Hoofdstuk 1. De instroom in de propedeuse. blz 3. Hoofdstuk 2. Studeren in de hoofdfase. blz 5. Hoofdstuk 3. De minor jongerenwerk.

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Hoofdstuk 1. De instroom in de propedeuse. blz 3. Hoofdstuk 2. Studeren in de hoofdfase. blz 5. Hoofdstuk 3. De minor jongerenwerk."

Transcriptie

1

2 Inhoudsopgave. Hoofdstuk 1. De instroom in de propedeuse. blz 3 Hoofdstuk 2. Studeren in de hoofdfase. blz 5 Hoofdstuk 3. De minor jongerenwerk. blz 25 Hoofdstuk 4. De mogelijkheden voor de HBO student om blz 36 zich te specialiseren in het jongerenwerk.

3 Hoofdstuk 1. De instroom in de propedeuse Een student die de middelbare beroepsopleiding sociaal cultureel werk op niveau 4 heeft gevolgd en met een diploma heeft afgerond is toelaatbaar tot de HBO Culturele en Maatschappelijke Vorming. In de notitie doorlopende leerweg is beschreven hoe de opleidingen zorg hebben gedragen voor een soepele doorstroming van studenten van opleidingen op de niveaus 2, 3 en 4 naar het Hoger Beroeps Onderwijs. Kort samengevat betekent dit dat de opleidingen in grote lijnen uitgaan van dezelfde onderwijsconcepten (competentiegericht leren - leren en waarderen - ondernemend leren-natuurlijk leren). Daarnaast blijkt bij een vergelijking van kerntaken, competenties, werkprocessen en inhouden dat binnen de opleidingen inhoudelijk in grote mate op elkaar afgestemd zijn. Het theoretisch niveau en het tempo waarin inhouden worden behandeld verschillen in sterke mate. Een student die vanuit MBO-4 niveau start aan de HBO-cmv komt terecht in een context die gelijkenissen vertoont met die van zijn vorige opleiding. Dit bevordert een soepele instroom. De student start met het propedeuse programma. Na het eerste semester kan hij een assessment aanvragen om aan te tonen dat hij de competenties van de propedeuse bezit. Is dat het geval dan versnelt hij hiermee zijn studie met een half jaar. Na de propedeuse kan een MBO- student die veel praktijkervaring heeft en in deze praktijk veel competenties heeft ontwikkeld doorgaan met versnellen. Als hij in de mbo-praktijk competenties heeft verworven die geldig zijn voor de hoofdfase zal hij deze in met name bij een assessment in het begin van de hoofdfase inbrengen als bewijs. De kunst is om tijdens de HBO-studie deze competenties van een goede theoretische bagage te voorzien. Als tijdens deze assessments blijkt dat hij zich de voor de HBO-CMV vereiste competenties heeft verworven, dan zullen de assessoren hem veel studiepunten toekennen. De student stelt op basis van de feedback van de assessoren en het gesprek hierover met zijn StudieLoopbaanBgeleider op maat - een nieuw studieprogramma voor zichzelf vast om te werken aan de ontbrekende competenties. 1.2 Propedeuse van de opleiding CMV van de Hogeschool van Amsterdam De studiebelasting van de propedeuse is afhankelijk van vooropleiding, ervaring, elders en eerder verworven competenties en de tijd die nodig is voor deelname aan het programma. Die belasting bestaat uit studeren, colleges volgen, individueel of in groepsverband opdrachten uitvoeren en tentamens doen en stage lopen. Volgens de wet heeft een propedeutisch jaar de volgende drie functies: selectie: de student moet voldoende capaciteiten hebben om een hbo-studie in de hoofdfase tot een goed einde te brengen. Bij onvoldoende studieresultaten en ongeschiktheid voor het beroep krijgt hij het bindend advies om met de studie te stoppen. In die zin selecteert de propedeuse dus; oriëntatie: de student komt tijdens de propedeuse in aanraking met de praktijk en de daarbij behoren kennis, vaardigheden en houding ( de competenties). Zo kan hij voor zichzelf nagaan of de opleiding past bij zijn toekomstverwachtingen en het beeld dat hij van het CMV'er zijn heeft; verwijzing: op basis van de studieprestaties kan de student bepalen of hij met de opleiding doorgaat. Ook kan hij kiezen voor een andere opleiding binnen, dan wel buiten het instituut. Voor deeltijdstudenten gaat het om één dag.daarnaast wordt er verondersteld dat de studenten werkzaam in een agogische functie, of zich actief oriënteren. Voor voltijdstudenten is een spreiding van onderwijsactiviteiten over de week met ruimte voor het opdoen van praktijkervaring. 3

4 1.3 Start studiejaar In het eerste kwartaal start het programma Studie- en beroepsvaardigheden en het projectonderwijs en met de ondersteunende practica. 1.4 Projectmatig werken Voltijdstudenten werken gedurende het propedeusejaar aan projectopdrachten. Hiervoor kan men beschikken over eigen kantoorruimte met ict-voorzieningen. Docenten en andere deskundigen komen op uitnodiging langs. Deeltijdstudenten werken aan projecten die passen bij omstandigheden als startende student en startende beroepskracht. In samenwerking met medestudenten wordt een orientatie op CMV-werk georganiseerd, trainingen voor vrijwilligers en een conferentie over methodisch handelen als CMV'er. Binnen de projecten wordt samenengewerkt met zes tot acht medestudenten. De opdracht is om zelfstandig in opdracht van een fictieve externe opdrachtgever een product te ontwikkelen. Iedere projectgroep krijgt ondersteuning van een projectbegeleider. Naast de projecten is er theorieonderwijs, bijvoorbeeld hoor- en/of instructiecolleges en trainingen/practica. Voor een goed begrip van de maatschappelijke context waarin het welzijnswerk plaatsvindt, is het belangrijk dat de student op de hoogte is van basisbegrippen uit de psychologie, sociologie, sociaal-economische geschiedenis en filosofie. Daarom krijgt hij ook theorieonderwijs in deze vakgebieden. 1.5 Studieloopbaanbegeleiding Gedurende de hele studie helpt de studieloopbaanbegeleider met de planning en voortgang van de studie. In studieloopbaangroepen, is er ruimte om elkaar te steunen bij belangrijke momenten in de studie zoals het inschatten van je capaciteiten, het studieadvies en de stagekeuze. De hogeschool heeft het instrument spiegel ontworpen. Dit is een computerprogramma dat bestaat uit vragen en opdrachten die afgenomen worden aan het begin van de studie. De uitslag werkt als een spiegel; de student krijgt zicht op zijn capaciteiten. Zo komt hij er achter waar sterke kanten liggen en waar hij extra aandacht aan moet besteden gedurende de studie. In dit jaar komt de student erachter of hij voldoende capaciteiten heeft om de hele studie tot een goed einde te brengen. Aan de hand van deze informatie én de studieresultaten bepaalt de student aan het einde van het jaar of hij doorgaat met de gekozen opleiding. Naast projecten en een practicum zijn er programma's zoals: Bedrijfskunde voor cultureel en maatschappelijk ondernemen Cultuurbeschouwingen van Nederland Theorie / methoden CMV 1.6 Stage Tijdens de propedeuse loopt de voltijdstudent een dagdeel of periode stage, bijvoorbeeld: Educatief werk, vormingscentra, onderwijsondersteuning Recreatie in vrijetijdscentra, zomervakantieactiviteiten, kinderwerk Kunst en cultuur, op festivals, in jongerencentra, bij open podium activiteiten Opbouwwerk in de buurt, voor actiecomités, bij zelforganisaties van migranten. 4

5 Hoofdstuk 2. Studeren in de hoofdfase Ondernemend Leren Culturele en Maatschappelijke Vorming (CMV) 2.1 Inleiding en missie De opleiding CMV van de Hogeschool van Amsterdam profileert zich onder de noemer Cultureel en Maatschappelijk Ondernemen. Deze profilering is het antwoord van de opleiding op ontwikkelingen in de maatschappij en het beroepenveld, waar steeds meer ondernemende competenties van onze studenten en bij beginnende beroepskrachten werden gevraagd. Cultureel en maatschappelijk ondernemen speelt zich af binnen de domeinen educatie, recreatie, kunst & cultuur en samenlevingsopbouw. Bij CMV gaat het om de vormgeving van culturele en maatschappelijke veranderingsprocessen en om mensen in staat stellen en te stimuleren tot participatie. De CMV er zoekt daarbij steeds het juiste evenwicht tussen maatschappelijke en culturele aspecten en tussen een agogische en een ondernemende inzet. Met de profilering van CMV als opleiding voor cultureel en maatschappelijk ondernemen geven we aan dat de opleiding niet meer exclusief opleidt voor een aantal gespecificeerde beroepen in de welzijnssector, maar dat studenten worden opgeleid tot ondernemende professionals die hun competenties binnen een breed cultureel en sociaal domein kunnen realiseren. Het landelijk opleidingsprofiel Alert en ondernemend blijft uitgangspunt van het leerplan. Ondernemend betekent zelfstandig en initiatiefrijk, maar ook in staat om bedrijfsmatig te handelen en als (beginnend, zelfstandig) ondernemer te opereren. Ondernemend werken op maatschappelijk en cultureel terrein is dienstverlenend, resultaatgericht, gericht op samenwerking en stimuleert betrokkenheid. Bij Cultureel ondernemen ligt het accent op dienstverlening die mensen ondersteunt bij de wijze waarop ze hun leven vormgeven en betekenis geven aan hun leven. Een cultureel ondernemer daagt mensen uit. Bij Maatschappelijk ondernemen ligt het accent op dienstverlening die mensen ondersteunt bij het samenleven en om individuen te betrekken op de maatschappij. Een maatschappelijk ondernemer brengt mensen bij elkaar. In de praktijk zullen elementen van cultureel en maatschappelijk ondernemen vrijwel altijd in combinatie voorkomen en elkaar ondersteunen. In het verlengde van de inhoudelijke profilering is een nieuw onderwijs- en leerconcept ontwikkeld onder de titel Ondernemend Leren. In deze brochure worden de uitgangspunten van het onderwijsconcept kort beschreven en de uitwerking ervan naar de organisatie van de leeromgeving in propedeuse en hoofdfase. 5

