Groene kolen. Hiteq. CO 2. -afvang en -opslag: een schone zaak? Erik Teerhuis. Domein Technologie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Groene kolen. Hiteq. www.hiteq.org CO 2. -afvang en -opslag: een schone zaak? Erik Teerhuis. Domein Technologie"

Transcriptie

1 centrum van innovatie Hiteq Hiteq, centrum van innovatie, wil komen tot duurzame vernieuwing. Het centrum richt zich daarbij op technische beroepen en opleidingen. Hiteq wil ondernemingen en onderwijsinstellingen met concepten, modellen en visies ondersteunen bij het richting geven aan hun strategische beleid en toepassen van innovatie. Daarvoor ontwikkelt het centrum toekomstscenario s; visies op een toekomst die mogelijk gaat ontstaan. Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Erik Teerhuis Domein Technologie Juli 2007 Uitgave: december Opdrachtgever Hiteq, centrum van innovatie Programmaleider Technologie Ir. Daan Maatman

2 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Erik Teerhuis Opdrachtgever Hiteq, centrum van innovatie Programmaleider Technologie Ir. Daan Maatman Domein: Technologie Juli 2007 Uitgave: december 2007

3 Hiteq Hiteq, centrum van innovatie, wil komen tot duurzame vernieuwing. Het centrum richt zich daarbij op technische beroepen en opleidingen. Hiteq wil ondernemingen en onderwijsinstellingen met concepten, modellen en visies ondersteunen bij het richting geven aan hun strategische beleid en toepassen van innovatie. Daarvoor ontwikkelt het centrum toekomstscenario s; visies op een toekomst die mogelijk gaat ontstaan. Hiteq doet dat door kennis te ontsluiten, te combineren en te verrijken en werkt daarbij samen met specialisten uit de wetenschap, het onderwijs en ondernemingen. Ontwikkelingen in vernieuwingsgebieden zijn vaak niet in afgebakende domeinen te vangen. Er is samenhang en wederzijdse beïnvloeding. Om enige richting te bepalen, hanteert Hiteq vier domeinen: Maatschappij Onderneming en arbeid Onderwijs Technologie Hiteq zoekt nadrukkelijk de verbanden tussen de domeinen, omdat de ontwikkelingen als geheel van invloed zijn op leren en werken in technische beroepen. Deze Hiteqpublicatie valt binnen het domein Technologie. Hiteq is een initiatief van Kenteq Deze publicatie is een bewerking van een onderzoeksverslag in het kader van de masteropleiding Management, Policyanalysis & Entrepreneurship van de Vrije Universiteit van Amsterdam. Opdrachtgever: Hiteq, centrum van innovatie Programmaleider: ir. Daan Maatman

4 Inhoudsopgave Samenvatting 7 1 Inleiding 13 2 Theoretische achtergrond Technologische innovatie Het innovatiesysteem Systeemfuncties Methode 24 Sectie Technologieën Afvang Afvang ná de verbranding (postcombustion) Verbranding met zuurstof (oxyfuel) Risico s van afvang Transport Opslag 34 4 Niettechnologische factoren Het sociale veld Beleid en wetgeving Activiteiten 47 Sectie Kansen Emissiereductie Kennispositie Geografische positie Opslagcapaciteit 56

5 6 Bedreigingen Publieke acceptatie Veiligheid Afhankelijkheid Hernieuwbare energie 61 Samenvatting Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Erik Teerhuis 7 Het innovatieproces Onderzoek en ontwikkeling Demonstraties Commercialisatie Marktaanpassing Diffusie 68 8 Systeemfuncties 71 9 Beleidsinstrumenten Technologypushinstrumenten Marketpullinstrumenten Conclusies en aanbevelingen De huidige situatie De toekomst Aanbevelingen 84 Bijlagen 87 1 Achtergrond van acties op klimaat en energiegebied 88 De Nederlandse energievoorziening is voor een belangrijk deel afhankelijk van fossiele brandstoffen, namelijk gas, olie en kolen. Bij de verbranding van fossiele brandstoffen komt het broeikasgas koolstofdioxide ( ) vrij. Dit broeikasgas wordt gezien als de belangrijkste oorzaak van klimaatveranderingen. Daarnaast spelen er een aantal problemen die samenhangen met het energieverbruik. Het mondiale energieverbruik neemt toe, en zolang er gebruik wordt gemaakt van fossiele brandstoffen om energie op te wekken, zou dit gevolgen kunnen hebben voor het klimaat. Ook nemen de energievoorraden af. Verder zijn veel fossiele brandstoffen aanwezig in politiek instabiele landen. Dit zorgt voor afhankelijkheid van deze landen, waardoor er onzekerheid over de energievoorziening ontstaat. Om mondiaal de gevolgen van klimaatverandering te beperken is het Kyotoprotocol opgesteld. Landen hebben zich in dit protocol verbonden aan doelstellingen om de uitstoot van broeikasgassen te beperken. Ook Nederland heeft zich verbonden aan deze doelstelling en moet zijn uitstoot van broeikasgassen verminderen. Nederland kan deze reductie bereiken door minder energie te verbruiken, door over te stappen op hernieuwbare energie en door op een zo schoon mogelijke manier gebruik te maken van de fossiele brandstoffen. Voor deze laatste optie (schoon fossiel) is er de afgelopen jaren een groeiende interesse. 2 Kennisnetwerken 90 3 Projecten 91 4 Efficiëntie van bestaande energiecentrales 93 Bronnen 95 Afkortingen 99 Schoon fossiel wordt gekenmerkt door de bestrijding van de gevolgen van het verbruik van fossiele brandstoffen. Dit kan gebeuren door uit de rookgassen te verwijderen (af te vangen) en deze te transporteren naar een opslagplaats. Deze opslagplaats kan een leeg gas of olieveld zijn of bestaan uit onmijnbare kolenlagen of zoutwaterhoudende waterlagen. Andere opties zijn technisch mogelijk maar economisch nog niet haalbaar. Om de mogelijkheden en onmogelijkheden van schoon fossiel voor Nederland te bepalen, zijn, met deze achtergrond, de volgende onderzoeksvragen geformuleerd: Colofon 100 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 7

6 1. 2. Wat zijn voor Nederland de kansen en bedreigingen op het gebied van schoon fossiel als een toekomstige energievoorziening? Wat is de mogelijke impact van schoon fossiel op sociaal en technologisch gebied? In deze publicatie is een onderverdeling gemaakt in twee secties. In de eerste sectie worden de activiteiten in de huidige situatie onderzocht, in de tweede sectie komt de weg naar de toekomst aan de orde. Hierbij is gebruik gemaakt van de theorie over het innovatiesysteem. Innovaties kunnen worden beschouwd als de uitkomst van een innovatiesysteem. Het proces dat hiermee samenhangt, kan worden onderverdeeld in zes fasen: fundamentele R&D, toegepaste R&D, demonstraties, commercialisatie, marktaanpassing en diffusie. Per fase wordt beschreven wat er nodig kan zijn om te komen tot commerciële volwassenheid van schoon fossiel. Daarnaast zijn de activiteiten op het gebeid van schoon fossiel, die zich in de huidige situatie afspelen, aan de hand van de systeemfuncties geanalyseerd. De aanwezigheid van de verschillende systeemfuncties is een maat voor de ontwikkeling in het innovatieproces rond schoon fossiel. Naarmate er meerdere activiteiten plaatsvinden, is de kans op het succesvol doorlopen van dit proces groter. De huidige situatie is beschreven aan de hand van informatie uit een literatuuronderzoek. Verder is informatie gebruikt die ingewonnen is tijdens congressen. Hierbij komen zowel technische als niettechnische aspecten van schoon fossiel aan bod. Daarnaast worden diverse activiteiten op het gebied van schoon fossiel genoemd, evenals een aantal intenties tot activiteiten. Verder zijn de actoren geïnventariseerd die betrokken zijn bij het thema schoon fossiel en zijn hun rollen en belangen onderzocht. Vanuit het perspectief van de huidige situatie kan worden beschreven welke kansen en bedreigingen er voor de toekomst zijn. Daarbij is de impact van die kansen en bedreigingen onderzocht. Tevens zijn de beleidsinstrumenten onderzocht die de overheid kan inzetten. In dit kader is een aantal experts met verschillende achtergronden geïnterviewd, waarbij de semigestructureerde interviewmethode is gebruikt. Tijdens de diepteinterviews werden de experts op hun vakgebied bevraagd over mogelijke en noodzakelijke ontwikkelingen om schoon fossiel marktrijper te maken. Verder kwamen de kansen, bedreigingen en impacts van schoon fossiel aan bod. (Zie voor een meer gedetailleerde beschrijving van de gebruikte methode: Teerhuis, juli 2007). De huidige situatie Uit de analyse van de maatschappelijke achtergrond komt naar voren dat er een verschuiving van waarden is opgetreden, waardoor schoon fossiel als klimaatmaatregel belangrijk is geworden. De waarde van schoon fossiel voor het milieu is toegenomen en de waarde voor economische ontwikkeling is daarmee veranderd in de waarde voor duurzame economische ontwikkeling. Deze verandering heeft ertoe geleid dat er momenteel een klein aantal commerciële, grootschalige projecten plaatsvindt. Daarnaast lijkt er een trend te zijn waarbij er een toenemend aantal activiteiten ondernomen wordt. Op onderzoeksgebied is er in Nederland het programma CATO waarin diverse bedrijven, onderzoeksinstellingen, universiteiten en milieuorganisaties deelnemen. Daarnaast zijn enkele Nederlandse organisaties actief in internationale kennisnetwerken. Op beleidsgebied zijn er nationale en Europese intenties om schoon fossiel meer te ondersteunen, met name in de precompetitieve fase. Ook op juridisch gebied zijn er mondiaal activiteiten om opslag van mogelijk te maken. De technieken die nodig zijn bij schoon fossiel worden al toegepast in de olieindustrie en de chemische industrie. De afvangtechnieken zijn daarmee beschikbaar, maar de toepassing bij energiecentrales is vanuit kostenoverwegingen commercieel nog niet interessant. Onderzoek naar afvangtechnieken is noodzakelijk om kostenreducties te bereiken. Ook de benodigde transporttechnieken zijn beschikbaar, en ervaring met transport door pijpleidingen is aanwezig. Opslagmogelijkheden van zijn er in Nederland vooral in aardgasvelden, maar er zijn ook mogelijkheden voor opslag in aquifers, aardolievelden en kolenlagen. Om risico s te beperken is nog een beter inzicht nodig in het gedrag van als het is opgeslagen. De toekomst Er kan een aantal algemene opmerkingen worden gemaakt die een keuze voor schoon fossiel legitimeren. Het toepassen van schoon fossiel zal gepaard gaan met het gebruik van kolen, waarvan de reserves wereldwijd groter en evenwichtiger verdeeld zijn dan die van olie en gas. Dit betekent dat er meer zekerheid voor de energievoorziening gecreëerd kan worden. Daarnaast past schoon fossiel in de huidige energievoorziening: er zijn bijvoorbeeld weinig institutionele barrières die implementatie van de techniek hinderen. Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak?

