Verhaal van schade door de overheid

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Verhaal van schade door de overheid"

Transcriptie

1 Verhaal van schade door de overheid

2 Verhaal van schade door de overheid 1

3 Inhoudsopgave Voorwoord 4 I Verhaal van schade op basis van art. 6:162 BW 6 De basis voor verhaal [Door mr. J.J. Jacobse en mr. E. van der Wal] II Verhaal van milieuschade 18 Vooral een ondergrondse zaak? [Door mr. J.J. Jacobse en mr. P. van den Berg] III Verhaal van kosten van de gemeente als wegbeheerder 36 Voor risico van de gemeente, maar kan de rekening naar de veroorzaker? [Door mr. J.J. Jacobse en mr. E. van der Wal] IV De civielrechtelijke mogelijkheden bij tekortkomingen in de 48 nakoming De basis voor verhaal bij een overeenkomst [Door mr. J.J. Jacobse en mr. A.A. de Feijter] V Verhaal van schade bij bouwprojecten 58 Een verhaal apart [Door mr. J.J. Jacobse en mr. E. van der Wal] VI Letselschade en de Verhaalswet ongevallen ambtenaren 72 (VOA) Een vergeten instrument? [Door mr. drs. B.F.Th. de Moor, mr. D.J. Quist-van Zanten en mr. S.R. Scheele] 2

4 VII Schadeverhaal op een ambtenaar 90 als daar echt aanleiding toe bestaat [Door mr. drs. B.F.Th. de Moor] VIII Schadeverhaal via voeging als benadeelde partij 96 in de strafprocedure De (on-)mogelijkheden van deze bijzondere procedure [Door mr. I.P. de Groot en mr. B. d Hooghe] IX Effectieve invordering 110 Van kosten van bestuursdwang en verbeurde dwangsommen [Door mr. C.J. IJdema] X Schadeverhaal: hoe gaat de inning in zijn werk? 124 Executoriaal en conservatoir beslag [Door mr. J.J. Jacobse en mr. A.A. de Feijter] 3

5 Voorwoord Het onderwerp verhaal van schade heeft centraal gestaan bij de druk bezochte regionale bijeenkomsten van OVO in het najaar van Zoals u van ons gewend bent wordt na deze bijeenkomsten het centrale thema uitgewerkt in een publicatie, welke nu voor u ligt. Verhaal van schade is een actueel en relevant onderwerp gebleken voor onze leden, de decentrale overheden. OVO behandelt als service voor haar leden met enige regelmaat ook verhaalszaken. Ook vernamen wij uit bijvoorbeeld enquêtes dat de leden dit onderwerp graag besproken zouden zien op de regionale bijeenkomsten. Aan deze wens hebben wij dan ook gehoor gegeven. Tijdens een zestal drukbezochte bijeenkomsten, verspreid over het land, heeft mr. Jan Jacobse van het advocatenkantoor Adriaanse van der Weel inleidingen verzorgd over alle ins and outs van verhaal van schade. De ervaring was, zo werd ook tijdens de bijeenkomsten duidelijk, dat binnen veel organisaties onvoldoende actief werd opgetreden op dit terrein. Decentrale overheden laten nog te vaak te veel geld liggen. Deze publicatie laat op een praktische manier zien dat met een actief beleid op het gebied van verhaal van schade veel te winnen valt. Niet alleen financieel gezien is er veel winst te boeken, ook op het moreel maatschappelijke vlak heeft het verhaal van schade een belangrijke functie. Door actief schade te verhalen laat de overheid haar tanden zien en hier zal een belangrijk maatschappelijk signaal vanuit gaan. Het investeren in verhaal van schade levert dus vele voordelen op en wij zijn dan ook van mening dat deze investering zich ruimschoots terugverdient. Met deze publicatie hopen wij u zinvolle en praktische handvatten te hebben geboden waarmee u het verhaal van schade (nog meer) handen en voeten kunt gaan geven. 4

6 Deze publicatie is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met Adriaanse van der Weel advocaten. Onze speciale dank gaat uit naar Jan Jacobse en zijn team bij Adriaanse van der Weel advocaten voor hun enorme bijdrage aan deze OVO-publicatie. Veel wijsheid bij het schadeverhaal toegewenst. Met vriendelijke groet, Marjolein Scheuer hoofd schade OVO 5

7 I Verhaal van schade op basis van art. 6:162 BW De basis voor verhaal [Door mr. J.J. Jacobse en mr. E. van der Wal] 6

8 Inleiding Wanneer een gemeente schade lijdt, zal dat vaak veroorzaakt worden doordat een partij een overeenkomst met de gemeente niet nagekomen is (wanprestatie, art. 6:74 Burgerlijk Wetboek, hierna BW), of doordat er een onrechtmatige daad gepleegd is ten opzichte van de gemeente (art. 6:162 BW). Wanprestatie wordt besproken in hoofdstuk IV; in dit hoofdstuk staat de onrechtmatige daad centraal. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van een onrechtmatige daad ten opzichte van de gemeente wanneer eigendommen van de gemeente (opzettelijk) beschadigd worden (bijvoorbeeld het spuiten van graffiti of vernietiging van een bushokje). Voor aansprakelijkheid op basis van een onrechtmatige daad moet worden voldaan aan vijf vereisten, te weten: 1 onrechtmatig handelen of nalaten; 1 2 toerekenbaarheid van de daad aan de dader; 3 schade; 4 causaal verband tussen de daad en de schade, en; 5 relativiteit. De eerste vier vereisten worden genoemd in art. 6:162 BW. Het vijfde vereiste is neergelegd in art. 6:163 BW. Ontbreekt één van deze elementen, dan is er geen sprake van een onrechtmatige daad en kan ook niet op die basis verhaald worden. In het navolgende worden de vereisten van onrechtmatige daad aan de hand van enkele voorbeelden behandeld. Ad 1 Onrechtmatig handelen of nalaten Onder een onrechtmatige daad wordt verstaan (art. 6:162 lid 2 BW): een inbreuk op een recht en een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschre ven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Deze definitie geeft dus drie gronden, te weten (1) een inbreuk op een recht, (2) een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht en (3) een doen of nalaten in strijd met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Bij beschadiging van eigendommen zoals hiervoor aan de 1 Tenzij sprake is van een rechtvaardigingsgrond (art. 6:162 lid 2 BW). 7

9 orde kwam is (uiteraard) sprake van een inbreuk op het eigendomsrecht van de gemeente (eerste grond). Van een inbreuk is sprake wanneer er wordt gehandeld in strijd met de exclusieve bevoegdheid van de rechthebbende, maar ook wanneer die rechthebbende wordt belemmerd in genot, beschikking of gebruik van zijn rechten. Een gedraging is echter niet per se onrechtmatig om de enkele reden dat daardoor het eigendom van iemand anders beschadigd is. 2 Het is daarom raadzaam niet alleen te stellen en te onderbouwen dat er sprake is van inbreuk op een recht, maar ook van maatschappelijk onzorgvuldig handelen (daarover hierna meer). Het spuiten van graffiti of het opzettelijk beschadigen van een gemeentelijk bushokje is ook in strijd met een wettelijke plicht (tweede grond). Onder een wettelijke plicht wordt elke algemeen verbindende regeling, uitgaande van een bevoegd gezag verstaan. Dat betekent dat een wettelijke plicht bijvoorbeeld in het Wetboek van Strafrecht (hierna Sr) opgenomen kan zijn, maar ook in de voorwaarden verbonden aan een vergunning. 3 In art. 350 Sr is bepaald dat het strafbaar is om opzettelijk andermans eigendommen te vernielen, te beschadigen, of onbruikbaar te maken. In de rechtspraak wordt het spuiten van graffiti aangemerkt als beschadiging van andermans eigendom. 4 Overtreding van art. 350 Sr is dus niet alleen wederrechtelijk (strafrechtelijk begrip), maar ook onrechtmatig (civielrechtelijk begrip). De derde grond voor onrechtmatigheid is strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid. Het gaat hier om een restcategorie, die weer onder te verdelen is in drie subcategorieën, namelijk (a) strijd met de verkeers- en veiligheidsnormen (gevaarzetting), (b) strijd met normen ter bescherming tegen zuivere vermogensschade (bijvoorbeeld ongeoorloofde mededinging of misbruik van een monopolie) en (c) strijd met normen ter bescherming tegen immateriële schade (bijvoorbeeld aantasting van eer en goede naam). In gemeenteland is de eerste subcategorie het meest aan de orde. Vandaar dat we die hier uitgebreid behandelen. Voor de beoordeling of er sprake is van schending van verkeers- en veiligheidsnormen moet onderzocht worden of normen geschonden zijn die beschermen tegen gevaarlijke situaties waaruit 2 Toelichting-Meijers, Parlementaire Geschiedenis Boek 6 BW, p HR 9 januari 1981, NJ 1981, 227 (Van Dam/Beukenboom). 4 HR 3 juli 1989, NJ 1990,

