MONITORING GEBOUWKWALITEIT ALGEMENE ZIEKENHUIZEN

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "MONITORING GEBOUWKWALITEIT ALGEMENE ZIEKENHUIZEN"

Transcriptie

1 College bouw zorginstellingen Postbus GB Utrecht T (030) F (030) E I MONITORING GEBOUWKWALITEIT ALGEMENE ZIEKENHUIZEN age Vastgesteld door het College bouw zorginstellingen op 19 maart 2007 College bouw zorginstellingen, 2007 Rapportnummer 607 Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc Bezoekadres Churchilllaan GV Utrecht

2 INHOUDSOPGAVE MANAGEMENTSAMENVATTING I 1. DOELSTELLINGEN, AFBAKENING EN AANPAK ONDERZOEK Inleiding Doelstellingen Afbakening Beknopte beschrijving onderzoeksopzet Beknopte beschrijving methodiek Historische context functionaliteit KENGETALLEN ALGEMENE ZIEKENHUIZEN EN ONDERZOCHTE POPULATIE Algemeen Gebouwkenmerken totaal sector Kengetallen onderzochte gebouwen FUNCTIONALITEIT Verdeling bruto vloeroppervlakte naar functie Algemene verpleging Special care Polikliniek Beeldvormende techniek Spoedeisende hulp Operatieafdelingen Verlosafdeling BOUWTECHNISCHE STAAT Methode Resultaten FLEXIBILITEIT Methode Resultaten 62 BIJLAGEN 1. Samenstelling klankbordgroep 2 Verdeling van bedden en bevolking naar bevolking 3 Beschrijving referentiewaarden en prestatie-eisen onderzochte functies Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc I

3 MANAGEMENTSAMENVATTING Algemeen Monitoring is een jaarlijks terugkerend onderzoek van het Bouwcollege, dat voortkomt uit de wettelijke taak en de missie van het Bouwcollege. De afgelopen jaren is de care onderwerp van onderzoek geweest. Achtereenvolgens zijn de gehandicaptenzorg (2003), de geestelijke gezondheidszorg (2004) en de verpleeg- en verzorgingshuizen (2005) onder de loep genomen. Kenmerkend voor het onderzoek zijn de objectieve toets aan basiskwaliteitseisen en de wijze van rapporteren: het macrorapport met de informatie op landelijk niveau en de gedetailleerde rapporten op maat voor individuele instellingen. In het voorliggende onderzoek zijn de algemene ziekenhuizen onder de loep genomen. Tussen de care en cure bestaan grote verschillen in verleende zorg en daarmee in het type vastgoed. In de care staat het verblijf centraal en ligt het accent vooral op de functionaliteit (privacy, oppervlakte, toegankelijkheid) van de verblijfsruimten. Gezien het feit dat bouw in de care vooral wordt getriggerd door gewijzigde maatschappelijke opvattingen over bijvoorbeeld privacy en locatie-aspecten (vermaatschappelijking), is de bouwtechnische situatie en de mate van aanpasbaarheid beperkt meegenomen. Een ziekenhuis is een verzamelgebouw voor ongelijksoortige functies, elk met hun eigen dynamiek en ontwikkelingen, bijvoorbeeld op het vlak van medische apparatuur, privacy en de verschuiving van klinische naar poliklinische zorg. De ruimtelijke en technische eisen aan een ziekenhuisgebouw zijn dus in de loop der tijd sterk aan verandering onderhevig. Dat betekent dat voor het beoordelen van de kwaliteit van een ziekenhuisgebouw de functionele geschiktheid voor de huidige functie niet voldoende is, maar dat ook de technische staat en de aanpasbaarheid van het gebouw van wezenlijk belang zijn. Die laatstgenoemde aspecten krijgen daarom meer aandacht dan in voorgaande monitoringonderzoeken. Doelstellingen onderzoek De doelstellingen van het onderzoek zijn: 1. Het ministerie van VWS rapporteren over de staat van de gebouwen van de algemene ziekenhuizen. Het Bouwcollege vult hiermee de wettelijke taak op basis van artikel 31.1.b van de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) in. 2. Het informeren van de individuele algemene ziekenhuizen over de bouwtechnische en functionele staat, inclusief een benchmark met het landelijke beeld. Een tweede doelstelling gericht op de afzonderlijke instellingen is het aanreiken van een instrument waarmee duidelijk wordt gemaakt of gebouwen zich lenen voor de herschikking van functies. De ontwikkelingen in de zorg vragen regelmatig om aanpassingen van ziekenhuisgebouwen. Naarmate gebouwen beter aanpasbaar zijn, kunnen zij beter en tegen minder middelen het zorgproces ondersteunen. Hiertoe wordt de aanpasbaarheid van een gebouw in kaart gebracht. Dit aspect is voor de instellingen nog meer van belang in een systeem van integrale tarieven. In dat systeem zijn ziekenhuizen volledig verantwoordelijk voor hun investeringen en de daarmee samenhangende financiële consequenties. Dit vergt een omslag in het denken, waarvan instellingen zich in toenemende mate bewust worden. De uitkomsten van het monitoringonderzoek Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc II

4 kunnen een belangrijke input vormen voor het interne besluitvormingsproces hoe om te gaan met vastgoed. Welke gebouwen zijn onderzocht en waarop? In het monitoringonderzoek algemene ziekenhuizen zijn de ziekenhuisgebouwen onderzocht die groter zijn dan m 2 en waarvoor geen grootschalige (ver)nieuwbouwplannen aan de orde zijn. De resultaten van het onderzoek zijn dus niet representatief voor het totale gebouwenbestand, maar alleen voor de onderzochte gebouwen. De gebouwen zijn getoetst op functionaliteit, bouwtechnische staat en aanpasbaarheid/flexibiliteit. Functionaliteit De functionaliteit is onderzocht voor de 7 patiëntgebonden functiegroepen in het standaardpakket van algemene ziekenhuizen: algemene verpleging, special care, polikliniek, beeldvormende diagnostiek, spoedeisende hulp, operatieafdeling en de verlosafdeling. Op grond van de diverse voor algemene ziekenhuizen van toepassing zijnde prestatie-eisen voor nieuwbouw en referentiekaders voor bestaande bouw is per functiegroep een overzicht opgesteld welke - objectief meetbare - basiskwaliteitseisen voor nieuwbouw en referentiewaarden voor bestaande gebouwen op welke ruimten van toepassing zijn. Hierbij is gekeken naar de afmetingen van ruimten (oppervlakte en, waar relevant, lengte- en breedteverhoudingen) en toegankelijkheidsaspecten (rolstoeltoegankelijkheid of bedtoegankelijkheid). Bij de algemene verpleging is daarnaast gekeken naar de verhouding tussen de beddencapaciteit en de hoeveelheid (rolstoeltoegankelijk) sanitair. Centraal in het onderzoek staat de vraag of per functie gemiddeld aan de referentiewaarden voor bestaande gebouwen wordt voldaan. Wanneer een functie gemiddeld aan de referentiewaarde voldoet, hoeft dat niet te betekenen dat alle ruimten op alle punten aan de referentiewaarden voldoen. De analyses zijn gebaseerd op de digitale tekeningen die de ziekenhuizen desgevraagd hebben aangeleverd. Het Bouwcollege heeft op basis van de tekeningen gebouwdelen en de functies gemarkeerd. De functieverdeling is vervolgens ter verificatie aan de instellingen voorgelegd. Alle gegevens (functies, meetwaarden, resultaten) zijn in een database opgenomen die is gekoppeld aan de digitale tekeningen. Op deze wijze kunnen de gegevens op de digitale tekeningen worden geprojecteerd, wat in de instellingsrapporten zal plaatsvinden. Bouwtechnische staat De bouwtechnische staat van de gebouwen is in kaart gebracht aan de hand van de conditiemeetmethode zoals beschreven in de NEN 2767 van het Nederlands Normalisatie-Instituut. De bouwtechnische staat is te onderscheiden in elementen die respectievelijk betrekking hebben op de bouwkundige externe elementen, de bouwkundige interne elementen en op de installaties 1. De conditie van een bouwkundig element is gebaseerd op belang, omvang en intensiteit van eventuele geconstateerde gebreken. 1 Bouwkundig extern: Buitenwanden, buitenwandopeningen, daken Bouwkundig intern: binnenwanden, binnenwandopeningen, vloerafwerking, plafonds Installaties: warmte- en koudeopwekking, centrale elektrotechnische voorzieningen, liften, warmte-distributie, afvoeren, waternet, E-net, luchtbehandeling Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc III

5 De benodigde informatie is verkregen door een opname ter plaatse op representatieve, referente punten per bouwdeel en, voor wat betreft de interne bouwkundige elementen en de luchtbehandeling, per functie. De conditie van de installaties is bepaald aan de hand van de leeftijd van de installatie (via een verouderingscurve) en op grond van het storingsgedrag. De benodigde informatie is verkregen via een enquête onder de instellingen. Aanpasbaarheid/flexibiliteit Bij de aanpasbaarheid is onderscheid gemaakt tussen de interne en de externe flexibiliteit. In dit verband wordt onder interne flexibiliteit verstaan de mogelijkheid om een gebouw of gebouwdeel zodanig aan te passen dat er een andere bestemming/functie gehuisvest kan worden. Met externe flexibiliteit wordt bedoeld de mogelijkheid om een gebouw in verticale of horizontale richting uit te breiden 2. Bij de interne flexibiliteit is onderzoek verricht naar het constructietype, de stramienoppervlakte, de gebouwdiepte, de verdiepingshoogte, de leidingschachten en de aanwezigheid van een technische laag. Bij externe flexibiliteit zijn de horizontale en verticale uitbreidbaarheid beschouwd. De aspecten zijn per bouwdeel en per bouwlaag vastgesteld, waarna per bouwdeel en per gebouw is geaggregeerd aan de hand van de brutovloeroppervlakte. De uitkomst per onderzocht aspect wordt uitgedrukt in de klassen: goede, redelijke, matige en slechte mogelijkheden voor aanpassing. Voor de benodigde informatie is gebruik gemaakt van de digitale tekeningen. Waar nodig is gericht informatie opgevraagd bij de ziekenhuizen. Conclusies functionaliteit Algemeen Tweederde deel van het gebouwenbestand 3 van de Nederlandse algemene ziekenhuizen is onderzocht. De resterende gebouwen worden in de nabije toekomst ingrijpend gerenoveerd of door nieuwbouw vervangen. Het merendeel van de onderzochte gebouwen kan worden getypeerd als een ziekenhuisgebouw waarin (vrijwel) alle patiëntgebonden functies uit het basispakket aanwezig zijn. In figuur 1 zijn de resultaten samengevat. Uit de figuur blijkt dat de meeste functies gemiddeld boven de referentiewaarde voor bestaande gebouwen scoren. In het navolgende wordt ingezoomd op de achtergronden van de verschillende functies. 2 De afstotingsflexibiliteit (hoe courant is het gebouw, kan een gebouwdeel technisch en logistiek worden afgekoppeld van de rest van het ziekenhuis) is buiten beschouwing gebleven. 3 Gebouwen groter dan m 2 Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc IV

