Capita selecta Cursus Inhoud

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Capita selecta Cursus Inhoud"

Transcriptie

1 Capita selecta Cursus Inhoud 1 Inleiding Pathofysiologie Allergie door type I allergie Anafylaxie Klinische manifestaties Gradatie van de ernst bij een acute allergische reactie Mortaliteit bij anafylaxie Bevorderende factoren voor optreden en voor ernst van anafylaxie Voorbeelden Urticaria Angio-oedeem Mechanismen en oorzaken van allergie en anafylaxie Anafylaxie door type I allergie Bijen en wespengif Latexcontact Medicatie Voedsel Pseudo-allergie Geneesmiddelen Voedsel Anafylaxie door complementactivatie Idiopatische anafylaxie Diagnose van anafylaxie Acute behandeling van anafylaxie Preventieve therapie Palliatieve therapie Behandeling van gastrointestinale symptomatologie bij de palliatieve patiënt Mondhygiëne Dyspepsie Hik Ascites Constipatie Ademhalingsproblemen

2 1.2.1 Hoest Doodsreutel Versnelde en/of moeizame ademhaling (polypnoe/dyspnoe) Stridor Gecontroleerde sedatie: een therapeutische mogelijkheid voor refractaire symptomen bij de terminale palliatieve patiënt? Inleiding Terminologie Frequentie van refractaire symptomen bij palliatieve patiënten Ervaring in andere domeinen van de geneeskunde Ethische beschouwingen Houding tegenover refractaire symptomen Palliatieve sedatie Patiënt vraagt palliatieve sedatie : indicatie? stappenplan! Communicatie bij palliatieve sedatie Interval tussen beslissing en uitvoering Start van palliatieve sedatie Psychische beschouwingen Opmerkingen Besluit Neurobiologie en klinische pijnsyndromen Inleiding Definitie van pijn Fysiologie van pijn Perifere nociceptie Geleiding Centrale verwerking Soorten pijn Nociceptieve pijn (acute pijn) Inflammatoire pijn Neuropathische pijn Dysfunctionele pijn Verschil tussen nociceptie pijn en andere klinische pijnsyndromen Neuroplasticiteit Neurobiologische processen Cirkels van Loser Gate control theory (poorttheorie) Pijn is complex

3 1.8 Pijn assessment (pijn anamnese) Pijnlokalisatie Pijnintensiteit Pijnkarakter Pijnverloop Pijnmodificatoren Invloed op activiteit en slaap Pijnbehandeling: multimodaal Farmacologische pijnbehandeling Niet-opioïde analgetica Praktische pijnbestrijding Opioïde analgetica Neuropathische pijn Definitie neuropatische pijn Top 3 van neuropathische pijn Verbale neuropathische pijnschalen Kliniek: positieve en negatieve tekens Pijnbehandeling bij neuropathische pijn: multimodaal Anti-neuropathica Kankerpijn: een belangrijk probleem! Enkele cijfers Oorzaken van pijn bij kanker Pijnbehandeling WHO trapladder = internationaal! Chronische pijn Blijvende neuro anatomische veranderingen ontstaan! Overgevoeligheid op verschillende domeinen Dysfunctionele pijn Central sensitivity state Pijngedrag Multidisciplinaire pijncentra Leren omgaan met pijn: het maken van een U - turn Hoe maak ik een chronisch pijnpatiënt?

4 Hoofdstuk 1: anafylaxie (Ceuppens) 1 Inleiding Anafylaxie = ernstige vorm van een acute veralgemeende allergische reactie Allergie = immunologische reactie op een (meestal onschadelijk) antigeen uit de omgeving verschillende mechanismen! Vooral IgE gemedieerde reacties o Genetische voorbeschiktheid voor IgE aanmaak = atopie o IgE antistoffen gericht tegen eiwitten of haptenen Geïnhaleerde eiwitten Voedseleiwtten Insectengif Medicaties (meestal haptenen) Andere mechanismen mogelijk: vb. contactdermatitis, rash op medicaties, alveolitis, allergische vasculitis deze zijn NIET IgE gemedieerd! Opmerking: wat is een hapteen? (Wiki) Een hapteen is een klein molecuul dat kan dienen als epitoop, maar is op zichzelf niet in staat een antilichaamrespons op te wekken. Bij een type I allergische reactie (overgevoeligheid van het onmiddellijke type) maakt het immuunsysteem IgE aan tegen een allergeen. Een IgE-respons is in principe enkel mogelijk op grotere eiwitmoleculen. Kleine reactieve moleculen echter kunnen aan lichaamseiwitten binden en zodoende als hapteen een allergische reactie uitlokken 4

5 2 Pathofysiologie 2.1 Allergie door type I allergie Contact met allergeen leidt tot vorming van IgE-antistoffen (=sensibilisatie) IgE gefixeerd op Fc receptoren van mestcellen en basofielen Bij hernieuwd contact: overbruggen van IgE, celactivatie en mediatorvrijzetting Reactie meestal binnen de 60 minuten na allergeencontact B-cellen komen in contact met allergeen (vb. pollen of anderer allergenen) Plasmacellen maken IgE-antistoffen tegen allergenen die zich vastzetten op mestcellen (overal in lichaam, vooral in luchtwegen en GI systeem) Bij volgende contact met allergenen, binden de allergenen in een keer op de 2 gecrosslinkte IgE s mestcellen worden geactiveerd histamine release symptomen DUS symptomen ontstaan door vrijzetting van histamine uit de mestcellen (ook nog andere cytokines) 5

6 2.2 Anafylaxie = ernstige vorm van een acute veralgemeende allergische reactie Symptomen o Acuut na allergeencontact binnen de 60 na allergeen contact o Op afstand van de plaats van allergeencontact o Ernstig, potentieel levensbedreigend o Meestal in meerdere organen Mechanisme o Meestal gevolg van IgE gemedieerde reactie o Andere mechanismen mogelijk: zie verder Er ontstaat bij een anafylactische reactie een systemische vrijzetting van mediatoren Uit mestcellen en basofielen o.a. histamine leukotriënen, prostaglandinen, enzymen, cytokinen Activatie van mestcellen en basofielen als gevolg van: o IgE gemedieerde reactie (voedsel; insectengif; medicaties; latex) o Complement activatie (C3a en C5a) (medicaties) o Pseudoallergie (voedsel; medicaties) o Idiopathisch 6