7 Voor Nederland is er een aantal kansen op het gebied van schoon fossiel. Nederland heeft gunstige bodemeigenschappen en een relatief groot opslagpotentieel, voldoende om gedurende decennia de eigen uitstoot van op te slaan. Verder heeft Nederland een gunstige geografische positie ten opzichte van gebieden in Europa waar veel uitstoot van plaatsvindt. Als het afvangen van internationaal zal worden toegepast, kan Nederland binnen Europa een belangrijke rol gaan vervullen op het gebied van transport en opslag. Daarnaast heeft Nederland een goede internationale kennispositie op deelgebieden van schoon fossiel. Zo neemt Nederland in de vergassings, scheidingsen verbrandingstechnologie een vooraanstaande plaats in. Het behouden van deze positie kan, bij wereldwijde toepassing van schoon fossiel, kennisexport en daarmee een economische impact opleveren. Er kan bedrijvigheid ontstaan op een aantal deelgebieden en er kan een impact op de werkgelegenheid ontstaan; binnen de technische beroepen vertaalt zich dit naar de bouw en installatiesector. Naast de kansen zijn er voor Nederland ook bedreigingen. De publieke acceptatie speelt een rol bij grootschalige toepassing van de techniek. Om deze te bevorderen dienen de onzekerheden voor de samenleving op het gebied van veiligheid te worden weggenomen. Richtlijnen voor monitoring en controle bij de opslag van kunnen de risico s verminderen. Op de lange termijn kan de afhankelijkheid van opslaglocaties een rol gaan spelen. Deze bedreiging geldt niet voor Nederland, omdat er in Nederland veel potentiële opslagcapaciteit is. Wel zorgt de toepassing van schoon fossiel voor een toenemende afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. De extra energie die nodig is om af te vangen, vertaalt zich namelijk in extra verbruik van brandstoffen. Nog een bedreiging is het mogelijke uitstel van toepassing van hernieuwbare energie. Doordat op een relatief schone manier gebruik kan worden gemaakt van fossiele brandstoffen, zouden investeringen in de aan schoon fossiel gerelateerde technieken ten koste kunnen gaan van technieken die gericht zijn op het gebruik van hernieuwbare energie. Gezien de door de Nederlandse overheid geformuleerde doelstelling voor de reductie van broeikasgassen lijkt de gedeeltelijke inzet van schoon fossiel voor binnenlandse emissiereductie, mits kosteneffectief, legitiem. Om toepassing van de technologie mogelijk te maken, is minimalisatie van onzekerheden op het gebied van technologie, wetgeving en markt noodzakelijk. De overheid kan de techniek ondersteunen met een mix van subsidies en marktgestuurde instrumenten. Naarmate de techniek commercieel volwassener wordt, zou marktwerking ervoor moeten zorgen dat verdere implementatie gerealiseerd wordt. Het is noodzakelijk dat de beperking van emissies door afvang, transport en opslag van als instrument in het emissiehandelssysteem wordt opgenomen. Dit marktgestuurde instrument zou op de lange termijn kosteneffectief gebruik van schoon fossiel mogelijk kunnen maken. Als schoon fossiel wordt toegepast, kan Nederland op de korte termijn de eigen emissies opslaan. Bronnen waar de geconcentreerd vrijkomt, komen daarbij het eerst voor afvang in aanmerking. Daarna volgt toepassing bij nieuwe energiecentrales en later bij bestaande centrales en industrieën. Op de middellange termijn kan Nederland, bij daarop gericht overheidsbeleid, faciliterend optreden als doorvoerland voor. De afkomstig van puntbronnen uit buurlanden kan getransporteerd worden naar opslagplaatsen op het Nederlandse grondgebied of op het Continentaal Plat. Op de lange termijn in de loop van de tweede helft van deze eeuw als het Groningenveld beschikbaar komt, kan Nederland fungeren als grootschalig opslaggebied voor. Aanbevelingen Om de ontwikkeling in het innovatieproces positief te beïnvloeden, zijn de volgende aanbevelingen geformuleerd: Investeren in kennisontwikkeling om op de korte termijn kostenreducties te bereiken en om het behoud van de internationale kennispositie veilig te stellen. De aanleg van een transportinfrastructuur om marktpartijen te stimuleren om af te vangen. Beslissingen nemen over prikkelmechanismen om marktpartijen duidelijkheid te bieden over de ingeslagen weg; partijen ondersteunen die snel gebruik willen maken van de techniek. Draagvlak creëren onder zoveel mogelijk actoren om de legitimiteit van de methode te vergroten. 10 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 11

8 1 Inleiding De huidige mondiale energiebehoefte is enorm en voorspellingen geven aan dat deze behoefte nog zal toenemen. De behoefte is de laatste 25 jaar verdubbeld, en het lijkt erop dat deze trend zich zal voortzetten door de sterk groeiende economieën van onder andere China en India (IEA, 2006). Het aandeel van de fossiele brandstoffen bij het opwekken van energie is groot, en volgens de voorspellingen zal dit nog enkele decennia zo blijven (IEA, 2006). De bij de verbranding van fossiele brandstoffen optredende uitstoot van het broeikasgas koolstofdioxide ( ) is daardoor eveneens groot. Sinds het begin van de Industriële Revolutie is de concentratie in de atmosfeer met ongeveer 30% toegenomen ten opzichte van duizend jaar daarvoor (IPCC, 2007). Deze explosieve toename van de concentratie wordt gezien als de belangrijkste oorzaak van klimaatverandering. De problemen die op energie en klimaatgebied spelen, hebben geleid tot een verandering van waarden. Sinds de Industriële Revolutie is economische ontwikkeling belangrijk geweest, waarbij er weinig waarde werd gehecht aan het milieu. Door onder andere de klimaatproblemen is de waarde die aan het milieu wordt gehecht, toegenomen (deze verschuiving van waarden komt in bijlage 1 uitgebreider aan de orde). Om mondiaal de impact van de klimaatveranderingen te beperken is in 1997, als aanvulling op het Klimaatverdrag, het Kyotoprotocol opgesteld, dat pas in februari 2005 in werking trad. Doelstelling van het Kyotoprotocol is om in de periode een mondiale reductie van 5,2% uitstoot van broeikasgassen te bewerkstelligen ten opzichte van De EU kijkt nog verder en heeft ambitieuze doelstellingen. Zij heeft bepaald dat de uitstoot van broeikasgassen in de industrielanden in 2020 met ongeveer 30% beperkt moet worden ten opzichte van 1990 om een temperatuurstijging groter dan 2 C te voorkomen. Om deze reductiedoelstellingen te kunnen bereiken zijn maatregelen nodig. Naast energiebesparing en de toepassing van duurzame energie is schoon fossiel één van de maatregelen waarmee de reductiedoelstelling behaald zou kunnen worden. Schoon fossiel is het opwekken van energie met fossiele brandstoffen, waarbij uit de rookgassen wordt verwijderd (afgevangen) en opgeslagen. 12 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 13

9 Het afvangen van vindt bij voorkeur plaats bij bronnen die rookgassen uitstoten met een hoge concentratie, met name bij elektriciteitscentrales en diverse industrieën. De afgevangen kan worden opgeslagen in lege gas en olievelden, in zoutwaterhoudende grondlagen (aquifers) en in onwinbare kolenlagen. Voor Nederland is met name de opslag in lege aardgasvelden interessant. Nederland is, met alle andere geïndustrialiseerde landen, voor zijn energiesysteem afhankelijk geworden van fossiele brandstoffen. Hierdoor zijn economische, technologische en institutionele barrières ontstaan die niet snel vanuit het systeem zelf zullen veranderen en die omschakeling naar koolstofarme methoden en technieken afremmen. Deze situatie wordt aangeduid als de koolstoflockin (Unruh, 2002). Het afvangen en opslaan van maakt het mogelijk om bij het (onvermijdelijke) gebruik van fossiele brandstoffen een substantiële emissiereductie te bereiken. Toegepast op centrales waar op grote schaal biomassa als brandstof wordt gebruikt, levert dit zelfs negatieve emissies op. Gedurende het gebruik van deze methode kunnen energieefficiëntere en schonere methodes worden ontwikkeld. Dit zouden toepassingen met hernieuwbare energie kunnen zijn of nucleaire (fusie)toepassingen, die op de lange termijn leiden tot een duurzaam energiesysteem. Ook voor mogelijk toekomstig gebruik van waterstof kan schoon fossiel uitkomst bieden en als brugfunctie dienen. Waterstof kan worden geproduceerd uit fossiele brandstoffen, waarbij tegen relatief lage kosten kan worden afgevangen en opgeslagen. Dit zou gedaan kunnen worden totdat waterstof met hernieuwbare energie of op een andere duurzame manier kan worden verkregen. Schoon fossiel kan worden toegepast bij het afvangen en opslaan van van kolencentrales. De kolen worden dan op een groene manier gebruikt. Daarbij komt dat de kolenreserves wereldwijd veel groter zijn dan de aardolie en aardgasreserves, en dat ze zich bevinden in politiek stabielere landen. Dit geeft meer zekerheid voor de energievoorziening. Om op korte termijn reducties te bereiken, moeten op beleidsniveau keuzes worden gemaakt omtrent de weg die moet worden ingeslagen. Hierbij spelen verwachtingen over de te gebruiken methode een rol, maar ook de obstakels zijn belangrijk. Het traject naar het gebruik van schoon fossiel als energievoorziening in de toekomst is complex omdat er veel spelers uit verschillende disciplines bij betrokken zijn. Het traject kent bovendien een aantal obstakels, maar het biedt ook kansen voor Nederland. Daarom is het belangrijk dat de mogelijkheden en onmogelijkheden van schoon fossiel in kaart worden gebracht: op technisch, economisch, sociaal en juridisch gebied. Naast de nationale kansen zijn de randvoorwaarden belangrijk waaronder schoon fossiel toepasbaar kan worden gemaakt. Binnen het kader van deze achtergrond zijn daarom de volgende onderzoeks vragen gedefinieerd: Wat zijn voor Nederland de kansen en bedreigingen op het gebied van schoon fossiel als een toekomstige energievoorziening? Wat is de mogelijke impact van schoon fossiel op sociaal en technologisch gebied? In het transitieproces naar het gebruik van duurzame energie staat energieinnovatie centraal. Duurzame energie is nog duur. Daarom is het wenselijk om tijdens dit transitieproces alternatieven aan te spreken. Bij het nemen van stappen in de transitie spelen de voorzieningszekerheid van energie en het klimaatbeleid een grote rol. Schoon fossiel kan worden gebruikt om de voorzieningszekerheid te waarborgen en om aan het klimaatbeleid tegemoet te komen. Daarmee is het gebruik van schoon fossiel een maatregel waarmee de transitie deels kan worden bereikt. De voorzieningszekerheid is belangrijk omdat de afhankelijkheid van politiek instabiele landen die aardolie en aardgas produceren momenteel groot is. Europa is momenteel voor ongeveer de helft van zijn elektriciteitsproductie afhankelijk van fossiele brandstoffen. Bij deze onderzoeksvragen zijn de volgende studievragen opgesteld: Welke actoren zijn betrokken bij het thema schoon fossiel en wat is hun rol en belang bij schoon fossiel? Welke technologische en niettechnologische factoren zijn van invloed op toepassing van schoon fossiel? Wat is de impact van schoon fossiel op technische beroepen? Welke prikkelmechanismen kunnen worden gebruikt om de introductie van schoon fossiel te stimuleren? 14 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 15

10 Bij de onderzoeksvragen is voor dit onderzoek de volgende doelstelling geformuleerd: Inzicht krijgen in de mogelijkheden en de impact van schoon fossiel als energievoorziening voor Nederland en het maken van een daarop gebaseerd overzicht van gefundeerde aanbevelingen. 2 Theoretische achtergrond In dit hoofdstuk wordt eerst de achtergrond van technologische innovatie beschouwd. Er komen daarbij twee theorieën aan de orde: de marketpulltheorie en de technologypushtheorie. Daarna wordt beschreven hoe technologische ontwikkelingen onderzocht kunnen worden aan de hand van de verschillende fasen binnen een innovatieproces. Vervolgens wordt aangegeven hoe aan de hand van eigenschappen van het systeem waarbinnen innovaties plaatsvinden, de verschuivingen in een innovatieproces kunnen worden onderzocht. 2.1 Technologische innovatie Technologische innovatie is al sinds de Industriële Revolutie van belang bij modernisering. Innovatie wordt namelijk belangrijk gevonden bij het bereiken van economische vooruitgang (Dosi, 1982). Daarmee is innovatie nationaal belangrijk voor de ontwikkeling van een land. Het stimuleren van innovatie is nog altijd een moeilijk proces; richting geven aan innovatie is wellicht nog moeilijker (Hekkert et al., 2006). Innovatie wordt hier als volgt gedefinieerd (Rip en Kemp, 1998; Foxon et al., 2005): Innovatie is een dynamisch en nietlineair proces waarbij onzekerheden, en interacties tussen technologische en institutionele factoren een rol spelen. Bij dit proces vindt er interactie plaats tussen vele actoren in een hiërarchie met gespecificeerde grenzen. In de situatie van schoon fossiel betekent dit dat men te maken heeft met de hiërarchie in de energiewereld. Het proces is dynamisch omdat technologische en institutionele veranderingen voorkomen op verschillende niveaus en op verschillende tijdstippen. Individuele technologieën kunnen snel veranderen, terwijl technologische systemen relatief langzaam veranderen. Er zijn vaak verschillende niveaus van institutionele verandering: markttransacties veranderen continu; contracten worden veelal voor enkele maanden afgesloten; formele instituties zijn stabiel voor enkele jaren; culturele waarden zijn aan verandering onderhevig op een tijdschaal van decennia (Williamson, 2000). Innovatie is nietlineair omdat het proces aan aanpassingen onderhevig is. Kleine veranderingen van rand of beginvoorwaarden kunnen radicale gevolgen hebben. 16 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 17