6 Figuur 1 Samenvattende scores per functie (% onderzochte gebouwen met aanwezige functies, n=88) Algemene verpleging Special care Polikliniek Beeldvormende technieken Spoedeisende hulp Verlosafdeling onder referentiew aarde bestaande bouw boven referentiew aarde, boven gemiddelde boven referentiew aarde, onder gemiddelde Algemene verpleging De functie algemene verpleging voldoet in alle onderzochte ziekenhuisgebouwen gemiddeld aan de referentiewaarden voor bestaande gebouwen. Op bouwdeelniveau is de spreiding van de scores groter, maar blijft het aandeel bouwdelen dat gemiddeld onder de referentiewaarden uitkomt beperkt tot 5%. Enkele opmerkelijke punten: - De patiëntenkamers voldoen, met uitzondering van de vijf- en zesbedskamers, praktisch allemaal aan de referentiewaarden. Vijf- en zesbedskamers komen echter weinig (3%) meer voor. - Op de verpleegafdelingen is voldoende gewoon sanitair aanwezig. De hoeveelheid rolstoeltoegankelijk sanitair schiet echter duidelijk tekort. De gemiddelde score van één rolstoeltoilet per ruim 25 patiënten en één rolstoeldouche per ruim 30 patiënten bedraagt slechts ongeveer de helft van de referentiewaarde voor bestaande bouw. - Het aantal bedden per kamer is gemiddeld 2,3. In de jongste ziekenhuisgebouwen (bouwjaarklasse vanaf 2000), is het percentage eenpersoonskamers met 4 aanmerkelijk hoger dan in de overige onderzochte gebouwen (25%). In enkele recente nieuwbouwplannen zijn uitsluitend eenpersoonskamers opgenomen, wat de trend naar meer eenpersoonskamers illustreert. Special care Circa 11% van de onderzochte ziekenhuisgebouwen met een special care afdeling scoort gemiddeld onder de referentiewaarde voor bestaande bouw. Dit wordt vooral veroorzaakt door de aanwezigheid van twee- en meerpersoonskamers, die qua oppervlakte en qua lengte-/breedteverhoudingen tekortschieten ten opzichte van de referentiewaarden voor bestaande gebouwen. Uit een analyse van ingediende meldingen en vergunningplichtige projecten blijkt overigens dat voor 3% van de onderzochte gebouwen concrete bouwplannen lopen. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc V

7 Polikliniek De gebouwen met polikliniekfuncties voldoen gemiddeld praktisch allemaal (98%) aan de referentiewaarden voor bestaande gebouwen. Op ruimteniveau blijkt dat het overgrote deel van de spreek-/werkkamers, spreek-/onderzoekkamers en kamers voor orgaanfunctieonderzoek tenminste aan de referentiewaarden voor bestaande bouw voldoet. De referentiewaarde die betrekking heeft op de oppervlakte van de kamers is daarbij doorslaggevend. Van de behandel-, scopie- en onderzoekskamers blijkt dat 3 tot 4 niet aan de referentiewaarden voldoet. Voor de behandelkamers geldt echter dat slechts een deel van de als zodanig aangemerkte ruimten wordt gebruikt voor doeleinden waarvoor de referentiewaarde feitelijk is bedoeld. Voor de andere doeleinden zou een lagere referentiewaarde van toepassing zijn. Voor de scopiekamers geldt dat alle poliklinieken waar scopiekamers aanwezig zijn, tenminste één kamer hebben die geschikt is voor het uitvoeren van de zwaarste categorie scopieën bij klinische patiënten. Van de onderzoekskamers scoort 28% beneden de referentiewaarde, wat gezien het grote aantal kamers en het gebruik van de kamers geen knelpunt lijkt te zijn. Beeldvormende technieken De gebouwen met de functie beeldvormende technieken voldoen eveneens grotendeels (96%) aan de referentiewaarden voor bestaande bouw. Bij beschouwing op ruimteniveau blijkt een aantal ruimten op het punt van de oppervlakte niet aan de referentiewaarden te voldoen. Dit heeft vooral te maken met het gegeven dat de apparatuur in de loop der jaren kleiner is geworden. De rolstoeltoegankelijkheid is in orde. Waar meerdere kamers van hetzelfde type in een afdeling aanwezig zijn is meestal een deel van deze kamers bedtoegankelijk en een ander deel niet. De verlening van verantwoorde zorg op zo n afdeling kan worden gewaarborgd, mits de productieplanning adequaat op de beschikbaarheid van ruimten wordt afgestemd. Spoedeisende hulp (SEH) 92% van de onderzochte ziekenhuisgebouwen (met een SEH) voldoet op het punt van de SEH gemiddeld aan de referentiewaarden voor bestaande gebouwen. 8% (3 gebouwen) voldoet strikt genomen niet aan de referentiewaarde. Dit wordt veroorzaakt doordat de oppervlakte van de benodigde grote behandelkamer kleiner is dan de referentiewaarde van 24 m². De oppervlakte wijkt echter slechts in beperkte mate af van de referentiewaarde. In alle andere gebouwen beschikken de SEH s altijd over één kamer van ten minste 24 m² en vaak over meer dan één kamer. Operatie-afdeling Van de gebouwen met een operatie-afdeling is de aanwezigheid van een holding 4 en de oppervlakte van de operatiekamers beschouwd. De holding bestaat in tweederde van de gebouwen uit een aparte ruimte en is bij eenderde gecombineerd met de recovery. Uit het onderzoek blijkt voorts dat de oppervlakte van de operatiekamers een grote verscheidenheid vertoont: - 67% van de operatiekamers voldoet aan de referentiewaarde voor bestaande gebouwen (en voor nieuwbouw) van 36 m 2. 22% is groter dan 42 m % van de operatiekamers voldoet strikt genomen niet aan de referentiewaarde voor bestaande gebouwen. Het gaat hier vooral om operatiekamers in de klasse 33 m 2 tot 36 m 2. De verklaring van laatstgenoemd percentage is deels van technische en deels van zorginhoudelijke aard. De technische verklaring is dat veel operatiekamers over afgevlakte hoeken beschikken waar leidingen zijn weggewerkt. Deze ruimte is niet meegeteld en kan er de oorzaak van zijn dat de 4 In een holding worden patiënten voorbereid en ingeleid voor een operatie. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc VI

8 oppervlakte net onder de 36 m 2 uitkomt. Een zorginhoudelijke verklaring is dat de aard van de ingrepen de oppervlaktebehoefte van de operatiekamers bepaalt: kleine ingrepen in kleinere operatiekamers en operaties waarbij een groot operatieteam en veel apparatuur nodig is in grote operatiekamers. Dit wordt bijvoorbeeld geïllustreerd door de grote en topklinische ziekenhuizen. Deze ziekenhuizen beschikken op de hoofdlocaties over veel en grote operatiekamers; op de nevenvestigingen worden meer kleine operatiekamers aangetroffen. Verlosafdeling 94% van de onderzochte gebouwen met een verlosafdeling voldoet gemiddeld aan de referentiewaarden voor bestaande gebouwen. Eenderde voldoet ook aan de prestatie-eisen voor nieuwbouw. Daar waar gemiddeld onder de referentiewaarde wordt gescoord, wordt dat veroorzaakt door de oppervlakte van de kamers. Een opvallend punt is dat 6% van de kamers niet bedtoegankelijk is, waar dat wel nodig is. Conclusies bouwtechnisch 5 De onderzochte ziekenhuizen staan er bouwtechnisch gezien goed voor. De interne bouwkundige staat van de gebouwen is grotendeels uitstekend. In vergelijking met de andere elementen is het in goede conditie houden relatief eenvoudig en minder ingrijpend van omvang, en zal frequenter kunnen plaatsvinden. Ook het feit dat met enige regelmaat aanpassingen en verhuizingen plaatsvinden, waarbij de betreffende afdelingen tevens opgeknapt worden, draagt daaraan bij. De externe bouwkundige elementen scoren in het algemeen goed tot uitstekend. Op bouwdeelniveau is meer variatie aanwezig. Dit heeft te maken met de langere perioden tussen renovaties, waarbij aan het einde van zo'n periode sprake kan zijn van teruggelopen kwaliteit. De conditie van de installaties is gemiddeld goed, maar vertoont iets meer differentiatie. In enkele gevallen verkeren de installatie-elementen in matige tot slechte conditie. Dit kan worden veroorzaakt door het gegeven dat levensduur en onderhoudscyclus van installaties en bouwkundige elementen niet parallel lopen, Conclusies aanpasbaarheid Van de onderzochte gebouwen 6 blijkt dat qua constructietype het merendeel bestaat uit een betonskelet met breedplaatvloeren. Verder beschikken ze overwegend over een verdiepingshoogte van tenminste 3,40 m. Beide factoren tezamen bieden goede mogelijkheden voor wijzigingen binnen het gebouw (interne flexibiliteit). Factoren die deze interne flexibiliteit verder kunnen beïnvloeden zijn de stramienoppervlakte, de gebouwdiepte, en de aanwezigheid van een technische laag en voldoende leidingschachten. Wat betreft de stramienoppervlakte kan geconstateerd worden dat deze over het algemeen een positieve bijdrage levert aan de interne flexibiliteit. De invloed van de overige factoren op de interne flexibiliteit is veel 5 Gebaseerd op 32 onderzochte gebouwen. 6 Gebaseerd op 44 onderzochte gebouwen. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc VII

