De Payrollovereenkomst

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De Payrollovereenkomst"

Transcriptie

1 2014 De Payrollovereenkomst De zoektocht naar de werkgever binnen de payrollconstructie D Afstudeerscriptie HBO Rechten Auteur: mevr. L. (Laila) Alkadiri Studentnummer: Afstudeerorganisatie: FNV Bondgenoten te Weert Afstudeermentor: Dhr. mr. R.E. de Vries 1 e Afstudeerdocent: Dhr. mr. J.P.E. Lousberg 2 e Afstudeerdocent: mevr. mr. J. Zevenbergen Afstudeerperiode: 3 februari 2014 t/m 9 mei 2014 Eindhoven, mei

2 Titel: De payrollovereenkomst Ondertitel: De zoektocht naar de werkgever binnen de payrollconstructie Auteur: Studentnummer: Academie: Studierichting: Onderwijslocatie: Blok: Afstudeerorganisatie: Afstudeermentor: Eerste afstudeerdocent: Tweede afstudeerdocent: Afstudeerperiode: Mevr. L. (Laila) Alkadiri Juridische Hogeschool Avans-Fontys HBO-Rechten s-hertogenbosch E3 & E4 FNV Bondgenoten te Weert Dhr. mr. R.E. de Vries Dhr. mr. J.P.E. Lousberg Mevr. mr. J. Zevenbergen 3 februari mei 2014 Classificatie: Intern Plaats & maand van verschijning: Eindhoven, mei

3 Voorwoord Voor u ligt mijn afstudeerscriptie De payrollovereenkomst welke is geschreven in het kader van de afronding van mijn opleiding HBO-Rechten aan de Juridische Hogeschool Avans- Fontys te s-hertogenbosch. Gedurende mijn opleiding lag mijn interesse voornamelijk bij het rechtsgebied arbeidsrecht. Dit is ook de reden waarom ik als onderwerp voor mijn scriptie heb gekozen voor een vraagstuk binnen het arbeidsrecht. Bij FNV Bondgenoten heb ik de mogelijkheid gekregen om aan deze scriptie te mogen werken. Na overleg met mijn afstudeerbegeleider, de heer mr. R.E. de Vries, en de regiomanager van FNV bondgenoten te Weert, mevrouw mr. M. Slots, kwam ik al snel tot een geschikt onderwerp voor mijn scriptie. De vraag die in deze scriptie centraal staat is: Hoe worden de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie door rechters gekwalificeerd? Aan de hand van de beantwoording van de centrale vraag worden aan de juristen van FNV bondgenoten aanbevelingen gedaan die een bijdrage kunnen leveren aan de behandeling van payroll-dossiers. Ik zou graag van de mogelijkheid gebruik willen maken om een paar mensen te bedanken. Allereerst wil ik graag mijn collega s bij FNV Bondgenoten bedanken voor de leuke tijd die ik daar heb mogen ervaren. Ondanks dat ik een stagiaire was, ben ik binnen het team opgenomen alsof ik een volwaardige collega was. Hierdoor heb ik met veel plezier en enthousiasme aan mijn scriptie kunnen werken. In het bijzonder wil ik mijn stagebegeleider, de heer mr. R. de Vries, bedanken voor zijn uitstekende begeleiding. Mede dankzij zijn enthousiasme en feedback onder het genot van een kopje darjeeling is deze scriptie tot stand gekomen. Tevens wil ik graag mijn afstudeerdocent, de heer mr. J.P. E. Lousberg bedanken voor zijn uitstekende begeleiding en zijn altijd kritische kijk op mijn geschreven stukken. Zijn feedback heeft mij op een andere manier naar mijn eigen werk laten kijken waardoor ik het beste uit mezelf heb kunnen halen. Ik wil daarnaast mevrouw mr. J. Zevenbergen graag bedanken voor haar rol als tweede afstudeerdocent. Tot slot wil ik mijn ouders bedanken voor hun steun op de momenten waarop ik het nodig had. Ik wens iedereen veel leesplezier toe. Laila Alkadiri Eindhoven, mei

4 Inhoudsopgave Samenvatting Lijst met afkortingen 1 Inleiding De organisatie De aanleiding van het onderzoek De centrale vraag De doelstelling van de scriptie De belanghebbende Methode van onderzoek Betrouwbaarheid Validiteit Leeswijzer 10 2 Overeenkomsten krachtens welke arbeid wordt verricht De arbeidsovereenkomst Het juridisch kader Het element persoonlijk arbeid verrichten Het element tegenbetaling van loon Het element in dienst van Het element gedurende zekere tijd Jurisprudentie Groen/Schroevers Relevante feiten Beoordeling Stichting Thuiszorg Rotterdam/PGGM Relevante feiten Beoordeling Deelconclusie De overeenkomst van opdracht Het juridisch kader Deelconclusie Rechtsvermoeden De uitzendovereenkomst Het juridisch kader Deelconclusie 21 3 De Payrollovereenkomst De vormen van payrolling Het juridisch kader Vergelijking payrollovereenkomst met de uitzendovereenkomst Vergelijking payrollovereenkomst met de arbeidsovereenkomst Toetsing aan de elementen uit artikel 7:610 lid 1 BW Deelconclusie 29 3

5 4 Payrolling in de praktijk Van der Male/Den Hoedt Relevante feiten Beoordeling Stichting Thuiszorg Rotterdam/PGGM Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf Apollo Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf WGI Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf SDWE Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf Stafflease Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf BDG Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf Iterra Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf Mutua Fides Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf Stafflease Relevante feiten Beoordeling Payrollbedrijf BDG Relevante feiten Beoordeling Deelconclusie 41 5 Conclusies en aanbevelingen Conclusies Aanbevelingen 43 Literatuur- en bronnenlijst 44 4

6 Samenvatting De payrollovereenkomst is een niet in de wet vastgelegde overeenkomst. De payrollconstructie biedt werkgevers de mogelijkheid om hun personeelsaangelegenheden uit handen te geven. Binnen de payrollconstructie zijn drie partijen betrokken, namelijk de werknemer, de opdrachtgever en het payrollbedrijf. Binnen deze constructie is er sprake van een onderscheid tussen het formele werkgeverschap en het materiële werkgeverschap. De opdrachtgever wordt aangemerkt als de materiële werkgever en het payrollbedrijf als de formele werkgever. De payrollovereenkomst komt in diverse vormen voor. Er kan echter een onderscheid worden gemaakt tussen twee hoofdvormen. De eerste hoofdvorm van payrolling is dat de werkgever zijn werkgeverschap overdraagt aan een payrollbedrijf. De werkgever draagt zijn werkgeverschap over door zijn werknemer in dienst te laten treden bij een payrollbedrijf, waarna de werkgever dezelfde werknemer weer inleent van het desbetreffende payrollbedrijf. De tweede vorm van payrolling is dat de opdrachtgever de werknemer zelf selecteert en werft, waarna de desbetreffende werknemer een arbeidsovereenkomst tekent met een payrollbedrijf. Doordat de payrollovereenkomst een niet in de wet vastgelegde overeenkomst is, is het voor FNV Bondgenoten, een organisatie die de belangen van haar leden behartigt op het gebied van werk en inkomen, in payrolldossiers niet altijd helder wie zij als werkgever dienen aan te merken. Om die reden is in opdracht van FNV Bondgenoten onderzocht hoe de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie door rechters worden gekwalificeerd. Om tot de beantwoording van de onderzoeksvraag te komen, is recente jurisprudentie geraadpleegd. In de Payroll-Cao die van september 2006 tot en met 21 december 2011 gold, was bepaald dat de payrollovereenkomst een bijzondere vorm is van de arbeidsovereenkomst conform artikel 7:690 lid 1 BW. Uit onlangs gewezen uitspraken inzake payrolling is gebleken dat rechters in tegenstelling tot hetgeen in de Payroll-Cao was opgenomen, oordelen dat de payrollovereenkomst op grond van de memorie van toelichting niet aangemerkt kan worden als een uitzendovereenkomst in de zin van artikel 7:690 BW. Op grond van de memorie van toelichting dient immers sprake te zijn van het vervullen van een allocatiefunctie, oftewel het gericht bij elkaar brengen van vraag en aanbod met betrekking tot arbeid bij de beoordeling of er sprake is van het ter beschikking stellen in het kader van beroep of bedrijf. Aangezien binnen de payrollconstructie de werving en selectie van de werknemer(s) niet plaatsvindt door het payrollbedrijf maar door de opdrachtgever hebben rechters geoordeeld dat er binnen de constructie geen sprake is van uitzenden als bedoeld in artikel 7:690 BW waardoor de payrollovereenkomst niet als een uitzendovereenkomst kan worden gekwalificeerd. Bij de vraag tussen welke partijen sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW blijkt dat rechters ter bescherming van de werknemer in alle gevallen oordelen dat tussen de opdrachtgever en de werknemer sprake is van een arbeidsovereenkomst, ondanks dat er geen arbeidsovereenkomst is aangegaan. Daarnaast blijkt dat rechters ondanks dat het loon wordt uitbetaald door het payrollbedrijf door de route van de geldstroom heenkijken, aangezien het geld materieel afkomstig is van de opdrachtgever en betaling niet meer is dan een betaling die door een derde, oftewel het payrollbedrijf wordt overgenomen. Het payrollbedrijf heeft wel een betalingsverplichting jegens de werknemer, aangezien het payrollbedrijf zich blijkens de schriftelijke overeenkomst bij wijze van overeenkomst sui generis verbindt tot betaling van het loon. Ondanks dat in de rechtspraak is beslist dat door een payrollconstructie heen gekeken dient te worden, is door de rechtbank Den Haag beslist dat het gebruikmaken van een payrollconstructie niet onrechtmatig is. Naar aanleiding van hetgeen uit het onderzoek is voortgekomen, wordt aan de juristen van FNV Bondgenoten geadviseerd om bij payroll-zaken waarin zij in opdracht van de werknemer dienen te procederen, primair de opdrachtgever en subsidiair het payrollbedrijf te dagvaarden. 5

7 Lijst van afkortingen Art. Artikel BBA Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 BW FNV HR JAR m.nt. MvT Rb. r.o. UWV VPO Burgerlijk Wetboek Federatie Nederlandse Vakbeweging Hoge Raad Jurisprudentie Arbeidsrecht met noot Memorie van Toelichting Rechtbank rechtsoverweging Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen De Vereniging Payroll Ondernemingen