7 3 Klinische manifestaties Belangrijkste klinische manifestaties van veralgemeende basofielen/mestceldegranulatie Cutaan o o Doet bijna altijd mee, maar kan tijdens anafylactisch shock door anesthesie wel achterwege blijven Jeuk, urticaria, angio-oedeem Respiratoir: bronchoconstrictie (ook bij niet-astmapatiënten), mucusproductie luchtwegoedeem GI: motilieit neemt toe (braken, krampen, diarree) BD daling ontstaat door o Vasodilatatie: BD daling o Verminderde hartcontractiliteit 4 Gradatie van de ernst bij een acute allergische reactie Graad 1: erytheem, jeuk, urticaria, angio-oedeem = cutane aantasting nog GEEN anafylaxie, maar een uitgesproken angio-oedeem, kan wel levensbedreigend zijn! Graad 2: benauwd gevoel, hoest, braken, diarree = mucosale aantasting vanaf graad 2 spreekt men van anafylaxie Graad 3: hypotensie, hartritmestoornissen, ernstige bronchospasme, hypoxie Graad 4: circulatoire en/of respiratoire collaps Graad 5: dood 5 Mortaliteit bij anafylaxie Belangrijkste doodsoorzaak = hypoxie door luchtwegobstructie Risicofactoren voor mortaliteit = wie is veel meer at risk o Cardiale pathologie o Astma, COPD (luchtwegen zijn hyperreactief en per definitie al voorbeschikt) o β blokkers (door β blokkade), ACE inhibitoren o Leeftijd Op hogere leeftijd veel gevaarlijker (oudere mensen hebben ook meer COPD, meer cardiale pathologie, maar toch ook risicofactor op zich) Omgekeerd: kleine kinderen hebben minder kans op overlijden, maar wel meer kans op anafylaxie, omwille van meer risico op IgE reactie 6 Bevorderende factoren voor optreden en voor ernst van anafylaxie Alcohol: meer dan een glaasje wijn nodig Inspanning: inspanningsdependente voedselanafylaxie atleten die pasta hebben gegeten en vervolgens zeer intensief gaan sporten anafylactische shock ACE-inhibitoren(anti-hypertensiva) NSAID s (type aspirine, ibuprofen, OOK zalven) kans op anafylaxie is GROTER bij inname van NSAID s 7

8 7 Voorbeelden 7.1 Urticaria Wheel (donkere kring) and flare (waar opgeklaard) reactie Groot of klein 7.2 Angio-oedeem Asymmetrisch, vaak zo (helft van de lip gezwollen) Tong ook gezwollen, soms verward met CVA! Want kan mond niet goed bewegen en kan niet goed spreken Angio-oedeem op ACE-inhibitoren: graad 1, geen echte anafylaxie o Neemt al jaren dagelijks Zestril vormt meer bradykinines drempel wordt soms overtreden angio-oedeem dat meestal s nachts optreedt o Wordt vaak miskend, net omdat patiënt het medicament al jaren neemt o Plots treedt er reactie op, niet door voeding of omgevingsfactoren o Vervangen door sartanen 8

9 8 Mechanismen en oorzaken van allergie en anafylaxie 8.1 Anafylaxie door type I allergie Bijen en wespengif Casus BVD, een man van 40 wordt tijdens het werk in de tuin gestoken in zijn handpalm door een insect. De steek is erg pijnlijk. Na 30 minuten is zijn hand en voorarm gezwollen en heeft hij veralgemeende jeuk. Tegen de pijn neemt hij een aspirine bruis. Kort daarna neemt de jeuk toe, krijgt hij het benauwd en zwelt zijn aangezicht. Bij aankomst op spoedgevallen zijn zijn oogleden en lippen sterk gezwollen, heeft hij diffuus urticaria, een BD van 9/4 met tarchycardie, en wheezing over beide longvelden. Wat is de oorzaak van deze reactie? Duidelijke anafylaxie Waarschijnlijk is de bijensteek de oorzaak Nam aspirine tegen de pijn, is niet de geschikte therapie bij wespensteek én NSAID maakte het erger, omdat er wel minder PG zijn, maar er zijn meer LEUKOTRIËNEN en die versterken het effect van histamine! Hoe kan uw vermoeden bevestigd worden? Test voor wespenallergie (CAP test) was positief antistoffen duidelijk positief Is preventieve behandeling mogelijk? Preventieve behandeling mogelijk via immunotherapie Kenmerken Allergie op bijen en wespengif Proteïnen uit gif van wespen, bijen (en hommels) Geen kruisreactiviteit tussen wespen- en bijengif (dus als allergisch voor wesp, dan niet noodzakelijk allergisch voor bij) Symptomen van lokale reactie (rond de steekplaats) tot anafylaxie als lokaal, dan blijft het lokaal, maar is akelig als je na elke steek een angio-oedeem en urticaria krijgt Diagnose van allergie o CAP test (meet de hoeveelheid allergeen specifiek IgE in het bloed) Maar hoeveelheid specifiek IgE correleert NIET met de ernst van de reactie < 0.1: negatief 0.1: zwak positief >0.1: positief Niet omdat nu positieve test met lokale reactie en waarde van 50 dat volgende keer sowieso anafylactische reactie Meestal als lokaal, dan blijft het lokaal Driekwart van de mensen met anafylaxie op wespensteek, hebben ooit wespensteek gehad, maar hadden er nauwelijks reactie op toen 9

10 Als ooit anafylactisch gereageerd 50% kans op nieuwe anafylactisch reactie na wespen- of bijensteek o (Triptase = wordt in grote hoeveelheiden vrijgezet door mestcellen, blijft lang in bloed en is dus stabiel, en meet activiteit van mestcellen) Preventieve behandeling mogelijk via immunotherapie: aangewezen zo graad II-IV anafylaxie BEROEPSFOUT ALS NIET BEHANDELEN o Kostelijk, dus niet voor graad 1 o Gifzakje van wespen disseceren van wepsen = wordt verkocht (er bestaat een bedrijf dat hierin gespecialiseerd is, je moet dat niet zelf doen) o Eerst week: opname met dagelijks toenemende dosis wespengif en laatste dag 100 µg wespengif nadien 4 maal per jaar rappel o Doen nadien misschien nog wel een lokale reactie, maar geen anafylaxie meer Latexcontact Casus 2 EJ, een vijfentwintigjarige verpleegster op de operatiezaal, ondergaat na een ongecompliceerde zwangerschap van 38 weken, een sectio wegens stuitligging (onder epidurale anestesie). Kort na incisie van de baarmoeder en geboorte van het kind doet zij ernstige hypotensie, veralgemeend urticaria en vervolgens zware dyspnoe en shock. Wat is de oorzaak van deze reactie? Epidurale anesthesie? Isobetadine? Chloorhexidine op urinesonde? Latex? Er ontstaat geen anafylaxie bij epidurale anesthesie (tandartsen verwijzen mensen vaak door, omdat ze denken dat hun patiënten een anafylactische shock doen op de epidurale anesthesie, maar zijn stuk voor stuk vagale reacties) Minder IgE gemedieerde reactie bij isobetadine MEER BIJ CHLOOHEXIDINE o HUID: Vaak ontstaat er een lokale reactie als vb. de huid ontsmet wordt met chloorhexidine, maar als door de met chloorhexidine ontsmette huid wordt geprikt veralgemeende reac e en anafylaxie o MUCOSA: Chloorhexidinegel op urinesonde mucosaal contact veroorzaakt hier ook anafylaxie LATEXHANDSCHOENEN VAN DE GYNAECOLOOG!!! Hoe kan uw vermoeden bevestigd worden? Zie verder Is preventieve behandeling mogelijk? Zie verder Kenmerken Wat is latex? Melkachtige vloeistof uit de stam van de rubberboom (Hevea brasiliensis) Verwerkt via verscheidene scheikundige processen (antioxydantie en acceleratoren) Vulkanisatie via warmte en zwavel (om grotere elasticiteit te verkrijgen) 10

