voorbeeldhoofdstuk havo aardrijkskunde

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "www.samengevat.nl voorbeeldhoofdstuk havo aardrijkskunde"

Transcriptie

1 voorbeeldhoofdstuk havo aardrijkskunde

2 havo aardrijkskunde Drs. H.J.C. Kasbergen

3 Voorwoord Beste docent, Voor u ligt een deel van de nieuwe Samengevat havo aardrijkskunde. Dit katern bevat een voorbeeldhoofdstuk, waarmee u een goede indruk krijgt van de vernieuwde uitgave. In de zomer van 2008 verschijnt de complete Samengevat. De inhoudsopgave hiervan vindt u ook in dit katern. Uw examenleerlingen kunnen zich met de meest actuele Samengevat voorbereiden op hun examen in 2009! De belangrijkste wijziging in de nieuwe Samengevat is de aanpassing aan het examenprogramma dat vanaf 2007 van kracht is. Daarnaast zijn nog andere verbeteringen doorgevoerd: Examenbundel en Samengevat zijn nog beter op elkaar afgestemd, doordat de hoofdstukindeling gelijk loopt. Het lettertype is aangepast om de leesbaarheid te vergroten. De onderwerpen voor het schoolexamen worden apart aangegeven. De didactische scheiding tussen de schematische theorie op de linker pagina en de toelichting en voorbeelden op de rechter pagina is duidelijker, mede door gebruik van een steunkleur. De tabellen zijn van kleur voorzien voor een betere leesbaarheid. Heeft u vragen over Samengevat en/of Examenbundel? Neem dan contact op met Anja Haggeman van Docentenlijn via telefoonnummer Ik wens u veel succes met de beoordeling van dit katern. Bent u enthousiast en wilt u de complete Samengevat ontvangen zodra het van de drukpers rolt? Mail dan uw gegevens naar: en vermeld welke uitgave van Samengevat u wilt ontvangen. Judith ten Brummelhuis Uitgever Examentraining Zutphen, januari 2008

4 inhoud (met verwijzing naar het examenprogramma) voorwoord hoe werk je met dit boek 1 Wereld (subdomein B2) 2 Aarde (subdomein C2) 3 Ontwikkelingsland Indonesië (subdomein D1) 4 Leefomgeving: overstromingen en wateroverlast door rivieren (subdomein E1a) 5 Leefomgeving: vraagstukken van grote steden (subdomein E1b) 6 Vaardigheden (subdomein A1) trefwoordenregister

5 begrippen en relaties 1 1 Wereld samenstelling Wereld (domein B) wereld als sociaalgeografisch systeem verandering wereld door de mens waarbij alle gebieden elkaar beïnvloeden voor centraal examen subdomein Samenhangen en verschillen in de wereld verkenning van de wereld ontdekken van relaties en patronen verandering van de wereld door globalisering beschrijving recente ontwikkeling India en Groot-Brittannië voorbeelden centrum en (semi)periferie voor schoolexamen (niet in Samengevat opgenomen) subdomein Gebieden op de grens van arm en rijk zoals Amerikaans-Mexicaanse grens subdomein Mondiale processen en lokale effecten bv. gevolg vrijhandel voor landbouw O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1L(def).doc /9

6 toelichting 1 De twee delen die in dit proefkatern zijn opgenomen vormen samen eindterm 4b. Vanwege de omvang (12 pagina s) is Verkenning van de wereld (eindterm 4a), weggelaten. Dit deel begint met een vergelijking van landen geconcentreerd op demografische, sociaalculturele en economische factoren, vooral door middel van criteria uit de Bosatlas. Daarbij moet de leerling patronen ontdekken in de spreiding van verschijnselen over de wereld en als het even kan relaties leggen tussen gebieden en verschijnselen. Dat laatste is nodig om wereldbeelden te verklaren. Hieronder is de inhoud van dit deel weergegeven door middel van de verschillende subkoppen van de linkerpagina VERKENNING VAN DE WERELD vergelijken van landen vorming van wereldbeelden theorie en model hulpmiddel bij verkenning wereld sociaal-culturele vergelijking van landen sociaal-cultureel wereldbeeld demografische vergelijking van landen demografisch wereldbeeld: transitiemodel economische vergelijking van landen economische wereldbeeld (met centrum-periferiemodel) Dit deel bevat tabellen met de in de stofomschrijving genoemde gegevens voor Angola, India, Indonesië, Groot-Brittannië, Nederland en de Verenigde Staten, gebaseerde op de Bosatlas, 53 e druk. O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1R(def).doc /9

7 begrippen en relaties wereld 2 VERANDERING VAN DE WERELD DOOR GLOBALISERING basistermen globalisering globalisering wereldwijd proces van integratie van landen door lagere kosten van transport en communicatie en een steeds grotere stroom goederen, diensten, investeringen, kennis en mensen mondialisering ander woord voor globalisering; beide termen worden door elkaar gebruikt internationalisering bedrijven en instellingen krijgen steeds meer contacten over de grens; term wordt gebruikt naast globalisering en mondialisering mondiale vervlechting/verweving wereldwijd verstrengeld raken van bedrijven/ economieën door veel onderlinge banden en transacties tijd-ruimtecompressie wereld steeds kleiner door afname van relatieve afstanden (afstanden uitgedrukt in tijd, moeite en kosten) global village wereld is dorp geworden door wereldwijde contacten zoals telecommunicatie en verre reizen geschiedenis globalisering 16 e t/m 18 e eeuw: na ontdekkingsreizen handelskolonialisme Europese landen halen o.a. specerijen en slaven; omvang relatief beperkt ontstaan exploitatiekolonie leverancier grondstoffen; vaak via plantages/mijnbouw ontstaan vestigingskolonie vestigingsgebied migranten uit 'oude wereld' eind 18e eeuw: opdeling wereld onder koloniale landen door grote behoefte aan grondstoffen/landbouwproducten en afzetgebieden na industriële revolutie imperialisme koloniale moederlanden nemen gebieden in om politieke en economische invloed veilig te stellen koloniën ontsloten door aanleg infrastructuur als havens, spoorwegen vanaf kust na WOII: koloniën politiek onafhankelijk blijven economisch ondergeschikt; neokolonialisme WOII : koude oorlog wereld verdeeld in invloedsferen VS en Sovjetunie; ontwikkelingshulp middel om bondgenoten te krijgen recent: verdwijnen IJzeren Gordijn en Berlijnse Muur, eind koude oorlog wereldverhoudingen minder duidelijk; grote invloed VS; extra ruimte voor globalisering O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1L(def).doc /9

8 toelichting 2 verandering van wereld door globalisering is de belangrijkste oorzaak van het wereldbeeld dat we in vorig deel zagen: centrum - semiperiferie - periferie. Historische ontwikkeling, oorzaken en gevolgen van globalisering staan in dit onderdeel centraal, met name de demografische, economische en sociaal-culturele aspecten. globalisering en mondialisering zijn termen die worden gebruikt om aan te geven dat er steeds meer buitenlandse contacten zijn die de hele wereld omvatten. Dit geldt voor persoonlijke contacten via telefoon, en reizen, maar vooral voor contacten van bedrijven voor handel, geldtransacties en communicatie met buitenlandse vestigingen en andere bedrijven. De mondiale contacten zijn niet nieuw, maar ze zijn in een stroomversnelling geraakt door de ontwikkelingen in de transport- en communicatiesector, en het gebruik van ICT. Essentieel is ook het wegnemen van barrières aan de grenzen waardoor goederen, diensten en kapitaal steeds makkelijker over de wereld stromen. In mindere mate geldt dit voor de stroom mensen. Voor migratie zijn veel grenzen gesloten of gelden beperkingen. grensoverschrijdende contacten niet nieuw Aanvankelijk was er vooral zelfvoorziening. Gemeenschappen leefden geïsoleerd. Maar er was al gauw uitwisseling via handelskaravanen van bv. kostbare goederen als goud en zout. Dat versnelde door ontdekkingsreizen en handelsvaarten zoals van de Nederlandse Verenigde Oost-Indische Compagnie. De industriële revolutie gaf opnieuw een versnelling. Massaproductie maakte aanvoer van grondstoffen en landbouwproducten op grote schaal nodig. Er ontstond een patroon van specialisatie: industrielanden produceerden goederen als ijzer, staal, schepen en textiel, en ontwikkelingslanden leverden grondstoffen en landbouwproducten. Ook werden afzetmarkten gezocht. Nieuw bij de huidige globalisering is o.a. de grote schaal, de opdeling van de productieketen en digitale uitwisseling. Er treedt een verschuiving op van internationale handel naar een internationaal productieproces, en van uitwisseling van producten naar uitwisseling van data zoals bij geldtransacties en informatie. oude, nieuwe, eerste, tweede en derde wereld zijn termen waarmee de wereld wel wordt ingedeeld. De oude wereld is de wereld die vóór de ontdekkingsreizen bekend was (Europa, delen van Azië en Afrika); de nieuwe wereld werd daarna ontdekt. De term 'derde wereld' komt uit een andere indeling: eerste wereld is daarbij de geïndustrialiseerde westerse wereld, tweede wereld de geïndustrialiseerde communistische landen en derde wereld de ontwikkelingslanden (rest). Deze termen zijn min of meer verouderd, ook al omdat de ontwikkelingslanden nu onderling sterk verschillen en de verhouding tussen landen is veranderd door de val van het communisme, de globalisering en de grote economische groei in een aantal landen. Centrum, semiperiferie en periferie zijn termen die ervoor in de plaats kunnen worden gebruikt. O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1R(def).doc /9