10 schade aan personen of zaken kan voortvloeien. Voor het antwoord op de vraag of er sprake is van een onrechtmatige schending van die zorgvuldigheidsnormen, zijn de zogenaamde Kelderluikcriteria van belang. 5 De Hoge Raad oordeelde in het (klassieke) Kelderluikarrest dat iemand die een gevaarzettende situatie in het leven roept er rekening mee moet houden dat niet iedereen de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid in acht zal nemen. Daarom moet degene die een gevaarzettende situatie in het leven roept bepaalde veiligheidsmaatregelen treffen. Als hij dat niet doet, dan handelt hij onrechtmatig wegens strijd met hetgeen in het maatschappelijk verkeer betamelijk is/in strijd met de vereiste zorgvuldigheid. Deze vereiste zorgvuldigheid wordt dan een veiligheidsnorm genoemd. Of er van schending van een veiligheidsnorm sprake is, hangt steeds af van de concrete omstandigheden van het geval. Daarbij dient volgens de Kelderluikcriteria in het bijzonder te worden gelet op de mate van waarschijnlijkheid waarmee de nietinachtneming van de vereiste oplettendheid en voorzichtigheid kan worden verwacht, 6 de grootheid van de kans dat daaruit ongevallen ontstaan, de ernst die de gevolgen daarvan kunnen hebben en de mate van bezwaarlijkheid van te nemen veiligheidsmaatregelen. Uit latere jurisprudentie van de Hoge Raad kan men aanvullende relevante factoren afleiden voor de beoordeling van de onrechtmatigheid van de gevaarzetting. Zo is de (on-)zorgvuldigheid van het handelen door de benadeelde van belang, de gebruikelijkheid van bepaalde voorzorgsmaatregelen en het belang dat met de actie die geleid heeft tot de gevaarzetting is gediend. 7 Verder valt te denken aan de toereikendheid van de getroffen voorzorgsmaatregelen (hebben de waarschuwingen het beoogde effect?) en de hoedanigheid van de potentiële slachtoffers. Voorbeeld Een aannemer werkt aan de doorgaande weg door een dorp en laat na de opgebroken weg s avonds deugdelijk af te zetten. Hij 5 HR 5 november 1965, NJ 1966, 136 (Kelderluik); HR 26 september 2003, NJ 2003, 660 (Zeeuwse Eilanden/Royal Nederland); HR 7 april 2006, NJ 2006, 244 (Bildtpollen/ Miedema); HR 28 mei 2004, NJ 2005, 105 (Jetblast). 6 In de norm zit dus ingebakken dat niet iedereen overal en altijd even voorzichtig hoeft te zijn. 7 HR 6 november 1981, NJ 1982, 567 (Bloedprik). 9

11 heeft wel een bord geplaatst dat waarschuwt voor de wegwerkzaamheden. Een automobilist ziet de opgebroken weg te laat, geeft een ruk aan het stuur en ramt de pui van het gemeentehuis. De gemeente wil de schade verhalen op de aannemer. Om vast te stellen of de aannemer de verkeers- en veiligheidsnormen geschonden heeft, zijn de Kelderluikcriteria van belang. De aannemer had wel een bord geplaatst, maar hij had er rekening mee moeten houden dat automobilisten dat bord over het hoofd zouden zien. De kans dat er een ongeluk met ernstige gevolgen zou plaatsvinden was reëel aanwezig. Het had weinig moeite gekost een lint te plaatsen of op een andere manier extra te waarschuwen. Gezien die omstandigheden, is het alleszins verdedigbaar dat de aannemer onrechtmatig gehandeld heeft en als ook aan de andere criteria van art. 6:162 BW voldaan is aansprakelijk is voor de schade van de gemeente. Ad 2 Toerekenbaarheid Vervolgens is van belang of de onrechtmatige daad toegerekend kan worden aan de partij die onrechtmatig gehandeld heeft. Dat is het geval wanneer die onrechtmatige daad te wijten is aan de schuld of aan een oorzaak die voor rekening van de veroorzaker komt (art. 6:162 lid 3 BW). 8 Van toerekenbaarheid zal uiteraard eerder sprake zijn bij een vandaal die opzettelijk de ruit van een bushokje vernielt dan bij een kind dat er per ongeluk een bal doorheen trapt. Ten aanzien van kinderen tot 14 jaar geldt zelfs dat een onrechtmatige daad niet kan worden toegerekend (art. 6:164 BW). 9 Zij kunnen dus niet zelf aansprakelijk worden gehouden voor veroorzaakte schade. Aangezien dit onbillijk kan uitpakken voor degene die schade heeft geleden, legt art. 6:169 lid 1 BW een risicoaansprakelijkheid bij de ouders: een doen 10 van een kind tot 14 jaar wordt aan de ouders of 8 Vgl. bijv. art. 6:165 lid 1 BW (een als een doen te beschouwen gedraging van een persoon van 14 jaren of ouder verricht onder invloed van een geestelijke of lichamelijke tekortkoming kan toch worden toegerekend). 9 Dit artikel verhindert niet dat een kind vanaf 12 jaar strafrechtelijk kan worden veroordeeld en dat ook een voegingsvordering (zie daarover hoofdstuk VIII) vanaf die leeftijd kan worden toegewezen. 10 Een doen moet in dit geval worden onderscheiden van een nalaten. Het spannen van een touwtje waardoor iemand struikelt, is een doen, terwijl het niet waarschuwen voor een touwtje dat door een derde is gespannen een nalaten betreft (HR 22 november 1974, NJ 1975, 149 (Heddema/De Coninck)). 10

12 voogd toegerekend, indien dit handelen vanwege art. 6:164 BW niet aan het kind kan worden toegerekend. Kinderen vanaf 16 jaar kunnen uitsluitend zelf aansprakelijk worden gesteld. 14- en 15-jarigen kunnen zelf worden aangesproken wanneer zij onrechtmatig hebben gehandeld. Hun ouders zijn tevens schuldaansprakelijk, tenzij de ouders niet kan worden verweten dat ze het schadeveroorzakend gedrag van het kind niet hebben belet (art. 6:169 lid 2 BW). 11 Vanwege de leeftijd, het ontwikkelingsniveau en het toezicht dat ouders op 14- en 15-jarigen (kunnen) houden, slaagt het beroep van ouders op deze disculpatiegrond in de meeste gevallen. Ad 3 Schade De wet definieert het begrip schade niet. 12 Wel is in art. 6:95 BW in algemeenheid bepaald: De schade die op grond van een wettelijke verplichting tot schadevergoeding moet worden vergoed, bestaat in vermogensschade en ander nadeel, dit laatste voor zover de wet op vergoeding hiervan recht geeft. Met ander nadeel wordt met name immateriële schade bedoeld (art. 6:106 BW). In art. 6:96 BW is niet limitatief 13 bepaald welke posten in ieder geval tot vermogensschade worden gerekend. Op basis van art. 6:96 lid 1 BW wordt zowel geleden verlies als gederfde winst tot vermogensschade gerekend. Op basis van art. 6:96 lid 2 BW komen daarnaast voor vergoeding in aanmerking: a redelijke kosten ter voorkoming of beperking van schade; b redelijke kosten ter vaststelling van de schade en aansprakelijkheid; c redelijke kosten ter verkrijging van voldoening buiten rechte. Aan deze kosten wordt aandacht besteed in hoofdstuk VI. 11 Wetsvoorstel 30519, zoals thans aanhangig bij de Tweede Kamer, beoogt ouders en voogden ook risicoaansprakelijk te maken voor hun kinderen van 14 tot en met 18 jaar. Het kind zal, indien het wetsvoorstel in werking treedt, ook zelf aansprakelijk blijven (Kamerstukken II 2005/2006, 30519, nr. 2 en nr. 3 (MvT)). 12 A.J. Verheij, Onrechtmatige daad, Deventer: Kluwer 2005, p HR 11 juli 2003, NJ 2005, 50 (Bravenboer/Elvia). 11

13 Het bestaan en de omvang van de schade zal door de gemeente uiteraard zoveel mogelijk aangetoond moeten worden met facturen, betalingsbewijzen, urenverantwoordingen en eventueel rapporten van deskundigen (accountant, taxateur). Dat neemt niet weg dat de rechter de vrijheid heeft om de schade te schatten als de omvang daarvan niet nauwkeurig vastgesteld kan worden (art. 6:97 BW). Bijvoorbeeld de gederfde winst als gevolg van een onrechtmatige daad is vaak niet nauwkeurig vast te stellen en daarom zal de rechter met waarschijnlijkheden moeten werken. Ook wanneer een rechter de omvang van de schade schat, moet hij uitgaan van een volledige schadevergoeding. De vaststelling van de schade is niet gebonden aan de gewone regels van stelplicht en bewijslast. De benadeelde dient feiten te stellen en zo nodig te bewijzen waaruit in het algemeen de geleden schade kan worden afgeleid. Indien hij daaraan heeft voldaan, dan kan de rechter in beginsel zonder nader bewijs uitgaan van het bestaan van schade en deze vervolgens, met inachtneming van de aard ervan, door schatting bepalen. 14 Ad 4 Causaal verband Eiser zal moeten aantonen dat de geleden schade is ontstaan als gevolg van de onrechtmatige gedraging. Over het algemeen zal het voor vestiging van aansprakelijkheid voldoende zijn dat er een zogenaamde conditio sine qua non-verband (hierna csqn-verband) bestaat (art. 6:98 BW). Oftewel, er is causaal verband op het moment dat zonder de onrechtmatige gedraging de schade niet was ontstaan. Dat klinkt eenvoudig, maar dat is het niet altijd. Het wordt met name ingewikkeld als er opeenvolgende gebeurtenissen plaatsvinden. 15 Ook als er verschillende daders verantwoordelijk zijn voor de schade is de situatie complex. Stel nu dat de gebroken ruit van het bushokje niet door één, maar door twee vandalen is veroorzaakt. Ze sloegen tegelijkertijd in op de ruit, maar het is niet duidelijk welke vandaal de ruit de genadeklap heeft gegeven. Gaan ze dan allebei vrijuit omdat niet aangetoond kan worden wie de ruit uiteindelijk gebroken heeft? Art. 6:99 BW komt de gemeente tegemoet. Dit artikel bevat een speciale regeling die inhoudt dat beide vandalen hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade 14 HR 28 juni 1991, NJ 1991, A.S. Hartkamp, mr. C. Asser s Handleiding tot de beoefening van het Nederlands burgerlijk recht. 4. Verbintenissenrecht. Deel I. Verbintenissen uit de wet, Deventer: Kluwer 2004, p

