Kansen pakken en meters maken. Een tussentijdse evaluatie van het Enschedese energie- en klimaatbeleid

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Kansen pakken en meters maken. Een tussentijdse evaluatie van het Enschedese energie- en klimaatbeleid"

Transcriptie

1 Kansen pakken en meters maken Een tussentijdse evaluatie van het Enschedese energie- en klimaatbeleid

2 Kansen pakken en meters maken Een tussentijdse evaluatie van het Enschedese energie- en klimaatbeleid Gemeente Enschede 13 juni 2013 VOORWOORD Duurzaamheid is al jaren een prioriteit in Enschede. Dit blijkt uit de Toekomstvisie en het coalitieakkoord van dit college. We hebben hard gewerkt daar uitvoering aan te geven samen met inwoners en partners in de stad. Als college zijn we trots op de resultaten die wij als stad, samen met partners, bedrijven en inwoners hebben bereikt. Tegelijkertijd beseffen we dat we onszelf een moeilijke opgave hebben opgelegd en dat de weg nog lang en hobbelig is. We hebben met elkaar een stip op de horizon gezet van 30 procent -reductie in Die stip is nu nog klein en we zijn er nog lang niet. De resultaten van de inspanningen van partners, bedrijven en inwoners van Enschede en van ons eigen gemeentelijk beleid laten echter wel degelijk een tendens met perspectief zien. Enschede hoort bijvoorbeeld landelijk bij de koplopers als het gaat om het terugdringen van het energieverbruik. Ook het gebruik van groene stroom heeft de laatste jaren een vlucht genomen. Onze eigen organisatie draait al een tijd volledig op groene stroom en sinds 1 januari 2013 ook op groen gas. Samenwerking met partners levert vele innovatieve en duurzame initiatieven op. Denk aan de verduurzaming van de bestaande woningbouw. Samen met corporaties, kennisinstituten en bedrijven pakken we de uitdaging op om hierop te blijven versnellen. Denk ook aan de energieneutrale nieuwbouwprojecten, die door corporaties worden gestart. En de initiatieven vanuit de markt, zoals bijvoorbeeld de duurzame kantoorgebouwen van Park Phi. Een belangrijk ijkpunt is de ondertekening van de intentieverklaring Duurzame en frisse basisscholen Enschede door alle schoolbesturen voor primair onderwijs en de gemeente Enschede. Een inspanningsverplichting om duurzame en frisse scholen te realiseren. Dit zijn slechts een aantal voorbeelden. In deze nota leest u alles over het resultaat van onze inspanningen in de afgelopen jaren. We geven u een indicatie waar we nu staan en richten de blik op de toekomst. Wij bereiken resultaten die aansprekend zijn, maar weten dat het behalen van onze doelen niet vanzelfsprekend is. Onze invloed is bescheiden; nationaal beleid en economische ontwikkeling zijn bepalende factoren waar we maar weinig invloed op hebben. En we zijn aangewezen op de inzet van en samenwerking met lokale partners. Dat laat onverlet dat we onze ambitie overeind houden, als lonkend perspectief en drijfveer voor onszelf en onze stedelijke partners. De resultaten die we nu al hebben bereikt, geven ons de energie ons gezamenlijk in te blijven zetten voor een leefbare en duurzame toekomst voor onze stad. Ik vertrouw erop dat we met die samenwerking vruchtbare resultaten zullen behalen. Hans van Agteren, Wethouder duurzaamheid 3 4

3 SAMENVATTING In november 2009 stelde de gemeenteraad de nota Nieuwe Energie voor Enschede vast. Daarin sprak de raad uit bij te willen dragen aan een leefbare en duurzame toekomst voor de stad en haar bewoners. Hiervoor formuleerde zij twee doelen: in 2020 is de uitstoot aan CO2 met 30 procent verminderd ten opzichte van het niveau in 1990; in 2020 bedraagt het aandeel duurzame energie in het totale energieverbruik minimaal 20 procent. In het voorjaar van 2013 hebben we de resultaten van dit beleid geëvalueerd en is dit rapport opgesteld. DE AANPAK De strategie die aan het gevoerde beleid ten grondslag lag, bestaat uit zelf het goede voorbeeld geven en de energieconsumptie van inwoners, bedrijven en instellingen beïnvloeden. Dit doen we door hen te stimuleren tot en te faciliteren bij het nemen van duurzaamheidsmaatregelen. Hierbij lag de focus op de thema s gebouwde omgeving, eigen organisatie, mobiliteit, duurzame energieopwekking, bedrijven, duurzame gebiedsontwikkeling en communicatie. Onderdeel van de aanpak was ook het vertalen van de beleidsdoelstellingen uit Nieuwe Energie voor Enschede in onder meer het inkoop-, woon- en economische beleid van de gemeente. MAATREGELEN Bij de uitvoeringsmaatregelen lag de afgelopen drie jaar het accent op de eigen organisatie en de verduurzaming van de gebouwde omgeving. Inmiddels kopen we onze energie groen in en zijn we ons wagenpark aan het verduurzamen; dat laatste geldt ook voor onze gebouwen. De belangrijkste maatregelen gericht op de verduurzaming van de gebouwde omgeving bestonden in de afgelopen periode uit: realisatie energieloket voor bewoners; totstandkoming financiële stimuleringsregeling voor bewoners; thermoscan; stimulering oprichting buurtenergiebedrijven. Bij de uitvoering van deze maatregelen is een bijzondere rol weggelegd voor de woningcorporaties. Binnen de Maatschappelijke Investeringsopgave Duurzaam wonen en werken in Enschede (hierna: MIO DWWE) zijn plannen gemaakt de woningvoorraad in Enschede versneld te verduurzamen. Specifieke afspraken zijn er ook met de schoolbesturen van de basisscholen in Enschede: gemeente en schoolbesturen hebben in een intentieovereenkomst uitgesproken zich maximaal in te spannen duurzame en frisse scholen in Enschede te realiseren. In de afgelopen periode hebben we met onderstaande instrumenten ook ingezet op een vermindering van het energieverbruik door het bedrijfsleven: subsidieverordening MKB verlicht; subsidiëring van energiescans; voorlichting en marktactivering; innovatiebeleid. Het gevoerde mobiliteitsbeleid droeg de afgelopen jaren tevens bij aan de duurzaamheidsdoelstellingen. Bijvoorbeeld door de aanleg van de fietssnelweg tussen Hengelo en Enschede, de proef met hybride bussen en de realisatie van oplaadpunten voor elektrisch vervoer. RESULTATEN In de afgelopen drie jaar bereikten we aansprekende resultaten bij de uitvoering van ons duurzaamheidsbeleid. We zijn onze energie groen gaan inkopen en hebben de verduurzaming van ons wagenpark en eigen gebouwen voortvarend opgepakt. Het aan wonen gerelateerde gedeelte van het energieverbruik in Enschede is structureel aan het afnemen. Een ander aansprekend resultaat, is dat de CO2-uitstoot per hoofd van de bevolking in Enschede lager is dan die van inwoners in Nederlandse steden met een vergelijkbare omvang. Voor de productie van duurzame energie geldt dat we inmiddels op koers liggen. In 2011 werd er binnen de gemeentegrenzen van Enschede in totaal 2071 Terajoule aan energie opgewekt. Dit is 19,7 procent van het Enschedese energieverbruik in dat jaar. Zelfs als we de productie van duurzame energie door Twence slechts naar rato van ons aandeel in de onderneming (25 procent) meetellen, bedraagt het aandeel duurzame energie in het totale energieverbruik nog steeds een respectabele 6,27 procent. Een significant beter resultaat dan het landelijk gemiddelde, dat in dat jaar op 4,3 procent is blijven steken. 5 6

4 Sinds de oliecrises in de jaren zeventig is de energieconsumptie, en daarmee de uitstoot van CO2, in Nederland jaar in jaar uit gestegen. Inmiddels zien we ook hier in Enschede een trendbreuk ontstaan, gevisualiseerd in onderstaande diagram. In de periode is de -uitstoot in Enschede licht afgenomen: van 886 kiloton in 2008 naar 876 kiloton in Deze afname is vooral te danken aan een verminderde uitstoot door het gebruik van woningen, de industrie en het wegverkeer. We merken hierbij op dat: Binnen de eigen organisatie het bereiken van de doelstellingen op schema ligt. De aan het wonen gerelateerde uitstoot van structureel aan het dalen is. Het tempo waarin dat gebeurt, moet echter worden opgevoerd. De gerealiseerde -reductie in de industriële sector waarschijnlijk terug te voeren is op de economische crisis. Voor de uitstoot van verkeer en vervoer geldt dat de invloed van de lokale overheid beperkt is. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Enschede is met de resultaten van haar duurzaamheidsbeleid een van de koplopers in Nederland. De resultaten die we de afgelopen jaren bereikten, mogen er zijn. Hiermee is echter nog niet gezegd dat de realisatie van alle doelen voor 2020 binnen handbereik ligt. Vooral als we kijken naar de snelheid waarmee we afkoersen op onze -reductiedoelstelling. Bij het halen van deze doelstelling zijn we sterk afhankelijk van factoren die buiten onze directe invloedssfeer liggen, zoals het nationale en internationale beleid, de ontwikkeling van de economie en technologische innovaties. Maar er is ook afhankelijkheid op lokaal niveau: het zijn uiteindelijk onze inwoners, bedrijven en instellingen die de beslissingen nemen over noodzakelijke energiemaatregelen. grootst is (zoals de aanpak van de gebouwde omgeving, de uitstoot van ons bedrijfsleven en die van de eigen organisatie). Daar waar we voor het bereiken van resultaten vooral afhankelijk zijn van anderen, zullen we onze inzet verminderen (verkeer en vervoer). De kansen liggen daar waar energiebesparing en de opwekking van duurzame energie samengaan met lastenvermindering voor bewoners en bedrijven. Samenwerking blijft het sleutelwoord. Dit doen we voornamelijk op de thema s: marktactivering, gericht op versterking van de lokale economie met en door duurzaamheid en innovatie; vraagactivering in de bestaande woningbouw (bijvoorbeeld labelen woningen, zonneatlas, energiescans bedrijven), initiëren van financieel en technisch ontzorgen; steunen van initiatieven vanuit de samenleving (bedrijven, bewoners, instellingen) voor duurzame energie, zoals duurzame warmtelevering en grootschalige zonne-energie. Wij vinden het noodzakelijk dat er in de periode een intensivering op de aanpak plaatsvindt. Het is gewenst dat hierover een dialoog op gang komt met de gemeenteraad en de samenleving. De gemeenteraad heeft middelen ter beschikking gesteld voor de uitvoering van het duurzaamheidsbeleid. Hiervan resteert op dit moment nog circa euro. Dit is toereikend voor de periode Voor de periode zijn er nog geen middelen gereserveerd. Deze zijn echter wel nodig voor het voeren van regie, de inzet van communicatiemiddelen, het monitoren van resultaten, de cofinanciering van maatregelen en de stimulering van nieuwe ontwikkelingen. De manier waarop de uitvoering van het uitvoeringsprogramma wordt gefinancierd, moet onderdeel uitmaken van de dialoog met de gemeenteraad. Dit college houdt, als stip aan de horizon, vast aan de ambitie om de -uitstoot in 2020 met 30 procent te verminderen ten opzichte van het niveau in In de periode zullen we ons vooral richten op die sectoren in de samenleving, waar onze invloed het 7 8

5 INHOUDSOPGAVE 1 Inleiding 12 2 Beleid, trends en ontwikkelingen 16 3 Organisatie en aanpak 20 4 Monitoring 24 5 Thema gebouwde omgeving 30 6 Thema mobiliteit 34 7 Thema bedrijvigheid en innovatie 38 8 Thema duurzame energie 42 9 Speerpunt eigen organisatie Speerpunt scholen Conclusies en aanbevelingen 54 Bijlage: 1 Duurzaamheid in beleid 56 2 Stand van zaken bij realisatie subdoelen

6 1 INLEIDING Op 16 november 2009 is de nota Nieuwe Energie voor Enschede vastgesteld. Deze nota richt zich op de energieaanpak en op de mogelijkheden om de gevolgen van de klimaatverandering te beperken. Hierin zijn de stedelijke duurzaamheidsambities voor duurzame energie en energiebesparing door de gemeenteraad vastgesteld. De doelen sluiten aan bij het Klimaatakkoord tussen VNG en het Rijk uit 2007: in 2020 is de uitstoot van in Enschede 30 procent minder dan in 1990; in 2020 is het aandeel duurzame energie minimaal 20 procent van het totaal. Bovendien stelt de raad zich ten doel: dat alle basisscholen in 2020 klimaatneutraal zijn; de gemeentelijke organisatie al in 2015 klimaatneutraal is; een innovatief project/icoon te realiseren. Opgave Onderstaande figuur geeft de trends voor het Nederlandse energiegebruik weer en is illustratief voor de situatie in Enschede. De stabilisatie van de laatste jaren hangt samen met de beleidsinzet van Rijk, provincie en lokale overheden. Maar natuurlijk ook met de gevolgen van de economische crisis en het effect van variatie in weer en klimaat. De trendbreuk die een absolute daling van 16 procent (landelijk beleid) of 30 procent (Enschedees beleid) voor 2020 (ten opzichte van 1990) binnen bereik brengt, is op dit moment nog niet zichtbaar. Daarvoor is een duidelijke langjarige daling van het energiegebruik (al dan niet in combinatie met economische groei) nodig. In deze rapportage gaan we daarom meer op detailniveau in op de concrete ontwikkelingen in Enschede. De ambities richten zich op het daadwerkelijk ombuigen van een jarenlange trend van stijgend (fossiel) energiegebruik naar een structurele daling. De raad reikt hiermee een kader uit: bewoners en stedelijke partners worden uitgedaagd gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor en bij te dragen aan deze grote opgave. Het jaar 2013 is een goed moment om de voortgang tegen het licht te houden. Waar staan we na vier jaar en wat is de opgave voor de komende acht jaar? Het zwaartepunt in de nota Nieuwe Energie voor Enschede ligt op duurzame energie. In deze rapportage ligt hier dan ook de focus op. Uiteraard komen ook de dwarsverbanden met uiteenlopende beleidsthema s en duurzaamheidsfacetten aan de orde. Sectoren In de nota Nieuwe Energie voor Enschede is de jaarlijkse -emissie in 1990 geschat op circa 800 kiloton. Met 30 procent reductie betekent dit in 2020 een emissie van circa 560 kiloton, oftewel een reductie van circa 240 kiloton per jaar ten opzichte van Rekening houdend met de autonome groei over de periode , bedraagt de reductieopgave 310 kiloton