11 Ten slotte: innovatieprocessen zijn onzeker omdat toekomstige technologieën en marktmogelijkheden moeilijk te voorspellen zijn. De theorieën van technologische innovatie kunnen worden onderverdeeld in twee categorieën: een categorie waarbij marktkrachten de belangrijkste oorzaak zijn van technologische innovatie (marketpull) en een categorie waarbij technologie als autonome factor de oorzaak is van innovatie (technologypush) (Dosi, 1982). In het klimaatdebat, waar richting wordt gegeven aan beleid, komen vaak twee gepolariseerde opvattingen van technologische innovaties naar voren. Deze twee benaderingen marketpull en technologypush zullen hier gebruikt worden om aan te geven op welke manier de ontwikkelingen rond schoon fossiel bevorderd kunnen worden. Zo kan een antwoord worden gegeven op de studievraag over stimulering van schoon fossiel. Enerzijds blijkt uit de eerste theorie dat dit mogelijk is met pullkrachten vanuit de markt, anderzijds blijkt uit de tweede theorie dat dit mogelijk is met pushkrachten vanuit het onderzoek. Als de overheid besluit tot stimulering van de technologie, kunnen de beleidsinstrumenten zo gekozen worden dat er gebruik wordt gemaakt van krachten uit één van deze categorieën of van krachten uit beide categorieën Marketpulltheorie De belangrijkste beweegreden bij de marketpulltheorie is de vraag vanuit de markt naar nieuwe technologieën. Deze vraag resulteert in innovatief gedrag. Chronologisch verloopt dit ongeveer als volgt (Dosi, 1982): Er bestaan technologieën op de markt die voldoen aan de verschillende behoeftes van de gebruikers. Bij de gebruikers verandert de behoefte. Het gedrag van de gebruikers verandert doordat de originele technologie niet meer gebruikt wordt. Producenten worden zich bewust van de veranderende behoefte. Het innovatieproces begint; succesvolle bedrijven zullen verbeterde of nieuwe technologieën op de markt brengen. Hierbij komen twee problemen naar voren die de adequaatheid van de theorie ter discussie kunnen stellen. Een theorie gericht op innovatie moet zich niet alleen op incrementele innovatie richten, maar is bedoeld om grote en kleine doorbraken te interpreteren. Met deze benadering is het moeilijk te bepalen wat er gebeurt tussen het moment waarop de behoefte wordt opgemerkt en het moment waarop de nieuwe technologie op de markt komt. 2.2 Het innovatiesysteem Technologische ontwikkeling en verandering kunnen worden opgevat als de uitkomst van een innovatiesysteem. Het concept innovatiesysteem kan worden gebruikt om te onderzoeken hoe actoren of instituties bijdragen aan innovaties (Foxon et al., 2005). Binnen een innovatieproces kunnen verschillende fasen worden onderscheiden; in dit verband zijn dat de fasen waarin de commerciële volwassenheid van een technologie wordt aangegeven (zie figuur 1). Overheid Marketpull Fundamentele Toegepaste R&D Demonstraties Commercialisatie Marktaapassing Difussie R&D Technologypush Technologypushtheorie De basis van de technologypushtheorie is stimulering van onderzoek naar technologieën, waarbij de nieuwe kennis uiteindelijk kan resulteren in nieuwe technologieën die de markt kunnen voorzien. Hierbij vindt de ontwikkeling plaats zonder een specifieke behoefte vanuit de markt. Als de innovaties zijn Investeerders opgetreden, worden toepassingen gezocht die daarbij passen. Figuur 1: Overzicht van de fasen in het innovatieproces (Foxon et al., 2005). De klassieke gedachte van lineaire innovatie wetenschap, techniek, productie gaat vaak niet op. Er is juist een complexe samenhang tussen de omgevingsfactoren en de richting waarin de technologie zich ontwikkelt. 18 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 19

12 Het gaat dan om de volgende zes fasen (Grubb, 2004): Fundamentele R&D onderzoek en ontwikkeling waaruit potentiële technieken naar voren kunnen komen. Toegepaste R&D onderzoek en ontwikkeling van een specifieke technologie. Demonstraties het tonen van de technologie in kleine markttoepassingen en het testen en demonstreren van mogelijkheden en levensduur. Commercialisatie het opnemen van de technologie door het bedrijfsleven of het creëren van bedrijvigheid om de techniek heen. Marktaanpassing het groeien van de markt, in bijvoorbeeld niches. Diffusie verspreiding in de markt op grote schaal. Het proces moet hierbij niet noodzakelijkerwijs als lineair worden opgevat, want kennis kan in beide richtingen stromen. Informatie uit de commercialisatiefase bijvoorbeeld over beginnende markttoepassingen kan teruggaan naar een eerdere fase, en bijvoorbeeld als input dienen voor nieuw onderzoek. Elke fase resulteert in technologische verbeteringen en kostenreducties, waardoor diffusie steeds dichterbij komt, maar de drijvende krachten én de barrières veranderen gedurende het doorlopen van de verschillende fasen. Technologypushkrachten domineren in de eerste fasen; marketpullkrachten gaan domineren als de technologie zich verder ontwikkelt. Het model in figuur 1 geeft ruimte om te onderzoeken in hoeverre technologypushmechanismen, bij aanbod van R&D, en marketpullmechanismen, aan de vraagkant, kunnen worden ingezet door terugkoppeling uit een bepaalde fase. Ook de invloed van randvoorwaarden, geschapen door overheidsbeleid en de eventuele aanwezigheid van investeringskapitaal, kunnen worden onderzocht. Daarnaast helpt deze onderverdeling bij het beantwoorden van de vraag in welke fasen innovatie al of niet zal optreden, en wat voor effect dit zal hebben op de commercialisatie van de technologie (Foxon et al., 2005). Aan de hand van de verschillende fasen zal hier beschreven worden wat er gedaan kan worden om toe te werken naar diffusie van toepassingen op het gebied van schoon fossiel. Hierbij spelen naast de kansen en bedreigingen ook de beslissingen van de betrokken actoren een belangrijke rol. In elke fase van het innovatieproces zijn er immers kansen die de ontwikkeling kunnen bevorderen én bedreigingen die de ontwikkeling kunnen tegenwerken. 2.3 Systeemfuncties Om helder te maken hoe het innovatieproces zich ontwikkelt, kan er een inventarisatie worden gemaakt van activiteiten die plaatsvinden binnen dit proces. De ontwikkeling van het systeem is immers het resultaat van de verschillende activiteiten. Deze zijn alleen relevant als zij het doel van het innovatiesysteem namelijk ontwikkelen, toepassen en diffusie van technologische kennis beïnvloeden. Deze activiteiten worden de functies van het innovatiesysteem of systeemfuncties genoemd (Johnson, 2001). De inventarisatie van deze systeemfuncties zal gebruikt worden om de stand van zaken in het innovatieproces van schoon fossiel duidelijk te maken. Waar deze functies ontbreken, zullen aanbevelingen worden geformuleerd om de ontwikkelingen te stimuleren. In de literatuur worden verschillende systeemfuncties onderscheiden, waarbij vaak een relatie wordt gelegd met instituties of met het systeem als geheel. Er wordt een aantal systeemfuncties benoemd die belangrijk zijn bij de ontwikkeling van een technologisch innovatiesysteem. Hierbij wordt aangenomen dat de systeemfuncties worden beïnvloed door de (bijvoorbeeld door investeerders en overheid) gecreëerde randvoorwaarden van het innovatiesysteem. Hekkert et al. (2006) noemt zeven systeemfuncties om de activiteiten binnen het innovatiesysteem te identificeren en te beschrijven en om de verschuivingen in specifieke technologische innovatiesystemen te verklaren. Functie 1: Experimenteren door ondernemers Ondernemers zijn essentieel voor een goed functionerend innovatiesysteem. De ondernemer gebruikt nieuwe kennis om markten te creëren en deze te bedienen. De ondernemer kan nieuw zijn en een visie hebben om een nieuwe markt te creëren, of gevestigd zijn en als doel hebben de bedrijfsstrategie te verbreden en voordeel te halen uit de ontwikkelingen. Het werk van ondernemers aan technologische ontwikkelingen gaat gepaard met het omgaan met onzekerheden. Er kan bij technologische innovaties onderscheid worden gemaakt tussen onzekerheden van verschillende aard. Ze kunnen bijvoorbeeld technisch of politiek zijn, maar ze kunnen ook te maken hebben met concurrentie en andere marktfactoren. Zekerheid kan worden verkregen door te onderzoeken hoe de technologie onder verschillende omstandigheden functioneert en daarbij de reacties van verschillende actoren mee te nemen. Leereffecten dragen bij aan zekerheid. 20 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 21

13 Functie 2: Kennisontwikkeling Zoals bij functie 1 al naar voren kwam, zijn leereffecten belangrijk bij het verwerven van zekerheden. Kennis wordt door sommigen gezien als de meest fundamentele bron in de moderne economie; daarbij is leren het belangrijkste proces (Lundvall, 1992). Onderzoek en ontwikkeling zijn dan ook essentiële onderdelen van het innovatiesysteem. Kennisontwikkeling kan vaak op een fundamentele manier plaatsvinden door learning by searching, en op een toegepaste manier door learning by doing. stempel innovatie krijgen. Inpassing en diffusie in een markt verlopen vaak traag als het voordeel boven andere technologieën niet groot is. Het kan dan belangrijk zijn om voor deze technologieën een beschermde positie te creëren. Een mogelijkheid is dan het formeren van een tijdelijke nichemarkt voor een specifieke toepassing. Op die manier kunnen actoren leren van de technologie (functie 1 en 2) en verwachtingen ontwikkelen (functie 4). Het is ook mogelijk om met beleidsinstrumenten een competitief voordeel te creëren voor een bepaalde technologie. Functie 3: Kennisdiffusie in netwerken Binnen netwerken is de uitwisseling van kennis en informatie essentieel. Dit speelt niet alleen op onderzoeksniveau, maar ook bij kennisuitwisseling tussen onderzoeksgroepen. Overheden gebruiken kennisuitwisseling om richting te geven aan beleid. Beleidsbeslissingen waar een technologie bij betrokken is, worden bij voorkeur genomen met de nieuwste technologische inzichten. De interactie tussen de verschillende actoren is daarom belangrijk, evenals het werkelijk gebruiken van kennis van andere actoren. Functie 4: Richting geven aan het zoekproces Bij het doorlopen van technologische vernieuwing is het focussen op specifieke technologische opties vanuit kostenoogpunt essentieel. Keuzes moeten weloverwogen zijn, want de middelen zijn vaak beperkt. In navolging van het ontwikkelen van kennis (functie 2) is deze functie bedoeld om technologieën te selecteren. Bij deze functie speelt de interactie tussen industrie, overheden, markt en samenleving een rol. De voorkeur van de samenleving kan gedragen door een bepaalde overtuiging, als deze sterk is richting geven aan onderzoekprogramma s en daarmee aan technologische verandering. Verwachtingen die bij de verschillende actoren ontstaan, kunnen een rol spelen bij de richting die aan het proces wordt gegeven. Bijvoorbeeld: de belofte dat waterstof als energiedrager schoon is en op veel verschillende manieren geproduceerd kan worden, creëert verwachtingen. Aan de andere kant kunnen er ook vele obstakels zijn. Echter: de potentie kan de obstakels overvleugelen en aanleiding geven tot bijvoorbeeld subsidies. Functie 5: Creëren van markten Nieuwe technologieën kunnen vaak moeilijk concurreren met bestaande technologieën. Veel ontdekkingen zijn nog relatief inefficiënt op het moment dat ze het Functie 6: Mobiliseren van middelen Voorzieningen in de vorm van geld en personeel zijn nodig bij het uitvoeren van de werkzaamheden in het innovatiesysteem. Ze zijn bijvoorbeeld noodzakelijk bij de kennisproductie, zo ook bij de input voor functie 1. Voorbeelden van deze systeemfunctie zijn: onderzoeksprogramma s van bedrijven en voorzieningen voor het testen van een technologie in een nichemarkt. Functie 7: Creëren van legitimiteit / Creatieve destructie Om een technologie volledig tot ontwikkeling te kunnen brengen is het vaak nodig dat deze onderdeel wordt van een genesteld regime, of dat zij een bestaande technologie vervangt. Bij deze creatieve destructie kan tegenstand van de gevestigde orde een obstakel zijn. Er kan ook bemiddeling nodig zijn om een technologie op de agenda te krijgen. Of lobbywerk om bijvoorbeeld voorzieningen te kunnen krijgen om bestaansrecht te verwerven. Er is een aantal redenen aan te voeren om gebruik te maken van systeemfuncties. Ten eerste is het dan mogelijk om een vergelijking te maken tussen de prestaties van de verschillende onderdelen van het innovatiesysteem. Ten tweede is het dan mogelijk om systematisch een overzicht te maken van de factoren die van invloed zijn op de innovatie. Ten derde geven systeemfuncties de mogelijkheid om beleidsdoelen te formuleren. Door de verschillende functies te evalueren kan onderzocht worden welke functies zouden kunnen worden verbeterd (Hekkert et al., 2006). De genoemde functies staan niet onafhankelijk van elkaar. Het voldoen aan een bepaalde functie kan effect hebben op andere functies. Daarom is er sprake van een nietlineair model met meerdere interacties tussen verschillende functies, die invloed hebben op de resultaten van het systeem. Functies kunnen elkaar sterker maken en daarmee extra kracht geven aan het eindresultaat, waardoor 22 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 23

