe op het opstarten van een eigen zaak. Wat is belangrijk bij het opstarten van een eigen zaak? Werkbundel: het ondernemingsplan

96 96 Helsen Willem, Verswijvel Steven, nu nog een briljant plan! Startende ondernemers zijn vaak nog niet klaar om een succesvolle onderneming op te starten. De overlevingskansen van heel wat starters is en blijft laag door slecht beheer, gebrek aan ervaring en onbekwaamheid. Een opgesteld ondernemingsplan kan een aantal problemen vermijden. Een ondernemingsplan is in de eerste plaats voor jezelf bedoeld. Het dwingt je na te denken over wat je wilt bereiken en over wat haalbaar is. Op basis hiervan neem je de beslissing: starten, niet starten of de plannen aanpassen. Verder kan je aan de hand van het ondernemingsplan nagaan of de onderneming de uitgestippelde weg volgt. Wanneer dit niet het geval is, kan je de oorzaken opsporen en het project bijsturen. Bovendien is een ondernemingsplan van groot belang voor derden. Leveranciers en financiers kunnen op basis van dit plan hun vertrouwen aan je onderneming geven. Geef drie redenen waarom het opstellen van een ondernemingsplan aan te raden is. Waarom zal een investeerder veel belang hechten aan een ondernemingsplan? Bron 4: Een sleutel tot succes het ondernemingsplan Je weet nu waarom een ondernemingsplan zo belangrijk is, maar hoe ziet zo n ondernemingsplan er nu uit? Welke elementen mogen vooral niet ontbreken? Op de volgende link wordt het ondernemingsplan stap voor stap met jou opgebouwd. Ga zelf op ontdekking en bestudeer wat de vijf bouwstenen van een ondernemingsplan inhouden. Werkbundel: het ondernemingsplan

97 97 Opdrachten bij bron 4: Een sleutel tot succes het ondernemingsplan Het ondernemingsplan bestaat uit vijf belangrijke bouwstenen. Omschrijf kort en bondig in eigen woorden wat deze bouwstenen inhouden: Projectomschrijving: Voorstelling van de ondernemer en de onderneming: Marktonderzoek: Marketingplan: Financieel plan: Een ondernemingsplan is het plan dat de ondernemer opstelt voordat hij een zaak opstart. Hij toetst hierin de diverse factoren die van belang zijn om een onderneming succesvol te maken. Het bestaat uit 5 belangrijke bouwstenen: de projectomschrijving, de voorstelling van de onderneming en de ondernemer, het marktonderzoek, het marketingplan en het financiële plan. Werkbundel: het ondernemingsplan

98 98 Helsen Willem, Verswijvel Steven Zelf een ondernemingsplan opstellen Opdracht: Kies één project Stel voor dit project een ondernemingsplan op. Gebruik hiervoor het schema op de volgende pagina! Je hebt ondertussen al enkele jaren ervaring opgedaan in een ander bedrijf. Je vindt dat het stilletjes aan tijd wordt dat je op je eigen benen gaat staan. Je hebt al enkele ideeën, maar je twijfelt. Een jeugdcafé, gelegen in het centrum van een stad, staat te koop omdat de uitbater op pensioen wil gaan. Het café is onmiddellijk klaar voor gebruik. De uitbater was de afgelopen jaren aan het uitbollen en daardoor volgde hij niet langer de nieuwste trends. Het café staat bij de jeugd bekend als een verouderd café. Je hebt het idee om een pizzeria op te starten, aangezien er in de buurt toch geen pizza s te verkrijgen zijn. Het nadeel is dat je nog geen geschikte locatie hebt en dat dit wel wat geld kan kosten. In een naburig dorp staat een pand vrij. Het kan perfect ingericht worden als parfumeriewinkel. Je vreest echter dat de zaak niet zo succesvol zal zijn omdat er al twee parfumeriewinkels aanwezig zijn in de buurt. Heb je zelf nog een idee dat je wil uitwerken?.. Werkbundel: het ondernemingsplan

99 Naam van de onderneming: Projectomschrijving: Voorstelling van de ondernemer en de onderneming: Marktonderzoek: Marketingplan: Financieel plan: Werkbundel: het ondernemingsplan

100 100 Helsen Willem, Verswijvel Steven 5.3 Duurzame ontwikkeling (4ASO) Situering: Duurzame ontwikkeling is een belangrijk item geworden in onze maatschappij. De leerlingen gaan zelf op zoek naar informatie rond dit thema. Wat is duurzame ontwikkeling? Waarom moeten we duurzaam omgaan met onze wereld? Hoe kunnen ondernemingen rekening houden met het milieu? Welke maatregelen neemt de overheid? Dit zijn een aantal belangrijke vragen waarbij de leerlingen zullen stilstaan. Ze kunnen gebruik maken van Internet als informatiebron. Opdracht 1: Vervolgens krijgen de leerlingen een eerste opdracht. Er zijn verschillende milieubedreigingen aanwezig in onze wereld. Iedere dag worden we hiermee geconfronteerd. Denk maar aan bezoedelde waterlopen, vergiftigde gronden, stadslucht met smog, broeikaseffect enzovoort. De mens heeft een sterke invloed op het leven op aarde. Ook ondernemers kunnen hun steentje hiertoe bijdragen door duurzaam te ondernemen. Per twee kiezen de leerlingen een milieubedreiging die hen het meest interessant lijkt. Met behulp van Internet gaan ze op zoek naar informatie. In de werkbundel zijn een aantal hulpvragen opgenomen zodat de leerlingen een houvast hebben. De leerlingen krijgen de kans om aan hun werkstuk een aantal weetjes, artikels, foto s, filmfragmenten toe te voegen. Ze zijn hierin vrij en krijgen de mogelijkheid om creatief te werk te gaan. Ten slotte wordt het geheel kort en bondig aan de klas voorgesteld. De leerlingen krijgen hier maximum 10 minuten voor. Een lokaal reserveren met beamer zou een meerwaarde kunnen geven aan de les. Op deze manier zijn de leerlingen in staat om hun presentatie aantrekkelijker en realistischer te maken. Opdracht 2: Ten slotte ontwerpen de leerlingen een flyer voor een innovatief bedrijf dat veel belang hecht aan milieu. Het doel is om een betekenisvolle flyer te ontwerpen waarbij mensen meteen de link leggen met duurzaam ondernemen als ze de naam van het bedrijf horen. In de werkbundel is er een voorbeeld opgenomen waarop de leerlingen beroep kunnen doen om inspiratie uit te putten. In deze opdracht kan er vakoverschrijdend gewerkt worden met het vak informatica. Er wordt immers beroep gedaan op heel wat vaardigheden en technieken van dit vakgebied. Een handleiding vinden de leerlingen in hun werkbundel terug.

