DE VRAAG NAAR GROENE ENERGIE. Uitgevoerd door. Intomart te Hilversum. drs. Edith Leeuwis drs. Jan Both

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "DE VRAAG NAAR GROENE ENERGIE. Uitgevoerd door. Intomart te Hilversum. drs. Edith Leeuwis drs. Jan Both"

Transcriptie

1 DE VRAAG NAAR GROENE ENERGIE Een telefonisch onderzoek onder huishoudens en bedrijven in Nederland Uitgevoerd door Intomart te Hilversum drs. Edith Leeuwis drs. Jan Both In opdracht van het Ministerie van Economische Zaken Hoofdafdeling Duurzame Energie Intomart, september 1999 EL/JB/NW/7.6136

2 INHOUD PAGINA HOOFDSTUK 1. INLEIDING Doel van het onderzoek De vraagstelling van het onderzoek Opzet en methode van het onderzoek De steekproeven en de weging De responsverantwoording Nauwkeurigheid van de uitkomsten De wijze van rapporteren 9 HOOFDSTUK 2. DE HUISHOUDENS Inleiding De toegepaste energiebesparende maatregelen De houding ten aanzien van de milieuproblematiek De bekendheid met groene energie De houding ten aanzien van groene energie Het gebruik van groene energie De voorkeur voor soort groene energie De vraag naar groene energie De verplichting om groene energie af te nemen De leverancier van groene energie De controle op de levering Het subsidiëren door de overheid 20 HOOFDSTUK 3. DE BEDRIJVEN Inleiding De toegepaste energiebesparende maatregelen De houding ten aanzien van de milieuproblematiek De bekendheid met groene energie De houding ten aanzien van groene energie Het gebruik van groene energie De voorkeur voor soort groene energie De vraag naar groene energie De verplichting om groene energie af te nemen De leverancier van groene energie De controle op de levering Het subsidiëren door de overheid 31 HOOFDSTUK 4. SAMENVATTING EN CONCLUSIES Inleiding De huishoudens De bedrijven 34 BIJLAGEN 1. VRAGENLIJSTEN 2. NOMOGRAM Rap76136.doc - 2 -

3 HOOFDSTUK 1 Inleiding -3-

4 1. INLEIDING 1.1 Doel van het onderzoek Het marktonderzoek is uitgevoerd ten behoeve van het Energierapport Het betreft een marktonderzoek naar de vraag naar groene energie in huishoudens en bedrijven in Nederland. Meer in het bijzonder gaat het om de stand van zaken met betrekking tot de bekendheid met groene energie, de houding ten aanzien van groene energie en de bereidheid tot afname van groene energie in De vraagstelling van het onderzoek De mate van de vraag naar groene energie is van meer factoren afhankelijk. Het gaat daarbij niet alleen om de prijs die men er voor wenst te betalen, maar ook om de houding die men ten aanzien van groene energie heeft, de mate waarin men milieubehoud van belang vindt, het belang dat men hecht aan overheidsbeleid in deze en de controle op de levering. Deze factoren hebben er toe geleid dat voor het marktonderzoek de volgende centrale vragen werden geformuleerd: Wat is de mate van milieubesef en de houding ten aanzien groene energie bij huishoudens en bedrijven? In welke mate zijn de huishoudens en de bedrijven in Nederland bekend met het begrip groene energie en wat verstaan zij daaronder? In welke mate wordt momenteel groene energie zelf geproduceerd en/of van energiedistributiebedrijven afgenomen? Voor welk soort groene energie heeft men de meeste voorkeur? Welke prijs willen huishoudens en bedrijven voor de levering van groene energie betalen? Hoe denken huishoudens en bedrijven over de subsidiëring door de overheid en een eventuele verplichting tot afname van groene energie? Wie moet volgens huishoudens en bedrijven groene energie leveren? Hoe denken huishoudens en bedrijven over de controle door het Wereld Natuur Fonds? Met behulp van relevante huishoud-/persoonskenmerken en kenmerken van bedrijven kunnen in de analyse subgroepen uit de steekproeven worden gevormd, waarmee de vraag naar groene energie en op relevante punten kan worden beschreven en de marktvraag duidelijk in beeld wordt gebracht. Marktonderzoek -en zeker onderzoek op het onderhavige terrein- kampt altijd met het probleem van de sociale wenselijkheid. Milieu en groene energie zijn zaken waar men positief tegenover moet staan omdat de samenleving en een belangrijk deel van de sociale groep waartoe men behoort, deze zaken positief benaderen. Echter als het persoonlijk geld gaat kosten worden de reacties genuanceerder. In dit onderzoek blijkt dit eveneens. Mensen zijn vrijwel allemaal voor de toepassing van duurzame energie maar een meer beperkte groep heeft daar ook financieel gezien wat voor over. -4-

5 1.3 Opzet en methode van het onderzoek Aan de hand van de in paragraaf 1.2 geformuleerde vragen zijn in overleg met de opdrachtgever vragenlijsten samengesteld voor de huishoudens en bedrijven. Deze vragenlijsten zijn als bijlage 1 bij dit rapport gevoegd. Het onderzoek is middels computergestuurde telefonische interviews uitgevoerd onder een steekproef huishoudens en een steekproef bedrijven. De interviews zijn door -hiervoor speciaal geïnstrueerde- enquêteurs van Intomart afgenomen gedurende de maand augustus Het gemiddelde vraaggesprek had een doorlooptijd van ongeveer 15 minuten. Het veldwerk werd afgerond voordat het WNF de actie Laat de Noordpool niet smelten organiseerde, waardoor die actie dit onderzoek niet kon beïnvloeden. In de huishoudens is degene geïnterviewd die zich het meest met energiezaken of de energiekosten rekening houdt. Voor wat betreft de bedrijven waren dit, afhankelijk van de bedrijfsorganisatie, de eigenaar, de directeur, de financieel directeur, de energiecoördinator of een andere functionaris die energie in zijn of haar portefeuille heeft. Alvorens de interviews af te nemen zijn onder een beperkt aantal huishoudens en bedrijven proefinterviews gehouden. Naar aanleiding van deze proefinterviews zijn de vragenlijsten op sommige punten aangepast. 1.4 De steekproeven en de weging De huishoudens Om een betrouwbare analyse mogelijk te maken en geldige uitspraken te kunnen doen is een representatieve steekproef van vertegenwoordigers van huishoudens geïnterviewd. Een steekproef van een dergelijke grootte geeft de mogelijkheid de vraag naar groene energie op verschillende niveaus in beeld te brengen. De bruto steekproef is getrokken uit het totaal aantal huishoudens in Nederland waarvan het telefoonnummer bekend is. Tijdens het veldwerk is gezorgd voor een representatieve spreiding naar regio. Achteraf werd de steekproef gewogen naar de werkelijke eigendomsverhouding tussen huurhuis en eigen huis. -5-

6 De netto gerealiseerde steekproef ziet er op de volgende kenmerken vóór en na de weging als volgt uit: Leeftijd respondent Voor de weging Na de weging jaar jaar jaar 65 jaar en ouder Geslacht respondent Man Vrouw Sociale klasse 1 A/B1 B2 C/D 21% 24% 36% 19% 45% 55% 55% 18% 27% 21% 22% 36% 20% 45% 55% 52% 18% 30% Huishoudgrootte 1-2 personen 3-4 personen 5 en meer personen Wil niet zeggen 57% 32% 10% 1% 60% 31% 9% * Voor de weging Na de weging Netto inkomen per maand Minder dan ƒ 2250,= ƒ 2250,= - ƒ 3500,= ƒ 3500,= - ƒ 5500,= ƒ 5500,= en meer Wil niet zeggen Eigendomsverhouding Huurhuis Eigen huis 14% 27% 27% 14% 19% 39% 61% 18% 28% 25% 12% 18% 52% 48% De gevonden percentages verschillen te weinig met de CBS gegevens om nog een extra weging op een bepaald kenmerk toe te passen. 1 A/B1 = Hoofdkostwinner hoog opgeleid (WO/HBO), meestal leidinggevende of vergelijkbare functie en redelijk tot goed inkomen B2 = Hoofdkostwinner redelijk hoog opgeleid (HBO/MBO), redelijke functie en redelijk tot hoog inkomen C/D= Hoofdkostwinner lager opgeleid, gemiddelde functie soms leidinggevend en modaal tot laag inkomen - 6 -

7 De bedrijven Voor de bedrijven is een quota steekproef naar bedrijfstype en aantal werkzame personen gehanteerd die naderhand naar de werkelijke verhoudingen is gewogen. Dit is een gebruikelijke methode om met een relatief beperkte steekproefgrootte -in dit geval n=500- voldoende waarnemingen per deelsteekproef te verkrijgen. Indien geen quota steekproef zou zijn gebruikt zouden per bedrijfstak en naar aantal werkende personen een zeer grote steekproef moeten zijn benaderd om de juiste verhoudingen te realiseren. In onderstaand schema staan per bedrijfstak en naar het aantal werkzame personen de ongewogen/quota aantallen en gewogen aantallen weergegeven. De gewogen aantallen staan tussen haakjes. Bedrijfstak Aantal werkende personen Totaal 2 tot Landbouw 50 ( 89) 13 ( 5) - 63 ( 93) Industrie 24 ( 22) 20 (13) 20 (2) 64 ( 37) Bouw 24 ( 21) 20 (10) 20 (1) 64 ( 32) Handel/horeca 23 (163) 20 (24) 20 (1) 63 (189) Zakelijke dienstverlening 24 ( 39) 20 (10) 20 (1) 64 ( 50) Transport/communicatie 23 ( 38) 20 (10) 20 (1) 63 ( 48) Onderwijs en gezondheid 23 ( 18) 20 ( 9) 20 (1) 63 ( 29) Overig kwartair 23 ( 18) 20 ( 9) 20 (1) 63 ( 29) Totaal 214 (408) 153 (90) 140 (9) 507 (507) De functie van de ondervraagde bij bedrijven is als volgt nader verdeeld: Functie Voor de weging Na de weging (Mede) eigenaar 26% 49% (Mede) directeur 22% 25% Administratief medewerker 9% 5% Hoofd technische dienst 7% 2% Financieel manager 5% 4% Bedrijfsleider 4% 2% Secretaresse / office manager 4% 3% Hoofd facilitaire dienst 2% 0% Energiecoördinator 1% 0% Hoofd algemene zaken 1% 0% (Algemeen) manager 1% 0% Anders 18% 8% 1.5 De responsverantwoording - 7 -