6 2.2 Ondernemend leren Kern van het nieuwe onderwijsconcept is dat studenten zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen studie en leerproces en dat een strikte scheiding is aangebracht tussen onderwijsprogramma en beoordelingsprogramma. De twee peilers van het ondernemend leren zijn als volgt geformuleerd: Studenten zijn zelf verantwoordelijk voor hun eigen studie en leerproces; ze zijn projectleiders of ondernemers van hun eigen persoonlijke leerweg. Dat betekent dat studenten na een korte introductie en oriëntatieperiode zelf hun eigen leertraject uitzoeken. Dus geen vast omlijnd curriculum meer, maar uitgebreide keuzemogelijkheden en individueel maatwerk. De student plant zijn of haar eigen onderwijstraject via een persoonlijk ontwikkelplan (POP) en legt de resultaten vast in een portfolio. De student krijgt daarbij ondersteuning van een studieloopbaanbegeleider. Er bestaat een strikte scheiding tussen onderwijsprogramma en beoordelingsprogramma. Studenten krijgen geen studiepunten meer voor onderwijsprogramma s die ze met voldoende resultaat gevolgd hebben, maar moeten in aparte assessments laten zien dat ze bepaalde beroepscompetenties op een bepaald niveau verworven hebben. Gemeenschappelijk referentiepunt of ijkpunt zijn de competenties zoals die geformuleerd zijn in het landelijk opleidingsprofiel CMV: Alert en Ondernemend. In de handleiding competentie assessment die door het assessmentbureau wordt uitgegeven, worden de formuleringen van de competenties regelmatig aangescherpt. Studenten zijn zelf verantwoordelijk voor het verzamelen van de bewijzen voor de verworven competenties. Het is van geen belang of de competenties zijn verworven via door de opleiding aangeboden programma s en projecten of door elders opgedane ervaringen en verrichte activiteiten. De verworven competenties worden beoordeeld op 3 niveaus: niveau 1: basis CMV niveau 2: CMV er in ontwikkeling (zie bijlage 2) niveau 3: beginnend professional De vaststelling van het bereikte niveau per competentiecluster en daaraan gekoppeld de toekenning van studiepunten, gebeurt in assessments. Studenten stellen hun portfolio samen, vullen competentiekaarten in en maken een assessmentreflectie, waarin ze aangeven op welke competentieclusters en op welk niveau (zie ad.4) ze beoordeeld willen worden. De student wordt door twee assessoren beoordeeld en krijgt op basis van die beoordeling een aantal studiepunten toegekend. 2.3 Propedeuse De propedeuse heeft een selecterende, oriënterende en verwijzende functie. De centrale doelstelling van de propedeuse is de studenten voorbereiden op de hoofdfase van de opleiding en op een bewuste opleidingskeuze. Het eerste half jaar van de propedeuse volgen alle studenten een vast programma van 30 studiepunten. De oriënterende functie heeft bij CMV het karakter van een oriëntatie op het werkveld, de structuur en het niveau van de opleiding, en de persoonlijke kwaliteiten van de student. De student toont in januari middels een assessment aan, of hij geschikt is voor de CMV opleiding. Als hij daar niet voldoende toe in staat blijkt te zijn, krijgt de student een waarschuwing voor een afwijzend studieadvies. De tweede helft van het jaar staat in het teken van het verzamelen van bewijs van verworven competenties op basis van een Persoonlijk Ontwikkel Plan. Studenten volgen keuze programma s, doen projecten en werken in een praktijksituatie (stage). In een assessment laat de student zien voldoende competenties op niveau 1 verworven te hebben. 6

7 2.4 Hoofdfase: praktijkopdrachten als ruggengraat van de opleiding Studenten verwerven competenties onder meer door het uitvoeren van praktijkopdrachten. Deze praktijkopdrachten vormen de ruggengraat van de opleiding. De opdrachten hebben een externe opdrachtgever in de vorm van een voor CMV relevante instelling, organisatie of bedrijf. Rondom deze opdrachten is er ondersteunend onderwijs. Studenten verwerven de projecten zelfstandig in de rol van opdrachtnemer. Ze zijn zelf verantwoordelijk voor hun rol als opdrachtnemer in relatie tot die van de opdrachtgever. Volgorde en tijdsinvestering De volgorde waarin studenten hun opdrachten uitvoeren is niet verplicht voorgeschreven. Wel is de volgorde waarin de projecten beschreven zijn voor de normstudent de aanbevolen route: a. maatschappelijk ondernemen b. cultureel ondernemen competenties niveau 2 c. werken in een organisatie d. beleid & methodiek CO e. beleid & methodiek MO f. vrije opdracht competenties niveau 3 De tijd die studenten aan de opdrachten besteden kan erg variëren, afhankelijk van de zwaarte van de opdracht en de plaats die de opdracht in het leerproces van de student inneemt. Over het algemeen zullen de projecten een looptijd hebben die ligt tussen de 3 en 8 maanden en een tijdsinvestering vergen van gemiddeld 500 uur per student. Voor opdracht c., werken in een organisatie, ligt de tijdsinvestering gemiddeld hoger: een duur van 5 tot 10 maanden met een gemiddelde tijdsinvestering van 32 uur per week. Deeltijdstudenten moeten hun werkzaamheden zoveel mogelijk in de vorm van opdrachten gieten. De formulieren om opdrachten aan te melden zijn te downloaden van het internet: 2.5 Competenties en niveaus De competenties die studenten moeten verwerven zijn afgeleid van de competentieformuleringen uit het landelijk opleidingsprofiel CMV: Alert en Ondernemend. Ten behoeve van de door CMV ontwikkelde assessmentsystematiek zijn de competenties uit alert en ondernemend in 5 clusters ondergebracht en op 3 niveaus geformuleerd. In de beschrijving van de opdrachten wordt aan deze systematiek gerefereerd. Oriënteren en contactleggen niveau 1: Vaardigheden: De student kan contactleggen met individuen, groepen en organisaties met een diversiteit aan achtergronden. Kennis: De student heeft kennis van samenlevingsverbanden en achtergronden van diverse klantgroepen en individuen. Houding: De student gaat relaties aan vanuit erkenning en respect voor de leefwereld en identiteit van betrokkenen. Hij reflecteert op de eigen achtergrond en positie in relatie tot de positie en achtergrond van klanten. 7

8 niveau 2: Vaardigheden: De student kan nieuwe perspectieven en ontwikkelingsmogelijkheden in de omgeving van klanten onderzoeken. Kennis: De student heeft kennis van behoeften, ambities, mogelijkheden en competenties van klanten op basis van meerdere gezagsvolle bronnen. De student heeft kennis van verschillende onderzoeksmethoden. Houding: De student heeft een onderzoekende houding in de context van de agogische relatie ten aanzien van de vragen en behoeften van zijn klanten. niveau 3: Vaardigheden: De student kan communicatief en strategisch omgaan met opdrachtgevers en organisaties. Hij maakt expliciet gebruik van onderzoeksmethoden om knelpunten en maatschappelijke vraagstukken in beeld te krijgen. Kennis: De student heeft kennis van de normatieve aspecten van de agogische relatie. Houding: De student verantwoordt de agogische relatie op normatieve wijze aan zichzelf, klanten en opdrachtgevers. Hij kan zichzelf positioneren ten opzichte van klanten en opdrachtgevers. Programmeren en organiseren niveau 1: Vaardigheden: De student kan in de praktijk diverse werkvormen toepassen. Kan in samenwerking met klant (en vrijwilligers) activiteiten organiseren. Kennis: De student heeft kennis van ontwerp- en programmeringregels. Hij kent doelgroepen en contexten waarbinnen mensen zich kunnen ontwikkelen en zich kunnen vermaken. Hij heeft een actieve oriëntatie op functie- en taken m.b.t. programmeren en organiseren. Houding: De student is dienstverlenend en klantgericht. Hij heeft respect voor waarden en normen van klantgroepen. niveau 2: Vaardigheden: De student kan een programma ontwerpen op basis van verschillende motieven en belangen en geeft daarbij sturing aan het proces van vraagarticulatie van de diverse klanten. De student onderbouwt de relatie tussen beoogde resultaten en de werkvormen en arrangementen. Kennis: De student kent zowel op het terrein van cultureel als maatschappelijk ondernemen de functie en doelen van agogisch programma ontwerp. De student heeft kennis van methodische invalshoeken en hun toepassing met betrekking tot programma ontwerp via meerdere gezagsvolle bronnen. Houding: De student is gericht op participatie en faciliteert zodoende het leren, de ontwikkeling en het vermaak van de klant(groep). niveau 3: Vaardigheden: De student ontwerpt, evalueert en vernieuwt complexe programma s voor zowel cultureel als maatschappelijk ondernemen op basis van maatschappelijke en individuele behoeften. Hij ontwerpt daarbij vanuit de samenhang tussen beleid en methodiek. Kennis: De student heeft kennis van de spanning tussen maatschappelijke vragen en individuele behoeften, en de daaruit voortvloeiende dilemma s. Houding: De student verantwoordt zijn visie, keuzes en behaalde resultaten volgens professionele normen aan klanten, collega s en zichzelf. 8

9 Begeleiden en leidinggeven niveau 1: Vaardigheden: De student kan samenwerkingsrelaties in groepen aangaan en ontwikkelen. Hij kan zijn eigen rol binnen samenwerking hanteren. Daarbij heeft hij oog voor het eigen aandeel in communicatieprocessen. Kennis: De student heeft kennis van communicatieprocessen in groepen en tussen individuen. Houding: De student kan agogische relaties aangaan en onderhouden. Hij staat open voor samenwerking. De student reflecteert op zijn eigen rol en aandeel binnen communicatieprocessen. niveau 2: Vaardigheden: De student kan vanuit eigen rol en positie samenwerkingsrelaties sturen. Hij animeert, activeert, adviseert, informeert en onderricht diverse klantgroepen binnen de gegeven arrangementen en contexten. Kennis: De student heeft via meerdere gezagsvolle kennis van begeleiding en leiding geven in agogische relaties. Houding: De student zoekt en realiseert ruimte voor ontwikkeling van de klant. niveau 3: Vaardigheden: de student kan ontwikkelingstrajecten / projecten in organisaties begeleiden. Kennis: De student heeft kennis van de spanning tussen maatschappelijke vragen en individuele behoeften, en de daaruit voortvloeiende dilemma s in begeleidingssituaties. Houding: de student heeft een eigen stijl van (bege)leiding geven en kan deze verantwoorden. Bedrijfsvoering niveau 1: Vaardigheden: de student kan het eigen werk organiseren binnen de gegeven randvoorwaarden van een organisatie. Kennis: de student heeft kennis van de structuur en cultuur van organisaties. Houding: de student is dienstverlenend, coöperatief en neemt initiatief. niveau 2: Vaardigheden: de student kan met opdrachtgevers onderhandelen over te behalen resultaten en deze vertalen naar een dienstenaanbod. Hij levert een bijdrage aan het (financieel) beleid en beheer van een organisatie. De student kan projectmatig werken. Kennis: de student heeft kennis van financieel beleid en beheer van organisaties. De student heeft kennis van theorieën over management en organisatie. Houding: de student is ondernemend en is klant en vraaggericht. niveau 3: Vaardigheden: de student kan een ondernemingsplan maken. Hij kan doel- en resultaatgericht een (project)plan uitvoeren. De student kan acquisitie verzorgen en financiële middelen voor een project of organisatie verwerven. Hij levert een bijdrage aan de ontwikkeling en implementatie van strategisch beleid van een organisatie. De student kan een plan voor kwaliteitszorg opzetten en uitvoeren. Kennis: de student heeft kennis van verschillende theorieën over organisatie beleid en management. Houding: De student draagt verantwoordelijkheid op het niveau van bedrijfsvoering en organisatie. Hij kan een instelling of organisatie extern vertegenwoordigen. De student kan als cultureel en maatschappelijk ondernemer opereren. 9