101 101 Werkbundel De volgende opdrachten los je met behulp van Internet op. Wat is duurzame ontwikkeling? Waarom moeten we duurzaam omgaan met onze wereld? Wat is duurzaam ondernemen? Geef twee actuele milieubedreigingen waarmee we geconfronteerd worden. Waardoor worden ze veroorzaakt? Wat doet de overheid om de negatieve gevolgen van economische groei te beperken? Welke maatregelen zou jij nemen als minister van milieu? Werkbundel: duurzame ontwikkeling

102 102 Helsen Willem, Verswijvel Steven Opdracht 1: negatieve effecten onder de loep Er heersen verschillende milieubedreigingen in onze wereld waar we iedere dag mee geconfronteerd worden. Denk maar aan: - bezoedelde waterlopen - vergiftigde gronden - stadslucht met smog - broeikaseffect - De mens heeft een sterke invloed op het leven op aarde. Vooral ondernemers kunnen hun steentje bijdragen door duurzaam te ondernemen. Stap 1: Per twee kies je een milieubedreiging die je het meest interesseert. Stap 2: Je gaat met behulp van het Internet op zoek naar informatie. Wanneer je te weinig informatie vindt of ondersteuning nodig hebt, kan je de hulp van de leerkracht inschakelen. De volgende vragen zullen zeker beantwoord moeten worden: Wat houdt de milieubedreiging in? Is dit een negatief gevolg van de economische groei? Verklaar! Op welke manier kunnen bedrijven hier rekening mee houden? Zou jij als ondernemer hiermee rekening houden? Waarom (niet)? Andere interessante informatie zoals weetjes, artikels, foto s, filmfragmenten mag je hieraan toevoegen. Stap 3: Het onderdeel dat je per twee hebt uitgewerkt, breng je nadien kort en bondig voor aan de klas. Je krijgt hier maximum 10 minuten voor. Je mag gebruik maken van een Powerpointpresentatie! Werkbundel: duurzame ontwikkeling

103 103 Opdracht 2: een flyer ontwerpen Je bent ondernemer van een innovatief bedrijf. Je hecht groot belang aan het milieu en je wilt dat potentiële klanten meteen een link leggen met duurzaam ondernemen wanneer ze de naam van jouw bedrijf horen. Ontwerp een flyer die jouw onderneming vertegenwoordigt. Deze flyer moet een aantal elementen bevatten die het duurzaam beleid van de onderneming aanhalen. Hieronder vind je een voorbeeld: Opmerking: er kan vakoverschrijdend gewerkt worden met het vak informatica. Een hulpmiddel voor de leerlingen kan de handleiding op de volgende pagina s zijn. Werkbundel: duurzame ontwikkeling

104 104 Helsen Willem, Verswijvel Steven Een logo ontwerpen WordArt Handleiding Kies Figuur in het menu Invoegen en vervolgens WordArt. Je krijgt een scherm te zien waar je een WordArt-stijl kan kiezen. Kies er één en klik op ok. Je krijgt een nieuw scherm te zien om de opmaak van het logo te bepalen: Lettertype Grootte Vet en/of cursief Wanneer je de opmaak van jouw logo hebt toegepast, kies je ok. Om het logo aan te passen volstaat dubbelklikken op het logo. Een afbeelding invoegen Op Internet vind je vast wel afbeeldingen die bruikbaar zijn in je affiche. Deze afbeeldingen kan je op de harde schijf opslaan door er met de rechtermuisknop op te klikken en vervolgens opslaan als te kiezen. Je kiest een locatie waar je deze afbeelding wilt opslaan. Om deze afbeelding in te voegen in MS Word doe je het volgende: Kies Figuur in het menu Invoegen en vervolgens Uit bestand. Zelf een logo ontweren Ga naar de volgende site: Aan de rechterkant van de site zie je een balk Headings staan. Wanneer je op één van deze onderdelen klikt, kan je zelf een logo aanmaken. Het is mogelijk om de grootte, lettertype, achtergrond en nog veel meer van het logo te bepalen. Een voorbeeld: Tekenobjecten in MS Word Zorg ervoor dat de werkbalk Tekenen geactiveerd is. Om deze te activeren ga je naar het menu Beeld en kies je bij Werkbalken de optie Tekenen aan. Met deze werkbalk is het mogelijk om allerlei figuren te ontwerpen. Experimenteer! Om de opmaak van deze figuren te wijzigen, zie Figuren opmaken Tekst invoeren: klik met de rechtermuisknop op de figuur. Kies vervolgens in het snelmenu Tekst toevoegen. Je kan nu iets in de figuur intypen. Handleiding: duurzame ontwikkeling

105 105 Een afbeelding bewerken in MS Word Klik één maal op de afbeelding die je wilt bewerken. Rond de afbeelding verschijnen enkele blokjes (formaatgrepen). Ook de menubalk figuren wordt getoond. De formaatgrepen De menubalk Figuur Klik je ergens anders op het blad, dan zullen de formaatgrepen en de menubalk verdwijnen. Om de afbeelding terug te selecteren klikken we op de tekening. Om de afbeelding te verwijderen selecteer je eerst de afbeelding en druk dan op de Delete-knop. Om de grootte van de afbeelding te wijzigen, selecteer je de afbeelding, plaatst de muisaanwijzer op één van de formaatgrepen op een hoekpunt, en sleep je, met de linker muisknop ingedrukt, diagonaal naar het gewenste formaat. Met de menubalk Figuur kun je een afbeelding grondig bewerken. figuur invoegen bijsnijden tekstomloop kleur linksom draaien figuur bewerken contrast + of - omlijnen transparant lichter / donker figuur comprimeren reset Figuur controle: de figuur weergeven in kleur,grijswaarde, zwart/wit, of watermerk Bijsnijden: willen we slechts een gedeelte van een figuur gebruiken, kunnen we deze afsnijden. selecteer de figuur klik op de toets bijsnijden sleep met de linkermuisknop ingedrukt de formaatgreep Tekstomloop: Om tekst rond de figuur te plaatsen hebben we in Word een aantal mogelijkheden klik met de rechtermuisknop op de figuur, kies 'Figuur Opmaak' klik op het tabblad Indeling Probeer de verschillende mogelijkheden uit! Met de knop 'Ongedaan Maken' kan je zo weer naar het origineel. Handleiding: duurzame ontwikkeling

106 106 Helsen Willem, Verswijvel Steven Figuur opmaken: Dubbelklik of klik op figuur opmaken om een meer uitgebreid menu. Een afbeelding in 3D weergeven Met de knoppen 'Schaduw' en '3D' nog verder bewerken. in de werkbalk Tekenen kan je de objecten Voeg een vierkant toe met behulp van de werkbalk Tekenen. Je kan een opvuleffect toepassen en dan krijg je het volgende resultaat: Wanneer je het vierkant selecteert, en je klikt onderaan rechts in de werkbalk Tekenen op 3D-Stijl, krijg je het volgende resultaat Om instellingen van de figuur te wijzigen ga naar 3D-Stijl en kies 3D-instellingen. Om het 3D-Effect te verwijderen kies je Geen 3D Werklagen binnen document Tekenobjecten kunnen in een laag vóór of achter de tekst geplaatst worden. Klik met de rechtermuisknop op het tekenobject. Vervolgens kies je in het snelmenu Volgorde. De keuze Voor tekst plaatsen en Achter tekst plaatsen veranderen de werklaag. Voorbeeld: Handleiding: duurzame ontwikkeling

107 107 Tekst opmaken Lettertype Word levert ons een aantal lettertypes, voorbeelden hiervan kunnen we bekijken in het dialoogvenster "Lettertype". Klik op het menu opmaak en kies vervolgens lettertype Randen en arcering Randen selecteer de tekst. klik op het menu "Opmaak" kies "Randen en Arcering". klik op het tabblad "Randen" kies een "Instelling", een "Stijl", een "Kleur" en de "Lijndikte" in het invoervak 'Toepassen Op" kies je de optie "Tekst" Voorbeeld Arceren Ook arceren van losse tekst is in Word geen enkel probleem selecteer de tekst. klik op het menu "Opmaak" kies "Randen en Arcering". klik op het tabblad "Arcering" kies een "Stijl" en een "Kleur". in het invoervak 'Toepassen Op", kies je de optie "Tekst" klik op O.K. Voorbeeld Handleiding: duurzame ontwikkeling

Leerpaden in Toledo.