9 begrippen en relaties wereld 3 10 groei van wereldwijde stromen stroom verplaatsingen bv. van goederen: wereldhandel; van kapitaal: buitenlandse investeringen; van informatie: communicatie; van mensen: zuid-noordmigratie wereldwijde stromen laten vaak patroon zien door relaties tussen gebieden; wordt wel relatiepatroon genoemd; bv. concentratie handelsverkeer tussen centrumlanden relatiepatroon patroon zichtbaar in contacten en stromen tussen gebieden versnelling wereldwijde stromen door ontwikkeling transporttechnologie stimuleert o.a. wereldhandel en reizen door betere en grotere vervoersmiddelen als mammoettankers, containerschepen en steeds grotere vliegtuigen ontwikkeling informatietechnologie stimuleert uitwisseling informatie en dataverkeer door wereldwijde communicatie als tv, internet en digitaal dataverkeer theorie over omvang stromen interactietheorie van Ullman uitwisseling personen, goederen en diensten afhankelijk van complementariteit, tussenliggende mogelijkheden en verplaatsbaarheid interactie uitwisseling, contact, stroom zoals migratie, handel en vervoer complementariteit mate waarin gebieden elkaar aanvullen; stimuleert uitwisseling tussenliggende mogelijkheden met dichterbij gelegen gebieden meer uitwisseling verplaatsbaarheid/transporteerbaarheid loont uitwisseling bv. in kosten of moeite? economische oorzaken van globalisering lagere transportkosten door ontwikkeling transporttechnologie 24 uur wereldwijd dataverkeer door ontwikkeling communicatietechnologie zonder grenzen en beperkingen belangrijk gevolg ontstaan wereldeconomie wereldwijd economisch systeem; alle landen verbonden door stromen goederen en kapitaal toename vrijhandel en liberalisering wereldmarkt belemmeringen verdwijnen vrijhandel vrije uitwisseling goederen zonder tarieven of beperkende bepalingen liberalisering opheffen van beperkende bepalingen en overheidsbemoeienis; deregulering grote invloed multinationale ondernemingen zie ook rechts multinationale onderneming grote concern met vestigingen in veel landen; profiteert van lokale voordelen; zie ook rechts opsplitsing productieketen vaak ontwerp/verkoop in centrum, productie van onderdelen en assemblage in periferie; opsplitsing mogelijk door bv. robotisering, automatisering; overal kan goede kwaliteit worden geleverd productieketen alle schakels in productieproces, van ontwerp tot verkoop assemblage eindproductie door samenvoegen van onderdelen welvarende consument vraagt goederen en diensten over hele wereld zoals tropische groenten en hardhout, en verre vakanties O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1L(def).doc /9

10 toelichting 3 11 interactiemodel van Ullman: voorbeelden Complementariteit is belangrijk om uitwisseling op gang te krijgen. Voor migratie bv. werkgelegenheid tegenover werkloosheid of politieke stabiliteit tegenover burgeroorlog. Tussenliggende mogelijkheden beperken de afstand van stromen. Zo zijn veel Ierse migranten te vinden in Groot-Brittannië, weinig in Duitsland. Waarom producten van ver aanvoeren als dichterbij hetzelfde wordt aangeboden? Verplaatsbaarheid wordt bemoeilijkt door bv. hoge kosten of het ontbreken van goede infrastructuur. tussenliggende hindernissen voor migranten zijn bv. natuurlijke hindernissen, verbod op uitreizen, het ontbreken van de juiste papieren of een streng asielbeleid. Ook strenge bewaking van grenzen tegen illegale migratie is zo n hindernis. Hiervan profiteren mensensmokkelaars die tegen woekerprijzen helpen grenzen te passeren, vaak onder barre omstandigheden en met veel dodelijke slachtoffers zoals bij de oversteek van Afrika naar Europa, en van Mexico naar de VS. Tussenliggende hindernissen maken ook deel uit van het migratiemodel (onderdeel deel 1). Ze verminderen de verplaatsbaarheid. afstandsverval betekent dat verplaatsingen sterk afnemen als de afstand toeneemt. Dit geldt voor zowel migratie, als voor vervoer, handel en toerisme. Men heeft minder informatie, de contacten zijn moeilijker en de kosten hoger. Men migreert niet over lange afstand, wanneer dichtbij goede alternatieven zijn (tussenliggende mogelijkheden). kapitaalstromen zijn een voorbeeld van internationalisering van de financiële wereld door toepassing van ICT. 24 uur per dag stromen gigantische hoeveelheden kapitaal over de wereld. Vaak in handen van multinationale ondernemingen die daarmee vanuit het centrum de productie wereldwijd reguleren. Ook is er sprake van valutahandel en speculatie. Ook handel in aandelen is wereldwijd. Die kapitaalstromen zijn niet meer controleerbaar voor overheden. multinationale ondernemingen (mno's) wekken stromen goederen en diensten over de hele wereld op. Ze gebruiken de voordelen van de verschillende vestigingen en zoeken de beste voorwaarden zoals lage lonen. Mno's kunnen vaak hoge eisen stellen en lage prijzen bedingen bij leveranciers. Mno's zijn nauwelijks gebonden aan grenzen, want ze kunnen makkelijk tussen landen switchen. Hun omzet is vaak groter dan het bnp van kleinere landen. Ze hebben hun basis meestal in rijke landen bv. het hoofdkantoor. Maar ook onderzoek, ontwerp en verkoop. De productie vindt vaak in de periferie plaats. opdelen productieketen is een strategie waarmee grote concerns kosten drukken. Dit is mogelijk doordat men vaak werkt met kortlopende contracten en snel van leverancier kan veranderen. Het uitbesteden van delen van het productieproces leidt tot: - verschuiving/uitschuiving verplaatsing (deel) productie naar andere gebieden - offshoring verplaatsing van delen van een bedrijf naar andere landen - outsourcing (deel) productie uitbesteden aan andere bedrijven (vaak in andere landen) O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1R(def).doc /9