9 moeilijker vast te stellen. De gebouwen scoren op deze factoren meer divers. Wel blijkt dat met name oudere gebouwen/bouwdelen over minder grote leidingschachten beschikken, hetgeen de wijzigingsmogelijkheden van de betreffende gebouwen/bouwdelen duidelijk kan beperken. In de individuele instellingsrapportages zal een meer diepgaande analyse op gebouwniveau plaatsvinden, temeer daar deze factoren met elkaar samenhangen. Op dat moment kan ook aangegeven worden welke bouwdelen geschikt zijn voor welke functies, daar niet elke functie dezelfde eisen stelt aan de in het onderzoek betrokken factoren. De verticale en horizontale uitbreidbaarheid van de gebouwen lijkt gering. Ten aanzien van het laatste punt wordt opgemerkt dat de terreinsituatie als een gegeven is beschouwd en de invloed van bestemmingsplannen buiten beschouwing is gebleven. In de praktijk blijkt echter dat door sloop van bestaande bouwdelen en het uitplaatsen van ondersteunende en facilitaire functies buiten het terrein vaak voldoende lucht in het gebouw of op het terrein te creëren is om uitbreidingen voor het primaire proces te faciliteren. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc VIII

10 1 DOELSTELLINGEN, AFBAKENING EN AANPAK ONDERZOEK 1.1 Inleiding Monitoring is een jaarlijks terugkerend onderzoek van het Bouwcollege. De afgelopen jaren is de care onderwerp van onderzoek geweest. Achtereenvolgens zijn de gehandicaptenzorg, de geestelijke gezondheidszorg en de verpleeg- en verzorgingshuizen onder de loep genomen. Kenmerkend voor het onderzoek zijn de objectieve toets aan basiskwaliteitseisen en de wijze van rapporteren: het macrorapport met de informatie op landelijk niveau en de gedetailleerde rapporten op maat voor individuele instellingen. In het voorliggende onderzoek zijn de algemene ziekenhuizen onder de loep genomen. Tussen de care en cure bestaan grote verschillen in verleende zorg en daarmee in het type vastgoed. In de care staat het verblijf centraal en ligt het accent vooral op de functionaliteit (privacy, oppervlakte, toegankelijkheid) van de verblijfsruimten. Gezien het feit dat bouw in de care vooral wordt getriggerd door gewijzigde maatschappelijke opvattingen over bijvoorbeeld privacy en locatie-aspecten (vermaatschappelijking), is de bouwtechnische situatie en de mate van aanpasbaarheid beperkt meegenomen. Een ziekenhuis is een verzamelgebouw voor ongelijksoortige functies, elk met hun eigen dynamiek en ontwikkelingen, bijvoorbeeld op het vlak van medische apparatuur, privacy en de verschuiving van klinische naar poliklinische zorg. De ruimtelijke en technische eisen aan een ziekenhuisgebouw zijn dus in de loop der tijd sterk aan verandering onderhevig. Dat betekent dat voor het beoordelen van de kwaliteit van een ziekenhuisgebouw de functionele geschiktheid voor de huidige functie niet voldoende is, maar dat ook de technische staat en de aanpasbaarheid van het gebouw van wezenlijk belang zijn. Die laatstgenoemde aspecten krijgen daarom meer aandacht dan in voorgaande monitoringonderzoeken 1.2 Doelstellingen De doelstellingen van het onderzoek zijn: 1. Het ministerie van VWS rapporteren over de staat van de gebouwen van de algemene ziekenhuizen. Het Bouwcollege vult hiermee de wettelijke taak op basis van artikel 31.1.b van de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) in. 2. Het informeren van de individuele algemene ziekenhuizen over de bouwtechnische en functionele staat, inclusief een benchmark met het landelijke beeld. Een tweede doelstelling gericht op de afzonderlijke instellingen is het aanreiken van een instrument waarmee duidelijk wordt gemaakt of gebouwen zich lenen voor de herschikking van functies. De ontwikkelingen in de zorg vragen regelmatig om aanpassingen van ziekenhuisgebouwen. Naarmate gebouwen beter aanpasbaar zijn kunnen zij beter en tegen minder middelen het zorgproces ondersteunen. Hiertoe wordt de aanpasbaarheid van een gebouw in kaart gebracht. Dit aspect is voor de instellingen nog meer van belang in een systeem van integrale tarieven. In dat systeem zijn ziekenhuizen volledig verantwoordelijk voor hun investeringen en de daarmee samenhangende financiële consequenties. Dit vergt een omslag in het denken waarvan instellingen zich in toenemende mate bewust worden. De uitkomsten van het monitoringonderzoek Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 1

11 kunnen een belangrijke input vormen voor het interne besluitvormingsproces hoe om te gaan met vastgoed. 1.3 Afbakening Functies Het onderzoek richt zich op de volledig geoutilleerde algemene ziekenhuizen, zoals die onder andere zijn omschreven in de prestatie-eisen voor nieuwbouw van algemene ziekenhuizen van het Bouwcollege. Het onderzoek naar de functionaliteit beperkt zich tot het zogeheten standaardpakket aan patiëntgebonden functies, te weten: - algemene verpleging inclusief kraam- en kinderafdeling - special care - polikliniek inclusief poliklinische behandeling en orgaanfunctieonderzoek - beeldvormende diagnostiek - spoedeisende hulp - operatie-afdeling - verlosafdeling Bij de zogenoemde pm-functies, zoals radiotherapie en dialyse, én bij de fysiotherapie/ revalidatiedagbehandeling, blijft een functioneel oordeel achterwege. De voornaamste reden hiervoor is dat deze functies in lang niet alle algemene ziekenhuizen aanwezig zijn. Het onderzoek omvat geen functionele analyse van een ziekenhuis als geheel, bijvoorbeeld vanuit het oogpunt van (patiënten)logistiek, belevingswaarde, etcetera. Evenmin wordt een uitspraak gedaan over de totale oppervlakte per ziekenhuis in relatie tot de adherentie en de productie. Gebouwen Het terrein waarop het monitoringonderzoek algemene ziekenhuizen zich richt wordt afgebakend door de onderstaande criteria. Aangrijpingspunt voor het onderzoek is het gebouw. Het aangrijpingspunt is dus níet de instelling (die op meerdere locaties kan zijn gevestigd) Alleen gebouwen met een oppervlakte van m 2 of meer zijn onderzocht. Deze gebouwen maken 98% van de totale vloeroppervlakte van de Nederlandse algemene ziekenhuizen uit. Gebouwen waarvoor concrete grootschalige bouwplannen aan de orde zijn, zijn van het onderzoek uitgesloten. Als definitie is gehanteerd dat tenminste een toelating met bouw moet zijn verleend, dan wel dat zeker moet zijn dat een omvangrijk project ten laste van de incidentele instandhoudingsmiddelen wordt of zal worden uitgevoerd. Van alle in het onderzoek betrokken gebouwen worden de technische staat en de aanpasbaarheid in kaart gebracht. Indien in een gebouw één of meerdere patiëntgebonden functies aanwezig zijn, wordt ook de functionaliteit van dat gebouw in kaart gebracht. Functionaliteit wordt in het monitoringonderzoek vooral uitgedrukt in termen van de afmetingen en toegankelijkheid van individuele ruimten. Het werkterrein, voor zover relevant in het licht van het monitoringonderzoek, van het Bouwcollege beperkt zich tot het gebouw als zodanig (bouwkundige voorzieningen), de installaties (werktuigbouwkundige en elektrotechnische voorzieningen) en de vaste inrichtingen. Inventaris en apparatuur vallen buiten deze scope en derhalve buiten het bereik van het onderzoek. Het bovenstaande is samengevat in schema 1.4i. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 2

12 Schema 1.4i Overzicht te onderzoeken gebouwen Basisinfo Bouwtechnisch Functionaliteit Aanpasbaarheid Gebouwen met vergevorderde bouwplannen Alle gebouwen ja nee nee nee Gebouwen zonder vergevorderde bouwplannen m 2 bvo) met patiëntgebonden functies < m 2 bvo) met patiëntgebonden functies m 2 bvo) zonder patiëntgebonden functies < m 2 bvo) zonder patiëntgebonden functies ja ja patiëntgebonden functies ja ja nee nee nee ja ja nee ja ja nee nee nee In tabel is aangegeven dat in totaal 88 gebouwen nader zijn onderzocht. Tabel Gebouwen in de voorraad en in onderzoek Gebouwen algemene ziekenhuizen Nederland Gebouwen Totaal aanwezige gebouwen 283 Waarvan gebouwen groter dan m Gebouwen groter dan m2 waar vergevorderde 59 (ver)nieuwbouwplannen 7 voor bestaan Gebouwen in onderzoek 88 - met praktisch alle basisfuncties 83 - overige gebouwen 5 Het gebouwenbestand van de Nederlandse algemene ziekenhuizen omvat 127 gebouwen die kunnen worden getypeerd als ziekenhuisgebouwen waarin (vrijwel) alle patiëntgebonden functies uit het basispakket aanwezig zijn. Daarnaast omvat het gebouwenbestand 20 overige gebouwen van meer dan m 2 met één of twee basisfuncties of met faciliterende functies (zoals een apotheek). Van de in totaal 147 gebouwen is 2/3 deel onderzocht. De resterende gebouwen worden in de nabije toekomst ingrijpend gerenoveerd of door nieuwbouw vervangen. 7 Inclusief een algemeen ziekenhuis met één gebouw dat niet mee wilde werken aan het onderzoek. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 3

13 In tabel is aangegeven hoeveel gebouwen van hoeveel instellingen zijn onderzocht. Nederland telt in totaal 89 als algemene ziekenhuizen te kenschetsen instellingen. Van 54 van deze instellingen zijn alle gebouwen onderzocht. Van 13 algemene ziekenhuizen is een deel van de gebouwen onderzocht. Tweeëntwintig algemene ziekenhuizen vallen geheel buiten het onderzoek. Tabel Aantallen onderzochte gebouwen bij instellingen Instellingen Gebouwen ( m 2 ) Totaal gebouwen Vergevorderde (ver)nieuwbouwplannen Onderzochte gebouwen alle gebouwen 54 (61%) sommige gebouwen 13 (14%) geen gebouwen 22 (25%) totaal 89 (10) Beknopte beschrijving onderzoekstraject Het onderzoek monitoring algemene ziekenhuizen is in begin 2006 opgestart en zal in juni 2007 volledig worden afgerond. Het onderzoekstraject is verdeeld in zeven fasen, die in schema 1.4.i zijn beschreven en toegelicht. Voor de inhoudelijke ondersteuning vanuit het veld is een klankbordgroep in het leven geroepen met vertegenwoordigers van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie, Zorgverzekeraars Nederland en, op persoonlijke titel, enkele huisvestingsdeskundigen uit de ziekenhuiswereld (zie bijlage 1: samenstelling klankbordgroep). Schema 1.4i Fasering onderzoekstraject beschrijving 1. Verzamelen (basis-)informatie Doel: het verkrijgen van een databestand met ten eerste alle aanwezige gebouwen incl. enkele hoofdkenmerken en ten tweede de digitale tekenbestanden van alle nader te onderzoeken gebouwen. 2. Verwerken digitale tekenbestanden nader te onderzoeken gebouwen Doel: het verwerken van de digitale tekenbestanden tot zodanige formats dat deze geschikt zijn voor de vervolgstappen 3. Bouwkundige opname en enquête installaties Doel: het bepalen van de condities van de bouwkundige elementen en de installaties Acties a. voorinvullen data door Cbz b. aankondiging onderzoek brief inclusief verzoek om contactpersoon en check data c. verzoek om digitale tekeningen a. aangeven bouwdelen en functies (Cbz) b. verificatie bij de instellingen en verwerken opmerkingen a. methodiekontwikkeling inclusief pilot 8 b. uitzetten en rappelleren enquête installaties c. schouwing ter plaatse van de 8 Voor de pilot is dankbaar gebruik gemaakt van de medewerking van het Diakonessenhuis te Utrecht. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 4