Leerpaden in Toledo. Leerpaden in Toledo. 16 doelgroep BaKO BaLO BaSO SLO tijdperspectief : week maand semester opleiding traject regulier werk opleidingsonderdeel: vak p e d stage Uitdaging Het is belangrijk dat studenten

Nadere informatie

Samengevat door Lieve D Helft ICT-coördinator Scholengemeenschap InterEssen

Samengevat door Lieve D Helft ICT-coördinator Scholengemeenschap InterEssen Samengevat door ICT-coördinator Scholengemeenschap InterEssen Eindtermen ICT Vanaf het schooljaar 2007-2008 zijn er eindtermen voor ICT in het lager onderwijs, dus zal men ICT meer en meer moeten integreren

Nadere informatie

Waarom Wetenschap en Techniek W&T2015

Waarom Wetenschap en Techniek W&T2015 Waarom Wetenschap en Techniek W&T2015 In het leven van alle dag speelt Wetenschap en Techniek (W&T) een grote rol. We staan er vaak maar weinig bij stil, maar zonder de vele uitvindingen in de wereld van

Nadere informatie

1. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken ter ondersteuning van hun leren.

1. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken ter ondersteuning van hun leren. Eindtermen ICT 1. De leerlingen hebben een positieve houding tegenover ICT en zijn bereid ICT te gebruiken ter ondersteuning van hun leren. 2. De leerlingen gebruiken ICT op een veilige, verantwoorde en

Nadere informatie

Taalvaardigheid Preventie en remediëring. -betrokkenheid verhogende werkvormen creëren -een maximale -herformuleren de lln het probleem

Taalvaardigheid Preventie en remediëring. -betrokkenheid verhogende werkvormen creëren -een maximale -herformuleren de lln het probleem Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VOET LEREN LEREN EN GOK Voet@2010 leren leren en thema s gelijke onderwijskansen Socio-emotionele ontwikkeling (1ste graad)

Nadere informatie

VITAAL Plus 1 e graad

VITAAL Plus 1 e graad VITAAL Plus 1 e graad Krachtlijnen VITAAL Plus 1 e graad 1 Bouwstenen VITAAL Plus 1 e graad DIFFERENTIATIE TAALTAKEN AUTHENTIEKE COMMUNICATIEVE SITUATIES SCHOOLTAALWOORDEN VAARDIGHEDEN REMEDIËRING INTERCULTURALITEIT

Nadere informatie

attitudes zelfstandig leren kennis vaardigheden

attitudes zelfstandig leren kennis vaardigheden zelfstandig leren Leren leren is veel meer dan leren studeren, veel meer dan sneller lijstjes blokken of betere schema s maken. Zelfstandig leren houdt in: informatie kunnen verwerven, verwerken en toepassen

Nadere informatie

Werken aan zorg binnen duurzaam onderwijs. Kris Van den Branden

Werken aan zorg binnen duurzaam onderwijs. Kris Van den Branden Werken aan zorg binnen duurzaam onderwijs Kris Van den Branden ENERGIE ENERGIE Leren Ontwikkeling Demotivatie Frustratie Spijbelgedrag Ongekwalificeerde uitstroom ENERGIE leren Leren Ontwikkeling demotivatie

Nadere informatie

Minimumstandaard ICT, ten aanzien van. - voorzieningen binnen de school. - de medewerkers

Minimumstandaard ICT, ten aanzien van. - voorzieningen binnen de school. - de medewerkers Minimumstandaard ICT, ten aanzien van - voorzieningen binnen de school - de medewerkers DDS, januari 2011 Inleiding In dit document wordt de minimum standaard voor ICT beschreven. Alle DDS scholen streven

Nadere informatie

Naam: School: basisschool voortgezet onderwijs Plaats: Leeftijd: Aantal jaar onderwijservaring:

Naam: School: basisschool voortgezet onderwijs Plaats: Leeftijd: Aantal jaar onderwijservaring: Docentenvragenlijst op het gebied van ict-gebruik en natuur- en techniekonderwijs, voormeting Naam: School: basisschool voortgezet onderwijs Plaats: Leeftijd: Aantal jaar onderwijservaring: Ik ben een:

Nadere informatie

Atheneum Boom en ICT. Inleiding

Atheneum Boom en ICT. Inleiding Inleiding Vermits computers niet meer weg te denken zijn uit onze maatschappij, doet onze school dan ook haar uiterste best om onze leerlingen vaardigheden en attitudes bij te brengen op het gebied van

Nadere informatie

2013-2017. Huiswerkbeleid

2013-2017. Huiswerkbeleid 01-017 Huiswerkbeleid Inhoudsopgave Beschrijving doelgroep Visie op onderwijs Basisvisie Leerinhouden/Activiteiten De voor- en nadelen van het geven van huiswerk Voordelen Nadelen Richtlijnen voor het

Nadere informatie

Bijeenkomst BICTA Digiborden/KlasseTV

Bijeenkomst BICTA Digiborden/KlasseTV Bijeenkomst BICTA Digiborden/KlasseTV Michel Habraken Peter te Riele Agenda donderdag 19 juni 2008 13.00 13.45 uur Welkom en opening Agenda Startopdracht Doelstelling Presentatie Digitale schoolborden

Nadere informatie

LA KOL 12-13 Bijeenkomst 4

LA KOL 12-13 Bijeenkomst 4 LA KOL 12-13 Bijeenkomst 4 Terugblik bijeenkomst 3: 4: cognitieve ontwikkeling - ontwikkeling/leren/rijpen - geheugen - vormen van leren Opdrachten: - Deskundigen verdiepen - lezen H7 - Presentatie materialen

Nadere informatie

De Programma-matrix. http://www.programmamatrix.be/ Functie van de Programma-matrix

De Programma-matrix. http://www.programmamatrix.be/ Functie van de Programma-matrix De Programma-matrix Informatie over educatieve programma's kunnen wij terugvinden op de Programma-matrix. De Programma-matrix is een elektronische databank gemaakt in samenwerking met Nederland. De nieuwe

