ez Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Economische Zaken s-gravenhage, 12 december 2001

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "ez00000698 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Economische Zaken s-gravenhage, 12 december 2001"

Transcriptie

1 ez Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Economische Zaken s-gravenhage, 12 december 2001 In deze notitie ga ik in op de positie van de sectorspecifieke kamers binnen de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), conform de door het kamerlid Voûte-Droste ingediende motie (Kamerstukken II, , nr. 30) van 10 december jongstleden. Hierbij zal ik zoals verzocht ingaan op sectorspecifieke kamers binnen de NMa voor toezicht op specifieke markten; de relatie tussen de sector specifieke kamers en de raad van bestuur van de NMa; de positie van de DTe als toezichthouder op de markt voor energie in het bijzonder. Hierbij zal ook worden ingegaan op het relatietevredenheidsonderzoek. 1. Sectorspecifieke kamers binnen de NMa Uitgangspunt bij het toezicht op de economische mededinging is een generiek toepasbare wet die door één toezichthouder wordt uitgevoerd-. Daarnaast is een aantal markten nog niet zover dat de mededinging daar goed kan werken zonder specifieke op de sector gerichte regels. Hierbij wordt met name gedacht aan markten in transitie. Ook zijn er markten waar blijvend natuurlijke monopolies voorkomen waar naar verwachting altijd sectorspecifiek toezicht nodig zal zijn. Voor zowel de markten in transitie als markten met natuurlijke monopolies is behoefte aan een specifieke uitvoeringsorganisatie die daar toezicht op uitoefent en zonodig kan interveniëren. Een flexibele organisatie biedt de mogelijkheid om de behoefte aan maatwerk bij sectorspecifiek toezicht te combineren met de behoefte aan consistentie bij de toepassing van mededingingsrechtelijke analyses en maatregelen op basis van de generiek toepasselijke wet. Ten einde een wildgroei aan toezichthouders te voorkomen is in lijn met het kabinetsstandpunt bij het rapport «Zicht op toezicht» (TK , , nr. 73) gekozen voor de NMa als flexibele organisatie met kamers voor wettelijke sectorspecifieke taken. Hierdoor kunnen ontwikkelingen worden doorgevoerd binnen één en dezelfde organisatie waar een kamer kan worden gevoegd indien de wetgever de uitvoering van een sector specifieke taak opdraagt aan de NMa. Als voorbeeld kunnen gelden de huidige DTe en de op te richten Vervoerkamer. Na de beoogde verzelfstandiging van de NMa zal dit «kamermodel» worden voortgezet, uiteraard aangepast aan de nieuwe status van de NMa. Uitgaande van deze nieuwe status kan een sectorspecifieke kamer worden omschreven als een organisatorische eenheid binnen de organisatie van het zelfstandige bestuursorgaan NMa die belast is met werkzaamheden in het kader van de uitvoering van wettelijke sectorspecifieke taken die aan de NMa zijn opgedragen. Deze taken kunnen door de raad van bestuur van de NMa worden gemandateerd aan het hoofd van de desbetreffende kamer. Deze mandaatverlening moet door de Minister van Economische Zaken worden goedgekeurd. Door het model van een NMa met kamers die werkzaamheden verrichten ten behoeve van sectorspecifieke taken te handhaven, blijft de organisatie flexibel en in staat maatwerk te leveren. De voordelen zijn kort samen te vatten als het bundelen van missie, bevordering van de concurrentie ten behoeve van consumenten en ondernemingsklimaat, doelmatigheid in onderzoek (als een kamer een kartel bespeurt kan de NMa optreden) en een bundeling van expertise. Tevens ontstaat een doelmatige besteding 1

2 van middelen omdat de kamers voor juridische en bedrijfsmatige ondersteuning een beroep kunnen doen op de diensten van de NMa. Nieuwe ontwikkelingen kunnen, zoals gezegd, door dit kamermodel eenvoudig worden doorgevoerd in één en dezelfde organisatie waaraan bijvoorbeeld een kamer kan worden toegevoegd indien de wetgever de uitvoering van een sector specifieke taak opdraagt aan de NMa. Deze flexibiliteit betekent overigens niet dat kamers opgeheven kunnen worden zonder toestemming van de betrokken minister(s). Hierop is de minister uiteraard politiek aanspreekbaar. Daarenboven wordt door het kamermodel voorkomen dat binnen het zelfstandig bestuursorgaan NMa andere zelfstandige bestuursorganen worden geïntroduceerd. De onwenselijkheid van een dergelijke introductie heeft de Kamer reeds onderschreven in het laatste overleg over de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen. Voor het kamermodel is het met het oog op de herkenbaarheid (voor de betrokken sector) bij de uitvoering van de taken gewenst dat de kamers een eigen gezicht hebben. Daarnaast acht ik het van belang dat een «earmarking» van de middelen (personeel en financieel) zal plaatsvinden. Het eigen gezicht wordt geaccentueerd doordat het hoofd van de desbetreffende kamer een mandaat kan krijgen van de raad van bestuur voor besluiten op zijn werkterrein die hij (namens de NMa) kan nemen. In het jaarverslag van de NMa zal iedere kamer ook afzonderlijk verantwoording afleggen voor de uitvoering van de wettelijke taken. Ook zal een aantal praktische voorzieningen worden getroffen opdat het eigen gezicht naar buiten voldoende wordt gewaarborgd. Hierbij denk ik aan een herkenbare eigen naam van het organisatieonderdeel, het hebben van een eigen website (voor de DTe is dit en een eigen logo, briefpapier e.d. Mijn conclusie is dat een kamermodel het beste een goede uitvoering van de wettelijke uitvoeringstaken van de NMa waarborgt. 2. De relatie tussen de sectorspecifieke kamers en de raad van bestuur van de NMa Het uitgangspunt van het bestuursmodel is dat de raad van bestuur het besluitvormend uitvoeringsorgaan is waaraan voldoende personele en financiële middelen worden toebedeeld voor de uitvoering van de aan hem toebedeelde taken. Op de raad van bestuur rust de plicht om alle opgedragen taken goed en effectief uit te voeren. Dus zowel de sectorspecifieke taken als die taken die voortvloeien uit de Mededingingswet. Hierbij heeft het mijn voorkeur de bestuursleden in het midden van de organisatie te laten opereren en niet in een college dat los staat van de organisatie. De leden van de raad van bestuur vervullen in de dagelijkse praktijk van de NMa dan ook management- en bedrijfsvoeringstaken. Zoals ik heb voorgesteld bestaat de raad van bestuur uit drie leden waaronder een voorzitter. Deze leden stellen een bestuursreglement op dat door de Minister van Economische Zaken goedgekeurd dient te worden. Onderdeel van het bestuursreglement zal zijn een taakverdeling van de leden. Hierbij is naar mijn mening een denkbare werkverdeling dat er naast de voorzitter een portefeuillehouder voor het algemene mededingingrecht zal zijn en een portefeuillehouder voor de sectorspecifieke uitvoeringstaken. De portefeuillehouder voor de sectorspecifieke uitvoeringstaken stuurt de verschillende sectorspecifieke kamers aan en is binnen de raad van bestuur de deskundige ten aanzien van de sectorspecifieke taken zoals op basis van de energiewetgeving en in de toekomst bijvoorbeeld de Wet personenvervoer. De raad van bestuur van de NMa kan de uitvoering en de besluitvorming van bepaalde sectorspecifieke taken aan de hoofden van de verschillende kamers mandateren. Een taakverdeling tussen de drie leden zoals voorgesteld, 2

