INHOUD. Documentatie Index. 34 Inhoud gerangschikt per nummer 35 Inhoud gerangschikt per auteur

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "INHOUD. Documentatie. 1998 Index. 34 Inhoud gerangschikt per nummer 35 Inhoud gerangschikt per auteur"

Transcriptie

1 NAVO kroniek INHOUD Nº1 Lente Volume 47 Javier Solana 3 De Top van Washington: de NAVO stapt doortastend de 21ste eeuw in Voorblad: NATO Graphics Studio (NAVO foto) Jorge Domínguez 7 Argentinië: de Zuid-Atlantische partner van de NAVO Dick Zandee 10 Civiel-militaire interactie bij vredesoperaties Pol De Witte 14 Stabiliteit en veiligheid in het zuidelijk deel van de Kaukasus bevorderen Luc van der Laan 17 De samenwerking tussen de NAVO en Rusland bij de luchtverdediging Documentatie 18 Ministeriële vergadering van de Noord-Atlantische Raad, Brussel 8 december 20 Verklaring over Bosnië en Herzegovina, Brussel, 8 december 21 Verklaring over Kosovo, Brussel, 8 december 21 Verklaring over CSE, Brussel, 8 december 23 Samenvatting van de voorzitter van de vergadering van de Euro-Atlantische Partnerschapsraad, Brussel, 8 december 23 Geactualiseerd Actieplan van de Euro-Atlantische Partnerschapsraad 26 Verklaring van de NAVO-Oekraïne Commissie, Brussel, 9 december 27 Verklaring van de Gezamenlijke Permanente NAVO-Rusland Raad, Brussel, 9 december 27 Vergadering van de Noord-Atlantische Raad in zitting van ministers van defensie, Brussel, 17 december 31 Defensie-uitgaven van de NAVO-landen ( ) 1998 Index 34 Inhoud gerangschikt per nummer 35 Inhoud gerangschikt per auteur Hoofdredacteur: Keir Bonine Redactie Assistent: Vicki Nielsen Productie Assistent: Felicity Breeze Layout : NAVO Graphics Studio Dit tijdschrift, uitgegeven onder verantwoordelijkheid van de Secretaris-Generaal, is bedoeld om een bijdrage te leveren tot een constructieve discussie over de Atlantische vraagstukken. Daarom weerspiegelt de inhoud niet noodzakelijk de officiële mening of het beleid van de regeringen der lidstaten of van de NAVO. De artikelen mogen na het verkrijgen van toestemming van de hoofdredacteur gereproduceerd worden, mits de NAVO KRONIEK als bron wordt vermeld en de naam van de auteur indien de artikelen ondertekend zijn. Het tijdschrift NAVO Kroniek wordt vier maal per jaar gepubliceerd, evenals in het: Deens NATO Nyt; Duits NATO Brief; Engels NATO Review; Frans Revue de l OTAN; Grieks Deltio NATO; Hongaars NATO Tükor; Italiaans Rivista della NATO; Noors NATO Nytt; Pools Przeglad NATO; Portugees; Noticias da OTAN; Spaans Revista de la OTAN; Tsjechisch NATO Review; Turks NATO Dergisi. Eenmaal per jaar verschijnt een nummer in het IJslands - NATO Fréttir. Gebeurlijk verschijnen er ook nummers in het Oekraïens en het Russisch. ISSN NAVO Kroniek en andere NAVO publikaties zijn ook te vinden in het Engels en het Frans op het World Wide Web onder HTTP: //WWW.NATO.INT/ Voor alle vragen naar informatie of om NAVO Kroniek gratis te verkrijgen of i.v.m. andere NAVO publicaties, gelieve men zich te wenden naar: NAVO Informatie- en Persbureau, 1110 Brussel, België Fax: (32-2) Verantwoordelijke uitgever: Peter Daniel - NAVO 1110 Brussel, België Printed in Belgium by Editions Européennes

2 De nieuwe Euro-Atlantische Veiligheidsomgeving De Top van Washington De NAVO stapt doortastend de 21ste eeuw in Javier Solana NAVO-secretaris-generaal en voorzitter van de Noord-Atlantische Raad In april zullen de Bondgenootschappelijke staatshoofden en regeringsleiders bijeenkomen in Washington om een historisch feit te vieren: het 50- jarig bestaan van de NAVO. In dezelfde kamer waarin het Noord-Atlantische Verdrag werd ondertekend, zullen zij hun waardering uiten voor een zeer opmerkelijke prestatie: vijf decennia lang zijn vrede en veiligheid in Europa bewaard. Maar de Top houdt meer in dan een herdenking van wat in het verleden is gepresteerd, of een hernieuwing van de beloften. De Top betekent ook voorbereidingen treffen voor de toekomst. Wij moeten zorgen dat het Bondgenootschap gereed en uitgerust is om de veiligheidsuitdagingen van de volgende 50 jaar aan te pakken - en vele daarvan zullen heel anders van aard en oorsprong zijn dan de uitdagingen uit het verleden. De besluiten die tijdens de Top van Washington zullen worden genomen, vormen de leidraad voor de verdere ontwikkeling van het Bondgenootschap in de volgende eeuw. Het gezicht van de Europese veiligheid is de afgelopen tien jaar onherkenbaar veranderd en over het algemeen ten goede. De ideologische muur die Europa in tweeën deelde, is voorgoed verdwenen en de meeste Midden- en Oost-Europese landen maken een opmerkelijk vreedzame overgang door naar de democratie, hetgeen blijkt uit vrije verkiezingen en de rechtsorde. Ondanks deze zeer positieve ontwikkelingen bestaan er nog steeds gevaren voor de Europese veiligheid. Wij hebben de voorbeelden daarvan gezien: etnische twisten, minderheidsconflicten, vluchtelingenstromen en systematische schendingen van de mensenrechten. Ook de verspreiding van massavernietigingswapens en de bijbehorende lanceerinrichtingen is een bron van zorg. De NAVO is vanaf 1991 bezig zich effectief aan te passen aan deze nieuwe veiligheidsuitdagingen. Zij stelt haar interne structuren er op af en neemt nieuwe taken op zich. Tegelijkertijd heeft het Bondgenootschap coöperatieve relaties aangeknoopt met landen in geheel Europa. Zo wil het vorm helpen geven aan die nieuwe veiligheidsomgeving en een raamwerk van stabiliteit in het gehele continent opzetten. Al deze aanpassingen zullen tijdens de Top nog eens extra worden belicht. De Top van Washington De meest opvallende verandering zal duidelijk blijken in Washington, gewoon uit het aantal nationale vlaggen dat er wappert: 19 in plaats van 16. Omstreeks april zullen de Tsjechische Republiek, Hongarije en Polen officieel lid van het Bondgenootschap zijn. Met deze uitbreidingsronde zullen wij duidelijk aantonen dat er geen scheidslijnen in Europa meer bestaan. Deze uitbreidingsronde is bovendien slechts een fase in een voortdurend proces. De deur naar het NAVO-lidmaat- schap blijft open staan voor andere landen die bereid en in staat zijn een bijdrage te leveren aan de Bondgenootschappelijke veiligheid, daarbij rekening houdend met de ontwikkelingen op politiek en veiligheidsgebied in geheel Europa. Wij werken op dit moment aan een pakket maatregelen dat tot doel heeft de partnerlanden dichter tot het Bondgenootschap te brengen en dat de landen die het lidmaatschap nastreven wil helpen te voldoen aan de NAVO-maatstaven. Dit pakket zal tijdens de Top officieel bekend worden gemaakt. Tegelijkertijd zullen wij onze betrekkingen met niet-lidstaten in het gehele Euro-Atlantische gebied blijven versterken. Wij willen het klimaat van wederzijds vertrouwen over het gehele continent verspreiden door de mogelijkheden van de Euro-Atlantische Partnerschapsraad (EAPR) maximaal te benutten. De EAPR brengt de vertegenwoordigers van 44 lan- NAVO-secretarisgeneraal Javier Solana (NAVO foto) 3 NAVO kroniek Lente 1999

3 De ministers van buitenlandse zaken van de drie landen die weldra tot de NAVO zullen toetreden, Janos Martonyi van Hongarije, Jan Kavan de Tsjechische Republiek en Bronislaw Geremek van Polen, samen met de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Madeleine Albright tijdens de ministeriële vergaderingen in Brussel van december (NAVO foto) den regelmatig bijeen rond de NAVO-tafel. De EAPR ontwikkelt zich tot een belangrijk overlegforum, dat het meest recent zijn waarde bewezen heeft bij de crisis in Kosovo. Deze raad zal in de toekomst steeds belangrijker worden op gebieden zoals de rampenbestrijding en de civiele verdedigingsplanning. Wij zullen ook specifieke maatregelen ontwikkelen om het Partnerschap voor de Vrede te versterken. Het PfP, dat thans zijn vijfde jaar ingaat, is een zeer geslaagd middel gebleken om strijdkrachten te herstructureren en ze te helpen hun juiste plaats in te nemen in de moderne democratische samenleving. Het PfP heeft ook geleid tot nieuwe patronen van praktische samenwerking tussen de militaire instellingen van de 27 partners en de 16 bondgenoten. Zonder het PfP zou het bijvoorbeeld onmogelijk zijn geweest de multinationale strijdmacht in Bosnië en Herzegovina op zo n korte tijd op de been te brengen. De Partners beter betrekken Teneinde het PfP nog verder te versterken, werken wij samen met onze partners aan de ontwikkeling van een politiek-militair raamwerk voor operaties onder leiding van de NAVO in reactie op een crisis en om de vrede te ondersteunen. Dit zal onze partners meer zeggenschap geven tijdens de planning en uitvoering van dergelijke operaties. De ideeën die op tafel liggen, omvatten onder meer PfP-trainingscentra, multinationale formaties binnen het PfP, en het gebruik van simulatietechnieken om ons te leren beter met elkaar samen te werken. Kort samengevat, de NAVO-leiders en hun collega s in de partnerlanden zullen tijdens de Top van Washington verder gaan met de opbouw van een Europa waarin de strijdkrachten veel meer met elkaar samenwerken dan tegenover elkaar staan, daarbij voortbouwend op de aanzienlijke vooruitgang die reeds is geboekt. Wij zijn ook hard aan het werk om de herziening van het Strategisch Concept af te ronden, zoals ons is opgedragen door de NAVO-staatshoofden en -regeringsleiders tijdens de vorige Top in Madrid in Met deze herziening wordt het Strategisch Concept afgestemd op de vele veranderingen die in de Euro-Atlantische veiligheid hebben plaats gevonden sinds de Top van Rome in 1991, toen het huidige concept werd aangenomen. Een sterke band met Rusland Één zeer significante verandering in de Euro-Atlantische veiligheid is de nieuwe, positieve relatie die wordt opgebouwd tussen de NAVO en Rusland. Naar onze mening is de constructieve betrokkenheid van Rusland bij de nieuwe Europese veiligheidsorde van fundamenteel belang en wij zijn vastbesloten die betrokkenheid te blijven bevorderen. Wij hebben nu al meer dan een jaar een uitvoerige relatie van overleg en samenwerking, die tijdens de Koude Oorlog gewoon onvoorstelbaar zou zijn geweest. De Permanente Gezamenlijke Raad, die werd opgericht naar aanleiding van de NAVO-Rusland Stichtingsakte uit 1997, is nu een prominent forum waarin de Bondgenoten en Rusland van mening wisselen over actuele veiligheidsvraagstukken zoals Bosnië en Kosovo, waar deskundigen samenkomen om allerlei vraagstukken op het terrein van defensie en de militaire organisatie te bespreken, en waar wordt gezocht naar verdere mogelijkheden om de praktische samenwerking uit te breiden. Het komend jaar belooft zelfs nog meer activiteiten op het gebied van overleg en samenwerking. De crisis in Kosovo heeft de waarde van deze nieuwe relatie bewezen. Sinds de crisis begon hebben de NAVO en Rusland voortdurend overlegd in de PGR en trachten zij beiden dit conflict vreedzaam op te lossen. Meer uitgebreide samenwerking Wij zien er ook naar uit andere aspecten van onze coöperatieve veiligheidsactiviteiten te kunnen uitbreiden en verdiepen. Het Werkprogramma dat in het kader van het NAVO- 4 NAVO kroniek Lente 1999

4 Oekraïne Handvest is opgesteld, bijvoorbeeld, levert ook een bijdrage tot de vrede en de stabiliteit in Europa. Tijdens de Top zal zeker aandacht worden besteed aan de waarde van de relatie tussen de NAVO en Oekraïne. Dat geldt ook voor het werk van de Samenwerkingsgroep Middellandse Zee, die de NAVO en zes deelnemende landen uit het Middellandse Zeegebied bijeenbrengt in een steeds uitgebreider programma van contacten, overleg en samenwerking. Een nieuwe bevelsstructuur Tijdens de Top van Washington zal ook de laatste hand worden gelegd aan de reeks interne aanpassingen die het Bondgenootschap heeft doorgevoerd om het hoofd te kunnen bieden aan de veiligheidsuitdagingen van vandaag en morgen. Wij zijn bezig een gereorganiseerde bevelsstructuur in te voeren, die gestroomlijnd en flexibeler is en daardoor beter in staat vredesondersteunende en crisisbeheersingstaken uit te voeren. Wij zijn ook bezig een initiatief voor te bereiden dat ten doel heeft de interoperabiliteit, mobiliteit en het draagvermogen van de Bondgenootschappelijke strijdkrachten te verbeteren. Eenvoudig gezegd, de Bondgenootschappelijke troepen moeten op dezelfde golflengte zitten, ze moeten snel afstanden kunnen overbruggen en ze moeten vervolgens in het veld goed kunnen worden ondersteund. Zij moeten met elkaar kunnen communiceren - communicatie tussen de landmacht, de luchtmacht en de marine en tussen de ene bondgenoot en de andere - in een wereld waarin de computer en de moderne informatietechnologie zo langzamerhand tot de normale uitrusting van een modern soldaat behoren Nieuwe uitdagingen De veiligheidsomgeving in Europa is nu heel anders dan slechts een tiental jaren geleden. Zware, statische NAVO- troepen en hoofdkwartieren zijn niet meer nodig. Tegenwoordig kunnen de uitdagingen uit iedere hoek komen en allerlei vormen aannemen, zij kunnen zelfs buiten de grenzen van het Bondgenootschap liggen. De vredeshandhaving in Bosnië, de crisisbeheersing in Kosovo - dit zijn levendige voorbeelden van de complexiteit en de reikwijdte van de nieuwe NAVO-taken. In Bosnië heeft SFOR onder leiding van de NAVO bijgedragen tot het consolideren van de vrede door te zorgen voor een veilig klimaat i.f.v. de moeilijke maar onontbeerlijke opdracht van herstel en verzoening. Bovendien heeft het Bondgenootschap nieuwe relaties gesmeed met diverse internationale organisaties en organismen die zich tot doel stellen het land weder op te bouwen - zo wordt ook het concept van mekaar wederzijds ondersteunende instituten als belangrijke bron van synergie in vredeshandhaving en vredesopbouw in praktijk gebracht. In Kosovo heeft de humanitaire crisis en het escalerende geweld de internationale gemeenschap tot grote bezorgdheid gebracht. Deze heeft getracht om diplomatieke druk uit te oefenen teneinde de partijen te doen ophouden met vechten en naar een politieke oplossing te zoeken. Diplomatieke druk moest echter ondersteund worden met de dreiging van militair geweld. Het Bondgenootschap heeft de noodzakelijke beslissingen genomen om deze mogelijkheid te voorzien. Terzelfdertijd heeft de NAVO de ganse operationele planning en voorbereiding opgezet in functie van de implementatie van de internationale militaire aspecten van een mogelijk vredesakkoord. Dit toont aan dat crisis managment tegenwoordig tot nauwe samenwerking noopt tussen politieke doelstellingen en de middelen om ze te bereiken en te ondersteunen. Het toont ook aan dat zulke losgeslagen etnische conflicten ons voor een uitdaging plaatsen indien we werkelijk ons doel willen realiseren : een ééngemaakt, vrij en vreedzaam Europa. Troepen van de NAVO en de partners nemen deel aan de Partnerschap voor de Vrede-oefening Cooperative Best Effort op het oefenterrein Krivolak in de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië*, in september jl. (NAVO foto) * Turkije erkent Macedonië onder zijn constitutionele naam. 5 NAVO kroniek Lente 1999