Nadere informatie

Leren is leuk! www.speelplaats.org. inhoud. www.speelplaats.org

Leren is leuk! www.speelplaats.org. inhoud. www.speelplaats.org Leren is leuk! www.speelplaats.org Inhoud 1. Wat is leren? 3 2. Kenmerken van leren 3 3. Vier leerstijlen: van imiteren tot denken 4 4. De drie bouwstenen 4 5. Leren met Bobs 5 5.1 Een overzicht van de

Nadere informatie

1. Mindmap ICT-leerlijn. - Eenvoudig overzicht ICT in onze school (regelmatig bijwerken) 2. Kleuters

1. Mindmap ICT-leerlijn. - Eenvoudig overzicht ICT in onze school (regelmatig bijwerken) 2. Kleuters 1. Mindmap ICT-leerlijn - Eenvoudig overzicht ICT in onze school (regelmatig bijwerken) 2. Kleuters - Volglijst per kleuter: 10 moetjes voor de 5-jarige kleuters - Andere mogelijkheid: observatielijst

Nadere informatie

Advies over het algemeen vak Informatica in de tweede en derde graad van het ASO

Advies over het algemeen vak Informatica in de tweede en derde graad van het ASO Vlaamse Onderwijsraad Afdeling ASO Leuvenseplein 4 24 maart 2000 1000 Brussel ASO/RLE/ADV/001 Advies over het algemeen vak Informatica in de tweede en derde graad van het ASO 1 Situering Sedert 1993 bestudeert

Nadere informatie

Essay. Is multimedia als leermiddel gunstig voor het leerproces van een kind? Stefan van Rees Studentnummer: 0235938 Opleiding:

Essay. Is multimedia als leermiddel gunstig voor het leerproces van een kind? Stefan van Rees Studentnummer: 0235938 Opleiding: Essay Is multimedia als leermiddel gunstig voor het leerproces van een kind? Naam: Studentnummer: 0235938 Opleiding: CMD Docent: Rob van Willigen Modulecode: MEDM0201D Modulenaam: Is multimedia als leermiddel

Nadere informatie

Taal, expressie en communicatie ondersteund met ICT-tools in de lerarenopleiding

Taal, expressie en communicatie ondersteund met ICT-tools in de lerarenopleiding Ronde 1 Geert Kraeye en Barbara Linsen Arteveldehogeschool, Gent Contact: geert.kraeye@arteveldehs.be barbara.linsen@arteveldehs.be Taal, expressie en communicatie ondersteund met ICT-tools in de lerarenopleiding

Nadere informatie

WAT MAAKT DE VRIJESCHOOL UNIEK?

WAT MAAKT DE VRIJESCHOOL UNIEK? WAT MAAKT UNIEK? WAAROM De vrijeschool heeft een geheel eigen kijk op onderwijs, die gebaseerd is op het mensbeeld uit de antroposofie. Daarbinnen heeft iedere vrijeschool in Nederland een grote mate van

Nadere informatie

CKV Festival 2012. CKV festival 2012

CKV Festival 2012. CKV festival 2012 C CKV Festival 2012 Het CKV Festival vindt in 2012 plaats op 23 en 30 oktober. Twee dagen gaan de Bredase leerlingen van het voortgezet onderwijs naar de culturele instellingen van Breda. De basis van

Nadere informatie

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel DOCUMENT VVKSO Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica Dit document is een aanvulling op het algemeen servicedocument

Nadere informatie

Soms geeft de begeleidende informatie misleidende informatie; doet de applicatie niet wat hij belooft te doen.

Soms geeft de begeleidende informatie misleidende informatie; doet de applicatie niet wat hij belooft te doen. Inhoud Als er leerdoelen gehaald moeten worden moeten we als docent wel enige zekerheid hebben omtrend het effect van een interactieve multimediale applicatie. Allereerst moet de applicatie beken worden

Nadere informatie

Digitale tijdlijnen binnen PAV.

Digitale tijdlijnen binnen PAV. Digitale tijdlijnen binnen PAV. 11 doelgroep BaKO BaLO BaSO SLO tijdperspectief : week maand semester opleiding traject regulier werk opleidingsonderdeel: vak ped stage Uitdaging Doel Aanpak/oplossing

Nadere informatie

ICT-beleidsplan 2010-2014

ICT-beleidsplan 2010-2014 ICT-beleidsplan 2010-2014 1. Inleiding In dit plan beschrijven wij hoe de Tweemaster in de komende jaren vorm wil geven aan de Informatie- en communicatietechnologie (ICT) op school. Het plan is opgesteld

Nadere informatie

ICT-beleidsplan 1. INLEIDING...2 2. MISSIE EN VISIE...3 3. DOELEN...4 4. PLAN VAN AANPAK...4 5. EVALUATIE EN TERUGKOPPELING...5

ICT-beleidsplan 1. INLEIDING...2 2. MISSIE EN VISIE...3 3. DOELEN...4 4. PLAN VAN AANPAK...4 5. EVALUATIE EN TERUGKOPPELING...5 ICT-beleidsplan 1. INLEIDING...2 2. MISSIE EN VISIE...3 2.1 ICT-VISIE...3 2.2 AMBITIE VAN DE RSG...3 3. DOELEN...4 3.1 LEREN OVER COMPUTER...4 3.2 WERKEN MET COMPUTER...4 3.3 LEREN DOOR MIDDEL VAN COMPUTER...4

Nadere informatie

KANT EN KLAAR PLUS. Uitdagende thema s voor pientere en hoogbegaafde leerlingen

KANT EN KLAAR PLUS. Uitdagende thema s voor pientere en hoogbegaafde leerlingen KANT EN KLAAR PLUS Uitdagende thema s voor pientere en hoogbegaafde leerlingen Handleiding voorwoord Voor u ligt een unieke uitgave in Vlaanderen! Het Centrum voor Begaafdheidsonderzoek ijvert al een tiental

Nadere informatie

Mijn visie; mijn manier van handelen en

Mijn visie; mijn manier van handelen en Mijn visie; mijn manier van handelen en ideeën over hoe kinderen ontwikkelen, leren en zouden moeten leren op school. Mariska Gerritsen, Docent beeldende vorming Fontys Tilburg Onderwijs Mijn visie op

Nadere informatie

Achtergrond:uitgangspunt 11/20/2012. ENW-project Professionaliseringspakket voor ELO s in het secundair onderwijs

Achtergrond:uitgangspunt 11/20/2012. ENW-project Professionaliseringspakket voor ELO s in het secundair onderwijs 1 ENW-project Professionaliseringspakket voor ELO s in het secundair onderwijs Prof. dr. T. Schellens Leen Casier Veerle Lagaert Prof. dr. B. De Wever Prof. dr. M. Valcke 2 ENW-project Professionaliseringspakket

Nadere informatie

1.10 Computeropstelling. veilig gebruik in het leslokaal

1.10 Computeropstelling. veilig gebruik in het leslokaal 1.10 Computeropstelling veilig gebruik in het leslokaal Werkwinkel info : Doelgroep : PA, TA, leerkrachten, directies Duurtijd : +/- 75 minuten Omschrijving : Computers en multimedia-apparatuur zijn geïntegreerd

Nadere informatie

Zelfstandig werken = actief en zelfstandig leren van een leerling. Het kan individueel of in een groep van maximaal 6 leerlingen.