11 Finaal product bevat nog een belangrijke hoeveelheid proteïne Allergie aan rubber Onmiddellijke reacties: type I of IgE gemedieerde reactie door IgE antistoffen tegen eiwitten in de latex Rubberallergie is type IV contacteczeem aan chemische substanties die worden toegevoegd tijdens bereidingsproces van rubber Risico op latexallergie = vooral gevolg van herhaalde blootstelling Medisch en paramedisch personeel: tussen 2.8 en 10.7% Spina bifida: tussen 32 en 51% daarom nu vanaf nu GEEN latexhandschoenen meer bij jonge patiëntjes Totale bevolking: < 1% Atopici: 3% Klinische verschijnselen van latexallergie Onmiddellijk jeukende lokale contacturticaria (75-100%), conjuncitivitis (22-44%), rhinitis (15-51%), astma (3-31%), anafylaxie (6-8%) Als handschoenen uittrekken meeste handschoenen met latex bevatten nog poeder (= bestaat uit zetmeel), het poeder neemt latex op en als het in de ogen belandt ontstaat conjunctivitis Latexbronnen in ziekenhuismilieu: handschoenen (tegenwoordig ook latexvrije handschoenen), cuff van bloeddrukmeter, wegwerpmateriaal! (katheter, sonde, tourniquet, infuusleidingen, stamper van spuiten, stethoscoop, beademingsmasker) Latexbronnen buiten ziekenhuis: condoom, keukenhanddschoenen, warmwaterkruik, schoenzolen en textiel (stretch), zwemschoenen, mutsen en maskers, speelgoed (poppen, ballonnen ea), fopspeen en melkflessen voor baby s, schuimrubber Diagnose van latexallergie Klinische geschiedenis Huidtest + labotest = gecombineerde gevoeligheid van 100% o Huidtest (prik-test): gevoeligeid > 90% o In vitro test (CAP): gevoeligheid > 90% Gebruikstest (met handschoen) Bronchiale provocatietest??? Anafylaxie door latexcontact Vooral peroperatief (12.5 % van de peroperatieve shock is door latexallergie) en bij mucosale of invasieve onderzoeken: blaassonde, rectale ballon, vaginaal toucher, tandarts-onderzoek o Opmerking: meest typisch niet bij inductie, maar wel PER operatief = terwijl chirurg bezig is voldoende latexcontact is nodig! Doch ook door contact van latex met slijmvliezenbuiten medisch milieu b.v. ballon opblazen, condoomgebruik 11

12 8.1.3 Medicatie Casus J.L., een 30-jarige man zonder belangrijke antecedenten, bezoekt zijn huisarts met deze winter voor de derde keer een bronchitis. Hij heeft koorts, geen expectoraties. De huisarts schrijft hem amoxycilline voor en ibuprofen. Een half uur na inname van beide krijgt hij diffuse jeuk en een zwelling van de tong die het slikken bemoeilijkt. Bij aankomst op spoedgevallen is er diffuus urticaria. Normale bloeddruk, normale longauscultatie. Wat is de waarschijnlijke oorzaak? Hij heeft meerdere geneesmiddelen genomen en dan nog twee tegelijk genomen β lactam antibiotica en NSAID s (nooit reactie op paracetamol) meest voorkomende oorzaak van urticaria Acuut allergische reacties aan medicaties Hoe kan uw vermoeden bevestigd worden? Zie verder Is preventieve behandeling mogelijk? Zie verder Kenmerken Type I allergie aan medicatie Sensibilisatie door voorafgaand contact is in principe vereist Het merendeel van de geneesmiddelen (of metabolieten ervan) zijn meestal < 1000 daltons en vereisen EIWITBINDING om sensibiliserend te zijn en om allergische reacties uit te lokken 12

13 Werkingsmechanisme B-lymfocyt met receptoren + geneesmiddel gebonden aan eiwitten ( gedragen zich als een hapteen = endogeen eiwit met daarop geneesmiddel vormt dan allergeen) IgE gemedieerde vrijstelling van histamine door mestcellen via cross linking Als β lactam ring opent kunnen ze covalent binden aan eiwitten Geneesmiddelen meest frequent verantwoordelijk voor type I allergische reacties Haptenen: penicillines, ceafolsporines, neuromusculaire blokkers, sulfonamiden, cisplatinum (cytostaticum) o Neuromusculaire blokkers (geduchte allergenen gebruikt tijdens anesthesie er treedt anafylaxie bij een EERSTE anesthesie) dus van waar komt kruisreac e die anafylaxie doet ontstaan? Nog niet helemaal duidelijk, vermoedelijk: Vrouwen meer reacties = door cosmetica Hoestsiropen = in Zweden epidemiologisch gecorreleerd bepaalde hoestsiropen zijn verboden duidelijke daling van het aantal anafylac sche shocks tijdens anesthesie o Geen kruisreactie tussen cis-platinum en carbo-platinum Volledige allergenen: allergeenextracten (desensibilisatie), streptokinase, nieuwe biologicas (monoklonale antistoffen) Voedsel Casus 4 R.B., een vrouw van 25 met een atopische constitutie (hooikoorts) en vroegere allergische reactie op pinda s, neemt een uitgebreide maaltijd in een Indonesisch restaurant. Kort na het hoofdgerecht (gevogelte, rijst, saus) voelt ze zich onwel en krijgt diffuse jeuk. Ze heeft braakneiging, voelt zich benauwd en wordt syncopaal. Bij aankomst op spoedgevallen heeft ze diffuse urticaria, BD 5/2, warme extremiteiten en diffuus wheezing over beide longvelden. Wat is de eerste medicatie die u toedient? Eerst shock behandelen Pinda is een zeer krachtig allergeen geen pinda gekregen in restaurant? kans is in Aziatische restaurants is niet gering (vb. in saus)! Wat is de mogelijke oorzaak? Hoe stelt u de diagnose? Kenmerken Anafylaxie door voedselallergie Dierlijke ewitten o Vlees is heel zeldzaam de oorzaak o Koemelk: bij jonge kindjes, groeien eruit, zz bij volwassenen o Wit van ei, vis, schaaldieren, schelpdieren, weekdieren: heel belangrijk en frequent 13

14 Oudere mossels vormen histidine om in histamine (ook door bacteriële groei) veel histamine binnen krijgen niet echt allergisch, maar wel toxisch Plantaardig eiwitten = komen nog meer voor o Primaire voedselallergie: vanaf het begin hiervoor allergie Vooral noten (in België vooral hazelnoten), pinda (wereldwijd het belangrijkste, maar meer in Angelsaksische landen), zaden, steenfruit, (reactie op steenfruit is zeldzaam, maar bestaat), soja (wordt nu ook meer gebruikt), tarwe (typisch eiwit uit de glutenfractie, vooral bij atleten tijdens inspanning eten regelma g pasta voor de zware inspanning gaan in shock) o Secundaire voedselallergie door kruisreactiviteit met Latex: banaan, vijg, avocado, kiwi, kastanje (eiwit in fruitsoorten lijkt sterk op latexproteïne latex komt ook van een boom) Bijvoetpollen (banaal onkruid dat weinig symptomen geeft, want geeft weinig pollen af): kruiden, groenten (o.a. selder, peterselie, venkel), fruit (o.a. meloen) Voedingsmiddelen in volgorde van aantal casussen (geregistreerd in Frankrijk) niet van buiten kennen (pinda, noten, schaaldieren, avocardo, kiwi, vijg, banaan, ) Welke allergenen? Stabiele allergenen: resistent aan proteasen en lage ph, zijn vaak ook hittestabiel (gaan niet kapot tijdens het koken) o Meeste eiwitten worden door verteerd proteasen in speeksel en lage ph in maag o Verteringslabiliteit vaak gerelateerd aan hittestabiliteit o Meeste plantaarde allergenen: resistent tegen vertering of verwarmings-processen kan leiden tot GI klachten en door resorp e kunnen allergenen in bloed belanden Best geïdentificeerd zijn de lipid transfer proteins (vb. tarwe, rol in transfereren lipiden in de vertering) en de storage proteins Klinische manifestaties van voedselallergie, IgE gemedieerd Oraal allergie syndroom op labiele betv1 analogen o PR-10 eiwitten in vb. appel, steenfruit, wortel zijn labiele allergenen en gaan kapot in de mond geeft jeuk in de mond o Komt voor bij patiënten met een boompollenallergie o Gebruiken best geen soja producten, is een uitzondering want als soja drinken, dan geen vertering mogelijk door grote hoeveelheid dan wel anafylaxie o Urticaria/angio-oedeem tot anafylaxie op stabiele voedselallergenen gevaar als zwelling in de keel Opmerking: o T-cel-gemedieerd: atopisch eczeem, mondaften? o Pseudo-allergie: urticaria tot angio-oedeem 14