14 behoudens tegenbewijs. Wanneer de vandalen het ontbreken van csqnverband niet kunnen aantonen, staat hun aansprakelijkheid vast. 16 Niet alle schade die in een csqn-verband staat met een onrechtmatige gedraging, moet voor rekening van de veroorzaker komen. Wanneer een automobilist de deur van de gemeentelijke parkeergarage kapot rijdt en als gevolg daarvan een andere automobilist de parkeergarage niet direct kan verlaten, daardoor zijn vliegtuig naar Londen mist en een belangrijke deal misloopt, zijn bedrijf failliet gaat en twintig werknemers op straat komen te staan, is het de vraag of de automobilist voor al die schade aansprakelijk is. Voor die situatie is art. 6:98 BW geschreven, de toerekening naar redelijkheid : Voor vergoeding komt slechts in aanmerking schade die in zodanig verband staat met de gebeurtenis waarop de aansprakelijkheid van de schuldenaar berust, dat zij hem, mede gezien de aard van de aansprakelijkheid en van de schade, als een gevolg van deze gebeurtenis kan worden toegerekend. Naast de in art. 6:98 BW genoemde factoren aard van de aansprakelijkheid en aard van de schade zijn ook de verwijtbaarheid van de veroorzaker, de aard van de onrechtmatige gedraging, de strekking van de geschonden norm, de mate waarin de schade verwijderd is van de onrechtmatige gedraging en de voorzienbaarheid relevant. 17 In het voorbeeld zou dat kunnen betekenen dat de veroorzaker van de schade aan de deur wellicht wel de kosten van een nieuw vliegticket aan de andere automobilist moet vergoeden, maar ons inziens zeker niet de kosten als gevolg van het missen van de deal. Causaal verband is soms moeilijk feitelijk aantoonbaar. Vaak is het alleszins aannemelijk dat zoals in het voorbeeld een snijwond is veroorzaakt door een glasscherf van de gebroken ruit van het bushokje, maar is er geen onomstotelijk bewijs en/of wordt het causaal verband betwist. In dat soort gevallen kan de zogenaamde omkeringsregel uitkomst bieden. Deze, in de rechtspraak ontwikkelde, regel luidt: 16 Zie voor meer voorbeelden met betrekking tot het csqn-verband: A.J. Verheij, Onrechtmatige daad, Deventer: Kluwer 2005, p Wanneer er sprake is van risicoaansprakelijkheid lijkt er overigens een ontwikkeling te zijn van een snellere toerekening op basis van art. 6:98 BW (zie HR 25 april 2008, NJ 2008, 262). 13

15 Indien door een als onrechtmatige daad of wanprestatie aan te merken gedraging een risico ter zake van het ontstaan van schade in het leven is geroepen en dit risico zich vervolgens verwezenlijkt, is daarmee in beginsel het causaal verband tussen die gedraging en de aldus ontstane schade gegeven en het is aan degene die op grond van die gedraging wordt aangesproken, om te stellen en te bewijzen dat die schade ook zonder die gedraging zou zijn ontstaan. 18 De omkeringsregel is dus een bijzondere (uit de redelijkheid en billijkheid voortvloeiende) regel waarmee wordt afgeweken van het bewijsrechtelijke uitgangspunt dat degene die stelt moet bewijzen (art. 150 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, hierna Rv). De gedaagde moet dan dus aannemelijk maken dat ook wanneer hij de zorgvuldigheidsnorm niet geschonden had, de schade zou zijn ontstaan. Tenslotte willen wij nog opmerken dat als het tot een procedure komt, de formulering van de vordering cruciaal is voor het uiteindelijke resultaat. De (formulering van de) vordering is namelijk bindend voor de rechter (art. 24 Rv). 19 Ad 5 Relativiteit Het laatste vereiste voor aansprakelijkheid op grond van een onrechtmatige daad is de relativiteit. Uit art. 6:163 BW blijkt dat het daarbij gaat om de vraag of de geschonden norm strekt tot bescherming tegen de schade die in dit geval geleden is. Twee roemruchte arresten met betrekking tot het relativiteitsvereiste zijn van belang: Duwbak Linda uit en het arrest Vie d Or uit Uit deze arresten blijkt welke elementen in het algemeen van belang zijn om na te gaan of aan het relativiteitsvereiste voldaan is. In de kwestie die leidde tot Duwbak Linda had de Scheepvaartinspectie (de Staat) de duwbak Linda gekeurd en een certificaat afgegeven. Desondanks zinkt de duwbak als gevolg van ernstige corrosie van de bodemplaten. Een 18 HR 26 januari 1996, NJ 1996, 607 (Dicky Trading II); meer recent HR 17 december 2004, NJ 2006, 147 (Hertel B.V./Van der Lugt); HR 25 november 2005, RvdW 2005, 132 (Eurosportief 2000/Wesselink). 19 HR 30 mei 2008, RvdW 2008, HR 7 mei 2004, AB 2005, 127 (Duwbak Linda). 21 HR 13 oktober 2006, RvdW 2006, 941 (Vie d Or). 14

16 ander schip, waaraan de duwbak is vastgezet zinkt eveneens en twee andere schepen raken beschadigd. De eigenaar van de schepen vordert schadevergoeding van de Staat. De bevoegdheid van de Staat tot het keuren van schepen is vastgelegd in de Herziene Rijnvaartakte en het Reglement onderzoek schepen op de Rijn. De Hoge Raad analyseert de parlementaire geschiedenis van deze regelingen en stelt vast dat ze bedoeld zijn om de veiligheid van de scheepvaart te bevorderen en niet om een in beginsel onbeperkte groep van derden tegen veelal niet te voorziene vermogensschade te beschermen. In het arrest Vie d Or spraken gedupeerde polishouders van de failliete levensverzekeraar Vie d Or de Verzekeringskamer aan op basis van art. 6:162 BW, omdat de Verzekeringskamer het aan haar toevertrouwde toezicht op basis van de Wet Toezicht Verzekeringsbedrijf onvoldoende uitgevoerd zou hebben. Weer analyseerde de Hoge Raad de parlementaire geschiedenis van de wet. De Hoge Raad stelde ditmaal vast dat de Wet Toezicht Verzekeringsbedrijf wél strekt tot de bescherming van de financiële belangen van de polishouders. Hierbij speelt mee dat anders dan in Duwbak Linda de groep belanghebbenden wel afgebakend kan worden en dat hun schade ook tot op zekere hoogte te voorzien is als deugdelijk toezicht uitblijft. Terug naar de basis: uitgangspunt van art. 6:163 BW is dat een norm in beginsel strekt ter bescherming van allen die als gevolg van schending/ overtreding ervan schade kunnen lijden. Het is dus aan de partij die de norm geschonden heeft, om aan te tonen dat die norm niet strekt tot bescherming tegen de ontstane schade. De (recente) ontwikkelingen in de jurisprudentie laten zien dat het de moeite loont om dit verweer te voeren. Wanneer er sprake is van de eerste onrechtmatigheidsgrond (inbreuk op een recht, zoals bij het spuiten van graffiti op gemeentelijk eigendom), dan strekt de norm doorgaans alleen tot bescherming van de belangen van de rechthebbende, in dit geval de gemeente als eigenaar. De gedraging kan echter ook tegenover anderen onrechtmatig zijn, bijvoorbeeld wanneer de op het gemeentehuis gekalkte tekst een grove beschuldiging aan het adres van één van de ambtenaren inhoudt Vgl. HR 14 maart 1958, NJ 1961, 570 (Duikvlucht). 15

17 Bij de tweede onrechtmatigheidsgrond (strijd met een wettelijke plicht) zal steeds aan de hand van het doel en de strekking van de wettelijke norm bepaald moeten worden tot welke schade en tot welke personen de bescherming zich richt. Vaak zijn daar in de parlementaire geschiedenis wel aanknopingspunten voor te vinden. Wanneer er sprake is van strijd met een wettelijke plicht, hoeft anders dan bij het schenden van een zorgvuldigheidsnorm, zie hierna niet te worden vastgesteld of de dader bedacht behoorde te zijn op de belangen van de benadeelde. Bij de derde onrechtmatigheidsgrond (strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid) is een arrest van 30 september 1994 relevant. 23 In dit arrest is bepaald dat zorgvuldigheidsnormen uitsluitend strekken tot bescherming van belangen van anderen waarop de veroorzaker van de schade bedacht had moeten zijn. De aannemer die de opgebroken weg langs het gemeentehuis zonder afzetlint achterlaat, moet erop bedacht zijn dat niet alleen automobilisten daardoor schade kunnen leiden, maar ook de eigenaren van de panden langs de weg. In dat licht zou geconcludeerd kunnen worden dat aan het relativiteitsvereiste is voldaan: de geschonden zorgvuldigheidsnorm strekt ook ter bescherming van de belangen van de gemeente. Slot De gemeente kan in de gegeven voorbeelden waarschijnlijk zowel de vandaal die het gemeentelijk bushokje beschadigd heeft, als de graffitispuiter, de aannemer en de automobilist die de deur van de parkeergarage beschadigd heeft, met succes aanspreken op basis van art. 6:162 BW. Daarbij is wel van belang dat aannemelijk wordt gemaakt dat aan alle elementen van art. 6:162 BW voldaan is. De gemeente zal uiteen moeten zetten waarom een bepaalde gedraging onrechtmatig is. Daarbij is het verstandig om zo mogelijk meerdere onrechtmatigheidsgronden te noemen: dus niet alleen inbreuk op een recht, maar ook strijd met de maatschappelijke zorgvuldigheid. Met betrekking tot de toerekenbaarheid gaat het om factoren als leeftijd en ervaring, maar ook om de vraag of er opzet in het spel is, of alleen domme pech. Het is raadzaam alle geleden schade zo zorgvuldig mogelijk te inventariseren en met bewijsstukken te onderbouwen. 23 HR 30 september 1994, NJ 1996, 196 (Staat/Shell). 16