Zelfstandig werken = actief en zelfstandig leren van een leerling. Het kan individueel of in een groep van maximaal 6 leerlingen. Zelfstandig werken Zelfstandig werken = actief en zelfstandig leren van een leerling. Het kan individueel of in een groep van maximaal 6 leerlingen. Visie Leerlinggericht: gericht op de mogelijkheden van

Nadere informatie

Het heden is zwanger van de toekomst (Denis Diderot Frans Filosoof 1713-1784)

Het heden is zwanger van de toekomst (Denis Diderot Frans Filosoof 1713-1784) 1. Inleiding Het heden is zwanger van de toekomst (Denis Diderot Frans Filosoof 1713-1784) Kinderen zijn de toekomst Later zullen ze leren, werken en leven in een andere maatschappij. Een samenleving waarvan

Nadere informatie

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO

DOCUMENT. Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica. Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel VVKSO Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel DOCUMENT VVKSO Servicedocument VOET voor het vak ICT/Informatica Dit document is een aanvulling op het algemeen servicedocument

Nadere informatie

Scholingsplan 2012-2013. Samen in ontwikkeling

Scholingsplan 2012-2013. Samen in ontwikkeling Scholingsplan 2012-2013 Samen in ontwikkeling Inhoudsopgave Inleiding 3 Pijlers 4 Kader 5 Deskundigheidsbevordering 2012-2013 6 Beschrijvingen van de scholingen 7 Aanmelden voor externe scholingen 9 Inleiding

Nadere informatie

Professionaliseren van de didactische aanpak van het informatievaardighedenonderwijs

Professionaliseren van de didactische aanpak van het informatievaardighedenonderwijs Professionaliseren van de didactische aanpak van het informatievaardighedenonderwijs Angelique van het Kaar Risbo Erasmus Universiteit Rotterdam 7 november 2012 Overzicht onderwerpen Training Didactische

Nadere informatie

VISIE PEDAGOGISCH PROJECT

VISIE PEDAGOGISCH PROJECT VISIE PEDAGOGISCH PROJECT van daltonschool De Kleine Icarus Algemene visie De opdracht van daltonschool De Kleine Icarus bevat naast het onderwijskundig eveneens een maatschappelijk aspect Wij brengen

Nadere informatie

1. Een ELO of dagplan gebruiken om de planning met de leerlingen te delen. 2. Een ELO, e-mail of chat gebruiken om met de leerlingen te communiceren.

1. Een ELO of dagplan gebruiken om de planning met de leerlingen te delen. 2. Een ELO, e-mail of chat gebruiken om met de leerlingen te communiceren. Stellingen doelen 1. Een ELO of dagplan gebruiken om de planning met de leerlingen te delen. 2. Een ELO, e-mail of chat gebruiken om met de leerlingen te communiceren. 3. Instructielessen maken voor het

Nadere informatie

Alle ruimte. voor jou w groei COGNOSCO

Alle ruimte. voor jou w groei COGNOSCO Alle ruimte voor jou w groei COGNOSCO Cognosco Campus Het Spoor Mol 02 Inleidend woordje Campus Het Spoor biedt naast het traditionele onderwijs ook het succesvolle Cognosco-onderwijs. De leerlingen kiezen

Nadere informatie

Wanneer moeten we dat nog doen? We hebben vandaag, tijdens een andere vergadering, ons de vraag gesteld : waar moeten we naar toe om te melden dat

Wanneer moeten we dat nog doen? We hebben vandaag, tijdens een andere vergadering, ons de vraag gesteld : waar moeten we naar toe om te melden dat Wanneer moeten we dat nog doen? We hebben vandaag, tijdens een andere vergadering, ons de vraag gesteld : waar moeten we naar toe om te melden dat het programma in het eerste leerjaar te zwaar is We raken

Nadere informatie

Een blik op kwaliteitsvol onderwijs door de ogen van de leerkracht

Een blik op kwaliteitsvol onderwijs door de ogen van de leerkracht Een blik op kwaliteitsvol onderwijs door de ogen van de leerkracht Evi Geeroms en David Evenepoel Koninklijk Atheneum Etterbeek Wie zijn wij? Leerkrachten Koninklijk Atheneum Etterbeek (Brussel) Nederlandstalige

Nadere informatie

Specifieke lerarenopleiding ECTS-fiches. ECTS-Fiche Vakdidactische oefeningen 1 Code: 10374 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6

Specifieke lerarenopleiding ECTS-fiches. ECTS-Fiche Vakdidactische oefeningen 1 Code: 10374 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6 Specifieke lerarenopleiding ECTS-fiches ECTS-Fiche Vakdidactische oefeningen 1 Code: 10374 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6 Studietijd: 120 à 150 uur Deliberatie: mogelijk Vrijstelling: niet

Nadere informatie

Educatief pakket duurzame energie Didactische onderbouwing

Educatief pakket duurzame energie Didactische onderbouwing Educatief pakket duurzame energie Didactische onderbouwing Inhoud Welkom Doelen Profielschetsen Materialen Bijlagen Met het Solly Systeem worden kinderen al op jonge leeftijd geïntroduceerd in de wereld

Nadere informatie

HUISWERKBELEID in MAATJES

HUISWERKBELEID in MAATJES HUISWERKBELEID in MAATJES Huiswerk ligt in het verlengde van het leerproces wat in de klas is gestart. Het vormt de brug tussen de school en de ouders. Via ons huiswerkbeleid willen we spanningen en conflicten

Nadere informatie

HOEKVERRIJKING IN DE KLEUTERSCHOOL Lesideeën voor de computerhoek

HOEKVERRIJKING IN DE KLEUTERSCHOOL Lesideeën voor de computerhoek HOEKVERRIJKING IN DE KLEUTERSCHOOL Lesideeën voor de computerhoek 1. Syllabus www.digitips.be www.ictheek.be http://nieuws.ictheek.be http://ictkleuter.yurls.net p. 2 ICT Ontwikkelingsdoelen in de kleuterschool?

Nadere informatie

1. ICT in de Beleidsnota van de Vlaamse minister van Onderwijs en Vorming Frank Vandenbroucke

1. ICT in de Beleidsnota van de Vlaamse minister van Onderwijs en Vorming Frank Vandenbroucke Commentaar bij 1. ICT in de Beleidsnota van de Vlaamse minister van Onderwijs en Vorming Frank Vandenbroucke 2. Onderwijs wordt internationaler De dertien doelstellingen van het doelstellingenrapport zijn

Nadere informatie

Vakdidactiek: inleiding

Vakdidactiek: inleiding Vakdidactiek: inleiding Els Tanghe 1 1. Inleiding Een specialist in de wiskunde is niet noodzakelijk een goede leraar wiskunde. Een briljant violist is niet noodzakelijk een goede muziekleraar. Een meester-bakker

Nadere informatie

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten Bijlage 1: Methode In deze bijlage doen wij verslag van het tot stand komen van onze onderzoeksinstrumenten: de enquête en de interviews. Daarnaast beschrijven wij op welke manier wij de enquête hebben

Nadere informatie

Je bent jong en je wilt wat

Je bent jong en je wilt wat Je bent jong en je wilt wat Kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong een vve-masterclass opbrengstgericht werken Doel masterclass a. aandacht voor ontwikkelingsvoorsprong, b. uitwisselen van ervaringen,

Nadere informatie

WAT MAAKT DE VRIJESCHOOL UNIEK?