5 maken NAVO-middelen te gebruiken, waarbij de directe betrokkenheid van de Noord-Amerikaanse bondgenoten niet noodzakelijk is. Door te zorgen dat de ontwikkeling van een robuuste Europese Veiligheids- en Defensie-identiteit geheel plaatsvindt binnen het transatlantisch raamwerk, zal de NAVO kunnen zorgen dat de onontbeerlijke materiële steun van Noord-Amerika aan de Europese operaties gewaarborgd blijft. Dit zal op zijn beurt leiden tot een meer volwassen De Russische minister van buitenlandse zaken Igor Ivanov (links) in gesprek met NAVOsecretaris-generaal Javier Solana tijdens de ministeriële vergadering van de Permanente Gezamenlijke NAVO-Rusland Raad, op 9 december (NAVO foto) Tegelijkertijd pakken we ook andere, nieuwe problemen aan. Het is bijvoorbeeld voor de Bondgenootschappelijke regeringen van steeds groter belang dat er iets wordt gedaan aan de verspreiding van massavernietigingswapens en hun lanceerinrichtingen. Het belangrijkste doel van het Bondgenootschap en zijn leden is te voorkomen dat proliferatie optreedt en, indien zij toch voorkomt, haar ongedaan te maken met behulp van diplomatieke middelen. Toch moeten wij erop zijn voorbereid dat massavernietigingswapens een gevaar inhouden, niet alleen voor ons nationaal grondgebied, maar ook voor onze troepen die een vredeshandhavingsmissie uitvoeren. De NAVO is bezig met de voorbereiding van een initiatief voor de Top van Washington dat ten doel heeft te zorgen dat het Bondgenootschap kan beschikken over de politieke en militaire middelen om dit probleem op de juiste wijze, effectief aan te pakken. Naast de uitwisseling van informatie over de verspreiding van massavernietigingswapens tussen de Bondgenoten, zien wij ook als mogelijkheid dat het Bondgenootschap de steun voor non-proliferatieactiviteiten gaat coördineren. Terwijl de NAVO zich aanpast, doet Europa hetzelfde. De Europese Unie heeft een munteenheid aangenomen en een Gemeenschappelijk Buitenlands en veiligheidsbeleid (GBVB) Het is niet meer dan natuurlijk dat de NAVO deze ontwikkeling weerspiegelt en ondersteunt. Dat is de reden waarom ik in de toekomst een Bondgenootschap zie met een sterkere Europese identiteit - een doel dat door alle bondgenoten wordt gesteund. Nieuwe regelingen geven vorm aan een sterkere Europese Veiligheids- en Defensie-identiteit binnen het Bondgenootschap. De veranderingen in de bevelsstructuur maken nu NAVO-operaties onder Europese leiding mogelijk. Het Combined Joint Task Forces-initiatief, dat binnenkort zal zijn voltooid zal het de Europese Bondgenoten mogelijk transatlantische relatie, waarin de taken en verantwoordelijkheden evenwichtiger worden gedeeld. De belangrijkste elementen van deze nieuwe relatie zullen ook op tijd voor de Top gereed zijn. Het potentieel van het Bondgenootschap volledig benutten De Top van Washington markeert een historische fase in de ontwikkeling van het Atlantisch Bondgenootschap. Gedurende de eerste 40 jaar hield de NAVO zich hoofdzakelijk bezig met de collectieve verdediging tegen een enkele uitdaging. De laatste tien jaar zo ongeveer past het Bondgenootschap zich aan, aan de snelle veranderingen die zich in de Euro-Atlantische veiligheid voltrekken. De Top vormt het hoogtepunt van dit proces en brengt ons dichter dan ooit bij het moment waarop het potentieel van het Verdrag van Washington, zoals dit door de oprichters werd gezien, volledig wordt benut. In Washington zullen wij de laatste hand leggen aan de nieuwe NAVO: een Bondgenootschap dat vast van plan en ontworpen is om met behulp van nieuwe mechanismes, nieuwe partnerschappen en nieuwe taken, de stabiliteit en de veiligheid voor het gehele Euro- Atlantische gebied te versterken tot ver in de 21ste eeuw. 6 NAVO kroniek Lente 1999

6 Argentinië: de Zuid-Atlantische partner van de NAVO Jorge Domínguez Minister van defensie van de Republiek Argentinië Hoewel Argentinië geografisch gezien op grote afstand ligt van Europa heeft het ook te lijden gehad van het Oost-West conflict; het wil nu zo veel mogelijk participeren in het nieuwe klimaat van internationale samenwerking dat in Europa na de Koude Oorlog is ontstaan. Concreet betekent dit dat Argentinië deelneemt aan internationale vredeshandhavingsoperaties, onder andere in Bosnië en Herzegovina. Op dit terrein, zo betoogt Jorge Domínguez, stemmen de belangen van de NAVO en Argentinië van nature overeen. Beide streven naar vrede en een coöperatieve veiligheid en daarom wil Argentinië de Zuid-Atlantische partner van de NAVO worden. Tijdens de eerste helft van de jaren 80 kreeg Argentinië, net als een groot aantal andere Latijns-Amerikaanse staten, zijn democratische instellingen terug na een jarenlang militair bewind. Dit proces had onvermijdelijk tot gevolg dat de rol van het leger, dat geleidelijk heeft geleerd zijn specifieke taken uit te voeren onder democratische controle, helemaal opnieuw moest worden gedefi- Het einde van de Koude Oorlog had duidelijk direct gevolgen voor Europa, waar wederzijds wantrouwen en antagonisme diepgeworteld waren. De val van de Berlijnse Muur symboliseerde het einde van de confrontatie tussen Oost en West, die bijna van de ene op de andere dag verdween. Het Noord-Atlantisch Bondgenootschap heeft zich in het begin van de jaren 90 aangepast aan de totaal veranderde veiligheidssituatie door met de Warschaupactlanden een dialoog aan te gaan en vertrouwenbevorderende maatregelen te treffen, vooral via het Partnerschap voor de Vrede. Dit proces heeft uiteindelijk ook geleid tot bijzondere partnerschappen met Rusland en Oekraïne. Deze ontwikkelingen zijn in Zuid-Amerika niet onopgemerkt gebleven. Zuid-Amerika heeft misschien niet aan de frontlinie van de Koude Oorlog gelegen, maar het heeft ook niet aan de effecten ervan kunnen ontsnappen. In ons deel van de wereld waren dit jaren van institutionele instabiliteit en bij meer dan één gelegenheid weerspiegelde de interne politieke strijd de grote ideologische confrontatie die overal ter wereld heerste. Belangrijke gebeurtenissen in de recente geschiedenis van Latijns- Amerika zijn direct terug te voeren tot het paradigma van de Koude Oorlog. Een nieuw tijdperk voor Argentinië De Argentijnse minister van defensie Jorge Domínguez (links) ontmoet NAVOsecretaris-generaal Javier Solana tijdens zijn bezoek aan het NAVOhoofdkwartier in september jl. (NAVO foto) 7 NAVO kroniek Lente 1999

7 andere multinationale inspanningen wanneer internationale vrede en veiligheid worden bedreigd. Daarom heeft Argentinië besloten mee te doen aan de multinationale coalitie tegen de invasie van Koeweit door Irak in 1990 en heeft het oorlogsschepen, transportvliegtuigen en 600 officieren en onderofficieren naar de Golf gestuurd. Later Argentijnse gendarmes, ingezet als onderdeel van de Multinationale Speciale Eenheid, tijdens een oefening in Bosnië en Herzegovina vorig jaar. (foto van het Argentijns Min. V. Def.) nieerd. Deze interne veranderingen vonden op hetzelfde moment plaats dat ook mondiaal gezien de politiek en de veiligheidsvraagstukken veranderden. Een van de meest in het oog springende kenmerken van Argentinië s nieuwe buitenland- en veiligheidsbeleid en een onderdeel van de nieuwe taakomschrijving van de Argentijnse strijdmacht was dat de nadruk werd gelegd op deelname aan vredeshandhavingsmissies van de VN overal ter wereld. Dit initiatief, dat volledig in overeenstemming was met Argentinië s reeds lang bestaande betrokkenheid bij de VN, was het begin van een nieuw tijdperk voor wat betreft de internationale activiteiten van mijn land. Argentinië leverde verscheidene bataljons voor de United Nations Protection Force (UNPROFOR) in het voormalige Joegoslavië en leverde vervolgens ook troepen en waarnemers voor een aantal andere operaties, waaronder die in Kroatië, Haïti, Angola, Mozambique, Guatemala, de West-Sahara, Koeweit, Libanon, Oost-Slavonië en Cyprus. Blijkens een recente inventarisatie van troepenleveranties aan vredesoperaties staat Argentinië op dit moment op de 8ste plaats op de lijst van de troepenbijdragende landen. In totaal hebben ruim Argentijnse soldaten deelgenomen aan internationale operaties. Omdat Argentinië geheel achter deelname aan de internationale vredeshandhaving staat, heeft president Carlos Menem de oprichting gestimuleerd van het Argentijns Centrum voor Gezamenlijke Training in Vredeshandhavingsoperaties (CAECOPAZ), dat sinds 1995 operationeel is. Hier worden cursussen en seminars gehouden voor militairen uit de gehele wereld over allerlei onderwerpen die verband houden met de moderne vredeshandhaving in theorie en praktijk, inclusief de militaire waarneming, bevel en onderbevel over een vredesmacht, de militaire politie en de opruiming van landmijnen en explosieven. In een richtlijn over de gezamenlijke militaire planning staat dat de betrokkenheid van Argentinië bij internationale vredesoperaties niet beperkt is tot activiteiten onder leiding van de VN. Argentinië kan dus ook deelnemen aan namen Argentijnse troepen ook deel aan de geslaagde normalisatiemissie op Haïti (1994), die voorkwam dat de crisis de stabiliteit in het gehele Caribische gebied verstoorde. Argentinië heeft ook steun verleend aan de oprichting van de Multinational UN Stand-By Forces High Readiness Brigade, die bekend staat als SHIRBRIG, een initiatief van de Deense regering dat ten doel heeft troepen voor een vredesmissie snel ter plaatse te brengen. Deze besluiten om troepen en middelen te sturen voor moeilijke operaties in verafgelegen oorden zijn een bewijs van Argentinië s fundamentele politieke wil om, als verantwoordelijk lid van de internationale gemeenschap, een actieve rol te spelen in het bewaren van de vrede. De nieuwe veiligheidssituatie maakt het noodzakelijk dat bruggen van samenwerking worden geslagen tussen gelijkgestemde landen, alleen zo kunnen de ingewikkelde veiligheidsvraagstukken in het tijdperk na de Koude Oorlog worden aangepakt. Meer dan ooit is gezamenlijke actie de sleutel tot verdediging en veiligheid. Argentinië s nieuwe defensiebeleid wordt gekenmerkt door een coöperatieve benadering van de internationale veiligheid; ook hebben wij getracht onze regionale inspanningen uit te breiden. Argentinië streeft naar economische integratie via de Gemeenschappelijke Markt van het Zuiden (MERCOSUR) en parallel daaraan heeft het de militaire samenwerking met Brazilië, Uruguay en Paraguay aanzienlijk uitgebreid. Er wordt op dit moment een significant programma van gezamenlijke oefeningen met Brazilië en Uruguay uitgevoerd en recent werd ook een nieuwe reeks oefeningen gestart met Chili. Deze gunstige combinatie van economische groei, commerciële integratie en politieke dialoog met onze buurlanden heeft Argentinië in feite beter in staat gesteld vredeshandhavingsoperaties in het buitenland te steunen. 8 NAVO kroniek Lente 1999

8 Het zou natuurlijk arrogant zijn te beweren dat dit deel van Zuid-Amerika vrij is van de onzekerheden en uitdagingen waarmee andere gebieden in de wereld wel te kampen hebben. Het huidige klimaat van doorzichtigheid en versterkt vertrouwen tussen de buurlanden biedt echter wel een gezonde basis voor stabiliteit op het gehele westelijk halfrond en verleent geloofwaardigheid aan Argentinië s deelname aan internationale operaties. De Amerikaanse regering heeft in februari 1998 Argentinië officieel de status van grote, niet tot de NAVO behorende bondgenoot verleend, als teken van waardering voor onze inzet voor internationale vrede en veiligheid. Dit is de eerste keer dat deze status werd verleend aan een land op het westelijk halfrond. Van dialoog naar samenwerking met de NAVO De evolutie van de NAVO en haar bereidheid mechanismen in te stellen voor samenwerking en contact met landen die ook streven naar een vreedzame, stabiele, internationale orde, blijkt uit het Partnerschap voor de Vrede-programma, de Mediterrane Dialoog en het systeem van periodieke conferenties met geselecteerde staten. Tegelijkertijd heeft ons besluit actief deel te nemen aan de vredeshandhaving en vredesopbouw overal ter wereld ons natuurlijk ook doen zoeken naar wegen om een dialoog met de NAVO aan te gaan, dit Bondgenootschap dat nu nog 16 en weldra 19 landen zal omvatten, waarmee Argentinië goede betrekkingen onderhoudt en de elementaire beginselen van de democratie, het respect voor de mensenrechten, de burgerrechten en economische vrijheid deelt. De eerste contacten tussen Argentinië en de NAVO kwamen tot stand toen de Argentijnse minister van buitenlandse zaken een presentatie hield over de centrale aspecten van ons internationaal veiligheidsbeleid voor de permanente vertegenwoordigers van de Noord-Atlantische Raad in Brussel in 1992, en nogmaals in Deze initiële contacten leidden tot verdere dialoog en bezoeken, waaronder mijn eigen bezoek aan het NAVO-hoofdkwartier in september Er zijn ook contacten geweest op deskundigen- en werkniveau, waaronder een seminar over mondiale veiligheid dat wij in 1993 in Buenos Aires hebben georganiseerd. Dit werd bijgewoond door een aantal deskundigen en vertegenwoordigers op hoog niveau van de NAVO en de geallieerde landen. Discussies en uitwisselingen betroffen vraagstukken als de nieuwe rol van de NAVO in de wereld na de Koude Oorlog, mondiale en regionale veiligheid, en militaire aspecten van mondiale veiligheid. De overeenstemming in de standpunten die tijdens de discussies naar voren kwam, versterkte onze overtuiging dat er inderdaad een goede basis is om te zoeken naar meer concrete mogelijkheden voor samenwerking. Dit is bovendien in overeenstemming met het streven van de NAVO zelf en de prioriteiten en regionale context van Argentinië. De eerste concrete gelegenheid voor nauwere samenwerking met de NAVO kwam toen wij het besluit genomen hadden deel te nemen aan de Stabilisatiemacht SFOR in Bosnië en Herzegovina via de nieuwe Multinationale Speciale Eenheid (MSU). De MSU heeft tot taak een oplossing te bieden voor een gepercipieerde veiligheidskloof tussen het militair niveau en de plaatselijke politie. De politie kon door de complexe situatie zijn taken onvoldoende uitvoeren. De situatie was bedreigend voor het toch al zo broze vredesproces dat door het Dayton-akkoord in gang gezet was. Het idee was dat de MSU een preventieve functie zou hebben en onder direct bevel van SFOR zou opereren. De eenheid zou over soortgelijke militaire vermogens en ervaring met politiewerk moeten kunnen beschikken als nodig zijn voor een nationale garde of gendarmerie. Argentinië heeft een compagnie geleverd afkomstig uit zijn eigen Nationale Gendarmerie, een nationale veiligheidsstrijdmacht die reeds veel ervaring had met internationale operaties door deelname aan missies van de VN en de Organisaties van Amerikaanse Staten op Haïti. De Argentijnse gendarmerie had ook eerdere ervaring in het voormalige Joegoslavië opgedaan, iets dat in de context van SFOR nog belangrijker was. Veel officieren van de gendarmerie hadden deel uitgemaakt van de Internationale Politie Taakgroep. Argentijnse leden van de Multinationale Speciale Eenheid namen in september jl. deel aan een oefening oproercontrole in Bosnië en Herzegovina. (foto van het Argentijns Min. V. Def.) 9 NAVO kroniek Lente 1999

9 De Argentijnse gendarmes werden in recordtijd getraind en uitgerust en dankzij de samenwerking met Italië, het land dat de leiding had over de MSU, werd het Argentijnse contingent op tijd voor de verkiezingen in september in Bosnië gestationeerd. De MSU werkt sinds die tijd zeer efficiënt en helpt bij de implementatie van belangrijke aspecten van het Dayton-vredesakkoord. De MSU biedt de veiligheidsomgeving die van cruciaal belang is voor verzoening en de terugkeer van de plaatselijke bevolking naar het normale leven. De aanwezigheid van SFOR is ook uit politiek oogpunt zeer waardevol gebleken voor Argentinië, omdat het heeft kunnen deelnemen aan de Euro-Atlantische Partnerschapsraad in zijn SFOR-samenstelling. Wij hopen oprecht dat hierdoor de dialoog over veiligheidszaken wordt bevorderd. Tot nu toe is die natuurlijk in hoofdzaak gericht op de specifieke situatie in Bosnië, maar hij zou tot een meer uitvoerige gedachtewisseling tussen de NAVO en Argentinië kunnen leiden. Verenigd in het streven naar vrede Hoe vaag de betekenis van het woord mondialisering door veelvuldig gebruik ook is geworden, toch beschrijft het de nieuwe veiligheidsomgeving waarin regionale en mondiale stabiliteit nauw aan elkaar verbonden zijn. De NAVO en haar partners bouwen met succes aan een coöperatieve veiligheidsstructuur, die een ruimte overspant die groter is dan het transatlantisch gebied dat historisch gezien hoort bij het Atlantisch Bondgenootschap. Het weefsel van de nieuwe veiligheidsstructuur verbindt Noord-Amerika met het hart van Centraal-Azië en Europa met haar buurlanden aan de overzijde van de Middellandse Zee en zelfs met Japan via tweejaarlijkse conferenties. In deze interdependente veiligheidsomgeving kan Argentinië een land met een duidelijk Atlantisch profiel, waar vrede en harmonie heersen en dat een ervaren contribuant is aan verscheidene multinationale operaties over de gehele wereld een significante bijdrage leveren aan de instandhouding van vrede en veiligheid. Wij zijn een onderdeel van dit netwerk van landen die dezelfde waarden en visie delen en wij beschouwen de NAVO als een onmisbare drijvende kracht in de internationale veiligheid. Het is in deze geest dat de Argentijnse soldaten zich hebben aangesloten bij de troepen van de NAVO en haar partners in Bosnië en Herzegovina. Dezelfde gelijkgestemdheid wat betreft zienswijzen en doel zal ons ook leiden in de verdere interactie met onze vrienden aan weerszijden van de Noord-Atlantische Oceaan. Argentinië blijft de unieke functie vervullen van de Zuid-Atlantische partner van de NAVO, samen met de NAVO treden wij de uitdagingen van de toekomst tegemoet. Civiel-militaire interactie bij vredesoperaties Dick Zandee Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen, Clingendael Dit artikel is gebaseerd op Zandee s boek Building Blocs for Peace. Civil-Military Interaction in Restoring Fractured Societies (verkrijgbaar bij Instituut Clingendael, tel (0) ). 1) Stockholm International Peace Research Institute De internationale gemeenschap tracht steeds vaker na afloop van een intern gewapend conflict te helpen bij de overgang van oorlog naar vrede. Wanneer militairen worden ingezet bij de uitvoering van een vredesakkoord, is effectieve samenwerking op de grond vereist met de verschillende civiele organisaties die politieke, humanitaire en sociaal-economische taken uitvoeren. De Civiel-Militaire Samenwerking van de NAVO in Bosnië en Herzegovina is hiervan een voorbeeld. De schrijver betoogt echter dat een structurele benadering van de civiel-militaire interactie op een hoger politiek niveau nodig is. Dit kan bijdragen tot betere coördinatie van de civiel-militaire interactie in een vroeg stadium. Tevens dient het te worden opgenomen in het nieuwe Bondgenootschappelijk Strategisch Concept, dat tijdens de Top van Washington in april 1999 zal worden aangenomen. I nterne gewapende conflicten, of intrastatelijke conflicten, zijn in de jaren 90 het meest voorkomend soort conflict geweest. Volgens het SIPRI-Jaarboek ) waren er 25 gewapende conflicten in 1997, waarvan er maar één een conflict tussen staten was. De strijd in Kosovo en in Kongo bevestigden deze trend in 1998 en vermoedelijk zullen lokale of regionale oorlogen ook in de 21ste eeuw de internationale veiligheidssituatie blijven bepalen. Dit soort conflicten wordt gekenmerkt door niet-traditionele vormen van oorlogvoering door ongeregelde groepen soldaten, gewapende bandieten en extremisten, die zich vaak niet houden aan het oorlogsrecht. Wapens worden niet alleen voor militaire doeleinden gebruikt, maar ook om burgers te bedreigen en te doden, of om de infrastructuur en particuliere eigendommen te verwoesten. Een van de gevolgen is een enorme toename van het aantal vluchtelingen en ontheemden. Op dit moment zijn zo n 50 miljoen mensen slachtoffer van gewelddadige verdrijving, een gelijk aantal als alle verdrevenen in de periode Ook de materiële schade is aanzienlijk. Gegevens van de Wereldbank tonen aan dat 63 procent van de woningen in Bosnië en Herzegovina beschadigd is; 18 procent van de huizen en 50 procent van alle scholen is verwoest. De industriële productie is gedaald 10 NAVO kroniek Lente 1999

