RIOB. Landelijke implementatie Richtlijn Opiaatonderhoudsbehandeling. Eindrapport van de tweede fase van de ondersteuning bij het implementatieproces

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "RIOB. Landelijke implementatie Richtlijn Opiaatonderhoudsbehandeling. Eindrapport van de tweede fase van de ondersteuning bij het implementatieproces"

Transcriptie

1 RIOB Landelijke implementatie Richtlijn Opiaatonderhoudsbehandeling Eindrapport van de tweede fase van de ondersteuning bij het implementatieproces December 2010 IVO, NISPA Chris Loth (NISPA) Anneke Risselada (IVO) Elske Wits (IVO) Cor de Jong (NISPA) Dike van de Mheen (IVO) 1

2 2

3 Voorwoord Voor u ligt het eindverslag van het landelijke implementatietraject van de Richtlijn Opiaatonderhoudsbehandeling (RIOB), dat is uitgevoerd door het NISPA/Nijmegen en het IVO/Rotterdam. De ondersteuning van de landelijke implementatie van de RIOB is gefinancierd door het Ministerie van VWS: in de eerste fase ( ) via Resultaten Scoren, en in de 2 e fase ( ) rechtstreeks. Het verslag van de eerste fase is te verkrijgen via Het project bestond uit een praktische ondersteuning van de implementatie binnen de deelnemende instellingen en uit twee visitatierondes. De implementatie van de RIOB werd vanwege gebrek aan financiële middelen bij de verslavingszorginstellingen in de loop van 2007 stil gelegd (zie het rapport van maart 2008). Door de extra financiering vanuit het Ministerie van VWS voor de opiaatonderhoudsbehandeling ( in 2008 en daarna het voornemen van jaarlijks vanaf 2009) kwam de implementatie weer op gang en is de implementatieondersteuning in november 2008 weer opgestart. Voor u ligt het eindverslag van deze tweede fase waarin wordt beschreven hoe de implementatie door de deelnemende instellingen is aangepakt, wat de resultaten zijn van de tweede ronde visitaties bij diverse deelnemende instellingen en welke prestatieindicatoren voor de ambulante opiaatonderhoudsbehandeling kunnen worden gebruikt in de toekomst. Ondanks de beperkte middelen hebben tien van de in totaal twaalf verslavingszorginstellingen in ons land in de periode wederom tijd en energie geïnvesteerd in de gezamenlijke implementatie van de RIOB, het uitwisselen van kennis en ervaring en het werken aan prestatie indicatoren. De implementatie van deze richtlijn heeft tot commotie geleid, omdat de bestaande zorg en zorgprocessen worden aangepast en beroepsbeoefenaren en beleidsmedewerkers worden geconfronteerd met het maken van keuzes die niet altijd even makkelijk te realiseren zijn. Op de dagelijkse werkvloer moesten ingrijpende veranderingen doorgevoerd worden, zoals de herintakes van patiënten en de herindeling van met name de takenpakketten van verpleegkundigen, die ineens naast maatschappelijk werkenden hun rol als casemanager innamen. Omdat de implementatie verschillende invalshoeken kent die niet los van elkaar kunnen worden gezien, is het rapport bedoeld voor een brede doelgroep lezers zoals medewerkers van verslavingszorginstellingen, beleidsmedewerkers van het Ministerie van VWS, professionals van diverse beroepsverenigingen, zorgverzekeraars, centrum gemeentes en de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ). Onze dank gaat uit naar allen die aan het project hebben meegewerkt. Ruud Rutten November

4 Inhoud 1 Inleiding Doelstellingen RIOB project landelijke ondersteuning Randvoorwaarden Participerende instellingen Projectgroep: afstemming met de Stuurgroep Resultaten Scoren en met VWS RIOB implementatie en afstemming met de IGZ Leeswijzer 8 2 Kennisontwikkeling en implementatieondersteuning Achtergrond Organisatievormen binnen de verstrekking van medicatie Multidisciplinaire richtlijn heroïnebehandeling Protocollen Soorten opiaatonderhoudsmedicatie LCMR Scholingen Begeleidingstrajecten RIOB meergelden De RIOB update 14 3 Opiaatonderhoudsbehandeling: stand van zaken eind Opzet van de visitaties Hoe het was: bevindingen IGZ Opmars biopsychosociaal model Primair proces Organisatie Hygiëne en veiligheid Patiëntgerichtheid Conclusie: vergelijking met de eerste visitatieronde in Prestatie indicatoren Inleiding Indicatoren, operationalisatie Meetinstrumenten Tijdspad van de metingen Vergelijking met instrumenten ROM GGZ Conclusies 34 4

5 5 Conclusies 35 6 Aanbevelingen 37 Literatuur 39 Bijlagen 41 Bijlage 1 Opzet en planning tweede visitatieronde 43 Bijlage 2 Deelnemers leergroep RIOB 47 Bijlage 3 Alcoholprotocollen en het vergelijk onderling 49 Bijlage 4 Vragenlijst tweede visitatieronde 51 5

6 1 Inleiding De Richtlijn Opiaatonderhoudsbehandeling (RIOB) is in ontwikkeld en in januari 2006 landelijk gepresenteerd om een adequaat antwoord te geven op de vraag hoe de behandeling van chronische opiaatverslaafde patiënten vanuit de ambulante verslavingszorg kan worden gestroomlijnd en verbeterd. Aanleiding hiervoor was onder meer de conclusie van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) dat de methadonprogramma s in Nederland niet op het gewenste niveau en zeer divers functioneerden (IGZ, 2005). De implementatie van de RIOB brengt voor bijna elke instelling voor verslavingszorg een ingrijpend veranderingsproces met zich mee, zoals al eerder werd vastgesteld bij de presentatie van de RIOB (Loth, Oliemeulen & De Jong, 2006). De richtlijn is niet in te voeren met een aantal snelle aanpassingen op een 'methadonpost' 1. Op verschillende niveaus in de organisatie is een veranderingsproces noodzakelijk om te komen tot goede, multidisciplinaire zorg. Vanaf oktober 2006 tot en met oktober 2010 hebben het NISPA en het IVO daarom ondersteuning geboden bij de implementatie van de RIOB, aanvankelijk in opdracht van Resultaten Scoren (gefinancierd door het Ministerie van VWS) en vanaf 2008 rechtstreeks in opdracht van het Ministerie van VWS. In het begin van het traject namen zeven verslavingszorginstellingen deel. Later voegden zich drie instellingen (inclusief een Gemeentelijke Gezondheidsdienst, GGD) bij het project zodat het totaal uitkwam op 10 deelnemende instellingen van de in totaal 12 in Nederland. 1.1 Doelstellingen RIOB project landelijke ondersteuning Het project Ondersteuning Implementatie RIOB had als algemene doelstelling een eenduidige landelijke implementatie van de richtlijn opiaatonderhoudsbehandeling te bevorderen, middels een centrale landelijke ondersteuning en kwaliteitsbewaking. Binnen de hiervoor beschikbare tijd is de richtlijn (gedeeltelijk) toegepast, geëvalueerd en waar nodig bijgesteld. Het streven was daarbij om in 2007 bij elk van de deelnemende instellingen minstens één proefproject de implementatie te laten doorlopen. Eind 2007 moest bij de deelnemende instellingen bovendien de expertise aanwezig zijn om de richtlijn instellingsbreed door te voeren. Daarnaast zouden twee rondes (in 2007 de eerste ronde en in 2010 de tweede ronde) van visitaties plaats gaan vinden om de veranderingen/verbeteringen vast te stellen. Ten slotte zouden enkele prestatieindicatoren worden ontwikkeld ten behoeve van een landelijke RIOB benchmarkstructuur Randvoorwaarden Het slagen van een landelijke implementatie was afhankelijk van een tweetal randvoorwaarden. Allereerst de toekenning van meerfinanciering van de noodzakelijk geachte behandeling, zoals deze in het voorjaar 2006 was 1 Een methadonpost is een ambulante voorziening binnen een instelling voor verslavingszorg van waaruit de opiaatonderhoudsbehandeling plaats vindt. De term wordt steeds minder vaak gebruikt en is vervangen door polikliniek of medicatiepoli. 2 Benchmarking is systematisch onderzoek naar de prestaties en de onderliggende processen en methoden van een of meer leidende referentieorganisaties op een bepaald gebied, en de vergelijking van de eigen prestaties en werkmethoden met deze best practice, met het doel om de eigen prestaties te plaatsen en te verbeteren. 6

7 berekend (De Vries, 2006). Per patiënt is euro extra nodig om de medicatieverstrekking en de begeleiding adequaat uit te voeren 3. De noodzakelijke meerfinanciering komt voornamelijk voort uit een steeds slechter wordende algemene gezondheidstoestand van deze patiënten (Knapen, Van Gogh, Carpentier, Verbrugge & De Jong, 2007). Vanaf eind 2008 is een extra financiering vanuit VWS tot stand gekomen: 7,5 miljoen euro in 2008 en structureel 15 miljoen euro vanaf Zie hiervoor de brief van minister Klink aan de Tweede Kamer van 16 juli 2008 (Klink, 2008). VWS had hierbij als eis dat de instellingen nog in 2009 het landelijke registratiesysteem Landelijke Centrale Middelen Registratie, LCMR implementeerden. De tweede belangrijke voorwaarde was overeenstemming over de landelijke implementatie van de RIOB in het netwerk verslavingszorg van GGZ Nederland. De complexiteit van de zorg voor de chronische patiënt gebiedt echter dat er regionale verschillen in de uitwerking van de richtlijn kunnen blijven bestaan. Het bieden van ruimte aan deze verschillen heeft bovendien als voordeel dat er mogelijkheden voor vernieuwing blijven bestaan. Uitwisseling van kennis, ervaring en ideeën in een landelijke leergroep heeft input gegeven voor een aanvulling en aanscherping van de RIOB (zie paragraaf 2.10). 1.3 Participerende instellingen Nederland telt elf instellingen voor verslavingszorg en één GGD die opiaatonderhoudsbehandeling voor drugsverslaafden in hun voorzieningenpakket hebben. Hiervan hebben vanaf begin 2007 zeven instellingen deelgenomen aan het implementatietraject en de visitatierondes (zie Wits, Loth, Van de Mheen & De Jong, 2008). De tweede fase van het implementatieondersteuningsproject is gestart met een uitnodiging tot deelname aan de tweede visitatieronde en een daarbij gevoegde opzet en planning (zie Bijlage 1), schriftelijk en via een belronde. Twee instellingen 4 die in de eerste ronde nog niet meededen zijn bij de start van de tweede ronde ingestroomd. Eén instelling 5 deed in de tweede visitatieronde met twee locaties mee. Twee nietparticiperende instellingen 6 uit de eerste visitatieronde hebben ook van deelname aan de tweede ronde afgezien. Van april tot en met september 2010 is de organisatie van elf behandelunits (tien instellingen) in heel Nederland op dezelfde wijze in kaart gebracht. Het ging om de volgende instellingen en locaties: Emergis, locatie Vlissingen (voorheen HKPD en Emergis) Centrum Maliebaan, locatie Utrecht GGZ Noord en Midden Limburg, locatie Venlo GGD Amsterdam, locatie Geïntegreerde Voorzieningen Centrum IrisZorg, locatie Arnhem Mondriaan, locatie Maastricht Novadic Kentron, locatie Eindhoven Novadic Kentron, locatie Breda Parnassia Bavo Groep, locatie Haarlem 7 (voorheen Brijder en Parnassia) 3 Uitgaande van opiaatverslaafde patiënten die in aanmerking komen voor een opiaatonderhoudsbehandeling is 55 miljoen euro nodig om de RIOB te kunnen implementeren. 4 Centrum Maliebaan en GGD Amsterdam zijn bij de tweede visitatieronde aangesloten. 5 Novadic Kentron: Breda en Eindhoven. De locatie in Eindhoven heeft zowel aan de eerste als de tweede visitatieronde deelgenomen. Breda is bij de tweede ronde aangehaakt. 6 Bouman GGZ en Jellinek hebben niet aan de visitaties deelgenomen. 7 In de eerste visitatieronde deed ook de locatie van Parnassia Bavo Groep in Den Haag mee. 7

