Juni 2012 Geldzaken in de praktijk

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Juni 2012 Geldzaken in de praktijk"

Transcriptie

1 Juni 2012 Geldzaken in de praktijk Auteurs Tamara Madern Daisy van der Burg

2 Inhoudsopgave 2

3 De kerntaak van het Nibud is de financiële zelfredzaamheid van consumenten te verhogen door ze planmatig met geld te laten omgaan. Kennis over hoe huishoudens de financiële administratie organiseren, inzicht in hun betaal -, spaar en leengedrag en houding ten opzichte van geld is uitermate belangrijk om in te spelen op de behoeften en problemen van Nederlandse huishoudens. Financiële zelfredzaamheid krijgt steeds meer aandacht in Nederland. Toenemende welvaart, marktwerking, digitalisering en een terugtredende overheid zorgen ervoor dat en financiële producten steeds ingewikkelder worden. Ook door de huidige economische situatie en koopkrachtverlies worden veel consumenten geconfronteerd met financiële onzekerheid. In dit onderzoek is onderzocht hoe Nederlandse huishoudens hun geldzaken in de praktijk or ganiseren. De competenties voor financiële zelfredzaamheid van het Nibud vormen de leidraad van dit onderzoek. Rondkomen algemeen Het aantal huishoudens dat moeilijk rondkomt is gestegen. In 2009 gaf 37 procent van de huishoudens aan dat zij moeilijk rondkomen, nu is dat 45 procent. Huishoudens die moeilijk rondkomen geven als belangrijkste reden aan dat zij hoge vaste lasten hebben, of te maken hebben gehad met een inkomensterugval. 24 procent van de huishoudens geeft aan dat zij geldzaken lastig vinden. Bij de jongeren (leeftijd 18 tot 25 jaar) is dat zelfs bijna de helft en bij huishoudens met een inkomen lager dan euro is het zelfs iets meer dan de helft. Huishoudens die geldzaken lastig vinden, komen moeilijker rond dan gemiddeld. In kaart brengen van de Het in kaart brengen van je geldzaken is een belangrijke competentie. Deze is als volgt gedefinieerd: De consument beschikt over een overzicht dat inzicht geeft in de mogelijkheden om zijn huishoud in balans te houden. Huishoudens hebben slecht zicht op de hoogte van hun vaste lasten. Een kwart van de respondenten kan geen schatting maken van de hoogte van huur of hypotheek. 3

4 Het is belangrijk dat als een huishouden uit twee volwassenen bestaat, beide op de hoogte zijn va n de geldzaken. Als één van de partners wat overkomt, dan kan de andere het overnemen, maar ook weet je dan beter wat je je wel of niet kunt veroorloven. Bij 44 procent van de huishoudens regelt slechts één persoon de financiële zaken. 59 procent van de huishoudens werkt wekelijks of meerdere keren per week de administratie bij, 1 procent geeft aan dat zij dit nooit doen. Opvallend is dat in de leeftijdscategorie tussen 18 en 35 jaar, 12 procent van de huishoudens hun administratie nooit bijwerkt. Dat is zorgwekkend, zeker omdat in het onderzoek alleen zelfstandige huishoudens zijn meegenomen en het dus geen thuiswonende jongeren betreft. Ook geeft 11 procent van de alleenstaanden met kinderen aan nooit de administratie bij te werken. Respondenten die moeilijk rondkomen zijn slordiger in hun administratie. Ze houden de administratie over het algemeen slechter bij en geven aan dat ze belangrijke papieren niet altijd op dezelfde plek bewaren. Redenen om de administratie niet of nauwelijks bij te houden zijn dat de huishoudens er tegenop zien, er weinig tijd voor hebben of andere prioriteiten stellen. 70 procent van de huishoudens houdt bij wat er wordt uitgegeven, de meeste doen dit door afschrijvingen te controleren. Relatief nieuw zijn digitale rekeningen. Deze maken het moeilijker om overzicht te bewaren. 40 procent van de huishoudens heeft hier moeite mee. Toch geeft 79 procent van de huishoudens aan dat zij overzicht hebben over hun inkomsten en uitgaven. Huishoudens die moeilijk rondkomen hebben minder vaak overzicht en weten slechter in welke maanden zij meer inkomsten en uitgaven hebben. Zij geven wel vaker aan dat zij een overzicht maken van hun uitgaven. Het maken van een overzicht helpt dus niet direct om beter rond te komen, dit komt waarschijnlij k omdat huishoudens pas beginnen met het maken van het overzicht als zij al in de problemen zitten. Alleen het overzicht maken is dan onvoldoende. Verantwoord besteden Een andere competentie is verantwoord besteden. Dit is als volgt gedefinieerd: De consument besteedt zijn inkomsten zodanig dat zijn huishoud op de korte termijn in balans zijn. Als eerste is gekeken of huishoudens hun uitgaven plannen. 70 procent van de huishoudens maakt een boodschappenlijstje, 94 procent van de huishoudens zegt dat zij bij een grote aankoop rekening houden met hun budget. Bijna de helft van de respondenten zegt dat zij iedere maand plannen wat zij gaan uitgeven. Als er geen geld is voor een aankoop dan geeft 19 procent van de huishoudens aan dat zij geld gaan lenen. Respondenten tussen de 25 en 35 jaar lenen vaker dan gemiddeld (26 procent), ook alleenstaanden zonder kinderen lenen sneller (23 procent), lager opgeleiden lenen juist minder vaak dan gemiddeld (17 procent). 4

5 Naast uitgaven plannen is ook uitgaven controleren een onderdeel van deze competentie. 11 procent van de huishoudens controleert hun afschrijvingen nooit. 67 procent van de huishoudens geeft aan dat zij de rekeningen altijd op tijd betalen. 31 procent geeft aan dat afgelopen jaar rekeningen te laat werden betaald. Aan de respondenten is een aantal stellingen voorgelegd over het doen van uitgaven. Opvallend is dat 64 procent van de respondenten het eens is met de stelling Ik vind het moeilijk om grote uitgaven te doen, en 49 procent vindt zichzelf zuinig. Hogere inkomens zijn meer geneigd om hun geld direct uit te geven, maar huishoudens met een lager inkomen komen vaker in de verleiding dan huishoudens met een hoger inkomen 1. Vooruit kijken De volgende competentie die we behandelen is de competentie vooruit kijken. Die is als volgt gedefinieerd: De consument realiseert zich dat wensen en gebeurtenissen op de middellange en de lange termijn financiële gevolgen hebben en stemt zijn huidige bestedingen hierop af. Deze competentie gaat over vooruit plannen en anticiperen op verwachte en onverwachte gebeurtenissen. Sparen, lenen en verzekeren zijn methoden om met deze gebeurtenissen te kunnen omgaan. Het gaat hierbij niet om de keuze voor het product, maar om het inschatten wat voor type producten je nodig hebt en het omgaan met het product, bijvoorbeeld een lening. 19 procent van de respondenten is het helemaal eens met de stelling Ik richt me alleen op de korte termijn. De toekomst wijst zichzelf wel uit. Huishoudens die moeilijk rondkomen zijn het vaker eens met deze stelling. Wel spaart een groot deel van de Nederlandse huishoudens, namelijk 82 procent. In 2009 spaarde driekwart van de huishoudens. Diegenen die sparen, sparen gemiddeld wel minder dan in 2009, respectievelijk 225 euro per maand nu en 261 euro in procent van de huishoudens geeft aan dat zij geen spaargeld achter de hand hebben. 1 Onder lager inkomen wordt een inkomen tot euro verstaan. Een hoger inkomen is een inkomen boven de euro. 5

6 50 procent van de huishoudens stond het afgelopen jaar rood. 18 procent van de huishoudens staat maar zelden rood, bijna een vijfde van de huishoudens staat elke maand rood. Nederlanders tussen 25 en 45 jaar zijn vaker vertegenwoordigd in deze groep. In 2009 stond 54 procent van de huishoudens rood. De groep huishoudens die niet rood kan staan is gegroeid, in 2009 was dit 16 procent, n u is dat 22 procent. Opvallend is dat 47 procent van de huishoudens die niet rood kunnen staan wel een andere lening heeft en 42 procent van deze groep heeft een betalingsprobleem gehad het afgelopen jaar. Huishoudens die nooit rood staan, maar wel de mogelijkheid hebben om rood te staan, hebben minder vaak betalingsproblemen en leningen. Waarschijnlijk is de toename van de huishoudens die niet rood kunnen staan voor een deel veroorzaakt doordat banken de mogelijkheid om rood te staan hebben geblokkeerd. Een andere optie is dat steeds meer mensen zichzelf proberen te beschermen tegen overbesteding. Naast de lichte afname van roodstand zien we wel een toename van het aantal huishoudens met een lening. 52 procent van de huishoudens heeft een lening, in 2009 was dat 37 procent. Hypotheken zijn niet meegenomen, informele leningen bij vrienden, familie of kennissen wel. Met name bij die laatste groep is een toename, in 2009 leende 5 procent bij vrienden of familie, nu is dat 9 procent. Ook zien we een toename van creditcardschulden, in 2009 had 3 procent een creditcardschuld, nu is dat 7 procent. Jongere respondenten hebben vaker een lening. Van de 65-plussers heeft 31 procent een lening, bij de respondenten tussen de 25 en 35 jaar is dit 63 procent. Het bedrag van de leningen is ook toegenomen: in 2009 had 56 procent van de huishoudens een lening hoger dan 500 euro, nu is dat 71 procent. Van de huishoudens had 71 procent liever minder geleend en 61 procent ervaart de lening als een last. In 2009 gaf 67 procent aan dat zij liever minder hadden geleend en ervoer 58 procent hun lening als een last. Huishoudens die de lening als een last ervaren, geven in 27 procent van de gevallen aan dat dit komt omdat ze het moeilijk vinden om iedere maand de aflossing te betalen en 24 procent geeft zelfs aan dat zij door de lening meer betalingsproblemen hebben. Huishoudens die een lening hebben, komen moeilijker rond dan huishoudens zonder lening. Bewust financiële De competentie bewust financiële kijkt naar het keuzeproces bij het aangaan van een financiële langetermijnverplichting en het afdekken van risico s. De competentie is als volgt gedefinieerd: De consument kiest financiële producten op basis van budgettaire overwegingen en passen d bij zijn persoon en persoonlijke omstandigheden. 6

7 De Nederlandse huishoudens lijken het goed te doen op deze competentie. 73 procent van de huishoudens geeft aan dat zij het eens zijn met de stelling Als ik een verzekering of een abonnement wil afsluiten, vraag ik verschillende offertes aan. Aan de huishoudens die afgelopen vijf jaar een officiële lening hebben afgesloten is gevraagd of zij hebben gekeken of zij de aflossing konden betalen. 80 procent zegt dat zij dat hebben gedaan, 14 procent niet of na uwelijks en 6 procent heeft geen mening. Toch ervaart 61 procent van de huishoudens de lening als een last. Huishoudens beschikken dus onvoldoende over het inzicht wat een lening daadwerkelijk betekent voor hun bestedingen of ze beseffen dit wel, maar negeren dit gevoel. Eenmaal afgesloten controleert ruim de helft van de huishoudens of een verzekering nog aan hun voorwaarden voldoet. 29 procent van de huishoudens heeft wel eens spijt gehad van een aangeschaft financieel product. De huishoudens hebben echter geen concrete plannen hoe ze dit in de toekomst beter zouden kunnen aanpakken. Financiële opvoeding Financiële opvoeding speelt een belangrijke rol om later problemen te kunnen voorkomen. Door op jonge leeftijd te leren omgaan met geld, leren om keuzes te maken en wensen te kunnen afstemmen op het budget, kunnen problemen in de toekomst worden voorkomen. Huishoudens die een lening hebben geven minder vaak aan dat er in het ouderlijk huis zuinig aan gedaan werd, zij hebben minder vaak goed met geld omgaan van huis uit meegekregen en ze denken hetzelfde over geld als hun ouders. Ook geven leners vaker aan dan respondenten die niet lenen, dat hun ouders niet met geld om konden gaan. Een vergelijkbaar beeld zien we bij rondkomen. Consumenten die thuis een goed voorbeeld hadden, geven vaker aan dat ze goed kunnen rondkomen. Aanbevelingen De meeste huishoudens hebben redelijk overzicht van inkomsten en uitgaven, maar hier is zeker nog wel terrein te winnen. Met name de huishoudens die moeilijk rondkomen, proberen wel overzicht te krijgen maar slagen hier nog niet in. Ook zijn veel huishoudens onvoldoende op de hoogte van hun vaste lasten. Huishoudens beginnen vaak pas met acties ondernemen als ze al moeilijk rondkomen. Door te zorgen voor inzicht en overzicht als alles nog goed gaat, kan ook als het even tegenzit meer grip op de situatie worden opgebouwd. De online huishoudboekjes, die het laatste jaar steeds verder zijn ontwikkeld, kunnen hierbij ondersteunend zijn. Digitalisering kan ondersteunen, maar ook negatief werken. Digitale rekeningen maken de administratie niet makkelijker. Er moet meer aandacht komen voor het omgaan met deze rekeningen. 7

