Welkom Over Atlas Software Contactgegevens...10

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Welkom... 10 Over Atlas Software... 10. Contactgegevens...10"

Transcriptie

1

2 Table of Contents Welkom Over Atlas Software Contactgegevens...10 Hoofdkantoor Verenigde Staten, Canada en Zuid-Amerika Europa en Azië Over het Help-venster Tabbladen Inhoud, Index, Zoeken en Verklarende woordenlijst Hyperlinks en Verwante onderwerpen De navigatiemiddelen in de Help gebruiken Inhoud Index Zoeken Verklarende woordenlijst...12 Hyperlinks Verwante onderwerpen AAN DE SLAG MET PRINTSHOP MAIL...12 Voordat u begint PrintShop Mail installeren Een aangepaste installatie uitvoeren Wat is er nieuw in PrintShop Mail?...13 Upgraden van PrintShop Mail PrintShop Mail 98-dongles De dongle upgraden...14 PrintShop Mail 98-documenten Upgrade-opties:...14 Wat is een upgrade? De dongle upgraden...14 PrintShop Mail installeren Gids met stapsgewijze instructies Een printerstuurprogramma installeren...15 Adobe PostScript-printerstuurprogramma Microsoft PostScript-stuurprogramma De dongle installeren...15 Over de dongle De dongle installeren License Manager installeren...16 Wat is License Manager? License Manager upgraden Systeemvereisten Een nieuw document maken...19 Beginnen met een leeg document De inhoud van een layout baseren op een PDF-bestand De layoutgrootte instellen...20 Automatische Layoutgrootte

3 Vaste layoutgrootte Database aan een document koppelen Een database openen...20 Door de inhoud van de database bladeren De database sorteren De database filteren Verbinding maken met een SQL-Server...21 Tekst toevoegen Variabele tekst toevoegen...26 Over variabele tekst Variabele tekst invoegen...26 Databasevelden aan de variabelen koppelen Een voorbeeld van de variabelen weergeven Serienummers maken...27 Over serienummers Een serienummer maken Afbeeldingen toevoegen Statische afbeeldingen toevoegen...28 Over statische afbeeldingen Een statische afbeelding invoegen Over begrensde vakken Variabele afbeeldingen toevoegen...29 Over variabele afbeeldingen Een tijdelijke afbeeldingsaanduiding maken Een databaseveld toewijzen Controleren en het resultaat weergeven Een layout herhalen...30 Over het herhalen van layouts De layoutherhaling opgeven Over prioriteiten Layoutcondities gebruiken...31 Over layoutcondities Layoutcondities opgeven Een papierlade selecteren...32 Over papierladen selecteren Een papierlade aan een layout toewijzen Een document controleren...33 Over documenten controleren Documentcontrole uitvoeren Een document opslaan...34 Over documenten opslaan Documenten opslaan Document afdrukken Basishandelingen voor afdrukken...35 Over afdrukken Standaard PostScript-technologieën: De printer instellen Een afdruktechnologie selecteren

4 Technologiespecifieke opties selecteren Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken Afdruktechnologieën...36 Geoptimaliseerd PostScript CopyPage AHT Creo VPS Fiery FreeForm Fiery FreeForm PPML PPML/VDX Aanbevolen instellingen voor opdrachtopties in Acrobat Distiller: Splash DiamondMerge Splash VI VIPP Afdrukinstellingen...41 Subsetafwerking...41 Over subsetafwerking...41 Subsetafwerking gebruiken Afdrukken automatiseren...42 Overzicht...42 Over geautomatiseerd afdrukken Opdrachtregelargumenten gebruiken...42 Opdrachtregelargumenten gebruiken Een database op een snelkoppeling slepen Extended Scripting gebruiken...43 Een Extended Scripting-taak maken Databasefilters Een taak inplannen DDE...46 BASISELEMENTEN VAN DOCUMENTEN...46 Eigenschappen van items De eigenschappen van een PDF-pagina instellen Over de positie-instellingen...46 Over de weergave-instellingen Over de instellingen van PDF-kenmerken Eigenschappen van statische afbeeldingen...47 De eigenschappen van een statische afbeelding instellen Over de positie-instellingen...47 Over de weergave-instellingen Over de kenmerken van statische afbeeldingen Eigenschappen van variabele afbeeldingen...48 Over eigenschappen van posities Over eigenschappen van weergave Over de kenmerken van variabele afbeeldingen Eigenschappen van tekst...48 Eigenschappen van tekst wijzigen Over eigenschappen van posities

5 Over eigenschappen van weergave Over tekstkenmerken...49 Tekst opmaken Over tekenstijlen Een tekenstijl toepassen op alle alinea's in een of meer tesktobjecten Een tekenstijl toepassen op een reeks tekens De tekengrootte aanpassen Een tekstkleur instellen Alinea-opmaakprofiel...50 Over Alinea-opmaakprofielen Tekst uitlijnen Over tabstops Tabstopposities instellen en wijzigen Layoutelementen Over layouts Een layout invoegen De layouts in een document bijhouden Een layout dupliceren Een layout verwijderen Het formaat en de afdrukstand van een actieve pagina wijzigen Hulplijnen...53 Over hulplijnen Een hulplijn toevoegen De afstand instellen voor "uitlijnen langs" Een hulplijn verwijderen Vouwlijnen...54 Over vouwlijnen Een vouwlijn toevoegen De vouwlijn wijzigen: Een vouwlijn verwijderen Bleedmarge...55 Over bleedmarges Een bleedmarge toevoegen voor elke layout Uitsnijdmarkeringen...55 Over uitsnijdmarkeringen Uitsnijdmarkeringen toevoegen of verwijderen Items manipuleren Items selecteren Onderliggende objecten selecteren Een selectie uitbreiden Items verplaatsen en de grootte wijzigen...56 Items verplaatsen met de muis Items verplaatsen met het toetsenbord Items verplaatsen door nieuwe coördinaten in te voeren (een item op een specifieke locatie plaatsen) De grootte van een item wijzigen met de muis De grootte van een item wijzigen door nieuwe afmetingen in te voeren Items kopiëren

6 Items kopiëren met de muis Items kopiëren met het klembord Items naar meerdere layouts plakken Items uitlijnen...57 Items uitlijnen Items rangschikken...58 Over lagen Items opnieuw rangschikken binnen lagen Objecten vergrendelen...59 Over het vergrendelen van objecten Een object vergrendelen...59 Een object ontgrendelen Werkbalk Database...59 Over de werkbalk Database Werkbalk Items...59 Basiselementen van documenten Werkbalken Over de werkbalk Items Werkbalk Standaard...60 Over de werkbalk Standaard Werkbalk Tekstopmaak...61 Over de werkbalk Tekstopmaak Werkbalk Extra...61 Over de werkbalk Extra...61 Werkbalk Beeld...61 Over de werkbalk Beeld Ondersteunde bestandsformaten Ondersteunde databaseformaten...62 Ondersteunde afbeeldingsformaten...63 VOORKEURSINSTELLINGEN...63 Programma-instellingen...63 De programmavoorkeuren instellen Over algemene voorkeuren Items zonder database Over de voorkeuren van de layoutweergave Afdrukgebied Instellingen afdruktaak...64 De voorkeuren voor afdruktaken instellen Over de voorkeuren van afdruktaken Rapportpagina afdrukken Herhaling...64 De herhalingsvoorkeuren instellen Over herhalingsinstellingen...64 Impositie-instellingen...65 De voorkeuren van de impositie-instellingen instellen Over impositievoorkeuren Bleedmarge Vouwlijnen

7 Landinstellingen...65 De landinstellingen instellen...65 Over getalinstellingen Over valuta-instellingen Over datuminstellingen...66 EXPRESSIES GEBRUIKEN...67 Over expressies in PrintShop Mail Favoriete expressies Voorbeeld Over aangepaste serienummers Voorbeeld Functies en operators Steepjescodefuncties...70 Over streepjescodes Dichtheid Controlesommen Codabar Beschrijving parameter Opmerkingen Code Beschrijving parameter Opmerkingen Code Beschrijving parameter Opmerkingen EAN Beschrijving parameter Opmerkingen EAN Beschrijving parameter Opmerkingen ITF (Interleaved 2 van 5) Beschrijving parameter Opmerkingen KIX MSI Plessey Beschrijving parameter Opmerkingen POSTNET Beschrijving parameter Opmerkingen UPC-A Beschrijving parameter Opmerkingen

8 UPC-E Beschrijving parameter Opmerkingen Layoutfuncties...75 Over layoutfuncties Layoutcondities bewerken Voorbeeld Blank Opmerking Print Opmerking Skip Opmerking Logische functies...76 AND (Boolean operator) Opmerkingen FALSE (Boolean constante) Opmerking IF (Boolean operator) Opmerkingen NOT (Boolean operator) OR (Boolean operator) True (Boolean constante) Opmerking Getalfuncties...77 ABS (Absoluut) CHR Opmerking COUNTER Beschrijving parameter Opmerkingen DIV...78 INT (Integer) MOD ROUND SGN STR...79 VAL...79 Opmerkingen Stringfuncties...79 ASC

9 Opmerking DATE LEFT Opmerkingen LEN...80 Opmerkingen Database LOWER Opmerkingen LTRIM Opmerking MID Opmerkingen POS Opmerkingen PROPER Opmerking REPLACE RIGHT Opmerking RTRIM Opmerking TODAY Opmerkingen TRIM Opmerkingen UPPER Opmerkingen Rolan streepjescodefuncties R_CODE128_J R_CODE39_J R_EAN128_J R_ITF_J R_JAN13_J R_JAN8_J R_NW7_J Beschrijving parameter R_UPCA_J R_UPCE_J

10 R_YuBar_J Licentieovereenkomst...88 ELEKTRONISCHE LICENTIEOVEREENKOMST VOOR EINDGEBRUIKERS VAN PRINTSHOP MAIL:.. 88 DIT IS EEN CONTRACT. DOOR DE SOFTWARE TE INSTALLEREN, GEEFT U TE KENNEN DAT U AKKOORD GAAT MET ALLE VOORWAARDEN IN DEZE OVEREENKOMST Atlas Software B.V Daltonstraat BX Harderwijk Nederland PrintShop Mail is een handelsmerk van Atlas Software BV TIJDENS INSTALLATIE HEBT U AANGEGEVEN AKKOORD TE GAAN MET DE BEPALINGEN IN BOVENSTAANDE OVEREENKOMST GLOSSARY

11 Welkom PrintShop Mail is een product van Atlas Software B.V., een toonaangevende softwareontwikkelaar die ernaar streeft informatiestromen te optimaliseren. Met PrintShop Mail kunt u snel en gemakkelijk gepersonaliseerd afdrukken. De gegevens uit uw database worden geïntegreerd met de layout van een document. U kunt dit document in elk layout- of ontwerpprogramma maken en elk databaseformaat gebruiken. Voor het maken van een koppeling tussen een databaseveld en het document hoeft u het databaseveld alleen maar op de documentindeling te slepen. In PrintShop Mail wordt een voorbeeld van het resultaat weergegeven en u beschikt over krachtige controleopties voor de brongegevens. Tijdens het afdrukproces worden de variabele gegevens uit de database direct naar de printer gestuurd. Het statische gedeelte van de afdruktaak hoeft niet opnieuw te worden verzonden. Op deze manier wordt het afdrukproces drastisch verkort en voorkomt u onnodige belasting van het netwerk. Met PrintShop Mail kunt u dan met uw PostScript -printer afdrukken op of nabij de optimale snelheid, afhankelijk van de RIP-capaciteit. Hierdoor wordt het afdrukken van variabele gegevens een efficiënt proces. Over Atlas Software Atlas Software streeft ernaar de beste afdrukcommunicatie te bereiken via personalisatie. Atlas Software werd in 1989 opgericht in Nederland, waar ook de onderzoeks- en ontwikkelfaciliteiten zijn gevestigd. Hieronder volgt een gedeeltelijke lijst van bedrijven die met Atlas Software samenwerken om hun digitale printcapaciteiten te verbeteren:! AHT! Canon! Creo! Danka! EFI! Heidelberg! Konica! Nexpress! Océ! Xeikon! Xerox Voor vragen kunt u contact met ons opnemen. Contactgegevens Hoofdkantoor Atlas Software B.V. Daltonstraat BX Harderwijk Nederland Verenigde Staten, Canada en Zuid-Amerika 10

12 Bel (gratis): Verkoop Technische ondersteuning Europa en Azië Atlas Software B.V. Daltonstraat BX Harderwijk Nederland Tel. +31 (341) Fax: +31 (341) Verkoop Technische ondersteuning Hieronder vindt u enkele tips voor het gebruik van deze on line Help voor PrintShop Mail. Over het Help-venster U kunt in dit Help-systeem op verschillende manieren navigeren. De Help is verdeeld in een linker- en rechterframe. Het rechterframe bevat de eigenlijke Help-teksten en enkele navigatiehulpmiddelen. Het linkerframe is speciaal voor navigatie. Boven het linkerframe staan de volgende vier knoppen:! Verbergen/Weergeven: voor het weergeven of verbergen van de inhoudsopgave.! Terug: voor het weergeven van het vorige onderwerp dat werd getoond.! Volgende: voor het weergeven van het volgende onderwerp dat werd getoond.! Afdrukken: voor het afdrukken van een of meerdere onderwerpen. Tabbladen Inhoud, Index, Zoeken en Verklarende woordenlijst In het linkerframe staan de volgende tabbladen, waarmee u toegang krijgt tot de navigatiemiddelen:! Inhoud! Index! Zoeken! Verklarende woordenlijst Hyperlinks en Verwante onderwerpen In het rechterframe zijn de volgende navigatiemiddelen beschikbaar:! Hyperlinks! Verwante onderwerpen De navigatiemiddelen in de Help gebruiken Inhoud Opmerking: de Inhoud wordt standaard weergegeven als de Help wordt geopend. Klik op de andere tabbladen voor de overige navigatiemiddelen. 1. Als de inhoudsopgave niet wordt weergegeven, klik dan op het tabblad Inhoud. De inhoudsopgave verschijnt in het linkerframe. Het wordt weergegeven als een boomstructuur met pictogrammen in de vorm van een boek. Deze boeken zijn hiërarchisch gestructureerd. 2. Klik op een boekpictogram. 3. Klik op een paginapictogram. De overeenkomende Help-tekst verschijnt in het rechterframe. Index 1. Klik op het tabblad Index. 2. Voer in het tekstvak de eerste letter van het trefwoord in waarover u informatie zoekt of voer het hele trefwoord in. De lijst onder het tekstvak springt naar het eerste woord in de lijst dat begint met de letters die u hebt ingevoerd. 11

13 Het geselecteerde trefwoord is gemarkeerd. 3. Ga verder met invoeren van meer letters om de selectie verder te beperken of klik op het juiste trefwoord in de lijst, indien dit wordt weergegeven. 4. Klik op Weergeven. De overeenkomende Help-tekst wordt in het rechterframe weergegeven. Zoeken 1. Klik op het tabblad Zoeken. Boven in het tabblad Zoeken staat een tekstvak waarin u een trefwoord kunt invoeren. 2. Klik op Onderwerpen. Er verschijnt een lijst met onderwerpen waarin het trefwoord voorkomt. 3. Klik op het gewenste onderwerp. 4. Klik op Weergeven. De Help-tekst wordt in het rechterframe weergegeven. Het geselecteerde trefwoord is gemarkeerd. Verklarende woordenlijst 1. Klik op het tabblad Verklarende woordenlijst om termen uit PrintShop Mail te tonen. 2. Klik op een term in de lijst om de definitie weer te geven. Hyperlinks De Help-teksten bevatten hyperlinks. Deze zijn onderstreept. Klik op de onderstreepte tekst om het Help-onderwerp te bekijken. Verwante onderwerpen Met de knoppen Verwante onderwerpen kunt u Help-teksten openen over gelijke onderwerpen. Klik op de knop Verwante onderwerpen.! Als er slechts 1 verwant onderwerp is, wordt het onderwerp meteen geopend.! Als er meerdere verwante onderwerpen zijn, verschijnt er een lijst waaruit u een onderwerp kunt kiezen. Aan de slag met PrintShop Mail Voordat u begint Als u PrintShop Mail wilt installeren op een computer met Windows NT, 2000 of XP, zorg er dan voor dat u inlogt met de volledige beheerderrechten voordat u het installatieprogramma start. PrintShop Mail installeren 1. Zoek op de cd-rom het bestand Setup.exe. 2. Dubbelklik op dit bestand om de installatiewizard te starten. 3. Klik op Volgende. 4. Lees de licentieovereenkomst en selecteer de optie Ik ga akkoord met de voorwaarden van de licentieovereenkomst. (Als u de optie Ik ga niet akkoord met de voorwaarden van de licentieovereenkomst selecteert, wordt de installatie gestopt.) 5. Klik op Volgende. 6. Vul de Gebruikersnaam en de gegevens van uw bedrijf in. 7. Geef op of PrintShop Mail voor alle gebruikers van de computer beschikbaar moet zijn of alleen voor de huidige gebruiker. 8. Klik op Volgende. 9. Kies tussen Standaard of Aangepaste installatie.! Als u de optie Standaard selecteert worden alle benodigde programmafuncties geïnstalleerd. Alle andere talen worden automatisch geïnstalleerd.! Als u Aangepast selecteert, kunt u het volgende scherm gebruiken om programmafuncties te selecteren of te deselecteren. Een aangepaste installatie uitvoeren 1. Klik op het pictogram voor de vaste schijf om voor de geselecteerde functie vier opties te bekijken:! Deze functie wordt geïnstalleerd op de lokale vaste schijf.! Deze functie en de subfuncties worden geïnstalleerd op de lokale vaste schijf.! Deze functie wordt geïnstalleerd indien dit nodig is.! Deze functie is niet beschikbaar. 2. Selecteer de gewenste opties. 3. Als u de standaardmap wilt wijzigen, klikt u op de knop Wijzigen en selecteert u de map waar u PrintShop Mail wilt installeren. 12