18 De gemeente moet minimaal feiten stellen en zo nodig bewijzen waaruit in het algemeen het geleden zijn van schade kan worden afgeleid. Met betrekking tot het causaal verband hoeft in beginsel slechts het csqn-verband aangetoond te worden. Wanneer sprake is van meerdere veroorzakers komt art. 6:99 BW de gemeente tegemoet. Wanneer er sprake is van schending van een specifieke veiligheidsnorm is de zogenaamde omkeringsregel van belang. Met betrekking tot het vereiste van relativiteit geldt dat eiser dit vereiste niet hoeft te bewijzen. Het is aan de veroorzaker van de schade om aan te tonen dat de geschonden norm niet strekt tot bescherming van belangen van gedaagde. Dat neemt niet weg dat ook eiser moet nagaan welke norm geschonden is, en tot bescherming van welke belangen die norm strekt. 17

19 II Verhaal van milieuschade Vooral een ondergrondse zaak? [Door mr. J.J. Jacobse en mr. P. van den Berg] I 18

20 Inleiding Schade veroorzaakt door aantasting van het milieu is aan de orde van de dag. Milieuschade laat zich (deels) vertalen in schade die ingevolge boek 6 van het Burgerlijk Wetboek voor vergoeding in aanmerking komt. Als de gemeente schade lijdt kan zij die in principe langs de gewone civielrechtelijke weg verhalen. In de regel zal de gemeente de veroorzaker aansprakelijk stellen op grond van onrechtmatige daad. In hoofdstuk I is in het algemeen gesproken over verhaal van schade op grond van onrechtmatige daad. In dit hoofdstuk zal aan de hand van een praktijkvoorbeeld worden ingegaan op de bijzondere aspecten van verhaal van milieuschade. In dat kader zal allereerst aandacht worden besteed aan een aantal bijzondere aspecten van de onrechtmatige daad in geval van milieuschade. Vervolgens zal de Wet bodembescherming apart worden behandeld, aangezien in deze wet specifieke regels zijn opgenomen voor verhaal van (bodem-)schade. Tenslotte zal het Besluit financiële zekerheid milieubeheer, dat zowel in het kader van preventie als bij wijze van vangnet een rol speelt, aan de orde komen. Voorbeeld Een gemeente is eigenaresse van grond die naast een tankstation is gelegen. De grond onder het tankstation is ernstig verontreinigd en door de stroming van het grondwater worden ook openbare gronden ernstig verontreinigd. Onrechtmatig handelen Onder een onrechtmatige daad wordt verstaan (art. 6:162 lid 2 BW): een inbreuk op een recht en een doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt. Voor gevallen van bodemverontreiniging is deze norm gemakkelijk toepasbaar. De bodem wordt altijd vermoed in eigendom van de gemeente te zijn, indien die grond openbaar is en door de gemeente wordt onderhouden (art. 5:28 lid 1 BW). Het hiervoor genoemde voorbeeld kan aldus worden aangemerkt als een inbreuk op het eigendomsrecht van de gemeente. Bij andere verontreinigingen, zoals verontreiniging van lucht en water, ligt dat wat lastiger, aangezien lucht en water in een natuurlijke toestand geen zaken zijn die vatbaar zijn voor menselijke beheersing zoals bedoeld in art. 3:2 BW. Verontreiniging van lucht en water in natuurlijke toestand zal om deze reden niet direct een inbreuk op een 19

21 eigendomsrecht opleveren, maar kan wel een inbreuk op een subjectief recht opleveren, zoals de aantasting van de lak van auto s van de gemeentelijke buitendienst door luchtverontreiniging. Het verontreinigen van gemeentegronden is ook in strijd met een wettelijke plicht, de tweede grond voor onrechtmatigheid. Gedragingen waardoor het milieu worden aangetast zullen over het algemeen in strijd met een geschreven norm zoals een van de talrijke algemeen verbindende regelingen of vergunningvoorschriften zijn. Andere/bijzondere regelingen in het BW In het Burgerlijk Wetboek is een specifieke regeling opgenomen met een (risico-) aansprakelijkheid voor gevaarlijke stoffen en verontreiniging van lucht, water en bodem (artt. 6:175 tot en met 6:178 BW). Met name het algemene artikel over gevaarlijke stoffen (art. 6:175 BW) is van belang voor de praktijk. Daarin wordt geregeld dat degene die in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf een stof gebruikt of onder zich heeft, terwijl van deze stof bekend is dat zij zodanige eigenschappen heeft dat zij een bijzonder gevaar van ernstige aard voor personen of zaken oplevert, aansprakelijk is wanneer dit gevaar zich verwezenlijkt. Het betreffende artikel beoogt de verantwoordelijkheid te leggen bij de professionele gebruiker of bewaarder van een gevaarlijke stof. Voldoende voor aansprakelijkheid is bekendheid met het bijzondere gevaar van die stof in de kring van hen die in het maatschappelijk verkeer met de betreffende stof te maken hebben. De leidingbeheerder draagt een bijzondere verantwoordelijkheid (zie lid 3). Naast de bijzondere regeling wordt in de praktijk ook gebruik gemaakt van de artt. 6:173 en 6:174 BW om milieuschade te verhalen. In art. 6:173 BW gaat het om een risicoaansprakelijkheid die rust op de bezitter van een gebrekkige roerende zaak. Art. 6:174 BW vestigt een risicoaansprakelijkheid voor de bezitter van een opstal. In beide hiervoor genoemde artikelen is disculpatie niet mogelijk. Bij de risicoaansprakelijkheid voor een gebrekkige roerende zaak moet het gaan om een roerende zaak waarvan bekend is dat zij, zo zij niet voldoet aan de eisen die men in de gegeven omstandigheden aan de zaak mag stellen, een bijzonder gevaar voor personen of zaken oplevert. De bezitter is niet aansprakelijk indien de aansprakelijkheid zou hebben 20

Asbestbrand en recht. L.E.M. Hendriks Advocatenkantoor Wyck Maastricht www.wyck-advocaten.nl

Asbestbrand en recht. L.E.M. Hendriks Advocatenkantoor Wyck Maastricht www.wyck-advocaten.nl Asbestbrand en recht L.E.M. Hendriks Advocatenkantoor Wyck Maastricht www.wyck-advocaten.nl Asbest en regelgeving Veel ingewikkelde wetgeving Zal strenger worden: asbest is gevaarlijk(er) Rapport Gezondheidsraad

Nadere informatie

Bevelsbeleid Wet bodembescherming gemeente Leeuwarden 2014

Bevelsbeleid Wet bodembescherming gemeente Leeuwarden 2014 Bevelsbeleid Wet bodembescherming gemeente Leeuwarden 2014 1. BEVELSBELEID WET BODEMBESCHERMING 1.1 INLEIDING Per 1 januari 2003 is de gemeente Leeuwarden bevoegd gezag in het kader van de Wet bodembescherming

Nadere informatie

13-05- 14. Programma van vandaag. Aansprakelijkheid van (brede) scholen

13-05- 14. Programma van vandaag. Aansprakelijkheid van (brede) scholen 13 mei 2014 Netwerk sport bewegen en gezonde leefstijl Brechtje Paijmans Doelen Advocatuur & Universiteit Utrecht paijmans@doelenadvocatuur.nl Programma van vandaag ongevallen Aspecten van verzekering

Nadere informatie

NOTITIE. Team Bodem en Water Team Handhaving Oost Team Handhaving West Team Juridische Zaken en Beleid GYz MTe. Ongewone voorvallen Wbb

NOTITIE. Team Bodem en Water Team Handhaving Oost Team Handhaving West Team Juridische Zaken en Beleid GYz MTe. Ongewone voorvallen Wbb NOTITIE aan kopie aan opsteller Team Bodem en Water Team Handhaving Oost Team Handhaving West Team Juridische Zaken en Beleid GYz MTe telefoon datum 13 augustus 2008 kenmerk doc.ref onderwerp aantal pag.

Nadere informatie

Aansprakelijkheid van toezichthouders wegens inadequaat handhavingstoezicht

Aansprakelijkheid van toezichthouders wegens inadequaat handhavingstoezicht Aansprakelijkheid van toezichthouders wegens inadequaat handhavingstoezicht VIDE Jaarcongres 15 juni 2012 A.J. (Lian) van Poortvliet aj.vanpoortvliet@pelsrijcken.nl June 17, 2012 Programma Juridisch kader

Nadere informatie

Nieuwsbrief artikel 55ab Wet bodembescherming (Wbb): Aan de slag met de aanpak van de spoedlocaties

Nieuwsbrief artikel 55ab Wet bodembescherming (Wbb): Aan de slag met de aanpak van de spoedlocaties Nieuwsbrief artikel 55ab Wet bodembescherming (Wbb): Aan de slag met de aanpak van de spoedlocaties Beste collega s, De Wet bodembescherming is per 1 februari ondermeer gewijzigd om belemmeringen voor

Nadere informatie

Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling

Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling Stellen en bewijzen in procedures over verplichtstelling 9 september 2015 Alex Ter Horst Advocaat pensioenrecht Achtergrond Indien verplichtstelling van toepassing is leidt dat voor wg en bpf tot allerlei

Nadere informatie

Aansprakelijkheid in het algemeen en meer specifiek aansprakelijkheid van de wegbeheerder.