10 waarin de partijen op instigatie van de internationale gemeenschap een vredesregeling zijn overeengekomen, die de internationale gemeenschap vervolgens helpt uit te voeren. Maar zelfs als de partijen een vredesakkoord hebben ondertekend, zijn vaak robuuste vredestroepen nodig om de vrede te handhaven. Zowel IFOR als SFOR 2) in Bosnië en Herzegovina (vanaf 1995) en UNTAES 3) in Oost-Slavo- tot ongeveer 10 procent van het vooroorlogse niveau en de totale schadekosten worden geschat op 30 à 40 miljard dollar. Interne conflicten hebben hun eigen kenmerken, maar ze kennen ook een aantal gemeenschappelijke factoren. Dikwijls liggen er etnische, religieuze en historisch-culturele oorzaken aan ten grondslag. In de meeste gevallen is de staatsmacht uitgehold, hetgeen ernstige gevolgen heeft voor essentiële onderdelen van de civiele samenleving: verstoring van orde en gezag en toenemend geweld; het uiteenvallen van macro-economische structuren en de groei van schaduweconomieën; corruptie en georganiseerde misdaad; en steeds meer schendingen van de burger- en mensenrechten, hetgeen vaak leidt tot oorlogsmisdaden, inclusief de meest extreme vorm daarvan, volkerenmoord, zoals in Rwanda en Bosnië. Kort samengevat, interne conflicten leiden tot ineenstorting van de staat en een verscheurde samenleving. Hoe dieper de wonden, des te langer het duurt om de burgermaatschappij weer op te bouwen. De ernstigste schade is vaak van geestelijke of psychologische aard; het kan jaren en zelfs generaties duren voor de haat en de emoties zijn overwonnen, die tijdens het conflict zijn ontstaan. Robuuste vredesmacht In het begin van de jaren 90 werden vredesmachten vaak ingezet in voortgaande conflicten. Hoewel de vredestroepen nuttig werk verrichtten bij de humanitaire hulpverlening, slaagden zij er meestal niet in de gevechten te beëindigen. Sterker nog, de blauwhelmen van de Verenigde Naties raakten meestal dieper in het conflict verwikkeld en liepen gevaar aangevallen, gegijzeld of vermoord te worden. Deze ervaringen hadden tot gevolg dat de weerstand tegen de inzet van grondtroepen bij onopgeloste interne conflicten toenam. Het accent verschoof naar post-conflict vredesoperaties: situaties nië, Kroatië ( ) hadden een mandaat in het kader van Hoofdstuk VII 4) van het VN-Handvest en SFOR heeft dat nu nog. Deze vredesmachten waren zodanig samengesteld en uitgerust om zo nodig de naleving van de vredesakkoorden af te dwingen. Post-conflict vredesoperaties vereisen enerzijds onpartijdigheid, minimaal gebruik van geweld, en diplomatie, maar anderzijds afschrikking, robuustheid en de capaciteit om naleving van de bepalingen van het vredesakkoord indien noodzakelijk af te dwingen. Civiele operaties Duurzame vrede hangt uiteindelijk af van geslaagde uitvoering van de civiele aspecten van een regeling. Meestal is daarbij een groot aantal internationale organisaties en non-gouvernementele organisaties (NGO s) betrokken; helaas kan de daaruit voortvloeiende organisatorische complexiteit makkelijk leiden tot spanningen, botsingen tussen verschillende bureaucratieën, en tot verspilling van beschikbare middelen. Civiele instellingen functioneren anders dan militaire staven en de werving van personeel neemt veel tijd in beslag. Er zijn geen ACTWARNS, ACTREQS of ACTORDS 5) voor civiele operaties. Ze moeten vaak vanaf het nulpunt beginnen, omdat mechanismen ontbreken om personele en materiële middelen snel gereed te hebben. In de meeste gevallen vindt de planning van de missie plaats nadat ze begonnen is. Een onvoldoende rationele verdeling van taken en verantwoordelijkheden op strategisch niveau, heeft gevolgen voor het werkniveau in het veld, met alle negatieve consequenties van dien. 2) Vluchtelingen uit Kosovo verlaten hun dorpen en trekken naar Albanië, juni (Reuters foto) Implementation Force / Stabilisation Force 3) United Nations Transitional Administration for Eastern Slavonia, Baranja and Western Sirmium 4) Actie betreffende bedreigingen van de vrede, verstoring van de vrede en daden van agressie. (Artikelen 39-51) 5) Activation Warning, Activation Request en Activation Order zijn NAVO-termen voor de stappen die leiden tot de activering van een militaire operatie. NAVO kroniek 11 Lente 1999

11 Franse en Hongaarse SFORgenietroepen helpen bij het herstel van de historische brug in Mostar, in Bosnië en Herzegovina in september 1997 (Belga foto) 6) De overeengekomen NAVO-definitie van CIMIC is: De middelen en voorzieningen die dienen ter ondersteuning van de relatie tussen NAVObevelhebbers en de nationale autoriteiten, zowel de civiele als de militaire, en de civiele bevolking in een gebied waar NAVOstrijdkrachten actief zijn, of van plan zijn te opereren. Tot deze voorzieningen behoren ook de regelingen die zijn getroffen met non-gouvernementele of internationale agentschappen, organisaties en autoriteiten. 7) Het mandaat van de hoge vertegenwoordiger is ontleend aan het Dayton-Vredesakkoord en Resolutie 1031 van de VN-Veiligheidsraad en luidt dat hij toezicht dient te houden op de uitvoering van het Akkoord en de civiele implementatie moet coördineren in Bosnië en Herzegovina. 8) Zie kolonel William R. Phillips, De Civiel-Militaire samenwerking: van cruciaal belang voor de vredesimplementatie in Bosnië in NAVO Kroniek no. 1, voorjaar 1998, blz De Verenigde Naties en andere internationale organisaties hebben initiatieven genomen om de civiele voorbereiding en coördinatie te verbeteren; ook sommige landen zijn hier mee bezig. Het VN-Hoofdkwartier heeft bijvoorbeeld betere selectieprocedures en trainingsprogramma s voor internationaal civiel politiepersoneel ontwikkeld en er zijn voorstellen gedaan om een UN Standby Police Force op te richten. Secretaris-generaal Kofi Annan s Hervormingsprogramma van juli 1997 bevat voorstellen voor betere coördinatie tussen alle VN-Agentschappen, maar men mag daarvan geen wonderen verwachten. Een strakke civiele bevelsstructuur blijft min of meer utopisch en de spanningen tussen de vele civiele instellingen zullen wel blijven bestaan. Civiel-Militaire Samenwerking in de NAVO De civiel-militaire samenwerking of CIMIC 6) is om twee redenen van essentieel belang gebleken in post-conflict vredesoperaties. In de eerste plaats is de civiele implementatie veelal uiterst moeilijk en kan zij zelfs geheel mislukken als de veiligheid niet is gewaarborgd. In de tweede plaats kan een vredesmacht met specifieke vaardigheden, kennis en middelen de partijen en de civiele organisaties in belangrijke mate ondersteunen. Zonder militaire ondersteuning is civiele implementatie in complexe situaties eigenlijk ondenkbaar, zoals vele malen door het Bureau van de Hoge Vertegenwoordiger 7) naar voren is gebracht en ook door vertegenwoordigers van andere internationale organisaties in Bosnië en Herzegovina is onderstreept. De militaire autoriteiten van de NAVO hebben inmiddels lering getrokken uit de ervaringen in Bosnië en Herzegovina. Eenvoudig gezegd is CIMIC zich sinds de Koude Oorlog meer gaan richten op het verschaffen van militaire ondersteuning voor civiele operaties die de opbouw van de vrede ten doel hebben, dan op de planning van de civiele ondersteuning voor militaire operaties. Doctrine en planning zijn in ontwikkeling, trainingsprogramma s zijn opgezet, voorstellen voor specifieke eenheden ( force proposals ) zijn gedaan en de landen overwegen op welke wijze zij een meer structurele bijdrage aan CIMIC kunnen leveren. 8) De rol van CIMIC moet niet overschat, maar ook niet onderschat worden. In de eerste plaats dient zij niet ter vervanging van civiele implementatie; zij ondersteunt slechts de civiele inspanningen. Toch heeft CIMIC een essentiële functie. Zij vult de leemte op tot de partijen en civiele organisaties in staat zijn op eigen kracht het vredesproces voort te zetten. In de tweede plaats omvat CIMIC veel meer dan het herstel van scholen en ziekenhuizen op lokaal niveau, hoewel dat zeer belangrijk is en bijdraagt aan de steun voor de troepen. CIMIC speelt een belangrijke rol in bijna ieder aspect van de civiele implementatie, of het nu gaat om de terugkeer van vluchtelingen en ontheemden, het herstel van de openbare orde, de economische wederopbouw, het herstel van infrastruc- 12 NAVO kroniek Lente 1999

12 tuur, de organisatie van verkiezingen, of het oprichten van nieuwe instellingen. CIMIC is de specie die de bouwstenen van de vrede bij elkaar houdt. Ten slotte, bij de vaststelling van de toekomstige CIMIC-vereisten moeten de ervaringen van IFOR en SFOR niet als enige maatstaf worden gebruikt. Ieder conflict kent zijn eigen specifieke context en ook vredesakkoorden vertonen verschillen. Toch moet in de meeste post-conflict vredesoperaties een groot aantal uiteenlopende civiele activiteiten worden uitgevoerd met de steun van de vredesmacht. Er bestaat duidelijk behoefte aan gemeenschappelijke CIMIC-regelingen en -structuren, maar zij moeten flexibel zijn zodat zij kunnen worden aangepast aan de situatie. Een breder raamwerk NAVO CIMIC staat op militair niveau goed op de rails, zowel in de praktijk als op het militair-strategisch niveau van SHAPE, het hoofdkwartier van de geallieerde machten in Europa. Dit is echter niet de plaats waar de besluiten worden genomen over vredesakkoorden, en over de rol van de verschillende internationale organisaties bij de implementatie. Dat soort besluiten komt op een hoger politiek niveau tot stand. Het Bondgenootschap zou kunnen bijdragen aan de verdere verbetering van vredesprocessen door een raamwerk te ontwerpen voor de civiel-militaire interactie op dit hogere niveau. Zo n raamwerk zou de context kunnen bieden voor een netwerk van elkaar wederzijds versterkende relaties tussen de NAVO en andere internationale, bij vredesoperaties betrokken instellingen. Nieuwe overkoepelende bureaucratische structuren zijn niet gewenst, maar wel liaisonregelingen die naar behoefte kunnen worden geactiveerd of uitgebreid. De gebruikelijke contacten tussen internationale organisaties kunnen worden gebruikt om praktische informatie te delen over de capaciteit, de structuur en de organisatorische kenmerken van de verschillende internationale organisaties en om bijdragen aan de opstelling van vredesakkoorden te bespreken en te coördineren. Dit zou de kans op misvattingen en problemen voortvloeiend uit verschillende organisatieculturen verkleinen, samenwerking efficiënter maken en een rationeler aanwending van schaarse middelen bevorderen. Gecoördineerde opstelling van plannen ver vooraf kan de tijd bekorten voor de voorbereiding van vredesimplementatie of andere operaties. Het netwerk zou ten slotte ook kunnen worden gebruikt om geïntegreerde internationale trainingsprogramma s, seminars en oefeningen op te zetten. Het nieuwe Strategisch Concept De NAVO herziet thans haar Strategisch Concept en zal dit tijdens de Top van Washington in april presenteren. De nieuwe taken van het Bondgenootschap bij het leiden van vredesoperaties, zoals de NAVO die samen met de Partnerlanden succesvol in Bosnië en Herzegovina heeft uitgevoerd, zullen in dit Concept aan de orde komen. Gezien de essentiële rol van de civiel-militaire interactie bij deze operaties, lijkt het logisch dit element op te nemen in de omschrijving van de nieuwe taken van de NAVO. Het zou het politieke gewicht daarvan onderstrepen en de basis verschaffen voor de ontwikkeling van meer uitgewerkte regelingen en procedures die onderdeel kunnen vormen van een breder raamwerk voor de civielmilitaire interactie op strategisch-politiek niveau. Generaal Klaus Naumann, voorzitter van het Militair Comité van de NAVO (links) ontmoet de secretarisgeneraal van de Verenigde Naties Kofi Annan op het VN-hoofdkwartier in New York, op 14 december (AP foto) 13 NAVO kroniek Lente 1999