14 Bij beide opties kunt u de instellingen controleren. 10. Klik nadat u de door u gewenste optie hebt ingesteld op Volgende om de installatie te starten. 11. Klik op Voltooien. Wat is er nieuw in PrintShop Mail? Klik op een kop voor meer informatie:! Gebruikersinterface! Adobe Acrobat is niet meer vereist.! Met de nieuwe zwevende werkbalk 'Documentindeling' kunt u makkelijker meerdere layouts beheren.! Met PrintShop Mail kunt u afbeeldingen en PDF-bestanden uit Windows Explorer naar de layout slepen en neerzetten.! Heel eenvoudig meerdere kopieën van een object maken en deze door het hele document plaatsen.! Het instellen van voorkeuren is vereenvoudigd.! Ondersteuning voor bleed. Door een bleedmarge toe te voegen, kunt u uitsnijdmarkeringen en vouwlijnen afdrukken.! Het afdrukgebied is zichtbaar op de layout.! Objecten uitlijnen op hulplijnen.! Verbeterde werkbalken: elk item (achtergrondtekst en regels) heeft zijn eigen kleurenpalet.! Met het nieuwe hulpmiddel 'Kleurpipet' kunt u een aangepaste kleur selecteren vanaf een willekeurige positie op uw scherm.! Ondersteuning voor meervoudig ongedaan maken en opnieuw uitvoeren.! In de statusbalk wordt uitgebreide informatie weergegeven, zoals de grootte en positie van een geselecteerd object en de positie van de muisaanwijzer.! Objecten! Elk tekstvak ondersteunt meerdere lettertypen en stijlen.! U kunt verschillende variabele expressies aan een tekstvak toevoegen door de variabelen te scheiden van statische tekst door middel van begin- en eindmarkeringen.! Met de nieuwe werkbalk Tekstopmaak en het vak Lettertype kunt u eenvoudiger tekst bewerken en opmaken.! De verbeterde tekstverwerker bevat geavanceerde opmaakfuncties, zoals alinea-uitlijning, inspringing, marges en tabs.! U kunt randen toevoegen aan objecten.! U kunt een kleur toevoegen aan de achtergrond van een object.! Met PrintShop Mail kunt u objecten en variabele afbeeldingen om elke hoek draaien.! U kunt statische afbeeldingen definiëren.! De grootte van variabele afbeeldingen kan worden aangepast aan een frame (passend maken in frame).! Proportioneel schalen: u kunt de breedte-/hoogteverhouding van een object behouden.! Databaseondersteuning! PrintShop Mail is compatibel voor Unicode. Hierdoor kan het bijna alle karakters van de verschillende talen in de wereld verwerken.! Verbeterde ondersteuning voor ODBC.! PrintShop Mail heeft een intuïtiever dialoogvenster voor het openen van een database.! Variabelen! U kunt begin- en eindmarkeringen wijzigen van in bijvoorbeeld [<] en [>]. Dit is vooral handig voor talen met karakters van meerdere bytes, zoals het Japans.! Ondersteuning voor MSI Plessy-streepjescode.! De functie COUNTER is eenvoudiger in gebruik.! De expressie-editor heeft een Help-functie met voorbeelden over het gebruik van de expressies.! Layoutcondities kunnen worden gebruikt in combinatie met layoutherhalingen.! Afdrukken! De meeste taken zullen zelfs kleiner zijn dan vroeger, waardoor de verzendtijd en afdruktijd afnemen. Afbeeldingen die meerdere malen voorkomen, worden slechts 1 keer verzonden.! Stabielere PostScript-output. Het is niet langer nodig om het printerstuurprogramma in te stellen op 'Optimaliseren voor portabiliteit' en PrintShop Mail is compatibel met het PostScript-stuurprogramma van zowel Microsoft als Adobe.! JPG-gegevens worden gecomprimeerd verzonden.! Het dialoogvenster 'Afdrukken' is aangepast, zodat het afdrukproces snel en eenvoudig kan verlopen.! U kunt forms op de vaste schijf van de printer opslaan, zodat grote afdruktaken kunnen worden uitgevoerd zonder dat het virtuele geheugen te laag wordt.! Rapportpagina's zijn uitgebreid en kunnen onafhankelijk van de printervoorkeuren worden afgedrukt. 13

15 Zo heeft u een helder beeld van de configuratie om eventuele problemen op te lossen.! Ondersteuning voor Automatic Picture Replacement (APR) en Open Prepress Interface (OPI), zodat voor beide een server voor vervanging van afbeeldingen kan worden gebruikt. Upgraden van PrintShop Mail 98 PrintShop Mail 98-dongles Als u de dongle van PrintShop Mail 98 wilt gebruiken met PrintShop Mail, moet u de dongle upgraden. De dongle upgraden 1. Kies in het menu Help de optie Tegoeden. 2. Klik op Upgrade. 3. Selecteer de upgrades die u wilt ontvangen. 4. Volg de instructies op het scherm om de Upgrade-ID te verkrijgen. Opmerking: de knop Updaten is alleen beschikbaar als er een PrintShop Mail-dongle op uw systeem is aangesloten. Nadat u een licentiecode hebt ontvangen, kopieert u deze naar het dialoogvenster Dongle upgraden in het bewerkingsvak en klikt u op Upgraden. PrintShop Mail 98-documenten De nieuwe versies van PrintShop Mail kunnen uw bestaande PrintShop Mail 98-documenten lezen. PrintShop Mail 98 kan echter geen documenten lezen in het nieuwe PrintShop Mail-formaat. Zie Document opslaan voor meer informatie. Upgrade-opties: Wat is een upgrade? To use certain features in PrintShop Mail, for example a specific print technology, your hardware key must be upgraded before you are allowed to use it. De dongle upgraden 1. Kies in het menu Help de optie Tegoeden. 2. Klik op Upgraden. 3. Selecteer de upgrades die u wilt ontvangen. 4. Volg de instructies op het scherm om een licentiecode te verkrijgen. Opmerking: De knop Upgrade is uitsluitend actief wanneer er een upgrade beschikbaar is voor uw dongle. Nadat u een licentiecode hebt ontvangen, kopieert u deze naar het dialoogvenster Dongle upgraden in het bewerkingsvak en klikt u op Upgraden. Hieronder vindt u de basisstappen voor het installeren van PrintShop Mail en het maken van PrintShop Maildocumenten. Klik op een onderwerp om door de stapsgewijze handleiding te bladeren. PrintShop Mail installeren! Adobe PDF-bestanden gebruiken in PrintShop Mail! Installatieprocedure Gids met stapsgewijze instructies! Nieuw document openen! Database openen! Statische afbeeldingen invoegen! Variabele tekst maken! Variabele afbeeldingen invoegen 14

16 ! Layoutcondities (wordt ook "pagina kiezen" genoemd)! Papierlade selecteren! Layout herhalen! Layout controleren! Document opslaan Nadat u een PrintShop Mail-document hebt gemaakt en gecontroleerd, is het klaar om te worden afgedrukt.! Afdruktechnologie kiezen! Afdrukopties instellen Voordat u in PrintShop Mail een PDF-bestand (Portable Document Format) kunt gebruiken, moet u eerst Adobe Acrobat installeren. PrintShop Mail is compatibel met Adobe Acrobat, versies 4.0 en 5.0. Neem contact op met uw softwareleverancier voor meer informatie over prijzen. Bezoek de website van Adobe Een printerstuurprogramma installeren Om PostScript-output te maken, moet PrintShop Mail communiceren met een PostScript-printerstuurprogramma. Wij raden u aan het PostScript-printerstuurprogramma van Adobe of Microsoft te gebruiken. Adobe PostScript-printerstuurprogramma Voor het installeren van de printer met het Adobe PostScript-printerstuurprogramma zijn het installatieprogramma van AdobePS en een PPD-bestand nodig (PostScript Printer Description). De cd-rom van PrintShop Mail bevat zowel het installatieprogramma van AdobePS als een aantal gangbare PPDbestanden. Voor meer informatie over de Adobe PostScript Driver kunt u terecht op Microsoft PostScript-stuurprogramma U kunt een printer installeren met het Microsoft PostScript-stuurprogramma via de wizard Printer toevoegen in het Configuratiescherm. De wizard vraagt om een INF-bestand, dat specifieke informatie over de printer bevat. PrintShop Mail bevat geen INF-bestanden maar de leverancier van uw printer moet u de juiste bestanden kunnen leveren. De dongle installeren Over de dongle Zonder de dongle kan PrintShop Mail alleen in de Designer mode worden gebruikt. In deze modus zijn alle functies beschikbaar, maar er kunnen per sessie slechts 25 records worden afgedrukt. Ook wordt er over elke layout PrintShop Mail afgedrukt. Als u een PrintShop Mail 98-dongle hebt, moet u deze upgraden. Anders is PrintShop Mail alleen te gebruiken in de Designer mode. Zie Upgraden van PrintShop Mail 98 voor meer informatie. De dongle installeren Sluit de dongle aan op de parallelpoort of USB-poort van de computer. Opmerking: als de parallelpoort niet vrij is, ontkoppel dan eerst het apparaat dat op deze poort is aangesloten. Nadat de dongle is geplaatst, plaatst u de andere aansluiting op de achterkant van de dongle. Zie de afbeelding van de dongle (dongles kunnen licht afwijken): 15

17 Met elke resterende afdruk kunt u een record afdrukken. Het aantal resterende afdrukken van de dongle bekijken: 1. Start PrintShop Mail. 2. Kies in het menu Help de optie Tegoeden. Opmerking: Windows NT ondersteunt geen USB-apparatuur. License Manager installeren Wat is License Manager? Met License Manager van PrintShop Mail kunnen meerdere PrintShop Mail-gebruikers in een netwerk afdrukken, zonder dat voor elke machine een dongle nodig is. License Manager hoeft maar op één computer in het netwerk te worden geïnstalleerd. De dongle voor meerdere gebruikers moet worden aangesloten op de computer waarop License manager is geïnstalleerd. Nadat u License Manager hebt gestart door in de programmagroep PrintShop Mail License Manager op het License Manager-pictogram te klikken, verschijnt het hoofdvenster. 16

18 Het hoofdvenster bevat gedetailleerde informatie over de computer, de aangesloten gebruikers en de dongle. IP Address Maximum users Connected users Hostname Portnumber License Het IP-adres van de machine waarop License Manager is geïnstalleerd. Hier staat naar welk IP-adres License Manager luistert. Maximum aantal unieke gebruikers dat gelijktijdig PrintShop Mail kan openen. Dit aantal is afhankelijk van de dongle. Aantal gebruikers dat op dat moment PrintShoip Mail geopend heeft. De hostnaam wordt gebruikt om de machine te identificeren op het LAN (Local Area Network). Dit wordt verkregen uit de netwerkinstellingen van Microsoft Windows en kan niet worden gewijzigd in License Manager. Het poortnummer van License Manager; PrintShop Mail-gebruikers maken via deze poort verbinding met License Manager. Licentie, de opties zijn Regular (standaard), PPML/VDX, Automated Printing (geautomatiseerd afdrukken) of een combinatie van deze. Upgrades zullen in de toekomst beschikbaar komen. Wanneer een gebruiker verbinding maakt met License Manager, verschijnen het IP-adres en de naam van de machine in de lijst van verbonden gebruikers. De afbeelding is een voorbeeld van een dongle met een licentie voor vijf gebruikers en er is één gebruiker die PrintShop Mail heeft geopend. Gegevens van de verbonden gebruiker zijn: IP-address: Hostname: atlas. Het IP-adres van de machine waarop u License Manager gebruikt, is " ", de hostnaam is " loirapc" en de poort van License Manager is In dit voorbeeld is de gebruikte dongle bijgewerkt. Zie voor andere licentietypen Upgrade-opties. Na installatie kan License Manager meteen worden gebruikt. In de meeste gevallen hoeft u de voorkeuren van de applicatie en/of de netwerkinstellingen niet te wijzigen. Als het in uw LAN echter niet is toegestaan bepaalde functies te gebruiken die License Manager standaard gebruikt, wilt u wellicht enkele wijzigingen doorvoeren. U kunt de voorkeuren bekijken en wijzigen door op de knop Preferences te klikken. 17

19 Listen to IP-address Listen to portnumber Log connections Als de machine waarop u Licence Manager gebruikt meer dan één netwerkkaart heeft, kunt u het IP-adres opgeven van de netwerkkaart waarmee License Manager verbindingen afhandelt. LicenseManager luistert standaard naar poort Wanneer PrintShop Mail Net wordt gestart, probeert het op deze poort verbinding te maken met License Manager. Als deze poort al wordt gebruikt (bijvoorbeeld voor een ander proces), kunt u het poortnummer wijzigen. Opmerking: U moet deze instelling ook voor alle PrintShop Mail-clients wijzigen. License Manager slaat alle verbindingen standaard op in een logbestand. Het logbestand wordt opgeslagen op dezelfde locatie als waar License Manager is geïnstalleerd. Het logbestand is een platte-tekstbestand. License Manager slaat alle inkomende en uitgaande aanvragen op in het logbestand. License Manager upgraden Voor bepaalde functies in PrintShop Mail hebt u een aanvullende licentie nodig. Bijvoorbeeld voor geautomatiseerd afdrukken, PPML/VDX en afdrukken met VIPP-technologieën. Om te kijken welke aanvullende licenties er beschikbaar zijn voor upgrading, klikt u op de knop Upgrade. Selecteer de gewenste upgrades en klik op Order Online. U wordt nu doorgestuurd naar de PrintShop Mail Upgrade-website, waar u uw persoonlijke gegevens kunt invullen. Een medewerker van Atlas Software zal contact met u opnemen om u een Upgrade-ID te verstrekken. Voer de Upgrade-ID in het veld in en klik op Upgrade. Systeemvereisten 18

20 Hoewel License Manager een serverapplicatie is, is het eigenlijk een lichtgewicht applicatie. De minimumeisen zijn gebaseerd op een middelgroot kantoornetwerk met een licentie voor 10 gebruikers. Processor Minimum: Intel Pentium II, 300 Mhz of AMD K Mhz. Aanbevolen: Pentium III, 450 Mhz of AMD K6-3, 500 Mhz. Geheugen Minimum: 64 MB. Aanbevolen: 128 MB. Ruimte op harde schijf Minimum: 15 MB vrije ruimte. Aanbevolen: 100 MB vrije ruimte. Besturingssysteem Minimum: Windows 98. Aanbevolen: Windows 2000 Server of Windows XP Professional. Netwerk Local Area Network. Clients maken verbinding met de License Manager-server via het TCP/IP-protocol. Een nieuw document maken Er zijn twee manieren om een nieuw PrintShop Mail-document te maken:! Een nieuw document met een lege layout! Een document waarvan de inhoud en afmetingen van de layout zijn gebaseerd op een bestaand PDFbestand. Beginnen met een leeg document Wanneer PrintShop Mail wordt gestart, wordt er altijd een lege layout weergegeven. U kunt ook een nieuw leeg document maken door in het menu Bestand de optie Nieuw leeg document te kiezen (CTRL-N). De grootte van deze lege layout is ingesteld op Automatisch. Zie De layoutgrootte instellen voor meer informatie over layoutafmetingen. Nu kunt u met de ontwerphulpmiddelen van PrintShop Mail statische en variabele objecten aan de layout toevoegen. De inhoud van een layout baseren op een PDF-bestand Kies in het menu Bestand de optie Nieuw document, gebaseerd op PDF (CTRL-N). Als alternatief kunt u ook op de werkbalk Standaard op de knop Nieuw, gebaseerd op PDF klikken. Zo maakt u layouts die overeenkomen met die van de pagina's in het PDF-bestand. De grootte van alle layouts die zijn gebaseerd op een PDF-bestand, zijn Vast en zijn gelijk aan de grootte van de eerste pagina in het PDF-bestand. Zie De layoutgrootte instellen voor meer informatie over layoutgrootten. Opmerking: nadat u een nieuwe layout hebt gemaakt die is gebaseerd op een PDF-bestand, worden de pagina's van het PDF-bestand gekoppeld aan de layouts en niet gezien als afzonderlijke objecten. Om de PDF-pagina's te verplaatsen en de grootte te wijzigen, plaatst u een PDF door in het menu Invoegen de optie PDF te kiezen. Als 19