8 Met name op de competentie vooruit kijken is nog terrein te winnen. Huishoudens beseffen onvoldoende wat het aangaan van een lening voor hun maandelijkse uitgaven betekent. Het toenemende aantal leningen is verontrustend. Ook raadt het Nibud af om vrienden of familie geld te lenen. Dit is alleen in uitzonderlijke gevallen een goede oplossing. Als er al sprake is van meerdere leningen en het niet kunnen krijgen van krediet, dan is samen kijken naar het afsluiten van betalingsregelingen of naar een adviesgesprek met een budgetcoach gaan vaak een veel betere oplossing. De site kan ondersteunen bij het aanpakken van beginnende schulden. Maar eigenlijk moeten de huishoudens al veel eerder aan de slag. Voordat consumenten een lening afsluiten zouden zij beter moeten kijken of de lening te betalen is. Dit kan met behulp van de Risicometer Lenen, Tot slot blijken de waarden die je vanuit huis meekrijgt zeer belangrijk te zijn. Goede financiële opvoeding helpt en de aankomende jaren moeten we daar meer in investeren. Dat geldt niet alleen voor ouders en scholen, m aar ook de intermediairs die de ouders weer kunnen ondersteunen, moeten zich hiervan bewust zijn. Hier is ook een rol voor het Nibud weggelegd. 8

9 1 Inleiding 1.1 Aanleiding onderzoek Het Nibud is dagelijks bezig met de huishoudportemonnee van de Nederlanders. De kerntaak van het Nibud is de financiële zelfredzaamheid van consumenten te verhogen door ze planmatig met geld te laten omgaan. Kennis over hoe huishoudens de financiële administratie organiseren, inzicht in hun betaal-, spaar en leengedrag en houding over geld is uitermate belangrijk om in te spelen op de behoeften en problemen van Nederlandse huishoudens. Financiële zelfredzaamheid krijgt steeds meer aandacht in Nederland. Toenemende welvaart, marktwerking en een terugtredende overheid zorgen ervoor dat en financiële producten steeds ingewikkelder worden. Ook door de huidige economische situatie en koopkrachtverlies worden veel consumenten geconfronteerd met financiële onzekerheid. Het Nibud omschrijft het begrip 'financiële zelfredzaamheid' als volgt: Iemand is financieel zelfredzaam wanneer hij weloverwogen keuzes maakt, zodanig dat zijn in balans zijn, zowel op de korte als op de lange termijn. Om je in balans te krijgen en te houden is inzicht en overzicht in je eigen belangrijk. In dit onderzoek is bekeken hoe Nederlandse huishoudens hun geldzaken in de praktijk organiseren. De leidraad van dit rapport vormen de competenties voor financiële zelfredzaamheid van het Nibud. Het doel van dit onderzoek is inzicht krijgen in hoe huishoudens hun aanpakken en hoe dat doorwerkt op hoe zij rond kunnen komen. Dit onderzoek richt zich niet op de competentie over voldoende kennis beschikken. Deze komt wel terug, maar wordt niet expliciet beschreven om dat dit niet aansluit bij het doel van het onderzoek. Dit onderzoek is een vervolg op het onderzoek Geldzaken in de praktijk uit Relevante verschillen tussen dit onderzoek en het onderzoek uit 2009 worden vermeld. 9

10 1.2 Methode van onderzoek Vragenlijst: Online vragenlijst onder deelnemers van Opinieland, het panel van Survey Sampling International (SSI). Veldwerkperiode: Oktober november Doelgroep: Nederlanders tussen de 18 en 75 jaar die een eigen huishouden voeren. Steekproef: N = De netto steekproef is zodanig gewogen dat de resultaten nationaal representatief zijn op geslacht, leeftijd en opleiding voor de Nederlandse bevolking tussen 18 en 75 jaar. Rapportage: Deze rapportage geeft de belangrijkste resultaten weer. Voor aanvullende vragen kunt u contact opnemen met de auteurs van dit rapport. Ook kan het Nibud in opdracht extra analyses uitvoeren op het databestand. Het resultaat in de tabellen wordt op de volgende wijze weergegeven: Gewoon: Er zijn minimaal vijftig waarnemingen per cel en de waarde verschilt significant van gemiddeld en binnen het kenmerk (bijvoorbeeld man ten opzichte van vrouw). Schuin gedrukt: De waarneming verschilt niet significant. 1.3 Achtergrondvariabelen In tabel 1 worden de achtergrondvariabelen van de huishoudens gepresenteerd, die een indruk geven van de populatie. In het rapport worden de te verklaren variabelen besproken aan de hand van deze variabelen. 10

11 Tabel 1: Achtergrondkenmerken respondenten Totaal Totaal Totaal % % % Geslacht Inkomensniveau Religie Man 50 Minder dan Geen 53 Vrouw Christendom 41 Leeftijd Islam 2 18 t/m 24 jaar Boeddhisme 1 25 t/m 34 jaar of meer 21 Hindoeïsme 0 35 t/m 44 jaar 23 Dagactiviteit Jodendom 1 45 t/m 54 jaar 21 Loondienst 52 Anders 1 55 t/m 64 jaar 15 Zzp'er/ondernemer 4 Opleidingsniveau 65 t/m 75 jaar 11 Pensioen/VUT 13 Laag 35 Huishoudtype Uitkering 12 Middelbaar 42 Alleenstaand 29 Studerend 6 Hoog 23 Alleenstaande ouder 7 Overige 13 Paar 30 Woning Paar met kinderen 34 Huurwoning 44 Anders 1 Koopwoning 56 Als in het rapport gesproken wordt over lagere inkomens, dan worden daar inkomens tot netto euro per maand mee bedoeld. Met hogere inkomens worden de inkomens hoger dan euro netto per maand bedoeld. 1.4 Leeswijzer De volgende hoofdstukken beschrijven de resultaten van het onderzoek per onderwerp. Het rapport kent de volgende indeling: 11

12 Hoofdstuk 2 gaat over de financiële situatie. Hoe goed komen huishoudens in Nederland rond met het inkomen dat ze hebben? In hoofdstuk 3 worden de van de respondenten in kaart gebracht. Er is gekeken of zij overzicht weten te houden op hun, bijvoorbeeld door het bijhouden van een geordende administratie. Hoofdstuk 4 handelt over verantwoord besteden. Plant een huishouden de uitgaven goed? Zijn er wel eens betalingsproblemen? In hoofdstuk 5 wordt stilgestaan bij de competentie vooruit kijken. Richten respondenten zich alleen op de korte, of ook op de langere termijn? Hoe staan huishoudens tegenover roodstand en hoe gaan zij om met hun leningen? Het zesde hoofdstuk gaat over het kiezen van financiële producten. Er is gekeken naar hoe bewust mensen omgaan met de keuze van zaken als verzekeringen en abonnementen. Wie op jonge leeftijd goed leert om te gaan met geld, zal daar als volwassene profijt van hebben. In hoofdstuk 7 gaat het over financiële opvoeding. Hoofdstuk 8 bevat de resultaten van het onderzoek naar geluksbeleving en de invloed van slecht kunnen rondkomen Bijlage 1 bevat de tabel Rondkomen naar achtergrondkenmerken. Bijlage 2 gaat nader in op de analyses uit het onderzoek naar geluksbeleving. 12

13 2 Financiële situatie Financiële zelfredzaamheid is een belangrijk begrip als we het hebben over de huishoud. Het Nibud omschrijft het begrip 'financiële zelfredzaamheid' als volgt: Iemand is financieel zelfredzaam wanneer hij weloverwogen keuzes maakt zodanig dat zijn in balans zijn, zowel op de korte als op de lange termijn. Financiële zelfredzaamheid bevat meerdere componenten. In de volgende hoofdstukken behandelen we deze. Een objectieve manier om te meten hoe financieel zelfredzaam mensen zijn, is door te kijken naar hoe goed zij kunnen rondkomen. Als huishoudens kunnen rondkomen dan zouden zij de in elk geval op de korte termijn in balans moeten hebben. In hoofdstuk 5 komen we terug op de lange termijn. 2.1 Rondkomen Figuur 1 geeft een beeld hoe huishoudens nu rondkomen in categorieën van 'zeer moeilijk' tot 'z eer gemakkelijk'. 45 procent van de respondenten komt zeer moeilijk tot eerder moeilijk dan gemakkelijk rond. In 2009 was dit 37 procent. Alleenstaande ouders, respondenten met een lage opleiding en een inkomen beneden modaal komen relatief het moeilijkst rond. Rondkomen hebben we verdeeld in een groep eerder gemakkelijk dan moeilijk, gemakkelijk en zeer gemakkelijk en een groep eerder moeilijk dan gemakkelijk, moeilijk en zeer moeilijk. 34 procent van de alleenstaanden met kinderen komt gemakkelijk rond. Bij een samenwonend of getrouwd stel zonder kinderen komt 68 procent gemakkelijk rond. De resultaten staan in tabel 2. In bijlage 1 zijn de achtergrondkenmerken gekruist met alle zes de categorieën opgenomen. 5% 7% Zeer moeilijk 10% Moeilijk 19% Eerder moeilijk dan gemakkelijk 30% Eerder gemakkelijk dan moeilijk 29% Gemakkelijk Zeer gemakkelijk Figuur 1. Rondkomen 13

14 Tabel 2: Moeilijk of gemakkelijk rondkomen, naar achtergrondkenmerken Gemakkelijk rondkomen Moeilijk rondkomen Geslacht Man Vrouw Leeftijd Huishoudsamenstelling Alleenstaand Alleenstaand met kinderen Paar zonder kinderen Paar met kinderen Opleidingsniveau Laag Midden Hoog Inkomen Minder dan of meer Totaal

