OVER de TRAJECTNOTA CAPACITEITSUITBREIDING COENTUNNEL

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "OVER de TRAJECTNOTA CAPACITEITSUITBREIDING COENTUNNEL"

Transcriptie

1 Juli 1998 Adviesnr. 212 Serie '98, nr.16 OVER de TRAJECTNOTA CAPACITEITSUITBREIDING COENTUNNEL Aan: het Gemeentebestuur van de Centrale Stad

2 ARS-ADVIES over de TRAJECTNOTA CAPACITEITSUITBREIDING COENTUNNEL INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING EN AANBEVELINGEN 3 I. INLEIDING 5 II. RUIMTELIJK- EN MOBILITEITSBELEID 5 1. Het probleem 2. Overheidsbeleid 3. Aandachtspunten III. DIFFERENTIATIE ALS BELEIDSOPGAVE 7 IV DE UITBREIDINGSVARIANTEN 8 Verder gebruik van dit advies staat ieder vrij, mits dit gebeurt met bronvermelding. 2

3 SAMENVATTING EN AANBEVELINGEN van het ARS-advies over de TRAJECTNOTA CAPACITEITSUITBREIDING COENTUNNEL SAMENVATTING De ARS toetst in dit advies de alternatieven die in de Trajectnota Capaciteitsuitbreiding Coentunnel naar voren worden gebracht op de ontwikkelingspotenties voor de stad en de regio. Door de congestie bij de Coentunnel worden met name de economische ontwikkelingskansen van ge-bieden ten noorden van het Noordzeekanaal beperkt. De ARS is van mening dat uitbreiding van de wegcapaciteit niet strijdig mag zijn met het compacte-stadbeleid dat erop gericht is ruimtelijke spreiding tegen te gaan en de mobiliteit beter te beheersen. Een tunneluitbreiding die los staat van sturend ruimtelijke beleid in de regio zal slechts tijdelijk knelpunten in het rijkswegennet kunnen oplossen. Vergroten van aanbod door aanleg van meer rijstroken leidt dan in de toe-komst tot het vergroten van de vraag, met nieuwe congestie als uiteindelijk gevolg. De ARS brengt onder de aandacht dat de Trajectnota naar zijn oordeel te weinig uitgaat van in-tegraal beleid. Het congestieprobleem wordt in de Trajectnota te geïsoleerd benaderd. Er wordt onvoldoende aandacht besteed aan de sturingsmogelijkheden van ruimtelijk beleid, de effecten van het doelgroepenbeleid worden niet beoordeeld en door uit te gaan van een algemene congestienorm van 5% krijgt ten onrechte alle verkeer dat gebruik maakt van de Coentunnel vrij baan, waardoor ook de milieudoelstellingen van het mobiliteitsbeleid en de stimulering van het OV in het gedrang komen. De ARS behandelt vervolgens hoe verschillende vormen van differentiatie (in bereikbaarheid, wegenstelsel en verkeerssoorten) een opgave voor het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid vormen. Het uiteindelijke standpunt van de ARS is dat vanwege de ernst van de congestie uitbreiding van de Coentunnel mogelijk moet zijn, mits de volgende randvoorwaarden van kracht zijn: 1. Ruimtelijke effecten die strijdig zijn met het compacte-stadbeleid en het locatiebeleid (A,B,Cbeleid), zoals suburbanisering en ruimtelijke spreiding, worden tegengegaan. 2. Alleen het autoverkeer met een duidelijk tijdsbelang profiteert van de uitbreiding. 3. De groei van het autoverkeer wordt beheerst. 4. Bij uitbreiding wordt rekening gehouden met het doelgroepenbeleid (b.v. via rekeningrijden) zoals dat voor het rijkswegennet ingevoerd zal worden. 5. Stimulering van het OV behoudt prioriteit boven het vergroten van de autobereikbaarheid. AANBEVELINGEN 1. Plaats eventuele uitbreiding van de Coentunnel nadrukkelijker dan in de Trajectnota is gebeurd in het kader van integraal ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid (ruimtelijke samenhang, terugdringen autoverkeer, bevorderen OV, halen milieudoelstellingen). 2. Ga niet uit van een algemene reductie van de congestiekans (d.i. de kans om in de file te staan) tot minder dan 5% voor alle verkeer bij eventuele uitbreiding. Dat zal leiden tot een verdere groei van het autoverkeer. 3. Probeer in de regio tot een betere scheiding van ontsluitende en verbindende wegen te komen. Als doorgaand verkeer gebruik blijft maken van de Coentunnel, geef dit doorgaande verkeer dan zo weinig mogelijk afslagen naar het onderliggende wegennet. 4. Toets de mogelijke effecten van een mix van maatregelen die nog niet in de Trajectnota aan de orde zijn gesteld: de combinatie van een doelgroepenbenadering, de inzet van benuttingsmaatregelen zoals dynamisch verkeersmanagement en forse investeringen in de verbetering van het openbaar vervoer (o.a. aanleg tak Zaanstad Noord/Zuidlijn). ARS-advies nr. 212: serie 98, nr. 16; juli

4 ADVIES over de TRAJECTNOTA CAPACITEITSUITBREIDING COENTUNNEL Juli 1998 Adviesnr. 212 Serie 98, nr.16 I. INLEIDING Na een langdurige procedure ligt nu een Trajectnota Capaciteitsuitbreiding Coentunnel voor. In de Trajectnota worden verschillende alternatieven besproken die een oplossing zouden kunnen bieden voor de congestieproblemen waarmee de westring van de A 10 nu al in ernstige mate (m.n. in de spits) te maken heeft. Bij de voorspelde groei van het autoverkeer zal de congestiekans op dit traject alleen nog maar toenemen. Dit beïnvloedt de bereikbaarheid van Amsterdam-Noord en de Zaanstreek nadelig. Vooral de economische ontwikkelingskansen van werkgebieden ten noorden van het Noordzeekanaal worden door de files voor de Coentunnel beperkt. De Trajectnota is niet alleen van belang voor het besluit over de (uitbreiding van) de Coentunnel. De aanleg van de Westrandweg (A 5 Noord), waarover de minister reeds in 1991 een Tracébesluit heeft genomen, is gekoppeld aan de capaciteitsuitbreiding van de Coentunnel. Uitbreiding van de Coentunnel is een voorwaarde voor de aanleg van de Westrandweg volgens de huidige plannen. De ARS zal de alternatieven die in de Trajectnota naar voren worden gebracht toetsen op de ontwikkelingspotenties voor de stad en de regio, die bij een goede integrale aanpak van beleid ontstaan. Hij ziet daarmee af van een gedetailleerde bespreking van alle technische en modelmatige aannames die in de Trajectnota zijn gedaan en beperkt zich tot de hoofdlijnen. II. RUIMTELIJK- EN MOBILITEITSBELEID 1. Het probleem In de regio Amsterdam is het Noordzeekanaal de fysieke barrière voor automobilisten die vanuit hun woonplaats ten noorden van het Noordzeekanaal hun werkbestemming aan de andere zijde willen bereiken; maar ook andere bestemmingen (voorzieningen, cultuur, recreatie) zijn in toenemende mate het motief voor autoverplaatsingen. De congestie op het wegennet ten noorden van het Noordzeekanaal vormt een belemmering voor de economische ontwikkeling aldaar. In de Trajectnota wordt uitbreiding van de Coentunnel als oplossing voor het congestieprobleem op de A10 en A 8 (en toeleidende wegen) voorgesteld. De ARS onderschrijft het doel van de uitbreiding: Het verbeteren van de bereikbaarheid van (de noordkant van) de Amsterdamse regio. In het oordeel van de ARS mag de uitbreiding echter niet strijdig zijn met het beleid dat erop gericht is de ruimtelijke spreiding tegen te gaan en de mobiliteit beter te beheersen. Het bereikbaarheidsprobleem dat ontstaat door congestie bij de Coentunnel moet op twee manieren beoordeeld worden: 1. Als probleem voor een goede ruimtelijke samenhang tussen essentiële functies in de Amsterdamse regio. 2. Als flessenhals in het netwerk van rijkswegen in de Amsterdamse regio. 5