10 Beroepsontwikkeling niveau 1: Vaardigheden: De student is in staat te reflecteren op eigen vaardigheden / kennis en houding. Hij is in staat eigen ontwikkelingsmogelijkheden te herkennen, benoemen en binnen de beroepscontext vorm te geven. Kennis: vanuit literatuur en praktijkervaring geeft de student blijken van besef van (het bestaan van) professionele kwaliteitsnormen en standaarden. Houding: actieve oriëntatie op beroepsbeelden en praktijk binnen het cultureel en maatschappelijk ondernemen. De student stelt kritische vragen bij bestaande praktijken. Onderzoekt hoe en waarom anderen of de student zelf (reflectie) zo werkt, gericht op het achterhalen van de normen: hoort het wel zo, of eigenlijk anders? niveau 2: Vaardigheden: de student kan zijn handelen in relatie tot cultureel en maatschappelijk ondernemen verantwoorden volgens expliciete standaarden en normen. Kennis: de student kan, met behulp van gezagshebbende bronnen, de methodische aspecten (doel, inhoud, werkwijze) van zijn beroepsmatige handelen benoemen en zijn keuzes daarin motiveren / verantwoorden. De student kan zijn eigen positie als CMV er in de maatschappelijke en culturele context problematiseren (bevragen) op basis van gezagshebbende bronnen. Houding: de student stelt onderzoeksgerichte vragen bij zijn keuzes in het beroepsmatig handelen: is/was dit de juiste keuze en waarom? niveau 3: Vaardigheden: de student is in staat verbeterideeën op het terrein van cultureel en maatschappelijk ondernemen om te zetten in vraagstellingen en onderzoeks- of ontwikkelingsprogramma s. De student geeft blijk dat bij planmatig, praktisch en realistisch te werk gaat. Kennis: de student heeft gefundeerde kennis van de (on)juistheid van beroepsmatige keuzes alsmede van de verschillende wegen die tot verbetering leiden vanuit helder weergegeven dilemma s. Houding: de student is geneigd en bereid om eigen standaarden en professionele keuzes normatief en valide te verantwoorden. De student handelt vanuit een bewust en strategisch gekozen positie. 10

11 2.6 Beschrijving van de opdrachten A. Maatschappelijk Ondernemen De opdracht Bij maatschappelijk ondernemen wordt in opdracht van een maatschappelijke organisatie een probleem of vraag uitgewerkt en een oplossing of antwoord op die vraag ontwikkeld. Het gaat daarbij om twee hoofdzaken: het doen van onderzoek naar een maatschappelijk vraagstuk, en het vertalen van de uitkomsten van het onderzoek naar de praktijk: hoe kan een aanpak, activiteit, project beter of anders gedaan worden. De maatschappelijke vraagstukken kunnen vanuit elke denkbare invalshoek geformuleerd worden; het kan iets van de buurt zijn, het kan iets van een groep zijn, het kan over een thema gaan dat mensen bindt, etc. Kern van de opdracht is het beschrijven en analyseren van een maatschappelijk vraagstuk. In de beschrijving wordt gebruik gemaakt van de uitkomsten van praktijkgericht onderzoek. In de analyse wordt tevens de positie van de opdrachtgever: organisatie, instelling, of bedrijf betrokken. Op basis van de uitkomsten wordt een bijdrage geleverd aan wat de opdrachtgever kan ondernemen om aan de oplossing van het betreffende vraagstuk een bijdrage te leveren. In de uitvoering van de opdracht kunnen studenten laten zien wat zij, professionals in opleiding, kunnen bijdragen dat zoveel mogelijke betrokkenen bij het vraagstuk ( stakeholders ) hun bijdrage kunnen en willen leveren. In hun bijdrage laten zien studenten hun eigen ondernemingszin zien. Ondernemend gedrag als houding. Theoretische en methodische ondersteuning Er worden colleges gegeven met als kernbegrippen: uitdagend leren, sociale samenhang, leefwereld en systeemwereld, participatie en competentieontwikkeling. Aansluitend worden colleges over praktijkmethoden aangeboden. Daarnaast worden in platformbijeenkomsten good practices gepresenteerd door gastsprekers uit het werkveld. Ter ondersteuning van de eigen visieontwikkeling worden ook presentaties gehouden door de studenten zelf. Ook worden practica praktijkgericht onderzoek aangeboden. Studenten verwerven in deze opdracht vooral competenties op niveau 2. 11

12 B. Cultureel ondernemen De opdracht Ontwerp in opdracht van een instelling, organisatie of bedrijf een cultureel-agogische dienst of project. Geef daarbij aan hoe deze dienst door de klant kan worden gebruikt en lever een bijdrage aan hoe het geheel wordt gerealiseerd, respectievelijk hoe het project wordt uitgevoerd. Een voorbeeld van een cultureel-agogische dienst is het organiseren van een festival of evenement, het ontwikkelen van een cultureel-educatief programma, e.d. Doel van de opdracht is het vergroten van competenties op het gebied van organiseren en projectmatig werken. Ook gaat het om het verbreden en verdiepen van de eigen culturele belangstelling en het vergroten van de visie op het gebied van cultureel ondernemen. Cultureel Ondernemen is het initiëren, ontwerpen, organiseren en uitvoeren van culturele diensten. Dit zijn diensten met een kunstzinnig en/of recreatief karakter. Meestal is er sprake van een maatschappelijke vraag naar deze diensten. Dit kan op instellingsniveau liggen, het vergroten van cultuurparticipatie bijvoorbeeld. Het kan ook op lokaal niveau liggen, het creëren van recreatieve voorzieningen voor jongeren, of een landelijk karakter hebben, Dance 4 live bijvoorbeeld. Een cultureel ondernemende professional kan zich als freelancer zelfstandig vestigen op de markt en daar zijn diensten op afstemmen en aanbieden. De ondernemende professional kan ook werkzaam zijn in een culturele organisatie (museum, theater, poppodium) of in een organisatie op het gebied van vrijetijdscultuur. Steeds meer werk wordt uitbesteed aan kleine bedrijven of freelancers op de culturele markt. Ook in de vrijetijdssector is er een groeiende markt voor ondernemende professionals. Theoretische en methodische ondersteuning binnen de opleiding Er worden colleges gegeven met als kernbegrippen: historie, beleid en visie. Aansluitend worden colleges over methodische invalshoeken van cultureel ondernemen aangeboden. Daarnaast staan in platformbijeenkomsten good practices en methodische vragen centraal. Ook worden twee practica aangeboden: kijken naar kunst en Recreatie. In deze practica staat het eigen handelen centraal. Studenten verwerven in deze opdracht vooral competenties op niveau 2. 12

13 C. Werken in een organisatie De Opdracht Verwerf een werkplek bij een relevante instelling, organisatie of bedrijf, waarin je als CMV er meerdere taken kan uitvoeren. De te verrichten werkzaamheden bieden de mogelijkheid tot agogische dienstverlening, bedrijfsvoering en beroepsontwikkeling op het domein van Culturele en Maatschappelijk Vorming. De student maakt een werkplan en voer dit uit. Door deze opdracht verwerven studenten competenties die eigenlijk alleen via de praktijkervaring met het werken met klanten/deelnemers binnen een organisatie kunnen worden verworven. De contactpersoon van de instelling vervult de functie van praktijkbegeleider. Van belang is het maken van een concreet werkplan of initiatiefrapport, waarin ook de beoogde competenties geformuleerd worden in relatie met de taken die vervuld gaan worden. Bij de afsluiting van de opdracht wordt door de student(e) een functioneringsverslag gemaakt waarin de inhoud van het initiatiefrapport wordt geëvalueerd en gereflecteerd wordt op het eigen handelen. Vanwege het specifieke karakter zal deze opdracht altijd individueel worden uitgevoerd. Theoretische en methodische ondersteuning vanuit de opleiding De studenten zijn een (groot) deel van hun tijd in de organisatie werkzaam. Daarnaast worden enkele flankerende onderwijsprogramma s aangeboden: Een programma werken in teams, een practicum Time Management en een collegeprogramma Bedrijfsmatig handelen Specifieke begeleiding: ondersteuning van de student bij het maken van een leerwerkplan. Samen met de opdrachtgever en de student worden gesprekken gevoerd over de inhoud van het werkplan, de resultaten en de beoordeling. Supervisie: studenten hebben de mogelijkheid gedurende de opleiding maximaal twee supervisie trajecten van 7 supervisiebijeenkomsten aan te vragen. Hoewel het de studenten vrij staat dit supervisietraject op een willekeurig moment tijdens de opleiding aan te vragen, ligt het voor de hand de supervisie tijdens deze praktijkopdracht te gebruiken. Onderwijsprogramma: werken in teams Practicum Time Management In deze opdracht kunnen competenties op niveau 2 en niveau 3 worden verworven. 13