7 Bovenstaand diagram geeft een beeld van de verdeling van de -emissie over de verschillende sectoren in Enschede. De belangrijke sectoren zijn de (bestaande) woningvoorraad (bijna 40 procent), de utiliteit (kantoren en winkels, bijna procent), de industrie (25 procent) en verkeer en vervoer (bijna 20 procent). Leeswijzer In deze rapportage gaan we allereerst in op het beleid en de trends rond duurzaamheid. Wat hebben we zelf gedaan om duurzaamheid in ons beleid te verankeren en welke ontwikkelingen staan ons nog te wachten? Vervolgens schetsen we de aanpak van onze eigen organisatie. In de daarop volgende hoofdstukken werken we de resultaten tot op heden uit en de opgaven voor het vervolg per thema/speerpunt: gebouwde omgeving; mobiliteit; bedrijvigheid; duurzame energie; eigen organisatie; scholen. Dit doen we aan de hand van de volgende vragen: wat is de ambitie, wat moet je daarvoor doen, wat hebben we gedaan, wat is er bereikt en wat zijn de belangrijkste conclusies? In het laatste hoofdstuk maken we de balans op van bijna vier jaar duurzaamheidsbeleid en doen we aanbevelingen voor de periode tot

8 2 BELEID, TRENDS EN ONTWIKKELINGEN In dit hoofdstuk gaan we in op factoren die de komende jaren richtinggevend zullen zijn bij de aanpak van de klimaatproblematiek. Daarbij kijken we naar het (lange termijn) beleid van hogere overheden, een aantal trends en ontwikkelingen en de consequenties daarvan voor de gemeentelijke aanpak. We beginnen echter met het schetsen van een beeld van de manier waarop het duurzaamheidsbeleid in Enschede is uitgewerkt en verbreed binnen andere gemeentelijke beleidsterreinen. 2.1 VERANKERING VAN DUURZAAMHEID IN DE ENSCHEDESE BELEIDSKADERS In het coalitieakkoord Vertrouwen in Enschede staat aangegeven dat de zorg voor het milieu als een rode draad door alle sectoren van gemeentelijk beleid moet lopen. In de afgelopen drie jaar is daar krachtig op gestuurd. Dit heeft er onder andere toe geleid dat in 2011 de Vastgoednota 2.0 (2011) is vastgesteld. Daarin staat dat de gemeente inzet op een energiebesparing van drie procent per jaar voor alle gemeentelijke gebouwen. Ook binnen het inkoopbeleid is er volop aandacht voor het thema energie en klimaat. Enschede participeert in het programma Duurzaam Inkopen van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu en heeft een tenderboard ingesteld. Die tenderboard heeft nadrukkelijk oog voor maatschappelijke neveneffecten die we met inkoop kunnen behalen. De koppeling van duurzaamheidsdoelstellingen aan het omgevingsbeleid komt nadrukkelijk terug in de Structuurvisie Enschede die op 26 september 2011 is vastgesteld. Enschede zet in op een duurzame ontwikkeling van de stad. Daarbij onderscheiden we de volgende facetten: energie- en klimaatbeleid; behoud van biodiversiteit; kwaliteit van bodem, water en lucht; zuinig en zorgvuldig gebruik van grondstoffen. Ook binnen het afvalbeleid kregen de duurzaamheidsopgaven een plek. Zo is in de Afvalbeleidsvisie (2011) ingezet op een toename van de afvalscheiding van 40 naar 60 procent. De vaststelling van de Woonvisie Enschede 2025 (2012) is een andere piketpaal die de afgelopen jaren is geslagen. In de Woonvisie Enschede 2025 is duurzaamheid één van de vier centrale thema s. Binnen het woonbeleid benadrukken we dat energetische maatregelen bijdragen aan woonlastenbeheersing en wooncomfort. Het gebruik van fiets en bus krijgt nadrukkelijk aandacht in de nota Kiezen voor Duurzame Bereikbaarheid (2011), zonder daarbij de bereikbaarheid van de stad per auto uit het oog te verliezen. Deze visie is verder uitgewerkt in de Fietsvisie , met de ambitie het fietsgebruik (verplaatsingen tot 7,5 km) te verhogen van 34 procent in 2012 naar 40 procent in In het economisch beleid zien we de duurzaamheidsambities nadrukkelijk terugkomen in onder meer het Actieprogramma Innovatie (2010) en De Economische Motor Twente (2012). In bijlage 1 geven we een nadere beschrijving van de doorwerking van de duurzaamheidsopgaven op een aantal beleidsterreinen. 2.2 BELEIDSKADERS HOGERE OVERHEDEN Europa streeft naar een zeer concurrerende, sociale en groene markteconomie. In de Energy Efficiency Directive 2012/27/EU, wordt de 20/20/20 doelstelling van de Europese Commissie als volgt geformuleerd: het energiegebruik in 2020 is 20 procent lager dan in 1990; de -uitstoot is in 2020 met 20 procent gereduceerd ten opzichte van 1990; de bijdrage van duurzame energie aan de energievoorziening is in procent. Daarbij streeft Europa gelijktijdig naar liberalisatie van de markt, veiligstellen van de energievoorziening, ontwikkeling van duurzame bronnen en versterken van MKB en onderzoeksinstituten. In de gebouwde omgeving heeft versnelling van energiezuinige woningbouw en renovatie prioriteit. De nadruk ligt op de versnelde introductie door het oplossen van belemmeringen voor de toepassing. Ook nieuwe manieren van aanbesteding en andere wijze van financiering worden als kansrijk gezien

9 De Europese Commissie geeft in het Energy Efficiency Plan 2050 (2011) ook een doorkijk naar Doelstelling is te komen tot procent -reductie in 2050 ten opzichte van De Rijksoverheid wil duurzame energie stimuleren en innovatie van duurzame energietechnieken bevorderen. Doel is 16 procent duurzame energie in 2020 en een volledig duurzame energievoorziening in In 2011 gaf het kabinet, op basis van studies van het Planbureau voor Leefomgeving, het Centraal Planbureau en een verkennende dialoog met het bedrijfsleven, in de Klimaatbrief 2050 een lange termijn doorkijk. Het perspectief richt zich op een koolstofarme samenleving door een mix van maatregelen. Hierbij wordt ingezet op een -vrije elektriciteitsproductie, biomassa, energiebesparing en -afvang en -opslag (CCS). Nederland wil dit primair doen door in te zetten op bestaande technieken, bij voorkeur in Europees verband. 2.3 TRENDS EN ONTWIKKELINGEN In deze paragraaf schetsen we een beeld van de trends en ontwikkelingen die we de komende jaren verwachten BURGERINITIATIEVEN Er is een bottom-up beweging van burgers, die een belangrijke impact op de energievoorziening kan krijgen. Groepen bewoners slaan de handen ineen en besluiten gezamenlijk energie (of installaties voor de productie daarvan) in te kopen. Als deze trend doorzet, wordt het tempo van de energietransitie nog minder bepaald door de overheid, maar meer en meer door de initiatieven van bedrijven en burgers. Voor overheden een kans om door strategisch te faciliteren, een krachtige bijdrage te mobiliseren. In Enschede zijn inmiddels vijf initiatieven met gemeentelijke steun opgestart ENERGIEPRIJZEN Lage energieprijzen belemmeren de omschakeling naar een duurzame energievoorziening. Onder andere de ontwikkelingen op het gebied van schaliegas in de Verenigde Staten, maar ook in Nederland, zijn de komende decennia van belang voor de energieprijs. Deze ontwikkelingen hebben vergaande invloed op de internationale energiemarkt. Daling van de gasprijzen in de VS door winning van schaliegas, leidt internationaal tot daling van de kolenprijs. Dit zorgt in Nederland voor een extra inzet van kolencentrales en de (tijdelijke) sluiting van gascentrales. Wat we hieruit leren, is dat energieprijzen niet te voorspellen zijn. De reductie van de vraag en de inzet van (lokale) duurzame energie, draagt bij aan de klimaatdoelstellingen, de onafhankelijkheid en de vermindering van de kwetsbaarheid VERKEER EN VERVOER In EU-verband wordt een forse stijging van de mobiliteit verwacht. Het beleid op verkeer en vervoer wordt voornamelijk nationaal en Europees vormgegeven. Lokale overheden hebben niet veel invloed op zaken als verbetering van de efficiëntie en het verminderen van mobiliteit. Invloed is er wel op de modal split van de interne mobiliteit. Gemeenten kunnen hierop sturen door bevordering van het fietsverkeer en het openbaar vervoer. Bij het faciliteren van duurzame brandstoffen (oplaadpunten elektriciteit, waterstoftankstation), heeft de gemeente alleen een aanjaagrol. Nationaal en Europees beleid, gekoppeld aan particulier initiatief, moeten dit oppakken INDUSTRIE Grote bedrijven en de energiesector zijn voor meer dan 25 procent verantwoordelijk voor de totale -uitstoot in Nederland. Het op nationaal of lokaal niveau opleggen van eisen over -reductie leidt ertoe dat er een negatief vestigingsbeleid ontstaat. Dit is slecht voor de lokale economie. Op nationaal en Europees niveau worden er met die sectoren daarom afspraken gemaakt over -reductie. Die afspraken zijn vertaald in Meerjarenprogramma s (MJA) en -handel (ETS). Voor de grote bedrijven geldt dat zij nationaal en Europees afspraken maken en lokaal faciliteren (bijvoorbeeld door restwarmtelevering, plaatsen windmolens) DOORBRAAK- TECHNOLOGIE Door de ingezette prijsdaling van leveranciers, zijn technieken zoals HR-ketels en HR++ glas in de jaren 90 versneld geïntroduceerd. De introductie van ventilatietechnieken en warmteterugwinning gaat geleidelijk. Zonnepanelen staan op de drempel van grootschalige doorbraak. Inmiddels is voor particulieren in Nederland de investering in zonnepanelen op woonhuizen rendabel geworden. Aan de vooravond van introductie staan technieken als driedubbel glas, kozijnen met koudebrug onderbreking en warmtepompen. Technieken die voor nieuwbouwwoningen met een EPC van 0,40 of lager bovendien nodig zijn. Hier liggen dan ook kansen voor lokale bedrijven om zich te positioneren. Door innovatie en duurzaamheid kunnen zij een marktvoordeel verkrijgen. De toepassing van steeds meer elektriciteit in de energievoorziening en de decentrale opwekking daarvan, vraagt om een goede sturing van vraag en aanbod. Smart grids bieden hiervoor de mogelijkheid. Uitwerking van dit vraagstuk is een belangrijk speerpunt voor de komende jaren. Netwerkbedrijven studeren op de toepassing van smart grids en zoeken daarvoor proefgebieden met specifieke kenmerken van energiebehoefte en duurzame elektriciteitsopwekking. Bij de ontwikkeling van smart grids kunnen kennisinstellingen, bedrijfsleven en overheid in Enschede en de regio een belangrijke rol spelen. 2.4 ROL OVERHEID De markt dient de energietransitie uit te voeren. De rol van de overheid bestaat uit het stimuleren en faciliteren van die transitie, door maatregelen in de ruimtelijke ordening, aanpassing van de regelgeving, het bijeenbrengen van initiatiefnemers en het geven van sturing daaraan (kennismakelaar). Tot 2020 is er al veel te doen. Daarna is er nog een flinke weg te gaan. Hoe is nog niet precies duidelijk. De richting kunnen we voor een groot deel wel aangeven: 1. Het energiegebruik van de gebouwde omgeving en de zakelijke markt moet halveren. Energie besparen bij corporatiebezit en bij particuliere bewoners en bedrijven is de belangrijkste eerste stap. Een reductie van 50 procent van het huidige energiegebruik is mogelijk. De gemeente staat voor de uitdaging de markt zo ver te krijgen dat er daadwerkelijk tot handelen wordt overgegaan. 2. De opwekking en toepassing van duurzame energie moet worden bevorderd. Onder andere door de plaatsing van zonnepanelen op daken van particuliere huishoudens te stimuleren en door de opwek van elektriciteit op grote schaal met windmolens, zonneenergieparken en biomassa mogelijk te maken. Energietransitie vraagt om een samenhangend stedelijk beleid, waarin ook de ruimtelijke consequenties worden afgewogen. 3. In 2050 is Enschede een koolstofarme samenleving. Duurzame energiebronnen in de eigen gemeente verzorgen de energievoorziening. Meer dan de helft van de energiebehoefte in 2050 is elektriciteit. Het andere deel wordt ingevuld vanuit duurzame warmtebronnen en bio-energie. De infrastructuur in Enschede is in 2050 rigoureus aangepakt. Er is een smart grid aangelegd voor de elektriciteit en warmtelevering, dat afgestemd is op de wisselende vraag naar energie en de productie van duurzame energie in de gemeente. 2.5 CONCLUSIES Uit het voorgaande kunnen we onderstaande conclusies trekken: Het Enschedese duurzaamheidbeleid is ambitieus en sluit qua richting en inzet goed aan bij de nationale en de Europese aanpak. In Enschede is het duurzaamheidsbeleid breed verankerd in de beleidskaders. Dit geldt vooral voor het ruimtelijke- en mobiliteitsbeleid en voor de eigen organisatie (inkoop en beheer). Met het oog op de energietransitie is het maken van een energievisie noodzakelijk. Ook voor de langere termijn zal duurzaamheid als thema op de Europese en daarmee ook op de lokale agenda s staan. De verduurzaming van de maatschappij biedt ook kansen: Koploperrol biedt aanknopingspunten voor profilering en fondsenwerving in EU-verband. Lokale kansen op innovatie en verduurzaming rond doorbraaktechnologieën