8 De huishoudens Om interviews met huishoudens te realiseren werden telefoonnummers gedraaid. In het onderstaand schema wordt een overzicht gegeven van de verschillende responscategorieën. Totaal aantal gedraaide telefoonnummers AF: oneigenlijke non-respons 3x geen gehoor 585 telefoon onjuist / afgesloten 322 zakelijk adres RESTEERT: responsbasis (100%) AF: eigenlijke non-respons weigering onbereikbaar 49 taalproblemen 57 ziekte (66%) RESTEERT: aantal gesprekken (34%) De bedrijven Om 507 interviews met bedrijven te realiseren werden telefoonnummers gedraaid. De responscategorieën zijn als volgt: Totaal aantal gedraaide telefoonnummers AF: oneigenlijke non-respons telefoon onjuist / afgesloten RESTEERT: responsbasis (100%) AF: eigenlijke non-respons weigering 920 onbereikbaar 184 taalproblemen 2 ziekte (69%) RESTEERT: aantal gesprekken 507 (31%) 1.6 Nauwkeurigheid van de uitkomsten - 8 -

9 Als bijlage bij dit rapport is een zogenaamde nomogram opgenomen. In dit nomogram kan worden afgelezen wat de nauwkeurigheidsmarges zijn bij een waarschijnlijkheid van 95%. Dit is zijn de marges behorende bij de percentages die uit de steekproef zijn verkregen in vergelijking met de totale populatie waaruit de steekproef is getrokken. Een voorbeeld: in tabel 3.3 (n=434) is te lezen dat 15% van de bedrijven onder het begrip groene energie energie uit zonneboilers verstaat. Ter hoogte van de loodlijn vanuit het punt 434 op de horizontale as met de curve van 15% of 85% wordt de nauwkeurigheidsmarge 3.5 gelezen. Dit houdt in dat de uitkomst die verkregen zou zijn als alle bedrijven in Nederland waren ondervraagd dit percentage liggen tussen (15-3.5)% en ( )% bij een waarschijnlijkheid van 95%, dat wil zeggen tussen 11.5% en 18.5%. Voor de nadere in de steekproeven gevonden percentages gaat men met de nomogram als volgt te werk: men kiest op de horizontale as de grootte van de steekproef of deelsteekproef, waarin de uitkomst is verkregen; men bepaalt het snijpunt van de loodlijn vanuit het punt dat de steekproefomvang aangeeft met de curve voor de uitkomst waarvan men de nauwkeurigheid wil weten; ter hoogte van dit punt op de verticale as kan men dan de nauwkeurigheidsmarge aflezen. 1.7 De wijze van rapporteren In hoofdstuk 2 worden de resultaten van het onderzoek onder huishoudens uitgebreid besproken. In hoofdstuk 3 worden op dezelfde wijze de resultaten die uit het onderzoek onder bedrijven zijn verkregen gerapporteerd. De algemene beschrijving vindt plaats middels de gewogen cijfers. De ongewogen resultaten worden gebruikt om eventuele verschillen tussen verschillende niveaus en analysegroepen aan te geven. Alleen de significante verschillen worden gerapporteerd

10 HOOFDSTUK 2 De huishoudens

11 2. DE HUISHOUDENS 2.1 Inleiding De paragrafen in dit hoofdstuk volgen de lijn van algemeen naar specifiek. Allereerst worden enkele zogenaamde achtergrondkenmerken beschreven zoals de toegepaste energiebesparende maatregelen in huis beschreven en de houding ten aanzien van de milieuproblematiek. Vervolgens wordt aandacht besteed aan de bekendheid met groene energie, de houding ten aanzien van deze vorm van energiewinning, het huidige gebruik van deze energievorm en de voorkeur voor soorten groene energie. Daarna wordt ingegaan op de kosten van groene energie, in casu de prijs die men bereid ervoor te betalen en de mening over de verplichting een bepaald percentage groene energie af te nemen. De laatste paragrafen gaan in de controle op de levering en de subsidiëring door de overheid. 2.2 De toegepaste energiebesparende voorzieningen in huis In een belangrijk deel van de woningen is er sprake van een behoorlijk aantal voorzieningen betreffende energiebesparing. De verschillende voorzieningen staan in tabel 2.1 in volgorde van aanwezigheid vermeld. Tabel 2.1: Toegepaste voorzieningen energiebesparing in percentages, n=1013 Voorziening % isolatie van muren en glas 74 spaarlampen 51 isolatie van leidingen 43 dakisolatie 40 HR-ketel 39 andere maatregelen 8 geen maatregelen 10 weet niet 2 Isolatie van muren en glas en spaarlampen worden het meest genoemd en dakisolatie en HR-ketel relatief het minst. Uit de antwoorden is een nieuwe variabel geconstrueerd die in drie klassen aangeeft of de woning goed, matig of slecht is voorzien van energiebesparende voorzieningen. De verdeling over deze variabel ziet er als volgt uit: 34% is goed voorzien (5 of 4 voorzieningen), 32% is matig voorzien (3 of 2 voorzieningen) en 34% is slecht voorzien (1 of 0 voorzieningen). Eigen woningen zijn beter voorzien van energiebesparende voorzieningen dan huurwoningen, evenals woningen van huishoudens met hogere inkomens en uit de hogere sociale klassen. Deze nieuw geconstrueerde variabele zal in de verdere analyse worden meegenomen en worden gerapporteerd daar waar significante verschillen optreden. 2.3 De houding ten aanzien van de milieuproblematiek

12 De houding ten aanzien van de milieuproblematiek (het milieubesef) is gemeten aan de hand van enkele uitspraken 2. Op elke uitspraak kon de respondent reageren middels een vierpuntsschaal van helemaal mee eens tot helemaal niet mee eens. De resultaten zijn zogenaamde gemiddelde somscores die zijn gebaseerd op de waarden van de schaal. Hoe meer men het met de uitspraak eens is hoe hoger de gemiddelde scores. De hoogste theoretische waarde is een 4, de laagste een 1. Een score van 2.5 is het gemiddelde op een schaal van 1 t/m 4. De weet niet antwoorden worden niet in de score berekend. Van alle scores boven 2.5 kan worden gezegd dat van de personen die een mening hebben meer dan de helft het met de uitspraak eens is. In de laatste kolom van tabel 2.2 de afwijkende scores van enkele analysegroepen vermeld. Tabel 2.2: Het milieubesef in percentages, n=1013 Uitspraken Ik ben bereid extra belasting te betalen voor de milieuproblematiek De aandacht voor het broeikaseffect is sterk overdreven De milieuvervuiling wordt wel wat overtrokken Milieu en natuur mogen mij geen geld kosten Artikelen in kranten of tijdschriften lees ik altijd Ik praat met anderen over milieuonderwerpen Gemiddelde Afwijkende scores score jr (+) jr en 2.26 (-) jr en 2.31 (-) 2.06 weinig of geen onderscheid jr. en ouder 2.57 en 2.69 (+) 2.70 weinig of geen onderscheid Het zijn vooral de jongere respondenten (18-44 jaar) die een hoger milieubesef hebben dan de ouderen. 2.4 De bekendheid met groene energie De bekendheid met het begrip groene energie is relatief hoog. 70% heeft hier wel eens van gehoord. Dit zijn met name mannen (81%), respondenten uit de sociale klassen A/B1 (77%), respondenten met eigen woningen (75%), respondenten met woningen met relatief veel energiebesparende voorzieningen (76%) en respondenten met een inkomen van ƒ 3500,= tot ƒ 5500,= (79%). 2 Deze schaal is gehanteerd in het Tijdsbestedingsonderzoek, SCP, 1995 en ontwikkeld door het Instituut voor Milieuvraagstukken van de VU