Aansprakelijkheid in het algemeen en meer specifiek aansprakelijkheid van de wegbeheerder. Aansprakelijkheid in het algemeen en meer specifiek aansprakelijkheid van de wegbeheerder. ANWB en verkeersslachtoffers Naast de inzet voor meer verkeersveiligheid is de ANWB ook betrokken bij de afwikkeling

Nadere informatie

Aansprakelijkheid van ondernemers. 19 juni 2014. Over Juridiq. * eerstelijns juridisch adviesbureau voor ondernemers

Aansprakelijkheid van ondernemers. 19 juni 2014. Over Juridiq. * eerstelijns juridisch adviesbureau voor ondernemers Aansprakelijkheid van ondernemers 19 juni 2014 1 Over Juridiq * eerstelijns juridisch adviesbureau voor ondernemers * eerstelijn: voor alle vragen en problemen * specialisaties in Juridiq Netwerk * andere

Nadere informatie

B35 Schadevergoeding: algemeen, deel 2

B35 Schadevergoeding: algemeen, deel 2 Monografieen BW B35 Schadevergoeding: algemeen, deel 2 Prof. mr. C.J.M. Klaassen Kluwer - Deventer - 2007 Inhoud VOORWOORD XI LUST VAN AFKORTINGEN XIII LUST VAN VERKORT AANGEHAALDE LITERATUUR XV I INLEIDING

Nadere informatie

Woningeigenaar en overlast. artikel 6:162 BW

Woningeigenaar en overlast. artikel 6:162 BW Woningeigenaar en overlast artikel 6:162 BW lid 1 Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt, te

Nadere informatie

Burgerlijk Wetboek boek 7 titel 12. Aanneming van werk. Afdeling 1. Aanneming van werk in het algemeen

Burgerlijk Wetboek boek 7 titel 12. Aanneming van werk. Afdeling 1. Aanneming van werk in het algemeen Burgerlijk Wetboek boek 7 titel 12. Aanneming van werk Afdeling 1. Aanneming van werk in het algemeen Artikel 750 1. Aanneming van werk is de overeenkomst waarbij de ene partij, de aannemer, zich jegens

Nadere informatie

Subsidie voor bodemsanering bedrijfsterreinen

Subsidie voor bodemsanering bedrijfsterreinen Subsidie voor bodemsanering bedrijfsterreinen In 2006 is de nieuwe subsidieregeling ten behoeve van bodemsaneringen op bedrijfsterreinen in werking getreden. De regeling vloeit voort uit de in 2001 gemaakte

Nadere informatie

Welke kwaliteit past bij bepaalde risico s bij gebruik van die data? - wanneer ben ik aansprakelijk? prof.mr.dr.ir. J.A.

Welke kwaliteit past bij bepaalde risico s bij gebruik van die data? - wanneer ben ik aansprakelijk? prof.mr.dr.ir. J.A. Welke kwaliteit past bij bepaalde risico s bij gebruik van die data? - wanneer ben ik aansprakelijk? prof.mr.dr.ir. J.A. Zevenbergen Welke kwaliteit past bij bepaalde risico s bij gebruik van die data?

Nadere informatie

Een rechtseconomische analyse van het Nederlandse onrechtmatigedaadsrecht. Louis Visscher

Een rechtseconomische analyse van het Nederlandse onrechtmatigedaadsrecht. Louis Visscher Een rechtseconomische analyse van het Nederlandse onrechtmatigedaadsrecht Louis Visscher Boom Juridische uitgevers Den Haag 2006 Inhoudsopgave 1 Inleiding 1.1 Communicerende vaten 1 1.2 De rechtseconomische

Nadere informatie

Honderbezitter aansprakelijk voor schade aangericht door hond aan hondenuitlaatster

Honderbezitter aansprakelijk voor schade aangericht door hond aan hondenuitlaatster Honderbezitter aansprakelijk voor schade aangericht door hond aan hondenuitlaatster LJN: BW9368, Rechtbank Amsterdam, 6 juni 2012 2. De feiten 2.1. [A] en [B] wonen tegenover elkaar in [plaats]. [C] woont

Nadere informatie

Belangenorganisatie voor Appartementseigenaren. Uw partner in gestapeld wonen!

Belangenorganisatie voor Appartementseigenaren. Uw partner in gestapeld wonen! Belangenorganisatie voor Appartementseigenaren Uw partner in gestapeld wonen! Verantwoord gebouw onderhoud aansprakelijkheid VvE door mr. K.J. Schuurs Juridische Dienst, VvE Belang Inhoud Aansprakelijkheid

Nadere informatie

KLACHTPLICHT BIJ NON-CONFORMITEIT

KLACHTPLICHT BIJ NON-CONFORMITEIT KLACHTPLICHT BIJ NON-CONFORMITEIT Bij de aankoop van een woning blijkt achteraf nogal eens dat iets anders geleverd is dan op grond van de koopovereenkomst mocht worden verwacht. Er kan bijvoorbeeld sprake

Nadere informatie

Aansprakelijkheid op het ijs

Aansprakelijkheid op het ijs Aansprakelijkheid op het ijs KNSB verenigingsdag voor bestuurders 3 november 2007 Bart Bendel Wouter Vermaas Inhoud workshop Aansprakelijkheid van: Schaatsers Verenigingen Trainers Aansprakelijkheid van

Nadere informatie

Overheid betaalt mee aan verplichte bodemsanering

Overheid betaalt mee aan verplichte bodemsanering Overheid betaalt mee aan verplichte bodemsanering Informatieblad voor bedrijven In juni 2001 hebben overheid en bedrijfsleven afspraken gemaakt over een nieuwe regeling voor bodemsaneringen op bedrijfsterreinen.

Nadere informatie

VNG Juridische 2-daagse

VNG Juridische 2-daagse VNG Juridische 2-daagse Succesvol kostenverhaal door gemeenten Dr. G.A. van der Veen AKD (Rotterdam) 11 oktober 2011 Inleiding 1. Introductie 2. Zorg voor een goede grondslag voor kostenverhaal voorbeeld

Nadere informatie

Factsheet De aansprakelijkheid van de arts

Factsheet De aansprakelijkheid van de arts Factsheet De aansprakelijkheid van de arts Algemeen Als u vermoedt dat een beroepsbeoefenaar uw rechten heeft geschonden, kunt u hem of de zorginstelling waarbinnen hij werkt aansprakelijk stellen. Volgens

Nadere informatie

Wijziging van de regeling van de bevrijdende verjaring in het Burgerlijk Wetboek in geval van schade veroorzaakt door strafbare feiten

Wijziging van de regeling van de bevrijdende verjaring in het Burgerlijk Wetboek in geval van schade veroorzaakt door strafbare feiten Wijziging van de regeling van de bevrijdende verjaring in het Burgerlijk Wetboek in geval van schade veroorzaakt door strafbare feiten VOORSTEL VAN WET Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden,

Nadere informatie

De verhouding tussen artikel 7:204 e.v. BW en artikel 6:174 BW

De verhouding tussen artikel 7:204 e.v. BW en artikel 6:174 BW HIP 2014(7) 210 Art. - De verhouding tussen artikel 7:204 e.v. BW en artikel 6:174 BW Publicatie Tijdschrift Huurrecht in Praktijk Aflevering 6 afl. 7 Publicatiedatum 28 november 2014 Auteurs Scheeper,

Nadere informatie

Jurisprudentie Ondernemingsrecht

Jurisprudentie Ondernemingsrecht Jurisprudentie Ondernemingsrecht 3 februari 2015 Mr. P.J. Peters 1 HR 23 mei 2014, JOR 2014, 229 Kok/Maas q.q. Bestuurdersaansprakelijkheid/selectieve betaling Casus P. Kok ( Kok ) 100% bestuurder Kok

Nadere informatie

Juridische aspecten van de behandeling van beroepsziektezaken. mr Veneta Oskam en Derk-Jan van der Kolk NIS, 16 mei 2013

Juridische aspecten van de behandeling van beroepsziektezaken. mr Veneta Oskam en Derk-Jan van der Kolk NIS, 16 mei 2013 Juridische aspecten van de behandeling van beroepsziektezaken mr Veneta Oskam en Derk-Jan van der Kolk NIS, 16 mei 2013 Agenda Inleiding Bewijs Causaliteit Praktische aanpak Deskundigen Zorgplicht werkgever

Nadere informatie

Bomen & Buren. Jilles van Zinderen. www.bomenrecht.nl

Bomen & Buren. Jilles van Zinderen. www.bomenrecht.nl Bomen & Buren Jilles van Zinderen www.bomenrecht.nl Bomen & Buren Burenrecht Onrechtmatige daad (schade en aansprakelijkheid) Burenrecht Boek 5, Titel 4 Burgerlijk Wetboek Bevoegdheden en verplichtingen

Nadere informatie

Bomen & Buren. Jilles van Zinderen. www.bomenrecht.nl

Bomen & Buren. Jilles van Zinderen. www.bomenrecht.nl Bomen & Buren Jilles van Zinderen www.bomenrecht.nl Bomen & Buren Bomen & Buren Bomen & Buren Burenrecht Onrechtmatige daad (schade en aansprakelijkheid) Burenrecht Boek 5, Titel 4 Burgerlijk Wetboek Bevoegdheden

