INHOUDSOPGAVE BIJLAGENBOEK:

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "INHOUDSOPGAVE BIJLAGENBOEK:"

Transcriptie

1 Duurzame Ontwikkeling Bijlagenboek, behorend bij het Klimaatprogramma Raadsnummer Datum 5 juni 2009 Auteur Geurt Schepers Versie definitief

2

3 INHOUDSOPGAVE BIJLAGENBOEK: Bijlage I : Samenvatting Klimaatakkoord Gemeenten en Rijk Bijlage II : Prestatiekaart Lokaal Klimaatbeleid (SloK ) Bijlage III : Belangrijkste projectresultaten klimaatbeleid Nieuwegein Bijlage IV : Projectbladen Klimaatprogramma periode Bijlage V : 10-puntenplan campagne Hier Klimaatverbondgemeente Bijlage VI : Slok-aanvraag

4

5 BIJLAGE I: Samenvatting Klimaatakkoord Gemeenten en Rijk Gemeenten en Rijk gaan zich gezamenlijk inspannen voor een schoner, duurzamer en zuiniger Nederland. Klimaatbestendig besturen is rekening houden met ruimtelijke ordening, infrastructuur, natuur, landschap, wonen en energie. Ambities samenvatting Gemeenten onderschrijven de ambities van het kabinet zoals geformuleerd in het Werkprogramma Nieuwe energie voor het Klimaat 30% reductie van uitstoot broeikasgassen in 2020 ten opzichte van 1990; 2% energie besparing per jaar; 20% hernieuwbare energiebronnen in 2020; (in het voorjaar 2008 gaat de subsidieregeling Duurzame Energieproductie (SDE) van kracht); gemeenten zetten deze doelstellingen om in afspraken, die verwoord zijn in de Verklaring van Texel (12 april 2007); gemeenten geven een hoge prioriteit aan klimaatbeleid; klimaatbeleid wordt een speerpunt bij alle aanbestedingen, renovatie en nieuwbouw; gemeenten nemen zelf energiebesparende maatregelen; gemeenten stimuleren energiebesparing bij burgers en bedrijven; gemeenten organiseren minimaal één educatieve activiteit voor burgers, te onderscheiden naar verschillende doelgroepen; Nieuwe wet- en regelgeving wordt getoetst aan klimaatcriteria; In 2010 monitoren partijen het klimaatakkoord. Van Rijk naar Gemeenten Het Rijk signaleert mogelijke maatregelen en communiceert deze naar gemeenten; Het Rijk financiert innovatieprogramma s waarin ook gemeenten kunnen participeren; VNG draagt 20 klimaatneutrale gemeenten voor in 2012; Het Rijk stimuleert dat kennis tussen de gemeenten onderling wordt uitgewisseld via oa. Het platform Duurzame overheden en kennisnetwerken. Duurzame overheid Gemeenten streven naar een klimaatneutrale huisvesting: energiebesparing bij verwarming, verlichting (via Taskforce verlichting), energiezuinige apparatuur en wagenpark; 75% duurzaam inkopen in 2010, 100% in 2015 (Verwoording concrete doelen in het programma Duurzame Bedrijfsvoering Overheden (DBO); ,- van Rijk naar VNG voor ondersteuning duurzaam inkopen; 2012 rijk klimaatneutraal gehuisvest; Subsidieregeling voor personeelslasten, onderzoek, communicatie en educatie voor klimaatbeleid; Bevorderen van maatschappelijke steun voor carbon capture and storage (CCS). Duurzame energieproductie 20% hernieuwbare energiebronnen in 2020, in het voorjaar 2008 gaat de subsidieregeling Duurzame Energieproductie (SDE) van kracht); verdubbeling opgesteld vermogen windenergie in (uitvoeringsprogramma windenergie wordt opgesteld door Rijk en gemeenten omtrent o.a. regelgeving inpassing windturbines); Gemeenten stimuleren innovaties en proefprojecten groen gas. Schone en zuinige mobiliteit Gemeenten nemen van maatregelen om emissies van broeikasgassen mobiliteitssector terug te dringen, zoals instellen milieuzones vrachtwagens of aardgasbussen, meer tankvoorzieningen alternatieve brandstoffen binnen de gemeenten grenzen; Gemeenten CO 2 -emissiereductie integraal opnemen in lokale en regionale verkeers- en vervoersplannen; Gemeenten stimuleren bedrijven en burgers zuiniger auto s aan te schaffen; Verduurzamen enigen wagenpark gemeenten en rijk via alternatieve brandstoffen;

6 Nederland in 2020 één van de schoonste vervoerssystemen heeft zie Werkprogramma Nieuwe energie voor klimaat pag. 51; 10 proefprojecten duurzame wagenparken via de VNG. Energietransitie van de gebouwde omgeving Nieuwbouw energie neutraal in 2020; 50% minder energieverbruik in woningen en gebouwen in 2020; Energieprestatiecoëfficiënt gaat in 2011 van 0,6 naar 0,4; Nieuw innovatieprogramma voor nieuwbouw en renovatie om te komen tot hogere energieprestatie in veldexperimenten in de nieuwbouw, maatregelen op gebiedsniveau en effecten binnenmilieu; Vanaf 1 januari Energielabel voor gebouwen van kracht; Gemeenten pakken innovatieve initiatieven in gebouwde omgeving actief op (PEGO); VNG stelt 10 proefprojecten in voor energiebesparende maatregelen/ duurzame energie bronnen in woonwijken; Gemeenten werken actief mee aan plan Meer met Minder ; Gemeente als coördinator in wijkgerichte aanpak; Gemeente maken afspraken met projectontwikkelaars en woningcorporaties; Gemeente organiseert doelgroepgerichte communicatie en voorlichtingscampagnes ter bevordering energiebesparende maatregelen bij panden van bedrijven en burgers; Gemeenten stellen in prestatiecontracten met woningcorporaties energieprestatie eisen voor bestaande woningvoorraad en voor nieuwbouw; Rijk stelt 121 miljoen ter beschikking voor gebouwde omgeving (uit Werkprogramma Nieuwe Energie voor Klimaat). Duurzame bedrijven Bevorderen duurzaam inkopen en duurzame mobiliteit; Meerjarenafspraken (MJA) convenant energie efficiency voor energiemaatregelen blijft van kracht. Energie besparingsmaatregelen die binnen 5 jaar terugverdient kunnen worden dienen genomen te worden. Gemeenten controleren via Wet milieubeheer de naleving van energie voorschriften; Gemeenten geven prioriteit op energiebesparing bij periodieke controles. VNG en VROM ontwikkelen een nieuw beoordelingssysteem; Rijk en gemeenten bevorderen maatschappelijke steun Carbon Capture and Storage (CCS); Duurzame agrarische bedrijven; gemeenten en Rijk stimuleren plannen duurzame- land en tuinbouwbedrijven met aandacht voor efficiënte vervoersstromen, gebruik van elkaars reststoffen, opwekken duurzame energie uit meststoffen, bevorderen teelt energiegewassen, plaatsing van windturbines. Binnen bestemmingsplannen, bouw- en milieuvergunningen dient hier ruimte voor gemaakt te worden; Mestvergisting worden in bestemmingsplannen zo goed mogelijk landschappelijk ingepast; Gemeenten stimuleren innovatieve samenwerkingsverbanden tussen initiatiefnemers en andere partijen, zoals de energieclusters van glastuinbouwbedrijven; Het Rijk stimuleert innovatieve energiesystemen in de glastuinbouw; Het Rijk heeft het voornemen een subsidieregeling in te stellen voor energienetwerken, glastuinbouw maakt hier onderdeel van uit; Het Rijk stimuleert co-vergisting via de regeling SDE. Adaptatie Focus vanuit de nationale Adaptatie strategie: veiligheid, economie, leefklimaat en biodiversiteit; gebiedsgerichte aanpak; vergroten van weerstand, veerkracht en aanpassingsvermogen; zinvol inzetten van natuurlijke processen en risicobenadering; Gemeenten en rijk brengen maatregelen voor adaptatie in kaart; Gemeenten in ARK verband toetsen de gemeentelijke adaptatie opties (VNG 2007) op mogelijke aanvullingen. Pilots met waterschappen en gemeenten kunnen opgestart worden. De pilots richten zich op welke additionele adaptatie maatregelen gemeenten kunnen nemen, de implementatie, kosten en financieringsconstructies voor de maatregelen en een uitvoerbaar scenario voor andere gemeenten. Voor de pilots is 1 miljoen beschikbaar. Voor de pilots dient aansluiting gezocht te worden met Kennis voor Klimaat.

7 Financiering BANS II, 37 miljoen voor vanuit Werkprogramma Schoon en Zuinig ; Energietransitie: innovatie en versnelling: 262 miljoen; Hernieuwbare bronnen en co-vergisting: in het voorjaar 2008 gaat de Subsidieregeling Duurzame Energieproductie (SDE) van kracht; Subsidieregeling voor personeelslasten, onderzoek, communicatie en educatie voor klimaatbeleid; ,- van Rijk naar VNG voor ondersteuning duurzaam inkopen; Nieuw innovatieprogramma voor nieuwbouw en renovatie om te komen tot hogere energieprestatie in veldexperimenten in de nieuwbouw, maatregelen op gebiedsniveau en effecten binnenmilieu; Het Rijk heeft het voornemen een subsidieregeling in te stellen voor energienetwerken, glastuinbouw maakt hier onderdeel van uit; 1 miljoen voor pilots tussen gemeenten en waterschappen voor additionele adaptatie maatregelen in praktische scenario s. Via de volgende link kunt u het de complete tekst van het akkoord downloaden:

8

9 Bijlage II: PRESTATIEKAART LOKAAL KLIMAATBELEID (SLoK ) versie juli 2008 Programmaprestaties Ambitieniveaus Actief Voorlopend Innovatief Energiebesparing 2 % besparing per jaar op de energie die binnen 3 % besparing per jaar op de energie die binnen 4 % besparing per jaar op de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt de gemeentegrenzen wordt gebruikt de gemeentegrenzen wordt gebruikt Verduurzaming Reductie overige broeikasgassen 5 % Van de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt is duurzaam opgewekt ofwel door duurzame opwekking binnen de gemeente ofwel door participatie van de gemeente en/of lokale organisaties in opwekking elders (windpark, biomassacentrale e.d.) Alle relevante inrichtingen waarvan de gemeente bevoegd gezag is op basis van de Wet Milieubeheer hebben een actuele vergunning (BBT) op het gebied van overige broeikasgassen. Handhaving van vergunningen en Activiteitenbesluit, gericht op de reductie van overige broeikasgassen heeft prioriteit, is gepland en vindt plaats 10 % Van de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt is duurzaam opgewekt ofwel door duurzame opwekking binnen de gemeente ofwel door participatie van de gemeente en/of lokale organisaties in opwekking elders (windpark, biomassacentrale e.d.) Extra reductie van overige broeikasgassen (via vergunningverlening, handhaving, voorlichting, subsidies of andere instrumenten) bij relevante inrichtingen waarvan de gemeente bevoegd gezag is op basis van de Wet Milieubeheer, die verantwoordelijk zijn voor 50% van de uitstoot in de gemeente Prestaties per Thema Ambitieniveaus Actief Voorlopend Innovatief A. Eigen gebouwen, voorzieningen, wagenpark, dienstreizen, woon-werkverkeer en inkoop Nieuwbouw van gebouwen Bestaande gebouwen Infrastructurele voorzieningen (openbare verlichting, verkeersregelinstallaties, pompen, gemalen e.d.) Realiseren met een met 20 % verscherpte EPC Energiebesparing 2 % per jaar 40 % opwekking en/of inkoop duurzame energie Energiebesparing 2 % per jaar 40 % opwekking en/of inkoop duurzame energie Realiseren met een met 50 % verscherpte EPC Energiebesparing 3 % per jaar 70 % opwekking en/of inkoop duurzame energie Energiebesparing 3 % per jaar 70 % opwekking en/of inkoop duurzame energie 20 % Van de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt is duurzaam opgewekt ofwel door duurzame opwekking binnen de gemeente ofwel door participatie van de gemeente en/of lokale organisaties in opwekking elders (windpark, biomassacentrale e.d.) Extra reductie van overige broeikasgassen (via vergunningverlening, handhaving, voorlichting, subsidies of andere instrumenten) bij relevante inrichtingen waarvan de gemeente bevoegd gezag is op basis van de Wet Milieubeheer, die verantwoordelijk zijn voor 70% van de uitstoot in de gemeente Minimaliseren energievraag en duurzaam opwekken en/of inkopen resterende energievraag (energieneutraal) Energiebesparing 4 % per jaar 100 % opwekking en/of inkoop duurzame energie (energieneutraal) Energiebesparing 4 % per jaar 100 % opwekking en/of inkoop duurzame energie (energieneutraal)

10 Gemeentelijk wagenpark, dienstreizen en woon-werkverkeer 5 % Besparing fossiele brandstoffen en/of inkoop duurzame brandstoffen 10 % Besparing fossiele brandstoffen en/of inkoop duurzame brandstoffen 20 % Besparing fossiele brandstoffen en/of inkoop duurzame brandstoffen B. Woningen Handhaving EPC Toetsing van EPC-berekeningen en toezicht op de EPN op de bouwplaats bij 40 % van de bouwvergunningen Nieuwbouw Realiseren van woningen met een 10 % verscherpte EPC Realiseren van een EPL van 7,0 tot 8,0 bij woningbouwprojecten met meer dan 200 woningen Bestaande woningvoorraad Bewonersgedrag Verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningvoorraad, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 1 % per jaar 5 % Van de huishoudens vertoont energiezuinig gedrag: Toepassen niet-woninggebonden energiebesparende maatregelen Aanschaf energiezuinige apparatuur (A-label) Inkoop 100 % duurzame elektriciteit C. Utiliteitsgebouwen Handhaving EPC Toetsing van EPC-berekeningen en toezicht op de EPN op de bouwplaats bij 40 % van de Nieuwbouw van utiliteitsgebouwen Bestaande utiliteitsgebouwen bouwvergunningen Realiseren van utiliteitsgebouwen met een 10 % verscherpte EPC Verbeteren van de energetische kwaliteit van de utiliteitsgebouwen, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 1 % per jaar Toetsing van EPC-berekeningen en toezicht op de EPN op de bouwplaats bij 70 % van de bouwvergunningen Realiseren van woningen met een 25 % verscherpte EPC Realiseren van een EPL van 8,0 tot 9,0 bij woningbouwprojecten met meer dan 200 woningen Verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningvoorraad, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 2 % per jaar 10 % Van de huishoudens vertoont energiezuinig gedrag: Toepassen niet-woninggebonden energiebesparende maatregelen Aanschaf energiezuinige apparatuur (A-label) Inkoop 100 % duurzame elektriciteit Toetsing van EPC-berekeningen en toezicht op de EPN op de bouwplaats bij 70 % van de bouwvergunningen Realiseren van utiliteitsgebouwen met een 25 % verscherpte EPC Verbeteren van de energetische kwaliteit van de utiliteitsgebouwen, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 2 % per jaar Toetsing van EPC-berekeningen en toezicht op de EPN op de bouwplaats bij 90 % van de bouwvergunningen Realiseren van woningen met 75 % verscherpte EPC of: Realiseren van energieneutrale woningen Realiseren van een EPL van 9,0 tot 10,0 bij woningbouwprojecten met meer dan 200 woningen Verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningvoorraad, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 4 % per jaar of: Realiseren van energieneutrale woningen (binnen voorbeeldprojecten) 20 % Van de huishoudens vertoont energiezuinig gedrag: Toepassen niet-woninggebonden energiebesparende maatregelen Aanschaf energiezuinige apparatuur (A-label) Inkoop 100 % duurzame elektriciteit Toetsing van EPC-berekeningen en toezicht op de EPN op de bouwplaats bij 90 % van de bouwvergunningen Realiseren van utiliteitsgebouwen met een 75 % verscherpte EPC of: Realiseren van energieneutrale utiliteitsgebouwen Verbeteren van de energetische kwaliteit van de utiliteitsgebouwen, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 4 % per jaar

11 D. Bedrijven Vergunningverlening en handhaving Reductie overige broeikasgassen Bedrijventerreinen E. Verkeer en Vervoer Verkeer en vervoer bevolking en bedrijven Alle relevante inrichtingen waarvan de gemeente bevoegd gezag is op basis van de Wet Milieubeheer hebben een actuele vergunning (BBT) op het gebied van energie Handhaving van vergunningen en Activiteitenbesluit, gericht op energieaspecten heeft prioriteit, is gepland en vindt plaats Handhaving van afspraken MJA-bedrijfstakken waarvan gemeente bevoegd gezag is, heeft prioriteit, is gepland en vindt plaats Alle relevante inrichtingen waarvan de gemeente bevoegd gezag is op basis van de Wet Milieubeheer hebben een actuele vergunning (BBT) op het gebied van overige broeikasgassen Handhaving van vergunningen en Activiteitenbesluit, gericht op de reductie van overige broeikasgassen heeft prioriteit, is gepland en vindt plaats Structurele samenwerking met bedrijven op bedrijventerrein, gericht op minimaal 2% energiebesparing en/of opwekking van duurzame energie Besparing en/of verduurzaming brandstoffen met 1 % per jaar Extra energie-efficiencyverbetering en/of verduurzaming van gemiddeld 2 % per jaar bij de bedrijven waarvan de gemeente bevoegd gezag is op grond van de Wet Milieubeheer Extra reductie van overige broeikasgassen (via vergunningverlening, handhaving, voorlichting, subsidies of andere instrumenten) bij relevante inrichtingen waarvan de gemeente bevoegd gezag is op basis van de Wet Milieubeheer, die verantwoordelijk zijn voor 50% van de uitstoot in de gemeente Structurele samenwerking met bedrijven op bedrijventerrein, gericht op minimaal 3% energiebesparing en/of opwekking van duurzame energie Besparing en/of verduurzaming brandstoffen met 2 % per jaar Extra energie-efficiencyverbetering en/of verduurzaming van gemiddeld 4 % per jaar bij de bedrijven waarvan de gemeente bevoegd gezag is op grond van de Wet Milieubeheer Extra reductie van overige broeikasgassen (via vergunningverlening, handhaving, voorlichting, subsidies of andere instrumenten) bij relevante inrichtingen waarvan de gemeente bevoegd gezag is op basis van de Wet Milieubeheer, die verantwoordelijk zijn voor 70% van de uitstoot in de gemeente Structurele samenwerking met bedrijven op bedrijventerrein, gericht op minimaal 4% energiebesparing en/of opwekking van duurzame energie Besparing en/of verduurzaming brandstoffen met 4 % per jaar

12 F. Grootschalige Duurzame Energie-opties Grootschalige en/of 3 % Van de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt wordt duurzaam collectieve DE-opties opgewekt en geleverd via grootschalige en/of collectieve opties: Wind Biomassa Waterkracht Warmte/Koude-opslag 5 % Van de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt wordt duurzaam opgewekt en geleverd via grootschalige en/of collectieve opties: Wind Biomassa Waterkracht Warmte/Koude-opslag 10 % Van de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt wordt duurzaam opgewekt en geleverd via grootschalige en/of collectieve opties: Wind Biomassa Waterkracht Warmte/Koude-opslag Organisatieversterkende randvoorwaarden Ambitieniveaus Actief Voorlopend Innovatief Taken en verantwoordelijkheden Beleidsmatige inbedding Financiering Communicatie Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn vastgelegd in functieomschrijvingen en werkplannen Opname van energiedoelstellingen in beleid van andere beleidsvelden (zoals Wonen, RO, BWT, Economie, Sociale Zaken) Structureel budget, randvoorwaarden en bevoegdheden vastgesteld m.b.t. investeringen in energiebesparing en duurzame energie in de gemeentelijke gebouwen en voorzieningen Structurele communicatie over de aanpak en resultaten van klimaatbeleid naar alle relevante onderdelen en niveaus van de gemeentelijke organisatie Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn geborgd d.m.v. een kwaliteitszorgsysteem Doorvertalen van energiedoelstellingen naar doelstellingen van andere beleidsvelden (zoals Wonen, RO, BWT, Economie, Sociale Zaken) Structureel budget, randvoorwaarden en bevoegdheden vastgesteld m.b.t. investeringen in energiebesparing en duurzame energie door doelgroepen Structurele communicatie over de aanpak en resultaten van klimaatbeleid naar alle relevante partijen, inclusief burgers, binnen de gemeente Het kwaliteitszorgsysteem wordt periodiek door een onafhankelijke partij geaudit en gecertificeerd Doorvertalen van energiedoelstellingen naar doelstellingen en instrumentarium van andere beleidsvelden (zoals Wonen, RO, BWT, Economie, Sociale Zaken) Vernieuwende financieringsconstructies vastgesteld m.b.t. investeringen in energiebesparing en duurzame energie door doelgroepen Vernieuwende vormen van communicatie over de aanpak en resultaten van klimaatbeleid Monitoring Monitoring op inspanningen (projectniveau) Monitoring op resultaten (projectniveau) Monitoring op doelstellingen (programmaniveau)