8 1. Inleiding In dit hoofdstuk zal een beschrijving worden gegeven van het onderwerp van de scriptie. Allereerst zal er worden ingegaan op de organisatie waarvoor het onderzoek is uitgevoerd, waarna de aanleiding van het onderzoek uiteen zal worden gezet. Daaropvolgend wordt de centrale vraagstelling en de doelstelling van de scriptie geformuleerd. Er zal in dit hoofdstuk tevens worden ingegaan op de methoden van onderzoek en de onderzoeksstrategieën die tijdens het onderzoek zijn toegepast. Tot slot zal er een opbouw worden gegeven van de scriptie. 1.1 De organisatie 1 Het onderzoek is in opdracht van FNV Bondgenoten te Weert uitgevoerd. De vereniging FNV Bondgenoten is de grootste vakbond in de marktsector. FNV Bondgenoten maakt deel uit van de vakcentrale de Federatie Nederlandse Vakbeweging (FNV) en werkt intensief samen met andere vakbonden. FNV Bondgenoten telt circa leden in de sectoren industrie, dienstverlening, vervoer, voeding, metaal en handel. De vakbond behartigt sinds 1 januari 1998 de belangen van haar leden op het gebied van werk en inkomen. Voor werkgevers en overheid is FNV Bondgenoten een kritische, zelfbewuste onderhandelingspartner. De vakbond stelt haar leden in staat hun positie te versterken en hun wensen te realiseren. FNV Bondgenoten denkt en werkt vanuit een visie waarin democratie, mensenrechten en duurzaamheid centraal staan. Het hoofdkantoor van FNV Bondgenoten is gevestigd in Utrecht. De vakbond heeft regiokantoren in Amsterdam, Deventer, Groningen, Rotterdam en Weert. De vakbond is onderverdeeld in de Divisie Collectief en de Divisie Individuele Dienstverlening. In de periode van februari 2014 tot en met mei 2014 heb ik mijn onderzoek uitgevoerd op de Divisie Individuele Dienstverlening op het regiokantoor te Weert. Binnen de Divisie Individuele Dienstverlening wordt kwalitatief hoogwaardig juridisch advies verleend aan de leden op het gebied van arbeidsrecht en sociaal zekerheidsrecht. Binnen de afdeling zijn procesjuristen en kwestiebehandelaars werkzaam. 1.2 De aanleiding van het onderzoek Op 30 november 2013 is FNV Bondgenoten een campagne gestart voor koopkracht en echte banen. 2 De vakbond wil namelijk af van payrolling en andere constructies, waarbij mensen onzeker zijn over hun baan en toekomst. FNV Bondgenoten stelt namelijk dat payrolling en flexbanen niets met flexibiliteit te maken hebben waar de overheid en andere werkgevers om vragen, maar met ondermijning van de rechten van werknemers. 3 Volgens FNV Bondgenoten zijn banen en inkomenszekerheid belangrijk voor de koopkracht en dus herstel van vertrouwen en de economie. 4 De payrollovereenkomst is na de intreding van de Wet flexibiliteit en zekerheid in 1999 erg populair onder werkgevers. De overeenkomst wordt ook wel gezien als de nieuwe vorm van flexibele arbeid. Er is tot op heden nog geen wettelijke regeling voor payrolling opgenomen in het Burgerlijk Wetboek. In de Payroll-cao die van september 2006 tot en met 21 december 2011 gold, was een definitie opgenomen van de payrollovereenkomst. In de cao was opgenomen dat de payrollovereenkomst een bijzondere vorm is van de 1 <www.fnvbondgenoten.nl>zoek op: onze missie, geraadpleegd op 22 januari <www.fnvbondgenoten.nl>zoek op: onze missie, geraadpleegd op 22 januari <www.fnvbondgenoten.nl>zoek op: campagne koopkracht en echte banen, geraadpleegd op 22 januari < zoek op: sectoren, branche uitzendkrachten, nieuws, payroll-medewerkers agentschap NI, geraadpleegd op 22 januari

9 arbeidsovereenkomst conform artikel 7:690 lid 1 BW. 5 De cao was van toepassing op payrollbedrijven die lid zijn van de Vereniging Payroll Ondernemingen (hierna: VPO) en waarvan de bedrijfsactiviteiten uitsluitend bestaan uit payrollen. 6 De payrollovereenkomst werd als volgt gedefinieerd: De arbeidsovereenkomst waarbij de werknemer door de werkgever, in het kader van de uitoefening van het beroep of bedrijf van de werkgever ter beschikking wordt gesteld van een derde om krachtens een door deze aan de werkgever verstrekte - in beginsel langdurige opdracht arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de derde. De payrollovereenkomst komt tot stand na werving van de werknemer door de derde, niet door de werkgever. De werkgever vervult in redelijkheid de taken die hij van rechtswege als werkgever draagt en de dienstverlening van de ter beschikking stellende werkgever richt zich in het bijzonder op betaling van het loon en de daarmee samenhangende loonadministratie. De werkgever is niet gerechtigd de werknemer ter beschikking te stellen van andere ondernemingen dan de onderneming van de derde, anders dan in geval van re-integratie wegens arbeidsongeschiktheid of wegvallen van de opdracht bij de derde. Op grond van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat bij een payrollovereenkomst drie partijen betrokken zijn, namelijk de werknemer, de derde en de werkgever. De payrollovereenkomst wordt om die reden ook wel gezien als een driehoeksverhouding tussen de werknemer, de opdrachtgever en het payrollbedrijf. De toelaatbaarheid van payrolling als nieuwe contractvorm in het arbeidsrecht is al enige jaren onderwerp van debat. 7 Op twaalf en dertien december 2012 tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kwam vanuit een deel van de Tweede Kamer scherpe kritiek op payrolling. 8 Niet alleen FNV Bondgenoten maar ook een deel van de Tweede Kamer is van mening dat met payrolling arbeidsrechtelijke bescherming wordt omzeild. Het is dus nog maar de vraag op de bij payrolling bestaande arbeidsrechtelijke driehoeksverhouding tussen de werknemer, de opdrachtgever en het payrollbedrijf verenigbaar is met het arbeidsrecht. 9 Bij een payrollovereenkomst wordt het juridisch werkgeverschap van de opdrachtgever overgedragen aan een payrollbedrijf. 10 In een payroll-constructie is de werknemer formeel gezien in dienst van het payrollbedrijf. De werknemer wordt echter permanent bij de opdrachtgever gedetacheerd, waardoor de opdrachtgever als de materiële werkgever wordt gezien. 11 De werknemer die in dienst is op grond van een payrollovereenkomst heeft in de meeste gevallen geen of nauwelijks contact met zijn of haar formele werkgever. De taak van de formele werkgever, oftewel het payrollbedrijf blijft in de meeste gevallen beperkt tot het betalen van het salaris. De opdrachtgever, ook wel gezien als de materiële werkgever oefent in de payroll-constructie het gezag uit over de werknemer. Doordat er binnen de payrollovereenkomst een verschil zit tussen het formele werkgeverschap en het materiële werkgeverschap, is het niet altijd duidelijk wie arbeidsrechtelijk als werkgever kan worden aangemerkt en op wie verplichtingen rusten. Voor FNV-Bondgenoten is het in payroll-dossiers niet altijd duidelijk wie als werkgever dient te worden aangemerkt. Het onderscheid tussen de formele en materiële werkgever is 5 J.P.H. Zwemmer, waarom de payrollonderneming geen (uitzend)werkgever is, TRA 2009/2 p. 7. en artikel 6 lid 6 cao voor Medewerkers van Payroll Ondernemingen Artikel 2 Cao voor medewerkers van Payroll Ondernemingen J.P.H. Zwemmer, Wie is de werkgever en welke verplichtingen hebben het payrollbedrijf en de opdrachtgever jegens de werknemer?, (diss. Amsterdam UvA), Deventer: Kluwer 2013, p J.P.H. Zwemmer, Wie is de werkgever en welke verplichtingen hebben het payrollbedrijf en de opdrachtgever jegens de werknemer?, (diss. Amsterdam UvA), Deventer: Kluwer 2013, p J.P.H. Zwemmer, Wie is de werkgever en welke verplichtingen hebben het payrollbedrijf en de opdrachtgever jegens de werknemer?, (diss. Amsterdam UvA), Deventer: Kluwer 2013, p J.P.H. Zwemmer, Wie is de werkgever en welke verplichtingen hebben het payrollbedrijf en de opdrachtgever jegens de werknemer?, (diss. Amsterdam UvA), Deventer: Kluwer 2013, p M.A. De Vries, Payrolling: Werkgever gezocht!, Tijdschrift Loonzaken Den Haag: SDU 2013/8, p.22. 8

10 namelijk erg onduidelijk. Aangezien FNV Bondgenoten in payrolling-zaken voor werknemers moet optreden en het lang niet altijd duidelijk is welke partij dient te worden aangesproken, wil FNV Bondgenoten onderzocht hebben hoe de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie door rechters worden gekwalificeerd? 1.3 Centrale vraag Hoe worden de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie door rechters gekwalificeerd? 1.4 Doelstelling scriptie Op 26 mei 2014 wordt aan de opdrachtgever FNV Bondgenoten te Weert en de Juridische Hogeschool Avans-Fontys, een praktijkgericht beschrijvend onderzoek aangereikt inzake de wijze waarop rechters de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie kwalificeren. De conclusies naar aanleiding van het onderzoek geven de juristen binnen FNV Bondgenoten een duidelijker inzicht over wie als werkgever aangemerkt en aangesproken dient te worden bij payrollling. De uitkomsten van het onderzoek kunnen daarnaast als basis voor juridisch advies dienen aan de leden van FNV Bondgenoten die binnen een payrollconstructie werkzaam zijn. 1.5 Belanghebbende Het onderzoek zal primair worden uitgevoerd voor FNV Bondgenoten te Weert. De resultaten van het onderzoek kunnen tevens interessant zijn voor andere vestigingen van FNV Bondgenoten en andere instanties die te maken hebben met payroll-constructies. 1.6 Methode van onderzoek De onderzoeksstrategieën die onder andere tijdens de beantwoording van de centrale vraag zijn toegepast, zijn een literatuuronderzoek en jurisprudentieonderzoek. Door middel van het literatuuronderzoek en het jurisprudentieonderzoek is voldoende kennis over het onderwerp vergaard om een juridisch kader te kunnen vormen. De volgende bronnen zijn tijdens het onderzoek geraadpleegd: De wet; Jurisprudentie; Literatuur; Elektronische bronnen; Kamerstukken; Vakbladen; Dossiers. 9

11 Bij de beantwoording van de deelvragen is voornamelijk gebruik gemaakt van de wet, literatuur en jurisprudentie. De informatie die uit de eerder genoemde bronnen zijn verkregen, zijn geanalyseerd en geselecteerd alvorens ze zijn opgenomen in de scriptie. Op deze wijze is de betrouwbaarheid en kwaliteit van de scriptie gewaarborgd. De informatie die opgenomen is in hoofdstuk twee en drie is gebaseerd op Nederlandse wetgeving, jurisprudentie en literatuur uit betrouwbare handboeken en gerenommeerde vakbladen die tijdens het onderzoek zijn geraadpleegd. Bij het gebruik van de bronnen is goed gekeken naar het jaar van uitgave om te kunnen oordelen of de geraadpleegde bronnen nog actueel zijn. Voor hoofdstuk vier van de scriptie is gebruik gemaakt van jurisprudentie en met name recente uitspraken inzake payrolling. Op deze wijze is een duidelijk beeld ontstaan over payrolling in de praktijk. Daarnaast is door het uiteenzetten van recente uitspraken een duidelijk beeld ontstaan over de wijze waarop rechters de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie kwalificeren. 1.7 Betrouwbaarheid Om de betrouwbaarheid van het onderzoek te waarborgen is er voorafgaand aan het onderzoek een duidelijk onderzoeksplan opgesteld. Zoals reeds in de voorgaande paragrafen is aangegeven, is er tijdens het onderzoek gebruik gemaakt van betrouwbare bronnen. Als ondersteuning hiervan is gebruik gemaakt van een duidelijke bronvermelding volgens Leidraad voor juridische auteurs. Daarnaast is bij het gebruik van de bronnen gekeken of de geraadpleegde bronnen actueel zijn. De literatuur die tijdens het onderzoek is gebruikt, is kritisch beoordeeld op kwaliteit en betrouwbaarheid. Om zeker te zijn van de betrouwbaarheid van de inhoud, is gebruik gemaakt van literatuur van diverse auteurs, om hiermee de kwaliteit en de betrouwbaarheid van het onderzoek te waarborgen. De wetteksten en jurisprudentie die gebruikt zijn, zijn niet op betrouwbaarheid getoetst, aangezien de wet en jurisprudentie als onbetwistbare gezaghebbende bronnen worden gekenmerkt. Het voordeel van de bronnen die tijdens het onderzoek zijn geraadpleegd, is dat de onderzoekster geen invloed heeft kunnen uitoefenen op de bronnen. 1.8 Validiteit De validiteit van het onderzoek is gewaarborgd door de onderzoeksresultaten regelmatig te bespreken met de stagebegeleider, dhr. mr. R.E. de Vries, procesjurist bij FNV Bondgenoten te Weert. Op deze wijze is de wijze waarop het onderzoeksproces verloopt regelmatig gecontroleerd. Daarnaast stond tijdens de uitvoering van het onderzoek alles in het teken van het behalen van de in paragraaf vier opgenomen doelstelling. Uit de verkregen informatie is op basis van juridische relevantie een selectie gemaakt van feiten en gegevens. De verworven gegevens zijn gecontroleerd, waarna een verband is gelegd en conclusies zijn getrokken, waarvan deze scriptie het resultaat is. Tot slot is de centrale vraagstelling van het onderzoek zo afgebakend dat de informatie die niet relevant is voor het onderzoek is vermeden. Op deze wijze heeft de onderzoeker getracht de validiteit van het onderzoek te waarborgen. 1.9 Leeswijzer In deze scriptie is ieder hoofdstuk voorzien van een korte inleiding. In de inleiding wordt in het kort beschreven wat in het hoofdstuk zal worden besproken en wat het doel is van het desbetreffende hoofdstuk. In hoofdstuk twee wordt ingegaan op de overeenkomsten krachtens welke arbeid wordt verricht. Er wordt ingegaan op de arbeidsovereenkomst, de overeenkomst van opdracht en de uitzendovereenkomst. In het hoofdstuk wordt tevens ingegaan op relevante jurisprudentie. In het derde hoofdstuk staat de payrollovereenkomst centraal. De vormen van payrolling worden besproken, waarna de payrollovereenkomst 10