Nadere informatie

Algemene voorwaarden van:

Algemene voorwaarden van: Algemene voorwaarden van: Köhlen Consulting Bouwkundig Advies Glacisweg 34 F 6212 BP Maastricht Artikel 1 Werkingssfeer 1. Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op alle offertes en overeenkomsten

Nadere informatie

A L G E M E N E V O O R W A A R D E N S C H E E P V A A R T B E D R I J F V E R S L U I S

A L G E M E N E V O O R W A A R D E N S C H E E P V A A R T B E D R I J F V E R S L U I S A L G E M E N E V O O R W A A R D E N S C H E E P V A A R T B E D R I J F V E R S L U I S ARTIKEL 1. DEFINITIES 1. Versluis: Scheepvaartbedrijf Versluis; de gebruiker van deze algemene voorwaarden, gevestigd

Nadere informatie

Aansprakelijkheid van scholen

Aansprakelijkheid van scholen 18 april 2013 NVOR Brechtje Paijmans Doelen Advocatuur & Universiteit Utrecht paijmans@doelenadvocatuur.nl Programma van vandaag Kwaliteit van het onderwijs Aansprakelijkheid (en) Twee verschillende rechtsverhoudingen

Nadere informatie

Kluwer Online Research Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid

Kluwer Online Research Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid Auteur: Mr. T.L.C.W. Noordoven[1] Hoge Raad 23 maart 2012, JAR 2012/110 1.Inleiding Maakt het vanuit het oogpunt

Nadere informatie

JURISPRUDENTIE AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT

JURISPRUDENTIE AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT JURISPRUDENTIE AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT samengesteld door mr. F. Stadermann, mr. W.A. Luiten, mr. M. Keijzer-de Korver en mr. A. Koopman derde, geheel herziene druk Inhoudsopgave DEEL I: AANSPRAKELIJKHEIDSRECHT

Nadere informatie

mr. Jilles van Zinderen

mr. Jilles van Zinderen mr. Jilles van Zinderen Advocaat bij Broekman Advocaten, Laren; Focus op bomen en wet; Schade, aansprakelijkheid, eigendom, burengeschillen, Wabo, Boswet, FFW; Webmaster Bomenrecht.nl; Twitter @bomenrecht,

Nadere informatie

Beleidsregels bestuurlijke boete Participatiewet Rotterdam 2015

Beleidsregels bestuurlijke boete Participatiewet Rotterdam 2015 Beleidsregels bestuurlijke boete Participatiewet Rotterdam 2015 De directeur van het cluster Werk en Inkomen, Gelezen het voorstel van 23 januari 2015; gelet op artikel 18a van de Participatiewet; besluit:

Nadere informatie

Rapport. Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014. Rapportnummer: 2014/010

Rapport. Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014. Rapportnummer: 2014/010 Rapport Rapport over een klacht over het College van procureurs-generaal te Den Haag. Datum: 25 februari 2014 Rapportnummer: 2014/010 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat het College van procureurs-generaal

Nadere informatie

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders. Monika Chao-Duivis Directeur IBR/hoogleraar bouwrecht TU Delft

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders. Monika Chao-Duivis Directeur IBR/hoogleraar bouwrecht TU Delft Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Monika Chao-Duivis Directeur IBR/hoogleraar bouwrecht TU Delft Vragen Hoe zit het met de privaatrechtelijke aansprakelijkheid

Nadere informatie

KWADE TROUW VAN DE BELASTINGADVISEUR IN DE ZIN VAN ARTIKEL 16 AWR

KWADE TROUW VAN DE BELASTINGADVISEUR IN DE ZIN VAN ARTIKEL 16 AWR KWADE TROUW VAN DE BELASTINGADVISEUR IN DE ZIN VAN ARTIKEL 16 AWR Inleiding In artikel 16 AWR is bepaald dat een feit dat de inspecteur bekend was of redelijke wijs bekend had kunnen zijn geen grond voor

Nadere informatie

13 Arbeidsongevallen en beroepsziekten

13 Arbeidsongevallen en beroepsziekten Monografieën Privaatrecht 13 Arbeidsongevallen en beroepsziekten S.D. Lindenbergh Tweede druk ï Kluwer a Wolters Kluwer business Kluwer- Deventer - 2009 INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 Inleiding /1 1 Het thema

Nadere informatie

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Juridisch kader Op basis van de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet is het verboden een middel als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst I en lijst II, dan wel

Nadere informatie

Nijmegen, 9 maart 2010 Betreft: aanvullend advies inzake erfdienstbaarheid Maliskamp

Nijmegen, 9 maart 2010 Betreft: aanvullend advies inzake erfdienstbaarheid Maliskamp Mr. P.H.A.M. Peters Hoff van Hollantlaan 5 Postbus 230 5240 AE Rosmalen Nijmegen, 9 maart 2010 Betreft: aanvullend advies inzake erfdienstbaarheid Maliskamp Geachte heer Peters, Bij brief van 12 november

Nadere informatie

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau enz. enz. enz.

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau enz. enz. enz. Wijziging van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, in verband met de omzetting van Richtlijn 2014/104/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 november

Nadere informatie

Bewerkersovereenkomst

Bewerkersovereenkomst Dit is een voorbeeld van een Bewerkersovereenkomst zoals gegenereerd met de Bewerkersovereenkomst generator van ICTRecht: https://ictrecht.nl/diensten/juridische-generatoren/bewerkersovereenkomstgenerator/

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Uit de stukken is, voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, het navolgende gebleken.

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN. Uit de stukken is, voor zover voor de beoordeling van de klacht van belang, het navolgende gebleken. RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2005.0156 (004.05) ingediend door: hierna te noemen 'klager', tegen: hierna te noemen 'verzekeraar'. De Raad van Toezicht Verzekeringen

Nadere informatie

Themabijeenkomst Cumela mr. L. Knoups. 14 februari 2013

Themabijeenkomst Cumela mr. L. Knoups. 14 februari 2013 Themabijeenkomst Cumela mr. L. Knoups 14 februari 2013 Programma - Do s & dont s van de inschrijving - Actualiteiten aanbestedingsrecht 2 Do s & Dont s van de inschrijving 3 Aankondiging Onduidelijkheden

Nadere informatie

Beleidsregels Boete Participatiewet/Bbz, IOAW en IOAZ Sociale Dienst Oost Achterhoek 2015 en volgende jaren.

Beleidsregels Boete Participatiewet/Bbz, IOAW en IOAZ Sociale Dienst Oost Achterhoek 2015 en volgende jaren. Beleidsregels Boete Participatiewet/Bbz, IOAW en IOAZ Sociale Dienst Oost Achterhoek 2015 en volgende jaren. Artikel 1. Gebruikmaking van de wettelijke bevoegdheid. 1. Het college maakt gebruik van de

Nadere informatie

Deze toelichting op de meldingenprocedure bestaat uit twee delen:

Deze toelichting op de meldingenprocedure bestaat uit twee delen: Toelichting op meldingsprocedure en meldingsformulier Wbb Deze toelichting op de meldingenprocedure bestaat uit twee delen: A B Algemene informatie over de Meldingprocedure bodemsanering; Een toelichting

Nadere informatie

Beleidsregels WWB/IOAW/IOAZschriftelijke. verminderde verwijtbaarheid gemeente Tholen 2013

Beleidsregels WWB/IOAW/IOAZschriftelijke. verminderde verwijtbaarheid gemeente Tholen 2013 Beleidsregels WWB/IOAW/IOAZschriftelijke waarschuwing en verminderde verwijtbaarheid gemeente Tholen 2013 Burgemeester en wethouders van de gemeente Tholen; Gelet op artikel 18a van de Wet werk en bijstand

Nadere informatie

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders

Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Privaatrechtelijke aansprakelijkheid kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Voordracht 9 juni 2015, Minisymposium Juridische gevolgen voor kwaliteitsborgers en instrumentbeheerders Monika Chao-Duivis

Nadere informatie

Schoonderbeek en Partners Advies BV Postbus 374 6710 BJ Ede Trefwoorden: Gezondheidszorgfunctie, (sub)brandcompartimentering Datum: 7 oktober 2010

Schoonderbeek en Partners Advies BV Postbus 374 6710 BJ Ede Trefwoorden: Gezondheidszorgfunctie, (sub)brandcompartimentering Datum: 7 oktober 2010 AANVRAAG Registratienummer: Betreft: Eisen bestaand gezondheidszorggebouw Aanvrager: ir. C.A.E. (Kees) Rijk Schoonderbeek en Partners Advies BV Postbus 374 6710 BJ Ede Trefwoorden: Gezondheidszorgfunctie,

Nadere informatie

Komt een wijkteammedewerker bij de burger en hij maakt en fout

Komt een wijkteammedewerker bij de burger en hij maakt en fout 1. Inleiding Komt een wijkteammedewerker bij de burger en hij maakt en fout Over aansprakelijkheden en schadevergoeding bij wijkteams Tim Robbe 1 Een wijkteammedewerker komt bij een burger. Vervolgens

Nadere informatie

RISICO-AANSPRAKELIJKHEDEN BIJ PAARDEN. I. Risico-aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door dieren

RISICO-AANSPRAKELIJKHEDEN BIJ PAARDEN. I. Risico-aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door dieren RISICO-AANSPRAKELIJKHEDEN BIJ PAARDEN I. Risico-aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door dieren In de Nederlandse wet is een aantal risico-aansprakelijkheden opgenomen, waaronder voor dieren. De