13 Bijlage III: Belangrijkste projectresultaten klimaatbeleid Nieuwegein Gemeentelijke gebouwen en voorzieningen diverse gemeentelijke voorbeeldprojecten (zonnestroompanelen en zonneboiler op MEC, 2001); energiebeheersysteem gemeentelijke gebouwen; wagenparkscans (standaard (2005/2006 [CE]) en t.b.v. rijden op aardgas (2008 [Ecofys]); uitvoeren maatregelen wagenparkscans (vanaf 2006); verscherpte EPC bij gemeentelijke nieuwbouwprojecten (Aanbiedstation: GreenCalc+ score 249 (=DuBolabel A)); laten opstellen van 8 energielabels en 4 EPA-maatwerkadviezen bij gemeentelijke gebouwen (2008). Woningen oplevering in wijk Galecop van de 1e WNF-Pandawoningen in Nederland (77 stuks, EPC 0,7 in 1997); Duurzaamheidsvisie herstructurering binnenstad Nieuwegein (1999); opnemen van duurzaamheidsambities in PvE s van diverse bouwplannen (continu); stimuleren van EPA s bij woningcorporaties via Prestatieovereenkomst Wonen (2003); medeoprichten en deelnemen aan Servicepunt Wooncomfort i.s.m. provincie en regiogemeenten ( ); nota Bouwen voor de toekomst Duurzaam Bouwen beleid gemeente Nieuwegein (2007); ontwikkeling en verspreiding van cd-rom Gouden tips voor Duurzaam verhuizen en renoveren (2007). Bedrijven adequate vergunningverlening en handhaving waarbij aandacht besteed wordt aan energiebesparing; Duurzaamheidvisie bedrijvenpark Het Klooster (2000 [NovioConsult]); Energievisie bedrijvenpark Het Klooster (2002 [Ecofys]); uitgiftebeleid Het Klooster en Galecopperzoom: verplichte uitvoering van duurzaamheidsscans door geïnteresseerde bedrijven; deelname aan actie Utrechtse Bedrijven Besparen Energie (UBBE, van 1/9/2006 tot 1/3/2008); Duurzaamheidtoets Palmtorens (2007, GreenCalc+ score 386 (=DuBolabel A+)); medeorganisator / deelname aan pilotproject Cursus Duurzaam Ondernemen op bedrijventerrein Plettenburg-de Wiers (2007/2008). Verkeer en vervoer Eindrapport fietsbalans Nieuwegein (2002 [Fietsersbond]); Verkeersmodel Regio Utrecht (2006); opstellen Luchtkwaliteitplan Nieuwegein (2008); stimuleren realisatie aardgasvulpunt (voorjaar 2009). Duurzame energie deelname aan provinciale zonneboileractie (1997/1998); Quickscan windenergie Nieuwegein (1999 [Ecofys]); haalbaarheidsstudie toepassing windenergie, Bedrijvenpark Het Klooster (2000 [WEOM]); gemeentelijke inkoop groene stroom (10% sinds 998 opgelopen tot 20% in 2003, 100% sinds 2004); aanbesteding WKO voor deelgebied Het Klooster incl. gunning ( ); aanbesteding projectontwikkeling windpark Het Klooster incl. gunning (2005); Haalbaarheidsonderzoek biomassacentrale Het Klooster (2006 [CEA]); grondwateronttrekkingsvergunning afgegeven voor wko-systeem Stadshart met 6 doubletten (2008). Algemeen EnergieModel Nieuwegein incl. DE-scan (2004 [Ecofys]); opzetten van CO 2 -projectmonitoring d.m.v. software CarMon (sinds 2007 [Ecofys]).

14

15 Bijlage IV: Projectbladen Klimaatprogramma periode

16

17 Doelgroep / thema Subdoelgroep / subthema Project Gemeentelijke gebouwen en voorzieningen Nieuwbouw A1 Energiezuinige gemeentelijke nieuwbouw SLOK-ambitie: n.v.t. Realiseren met een t.o.v. vigerende Bouwbesluit 10 % verscherpte EPC en minimaal 10% Doelstellingen project Typering project Relatie met andere activiteit of ander beleid CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten duurzame energie (NB: als ondergrens geldt voor SLoK een aanscherping van 20%. Dit project wordt daarom qua inzet niet meegeteld voor de SLoK-aanvraag). Energiezuinige gemeentelijke nieuwbouw realiseren, waarbij op gebouwniveau een streven (géén eis) geldt van een t.o.v. het Bouwbesluit minimaal 10% aangescherpte energieprestatiecoëfficiënt (EPC) en bovendien een streven naar minimaal 10% duurzame energieopwekking (vanwege de doelstellingen van het ondertekende Klimaatverbond). Uitbouwen gemeentelijke voorbeeldfunctie t.b.v. het Klimaatprogramma. Implementatie en continuering van bestaand beleid (evt. voorafgaand onderzoek zinvol) Relevant voor dit project is het in december 2007 door de raad vastgestelde nota Bouwen voor de toekomst Duurzaam Bouwen beleid gemeente Nieuwegein. Via de toepassing van het instrument GreenCalc+ wordt voor alle thema s een integrale milieuprestatieverbetering van 15% t.o.v. de gebruikelijke bouwpraktijk nagestreefd. De gemeente vervult daarbij een voorbeeldfunctie. Bij gemeentelijke nieuwbouw vindt tijdens diverse planfasen vanuit de afd. Duurzame Ontwikkeling advisering plaats en wordt gestreefd naar borging van afspraken. Voor het nieuwe stadhuis zijn de afgelopen jaren reeds de nodige voorbereidingen getroffen en is het Definitief Ontwerp vastgesteld (GreenCalc+ score MIG=182, voldoet niet aan de in 2007 in de nota vastgestelde ambitie ). Mogelijk wordt de komende jaren een besluit genomen over nieuwbouw van de gemeentewerf en/of een nieuwe school. Ongeveer 10% CO 2 -uitstootreductie t.o.v. referentie Bouwbesluit. Mogelijke bijkomende voordelen: Aanpak Inspanning Verbetering van comfort en gezondheid en daardoor betere ARBO-omstandigheden, minder klachten, minder ziekteverzuim en productievere werknemers, leerlingen en andere gebouwgebruikers; Lage exploitatielasten; Toename van kwaliteit; Meer bedrijvigheid die inspeelt op de marktvraag naar energiebesparing. 1. In Programma van Eisen en bij opdrachtverlening voor ontwerp als uitgangspunt meegeven dat de EPC minimaal 10% lager dan de norm volgens het Bouwbesluit moet zijn; 2. Bij VO en DO wordt de door ontwerper aangeleverde EPC- en GreenCalc+ score getoetst door afd. DO. Gemeentelijke projectleider(s) treden hierbij coördinerend op. Gemeente: vanaf 2010: afd. DO: jaarlijks 25 uur, projectleiders (2x) jaarlijks 10 uur.

18 Planning Afd.DO Projectleiders Uitvoerder / betrokken partijen totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling; Afdeling Programma s en Projecten (Unit Accommodaties); Afdeling Projectmanagement en Ondersteuning; Afdeling Grondbedrijf en Vastgoedzaken; Ingenieursbureau. Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Architecten en bouw- en installatiebedrijven; Evt. energie(diensten)bedrijven. Bestuurlijke wil om hogere ambities (t.o.v. Bouwbesluit) te realiseren is van belang; Verscherpte EPC en een minimum aandeel duurzame energie dient privaatrechtelijk als opdrachtgever in het Programma van Eisen te worden opgenomen. Koppeling aan vigerende norm is daarbij relevant. Bij aanscherping van de norm in het Bouwbesluit wordt de zelfopgelegde eis daardoor eveneens scherper; Een informatiebijeenkomst over duurzaam bouwen en/of bezoek aan een voorbeeldproject kan eventuele weerstand bij interne opdrachtgevers, uitvoerende afdelingen en externe partijen wegnemen; Invulling rol opdrachtgever is van belang. Aandacht van alle (vaak meerdere) gemeentelijke afdelingen die als opdrachtgever optreden is van belang; duurzaamheidservaring is van belang bij selectie en opdrachtverlening aan architekt, adviseur, installateur, aannemer en andere opdrachtnemers; Handhaving en controle van EPC-berekeningen en werkelijke energieprestatie; Hogere investeringen kunnen gefinancieerd worden uit lagere exploitatielasten. Dus niet alleen naar de stichtingskosten kijken, maar naar de meerjarenexploitatie; Indien financiering van meerkosten knelpunt is, kan de gemeente een externe partij contracteren om de energievoorziening te exploiteren. Zo betaalt de gemeente voor energiediensten (een behaaglijk, verlicht en gezond gebouw) in plaats van voor de energie zelf. De gemeente heeft daarbij geen omkijken naar de systemen voor verwarming, koeling, verlichting, ventilatie etc. terwijl wel sprake kan zijn van gebouwen met een (sterk) gereduceerd energieverbruik. Overigens is concept niet alleen geschikt voor nieuwbouwsituaties maar ook bij grootschalige renovatie. Praktijkvoorbeelden: Gemeente Nieuwegein: energiezuinig aanbiedstation; Gemeente Gouda: energiezuinig en duurzaam Huis van de Stad; Gemeente Ooststellingwerf: energiezuinig gemeentehuis; Gemeente Castricum: nul-energie school De Sokkerwei; Gemeente Amsterdam: Energievoorziening uitbesteden met energiebesparing als prestatie-eis bij J.P. Coenschool (2 locaties) en 8ste Montessorischool.

19 Doelgroep / thema Gemeentelijke gebouwen en voorzieningen Subdoelgroep / subthema Bestaande bouw Project A2 Realiseren van energiebesparing in gemeentelijke gebouwen SLOK-ambitie: voorlopend 3% energiebesparing per jaar en 70% opwekking en/of inkoop duurzame energie Doelstellingen project Vastleggen van uitgangspunten voor besluitvorming over energiebesparende maatregelen in het Programma van Eisen van renovatie en in meerjarenonderhoudsplannen. Typering project Lokaal project, implementatie van geadviseerde energiemaatregelen. Relatie met andere In Nieuwegein is de verhouding van CO 2 uitstoot van elektra-inkoop versus activiteit of ander beleid aardgasinkoop circa 72/28 (bron: BRU notitie Verduurzaming van inkoop elektriciteit en aardgas via Bestuurs Regio Utrecht d.d. 19 maart 2009). Nieuwegein heeft de elektriciteitsinkoop (4,7 miljoen kwh in peiljaar 2000) per 1/1/ % vergroend en is qua energie-inkoop dus al 72% verduurzaamd en daarmee behoorlijk op weg richting een klimaatneutrale eigen organisatie. In 2008 zijn voor 8 gemeentelijke gebouwen energielabels opgesteld. In het kader van de EU-richtlijn EPBD dienen publiektoegankelijke gebouwen van een bepaalde omvang immers een energielabel op een zichtbare plek op te hangen vanaf 1/1/2009. Voor vier van deze gebouwen is een EPA-U maatwerkadvies gemaakt, waarin ook energiebesparende maatregelen zijn geïnventariseerd. Door het integreren van energiebesparende maatregelen in de meerjarenonderhouds- en renovatieplannen van gemeentelijke gebouwen wordt structureel energie besparen een automatisme. CO 2 -uitstootreductie en 3% energiebesparing per jaar bij gemeentelijke gebouwen. evt. andere resultaten Mogelijke bijkomende voordelen: comfortverhoging; preventie van klachten. Aanpak 1. Op basis van uitgevoerde EPA-scans nagaan welke maatregelen op korte termijn uitvoerbaar zijn (terugverdientijd <5 jaar) en welke op langere termijn; 2. Evt. overleg met de betrokken partijen (aannemers, installatieadviseurs, architecten) over praktische haalbaarheid; 3. Haalbare maatregelen vastleggen in een Meerjarenonderhoudsplan, zodat de financiering van maatregelen wordt vastgelegd. Hogere investeringen zijn te financieren uit lagere exploitatielasten en het op te richten gemeentelijk energiebesparingsfonds; 4. Monitoring van de realisatie van de uitvoering; 5. Onderzoeken of via decentralisatie van energiebudgetten of via huurcontracten van gemeentelijke gebouwen financiële prikkels voor energiezuinig gedrag zijn in te bouwen. Inspanning Gemeente: 75 uur voor 5 gebouwen door Facilitair Bedrijf plus jaarlijks 10 uur door afd. DO voor monitoring uitvoering; Externe kosten: p.m. (financiering van extra investeringen uit lagere exploitatielasten, al dan niet via een energiebesparingsfonds, is mogelijk).

20 Planning Afd. DO, milieu Facilitair Bedrijf Uitvoerder / betrokken partijen Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Facilitair Bedrijf (trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (adviserend, ondersteunend); Afdeling Communicatie en Juridische zaken (adviserend); Afdeling Financiën (afstemming). Het vastleggen van de uitgangspunten in beleid is belangrijk om al in het eerste stadium van de planfase rekening te kunnen houden met de beoogde energieprestatie. Op die manier kunnen meerkosten vermeden worden; Gebruik een voorbeeldproject of locatie om ervaring op te doen en vervolgens na evaluatie op basis van de ervaringen het beleid nader in te vullen; Maak andere voordelen dan alleen financieel-/economische voordelen gebaseerd op energiebesparing zichtbaar. Zo is het van belang te beseffen dat een afname van verzuim, door een meer comfortabele en gezonde omgeving, minimaal zo belangrijk is als lage energiekosten; Zorg voor betrokkenheid eigenaren, huurders, gebruikers en gebouwbeheerders; Zorg voor goede onderbouwing van te maken keuzes, waarbij de gebouwprestatie leidend is, niet de toe te passen techniek; Ook voor niet energielabelplichtige gebouwen is energiebesparing van belang; Regelmatige check op uitgangspunten is van belang; Flexibiliteit is goed, zolang de energie-ambitie niet wordt afgezwakt; Mogelijk zijn er relaties met overige kwaliteits- en milieuzorgsystemen (ISO en EPBD). Praktijkvoorbeelden: Gemeente Dongen: renovatie gemeentehuis; Gemeente Amsterdam: renovatie Stadsdeelwerf Papaverweg.

21 Doelgroep / thema Subdoelgroep / subthema Project SLOK-ambitie: actief Doelstellingen project Typering project Relatie met andere activiteit of ander beleid CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Aanpak Inspanning Gemeentelijke gebouwen en voorzieningen Bestaande bouw A3 Optimaliseren energiebeheersysteem gemeentelijke gebouwen 2% energiebesparing per jaar en 40% opwekking en/of inkoop duurzame energie Via het optimaliseren van de mogelijkheden van het bestaande energiebeheersysteem worden de voordelen hiervan gewaarborgd en beter zichtbaar. Lokaal uitvoerend project. In Nieuwegein is reeds een energiebeheersysteem ingevoerd (Opticom). In Nieuwegein is de energie-inkoop al 72% verduurzaamd (zie project A2). In combinatie met project A2 3% energiebesparing per jaar bij gemeentelijke gebouwen. Mogelijke bijkomende voordelen: comfortverhoging; preventie van klachten door sneller signaleren en verhelpen van storingen. 1. Inventariseren van knelpunten en verbetermogelijkheden m.b.t. het bestaande energiebeheersysteem (o.a.: welke gemeentelijke gebouwen zijn gewenst om aan te sluiten bij het energiebeheersysteem, welke zijn nu aangesloten, verloopt het energiebeheer zoals het zou moeten, wat zijn de verbetermogelijkheden); 2. Uitvoeren verbeterd energiebeheer; 3. Zo mogelijk inpassen Energiespiegel in bouwplan nieuwe stadhuis (oplevering 2011). Gemeente: voor stap 1: 100 uur afd. DO, voor stap 2: 8 uur per gebouw (18 stuks) per jaar door Facilitair Bedrijf plus jaarlijks 5 uur door afd. DO, voor stap 3: 40 uur afd. DO Externe kosten: (NB: de door Ecofys ontwikkelde Energiespiegel betreft hardware en is niet SLOK-subsidiabel) NB: De uitvoering van energiezorg mag circa 5-10% van de energiekosten bedragen. Planning Afd. DO, milieu Facilitair Bedrijf Uitvoerder / betrokken partijen Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Facilitair Bedrijf (trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (adviserend, ondersteunend). Directe link met inkoopbeleid energie en energiecontracten is mogelijk. Energiezorg kan door energieleverancier worden uitgevoerd en geeft inzicht in de mogelijkheden van contractaanpassing inkoop van duurzame energie; Betrokkenheid en draagvlak bij gebouwgebruikers en gebouwbeheerders; Resultaten en successen zichtbaar maken; Verstoring van continuïteit door personele wisselingen, verandering in prioriteiten, gebrek aan personele capaciteit; Klachten verhelpen voordat gedragsaspecten aan de orde komen.

22 Overige informatie/ opmerkingen Praktijkvoorbeelden monitoring: Gemeenten Heerhugowaard, Uithoorn, Kerkrade en Doetinchem: Energiespiegel; Eindhoven, Den Bosch: energiemanagementsysteem; Amsterdam: online energiemanagementsysteem; Diverse gemeenten: Milieubarometer overheidskantoren (benchmark); Gemeente Katwijk: energie-onderzoeken en monitoring. Voorbeelden maatregelen beheer: Gemeente Dordrecht: optimalisering d.m.v. piep- en knijpmethode (-25% gas); Gemeenten Bergh, Hilversum: koffieautomaat op tijdklok; Gemeente Berkel-Rodenrijs: alle verlichting op bewegingssensoren; Gemeente Schiedam: bewegingssensoren en daglichtregeling.

23 Doelgroep / subdoelgroep Gemeentelijke gebouwen en voorzieningen Subdoelgroep / subthema Infrastructurele voorzieningen Project A4 Ontwikkelen beleids- en beheerplan openbare verlichting SLOK-ambitie: voorlopend Energiebesparing 3% per jaar en 70% opwekking en/of inkoop duurzame energie Doelstellingen project Verbetering van de kwaliteit (incl. energetische kwaliteit) van de Openbare Verlichting (OVL) tegen gelijkblijvende of lagere exploitatiekosten. Typering project Het is een lokaal beleidsmatig project waarvoor mogelijk nader onderzoek nodig is. Na beleidskeuze volgt implementatie via beheerplannen. Relatie met andere activiteit of ander beleid Nationale ontwikkeling Eind 2007 is door minister Cramer een Taskforce Verlichting ingesteld, waarbij m.b.t. OVL de volgende doelen zijn geformuleerd: een energiebesparing (t.o.v. 2007) van 15% in 2011, 20% in 2013 en 30% in Doel is ook in 2011 dat 400 gemeenten en 12 provincies een OVL-uitvoeringsplan hebben. In de in mei 2008 opgeleverde rapportage adviseerde de Taskforce Verlichting om afspraken te maken over hoe koplopende gemeenten en provincies collega-overheden en andere verlichtingsbeheerders enthousiasmeren en betrekken bij het realiseren van energiezuinige OVL. Als onderdeel van de afspraken worden gemeenten en provincies ondersteund bij het energiezuinig maken van OVL, o.a. via voorfinanciering van maatregelen. Begin 2008 is door SenterNovem een viertal pilots gestart voor OVL-beleidontwikkeling en -uitvoering. Doel hiervan was het opstellen van een bestuurlijke beslisnotitie eind 2008 op basis waarvan deelnemers een besluit over uitvoering zouden kunnen nemen. Ontwikkeling in de provincie Utrecht en de gemeente Nieuwegein In de provincie Utrecht is één van de vier bovengenoemde pilots gestart. De bijeenkomsten zijn goed bezocht en er is bij gemeenten interesse gebleken voor een actieve aanpak voor realisatie van veiliger en mooier verlichten in combinatie met energiezuinigheid en aandacht voor omgevingskwaliteit (o.a. lichthinder). Nieuwegein heeft deelgenomen, maar het traject niet volledig afgerond. In 2004 is in opdracht van de gemeente Nieuwegein een onderzoek uitgevoerd door Infra Engineering, waarbij voor woonwijken een Keuzenotitie Openbare verlichting is opgesteld. Het college van BenW heeft toen besloten geen nieuwe investeringen te doen voor kwaliteitsverbetering t.a.v. OVL. Een i.k.v. de binnenstadontwikkeling recentelijk georganiseerd werkbezoek aan het Openluchtcentrum van de Verlichting in Lyon heeft de gemeentelijk delegatie overtuigd van de meerwaarde van het van tevoren nadenken over de verlichting van je stad. Niet alleen t.a.v. beleving maar ook in het kader van bv. energieverbruik is het van belang verschillende lichtbronnen op elkaar af te stemmen. Bekeken wordt nu hoe dit ingezet kan worden voor de gehele stad, waarbij de Binnenstad een pilot vormt. Binnenkort wordt gestart met een Masterplan verlichting Binnenstad. Dit kan o.a. via de Structuurvisie worden doorvertaald naar geheel Nieuwegein. In Nieuwegein is de energie-inkoop al 72% verduurzaamd (zie project A2).