WAT MAAKT DE VRIJESCHOOL UNIEK? WAT MAAKT DE VRIJESCHOOL UNIEK? WAAROM DE VRIJESCHOOL De vrijeschool heeft een geheel eigen kijk op onderwijs, die gebaseerd is op het mensbeeld uit de antroposofie. Daarbinnen heeft iedere vrijeschool

Nadere informatie

21st Century Skills Training

21st Century Skills Training Ontwikkeling van competenties voor de 21 e eeuw - Vernieuwend - Voor werknemers van nu - Met inzet van moderne en digitale technieken - - Integratie van social media - Toekomstgericht - Inleiding De manier

Nadere informatie

Project wiskunde: iteratie en fractalen. Naam:

Project wiskunde: iteratie en fractalen. Naam: Project wiskunde: iteratie en fractalen Naam: Klas: 6EW-6LW-6WW 1 Doelstellingen De leerlingen leren zelfstandig informatie verwerven en verwerken over een opgelegd onderwerp. De leerlingen kunnen de verwerkte

Nadere informatie

Media binnen PM. Smartboard. Het beschikbare digitale materiaal vind je op de website http://mediapm.weebly.com/

Media binnen PM. Smartboard. Het beschikbare digitale materiaal vind je op de website http://mediapm.weebly.com/ Media binnen PM Smartboard Het beschikbare digitale materiaal vind je op de website http://mediapm.weebly.com/ Gemaakt door Stephanie Beuten & Karsten Campsteyn 1 Wat is een Smartboard? Een smartboard

Nadere informatie

Informatie. vakgebieden. Groep 6

Informatie. vakgebieden. Groep 6 Informatie vakgebieden Groep 6 Taal Gehanteerde methode: Taal in beeld - Spelling in beeld Uitgever: Zwijsen Taal in beeld is een taalmethode voor groep 4 tot en met 8 van het basisonderwijs. De methode

Nadere informatie

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN De onderwijsvorm ASO is een breed algemeen vormende doorstroomrichting waarin de leerlingen zich voorbereiden op een academische of professionele bacheloropleiding.

Nadere informatie

ONDERWIJS EN INNOVATIE OP DE LINDERTE

ONDERWIJS EN INNOVATIE OP DE LINDERTE ONDERWIJS EN INNOVATIE OP DE LINDERTE Onderwijs zoals we dat vroeger kenden, bestaat al lang niet meer. Niet dat er toen slecht onderwijs was, maar de huidige maatschappij vraagt meer van de leerlingen

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89 Inhoud Inleiding 9 1 Zelfsturend leren 13 1.1 Zelfsturing 13 1.2 Leren 16 1.3 Leeractiviteiten 19 1.4 Sturingsactiviteiten 22 1.5 Aspecten van zelfsturing 25 1.6 Leerproces vastleggen 30 2 Oriëntatie op

Nadere informatie

ICT en geschiedenis 1 ste graad

ICT en geschiedenis 1 ste graad ICT en geschiedenis 1 ste graad In de Vroege Middeleeuwen was een gedegen intellectuele ontwikkeling het voorrecht van de clerus die de Latijnse taal beheerste. Later werd deze geprivilegieerde situatie

Nadere informatie

Kennisdomeinen taal & rekenen

Kennisdomeinen taal & rekenen Informatiekaart 05 leren vernieuwen Kennisdomeinen taal & rekenen Taal en rekenen worden in Nederland gezien als kernvakken voor het onderwijs. En hoewel de meningen verschillen over de wijze waarop deze

Nadere informatie

STUDIEGEBIED CHEMIE (tso)

STUDIEGEBIED CHEMIE (tso) (tso) Tweede graad... Techniek-wetenschappen Derde graad Techniek-wetenschappen Studierichting Techniek-wetenschappen de graad Een woordje uitleg over de studierichting... Logisch denken Laboratoriumwerk

Nadere informatie

Systeemdenken in de klas

Systeemdenken in de klas Systeemdenken in de klas Systeemdenken en denkgewoonten Jan Jutten www.natuurlijkleren.org 1 1. Inleiding Het onderwijs in onze tijd houdt onvoldoende gelijke tred met wat er nodig is aan kennis, vaardigheden

Nadere informatie

WAARDERINGSKADER T.B.V. ASPECTRAPPORTAGE ICT Versie 12-5-05 Vooraf

WAARDERINGSKADER T.B.V. ASPECTRAPPORTAGE ICT Versie 12-5-05 Vooraf WAARDERINGSKADER T.B.V. ASPECTRAPPORTAGE ICT Versie 12-5-05 Vooraf In vet en genummerd van A tot en met F: Aspecten Daar onder per aspect genummerd in cijfers: Indicatoren Een flink aantal indicatoren

Nadere informatie

Sita (VWO2) Aaron Sams. Natuurkunde en Flipping the Classroom

Sita (VWO2) Aaron Sams. Natuurkunde en Flipping the Classroom Natuurkunde en Flipping the Classroom De lespraktijk van een natuurwetenschappelijk vak zoals natuurkunde bestaat gewoonlijk uit klassikale instructie, practicum en het verwerken van opdrachten. In de

Nadere informatie

Docenten die hun onderwijs meer willen afstemmen op de individuele verschillen tussen leerlingen en hun leeropbrengst willen vergroten.

Docenten die hun onderwijs meer willen afstemmen op de individuele verschillen tussen leerlingen en hun leeropbrengst willen vergroten. 1. Differentiëren Onderzoeken welke manieren en mogelijkheden er zijn om te differentiëren en praktische handvatten bieden om hiermee aan de slag te gaan. Vervolgens deze kennis toepassen in de praktijk

Nadere informatie

Informatica WORD. ICT-competenties: van kleuter tot student

Informatica WORD. ICT-competenties: van kleuter tot student Informatica WORD ICT-competenties: van kleuter tot student In het curriculum van een leerling zijn er twee scharniermomenten waarbij het belangrijk is de ICT-competenties van de lerende te kennen namelijk

Nadere informatie

Basisles 4: Windows Movie Maker

Basisles 4: Windows Movie Maker Basisles 4: Windows Movie Maker Onderwerp Het hanteren van het programma Windows Live Movie Maker: foto s toevoegen, overgangen selecteren, muziek toevoegen, film opslaan Leeftijd/Doelgroep Alle leerjaren

Nadere informatie

Huistaakbeleid. BS GO! Europaschool Genk en BS GO! Europaschool Genk campus Sledderlo Keinkesstraat 19 3600 GENK 089/35.53.35

Huistaakbeleid. BS GO! Europaschool Genk en BS GO! Europaschool Genk campus Sledderlo Keinkesstraat 19 3600 GENK 089/35.53.35 Huistaakbeleid BS GO! Europaschool Genk en BS GO! Europaschool Genk campus Sledderlo Keinkesstraat 19 3600 GENK 089/35.53.35 Inleidende tekst Om op een degelijke manier aan huistaakbeleid te doen moeten

Nadere informatie

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep geschiedenis en/of esthetica

Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep geschiedenis en/of esthetica Mogelijke opdrachten voor een vakwerkgroep geschiedenis en/of esthetica In kolom 1 vind je 69 items waaraan je eventueel kan werken in de vakgroep geschiedenis/esthetica. Ze zijn ingedeeld in 8 categorieën.