12 wordt vergeleken met de uitzendovereenkomst en de arbeidsovereenkomst. In het vierde hoofdstuk wordt met behulp van jurisprudentie in kaart gebracht hoe rechters de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie aanmerken. Tot slot worden in hoofdstuk vijf de conclusies van het onderzoek gegeven en worden er aanbevelingen gedaan aan de opdrachtgever waarvoor het onderzoek is verricht. Voor het leesgemak wordt in deze scriptie de werknemers telkens in de mannelijke vorm aangeduid. 2. De overeenkomsten krachtens welke arbeid wordt verricht Zoals in hoofdstuk 1 is aangegeven zal in deze scriptie antwoord worden gegeven op de vraag hoe rechters de rechtsverhoudingen binnen de payrollconstructie kwalificeren. Om een antwoord te geven op de vraag dient eerst te worden gekeken wat een payrollovereenkomst is. Het juridisch kader van de payrollovereenkomst zal in hoofdstuk drie van de scriptie uiteen worden gezet. In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de overeenkomsten krachtens welke arbeid wordt verricht. De payrollovereenkomst is een van die overeenkomsten. Behalve op basis van de payrollovereenkomst kan arbeid worden verricht op basis van diverse andere overeenkomsten. Er zal in dit hoofdstuk worden ingegaan op de volgende overeenkomsten: de arbeidsovereenkomst, de overeenkomst van opdracht en de uitzendovereenkomst. Door de eerder genoemde overeenkomsten op juridische wijze te behandelen, zal er een duidelijk beeld ontstaan van de problematiek rondom de payrollovereenkomst. In dit hoofdstuk zal niet worden ingegaan op de overeenkomst tot aanneming van werk, aangezien het bij twijfel over het bestaan van een arbeidsovereenkomst altijd gaat om de vraag of er sprake is van een overeenkomst van opdracht of sprake van een arbeidsovereenkomst. De overeenkomsten liggen immers dicht bij elkaar. De overeenkomst tot aanneming van werk is daarnaast in tegenstelling tot de eerder genoemde overeenkomsten een overeenkomst die ziet op arbeid welke dient te leiden tot een werk van stoffelijke aard. Een zelfstandige met een overeenkomst tot aanneming van werk kiest er bewust voor om niet in dienst te treden bij een werkgever, maar om als zelfstandige onderneming te werken. De overeenkomst tot aanneming zal om de eerder genoemde redenen in deze scriptie niet worden behandeld. 2.1 De arbeidsovereenkomst In deze paragraaf zal in worden gegaan op de arbeidsovereenkomst Het juridisch kader De arbeidsovereenkomst is een overeenkomst die tot stand komt door aanbod en aanvaarding. 12 De arbeidsovereenkomst is een tweezijdige rechtshandeling tussen twee partijen, namelijk de werkgever en de werknemer. 13 Met een rechtshandeling wordt een handeling bedoeld die iemand uitvoert met de bedoeling een bepaald rechtsgevolg tot stand te brengen. 14 De overeenkomst kan zowel mondeling als schriftelijk worden aangegaan. 15 De 12 Art. 6:217 BW 13 P.M.H.J. van Grinsven, H.C. Geugjes & H.N.M Soemers, Arbeidsrecht begrepen, Den Haag: Boom juridische uitgevers 2013, p <Www.wikipedia.nl> zoek op: rechtshandeling, geraadpleegd op 24 januari

13 juridische definitie van een arbeidsovereenkomst is neergelegd in artikel 7:610 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (Hierna: BW ). De arbeidsovereenkomst is als volgt gedefinieerd: De arbeidsovereenkomst is de overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten. 16 Uit de definitie blijkt dat de volgende vier elementen kenmerkend zijn voor een arbeidsovereenkomst: Persoonlijk arbeid verrichten Tegen betaling van loon In dienst van Gedurende zekere tijd Ondanks dat er boven een overeenkomst bijvoorbeeld overeenkomst van opdracht staat kan er toch sprake zijn van een arbeidsovereenkomst. De naam die boven een overeenkomst staat vermeld is immers niet doorslaggevend. 17 Bij de beoordeling of er sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW dient op grond van vaste jurisprudentie te worden gekeken naar wat partijen bij het aangaan van de overeenkomst hebben beoogd ten aanzien van de elementen en de wijze waarop zij daar feitelijk uitvoering aan hebben gegeven. Niet één enkel kenmerk is beslissend. De elementen moeten in hun onderlinge samenhang worden gezien. Voordat zal worden ingegaan op de jurisprudentie zullen in deze paragraaf de elementen uit artikel 7:610 lid 1 BW worden behandeld Het element persoonlijk arbeid verrichten Het element arbeid verrichten, houdt in dat de werknemer zijn arbeidskracht ter beschikking dient te stellen aan zijn werkgever waartegen de werknemer als tegenprestatie loon ontvangt. Arbeid kan zowel van lichamelijke als geestelijke aard zijn en kan vrijwel elke willekeurige bezigheid zijn. 18 Op grond van jurisprudentie doet de aard van de arbeid niet ter zake. 19 Zelfs slapen kan als arbeid worden aangemerkt in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW. 20 Een belangrijk aspect is dat de arbeid persoonlijk dient te worden verricht. 21 De werknemer mag zijn werkzaamheden, oftewel de arbeid niet door een ander laten verrichten zonder toestemming van zijn werkgever. Indien de werknemer zich zonder toestemming van zijn werkgever laat vervangen door een ander, wordt de overeenkomst niet als arbeidsovereenkomst beschouwd P.M.H.J. van Grinsven, H.C. Geugjes & H.N.M Soemers, Arbeidsrecht begrepen, Den Haag: Boom juridische uitgevers 2013, p.66. en art. 3:37 BW. 16 Art. 7:610 lid 1 BW 17 P.M.H.J. van Grinsven, H.C. Geugjes & H.N.M Soemers, Arbeidsrecht begrepen, Den Haag: Boom juridische uitgevers 2013, p P.F. van der Heijden, J.M. van Slooten & E. Verhulp, Tekst en commentaar: Arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2012, p H.L. Bakels, W.H.A.C.M. Bouwens, M.S. Houwerzijl & W.L. Roozendaal, Schets van het Nederlands arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2013, p HR 15 maart 1991, NJ 1991/ Art. 7:659 BW 22 HR 13 december 1957, NJ 1958/35. 12

14 Het element tegen betaling van loon Met het element tegen betaling van loon wordt de tegenprestatie bedoeld die de werkgever aan de werknemer is verschuldigd voor de door de werknemer verrichte arbeid. 23 De Hoge Raad heeft in het jaar 1953 het begrip loon als volgt gedefinieerd: al datgene, waartoe de werkgever zich als contraprestatie van den door den arbeider te verrichten arbeid verbonden heeft. 24 Het loon dat wordt uitgekeerd dient echter een minimale hoogte te hebben. Een loonafspraak lager dan het vastgestelde minimumloon, is in strijd met de Wet Minimumloon en om die reden nietig. 25 Onder het element loon kunnen ook andere vergoedingen dan geld als loon worden gekwalificeerd. 26 Loon kan immers ook in natura worden uitbetaald. Op grond van jurisprudentie vallen onkostenvergoedingen en fooien van derden echter niet onder het begrip loon, zoals bedoeld in het Burgerlijk Wetboek Het element in dienst van Het element in dienst van wordt ook wel het element gezagsverhouding genoemd. Onder het begrip gezag wordt de bevoegdheid van de werkgever tot het geven van aanwijzingen en instructies verstaan. Bij het bepalen of er sprake is van gezag wordt niet gekeken of er daadwerkelijk instructies en aanwijzingen worden gegeven, maar of de werkgever ze kan geven. 28 Voor het bestaan van een gezagsverhouding is het dus niet vereist dat daadwerkelijk aanwijzingen en instructies worden gegeven. 29 Het is ook niet vereist dat de werkgever in persoon de aanwijzingen of instructies geeft. Indien een leidinggevende of een andere derde de instructies of aanwijzingen geeft wordt er tevens gesproken van een gezagsverhouding tussen werknemer en werkgever. Een voorbeeld van een arrest waarin het element gezagsverhouding centraal stond is het Imam-arrest. De Hoge Raad heeft in het Imam-arrest geoordeeld dat er werd voldaan aan het element gezagsverhouding, ondanks dat de imam grote vrijheid had bij de invulling van zijn werkzaamheden. De imam was immers gebonden aan de tijdstippen van de gebedsdiensten, de hoofddienst op vrijdag en hij diende de periode en duur van zijn vakantie door te geven aan het bestuur. Om die reden werd gesteld dat hij niet geheel vrij was in de wijze waarop hij zijn werkzaamheden uitvoerde, waardoor om die reden sprake was van een gezagsverhouding. 30 Uit het Imam-arrest blijkt dat er voldaan is aan het element gezagsverhouding, indien de werkgever de bevoegdheid heeft aanwijzingen en instructies te geven, ondanks dat de werknemer veel vrijheid heeft bij de uitvoering van zijn werkzaamheden. 23 P.M.H.J. van Grinsven, H.C. Geugjes & H.N.M Soemers, Arbeidsrecht begrepen, Den Haag: Boom juridische uitgevers 2013, p HR 18 december 1953, NJ 1954, 242 (Zaal/Gossink), HR 2 maart 2001 LJN AB1254, JAR 2001/58 (Hotel New York). 25 Het minimum dagloon 2014 voor 23 jaar en ouder bedraagt 68, Art. 7:617 BW 27 HR 3 juni 1981, NJ 1982, 206, HR 18 december 1953, NJ 1954,242 en HR 2 maart 2001 LJN AB1254, JAR 2001/58 (Hotel New York). 28 P.M.H.J. van Grinsven, H.C. Geugjes & H.N.M Soemers, Arbeidsrecht begrepen, Den Haag: Boom juridische uitgevers 2013, p P.F. van der Heijden, J.M. van Slooten & E. Verhulp, Tekst en commentaar: Arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2012, p.7, HR 28 september 1983, NJ 1984, HR 17 juni 1994, NJ 1994,

15 Het element gedurende zekere tijd Het element gedurende zekere tijd is het minst belangrijke element uit artikel 7:610 lid 1 BW. 31 Er kan ook sprake zijn van een arbeidsovereenkomst die maar voor een aantal uur geldt. De wet geeft namelijk geen minimum voor de tijdsduur van een arbeidsovereenkomst Jurisprudentie Bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een arbeidsovereenkomst dienen de regels uit vaste jurisprudentie te worden toegepast. De twee belangrijkste arresten, het Groen/Schoevers-arrest en het StichtingThuiszorg Rotterdam/PGGM-arrest zullen in deze paragraaf worden behandeld Groen/Schoevers Zoals reeds is aangegeven, is de wijze waarop partijen hun rechtsverhouding hebben gekwalificeerd niet doorslaggevend. Indien er twijfel is over het wel of niet bestaan van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW worden de richtlijnen uit vaste jurisprudentie gehanteerd. In het Groen/Schoevers-arrest heeft de Hoge Raad in 1997 duidelijkheid proberen te scheppen over de kwalificatievraag. Hieronder zal een korte uiteenzetting worden gegeven van de relevante feiten uit het arrest, waarna de rechtsregel zal worden gegeven Relevante feiten De heer Groen maakte deel uit van een maatschap met een belastingadviespraktijk. Daarnaast vond hij het leuk om een dag in de week les te geven bij de onderwijsinstelling Schoevers. De heer Groen had uit hoofde van een mondelinge overeenkomst onderwijswerkzaamheden voor en bij onderwijsinstituut Schoevers verricht. De heer Groen diende de richtlijnen van Schoevers in acht te nemen. De lesuren werden door de maatschap gedeclareerd bij Schoevers, waarna de vergoeding werd doorgesluisd naar de heer Groen. Bij de facturen die naar Schoevers werden gezonden werd ook BTW in rekening gebracht. Door Schoevers werd loonbelasting ingehouden noch premies sociale verzekeringen of premies AOW. Daarnaast werd door Schoevers ook geen vakantiegeld uitbetaald. De eerder genoemde zaken zijn op voorstel van Groen overeengekomen. Nadat Schoevers besloot de heer Groen te bedanken voor zijn diensten stelde de heer Groen dat hij niet zomaar kon worden weggestuurd, aangezien hij van mening was dat hij een arbeidsovereenkomst had. De heer Groen stelde dat er tussen hem en Schoevers sprake was van een gezagsverhouding en dat hij als tegenprestatie loon heeft ontvangen, dat aan de vennootschap werd uitbetaald, omdat hij dat zo kon bedingen. Schoevers bepleitte echter dat geen sprake was van een arbeidsovereenkomst maar van een overeenkomst van opdracht, aangezien hij van mening was dat er niet aan de vereisten uit artikel 7:610 lid 1 BW werd voldaan om de rechtsverhouding als arbeidsovereenkomst aan te merken P.M.H.J. van Grinsven, H.C. Geugjes & H.N.M Soemers, Arbeidsrecht begrepen, Den Haag: Boom juridische uitgevers 2013, p P.F. van der Heijden, J.M. van Slooten & E. Verhulp, Tekst en commentaar: Arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2012, p M.J.A.C. Driessen, F.B.J. Grapperhaus, N. Gundt, S. Klosse en W.J.M. Rauws, Het arbeidsrecht in 50 uitspraken, Deventer: Kluwer 2012, p

16 Beoordeling Zowel de rechtbank en het hof als de Hoge Raad concludeerden dat er geen sprake was van een arbeidsovereenkomst. De rechtbank heeft bij de beantwoording van de vraag of er tussen de partijen sprake is van een arbeidsovereenkomst gekeken naar de feiten en omstandigheden van het geval, waarbij zij doorslaggevende betekenis heeft toegekend aan de vraag of partijen totstandkoming van een arbeidsovereenkomst hebben beoogd. De Hoge Raad concludeerde dat de rechtbank kennelijk en terecht tot uitgangspunt heeft genomen dat partijen die een overeenkomst sluiten die strekt tot het verrichten van werk tegen betaling, deze overeenkomst op verschillende wijzen kunnen inrichten, en dat wat tussen hen heeft te gelden wordt bepaald door hetgeen hun bij het sluiten van de overeenkomst voor ogen stond, mede in aanmerking genomen de wijze waarop zij feitelijk aan de overeenkomst uitvoering hebben gegeven en aldus daaraan inhoud hebben gegeven. De Hoge Raad heeft in het Groen/Schoevers arrest geconcludeerd dat de rechtbank met juistheid ervanuit is gegaan dat niet één enkel kenmerk beslissend is, maar dat de verschillende rechtsgevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden in hun onderling verband moeten worden bezien. Bij de vraag of er tussen de heer Groen en Schoevers sprake was van een gezagsverhouding werd geoordeeld dat niet van een arbeidsovereenkomst moet worden gesproken, waarbij de rechtbank mede van betekenis heeft geacht dat ook in geval van een overeenkomst van opdracht de opdrachtgever bevoegd is de opdrachtnemer aanwijzingen te geven volgens artikel 7:204 BW. De Hoge Raad verenigde zich met het oordeel van de rechtbank, waarbij de rechtbank kennelijk mede rekening heeft gehouden met de maatschappelijke positie van de heer Groen en met name in aanmerking heeft genomen dat de wijze van betaling van de tegenprestatie op zijn initiatief is tot stand gekomen. Zowel de rechtbank als de Hoge Raad oordeelde dat er geen sprake was van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW. 34 Uit het Groen/Schoevers-arrest blijkt dat hetgeen tussen partijen heeft te gelden, wordt bepaald door hetgeen hun bij het sluiten van de overeenkomst voor ogen stond. 35 Bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een arbeidsovereenkomst dient er te worden gekeken of de partijen bij het aangaan van de overeenkomst een arbeidsovereenkomst hebben beoogd. Uit het arrest blijkt tevens dat niet alleen moet worden gekeken wat partijen bij het aangaan van de overeenkomst voor ogen stond, maar ook op welke wijze de partijen feitelijk aan de overeenkomst uitvoering hebben gegeven. Daarnaast is bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een arbeidsovereenkomst niet één enkel kenmerk beslissend. De verschillende gevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden moeten in onderling verband worden bezien. 36 In de uitspraak overwoog de Hoge Raad dat bij de vaststelling van de bedoeling van partijen, rekening mocht worden gehouden met de maatschappelijke positie van partijen. 37 De op 14 november 1997 door de Hoge Raad gewezen uitspraak heeft geleid tot de volgende criteria 34 HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 35 HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 36 HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 37 HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 15

17 bij de beoordeling of er sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW: 38 De bedoeling van partijen; De feiten; De elementen uit artikel 7:610 lid 1 BW moeten in hun onderlinge samenhang worden gezien; (De maatschappelijke positie van de partijen.) Het laatste criterium de maatschappelijke positie van de partijen is een criterium dat mag worden gebruikt bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een arbeidsovereenkomst. 39 Het criterium komt in latere jurisprudentie niet meer terug. Om die reden staat het criterium tussen haakjes Stichting Thuiszorg Rotterdam/PGGM Een ander belangrijk arrest bij de beantwoording van de kwalificatievraag of er sprake is van een arbeidsovereenkomst is het Stichting Thuiszorg Rotterdam/PGGM-arrest. In dit arrest werd hetgeen in het Groen/Schoevers arrest is bepaald, bevestigd. Hieronder zal kort worden ingegaan op de feiten waarna het oordeel van de kantonrechter, het hof en de Hoge Raad uiteen zullen worden gezet Relevante feiten De heer Knipscheer werkte op basis van een managementovereenkomst als algemeen directeur van de Stichting Thuiszorg Rotterdam. De heer Knipscheer wilde niet op basis van een arbeidsovereenkomst werken, omdat dat hem anders een pensioenbreuk op zou leveren. Hij wilde niet onder de verplichte PGGM-Pensioenregeling vallen. Aangezien alleen diegenen met een arbeidsovereenkomst onder de PGGM-Pensioenregeling vielen, sloot Thuiszorg Rotterdam bewust geen arbeidsovereenkomst maar een managementovereenkomst met de BV van de heer Knipscheer. PGGM stelde dat de heer Knipscheer op basis van een arbeidsovereenkomst in dienst was bij Thuiszorg Rotterdam en dat Thuiszorg Rotterdam om die reden pensioenpremies voor de heer Knipscheer moest afdragen. Thuiszorg Rotterdam stelde dat zij en de heer Knipscheer als contractpartijen autonomie hadden en dat zowel zij als de heer Knipscheer de gekozen constructie heeft gewild én in de praktijk hebben uitgevoerd, waardoor PGGM daar als derde geen inbreuk op mag maken Beoordeling De rechtbank oordeelde dat er geen mogelijkheid was om de constructie van de partijen te doorbreken, aangezien alleen natuurlijke personen, en geen BV, als werknemer partij kan zijn bij een arbeidsovereenkomst. Het hof was het hier echter niet mee eens. Het hof overwoog dat bij de beantwoording van de vraag of er ondanks het bestaan van een managementovereenkomst sprake is van een arbeidsovereenkomst, niet alleen dient te worden gekeken naar de bedoeling van de partijen maar tevens naar de wijze waarop de partijen aan die overeenkomst uitvoering hebben gegeven, oftewel de feitelijke uitvoering. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht mede tot uitgangspunt heeft genomen dat voor de beoordeling of er sprake was van een arbeidsovereenkomst niet een enkel kenmerk 38 HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 39 HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 40 HR 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA623 (Stichting huiszorg Rotterdam/PGMM). 16

18 beslissend is, maar dat de verschillende rechtsgevolgen die zij aan hun respectievelijke verhoudingen hebben verbonden in hun onderling verband moeten worden bezien, gelet op alle ter zake dienende omstandigheden van het geval. Hiermee werd hetgeen in het Groen/Schoevers-arrest was beslist bevestigd. Het hof kwam tot het oordeel dat er wel degelijk sprake was van een arbeidsovereenkomst en dat in sommige gevallen ook een derde een beroep kan doen op het bestaan van een arbeidsovereenkomst. De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof Deelconclusie Partijen die een overeenkomst sluiten die strekt tot het verrichten van werk tegen betaling, kunnen deze overeenkomst op verschillende wijzen inrichten. Bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW moet op grond van vaste jurisprudentie worden gekeken naar hetgeen partijen bij het sluiten van de overeenkomst hebben beoogd, mede in aanmerking genomen de wijze waarop zij feitelijk aan de overeenkomst uitvoering hebben gegeven. Bij de vraag wat partijen hebben beoogd is niet één enkel kenmerk beslissend, maar dienen de rechtsgevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden in onderling verband worden bezien De overeenkomst van opdracht Het verrichten van arbeid kan behalve op basis van een arbeidsovereenkomst ook op basis van een overeenkomst van opdracht. In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de overeenkomst van opdracht. Daarnaast zal worden aangegeven welke richtlijnen uit jurisprudentie worden gehanteerd, indien er twijfel is over het type overeenkomst krachtens welke arbeid wordt verricht sprake is Het juridisch kader De overeenkomst van opdracht is als volgt gedefinieerd in artikel 7:400 lid 1 BW: De overeenkomst van opdracht is de overeenkomst waarbij de ene partij, de opdrachtnemer, zich jegens de andere partij, de opdrachtgever, verbindt anders dan op grond van een arbeidsovereenkomst werkzaamheden te verrichten die in iets anders bestaan dan het tot stand brengen van een werk van stoffelijke aard, het bewaren van zaken, het uitgeven van werken of het vervoeren of doen vervoeren van personen of zaken. Het gemeenschappelijk kenmerk van de arbeidsovereenkomst en de overeenkomst van opdracht is dat bij beide overeenkomsten de ene partij zich verbindt voor de andere partij arbeid te verrichten. 43 Een van de verschillen tussen de arbeidsovereenkomst en de overeenkomst van opdracht is het beloningsvereiste, oftewel het loon. De overeenkomst van opdracht kan in tegenstelling tot de arbeidsovereenkomst al dan niet tegen loon zijn. 44 Op grond van artikel 7:402 lid 1 BW is namelijk loon verschuldigd, indien de overeenkomst door de opdrachtnemer in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf is aangegaan. Partijen kunnen 41 HR 13 juli 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA623 (Stichting Thuiszorg Rotterdam/PGMM). 42 HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 43 M.C Asser, S.C.J.K. Kortman, L.J.M. De Leede & H.O. Thunnissen, Mr. C. Asser s handleiding tot de beoefening van het Nederlands Burgerlijk recht/5: Bijzondere overeenkomsten, DI III: Overeenkomst van opdracht, arbeidsovereenkomst, aanneming van werk, Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink 1994, p M.C Asser, S.C.J.K. Kortman, L.J.M. De Leede & H.O. Thunnissen, Mr. C. Asser s handleiding tot de beoefening van het Nederlands Burgerlijk recht/5: Bijzondere overeenkomsten, DI III: Overeenkomst van opdracht, arbeidsovereenkomst, aanneming van werk, Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink 1994, p

19 echter iets anders overeenkomen. 45 Een ander verschil is dat een werknemer met een arbeidsovereenkomst in beginsel zijn arbeid persoonlijk dient te verrichten, tenzij hij toestemming heeft van zijn werkgever, terwijl er overeenkomsten van opdracht zijn waarbij de opdrachtnemer niet verplicht is de arbeid persoonlijk te verrichten. 46 In de meeste gevallen is het wel duidelijk om wat voor overeenkomst het gaat. Bij twijfel over het bestaan van een arbeidsovereenkomst of een overeenkomst van opdracht zou het onderscheidende criterium de gezagsverhouding zijn. Ondanks dat in de literatuur het element gezag vaak als het onderscheidende criterium wordt gezien tussen de arbeidsovereenkomst en de overeenkomst van opdracht klopt dat niet helemaal. Op grond van artikel 7:402 BW dient de opdrachtnemer immers ook bepaalde instructies en aanwijzingen omtrent de uitvoering van de opdracht van de opdrachtgever op te volgen. Op grond hiervan kan worden gesteld dat ook de opdrachtnemer niet geheel vrij is in de wijze waarop hij zijn werkzaamheden uitvoert. Ondanks dat het in de meeste gevallen wel duidelijk is om wat voor overeenkomst het gaat dienen bij twijfel de regels die in jurisprudentie zijn geformuleerd te worden toegepast. Zoals reeds in hoofdstuk is aangegeven zijn het Groen/Schroevers-arrest en het arrest Stichting Thuiszorg Rotterdam/PGGM de twee belangrijkste arresten die gehanteerd worden wanneer er twijfel is over het bestaan van een arbeidsovereenkomst. Uit de eerder genoemde arresten is gebleken dat indien er twijfel is over het bestaan van een arbeidsovereenkomst of een overeenkomst van opdracht het element gezag niet doorslaggevend is maar gekeken dient te worden naar hetgeen partijen bij het aangaan van de overeenkomst voor ogen stond en hoe zij daar feitelijk uitvoering aan hebben gegeven. Niet één enkel kenmerk is beslissend, maar de rechtsgevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden dienen in hun onderling verband te worden bezien. Dit laatste geldt uiteraard ook bij twijfel over het bestaan van een arbeidsovereenkomst en andere overeenkomsten krachtens welke arbeid wordt verricht Deelconclusie De overeenkomst van opdracht is net zoals de arbeidsovereenkomst een overeenkomst krachtens welke arbeid wordt verricht. De overeenkomst van opdracht vindt zijn grondslag in artikel 7:400 BW. Uit de definitie uit artikel 7:400 BW blijkt dat de overeenkomst van opdracht niet aangemerkt kan worden als een arbeidsovereenkomst. Ondanks dat de overeenkomst van opdracht en de arbeidsovereenkomst verschillen, dienen bij twijfel de regels die in jurisprudentie zijn gesteld te worden toegepast. Op grond van het Groen/Schoevers-arrest en het Thuiszorg Rotterdam/PGGM-arrest blijkt dat gekeken dient te worden naar hetgeen partijen bij het sluiten van de overeenkomst voor ogen stond en de wijze waarop de partijen feitelijk aan de overeenkomst uitvoering hebben gegeven. In de arresten wordt bevestigd dat de wijze waarop partijen hun rechtsverhouding hebben gekwalificeerd niet doorslaggevend is. Daarnaast is er in de arresten vastgesteld dat bij de beantwoording of er sprake is van een arbeidsovereenkomst in de zin van artikel 7:610 lid 1 BW niet één enkel kenmerk beslissend is. De verschillende gevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden moeten immers in onderling verband worden bezien. Bij twijfel over het bestaan van een arbeidsovereenkomst of een overeenkomst van opdracht dient om die reden niet alleen naar het element gezag te worden gekeken. Het element gezagsverhouding is namelijk niet 45 M.C Asser, S.C.J.K. Kortman, L.J.M. De Leede & H.O. Thunnissen, Mr. C. Asser s handleiding tot de beoefening van het Nederlands Burgerlijk recht/5: Bijzondere overeenkomsten, DI III: Overeenkomst van opdracht, arbeidsovereenkomst, aanneming van werk, Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink 1994, p M.C Asser, S.C.J.K. Kortman, L.J.M. De Leede & H.O. Thunnissen, Mr. C. Asser s handleiding tot de beoefening van het Nederlands Burgerlijk recht/5: Bijzondere overeenkomsten, DI III: Overeenkomst van opdracht, arbeidsovereenkomst, aanneming van werk, Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink 1994, p

20 doorslaggevend. Op grond van artikel 7:402 lid 1 BW is de opdrachtnemer immers ook verplicht bepaalde instructies en aanwijzingen van de opdrachtgever op te volgen. Kortom, indien twijfel bestaat over het al dan niet bestaan van een arbeidsovereenkomst of een overeenkomst van opdracht dient op grond van vaste jurisprudentie niet alleen naar het element gezag te worden gekeken maar dient tevens te worden gekeken naar hetgeen partijen bij het aangaan van de overeenkomst voor ogen stond en de wijze waarop zij daar feitelijke uitvoering aanhebben gegeven. De rechtsgevolgen die partijen aan hun verhouding hebben verbonden moeten in hun onderling verband worden bezien. 2.3 Het rechtsvermoeden Ter verbetering van de rechtspositie van mensen die flexibel werken en om schijnconstructies te voorkomen is in de wet artikel 7:610a BW opgenomen. 47 Artikel 7:610a BW wordt ook wel het rechtsvermoeden van het bestaan van een arbeidsovereenkomst genoemd. Een werknemer wordt vermoed arbeid te verrichten krachtens een arbeidsovereenkomst, indien de werknemer gedurende drie opeenvolgende maanden wekelijks dan wel gedurende ten minste twintig uur per maand arbeid voor een ander heeft verricht tegen beloning. 48 De wetgever heeft met het rechtsvermoeden uit artikel 7:610a BW niet alleen beoogd de rechtspositie van flexibel werkenden te verbeteren en schijnconstructie te voorkomen, de wetgever meende dat het rechtsvermoeden ook zou leiden tot meer minnelijke schikkingen. 49 Het rechtsvermoeden uit artikel 7:610a BW kan weerlegd worden. 50 Enkel alleen het feit dat de overeenkomst als een andere overeenkomst wordt aangemerkt dan een arbeidsovereenkomst is in principe onvoldoende om het rechtsvermoeden uit artikel 7:610a BW te weerleggen. 51 In het procesrecht geldt de hoofdregel: wie stelt, moet bewijzen. Indien een werknemer zich beroept op het rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst wordt de bewijslast echter omgekeerd. 52 Het is in dat geval aan de werkgever om aan te tonen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst en om wat voor overeenkomst het dan wel gaat. Hieruit blijkt wederom dat bij de beoordeling of er wel of geen sprake is van een arbeidsovereenkomst de wijze waarop partijen hun rechtsverhoudingen hebben gekwalificeerd niet doorslaggevend is. 47 Kamerstukken /1997, , nr.3 en P.F. van der Heijden, J.M. van Slooten & E. Verhulp, Tekst en commentaar: Arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2012, p Art. 7:610a BW 49 H.L. Bakels, W.H.A.C.M. Bouwens, M.S. Houwerzijl & W.L. Roozendaal, Schets van het Nederlands arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2011, p H.L. Bakels, W.H.A.C.M. Bouwens, M.S. Houwerzijl & W.L. Roozendaal, Schets van het Nederlands arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2011, p H.L. Bakels, W.H.A.C.M. Bouwens, M.S. Houwerzijl & W.L. Roozendaal, Schets van het Nederlands arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2011, p. 63 en HR 14 november 1997, JAR 1997,263 (Groen/Schoevers). 52 H.L. Bakels, W.H.A.C.M. Bouwens, M.S. Houwerzijl & W.L. Roozendaal, Schets van het Nederlands arbeidsrecht, Deventer: Kluwer 2011, p

RECLAME CODE COMMISSIE

RECLAME CODE COMMISSIE / RECLAME CODE COMMISSIE Dossier 2014/00365 Beslissing van de Reclame Code Commissie in de zaak van : Alternatief Voor Vakbond (AW), gevestigd te Utrecht, klager tegen : De Vereniging Payroll Ondernemingen

Nadere informatie

Verplichte deelneming directeur in pensioenfonds PGGM

Verplichte deelneming directeur in pensioenfonds PGGM Verplichte deelneming directeur in pensioenfonds PGGM Mr. Z. Kasim 1 HR 13 juli 2007, nr. C05/331, LJN BA231 Verplichte deelneming pensioenfonds, criteria arbeidsovereenkomst BW artikel 7: 610, artikel

Nadere informatie

Payrollconstructie - en andere driehoeksrelaties - doorgeprikt?

Payrollconstructie - en andere driehoeksrelaties - doorgeprikt? Payrollconstructie - en andere driehoeksrelaties - doorgeprikt? Stand van zaken wetgeving en jurisprudentie 16 januari 2014 Iris Hoen Inleiding 1. Payrolling 2. Relatie tussen payrollonderneming en werknemer

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 33286 25 november 2014 Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 17 november 2014, 2014-0000102276,

Nadere informatie

Voordelen en risico's van payrolling

Voordelen en risico's van payrolling mr. J.P.M. (Joop) van Zijl advocaat Kantoor Mr. van Zijl B.V. Korvelseweg 142, 5025 JL Tilburg Postbus 1095, 5004 BB Tilburg tel. (013) 463 55 99 fax (013) 463 22 66 E-mail: mail@kantoormrvanzijl.nl Internet:

Nadere informatie

JAR 2012/284 Kantonrechter Leeuwarden, 12-10-2012, 405382\CV EXPL 12-6973, LJN BY0861

JAR 2012/284 Kantonrechter Leeuwarden, 12-10-2012, 405382\CV EXPL 12-6973, LJN BY0861 JAR 2012/284 Kantonrechter Leeuwarden, 12-10-2012, 405382\CV EXPL 12-6973, LJN BY0861 Payrolling, Geen overgang naar payrollbedrijf zonder uitdrukkelijke instemming werknemer Publicatie JAR 2012 afl.16

Nadere informatie

Vereniging voor Arbeidsrecht

Vereniging voor Arbeidsrecht Vereniging voor Arbeidsrecht 7 maart 2013 Prof. dr. R.M. Beltzer 1 2 Een uitstervend ras? Te behandelen! 1. Het probleem: de krimpende markt en concurrentie 2. Iedereen een arbeidsovereenkomst? De elementen

Nadere informatie

Flex Flexibele oplossingen voor het Onderwijs

Flex Flexibele oplossingen voor het Onderwijs ibele oplossingen voor het Onderwijs Excellent Onderwijs B.V. Oude Middenweg 17 2491 AC Den Haag Payrolling in juridisch perspectief Inleiding In de media verschijnen nogal eens berichten over payrolling.

Nadere informatie

Kluwer Online Research Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid

Kluwer Online Research Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid Bedrijfsjuridische berichten Verruiming van de zorgplicht en werkgeversaansprakelijkheid Auteur: Mr. T.L.C.W. Noordoven[1] Hoge Raad 23 maart 2012, JAR 2012/110 1.Inleiding Maakt het vanuit het oogpunt

Nadere informatie

Workshop flexibiliteit in het arbeidsrecht 19 september 2013 Hoe flexibel is flexibel?!"

Workshop flexibiliteit in het arbeidsrecht 19 september 2013 Hoe flexibel is flexibel?! Workshop flexibiliteit in het arbeidsrecht 19 september 2013 Hoe flexibel is flexibel?!" Mr. G.W. (Geert) Rouwet sectie arbeidsrecht 1 2 Agenda 1. inleiding 2. feiten en ontwikkelingen 3. actualiteiten

Nadere informatie

Het nieuwe arbeidsrecht

Het nieuwe arbeidsrecht Het nieuwe arbeidsrecht 2 Wet Werk en Zekerheid 3 De Wet Werk en Zekerheid is bedoeld om het ontslagrecht sneller en goedkoper te maken, de rechtspositie van flexwerkers te versterken en meer mensen uit

Nadere informatie

Fact sheet avv-loze periode ABU-cao

Fact sheet avv-loze periode ABU-cao Fact sheet avv-loze periode ABU-cao INLEIDING De CAO voor Uitzendkrachten (hierna nader te noemen de ABU-CAO ) is op dit moment niet algemeen verbindend verklaard. Dit wordt ook wel de avv-loze periode

Nadere informatie

Onderzoeksrapport. Payrolling, een vreemde eend in de arbeidsrechtelijke bijt

Onderzoeksrapport. Payrolling, een vreemde eend in de arbeidsrechtelijke bijt Onderzoeksrapport Payrolling, een vreemde eend in de arbeidsrechtelijke bijt Een onderzoek naar de rechtsverhoudingen en rechtsbescherming bij payrolling Samengesteld door J. L. A. R. van Haperen In opdracht

Nadere informatie

BEN IK EIGENLIJK WEL ZZP ER? Verschil tussen Arbeidsovereenkomst en Opdrachtovereenkomst.