24 CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Binnen de sector Openbare Verlichting / GWW wordt veel energie verbruikt. Meestal meer dan 50% van het gemeentelijke elektriciteitsverbruik. Tegelijk zijn er tal van kosteneffectieve maatregelen om energie te besparen. In de zomer van 2008 is in opdracht van SenterNovem door Citytec via het instrument Zicht op Licht voor alle gemeenten in de provincie Utrecht het energiebesparings-potentieel bij openbare verlichting in kaart gebracht; Nieuwegein had volgens de Zicht op Licht scan ca. 19% besparingspotentieel, ofwel ca kwh (ofwel 340 ton CO 2 -uitstootreductie). Aanpak Inspanning Planning Afd. DO, milieu Afd. Beheer Uitvoerder / betrokken partijen Mogelijke bijkomende voordelen: Er ontstaat een Beleids- en beheerplan openbare verlichting: formulering ambities t.a.v. kwaliteit, gebiedsgerichte benadering waarbij de OV lichtsterkte is aangepast aan de functies van de omgeving; Betere OVL tegen gelijkblijvende of lagere exploitatiekosten (energie en onderhoud); Betere financiële controle; Betere relatie met burgers en bedrijven door oplossen klachten, honoreren wensen en interactief beleidsproces; Mogelijk minder geluidshinder en luchtkwaliteitsverbetering op wegen waar het (nu te hoge) verlichtingsniveau gereduceerd kan worden waardoor rijsnelheid mogelijk afneemt. 1. Vaststellen projectorganisatie; 2. Inventariseren van natuurlijke momenten en andere aanknopingspunten; 3. Opstellen startnotitie met uitgangspunten (o.a. sociale veiligheid, verkeersveiligheid, lichthinder, energieverbruik en kosten); 4. In beeld brengen huidige kwaliteit OVL; 5. Ontwikkelen en vaststellen ambities; 6. Uitwerken gekozen ambities in beleids- en meerjarenuitvoeringsplan; 7. Uitvoeren plan en jaarlijkse terugkoppeling van inspanning en resultaten aan Team Milieu van de afd. DO (i.v.m. monitoring CO 2 -uitstootreductie). Gemeente: afd. Beheer 200 uur + p.m., afd. DO 125 uur Externe kosten: voor externe adviseur die zowel inhoudelijk als procesmatig dit proces t/m Beleidsplan OVL kan trekken; gedekt via afd. DO. ). Daarna dient Beheerplan te worden opgesteld. Bij uitbesteding dient nog dekking te worden gezocht hiervoor totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten p.m. p.m Afdeling Beheer (trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (advisering, ondersteuning); Afdeling Financiën (afstemming).

25 Vervolg betrokken partijen Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Externe adviseur (onafhankelijk); Citytec en energienetbeheerder; Provincie Utrecht; belanghebbenden zoals: Politie, burgers, bedrijven. Zorg voor voldoende kennis in projectteam; Scheiding beleidsfase (vaststellen ambities) en beheerfase (uitvoering van maatregelen); Rol van energiebedrijf als aanbieder/uitvoerder is na de liberalisering gewijzigd en niet meer onafhankelijk; Bij aanbesteding partijen vooraf bij planvorming betrekken. Het beleidsplan kan als basis voor de aanbestedingsprocedure dienen; Relatie met herstructureringsprojecten en andere plannen in de fysieke omgeving; Relatie leggen met verkeersveiligheid en sociale veiligheid; De resultaten van de Zicht-Op-Licht-scans kunnen goed als vertrekpunt dienen voor gemeentelijke beleids- en beheerplannen voor openbare verlichting; Sluit zoveel mogelijk aan bij natuurlijke momenten/aanknopingspunten zoals: achterstallig onderhoud, stedelijke vernieuwing, klachten of wensen van bewoners en/of bedrijven, politieke of bestuurlijke ambitie m.b.t. de kwaliteit van de openbare ruimte, de wens tot een betere prijs/kwaliteitverhouding van de OVL, de wens om als gemeente de regie over de OV sterker in eigen hand te hebben; De aanpak kan verbreed worden naar Beleidsplan Licht in de Openbare Ruimte: Verlichting bedrijventerreinen, verkeersregelinstallaties, aanlichting monumentale gebouwen, verlichting op particuliere terreinen, reclameborden etc. Praktijkvoorbeelden: Gemeente Almelo, Zaanstad: beleidsplan openbare verlichting + investeringsplan voor aanpak en verbetering openbare verlichting. Overige informatie: Het bij SenterNovem ondergebrachte Projectbureau Energiebesparing GWW biedt veel praktische ondersteuning (zie: via o.a. verschillende ondersteunende hulpmiddelen, zoals: kwaliteitsprofielen, een rekenmodel voor gedetailleerd kwaliteitsniveau en verbeteropties, model-beleidsplan openbare verlichting en divere andere publicaties.

26

27 Doelgroep / thema Subdoelgroep / subthema Woningen en utiliteitsgebouwen handhaving EPC bij nieuwbouw Project B1 Verbeteren handhaving EPC SLOK-ambitie: innovatief Doelstellingen project Typering project Relatie met andere activiteit of ander beleid CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Aanpak Inspanning Planning Afd. DO, milieu Afd. DO, bouwen Afd. HBO Uitvoerder / betrokken partijen Toetsing van EPC-berekeningen en toezicht op de EPN op de bouwplaats bij 90% van de bouwvergunningen. Het toetsen van EnergiePrestatieCoefficient (EPC), het handhaven van deze normen op de locatie en bijbehorende monitoring is een structureel onderdeel van de werkzaamheden van bouwvergunningverleners en -handhavers. Lokaal project, als implementatie van regulier nationaal beleid (Bouwbesluit) Handhaving EPC is via het Bouwbesluit een wettelijke taak voor gemeenten. Er zijn relaties met de projecten B2 en B3. Bouwvergunningaanvragen worden adequaat getoetst op de EPC; EPC-aspecten worden steekproefsgewijs getoetst op de bouwplaats; Mogelijk neveneffect is de preventieve werking: bouwpartijen anticiperen op de inspectie en gaan vanzelf letten op het leveren van een deugdelijke EPC-berekening en goede realisatie op de bouwplaats. 1. Evt. bijspijkeren kennis Team bouwen en Afd. HBO m.b.t. controleren van EPCberekeningen en handhaving op de bouwplaats; 2. Samen met toetsers en handhavers zonodig aanpassen van de toetsings- en toezichtsprotocollen (o.a. aandachtspunten bij het toetsen van EPC-berekeningen, aandachtspunten op de bouwlocatie, frequentie van toetsing, wijze van overdragen van dossier); 3. Opzetten en implementeren van EPC-monitoring, inclusief kwalitatieve en kwantitatieve jaarlijkse terugkoppeling van resultaten aan Afd. DO (Team Milieu). Gemeente: in 2009 en in 2011 voor stappen 1 en 2: Team milieu 25 uur, Team bouwen en afd. HBO 50 uur. Gemeente: voor stap 3: Team milieu jaarlijks 10 uur, Team bouwen jaarlijks 30, Afd. HBO jaarlijks 50 uur totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling: Team Milieu (advisering) Afdeling Duurzame Ontwikkeling: Team Bouwen (uitvoering); Afdeling Handhaving Bebouwde Omgeving (uitvoering).

28 Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Toetsing en controle in verschillende fases van het proces is van belang; Intern draagvlak bij vergunningverleners, handhavers en leidinggevenden is van belang; Voldoende kennis, vaardigheden en operationele capaciteit bij inspecteurs is van belang; Tijdige bijscholing bij veranderde opzet van de EPC rekenmethodiek is van belang; Mogelijkheid voor ambtenaren om antwoord te krijgen op specifieke vragen (helpdesk) is van belang (zie ); Koppelen aan andere monitoringsystemen, zoals bouwmonitor en dubomonitor, klimaatmonitor kan zinvol zijn; Digitale aanlevering EPC-berekeningen en gebruik van programma EPCheck (zie website SenterNovem) zorgen voor efficiënte werkwijze; De resultaten van de monitoring kunnen bekend gemaakt gemaakt worden via gemeentelijke nieuwsbrief en/of internetsite. Dit werkt stimulerend, vooral extern. Vergunningverlening: Milieudienst NW-Utrecht; Provincie Flevoland; Dienst Milieu- en Bouwtoezicht Amsterdam; Gemeente Den Haag. Inspectie: Gemeente Almelo: structurele aanpak EPC-toetsing, ook op bouwplaats; Provincie Utrecht. Workshop EPCheck: Gemeente Amsterdam, Energiebureau ARC, Dienst Milieu en Bouwtoezicht; Regiogemeenten Midden-Holland. Meer informatie is te verkrijgen bij

29 Doelgroep / thema Woningen en utiliteitsgebouwen Subdoelgroep / subthema nieuwbouw Project B2 Stimuleren van energiezuinig en duurzaam bouwen bij nieuwbouwontwikkelingen SLOK-ambitie: actief realiseren van woningen en utiliteitsgebouwenmet een 10% verscherpte EPC; realiseren van duurzame gebiedsontwikkeling met een EPL van 7,0 tot 8,0 (bij grotere projecten >200 woningen of het equivalent daarvan). Doelstellingen project Energetische kwaliteit van nieuw te bouwen woningen en utiliteitsgebouwen verbeteren bij bouwprojecten, waarbij op gebouwniveau een streven (géén eis) geldt van een t.o.v. het Bouwbesluit minimaal 10% aangescherpte energieprestatiecoëfficiënt (EPC) en bovendien een streven van minimaal 10% duurzame energie (vanwege de doelstellingen van het in 1991 ondertekende Klimaatverbond). Ook het aansluiten op en uitbreiden van het stadsverwarmingsnet wordt (indien relevant voor t gebied) nagestreefd en gestimuleerd. Bij grootschalige projecten wordt op gebiedsniveau gestreefd naar een EnergiePrestatie op Locatie (EPL) van 7 tot 8. Typering project Typerend voor het project is interne afstemming en vroegtijdige stimulering (via kennisoverdracht) van externe bouwpartijen om tot concrete resultaten te komen. Feitelijk wordt de bestaande vastgestelde nota Bouwen voor de toekomst Duurzaam Bouwen beleid gemeente Nieuwegein toegepast. Relatie met andere activiteit of ander beleid Zeer relevant voor dit project is het in december 2007 door de raad vastgestelde nota Bouwen voor de toekomst Duurzaam Bouwen beleid gemeente Nieuwegein (geldig tot 2010). Via het instrument Greencalc+ wordt daarbij voor alle thema s een integrale milieuprestatieverbetering van 15% t.o.v. de gebruikelijke bouwpraktijk nagestreefd. In de verschillende planfasen vindt via de afd. Duurzame Ontwikkeling advisering plaats en wordt gestreefd naar borging van afspraken via privaatrechtelijke overeenkomsten. Er is een relatie met handhaving (B1) en met reguliere prestatieafspraken met woningcorporaties (B3). En met A1 bij gemeentelijke nieuwbouw. CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Het reductiepotentieel is afhankelijk van bouwopgave en de daarmee samenhangende mogelijkheden. Mogelijke bijkomende voordelen: Toepassing van duurzame energie en duurzaam bouwen wordt gestimuleerd, hetgeen resulteert in lagere EPC op gebouwniveau en hogere EPL op gebiedsniveau; Bouwpartijen zijn bekend met gemeentelijk beleid m.b.t. duurzaam bouwen en hoe zij daaraan kunnen voldoen; Verbetering comfort, kwaliteit en binnenmilieu van nieuwbouwwoningen en daardoor betere verkoopbaarheid/ verhuurbaarheid, ook op termijn; Bij PR vanuit de gemeente rondom hogere duurzaamheidsambities binnen gerealiseerde privaatrechtelijke overeenkomsten werkt dit weer stimulerend voor andere bouwers.

30 Aanpak Inspanning Planning Afd. DO, milieu Projectleiders Uitvoerder / betrokken partijen 1. Inventariseren van mogelijkheden voor uitbreiding stadsverwarming i.r.t. beoogde binnenstedelijke ontwikkellocaties (1.600 woningen inbreiding); 2. In een vroeg stadium van ieder bouwplan vragen gemeentelijke projectleiders cq. accounthouders de afd. DO (Team Milieu) om advies. Dan worden de kansen verkend en wordt geadviseerd over de gewenste werkwijze voor het vervolgtraject; 3. Indien nog geen privaatrechtelijke overeenkomst met bouwpartij(en) is gesloten, is het kansrijk om naast de gewenste GreenCalc+ scores concrete energiekansen te (laten) inventariseren (weergegeven in EPC-score en aandeel Duurzame Energie) t.b.v. het te formuleren concept-programma van Eisen (zie hierboven bij doelstellingen); 4. Overeengekomen prestaties worden zo mogelijk geborgd via de reguliere prestatieafspraken en/of privaatrechtelijke overeenkomsten; 5. Na het sluiten van een privaatrechtelijke overeenkomst koppelt de projectleider de overeengekomen duurzaamheidsprestatie terug aan de Afd. DO (Team Milieu), die dit vervolgens doorgeeft aan de bouvergunningverleners en handhavers. Gemeente: per project (jaarlijks 9x woningbouw, 1x utiliteitsbouw): 10 uur projectleiding en 16 uur afd. DO en éénmalig 50 uur afd. DO voor stap totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Milieu: adviserend); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Ruimtelijke Ordening); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (EZ en Wonen); Afdeling Projectmanagement en Ondersteuning; Afdeling Grondbedrijf en Vastgoedzaken (afstemming i.v.m. contractvorming) Afdeling Programma s en Projecten (Unit Accommodaties: eigenaar utiliteitsgebouwen); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Bouwen, vergunningverlening); Afdeling Handhaving Bebouwde Omgeving: handhaving. Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Projectontwikkelaars; Woningcorporaties; Architecten, bouwbedrijven en adviseurs. Bestuurlijk draagvlak om eventuele privaatrechtelijke afspraken te maken; Vanwege beperkte capaciteit van bouwvergunningverleners en -handhavers kunnen deze alleen een signaalfunctie uitoefenen richting gemeentelijke projectleiders of accounthouders indien overeengekomen afspraken niet worden nageleefd. Verschillende projectontwikkelaars hebben al kant en klare duurzame woningconcepten gereed, bijvoorbeeld VolkerWessels (zie: Handige publicaties van SenterNovem zijn te vinden bij: en

31 Doelgroep / thema Woningen Subdoelgroep / subthema nieuwe en bestaande woningen Project B3 Stimuleren om energiedoelstellingen op te nemen in prestatieafspraken tussen gemeente en woningcorporatie(s) SLOK-ambitie: actief Verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningvoorraad, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 1% per jaar Doelstellingen project Verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningvoorraad met gemiddeld 2% per jaar (conform het plan Meer met Minder een energetische verbetering tot bijvoorbeeld Energielabel B of twee labelstappen veruit). Typering project Lokaal project, evt. in samenwerking met buurgemeente(n) indien woningcorporatie ook woningbestand heeft buiten de gemeente. Relatie met andere activiteit of ander beleid In 2008 sloten het Rijk, bouwbedrijven, energiebedrijven, installatiebedrijven en woningcorporaties het convenant Meer Met Minder. Hoofddoel daarvan is dat in ,4 miljoen bestaande woningen en andere gebouwen blijvend 30 procent minder energie gebruiken. Als tussendoel wordt gestreefd naar aanpak van minimaal woningen in 2011, ofwel 7% van het totale woningbestand. Tweede doelstelling is om in woningen te voorzien van duurzame energie maatregelen (zoals: HR warmtepomp combi, HRe-ketel, zonneboiler, warmtepomp en zonnestroomsysteem). Dat komt neer op 1,4% van het woningbestand. Met de woningcorporaties en andere grote verhuurders kunnen deze doelstellingen worden vertaald in de Woonvisie en prestatieovereenkomsten. Nieuwegein neemt als kennisnemer deel aan Staccato, een EU-project (o.a. Amsterdam). Er zijn relaties met de projecten B1, B2, B4 en B5. CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Ambities en verantwoordelijkheden zijn vastgelegd in prestatie-afspraken tussen gemeente en woningcorporaties. Aanpak 1. Ontwikkelen gemeentelijke visie op de energetische kwaliteit van de woningvoorraad; 2. Doorvertalen gewenste kwaliteit naar prestaties van woningcorporaties; 3. Overleggen met woningcorporaties over energieprestatieafspraken (als onderdeel van breder pakket afspraken), evt. met externe ondersteuning; 4. Vastleggen prestatieafspraken (na de gemeenteraadsverkiezingen van 2010); 5. Interne en extern communiceren over resultaten en implementatie van gemaakte keuzes. Voorbeelden van prestatieafspraken: renovatie of groot onderhoud van woningen krijgt een richtlijn uitgedrukt in de minimaal te bereiken energetische kwaliteit, uitgedrukt in energielabel; nieuwbouwwoningen krijgen een energetische kwaliteit die bepaald wordt door (exploitatie)technische mogelijkheden i.p.v. door het wettelijke minimumniveau Bouwbesluit; de energetische kwaliteit van de (kern)voorraad wordt binnen een bepaalde tijd in beeld en op een minimaal niveau gebracht;

32 Vervolg aanpak Inspanning Planning Afd. DO, milieu Afd. RO, wonen Uitvoerder / betrokken partijen de omvang van de kernvoorraad wordt niet meer bepaald o.b.v. de kale huur, maar op basis van de integrale woonlasten (kale huur+energiekosten); binnen het strategisch voorraadbeheer van de corporatie wordt de energetische kwaliteit als wegingsfactor meegenomen; over de energetische kwaliteit en woonlasten van de woningen wordt gecommuniceerd met bewoners(vertegenwoordigers). Gemeente: Afd. DO 3-jaarlijks 80 uur, daarna 30 uur, afdeling RO jaarlijks 20 uur; Externe kosten: voor externe begeleiding (gedekt via SLoK) totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Milieu en evt. Team Bouwen); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (Wonen). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Woningcorporaties; bewoners(vertegenwoordigers); Buurgemeente(n). Maak de relatie tussen energiekosten en betaalbaarheid en voordelen (verhuurbaarheid en verkoopbaarheid, marktwaarde, comfort, kwaliteit, binnenmilieu) voor betrokkenen duidelijk zichtbaar. Inzicht in consequenties van stijgende energieprijzen is van belang; Waardevol voor het inventariseren van de huidige kwaliteit is de labeling van het gehele corporatiebezit (verplicht per 1 januari 2009); Gebruik zo mogelijk de Woonvisie als een toekomstvisie t.a.v. de woningvoorraad; Klachten of wensen van huurders m.b.t. energiekosten of energetische kwaliteit zijn goed aanknopingspunt; Van belang is bestuurlijk draagvlak om privaatrechtelijke afspraken te maken. Voor dat laatste is uiteraard ook draagvlak bij woningcorporaties van belang; Aandacht richten op grootste energiestromen (bestaande bouw, herstructurering en renovatie); Bereidheid om als gemeente zelf ook te investeren of wisselgeld in te zetten, bijvoorbeeld snelle en soepele procedures, stimuleren met lokale belastingen of financiële constructie, investeren in woonomgeving, actie knelpunten oplossen, communiceren met en creëren draagvlak bij huurders; Verbreding van energie-efficiëntie naar duurzaam bouwen ligt voor de hand; Mogelijk biedt de in testfase verkerende GPR-module voor de bestaande bouw aanknopingspunten. Praktijkvoorbeelden: prestatieafspraken woningcorporaties: Convenant Duurzaam Bouwen West-Brabant.