15 8.2 Pseudo-allergie Geneesmiddelen Mediatorvrijzetting zoals bij type I allergie ZONDER TUSSENKOMST VAN ANTISTOFFEN Op NSAID (wordt heel frequent vergeten!) nooit IgE gemedieerde anafylaxie CAP testen per definitie negatief, dus enkel bewijzen door middel van provocatietest Geen sensibilisatiefase nodig, treedt plots op. Er is geen eerste contact nodig. Symptomen Potentieel zoals bij type I Doch meestal beperkt tot urticaria/angio-oedeem OF bronchusobstructie (bij onderliggend astma) o Oftalmologen ook opletten met oogdruppels o Keelpastilles met NSAID, soort ibuprofen die lokaal wordt toegediend kunnen zware astma-aanval uitlokken o Zalven met NSAID ook gevaarlijk Geneesmiddelen meest frequent verantwoordelijk voor pseudo-allergische reacties Aspirine en andere NSAID (behalve COX-2 selectieve) Contrastmiddelen radiologi o 0.22% ernstige reacties op ionische producten, 0.04% op niet-ionisch iso-osmolaire o Niet omdat niet tegen joodalcohol (dermatitis) kunnen dat niet meer mogen inspuiten met contrastmiddel Quinolone AB = sterk histamine vrijzettend product Vitamine B1, vitamine B6, parenteraal ijzer Risicofactoren Chronisch urticarie (50% reageert op NSAID!) Astam, vooral indien gassocieerd met neuspoliepen (ASA syndroom) VG: als allergisch voor NSAID, dan grotere kans op reactie tegen quinolonen Voedsel Meestal milde reacties beperkt tot angio-oedeem en urticaria Allergenen Additieven: bewaarmiddelen, kleurstoffen Natuurlijke bestanddelen in: tomaten, aarbeien, paprika, schaaldieren, gerookte vis 8.3 Anafylaxie door complementactivatie Complementactivatie als gevolg van Immuuncomplexvorming (vb. bloedtransfusie, IVIG, gelatine, β lactam AB) Directe complementactivatie (dextranen = plasma-exanders die direct kunnen activeren en shock kunnen veroorzaken) 15

16 Mediatorvrijzetting door complement splitproducten (voorl C3a en C5a) 8.4 Idiopatische anafylaxie Anafylaxie waarbij bovenstaande oorzaken werden uitgesloten Mensen die wakker worden met jeukende handen en voeten die het voelen oprukken naar het lichaam zijn tien minuten later in shock Heel beangstigend, oorzaak =? o Echt idiopatisch? o Of door niet-geïdentificeerde exogene oorzaak in voeding? Of door huid of slijmvliescontact? 9 Diagnose van anafylaxie Diagnose van anafylaxie stellen op basis van het ziektebeeld serum IgE bepalen van verdacht producten Bevestigen van de diagnose anafylaxie o Klinisch beeld o Serum tryptase = stabiel enzyme dat uit mestcellen vrijkomt en nadien nog enkele uren in bloed blijft als duidelijk gestegen, dan duidelijk anafylaxie, maar als licht gestegen tov basiswaarde (kan je nadien meten) dan weet je dat het een anafylaxie was (daarom dan twee stalen nodig) Neutraal protease Wordt selectief geproduceerd door mestcellen 16

17 Halfleven = 2 uur Nuttig voor differentiatie van anafylactische shock vs cardiogene of septische shock Bloedname binnen 3 uur na anafylaxie en een 2 de staal 24h later Identificeren van de oorzaak o Anamnese o Serum IgE antistoffen o Huidtesten Intracutane huidtests Aantonen van IgE gemedieerde mestceldegranulatie in de huid Wat? o Priktest met voedselextracten of prik-prik met verse voeding vvoedselextracten niet altijd beschikbaar desnoods verse producten of de saus in het restaurant gaan halen en aan de patiënt geven Intradermaal testen met medicaties of insectengif o Op dagzaal, gezien gevaar voor anafylaxie Geen huiddiagnostiek bij o Pseudo-allergie o Complement-gemedieerde reacties: afleiden uit verhaal! Opzoeken van specifiek serum IgE met immuno-cap Aantonen van allergeen specifieke igeantistoffen in bloed door immunoassay Geen gevaar op anafylaxie, geen invloed van antihistaminica Alleen zinvol bij vermoeden van IgE-gemedieerde reactie Geen IgE antistoffen bij pseudo-allergie Voedsel en medicatie-allergie: diagnose Zowel immunocap als huidtest heeft risico op vals positieve en vals negatieve resultaten Provocaties Ernstig risico op anafylaxie Vooral om zeker te zijn dat een bepaald voedsel of een medicatie NIET de oorzaak is 17

18 10 Acute behandeling van anafylaxie Opletten of proces nog niet bezig is, dus niet laten escaleren! Graad I: alleen cutane symptomen o MONITORING! Hou patiënt onder bewaking OOK AL IS HET MAAR EEN GRAAD 1 o Meestal antihistaminica parenteraal (phenergan + ranitidine) geven o Anti-histaminicum IV = Phenergan = enorm slaapverwekkend en heel anticholinerg patiënt valt gewoon in slaap terwijl Phenergan iv geven (er staat op dat het enkel IM mag, maar als het snel moet gaan, mag traag IV ook) o Sublinguale smelttabletten mogen ook gebruikt worden als heel lichte shock Graad II/III o Antihistaminica + O 2 o Bronchospasm Ventolin Aerosol (Adrenaline IM) o IV access: 125mg Solumedrol Traagwerkend product, doet niets op histamine vrijzetting, maar op leukotriënen + ontstaan bronchoconstrictie nieuwe opstoot voorkomen Maar NIET als eerste geven o Larynxoedeem Adrenaline in aerosol (2-5mg) of IM; intubatie Vaak mensen met ACE inhibitoren vaak intuba e nodig! Graad III/IV o ADRENALINE + ADEMWEG VRIJHOUDEN o Relatieve hypovolemie Door vasodilatatie, dus niet niet te veel vocht, want als terugkeren naar normaal niveau overvulling Als oedeem vrij komt, zal er ook meer vocht in de bloedbaan belanden, dus opletten met vocht Adrenaline IM ALGEMENE REGEL = 10 µg/kg o Niet IV = ritmestoornissen vermijden, bij anafylaxie niet echt nodig o Niet SC, want slechte resorptie o Volwassenen: 500µg o Kinderen: >12j (500µg), 6j-12j (250µg), 6m-6j (120µg), < 6m (50µg) 18