13 Gevraagd naar wat men onder groene energie verstaat laat in tabel 2.3 de volgende antwoorden zien. Tabel 2.3: De inhoud van het begrip groene energie in percentages, n=709 Begrip groene energie % Milieuvriendelijke energie 34 Energie die door zonnecellen, windmolens e.d. wordt opgewekt 19 Energie die wordt gewonnen/geproduceerd uit milieuvriendelijke bronnen 17 Windmolens 14 Zonnestroom 8 Zonneboilers 6 Waterkracht 4 Biomassa 1 Passieve zonne-energie 1 Duurzame energie 3 Ander begrip dat juist is 1 Ander begrip dat onjuist is 6 weet niet 12 Uit nadere analyse waarbij ook de bekendheid wordt gerekend na de introductie van het begrip groene energie bleek dat van de totale steekproef 87% van de respondenten spontaan of geholpen bekend is met groene energie. Mannen (92%), de leeftijdsgroep jaar (91%), respondenten met een eigen woning (92%) en respondenten met woningen met relatief veel energiebesparende voorzieningen (meer dan 90%). 2.5 De houding ten aanzien van groene energie Evenals het milieubesef is ook de houding ten aanzien van groene energie middels uitspraken gemeten. Op deze uitspraken konden de respondenten reageren door middel van een vierpuntsschaal van helemaal mee eens tot helemaal mee oneens. Met de antwoorden op deze stellingen zijn gemiddelde scores berekend. In afwijking van de presentatie van het milieubesef geven wij in de tabel 2.4 ook de percentages eens (een samentrekking van helemaal mee eens en mee eens ) en de percentages oneens (een samentrekking van mee oneens en helemaal mee oneens ). Tevens wordt in deze tabel de percentages weet niet weergegeven

14 Tabel 2.4: De houding ten aanzien van groene energie in percentages en gemiddelde scores, n=1013 Uitspraken eens oneens weet niet gem. score Groene energie is schone energie Groene energie is duur De levering van groene energie is betrouwbaar Groene energie is belangrijk voor de toekomst Groene energie geeft duidelijk aan wat men ermee bedoeld Van de feiten dat groene energie schone energie is en dat het belangrijk is voor de toekomst is vrijwel iedereen overtuigd. Ook dekt het begrip groene energie voor een belangrijk deel van de respondenten de lading. Echter meer dan de helft van de respondenten denkt dat groene energie dure energie is en relatief veel respondenten weten niet of de levering betrouwbaar is. Enkele analysegroepen geven het volgende beeld: jarigen vinden groene energie minder duur: gemiddelde score 2.63; hoe meer men voor de energierekening betaald hoe duurder men groene energie vindt: gemiddelde score 2.77 (bij ƒ 100,= of minder per maand) tot 3.00 (bij ƒ 500,= en meer per maand; huishoudens met een hoog maandinkomen (ƒ 5500,= en meer) vinden groene energie minder duur: gemiddelde score 2.61; personen die (voor het interview) niet met groene energie bekend waren, vinden de levering meer betrouwbaar: gemiddelde score 2.85; 2.6 Het gebruik van groene energie De maandelijkse energierekening Omdat het gebruik van groene energie -en verder in de analyse de vraag naar groene energie- mogelijk afhankelijk is van de hoogte van de maandelijkse energierekening is eerst deze maandelijkse rekening geïnventariseerd. Dan blijkt dat 53% van de huishoudens tussen ƒ 100,= en ƒ 300,= betaalt, 11% tot ƒ 100,= en 12% meer dan ƒ 300,=. Opvallend is dat 25% van de respondenten niet weet wat de maandelijkse energierekening is. De ontvangst van groene energie Ruim 6% van de huishoudens ontvangt groene energie in huis, te onderscheiden in 1% zelf geproduceerd en 5% via het energiebedrijf. Gezien het lage percentage dat via het energiebedrijf groene energie ontvangt, worden er geen significante verschillen tussen analysegroepen gevonden

15 Van de 41 huishoudens die groene energie via het energiebedrijf ontvangen, zegt 27% dat dit een deel van het elektriciteitsverbruik is en 37% dat dit het gehele elektriciteitsverbruik betreft. Het is opvallend dat eveneens 37% niet weet of het een deel of het totale elektriciteitsverbruik betreft. De antwoorden op de vraag naar een zuiverder beeld -het werkelijke deel of het aantal kwh dat men van het energiebedrijf ontvangt- geeft vanwege het beperkte aantal respondenten (11) geen betrouwbaar beeld. De reden dat men slechts een deel ontvangt, zijn voornamelijk de kosten die daarmee gemoeid zijn. 2.7 De voorkeur voor soort groene energie Aan de respondenten werden een aantal vormen van groene energie voorgelegd en per vorm gevraagd of men hier positief of negatief tegenover stond. In tabel 2.5 staan de voorkeuren weergegeven. Tabel 2.5: Voorkeuren vormen van groene energie in percentages, n=1013 Vorm groene energie Positief Negatief Neutraal Weet niet Energie uit waterkracht Energie uit zonnepanelen Energie uit windmolens Energie uit een zonneboiler Energie uit afval Energie uit biomassa Tegenover alle genoemde bronnen van groene energie staat men (zeer) positief, hoewel energie uit afval en biomassa een wat meer neutrale houding opwerpen dan de andere energiebronnen. Als we de achtergrondvariabelen in de analyse betrekken blijkt het volgende: vrouwen staan minder positief tegenover energie uit waterkracht dan mannen (87% versus 92%); respondenten uit de sociale klasse A/B1 staan positiever tegenover waterkracht dan respondenten uit de sociale klasse C/D (91% versus 86%); vrouwen staan positiever tegenover energie uit windmolens dan mannen (87% versus 82%); respondenten uit de sociale klasse A/B1 staan positiever tegenover zonneboilers dan respondenten uit de sociale klasse C/D (85% versus 77%); mannen staan positiever tegenover energie uit biomassa dan vrouwen (75% versus 64%); respondenten uit de sociale klasse A/B1 staan positiever tegenover energie uit biomassa dan respondenten uit de sociale klasse C/D (73% versus 70%)

16 2.8 De vraag naar groene energie De vraag naar groene energie kan nauw samenhangen met de prijs die men er voor moet betalen, de houding tegenover groene energie en mogelijk enkele achtergrondkenmerken. Allereerst werd de respondent voorgerekend dat hij ongeveer ƒ 8,= (dit is de gemiddelde prijs) per maand meer zou moeten betalen om zijn totale elektriciteitsverbruik uit groene energie te betrekken. Waarna de vraag werd gesteld of hij bereid was dit te doen. Dan blijkt 45% van de respondenten die momenteel geen groene energie afnemen of maar een deel van hun verbruik afnemen dit te willen doen. Om deze groep nader uit te tekenen sommen we de volgende kenmerken van deze groep op: de groep bestaat uit meer jonge dan oude respondenten; de groep bestaat uit meer respondenten uit de sociale klasse A/B1 dan uit de sociale klasse C/D; de groep bestaat voor een belangrijk deel uit respondenten die reeds met groene energie bekend waren; de groep bestaat uit meer respondenten van huishoudens met een hoger dan met een lager inkomen. 38% wil geen ƒ 8,= per maand aan groene energie besteden en 16% weet het (nog) niet. De groep die geen ƒ 8,= aan groene energie wil besteden kan als volgt worden gekenschetst: meer oude dan jonge respondenten; meer mannen dan vrouwen; meer respondenten uit de sociale klasse C/D dan uit de sociale klasse A/B1; meer respondenten die tot ƒ 100,= per maand aan energiekosten kwijt zijn; meer 1 tot 2-persoonshuishoudens; meer respondenten met een lager inkomen. Aan de respondenten die niet bereid zijn om voor ƒ 8,= per maand al hun elektriciteit als groene energie af te nemen werd naar de reden hiervoor gevraagd. In tabel 2.6 staan de redenen weergegeven. Tabel 2.6: Redenen om alle elektriciteit niet als groene energie af te nemen in percentages, n=541 Redenen % Te duur 44 Weet niet hoe het moet 6 Heb nooit gehoord dat dit kan 6 Gelooft er niet in 5 Te oud / wil geen verandering 4 Wil eerst goed overleggen 3 Andere redenen 22 De reden dat het te duur is wordt voornamelijk naar voren gebracht door respondenten met een lager inkomen en die wonen in een huurhuis

17 Aan de 237 respondenten die aangaven ƒ 8,= per maand te duur te vinden, is gevraagd of men voor minder dan ƒ 8,= per maand groene energie zou willen betrekken en voor hoeveel gulden dat dan is. Uit tabel 2.7 blijkt dat 66% van deze groep er niets voor wil betalen en dat 17% niet weet wat men ervoor over zou hebben. De bedragen die wel worden genoemd staan in de volgende tabel. Tabel 2.7: De extra bedragen voor groene energie minder dan ƒ 8,= in percentages, n=237 Bedrag % 1 gulden 1 2 gulden 5 3 gulden 3 4 gulden 5 5 gulden 3 6 gulden * 7 gulden 1 Niets 66 Weet niet 17 Het gemiddelde bedrag dat men (n=42) per maand aan groene energie zou willen besteden is ƒ 3,50. Hiermee kan ongeveer de helft van de het elektriciteitsverbruik uit groene energie worden betrokken. Aan deze respondenten (n=42) die tussen 1 en 7 gulden extra per maand over hebben voor groene energie is gevraagd of zij een deel van hun elektriciteitsverbruik uit groene energie zouden willen betrekken en daarvoor met het energiebedrijf contact op zouden willen nemen. Van deze 42 respondenten zijn er 22 dit willen doen en 4 respondenten zou voor het door hun genoemde bedrag hun totale elektriciteitsverbruik uit groene energie willen betrekken. Als we deze uitkomsten nader beschouwen kan worden geconcludeerd dat -behalve de huishoudens die reeds (ten dele) groene energie ontvangen- nog 47% van de huishoudens die nu nog geen groene energie ontvangen eventueel bereid zijn groene energie (ten dele) af te nemen. Het is mogelijk dat de 466 respondenten die verklaarden bereid te zijn ƒ 8,= per maand extra te besteden aan groene energie meer dan ƒ 8,= zouden willen betalen. Bij deze respondenten is geïnventariseerd welk bedrag zij meer per maand voor groene energie zouden willen betalen dan ƒ 8,=. In tabel 2.8 zijn deze bedragen opgenomen. Uit de gegevens in deze tabel blijkt dat een belangrijk deel meer dan ƒ 8,= per maand zou willen besteden. Tabel 2.8: Meer dan ƒ 8,= per maand voor groene energie in percentages, n=

18 Bedrag % 9 gulden 3 10 gulden gulden 1 12 gulden 4 13 gulden 1 14 gulden gulden gulden en meer 13 Wil niets extra s betalen 12 Weet niet 16 Het gemiddelde bedrag dat de 336 respondenten extra aan groene energie willen besteden is meer dan ƒ 14,=. 2.9 De verplichting om groene energie af te nemen De overheid onderzoekt momenteel de mogelijkheid om 10% van het elektriciteitsverbruik verplicht als groene energie op te leggen, waarvoor ook extra moet worden betaald. Aan alle respondenten werd gevraagd of men buiten deze verplichting nog extra groene energie zou willen afnemen. Bij de vraag aan de respondenten werd om praktische reden niet verteld wat de kosten van 10% groene stroom zijn. 30% van de steekproef wil wel extra groene stroom afnemen, 54% niet en 18% weet het niet of zij naast de verplichting nog groene energie zouden afnemen. Met name de jongeren van jaar (42%), respondenten uit de sociale klasse A/B1 (31%), respondenten met een maandelijkse energierekening tot ƒ 100,= en respondenten met een maandelijks gezinsinkomen van meer dan ƒ 3500,= (minstens 34%) zouden wel extra groene energie afnemen. Het gaat dan om de volgende percentages extra: Tabel 2.9: De extra percentages groene energie bovenop de eventueel verplichte 10% in percentages, n=283 Percentages extra groene energie % 1-10 procent procent procent procent procent 13 een hoger percentage 28 weet niet 23 Van het deel van de steekproef (n=283) dat boven de verplichte 10% nog eens extra groene energie zou willen afnemen geeft 77% zelfs daarbij een percentage aan

19 Aan alle respondenten (n=1013) is gevraagd wat men vindt van de maatregel dat de overheid 10% groene energie zou verplichten. 43% vindt dit een (heel) goed idee en 52% wijst een dergelijke verplichting af. Het profiel van de groep respondenten die het een goed idee vindt, lijkt enigszins op de profielen van de groepen die groene energie willen ontvangen of er meer voor willen betalen, namelijk: jongeren van jaar en respondenten uit de sociale klasse A/B De leverancier van groene energie Naast de afname van groene energie via het energiebedrijf kan men ook zelf groene energie opwekken met behulp van zonnepanelen of een zonneboiler. 52% van de steekproef prefereert een afname van het energiebedrijf, 30% geeft de voorkeur aan het zelf opwekken, 14% heeft geen voorkeur en 4% weet het niet. Jongeren van jaar (59%) geven met name de voorkeur aan levering via het energiebedrijf evenals de respondenten die werkelijk bereid zijn groene energie af te nemen (64%). Ook is gevraagd of men de voorkeur heeft voor opwekking van groene energie in het buitenland in plaats van in eigen land. 62% geeft de voorkeur aan Nederland, slechts 5% aan het buitenland, 30% heeft geen voorkeur en 4% kan geen voorkeur aangeven. Het opwekken in Nederland wordt met name aangegeven door respondenten van jaar (68%), vrouwen (67%), respondenten die groene energie via het energiebedrijf willen ontvangen (65%), respondenten uit de sociale klasse C/D (67%) en respondenten die de verplichting van 10% afname een goed idee vinden (66%) De controle op de levering Momenteel wordt door het Wereld Natuur Fonds gecontroleerd of er niet meer groene energie wordt geleverd dan er wordt opgewekt. De vraag die aan de respondenten is voorgelegd betreft de betrouwbaarheid van het WNF in deze. 75% vindt het WNF in deze (zeer) betrouwbaar en 9% (zeer) onbetrouwbaar; 15% heeft hier geen oordeel over. Met name de respondenten die groene energie van hun energiebedrijf willen ontvangen (met 81%), vrouwen (met 79%) en respondenten die bereid zijn groene energie af te nemen (met 80%) vinden het WNF een betrouwbare controleur. Gevraagd naar mogelijke alternatieve controleurs levert een scala aan instellingen op. Onder meer worden genoemd: de overheid (38%); een accountantskantoor (8%); Greenpeace (4%) en een zogenaamde onafhankelijke instelling (3%) Het subsidiëren door de overheid

20 80% van de steekproef is het er (helemaal) mee eens dat de overheid groene energie subsidieert, 14% vindt dat de overheid dat niet moet doen en 6% weet het niet. Met name vrouwen zijn het er mee eens (85%) evenals de respondenten die de verplichting van 10% afname een (heel) goed idee vinden (90%). Een belangrijk deel van de steekproef (83%) vindt het (zeer) belangrijk dat de overheid in een reclamecampagne voor groene energie zich als subsidiënt afficheert

CO2 opslag Mei 2010. Een internet onderzoek in opdracht van Gemeente Barendrecht. Uitgevoerd door: Intomart GfK bv

CO2 opslag Mei 2010. Een internet onderzoek in opdracht van Gemeente Barendrecht. Uitgevoerd door: Intomart GfK bv CO2 opslag Mei 2010 Een internet onderzoek in opdracht van Gemeente Barendrecht Uitgevoerd door: Intomart GfK bv Uw contact: Tom van Dijk Tel.: +31 (0)35-6258411 / Fax: +31 (0)35-6246532 E-mail: Tom.van.Dijk@GfK.com

Nadere informatie

ENERGIE ENQUÊTE VOORJAAR 2012

ENERGIE ENQUÊTE VOORJAAR 2012 ENERGIE ENQUÊTE VOORJAAR 2012 2 INHOUD Management samenvatting... 3 Respondenten... 3 Conclusies... 4 1. Inleiding... 6 2. Uitkomsten per vraag... 6 2.1 Energie en energiebesparing binnen de organisatie...

Nadere informatie

28 november 2015. Onderzoek: Klimaattop Parijs

28 november 2015. Onderzoek: Klimaattop Parijs 28 november 2015 Onderzoek: Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 45.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek. De uitslag van de

Nadere informatie

EENZAAMHEID. Juli 2000. telefonisch onderzoek. uitgevoerd door Intomart bv te Hilversum. in opdracht van. Nationale vereniging de Zonnebloem Breda

EENZAAMHEID. Juli 2000. telefonisch onderzoek. uitgevoerd door Intomart bv te Hilversum. in opdracht van. Nationale vereniging de Zonnebloem Breda EENZAAMHEID Opinieonderzoek over gevoelens van eenzaamheid en alleen zijn Juli 2000 telefonisch onderzoek uitgevoerd door Intomart bv te Hilversum in opdracht van Nationale vereniging de Zonnebloem Breda

Nadere informatie

Maatschappelijke waardering van Nederlandse Landbouw en Visserij

Maatschappelijke waardering van Nederlandse Landbouw en Visserij Nederlandse Landbouw en Visserij Inhoud 1 Inleiding 03 2 Samenvatting en conclusies landbouw en visserij 3 Maatschappelijke waardering landbouw 09 4 Associaties agrarische sector 13 5 Waardering en bekendheid

Nadere informatie

Mening inwoners over energiebesparing en duurzame energie Omnibusonderzoek 2011. Gemeente s-hertogenbosch

Mening inwoners over energiebesparing en duurzame energie Omnibusonderzoek 2011. Gemeente s-hertogenbosch Mening inwoners over energiebesparing en duurzame energie Omnibusonderzoek 2011 Gemeente s-hertogenbosch Afdeling Onderzoek&Statistiek Januari 2012 Samenvatting In het Omnibusonderzoek van 2011 onder bewoners

Nadere informatie

Jongeren & hun financiële verwachtingen

Jongeren & hun financiële verwachtingen Nibud, februari Jongeren & hun financiële verwachtingen Anna van der Schors Daisy van der Burg Nibud in samenwerking met het 1V Jongerenpanel van EenVandaag Inhoudsopgave 1 Onderzoeksopzet Het Nibud doet

Nadere informatie

Windenergie in Noord. 5 e panelmeting stadsdeel Noord. Inleiding

Windenergie in Noord. 5 e panelmeting stadsdeel Noord. Inleiding Windenergie in Noord 5 e panelmeting stadsdeel Noord Inleiding Eind 2009 heeft O+S voor stadsdeel Noord een bewonerspanel opgezet. Dit panel telt momenteel 344 leden. O+S heeft vier keer een enquête uitgezet

Nadere informatie

Omnibusenquête 2013 Energiebesparende maatregelen

Omnibusenquête 2013 Energiebesparende maatregelen Omnibusenquête 2013 Energiebesparende maatregelen OMNIBUSENQUETE 2012 Deelrapport: energiebesparende maatregelen Mei 2014 Samenstelling rapport: Enquête-organisatie: In opdracht van: Marielle Bartels,

Nadere informatie

E-boeken in de Nederlandse bibliotheken Een onderzoek naar de behoefte van Nederlanders over de uitleen van e- boeken in bibliotheken

E-boeken in de Nederlandse bibliotheken Een onderzoek naar de behoefte van Nederlanders over de uitleen van e- boeken in bibliotheken Rapport E-boeken in de Nederlandse bibliotheken Een onderzoek naar de behoefte van Nederlanders over de uitleen van e- boeken in bibliotheken Project: 16013937 Datum: 8 maart 2016 Aanleiding, doelgroep

Nadere informatie

Evaluatie Elektronisch Patiëntendossier (EPD)

Evaluatie Elektronisch Patiëntendossier (EPD) Evaluatie Elektronisch Patiëntendossier (EPD) Index 1. Samenvatting en conclusies 2. Inleiding 3. Bekendheid EPD 4. Kennis over het EPD 5. Houding ten aanzien van het EPD 6. Informatiebehoefte 7. Issue

Nadere informatie

Hoofdstuk 31. Klimaatprogramma

Hoofdstuk 31. Klimaatprogramma Hoofdstuk 31. Klimaatprogramma Samenvatting Ruim zeven op de tien Leidenaren is van mening dat het klimaat de laatste tien jaar aan het veranderen is. Dit is iets minder dan vorig jaar. Qua belangrijkheid

Nadere informatie

Attitude van Nederland, Zeeland en Borsele ten aanzien van verschillende energiebronnen. Energiemonitor 2010

Attitude van Nederland, Zeeland en Borsele ten aanzien van verschillende energiebronnen. Energiemonitor 2010 Attitude van Nederland, Zeeland en Borsele ten aanzien van verschillende energiebronnen Energiemonitor 2010 Index 1. Inleiding 2. Populariteit energievormen 3. Bouwen tweede kerncentrale 4. Uitbreiding

Nadere informatie

BURGERPANEL HUIZEN PEILING 1 2015 MILIEU

BURGERPANEL HUIZEN PEILING 1 2015 MILIEU BURGERPANEL HUIZEN PEILING 1 2015 MILIEU Gemeente Huizen Januari/februari 2015 Colofon Uitgave: Research 2Evolve Tesselschadelaan 15A 1217 LG Hilversum Tel: (035) 623 27 89 info@research2evolve.nl www.research2evolve.nl

Nadere informatie

Stadjers over energie en energiebesparing. Een Stadspanelonderzoek

Stadjers over energie en energiebesparing. Een Stadspanelonderzoek B A S I S V O O R B E L E I D Stadjers over energie en energiebesparing Een Stadspanelonderzoek Onderzoek en Statistiek Groningen heeft als kernactiviteiten instrumentontwikkeling voor en uitvoering van

Nadere informatie

Onderzoek TNS NIPO naar thuiswinkelgedrag en de bekendheid van het Thuiswinkel Waarborg in Nederland

Onderzoek TNS NIPO naar thuiswinkelgedrag en de bekendheid van het Thuiswinkel Waarborg in Nederland Onderzoek TNS NIPO naar thuiswinkelgedrag en de bekendheid van het Thuiswinkel Waarborg in Nederland In april 2013 heeft TNS NIPO in opdracht van Thuiswinkel.org een herhalingsonderzoek uitgevoerd naar

Nadere informatie

Onderzoek Week van de Energierekening Gfk i.o. Milieu Centraal oktober 2012

Onderzoek Week van de Energierekening Gfk i.o. Milieu Centraal oktober 2012 Onderzoek Week van de Energierekening Gfk i.o. Milieu Centraal oktober 2012 Achtergrond bij onderzoek In het onderzoek is gebruik gemaakt van een aselecte steekproef van 1.038 huishoudens. Deze steekproef

Nadere informatie

2013, peiling 2 juli 2013

2013, peiling 2 juli 2013 resultaten 2013, peiling 2 juli 2013 Van 14 mei tot en met 26 mei 2013 is een peiling onder het HengeloPanel gehouden. Van de 2.715 panelleden die waren uitgenodigd, hebben 1.615 leden de vragenlijst ingevuld.

Nadere informatie

ONDERZOEK THUIS ACCU. 29 oktober 2015. Is Nederland klaar voor de thuis accu?! Auteur Y. Lievens. Panelleden ISO 26362 gecertificeerd

ONDERZOEK THUIS ACCU. 29 oktober 2015. Is Nederland klaar voor de thuis accu?! Auteur Y. Lievens. Panelleden ISO 26362 gecertificeerd ONDERZOEK THUIS ACCU Is Nederland klaar voor de thuis accu?! 29 oktober 2015 Panelleden ISO 26362 gecertificeerd Auteur Y. Lievens Onderzoek thuis accu De techniek gaat steeds meer vooruit en er blijven

Nadere informatie

Onderzoek naar houding en kennis van Nederlandse burgers ten aanzien van schaliegas

Onderzoek naar houding en kennis van Nederlandse burgers ten aanzien van schaliegas Onderzoek naar houding en kennis van Nederlandse burgers ten aanzien van schaliegas Inhoudsopgave 1. Doelstelling 2. Onderzoeksverantwoording 3. Samenvatting 4. Resultaten 5. Bijlagen (open antwoorden,

Nadere informatie

Continu KWALITEITSONDERZOEK NAAR MATE VAN KLANTTEVREDENHEID OVER DIENSTVERLENING VAN ADVOCATEN 4e RAPPORT

Continu KWALITEITSONDERZOEK NAAR MATE VAN KLANTTEVREDENHEID OVER DIENSTVERLENING VAN ADVOCATEN 4e RAPPORT Continu KWALITEITSONDERZOEK NAAR MATE VAN KLANTTEVREDENHEID OVER DIENSTVERLENING VAN ADVOCATEN 4e RAPPORT Dit onderzoek is uitgevoerd door Prof Marketing BV. Het copyright behoort Prof Marketing BV toe

Nadere informatie

BURGERPANEL CAPELLE OVER

BURGERPANEL CAPELLE OVER BURGERPANEL CAPELLE OVER duurzaamheid Mei 2015 Inleiding Deze nieuwsbrief beschrijft de resultaten van de 14 e peiling met het burgerpanel van Gemeente Capelle aan den IJssel. Deze peiling ging over duurzaamheid.

Nadere informatie

Omnibusenquête 2015. deelrapport. Studentenhuisvesting

Omnibusenquête 2015. deelrapport. Studentenhuisvesting Omnibusenquête 2015 deelrapport Studentenhuisvesting Omnibusenquête 2015 deelrapport Studentenhuisvesting OMNIBUSENQUÊTE 2015 deelrapport STUDENTENHUISVESTING Zoetermeer, 9 december 2015 Gemeente Zoetermeer

Nadere informatie

Energie. 1 Conclusies. Energiebesparing en duurzame energie in de Drechtsteden

Energie. 1 Conclusies. Energiebesparing en duurzame energie in de Drechtsteden Energie Energiebesparing en duurzame energie in de Drechtsteden De gemeenten in de regio Drechtsteden werken samen aan klimaat- en energiebeleid. Ingezet wordt op energiebesparing en toename van gebruik

Nadere informatie

Meting stoppers-met-roken juli 2008

Meting stoppers-met-roken juli 2008 Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam Postbus 247 1000 AE Amsterdam t 020 522 54 44 f 020 522 53 33 e info@tns-nipo.com www.tns-nipo.com Consumer & Media Rapport Meting stoppers-met-roken juli 2008

Nadere informatie

Deventer Digipanel Energiebesparend gedrag Juni 2013

Deventer Digipanel Energiebesparend gedrag Juni 2013 Deventer Digipanel Energiebesparend gedrag Juni 2013 Uitgave : Team Kennis en Verkenning Naam : Jaap Barink Telefoonnummer : (0570) 693369 Mail : j.barink@deventer.nl 2 Introductie Team Kennis en Verkenning

Nadere informatie

SAMENVATTING RAPPORT VAN HET KWALITEITSONDERZOEK NAAR MATE VAN KLANTTEVREDENHEID OVER DIENSTVERLENING VAN ADVOCATEN

SAMENVATTING RAPPORT VAN HET KWALITEITSONDERZOEK NAAR MATE VAN KLANTTEVREDENHEID OVER DIENSTVERLENING VAN ADVOCATEN SAMENVATTING RAPPORT VAN HET KWALITEITSONDERZOEK NAAR MATE VAN KLANTTEVREDENHEID OVER DIENSTVERLENING VAN ADVOCATEN 1. ALGEMEEN 1.1 INHOUD Onderwerp Pagina 1. ALGEMEEN 1.1 Inhoud 1 1.2 Het onderzoek en

Nadere informatie

Stadjers over energie en energiebesparing. Een Stadspanelonderzoek

Stadjers over energie en energiebesparing. Een Stadspanelonderzoek B A S I S V O O R B E L E I D Stadjers over energie en energiebesparing Een Stadspanelonderzoek Onderzoek en Statistiek Groningen heeft als kernactiviteiten instrumentontwikkeling voor en uitvoering van

Nadere informatie

Opinie onderzoek windenergie

Opinie onderzoek windenergie Opinie onderzoek windenergie Resultaten van een onafhankelijk kwantitatief onderzoek onder een representatieve groep inwoners uit de provincie Drenthe Juli 2008 COLOFON Uitgevoerd in opdracht van: Raedthuys

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor voorjaar 2013 Roodstand

AFM Consumentenmonitor voorjaar 2013 Roodstand AFM Consumentenmonitor voorjaar 20 Roodstand Juni 20 GfK 20 AFM Consumentenmonitor Juni 20 1 Management Summary Bijna de helft van alle Nederlanders staat wel eens rood. Diegenen die niet rood kunnen staan,