14 D. Opdracht beleid en methodiek Cultureel Ondernemen De Opdracht Ontwikkel in opdracht van een relevante (culturele) instelling of organisatie een plan of beleidsadvies dat betrekking heeft op een bepaald aspect van de instelling of organisatie dat moet veranderen. Het kan gaan om een opdracht die de structurele aanpak of werkwijze van professionals beoogt te verbeteren, via een overdraagbare beschrijving van het beroepsmatig handelen. Maar ook kan het gaan om de richting die de instelling of organisatie de komende jaren moet in slaan. In ieder geval worden de vernieuwde doelen van de organisatie (of met betrekking tot een onderdeel) geformuleerd en met welke middelen die doelen te bereiken zijn, en welke aanpassingen dit voor het functioneren van de instelling of organisatie met zich meebrengt. Beleidsontwikkeling en methodiekontwikkeling betreffen beide verandertrajecten van instellingen op basis van de noodzaak tot vernieuwing dan wel verbetering. Vaak liggen beide in elkaars verlengde: nieuw beleid maakt vernieuwde methodiek noodzakelijk en andersom. Beleid betreft de doelen van de organisatie en hoe die te realiseren, terwijl methodiek het structurele handelen van de professionals ten opzichte van de doelgroep betreft. Theoretische en methodische ondersteuning Specifiek ter ondersteuning van de opdracht beleid en methodiek worden colleges aangeboden m.b.t.: Cultuurbeleid: Hoe komt cultuurbeleid tot stand, en wanneer kunnen organisaties hierop inbreken of er gebruik van maken. In welke richting beweegt het cultuurbeleid zich? De positie van de particuliere fondsen. Overheidsbeleid in relatie tot ondernemen en de creatieve stad. Beroepsdilemma s bij cultureel beleid Methodiek: Grootstedelijkheid en het ontbreken van diversiteit. Sociaal artistieke kansen voor burgerschap Beleveniseconomie, economie en methodiek. Postmodernisme, hedonisme en vrijetijdsbesteding. Nederland en de wereld, onze internationale positie Advisering en adviesvaardigheden Aansluitend op de colleges gaan studiegroepen functioneren. Deze groepjes werken samen aan de verwerking en presentatie van literatuur rond een bepaald thema. Studenten verwerven in deze opdracht vooral competenties op niveau 3. 14

15 E. Opdracht beleid en methodiek Maatschappelijk Ondernemen De Opdracht Ontwikkel in opdracht van een relevante (maatschappelijke) instelling of organisatie een plan of beleidsadvies dat betrekking heeft op een bepaald aspect van de instelling of organisatie dat moet veranderen. Het kan gaan om een opdracht die de structurele aanpak of werkwijze van professionals beoogt te verbeteren, via een overdraagbare beschrijving van het beroepsmatig handelen. Maar ook kan het gaan om de richting die de instelling of organisatie de komende jaren moet in slaan. In ieder geval worden de vernieuwde doelen van de organisatie (of met betrekking tot een onderdeel) geformuleerd en met welke middelen die doelen te bereiken zijn, en welke aanpassingen dit voor het functioneren van de instelling of organisatie met zich meebrengt. Beleidsontwikkeling en methodiekontwikkeling betreffen beide verandertrajecten van instellingen op basis van noodzaak tot vernieuwing dan wel verbetering. Een dergelijke opdracht ligt dan ook niet zelden gevoelig. Vaak liggen beide ook in elkaar s verlengde: nieuw beleid maakt vernieuwde methodiek noodzakelijk, en andersom. Beleid betreft het stellen van doelen en hoe die te realiseren, terwijl methodiek het structurele handelen van de professionals, het verlenen van agogische diensten betreft. Zo is het ontstaan van de brede school een typerend voorbeeld van een beleidsgestuurde ontwikkeling. En vervolgens moeten de professionals volgen en samenwerken om een integrale aanpak, een methodiek te ontwikkelen voor de praktijk. Dit voorbeeld is met tal van anderen aan te vullen. Theoretische en methodische ondersteuning Specifiek ter ondersteuning van de opdracht beleid en methodiek MO worden colleges aangeboden m.b.t.: rol professionals in de beleidsarena lokaal sociaal beleid, kwaliteitsbeleid, verantwoorden en accountability instrumenten van beleidsonderzoek spanning tussen beleid en uitvoering nieuwe vormen van sturing en accountability advisering & adviesvaardigheden Aansluitend op de colleges gaan studiegroepen functioneren. Deze groepjes werken samen aan de verwerking en de presentatie van literatuur rond een bepaald thema. Studenten verwerven in deze opdracht vooral competenties op niveau 3. 15

16 F. Vrije opdracht De Opdracht De vrije opdracht is over het algemeen de laatste opdracht die de student in het kader van de CMV opleiding uitvoert. De student bewijst in de vrije opdracht over een brede beroepsbekwaamheid te beschikken. Kenmerkend voor de vrije opdracht is dat in tegenstelling tot alle andere opdrachten binnen CMV er geen externe opdrachtgever is. De student is vrij een onderwerp te kiezen en uit te werken en daarmee de competenties te verwerven die hem in staat stellen competentieniveau 3 van de CMV opleiding af te ronden. De student is met andere woorden zijn eigen opdrachtgever en kan dus zelf richting geven aan de opdracht. De vrije opdracht kent vier varianten: - een schriftelijk werkstuk of scriptie - een praktijkgericht onderzoek - een project (met theoretische verantwoording) - een ondernemingsplan (met theoretische verantwoording) De scriptie dient een uitwerking te zijn van een probleemstelling die relevant is voor de CMV beroepspraktijk, onderbouwd door relevante literatuur en (eigen) onderzoek. Het praktijkgerichte onderzoek kan gezien worden als een soort tussenvorm tussen scriptie en project. Ook een praktijkgericht onderzoek heeft betrekking op voor CMV relevante onderwerpen of beroepsvragen. Bij een praktijkgericht onderzoek omvat het schriftelijke eindproduct van de student: a) het onderzoeksontwerp; b) de onderzoeksrapportage, en c) de onderzoeksevaluatie. Een project kan betrekking hebben op alle voor CMV relevante onderwerpen en heeft als resultaat een voor de beroepspraktijk relevant product: een activiteit, een spel, een programma, een handleiding, een videofilm, een theatervoorstelling, een congres, een festival etc. Het project gaat vergezeld van een schriftelijke verantwoording waarin de student verantwoording af legt van de keuze van het onderwerp, de gevolgde werkwijze, de totstandkoming van het eindproduct en een theoretische verantwoording. Een ondernemingsplan is een realistisch, levensvatbaar plan voor het opzetten van een eigen bedrijf of onderneming. De onderneming levert diensten of maakt producten waarmee op korte of langere termijn één of meerdere mensen in hun levensonderhoud kunnen voorzien. In het ondernemingsplan wordt duidelijk hoe bedrijfsmatig handelen en agogische dienstverlening gekoppeld wordt aan culturele en of maatschappelijke doelen. Het ondernemingsplan gaat vergezeld van een schriftelijke verantwoording waarin de student verantwoording af legt van de keuze voor juist dit bedrijf, de gevolgde werkwijze bij het ontwikkelen van de onderneming en een (theoretische) verantwoording van de CMV relevantie van de onderneming. Ondersteuning Studenten krijgen bij het maken van de vrije opdracht een begeleider toegewezen. Verder kunnen ze gebruik maken van het ondersteunende onderwijsaanbod van de opdracht beleid & methodiek MO en/of CO. 16

17 2.7 Regels en procedures bij de opdrachten De opleiding: ondersteunt studenten bij het verwerven van opdrachten adviseert studenten bij het sluiten van opdrachtovereenkomsten met praktijkinstellingen coacht op de opleiding de student of een groepje studenten dat de opdracht uit voert. is verantwoordelijk voor het aanbieden van ondersteunend onderwijs bij de opdracht. ondersteunt praktijkinstellingen, organisaties en bedrijven bij het formuleren van opdrachten. organiseert bijeenkomsten waar opleiding, werkveld en studenten elkaar ontmoeten en waar opdrachten worden aangeboden, gevraagd en op elkaar worden afgestemd. De opdrachtnemers: student(engroep). zijn verantwoordelijk voor het informeren van de opdrachtgever en de begeleider m.b.t. tussenproducten en voortgang. zijn verantwoordelijk voor de communicatie met de opleiding en de opdrachtgever. starten na het advies over de opdracht door het praktijkbureau met de uitvoering van de opdracht. De student(en): - beginnen de werkzaamheden op basis van de inhoud van het opdrachtbevestigingsformulier: - maken op basis hiervan een startdocument/initiatiefrapport of een leerwerkplan (bij de opdracht: Werken in een organisatie) en overhandigen het aan de opdrachtgever. - tekenen samen met de opdrachtgever een definitief contract als deze akkoord gaat met het startdocument/initiatiefrapport - voeren op basis van dit contract de opdracht uit. - leveren en presenteren een eindproduct en zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van het eindproduct. - schrijven na de oplevering van de opdracht een evaluatieverslag op basis van het initiatiefrapport. zijn verplicht zich te gedragen naar alle geldende regels, voorschriften en aanwijzingen van de opdrachtgever die in het belang van orde en veiligheid zijn genomen en die voor alle werknemers van de opdrachtgever gelden. zijn verplicht tot geheimhouding van wat gedurende de opdrachtperiode ter kennis is gekomen en waarvan zij weet of redelijkerwijs behoren te weten dat dit van vertrouwelijke aard is. De opdrachtgever: zorgt voor een professionele opdrachtbegeleider. Deze: levert commentaar op het initiatiefrapport / leerwerkplan, eventuele tussenproducten en het eindproduct. is beschikbaar voor overleg over de voortgang van de opdracht. communiceert met de opleiding is aanwezig bij de presentatie van het eindproduct en geeft een schriftelijke evaluatie aan de hand van het initiatiefrapport. is aanspreekpunt binnen de organisatie en zorgt voor toegankelijkheid van interne informatie. zorgt voor voldoende draagvlak binnen de instelling om de opdracht uit te voeren. zorgt voor voldoende faciliteiten voor de studenten om binnen de instelling te kunnen werken. De verantwoordelijkheden bij opdrachten die gedaan worden door deeltijdstudenten kunnen afwijken van bovenstaande en worden geregeld in het leerwerk contract tussen deeltijdstudent, werkgever en opleiding. 17

18 2.8 Het persoonlijk aanvullend programma (PAP) Om studenten zo goed mogelijk te faciliteren CMV competenties te verwerven streeft de opleiding er naar een rijke leeromgeving aan te bieden. Naast begeleiding, coaching, beoordeling, het aanbieden van praktijkopdrachten en ondersteunend onderwijs, wordt ook een breed aanbod aan onderwijsprogramma s verzorgd, waarin studenten kennis en vaardigheden kunnen verwerven op verschillend niveau om hun CMV competenties verder te ontwikkelen. Studenten kunnen vrij kiezen om zich voor deze programma s in te schrijven. Zij krijgen daarbij zonodig ondersteuning van hun studieloopbaanbegeleider. Ook bij de feedback aan het eind van elk assessment krijgen studenten advies welke onderdelen van het PAP ze kunnen volgen. Zie bijlage 4 voor een overzicht 2.9 Minoren In 2006 is op de Hogeschool van Amsterdam de minor-major structuur ingevoerd. Om het diploma Bachelor Social Work te behalen moeten studenten naast alle CMV competenties op niveau 3 ook een minor gevolgd hebben met een studiebelasting van 30 studiepunten. Studenten die niveau 2 gehaald hebben kunnen een minor gaan volgen. De minor kan met ingang van september 2006 gekozen worden uit een breed aanbod van minoren in de hele hogeschool. De minoren die door het ISCB worden aangeboden zijn allen mogelijk voor CMV studenten. Bij inschrijving voor een andere minor moet toestemming verleend worden door de examencommissie. Hiervoor is een formulier beschikbaar dat gedownload kan worden van de HvA minorensite. 18