33 Doelgroep / thema Woningen Subdoelgroep / subthema bestaande woningen Project B4 Stimuleren energiebesparing en duurzame energie via uitvoeringsgerichte bewonerscampagne SLOK-ambitie: actief Verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningvoorraad, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 1% per jaar Doelstellingen project Verbeteren van de energieprestatie van bestaande woningen; Opzetten lokale uitvoeringsorganisatie voor stimulering van energiebesparing en duurzame energie in de gebouwde omgeving. Typering project Dit project wordt als lokaal project uitgevoerd, maar regionale samenwerking is de komende jaren gewenst (efficiënter en effectiever). Relatie met andere Afgelopen jaren is in de provincie Utrecht het Servicepunt Wooncomfort gerealiseerd om activiteit of ander beleid energiebesparing bij huishoudens te stimuleren. Dit wordt nu niet meer actief ondersteund door de deelnemende gemeenten en de provincie in afwachting van een mogelijk vervolgtraject na toekennen van SLoK-subsidie. De provincie Utrecht wil onder de naam Energiek Utrecht via subsidie de realisatie van gebouwgebonden energiemaatregelen bij woningeigenaars stimuleren in aansluiting op de landelijke Meer-met- Minder-campagne. Hiertoe zoekt zij de samenwerking met gemeenten, hetgeen mogelijk tot een doorstart kan leiden van het Servicepunt Wooncomfort. Door bundeling van activiteiten en stapeling van subsidies kan een krachtige stimulans ontwikkeld worden. CO 2 -uitstootreductie en In de bestaande woningbouw is de potentiële CO 2 -uitstootreductie 20-30%. evt. andere resultaten Mogelijke bijkomende voordelen: Meer inzicht in bewonersgedrag t.a.v. energiebesparende investeringen; Enthousiaste lokale adviserende en uitvoerende partijen die een hoge energetische kwaliteit willen leveren; Een kwaliteitssprong in de bestaande woningvoorraad; Een verantwoorde ontwikkeling van woonlasten (energie- plus huur/hypotheeklasten); Meer comfortabele en gezonde woningen; Een zelflerende en continu innoverende bouwkolom. Aanpak 1. Opstarten belevingsonderzoek burgers (via extern adviesbureau); 2. Evalueren Servicepunt Wooncomfort en afgeronde en lopende Meer-met-mindercampagnes in Nederland; 3. Selectie doelgroep bewoners en start van uitvoeringsorganisatie voor de campagne. De gemeentelijke rol betreft het organiseren van kennisoverdracht via het instellen van een (zo mogelijk regionaal) energieloket, dat laagdrempelig verleidt en ontzorgt.; 4. Evalueren t.b.v. continueren na het 1e jaar van de campagne; 5. Inventariseren welke groepen bewoners relevant zijn voor een vervolgcampagne; 6. Contracteren partijen t.b.v. inrichting lokaal/regionaal energieloket (o.a. rolverdeling); 7. Uitvoer van de geplande activiteiten en gemaakte afspraken; 8. Interne evaluatie en besluitvorming over vervolgtraject (continuering en/of verbreding).

34 Inspanning Gemeente: Afd. DO (Adviseur milieubeleid) in uur, daarna jaarlijks circa 300 Planning Afd. DO, milieu Afd. DO, comm. Uitvoerder / betrokken partijen uur (bij regionale opschaling minder uren), Adviseur milieucommunicatie vanaf 2010 in totaal 100 uur; Externe kosten: jaarlijks kost het energieloket circa (gedekt via SLoK). Streven is om minimaal 50% hiervan te financieren via subsidies en bijdragen van bedrijven totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling DO (Team Milieu, trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, ondersteuning); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Milieu Educatie Centrum (MEC), afstemming); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Bouwen evt. bij verbreding, afstemming); ConcernStaf (Unit Wijkgericht Werken, afstemming en intermediair). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Externe partners: provincie Utrecht en andere gemeenten; Adviseur(s), bouwbedrijven en installateurs; Zakelijke dienstverleners (banken, hypotheekverstrekkers en makelaars); Projectbureau Meer met Minder ; evt. bewonersorganisaties (VVE, wijk-/buurtbeheer, huurdersvereniging); evt. woningcorporaties en vastgoedbeheerders; evt. energiebedrijf; evt. SenterNovem, Platform energietransitie Gebouwde Omgeving (PeGO). Belangrijke uitwerking van het aspect ontzorgen is het betrekken en laten participeren van lokale uitvoerende bedrijven; financiële participatie van deelnemende adviserende en uitvoerende bedrijven en rijkssubsidie (evt. via Projectbureau Meer met minder ) zullen de gemeentelijke netto kosten voor het energieloket naar verwachting drukken. Dit verbetert de mogelijkheid voor toekomstige continuering. Mogelijk kan het energieloket geheel haar eigen financiering verzorgen, zodat de gemeentelijke bijdrage in de kosten beperkt blijft tot communicatiekosten of ontwikkelkosten om de aanpak te verbreden; Een doelgroepgerichte aanpak volgens het convenant 'Meer met Minder' kan goed aansluiten op wijkverbetering en stedelijke vernieuwing (ISV); De gemeente kan een stimulerende rol spelen in het aanbod aan eigenaar-bewoners en commerciële verhuurders om aan te sluiten bij projectmatige energiebesparende renovatie van woningcorporaties; Liefst wordt klein gestart voor een beperkt deel van de doelgroep, bijvoorbeeld wijkgericht. Na gebleken succes is verbreding naar andere groepen woningeigenaars mogelijk, zoals kopers, verbouwers, VVE s, etc. Een regionale aanpak biedt schaal- en kostenvoordelen aan de deelnemende gemeenten en aanbieders;

35 Vervolg succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Uit acties is geleerd dat het lastig is op het juiste moment met een aantrekkelijk aanbod bij bewoners te komen. Beter is daarom een doorlopende campagne, waardoor over een aantal jaren bezien een behoorlijk deel van de woningeigenaars kan deelnemen; Combinatie met een financieringsconstructie is wenselijk. Bijvoorbeeld lokale belastingen, een revolverend fonds of gemeentelijke subsidies; Daarnaast ook ondersteuning in de vorm van bijvoorbeeld snelle en soepele procedures, investeren in woonomgeving en oplossen van knelpunten; Als onafhankelijke partij kan de gemeente (eventueel i.s.m. de Woonbond) een rol spelen bij het enthousiasmeren van bewoners/huurders; Enige achtergrondkennis van het transitieplan van de PeGO-werkgroep Innovatie bij de projectpartners is van belang; De aanwezigheid van partijen die intrinsiek gemotiveerd zijn om structureel energieefficiënt te gaan bouwen en renoveren is belangrijk. Mogelijk is een bestaand samenwerkingsverband voorhanden; In een vroeg stadium moeten de partners in het lokale samenwerkingsverband elkaars verwachtingen duidelijk maken; Goede coördinatie t.o.v. uitvoerende partijen is bij dit complexe project belangrijk; Deze begeleiding vergt de nodige aandacht en wordt liefst uitbesteed aan een van de partijen in het samenwerkingsverband; Zorgvuldig vormgeven van een eventuele aanbesteding, zodat (de schijn van) concurrentievervalsing vermeden wordt. Dit is zeer belangrijk. Praktijkvoorbeelden: diverse gemeentelijke zonneboileracties en energiecampagnes vanaf medio jaren 90; diverse gemeentelijke TELI-projecten, waarbij energiebesparing bij de doelgroep huishoudens met laag inkomen is gestimuleerd; diverse gemeentelijke acties met gratis energiebesparingspakketten voor huishoudens met lage inkomens; Gemeente Nieuwegein heeft deelgenomen aan een provinciaal project, zie Milieudienst West-Holland: Servicepunten Warm Wonen en Verlicht Wonen, zie en ; Meer informatie bij SenterNovem: en Andere sites:

36

37 Doelgroep / thema Woningen Subdoelgroep / subthema bewonersgedrag Project B5 Stimuleren energiezuinig gedrag via informatievoorziening SLOK-ambitie: actief 5 % Van de huishoudens vertoont energiezuinig gedrag door: toepassen niet-woninggebonden energiebesparende maatregelen; aanschaf energiezuinige apparatuur (A-label); inkoop 100 % duurzame elektriciteit. Doelstellingen project Doel is het verlagen van het energieverbruik van huishoudens en het vergroten van het aantal afnemers van duurzame energie via éénvoudige (veelal gedrag) maatregelen. Typering project Het karakter van dit communicatieproject is uitvoerend. Relatie met andere activiteit of ander beleid Dit project kan zowel afzonderlijk als in combinatie met project B4 Stimuleren energiebesparing en duurzame energie via regionale bewonerscampagne(s) worden uitgevoerd. Het project heeft een relatie met verbetering van luchtkwaliteit (zie E1 en E2). CO 2 -uitstootreductie en In de bestaande woningbouw is een groot CO 2 -reductiepotentieel aanwezig. evt. andere resultaten Mogelijke bijkomende voordelen: Burgers worden actief geïnformeerd over energiebesparende apparatuur en maatregelen die ze zelf kunnen uitvoeren. Hierdoor wordt de drempel lager om besparende apparatuur of duurzame energie aan te schaffen. Aanpak 1. Evt. selecteren van communicatiebureau; 2. Ambities en doelgroep (evt. regionaal) afstemmen; 3. Evt. professionele aanbieders selecteren en rolverdeling afspreken; 4. Communicatieplan opstellen; 5. Informatie op gemeentelijke website en gemeentepagina plaatsen; 6. Verstrekken van informatiemateriaal over eenvoudige energiemaatregelen aan de bewoners op natuurlijke momenten (o.a. verhuizing); 7. Periodiek actualiseren website met tussenresultaten. Inspanning Variant: Overwogen zou kunnen worden om als gemeente de aanschaf witgoedapparaten met energielabel A++ financieel te stimuleren voor huishoudens met laag inkomen. Ook zou de gemeente gratis energiebesparingspakketten kunnen uitgeven aan huishoudens met een laag inkomen, mocht het Rijk gemeenten daartoe net als in 2006 een extra uitkering in het Gemeentefonds geven ter compensatie van gestegen energielasten voor deze doelgroep. Structurele energiebesparing is immers effectiever dan éénmalige financiële compensatie. Gemeente, afd. DO: in uur, daarna 10 uur/jaar; Gemeente, afd. DO communicatieadviseur: in uur, daarna 20 uur/jaar; Externe kosten communicatiebureau: circa (gedekt via SLoK); Externe kosten voor brochures en andere middelen: p.m. (optioneel nodig: vanaf 1 per brochure tot 60 per energiebesparingspakket).

38 Planning Afd. DO, milieu Afd. DO, comm. Uitvoerder / betrokken partijen totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame ontwikkeling (Team milieu, trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, ondersteuning); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Milieu Educatie Centrum (MEC), ondersteuning en intermediair). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partners: Evt. communicatiebureau. Een regionale aanpak biedt schaal- en kostenvoordelen aan de deelnemende gemeenten en aanbieders; Frequentie en stijl van communicatie met de doelgroep is van groot belang; Houdt schriftelijke informatie bondig. Verwijs bijvoorbeeld naar website; Acties met door de gemeente beschikbaar gestelde gratis energiebesparingspakketten voor huishoudens met laag inkomen zijn afgelopen jaren zeer succesvol geweest in vele gemeenten; Via Ecoteams (à la Tupperware-party, zie wordt blijvend milieuvriendelijk gedrag gestimuleerd. Praktijkvoorbeelden: Gemeente Nieuwegein en buurgemeenten: Servicepunt Wooncomfort; Gemeente Gouda: Actie Slimlicht en Actie Bespaarbox (2006/2007); Gemeente Woerden: Energieboxen; Provincie Limburg en 14 gemeenten: Actie Energiezuinig wonen; Gemeente Leiden e.a.: Servicepunten Verlicht Wonen en Warm Wonen.

39 Doelgroep / thema Utiliteitsgebouwen en woningen Subdoelgroep / subthema nieuwe en bestaande woningen en utiliteitsgebouwen Project C1 Stimuleren duurzaam gebruik van daken (energie- en vegetatiedaken) SLOK-ambitie: actief Verbeteren van de energetische kwaliteit van de woningvoorraad en van utiliteitsgebouwen, uitgedrukt in het Energielabel, met gemiddeld 1% per jaar Doelstellingen project Verbeteren van de leefomgevingskwaliteit van de gebouwde omgeving in zijn algemeenheid en de energetische kwaliteit in het bijzonder. Typering project Het opstellen van een Plan van Aanpak is beleidsmatig van karakter. Na vaststelling ligt de nadruk op communicatie. Relatie met andere In opdracht van de afd. Duurzame Ontwikkeling is door Nibe eind 2008 een activiteit of ander beleid Haalbaarheidsonderzoek groene daken Nieuwegein opgeleverd. De conclusies van dit rapport dienen nog te worden gewogen t.o.v. andere milieuthema s, zoals klimaatadaptatie (hoe om te gaan met de gevolgen van klimaatverandering), luchtkwaliteitsplan en waterplan. CO 2 -uitstootreductie en toepassing van zonnestroompanelen en zonneboilers kan op gebouwniveau een evt. andere resultaten behoorlijke verduurzaming van de energievoorziening betekenen. Een zonneboiler kan 200 m3 aardgasbesparing per gezin opleveren. Een zonnesysteem met vijfhonderd wattpiek aan vermogen (zo'n vier m2 panelen) levert jaarlijks gemiddeld 375 kwh op. Dat is ruim tien procent van het elektriciteitsverbruik in een gemiddeld gezin. Gemeentelijke stimulering (communicatie en evt. subsidie) zou een goede aanvulling kunnen zijn op de ontwikkelde rijkssubsidieregelingen; toepassing van vegetatiedaken verbetert het stedelijke microklimaat, de luchtkwaliteit (fijnstof), biodiversiteit en de leefomgevingskwaliteit. Het zorgt voor energiebesparing, demping van omgevingsgeluid en helpt bovendien om regenwater langer op daken vast te houden, waardoor het riool minder wordt belast. Zo kan het evt. knelpunten wegnemen/verminderen en daarmee gepaard gaande gebruikelijke vermijdingskosten voorkomen/verminderen. Aanpak 1. Beoordelen opgeleverde Haalbaarheidsonderzoek groene daken Nieuwegein (2008); 2. Opstellen Plan van Aanpak voor stimulering duurzaam gebruik van daken. In dit PvA wordt ingegaan op doel(en), doelgroep(en), stimuleringsinstrumenten, werkwijze, planning, financiën en organisatie; 3. Bestuurlijk PvA Stimuleren duurzaam gebruik van daken laten vaststellen door het College van BenW en zonodig de gemeenteraad; 4. Uitvoeren PvA, waarbij eigenaars van daken worden geïnformeerd en voorgelicht over de mogelijkheden, kosten, baten en andere voordelen en evt. subsidiemogelijkheden t.a.v. energie- en vegetatiedaken. Toelichting/variant: Er vinden ontwikkelingen plaats m.b.t. kleinschalige windturbines voor de gebouwde omgeving. Voorstelbaar is dat dit relevant wordt voor op daken van hoge gebouwen.

40 Inspanning Gemeente: Afd. DO 150 uur (stap 1 t/m3), 100 uur (stap 4), afd. RO 100 uur (stap 4); Planning Afd. DO, milieu Afd. DO, comm. Afd. RO, wonen/ez Uitvoerder / betrokken partijen Externe kosten: voor communicatiemiddelen (gedekt via SLoK) totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Milieu en evt. Team Bouwen); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, ondersteuning); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (Wonen, intermediair woningcorporaties); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (EZ, intermediair bedrijven); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Milieu Educatie Centrum (MEC), intermediair); Afdeling Beheer (afstemming i.k.v. verbeteren waterbergingscapaciteit); Ingenieursbureau, Afdeling Programma s en Projecten (Unit Accommodaties) en Facilitair Bedrijf (i.v.m. eventuele toepassing op gemeentelijke gebouwen). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Waterschap; Woningcorporaties; Woningeigenaars; Eigenaars van utiliteitsgebouwen; Ondernemersvereningingen. Via toepassing op eigen gebouwen kan de gemeente het goede voorbeeld geven; Gemeentelijke subsidiëring van een gedeelte van de meerinvestering kan gebouweigenaars overtuigen om dakoppervlak duurzaam te gebruiken; Bij gemeentelijke subsidiëring kan éénmalig budget worden vrijgemaakt t.b.v. een subsidiefonds, maar er kan ook gekozen worden voor jaarlijkse aanvulling. Om minder afhankelijk te zijn van de politiek kan gezocht worden naar medefinanciering doorwoningcorporaties en bedrijven. Lift zo mogelijk mee met landelijke en provinciale campagnes en stimuleringsregelingen, bijvoorbeeld de subsidieregeling Duurzame warmte voor bestaande woningen van het Rijk. Praktijkvoorbeelden: Gemeente Rotterdam: subsidieregeling aanleg groene daken Gemeente Gouda: subsidieregeling duurzame energie Meer informatie over de subsidieregeling Duurzame warmte voor bestaande woningen van het Rijk is te vinden via:

41 Doelgroep / thema Bedrijven Subdoelgroep / subthema Bedrijventerreinen Project D1 Stimuleren structurele samenwerking en kennisuitwisseling tussen bedrijven (via parkmanagement) SLOK-ambitie: actief Structurele samenwerking met bedrijven op bedrijventerrein, gericht op minimaal 2% energiebesparing en/of opwekking van duurzame energie Doelstellingen project Energiebesparing en duurzame energie wordt gestimuleerd door energiediensten als optioneel onderdeel van het parkmanagement op Het Klooster aan te bieden. Typering project Nadere uitwerking van eerder vastgestelde ambities en uitgangspunten voor duurzaamheid op Het Klooster. Relatie met andere activiteit of beleidsuitgangspunt Voor Het Klooster zijn afgelopen jaren diverse activiteiten t.a.v. stimuleren van duurzaamheid ontplooid, zoals: een duurzaamheidsvisie (2000 [NovioConsult]), een energievisie (2002 [Ecofys]), haalbaarheidsstudie toepassing windenergie (2000 [WEOM]), haalbaarheidsonderzoek voor een biomassacentrale (2006 [CEA]), contractering Eneco Energie voor realisatie warmte-koude-opslag voor deel bedrijventerrein en via de gronduitgifte verplichte duurzaamheidsscans voor bedrijven. Deelname aan Parkmanagement is ook verplicht met o.a. vervoermanagement in het basispakket. Het heeft dus een relatie met luchtkwaliteitsverbetering. Duurzaamheid zou via aanvullende optionele voorzieningen verder gestimuleerd kunnen worden binnen Parkmanagement. CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Het reductiepotentieel is afhankelijk van bouwopgave en de aard van de zich vestigende bedrijven. Nieuwe bedrijventerreinen.bieden mogelijkheden voor CO 2 -uitstootreducties tot 100% (dus energieneutraal) Aanpak Mogelijke bijkomende voordelen: Een goed functionerende parkmanagementorganisatie, waarin bedrijven participeren (financieel en inhoudelijk) met diensten waar de bedrijven zelf voor kiezen; Energie is één van de aandachtsvelden binnen de parkmanagementorganisatie. 1. Initiatief voor oprichten parkmanagementorganisatie (oprichten stuurgroep en themagerichte projectgroepen bij voldoende uitgegeven kavels); 2. Inventariseren welke duurzaamheidsthema s bedrijven optioneel zouden willen laten organiseren; 3. Evt. aanbesteding parkmanagement met aandacht voor energie/duurzaamheid; 4. Evt. selectie parkmanager; 5. Vaststellen welke energieonderwerpen binnen Parkmanagement in een cafetariamodel kunnen worden georganiseerd. De parkmanager kan bedrijven op meerdere punten tegemoet komen: energie-inkoop, energiebeheer, onderhoud/technische dienst, inkoop/verkoop restwarmte/-koude, energiebesparingonderzoeken, implementeren duurzame energie, aanvragen van investeringssubsidies; 6. Evt. parkmanager voor de optionele thema s offertes laten aanvragen en raamcontracten laten afsluiten; 7. Periodieke evaluatie van parkmanagement, diensten/uitvoering en wensen bedrijven.