14 bijvoorbeeld creatieve destructie bij een genesteld systeem kan optreden. Empirisch onderzoek moet hierin inzicht geven; de daarbij verworven kennis kan richting geven aan innovatie in landen of sectoren (Hekkert et al., 2006). Sectie Methode In deze paragraaf wordt beschreven op welke wijze dit onderzoek is uitgevoerd om antwoord te kunnen geven op de geformuleerde onderzoeksvragen: Wat zijn voor Nederland de kansen en bedreigingen op het gebied van schoon fossiel als een toekomstige energievoorziening? Wat is de mogelijke impact van schoon fossiel op sociaal en technologisch gebied? Om de onderzoeksvragen te kunnen beantwoorden is eerst een beeld nodig van de huidige situatie; ook de ontwikkelingen in het verleden zijn belangrijk. Hiertoe is een literatuuronderzoek uitgevoerd. Verder is informatie gebruikt die is ingewonnen bij het bezoeken van congressen. Als de huidige situatie eenmaal beschreven is, kan vanuit dat perspectief bezien worden wat de kansen en bedreigingen voor Nederland zijn en wat de mogelijke impact van het gebruik van schoon fossiel is. Hiertoe zijn experts geïnterviewd die betrokken zijn bij het thema schoon fossiel. De verzamelde gegevens zijn vervolgens geanalyseerd aan de hand van de theorie over het innovatieproces en de systeemfuncties. De verschillende activiteiten, zoals die vanuit de huidige situatie beoordeeld kunnen worden, zijn ingedeeld bij de verschillende systeemfuncties. Daarna is nagegaan in hoeverre de verschillende systeemfuncties aanwezig zijn. Op basis van de aan of afwezigheid van systeemfuncties zijn vervolgens aanbevelingen geformuleerd. De aanbevelingen zijn zodanig geformuleerd dat zij de activiteiten binnen bepaalde systeemfuncties zouden kunnen bevorderen. Hiermee zou het innovatieproces positief kunnen worden beïnvloed. (Zie voor een meer gedetailleerde beschrijving van de gebruikte methode: Teerhuis, juli 2007). De huidige situatie In deze sectie (hoofdstuk 3 en 4) wordt de huidige situatie van schoon fossiel op verschillende deelgebieden besproken. In hoofdstuk 3 worden de technologieën behandeld die met schoon fossiel te maken hebben. Hierbij komen afvang, transport en opslagtechnieken aan bod. Hoofdstuk 4 gaat over de niettechnologische factoren. Hier komen onder andere beleid en wetgeving aan de orde. Aan het eind van dit hoofdstuk passeert een aantal activiteiten op het gebied van schoon fossiel de revue. 24 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 25

15 3 Technologieën De technieken die bij schoon fossiel gebruikt worden, kunnen worden onderscheiden in afvang, compressie, transport en opslagtechnieken. Aangezien compressie en transporttechnieken overeenkomsten hebben met huidige toepassingen, zullen deze hier korter worden besproken. Allereerst dient te worden afgevangen uit de producten van bijvoorbeeld een chemisch proces of uit de rookgassen van een energiecentrale. Hiervoor zijn drie technieken beschikbaar: afvang vóór en ná de verbranding van de fossiele brandstof en door gebruik van zuurstof. Nadat de is afgevangen en gecomprimeerd, kan deze worden opgeslagen op een daarvoor geschikte plaats. Transport speelt een rol indien het afvangen en opslaan van de niet op dezelfde plaats gebeuren. De verschillende onderdelen van het proces van afvang, transport en opslag zijn schematisch weergegeven in figuur 2. Power Station with Capture Unminable Coal Beds Pipeline Pipeline Depleted Oil or Gas Reservoirs Deep Saline Aquifier Figuur 2: Schematische weergave van de methode schoon fossiel, waarbij kan worden afgevangen, getransporteerd en opgeslagen (Bron: 3.1 Afvang Bij de verbranding van bijvoorbeeld aardgas, aardolie, kolen of biomassa komt onder andere vrij. Dit gas kan van de andere gassen worden gescheiden, anders gezegd: worden afgevangen. Het doel van afvang is het vermijden van de uitstoot van naar de atmosfeer. Hierbij wordt een stroom geconcentreerde geproduceerd, die getransporteerd kan worden naar een opslagplaats. Het opgeslagen gas bestaat bij voorkeur uit geconcentreerde, zodat de opslagcapaciteit niet onnodig gebruikt wordt voor andere gassen. Ook kost het comprimeren van een grotere hoeveelheid gas extra energie, waardoor de kosten toenemen. Verder zorgt een groter volume voor hogere transportkosten. Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 27

16 Er bestaan toepassingen bij industriële processen waarbij wordt gescheiden van een gasstroom, maar de meeste die daarbij wordt afgevangen, komt in de atmosfeer terecht omdat prikkels of regels ontbreken om deze op te slaan of op een andere manier nuttig te gebruiken. De afvangtechnologieën worden onder andere gebruikt bij de purificatie van aardgas en bij de productie van waterstofgas. Grootschalige toepassingen van afvang waarbij het gas wordt opgeslagen, bestaan echter nog niet. Een belangrijk obstakel is hier het efficiëntieverlies dat bij het afvangen van optreedt. Dit efficiëntieverlies uit zich in de prijs die voor het afvangen betaald moet worden. Het afvangen van is het duurste onderdeel in het proces van afvang, transport en opslag: het neemt ongeveer 75% van de totale kosten voor zijn rekening. Door met behulp van onderzoek technieken te optimaliseren, kunnen de kosten voor het afvangen wellicht dalen. Verder kan er onderzoek worden gedaan naar procesintegratie en naar opschaling van de techniek. Hierdoor wordt toepassing op grotere schaal mogelijk. In bijlage 4 worden enkele centrales genoemd waarbij afvang van kan worden toegepast; hierbij wordt aangegeven wat de efficiëntie is in de huidige situatie en na mogelijke ontwikkelingen. Het afvangen van kan het beste gebeuren op plaatsen waar grote hoeveelheden worden uitgestoten, omdat de installatie waarmee wordt afgevangen kostbaar is. In de eerste plaats kan dit gedaan worden bij industriële puntbronnen die grote hoeveelheden in een hoge concentratie uitstoten. Het kan ook worden toegepast bij energiecentrales, die vaak grote hoeveelheden in een lagere concentratie uitstoten. Afhankelijk van het industriële proces of de elektriciteitscentrale zijn er voor het afvangen van grofweg drie methoden beschikbaar: afvang vóór en ná de verbranding van de fossiele brandstof (resp. precombustion en postcombustion) en door gebruik van pure zuurstof bij de verbranding, waardoor de verbrandingsproducten voornamelijk uit bestaan (oxyfuel, zie figuur 3) Afvang vóór de verbranding (precombustion) Bij afvang vóór de verbranding wordt de afgevangen voordat het verbrandingsproces plaatsvindt. De is hierbij niet ontstaan als product van de verbranding van de brandstof, maar door zogenaamde gasificatie van de brandstof. Het gasificatieproces zorgt ervoor dat de brandstof in twee stappen wordt omgezet in een mengsel van waterstof (H 2 ) en koolstofdioxide ( ). In de eerste stap wordt de brandstof met stoom en lucht omgezet in een mengsel van voornamelijk Precombustion Stoom: H 2 O Brandstof Vergassing Postcombustion Lucht: O 2, N 2 H 2 N2,O 2 Brandstof Verbranding CO2 energie Oxyfuel Brandstof H 2 O H 2 O Lucht: O 2, N 2 Scheiding O 2 Verbranding Scheiding N2 energie H2O waterstof en koolstofmonoxide (CO). Vervolgens wordt in de tweede stap met stoom een mengsel van en waterstof geproduceerd. De waterstof wordt van de gescheiden met behulp van membranen of oplosmiddelen, en kan worden gebruikt om energie op te wekken. De geconcentreerde stroom uit de tweede stap kan worden getransporteerd en opgeslagen. De waterstof kan ook voor andere doeleinden worden gebruikt dan alleen elektriciteitsopwekking. Het kan bijvoorbeeld een functie vervullen als transportbrandstof. De precombustionmethode is kapitaalintensief en het chemische proces is complex, waardoor hoge investeringen nodig zijn voor de bouw van een centrale. Aan de andere kant is deze methode relatief energieefficiënt ten opzichte van de andere afvangmethoden, waardoor het gebruik ervan goedkoper is. H 2 Scheiding amines Oplossen Figuur 3: Schematisch overzicht van de drie belangrijkste methoden om af te vangen. Lucht: O 2, N 2 energie Verbranding Scheiding Scheiding O 2 N 2 H 2 H 2 O Zuurstof Stikstof Waterstof Water Koolstofdioxide 28 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 29

17 Ontwikkelingen De literatuurstudie en de informatie van experts geven een aantal aspecten aan waarop efficiëntieverbeteringen behaald kunnen worden. Om de kosten voor het gehele proces omlaag te brengen, wordt er gewerkt aan de ontwikkeling van nieuwe oplosmiddelen en membranen die de gassen efficiënter kunnen absorberen en scheiden. Factoren als betrouwbaarheid, levensduur en (extreme) omstandigheden bij gebruik spelen hierbij een rol. Ook wordt er onderzocht of het gehele proces verbeterd kan worden. Het proces waarbij de grondstof wordt omgezet in waterstof gebeurt in verschillende stappen in aparte reactoren. Experts geven aan dat getracht wordt om stappen te integreren in één reactor en daarbij efficiëntieverbeteringen te behalen. Scheiding van gassen zou eerder in het proces kunnen plaatsvinden, waardoor reacties verderop in het proces efficiënter kunnen gebeuren. Het doel is om de energiekosten te halveren en de kapitaalkosten met een soortgelijk percentage te verlagen, waardoor afvang tegen marktconforme kosten kan plaatsvinden Afvang ná de verbranding (postcombustion) Afvangen ná het verbrandingsproces is een tweede optie. Hierbij wordt de brandstof met lucht verbrand, waardoor de rookgassen uit een mengsel van gassen bestaan. De concentratie in de rookgassen is afhankelijk van de gebruikte brandstof en verbrandingsmethode (zie tabel 1). Stikstof, zuurstof en waterdamp zijn andere gassen die in de rookgassen aanwezig zijn. Verbrandingsmethode Maximale concentratie in de rookgassen in % Kolen met postcombustion 14% Kolen met precombustion 40% Aardgas met postcombustion 4% Aardgas met precombustion 25% Tabel 1: Verbrandingsmethoden en de maximale concentratie die daarbij vrijkomt. De meestgebruikte methode om uit de rookgassen te verwijderen is momenteel chemische absorptie. Hierbij wordt de opgelost in een vloeistof. Nadat in een reactor de vloeistof de heeft opgenomen, wordt deze in een andere reactor verhit, waardoor de weer vrijkomt. Dit resulteert in een stroom pure. Het oplosmiddel kan vervolgens opnieuw worden gebruikt in dezelfde cyclus. In plaats van een oplossingabsorberende stof kunnen ook membranen worden ingezet om de te scheiden van de andere rookgassen. Een belangrijk probleem wordt hierbij gevormd door de drijvende kracht om de gassen van elkaar te scheiden. De concentratie van in de rookgassen is laag, wat scheiding moeilijk en duur maakt. Een andere mogelijkheid is binding van door middel van adsorptie. Hierbij hechten moleculen zich aan een vaste stof, en kan door middel van regeneratie een stroom pure geproduceerd worden. Ook bij dit proces is de benodige hoeveelheid energie nog erg groot. Een laatste mogelijkheid is het verwijderen van door middel van koude: cryogene scheiding. Door de verschillende vriespunten van de verschillende gassen in de rookgassen kan de gescheiden worden van de overige gassen. In het algemeen vraagt dit proces meer energie dan de chemische absorptie en kan dit alleen economisch toegepast worden als er al een koudebron beschikbaar is. Aan het gebruik van afvangen ná de verbranding is een aantal nadelen verbonden. Eén nadeel wordt gevormd door de hoge kapitaalkosten van de installaties die nodig zijn om grote hoeveelheden rookgassen te reinigen. De concentratie in de rookgassen is immers laag, waardoor er grote volumes rookgassen verwerkt moeten worden. Een tweede nadeel is de energieinefficiëntie van de methode. Het kost ongeveer 25 tot 35% extra energie om de van de andere rookgassen te scheiden. Een voordeel van het gebruik van deze techniek is de mogelijkheid tot toepassing bij bestaande centrales (retrofit). Echter, toepassing bij bestaande centrales is inefficiënter dan toepassing bij nieuwe centrales. Ontwikkelingen Experts op dit gebied geven aan dat het belangrijk is om te zoeken naar geschikte oplosmiddelen, die stabiele prestaties leveren. Potentieel geschikte oplosmiddelen kunnen de goed opnemen en kunnen deze onder toevoeging van weinig energie weer gemakkelijk loslaten. De obstakels bij postcombustion zijn de lage concentratie in de rookgassen en de zuurstof die nog aanwezig is in de rookgassen, waardoor de absorberende stoffen worden aangetast. Belangrijk zijn daarom omstandigheden waarbij de zuurstofconcentratie stabiel is. Efficiëntieverbeteringen kunnen ook hier behaald worden door procesintegratie en optimalisatie van het proces voor energiecentrales. Daarbij zijn voor markttoepassingen ook factoren als levensduur en betrouwbaarheid van de techniek aan de orde Verbranding met zuurstof (oxyfuel) De derde verbrandingsmethode voor het afvangen van is de oxyfuelmethode. Hierbij wordt de brandstof verbrand met (bijna) pure zuurstof. Het voordeel hiervan is dat dit bij de rookgassen resulteert in (bijna) zuivere. 30 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 31