11 begrippen en relaties wereld 4 12 economische gevolgen van globalisering overheersing wereldeconomie door triade economische grootmachten VS, Europa en Japan met groot aandeel handels- en investeringsstromen door global shift sterke positie Zuidoost- en Oost-Azie niet alleen meer Japan wereldsteden spelen steeds grotere rol in wereldeconomie via mondiale netwerken wereldstad knooppunt met grote politieke, economische en culturele invloed dat als mondiaal beslissings- en beheerscentrum fungeert; zie ook rechts ongustige ontwikkeling ruilvoet voor perifere landen grondstoffen en landbouwproducten goedkoper in verhouding tot industriële producten en diensten; recent verbeterd door grote vraag naar grondstoffen ruilvoet verhouding tussen prijzen van export- en importproducten; bepaalt hoeveel men kan aanschaffen uit opbrengst van export concentratie economisch activiteiten in beperkt aantal sterke clusters van productie en toeleveranciers industrie en diensten; zie ook rechts wereld wordt economisch één en verbrokkelt economisch eenwording ontstaan wereldeconomie wereldwijd systeem productie, handel en investeringen beslissingen economie worden genomen in beperkt aantal wereldsteden met wereldwijde macht ontstaan grote economische blokken met verschillende mate van integratie blokken naar toenemende mate van integratie samenwerking bij verkoop producten zoals OPEC vrijhandelsassociatie verwijderen handelsbarrières bv. NAFTA en ASEAN douane-unie ook gemeenschappelijke buitentarieven bv. Mercosur gemeenschappelijke markt ook vrij verkeer goederen, diensten, kapitaal, arbeid economische unie verdergaande economische samenwerking zoals EU monetaire unie óók gemeenschappelijk monetair beleid zoals deel EU verbrokkeling globalisering versterkt ongelijkheid en polarisatie voorbeelden groepen voelen zich economisch buitengesloten zoals Franse boeren versterking ongelijkheid zoals toename inkomensverschillen productie in economische clusters overheerst lokale productie elders versterkt zo ruimtelijke ongelijkheid economische blokken zijn protectionistisch naar buiten bevoordelen eigen markt/bedrijven; bv. EU-landbouwbeleid ten koste van arme landen voorbeelden protectionisme EU landbouwbeleid invoerheffing maakt goederen van buitenlandse goederen extra duur, zodat ze moeilijk binnen EU verkocht worden exportsubsidie geeft boeren concurrentievoordeel in het buitenland; vaak ten koste van boeren in ontwikkelingslanden dumpen goederen onder kostprijs op markt brengen; zorgt soms voor instorten van de lokale productie O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1L(def).doc /9

12 toelichting 4 13 triade is letterlijk: groep van drie bij elkaar horende personen of zaken. In economisch verband wordt bedoeld de VS, Japan en Europa met enkele bijhorende landen. Die hebben onderling intensief contact. Met zijn drieën nemen ze in verhouding tot de bevolkingsomvang een onevenredige groot deel voor hun rekening van bv. wereldhandel en investeringen. Er bestaat een grote kloof met de andere gebieden. Bosatlaskaart 53 e druk 214A Handelsverkeer geeft een goed beeld van de triade. (Staat niet in 52 e druk.) wereldstad is een stad als wereldwijd beslissings- en beheerscentrum zoals New York, Tokio en Londen. Hoewel het vaak grote steden zijn, ontlenen ze hun betekenis niet zozeer aan het inwoneraantal, maar aan een sterke politieke controle gecombineerd met de aanwezigheid van belangrijke bedrijven en instellingen zoals in research, bankwezen en zakelijke diensten. Het zijn knooppunten van innovatie en creativiteit (creatieve stad). Er wordt wel gezegd dat er door globalisering geen sprake meer is van concurrentie tussen landen, maar van concurrentie tussen wereldsteden. Soms komen, vooral in de semiperiferie, nieuwe wereldsteden op zoals Hongkong, Singapore, Rio de Janeiro en Shanghai. cluster is een gebied met een concentratie van bedrijven die met elkaar zijn verbonden. Dit levert voordelen op zoals goedkope leverantie van onderdelen en diensten, veel vakkundig personeel, kans op innovatie. Een cluster wordt ook wel agglomeratie genoemd en de voordelen agglomeratievoordelen. Clustering versterkt de concurrentiekracht van een gebied. Een bekend voorbeeld is ICT-cluster Silicon Valley in California. protectionisme versus vrijhandel is al discussiepunt sinds de economische crisis in de jaren dertig. Men gaat ervan uit dat die crisis werd veroorzaakt door protectionistische maatregelen. Protectionisme is het bevoordelen of afschermen van de eigen economie. Na WOII streeft men naar liberalisering. Eerst gericht op goederen, later ook op diensten bv. merknamen, modeontwerpen, financieel verkeer en computersoftware. Men onderhandelt in de WTO (Wereldhandels Organisatie ). Zie voor lidstaten WTO Bosatlas 53 e druk, 206D. neoliberalisme bepleit een vrijemarkteconomie en minimale invloed van de overheid. Neoliberale landen en instellingen stimuleren globalisering. Voorbeelden zijn de Wereldbank (verstrekt leningen), het IMF (Internationaal Monetair Fonds: regelt monetaire samenwerking) en de WTO. Deze instellingen eisen o.a. vrijhandel als voorwaarde voor steun en samenwerking. De VS en Groot-Brittannië zijn er sterke voorstanders van, maar ook de EU en de G8. De G8 (Group of Eight) wordt gevormd door VS, Canada, Japan, Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Italië en Rusland; ze komen jaarlijkse bijeen voor overleg over belangrijke wereldzaken. politiek gevolg van globalisering is vooral de verschuiving van macht van staten naar Multinationale bedrijven en internationale instellingen. Belangrijke oorzaken zijn o.a. de omvang van mno's, vaak groter dan kleinere landen, en het wereldwijde dataverkeer dat vrijwel oncontroleerbaar is voor overheden. Door de neoliberale politiek wordt ruimte gelaten aan de krachten van de vrije markt. O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1R(def).doc /9

13 begrippen en relaties wereld 5 14 sociaal-culturele oorzaken van globalisering internationale contacten in stroomversnelling door communicatietechnologie en netwerksamenleving (beschreven in deel 1) stroom opvattingen en informatie leidt tot (geografische) diffusie verspreiding van sociaalculturele kenmerken zoals opvattingen en levenswijze voorbeelden verspreiding islamitisch fundamentalisme door migranten en communicatiemedia vanuit Arabische landen fundamentalisme orthodox/traditioneel ingestelde stroming, sterk vasthoudend aan grondbeginselen; niet beperkt tot islam amerikanisering Amerikaanse producten en cultuurelementen op steeds meer plaatsen overheersend aanwezig zoals Coca Cola, McDonald's en Disney voorbeeld diffusie vroeger verspreiding westerse talen en godsdiensten door kolonialisme verspreiding talen en godsdiensten door migratie bv. Engels en protestantisme naar Noord-Amerika, Spaans en rooms-katholicisme naar Latijns Amerika sociaal-culturele gevolgen van globalisering wereld wordt cultureel gelijkvormiger overal zelfde gebruiken, ideeën, producten voorbeelden amerikanisering en/of verwestersing door diffusie Engels steeds meer lingua franca voertaal in veel landen menging van culturen door diffusie; soms zelfs ontstaan van nieuwe culturen politieke verbrokkeling wens tot benadrukken regionale/eigen identiteit eigen gezicht, eigen karakter tonen in verzet tegen vervlakking of uit angst voor vervagen eigen cultuur benadrukken regionale identiteit vaak cultureel ingevuld zoals in taal, religie, feestdagen, tradities fundamentalistische stromingen benadrukken eigen orthodoxe opvattingen globalisering leidt tot toenemende polarisatie tussen gebieden en groepen tweedeling door toename van verschillen, soms spanningen voorbeeld tegenstelling fast world - slow world moderne wereld tegenover traditionele wereld; zie ook rechts globalisering gaat ten koste van sociaal zwakkeren zoals bij uitbuiting van arbeidskrachten en kinderarbeid O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1L(def).doc /9