10 Agnes klust zich rijk! Hoe? Kijk vanaf 5 januari Klus je Rijk op RTL4 3 ORGANISATIE EN AANPAK De gestelde ambitie op duurzaamheid moet niet alleen door het bestuur, maar ook door de stad als geheel gedragen worden om binnen bereik te blijven. De gemeente geeft richting aan de verduurzaming en stimuleert en faciliteert partijen en bewoners invulling te geven aan hun rol. In dit hoofdstuk beschrijven we hoe het duurzaamheidsbeleid in de organisatie is verankerd en voor welke strategie bij de uitvoering is gekozen. Daarna behandelen we hoe we daarbij communiceren en samenwerken met partners. Hierdoor wordt inzichtelijk welke middelen de afgelopen drie jaar bij de uitvoering van het beleid zijn ingezet. 3.1 VERANKERING BINNEN EIGEN ORGANISATIE In de Enschedese aanpak is gekozen voor een stevige verankering van duurzaamheid binnen alle lagen van de organisatie en alle facetten van onze opgaven. Duurzaamheid is gekoppeld aan verschillende bestuurlijke portefeuilles, met name die van economie en innovatie, gebouwde omgeving, duurzame energie en eigen organisatie en middelen. Bij de vaststelling van de Kadernota 2012 (Vertrouwen in Enschede) op 11 juli 2011, hebben we ervoor gekozen de verschillende programma s voor hun eigen deel verantwoordelijk te maken voor het realiseren van de -reductieopgave. De verdeling is in onderstaande figuur gevisualiseerd. De programma s zijn ook verantwoordelijk voor: de financiering van de duurzaamheidsmaatregelen; opleiding en scholing van het eigen personeel; monitoring van de vooruitgang bij het bereiken van de doelstellingen. Het verduurzamen van de Enschedese samenleving is dus een lijnverantwoordelijkheid voor de programma s en de programmadirecteuren. Bij de realisatie van de duurzaamheidsdoelstellingen neemt het programma Leefomgeving echter een bijzondere plaats in. Dit programma vormt de thuisbasis van het kernteam duurzaamheid en de manager duurzaamheid. De manager duurzaamheid geeft in eigen huis richting aan de uitvoering van het beleid en zorgt voor coördinatie. Daarnaast zet de manager in op samenwerking met partners. Een aantal medewerkers maken vanuit de programma s onderdeel uit van het kernteam duurzaamheid. Hiermee wordt de verbinding op het niveau van uitvoering en samenwerking over de programma s geregeld. Bij de uitvoering van het duurzaamheidsbeleid speelde de gemeenteraad een belangrijke rol. Via moties en amendementen, maar ook met de Focusgroep duurzaamheid, heeft de raad ervoor gezorgd dat het onderwerp de benodigde aandacht krijgt. Op uitnodiging van deze Focusgroep, hebben de programmadirecteuren in het voorjaar van 2012 uiteengezet welke maatregelen binnen hun programma met het oog op de gemeentelijke -reductieopgave worden voorbereid. In januari 2013 is er verder een goed bezochte Opinie-053 avond georganiseerd rond duurzaamheid, met thema s als eigen initiatieven vanuit de samenleving, warmtenet en woningverbetering. Enschede onderscheidt zich met deze integrale verankering van andere, vergelijkbare steden. In deze steden blijft duurzaamheid vaak beperkt tot een facetbeleid, waarvoor de verantwoordelijkheid is belegd bij een enkele bestuurder en een bescheiden team in een afdeling. In Enschede is duurzaamheid zowel ambtelijk als bestuurlijk stevig in de eigen organisatie verankerd

11 3.2 STRATEGIE De strategie die aan het duurzaamheidsbeleid ten grondslag ligt, kunnen we als volgt samenvatten: 1. Zelf het goede voorbeeld geven door toepassing van energiebesparende maatregelen en duurzame energie bij gemeentelijke gebouwen en in de rest van de organisatie. 2. De energieconsumptie van onze partners in de stad beïnvloeden, door burgers en bedrijfsleven te informeren over, te faciliteren bij en te stimuleren tot de toepassing van energiebesparende en duurzame maatregelen. 3. Focus op een aantal thema s: gebouwde omgeving (bestaande woningvoorraad en scholen), eigen organisatie, duurzame energieopwekking en duurzame gebiedsontwikkeling. Met instrumenten zoals voorlichting, subsidies, pilotprojecten, faciliteren en aanbestedingsbeleid. 3.3 SAMENWERKING EN COMMUNICATIE De eigen organisatie en de overige inhoudelijke thema s behandelen we afzonderlijk in de komende hoofdstukken. Communicatie en samenwerking met partners zijn daarin terugkerende thema s. Communicatie is een belangrijk instrument om de uitstoot van in Enschede daadwerkelijk te verminderen. Duurzaamheidscommunicatie bestaat uit het binnen projecten en processen samenhangend informeren, activeren en stimuleren van bewoners, bedrijven, scholen en partners met betrekking tot energiebesparing en duurzaamheid. De MIO DWWE en de Overijsselse aanpak 2.0 zijn binnen het programma Stedelijke Ontwikkeling een goed voorbeeld. Hiervoor zijn de volgende communicatie-instrumenten ingezet: webtool ThermoScan (activeren van de vraag), het Energieloket (informeren en ontzorgen), webtool Energiehuis (informeren) en deelname aan het RTL4 programma Klus je Rijk. Een ander voorbeeld is de verduurzaming van basisscholen door het programma Opgroeien & Ontwikkelen, waarin de fysieke aanpak van schoolgebouwen geïntegreerd wordt met bewustwording, gedragsaanpak en educatie. Een totaalpakket waarin communicatie, educatie, technische aanpassingen en gedragsaanpak samenkomen in het communicatie & onderwijsprogramma Ecoschools Enschede. Bij de uitvoering van het duurzaamheidsbeleid werken we samen met een groot aantal maatschappelijke partners. De provincie Overijssel streeft, net als de gemeente Enschede, naar energiebesparing en het gebruik van duurzame energie. Bij het bereiken van deze doelen trekken provincie en gemeente samen op. Die samenwerking komt voornamelijk tot uitdrukking bij de verduurzaming van de gebouwenvoorraad. Ruim 40 procent van de Enschedese woningvoorraad is corporatiebezit. Stabiliseren van het energiegerelateerde deel van de woonlasten en verbeteren van het wooncomfort zijn gedeelde doelen. Corporaties zijn in die zin natuurlijke bondgenoten bij de verduurzaming van de gebouwenvoorraad, zoals blijkt in de MIO DWWE. Ook het bedrijfsleven is in vele opzichten een natuurlijke partner bij de realisatie van duurzaamheidsopgaven. Verduurzaming en innovatie bieden kansen voor het bedrijfsleven, zowel in termen van economisch rendement als marktontwikkeling. Bij de uitvoering van de Twentse Duurzaamheidsagenda werken we bovendien samen met de Twentse gemeenten en de Regio Twente. De Twente Duurzaamheidsagenda is gericht op kansrijke en verbindende initiatieven in Twente, zodat overheden, ondernemers, onderzoeksen onderwijsinstellingen gezamenlijk en gericht optrekken bij het realiseren van een duurzame samenleving. 3.4 MIDDELEN Het onderwerp duurzaamheid kreeg de afgelopen jaren steeds meer invulling. Voor projecten en initiatieven voor duurzaamheid zijn in de loop van de jaren verschillende middelen ingezet: reguliere budgetten uit de producten, maar ook verschillende regelingen als Bestuursakkoord Nieuwe Stijl, Stimulering Lokale Klimaatinitiatieven en het Investeringsbesluit Stedelijke Vernieuwing. De raad heeft vanaf 2008 tevens aanvullende budgetten beschikbaar gesteld: Van deze 2.8 miljoen euro is ruim 2,35 miljoen euro ingezet voor initiatieven en projecten op het gebied van duurzaamheid. Veelal vindt de inzet van budgetten plaats in de vorm van cofinanciering van duurzaamheidsprojecten, bijvoorbeeld door de provincie Overijssel. Het door de gemeente ingezette budget sorteert hiermee maatschappelijk een groter effect dan sec de eigen inbreng van het gemeentelijk budget. Bij een brede range aan projecten met verschillende subsidievoorwaarden, kunnen we stellen dat de inzet van de gemeente gemiddeld circa 40 procent van het projectbudget betreft. De overige 60 procent wordt door andere partijen ingebracht. Binnen het programma Leefomgeving vinden de programmamanager duurzaamheid en het kernteam duurzaamheid hun thuisbasis. De personeelslasten van deze inzet vangen we grotendeels op binnen de reguliere budgetten van het programma. Dit geldt ook voor de personele inzet binnen de diverse programma s. 3.5 CONCLUSIES Duurzaamheid is breed in de organisatie belegd en stevig verankerd. Coördinatie op samenhangende inzet vanuit de verschillende programma s naar de diverse doelgroepen blijft belangrijk. Financiering wordt meer en meer vanuit de programma s gedragen. Voor het initiëren van nieuwe ontwikkelingen zijn voor 2013 en 2014 nog beperkt middelen beschikbaar. Satehpen duurzaamheid 2008 en verder Dit bedrag vormt de basis voor de regie en ondersteuning van duurzaamheid in de gemeentelijke organisatie. Het bedrag wordt besteed aan personeelskosten, publiciteit, advies en onderzoeken. Incidenteel middelenkader Voor de inzet op projecten en initiatieven op het gebied van duurzaamheid. Programmabegroting : Voor apparaatskosten en voor nieuwe initiatieven. Totaal

12 4 MONITORING In de nota Nieuwe Energie voor Enschede is uitgesproken dat de gemeente inzet op zowel een vermindering van de uitstoot van als de opwekking van duurzame energie. Voor de eerstgenoemde beleidsdoelstelling ontwikkelde het (energie-)adviesbureau DWA een monitoringsinstrument. Aan de hand daarvan brengen we de laatste jaren periodiek de voortgang op deze doelstelling in beeld. De stand van zaken rondom de opwekking van duurzame energie is niet eerder in beeld gebracht. In november 2011 bracht het Agentschap NL het Handboek Monitoring broeikasgasemissies en hernieuwbare energie bij lokale overheden (hierna: het handboek) uit. Dit handboek is ontwikkeld om gemeenten en provincies te helpen bij het vaststellen van de voortgang bij het behalen van hun duurzaamheidsdoelstellingen. In dit hoofdstuk beschrijven we de monitoringsinstrumenten van het bureau DWA en het Agentschap NL op hoofdlijnen. Vervolgens laten we aan de hand van beide methoden zien in hoeverre de gestelde doelen zijn bereikt. 4.1 DWA-METHODIEK In 2009 is de -uitstoot in Enschede in 1990 (het referentiejaar van het Kyoto-protocol) geschat op 800 kiloton. Doel van de gemeente Enschede is die uitstoot in 2020 met 30 procent te hebben teruggebracht. Dit betekent dat de -uitstoot dat jaar niet meer dan (70% van 800) 560 kiloton mag bedragen. Zonder beleidsmaatregelen, zo luidde in 2009 de verwachting, zal de uitstoot aan in Enschede in de periode tot 2020 toenemen tot 870 kiloton. Die toename zou het gevolg zijn van de destijds voorziene groei van de economie en de toename van het aantal inwoners. Voor het meten van de voortgang, is op basis van een expert judgement (door bureau DWA) periodiek een inschatting gemaakt van de effectiviteit van de genomen (of te nemen) maatregelen. Deze geschatte opbrengst is vervolgens, al naar gelang het type rapportage (aankondiging van bepaalde maatregelen of afleggen van verantwoording over uitgevoerde activiteiten) als geplande of gerealiseerde - reductie geregistreerd. 4.2 METHODIEK AGENTSCHAP NL Het handboek van het Agentschap NL gaat onder andere in op vragen als welke emissies toegerekend kunnen worden aan een gemeente en hoe de omvang van die emissies bepaald moet worden. Het leidt tot een raming van de totale -uitstoot op een bepaald moment, die toegerekend kan worden aan de gemeente Enschede. Gemeenten die het handboek gebruiken, stellen de voortgang bij het bereiken van hun klimaatdoelstellingen vast, door periodiek hun uitstoot te ramen. Daarbij kunnen zij gebruikmaken van een door het Rijk aangelegde databank (www.klimaatmonitor.databank.nl). Toepassing van het handboek leidt tot een resultaat dat we op hoofdlijnen kunnen vergelijken met het resultaat van de uitgevoerde nulmeting in 2009 door DWA. Dat beide methoden tot verschillende uitkomsten leiden, is onvermijdelijk. Deze verschillen zijn in hoofdlijnen terug te voeren op: verschillen in het niveau van nauwkeurigheid van gebruikte data; het gebruik van verschillende kengetallen om tot een geraamde emissie voor een bepaalde activiteit te komen. Om in 2020 op een uitstoot van 560 kiloton uit te komen, is dus een reductie van ( =) 310 kiloton noodzakelijk. In het handboek wordt onder het aandeel duurzame energie in het totale energieverbruik de lokale (gemeentelijke) productie van hernieuwbare energie verstaan, als onderdeel van het totale gemeentelijke energieverbruik