8 Tactus verslavingszorg, locatie Zutphen Verslavingszorg Noord Nederland, locatie Groningen 1.4 Projectgroep: afstemming met de Stuurgroep Resultaten Scoren en met VWS Een projectgroep heeft een begeleidende rol bij het project gehad. De leden van de projectgroep waren; Cor de Jong (NISPA), Dike van de Mheen (IVO), Ruud Rutten (Tactus Verslavingszorg), Elske Wits (IVO) en Chris Loth (NISPA/Tactus verslavingszorg). De projectgroep is vanaf najaar 2008 t/m najaar 2010 vier maal bijeen geweest. Cor de Jong, Dike van de Mheen en Ruud Rutten verzorgden de rapportage van de voortgang naar de Stuurgroep van Resultaten Scoren. Elske Wits en Chris Loth waren verantwoordelijk voor de terugkoppeling naar de opdrachtgever in de tweede projectfase (VWS). In de projectgroep is onder meer de inhoudelijke en procesmatige afstemming tussen de in ontwikkeling zijnde multidisciplinaire richtlijn heroïnebehandeling en de noodzakelijke update van de RIOB richtlijn aan de orde gekomen. 1.5 RIOB implementatie en afstemming met de IGZ Vanaf eind 2009 heeft inhoudelijke uitwisseling en onderlinge afstemming plaatsgevonden met de IGZ betreffende de tweede visitatieronde vanuit de RIOB en de geplande tweede schouw (toezichtsbezoek) van IGZ in 2010, die de inspectie uitvoert als vervolg op de eerste inspectieronde (IGZ, 2005). De RIOB is als richtlijn één van de veldnormen die de IGZ hanteert. Daarnaast wordt de behandeling vanuit patiëntveiligheidsoverwegingen beschouwd, krijgt de rol van de 1 e geneeskundige extra aandacht en krijgen de knelpunten die in het veld worden ervaren aandacht. In de zomer van 2010 is hiermee gestart. Het eindrapport van de IGZ zal begin 2011 af zijn. 1.6 Leeswijzer In Hoofdstuk 2 beschrijven we het proces van kennisontwikkeling en ondersteuning rondom de implementatie van de RIOB. Hoofdstuk 3 geeft een overzicht van de stand van zaken van de RIOB implementatie na de tweede visitatieronde. In Hoofdstuk 4 worden prestatie indicatoren voor de opiaatonderhoudsbehandeling besproken. Tot slot worden in Hoofdstuk 5 conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. 8

9 2 Kennisontwikkeling en implementatieondersteuning 2.1 Achtergrond De RIOB werd begin 2006 met behulp van een landelijk symposium geïntroduceerd in ons land. Direct werd al duidelijk dat deze richtlijn niet zonder slag of stoot kon worden geïmplementeerd. De gewenste situatie zoals deze stond beschreven week te veel af van de werkelijke situatie. De landelijke implementatieondersteuning heeft daarom in de eerste fase van het project mede in het teken gestaan van het ontwikkelen en verspreiden van implementatieondersteunende producten (Wits e.a., 2008). Om een eenduidige implementatie van de richtlijn te bevorderen is bovendien een landelijke leergroep opgericht waarin vertegenwoordigers van de instellingen kennis uitwisselden en knelpunten analyseerden. De leden van de leergroep kwamen in veel gevallen tot consensus over de diverse onderwerpen. Ook de verschillen in werkwijze tussen instellingen werden besproken en uitgewisseld (cultuur en structuurgebonden uitzonderingen). In de leergroep werden zodoende adviezen geformuleerd die in de instellingen verder werden uitgewerkt en waarover vervolgens werd teruggerapporteerd. De RIOB is een landelijk model. In de leergroep werd de werkwijze stap voor stap vanuit dit landelijk geldend model vertaald naar het plaatselijk beleid in de instelling. De eerste fase van de implementatie heeft in het teken gestaan van ondersteuning door middel van diverse leermiddelen (zie Wits e.a., 2008). In de tweede fase van de implementatie werd niet zozeer de nadruk gelegd op ondersteunende producten maar juist op de toepassing en het effect in de praktijk (deze rapportage). De bijeenkomsten van de leergroep hebben plaatsgevonden bij GGZ Nederland te Amersfoort. Vertegenwoordigd waren de projectleiders van de deelnemende instellingen, de projectcoördinatoren van het landelijke RIOB ondersteuningstraject en een vertegenwoordiger van het Ministerie van VWS. In Bijlage 2 staan alle instellingen en de deelnemende personen vermeld. In de tweede fase van het ondersteuningsproject vonden zes leergroepbijeenkomsten plaats vanaf november 2008 t/m oktober In de volgende paragrafen behandelen we op hoofdlijnen de onderwerpen die in de diverse leergroepbijeenkomsten aan de orde zijn geweest. Streven is geweest om de informatie die via de leergroep verkregen is te combineren met recente wetenschappelijke literatuur en op basis daarvan een update van de RIOB te maken. In dit hoofdstuk worden de diverse inhoudelijke onderwerpen beschreven die in de leergroep aan de orde zijn gekomen en vervolgens worden deze onderwerpen ondergebracht in de beschrijving van een hernieuwde versie van de RIOB ( update, zie paragraaf 2.10). In de volgende paragraaf beschrijven we echter eerst hoe de leergroep heeft gefunctioneerd. 2.2 De leergroep als middel De leergroep werd samengesteld uit leden van diverse instellingen die als gezamenlijk belang de implementatie op instellingsniveau gemeen hadden. Tijdens de bijeenkomsten die circa 2,5 uur duurden werden vele ideeën onderling uitgewisseld. De communicatie onderling en het proces waarin diverse mogelijke oplossingen telkens de revue passeerden had geen losse structuur maar juist een strakke en stapsgewijs stappenplan dat geënt is 9

10 op de focusgroep methode in kwalitatief onderzoek. Communicatie en uitwisseling zijn bedoeld om de onderlinge draagkracht te vergroten. Draagkracht en overeenstemming zijn twee belangrijke uitkomsten van de leergroepbijeenkomsten geweest. Overeenstemming en inhoudelijke en landelijke afgestemde argumenten bij de diverse onderwerpen vergroten de autonomie van de diverse projectleiders om binnen de eigen instellingen te kunnen implementeren. Bovendien zijn eensluidende en eenduidige oplossingen een goed begin van een brede te controleren kwaliteitszorg. Ten aanzien van de diverse inhoudelijke onderwerpen is de leergroep vanuit een groeimodel opgezet. Door de discussies, de zoektochten door de literatuur, het lezen van elkaars instellingsgebonden oplossingen en beleidsbeslissingen werden de onderwerpen stap voor stap ontwikkeld. Drie duidelijke voorbeelden hiervan zijn de uitgewerkte ideeën geweest rondom de functiedifferentiatie (ziekenverzorgende of apothekersassistent, verpleegkundige, verpleegkundige post HBO opgeleid en de verpleegkundig specialist/nper), de DBC regels en de hieraan gekoppelde zorgregistratie, en de diverse manieren om patiënten te ontvangen en medicatie te verstrekken (groepsverstrekking, individuele zorgcontacten, of huisbezoeken). 2.3 Organisatievormen binnen de verstrekking van medicatie In de leergroep is diverse malen uitgebreid gesproken over de voor en nadelen van de groepsverstrekking (verstrekking tijdens openingstijden zonder individueel afgesproken tijdstip) versus de individuele verstrekking (op persoonlijke afspraak) in de vorm van het tienminuten gesprek. Onderwerpen die hierbij ter sprake kwamen waren de zorgregistratie en de financiering van met name het tienminuten gesprek. Maar ook hoe de patiënt te benaderen, welke onderwerpen in dergelijke gesprekken aan de orde moeten komen, wat te doen bij een no show, etc. Het resultaat van deze discussies geeft input voor volledige beschrijvingen van verschillende manieren van het verstrekken van medicatie in een hernieuwde versie van de RIOB. Daarin wordt betrokken het patiëntenperspectief, een respectvolle bejegening en de zorgorganisatie van de verstrekking. Een ander veel besproken thema is functiedifferentiatie (HBO verpleegkundige, MBO verpleegkundige, verstrekker met een niveau 3 opleiding, nurse practitioner/np er). Knelpunt is dat in het stelsel van DBCfinanciering niveau 3 opgeleiden hun uitgevoerde werkzaamheden niet mogen registreren (behoort niet tot de zogenoemde CONO beroepen in de zorg). Ook de inzet van niveau 5 opgeleiden in o.a. de begeleidingstrajecten van patiënten is besproken, en de meerwaarde van een NP er in de medische diagnostiek en behandeling. Resultaat van deze discussies is geweest dat verstrekken van medicatie en het begeleiden aan en naast de balie van patiënten los te organiseren zijn, maar in het behandelplan een duidelijke en onlosmakelijke link met elkaar hebben. Daarnaast worden de divers opgeleide hulpverleners beter erkend in hun eigen kennis en kunde. 2.4 Multidisciplinaire richtlijn heroïnebehandeling In het najaar van 2008 is een start gemaakt met de ontwikkeling van de multidisciplinaire richtlijn heroïnebehandeling (MDR Heroïnebehandeling). Vanuit de verpleegkundige beroepsvereniging is hier in de persoon van C. Loth aan deelgenomen. De RIOB is meegenomen in de literatuurstudie die ten behoeve van de MDR is uitgevoerd. In de leergroep is regelmatig de verhouding van de RIOB tot de in ontwikkeling zijnde MDR besproken. De documenten zullen elkaar inhoudelijk aanvullen. In de RIOB Ligt het accent op de vertaalslag naar de uitvoeringspraktijk: hoe kan de opiaatonderhoudsbehandeling het beste worden georganiseerd? Hoe 10