19 2.10 Competentieniveau s CMV Competentie Onderdeel Mate van complexiteit Niveau 1: Basis CMV (60 stp) De student neemt initiatief tot actief handelen en effectief onderhouden van relaties met relevante betrokkenen, waardoor continuïteit is gewaarborgd en resultaten aansluiten bij de eisen. Kennis (weten) 1. Geheugen 2. Kennis Basiskennis hebben van woorden, begrippen en dergelijke. Informatie kunnen opnemen, onthouden en reproduceren. (bijv. een definitie kunnen geven) Weten wat er om je heen gebeurt, geïnformeerd zijn via o.a. kranten, vakbladen, literatuur. De inhoud van een verhaal of tekst begrijpen en navertellen aan anderen. Vaardigheden (kunnen) 1. Automatisme 2. Vaardigheid Een elk ogenblik exact herhaalbare, automatische handeling uitvoeren. Een handeling die is ingeslepen uitvoeren. (bijv.doorvragen, afspraken maken) Je handeling adequaat aanpassen aan de omgevingsveranderingen. (bijv tijdens een vergadering of evaluatie) Attitude (willen) 1. Gewoonte 2. Gedrag Een manier van jezelf gedragen die je van een ander hebt afgekeken, rolmodel imiteren. In een bepaalde situatie altijd herhalend gedrag tonen (bijv. respect tonen). Je willen aanpassen aan -veranderendeomstandigheden. Je bewust zijn waarom je je op een bepaalde manier gedraagt. 3. Begrip Een verschijnsel kunnen begrijpen/ doorgronden, weten waarom iets zo is. De gedachtegang en de samenhang in een tekst kunnen volgen. Een onderwerp kunnen uitleggen aan anderen, hoe zit het in elkaar en waarom 3. Techniek Een niet door iedereen gekende techniek beheersen (bijv. feedback geven en ontvangen) 3. Neiging Geneigd zijn spontaan op een bepaalde manier te reageren. (bijv. belangstelling tonen) 19

20 Niveau 2: CMV-er in ontwikkeling (totaal niveau 1 en 2: 150 stp) De student is in staat om (pro-actief) elementen aan opdrachten en resultaten toe te voegen, die niet door de opleiding / werkveld waren voorzien en die als verbetering kunnen worden beschouwd 4. Ervaring 5. Onderscheiding Het kennen en begrijpen van een verschijnsel doordat je het of iets soortgelijks zelf hebt meegemaakt. Theorie en praktijk met elkaar verbinden. Wat je weet gebruiken/toepasse n in verschillende praktijksituaties. Kritisch denken, niet direct alles voor waar aannemen. Werken met veronderstellingen Analyseren, zaken kunnen opsplitsen voor beter begrip van het probleem. Onderzoeken, definiëren vergelijken, toetsen/beoordelen of de werkelijkheid zo is Zelf problemen definiëren /formuleren. 4. Bewust handelen 5. Methode Doen wat in een bepaalde situatie het meest geschikt is, vanuit waarneming en keuzen. Volgens een bepaalde, goed doordachte methode handelen. (bijv. een onderzoek doen) 4. Houding 5. Streven Op grond van eigen ervaringen je op een bepaalde manier opstellen. Openstaan voor wat er om je heen gebeurt en zelfstandig je gedrag kiezen. Ambitie tonen, verder willen komen in je persoonlijke ontwikkeling. Initiatief nemen; iets ondernemen, iets tot stand willen brengen. Resultaat gericht zijn. Boven iets uit willen komen. 20

Competentieprofiel. Instituut voor Interactieve Media. Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006

Competentieprofiel. Instituut voor Interactieve Media. Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006 Competentieprofiel Instituut voor Interactieve Media Competentieprofiel studenten Instituut voor Interactieve Media vastgesteld juni 2006 Aangepast in maart 2009 Inleiding De opleiding Interactieve Media

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

TOEGEPASTE PSYCHOLOGIE Praktijk 8 Deeltijd

TOEGEPASTE PSYCHOLOGIE Praktijk 8 Deeltijd TOEGEPASTE PSYCHOLOGIE Praktijk 8 Deeltijd Titel vak: Praktijk 8 Kwartaal: 4 Voltijd/deeltijd: Deeltijd Studiejaar: 2 Datum versie: April 2013 ECTS: 5 Assessoren: Vakcoördinator: Caroline Zijlstra, Chris

Nadere informatie

Management & Organisatie

Management & Organisatie Management & Organisatie Algemeen De opleiding Bedrijfskunde MER (deeltijd) wordt verzorgd door het Instituut voor Bedrijfskunde, Hanzehogeschool Groningen. Steeds meer krijgen organisaties te maken met

Nadere informatie

Culturele en Maatschappelijke Vorming. CMV voltijd de opleiding en het werkveld.... van mensen zonder werk ondernemers maakt

Culturele en Maatschappelijke Vorming. CMV voltijd de opleiding en het werkveld.... van mensen zonder werk ondernemers maakt Culturele en Maatschappelijke Vorming CMV voltijd de opleiding en het werkveld... van mensen zonder werk ondernemers maakt Culturele en Maatschappelijke Vorming (CMV) voltijd Samenleven in buurt en stad,

Nadere informatie

Informatie werkplekleren

Informatie werkplekleren Informatie werkplekleren Pabo Venlo 2014-2015 Inhoudsopgave Inleiding Blz. 3 Stagedagen Blz. 4 Stageweken Blz. 4 Jaaroverzicht 2014-2015 Blz. 5 Opleidingsprogramma Blz. 6 Propedeusefase Hoofdfase Afstudeerfase

Nadere informatie

Voorwoord Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning

Voorwoord Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning Voorwoord Voor u ligt een proeve van bekwaamheid voor de opleiding Helpende Zorg & Welzijn, niveau 2, voor de kerntaak 1: Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning Deze proeve sluit

Nadere informatie

STARTDOCUMENT TBV TOELATING PRAKTISCHE INFORMATIE PRAKTISCH

STARTDOCUMENT TBV TOELATING PRAKTISCHE INFORMATIE PRAKTISCH PRAKTISCH STARTDOCUMENT TBV TOELATING PRAKTISCHE INFORMATIE deadline toelating 10 november 2016. toelatingsgesprekken vanaf half november, begin december. start 19 januari 2017. tweejarige parttime opleiding.

Nadere informatie

Competentie 1 Ondernemerschap Initiëren en/of creëren van producten en/of diensten, zelfstandig en ondernemend.

Competentie 1 Ondernemerschap Initiëren en/of creëren van producten en/of diensten, zelfstandig en ondernemend. Naam student: Studentnummer: Evaluatieformulier meewerkstage CE In te vullen door de bedrijfsbegeleider van de stage biedende organisatie voorafgaand aan het eindgesprek met de stagedocent. De stagiair

Nadere informatie

PVA Jaar 2. Stefan Timmer S1001410 Klas: CE 2b

PVA Jaar 2. Stefan Timmer S1001410 Klas: CE 2b PVA Jaar 2 Stefan Timmer S1001410 Klas: CE 2b Inhoudsopgave blz. Voorblad - Inhoudsopgave 2 Plan van aanpak tweede jaar 3-4 Bijlage 1: Algemene domeincompetenties 5-6 (wat heb ik geleerd) Bijlage 2: Belangrijkste

Nadere informatie

Het onderwijsprogramma van de opleidingen Pedagogiek mei 2013

Het onderwijsprogramma van de opleidingen Pedagogiek mei 2013 Bijlage 7: Het onderwijsprogramma van de opleidingen Pedagogiek mei 2013 Visie opleidingen Pedagogiek Hogeschool van Amsterdam Wij dragen als gemeenschap en daarom ieder van ons als individu, gezamenlijk

Nadere informatie

DAG VAN DE BEROEPSKOLOM 9 O K TO B E R 20 1 5

DAG VAN DE BEROEPSKOLOM 9 O K TO B E R 20 1 5 DAG VAN DE BEROEPSKOLOM MBO-HBO 9 O K TO B E R 20 1 5 Doelen Kijken wat al goed werkt Nagaan of iets bijdraagt aan de kwaliteit van de aansluiting en doorstroom Aangeven wat kan verder worden uitgewerkt

Nadere informatie

Dagdeel Een dagdeel is bij BOGO standaard 3 uur, tenzij anders vermeld in de lescyclus van de BOGO.

Dagdeel Een dagdeel is bij BOGO standaard 3 uur, tenzij anders vermeld in de lescyclus van de BOGO. BOGO Begrippenlijst en veel gestelde vragen In alfabetische volgorde vindt u begrippen die BOGO hanteert bij het aanbieden van onderwijs en uitleg over hun betekenis. Onderaan deze lijst kunt u antwoorden

Nadere informatie

De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk

De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk De CBP: Competentie Beoordeling Praktijk Op de HBOV van de Hogeschool Leiden wordt sinds het studiejaar 2013-2014 gewerkt met CBP s, Competentie Beoordelingen in de Praktijk. Gedachte hierachter is, dat

Nadere informatie

Bachelor of Business Administration (MER opleiding)

Bachelor of Business Administration (MER opleiding) Bachelor of Business Administration (MER opleiding) voor decentrale overheden Het Onderwijs De Bachelor of Business Administration voor decentrale overheden (Management, Economie & Recht, MER) wordt aangeboden

Nadere informatie

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Graduaat Maatschappelijk werk Module Geïntegreerde competentieverwerving 3. Lestijden 40

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Graduaat Maatschappelijk werk Module Geïntegreerde competentieverwerving 3. Lestijden 40 ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Graduaat Maatschappelijk werk Module Geïntegreerde competentieverwerving 3 Code Ad3 Lestijden 40 Studiepunten n.v.t. Ingeschatte totale 120 studiebelasting (in uren)

Nadere informatie

Training Resultaatgericht Coachen

Training Resultaatgericht Coachen Training Resultaatgericht Coachen met aandacht voor zingeving Herken je dit? Je bent verantwoordelijk voor de gang van zaken op je werk. Je hebt alle verantwoordelijkheid, maar niet de bijbehorende bevoegdheden.