14 beschrijving 4. Meten functionele kenmerken Doel: het toetsen van de afmetingen van ruimten en de toegankelijkheid aan de referentiewaarden voor bestaande gebouwen en aan de nieuwbouweisen 5. Meten kenmerken flexibiliteit / aanpasbaarheid Doel: het bepalen van de mate van flexibiliteit van gebouwen/gebouwdelen 6. Analyse en rapportagefase (macrorapport) Doel: uitbrengen macrorapportage 7. Rapportagefase rapporten per instelling Doel: uitbrengen rapportage per instelling in hard copy en een visuele tool waarmee de resultaten via de digitale tekeningen worden getoond 1. 1 Deze fase wordt opgepakt na afronding van het macrorapport. Acties bouwkundige situatie a. methodiekontwikkeling b. opnemen van afmetingen ruimten en toegankelijkheidsaspecten vanaf de digitale tekenbestanden c. (steekproefsgewijze) controle door Cbz. a. Methodiekontwikkeling b. bepalen van de (klasse van) flexibiliteitkenmerken a. analysefase b. rapportagefase a. ontwikkelen format hard copy rapport b. ontwikkelen visuele tool c. opstellen individuele rapporten d. toelichting bij de instellingen In de onderzoeksfasen 2 en 4b is nauw samengewerkt met de Cadac Group. Ten behoeve van fase 3 zijn gebouwinspecties uitgevoerd door de Brink Groep. Alle data zijn ondergebracht in een database en op het niveau van ruimten, bouwlagen, functies en gebouwen gekoppeld aan de digitale tekeningen. De programmatuur is verzorgd door Cadac, die ook de voor de analyse benodigde data heeft aangeleverd. Voorbeeld gebruik digitale bestanden In het vervolg van deze paragraaf is het gebruik van digitale bestanden geïllustreerd. In figuur 1.4a is een voorbeeld weergegeven van een deel van een ingekleurde plattegrond. De kleuren en getallen corresponderen met de voor het onderzoek gehanteerde indeling in functies. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 5

15 Figuur 1.4a Voorbeeld: met functies ingekleurde digitale plattegrond In figuur 1.4b is een detail een plattegrond te zien. De blauwe markering toont een ruimte waarvan de afmetingen zijn opgenomen. Figuur 1.4b Voorbeeld: detail ingekleurde digitale plattegrond met ruimte De gemeten waarden van de kamer komen in onderstaande (database) formulier te staan en zijn daarmee gekoppeld aan de ruimte en het gebouw (figuur 1.4c). Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 6

16 Figuur 1.4c Voorbeeld: databaseformulier voor meetwaarden In de individuele rapporten worden de resultaten via de digitale tekeningen zichtbaar gemaakt met gebruikmaking van het programma Mapguide. In figuur 1.4d is aan de hand van een demo geïllustreerd voor het aantal bedden per kamer. Aan de linkerkant van de figuur staat de legenda, aan de rechterkant zijn de patiëntenkamers weergegeven. Figuur 1.4d Voorbeeld: tonen resultaten meetwaarden Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 7

17 1.5 Beknopte beschrijving methodiek Functionaliteit De functionaliteit is onderzocht voor de 7 patiëntgebonden functiegroepen in het standaardpakket van algemene ziekenhuizen: algemene verpleging, special care, polikliniek, beeldvormende diagnostiek, spoedeisende hulp, operatieafdeling en de verlosafdeling. In deze paragraaf wordt verantwoord welke aspecten van functionaliteit in het onderzoek zijn betrokken en hoe oordelen over functionaliteit tot stand zijn gekomen. Op grond van de diverse voor algemene ziekenhuizen van toepassing zijnde prestatie-eisen voor nieuwbouw en referentiekaders voor bestaande bouw is per functiegroep een overzicht opgesteld welke - zoveel mogelijk objectief meetbare - basiskwaliteitseisen voor nieuwbouw en referentiewaarden voor bestaande bouw voor welke typen ruimten van toepassing zijn. Het gaat daarbij vooral om afmetingen van ruimten (oppervlakte en waar relevant lengte- en breedteverhoudingen) en toegankelijkheidsaspecten (rolstoeltoegankelijkheid of bedtoegankelijkheid). Bij de algemene verpleging is daarnaast gekeken naar de verhouding tussen de beddencapaciteit en de hoeveelheid (rolstoeltoegankelijk) sanitair. In de schema s 1.5i tot en met 1.5vii zijn per functie de gemeten kenmerken opgesomd. Schema 1.5i Algemene verpleging (inclusief kinder- en kraamafdeling, exclusief dagverpleging) Item thema s gemeten kenmerk Patientenkamers (75%) * Afmetingen kamer Oppervlakte Lengte-/breedte (eenpersoonskamer), breedte achterwand (meerpersoonskamer) Toegankelijkheid Deurbreedte Breedte gang ter plaatse Sanitair * (25%) Aanwezigheid sanitair Aanwezigheid rolstoelsanitair Aantal sanitaire ruimten per afdeling (bouwlaag) Idem * De percentages geven aan hoe zwaar deze ruimtes meetellen in de bepaling van het functionaliteitsoordeel. Schema 1.5ii Toetsing special care* Item thema s gemeten kenmerk Patiëntenkamers Afmetingen kamer Oppervlakte Lengte-/breedte, achterwand Toegankelijkheid Deurbreedte Breedte gang ter plaatse * Sanitair is bij de special careafdeling buiten beschouwing gebleven omdat de patiënten fysiek niet in staat zijn om gebruik te maken van sanitaire voorzieningen. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 8

18 Schema 1.5iii Polikliniek (inclusief poliklinische behandeling en orgaanfunctieonderzoek) Item thema s gemeten kenmerken spreek-/werkkamers, spreek-/onderzoekkamers, onderzoekkamers, orgaanfunctieonderzoek, behandelkamers, scopiekamers Afmetingen kamer Toegankelijkheid Oppervlakte Deurbreedte Breedte gang ter plaatse (alleen bij behandelkamers en scopiekamers) Schema 1.5iv Beeldvormende diagnostiek Item thema s gemeten kenmerken kamers voor mammografie, echografie, cardioangiografie, Ct-scan, MRI, buckykamers, en de voorbereiding- en toedieningsruimten Afmetingen kamer Toegankelijkheid Oppervlakte Deurbreedte Breedte gang ter plaatse (bij CT-scan, MRI, cardio-angio en de buckykamers) Schema 1.5v Spoedeisende hulp (SEH) Item thema s gemeten kenmerken Kleine (3)en grote behandelkamers (7) Afmetingen kamer Oppervlakte Toegankelijkheid Deurbreedte Breedte gang ter plaatse Schema 1.5vi Operatie-afdeling Item thema s gemeten kenmerken Operatiekamer (9) Afmetingen kamer Oppervlakte Holding () Aanwezigheid Schema 1.5vii Verlosafdeling Item thema s gemeten kenmerken Verloskamers (9) Afmetingen kamer Oppervlakte Resuscitatiekamer () Toegankelijkheid Aanwezigheid Deurbreedte Breedte gang ter plaatse Aan de hand van het voorbeeld van de functiegroep Verlosafdeling wordt onderstaand toegelicht hoe een functionaliteitsoordeel per functiegroep tot stand komt. Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 9

19 Schema 1.5viii Illustratie berekeningsmethode, Verlosafdeling Actie resultaat 1. meten oppervlakte van kamers en vergelijken met Score oppervlakte per kamer referentiewaarde bestaande bouw en prestatie-eis nieuwbouw 2. gemiddelde score oppervlakte per kamer bepalen Score Afmeting kamer per kamer actie 3. meten deurbreedte van kamers en vergelijken met referentiewaarde bestaande bouw en prestatie-eis nieuwbouw 4. meten breedte gang ter plaatse van de kamers en vergelijken met referentiewaarde bestaande bouw en prestatie-eis nieuwbouw 5. gemiddelde score deurbreedte en breedte gang ter plaatse bepalen resultaat Score deurbreedte per kamer Score breedte gang ter plaatse Score op Toegankelijkheid per kamer actie 6. gemiddelde score op Afmetingen en Toegankelijkheid per kamer bepalen resultaat Gemiddelde score van één verloskamer 7. gemiddelde score alle verloskamers bepalen Gemiddelde score alle verloskamers actie resultaat 8. Bepalen of er een resuscitatiekamer aanwezig is Score resuscitatiekamer actie resultaat 9. gewogen gemiddelde score bepalen van 7. (9) en 8 () Score verlosafdeling De berekening per functie geschiedt in eerste instantie per bouwlaag en wordt vervolgens getotaliseerd tot een score per bouwdeel. Om te komen tot een score op gebouwniveau zijn de scores op bouwdeelniveau naar rato van de bruto vloeroppervlakte gewogen. Voor elke functie wordt de score op gelijkaardige wijze berekend Bouwtechnische staat De bouwtechnische staat van de gebouwen is in kaart gebracht aan de hand van de conditiemeetmethode zoals beschreven in de NEN van het Nederlands Normalisatie-Instituut. De bouwtechnische staat is te onderscheiden in elementen die respectievelijk betrekking hebben op de bouwkundige externe elementen, de bouwkundige interne elementen en op de installaties. De conditiemeting van de bouwkundige elementen is gebaseerd op een opname ter plaatse van representatieve, referente punten. De conditie van de installaties is bepaald via een enquête onder de instellingen. In Schema 1.5ix zijn de opgenomen elementen en de wijze van conditiebepaling weergegeven. 9 NEN. Conditiemeting van bouw- en installatiedelen. Delft Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 10