11 moet een behandelplan eruit zien? Hoe dient de samenwerking met externe partijen te verlopen? De MDR is vooral gericht op bewezen interventies voor medicatie en psychosociale ondersteuning. Deze informatie is essentiële input voor de RIOB en zal overgenomen worden in een herziene versie van de RIOB, zodat de richtlijn die de dagelijkse zorg moet gaan sturen gebaseerd is op de laatste stand van zaken in de wetenschappelijke evidentie. Er is een mooie samenwerking en uitwisseling ingezet en tot stand gekomen tussen beide projecten. Twee voorbeelden hierbij zijn: o De verstrekking van medische heroïne, deze interventie staat nader omschreven in de MDR Heroïnebehandeling en zal worden overgenomen in de RIOB met een uitgebreide beschrijving van hoe het zorgproces hieromheen in te richten. o De doelen in een verslavingsbehandeling; in de MDR is gekozen voor detoxificatie en twee vormen van stabilisatie; deze zullen worden overgenomen in de update van de RIOB. 2.5 Protocollen Alcohol De hulpverleners die regelmatig patiëntencontacten hebben, constateerden dat het merendeel van de patiënten in de opiaatonderhoudsbehandeling veel en vaak alcohol drinkt. Diverse instellingen hanteren instellingsgebonden protocollen voor de gang van zaken rond de verstrekking (wanneer testen op alcoholgebruik?, welke consequenties?). Tijdens de behandeling van dit onderwerp bleek dat er onderlinge verschillen in werkwijze bestonden. Omdat de behoefte van afstemming bij dit onderwerp groot was, is gekozen voor een aparte discussie die werd voorbereid door alle beschikbare protocollen naast elkaar te leggen en te vergelijken (zie bijlage 3). Deze verschillen en overeenkomsten werden uitvoerig besproken, met de bedoeling de eigen instellingsgebonden protocollen waar nodig aan te passen. De afspraak is gemaakt om deze weer uit te wisselen indien er een herziene versie van de RIOB wordt opgesteld, om daarin een breed gedragen alcoholprotocol op te kunnen nemen. De volgende items zijn besproken: Grenswaarden voor de bloed alcohol concentratie (BAC) en afspraken hoe hierbij te handelen, Monitoring voedingstoestand en thiamine beleid, Wat te doen bij een onthoudingsdelier, Aanbieding van een klinische/ambulante detox alcohol aan welke patiënten?, Het belang van structurele aandacht voor alcoholproblemen in de patiëntenbespreking. In de discussies hierbij is gebruikt gemaakt van de bestaande literatuur hierover (Linssen, de Jong & Wolf, 2000; Linssen, de Graaf & Wolf, 2002; CBO, 2009). Taakverdeling arts en MANP De taakverdeling van de verpleegkundig specialist (Master of Advanced Nursing Practice, MANP) en die van de arts in de diagnostiek en medicatiebehandeling zijn meerdere malen in de leergroep aan de orde geweest. Iedere instelling heeft daar eigen opvattingen en beleid op uitgezet. Probleem is met name het ontbreken van een instellingsgebonden protocol, waarin de taakoverheveling en de diverse verantwoordelijkheden in communicatielijnen staan uitgewerkt. In de update van de RIOB zal getracht worden hier iets over vast te leggen, op basis van aanvullend literatuuronderzoek. Een dilemma dat telkens terug kwam hierbij was de 11

12 plaats, de taken en verantwoordelijkheden van deze verpleegkundige. Is zij het hulpje van de arts en neemt zij in deze rol de eenvoudige taken van de arts over? Of kan zij bijvoorbeeld een verpleegkundig spreekuur opzetten in de rol van verpleegkundig specialist, waarbij zij bepaalde taken overneemt van de arts op het gebied van medische diagnostiek en behandeling? 2.6 Soorten opiaatonderhoudsmedicatie Vanaf 2006 is er in de vorm waarin methadon wordt verstrekt (smelt)tablet, vloeibaar en in de wijze van registratie van de verstrekte methadon veel veranderd. Met name de aansluiting bij grote en soms landelijk opererende apotheken heeft een en ander versneld. De aanname is dat over enkele jaren het methadon uitgifte systeem (MUS) overal is verdwenen en dat op grote schaal met baxter 8 verpakkingen wordt gewerkt, met een centrale rol voor de apotheker in de registratie en het voorraadbeheer. Uitwisseling was er voornamelijk over de diverse apotheken, de soorten tabletten methadon en vloeibare vormen van methadon, invoering van nieuwe verstrekkingsystemen en de daarbij behorende scholingen over taken en verantwoordelijkheden. 2.7 LCMR De Landelijke Centrale Middelen Registratie (LCMR) is door het ministerie van VWS in het leven geroepen om de zorg te verbeteren, om ontvreemding van opiaatvervangers zoals methadon tegen te gaan en om algemene beleidsinformatie te kunnen verzamelen over opiaatverslaving en de medicamenteuze behandeling daarvan. Het systeem registreert de persoon, de dosering, de instelling en de voorschrijvende arts. Het Ministerie van VWS stelde in 2008 als eis dat alle instellingen de LCMR in juli 2009 geïmplementeerd moesten hebben. In de leergroep is het onderwerp daarom vaak ter sprake gekomen. De methode wordt in diverse instellingen voor verslavingszorg en binnen de voorzieningen van de Dienst Justiёle Inrichtingen (DJI) van het Ministerie van Justitie stap voor stap geïmplementeerd en bestaat uit drie fases: export eigen gegevens (de instelling verzendt de eigen registratie naar het LCMR), inkijken in LCMR (de instelling kan de gegevens van patiënten inkijken via het LCMR), biometrie (zowel de verstrekkende verpleegkundige als de patiënt loggen via de eigen vingerafdruk in in het systeem). De diverse projectleiders wisselden uit over de volgende onderwerpen: de drie fases van implementeren van de LCMR, het plaatsen van de werkstations en de problemen die hierbij optraden, de weerstand tegen de inlog met biometrie zowel van de kant van de hulpverlener als die van de patiënt, de afstemmingsproblemen tussen CITRIX, de werkstations en de interne registratiesystemen van de instelling. 8 Baxteren is een bij apotheken ingeburgerde term voor het geautomatiseerd verpakken van geneesmiddelen. Het verpakken gebeurt middels een geneesmiddeldispenseersysteem of baxtermachine. Deze verpakkingen worden naar de verslavingszorginstellingen vervoerd. De medicatie zit daarbij in een plastic zakje op naam van de patiënt. 12

13 In alle instellingen is fase 1 van de LCMR inmiddels geïmplementeerd. Met wisselend succes per instelling is verder gegaan met fase 2 en 3. Er zijn maar weinig instellingen die alle drie de fases hebben geïmplementeerd. Wel is door de RIOB implementatie een groot aantal instellingen overgestapt op een centrale apotheek, baxter verpakkingen etc. Ook de ROM afspraken tussen de instellingen maakt in de toekomst een goede controle op de registratie en het voorkomen van met name dubbele verstrekkingen mogelijk. Om deze redenen twijfelt het veld steeds meer aan de meerwaarde van de LCMR. Het Ministerie van VWS wacht op het eindrapport van de schouw in 2010 van de IGZ alvorens een beslissing te nemen over de toekomst van de LCMR 2.8 Scholingen In de eerste projectfase is als implementatieondersteuning een scholingsmodule ter beschikking gesteld 9. In deze tweede fase werd in diverse instellingen daarvan gebruik gemaakt. Er is geprobeerd om deze scholingen centraal te organiseren om het leerrendement en de efficiëntie zo hoog mogelijk te maken, maar dat bleek niet uitvoerbaar in de praktijk. Er is nog steeds een verschil in planning en organisatie van de uitvoer van de diverse scholingen tussen de instellingen. Inhoud en opzet van de noodzakelijke scholingen werden uitgewisseld, met name scholing t.a.v. de professionele attitude aan de balie; motiverende houding in de begeleiding, het kunnen monitoren van de effecten van de medicatie in relatie tot de somatische en psychiatrische toestand van de patiënt, en het herkennen van craving en ontwenning. Ook de mogelijke (inhoud van) scholing rond de Langdurig Zorgafhankelijkheid (LZA) methode, een rehabiliterende houding, het kunnen toepassen van de presentiebenadering 10, Community Reinforcement Approach (CRA) en het werken met vouchers kwam aan de orde. Kortom, vanuit de leergroep werd geconcludeerd dat scholingen binnen bijna elke instelling geen hoge prioriteit hebben. Er wordt derhalve aanbevolen om bij en nascholingen uit te voeren zoals zij staan beschreven in de module, omdat uit de visitaties bleek (zie hiervoor het volgende hoofdstuk) dat de inhoudelijke kennis en kunde van de diverse hulpverleners niet up to date is. 2.9 Begeleidingstrajecten De RIOB beschrijft drie patiëntprofielen met als doel om door een snelle en adequate inschatting van de zorgzwaarte op basis van de zorgbehoeftes iedere patiënt een behandeling op maat aan te kunnen bieden. De profielen zijn: de scenemijder, de patiënt die (inmiddels) goed geïntegreerd leeft en woont, niet of nauwelijks illegale middelen koopt/gebruikt en waarbij de verslavingszorg op afstand hulp biedt. de scenebezoeker, de patiënt die regelmatig illegale middelen koopt, verkoopt en gebruikt en die voor zichzelf en anderen overlast veroorzaakt omdat het met regelmaat niet goed gaat. de scenebewoner, de patiënt die woont, werkt en gebruikt in de drugsscene, met daarnaast veel somatische en psychiatrische problematiek en die door ervaring en autonomieverlies vanwege de 9 Deze module is te downloaden via 10 De presentiebenadering is beschreven door Baart in 2001 en houdt in dat de hulpverlener zich aanbiedt voor hulp in het tempo en op de manier die de patiënt belangrijk vindt. 13

14 chroniciteit van de verslaving de weg naar de hulpverlening niet meer weet te vinden of juist ernstig vermijdt. De professionals in de leergroep hebben besproken of de profielen daadwerkelijk nut hebben voor de dagelijkse zorg in de vorm van: het kunnen inschatten van het vermogen van de patiënt om te kunnen veranderen, het inschatten van de sterke en zwakke kanten van een individuele verslaafde patiënt, het kunnen toewijzen van zorg en begeleiding op basis van een zorgzwaarte. Over het algemeen worden de drie profielen zonder problemen toegepast. Enkele instellingen kiezen voor een vierde profiel om de zorgzwaarte en inhoud van de begeleiding nog beter te kunnen differentiëren. De inhoud van dit vierde profiel wisselt tussen instellingen en bestaat bijvoorbeeld uit een verdere differentiatie van de groep scenemijders. De intensiteit van de begeleiding loopt veelal uiteen van heel weinig contact en monitoring van de gezondheid, naar intensieve multidisciplinaire begeleiding met een sterk outreachend karakter. Opvallend in deze discussies was dat in deze begeleidingstrajecten nog niet veel richting wordt gegeven door bijvoorbeeld CRA of contingency management met behulp van vouchers. Dit beeld wordt bevestigd door de uitkomsten van de tweede visitatieronde: er zijn op dit punt veel achterstanden in de noodzakelijke (bij)scholingen (zie Hoofdstuk 3) RIOB meergelden Een belangrijk agendapunt is de toepassing van de meergelden geweest. Een van de instellingen heeft ervoor gekozen de meergelden niet te innen. Het is onduidelijk om welke redenen dit was besloten, de andere instellingen hebben allerlei bestemmingen gevonden. Voorbeelden zijn: meer personeel aan de balie en daardoor meer HBO opgeleide verpleegkundigen vrij kunnen maken voor casemanagement trajecten, een NP er die in staat werd gesteld een verpleegkundig spreekuur op te zetten, de aanstelling van een maatschappelijk werker voor specifiek de schuldsanering, een plan van aanpak met meer personeel dat gezamenlijk de medicatieverstrekking, dagopvang en gebruikersruimtes beheert De RIOB update In bijna alle leergroepbijeenkomsten stonden de leden stil bij onderwerpen die nu in de RIOB worden gemist of bij onderwerpen die aan een update toe zijn. Per hoofdstuk van de RIOB zijn dit de volgende onderwerpen: Hoofdstuk 1: Toevoegen adviezen over hoe de resultaten van de zorg kunnen worden gemonitord en met welke instrumenten (prestatie indicatoren). Hoofdstuk 2: De laatste stand van zaken rondom de inhoud en overdracht van een professionele attitude aan de medicatie uitgifte balie en in de begeleidingstrajecten. Een aanscherping en verbetering van de bestaande patiëntenprofielen. 14