13 1) De Minsk Groep staat onder de gezamenlijke leiding van de VS, Rusland en Frankrijk en omvat tevens Armenië, Azerbeidzjan, Duitsland, Italië, Slowakije, de Tsjechische Republiek, Turkije, Wit- Rusland, en Zweden. Stabiliteit en veiligheid in het zuidelijk deel van de Kaukasus bevorderen Pol De Witte Sectie Euro-Atlantisch Partnerschap en Samenwerking, Divisie Politieke Zaken van de NAVO De zuidelijke Kaukasus, bestaande uit de republieken Armenië, Azerbeidzjan en Georgië, is een regio met een groeiend potentieel en een toenemend strategisch belang. In het kader van haar streven de stabiliteit in het gehele Euro-Atlantische gebied te bevorderen, heeft de NAVO deze drie landen een aantal mogelijkheden geboden ter bevordering van het partnerschap. Het doel daarbij is de regionale samenwerking en veiligheid te versterken en deze landen daardoor te helpen de enorme mogelijkheden van dit gebied te realiseren. D e zuidelijke Kaukasus, die Armenië, Azerbeidzjan en Georgië omvat, ligt tussen de Zwarte Zee in het westen en de Kaspische Zee in het oosten en grenst aan Rusland, Turkije en Iran. Het gebied grenst aan een aantal grote rijken en is door de eeuwen het tot op de dag van vandaag van aanzienlijk geostrategisch belang geweest. Sinds de oudheid ligt het op een kruispunt van volkeren en culturen en er is vermoedelijk geen ander gebied ter wereld van vergelijkbare grootte waar zo veel talen worden gesproken. Het begin van de 21ste eeuw zal de drie landen in de zuidelijke Kaukasus vermoedelijk de mogelijkheid tot positieve economische ontwikkeling bieden, vooral gezien hun nog onaangeboord potentieel. Azerbeidzjan is bezig zijn energiebronnen in de Kaspische Zee te ontwikkelen en het gehele gebied heeft belang bij de bestaande of geplande pijpleidingen die olie en gas vanuit het Kaspische gebied zullen aanvoeren. De Europese Unie (EU) ziet de mogelijkheden van het gebied en steunt een initiatief om de oude Zijderoute te doen herleven, via de geplande Europa-Kaukasus- Midden-Azië-Corridor (ook wel in het kort Traceca genoemd). Deze corridor, die de kortste en wellicht ook de goedkoopste verbinding zal vormen tussen Europa en het Verre Oosten, zal van groot belang zijn. Niet alleen voor de landen in de zuidelijke Kaukasus, maar ook voor alle landen in Midden-Azië en het Zwarte Zeegebied, waarvan sommige niet aan zee liggen. Het Traceca-project zou ook bevorderlijk moeten zijn voor de regionale samenwerking in dit gebied. De drie landen in de zuidelijke Kaukasus hebben het moeilijk gehad in het recent verleden. De gevechten in en rond Nagorno-Karabach een gebied binnen Azerbeidzjan dat grotendeels bewoond wordt door etnische Armeniërs eindigden met een bestand in mei Sindsdien proberen de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) en de Minsk Groep 1) in het bijzonder, een werkbare politieke oplossing te vinden voor het geschil. Wat Georgië betreft, dat land heeft te maken met Zuid-Ossetië en Abchazië die hun onafhankelijkheid eisen. Het conflict in Zuid-Ossetië lijkt in de richting van een regeling te gaan. Wat Abchazië betreft, vredestroepen van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS) patrouilleren langs de lijn die Abchazië scheidt van de rest van Georgië sinds het bestand van mei 1994, dat door militaire waarnemers van de VN wordt gecontroleerd. Tijdens recente onderhandelingen onder leiding van de VN leek een compromis in zicht te komen dat voor beide partijen aanvaardbaar is. Deze groei naar meer politieke stabiliteit biedt alle drie de landen de mogelijkheid tot economische ontwikkeling die door het geweld ernstig was gestagneerd. Van 1990 tot 1993 was er een scherpe daling in de industriële productiviteit en dit begon zich pas in 1995 te herstellen. In dezelfde periode waren de overheidsuitgave als percentage van het bruto nationaal product (BNP) extreem hoog in alle drie de landen als gevolg van de zware lasten voortvloeiend uit de defensie-uitgaven, het vluchtelingenprobleem en subsidies aan staatsondernemingen. De meer vreedzame omstandigheden hebben geleid tot een verbetering van de productiviteit en een enorme daling van de inflatie in alle drie de landen. Ook zijn de militaire uitgaven verminderd en is er een toename van belastbare activiteiten. De landen in de zuidelijke Kaukasus lijken veel op elkaar wat betreft hun economische structuur en ontwikkelingsgraad. Economische integratie ligt niet in het vooruitzicht, maar de handel tussen hen neemt toe en er worden steeds meer economische banden aangeknoopt. De politieke stabiliteit bevorderen Gezien het feit dat de economie steeds gunstigere vooruitzichten biedt, zal het de komende jaren uiterst belangrijk zijn dat de stabiliteit en het structurele hervormingsbeleid worden geconsolideerd, dit met de steun van buitenlandse investeringen en hulp. De NAVO zal de landen in de Zuidelijke Kaukasus blijven steunen in hun streven naar meer politieke stabiliteit om daarmee ook hun kansen op economische vooruitgang te verbeteren. De NAVO werkt zij aan zij met andere internationale organisaties zoals de Verenigde Naties (VN), de OVSE, de EU en de Raad van Europa echter zonder hun werk te dupliceren. Armenië, Azerbeidzjan en Georgië geven al heel lang blijk van hun belangstelling voor samenwerking met de NAVO. Zij zijn toegetreden tot het Partnerschap voor de Vrede (PfP) en zijn kort nadat het initiatief in 1994 van start was gegaan, begonnen met concrete samenwerking. 14 NAVO kroniek Lente 1999

14 NAVO-secretarisgeneraal Javier Solana wordt begroet door minister van defensie David Tevzadze in Georgië, tijdens zijn bezoek aan de Kaukasus in het najaar van (AP foto) In 1997 waren zij ook nauw betrokken bij de oprichting van de Euro-Atlantische Partnerschapsraad (EAPR), die de Noord-Atlantische Samenwerkingsraad verving, en zij maakten gebruik van de nieuwe mogelijkheden die het versterkte PfP hen bood. Ondanks de financiële beperkingen heeft ieder van deze drie landen een substantieel Individueel Partnerschapsprogramma met de NAVO opgesteld, een diplomatieke missie gevestigd op het NAVO-hoofdkwartier, en een officier uitgezonden naar de Bondgenootschappelijke Partnerschapscoördinatiecel in Bergen. Stabiliteit in de Zuidelijke Kaukasus is van groot belang voor de NAVO-leden en voor de NAVO in haar geheel, zoals wel blijkt uit de bezoeken van secretarisgeneraal Javier Solana in 1997 en in de herfst van Het PfP-programma van de NAVO in combinatie met andere outreach -activiteiten vooral die sterk gericht zijn op wetenschappelijke en ecologische samenwerking zijn de belangrijkste kanalen voor de samenwerking tussen dit gebied en het Bondgenootschap. Deze programma s bieden de mogelijkheid een gunstiger omgeving te scheppen voor een stabiele ontwikkeling in het gehele Euro-Atlantische gebied. De EAPR versterkt de samenwerking en de opbouw van het vertrouwen nog verder door een multinationaal forum te bieden waar van gedachten kan worden gewisseld over veiligheidskwesties van gemeenschappelijk belang en waar voorstellen en initiatieven kunnen worden besproken in het raamwerk van het PfP. De NAVO en de drie landen werken op een groot aantal verschillende gebieden samen, waaronder de wetenschap en de civiele verdedigingsplanning en bewapening. Armenië heeft veel profijt gehad van de activiteiten op het gebied van de civiele verdedigingsplanning en van het Wetenschappelijk Programma van de NAVO. Een project dat mede door de NAVO wordt gefinancierd, en dat van groot belang is voor Armenië, heeft ten doel de informatiesystemen van de Armeense instituten voor seismologische analyse te koppelen aan de informatiesystemen in Griekenland, Italië en Engeland. ZWARTE ZEE TURKIJE RUSLAND GEORGIË ARMENIË Azerbeidzjan heeft zijn samenwerking met de NAVO de afgelopen paar jaar geïntensiveerd en een Partnerschapscusus ontwikkeld voor de Militaire Academie in Bakoe. Het zal ook het gastland zijn voor een vergadering van de Adviesgroep Atlantisch Beleid samen met de partnerlanden in mei Wat Georgië betreft, dat land nam het initiatief voor een EAPR-seminar over de regionale veiligheid in de Kaukasus (wordt verderop in dit artikel uitvoeriger beschreven) en heeft een workshop georganiseerd over de KASPISCHE ZEE AZERBEIDZJAN IRAN 15 NAVO kroniek Lente 1999

15 De Armeense minister van buitenlandse zaken, Vartan Oskanian en zijn collega uit Azerbeidzjan, Tofik Zoelfoegarov, nemen deel aan de vergadering van de Euro- Atlantische Partnerschapsraad in Luxemburg op 29 mei (NAVO foto) opruiming van landmijnen en de classificatie van bruggen in het kader van het PfP-programma voor bewapeningssamenwerking. De mogelijkheden die aan Georgische geleerden worden geboden in het kader van het Wetenschappelijk Programma van de NAVO worden eveneens goed benut. De regionale veiligheidssamenwerking bevorderen werpen als regionale samenwerking in het Baltische Zeegebied, het geplande trainingscentrum voor het beheer van regionale middelen in Brasov (Roemenië), de inkrimping van de Hongaarse strijdmacht, internationale samenwerking door het Russische Ministerie voor de Rampen- Deelname aan de EAPR heeft reeds geleid tot tastbare praktische resultaten voor de Zuidelijke Kaukasus. Het eerste EAPR-seminar over de regionale veiligheid dat ooit werd gehouden, vond in oktober 1998 plaats in Goedauri, in Georgië en werd bijgewoond door meer dan 60 deskundigen uit meer dan 20 landen. Het seminar was vooral gericht op practische benaderingen van de regionale samenwerking in de Zuidelijke Kaukasus. Er kwam een breed scala van onderwerpen aan de orde en er werden drie presentaties gehouden door NAVO-functionarissen over de Bondgenootschappelijke samenwerking met partners op terreinen als wetenschap en milieu, de civiele verdedigingsplanning en bewapeningssamenwerking. Deskundigen uit NAVO-landen schetsten bilaterale hulpprogramma s op gebieden als het beheer van defensiemiddelen, het schoonmaken en gereed maken voor civiel gebruik van vroegere militaire lokaties, en de opruiming van munitie en explosieven. De presentaties van deskundigen uit de partnerlanden gingen over onderbestrijding (Emercom), en milieusamenwerking tussen Zuidoost-Europese staten. Tevens vond een open en constructieve discussie plaats tussen alle deelnemers over meer algemene vraagstukken en de veiligheidsproblematiek. Natuurlijk is het aan ieder land in de Zuidelijke Kaukasus om zelf te bepalen welke veiligheidsbenadering het meest geschikt is voor zijn eigen regionale omgeving, maar er zijn ook duidelijke voordelen verbonden aan de veiligheidssamenwerking in het breder kader van de EAPR.. Het openstellen van de discussies voor alle geïnteresseerde EAPR-partners bevordert het vertrouwen en de veiligheid tussen de landen en moet hen stimuleren om niet meer in gesloten clubs bijeen te komen. De EAPR biedt de landen bovendien de gelegenheid te leren van de ervaringen van andere regio s, die in het verleden misschien met soortgelijke problemen te maken hebben gehad. Ten laatste, maar zeker niet ten minste, het uitbreiden van de samenwerking naar een grotere groep deelnemers kan vaak leiden tot kostenbesparing. Van groot risico naar groot potentieel De landen in de Zuidelijke Kaukasus moeten hun comparatieve voordelen proberen uit te buiten om hun gemeenschappelijk welzijn te bevorderen en de regio om te vormen van een gevarenzone tot een kansrijk gebied. De regio heeft energievoorraden te over, een schat aan human resources, zowel in het eigen land als in de diaspora, en een ligging die uiterst waardevolle connecties biedt met de Zwarte Zeelanden in het westen, Rusland in het noorden, Midden-Azië in het oosten en Turkije en Iran in het zuiden. De rijke cultuur van het gebied, zijn kusten en berggebieden bieden ook grote mogelijkheden voor tourisme. Tijdens zijn reis naar dit gebied in de herfst van 1998 heeft secretaris-generaal Solana de leiders aangemoedigd het potentieel van de EAPR en het PfP optimaal te benutten, zo veel mogelijk gebruik te maken van het Wetenschappelijk Programma van de NAVO en actief te streven naar regionale samenwerking. Hopelijk zullen de thema s die tijdens het EAPR-seminar in Georgië aan de orde zijn gekomen en de beschrijving van de reeds bestaande samenwerking die door de deelnemers uit partner- en NAVO-landen de landen in de Zuidelijke Kaukasus aanmoedigen nieuwe wegen te zoeken om samen te werken aan de bevordering van veiligheid en stabiliteit. 16 NAVO kroniek Lente 1999

16 De samenwerking tussen de NAVO en Rusland bij de luchtverdediging Luc van der Laan Verbonden aan het NAVO-Directoraat Luchtverdediging en Beheer van het Luchtruim, Divisie Defensieondersteuning I n oktober 1998 zijn de NAVO en de Russische Federatie begonnen met een reeks praktische luchtverdedigingsoefeningen om de compatibiliteit van hun uitrusting en procedures te testen, in de context van een eventuele gezamenlijke vredesondersteunende operatie in de toekomst. Deze tests vormen een onderdeel van een breder samenwerkingsprogramma dat de Partnerschap voor de Vrede-partners op het terrein van de luchtverdediging wordt aangeboden. De reeks gezamenlijke testen begon met statische laadoefeningen met Russische transport vliegtuigen en uitzonderlijk groot NAVO-defensiematerieel. Dit zal worden gevolgd door een oefening in het bijtanken van brandstof in de lucht. Deze oefeningen komen op een bijzonder gunstig moment aangezien zij twee onderwerpen betreffen die recentelijk door het NAVO- Luchtverdedigingscomité (NADC) zijn bestudeerd. Het eerste vraagstuk betreft de transportmiddelen voor het vervoer van zeer groot luchtverdedigingsmaterieel; het tweede de vraag op welke wijze bijtanken in de lucht een bijdrage kan leveren tot luchtverdedigingsoperaties. Deze twee ondersteunende taken zijn van groter belang geworden voor de luchtverdediging in de nieuwe veiligheidsomgeving, waar mobiliteit en een groter uithoudingsvermogen nodig zijn in antwoord op de toegenomen onvoorspelbaarheid, kortere tijdslijnen, verminderde strijdkrachtniveaus en vredeshandhavingsoperaties. De eerste statische laadtest vond plaats van 13 tot 15 oktober 1998 op de luchtmachtbasis Kayseri, op uitnodiging van Turkije. Een mobiele luchtverdedigingsradar van de NAVO (AN-TPS-64) werd in een Russisch Iljoesjin -76 transportvliegtuig geladen. Daarbij werd gebruik gemaakt van de Russische laadtechniek, die katrollen gebruikt om de lading op te tillen - een techniek die zeer efficiënt bleek te zijn. Door de vakkundigheid van de Russische en Turkse teams kon het laadproces, inclusief het vastzetten, praktisch zonder enige voorbereiding binnen anderhalf uur worden voltooid. De tweede statische laadtest betrof een op-de-grondgestationeerd luchtverdedigingsysteem en vond van 8 tot 10 december 1998 plaats op de luchtmachtbasis Manching, op uitnodiging van Duitsland. Een Patriot radar- toestel en lanceerinrichting samen wogen ze meer dan 50 ton werden een Antonov-22 ingereden. Deze operatie die vlekkeloos verliep, duurde minder dan een uur en bewees de grote vakkundigheid van de twee teams die elkaar nog nooit eerder hadden ontmoet. Op dit moment wordt een derde test, later dit jaar, overwogen met een op-de-grond-gestationeerd luchtverdedigingsstuk voor de korte afstand en een Antonov-124. Daarmee zou een serie representatieve statische laadtests compleet zijn. Tests op andere belangrijke gebieden van het programma, bijtanken in de lucht, zullen volgens plan in juli, in Brize Norton worden gehouden op uitnodiging van het Verenigd Koninkrijk en in Mont de Marsan op uitnodiging van Frankrijk. Er staan grondtests op het programma, waaraan wordt deelgenomen door Franse, Britse en Russische specialisten met het Iljoesjin-78 tankervliegtuig en de uitwisseling van procedures en technieken en ook demonstraties van de interoperabiliteit tussen Franse en Engelse tanker- en gevechtsvliegtuigen in de lucht. Deze serie praktische oefeningen moet leiden tot verdere samenwerking op het terrein van de luchtverdediging en bijdragen aan het vermogen van de NAVO en Rusland om in het veld samen te werken bij een eventuele vredesondersteunende operatie in de toekomst. Maar de tests dienen ook als een voorbeeld van de mogelijkheden die het partnerschap tussen het Bondgenootschap en Rusland biedt in het kader van hun gezamenlijke belangen bij veiligheid en stabiliteit in het gehele Euro-Atlantische gebied Een lanceerinrichting voor Patriotraketten wordt in een Russisch An-22 transportvliegtuig gereden tijdens een oefening op de luchtmachtbasis Manching in Duitsland, december NAVO kroniek Lente 1999