20 Schema 1.5ix Overzicht onderzochte elementen en meetmethode Hoofdelement Element Meetmethode Bouwkundig extern Bouwkundig intern Installaties Buitenwanden Buitenwandopeningen Daken Binnenwanden Binnenwandopeningen Vloerafwerking Plafonds Warmteopwekking Koudeopwekking Centrale elektrotechnische voorzieningen Liften Warmte-distributie Afvoeren Waternet E-net Luchtbehandeling Opname ter plaatse, per bouwdeel Opname ter plaatse, per bouwdeel Opname ter plaatse, per bouwdeel Opname ter plaatse, per bouwdeel, per functie Opname ter plaatse, per bouwdeel, per functie Opname ter plaatse, per bouwdeel, per functie Opname ter plaatse, per bouwdeel, per functie Enquête, per gebouw Enquête, per gebouw Enquête, per gebouw Enquête, per gebouw Enquête, per bouwdeel Enquête, per bouwdeel Enquête, per bouwdeel Enquête, per bouwdeel Enquête, per bouwdeel Bij de bepaling van de conditie van een bouwkundig element zijn drie aspecten van geconstateerde gebreken meegenomen: - het belang (gering, serieus, ernstig) van het gebrek voor het functioneren van het gebouw - de omvang van het gebrek (van incidenteel tot algemeen) - de intensiteit van het gebrek (van beginstadium tot eindstadium) De conditie van de installaties is bepaald op grond van het bouwjaar van de installatie (via een verouderingscurve) en van het storingsgedrag. In de enquête ook gevraagd naar de capaciteit van de installaties (voldoende, onvoldoende etc), maar deze informatie is buiten beschouwing gelaten bij de bepaling van de conditie In Schema 1.5x zijn de condities beschreven. Schema 1.5x Beknopte definitie van de condities Score Beknopte beschrijving 1 Uitstekend Geen of zeer beperkte veroudering 2 Goed Beginnende veroudering door gebruik, weer en wind 3 Redelijk Verouderingsproces in op gang gekomen 4 Matig Het verouderingsproces heeft het bouw- of installatiedeel duidelijk in zijn greep 5 Slecht Het verouderingsproces is min of meer onomkeerbaar geworden 6 Zeer slecht Maximaal gebrekenbeeld Cbz/nr monitoring.macrorapport alg zh_def.doc 11

HANDLEIDING internettoegang monitoringgegevens

HANDLEIDING internettoegang monitoringgegevens MONITORING GEBOUWKWALITEIT ALGEMENE ZIEKENHUIZEN HANDLEIDING internettoegang monitoringgegevens Utrecht, 2007 versie 1, 5/12/2007 Inhoudsopgave Pagina 1 Algemeen 1 2 Starten sessie 2 3 Persoonlijke startpagina

Nadere informatie

Regeling referentiekader basiskwaliteitseisen bestaande voorzieningen voor verslavingszorg

Regeling referentiekader basiskwaliteitseisen bestaande voorzieningen voor verslavingszorg Catergorie Geestelijke gezondheidszorg: verslavingszorg Regeling referentiekader basiskwaliteitseisen bestaande voorzieningen voor verslavingszorg Regeling College bouw ziekenhuisvoorzieningen tot wijziging

Nadere informatie

Bouwkundig-functionele maatstaven ten behoeve van nieuwbouwplannen voor (centrale) PERSONEELSVOORZIENINGEN in een algemeen ziekenhuis

Bouwkundig-functionele maatstaven ten behoeve van nieuwbouwplannen voor (centrale) PERSONEELSVOORZIENINGEN in een algemeen ziekenhuis Cbz/nr bouwmaatstaaf 0.71 Bouwkundig-functionele maatstaven ten behoeve van nieuwbouwplannen voor (centrale) PERSONEELSVOORZIENINGEN in een algemeen ziekenhuis BOUWKUNDIG-FUNCTIONELE MAATSTAVEN ten behoeve

Nadere informatie

College bouw zorginstellingen

College bouw zorginstellingen College bouw zorginstellingen Het College bouw zorginstellingen, kortweg het Bouwcollege genoemd, houdt zich bezig met de huisvesting van de intramurale gezondheidszorg. Daarbij gaat het om ziekenhuizen,

Nadere informatie

Ziekenhuisgebouwen staan er goed bij

Ziekenhuisgebouwen staan er goed bij Nummer 37 In dit nummer: Kwaliteit ziekenhuisgebouwen goed NHC goed instrument om kapitaallasten te compenseren Publieksprijs LOC en Bouwcollege: Beste wonen en zorg voor ouderen Bouwcollege publiceert

Nadere informatie

College bouw ziekenhuisvoorzieningen

College bouw ziekenhuisvoorzieningen College bouw ziekenhuisvoorzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 E cbz@bouwcollege.nl I www.bouwcollege.nl VERBETERING PRIVACY IN VERPLEEGHUIZEN Signaleringsrapport

Nadere informatie

t.a.v. Verzamelen basisinformatie gebouwenbestand Geachte heer, mevrouw,

t.a.v. Verzamelen basisinformatie gebouwenbestand Geachte heer, mevrouw, t.a.v. Datum 18 maart 2008 Kenmerk Brus/Ps Uw brief van Afdeling V&M Uw kenmerk Betreft Verzamelen basisinformatie gebouwenbestand Geachte heer, mevrouw, Op 23 januari jl. bent u geïnformeerd over het

Nadere informatie

Schaal- en synergie-effecten bij de spoedeisende hulp

Schaal- en synergie-effecten bij de spoedeisende hulp Schaal- en synergie-effecten bij de spoedeisende hulp Een literatuur- en empirisch onderzoek naar de kostenstructuur van de spoedeisende hulp Centrum voor Innovaties en Publieke Sector Efficiëntie Studies,

Nadere informatie

College bouw ziekenhuisvoorzieningen

College bouw ziekenhuisvoorzieningen College bouw ziekenhuisvoorzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 E cbz@bouwcollege.nl I www.bouwcollege.nl REFERENTIEKADER ten behoeve van bestaande voorzieningen voor

Nadere informatie

College bouw ziekenhuisvoorzieningen

College bouw ziekenhuisvoorzieningen College bouw ziekenhuisvoorzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Postbus 20350 2500 EA DEN HAAG Datum 17 januari 2005

Nadere informatie

College bouw ziekenhuisvoorzieningen

College bouw ziekenhuisvoorzieningen College bouw ziekenhuisvoorzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 BOUWMAATSTAF inzake BEREKENINGSMETHODE INBRENGVERPLICHTING WET ZIEKENHUISVOORZIENINGEN Gelet op artikel

Nadere informatie

Proeftuinplan: Meten is weten!

Proeftuinplan: Meten is weten! Proeftuinplan: Meten is weten! Toetsen: hoog, laag, vooraf, achteraf? Werkt het nu wel? Middels een wetenschappelijk onderzoek willen we onderzoeken wat de effecten zijn van het verhogen cq. verlagen van

Nadere informatie

RAPPORT. Rapport. Inspectierapport NEN2767. Voorbeeld project Dordrecht. Voorbeeld Vastgoed Dordrecht

RAPPORT. Rapport. Inspectierapport NEN2767. Voorbeeld project Dordrecht. Voorbeeld Vastgoed Dordrecht Inspectierapport NEN2767 RAPPORT Voorbeeld project Dordrecht Voorbeeld Vastgoed Dordrecht Rapport Nummer : 20142000 Datum : 23-01-2014 Status : Voorbeeldrapport Colofon Rapport voor Voorbeeld project Archimedesstraat

Nadere informatie

www.cadac.com Gebruikershandleiding CBZ Add-in AutoCAD

www.cadac.com Gebruikershandleiding CBZ Add-in AutoCAD www.cadac.com Gebruikershandleiding CBZ Add-in AutoCAD Versie: 2.0.0 Datum: 11-10-2007 www.cadac.com Inhoudsopgave 1 Methodiek... 3 2 Tekening openen... 3 3 Ruimteboek openen... 4 3.1 Nieuw ruimteboek

Nadere informatie

www.cadac.com Gebruikershandleiding CBZ Add-in Arkey

www.cadac.com Gebruikershandleiding CBZ Add-in Arkey www.cadac.com Gebruikershandleiding CBZ Add-in Arkey Versie: 2.0.0 Datum: 16-10-2007 www.cadac.com Inhoudsopgave 1 Methodiek... 3 2 Tekening openen... 3 3 Ruimteboek openen... 4 3.1 Nieuw ruimteboek aanmaken...

Nadere informatie

Verschillen Oude t.o.v. Nieuwe verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Borne Uit: Adviesrapport / Saxion.

Verschillen Oude t.o.v. Nieuwe verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Borne Uit: Adviesrapport / Saxion. Verschillen Oude t.o.v. Nieuwe verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Borne Uit: Adviesrapport / Saxion. 2.1 De verordening Zoals in de Inleiding van dit onderzoek al is vermeld is bij

Nadere informatie

f. Deze beleidsregel kan worden aangehaald als 'Beleidsregel instandhoudingsinvesteringen'.

f. Deze beleidsregel kan worden aangehaald als 'Beleidsregel instandhoudingsinvesteringen'. BELEIDSREGEL I-618 / II-608 / III-771 Bijlage 1 bij circulaire GA/yb/III/03/GGZ/05c Instandhoudingsinvesteringen 1. ALGEMEEN a. Deze beleidsregel is van toepassing op organen voor gezondheidszorg als vermeld

Nadere informatie

Verantwoord gebouw onderhoud Conditie meting 16 mei 2013

Verantwoord gebouw onderhoud Conditie meting 16 mei 2013 Verantwoord gebouw onderhoud Conditie meting 16 mei 2013 Even voorstellen Opgericht in 2000 Onderdeel Liftinstituut Holding bv > 22 medewerkers Werkgebieden: liften e.d., gevelonderhoudsinstallaties, roltrappen,

Nadere informatie

NOTITIE TOEPASSING PARKEERNORMEN. 1. Inleiding

NOTITIE TOEPASSING PARKEERNORMEN. 1. Inleiding NOTITIE TOEPASSING PARKEERNORMEN Gemeente Zeewolde, maart 2009 2 NOTITIE TOEPASSING PARKEERNORMEN 1. Inleiding Iedere bouwaanvraag moet op grond van de huidige bouwverordening, artikel 2.5.30, voorzien

Nadere informatie

resultaten Vacature-enquête

resultaten Vacature-enquête resultaten Vacature-enquête voorjaar 2014 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. Vacatures maart 2014 4 3. Vacatures per sector 5 4. Conclusies 11 Bijlage 1 Tabellen 12 Kenmerk: Project: 81110 Juni 2014 1. Inleiding