3 waarborgt dat de synergetische effecten tussen algemeen mededingingsrechtelijk toezicht én het sectorspecifieke toezicht ten goede komen aan alle sectoren waarop de NMa toezicht houdt. Tegelijkertijd wordt een uniforme en consistente uitleg van de diverse mededingingsrelevante begrippen gewaarborgd. Indien in de toekomst door de wetgever meer taken aan de raad van bestuur van de NMa worden opgedragen zoals bijvoorbeeld het toezicht op de telecommunicatie en de postmarkt, zal bezien moeten worden of een uitbreiding van de raad van bestuur noodzakelijk dan wel gewenst is. 3. De positie van de DTe als toezichthouder op de gas- en elektriciteitmarkt Ten aanzien van de positie van de DTe binnen de NMa merk ik het volgende op. Het voorliggende wetsvoorstel maakt van de DTe een integraal onderdeel van het zelfstandig bestuursorgaan NMa. Hierbij zijn meerdere onderwerpen van belang: 1. De bestuurlijke relatie tussen de Minister van Economische Zaken en de DTe. 2. Het belang van onafhankelijk toezicht op de energie sector. 3. De versterking van de DTe in het bijzonder. 4. De acties die DTe in gang heeft gezet naar aanleiding van het relatietevredenheidsonderzoek. 1. Bestuurlijke relatie minister-dte De DTe voert nu haar taken en bevoegdheden uit onder verantwoordelijkheid van de Minister van Economische Zaken. Deze positionering brengt met zich dat de minister de bevoegdheid heeft om zowel algemene als bijzondere aanwijzingen te geven aan de directeur van de DTe (zie art. 6 Elektriciteitswet 1998). Bij het gebruik van deze bevoegdheden wordt terughoudendheid betracht, vanuit de overweging dat deze terughoudendheid past bij de rechtstreekse toekenning door de wet van bevoegdheden aan de DTe. Een aantal in de Elektriciteitswet 1998 en Gaswet genoemde taken en bevoegdheden is nu rechtstreeks toegekend aan de NMa resp. DTe (geattribueerd, zie bijlage I). De Minister van Economische Zaken heeft ook een aantal taken. Een deel daarvan heeft hij weer gemandateerd aan NMa resp. DTe (zie bijlage II). De minister is en blijft ook na de omvorming van de NMa tot zelfstandig bestuursorgaan politiek verantwoordelijk voor zowel de gemandateerde als de geattribueerde taken. Bij in mandaat uitgevoerde taken kan hij naast het geven van aanwijzingen er ook voor kiezen om deze taken onder omstandigheden weer zelf uit te oefenen (zonder dat hij daarvoor het mandaat hoeft in te trekken). Ook kan hij het mandaat te allen tijde intrekken. Van het mandaat aan DTe is een aantal taken en bevoegdheden uitgezonderd. Dit betekent dat de Minister van Economische Zaken deze zelf zal blijven uitoefenen. Hierbij gaat het met name om taken en bevoegdheden die te maken hebben met privatisering, het aanwijzen van netbeheerders, het opleggen van een investeringsplicht, regels rond reciprociteit, het planmatig beheer van gasvoorkomens, de afwikkeling van de bakstenen, het vaststellen van het tempo van liberalisering en de bemoeienis met de groene markt. Deze taken en bevoegdheden zijn naar hun aard, vanwege hun politieke lading of omdat ze beleidsmatig nog niet voldoende zijn uitgewerkt, in ieder geval voorlopig ongeschikt om te mandateren of te attribueren aan de NMa/DTe. De Minister van Economische Zaken laat zich bij deze taken wel adviseren door DTe. 3

4 Ik wil er hierbij nog op wijzen dat door het wetsvoorstel voor de verzelfstandiging NMa het aantal taken dat nu gemandateerd dan wel geattribueerd is, niet toeneemt. Wel zal het mandaat aan DTe omgezet moeten worden in een mandaat aan de NMa. De mogelijkheid van de minister om het algemene kader waarbinnen de toezichthouder dient te opereren nader te bepalen, blijft ook in het geval van een ZBO-status onverminderd bestaan: niet alleen door de bestuurlijke verhouding die blijft bestaan door de mandatering van taken, maar ook vanwege de ministeriële verantwoordelijkheid voor het functioneren en optreden van de NMa. Ook de Raad van State geeft dit duidelijk aan in zijn advies over het wetsvoorstel ZBO-NMa van begin dit jaar: «een algemene ministeriële verantwoordelijkheid voor de werking van het toezichtstelsel blijft. Deze verantwoordelijkheid stoelt niet alleen op diens beleidsregelbevoegdheid, ze berust ook op de omstandigheid dat de minister de beheerder van het stelsel is, die zo nodig het initiatief tot wetswijziging kan nemen en die in algemene zin heeft na te gaan of de omstandigheden maken dat er reden is voor overheidsoptreden op dit terrein.» Een van de mogelijkheden die de Minister van Economische Zaken tot zijn beschikking heeft om nadere invulling te geven aan het algemene regelgevende regime dat bestaat op de energiemarkt, is door het opstellen van nadere regelgeving. Zo heeft deze de mogelijkheid om op basis van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet bij algemene maatregel van bestuur in een aantal gevallen nadere regels te stellen met betrekking tot de bevoegdheden van de DTe. Op deze manier kan zonodig een heldere inkadering worden gegeven van de bevoegdheden van de uitvoeringsorganisatie. Het omvormen van de NMa tot een zelfstandig bestuursorgaan heeft hierop geen invloed. De Minister van Economische Zaken heeft voldoende bevoegdheden om adequaat invulling te kunnen geven aan zijn ministeriële verantwoordelijkheid. Het waarborgen van de publieke belangen betreffende de energievoorziening door de overheid is uiteraard essentieel. Daarvoor heeft de overheid diverse instrumenten tot haar beschikking. Om deze instrumenten adequaat te kunnen inzetten is het echter niet noodzakelijk de DTe onder rechtstreekse aansturing van de Minister te houden. Behalve het feit dat de Minister altijd politiek aanspreekbaar blijft voor het functioneren van de kamer DTe (als integraal onderdeel van de NMa), wordt de relatie tussen de Minister en de kamer DTe ingevuld door ondermeer: jaarlijkse goedkeuring van de begroting, goedkeuring van het mandaatbesluit van de NMa, mogelijkheid tot het geven van algemene aanwijzingen en het opstellen van algemene maatregelen van bestuur en andere regelgeving waarbij het kader waarbinnen de DTe kan opereren nader wordt bepaald. Over al deze elementen vindt besluitvorming in de openbaarheid plaats en kan de Tweede Kamer de Minister ter verantwoording roepen. De mogelijkheid die de minister op dit moment nog heeft voor het geven van individuele aanwijzingen heeft in de praktijk daarentegen een aantal negatieve consequenties: onhelderheid over waar bevoegdheden precies liggen; neiging van marktpartijen tot forumshopping; «pettenproblematiek» van de minister doordat deze ook economische belangen heeft; rechtsonzekerheid bij marktpartijen. 4