13 4.3 DE STAND VAN ZAKEN Volgens een opgave van DWA hebben de in de periode genomen maatregelen geleid tot een vermeden -uitstoot van in totaal 16 kiloton. Dit is circa 5 procent van de door DWA berekende stedelijke opgave (310 kiloton ). Zoals gezegd worden de geboekte resultaten bij de toepassing van het handboek van het Agentschap NL niet verkregen door een inschatting van de effectiviteit van de getroffen maatregelen. Eens per jaar wordt aan de hand van kengetallen de stedelijke uitstoot aan vastgesteld. Deze methodiek heeft als handicap dat sommige gegevens met enige vertraging beschikbaar zijn. Hierdoor kunnen er nog geen totalen van 2011 en 2012 gegeven worden. Voor de periode zijn deze cijfers wel beschikbaar. In deze periode is de -uitstoot in Enschede licht afgenomen: van 886 kiloton in 2008 naar 876 kiloton in Deze afname is vooral te danken aan een verminderde uitstoot door woningen, de industrie en het wegverkeer. De nota Nieuwe Energie voor Enschede stelt dat in 2020 minimaal 20 procent van de in Enschede gebruikte energie moet bestaan uit duurzame energie. In 2011 werd er binnen de gemeentegrenzen van Enschede in totaal 2071 Terajoule aan energie opgewekt. Dit is 19,7 procent van het Enschedese energieverbruik in dat jaar. Ook als we de productie van duurzame energie door Twence slechts naar rato van ons aandeel in de onderneming (25 procent) meetellen, bedraagt het aandeel duurzame energie in het totale energieverbruik nog steeds een respectabele 6,27 procent. Een significant beter resultaat dan het landelijk gemiddelde, dat in dat jaar op 4,3 procent is blijven steken. Het is ook mogelijk te rapporteren over de voortgang door in te gaan op de mate waarin de subdoelen uit de nota Nieuwe Energie voor Enschede (pagina 20) zijn gerealiseerd. Dit levert onderstaand beeld op. Nr. Subdoel Stand van zaken 1 2 procent energiebesparing in de woningbouw. 2 2,5 procent energiebesparing in de utiliteitsbouw. 3 3 procent energiebesparing per jaar bij gemeentelijke gebouwen en voorzieningen % lagere energieprestatiecoëfficiënt bij nieuwe woningen. 5 Realisatie van utiliteitsgebouwen met een 25 procent lagere energieprestatiecoëfficiënt procent van de huishoudens vertoont energiezuinig gedrag. 7 Ruim 2 procent energiebesparing per jaar verkeer en vervoer. 8 2 procent energiebesparing per jaar in de industrie. 9 2 procent besparing per jaar bij bedrijven waar gemeente bevoegd gezag is procent energiebesparing per jaar in de agrarische sector procent realisatie van potentieel zonne-energie in de periode tot procent realisatie van potentieel gebruik omgevingswarmte. 13 Realisatie van grootschalige windenergie. 14 Optimaal gebruik reststromen. Betekenis van de gebruikte symbolen: Conform verwachting Boven verwachting Loopt achter, bijsturing mogelijk Geen data Geen data Loopt achter, bijsturing heeft onvoldoende effect Woningwet verbiedt bij overeenkomst aangescherpte normen op te leggen, waardoor resultaten achter blijven bij de ambitie. In bijlage 2 van deze rapportage lichten we de stand van zaken met betrekking tot deze subdoelen nader toe

14 4.4 KANTTEKENINGEN Het handboek van het Agentschap NL en de bijbehorende databank van het Rijk stellen ons in staat vergelijkbare grafieken te maken voor andere gemeenten in Nederland. In onderstaande grafiek is voor een aantal qua omvang vergelijkbare gemeenten de -uitstoot per inwoner per jaar in beeld gebracht. De hiervoor beschreven resultaten moeten bekeken worden tegen de achtergrond van een, na de energiecrisis van de jaren 70, alsmaar toenemende energieconsumptie. Deze trend is zichtbaar in onderstaande grafiek van het CBS. 4.5 CONCLUSIES We kunnen concluderen dat Enschede het in vergelijking tot andere steden goed doet. De -uitstoot per inwoner is lager dan die van inwoners in steden met een vergelijkbare omvang en ook bij de productie van hernieuwbare energie springt onze stad er in positieve zin uit. Aandachtspunt blijft de snelheid van de afname van de -uitstoot in Enschede. Als we er niet in slagen te versnellen, komt de realisatie van de -reductiedoelstelling onder druk te staan. In de hierna volgende hoofdstukken zoomen we nader in op de -uitstoot in de hoofdsectoren gebouwde omgeving, verkeer en vervoer en industrie en energie. Hierbij hebben we gebruik gemaakt van de Agentschap NL methodiek. Deze methodiek gebruiken we, zoals al aangekondigd in de jaarrekening 2012, vanaf heden bij de terugkoppeling van de resultaten van ons duurzaamheidsbeleid. Enschede doet het in vergelijking met de 10 andere middelgrote gemeenten goed. Globaal is de -uitstoot in Enschede voor praktisch alle sectoren lager. Bij de meeste steden is er een toename van de -uitstoot per inwoner per jaar. In Enschede is de toename afgevlakt. Er zijn veel variabelen die de verschillen tussen steden en het verloop in de tijd bepalen. Denk bijvoorbeeld aan de economische crisis, strenge en zachte winters, vertrek van Rijksdiensten uit gemeenten, sluiting of opening van industrieën, in bedrijf stellen van grote duurzame installaties, etc. CO2-uitstoot per inwoner per jaar. Bron: Klimaatmonitor Databank Ministerie Verkeer en Waterstaat

15 5 THEMA GEBOUWDE OMGEVING Energiebesparing in woningen, winkels, kantoren, scholen en andere gebouwen is een belangrijk middel om de -uitstoot terug te dringen. In dit hoofdstuk gaan we in op de resultaten die de afgelopen jaren zijn behaald. 5.1 WAT IS DE AMBITIE? De gebouwde omgeving (woningbouw en utiliteit) is de sector waarin het gebruik van fossiele energie het grootst is en daarmee ook de -emissie. De reductieopgave bedraagt hier circa 92 kiloton op jaarbasis. Onderstaande diagram illustreert de verdeling van de -emissie over de verschillende sectoren en geeft ook de vergelijking met andere steden. Dit diagram laat zien dat de -uitstoot in de verschillende steden vooral afwijkt binnen de sectoren commerciële en publieke dienstverlening. Binnen deze sectoren is in Enschede de -uitstoot bovendien al relatief laag. uitstoot per inwoner in de gebouwde omgeving voor diverse middelgrote gemeenten. Bron: Klimaatmonitor Databank Ministerie Verkeer en Waterstaat. 5.2 WELKE PRESTATIES MOET JE LATEN ZIEN? Net als in veel andere steden, zijn woningen en publieke dienstverlening in Enschede speerpunt van het beleid. Binnen het hoofdstuk Eigen organisatie besteden we aandacht aan de publieke dienstverlening. In het vervolg van dit hoofdstuk richten we ons op de -uitstoot binnen de woningvoorraad. Van de woningen in Enschede moeten woningen substantieel verbeterd worden, met bijvoorbeeld twee labelsprongen. Dit betreft zowel corporatieals particulier bezit. Het aantal verduurzaamde woningen per jaar moet met een factor 3,5 toenemen (3.500 woningen per jaar) ten opzichte van het huidige tempo. Dit is noodzakelijk om in de gebouwde omgeving voor het aandeel woningbouw de gestelde reductiedoelstelling te kunnen halen. Bij een indicatieve investering van euro per woning, gaat het om een jaarlijks investeringsvolume van tientallen miljoenen euro s

16 5.3 WAT HEBBEN WE GEDAAN? Om het aantal verduurzaamde woningen toe te laten nemen, hebben we leningen aangeboden tegen een gereduceerd rentetarief. Onder de voorwaarde dat de energetische kwaliteit van de woning ten minste twee labelsprongen verbetert. Deze (Enschedese) aanpak is inmiddels vervangen door de Overijsselse aanpak 2.0. In deze aanpak kunnen bewoners in aanmerking komen voor leningen en premies voor het energetisch verbeteren van hun woning. Gemeenten zijn verplicht hiervoor een energieloket in te richten. In samenwerking met de provincie Overijssel zijn er tevens middelen ter beschikking gesteld voor het treffen van extra energetische maatregelen bij de renovatie van 1000 huurwoningen van corporaties. In 2012 is er voor de bebouwde kom van de gemeente Enschede bovendien een thermoscan uitgevoerd. Deze geeft gebruikers (en eigenaren) van gebouwen inzicht in de mate waarin het dak van hun gebouw is geïsoleerd. Verder wordt vanaf 2012 de oprichting van buurtenergiebedrijven gestimuleerd. Bij de verduurzaming van de woningvoorraad in Enschede werken we samen met de woningcorporaties Domijn en De Woonplaats. De aanpak is gericht op beheersing van woonlasten, verbetering van wooncomfort en waarde van de woning en besparing op energiegebruik en lasten. Ook richten we ons op behoud en versterking van lokale bedrijvigheid in de sector en behoud van werkgelegenheid. Binnen de MIO DWWE wordt op dit moment de oprichting van een centrale verkoop- en adviesorganisatie voorbereid. Aantal energielabels voor woningen per 1000 inwoners. Bron: Klimaatmonitor Databank Ministerie Verkeer en Waterstaat. 5.4 WAT IS ER BEREIKT? In onderstaande grafiek staat zowel het feitelijke woninggebonden energieverbruik per inwoner weergegeven als het gebruik onder gestandaardiseerde condities (onder gemiddelde klimaatcondities). De diagram laat zien dat het woninggebonden energiegebruik per inwoner in Enschede significant afneemt. Ook het effect van de strenge winter in 2010 is goed te zien. Voor het bevorderen van de energiebesparing in de woningvoorraad, stimuleren gemeenten het toekennen van energielabels aan woningen. In Enschede was het aantal labels in 2009 met 120 labels per 1000 inwoners het hoogst van alle vergelijkbare steden in het land. Het aantal energielabels is vier jaar later nog steeds relatief hoog. Enschede heeft na Eindhoven de meeste labels per 1000 woningen. Als gevolg van de samenwerking met de woningcorporaties in de MIO DWWE zien we, mede als gevolg van de inzet van de afgelopen jaren, een duidelijke ontwikkeling in het aantal verduurzaamde woningen: van enkele honderden per jaar tot meer dan 1200 in Dit blijkt ook uit onderstaande kwantitatieve gegevens. Van de woningvoorraad in Enschede, is alleen van het woningbezit van de corporaties (circa 40 procent van de totale voorraad) precies bekend welke woningen welke labels hebben. Onderstaande diagram geeft het aantal woningen en het aantal woningen per energielabel weer van de woningbouwcoöperaties Domijn, Ons Huis en De Woonplaats. Het figuur laat zien dat het aandeel goede woningen (geel, groen en helder groen) in de periode gestegen is. Relatieve aandeel verschillende energielabels in de woningvoorraad van corporaties 5.5 CONCLUSIES Ten aanzien van de gebouwde omgeving kunnen we concluderen dat: Enschede landelijk gezien bij de koplopers behoort, zowel qua innovatieve aanpak als qua prestaties; er zichtbare verbeteringen optreden in een deel van de woningvoorraad en dat het tempo van verbetering stijgt; om de beoogde -reductie doelstellingen te realiseren moeten we, net zoals dat landelijk het geval is, het tempo flink opschroeven. Van ruim 1000 woningen per jaar naar minstens woningen per jaar. 5.6 WAARUIT BESTAAN DE KNOPPEN OM BIJ TE STUREN? De gemeentelijke rol richt zich op drie speerpunten: Het helpen oplossen van het marktfalen. Deze is ontstaan door de achterblijvende marktvraag en de nog steeds aanwezige mismatch tussen vraag en aanbod. Oplossingen richten zich in eerste plaats nog steeds op het vergroten van het besef bij bewoners (huurders en eigenaren) dat investeren in energiebesparing loont en dat er landelijke en provinciale regelingen zijn die dit faciliteren. Deze aanpak richt zich op het vergroten van de vraag naar producten zoals isolatie, zonnepanelen en groene stroom. Daarnaast stimuleert de gemeente marktpartijen en corporaties in te spelen op die toenemende vraag, door te innoveren en die producten aan te bieden die de vraag kunnen aanjagen. Het helpen oplossen van financiële barrières en ontzorging in de financiering. Daarmee hangen samen: publiciteitscampagnes, aansprekende pilots, stimuleren labelregistratie en maatwerkinformatie via het energieloket. Het verder bevorderen van het gebruiken van de duurzaamheidslening en het vergroten van de aansluiting op het Nationaal Energiefonds (in oprichting) behoort hier ook toe. Verder maakt onderzoek naar de mogelijkheid van energiecollectieven en -garanties (naar het voorbeeld van de Tilburgse TEG) hier deel van uit. Het helpen oplossen van knelpunten in organisatie en uitvoering. Door het stimuleren van een adequate procesaanpak, kunnen we in de uitvoering de klant ontzorgen en de éénloketfunctie bevorderen. Dit is nodig om de vraag te versnellen en het vertrouwen van de consument te versterken in nut, noodzaak en waarde van energiebesparingsmaatregelen. Het blijvend faciliteren en versterken van de MIO-aanpak, naast de samenwerking met provincie Overijssel en het Rijk (samenhang met Overijsselse aanpak 2.0 en Nationaal Energiefonds), vormt het speerpunt van de gemeentelijke beleidsinzet. Het is echter niet zeker of het met de beschikbare middelen lukt de beoogde versnelling te bewerkstelligen bij het halen van onze doelen. De gemeente is hiervoor in belangrijke mate afhankelijk van macro-economische ontwikkelingen en ondersteunend landelijk (energie-)beleid