15 2.2 Reden moeilijk rondkomen Aan de respondenten die aangaven moeilijk rond te komen hebben we gevraagd wat zij zelf als de reden zien dat ze moeilijk rondkomen, zie tabel 3. De meest voorkomende reden is hoge vaste lasten (39 procent). De respondenten die anders hebben aangekruist geven meestal aan dat zij moeilijk kunnen rondkomen door de stijging van andere lasten of hoge kosten voor bijvoorbeeld kinderen of door ziekte. Tabel 3: Belangrijkste reden dat huishouden moeilijk rondkomt Totaal % Door hoge vaste lasten 39 Als gevolg van een inkomensterugval 29 Door een gebeurtenis die afgelopen jaar heeft plaatsgevonden 12 Doordat ik graag geld uitgeef 5 Door te weinig inkomsten 5 Doordat mijn partner graag geld uitgeeft 2 Anders 8 Uit voorgaande onderzoeken weten we dat het meemaken van een gebeurtenis, zoals verlies van baan, samenwonen of kinderen krijgen, van invloed kan zijn op de financiële situatie van mensen (Madern & Van der Schors, 2012; Antonides e.a., 2008; Nibud, 2009; Van Ommeren e.a., 2009). Aan alle respondenten is gevraagd of zij het afgelopen jaar een gebeurtenis hebben meegemaakt. Bij 40 procent was dat het geval. In tabel 4 staat de top 5 van meegemaakte gebeurtenissen. Andere gebeurtenissen die niet in de op 5 staan, zijn bijvoorbeeld gezinsuitbreiding, huwelijk, ga an studeren et cetera. Tabel 4: Gebeurtenissen die huishoudens in de afgelopen 12 maanden meemaakten (meerdere antwoorden mogelijk) Totaal % Verandering/verkrijging van baan 9 Verhuizing 8 (Gedeeltelijk) werkloos geworden (ontslag) 6 Meer uren gaan werken 5 Samenwonen 4 15

16 Aan de respondenten die een gebeurtenis hebben meegemaakt is gevraagd of dat invloed had op hun financiële situatie. 39 procent van de huishoudens geeft aan dat de gebeurtenis tot gevolg had dat ze minder geld hadden (tabel 5). Tabel 5: Verandering in inkomenssituatie na gebeurtenis (meerdere antwoorden mogelijk) Totaal % Heb ik meer te besteden 16 Heb ik minder te besteden 39 Heb ik ongeveer evenveel te besteden 26 Heb ik meer uitgaven 23 Heb ik minder uitgaven 6 Meer zicht op financiële situatie 36 Minder/geen overzicht op financiële situatie 16 Huishoudens die aangeven na een gebeurtenis minder te besteden hebben, komen minder vaak gemakkelijk rond dan andere huishoudens. Van deze huishoudens geeft 14 procent aan gemakkelijk tot ze er gemakkelijk te kunnen rondkomen. Gemiddeld geeft 26 procent aan gemakkelijk tot zeer gemakkelijk te kunnen rondkomen. 16

17 2.3 Mening over omgaan met geld en rondkomen 24 procent van de huishoudens vindt geldzaken lastig, zie figuur 2. Jongeren (leeftijd 18 tot 25 jaar) geven vaker aan dat zij geldzaken lastig vinden. Bijna de helft van hen, 47 procent, is het eens met de stelling Ik vind geldzaken lastig. Ook lage r opgeleiden vinden geldzaken vaak lastiger, 46 procent van hen is het met de stelling eens. Van de huishoudens met een inkomen lager dan euro is ruim de helft (51 procent) het eens met de stelling, 18 procent van deze groep geeft zelfs aan het helemaal eens te zijn met deze stelling. De respondenten die aangeven dat zij het helemaal eens zijn met de stelling Ik vind geldzaken lastig, komen vaker dan gemiddeld moeilijk rond (19 procent ten opzicht van 12 procent gemiddeld), zie figuur 3. 3% Helemaal mee oneens 12% 24% Meer oneens dan eens 27% 34% Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening Figuur 2. Ik vind geldzaken lastig 100% 80% 60% 40% 20% 0% Moeilijk rondkomen Makkelijk rondkomen Helemaal mee eens Meer eens dan oneens Meer oneens dan eens Helemaal mee oneens Figuur 3. Ik vind geldzaken lastig naar rondkomen 17

18 46 procent van de huishoudens maakt zich vaak zorgen over hun. Toch vindt ruim driekwart van de huishoudens dat zij goed met geld kunnen omgaan. In tabel 6 staat weergegeven hoe de houding van mensen ten opzichte van geld is. Tabel 6: Stellingen omgaan met geld (%) Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening Geld geeft mij zekerheid in het leven Ik vind luxe belangrijk Geld is voor mij vooral een middel om leuke dingen te kunnen doen Ik maak mij vaak zorgen over mijn Ik vind dat ik goed met geld omga Ik ben niet zo met geld bezig Ik kom elke maand uit met mijn geld Gemak speelt een belangrijke rol bij mijn gedrag en mijn besluiten Respondenten die gemakkelijk rondkomen zijn het vaker eens met de stelling Ik vind dat ik goed met geld omga dan respondenten die moeilijk rondkomen, zie figuur 4. Toch vindt een deel van de huishoudens die moeilijk rondkomen wel dat zij goed met geld omgaan. 100% 80% 60% 40% 20% 0% Moeilijk rondkomen Makkelijk rondkomen Helemaal mee eens Meer eens dan oneens Meer oneens dan eens Helemaal mee oneens Figuur 4. Ik vind dat ik goed met geld omga naar rondkomen 18

19 3 In kaart brengen van de In kaart brengen van je geldzaken is een belangrijke competentie. Dit is als volgt gedefinieerd: De consument beschikt over een overzicht dat inzicht geeft in de mogelijkheden om zijn huishoud in balans te houden. Dit houdt onder meer in dat consumenten in staat zijn om een inkomen te verwerven, een overzicht van de inkomsten en uitgaven te maken, hun administratie overzichtelijk te bewaren en hun bankrekening te beheren. Deze onderwerpen staan in dit hoofdstuk centraal. 3.1 Inkomensondersteuning en toeslagen Iemand met een laag inkomen kan in Nederland rondkomen, mits hij aan de volgende drie voorwaarden voldoet: 1. Hij kan goed met geld omgaan; 2. Hij heeft geen onvermijdelijke persoonlijke uitgaven (zoals extra zorgkosten); 3. Hij heeft alle inkomensondersteuning aangevraagd waar hij recht op heeft. Aan de respondenten is gevraagd of zij gebruik maken van zorgtoeslag. 51 procent van de huishoudens maakt daar gebruik van. Aan de huishoudens die geen gebruik maken is gevraagd waarom niet, zie tabel 7. Van de respondenten is alleen hun netto-inkomen bekend, daarom is niet met zekerheid te zeggen welke personen geen recht meer zouden hebben op zorgtoeslag. Als we alleen naar het netto-inkomen kijken, geven de huishoudens met een hoger inkomen vaker aan dat zij denken dat ze teveel verdienen of er geen recht op hebben. Slechts 4 procent van de respondenten met een inkomen lager dan 1200 euro zonder zorgtoeslag denkt dat zij teveel verdienen. Bij de respondenten met een inkomen hoger dan 3100 euro is dat 55 procent. 19

20 Tabel 7: Reden waarom geen zorgtoeslag is aangevraagd Totaal % Ik heb de toeslag berekend, maar ik blijk hier geen recht op te hebben 26 Ik verdien teveel 33 Ik denk dat ik teveel vermogen heb 2 Ik vind het aanvragen lastig 2 Ik wil niet al mijn gegevens afstaan 2 Ik ben bang dat ik het achteraf moet terugbetalen 5 Ik denk dat ik er geen recht op heb 15 Ik ken de mogelijkheden niet 7 Nog nooit over nagedacht 17 Anders Uitgaven Om goed je te kunnen beheren is het belangrijk te weten wat er maandelijks inkomt en te weten wat eruit gaat. Op die manier weet je hoeveel geld er beschikbaar is voor leuke dingen. Als iemand niet precies wist hoeveel geld hij aan bepaalde vaste lasten uitgeeft, is gevraagd om een schatting. Het blijkt dat een groot deel van de respondenten helemaal niet op de hoogte is van hun vaste uitgaven. Een kwart van de respondenten kan geen schatting maken van hun huur of hypotheek, zie tabel 8. Het minst goed zijn de respondenten op de hoogte van de kosten van de verzekeringen anders dan de zorgverzekering, 40 procent weet dat niet. 21 procent van de respondenten weet niet hoe hoog alle vaste lasten (huur/hypotheek, energie, zorgverzekering, overige verzekeringen) van het huishouden zijn. Respondenten met een inkomen lager dan euro en respondenten met een laag opleidingsniveau zijn het slechtst op de hoogte van hun vaste lasten. Dit zullen vaak dezelfde personen betreffen. 20

21 Tabel 8: Percentages respondenten die niet weten hoeveel geld het huishouden waar aan uitgeeft, naar inkomen en opleidingsniveau Minder dan of meer Inkomen onbekend* Laag Midden Hoog Totaal Huur / hypotheek Energie Zorgverzekering Andere verzekeringen Mobiele telefoon Internet, tv en vaste telefoonabonnement Aflossing studiefinanciering Afbetaling leningen/betalingsregelingen * Dit betreft respondenten die de hoogte van hun inkomen of het inkomen van hun partner niet hebben ingevuld. 3.3 Wie zorgt voor de? Ruim de helft van de huishoudens regelt financiële zaken samen, maar slechts een vijfde geeft aan dat beide partners evenveel doen (tabel 9). 44 procent van de huishoudens met een partner geeft aan dat een van de twee de administratie bijhoudt. Onder financiële zaken wordt niet alleen de administratie verstaan, maar bijvoorbeeld ook het bijhouden van de inkomsten en uitgaven tot het afsluiten van verzekeringen. 21

22 Tabel 9: 3% 16% 15% Wie zorgt voor de financiële zaken 1% Zodra de post of de rekening 6% binnenkomt Meerdere keren per week 22% Eens per week 23% 14% Meerdere keren peer maand Eens per maand Minder dan eens per maand Nooit Totaal Mijn partner doet dit altijd 11 Mijn partner doet het meeste, maar ik doe ook een deel 12 Mijn partner en ik doen ongeveer evenveel 20 Ik doe het meeste, maar mijn partner doet ook een deel 21 Ik doe dit altijd 33 Er zijn geen vaste regels: net hoe het uitkomt 2 Geen van beiden 2 Aan de respondenten is ook gevraagd of zij hulp van buitenaf hebben bij het doen van de administratie. 4 procent van de huishoudens heeft hulp van familie of vrienden. 2 procent geeft aan vrijwillig in budgetbeheer te zitten en nog eens 2 procent zit in een schuldregeling. Naast hulp bij de dagelijkse administratie geeft 3 procent aan dat zij de financiële planning hebben uitbesteed aan een financieel adviseur. 3.4 Administratie bijhouden 59 procent van de huishoudens houdt minimaal eens per week de financiële administratie bij, 15 procent doet dat meerdere keren per maand, zie figuur 5. In 2009 waren de resultaten nagenoeg gelijk. % Figuur 5. Hoe vaak de administratie bijgehouden wordt 22

23 Er is duidelijk een leeftijdseffect te zien. 12 procent van de respondenten tussen de 18 en 3 5 jaar geeft aan nooit hun financiële administratie bij te werken ten opzichte van 1 procent gemiddeld. Ook alleenstaanden zonder kinderen geven vaker aan nooit hun administratie te doen (11 procent). Op de vraag of er wordt bijgehouden wat er wordt uitgegeven, antwoordt 70 procent bevesti gend (tabel 10). In 2009 was dit iets hoger, namelijk 75 procent. Op de vraag op welke manier men de uitgaven bijhoudt, konden meerdere antwoorden worden gegeven. De meest voorkomende manier om de uitgaven bij te houden, is door de afschrijvingen te contr oleren. Dat doet ruim een derde van de huishoudens. Tabel 10: Percentage huishoudens dat bijhoudt wat uitgegeven wordt (meerdere antwoorden mogelijk) Totaal % Nee 30 Ja, door af en toe de afschrijvingen te bekijken (op papier of via internet) 20 Ja, via een kasboek op de computer of op internet 20 Ja, door het exact controleren van de afschrijvingen (op papier of via internet) 17 Ja, in mijn hoofd 15 Ja, een kasboek op papier 11 Anders 1 De frequentie waarmee huishoudens hun uitgaven bijhouden verschilt. Van de huishoudens die de uitgaven bijhouden doet 15 procent dat meerdere keren per week (tabel 11). 27 procent van de huishoudens houdt alleen de uitgaven bij als de afwijken van de dagelijkse uitgaven. 23