5 2. Belang onafhankelijk toezicht Om meerdere redenen is onafhankelijk toezicht op energiegebied gewenst. Enkele som ik hier op: onafhankelijke oordeelsvorming op basis van specifieke deskundigheid, de relatie tussen minister en ZBO wordt transparant, bevordert de kracht en het gezag van toezichthouder, er is geen ingrijpen van de minister mogelijk in individuele gevallen; besluiten zijn alleen aanvechtbaar via geëigende en transparante juridische weg (bezwaarschriften en rechter), oplossing van het pettenprobleem (positie Gasunie en TenneT), in de huidige Europese regelgeving wordt benadrukt dat het van belang is dat de toezichthouder onafhankelijk opereert van de belangen van de energiesector. 3. Versterking van het gezicht van de organisatorische eenheid DTe Op een aantal manieren kan de zichtbaarheid van de taken van de organisatorische eenheid DTe binnen de NMa worden vergroot en kan transparant worden gemaakt hoe de uitvoering van deze taken wordt vormgegeven. Aanzienlijke uitbreiding van de personele capaciteit voor het toezicht op basis van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet. Zoals al geantwoord in het Verslag van het schriftelijk overleg bij het wetsvoorstel zal in de begroting van de NMa worden ge-earmarked welke middelen en capaciteit aan de organisatorische eenheid DTe ter beschikking staan voor de uitvoering van haar taken en bevoegdheden; de Minister van Economische Zaken dient instemming te verlenen aan deze begroting omdat deze deel uitmaakt van de EZ begroting. De Begrotingswet behoeft instemming van de Staten- Generaal. in het werkplan van NMa dient ook aandacht te worden besteed aan de werkzaamheden van de organisatorische eenheid DTe. Dit zal in het Relatiestatuut worden opgenomen, in het jaarverslag van de NMa wordt in een apart hoofdstuk aandacht gegeven aan de uitvoering van energietaken. 4. Acties naar aanleiding van het relatie-tevredenheidsonderzoek. DTe heeft op eigen initiatief een relatie-tevredenheidsonderzoek laten uitvoeren. Dit siert de DTe. De uitkomst van dit onderzoek bevatte pittige kritiek. DTe neemt deze kritiek zeer serieus. Een deel van de kritiek is te verwachten en hoort de bij rol van de DTe. Dergelijke kritiek krijgen alle toezichthouders. Sterker nog: als iedereen zou zeggen dat DTe het prima doet is er reden achterdochtig te worden. Het rapport bevatte ook een aantal terechte verbeterpunten. DTe heeft in haar brief aan de respondenten van het relatie-tevredenheidsonderzoek aangegeven veel werk te zullen maken van de gesignaleerde verbeterpunten. Met name op het vlak van de externe communicatie bereidt de DTe een forse verbeterslag voor. DTe zal meer en beter overleg meer diepgang, meer uitwisseling van argumenten voeren met klankbordgroepen maar ook met individuele bedrijven. Ook kondigt de DTe de voorlichting te zullen verbeteren door het uitbrengen van nieuwsbrieven waarin toelichting wordt gegeven op de visie van de DTe, en waarin voorgenomen besluiten worden aangekondigd. Ten slotte wil de DTe de kennis en ervaring van de sector beter gaan benutten door bijvoorbeeld het raadplegen van klankbordgroepen. 5

6 Deze verbeteringen zullen naar verwachting de transparantie van en het maatschappelijk draagvlak voor het door DTe gevoerde beleid ten goede komen. Ik ben trots op DTe dat zij op volwassen manier met de kritiek kan omgaan en heb er dan ook vertrouwen dat in een volgend tevredenheidonderzoek een aanmerkelijk positiever respons zal blijken. Binnenkort zal ik met de DTe overleg voeren over het relatie-tevredenheidsonderzoek en de voornemens van DTe tot verbetering. Over de uitkomst van dit overleg zal ik de Tweede Kamer nader informeren. Minister van Economische Zaken, A. Jorritsma-Lebbink 6

7 BIJLAGE I Overzicht van alle door de minister van economische zaken aan de DTe en NMa geattribueerde taken. Elektriciteitswet 1998 Taken geattribueerd aan DTe 5 Taken directeur DTe 5a Last onder dwangsom 7 Verzoeken om gegevens en inlichtingen door DTe 9, lid 1 Jaarverslag DTe 18 lid 3 Netbeheerder stuurt exemplaar jaarrekening aan DTe 21, lid 1 en 2 Capaciteitsramingen netbeheerder 22 lid 1 DTe meldt de minister wanneer netbeheerder niet of ondoelmatig kan voorzien in totale transportcapaciteitbehoefte. 26 Op aanvraag bij voorrang bestemmen van transportcapaciteit. 27 Gezamenlijke netbeheerders zenden DTe voorstel met betrekking tot tariefstructuren. 31lid1en5,32lid Tarieven en voorwaarden netbeheerders. 2, 33 lid 2, 34, 35, DTe kan doelen voor inzet veilingopbrengsten landsoverschrijdende 36, 37, 38 transportcapaciteit bepalen. 39 Netbeheerders sturen rapportage kwaliteitscriteria aan DTe. 40 Netbeheerders sturen tariefvoorstel aan DTe 41, 42 DTe stelt tarieven netbeheerders vast en bepaalt datum inwerkingtreding. 58 lid 3 DTe overlegt met vergunninghouders en representatieve organisaties over vaststelling korting voor vergunninghouders. 64 Vergunninghouders zenden DTe ramingen over totale behoefte elektriciteit beschermde afnemers. 65 lid 1 DTe meldt minister wanneer vergunninghouder onvoldoende of ondoelmatig aan levering beschermde afnemers kan voldoen. 71 lid 3 DTe overlegt met vergunninghouders en representatieve organisaties over een onderdeel van de terugleververgoeding. 95b lid 2 en 3 Vergunninghouders sturen DTe jaarlijks hun tarieven en voorwaarden. DTe kan maximumtarief vaststellen. Gaswet Taken geattribueerd aan DTe 11 Technische voorwaarden worden door gastransportbedrijf aan DTe toegestuurd. DTe stuurt voorwaarden naar Europese Commissie en kan voorwaarden laten aanpassen. 12 Gastransportbedrijf maakt indicatie van tarieven en voorwaarden bekend en stuurt deze informatie aan NMa en DTe 13 DTe stelt richtlijnen vast. DTe kan bindende aanwijzingen geven met betrekking tot de indicatieve voorwaarden en tarieven. 35 lid 2 DTe kan om gegevens en inlichtingen verzoeken. 60a DTe kan in bepaalde gevallen een last onder dwangsom opleggen. Taken geattribueerd aan NMa 12 Gastransportbedrijf maakt indicatie van tarieven en voorwaarden bekend en stuurt deze informatie aan NMa en DTe 14 NMa kan termijn vaststellen waarbinnen onderhandelingen over transport van gas moeten zijn afgerond. 16 NMa kan ontheffing verlenen voor onderhandelingen. 19 Geschillenbeslechting 20 Geschillenbeslechting landsoverschrijdend transport 35 lid 1 NMa kan om gegevens en inlichtingen verzoeken. 36 lid 1 t/m 3 Capaciteitsramingen gastransportbedrijf 44 lid 2 en 3 Vergunninghouder verschaft NMa opgave tarieven en voorwaarden. NMa kan maximumtarief vaststellen. 59 lid 1 Toezicht op de Gaswet 60 Mandatering taken van NMa aan DTe 61 lid 3 Beroepsmogelijkheden 65 Invorderen bijdragen 74 Technische voorwaarden gastransportbedrijf. 75 Gastransportbedrijf legt indicatie tarieven en voorwaarden ter inzage en zendt deze tevens aan NMa. 7