15 Hoofdstuk 3: Een aanscherping van de geneeskundige en verpleegkundige anamnese op basis van nieuwe kennis over medische complicaties bij diverse doseringen opiaatonderhoudsmedicatie, kennis over preventie en aanpak van diverse infectieziekten en kennis over de QT verlenging bij hoge doseringen. Eindigend in aanbevelingen over de somatische en psychiatrische screening. Hoofdstuk 4: Invoegen van de nieuwe praktijkkennis over de organisatie en vorm van de verstrekking, zoals: de 10 minuten gesprekken (zie 2.3). doelen van de onderhoudsdoseringen koppelen aan diverse medicatietrajecten. toevoegen van de verstrekking van Suboxone (een combinatie preparaat van Naltrexon en buprenorfine, Suboxone is een goed alternatief voor methadon) en heroïne, de CCBH handleiding. In de MDR Heroïnebehandeling zullen beide medicamenteuze interventies uitgebreid worden beschreven, de praktische vertaalslag komt in dit hoofdstuk te staan. de laatste stand van zaken over comorbiditeit met andere ziektebeelden en met andere soorten van middelenafhankelijkheid. Hoofdstuk 5: De nieuwe vormen van verpleegkundige zorg; MANP (verpleegkundig specialist) en afstemming van hun taken met die van de artsen/psychiaters en verpleegkundigen. De aanscherping van de taakherschikking uitgifte en begeleidingstrajecten; o.a. tijdens openingstijden gebruikersruimtes, afstemming taken heroïneverstrekking en methadon/suboxone uitgifte. De uitgewerkte beschrijvingen van het werken met de diverse begeleidingsvormen; LZA, casemanagement, bemoeizorg/fact, woonbegeleiding/hostelbegeleiding in relatie tot diverse verstrekkingsvormen. De registratie van de zorgactiviteiten in het kader van de nieuwe DBC De uiterlijke eisen van de behandelunits (heroïnegebruikerruimte/alcoholgebruikersruimte, verstrekking medicatie/uitgiftebalies). In de bijlage van de RIOB dient de VAS schaal voor het meten van craving te worden toegevoegd. Tenslotte constateerden de leden van de leergroep dat het veld behoefte heeft aan landelijke protocollen op het gebied van: alcoholgebruik en methadon, vakantieverstrekkingen, arrestanten, urineonderzoek, missen van doseringen. Deze protocollen zullen ook als bijlage in de RIOB worden opgenomen. In tekst en lay out dienen daarnaast correcties op de eerste versie van de RIOB plaats te vinden: erratum van 2006 verwerken, woordenlijst verbeteren, titelpagina s van literatuurstudies lay outtechnisch verplaatsen (vanwege verjaring overwegen de studies eruit te halen en te verwijzen naar MDR Heroïnebehandeling). Op instellingsniveau zijn diverse zelf ontwikkelde protocollen beschikbaar. Door middel van evidentie uit de internationale literatuur aangevuld met deze beschikbare practice based informatie zouden in de RIOB bijlagen 15

16 opgenomen moeten worden met een gedetailleerde beschrijving van de te volgen werkwijze op deze onderwerpen. 16

17 3 Opiaatonderhoudsbehandeling: stand van zaken eind 2010 In dit hoofdstuk worden de resultaten van de tweede visitatieronde beschreven. We gaan in op de opzet van de visitaties (3.1) en blikken kort terug op de schouw van IGZ in 2005 (3.2). In paragraaf 3.3 t/m 3.8 behandelen we de hoofdpunten uit de eerste ronde in 2007 en de veranderingen die sindsdien hebben plaatsgevonden. Van de elf gevisiteerde behandelunits in 2010 functioneerden sommige gemiddeld beter dan andere units van dezelfde instelling, andere functioneerden slechter. De inschatting van het visitatieteam is dat de visitatieronde een representatief beeld geeft van de huidige kwaliteit van de opiaatonderhoudsbehandeling in Nederland. 3.1 Opzet van de visitaties Visitatie is een intercollegiale doorlichting van de organisatie van het zorgverleningsproces op locatie (definitie CBO). Daartoe gaat een aantal beroepsgenoten bij elkaar kijken hoe de zorgverlening in de betreffende praktijk is georganiseerd. Bij het bezoek aan de methadonposten is specifiek aandacht besteed aan het verloop van het primaire proces en de inrichting van de voorziening. Het functioneren van individuen bleef buiten beschouwing. De procedure per visitatie bestond uit het verzamelen van schriftelijke voorinformatie (zelfevaluatie door de instelling via een vragenlijst, zie Bijlage 4), een observatieronde en enkele gesprekken. Deze gesprekken vonden in vertrouwelijke sfeer plaats. Elke visitatie resulteerde in een vertrouwelijke instellingsgebonden rapportage. Het doel van deze tweede visitatieronde was om in beeld te brengen in hoeverre de RIOB landelijk wordt toegepast en welke verbeteringen in de periode zijn opgetreden in de kwaliteit van de opiaatonderhoudsbehandeling. Daarnaast werden prestatie indicatoren geïnventariseerd die binnen de instellingen worden gemeten, om hiermee in de toekomst de opiaatonderhoudsbehandeling beter te kunnen monitoren en waar mogelijk te evalueren op effecten. Om de objectiviteit van de beoordelingen te garanderen lag de eindverantwoordelijkheid voor de visitatierapporten bij het IVO, een niet instellingsgebonden onderzoeksinstituut. Het visitatierapport is gebaseerd op de zelfevaluatie, het verslag van het bezoek van het visitatieteam en het commentaar van de instelling hierop. 3.2 Hoe het was: bevindingen IGZ 2005 De Inspectie voor de Gezondheidszorg stelde in 2005 dat op korte termijn verbeteringen moesten worden doorgevoerd in de ambulante opiaatonderhoudsbehandeling op de volgende onderdelen: kwaliteit van de behandelplannen; beslissingsbevoegdheid over de doseringen; beslissingsbevoegdheid over vorm van de methadon; dossiervoering; multidisciplinair behandeloverleg; hygiëne en veiligheid van huisvesting, met voldoende privacy voor de patiënt. 17

18 Sindsdien is de kwaliteitsverbetering van de opiaatonderhoudsbehandeling in een versnelling gekomen. De komst van de RIOB heeft dit proces gefaciliteerd en gestimuleerd. 3.3 Opmars biopsychosociaal model In 2007 bleek dat het biopsychosociaal model, waar de RIOB op is gebaseerd, een snelle opmars had gemaakt. Met de opkomst van dit model werd verslaving steeds meer als een chronisch psychiatrische ziektebeeld beschouwd. De behandeling is gebaseerd op een stappenplan (GGZNederland, 2006; de Jong, 2006), waarbij ook de bijkomende somatische en psychiatrische problematiek behandeld wordt om de verslaving adequaat aan te pakken. Het biopsychosociaal model nam de plaats in van het sociale model, waarin verslaving als gedragsprobleem werd beschouwd. De methadonverstrekking werd veelal geïnitieerd vanuit de gemeente met overlastbestrijding als primaire doelstelling. In 2010 is het biopsychosociaal model verder doorgevoerd binnen de deelnemende instellingen. Het accent is verschoven van alleen verstrekking naar een professionele behandeling van de verslaving en bijkomende psychische en somatische problemen, waarin ook aandacht is voor begeleiding. De herziene visie op de begeleiding van patiënten staat nog niet binnen iedere instelling op papier, maar bij de gevisiteerde locaties werd met uitzondering van één instelling in de praktijk al grotendeels met gestructureerde begeleiding gewerkt. Maatschappelijk werkers hebben niet of nauwelijks meer bemoeienis met de medische aspecten van de opiaatonderhoudsbehandeling, zoals de methadondosering. De omslag van het sociale model naar het biopsychosociale model in de opiaatonderhoudsbehandeling is samengegaan met duidelijke verbeteringen in de kwaliteit van de zorg. Hulpverleners hebben bijvoorbeeld een actievere houding richting patiënten aangenomen; er is een toenemend gebruik van motiverende gesprekstechnieken te zien en een frequentere uitvoering van periodieke (medische) evaluaties. Aan de andere kant is volgens sommige medewerkers niet te voorkomen dat deze veranderingen meer bureaucratie, een grotere tijdsinvestering, minder flexibiliteit en een meer formele houding richting de patiënt met zich meebrengen. 3.4 Primair proces Intake Bij de eerste visitatieronde bleek de intake redelijk volgens de RIOB te worden uitgevoerd, maar op een te oppervlakkige wijze waarbij vooral de signalering van psychiatrische problematiek achterbleef. Bij de tweede visitatieronde lijkt hier enige verbetering in te zijn. Veel procedures van centrale indicatiestelling kennen voor de heroïneverslaafde patiënten vervolg intakeprocedures die door verpleegkundigen op de locatie van de behandelpost worden uitgevoerd, waardoor het proces efficiënter kan plaatsvinden. In veel gevallen vindt bij een dergelijke overgang ook een herziening van het screeningsinstrument plaats, met bijvoorbeeld meer aandacht voor psychiatrische problematiek. De meeste intakeprocedures omvatten inmiddels een verpleegkundige intake, hoewel deze op een tweetal locaties door maatschappelijk werkers wordt uitgevoerd in plaats van verpleegkundigen. Vervolgens wordt de patiënt doorgestuurd naar de arts voor een aanvullende medische intake en het instellen op methadon. De maximale wachttijd die hiervoor gehanteerd wordt is bij alle instellingen in overeenstemming met de RIOB. Diagnostiek, begeleiding en/of behandeling van psychiatrische problematiek is nog altijd niet overal op het gewenste niveau. 18