17 MINISTERIËLE VERGADERING VAN DE NOORD-ATLANTISCHE RAAD Slotcommuniqué, Brussel, 8 December Tijdens de vergadering van vandaag hebben wij de voorbereidingen besproken op de eerstvolgende Bondgenootschappelijke Topconferentie die in april 1999 in Washington zal worden gehouden. Tijdens deze top zullen wij de ondertekening van het Noord-Atlantisch Verdrag gedenken, 50 jaar geleden en de historische gebeurtenissen waardoor de NAVO is uitgegroeid tot een sterk, verenigd en succesvol Bondgenootschap. Tevens zullen wij bij die gelegenheid de drie uitgenodigde landen - de Tsjechische Republiek, Hongarije en Polen - welkom heten als lid van ons Bondgenootschap. De top zal ons ook in de gelegenheid stellen de taak van het Bondgenootschap in de toekomst nader te omschrijven, inclusief onze steeds nauwere betrekkingen met de Partnerlanden. Daarom verzoeken wij onze staatshoofden en regeringsleiders tijdens de Top van Washington hun gezamenlijke visie op ons Bondgenootschap in de komende jaren uiteen te zetten - een Bondgenootschap dat aangepast, vernieuwd en gereed is, om de veiligheidsuitdagingen van de 21ste eeuw tegemoet te treden. Wij hebben de situatie in Bosnië en Herzegovina bezien en de toekomst van de door de NAVO geleide Stabiliteitsmacht, en overlegd over de situatie in en rond Kosovo. Over deze twee belangrijke onderwerpen hebben wij afzonderlijke verklaringen afgelegd. Wij hebben ook een verklaring afgelegd over De Aanpassing van het Verdrag over de Conventionele Strijdkrachten in Europa (CSE): Terughoudendheid en Flexibiliteit. Wij hebben aanvullende richtlijnen verstrekt voor het verdere werk van het Bondgenootschap aan de implementatie van de besluiten, genomen tijdens de Top van Madrid in juli 1997, die ten doel hebben vorm te geven aan de nieuwe NAVO. 2. Het doet ons genoegen dat alle Bondgenoten het ratificatieproces betreffende de toetreding van de Tsjechische Republiek, Hongarije en Polen met succes hebben afgerond. Wij verwelkomen de vooruitgang die de uitgenodigde landen hebben geboekt met de voorbereidingen op het lidmaatschap en sporen hen en de Militaire Autoriteiten van de NAVO aan, zich extra in te spannen om te zorgen dat zo snel mogelijk voldaan wordt aan de relevante militaire minimumeisen van het Bondgenootschap. Het lidmaatschap van deze landen zal bijdragen tot de algehele versterking van het Bondgenootschap en de veiligheid en stabiliteit in Europa vergroten. Wij verheugen ons erop de Tsjechische Republiek, Hongarije en Polen tijdens de Top van Washington als nieuwe leden te kunnen begroeten. 3. Wij bevestigen opnieuw dat de deur van het NAVO-lidmaatschap open blijft staan krachtens artikel 10 van het Noord-Atlantisch Verdrag en overeenkomstig paragraaf 8 van de Declaratie afgelegd tijdens de Top van Madrid. Wij hebben nota genomen van een rapport over de geïntensiveerde dialoog over lidmaatschapskwesties, wij hebben dit proces geëvalueerd, zoals opgedragen door onze staatshoofden en regeringsleiders, ter voorbereiding op de algehele evaluatie die zij tijdens onze bijeenkomst in Washington zullen uitvoeren. Wij hebben de Raad in Permanente Zitting gelast voor de Top van Washington een totaalpakket voor te bereiden, waarmee het uitbreidingsproces kan worden voortgezet, ons opendeurbeleid operationeel kan worden gemaakt en dat onze bereidheid onderstreept om kandidaatlanden te helpen bij hun streven te voldoen aan de NAVO-maatstaven. 4. Wij hebben een uitvoerig rapport ontvangen over de vorderingen op het vlak van de interne aanpassing, waaraan wij groot belang hechten. De gronddoelstellingen van deze aanpassing zijn: de militaire effectiviteit van het Bondgenootschap te bewaren voor de uitvoering van het volledig takenpakket, daarbij voortbouwend op onze vermogens voor de collectieve defensie en het vermogen van de NAVO om te reageren op allerlei uiteenlopende noodsituaties; de transatlantische koppeling in stand te houden; en de Europese Veiligheids- en Defensie-identiteit (EVDI) op te bouwen binnen het Bondgenootschap. De implementatie van het Combined Joint Task Forces-concept en de voorbereidingen voor de implementatie van de nieuwe commandostructuur liggen goed op schema. Wij streven ernaar de noodzakelijke voorbereidingen te hebben afgerond zodat de Raad begin maart 1999 in een keer een onomkeerbaar besluit kan nemen over de activeringsaanvragen van alle hoofdkwartieren van de nieuwe NAVO-commandostructuur, en wij hebben de Raad in Permanente Zitting overeenkomstig geïnstrueerd. Wij hebben bekeken welke vorderingen zijn gemaakt met de opbouw van de EVDI binnen de NAVO en zijn verheugd over de nauwe samenwerking en het overleg met de WEU op dit terrein. Regelmatig vinden gezamenlijke vergaderingen plaats van de NAVO- en WEU-Raden, en ook van ondergeschikte organen. Dit, samen met de voorzieningen voor nauw overleg over de planning en uitvoering van operaties onder leiding van de WEU, zijn belangrijke stappen in de ontwikkeling van de EVDI binnen het Bondgenootschap. De voorbereiding binnen het Bondgenootschap voor operaties onder leiding van de WEU, waarbij gebruik gemaakt wordt van Bondgenootschappelijke middelen en vermogens, zijn reeds vergevorderd. In dit verband verwelkomen wij de resultaten van een recent gehouden workshop over het NAVO-WEU-overlegproces en zien wij uit naar een seminar over crisisbeheersing dat in februari 1999 zal worden gehouden, hetgeen in 2000 gevolgd zal worden door een gezamenlijke NAVO-WEU-crisisbeheersingsoefening. Wij waarderen de gestage versterking van de samenwerkingsbanden tussen de NAVO en de WEU, die tijdens de vergadering van de WEU-ministerraad in Rome, op 16 en 17 november nogmaals werd bevestigd. Wij gelasten de Raad in Permanente Zitting zorg te dragen dat de hoekstenen voor de implementatie van de in Berlijn en Brussel genomen besluiten over de EVDI nog voor de Top van Washington zijn gelegd, zoals ook in het rapport over de interne aanpassing dat wij hebben ontvangen, wordt uiteengezet. Bovendien vragen wij de Raad aanbevelingen te doen over de wijze waarop wij de effectiviteit van de EVDI binnen het Bondgenootschap het best kunnen versterken, inclusief de bijdrage die door alle Europese leden dient te worden geleverd na de Top van Washington. 5. Wij hebben bekeken welke vorderingen zijn gemaakt met de evaluatie en actualisering van het Bondgenootschappelijk Strategisch Concept, waartoe de staatshoofden en regeringsleiders tijdens de Top van Madrid in juli 1997 de opdracht hadden gegeven. Dit werk heeft ten doel te zorgen dat het Concept geheel is afgestemd op de nieuwe veiligheidsomgeving van het Bondgenootschap. Het concept moet opnieuw bevestigen dat wij geheel achter de collectieve defensie en de transatlantische koppeling staan; het moet zijn afgestemd op de nieuwe uitdagingen waarmee het Bondgenootschap wordt geconfronteerd; en het moet zorgen dat het Bondgenootschap gereed is en kan beschikken over een volledig scala van vermogens om de veiligheid en de stabiliteit van de landen in het Euro-Atlantische gebied te garanderen in de 21ste eeuw. Dit ook via dialoog, samenwerking en partnerschap en, waar nodig, via niet onder artikel 5 vallende operaties in reactie op een crisis, zoals die in Bosnië en Herzegovina, waaraan mogelijk zal worden deelgenomen door Partnerlanden. Wij hebben de Raad in Permanente Zitting geïnstrueerd hier hard aan te werken en te zorgen dat de nieuwe tekst gereed is voor de Top van Washington. 6. Het doet ons genoegen dat de Euro-Atlantische Partnerschapsraad (EAPR) en het versterkt Partnerschap voor de Vrede (PfP) een sterker forum voor overleg hebben opgeleverd en een operationeler Partnerschap. Dit zal Bondgenoten en Partners beter in staat stellen, bij te dragen tot veiligheid en stabiliteit door middel van politiek overleg en praktische samenwerking. De EAPR is een waardevol instrument gebleken voor overleg over de situatie in Bosnië en Herzegovina en de situatie in Kosovo. Wij hebben een uitvoerig voortgangsrapport ontvangen over de implementatie van het EAPR-Basisdocument en het versterkt Partnerschap voor de Vrede. Wij verwelkomen het sterk geactualiseerd EAPR-Actieplan voor , dat ook het onderzoeken van nieuwe vraagstukken betreft. Op het gebied van wapenbeheersing, ontwapening en non-proliferatie betreft dit: wapenbeheersing, politieke en defensieve inspanningen tegen de verspreiding van kern-, biologische en chemische wapens en raketten en de illegale wapenhandel, controle op de overdracht van kleine wapens en middelen om de mijnopruiming te stimuleren. Wij verwelkomen de inauguratie van het Euro-Atlantisch Coördinatiecentrum voor Rampenhulp in juni 98 als een positieve ontwikkeling. Dit Centrum heeft al voorzien in de coördinatie van de noodhulp voor operaties in Albanië en Oekraïne. 7. Het Partnerschap voor de Vrede blijft centraal staan in ons streven om samen met de Partners nieuwe samenwerkingspatronen op te bouwen op praktischmilitair gebied, op het terrein van defensie, en op allerlei andere gebieden. Wij constateren met voldoening dat op dit moment discussies met de Partners worden gevoerd over de ontwikkeling van een raamwerk voor PfP-operaties onder 18 NAVO Kroniek Lente 1999

18 leiding van de NAVO. Dit zal de toekomstige samenwerking versterken, omdat een basis zal worden gelegd voor de betrokkenheid van de Partners bij zowel politiek overleg en besluitvorming, als bij commandovoorzieningen en de operationele planning voor non-artikel 5 operaties onder leiding van de NAVO. Het politiekmilitaire raamwerk zal een kernelement vormen van de toekomstige samenwerking. Het zal voorzien in een belangrijker rol voor de Partners bij een van de belangrijkste nieuwe taken van het Bondgenootschap. Het is de bedoeling dat dit werk tegelijk met het nieuwe Strategisch Concept gereed is voor de Top van Washington. Wij verwelkomen het Concept voor PfP-Trainingscentra. Deze centra zullen de bredere politiek-militaire doelstellingen op het gebied van opleiding en training bevorderen, met name het versterken van de militaire samenwerking en interoperabiliteit. Het verheugt ons dat een aanzienlijk aantal geïnteresseerde Partnerlanden gebruik maakt van de gelegenheid die hun wordt geboden in het kader van het uitvoerig Planning- en Toetsingsproces (PARP), om initiële Partnerschapsdoelen aan te nemen in het voorjaar van Dit is een belangrijke stap op weg naar een nauwere samenwerking tussen Partnerlanden en Bondgenootschappelijke structuren en procedures, in het bijzonder door de versterking van de interoperabiliteit, hetgeen hoge prioriteit heeft in het Bondgenootschap. Wij verwelkomen de steeds grotere aandacht die wordt besteed aan multinationale formaties als middel om de militaire samenwerking tussen Bondgenoten en Partners te versterken, zoals in IFOR/SFOR in Bosnië en Herzegovina. Wij hebben de Raad in Permanente Zitting gelast, nog voor de Top van Washington, samen met de Partners, de bovengenoemde initiatieven en ander reeds in gang gezet werk te bundelen tot een samenhangend pakket van maatregelen, dat ten doel heeft de operationele vermogens van het PfP te versterken. Partnerschap voor de Vrede-programma s kunnen ook een belangrijke bijdrage leveren tot het streven van het Bondgenootschap om de regionale stabiliteit te versterken, zoals in de Balkan. In dit verband heeft het Bondgenootschap samen met de Partners een hulpprogramma opgesteld voor Albanië en de voormalig Joegoslavische Republiek Macedonië. 1) 8. Wij voelen ons bemoedigd door de toenemende consultatie en samenwerking met Rusland onder de auspiciën van de Permanente Gezamenlijke Raad (PGR). Wij blijven vast van plan met Rusland samen te werken aan een sterk, stabiel en duurzaam partnerschap, op basis van de beginselen van gemeenschappelijk belang, wederkerigheid, en doorzichtigheid, zoals neergelegd in de NAVO- Rusland Stichtingsakte. Wij zijn verheugd dat de militair-militaire samenwerking goede vorderingen maakt en dat overeenkomst is bereikt over de instelling van een Militair Verbindingskantoor van de NAVO in Moskou voor het eind van dit jaar. Wij zien er naar uit samen met Rusland een Akte van Overeenkomst (Memorandum of Understanding: MOU) over de Bescherming van het Milieu te kunnen ondertekenen en hopen zo spoedig mogelijk een NAVO- Voorlichtingskantoor in Moskou te openen. Wij verwelkomen de oprichting van het NAVO-Rusland Comité voor Wetenschappelijke en Technologische Samenwerking, dat zijn inaugurele bijeenkomst in Moskou heeft gehouden; de gesloten overeenkomst over de oprichting van een Centrum voor Informatie en Overleg voor de omscholing van afgevloeid militair personeel; en de Russische deelname aan de PfP-oefening Cooperative Assembly. Wij zullen nauw met Rusland blijven samenwerken om te komen tot een geactualiseerd, en substantieel Individueel Partnerschapsprogramma (IPP) dat onder meer een groot aantal praktische defensie- en militair-militaire samenwerkingsactiviteiten zal omvatten. 9. Wij bevestigen ons standpunt dat Oekraïne een belangrijke rol kan spelen in de Europese veiligheid. Wij hechten veel belang aan de ontwikkeling van een sterke en actieve, praktische samenwerking en politiek overleg met Oekraïne in het kader van het NAVO-Oekraïne Handvest. Wij verwelkomen de aankondiging van de president van Oekraïne betreffende een Staatsprogramma voor de Samenwerking met de NAVO tot het Jaar Wij achten dit een tastbaar signaal dat Oekraïne vast besloten is een productieve relatie met de NAVO te onderhouden. Wij zijn van plan de mogelijkheden die ons worden geboden door Oekraïne s actieve deelname aan het versterkt PfP en het overeengekomen NAVO-Oekraïne Werkplan voor 1999 zo volledig mogelijk te benutten. Wij constateren tevens met voldoening dat de militaire samenwerking tussen de NAVO en Oekraïne toeneemt. De pas opgerichte NAVO-Oekraïne Gezamenlijke Werkgroep Defensiehervorming is een uniek Partnerschapsprogramma. 1) Turkije erkent de Republiek Macedonië onder zijn constitutionele naam Wij verwelkomen het akkoord dat morgen ondertekend wordt over de benoeming van twee NAVO-verbindingsofficieren in Kiev, om de wederzijdse samenwerking te verbeteren. Wij zullen ons actief blijven inspannen om de voorlichting in Oekraïne te versterken via het NAVO-Voorlichtings- en Documentatiecentrum in Kiev. De veiligheid in Europa is direct gekoppeld aan de veiligheid en stabiliteit in het Middellandse Zeegebied. Wij besteden daarom heel veel aandacht aan onze Mediterrane Dialoog die onderdeel uitmaakt van de totale Bondgenootschappelijke veiligheidsbenadering en bijdraagt tot de vergroting van het vertrouwen onder de deelnemende landen en ook verdere internationale inspanningen op dit gebied versterkt. Wij zien uit naar de positieve bijdrage die de recent aangewezen Bondgenootschappelijke Contactambassades tot deze Dialoog kunnen leveren. Wij zijn vastbesloten de politieke, civiele en militaire aspecten van onze dialoog verder te verbeteren. Wij sporen Partners in deze Dialoog aan, alle mogelijkheden ervan te benutten, ook op militair gebied. Wij zijn bereid mogelijkheden te overwegen om de samenwerking met de deelnemende landen uit te breiden tijdens de voorbereidingen op de Top van Washington. 11. De instelling van verificatiemissies in Kosovo heeft een nieuw stadium ingeleid in de samenwerking tussen de NAVO en de OVSE. Door de zorgvuldige coördinatie met de OVSE in de afgelopen maanden betreffende de planning en instelling van deze missies en onze voortdurende samenwerking in Bosnië en Herzegovina, hebben wij nogmaals in de praktijk aangetoond dat wij in staat zijn samen te werken in een crisissituatie. Wij verwelkomen tevens de versterking van de relaties tussen de NAVO en de OVSE die tijdens het afgelopen jaar heeft plaatsgevonden, in de geest van het Gemeenschappelijk OVSE-Concept voor de Bevordering van de Samenwerking van elkaar Wederzijds Versterkende Instellingen. Wij blijven de inspanningen van de OVSE steunen om tot een Document-Handvest over de Europese Veiligheid te komen, dat waardig is om tijdens de OVSE-Top in Istanboel in 1999 te worden aangenomen. Wij verwelkomen de resultaten van de op 2 en 3 december in Oslo gehouden Ministeriële OVSE-conferentie. 12. Wij blijven het CSE-Verdrag beschouwen als een hoeksteen van de Europese veiligheid. Wij zijn vast van plan de aanpassing van het verdrag met succes af te ronden. Wij zullen alles doen wat binnen onze mogelijkheden ligt, om dit voor de aanvang van de OVSE-Top in Istanboel gereed te hebben. Met het oog daarop zullen wij onze steun verlenen aan inspanningen gericht op de oplossing van de belangrijkste nog openstaande kwesties en het opstellen van een concepttekst in de eerste maanden van volgend jaar. Ter ondersteuning van dit proces hebben de Noord-Atlantische Raad en de Tsjechische Republiek, Hongarije en Polen vandaag een aparte verklaring afgelegd, getiteld Aanpassing van het Verdrag over de Conventionele Strijdkrachten in Europa (CSE): Terughoudendheid en Flexibiliteit. Zolang het Aangepast Verdrag nog niet van kracht is, achten wij het van cruciaal belang dat het huidige Verdrag plus de bijbehorende documenten strikt worden geïmplementeerd. 13. Wij verwelkomen het communiqué dat de vijf kernwapen-staten op 4 juni van dit jaar hebben afgelegd, waarin zij hun beloften over de nucleaire ontwapening bevestigen krachtens Artikel VI van het Nucleaire Non-Proliferatieverdrag. Wij doen een beroep op Rusland om zonder uitstel het START II Verdrag te ratificeren. Dit zou de weg banen voor aanzienlijke verminderingen van nucleaire arsenalen en zou onderhandelingen over een START III Verdrag mogelijk maken, waardoor nog meer ingrijpende verminderingen van nucleaire wapenvoorraden zouden worden gerealiseerd. Wij blijven streven naar de spoedige vankrachtwording van het Alomvattend Kernteststopverdrag en doen een beroep op alle landen toe te treden tot dit Verdrag en het vervolgens te implementeren. Wij steunen de spoedige totstandkoming van een Verdrag over een Productieverbod op Splijtbare Materialen. 14. De verspreiding van kern-, biologische en chemische wapens (ABCwapens) en hun lanceermiddelen blijft het Bondgenootschap grote zorgen baren. Wij hebben kennis genomen van het rapport van het Gemeenschappelijk Comité Proliferatie betreffende de activiteiten van de Hoge Politiek-Militaire Groep inzake Proliferatie en de Hoge Defensiegroep inzake Proliferatie. Het Bondgenootschap en zijn leden blijven vastbesloten proliferatie te voorkomen en indien zij zich toch voor doet, haar met behulp van diplomatieke middelen weer ongedaan te maken. Tegelijkertijd beseffen wij dat proliferatie een directe bedreiging voor het Bondgenootschap kan betekenen. Wij zijn bereid om voortbouwend op het succesvolle werk van de NAVO-groepen inzake proliferatie, de inspanningen van de NAVO gericht op het aanpakken van het groeiend proliferatiegevaar te intensiveren. Met het oog daarop op gelasten wij de Raad in Permanente Zitting om nog voor de Top van Washington voorstellen te formuleren voor een initiatief, om te zorgen dat het Bondgenootschap kan beschikken over de politieke en militaire middelen 19 NAVO Kroniek Lente 1999