8 BIJLAGE II Overzicht van alle door de Minister van Economische Zaken aan de DTe gemandateerde taken. Gaswet Artikel Onderwerp 22 Verlening leveringsvergunning 23 Voorwaarden leveringsvergunning 26 Vaststellen tarieven en korting (x) 27 Zenden tariefvoorstel door vergunninghouder aan de Minister 29, exclusief lid 4 Toezenden ramingen gasbehoefte 30 Voorzieningen treffen vergunninghouders 31 Intrekken leveringsvergunning 34 Opvragen gegevens en inlichtingen 51 Calamiteitenplan 65, voor zover Invorderen bedragen bevoegdheden van de minister 77 Overgangsregeling gastarieven 80 Vaststelling transporttarieven 81 Toezenden voorstel transporttarieven aan de minister 82 Toezenden voorwaarden transport aan de minister 83 Rapportage kwaliteitscriteria Elektriciteitswet Artikel Onderwerp 29 Vaststellen tariefdrager 54 Verstrekken leveringsvergunning 55 Voorwaarden leveringsvergunning 57 Tariefvoorstel sturen aan de minister 58 Vaststellen tarieven en korting (x) 59 Vaststellen inwerkingtreding tarieven 65, lid 2 Vergunninghouder voorzieningen laten treffen 67 Intrekken leveringsvergunning 68, lid 2 Milieutaak 70 Vaststellen terugleveringsvergoeding 71 Vaststellen terugleveringsvergoeding 72 Datum inwerkingtreding vergoeding 78 Informatieverstrekking 85, lid 3 Invorderen bijdragen De DG NMa is voorts gemandateerd voor de bevoegdheden die ik heb met betrekking tot de afwikkeling van beroep en bezwaar op grond van bovenstaande aan DTe gemandateerde taken op grond van de Elektriciteitswet 1998 en Gaswet. 8

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt. Den Haag, 6 januari 2003

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt. Den Haag, 6 januari 2003 Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt Den Haag, 6 januari 2003 Aan de leden en de plv. leden van de Vaste Commissie voor Economische Zaken OVERZICHT van stemmingen in de Tweede Kamer

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1999 2000 26 463 Regels omtrent het transport en de levering van gas (Gaswet) Nr. 95 DERDE NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen 4 april 2000 Het voorstel van wet

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt

Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt Eerste Kamer der Staten-Generaal Centraal Informatiepunt Den Haag, 27 november 2000 Aan de leden en de plv. leden van de Vaste Commissie voor Economische Zaken HERZIENE VERSIE I.V.M. TOEVOEGEN STEMVERHOUDING

Nadere informatie

BESLUIT. Juridisch kader

BESLUIT. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101758_11-6 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d,

Nadere informatie

BESLUIT. Juridisch kader

BESLUIT. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101759_19-6 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader

BESLUIT. I. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft; 101698-12 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101758_13-4 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d,

Nadere informatie

1 Juridisch kader BESLUIT. Directie Toezicht Energie

1 Juridisch kader BESLUIT. Directie Toezicht Energie Directie Toezicht Energie BESLUIT Nummer: 102467_2-3 Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid, van de Gaswet

Nadere informatie

1 Juridisch kader BESLUIT. Directie Toezicht Energie

1 Juridisch kader BESLUIT. Directie Toezicht Energie Directie Toezicht Energie BESLUIT Nummer: 102467_1-11 Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste lid,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 463 Regels omtrent het transport en de levering van gas (Gaswet) B ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT Hieronder zijn opgenomen het advies

Nadere informatie

BESLUIT. Besluit van de Minister van Economische Zaken als bedoeld in artikel 95d van de

BESLUIT. Besluit van de Minister van Economische Zaken als bedoeld in artikel 95d van de Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer 10548_1/7.BT898 Betreft zaak: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel

Nadere informatie

RUD UTRECHT. Besluit: vast te stellen navolgend Mandaatbesluit RUD Utrecht provincie Utrecht/gemeente )

RUD UTRECHT. Besluit: vast te stellen navolgend Mandaatbesluit RUD Utrecht provincie Utrecht/gemeente ) Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente PM/het college van gedeputeerde staten van Utrecht houdende de verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan de directeur van

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan. DELTA Comfort B.V.

BESLUIT. I. Juridisch kader. Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan. DELTA Comfort B.V. Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft; 101689-5 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste

Nadere informatie

Betreft Beantwoording vragen van het lid Spies (CDA) over energieprijzen en - contractsvoorwaarden voor consumenten

Betreft Beantwoording vragen van het lid Spies (CDA) over energieprijzen en - contractsvoorwaarden voor consumenten > Retouradres Postbus 20101 2500 EC Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA 's-gravenhage Directoraat-generaal voor Bezuidenhoutseweg 30 Postbus 20101 2500 EC

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 21459 31 juli 2014 Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging Kansspelautoriteit, vastgesteld op grond van afdeling

Nadere informatie

1 Juridisch kader BESLUIT. Directie Toezicht Energie

1 Juridisch kader BESLUIT. Directie Toezicht Energie Directie Toezicht Energie BESLUIT Nummer: 102491_1/12 Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste lid,

Nadere informatie

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 81c, eerste lid van de Gaswet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 81c, eerste lid van de Gaswet. Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 81c, eerste lid van de Gaswet. Nummer 102365_2/8 Betreft zaak:

Nadere informatie

BESLUIT. Juridisch kader

BESLUIT. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101759_6-5 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

Gevolgen van de Wet goed onderwijs Goed onderwijsbestuur voor de verhouding tussen gemeenten en verzelfstandigd openbaar onderwijs.