5 De regio Amsterdam streeft met zijn compacte-stadbeleid naar functiemenging, zodat ruimtelijke functies door hun nabijheid elkaar kunnen versterken. Bij een tendens van suburbanisatie en uitwaaiering van economische bestemmingen in de regio wordt de ruimtelijke samenhang bedreigd en een onevenredig beslag gelegd op de open ruimte. Het resultaat van uitbreiding van de weg-infrastructuur is dat de autobereikbaarheid van bestemmingen die van elkaar afhankelijk zijn toeneemt. Een neveneffect van die goede autobereikbaarheid kan zijn dat ook de spreiding van bestemmingen toeneemt: Door een korte reistijd per auto speelt nabijheid een minder grote rol bij nieuwe vestigingen. Het autoverkeer zal verder groeien waardoor er opnieuw knelpunten in het rijkswegennet kunnen ontstaan. Het vergroten van het aanbod leidt kortom tot het vergroten van de vraag. Het uitbreiden van de weg-infrastructuur om acute bereikbaarheidsproblemen op te lossen mag daarom niet losstaan van een sturend ruimtelijk beleid. Wanneer dit wel gebeurt, kunnen knelpunten in het wegennet misschien tijdelijk worden opgelost, maar de oorsprong van het bereikbaarheidsprobleem wordt niet aangepakt. 2. Het overheidsbeleid Doelstelling van het mobiliteitsbeleid van de overheid is tegelijkertijd de bereikbaarheid van de belangrijkste (economische) functies en de leefbaarheid van de omgeving in stand te houden. Concreet impliceert dat o.a. een vermindering van de groei van het autoverkeer. Voor het landelijk beleid is nog steeds het tweede Structuurschema Verkeer en Vervoer (SVV-II) van kracht, in 1996 aangescherpt tot de nota s Samen Werken aan Bereikbaarheid en Transport in Balans. Van belang voor Amsterdam is dat het SVV-II voor de Noordvleugel van de Randstad is vertaald (en enigszins aangescherpt) in de zogenaamde INVERNO-studie en dat in ROA-verband is gekozen voor een samenhangend pakket van maatregelen op mobiliteitsgebied binnen de doelstellingenvariant van het Regionaal Verkeers- en Vervoersplan. 3. Aandachtspunten Hoewel de Trajectnota zichzelf als uitwerking van deze beleidskaders presenteert is er in het oordeel van de ARS toch te weinig aandacht voor een samenhangende uitwerking van integraal beleid. De probleemanalyse en mogelijke oplossingen voor de files bij de Coentunnel zijn beperkt van karakter. De ARS vraagt aandacht voor de volgende punten: 1. Sturen met ruimtelijk beleid Mogelijkheden om met ruimtelijk beleid te sturen worden onvoldoende betrokken bij de aanpak van het file-probleem. De ARS denkt hierbij aan de uitvoering van het compacte-stadbeleid en het landelijke locatiebeleid (o.a. het A,B,C-beleid). Om te kunnen sturen is allereerst een beter inzicht nodig in de herkomst en bestemmingen van de huidige gebruikers van de Coentunnel. In de Trajectnota is de analyse van herkomst en bestemmingen van vervoersstromen van het Coentunnel-traject te summier. 2. Effecten doelgroepenbeleid In de Trajectnota is geen rekening gehouden met aanscherping van het prijsbeleid (het verhogen van de kosten van het autogebruik door b.v. het parkeerbeleid en de invoering van rekeningrijden). Wanneer rekeningrijden op het rijkswegennet in de Randstad wordt ingevoerd als instrument om de bereikbaarheid voor belangrijke doelgroepen in stand te houden, zou wellicht ook de groei van het spitsverkeer op het Coentunnel-traject beteugeld kunnen worden. 3. Congestienorm voor alle verkeer Reductie van de congestiekans (d.i. de kans in de file te staan) op het Coentunneltraject tot minder dan 5% voor alle verkeer is de dominante invalshoek van de Trajectnota. Het hui-dige Amsterdamse beleid heeft als doelstelling deze norm alleen te hanteren voor het nood-zakelijke autoverkeer. Ook 6

6 de ARS is van mening dat niet aan alle autoverkeer vrij baan ge-geven moet worden. Gezien de concentratie van de files in de spitsuren is het nu vooral het woon-werkverkeer dat de congestie veroorzaakt. Algemene capaciteitsuitbreiding voor het woon-werkverkeer roept meer automobiliteit op, zodat op termijn wederom files zullen ont-staan of knelpunten zich zullen verplaatsen naar andere delen van het rijkswegennet. 4. Andere doelstellingen mobiliteitsbeleid Als operationalisering van een goede bereikbaarheid over de weg is reductie van de congestiekans slechts één van de beleidsdoelstellingen van het SVV-II. De ARS constateert dat doelstellingen op milieugebied (reductie C0 2 -uitstoot) en maatregelen ter bevordering van het openbaar vervoer bij de toetsing van de uiteindelijk voorgestelde varianten van minder doorslaggevend belang zijn geweest. Samenvattend concludeert de ARS dat de Trajectnota het congestieprobleem te geïsoleerd benadert, zonder rekening te houden met de ontwikkelingsmogelijkheden in de Amsterdamse regio. III. DIFFERENTIATIE ALS BELEIDSOPGAVE De ARS geeft enkele handreikingen om tot een betere differentiatie in het beleid te komen: 1. Differentiëren in bereikbaarheid Het is niet in het belang van een evenwichtige regionale ontwikkeling om na te streven dat alle gebieden een optimale bereikbaarheid krijgen. Intensivering van bedrijvigheid zal vooral plaats moeten vinden bij de goed bereikbaar knooppunten van het openbaar vervoer in de regio. Op minder goed bereikbare plekken kunnen extensieve functies gesitueerd worden. Bij verwaarlozing van dit onderscheid kan er in de regio Amsterdam een ongewenste ruimtelijke spreiding van allerlei belangrijke (economische) bestemmingen ontstaan. Dit zou een samenhangend locatiebeleid doorkruisen en meer autoverkeer oproepen. De Trajectnota besteedt ten onrechte geen aandacht aan de ruimtelijke effecten die een sterke toename van autobereikbaarheid door capaciteitsuitbreiding van de Coentunnel zou kunnen veroorzaken. 2. Differentiëren in ontsluitende en verbindende wegen Een deel van de congestieproblemen bij de Coentunnel wordt veroorzaakt doordat de A 10 als ringweg van Amsterdam een voornamelijk ontsluitende functie heeft, maar als deel van het Hoofdnet belangrijke verbindingen voor het doorgaande verkeer in Noord-Holland verzorgt. Een structurele oplossing van het congestieprobleem zou in de visie van de ARS kunnen ontstaan door een betere scheiding tussen het doorgaande autoverkeer en het locale en regionale bestemmingsverkeer tot stand te brengen. Een mogelijke visie is dat de nog aan te leggen Westrandweg (A 5) als westelijk deel van een tweede ring rond Amsterdam het doorgaande verkeer zou kunnen afwikkelen en daarmee de ringweg A 10 zou kunnen ontlasten. De ARS plaatst een aantal kanttekeningen bij deze opvatting. Het tracé van de Westrandweg wil nu twee doelen tegelijkertijd dienen: 1. Een betere verbinding van de twee belangrijke havens: Westpoort en de mainport Schiphol. 2. Een betere doorstroming van het doorgaande verkeer rond Amsterdam. De Westrandweg kan inderdaad zorgen voor een betere relatie tussen de zeehaven en de luchthaven. De verbetering van de (onderlinge) bereikbaarheid kan voorkomen dat havenafhankelijke bedrijvigheid zich zal verspreiden over de regio. Het is echter onduidelijk welk voordeel een aantakking van de Westrandweg op de A 10 bij de Coentunnel biedt voor deze kortsluiting van havens. Als weg voor doorgaand verkeer ligt een koppeling van de Westrandweg aan de A 10 bij de Coentunnel evenmin voor de hand. De ARS concludeert dat de huidige samenvoeging van de 7