18 Bij het verbrandingsproces worden de rookgassen gebruikt om de temperatuur in de verbrandingskamer te reguleren; vervolgens worden ze afgekoeld om het water eruit te verwijderen. Deze regulatie is nodig omdat de temperatuur in de verbrandingskamer anders te hoog oploopt. Er is weinig ervaring met het opwekken van energie met de oxyfuelmethode. Wel wordt deze methode toegepast in industrieën waar hoge temperaturen nodig zijn om bijvoorbeeld materialen te smelten (staal, aluminium). Er worden ook al demonstraties met deze methode uitgevoerd, en de effecten van operationalisatie en onderhoud worden onder andere door het Zweedse bedrijf Vattenfall onderzocht. Om deze technologie toe te passen is (bijna) zuivere zuurstof nodig, die duur en technologisch complex te produceren is. Dit kan vanuit kostenoogpunt het beste gebeuren via gasscheiding in plaats van via elektrolyse. Uit een studie van TNO (Asbroek, 2006) blijkt dat gasscheiding voor zuurstofproductie kan plaatsvinden door middel van cryogene destillatie of adsorptie of met behulp van membranen. Bij kleine productiehoeveelheden hebben adsorptiesystemen zich economische het best bewezen en voor grote toepassingen is cryogene destillatie de economisch meest aantrekkelijke toepassing. Ontwikkelingen Experts en literatuur geven aan dat de techniek voor scheiding met behulp van membranen de potentie heeft om in de toekomst een grote rol te spelen. Hier zijn nog wel technologische ontwikkelingen nodig omdat de huidige membranen nog niet kunnen concurreren met de gevestigde technieken. Net als bij pre en postcombustion is procesintegratie en optimalisatie nodig om toepassing in grotere installaties mogelijk te maken Risico s van afvang De risico s van het afvangen van zijn beperkt. Afvang van door absorptie en compressie wordt reeds toegepast bij industriële processen waarvan de risico s, gespiegeld aan de industriële standaard, acceptabel zijn. Daaruit kan worden opgemaakt dat de risico s van afvang bij energiecentrales ook beperkt zullen zijn. De impact van eventuele ongelukken zal ook beperkt zijn, want afvang vindt immers plaats bij een centrale op een vaste locatie die goed gecontroleerd kan worden. Dit in tegenstelling tot transport en opslag van, waar een grotere groep mensen mee te maken kan hebben. 3.2 Transport Na afvang van bij de bron is vaak transport naar een opslagplaats noodzakelijk. Afhankelijk van de afstand die overbrugd moet worden, kan gekozen worden voor transport door pijpleidingen of met schepen. Transport over de weg en het spoor is ook mogelijk maar lijkt niet realistisch voor grootschalige afvangen opslagprojecten. Omdat een gas onder normale omstandigheden veel volume inneemt, wordt het eerst gecomprimeerd. Het gecomprimeerde gas wordt dan getransporteerd door pijpleidingen. Belangrijk daarbij is dat de zuiver is, omdat andere stoffen mogelijkerwijs de infrastructuur kunnen aantasten. Het volume kan verder gereduceerd worden door het gas vloeibaar te maken. Deze methode wordt al gebruikt om aardgas in vloeibare toestand per schip te transporteren en zou ook gebruikt kunnen worden voor vloeibaar transport. Technologisch zijn er weinig problemen met transport. Met name in de Verenigde Staten is er al ervaring met het transport van door pijpleidingen. Daar ligt een transportnetwerk met een lengte van meer dan 3000 kilometer. De kosten van transport zijn relatief laag, en dalen indien grotere hoeveelheden worden getransporteerd. In het algemeen worden pijpleidingen gebruikt om grote hoeveelheden over korte afstanden te vervoeren en schepen voor kleine hoeveelheden over grote afstanden. In het rapport van het IPCC (2005) over afvang, transport en opslag zijn verschillende studies over de kosten van transport met elkaar vergeleken. Aangegeven wordt dat de kosten voor transport per pijpleiding over zee ongeveer 50% hoger kunnen zijn dan voor transport over land. Ook blijkt dat de kosten sterk fluctueren door wisselende omstandigheden, bijvoorbeeld in het landschap. Verder geeft het IPCC aan dat transport per schip bij afstanden groter dan ongeveer 1000 kilometer goedkoper is dan per pijpleiding over zee. Risico s van transport Het grootste risico bij transport door pijpleidingen bestaat uit defecte pijpleidingen, resulterend in verlies. De risico s kunnen worden gespiegeld aan het transportnetwerk van aardgas. Wat betreft explosiviteit zijn de risico s van kleiner dan die van aardgas omdat niet ontvlambaar is. Wel is de dichtheid van groter dan die van lucht, waardoor een laag gas kan blijven hangen op het oppervlak waar het vrijkomt. Dit in tegenstelling tot aardgas, dat de neiging heeft om in lucht op te lossen. 32 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 33

19 Er zijn studies uitgevoerd waarin de mogelijke gevolgen van een defect aan een begraven leiding onder bepaalde omstandigheden zijn gemodelleerd en een veilige afstand is vastgesteld. Afhankelijk van de fysische omstandigheden van de en de fysieke afmetingen van de pijplijn kan een veiligheidszone om de pijplijn worden vastgesteld, waarbinnen de concentratie onaanvaardbaar hoog is. Buiten deze zone zijn de risico s dan beperkt. Aanleg van een transportinfrastructuur Uit interviews met enkele experts is naar voren gekomen dat de overheid het best de verantwoordelijkheid zou kunnen nemen bij de ontwikkeling van een transportinfrastructuur. Voor marktpartijen is de aanleg van een transportnetwerk kostbaar. Daarnaast zal een dergelijk netwerk pas rendabel zijn als er voldoende gebruik wordt gemaakt van de capaciteit. Dit betekent dat het beter is als er voldoende bronnen aangesloten zijn. Het aanleggen van een netwerk zou eerst op lokaal niveau, bijvoorbeeld in de regio Rijnmond, kunnen plaatsvinden. Daarna zouden op nationaal niveau verbindingen kunnen worden gelegd tussen de verschillende lokale netwerken, waarbij er ook een mogelijkheid is om buitenlandse leidingen aan het netwerk te koppelen. Gebruik van offshore opslagplaatsen zou op termijn ook tot de mogelijkheden kunnen behoren, waarbij bijvoorbeeld eerst de Noordzee en later het Continentaal Plat aan het netwerk gekoppeld kunnen worden. 3.3 Opslag Na het afvang en transportproces kan de worden opgeslagen. Voor Nederland zijn er opslagmogelijkheden in (gedeeltelijk) lege aardolie en aardgasvelden, aquifers en kolenlagen. Deze mogelijkheden zullen hier worden besproken. Zoals te zien is in tabel 2, biedt met name de opslag in gasvelden mogelijkheden. Hierbij dient opgemerkt te worden dat verreweg het grootste opslagpotentieel aanwezig is in het Groningenveld (7350 Mton), dat volgens de verwachtingen nog enkele decennia aardgas zal produceren en dus niet eerder dan in de tweede helft van deze eeuw beschikbaar zal komen voor opslag. De gegevens in de tabel hebben betrekking op de technische opslagmogelijkheid in Nederland: op eigen grondgebied en op het Continentaal Plat. Dit betekent dat er nog wettelijke, sociale, technische en economische obstakels kunnen zijn die de beschikbare opslagcapaciteit kunnen verlagen. Geologische formaties Mton Gasvelden Olievelden 40 Kolenlagen 170 Aquifers 750 Tabel 2: Omvang van de potentiële opslagcapaciteit in verschillende geologische formaties in Nederland. Er kan een aantal algemene factoren worden onderscheiden die van invloed zijn op de keuze van een geschikte opslaglocatie: De omvang van de opslagplaats bepaalt hoeveel er opgeslagen kan worden. Om economische redenen zou een opslagplaats ruimte moeten bieden aan de hoeveelheid die vrijkomt bij de uitstoot van een centrale gedurende de hele levensduur. In Nederland zijn relatief veel gasvelden klein (max. 10 Mton opslagcapaciteit); deze kunnen individueel slechts voor een aantal jaren de uitstoot van een centrale opnemen. Er zijn ongeveer 30 gasvelden met een opslagcapaciteit groter dan 20 Mton; deze voldoen daarmee aan het criterium (Damen, 2007). Een andere belangrijke factor is het tijdstip waarop velden vrijkomen voor opslag van. Onderzoek van TNO (2007) heeft aangetoond dat er in de komende twintig jaar geleidelijk aan meer opslagcapaciteit vrijkomt. Van de grootste opslagplaats, het Groningenveld, wordt verwacht dat deze zeker niet voor 2050 beschikbaar is, en mogelijk nog enkele decennia daarna operationeel zal blijven. Het vrijkomen van opslagruimte bepaalt de mogelijkheden voor opslag. Als de opslagruimte vrijkomt, kan men het beste onmiddellijk beginnen met het injecteren van. Dit om de omstandigheden van het veld niet te laten veranderen en om gebruik te kunnen maken van al aanwezige infrastructuur. Dit kan kosten besparen. Het gebruik van verlaten velden voor opslag is mogelijk, maar daarvoor is heropening van de putten waardoor de getransporteerd wordt noodzakelijk, hetgeen tot extra kosten leidt. Dit betekent dat een goede planning wenselijk is bij het kiezen van opslaglocaties en aanvoerpunten. De concurrentie met de opslag van aardgas wordt ook steeds belangrijker. Nederland gebruikt momenteel aardgasvelden voor de opslag van geïmporteerd gas, dat in tijden van grote vraag aangesproken kan worden. Het Groningenveld wordt al jaren gebruikt om de wisselende vraag op te vangen, maar door de afnemende capaciteit wordt het vervullen van deze functie moeilijker. Voor het opslaan van geïmporteerd gas komen velden in aanmerking die ook geschikt zouden kunnen zijn voor opslag. Met name de eerder genoemde 30 velden 34 Op weg naar een duurzame transportbrandstof Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 35

20 met een middelbaar groot volume zijn daarbij interessant. Uiteraard hebben de bodemeigenschappen sterke invloed op het wel of niet geschikt zijn voor permanente opslag van of tijdelijke opslag van aardgas. Niet alleen nationaal maar ook voor omringende landen zouden Nederlandse velden deze laatste functie kunnen vervullen. Hieromtrent is duidelijkheid nodig in het overheidsbeleid. Risico s van opslag In Nederland is ervaring met het tijdelijk opslaan van aardgas aanwezig. Het opslaan van is echter niet geheel analoog aan het opslaan van aardgas, omdat de eigenschappen van de gassen afwijken van die van. Ook de voorwaarden waaronder de opslag kan plaatsvinden zijn anders. Immers, aardgas wordt tijdelijk opgeslagen, bij voorkeur permanent. Een risico van opslag van is het mogelijk weglekken van uit de opslagplaats, doordat de aanvoerput, waardoor de geïnjecteerd wordt, niet goed afgesloten is of doordat de afsluitende laag doorlaat. Een ander risico komt voort uit grondbewegingen die kunnen ontstaan doordat gas in de ondergrond wordt geïnjecteerd. Om deze risico s te minimaliseren is een zorgvuldige selectie van opslagplaatsen noodzakelijk. Hierbij kan gekeken worden naar de aanwezigheid van bewoning in de nabijheid van injectieputten en naar de kwaliteit van deze putten. Verder is het belangrijk dat de ondergrond stabiel is en dat de afsluitende laag voldoende betrouwbaar is. Gedeeltelijk lege aardolie en aardgasvelden Olie en gasvelden hebben miljoenen jaren aardolie en gas vastgehouden en kunnen ook dienen als opslagplaats voor. Deze methode wordt interessant als het effect van opslag gecombineerd kan worden met het winnen van extra olie (enhanced oil recovery, EOR) of gas (enhanced gas recovery, EGR). In de meeste olievelden wordt met conventionele winningsmethoden maar een klein gedeelte (2040%) van de originele hoeveelheid olie uit het veld gewonnen. Als in een olieveld wordt geïnjecteerd, kan dit de opbrengst verhogen. Een studie van het Electric Power Research Institute (EPRI) geeft aan dat er hiervoor twee methoden beschikbaar zijn, die afhankelijk van de eigenschappen van de olie en het veld ingezet kunnen worden. Bij de eerste methode mengt de geïnjecteerde met de olie in het reservoir. In de praktijk kan zo de opbrengst van een veld worden verhoogd met 10 tot 15% van de originele hoeveelheid olie. Als de druk in het veld te laag is en/of de dichtheid van de olie te hoog kan de niet goed mengen met de olie. Bij de tweede methode zorgt de ervoor dat de dichtheid van de olie wordt verlaagd, zodat deze beter stroomt en beter gewonnen kan worden. Deze tweede methode is minder efficiënt dan de eerste, maar is geschikter als de opslag grootschalig wordt toegepast, omdat bij de productie van de olie dan minder vrijkomt. De mogelijkheden van EOR met zijn groot. Modellen, laboratoriumexperimenten en pilotprojecten laten zien dat een significante toename van olieopbrengsten mogelijk is. De toekomstige generatie /EORtechnieken zouden de opbrengst kunnen verhogen tot zo n 60% van de originele hoeveelheid olie (in geologisch gunstige reservoirs tot 80%). Hiervoor zijn echter investeringen nodig in onderzoek en ontwikkeling van de techniek. Het toepassen van verbeterde oliewinning met zal meer kosten dan conventionele winning van aardolie maar zou door opslag van waarde kunnen zijn in het licht van de klimaatveranderingen. Ook bij aardgasvelden is het mogelijk om door middel van injectie van de opbrengst te verhogen. Hoewel het winnen van extra olie al wordt toegepast (vooral in NoordAmerika), bevindt de toepassing van extra gaswinning zich nog in de testfase. Op het Nederlandse gedeelte van de Noordzee werken Gaz de France en TNO samen bij de injectie van in een gasveld en worden de mogelijkheden van EGR onderzocht. Het gas dat geproduceerd wordt bij het K12B platform bevat een relatief hoge concentratie (13%). Deze wordt gescheiden van het aardgas en weer geïnjecteerd in het veld waaruit het afkomstig is. 36 Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? Groene kolen afvang en opslag: een schone zaak? 37 Aquifers Aquifers zijn zoutwaterhoudende lagen die zich bevinden in ondergrondse formaties, meestal bestaande uit zandsteen. Dit water is ongeschikt voor consumptie of landbouwirrigatie, maar wordt bijvoorbeeld wel gebruikt bij het produceren van geothermische energie. De potentiële opslagcapaciteit in dergelijke lagen wordt wereldwijd zeer groot geacht, maar er is nog niet aangetoond dat formaties van deze soort over een langere tijd grote hoeveelheden gas kunnen vasthouden. Ook is er nog veel onzekerheid over de geschatte opslagcapaciteit, doordat er nog weinig kennis is van diepgelegen aquifers. Wel is er sinds 1996 al veel ervaring opgedaan in een demonstratieproject op de Noordzee. Dit Sleipnerproject is het grootste opslagproject waarbij wordt opgeslagen in een aquifer. Hierbij wordt jaarlijks ongeveer 1 megaton uit het geproduceerde aardgas verwijderd en opgeslagen in een veld met een geschatte opslagcapaciteit van 1 tot 10 gigaton. Juist dit veld wordt gebruikt omdat het gunstige eigenschappen blijkt te hebben op het gebied van veiligheid.