Nadere informatie

Latijn en Grieks in de 21ste eeuw

Latijn en Grieks in de 21ste eeuw Latijn en Grieks in de 21ste eeuw Kiezen voor Latijn en/of Grieks? Als leerling in het laatste jaar van de basisschool sta jij voor een belangrijke keuze. Welke studierichting moet je gaan volgen in het

Nadere informatie

Ronde 6. Wordt u ook pro bso-contractwerk? 1. Inleiding

Ronde 6. Wordt u ook pro bso-contractwerk? 1. Inleiding Waarom is het een probleem? (= wat zijn de negatieve gevolgen van het probleem? Wat zijn de gevolgen van de beperking?) Wat zijn de oorzaken van het probleem? Hoe kan het probleem opgelost/aangepakt worden?

Nadere informatie

Begaafde leerlingen komen er vanzelf... Implementatie van een verandering van de pedagogische beroepspraktijk op basis van praktijkgericht onderzoek.

Begaafde leerlingen komen er vanzelf... Implementatie van een verandering van de pedagogische beroepspraktijk op basis van praktijkgericht onderzoek. Begaafde leerlingen komen er vanzelf... toch? Implementatie van een verandering van de pedagogische beroepspraktijk op basis van praktijkgericht onderzoek. Teambijeenkomsten Anneke Gielis Begaafde leerlingen

Nadere informatie

Lijst van gebruikte tabellen 13. Lijst van gebruikte figuren 14. Voorwoord 15 Met dank aan 18

Lijst van gebruikte tabellen 13. Lijst van gebruikte figuren 14. Voorwoord 15 Met dank aan 18 Inhoudsopgave Lijst van gebruikte tabellen 13 Lijst van gebruikte figuren 14 Voorwoord 15 Met dank aan 18 Hoofdstuk 1 De uitdaging: werkt alles in het onderwijs? 19 1. Inleiding 21 2. Een schat aan onderzoeksresultaten

Nadere informatie

De competenties die prioritair aan bod komen tijdens dit opleidingsonderdeel zijn:

De competenties die prioritair aan bod komen tijdens dit opleidingsonderdeel zijn: Specifieke lerarenopleiding C ECTS-fiche opleidingsonderdeel vakdidactische oefeningen 2 Code: 10375 Academiejaar: 2015-2016 Aantal studiepunten: 6 Studietijd: 120 à 150 uur Deliberatie: mogelijk Vrijstelling:

Nadere informatie

Een uniek lespakket laat uw leerlingen zelf alles ontdekken over (duurzame) energie

Een uniek lespakket laat uw leerlingen zelf alles ontdekken over (duurzame) energie Een uniek lespakket laat uw leerlingen zelf alles ontdekken over (duurzame) energie VOOR BOVEN-, MIDDEN- EN ONDERBOUW ZEER COMPLEET PRAKTISCH EN SPANNEND MODULAIR MULTIMEDIAAL EN INTERACTIEF PAST BIJ VERSCHILLENDE

Nadere informatie

H u i s w e r k b e l e i d

H u i s w e r k b e l e i d H u i s w e r k b e l e i d Voor maken. sommige een Voor kinderen aantal anderen kinderen een is complexe het levert huiswerk huiswerk taak echter waarbij geen een zij problemen bron een beroep van op,

Nadere informatie

VOORWOORD INLEIDING SCHOOL

VOORWOORD INLEIDING SCHOOL 2011 2015 Basisschool Bleijerheide November 2010 INHOUD: 3. Voorwoord. 3. Inleiding school 4. Deskundigheidsbevordering 4. Plannen voor de toekomst 5. Missie en Visie. 5. Strategische doelen 5. Concrete

Nadere informatie

Boys & Girls strategieën voor onderwijs aan jongens en meisjes in het basisonderwijs. Martijn Smoors Onderwijs Maak Je Samen

Boys & Girls strategieën voor onderwijs aan jongens en meisjes in het basisonderwijs. Martijn Smoors Onderwijs Maak Je Samen Boys & Girls strategieën voor onderwijs aan jongens en meisjes in het basisonderwijs Martijn Smoors Onderwijs Maak Je Samen Eindrapport MOOJ-onderzoek: Verschillen tussen meisjes en jongens bij het vak

Nadere informatie

Serious gaming in het basisonderwijs Adviesnota

Serious gaming in het basisonderwijs Adviesnota 2012 Serious gaming in het basisonderwijs Adviesnota Carolien Popken SAB Schoolvereniging Aerdenhout- Bentveld 14-6-2012 Inhoudsopgave Inleiding... 3 Onderzoek... 4 Voorwoord... 4 Antwoord op de deelvragen

Nadere informatie

Smartschool. Auteur van deze beschrijvende fiche: Jan Schuer, februari 2003. e-leeromgevingen smartschool 1

Smartschool. Auteur van deze beschrijvende fiche: Jan Schuer, februari 2003. e-leeromgevingen smartschool 1 e-leeromgevingen smartschool 1 Smartschool Titel: Smartschool Bestaat uit: LMS (Learning Management Systeem) virtuele leeromgeving Uitgever: Smartbit BVBA Adres: Muizendijkstraat 124, B-3960 Bree Tel:

Nadere informatie

1. Ik zorg voor een inspirerende leeromgeving waarin de leerlingen zelfstandig leren

1. Ik zorg voor een inspirerende leeromgeving waarin de leerlingen zelfstandig leren Stellingen visie 1. Ik zorg voor een inspirerende leeromgeving waarin de leerlingen zelfstandig leren 2. Ik heb voldoende vertrouwen in mijn leerlingen om ze op afstand te coachen en begeleiden 3. Ik houd

Nadere informatie

Onderwijs op maat op Nutsschool Laan van Poot

Onderwijs op maat op Nutsschool Laan van Poot Onderwijs op maat op Nutsschool Laan van Poot Visiewoorden In onze visie staan 6 woorden centraal die bij onze school passen: Veilige leeromgeving Optimale prestaties Brede ontwikkeling Onderwijs op maat

Nadere informatie

~ 1 ~ selecteren. (LPD 1,8,27) (LPD 13,22,23,27)

~ 1 ~ selecteren. (LPD 1,8,27) (LPD 13,22,23,27) ~ 1 ~ Functionele taalvaardigheid/ tekstgeletterdheid Eindtermen (P)AV voor 2 de graad SO 3 de graad SO 3 de jaar 3 de graad SO DBSO niveau 2 de graad DBSO niveau 3 de graad DBSO niveau 3 de jaar 3 de

Nadere informatie

2.3 Literatuur. 1.4.2 Schriftelijke vaardigheden 1.4.2.1 Lezen LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL LEERPLAN ALGEMEEN:

2.3 Literatuur. 1.4.2 Schriftelijke vaardigheden 1.4.2.1 Lezen LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL LEERPLAN ALGEMEEN: LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL ALGEMEEN: p.8 2.3 Literatuur In onze leerplannen is literatuur telkens als een aparte component beschouwd, meer dan een vorm van leesvaardigheid. Na de aanloop

Nadere informatie

Deze vragenlijst bestaat uit zes onderdelen, A t/m F.