Gevolgen van de Wet goed onderwijs Goed onderwijsbestuur voor de verhouding tussen gemeenten en verzelfstandigd openbaar onderwijs. Gevolgen van de Wet goed onderwijs Goed onderwijsbestuur voor de verhouding tussen gemeenten en verzelfstandigd openbaar onderwijs. Per 1 augustus 2010 is de Wet Goed onderwijs Goed onderwijsbestuur in

Nadere informatie

Regels omtrent de instelling van de Autoriteit Consument en Markt (Instellingswet Autoriteit Consument en Markt)

Regels omtrent de instelling van de Autoriteit Consument en Markt (Instellingswet Autoriteit Consument en Markt) Regels omtrent de instelling van de Autoriteit Consument en Markt (Instellingswet Autoriteit Consument en Markt) NOTA VAN WIJZIGING Het voorstel van wet wordt gewijzigd als volgt: A In artikel 1 vervalt

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2000 2001 22 026 Nederlands deel van een hogesnelheidsspoorverbinding Amsterdam Brussel Parijs Nr. 124 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT Aan

Nadere informatie

BESLUIT. Nederlandse Mededingingsautoriteit

BESLUIT. Nederlandse Mededingingsautoriteit Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer 102450 / 28.BT253 Betreft zaak: Richtsnoeren NMa informatieverstrekking energieleveranciers aan consumenten De Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit;

Nadere informatie

Notitie toezicht openbaar onderwijs

Notitie toezicht openbaar onderwijs Notitie toezicht openbaar onderwijs 1. Taak/verantwoordelijkheid gemeente...1 2. Taakafbakening met Centrum financiële instellingen...1 3. Probleemstelling...2 4. Verbetervoorstellen...2 5. Conclusie en

Nadere informatie

1 Inleiding. 2 Wettelijke context BESLUIT. Nederlandse Mededingingsautoriteit

1 Inleiding. 2 Wettelijke context BESLUIT. Nederlandse Mededingingsautoriteit Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 82, eerste lid, jo. artikel 82, vierde lid, van de Gaswet. Nummer

Nadere informatie

Managementstatuut SWV Oost Achterhoek 25.02

Managementstatuut SWV Oost Achterhoek 25.02 Managementstatuut SWV Oost Achterhoek 25.02 Versie 43.0 INHOUD Algemene bepalingen voor het managementstatuut Vaststellingsdatum managementstatuut 1 Artikel 1 Definitiebepaling 2 Artikel 2 Vaststelling

Nadere informatie

2013, nr. 53. Gelet op artikel 158 van de Provinciewet en het bepaalde in afdeling 10.1.1 van de Algemene Wet Bestuursrecht;

2013, nr. 53. Gelet op artikel 158 van de Provinciewet en het bepaalde in afdeling 10.1.1 van de Algemene Wet Bestuursrecht; Uitgegeven: 5 september 2013 2013, nr. 53 PROVINCIAAL BLAD VAN FRYSLÂN Mandaatbesluit Stelsel Natuur en Landschap 2013 Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân van 20 augustus 2013, nr.

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 29 372 Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter uitvoering van richtlijn nr. 2003/54/EG, (PbEG L 176), verordening nr. 1228/2003

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: 101759_10-6 Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1998 427 Wet van 2 juli 1998, houdende regels met betrekking tot de productie, het transport en de levering van elektriciteit (Elektriciteitswet 1998)

Nadere informatie

In deze brief ga ik in op de belangrijkste conclusies en aanbevelingen van het evaluatierapport.

In deze brief ga ik in op de belangrijkste conclusies en aanbevelingen van het evaluatierapport. > Retouradres Postbus 20401 2500 EK DEN HAAG De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Prins Clauslaan 8 Postbus 20401 2500 EK DEN HAAG www.minlnv.nl Betreft

Nadere informatie

BESLUIT. 2. Onderhavig besluit betreft de vaststelling van de nettarieven voor het jaar 2005 voor Intergas Netbeheer B.V.

BESLUIT. 2. Onderhavig besluit betreft de vaststelling van de nettarieven voor het jaar 2005 voor Intergas Netbeheer B.V. Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: 101750_9-5 Betreft: Besluit tot vaststelling van de maximum nettarieven elektriciteit voor het jaar 2005 zoals bedoeld in artikel 41c, eerste lid van

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 13691 24 mei 2013 Regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie van 16 mei 2013, nr. 382509, houdende instelling

Nadere informatie

Richtsnoeren NMa informatieverstrekking energieleveranciers aan consumenten

Richtsnoeren NMa informatieverstrekking energieleveranciers aan consumenten NMa Richtsnoeren NMa informatieverstrekking energieleveranciers aan consumenten De Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit; gelet op de artikelen 5, eerste, tweede en zesde lid, 77h,

Nadere informatie

1 Juridisch kader BESLUIT

1 Juridisch kader BESLUIT Directie Toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 102461/3.BT827 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste lid,

Nadere informatie

0 ALGEMENE REGELS TEN AANZIEN VAN MANDAAT

0 ALGEMENE REGELS TEN AANZIEN VAN MANDAAT ALGEMENE REGELS 0 ALGEMENE REGELS TEN AANZIEN VAN MANDAAT In dit hoofdstuk wordt in het eerste onderdeel nader ingegaan op de wettelijke voorschriften met betrekking tot mandaat. In het tweede gedeelte

Nadere informatie

Misbruik van een economische machtspositie

Misbruik van een economische machtspositie Mededingingswet Misbruik van een economische machtspositie Nederlandse Mededingingsautoriteit Mededingingswet Misbruik van een economische machtspositie De Mededingingswet stelt regels ten aanzien van:

Nadere informatie

Organisatie toezicht stichting Proo

Organisatie toezicht stichting Proo Nr. PRO1500024 Casenr. PRO15-0003 Naam : J. Aalbers Datum : 16 april 2015 pagina 2 van 6 Inhoudsopgave 1. Samenvatting 2. Achtergrond 3. Regelgeving 4. Toezicht Proo 5. Intern toezicht 6. Extern toezicht

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 31 904 Wijziging van de Gaswet en de Elektriciteitswet 1998, tot versterking van de werking van de gasmarkt, verbetering van de voorzieningszekerheid

Nadere informatie

BESLUIT. Juridisch kader

BESLUIT. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101759_9-9 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

BESLUIT. Juridisch kader

BESLUIT. Juridisch kader Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: Betreft: 101759_12-5 Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

REGELING AMBTELIJKE ORGANISATIE GEMEENTE HILLEGOM. Vastgesteld in vergadering van het college van de gemeente Hillegom op 5 oktober 2004, B&W nummer..