Afvang, transport en opslag van CO 2 (CCS) 1. Wat is CCS? ECN-facts. -afvang. Methoden van CO 2. Bronnen van CO 2. Afvang van CO 2

Afvang, transport en opslag van CO 2 (CCS) 1. Wat is CCS? ECN-facts. -afvang. Methoden van CO 2. Bronnen van CO 2. Afvang van CO 2 Afvang, transport en opslag van (CCS) ECN-facts Methoden van -afvang Afvang van is een bekende technologie in verschillende industriële processen, bijvoorbeeld in de kunstmestindustrie, waterstofproductie

Nadere informatie

FOSSIELE BRANDSTOFFEN

FOSSIELE BRANDSTOFFEN FOSSIELE BRANDSTOFFEN De toekomst van fossiele energiebronnen W.J. Lenstra Inleiding Fossiele energiebronnen hebben sinds het begin van de industriele revolutie een doorslaggevende rol gespeeld in onze

Nadere informatie

Change. Hoe moet het morgen met de energievoorziening? Document. magazine

Change. Hoe moet het morgen met de energievoorziening? Document. magazine Hoe moet het morgen met de energievoorziening? Nederland is verslaafd aan fossiele energie, zeker in vergelijking met landen om ons heen, vertelt Paul Korting, directeur van ECN. Er zijn genoeg scenario

Nadere informatie

2016-04-15 H2ECOb/Blm HOE KAN DE ENERGIETRANSITIE WORDEN GEREALISEERD? Probleemstelling

2016-04-15 H2ECOb/Blm HOE KAN DE ENERGIETRANSITIE WORDEN GEREALISEERD? Probleemstelling HOE KAN DE ENERGIETRANSITIE WORDEN GEREALISEERD? Probleemstelling Op de internationale milieuconferentie in december 2015 in Parijs is door de deelnemende landen afgesproken, dat de uitstoot van broeikasgassen

Nadere informatie

De Europese lidstaten in het kader van de Lissabon-afspraken de EU tot de meest innovatieve economie ter wereld willen maken;

De Europese lidstaten in het kader van de Lissabon-afspraken de EU tot de meest innovatieve economie ter wereld willen maken; INTENTIEVERKLARING CO 2 AFVANG, TRANSPORT en OPSLAG Partijen 1. De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, vertegenwoordigd door de heer ir. J. van der Vlist, Secretaris-Generaal

Nadere informatie

Wat verstaan we onder warmtehuishouding? Jo Cox Sponsor P2

Wat verstaan we onder warmtehuishouding? Jo Cox Sponsor P2 Wat verstaan we onder warmtehuishouding? Jo Cox Sponsor P2 Energietransitie Papierketen De ambities binnen Energietransitie Papierketen: Halvering van het energieverbruik per eindproduct in de keten per

Nadere informatie

Insights Energiebranche

Insights Energiebranche Insights Energiebranche Naar aanleiding van de nucleaire ramp in Fukushima heeft de Duitse politiek besloten vaart te zetten achter het afbouwen van kernenergie. Een transitie naar duurzame energie is

Nadere informatie

WORLD ENERGY TECHNOLOGY OUTLOOK 2050 (WETO-H2) KERNPUNTEN

WORLD ENERGY TECHNOLOGY OUTLOOK 2050 (WETO-H2) KERNPUNTEN WORLD ENERGY TECHNOLOGY OUTLOOK 2050 (WETO-H2) KERNPUNTEN In het kader van de WETO-H2-studie is een referentieprognose van het wereldenergiesysteem ontwikkeld samen met twee alternatieve scenario's, een

Nadere informatie

Brandstofcel in Woning- en Utiliteitsbouw

Brandstofcel in Woning- en Utiliteitsbouw Brandstofcel in Woning- en Utiliteitsbouw Leo de Ruijsscher Algemeen directeur De Blaay-Van den Bogaard Raadgevende Ingenieurs Docent TU Delft faculteit Bouwkunde Inleiding Nu de brandstofcel langzaam

Nadere informatie

P. DE BOORDER & ZOON B.V.

P. DE BOORDER & ZOON B.V. Footprint 2013 Wapeningscentrale P. DE BOORDER & ZOON B.V. Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 Datum Versie Opsteller Gezien 31 maart 2014 Definitief Dhr. S.G. Jonker Dhr. K. De Boorder 2 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Beleggen in de toekomst. de kansen van beleggen in klimaat en milieu

Beleggen in de toekomst. de kansen van beleggen in klimaat en milieu Beleggen in de toekomst de kansen van beleggen in klimaat en milieu Angst voor de gevolgen? Stijging van de zeespiegel Hollandse Delta, 6 miljoen Randstedelingen op de vlucht. Bedreiging van het Eco-systeem

Nadere informatie

Nut en noodzaak van schaliegas in Nederland

Nut en noodzaak van schaliegas in Nederland Nut en noodzaak van schaliegas in Nederland Paul van den Oosterkamp, Jeroen de Joode Schaliegas Congres - IIR Amersfoort, 30-31 Oktober 2013 www.ecn.nl Visie ECN Rol gas in NL energiesysteem nu en straks

Nadere informatie

Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION

Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION Overzicht 1. Klimaat en energie: waar zijn we? 2. Waarom een nieuw raamwerk voor 2030? 3. Belangrijkste elementen 2030

Nadere informatie

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s

Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s Samenvatting Flanders DC studie Internationalisatie van KMO s In een globaliserende economie moeten regio s en ondernemingen internationaal concurreren. Internationalisatie draagt bij tot de economische

Nadere informatie

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol?

Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Het nieuwe Europese klimaatplan voor 2030: behoudt de EU haar voortrekkersrol? Dr. Jos Delbeke, DG Klimaat Actie, Europese Commissie, Universiteit Hasselt, 25/2/2014 Overzicht 1. Klimaat en energie: waar

Nadere informatie

et broeikaseffect een nuttig maar door de mens ontregeld natuurlijk proces

et broeikaseffect een nuttig maar door de mens ontregeld natuurlijk proces H 2 et broeikaseffect een nuttig maar door de mens ontregeld natuurlijk proces Bij het ontstaan van de aarde, 4,6 miljard jaren geleden, was er geen atmosfeer. Enkele miljoenen jaren waren nodig voor de

Nadere informatie

Duurzame biomassa. Een goede stap op weg naar een groene toekomst.

Duurzame biomassa. Een goede stap op weg naar een groene toekomst. Duurzame biomassa Een goede stap op weg naar een groene toekomst. Nuon Postbus 4190 9 DC Amsterdam, NL Spaklerweg 0 1096 BA Amsterdam, NL Tel: 0900-0808 www.nuon.nl Oktober 01 Het groene alternatief Biomassa

Nadere informatie

Paragraaf 1: Fossiele brandstoffen

Paragraaf 1: Fossiele brandstoffen Scheikunde Hoofdstuk 2 Samenvatting Paragraaf 1: Fossiele brandstoffen Fossiele brandstof Koolwaterstof Onvolledige verbranding Broeikaseffect Brandstof ontstaan door het afsterven van levende organismen,

Nadere informatie

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen -

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen - De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn l - Uitdagingen & oplossingen - DG Energie 22 juni 2011 ENERGIEVOORZIENING NOG AFHANKELIJKER VAN IMPORT Te verwachten scenario gebaseerd op cijfers in 2009 in % OLIE

Nadere informatie

6 Pijler 4: Het energietransportnetwerk gereedmaken

6 Pijler 4: Het energietransportnetwerk gereedmaken 6 Pijler 4: Het energietransportnetwerk gereedmaken 6.1 Aanpassingen van de infrastructuur in Nederland De energietransitie kan ingrijpende gevolgen hebben voor vraag en aanbod van energie en voor de netwerken

Nadere informatie

Introductie netwerk en analytisch kader groene groei Prof. dr. Marjan Hofkes en Prof. dr. Harmen Verbruggen

Introductie netwerk en analytisch kader groene groei Prof. dr. Marjan Hofkes en Prof. dr. Harmen Verbruggen Introductie netwerk en analytisch kader groene groei Prof. dr. Marjan Hofkes en Prof. dr. Harmen Verbruggen Vrije Universiteit Seminar Netwerk Groene Groei 8 september 2015, Den Haag Netwerk Groene Groei

Nadere informatie

Nut en noodzaak van schaliegas vanuit energieperspectief

Nut en noodzaak van schaliegas vanuit energieperspectief Nut en noodzaak van schaliegas vanuit energieperspectief Jeroen de Joode Schaliegasbijeenkomst provincie Noord-Brabant s-hertogenbosch, 27 september 2013 www.ecn.nl Hoofdboodschap Rol gas in NL energiesysteem

Nadere informatie

CO 2 Opvang en Opslag

CO 2 Opvang en Opslag pagina 1/11 Wetenschappelijke Feiten Bron: IPCC (2005) over CO 2 Opvang en Opslag Samenvatting en details: GreenFacts Context - Koolstofdioxide (CO 2 ) is een belangrijk broeikasgas, dat de globale opwarming

Nadere informatie

ULCOS, Ultra Low CO 2 Steelmaking. Koen Meijer, TATA Steel

ULCOS, Ultra Low CO 2 Steelmaking. Koen Meijer, TATA Steel ULCOS, Ultra Low CO 2 Steelmaking Koen Meijer, TATA Steel ULCOS, Ultra Low CO 2 Steelmaking Het ULCOS project Het ULCOS project is een initiatief van de Europese staalindustrie Doel: 50% reductie van CO

Nadere informatie

Power to gas onderdeel van de energietransitie

Power to gas onderdeel van de energietransitie Power to gas onderdeel van de energietransitie 10 oktober 2013 K.G. Wiersma Gasunie: gasinfrastructuur & gastransport 1 Gastransportnet in Nederland en Noord-Duitsland Volume ~125 mrd m 3 aardgas p/j Lengte

Nadere informatie

Elektrische auto stoot evenveel CO 2 uit als gewone auto

Elektrische auto stoot evenveel CO 2 uit als gewone auto Elektrische auto stoot evenveel CO 2 uit als gewone auto Bron 1: Elektrische auto s zijn duur en helpen vooralsnog niets. Zet liever in op zuinige auto s, zegt Guus Kroes. 1. De elektrische auto is in

Nadere informatie

WKK en decentrale energie systemen, in Nederland

WKK en decentrale energie systemen, in Nederland WKK en decentrale energie systemen, in Nederland Warmte Kracht Koppeling (WKK, in het engels CHP) is een verzamelnaam voor een aantal verschillende manieren om de restwarmte die bij elektriciteitsproductie

Nadere informatie

Loont kiezen voor Cleantech innovatie?