19 die nodig zijn om de gevaren van de verspreiding van ABC-wapens en hun lanceerinrichtingen, op gepaste wijze, effectief aan te pakken. 15. Wij benadrukken dat de verspreiding van ABC-wapens de internationale en regionale stabiliteit bedreigt. Wij sporen daarom alle landen aan, toe te treden tot het Nucleaire Non-Proliferatieverdrag en het volledig te implementeren. Dit Verdrag vormt de hoeksteen van het non-proliferatieregime. 16. Wij zijn vast van plan vooruitgang te boeken met een juridisch bindend protocol, inclusief effectieve verificatiemaatregelen, dat de naleving en doorzichtigheid zal bevorderen ter verbetering van de implementatie van de Conventie over Biologische en Toxine Wapens. Wij beklemtonen dat het van het grootste belang is dat de Conventie over Chemische Wapens wereldwijd wordt nageleefd. 17. Wij doen een beroep op Rusland, Oekraïne en Wit-Rusland, het Open Skies-Verdrag zonder uitstel te ratificeren. 18. Het terrorisme betekent een ernstige bedreiging van de vrede, veiligheid en stabiliteit, die de territoriale integriteit van Staten kan bedreigen. Wij herhalen dat wij terrorisme veroordelen en bevestigen onze vaste wil het te bestrijden, overeenkomstig onze internationale verplichtingen en nationale wetgeving. VERKLARING OVER BOSNIE EN HERZEGOVINA Afgelegd tijdens de ministeriële vergadering van de Noord-Atlantische Raad, Brussel, 8 december De NAVO blijft achter de inspanningen van de internationale gemeenschap staan, die ten doel hebben Bosnië en Herzegovina te doen uitgroeien tot een enkele, democratische en multi-etnische staat. Dit blijft alleen haalbaar indien het Vredesakkoord in Bosnië en Herzegovina volledig en onvoorwaardelijk wordt geïmplementeerd. Dit streeft het Bondgenootschap met hart en ziel na. SFOR blijft een cruciale rol spelen bij het instandhouden van een veilige omgeving in Bosnië en Herzegovina. Wij bevestigen opnieuw dat wij bereid zijn constructief samen te werken met alle Partijen die het Vredesakkoord ondersteunen en trachten te implementeren. 2. De afgelopen drie jaar is veel bereikt in de opbouw van Bosnië en Herzegovina. De verkiezingen in september waren een bemoedigende stap in de goede richting. Zij zijn vreedzaam en democratisch verlopen en duidden op het ontstaan van meer pluralisme en tolerantie. Over het algemeen geldt vrijheid van beweging; er is een gemeenschappelijke munt, een nieuwe vlag en andere noodzakelijke symbolen van de eenheid van het land. Wij verwelkomen de recente opening van de internationale luchthaven Tuzla en de vooruitgang die is geboekt met het herstel van het normale civiele luchtverkeer in Sarajevo en Mostar. 3. Toch moet er nog veel worden gedaan om de breekbare democratie die in Bosnië en Herzegovina is ontstaan, te versterken. De rechtsorde is nog niet in het gehele land gevestigd. De gezamenlijke instellingen die van zulk cruciaal belang zijn voor de toekomst van Bosnië en Herzegovina als één staat zijn nog niet ver genoeg gevorderd. Er is onvoldoende vooruitgang geboekt met de etnische integratie, de ontmanteling van illegale instellingen en het uitroeien van de wijdverspreide corruptie. Wij verwachten dat de recent gekozen leiders van Bosnië en Herzegovina actief de volledige verantwoordelijkheid op zich zullen nemen voor het totstandbrengen van de vrede. Een vreedzame, stabiele, en voorspoedige toekomst voor Bosnië en Herzegovina zal alleen kunnen worden gerealiseerd als de Partijen zich volledig houden aan hun verplichtingen krachtens het Vredesakkoord. 4. De versnelde terugkeer van vluchtelingen en ontheemden, met name naar minderheidsgebieden, is een kerntaak voor Wij bevestigen dat SFOR, voorzover haar middelen en vermogens reiken, door zal gaan de omstandigheden te scheppen die bevorderlijk zijn voor de verwezenlijking van dit doel. Wij doen een beroep op alle Partijen en de democratisch gekozen vertegenwoordigers op alle overheidsniveaus in Bosnië en Herzegovina om zich van hun verantwoordelijkheid te kwijten en te zorgen dat de feitelijke terugkeer plaatsvindt. 5. De economische wederopbouw bevindt zich nog in een vroeg stadium. De hervormingen, noodzakelijk voor duurzame economische ontwikkeling en groei, zijn nog niet afgerond. De Partijen moeten liberale en moderne mechanismen invoeren in hun economische instellingen en markten om te zorgen dat een economie ontstaat die zelfstandig functioneert. 6. Vooruitgang op deze terreinen, waarvoor de partijen de primaire verantwoordelijkheid dragen, is van belang om de omstandigheden te kunnen scheppen waarin de vrede zich zelfstandig kan handhaven en een militaire aanwezigheid onder leiding van de NAVO niet langer noodzakelijk is. 7. Wij onderstrepen onze volledige en onvoorwaardelijke steun voor de Hoge Vertegenwoordiger, die tot taak heeft de strategie van de internationale gemeenschap gericht op civiele implementatie te coördineren en te leiden. Wij steunen zijn inspanningen om de coördinatie te verbeteren en de verantwoordelijkheidsgebieden van de verschillende internationale organisaties die zich bezighouden met het vredesproces in Bosnië en Herzegovina beter op elkaar af te stemmen. 8. Wij zien uit naar de vergadering van de Vredesimplementatieraad in Madrid op 15 en 16 december Die verder richting zal geven aan de inspanningen van de internationale gemeenschap om een blijvende vrede en stabiliteit in Bosnië en Herzegovina tot stand te brengen. 9. Wij hebben met voldoening kennis genomen van de unieke bijdrage geleverd door de Stabilisatiemacht SFOR onder leiding van de NAVO. SFOR heeft waar dit binnen haar vermogen lag brede steun gegeven aan de implementatie van het Vredesakkoord van De Multinationale Gespecialiseerde Eenheid die wij in mei 98 hebben opgericht verbetert de effectiviteit en flexibiliteit van SFOR. Wij danken de mannen en vrouwen van SFOR voor de uitzonderlijke diensten die zij de zaak van de vrede hebben bewezen, SFOR blijft een belangrijke bijdrage leveren tot stabiliteit en vrede in Bosnië en Herzegovina. 10. SFOR zal, voor zover haar middelen vermogens dat toestaan, hulp en coördinatie blijven bieden en nauw en efficiënt samenwerken met in het bijzonder: - De Hoge Vertegenwoordiger bij de implementatie van de civiele aspecten van het Vredesakkoord; - De Hoge VN-Commissaris voor de Vluchtelingen, als een zaak van hoge prioriteit, bij de gefaseerde en ordelijke terugkeer van vluchtelingen, in het bijzonder naar minderheidsgebieden; - De VN-Internationale Politietaakgroep bij de hervorming en reorganisatie van de lokale politie; - Het VN-Internationaal Tribunaal voor het voormalig Joegoslavië, ook bij het aanhouden van personen die beschuldigd zijn van oorlogsmisdaden en het overbrengen van deze personen naar Den Haag. Ook zal bescherming worden geboden wanneer lijken moeten worden opgegraven; - De OVSE bij het verlenen van steun voor de opbouw van democratische instellingen. SFOR zal ook de nationale strijdkrachten helpen bij het opruimen van mijnen, hetgeen een belangrijke bijdrage is tot civiele wederopbouw en herstel. 11. SFOR s aanwezigheid kan echter niet eindeloos worden voortgezet en haar aanwezigheid maakt de verantwoordelijkheid voor de stabiliteit in het land van de autoriteiten in Bosnië en Herzegovina niet kleiner. Deze stabiliteit wordt het beste gediend door de volledige implementatie van het Vredesakkoord. Tijdens onze evaluatie van de omvang en vorm van SFOR hebben wij besloten dat er op dit moment geen mogelijkheden zijn voor ingrijpende veranderingen en dat SFOR s opdracht onveranderd dient te blijven. Wij constateren echter dat er ruimte is voor korte-termijn efficiency-maatregelen. Wij hebben tevens de opdracht gegeven voor een onderzoek naar de mogelijkheden om de omvang en structuur van SFOR op de langere termijn aanzienlijk te wijzigen. Besluiten over toekomstige reducties zullen worden genomen tegen het licht van vooruitgang met de implementatie van het Vredesakkoord. 12. Wij staan geheel achter de verdere implementatie van vertrouwenversterkende maatregelen op lokaal en regionaal niveau. Wij zien uit naar het begin van wapenbeheersingsonderhandelingen, zoals neergelegd in het Vredesakkoord, met het oog op het totstandbrengen van een regionaal evenwicht in en rond het voormalig Joegoslavië, inclusief de gepaste verificatiemaatregelen. Wij doen een beroep op alle Partijen om zich in te zetten voor de bevordering van vertrouwen en samenwerking tussen hun wederzijdse strijdkrachten binnen het raamwerk van het Permanent Comité Militaire Zaken. 20 NAVO Kroniek Lente 1999

20 VERKLARING OVER KOSOVO Afgelegd tijdens de Ministeriële Vergadering van de Noord-Atlantische Raad, Brussel, 8 december De NAVO heeft steeds ten doel gehad een bijdrage te leveren tot de internationale inspanningen om een einde te maken aan de humanitaire crisis en het geweld in Kosovo en een blijvende politieke oplossing te vinden. De besluiten die de NAVO in oktober heeft genomen, hebben een cruciale bijdrage geleverd tot de terugtrekking van de troepen van de Federale Republiek Joegoslavië (FRJ) uit Kosovo en hebben er toe bijgedragen, dat een humanitaire ramp kon worden afgewend. De verhoogde staat van militaire paraatheid van het Bondgenootschap blijft gehandhaafd. 2. De veiligheidssituatie in Kosovo blijft ons grote zorgen baren. Sinds begin november hebben gewelddadige incidenten, waarvan sommige door de Servische veiligheidstroepen en andere door gewapende Kosovaarse elementen waren uitgelokt, de spanning doen oplopen. Deze incidenten bewijzen dat zowel de autoriteiten in Belgrado, als de gewapende Kosovaarse elementen er niet in zijn geslaagd zich volledig te houden aan de vereisten die in de resoluties 1160, 1199 en 1203 van de VN-Veiligheidsraad uiteen worden gezet. Wij doen een beroep op de gewapende Kosovaarse elementen zich voortaan absoluut te onthouden van provocaties en wij roepen de FRJ en de Servische autoriteiten op het aantal en de zichtbare aanwezigheid van de speciale politie in Kosovo te verminderen en zich te onthouden van intimiderend gedrag. 3. Wij sporen beide partijen aan zich scrupuleus te houden aan het staakt-hetvuren en de resoluties van de VN-Veiligheidsraad volledig na te leven. Wij verwachten tevens dat zij het onderzoek naar oorlogsmisdaden door het Internationaal Joegoslavië- Tribunaal zullen vergemakkelijken. In dit verband betreuren wij het feit dat aan de onderzoekers van het Tribunaal geen visa verleend zijn. Het voortdurend geweld tussen de strijdkrachten van de FRJ, Servië en de gewapende Kosovaarse elementen brengen de thans bestaande vooruitzichten op een politieke oplossing in gevaar. 4. Wij blijven er geheel van overtuigd dat de problemen van Kosovo alleen kunnen worden opgelost via een proces van open en onvoorwaardelijke dialoog tussen de autoriteiten in Belgrado en de vertegenwoordigers van het Kosovaarse leiderschap. Wij sporen daarom alle partijen met klem aan de onderhandelingen die onder leiding van ambassadeur Hill worden gehouden zeer binnenkort af te ronden en daarbij blijk te geven van de bereidheid compromissen te sluiten en oplossingen te vinden. Wij bevestigen nogmaals onze steun voor een politieke oplossing, waardoor Kosovo een verhoogde status, een aanzienlijk grotere mate van autonomie en werkelijk zelfbestuur zou krijgen, en die de territoriale integriteit van de FRJ in stand zou houden en de mensen- en burgerrechten van alle inwoners van Kosovo garandeert, wat ook hun etnische achtergrond moge zijn. Wij geloven dat de stabiliteit in Kosovo gekoppeld is aan de democratisering van de FRJ en wij ondersteunen diegenen die zich werkelijk voor dat proces inzetten. In dit verband veroordelen wij de recente acties van president Milosovic, om de onafhankelijke media en het politiek pluralisme in Servië te onderdrukken. Wij verwelkomen de stappen die de regering van Montenegro heeft ondernomen om de onafhankelijke media te beschermen, de politieke hervorming te bevorderen en de bescherming van de rechten van de inwoners veilig te stellen. 5. Wij zullen de Bondgenootschappelijke verificatieoperatie vanuit de lucht, Eagle Eye, voortzetten, dit in overeenstemming met de afspraken tussen de FRJ en de NAVO, en op gezette tijden de secretaris-generaal van de VN inlichten over hoe het volgens de NAVO met de naleving gesteld is. 6. Wij zijn van plan volledig samen te werken met de Kosovo- Verificatiemissie (KVM) van de OVSE. De veiligheid en bescherming van de OVSEcontroleurs is van groot belang voor ons. Wij doen een beroep op de regering van de FRJ om in dit opzicht hun verantwoordelijkheden te nemen, zoals uiteengezet in VN-resoluties 1199 en 1203, en het akkoord tussen de OVSE en de FRJ van 16 oktober. Wij verwachten van de FRJ, de Servische autoriteiten en van de Kosovaarse gemeenschappen dat zij hun volledige medewerking zullen verlenen aan de KVM van de OVSE, in het bijzonder door de Missie bewegingsvrijheid en het recht van toegang te verlenen en te voorkomen dat de leden van de Missie worden bedreigd, dat er geweld tegen hen wordt gebruikt, of dat zij op enige andere wijze worden gehinderd. Wij verwachten bovendien dat de FRJ en de Servische autoriteiten aan internationale hulporganisaties ongehinderde toegang zullen verlenen, ook door de noodzakelijke visa te verlenen. 7. De Noord-Atlantische Raad heeft zijn goedkeuring gehecht aan een Activeringsorder (ACTORD) voor een Extractiestrijdmacht onder leiding van de NAVO, Operatie Joint Guarantor. Wij zullen de permanente onderdelen van deze strijdmacht spoedig stationeren in de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, 1) om in een noodgeval het OVSE-personeel van de KVM te kunnen evacueren. Wij stellen de samenwerking en de steun van de autoriteiten in de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, die ons faciliteiten hebben geboden voor de stationering van NAVO-troepen, zeer op prijs. 8. Wij verwelkomen de bereidheid van de Partnerlanden om samen met de NAVO een bijdrage te leveren tot de oplossing van de crisis in Kosovo, hetzij door deelname aan de door de NAVO geleide verificatiemissie vanuit de lucht, hetzij door het gebruik van hun luchtruim of andere faciliteiten aan te bieden ter ondersteuning van de NAVO-inspanningen. Wij zullen nauw overleg blijven voeren met alle Partnerlanden over het optreden van het Bondgenootschap met betrekking tot de crisis in Kosovo. 1) Turkije erkent de Republiek Macedonië onder zijn constitutionele naam CSE-VERKLARING Afgelegd tijdens de Ministeriële Vergadering van de Noord-Atlantische Raad samen met de drie uitgenodigde landen, Brussel, 8 december 1998 AANPASSING VAN HET VERDRAG OVER DE CONVENTIONELE STRIJDKRACHTEN IN EUROPA (CSE): TERUGHOUDENDHEID EN FLEXIBILITEIT De Noord-Atlantische Raad en de Vertegenwoordigers van de Tsjechische Republiek, de Republiek Hongarije en de Republiek Polen, hebben namens de 19 vertegenwoordigde regeringen het volgende verklaard: 1. Het CSE-Verdrag blijft een hoeksteen vormen van de Europese veiligheid. De Statenpartijen hebben thans een historische gelegenheid en ook de verantwoordelijkheid om dit juridisch bindend document aan te passen aan de eisen van de nieuwe veiligheidssituatie en te zorgen dat het Verdrag ook op de lange termijn effectief blijft. 2. Wij, de Noord-Atlantische Raad, de Tsjechische Republiek, Hongarije en Polen, zijn vast van plan te streven naar spoedige, evenwichtige vooruitgang ten aanzien van alle nog openstaande Aanpassingsvraagstukken. Ons doel is dat het Aangepast Verdrag tijdens de volgende OVSE-Top in 1999 door de staatshoofden en regeringsleiders wordt ondertekend. Wij doen een beroep op alle andere Statenpartijen actief bij te dragen tot de verwezenlijking van dit doel. 3. In overeenstemming met deze doelstelling, bevestigen wij opnieuw dat wij vast van plan zijn alleen die militaire vermogens in stand te houden, die in overeenstemming zijn met onze legitieme veiligheidsbehoeften, waarbij wij rekening houden met onze verplichtingen in het kader van het internationaal recht. Het is geenszins onze bedoeling om de Aanpassingsonderhandelingen te gebruiken om geringe politieke of militaire voordelen te behalen. De Aanpassing van het CSE- Verdrag moet leiden tot verbetering van de veiligheid van alle Staten in Europa, of zij nu tot een politiek-militair Bondgenootschap behoren of niet. 4. In Wenen hebben wij een complete serie gedetailleerde voorstellen gedaan over alle aspecten van de aanpassing. Zij hebben ten doel te zorgen dat voorspelbaarheid en doorzichtigheid bewaard blijven, dat een grotere mate van stabiliteit ontstaat in de Europese militaire omgeving en dat de toegestane voorraden materieel (Treaty Limited Equipment; TLE) in het bezit van de CSE- 21 NAVO Kroniek Lente 1999

Associatie Raamwerk Overeenkomst tussen de Republiek Suriname en MERCOSUR

Associatie Raamwerk Overeenkomst tussen de Republiek Suriname en MERCOSUR Associatie Raamwerk Overeenkomst tussen de Republiek Suriname en MERCOSUR De Argentijnse Republiek, de Federatieve Republiek Brazilië, de Republiek Paraguay, de Republiek ten oosten van de Uruguay, de

Nadere informatie

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Korte omschrijving: Leerlingen gaan aan de slag met actuele Europese dilemma s. Er zijn vijf dilemma s. U kunt zelf kiezen welke dilemma s u aan de orde stelt.