7 A 5 en A 10 bij de Coentunnel niet gebaseerd is op een helder vervoersplanologisch concept, waarin ontsluitende en verbindende wegen duidelijk onderscheiden functies hebben. Wanneer doorgaand verkeer gebruik zal blijven maken van de Coentunnel zou bij een effectieve scheiding van het bestemmingsverkeer dit doorgaande verkeer zo weinig mogelijk afslagen naar het onderliggende wegennet moeten krijgen. 3. Differentiëren in verkeerssoorten De uitbouw van het regionaal openbaar vervoer in een samenhangend regionet zou in de toekomst een deel van het huidige woon-werkverkeer moeten gaan substitueren. Daarnaast kan scheiding van verkeerssoorten leiden tot een betere mobiliteitsgeleiding. Aanvullend kan de inzet van benuttingsmaatregelen zoals dynamisch verkeersmanagement ook leiden tot een betere benutting van de bestaande oeververbindingen. Resultaat van al deze maatregelen zal moeten zijn dat er een betere scheiding ontstaat tussen het verkeer dat een duidelijk tijdsbelang heeft en verkeer dat dit niet heeft. Het verkeer met een duidelijk tijdsbelang bestaat uit het noodzakelijke autoverkeer (dat een economische functie heeft) maar ook uit verkeer dat bereid is extra te betalen voor een file-vrije doorstroming. Het verkeer zonder dit belang zal de spits gaan mijden en wellicht ook meer dan nu het openbaar vervoer als alternatief kiezen. IV. DE UITBREIDINGSVARIANTEN Het voorop stellen van integraal ruimtelijk beleid en het totstandbrengen van bovenbeschreven vormen van differentiatie bepalen de concrete opstelling van de ARS t.o.v. de varianten die in de Trajectnota gepresenteerd worden. Het hanteren van een congestienorm van 5% als uitgangspunt voor de capaciteitsstudie leidt tot generieke maatregelen die op langere termijn niet tot een oplossing leiden van het bereikbaarheidsprobleem in de regio van Amsterdam en bovendien kunnen leiden tot ongewenste ruimtelijke effecten (suburbanisatie, ongewenste ruimtelijke spreiding economische bestemmingen). De voorgestelde uitbreidingsalternatieven, waarbij de capaciteit verdrievoudigd wordt tot 2x6 rijstroken, zijn ruimtelijk zeer ingrijpend. Een uitbreiding met een dergelijke omvang zal de groei van het autoverkeer verder stimuleren. Daardoor kunnen er in de toekomst hier of elders op het rijkswegennet opnieuw knelpunten ontstaan. Een capaciteitsuitbreiding van de Coentunnel en de A 8 zou rekening moeten houden met het effect van doelgroepenbeleid (zoals invoering van rekeningrijden). De ARS is van mening dat omwille van de bereikbaarheid nu enkel prioriteit verleend moet worden aan het autoverkeer dat een duidelijk tijdsbelang heeft. In de Trajectnota is de doelgroepenvariant als mogelijke oplossing afgevallen, vanwege de complexiteit van een goede fysieke inpassing van doelgroepstroken. De ARS is van mening dat de uitgangspunten voor een doelgroepenvariant in de Trajectnota te scherp gesteld zijn. Met name de reservering van minimaal 2x2 rijstroken als doelgroepenvoorziening is fors. Een doel-groepenbeleid hoeft niet afhankelijk te zijn van fysieke scheiding van verkeersstromen. Bij andere uitgangspunten zou een doelgroepenvariant wellicht wel haalbaar zijn. Wanneer rekeningrijden ingevoerd zal worden, kan verwacht worden dat de toepassing van moderne electronica en andere detectiemiddelen voldoende perspectieven zal bieden. De Trajectnota toetst niet de effecten die ontstaan bij een combinatie van een doelgroepenbenadering, de inzet van benuttingsmaatregelen zoals dynamisch verkeersmanagement en forse investeringen in de verbetering van het openbaar vervoer. Toch zou deze combinatie interessante oplossingsperspectieven kunnen bieden. In het wel getoetste nulplusalternatief is het effect van een aftakking van de Noord/Zuidlijn naar Zaanstad niet opgenomen. Deze verbetering van het openbaar vervoer is bij een beoordeling van mogelijke uitbreidingsvarianten van de Coentunnel zeer relevant, omdat het hier om een parallel traject gaat. 8

8 De ARS concludeert dat het onderzoek in de Trajectnota niet vanuit een samenhangende visie op de ruimtelijke ontwikkeling en mobiliteitssituatie in de Amsterdamse regio is uitgevoerd. Het standpunt van de ARS is dat vanwege de ernst van de congestie uitbreiding van de Coentunnel mogelijk moet zijn, mits de volgende randvoorwaarden van kracht zijn: 1. Ruimtelijke effecten die strijdig zijn met het compacte-stadbeleid en het locatiebeleid (A,B,Cbeleid), zoals suburbanisering en ruimtelijke spreiding, worden tegengegaan. 2. Alleen het autoverkeer met een duidelijk tijdsbelang profiteert van de uitbreiding. 3. De groei van het autoverkeer wordt beheerst. 4. Bij uitbreiding wordt rekening gehouden met het doelgroepenbeleid (b.v. via rekeningrijden) zoals dat voor het rijkswegennet ingevoerd zal worden. 5. Stimulering van het OV behoudt prioriteit boven het vergroten van de autobereikbaarheid. Uitbreiding is kortom alleen aan de orde als aangetoond kan worden dat aan deze voorwaarden voldaan kan worden. drs. F.M.C. Van de Ven (voorzitter) drs. B.B.J. Huls (secretaris) 9

MIRT onderzoek Noordwestkant Amsterdam. Regiomarkt

MIRT onderzoek Noordwestkant Amsterdam. Regiomarkt MIRT onderzoek Noordwestkant Amsterdam Regiomarkt 10-3-2016 1 Brede Aanpak Aanleiding Eerder onderzoek: knelpunten A9 Achterliggende ontwikkelingen: toenemende verstedelijking, vergrijzing, technologische

Nadere informatie

1. Nota van antwoord. Eindstand 2055 reacties door 3036 personen/instanties.

1. Nota van antwoord. Eindstand 2055 reacties door 3036 personen/instanties. 1. Nota van antwoord Eindstand 2055 reacties door 3036 personen/instanties. Daarnaast zijn enkele petities/handtekeningenacties gevoerd: Petitie Voordorp 975 handtekeningen Petitie NMU meer dan 19.000

Nadere informatie

Berekeningen effecten maatregelenpakket Zuidoostvleugel

Berekeningen effecten maatregelenpakket Zuidoostvleugel Berekeningen effecten maatregelenpakket Zuidoostvleugel Inleiding In het Bereikbaarheidsprogramma Zuidoostvleugel Brabantstad is een maatregelenpakket opgenomen conform de Zevensprong van Verdaas. Dit

Nadere informatie

Mobiliteit: de rol van sturing en capaciteit

Mobiliteit: de rol van sturing en capaciteit Mobiliteit: de rol van sturing en capaciteit BRUNO DE BORGER, UA hoogleraar economie Ringland Colloquium 20 maart 2014 de Singel Antwerpen Overzicht Basisprincipes van een goed mobiliteitsbeleid Toepassing

Nadere informatie

Zuidas(Dok) Martijn Overmulder Omgevingsmanager ZuidasDok en Dienst Zuidas. 10 jaar SilentRoads Symposium, WTC, 9 april 2013 1

Zuidas(Dok) Martijn Overmulder Omgevingsmanager ZuidasDok en Dienst Zuidas. 10 jaar SilentRoads Symposium, WTC, 9 april 2013 1 Zuidas(Dok) Martijn Overmulder Omgevingsmanager ZuidasDok en Dienst Zuidas 10 jaar SilentRoads Symposium, WTC, 9 april 2013 1 Zuidas(Dok) opzet presentatie 1. Gebiedsontwikkeling Zuidas 2. ZuidasDok t.b.v.

Nadere informatie

Toelichting Vastgesteld paraplubestemmingsplan Parkeernormen auto en fiets NL.IMRO.0342.PPSOE0002-0301 18 september 2014

Toelichting Vastgesteld paraplubestemmingsplan Parkeernormen auto en fiets NL.IMRO.0342.PPSOE0002-0301 18 september 2014 Toelichting Vastgesteld paraplubestemmingsplan Parkeernormen auto en fiets NL.IMRO.0342.PPSOE0002-0301 18 september 2014 september 2014) 1 september 2014) 2 INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING... 5 1.1

Nadere informatie

Intentieverklaring mobiliteitsmanagement Vianen

Intentieverklaring mobiliteitsmanagement Vianen 1. DE PARTIJEN Intentieverklaring mobiliteitsmanagement Vianen 1. Sogeti Nederland BV, gevestigd te Vianen, vertegenwoordigd door René Speelman, Manager Duurzaam Ondernemen. 2. Bosal Nederland BV, gevestigd

Nadere informatie

Bron: Groenlinks Rotterdam Datum: 1 februari 2011

Bron: Groenlinks Rotterdam Datum: 1 februari 2011 Bron: Groenlinks Rotterdam Datum: 1 februari 2011 Op 11 december 2010 organiseerde GroenLinks Rijnmond een bijeenkomst naar aanlei ding van de wegen- en tunnelplannen in de regio. De eindconclusie was

Nadere informatie

Betere bereikbaarheid door een robuust wegennetwerk in de regio Arnhem-Nijmegen. Startnotitie

Betere bereikbaarheid door een robuust wegennetwerk in de regio Arnhem-Nijmegen. Startnotitie Betere bereikbaarheid door een robuust wegennetwerk in de regio Arnhem-Nijmegen Startnotitie Het probleem Er is een bereikbaarheidsprobleem in de regio Arnhem Nijmegen na 2020. Het Rijk, de provincie en

Nadere informatie

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V.