42 Inspanning Gemeente: afd. DO in , uur, daarna jaarlijks 100 uur, Afd. RO jaarlijks 20 uur. Externe kosten: p.m. (vooralsnog wordt uitgegaan van dekking door bedrijven zelf) Planning Afd. DO, milieu Afd. RO, EZ Uitvoerder / betrokken partijen totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (Economische Zaken); Afdeling Duurzame Ontwikkeling. Externe partijen: Parkmanagementorganisatie; Ondernemersorganisatie; Bedrijven. Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid De gemeentelijke projectleiders van de gebiedsontwikkelingen hebben een spilfunctie; Inzet van wethouders kan resulteren in het omhoog brengen/houden van duurzaamheidsambities in het besluitvormings- en/of onderhandelingstraject; Betrokkenheid en enthousiasme bedrijven; Kwaliteiten parkmanager; Inzicht in de behoeften van bedrijven; Kwaliteit aangeboden diensten; Beperken van parkmanagement tot energie(inkoop) heeft een te smalle basis; Afhankelijk van de lopende contracten kan het enkele jaren duren voordat parkmanagement invulling heeft gekregen. Overige informatie/ opmerkingen Praktijkvoorbeelden cursus duurzaam ondernemen: Gemeenten Castricum, Hellevoetsluis, Maassluis, Ridderkerk, Vlaardingen; Gemeente Breda. Praktijkvoorbeelden parkmanagement: Nieuw-Vennep Zuid; De President (Haarlemmermeer); Noordwest Rotterdam; Diverse DÉCOR projecten (provincie Zuid-Holland). IJsseloord 2, Arnhem.

43 Doelgroep / thema Bedrijven Subdoelgroep / subthema Bedrijventerreinen Project D2 Stimuleren energiebesparing en duurzame energie door koploper bedrijven in kaart te brengen en te belonen met publiciteit SLOK-ambitie: actief Structurele samenwerking met bedrijven op bedrijventerrein, gericht op minimaal 2% energiebesparing en/of opwekking van duurzame energie. Doelstellingen project Door publiciteit te organiseren rondom koploper bedrijven worden andere bedrijven gestimuleerd om ook energiebesparende en duurzame energiemaatregelen te realiseren. Typering project Kennisoverdracht/communicatie Relatie met andere activiteit of beleidsuitgangspunt Dit project kan een relatie krijgen met project D1. Nieuwegein is in 2007 Millennium gemeente geworden. In 2008 is voor bedrijventerrein Plettenburg- de Wiers in Nieuwegein een provinciaal pilotproject Duurzaam Ondernemen afgerond onder begeleiding van adviesbureau Borger & Burghouts Stimuleren van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is relevant. CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Betere contacten tussen bedrijven en gemeente; Bedrijven die koploper zijn worden ambassadeurs voor energiebesparing en duurzaamheid en communiceren vaker zelf naar het lokale bedrijfsleven; Bedrijven hebben inzicht in hun bijdrage aan het klimaatprobleem als gevolg van gebruik van elektriciteit, brandstoffen en vervoer; Bedrijven krijgen meer inzicht in kosten en baten en worden daarmee overtuigd om zelf maatregelen te treffen; gezonde concurrentie ( wat mijn buurman kan, kan ik ook ). Aanpak 1. Inventariseren welke bedrijven energiebesparende en duurzame energie maatregelen hebben genomen en welke daarvan koploper zijn; 2. Deze koploper bedrijven benaderen of ze voorbeeld willen zijn voor andere bedrijven; 3. Koploperbedrijven publicitair in het zonnetje zetten (gemeentepagina, website); 4. Bedrijven aanschrijven en informeren over het project en de mogelijkheden om koploper bedrijven te bezoeken; 5. Een aantal bezoekdagen bij koploper bedrijven regelen; 6. Een contactpersoon binnen de gemeente aanwijzen met wie bedrijven contact op kunnen nemen na de bezoekdagen met vragen over mogelijke maatregelen of advies en informatie over subsidies en mogelijkheden. Inspanning Toelichting/variant: De gemeente zou het begrip koploper breder kunnen trekken dan energie en ook andere milieuthema s kunnen meenemen. Gemeente: afd. DO 100 uur, afd. RO 10 uur, Afd. P&P 10 uur. Externe kosten: voor onderzoek voor communicatieplan (gedekt via SLoK).

44 Planning Afd. DO, milieu Afd. DO, comm. Afd. RO, EZ Afd. P&P Uitvoerder / betrokken partijen totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team milieu, trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, ondersteuning); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Milieu Educatie Centrum (MEC), intermediair); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (EZ, intermediair); Afdeling Programma s en projecten (afstemming o.a. in verband met MVO). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Communicatiebureau; Bedrijven (verenigingen). bereidheid tot deelname is sterk afhankelijk van aanwezig draagvlak bij bedrijven. Bedrijven moeten de meerwaarde van extra publiciteit zien en geboden krijgen. Praktijkvoorbeelden cursus duurzaam ondernemen: Gemeenten Castricum, Hellevoetsluis, Maassluis, Ridderkerk, Vlaardingen, Breda hebben groepen bedrijven een cursus duurzaam ondernemen aangeboden. Hierbij is gebruik gemaakt van de Milieubarometer (zie Praktijkvoorbeeld publiciaire actie: Gemeente Breda: PR-estafette. Het idee hiervan is om iedere maand een ondernemer te interviewen over uitgevoerde milieumaatregelen. Deze ondernemer krijgt van de gemeente een doorlichting o.b.v. de milieubarometer aangeboden, besluit vervolgens zelf wat hij met de resultaten doet en vertelt erover in de krant. Aan het einde van zijn verhaal geeft hij het stokje door aan een andere plaatselijke ondernemer. Praktijkvoorbeeld lokale organisatie die al op goede weg is: Nieuwegein: multifunctioneel kantoorgebouw Het Huis van de Sport, Wattbaan (zie

45 Doelgroep / thema Verkeer en vervoer Subdoelgroep / subthema Verkeer en vervoer bevolking en bedrijven Project E1 Stimuleren gebruik schone en biobrandstoffen en elektrisch rijden SLOK-ambitie: actief Besparing en/of verduurzaming brandstoffen met 1% per jaar Doelstellingen De aanschaf van zuinige, hybride, elektrische en door alternatieve brandstoffen aangedreven voertuigen voor het eigen wagenpark wordt nadrukkelijk overwogen door zowel burgers als bedrijven. Typering project Dit is een lokaal project met een regionale en provinciale aspecten. Communicatie is het belangrijkste kenmerk. Relatie met andere Om de gezondheidssituatie van burgers te verbeteren heeft de Europese Unie (EU) activiteit of ander beleid normen gesteld aan de concentraties van fijn stof (PM10) en stikstofdioxide (NO2) in de lucht. Deze EU-regelgeving is geïmplementeerd in de Nederlandse wetgeving (opname luchtkwaliteitseisen in Wet milieubeheer). Hierbij wordt de programmatische aanpak geïntroduceerd van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Onder de paraplu van het NSL heeft de provincie Utrecht het Programma Luchtkwaliteit opgesteld, waarin het op 3/11/2005 opgestelde Regioaanbod Utrecht voor aanpak van de luchtkwaliteit is aangevuld met eigen maatregelen. Doel van de aanpak is de luchtkwaliteit in de provincie te verbeteren en te zorgen dat de gewenste ruimtelijke, economische en infrastructurele ontwikkelingen die daarmee in lijn zijn doorgang vinden. Begin 2008 is het Luchtkwaliteitplan Nieuwegein vastgesteld met daarin deels klimaatgerelateerde activiteiten. Binnen de Regionale Activiteiten Agenda Milieu (RAAM) werkt Nieuwegein actief samen met de provincie en diverse andere gemeenten aan (kennis)projecten die schoon en duurzaam als vertrekpunt hebben. Enkele voorbeelden van lopende en nog op te starten (klimaatgerelateerde) projecten zijn: schoner eigen wagenpark (vervolg op uitgevoerde wagenparkscans), met belgerinkel naar de winkel (stimuleren gebruik fiets) en rijden op aardgas. Reinigingsbedrijf Midden Nederland schaft een huisvuilauto op aardgas aan. In het voorjaar van 2009 wordt in Nieuwegein het eerste aardgasvulpunt in de provincie geopend. Particuliere automobilisten en ondernemers die een aardgasauto willen aanschaffen, kunnen voor subsidie een beroep doen op de provincie Utrecht. CO 2 -uitstootreductie en Pomphouders realiseren vulpunten voor alternatieve brandstoffen; evt. andere resultaten Bedrijven en burgers kiezen bij vervanging van hun wagenpark voor zuinige, hybride, elektrische en/of op alternatieve brandstoffen aangedreven voertuigen; Er vindt een verbetering plaats van de luchtkwaliteit; Netwerk van multifuelpompstations is eerder rendabel; Er vindt een vermindering plaats van geluidshinder bij elektrisch rijden. Aanpak 1. Keuze maken in te stimuleren technieken (zuinige, hybride, elektrische, met roetfilter en/of door alternatieve brandstoffen aangedreven). Bij aandrijftechnieken met alternatieve brandstoffen zoals biobrandstoffen en aardgas dient er een gedegen inventarisatie van vulpunten gedaan te worden; 2. Selectie van de grootste spelers, voornamelijk bedrijven met een eigen wagenpark;

46 Vervolg aanpak Inspanning Planning Afd. DO, milieu Afd. DO, comm. Afd. RO, EZ Uitvoerder / betrokken partijen 3. Actief bedrijven en ondernemersverenigingen benaderen (ook bestuurlijk); 4. Organiseren voorlichtingsbijeenkomst voor geselecteerde bedrijven e.a. geïnteresseerden. Ook aandacht voor (eventuele) vulpunten. Na de presentatie uitreiking van een map met alle relevante achtergrondinformatie; 5. Inventariseren en evalueren van knelpunten bij bedrijven die de overstap niet lijken te gaan maken en aanpakken van die knelpunten; 6. Afhankelijk van de uitkomst van stap 1 locaties selecteren voor elektrische laadpunten in de openbare ruimte; 7. Na realisatie van vulpunten met alternatieve brandstoffen en/of elektrische laadpunten de vraag verder stimuleren (liefst in combinatie met project E2). Gemeente: circa 100 uur. Externe kosten: voor advies + : voor communicatie (gedekt via SLoK) totaal tijd kosten Tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling (team milieu, trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, ondersteuning); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (EZ, intermediair); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Milieu Educatie Centrum (MEC), intermediair). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Communicatiebureau; Wagenparkbeheerders; KvK, ondernemingsverenigingen; Autodealers, importeurs en onderhoudsbedrijven; Tankstationexploitanten, brandstofproducenten en distributeurs; Energie(net)bedrijven. Zorg voor tijdige en correcte levering van voorraad aan vulpunten; Bedrijven kunnen op eigen terrein vul- en laadpunten realiseren maar liefst worden deze publiek toegankelijk; De gemeente kan zelf het goede voorbeeld geven via de overgang naar energiezuinig en schoon eigen wagenpark; Houdt bij nieuwbouw parkeergarages rekening met elektrische laadpunten. Praktijkvoorbeelden: Provincie Utrecht: campagne Compressed Natural Gas ( ); Realisatie aardgastankstations in tientallen gemeenten, waaronder: Arnhem, Nijmegen, Alkmaar, Zutphen, Tilburg, Den Haag, Doetinchem, Middelburg, Assen; Provincie Gelderland: Fuel Switch ( ); Gemeente Amsterdam: elektrische laadpunten; Gemeente Haarlem (50% NOx-reductie op straatniveau).

47 Doelgroep / thema Subdoelgroep / subthema Verkeer en vervoer Verkeer en vervoer bevolking en bedrijven Project E2 Stimuleren energiezuinig rijden SLOK-ambitie: actief Doelstellingen Typering project Relatie met andere activiteit of ander beleid CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Aanpak Inspanning Planning Afd. DO, milieu Afd. DO, comm. Afd. RO, EZ Uitvoerder / betrokken partijen Besparing en/of verduurzaming brandstoffen met 1% per jaar CO 2 -uitstootreductie door energiezuinig rijgedrag Dit is een lokaal project. Communicatie/kennisoverdracht is het belangrijkste kenmerk, maar er is ook een praktisch handelingsperspectief. Dit project sluit aan op de al bestaande en bewezen landelijke Postbus 51 campagne Het Nieuwe Rijden. Ook sluit het aan op project E1 en wordt het liefst gecombineerd. Individueel kunnen bestuurders 10 tot 15% CO 2 -uitstoot reduceren. Mogelijke bijkomende voordelen: 10 tot 15 % vermindering emissie van fijn stof (verbetering luchtkwaliteit); Bewustwording milieuvriendelijk rijgedrag bij algemeen publiek; Kostenbesparing op brandstof en onderhoud; Veiligere rijstijl en daardoor minder ongelukken en schade. 1. Opstellen Plan van Aanpak Energiezuinig rijden (o.a. afbakenen doelgroep(en), wijze van benaderen, planning en organisatie) 2. Uitvoeren PvA m.b.t. onderdeel Actie Band op Spanning ; 3. Uitvoeren PvA m.b.t. onderdeel Stimuleren Het Nieuwe Rijden. Gemeente: afd. DO 120 uur (Adviseur milieubeleid) + 80 uur (Adviseur milieucommunicatie), afd. RO 20 uur Externe kosten: voor communicatie (gedekt via budget luchtkwaliteitsplan) Totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Milieu, trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, ondersteuning); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (EZ, intermediair ); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Milieu Educatie Centrum (MEC), intermediair). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Externe partijen: lokale garagebedrijven (ten aanzien van bandenspanning); provincie Utrecht; bedrijven (verenigingen); lokale natuur- en milieuorganisaties, burgers. De gemeente kan zelf het goede voorbeeld geven; Communicatie is erg belangrijk bij de werving van belangstellenden; Combinatie met andere verkeersmaatregelen maakt totaalbenadering mogelijk;

48 Vervolg succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Aandacht voor zuinig rijden verslapt na verloop van tijd, aandacht vasthouden door monitoring/competitief element/herhaling; Continue feedback/aansturing op zuinig rijgedrag door management, al dan niet in combinatie met in-car apparatuur of beloningsstructuur; Belangrijk is draagvlak bij beroepsmatige chauffeurs in organisaties; Aansluiten op landelijke milieugerelateerde actiedagen wordt aanbevolen; Aandacht voor bandenspanning niet beperken tot (vracht)auto's maar ook caravans, aanhangwagens, etc. Praktijkvoorbeelden: Amsterdam: rijstijltraining 'Amsterdam schoon op weg'; Diverse gemeenten: cursus/wedstrijd Het Nieuwe Rijden, evt. ook voor ambtenaren; Provincie Utrecht: Band op Spanning.

49 Doelgroep / subdoelgroep Duurzame energie Subdoelgroep / subthema Grootschalige en/of collectieve DE-opties Project F1 Stimuleren toepassing windenergie SLOK-ambitie: innovatief 10% Van de energie die binnen de gemeentegrenzen wordt gebruikt wordt duurzaam opgewekt en geleverd via grootschalige en/of collectieve opties: wind, biomassa, waterkracht en warmte-koude-opslag. Doelstellingen De voor het Windpark Het Klooster (13 MW) geselecteerde projectontwikkelaar Evelop ondersteunen in het voorbereiden van een bouwaanvraag. Typering project De Quickscan windenergie Nieuwegein (1999 [Ecofys]) was de start van de ontwikkeling van windenergie, waarna een concretere haalbaarheidsstudie voor een windpark op Bedrijvenpark Het Klooster i.o. is uitgevoerd (2000 [WEOM]). Daarna heeft aanbesteding plaats gevonden incl. gunning (2005). De ontwikkelaar Evelop moet nu worden begeleid en ondersteund bij het maken van de ruimtelijke onderbouwing die noodzakelijk is voor het in behandeling nemen van een concrete bouwaanvraag voor het te realiseren windpark. Regelgeving en vergunningverlening zijn leidend en communicatie is ondersteunend t.b.v. de te verkrijgen juridische en bestuurlijke goedkeuring. Relatie met andere activiteit of ander beleid Dit project is samen met de projecten F2 en F3 van belang om de energievoorziening in hoge mate te verduurzamen. Er vinden nu ontwikkelingen plaats m.b.t. kleinschalige gebouwgebonden windturbines. Dit kan komende jaren relevant worden. CO 2 -uitstootreductie en evt. De ontwikkeling van Windpark Het Klooster betreft de realisatie van 5 windturbines met andere resultaten een vermogen van in totaal 13 MW. Hiermee kan jaarlijks bijna 27,5 miljoen kwh duurzaam worden opgewekt, hetgeen overeenkomt met een CO 2 -uitstootreductie van ton. Het aandeel duurzame energie zou uitkomen op 6,3% van het totale verbruik in de gemeente Nieuwegein (peiljaar 2002). Aanpak 1. Ondersteunen ontwikkelaar Evelop; 2. Communiceren op website en gemeentepagina over voortgang besluitvorming en realisatie. Inspanning Afd. DO: jaarlijks 60 uur; Overig: de vergunningverlening en RO-procedure kan een forse inspanning qua capaciteit betekenen. De hiermee gemoeid gaande kosten worden gedekt via de bouwleges die betaald moeten worden door de initiatiefnemer. Planning totaal Afd. DO, milieu tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Uitvoerder / betrokken partijen Afdeling Duurzame Ontwikkeling (trekker); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (afstemming); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, afstemming);. Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Ruimtelijke Ordening, afstemming).

50 Vervolg uitvoerder / betrokken partijen Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Projectontwikkelaar/initiatiefnemer; Provincie en regiogemeenten; Natuur- en milieuorganisaties en andere maatschappelijke organisaties; Omwonenden en andere burgers. Het is van belang om voor alle DE-opties rekening te houden met het provinciaal streekplan en bestaande beleidsplannen; Vroegtijdig afstemmen met provinciaal beleid is van belang; Bestuurlijke duidelijkheid over ambitie en uitvoeringskwaliteit is van belang; Door transparantie in besluitvormingsproces kan het afbreukrisico beperkt worden; Intensiteit en kwaliteit van communicatie is belangrijk. Communiceer met de bevolking tenminste over iedere fase uit de aanpak en het bereikte resultaat; Stel de doelgroepen bij communicatie liefst niet voor voldongen feiten Criteria en conclusies ten aanzien van locaties moeten goed onderbouwd worden; Optimaal benutten van beschikbare informatie en bronnen is zinvol. Meer informatie is te verkrijgen via:

51 Doelgroep / subdoelgroep Subdoelgroep / subthema Duurzame energie Grootschalige en/of collectieve DE-opties Project F2 Stimuleren toepassing biomassa SLOK-ambitie: innovatief Doelstellingen Typering project Relatie met andere activiteit of ander beleid CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Aanpak Inspanning Planning Afd. DO, milieu Afd. RO, EZ Ingenieursbureau 10% Van de energie die binnen de gemeente-grenzen wordt gebruikt wordt duurzaam opgewekt en geleverd via grootschalige en/of collectieve opties: wind, biomassa, waterkracht en warmte-koude-opslag. De voor het de biomassacentrale op Het Klooster geselecteerde projectontwikkelaar ondersteunen in het voorbereiden van een bouwaanvraag. In 2006 is door CEA een haalbaarheidsonderzoek voor een biomassacentrale op Het Klooster opgeleverd, waarbij op basis van aannames de globale haalbaarheid is gebleken. Na stopzetten van de rijkssubsidieregeling MEP is de ontwikkeling van het initiatief, waarvoor ook een mogelijke projectontwikkelaar bekend was, echter stilgevallen. Inmiddels is een nieuwe rijkssubsidieregeling SDE gepubliceerd hetgeen de realisatie weer kansrijk kan maken. De ontwikkeling van het nieuwe bedrijventerrein heeft echter niet stilgestaan en de fase van bouwrijpmaken is al gestart. Daarom moet nu opnieuw de haalbaarheid worden bepaald (o.a. economisch, organisatorisch, technisch). Het project bevindt zich nog in een voorbereidende onderzoeksfase. Dit project is samen met de projecten F1 en F3 van belang om de energievoorziening in hoge mate te verduurzamen. Dit project heeft een duidelijke relatie met de verbetering van luchtkwaliteit. Lokale opwekking van biogas en invoering hiervan in het aardgasnet is immers een vervolgstap van aardgastanken (zie ook project E1). De ontwikkeling van biomassacentrale op Het Klooster zou volgens de globale haalbaarheidsstudie jaarlijks een opbrengst van 4,35 miljoen m3 aeq biogas GJ warmte MWh elektriciteit kunnen betekenen. Omgerekend komt dit neer op een CO 2 -uitstootreductie van ton. Het aandeel duurzame energie zou uitkomen op 11,9% van het totale verbruik in de gemeente Nieuwegein (peiljaar 2002). 1. Ondersteunen van de mogelijke ontwikkelaar bij het bepalen van de haalbaarheid van de biomassacentrale (energieprofiel bedrijventerrein en realisatiemogelijkheden distributienet); 2. Communiceren op gemeentepagina en website over voortgang besluitvorming en realisatie. Afd. DO: uur, daarna 100 uur (voorbereiding en communicatie); Overig: de vergunningverlening en RO-procedure kan een forse inspanning qua capaciteit betekenen. De hiermee gemoeid gaande kosten worden gedekt via de bouwleges die betaald moeten worden door de initiatiefnemer totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten

52 Uitvoerder / betrokken partijen Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team milieu); Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling (EZ, afstemming); Afdeling Beheer (Ingenieursbureau, afstemming). Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Adviseur milieucommunicatie, afstemming). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Provincie en regiogemeenten; Natuur- en milieuorganisaties en andere maatschappelijke organisaties; Evt. bewonersorganisaties; Projectontwikkelaar/initiatiefnemer. Het is van belang om voor alle DE-opties rekening te houden met het provinciaal streekplan en bestaande beleidsplannen; Door transparantie in besluitvormingsproces kan het afbreukrisico beperkt worden; Criteria en conclusies ten aanzien van locaties moeten goed onderbouwd worden; Stel de doelgroep bij communicatie niet voor voldongen feiten; Vroegtijdig afstemmen met provinciaal beleid is van belang; Bestuurlijke duidelijkheid over ambitie en uitvoeringskwaliteit; Beschikbaar maken van menskracht en middelen; Optimaal benutten van beschikbare informatie en bronnen; Intensiteit en kwaliteit van de communicatie. Communiceer met de bevolking tenminste over iedere fase uit de aanpak en het bereikte resultaat; De capaciteit (mensen en middelen) volledig concentreren op kansrijke locaties; Intensief individueel overleg per locatie met initiatiefnemers bij vaststellen van optimale opstellingsvariant, voorwaarden en mogelijkheden tot gemeentelijke participatie. Praktijkvoorbeelden: Waalwijk: Ecopark (duurzame energie op en rond voormalige vuilstort).

53 Doelgroep / thema Bedrijven Subdoelgroep / subthema Bedrijventerreinen Project F3 Ontwikkelen ondergronds bestemmingsplan ten behoeve van warmte-koude-opslag SLOK-ambitie: innovatief Structurele samenwerking met bedrijven op bedrijventerrein, gericht op minimaal 3% energiebesparing en/of opwekking van duurzame energie Doelstellingen project Het stimuleren van de toepassing van ondergrondse warmte-koude-opslag (WKO) door het creëren van optimale ruimtelijke randvoorwaarden. Typering project Via nader onderzoek m.b.t. bestaande en toekomstige bouwontwikkelingen kan een optimale ruimtelijke inpassing van WKO worden bepaald en vastgelegd in bestemmingsplannen. Relatie met andere activiteit of beleidsuitgangspunt Voor Het Klooster heeft na een aanbesteding reeds contractering van Eneco Energie plaats gevonden voor realisatie van WKO-systemen voor een deel van het bedrijventerrein ( ). Voor de ontwikkeling van het nieuwe Stadshart is door de provincie Utrecht reeds een vergunning afgegeven voor het onttrekken van grondwater t.b.v. WKO-systeem met 6 doubletten (2008). Dit project is samen met de projecten F1 en F2 van belang om de energievoorziening in hoge mate te verduurzamen. CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Er ontstaat een overzicht van de toepassingsmogelijkheden voor WKO in de gemeente en de mate waarin dit kan bijdragen aan de verduurzaming van de energievoorziening. Aanpak Mogelijke bijkomende voordelen: Bij grotere bouwontwikkelingen wordt zoveel mogelijk voorkomen dat verschillende WKO-systemen elkaar hinderen; Gemeentelijke facilitering van WKO is gunstig voor bedrijven, want onderzoekskosten voor bouwpartijen worden deels weggenomen; De vergunningaanvraag wordt gestroomlijnd; Nieuwegein kan zich profileren als een duurzame gemeente; Door de ondergrond goed te gebruiken kan een gemeente de biodiversiteit, milieukwaliteit, schoon water, cultuurhistorie en geologie beschermen en beter ontsluiten; Er is sprake van een efficiënte ondergrondse inrichting en meervoudig ruimtegebruik. 1. Opstellen kansenkaart met voor WKO relevante gebiedsontwikkelingen; 2. Afstemming met de provincie omtrent procedure afgifte vergunningen; 3. Ontwikkelen van een Masterplan Warmte-Koude-Opslag voor relevante gebieden; 4. Keuze uit te werken variant t.b.v. opname in bestemmingsplan(nen); 5. Resultaten onder de aandacht brengen van projectontwikkelaars, woningcorporaties en andere relevante partijen. Bijvoorbeeld via presentaties. Daarnaast kan de gemeente het plan op de gemeentelijke website ter beschikking stellen; 6. Structureel attenderen van bouwpartijen op de mogelijkheden van WKO.

54 Inspanning Planning Afd. DO, milieu Uitvoerder / betrokken partijen Gemeente: afd. DO 200 uur externe kosten: (kansenkaart) (masterplan wko). Gedekt via afd. DO, of via projecten totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten Afdeling Duurzame Ontwikkeling Team Milieu: trekker); Afdeling Duurzame Ontwikkeling (Team Ruimtelijke Ordening: afstemming); Medewerker Geoinformatica. Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen Externe partijen: Provincie, bureau Bodem; Adviesbureau. Bij grootschalige gebiedsontwikkelingen bestaat het gevaar dat verschillende systemen elkaar hinderen; SenterNovem heeft instrumenten ontwikkelt die kunnen helpen bij het inventariseren van de ondergrond en de kenmerken van de bodem te beschrijven en een prototype om een 2D-bestemmingsplan om te kunnen zetten in een 3D-bestemmingsplan; Door de verantwoordelijkheid voor attenderen van bouwpartijen op WKOmogelijkheden op te nemen in het takenpakket van een of meerdere ambtenaren wordt de toepassing van WKO structureel gestimuleerd. Praktijkvoorbeelden: Gemeente Gouda: Masterplankaart Warmte-Koude-Opslag Spoorzone en Hamstergat, Gemeente Utrecht: Stationsgebied; Gemeente Eindhoven.

55 Doelgroep / subdoelgroep Organisatieversterkende randvoorwaarden Subdoelgroep / subthema Interne afstemming, coördinatie, kennisuitwisseling en monitoring Project G1 Coördinatie, monitoring en uitvoering van het gemeentelijke Klimaatprogramma SLOK-ambitie: actief monitoring op inspanning en resultaten (projectniveau). Doelstellingen project coördineren van de uitvoering van gemeentelijke klimaatprojecten; kennis uitwisselen en eventueel afstemmen over klimaatprojecten met provincie Utrecht en andere gemeenten; monitoren van CO 2 -uitstoot, energiebesparing en productie van duurzame energie; inzicht krijgen in ambities en prioritering van klimaatbeleid, zowel wat betreft mitigatie (hoe klimaatverandering voorkomen) als adaptatie (hoe omgaan met de gevolgen van klimaatverandering); ontwikkelen klimaatbeleid voor lange termijn. Typering project Dit project is voornamelijk een lokale aangelegenheid, maar heeft ook regionaal aspecten vanwege de mogelijke samenwerking met andere gemeenten en de provincie. Relatie met andere De provincie Utrecht heeft het programma Klimaat op Orde opgesteld voor de periode activiteit of ander beleid , waarmee het een goede basis wil leggen voor een klimaatbestendige provincie. Zij wil concreet aan de slag gaan, inspireren, enthousiasmeren en leren om duurzaam, klimaatbestendig beleid te ontwikkelen voor de toekomst. Klimaatbestendigheid betreft hier zowel mitigatie als adaptatie. Nieuwegein heeft in 2006 CarBon-software aangeschaft voor CO 2 -projectmonitoring. SenterNovem heeft in het voorjaar van 2009 het initiatief genomen voor het ontwikkelen van een monitoringsystematiek voor het meten van:1) het effect van klimaatbeleid (met de doorvertaling daarvan naar CO 2 -uitstoot), 2) de prestaties van klimaatbeleid (zoals energielabels, windvermogens etc.), en 3) de daaraan ten grondslag liggende gemeentelijke activiteiten. Nieuwegein neemt deel aan deze pilot. Klimaatadaptatie is wellicht van belang bij ruimtelijke plannen in de gemeente Nieuwegein, vanwege de te verwachten mogelijk schadelijke lokale effecten van de mondiale klimaatverandering. CO 2 -uitstootreductie en Inzicht in resultaten CO 2 -uitstoot i.r.t. klimaatbeleid en klimaatprojecten, evt. andere resultaten Inzicht in lokale effecten (aard, kans, grootte, etc) van klimaatverandering en de mogelijkheden om hier als gemeente invloed op te hebben. Aanpak 1. coördineren en uitvoeren van klimaatprojecten in Nieuwegein; 2. kennis uitwisselen en afstemmen over klimaatprojecten met provincie Utrecht en regiogemeenten; 3. actualiseren klimaatprojecten in CarBon t.b.v. CO 2 -projectenmonitor en ontwikkelen klimaatbeleidsmonitor voor het periodiek volgen van CO 2 -uitstoot, energiebesparing en productie van duurzame energie i.r.t. gemeentelijke beleidsinspanning; 4. uitvoeren onderzoek klimaatadaptatie; 5. ontwikkelen klimaatvisie voor lange termijn.

56 Inspanning Planning Afd. DO Organisatie Gemeente: afd. DO jaarlijks 150 uur voor interne afstemming + jaarlijks 25 uur voor externe afstemming + jaarlijks 75 uur voor monitoring + éénmalig 150 uur voor klimaatadaptatie. Externe kosten: voor onderzoek klimaatadaptatie (gedekt via afd. DO of via structuurvisie) totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten afd. Duurzame Ontwikkeling (Team Milieu) Externe partijen: provincie Utrecht; andere gemeenten; SenterNovem, CBS; Externe adviseur(s). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen actieve provinciale en regionale afstemming verbetert mogelijk de kwaliteit van de klimaatprojecten; beschikbaarheid van benodigde gegevens voor monitoring bepaalt de kwaliteit van de monitoringresultaten. n.v.t.

57 Doelgroep / subdoelgroep Subdoelgroep / subthema Organisatieversterkende randvoorwaarden Communicatie Project G2 Communicatie m.b.t. Klimaatprogramma SLOK-ambitie: actief Doelstellingen project Structurele communicatie over de aanpak en resultaten van klimaatbeleid naar alle relevante onderdelen en niveaus van de gemeentelijke organisatie; Structurele communicatie over de aanpak en resultaten van klimaatbeleid naar alle relevante partijen, inclusief burgers, binnen de gemeente. interne organisatie en doelgroepen bekendmaken met de doelstellingen en projecten van het klimaatprogramma en de resultaten daarvan; interne organisatie en doelgroepen bewustmaken van de klimaatproblematiek en de noodzaak van maatregelen om de CO 2 -uitstoot terug te dringen; doelgroepen aanzetten om zelf actie te ondernemen om de CO 2 -uitstoot terug te dringen door concrete mogelijkheden hiervoor te laten zien. Typering project Relatie met andere activiteit of ander beleid CO 2 -uitstootreductie en evt. andere resultaten Aanpak Inspanning Planning Organisatie Afd. DO Afd. DO comm. Communicatie over het klimaatprogramma is zowel intern als extern van belang. Communicatie is relevant voor alle klimaatprojecten. Bij klimaatprojecten voor de gemeentelijke organisatie is de gemeentelijke voorbeeldrol een bijzonder aspect. Verbetering van draagvlak voor klimaatbeleid zowel extern als intern. 1. ontwikkelen communicatieplan; 2. actualiseren website; 3. ontwikkelen andere communicatiemiddelen (bijvoorbeeld nieuwsbrief). Afd. DO: adviseur milieubeleid jaarlijks 100 uur; Afd. DO: adviseur milieucommunicatie jaarlijks 100 uur (gedekt via regulier budget); Externe kosten: voor communicatiemiddelen (20% gedekt via SLoK, rest via afd. DO) totaal tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten tijd kosten afd. Duurzame Ontwikkeling: Adviseur milieubeleid (energie, klimaat en duurzaam bouwen) + Adviseur milieucommunicatie + Milieu Educatie Centrum (MEC); Afdeling Communicatie (afstemming). Succes- en faalfactoren / haalbaarheid / herhaalbaarheid Overige informatie/ opmerkingen communicatie is belangrijk voor het verkrijgen en verhogen van draagvlak voor klimaatbeleid, zowel intern als extern. n.v.t.

58

59 Bijlage V: 10-puntenplan campagne Hier Klimaatverbondgemeente

60

61 Gemeente Nieuwegein T.a.v. de heer J.R.C. van Everdingen Postbus AA Nieuwegein Secretariaat Gemeente Apeldoorn Postbus ES Apeldoorn Telefoon Telefax Datum Kenmerk Betreft: speerpunten voor uw gemeentelijke klimaatplan Geacht raadslid, Klimaatbeleid staat overal hoog op de agenda, ook bij de gemeenten. Eind 2007 is het Klimaatakkoord tussen VNG en het Rijk gesloten, waarmee de partijen over en weer toezeggingen hebben gedaan om klimaatmaatregelen te treffen. Eind 2008 is de SLOKregeling voor actief klimaatbeleid van start gegaan en binnen enkele maanden al overschreven. Afgelopen maanden participeerden 131 Nederlandse gemeenten in het Klimaatstraatfeest. Is uw gemeente al begonnen? Heeft u al een gemeentelijk klimaatplan in uitvoering? Om de drempel te verlagen heeft Vereniging Klimaatverbond Nederland samen met de Hier Klimaatcampagne en de provinciale Milieufederaties 10 speerpunten gedefinieerd die de basis vormen van een verantwoord en duurzaam gemeentelijk klimaatplan. Onder die speerpunten vallen een groot aantal maatregelen en activiteiten die gemakkelijk uitvoerbaar en bewezen effectief zijn. Bovendien zijn het maatregelen waarmee binnen een groot aantal gemeenten al ervaring is opgedaan. Wij nodigen u uit om deze speerpunten te gebruiken voor uw gemeentelijke klimaatplan. Als u per speerpunt minimaal één van die maatregelen of activiteiten kiest, treedt u toe tot het goede gezelschap van de HIER Klimaatverbond-gemeenten. Op basis van uw ambities verwerft u vervolgens de A-status. Gemeenten met de hoogste ambities krijgen de Triple A- of AAA-status. Meer informatie over de ranglijst kunt u vinden op de laatste bladzijde van de bijlage. z.o.z.

62 Zo laat u als gemeente zien dat u al op uitvoerend niveau bezig bent. Via een eigen webpagina op kunt u hier nog verdere verdieping aan geven. Met een banner op de website van uw gemeente kunt u uw (triple) A-status als HIER Klimaatverbond-gemeente verder communiceren. Als u vóór 1 juni uw 10 punten voornemens instuurt, zult u op 22 juni als duurzame gemeente gepresenteerd worden op het Jaarcongres in Delft dat Het Klimaatverbond organiseert. In de bijlage vindt u een overzicht van de 10 speerpunten en de bijbehorende maatregelen. Maak uw keuze uit de 10 prioriteiten en stuur het ingevulde formulier vóór 1 juni op naar: Vereniging Klimaatverbond Nederland Postbus ES Apeldoorn Met vriendelijke groet, Hetty Hafkamp voorzitter Klimaatverbond

63 Ondertekening 10-puntenplan Klimaatbeleid Gemeente Nieuwegein wil haar verantwoordelijkheid nemen. Wij gaan dit jaar de volgende punten in uitvoering nemen, of hebben dit de afgelopen jaren al gedaan: 1. De bestaande woningbouw. Verbetering van de energieprestaties van bestaande woningen leidt tot aanzienlijke besparingen voor de bewoner en voor de uitstoot van het broeikasgas CO 2. Hier zijn grote reducties mogelijk, volgens het Klimaatakkoord moet het energieverbruik in woningen en gebouwen in 2020 gehalveerd zijn. Als gemeente gaan wij: o 7% Van het bestaande woningbestand duurzaam verbeteren (minimaal 2 energielabels omhoog) voor 2012 o Zorgen dat 1,4% van het woningbestand wordt voorzien van duurzame energiemaatregelen. X Afspraken maken met woningcorporaties over de verbetering van de energieprestaties van hun bestand van woningen (via project B3). X Afspraken maken met de woningcorporaties over de toepassing van duurzame energiesystemen (via project B3). o Een regeling opstellen voor het stimuleren van bewoner/eigenaars om maatregelen te nemen die leiden tot een betere energetische kwaliteit van de woning. o Een regeling opstellen voor het stimuleren van bewoner/eigenaars om duurzame energie toe te gaan passen in en bij hun woning. X Energiebewust bewonersgedrag stimuleren (via project B5) o Alle renovatieprojecten vooraf laten toetsen op de energievraag. o Bijzondere bijstand inzetten voor energiebesparing lagere inkomens. 2. Nieuwbouw Als gemeente bouw je voor de toekomst. Een toekomst waar de energieprijzen hoger zullen liggen, de aardgasvoorraden zijn opgebruikt en een temperatuursverhoging van 2 graden reëel is. Zorg daarom voor een goede handhaving van het bouwen volgens de EPC (Energieprestatienorm), ga mogelijk een stapje verder, en eis zoals veel andere gemeenten een strengere norm. Energieneutraal bouwen is al mogelijk en zelfs het eerste woningbouwproject dat energie gaat opleveren wordt al gerealiseerd. Als gemeente gaan wij: X Op de bouwplaatsen controle uitoefenen op de naleving van de EPC-eisen voor energiebesparende bouw (via project B1). o Zorgdragen dat minimaal 10% van de nieuwbouwprojecten wordt gerealiseerd volgens een EPC-norm die minimaal 10% scherper is dan landelijk vereist. o Een stimuleringsregeling introduceren voor nieuwbouwprojecten die minimaal energieneutraal zijn. X Stimuleren dat meer nieuwbouwprojecten gebruik maken van omgevings- en bodemwarmte en koelte (via projecten B2 en F3). o Een regeling opstellen voor het stimuleren van bewoner/eigenaars om duurzame energie toe te gaan passen in en bij hun woning. X Energiebewust bewonersgedrag stimuleren (via project B5).