21 alternatief kunt u ook op de werkbalk Extra op de knop PDF plaatsen klikken. De layoutgrootte instellen Een PrintShop Mail-document bestaat uit een of meerdere layouts die allemaal dezelfde grootte hebben. Er zijn twee manieren om het formaat en de afdrukstand in te stellen. Automatische Layoutgrootte U kunt de grootte van de layout baseren op het papierformaat dat is geselecteerd in het dialoogvenster Afdrukinstellingen door in het menu Layout de optie Automatische layoutgrootte en afdrukstand te kiezen. Op deze manier zal PrintShop Mail de grootte van de layouts aanpassen zodat deze op het papier passen, ook als u Layouts herhalen gebruikt. Voorbeelden: 1. Als het papierformaat is ingesteld op Letter en u geen Layoutherhaling gebruikt, zet PrintShop Mail de grootte van de layouts op Letter. 2. Wanneer het papierformaat is ingesteld op liggend A3 en de Layoutherhaling is ingesteld op 2 x horizontaal en 1 x verticaal, wordt de layout ingesteld op staand A4. Vaste layoutgrootte U kunt een vaste layoutgrootte opgeven in het dialoogvenster Layoutgrootte en afdrukstand. Hierdoor blijft de layoutgrootte gelijk, ongeacht welke printer en papierformaat geselecteerd zijn.! Het dialoogvenster zoeken Layout > Opmaakformaat en afdrukstand > Vast Opmerking: in een Document dat is gebaseerd op een PDF, kunt u de grootte van de layouts wijzigen in het dialoogvenster Layoutgrootte en afdrukstand. Als de nieuwe layout echter kleiner is dan de PDF-pagina, wordt de PDF-pagina afgekapt. Database aan een document koppelen Een database openen 1. Kies in het menu Database de optie Openen. 2. Zoek een databasebestand. 3. Klik in het linkerdeelvenster op het pictogram ODBC-gegevensbronnen. 4. Dubbelklik op een naam van een gegevensbron. Opmerking: u kunt nieuwe gegevensbronnen opgeven of bestaande gegevensbronnen aanpassen in het dialoogvenster ODBC-gegevensbronbeheer. Dit dialoogvenster opent u via het Configuratiescherm. In Windows NT, 2000 en XP staat dit onder Systeembeheer. Beperkingen:! In PrintShop Mail is het niet mogelijk meerdere tabellen gelijktijdig te activeren. Als de database meerdere tabellen bevat, verschijnt er een dialoogvenster waarin u wordt gevraagd een van de tabellen te selecteren.! PrintShop Mail ondersteunt geen relationele databases. Door de inhoud van de database bladeren Nadat u de database hebt geopend, wordt de inhoud in een nieuw venster weergegeven. U kunt door de records van de database bladeren door in het venster Variabele gegevens op de bladerknoppen te klikken. Als alternatief kunt u ook in het menu Database de volgende opties gebruiken:! Eerste record (ALT+pijltje omhoog)! Vorige record (ALT+pijltje naar links)! Volgende record (ALT+pijltje naar rechts)! Laatste record (ALT+pijltje omlaag) De database sorteren 1. Klik naast het selectievakje Sorteren op de knop Bewerken. 20

22 2. Geef de sorteervoorwaarden op. 3. Om sorteren uit te schakelen, verwijdert u het vinkje uit het selectievakje Sorteren. De database filteren U kunt in het dialoogvenster Databaseselectie een filter instellen. U kunt bijvoorbeeld instellen dat slechts een bepaald bereik aan postcodes moet worden afgedrukt (1000 t/m 1999). U kunt kiezen uit: Is gelijk aan Is niet gelijk aan Is leeg Is niet leeg Als u meer dan 1 filtervoorwaarde hebt en deze ALLEMAAL moeten worden toegepast, selecteert u AND om deze te combineren. Als u slechts een van de voorwaarden wilt toepassen, selecteert u OR. U kunt ook Uitgebreide Scripting gebruiken om de database te filteren. Zie Uitgebreide Scripting voor meer informatie. Verbinding maken met een SQL-Server Voordat u verbinding kunt maken met een SQL-server, moet u als volgt een ODBC-gegevensbron opzetten. 1. Kies in het Configuratiescherm de optie Gegevensbronnen (ODBC). (In Windows NT, 2000 en XP kunt u dit vinden onder Systeembeheer.) Het venster ODBC-gegevensbronbeheer verschijnt. 21

23 2. Klik op het tabblad Gebruikers-DSN op de knop Toevoegen. Het venster Nieuwe gegevensbron maken verschijnt. Geef op welke driver u wilt gebruiken voor de gegevensbron. 3. Dubbelklik op SQL Server. 22

24 4. Voer een naam en beschrijving in voor de gegevensbron. 5. Geef de naam of het IP-adres van de SQL-server op. 6. Klik op Volgende. 7. Selecteer SQL Server-verificatie met aanmeldings-id en door de gebruiker ingevoerd wachtwoord. 8. Geef een aanmeldings-id en een wachtwoord op. 23

25 9. Klik op Clientconfiguratie. 10. Selecteer in het venster Netwerkbibliotheekconfiguratie toevoegen onder Netwerkbibliotheken de optie TCP/IP. Opmerking: u mag de servernaam en het poortnummer niet wijzigen, tenzij uw systeembeheerder hiertoe opdracht geeft. 11. Klik op OK. 12. Selecteer De standaarddatabase wijzigen in: en kies Atlas SQL Test (of de naam die u aan de gegevensbron hebt gegeven). 13. Klik op Volgende. 24

26 14. Klik op Voltooien. 15. Controleer de instellingen in het venster Instellingen Microsoft SQL Server en klik op Gegevensbron testen om de verbinding te testen. 25

27 16. Klik op OK als u klaar bent en de gegevensbron in PrintShop Mail wilt gaan gebruiken. Tekst toevoegen Variabele tekst toevoegen Over variabele tekst In PrintShop Mail kunnen tekstobjecten zowel statische als variabele tekst bevatten, die is gescheiden door scheidingstekens. (apenstaartje) is het standaard scheidingsteken voor variabelen. Elke variabele is gekoppeld aan een expressie. Een expressie is een berekening die normaalgesproken is gebaseerd op de inhoud van uw database. Variabele tekst invoegen Opmerking: Opmerking: als alternatief voor onderstaande stappen, kunt u gegevens ook direct uit uw database slepen en op de layout neerzetten. Zo maakt u automatisch een tekstvak en een naam voor de variabele. 1. Kies in het menu Venster de optie Objectvariabelen. Het venster Variabele gegevens verschijnt. Opmerking: Om een tekstvak te tekenen op de layout, klikt u op de werkbalk Extra op de knop Tekst plaatsen en sleept u een rechthoek van de gewenste grootte. Als alternatief kunt u in het menu Tekst de optie Variabele tekst te kiezen. 2. Voer de tekst in. Op de positie waar u variabele gegevens wilt plaatsen, typt u een herkenbare naam tussen 3. Klik buiten het vak als u klaar bent. De variabelen die u hebt gedefinieerd, verschijnen automatisch in het scherm Variabele gegevens, in het tabblad Objectvariabelen. Databasevelden aan de variabelen koppelen De volgende stap is de variabelen te koppelen aan velden in de database. Voer hiertoe de volgende stappen uit: 1. Dubbelklik op een variabele in het venster Variabele gegevens, zodat de Expressie-editor wordt weergegeven. (U kunt ook met de rechtermuisknop op het object klikken en in het submenu Expressie bewerken de variabele selecteren.) 26

28 (Gebruik de Expressie-editor om een expressie toe te wijzen aan de variabele.) 2. Dubbelklik op het databaseveld waaraan u de variabele wilt koppelen. 3. Klik op OK om het venster te sluiten. Opmerking: u kunt het resultaat van de expressie bekijken in het venster Variabele gegevens. Een voorbeeld van de variabelen weergeven In de modus Voorbeeld kunt u het resultaat in het tekstvak zelf bekijken. Om te schakelen tussen de modi Voorbeeld en Ontwerp, klikt u op deze knop op de werkbalk Beeld (of kies in het menu Beeld de optie Voorbeeld). Het venster weergeven Serienummers maken Over serienummers Serienummers zijn gekoppeld aan de functie TELLER. Een serienummer maken 1. Voeg een variabele in in de tekst waar het nummer moet verschijnen. 27

29 2. Dubbelklik in het venster Variabele gegevens op de variabele die u net hebt gemaakt. Opmerking: als het venster Variabele gegevens niet beschikbaar is in het menu Venster, kies dan de optie Objectvariabelen. 3. Vervang de woorden begin en eind door de waarden die u door de teller wilt laten genereren. Bijvoorbeeld: COUNTER(1, 100) genereert een teller die begint met 1 en eindigt met 100. Om de resultaten te bekijken, klikt u op OK en bladert u door de records met de knoppen in het venster Variabele gegevens. Om de modus Voorbeeld te activeren, kiest u in het menu Beeld de optie Voorbeeld. De teller geeft 1, 2, 3, enz. weer als u door de records bladert. Opmerking: om deze functie te gebruiken, hoeft u geen database te openen. Wanneer er geen database geopend is, kunt u in het venster 'Variabele gegevens' het totaal aantal records wijzigen. Dit kunt u doen op de werkbalk 'Database' of in het dialoogvenster 'Voorkeuren'. Zie Aangepaste serienummers voor een voorbeeld met aangepaste serienummers. Afbeeldingen toevoegen Statische afbeeldingen toevoegen Over statische afbeeldingen 28

30 Statische afbeeldingen zijn niet gekoppeld aan een variabele. Dit betekent dat altijd hetzelfde afbeeldingsbestand wordt opgeroepen. Afdruktechnologieën gebruiken dit gegeven om de afdruktijd te optimaliseren door per opdracht slechts 1 statische afbeelding te versturen. Een statische afbeelding invoegen Klik op de werkbalk Extra op de knop Statische afbeelding plaatsen. 2. Selecteer in het dialoogvenster de afbeelding die u wilt invoegen. 3. Voeg de afbeelding in. In de layout wordt een tijdelijke aanduiding weergegeven voor de afbeelding. Over begrensde vakken Het begrensde vak van een statische afbeelding geeft de grootte van de afbeelding weer. Als u de grootte van het object aanpast, blijft de hoogte-/breedteverhouding behouden. De initiële grootte van een afbeelding is afhankelijk van de resolutie. PrintShop Mail gebruikt standaard een resolutie van 96 dpi (Dots Per Inch: punten per inch), met uitzondering van EPS- (72 dpi) en TIFF-bestanden. De resolutie van een TIFF-bestand is in het bestand zelf bepaald. Om te schakelen tussen de modi Voorbeeld en Ontwerp, klikt u op deze knop op de werkbalk Beeld (of kies in het menu Beeld de optie Voorbeeld). Variabele afbeeldingen toevoegen Over variabele afbeeldingen Variabele afbeeldingen worden op dezelfde manier gekoppeld als variabele tekst. Het resultaat van een expressie die wordt gebruikt bij een variabele afbeelding moet de bestandsnaam van een afbeelding zijn. Afdruktechnologieën optimaliseren de afdruktijd door per opdracht slechts eenmaal een herhalende variabele afbeelding te versturen. 29

31 Een tijdelijke afbeeldingsaanduiding maken 1. Klik op de werkbalk Extra op de knop Variabele afbeelding plaatsen en sleep op de layout een rechthoek van de gewenste grootte. (Als alternatief kunt u ook in het menu Invoegen de optie Variabele afbeelding kiezen.) PrintShop Mail kent aan de variabele automatisch de naam Variabele afbeelding 1 toe. 2. Dubbelklik op de naam van de variabele afbeelding in het venster Variabele gegevens, op het tabblad Objectvariabelen om de Expressie-editor weer te geven. (Als alternatief kunt u ook met de rechtermuisknop op de variabele afbeelding klikken en de optie Expressie bewerken kiezen.) Een databaseveld toewijzen Voeg in de Expressie-editor een databaseveld in dat de bestandsnaam van de afbeelding bevat door op het veld te dubbelklikken. In dit voorbeeld bevat het veld [CAR_MODEL3] bestandsnamen van afbeeldingen. Controleren en het resultaat weergeven U kunt het resultaat controleren in het venster Variabele gegevens, op het tabblad Objectvariabelen. De afbeelding wordt weergegeven in de modus Voorbeeld. Om te schakelen tussen de modus Voorbeeld en de Designer mode, klikt u op deze knop op de werkbalk Beeld (of kies in het menu Beeld de optie Voorbeeld). Een layout herhalen Over het herhalen van layouts Met PrintShop Mail kunt u meerdere afbeeldingen afdrukken op media die groter zijn dan de layout. Een ansichtkaart van 13,97 x 10,795 cm kan 2 x 2 worden afgedrukt op een A4-pagina (27,94 x 21,59 cm). Hiertoe kunt u een layout maken die de grootte heeft van 1 gepersonaliseerd document: in dit geval een ansichtkaart van 13,97 x 10,795 cm. 30

32 Van een document met meerdere layouts kunt u verschillende layouts op dezelfde pagina afdrukken. De layoutherhaling opgeven 1. Kies in het menu Bewerken de optie Voorkeuren. 2. Klik in het linkerdeelvenster op Herhaling. 3. Geef het aantal herhalingen van de layout op, evenals de horizontale en verticale tussenruimte tussen elke layout. Opmerking: het maximum aantal herhalingen staat tussen haakjes weergegeven. Over prioriteiten Met prioriteiten bepaalt u de volgorde waarin de layouts worden afgedrukt. U kunt de prioriteiten wijzigen voor elk van de drie dimensies:! Van links naar rechts! Van boven naar beneden! Van voor naar achter Om in de juiste volgorde af te drukken, stelt u de hoogste prioriteit in op Van voor naar achter, gevolgd door (bijvoorbeeld) Van boven naar beneden en Van links naar rechts. Zo wordt de eerste record afgedrukt in de linkerbovenhoek van de eerste pagina, de tweede record wordt afgedrukt in de linkerbovenhoek van de tweede pagina, enz. Hierdoor hoeft u na het afdrukken de pagina's niet meer te sorteren. Layoutcondities gebruiken Over layoutcondities Gebruik layoutcondities om tijdens het afdrukken bepaalde pagina's over te slaan. Bijvoorbeeld: Uw document bestaat uit twee layouts:! Een layout voor een mannelijke doelgroep! Een layout voor een vrouwelijke doelgroep U wilt een nieuwsbrief maken van 1 pagina. PrintShop Mail kan met gegevens uit uw database bepalen of een pagina moet worden afgedrukt, overgeslagen of leeggelaten. Layoutcondities opgeven Ga op een van de volgende manieren naar de layout waarvoor u een voorwaarde wilt instellen:! Selecteer de layout in het venster Documentindeling.! Gebruik de bladerknoppen op de werkbalk Beeld en kies in het menu Layout de optie Voorwaarde bewerken.! Dubbelklik op de layout in het tabblad Layoutcondities van het venster Variabele gegevens en klik vervolgens op Voorwaarde bewerken. 31

33 De gebruikte expressie is: IF( [GENDER] = "M", Print, Skip) In andere woorden: Als de inhoud van het veld GENDER "M" is, druk dan de pagina af. Zoniet, sla dan de pagina over. Daarentegen is de expressie voor de layout voor vrouwelijke lezers: IF( [GENDER] = "F", Print, Skip) Een papierlade selecteren Over papierladen selecteren Als uw printer verschillende papierladen ondersteunt en uw document uit meerdere layouts bestaat, kunt u verschillende layouts naar afzonderlijke laden versturen. Een papierlade aan een layout toewijzen 1. Klik met de rechtermuisknop op een layout en kies Papierlade selecteren. (Als alternatief kunt u ook in het menu Layout de optie Papierlade selecteren kiezen.) Opmerking: u kunt ook de eigenschappen van de layout wijzigen door in het venster Documentindeling te dubbelklikken op een layout. Als deze optie niet beschikbaar is in het menu Venster, kies dan Documentindeling (CTRL+4). 32

34 2. Selecteer de printer in het dialoogvenster Papierlade. (Als uw printer niet in de lijst staat, klik dan op Toevoegen om een compatibel PPD-bestand te selecteren. Onderaan in het scherm staat een lijst met ondersteunde printers.) 3. Kies een papierlade uit het menu. 4. Klik op OK. Een document controleren Over documenten controleren Voordat u uw layout afdrukt, kunt u controleren of het document klaar is om te worden afgedrukt. PrintShop Mail voert de volgende controles uit:! Zijn er ontbrekende afbeeldingen of PDF-bestanden?! Staan alle items binnen het afdrukgebied?! Bevat een tekstobject meer tekst dan het tekstvak kan weergeven? (De geretourneerde recordpositie bevat het veld dat de langste string genereert. U kunt voorkomen dat deze fout nogmaals optreedt door de grootte van het tekstvak aan te passen.)! Zijn er syntaxisfouten in de expressies? (Als u bijvoorbeeld een niet-bestaande naam van een variabele hebt 33

35 opgegeven, verschijnt er een waarschuwing.) Documentcontrole uitvoeren Kies in het menu Layout de optie Controleren. Zie onderstaand voorbeeld van het resultaat van een layoutcontrole: Zie de lijst met mogelijke meldingen: Het object staat buiten het afdrukgebied. Het object is niet volledig op de layout geplaatst. Variabele X is niet aan een expressie gekoppeld. Tekst past niet in het begrensde vak. Afbeelding X is niet gevonden. Fout bij het laden van de afbeelding. Paginanummer X is ongeldig. Dit PDF-bestand heeft slechts Y pagina's. Variabele gegevens X: argument Y is ongeldig Variabele gegevens X: invoertekenreeks streepjescode Y is ongeldig Variabele gegevens X: datumnotatie Y is ongeldig X bevat ten minste één TrueType-lettertype dat niet aan de PDF is toegevoegd. Variabele gegevens X: expressie beat een syntaxisfout Variabele gegevens X: databaseveld Y niet gevonden Een document opslaan Over documenten opslaan Wanneer u een document opslaat, is het verstandig een speciale map te gebruiken voor zowel het document als de ondersteunende bestanden. (Ondersteunende bestanden zijn de afbeeldingsbestanden en de database.) De ondersteunende bestanden van een PrintShop Mail-document worden namelijk niet in het document zelf opgenomen. Het bestand bevat alleen verwijzingen, die worden opgeslagen als relatief pad naar de documentmap. Bijvoorbeeld: Als u het document opslaat in... C:\Mijn Documenten en het een afbeelding bevat... C:\Mijn Documenten\Afbeeldingen\Auto.tif, wordt de verwijzing naar de afbeelding opgeslagen als... Afbeeldingen\Auto.tif Als u de map Documenten samen met de submappen verplaatst naar een andere locatie, kan PrintShop Mail de afbeelding nog steeds vinden. Opmerking: PrintShop Mail 98-documenten kunnen worden geïmporteerd in nieuwe versies van PrintShop Mail, maar PrintShop Mail 98 kan geen documenten verwerken die zijn opgeslagen in de nieuwe versie van PrintShop Mail. Als u probeert een bestaand PrintShop Mail 98-document op te slaan in het nieuwe PrintShop Mail-formaat, verschijnt er een waarschuwing. 34