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V. ANWB Kiezen voor mobiliteit - Files en bereikbaarheid - conclusies Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA 1 Motivaction International B.V. Inhoudsopgave

Nadere informatie

7. De plannen Stadsconcept A ringenmodel

7. De plannen Stadsconcept A ringenmodel 7. De plannen De bovenstaande doelen, uitgangspunten, wensen en (wettelijke) eisen zijn vertaald naar daadwerkelijke plannen. Omdat er meerdere mogelijkheden zijn om invulling te geven de doelen en wensen,

Nadere informatie

Mei 2000 Adviesnr. 245 Serie 2000 nr.12. OVER het AMSTERDAMS. VERKEERS- en VERVOERSPLAN

Mei 2000 Adviesnr. 245 Serie 2000 nr.12. OVER het AMSTERDAMS. VERKEERS- en VERVOERSPLAN Mei 2000 Adviesnr. 245 Serie 2000 nr.12 OVER het AMSTERDAMS VERKEERS- en VERVOERSPLAN Aan: het Gemeentebestuur van de Centrale Stad ADVIES over het AMSTERDAMS VERKEERS- EN VERVOERSPLAN (AVVP) INHOUDSOPGAVE

Nadere informatie

A4 Midden Delfland. Kanttekeningen bij de Trajectnota en verkeersstudie A4 Delft-SchiedaM

A4 Midden Delfland. Kanttekeningen bij de Trajectnota en verkeersstudie A4 Delft-SchiedaM A4 Midden Delfland Kanttekeningen bij de Trajectnota en verkeersstudie A4 Delft-SchiedaM Prof. Dr.-Ing. I.A. Hansen 15-4-2010 gebiedsafbakening, modelinvoer wegnetwerk, parameterinstellingen verkeersintensiteiten/capaciteit

Nadere informatie

Commentaar bij het Onderzoeksrapport Tussenfase Planstudie Ring Utrecht (Twijnstra&Gudde, november 2009)

Commentaar bij het Onderzoeksrapport Tussenfase Planstudie Ring Utrecht (Twijnstra&Gudde, november 2009) Commentaar bij het Onderzoeksrapport Tussenfase Planstudie Ring Utrecht (Twijnstra&Gudde, november 2009) Op 3 juli 2009 heeft de Tweede Kamer een motie aangenomen over De Kracht van Utrecht. Deze luidde

Nadere informatie

Scenario's versnelling capaciteitsuitbreiding A1

Scenario's versnelling capaciteitsuitbreiding A1 Provincie Overijssel Scenario's versnelling capaciteitsuitbreiding A1 Zwolle, 1 maart 2011 Inhoudsopgave Samenvatting 3 1. Capaciteitsuitbreiding A1 versnellen! 5 1.1 De problematiek 5 1.2 Bestuurlijke

Nadere informatie

Rotterdam, een bereikbare haven

Rotterdam, een bereikbare haven Bereikbaarheid van de haven Rotterdam, een bereikbare haven Platos colloquium 5 maart 2008 Maurits van Schuylenburg HbR Jop Vlaar TUD Goede achterlandbereikbaarheid is van vitaal belang voor de doorvoer-

Nadere informatie

1 e fase Planstudie Ring Utrecht Keuze VoorKeursAlternatief (VKA)

1 e fase Planstudie Ring Utrecht Keuze VoorKeursAlternatief (VKA) Dienst Stadsontwikkeling 1 e fase Planstudie Ring Utrecht Keuze VoorKeursAlternatief (VKA) RIA 5 oktober 2010 7-10-2010 1 De aanleiding Zwaar belast netwerk Ingewikkelde verkeersstromen Kwetsbaar gebied

Nadere informatie

3. De bereikbaarheidsindicator

3. De bereikbaarheidsindicator 3. De bereikbaarheidsindicator Achtergrond Het begrip bereikbaarheid leidt nogal eens tot verwarring. Dit komt doordat onderzoekers, beleidsambtenaren en politici het begrip vanuit verschillende invalshoeken

Nadere informatie

Examen HAVO. Nederlands. tijdvak 2 dinsdag 19 juni uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. Nederlands. tijdvak 2 dinsdag 19 juni uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2007 tijdvak 2 dinsdag 19 juni 13.30-16.30 uur Nederlands Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 20 vragen en een samenvattingsopdracht. Voor dit examen zijn maximaal 49 punten

Nadere informatie

Brug Rhenen - Verbinding verbroken?

Brug Rhenen - Verbinding verbroken? Brug Rhenen - Verbinding verbroken? 16 februari 2011 bron: www.utrechtsarchief.nl 1 Brug Rhenen - Facts & figures 16 februari 2011 Ron Linschoten 2 Inhoud presentatie Meer dan 50 jaar Rijnbrug (sfeerbeelden)

Nadere informatie

Kanttekeningen bij Rotterdam VooRuit voorheen: Regio Rotterdam en haven: duurzaam bereikbaar

Kanttekeningen bij Rotterdam VooRuit voorheen: Regio Rotterdam en haven: duurzaam bereikbaar Kanttekeningen bij Rotterdam VooRuit voorheen: Regio Rotterdam en haven: duurzaam bereikbaar Verkenning middellange termijn bereikbaarheid Rotterdamse Regio 2020-2040 Masterplan november 2009 Uitwerkingsstudie

Nadere informatie

Verplaatsen in Brabant Samenvatting Kaders en Ambities 2006-2020. Provinciaal Verkeers- en Vervoersplan Noord-Brabant

Verplaatsen in Brabant Samenvatting Kaders en Ambities 2006-2020. Provinciaal Verkeers- en Vervoersplan Noord-Brabant Verplaatsen in Brabant Samenvatting Kaders en Ambities 2006-2020 Provinciaal Verkeers- en Vervoersplan Noord-Brabant Verplaatsen in Brabant Hoe houden we de Brabantse steden bereikbaar? Hoe voorkomen we

Nadere informatie

Bijlage B: Ontwerp-tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2

Bijlage B: Ontwerp-tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2 Bijlage B: Ontwerp-tracébesluit A7/N7 Zuidelijke Ringweg Groningen, fase 2 Uitgangspunten van de verkeersberekeningen Datum mei 2013 Inhoud 1 Beschrijving gehanteerde verkeersmodel 3 1.1 Het Nederlands

Nadere informatie

BRUG WEST OOST& TUSSEN SAMENVATTING GEBIEDSGERICHTE VERKENNING A1 STEDENDRIEHOEK. Apeldoorn Brummen Deventer Epe Lochem Voorst Zutphen

BRUG WEST OOST& TUSSEN SAMENVATTING GEBIEDSGERICHTE VERKENNING A1 STEDENDRIEHOEK. Apeldoorn Brummen Deventer Epe Lochem Voorst Zutphen TUSSEN A1: BRUG OOST& WEST SAMENVATTING GEBIEDSGERICHTE VERKENNING A1 Apeldoorn Brummen Deventer Epe Lochem Voorst Zutphen STEDENDRIEHOEK DE A1 IS EEN BELANGRIJKE RIJKE (INTER)NATIONALE AS De A1 vormt

Nadere informatie

deltaplan duurzame bereikbaarheid deltaplan duurzame bereikbaarheid

deltaplan duurzame bereikbaarheid deltaplan duurzame bereikbaarheid deltaplan duurzame bereikbaarheid deltaplan duurzame bereikbaarheid adviseurs deltaplan duurzame bereikbaarheid deltaplan? problemen! files slechte bereikbaarheid economische schade milieu-overlast gezondheid

Nadere informatie

2. Enkele hoofdlijnen van het NVVP

2. Enkele hoofdlijnen van het NVVP 2. Enkele hoofdlijnen van het NVVP Opzet van het NVVP Het NVVP betreft de periode 2001-2020. Het nu gepubliceerde beleidsvoornemen bestaat uit drie delen. Deel A schetst de hoofdlijnen van beleid; deel

Nadere informatie

Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid A. Bonte (GroenLinks) over verkeersprognoses A13/A16.

Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid A. Bonte (GroenLinks) over verkeersprognoses A13/A16. Rotterdam, 18 juni 2013. Onderwerp: Beantwoording van de schriftelijke vragen van het raadslid A. Bonte (GroenLinks) over verkeersprognoses A13/A16. Aan de Gemeenteraad. Op 27 mei 2013 stelt het raadslid

Nadere informatie

ANWB Kiezen voor mobiliteit 0-meting. conclusies

ANWB Kiezen voor mobiliteit 0-meting. conclusies ANWB Kiezen voor mobiliteit 0-meting conclusies Amsterdam, 21 maart 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA Drs. Annemieke Blok MBA 1 Motivaction International B.V. Inhoudsopgave Conclusies

Nadere informatie

Investeringsagenda Weg Portefeuillehouder Verkeer Lode Goossens

Investeringsagenda Weg Portefeuillehouder Verkeer Lode Goossens agendapunt : B-2 vergaderdatum : 19 november 2015 onderwerp : aangemeld door : behandelend ambtenaar : paraaf afdelingshoofd : Investeringsagenda Weg Portefeuillehouder Verkeer Lode Goossens Gevraagde

Nadere informatie

Concept-GS-besluit: Voortgaande groei luchtvaart alléén binnen harde randvoorwaarden

Concept-GS-besluit: Voortgaande groei luchtvaart alléén binnen harde randvoorwaarden 15 mei 1997 97-000635 strategische luchtvaartontwikkeling Concept-GS-besluit: Voortgaande groei luchtvaart alléén binnen harde randvoorwaarden Gedeputeerde Staten van Noord-Holland (GS) stellen harde randvoorwaarden

Nadere informatie

CT2710 Transport & Planning Oefening

CT2710 Transport & Planning Oefening CT2710 Transport & Planning Oefening Rob van Nes, Transport & Planning 5-4-2012 Delft University of Technology Challenge the future 1. Introductie 2 Oefening CT2710 Doel Oefenen en toepassen Uitdaging

Nadere informatie

Inhoud presentatie. Netwerkanalyse Ring Utrecht Wat levert het op? 1. Achtergronden Netwerkanalyse Utrecht. 1. Achtergronden Netwerkanalyse Utrecht

Inhoud presentatie. Netwerkanalyse Ring Utrecht Wat levert het op? 1. Achtergronden Netwerkanalyse Utrecht. 1. Achtergronden Netwerkanalyse Utrecht Netwerkanalyse Ring Wat levert het op?, 14 maart 2007 PLATOS-colloquium Inhoud presentatie 1. Achtergronden Netwerkanalyse 4. Resultaten en gevoeligheidsanalyses 5. Tot slot Niels Hoefsloot 1. Achtergronden

Nadere informatie

OV-knooppunt met P+R bij De Punt. Analyse van nut en noodzaak

OV-knooppunt met P+R bij De Punt. Analyse van nut en noodzaak OV-knooppunt met P+R bij De Punt Analyse van nut en noodzaak Inhoud Aanleiding & doel van het onderzoek Probleemanalyse Oplossingsrichtingen Advies Aanleiding & doel van dit onderzoek Omgevingsvisie Drenthe:

Nadere informatie

Almere en Amsterdam Hyperbereikbaar via de Hollandse Brug. Samenvatting van een onderzoek naar de regionale OV-bereikbaarheid van Almere

Almere en Amsterdam Hyperbereikbaar via de Hollandse Brug. Samenvatting van een onderzoek naar de regionale OV-bereikbaarheid van Almere Pagina 1 Almere en Amsterdam Hyperbereikbaar via de Hollandse Brug Samenvatting van een onderzoek naar de regionale OV-bereikbaarheid van Almere Milieufederatie Flevoland Milieufederatie Noord- Holland

Nadere informatie

Mobiliteitscontext in Vlaanderen

Mobiliteitscontext in Vlaanderen Mobiliteitscontext in Vlaanderen Joris Willems PCVO Handel afdeling Verkeerskunde (HSV) Diepenbeek (www.pcvohandel.be/verkeerskunde) Mobiliteit en ruimtelijke ordening: hoe zit dat eigenlijk? Voorbeeld:

Nadere informatie

Ruimtelijke ordening en mobiliteit: stadsregionale uitdagingen

Ruimtelijke ordening en mobiliteit: stadsregionale uitdagingen Ruimtelijke ordening en mobiliteit: stadsregionale uitdagingen Casestudy Regionet Leuven www.regionetleuven.be Studievoormiddag 29 mei 2015 Kenniscentrum Vlaamse Steden Johan Van Reeth johan@buur.be Ruimtelijke

Nadere informatie

Opgesteld in samenwerking met de Adviesdienst Verkeer en Vervoer van Rijkswaterstaat

Opgesteld in samenwerking met de Adviesdienst Verkeer en Vervoer van Rijkswaterstaat CPB Notitie Opgesteld in samenwerking met de Adviesdienst Verkeer en Vervoer van Rijkswaterstaat Datum : 29 september 6 Aan : Ministerie van Verkeer en Waterstaat (DGP) WLO mobiliteitscenario s met prijsbeleid

Nadere informatie

Aanbieden notitie A16 corridor en Rotterdam University Business District. De VVD, CDA en Leefbaar Rotterdam verzoeken het college daarom:

Aanbieden notitie A16 corridor en Rotterdam University Business District. De VVD, CDA en Leefbaar Rotterdam verzoeken het college daarom: Verzoek VVD, CDA en Leefbaar Rotterdam Aanbieden notitie A16 corridor en Rotterdam University Business District De A16 is voor de Metropoolregio en de Randstad een belangrijke verbinding met Antwerpen,

Nadere informatie

'Probleemanalyse oost-westverbinding Duitsland - Oost-Brabant / Eindhoven Uitgevoerd door Goudappel Coffeng 2010

'Probleemanalyse oost-westverbinding Duitsland - Oost-Brabant / Eindhoven Uitgevoerd door Goudappel Coffeng 2010 'Probleemanalyse oost-westverbinding Duitsland - Oost-Brabant / Eindhoven Uitgevoerd door Goudappel Coffeng 2010 10 december 2015 Rian Snijder Inhoud van de presentatie - Aanleiding en doel - Samenvatting

Nadere informatie

Directie Grondgebied Ingekomen stuk D50 (PA 28 September 2011) Mobiliteit Productmanagement en Beleid. Datum uw brief

Directie Grondgebied Ingekomen stuk D50 (PA 28 September 2011) Mobiliteit Productmanagement en Beleid. Datum uw brief Ingekomen stuk D50 (PA 28 September 2011) Aan de gemeenteraad van Nijmegen Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen Telefoon 14024 Telefax (024) 323 93 34 E-mail gemeente@nijmegen.nl Postadres Postbus 9105

Nadere informatie

Mobiliteitsplan Drechtsteden >

Mobiliteitsplan Drechtsteden > De zeven Drechtsteden (Alblasserdam, Dordrecht, s-gravendeel, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht) brengen twee nota s in de inspraak. Deze beschrijven hun visie op bereikbaarheid

Nadere informatie

2. Weguitbreiding Schiphol-Amsterdam-Almere

2. Weguitbreiding Schiphol-Amsterdam-Almere 2. Weguitbreiding Schiphol-Amsterdam-Almere doel Uitbreiding van de wegcapaciteit in de corridor Schiphol-Amsterdam-Almere, inclusief bijbehorende groenblauwe maatregelen ten behoeve van de ruimtelijke

Nadere informatie

Onderwerp préverkenning Internationale Ring Den Haag

Onderwerp préverkenning Internationale Ring Den Haag Wethouder van Verkeer, Binckhorst, Binnenstad en Milieu P.W.M. Smit Gemeente Den Haag Retouradres: Postbus 12 600, 2500 DJ Den Haag Aan de Voorzitter van de Commissie Verkeer, Milieu en Leefomgeving Uw

Nadere informatie

iiiiiiiiiiiiiniiiiihii Oosterhout 2 mi m gemeente Aan de gemeenteraad r.van.haaf@oosterhout.nl IO.1431088 Zienswijze project A27 Houten Hooipolder

iiiiiiiiiiiiiniiiiihii Oosterhout 2 mi m gemeente Aan de gemeenteraad r.van.haaf@oosterhout.nl IO.1431088 Zienswijze project A27 Houten Hooipolder WW w iiiiiiiiiiiiiniiiiihii gemeente Oosterhout Aan de gemeenteraad 2 mi m Uw kenmerk Ons kenmerk IO.1431088 In behandeling bij r.van.haaf@oosterhout.nl Onderwerp Zienswijze project A27 Houten Hooipolder

Nadere informatie

Wat wordt de Randstad er beter van?