19 19

20 11 Preventieve therapie Identificatie van de oorzaak Vermijden van contact: cave hidden allergens gevaar voor verborgen voedselallergenen door verwerking van voedselbestanddelen (vb. ei, pinda, kruiden, soja, zaden zoals zonnebloempitten, pijnboompitten,sesamzaad, ) Moeten antihistaminica preventief gegeven worden? neen, maar wel nuttig dat igv anafylaxie dat je ineens anti histaminicum kan innemen Epipen = adrenaline Volledig gebruiksklaar Er zit een veer op die bij druk loskomt en adrenaline wordt in quadriceps geïnjecteerd (mag door kleren gestoken worden) Tot tien tellen Dan erover wrijven Bij dikke mensen belandt het wel subcutaan = slechtere resorptie Blijft een lage dosis, want volwassenen hebben 0.5 nodig Eventueel kan nog een tweede gegeven worden Moet nog altijd naar spoedgevallen, maar kan levensreddend zijn Vervaldatum: vraag aan de apotheker naar eentje met een lange houdbaarheiddatum max 1 jaar geldig Je moet adrenaline normaal koel bewaren, maar dit kan op kamertemperatuur Immunotherapie = tolerantie-inductie: enkel voor wespen of bijengif wordt nog op gewerkt voor pinda, want heel frequent voorkomend allergeen Desensibilisatie = van allergie vanaf (enkel maar beschikbaar voor wepsen- en bijengif) Desensitisatie = nog steeds allergisch, maar door dagelijks onderhoud contact gewenning induceren en zo veel minder reactie (wordt in sommige centra gedaan voor pinda, ook zo voor β-lactam) 20

21 Hoofstuk 2: palliatieve therapie en zorg (Menten) 1 Palliatieve therapie 1.1 Behandeling van gastrointestinale symptomatologie bij de palliatieve patiënt Mondhygiëne Opmerking: geen formule voor mondspoelingen kennen voor het examen!!! Kijk steeds in de mond en naar de tong van de patiënt! Mondzorg maakt een noodzakelijk deel uit van het dagelijks toilet bij de palliatieve patiënt. De mondverzorging kan aan de patiënt of eventueel aan zijn familie worden toevertrouwd. Actieve inschakeling van de familie bevordert het contact tussen familie en patiënt en kan het verloop van het rouwproces in gunstige zin beïnvloeden. De patiënt of de hulpverlener poetst zolang mogelijk de tanden/tandprothese en gebruikt liefst geen instrumenten die irriterend of kwetsend kunnen zijn voor de mondmucosa. Mondspoeling na de maaltijden en na braken zijn sterk aan te bevelen. Nog te vaak wordt mondzorg (ook door verpleegkundige en door de arts ) afgedaan als iets minder belangrijks, iets dat "straks eventueel nog wel kan gedaan worden, laat de zieke nu maar eerst rusten " De familie moet gewezen worden op het belang van een goede en regelmatige mondhygiëne omdat ook zij hier onvoldoende bij stilstaan. Enkele praktische mogelijkheden: doe liever een mondtoilet met een kompres rond de vinger dan te werken met een kocher of een pincet Vuile mond = analoog aan 1 week tanden niet poetsen (zo ziet een vuile mond eruit) Spoelen met een bruisoplossing die bestaat uit : 1/3 waterstofperoxide (10 volume %) + 2/3 water; ofwel 1/2 water en 1/2 cider. Cave : NIET gebruiken bij bloedende mucosa!!! Champagne of cava (een aperitief bevordert de eetlust) 21

22 Droge mond Vb. Door radiotherapie thv de mond. Het laten smelten van ijsblokjes vervaardigd van cola, fruitsap, thee of gemalen ananas. o De drank die ze het liefste hebben ijsblokjes van maken kapot stampen schilfers laten smelten in de mond van de patiënt (Suikervrije) kauwgom op basis van xylitol, kunstspeeksel zoals Glandosan en Salivaspray. Vaseline, cacao boter, Chapstick of Glandosan spray voorkomen korsten op de lippen bij patiënten met droge mond. Dit is vooral nuttig wanneer naar het einde toe de patiënt moeilijk of zelfs niet meer kan drinken. o Lipstick: om de lippen soepel te houden, zodat er geen korsten ontstaan Beslagen tong Het aanbrengen van amandelolie of het leggen van yoghurt op de tong kan het beslag duidelijk doen verminderen (of ananas). Het nat uit vb. de yoghurt gaat het beslag wegtrekken. Ook het aanbrengen van een kwart van een bruistablet vitamine C op de tong is nuttig. Preventief kan men amandelolie aanbrengen met een kompres en dan naspoelen met zuiver water. Bij slikmoeilijkheden omwille van pijn in de mondholte: laat een pijnstillende cocktail inwerken op het mondslijmvlies en dan doorslikken ongeveer 15 min voor elke maaltijd of bij optreden van pijn. Recept (magistraal) Diphenhydramine HCL 415mg Lidocaïne HCL 3,3gr Maalox Suspensie 165 cc Siropus Simplex 165cc Hydromellose gel 3,3% tot 500ml Vermijd: erg gekruide producten bij de maaltijden of koolzuurhoudende dranken Magistrale mondspoeling voor pijnlijke mucositis met aanwezigheid van plaques en debris Minstens 6x per dag met 5 à 10 ml spoelen: Recept: Amylocaïne 0.25 gr Phenosalyl 5 gr Glycerol 25 gr Aqua ad 250 gr 22

Interne geneeskunde Allergologie. Anafylaxie zonder duidelijke oorzaak

Interne geneeskunde Allergologie. Anafylaxie zonder duidelijke oorzaak Interne geneeskunde Allergologie Anafylaxie zonder duidelijke oorzaak Interne geneeskunde Allergologie Inleiding U heeft één of meerdere ernstige allergische aanvallen gehad, ook wel anafylaxie genoemd.

Nadere informatie

Minisymposium voedselallergie. 28 april 2011 Chris Nieuwhof, internistallergologe/immunologe

Minisymposium voedselallergie. 28 april 2011 Chris Nieuwhof, internistallergologe/immunologe Minisymposium voedselallergie 28 april 2011 Chris Nieuwhof, internistallergologe/immunologe Verschillende noten Verschillende noten Voedsel allergie Wat is allergie? Allergie is een afweerreactie (van

Nadere informatie

Interne Geneeskunde Allergologie. Urticaria / Angio-oedeem

Interne Geneeskunde Allergologie. Urticaria / Angio-oedeem Interne Geneeskunde Allergologie Urticaria / Angio-oedeem Interne Geneeskunde Allergologie U heeft een huidafwijking die urticaria (galbulten, netelroos) wordt genoemd. Deze aandoening gaat ook vaak gepaard

Nadere informatie

WERKEN MET EEN SPUITDRIJVER Myriam Arren Palliatief deskundige PHA INDICATIE Aanhoudende nausea of braken Ernstige dysfagie Gastro-intestinale obstructie Patiënt is niet meer in staat om orale medicatie

Nadere informatie

Groepsspreekuur Urticaria & Angiooedeem. Urticaria = galbulten = netelroos

Groepsspreekuur Urticaria & Angiooedeem. Urticaria = galbulten = netelroos Groepsspreekuur Urticaria & Angiooedeem Urticaria = galbulten = netelroos Urticaria Urticaria komen veel voor: ¼ volwassenen heeft het wel eens gehad Kenmerkend zijn snel wisselende kwaddels (bleek) daaromheen

Nadere informatie

Allergieteam. Geïntegreerde allergiezorg. 050/45 96 96 allergieteam@azsintjan.be

Allergieteam. Geïntegreerde allergiezorg. 050/45 96 96 allergieteam@azsintjan.be Allergieteam Geïntegreerde allergiezorg 050/45 96 96 allergieteam@azsintjan.be Multidisciplinair: Kindergeneeskunde Huidziekten Neus-Keel-Oorziekten Longziekten Maag-Darm-Leverziekten Laboratorium Spoedgevallen

Nadere informatie

Trastuzumab (Herceptin )

Trastuzumab (Herceptin ) Trastuzumab (Herceptin ) Borstkanker (mammacarcinoom) De diagnose borstkanker is bij u vastgesteld. Dit wordt ook wel een mammacarcinoom genoemd. De behandeling van een mammacarcinoom bestaat uit een operatieve

Nadere informatie

Centrumlocatie. Voedselprovocatie. Afdeling Allergologie

Centrumlocatie. Voedselprovocatie. Afdeling Allergologie Centrumlocatie Voedselprovocatie Afdeling Allergologie Met u is afgesproken dat u een voedselprovocatie zult doen. Dit is tot op heden de enige test waarin nagegaan kan worden of u een echte reactie krijgt

Nadere informatie

Urticaria en angio-oedeem

Urticaria en angio-oedeem Urticaria en angio-oedeem URTICARIA EN ANGIO-OEDEEM Urticaria Urticaria zijn hevig jeukende verheven rode vlekken op de huid met een centrale bleke opheldering. Is er sprake van één bult of vlek dan spreekt

Nadere informatie

SF Z. Oncologisch support Team. Nexavar SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS

SF Z. Oncologisch support Team. Nexavar SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS SF Z SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS Oncologisch support Team Nexavar Nexavar Uw arts schreef u een nieuw geneesmiddel voor, Nexavar. Deze behandeling richt zich op kankercellen (targeted therapie). Nexavar

Nadere informatie

Symptoombestrijding in de terminale fase. Dr Peter Burvenich

Symptoombestrijding in de terminale fase. Dr Peter Burvenich Symptoombestrijding in de terminale fase Dr Peter Burvenich Frekwentste symptomen:% Pijn (62) zwakte (39) constipatie (34) nausea en braken (30) dyspnoe (26) angst (20) verwardheid (16) anorexie (14) depressie

Nadere informatie

Voedselallergie is een veel voorkomende vorm van overgevoeligheid voor voedsel, waarbij immunoglobuline type E (IgE)-antistoffen een rol spelen. Allergische reacties op voedsel staan steeds meer in de

Nadere informatie

Ustekinumab. (Stelara) Dermatologie

Ustekinumab. (Stelara) Dermatologie Ustekinumab (Stelara) Dermatologie Inhoudsopgave Inleiding 4 1. Hoe werkt Ustekinumab (Stelara) 4 2. Wat moet u weten voordat u Ustekinumab (Stelara) gebruikt 5 Gebruik Ustekinumab (Stelara) niet 5 Wees

Nadere informatie

Sublinguale immunotherapie. Handboek voor de patiënt

Sublinguale immunotherapie. Handboek voor de patiënt Sublinguale immunotherapie Handboek voor de patiënt Inleiding De behandeling van allergische ademhalingsziekten (rinitis, astma) is gebaseerd op de controle van de omgeving, het vermijden van allergenen,

Nadere informatie

Misselijkheid & Braken Jan de Heer Huisartsconsulent Palliatieve Zorg

Misselijkheid & Braken Jan de Heer Huisartsconsulent Palliatieve Zorg Misselijkheid & Braken Jan de Heer Huisartsconsulent Palliatieve Zorg Vragen bij de palliatieve helpdesks? Vragen bij de palliatieve helpdesks Pijn 43.5 % Obstipatie 15.1 % Misselijkheid 14.9 % Benauwdheid

Nadere informatie

Voedselprovocatie. Havenziekenhuis. april 2012

Voedselprovocatie. Havenziekenhuis. april 2012 Voedselprovocatie april 2012 Een allergie is een reactie van het afweersysteem van het lichaam gericht tegen niet schadelijke stoffen als stuifmeel, huidschilfers of voedingsmiddelen met allergische klachten

Nadere informatie

Interne Geneeskunde Allergologie. Immunotherapie voor insectenallergie bij mastocytose

Interne Geneeskunde Allergologie. Immunotherapie voor insectenallergie bij mastocytose Interne Geneeskunde Allergologie Immunotherapie voor insectenallergie bij mastocytose Interne Geneeskunde Allergologie Wat is mastocytose? Mastocytose is de naam voor een zeldzame ziekte, die het gevolg

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Mucoangin Cassis 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Mucoangin Cassis 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Mucoangin Cassis 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie. Dit geneesmiddel kunt u zonder

Nadere informatie

Bijsluiter voor de patiënt

Bijsluiter voor de patiënt Bijsluiter voor de patiënt STALORAL, allergeenoplossingen voor sublinguaal gebruik Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het innemen van dit geneesmiddel. Bewaar deze bijsluiter.

Nadere informatie

Onderzoek naar koemelkallergie

Onderzoek naar koemelkallergie Onderzoek naar koemelkallergie Uw kind heeft verschijnselen die wijzen op een allergie voor koemelk. In deze folder wordt uitgelegd wat een allergie voor koemelk bij jonge kinderen inhoudt. Ook krijgt

Nadere informatie

Immunotherapie bij hooikoorts en allergie voor huisstofmijt

Immunotherapie bij hooikoorts en allergie voor huisstofmijt Keel-, neus- en oorheelkunde Immunotherapie bij hooikoorts en allergie voor huisstofmijt Wat is allergie? Allergie is een reactie van uw lichaam op bepaalde prikkelende stoffen waarbij het afweersysteem

Nadere informatie

Chronisch Hartfalen. Wat is chronisch hartfalen?

Chronisch Hartfalen. Wat is chronisch hartfalen? Chronisch Hartfalen Wat is chronisch hartfalen? Omschrijving Hartfalen Hartfalen is een aandoening van het hart waarbij het hart niet meer in staat is om voldoende bloed uit te pompen en rond te pompen.

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. GRAZAX, lyophilisaat voor oraal gebruik 75.000-SQ-T

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. GRAZAX, lyophilisaat voor oraal gebruik 75.000-SQ-T BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER GRAZAX, lyophilisaat voor oraal gebruik 75.000-SQ-T Gestandaardiseerd allergeenextract van pollen van Timotheegras (Phleum pratense) Lees de hele bijsluiter

Nadere informatie

IMMUNOTHERAPIE BIJ KINDEREN

IMMUNOTHERAPIE BIJ KINDEREN IMMUNOTHERAPIE BIJ KINDEREN 277 Inleiding Op dit moment gebruikt uw kind medicijnen om klachten van zijn of haar allergie te voorkomen. De arts heeft met u en uw kind besproken dat immunotherapie een optie

Nadere informatie

VOEDSELPROVOCATIETESTEN BIJ KINDEREN

VOEDSELPROVOCATIETESTEN BIJ KINDEREN VOEDSELPROVOCATIETESTEN BIJ KINDEREN 17091 Inleiding Uw kind heeft verschijnselen die passen bij een allergie voor een voedingsmiddel, bijvoorbeeld het koemelkeiwit, kippe-eiwit of pinda. In deze folder

Nadere informatie

Allergie bij het schoolgaande kind: preventie en aanpak van acute allergische reacties

Allergie bij het schoolgaande kind: preventie en aanpak van acute allergische reacties Allergie bij het schoolgaande kind: preventie en aanpak van acute allergische reacties Kinderallergologie Dr. Liliane De Swert 65 8 Preventie en aanpak van acute allergische reacties In onze westerse landen

Nadere informatie

Gebruik van een poortkatheter

Gebruik van een poortkatheter Gebruik van een poortkatheter Inhoud 1. Waarom heb ik een poortkatheter nodig? 2. Wat is een poortkatheter? 3. Hoe gebeurt de plaatsing van een poortkatheter? 4. Het gebruik van een poortkatheter 4.1.