19 Met de introductie van de RIOB bleek dat voor veel patiënten nog geen volledig behandelplan (bestaande uit een begeleidingsmodule en een medicatiemodule) was opgesteld. Om dit op te lossen zijn instellingen aan de slag gegaan met het uitvoeren van herintakes, waarbij de ontbrekende informatie verzameld wordt om de dossiers mee aan te vullen. Dit vergde een grote inhaalslag, waar ten tijde van de eerste visitatieronde slechts enkele locaties mee waren gestart. In 2010 blijken de herintakes nog steeds veel tijd en investering van medewerkers te vragen. Bij zes behandelunits is dit proces inmiddels afgerond. Werken met patiëntprofielen Het werken met de RIOB patiëntprofielen of een indeling in zorgzwaarte gebeurde in 2007 nog lang niet overal systematisch. Soms werden eigen ontwikkelde profielen gebruikt. In 2010 is hier veel winst geboekt, aangezien alle locaties op twee units na gebruik maakten van de RIOB patiëntprofielen of een vergelijkbare (eigen gekozen) indeling naar zorgzwaarte. Het werken met behandelplannen (behandelplansystematiek) De zorgplansystematiek was in 2007 in de helft van de teams goed uitgekristalliseerd en doorgevoerd, al kwam de halfjaarlijkse evaluatie soms in de knel door tijdgebrek van met name de arts. Drie jaar later is de behandelplansystematiek in veel instellingen sterk verbeterd. De behandelplannen zijn over het algemeen inhoudelijk goed ingevuld, met duidelijke behandeldoelen, taakverdelingen en verantwoordelijkheden. Een uitzondering zijn de behandelplannen van patiënten die, naast de behoefte aan opiaatvervangende medicatie, geen duidelijke hulpvraag kunnen of willen formuleren. De indruk ontstond dat verschillende instellingen in deze situatie berusten. Dergelijke patiënten vragen juist om een actieve benadering met het stellen van structurele doelen, om een verandering in de toestand van de patiënt te stimuleren en hen nieuwe perspectieven te bieden. Het periodiek inplannen en uitvoeren van evaluaties blijft verder een knelpunt. De evaluatiestructuur van de instellingen is wisselend en varieert (op papier) van structureel halfjaarlijkse tot jaarlijkse beoordelingen van de situatie van de patiënt. De monitoring van patiënten in apotheekverstrekking lijkt hierbij het meest voor verbetering vatbaar. Behandeling en medicatie De verstrekking van methadon vindt anno 2010 in verschillende toedieningsvormen plaats. Zowel vloeibare methadon als smelttabletten worden voorgeschreven. Suboxone als vervanging van methadon was in 2007 nog niet beschikbaar. In 2010 is Suboxone wel beschikbaar, maar wordt het echter nauwelijks voorgeschreven. Acht van de 10 deelnemende behandellocaties bieden het middel aan patiënten aan, maar slechts enkele patiënten per locatie zijn er daadwerkelijk op ingesteld. Hier werden uiteenlopende redenen voor aangevoerd zoals; verstrekking aan alleen jonge verslaafden, alleen verstrekking aan nieuw ingeschreven patiënten etc. De intentie is er soms wel om het gebruik binnen de organisatie verder te stimuleren. Belemmeringen liggen onder andere in de specifieke kenmerken van de huidige doelgroep van chronische oudere patiënten, die lastig over te zetten zijn naar een ander middel vanwege hun gewenning aan methadon. Ook zijn niet altijd voldoende faciliteiten aanwezig om patiënten te monitoren gedurende de overstap. Een uniform protocol voor de overstap van methadon naar Suboxone ontbreekt Steeds meer instellingen hebben de laatste jaren aandacht voor het omgaan met alcoholproblematiek. In 2007 is het alcoholbeleid niet structureel geïnventariseerd, maar de protocollen die in 2010 zijn geïnventariseerd waren allemaal pas recent ontwikkeld. Vijf locaties hebben protocollen voor het omgaan met alcoholgebruik bij 19

20 de verstrekking ontwikkeld (zie Bijlage 3 voor een overzicht). In een herziene versie van de RIOB zal expliciet ingegaan worden op de onderlinge interacties van alcohol met opiaten, en het voorgestelde beleid. Multidisciplinair overleg (MDO) Bij vrijwel alle teams functioneerde het MDO in 2007 naar behoren. In 2010 zien we dit ook terug. Instellingen hebben verschillende overlegstructuren om werkprocessen en afstemming tussen disciplines te verbeteren. Een mooi voorbeeld van een goed lopend MDO, waar het behandelplan volledig en op inzichtelijke wijze werd besproken, liet zien dat dit tijdswinst en kwaliteitswinst oplevert. Op drie locaties zijn sinds de eerste visitatieronde verschillende disciplines in hetzelfde gebouw verenigd, wat de communicatielijnen korter maakt en de samenwerking ten goede komt. Voorbeeld: Verschillende behandellocaties hebben iedere ochtend een kort overleg van maximaal 15 minuten waar bijzonderheden van patiënten worden besproken. Hierbij zijn alle ingeroosterde disciplines aanwezig. Medewerkers zijn tevreden met een dergelijke structuur; het is een eenvoudige en efficiënte manier om van elkaars bezigheden op de hoogte te blijven. Ketenzorg intern en extern, outreachend werk Communicatie en samenwerking binnen en buiten de eigen instelling is noodzakelijk om een sluitende ketenzorg te kunnen bieden, maar kan ook het blikveld en het bereik van een kleine, fysiek geïsoleerde behandelunit vergroten en dubbel werk voorkomen. Tijdens de eerste visitatieronde bleek deze samenwerking in meerdere situaties nog niet goed ontwikkeld. In 2010 zijn hierin vorderingen geboekt, maar blijft ook een aantal aandachtspunten bestaan. Bij de overdracht van patiënten tussen klinische en ambulante zorg ontstaan soms communicatieproblemen rondom wijzigingen in behandelplannen of het te voeren beleid na opname. Ook is niet altijd duidelijk waar de regie ligt wanneer patiënten worden overgedragen. Bij een enkele behandelunit zijn de verantwoordelijkheden over reguliere, dagelijkse werkzaamheden (verstrekken, begeleiden) organisatorisch onder meerdere teams verdeeld, waardoor structureel onduidelijk is waar de behandelregie ligt. Registratie In 2007 varieerden de registraties bij de deelnemende instellingen van vrijwel uitsluitend papieren dossiers tot en met goed functionerende en goed toegankelijke EPD's. De tweede visitatieronde in 2010 geeft een volledig ander beeld, waarbij alle gevisiteerde locaties een elektronisch dossier hebben geïmplementeerd. In de praktijk was de invoeging van de medische dossiers in het EPD bij een drietal locaties ten tijde van de tweede visitatieronde echter nog niet voldoende afgerond. Bij drie andere units is de registratie van de methadonuitgifte gekoppeld aan het EPD, waardoor zaken met de hand moeten worden ingevoerd. Dit vergroot de kans op fouten en levert onnodig veel werk op. De toegang van verschillende disciplines tot de dossiers is bij de meeste instellingen goed geregeld. Disciplines kunnen alle of alleen de voor hen relevante patiëntgegevens inzien. Bij een enkele locatie speelt nog steeds de discussie rondom inzage in de medische gegevens door niet medisch personeel. Over het algemeen zijn verpleegkundigen veel tijd kwijt met het bijhouden van de registraties: schrijven van rapportages, actualiseren van behandelplannen, verwerken van contacten met externe organisaties. Zij geven aan deze tijd liever te besteden aan het geven van zorg en begeleiding. 20

- Gezamenlijke visie - Algemeen of specifiek - Doelstelling vastgelegd - Doel SMART geformuleerd

- Gezamenlijke visie - Algemeen of specifiek - Doelstelling vastgelegd - Doel SMART geformuleerd Toetsingskader Verantwoorde zorg voor delictplegers met ernstige psychische en/of psychiatrische klachten (Netwerkniveau / Managementniveau); concept, 23 maart 2010 Aspect 1: Doelconvergentie De mate waarin

Nadere informatie

Protocol Organiseren van een Zorgnetwerk Ouderen

Protocol Organiseren van een Zorgnetwerk Ouderen Protocol Organiseren van een Zorgnetwerk Ouderen ZIO, Zorg in Ontwikkeling Versie 1 INLEIDING Het Multidisciplinair Overleg (MDO) krijgt een steeds grotere rol binnen Ketenzorg, redenen hiervoor zijn:

Nadere informatie

'Integrale zorg voor mensen met een licht verstandelijke beperking en problematisch middelengebruik'

'Integrale zorg voor mensen met een licht verstandelijke beperking en problematisch middelengebruik' 'Integrale zorg voor mensen met een licht verstandelijke beperking en problematisch middelengebruik' Toelichting en handreiking bij het Auditinstrument Het verbeterproject LVB & Verslaving Het Trimbos-instituut

Nadere informatie

Richtlijn Forensische Geneeskunde Behandeling opiaatverslaafden in politiecellen

Richtlijn Forensische Geneeskunde Behandeling opiaatverslaafden in politiecellen Richtlijn Forensische Geneeskunde Behandeling opiaatverslaafden in politiecellen Inhoudsopgave 1. Onderwerp 2 2. Doelstelling 2 3. Toepassingsgebied 2 4. Uitgangspunt 2 5. Toestemming 2 6. Werkwijze 3

Nadere informatie

Zorgprogramma voor mensen met gerontopsychiatrische problematiek in het verpleeghuis

Zorgprogramma voor mensen met gerontopsychiatrische problematiek in het verpleeghuis Zorgprogramma voor mensen met gerontopsychiatrische problematiek in het verpleeghuis Anne van den Brink Specialist Ouderengeneeskunde Onderzoeker Pakkende ondertitel Inhoud presentatie Inleiding Aanleiding

Nadere informatie

Actieplan Alcoholzorg. verslag activiteiten over het jaar 2003

Actieplan Alcoholzorg. verslag activiteiten over het jaar 2003 Actieplan Alcoholzorg verslag activiteiten over het jaar 2003 september 2004 Inhoudsopgave 1. INLEIDING...3 2. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN...4 3. RESULTATEN VAN HET TWEEDE JAAR ACTIEPLAN ALCOHOLZORG...5

Nadere informatie

PROJECTPLAN Vroege herkenning en behandeling ondervoeding in revalidatiecentra

PROJECTPLAN Vroege herkenning en behandeling ondervoeding in revalidatiecentra PROJECTPLAN Vroege herkenning en behandeling in revalidatiecentra Voorbeeldversie A. Inleiding en deelnemende afdelingen Inleiding Ondervoeding is sinds 2010 een prestatie indicator voor de revalidatiecentra.

Nadere informatie

STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER)

STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER) STAPPENPLAN BIJ HET MODEL STUURYSTEEM DECUBITUS (PROJECT DECUBITUSZORG IN DE DAGELIJKSE PRAKTIJK; DOOR STUREN STEEDS BETER) Juni 2004 INLEIDING Voor u ligt een stappenplan dat gebaseerd is op de CBO-richtlijn

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting De levensverwachting van mensen met een ernstige psychiatrische aandoening (EPA) is gemiddeld 13-30 jaar korter dan die van de algemene bevolking. Onnatuurlijke doodsoorzaken zoals

Nadere informatie

Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen

Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen Onderzoeksopzet Vrijwilligers in de Wmo Wmo-werkplaats Noord Jolanda Kroes Hanzehogeschool Groningen Inhoud 1. Inleiding 2 De Wmo-werkplaats 2 Schets van de context 2 Ontwikkelde producten 3 2. Doel onderzoek

Nadere informatie

Functiebeschrijving netwerk dementie regio Haaglanden

Functiebeschrijving netwerk dementie regio Haaglanden Functiebeschrijving netwerk dementie regio Haaglanden Inleiding De voor de cliënt en zijn omgeving zeer ingrijpende diagnose dementie roept veel vragen op over de ziekte en het verloop hiervan maar ook

Nadere informatie

Positionering van de specialist ouderen geneeskunde

Positionering van de specialist ouderen geneeskunde Positionering van de specialist ouderen geneeskunde Samenwerking tussen professional en bestuur/management Specialist ouderen genees kunde: betrokken professional en gesprekspartner Bestuurders of management

Nadere informatie

Nederlands Tijdschrift voor Evidence Based Practice, 05 (juni 2007), p. 4-8

Nederlands Tijdschrift voor Evidence Based Practice, 05 (juni 2007), p. 4-8 Toepassing in de praktijk Implementatie van de Richtlijn Opiaatonderhouds behandeling in de dagelijkse verpleegkundige praktijk in de ambulante verslavingszorg Chris A. Loth Nederlands Tijdschrift voor

Nadere informatie

Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen?

Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Beter geïntegreerd! Wat zeggen de richtlijnen? Richtlijnen Casus IDDT Richtlijnen, wat zeggen ze niet! Richtlijnen Dubbele Diagnose, Dubbele hulp (2003) British

Nadere informatie

Verbeterproject GGZ NHN Divisie Langdurende Psychiatrie

Verbeterproject GGZ NHN Divisie Langdurende Psychiatrie Verbeterproject GGZ NHN Divisie Langdurende Psychiatrie Anja Reilman en Saskia van Duin Expertverpleegkundigen Projectleiders implementatie zorgprogramma s schizofrenie & dubbele diagnose GGZ Noord Holland

Nadere informatie

GGZ Centrum Roermond Regionaal Centrum GGZ Venlo Regionaal Centrum GGZ Venray

GGZ Centrum Roermond Regionaal Centrum GGZ Venlo Regionaal Centrum GGZ Venray GGZ Centrum Roermond Regionaal Centrum GGZ Venlo Regionaal Centrum GGZ Venray GGZ Centrum Roermond Informatie voor de cliënt 2 De Regionale Centra GGZ Venray, Venlo en Roermond Lichamelijke klachten heeft

Nadere informatie

Polikliniek stemming en stabiliteit

Polikliniek stemming en stabiliteit Polikliniek stemming en stabiliteit Irene Tolner, MANP-GGz F. Verlinden, ouderenpsychiater 1 september 2015 Best Practice project 2006-2007 Realiseren van polikliniek voor ouderen (=60+) met een stemmingsstoornis

Nadere informatie

specialistische hulp kleinschalig dichtbij

specialistische hulp kleinschalig dichtbij P R A K T I S C H E I N F O R M A T I E specialistische hulp kleinschalig dichtbij De Hoofdlijn De menselijke maat in hulpverlening Doorverwijzing Als u bent doorverwezen naar De Hoofdlijn, meestal door

Nadere informatie

(Forensische) ACT en FACT voor verslaafden

(Forensische) ACT en FACT voor verslaafden Improving Mental Health by Sharing Knowledge (Forensische) ACT en FACT voor verslaafden Congres sociale verslavingszorg 12 juni 2013 Laura Neijmeijer Doelgroep: mensen met langdurende of blijvende ernstige

Nadere informatie

STAPPENPLAN: ONTWIKKELEN VAN VRAAGGERICHTE MODULAIRE ZORG EN DIENSTVERLENING

STAPPENPLAN: ONTWIKKELEN VAN VRAAGGERICHTE MODULAIRE ZORG EN DIENSTVERLENING STAPPENPLAN: ONTWIKKELEN VAN VRAAGGERICHTE MODULAIRE ZORG EN DIENSTVERLENING Inhoudsopgave Inleiding Stap 1: Identificeren van doelgroepen en hun behoeften Stap 2: Samenstellen multidisciplinaire projectgroep

Nadere informatie

BZ11A. Bemoeizorg. post-hbo opleiding. Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders. mensenkennis

BZ11A. Bemoeizorg. post-hbo opleiding. Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders. mensenkennis BZ11A post-hbo opleiding Bemoeizorg Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders mensenkennis Post-hbo opleiding bemoeizorg Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders In onze samenleving zijn er

Nadere informatie

Toezicht op de toegankelijkheid en kwaliteit van de veteranenzorg met behulp van de CQ-index

Toezicht op de toegankelijkheid en kwaliteit van de veteranenzorg met behulp van de CQ-index 110309.08/03 Toezicht op de toegankelijkheid en kwaliteit van de veteranenzorg met behulp van de CQ-index Inleiding In oktober 2007 is het Landelijk Zorgsysteem Veteranen (LZV) van start gegaan. Het LZV

Nadere informatie

BROKIS Zorgcoach BENU Check

BROKIS Zorgcoach BENU Check BROKIS Zorgcoach BENU Check De online tool ter ondersteuning van de farmaceutische zorg in de BENU apotheek Versie 31 maart 2015 1 Inleiding BENU Check De BENU Check is een online tool die gebruikt kan

Nadere informatie

s-gravenhage, 14 januari 2000 De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. Borst-Eilers

s-gravenhage, 14 januari 2000 De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E. Borst-Eilers Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal s-gravenhage, 14 januari 2000 Onderwerp: Beleidsvisie landelijk kennis/behandelcentrum eetstoornissen Hierbij doe ik u een mijn «beleidsvisie voor

Nadere informatie

In 10 stappen van project naar effect!

In 10 stappen van project naar effect! In 10 stappen van project naar effect! een handleiding voor slim zorgen > Betrek de belangrijke sleutelpersonen > Stel projectteam samen & kies pilotteams > Screen de huidige situatie > Organiseer een

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 Aanhangsel van de Handelingen Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden 111 Vragen van de leden

Nadere informatie

Aanpak: Bijzondere Zorg Team. Beschrijving

Aanpak: Bijzondere Zorg Team. Beschrijving Aanpak: Bijzondere Zorg Team Namens de gemeente Deventer hebben drie netwerkpartners de vragenlijst gezamenlijk ingevuld. Dit zijn Dimence GGZ, Tactus verslavingszorg, en Iriszorg maatschappelijke opvang.

Nadere informatie

Checklist strategisch opleidingsplan voor ondernemingsraad. mei 2014

Checklist strategisch opleidingsplan voor ondernemingsraad. mei 2014 strategisch opleidingsplan voor ondernemingsraad mei 2014 De zorg die algemene ziekenhuizen, categorale instellingen en revalidatiecentra moeten bieden wordt steeds complexer. De ligduur wordt in zijn

Nadere informatie

Leg hoofdbehandelaarschap bij de psychiater

Leg hoofdbehandelaarschap bij de psychiater Leg hoofdbehandelaarschap bij de psychiater Publica tie Jaargan g Rubrie k Auteur Pagina' s Nr. 26-27 juni 2013 2013 Medisch Contact Artikelen Chris Vleugels 1448-1450 Regie in gespecialiseerde ggz hoort

Nadere informatie

Aanpak: Interventieteam Gezinnen. Beschrijving

Aanpak: Interventieteam Gezinnen. Beschrijving Aanpak: Interventieteam Gezinnen De gemeente heeft de vragenlijst betreffende deze aanpak ingevuld en relevante documentatie toegestuurd. Een beperktere vragenlijst over deze aanpak is ingevuld door: Fier

Nadere informatie

SAMENVATTING. Samenvatting

SAMENVATTING. Samenvatting SAMENVATTING. 167 Met de komst van verpleegkundigen gespecialiseerd in palliatieve zorg, die naast de huisarts en verpleegkundigen van de thuiszorg, thuiswonende patiënten bezoeken om te zorgen dat patiënten

Nadere informatie

CQI GGZ & VZ Communicatie- en implementatieplan. Stichting Benchmark GGZ Rembrandtlaan 46 3723 BK Bilthoven T +31 (0) 30 229 90 90 W www.sbggz.

CQI GGZ & VZ Communicatie- en implementatieplan. Stichting Benchmark GGZ Rembrandtlaan 46 3723 BK Bilthoven T +31 (0) 30 229 90 90 W www.sbggz. CQI GGZ & VZ Communicatie- en implementatieplan Stichting Benchmark GGZ Rembrandtlaan 46 3723 BK Bilthoven T +31 (0) 30 229 90 90 W www.sbggz.nl Inhoudsopgave 1 Inleiding...3 1.1 Waarom een nieuwe CQi...3

Nadere informatie

Zorgen voor de veiligheid van pleegkinderen: Hertoets bij Pactum

Zorgen voor de veiligheid van pleegkinderen: Hertoets bij Pactum Zorgen voor de veiligheid van pleegkinderen: Hertoets bij Pactum Inspectie jeugdzorg Utrecht, januari 2010 2 Inspectie jeugdzorg p~ãéåî~ííáåö= Naar aanleiding van de uitkomsten van een eerder pleegzorgonderzoek

Nadere informatie

Op weg naar de module ouderenzorg

Op weg naar de module ouderenzorg Op weg naar de module ouderenzorg Geïntegreerde zorg voor ouderen met multiproblematiek Stichting Gezondheidscentra Eindhoven Robert Vening Katinka Mijnheer 12 oktober Inhoud presentatie 1. Introductie

Nadere informatie

Methadon en vakantie. Verslavingszorg

Methadon en vakantie. Verslavingszorg Methadon en vakantie Verslavingszorg Methadon en vakantie Informatie voor cliënten Op vakantie gaan was tot voor enkele jaren voor iemand die methadon gebruikte vrijwel onmogelijk. Het leek een beetje

Nadere informatie

Handreiking strategisch opleidingsplan voor ondernemingsraad. juli 2014

Handreiking strategisch opleidingsplan voor ondernemingsraad. juli 2014 Handreiking strategisch opleidingsplan voor ondernemingsraad juli 2014 De zorg die algemene ziekenhuizen, categorale instellingen en revalidatiecentra moeten bieden, wordt steeds complexer. De ligduur

Nadere informatie

Kliniek Nijmegen. Informatie voor patiënten

Kliniek Nijmegen. Informatie voor patiënten Kliniek Nijmegen Informatie voor patiënten We spreken van een verslaving wanneer bepaald gedrag zoals middelengebruik of gokken uw leven gaat beheersen. Steeds meer tijd en energie gaan op aan de verslaving.

Nadere informatie

Uitvoering advies aanlevering beleidsinformatie Veilig Thuis

Uitvoering advies aanlevering beleidsinformatie Veilig Thuis Uitvoering advies aanlevering beleidsinformatie Veilig Thuis 8 juni 2015 1 ADVIES De Wmo2015 verplicht de Veilig Thuis organisaties (VT organisaties) om twee keer per jaar, in juli en januari) bij CBS

Nadere informatie

NVA BEROEPSNORMEN. Zorgprocessen

NVA BEROEPSNORMEN. Zorgprocessen NVA BEROEPSNORMEN De NVA beroepsnormen worden uitgedrukt in een minimumnorm en een tweetal streefnormen. De systematiek van de kwaliteitsvisitatie sluit hierbij aan: 1. Minimumnorm - Het inzicht, de maatregel

Nadere informatie

Optimaliseren van zorglogistieke processen. YolandaVeerhuis Afdelingsmanager polikliniek Spaarnepoort

Optimaliseren van zorglogistieke processen. YolandaVeerhuis Afdelingsmanager polikliniek Spaarnepoort Optimaliseren van zorglogistieke processen YolandaVeerhuis Afdelingsmanager polikliniek Spaarnepoort Inhoud Beschrijving afdeling en doelgroep Doel: Grip op proces houden Doelstellingen project Stuurgroep

Nadere informatie

Hij draagt in deze hoedanigheid zorg voor:

Hij draagt in deze hoedanigheid zorg voor: Inleiding Patiënten worden in het ziekenhuis regelmatig door meerdere medisch specialisten tegelijk behandeld. In het verleden is verschillende malen geconstateerd dat de onderlinge verantwoordelijkheden

Nadere informatie

Handleiding Kwaliteitszorg Medische Vervolgopleidingen

Handleiding Kwaliteitszorg Medische Vervolgopleidingen Handleiding Kwaliteitszorg Medische Vervolgopleidingen Martini Ziekenhuis Groningen/Van Swieten Instituut Ziekenhuisgroep Twente locatie Almelo en Hengelo/ZGT Academie 2013 1 Inleiding Ter bewaking van

Nadere informatie

Instrument samenwerkingsafspraken huisarts specialist ouderengeneeskunde t.b.v. patiënten met pg-problematiek

Instrument samenwerkingsafspraken huisarts specialist ouderengeneeskunde t.b.v. patiënten met pg-problematiek Instrument samenwerkingsafspraken huisarts specialist ouderengeneeskunde t.b.v. patiënten met pg-problematiek Projectgroep samenwerkingsafspraken huisarts - specialist ouderengeneeskunde 2007-2009 Instrument

Nadere informatie

Kennisnetwerk CVA Nederland. Voor en door CVA zorgketens

Kennisnetwerk CVA Nederland. Voor en door CVA zorgketens Kennisnetwerk CVA Nederland Voor en door CVA zorgketens Inhoudsopgave Inleiding p. 2 1. Hoe werkt het Kennisnetwerk CVA Nederland? p. 4 Kennisnetwerk CVA Nederland 2. Wat biedt het Kennisnetwerk aan? En