Nadere informatie

Kernenergie. kernenergie01 (1 min, 22 sec)

Kernenergie. kernenergie01 (1 min, 22 sec) Kernenergie En dan is er nog de kernenergie! Kernenergie is energie opgewekt door kernreacties, de reacties waarbij atoomkernen zijn betrokken. In een kerncentrale splitst men uraniumkernen in kleinere

Nadere informatie

Gedragscode Defensie. Draagvlakmeting. Ministerie van Defensie. Defensie Personele Diensten Gedragswetenschappen

Gedragscode Defensie. Draagvlakmeting. Ministerie van Defensie. Defensie Personele Diensten Gedragswetenschappen Bezoekadres: Van Alkemadelaan 357 Postadres: MPC 58 A Postbus 90701 2509 LS Den Haag Nederland www.cdc.nl Draagvlakmeting TNS NIPO: Drs. Anneloes Klaassen Lisanne van Thiel GW: Drs. Amber Vos +31 (070)

Nadere informatie

Hiv op de werkvloer 2011

Hiv op de werkvloer 2011 Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam Postbus 247 1000 AE Amsterdam t 020 522 54 44 f 020 522 53 33 e info@tns-nipo.com www.tns-nipo.com Political & Social Samenvatting Hiv op de werkvloer 20 Natascha

Nadere informatie

Zonnepanelen in Nederland

Zonnepanelen in Nederland bezoekadres Marnixkade 1015 ZL Amsterdam 109 postadres Postbus 1001 E T moti@motivaction.nl MG 15262 F Amsterdam W +31 www.motivaction.nl (0)20 589 83 83 00 Zonnepanelen in Nederland Draagvlak en gebruik

Nadere informatie

Rapport. Roken en Zwangerschap. Jordy van der Steen. B-1272 Juli 2002. Bestemd voor: DEFACTO voor een rookvrije toekomst Den Haag

Rapport. Roken en Zwangerschap. Jordy van der Steen. B-1272 Juli 2002. Bestemd voor: DEFACTO voor een rookvrije toekomst Den Haag nipo het marktonderzoekinstituut Postbus 247 1000 ae Amsterdam Grote Bickersstraat 74 Telefoon (020) 522 54 44 Fax (020) 522 53 33 Email info@nipo.nl Internet www.nipo.nl Rapport Roken en Zwangerschap

Nadere informatie

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders

Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne. Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtone Nederlanders Samenvatting 3-meting effectonderzoek integratiecampagne Onderzoek onder allochtonen 1) Integratiecampagne

Nadere informatie

AFM Consumentenmonitor Q3 2009 Kredietwaarschuwingszin

AFM Consumentenmonitor Q3 2009 Kredietwaarschuwingszin AFM Consumentenmonitor Q3 009 Kredietwaarschuwingszin GfK Michel van der List Marcel Cools/ Niek Damen Indeling Rapportage Kredietwaarschuwingszin 1 Onderzoeksverantwoording Kennisvragen Kredietwaarschuwingszin

Nadere informatie

OMNIBUSONDERZOEK NOORD- KENNEMERLAND 2005 PSYCHISCHE GEZONDHEID

OMNIBUSONDERZOEK NOORD- KENNEMERLAND 2005 PSYCHISCHE GEZONDHEID OMNIBUSONDERZOEK NOORD- KENNEMERLAND 2005 PSYCHISCHE GEZONDHEID Gemeente Alkmaar afdeling Onderzoek en Statistiek februari 2006 auteur: Monique van Diest afdeling Onderzoek en Statistiek gemeente Alkmaar

Nadere informatie

Werkdruk in het onderwijs

Werkdruk in het onderwijs Rapportage Werkdruk in het primair en voortgezet onderwijs DUO ONDERWIJSONDERZOEK drs. Vincent van Grinsven dr. Eric Elphick drs. Liesbeth van der Woud Maart 2012 tel: 030-2631080 fax: 030-2616944 email:

Nadere informatie

duurzaamheid en energiebesparing

duurzaamheid en energiebesparing Hofpanel Resultaten peiling 16: 1 duurzaamheid en energiebesparing februari 2013 1. Inleiding Vanaf 13 december 2012 tot en met 6 januari 2013 konden leden van het Hofpanel het burgerpanel van de gemeente

Nadere informatie

EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede

EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede Doel Armoede is geen eenduidig begrip. Armoede wordt vaak gemeten via een inkomensgrens: iedereen met een inkomen beneden die grens is arm, iedereen er boven is

Nadere informatie

Derde meting Kennis over de AOWpartnertoeslag. Een internetonderzoek in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Derde meting Kennis over de AOWpartnertoeslag. Een internetonderzoek in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Derde meting Kennis over de AOWpartnertoeslag Een internetonderzoek in opdracht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Uitgevoerd door: Intomart GfK bv Uw contact: Carlijn Ritzen Tel.:035-6258411

Nadere informatie

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw

Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Beschrijving resultaten onderzoek biseksualiteit AmsterdamPinkPanel Oktober 2014 Joris Blaauw Dit document beschrijft kort de bevindingen uit het onderzoek over biseksualiteit van het AmsterdamPinkPanel.

Nadere informatie

Onderzoek Passend Onderwijs

Onderzoek Passend Onderwijs Rapportage Onderzoek passend onderwijs In samenwerking met: Algemeen Dagblad Contactpersoon: Ellen van Gaalen Utrecht, augustus 2015 DUO Onderwijsonderzoek drs. Liesbeth van der Woud drs. Tanya Beliaeva

Nadere informatie

Hoe gaat Nederland met pensioen?

Hoe gaat Nederland met pensioen? Hoe gaat Nederland met pensioen? Een onderzoek over het pensioensbewustzijn van Nederland op verschillende thema s, waaronder pensioenleeftijdsverwachting. In opdracht van GfK Intomart 2013 33213 Delta

Nadere informatie

Op eigen benen Onderzoek onder ouders over de financiën van kinderen die uit huis gaan

Op eigen benen Onderzoek onder ouders over de financiën van kinderen die uit huis gaan Op eigen benen Onderzoek onder ouders over de financiën van kinderen die uit huis gaan Inhoudsopgave Samenvatting 3 Inleiding 6 Resultaten 8 1. Omgaan met geld 9 2. Opvoeding en gedrag ouders 14 3. Financiële

Nadere informatie

Hoofdstuk 5 Naamsbekendheidonderzoek

Hoofdstuk 5 Naamsbekendheidonderzoek Hoofdstuk 5 5.1 Inleiding Achtergrond en doel van het onderzoek Bonnema Weert wenst inzicht te verkrijgen in haar naamsbekendheid. Bonnema Weert wil in het bijzonder antwoord krijgen op de volgende onderzoeksvragen:

Nadere informatie

Hernieuwbaar energie-aandeel in Vlaamse nieuwbouwprojecten Ontdek de zonnestroomoplossingen van SMA

Hernieuwbaar energie-aandeel in Vlaamse nieuwbouwprojecten Ontdek de zonnestroomoplossingen van SMA Hernieuwbaar energie-aandeel in Vlaamse nieuwbouwprojecten Ontdek de zonnestroomoplossingen van SMA Verplicht aandeel hernieuwbare energie in nieuwbouw Vanaf 1 januari 2014 moet elke nieuwe woning, kantoor

Nadere informatie

Nieuwe tijden, nieuwe collectieve pensioenen

Nieuwe tijden, nieuwe collectieve pensioenen Nieuwe tijden, nieuwe collectieve pensioenen Werkgevers en werknemers aan het woord Onderzoek verricht in opdracht van Nationale-Nederlanden door Motivaction. Wat vinden werkgevers en werknemers van pensioenen.

Nadere informatie

Onderzoek Inkomensafhankelijke huurverhoging

Onderzoek Inkomensafhankelijke huurverhoging Onderzoek Inkomensafhankelijke huurverhoging 18 april 2014 Over dit onderzoek Aan het onderzoek deden 6.914 leden van het EenVandaag Opiniepanel mee die in een huurhuis wonen. Hiervan wonen 5.488 mensen

Nadere informatie

Attitude Sociale Wetenschappen

Attitude Sociale Wetenschappen Attitude Sociale Wetenschappen Samenvatting van een onderzoek naar de houding van de Nederlandse bevolking en Nederlandse jeugd ten opzichte van Sociale Wetenschappen Enschede, november 2005 Rapportage

Nadere informatie

Jongeren en het huwelijk. Jongeren en het huwelijk

Jongeren en het huwelijk. Jongeren en het huwelijk Inhoud Zijn je ouders nog bij elkaar? 3 Genschap van goederen: Stel je zou gaan trouwen, waarvoor zou je dan kiezen? 7 Ik zou later willen trouwen 4 Partneralimentatie: Waar gaat je voorkeur naar uit?