Nadere informatie

DEELNORMEN SPECIFIEKE VOORZIENINGEN (Bouwmaatstaven astmacentrum, audiologisch centrum, epilepsiecentrum, klinisch-genetisch centrum)

DEELNORMEN SPECIFIEKE VOORZIENINGEN (Bouwmaatstaven astmacentrum, audiologisch centrum, epilepsiecentrum, klinisch-genetisch centrum) DEELNORMEN SPECIFIEKE VOORZIENINGEN (Bouwmaatstaven astmacentrum, audiologisch centrum, epilepsiecentrum, klinisch-genetisch centrum) DEELNORMEN SPECIFIEKE VOORZIENINGEN Bouwmaatstaven inzake: - epilepsiecentrum

Nadere informatie

De wereld van de zorg en haar NHC s voor MKW. Bram Baselmans senior adviseur

De wereld van de zorg en haar NHC s voor MKW. Bram Baselmans senior adviseur De NHC s en Woningcorporaties De wereld van de zorg en haar NHC s voor MKW Bram Baselmans senior adviseur Bram Baselmans Bouwkunde TU Eindhoven Vastgoedmanagement AAG vanaf 2002 Financiële vraagstukken

Nadere informatie

Klanttevredenheidsonderzoek DBC COPD - Eerste lijn (2011)

Klanttevredenheidsonderzoek DBC COPD - Eerste lijn (2011) Klanttevredenheidsonderzoek DBC COPD - Eerste lijn (2011) Inhoudsopgave Verslag 2-4 Grafieken 5-10 Samenvatting resultaten 11-16 Bijlage - Vragenlijst 17+18 Cohesie Cure and Care Hagerhofweg 2 5912 PN

Nadere informatie

Opvallend in deze figuur is het grote aantal bedrijven met een vergunning voor exact 340 stuks melkvee (200 melkkoeien en 140 stuks jongvee).

Opvallend in deze figuur is het grote aantal bedrijven met een vergunning voor exact 340 stuks melkvee (200 melkkoeien en 140 stuks jongvee). Ontwikkeling melkveebedrijven in Utrecht, Gelderland en Brabant Analyse van mogelijke groei van melkveebedrijven op basis van gegevens van CBS en provincies Het CBS inventariseert jaarlijks de feitelijk

Nadere informatie

2011D04279 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL

2011D04279 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL 2011D04279 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL 1 De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) noemt het opvallend dat het aantal abortussen vanaf 20 weken is toegenomen en veronderstelt dat dit verband houdt met de

Nadere informatie

De gegevens die worden gebruikt door de benchmark worden door de gemeente zelf aangeleverd. De burgerpeiling levert een deel van deze gegevens aan.

De gegevens die worden gebruikt door de benchmark worden door de gemeente zelf aangeleverd. De burgerpeiling levert een deel van deze gegevens aan. Burgerpeiling 2013 Eind 2013 is onder 2000 inwoners van de gemeente Noordoostpolder een enquete verspreid ten behoeve van de benchmark waarstaatjegemeente.nl. De enquete vormt een onderdeel van de benchmark.

Nadere informatie

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Een analyse van de huisartsenregistratie over de

Nadere informatie

Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen

Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen Bijlage I Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen Per onderwijssector en per voorziening worden hieronder opgesomd de nadere voorwaarden waaronder - behoudens de financiële toets - de

Nadere informatie

BELEIDSREGEL BR/CU-5094

BELEIDSREGEL BR/CU-5094 BELEIDSREGEL Dyslexiezorg Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking

Nadere informatie

Bouwkostennota 2001. 1.4. Kostenverdeelsleutel

Bouwkostennota 2001. 1.4. Kostenverdeelsleutel 1.4. Kostenverdeelsleutel Voor de afsplitsing van de bouwkosten naar gebruik bestaat een vrij duidelijke omschrijving van de verdeling van de kosten. Om financieel onderscheid te kunnen maken tussen de

Nadere informatie

Fysieke Vaardigheid Toets DJI

Fysieke Vaardigheid Toets DJI Fysieke Vaardigheid Toets DJI Naar normering van toetstijden dr. R.H. Bakker dr. G.J. Dijkstra TGO, februari 2013 TGO Fysieke Vaardigheid Toets DJI: naar normering van toetstijden 1 TGO Fysieke Vaardigheid

Nadere informatie

Berekeningsmethodiek NHC in de Care

Berekeningsmethodiek NHC in de Care TNO-rapport - TNO-060-UTC-2011-00078 Berekeningsmethodiek NHC in de Care Datum 4 mei 2011 Auteur(s) Norman Egter van Wissekerke Oscar Verhoeff Henk Sijsling Aantal pagina's 8 Opdrachtgever Projectnaam

Nadere informatie

Algemeen Per voorziening onderwijshuisvesting zijn de criteria voor het vaststellen van de noodzaak van de aangevraagde voorziening beschreven.

Algemeen Per voorziening onderwijshuisvesting zijn de criteria voor het vaststellen van de noodzaak van de aangevraagde voorziening beschreven. 1 TOELICHTING BIJLAGE 1 In bijlage I zijn opgenomen de criteria die van belang zijn voor het vaststellen van de noodzaak van de aangevraagde voorziening. De bijlage is onderverdeeld in deel A Lesgebouwen

Nadere informatie

Voorbeeld Meerjarenonderhoudsplan Rapport

Voorbeeld Meerjarenonderhoudsplan Rapport Voorbeeld Meerjarenonderhoudsplan Rapport Projectnummer : 4522999 Datum : 01-01-2013 Inhoudsopgave Gebouwinformatie 3 Adresgegevens. 3 Gebouwkenmerken.. 3 Geconstateerde onderhoudsconditie 4 Doel meerjaren

Nadere informatie

Monitoring gebouwkwaliteit in de geestelijke gezondheidszorg

Monitoring gebouwkwaliteit in de geestelijke gezondheidszorg College bouw ziekenhuisvoorzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 E cbz@bouwcollege.nl I http://www.bouwcollege.nl Monitoring gebouwkwaliteit in de geestelijke gezondheidszorg

Nadere informatie

BIJLAGE I. Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen. DEEL A Lesgebouwen

BIJLAGE I. Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen. DEEL A Lesgebouwen BIJLAGE I Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen DEEL A Lesgebouwen DEEL B Voorzieningen voor lichamelijke opvoeding DEEL A Lesgebouwen 1 BIJLAGE I Criteria voor beoordeling van aangevraagde

Nadere informatie

STAAT VAN ONDERHOUD SCHOOLGEBOUWEN IN 12 GEMEENTEN. [Invoegen foto]

STAAT VAN ONDERHOUD SCHOOLGEBOUWEN IN 12 GEMEENTEN. [Invoegen foto] STAAT VAN ONDERHOUD SCHOOLGEBOUWEN IN 12 GEMEENTEN [Invoegen foto] COLOFON Opdrachtgever : Ministerie van OCW Project : Bouwkundige schouw schoolgebouwen in 12 gemeenten Projectnummer : B0099.01.01 Datum

Nadere informatie

Resultaat Toetsing TNO Lean and Green Awards

Resultaat Toetsing TNO Lean and Green Awards ID Naam Koploper Datum toetsing 174 M. Van Happen Transport BV 2-4-2012 Toetsingscriteria 1. Inhoud en breedte besparingen 2. Nulmeting en meetmethode 3. Haalbaarheid minimaal 20% CO2-besparing na 5 jaar

Nadere informatie

BELEIDSREGEL BR/CU-2051

BELEIDSREGEL BR/CU-2051 BELEIDSREGEL Instandhoudingsinvesteringen Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1992-1993 22 800 XI Vaststelling van de begroting van de uitgaven en van de ontvangsten van hoofdstuk XI (Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening

Nadere informatie

VOORBEELD Elementen voor een offerte verzoek Asbestinventarisatie inclusief risicobeoordeling nietsloopsituatie

VOORBEELD Elementen voor een offerte verzoek Asbestinventarisatie inclusief risicobeoordeling nietsloopsituatie VOORBEELD Elementen voor een offerte verzoek Asbestinventarisatie inclusief risicobeoordeling nietsloopsituatie Geachte heer/mevrouw, Hiermee nodig ik u uit mij geheel vrijblijvend een offerte uit te brengen

Nadere informatie

de contractwaarde van intramuraal zorgvastgoed van corporaties in beeld gebracht

de contractwaarde van intramuraal zorgvastgoed van corporaties in beeld gebracht BIJLAGE I BIJ 10D0028443 Juli 2010 de contractwaarde van intramuraal zorgvastgoed van corporaties in beeld gebracht Berekeningen ter bepaling van het boekwaardeprobleem van corporaties Samenstelling Aedes

Nadere informatie

Dementie, samenvatting publicatie Gezondheidsraad

Dementie, samenvatting publicatie Gezondheidsraad Dementie, samenvatting publicatie Gezondheidsraad Samenvattende notitie over Dementie (april 2002) ter voorbereiding op signaleringsrapport Op tijd bouwen voor ouderen, College bouw ziekenhuisvoorzieningen

Nadere informatie

Rapport. Cardiovasculair risicomanagement. Simvastatine: keuze en dosering 2009-2010

Rapport. Cardiovasculair risicomanagement. Simvastatine: keuze en dosering 2009-2010 Rapport Cardiovasculair risicomanagement Simvastatine: keuze en dosering 2009-2010 Colofon Auteur Daniëlla Theunissen, apotheker Met medewerking van Marianne Nijpels, apotheker Illustratie Len Munnik september

Nadere informatie

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid BIJLAGE 5 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Rapportage niet gebouwgebonden inrichtingskosten UWV Hoofdkantoor 31 oktober 2003 Stationsplein 1 Postbus 907 3800 AX Amersfoort Telefoon 033 467

Nadere informatie

Deel II. De PM-posten

Deel II. De PM-posten Deel II De PM-posten Stap 1: reikwijdte PM-posten In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de PM-posten die leiden tot additionele ruimtebehoefte bovenop het gebruikelijke functiepakket van

Nadere informatie

Zorgbarometer 7: Flexwerkers

Zorgbarometer 7: Flexwerkers Zorgbarometer 7: Flexwerkers Onderzoek naar de positie van flexwerkers in de zorg Uitgevoerd door D. Langeveld, MSc Den Dolder, mei 2012 Pagina 2 Het auteursrecht op dit rapport berust bij ADV Market Research