14 toelichting 5 15 diffusie heeft verschillende betekenissen. De meest geografische is verspreiding over gebieden. Zo lang mensen reizen of migreren worden cultuurelementen verspreid zoals taal en religie. Nieuw is de snelle verspreiding via moderne communicatiemiddelen die een wereldwijd bereik hebben. En het massale karakter. Dit kan leiden tot verdwijnen van de traditionele cultuur, zoals bij verwestersing of amerikanisering. Een andere betekenis van diffusie is vermenging. Vaak neemt men bepaalde cultuurelementen over en geeft die een plaats in de eigen cultuur. Daardoor kan zelfs een nieuwe cultuur ontstaan uit twee of meerdere culturen. islam-fundamentalisme grijpt vaak terug op traditionele geschriften en gebruikt de uitleg daarvan vaak in het verzet tegen de westerse levensstijl. Bijvoorbeeld in de positie van de vrouw of de houding ten opzicht van homoseksualiteit. Door terreuracties krijgt deze stroming veel aandacht. Het islam-fundamentalisme richt zich echter niet alleen tegen het westen. We vinden het bijvoorbeeld ook in Saudi Arabië, de Filipijnen en Indonesië. Soms als reactie op moderne stromingen die mogelijk de traditionele identiteit aantasten. Soms ook uit onvrede over de grote ongelijkheid tussen een kleine groep machthebbers en de massa. lingua franca ook wel voertaal genoemd, wordt gebruikt tussen groepen met verschillende moedertalen. Dat vergemakkelijkt communicatie en bevordert daardoor globalisering, maar is ook een gevolg daarvan. Engels wordt het meest als voertaal gebruikt bv. in de luchtvaart en de financiële wereld. Een lingua franca dient soms als 'neutrale' officiële taal wanneer in een land groepen met verschillende talen op gespannen voet staan. politieke eenwording en verbrokkeling treedt op naast economische en sociaal-culturele. Bijvoorbeeld het verdwijnen van het IJzeren Gordijn. Er was eenwording door het openen van de grenzen met het Oostblok en de uitbreiding van Europese Unie met Midden- en Oost- Europese landen. Ook verbrokkeling door het uiteenvallen van de Sovjetunie en Joegoslavië. Echte politieke eenwording, waarbij besluiten supranationaal worden genomen, komt nog weinig voor. In de EU bv. is er veel tegenstand besluiten 'in Brussel' te nemen. fast world - slow world geeft aan dat moderne technologische ontwikkeling slechts een deel van de wereld bereikt, of in verschillend tempo wordt overgenomen. De fast world bestaat uit mensen of gebieden die betrokken zijn bij nieuwe ontwikkelingen, moderne producten en diensten, bij innovatie. Er wordt veel geld aan besteed. Men heeft een snelle leefstijl. Zo'n 15% van de wereldbevolking leeft in de snelle wereld'. De slow world bestaat uit mensen en gebieden die niet betrokken zijn bij de moderne ontwikkelingen. Hun wereld verandert maar langzaam. Men leeft vrij traditioneel en staat nauwelijks open voor vernieuwingen. De tweedeling zorgt ook voor een digitale kloof. O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1R(def).doc /9

15 begrippen en relaties wereld 6 16 demografische gevolgen globalisering zuid-noordmigratie zuid-noordmigratie belangrijkste mondiale migrantenstroom van arm naar rijk m.n. naar West-Europa en de VS; door armoede en werkloosheid, groene druk, oorlogen en schending mensenrechten internationale migratie veel gericht op (voormalig) koloniale moederlanden zoals West- Europa; taal en cultuur bekend gevolgen zuid-noordmigratie voor zuid o.a. grote inkomstenbron herkomstgebieden uit geldovermakingen migranten soms grootste bron buitenlandse deviezen verlichting groene druk omdat vooral jongeren vertrekken (selectieve migratie) braindrain door migratie (hoog)geschoolden vertrekgebied verliest kennis/scholing gevolgen zuid-noordmigratie voor noord o.a. migranten vullen beroepsbevolking aan die door vergrijzing afneemt migranten hebben vaak transnationale identiteit zijn betrokken bij twee landen transnationale identiteit verbondenheid met zowel vestigings- als herkomstland introductie nieuwe cultuurelementen ontstaan multiculturele samenleving regionale migratie overmatige urbanisatie te grote trek naar steden o.a. door globalisering; zie ook India globalisering ter discussie voorbeelden van bezwaren tegen globalisering leidt tot grotere economische ongelijkheid tussen landen ten nadele van periferie schaadt door schaalvergroting in landbouw kleine boeren en milieu bekend zijn acties van Franse boerenleider José Bové cultuur wordt eenheidsworst bv. protest tegen McDonaldisering aantasting rechten werkende bevolking vakbonden vaak niet toegestaan; bij looneisen wordt productie verplaatst toename kinderarbeid vaak geen goede controle mogelijk sommige bedrijven produceren bij voorkeur in land met lage milieueisen voorbeelden van actieve groepen antiglobalisten wijzen globalisering af; bekend van protesten bij internationale conferenties andersglobalisten willen meer menselijke globalisering; aandacht voor o.a. armoede, milieu en mensenrechten niet-gouvernementele organisatie (ngo's) op verschillende terrein werkzaam los van overheid zoals Greenpeace, Rode Kruis en Amnesty International voorbeelden van actieve stimulatoren globalisering internationale economische organisaties Wereldbank, IMF, WTO; hebben liberalisering als doel internationale politieke organisaties zoals G8 en EU O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1L(def).doc /9

16 toelichting 6 17 transnationaliteit houdt in dat migranten of nazaten van migranten zich zowel met het vestigingsland als met het herkomstland verbonden voelen. Door lage reiskosten en moderne communicatiemiddelen kan men makkelijk contact onderhouden. De transnationale identiteit wil absoluut niet zeggen dat men zich niet loyaal opstelt ten opzichte van het vestigingsland of er niet geïntegreerd raakt. Uit onderzoek is gebleken dat transnationaliteit integratie kan bevorderen. De verbondenheid met het herkomstland voelt men bv. sterk bij problemen als natuurrampen. zuid-noordmigratie naar Nederland werd in de periode bepaald door werving van Marokkaanse en Turkse gastarbeiders. Dit was als tijdelijk bedoeld, maar bleek definitief. Men mocht na een aantal jaren vrouwen en kinderen laten overkomen, gezinsherenigende migratie. De kinderen van de migranten, de tweede generatie, huwen nu vaak met partners uit het herkomstland, gezinsvormende migratie. In de jaren negentig was er een toestroom van asielzoekers. Door een nieuwe strengere vreemdelingenwet is die na 2000 afgenomen. natuurrampen en ecologische rampen veroorzaken vaak regionale migratie. Natuurrampen zoals aardbevingen, vulkaanuitbarstingen en overstromingen leiden tot tijdelijk migratie, vaak naar buurlanden. Als de situatie veilig is, keert men terug. Bij ecologische rampen kan een gebied onbewoonbaar worden door aantasting van het leefmilieu. Zo leidde overbeweiding en houtkap in steppegebieden tot verwoestijning ten koste van de nomadische veeboeren. 'een andere wereld is mogelijk' is een motto van andersglobalisten. De essentie is niet verzet tegen globalisering, maar streven naar een leefbare, sociale wereld. Met bv. betere voorziening van voedsel, schoon water, betere huisvesting en onderwijs voor iedereen. Sommigen bepleiten belasting over geldtransacties ter bestrijding van armoede, kwijtschelding van schulden en streven naar rechtvaardige in plaats van vrije handel. Radicaler zijn de antiglobalisten. Die wijzen het hele globaliseringproces af en verzetten zich fel tegen internationale politieke en economische instellingen als G8 en IMF. O:\THIEMEME\36746\OPMAAK\AARDRIJKSKUNDE\hak4sg1R(def).doc /9

WERELD. 5 havo 1 Globalisering 10-13

WERELD. 5 havo 1 Globalisering 10-13 WERELD 5 havo 1 Globalisering 10-13 WERELD 5 havo 1 Globalisering 10 Historische banden Regel: ook na de- kolonisatie blijven koloniale invloeden nog lang bestaan. Hoe blijkt dat als je India bezoekt?