REGELING AMBTELIJKE ORGANISATIE GEMEENTE HILLEGOM. Vastgesteld in vergadering van het college van de gemeente Hillegom op 5 oktober 2004, B&W nummer.. REGELING AMBTELIJKE ORGANISATIE GEMEENTE HILLEGOM Vastgesteld in vergadering van het college van de gemeente Hillegom op 5 oktober 2004, B&W nummer.. HOOFDSTUK 1 Artikel 1 De structuur van de ambtelijke

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 1999 2000 Nr. 210 26 463 Regels omtrent het transport en de levering van gas (Gaswet) GEWIJZIGD VOORSTEL VAN WET 5 april 2000 Wij Beatrix, bij de gratie

Nadere informatie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie

BESLUIT. I. Juridisch kader. Dienst uitvoering en toezicht Energie Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: 101647/ Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1999 2000 26 463 Regels omtrent het transport en de levering van gas (Gaswet) Nr. 56 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 621 Regels met betrekking tot de productie, het transport en de levering van elektriciteit (Elektriciteitswet...) Nr. 8 NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG. Datum 5 februari 2015 Autoriteit woningcorporaties

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA DEN HAAG. Datum 5 februari 2015 Autoriteit woningcorporaties De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Ministerie van BZK www.facebook.com/minbzk www.twitter.com/minbzk Uw kenmerk Betreft Autoriteit woningcorporaties Inleiding

Nadere informatie

Autoriteit Consument & Markt

Autoriteit Consument & Markt BESLUIT Ons kenmerk: ACM/DC/2015/200448 Betreft 14.1262.53: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid, van de Gaswet

Nadere informatie

Nr. 2011-046 Houten, 30 augustus 2011

Nr. 2011-046 Houten, 30 augustus 2011 Raadsvoorstel Nr. 2011-046 Houten, 30 augustus 2011 Onderwerp: Wijzigen bestuursmodel Stichting Openbaar Onderwijs Houten Beslispunten: 1. In te stemmen met de invoering van een College van Bestuur met

Nadere informatie

REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR

REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR 1. De bestuurstaak 1.1 Ingevolge de statuten bestuurt de Raad van Bestuur de stichting onder toezicht van de Raad van Toezicht. 1.2 De Raad van Bestuur dient het belang van de

Nadere informatie

MANAGEMENTSTATUUT STICHTING OPENBARE SCHOLENGROEP VLAARDINGEN SCHIEDAM

MANAGEMENTSTATUUT STICHTING OPENBARE SCHOLENGROEP VLAARDINGEN SCHIEDAM MANAGEMENTSTATUUT STICHTING OPENBARE SCHOLENGROEP VLAARDINGEN SCHIEDAM Versie 27 september 2012 Opnieuw vastgesteld op 8 december 2016 1 PREAMBULE In dit managementstatuut worden door het bestuur van de

Nadere informatie

64-1 GEMEENSCHAPPELIJK REGELING REGIONAAL ONDERWIJSBELEID WALCHEREN

64-1 GEMEENSCHAPPELIJK REGELING REGIONAAL ONDERWIJSBELEID WALCHEREN GEMEENSCHAPPELIJK REGELING REGIONAAL ONDERWIJSBELEID WALCHEREN De raden, de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Vlissingen, Veere en Middelburg, ieder voor zover zij voor de eigen

Nadere informatie

9 Europese regelgevende agentschappen

9 Europese regelgevende agentschappen 9 Europese regelgevende agentschappen Bij de uitvoering van Europese regelgeving spelen in toenemende mate Europese regelgevende agentschappen een belangrijke rol. Het gaat daarbij om organen die los staan

Nadere informatie

Bestuursreglement Zadkine

Bestuursreglement Zadkine Bestuursreglement Zadkine Dit reglement dient tot nadere uitwerking van artikel 6 lid 5 van de statuten van de Stichting voor Educatie en Beroepsonderwijs Zadkine Algemeen Artikel 1 In dit reglement wordt

Nadere informatie

BIJLAGE 4. Elektriciteitswet 1998. Dit betreft de beoordeling van het voorstel Oostland en Tinte.

BIJLAGE 4. Elektriciteitswet 1998. Dit betreft de beoordeling van het voorstel Oostland en Tinte. Nederlandse Mededingingsautoriteit BIJLAGE 4 Nummer 103037 / 7 Betreft zaak: Beoordeling van een voorstel van Stedin B.V. zoals bedoeld in artikel 41b, tweede lid van de Elektriciteitswet 1998. Dit betreft

Nadere informatie

MANDAATBESLUIT MILIEUTAKEN DIRECTEUR REGIONALE UITVOERINGSDIENST DRENTHE

MANDAATBESLUIT MILIEUTAKEN DIRECTEUR REGIONALE UITVOERINGSDIENST DRENTHE MANDAATBESLUIT MILIEUTAKEN DIRECTEUR REGIONALE UITVOERINGSDIENST DRENTHE Artikel 1,Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten

Nadere informatie

BESLUIT. Besluit van 2 juni 2003, Stb. 2003, nr. 234, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van 5 april 2005, Stb. 2005, nr. 200.

BESLUIT. Besluit van 2 juni 2003, Stb. 2003, nr. 234, zoals laatstelijk gewijzigd bij besluit van 5 april 2005, Stb. 2005, nr. 200. Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer 102551_2 / 10.BT1290 Betreft zaak: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2016 2017 34 723 Wijziging van de Warmtewet (wijzigingen naar aanleiding van de evaluatie van de Warmtewet) Nr. 5 NOTA VAN WIJZIGING Ontvangen 28 juni 2017

Nadere informatie

Gemeenschappelijke regeling Sallcon

Gemeenschappelijke regeling Sallcon Gemeenschappelijke regeling Sallcon De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Deventer en Olst-Wijhe, ieder voor zover voor de eigen gemeente bevoegd Overwegende dat De gemeenten Deventer

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Relatiestatuut Kansspelautoriteit en Ministerie van Veiligheid en Justitie 2015

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Relatiestatuut Kansspelautoriteit en Ministerie van Veiligheid en Justitie 2015 STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 13342 24 maart 2016 Relatiestatuut Kansspelautoriteit en Ministerie van Veiligheid en Justitie 2015 5 februari 2016 De

Nadere informatie

I. Aanvraag en procedure

I. Aanvraag en procedure Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer 102570_2/3 Betreft zaak: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

Dienst uitvoering en toezicht Energie

Dienst uitvoering en toezicht Energie Dienst uitvoering en toezicht Energie BESLUIT Nummer: 101750_5-12 Betreft: Besluit tot vaststelling van de maximum nettarieven elektriciteit voor het jaar 2005 zoals bedoeld in artikel 41c, eerste lid

Nadere informatie

Protocol werkafspraken CCD en de Minister van Economische Zaken

Protocol werkafspraken CCD en de Minister van Economische Zaken CCD 2014-03 Protocol werkafspraken CCD en de Minister van Economische Zaken INLEIDING Per 18 december 2014 is de Centrale Commissie Dierproeven ingesteld. De Centrale Commissie Dierproeven is een zelfstandig

Nadere informatie

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden Raad van Toezicht.