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.

INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1. 1 INHOUDSOPGAVE... 2 1. ALGEMEEN... 4 1.1 Aard van dit document... 4 1.2 Informatie en communicatie... 4 1.3 Inwerkingtreding en duur... 4 1.4 Onderwijs- en examenregeling... 4 2. TOELATING TOT DE OPLEIDING...

Nadere informatie

Mbo-hbo. doorstroomassessment. Voor een bewuste stap naar het hbo

Mbo-hbo. doorstroomassessment. Voor een bewuste stap naar het hbo Mbo-hbo doorstroomassessment Voor een bewuste stap naar het hbo www.hva.nl/decanen/mbo.htm Inhoudsopgave 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Mbo-hbo doorstroomassessment Voor een bewuste stap naar het hbo Waarom een

Nadere informatie

Coach van Onderwijsprofessionals

Coach van Onderwijsprofessionals Coach van Onderwijsprofessionals Door de vele externe ontwikkelingen, in combinatie met de wens van professionals in het onderwijs om zich te blijven ontwikkelen, is er een enorme behoefte aan begeleiding

Nadere informatie

Kwaliteitskader KunstKeur Individuele aanbieders Kunsteductie

Kwaliteitskader KunstKeur Individuele aanbieders Kunsteductie Kwaliteitskader aanbieders Kunsteductie juni 2013 1 1. Toetsingskaders, toetsing en registratie Inleiding Kwaliteitsmanagement vloeit voort uit de overtuiging dat kwaliteit van producten en processen vrijwel

Nadere informatie

4. Inhoud minor. Diplomasupplement

4. Inhoud minor. Diplomasupplement Minorregeling 2010-2011 Start september 2010 1. Naam minor: Recht 2. Engelse benaming: Law 3. Catalogusnummer: 7 4. Inhoud minor Het doel van de minor is dat je: 1. rekening houdt met juridische aspecten

Nadere informatie

Jan des Bouvrie Academie, interior design & styling - hbo bachelor

Jan des Bouvrie Academie, interior design & styling - hbo bachelor Jan des Bouvrie Academie, interior design & styling - hbo bachelor De opleiding interior design & Styling - hbo bachelor Mensen zien hun omgeving steeds meer als een verlengstuk van hun persoonlijkheid.

Nadere informatie

Studiehandleiding Ba-scriptie Kunsten, Cultuur en Media

Studiehandleiding Ba-scriptie Kunsten, Cultuur en Media Studiehandleiding Ba-scriptie Kunsten, Cultuur en Media Titel: Ba-scriptie Kunsten, Cultuur en Media Vakcode: LWX999B10 Opleiding: Kunsten, Cultuur en Media Studiefase: Bachelor 3 e jaar/ KCM Major Periode:

Nadere informatie

Handleiding Mbo-hbo doorstroomassessment jij en het hbo ..een succesvolle combinatie?

Handleiding Mbo-hbo doorstroomassessment jij en het hbo ..een succesvolle combinatie? Handleiding jij en het hbo..een succesvolle combinatie? Inhoudsopgave Leeswijzer 3 Inleiding 4 1. Het portfolio 5 1.1 Kwaliteitseisen 5 1.2 Samenstelling van het portfolio 5 1.3 Inleveren portfolio 6 1.4

Nadere informatie

Intercultureel vakmanschap in de stage

Intercultureel vakmanschap in de stage Handreiking C Intercultureel vakmanschap in de stage Handreiking voor hsao-opleidingen en stageverlenende instellingen in de jeugdzorg HBO-raad, oktober 2012 Project intercultureel vakmanschap in het hsao

Nadere informatie

Medezeggenschap verzilveren

Medezeggenschap verzilveren Steven van Slageren Medezeggenschap verzilveren 2 maart 2010 OR-ervaring niet meenemen in je loopbaan is een vorm van kapitaalsvernietiging Medezeggenschap verzilveren Stappenplan/spoorboekje/handleiding:

Nadere informatie

Minor NLP: Opleiding Technician en Practitioner

Minor NLP: Opleiding Technician en Practitioner Minor NLP: Opleiding Technician en Practitioner Faculteit Economie en Management Minor NLP: Opleiding Technician en Practitioner NLP NLP staat voor Neuro Linguïstisch Programmeren (Bandler en Grinder,

Nadere informatie

Leerplanschema Minor Psychologie

Leerplanschema Minor Psychologie Minor Psychologie 1 Inleiding Waarom houden mensen zich niet aan dieetvoorschriften? Hoe kan ik ze dan stimuleren om dat wel te doen? Hoe kan ik teamsporters leren om beter om te gaan met zelfkritiek?

Nadere informatie

Competentieprofiel voor coaches

Competentieprofiel voor coaches Competentieprofiel voor coaches I. Visie op coaching Kwaliteit in coaching wordt in hoge mate bepaald door de bijdrage die de coach biedt aan: 1. Het leerproces van de klant in relatie tot diens werkcontext.

Nadere informatie

Informatie 2-daagse opleiding tot TOPs!-coach

Informatie 2-daagse opleiding tot TOPs!-coach Informatie 2-daagse opleiding tot TOPs!-coach Den Dolder, mei 2014 Versie: 2 Auteur(s): Anna Hulsebosch/Joke Gierveld Het programma en de bijbehorende opleiding TOPs! is een programma voor jongens en meisjes

Nadere informatie

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303 Doel (Mede)zorgdragen voor de vormgeving en door het geven van adviezen bijdragen aan de uitvoering van het beleid binnen de Hogeschool Utrecht kaders en de ter

Nadere informatie

De ROWF organiseert al vanaf het begin van de opleidingsschool onderdelen vanuit het generieke programma van de HvA Les op Locatie.

De ROWF organiseert al vanaf het begin van de opleidingsschool onderdelen vanuit het generieke programma van de HvA Les op Locatie. ROWF Les op locatie in de beroepsopdracht van de HvA. De ROWF organiseert al vanaf het begin van de opleidingsschool onderdelen vanuit het generieke programma van de HvA Les op Locatie. Het doel is de

Nadere informatie

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR

PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Vastgesteld in de bestuursvergadering van 24 mei 2007 PROFIEL COLLEGE VAN BESTUUR Binnen de voor de stichting geldende statuten en reglementen, is het College van Bestuur het bevoegd gezag van de stichting,

Nadere informatie

Vormgeving van SLB in de praktijk

Vormgeving van SLB in de praktijk Vormgeving van SLB in de praktijk Inhoudsopgave Inleiding...2 Het eerste leerjaar...2 Voorbeeld Programmering Studieloopbaanbegeleiding (SLB) niveau 3-4...3 POP en Portfolio...8 Vervolg...10 Eisma-Edumedia

Nadere informatie

Veel gestelde vragen lijst Deeltijd Human Resource Management 2013-2014

Veel gestelde vragen lijst Deeltijd Human Resource Management 2013-2014 Veel gestelde vragen lijst Deeltijd Human Resource Management 2013-2014 1. Op welke dag wordt lesgegeven? Er is één vaste lesdag per week. Tijdens het cursusjaar 2013-2014 zijn de lessen als volgt: De

Nadere informatie

Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg

Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Naam: Klas: praktijkbegeleider: Werkplek: Toelichting bij de Voortgangsrapportage Maatschappelijke Zorg Gedurende de opleiding werken de studenten in de praktijk aan praktijkopdrachten. Een schooljaar

Nadere informatie

De kunst jezelf en anderen te leiden

De kunst jezelf en anderen te leiden 4D organisatieontwikkeling & opleiding individu groep taak context TGI-opleiding 2016 2018 De kunst jezelf en anderen te leiden 1 TGI, de kunst jezelf en anderen te leiden Als leidinggevende, projectleider,

Nadere informatie

Beoordelingskader minor Innovatief Beroepsonderwijs

Beoordelingskader minor Innovatief Beroepsonderwijs Beoordelingskader minor Innovatief Beroepsonderwijs Versie 1 voor het studiejaar 2007-2008, januari 2008. Bij dit beoordelingskader hoort een drietal beoordelingsformulieren: Formulier A. Eindbeoordeling

Nadere informatie

Portfoliobegeleiding. Roland Leenaarts Roland@fluitendnaarjewerk.nl

Portfoliobegeleiding. Roland Leenaarts Roland@fluitendnaarjewerk.nl Portfoliobegeleiding Roland Leenaarts Roland@fluitendnaarjewerk.nl Agenda Welkom Kennismaking Uitleg bijeenkomst Werkplekleren Inhoud portfolio Portfolio-opdrachten Eindkwalificaties Reflectie op de kernopgaven

Nadere informatie

Gehandicaptenzorg, woonbegeleiding, activiteitenbegeleiding, zorgcoördinatie.

Gehandicaptenzorg, woonbegeleiding, activiteitenbegeleiding, zorgcoördinatie. Specificaties Medewerker maatschappelijke zorg Titel: Soort: Werksituatie: Eindproduct: Kwaliteitszorg voor MZ Cursus Gehandicaptenzorg, woonbegeleiding, activiteitenbegeleiding, zorgcoördinatie. Een presentatie

Nadere informatie

Post HBO opleiding Jobcoach/Trajectbegeleider

Post HBO opleiding Jobcoach/Trajectbegeleider Post HBO opleiding Jobcoach/Trajectbegeleider Combo Emonomy Combo Emonomy heeft een lange historie en traditie in methodiekontwikkeling, onderzoek, opleiding, coaching en advies op het gebied van arbeidsontwikkeling,

Nadere informatie

3. Inleiding. 4. Doelstelling van de minor.

3. Inleiding. 4. Doelstelling van de minor. 1. Inhoudsopgave Voorwoord 3 Inleiding 4 Doelstelling van de minor 4 De structuur van de minor. 5 De competenties van de minor 6 Onderwerpen, werkvormen en werkwijze. 7 Toetsing en beoordeling, instapvoorwaarden

Nadere informatie

Trainingen en workshops voor praktijkopleiders en leidinggevenden. Jouw talent, onze ambitie!