Nadere informatie

WERELD. 5 havo 1 Globalisering 6-9

WERELD. 5 havo 1 Globalisering 6-9 WERELD 5 havo 1 Globalisering 6-9 WERELD 5 havo 1 Globalisering 6 Culturele Globalisering Welke twee processen van culturele globalisering zie je hier in beeld? amerikanisering homogenisering Globalisering

Nadere informatie

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.2 Het moderne imperialisme

Tijd van burgers en stoommachines 1800 1900. 8.2 Het moderne imperialisme Onderzoeksvraag: Welke motieven hadden de Europeanen om in Afrika en Zuidoost Azië een groot koloniaal imperium op te bouwen? Kenmerkende aspect: De moderne vorm van imperialisme die verband hield met

Nadere informatie

A A R D R I J K S K U N D E A A N T E K E N I N G E N H1

A A R D R I J K S K U N D E A A N T E K E N I N G E N H1 A A R D R I J K S K U N D E A A N T E K E N I N G E N H1 PARAGRAAF 1 Wat staat centraal in dit hoofdstuk: - Netwerksamenleving: alle elementen in de wereld functioneren als een samenhangend geheel. - Globalisering

Nadere informatie

Arm en Rijk. Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten

Arm en Rijk. Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten Arm en Rijk Hoofdstuk 2: Arm en rijk in de Verenigde Staten 2.1 Rijk en arm in de Verenigde Staten De rijke Verenigde Staten Je kunt op verschillende manieren aantonen dat de VS een rijk land is. Het BNP

Nadere informatie

INDONESIË. Sociaaleconomische positie en ontwikkelingen

INDONESIË. Sociaaleconomische positie en ontwikkelingen INDONESIË Sociaaleconomische positie en ontwikkelingen Structuur [1/2] De kandidaat kan gebiedskenmerken van een ontwikkelingsland beschrijven en analyseren. Het betreft: a. sociaal-geografische en fysisch-geografische

Nadere informatie

Internationale handel H7 1. Internationale handel. Waarom importeren: 25-2-2013. Waar komt het vandaan?

Internationale handel H7 1. Internationale handel. Waarom importeren: 25-2-2013. Waar komt het vandaan? Internationale handel H7 1 Waar komt het vandaan? Economie voor het vmbo (tot 8,35 m.) Internationale handel Importeren = invoeren (betalen) Exporteren = uitvoeren (verdienen) Waarom importeren: Meer keuze

Nadere informatie

Aardrijkskunde inhouden (PO-havo/vwo)

Aardrijkskunde inhouden (PO-havo/vwo) Aardrijkskunde inhouden (PO-havo/vwo) Sectoren kerndoelen primair onderwijs kerndoelen onderbouw havo bovenbouw exameneenheden vwo bovenbouw exameneenheden Kernen 1. Burgerschap 36: hoofdzak de Nederlandse

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2010 - I

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2010 - I Wereld Opgave 1 Demografische ontwikkelingen in Afrika Bestudeer de bronnen 1 en 2 die bij deze opgave horen. Stelling: In ontwikkelingslanden ligt het geboortecijfer in steden doorgaans lager dan op het

Nadere informatie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie

1.4 Factoren die bepalend zijn voor reële convergentie Productiviteit, concurrentiekracht en economische ontwikkeling Concurrentiekracht wordt vaak beschouwd als een indicatie voor succes of mislukking van economisch beleid. Letterlijk verwijst het begrip

Nadere informatie

een wereld apart Vanuit aardrijkskundige (= geografische) invalshoek

een wereld apart Vanuit aardrijkskundige (= geografische) invalshoek een wereld apart Vanuit aardrijkskundige (= geografische) invalshoek Wat is aardrijkskunde op zoek naar een verklaring voor de ruimtelijke verschijnselen aan het aardoppervlak. Beschrijvende vragen: bodem

Nadere informatie

3.2 De omvang van de werkgelegenheid

3.2 De omvang van de werkgelegenheid 3.2 De omvang van de werkgelegenheid Particuliere bedrijven en overheidsbedrijven nemen mensen in dienst. Collectieve sector = Semicollectieve sector = De overheden op landelijk, provinciaal en lokaal

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 vrijdag 13 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 vrijdag 13 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Examen HAVO 2016 tijdvak 1 vrijdag 13 mei 9.00-12.00 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Dit examen bestaat uit 32 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

WERELD. 4 havo 1 Wereldbeeld 5

WERELD. 4 havo 1 Wereldbeeld 5 WERELD 4 havo 1 Wereldbeeld 5 Meten van welvaart Op welke vier manieren meet je welvaart? 1.Bnp/hoofd. Hoe bereken je dat? 2.Verdeling van de beroepsbevolking. Regel: hoe hoe.. 3. VN- welzijnsindex (koopkracht,

Nadere informatie

1 De onderneming in de wereldeconomie

1 De onderneming in de wereldeconomie 1 De onderneming in de wereldeonomie Meerkeuzevragen 1.1 1.1 Globalisering is een proes a van wereldwijde eonomishe integratie door een sterke toename van de internationale handel en investeringen. b waarbij

Nadere informatie

GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1

GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1 GROTE-LIJN-OVERZICHT VAN TIJDVAKKEN BEHANDELD IN LEERJAAR 1 Tijdvak Jagers en boeren; van de eerste mensen 3000 v. C. prehistorie; van de eerste mensen - 3000 v.c. Samenlevingstype: eerst jagers/verzamelaars,

Nadere informatie

Examen HAVO. Centraal Examen Havo Aardrijdskunde 2014 tijdvak 1 Opgaven www.uitwerkingensite.nl. aardrijkskunde

Examen HAVO. Centraal Examen Havo Aardrijdskunde 2014 tijdvak 1 Opgaven www.uitwerkingensite.nl. aardrijkskunde Centraal Examen Havo Aardrijdskunde 2014 tijdvak 1 Opgaven www.uitwerkingensite.nl Examen HAVO 2014 tijdvak 1 vrijdag 16 mei 9.00-12.00 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote

Nadere informatie

H2: Europa, verenigd of versnipperd?

H2: Europa, verenigd of versnipperd? H2: Europa, verenigd of versnipperd? Klas 2 Geo Vragen 5 1. Europa is te herkennen aan een aantal natuurkenmerken. Noem er drie. 6 2. Het aantal inwoners verandert door natuurlijk bevolkingsgroei (geboorte

Nadere informatie

Samenvatting: Aardrijkskunde - Hoofdstuk 3

Samenvatting: Aardrijkskunde - Hoofdstuk 3 Samenvatting: Aardrijkskunde - Hoofdstuk 3 Paragraaf 1 Definitie begrip stad: Een minimum aantal inwoners (verschilt per land) Inwoners werken in secundaire en tertiaire sector Er zijn allerlei voorzieningen

Nadere informatie

GB53 GB54 Titel GB54 ten opzichte van GB53. 4 2 Algemene inhoud 5 3 Algemene inhoud 6 4 Algemene inhoud 7 5 8 6 Algemene inhoud 9 7 10 8 10 9 10 11

GB53 GB54 Titel GB54 ten opzichte van GB53. 4 2 Algemene inhoud 5 3 Algemene inhoud 6 4 Algemene inhoud 7 5 8 6 Algemene inhoud 9 7 10 8 10 9 10 11 GB53 GB54 Titel GB54 ten opzichte van GB53. 4 2 Algemene inhoud 5 3 Algemene inhoud 6 4 Algemene inhoud 7 5 8 6 Algemene inhoud 9 7 10 8 10 9 10 11 Algemene inhoud Introductie Kaarten foto s en Satelliet

Nadere informatie

Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift opgenomen.

Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift opgenomen. Examen HAVO 2015 tijdvak 1 dinsdag 26 mei 9.00-12.00 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Achter het correctievoorschrift is een aanvulling op het correctievoorschrift

Nadere informatie

Bijlage HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2. Bronnenboekje. HA-0131-a-13-2-b

Bijlage HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2. Bronnenboekje. HA-0131-a-13-2-b Bijlage HAVO 2013 tijdvak 2 aardrijkskunde Bronnenboekje HA-0131-a-13-2-b Wereld Opgave 1 Globalisering in de auto-industrie De top tien van landen waar in 2010 de meeste personenauto s werden geproduceerd

Nadere informatie

Aardrijkskunde hoofdstuk 1 Samenhang en verscheidenheid 1. Oriëntatie

Aardrijkskunde hoofdstuk 1 Samenhang en verscheidenheid 1. Oriëntatie Aardrijkskunde hoofdstuk 1 Samenhang en verscheidenheid 1. Oriëntatie 3 vragen: 1. Wat zij de belangrijkste kenmerken van globalisering? Globalisering gaat om het proces van het ontstaan van steeds meer

Nadere informatie

Eindronde Nationale Aardrijkskunde Olympiade 2015

Eindronde Nationale Aardrijkskunde Olympiade 2015 Bronnenboekje Eindronde Nationale Aardrijkskunde Olympiade 2015 Inhoud pagina Bronnen bij A The North & South of England 2 Bronnen bij B De geografie van Twitter 4 Bronnen bij C Natura 2000 en de IJsseldelta

Nadere informatie

8*. Na de dood van Karel de Grote werd de eerste grondslag gelegd voor Grenzen in Europa. Leg uit.

8*. Na de dood van Karel de Grote werd de eerste grondslag gelegd voor Grenzen in Europa. Leg uit. Gebruik bron 1 en 2 In 1897 werd in de venen bij Yde het lijk van een ongeveer zestienjarig meisje gevonden. Deze vondst gaf aanleiding tot twee voorlopige conclusies over de leefwijze van het volk waartoe

Nadere informatie

WERELD. 4 havo 1 Wereldbeeld 1-2

WERELD. 4 havo 1 Wereldbeeld 1-2 WERELD 4 havo 1 Wereldbeeld 1-2 Op de grens Een reis vol gevaren Ga naar www.nos.nl typ de zoekterm Ciudad Juarez in en bekijk een van de videofragmenten over deze gevaarlijkste stad ter wereld. Op de

Nadere informatie

WERELD. 5 havo 1 Globalisering 14-16

WERELD. 5 havo 1 Globalisering 14-16 WERELD 5 havo 1 Globalisering 14-16 Melkprijzen wereldwijde concurrentie Hoog: centrumlanden Middel, semi-periferie Laag, periferie Globalisering = concurrentie.. 3 factoren? 1. Opkomst MNO s, mondiale

Nadere informatie

De trek naar de stad 1. Wonen in Lagos 2. Blad 1. Mega Enorm groot. Een megastad is een enorm grote stad.

De trek naar de stad 1. Wonen in Lagos 2. Blad 1. Mega Enorm groot. Een megastad is een enorm grote stad. 5 Lastige woorden Blad De trek naar de stad Mega Enorm groot. Een megastad is een enorm grote stad. Uitkering Geld dat je krijgt van de regering, bijvoorbeeld als je niet kunt werken. Voorbehoedsmiddel

Nadere informatie

www.samengevat.nl voorbeeldhoofdstuk havo wiskunde A

www.samengevat.nl voorbeeldhoofdstuk havo wiskunde A www.samengevat.nl voorbeeldhoofdstuk havo wiskunde A www.samengevat.nl havo wiskunde A Drs. F.C. Luijbe Voorwoord Beste docent, Voor u ligt een deel van de nieuwe Samengevat havo wiskunde A. Dit katern

Nadere informatie

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 1 donderdag 24 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 1 donderdag 24 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VWO 2012 tijdvak 1 donderdag 24 mei 9.00-12.00 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 34 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 68 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 1 vrijdag 28 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 1 vrijdag 28 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VWO 2010 tijdvak 1 vrijdag 28 mei 9.00-12.00 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 32 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 63 punten te behalen. Voor elk vraagnummer

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 vrijdag 24 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 vrijdag 24 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Examen HAVO 2013 tijdvak 1 vrijdag 24 mei 9.00-12.00 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Dit examen bestaat uit 36 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Hoe hieraan exact wordt vormgegeven binnen onze school, wordt duidelijk in dit document.

Hoe hieraan exact wordt vormgegeven binnen onze school, wordt duidelijk in dit document. SOCIALE COHESIE EN BURGERSCHAP Inleiding Een school maakt deel uit van de maatschappij en bouwt mee aan de vorming van jonge burgers. Een groot deel van de dag, brengen jongeren door op school. Zij krijgen

Nadere informatie

GEBIEDEN. 5 havo 3 Indonesië 8-12

GEBIEDEN. 5 havo 3 Indonesië 8-12 GEBIEDEN 5 havo 3 Indonesië 8-12 Ontbossing: economie en ecologie botsen Vanuit welke dimensies kun je naar ontbossing kijken? Economische dimensie Ecologische dimensie hoezo? Bijdrage aan handelsbalans

Nadere informatie

Bijlage HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1. Bronnenboekje. HA-0131-a-15-1-b

Bijlage HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1. Bronnenboekje. HA-0131-a-15-1-b Bijlage HAVO 2015 tijdvak 1 aardrijkskunde Bronnenboekje HA-0131-a-15-1-b Wereld Opgave 1 Top 8 economische grootmachten Ranglijst van de economische grootmachten tussen 2015 en 2040 volgens analist David

Nadere informatie

The Netherlands of 2040 en de Olympische Spelen George Gelauff Hogeschool Amsterdam 1 februari 2012

The Netherlands of 2040 en de Olympische Spelen George Gelauff Hogeschool Amsterdam 1 februari 2012 The Netherlands of 2040 en de Olympische Spelen George Gelauff Hogeschool Amsterdam 1 februari 2012 www.nl2040.nl 1 Tijden veranderen 2 Tijden veranderen 3 Scenariostudies Lange termijn vraagstukken Grote

Nadere informatie

1. WAT VOORAFGING...1 2. HET CONGRES VAN WENEN...2 2.1. BESLISSINGEN...3 2.2. GEVOLGEN...6 2.3. BELANG VAN HET CONGRES VAN WENEN...

1. WAT VOORAFGING...1 2. HET CONGRES VAN WENEN...2 2.1. BESLISSINGEN...3 2.2. GEVOLGEN...6 2.3. BELANG VAN HET CONGRES VAN WENEN... HET CONGRES VAN WENEN 1. WAT VOORAFGING...1 2. HET CONGRES VAN WENEN...2 2.1. BESLISSINGEN...3 2.2. GEVOLGEN...6 2.3. BELANG VAN HET CONGRES VAN WENEN...7 3.1. Het Congres van Wenen en de restauratie Het

Nadere informatie

1. WAT VOORAFGING...1 2. HET CONGRES VAN WENEN...2 2.1. BESLISSINGEN...3 2.2. GEVOLGEN...6 2.3. BELANG VAN HET CONGRES VAN WENEN...

1. WAT VOORAFGING...1 2. HET CONGRES VAN WENEN...2 2.1. BESLISSINGEN...3 2.2. GEVOLGEN...6 2.3. BELANG VAN HET CONGRES VAN WENEN... HET CONGRES VAN WENEN 1. WAT VOORAFGING...1 2. HET CONGRES VAN WENEN...2 2.1. BESLISSINGEN...3 2.2. GEVOLGEN...6 2.3. BELANG VAN HET CONGRES VAN WENEN...7 3.1. Het Congres van Wenen en de restauratie Het

Nadere informatie

Samenvatting Economie Hoofdstuk 8 Over de grens?