Deze vragenlijst bestaat uit zes onderdelen, A t/m F. Page of 0 Enquête beroepsonderwijs Deze vragenlijst bestaat uit zes onderdelen, A t/m F. Er zijn in totaal vragen. A. Over jou Je wordt vriendelijk verzocht informatie over jezelf te geven door onderstaande

Nadere informatie

Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010. Advies instapprofiel van de student hoger onderwijs

Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010. Advies instapprofiel van de student hoger onderwijs Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010 Advies instapprofiel van de student hoger onderwijs Raad Hoger Onderwijs IDR / 12 juni 2012 RHO-RHO-ADV-010 bijlage 1 Bijlage 1: Algemene instapcompetenties

Nadere informatie

Achtergrondinformatie Leerstijlen en Werkvormen

Achtergrondinformatie Leerstijlen en Werkvormen Achtergrondinformatie Leerstijlen en Werkvormen Marjoleine Hanegraaf (NMI bv) & Frans van Alebeek (PPO-AGV), december 2013 Het benutten van bodembiodiversiteit vraagt om vakmanschap van de teler. Er is

Nadere informatie

Van Google tot paper!

Van Google tot paper! Van Google tot paper! Een zoektocht naar informatie Dirk Smits Diensthoofd PRAGODI K.A. Leuven, 01/02/2008 Onderzoekscompetentie Oriënteren op een onderzoeksprobleem: gericht informatie verzamelen, ordenen

Nadere informatie

BEOORDELING STAGE DOOR DE VAKMENTOR

BEOORDELING STAGE DOOR DE VAKMENTOR Opleidingsinstelling Adres Telefoon fax BEOORDELING STAGE DOOR DE VAKMENTOR Identificatie Naam student/cursist: Opleidingsonderdeel/module: Stageplaats: Vakmentoren: naam en contactgegevens Periode: O

Nadere informatie

Studiegebied. (tso) Tweede graad... Techniek-wetenschappen. Derde graad...

Studiegebied. (tso) Tweede graad... Techniek-wetenschappen. Derde graad... Studiegebied (tso) Tweede graad... Techniek-wetenschappen Derde graad... Techniek-wetenschappen STUDIEGEBIED CHEMIE Studierichting Techniek-wetenschappen de graad Een woordje uitleg over de studierichting...

Nadere informatie

op (afnemende) sturing Een interventie gericht op docenten bij het opleiden en begeleiden van studenten naar zelfstandig beroepsbeoefenaars.

op (afnemende) sturing Een interventie gericht op docenten bij het opleiden en begeleiden van studenten naar zelfstandig beroepsbeoefenaars. op (afnemende) sturing Een interventie gericht op docenten bij het opleiden en begeleiden van studenten naar zelfstandig beroepsbeoefenaars. Auteur: Anneke Lucassen Zelfevaluatie begeleiden bij zelfstandig

Nadere informatie

VLAAMS VERBOND VAN HET KATHOLIEK SECUNDAIR ONDERWIJS LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS WISKUNDE. Derde graad BSO Derde leerjaar: 1 of 2 uur/week

VLAAMS VERBOND VAN HET KATHOLIEK SECUNDAIR ONDERWIJS LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS WISKUNDE. Derde graad BSO Derde leerjaar: 1 of 2 uur/week VLAAMS VERBOND VAN HET KATHOLIEK SECUNDAIR ONDERWIJS LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS WISKUNDE Derde graad BSO Derde leerjaar: 1 of 2 uur/week Licap - Brussel - september 1995 INHOUD 1 BEGINSITUATIE... 5 2

Nadere informatie

SWINXS BESCHRIJVING. Wat is het? Voor wie is het? Hoe werkt het?

SWINXS BESCHRIJVING. Wat is het? Voor wie is het? Hoe werkt het? BESCHRIJVING SWINXS Wat is het? De Swinxs is een game console die zowel binnen- als buiten gebruikt kan worden voor actieve spellen. De Swinxs stuurt het spel aan met behulp van spraak. De console praat,

Nadere informatie

Groep 7 en 8. Doelen Leerdoelen technisch lezen eind groep 8

Groep 7 en 8. Doelen Leerdoelen technisch lezen eind groep 8 Groep 7 en 8 Doelen Leerdoelen technisch lezen eind groep 8 85-95 % van de leerlingen beheerst AVI-plus 90% beheerst A t/m D-niveau op de DMT leerlingen lezen vlot woorden en zinnen leerlingen richten

Nadere informatie

Pakket 5: auteursrechten

Pakket 5: auteursrechten Pakket 5: auteursrechten Inhoud 5. PAKKET 5: AUTEURSRECHTEN ENZ. 5.1 Eindtermen voor het lager onderwijs 3 5.2 Eindtermen voor het secundair onderwijs 4 5.3 Doelen 5 5.4 Links 6 5.5 Tip voor de leerkracht

Nadere informatie

(IO)IO Werkvormen kennisoverdracht

(IO)IO Werkvormen kennisoverdracht Hoe zet ik deelnemers aan het werk om zich kennis eigen te maken? Hoe sluit ik beter aan bij het kennisniveau van de deelnemers Hoe maak ik kennisoverdracht actief? Leestafel Op een tafel in de zaal liggen

Nadere informatie

GELIJKE ONDERWIJSKANSEN. OMGAAN MET DIVERSITEIT

GELIJKE ONDERWIJSKANSEN. OMGAAN MET DIVERSITEIT GELIJKE ONDERWIJSKANSEN. OMGAAN MET DIVERSITEIT Wat is diversiteit? Diversiteit betekent verscheidenheid. Mensen kunnen op heel veel vlakken van elkaar verschillen. Het is die veelheid die we in het begrip

Nadere informatie

Hét centrale startportaal voor het onderwijs!

Hét centrale startportaal voor het onderwijs! Hét centrale startportaal voor het onderwijs! Mijn Omgeving Online (kortweg MOO) is een complete, persoonlijke digitale leer- en werkomgeving met sociale functionaliteiten. Door de modulaire opbouw kan

Nadere informatie

Opleidingsprogramma DoenDenken

Opleidingsprogramma DoenDenken 15-10-2015 Opleidingsprogramma DoenDenken Inleiding Het opleidingsprogramma DoenDenken is gericht op medewerkers die leren en innoveren in hun organisatie belangrijk vinden en zich daar zelf actief voor

Nadere informatie