Wat wordt de Randstad er beter van? Wat wordt de Randstad er beter van? Afronding DBR Arie Bleijenberg I&M, Den Haag, 3 juni 2015 Verantwoording DBR: 10,6 M, 100 onderzoekers, 14 programma s, 6 jaar Betere Randstad? Gebaseerd op: 9 artikelen

Nadere informatie

Thema 1: de gebruiker betaalt

Thema 1: de gebruiker betaalt Beleidscafé: betalen voor automobiliteit 9-12-2010 Thema 1: de gebruiker betaalt Stelling 1: Autobezit moet goedkoper worden voor mensen die weinig rijden en duurder voor mensen die veel rijden. Autobezit

Nadere informatie

verkeer veilige veiligheid verbindingen BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT staat stad stiptheid stress tijd tram trein treinen uur veilig

verkeer veilige veiligheid verbindingen BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT staat stad stiptheid stress tijd tram trein treinen uur veilig flexibiliteit genoeg geraken gezondheid goed goede goedkoop grote BIJLAGE 6: TAG CLOUDS MOBILITEIT Grafische voorstelling open antwoorden andere belangrijke zaken bij verplaatsingen aankomen aansluiting

Nadere informatie

ITS en de mobiliteitsscan

ITS en de mobiliteitsscan ITS en de mobiliteitsscan pagina 2 18-1-2015 Mobiliteitsscan als bron voor informatie tbv ITS Databronnen en tool Databronnen: NRM of andere bronnen voor (vracht)auto en OV-verplaatsingen Autosnelheden:

Nadere informatie

Overzicht reacties externe partijen op strategische MER Hoevelaken en hoe hier mee om te gaan

Overzicht reacties externe partijen op strategische MER Hoevelaken en hoe hier mee om te gaan Overzicht reacties externe partijen op strategische MER Hoevelaken en hoe hier mee om te gaan Het eindconcept MER is gepresenteerd tijdens diverse raadscommissies van de betrokken gemeente en tijdens informatieavonden

Nadere informatie

19 MAART 2001 INHOUDSOPGAVE

19 MAART 2001 INHOUDSOPGAVE TOETSINGSADVIES OVER HET MILIEUEFFECTRAPPORT DIJKVERSTERKING OOSTELIJK FLEVOLAND 19 MAART 2001 INHOUDSOPGAVE 1. INLEIDING...1 2. OORDEEL OVER HET MER EN AANBEVELINGEN VOOR DE BESLUITVORMING...2 2.1 Algemeen...

Nadere informatie

Afweging op basis van probleemoplossend vermogen(bereikbaarheid en leefbaarheid) Ref C BTK, TBT, NBT BTL T2 T3 V2 B H M 0 0 ++ + ++ + ++ 0 ++ 0/+

Afweging op basis van probleemoplossend vermogen(bereikbaarheid en leefbaarheid) Ref C BTK, TBT, NBT BTL T2 T3 V2 B H M 0 0 ++ + ++ + ++ 0 ++ 0/+ 5. AFWEGING EN KEUZE Om tot een keuze van het voorkeursalternatief voor de nieuwe verbinding tussen de Centrale Zone en het rijkswegennet te kunnen komen, is de volgende werkwijze toegepast. Eerst zijn

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456 0000

Nadere informatie

Inhoud. Dynamisch Verkeersmanagement Beleidskader Verkeerscentrum Dynamisch Verkeersmanagement Instrumenten

Inhoud. Dynamisch Verkeersmanagement Beleidskader Verkeerscentrum Dynamisch Verkeersmanagement Instrumenten Vlaams Verkeerscentrum Staten-Generaal Vlaanderen Geoland 2 december 2010 Inhoud Dynamisch Verkeersmanagement Beleidskader Verkeerscentrum Dynamisch Verkeersmanagement Instrumenten Mobiliteit op HWN Analyse:

Nadere informatie

Reclamemasten. Amsterdam Schiphol Haarlemmermeer Den Haag Prins Clausplein. Waddinxveen Rotterdam Rotterdam Kleinpolderplein.

Reclamemasten. Amsterdam Schiphol Haarlemmermeer Den Haag Prins Clausplein. Waddinxveen Rotterdam Rotterdam Kleinpolderplein. Reclamemasten Reclamemasten Amsterdam Schiphol Haarlemmermeer Den Haag Prins Clausplein Den Haag Waddinxveen Rotterdam Rotterdam Kleinpolderplein Tiel Alkmaar Zaandam Amsterdam ArenA I Amsterdam ArenA

Nadere informatie

Tilburg, 21 februari Aanvulling op BMF-Informatieblad N69 van 18 januari 2011

Tilburg, 21 februari Aanvulling op BMF-Informatieblad N69 van 18 januari 2011 Tilburg, 21 februari 2011 Aanvulling op BMF-Informatieblad N69 van 18 januari 2011 In de concept-verklaring Gebiedsopgave Grenscorridor/N69 staat dat naast het alternatief Westparallel en Nulplus ook het

Nadere informatie

Augustus 1999 Adviesnr. 232 Serie '99, nr.19 HET MASTERPLAN VOOR HET POLDERWEGGEBIED

Augustus 1999 Adviesnr. 232 Serie '99, nr.19 HET MASTERPLAN VOOR HET POLDERWEGGEBIED Augustus 1999 Adviesnr. 232 Serie '99, nr.19 OVER HET MASTERPLAN VOOR HET POLDERWEGGEBIED Aan: - het Gemeentebestuur van de Centrale Stad - Het bestuur van stadsdeel Oost/Watergraafsmeer ADVIES over het

Nadere informatie

Opel Insignia Onderzoek onder leaserijders November 2008

Opel Insignia Onderzoek onder leaserijders November 2008 Opel Insignia Onderzoek onder leaserijders November 2008 Belangrijkste uitkomsten Van de leaserijders maakt 71% nooit gebruik van het openbaar vervoer voor het werk. Bij een mogelijkheid voor een nieuwe

Nadere informatie

VVP 2005 VVP 2005 VVP 2005. De kaders voor het Verkeers- en Vervoerbeleid 2005-2015 van de gemeente Amersfoort

VVP 2005 VVP 2005 VVP 2005. De kaders voor het Verkeers- en Vervoerbeleid 2005-2015 van de gemeente Amersfoort 4 4 De kaders voor het Verkeers- en Vervoerbeleid 2005-2015 van de gemeente Amersfoort Bereikbaar en bewegen Voorwoord van H. Brink, Wethouder verkeer gemeente Amersfoort Hoe houden we Amersfoort bereikbaar

Nadere informatie

April 2000 Adviesnr. 244 Serie 2000 nr.11. OVER de concept-beleidsnota HERIJKING PARKEERBELEID PARKEREN IS MANOEUVREREN

April 2000 Adviesnr. 244 Serie 2000 nr.11. OVER de concept-beleidsnota HERIJKING PARKEERBELEID PARKEREN IS MANOEUVREREN April 2000 Adviesnr. 244 Serie 2000 nr.11 OVER de concept-beleidsnota HERIJKING PARKEERBELEID PARKEREN IS MANOEUVREREN Aan: het Gemeentebestuur van de Centrale Stad ADVIES over de concept-beleidsnota HERIJKING

Nadere informatie

Gebied, locatie of lijn!? Projectontwikkeling ViA15

Gebied, locatie of lijn!? Projectontwikkeling ViA15 Gebied, locatie of lijn!? Projectontwikkeling ViA15 David van Hasselt Projectbureau ViA15 t.b.v. Kennismiddag RO & bereikbaarheid LEF Futurcenter Rijkswaterstaat d.d. 22 oktober 2008 Problemen rond Arnhem

Nadere informatie

B27 Wegwijzer Doorgaand Verkeer: Raakvlakmanagement tussen ruimte en mobiliteit op verschillende schaalniveaus

B27 Wegwijzer Doorgaand Verkeer: Raakvlakmanagement tussen ruimte en mobiliteit op verschillende schaalniveaus B27 Wegwijzer Doorgaand Verkeer: Raakvlakmanagement tussen ruimte en mobiliteit op verschillende schaalniveaus ir. Mirza Milosevic (ARCADIS) Samenvatting Congestie doet zich tegenwoordig niet alleen voor

Nadere informatie

Aangenomen en overgenomen amendementen

Aangenomen en overgenomen amendementen Overzicht van stemmingen in de Tweede Kamer afdeling Inhoudelijke Ondersteuning aan De leden van de vaste commissie voor Infrastructuur, Milieu en Ruimtelijke Ordening datum 4 december 2015 Betreffende

Nadere informatie

Probleemanalyse. in kader van Planstudie/MER Duinpolderweg. Willem Homan. Maart Royal HaskoningDHV, All rights reserved

Probleemanalyse. in kader van Planstudie/MER Duinpolderweg. Willem Homan. Maart Royal HaskoningDHV, All rights reserved Probleemanalyse in kader van Planstudie/MER Duinpolderweg Willem Homan Maart 2016 2016 Royal HaskoningDHV, All rights reserved Inhoud Ruimtelijk-economische context Bereikbaarheid Leefbaarheid en veiligheid

Nadere informatie

DVM in Amsterdam, de ambities waargemaakt door de systemen!