Samenvatting Economie Hoofdstuk 8 Over de grens? Samenvatting Economie Hoofdstuk 8 Over de grens? 8.1 Waarom handel met het buitenland? Importeren = het kopen van goederen en diensten uit het buitenland. Waarom? -Goedkoper of van betere kwaliteit -Bepaalde

Nadere informatie

De feiten: arbeidsmigratie door de jaren heen

De feiten: arbeidsmigratie door de jaren heen De feiten: arbeidsmigratie door de jaren heen Jeannette Schoorl Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) Den Haag NIDI/NVD/CBS Seminar arbeidsmigratie 30 maart 2011 Onderwerpen Historische

Nadere informatie

The Netherlands of 2040. www.nl2040.nl

The Netherlands of 2040. www.nl2040.nl The Netherlands of 2040 www.nl2040.nl 1 Tijden veranderen 2 Tijden veranderen 3 Nieuwe CPB scenario studie Vraag Waarmee verdienen we ons brood in 2040? Aanpak Scenario s, geven inzicht in onzekerheid

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Examen HAVO 2013 tijdvak 2 dinsdag 18 juni 13.30-16.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 17 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 17 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Examen HAVO 2014 tijdvak 2 dinsdag 17 juni 13.30-16.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Dit examen bestaat uit 33 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

T4 Oefen SED Geschiedenis Module 6

T4 Oefen SED Geschiedenis Module 6 T4 Oefen SED Geschiedenis Module 6 1. Bekijk bron 1. De titel van de onderstaande Russische cartoon is: De Amerikaanse stemmachine. De Verenigde Staten drukken op het knopje voor, dat naast het knopje

Nadere informatie

Toelatingsexamens en Ondersteunend Onderwijs

Toelatingsexamens en Ondersteunend Onderwijs VOORBLAD De volgende hulpmiddelen zijn toegestaan bij het examen: Bosatlas 52 e of 53 e druk en kladpapier Aantal vragen: 2 Aantal pagina s: 6 Bijlage(n): geen Beoordeling van het examen Open vragen: 100

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde havo 2002-i

Eindexamen aardrijkskunde havo 2002-i LET OP: Je kunt dit examen maken met de 51e druk of met de 52e druk van de atlas. Schrijf op de eerste regel van je antwoordblad welke druk je gebruikt, de 51e of de 52e. Bij elke vraag is aangegeven welke

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 dinsdag 29 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 dinsdag 29 mei 9.00-12.00 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2012 tijdvak 1 dinsdag 29 mei 9.00-12.00 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 33 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 61 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

Keurmerk: Duurzame school

Keurmerk: Duurzame school Keurmerk: Duurzame school Doorlopende leerlijn voor duurzame ontwikkeling van basisonderwijs (PO) t/m voortgezet onderwijs (VO) PO-1 Kennis en inzicht (weten) Vaardigheden (kunnen) Houding (willen) Begrippen

Nadere informatie

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen.

Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen. Wereld Opgave 1 Globalisering van IKEA Bestudeer de bronnen 1 en 2 uit het bronnenboekje die bij deze opgave horen. In 1963 opende IKEA zijn eerste buitenlandse vestiging. Daarna volgden er nog veel meer.

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde havo 2010 - II

Eindexamen aardrijkskunde havo 2010 - II Beoordelingsmodel Wereld Opgave 1 De global shift 1 maximumscore 2 aandeel van het totale handelsvolume 1 Het aandeel in het totale handelsvolume is (in Azië) toegenomen 1 2 maximumscore 1 Uit het antwoord

Nadere informatie

Tijd van jagers en boeren? 3000 v. Chr. Prehistorie. Kenmerkende aspecten. Begrippen

Tijd van jagers en boeren? 3000 v. Chr. Prehistorie. Kenmerkende aspecten. Begrippen Tijd van jagers en boeren? 3000 v. Chr. Prehistorie 1. De levenswijze van jager-verzamelaars. 2. Het ontstaan van landbouw en landbouwsamenlevingen. 3. Het ontstaan van de eerste stedelijke gemeenschappen.

Nadere informatie

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 17 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk.

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 17 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Examen VWO 2014 tijdvak 2 dinsdag 17 juni 13.30-16.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 53e druk. Dit examen bestaat uit 33 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 donderdag 27 mei 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 donderdag 27 mei 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2010 tijdvak 1 donderdag 27 mei 9.00-11.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 60 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

De hereniging van Duitsland

De hereniging van Duitsland De hereniging van Duitsland 9 november is voor onze oosterburen een bijzondere dag. Op die dag in 1989 viel namelijk de Berlijnse muur en die ingrijpende gebeurtenis wordt nog steeds elk jaar in het hele

Nadere informatie

De groei voorbij. Jaap van Duijn september 2007

De groei voorbij. Jaap van Duijn september 2007 De groei voorbij Jaap van Duijn september 2007 1 Een welvaartsexplosie Na WO II is de welvaart meer gestegen dan in de 300 jaar daarvoor Oorzaken: inhaalslag, technologische verandering en bevolkingsgroei

Nadere informatie

Uittreksel van 3 havo/vwo, hoofdstuk 4. HOOFDSTUK 4 Europa in beweging. 1 Manchester en de Industriële Revolutie

Uittreksel van 3 havo/vwo, hoofdstuk 4. HOOFDSTUK 4 Europa in beweging. 1 Manchester en de Industriële Revolutie Uittreksel van 3 havo/vwo, hoofdstuk 4 HOOFDSTUK 4 Europa in beweging 1 Manchester en de Industriële Revolutie Manchester u Manchester werd in de negentiende eeuw [ Cottonpolis ] genoemd omdat daar de

Nadere informatie

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research

Toerisme in perspectief. NBTC Holland Marketing Afdeling Research Toerisme in perspectief NBTC Holland Marketing Afdeling Research Inleiding In dit rapport wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van trends en ontwikkelingen in het (internationaal) toerisme en de factoren

Nadere informatie

Belangen: Rusland versus de EU

Belangen: Rusland versus de EU Belangen: Rusland versus de EU Korte omschrijving werkvorm Leerlingen denken na over de redenen waarom Rusland en de EU zich met het conflict in Oekraïne bemoeien. Dit doen zij door eerst een tekst te

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 16 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 dinsdag 16 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Examen HAVO 2015 tijdvak 2 dinsdag 16 juni 13.30-16.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Dit examen bestaat uit 34 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Samenvatting Arm en rijk

Samenvatting Arm en rijk Samenvatting Arm en rijk 1 Samenvatting Arm en rijk 1 Mexico en de Verenigde Staten: een wereld van verschil De hoofdvraag van dit hoofdstuk is: Wat zijn de economische, demografische en sociaal-culturele

Nadere informatie

AARDRIJKSKUNDE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

AARDRIJKSKUNDE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 AARDRIJKSKUNDE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname

Nadere informatie

geschiedenis geschiedenis

geschiedenis geschiedenis Examen HAVO 2009 tijdvak 1 woensdag 20 mei 9.00-12.00 uur tevens oud programma geschiedenis geschiedenis Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 30 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 dinsdag 26 mei 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1 dinsdag 26 mei 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2009 tijdvak 1 dinsdag 26 mei 9.00-11.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 57 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 woensdag 22 juni 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 woensdag 22 juni 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2011 tijdvak 2 woensdag 22 juni 9.00-11.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 32 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 62 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

SO 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2012-2013. Staat en Natie. Dit SO bestaat uit 37 vragen. 29 openvragen en 8 meerkeuze vragen.

SO 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2012-2013. Staat en Natie. Dit SO bestaat uit 37 vragen. 29 openvragen en 8 meerkeuze vragen. SO 2 Tijdvak I AVONDMAVO 2012-2013 Staat en Natie Dit SO bestaat uit 37 vragen. 29 openvragen en 8 meerkeuze vragen. In de 17 e en de 18 e eeuw ontstond er in Europa een politieke en filosofische stroming,

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer vwo 2003-II

Eindexamen maatschappijleer vwo 2003-II Opgave 1 Armoede en werk 1 Het proefschrift bespreekt de effecten van het door twee achtereenvolgende kabinetten-kok gevoerde werkgelegenheidsbeleid. / De titel van het proefschrift heeft betrekking op

Nadere informatie

De Brabantse woningmarkt

De Brabantse woningmarkt De Brabantse woningmarkt Futura 31 oktober 2011 Frits Oevering De Brabantse woningmarkt Agenda Vraag naar woningen Regionale variatie in Nederland Omvang vraag Koopkracht Macro Verstrekkingsvoorwaarden

Nadere informatie

Programmering Leerstof & Toetsing 2011 2012

Programmering Leerstof & Toetsing 2011 2012 Vak: ASW, Algemene Sociale Wetenschappen onderdeel Leerjaar CB2 toetsvorm toetstijd 33 34 35 36 Wereldhandel, Peper en nootmuskaat, tekst: 1. Amsterdam, wereldstad 2. Peperduur, 5. VOC: samen sterk, 6.