Nadere informatie

Hiv en stigmatisering in Nederland

Hiv en stigmatisering in Nederland Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam Postbus 247 1000 AE Amsterdam t 020 522 54 44 f 020 522 53 33 e info@tns-nipo.com www.tns-nipo.com Political & Social Samenvatting Hiv en stigmatisering in Nederland

Nadere informatie

Bijlage 2 Potentieelberekening energiestrategie 1/5

Bijlage 2 Potentieelberekening energiestrategie 1/5 Bijlage 2 Potentieelberekening energiestrategie 1/5 Bijlage 2 Potentieelberekening energiestrategie 2/5 Toelichting bij scenario-analyse energiebeleid Beesel Venlo Venray Deze toelichting beschrijft wat

Nadere informatie

Omnibusenquête 2015. deelrapport. Ter Zake Het Ondernemershuis

Omnibusenquête 2015. deelrapport. Ter Zake Het Ondernemershuis Omnibusenquête 2015 deelrapport Ter Zake Het Ondernemershuis Omnibusenquête 2015 deelrapport Ter Zake Het Ondernemershuis OMNIBUSENQUÊTE 2015 deelrapport TER ZAKE HET ONDERNEMERSHUIS Zoetermeer, 15 februari

Nadere informatie

Onderzoek Houten Jongeren en Wonen

Onderzoek Houten Jongeren en Wonen Onderzoek Houten Jongeren en Wonen Juni 2007 www.adv-mr.com Utrechtseweg 101, 3702 AB Zeist Inhoud Inleiding Vanuit woonstichting Viveste en de gemeente Houten is een behoefte aan onderzoek naar de woonwensen

Nadere informatie

Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen

Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen Thuis voelen in Nederland: stedelijke verschillen bij allochtonen Jeroen Nieuweboer Allochtonen in, en voelen zich minder thuis in Nederland dan allochtonen elders in Nederland. Marokkanen, Antillianen

Nadere informatie

Onderzoeksrapport Randstad WerkMonitor 2015 kwartaal 1 Gevolgen wet werk en zekerheid (WWZ) Randstad Nederland

Onderzoeksrapport Randstad WerkMonitor 2015 kwartaal 1 Gevolgen wet werk en zekerheid (WWZ) Randstad Nederland Onderzoeksrapport Randstad WerkMonitor 2015 kwartaal 1 Gevolgen wet werk en zekerheid (WWZ) Randstad Nederland Maart 2015 INHOUDSOPGAVE Kennis en houding wet werk en zekerheid 3 Ervaring met wet werk en

Nadere informatie

Publieksonderzoek Eerlijke bloemen met Moederdag

Publieksonderzoek Eerlijke bloemen met Moederdag Publieksonderzoek Eerlijke bloemen met Moederdag Rapportage Datum: 2 mei 2016 Opdrachtgever: Jorrit Visser, Hivos Auteur: Claudia Ros, InfoResult Hivos onderzoek: Eerlijke bloemen met Moederdag 1 Inhoud

Nadere informatie

Duurzaam in de buurt. Over groene stroom en investeren. Enquête leefbaarheid en veiligheid 2008. Bureau Onderzoek Gemeente Groningen

Duurzaam in de buurt. Over groene stroom en investeren. Enquête leefbaarheid en veiligheid 2008. Bureau Onderzoek Gemeente Groningen Duurzaam in de buurt Over groene stroom en investeren Enquête leefbaarheid en veiligheid 2008 Bureau Onderzoek Gemeente Groningen Bureau Onderzoek is ondergebracht bij de dienst Sozawe van de Gemeente

Nadere informatie

Evaluatie hinder bij wegwerkzaamheden

Evaluatie hinder bij wegwerkzaamheden Evaluatie hinder bij wegwerkzaamheden Projectnummer: 10203 In opdracht van: Dienst Infrastructuur, Verkeer en Vervoer drs. Merijn Heijnen dr. Willem Bosveld Oudezijds Voorburgwal 300 Postbus 658 1012 GL

Nadere informatie

Verdieping Hoe gaat Nederland met pensioen?

Verdieping Hoe gaat Nederland met pensioen? Verdieping Hoe gaat Nederland met pensioen? Een onderzoek over het pensioensbewustzijn van Nederland op verschillende thema s. In opdracht van. GfK Intomart 2014 Hoe gaat Nederland met pensioen? Januari

Nadere informatie

Goede voornemens 2014

Goede voornemens 2014 Goede voornemens 2014 Goede voornemens 2014 Heeft u goede voornemens voor 2014? Welke van de onderstaande goede voornemens is uw belangrijkste goede voornemen voor 2014? Top 5 Goede Voornemens 2013 (N

Nadere informatie

Burgerpanel Capelle aan den IJssel

Burgerpanel Capelle aan den IJssel Burgerpanel Capelle aan den IJssel Resultaten peiling 8: woninginbraak augustus 2013 Inleiding Deze nieuwsbrief beschrijft de resultaten van de 8 e peiling met het burgerpanel van Capelle aan den IJssel.

Nadere informatie

Meer voordeel uit uw huis halen? Bespaar op energie!

Meer voordeel uit uw huis halen? Bespaar op energie! Meer voordeel uit uw huis halen? Bespaar op energie! voorbeeld van mogelijke besparingen Een huishouden is jaarlijks zo n q 2.000 kwijt aan gas en licht. En daar kunt u tot wel 30% op besparen. Dat begint

Nadere informatie

Meerderheid kent het EKO-keurmerk Onderzoek naar de waarde van het EKO-keurmerk onder Nederlandse boodschappers

Meerderheid kent het EKO-keurmerk Onderzoek naar de waarde van het EKO-keurmerk onder Nederlandse boodschappers Meerderheid kent het EKO-keurmerk Onderzoek naar de waarde van het EKO-keurmerk onder Nederlandse boodschappers Tim de Broekert MSc, Research Consultant Imre van Rooijen MSc, Research Consultant december

Nadere informatie

Flitspeiling begeleid wonen

Flitspeiling begeleid wonen Grote Bickersstraat 76 1013 KS Amsterdam Postbus 1903 1000 BX Amsterdam tel 020 522 59 99 fax 020 622 15 44 e-mail info@veldkamp.net www.veldkamp.net Flitspeiling begeleid wonen Bart Koenen, Valerie Vieira

Nadere informatie

Dienstverlening Amsterdam-Noord

Dienstverlening Amsterdam-Noord Dienstverlening Amsterdam-Noord tweede meting bewonerspanel Projectnummer: 9151 In opdracht van stadsdeel Amsterdam-Noord Rogier van der Groep Esther Jakobs Oudezijds Voorburgwal 300 Postbus 658 1012 GL

Nadere informatie

ELEKTRICITEITSBRONNEN IN NEDERLAND. Attitude van de Nederlander in kaart gebracht. Onderzoek in opdracht van de Nederlandse Wind Energie Associatie

ELEKTRICITEITSBRONNEN IN NEDERLAND. Attitude van de Nederlander in kaart gebracht. Onderzoek in opdracht van de Nederlandse Wind Energie Associatie ELEKTRICITEITSBRONNEN IN NEDERLAND Attitude van de Nederlander in kaart gebracht Onderzoek in opdracht van de Nederlandse Wind Energie Associatie COLOFON Uitgevoerd in opdracht van: Nederlandse Wind Energie

Nadere informatie

GfK Group Media RAB Radar- Voorbeeldpresentatie Merk X fmcg. Februari 2008 RAB RADAR. Radio AD Awareness & Respons. Voorbeeldpresentatie Merk X

GfK Group Media RAB Radar- Voorbeeldpresentatie Merk X fmcg. Februari 2008 RAB RADAR. Radio AD Awareness & Respons. Voorbeeldpresentatie Merk X RAB RADAR Radio AD Awareness & Respons Voorbeeldpresentatie Inhoud 1 Inleiding 2 Resultaten - Spontane en geholpen bekendheid - Herkenning radiocommercial en rapportcijfer - Teruggespeelde boodschap -

Nadere informatie

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen

Mannen geven veel vaker leiding dan vrouwen nen geven veel vaker leiding dan vrouwen Astrid Visschers en Saskia te Riele In 27 gaf 14 procent van de werkzame beroepsbevolking leiding aan of meer personen. Dit aandeel is de afgelopen jaren vrijwel

Nadere informatie

Kijkcijferonderzoek regionale omroepen. RTV Oost. Rapportage Auteurs: Selina Kroesemeijer, Jeroen Senster en Clasine van der Wal Project Z1661

Kijkcijferonderzoek regionale omroepen. RTV Oost. Rapportage Auteurs: Selina Kroesemeijer, Jeroen Senster en Clasine van der Wal Project Z1661 Kijkcijferonderzoek regionale omroepen RTV Oost Rapportage Auteurs: Selina Kroesemeijer, Jeroen Senster en Clasine van der Wal Project Z1661 21-6-2013 Inhoudsopgave Achtergrond Pagina 3 Methode en opzet

Nadere informatie

Verzorgenden over kwaliteit van de zorg in verpleeg- en verzorgingshuizen Factsheet Panel Verpleegkundigen en Verzorgenden, september 2004

Verzorgenden over kwaliteit van de zorg in verpleeg- en verzorgingshuizen Factsheet Panel Verpleegkundigen en Verzorgenden, september 2004 LEVV Landelijk Expertisecentrum Verpleging & Verzorging Verzorgenden over kwaliteit van de zorg in verpleeg- en verzorgings Factsheet Panel Verpleegkundigen en Verzorgenden, september 2004 Tien procent

Nadere informatie

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V.

Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA. 1 Motivaction International B.V. ANWB Kiezen voor mobiliteit -luchtvervuiling- conclusies Amsterdam, 11 mei 2005 Projectnummer: H870 Nanda Deen BA Tamara Deprez MA drs. Annemieke Blok MBA 1 Motivaction International B.V. Inhoudsopgave

Nadere informatie

Duurzame ontwikkeling

Duurzame ontwikkeling Duurzame ontwikkeling Rapportage duurzaamheid en groene energie 2010 Onderzoek & Statistiek Groningen is ondergebracht bij de dienst SOZAWE van de Gemeente Groningen Duurzame ontwikkeling Rapportage duurzaamheid

Nadere informatie

WECYCLE HET VERVANGLIJSTJE

WECYCLE HET VERVANGLIJSTJE WECYCLE HET VERVANGLIJSTJE - een kwantitatief, online onderzoek Drs. Robert Goos Amstelveen, 17 december 2008 Projectnummer: 2008-25 1 INHOUD I CONCLUSIES... 3 II INLEIDING... 5 2.1 Achtergrond... 5 2.2

Nadere informatie

Onderzoektechnische verantwoording. Opinieonderzoek Solidariteit

Onderzoektechnische verantwoording. Opinieonderzoek Solidariteit Onderzoektechnische verantwoording Opinieonderzoek Solidariteit Project 18917 / mei 2013 Een onderzoek in opdracht van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling, te Den Haag. AUTEURSRECHT MARKETRESPONSE

Nadere informatie

Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h

Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h TNS Nipo Grote Bickersstraat 74 1013 KS Amsterdam t 020 5225 444 e info@tns-nipo.com www.tns-nipo.com Rapport Monitoring gebruikerstevredenheid invoering 130 km/h Rick Heldoorn & Matthijs de Gier H1630

Nadere informatie

Klimaat en energiebesparing

Klimaat en energiebesparing Concerncontrol Team Onderzoek & Statistiek Klimaat en energiebesparing Omnibusonderzoek 2006 en 2010 Omnibusonderzoek 2010, Team O en S Gemeente Alkmaar pagina 1 Onderzoekskader Omnibusonderzoeken 2006

Nadere informatie

CONSUMER CONFIDENCE SCAN

CONSUMER CONFIDENCE SCAN CONSUMER CONFIDENCE SCAN September 2014 Stephan Dijcks GfK 2014 Consumer Confidence Scan augustus 2014 1 Inhoud 1. Inzichten consumentenvertrouwen 2. Consumentenvertrouwen in beeld 3. Onderzoeksverantwoording

Nadere informatie

Porter Novelli Corporate Bloggingonderzoek 2008

Porter Novelli Corporate Bloggingonderzoek 2008 Porter Novelli Corporate Bloggingonderzoek 2008 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 Inleiding... 3 Doelgroep... 3 Werkwijze... 3 Hoofdstuk 1: Volgen van ontwikkelingen rond internet... 4 Interesse digitale

Nadere informatie

Rapport 1-meting van de publieke opinie over nanotechnologie. 1-meting Kennis en opinie nanotechnologie

Rapport 1-meting van de publieke opinie over nanotechnologie. 1-meting Kennis en opinie nanotechnologie Rapport 1-meting van de publieke opinie over nanotechnologie 1-meting Kennis en opinie nanotechnologie December 2010 Het giga van nano Rapport 1-meting Nanopodium December 2010 Een onderzoek door MarketResponse

Nadere informatie

Herhaalmeting Kennis over de AOW-partnertoeslag

Herhaalmeting Kennis over de AOW-partnertoeslag Herhaalmeting Kennis over de AOW-partnertoeslag Een internetonderzoek in opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Uitgevoerd door: Intomart GfK bv Projectnummer: 21095 Datum: 28-5-

Nadere informatie

Gedrag & ervaringen van huishoudelijke afnemers op de vrijgemaakte Vlaamse energiemarkt VREG 13/09/2012

Gedrag & ervaringen van huishoudelijke afnemers op de vrijgemaakte Vlaamse energiemarkt VREG 13/09/2012 Gedrag & ervaringen van huishoudelijke afnemers op de vrijgemaakte Vlaamse energiemarkt VREG 13/09/2012 VREG - Technisch rapport nr. I109 (ATec1428_I109_D) Dimarso N.V., opererend onder de commerciële

Nadere informatie

Financiering energiebesparende voorzieningen

Financiering energiebesparende voorzieningen Re a ge re n Conc e rnsta f Me i 2013 o.e n.s@ha a rle m.nl Afde ling Onde rzoe k e n S ta tistie k Grote ma rkt 2 2011 Ha a rle m Gemeente Haarlem, afdeling Onderzoek en Statistiek Digipanel Haarlem Financiering

Nadere informatie

Kennis en ervaringen met e-health van mensen met een chronische longziekte

Kennis en ervaringen met e-health van mensen met een chronische longziekte Deze factsheet is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen met bronvermelding (Kennis en ervaringen met e-health van mensen met een chronische longziekte, J. Hofstede & M. Heijmans, NIVEL, november

Nadere informatie

Conceptrapportage Preferentie keuzes aanpak crisis van CNV leden

Conceptrapportage Preferentie keuzes aanpak crisis van CNV leden Conceptrapportage Preferentie keuzes aanpak crisis van CNV leden In opdracht van: Contactpersoon: CNV De heer P. Hazenbosch Utrecht, mei 2009 DUO MARKET RESEARCH drs. Vincent van Grinsven Henk Westerik

Nadere informatie

Klanttevredenheidsonderzoek

Klanttevredenheidsonderzoek Klanttevredenheidsonderzoek Particulier 213, Leven a.s.r. Rapportcijfer 8, Rapportcijfer a.s.r., per klantgroep Kunt u met een rapportcijfer op een schaal van 1 t/m 1 uitdrukken hoe tevreden u bent over

Nadere informatie

Klanttevredenheidsonderzoek

Klanttevredenheidsonderzoek Klanttevredenheidsonderzoek Particulier 13, Leven Allianz Rapportcijfer Allianz, per klantgroep Kunt u met een rapportcijfer op een schaal van 1 t/m 1 uitdrukken hoe tevreden u bent over uw verzekeraar?

Nadere informatie

Onderzoek tevredenheid medewerkers FICTIEF. 2012 Rapportage. Walvis ConsultingGroep Amersfoort, maart 2012 Onderzoeker: drs.

Onderzoek tevredenheid medewerkers FICTIEF. 2012 Rapportage. Walvis ConsultingGroep Amersfoort, maart 2012 Onderzoeker: drs. Onderzoek tevredenheid medewerkers FICTIEF 2012 Rapportage Walvis ConsultingGroep Amersfoort, maart 2012 Onderzoeker: drs. Ronald Zwart Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding en leeswijzer... 3 1.1 Inleiding:

Nadere informatie

Energiezuinige apparatuur Natuur & Milieu

Energiezuinige apparatuur Natuur & Milieu Energiezuinige apparatuur Natuur & Milieu juli 2015 Contact: Maaike Jongsma T: 050-3171773 E: maaikejongsma@kienonderzoek.nl Groningen / Haarlem W: www.kienonderzoek.nl twitter.com/panelwizardnl facebook.com/panelwizardnl

Nadere informatie

De wijkcoach in Velve-Lindenhof gezien door de ogen van de bewoners

De wijkcoach in Velve-Lindenhof gezien door de ogen van de bewoners De wijkcoach in Velve-Lindenhof gezien door de ogen van de bewoners Pieter-Jan Klok Mirjan Oude Vrielink Bas Denters Juni 2012 1 1 Onderzoeksvragen en werkwijze Op verzoek van de stuurgroep wijkcoaches

Nadere informatie

Grafiek 26.1a Het vóórkomen van verschillende vormen van discriminatie in Leiden volgens Leidenaren, in procenten 50% 18% 19% 17% 29%

Grafiek 26.1a Het vóórkomen van verschillende vormen van discriminatie in Leiden volgens Leidenaren, in procenten 50% 18% 19% 17% 29% 26 DISCRIMINATIE In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het vóórkomen en melden van discriminatie in Leiden en de bekendheid van en het contact met het Bureau Discriminatiezaken. Daarnaast komt aan de orde

Nadere informatie

Samenvatting onderzoeksresultaten 2012

Samenvatting onderzoeksresultaten 2012 bezoekadres Marnixkade 109 1015 ZL Amsterdam postadres Postbus 15262 1001 MG Amsterdam E moti@motivaction.nl T +31 (0)20 589 83 83 F +31 (0)20 589 83 00 W www.motivaction.nl Samenvatting onderzoeksresultaten

Nadere informatie

Hoofdstuk 25 Financiële dienstverlening

Hoofdstuk 25 Financiële dienstverlening Hoofdstuk 25 Financiële dienstverlening Samenvatting De gemeente voert diverse inkomensondersteunende maatregelen uit die bedoeld zijn voor huishoudens met een lager inkomen. Zes op de tien Leidenaren

Nadere informatie

INFORMATIEBEHOEFTEN EN INFORMATIEZOEKGEDRAG IN RELATIE TOT SPORT. In opdracht van NOC*NSF

INFORMATIEBEHOEFTEN EN INFORMATIEZOEKGEDRAG IN RELATIE TOT SPORT. In opdracht van NOC*NSF INFORMATIEBEHOEFTEN EN INFORMATIEZOEKGEDRAG IN RELATIE TOT SPORT In opdracht van NOC*NSF 1 Inleiding GfK voert maandelijks in opdracht van NOC*NSF de Sportdeelname Index uit. In dit onderzoek wordt iedere

Nadere informatie

Klanttevredenheidsonderzoek

Klanttevredenheidsonderzoek Klanttevredenheidsonderzoek Particulier 13, Leven Avéro Achmea Rapportcijfer Avéro, per klantgroep Kunt u met een rapportcijfer op een schaal van 1 t/m 1 uitdrukken hoe tevreden u bent over uw verzekeraar?

Nadere informatie