24 Tabel 11: Frequentie waarin uitgaven binnen het huishouden worden bijgehouden Totaal % We hebben/ ik heb een (digitaal) kasboek dat we meerdere keren per week invullen 15 1x per 2 weken 25 1x per maand 21 1x per half jaar 3 Als ik een verandering in inkomsten heb of verwacht 6 Als ik veel uitgaven heb of verwacht 13 Alleen na een specifieke gebeurtenis 6 Weet niet 12 Aan de respondenten is ook gevraagd waarom zij de uitgaven bijhouden. De meest gegeven antwoorden waren: Anders kom ik geld tekort; Om inzicht te hebben; Ter controle; Weten waar het geld heen gaat; Overzicht; Weten hoeveel geld ik overhoud. 24

25 Het grootste deel van de huishoudens, 86 procent, geeft aan onrustig te worden als hun financiële administratie niet op orde is (zie tabel 12). De meeste huishoudens geven aan dat zij hun administratie regelmatig verwerken, namelijk 88 procent. Tabel 12: Stellingen over bijhouden administratie (%) Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening Ik open post altijd meteen Ik houd mijn administratie bij Als de financiële administratie niet op orde is, geeft mij dat een onrustig gevoel Aan de huishoudens die aangeven dat zij de post niet meteen openen of die de administratie niet of nauwelijks bijhouden is gevraagd waarom ze dat niet doen. Zij geven aan dat zij er tegenop zien, dat zij er weinig tijd voor hebben of dat ze andere prioriteiten stellen. Om hun geldzaken te beheren maakt in totaal 90 procent van de huishoudens gebruikt van internetbankieren. Jongvolwassen tussen de 18 en 25 jaar maken minder vaak gebruik van online bankieren (82 procent), respondenten tussen de 45 en 55 jaar maken juist meer gebruik van bankieren via het web (94 procent). 55-plussers maken niet minder gebruik van internetbankieren dan gemiddeld. 40 procent van de huishoudens heeft moeite met digitale rekeningen en het overzicht bewaren. Zie tabel 13. Tabel 13: Stellingen over administratie opruimen (%) Ik bewaar belangrijke papieren, zoals garantiebewijzen, loonstrookjes en contracten altijd op dezelfde plek Digitale bankafschriften print ik en bewaar ik in een map Door digitale rekeningen is het moeilijk om overzicht te houden Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening

26 3.5 Overzicht hebben Het doel van bijhouden van de administratie is overzicht krijgen in persoonlijke, om daarmee aan de slag te kunnen gaan. 79 procent van de huishoudens heeft overzicht over hun inkomsten en uitgaven en 81 procent weet in welke maanden er meer inkomsten zijn en in welke maanden er meer uitgaven zijn, zie tabel 14. Tabel 14: Stellingen overzicht over inkomsten en uitgaven (%) Ik maak elke maand een overzicht van mijn uitgaven Ik heb altijd overzicht over mijn inkomsten en uitgaven Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening Ik weet altijd precies wat mijn saldo is Ik weet in welke maanden ik meer inkomsten heb en in welke maanden ik meer uitgaven heb procent van de huishoudens geeft aan dat zij weinig overzicht hebben van hun inkomsten en uitgaven. Aan deze respondenten is gevraagd waarom zij geen overzicht hebben. 14 procent van hen heeft aan dat zij geen interesse hebben en 17 procent geeft aan andere prioriteiten te hebben. 21 procent van de huishoudens geeft aan dat zij dit niet nodig vinden, want ze komen nooit geld tekort. 11 procent doet het niet omdat ze er erg tegenop zien. 26

27 3.6 Rondkomen en de financiële administratie Respondenten die moeilijk rondkomen geven vaker aan dat zij het oneens zijn met de stelling Ik heb altijd overzicht over mijn inkomsten en uitgaven (figuur 6) en met de stelling Ik weet in welke maanden ik meer inkomsten heb en in welke maanden ik meer uitgaven heb (figuur 7). Opvallend is dat zij het wel vaker eens zijn met de stelling Ik maak elke maand een overzicht van mijn uitgaven. Lagere inkomens (inkomens tot euro) die gemakkelijk rondkomen hebben meer overzich t over hun inkomsten en uitgaven dan lagere inkomens die moeilijk rondkomen. Hetzelfde geldt voor hogere inkomens (inkomen vanaf euro). 100% 80% Helemaal mee eens 60% Meer eens dan oneens 40% 20% 0% Moeilijk rondkomen Makkelijk rondkomen Meer oneens dan eens Helemaal mee oneens Figuur 6. Ik heb altijd overzicht over mijn inkomsten en uitgaven 27

28 100% 80% 60% Helemaal mee eens Meer eens dan oneens 40% 20% 0% Moeilijk rondkomen Figuur 7. Ik maak elke maand een overzicht van mijn uitgaven 27 Makkelijk rondkomen Meer oneens dan eens Helemaal mee oneens 28

29 Respondenten die moeilijk rondkomen zijn slordiger in hun administratie. Ze houden de administratie over het algemeen slechter bij en geven aan dat ze belangrijke papieren niet altijd op dezelfde plek bewaren, zie tabel 15. Tabel 15: Stellingen overzicht naar rondkomen (%) Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Ik weet in welke maanden ik meer inkomsten heb en in welke maanden ik meer uitgaven heb Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Moeilijk Makkelijk Ik bewaar belangrijke papieren, zoals garantiebewijzen, loonstrookje, contracten, altijd op dezelfde plek Moeilijk Makkelijk Ik houd mijn administratie bij Moeilijk Makkelijk Door digitale rekeningen is het moeilijk om overzicht te houden Moeilijk Makkelijk

30 4 Verantwoord besteden Een andere belangrijke competentie is verantwoord besteden. Dit is als volgt gedefinieerd: De consument besteedt zijn inkomsten zodanig dat zijn huishoud op de korte termijn in balans zijn. Dit houdt onder meer in dat consumenten hun uitgaven bewaken, hun betalingsverplichtingen nakomen, zich assertief opstellen en eventuele financiële problemen aanpakken. 4.1 Uitgaven plannen Aan de respondenten is gevraagd of zij hun uitgaven van tevoren plannen (tabel 16). Het maken van een boodschappenlijst is een middel om planmatig de dagelijkse of wekelijkse boodschappen te doen. In totaal geeft 70 procent van alle huishoudens aan het eens te zijn met de stelling, zij maken altijd tot regelmatig een bo odschappenlijstje. In 2009 gaf driekwart van de huishoudens aan vaak of regelmatig een boodschappenlijstje te maken, 45 procent van de huishoudens maakt altijd een boodschappenlijstje. Paren maken vaker een boodschappenlijstje dan alleenstaanden, 49 procen t van de paren is het helemaal eens met de stelling ten opzichte van 38 procent van de alleenstaanden. Bij een grote aankoop houden de meeste huishoudens rekening met hun budget. Slechts 6 procent van de huishoudens zegt dat zij meestal niet eerst kijken of ze een grote aankoop kunnen betalen. Huishoudens met een lager inkomen (tot euro) zijn het vaker eens met de stelling Ik plan elke maand wat ik ga uitgeven (53 procent), dan huishoudens met een hoger inkomen (47 procent). 92 procent van de huishoudens met een lager inkomen is het eens met de stelling Ik reken altijd uit of ik voldoende geld heb voordat ik iets koop. Bij de hogere inkomens is 87 procent het hier mee eens. 30

31 Tabel 16: Stellingen plannen (%) Inhoudsopgave Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening Ik plan elke maand wat ik ga uitgeven Ik maak altijd een boodschappenlijstje Als ik iets groots / duurs wil kopen, bekijk ik eerst welke (grote) uitgaven ik op korte termijn nog meer verwacht Als ik iets groots / duurs wil kopen, bekijk ik eerst of ik dat kan betalen Ik kijk altijd wat een product in een andere winkel of op internet kost voordat ik het koop Ik let altijd op of ik wat ik wil kopen in de aanbieding kan krijgen Ik bedenk altijd waar een product aan moet voldoen voordat ik het koop Ik reken altijd uit of ik voldoende geld heb voordat ik iets koop Aan de respondenten is gevraagd wat zij doen als zij onvoldoende geld hebben voor een aankoop, zie tabel procent van de huishoudens geeft aan dat zij dan niets doen. Bij de huishoudens met een inkomen tot euro, ligt dit percentage iets hoger, namelijk 41 procent, bij de hogere inkomens is dit 36 procent. Gemiddeld geeft 16 procent aan dat het nooit voorkomt dat er geen geld is voor een aankoop, bij de lagere inkomens is dat 12 procent en de inkomens boven de euro is dit 18 procent. Hoger opgeleiden (28 procent) kiezen vaker voor de optie om te gaan bezuinigen dan lager opgeleiden (21 procent). 19 procent van de huishoudens gaat een vorm van een lening aan als zij geld tekort komen. Respondenten tussen de 25 en 35 jaar lenen vaker dan gemiddeld (26 procent), ook alleensta anden zonder kinderen lenen sneller (23 procent), lager opgeleiden lenen juist minder vaak dan gemiddeld (17 procent). Huishoudens met een lager inkomen lenen vaker bij familie/vrienden dan huishoudens met een hoger inkomen, respectievelijk 8 en 4 procent. 31

32 Tabel 17: Oplossingen als er geen geld voor een aankoop is (meerdere antwoorden mogelijk) Totaal % Ik doe niets, op=op 40 Ik neem geld op van mijn spaarrekening 26 Ik ga bezuinigen/sparen 24 Dat komt nooit voor 16 Ik ga rood staan 7 Ik ga meer werken om extra geld te hebben 7 Ik leen geld bij familie/vrienden 5 Ik koop op afbetaling 5 Ik betaal met een creditcard 4 Ik sluit een lening af, bijvoorbeeld bij een bank of financieringsmaatschappij 2 Ik vraag een voorschot op mijn loon 1 Anders Uitgaven controleren Het controleren van je uitgaven (afschriften) is belangrijker dan veel mensen denken. Vaak wordt alleen gedacht aan de hoogte van het saldo, maar controleren gaat ook over ervoor zorgen dat automatische afschrijvingen daadwerkelijk worden gedaan en controleren of er geen onrechtmatige afschrijvingen hebben plaatsgevonden. 11 procent van de huishoudens is het oneens met de stelling Ik controleer altijd of mijn rekeningen en afschriften kloppen, zie figuur 8. 32

33 2% 7% 4% Helemaal mee oneens 66% Het overgrote deel van de huishoudens, 66 procent, controleert minstens één keer per week de bankrekening. Alleenstaanden controleren de bankafschriften minder vaak dan paren. 62 procent van de alleenstaanden bekijkt de bankrekening minimaal één keer per week, bij de paren is dat 73 procent. Jongeren controleren minder vaak hun rekeningen, 13 procent van de respondenten tot 25 jaar bekijkt minder dan eens per maand hun rekeningen, bij de respondenten tussen de 25 en 35 jaar is dat 8 procent. Huishoudens bekijken hun bankrekening vaker als ze meer uitgaven verwachten of hun saldo laag is, maar ook wanneer er extra inkomsten verwacht worden (tabel 18). Tabel 18: 21% Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening Figuur 8. Ik controleer altijd of mijn rekeningen en afschrijvingen kloppen Momenten waarop respondenten hun bankrekening(en) of afschriften vaker bekijken (meerdere antwoorden mogelijk) % Als ik meer uitgaven heb of verwacht (bijvoorbeeld tijdens 44 verbouwing, of rondom de feestdagen) Als mijn saldo aan de lage kant is 37 Als ik extra inkomsten verwacht 33 Aan het einde van de maand 26 Als ik minder inkomsten verwacht 9 Als mijn saldo aan de hoge kant is 5 Anders 7 33