Nadere informatie

Examenopgaven VMBO-GL en TL 2004

Examenopgaven VMBO-GL en TL 2004 Examenopgaven VMBO-GL en TL 2004 tijdvak 2 woensdag 23 juni 9.00-11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING VBO-MAVO-D Gebruik het bronnenboekje. Dit examen

Nadere informatie

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB

GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Examen VMBO-KB 2005 tijdvak 1 woensdag 25 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE KB Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 35 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 50 punten

Nadere informatie

1. De bevolkingsspreiding en -groei in de wereld

1. De bevolkingsspreiding en -groei in de wereld Hoofdstuk 3 Socio- economische verscheidenheid 1. De bevolkingsspreiding en -groei in de wereld 1.1 De wereldblokken Noteer per reeks welk gemeenschappelijk thema je kan herkennen. REEKS 1 Thema:.. REEKS

Nadere informatie

*spreidingspatronen van migranten- en andere bevolkingsgroepen in grote steden beschrijven oude woonwijken achterstandswijk/buurt

*spreidingspatronen van migranten- en andere bevolkingsgroepen in grote steden beschrijven oude woonwijken achterstandswijk/buurt Specificaties examenprogramma Aardrijkskunde vmbo Migratie en de multiculturele samenleving BB Explicitering bij de eindtermen De kandidaat kan Onderdeel 1 de maatschappelijke en ruimtelijke segregatie

Nadere informatie

Zwart Afrika. Oorspronkelijke bevolking: donkere huidskleur

Zwart Afrika. Oorspronkelijke bevolking: donkere huidskleur Zwart Afrika Wereldzone: ZWART-AFRIKA Vegetatie Zwart-Afrika Oorspronkelijke bevolking: donkere huidskleur Klimatogram Antalaha, Madagaskar Klimatogram Limpopo, Zuid-Afrika Zwart-Afrika (het gedeelte van

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2005

Examen VMBO-GL en TL 2005 Examen VMBO-GL en TL 2005 tijdvak 2 dinsdag 21 juni 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 41 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Kiezen Theorieles 1 1 Schriftelijke toets

Kiezen Theorieles 1 1 Schriftelijke toets A. LEER EN TOETSPLAN Onderwerp: Kiezen Kerndoel(en): 40 De leerling leert betekenisvolle vragen te stellen over maatschappelijke kwesties 46 De leerling leert in de eigen omgeving effecten te herkennen

Nadere informatie

GEBIEDEN. 5 havo 3 Indonesië 1-7

GEBIEDEN. 5 havo 3 Indonesië 1-7 GEBIEDEN 5 havo 3 Indonesië 1-7 Intro: waarom een hoofdstuk over Indonesië? Regionale toepassing van de algemene hoofdstukken Indonesië is, evenals de rest van Zuidoost-Azië, erg in beweging Gebiedskenmerken

Nadere informatie

Canon en kerndoelen geschiedenis PO

Canon en kerndoelen geschiedenis PO Canon en kerndoelen geschiedenis PO bron: http://www.entoen.nu/primair-onderwijs/didactisch-concept/leerplan-(slo)/geschiedenis In dit hoofdstuk over canon en geschiedenis wordt eerst ingegaan op de recente

Nadere informatie

Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie

Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie Rijksuniversiteit Groningen Nameting kennis en argumentatie Instructie onderdeel kennis: Hieronder staan 22 vragen over tijdvak 6 en 7. Probeer de vragen zo goed mogelijk te beantwoorden. Omcirkel met

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2004-I

Eindexamen aardrijkskunde vwo 2004-I 4 Beoordelingsmodel Politiek en ruimte Opgave 1 1 separatisme 2 Voorbeelden van juiste terreinen zijn: cultuur onderwijs per juist terrein 1 3 Juiste bevolkingskenmerken verwijzen naar: de sociaal-economische

Nadere informatie

Aardrijkskunde in de Tweede Fase 2011

Aardrijkskunde in de Tweede Fase 2011 Aardrijkskunde in de Tweede Fase 2011 Aardrijkskunde is in drie kenmerkende profieldelen een keuzevak. - in het profiel Cultuur en Maatschappij moet er een keuze gemaakt worden uit Aardrijkskunde en Economie

Nadere informatie

Macht en waarden in de wereldpolitiek

Macht en waarden in de wereldpolitiek Rik Coolsaet Macht en waarden in de wereldpolitiek Actuele vraagstukken in de internationale politiek Editie 2006-2007 2 Inhoud Inleiding... Deel 1. De jaren 90: het transitiedecennium 1. Van illusie naar

Nadere informatie

Noem de letters H t/m J en zeg welke oceaan het is. H = de Grote Oceaan (Stille Oceaan), I = de Atlantische Oceaan, J = de Indische Oceaan

Noem de letters H t/m J en zeg welke oceaan het is. H = de Grote Oceaan (Stille Oceaan), I = de Atlantische Oceaan, J = de Indische Oceaan Thuistopo. Noem de letters A t/m G en zeg welk werelddeel het is. A = Noord-Amerika, B = Europa, C = Azië, D = Zuid-Amerika, E = Afrika, F = Australië, G = Zuidpool/Antarctica Noem de letters H t/m J en

Nadere informatie

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 1 donderdag 26 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk.

Examen VWO. aardrijkskunde. tijdvak 1 donderdag 26 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Examen VWO 2016 tijdvak 1 donderdag 26 mei 13.30-16.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Gebruik De Grote Bosatlas, 54e druk. Dit examen bestaat uit 32 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800

Tijd van pruiken en revoluties 1700 1800 Onderzoeksvraag: Op welke gebieden wilden de Verlichtingsfilosofen de bestaande maatschappij veranderen? Rationalisme = het gebruiken van gezond verstand (rede/ratio) waarbij kennis gaat boven tradities

Nadere informatie

Mens en maatschappij (aardrijkskunde, economie, geschiedenis, godsdienst)

Mens en maatschappij (aardrijkskunde, economie, geschiedenis, godsdienst) Mens en maatschappij (aardrijkskunde, economie, geschiedenis, godsdienst) Kerndoelen 36. De leerling leert betekenisvolle vragen te stellen over maatschappelijke kwesties en verschijnselen, daarover een

Nadere informatie

Bijlage HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1. Bronnenboekje. HA-0131-a-10-1-b

Bijlage HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 1. Bronnenboekje. HA-0131-a-10-1-b Bijlage HAVO 2010 tijdvak 1 aardrijkskunde Bronnenboekje HA-0131-a-10-1-b Wereld Opgave 1 Een demografische vergelijking tussen Nederland en Japan Bevolkingsdiagrammen van Japan en Nederland in 2014 en

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL 2005

Examen VMBO-GL en TL 2005 Examen VMBO-GL en TL 2005 tijdvak 1 woensdag 25 mei 9.00 11.00 uur GESCHIEDENIS EN STAATSINRICHTING CSE GL EN TL Gebruik het bronnenboekje. Dit examen bestaat uit 38 vragen. Voor dit examen zijn maximaal

Nadere informatie

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 woensdag 24 juni 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. aardrijkskunde. tijdvak 2 woensdag 24 juni 9.00-11.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2009 tijdvak 2 woensdag 24 juni 9.00-11.30 uur aardrijkskunde Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 52 punten te behalen. Voor elk

Nadere informatie

1. Het begrip kan weg, omdat de overgebleven begrippen. Het begrip kan ook weg, omdat de overgebleven begrippen

1. Het begrip kan weg, omdat de overgebleven begrippen. Het begrip kan ook weg, omdat de overgebleven begrippen Welk Woord Weg Dynamiek en Stagnatie Aanloop 1. commerciële landbouw moedernegotie malthusiaanse spanning - nijverheid 2. waterschappen feodaliteit gilden - Hanze 3. stapelmarkt nijverheid Nederlanden

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde oud progr vwo 2010 - I

Eindexamen aardrijkskunde oud progr vwo 2010 - I Migratie en mobiliteit Opgave 4 Binnenlandse migratie Bestudeer bron 1 die bij deze opgave hoort. Uit de bron valt een verschil op te maken tussen de noord- en de zuidvleugel van de Randstad wat betreft

Nadere informatie