Nadere informatie

Kennisnetwerk CVA Nederland. Voor en door CVA zorgketens

Kennisnetwerk CVA Nederland. Voor en door CVA zorgketens Kennisnetwerk CVA Nederland Voor en door CVA zorgketens Inhoudsopgave Inleiding p. 2 1. Hoe werkt het Kennisnetwerk CVA Nederland? p. 4 2. Wat biedt het Kennisnetwerk aan? En wat is de bijdrage van de

Nadere informatie

Adviesnota NVAG OGGZ. 29 oktober 2009

Adviesnota NVAG OGGZ. 29 oktober 2009 Adviesnota NVAG OGGZ 29 oktober 2009 Inleiding Het bestuur van de NVAG is geïnteresseerd in een haalbaarheidsstudie voor het opleidingsprofiel arts OGGZ. Om de noodzaak voor de opleiding vast te stellen,

Nadere informatie

Vroege herkenning en behandeling van ondervoeding in Nederlandse Verpleegen Verzorgingshuizen ACHTERGRONDINFORMATIE

Vroege herkenning en behandeling van ondervoeding in Nederlandse Verpleegen Verzorgingshuizen ACHTERGRONDINFORMATIE Vroege herkenning en behandeling van ondervoeding in Nederlandse Verpleegen Verzorgingshuizen ACHTERGRONDINFORMATIE December 2008 INLEIDING Uit de LPZ meting van 2007 blijkt dat in verpleeg- en verzorgingshuizen

Nadere informatie

Quick scan Ambulant begeleid wonen. Rapport naar aanleiding van het onderzoek van de Inspectie jeugdzorg bij Kompaan

Quick scan Ambulant begeleid wonen. Rapport naar aanleiding van het onderzoek van de Inspectie jeugdzorg bij Kompaan Quick scan Ambulant begeleid wonen Rapport naar aanleiding van het onderzoek van de Inspectie jeugdzorg bij Kompaan Inspectie jeugdzorg September 2006 Inleiding De Inspectie jeugdzorg wil een inschatting

Nadere informatie

Succesvol implementeren

Succesvol implementeren Succesvol implementeren Waarom begeleiding bij implementeren? Idealiter wordt een verandering op een school ingezet vanuit de onderwijsvisie. Deze veranderingen zijn veelal geformuleerd in het schoolplan

Nadere informatie

Opleiding Verpleegkunde Stage-opdrachten jaar 3

Opleiding Verpleegkunde Stage-opdrachten jaar 3 Opleiding Verpleegkunde Stage-opdrachten jaar 3 Handleiding Voltijd Jaar 3 Studiejaar 2015-2016 Stage-opdrachten Tijdens stage 3 worden 4 stage-opdrachten gemaakt (waarvan opdracht 1 als toets voor de

Nadere informatie

Systematische review naar effectieve interventies ter preventie van kindermishandeling.

Systematische review naar effectieve interventies ter preventie van kindermishandeling. Rapport Systematische review naar effectieve interventies ter preventie van kindermishandeling. Auteurs: F.J.M. van Leerdam 1 K. Kooijman 2 F. Öry 1 M. Landweer 3 1: TNO Preventie en Gezondheid Postbus

Nadere informatie

Bemoeizorg. mensenkennis. Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders. post-hbo opleiding

Bemoeizorg. mensenkennis. Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders. post-hbo opleiding post-hbo opleiding Bemoeizorg Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders mensenkennis Post-hbo opleiding bemoeizorg Assertieve psychiatrische hulp aan zorgmijders In onze samenleving zijn er meer dan

Nadere informatie

Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling.

Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling. Beleid en implementatie aanpak ouderenmishandeling. 1. Sociaal beleid in breder verband Ontwikkelen beleid: een complex proces Het ontwikkelen en implementeren van beleid voor preventie en aanpak van grensoverschrijdend

Nadere informatie

Kwaliteitscriteria Rotterdam Stroke Service April 2011

Kwaliteitscriteria Rotterdam Stroke Service April 2011 Kwaliteitscriteria Rotterdam Stroke Service April 2011 Inleiding De missie van de RSS is Het realiseren van de best mogelijke kwaliteit van leven voor iedere CVA-patiënt binnen de regio Rotterdam, uitgaande

Nadere informatie

Indicatoren Zichtbare Mondzorg Tandprothetici. Inleiding. Terugkoppeling praktijkgegevens zorginhoudelijke indicatoren

Indicatoren Zichtbare Mondzorg Tandprothetici. Inleiding. Terugkoppeling praktijkgegevens zorginhoudelijke indicatoren Indicatoren Zichtbare Mondzorg Tandprothetici Terugkoppeling praktijkgegevens zorginhoudelijke indicatoren Inleiding Zichtbare Mondzorg In de mondzorg wordt hard gewerkt aan het inzichtelijk en transparant

Nadere informatie

Klanttevredenheidsonderzoek DBC COPD - Eerste lijn (2011)

Klanttevredenheidsonderzoek DBC COPD - Eerste lijn (2011) Klanttevredenheidsonderzoek DBC COPD - Eerste lijn (2011) Inhoudsopgave Verslag 2-4 Grafieken 5-10 Samenvatting resultaten 11-16 Bijlage - Vragenlijst 17+18 Cohesie Cure and Care Hagerhofweg 2 5912 PN

Nadere informatie

Werkt Guided Care in jouw huisartsenpraktijk? Resultaten van een pilot bij vijf Nederlandse huisartsenpraktijken. multi.

Werkt Guided Care in jouw huisartsenpraktijk? Resultaten van een pilot bij vijf Nederlandse huisartsenpraktijken. multi. Werkt Guided Care in jouw huisartsenpraktijk? Resultaten van een pilot bij vijf Nederlandse huisartsenpraktijken multi morbiditeit Nieuwe werkwijze voor mensen met meerdere chronische aandoeningen Werkt

Nadere informatie

e route naar een optimale bronregistratie in de ggz consultant, Q-conSult arnhem MyriaM Martens,

e route naar een optimale bronregistratie in de ggz consultant, Q-conSult arnhem MyriaM Martens, e route naar een optimale bronregistratie in de ggz MyriaM Martens, consultant, Q-conSult arnhem 8 onderzoek naar de BronregistrAtie in de ggz Eind 2010 heeft de NVMA in samenwerking met Q-Consult een

Nadere informatie

EEN ANALYSE METHODE DE PRAKTIJK

EEN ANALYSE METHODE DE PRAKTIJK EEN ANALYSE METHODE DE PRAKTIJK Ida Wijsman Ida Wijsman, Diabetesverpleegkundige en coördinator zorg Gelre Ziekenhuizen, locatie Zutphen Een analyse methode Het komende anderhalf uur. Het motto! Een analyse

Nadere informatie

Kwaliteitszorg heeft tot doel om de medewerkers en de leiding van een organisatie bewust te maken van resultaatgericht werken.

Kwaliteitszorg heeft tot doel om de medewerkers en de leiding van een organisatie bewust te maken van resultaatgericht werken. Kwaliteitszorg Inleiding: Kwaliteitszorg heeft tot doel om de medewerkers en de leiding van een organisatie bewust te maken van resultaatgericht werken. In de organisatie moet men met elkaar de vraag (durven)

Nadere informatie

Onderwijsmateriaal voor toetsgroepen

Onderwijsmateriaal voor toetsgroepen 1. Toelichting op het onderwijsmateriaal 1 Dit onderwijsmateriaal is gebaseerd op de NHGStandaard M71 van mei 2012 Van geen enkel medicament is aangetoond dat dit effectief zou zijn bij de behandeling

Nadere informatie

Zorgpad alcohol en ouderen t.b.v. Huisarts

Zorgpad alcohol en ouderen t.b.v. Huisarts Zorgpad alcohol en ouderen t.b.v. Huisarts 1. De rol van de huisarts De huisarts kijkt op basis van de anamnese m.b.v. de Audit C of ICD 10 de cliënt alcoholafhankelijk is en doorverwezen moet worden naar

Nadere informatie

Het Elektronisch Patiënten Dossier. Wordt dit het nieuwe toekomstbeeld?

Het Elektronisch Patiënten Dossier. Wordt dit het nieuwe toekomstbeeld? Beroepsproduct 6 Beroepsontwikkeling 2 Het Elektronisch Patiënten Dossier. Wordt dit het nieuwe toekomstbeeld? Kim Nillesen Studentnummer 478177 KAG.Nillesen@student.han.nl Tutor: Dhr. H Masselink Klas:

Nadere informatie

Verpleegkundigen Openbare GezondheidsZorg

Verpleegkundigen Openbare GezondheidsZorg Aan: M.C. (Maryse) Kok, MSc. Senior Beleidsmedewerker Infectieziekten en seksuele gezondheid Directie Publieke Gezondheid Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Onderwerp Antwoord op uw vraag

Nadere informatie

Patiëntveiligheidsprogramma

Patiëntveiligheidsprogramma Patiëntveiligheidsprogramma Sector Geestelijke Gezondheidszorg Contouren programma 2008 2011 22 november 2007 Vereniging GGZ Nederland Brancheorganisatie voor geestelijke gezondheids- en verslavingszorg

Nadere informatie

Poliklinische behandeling

Poliklinische behandeling Poliklinische behandeling Ouderen Poliklinische behandeling Introductie Mondriaan Ouderen is een onderdeel van Mondriaan. We verlenen hulp aan mensen van 65 jaar en ouder, die behoefte hebben aan behandeling,

Nadere informatie

Methadon en vakantie Verslavingszorg. Methadon. en vakantie. Informatie voor cliënten. Verslavingszorg. Mondriaan. voor geestelijke gezondheid

Methadon en vakantie Verslavingszorg. Methadon. en vakantie. Informatie voor cliënten. Verslavingszorg. Mondriaan. voor geestelijke gezondheid Methadon en vakantie Verslavingszorg Methadon en vakantie Informatie voor cliënten Verslavingszorg Mondriaan voor geestelijke gezondheid Verslavingszorg Methadon en vakantie Op vakantie gaan voor iemand

Nadere informatie

Psychiatrie en somatiek erkennen noodzaak tot samenwerking bij psychiatrische patiënten met somatische comorbiditeit

Psychiatrie en somatiek erkennen noodzaak tot samenwerking bij psychiatrische patiënten met somatische comorbiditeit Psychiatrie en somatiek erkennen noodzaak tot samenwerking bij psychiatrische patiënten met somatische comorbiditeit De Inspectie voor de Gezondheidszorg heeft in 2012 tot begin 2013 een thematoezicht

Nadere informatie

Psychische zorg voor ouderen

Psychische zorg voor ouderen Psychische zorg voor ouderen Wist u dat een op de vijf ouderen last heeft van depressieve gevoelens? Te vaak blijven mensen er in hun eentje mee zitten. 5,$ :7. IROGHU 28' LQGG U bent niet de enige Ouder

Nadere informatie

Bedrijfsmaatschappelijk werker

Bedrijfsmaatschappelijk werker Bedrijfsmaatschappelijk werker Doel Verlenen van hulp aan werknemers met (dreigende) (psycho)sociale moeilijkheden, alsmede adviseren van leidinggevenden over (psycho)sociale vraagstukken, binnen het sociaal

Nadere informatie

Registratie van proces- en prestatie-indicatoren in het EPD: een uitkomst!

Registratie van proces- en prestatie-indicatoren in het EPD: een uitkomst! Registratie van proces- en prestatie-indicatoren in het EPD: een uitkomst! Hella Bosch MANP, verpleegkundig specialist Máxima oncologisch centrum / Borstcentrum Máxima Eindhoven/ Veldhoven Inleiding Onderzoeksvraag

Nadere informatie

Regio Haaglanden Functiebeschrijving Casemanager dementie regio Haaglanden augustus 2012

Regio Haaglanden Functiebeschrijving Casemanager dementie regio Haaglanden augustus 2012 Regio Haaglanden Inleiding De voor de cliënt en zijn omgeving zeer ingrijpende diagnose dementie roept veel vragen op over de ziekte en het verloop hiervan, maar ook over de organisatie van zorg en over

Nadere informatie

Project: Ontwikkelen van Outcome-indicatoren voor de Zorg Advies Teams, Tilburg Dossiernummer: 50-50405-99 ZonMw, 18-07-2013

Project: Ontwikkelen van Outcome-indicatoren voor de Zorg Advies Teams, Tilburg Dossiernummer: 50-50405-99 ZonMw, 18-07-2013 Project: Ontwikkelen van Outcome-indicatoren voor de Zorg Advies Teams, Tilburg Dossiernummer: 50-50405-99 ZonMw, 18-07-2013 Projectgroep: Gemeente Tilburg: Mw. M. Lennarts, beleidsmedewerker, dhr. W.

Nadere informatie

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL

Gebieds- en Stedelijke Programma s. Leiding en Staf Stedelijke Programma s. Gemeente Vlaardingen RAADSVOORSTEL RAADSVOORSTEL Registr.nr. 1423468 R.nr. 52.1 Datum besluit B&W 6juni 2016 Portefeuillehouder J. Versluijs Raadsvoorstel over de evaluatie van participatie Vlaardingen, 6juni 2016 Aan de gemeenteraad. Aanleiding

Nadere informatie

Brief van de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Brief van de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport 29689 Herziening Zorgstelsel 25424 Geestelijke gezondheidszorg Nr. 599 Brief van de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den

Nadere informatie

Model convenant Zorg- en adviesteam in het onderwijs

Model convenant Zorg- en adviesteam in het onderwijs Model convenant Zorg- en adviesteam in het onderwijs CONVENANT Zorg- en adviesteam School/Scholen/SWV xxx Deelnemende organisaties: Deelnemer 1 Deelnemer 2 Deelnemer 3 Deelnemer 4 Deelnemer 5 Deelnemer

Nadere informatie

Bemoeizorg Parkstad. Volwassenen

Bemoeizorg Parkstad. Volwassenen Bemoeizorg Parkstad Volwassenen Bemoeizorg Parkstad 7 1 2 3 4 8 5 9 10 6 Wat is bemoeizorg? Bemoeizorg is de ongevraagde bemoeienis van hulpverleners met mensen die hulp nodig hebben, maar daar zelf niet

Nadere informatie

Oncologische Revalidatie:

Oncologische Revalidatie: Oncologische Revalidatie: Verleden Heden - Toekomst dr. Jan Paul van den Berg, revalidatiearts Meander MC Doelstelling Oncologische Revalidatie Het verbeteren van de kwaliteit van leven van patiënten met

Nadere informatie

Achtergronddocument Specifieke groepen binnen de GGZ

Achtergronddocument Specifieke groepen binnen de GGZ Achtergronddocument Specifieke groepen binnen de GGZ Specifieke groepen binnen de GGZ 1 2 Achtergronddocument bij advies Hoogspecialistische GGZ 1 Inleiding In dit achtergronddocument bespreekt de commissie

Nadere informatie

Evaluatie Vversterk trainingen. Organisatieaspecten tweede tranche

Evaluatie Vversterk trainingen. Organisatieaspecten tweede tranche Evaluatie Vversterk trainingen Organisatieaspecten tweede tranche Evaluatie Vversterk trainingen Organisatieaspecten tweede tranche Opdrachtgever: Sardes Utrecht, november 2008 Oberon Postbus 1423 3500

Nadere informatie

Antwoord van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 9 december 2010)

Antwoord van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 9 december 2010) AH 740 2010Z13219 Antwoord van staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) (ontvangen 9 december 2010) 1 Bent u bekend met nieuw onderzoek van Michigan State University

Nadere informatie

Introductie Methoden Bevindingen

Introductie Methoden Bevindingen 2 Introductie De introductie van e-health in de gezondheidszorg neemt een vlucht, maar de baten worden onvoldoende benut. In de politieke en maatschappelijke discussie over de houdbaarheid van de gezondheidszorg

Nadere informatie

Beter worden door te leren van vergelijken in blended leertrajecten

Beter worden door te leren van vergelijken in blended leertrajecten Beter worden door te leren van vergelijken in blended leertrajecten Stichting Benchmark GGZ Rembrandtlaan 46 3723 BK Bilthoven T +31 (0) 30 229 90 90 W www.sbggz.nl Inhoudsopgave 1 Het speelveld in beeld...

Nadere informatie

januari 2015 - L.M. Sluys Tympaan Instituut Sociale wijkteams Krimpenerwaard - Tympaan Instituut - info@tympaan.nl

januari 2015 - L.M. Sluys Tympaan Instituut Sociale wijkteams Krimpenerwaard - Tympaan Instituut - info@tympaan.nl januari 2015 - L.M. Sluys Tympaan Instituut I Inhoud blz 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1 1.2 Vraagstelling 1 1.3 Aanpak en leeswijzer 1 2 Doelen 2.1 Doelen van beleid 3 2.2 Doelen van sociale wijkteams Krimpenerwaard

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Kwaliteitsonderzoek Expertisecentrum Onderwijszorg (EOZ) bij het Expertisecentrum Onderwijs Zorg Bonaire

RAPPORT VAN BEVINDINGEN. Kwaliteitsonderzoek Expertisecentrum Onderwijszorg (EOZ) bij het Expertisecentrum Onderwijs Zorg Bonaire RAPPORT VAN BEVINDINGEN Kwaliteitsonderzoek Expertisecentrum Onderwijszorg (EOZ) bij het Expertisecentrum Onderwijs Zorg Bonaire Plaats : Kralendijk, Bonaire Datum onderbezoek : 11 november 2015 Rapport

Nadere informatie

Alcohol(voorlichting): een ander verhaal!

Alcohol(voorlichting): een ander verhaal! Alcohol(voorlichting): een ander verhaal! Resultaten van het evaluatieonderzoek in 2008/2009 Achtergrond De negen gemeenten van West-Friesland, de gemeente Schagen, organisaties in de preventieve gezondheidszorg,

Nadere informatie

Handreiking zelfevaluatie functioneren van het bestuur

Handreiking zelfevaluatie functioneren van het bestuur Handreiking zelfevaluatie functioneren van het bestuur Met onderstaande handreiking wil OPF aangesloten ondernemingspensioenfondsen helpen bij het organiseren van de zelfevaluatie van het functioneren

Nadere informatie

Thema: Één meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling

Thema: Één meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling Thema: Één meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling De deelnemers in deze groep kwamen uit zeer verschillende werksoorten en vanuit beide invalshoeken: huiselijk geweld en aanpak kindermishandeling.

Nadere informatie

VRAGEN EN ANTWOORDEN over de elektronische uitwisseling van medische gegevens

VRAGEN EN ANTWOORDEN over de elektronische uitwisseling van medische gegevens VRAGEN EN ANTWOORDEN over de elektronische uitwisseling van medische gegevens Wat? In december 2011 zijn de organisaties van huisartsen(posten), apothekers en ziekenhuizen met de NPCF tot een akkoord gekomen

Nadere informatie

SAMENVATTING BOUWSTENEN ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG

SAMENVATTING BOUWSTENEN ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG SAMENVATTING ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG INLEIDING ZELFMANAGEMENT EN PASSENDE ZORG In samenwerking met de deelnemers van het De Bouwstenen zijn opgebouwd uit thema s die Bestuurlijk Akkoord GGZ zijn

Nadere informatie

ROM Doorbraakprojecten. Gerdien Franx

ROM Doorbraakprojecten. Gerdien Franx ROM Doorbraakprojecten November 2014 Mei 2016 Gerdien Franx Projectleider, Trimbos-instituut The Choluteca bridge, Honduras Donald Berwick: Tijd voor continue vernieuwing Patiënt en hulpverlener gericht

Nadere informatie

Samenvatting. Welk type zorg is PDL?

Samenvatting. Welk type zorg is PDL? Samenvatting In dit proefschrift is de zorgverlening volgens Passiviteiten Dagelijks Leven (PDL) beschreven. PDL wordt in toenemende mate toegepast in de Nederlandse en Vlaamse ouderenzorg en men ervaart

Nadere informatie

Grip op Zorgpaden. Best of both worlds!

Grip op Zorgpaden. Best of both worlds! Grip op Zorgpaden Best of both worlds! Christiaan Hol Business Partner Zorglogistiek, Amphia Ziekenhuis Robert Klingens Senior Consultant, Process Express [1] Agenda 1. Het ziekenhuis: een complexe organisatie

Nadere informatie

Generalistische basis ggz

Generalistische basis ggz Generalistische basis ggz Informatie voor patiënten Generalistische basis ggz U bent door uw huisarts verwezen voor behandeling naar de Generalistische Basis GGZ (GB-GGZ) van Mondriaan. Mondriaan Generalistische

Nadere informatie

Het voorkomen van geneesmiddel gerelateerde problemen bij oudere patiënten met polyfarmacie ontslagen uit het ziekenhuis

Het voorkomen van geneesmiddel gerelateerde problemen bij oudere patiënten met polyfarmacie ontslagen uit het ziekenhuis Samenvatting Het voorkomen van geneesmiddel gerelateerde problemen bij oudere patiënten met polyfarmacie ontslagen uit het ziekenhuis Hoofdstuk 1 bevat de algemene inleiding van dit proefschrift. Dit hoofdstuk

Nadere informatie

Tussenrapportage project professionaliseren functioneel beheer instellingssystemen September 2011

Tussenrapportage project professionaliseren functioneel beheer instellingssystemen September 2011 Universitair Informatiemanagement Kenmerk: SECR/UIM/11/0914/FS Datum: 14-09-11 Tussenrapportage project professionaliseren functioneel beheer instellingssystemen September 2011 1. Inleiding Begin 2011

Nadere informatie

In Beweging! Lizette Wattel Universitair Netwerk Ouderenzorg UNO-VUmc 1-2-2015

In Beweging! Lizette Wattel Universitair Netwerk Ouderenzorg UNO-VUmc 1-2-2015 2015 In Beweging! Lizette Wattel Universitair Netwerk Ouderenzorg UNO-VUmc 1-2-2015 IN BEWEGING IMPLEMENTATIE VAN EEN BEST PRACTICE BINNEN HET UNO-VUMC. EINDVERSLAG INLEIDING Ouderen in woonzorgcentra

Nadere informatie

CQi-GGZ-VZ. Alle Zorgdomeinen m.u.v. Psychogeriatrie, FZ, K&J en Dyslexie. Patiëntervaring

CQi-GGZ-VZ. Alle Zorgdomeinen m.u.v. Psychogeriatrie, FZ, K&J en Dyslexie. Patiëntervaring Alle Zorgdomeinen m.u.v. Psychogeriatrie, FZ, K&J en Dyslexie Patiëntervaring CQi-GGZ-VZ Instrument Naam instrument CQ-index Geestelijke Gezondheidszorg en Verslavingszorg Code Versie/uitgever Meetpretentie

Nadere informatie