Nadere informatie

Bezuinigingen openbaar groen Branche vereniging VHG Uitvoering december 2010 VELDWERK OPTIMAAL

Bezuinigingen openbaar groen Branche vereniging VHG Uitvoering december 2010 VELDWERK OPTIMAAL Bezuinigingen openbaar groen Branche vereniging VHG Uitvoering december 2010 VELDWERK OPTIMAAL Veldwerk Optimaal B.V. 's-hertogenbosch, januari 2011 INHOUDSOPGAVE Pagina 1. ONDERZOEKSVERANTWOORDING 2 1.1

Nadere informatie

Ziekenhuis Bethesda. Patiënttevredenheidsonderzoek. December 2008

Ziekenhuis Bethesda. Patiënttevredenheidsonderzoek. December 2008 Ziekenhuis Bethesda Patiënttevredenheidsonderzoek December 2008 Soort onderzoek : Patiënttevredenheidsonderzoek Uitgevoerd door : Right Marktonderzoek en Advies B.V. Datum : 11 december 2008 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Grip op onderhoud. Marieke Franken Ghijsen (Reinier van Arkel) Jean-Marc Vloemans (HEVO)

Grip op onderhoud. Marieke Franken Ghijsen (Reinier van Arkel) Jean-Marc Vloemans (HEVO) Grip op onderhoud Marieke Franken Ghijsen (Reinier van Arkel) Jean-Marc Vloemans (HEVO) Historie Reinier van Arkel Groep 1442, Nalatenschap van Reinier van Arkel, een gasthuis voor de zotten der stad 1686,

Nadere informatie

Aangeboden aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Vastgesteld door het College bouw ziekenhuisvoorzieningen op 9 april 2001

Aangeboden aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Vastgesteld door het College bouw ziekenhuisvoorzieningen op 9 april 2001 INTERN REFERENTIEKADER inzake VERPLEEGHUISZORG IN ZIEKENHUIZEN Aangeboden aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Vastgesteld door het College bouw ziekenhuisvoorzieningen op 9 april

Nadere informatie

FACILITEITEN & VASTGOED. Informatie voor gasten van de logeerkamers

FACILITEITEN & VASTGOED. Informatie voor gasten van de logeerkamers FACILITEITEN & VASTGOED Informatie voor gasten van de logeerkamers Informatie voor gasten van de logeerkamers Als een naast familielid van u is opgenomen in het St. Antonius Ziekenhuis, kan het zijn dat

Nadere informatie

Inhoudelijke veranderingen per 28 juli 2014 in de Beleidsregels indicatiestelling AWBZ van het ministerie van VWS en de CIZ Indicatiewijzer

Inhoudelijke veranderingen per 28 juli 2014 in de Beleidsregels indicatiestelling AWBZ van het ministerie van VWS en de CIZ Indicatiewijzer Hoofdkantoor Princenhof Park 3 3972 NG Driebergen Postbus 232 3970 AE Driebergen T 030-751 80 00 F 030-751 80 01 E info@ciz.nl www.ciz.nl Inhoudelijke veranderingen per 28 juli 2014 in de Beleidsregels

Nadere informatie

Bijlage 4 Kwaliteitstoets/beheersmodel audit

Bijlage 4 Kwaliteitstoets/beheersmodel audit Bijlage 4 Kwaliteitstoets/beheersmodel audit 1 Uitgangspunten Kwaliteitstoets/Beheersmodel audit Uitgangspunt is dat de zorgverzekeraar alle doelmatige en noodzakelijke fysiotherapeutische zorg vergoedt.

Nadere informatie

Werkbelevingsonderzoek 2013

Werkbelevingsonderzoek 2013 Werkbelevingsonderzoek 2013 voorbeeldrapport Den Haag, 17 september 2014 Ipso Facto beleidsonderzoek Raamweg 21, Postbus 82042, 2508EA Den Haag. Telefoon 070-3260456. Reg.K.v.K. Den Haag: 546.221.31. BTW-nummer:

Nadere informatie

Procedure voor dataverkrijging en terugkoppeling

Procedure voor dataverkrijging en terugkoppeling Procedure voor dataverkrijging en terugkoppeling Doel: In het verleden zijn er te weinig concrete afspraken gemaakt over de tijdstippen waarop de aan NCDR deelnemende centra hun data aanleveren en op welke

Nadere informatie

15 Mate van dekkingsgraad, een eerste aanzet tot baten

15 Mate van dekkingsgraad, een eerste aanzet tot baten 15 Mate van dekkingsgraad, een eerste aanzet tot baten Sanneke van der Linden Sinds 2007 organiseert M&I/Partners de ICT Benchmark Ziekenhuizen. Op hoofdlijnen zijn de doelstellingen en aanpak van de ICT

Nadere informatie

College bouw ziekenhuisvoorzieningen

College bouw ziekenhuisvoorzieningen College bouw ziekenhuisvoorzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 E cbz@bouwcollege.nl I www.bouwcollege.nl SIGNALERINGSRAPPORT inzake WONEN EN ZORG OP MAAT Uitgebracht

Nadere informatie

Particuliere en reguliere verpleeghuizen Een vergelijking om van te leren

Particuliere en reguliere verpleeghuizen Een vergelijking om van te leren Particuliere en reguliere verpleeghuizen Een vergelijking om van te leren Utrecht, 26 maart 2015 Wine te Meerman Eveline Castelijns Simon Heesbeen Floor Vreeswijk 1 Inhoud 1. Aanleiding voor het onderzoek

Nadere informatie

ZO Brabant (Kempen) WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014

ZO Brabant (Kempen) WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014 WMO-subregio: ZO Brabant (Kempen) Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s 1/9 De effecten van langer thuis wonen in de V&V 1. De komende jaren (2014-2020) krijgen instellingen

Nadere informatie

Gooi- en Vechtstreek. WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014

Gooi- en Vechtstreek. WMO-subregio: Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s. Datum 3 november 2014 WMO-subregio: Gooi- en Vechtstreek Rapportage Zorg op de kaart per WMO-subregio Inclusief scenario s 1/9 De effecten van langer thuis wonen in de V&V 1. De komende jaren (2014-2020) krijgen instellingen

Nadere informatie

Het beeld van zorggebruikers over de Inspectie voor de Gezondheidszorg. De Inspectie voor de Gezondheidszorg

Het beeld van zorggebruikers over de Inspectie voor de Gezondheidszorg. De Inspectie voor de Gezondheidszorg Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Anne Brabers, Margreet Reitsma en Roland Friele. Het beeld van zorggebruikers over de Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Nadere informatie

Brandveiligheidsaspecten van de uitbreiding van het kantoorpand van IHC Hydrohammer B.V. te Kinderdijk. Ontwerp met 3 verdiepingen

Brandveiligheidsaspecten van de uitbreiding van het kantoorpand van IHC Hydrohammer B.V. te Kinderdijk. Ontwerp met 3 verdiepingen Brandveiligheidsaspecten van de uitbreiding van het kantoorpand van IHC Hydrohammer B.V. te Kinderdijk Ontwerp met 3 verdiepingen Rapportnummer FM 17692-3-RA d.d. 27 februari 2014 Brandveiligheidsaspecten

Nadere informatie

meetcertificaatno. 11.095.552 in opdracht van : Schiphol Center West b.v. datum : 25 november 2011

meetcertificaatno. 11.095.552 in opdracht van : Schiphol Center West b.v. datum : 25 november 2011 meetrapport meetcertificaatno. 11.095.552 betreft : A Factorij gelegen : Amsterdam bouwdeel : totaal in opdracht van : Schiphol Center West b.v. datum : 25 november 2011 Interim Bouwconsult b.v. Van Houten

Nadere informatie

Bijlage IV Normbedragen voor vergoeding en indexering onderwijshuisvesting (september 2014)

Bijlage IV Normbedragen voor vergoeding en indexering onderwijshuisvesting (september 2014) Bijlage IV Normbedragen voor vergoeding en indexering onderwijshuisvesting (september 204) Deel A Indexering De normbedragen in deel B worden jaarlijks aangepast in overeenstemming met de onderstaande

Nadere informatie

Toelichting aanvraag nieuwe toelating

Toelichting aanvraag nieuwe toelating Deze toelichting hoort bij het formulier waarmee een aanvraag voor een nieuwe instelling in het kader van de Wet toelating zorginstellingen (WTZi) wordt ingediend. Nieuwe zorgaanbieders De Inspectie voor

Nadere informatie

HANDLEIDING INTERNET-INVULPROGRAMMA. Fase 2

HANDLEIDING INTERNET-INVULPROGRAMMA. Fase 2 MONITORING G GEBOUWKWALITEIT IN DE JEUGDZORG HANDLEIDING INTERNET-INVULPROGRAMMA Fase 2 Utrecht, 28 maart 2007 Inhoudsopgave pagina I. Algemeen 1 II. Starten sessie 2 III. Algemene vragen 3 IV. Financiële

Nadere informatie

Product Informatie Blad - Rekentoets

Product Informatie Blad - Rekentoets Product Informatie Blad - Rekentoets PIB240-2010-Rekentoets Context In opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) heeft de commissie Meijerink onderzoek gedaan naar wat leerlingen

Nadere informatie

De Letselschade Richtlijn Huishoudelijke Hulp

De Letselschade Richtlijn Huishoudelijke Hulp De Letselschade Richtlijn Huishoudelijke Hulp Definities Huishoudelijke hulp De behoefte aan huishoudelijke ondersteuning door derden, bestaande uit activiteiten als schoonmaakwerkzaamheden, koken, boodschappen

Nadere informatie

College bouw ziekenhuisvoorzieningen

College bouw ziekenhuisvoorzieningen College bouw ziekenhuisvoorzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 E cbz@bouwcollege.nl I www.bouwcollege.nl EVALUATIE VKP-REGELING VERZORGINGSHUIZEN Uitgebracht aan

Nadere informatie

Managementsamenvatting

Managementsamenvatting Managementsamenvatting CQI Oncologie Generiek 2014 Significant Thorbeckelaan 91 3771 ED Barneveld +31 342 40 52 40 KvK 3908 1506 info@significant.nl www.significant.nl Stichting Miletus Barneveld, 18 juni

Nadere informatie

*ZE9C48C23CC* Raadsvergadering d.d. 16 december 2014

*ZE9C48C23CC* Raadsvergadering d.d. 16 december 2014 *ZE9C48C23CC* Raadsvergadering d.d. 16 december 2014 Agendanr.. Aan de Raad No.ZA.14-26406/DV.14-396, afdeling Ruimte. Sellingen, 11 december 2014 Onderwerp: Vaststellen Nota OOR (Onderhoud van de Openbare

Nadere informatie

Bijlage I Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen

Bijlage I Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen Bijlage I Criteria voor beoordeling van aangevraagde voorzieningen Per onderwijssector en per voorziening worden hieronder opgesomd de nadere voorwaarden waaronder - behoudens de financiële toets - de

Nadere informatie

Handleiding voor de Restschuldtool van Zorg op de kaart 1.1 1/5

Handleiding voor de Restschuldtool van Zorg op de kaart 1.1 1/5 Handleiding voor de Restschuldtool van Zorg op de kaart Zorg op de kaart bevat een tool die de effecten toont van de extramuralisering voor de huisvesting. Door de extramuralisering zal een deel van het

Nadere informatie

De Letselschade Richtlijn Huishoudelijke Hulp

De Letselschade Richtlijn Huishoudelijke Hulp De Letselschade Richtlijn Huishoudelijke Hulp Definities Huishoudelijke hulp De behoefte aan huishoudelijke ondersteuning door derden, bestaande uit bijvoorbeeld de activiteiten schoonmaken, koken, boodschappen

Nadere informatie

Bijlage 4 Kwaliteitstoets/beheersmodel audit

Bijlage 4 Kwaliteitstoets/beheersmodel audit Bijlage 4 Kwaliteitstoets/beheersmodel audit 1 Uitgangspunten Kwaliteitstoets/Beheersmodel audit Uitgangspunt is dat de zorgverzekeraar alle doelmatige en noodzakelijke fysiotherapeutische zorg vergoedt.