36 Documenten opslaan Gebruik in het menu Bestand de optie Opslaan of Opslaan als om documenten op te slaan. De optie Opslaan is niet beschikbaar totdat u in het document wijzigingen hebt aangebracht. U kunt altijd Opslaan als gebruiken om het document op te slaan. Om terug te gaan naar de laatst opgeslagen versie van het document, kiest u in het menu Bestand de optie Alles ongedaan maken. Document afdrukken Basishandelingen voor afdrukken Over afdrukken Nadat u het document hebt gecontroleerd, is het klaar om te worden afgedrukt. PrintShop Mail biedt verschillende manieren om de output te optimaliseren. Dit worden afdruktechnologieën genoemd. Aangezien elke afdruktechnologie gebruik maakt van PostScript Level 2, moet er in PrintShop Mail een PostScriptprinterstuurprogramma worden gebruikt en een RIP die compatibel is met PostScript Level 2. Sommige technologieën zijn gebaseerd op de PostScript-standaard, wat betekent dat deze worden ondersteund door elk type beschikbare RIP. Andere technologieën zijn gebaseerd op extensies van PostScript, die alleen worden ondersteund door specifieke RIP-typen. Standaard PostScript-technologieën: Geoptimaliseerd PostScript CopyPage RIP-type en leverancierafhankelijke technologieën: AHT Creo VPS EVIPP Fiery FreeForm Fiery FreeForm 2 PPML PPML/VDX 7 Splash DiamondMerge Splash VI De printer instellen 1. Kies in het menu Bestand de optie Printerinstellingen. 2. In het dialoogvenster Printerinstellingen kunt u een printer selecteren, het medium waarop u wilt afdrukken, de afdrukstand, en kunt u andere printerspecifieke instellingen opgeven. (U kunt de instellingen ook wijzigen in het dialoogvenster Afdrukken, maar deze wijzigingen zijn niet permanent. Gewijzigde instellingen in het dialoogvenster Afdrukken zijn alleen van kracht tijdens de huidige sessie van PrintShop Mail, terwijl wijzigingen in het dialoogvenster Printerinstellingen worden opgeslagen in het documentbestand.) Opmerking: PrintShop Mail geeft blauwe lijnen weer in de layout als aanduiding van de grenzen van het afdrukgebied. Een afdruktechnologie selecteren 1. Kies in het menu Bewerken de optie Voorkeuren (CTRL+K). 2. Klik in het linkerdeelvenster op het pictogram Afdruktaak. Het dialoogvenster Instellingen afdruktaak verschijnt. 3. Controleer of uw RIP ondersteuning biedt voor een van de RIP-typen en leverancierafhankelijke technologieën. Zo ja, gebruik die dan. 4. Zo niet, probeer dan Geoptimaliseerd PostScript. 5. Druk het standaardvoorbeeld af dat is geïnstalleerd in de map PrintShop Mail. 6. Als de output met Geoptimaliseerd PostScript langzaam is of een fout geeft, gebruik dan CopyPage. Zie Afdruktechnologieën voor meer informatie over elke afdruktechnologie. 35

37 Technologiespecifieke opties selecteren 1. Kies in het menu Bestand de optie Afdrukken. 2. Stel in het dialoogvenster Afdrukken de technologiespecifieke opties in. Zie Afdruktechnologieën voor meer informatie. Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken Gebruik OPI, afbeeldingen niet versturen. De meeste afdruktechnologieën ondersteunen OPI (Open Prepress Interface), waardoor u een server voor vervanging van afbeeldingen kunt gebruiken om het afdrukproces te versnellen. OPI ondersteunt alleen de afbeeldingsformaten EPS en TIFF. Forms opslaan op vaste schijf van printer. Door PostScript-vormen op te slaan (afbeeldingen in de cache) op de vaste schijf, wordt voorkomen dat er onvoldoende geheugen is als het document afbeeldingen met een hoge resolutie bevat. Gebruik deze optie alleen wanneer uw RIP toegang heeft to een vaste schijf. Aangepaste grootte van cache. Door de PostScript-cachegrootte voor forms te vergroten, kunnen de prestaties toenemen. Het is aan te raden hiermee te experimenteren om de optimale waarde te bepalen. U kunt de cachegrootte alleen aanpassen als de systeeminstellingen van de RIP niet met een wachtwoord beveiligd zijn. Afdruktechnologieën Standaard PostScript gebruikt geen speciaal optimalisatiemechanisme, behalve dat u OPI kunt gebruiken om de verwerkingstijd te verkorten. Gebruik deze technologie als uw systeem geen van de andere technologieën ondersteunt. Geoptimaliseerd PostScript Geoptimaliseerd PostScript slaat afbeeldingsgegevens in de cache op in herbruikbare PostScript-vormen. Hierdoor wordt het afdrukproces versneld, doordat elke unieke afbeelding slechts 1 keer wordt verzonden. Tips:! Tekst wordt niet geoptimaliseerd, dus als een document veel statische tekst bevat, is het efficiënter om statische EPS-afbeeldingen te gebruiken of een PDF in plaats van tekstobjecten. Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken: 1. Forms opslaan op vaste schijf van printer 2. Aangepaste grootte van cache 3. Gebruik OPI, afbeeldingen niet in versturen CopyPage De CopyPage-technologie maakt gebruik van de PostScript-opdracht copypage om te voorkomen dat de gegevensbuffer van de rasterafbeelding na het afdrukken wordt gewist. In plaats hiervan kan de RIP deze gegevens opnieuw gebruiken op de volgende pagina. Omdat copypage een buffer gebruikt die slechts 1 pagina kan bevatten, wordt CopyPage niet aangeraden voor dubbelzijdig afdrukken. Gebruik CopyPage wanneer het document 1 layout bevat of twee layouts die naast elkaar worden afgedrukt middels layoutherhaling. Bepaal uw beoogde output op basis van twee pagina's naast elkaar. Wanneer de output op een bepaalde pagina lijkt op de output van de vorige pagina, kan CopyPage de hoeveelheid gegevens die wordt verstuurd en gerasteriseerd aanzienlijk verkleinen. Tips:! Wanneer een variabele afbeelding is gekoppeld aan de inhoud van een databaseveld, probeer de database dan te sorteren op dat veld.! De layoutcondities SKIP en BLANK worden ondersteund, maar hebben een negatieve invloed op de afdruksnelheid.! Transparante objecten worden ondersteund, maar hebben een negatieve invloed op de afdruksnelheid. 36

38 Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken: 1. Forms opslaan op vaste schijf van printer 2. Aangepaste grootte van cache 4. Gebruik OPI, afbeeldingen niet in versturen AHT Selecteer deze technologie als u een AHT RIP hebt. AHT gebruikt een optimalisatiemechanisme die vergelijkbaar is met Geoptimaliseerd PostScript. Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken: 1. Forms opslaan op vaste schijf van printer 2. Aangepaste grootte van cache 3. Gebruik OPI, afbeeldingen niet in versturen Creo VPS VPS (Variable Print Specifications) is een PostScript-taalextensie die is ontwikkeld en wordt onderhouden door Creo. Hiermee kan PrintShop Mail elk element op een pagina classificeren als herbruikbaar (komt meerdere malen voor) of inline (komt slechts 1 keer voor). Op basis van deze onderverdeling kan VPS RIP bepalen of een afbeelding opnieuw gebruikt kan worden. Zo wordt onnodige herhaling voorkomen en wordt het afdrukproces versneld. Een van de belangrijkste verschillen tussen Geoptimaliseerd PostScript en VPS is dat VPS gerasteriseerde gegevens gebruikt in plaats van PostScript. Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken: 1. Booklets genereren. Met booklets kan de printer op elke subset een afwerking toepassen (bijvoorbeeld stapelen of binden). Een subset is een set pagina's die tot dezelfde record behoren. Als een document drie layouts bevat, bestaat elke subset uit drie pagina's, ervan uitgaande dat er geen layoutcondities of layoutherhaling wordt gebruikt. 2. Automatische aanduidingen voor afbeeldingen gebruiken. Met APR (automatische aanduidingen voor afbeeldingen) kunt u het afdrukproces versnellen door de capaciteiten voor afbeeldingsvervanging van de VPS RIP te gebruiken. APR ondersteunt alleen de afbeeldingsformaten EPS en Scitex CT, maar sommige RIP-versies ondersteunen ook andere formaten, zoals TIFF en JPEG. Fiery FreeForm FreeForm scheidt statische gegevens van variabele gegevens door gebruik te maken van de onderverdeling van het document in twee lagen. De hoofdlaag (master) bevat alle statische gegevens (statische afbeeldingen en PDFpagina's), terwijl de variabele laag alle variabele gegevens bevat (variabele afbeeldingen en tekst). Deze lagen worden in twee gescheiden taken naar de FreeForm RIP gestuurd. Dit hoeft niet noodzakelijk op hetzelfde moment te gebeuren. De mastertaak wordt eerst gerasteriseerd en vervolgens opgeslagen onder een numerieke ID, die is gedefinieerd door de gebruiker. De RIP overlapt de gerasteriseerde mastergegevens met de gerasteriseerde gegevens uit de variabele taak die dezelfde ID heeft. Op deze manier kunt u dezelfde mastergegevens gebruiken voor verschillende taken met variabele gegevens. PrintShop Mail optimaliseert ook uw taak met variabele gegevens door afbeeldingen die meerdere malen voorkomen op te slaan in herbruikbare vorm, zoals Geoptimaliseerd PostScript. Elke unieke afbeelding wordt slechts 1 keer naar de RIP gestuurd. FreeForm beidt geen volledige ondersteuning voor het kiezen van pagina's. Het is namelijk niet mogelijk om onder voorwaarden layouts over te slaan. Instelling van Voorkeuren: 1. Formnummer. Een numerieke ID voor identificatie van de taak met mastergegevens. Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken: 1. Forms opslaan op vaste schijf van printer 2. Aangepaste grootte van cache 4. Gebruik OPI, afbeeldingen niet in versturen Fiery FreeForm 2 FreeForm scheidt statische gegevens van variabele gegevens door gebruik te maken van de onderverdeling van het document in twee lagen. De hoofdlaag (master) bevat alle statische gegevens (statische afbeeldingen en PDFpagina's), terwijl de variabele laag alle variabele gegevens bevat (variabele afbeeldingen en tekst). Deze lagen worden in twee gescheiden taken naar de FreeForm RIP gestuurd. Dit hoeft niet noodzakelijk op 37

39 hetzelfde moment te gebeuren. De mastertaak wordt eerst gerasteriseerd en vervolgens opgeslagen onder een master-id, die is gedefinieerd door de gebruiker. De RIP overlapt de gerasteriseerde mastergegevens met de gerasteriseerde gegevens uit de variabele taak die dezelfde ID heeft. Op deze manier kunt u dezelfde mastergegevens gebruiken voor verschillende taken met variabele gegevens. PrintShop Mail optimaliseert ook uw taak met variabele gegevens door afbeeldingen die meerdere malen voorkomen op te slaan in herbruikbare vorm, zoals Geoptimaliseerd PostScript. Elke unieke afbeelding wordt slechts 1 keer naar de RIP gestuurd. FreeForm 2 is een extensie van FreeForm. De verschillen zijn: 1. FreeForm 2 biedt volledige ondersteuning voor het kiezen van pagina's. 2. Het FreeForm 2-master-ID is een naam in plaats van een getal. Instelling van Voorkeuren: 1. Master-ID. Een naam voor identificatie van de taak met mastergegevens. Opties: 1. Forms opslaan op vaste schijf van printer 2. Aangepaste grootte van cache 3. Gebruik OPI, afbeeldingen niet in versturen PPML PPML is een afkorting van Personalized Printing Markup Language (gepersonaliseerde afdrukopmaaktaal). Een PPMLbestand beschrijft de hele gepersonaliseerde afdruktaak en bevat alle benodigde elementen om de inhoud af te drukken (layout en variabele gegevens). De technologie PPML in PrintShop Mail heeft veel overeenkomsten met PPML/VDX. Het verschil is dat de inhoud (PDF) en beschrijving van de paginalayout (PPML) individueel worden verzonden. Bij de instellingen in het dialoogvenster Afdrukken kunt u de volgende opties selecteren: 1. Zip-bestand maken Wanneer deze opties zijn geselecteerd, worden de PDF- en PPML-bestanden gezipt voordat ze naar de printer 38

40 worden gestuurd. Deze optie wordt gebruikt voor speciale printers, die een PPML-ZIP-bestand verwachten. De bestanden bevatten het PPML-bestand en de afbeeldingsbestanden; alle benodigde bestanden zijn dus aanwezig. PPML/VDX 7 PPML/VDX is een afkorting van Personalized Print Markup Language/Variable Data Exchange (gepersonaliseerde afdrukopmaaktaal /uitwisseling van variabele gegevens). De output bestaat uit een geoptimaliseerd PDF-bestand waarin herbruikbare elementen slechts 1 keer voorkomen. Het PDF-bestand bevat ook een blok PPML-gegevens waarin de paginalayout staat beschreven. Opmerking: Voor PPML/VDX 7 is een dongle nodig met een upgrade voor PPML/VDX. Adobe Acrobat en Distiller moeten op de computer geïnstalleerd zijn. Voor een upgrade van de dongle, zie Upgrade-opties Aanbevolen instellingen voor opdrachtopties in Acrobat Distiller: 1. Ga naar de map met de Distiller-instellingen. Bij Distiller 5.0 is dit meestal: C:\Program Files\Adobe\Acrobat 5.0\Distillr\Settings 2. Klik met de rechtermuisknop op het bestand Print.joboptions. 3. Kies Eigenschappen en deselecteer Alleen-lezen. 4. Open Acrobat Distiller. 5. Selecteer in de keuzelijst Opdrachtopties de optie Afdrukken. 6. Kies in het menu Instellingen de optie Opdrachtopties. 7. Wijzig de instellingen in de tabbladen Algemeen en Kleuren als volgt: 8. 39

41 9. Klik op OK en sluit Acrobat Distiller. 10. Ga terug naar de map met de Distiller-instellingen (zie stap 1) en klik met de rechtermuisknop op Print.joboptions, kies Eigenschappen en maak het bestand weer alleen-lezen. Splash DiamondMerge DiamondMerge optimaliseert het afdrukproces door hetzelfde twee-stapsproces te gebruiken als FreeForm. De statische en variabele gegevenslagen worden in twee gescheiden taken naar de DiamondMerge RIP gestuurd. PrintShop Mail optimaliseert ook uw taak met variabele gegevens door afbeeldingen die meerdere malen voorkomen op te slaan in herbruikbare vorm, zoals Geoptimaliseerd PostScript. Elke unieke afbeelding wordt slechts 1 keer naar de RIP gestuurd. DiamondMerge biedt geen volledige ondersteuning voor het kiezen van pagina's. Het is namelijk niet mogelijk om onder voorwaarden layouts over te slaan. Instelling van Voorkeuren: 1. Formnummer. Een numerieke ID voor identificatie van de taak met mastergegevens. Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken: 1. Forms opslaan op vaste schijf van printer 2. Aangepaste grootte van cache 3. Gebruik OPI, afbeeldingen niet in versturen 40

42 Splash VI Splash VI optimaliseert het afdrukproces op dezelfde manier als CopyPage. In tegenstelling tot CopyPage, ondersteunt Splash VI geen documenten met meerdere layouts. Een Splash VI RIP maakt gebruik van een cyclische buffer, waardoor het meer dan 1 pagina per keer kan onthouden. De capaciteit van de buffer is afhankelijk van het beschikbare geheugen voor de RIP. Voordat u gaat afdrukken, dient u ervoor te zorgen dat het document de grenzen van de RIP niet overschrijdt. PrintShop Mail geeft namelijk geen waarschuwing wanneer het document teveel layouts bevat. Tips:! Wanneer een variabele afbeelding is gekoppeld aan de inhoud van een databaseveld, probeer de database dan te sorteren op dat veld.! De layoutcondities SKIP en BLANK worden ondersteund, maar hebben een negatieve invloed op de afdruksnelheid.! Transparante objecten worden ondersteund, maar hebben een negatieve invloed op de afdruksnelheid. Instellingen in het dialoogvenster Afdrukken: 1. Forms opslaan op vaste schijf van printer 2. Aangepaste grootte van cache 3. Gebruik OPI, afbeeldingen niet in versturen VIPP VIPP is een acroniem voor Variable-data Intelligent PostScript Printware. De output van deze technologie is een PostScript-stream waarin herbruikbare afbeeldingen slechts 1 keer voorkomen. Het belangrijkste verschil ten opzichte van Geoptmaliseerd PostScript is dat afbeeldingen in het cache worden gezet met een eigen, VIPP-specifiek mechanisme en niet met PostScript-forms. De gecachte abeeldingen worden opgeslagen in een afdrukklaar formaat. Het begin van elke record is gemarkeerd. Hierdoor kunt u eenvoudig naar elke record springen bij het bekijken van een afdrukvoorbeeld in een viewer die bladwijzers ondersteunt. Encapsulated VIPP ondersteunt de volgende afbeeldingsformaten: JPEG, TIFF, EPS en PDF Opmerking: Voor deze technologie is een RIP nodig die geschikt is voor Encapsulated VIPP en een dongle met een upgrade voor VIPP. Voor meer informatie over upgrades van de dongle, zie Upgrade-opties. Afdrukinstellingen Gebruik het dialoogvenster Afdrukinstellingen om printerinstellingen op te geven en de media te selecteren waarop wordt afgedrukt. U kunt dit dialoogvenster ook openen door: Bestand > Afdrukinstellingen te kiezen. 1. Selecteer de naam van de printer. 2. Klik op Eigenschappen voor de instellingen voor dubbelzijdig afdrukken en susbsetafwerking, voor zover deze opties door uw printer worden ondersteund. 3. Selecteer het papierformaat. 4. Kies de afdrukstand. Opmerking: het Afdrukgebied van de printer wordt in PrintShop Mail-layouts weergeven met blauwe lijnen. Buiten dit gebied kan de printer niet afdrukken. Objecten (afbeeldingen en/of tekstvakken) die buiten dit gebied staan, zullen worden bijgesneden. Subsetafwerking Over subsetafwerking In PrintShop wordt onder een subset verstaan: een set pagina's die tot dezelfde record behoren. Als u geen layoutherhaling of layoutcondities gebruikt, is het aantal pagina's in elke subset gelijk aan het aantal layouts in het document. Subsetafwerking is het proces waarbij een afwerkoptie wordt toegepast (zoals stapelen of binden) op elke subset van een afdruktaak. 41