Nadere informatie

Algemene voorwaarden Reteracontrols Schout Wernertslaan 11 5673RL Nuenen Versie geldig vanaf: 15 april 2010. Artikel 1 Definities en toepasselijkheid

Algemene voorwaarden Reteracontrols Schout Wernertslaan 11 5673RL Nuenen Versie geldig vanaf: 15 april 2010. Artikel 1 Definities en toepasselijkheid Schout Wernertslaan 11 5673RL Nuenen Versie geldig vanaf: 15 april 2010 Artikel 1 Definities en toepasselijkheid 1.1 Reteracontrols: de eenmanszaak Reteracontrols. Statutair gevestigd te Nuenen en ingeschreven

Nadere informatie

Artikel 185 WW. Spoorboekje

Artikel 185 WW. Spoorboekje Artikel 185 WW Spoorboekje Wanneer is art. 185 WVW van toepassing? Er moet aan een aantal voorwaarden zijn voldaan wil art. 185 WVW van toepassing zijn. Allereerst zal er sprake moeten zijn van een ongeval

Nadere informatie

Privaatrechtelijk kostenverhaal door de wegbeheerder

Privaatrechtelijk kostenverhaal door de wegbeheerder Privaatrechtelijk kostenverhaal door de wegbeheerder De Hoge Raad schept duidelijkheid over verhaal van kosten voor opruimwerkzaamheden na een ongeval Hoge Raad van 12 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3594

Nadere informatie

4 Bevelsinstrumentarium en beleidregels

4 Bevelsinstrumentarium en beleidregels 4 Bevelsinstrumentarium en beleidregels 4.1 Kader In 1995 zijn alle regels voor bodem opgenomen in de Wet bodembescherming. Het uitvoeren van bodemonderzoek en ten laste van de overheid is vanaf dat moment

Nadere informatie

Noot bij ktr. Utrecht 16 september 2008, BF0857

Noot bij ktr. Utrecht 16 september 2008, BF0857 Rotterdam Institute of Private Law Accepted Paper Series Noot bij ktr. Utrecht 16 september 2008, BF0857 Z.H. Duijnstee-van Imhoff Published in WR 2009/109, p. 388-390. 1 Noot bij ktr. Utrecht 16 september

Nadere informatie

Eiseres zal hierna [A] genoemd worden. Gedaagden zullen hierna ieder afzonderlijk [B] en [C], alsmede gezamenlijk [B] c.s. genoemd worden.

Eiseres zal hierna [A] genoemd worden. Gedaagden zullen hierna ieder afzonderlijk [B] en [C], alsmede gezamenlijk [B] c.s. genoemd worden. Rechtbank Amsterdam, 06 juni 2012; de hondenbezitter is aansprakelijk voor de letselschade van een vrouw die tijdens het uitlaten van de hond ten valt komt doordat de hond plotseling hard aan de lijn trok.

Nadere informatie

Advies over juridische consequenties verlenging/overschrijding vastgelegde normtijden voor opkomst van de brandweer

Advies over juridische consequenties verlenging/overschrijding vastgelegde normtijden voor opkomst van de brandweer Advies over juridische consequenties verlenging/overschrijding vastgelegde normtijden voor opkomst van de brandweer 14 februari 2011 A.M. Hol, Universiteit Utrecht 1 Vraagstelling: Heeft overschrijding

Nadere informatie

Voorrang hebben versus overschrijding van de maximumsnelheid

Voorrang hebben versus overschrijding van de maximumsnelheid Voorrang hebben versus overschrijding van de maximumsnelheid Mr. Bert Kabel (1) Inleiding In het hedendaagse verkeer komt het regelmatig voor dat verkeersdeelnemers elkaar geen voorrang verlenen. Gelukkig

Nadere informatie

» Samenvatting. » Uitspraak

» Samenvatting. » Uitspraak JA 2007/129 Rechtbank 's-hertogenbosch 14 februari 2007, 42982/HA ZA 06-1098; LJN BA1541. ( Mr. Brouwer ) 1. [Eiser sub 1], 2. [eiser sub 2], gezamenlijk handelend als wettelijke vertegenwoordigers van

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN BUSKOOP SCHILDERS B.V.

ALGEMENE VOORWAARDEN BUSKOOP SCHILDERS B.V. ALGEMENE VOORWAARDEN BUSKOOP SCHILDERS B.V. Artikel 1: Algemeen 1.1 Deze voorwaarden zijn van toepassing op en vormen één geheel met alle door Buskoop te sluiten overeenkomsten. 1.2 In deze algemene voorwaarden

Nadere informatie

Niet-nakoming van overeenkomsten: toerekenbaar tekortschieten (wanprestatie)

Niet-nakoming van overeenkomsten: toerekenbaar tekortschieten (wanprestatie) pag.: 1 van 5 Niet-nakoming van overeenkomsten: toerekenbaar tekortschieten (wanprestatie) Tekortschieten in het nakomen van een overeenkomst betekent dat diegene die moet presteren dat helemaal niet doet,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1999 2000 26 824 Wijziging van de regeling van de bevrijdende verjaring in het Burgerlijk Wetboek voor gevallen van verborgen schade door letsel of overlijden

Nadere informatie

Den Haag, 17 mei 2000

Den Haag, 17 mei 2000 Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 17 mei 2000 Hierbij leg ik aan uw Kamer over, conform artikel 10a, lid 6 van de Welzijnswet 1994, de tekst van de algemene maatregel

Nadere informatie

Turbo-liquidatie en de bestuurder

Turbo-liquidatie en de bestuurder Turbo-liquidatie en de bestuurder Juni 2012 mr J. Brouwer De auteur heeft grote zorgvuldigheid betracht in het weergeven van delen uit het geldende recht. Evenwel is noch de auteur noch Boers Advocaten

Nadere informatie

Ongelijkheidscompensatie bij stelplicht en bewijslast in het civiele arbeidsrecht en het ambtenarenrecht

Ongelijkheidscompensatie bij stelplicht en bewijslast in het civiele arbeidsrecht en het ambtenarenrecht Ongelijkheidscompensatie bij stelplicht en bewijslast in het civiele arbeidsrecht en het ambtenarenrecht Naar een eenvormig stelsel? Mr.H.JW.AÜ Kluwer - Deventer - 2009 Lijst van gebruikte afkortingen

Nadere informatie

De eigendomskwestie KNAW. 9 januari 2014. Dr. mr. H. van Meerten (disclaimer: standpunten komen voor rekening van de auteur)

De eigendomskwestie KNAW. 9 januari 2014. Dr. mr. H. van Meerten (disclaimer: standpunten komen voor rekening van de auteur) De eigendomskwestie Dr. mr. H. van Meerten (disclaimer: standpunten komen voor rekening van de auteur) 9 januari 2014 KNAW Prof. Schoordijk, NJB 2010, 2049 Enige jaren geleden betoogde ik dat de privatisering

Nadere informatie

Beleidsnota: Verwijdering van inboedels bij (huis)uitzettingen

Beleidsnota: Verwijdering van inboedels bij (huis)uitzettingen Beleidsnota: Verwijdering van inboedels bij (huis)uitzettingen Gemeente Waalre Afdeling Publiekszaken Team handhaving 2009 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3. 2. Situatie zonder beleid 4. 3. Beleid 5. 3.1 Uitspraak

Nadere informatie

AANWIJZING VOOR DE PRAKTIJK 1 HET VORDEREN VAN BILLIJKE GENOEGDOENING

AANWIJZING VOOR DE PRAKTIJK 1 HET VORDEREN VAN BILLIJKE GENOEGDOENING AANWIJZING VOOR DE PRAKTIJK 1 HET VORDEREN VAN BILLIJKE GENOEGDOENING I. Introductie 1. De toekenning van billijke genoegdoening is geen automatisch gevolg van de vaststelling door het Europees Hof voor

Nadere informatie

Proportionele aansprakelijkheid. Prof.mr. E. Bauw Universiteit Utrecht

Proportionele aansprakelijkheid. Prof.mr. E. Bauw Universiteit Utrecht Proportionele aansprakelijkheid Prof.mr. E. Bauw Universiteit Utrecht Opbouw 1. Het vereiste van causaal verband 2. Bewijs van causaal verband 3. Remedies bij onzeker causaal verband 4. Proportionele aansprakelijkheid

Nadere informatie

Schadevergoeding na discriminatie

Schadevergoeding na discriminatie 2014 Schadevergoeding na discriminatie Ieder1Gelijk Arend Noorduijnstraat 15 6512 BK Nijmegen Opdrachtgever: Ieder1Gelijk Praktijkbegeleider: dhr. drs. R. Sluijs Docentbegeleider: mw. mr. L. Russo Tweede

Nadere informatie

EXECUTIE EN VERREKENING

EXECUTIE EN VERREKENING EXECUTIE EN VERREKENING Geregeld komt het in familiezaken voor dat in het dictum van de uitspraak niet het bedrag wordt genoemd dat de één aan de ander verschuldigd is. Vaak gebeurt dit in verdelingszaken

Nadere informatie

MEINDERT OOSTERHOF, in zijn hoedanigheid van gerechtsdeurwaarder, kantoorhoudende te Drachten,

MEINDERT OOSTERHOF, in zijn hoedanigheid van gerechtsdeurwaarder, kantoorhoudende te Drachten, Vonnis RECHTBANK LEEUWARDEN Sector kanton Locatie Heerenveen zaak-/rolnummer: 371218 CV EXPL i 1-5231 vonnis van de kantonrechter d.d. 14 maart 2012 inzake X wonende te eiser. procederende met toevoeging.