34 4.3 Betalingsproblemen Aan de respondenten is gevraagd of zij van zichzelf vinden dat zij de rekeningen altijd op tijd betalen. Van de respondenten is 67 procent het helemaal eens met de stelling, 23 procent geeft aan dat ze het er meer eens dan oneens mee zijn (figuur 9). In 2009 was nog 91 procent het eens met de stelling Ik ben netjes in het betalen van mijn rekeningen. Een kwart van de huishoudens heeft het afgelopen jaar een aanmaning ontvangen, in 2009 was dat 21 procent. 2% 3% 5% Helemaal mee oneens 23% Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens 67% Helemaal mee eens Geen mening Figuur 9. Ik betaal mijn rekeningen altijd op tijd 34

35 In totaal heeft 63 procent van de huishoudens de afgelopen twaalf maanden een of meer van gebeurtenissen in tabel 19 meegemaakt. De helft heeft afgelopen jaar rood gestaan. In hoofdstuk 5 gaan we verder in op de roodstand en andere soorten leningen. Tabel 19: 9% Gebeurtenissen die huishoudens de afgelopen 12 maanden meemaakten (meerdere antwoorden mogelijk) 3% 17% 4% Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Totaal % Roodstand op de lopende rekening 50 Rekeningen te laat betaald 31 Een aanmaning ontvangen 25 Geen geld meer kunnen opnemen 18 Weigering van een automatische incasso 17 De huur/hypotheek te laat betaald 11 Loonbeslag gelegd op uw salaris 4 Energie afgesloten door te laat betalen 3 Voorschot op salaris aangevraagd 3 Aan de respondenten is de volgende stelling voorgelegd: Ik onderneem direct ac tie wanneer ik merk dat ik achterloop met betalingen. 67 procent geeft aan dat zij het helemaal eens zijn met deze stelling, zie figuur 10. Meer eens dan oneens 67% Helemaal mee eens Geen mening Figuur 10. Ik onderneem direct actie wanneer ik merk dat ik achterloop met betalingen 35

36 4.4 Uitgaven doen Aan de respondenten is een aantal stellingen voorgelegd over hoe zij denken over hoe zij geld uitg even. Opvallend is dat 64 procent van de respondenten het eens is met de stelling Ik vind het moeilijk om grote uitgaven te doen, zie tabel 20. Een lager percentage, in totaal 49 procent, geeft aan dat ze het eens zijn met de stelling Ik vind het moeilijk om geld uit te geven, ik ben zuinig. Slechts 4 procent is het helemaal eens met de stelling Ik geef mijn geld het liefst direct uit. Hogere inkomens (meer dan euro) zijn meer geneigd om hun geld direct uit te geven, maar huishoudens met een lag er inkomen komen vaker in de verleiding dan huishoudens met een hoger inkomen. Tabel 20: Stellingen uitgaven doen, naar inkomen (%) Totaal Lagere inkomens Hogere inkomens Ik geef gemakkelijk geld uit Ik vind het moeilijk om geld uit te geven, ik ben zuinig Ik vind het moeilijk om grote uitgaven te doen Ik kom vaak in de verleiding om dingen te kopen Geld is voor mij vooral een middel om leuke dingen te kunnen doen Ik geef mijn geld het liefst direct uit Noot: alleen de percentages op de antwoordmogelijkheden helemaal mee eens en meer eens dan oneens staan weergegeven. Van de alleenstaanden zonder kinderen geeft 51 procent aan dat zij gemakkelijk geld uitgeven. Lager opgeleiden zijn het vaker oneens met de stelling (41 procent). Jongeren tot 25 jaar vinden het moeilijker dan gemiddeld om grote uitgaven te doen (76 procent vindt het moeilijk, ten opzichte van 65 procent gemiddeld). Ook alleenstaanden met kinderen (77 procent) en lager opgeleiden (73 procent) vinden grote uitgaven doen lastiger. 36

37 4.5 Rondkomen en verantwoord besteden Respondenten die moeilijk rondkomen, geven vaker aan in de verleiding te komen en zijn het vaker eens met de stelling Ik geef mijn geld het liefst direct uit, zie tabel 21. Van de huishoudens die een lager inkomen hebben en die moeilijk rondkomen is 42 procent het eens met de stelling Ik geef gemakkelijk geld uit. Bij de huishoudens met een hoger inkomen en die moeilijk rondkomen is dit 51 procent. De helft van de huishoudens met een lager inkomen en die moeilijk rondkomen vinden het moeilijk om geld uit te geven, omdat ze zuinig zijn. Van de huishoudens die moeilijk rondkomen met een hoger inkomen geeft 38 procent aan zuinig te zijn en daardoor moeilijker geld uit te geven. Van de huishoudens die moeilijk rondkomen, komen lagere inkomens minder snel in de verleiding dan hogere inkomens, 40 procent ten opzichte van 50 procent. Ook geven de hogere inkomens vaker hun geld het liefst direct uit ten opzichte van de lagere in komens, respectievelijk 35 en 27 procent. Tabel 21: Stellingen verantwoord besteden, naar rondkomen (%) Ik geef gemakkelijk geld uit Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Moeilijk Makkelijk Ik vind het moeilijk om geld uit te geven, ik ben zuinig Moeilijk Makkelijk Ik kom vaak in de verleiding om dingen te kopen Moeilijk Makkelijk Ik geef mijn geld het liefst direct uit Moeilijk Makkelijk

38 5 Vooruit kijken In dit hoofdstuk besteden we aandacht aan de competentie vooruit kijken. Die is als volgt gedefinieerd: De consument realiseert zich dat wensen en gebeurtenissen op de middellange en de lange termijn financiële gevolgen hebben en stemt zijn huidige bestedingen hierop af. Deze competentie gaat over vooruit plannen en anticiperen op verwachte en onverwachte gebeurtenissen. Sparen, lenen en verzekeren zijn methoden om met deze gebeurtenissen te kunnen omgaan. Het gaat hierbij niet om de keuze voor het product, maar om het inschatten wat voor type producten je nodig hebt en het omgaan met het product, bijvoorbeeld een lening. Het kiezen van een specifiek product komt in het volgende hoofdstuk aan de orde. 5.1 Denken aan morgen 19 procent van de respondenten is het helemaal eens met de stelling Ik richt me alleen op de korte termijn. De toekomst wijst zichzelf wel uit (tabel 22). Alleenstaanden met kinderen zijn vaker op de korte termijn gericht. Van hen geeft 26 procent aan het helemaal eens te zijn met de stelling. Hoog opgeleiden zijn het juist vaker helemaal oneens met de stelling (25 procent). Een groot deel van de huishoudens vindt geld opzij leggen voor later wel belangrijk, 49 procent is het helemaal eens met deze stelling. Tabel 22: Stellingen vooruit kijken (%) Ik richt me alleen op de korte termijn. De toekomst wijst zichzelf wel uit Helemaal mee oneens Meer oneens dan eens Meer eens dan oneens Helemaal mee eens Geen mening Ik leef meer voor de dag van vandaag dan voor de dag van morgen Ik vind het belangrijk om wat opzij te leggen voor later Als ik geen geld achter de hand heb, maak ik mij zorgen

Mannen, vrouwen en geldzaken. Nibud Factsheet Juni 2012

Mannen, vrouwen en geldzaken. Nibud Factsheet Juni 2012 nen, vrouwen en geldzaken Nibud Factsheet Juni 2012 nen, vrouwen en geldzaken nen en vrouwen gaan verschillend met geld om, maar het risico op financiële problemen is bij beide groepen even groot. Meer

Nadere informatie

Vakantiegeldenquete 2010

Vakantiegeldenquete 2010 Vakantiegeldenquete 2010 Inleiding Net als vorig jaar heeft het Nibud onderzoek gedaan naar de manier waarop mensen zich in financieel opzicht voorbereiden op de vakantie en of men zich aan hun budget

Nadere informatie

Vakantiegeld-enquête 2016. Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting

Vakantiegeld-enquête 2016. Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting Vakantiegeld-enquête 2016 Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting Vakantiegeld-enquête 2016 Auteurs Gea Schonewille Jasja Bos Inhoud SAMENVATTING... 6 1 INLEIDING... 8 2 AANTAL KEREN OP VAKANTIE...

Nadere informatie

April 2012 Vakantiegeldenquête 2012

April 2012 Vakantiegeldenquête 2012 April Vakantiegeldenquête Auteurs Jasja Bos Daisy van der Burg 2. Aantal keer op 3. Uitgaven aan Inhoudsopgave 3 2. Aantal keer op 4 4 5 3. Uitgaven aan 6 6 7 8 10 11 2 2. Aantal keer op 3. Uitgaven aan

Nadere informatie

Financiële opvoeding & het financiële gedrag als volwassene

Financiële opvoeding & het financiële gedrag als volwassene Financiële opvoeding & het financiële gedrag als volwassene Anna van der Schors Nina Stierman Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting Financiële opvoeding & het financiële gedrag als volwassene

Nadere informatie

Onderzoek Je wordt 18 jaar en dan? De gevolgen voor je geldzaken

Onderzoek Je wordt 18 jaar en dan? De gevolgen voor je geldzaken Onderzoek Je wordt 18 jaar en dan? De gevolgen voor je geldzaken Rapportage Juli 2013 Meer informatie: info@wijzeringeldzaken.nl Samenvatting (1/3) 1. Veel 17-jarigen maken de indruk verstandig om te gaan

Nadere informatie

GELDZAKEN VOOR NU EN STRAKS

GELDZAKEN VOOR NU EN STRAKS GELDZAKEN VOOR NU EN STRAKS Uitstelgedrag onder financiële consumenten Juni 2015 1 Inhoudsopgave 3 6 Management Summary Grafische samenvatting Opvallende resultaten Onderzoeksresultaten Uitstelgedrag Zorg

Nadere informatie

Jongeren & hun financiële verwachtingen

Jongeren & hun financiële verwachtingen Nibud, februari Jongeren & hun financiële verwachtingen Anna van der Schors Daisy van der Burg Nibud in samenwerking met het 1V Jongerenpanel van EenVandaag Inhoudsopgave 1 Onderzoeksopzet Het Nibud doet

Nadere informatie

Minder geld. Hoe huishoudens omgaan met een inkomensdaling. Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting

Minder geld. Hoe huishoudens omgaan met een inkomensdaling. Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting Minder geld Hoe huishoudens omgaan met een inkomensdaling Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting 2 / Minder geld; hoe huishoudens omgaan met een inkomensdaling Minder geld Hoe huishoudens omgaan

Nadere informatie

Geldzaken in de praktijk 2015

Geldzaken in de praktijk 2015 Geldzaken in de praktijk 2015 Anna van der Schors Minou van der Werf Gea Schonewille in Nibud/Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting Geldzaken in de praktijk 2015 Nibud, 2015 Anna van der Schors

Nadere informatie

Nibud, 23 juni 2015 Vakantiegeld-enquête

Nibud, 23 juni 2015 Vakantiegeld-enquête Nibud, 23 juni 2015 Vakantiegeld-enquête Auteurs Gea Schonewille Jasja Bos Visie De financiële zelfredzaamheid Het Nibud heeft verschillende vaardigheden gedefinieerd waarover iemand zou moeten beschikken

Nadere informatie

Belastingaangifte over 2010. Nibud, maart 2011

Belastingaangifte over 2010. Nibud, maart 2011 Belasting over 2010 Nibud, maart 2011 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Aangifte doen... 4 3. Maandelijkse belastingteruggaaf... 5 4. Belastingteruggaaf over het afgelopen jaar... 6 5. Geld betalen... 7 6. Wijzigingen

Nadere informatie

Persoonlijke financiën: Inzicht en overzicht. Resultaten onderzoek Waar blijft mijn geld TNS NIPO

Persoonlijke financiën: Inzicht en overzicht. Resultaten onderzoek Waar blijft mijn geld TNS NIPO Persoonlijke financiën: Inzicht en overzicht Resultaten onderzoek Waar blijft mijn geld TNS NIPO Inleiding Voor u ligt de rapportage naar aanleiding van het onderzoek Waar blijft mijn geld? In totaal hebben