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 600 X Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Ministerie van Defensie (X) voor het jaar 1998 Nr. 55 BRIEF VAN

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD NL NL NL EUROPESE COMMISSIE Brussel, 1.2.2011 COM(2011) 30 definitief 2011/0013 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot verlenging van de looptijd en aanpassing van de maatregelen vastgesteld bij

Nadere informatie

Come home or go global, stupid

Come home or go global, stupid Come home or go global, stupid Een nieuwe toekomst voor de Noord Atlantische Verdragsorganisatie?! Drs. S.N. Mengelberg 1 De NAVO is een puur militaire organisatie! 2 De NAVO is niet langer de hoeksteen

Nadere informatie

Faculteit der Rechtsgeleerdheid Amsterdam Center for International Law Postbus 1030 1000 BA Amsterdam

Faculteit der Rechtsgeleerdheid Amsterdam Center for International Law Postbus 1030 1000 BA Amsterdam Faculteit der Rechtsgeleerdheid Amsterdam Center for International Law Postbus 1030 1000 BA Amsterdam T 020 535 2637 Advies Luchtaanvallen IS(IS) Datum 24 september 2014 Opgemaakt door Prof. dr. P.A. Nollkaemper

Nadere informatie

PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE)

PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE) Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 april 2010 (OR. en) PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE) LIMITE COEST 89 PESC 444 NIS 25 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN

Nadere informatie

INHOUD. Sedivy, na de ondertekening van de Toetredingsprotocollen in de NAVO-Raad. (NAVO foto) van Bulgarije naar integratie met de NAVO

INHOUD. Sedivy, na de ondertekening van de Toetredingsprotocollen in de NAVO-Raad. (NAVO foto) van Bulgarije naar integratie met de NAVO NAVO kroniek INHOUD Nº1 Lente 1998 - Volume 46 Voorblad: NAVO-secretaris-generaal Solana (2de van rechts) feliciteert de ministers van buitenlandse zaken van Polen, Hongarije en de Tsjechische Republiek

Nadere informatie

NAVO. De NAVOpartnerschappen. kroniek. Nr.3 HERFST 1998 KWARTAALBLAD DEPOT 1000 BRU 1

NAVO. De NAVOpartnerschappen. kroniek. Nr.3 HERFST 1998 KWARTAALBLAD DEPOT 1000 BRU 1 NAVO kroniek De NAVOpartnerschappen DEPOT 1000 BRU 1 Nr.3 HERFST 1998 KWARTAALBLAD NAVO kroniek INHOUD Nº3 Herfst 1998 - Volume 46 Brief van de secretaris-generaal 3 Een jaar van solide resultaten voor

Nadere informatie

VEILIGHEID VIA PARTNERSCHAP

VEILIGHEID VIA PARTNERSCHAP VEILIGHEID VIA PARTNERSCHAP V E I L I G H E I D V I A P A R T N E R S C H A P Voorwoord Deze brochure bevat een toelichting over de algemene beginselen en de voornaamste werkingsmechanismen van het Euro-Atlantisch

Nadere informatie

De nieuwe landen in het oosten

De nieuwe landen in het oosten De nieuwe landen in het oosten Sinds het einde van de Koude Oorlog is de kaart van Europa ingrijpend gewijzigd. Sommige staten zijn verdwenen om op te gaan in een groter geheel ( denk aan de DDR), maar

Nadere informatie

DE RAAD VAN EUROPA HOEDER VAN DE MENSENRECHTEN SAMENVATTING

DE RAAD VAN EUROPA HOEDER VAN DE MENSENRECHTEN SAMENVATTING DE RAAD VAN EUROPA HOEDER VAN DE MENSENRECHTEN SAMENVATTING Non-member state of the Council of Europe (Belarus) LIDSTATEN HOOFDZETEL EN OVERIGE VESTIGINGEN BEGROTING Albanië, Andorra, Armenië, Azerbeidzjan,

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5332/07 PESC 38 COEST 9 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VAN DE RAAD tot wijziging en verlenging

Nadere informatie

- een bijgewerkte lijst van landen die onderworpen zijn aan een EU-embargo op de uitvoer van wapens (bijlage I);

- een bijgewerkte lijst van landen die onderworpen zijn aan een EU-embargo op de uitvoer van wapens (bijlage I); RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 1 juli 1999 (02.08) (OR. en) 9691/99 LIMITE PESC 207 COARM 2 BEGELEIDENDE NOTA van : het secretariaat van de Raad aan : de delegaties nr. vorig doc. : 12978/98 PESC 291

Nadere informatie

Hierbij gaan voor de delegaties de conclusies die de Europese Raad tijdens de in hoofde genoemde bijeenkomst heeft aangenomen.

Hierbij gaan voor de delegaties de conclusies die de Europese Raad tijdens de in hoofde genoemde bijeenkomst heeft aangenomen. Europese Raad Brussel, 16 juli 2014 (OR. en) EUCO 147/14 CO EUR 9 CONC 3 BEGEEIDENDE NOTA van: het secretariaat-generaal van de Raad aan: de delegaties Betreft: Bijzondere bijeenkomst van de Europese Raad

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 maart 2003 (OR. en) 6505/03 CRIMORG 11

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 6 maart 2003 (OR. en) 6505/03 CRIMORG 11 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 6 maart 2003 (OR. en) 6505/03 CRIMORG 11 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Initiatief van het Koninkrijk Denemarken met het oog op de aanneming van

Nadere informatie

DE NAVO GETRANSFORMEERD

DE NAVO GETRANSFORMEERD DE NAVO GETRANSFORMEERD DE NAVO GETRANSFORMEERD Noot: Iedere vermelding in deze publicatie van de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië is gemarkeerd met een sterretje (*), dat verwijst naar de

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie 10 april 2001 VOORLOPIGE VERSIE 2000/2243(COS) ONTWERPADVIES van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek

Nadere informatie

Wat is internationaal recht?

Wat is internationaal recht? Wat is internationaal recht? Elk land heeft wetten en regels waar iedereen zich aan moet houden. Als je naar een ander land gaat, moet je je aan andere regels en wetten houden. Als je dat niet doet, dan

Nadere informatie

SCHOOLONDERZOEK GESCHIEDENIS

SCHOOLONDERZOEK GESCHIEDENIS SCHOOLONDERZOEK Tijdvak I GESCHIEDENIS Dit onderzoek bestaat uit 40 vragen. Bij dit onderzoek behoort een antwoordblad. Beantwoord de antwoorden uitsluitend op het antwoordblad. Meerkeuze antwoorden worden

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0186 (E) 11290/14 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: ACP 109 COAFR 184 PESC 677 RELEX 538 BESLUIT

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Zittingsdocument 28.5.2008 B6-0290/2008 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van de verklaringen van de Raad en de Commissie

EUROPEES PARLEMENT. Zittingsdocument 28.5.2008 B6-0290/2008 ONTWERPRESOLUTIE. naar aanleiding van de verklaringen van de Raad en de Commissie EUROPEES PARLEMENT 2004 Zittingsdocument 2009 28.5.2008 B6-0290/2008 ONTWERPRESOLUTIE naar aanleiding van de verklaringen van de Raad en de Commissie ingediend overeenkomstig artikel 103, lid 2, van het

Nadere informatie

Het belang van Georgië in de olieen gasvoorziening van Europa

Het belang van Georgië in de olieen gasvoorziening van Europa Het belang van Georgië in de olieen gasvoorziening van Europa door dr Givi Taktakishvili In de energievoorziening van de industriële landen speelden de landen van de Kaspische regio s vroeger een kleine

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 114 Goedkeuring van de op 27 juni 2014 te Brussel tot stand gekomen Associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap

Nadere informatie

FACULTATIEF PROTOCOL BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND OVER DE BETROKKENHEID VAN KINDEREN IN GEWAPENDE CONFLICTEN

FACULTATIEF PROTOCOL BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND OVER DE BETROKKENHEID VAN KINDEREN IN GEWAPENDE CONFLICTEN FACULTATIEF PROTOCOL BIJ HET VERDRAG INZAKE DE RECHTEN VAN HET KIND OVER DE BETROKKENHEID VAN KINDEREN IN GEWAPENDE CONFLICTEN (niet officiële Nederlandse vertaling). (VP = Voorafgaande paragraaf) VP 1

Nadere informatie

HAAGSE VERKLARING INZAKE GEMEENSCHAPPELIJKE PERSPECTIEVEN:

HAAGSE VERKLARING INZAKE GEMEENSCHAPPELIJKE PERSPECTIEVEN: HAAGSE VERKLARING INZAKE GEMEENSCHAPPELIJKE PERSPECTIEVEN: Verklaring van de Ministers van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden en de Franse Republiek Inleiding DE NEDERLANDS-FRANSE BILATERALE

Nadere informatie

Werk van iedereen. Democratisering en vredesopbouw

Werk van iedereen. Democratisering en vredesopbouw Werk van iedereen Democratisering en vredesopbouw Foto: Rebke Klokke Werk van Gladys Haar man werd vermoord. Haar broer ontvoerd. En zelf raakte Gladys getraumatiseerd door wat ze meemaakte tijdens de

Nadere informatie

Historiek van het Eurocorps

Historiek van het Eurocorps Historiek van het Eurocorps De oorsprong De oprichting van het Eurocorps kan als het logisch gevolg gezien worden van het Elysée Verdrag ondertekend op 22 januari 1963 (door President de Gaulle en Kanselier

Nadere informatie

Door de Europese Raad te volgen aanpak tot en met 2014

Door de Europese Raad te volgen aanpak tot en met 2014 EUROPESE RAAD DE VOORZITTER NL Brussel, 29 juni 2012 (OR. en) EUCO 133/12 PRESSE 318 PR PCE 115 Door de Europese Raad te volgen aanpak tot en met 2014 In de afgelopen twee en een half jaar heeft de Europese

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 14 januari 2002 (24.01) (OR. es) 5159/02 STUP 4 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap de Groep drugshandel Ontwerp-aanbeveling van de Raad over de noodzakelijke

Nadere informatie

Wie bestuurt de Europese Unie?

Wie bestuurt de Europese Unie? Wie bestuurt de Europese Unie? De Europese Unie (EU) is een organisatie waarin 28 landen in Europa samenwerken. Eén ervan is Nederland. Een aantal landen werkt al meer dan vijftig jaar samen. Andere landen

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2015 Nr. 70

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2015 Nr. 70 13 (2013) Nr. 2 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2015 Nr. 70 A. TITEL Euro-mediterrane luchtvaartovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de regering

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 oktober 2003 (03.11) (OR. it) 11051/4/03 REV 4 CORDROGUE 66 NOTA van: aan: Betreft: het Italiaanse voorzitterschap de horizontale Groep drugs Ontwerp-resolutie van

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2008-I

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2008-I LET OP: De cursieve regel achter de vraagzin kan afhankelijk van de feitelijke vraag bijvoorbeeld vermelden: dat een verklaring een situatiebeschrijving en een algemene regel (= verklarend principe) moet

Nadere informatie

INHOUD. NAVO kroniek. 3 De NAVO in het nieuwe millennium. 8 De NAVO en haar nieuwe veiligheidstaken

INHOUD. NAVO kroniek. 3 De NAVO in het nieuwe millennium. 8 De NAVO en haar nieuwe veiligheidstaken NAVO kroniek INHOUD Nº4 Winter 1999 - Volume 47 Lord Robertson 3 De NAVO in het nieuwe millennium Lloyd Axworthy 8 De NAVO en haar nieuwe veiligheidstaken Joseph S. Nye Jr. 12 Een herdefinitie van de NAVO-taak

Nadere informatie

GOEDGEKEURDE VERSIE. Centrum voor Strategische Defensiestudies Zuid Amerikaanse Defensieraad Unie van Zuid Amerikaanse Naties.

GOEDGEKEURDE VERSIE. Centrum voor Strategische Defensiestudies Zuid Amerikaanse Defensieraad Unie van Zuid Amerikaanse Naties. PRELIMINAIR RAPPORT VAN HET CEED VOOR DE ZUID-AMERIKAANSE DEFENSIERAAD BETREFFENDE REFERENTIETERMEN VOOR DE CONCEPTEN VEILIGHEID EN DEFENSIE IN DE ZUID- AMERIKAANSE REGIO Het (CEED) is een kennisinstantie

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 18.2.2016 COM(2016) 69 final 2016/0041 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de sluiting, namens de Europese Unie en haar lidstaten, van het protocol bij de

Nadere informatie

519 der Beilagen XXII. GP - Staatsvertrag - niederländischer Übereinkommenstext (Normativer Teil) 1 von 6

519 der Beilagen XXII. GP - Staatsvertrag - niederländischer Übereinkommenstext (Normativer Teil) 1 von 6 519 der Beilagen XXII. GP - Staatsvertrag - niederländischer Übereinkommenstext (Normativer Teil) 1 von 6 AKKOORD TUSSEN DE LIDSTATEN VAN DE EUROPESE UNIE BETREFFENDE DE VORDERINGEN VAN EEN LIDSTAAT TEGEN

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 2 oktober 2003 (08.10) (OR. it) 11051/2/03 REV 2 CORDROGUE 66 NOTA van: het Italiaanse voorzitterschap aan: de horizontale Groep drugs nr. vorig doc.: 11051/03 CORDROGUE

Nadere informatie

EuropEEs InstItuut voor onderzoek over de MEdItErranE En Euro-arabIschE samenwerking www.medea.be

EuropEEs InstItuut voor onderzoek over de MEdItErranE En Euro-arabIschE samenwerking www.medea.be Europees Instituut voor Onderzoek over de Mediterrane en Euro-Arabische Samenwerking www.medea.be V O O R S T E L L I N G Voor Europa is de samenwerking met haar naaste buren de Arabische en Mediterrane

Nadere informatie

De NAVO na de. Koude Oorlog

De NAVO na de. Koude Oorlog De NAVO na de Koude Oorlog Inleiding Het websheet De NAVO na de Koude Oorlog is het tweede websheet dat in het teken staat van internationale organisaties en Europese veiligheid. Het sheet heeft als doel

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 november 2005 (OR. fr) 13953/05 COSDP 737 PESC 940 COAFR 187 EUSEC-RDC 26 OC 775

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 28 november 2005 (OR. fr) 13953/05 COSDP 737 PESC 940 COAFR 187 EUSEC-RDC 26 OC 775 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 28 november 2005 (OR. fr) 13953/05 COSDP 737 PESC 940 COAFR 187 EUSEC-RDC 26 OC 775 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Gemeenschappelijk Optreden 2005/.../GBVB

Nadere informatie

Tijdvak I. 31 oktober 2013 8: 30-10:00.

Tijdvak I. 31 oktober 2013 8: 30-10:00. 1 SCHOOLONDERZOEK Tijdvak I GESCHIEDENIS 31 oktober 2013 8: 30-10:00. Dit onderzoek bestaat uit 38 vragen. Bij dit onderzoek behoort een antwoordblad. Beantwoord de antwoorden uitsluitend op het antwoordblad.

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Uw Referentie 2015Z08639 Datum 27 mei 2015

Nadere informatie

Handvest van de grondrechten van de EU

Handvest van de grondrechten van de EU Handvest van de grondrechten van de EU A5-0064/2000 Resolutie van het Europees Parlement over de opstelling van een handvest van de grondrechten van de Europese Unie (C5-0058/1999-1999/2064(COS)) Het Europees

Nadere informatie

Overwegingen bij Nederlandse deelname aan VN-vredesoperaties: het beeld in conflict met de werkelijkheid Jaïr van der Lijn

Overwegingen bij Nederlandse deelname aan VN-vredesoperaties: het beeld in conflict met de werkelijkheid Jaïr van der Lijn Overwegingen bij Nederlandse deelname aan VN-vredesoperaties: het beeld in conflict met de werkelijkheid Jaïr van der Lijn Bij uitzending van militairen naar het buitenland verkiest de Nederlandse regering

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 21 501-28 Defensieraad Nr. 19 BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 30 september

Nadere informatie

De Raad van Europa. I. Ontstaan en karakter. Iemand die zich inzicht wil

De Raad van Europa. I. Ontstaan en karakter. Iemand die zich inzicht wil De Raad van Europa I. Ontstaan en karakter Iemand die zich inzicht wil verschaffen in de ontwikkeling van het internationalisme van na de 2e wereldoorlog zal heel wat moeite moeten doen om door de brei

Nadere informatie

Speech ter gelegenheid van de ontvangst van Nederlandse ambassadeurs door de Staten-Generaal, d.d. donderdag 29 januari 2015 Anouchka van Miltenburg, Voorzitter Tweede Kamer Het gesproken woord geldt Geachte

Nadere informatie

Overzicht - Voorgedragen voor uitdrukkelijke goedkeuring vanaf januari 2012 tot 1 april 2016

Overzicht - Voorgedragen voor uitdrukkelijke goedkeuring vanaf januari 2012 tot 1 april 2016 Overzicht - Voorgedragen voor uitdrukkelijke goedkeuring vanaf januari 2012 tot 1 april 2016 Titel 1 Notawisseling houdende een Aanvullend Verdrag bij het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden,

Nadere informatie

Vervolg en einde van De Koude Oorlog: 1953-1995 (10.1 & 10.3)

Vervolg en einde van De Koude Oorlog: 1953-1995 (10.1 & 10.3) Vervolg en einde van De Koude Oorlog: 1953-1995 (10.1 & 10.3) Na de dood van Stalin leek de Sovjet greep op het Oost Europa wat losser te worden. Chroesjtsjov maakte Stalins misdaden openbaar (destalinisatie),

Nadere informatie

Eureka Europa! Een didactisch pakket voor leerlingen van het 5de en 6de leerjaar basisonderwijs

Eureka Europa! Een didactisch pakket voor leerlingen van het 5de en 6de leerjaar basisonderwijs Eureka Europa! Een didactisch pakket voor leerlingen van het 5de en 6de leerjaar basisonderwijs 1.1 Een blik op een eeuw Europa Deel 1: Een beetje geschiedenis Dankzij onze vrienden, Marie en Alexander,

Nadere informatie

Eureka Europa! Een didactisch pakket voor leerlingen van het 5de en 6de leerjaar basisonderwijs

Eureka Europa! Een didactisch pakket voor leerlingen van het 5de en 6de leerjaar basisonderwijs Eureka Europa! Een didactisch pakket voor leerlingen van het 5de en 6de leerjaar basisonderwijs 1.1 Een blik op een eeuw Europa Deel 1: Een beetje geschiedenis Dankzij onze vrienden, Marie en Alexander,

Nadere informatie

Courtesy Vertaling. Onafhankelijk onderzoek naar de rapportageprocedure van het IPCC. Taakomschrijving

Courtesy Vertaling. Onafhankelijk onderzoek naar de rapportageprocedure van het IPCC. Taakomschrijving Courtesy Vertaling Onafhankelijk onderzoek naar de rapportageprocedure van het IPCC Taakomschrijving Achtergrond Tegen het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw werd de wereldwijde opwarming van

Nadere informatie

maatschappijwetenschappen pilot vwo 2015-I

maatschappijwetenschappen pilot vwo 2015-I Opgave 1 Kroatië toegetreden tot de EU Bij deze opgave horen de teksten 1 tot en met 3 en figuur 1. Inleiding Kroatië is een van de staten in de Balkan die voorheen tot Joegoslavië behoorden. In 1991 verklaarde

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2002 Nr. 112. Europees Verdrag inzake de erkenning van de rechtspersoonlijkheid

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2002 Nr. 112. Europees Verdrag inzake de erkenning van de rechtspersoonlijkheid 50 (1986) Nr. 2 1 ) TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2002 Nr. 112 A. TITEL Europees Verdrag inzake de erkenning van de rechtspersoonlijkheid van internationale niet-gouvernementele

Nadere informatie

Oorlog en vrede. Pleidooi voor actief vredesbeleid

Oorlog en vrede. Pleidooi voor actief vredesbeleid Oorlog en vrede Pleidooi voor actief vredesbeleid Vrede is belangrijk, daar zal wel iedereen het mee eens zijn. Zonder vrede zeker minimaal gedefinieerd als de afwezigheid van oorlog is samenleven onmogelijk.

Nadere informatie

Achtergrond van het onderzoek:

Achtergrond van het onderzoek: Bureau van de Europese Unie voor de Grondrechten (FRA) MEMO / 26 januari 2010 De Holocaust bezien vanuit mensenrechtenperspectief: het eerste EU-brede onderzoek naar Holocaust-onderwijs en mensenrechtenonderwijs

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST AF/EEE/BG/RO/DC/nl 1 BETREFFENDE DE TIJDIGE BEKRACHTIGING VAN DE OVEREENKOMST BETREFFENDE

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5124/07 PESC 11 COEST 5 COSDP 3

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5124/07 PESC 11 COEST 5 COSDP 3 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 februari 2007 (OR. en) 5124/07 PESC 11 COEST 5 COSDP 3 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: GEMEENSCHAPPELIJK OPTREDEN VAN DE RAAD houdende benoeming

Nadere informatie

De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. Twee grote processen

De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. De Vietnam-oorlog. Twee grote processen Koude Oorlog Amerikaanse buitenlandse politiek communisme rivaliteiten tussen de Sovjet-Unie en China nationalistische bewegingen dekolonisatie Twee grote processen Koude oorlog Nationalisme en dekolonisatie

Nadere informatie

MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG!

MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG! MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG! I.I De geboorte van de Europese Unie Zoals jullie waarschijnlijk wel weten zijn er de vorige eeuwen veel oorlogen in Europa geweest. Vooral de Eerste en de Tweede Wereldoorlog

Nadere informatie

Verdrag inzake verstandhouding en samenwerking tussen het Koninkrijk België en de Russische Federatie.

Verdrag inzake verstandhouding en samenwerking tussen het Koninkrijk België en de Russische Federatie. 8 DECEMBER 1993 Verdrag inzake verstandhouding en samenwerking tussen het Koninkrijk België en de Russische Federatie. Inwerkingtreding : 22-01-1998 Art. 1. De Verdragsluitende Partijen besluiten aan hun

Nadere informatie

5. Protocol tot vaststelling van het statuut van de. Europese Investeringsbank

5. Protocol tot vaststelling van het statuut van de. Europese Investeringsbank De Slotakte vermeldt de verbindende protocollen en de niet-verbindende verklaringen Slotakte De CONFERENTIE VAN DE VERTEGENWOORDIGERS VAN DE REGERINGEN VAN DE LIDSTATEN, bijeen te Brussel op 30 september

Nadere informatie

Samenvatting. 1. Wat houdt het begrip internationale samenwerking in?

Samenvatting. 1. Wat houdt het begrip internationale samenwerking in? Aanleiding voor het onderzoek Samenvatting In de 21 ste eeuw is de invloed van ruimtevaartactiviteiten op de wereldgemeenschap, economie, cultuur, milieu, etcetera steeds groter geworden. Ieder land dient

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2002 2003 21 501-02 Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen Nr. 462 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Herdenking Capitulaties Wageningen

Herdenking Capitulaties Wageningen SPEECH SYMPOSIUM 5 MEI 2009 60 jaar NAVO Clemens Cornielje Voorzitter Nationaal Comité Herdenking Capitulaties Wageningen Dames en heren, De détente tussen oost en west was ook in Gelderland voelbaar.

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER N E D ERLAND E N. JAARGANG 1961 Nr. 155

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER N E D ERLAND E N. JAARGANG 1961 Nr. 155 31 (1946) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER N E D ERLAND E N JAARGANG 1961 Nr. 155 A. TITEL Protocol tot wijziging van de Overeenkomsten, Verdragen en Protocollen inzake verdovende middelen, gesloten

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1999 2000 22 831 De Hoorn van Afrika Nr. 6 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN BUITENLANDSE ZAKEN EN VOOR ONTWIKKELINGSSAMENWERKING Aan de Voorzitter van de Tweede

Nadere informatie

CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en. Uniforme technische standaarden

CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en. Uniforme technische standaarden CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en COMITÉ REGLEMENT VAN ONDERZOEK WERKGROEP REGLEMENT VAN ONDERZOEK GEMEENSCHAPPELIJKE WERKGROEP

Nadere informatie

Zie voor actuele informatie over welke landen dit protocol getekend en geratificeerd hebben http://www.unicef.org/crc/opcac-tableweb.

Zie voor actuele informatie over welke landen dit protocol getekend en geratificeerd hebben http://www.unicef.org/crc/opcac-tableweb. PROTOCOL KINDSOLDATEN Zie voor actuele informatie over welke landen dit protocol getekend en geratificeerd hebben http://www.unicef.org/crc/opcac-tableweb.htm Facultatief Protocol bij het Verdrag inzake

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Contactpersoon S. Kaasjager T 070-3485230

Nadere informatie

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000

bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 bron : http://www.emis.vito.be Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen dd. 27-06-2000 Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB C 177 E van 27/06/2000 Gewijzigd voorstel voor een beschikking

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 23.5.2013 2012/0271(E) *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting

Nadere informatie

Standaard Eurobarometer 80. DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË

Standaard Eurobarometer 80. DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË Standaard Eurobarometer 80 DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË Opiniepeiling besteld en gecoördineerd door de Europese Commissie, Directoraat-generaal Communicatie.

Nadere informatie

12897/15 rts/sl 1 DG C 2B

12897/15 rts/sl 1 DG C 2B Raad van de Europese Unie Brussel, 12 oktober 2015 (OR. en) 12897/15 RESULTAAT BESPREKINGEN van: d.d.: 12 oktober 2015 aan: het secretariaat-generaal van de Raad de delegaties MAMA 161 CFSP/PESC 631 RELEX

Nadere informatie

Op de vlucht. 1) Waarom vlucht men eigenlijk? Er zijn vele redenen; politieke vervolging, marteling, oorlog of burgeroorlog zijn enkele voorbeelden!

Op de vlucht. 1) Waarom vlucht men eigenlijk? Er zijn vele redenen; politieke vervolging, marteling, oorlog of burgeroorlog zijn enkele voorbeelden! Op de vlucht 1) Waarom vlucht men eigenlijk? Er zijn vele redenen; politieke vervolging, marteling, oorlog of burgeroorlog zijn enkele voorbeelden! 2) Waar komen de vluchtelingen vandaan? Syrië Sinds in

Nadere informatie

Nederlandse militairen op vredesmissie: de scenario s

Nederlandse militairen op vredesmissie: de scenario s Nederlandse militairen op vredesmissie: de scenario s Dick Leurdijk Inleiding Sinds de publicatie van de Prioriteitennota in 1992 is de hoofdtaak van het Nederlandse defensiebeleid verschoven van de bescherming

Nadere informatie

PROTOCOL 3. Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI. Besluit

PROTOCOL 3. Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI. Besluit PROTOCOL 3 Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI Besluit De Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR), gezien het belang dat zij

Nadere informatie

HET FENOMEEN TERRORISME

HET FENOMEEN TERRORISME TERRORISME Sinds de 11 september 2001, is het fenomeen terrorisme nog steeds brandend actueel en geniet steeds van een permanente aandacht vanwege de overheden. Hij werd trouwens als prioriteit in het

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET

TRACTATENBLAD VAN HET 34 (2007) Nr. 5 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2012 Nr. 9 A. TITEL Verdrag van Lissabon tot wijziging van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2002 2003 28 676 NAVO Nr. 2 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN BUITENLANDSE ZAKEN EN VAN DEFENSIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal s-gravenhage,

Nadere informatie

Ontstaan van de EU Opdrachtenblad Schooltv-beeldbank

Ontstaan van de EU Opdrachtenblad Schooltv-beeldbank Ontstaan van de EU Opdrachtenblad Schooltv-beeldbank GROEP / KLAS.. Naam: Ga www.schooltv.ntr.nl Zoek op trefwoord: EU Bekijk de clip Het ontstaan van de EU en maak de volgende vragen. Gebruik de pauzeknop

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Woord vooraf... 11

Inhoudsopgave. Woord vooraf... 11 Inhoudsopgave Woord vooraf... 11 Benelux... 13 1 Ontstaan en historische ontwikkeling... 13 2 Institutionele structuur en werking... 15 2.1 Benelux Secretariaat-Generaal... 16 2.1.1 Samenstelling... 16

Nadere informatie

Aangenomen resolutie van het MSEUE (Den Haag, 11 Oktober 1953)

Aangenomen resolutie van het MSEUE (Den Haag, 11 Oktober 1953) Aangenomen resolutie van het MSEUE (Den Haag, 11 Oktober 1953) Source: Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Amsterdam. Partij van de Arbeid (PvdA) 1946-1966 (- 1967). Commissie Buitenland

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 9 februari 2010 (10.02) (OR. fr) 6290/10 Interinstitutioneel dossier: 2010/0011 (NLE) HR 8 CORDROGUE 25 VOORSTEL van: de Commissie d.d.: 3 februari 2010 Betreft: Voorstel

Nadere informatie

Belangen: Wel of niet ingrijpen in Syrië?

Belangen: Wel of niet ingrijpen in Syrië? Belangen: Wel of niet ingrijpen in Syrië? Korte omschrijving werkvorm: Leerlingen moeten zich inleven in een permanent lid van de Veiligheidsraad van de VN. Ze gaan aan de slag met het vraagstuk of de

Nadere informatie

DE EUROPESE GRONDWET: EEN TEKST DIE DE TOEKOMST VAN DE UNIE VEILIG STELT

DE EUROPESE GRONDWET: EEN TEKST DIE DE TOEKOMST VAN DE UNIE VEILIG STELT EEN TEKST DIE DE TOEKOMST VAN DE UNIE VEILIG STELT Fractie van de Europese Volkspartij (Christendemocraten) en Europese Democraten in het Europees Parlement EEN TEKST DIE DE TOEKOMST VAN DE UNIE VEILIG

Nadere informatie

NAVO. kroniek. De ontwikkeling van de NAVOpartnerschappen. Interview met Martti Ahtisaari. Militaire hervormingen in Midden- en Oost-Europa

NAVO. kroniek. De ontwikkeling van de NAVOpartnerschappen. Interview met Martti Ahtisaari. Militaire hervormingen in Midden- en Oost-Europa HERFST 2001 NAVO kroniek De ontwikkeling van de NAVOpartnerschappen DEPOT ANTWERPEN X Interview met Martti Ahtisaari Bladzijden 24-25 Militaire hervormingen in Midden- en Oost-Europa Bladzijden 30-33 NAVO

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 20 december 2006 (OR. en) 16647/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/194 (CNS) REGIO 70 FIN 673 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: VERORDENING VAN DE

Nadere informatie

Luc Van den Brande Laten we samen aan Europa bouwen

Luc Van den Brande Laten we samen aan Europa bouwen Luc Van den Brande Laten we samen aan Europa bouwen Inhoud Mijn overtuigingen 2 Mijn prioriteiten 3 Bakens voor morgen 8 Laten we samen aan Europa bouwen 1 Mijn overtuigingen Mijn overtuigingen Een Europa,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal De heer J. Voordewind Binnenhof 4 Den Haag. Den Haag, 26 juni 2008

Tweede Kamer der Staten-Generaal De heer J. Voordewind Binnenhof 4 Den Haag. Den Haag, 26 juni 2008 Tweede Kamer der Staten-Generaal De heer J. Voordewind Binnenhof 4 Den Haag Den Haag, 26 juni 2008 Dank voor het verslag van uw bezoek begin april aan Noord-Irak dat u mij 10 juni jl. aanbood. Uw reis

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1994 Nr. 266

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1994 Nr. 266 15 (1965) Nr. 5 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1994 Nr. 266 A. TITEL Verdrag tot instelling van één Raad en één Commissie welke de Europese Gemeenschappen gemeen hebben, met

Nadere informatie

Nederland. EUROBAROMETER 74 De publieke opinie in de Europese Unie. Najaar 2010. Nationaal Rapport

Nederland. EUROBAROMETER 74 De publieke opinie in de Europese Unie. Najaar 2010. Nationaal Rapport Standard Eurobarometer EUROBAROMETER 74 De publieke opinie in de Europese Unie Najaar 2010 Nationaal Rapport Nederland Representation of the European Commission to Netherlands Inhoud Inleiding Context

Nadere informatie

Majesteit, Koninklijke Hoogheid, excellenties, dames en heren,

Majesteit, Koninklijke Hoogheid, excellenties, dames en heren, Toespraak van de minister-president, mr. dr. Jan Peter Balkenende, bijeenkomst ter ere van de 50 ste verjaardag van de Verdragen van Rome, Ridderzaal, Den Haag, 22 maart 2007 Majesteit, Koninklijke Hoogheid,

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST 443 der Beilagen XXIII. GP - Staatsvertrag - 91 niederländische Erklärungen (Normativer Teil) 1 von 13 EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE

Nadere informatie

Den Haag voor vrede en recht in Afghanistan

Den Haag voor vrede en recht in Afghanistan Den Haag voor vrede en recht in Afghanistan Den Haag is uniek in de wereld vanwege haar positie als internationale stad van vrede en recht. Den Haag is Legal Capital of the World. De derde VN-stad na New

Nadere informatie

Operatie Artemis. Een 'Franse' operatie onder EU-vlag mr. drs. C. Homan in: Armex, juni 2006, nr. 3, pag. 15-18

Operatie Artemis. Een 'Franse' operatie onder EU-vlag mr. drs. C. Homan in: Armex, juni 2006, nr. 3, pag. 15-18 Operatie Artemis Een 'Franse' operatie onder EU-vlag mr. drs. C. Homan in: Armex, juni 2006, nr. 3, pag. 15-18 De Europese Unie voerde in de Democratische Republiek Congo (DRC) van juni tot september 2003

Nadere informatie

Deel 2. Supranationale instellingen na 1945: op weg naar wereldvrede? 6. De Europese Unie

Deel 2. Supranationale instellingen na 1945: op weg naar wereldvrede? 6. De Europese Unie Deel 2. Supranationale instellingen na 1945: op weg naar wereldvrede? Supranationalisme is een manier waarop verschillende politieke gemeenschappen, verschillende staten, met elkaar samenwerken. Bevoegdheden

Nadere informatie

In deze les werk je in groepen van drie of vier personen. Vul hier de namen van de groepsleden in:

In deze les werk je in groepen van drie of vier personen. Vul hier de namen van de groepsleden in: Congo De Democratische Republiek Congo is nu vaak in het nieuws. Er is een verschrikkelijke burgeroorlog aan de gang. Verschillende groepen in het land vechten met elkaar. De Europese Unie wil misschien

Nadere informatie