Nadere informatie

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet

Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Sluitingsbeleid ex artikel 13b Opiumwet Juridisch kader Op basis van de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet is het verboden een middel als bedoeld in de bij deze wet behorende lijst I en II, dan wel aangewezen

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden voor Interim Management en Advies Diensten van Direttore B.V.

Algemene Voorwaarden voor Interim Management en Advies Diensten van Direttore B.V. Algemene Voorwaarden voor Interim Management en Advies Diensten van Direttore B.V. 1. Algemeen 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op alle aanbiedingen en overeenkomsten van Direttore B.V.

Nadere informatie

mr. P.C. Cup mr.ing. C.R. van den Berg Kamer D0353 Directoraat-Generaal Milieu Interne postcode 880 Directie Strategie en Bestuur

mr. P.C. Cup mr.ing. C.R. van den Berg Kamer D0353 Directoraat-Generaal Milieu Interne postcode 880 Directie Strategie en Bestuur Gemeenschappelijke Dienst Directie Juridische Zaken AJBZ mr. P.C. Cup mr.ing. C.R. van den Berg Kamer D0353 Directoraat-Generaal Milieu Interne postcode 880 Directie Strategie en Bestuur Telefoon 070 339

Nadere informatie

Edèlhoogachtbare Heer/Vrouwe,

Edèlhoogachtbare Heer/Vrouwe, Edèlhoogachtbare Heer/Vrouwe, X Z (belanghebbende), \ beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 4 juli 2013. Bij brief van 11 oktober 2013 heeft de griffier mij

Nadere informatie

Integraal Handhavingsbeleidsplan De Ronde Venen, 26 september 2012. Bijlage VI Toelichting op de bestuursrechtelijke sanctiemiddelen

Integraal Handhavingsbeleidsplan De Ronde Venen, 26 september 2012. Bijlage VI Toelichting op de bestuursrechtelijke sanctiemiddelen Bijlage VI Toelichting op de bestuursrechtelijke sanctiemiddelen 76 Bestuursrechtelijke sanctiemiddelen De gemeente De Ronde Venen kan tegen overtreders met meerdere verschillende sanctiemiddelen, al dan

Nadere informatie

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN

RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN RAAD VAN TOEZICHT VERZEKERINGEN U I T S P R A A K Nr. i n d e k l a c h t nr. 2006.0691 (013.06) ingediend door: hierna te noemen klaagster, tegen: hierna te noemen verzekeraar. De Raad van Toezicht Verzekeringen

Nadere informatie

Schadebegroting en berekening in mededingingszaken

Schadebegroting en berekening in mededingingszaken Schadebegroting en berekening in mededingingszaken Vereniging voor Mededingingsrecht 28 april 2010 mr. Erik-Jan Zippro e.j.zippro@law.leidenuniv.nl Privaatrechtelijke handhaving van mededingingsrecht Nietigheid

Nadere informatie

het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden.

het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden. LJN: AU3784, Raad van State, 200501342/1 Print uitspraak Datum uitspraak: 05-10-2005 Datum publicatie: 05-10-2005 Rechtsgebied: Bestuursrecht overig Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Bij

Nadere informatie

gelet op artikel 24, zesde lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme;

gelet op artikel 24, zesde lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme; Besluit van de deken in het arrondissement Oost-Brabant van 11 mei 2016 tot vaststelling van de beleidsregel handhaving Wwft 2016 in het arrondissement Oost- Brabant De deken van de orde in het arrondissement

Nadere informatie

Beleidsregel subsidiëring medisch haalbaarheidsonderzoeken in letselschadezaken

Beleidsregel subsidiëring medisch haalbaarheidsonderzoeken in letselschadezaken Beleidsregel subsidiëring medisch haalbaarheidsonderzoeken in letselschadezaken Directie Toegang Rechtsbestel/5362391/05/DTR/12 juli 2005 5362391 Bijlage De Minister van Justitie, Gelet op artikel 4:23,

Nadere informatie

Artikel 1; Algemeen. Artikel 2; Prijzen en betalingen. Artikel 3; Aansprakelijkheid

Artikel 1; Algemeen. Artikel 2; Prijzen en betalingen. Artikel 3; Aansprakelijkheid Artikel 1; Algemeen 1.1 Deze algemene voorwaarden zijn van toepassing op alle aanbiedingen en overeenkomsten van Mediation Nederland en op alle rechtsverhoudingen die daaruit voortvloeien. 1.2 Afwijkingen

Nadere informatie

Prolander. 4. De feitelijke levering van het verkochte zal geschieden geheel ontruimd, vrij van pacht, huur, jacht en andere gebruiksrechten.

Prolander. 4. De feitelijke levering van het verkochte zal geschieden geheel ontruimd, vrij van pacht, huur, jacht en andere gebruiksrechten. Prolander Algemene voonraarden bij verkoop (nummer 2015.03) Artikel I Bevoegdheid provincie De provincie staat in voor zijn bevoegdheid tot verkoop en tot eigendomsoverdracht ten tijde van het passeren

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2014 2015 33 662 Wijziging van de Wet bescherming persoonsgegevens en enige andere wetten in verband met de invoering van een meldplicht bij de doorbreking

Nadere informatie

DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V, gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen: Aangeslotene.

DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V, gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen: Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2014-372 d.d. 9 oktober 2014 (mr. P.A. Offers, prof. mr. E.H. Hondius en drs. W. Dullemond, leden en mr. E.E. Ribbers, secretaris) Samenvatting

Nadere informatie

Op weg met passend onderwijs De zorgplicht anders bekeken: de betekenis van zorgplichten in het omgevingsrecht

Op weg met passend onderwijs De zorgplicht anders bekeken: de betekenis van zorgplichten in het omgevingsrecht Op weg met passend onderwijs De zorgplicht anders bekeken: de betekenis van zorgplichten in het omgevingsrecht Workshop 27 mei 2015 Prof. mr. G.A. van der Veen AKD Advocaten en Notarissen Rotterdam Rijksuniversiteit

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 32 621 Aanvulling van de Algemene wet bestuursrecht met bepalingen over nadeelcompensatie en schadevergoeding bij onrechtmatige overheidsdaad (Wet

Nadere informatie

CBRB/VNPR* Personenvervoercondities voor de binnenvaart

CBRB/VNPR* Personenvervoercondities voor de binnenvaart CBRB/VNPR* Personenvervoercondities voor de binnenvaart Artikel 1: Definities Overeenkomst van personenvervoer: de overeenkomst waarbij de ene partij (de vervoerder) zich tegenover de andere partij verbindt

Nadere informatie

Gelet op artikel 21b, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie; De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van

Gelet op artikel 21b, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie; De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van Besluit van houdende aanwijzing van zittingsplaatsen van rechtbanken en gerechtshoven (Besluit zittingsplaatsen gerechten) Op de voordracht van Onze Minister van Veiligheid en Justitie van 2012, nr., Gelet

Nadere informatie

1. In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven.

1. In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven. Algemene Voorwaarden Interim Recruitment Recruvisie Artikel 1 Definities 1. In deze algemene voorwaarden worden de hiernavolgende termen in de navolgende betekenis gebruikt, tenzij uitdrukkelijk anders

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden

Algemene Voorwaarden Algemene Voorwaarden Artikel 1 - Algemeen 1.1 Deze Algemene Voorwaarden zijn van toepassing op alle aanbiedingen en overeenkomsten van Kinderpraktijk Vota en op alle rechtsverhoudingen die daaruit voortvloeien.

Nadere informatie

Aldus opgesteld te Eindhoven op 6 aug 2015.

Aldus opgesteld te Eindhoven op 6 aug 2015. Algemene voorwaarden Artikel 1: Definities a. Opdrachtgever: elke natuurlijke- of rechtspersoon die aan Michaela Communicatie een opdracht verstrekt of een overeenkomst met Michaela Communicatie aangaat.

Nadere informatie

Proportionele aansprakelijkheid

Proportionele aansprakelijkheid Proportionele aansprakelijkheid Dorna Tanori Studentnummer: 10309209 Scriptiebegeleider: dr.drs. G.J.P. de Vries Tweede beoordelaar: mr. R.F. Groos 2013-2014 Voorwoord Dit is de scriptie in het kader van

Nadere informatie

Zaak T-205/99. Hyper Srl tegen Commissie van de Europese Gemeenschappen

Zaak T-205/99. Hyper Srl tegen Commissie van de Europese Gemeenschappen Zaak T-205/99 Hyper Srl tegen Commissie van de Europese Gemeenschappen Douanerechten Invoer van televisietoestellen uit India Ongeldige certificaten van oorsprong Verzoek tot kwijtschelding van invoerrechten

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN. Artikel 1 : Toepasselijkheid Algemene Voorwaarden

ALGEMENE VOORWAARDEN. Artikel 1 : Toepasselijkheid Algemene Voorwaarden ALGEMENE VOORWAARDEN Artikel 1 : Toepasselijkheid Algemene Voorwaarden 1.1 Alle overeenkomsten, opdrachten, aanbiedingen, offertes en facaturen waarbij ScriptieScreening diensten van welke aard ook levert

Nadere informatie

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. Wet van 25 mei 1998, houdende regels over tegemoetkoming in de schade en de kosten in geval van overstromingen door zoet water, aardbevingen of andere rampen en zware ongevallen (Wet tegemoetkoming schade

Nadere informatie

C/13/555974 / HA ZA 13-1827 28 oktober 2015 8 oordeel dat met deze uitingen sprake was van misleidende publieke berichtgeving. VEB en de stichting stellen dat door deze uitingen de gedupeerde beleggers

Nadere informatie