Deelname van gemeente Heusden aan landelijke Stimuleringsregeling voor lokale Klimaatinitiatieven (SloK)

Deelname van gemeente Heusden aan landelijke Stimuleringsregeling voor lokale Klimaatinitiatieven (SloK) Samenvatting: Inleiding: In de voorbereiding van de Duurzaamheidsagenda heeft uw college ingestemd met de indiening van een gemeentelijke aanvraag ter verkrijging van een uitkering uit het Gemeentefonds

Nadere informatie

Een 10 puntenplan gemeenten die echt iets aan het klimaatprobleem willen doen

Een 10 puntenplan gemeenten die echt iets aan het klimaatprobleem willen doen Een 10 puntenplan voor gemeenten die echt iets aan het klimaatprobleem willen doen Doet uw gemeente voldoende aan het klimaatprobleem? Iedere aanpak van het klimaatprobleem begint lokaal. Internationaal

Nadere informatie

INTEGRAAL KLIMAATPROGRAMMA ZAANSTAD 2010-2020

INTEGRAAL KLIMAATPROGRAMMA ZAANSTAD 2010-2020 INTEGRAAL KLIMAATPROGRAMMA ZAANSTAD 2010-2020 INHOUD DEEL 1: HET SUBSIDIEPROGRAMMA KLIMAATBELEID 2008-2012...3 1.1 Aanvraag subsidie lokaal klimaatbeleid...3 1.2 Aanpak Subsidieprogramma Klimaatbeleid

Nadere informatie

gemeente. SLoK project 1

gemeente. SLoK project 1 gemeente. SLoK project 1 Thema Subthema(s) F: Grootschalige duurzame energieopties Grootschalige en/of collectieve DE opties Ambitie Actief Voorlopend Innovatief Taakstelling 3 % Van de energie die binnen

Nadere informatie

Duurzame ontwikkeling:

Duurzame ontwikkeling: Duurzaam Tynaarlo Duurzame ontwikkeling: Een ontwikkeling die kan voorzien in de behoeften van de huidige generaties zonder die van de toekomstige generaties in gevaar te brengen. (Our common future 1987)

Nadere informatie

Notitie energiebesparing en duurzame energie

Notitie energiebesparing en duurzame energie Notitie energiebesparing en duurzame energie Zaltbommel, 5 juni 2012 Gemeente Zaltbommel Notitie energiebesparing en duurzame energie 1 1. Inleiding Gelet op de ambities in het milieuprogramma 2012-2015

Nadere informatie

TER KENNISNAME. Onderwerp : Klimaatbeleid (energiebeleid) de commissie grondgebiedzaken

TER KENNISNAME. Onderwerp : Klimaatbeleid (energiebeleid) de commissie grondgebiedzaken CIE GZ 6 01-2007 TER KENNISNAME AAN Onderwerp : Klimaatbeleid (energiebeleid) de commissie grondgebiedzaken 1 Inleiding In 1997 zijn in Kyoto internationale afspraken gemaakt om tot een reductie van uitstoot

Nadere informatie

Groen? Het is te doen! Audit.Tax.Consulting.Financial Advisory.

Groen? Het is te doen! Audit.Tax.Consulting.Financial Advisory. Groen? Het is te doen! Audit.Tax.Consulting.Financial Advisory. Een uitdagend klimaat 20 20 2020 In 2020 moet de uitstoot van CO 2 in de EU met 20% zijn teruggebracht ten opzichte van het 1990 niveau.

Nadere informatie

Milieudienst West-Holland. Klimaatprogramma Holland Rijnland en Rijnstreek 2008-2012. Gerrit Jan Schraa Programmaleider

Milieudienst West-Holland. Klimaatprogramma Holland Rijnland en Rijnstreek 2008-2012. Gerrit Jan Schraa Programmaleider Klimaatprogramma Holland Rijnland en Rijnstreek 2008-2012 Gerrit Jan Schraa Programmaleider Klimaatprogramma Vervolg op Klimaatbeleid 2003-2007 Waarom een Klimaatprogramma? Wat houdt het programma in?

Nadere informatie

Uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid Vaals 2012-2015

Uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid Vaals 2012-2015 Uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid Vaals 2012-2015 Projectcode GEMEENTE 1 Energiebesparing gemeentelijke gebouwen Doelstelling Het verbeteren van de energieprestatie van gemeentelijke gebouwen door 3%

Nadere informatie

PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF

PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF De Eshof op weg naar energie neutraal! = woningen Eshof naar nul op de meter = Inhoud 1. Ambitie: naar meest duurzame wijk van Elst? 2. Meten is weten: per wijk per

Nadere informatie

Helmonds Energieconvenant

Helmonds Energieconvenant Helmonds Energieconvenant Helmondse bedrijven slaan de handen ineen voor een duurzame en betrouwbare energievoorziening. Waarom een energieconvenant? Energie is de drijvende kracht Energie is de drijvende

Nadere informatie

VNG Raadsledencampagne

VNG Raadsledencampagne Duurzaam Drimmelen VNG Raadsledencampagne Klimaat niet zonder de Raad Invloed raadsleden Borging beleid Collegiaal bestuur Collegeakkoord 2010-2014 Duurzame ontwikkeling: Een ontwikkeling die kan voorzien

Nadere informatie

Ondertekening 10-puntenplan

Ondertekening 10-puntenplan Ondertekening 10-puntenplan Het is nu hét moment om de piketpalen te slaan voor het gemeentelijke duurzaamheidbeleid in College, Raad en de verkiezingsplannen. U heeft hiervoor de brochure met de 10 punten

Nadere informatie

Bijlage 5: Provinciale menukaart

Bijlage 5: Provinciale menukaart Bijlage 5: menukaart PROVINCIALE MENUKAART DUURZAME ENERGIE EN ENERGIEBESPARING Aandachtsveld Doelgroep Ambitieniveau Indicator Energie in beleid Hoofdlijnen in omgevingsbeleid (bijvoorbeeld energieparagraaf

Nadere informatie

Klimaatactieplan Noord-Veluwe 2009-2012. Samenwerken aan klimaat. Elburg Ermelo Heerde Harderwijk Hattem Nunspeet Oldebroek Putten

Klimaatactieplan Noord-Veluwe 2009-2012. Samenwerken aan klimaat. Elburg Ermelo Heerde Harderwijk Hattem Nunspeet Oldebroek Putten Klimaatactieplan Noord-Veluwe 2009-2012 Samenwerken aan klimaat Elburg Ermelo Heerde Harderwijk Hattem Nunspeet Oldebroek Putten 1. Voorwoord Het klimaat verandert. Dat heeft een grote impact op mens en

Nadere informatie

Evaluatie Uitvoeringsprogramma 2009-2012 versie: 29-jan Doelen Doelstelling bereikt? reductie

Evaluatie Uitvoeringsprogramma 2009-2012 versie: 29-jan Doelen Doelstelling bereikt? reductie Evaluatie Uitvoeringsprogramma 2009-2012 versie: 29-jan Doelen Doelstelling bereikt? reductie Project Doelstelling wel deels niet anders ingevuld CO2- uitstoot verlaging woon- /bdrf.lasten creatie nieuw

Nadere informatie

Energiebesparing in de bouw

Energiebesparing in de bouw Energiebesparing in de bouw - Overheidsbeleid - Wettelijke kaders - Praktische omzetting Bijdragen van: ing. W.Baartman ir. J.Ouwehand Wetgeving en overheidsbeleid Transitie naar een duurzame energiehuishouding

Nadere informatie

OPZET KLIMAATPLAN 11-2-04

OPZET KLIMAATPLAN 11-2-04 OPZET KLIMAATPLAN 11-2-04 Samenvatting Deze notitie voorziet in de opzet van het klimaatplan voor Nijmegen. Dit is de voortzetting het Nijmeegse energiebeleid. Actualisering was sowieso nodig omdat oude

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary)

Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015. Versie 3.0 (Summary) Energiezorgplan Van Dorp installaties bv 2011 2015 Versie 3.0 (Summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Update: Augustus 2013 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue

Nadere informatie

Almere. Uitkomsten van de zoektocht naar dé klimaatneutrale gemeente in Flevoland 2015

Almere. Uitkomsten van de zoektocht naar dé klimaatneutrale gemeente in Flevoland 2015 Uitkomsten van de zoektocht naar dé klimaatneutrale gemeente in Flevoland 2015 Natuur en Milieufederatie Flevoland heeft ook dit jaar weer een verkenning gedaan naar het klimaatneutrale gehalte van de

Nadere informatie

Klimaat- en energiebeleid Gemeente Nijmegen

Klimaat- en energiebeleid Gemeente Nijmegen Klimaat- en energiebeleid Gemeente Nijmegen Fons Claessen sr.adviseur klimaat, energie & duurzaamheid Gemeente Nijmegen Waarom moeten we iets doen?? 1: Klimaatverandering 2: Energie en grondstoffen 3.

Nadere informatie

Klimaatbeleidsplan Gemeente Bergen 2009-2012

Klimaatbeleidsplan Gemeente Bergen 2009-2012 Klimaatbeleidsplan Gemeente Bergen 2009-2012 Maart, 2009 Samenvatting Dit klimaatbeleidsplan beschrijft het beleid van gemeente Bergen om de uitstoot van kooldioxide (CO 2 ) fors terug te dringen. Het

Nadere informatie

Factsheet Energie en Klimaat

Factsheet Energie en Klimaat Factsheet Energie en Klimaat 1. Inleiding Deze factsheet heeft betrekking op het klimaatbeleid (de reductie van CO 2 )en het energiebeleid (inzetten op zeven speerpunten) van Den Haag. Voor deze factsheet

Nadere informatie

Tussenevaluatie Zutphen energieneutraal anno 2012 Forum 23 april 2012

Tussenevaluatie Zutphen energieneutraal anno 2012 Forum 23 april 2012 Tussenevaluatie Zutphen energieneutraal anno 2012 Forum 23 april 2012 Sabine van Galen-Avegaart Agenda 1. De opgave Zutphen energieneutraal 2. Resultaat van ons beleid in cijfers 3. Wat hebben we in 2010-2011

Nadere informatie

Totale uitstoot in 2010: 14.000 kiloton CO 2

Totale uitstoot in 2010: 14.000 kiloton CO 2 Totale uitstoot in 2010: 14.000 kiloton CO 2 Industrie Welke keuzes en wat levert het op? Huidig beleid 1% besparing op gas en elektra per jaar. Totaal is dat 8 % besparing in 2020. Opbrengst: 100 kiloton.

Nadere informatie

Samen werken aan een klimaatbestendig en duurzaam Nederland. Klimaatakkoord Gemeenten en Rijk 2007-2011

Samen werken aan een klimaatbestendig en duurzaam Nederland. Klimaatakkoord Gemeenten en Rijk 2007-2011 Samen werken aan een klimaatbestendig en duurzaam Nederland Klimaatakkoord Gemeenten en Rijk 2007-2011 Samen werken aan een klimaatbestendig en duurzaam Nederland Klimaatakkoord Gemeenten en Rijk 2007-2011

Nadere informatie

WATER- SCHAPPEN & ENERGIE

WATER- SCHAPPEN & ENERGIE WATER- SCHAPPEN & ENERGIE Resultaten Klimaatmonitor Waterschappen 2014 Waterschappen willen een bijdrage leveren aan een duurzame economie en samenleving. Hiervoor hebben zij zichzelf hoge ambities gesteld

Nadere informatie

Duurzaamheidvisie Gemeente Staphorst

Duurzaamheidvisie Gemeente Staphorst r 2018 Duurzaamheidvisie Gemeente Staphorst Versie: Definitief (inclusief aangenomen amendementen) Duurzaamheidvisie Gemeente Staphorst Pagina 1 van 6 Inhoudsopgave 1. Verrekijker 2018 2. Essentie Duurzaamheidvisie

Nadere informatie

Plan van aanpak klimaatbeleid 2004 2007. Gemeente Haarlemmerliede-Spaarnwoude

Plan van aanpak klimaatbeleid 2004 2007. Gemeente Haarlemmerliede-Spaarnwoude Plan van aanpak klimaatbeleid 2004 2007 Gemeente Haarlemmerliede-Spaarnwoude 1. Inleiding Samenvatting Vanwege de zorg voor deze aarde trekt ook de gemeente Haarlemmerliede-Spaarnwoude het zich voor haar

Nadere informatie

Samen energie besparen! Convenant Energiebesparing 2009-2011 - Gemeente Kerkrade

Samen energie besparen! Convenant Energiebesparing 2009-2011 - Gemeente Kerkrade Samen energie besparen! Convenant Energiebesparing 2009-2011 - Gemeente Kerkrade 2 Voorwoord Beste mensen, voor u ligt de folder over het convenant energiebesparing 2009 2011. Dit is een samenwerkingsovereenkomst

Nadere informatie

Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer. 1. Inleiding

Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer. 1. Inleiding Voorstel ontwikkeling duurzaamheidsparagraaf Zoetermeer 1. Inleiding Zoetermeer wil zich de komende jaren ontwikkelen tot een top tien gemeente qua duurzaam leefmilieu. In het programma duurzaam Zoetermeer

Nadere informatie

Overzicht nulmeting provincie Groningen

Overzicht nulmeting provincie Groningen Overzicht nulmeting provincie Groningen ACTIEF NIVEAU beleid Hoofdlijnen in omgevingsbeleid (bijvoorbeeld energieparagraaf in omgevingsplan, milieubeleidsplan en/of streekplan). Actuele energiebeleidsnota

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 30 196 Duurzame ontwikkeling en beleid Nr. 50 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR WONEN, WIJKEN EN INTEGRATIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der

Nadere informatie

Duurzaamheid in Boswinkel Oost

Duurzaamheid in Boswinkel Oost Programma Waarom energiezuinig en duurzaam (ver)bouwen? Waarom energiemonitoring Duurzaamheid in Boswinkel Oost Energiemonitoring Velve Lindenhof, Enschede De energiezuinigste wijk van Enschede De uitvraag

Nadere informatie

MJA Workshop Wet & Regelgeving. Duurzaamheid, gebouwen en energiebesparing

MJA Workshop Wet & Regelgeving. Duurzaamheid, gebouwen en energiebesparing MJA Workshop Wet & Regelgeving Duurzaamheid, gebouwen en energiebesparing Marco van de Esschert Ministerie van BZK Energieakkoord, Bouwbesluit, Energielabel en BENG MJA Workshop 2014 Marco van de Esschert

Nadere informatie

Samen werken aan een klimaatbestendige en energieneutrale gemeente

Samen werken aan een klimaatbestendige en energieneutrale gemeente Samen werken aan een klimaatbestendige en energieneutrale gemeente 3 Doel 1: Een klimaatbestendig en energieneutraal Sliedrecht 4 Mileubeleidsplan en uitvoeringsprogramma 2010-2011 De gemeente vindt duurzaamheid

Nadere informatie

Reactie op Jaarverslag 2010 over het Meerjaren Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Milieu (MUP 2010 2013)

Reactie op Jaarverslag 2010 over het Meerjaren Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Milieu (MUP 2010 2013) Reactie op Jaarverslag 2010 over het Meerjaren Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid en Milieu (MUP 2010 2013) 26 maart 2011 Samenvatting NMP complimenteert de gemeente met de gedetailleerde verslaglegging

Nadere informatie

ENERGIEAKKOORD. Gevolgen, verplichtingen en kansen THOMAS KOKSHOORN

ENERGIEAKKOORD. Gevolgen, verplichtingen en kansen THOMAS KOKSHOORN ENERGIEAKKOORD Gevolgen, verplichtingen en kansen THOMAS KOKSHOORN 2 - Wie zijn wij? - Visie Ekwadraat - Beleid - Doelstellingen - Middelen - Financiering Inhoud - Conclusies en aanbevelingen 3 INLEIDING

Nadere informatie

GO 12. Bewonerscampagne vervolg Steek energie in je huis

GO 12. Bewonerscampagne vervolg Steek energie in je huis GO 12 Bewonerscampagne vervolg Steek energie in je huis Achtergrond Het doel van de campagne is om het voor bewoners - eigenaar/bewoners in dit geval, aantrekkelijk te maken om daadwerkelijk te investeren

Nadere informatie

Kansen voor warmte. Frans Rooijers Lustrumcongres Stichting Warmtenetwerk, 13-2-2014

Kansen voor warmte. Frans Rooijers Lustrumcongres Stichting Warmtenetwerk, 13-2-2014 Kansen voor warmte Frans Rooijers Lustrumcongres Stichting Warmtenetwerk, 13-2-2014 Centrale boodschap Er is een groot potentieel aan duurzame warmte en warmtebesparing in Nederland beschikbaar. Per situatie

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary)

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary) Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015 Versie 2.0 (summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Februari 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue verbetering...

Nadere informatie

Sámen werken aan. Voor gemeenten en MKB. erduurzaming

Sámen werken aan. Voor gemeenten en MKB. erduurzaming Sámen werken aan verduurzaming Voor gemeenten en MKB erduurzaming Sámen werken aan verduurzaming Voor gemeenten en MKB Gemeenten hebben forse ambities op het gebied van duurzaamheid, innovatie en lokale

Nadere informatie

MEMO GAD BNG 28.50.30.701 ISO 14001. Gewestelijke Afvalstoffen Dienst. Portefeuillehouders Milieu. Werkgroep biomassa en 'rijden op groen gas'

MEMO GAD BNG 28.50.30.701 ISO 14001. Gewestelijke Afvalstoffen Dienst. Portefeuillehouders Milieu. Werkgroep biomassa en 'rijden op groen gas' Gewestelijke Afvalstoffen Dienst Gooi en Vechtstreek Postadres: Postbus 514 1200 AM Hilversum Bezoekadres: Hooftlaan 32 1401 EE Bussum Telefoon: (035) 699 18 88 Fax: (035) 694 17 45 Internet: www.gad.nl

Nadere informatie

Energiemanagementplan

Energiemanagementplan Energiemanagementplan CO 2 -prestatieladder Het Veldwerkbureau B.V. Niveau 3 Auteur(s): De heer G.R. Hartkamp De heer J.A. Möller Versie 2.0 17 december 2013 Definitief rapport Inleiding Binnen ons Energiemanagementsysteem

Nadere informatie

Presentatie de Zonnewoning. Kennismaken met een duurzaam, comfortabel en energiezuinig woonconcept

Presentatie de Zonnewoning. Kennismaken met een duurzaam, comfortabel en energiezuinig woonconcept Presentatie de Zonnewoning Kennismaken met een duurzaam, comfortabel en energiezuinig woonconcept 2006 Waarom een Zonnewoning? Aansluiten bij (Klimaat-) beleid: Met het concept de Zonnewoning kunnen wij

Nadere informatie

Uitvoeringsplan Duurzame woon en leefomgeving

Uitvoeringsplan Duurzame woon en leefomgeving Uitvoeringsplan Duurzame woon en leefomgeving Actualisatie 2009 Versie 7 september 2009 kenmerk BR09. 0042/MB 1 2 1. INLEIDING... 4 1.1 Een overzicht van de belangrijkste wijzigingen... 4 2. STIMULERING

Nadere informatie

Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET)

Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET) Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET) Startbijeenkomst Energiestrategie Midden-Holland Woensdag 22 juni 2016 Workshopronde I sessie C Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET) GR: samenwerking van

Nadere informatie

Bevordering naleving Ventilatie en EPC regels. Verslag uitgevoerde activiteiten 2010. Datum 13 december 2010 Status Definitief

Bevordering naleving Ventilatie en EPC regels. Verslag uitgevoerde activiteiten 2010. Datum 13 december 2010 Status Definitief Bevordering naleving Ventilatie en EPC regels Verslag uitgevoerde activiteiten 2010 Datum 13 december 2010 Status Definitief Colofon Publicatienummer VROM-Inspectie Directie Uitvoering Programma Bouwen

Nadere informatie

Gezonde en zuinige scholen in Gelderland

Gezonde en zuinige scholen in Gelderland Gezonde en zuinige scholen in Gelderland Provincie Gelderland Yvonne Tieleman W/E adviseurs Janny Stevens Gezonde en zuinige scholen Gelders Klimaatprogramma 2008-2011 Aanpakken en aanpassen Naar een klimaatneutraal

Nadere informatie

Gemeente Langedijk. Voorstel aan de raad

Gemeente Langedijk. Voorstel aan de raad Gemeente Langedijk Raadsvergadering : 22 januari 2013 Agendanummer : 15 Portefeuillehouder Afdeling Opsteller : H.J.M. Schrijver : Beleid en Projecten : Schutten Voorstel aan de raad Onderwerp : Nota Langedijk

Nadere informatie

R e n o v a t i e e n v e r d u u r z a m i n g S c h o o l m e t d e B i j b e l t e L a n g b r o e k

R e n o v a t i e e n v e r d u u r z a m i n g S c h o o l m e t d e B i j b e l t e L a n g b r o e k datum: 16-10-2013 ARCOM B.V. Postbus 381 3900 AJ Veenendaal Koningsschot 45 3905 PR Veenendaal T 0318 64 55 52 F 0318 66 88 52 E info@arcombv.nl I www.arcombv.nl Vraagstelling Door het bestuur van de school

Nadere informatie

AT OSBORNE. Practice what you preach: Hoofdkantoor AT Osborne 3 jaar later. 19 september 2012. Gerhard Jacobs Directeur Huisvesting & Vastgoed

AT OSBORNE. Practice what you preach: Hoofdkantoor AT Osborne 3 jaar later. 19 september 2012. Gerhard Jacobs Directeur Huisvesting & Vastgoed AT OSBORNE www.atosborne.nl Practice what you preach: Hoofdkantoor AT Osborne 3 jaar later Gerhard Jacobs Directeur Huisvesting & Vastgoed 19 september 2012 AT Osborne Huisvesting en Vastgoed Infrastructuur

Nadere informatie

Document: Energiemanagementplan

Document: Energiemanagementplan Energiemanagementplan Certificering op CO 2 -prestatieladder CO 2 -prestatieladder Niveau 3 Auteur(s): Mevrouw C.K. Kloens De heer D. Slothouber 23 oktober 2013 (revisie 1.0) Definitief rapport Inhoudsopgave:

Nadere informatie

ROUTEKAART DUURZAAM OSS

ROUTEKAART DUURZAAM OSS ROUTEKAART DUURZAAM OSS 2025-2030 Duurzaam Oss Alle gemeentelijke gebouwen energieneutraal of energieleverend in 2025 Bestaande woningen en gebouwen energiezuiniger maken Verduurzamen verkeer en vervoer

Nadere informatie

Nieuwe energie voor een beter klimaat!