43 Subsetafwerking gebruiken U kunt een afwerkoptie opgeven in het printerstuurprogramma. Hiertoe klikt u in het dialoogvenster Afdrukken of Afdrukinstellingen op de knop Eigenschappen. PrintShop Mail voegt tussen bepaalde subsets PostScript-instructies toe om aan te geven dat de afwerkoptie moet worden toegepast. In het dialoogvenster PostScript toevoegen kunt u opgeven welke instructies moeten worden toegevoegd.! Het dialoogvenster zoeken Bestand > PostScript toevoegen Voor stapelen en binden moet de standaardinstelling (Generieke subsetafwerking) voldoende zijn. Afdrukken automatiseren Overzicht Over geautomatiseerd afdrukken In PrintShop Mail kunt u bepaalde taken automatiseren, zoals het openen en afdrukken van documenten. Wanneer u in Windows Explorer met de rechtermuisknop op een PrintShop Mail-bestand klikt, ziet u in het snelmenu de opties Afdrukken en Afdrukken naar. U kunt hiermee een document afdrukken zonder het document zelf te openen en u kunt een document afdrukken op een specifieke printer. Met de volgende functies kunt u het afdrukken op geavanceerde wijze automatiseren: Geautomatiseerd afdrukken met commandoregelargumenten Geautomatiseerd afdrukken met Uitgebreide Scripting Geautomatiseerd afdrukken met DDE Opdrachtregelargumenten gebruiken U kunt PrintShop Mail bepaalde acties laten uitvoeren door deze te specificeren in de opdrachtregel. De volgende opdrachtregelargumenten worden ondersteund: Argument Omschrijving <documentnaam> Bestandsnaam van een PrintShop Mail-document, tussen dubbele aanhalingstekens. De aanhalingstekens zijn nodig om ook andere argumenten te kunnen gebruiken. Bijvoorbeeld: "Mailing November.PSM" -p Het opgegeven document wordt afgedrukt op de standaardprinter. Voorbeeld: "Document.PSM" -p 42

44 -pt -db <database> Het opgegeven document wordt afgedrukt op een specifieke printer, die tussen dubbele aanhalingstekens wordt genoemd. Voorbeeld: "Document.PSM" -pt "Laserwriter 16/600" Het opgegeven document wordt gekoppeld aan een specifieke database. Voorbeeld: "Document.PSM" -db "Database.mdb" Opdrachtregelargumenten gebruiken Met de volgende stappen kunt u een eenvoudig voorbeeld maken van een opdrachtregelargument: 1. Maak een PrintShop Mail-document, bijvoorbeeld "Voorbeeld.PSM" 2. Maak een database die u met dit document wilt gebruiken of kopieer een bestaande database naar de map waarin u het PrintShop Mail-document hebt opgeslagen. 3. Maak een snelkoppeling naar het uitvoerbare bestand van PrintShop Mail (in Windows 98 en ME staat deze standaard in C:\Program Files\PrintShop Mail 4.x\PSMail4x.exe, in Windows NT, 2000 en XP is de standaardlocatie C:\Program Files\PrintShop Mail 4.x.x\PSMail4x.x.exe). Kopieer deze snelkoppeling naar dezelfde map als de map waarin u het document hebt opgeslagen dat u hebt gemaakt in stap Klik met de rechtermuisknop op de snelkoppeling en kies "Eigenschappen". Specificeer in het veld "Doel" de documentnaam door het aan het doel toe te voegen. Hier staat nu zoiets als "C:\Program Files\PrintShop Mail 4.x.x\PSMail4x.x.exe" "Voorbeeld.PSM". Als u nu dubbelklikt op de zojuist aangemaakte snelkoppeling wordt PrintShop gestart en wordt het gespecificeerde document geopend. U bent nu klaar om de andere ondersteunde opdrachtregelargumenten te gebruiken door deze aan het doel toe te voegen. Enkele voorbeelden: "C:\Program Files\PrintShop Mail 4.x.x\PSMail4.x.x.exe" "Voorbeeld.PSM" -db "Database.mdb" "C:\Program Files\PrintShop Mail 4..x.x\PSMail4.x.x.exe" "Voorbeeld.PSM" -p Een database op een snelkoppeling slepen U kunt een snelkoppeling maken waarmee PrintShop Mail elke ondersteunde database opent die u erop sleept. Hiertoe voert u in de eigenschappen van de snelkoppeling in het veld Doel de volgende tekst in: "C:\Program Files\PSMail4.x.x.exe" "Voorbeeld.PSM" -db Wanneer u een database op de snelkoppeling sleept en loslaat, wordt PrintShop Mail gestart en het document "voorbeeld.psm" geopend met de database die u zojuist op de snelkoppeling hebt gesleept. Opmerking: Windows 98 en NT ondersteunen niet alle argumenten op de opdrachtregel wanneer een databasebestand op een snelkoppeling wordt geplaatst die meerdere argumenten bevat. U kunt dit probleem voorkomen door een batchfile te maken met een willekeurige tekstverwerker. Voer de volgende tekst in: C:\Program Files\PrintShop Mail 4.x.x\PSMail4.x.x.exe" Voorbeeld.psm -p -db %1 Dit is de bestandsnaam van het uitvoerbare bestand van PrintShop Mail, gevolgd door de bestandsnaam van een PrintShop Mail-document. De argumenten -p en -db geven aan dat u de database wilt afdrukken die u op dit batchbestand sleept. Het argument %1 wordt automatisch vervangen door het volledige pad naar de database. Extended Scripting gebruiken Extended Scripting is een snelle en flexibele manier om afdruktaken te automatiseren. Met deze functie kunt u elk PrintShop Mail-document afdrukken, in combinatie met elke database en op elke printer. U kunt zelfs een Extended Scripting-taak plannen voor een bepaalde dag en/of tijd waarop uw printer normaalgesproken minder druk bezet is. U specificeert in een platte-tekstbestand een bepaalde actie of een reeks acties en geeft PrintShop Mail de opdracht dat bestand te gebruiken door het aan een snelkoppeling toe te voegen. 1. Maak een snelkoppeling naar het uitvoerbare bestand (exe-bestand) van PrintShop Mail (in Windows 98 en ME staat deze standaard in C:\Program Files\PrintShop Mail 4.x.x\PSMail4x.x.exe, in Windows NT, 2000 en XP is de standaardlocatie C:\Program Files\PrintShop Mail 4.x.x\PSMail4x.xU.exe). 43

45 2. Voeg in de snelkoppeling in het veld "Doel" de tekst "-script "scriptfile.txt" toe. U kunt een set voorgedefinieerde opdrachten gebruiken om bepaalde acties uit te voeren. De ondersteunde opdrachten zijn: Opdracht FileOpen naam FileClose FilePrint FilePrintTo naam printer FilePrintRange begin eind FileExit DatabaseOpen bestand DatabaseOpenODBC bron DatabaseFilter filter DatabaseClose Omschrijving Het gespecificeerde document wordt geopend. Als er een ander document geopend is, wordt dit door PrintShop Mail gesloten. Voorbeeld: FileOpen C:\Documents\MassMailing.psm Het PrintShop Mail-document MassMailing.PSM wordt geopend vanuit de map C:\Documents. Het geopende document wordt gesloten. Voorbeeld: FileClose Het geopende document wordt afgedrukt op de standaardprinter. Voorbeeld: FilePrint Het geopende document wordt afgedrukt op de gespecificeerde printer. De naam van de printer moet gelijk zijn aan de naam die is gespecificeerd in de Eigenschappen van de printer. Voorbeeld: FilePrint Distiller Het geopende document wordt afgedrukt op de Distiller-printer. Het opgegeven recordbereik wordt afgedrukt op de standaardprinter. Opmerking: Het is niet mogelijk een recordbereik af te drukken op een andere printer dan de standaardprinter. Voorbeeld: FilePrintRange 5 10 Drukt van het geopende document record 5 t/m 10 af. PrintShop Mail wordt afgesloten. Scriptopdrachten die na deze opdracht komen, worden niet uitgevoerd. Voorbeeld: FileExit De gespecificeerde database wordt geopend. Als er een andere database geopend is, wordt deze door PrintShop Mail gesloten. Voorbeeld: DatabaseOpen C:\Documents\Voorbeeld.mdb De Microsoft Access-database "Voorbeeld" in C:\Documents wordt geopend. De opgegeven gegevensbron wordt geopend. Als er een andere database geopend is, wordt deze door PrintShop Mail gesloten. Voorbeeld: DatabaseOpenODBC MyDSN De gegevensbron met de naam "MyDSN" wordt geopend. De database wordt gefilterd volgens de opgegeven filter. Voorbeeld: DatabaseFilter [WOONPLAATS] = 'Den Haag' Filtert de database, alleen records waarbij de waarde van het veld "Woonplaats" gelijk is aan "Den Haag" worden gebruikt. De geopende database wordt gesloten. Voorbeeld: DatabaseClose Een Extended Scripting-taak maken Voer de volgende stappen uit om een Extended Scripting-taak te maken: 1. Maak een PrintShop Mail-document en sla het op (bijvoorbeeld "ScriptTest.PSM") 2. Maak een tekstbestand met alle opdrachten die u wilt uitvoeren. 3. Maak een snelkoppeling naar PrintShop Mail. 4. Voeg het argument "-script scriptfile.txt" toe aan de opdrachtregel (hierbij is 'scriptfile.txt' het tekstbestand dat de opdrachten bevat). Specificeer in het scriptbestand alle opdrachten die u wilt uitvoeren: FileOpen ScriptTest.PSM FilePrint FileExit Dit eenvoudige scriptbestand opent het document "ScriptTest.PSM", drukt het af op de standaardprinter en sluit PrintShop Mail af. U kunt een batchproces maken door PrintPrintShop Mail opdracht te geven een ander document te gebruiken: FileOpen ScriptTest.PSM FilePrint FileOpen AnderDocument.PSM FilePrint FileExit PrintShop Mail opent eerst het document "ScriptTest.PSM" en drukt het af op de standaardprinter. Wanneer dit klaar 44

46 is, opent PrintShop Mail het tweede document, "AnderDocument.PSM" en drukt het af op dezelfde standaardprinter. U kunt natuurlijk een andere printer kiezen door de opdracht "FilePrintTo" te gebruiken. Ten slotte wordt PrintShop Mail afgesloten. Het is mogelijk om hetzelfde document te gebruiken met verschillende databases: FileOpen ScriptTest.PSM FilePrint DatabaseOpen AndereDatabase.MDB FilePrintTo Printer2 FileExit PrintShop Mail opent eerst het document "ScriptTest.PSM" en drukt het af op de standaardprinter. Wanneer dit klaar is, opent PrintShop Mail de database "AndereDatabase.MDB" en drukt het af op een andere printer, genaamd "Printer2". Ten slotte wordt PrintShop Mail afgesloten. Een combinatie van de opdrachten is ook mogelijk: FileOpen ScriptTest.PSM FilePrintRange 5 10 DatabaseOpen AndereDatabase.MDB FilePrintRange DatabaseOpen DerdeDatabase.XLS FilePrintTo Printer2 FileOpen Document2.PSM FilePrint FileExit PrintShop Mail opent het document "ScriptTest.PSM" en drukt record 5 t/m 10 af op de standaardprinter. Wanneer dit klaar is, wordt de database "AndereDatabase.MDB" geopend en worden de records 10 t/m 15 afgedrukt op de standaardprinter. Vervolgens wordt de database "DerdeDatabase.XLS" geopend en worden alle records afgedrukt op "Printer2". Ten slotte wordt het PrintShop Mail-document "Document2.PSM" geopend en afgedrukt op de standaardprinter, waarna PrintShop Mail wordt afgesloten. Databasefilters Een databasefilter bestaat uit een veldnaam, een operator en een voorwaarde. Stel voor dat u de volgende database hebt: NAAM WOONPLAATS GESLACHT Ed Den Haag M Pamela Arnhem V Tim Amsterdam M Robert Utrecht M De beschikbare veldnamen in deze database zijn "Naam", "Woonplaats" en "Geslacht" De database heeft 4 records. Een operator moet een van de ANSI SQL-operatoren zijn uit onderstaande tabel. = Gelijk aan <> Niet gelijk aan < Minder dan > Groter dan <= Minder dan of gelijk aan >= Groter dan of gelijk aan Een filter wordt gebruikt om het WHERE-component van een SQL-instructie te maken. Het bevat niet het gereserveerde woord WHERE om de recordset te filteren. Met uitzondering van "Distinct", "Like" en "Between" worden alle SQL-commando's ondersteund. Zie voor meer informatie over de SQL-instructie Als u de records wilt selecteren en afdrukken waarbij het veld "Woonplaats" gelijk is aan "Den Haag", moet u het volgende toevoegen aan het scriptbestand: DatabaseFilter [Woonplaats] = 'Den Haag' Resultaat: Er wordt 1 record afgedrukt. 45

47 Opmerking: De voorwaarde 'Den Haag' staat tussen enkele aanhalingstekens. SQL gebruikt enkele aanhalingstekens rond tekstwaarden. Numerieke waarden staan niet tussen aanhalingstekens. Stel dat u een mailing wilt versturen naar alle personen in de database waarbij het veld [GESLACHT] niet gelijk is aan 'V'. Dit filter ziet er als volgt uit: DatabaseFilter [GESLACHT] <> 'V' Resultaat: Er worden 3 records afgedrukt. Of stel dat u alle records wilt afdrukken waarbij het veld [GESLACHT] gelijk is aan 'V' of [WOONPLAATS] niet gelijk is aan 'Amsterdam': DatabaseFilter [GESLACHT] = 'V' OR [WOONSPLAATS] <> 'Amsterdam' Resultaat: Er worden 3 records afgedrukt. Dit zijn slechts drie voorbeelden van een databasefilter. Het is mogelijk zeer geavanceerde en krachtige databasefilters te maken. Raadpleeg uw SQL-handleiding of een online bron voor geavanceerde voorbeelden. Als u gegevens nodig hebt uit meer dan 1 tabel van de database, kunt u in SQL of Access een query maken en het resultaat van deze query exporteren naar Excel, Access of een tekstbestand. Dit bestand kan in PrintShop Mail als database gebruikt worden. Een taak inplannen Het is mogelijk een taak op een bepaalde dag en tijdstip in te plannen. Hiertoe gebruikt u Windows Scheduler. Zie de Microsoft Windows -handleiding voor meer informatie over Windows Scheduler en over het inplannen van taken. DDE DDE Dynamic Data Exchange is een flexibelere manier om afdrukken te automatiseren dan het gebruik van opdrachtregelargumenten. Hiervoor is echter wel kennis vereist van programmeertalen die DDE ondersteunen, zoals Visual Basic of C++. Raadpleeg documentatie over Win32 API om te lezen hoe u een DDE-verbinding maakt. PrintShop Mail ondersteunt de volgende DDE-opdrachten: Opdracht [FileNew] [FileOpen "bestandsnaam"] [FileClose] [FilePrint] [FilePrintRange "begin", "eind"] [FileExit] [DatabaseOpen "bestandsnaam"] [DatabaseClose] [DatabaseOpenODBC "gegevensbron"] Omschrijving Het actieve document wordt gesloten en er wordt een nieuw document gemaakt. Het gespecificeerde document wordt geopend. Het actieve document wordt gesloten. Het actieve document wordt afgedrukt op de standaardprinter. Er wordt een reeks records afgedrukt op de standaardprinter. PrintShop Mail wordt afgesloten. De gespecificeerde database wordt geopend. De actieve database wordt gesloten. De opgegeven ODBC-gegevensbron wordt geopend. Basiselementen van documenten Eigenschappen van items De eigenschappen van een PDF-pagina instellen Opmerking: als u een document hebt gemaakt dat is gebaseerd op een PDF-bestand, kunt u geen eigenschappen meer instellen voor die PDF-pagina's. 1. Klik met de rechtermuisknop op het object dat de PDF-pagina voorstelt en kies Voorkeuren. (Als alternatief kunt u ook in het menu Item de optie Voorkeuren kiezen (sneltoets: ALT+ENTER), of houd de ALT-toets ingedrukt en dubbelklik op het object.) Het dialoogvenster Eigenschappen van PDFpagina verschijnt. 2. Stel de eigenschappen in. 3. Klik op OK als u klaar bent. Over de positie-instellingen 46