Trainingen en workshops voor praktijkopleiders en leidinggevenden. Jouw talent, onze ambitie! Trainingen en workshops voor praktijkopleiders en leidinggevenden Jouw talent, onze ambitie! Je vindt het belangrijk om te blijven investeren in je eigen ontwikkeling. Zeker als je nieuwe vaardigheden

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89 Inhoud Inleiding 9 1 Zelfsturend leren 13 1.1 Zelfsturing 13 1.2 Leren 16 1.3 Leeractiviteiten 19 1.4 Sturingsactiviteiten 22 1.5 Aspecten van zelfsturing 25 1.6 Leerproces vastleggen 30 2 Oriëntatie op

Nadere informatie

De kunst jezelf en anderen te leiden

De kunst jezelf en anderen te leiden 4D organisatieontwikkeling & opleiding individu groep taak context TGI-opleiding 2015 2017 De kunst jezelf en anderen te leiden 1 TGI, de kunst jezelf en anderen te leiden Als leidinggevende, projectleider,

Nadere informatie

2. Uitvoeren van organisatie- en professiegebonden taken. Oordeel voldoende / onvoldoende * Instelling: Fase: 1 2 3*

2. Uitvoeren van organisatie- en professiegebonden taken. Oordeel voldoende / onvoldoende * Instelling: Fase: 1 2 3* Competentiekaart verzorgende IG (de eisen ten aanzien van loopbaan en de burgerschapsdimensies zijn in de kaart verwerkt, behalve de politiek-juridische dimensie die geheel op school wordt behandeld) Competentiekaart

Nadere informatie

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem

Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Medical Imaging/ Radiation Oncology Masteropleiding Haarlem Gezondheid, Sport en Welzijn Masteropleiding Medical Imaging/ Radiation Oncology Verschillende studies laten zien dat de druk op de gezondheidszorg

Nadere informatie

De speerpunten van de SPCO-scholen

De speerpunten van de SPCO-scholen Meerjaren Plan 2012-2015 De speerpunten van de SPCO-scholen Inleiding Strategische speerpunten Hart voor kinderen Met veel genoegen presenteren wij de samenvatting van ons strategisch meerjarenplan Hart

Nadere informatie

middelbaar beroepsonderwijs Brainport regio Eindhoven Onderwijsvisie Onze kijk op onderwijs

middelbaar beroepsonderwijs Brainport regio Eindhoven Onderwijsvisie Onze kijk op onderwijs middelbaar beroepsonderwijs Brainport regio Eindhoven Onderwijsvisie Onze kijk op onderwijs Summa College maart 2013 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: De vijf onderwijspijlers 4 Hoofdstuk 2: De vijf onderwijspijlers

Nadere informatie

Instituut voor Sociale Opleidingen

Instituut voor Sociale Opleidingen Instituut voor Sociale Opleidingen Naar een nieuwe opleiding Social Work In september 2016 start Hogeschool Rotterdam met de nieuwe opleiding Social Work. Dit betekent dat eerstejaars studenten (die in

Nadere informatie

3. Opleidingskader voor de opleiding Informatiecoördinator

3. Opleidingskader voor de opleiding Informatiecoördinator 3. Opleidingskader voor de opleiding Informatiecoördinator In het project GROOTER worden onder andere opleidingskaders ontwikkeld voor drie functiegerichte opleidingen voor Bevolkingszorg. In dit hoofdstuk

Nadere informatie

Deze nieuwsbrief is bestemd voor de professionals jonge kind van de Utrechtse basisscholen, peutercentra en kinderdagverblijven.

Deze nieuwsbrief is bestemd voor de professionals jonge kind van de Utrechtse basisscholen, peutercentra en kinderdagverblijven. Deze nieuwsbrief is bestemd voor de professionals jonge kind van de Utrechtse basisscholen, peutercentra en kinderdagverblijven. Colofon Het project Nu voor later is een gezamenlijk project van schoolbesturen

Nadere informatie

2. Opleidingskader voor de opleiding Teamleider Preparatie nafase

2. Opleidingskader voor de opleiding Teamleider Preparatie nafase 2. Opleidingskader voor de opleiding Teamleider Preparatie nafase In het project GROOTER worden onder andere opleidingskaders ontwikkeld voor drie functiegerichte opleidingen voor Bevolkingszorg. In dit

Nadere informatie

[STUDIEHANDLEIDING SLB EN EXAMINERING BPV ] Studiehandleiding studieloopbaanbergeleiding en examinering.

[STUDIEHANDLEIDING SLB EN EXAMINERING BPV ] Studiehandleiding studieloopbaanbergeleiding en examinering. 2014/2015 ROC van Amsterdam studieloopbaanbergeleiding en examinering leerjaar 3 Schooljaar 2014/2015 Annika Morrice, Ali el Amraoui [STUDIEHANDLEIDING SLB EN EXAMINERING BPV ] Studiehandleiding studieloopbaanbergeleiding

Nadere informatie

Overzicht kerntaken, werkprocessen, prestatie-indicatoren gekoppeld aan examenproducten

Overzicht kerntaken, werkprocessen, prestatie-indicatoren gekoppeld aan examenproducten Overzicht kerntaken, werkprocessen, prestatie-indicatoren gekoppeld aan examenproducten Kerntaak 1 Organiseert het leerproces van de (lerende) medewerker in de praktijk Werkproces Prestatie-indicator Examenproduct

Nadere informatie

1. Interpersoonlijk competent

1. Interpersoonlijk competent 1. Interpersoonlijk competent De docent BVE schept een vriendelijke en coöperatieve sfeer in het contact met deelnemers en tussen deelnemers, en brengt een open communicatie tot stand. De docent BVE geeft

Nadere informatie

Didactische cursus 2007-2008 POP

Didactische cursus 2007-2008 POP Jeremy Waterloo Datum: 251007 Ranonkelstraat 9 4818 HN Breda Netherlands Didactische cursus 20072008 POP Toelichting Na het doornemen van het competentieprofiel van de HKU en de verwerking hiervan op het

Nadere informatie

ECTS-fiche. Opleiding. Geïntegreerde competentieverwerving 2. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot

ECTS-fiche. Opleiding. Geïntegreerde competentieverwerving 2. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Module Code Lestijden Studiepunten Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot GMW Geïntegreerde competentieverwerving 2 AD2 40 n.v.t. 220 JA aanvragen

Nadere informatie

OPLEIDER IN DE SCHOOL, COACH en OPLEIDINGSCOÖRDINATOR Post-HBO opleidingen

OPLEIDER IN DE SCHOOL, COACH en OPLEIDINGSCOÖRDINATOR Post-HBO opleidingen Professionaliseringsaanbod Pabo 2010 2011 OPLEIDER IN DE SCHOOL, COACH en OPLEIDINGSCOÖRDINATOR Post-HBO opleidingen Inleiding Nieuw in ons aanbod! Een vervolg op de Post-HBO Coach en opleider in de school!

Nadere informatie

9. Gezamenlijk ontwerpen

9. Gezamenlijk ontwerpen 9. Gezamenlijk ontwerpen Wat is het? Gezamenlijk ontwerpen betekent samen aan een nieuw product werken, meestal op een projectmatige manier. Het productgerichte geeft richting aan het proces van kennis

Nadere informatie

Een flexibele deeltijdopleiding die inspeelt op de actualiteit van het sociaal werk

Een flexibele deeltijdopleiding die inspeelt op de actualiteit van het sociaal werk Een flexibele deeltijdopleiding die inspeelt op de actualiteit van het sociaal werk Inhoud 1. Heldere onderwijsvisie 2. Opleiden op maat 3. Online leren 4. Samen verantwoordelijk 5. Modulaire opleiding

Nadere informatie

Opleiding: Eerst Verantwoordelijke Verzorgende met plus (EVV met plus)

Opleiding: Eerst Verantwoordelijke Verzorgende met plus (EVV met plus) Opleiding: Eerst Verantwoordelijke Verzorgende met plus (EVV met plus) De Eerst Verantwoordelijke Verzorgende (EVV er) is onmisbaar in de zorg en u wilt uw EVV er de juiste kennis en vaardigheden meegeven.

Nadere informatie

De competente sociaal agoog

De competente sociaal agoog De competente sociaal agoog Elke beroepsopleiding hanteert een eigen competentieprofiel waar de beginnende professional aan moet voldoen. De daaruit komen overeen met de landelijk vastgestelde beroepskwalificaties.

Nadere informatie

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING Bijlage, Bachelor Opleiding Docent Muziek Studiejaar 2013-2014 Algemeen 1. Deze bijlage bij het algemene gedeelte van de Onderwijs- en examenregeling van Codarts is van toepassing

Nadere informatie

Strategisch Opleidingsbeleid

Strategisch Opleidingsbeleid Strategisch Opleidingsbeleid Achtergrondinformatie en tips om zelf aan de slag te gaan In deze handreiking vindt u de volgende onderwerpen: Wat is strategisch opleidingsbeleid? Hoe komt u tot strategisch

Nadere informatie

BEOORDELINGSFORMULIER STAGES BACHELOR NIVEAU 3

BEOORDELINGSFORMULIER STAGES BACHELOR NIVEAU 3 Faculteit Geesteswetenschappen BEOORDELINGSFORMULIER STAGES BACHELOR NIVEAU 3 Onderstaand formulier betreft de beoordeling van het stageverslag en het onderzoeksverslag. Deze wordt door de begeleidende

Nadere informatie

Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties

Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties Zelfdiagnostische vragenlijst verandercompetenties Het gaat om de volgende zeven verandercompetenties. De competenties worden eerst toegelicht en vervolgens in een vragenlijst verwerkt. Veranderkundige

Nadere informatie

Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid. Leg het fundament. Crebonummer 91370. Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL

Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid. Leg het fundament. Crebonummer 91370. Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL Beoordelingseenheid A Proeve van Bekwaamheid Leg het fundament Crebonummer 91370 Opleiding Sociaal Cultureel Werker Kwalificatieniveau 4 BOL/BBL EXAMENBANK PROVE2MOVE 2 Inhoudsopgave Inleiding 3 Opdrachten

Nadere informatie

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Module. Lestijden 60

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Module. Lestijden 60 ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Marketing Module Management & Organisatie Code C2 Lestijden 60 Studiepunten n.v.t. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot JA aanvragen vrijstelling

Nadere informatie

ECTS-fiche. Graduaat Sociaal-Cultureel werk Samenwerkingsvaardigheden. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot

ECTS-fiche. Graduaat Sociaal-Cultureel werk Samenwerkingsvaardigheden. Lestijden. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Module Code Lestijden Studiepunten Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot Graduaat Sociaal-Cultureel werk Samenwerkingsvaardigheden AC2 40

Nadere informatie

Visie en eindtermen voor jobcoachopleidingen

Visie en eindtermen voor jobcoachopleidingen Visie en eindtermen voor jobcoachopleidingen Versie 1.0 12 april 2012 Inhoudsopgave blz. Voorwoord 2 Algemeen -Visie 3 -Methodiek 4 Intake/assessment 5 Jobfinding 6 Coaching on the job 7 Definitielijst

Nadere informatie

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Module. Lestijden 160

ECTS-fiche. 1. Identificatie. Module. Lestijden 160 ECTS-fiche 1. Identificatie Opleiding Marketing Module Algemene Marketing Code A5 Lestijden 160 Studiepunten n.v.t. Ingeschatte totale studiebelasting (in uren) 1 Mogelijkheid tot JA aanvragen vrijstelling

Nadere informatie

Handleiding voor praktijkbegeleiders van niveau 2 en 3 cursisten

Handleiding voor praktijkbegeleiders van niveau 2 en 3 cursisten Handleiding voor praktijkbegeleiders van niveau 2 en 3 cursisten Inhoud: Inleiding... 3 Kerntaken van een praktijkbegeleider... 3 Voorbereidend gesprek met de cursist... 4 Feedback geven... 4 Begeleiden

Nadere informatie

Coördinator Wetenschap en Techniek

Coördinator Wetenschap en Techniek Coördinator Wetenschap en Techniek De post-hbo opleiding Coördinator Wetenschap en Techniek heeft tot doel leraren en middenkaderfunctionarissen toe te rusten met inzichten en vaardigheden op het gebied

Nadere informatie

Aandacht voor jouw ambitie!

Aandacht voor jouw ambitie! Aandacht voor jouw ambitie! ROC Rivor is hét opleidingscentrum van regio Rivierenland. Wij bieden een breed scala aan opleidingen, cursussen en trainingen voor jongeren en volwassenen. Toch zijn we een

Nadere informatie

LEERCOACH IN DE NETWERKSCHOOL. Verantwoordelijkheden

LEERCOACH IN DE NETWERKSCHOOL. Verantwoordelijkheden Leercoaches begeleiden studenten in hun leertraject, studievoortgang en ieontwikkeling binnen de Netwerkschool ROC Nijmegen. Deze notitie uit 2013 beschrijft de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en kerntaken

Nadere informatie

Certificering pabo-studenten voor Ontwikkelingsgericht Onderwijs Door: Bestuur OGO-Academie september 2014

Certificering pabo-studenten voor Ontwikkelingsgericht Onderwijs Door: Bestuur OGO-Academie september 2014 Certificering pabo-studenten voor Ontwikkelingsgericht Onderwijs Door: Bestuur OGO-Academie september 2014 Inleiding De certificering wordt door de OGO-Academie uitgevoerd. De pabo s zijn verantwoordelijk

Nadere informatie

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden:

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Marco Snoek over de masteropleiding en de rollen van de LD Docenten De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Het intended curriculum : welke doelen worden

Nadere informatie

Professionaliseringstraject voor de LC/LD docent

Professionaliseringstraject voor de LC/LD docent Amersfoortse Docenten Academie Professionaliseringstraject voor de LC/LD docent in samenwerking met: Professionaliseringstraject voor de LC/LD docent De Academie nodigt jou uit om deel te nemen aan ons

Nadere informatie

NEDERLANDSE KANO BOND Aangesloten bij: NOC*NSF / European Canoe Association / International Canoë Fédération Commissie Opleidingen

NEDERLANDSE KANO BOND Aangesloten bij: NOC*NSF / European Canoe Association / International Canoë Fédération Commissie Opleidingen Profiel Trajectbegeleider / Leercoach Kwalificatieprofiel trajectbegeleider Algemene informatie Onder regie van datum: december 2005 versie: 3 NOC*NSF Ontwikkeld door KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking

Nadere informatie

Beroepsopleiding Fondsenwerving B

Beroepsopleiding Fondsenwerving B Beroepsopleiding Fondsenwerving B Opbouw en indeling van de opleiding De stichting Instituut voor Sponsoring en Fondsenwerving (ISF) verzorgt al sinds 1994 opleidingen en workshops, symposia en seminars

Nadere informatie

Handleiding. voor. praktijkbegeleiders

Handleiding. voor. praktijkbegeleiders Handleiding voor praktijkbegeleiders Versie: februari 2011 Inhoud: Inleiding... 3 Kerntaken van een praktijkbegeleider... 3 Voorbereidend gesprek met de cursist... 4 Feedback geven... 4 Begeleiden van

Nadere informatie

Bijlage 5 Interviewformulier studieadviseurs

Bijlage 5 Interviewformulier studieadviseurs Bijlage 5 Interviewformulier studieadviseurs Studentnummer: Naam aanmelder: Stap 1. Welkom heten en uitleggen wat het onderzoek inhoudt (Tijd: 5 minuten) Landelijk en bij de FEM is er sprake van een hoge

Nadere informatie

Competentieprofiel. kaderlid LGB Beroepsinhoud Zorg

Competentieprofiel. kaderlid LGB Beroepsinhoud Zorg Competentieprofiel kaderlid LGB Beroepsinhoud Zorg Generieke Competenties... 2 Affiniteit met kaderlidmaatschap... 2 Sociale vaardigheden... 2 Communicatie... 2 Lerend vermogen... 3 Initiatiefrijk... 3

Nadere informatie

BASISCOMPETENTIES VOOR FACILITATOREN

BASISCOMPETENTIES VOOR FACILITATOREN BASISCOMPETENTIES VOOR FACILITATOREN ACHTERGROND De International Association of Facilitators (IAF) is een internationale organisatie met als doel om de kunst en de praktijk van het professioneel faciliteren

Nadere informatie

Concept: De basis van de praktijkroute. FC Extra

Concept: De basis van de praktijkroute. FC Extra Concept: De basis van de praktijkroute FC Extra Verdiepin g Training van vaardigheden Verdieping: Algemene thema s Verbreding en verdieping op: Kennis Toepassen van kennis Onderzoek Verdieping: Vakinhoudelijk

Nadere informatie

Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI)

Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI) Het Management Skills Assessment Instrument (MSAI) Het zelfbeoordelingsformulier Het doel van deze evaluatie is om u te helpen bij het bepalen van de belangrijkste aandachtsvelden van uw leidinggevende

Nadere informatie

Beoordelen in het HBO

Beoordelen in het HBO Beoordelen in het HBO Eef Nijhuis Saxion Joke van der Meer HAN RIZO 12 maart 2013 Competentiegericht leren Competenties bepalen de inhoud van leren en toetsen Leren en beoordeling zijn gericht op effectief

Nadere informatie

Vanuit het Albeda College een korte toelichting op de producten CCB en de deelnemers aan de opleiding Jeugdopbouwwerker

Vanuit het Albeda College een korte toelichting op de producten CCB en de deelnemers aan de opleiding Jeugdopbouwwerker september 2007 Vanuit het Albeda College een korte toelichting op de producten CCB en de deelnemers aan de opleiding Jeugdopbouwwerker In 2007 is door ons bij de projectleiding CCB een CD aangeleverd met

Nadere informatie

Checklist Coachingscompetenties t.b.v. Sociaal Emotionele Accreditatie

Checklist Coachingscompetenties t.b.v. Sociaal Emotionele Accreditatie De BPV-Begeleider. Checklist Coachingscompetenties t.b.v. Sociaal Emotionele Accreditatie 1 is de directe coach van de deelnemer gedurende de gehele stage. 2 hanteert een oplossingsgerichte begeleidingssteil.

Nadere informatie

Talent Ontwikkelingsplan (TOP) E-Fase voorjaar 2012 Advanced Business Creation. Nick Kuijpers

Talent Ontwikkelingsplan (TOP) E-Fase voorjaar 2012 Advanced Business Creation. Nick Kuijpers Talent Ontwikkelingsplan (TOP) E-Fase voorjaar 2012 Advanced Business Creation Nick Kuijpers Inhoudsopgave Business School... 3 Leerdoel... 3 Te behalen competenties... 3 Leeractiviteiten + deadlines...

Nadere informatie

Porfolio. Politie Vormingscentrum

Porfolio. Politie Vormingscentrum Porfolio 1. Inleiding 2. Wat is een portfolio? Hoe gebruik je het portfolio Reflectieverslagen Persoonlijke leerdoelen formuleren Werkwijze en denkmodel om opgaven/problemen op te lossen 1. INLEIDING Ligt

Nadere informatie

1 Studieloopbaanbegeleiding (slb) 15 1.1 Doel en taken slb 15 1.2 slb-instrumenten en methoden 18

1 Studieloopbaanbegeleiding (slb) 15 1.1 Doel en taken slb 15 1.2 slb-instrumenten en methoden 18 Inhoud Inleiding 9 Deel 1 Theorie 13 1 Studieloopbaanbegeleiding (slb) 15 1.1 Doel en taken slb 15 1.2 slb-instrumenten en methoden 18 2 Gespreksvaardigheden 28 2.1 Communicatiewetmatigheden 28 2.2 Luisteren

Nadere informatie

Beroepsopdracht 3: Zorg voor de veiligheid en voorlichting geven

Beroepsopdracht 3: Zorg voor de veiligheid en voorlichting geven l Beroepsopdracht 3: Zorg voor de veiligheid en voorlichting geven Pagina 1 van16 Werkprocessen en competenties gericht op het verpleegplan 1.1 Stelt verpleegkundige diagnose en stelt het verpleegplan

Nadere informatie

Redactie: Maaike Kluft en Corrie van Dam Eindredactie: afdeling communicatie Movisie Vormgeving: Ontwerpburo Suggestie en Illusie Drukwerk: Libertas

Redactie: Maaike Kluft en Corrie van Dam Eindredactie: afdeling communicatie Movisie Vormgeving: Ontwerpburo Suggestie en Illusie Drukwerk: Libertas Redactie: Maaike Kluft en Corrie van Dam Eindredactie: afdeling communicatie Movisie Vormgeving: Ontwerpburo Suggestie en Illusie Drukwerk: Libertas Werk ik wel volgens de uitgangspunten van de Wmo en

Nadere informatie

Medewerker onderwijsontwikkeling

Medewerker onderwijsontwikkeling Medewerker onderwijsontwikkeling Doel Ontwikkelen van en adviseren over het onderwijsbeleid en ondersteunen bij de implementatie en toepassing ervan, uitgaande van de geformuleerde strategie van de instelling/faculteit

Nadere informatie

Een verslag van coachende begeleidingsgesprekken met een klasgenoot over de leerdoelen en leerpunten tijdens de stage.

Een verslag van coachende begeleidingsgesprekken met een klasgenoot over de leerdoelen en leerpunten tijdens de stage. Specificaties Medewerker maatschappelijke zorg Titel: Soort: Werksituatie: Eindproduct: Coachend begeleiden en sociaal activeren Cursus Gehandicaptenzorg, geestelijke gezondheidszorg, verslavingszorg,

Nadere informatie