Nadere informatie

Financiële opvoeding. September 2007

Financiële opvoeding. September 2007 Financiële opvoeding September 2007 Inhoud INHOUD... 1 1 INLEIDING... 2 1.1 AANLEIDING... 2 1.2 METHODE VAN ONDERZOEK... 2 1.3 ACHTERGRONDVARIABELEN... 3 LEESWIJZER... 4 2 ZAKGELD EN KLEEDGELD... 5 2.1

Nadere informatie

September 2014. Jongeren & geld. De financiële situatie en hulpbehoefte van 12- tot en met 24-jarigen. Anna van der Schors Minou van der Werf

September 2014. Jongeren & geld. De financiële situatie en hulpbehoefte van 12- tot en met 24-jarigen. Anna van der Schors Minou van der Werf September 2014 Jongeren & geld De financiële situatie en hulpbehoefte van 12- tot en met 24-jarigen Anna van der Schors Minou van der Werf SAMENVATTING EN CONCLUSIE... 5 De financiële situatie en de beleving

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor voorjaar 2013 Roodstand

AFM Consumentenmonitor voorjaar 2013 Roodstand AFM Consumentenmonitor voorjaar 20 Roodstand Juni 20 GfK 20 AFM Consumentenmonitor Juni 20 1 Management Summary Bijna de helft van alle Nederlanders staat wel eens rood. Diegenen die niet rood kunnen staan,

Nadere informatie

Hoofdstuk 12. Financiële dienstverlening

Hoofdstuk 12. Financiële dienstverlening Hoofdstuk 12. Financiële dienstverlening Samenvatting Dit hoofdstuk behandelt de bekendheid en het gebruik van vijf Leidse inkomensondersteunende regelingen onder respondenten met een netto huishoudinkomen

Nadere informatie

Hoofdstuk 24 Financiële situatie

Hoofdstuk 24 Financiële situatie Hoofdstuk 24 Financiële situatie Samenvatting De gemeente voert diverse inkomensondersteunende maatregelen uit die bedoeld zijn voor huishoudens met een lager inkomen. Zes op de tien Leidenaren zijn bekend

Nadere informatie

pggm.nl Financiële balans in de beleving van PGGM- leden Enquête De financiële balans

pggm.nl Financiële balans in de beleving van PGGM- leden Enquête De financiële balans pggm.nl Financiële balans in de beleving van PGGM- leden Enquête De financiële balans In september 2013 heeft PGGM haar leden gevraagd naar hun financiële situatie: hoe hebben zij hun geldzaken geregeld?

Nadere informatie

Uitkomsten peiling kennis en gedrag omtrent de belastingaangifte. Nibud, 2010

Uitkomsten peiling kennis en gedrag omtrent de belastingaangifte. Nibud, 2010 Uitkomsten peiling kennis en gedrag omtrent de Nibud, 2010 Inleiding In dit rapport staan de resultaten beschreven van een peiling onder lezers van De Telegraaf over hun kennis en gedrag omtrent de. De

Nadere informatie

Factsheet: financiële planning MBO-ers

Factsheet: financiële planning MBO-ers bezoekadres Marnixkade 109 1015 ZL Amsterdam postadres Postbus 15262 1001 MG Amsterdam E moti@motivaction.nl T +31 (0)20 589 83 83 W www.motivaction.nl Factsheet: financiële planning MBO-ers Onderzoek

Nadere informatie

Hoofdstuk 10. Financiële situatie

Hoofdstuk 10. Financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie Samenvatting Hfst 9. Trendvragen financiële situatie Jaarlijks worden drie trendvragen gesteld die inzicht geven in de financiële positie van de Leidenaar. De resultaten

Nadere informatie

Hoofdstuk 43. Financiële situatie

Hoofdstuk 43. Financiële situatie Stadsenquête Leiden Hoofdstuk 43. Financiële situatie Samenvatting Circa tweederde van de Leidenaren geeft aan gemakkelijk rond te komen met het huishoudinkomen, ruim een kwart komt net rond en kan moeilijk

Nadere informatie

Leengedrag van studenten

Leengedrag van studenten Leengedrag van studenten Een vooronderzoek naar studieleningen, schulden en overige geldzaken Nibud, januari 2010 2 / Leengedrag van studenten Leengedrag van studenten Een vooronderzoek naar studieleningen,

Nadere informatie

Hoofdstuk 17. Financiële dienstverlening

Hoofdstuk 17. Financiële dienstverlening Hoofdstuk 17. Financiële dienstverlening Samenvatting In dit hoofdstuk wordt allereerst gekeken naar de bekendheid en het gebruik van vijf inkomensondersteunende regelingen, te weten: Kwijtschelding gemeentelijke

Nadere informatie

Zicht op geld - Vakantiegeld Resultaten van kwantitatief online onderzoek onder werkenden. ABN AMRO April 2015

Zicht op geld - Vakantiegeld Resultaten van kwantitatief online onderzoek onder werkenden. ABN AMRO April 2015 Zicht op geld - Vakantiegeld Resultaten van kwantitatief online onderzoek onder werkenden ABN AMRO April 2015 Vakantiegeld 3 Op vakantie 8 Verantwoording onderzoek 13 2 Vakantiegeld Zicht op geld April

Nadere informatie

Financiële opvoeding 2010. Nibud i.s.m. CentiQ, Wijzer in geldzaken

Financiële opvoeding 2010. Nibud i.s.m. CentiQ, Wijzer in geldzaken Financiële opvoeding 2010 Nibud i.s.m. CentiQ, Wijzer in geldzaken Inleiding In deze peiling onder ruim 1000 respondenten is gekeken wat ouders belangrijk vinden dat hun kind leert over omgaan met geld,

Nadere informatie

Omgaan met geld en schulden in de regio Oost Nederland

Omgaan met geld en schulden in de regio Oost Nederland Omgaan met geld en schulden in de regio Een onderzoek in opdracht van de Stadsbank te Enschede uitgevoerd door het NIBUD mei 2004 Rapportage omgaan met geld en schulden Stadsbank 2 Voorwoord Eind 2003

Nadere informatie

53% 47% 51% 54% 54% 53% 49% 0% 25% 50% 75% 100% zeer moeilijk moeilijk komt net rond gemakkelijk zeer gemakkelijk

53% 47% 51% 54% 54% 53% 49% 0% 25% 50% 75% 100% zeer moeilijk moeilijk komt net rond gemakkelijk zeer gemakkelijk 30 FINANCIËLE SITUATIE In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de financiële situatie van de Leidse burgers. In de enquête wordt onder andere gevraagd hoe moeilijk of gemakkelijk men rond kan komen met het

Nadere informatie

Maak je eigen jaarbegroting

Maak je eigen jaarbegroting Maak je eigen jaarbegroting Inleiding Een begroting maken. Het woord begroting wordt normaal gesproken alleen gebruikt bij bedrijven en de overheid. Maar het is tijd om ook jouw budget dezelfde aandacht

Nadere informatie

Hoofdstuk 19. Financiële situatie

Hoofdstuk 19. Financiële situatie Stadsenquête Leiden 008 Hoofdstuk 19. Financiële situatie Samenvatting Ruim tweederde van de Leidenaren geeft aan gemakkelijk rond te komen met het huishoudinkomen, bijna een kwart komt net rond en een

Nadere informatie

Inhoud. Mijn leven. ik regel mijn geldzaken

Inhoud. Mijn leven. ik regel mijn geldzaken Inhoud Inleiding...3 Hoofdstuk 1 Bewaren...5 Hoofdstuk 2 Administratie...7 Hoofdstuk 3 Inkomsten... 8 Hoofdstuk 4 Uitgaven... 10 Hoofdstuk 5 Sparen... 12 Hoofdstuk 6 Verzekeringen...15 Hoofdstuk 7 Begroting...

Nadere informatie

Goed omgaan met geld. Achtergronden bij de competenties voor financiële zelfredzaamheid. Nibud, 2012

Goed omgaan met geld. Achtergronden bij de competenties voor financiële zelfredzaamheid. Nibud, 2012 Goed omgaan met geld Achtergronden bij de competenties voor financiële zelfredzaamheid Nibud, 2012 Inhoud 1 AANLEIDING... 2 2 COMPETENTIES BESCHREVEN ALS VAARDIGHEDEN... 4 3 AANSLUITEN BIJ INTERNATIONALE

Nadere informatie

Lesbrief Meneer Beer

Lesbrief Meneer Beer Lesbrief Meneer Beer Het verhaal Het verhaal gaat over Meneer Beer. Hij is verliefd op een prachtig berinnetje, maar hij durft het haar niet te vertellen. Hij vindt zichzelf maar een eenvoudige beer. Om

Nadere informatie

Hoofdstuk 7. Financiële situatie

Hoofdstuk 7. Financiële situatie Stadsenquête Leiden Hoofdstuk 7. Financiële situatie Samenvatting Bijna driekwart van de Leidenaren geeft aan gemakkelijk rond te komen met het huishoudinkomen, twee op de tien komt net rond en bijna een

Nadere informatie

Hoofdstuk 10. Financiële situatie

Hoofdstuk 10. Financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie Samenvatting In hoofdstuk 9 is aan de hand van een aantal trendvragen kort ingegaan op de financiële situatie van de inwoners van Leiden. In dit hoofdstuk is uitgebreider

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor najaar 2014 Beleggers

AFM Consumentenmonitor najaar 2014 Beleggers AFM Consumentenmonitor najaar 2014 Beleggers November 2014 GfK 2014 AFM Consumentenmonitor November 2014 1 Beleggingsportefeuille GfK 2014 AFM Consumentenmonitor November 2014 2 Zes op de tien beleggers

Nadere informatie

Zicht op geld - Belastingteruggave Resultaten van kwantitatief online onderzoek onder werkenden. ABN AMRO April 2015

Zicht op geld - Belastingteruggave Resultaten van kwantitatief online onderzoek onder werkenden. ABN AMRO April 2015 Zicht op geld - Belastingteruggave Resultaten van kwantitatief online onderzoek onder werkenden ABN AMRO April 2015 Belastingteruggave 3 Sparen 7 Verantwoording onderzoek 12 2 Belastingteruggave Zicht

Nadere informatie

Financiële problemen op de werkvloer

Financiële problemen op de werkvloer Financiële problemen op de werkvloer Gemeente Zoetermeer Nibud, 2012 Auteurs Daisy van der Burg Tamara Madern Inhoud 1 INLEIDING... 2 2 ONTWIKKELING FINANCIËLE PROBLEMEN... 3 3 OORZAKEN, SIGNALEN EN GEVOLGEN...