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden Raad van Toezicht. 6. Raad van Toezicht 14-04-2014 Versie 6.02 Huishoudelijk reglement Raad van Toezicht Status Definitief Artikel 1: Positionering Raad van Toezicht Ingevolge de statuten bestuurt het College van Bestuur

Nadere informatie

1 Juridisch kader BESLUIT

1 Juridisch kader BESLUIT Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 43, eerste lid, van de Gaswet l Nummer 102552_2 / 7 Betreft zaak:

Nadere informatie

Burger en Bestuur in november 2012. December 2012

Burger en Bestuur in november 2012. December 2012 BIJLAGENUMMER Agendapunt Omvorming gemeenschappelijke regeling Openbaar Speciaal en Voortgezet Speciaal Onderwijs West- Friesland tot openbare Stichting Leerzaam. Onderwerp Ter advisering aan de commissie

Nadere informatie

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Datum Uw kenmerk Ons kenmerk Bijlage(n) 8 september 2003 ME/EM/3051226 1 Onderwerp Besluit tot verlenging termijn beschermde afnemer Gaswet en Elektriciteitswet 1998 E-en G-wet.mbo Besluit van, tot verlenging

Nadere informatie

Mandaatbesluit milieutaken Directeur Regionale Uitvoeringsdienst. Technische informatie. Gegevens van de regeling. Drenthe

Mandaatbesluit milieutaken Directeur Regionale Uitvoeringsdienst. Technische informatie. Gegevens van de regeling. Drenthe Mandaatbesluit milieutaken Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe Technische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Vastgesteld door gemeente Hoogeveen

Nadere informatie

1 Juridisch kader BESLUIT ENERGIEKAMER

1 Juridisch kader BESLUIT ENERGIEKAMER ENERGIEKAMER BESLUIT Nummer: 102557_1/6 Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste lid, van de Elektriciteitswet

Nadere informatie

ONTWERP-RAADSVOORSTEL VAN BenW AAN DE RAAD VOOR

ONTWERP-RAADSVOORSTEL VAN BenW AAN DE RAAD VOOR ONTWERP-RAADSVOORSTEL VAN BenW AAN DE RAAD VOOR OPSTELLER VOORSTEL: S.D. Raap - de Groot AFDELING: Ontwikkeling PORTEFEUILLEHOUDER: P. de Graaf Agendapunt: No. /2014 Dokkum, 20 mei 2014 ONDERWERP: statutenwijziging

Nadere informatie

De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel;

De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel; Mandaatbesluit Omgevingsdienst Brabant Noord 2014 De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel; gelet op afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht; overwegende

Nadere informatie

Lange Voorhout 8 Postbus Minister voor Wonen en Rijksdienst 2500 EA Den Haag Postbus EA DEN HAAG

Lange Voorhout 8 Postbus Minister voor Wonen en Rijksdienst 2500 EA Den Haag Postbus EA DEN HAAG Algemene Rekenkamer / Lange Voorhout 8 Postbus 20015 Minister voor Wonen en Rijksdienst 2500 EA Den Haag Postbus 20011 2500 EA DEN HAAG w www.rekenkamer,& DATUM 11 april 2014 BETREFT Uw brief van 11 februari

Nadere informatie

Algemeen mandaat-, volmacht- en machtigingsbesluit Veiligheidsregio Drenthe

Algemeen mandaat-, volmacht- en machtigingsbesluit Veiligheidsregio Drenthe Algemeen mandaat-, volmacht- en machtigingsbesluit Veiligheidsregio Drenthe Vastgesteld in AB VRD 18-12-2013 1 Algemeen mandaat-, volmacht- en machtigingsbesluit Veiligheidsregio Drenthe Het algemeen bestuur,

Nadere informatie

Mandaatbesluit Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Noord-Holland 2014

Mandaatbesluit Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Noord-Holland 2014 Besluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland van 3 februari 2015 tot vaststelling van het Mandaatbesluit Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Noord-Holland 2014 Gedeputeerde Staten van Noord-Holland

Nadere informatie

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Regels met betrekking tot de begroting en verantwoording van de kosten van het toezicht van de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandsche Bank en de financiering van de toezichtkosten (Wet bekostiging

Nadere informatie

MANAGEMENTSTATUUT Stichting Peuterspeelzalen De Haagse Scholen 2014

MANAGEMENTSTATUUT Stichting Peuterspeelzalen De Haagse Scholen 2014 Inhoudsopgave Inleiding MANAGEMENTSTATUUT Stichting Peuterspeelzalen De Haagse Scholen 2014 Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Bijlage:

Nadere informatie

Organisatieverordening Veiligheidsregio Brabant-Noord 2007

Organisatieverordening Veiligheidsregio Brabant-Noord 2007 Organisatieverordening Veiligheidsregio Brabant-Noord 2007 1 Het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Brabant-Noord, in vergadering d.d. 28 februari 2007 bijeen; overwegende: 1. dat de Veiligheidsregio

Nadere informatie

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hardinxveld-Giessendam,

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hardinxveld-Giessendam, Mandaatbesluit, Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hardinxveld-Giessendam, gelet op: de Jeugdwet, in het bijzonder artikel 2.8; de Verordening

Nadere informatie

Handhavingsbeleid Wet lokaal spoor. 1. Inleiding

Handhavingsbeleid Wet lokaal spoor. 1. Inleiding Handhavingsbeleid Wet lokaal spoor 1. Inleiding De Wet lokaal spoor (Wls) treedt in werking op 1 december 20015. Deze wet beoogt de wetgeving inzake de lokale spoorwegen te moderniseren en zorgt ervoor

Nadere informatie

De colleges van de gemeenten Lisse, Noordwijk en Teylingen, een ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

De colleges van de gemeenten Lisse, Noordwijk en Teylingen, een ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft; GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING GEMEENTELIJKE BELASTINGEN BOLLENSTREEK De colleges van de gemeenten Lisse, Noordwijk en Teylingen, een ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft; overwegende dat: - zij

Nadere informatie

Wijziging van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek in verband met de herpositionering van zelfstandige bestuursorganen

Wijziging van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek in verband met de herpositionering van zelfstandige bestuursorganen Wijziging van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek in verband met de herpositionering van zelfstandige bestuursorganen MEMORIE VAN ANTWOORD Inleiding Met belangstelling heb ik kennis genomen

Nadere informatie

van artikel 45, eerste lid, van de Gaswet aan SEPA Green Energy B.V.

van artikel 45, eerste lid, van de Gaswet aan SEPA Green Energy B.V. Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer 102565_2/72 Betreft zaak: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van gas aan kleinverbruikers op grond van artikel 45, eerste lid,

Nadere informatie

Algemene Rekenkamer..,

Algemene Rekenkamer.., 342 Algemene Rekenkamer.., Lange Voorhout 8 Postbus 20015 Voorzitter van de Tweede Kamer 2500EA Den Haag der Staten-Generaal T 070-4344 Binnenhof 4 E Voorlichting rekenkamer.ni DEN HAAG w www.rekenkamer.ni

Nadere informatie

BESLUIT. Nederlandse Mededingingsautoriteit. Openbaar. I. Inleiding

BESLUIT. Nederlandse Mededingingsautoriteit. Openbaar. I. Inleiding Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer: 103078_4/20 Betreft zaak: Beslissing op bezwaar tegen het besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van 29 augustus 2008,

Nadere informatie

Inleiding ADVIES. Nederlandse Mededingingsautoriteit

Inleiding ADVIES. Nederlandse Mededingingsautoriteit Nederlandse Mededingingsautoriteit ADVIES Advies van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit, als bedoeld in artikel 20e, derde lid, van de Elektriciteitswet 1998. Zaaknummer: 104152/15