BEN IK EIGENLIJK WEL ZZP ER? Verschil tussen Arbeidsovereenkomst en Opdrachtovereenkomst. Verschil tussen Arbeidsovereenkomst en Opdrachtovereenkomst. www.damd.nl Arbeidsovereenkomst en opdrachtovereenkomst Arbeid kun je op verschillende manieren verrichten: in loondienst (arbeidsovereenkomst),

Nadere informatie

II Het dienstverband

II Het dienstverband II Het dienstverband Voorwaarden De onderwerpen in dit boek hebben betrekking op de situaties waarbij er sprake is van een - tijdelijk of vast - dienstverband. Er is sprake van een dienstverband als er

Nadere informatie

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau?

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Vanaf 1 april 2012 is er sprake van een onderbreking van de Algemeen Verbindend Verklaring (AVV) van de Cao voor Uitzendkrachten. Dit kan grote

Nadere informatie

Rechtbank Overijssel, kantonrechter, zittingsplaats Almelo

Rechtbank Overijssel, kantonrechter, zittingsplaats Almelo Page 1 of 8 JAR 2014/95 Rechtbank Overijssel, kantonrechter, zittingsplaats Almelo, 11-03-2014, 2127916\CV EXPL 13-3492, ECLI:NL:RBOVE:2014:1214 Payrollovereenkomst is arbeidsovereenkomst met inlener,

Nadere informatie

Payrolling. November 2009

Payrolling. November 2009 Payrolling November 2009 mr J. Brouwer De auteur heeft grote zorgvuldigheid betracht in het weergeven van delen uit het geldende recht. Evenwel is noch de auteur noch Boers Advocaten aansprakelijk voor

Nadere informatie

Flexibele arbeidsrelaties

Flexibele arbeidsrelaties Flexibele arbeidsrelaties Prof. mr. E. Verhulp (red.) Mr. R.M. Beltzer Prof. dr. K. Boonstra Mr. D. Christe Prof. mr. J. Riphagen KLUWER,Jjp Deventer - 2002 Woord vooraf v Afkortingen xv Lijst van verkort

Nadere informatie

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden.

2.1. X leeft van een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand. Op deze uitkering worden de lopende huurbetalingen volledig ingehouden. beschikking RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND Afdeling Civiel recht kantonrechter zittinghoudende te Utrecht zaaknummer: 2534388 UE VERZ 13805 GD/4243 Beschikking van 13 december 2013 inzake X wonende te Arnhem,

Nadere informatie

2 Wie kan een Verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 3

2 Wie kan een Verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 3 Inhoud 1 Waarom deze brochure? 2 2 Wie kan een Verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 3 3 Hoe vraagt u de verklaring aan? 4 4 Wat staat er in de Verklaring arbeidsrelatie? 4 4.1 De inkomsten behoren tot

Nadere informatie

Hierna geef ik een toelichting op mijn beoordeling. Hierbij komen de volgende onderwerpen aan de orde:

Hierna geef ik een toelichting op mijn beoordeling. Hierbij komen de volgende onderwerpen aan de orde: Belastingdienst Belastingdienst, Postbus 10014, 8000 GA Zwolle Advinsure BV T.a.v. mr. P.H.T.M. de Keijzer Europa-allee lob 8265 VB KAMPEN Betreft: Beoordeling overeenkomst Advinsure B.V. Geachte heer

Nadere informatie

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid AV/IR/2003/20105. Datum 10 maart 2003

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid AV/IR/2003/20105. Datum 10 maart 2003 Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1a DEN HAAG Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 Telefoon (070) 333

Nadere informatie

Werken na het bereiken. gerechtigde leeftijd. het bereiken. leeftijd. Deze brochure is een samenwerkingsproduct van:

Werken na het bereiken. gerechtigde leeftijd. het bereiken. leeftijd. Deze brochure is een samenwerkingsproduct van: Werken na Werken na het bereiken het bereiken van de van de pensioenpensioengerechtigde gerechtigde leeftijd leeftijd Deze brochure is een samenwerkingsproduct van: Inleiding Werken na het bereiken van

Nadere informatie

Regionale collega s op weg naar nieuwe arrangementen in samenwerkingen

Regionale collega s op weg naar nieuwe arrangementen in samenwerkingen Regionale collega s op weg naar nieuwe arrangementen in samenwerkingen Leden voor Leden: Bas Hengstmengel (arbeidsrecht) Henk Teunissen (Fysiotherapeuten in Loondienst) Harry Wagemakers Voorzitter RGFHMR

Nadere informatie

De inzet van vervangers in het onderwijs wijzigt na 1 juli 2015

De inzet van vervangers in het onderwijs wijzigt na 1 juli 2015 De inzet van vervangers in het onderwijs wijzigt na 1 juli 2015 Door: Annet Kik en René Tromp, HRM-adviseurs VGS Per 1 juli 2015 wijzigt als gevolg van de Wet Werk en Zekerheid de zogenaamde ketenregeling

Nadere informatie

Is payrolling een omzeiling van werknemersbescherming? Scriptie voor de master arbeidsrecht

Is payrolling een omzeiling van werknemersbescherming? Scriptie voor de master arbeidsrecht Is payrolling een omzeiling van werknemersbescherming? Scriptie voor de master arbeidsrecht Stéphanie de Bont September 2012 Is payrolling een omzeiling van werknemersbescherming? Scriptie voor de master

Nadere informatie

Actio Pauliana en onrechtmatige daadvordering. Mr. drs. KP. van Koppen

Actio Pauliana en onrechtmatige daadvordering. Mr. drs. KP. van Koppen Actio Pauliana en onrechtmatige daadvordering Mr. drs. KP. van Koppen Kluwer - Deventer - 1998 Voorwoord V Gebruikte afkortingen XV Algemene inleiding en verantwoording 1 Verantwoording 1 2 Een körte schets

Nadere informatie

2 Wie kan een Verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 3

2 Wie kan een Verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 3 Inhoud 1 Waarom deze brochure? 2 2 Wie kan een Verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 3 3 Hoe vraagt u de verklaring aan? 4 4 Wat staat er in de Verklaring arbeidsrelatie? 4 4.1 De inkomsten behoren tot

Nadere informatie

Reactie van Tentoo op recente jurisprudentie over payrolling

Reactie van Tentoo op recente jurisprudentie over payrolling Reactie van Tentoo op recente jurisprudentie over payrolling In de media verschijnen de laatste tijd enkele kritische berichten over payrolling. Als langst bestaande payroll-bedrijf van Nederland geeft

Nadere informatie

Arbeidsrecht Actueel. In deze uitgave: Bescherming van flexwerkers. Jaargang 19 (2014) november nr. 234

Arbeidsrecht Actueel. In deze uitgave: Bescherming van flexwerkers. Jaargang 19 (2014) november nr. 234 In deze uitgave: Jaargang 19 (2014) november nr. 234 Arbeidsrecht Actueel Bescherming van flexwerkers Arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd Proeftijd Concurrentiebeding Uitzendbeding Nulurencontracten

Nadere informatie

Vijf jaar Ambtenaar & Recht in vogelvlucht

Vijf jaar Ambtenaar & Recht in vogelvlucht Vijf jaar Ambtenaar & Recht in vogelvlucht Redactie: mr. J. Blanken, mr. B. Damen, mr. N. Hummel, mr.dr. B.B.B. Lanting Vereniging Ambtenaar & Recht Payrollwerknemers bij de overheid Rechtbank Den Haag

Nadere informatie

Loondoorbetaling na 104 weken ziekte

Loondoorbetaling na 104 weken ziekte Loondoorbetaling na 104 weken ziekte Brief minister Donner Datum 2 februari 2010 Bij brief van 2 juli jl. heeft u gereageerd op mijn brief van 19 december 2008. Uw reactie heeft u inmiddels ook bij brief

Nadere informatie

Model Overeenkomst Van Opdracht

Model Overeenkomst Van Opdracht De ondergetekenden: 1. De sportorganisatie... gevestigd te... en ten deze vertegenwoordigd door: Naam:... Naam:... Naam:... Model Overeenkomst Van Opdracht (FREELANCE OVEREENKOMST) hierna te noemen de

Nadere informatie

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen.

afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen. Reactie op de brief van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) inzake het wetsvoorstel tot wijziging van Boek 7, titel 10, van het Burgerlijk Wetboek in verband met het limiteren van de hoogte van de

Nadere informatie

Payrolling: driehoek of toch een lijn? Een onderzoek naar de nadelige consequenties voor de werknemer bij payrolling.

Payrolling: driehoek of toch een lijn? Een onderzoek naar de nadelige consequenties voor de werknemer bij payrolling. Payrolling: driehoek of toch een lijn? Een onderzoek naar de nadelige consequenties voor de werknemer bij payrolling. Gerdien van de Groep-Bakker Studentnummer 10409246 Begeleider: mr.dr. J.P.H. Zwemmer

Nadere informatie

Mauritslaan 42/ 44 6161 HW Geleen

Mauritslaan 42/ 44 6161 HW Geleen Algemene Voorwaarden Payroll Totaal BV I. Algemeen In de algemene voorwaarden wordt verstaan onder: a. Opdrachtgever: de partij die de opdracht geeft. b. Opdrachtnemer: de partij die de opdracht aanvaardt,

Nadere informatie

Model-detacheringsovereenkomst

Model-detacheringsovereenkomst Model-detacheringsovereenkomst Disclaimer Bij gebruik van onderstaande model-detacheringsovereenkomst stemt u in met deze disclaimer. Algemeen Aan de inhoud van deze model-detacheringsovereenkomst kunnen

Nadere informatie

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TAF B.V., gevestigd te Eindhoven, hierna te noemen Aangeslotene.

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TAF B.V., gevestigd te Eindhoven, hierna te noemen Aangeslotene. Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2013-344 d.d. 26 november 2013 (mr. R.J. Verschoof, voorzitter, mr. E.M. Dil-Stork en mr. B.F. Keulen, leden en mr. M. van Pelt, secretaris)

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden Personeelsadvies Werving & Selectie

Algemene Voorwaarden Personeelsadvies Werving & Selectie Algemene Voorwaarden Personeelsadvies Werving & Selectie www.abvakwerk.nl < 1 > 1. Toepasselijkheid 1. Deze Algemene Voorwaarden zijn van toepassing op alle werkzaamheden verricht of te verrichten door

Nadere informatie

Schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag

Schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag Schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag Hoe moet het nu verder? Naam: Lisanne Schalkoord Studentnummer: 2017596 Opleiding: Juridische Hogeschool Avans-Fontys Locatie opleiding: Tilburg Eerste

Nadere informatie

wie is de werkgever en welke verplichtingen hebben het payroubedrijf en de opdrachtgever jegens de werknemer? Inleiding

wie is de werkgever en welke verplichtingen hebben het payroubedrijf en de opdrachtgever jegens de werknemer? Inleiding ARTIKEL 68 Payrolling: wie is de werkgever en welke verplichtingen hebben het payroubedrijf en de opdrachtgever jegens de werknemer? Mr. dr. J.P.H. Zwemmer * Payrolling is een betrekkelijk nieuwe vorm

Nadere informatie

VOORBEELD MODELOVEREENKOMST ALGEMEEN TUSSENKOMST Opgesteld door de Belastingdienst nr. 9015550000-09 19 10 2015

VOORBEELD MODELOVEREENKOMST ALGEMEEN TUSSENKOMST Opgesteld door de Belastingdienst nr. 9015550000-09 19 10 2015 VOORBEELD MODELOVEREENKOMST ALGEMEEN TUSSENKOMST Opgesteld door de Belastingdienst nr. 9015550000-09 19 10 2015 Beoordeling overeenkomst Algemeen tussenkomst De Belastingdienst heeft, in samenwerking met

Nadere informatie

Payrolling een arbeidsrelatie met kansen en bedreigingen op een arbeidsmarkt in beweging.