Nadere informatie

Hoofdstuk 5. Trendvragen financiële situatie

Hoofdstuk 5. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 5. Trendvragen financiële situatie Samenvatting Hfst 5. Trendvragen financiële situatie Na twee jaar van stijgende inkomens zien Leidenaren dit jaar hun inkomenspositie verslechteren. Het zijn

Nadere informatie

Hoofdstuk 25 Financiële dienstverlening

Hoofdstuk 25 Financiële dienstverlening Hoofdstuk 25 Financiële dienstverlening Samenvatting De gemeente voert diverse inkomensondersteunende maatregelen uit die bedoeld zijn voor huishoudens met een lager inkomen. Zes op de tien Leidenaren

Nadere informatie

Utrecht, 2011. Het financiële gedrag van kinderen tussen 12 en 18 & de rol van hun ouders

Utrecht, 2011. Het financiële gedrag van kinderen tussen 12 en 18 & de rol van hun ouders Utrecht, 2011 Het financiële gedrag van kinderen tussen 12 en 18 & de rol van hun ouders Samenvatting en Conclusie Geld van de ouders De meeste scholieren krijgen zakgeld (88 procent). Kleedgeld is minder

Nadere informatie

FINANCIELE ZEKERHEID. GfK September 2015. GfK 2015 Achmea Financiële Zekerheid september 2015

FINANCIELE ZEKERHEID. GfK September 2015. GfK 2015 Achmea Financiële Zekerheid september 2015 FINANCIELE ZEKERHEID GfK September 2015 1 Opvallende resultaten Meer dan de helft van de Nederlanders staat negatief tegenover de terugtredende overheid Financiële zekerheid: een aanzienlijk deel treft

Nadere informatie

April 2013, Nibud. Nederland bezuinigt. Onderzoek naar de bezuinigingsstrategieën van Nederlanders. Auteurs Tamara Madern Minou van der Werf

April 2013, Nibud. Nederland bezuinigt. Onderzoek naar de bezuinigingsstrategieën van Nederlanders. Auteurs Tamara Madern Minou van der Werf April 2013, Nibud Nederland bezuinigt Onderzoek naar de bezuinigingsstrategieën van Nederlanders Auteurs Tamara Madern Minou van der Werf 1. Inleiding 3 2. Bezuinigen is vaak 4 2.1 Nederlanders zijn slecht

Nadere informatie

Eindrapportage verantwoord lenen Onderzoek naar houding en gedrag consumenten

Eindrapportage verantwoord lenen Onderzoek naar houding en gedrag consumenten 1 Eindrapportage verantwoord lenen Onderzoek naar houding en gedrag consumenten In opdracht van InterBank juli 2006 2 Copyright 2006 Blauw Research bv Alle rechten voorbehouden. De resultaten zoals beschreven

Nadere informatie

Hoofdstuk 9. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie

Hoofdstuk 9. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie Hoofdstuk 9. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie Samenvatting Hfst 9. Trendvragen financiële situatie Jaarlijks worden drie trendvragen gesteld die inzicht geven in de financiële

Nadere informatie

Rondkomen van huishoudinkomen naar doelgroep

Rondkomen van huishoudinkomen naar doelgroep Hoofdstuk 16. Financiële situatie Samenvatting 16. FINANCIËLE SITUATIE In hoofdstuk 5 is aan de hand van een aantal trendvragen kort ingegaan op de financiële situatie van de inwoners van Leiden. In dit

Nadere informatie

Hoofdstuk 10. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 11. Financiële situatie

Hoofdstuk 10. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 11. Financiële situatie Hoofdstuk 10. Trendvragen financiële situatie Hoofdstuk 11. Financiële situatie Samenvatting Hfst 10. Trendvragen financiële situatie Jaarlijks worden drie trendvragen gesteld die inzicht geven in de financiële

Nadere informatie

Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting

Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting Financiële problemen op de werkvloer Micha Aarts Nibud Nibud is een onafhankelijk kenniscentrum Doelstellingen: Verhogen zelfredzaamheid consument Voorkomen

Nadere informatie

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN - eindrapport - dr. M. Witvliet Y. Bleeker, MSc Regioplan Jollemanhof 8 09 GW Amsterdam Tel.: + (0)0 5 5 5 Amsterdam,

Nadere informatie

Lening: lust of last? Een onderzoek naar de achtergronden van lenen

Lening: lust of last? Een onderzoek naar de achtergronden van lenen Lening: lust of last? Een onderzoek naar de achtergronden van lenen Lening: lust of last? Een onderzoek naar de achtergronden van lenen Nibud, 2010 Lening: lust of last? / 2 Voorwoord Het Nibud heeft een

Nadere informatie

GfK 2012 AFM Consumentenmonitor December

GfK 2012 AFM Consumentenmonitor December GfK 2012 AFM Consumentenmonitor December 2012 1 Management Summary Pensioen Niet-gepensioneerden hebben steeds minder vertrouwen in de afgegeven pensioenindicatie. Een ruime meerderheid schat in dat de

Nadere informatie

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN

IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN IMPACTMETING VAN HET FINANCIEEL STUDIEPLAN - eindrapport - dr. M. Witvliet Y. Bleeker, MSc Regioplan Jollemanhof 8 09 GW Amsterdam Tel.: + (0)0 5 5 5 Amsterdam,

Nadere informatie

Maak je eigen jaarbegroting

Maak je eigen jaarbegroting Maak je eigen jaarbegroting Inleiding Een begroting maken. Het woord begroting wordt normaal gesproken alleen gebruikt bij bedrijven en de overheid. Maar het is tijd om ook jouw budget dezelfde aandacht

Nadere informatie

Publieksmonitor Gebruik digitale huishoudboekjes & geld besteden aan leuke dingen

Publieksmonitor Gebruik digitale huishoudboekjes & geld besteden aan leuke dingen Publieksmonitor Gebruik digitale huishoudboekjes & geld besteden aan leuke dingen Wijzer in geldzaken Mei 2012 Samenvatting (1/2) Digitale huishoudboekjes 1. Het bekijken van de uitgaven via het online

Nadere informatie

HUMO enquête naar de koopkracht

HUMO enquête naar de koopkracht HUMO enquête naar de koopkracht Steekproef N= 1000 respondenten representatief voor de Nederlandstalige 20-plussers (geen studenten) Methode Combinatie van telefonisch (23%; bij 65-plussers) en online

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor Q3 2009 Kredietwaarschuwingszin

AFM Consumentenmonitor Q3 2009 Kredietwaarschuwingszin AFM Consumentenmonitor Q3 009 Kredietwaarschuwingszin GfK Michel van der List Marcel Cools/ Niek Damen Indeling Rapportage Kredietwaarschuwingszin 1 Onderzoeksverantwoording Kennisvragen Kredietwaarschuwingszin

Nadere informatie

Monitor financieel gedrag. September 2014

Monitor financieel gedrag. September 2014 Monitor financieel gedrag September 2014 Inhoudsopgave Achtergrond, doel- en probleemstelling Pagina 3 Methode, opzet en leeswijzer Pagina 4 Samenvatting Pagina 7 Resultaten Pagina 10-25 Bijlage Pagina

Nadere informatie

Jongeren en het huwelijk. Jongeren en het huwelijk

Jongeren en het huwelijk. Jongeren en het huwelijk Inhoud Zijn je ouders nog bij elkaar? 3 Genschap van goederen: Stel je zou gaan trouwen, waarvoor zou je dan kiezen? 7 Ik zou later willen trouwen 4 Partneralimentatie: Waar gaat je voorkeur naar uit?

Nadere informatie

Vroeg wijs met geld. gemeente www.heumen.nl. Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld

Vroeg wijs met geld. gemeente www.heumen.nl. Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld Vroeg wijs met geld Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld gemeente www.heumen.nl Heumen HU.090 brch vroeg wijs met geld.indd 1 04-02-14 09:30 Inhoudsopgave Zakgeld

Nadere informatie

Hoofdstuk H 11. Financiële situatie

Hoofdstuk H 11. Financiële situatie Hoofdstuk H 11. Financiële situatie Samenvatting verslechterd. Dit wordt bevestigd door het aandeel Leidenaren dat aangeeft rond te kunnen komen met hun inkomen. Dit jaar geeft bijna tweederde van de Leidenaren

Nadere informatie

Consumentenvertrouwen in Amsterdam

Consumentenvertrouwen in Amsterdam Consumentenvertrouwen in Amsterdam Hoe wordt het vakantiegeld dit jaar besteed? In opdracht van: Het Parool Projectnummer: 14054-2 Carine van Oosteren Merel van der Wouden Bezoekadres: Oudezijds Voorburgwal

Nadere informatie

Op eigen benen Onderzoek onder ouders over de financiën van kinderen die uit huis gaan

Op eigen benen Onderzoek onder ouders over de financiën van kinderen die uit huis gaan Op eigen benen Onderzoek onder ouders over de financiën van kinderen die uit huis gaan Inhoudsopgave Samenvatting 3 Inleiding 6 Resultaten 8 1. Omgaan met geld 9 2. Opvoeding en gedrag ouders 14 3. Financiële

Nadere informatie

GfK 2012 AFM Consumentenmonitor December 2012 1

GfK 2012 AFM Consumentenmonitor December 2012 1 GfK 2012 AFM Consumentenmonitor December 2012 1 Inhoudsopgave 1. Management Summary 2. Onderzoeksresultaten in detail Type beleggingsverzekering en wijze van afsluiten Kennis van- en informatie over de

Nadere informatie

Onderzoek Week van de Energierekening Gfk i.o. Milieu Centraal oktober 2012

Onderzoek Week van de Energierekening Gfk i.o. Milieu Centraal oktober 2012 Onderzoek Week van de Energierekening Gfk i.o. Milieu Centraal oktober 2012 Achtergrond bij onderzoek In het onderzoek is gebruik gemaakt van een aselecte steekproef van 1.038 huishoudens. Deze steekproef

Nadere informatie

FINANCIERINGSBAROMETER

FINANCIERINGSBAROMETER FINANCIERINGSBAROMETER Q1 14 Q2 14 Q3 14 Q4 14 GfK 14 VFN - Financieringsbarometer April 14 1 Inhoudsopgave 1. Management summary 2. Financieringsbarometer 3. Onderzoeksresultaten 4. Onderzoeksverantwoording

Nadere informatie

Vragenlijst Budgetcoaching

Vragenlijst Budgetcoaching Vragenlijst Budgetcoaching Welkom bij Stedam Bewind. Wij willen u vragen onderstaande vragenlijst zo goed mogelijk in te vullen. Deze lijst wordt gebruikt bij de intake voor de budgetcoaching. Kunt u de

Nadere informatie

Tabellenboek 'Bekendheid van verzekerden met de polisvoorwaarden en de inhoud van de zorgverzekering

Tabellenboek 'Bekendheid van verzekerden met de polisvoorwaarden en de inhoud van de zorgverzekering Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Tabellenboek 'Bekendheid van verzekerden met de polisvoorwaarden en de inhoud van de zorgverzekering Behorende

Nadere informatie

Sparen voor een koopwoning

Sparen voor een koopwoning Sparen voor een koopwoning Consumentenonderzoek in opdracht van de Volksbank GfK februari 1 Inhoudsopgave 1 2 3 4 Management summary Onderzoeksresultaten Onderzoeksverantwoording Contact 2 Management summary

Nadere informatie

Verzekerden bezuinigen op hun zorgverzekering, het aantal overstappers neemt nog steeds toe. Margreet Reitsma-van Rooijen en Anne Brabers

Verzekerden bezuinigen op hun zorgverzekering, het aantal overstappers neemt nog steeds toe. Margreet Reitsma-van Rooijen en Anne Brabers Dit factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Margreet Reitsma-van Rooijen en Anne Brabers. Verzekerden bezuinigen op hun zorgverzekering, het aantal overstappers neemt

Nadere informatie

FINANCIERINGSBAROMETER

FINANCIERINGSBAROMETER FINANCIERINGSBAROMETER Q1 14 Q2 14 Q3 14 Q4 14 GfK 14 VFN - Financieringsbarometer Juni 14 1 Inhoudsopgave 1. Management summary 2. Financieringsbarometer 3. Onderzoeksresultaten 4. Onderzoeksverantwoording

Nadere informatie

Toeslagenonderzoek. Hoe gaan Nederlanders om met de nieuwe Toeslagensystematiek?

Toeslagenonderzoek. Hoe gaan Nederlanders om met de nieuwe Toeslagensystematiek? Toeslagenonderzoek Hoe gaan ederlanders om met de nieuwe Toeslagensystematiek? Utrecht, maart 2006 Inleiding Begin 2006 is er van alles veranderd in het huishoudboekje van veel ederlanders. Huursubsidie

Nadere informatie

Rondkomen met uw inkomen

Rondkomen met uw inkomen Rondkomen met uw inkomen Budgettips gemeente Heumen gemeente Heumen Vraagt u zich ook wel eens af waar uw geld blijft? Is uw geld op voordat de maand voorbij is? Wilt u weten hoe u kunt rondkomen met uw

Nadere informatie

U bent gevraagd om mee te doen aan het onderzoek Effect Thuisadministratie. Wij willen u alvast bedanken voor uw interesse.