Loont kiezen voor Cleantech innovatie? Loont kiezen voor Cleantech innovatie? Investeren in Cleantech biedt de mogelijkheid om economische meerwaarde te creëren in combinatie met milieuvoordelen. Een Cleantech productiemodel dient in staat

Nadere informatie

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN

Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Mondiale perspectieven voor energie, technologie en klimaatbeleid voor 2030 KERNPUNTEN Referentiescenario De WETO-studie (World Energy, Technology and climate policy Outlook 2030) bevat een referentiescenario

Nadere informatie

Duurzame energie in balans

Duurzame energie in balans Duurzame energie in balans Duurzame energie produceren en leveren binnen Colruyt Group I. Globale energievraag staat onder druk II. Bewuste keuze van Colruyt Group III. Wat doet WE- Power? I. Globale energievraag

Nadere informatie

Nationale Energieverkenning 2014

Nationale Energieverkenning 2014 Nationale Energieverkenning 2014 Remko Ybema en Pieter Boot Den Haag 7 oktober 2014 www.ecn.nl Inhoud Opzet van de Nationale Energieverkenning (NEV) Omgevingsfactoren Resultaten Energieverbruik Hernieuwbare

Nadere informatie

Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa)

Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa) Docentenvel opdracht 19 (campagne voor een duurzame wereld en een samenwerkend Europa) Lees ter voorbereiding onderstaande teksten. Het milieu De Europese Unie werkt aan de bescherming en verbetering van

Nadere informatie

Energietransitie en schaalvoordelen

Energietransitie en schaalvoordelen Energietransitie en schaalvoordelen Samenvatting McKinsey-onderzoek Oktober 2013 CONTEXT Recent is door McKinsey, in opdracht van Alliander, een onderzoek uitgevoerd naar de vraag: Wat zijn de voordelen

Nadere informatie

Carbon Capture & Storage (CCS): Richtlijn 2009/31/EG en het Implementatietraject

Carbon Capture & Storage (CCS): Richtlijn 2009/31/EG en het Implementatietraject Carbon Capture & Storage (CCS): Richtlijn 2009/31/EG en het Implementatietraject Prof. mr. dr. Martha Roggenkamp Groningen Centre of Energy Law (RUG) en participant Cato2 Brinkhof Advocaten, Amsterdam

Nadere informatie

Kinderopvang in transitie. Derk Loorbach, Zeist, 27-11-2014

Kinderopvang in transitie. Derk Loorbach, Zeist, 27-11-2014 Kinderopvang in transitie Derk Loorbach, Zeist, 27-11-2014 Conclusies Ingrijpende maatschappelijke verandering vraagt aanpassing Transities leiden tot onzekerheid, spanning en afbraak Omgaan met transities

Nadere informatie

Cleantech Markt Nederland 2008

Cleantech Markt Nederland 2008 Cleantech Markt Nederland 2008 Baken Adviesgroep November 2008 Laurens van Graafeiland 06 285 65 175 1 Definitie en drivers van cleantech 1.1. Inleiding Cleantech is een nieuwe markt. Sinds 2000 heeft

Nadere informatie

Model projectplan Early Adopter- en Pilotprojecten Energiebesparing Industrie 2014

Model projectplan Early Adopter- en Pilotprojecten Energiebesparing Industrie 2014 Model projectplan Early Adopter- en Pilotprojecten Energiebesparing Industrie 2014 Als bijlage bij de subsidieaanvraag moet u een projectplan bijvoegen. Dit projectplan dient een beschrijving te geven

Nadere informatie

Overzicht lessenserie Energietransitie. Lessen Energietransitie - Thema s en onderwerpen per les.

Overzicht lessenserie Energietransitie. Lessen Energietransitie - Thema s en onderwerpen per les. 1 Lessen Energietransitie - Thema s en onderwerpen per les. 2 Colofon Dit is een uitgave van Quintel Intelligence in samenwerking met GasTerra en Uitleg & Tekst Meer informatie Kijk voor meer informatie

Nadere informatie

The Netherlands of 2040. www.nl2040.nl

The Netherlands of 2040. www.nl2040.nl The Netherlands of 2040 www.nl2040.nl 1 Tijden veranderen 2 Tijden veranderen 3 Nieuwe CPB scenario studie Vraag Waarmee verdienen we ons brood in 2040? Aanpak Scenario s, geven inzicht in onzekerheid

Nadere informatie

Vooraleer de leerlingen de teksten lezen, worden de belangrijkste tekststructuren overlopen (LB 265).

Vooraleer de leerlingen de teksten lezen, worden de belangrijkste tekststructuren overlopen (LB 265). 5.2.1 Lezen In het leerboek krijgen de leerlingen uiteenlopende teksten te lezen. Op die manier worden de verschillende tekstsoorten en tekststructuren nogmaals besproken. Het gaat om een herhaling van

Nadere informatie

Energietechnologieën

Energietechnologieën pagina 1/6 Wetenschappelijke Feiten Bron: over IEA (2008) Energietechnologieën Scenario s tot 2050 Samenvatting en details: GreenFacts Context - Het toenemende energiegebruik dat aan de huidige economische

Nadere informatie

Les Koolstofkringloop en broeikaseffect

Les Koolstofkringloop en broeikaseffect LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Basisles Koolstofkringloop en broeikaseffect Werkblad Les Koolstofkringloop en broeikaseffect Werkblad Zonlicht dat de aarde bereikt, zorgt ervoor dat het aardoppervlak warm

Nadere informatie

Bedreigingen. Broeikaseffect

Bedreigingen. Broeikaseffect Bedreigingen Vroeger gebeurde het nogal eens dat de zee een gat in de duinen sloeg en het land overspoelde. Tegenwoordig gebeurt dat niet meer. De mensen hebben de duinen met behulp van helm goed vastgelegd

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie Nr. 538 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Energie Rijk. Lesmap Leerlingen

Energie Rijk. Lesmap Leerlingen Energie Rijk Lesmap Leerlingen - augustus 2009 Inhoudstafel Inleiding! 3 Welkom bij Energie Rijk 3 Inhoudelijke Ondersteuning! 4 Informatiefiches 4 Windturbines-windenergie 5 Steenkoolcentrale 6 STEG centrale

Nadere informatie

Wat vraagt de energietransitie in Nederland?

Wat vraagt de energietransitie in Nederland? Wat vraagt de energietransitie in Nederland? Jan Ros Doel/ambitie klimaatbeleid: Vermindering broeikasgasemissies in 2050 met 80 tot 95% ten opzichte van 1990 Tussendoelen voor broeikasgasemissies Geen

Nadere informatie

Presenta/e door Jan de Kraker - 5 mei 2014. Energie in Beweging

Presenta/e door Jan de Kraker - 5 mei 2014. Energie in Beweging Presenta/e door Jan de Kraker - 5 mei 2014 Energie in Beweging Wat is Well to Wheel Met Well to Wheel wordt het totale rendement van brandstoffen voor wegtransport uitgedrukt Well to Wheel maakt duidelijk

Nadere informatie

Wilt u warmte en elektriciteit. res-fc market

Wilt u warmte en elektriciteit. res-fc market Wilt u warmte en elektriciteit res-fc market Het project Het EU-project RES-FC Market wil de marktintroductie van brandstofcelsystemen voor huishoudens (FCHS) die gebruik maken van hernieuwbare energie

Nadere informatie

Rol van WKK in een toekomstige Nederlandse energievoorziening:

Rol van WKK in een toekomstige Nederlandse energievoorziening: Rol van WKK in een toekomstige Nederlandse energievoorziening: Betaalbaar & betrouwbaar? Robert Harmsen ECN Beleidsstudies COGEN Symposium Zeist 22 oktober 2004 Een blik naar de toekomst (1) Four Futures

Nadere informatie

Eindexamen scheikunde 1-2 vwo 2008-II

Eindexamen scheikunde 1-2 vwo 2008-II Ammoniak Ammoniak wordt bereid uit een mengsel van stikstof en waterstof in de molverhouding N 2 : H 2 = 1 : 3. Dit gasmengsel, ook wel synthesegas genoemd, wordt in de ammoniakfabriek gemaakt uit aardgas,

Nadere informatie

Waarom inzicht in de energieketen noodzakelijk is.

Waarom inzicht in de energieketen noodzakelijk is. Energieverbruik binnen de voedingen drankensector. Waarom inzicht in de energieketen noodzakelijk is. Deze whitepaper licht toe waarom het voor organisaties binnen de belangrijk is om inzicht te hebben

Nadere informatie

Technisch-economische scenario s voor Nederland. Ton van Dril 20 mei 2015

Technisch-economische scenario s voor Nederland. Ton van Dril 20 mei 2015 Technisch-economische scenario s voor Nederland Ton van Dril 20 mei 2015 Overzicht Energieplaatje in historisch perspectief Hoeveel en hoe gebruiken we energie? Wat gebeurt er met verbruik en uitstoot

Nadere informatie

WKK: de energiebesparingtechnologie bij uitstek!

WKK: de energiebesparingtechnologie bij uitstek! WKK: de energiebesparingtechnologie bij uitstek! Deze notitie belicht puntsgewijs de grote rol van WKK bij energiebesparing/emissiereductie. Achtereenvolgens worden de volgende punten besproken en onderbouwd:

Nadere informatie

Vloeibaar aardgas - Liquid Natural Gas (LNG) Voordelen en uitdagingen. Jan Van Houwenhove 3 December 2015

Vloeibaar aardgas - Liquid Natural Gas (LNG) Voordelen en uitdagingen. Jan Van Houwenhove 3 December 2015 Vloeibaar aardgas - Liquid Natural Gas (LNG) Voordelen en uitdagingen Jan Van Houwenhove 3 December 2015 Agenda Cryo Advise Aardgas - eigenschappen Voordelen Uitdagingen Cryo Advise advies voor LNG systemen

Nadere informatie

STACCATO. Nieuwsbrief voor de elektriciteitsbedrijven in Nederland over CO 2 -verwijdering, -transport en -opslag. Nummer 1, maart 2005.

STACCATO. Nieuwsbrief voor de elektriciteitsbedrijven in Nederland over CO 2 -verwijdering, -transport en -opslag. Nummer 1, maart 2005. STACCATO Nieuwsbrief voor de elektriciteitsbedrijven in Nederland over CO 2 -verwijdering, -transport en -opslag Nummer 1, maart 2005 Inhoud Introductie STACCATO CATO programma Peiling informatiebehoefte

Nadere informatie

Nuon Helianthos. Een doorbraak in zonne-energie.

Nuon Helianthos. Een doorbraak in zonne-energie. Nuon Helianthos Een doorbraak in zonne-energie. 2 Nuon Helianthos Een doorbraak in zonne-energie. Nuon Helianthos 3 Een duurzame samenleving staat hoog op de politieke en maatschappelijke agenda. Een wezenlijke

Nadere informatie

Economie kernenergie versus andere opties

Economie kernenergie versus andere opties Economie kernenergie versus andere opties Bert Dekker KIVI NIRIA stuurgroep Energie Symposium De economie van kerncentrales 9 november 2007 Uitgangspunten SEM Maximalisatie van renderende besparingen (payback

Nadere informatie

Energievoorziening Rotterdam 2025

Energievoorziening Rotterdam 2025 Energievoorziening Rotterdam 2025 Trends Issues Uitdagingen 9/14/2011 www.bollwerk.nl 1 Trends (1) Wereld energiemarkt: onzeker Toenemende druk op steeds schaarsere fossiele bronnen Energieprijzen onvoorspelbaar,

Nadere informatie

Footprint 2014. Rollecate Groep. Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1

Footprint 2014. Rollecate Groep. Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 Footprint 2014 Rollecate Groep Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 Datum Versie Opsteller Gezien Handtekening Juni 2015 Definitief Dhr. S.G. Jonker Dhr. R. van t Hull AMK Inventis Advies en Opleiding

Nadere informatie

Examenprogramma scheikunde vwo

Examenprogramma scheikunde vwo Examenprogramma scheikunde vwo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden Domein B Stoffen

Nadere informatie

Regionaal Energie Convenant 2014-2016

Regionaal Energie Convenant 2014-2016 Regionaal Energie Convenant 2014-2016 Mede mogelijk gemaakt met steun van: Regio Rivierenland Provincie Gelderland RCT-Rivierenland Pagina 1 Ondertekenaars, hier tezamen genoemd: partijen 1. Hebben het

Nadere informatie

Feeding the world with solar power.