Payrolling een arbeidsrelatie met kansen en bedreigingen op een arbeidsmarkt in beweging. Payrolling een arbeidsrelatie met kansen en bedreigingen op een arbeidsmarkt in beweging. Coraline Noordzij Studentnr: 838128892 maart 2014 Samenvatting De afgelopen decennia is vanuit werkgevers en werknemers

Nadere informatie

Medewerker: Iedere natuurlijke- of rechtspersoon, die namens ons, diensten uitvoert ten behoeve van de opdrachtgever.

Medewerker: Iedere natuurlijke- of rechtspersoon, die namens ons, diensten uitvoert ten behoeve van de opdrachtgever. 1. Definities In deze algemene voorwaarden wordt verstaan onder: Opdrachtnemer: De vennootschap onder firma Flex Work In Travel v.o.f., gevestigd te Wormer, hierna te noemen Flex Work In Travel, ingeschreven

Nadere informatie

2. [NAAM BEDRIJF/ ORGANISATIE] gevestigd te [PLAATSNAAM], hierna te. noemen: de uitlener, vertegenwoordigd door de heer/mevrouw [NAAM

2. [NAAM BEDRIJF/ ORGANISATIE] gevestigd te [PLAATSNAAM], hierna te. noemen: de uitlener, vertegenwoordigd door de heer/mevrouw [NAAM MODEL Detacheringovereenkomst Dit model kunt u ook vinden op www.uwv.nl. 1. [NAAM BEDRIJF/ ORGANISATIE] gevestigd te [PLAATSNAAM], hierna te noemen: de uitlener, vertegenwoordigd door de heer/mevrouw [NAAM

Nadere informatie

Detamo Flex Force BV. Contracting & Uitzenden 06-2015

Detamo Flex Force BV. Contracting & Uitzenden 06-2015 Detamo Flex Force BV Contracting & Uitzenden 06-2015 CONTRACTING of Uitzenden/Detacheren? Contracting is een dienstverlening die meestal bestaat uit : AANNEMING VAN WERK of EEN OVEREENKOMST VAN OPDRACHT

Nadere informatie

Rechtbank Maastricht 26 oktober 2011, nr. HA RK 11-88, LJN BU7197 (mr. J.F.W. Huinen, mr. T.A.J.M. Provaas en mr. E.J.M. Driessen)

Rechtbank Maastricht 26 oktober 2011, nr. HA RK 11-88, LJN BU7197 (mr. J.F.W. Huinen, mr. T.A.J.M. Provaas en mr. E.J.M. Driessen) Rechtbank Maastricht 26 oktober 2011, nr. HA RK 11-88, LJN BU7197 (mr. J.F.W. Huinen, mr. T.A.J.M. Provaas en mr. E.J.M. Driessen) Noot I. van der Zalm Overlijdensschade. Schadeberekening. Inkomensschade.

Nadere informatie

Inlener aansprakelijk voor beloning uitzendkracht?

Inlener aansprakelijk voor beloning uitzendkracht? Auteur: Michelle Maaijen a r b e i d s r e c h t Inlener aansprakelijk voor beloning uitzendkracht? De onderneming die uitzendkrachten inleent (inlener), kan op grond van onrechtmatige daad aansprakelijk

Nadere informatie

Arbeidsovereenkomst. naam:, gevestigd te. adres: , (werkgever); naam:, geboortedatum, (werknemer);

Arbeidsovereenkomst. naam:, gevestigd te. adres: , (werkgever); naam:, geboortedatum, (werknemer); Arbeidsovereenkomst De ondergetekenden: naam:, gevestigd te, adres:, (werkgever); en naam:, wonende te adres:, geboortedatum, (werknemer); nemen in aanmerking dat: werkgever in aanvulling op, dan wel ter

Nadere informatie

Concept Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van (Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder 2014)

Concept Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van (Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder 2014) Concept Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van (Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder 2014) De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, handelend in overeenstemming

Nadere informatie

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau?

Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Wat betekent de AVV loze periode voor het uitzendbureau? Een onderbreking van de Algemeen Verbindend Verklaring (AVV) van de Cao voor Uitzendkrachten kan grote gevolgen hebben voor uitzendbureaus die niet

Nadere informatie

immix advocaten DE FLEXIBELE SCHIL Solveigh Bijkerk Susanne de Neeve 8 april 2014

immix advocaten DE FLEXIBELE SCHIL Solveigh Bijkerk Susanne de Neeve 8 april 2014 immix advocaten DE FLEXIBELE SCHIL Solveigh Bijkerk Susanne de Neeve 8 april 2014 1 immix Advocaten (en mediators) Wat wij doen: Ondernemingsrecht Vastgoed Arbeidsrecht Contractenrecht Aansprakelijkheid

Nadere informatie

Toepasselijkheid leverings-, dienstverlenings en betalingsvoorwaarden WML

Toepasselijkheid leverings-, dienstverlenings en betalingsvoorwaarden WML VOORWAARDEN TER ZAKE DE DETACHERING VAN WERKNEMERS VAN DE DIVISIE INDUSTRIE VAN DE DIENST WERKBEDRIJF VOOR GESUBSIDIEERDE ARBEID, ACTI- VERING EN TRAJECTEN MIDDEN-LANGSTRAAT (WML) (te citeren als: DETACHE-

Nadere informatie

Wet werk en zekerheid

Wet werk en zekerheid Wet werk en zekerheid Wijzigingen arbeidsrecht 1 juli 2015 Inleiding Kort overzicht van de wijzigingen per 1 januari 2015 Wijzigingen per 1 juli 2015 Ketenregeling Ontslagrecht Payrolling 2 1 Overzicht

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN PROPTIMIZE NEDERLAND B.V. (versie oktober 2012)

ALGEMENE VOORWAARDEN PROPTIMIZE NEDERLAND B.V. (versie oktober 2012) ALGEMENE VOORWAARDEN PROPTIMIZE NEDERLAND B.V. (versie oktober 2012) 1. Definities 1.1 In deze Algemene Voorwaarden wordt verstaan onder: Opdracht : a) De overeenkomst waarbij Opdrachtnemer hetzij alleen

Nadere informatie

Inzicht in de berekening van de schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag

Inzicht in de berekening van de schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag Inzicht in de berekening van de schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag Een praktijkgericht juridisch onderzoek naar de ontwikkelingen in de berekening van de schadevergoeding ex art. 7:681 BW

Nadere informatie

4. Kandidaat: iedere natuurlijke persoon en/of zelfstandige die door ZON financials wordt voorgesteld aan een opdrachtgever..

4. Kandidaat: iedere natuurlijke persoon en/of zelfstandige die door ZON financials wordt voorgesteld aan een opdrachtgever.. Algemene voorwaarden Artikel 1 Organisatie ZON financials B.V. is een organisatie die natuurlijke personen dan wel zelfstandigen zonder personeel (hierna: zelfstandigen) ter beschikking stelt aan een opdrachtgever

Nadere informatie

Inhoud. 10326-bro-AL93 29-11-2001 09:34 Pagina 3. 1 Waarom deze brochure? 4. 2 Wie kan een verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 5

Inhoud. 10326-bro-AL93 29-11-2001 09:34 Pagina 3. 1 Waarom deze brochure? 4. 2 Wie kan een verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 5 10326-bro-AL93 29-11-2001 09:34 Pagina 3 Inhoud 1 Waarom deze brochure? 4 2 Wie kan een verklaring arbeidsrelatie aanvragen? 5 3 Hoe vraagt u de verklaring aan? 6 4 Wat staat er in de Verklaring arbeidsrelatie?

Nadere informatie

Flexibele arbeid in 2015 3 september 2014

Flexibele arbeid in 2015 3 september 2014 Flexibele arbeid in 2015 3 september 2014 Inhoudsopgave Flexibele arbeid in 2015... 3 Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd... 3 Algemeen... 3 WWZ: proeftijd... 3 WWZ: concurrentiebeding... 3 WWZ: ketenregeling...

Nadere informatie

De uitzendkracht anno 2010

De uitzendkracht anno 2010 De uitzendkracht anno 2010 Mw. mr. E. Knipschild Met de invoering van de Wet Flexibiliteit en Zekerheid werd mede beoogd de positie van de uitzendkracht te verduidelijken. De afgelopen tien jaar is de

Nadere informatie

E.B. Wits Sprengers Advocaten

E.B. Wits Sprengers Advocaten 416 het hof onvoldoende gewicht in de schaal. Naar mijn mening kwalificeert deze arbeidsrelatie als uitzendovereenkomst, nu aan alle elementen van art. 7:690 BW is voldaan. Het hof verwijst in r.o. 3.12

Nadere informatie

Casus 3 Het zal je werk maar zijn

Casus 3 Het zal je werk maar zijn Casus 3 Het zal je werk maar zijn Het CAO-recht is lastig. Veel partijen zijn namelijk bij een CAO betrokken: vakbonden, werkgevers(organisaties), werknemers die lid zijn van een vakbond die aan de CAO

Nadere informatie

Nieuwsbrief, december 2014

Nieuwsbrief, december 2014 Nieuwsbrief, december 2014 Wijzigingen arbeidsrecht in 2015 Door de invoering van de Wet Werk en Zekerheid wordt het arbeidsrecht ingrijpend gewijzigd. De wijzigingen hebben gevolgen voor het bestaande

Nadere informatie

Inhoud. Afkortingen 9

Inhoud. Afkortingen 9 Inhoud Afkortingen 9 1 Juridische constructies voor het verrichten van arbeid 11 1.1 Inleiding 11 1.2 Arbeidsovereenkomst 12 1.3 Aanstelling als ambtenaar 12 1.4 Aannemen van werk 12 1.5 Overeenkomst tot

Nadere informatie

Schaken met de WWZ. Wet Aanpak Schijnconstructies en andere wetenswaardigheden in de WWZ. 2 juni 2015 mr. Mareine Callemijn

Schaken met de WWZ. Wet Aanpak Schijnconstructies en andere wetenswaardigheden in de WWZ. 2 juni 2015 mr. Mareine Callemijn Schaken met de WWZ Wet Aanpak Schijnconstructies en andere wetenswaardigheden in de WWZ 2 juni 2015 mr. Mareine Callemijn 1 Volkskrant 23 maart 2015 2 Schijnconstructies Constructies, al dan niet grensoverschrijdend,

Nadere informatie

ZZP, een overeenkomst van opdracht, of toch een arbeidsovereenkomst?

ZZP, een overeenkomst van opdracht, of toch een arbeidsovereenkomst? ZZP, een overeenkomst van opdracht, of toch een arbeidsovereenkomst? Artikel 7: 400 BW Het Burgerlijk Wetboek beschrijft de overeenkomst van opdracht in artikel 7:400 BW als volgt De overeenkomst van opdracht

Nadere informatie

118. Contracting en arbeidsrecht: over schijnconstructies, juridisch houdbare varianten en de gevolgen van de WAS en de WWZ

118. Contracting en arbeidsrecht: over schijnconstructies, juridisch houdbare varianten en de gevolgen van de WAS en de WWZ 118. Contracting en arbeidsrecht: over schijnconstructies, juridisch houdbare varianten en de gevolgen van de WAS en de WWZ Mr. dr. J.P.H. ZWeMMer Steeds vaker besteden bedrijven onder de noemer contracting

Nadere informatie

Artikel 9 Herplaatsing

Artikel 9 Herplaatsing Artikel 9 Herplaatsing 1. Bij de beoordeling of binnen de onderneming van de werkgever een passende functie beschikbaar is voor een werknemer die voor ontslag in aanmerking komt, worden arbeidsplaatsen

Nadere informatie

Casus 1 De afgezette dominee

Casus 1 De afgezette dominee Casus 1 De afgezette dominee Heel vaak is het van groot belang te weten of iemand werkzaam is op basis van een arbeidsovereenkomst. Is dat het geval, dan heeft een werknemer meer en betere rechten dan

Nadere informatie

VOORBEELD MODELOVEREENKOMST ALGEMEEN GEEN VERPLICHTING TOT PERSOONLIJKE ARBEID Opgesteld door de Belastingdienst nr. 9015550000-05 19 10 2015

VOORBEELD MODELOVEREENKOMST ALGEMEEN GEEN VERPLICHTING TOT PERSOONLIJKE ARBEID Opgesteld door de Belastingdienst nr. 9015550000-05 19 10 2015 VOORBEELD MODELOVEREENKOMST ALGEMEEN GEEN VERPLICHTING TOT PERSOONLIJKE ARBEID Opgesteld door de Belastingdienst nr. 9015550000-05 19 10 2015 Beoordeling overeenkomst Algemeen / geen verplichting tot persoonlijke

Nadere informatie

Wat is een ZZP-er Welk contract sluit u met een ZZP-er Wat is een schijn-zzp-er wat zijn de risico s? Hoe ZZP-er inschakelen zonder risico?