U bent gevraagd om mee te doen aan het onderzoek Effect Thuisadministratie. Wij willen u alvast bedanken voor uw interesse. Informatie over het onderzoek Effect Thuisadministratie Begin ondersteuning Geachte heer/mevrouw, U bent gevraagd om mee te doen aan het onderzoek Effect Thuisadministratie. Wij willen u alvast bedanken

Nadere informatie

Vakantiewerk onderzoek 2015 FNV Jong. Hans de Jong & Leon Pouwels Juni 2015

Vakantiewerk onderzoek 2015 FNV Jong. Hans de Jong & Leon Pouwels Juni 2015 Vakantiewerk onderzoek 2015 FNV Jong Hans de Jong & Leon Pouwels Juni 2015 Achtergrond Achtergrond 2 Achtergrond SAMPLE 420 Respondenten WEging De data is gewogen op geslacht, leeftijd en opleiding naar

Nadere informatie

Financiële opvoeding. November 2009

Financiële opvoeding. November 2009 Financiële opvoeding November 2009 Inhoud 1 INLEIDING... 2 1.1 Aanleiding... 2 1.2 Methode van onderzoek... 3 1.3 Achtergrondvariabelen... 4 1.4 Leeswijzer... 6 2 ZAKGELD EN KLEEDGELD... 7 2.1 Zakgeld...

Nadere informatie

betaalt nederland 2013 in het kort

betaalt nederland 2013 in het kort ZO in het kort 1 ZO Betaalgedragindex (BGX) De Betaalgedragindex (BGX) geeft in één oogopslag weer of Nederland het afgelopen jaar beter of slechter is gaan betalen. Deze index is samengesteld op basis

Nadere informatie

lesmateriaal bij Ik regel mijn geldzaken

lesmateriaal bij Ik regel mijn geldzaken Uitgeverij Eenvoudig Communiceren Lezen voor iedereen www.eenvoudigcommuniceren.nl www.lezenvooriedereen.be Mijn leven ik regel mijn geldzaken lesmateriaal bij Ik regel mijn geldzaken Serie Mijn leven

Nadere informatie

Alfahulp en huishoudelijke hulp. Rapportage Ons kenmerk: 11110 Juni 2014

Alfahulp en huishoudelijke hulp. Rapportage Ons kenmerk: 11110 Juni 2014 Alfahulp en huishoudelijke hulp Rapportage Ons kenmerk: 11110 Juni 2014 Inhoudsopgave Geschreven voor Achtergrond & doelstelling 3 Conclusies 5 Resultaten 10 Bereidheid tot betalen 11 Naleven regels 17

Nadere informatie

Beschrijving Sparen en lenen zijn, naast het betalingsverkeer, de diensten van de bank waar de meeste mensen gebruik van maken.

Beschrijving Sparen en lenen zijn, naast het betalingsverkeer, de diensten van de bank waar de meeste mensen gebruik van maken. Beschrijving Sparen en lenen zijn, naast het betalingsverkeer, de diensten van de bank waar de meeste mensen gebruik van maken. Heb jij inzicht in jouw geld- en bankzaken? Welke betaalvormen zijn er en

Nadere informatie

Onderzoek. Rapportage. September 2012. Pensioenmodule Publieksmonitor

Onderzoek. Rapportage. September 2012. Pensioenmodule Publieksmonitor Onderzoek Meer grip op pensioen Rapportage Pensioenmodule Publieksmonitor September 2012 Samenvatting (1/4) 1. Kennis over het eigen pensioen De helft van de mensen die via werkgever pensioen opbouwen

Nadere informatie

Uw kind wordt 18. Wat verandert er?

Uw kind wordt 18. Wat verandert er? Uw kind wordt 18. Wat verandert er? Dat betekent dat uw zoon of dochter nu officieel volwassen is en zelf financiële beslissingen mag nemen. Een hele verantwoordelijkheid! Bereid uw kind daar goed op voor.

Nadere informatie

21 mei 2015. Onderzoek: Economische verwachting

21 mei 2015. Onderzoek: Economische verwachting 21 mei 2015 Onderzoek: Economische verwachting Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 50.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek.

Nadere informatie

Zorgbarometer 7: Flexwerkers

Zorgbarometer 7: Flexwerkers Zorgbarometer 7: Flexwerkers Onderzoek naar de positie van flexwerkers in de zorg Uitgevoerd door D. Langeveld, MSc Den Dolder, mei 2012 Pagina 2 Het auteursrecht op dit rapport berust bij ADV Market Research

Nadere informatie

Monitor financieel gedrag 2017

Monitor financieel gedrag 2017 Monitor financieel gedrag 2017 Inhoudsopgave Achtergrond, doel- en probleemstelling Pagina 3 Methode, opzet en leeswijzer Pagina 4 Samenvatting Pagina 8 Resultaten Pagina 16 Bijlage Pagina 27 2 Achtergrond,

Nadere informatie

Je geldzaken goed geregeld: een rustig gevoel!

Je geldzaken goed geregeld: een rustig gevoel! Je geldzaken goed geregeld: een rustig gevoel! Samen je centen de baas GELD EN GELDZAKEN. SOMS BEST LASTIG. Het gebeurt iedereen wel eens. Dat je een brief krijgt die je niet goed begrijpt. Of dat je een

Nadere informatie

Vara - Kassa 3 Resultaten Aflevering 3 Financiën 1 22 mei 2007

Vara - Kassa 3 Resultaten Aflevering 3 Financiën 1 22 mei 2007 Vara - Kassa 3 Resultaten Aflevering 3 Financiën 1 22 mei 2007 1 onderzoeksgegevens mogen alleen gebruikt worden onder vermelding van YoungVotes en de VARA Factsheet Jongeren en Financiën Jongeren betalen

Nadere informatie

Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg

Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg Is jouw maand ook altijd iets te lang? Onderzoek Jongerenpanel Tilburg Onderzoek uitgevoerd in opdracht van: Gemeente Tilburg DIMENSUS beleidsonderzoek December 2012 Projectnummer 507 Inhoudsopgave Samenvatting

Nadere informatie

Onderzoek onder kinderen groep 5 t/m 8

Onderzoek onder kinderen groep 5 t/m 8 Onderzoek onder kinderen groep 5 t/m 8 februari/maart 2015 Bewaren van geld Hoe bewaar jij je geld? (meerdere antwoorden mogelijk) In mijn spaarpot Op de bank In mijn portemonnee Op een speciale plek,

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor Voorjaar 2011 Uitvaartverzekeringen. augstus 2011

AFM Consumentenmonitor Voorjaar 2011 Uitvaartverzekeringen. augstus 2011 AFM Consumentenmonitor Voorjaar 2011 Uitvaartverzekeringen augstus 2011 Leeswijzer 2 Voor u ziet u de rapportage van de Consumentenmonitor, uitgevoerd in het mei van 2011. Het betreft hier het deelonderwerp

Nadere informatie

Monitor financieel gedrag 2015

Monitor financieel gedrag 2015 Monitor financieel gedrag 2015 Inhoudsopgave Achtergrond, doel- en probleemstelling Pagina 3 Methode en opzet Pagina 4 Samenvatting Pagina 8 Resultaten Pagina 11 Bijlage Pagina 19 2 Achtergrond, doel-

Nadere informatie

Wijzer in geldzaken Junior Monitor Een onderzoek naar de manier waarop kinderen uit groep 5 8 van de basisschool met geld omgaan

Wijzer in geldzaken Junior Monitor Een onderzoek naar de manier waarop kinderen uit groep 5 8 van de basisschool met geld omgaan Wijzer in geldzaken Junior Monitor 2018 Een onderzoek naar de manier waarop kinderen uit groep 5 8 van de basisschool met geld omgaan Inhoudsopgave Samenvatting 3 Inleiding 6 Resultaten Inkomsten 8 Kennis

Nadere informatie

Inhoud. Wie spaart (niet)? 5. Hoe sparen we? 17. Waarom en waarvoor sparen we? 35. Wat beïnvloedt ons spaargedrag? 39

Inhoud. Wie spaart (niet)? 5. Hoe sparen we? 17. Waarom en waarvoor sparen we? 35. Wat beïnvloedt ons spaargedrag? 39 Inhoud Wie spaart (niet)? 5 2 Hoe sparen we? 7 3 Waarom en waarvoor sparen we? 35 4 Wat beïnvloedt ons spaargedrag? 39 2 Opzet van het onderzoek Sparen, of niet - maart 207 - Dit onderzoek zoomt in op

Nadere informatie

Hoofdstuk 20. Financiële dienstverlening

Hoofdstuk 20. Financiële dienstverlening Hoofdstuk 20. Financiële dienstverlening Samenvatting Dit hoofdstuk behandelt de bekendheid en het gebruik van zeven Leidse inkomensondersteunende regelingen onder respondenten met een netto huishoudinkomen

Nadere informatie

Flitspeiling NAVO. Opinieonderzoek naar het draagvlak voor de NAVO onder het Nederlands publiek. Ministerie van Defensie

Flitspeiling NAVO. Opinieonderzoek naar het draagvlak voor de NAVO onder het Nederlands publiek. Ministerie van Defensie Flitspeiling NAVO Opinieonderzoek naar het draagvlak voor de NAVO onder het Nederlands publiek Inleiding en onderzoeksverantwoording Op verzoek van het ministerie van Defensie heeft Veldkamp een flitspeiling

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor najaar 2015 Beleggers November 2015. GfK 2015 AFM Consumentenmonitor November 2015 1

AFM Consumentenmonitor najaar 2015 Beleggers November 2015. GfK 2015 AFM Consumentenmonitor November 2015 1 AFM Consumentenmonitor najaar 1 Beleggers November 1 GfK 1 AFM Consumentenmonitor November 1 1 Percentage beleggers in Nederland stabiel 90 0 0 60 0 40 30 3 3 4 1 1 16 1 1 1 0 Voorjaar 1 (n = 934) Najaar

Nadere informatie

Hoe staan werkzame 50-plussers tegenover pensioen? oktober 2015

Hoe staan werkzame 50-plussers tegenover pensioen? oktober 2015 Hoe staan werkzame 50-plussers tegenover pensioen? oktober 2015 Inhoudsopgave Management Summary Pagina 3 Onderzoeksresultaten Pagina 7 Onderzoeksverantwoording Pagina 40 oktober 2015 2 Management Summary

Nadere informatie

OMGAAN MET GELD JONGEREN IN OLDAMBT

OMGAAN MET GELD JONGEREN IN OLDAMBT OMGAAN MET GELD JONGEREN IN OLDAMBT Omgaan met geld Een onderzoek naar hoe jongeren in de gemeente Oldambt omgaan met geld. Colofon Opdrachtgever Gemeente Oldambt Datum Maart 2017 Auteurs Anne-Wil Hak

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor voorjaar 2014 Hypotheken

AFM Consumentenmonitor voorjaar 2014 Hypotheken AFM Consumentenmonitor voorjaar 2014 Hypotheken Juni 2014 GfK 2014 AFM Consumentenmonitor Juni 2014 1 Leeswijzer Voor u ziet u de rapportage van de Consumentenmonitor, uitgevoerd in het voorjaar van 2014.

Nadere informatie

[zelf op te maken en in te vullen > denk hierbij aan het tonen van een foto en/of logo van de bank, je naam etc.

[zelf op te maken en in te vullen > denk hierbij aan het tonen van een foto en/of logo van de bank, je naam etc. Beschrijving Deze gastles gaat over inzicht krijgen in je inkomen en uitgaven. Jongeren moeten zorgen dat ze inkomen hebben. Anders is het lastig om een eigen leven in te vullen. Zakgeld, kleedgeld, baantje,

Nadere informatie