17 6 THEMA MOBILITEIT In dit hoofdstuk behandelen we het thema mobiliteit en de resultaten die zijn bereikt met de maatregelen gericht op -uitstootreductie. 6.1 WAT IS DE AMBITIE? Het thema verkeer en vervoer draagt voor 13 procent bij aan de totale opgave voor Dit komt neer op een reductie van 41 kiloton. De -uitstoot wordt voor 50 procent veroorzaakt door externe verplaatsingen en voor 75 procent door het personenvervoer. Figuur 1: Verdeling -emissies door mobiliteit van en/of naar Enschede over de vervoerswijzen en vervoersmarkten (stedelijk, regionaal, bovenregionaal) (bron: verkeersmodel Twente, -tool Goudappel Coffeng) 6.3 WAT IS ER BEREIKT? Bureau Goudappel heeft aan de hand van de verkeersmodellen 1990, 2010 en 2020 een doorrekening gemaakt van de ontwikkeling van het verkeer en de - uitstoot tussen en een prognose voor Hieruit blijkt dat er tussen 1990 en 2010 een forse stijging van de -uitstoot plaatsvond, vooral ook door de autonome groei van het verkeer. Tussen 2010 en 2020 vindt er weer een daling plaats en komen we ongeveer uit op het niveau van Deze daling is grotendeels te danken aan landelijke maatregelen (waaronder energiezuinige auto s). De daling betreft circa 16 procent, oftewel 33 kiloton. De --reductie door gemeentelijke mobiliteitsmaatregelen is beperkt (8 kiloton), maar wel significant. Door de toename van het fietsgebruik van 34 naar 40 procent, behalen we een verwachte reductie van circa vier kiloton en een reductie van de interne automobiliteit. Mobiliteitsmaatregelen als reizen buiten de spits en slim werken, zorgen wellicht voor de overige vier kiloton -besparing. 6.2 WAT HEBBEN WE GEDAAN? De afgelopen jaren voerden we veel mobiliteitsprojecten uit, die zich vooral richten op voorkomen, verkorten en veranderen. Zie onderstaand: een groter fietsaandeel bij verplaatsingen binnen Enschede (van 34 procent naar 40 procent) door een fietssnelweg, een verbetering bestaande fietsvoorzieningen en de aanleg van ontbrekende schakels; hoogwaardig openbaar vervoer (HOV); mobiliteitsmanagement (Twente Mobiel, stadsdistributie); betere doorstroming door technische innovaties (I-zone app); versnellen en stimuleren van duurzaam en elektrisch vervoer. Figuur 2: -emissies mobiliteit van en naar Enschede in 1990, 2010 (+18% toename t.g.v. mobiliteitsgroei) en 2020 (16% reductie t.o.v t.g.v. landelijke maatregelen)

18 6.4 CONCLUSIES Voor het thema mobiliteit kunnen we onderstaande conclusies trekken: Het verschonen van het wagenpark speelt de grootste rol in het behalen van de doelstelling. Dit is vanuit gemeentelijk perspectief een ontwikkeling waar we weinig invloed op hebben. We zijn afhankelijk van de snelheid en het effect van landelijk beleid ten aanzien van deze schonere voertuigen. Het effect van gemeentelijke mobiliteitsprojecten is gering (max. 8 kiloton), maar wel significant. De projecten richten zich vooral op het voorkomen (thuiswerken), verkorten (HOV-lijnen) en veranderen (fiets en OV) van verplaatsingen. Het bevorderen van het fietsverkeer (Fietsvisie) is daarmee de best mogelijke strategie. Met de huidige inzet en het landelijk beleid is reductie van de huidige emissie (2010) tot het niveau van 1990 in 2020 binnen bereik. De doelstelling van 30 procent reductie ten opzichte van het niveau van 1990 echter niet. 6.5 WAARUIT BESTAAN DE KNOPPEN OM BIJ TE STUREN? De gemeente kan vooral invloed uitoefenen door het bevorderen van het fietsverkeer. Er is nog veel potentie om meer mensen op de fiets te krijgen. De voorgestelde fietsprojecten uit de Fietsvisie spelen hierin een belangrijke rol en zullen naar verwachting leiden tot een hoger fietsgebruik (van 34 procent naar 40 procent in 2020). De gemeente Enschede kan het fietsverkeer nog meer bevorderen. Dit vergt wel een grotere inspanning en hogere investeringen. Extra financiële middelen hiervoor zijn in het huidige mobiliteitsfonds niet beschikbaar. Om het fietsgebruik succesvol te laten stijgen, is echter ook sturend en autobeperkend mobiliteitsbeleid nodig (bijvoorbeeld met behulp van strikte parkeertarieven). Dit is strijdig met het huidige mobiliteitsbeleid en de economische visie op de binnenstad. Mobiliteitsbeleid gericht op het verleiden van automobilisten tot ander gedrag past daar wel in. Het faciliteren van elektrisch vervoer is een andere maatregel. De gemeentelijke invloed hierop is echter beperkt. Ons voornemen is het aantal elektrische oplaadpunten in de stad samen met partners uit te breiden, bij voorkeur budgetneutraal. Verder zullen wij zelf het goede voorbeeld geven door het eigen wagenpark bij vervanging te verduurzamen. Er wordt in de huidige parkeervisie niet ingezet op sturend parkeerbeleid. Wel wordt door een korting op het parkeervergunningentarief in de binnenstad in de jaren 2014 tot en met 2016 (éénmalig 50 procent korting op de parkeervergunning voor label A voertuigen en een driejarige korting voor volledig elektrische voertuigen) duurzaam autobezit tijdelijk beloond. De conclusie is, dat zonder bijstelling van het mobiliteitsbeleid en/of extra financiële middelen, de mogelijkheden om de doelstelling op het gebied van verkeer en vervoer in 2020 te halen, zeer beperkt zijn

19 7 THEMA BEDRIJVIGHEID EN INNOVATIE Stedelijke bedrijvigheid en ondernemerschap vormen een belangrijke drager voor een duurzame samenleving. Tegelijkertijd is de productiesector een grote gebruiker van fossiele brandstoffen. In dit hoofdstuk gaan we in op het thema bedrijvigheid en innovatie. We bespreken welke resultaten we hebben bereikt met de genomen maatregelen gericht op vermindering van de uitstoot aan. 7.1 WAT IS DE AMBITIE? -uitstoot en de opwarming van de aarde die daarvan een gevolg is, is een mondiaal probleem. We hebben er in ons beleid voor gekozen het lokale gebruik van terug te dringen. Tegelijkertijd sporen we onze bedrijven aan innovaties door te voeren die ook elders tot vermindering van energieverbruik of -uitstoot leiden. Productiebedrijven zijn goed voor circa 28 procent van de gemeentelijke -emissie, de commerciële dienstverlening voor bijna 10 procent. De reductieopgave bedraagt in lijn met de beleidsdoelen ruim 50 kiloton per jaar. 7.2 WELKE PRESTATIES MOET JE LATEN ZIEN? Vermindering van de -emissie in de economie kent twee kanten: de reductie van energiegebruik en emissie van (absoluut en ook per arbeidsplaats), met daarmee ook als doel het realiseren van efficiëntie en kostenbeheersing; innovatie en vernieuwing voor en door bedrijven om energiebesparing en nieuwe duurzame energie mogelijk te maken, met daarmee ook als doel de lokale economie te versterken. In Enschede zetten we daarom in op duurzame opwekking van energie, op vermindering van het energiegebruik en op vermarktbare innovaties voor duurzame energieopwekking en energiebesparing. Hierbij valt te denken aan slimme/biologische isolatie, energiemeters en domotica of bijvoorbeeld effectief hergebruik van materialen. 7.3 WAT HEBBEN WE GEDAAN? In deze paragraaf gaan we in op een aantal grotere projecten die we de afgelopen periode hebben uitgevoerd of in uitvoering hebben gebracht. Energiescans voor bedrijven Vanuit de programma s Leefomgeving en Economie en Werk zijn in de afgelopen periode MKB-bedrijven actief benaderd voor deelname aan een energiescan. Deze energiescan maakt inzichtelijk waaruit het energieverbruik van een onderneming bestaat en welke mogelijkheden er zijn om daarop te besparen. De investeringen die daaruit voortvloeien leiden voor de deelnemers tot kostenbesparingen en aantrekkelijke terugverdientijden. Inmiddels zijn bij ruim 70 bedrijven scans uitgevoerd. We gaan hiermee verder, door: de resultaten die individuele bedrijven bereiken, gericht te delen met andere bedrijven; te zorgen dat het aantal bedrijven dat scans heeft uitgevoerd, stijgt van minder dan 1% tot een substantieel percentage; Zinnergy In 2012 heeft Kennispark Twente, met de business development aanpak Zinnergy, op de drie innovatiegebieden zorg, veiligheid en duurzaamheid 111 kansen gescout. Hiervan zijn 21 kansen voor verdere ontwikkeling aangemeld bij het Innovatiefonds Enschede BV. Het Innovatiefonds werd op 23 mei 2012 operationeel; een te korte tijd om te komen tot daadwerkelijke investeringen. Zinnergy draagt op het gebied van duurzaamheid bij aan de inhoudelijke programma s. Voorbeelden van cases zijn de realisatie van de pilot energieautonome wijk, verduurzaming schoolgebouwen en gescheiden afvalinzameling. Zinnergy doet dit door maatschappelijke opgaven te koppelen aan innovatieve oplossingen van 37 38

20 bedrijven en andersom. De aanpak begeleidt kansrijke initiatieven verder bij het inrichten van een proeftuin, het vinden van een launching customer of het aanscherpen van de businesscase. Waar mogelijk faciliteert de gemeente in dit soort gevallen bij een proeftuin. In sommige gevallen treden we op als launching customer. Zinnergy wordt vormgegeven door Kennispark Twente, in nauwe samenwerking met de gemeente Enschede en andere maatschappelijke partners. Een voorbeeld is een initiatief als 4Silence BV, waarbij de gemeente een testlocatie ter beschikking stelde en het bedrijf mede onder de aandacht bracht van enkele andere klanten. Het initiatief heeft inmiddels financiering gevonden om als bedrijf door te groeien. Ook valt te denken aan een bedrijf als Vision4Energy, dat slimme warmtewisselaars produceert die op efficiënte wijze kunnen verwarmen en koelen. Met hulp van de gemeente Enschede heeft de organisatie haar product in een schoolgebouw kunnen testen. Vision4Energy staat nu op het punt haar product aan Enschede (als launching customer) te leveren. Met de Netwerkstad, de provincie, de Universiteit Twente en de Saxion Hogeschool hebben we een platform opgebouwd dat succesvol is in het vermarkten van kennis en het creëren van arbeidsplaatsen. Het beleid dat vanaf 2010 is ingezet, heeft een stevige basis gelegd om te kunnen gaan oogsten op de onderwerpen zorg, duurzaamheid en veiligheid. Toch kunnen we een aantal zaken nadrukkelijk verbeteren. De methode die Kennispark heeft ontwikkeld, kunnen we ook inzetten voor minder kennisgerelateerde bedrijven. Veel bouw- en installatiebedrijven in de Twente hebben veel kennis in huis voor de techniek van verduurzaming. Concrete producten gericht op verduurzaming komen echter moeilijk van de grond. Samen met Kennispark en Stichting Pioneering gaan we onderzoeken hoe we deze bedrijven kunnen helpen nieuwe producten in de markt te zetten. Ondernemers en de gemeente Enschede en haar partners zouden nadrukkelijker geholpen kunnen worden met het doen van investeringen in duurzame technologieën. Terugverdientijden zijn vaak verbazingwekkend laag, maar toch blijven investeringen uit. Samen met private en andere publieke investeerders gaan we kijken hoe we hierin verbetering kunnen aanbrengen. Tenderboard In de tenderboard worden de aanbestedingen van de gemeente Enschede besproken. De leden van de tenderboard kijken hoe bijvoorbeeld innovatie, duurzaamheid en Social Return on Investment in de bestekken zijn opgenomen. Door de mal die we gemeentebreed voor aanbestedingstrajecten gebruiken, is al in een vroeg stadium bij de inkopende afdeling bekend dat duurzaamheid een belangrijke rol moet spelen. Onze inkoopkracht kan echter nog sterker worden ingezet om bij te dragen aan innovatie en verduurzaming. 7.4 WAT IS ER BEREIKT? Het energiegebruik per arbeidsplaats is de afgelopen jaren stabiel. Investeringen door het bedrijfsleven zijn noodzakelijk om het energieverbruik, en dan vooral dat gedeelte dat met fossiele brandstoffen wordt opgewekt, daadwerkelijk te laten dalen. Hierbij zijn we sterk afhankelijk van de economische ontwikkelingen. Wij zullen het lokale bedrijfsleven hierop aanspreken en kijken op welke manier zij bedrijven kan faciliteren. Lokale ambities op het gebied van milieu, en dan vooral de reductie van, zijn moeilijk te verwezenlijken als er op Europese of landelijke schaal geen prikkels worden gegeven. Deze prikkels moeten het aantrekkelijker maken te investeren in duurzame energievormen. In landelijke overleggen zoals de VNG en de G32 zetten wij daarom in op het realiseren van fiscale prikkels, die ons helpen bij het bereiken van onze lokale ambities. In Europees verband proberen we onderzoeksgeld vrij te maken voor onze onderzoeksinstellingen en ons bedrijfsleven. 7.5 WAARUIT BESTAAN DE KNOPPEN OM BIJ TE STUREN? Uiteindelijk liggen investeringsbeslissingen vooral bij het bedrijfsleven. Via lokaal en regionaal inkoopbeleid verleiden we bedrijven duurzaam geproduceerde producten te leveren. Ons beleid is erop gericht subsidies van andere overheden, de Europese Unie, het Rijk en de Provincie, in Twente en Enschede te laten landen. Kennispark heeft bewezen voor kennisintensieve bedrijven een aanjager te kunnen zijn. Samen met Kennispark zullen we kijken hoe we ook voor de bouw- en installatiebedrijven marktkansen kunnen creëren en ontwikkelen. Deze moeten andere bedrijven ertoe verleiden meer investeringen te doen in schoon energiegebruik en zo bij te dragen aan een duurzamere omgeving en bedrijfsvoering. We koppelen het thema duurzaamheid ook nadrukkelijk aan werkgelegenheid, toeleiding naar de arbeidsmarkt en Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Dit doen we door ondernemers te betrekken en hen uit te dagen mede verantwoordelijkheid te nemen voor de grote opgaven van deze stad

Helmonds Energieconvenant

Helmonds Energieconvenant Helmonds Energieconvenant Helmondse bedrijven slaan de handen ineen voor een duurzame en betrouwbare energievoorziening. Waarom een energieconvenant? Energie is de drijvende kracht Energie is de drijvende

Nadere informatie

Tussenevaluatie Zutphen energieneutraal anno 2012 Forum 23 april 2012

Tussenevaluatie Zutphen energieneutraal anno 2012 Forum 23 april 2012 Tussenevaluatie Zutphen energieneutraal anno 2012 Forum 23 april 2012 Sabine van Galen-Avegaart Agenda 1. De opgave Zutphen energieneutraal 2. Resultaat van ons beleid in cijfers 3. Wat hebben we in 2010-2011

Nadere informatie

Gemeente Langedijk. Voorstel aan de raad

Gemeente Langedijk. Voorstel aan de raad Gemeente Langedijk Raadsvergadering : 22 januari 2013 Agendanummer : 15 Portefeuillehouder Afdeling Opsteller : H.J.M. Schrijver : Beleid en Projecten : Schutten Voorstel aan de raad Onderwerp : Nota Langedijk

Nadere informatie

In onderstaande tabel is een toelichting gegeven op de gebruikte kwalificaties.

In onderstaande tabel is een toelichting gegeven op de gebruikte kwalificaties. Technische vragen naar aanleiding van de presentatie van de nota Kansen pakken en meters maken in het randprogramma van de vergadering van de stedelijke commissie van 2 september 2013. Vraag 1 Antwoord:`

Nadere informatie

Overijssel maakt werk van nieuwe energie!

Overijssel maakt werk van nieuwe energie! Overijssel maakt werk van nieuwe energie! U wilt met uw onderneming of woningcorporatie werk maken van nieuwe energie of energiebesparing. Maar u krijgt de financiering niet (volledig) rond via een bancaire

Nadere informatie

Klimaat- en energiebeleid Gemeente Nijmegen

Klimaat- en energiebeleid Gemeente Nijmegen Klimaat- en energiebeleid Gemeente Nijmegen Fons Claessen sr.adviseur klimaat, energie & duurzaamheid Gemeente Nijmegen Waarom moeten we iets doen?? 1: Klimaatverandering 2: Energie en grondstoffen 3.

Nadere informatie

Riedsútstel. Underwerp Duurzaamheidsbeleid 2014-2018

Riedsútstel. Underwerp Duurzaamheidsbeleid 2014-2018 Riedsútstel Ried : 22 januari 2015 Status : Opiniërend/Besluitvormend Eardere behandeling : Informerend d.d. 6 november 2014 Agindapunt : 10 Portefúljehâlder : M. van der Veen Amtner : mw. R.M.A. van Sonsbeek

Nadere informatie

WATER- SCHAPPEN & ENERGIE

WATER- SCHAPPEN & ENERGIE WATER- SCHAPPEN & ENERGIE Resultaten Klimaatmonitor Waterschappen 2014 Waterschappen willen een bijdrage leveren aan een duurzame economie en samenleving. Hiervoor hebben zij zichzelf hoge ambities gesteld

Nadere informatie

Slim financieren duurzame energie Afwegingskader bij het kiezen van instrumenten

Slim financieren duurzame energie Afwegingskader bij het kiezen van instrumenten Slim financieren duurzame energie Afwegingskader bij het kiezen van instrumenten voor financiering van duurzame energie 4 Voorwoord Euro s zijn vaak de sleutel om projecten voor de opwekking van duurzame

Nadere informatie

Voorstel Gemeenteraad VII- B

Voorstel Gemeenteraad VII- B Voorstel Gemeenteraad VII- B Onderwerp Portefeuillehouder Vaststelling Actieplan duurzaamheid Eelco Eerenberg agendaletter (B)) Programma LO Aangeboden aan Raad 15 april 2015 Stuknummer Corsanummer 1500050707

Nadere informatie

Notitie energiebesparing en duurzame energie

Notitie energiebesparing en duurzame energie Notitie energiebesparing en duurzame energie Zaltbommel, 5 juni 2012 Gemeente Zaltbommel Notitie energiebesparing en duurzame energie 1 1. Inleiding Gelet op de ambities in het milieuprogramma 2012-2015

Nadere informatie

gemeente Eindhoven Hierin wil GroenLinks in ieder geval de volgende vragen beantwoord hebben.

gemeente Eindhoven Hierin wil GroenLinks in ieder geval de volgende vragen beantwoord hebben. gemeente Eindhoven Inboeknummer 15bst00959 Beslisdatum B&W 14 juli 2015 Dossiernummer 15.29.103 (2.3.1) Raadsvragen Van het raadslid dhr. R. Thijs (GroenLinks) over klimaatambities Eindhoven na gerechtelijke

Nadere informatie

Raadsvoorstel. categorie/agendanr. stuknr. B. en W RA B 3 12/167. jaar stuknr. Raad. Onderwerp: Energienota gemeente Emmen

Raadsvoorstel. categorie/agendanr. stuknr. B. en W RA B 3 12/167. jaar stuknr. Raad. Onderwerp: Energienota gemeente Emmen svoorstel Onderwerp: Energienota gemeente Emmen Portefeuillehouder: T. Houwing-Haisma Afdeling Beleid en Regie Team Ruimtelijk Beleid Rudi Gengler, telefoon ((0591)68 54 39) Aan de gemeenteraad Voorgesteld

Nadere informatie

Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020. Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard Uitvoeringsprogramma 2016-2020

Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020. Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard Uitvoeringsprogramma 2016-2020 Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020 Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard Uitvoeringsprogramma 2016-2020 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding 1.1 Inleidend 1.2 Energievisie Hoeksche Waard 2. Activiteiten

Nadere informatie

ENERGIEAKKOORD. Gevolgen, verplichtingen en kansen THOMAS KOKSHOORN

ENERGIEAKKOORD. Gevolgen, verplichtingen en kansen THOMAS KOKSHOORN ENERGIEAKKOORD Gevolgen, verplichtingen en kansen THOMAS KOKSHOORN 2 - Wie zijn wij? - Visie Ekwadraat - Beleid - Doelstellingen - Middelen - Financiering Inhoud - Conclusies en aanbevelingen 3 INLEIDING

Nadere informatie

Overijssel maakt werk van nieuwe energie!

Overijssel maakt werk van nieuwe energie! Overijssel maakt werk van nieuwe energie! U wilt met uw onderneming of woningcorporatie werk maken van nieuwe energie of energiebesparing. Maar u krijgt de financiering niet (volledig) rond via een bancaire

Nadere informatie

Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET)

Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET) Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET) Startbijeenkomst Energiestrategie Midden-Holland Woensdag 22 juni 2016 Workshopronde I sessie C Parkstad Limburg EnergieTransitie (PALET) GR: samenwerking van

Nadere informatie

VNG Raadsledencampagne

VNG Raadsledencampagne Duurzaam Drimmelen VNG Raadsledencampagne Klimaat niet zonder de Raad Invloed raadsleden Borging beleid Collegiaal bestuur Collegeakkoord 2010-2014 Duurzame ontwikkeling: Een ontwikkeling die kan voorzien

Nadere informatie

Lijst Lammers. Papendrecht 21 januari 2013

Lijst Lammers. Papendrecht 21 januari 2013 Lijst Lammers Papendrecht 21 januari 2013 Aan de voorzitter van de gemeenteraad van de gemeente Papendrecht, de heer C.J.M. de Bruin Markt 22 3351 PB Papendrecht Betreft: gemeente Papendrecht aansluiten

Nadere informatie

Groen? Het is te doen! Audit.Tax.Consulting.Financial Advisory.

Groen? Het is te doen! Audit.Tax.Consulting.Financial Advisory. Groen? Het is te doen! Audit.Tax.Consulting.Financial Advisory. Een uitdagend klimaat 20 20 2020 In 2020 moet de uitstoot van CO 2 in de EU met 20% zijn teruggebracht ten opzichte van het 1990 niveau.

Nadere informatie

Lijst Lammers. KORTE SAMENVATTING Papendrecht, 22januari 2013. Persbericht. Wordt Papendrecht de derde stadin Nederland met een zonatlas?

Lijst Lammers. KORTE SAMENVATTING Papendrecht, 22januari 2013. Persbericht. Wordt Papendrecht de derde stadin Nederland met een zonatlas? Lijst Lammers KORTE SAMENVATTING Papendrecht, 22januari 2013 Persbericht Wordt Papendrecht de derde stadin Nederland met een zonatlas? Fractie Lijst Lammers pleit voor de Zonatlas in Papendrecht en vraagt

Nadere informatie

1 e Monitor Energie Besparen Gooi en Vecht Resultaten op 31 december 2013

1 e Monitor Energie Besparen Gooi en Vecht Resultaten op 31 december 2013 1 e Monitor Energie Besparen Gooi en Vecht Resultaten op 31 december 2013 Inleiding Het doel van het project Energie Besparen Gooi en Vecht is om in drie jaar tijd 4.000 woningen te verduurzamen. Onder

Nadere informatie

Green Deals gesloten voor stimuleren groene economische groei

Green Deals gesloten voor stimuleren groene economische groei Green Deals gesloten voor stimuleren groene economische groei Burgers, bedrijven, milieu-organisaties en overheden hebben vandaag op initiatief van minister Verhagen van Economische Zaken, Landbouw en

Nadere informatie

Energievisie Borne 22 september 2011. Michel Leermakers Linda Rutgers Twence. Co Kuip HVC. www.twence.nl

Energievisie Borne 22 september 2011. Michel Leermakers Linda Rutgers Twence. Co Kuip HVC. www.twence.nl Energievisie Borne 22 september 2011 Michel Leermakers Linda Rutgers Twence Co Kuip HVC Inhoud van vanochtend Gemeente Borne Visie Twence Werkwijze Energievisie Resultaten Huidige energieconsumptie Bronpotentieel

Nadere informatie

De Europese lidstaten in het kader van de Lissabon-afspraken de EU tot de meest innovatieve economie ter wereld willen maken;

De Europese lidstaten in het kader van de Lissabon-afspraken de EU tot de meest innovatieve economie ter wereld willen maken; INTENTIEVERKLARING CO 2 AFVANG, TRANSPORT en OPSLAG Partijen 1. De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, vertegenwoordigd door de heer ir. J. van der Vlist, Secretaris-Generaal

Nadere informatie

BuildDesk kennisdocument

BuildDesk kennisdocument BuildDesk kennisdocument Groot economisch en maatschappelijk voordeel van energieneutraal renoveren Woningverbetering naar energieneutraal in de sociale huursector is economisch en maatschappelijk zeer

Nadere informatie

Klimaatakkoord Rijk en UvW

Klimaatakkoord Rijk en UvW Klimaatakkoord Rijk en UvW Politieke en beleidsmatige context (klimaatbeleid) Rafaël Lazaroms 25 mei 2010 1 Inhoud presentatie Voorstellen Internationaal en nationaal klimaatbeleid Positie waterschappen

Nadere informatie

2 e Monitor Energie Besparen Gooi en Vecht Resultaten op 31 december 2014

2 e Monitor Energie Besparen Gooi en Vecht Resultaten op 31 december 2014 2 e Monitor Energie Besparen Gooi en Vecht Resultaten op 31 december 2014 Inleiding Het doel van het project Energie Besparen Gooi en Vecht is om in drie jaar tijd 2.500 tot 4.000 woningen te verduurzamen.

Nadere informatie

Rabin Baldewsingh. 27 juni SBR congres

Rabin Baldewsingh. 27 juni SBR congres Samen op weg naar een klimaatneutraal Den Haag Rabin Baldewsingh wethouder duurzaamheid gemeente Den Haag 27 juni SBR congres Den Haag Ambitie Den Haag klimaatneutraal in 2040 CO 2 -emissie reduceren door:

Nadere informatie

Duurzame ontwikkeling:

Duurzame ontwikkeling: Duurzaam Tynaarlo Duurzame ontwikkeling: Een ontwikkeling die kan voorzien in de behoeften van de huidige generaties zonder die van de toekomstige generaties in gevaar te brengen. (Our common future 1987)

Nadere informatie

Doelstelling en doelgroep

Doelstelling en doelgroep klimaat op maat Klimaat op maat Het klimaat verandert en de olievoorraden raken langzaamaan op. Dat laatste betekent concreet dat de energieprijzen naar verwachting flink stijgen in de komende decennia.

Nadere informatie

Almere. Uitkomsten van de zoektocht naar dé klimaatneutrale gemeente in Flevoland 2015

Almere. Uitkomsten van de zoektocht naar dé klimaatneutrale gemeente in Flevoland 2015 Uitkomsten van de zoektocht naar dé klimaatneutrale gemeente in Flevoland 2015 Natuur en Milieufederatie Flevoland heeft ook dit jaar weer een verkenning gedaan naar het klimaatneutrale gehalte van de

Nadere informatie

tot eind 2025 - LED verlichting bij vervanging - inzet slimme verlichtingsconcepten

tot eind 2025 - LED verlichting bij vervanging - inzet slimme verlichtingsconcepten Doelstelling Actie Doorlooptijd Wat gaan we doen Eigenaarschap Eigen organisatie 20% energiebesparing t.o.v. 2015 Energiebesparing gemeentelijke gebouwen 20% transitie naar hernieuwbare energie t.o.v.

Nadere informatie

Intentieovereenkomst. Asbest van het bedrijfsdak

Intentieovereenkomst. Asbest van het bedrijfsdak Intentieovereenkomst Asbest van het bedrijfsdak Intentieovereenkomst Wij, vertegenwoordigers van bestuursorganen en organisaties die werken aan de realisatie van een gezond en veilig leefmilieu, economie

Nadere informatie

Nationale Energieverkenning 2014

Nationale Energieverkenning 2014 Nationale Energieverkenning 2014 Remko Ybema en Pieter Boot Den Haag 7 oktober 2014 www.ecn.nl Inhoud Opzet van de Nationale Energieverkenning (NEV) Omgevingsfactoren Resultaten Energieverbruik Hernieuwbare

Nadere informatie

1. Hoe dringend vindt u het klimaatprobleem? Helemaal niet dringend, we 1% Er is helemaal geen klimaatprobleem. Weet niet / geen mening

1. Hoe dringend vindt u het klimaatprobleem? Helemaal niet dringend, we 1% Er is helemaal geen klimaatprobleem. Weet niet / geen mening 1. Hoe dringend vindt u het klimaatprobleem? Helemaal niet dringend, we 1% kunnen wel even wachten met grote maatregelen 17% 1 Een beetje dringend, we kunnen nog wel even wachten met grote maatregelen,

Nadere informatie

Totale uitstoot in 2010: 14.000 kiloton CO 2

Totale uitstoot in 2010: 14.000 kiloton CO 2 Totale uitstoot in 2010: 14.000 kiloton CO 2 Industrie Welke keuzes en wat levert het op? Huidig beleid 1% besparing op gas en elektra per jaar. Totaal is dat 8 % besparing in 2020. Opbrengst: 100 kiloton.

Nadere informatie

Energie voor morgen, vandaag bij GTI

Energie voor morgen, vandaag bij GTI Energie voor morgen, vandaag bij GTI Jet-Net docentendag 5 juni 2008 GTI. SMART & INVOLVED GTI is in 2009 van naam veranderd: GTI heet nu Cofely SLIMME ENERGIENETWERKEN, NU EN MORGEN 2008 2010 Centrale

Nadere informatie

Wat wordt de energiestrategie van de gemeente?

Wat wordt de energiestrategie van de gemeente? Wat wordt de energiestrategie van de gemeente? Programma raadsrotonde 17 mei 2010 Opening avond door rotondevoorzitter. Inleiding; (door Conny Huijskes; 10 minuten) - Uitleg opzet avond /in het begin toelichten

Nadere informatie

De Lokale Duurzame Energie Coöperatie. EnergieCoöperatieBoxtel WWW.ECBOXTEL.NL. Betaalbaar, duurzaam, eigen en onafhankelijk

De Lokale Duurzame Energie Coöperatie. EnergieCoöperatieBoxtel WWW.ECBOXTEL.NL. Betaalbaar, duurzaam, eigen en onafhankelijk De Lokale Duurzame Energie Coöperatie EnergieCoöperatieBoxtel Betaalbaar, duurzaam, eigen en onafhankelijk WWW.ECBOXTEL.NL LDEC: Waarom en waartoe leidt het Samen met leden realiseren van betaalbare, duurzame,

Nadere informatie

Samen energie besparen! Convenant Energiebesparing 2009-2011 - Gemeente Kerkrade

Samen energie besparen! Convenant Energiebesparing 2009-2011 - Gemeente Kerkrade Samen energie besparen! Convenant Energiebesparing 2009-2011 - Gemeente Kerkrade 2 Voorwoord Beste mensen, voor u ligt de folder over het convenant energiebesparing 2009 2011. Dit is een samenwerkingsovereenkomst

Nadere informatie

Zon Op School. Initiatiefvoorstel 1 7 APR. 2013. Initiatiefvoorstel aan de Raad GROENLINKS NIJIVIEGEN ~- INQEKDMEN. GEMEENTE NUMEQEN clas8.nr.: oy..

Zon Op School. Initiatiefvoorstel 1 7 APR. 2013. Initiatiefvoorstel aan de Raad GROENLINKS NIJIVIEGEN ~- INQEKDMEN. GEMEENTE NUMEQEN clas8.nr.: oy.. regjw. /3. 00 0 60 3 5 proowverartw.: 'So ~- INQEKDMEN Initiatiefvoorstel 1 7 APR. 2013 GEMEENTE NUMEQEN clas8.nr.: oy..si Zon Op School Initiatiefvoorstel aan de Raad Jos Reinhoudt, GroenLinl

Nadere informatie

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch Afdeling Onderzoek & Statistiek Maart 2013 2 Samenvatting In deze monitor staat de CO2-uitstoot beschreven in de gemeente s-hertogenbosch. Een gebruikelijke manier om de

Nadere informatie

PARKSTAD LIMBURG ENERGIE TRANSITIE

PARKSTAD LIMBURG ENERGIE TRANSITIE 1 PARKSTAD LIMBURG ENERGIE TRANSITIE BIJEENKOMST 3 DECEMBER 2015 Programma Duurzaam Landgraaf TON ANCION WETHOUDER GEMEENTE LANDGRAAF RONALD BOUWERS PROJECTLEIDER DUURZAAMHEID WIE ZIJN WIJ? PROJECTTEAM

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie Nr. 538 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Samenwerkingsafspraken Enschede 2014-2015 Vanuit een gedeelde visie, onderling vertrouwen en gelijkwaardigheid

Samenwerkingsafspraken Enschede 2014-2015 Vanuit een gedeelde visie, onderling vertrouwen en gelijkwaardigheid Samenwerkingsafspraken Enschede 2014-2015 Vanuit een gedeelde visie, onderling vertrouwen en gelijkwaardigheid Vastgesteld en ondertekend in het bestuurlijk overleg d.d. 26 november 2014 1 Jaarlijks terugkerend

Nadere informatie

2-7-2014. Energieakkoord voor duurzame groei. Juli 2014 WERK IN UITVOERING. Ed Nijpels. Wie zaten aan tafel tijdens de onderhandelingen?

2-7-2014. Energieakkoord voor duurzame groei. Juli 2014 WERK IN UITVOERING. Ed Nijpels. Wie zaten aan tafel tijdens de onderhandelingen? Energieakkoord voor duurzame groei Juli 2014 WERK IN UITVOERING Ed Nijpels Wie zaten aan tafel tijdens de onderhandelingen? 1 Waarom een Energieakkoord? Perspectief Consistentie Ambitie Realiteit Groei

Nadere informatie

Onderverdeeld naar sector bedraagt het energieverbruik procentueel: 32% 18%

Onderverdeeld naar sector bedraagt het energieverbruik procentueel: 32% 18% Aan: gemeenteraad Van: B&W Datum: 9 november 2009 Betreft: Motie 134 "Meetbare stappen Duurzame Energie" In de raadsvergadering van 22 april 2009 is naar aanleiding van het onderwerp Duurzaamheidsplan

Nadere informatie

Nieuwe Energie voor Enschede. Versnellen en verscherpen van klimaataanpak door energie

Nieuwe Energie voor Enschede. Versnellen en verscherpen van klimaataanpak door energie Nieuwe Energie voor Enschede Versnellen en verscherpen van klimaataanpak door energie Langetermijnvisie duurzaamheid - geactualiseerde versie augustus 2010 Nieuwe Energie voor Enschede Versnellen en verscherpen

Nadere informatie

Sámen werken aan. Voor gemeenten en MKB. erduurzaming

Sámen werken aan. Voor gemeenten en MKB. erduurzaming Sámen werken aan verduurzaming Voor gemeenten en MKB erduurzaming Sámen werken aan verduurzaming Voor gemeenten en MKB Gemeenten hebben forse ambities op het gebied van duurzaamheid, innovatie en lokale

Nadere informatie

Overijssel maakt werk van nieuwe energie!

Overijssel maakt werk van nieuwe energie! Overijssel maakt werk van nieuwe energie! U wilt met uw onderneming of woningcorporatie werk maken van nieuwe energie of energiebesparing. Maar u krijgt de financiering niet (volledig) rond via een bancaire

Nadere informatie

MANAGEMENT SAMENVATTING ENERGIERAPPORT 2008

MANAGEMENT SAMENVATTING ENERGIERAPPORT 2008 MANAGEMENT SAMENVATTING ENERGIERAPPORT 2008 Er is de komende jaren een fundamentele verandering van onze energievoorziening nodig om het hoofd te bieden aan de mondiale uitdagingen op energiegebied: de

Nadere informatie

CO 2 - en energiereductiedoelstellingen 2013-2014 Alfen B.V. Auteur: H. van der Vlugt Versie: 1.1 Datum: 26-mei-2014 Doc.nr: Red1314 Alfen B.V. CO 2-reductierapport 2013-2014 Doc. nr. Red1314 26-mei-2014

Nadere informatie

Wat vraagt de energietransitie in Nederland?

Wat vraagt de energietransitie in Nederland? Wat vraagt de energietransitie in Nederland? Jan Ros Doel/ambitie klimaatbeleid: Vermindering broeikasgasemissies in 2050 met 80 tot 95% ten opzichte van 1990 Tussendoelen voor broeikasgasemissies Geen

Nadere informatie

PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF

PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF PROJECTPLAN METERS MAKEN IN DE ESHOF De Eshof op weg naar energie neutraal! = woningen Eshof naar nul op de meter = Inhoud 1. Ambitie: naar meest duurzame wijk van Elst? 2. Meten is weten: per wijk per

Nadere informatie

http://enquete.groenepeiler.nl/admin/statistics.aspx?inquiry=47 1 van 13 5-7-2011 17:03

http://enquete.groenepeiler.nl/admin/statistics.aspx?inquiry=47 1 van 13 5-7-2011 17:03 1 van 13 5-7-2011 17:03 Enquête Enquête beheer Ingelogd als: aqpfadmin Uitloggen Enquête sta s eken Enquête beheer > De Klimaat Enquête van het Noorden > Statistieken Algemene statistieken: Aantal respondenten

Nadere informatie

Technisch-economische scenario s voor Nederland. Ton van Dril 20 mei 2015

Technisch-economische scenario s voor Nederland. Ton van Dril 20 mei 2015 Technisch-economische scenario s voor Nederland Ton van Dril 20 mei 2015 Overzicht Energieplaatje in historisch perspectief Hoeveel en hoe gebruiken we energie? Wat gebeurt er met verbruik en uitstoot

Nadere informatie

Energie. 1 Conclusies. Energiebesparing en duurzame energie in de Drechtsteden

Energie. 1 Conclusies. Energiebesparing en duurzame energie in de Drechtsteden Energie Energiebesparing en duurzame energie in de Drechtsteden De gemeenten in de regio Drechtsteden werken samen aan klimaat- en energiebeleid. Ingezet wordt op energiebesparing en toename van gebruik

Nadere informatie

Energieakkoord voor duurzame groei

Energieakkoord voor duurzame groei Energieakkoord voor duurzame groei Netwerkbijeenkomst Duurzame regionale energie Gelderland 15 januari 2014 Lodewijk de Waal Energieakkoord Wie zaten aan tafel? Inhoud presentatie Hoofdlijnen Energieakkoord

Nadere informatie

CO 2 -reductiedoelstelling 2011-2013

CO 2 -reductiedoelstelling 2011-2013 CO 2 -reductiedoelstelling 2011-2013 Cauberg-Huygen Raadgevende Ingenieurs BV december 2011 2010.0001-15 Inleiding Cauberg-Huygen is sinds 1975 koploper in oplossingen voor de bouw- en infrasector, industrie

Nadere informatie

Raadsnotitie. Bijlagen

Raadsnotitie. Bijlagen Raadsnotitie GEMEENTEBESTUUR onderwerp Energiestrategie Venlo Beesel Venray team ROSEB Rn nummer 2013 1 collegevergadering d.d. raadsvergadering 11 december 2012 d.d. 23 januari 2013 programma Veelzijdige

Nadere informatie

CO 2 footprint tussenrapportage 2015 1 e half jaar

CO 2 footprint tussenrapportage 2015 1 e half jaar CO 2 footprint tussenrapportage 2015 1 e half jaar Naam opdrachtgever: Unipro BV Adres: Bouwstraat 18 Plaats: Haaksbergen Uitgevoerd door: Zienergie BV Adres: Dokter Stolteweg 2 Plaats Zwolle Telefoon:

Nadere informatie

Een 10 puntenplan gemeenten die echt iets aan het klimaatprobleem willen doen

Een 10 puntenplan gemeenten die echt iets aan het klimaatprobleem willen doen Een 10 puntenplan voor gemeenten die echt iets aan het klimaatprobleem willen doen Doet uw gemeente voldoende aan het klimaatprobleem? Iedere aanpak van het klimaatprobleem begint lokaal. Internationaal

Nadere informatie

MJA3 ICT-sector. Jeroen van der Tang. Manager Duurzaamheid & Milieu Nederland ICT

MJA3 ICT-sector. Jeroen van der Tang. Manager Duurzaamheid & Milieu Nederland ICT MJA3 ICT-sector Jeroen van der Tang Manager Duurzaamheid & Milieu Nederland ICT Duurzaamheid @ Nederland ICT Resultaten en initiatieven Nederland ICT op energiebesparing & milieu» MJA3 energie-efficiëntie

Nadere informatie

Er zijn meerdere Green Deals afgesloten, waarvan we er een aantal in het oog springende nader willen benoemen.

Er zijn meerdere Green Deals afgesloten, waarvan we er een aantal in het oog springende nader willen benoemen. Programma 8. Groen Drenthe: Klimaat en Energie Energy Challenges, slim met energie op school. Missie Het thema energie is voor ons van grote economische betekenis. Wij leveren een bijdrage om minder afhankelijk

Nadere informatie

Energievoorziening Rotterdam 2025

Energievoorziening Rotterdam 2025 Energievoorziening Rotterdam 2025 Trends Issues Uitdagingen 9/14/2011 www.bollwerk.nl 1 Trends (1) Wereld energiemarkt: onzeker Toenemende druk op steeds schaarsere fossiele bronnen Energieprijzen onvoorspelbaar,

Nadere informatie

Resultaten. Nationale enquête duurzame prestaties Nederlandse gemeenten.

Resultaten. Nationale enquête duurzame prestaties Nederlandse gemeenten. Resultaten Nationale enquête duurzame prestaties Nederlandse gemeenten. 19 mei 2011 Inleiding De duurzame ambities verschillen per gemeente. Zo ook de daadwerkelijke invulling van deze ambities. Toch streven

Nadere informatie

Energieakkoord voor duurzame groei. 6 september 2013

Energieakkoord voor duurzame groei. 6 september 2013 Energieakkoord voor duurzame groei 6 september 2013 Programma perspresentatie Korte toelichting Energieakkoord voor duurzame groei Wiebe Draijer Korte toelichting doorrekeningen ECN/PBL/EIB Maarten Hajer

Nadere informatie

Partij voor de Dieren Gouda Tav Corina Kerkmans

Partij voor de Dieren Gouda Tav Corina Kerkmans Partij voor de Dieren Gouda Tav Corina Kerkmans directie/afdeling RO/afdeling RBA contactpersoon E. ten Cate telefoon 0182-588976 uw kenmerk onderwerp reactie op uw vragen over klimaatdoelstellingen Gouda

Nadere informatie

Regio Stedendriehoek

Regio Stedendriehoek Regio Stedendriehoek 1 Energieneutrale regio Energietransitie Stedendriehoek Apeldoorn, Brummen, Deventer, Epe, Lochem, Voorst,Zutphen Netbeheer en Duurzame Gebiedsontwikkeling Pieter van der Ploeg, Alliander

Nadere informatie

Inhoudsopgave. 1. Samenvatting en conclusies. 2. Bebouwde Omgeving. 3. Bedrijven & Industrie (inclusief Utiliteitsbouw) 4.

Inhoudsopgave. 1. Samenvatting en conclusies. 2. Bebouwde Omgeving. 3. Bedrijven & Industrie (inclusief Utiliteitsbouw) 4. CO 2 -monitor Haarlem 2013 De CO 2 -monitor heeft sinds 2012 heeft een andere opzet dan voorgaande jaren. Er is nu een management samenvatting waarin de grote lijnen en hoofdconclusies worden weergegeven

Nadere informatie

Maak werk van zon & wind Schone energie voor heel Tynaarlo. Tynaarlo

Maak werk van zon & wind Schone energie voor heel Tynaarlo. Tynaarlo Maak werk van zon & wind Tynaarlo Aanleiding Najaarsnota 2008 aankondiging plannen voor duurzame energie Voorjaar 2009 ontwikkelen scenario s Mei 2009 raadpleging inwoners Tynaarlo Juni 2009 voorstellen

Nadere informatie

Achtergrondinformatie Woonsymposium WONEN IN STAD.NL SESSIE DUURZAAMHEID

Achtergrondinformatie Woonsymposium WONEN IN STAD.NL SESSIE DUURZAAMHEID Achtergrondinformatie Woonsymposium WONEN IN STAD.NL SESSIE DUURZAAMHEID donderdag 19 maart 2015 Duurzaamheid Duiding en context Groningen heeft de ambitie om in 2035 een energieneutrale stad te zijn.

Nadere informatie

Raadscommissievoorstel

Raadscommissievoorstel Raadscommissievoorstel Status: Voorbereidend besluitvormend Agendapunt: 7 Onderwerp: Meerjarenprogramma Duurzaamheid 2014-2015 Datum: 12 november 2013 Portefeuillehouder: dhr. N.L. Agricola Decosnummer:

Nadere informatie

30196 Duurzame ontwikkeling en beleid. 32813 Kabinetsaanpak Klimaatbeleid op weg naar 2020. Brief van de minister van Economische Zaken

30196 Duurzame ontwikkeling en beleid. 32813 Kabinetsaanpak Klimaatbeleid op weg naar 2020. Brief van de minister van Economische Zaken 30196 Duurzame ontwikkeling en beleid 32813 Kabinetsaanpak Klimaatbeleid op weg naar 2020 Nr. 380 Brief van de minister van Economische Zaken Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den

Nadere informatie

C. Monitoring en backcasting

C. Monitoring en backcasting C. Monitoring en backcasting Backcasting en monitoring Deelsessie werkconferentie Energiek Zoetermeer 11 juni 2013 dr. C. (Cor) Leguijt Inhoud 1. Backcastingproject stadsgewest Haaglanden 1. Klimaat- en

Nadere informatie

Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug

Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug Notitie Duurzame energie per kern in de gemeente Utrechtse Heuvelrug CONCEPT Omgevingsdienst regio Utrecht Mei 2015 opgesteld door Erwin Mikkers Duurzame energie per Kern in gemeente Utrechtse Heuvelrug

Nadere informatie

Regie op energie. Investeren in de productie van duurzame energie in de regio Arnhem-Nijmegen

Regie op energie. Investeren in de productie van duurzame energie in de regio Arnhem-Nijmegen Investeren in de productie van duurzame energie in de regio Arnhem-Nijmegen Regie op energie Wij, de 22 gemeenten in de regio Arnhem- Nijmegen, maken ons sterk voor een versnelde transitie van fossiele

Nadere informatie

Energieakkoord: Wij zijn aan zet!

Energieakkoord: Wij zijn aan zet! Energieakkoord: Wij zijn aan zet! Energieakkoord in het kort - Akkoord over energiebesparing binnen de SER tussen overheid, natuur- en milieuorganisaties, vakbonden, energieproducenten, netbeheerders,

Nadere informatie

Energiebesparing in de bouw

Energiebesparing in de bouw Energiebesparing in de bouw - Overheidsbeleid - Wettelijke kaders - Praktische omzetting Bijdragen van: ing. W.Baartman ir. J.Ouwehand Wetgeving en overheidsbeleid Transitie naar een duurzame energiehuishouding

Nadere informatie

Rapportage 2014 Swietelsky Rail Benelux B.V.

Rapportage 2014 Swietelsky Rail Benelux B.V. Rapportage 2014 Swietelsky Rail Benelux B.V. Energieverbruik en CO 2 emissies juni 2015 Opgesteld door: M. Kelger Rapportage 2014 Energieverbruik en CO2 emissies Inhoud 1 Inleiding... 2 2 Energieverbruik

Nadere informatie

Het kan minder! ing. P. Hameetman

Het kan minder! ing. P. Hameetman Het kan minder! ing. P. Hameetman manager innovatie BAM Vastgoed bv Inleiding Afbakening: Presentatie is toegespitst op woningbouw Verdieping van technische mogelijkheden 2 Klimaatakkoord Gemeenten en

Nadere informatie

Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Aanleiding

Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Aanleiding 1 Vraag- en antwoordlijst Windenergie op Goeree-Overflakkee Versie: 25 april 2013 Opgesteld door: Windgroep Goeree-Overflakkee, gemeente Goeree-Overflakkee en provincie Zuid-Holland Aanleiding Waarom zijn

Nadere informatie

Raadsinformatieavond invulling sociale randvoorwaarden windenergie Zonzeel Welkom

Raadsinformatieavond invulling sociale randvoorwaarden windenergie Zonzeel Welkom Raadsinformatieavond invulling sociale randvoorwaarden windenergie Zonzeel Welkom 19 november 2015 1 Opzet presentatie 1. Inleiding 2. Terugblik/voorgeschiedenis 3. Gemeentelijke ambitie vertaald naar

Nadere informatie

Initiatiefvoorstel aan Provinciale Staten HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH

Initiatiefvoorstel aan Provinciale Staten HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH Initiatiefvoorstel aan Provinciale Staten PS2009-997 HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH Duurzaamheidsfonds Gelderland HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH

Nadere informatie

PROEFTUIN VOOR HET EUROPESE ENERGIESYSTEEM VAN DE TOEKOMST

PROEFTUIN VOOR HET EUROPESE ENERGIESYSTEEM VAN DE TOEKOMST NOORD-NEDERLAND: PROEFTUIN VOOR HET EUROPESE ENERGIESYSTEEM VAN DE TOEKOMST PROEFTUIN ENERGIE- TRANSITIE REGIONALE PARTNER IN DE EUROPESE ENERGIE UNIE Noord-Nederland is een grensoverschrijdende proeftuin

Nadere informatie

CO 2 - en energiereductiedoelstellingen t/m 2012. Alfen B.V. Auteur: H. van der Vlugt Versie: 2.4 Datum: 16-aug-2011 Doc.nr: 10.

CO 2 - en energiereductiedoelstellingen t/m 2012. Alfen B.V. Auteur: H. van der Vlugt Versie: 2.4 Datum: 16-aug-2011 Doc.nr: 10. CO 2 - en energiereductiedoelstellingen t/m 2012 Alfen B.V. Auteur: H. van der Vlugt Versie: 2.4 Datum: Doc.nr: 10.A0320 CO 2 -reductierapport Distributielijst Naam B.Bor (Alf) M. Roeleveld (ALF) Accorderingslijst

Nadere informatie

Slim klimaatbeleid gaat uit van samenhang, samenwerking en samenleving:

Slim klimaatbeleid gaat uit van samenhang, samenwerking en samenleving: Samen Werken aan Duurzame Energie 2014-2018 Slim klimaatbeleid van deze tijd Slim klimaatbeleid van deze tijd Over anderhalve maand vinden de gemeenteraadsverkiezingen plaats. Daarna zullen de collegeprogramma

Nadere informatie

Monitor klimaatbeleid. Gemeente Hunsum (fictief)

Monitor klimaatbeleid. Gemeente Hunsum (fictief) Inleiding Behaalt uw gemeente de klimaatdoelstellingen? Wilt u weten hoeveel duurzame energie in uw gemeente wordt geproduceerd of energie wordt bespaard? Zoekt u inzicht in welke maatregelen succesvol

Nadere informatie

WKO in duurzame gebiedsontwikkeling case Westland Ir. Marion Bakker SenterNovem 030 2393677 m.m.c.bakker@senternovem.nl

WKO in duurzame gebiedsontwikkeling case Westland Ir. Marion Bakker SenterNovem 030 2393677 m.m.c.bakker@senternovem.nl WKO in duurzame gebiedsontwikkeling case Westland Ir. Marion Bakker SenterNovem 030 2393677 m.m.c.bakker@senternovem.nl 12-11-2007Sheet nummer 1 Ontwikkelingen wereldwijd Heeft de Al Gore film impact?

Nadere informatie

KLIMAAT, ENERGIE EN GRONDSTOFFEN

KLIMAAT, ENERGIE EN GRONDSTOFFEN KLIMAAT, ENERGIE EN GRONDSTOFFEN AKKOORDEN EN GREEN DEALS Rafaël Lazaroms Coördinator Energie en duurzaamheid Unie van Waterschappen 1. Duurzaamheid en taken waterschappen 2. Duurzame ambities in akkoorden

Nadere informatie

Oosterhout Nieuwe Energie Voorbereiding oprichting coöperatie

Oosterhout Nieuwe Energie Voorbereiding oprichting coöperatie 1 Oosterhout Nieuwe Energie Voorbereiding oprichting coöperatie Wij willen Betaalbare, Duurzame, Eigen Energie in Oosterhout 3 Waarom ONE Betaalbaar Duurzaam Eigen Samen Goedkoper dan de markt Winsten

Nadere informatie

... Gemeente Eindhoven en Eneco in 2045... Samen gaan we voor decentrale en duurzame toekomst! Waarde creëren Stadhuisplein. Veranderende overheid

... Gemeente Eindhoven en Eneco in 2045... Samen gaan we voor decentrale en duurzame toekomst! Waarde creëren Stadhuisplein. Veranderende overheid Gemeente Eindhoven en Eneco in 2045 Energieneutraal Veranderende overheid Waarde creëren Stadhuisplein Zichtbaar maken van innovatie Als duurzame stad Samen gaan we voor decentrale en duurzame toekomst!

Nadere informatie

Kiezen, Delen én Doen Samen voor een sterke woningmarkt. platform woningcorporaties noord-holland noord

Kiezen, Delen én Doen Samen voor een sterke woningmarkt. platform woningcorporaties noord-holland noord Kiezen, Delen én Doen Samen voor een sterke woningmarkt platform woningcorporaties noord-holland noord Voorwoord Op 15 december 2011 is door ruim 20 corporaties uit de subregio s Noordkop, West-Friesland,

Nadere informatie

3.C.1 Communicatie over de voortgang van CO 2 bij Prins Bouw.

3.C.1 Communicatie over de voortgang van CO 2 bij Prins Bouw. 3.C.1 Communicatie over de voortgang van CO 2 bij Prins Bouw. Datum: 12-05-2016 Versie: 1 1. Inleiding Middels deze rapportage wil Prins Bouw de voorgang op de CO 2 reductiedoelstellingen laten zien, door

Nadere informatie

HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH

HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH HHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHHH PS2009- INITIATIEFVOORSTEL Aan de leden van Provinciale Staten Initiatief voorstel Duurzaamheidsfonds Gelderland Beknopte samenvatting van inhoud voorstel: Bij de voorjaarsnota 2009 (PS2009-447) is ingestemd

Nadere informatie

Betekenis Energieakkoord voor Duurzame Groei voor de Installatiebranche. Teun Bokhoven Duurzame Energie Koepel 3 februari 2014 / VSK beurs

Betekenis Energieakkoord voor Duurzame Groei voor de Installatiebranche. Teun Bokhoven Duurzame Energie Koepel 3 februari 2014 / VSK beurs Betekenis Energieakkoord voor Duurzame Groei voor de Installatiebranche Teun Bokhoven Duurzame Energie Koepel 3 februari 2014 / VSK beurs Inhoud Introductie Duurzame Energie Koepel en Sector beschrijving

Nadere informatie

Insights Energiebranche

Insights Energiebranche Insights Energiebranche Naar aanleiding van de nucleaire ramp in Fukushima heeft de Duitse politiek besloten vaart te zetten achter het afbouwen van kernenergie. Een transitie naar duurzame energie is

Nadere informatie