Wat is een ZZP-er Welk contract sluit u met een ZZP-er Wat is een schijn-zzp-er wat zijn de risico s? Hoe ZZP-er inschakelen zonder risico? Programma Wat is een ZZP-er Welk contract sluit u met een ZZP-er Wat is een schijn-zzp-er wat zijn de risico s? Hoe ZZP-er inschakelen zonder risico? Vragen Wat is een ZZP-er? Zelfstandig Zonder Personeel

Nadere informatie

Wat betekent de AVV loze periode voor mij als uitzendkracht?

Wat betekent de AVV loze periode voor mij als uitzendkracht? Wat betekent de AVV loze periode voor mij als uitzendkracht? Een onderbreking van de Algemeen Verbindend Verklaring (AVV) van de Cao voor Uitzendkrachten kan grote gevolgen hebben voor uitzendkrachten

Nadere informatie

30 juni 20. et Werk & Zekerheid. ntslag op staande voet. rof. Mr S.F. Sagel

30 juni 20. et Werk & Zekerheid. ntslag op staande voet. rof. Mr S.F. Sagel et Werk & Zekerheid ntslag op staande voet rof. Mr S.F. Sagel et ontslag op staande voet: afschaffen of behouden? e meningen waren verdeeld 30 juni 20 e kosten van een terecht ontslag op staande voet "Het

Nadere informatie

Payrolling en de ontslagregels

Payrolling en de ontslagregels . Payrolling en de ontslagregels Onderzoek naar de gevolgen voor 18k naar aanleiding van de wetswijzigingen op het gebied van het ontslagrecht in de Wet werk en zekerheid en het Ontslagbesluit. Steffie

Nadere informatie

meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam &

meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam & meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam & De 10 meest gestelde vragen over De Proeftijd De Gier Stam & Colofon De Gier Stam & Advocaten Lucasbolwerk 6 Postbus 815 3500 AV UTRECHT t: (030)

Nadere informatie

Beleid methodiek (forfaitaire) schadevergoeding SNCU

Beleid methodiek (forfaitaire) schadevergoeding SNCU Beleid methodiek (forfaitaire) schadevergoeding SNCU Achtergrond Vanaf het najaar 2005 vindt door de SNCU in de uitzendbranche controle plaats op de naleving van de CAO voor Uitzendkrachten en sinds 2009

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Voorwoord / 9. Inleiding / 11

Inhoudsopgave. Voorwoord / 9. Inleiding / 11 Inhoudsopgave Voorwoord / 9 Inleiding / 11 1 Het toepasselijke recht op de internationale arbeidsovereenkomst / 13 1.1 Inleiding / 13 1.2 Rome I-Verordening en het EVO-Verdrag / 13 1.3 Arbeidsovereenkomst

Nadere informatie

Actualiteiten arbeidsrecht

Actualiteiten arbeidsrecht Actualiteiten arbeidsrecht Rob Brouwer Andries Houtakkers Roermond, 19 juni 2013 1 Ontslagrecht in sociaal akkoord BBA vervalt. Ontslagrecht in BW. Bij bedrijfseconomisch ontslag en ontslag wegens langdurige

Nadere informatie

Bestuurders van een NV of BV staan doorgaans

Bestuurders van een NV of BV staan doorgaans MR. P.H.E.VOÛTE Het contract van de bestuurder en de commissaris Bestuurders van een NV of BV staan doorgaans in een dubbele of beter gezegd tweeledige rechtsbetrekking tot de rechtspersoon waar zij tot

Nadere informatie

Algemene Voorwaarden Companian

Algemene Voorwaarden Companian Algemene Voorwaarden Companian Algemene Voorwaarden Pagina 1 van 6 1. Definities 2. De Werkzaamheden 3. Fee 4. Betaling 5. Aansprakelijkheid 6. Geheimhouding 7. Duur van de overeenkomst 8. Benaderen van

Nadere informatie

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Datum uitwerkingtreding

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Datum uitwerkingtreding Beleidsregels Participatieverordening 2015 Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Gemeente Sint-Michielsgestel Officiële naam regeling Beleidsregels Participatieverordening

Nadere informatie

BAANBREKEND AL MEER DAN 50 JAAR IN KANTOORPERSONEEL. Uitzenden, payrolling, werving & selectie voor werk op elk niveau

BAANBREKEND AL MEER DAN 50 JAAR IN KANTOORPERSONEEL. Uitzenden, payrolling, werving & selectie voor werk op elk niveau BAANBREKEND AL MEER DAN 50 JAAR BAANBREKEND Uitzenden, payrolling, werving & selectie voor werk op elk niveau IN KANTOORPERSONEEL De Koning uitzendbureau is een van de langst bestaande uitzendorganisaties

Nadere informatie

Conflictverlof bij situatieve arbeidsongeschiktheid lost niets op.

Conflictverlof bij situatieve arbeidsongeschiktheid lost niets op. Conflictverlof bij situatieve arbeidsongeschiktheid lost niets op. oktober 2008 De auteur heeft grote zorgvuldigheid betracht in het weergeven van delen uit het geldende recht. Evenwel noch de auteur noch

Nadere informatie

Flexibilisering van arbeidsrelaties

Flexibilisering van arbeidsrelaties Flexibilisering van arbeidsrelaties Deze presentatie is beschikbaar op legalbusinessday.nl Hélène Bogaard Boris Emmerig Inleiding "De arbeidsmarkt veert alweer op" (FD, 17 augustus 2011) economische groei

Nadere informatie

Wwz: wat moet u weten!

Wwz: wat moet u weten! Wwz: wat moet u weten! De Wet werk en zekerheid (Wwz) is in werking getreden op 1 januari 2015 en geldt uitsluitend voor het bijzonder onderwijs. Een aantal wijzigingen is al in werking getreden. De belangrijkste

Nadere informatie

(MODEL)OVEREENKOMST VAN OPDRACHT

(MODEL)OVEREENKOMST VAN OPDRACHT (MODEL)OVEREENKOMST VAN OPDRACHT PARTIJEN: 1. ( ), hierna verder te noemen: opdrachtgever ; en, 2. ( ), hierna verder te noemen: ZZP er. IN AANMERKING NEMENDE DAT: - er sprake is van een veranderde arbeidsmarkt

Nadere informatie

Wijziging op de Verordening Re-integratie en Tegenprestatie Participatiewet 2015 gemeente Borsele

Wijziging op de Verordening Re-integratie en Tegenprestatie Participatiewet 2015 gemeente Borsele Wijziging op de Verordening Re-integratie en Tegenprestatie Participatiewet 2015 gemeente Borsele Citeertitel: Re-integratieverordening 2015 De raad van de gemeente Borsele, gelezen het voorstel van burgemeester

Nadere informatie

Gevolgen concept-ontslagregeling voor payrollorganisaties

Gevolgen concept-ontslagregeling voor payrollorganisaties Gevolgen concept-ontslagregeling voor payrollorganisaties Inleiding Als onderdeel van het sociaal akkoord is afgesproken dat de regels met betrekking tot ontslag van een payrollmedewerker aangepast zullen

Nadere informatie

FAQ s Wet beoordeling deregulering arbeidsrelaties (WDBA) VAR verdwijnt in 2016

FAQ s Wet beoordeling deregulering arbeidsrelaties (WDBA) VAR verdwijnt in 2016 FAQ s Wet beoordeling deregulering arbeidsrelaties (WDBA) VAR verdwijnt in 2016 1. Waarom is het onderscheid tussen een werknemer en opdrachtnemer belangrijk? 2. Wat is het verschil tussen een arbeids-

Nadere informatie

Zaak A 2005/1 - Bovemij Verzekeringen N.V. / Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom

Zaak A 2005/1 - Bovemij Verzekeringen N.V. / Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom COUR DE JUSTICE BENELUX GERECHTSHOF ~ Zaak A 2005/1 - Bovemij Verzekeringen N.V. / Benelux-Organisatie voor de Intellectuele Eigendom Nadere conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda (stuk A 2005/1/13)

Nadere informatie

Eenzijdige wijziging van primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden

Eenzijdige wijziging van primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden Eenzijdige wijziging van primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden Naam schrijver : Richard Lutz Naam afstudeerorganisatie : NobelVanToorn advocaten Datum : 29 Mei 2012 Plaats : Tilburg Titelpagina Titel

Nadere informatie

Overgang van onderneming als gevolg van aanbesteding in de zorg. Mark Keuss en Frank ter Huurne

Overgang van onderneming als gevolg van aanbesteding in de zorg. Mark Keuss en Frank ter Huurne Overgang van onderneming als gevolg van aanbesteding in de zorg Mark Keuss en Frank ter Huurne Het kabinet Rutte II wil de oplopende kosten van zorg en welzijn tegengaan. In het regeerakkoord is een groot

Nadere informatie

De Vrije werker en het Arbeidsrecht

De Vrije werker en het Arbeidsrecht De Vrije werker en het Arbeidsrecht De arbeidsrechtelijke status van vrije werkers inleiding In elke organisatie, van ZZP'er tot multinational, komt het voor dat er werkzaamheden moeten worden verricht

Nadere informatie

11/1 4 1 Flexibele arbeidsrelaties

11/1 4 1 Flexibele arbeidsrelaties 11/1 4 1 Flexibele arbeidsrelaties Mr. Klarie de Boer werkt als jurist arbeidsrecht vanuit haar eigen onderneming Werkgoed en Arbeidsrecht. Daarnaast werkt ze als jurist voor IrisZorg, een organisatie

Nadere informatie

Handleiding Modelopgaaf werkingssfeer CAO voor Uitzendkrachten

Handleiding Modelopgaaf werkingssfeer CAO voor Uitzendkrachten Gebruik handleiding De is opgesteld teneinde een oordeel te kunnen v ormen over de verplichte toepassing van de CAO voor Uitzendkrachten door de onderneming. Deze handleiding is bedoeld ten behoeve van

Nadere informatie

ARBEIDSOVEREENKOMST. 2. [naam DGA], geboren op [datum], wonende aan de [adres] te ([postcode]) [plaats], hierna te noemen: "werknemer";

ARBEIDSOVEREENKOMST. 2. [naam DGA], geboren op [datum], wonende aan de [adres] te ([postcode]) [plaats], hierna te noemen: werknemer; ARBEIDSOVEREENKOMST Ondergetekenden: 1. De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [naam] Holding BV, statutair gevestigd te [plaats] en kantoorhoudende aan de [adres] te ([postcode]) [plaats],

Nadere informatie

Nederlandse Algemene Voorwaarden IMDES Werving & Selectie van Technisch Personeel

Nederlandse Algemene Voorwaarden IMDES Werving & Selectie van Technisch Personeel Artikel 1. Definities In deze Algemene Voorwaarden wordt verstaan onder: 1. Opdrachtnemer: IMDES, handelend inzake arbeidsbemiddeling, die ten behoeve van een werkgever, een werkzoekende, dan wel beiden,

Nadere informatie

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove...

http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ecli:nl:rbove... Rechtspraak.nl Print uitspraak 1 of 5 071215 09:02 Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBOVE:2013:1448 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecl Instantie Rechtbank Overijssel

Nadere informatie

1 Het geding in feitelijke instanties

1 Het geding in feitelijke instanties Uitspraak 14 februari 2014 nr. 13/00475 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof te s-gravenhage van 18 december 2012, nr. 12/00169,

Nadere informatie