Feeding the world with solar power. Feeding the world with solar power. inteqnion-solar.com Zonne-energie. Duurzame energiebron van de toekomst. De markt voor energievoorziening is volop in beweging. Fossiele brandstoffen als gas en olie

Nadere informatie

Warmtebron: de zon. Figuur 1

Warmtebron: de zon. Figuur 1 Guus Winter Profielwerkstuk 2008-2009 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 2 Inleiding 3 Warmtebron: de zon 4 Broeikasgassen 6 Broeikaseffect 8 Koolstofdioxide 10 Oplossingen 11 Schone energie 11 Opvang van CO

Nadere informatie

Een leven lang leren in de techniek

Een leven lang leren in de techniek Hiteq Kennis van nu, kennis voor later Denk 10 of 20 jaar verder. Hoe ziet de technische sector er dan uit in de context van onderwijs, arbeidsmarkt, technologie en maatschappij? Hiteq selecteert en ontsluit

Nadere informatie

Les Biomassa. Werkblad

Les Biomassa. Werkblad LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Les Biomassa Werkblad Les Biomassa Werkblad Niet windenergie, niet zonne-energie maar biomassa is de belangrijkste bron van hernieuwbare energie in Nederland. Meer dan 50%

Nadere informatie

Visie elektriciteitscentrale en biomassa in de toekomst

Visie elektriciteitscentrale en biomassa in de toekomst Visie elektriciteitscentrale en biomassa in de toekomst André Zeijseink (KEMA) Biomassa Meestook Symposium, Amsterdam, 27 mei 2010 Inleiding KEMA in t kort Belangrijke energie-drivers Rol van kolen in

Nadere informatie

Koolstof wordt teruggevonden in alle levende materie en in sedimenten, gesteenten, de oceanen en de lucht die we inademen.

Koolstof wordt teruggevonden in alle levende materie en in sedimenten, gesteenten, de oceanen en de lucht die we inademen. Koolstofcyclus Samenvatting Koolstof wordt teruggevonden in alle levende materie en in sedimenten, gesteenten, de oceanen en de lucht die we inademen. Er is een uitwisseling van koolstof tussen oceanen,

Nadere informatie

Nieuwe elektriciteitscentrale op de Maasvlakte. Schone, betrouwbare en betaalbare energie uit kolen en biomassa. Benelux

Nieuwe elektriciteitscentrale op de Maasvlakte. Schone, betrouwbare en betaalbare energie uit kolen en biomassa. Benelux Nieuwe elektriciteitscentrale op de Maasvlakte Schone, betrouwbare en betaalbare energie uit kolen en biomassa Benelux Elektriciteit: behoefte en productie Nederland heeft steeds meer elektriciteit nodig.

Nadere informatie

De Energiezuinige Wijk - De opdracht

De Energiezuinige Wijk - De opdracht De Energiezuinige Wijk De Energiezuinige Wijk De opdracht In deze opdracht ga je van alles leren over energie en energiegebruik in de wijk. Je gaat nadenken over hoe jouw wijk of een wijk er uit kan zien

Nadere informatie

2013 Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1

2013 Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 Emissie inventaris Netters infra De emissie inventaris van: 2013 Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 Opgesteld door: AMK Inventis Stef Jonker Datum: april 2014 Concept Versie 1 Maart 2014 Pagina

Nadere informatie

Voortgang CO 2 Reductie doelstellingen

Voortgang CO 2 Reductie doelstellingen Voortgang CO 2 Reductie doelstellingen M. van der Spek Hoveniers BV Benthuizen 30-10-2015 Hendrik-Jan Konijn Akkoord directie: Datum: Handtekening: 0.0 Inhoudsopgave 0.0 Inhoud 1.0 Inleiding 2.0 Referentie

Nadere informatie

MAATSCHAPPIJ ONDERSCHAT ERNST EN TAAIHEID KLIMAATPROBLEEM

MAATSCHAPPIJ ONDERSCHAT ERNST EN TAAIHEID KLIMAATPROBLEEM MAATSCHAPPIJ ONDERSCHAT ERNST EN TAAIHEID KLIMAATPROBLEEM De maatschappelijke discussie over klimaatverandering wordt onvoldoende scherp gevoerd. Er wordt nauwelijks nagedacht over de ernst van de problematiek

Nadere informatie

reating ENERGY PROGRESS

reating ENERGY PROGRESS reating ENERGY PROGRESS 2012 ENERGIE EN MILIEU: Opwarming van de aarde: Drastische vermindering CO 2 -uitstoot Energie: De energiekosten fluctueren sterk en zullen alleen maar stijgen Behoud van het milieu

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Derde Energienota Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergade~aar1995-1996 24525 Derde Energienota Nr. 2 INHOUDSOPGAVE DERDE ENERGIENOTA 1995 Samenvatting en conclusies Inleiding Hoofdstuk 1 De uitdaging

Nadere informatie

Kolenvergasser. Kolenvergasser 2009-02-01 hdefc.doc

Kolenvergasser. Kolenvergasser 2009-02-01 hdefc.doc Kolenvergasser 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 Beantwoord de vragen 1 t/m 3 aan de hand van het in bron 1 beschreven proces. Bron 1 De

Nadere informatie

Net voor de Toekomst. Frans Rooijers

Net voor de Toekomst. Frans Rooijers Net voor de Toekomst Frans Rooijers Net voor de Toekomst 1. Bepalende factoren voor energie-infrastructuur 2. Scenario s voor 2010 2050 3. Decentrale elektriciteitproductie 4. Noodzakelijke aanpassingen

Nadere informatie

Pro-Actieve Acceptatie CO 2 -afvang en opslag in Drachten

Pro-Actieve Acceptatie CO 2 -afvang en opslag in Drachten Pro-Actieve Acceptatie CO 2 -afvang en opslag in Drachten Ynke Feenstra (ECN) feenstra@ecn.nl www.createacceptance.net 1 Deze presentatie CO 2 -afvang en opslag in Drachten Wat Waar Waarom Wanneer Wie?

Nadere informatie

Om onze patiënten een duurzame zorg te garanderen.

Om onze patiënten een duurzame zorg te garanderen. Om onze patiënten een duurzame zorg te garanderen. Janssen Janssen België maakt deel uit van Janssen Pharmaceutical Companies of Johnson & Johnson (J&J). Kernactiviteiten zijn het creëren, ontwikkelen

Nadere informatie

NEW BUSINESS. Guy Konings

NEW BUSINESS. Guy Konings 2015 Guy Konings Stedin is verantwoordelijk voor transport van gas en elektriciteit in West Nederland Onze missie: Altijd energie voor onze klanten, vandaag en morgen. Simpel, betaalbaar en duurzaam KERNGETALLEN

Nadere informatie

QUESTIONBOXLES ZONNECELLEN EN ELEKTRICITEIT

QUESTIONBOXLES ZONNECELLEN EN ELEKTRICITEIT QUESTIONBOXLES ZONNECELLEN EN ELEKTRICITEIT Colofon Auteur: Amy Beerens Contact: Maarten Reichwein, WKUU, wetenschapsknooppunt@uu.nl of 030-25 33 717 INHOUDSOPGAVE Inhoud 1 Doel van de les 2 2 Opzet lesplan

Nadere informatie

Prof. Jos Uyttenhove. E21UKort

Prof. Jos Uyttenhove. E21UKort Historisch perspectief 1945-1970 Keerpunten in de jaren 70 oliecrisis en milieu Tsjernobyl (1986) ramp door menselijke fouten Kyoto protocol (1997) (CO 2 en global warming problematiek) Start alternatieven

Nadere informatie

CO 2 -update H1 2014. versie 2, 16 maart 2015

CO 2 -update H1 2014. versie 2, 16 maart 2015 CO 2 -update H1 2014 versie 2, 16 maart 2015 INLEIDING De belangrijkste milieu-impact van Beelen is haar CO 2 -uitstoot. Daarom hebben wij reeds in 2011 reductiedoelstellingen voor onze CO 2 -uitstoot

Nadere informatie

Samenvatting ... 7 Samenvatting

Samenvatting ... 7 Samenvatting Samenvatting... Concurrentie Zeehavens beconcurreren elkaar om lading en omzet. In beginsel is dat vanuit economisch perspectief een gezond uitgangspunt. Concurrentie leidt in goed werkende markten tot

Nadere informatie

Draagvlak bij burgers voor duurzaamheid. Corjan Brink, Theo Aalbers, Kees Vringer

Draagvlak bij burgers voor duurzaamheid. Corjan Brink, Theo Aalbers, Kees Vringer Draagvlak bij burgers voor duurzaamheid Corjan Brink, Theo Aalbers, Kees Vringer Samenvatting Burgers verwachten dat de overheid het voortouw neemt bij het aanpakken van duurzaamheidsproblemen. In deze

Nadere informatie

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary)

Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015. Versie 2.0 (summary) Energiezorgplan Van Dorp Installaties bv 2011 2015 Versie 2.0 (summary) Auteurs: Van Dorp Dienstencentrum Datum: Februari 2012 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 2 2. Energiebeleid... 3 2.1 Continue verbetering...

Nadere informatie

1 Nederland is nog altijd voor 92 procent afhankelijk van fossiele brandstoffen

1 Nederland is nog altijd voor 92 procent afhankelijk van fossiele brandstoffen achtergrond Afscheid van fossiel kan Klimaatverandering is een wereldwijd probleem. Energie(on)zekerheid ook. Dat betekent dat een transitie naar een veel duurzamere economie noodzakelijk is. Het recept

Nadere informatie

CO 2 Reductie doelstellingen

CO 2 Reductie doelstellingen CO 2 Reductie doelstellingen Gebr. Griekspoor BV Innovatief Proactief Duurzaam Betrokken Nieuw-Vennep 5 november 2013 Dilia van der Want. Afdeling KAM Akkoord directie: Datum: Handtekening: 0.0 Inhoudsopgave

Nadere informatie

Lessen voor het Milieubeleid: het Tinbergen perspectief

Lessen voor het Milieubeleid: het Tinbergen perspectief Lessen voor het Milieubeleid: het Tinbergen perspectief Prof. dr. Frank den Butter VU, Den Butter Economisch Advies Seminar Netwerk Groene Groei 8 September 2015, Den Haag Vraagstelling Welke doelstellingen

Nadere informatie

Examenprogramma scheikunde vwo

Examenprogramma scheikunde vwo Examenprogramma scheikunde vwo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden Domein B Stoffen,

Nadere informatie

Emissies, emissierechten, hernieuwbare bronnen en vermeden emissies

Emissies, emissierechten, hernieuwbare bronnen en vermeden emissies Emissies, emissierechten, hernieuwbare bronnen en vermeden emissies Door Harry Kloosterman en Joop Boesjes (Stichting E.I.C.) Deel 1 (Basis informatie) Emissies: Nederland heeft als lidstaat van de Europese

Nadere informatie

Informational Governance

Informational Governance Story Informational Governance Juli 2013 Nog niet zo heel lang geleden voltrokken veranderingen in de maatschappij zich volgens logische, min of meer vaste patronen. Overheden, bedrijven, wetenschappers,

Nadere informatie

Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso,

Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso, Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso, Voorzitter van de Europese Commissie, voor de Europese Raad van 22 mei 2013 Nieuwe omstandigheden op de wereldwijde energiemarkt

Nadere informatie

Les Ons gas raakt op

Les Ons gas raakt op LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Les Ons gas raakt op Werkblad Les Ons gas raakt op Werkblad Aardgas bij Slochteren In 1959 deed de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) in opdracht van de regering een proefboring

Nadere informatie

Energieverbruik gemeentelijke gebouwen

Energieverbruik gemeentelijke gebouwen MILIEUBAROMETER: INDICATORENFICHE ENERGIE 1/2 Samenwerkingsovereenkomst 2008-2013 Milieubarometer: Energieverbruik gemeentelijke gebouwen Indicatorgegevens Naam Definitie Meeteenheid Energieverbruik gemeentelijke

Nadere informatie

Afhankelijk van de natuur vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62385

Afhankelijk van de natuur vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62385 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 06 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62385 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

De emissie inventaris van: 2014 Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1

De emissie inventaris van: 2014 Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 De emissie inventaris van: 2014 Dit document is opgesteld volgens ISO 14064-1 Opgesteld door: Stef Jonker Datum: 26 januari 2015 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3 2 De organisatie... 4 2.1 Verantwoordelijke...

Nadere informatie

Bouwstenen voor een nieuw energiebeleid. De uitdagingen in het energiebeleid. CD&V voorzitter Jo Vandeurzen

Bouwstenen voor een nieuw energiebeleid. De uitdagingen in het energiebeleid. CD&V voorzitter Jo Vandeurzen Bouwstenen voor een nieuw energiebeleid De uitdagingen in het energiebeleid CD&V voorzitter Jo Vandeurzen CD&V-studiedag, Vlaams Parlement 29 april 2006 Als ik zeg dat onze moderne westerse samenleving

Nadere informatie

Horizontale planning - integratie in de gehele olie-en gas supply chain

Horizontale planning - integratie in de gehele olie-en gas supply chain Managementsamenvatting Horizontale planning - integratie in de gehele olie-en gas supply chain Neem planningsbesluiten voor maximale winst, meer veiligheid en minimalenadelige gevolgen voor het milieu

Nadere informatie