Nadere informatie

Ruggenprik tijdens de bevalling

Ruggenprik tijdens de bevalling H.291380.0215 Ruggenprik tijdens de bevalling (Epidurale pijnbestrijding) Wat is epidurale pijnbestrijding Bij deze ruggenprik spuit de anesthesioloog via een dun slangetje (katheter) verdovingsvloeistof

Nadere informatie

Urticaria en angio-oedeem

Urticaria en angio-oedeem Urticaria en angio-oedeem Informatie afkomstig van de Nederlandse Vereniging voor Allergologie (juni 2011) In deze folder vindt u informatie over urticaria en angio-oedeem. Wat zijn urticaria en angio-oedeem?

Nadere informatie

Verkorte SKP - MOVICOL Vloeibaar Sinaasappelsmaak - Juni 2013

Verkorte SKP - MOVICOL Vloeibaar Sinaasappelsmaak - Juni 2013 Verkorte SKP - MOVICOL Vloeibaar Sinaasappelsmaak - Juni 2013 Naam van het geneesmiddel: MOVICOL Vloeibaar Sinaasappelsmaak, concentraat voor drank Kwalitatieve en kwantitatieve samenstelling: Elke 25

Nadere informatie

Voedselallergie en voedselintolerantie

Voedselallergie en voedselintolerantie DC 29 Voedselallergie en voedselintolerantie 1 Inleiding Bij voedselallergie of voedselintolerantie is er sprake van overgevoelige reacties op voedsel of bepaalde bestanddelen in voedsel. De informatie

Nadere informatie

07 - Informatie over insectenallergie

07 - Informatie over insectenallergie 07 - Informatie over insectenallergie Inhoud Wat is een insectenallergie eigenlijk?... 1 Waarom is een behandeling nodig?... 2 Wat te doen indien een insectenallergie wordt vermoed?... 3 De behandeling

Nadere informatie

Longbalsem 10 mg/15 ml + 100 mg/15 ml siroop

Longbalsem 10 mg/15 ml + 100 mg/15 ml siroop Roundup Pagina 1 van 5 Bijsluiter: informatie voor de gebruiker Ethylmorfine hydrochloride, Guaifenesine Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen want er staat belangrijke informatie

Nadere informatie

SF Z. Oncologisch support Team. Afinitor SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS

SF Z. Oncologisch support Team. Afinitor SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS SF Z SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS Oncologisch support Team Afinitor Patiënteninformatie doelgerichte therapie In het kader van uw behandeling voor nierkanker heeft uw arts het geneesmiddel Afinitor voorgeschreven.

Nadere informatie

BIJSLUITER DULCOLAX PICOSULPHATE 2,5 MG ZACHTE CAPSULES

BIJSLUITER DULCOLAX PICOSULPHATE 2,5 MG ZACHTE CAPSULES BIJSLUITER DULCOLAX PICOSULPHATE 2,5 MG ZACHTE CAPSULES Lees de hele bijsluiter aandachtig door, omdat er voor u belangrijke informatie in staat. Dit geneesmiddel is zonder voorschrift verkrijgbaar. Desalniettemin

Nadere informatie

CASUSSCHETSEN. Patient Hr. P., 75 jaar, is bekend met een prostaatcarcinoom met meerdere botmetastasen.

CASUSSCHETSEN. Patient Hr. P., 75 jaar, is bekend met een prostaatcarcinoom met meerdere botmetastasen. INTERLINE PALLIATIEVE SEDATIE 20 mei 2008 CASUSSCHETSEN Casusschets 1 Patient Hr. P., 75 jaar, is bekend met een prostaatcarcinoom met meerdere botmetastasen. Hij heeft nog een tijd goed gefunctioneerd

Nadere informatie

Dr. Vanclooster ( Huisarts )

Dr. Vanclooster ( Huisarts ) CASUS COPD Dr. Vanclooster ( Huisarts ) Dr. Tits ( Pneumoloog) Niet-medische context Man 86 jaar Gehuwd (echtgenote is nog goed) 7 gehuwde kinderen (erg betrokken) Medische voorgeschiedenis CARA patiënt,

Nadere informatie

Patiënteninformatie over ernstige primaire IGF-1-deficiëntie en hoe Increlex daarbij kan helpen

Patiënteninformatie over ernstige primaire IGF-1-deficiëntie en hoe Increlex daarbij kan helpen Ipsen Endocrinologie Increlex (injectie met mecasermine [rdna-herkomst]) Patiënteninformatie over ernstige primaire IGF-1-deficiëntie en hoe Increlex daarbij kan helpen Voorlichtingsfolder zoals beschreven

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. MUCOANGIN, zuigtabletten 20mg ambroxolhydrochloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. MUCOANGIN, zuigtabletten 20mg ambroxolhydrochloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER MUCOANGIN, zuigtabletten 20mg ambroxolhydrochloride Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel

Nadere informatie

Insectensteken enkel gevaarlijk bij overgevoeligheid

Insectensteken enkel gevaarlijk bij overgevoeligheid patiënteninformatie kindergeneeskunde Insectensteken enkel gevaarlijk bij overgevoeligheid ALGEMEEN ZIEKENHUIS SINT-JOZEF Oude Liersebaan 4-2390 Malle tel. 03 380 20 11 - fax 03 380 28 90 azsintjozef@emmaus.be

Nadere informatie

Dermatologie. Constitutioneel eczeem en (voedsel)allergie

Dermatologie. Constitutioneel eczeem en (voedsel)allergie Dermatologie Constitutioneel eczeem en (voedsel)allergie Dermatologie Veel ouders van kinderen, en ook volwassenen, denken dat een allergie de oorzaak is van eczeem. Zij komen met de vraag bij de huisarts

Nadere informatie

Droge mond. Soms is water alleen niet genoeg. Een gids voor patiënten die behandeld worden tegen kanker. Specialist bij droge mond

Droge mond. Soms is water alleen niet genoeg. Een gids voor patiënten die behandeld worden tegen kanker. Specialist bij droge mond Droge mond Een gids voor patiënten die behandeld worden tegen kanker Soms is water alleen niet genoeg Specialist bij droge mond Droge mond: een frequente bijwerking bij de behandeling van kanker Wellicht

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. Broncho-Pectoralis Pholcodine 15 mg/300mg siroop. Folcodine 15 mg/15 ml; Sulfogaiacol 300 mg/15 ml

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. Broncho-Pectoralis Pholcodine 15 mg/300mg siroop. Folcodine 15 mg/15 ml; Sulfogaiacol 300 mg/15 ml BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER Broncho-Pectoralis Pholcodine 15 mg/300mg siroop Folcodine 15 mg/15 ml; Sulfogaiacol 300 mg/15 ml Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Grazax 75.000 SQ-T lyophilisaat voor oraal gebruik gestandaardiseerd allergeenextract van pollen van Timotheegras (Phleum pratense) Lees goed de hele bijsluiter