48 Optie Positie op de X-as: Positie op de Y-as Breedte Hoogte Beschrijving Horizontale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. Verticale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. De breedte van het object. De hoogte van het object. Opmerking: bewerkingsvakken zijn alleen-lezen als het object is vergrendeld. Over de weergave-instellingen Optie Randkleur Randdikte Beschrijving De kleur van de rand rond het object. De breedte van de rand in punten. Over de instellingen van PDF-kenmerken Optie Beschrijving Bestandsnaam De bestandsnaam van de PDF waartoe de pagina behoort. Schaal De schaal die is toegepast op zowel de breedte als de hoogte van het object. Opmerking: aangezien de schaal van de PDF-pagina's alleen kan worden gewijzigd met behoud van de breedte-/hoogteverhouding, kunt u de breedte en hoogte alleen aanpassen door het schaalpercentage te wijzigen. De optie Schaal is niet beschikbaar als het object is vergrendeld. Paginanummer Het paginanummer van de PDF, variërend van 1 tot het aantal pagina's in de PDF. Eigenschappen van statische afbeeldingen De eigenschappen van een statische afbeelding instellen 1. Klik met de rechtermuisknop op de statische afbeelding en kies Eigenschappen. (Als alternatief kunt u ook in het menu Item de optie Voorkeuren kiezen (sneltoets: ALT+ENTER), of houd de ALT-toets ingedrukt en dubbelklik op het object.) Het dialoogvenster Eigenschappen van statische afbeelding verschijnt. 2. Stel de eigenschappen in. 3. Klik op OK als u klaar bent. Over de positie-instellingen Optie Positie op de X-as: Positie op de Y-as Breedte Hoogte Beschrijving Horizontale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. Verticale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. De breedte van het object. De hoogte van het object. Opmerking: bewerkingsvakken zijn alleen-lezen als het object is vergrendeld. Over de weergave-instellingen Optie Randkleur Randdikte Beschrijving De kleur van de rand rond het object. De breedte van de rand in punten. Over de kenmerken van statische afbeeldingen Optie Beschrijving Bestandsnaam De bestandsnaam en het pad van de statische afbeelding. Schaal Het schaalniveau uitgedrukt in een percentage. Opmerking: aangezien de schaal van een statische afbeelding alleen kan worden gewijzigd met behoud van de breedte-/hoogteverhouding, kunt u de breedte en hoogte alleen aanpassen door het schaalpercentage te wijzigen. De optie Schaal is niet beschikbaar als het object is vergrendeld. 47

49 Eigenschappen van variabele afbeeldingen Gebruik het dialoogvenster Eigenschappen van variabele afbeelding om de verschillende eigenschappen van een variabele afbeelding te wijzigen. Klik hiertoe met de rechtermuisknop op het object en kies Eigenschappen, of selecteer het object en kies in het menu Item de optie Eigenschappen (sneltoets: ALT+ENTER). Als alternatief kunt u ook de ALT-toets ingedrukt houden en op het object dubbelklikken. Over eigenschappen van posities Optie Positie op de X-as: Positie op de Y-as Breedte Hoogte Beschrijving Horizontale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. Verticale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. De breedte van het object. De hoogte van het object. Opmerking: de bewerkingsvakken Positie op de X-as, Positie op de Y-as, Breedte en Hoogte zijn alleen-lezen als het object is vergrendeld. Over eigenschappen van weergave Optie Randkleur Randdikte Vulkleur Rotatie Horizontale uitlijning Verticale uitlijning Beschrijving De kleur van de rand rond het object. De breedte van de rand in punten. Transparant of de kleur in een deel van het objectvak die niet in de afbeelding voorkomt. Rotatie met de klok mee, in graden. Horizontale uitlijning van de afbeeldingen Verticale uitlijning van de afbeeldingen Over de kenmerken van variabele afbeeldingen Optie Naam Locatie Submappen zoeken Schaal Beschrijving De naam van de variabele die is gekoppeld aan de variabele afbeelding De locatie van de afbeeldingsbestanden (wordt alleen gebruikt wanneer de expressie van een variabele naar een relatief pad verwijst). Hiermee stelt u in of moet worden gezocht in submappen op de locatie die is gespecificeerd bij Locatie (wordt alleen gebruikt wanneer de expressie van een variabele naar een relatief pad verwijst). Originele grootte: de grootte van de afbeeldingen wordt niet gewijzigd. Passend maken in vak: de grootte van de afbeelding wordt gewijzigd, zodat deze in het objectvak past. De breedte-/hoogteverhouding blijft hierbij gehandhaafd. Afbeeldingen worden niet afgekapt. Hele vak vullen: de grootte van de afbeelding wordt gewijzigd, zodat het hele vak wordt gevuld. De breedte-/hoogteverhouding blijft hierbij gehandhaafd. Afbeeldingen worden mogelijk afgekapt. Eigenschappen van tekst Eigenschappen van tekst wijzigen Gebruik het dialoogvenster Eigenschappen van tekst om de verschillende eigenschappen van een tekstobject te wijzigen. Als u momenteel niet bezig bent de tekst in het object te bewerken, klik dan met de rechtermuisknop op het object en kies Eigenschappen (of selecteer het object en kies in het menu Item de optie Eigenschappen (sneltoets: ALT+ENTER). (Als alternatief kunt u ook de ALT-toets ingedrukt houden en op het object dubbelklikken.) Over eigenschappen van posities Optie Positie op de X-as: Beschrijving Horizontale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. 48

50 Positie op de Y-as Breedte Hoogte Verticale verplaatsing van de linkerbovenhoek van de layout naar de linkerbovenhoek van het object. De breedte van het object. De hoogte van het object. Opmerking: de bewerkingsvakken Positie op de X-as, Positie op de Y-as, Breedte en Hoogte zijn alleen-lezen als het object is vergrendeld. Over eigenschappen van weergave Optie Randkleur Randdikte Vulkleur Rotatie Uitlijning Beschrijving De kleur van de rand rond het object. De breedte van de rand in punten. Transparant of de achtergrondkleur van het object. Rotatie met de klok mee, in graden. Horizontale tekstuitlijning Verticale tekstuitlijning Over tekstkenmerken Optie Lege regels toestaan Alle lege regels verwijderen Lege regels in variabelen verwijderen Beschrijving Dit is handig als de variabele bijvoorbeeld een adres is en een aantal records in de database lege velden bevat. Wanneer u deze functie selecteert blijven de lege regels die door de lege velden veroorzaakt worden gehandhaafd. Bij deze optie worden zowel lege regels die door de lege velden veroorzaakt worden als handmatig ingevoerde witregels verwijderd. Hierdoor worden uitsluitend de lege regels in de variabelen verwijderd. Statische lege regels blijven behouden. Tekst opmaken Over tekenstijlen U kunt de tekenstijl (bijvoorbeeld, lettertype, grootte, kleur, stijlkenmerken) van elk tekstonderdeel in een tekstobject wijzigen. De tekenstijl van een variabele is gelijk aan de stijl van het eerste scheidingsteken: het teken waarmee het begin van een variabele wordt aangeduid. PrintShop Mail bevat vier stijlen:! Normaal! Vet (CTRL+B)! Cursief (CTRL+I)! Onderstreept (CTRL+U) U kunt de stijlen vet, cursief en onderstreept combineren. Beperkingen aan het lettertype:! Als u in een document PostScript-lettertypen wilt gebruiken, hebt u Adobe Type Manager nodig.! Om OpenType-lettertypen te gebruiken, moet u Windows NT, 2000, of XP gebruiken. Een tekenstijl toepassen op alle alinea's in een of meer tesktobjecten 1. Selecteer de objecten. 2. Pas de stijl toe. Een tekenstijl toepassen op een reeks tekens 1. Activeer de modus Bewerken door in een tekstobject te dubbelklikken. 2. Maak een selectie. 3. Klik op de gewenste knop op de werkbalk Tekstopmaak. (Als alternatief kunt u ook in het menu Tekst de optie Lettertype, Grootte, Stijl of Kleur kiezen.) De tekengrootte aanpassen! Kies in het menu Lettertype het submenu Grootte en kies vervolgens Overige.! Wijzig de selectie in het pop-up menu Grootte van lettertype op de werkbalk Tekstopmaak. Opmerking: een grootte van bijvoorbeeld 10,5 punten is toegestaan, maar 10,3 wordt afgerond op de dichtstbijzijnde halve waarde (10,5). Een tekstkleur instellen 49

51 Klik op de werkbalk Tekstopmaak op de vervolgkeuzepijl die zich op de knop Tekstkleur bevindt. Er verschijnt nu een palet met kant-en-klare kleuren. U kunt uw eigen kleuren aan dit palet toevoegen. Klik hiertoe onder het palet op de knop Aangepast. Het standaard dialoogvenster Kleur verschijnt. U kunt dit dialoogvenster ook openen door: Tekst > Kleur.. te kiezen U kunt ook op de werkbalk Extra het hulpmiddel Kleurpipet gebruiken om een kleur te kiezen en een tekstkleur toe te passen. Alinea-opmaakprofiel Over Alinea-opmaakprofielen Een alinea is een aaneengesloten reeks tekens met dezelfde opmaakeigenschappen zoals:! Uitlijning! Marges! Inspringing! Tabstops Alinea's worden gescheiden met een Enter-teken. Om een nieuwe alinea te beginnen, drukt u op de ENTER-toets en voert u tekst in. Tekst uitlijnen Uitlijning toepassen op alle alinea's in een of meer textobjecten. 1. Selecteer de objecten. 2. Klik op een uitlijnknop op de werkbalk Tekstopmaak. (U kunt ook het dialoogvenster Eigenschappen van tekst gebruiken.) Om de tekstuitlijning van een specifieke alinea in te stellen: 1. Dubbelklik in een tekstobject om de modus Bewerken te activeren. 2. Selecteer een alinea. 3. Klik op een uitlijnknop op de werkbalk Tekstopmaak. (Als alternatief kunt u in het menu Tekst de optie Alinea kiezen. In dit dialoogvenster kunt u de waarden instellen voor uitlijning, marges en inspringing van de eerste regel. In het voorbeeld kunt u de huidige instellingen bekijken.) 50

52 Over tabstops U kunt de volgende tabstops gebruiken: Links uitlijnende tab Centrerende tab Rechts uitlijnende tab Tekst loopt door naar de rechterkant van de tabstop. Tekst wordt gecentreerd op de tabstop. De tekst loopt door naar de linkerkant van de tabstop totdat de ruimte van de tabstop vol is. Daarna loopt de tekst door naar rechts. Tabstopposities instellen en wijzigen De standaardtabstopposities wijzigen: 1. Kies in het menu Tekst de optie Standaardtabstops. 2. Maak de gewenste wijzigingen. Er zijn twee manieren om aangepaste tabstopposities in te stellen en te verwijderen. Methoden:! Met het dialoogvenster Tabstops! Met de horizontale liniaal Het dialoogvenster Tabstops gebruiken: 1. Dubbelklik in een tekstobject om de modus Bewerken te activeren. 2. Selecteer een alinea. 3. Kies in het menu Tekst de optie Standaardtabstops. Tabstopposities zijn relatief ingesteld aan de linkerkant van het object. 1. U voegt een positie toe door in het bewerkingsvak een waarde in te vullen en vervolgens op Instellen te klikken. 2. U verwijdert een positie door deze te selecteren in de lijst en vervolgens op Wissen te klikken. De horizontale liniaal gebruiken: 1. Klik op de horizontale liniaal om een alineamarkering toe te voegen. Het type markering is afhankelijk van de status van de alineamarkeringsknop, die zich op de kruising van de twee linialen bevindt (in de linkerbovenhoek). 2. Klik op de alineamarkeringsknop om alle mogelijke typen alineamarkeringen te doorlopen, waaronder inspringing eerste regel. U kunt ook met de rechtermuisknop op deze knop klikken en een type markering uit het pop-up menu kiezen. 51

53 Opmerking: u kunt ook de horizontale liniaal gebruiken om linker- en rechtermarges in te stellen. Hiertoe klikt u op de linker- of rechterpositie van het tekstvak en sleept u de marge naar de gewenste positie. Layoutelementen Over layouts Een PrintShop Mail-document kan uit meerdere layouts bestaan. Een layout invoegen Kies in het menu Layout de optie Invoegen. U kunt nu layouts invoegen, verwijderen en dupliceren. De layouts in een document bijhouden Kies in het menu Venster de optie Documentindeling. 52

54 Een layout dupliceren 1. Klik in het venster Documentindeling met de rechtermuisknop op het pictogram waarmee de layout wordt weergegeven. 2. Selecteer Dupliceren. (Als alternatief kunt u ook naar de layout bladeren om te dupliceren. Hiertoe gebruikt u de werkbalk Beeld om de layout te selecteren. Selecteer vervolgens in het menu Layout de optie Dupliceren.) De nieuwe layout wordt na het origineel ingevoegd. Een layout verwijderen U kunt een layout verwijderen in het venster Documentindeling. (Als alternatief kunt u ook naar de layout bladeren om deze te verwijderen. Hiertoe gebruikt u de werkbalk Beeld om de layout te selecteren. Selecteer vervolgens in het menu Layout de optie Verwijderen.) Het formaat en de afdrukstand van een actieve pagina wijzigen 1. Kies in het menu Layout de optie Opmaakformaat en afdrukstand. 2. Maak de gewenste wijzigingen. Opmerking: de veranderingen worden doorgevoerd in alle layouts van het document. Hulplijnen Over hulplijnen Hulplijnen zijn rasters die niet worden afgedrukt en waarmee u objecten kunt rangschikken en positioneren. Als u objecten verplaatst of de grootte aanpast binnen een bepaalde afstand van een rasterlijn, wordt de selectie op die lijn uitgelijnd. Een hulplijn toevoegen 1. Kies in het menu Invoegen de optie Hulplijn. 2. Kies en horizontale of verticale hulplijn. Als alternatief kunt u ook op een liniaal klikken. Gebruik de horizontale liniaal om een verticale hulplijn toe te voegen en de verticale liniaal om een horizontale hulplijn toe te voegen. Door op een liniaal te klikken, wordt er een hulplijn of een vouwlijn toegevoegd, afhankelijk van het pictogram dat wordt weergegeven in de linkerbovenhoek van het werkgebied. Klik op het pictogram om het te wijzigen in het Hulplijn-pictogram, zoals hier afgebeeld. Opmerking: wanneer u een hulplijn versleept, is het geneigd uit te lijnen op eventuele bestaande objecten. Deze neiging kan worden ingesteld door in het menu Beeld de optie Hulplijnen uitlijnen langs objecten te selecteren of te deselecteren. 53

55 De afstand instellen voor "uitlijnen langs" In het dialoogvenster Voorkeuren, onder Programma-instellingen (CTRL+K), Magnetische kracht stelt u de afstand in die nodig is om objecten uit te lijnen langs hulplijnen. Een hulplijn verwijderen Verwijder een hulplijn door het naar een ongeldige positie te slepen, buiten de layout. De sleepaanwijzer verandert en geeft aan of bij het loslaten van de muisknop de lijn wordt verplaatst of verwijderd. Vouwlijnen Over vouwlijnen U kunt vouwlijnen gebruiken om te bepalen waar documenten moeten worden gevouwen in het geval er meerdere pagina's op één vel worden afgedrukt (multi-up). In tegenstelling tot hulplijnen, worden vouwlijnen afgedrukt. Een vouwlijn toevoegen 1. Kies in het menu Invoegen de optie Vouwlijn. 2. Selecteer een horizontale of een verticale vouwlijn. Een andere manier om een vouwlijn toe te voegen, is op de liniaal te klikken. Gebruik de horizontale liniaal om een verticale vouwlijn toe te voegen en de verticale liniaal om een horizontale vouwlijn toe te voegen. Door op een liniaal te klikken, wordt er een vouwlijn of een hulplijn toegevoegd, afhankelijk van het pictogram dat wordt weergegeven in de linkerbovenhoek van het werkgebied. Klik op het pictogram om het te wijzigen in het Vouwlijn-pictogram, zoals hier afgebeeld. De vouwlijn wijzigen: 54

Getting Started Guide Nederlands

Getting Started Guide Nederlands Getting Started Guide Nederlands Inhoud De technologie van PrintShop Mail... 2 Systeemvereisten voor PrintShop Mail... 4 Inhoud van de cd-rom... 5 PrintShop Mail installeren (Windows)... 6 PrintShop Mail

Nadere informatie

PrintShop Mail Professionele software voor het maken van mailings Voor Macintosh en Windows

PrintShop Mail Professionele software voor het maken van mailings Voor Macintosh en Windows PrintShop Mail Professionele software voor het maken van mailings Voor Macintosh en Windows PrintShop Mail is een softwareproduct van: Atlas Software B.V. Daltonstraat 4244 3946 BX Harderwijk Nederland

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding Table Of Contents Over PrintShop Mail... 5 Contactgegevens... 7 PrintShop Mail Help gebruiken... 9 Aan de slag met PrintShop Mail... 9 PrintShop Mail installeren... 11 Wat is er nieuw

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding Inhoudstafel Over PrintShop Mail... 5 Contactgegevens... 7 PrintShop Mail Help gebruiken... 9 PrintShop Mail installeren... 11 Wat is er nieuw in PrintShop Mail?... 13 PrintShop Mail

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding Inhoud Over PrintShop Mail... 5 Contactgegevens... 7 PrintShop Mail Help gebruiken... 9 Getting Started...11 PrintShop Mail installeren...11 Wat is er nieuw in PrintShop Mail?...12

Nadere informatie

D4600 Duplex Photo Printer

D4600 Duplex Photo Printer KODAK D4000 Duplex Photo Printer D4600 Duplex Photo Printer Handleiding printerstuurprogramma januari 2015 TM/MC/MR-licentie van Eastman Kodak Company: Kodak Kodak Alaris Inc. 2400 Mount Read Blvd., Rochester,

Nadere informatie

Voor alle printers moeten de volgende voorbereidende stappen worden genomen: Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom

Voor alle printers moeten de volgende voorbereidende stappen worden genomen: Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom Windows NT 4.x In dit onderwerp wordt het volgende besproken: "Voorbereidende stappen" op pagina 3-24 "Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom" op pagina 3-24 "Andere installatiemethoden" op pagina

Nadere informatie

Migreren naar Access 2010

Migreren naar Access 2010 In deze handleiding Het uiterlijk van Microsoft Access 2010 verschilt aanzienlijk van Access 2003. Daarom hebben we deze handleiding gemaakt, zodat u niet te veel tijd hoeft te besteden aan het leren werken

Nadere informatie

BEKNOPTE HANDLEIDING INHOUD. voor Windows Vista

BEKNOPTE HANDLEIDING INHOUD. voor Windows Vista BEKNOPTE HANDLEIDING voor Windows Vista INHOUD Hoofdstuk 1: SYSTEEMVEREISTEN...1 Hoofdstuk 2: PRINTERSOFTWARE INSTALLEREN ONDER WINDOWS...2 Software installeren om af te drukken op een lokale printer...

Nadere informatie

Versienotities voor de klant Fiery EXP4110, versie 1.1SP1 voor Xerox 4110

Versienotities voor de klant Fiery EXP4110, versie 1.1SP1 voor Xerox 4110 Versienotities voor de klant Fiery EXP4110, versie 1.1SP1 voor Xerox 4110 Dit document beschrijft de upgrade van de Fiery EXP4110-printerstuurprogramma s voor ondersteuning van de optie Lade 6 (Extra groot).

Nadere informatie

Nero AG SecurDisc Viewer

Nero AG SecurDisc Viewer Handleiding SecurDisc Nero AG SecurDisc Informatie over auteursrecht en handelsmerken De handleiding en de volledige inhoud van de handleiding worden beschermd door het auteursrecht en zijn eigendom van

Nadere informatie

2 mei 2014. Remote Scan

2 mei 2014. Remote Scan 2 mei 2014 Remote Scan 2014 Electronics For Imaging. De informatie in deze publicatie wordt beschermd volgens de Kennisgevingen voor dit product. Inhoudsopgave 3 Inhoudsopgave...5 openen...5 Postvakken...5

Nadere informatie

Versienotities voor de klant Xerox EX Print Server Powered by Fiery voor de Xerox igen4 Press, versie 3.0

Versienotities voor de klant Xerox EX Print Server Powered by Fiery voor de Xerox igen4 Press, versie 3.0 Versienotities voor de klant Xerox EX Print Server Powered by Fiery voor de Xerox igen4 Press, versie 3.0 Dit document bevat belangrijke informatie over deze versie. Zorg dat deze informatie bij alle gebruikers

Nadere informatie

Handleiding InCD Reader

Handleiding InCD Reader Handleiding InCD Reader Nero AG Informatie over auteursrecht en handelsmerken De handleiding en de volledige inhoud van de handleiding worden beschermd door het auteursrecht en zijn eigendom van Nero AG.

Nadere informatie

Inhoud Installatie en Setup... 5 IRISCompressor gebruiken... 13

Inhoud Installatie en Setup... 5 IRISCompressor gebruiken... 13 Gebruikshandleiding Inhoud Introductie... 1 BELANGRIJKE OPMERKINGEN... 1 Juridische informatie... 3 Installatie en Setup... 5 Systeemvereisten... 5 Installatie... 5 Activering... 7 Automatische update...

Nadere informatie

Standaard Asta Powerproject Client Versie 13 Installatiedocument v1

Standaard Asta Powerproject Client Versie 13 Installatiedocument v1 Standaard Asta Powerproject Client Versie 13 Installatiedocument v1 22 oktober 2015 Voor vragen of problemen kunt u contact opnemen via: telefoonnummer 030-2729976. Of e-mail naar support@powerproject.nl.

Nadere informatie

Beknopte handleiding. Uw bestanden beheren Klik op Bestand om uw Word-bestanden te openen, op te slaan, af te drukken en te beheren.

Beknopte handleiding. Uw bestanden beheren Klik op Bestand om uw Word-bestanden te openen, op te slaan, af te drukken en te beheren. Beknopte handleiding Microsoft Word 2013 ziet er anders uit dan de vorige versies. Daarom hebben we deze handleiding gemaakt, zodat u sneller vertrouwd raakt met het programma. Werkbalk Snelle toegang

Nadere informatie

Algemene basis instructies

Algemene basis instructies Inhoud: Algemene basis instructies... 2 Pictogrammen en knoppen... 2 Overzicht... 3 Navigeren (bladeren)... 3 Gegevens filteren... 4 Getoonde gegevens... 5 Archief... 5 Album... 5 Tabbladen en velden...

Nadere informatie

Handleiding Visio 2010. www.dubbelklik.nu

Handleiding Visio 2010. www.dubbelklik.nu Handleiding Visio 2010 www.dubbelklik.nu Deze handleiding is onderdeel van Dubbelklik, een lesmethode Technologie, ICT/ Loopbaanoriëntatie en Intersectoraal Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave

Nadere informatie

Handleiding Visio 2013. www.dubbelklik.nu

Handleiding Visio 2013. www.dubbelklik.nu Handleiding Visio 2013 www.dubbelklik.nu Deze handleiding is onderdeel van Dubbelklik, een lesmethode Technologie, ICT/ Loopbaanoriëntatie en Intersectoraal Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave

Nadere informatie

Central Station. CS website

Central Station. CS website Central Station CS website Versie 1.0 18-05-2007 Inhoud Inleiding...3 1 De website...4 2 Het content management systeem...5 2.1 Inloggen in het CMS... 5 2.2 Boomstructuur... 5 2.3 Maptypen... 6 2.4 Aanmaken

Nadere informatie

Hoe download en installeer ik de software 15.2? Lees voordat u begint dit document volledig door en sluit alle programma s af.

Hoe download en installeer ik de software 15.2? Lees voordat u begint dit document volledig door en sluit alle programma s af. Hoe download en installeer ik de software 15.2? Lees voordat u begint dit document volledig door en sluit alle programma s af. Let op! Als u nog offertes hebt opgeslagen in CBS 14.2, kunt u deze alleen

Nadere informatie

Welkom bij BOEKLEZER

Welkom bij BOEKLEZER Welkom bij BOEKLEZER Claro Boeklezer is een boek lezer die gebruikers in staat stelt om PDF bestanden te lezen of laten voorlezen met de ingebouwde schermlezer. Met deze boeklezer is het mogelijk om digitale

Nadere informatie

Word 2010: rondleiding

Word 2010: rondleiding Word 2010: rondleiding Microsoft Word is in de eerste plaats een tekstverwerkingsprogramma, maar er is meer. Men kan standaardbrieven, memoranda, fax, enveloppen, etiketten, en andere types van documenten

Nadere informatie

Je ziet het ontwerpscherm voor je. Ontwerpen is actief en dat zie je aan de linkeronderkant van je scherm net boven de taakbalk.

Je ziet het ontwerpscherm voor je. Ontwerpen is actief en dat zie je aan de linkeronderkant van je scherm net boven de taakbalk. Inhoudsopgave frontpage 2003... 2 een thema gebruiken... 4 afbeeldingen op de pagina zetten... 5 knoppen maken... 8 knoppen maken in linkerframe... 10 een tabel maken... 12 opdrachten... 14 een fotopagina

Nadere informatie

Afdrukken in Calc Module 7

Afdrukken in Calc Module 7 7. Afdrukken in Calc In deze module leert u een aantal opties die u kunt toepassen bij het afdrukken van Calc-bestanden. Achtereenvolgens worden behandeld: Afdrukken van werkbladen Marges Gedeeltelijk

Nadere informatie

Handleiding CMS Online Identity Webontwikkeling. Handleiding CMS

Handleiding CMS Online Identity Webontwikkeling. Handleiding CMS Handleiding CMS 1 Inhoudsopgave 1. Inloggen... 3 2. Het CMS... 3 3. Websitecontent... 4 3.1 Een nieuwe pagina toevoegen... 4 3.2 Een pagina wijzigen... 4 3.3 Een pagina verwijderen... 5 4. De WYSIWYG editor...

Nadere informatie

Installatie van sqlserver

Installatie van sqlserver Installatie van sqlserver Download SQLserver 2005 Express basis van de website van 2work: www.2work.nl, tabblad downloads; beveiligde zone. De inlog gegevens kunnen via de helpdesk aangevraagd worden.

Nadere informatie

HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014

HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014 HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Systeemvereisten... 3 3. Installeren van de software... 4 4. Programma instellingen... 5 5. Importeren van een

Nadere informatie

Installatiehandleiding MF-stuurprogramma

Installatiehandleiding MF-stuurprogramma Nederlands Installatiehandleiding MF-stuurprogramma Cd met gebruikerssoftware.............................................................. 1 Informatie over de stuurprogramma s en de software.............................................

Nadere informatie

Technische nota AbiFire5 Rapporten maken via ODBC

Technische nota AbiFire5 Rapporten maken via ODBC Technische nota AbiFire5 Rapporten maken via ODBC Laatste revisie: 29 juli 2009 Inhoudsopgave Inleiding... 2 1 Installatie ODBC driver... 2 2 Systeeminstellingen in AbiFire5... 3 2.1 Aanmaken extern profiel...

Nadere informatie

Fiery Driver Configurator

Fiery Driver Configurator 2015 Electronics For Imaging, Inc. De informatie in deze publicatie wordt beschermd volgens de Kennisgevingen voor dit product. 16 november 2015 Inhoud 3 Inhoud Fiery Driver Configurator...5 Systeemvereisten...5

Nadere informatie

Remote Back-up Personal

Remote Back-up Personal handleiding Remote Back-up Personal Versie 4 1 INLEIDING... 3 1.1 SYSTEEMEISEN... 3 1.2 BELANGRIJKSTE FUNCTIES... 3 2 INSTALLATIE BACK-UP MANAGER... 4 2.1 VOLLEDIGE DATA BESCHIKBAARHEID IN 3 STAPPEN...

Nadere informatie

Dick Grooters Raadhuisstraat 296 5683 GM Best tel: 0499-392579 e-mail: d.grooters@home.nl. Printen en Scannen

Dick Grooters Raadhuisstraat 296 5683 GM Best tel: 0499-392579 e-mail: d.grooters@home.nl. Printen en Scannen Dick Grooters Raadhuisstraat 296 5683 GM Best tel: 0499-392579 e-mail: d.grooters@home.nl Printen en Scannen Als een nieuwe printer wordt gekocht en onder Windows XP aangesloten zal Windows deze nieuwe

Nadere informatie

DE NETWERKPRINTER INSTALLEREN

DE NETWERKPRINTER INSTALLEREN DE NETWERKPRINTER INSTALLEREN MTSO-INFO-EXTRA 4 VAKGROEP MTSO 2001 Faculteit PSW Universiteit Antwerpen Contact: prof. dr. Dimitri Mortelmans (dimitri.mortelmans@ua.ac.be) Tel : +32 (03) 820.28.53 - Fax

Nadere informatie

Handleiding Nero ImageDrive

Handleiding Nero ImageDrive Handleiding Nero ImageDrive Nero AG Informatie over copyright en handelsmerken De handleiding van Nero ImageDrive en de volledige inhoud van de handleiding zijn auteursrechtelijk beschermd en zijn eigendom

Nadere informatie

Fiery EX4112/4127. Afdrukken uit Mac OS

Fiery EX4112/4127. Afdrukken uit Mac OS Fiery EX4112/4127 Afdrukken uit Mac OS 2007 Electronics for Imaging, Inc. De informatie in deze publicatie wordt beschermd volgens de Kennisgevingen voor dit product. 45064027 07 oktober 2007 INHOUD 3

Nadere informatie

Ga naar http://www.domeinnaam.nl/wp-admin en log in met de gebruikersnaam en wachtwoord verkregen via mail.

Ga naar http://www.domeinnaam.nl/wp-admin en log in met de gebruikersnaam en wachtwoord verkregen via mail. INLOGGEN Ga naar http://www.domeinnaam.nl/wp-admin en log in met de gebruikersnaam en wachtwoord verkregen via mail. Vul hier je gebruikersnaam en wachtwoord in en klik op Inloggen. Bij succesvolle login

Nadere informatie

Afdrukken uit Mac OS. Fiery Network Controller voor DocuColor 240/250

Afdrukken uit Mac OS. Fiery Network Controller voor DocuColor 240/250 Fiery Network Controller voor DocuColor 240/250 Afdrukken uit Mac OS Waar in dit document wordt verwezen naar DocuColor 242/252/260 moet dit DocuColor 240/250 zijn. 2007 Electronics for Imaging, Inc. De

Nadere informatie

Gebruik van het Brother SmartUI Control Center op basis van Windows voor PaperPort 8.0 en Windows XP

Gebruik van het Brother SmartUI Control Center op basis van Windows voor PaperPort 8.0 en Windows XP Gebruik van het Brother SmartUI Control Center op basis van Windows voor PaperPort 8.0 en Windows XP Brother SmartUI Control Center Het Control Center van Brother is een hulpprogramma waarmee u gemakkelijk

Nadere informatie

ZIEZO Remote Back-up Personal

ZIEZO Remote Back-up Personal handleiding ZIEZO Remote Back-up Personal Versie 4 1 INLEIDING... 3 1.1 SYSTEEMEISEN... 3 1.2 BELANGRIJKSTE FUNCTIES... 3 2 INSTALLATIE BACK-UP MANAGER... 4 2.1 VOLLEDIGE DATA BESCHIKBAARHEID IN 3 STAPPEN...

Nadere informatie

INSTALLATIE IN PRINT INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate In Print

INSTALLATIE IN PRINT INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate In Print AAN DE SLAG INSTALLATIE In deze handleiding worden de stappen besproken die doorlopen worden bij het installeren van de volledige versie Communicate In Print LET OP! WANNEER U EERDER EEN VERSIE VAN IN

Nadere informatie

QL-500 QL-560 QL-570 QL-650TD QL-1050

QL-500 QL-560 QL-570 QL-650TD QL-1050 QL-500 QL-560 QL-570 QL-650TD QL-1050 Handleiding voor de installatie van de software Nederlands LB9153001A Inleiding Opties P-touch Editor Printerstuurprogramma P-touch Address Book (uitsluitend Windows

Nadere informatie

BASIS TEKSTBEWERKING deel 2

BASIS TEKSTBEWERKING deel 2 BASIS TEKSTBEWERKING deel 2 Opslaan en openen. Opslaan. Om een tekst document te kunnen bewaren, zult u het moeten opslaan op de harde schijf van uw computer. Het blijft daar dan net zo lang staan tot

Nadere informatie

Microsoft Offi ce OneNote 2003: een korte zelfstudie

Microsoft Offi ce OneNote 2003: een korte zelfstudie Microsoft Offi ce OneNote 2003: een korte zelfstudie Werken met OneNote: zelfstudie 1 MICROSOFT OFFICE ONENOTE 2003 ZORGT VOOR OPTIMALE PRODUCTIVITEIT DOOR EENVOUDIGE VASTLEGGING, EFFICIËNTE ORGANISATIE

Nadere informatie

Hulp krijgen. Systeemberichten. Aanmelden/Afmelden. Pictogrammen op het bedieningspaneel

Hulp krijgen. Systeemberichten. Aanmelden/Afmelden. Pictogrammen op het bedieningspaneel Hulp krijgen Voor informatie/assistentie, raadpleegt u het volgende: Handleiding voor de gebruiker voor informatie over het gebruik van de Xerox 4595. Ga voor online hulp naar: www.xerox.com Klik op de

Nadere informatie

Handleiding Afdrukken samenvoegen

Handleiding Afdrukken samenvoegen Handleiding Afdrukken samenvoegen Versie: 1.0 Afdrukken Samenvoegen Datum: 17-07-2013 Brieven afdrukken met afdruk samenvoegen U gebruikt Afdruk samenvoegen wanneer u een reeks documenten maakt, bijvoorbeeld

Nadere informatie

Qlik Sense Desktop. Qlik Sense 1.1 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden.