Nadere informatie

1 Juridisch kader BESLUIT ENERGIEKAMER

1 Juridisch kader BESLUIT ENERGIEKAMER ENERGIEKAMER BESLUIT Nummer: 102556_1/8. Betreft: Besluit tot het verlenen van een vergunning voor de levering van elektriciteit aan kleinverbruikers op grond van artikel 95d, eerste lid Elektriciteitswet

Nadere informatie

Pagina BESLUIT. Ons kenmerk: ACM/DE/2015/ Zaaknummer:

Pagina BESLUIT. Ons kenmerk: ACM/DE/2015/ Zaaknummer: Ons kenmerk: ACM/DE/2015/405554 Zaaknummer: 15.0731.52 BESLUIT Besluit van de Autoriteit Consument en Markt op grond van artikel 36 van de Elektriciteitswet 1998, betreffende de verkorting van de sluitingstijd

Nadere informatie

ALGEMEEN MANDAATBESLUIT GEMEENTE LEEUWARDERADEEL. Het college, de burgemeester, en de heffingsambtenaar van de gemeente Leeuwarderadeel:

ALGEMEEN MANDAATBESLUIT GEMEENTE LEEUWARDERADEEL. Het college, de burgemeester, en de heffingsambtenaar van de gemeente Leeuwarderadeel: ALGEMEEN MANDAATBESLUIT GEMEENTE LEEUWARDERADEEL Het college, de burgemeester, en de heffingsambtenaar van de gemeente Leeuwarderadeel: BESLUITEN: Ieder voor zover het de hem toebehorende bevoegdheid betreft:

Nadere informatie

PROVINCIAAL BLAD. Mandaatbesluit OD NZKG 2015 provincie Utrecht en de bijlage

PROVINCIAAL BLAD. Mandaatbesluit OD NZKG 2015 provincie Utrecht en de bijlage PROVINCIAAL BLAD Officiële uitgave van provincie Utrecht. Nr. 60 2 oktober 201 Mandaatbesluit OD NZKG 201 provincie Utrecht en de bijlage Besluit van het college van gedeputeerde staten van Utrecht van

Nadere informatie

Toelichting op het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa

Toelichting op het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa Toelichting op het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa Algemene toelichting Bij besluit van 16 oktober 2006 heeft de NZa het Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa

Nadere informatie

1. Oprichting van een Europese Autoriteit voor de elektronische communicatiesector

1. Oprichting van een Europese Autoriteit voor de elektronische communicatiesector Aanvulling Nederlands standpunt ten aanzien van de voorstellen van de Commissie voor de herziening van het EU-reguleringskader voor de elektronische communicatiesector. 1. Oprichting van een Europese Autoriteit

Nadere informatie

Paragraaf 1, Algemeen

Paragraaf 1, Algemeen Mandaat- en machtigingenbesluit Programma Beheer, Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer, Subsidieregeling kwaliteitsimpuls natuur en landschap en de provinciale Subsidieverordening Inrichting

Nadere informatie

2) Instemmen met de benoeming van de voorgedragen leden van de Raad van Toezicht van de Stichting openbaar onderwijs Marenland;

2) Instemmen met de benoeming van de voorgedragen leden van de Raad van Toezicht van de Stichting openbaar onderwijs Marenland; Gemeente Appingedam Raadsvoorstel Raadsagenda d.d.: 14 maart 2016 Voorstel nummer : 8 Behandelend ambtenaar : Willem van der Oest Telefoonnummer : 0596 691194 E-mailadres : w.vanderoest@appingedam.nl Portefeuillehouder

Nadere informatie

Mandaat- en machtigingenbesluit Programma Beheer en Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer Flevoland 2010,

Mandaat- en machtigingenbesluit Programma Beheer en Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer Flevoland 2010, 2014/13 Nummer 1641892 Mandaat- en machtigingenbesluit Programma Beheer en Subsidieverordening natuur- en landschapsbeheer Flevoland Gedeputeerde Staten van Flevoland maken, gelet op het bepaalde in art.

Nadere informatie

In artikel 8 vervallen, onder vervanging van de komma aan het slot van onderdeel b in een punt, de onderdelen c en d.

In artikel 8 vervallen, onder vervanging van de komma aan het slot van onderdeel b in een punt, de onderdelen c en d. Regeling van de Minister van Economische Zaken van 8 februari 2013, nr. WJZ/ 12357329, tot wijziging van enkele regelingen in verband met uitvoering van het marktmodel De Minister van Economische Zaken;

Nadere informatie

Paragraaf 1, Algemeen

Paragraaf 1, Algemeen MANDAAT- EN MACHTINGENBESLUIT PROGRAMMA BEHEER, SUBSIDIEVERORDENING NATUUR- EN LANDSCHAPSBEHEER EN SUBSIDIEREGELING KWALITEITSIMPULS NATUUR EN LANDSCHAP Paragraaf 1, Algemeen Artikel 1 1. De algemeen directeur,

Nadere informatie

MANDAAT- EN MACHTIGINGSBESLUIT HANDHAVING GEMEENTE VELSEN

MANDAAT- EN MACHTIGINGSBESLUIT HANDHAVING GEMEENTE VELSEN MANDAAT- EN MACHTIGINGSBESLUIT HANDHAVING GEMEENTE VELSEN Burgemeester en wethouders van Velsen Overwegende dat bij besluit van 28 januari 2003 het college van Burgemeester en Wethouders van Velsen en

Nadere informatie

BESLUIT. 2. Bij brief van 17 december 2001 is TDN verzocht informatie te geven naar aanleiding van de klacht.

BESLUIT. 2. Bij brief van 17 december 2001 is TDN verzocht informatie te geven naar aanleiding van de klacht. Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Nummer: 2751/ 27 Besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit tot ongegrondverklaring van het bezwaar tegen zijn besluit van 7

Nadere informatie

Gelet op artikel 10 van het Organisatie- en mandaatbesluit ministerie van Financiën;

Gelet op artikel 10 van het Organisatie- en mandaatbesluit ministerie van Financiën; Regeling van de Minister van Financiën van 23 mei 2014, tot vaststelling van het Organisatie- en mandaatbesluit directoraat-generaal voor Fiscale Zaken Besluit van 23 mei 2014, kenmerk BJZ/2014/1456M De

Nadere informatie

Registratienummer: GF Datum: 17 juni 2008 Agendapunt: 32

Registratienummer: GF Datum: 17 juni 2008 Agendapunt: 32 Aan de gemeenteraad Registratienummer: GF08.20060 Datum: 17 juni 2008 Agendapunt: 32 Portefeuillehouder: de heer L. Buwalda Behandelend ambtenaar: de heer A.R. v.d. Schoot / mevrouw M. van Dun Telefoonnummer:

Nadere informatie

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 95c, derde lid, E-wet.

BESLUIT. Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 95c, derde lid, E-wet. Nederlandse Mededingingsautoriteit BESLUIT Besluit van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit als bedoeld in artikel 95c, derde lid, E-wet. Nummer 102252-1 Betreft zaak: Beleidsregel

Nadere informatie