Nieuwe energie voor een beter klimaat! Nieuwe energie voor een beter klimaat! Berekende klimaatverandering (alleen temperatuur) over 50 jaar weergegeven in Google Earth op basis van gegevens van Met Office Hadley Centre Klimaatactieplan 2009

Nadere informatie

Document: Energiemanagementplan

Document: Energiemanagementplan Energiemanagementplan Certificering op CO2-prestatieladder CO 2 -prestatieladder Niveau 3 Auteur(s): De heer W. de Vries De heer H. Kosse 26 juni 2014 Definitief rapport Inhoudsopgave: blz. 1. Inleiding

Nadere informatie

Onderverdeeld naar sector bedraagt het energieverbruik procentueel: 32% 18%

Onderverdeeld naar sector bedraagt het energieverbruik procentueel: 32% 18% Aan: gemeenteraad Van: B&W Datum: 9 november 2009 Betreft: Motie 134 "Meetbare stappen Duurzame Energie" In de raadsvergadering van 22 april 2009 is naar aanleiding van het onderwerp Duurzaamheidsplan

Nadere informatie

Lindenhove. Renovatie & Transformatie. Informatie vanuit Renovatieteam Lindenhove

Lindenhove. Renovatie & Transformatie. Informatie vanuit Renovatieteam Lindenhove Lindenhove Renovatie & Transformatie Informatie vanuit Renovatieteam Lindenhove ' Duurzaam & Comfortabel Met slimme combinaties van energiebesparende maatregelen en opwekking van duurzame energie komen

Nadere informatie

HAAGSE AANPAK DUURZAME STEDENBOUW

HAAGSE AANPAK DUURZAME STEDENBOUW HAAGSE AANPAK DUURZAME STEDENBOUW duurzame economie sociaal culturele duurzaamheid ecologische duurzaamheid DUURZAME STEDENBOUW Inhoud presentatie Opgave Werkwijze 4 thema's Resultaten en vervolgproces

Nadere informatie

Uitvoeringsprogramma klimaatbeleid 2009-2012

Uitvoeringsprogramma klimaatbeleid 2009-2012 A gemeente Eindhoven Uitvoeringsprogramma klimaatbeleid 2009-2012 Van succesvolle projecten naar structurele uitvoering Juni 2008 / 08012201 Colofon Uitgave Gemeente Eindhoven Datum Juni 2008 gemeente

Nadere informatie

Energielabels en gemeenten. Pieter Biemans Programmamanager energie & klimaat Gemeente Tilburg

Energielabels en gemeenten. Pieter Biemans Programmamanager energie & klimaat Gemeente Tilburg Energielabels en gemeenten Pieter Biemans Programmamanager energie & klimaat Gemeente Tilburg Inhoud Energie- en klimaatbeleid in Tilburg Rol gemeente m.b.t. EPBD/energielabel Eigen organisatie Particulieren

Nadere informatie

KLIMAATBELEID in de gemeente BLADEL

KLIMAATBELEID in de gemeente BLADEL KLIMAATBELEID in de gemeente BLADEL Gemeentelijk Klimaatbeleid 2004-2008 In een B&W besluit d.d. 18-2-2002 sprak het college de intentie uit voor de ontwikkeling van gemeentelijk klimaatbeleid. Dit naar

Nadere informatie

ENERGIECONCEPTEN. Advies op maat. vandorp.eu

ENERGIECONCEPTEN. Advies op maat. vandorp.eu ENERGIECONCEPTEN Advies op maat ENERGIE- KOSTEN Stelt u zich eens voor dat u 1,- per m 2 aan energiekosten kunt besparen in een pand van 5.000 m 2. In een tijd van stijgende energiekosten zal dit in 10

Nadere informatie

Een goede jas: schoon, gezond en zuinig. Frank te Poel 10 oktober 2007

Een goede jas: schoon, gezond en zuinig. Frank te Poel 10 oktober 2007 Een goede jas: schoon, gezond en zuinig Frank te Poel 10 oktober 2007 Inhoud 1. Klimaatverandering is een urgent probleem 2. Er zijn drastische maatregelen nodig 3. Waar staat Nederland nu? 4. Spaar Het

Nadere informatie

Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Aanleiding

Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Aanleiding 1 Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Versie: 25 april 2013 Opgesteld door: Windgroep Goeree-Overflakkee, gemeente Goeree-Overflakkee en provincie Zuid-Holland Aanleiding Waarom zijn

Nadere informatie

Klimaatplan Doetinchem, april 2009. Klimaatplan Doetinchem 2009-2012

Klimaatplan Doetinchem, april 2009. Klimaatplan Doetinchem 2009-2012 Klimaatplan Doetinchem 2009-2012 Gemeente Doetinchem april 2009 1 2 Klimaatplan Doetinchem, april 2009 Voorwoord De gemeente Doetinchem voert sinds 2004 klimaatbeleid uit op basis van haar klimaatplan

Nadere informatie

Het kan minder! ing. P. Hameetman

Het kan minder! ing. P. Hameetman Het kan minder! ing. P. Hameetman manager innovatie BAM Vastgoed bv Inleiding Afbakening: Presentatie is toegespitst op woningbouw Verdieping van technische mogelijkheden 2 Klimaatakkoord Gemeenten en

Nadere informatie

Ontwerp Gezonde Systemen

Ontwerp Gezonde Systemen Ontwerp Gezonde Systemen Het huidige zonne-inkomen gebruiken De cycli van de natuur worden aangedreven door de energie van de zon. Bomen en planten vervaardigen voedsel op zonlicht. De wind kan worden

Nadere informatie

CO 2 -reductiedoelstelling 2011-2013

CO 2 -reductiedoelstelling 2011-2013 CO 2 -reductiedoelstelling 2011-2013 Cauberg-Huygen Raadgevende Ingenieurs BV december 2011 2010.0001-15 Inleiding Cauberg-Huygen is sinds 1975 koploper in oplossingen voor de bouw- en infrasector, industrie

Nadere informatie

Bouwen is Vooruitzien

Bouwen is Vooruitzien Bouwen is Vooruitzien Energie van visie tot projecten Peter Op t Veld Inhoud Waar staan we? Europees energie en klimaatbeleid Tegenstelling collectief belang individueel belang Waar gaan we naar toe?

Nadere informatie

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas Duurzame energie Leveranciersdag Rijk 27 november 2015 Piet Glas P.Glas@mindef.nl Categoriemanager Energie Frans van Beek frans.beek@minbzk.nl BZK - DG Organisatie Bedrijfsvoering Rijk Opzet workshop 1.

Nadere informatie

Wat is een Green Deal?

Wat is een Green Deal? Wat is een Green Deal? Maatschappelijke initiatieven die groene groei moeten stimuleren Gericht op innovatie, zowel techniek als proces Samenwerking tussen bedrijven/organisaties en rijksoverheid Wegnemen

Nadere informatie

Klimaatplan Doetinchem, CONCEPT, versie maart 2009. Klimaatplan Doetinchem 2009-2012 CONCEPT. Gemeente Doetinchem Afdeling Bestuur en Strategie

Klimaatplan Doetinchem, CONCEPT, versie maart 2009. Klimaatplan Doetinchem 2009-2012 CONCEPT. Gemeente Doetinchem Afdeling Bestuur en Strategie Klimaatplan Doetinchem 2009-2012 CONCEPT Gemeente Doetinchem Afdeling Bestuur en Strategie 1 2 Voorwoord De gemeente Doetinchem voert sinds 2004 klimaatbeleid uit op basis van haar klimaatplan 2004-2008.

Nadere informatie

Zonnestroomprojecten Gemeente Amsterdam. ProjectManagement Bureau Joost de Valk

Zonnestroomprojecten Gemeente Amsterdam. ProjectManagement Bureau Joost de Valk Zonnestroomprojecten Gemeente Amsterdam ProjectManagement Bureau Joost de Valk Noodzaak en ambitie Klimaatbeleid Amsterdam: forse CO 2 reductie 40% in 2025 en klimaatneutraal bouwen en gemeentegebouwen

Nadere informatie

Bijlage nota gs: 502478/502484 Uitvoeringsregeling subsidie duurzaam renoveren Noord- Holland 2015

Bijlage nota gs: 502478/502484 Uitvoeringsregeling subsidie duurzaam renoveren Noord- Holland 2015 Bijlage nota gs: 502478/502484 Uitvoeringsregeling subsidie duurzaam renoveren Noord- Holland 2015 Besluit van gedeputeerde staten van Noord-Holland van, nr., tot vaststelling van de Uitvoeringsregeling

Nadere informatie

Sector- en keteninitiatieven

Sector- en keteninitiatieven Sector- en keteninitiatieven Conform 1.D.1, 1.D.2 en 3.D.1 Onderzoek naar initiatieven en toelichting op de actieve deelname aan het initiatief van Zwatra B.V. Auteur(s): R. Egas, directie & CO 2-functionaris,

Nadere informatie

3.C.1. en 3.C.2 Communicatieplan

3.C.1. en 3.C.2 Communicatieplan 3.C.1. en 3.C.2 Communicatieplan Struijk Groep Autorisatie Nummer/versie Datum Opsteller Goedgekeurd directie 01 8 februari 2016 Naam: E. Struijk, F. van Doorn Naam: A. Struijk Datum: 8 februari 2016 Datum:

Nadere informatie

Klimaatakkoord Rijk en UvW

Klimaatakkoord Rijk en UvW Klimaatakkoord Rijk en UvW Politieke en beleidsmatige context (klimaatbeleid) Rafaël Lazaroms 25 mei 2010 1 Inhoud presentatie Voorstellen Internationaal en nationaal klimaatbeleid Positie waterschappen

Nadere informatie

1.óC\J-,b6bL : Voortzetting klimaatbeleid in de periode 2008-2012

1.óC\J-,b6bL : Voortzetting klimaatbeleid in de periode 2008-2012 Voorstel ~atwijk Aan Status : Burgemeester en Wethouders : Openbaar ZQQknummer Datum :U>oCJ- 16662 : 9 juli 2008 Afdeling : Veiligheid Raad: ~~~ Medewerk(st)er : Rijn, J.M. van OR: : Nee Te.lefoonnumme.r

Nadere informatie

Onderwerp: Kaders voor windenergie

Onderwerp: Kaders voor windenergie Aan het Algemeen Bestuur Datum: 02-10-2013 Onderwerp: Kaders voor windenergie Voorstel 1. Vaststellen van beleidskaders voor windenergie-initiatieven; 2. Kennis te nemen van het initiatief voor een windmolenpark

Nadere informatie

www.bamtechniek.nl Stappenplan voor energiemanagement in bestaand vastgoed BAM Techniek - Energy Systems

www.bamtechniek.nl Stappenplan voor energiemanagement in bestaand vastgoed BAM Techniek - Energy Systems www.bamtechniek.nl Stappenplan voor energiemanagement in bestaand vastgoed BAM Techniek - Energy Systems BAM Techniek - Energy Systems Uw energie- en gebouwmanager Energie is absoluut onmisbaar voor de

Nadere informatie

duurzame energievoorziening voor bedrijventerreinen

duurzame energievoorziening voor bedrijventerreinen duurzame energievoorziening voor bedrijventerreinen De toekomst van de energievoorziening Gemeenten, provincies, bedrijven en projectontwikkelaars gaan zich steeds meer richten op duurzame energiedoelstellingen,

Nadere informatie

1 Inleiding. 2 Doelstelling. 3 Cursustraject. 2.1 Doelgroep

1 Inleiding. 2 Doelstelling. 3 Cursustraject. 2.1 Doelgroep Project 12950 Dubo-adviseur Onderwerp Trainingstraject EPN in de praktijk Datum 05-03-2013 Status Definitief 12950622552ing. J. NeelemanDubo consulent18 februari 2013Cursustraject 1 Inleiding Met de invoering

Nadere informatie

Projectopdracht en Plan van aanpak Energiezuinig bouwen in Pesse

Projectopdracht en Plan van aanpak Energiezuinig bouwen in Pesse Projectopdracht en Plan van aanpak Energiezuinig bouwen in Pesse Datum: 13 januari 2012 Strategie, Beleid en Projecten Postbus 20.000, 7900 PA Hoogeveen Telefoon 14 0528 Fax 0528-291325 E-mailinfo@hoogeveen.nl

Nadere informatie

Uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid 2009-2012. Gemeente Houten, 4 november 2008

Uitvoeringsprogramma Klimaatbeleid 2009-2012. Gemeente Houten, 4 november 2008 2 Inhoud Hoofdstuk 1 Inleiding... 5 1.1 Achtergrond... 5 1.2 Klimaatverandering... 5 1.3 Waarom dit plan... 6 1.4 Totstandkoming van dit plan... 6 1.5 Leeswijzer... 7 Hoofdstuk 2 Beleidskader... 8 2.1

Nadere informatie

Selectie van Meer met Minder -proefprojecten

Selectie van Meer met Minder -proefprojecten Selectie van Meer met Minder -proefprojecten Versie 10 maart 2008 Inhoudsopgave 1 Inleiding 4 2 Wat is een Meer met Minder-proefproject? 4 2.1 MmM-uitgangspunten 4 2.2 MmM-aanpak 5 2.2.1 Verleiden 5 2.2.2

Nadere informatie

Energiebesparing. Betonkernactivering. Programma. Energiebesparing EPBD. Energy Performance Building Directive. Europese richtlijn.

Energiebesparing. Betonkernactivering. Programma. Energiebesparing EPBD. Energy Performance Building Directive. Europese richtlijn. Programma Energiebesparing & Betonkernactivering Energiebesparing Europa Nederland Besparingspotentieel Specialisten gevraagd? Betonkernactivering Publicatie Leergang Kees Arkesteijn 1 2 Energiebesparing

Nadere informatie

: Mitigatie en Adaptatie

: Mitigatie en Adaptatie Datum raadsavond : 26 november 2009 Programma Onderwerp : Leeft : Mitigatie en Adaptatie Samenvatting Het voorliggende voorstel geeft u als raad inzicht in hoe we als gemeente klimaatverandering kunnen

Nadere informatie

Energie neutrale Gebiedsontwikkeling

Energie neutrale Gebiedsontwikkeling Energie neutrale Gebiedsontwikkeling Dag van de Projectontwikkeling Pieter Hameetman, directeur 23 mei 2013 Koninklijke BAM Groep nv Energie neutrale gebiedsontwikkeling Energienota = 0 Betekend communiceren

Nadere informatie

Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug

Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug CONCEPT Omgevingsdienst regio Utrecht Mei 2015 opgesteld door Erwin Mikkers Duurzame energie per Kern in gemeente Utrechtse Heuvelrug

Nadere informatie

Voorstel raad. Onderwerp. Voorstel. Inleiding GEWIJZIGD. Westerheul IV: warmte- en koudeopslag en ambitie duurzaamheid

Voorstel raad. Onderwerp. Voorstel. Inleiding GEWIJZIGD. Westerheul IV: warmte- en koudeopslag en ambitie duurzaamheid Voorstel raad GEWIJZIGD AAN de gemeenteraad REGISTRATIENUMMER 14G0000078 AGENDAPUNT 6 TER INZAGE Ja NUMMER 0043/14 BIJLAGE(N) Rapport W/E Adviseurs energie voor Westerheul (openbaar) RAADSVERGADERING 30

Nadere informatie

Rapport energiecijfers kantoren

Rapport energiecijfers kantoren Rapport energiecijfers kantoren Dit rapport is aangemaakt op 08/31/10 om 11:31. De website Energiecijfers van NL Energie en Klimaat levert u actuele gegevens over energieprijzen en alle aspecten van energiegebruik

Nadere informatie

Beleidsplan Ruimte Vlaanderen Werkgroep Ruimte voor Energie. Partnerforum Gent 18 oktober 2016

Beleidsplan Ruimte Vlaanderen Werkgroep Ruimte voor Energie. Partnerforum Gent 18 oktober 2016 Beleidsplan Ruimte Vlaanderen Werkgroep Ruimte voor Energie Partnerforum Gent 18 oktober 2016 Energie uitdagingen VISIE 2050: 7. energietransitie Daling uitstoot broeikasgassen in EU met 80-95% t.o.v.

Nadere informatie

Zon Op School. Initiatiefvoorstel 1 7 APR. 2013. Initiatiefvoorstel aan de Raad GROENLINKS NIJIVIEGEN ~- INQEKDMEN. GEMEENTE NUMEQEN clas8.nr.: oy..

Zon Op School. Initiatiefvoorstel 1 7 APR. 2013. Initiatiefvoorstel aan de Raad GROENLINKS NIJIVIEGEN ~- INQEKDMEN. GEMEENTE NUMEQEN clas8.nr.: oy.. regjw. /3. 00 0 60 3 5 proowverartw.: 'So ~- INQEKDMEN Initiatiefvoorstel 1 7 APR. 2013 GEMEENTE NUMEQEN clas8.nr.: oy..si Zon Op School Initiatiefvoorstel aan de Raad Jos Reinhoudt, GroenLinl

Nadere informatie

ENERGIE. besparen. vandorp.eu

ENERGIE. besparen. vandorp.eu ENERGIE besparen ENERGIE- KOSTEN Stelt u zich eens voor dat u 1,- per m 2 aan energiekosten kunt besparen in een pand van 5.000 m 2. In een tijd van stijgende energieprijzen zal dit in 10 jaar al gauw

Nadere informatie

Zonder investeren besparen 10 tips en vragen voor de facilitair manager

Zonder investeren besparen 10 tips en vragen voor de facilitair manager Zonder investeren besparen 10 tips en vragen voor de facilitair manager Als facilitair manager bent u verantwoordelijk voor de huisvesting. Daarmee ook voor het energiegebruik van de huisvesting. In deze

Nadere informatie

Meer met Minder. Duurzame Energie en Energiebesparing. Van Europa moet het. De Nederlandse overheid wil het. UNETO-VNI = ondernemersorganisatie

Meer met Minder. Duurzame Energie en Energiebesparing. Van Europa moet het. De Nederlandse overheid wil het. UNETO-VNI = ondernemersorganisatie Meer met Minder Seminar Energielabel 24 april 2008, Nootdorp Rob van der Meer UNETO-VNI = ondernemersorganisatie Installatiebranche met circa 5.300 aangesloten bedrijven. Technische detailhandel met circa

Nadere informatie