DVM in Amsterdam, de ambities waargemaakt door de systemen! (Bijdragenr. 56) DVM in Amsterdam, de ambities waargemaakt door de systemen! Bert van der Veen Advin b.v. Rien Borhem Gemeente Amsterdam 1. Inleiding Om het verkeer in goede banen te leiden wordt steeds

Nadere informatie

FAQ Fietspad Helmond-Eindhoven: Nr. Categorie Vraag Antwoord

FAQ Fietspad Helmond-Eindhoven: Nr. Categorie Vraag Antwoord FAQ Fietspad Helmond-Eindhoven: Nr. Categorie Vraag Antwoord De fiets is voor velen het ideale vervoermiddel op kortere afstanden. Op dit moment is er geen directe, snelle en kwalitatief hoogwaardige fietsverbinding

Nadere informatie

Vraagspecificatie Deel A: Algemeen

Vraagspecificatie Deel A: Algemeen BRAVISSIMO Vraagspecificatie Deel A: Algemeen Het inwinnen en presenteren van reistijden en intensiteiten op geselecteerde provinciale wegen en Rijkswegen in de provincie Noord-Brabant 18 december 2006

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde havo 2008-II

Eindexamen aardrijkskunde havo 2008-II Beoordelingsmodel Vraag Antwoord Scores Migratie en vervoer Opgave 1 Segregatie en integratie 1 maximumscore 2 Uit de beschrijving moet blijken dat: op nationale schaal er een concentratie in het westen

Nadere informatie

Voorkeursschetsontwerp traverse Lemmer

Voorkeursschetsontwerp traverse Lemmer Bylage 4 Voorkeursschetsontwerp traverse Lemmer Uit de verkeersstudie naar de Rondweg Lemmer (uitgevoerd in 2009/2010) is een voorkeursschetsontwerp naar voren gekomen. Dit ontwerp bestaat in hoofdlijnen

Nadere informatie

Notitie Nieuwe Westelijke Oeververbinding (NWO)

Notitie Nieuwe Westelijke Oeververbinding (NWO) Notitie Nieuwe Westelijke Oeververbinding (NWO) Verkeerskundige varianten- en effectanalyse Blankenburgtunnel/Oranjetunnel In het Masterplan Rotterdam Vooruit (december 2009) zijn twee tracés aangegeven

Nadere informatie

Sessie Verstedelijking en Mobiliteit => Onderdeel Mobiliteit. provincie Zuid-Holland

Sessie Verstedelijking en Mobiliteit => Onderdeel Mobiliteit. provincie Zuid-Holland Sessie Verstedelijking en Mobiliteit => Onderdeel Mobiliteit provincie Zuid-Holland Nieuwe visie op mobiliteit? Waarom? Nieuwe impulsen: Hoofdlijnenakkoord 2011-2015: versterking economie in combinatie

Nadere informatie

Rapport Alternatieven Oostelijke Rondweg Haarlem

Rapport Alternatieven Oostelijke Rondweg Haarlem Rapport Alternatieven Oostelijke Rondweg Haarlem WBO Wijkraden en Belangenorganisaties Overleg Haarlem Noord/Spaarndam Inhoudsopgave 1. Aanleiding... 3 2. Inleiding... 4 Knelpunten vanuit de visie... 4

Nadere informatie

Erik Verhoef Vrije Universiteit Amsterdam

Erik Verhoef Vrije Universiteit Amsterdam Erik Verhoef Vrije Universiteit Amsterdam Kijkend naar 2040 Scenario s: rekening houden met toenemende verkeersdruk op Zuidas Maar: scenario s zijn beïnvloedbaar Aanbieden / faciliteren alternatieven voor

Nadere informatie

1. Welke knelpunten staan een betere benutting/doorstroming op de genoemde wegen momenteel in de weg?

1. Welke knelpunten staan een betere benutting/doorstroming op de genoemde wegen momenteel in de weg? NoLogo MEMO Aan Van Kopie Dossier Project Betreft : Tobias Dander (Raad voor Verkeer en Waterstaat) : Pieter Prins (senior adviseur Dynamisch Verkeersmanagement) en Pieter Tanja (senior adviseur Duurzame

Nadere informatie

Vervoer over goede banen

Vervoer over goede banen Vervoer over goede banen Onderweg naar Morgen Den Haag 14/10/2010 Mobiliteitsontwikkeling in Nederland 1000 900 autokm 800 700 BNP OV-km inwoners 600 500 400 300 200 100 0 1960 1965 1970 1975 1980 1985

Nadere informatie

B48 Regelscenario s Corridor A15 en Ruit Rotterdam

B48 Regelscenario s Corridor A15 en Ruit Rotterdam B48 Regelscenario s Corridor A15 en Ruit Rotterdam Gerben Quirijns (ARCADIS Nederland BV) In opdracht van Stadsregio Rotterdam Samenvatting Netwerkorganisatie Bereik! is in het kader van DVM Zuidvleugel

Nadere informatie

Toelichting op vragen over het MER

Toelichting op vragen over het MER Bestuur Regio Utrecht (BRU) Toelichting op vragen over het MER Datum 20 november 2007 TMU054/Brg/0725 Kenmerk Eerste versie 1 Aanleiding Tijdens een werkbijeenkomst van de gemeenteraad van Bunnik op 1

Nadere informatie

Bijlage 1. Herkomstbestemmingrelaties. Goudappel Coffeng

Bijlage 1. Herkomstbestemmingrelaties. Goudappel Coffeng Bijlage 1. Herkomstbestemmingrelaties uit model Goudappel Coffeng Operationeel verkeersmanagement Zuid Kennemerland 5 mei 2011 H-B relaties Zuid Kennemerland 2008 2-uurs matrices voor OS (7-9) en AS (16-18)

Nadere informatie

PERSMEDEDELING VAN HET KABINET VAN MINISTER HILDE CREVITS VLAAMS MINISTER VAN MOBILITEIT EN OPENBARE WERKEN 25 oktober 2013

PERSMEDEDELING VAN HET KABINET VAN MINISTER HILDE CREVITS VLAAMS MINISTER VAN MOBILITEIT EN OPENBARE WERKEN 25 oktober 2013 PERSMEDEDELING VAN HET KABINET VAN MINISTER HILDE CREVITS VLAAMS MINISTER VAN MOBILITEIT EN OPENBARE WERKEN 25 oktober 2013 Herinrichting ring rond Brussel: toename verkeersveiligheid, afname files Keuze

Nadere informatie

RandstadRapid en het project Vastgoedwaarde en Bereikbaarheid Overgang fase 1 naar fase december 2006, Henk Tromp

RandstadRapid en het project Vastgoedwaarde en Bereikbaarheid Overgang fase 1 naar fase december 2006, Henk Tromp RandstadRapid en het project Vastgoedwaarde en Bereikbaarheid Overgang fase 1 naar fase 2 11 december 2006, Henk Tromp Wie is Goudappel Coffeng? - 200 gemotiveerde medewerkers - 40 jaar deskundigheid -

Nadere informatie

OVER de DISCUSSIENOTA PARKEERBELEID AMSTERDAM 1998

OVER de DISCUSSIENOTA PARKEERBELEID AMSTERDAM 1998 Juni 1998 Adviesnr. 209 Serie '98, nr.12 OVER de DISCUSSIENOTA PARKEERBELEID AMSTERDAM 1998 Aan: het Gemeentebestuur van de Centrale Stad en de Stadsdeelbesturen ADVIES van de ARS over de Discussienota

Nadere informatie

Toelichting vormgeving Laan van Hoornwijk/Rotterdamsebaan. Bijlage bij Uitvoeringbesluit Rotterdamsebaan