Qlik Sense Desktop. Qlik Sense 1.1 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Qlik Sense Desktop Qlik Sense 1.1 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Qlik, QlikTech, Qlik

Nadere informatie

Windows Custom PostScript- of PCL-printerstuurprogramma installeren

Windows Custom PostScript- of PCL-printerstuurprogramma installeren Windows Custom PostScript- of PCL-printerstuurprogramma installeren In dit Leesmij-bestand wordt beschreven hoe u het Custom PostScript-printerstuurprogramma of het PCLprinterstuurprogramma op een Windows-systeem

Nadere informatie

Uw TEKSTEDITOR - alle iconen op een rij

Uw TEKSTEDITOR - alle iconen op een rij Uw TEKSTEDITOR - alle iconen op een rij Hieronder ziet u alle functionaliteiten van uw teksteditor onder elkaar ( op alfabetische volgorde). Afbeelding (zie foto) Bestanden (zie link) Broncode Citaat Documenten

Nadere informatie

Deel 1: PowerPoint Basis

Deel 1: PowerPoint Basis Deel 1: PowerPoint Basis De mogelijkheden van PowerPoint als ondersteunend middel voor een gedifferentieerde begeleiding van leerlingen met beperkingen. CNO Universiteit Antwerpen 1 Deel 1 PowerPoint Basis

Nadere informatie

bron: windows.microsoft.com Dubbelzijdig of enkelzijdig. Grijstinten of kleur. Liggend of staand.

bron: windows.microsoft.com Dubbelzijdig of enkelzijdig. Grijstinten of kleur. Liggend of staand. maandag, 12 juli 2010 13:25 Laatst aangepast vrijdag, 16 juli 2010 bron: windows.microsoft.com Dubbelzijdig of enkelzijdig. Grijstinten of kleur. Liggend of staand. Dit zijn slechts enkele opties die u

Nadere informatie

Handleiding Telewerken met Windows. Inleiding. Systeemvereisten. Inhoudsopgave

Handleiding Telewerken met Windows. Inleiding. Systeemvereisten. Inhoudsopgave Handleiding Telewerken met Windows Inhoudsopgave Inleiding Systeemvereisten Software installatie Inloggen op de portal Problemen voorkomen Probleemoplossingen Inleiding Voor medewerkers van de GGD is het

Nadere informatie

Met Office 2013 vertrouwd raken

Met Office 2013 vertrouwd raken Met Office 2013 vertrouwd raken 1 In dit hoofdstuk leer je hoe je DDe Office-omgeving verkent DDMet Office-bestanden werkt DDNiet-opgeslagen bestanden en versies herstelt DDe gebruikersinterface aanpast

Nadere informatie

Verkorte handleiding. 1. Installeren van Readiris TM. 2. Opstarten van Readiris TM

Verkorte handleiding. 1. Installeren van Readiris TM. 2. Opstarten van Readiris TM Verkorte handleiding Deze Verkorte handleiding helpt u bij de installatie en het gebruik van Readiris TM 15. Voor gedetailleerde informatie over alle mogelijkheden van Readiris TM, raadpleeg het hulpbestand

Nadere informatie

Uw persoonlijke voorkeuren aanpassen. Windows 7

Uw persoonlijke voorkeuren aanpassen. Windows 7 Uw persoonlijke voorkeuren aanpassen Windows 7 1 Uw pc aan uw persoonlijke voorkeuren aanpassen Nieuw bij Windows 7? Hoewel er veel hetzelfde is gebleven ten opzichte van uw vorige versie van Windows,

Nadere informatie

Google Drive: uw bestanden openen en ordenen

Google Drive: uw bestanden openen en ordenen Google Drive: uw bestanden openen en ordenen Gebruik Google Drive om vanaf elke gewenste locatie uw bestanden, mappen, Google-documenten, Google-spreadsheets en Google-presentaties op te slaan en te openen.

Nadere informatie

Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt

Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt Pagina 1 van 56 Inhoud van deze help 1. Algemeen 1.1 Inhoud van deze box. 1.2 Minimum systeemvereisten 2.

Nadere informatie

De indeling van de werkbalken in je browser aanpassen

De indeling van de werkbalken in je browser aanpassen De indeling van de werkbalken in je browser aanpassen U kunt de indeling van Internet Explorer 6 eenvoudig aanpassen aan uw manier van werken U kunt veelgebruikte knoppen aan de werkbalk toevoegen, de

Nadere informatie

Aan de slag met AdminView

Aan de slag met AdminView Aan de slag met AdminView uitgebreide handleiding S for Software B.V. Gildeweg 6 3771 NB Barneveld tel 0342 820 996 fax 0342 820 997 e-mail info@sforsoftware.nl web www.sforsoftware.nl Inhoudsopgave 1.

Nadere informatie

Thuisnetwerk instellen met Windows

Thuisnetwerk instellen met Windows Thuisnetwerk instellen met Windows Een thuisnetwerk kan behoorlijk lastig zijn om in te stellen. Gelukkig heeft Microsoft genoeg hulpmiddelen om alles in goede banen te leiden, of u nu Windows XP, Vista

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Opmerking: het is aanbevolen de verschillende onderdelen te installeren in de volgorde waarin ze op het scherm verschijnen.

Inhoudsopgave. Opmerking: het is aanbevolen de verschillende onderdelen te installeren in de volgorde waarin ze op het scherm verschijnen. Deze Beknopte Gebruiksaanwijzing helpt u bij de installatie en het gebruik van IRIScan Express 3. De meegeleverde software is Readiris Pro 12. Voor gedetailleerde informatie over alle mogelijkheden van

Nadere informatie

De ontwikkelaar heeft het recht om af te zien van verdere ontwikkeling en/of ondersteuning van dit pakket.

De ontwikkelaar heeft het recht om af te zien van verdere ontwikkeling en/of ondersteuning van dit pakket. 1. Licentieovereenkomst BELANGRIJK! LEES DEZE OVEREENKOMST ALVORENS DE SOFTWARE TE INSTALLEREN! Het aanvaarden van deze overeenkomst geeft u het recht tot gebruik van deze software, de software blijft

Nadere informatie

Handleiding Icespy MR software

Handleiding Icespy MR software Handleiding Icespy MR software Versie 4.40.04 Wij danken u voor de aanschaf van deze IceSpy producten en adviseren u om deze handleiding goed door te nemen. 2 INHOUDSOPGAVE: 1. Installeren van de software...

Nadere informatie

Installatiehandleiding HDN Certificaat

Installatiehandleiding HDN Certificaat Installatiehandleiding HDN Certificaat HDN Helpdesk T: 0182 750 585 F: 0182 750 599 M: helpdesk@hdn.nl 1 Inhoudsopgave Installatiehandleiding Inleiding - Het HDN certificaat, uw digitale paspoort...3 Hoofdstuk

Nadere informatie

2.8 Achtergrondinformatie... 67 2.9 Tips... 68

2.8 Achtergrondinformatie... 67 2.9 Tips... 68 Inhoudsopgave Voorwoord... 13 Nieuwsbrief... 13 Introductie Visual Steps... 14 Wat heeft u nodig?... 15 Uw voorkennis... 16 Hoe werkt u met dit boek?... 17 De volgorde van lezen... 18 De schermafbeeldingen...

Nadere informatie

U krijgt de melding dat uw browser geen cookies aanvaardt? Volg dan onderstaande weg om ze wel te accepteren.

U krijgt de melding dat uw browser geen cookies aanvaardt? Volg dan onderstaande weg om ze wel te accepteren. HELP BIJ HET RAADPLEGEN VAN HET PORTAAL HDP Hoe internet-cookies aanvaarden? U krijgt de melding dat uw browser geen cookies aanvaardt? Volg dan onderstaande weg om ze wel te accepteren. Internet Explorer

Nadere informatie

AAN DE SLAG SYMWRITER INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate Symwriter. www.leerhulpmiddelen.nl

AAN DE SLAG SYMWRITER INSTALLEREN. Aan de slag met Communicate Symwriter. www.leerhulpmiddelen.nl AAN DE SLAG AAN DE SLAG Aan de slag met Communicate Symwriter Symwriter, schrijven met symbolen, is een eenvoudige tekstverwerker, voor kinderen die beginnen met leren lezen en schrijven. De symbolen verschijnen

Nadere informatie

Van Dale Elektronisch groot woordenboek versie 4.5 activeren en licenties beheren

Van Dale Elektronisch groot woordenboek versie 4.5 activeren en licenties beheren De nieuwste editie van dit document is altijd online beschikbaar: Activeren en beheren licenties Inhoudsopgave Van Dale Elektronisch groot woordenboek versie 4.5 activeren Automatisch activeren via internet

Nadere informatie

SOFTWAREHANDLEIDING. P-touch P700

SOFTWAREHANDLEIDING. P-touch P700 SOFTWAREHANDLEIDING P-touch P700 P-touch P700 De inhoud van deze handleiding en de specificaties van het product kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden aangepast. Brother behoudt zich het recht

Nadere informatie

Versienotities voor de klant Fiery EX4112/4127, versie 2.5

Versienotities voor de klant Fiery EX4112/4127, versie 2.5 Versienotities voor de klant Fiery EX4112/4127, versie 2.5 Dit document bevat informatie over de Fiery EX4112/4127 versie 2.5. Voordat u de Fiery EX4112/4127 gebruikt, moet u een kopie maken van deze Versienotities

Nadere informatie

Outlookkoppeling installeren

Outlookkoppeling installeren Outlookkoppeling installeren Voordat u de koppeling kunt installeren, moet outlook afgesloten zijn. Stappenplan Controleer of het bestand VbaProject.OTM aanwezig is. (zie 3.2) Controleer of de map X:\RADAR\PARAMETERS\

Nadere informatie

Deze verkorte handleiding helpt u om aan de slag te gaan met de IRIScan TM Mouse Executive 2.

Deze verkorte handleiding helpt u om aan de slag te gaan met de IRIScan TM Mouse Executive 2. Deze verkorte handleiding helpt u om aan de slag te gaan met de IRIScan TM Mouse Executive 2. De procedures in deze handleiding zijn gebaseerd op de besturingssystemen Windows 7 en Mac OS X Mountain Lion.

Nadere informatie

Standaard Asta Powerproject Client Versie 12 Installatiedocument v1

Standaard Asta Powerproject Client Versie 12 Installatiedocument v1 Standaard Asta Powerproject Client Versie 12 Installatiedocument v1 4 september 2012 Voor vragen of problemen kunt u contact opnemen via telefoonnummer 030-2729976. Of e-mail naar support@powerproject.nl.

Nadere informatie

System Updates Gebruikersbijlage

System Updates Gebruikersbijlage System Updates Gebruikersbijlage System Updates is een hulpprogramma van de afdrukserver dat de systeemsoftware van uw afdrukserver met de recentste beveiligingsupdates van Microsoft bijwerkt. Het is op

Nadere informatie

Sharpdesk Mobile V1.1 Gebruikershandleiding

Sharpdesk Mobile V1.1 Gebruikershandleiding Sharpdesk Mobile V1.1 Gebruikershandleiding Voor de iphone SHARP CORPORATION April 27, 2012 1 Inhoudsopgave 1 Overzicht... 3 2 Ondersteunde besturingssystemen... Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 3 Installatie

Nadere informatie

Zorgmail handleiding. Inhoud

Zorgmail handleiding. Inhoud Inhoud 1. Beginnen met Zorgmail pag. 2 2. Het instellen van Zorgmail pag. 2 3. Het gebruik van Zorgmail m.b.t. Artsen pag. 3 4. Het aanpassen van de lay-out van Zorgmail pag. 4 5. Werken met Zorgmail pag.

Nadere informatie

Voorbeelden van workflows

Voorbeelden van workflows 2014 Electronics For Imaging. De informatie in deze publicatie wordt beschermd volgens de Kennisgevingen voor dit product. 9 juni 2014 Inhoud 3 Inhoud Voorbeelden van het afdrukken van workflows voor de

Nadere informatie

Graag voor gebruik lezen. Borduurwerk editing software. Installatiegids

Graag voor gebruik lezen. Borduurwerk editing software. Installatiegids Graag voor gebruik lezen Borduurwerk editing software Installatiegids Lees eerst het volgende voordat u het cdrompakket opent Hartelijk dank voor de aanschaf van deze software. Lees de onderstaande Productovereenkomst

Nadere informatie

E-MAILS VERZENDEN MET AFDRUK SAMENVOEGEN

E-MAILS VERZENDEN MET AFDRUK SAMENVOEGEN E-MAILS VERZENDEN MET AFDRUK SAMENVOEGEN Met E-mail samenvoegen voor Word en Outlook kunt u o.a. een brochure of nieuwsbrief maken en deze per e-mail verzenden naar uw Outlook-lijst met contactpersonen

Nadere informatie

Resusci Anne Skills Station

Resusci Anne Skills Station MicroSim Frequently Asked Questions 1 Resusci Anne Skills Station Resusci_anne_skills-station_installation-guide_sp7012_NL.indd 1 24/01/08 13:06:06 2 Resusci_anne_skills-station_installation-guide_sp7012_NL.indd

Nadere informatie

Inwerkboek Fa MOS. Gilde Kleur. Versie voorjaar 2011

Inwerkboek Fa MOS. Gilde Kleur. Versie voorjaar 2011 Versie voorjaar 2011 INHOUDSOPGAVE 1. VEREISTE HARDWARE SPECIFICATIES... 2 2. INSTALLATIE FA MOS... 2 3. BEELDSCHERM INSTELLEN... 3 4. DE KLEURENWAAIERS... 4 5. HET MARKEREN VAN FOTO S... 6 6. EEN FOTO

Nadere informatie

OneTouch ZOOM Pro Diabetes Management Software met SnapShot. Installatiehandleiding. Installatieprocedure

OneTouch ZOOM Pro Diabetes Management Software met SnapShot. Installatiehandleiding. Installatieprocedure OneTouch ZOOM Pro Diabetes Management Software met SnapShot Installatiehandleiding Installatieprocedure 1. Plaats de OneTouch Zoom Pro installatie-cd in de cd-rom-lezer. OPMERKING: Als u het programma

Nadere informatie

Inhoudsopgave Voorwoord 5 Nieuwsbrief 5 Introductie Visual Steps 6 Wat heeft u nodig? 6 Uw voorkennis 7 Hoe werkt u met dit boek?

Inhoudsopgave Voorwoord 5 Nieuwsbrief 5 Introductie Visual Steps 6 Wat heeft u nodig? 6 Uw voorkennis 7 Hoe werkt u met dit boek? Inhoudsopgave Voorwoord... 5 Nieuwsbrief... 5 Introductie Visual Steps... 6 Wat heeft u nodig?... 6 Uw voorkennis... 7 Hoe werkt u met dit boek?... 7 Toets uw kennis... 8 Voor docenten... 8 Website...

Nadere informatie

Printersoftware. De printersoftware. De Epson-software bevat de software voor de printerdriver en EPSON Status Monitor 3.

Printersoftware. De printersoftware. De Epson-software bevat de software voor de printerdriver en EPSON Status Monitor 3. Printersoftware De printersoftware De Epson-software bevat de software voor de printerdriver en EPSON Status Monitor 3. De printerdriver is de software waarmee u via uw computer de printer kunt besturen.

Nadere informatie

Qlik Sense Desktop. Qlik Sense 2.1.1 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden.

Qlik Sense Desktop. Qlik Sense 2.1.1 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Qlik Sense Desktop Qlik Sense 2.1.1 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Qlik, QlikTech, Qlik

Nadere informatie

INSTALLATIE HANDLEIDING

INSTALLATIE HANDLEIDING INSTALLATIE HANDLEIDING REKENSOFTWARE MatrixFrame MatrixFrame Toolbox MatrixGeo 1 / 9 SYSTEEMEISEN Werkstation met minimaal Pentium 4 processor of gelijkwaardig Beeldschermresolutie 1024x768 (XGA) Windows

Nadere informatie

Menu. Open een document. Zoomen. Het Claro Boeklezer's menubalk bevat een aantal nuttige functies.

Menu. Open een document. Zoomen. Het Claro Boeklezer's menubalk bevat een aantal nuttige functies. Welkom Claro Boeklezer is een boek lezer die gebruikers in staat stelt om PDF bestanden te lezen of laten voorlezen met de ingebouwde schermlezer. Met deze boeklezer is het mogelijk om digitale boeken

Nadere informatie

Qlik Sense Desktop. Qlik Sense 2.0.4 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden.

Qlik Sense Desktop. Qlik Sense 2.0.4 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Qlik Sense Desktop Qlik Sense 2.0.4 Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Copyright 1993-2015 QlikTech International AB. Alle rechten voorbehouden. Qlik, QlikTech, Qlik

Nadere informatie

Studio Visual Steps Een formulier maken

Studio Visual Steps Een formulier maken Studio Visual Steps Een formulier maken Aanvullend PDF-bestand bij het boek Websites bouwen met Web Easy Een formulier maken 2 Een formulier maken Een bijzonder onderdeel van een website is het formulier.

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding . Gebruikershandleiding Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3 1.1 Wat is Citrix?... 3 1.2 Voordelen van Citrix... 3 1.3 Wat heeft u nodig om toegang te krijgen... 3 2 Systeemeisen... 4 2.1 Ondersteunde Web browsers...

Nadere informatie

Gebruikershandleiding Oefenboek voor groepen. Bohn Stafleu van Loghum

Gebruikershandleiding Oefenboek voor groepen. Bohn Stafleu van Loghum Gebruikershandleiding Oefenboek voor groepen Bohn Stafleu van Loghum Inhoudsopgave 1. Opstarten cd rom na installatie 3 2. Zoeken in de cd rom Oefenboek voor groepen 5 1. Zoekopdracht 5 2. Geavanceerde

Nadere informatie

Inloggen blz 3. Artikel invoeren blz 4. Werkbalk Tekst blz 6. Afbeelding invoeren blz 6 - uit beeldbank Vrouwen van Nu. Externe link invoeren blz 9

Inloggen blz 3. Artikel invoeren blz 4. Werkbalk Tekst blz 6. Afbeelding invoeren blz 6 - uit beeldbank Vrouwen van Nu. Externe link invoeren blz 9 Inhoud: Inloggen blz 3 Artikel invoeren blz 4 Werkbalk Tekst blz 6 Afbeelding invoeren blz 6 - uit beeldbank Vrouwen van Nu Externe link invoeren blz 9 Afbeelding invoeren blz 10 - uit de map Mijn afbeeldingen

Nadere informatie

Het Wepsysteem. Het Wepsysteem wordt op maat gebouwd, gekoppeld aan de gewenste functionaliteiten en lay-out van de site. Versie september 2010

Het Wepsysteem. Het Wepsysteem wordt op maat gebouwd, gekoppeld aan de gewenste functionaliteiten en lay-out van de site. Versie september 2010 Het Wepsysteem Het Wepsysteem is een content management systeem, een systeem om zonder veel kennis van html of andere internettalen een website te onderhouden en uit te breiden. Met het Content Management

Nadere informatie

Word 2013 Snelstartgids

Word 2013 Snelstartgids Microsoft Word 2013 ziet er anders uit dan de vorige versies. Daarom hebben we deze handleiding gemaakt, zodat u sneller vertrouwd raakt met het programma. Pagina 1 van 6 Wanneer u Word 2013 voor het eerst

Nadere informatie