Nadere informatie

Check Je Kamer Rapportage 2014

Check Je Kamer Rapportage 2014 Check Je Kamer Rapportage 2014 Kwantitatieve analyse van de studentenwoningmarkt April 2015 Dit is een uitgave van de Landelijke Studenten Vakbond (LSVb). Voor vragen of extra informatie kan gemaild worden

Nadere informatie

Compensatie eigen risico is nog onbekend

Compensatie eigen risico is nog onbekend Deze factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (M. Reitsma-van Rooijen, J. de Jong. Compensatie eigen risico is nog onbekend Utrecht: NIVEL, 2009) worden gebruikt. U

Nadere informatie

samenvatting WOONZORGVISIE GEERTRUIDENBERG Woonzorgvisie Geertruidenberg 4 maart 2015 Pagina 1

samenvatting WOONZORGVISIE GEERTRUIDENBERG Woonzorgvisie Geertruidenberg 4 maart 2015 Pagina 1 samenvatting WOONZORGVISIE GEERTRUIDENBERG Woonzorgvisie Geertruidenberg 4 maart 2015 Pagina 1 Inleiding In de gemeente Geertruidenberg staan al geruime tijd woonzorgcomplexen op de nominatie om herontwikkeld

Nadere informatie

NEN 6059. inzicht en samenhang in het naar wettelijke maatstaven brandveilig maken en houden van een gebouw

NEN 6059. inzicht en samenhang in het naar wettelijke maatstaven brandveilig maken en houden van een gebouw NEN 6059 inzicht en samenhang in het naar wettelijke maatstaven brandveilig maken en houden van een gebouw Marijke Tsoutsanis Benno Geerdink - Buffel Consultancy - Deerns Nederland NEN 6059-1&2: Waarom?

Nadere informatie

Onderzoek Passend Onderwijs

Onderzoek Passend Onderwijs Rapportage Onderzoek passend onderwijs In samenwerking met: Algemeen Dagblad Contactpersoon: Ellen van Gaalen Utrecht, augustus 2015 DUO Onderwijsonderzoek drs. Liesbeth van der Woud drs. Tanya Beliaeva

Nadere informatie

: Nieuw belastingstelsel

: Nieuw belastingstelsel A L G E M E E N B E S T U U R Vergadering d.d. : 7 september 2011 Agendapunt: 7 Onderwerp : Nieuw belastingstelsel KORTE SAMENVATTING: In het Bestuursakkoord Water is overeengekomen dat de waterschappen

Nadere informatie

Verordening materiële financiële gelijkstelling onderwijs gemeente Voorst

Verordening materiële financiële gelijkstelling onderwijs gemeente Voorst Verordening materiële financiële gelijkstelling onderwijs gemeente Voorst Bijlage 3 - Voorziening haalbaarheidsonderzoek Gemeenteblad 553b I II III IV V VI VII Aanduiding van de voorziening Onderzoek naar

Nadere informatie

Notitie consultatiebijeenkomst 20 april 2011 honorarium medische specialisten DOT 2012

Notitie consultatiebijeenkomst 20 april 2011 honorarium medische specialisten DOT 2012 Notitie consultatiebijeenkomst 20 april 2011 honorarium medische specialisten DOT 2012 Achtergrond DHD enquête 1. Inleiding Tijdens de klankbordgroepbijeenkomst van 14 maart 2011 is de NZa verzocht om

Nadere informatie

AFDELING I: AANBESTEDENDE DIENST AFDELING II: VOORWERP VAN DE OPDRACHT II.1 BESCHRIJVING I.1 NAAM, ADRESSEN EN CONTACTPUNT(EN)

AFDELING I: AANBESTEDENDE DIENST AFDELING II: VOORWERP VAN DE OPDRACHT II.1 BESCHRIJVING I.1 NAAM, ADRESSEN EN CONTACTPUNT(EN) AFDELING I: AANBESTEDENDE DIENST I.1 NAAM, ADRESSEN EN CONTACTPUNT(EN) Noorderpoort Projectbureau Huisvesting Postbus 530 9700 AM GRONINGEN Contactpunt(en): draaijer+partners Ter attentie van: A.N. de

Nadere informatie

Beschrijving ADVIES. Ontsluiting woningen via extra beschermde vluchtroute. Adviescommissie praktijktoepassing Brandveiligheidsvoorschriften

Beschrijving ADVIES. Ontsluiting woningen via extra beschermde vluchtroute. Adviescommissie praktijktoepassing Brandveiligheidsvoorschriften ADVIES Registratienummer: Betreft: Voorportaal voor brandweerlift Trefwoorden: Bouwbesluit 2012, Woongebouw, gelijkwaardigheid, nieuwbouw, wbdbo, brandweerlift, brandbestrijding : Status: Definitief Beschrijving

Nadere informatie

Kiezers en potentiële kiezers van 50PLUS

Kiezers en potentiële kiezers van 50PLUS Kiezers en potentiële kiezers van 50PLUS Versie 2013-2014 Tekstrapport Peil.nl/Maurice de Hond 1 Doelstelling en opzet van het onderzoek Het Wetenschappelijk Instituut van 50PLUS heeft ons in december

Nadere informatie

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten

Effecten van cliëntondersteuning. Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten Effecten van cliëntondersteuning Samenvatting van een haalbaarheidsonderzoek naar de meetbaarheid van door de cliënt ervaren effecten MEE Nederland, 4 februari 2014 1. Inleiding In deze samenvatting beschrijven

Nadere informatie

De werkafspraken hebben vooralsnog alleen betrekking op geneesmiddelenreclame in de zin van hoofdstuk 9 van de Geneesmiddelenwet.

De werkafspraken hebben vooralsnog alleen betrekking op geneesmiddelenreclame in de zin van hoofdstuk 9 van de Geneesmiddelenwet. Werkafspraken tussen de Inspectie voor de Gezondheidszorg (inspectie), de stichting Code Geneesmiddelenreclame (CGR) en de Keuringsraad Openbare Aanprijzing Geneesmiddelen (KOAG) over de wijze van samenwerking

Nadere informatie

NEN 2767 Goede kapstok en basis voor prestatiecontracten met inzet van automatiseringsconcepten

NEN 2767 Goede kapstok en basis voor prestatiecontracten met inzet van automatiseringsconcepten NEN 2767 Goede kapstok en basis voor prestatiecontracten met inzet van automatiseringsconcepten 17 september 2013 Nationale Conferentie Gebouw Automatisering Bijdrage door: Johan Smit Stakeholdersmodel

Nadere informatie

Handleiding. Model ter ondersteuning van investeringsbeslissingen in de bouw

Handleiding. Model ter ondersteuning van investeringsbeslissingen in de bouw Handleiding Model ter ondersteuning van investeringsbeslissingen in de bouw 09-07-2009 Introductie... 3 Tabblad Inleiding... 4 Hoofdalternatieven... 5 Subalternatief... 6 Bouwdata... 6 Gebouwen... 6 Tabblad

Nadere informatie

Monitoring gebouwkwaliteit in de Verpleging en Verzorging 2005

Monitoring gebouwkwaliteit in de Verpleging en Verzorging 2005 orzieningen Postbus 3056 3502 GB Utrecht T (030) 298 31 00 F (030) 298 32 99 E cbz@bouwcollege.nl I http://www.bouwcollege.nl Monitoring gebouwkwaliteit in de Verpleging en Verzorging 2005 Uitgebracht

Nadere informatie

s-gravenhage, 14 januari 2000 De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. Borst-Eilers

s-gravenhage, 14 januari 2000 De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. Borst-Eilers Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal s-gravenhage, 14 januari 2000 Onderwerp: Beleidsvisie landelijk kennis/behandelcentrum eetstoornissen Hierbij doe ik u een mijn «beleidsvisie voor

Nadere informatie

Afbakening Het onderzoek richt zich op de fatale woningbranden in 2011. De niet-fatale woningbranden zijn in het onderzoek niet meegenomen.

Afbakening Het onderzoek richt zich op de fatale woningbranden in 2011. De niet-fatale woningbranden zijn in het onderzoek niet meegenomen. Fatale woningbranden 2011 Managementsamenvatting Het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV) heeft onderzoek verricht naar de oorzaken, omstandigheden en het verloop van woningbranden met dodelijke

Nadere informatie

Bijlage 1. Kernactiviteiten

Bijlage 1. Kernactiviteiten Bijlage 1 Kernactiviteiten Bijlage 1 Kernactiviteiten Profiel Maasstad Ziekenhuis Het Maasstad Ziekenhuis verleent medisch specialistische zorg (diagnostiek, behandeling en nazorg) en de daaraan gerelateerde

Nadere informatie

Productiemonitor Stichting ZorgPunt Utrecht

Productiemonitor Stichting ZorgPunt Utrecht Productiemonitor Stichting ZorgPunt Utrecht 1e kwartaal 2012 Inleiding en samenvatting Voor u ligt de productiemonitor van het 1e kwartaal 2012. In deze monitor wordt een beeld geschetst van de belangrijkste

Nadere informatie