Toelichting vormgeving Laan van Hoornwijk/Rotterdamsebaan. Bijlage bij Uitvoeringbesluit Rotterdamsebaan Toelichting vormgeving Laan van Hoornwijk/Rotterdamsebaan Bijlage bij Uitvoeringbesluit Rotterdamsebaan Datum 1mei 2013 1 1. Vraag/aanleiding De Rotterdamsebaan krijgt een directe aansluiting op de Laan

Nadere informatie

N237 Provincie Utrecht: MBO Systeem

N237 Provincie Utrecht: MBO Systeem (Bijdragenr. 54) N237 Provincie Utrecht: MBO Systeem ir. Mark Snoek IT&T Samenvatting Het MBO Systeem van IT&T geeft tijdens de uitgebreide werkzaamheden aan de A28 de Provincie Utrecht inzicht in de realtime

Nadere informatie

Scheiding infrastructuurdenken en stadsontwikkeling in historisch perspectief. Nood aan een geïntegreerde visie en aanpak

Scheiding infrastructuurdenken en stadsontwikkeling in historisch perspectief. Nood aan een geïntegreerde visie en aanpak Scheiding infrastructuurdenken en stadsontwikkeling in historisch perspectief. Nood aan een geïntegreerde visie en aanpak JEF VAN DEN BROECK, ir. architect ruimtelijk planner Ringland Colloquium 20 maart

Nadere informatie

Nr. 2011-052 Houten, 27 september 2011

Nr. 2011-052 Houten, 27 september 2011 Raadsvoorstel Nr. 2011-052 Houten, 27 september 2011 Onderwerp: Bereikbaarheidsvisie Beslispunten: 1. De bereikbaarheidsvisie vast te stellen als ambitie en agenda voor de bereikbaarheid van Houten Samenvatting:

Nadere informatie

Herontwerp Brienenoord- en Algeracorridor. Probleemanalyse, maatregelpakketten en effecten

Herontwerp Brienenoord- en Algeracorridor. Probleemanalyse, maatregelpakketten en effecten Herontwerp Brienenoord- en Algeracorridor Probleemanalyse, maatregelpakketten en effecten Samenvattend rapport van de resultaten in 2010 INLEIDING EN DOEL Goede bereikbaarheid is van levensbelang voor

Nadere informatie

Startbeslissing. Verbreding A4 Vlietland N14. Datum 12 september 2013. De Minister van Infrastructuur en Milieu, mw. drs. Schultz van Haegen.

Startbeslissing. Verbreding A4 Vlietland N14. Datum 12 september 2013. De Minister van Infrastructuur en Milieu, mw. drs. Schultz van Haegen. Startbeslissing Verbreding A4 Vlietland N14 Datum 12 september 2013 Status Eindversie De Minister van Infrastructuur en Milieu, mw. drs. Schultz van Haegen. Inhoud 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Afbakening

Nadere informatie

Wat wordt de toekomst van de Zuidelijke Ringweg Groningen

Wat wordt de toekomst van de Zuidelijke Ringweg Groningen Wat wordt de toekomst van de Zuidelijke Ringweg Groningen 1 INHOUD Inleiding 3 Vijf oplossingen 4 Beoordelingskader 5 Vervolg 10 INFORMATIE EN CONTACT Voor informatie over de zuidelijke ringweg kunt u

Nadere informatie

Hans Peperkamp, DRO team ORV (VRO/verkeersregeltechnisch ontwerp)

Hans Peperkamp, DRO team ORV (VRO/verkeersregeltechnisch ontwerp) Aan Van DRO, t.a.v. Ruwan Aluvihare DIVV, t.a.v. Hester van der Meer Hans Peperkamp, DRO team ORV (VRO/verkeersregeltechnisch ontwerp) Doorkiesnummer 7768 E-mail h.peperkamp@dro.amsterdam.nl Datum 2 april

Nadere informatie

Verkenning N65 Vught - Haaren. Informatieavond. 25 November 2015. 25 november 2015

Verkenning N65 Vught - Haaren. Informatieavond. 25 November 2015. 25 november 2015 Verkenning N65 Vught - Haaren Informatieavond 25 November 2015 25 november 2015 Opbouw presentatie Het waarom van de verkenning: wat is het probleem? Proces en bestuurlijke uitgangspunten (mei 2013) Tussenbalans

Nadere informatie

VLOTVLAANDEREN. Het centrum in cijfers

VLOTVLAANDEREN. Het centrum in cijfers Het centrum in cijfers 1,155 miljoen inwoners in het Brussels Gewest BRUSSELS GEWEST 1,155 miljoen inwoners 1,106 miljoen inwoners in Vlaams-Brabant BRUSSELS GEWEST 1,155 miljoen inwoners 619.000 jobs

Nadere informatie

Stiller verkeer = gezondere leefomgeving

Stiller verkeer = gezondere leefomgeving Stiller verkeer = gezondere leefomgeving Aanpak wegverkeerslawaai groot potentieel voor verbeteren leefomgeving Over dit document Wegverkeerslawaai vormt in toenemende mate een probleem in binnenstedelijk

Nadere informatie

m o n t e f e l t r o

m o n t e f e l t r o m o n t e f e l t r o Van stammenstrijd naar kansen voor jonge professionals op het raakvlak tussen RO en verkeer dr Daan H. van Egeraat (www.montefeltro.nl) was initiatiefnemer en projectleider van de

Nadere informatie

Samenvatting van de verzamelde en gebundelde reacties op de plannen om de bereikbaarheid van Wageningen te verbeteren

Samenvatting van de verzamelde en gebundelde reacties op de plannen om de bereikbaarheid van Wageningen te verbeteren Samenvatting van de verzamelde en gebundelde reacties op de plannen om de bereikbaarheid van Wageningen te verbeteren Deelproject 1: Mansholtlaan verbreden naar 2 rijstroken per richting Toelichting op

Nadere informatie

Tweede advies Expertteam Pakketstudies Regio Utrecht

Tweede advies Expertteam Pakketstudies Regio Utrecht Tweede advies Expertteam Pakketstudies Regio Utrecht Aan Regio Utrecht Van prof.dr. O.A.L.C. Atzema, prof.dr. H.J. Meurs, ir. W. Wessels en ir. J.M. Groenendijk Datum 21 september 2007 468511/JGN/PFL Ons

Nadere informatie

Modelleren van de effecten van verkeersflucaties voor DVM

Modelleren van de effecten van verkeersflucaties voor DVM Modelleren van de effecten van verkeersflucaties voor DVM Ir. S.C. Calvert PLATOS 2016 Bron: NTR Bron: TU Delft Verkeersfluctuaties Dynamisch VerkeersManagement (DVM) Model aanpak Case-study Meerwaarde

Nadere informatie

Hans Hilbers Daniëlle Snellen Arno Hendriks

Hans Hilbers Daniëlle Snellen Arno Hendriks Eerdere publicaties Economische vernieuwing en de stad. Kansen en uitdagingen voor stedelijk onderzoek en beleid Van Oort (26) isbn 9 5662 551 9 Kennishubs in Nederland. Ruimtelijke patronen van onderzoekssamenwerking

Nadere informatie

De fietsbereikbaarheidskaart

De fietsbereikbaarheidskaart De fietsbereikbaarheidskaart Een krachtig instrument om de kwaliteit van bestaande en nieuwe fietsverbindingen in beeld te brengen! 2 De fietsbereikbaarheidskaart Een basis voor effectieve maatregelen

Nadere informatie

Openbaar Vervoer in Leiden Routes door de binnenstad. Elke dag dichterbij!

Openbaar Vervoer in Leiden Routes door de binnenstad. Elke dag dichterbij! Openbaar Vervoer in Leiden Routes door de binnenstad Elke dag dichterbij! Inhoud Doel van de bijeenkomst Achtergrond Toelichting op OV onderzoeken Aanpak voor ontwerpproces Hooigracht-Langegracht Overige

Nadere informatie

Aan de raad AGENDAPUNT 3. Doetinchem, 27 januari 2010 ALDUS BESLOTEN 4 FEBRUARI 2010. Oostelijke randweg; afronding mer-procedure

Aan de raad AGENDAPUNT 3. Doetinchem, 27 januari 2010 ALDUS BESLOTEN 4 FEBRUARI 2010. Oostelijke randweg; afronding mer-procedure Aan de raad AGENDAPUNT 3 ALDUS BESLOTEN 4 FEBRUARI 2010 Oostelijke randweg; afronding mer-procedure Voorstel: 1. Het toetsingsadvies van de Commissie voor de mer over het milieueffectrapport (mer) oostelijke

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie