Informatie integratie en vervoermiddelkeuze

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Informatie integratie en vervoermiddelkeuze"

Transcriptie

1 hoe kiest het individu zijn vervoermiddel? verwachtingen omtrent het gebruik van de buurtbus bij Weert Informatie integratie en vervoermiddelkeuze theorie en toepassing Dr. H. J. P. Timmermans Vakgroep Urbanistiek en Ruimtelijke Organisatie van de afdeling Bouwkunde TH. Eindhoven. Ir. Th. Overduin Adviesbureau voor Ruimtelijke Ordening en Planning Van Malde en Overduin, VVeert. Inleiding De ederlandse onderzoekstraditie op het terrein van verkeers- en vervoersmodellen wordt nog steeds gedomineerd door het entropie-maximalisatie model en het gedisaggregeerde binomiale of multinomiale logit model (zie Jansen, Bovy, v. Est en Le Clerq, 1979). De intrinsieke problem en van deze modelformuleringen, zoals het zoneringsprobleem, het aggregatieprobleem en het probleem van de specificetie van de correcte keuze-verzameling, zijn algemeen bekend. Daarneast wordt. het steeds meer duidelijk dat deze modellen een aantal fundamentele tekortkomingen kennen, die de bruikba'arheid van deze modellen voor de verkeersplanning in ernstige mate beperken. Belangrijke tekortkomingen van de bestaande modellen zijn onder andere: 1. De modellen worden gecalibreerd op grond van gegevens over waargenomen keuzegedrag. Dit betekent dat de conclusies uit het onderzoek uitsluitend van toepassing zijn op de elementen, die de keuzesituatie definieren. Er bestaan geen algemeen aanvaarde regels op grond waarvan de resultaten van het onderzoek getransformeerd kunnen worden naar volledig nieuwe keuze-elementen zoals een nieuwe transporttechnologie (Hensher en Louviere, 1979). 2. De parameters van de modellen zijn een directe weergave van de covariantie van attributen van elementen uit de keuze-situatle. Aangezien de niveau 's van de attributen context-specifiek zijn, moet betwijfeld worden of deze parameters gebruikt kunnen worden voor de voorspelling van effekten van planningsmaatregelen. Gebruike/ijke statistische overwegingen gaan immers niet op in deze situatie terwijl bovendien de covariantiestruktuur gewijzigd wordt. 3. De modelvorm wordt a priori gespecificeerd; er is geen mogelijkheid dergelijke a priori asumpties te verwerpen. 4. De onafhankelijke variabelen van het model worden maastal gemeten in term en van objectieve attributen van vervoermiddelen. Het is evenwel zeer onwaarschijnlijk dat deze attributen als zodanig het individuele keuzegedrag bepalen, terwijl het bovendien de vraag is of de relatie tussen de objectieve attributen van vervoermiddelen en de perceptie er'ir13n Jinesir is. 5. De theoretische onderbouwing va n de modellen is bepaald zwak of zeer restrictief. Mede op grand van deze overwegingen is de behoefte geuit te komen tot de formulering van mode!!en \AJaarin psycho!ogische concepten zoals attitude, cognitie en oordeel een centrale rol gaan spelen (zie bijvoorbeeld 8mit, 198). Voor zover de auteurs bekend, is dit type onderzoek in ederland echter nog niet van de grand gekomen. Het doel van dit artikel is een schets te geven van een benaderingswijze, die in het licht van de geformuleerde kritiek op de bestaande modellen, een aantal voordelen zou kunnen bieden bij het onderzoek naar vervoermiddelkeuze van lndividuen. De benaderingswijze is gebaseerd op de informatie integratie theorie en de "functional measurement" methode. De toepassing van de methode zal worden ge'illustreerd aan de hand van empirisch datamateriaal over het te verwachten gebruik van een buurtbus-systeem in het streekgewest Ween. Het artikel besluit met een bespreking van de voor- en nadelen van de uiteen te zetten benaderingswijze voor de voorspelling van de keuze van vervoermiddelen vis-a-vis de mogelijkheden van de tot nu toe in ederland gehanteerde benaderingswijzen. Theoretische overwegingen. Het theoietisch gadaelte van deze studie is gsbasserd op sen alternatief paradigma, dat door Louviere et al (1976) geformuteerd werd als kader voor de analyse van reisgedrag. Dit paradigma wijkt van andere conceptualisaties af door een sterke nadruk op de functionels vormen, dal wi! zeggen op de relaties tussen attributen van objecten en waargenomen keuzegedrag. Het bestaat uit een aantal relaties op grond waarvan meetbare attributen van vervoermiddelen gerelateerd worden aan individueel keuzegedrag. Stel een individu staat voor de beslissing een bepaald vervoermiddel te kiezen. leder vervoermiddel k wordt gekenmerkt door een vector Sk van attributen (Sl k, S2k... Sik). waarbij Sk dus gedefinieerd wordt als de objectieve waarde van het i-de attribuut van verveermiddel k. Het zijn echter niet deze objectieve attributen die rechtstreeks de uitkemst van de beslissing bepalen; verondersteld wordt dal de keuze tot stand komt grand van de afweging van de subjectieve waarden Yikl van het i-de attribuut van vervoermiddel k voor reisdoel I. Yikl is dus een vector van subjectieve waarden van de attributen van vervoermiddel k(y1k!'yzk!, Yikll, Deze afweging resulteert in een unidimansionale subjectieve waarde (nut) Rkl voor vervoermiddel k met betrekking tot reisdoel I. Indien we tens lotte de waargenomen keuze patron en van vervoermiddel k veor reisdoel I weergeven als Tkl,is de uiteengezettetheorie te formaliseren door middel van het volgende recursieve systeam. Yikl Rkl Tkl Tkl := F (Sik) G(Yikll = H (Rkl) I (Sik) (1 ) (2) (3) (4) Met andere woorden, vergelijkingen 1 tot en mel 4 specificeren een formeel kader voor de bestuderlng van een aantal functionele relaties, waarbij (1) de subjectieve perceptie van attributen van vervoermiddelen gerelateerd wordt aan de objectieve grootte van die attributen; (2) de i-dimensionale vector van subjectieve waarden van attributen getransformeerd wordt in een unidimensionale subjectieve respons; (3) de samengevattesubjectieve respons gerelateerd wordt aan waargenomen reisgedrag; en (4) de oorspronkelijke objectieve waarden van de attributen door mlddel van een compositieregel gerelateerd worden aan waargenomen keuzegedrag. Afhankelijk van de functionele vorm van F. G, H, I en de veronderstellingen voor de Sloringstermen, zijn verschillende modellen afte leiden vanuit bovenstaand theoretisch kader. In het geval van het entropie-maximalisatiemodel bijvoorbeeld wordt getracht vergelijking (4) te bepalen; studies met als doel de gepercipieerde kwaliteit van attributen van vervoer- VERKEERSKUDE 31 {198} R

2 middelen te bepalen (bijvoorbeeld Golob et ai, 1972; icolaidis, 1975) houden zich bezig met vergefijking (1), terwijl vergelijking (3) onderwarp van studie is in onderzoek dat is gericht op de identificatie van de relatie tussen bij- voorbeeld attributen van vervoermiddelen en feitelijk keuzegedrag (zie Hartgen, 1974; Tischer en Phillips, 1979). Het centrale element van deze benadering wordt gevormd door de functie G op grand waarvan de subjectieve waarden van de attributen van de vervoermiddelen ge"integreerd worden tot een samengevat oordee!. Een diagnostische!oets op de vorm van deze functie is derhalve cruciaal voor de validering van het model. In de volgende paragraaf zal uiteengezet worden hoe de methode van de "functional measurement" gebruikt kan worden voar een dergelijke test. Functional measurement De methode van de "functional measurement" werd ontwikkeld door Anderson(1974) en is gekoppeld aan de informatie integratie theorie, Het gaat hierbij om de identificatie van combinatieregels die stimuli aan responses relateren in een specifieke context. De basisassumpties zijn (Louviere, 1978): 1. De subjectieve respons van een individu op een beoordelingsschaal in termen van een reactie op een stimuluscombinatie kan direct beschouwd worden als een reeel getal of kan daartoe monotoon getransformeerd worden, 2. Voor deze response op de beoordelingsschaal moet een individu de waarden van de attributen van de stimuluscombinatie combineren tot aen ge"integreerde response, Verondersteld wordt dat individuen de waarden combineren door middel van eenvoudige algebra"ische modellen zoals optellen en vermenlgvuldigen of een combinatie van be ide. 3. Soms zijn de response data s!echts ordinaal. In dergelijke gevallen is een monotone transformatie naar een gehypothetiseerd model echter mogelijk zodet variantie-analyse en regressie-analyse gebruikt kunnen worden voor het testen van empirische regels. Het doel van de "functional measurement" is mathematische vergelijkingen te vinden, die een beschrijving geven van de wijze waarop individuen verschiliende stimuli integreren, dat wil zeggen functioneel combineren, feneinde te komen tot een samengevet oordeel van een bepaald object. De theorie postuleert dus dat individuen hun beslissingen over multi-attribuut objecten baseren op eenvoudige algebra'ische regels en de methode van de "functional measurement" houdt zich bezig met de diagnose en toetsing van deze algebraische regels. De methode veronderstelt dat ieder stimulus object beschouwd wordt als een combinatie van attributen en algebra'ische regels of nutsfuncties worden gebruiktvoorde beschrijving van de wijze waarop individuen deze combinaties van attributen tegen elkaar afwegen. De algemene vorm van de algebra'ische vergelijking, die het samengevat oordeel over een bepaald stimulus object relateert aan de subjectieve waarden van de attributen va n het stimulus object, kan weergegeven worden als: Rj =f (Ylj, Y2j. Ykj) waarbij Rj hetsamengevat oordeel over stimuluscombinatie j. Yij de subjectieve waarde van attribuut i op stimuluscombinatie j. De functie f wordt bepaald op grond van "goodness-of.fit" toelsen van alternatieve modelvormen. De parameters Yij worden geschat op grand van responses met betrekking tot verschiliendestimuluscombinaties.rj is de score met betrekking tot stimuluscombinatie j. Verschiflende combinatieregels - functie f zijn mogelijk, De beste regels worden bepeald op grond van varientie-analyse inproetopzetten en daaraen gerelateerde grafische weergaven van het datamateriae!. Een eenvoudige combinatieregel wordt gevormd door een Hneair model van de vo!gende vorm: waarbij het samengevat oordeel over stimu!uscombinatie j. (5) Wi de subjectieve waarde van attribuut i voor stimuluscombinatie j. het totaal aantal attributen. het gewicht dat wordt toegekend aan attribuut i. storingsterm. Grafisch gezien wordt dit model' ondersteund door een aantal parallelle lijnen voor de interaetie-effecten, terwijl de hoofdeffecten een lineaire vorm hebben. Statistisch gezien kan dit model getoetst worden door middel van een variantie-analyse op de responses in een proefopzet, waarbij iedere dimensie van een multi-attribuut stimulus over verschillende niveau's gevarieerd wordt. Het model wordt ondersteund indien de hoofdeffecten significant zijn en de interactie-effecten statistisch niet significant van nul verschillen. De facto specificeert vergelijking (5) twee modellen: het additieve model, waarbij ieder additioneel attribuut het samengevatte oordeel doet toenemen en het zogenaamde.. averaging" model, waarbij de bijdrage van ieder attribuut relatief is ten opzichte van de bijdrage van de andere attributen, Hetformele verschil tussen beide modellen is dat in teqenstelling tot bij het additieve model de geichten in het "averaging" model sommeren tot een. Het onderscheiden van beide modellen veronderstelt enkele specifieke maatregelen in de proefopzet en -uitvoering (zie Anderson, 1974). Een alternatieve combinatieregel wordt gevormd door het multiplicatieve model: W- +e" R' = n Y.. I IJ (6) J i=1 IJ Dit model wordt grafisch ondersteund door een serie van divergerende of convergerende lijnen voor de interactie-effecten en fineaire vormen voor de hoofdeffecten, terwijl het modef statistisch wordt ondersteund door significante hoofdeffecten en multilineaire interactie componenten. Een meer algemeen model is het zogenaamde.. differential weighted averaging"-model, waarbij de gewichten niet constant zijn voor " 2S KDSTE CRT I., co r:; ::: w 15 l:j REISTIJD a " ::i i':j REI STI JD CRT I :; IU f5 w frehetle CRT I KOSTE frekwetie 3 KOSTE RElSTIJD 5.. :; 25 KDSTE CRT 2... REI5TJJD 1'6 :; : a i5 15 i'l : REISTiJD CAT 2 frekwet IE ;; 25 frekhetie CRr 2 KDSTE I:i ;{ 2 5 frekwe IE 4.1 KDSTEH '---' ' REISTIJO --J6 322 VERKEERSKUDE 31 (198) R. 6

3 aile niveau's van een bepaald attribu ut maar juist systematisch varieren als een functie van de niveaus van een gegeven attribuut. Dit model kan weergegeven worden als:!: W y.. i=1 IJ IJ (7) De toetsing van dit model is enigszins complexer. Voor details, alsmede voor een meer volledige bespreking van de methode, wordt de lezer verwezen naar Anderson (1974). Een toepassing In augustus 1979 is in het streekgewest Weert een buurtbusproject gestart met als doel de verzorging van de kernen Kelpenl Oler, Haler/Uffelsen en Altweerterheide door middel van openbaar vervoer. a enkele maanden bleek evenwel dat het feitelijk gebruik van de buurtbus aehter bleef bij de verwachtingen en duidelijk minder was dan bij vergeiijkbare projecten. Dit gegeven stelde de verantwoordelijke overheden voor de vraag welke redenen te noemen zijn voor het geringe gebruik van de buurtbus en welke maatregelen genomen zouden moeten worden am een beter functioneren van de buurtbus mogelijk te maken. Deze laatste vraag veronderstelt in term en va n onderzoek dat de effecten van veranderingen in bepaalde eigenschappen van het buurtbussysteem op het gebruik ervan gekwantificeerd dienen te worden. Aangezi en er echter nauwelijks empirisch datamateriaal bestaat over vergelijkbare bussystemen kunnen de traditionele modellen niet gebruikt worden voor de beantwoording van deze vraag. We zijn derhalve aangewezen op experimenten, waarbij een schatting wordt gemaakt van hetverwachte gebruik. Tegen deze achtergrond werd besloten in het onderzoek de "functional measurement" methode te hanteren. Het onderzoek heeft plaatsgevonden in de- cember 1979 door middel van het huis-aanhuis verspreiden van in totaal circa 7 vragenlijsten in de drie betrokken woonkernen. Van deze 7 vragenlijsten werden er in totaal 287 terugontvangen, dit is respectievehjk 43, 34 en 41 % per woonkern. De steekproef was gevarieerd in termen van het beroep van de respondenten, hun opleiding, sexe, leeftijd en vervoermiddelbezit. Vergelijking toonde aan dat de steekproef als representatief beschouwd kan worden voor de afzonderlijke woonkernen. Een belangrijke vraag bij de opstelling van de vragenlijst was welke attributen van het buurtbussysteem in het onderzoek dienden te worden betrokken. Veelal verschillen deze van onderzoek tot onderzoek. Strikt genomen is het hierbij zo dat de keuze met betrekking tot de attributen niet a priori door de onderzoeker kan worden bepaald, maar juist a posteriori - op een onafhankelijke wijze op grond van antwoorden van respondenten - bepaald dient te worden. Aileen op een dergelijke wijze bestaat er immers enige zekerheid dat de geselecteerde attributen ook daadwerkelijk van belang zijn voor het keuzeprobleem van het individu. Uit tijdsov8rwegingen kon deze pioceduie in het onderhavige onderzoek niet gevolgd worden. Voistaan werd met een korte verkenning van relevante literatuur op grond waarvan de volgende drie attributen werden geselecteerd: 1. de reistijd met het openbaar varvoer in vergelijking met de reistijd met eigen vervoer; 2. de prijs van het buskaartje, en 3. de frequentie, waarmee de buurtbus rijdt. Met betrekking tot de gekozen attributen werden vervolgens een aantal niveaus c.q. categorieen onderschelden: 1. reistijd even lang onderweg als met eigen vervoer anderhalf maal zo lang onderweg ais met eigen vervoer. 2. kosten gratis vervoer f. 1. per rit. 3. frequentie maal per uur maal per uur maal per 2 uur. Intotaal kunnen nu2 X2X3=12combinaties worden gevormd. Elk van deze 12 stimuluscombinaties diende afzonderlijk door de respondenten te worden beoordeeld. Hun oordeel konden zij weergeven door te kiezen uit een van de vier navolgende antwoordcategorieen: 1. zeer zeker niet gebruik maken van de buurtbus; 2. waarschijnlijk niet gebruik maken van de buurtbus; 3. waarschijnlijk wei gebruik maken van de buurtbus, en 4. zeer zeker wei gebruik maken van de buurtbus. In een eerste analyse, die op het verzamelde basismateriaal werd uitgevoerd, werd nagegaan welk percentage van de respondenten te kennen geeft zeer zeker gebruikte maken van de buurtbus bij de verschillende stimuluscombinattes. De resultaten van deze analyse zijn weergegeven in de figuren 1 tim 7. Uit deze figuren blijkt dat een aantal interactie-effecten een serie van divergerende (convargerende) lijnen laat zien. Ditresu!taatvvijst op het bestaan van een multiplicatieve combinatieregel. Andere effecten eehter laten een serie van min of meer parallelle lijnen zien. hetgeen wijst op het bestaan van een additief model. Daarnaast kunnen een aantal specifieke conclusies op grond van de figuren 1 tim 7 getrokken worden. Uit figuur 1 en 2 blijkt dat zowel de reistijd alsookde frequentie een belangrijke rol spejen in de vervoermiddelkeuze. Indien de reistijd met de buurtbus gelijk is aan de reistijd met eigen vervoer en de frequentie gelijk is aan 2 maal per uur, zegt ongeveer % van de respondenten zeer zeker van de buurtbus gebruik te zuiien maken. Dit percentage daait echter zeer snel indien de frequentie daalt en nag sneller indien de reistijd tegelijkertijd toeneemt tot anderhalf maal die van eigen vervoer. Zelfs bij gratis vervoer bedraagt het percentage dan nog slechts circa 5%. Oak de 7 " 25 FREKWET J E CAT 3 ; g;... KOSTE a: OJ is i!i 15 J':i 6 REISTlJO 9 25 i!l.. w!5 16 J':i o I REIST IJD FREKETlE ===========.1 KOSTE 5 FREKWET IE 4 3 KDSTE REI STl JO FREKWET IE = 25 ::> : KOSTE " f!'i KOSTE 16 REISTJJO 5 REIST IJD FREKWETlE 5 o L- o L- L L REI5TIJO FR-E-Kw-E-H-rl_E L- KD5TE 12 VERKEERsKUDE31 (19aO) R

4 kosten hebben een negatief effect op het keuzegedrag, al blijkt de invloed relatief minder groot ten opzichte van de effecten van de overige attributen. Zo blijkt bijvoorbeeld uit figuur 4 dat het percentage dat te kennen geeft zeer zeker gebruik te maken van de buurtbus bij een reistijd van anderhalf maal die van eigen vervoer en een frequentie tot 1 maal per uur nauwelijks wordt be'invloed door een stijging van de prijs per rit. De overige figuren ondersteunen deze effecten. De invloed van het attribuut reistijd wordt zeer duidelijk ge 'illustreerd in de figuren 5 tim 7. Het percentage dat te kennen geeft zeer zeker gebruik te maken van de buurtbus daalt zeer snel met taenemende relstijd; de frequentie van het bussysteem is hierap slechts in beperkte mate van invloed. De resultaten die zijn weergegeven in de figuren 1 tim 7 lijken intern consistent te zijn. Het percentage dat te kennen geeft zeer zeker gebruik te maken van de buurtbus daalt bij toenemende reistijd, bij toenemende kosten en bij een afnemende frequentie. De figuren 8 tim 1 geven een grafische weergave van deze tendenties. Uit deze figuren is duidelijk dat het effect van de frequentie niet Iineair is. Een deiqalijke conclusie voor de overige twee attributen is niet mogelijk amdat hierbij slechts twee niveaus zij n anderscheiden. Een nadeel van deze vorm van analyse is dat een stringente toets op de vorm vande combinatieregel niet mogelijk is. Een dergelijke toets kan echter wei worden uitgevoerd indien verondersteld wordt dat de vier onderscheiden antwoordcategorieen een categorieschaaf vormen, die aangeeft hoe groot de kans is dat e.en respondent gebruik zel maken van de buurtbus. Aan de vier onderscheiden antwoordcategorieen worden nu de volgende kansen voor het gebruik van de buurtbus toegekend: 1. zeer zeker niet gebruik 2. waarschijnlijk niet gebruik 3. waarschijnlijk wei gebruik 4. zeer zeker gehruik % 25% 5% % Op grond van bovenstaande uitgangspunten is voor elke stimuluscombinatie de gemid delde kens op gebruik van de buurtbus be paald. Het zal duidelijk zijn dat de op deze wijze berekende gemiddelde kansen niet kunnen worden ge'interpreteerd als een percentage van het totale aantal ritten dat met de buurtbus zal worden gemaakt. Veeleer geeft het de kans aan datde buurtbus bij de vervaermiddelkeuze een serieuze ral in het keuzevraagstuk van het individu speelt. Een grafische weergave van de berekende gemiddelde kansen wordt gegeven in de figuren 11 tim 13. Figuur 11 laat duidelijk zien dat de subjectieve kans gebruik te maken van de buurtbus daalt met toenemende reistijd. Soortgelijke effecten gelden veor toenemende kosten en voor afnemende frequentie. Een opvallend kenmerk van figuur 13 is het convergeren van de Jijnen. Dit wijst op een interaetie-effeet tussen reistijd enerzijds en frequentie anderzijds. Inhoudelijk impjiceert dit gegeven dat het effect op het samengevatte oordeel van bepaalde stimuli laag is indien sen van de stimuli uit de te beoordelen stimuluscomb ina tie een laag oordeel krijgt. Om nu na te gaan in hoeverre inderdaad sprake is van significante interaetie-effecten tussen de diverse attributen is een variantieanalyse op het basismateriaal uitgevaerd. De resultaten hiervan worden weergegeven in tabel 1. Uit de variantie-analyse blijkt dat bij een betrouwbaarheidsniveau van,9 sprake is van een significante interactie tussen reistijd en frequentie. Dit is in avereenstemming met de eerder vermelde grafische resultaten, waarbij sprake was van convergerende lijnen (zie figuur en figuur 13). De overigeinterac ties, namelijk die tussen reistijd en kosten en die tussen kosten en frequentie blijken statis tisch niet significant. Vaor wat betreft de vorm van de eombinatieregel kan op grond van de tot nu toe bereikte resultaten nog worden opgemerict dat het individue!e keuzegedrag een aanta! mu!tip!i= catieve elementen bevat. Deze conclusie baseren wij op de gebleken interaetie-effecten tussen reistijd en frequentie terwijl tevens is gebleken dat deze aspecten qua belangrijkheid voor de uiteindejijke keuze van het vervoermiddel een beduidend grotere rol spelen dan de kosten. Conclusie Uit overwegingen van tijd, mankracht en geld is in dit onderzoek gekozen va or schrifte Iijke enqu8tering. Het zal duidelijk zijn dat de apzet van het onderzoek als gevolg hiervan een aantal beperkingen kent. Zo is het aanta! niveau's per stimulus beperkt gehouden, en zijn er geen replicaties uitgevoerd per subject. Ook is geen gebruik gemaakt van zogenaamde "fillers" en hestond de gehanteerde beoordelingsschaaj uit slechts vier categorieen. Een en ander heeft tot gevolg gehad dat in theoretisch opzicht niet aile functionele relaties uit de theorie empirisch getoetst konden 13 SO 4 3 KDSTE 2.5 Tabel 1. Variantie-analyse resultaten. Bran van Vrijheids- Kwadratenvariatie graden sam Gemiddelde 1 2,54 6 A 1 1,11 5 B 1 4,49 3 AB 1 2,83 2 C 2 3,64 4 AC 2 4, Be 3 2 7,24 2 ABC 2 5,3' Residuen ,65 6 Totaal ,35 6 Kwadr.soml F- Betrouw- Vrijheidsgr. ratio baarheid 2, ,2 1, 1, ,27 1, 4,49 3 6,4,986 2,832,38,463 1, ,5 1, 2, 4 2,83,941 3,62 2,48,386 2,65',4,35 7, VERKEERSKUOE 31 (198} R. 6

5 worden. Toetsing van vergelijking (1) was slechts beperkt mogelijk omdat twee van de drie stimuli slechts twee niveau's hadden. Vergelijking (3) is ook geen onderwerp van empirische toetsing geweest omdat datamateriaal terzake niet voorhanden was en ook niet kon zijn. Toetsing van vergelijking (3) kan slechts uitgevoerd worden indien veranderingen in de onderscheiden attributen van het buurtbussysteem worden doorgevoerd en et een additioneel onderzoek zou worden uilgevoerd nadat deze wijzigingen zijn aangebracht. Een dergelijk aanvullend onderzoek zou tevens meer inzicht geven in de vraag in hoeverre het nu geconstateerde intentionele gebruik van de buurtbus ookdaadwerkelijkzal worden omgezet in feitelijk gebruik. Ondanks de geconstateerde beperkingen van het onderzoek blijken de besproken theoretische en methodologische structuren zinvol te zijn voor de analyse van vervoermlcjdelkeuze zowel op individueel als op groepsniveau. De benadering gaat uit van proefopzetten, hetgeen een modelformulering naar nieuwe stimulus-combinaties in principe mogelijk maakt. Uiteraard is een empirischetoetsing van deze relatis tuss n resu!taten van quasi-iaboratori um experimenten en waargenomen keuzegedrag wenselijk, zo niet noodzakelijk, maar zeker is dat de gangbare benaderingen en methoden een dergelijke generalisatie niet teelaten. Een tweede positieve eigenschap van de uiteengezette benadering is dat ze niet is gebaseerd op statistische verbanden, maar dat interpretatie mogelijk is in termen van oorzaak-gevolg relaties, zodat.. if the model predicts real-world data, we know how to control patronage because we have a theory of how causal variables interact to affect it" (Louviere en Wilson, 1978). Uit het voorbeeld is tevens duidelijk geworden dat de benadering voldoende diagnose-en toetsmogelijkheden biedt am de beste modelvorm of combinatieregel te identificeren, terwijl het bovendien mogelijk is om subjectieve scha len voor attributen van een transportsysteem af te leiden. Deze subjectieve schalen Iwnnen vervolgens gerelateerd worden aan de objectieve waarden van de attributen, hetgeen van cruciaal belang is voor beleidsrelevant onderzoek. Immers, planningsmaatregelen zijn gericht cp veranderi ng van de objectieve waarden van attributen van bijvoorbeeld transportsystemen. Door middel van de gecalibreerde functie tussen subjectieve schaalwaarden en objectieve waarden van de attributen is het mogelijk om de effecten van voorgenomen planningsmaatregelen op subjectieve oordelen te kwantificeren. Het zal duidelijkzijn dat dit gegeven belangrijke informatie kan opleveren voor de evaluatie, eventueel ex post, van planningsmaatregelen of beleidsalternatieven. tergrond zouden wij dan oak willen pleiten voor een planning en een beleid, waarinvoortdurend en integraal aandacht besteed wordt aan aile relevante attributen van openbare vervoerssystemen, omdat aileen opdezewijze positief resultaat verwacht mag worden van plannings- en beleidsmaatregelen, dietotdoel hebben het gebruik van het openbaar vervoer te bevorderen. Literatuur Anderson..H. (1974), Information Integration Tneory: A Brief Survey. In O.H. Krantz. R.C.Atkinson & P. Suppe.(eds.), Contemporary Developments in Mathematical Psychology (voj. 21, San Francisco,. H. Freeman.. Golob, T. F.. Canty. E. T. Gustafson. R.L.{19721.AnAnalysisof Consumer Preferences for a Public Transportation System, Transportation Research. 6. pp Hartgen, D.T. { Attitudinal and Situational Variables Influencing Urban Mode Choice: Some Empirical Findings. Transportation. 3. pp Hen.her, D.A.. Louviere. J.J. ( Behavioural Intentions as Predictors of Very Specific Behaviour, Transportation. 8. pp Jansen. C.R.M.. P. H. L Bovy. J. H. van Est. F.le Clerq ( (eds l. ew Developments in Modelling Travel Demand and Urban Systems. Some Results of Recent Dutch Research. Saxon House, Farnbarough. Louviere, J.J, {1978}. Psychological Me.asurement of Tra\lel AUribules.ln Hensher. O.A. & Q. Dalvi (eds.l.determinantso' Travel Choice. London. Saxon House, Louvier., J.J.. Ostrech. LM. Henley. D., Meyer. R.J. (1976). Travel Demand Segmentaticm: Some Theoretical Consideraa tions Related to Behaviour Modeling. In Stopher. P.A. & A.H. Meyburg (eds.j. Behavioural Travel Demand Models. Lexing ton. Massachusetts. Lexington Books. Louvier J. J., Wilson, E. M. {197BI, Predicling Consumer Response in Travel Analysis. Transport!1tion Planning and Techn%gy. 4. pp icolaidis, G.C. ( Quantification of the Comfort Variable. Transportation Research. 9. pp Smit. J. G. {19BO) Boekbaspreking: Enele Resullaten van Recent ederlands Onda.. oek, V.rk rskunde. 31. pp Tischer. M.L.. Phillips. R.V. ( The Relationship Between Transponation Perceptions and Behaviour over Time, Trans portbtion. 8, pp Attenderen op veranderde verkeerssituatie Weggebruikers, die regelmatig van een bepaalde route gebruik maken, zijn ter plekke meestal zo goed bekend, dat zij niet of na uwelijks meer letten op verkeerstekens. Doordeze plaatselijke bekendheid kan de verkeersveiligheid wei eens in het gedrang komen. vooral Als laatste vocrdeel va n de Ulteengezem, benadering kan nog genoemd worden het feit dat de substantiele theorie voor beslissingsen keuzeprocessen alsook voor wat betreft de meet methode in ean systeem ge'integreerd zijn. De modellen hebben derhalve een duidelijke theoretische onderbouwing. Inhoudelijk gezien heeft deze studie wederom aangetoond dat attributen als reistijd en frequentie van zeer grote betekenis zijn bij de bepaling van de vervoermiddelkeuze. Indien slechts ean van deze attributen een ongunstige waarde aanneemt, dan heeft dit rechtstreekse en ingrijpende gevolgen voar de aantrekkelijkheid en dus oak het gebruik van openbare vervoerssystemen. Tegen deze achwanneer veranderingen in het verkeersbeeld worden aangebracht. Zo bestaat er een reeel gevaar, dat recent geplaatste verkeersborden niet door bestuurders worden opgemerkt. Dit is vooral gevaarlijk als bijvoorbeeld tweerichtingverkeerwordt vervangen door ebnrichtingverkeer. Daarom is het erg zinvol tijdelijk te attenderen op dit soort situaties, zoa Is op foto 1 is gebeurd. De kleurstelling van deze borden isdie van tijdelijke aanduidingsborden, namelijk oranje achtergrond met zwarte letters. Deze borden moeten niet te laag geplaatst worden, omdat dan het uitzicht wordt belemmerd. Het was in deze situatie beter geweest het attentiebord hoger te plaatsen. Wegbeheerder, help ze een handje Volwassen verkeersbrigadiers helpen hier de kinderen over te steken. Gelukkig zijn ze er nog. Het is de taak van de wegbeheerder am voor de (volwassen) brigadiers het helpen bij oversteken te vergemakkelijken. In dit geval (foto 2) staat de moeder aan de linkerkant verscholen tussen auto's. Haar hoofd komt gelukkig nog boven de personenauto's uit maar bij bestelauto's lukt dit al niet meer. Kinderen die willen oversteken worden he lemaal onzichtbaar. Door parkeerhavens aan de linkerkant aan te leggen, is ter plaatse van de oversteek een uitstulping te realiseren. Dit verkort de oversteek, maakt de oversteek beter zichtbaar, geeft de brigadier maer uitzicht en laat de overstekende kinderen eerder zien. Ais een reconstructie voorlopig te veel kosi kan aan weerszijden ook een "verbod stil te staan" worden ingesteld. Een parkeerverbod is niet aan te bevelen omdat ouders, die het veiliger vinden de kinderen per auto naar school te brengen, het voor de overstekende kinderen en de brigadiers chaotisch en gevaarlijk maken. Om deze reden verdient hat ook aanbeveling op de uitstulping paaltjes op onderling korte afstand te plaatsen zoda! een autoportier moeilijk geopend kan worden. Het plaatsen van paaltjes met.. schommelkettingen" zoa Is deze rechts op de foto staan is uiteraard niet aan te bevelen. Verkeersafdeling AWB 2 VERKEERSKUOE 31 (l9bo) R

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Het aantal eerste en tweede generatie immigranten in Nederland is hoger dan ooit tevoren. Momenteel wonen er 3,2 miljoen immigranten in Nederland, dat is 19.7% van de totale

Nadere informatie

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals

Omdat uit eerdere studies is gebleken dat de prevalentie, ontwikkeling en manifestatie van gedragsproblemen samenhangt met persoonskenmerken zoals Gedragsproblemen komen veel voor onder kinderen en adolescenten. Als deze problemen ernstig zijn en zich herhaaldelijk voordoen, kunnen ze een negatieve invloed hebben op het dagelijks functioneren van

Nadere informatie

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen 1 Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen Peter van der Meer Samenvatting In dit onderzoek is geprobeerd antwoord te geven op de vraag in hoeverre het mogelijk is verschillen

Nadere informatie

Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting

Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting xvii Invloed van IT uitbesteding op bedrijfsvoering & IT aansluiting Samenvatting IT uitbesteding doet er niet toe vanuit het perspectief aansluiting tussen bedrijfsvoering en IT Dit proefschrift is het

Nadere informatie

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt

Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt Bijlage 1 Toelichting kwantitatieve analyse ACM van de loterijmarkt 1 Aanpak analyse van de loterijmarkt 1. In het kader van de voorgenomen fusie tussen SENS (o.a. Staatsloterij en Miljoenenspel) en SNS

Nadere informatie

Schriftelijk tentamen - UITWERKINGEN

Schriftelijk tentamen - UITWERKINGEN Business Administration / Bedrijfskunde Schriftelijk tentamen - UITWERKINGEN Algemeen Vak : Statistische Methoden Groep : niet van toepassing en Technieken Vakcode : BKB0019t Soort tentamen : gesloten

Nadere informatie

Implementations of Tests on the Exogeneity of Selected Variables and Their Performance in Practice M. Pleus

Implementations of Tests on the Exogeneity of Selected Variables and Their Performance in Practice M. Pleus Implementations of Tests on the Exogeneity of Selected Variables and Their Performance in Practice M. Pleus Dat economie in essentie geen experimentele wetenschap is maakt de econometrie tot een onmisbaar

Nadere informatie

Deelrapportage "Apotheken door Cliënten Bekeken" Vorige en huidige meting Apotheek Den Hoorn

Deelrapportage Apotheken door Cliënten Bekeken Vorige en huidige meting Apotheek Den Hoorn Deelrapportage "Apotheken door Cliënten Bekeken" Vorige en huidige meting Apotheek Den Hoorn E Inhoud 1. Inleiding en methode 1 1.1. Achtergrond 1 1.2. Doel van het kwaliteitstraject: meten en verbeteren

Nadere informatie

Memorandum. Technical Sciences Brassersplein 2 2612 CT Delft Postbus 5050 2600 GB Delft. Aan Bestuur stichting Pensioenfonds TNO. www.tno.

Memorandum. Technical Sciences Brassersplein 2 2612 CT Delft Postbus 5050 2600 GB Delft. Aan Bestuur stichting Pensioenfonds TNO. www.tno. Memorandum Aan Bestuur stichting Pensioenfonds TNO Van Dr. F. Phillipson Onderwerp Risicobereidheidsonderzoek Pensioenfonds TNO Inleiding In de periode juni-augustus 2014 is er een risicobereidheidsonderzoek

Nadere informatie

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention

De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention De invloed van Vertrouwen, Relatietevredenheid en Commitment op Customer retention Samenvatting Wesley Brandes MSc Introductie Het succes van CRM is volgens Bauer, Grether en Leach (2002) afhankelijk van

Nadere informatie

Fout van CPB bij berekening remgeldeffect eigen risico

Fout van CPB bij berekening remgeldeffect eigen risico Fout van CPB bij berekening remgeldeffect eigen risico Wynand van de Ven en Erik Schut Wederreactie op Douven en Mannaerts In ons artikel in TPEdigitaal (Van de Ven en Schut 2010) hebben wij uiteengezet

Nadere informatie

HOOFDSTUK VII REGRESSIE ANALYSE

HOOFDSTUK VII REGRESSIE ANALYSE HOOFDSTUK VII REGRESSIE ANALYSE 1 DOEL VAN REGRESSIE ANALYSE De relatie te bestuderen tussen een response variabele en een verzameling verklarende variabelen 1. LINEAIRE REGRESSIE Veronderstel dat gegevens

Nadere informatie

Onderzoek Verplaatsingsgedrag Vlaanderen 4.3 (2010-2011)

Onderzoek Verplaatsingsgedrag Vlaanderen 4.3 (2010-2011) Onderzoek Verplaatsingsgedrag Vlaanderen 4.3 (2010-2011) Verkeerskundige interpretatie van de belangrijkste tabellen (Analyserapport) D. Janssens, S. Reumers, K. Declercq, G. Wets Contact: Prof. dr. Davy

Nadere informatie

tudievragen voor het vak TCO-2B

tudievragen voor het vak TCO-2B S tudievragen voor het vak TCO-2B 1 Wat is fundamenteel/theoretisch onderzoek? 2 Geef een voorbeeld uit de krant van fundamenteel/theoretisch onderzoek. 3 Wat is het doel van fundamenteel/theoretisch onderzoek?

Nadere informatie

Huiswerk, het huis uit!

Huiswerk, het huis uit! Huiswerk, het huis uit! Een explorerend onderzoek naar de effecten van studiebegeleiding op attitudes en gedragsdeterminanten en de bijdrage van de sociale- en leeromgeving aan deze effecten Samenvatting

Nadere informatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Voorlopige resultaten van het onderzoek naar de perceptie van medewerkers in sociale (wijk)teams bij gemeenten - Yvonne Zuidgeest

Nadere informatie

College 7 Tweeweg Variantie-Analyse

College 7 Tweeweg Variantie-Analyse College 7 Tweeweg Variantie-Analyse - Leary: Hoofdstuk 12 (p. 255 t/m p. 262) - MM&C: Hoofdstuk 12 (p. 618 t/m p. 623 ), Hoofdstuk 13 - Aanvullende tekst 9, 10, 11 Jolien Pas ECO 2012-2013 Het Experiment

Nadere informatie

Klantonderzoek: statistiek!

Klantonderzoek: statistiek! Klantonderzoek: statistiek! Statistiek bij klantonderzoek Om de resultaten van klantonderzoek juist te interpreteren is het belangrijk de juiste analyses uit te voeren. Vaak worden de mogelijkheden van

Nadere informatie

Bewaren van digitale informatie: hoe kom je tot een goede beslissing?

Bewaren van digitale informatie: hoe kom je tot een goede beslissing? Bewaren van digitale informatie: hoe kom je tot een goede beslissing? Hans Hofman Nationaal Archief Netherlands NCDD Planets dag Den Haag, 14 december 2009 Overzicht Wat is het probleem? Wat is er nodig?

Nadere informatie

Uitkomsten NBA ledenenquête. Toon aan de top. Binnen bedrijven en accountantskantoren

Uitkomsten NBA ledenenquête. Toon aan de top. Binnen bedrijven en accountantskantoren Uitkomsten NBA ledenenquête Toon aan de top Binnen bedrijven en accountantskantoren November 2012 Status Deze publicatie is samengesteld voor leden en dient ter ondersteuning van de praktijk. De publicatie

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting 169 Nederlandse samenvatting Het vakgebied internationale bedrijfskunde houdt zich bezig met de vraagstukken en de analyse van problemen op organisatieniveau die voortkomen uit grensoverschrijdende activiteiten.

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) 163 Samenvatting (Summary in Dutch) Er zijn slechts beperkte financiële middelen beschikbaar voor publieke voorzieningen en publiek gefinancierde diensten. Als gevolg daarvan zijn deze voorzieningen en

Nadere informatie

POSITIE EN VOORRANGSREGELING VAN FIETSERS EN BROMFIETSERS OP ROTONDES "NIEUWE STIJL"

POSITIE EN VOORRANGSREGELING VAN FIETSERS EN BROMFIETSERS OP ROTONDES NIEUWE STIJL POSITIE EN VOORRANGSREGELING VAN FIETSERS EN BROMFIETSERS OP ROTONDES "NIEUWE STIJL" Een beknopte toelichting op en evaluatie van het rapport "Positie en voorrangsregeling van fietsers en bromfietsers

Nadere informatie

ALGEMEEN RAPPORT Publieksprijs Beste Vastgoedfonds Aanbieder 2011

ALGEMEEN RAPPORT Publieksprijs Beste Vastgoedfonds Aanbieder 2011 ALGEMEEN RAPPORT Publieksprijs Beste Vastgoedfonds Aanbieder 2011 Markt, trends en ontwikkelingen Amsterdam, april 2012 Ir. L. van Graafeiland Dr. P. van Gelderen Baken Adviesgroep BV info@bakenadviesgroep.nl

Nadere informatie

Samenvatting Nederlands

Samenvatting Nederlands Samenvatting Nederlands 178 Samenvatting Mis het niet! Incomplete data kan waardevolle informatie bevatten In epidemiologisch onderzoek wordt veel gebruik gemaakt van vragenlijsten om data te verzamelen.

Nadere informatie

Item-responstheorie (IRT)

Item-responstheorie (IRT) Item-responstheorie (IRT) niet direct voor een dubbeltje, maar wel erg cool op het podium Ruth van Nispen 1 Caroline Terwee 2 1 Afdeling Oogheelkunde 2 Afdeling Epidemiologie en Biostatistiek VU medisch

Nadere informatie

Experimenteel en Correlationeel Onderzoek

Experimenteel en Correlationeel Onderzoek Experimenteel en Correlationeel Onderzoek In veel onderzoek is het doel: Het vaststellen van oorzaak-gevolg (causale) relaties Criteria voor causaliteit 1. Samenhang (correlatie, covariantie) 2. Opeenvolging

Nadere informatie

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten Effecten van cliëntondersteuning Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten MEE Nederland, 4 februari 2014 1. Inleiding In deze samenvatting beschrijven

Nadere informatie

1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items

1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items 1. Gegeven zijn de itemsores van 8 personen op een test van 3 items item Persoon 1 2 3 1 1 0 0 2 1 1 0 3 1 0 0 4 0 1 1 5 1 0 1 6 1 1 1 7 0 0 0 8 1 1 0 Er geldt: (a) de p-waarden van item 1 en item 2 zijn

Nadere informatie

Bedrijfscultuur als succesfactor voor apotheken

Bedrijfscultuur als succesfactor voor apotheken Bedrijfscultuur als succesfactor voor apotheken Meten is weten Derks & Derks Toegepast arbeidspsychologisch onderzoek Kennis, die we delen. Bedrijfscultuur als succesfactor voor apotheken Een bedrijfscultuur

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Burnout, een toestand van mentale uitputting door chronische stress in de werksituatie, vormt een ernstig maatschappelijk probleem dat momenteel veel aandacht krijgt. In

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties Jongeren en Gezondheid 14: Seksualiteit en Relaties Inleiding Tijdens hun puberjaren, ondergaan jongens en meisjes diepgaande biologische, cognitieve, emotionele en sociale veranderingen. Deze periode

Nadere informatie

Situatie 1 Denkt u dat er een communicatie probleem bestaat? Dan voer ik analyses binnen de dimensie communicatie.

Situatie 1 Denkt u dat er een communicatie probleem bestaat? Dan voer ik analyses binnen de dimensie communicatie. Voorbeeld Verzuimonderzoeksrapport (beknopt) Indeling 1. Theoretische achtergrond 2. Werkwijze 3. Analyses 4. Conclusies en aanbevelingen 1. De theoretische achtergrond wordt specifiek voor uw organisatie

Nadere informatie

Hoofdstuk 5 Naamsbekendheidonderzoek

Hoofdstuk 5 Naamsbekendheidonderzoek Hoofdstuk 5 5.1 Inleiding Achtergrond en doel van het onderzoek Bonnema Weert wenst inzicht te verkrijgen in haar naamsbekendheid. Bonnema Weert wil in het bijzonder antwoord krijgen op de volgende onderzoeksvragen:

Nadere informatie

WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de

Nadere informatie

Akoestische achteruitgang stille wegdekken afhankelijk van verkeersintensiteit!!

Akoestische achteruitgang stille wegdekken afhankelijk van verkeersintensiteit!! Akoestische achteruitgang stille wegdekken afhankelijk van verkeersintensiteit!! Christiaan Tollenaar M+P Leo Visser Provincie Noord-Holland Samenvatting Dat stil asfalt na verloop van tijd steeds meer

Nadere informatie

73 SAMENVATTING In dit proefschrift wordt een empirische toetsing van de machtafstandstheorie (Mulder, 1972, 1977) beschreven. In grote lijnen stelt deze theorie dat mensen macht prettig vinden, en dat

Nadere informatie

/hpm. Onderzoek werkstress, herstel en cultuur. De rol van vrijetijdsbesteding. 6 februari 2015. Technische Universiteit Eindhoven

/hpm. Onderzoek werkstress, herstel en cultuur. De rol van vrijetijdsbesteding. 6 februari 2015. Technische Universiteit Eindhoven Onderzoek werkstress, herstel en cultuur De rol van vrijetijdsbesteding 6 februari 2015 Technische Universiteit Eindhoven Human Performance Management Group ir. P.J.R. van Gool prof. dr. E. Demerouti /hpm

Nadere informatie

PROMIS Een integraal systeem voor het meten van patientgeraporteerde

PROMIS Een integraal systeem voor het meten van patientgeraporteerde PROMIS Een integraal systeem voor het meten van patientgeraporteerde uitkomsten in de zorg Dr. Caroline Terwee Dutch-Flemish PROMIS group VU University Medical Center Department of Epidemiology and Biostatistics

Nadere informatie

De correlatie kan opgevraagd worden via Analyze Correlate Bivariate en vervolgens maken we een keuze voor de variabelen. Dit levert als output op:

De correlatie kan opgevraagd worden via Analyze Correlate Bivariate en vervolgens maken we een keuze voor de variabelen. Dit levert als output op: Opdrachten en vragen hoofdstuk X 1. Voer de gegevens van figuur 9.1 en 9.2 in SPSS en controleer de correlaties zoals die aangegeven werden. Maak tevens een scatterplot. Tabel 9.1. Lineaire transformatie

Nadere informatie

Verkeer in de Slimme Stad

Verkeer in de Slimme Stad Verkeer in de Slimme Stad Perceptie Beslisproces Keuze Aanleiding Verkeersmanagement Mobiliteitsmanagement De reiziger/verkeersdeelnemer centraal Gedragsbeïnvloeding Bijvoorbeeld: hoe en wanneer reageren

Nadere informatie

Hoofdstuk 3: Cardiovasculaire toestandsveranderingen in gesimuleerde werkomgevingen

Hoofdstuk 3: Cardiovasculaire toestandsveranderingen in gesimuleerde werkomgevingen Een inspirerende nieuwe fase in het onderzoek naar mens-computer interactie heeft zich aangediend met het ontstaan van adaptieve automatisering. Binnen dit onderzoeksgebied worden technologische systemen

Nadere informatie

Thuiswerktoets Filosofie, Wetenschap en Ethiek Opdracht 1: DenkTank De betekenis van Evidence Based Practice voor de verpleegkunde

Thuiswerktoets Filosofie, Wetenschap en Ethiek Opdracht 1: DenkTank De betekenis van Evidence Based Practice voor de verpleegkunde Thuiswerktoets Filosofie, Wetenschap en Ethiek Opdracht 1: DenkTank De betekenis van Evidence Based Practice voor de verpleegkunde Universitair Medisch Centrum Utrecht Verplegingswetenschappen cursusjaar

Nadere informatie

Onderzoek naar mobiel telefoongebruik

Onderzoek naar mobiel telefoongebruik Onderzoek naar mobiel telefoongebruik en hersenactiviteit Kennisbericht over een publicatie in een wetenschappelijk tijdschrift: Arns-M, van Luijtelaar-G, Sumich-A, Hamilton-R, Gordon-E. Electroencephalographic,

Nadere informatie

Leren bedrijfseconomische problemen op te lossen door het maken van vakspecifieke schema s

Leren bedrijfseconomische problemen op te lossen door het maken van vakspecifieke schema s Leren bedrijfseconomische problemen op te lossen door het maken van vakspecifieke schema s Bert Slof, Gijsbert Erkens & Paul A. Kirschner Als docenten zien wij graag dat leerlingen zich niet alleen de

Nadere informatie

Oplossingsvrij specificeren

Oplossingsvrij specificeren Oplossingsvrij specificeren ir. J.P. Eelants, projectmanager Infrabouwproces CROW Samenvatting De methodiek van oplossingsvrij specificeren richt zich niet alleen op het formuleren van functionele eisen.

Nadere informatie

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Validatie van het EHF meetinstrument tijdens de Jonge Volwassenheid en meer specifiek in relatie tot ADHD Validation of the EHF assessment instrument during Emerging Adulthood, and more specific in relation

Nadere informatie

In de afgelopen decennia heeft ongehuwd samenwonen overal in Europa. toegenomen populariteit van het ongehuwd samenwonen is onderdeel van

In de afgelopen decennia heeft ongehuwd samenwonen overal in Europa. toegenomen populariteit van het ongehuwd samenwonen is onderdeel van Nederlandse samenvatting (summary in Dutch) De verschillende betekenissen van ongehuwd samenwonen in Europa: Een studie naar verschillen tussen samenwoners in hun opvattingen, plannen en gedrag. In de

Nadere informatie

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97 Wanneer gebruiken we kwalitatieve interviews? Kwalitatief interview = mogelijke methode om gegevens te verzamelen voor een reeks soorten van kwalitatief onderzoek Kwalitatief interview versus natuurlijk

Nadere informatie

Optimalisatie van de eerste klinische studies in bi ondere patie ntengroepen: op weg naar gebruik van semifysiologische

Optimalisatie van de eerste klinische studies in bi ondere patie ntengroepen: op weg naar gebruik van semifysiologische Nederlandse samenvatting Optimalisatie van de eerste klinische studies in bi ondere patie ntengroepen: op weg naar gebruik van semifysiologische farmacokinetische modellen Algemene inleiding Klinisch onderzoek

Nadere informatie

WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de

Nadere informatie

1c Relatie tussen x en y hoeft niet perfect te zijn om een oorzaak van y te laten zijn.

1c Relatie tussen x en y hoeft niet perfect te zijn om een oorzaak van y te laten zijn. MTO A tentamen 1 e gelegenheid 1c Relatie tussen x en y hoeft niet perfect te zijn om een oorzaak van y te laten zijn. 2d Stap empirische cyclus. Volgens Heiman. Afleiden van empirische predicties uit

Nadere informatie

Inhoud. 1 Inleiding 9 1.1 Voor wie is dit boek? 9 1.2 Doelstelling 11 1.3 Aanpak 11 1.4 Opzet 13

Inhoud. 1 Inleiding 9 1.1 Voor wie is dit boek? 9 1.2 Doelstelling 11 1.3 Aanpak 11 1.4 Opzet 13 Inhoud 1 Inleiding 9 1.1 Voor wie is dit boek? 9 1.2 Doelstelling 11 1.3 Aanpak 11 1.4 Opzet 13 2 Tevredenheid en beleid 15 2.1 Het doel van tevredenheid 16 2.2 Tevredenheid in de beleidscyclus 19 2.3

Nadere informatie

Experience Mathness: Oefen- en ingangstoetsing voor bachelor studenten TUE

Experience Mathness: Oefen- en ingangstoetsing voor bachelor studenten TUE Experience Mathness: Oefen- en ingangstoetsing voor bachelor studenten TUE ONBETWIST Werkpakket 5 Deliverable 5.3.3, April 2012 Dirk Tempelaar & Hans Cuypers Introductie Experience Mathness diende ter

Nadere informatie

Rapportage Tevredenheidonderzoek 2013 Collectief vervoer Gemeenten Noord-Oost Friesland

Rapportage Tevredenheidonderzoek 2013 Collectief vervoer Gemeenten Noord-Oost Friesland Rapportage Tevredenheidonderzoek 2013 Collectief vervoer Gemeenten Noord-Oost Friesland 25 juni 2014 Versie 1.0 Inhoudsopgave Doelstelling en Onderzoeksvragen 3 Werkwijze 4 Onderzoeksdoelgroep 5 Achtergrondinformatie

Nadere informatie

CRM. in Nederland. a teasing summary. CRM in Nederland. augustus 2009. Augustus 2009 pagina 0

CRM. in Nederland. a teasing summary. CRM in Nederland. augustus 2009. Augustus 2009 pagina 0 Augustus 2009 pagina 0 CRM in Nederland augustus 2009 a teasing summary Augustus 2009 pagina 1 Introductie Onlangs hebben ruim 1.000 managers meegewerkt aan een grootschalig onderzoek uitgevoerd door MarketCap

Nadere informatie

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey

Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey Samenwerking en innovatie in het MKB in Europa en Nederland Een exploratie op basis van het European Company Survey ICOON Paper #1 Ferry Koster December 2015 Inleiding Dit rapport geeft inzicht in de relatie

Nadere informatie

Dutch Summary. Dutch Summary

Dutch Summary. Dutch Summary Dutch Summary Dutch Summary In dit proefschrift worden de effecten van financiële liberalisatie op economische groei, inkomensongelijkheid en financiële instabiliteit onderzocht. Specifiek worden hierbij

Nadere informatie

HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS. Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics

HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS. Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics 1 Inleiding Veel organisaties hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in

Nadere informatie

Gezondheidsvaardigheden van chronische zieken belangrijk voor zelfmanagement Monique Heijmans, Geeke Waverijn

Gezondheidsvaardigheden van chronische zieken belangrijk voor zelfmanagement Monique Heijmans, Geeke Waverijn Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Gezondheidsvaardigheden van chronische zieken belangrijk voor zelfmanagement, M. Heijmans, NIVEL, juni 2014) worden gebruikt.

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties

Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als. Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Testattitudes van Sollicitanten: Faalangst en Geloof in Tests als Antecedenten van Rechtvaardigheidspercepties Test-taker Attitudes of Job Applicants: Test Anxiety and Belief in Tests as Antecedents of

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 5.8.1. Inleiding De WHO heeft in haar omschrijving het begrip gezondheid uitgebreid met de dimensie sociale gezondheid en deze op één lijn gesteld met de lichamelijke en psychische gezondheid. Zowel de

Nadere informatie

Samenvatting. Doelstelling

Samenvatting. Doelstelling Samenvatting In 2003 hebben de ministeries van Justitie, Financiën, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Algemene Zaken de afspraak gemaakt dat het ministerie van Justitie het voortouw zal nemen

Nadere informatie

Verslag consumentenonderzoek zorgsector Breda

Verslag consumentenonderzoek zorgsector Breda Verslag consumentenonderzoek zorgsector Breda Inleiding: In het kader van het project economische barometer is in 2012 gekozen voor het onderwerp zorgverlening en vooral het gebruik van de zorgverleners,

Nadere informatie

Schaal- en synergie-effecten bij de spoedeisende hulp

Schaal- en synergie-effecten bij de spoedeisende hulp Schaal- en synergie-effecten bij de spoedeisende hulp Een literatuur- en empirisch onderzoek naar de kostenstructuur van de spoedeisende hulp Centrum voor Innovaties en Publieke Sector Efficiëntie Studies,

Nadere informatie

De ronde van Nederland

De ronde van Nederland De ronde van Nederland Studiekeuze van jongeren moeilijk te beïnvloeden Bloemen, H. & Dellaert, B. (2001), De studiekeuze van middelbare scholieren; een analyse van motieven, percepties en preferenties,

Nadere informatie

Nederlandstalige samenvatting (summary in Dutch language)

Nederlandstalige samenvatting (summary in Dutch language) Nederlandstaligesamenvatting 145 Nederlandstaligesamenvatting (summaryindutchlanguage) Reizen is in de afgelopen eeuwen sneller, veiliger, comfortabeler, betrouwbaarder, efficiënter in het gebruik van

Nadere informatie

RESULTATEN VAN DE AANVULLENDE ENQUETE

RESULTATEN VAN DE AANVULLENDE ENQUETE RESULTATEN VAN DE AANVULLENDE ENQUETE bij het oudertevredenheidsonderzoek 2010. Basisschool De Driesprong. Inleiding. In november 2010 zijn de ouders van de leerlingen van basisschool De Driesprong op

Nadere informatie

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen Running head: ACTIEVE OUDEREN EN BEWEGEN 1 De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de Lichaamsbeweging van Ouderen The Influence of Identification with 'Active Elderly' and Wellbeing

Nadere informatie

Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest

Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest Rapportgegevens Nederlandse persoonlijkheidstest Respondent: Johan den Doppelaar Email: info@123test.nl Geslacht: man Leeftijd: 37 Opleidingsniveau: hbo Vergelijkingsgroep: Nederlandse beroepsbevolking

Nadere informatie

Resultaten KTO Regiotaxi Utrecht najaar 2009

Resultaten KTO Regiotaxi Utrecht najaar 2009 Resultaten KTO Regiotaxi Utrecht najaar 2009 Inhoudsopgave 1. Aanleiding en doel 3 2. Uitvoeringsverantwoording 5 3. Resultaten 8 4. Conclusies 47 Klanttevredenheid Regiotaxi Utrecht najaar 2009 2 Aanleiding

Nadere informatie

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur

Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur Invloed van het aantal kinderen op de seksdrive en relatievoorkeur M. Zander MSc. Eerste begeleider: Tweede begeleider: dr. W. Waterink drs. J. Eshuis Oktober 2014 Faculteit Psychologie en Onderwijswetenschappen

Nadere informatie

Netwerkdiagram voor een project. AON: Activities On Nodes - activiteiten op knooppunten

Netwerkdiagram voor een project. AON: Activities On Nodes - activiteiten op knooppunten Netwerkdiagram voor een project. AON: Activities On Nodes - activiteiten op knooppunten Opmerking vooraf. Een netwerk is een structuur die is opgebouwd met pijlen en knooppunten. Bij het opstellen van

Nadere informatie

Nabespreking Reflectieopdracht 1 Zoek de fout!

Nabespreking Reflectieopdracht 1 Zoek de fout! Nabespreking Reflectieopdracht 1 Zoek de fout! Leerlingen formuleren zelf (samen) de criteria voor een goede onderzoeksvraag en passen die toe op hun eigen onderzoeksvraag. Het is enerzijds wel de bedoeling

Nadere informatie

Sportsponsoring is in enkele decennia uitgegroeid van een kleinschalige filantropische

Sportsponsoring is in enkele decennia uitgegroeid van een kleinschalige filantropische SAMENVATTING (SUMMARY IN DUTCH) Sportsponsoring is in enkele decennia uitgegroeid van een kleinschalige filantropische activiteit tot een onderdeel van het marketingbeleid dat bedrijfsmatig wordt aangepakt

Nadere informatie

Recepten uit het kookboek. van het gebruik van sociale media voor innovatie

Recepten uit het kookboek. van het gebruik van sociale media voor innovatie Recepten uit het kookboek van het gebruik van sociale media voor innovatie 1 Sociale media en NPD Set Inzet sociale media: - vermogen definiëren probleem - vermogen identificeren juiste crowd - vermogen

Nadere informatie

Datum Referentie Uw referentie Behandeld door 21 juni 2013 20112327-05 L. Gelissen

Datum Referentie Uw referentie Behandeld door 21 juni 2013 20112327-05 L. Gelissen Notitie 20112327-05 MER Beneden-Lek (Bergambacht) Externe veiligheid Datum Referentie Uw referentie Behandeld door 21 juni 2013 20112327-05 L. Gelissen 1 Inleiding In opdracht van Consortium 2.0 1 is een

Nadere informatie

WORKSHOP ONDERZOEKSMETHODEN

WORKSHOP ONDERZOEKSMETHODEN WORKSHOP ONDERZOEKSMETHODEN INHOUD Kwantitatieve onderzoeksmethoden Algemene kenmerken Enquête Experiment Kwalitatieve onderzoeksmethoden Algemene kenmerken Observatie Interview Kwaliteit van het onderzoek

Nadere informatie

WAAR JE ZIT IS WAAR JE STAAT

WAAR JE ZIT IS WAAR JE STAAT WAAR JE ZIT IS WAAR JE STAAT Posities als antecedenten van management-denken over concernstrategie ACHTERGROND (H. 1-3) Concernstrategie heeft betrekking op de manier waarop een concern zijn portfolio

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING In het eerste gedeelte van dit proefschrift worden verschillende coagulatie instrumenten tijdens laparoscopische ingrepen geëvalueerd ter voorkoming van bloedingen en gerelateerde

Nadere informatie

signaleringsinstrumenten voor psychosociale problemen bij 0 4 jarigen in de JGZ

signaleringsinstrumenten voor psychosociale problemen bij 0 4 jarigen in de JGZ signaleringsinstrumenten voor psychosociale problemen bij 0 4 jarigen in de JGZ TNO CHILD HEALTH Marianne de Wolff en Meinou Theunissen marianne.de wolff@tno.nl meinou.theunissen@tno.nl 1. Validatieonderzoek

Nadere informatie

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V.

Evo Evolutionary Project Management. Een introductie. Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Evo Evolutionary Project Management Een introductie Algemene informatie voor medewerkers van SYSQA B.V. Organisatie SYSQA B.V. Pagina 2 van 10 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. EVO... 4 3. FASERING...

Nadere informatie

Het belang van ziektepercepties voor zelfmanagement COPD als voorbeeld

Het belang van ziektepercepties voor zelfmanagement COPD als voorbeeld Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Het belang van ziektepercepties voor zelfmanagement COPD als voorbeeld, M. Heijmans, NIVEL, augustus 2013) worden gebruikt.

Nadere informatie

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL RAADSVOORSTEL Registr.nr. 1423468 R.nr. 52.1 Datum besluit B&W 6juni 2016 Portefeuillehouder J. Versluijs Raadsvoorstel over de evaluatie van participatie Vlaardingen, 6juni 2016 Aan de gemeenteraad. Aanleiding

Nadere informatie

Proeftuinplan: Meten is weten!

Proeftuinplan: Meten is weten! Proeftuinplan: Meten is weten! Toetsen: hoog, laag, vooraf, achteraf? Werkt het nu wel? Middels een wetenschappelijk onderzoek willen we onderzoeken wat de effecten zijn van het verhogen cq. verlagen van

Nadere informatie

Schriftelijk tentamen - UITWERKINGEN

Schriftelijk tentamen - UITWERKINGEN Business Administration / Bedrijfskunde Schriftelijk tentamen - UITWERKINGEN Algemeen Vak : Statistische Methoden Groep : niet van toepassing en Technieken Vakcode : BKB0019t Soort tentamen : gesloten

Nadere informatie

Everything should be kept as simple as possible, but not simpler Albert Einstein. Integraal kijken naar behoeften van de klant.

Everything should be kept as simple as possible, but not simpler Albert Einstein. Integraal kijken naar behoeften van de klant. Everything should be kept as simple as possible, but not simpler Albert Einstein Integraal kijken naar behoeften van de klant Joke van Veen De opdracht van NS - maximale reizigersgroei en klanttevredenheid

Nadere informatie

Evaluatie pilot belonen in het verkeer 11 juli 2013

Evaluatie pilot belonen in het verkeer 11 juli 2013 secretariaat Limburglaan 10 postbus 5700 6202 MA Maastricht telefoon 043 389 77 66 info@rovl.nl www.rovl.nl Rabobank 13.25.75.728 Evaluatie pilot belonen in het verkeer 11 juli 2013 1. Inleiding/aanleiding

Nadere informatie

Werkbelevingsonderzoek 2013

Werkbelevingsonderzoek 2013 Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:

Nadere informatie

Schoolbeleid en ontwikkeling

Schoolbeleid en ontwikkeling Schoolbeleid en ontwikkeling V. Maakt gedeeld leiderschap een verschil voor de betrokkenheid van leerkrachten? Een studie in het secundair onderwijs 1 Krachtlijnen Een schooldirecteur wordt genoodzaakt

Nadere informatie

Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak

Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak Inzet van social media in productontwikkeling: Meer en beter gebruik door een systematische aanpak 1 Achtergrond van het onderzoek Bedrijven vertrouwen meer en meer op social media om klanten te betrekken

Nadere informatie

Erkenningscommissie Interventies Beoordelingsformulier. Eindoordeel van de erkenningscommissie over de interventie

Erkenningscommissie Interventies Beoordelingsformulier. Eindoordeel van de erkenningscommissie over de interventie Interventie: Families First Deelcommissie: 1 Erkenningscommissie Interventies Beoordelingsformulier Datum vergadering: 11 april 2014 Eindoordeel van de erkenningscommissie over de interventie De commissie

Nadere informatie

Toelichting Ankeronderzoek met Referentiesets. Ankeronderzoek. Beschrijving ankeronderzoek. Saskia Wools & Anton Béguin, Cito 2014

Toelichting Ankeronderzoek met Referentiesets. Ankeronderzoek. Beschrijving ankeronderzoek. Saskia Wools & Anton Béguin, Cito 2014 Toelichting Saskia Wools & Anton Béguin, Cito 2014 Ankeronderzoek Deze handleiding bevat een korte beschrijving van ankeronderzoeken. In het algemeen geldt dat meer informatie te vinden is in het boek

Nadere informatie

Meten: algemene beginselen. Harry B.G. Ganzeboom ADEK UvS College 1 28 februari 2011

Meten: algemene beginselen. Harry B.G. Ganzeboom ADEK UvS College 1 28 februari 2011 Meten: algemene Harry B.G. Ganzeboom ADEK UvS College 1 28 februari 2011 OPZET College 1: Algemene College 2: Meting van attitudes (ISSP) College 3: Meting van achtergrondvariabelen via MTMM College 4:

Nadere informatie

Programma. Schaalconstructie. IRT: moeilijkheidsparameter. Intro: Het model achter het LOVS Mogelijkheden die het model biedt voor interpretatie

Programma. Schaalconstructie. IRT: moeilijkheidsparameter. Intro: Het model achter het LOVS Mogelijkheden die het model biedt voor interpretatie Programma LOVS Rekenen-Wiskunde Inhoud, rapportage en invloed van en Intro: Het model achter het LOVS Mogelijkheden die het model biedt voor interpretatie Marian Hickendorff Universiteit Leiden / Cito

Nadere informatie

Overzicht. Help! Statistiek! Stelling van Bayes. Hoe goed is leverscan ( test T ) voor het diagnostiseren van leverpathologie ( ziekte Z )?

Overzicht. Help! Statistiek! Stelling van Bayes. Hoe goed is leverscan ( test T ) voor het diagnostiseren van leverpathologie ( ziekte Z )? Help! Statistiek! Overzicht Doel: Informeren over statistiek in klinisch onderzoek. Tijd: Doorlopende serie laagdrempelige lezingen, voor iedereen vrij toegankelijk. Derde woensdag in de maand, 12-13 uur

Nadere informatie

Sociolinguïstiek en sociale psychologie:

Sociolinguïstiek en sociale psychologie: Sociolinguïstiek en sociale psychologie: Nieuwe methodes voor attitudemeting Laura Rosseel, Dirk Geeraerts, Dirk Speelman OG Kwantitatieve Lexicologie en Variatielinguïstiek Inleiding sinds de jaren 1960

Nadere informatie