Nadere informatie

patiënteninformatie algemene heelkunde Aambeien

patiënteninformatie algemene heelkunde Aambeien patiënteninformatie algemene heelkunde Aambeien ALGEMEEN ZIEKENHUIS SINT-JOZEF Oude Liersebaan 4-2390 Malle tel. 03 380 20 11 - fax 03 380 28 90 azsintjozef@emmaus.be - www.azsintjozef-malle.be Dit ziekenhuis

Nadere informatie

Allergie bij kinderen: peanuts?! DDr. Annemie Wijnants

Allergie bij kinderen: peanuts?! DDr. Annemie Wijnants Allergie bij kinderen: peanuts?! DDr. Annemie Wijnants Emma 14 jaar Op 6 jaar Symptomen: rhinitis conjunctivitis Huidtest op berk: 4+ Op 14 jaar Symptomen: lokale reactie op pinda Huidtest pinda: 4+ IgE

Nadere informatie

Urticaria en angio-oedeem. Centrumlocatie

Urticaria en angio-oedeem. Centrumlocatie Urticaria en angio-oedeem Centrumlocatie In deze folder vindt u informatie over urticaria en angio-oedeem. Wat zijn urticaria en angio-oedeem? Urticaria Urticaria zijn hevig jeukende verheven rode vlekken

Nadere informatie

SF Z. Oncologisch support Team. Sutent SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS

SF Z. Oncologisch support Team. Sutent SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS SF Z SINT-FRANCISKUSZIEKENHUIS Oncologisch support Team Sutent Patiënteninformatie doelgerichte therapie In het kader van uw behandeling voor gevorderde niercelkanker heeft uw arts het geneesmiddel Sutent

Nadere informatie

Allergie kind: Koemelkeiwittest aanvullende informatie (Kinderafdeling)

Allergie kind: Koemelkeiwittest aanvullende informatie (Kinderafdeling) Allergie kind: Koemelkeiwittest aanvullende informatie (Kinderafdeling) Algemeen Wat is een allergie? Verschijnselen van voedselallergie RAST-test Eliminatie-provocatieproef Aantonen van koemelkeiwitallergie

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Macrogol + electrolytes Sandoz, poeder voor drank, zakje Macrogol 3350,Natriumchloride,Natriumwaterstofcarbonaat,Kaliumchloride Lees goed de hele bijsluiter, want

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Sensidoz 13,7 g poeder voor drank, sachet Macrogol 3350,Natriumchloride,Natriumwaterstofcarbonaat,Kaliumchloride Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke

Nadere informatie

Koorts & pijn. Zo zijn ze snel weer helemaal zichzelf. Verantwoord kiezen bij koorts of pijn.

Koorts & pijn. Zo zijn ze snel weer helemaal zichzelf. Verantwoord kiezen bij koorts of pijn. Johnson & Johnson Consumer biedt een uitgebreid gamma aan voor de behandeling van koorts en pijn van je kind: Koorts & pijn op basis van paracetamol op basis van ibuprofen Verantwoord kiezen bij koorts

Nadere informatie

01 - Informatie over de behandeling van allergieën

01 - Informatie over de behandeling van allergieën 01 - Informatie over de behandeling van allergieën Inhoud Wat is een allergie eigenlijk?... 1 Waarom is een behandeling nodig?... 1 Welke behandelingsvormen zijn mogelijk?... 2 Wat betekent 'specifieke

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. BALSOCLASE ANTITUSSIVUM 2,13 mg/ml drank (pentoxyverine citraat)

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER. BALSOCLASE ANTITUSSIVUM 2,13 mg/ml drank (pentoxyverine citraat) BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIKER BALSOCLASE ANTITUSSIVUM 2,13 mg/ml drank (pentoxyverine citraat) Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat innemen want er staat belangrijke

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Laxido Natuur Poeder voor drank

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Laxido Natuur Poeder voor drank BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Laxido Natuur Poeder voor drank Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel kan zonder voorschrift

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. GRAZAX, lyophilisaat voor oraal gebruik 75.000-SQ-T

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. GRAZAX, lyophilisaat voor oraal gebruik 75.000-SQ-T BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER GRAZAX, lyophilisaat voor oraal gebruik 75.000-SQ-T Gestandaardiseerd allergeenextract van pollen van Timotheegras (Phleum pratense) Lees goed de hele bijsluiter

Nadere informatie

RESPIRATOIR SYNCYTIEEL VIRUS BIJ KINDEREN

RESPIRATOIR SYNCYTIEEL VIRUS BIJ KINDEREN RESPIRATOIR SYNCYTIEEL VIRUS BIJ KINDEREN 17241 Wat is het RS virus? Respiratoir Syncytieel Virus, kortweg RS virus genoemd, is een virus dat infecties veroorzaakt aan de luchtwegen (neus, oren, keel,

Nadere informatie

BIJSLUITER ATROVENT 0,25 mg/2 ml verneveloplossing ATROVENT 0,50 mg/2 ml verneveloplossing

BIJSLUITER ATROVENT 0,25 mg/2 ml verneveloplossing ATROVENT 0,50 mg/2 ml verneveloplossing BIJSLUITER ATROVENT 0,25 mg/2 ml verneveloplossing ATROVENT 0,50 mg/2 ml verneveloplossing Lees de hele bijsluiter aandachtig door alvorens dit geneesmiddel te gebruiken. - Bewaar deze bijsluiter. Misschien

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Mucoangin Munt 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. Mucoangin Munt 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Mucoangin Munt 20 mg zuigtabletten ambroxolhydrochloride Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie. Dit geneesmiddel kunt u zonder

Nadere informatie

1. Wat is SLITone en waarvoor wordt het gebruikt?

1. Wat is SLITone en waarvoor wordt het gebruikt? BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER SLITone 200 STU, oplossing voor oraal gebruik Lees goed de hele bijsluiter voordat u dit geneesmiddel gaat gebruiken want er staat belangrijke informatie in

Nadere informatie

Pijn en pijnbehandeling bij Kanker 23-04-2014 Centrum Cabane

Pijn en pijnbehandeling bij Kanker 23-04-2014 Centrum Cabane Pijn en pijnbehandeling bij Kanker 23-04-2014 Centrum Cabane Drs. A.M. Karsch, anesthesioloog pijnspecialist UMC Utrecht Drs. G. Hesselmann, oncologieverpleegkundige, epidemioloog UMCU Wat is pijn? lichamelijk

Nadere informatie

Fabels en feiten over morfine

Fabels en feiten over morfine Fabels en feiten over morfine Beter voor elkaar Fabels en feiten over morfine Inleiding In overleg met uw arts gaat u morfine gebruiken. Morfine behoort tot een groep geneesmiddelen, die morfineachtige

Nadere informatie

Dermatologie. Urticaria. Het Antonius Ziekenhuis vormt samen met Thuiszorg Zuidwest Friesland de Antonius Zorggroep

Dermatologie. Urticaria. Het Antonius Ziekenhuis vormt samen met Thuiszorg Zuidwest Friesland de Antonius Zorggroep Dermatologie Urticaria Het Antonius Ziekenhuis vormt samen met Thuiszorg Zuidwest Friesland de Antonius Zorggroep Wat is urticaria? Urticaria (urtica = brandnetel) is de medische naam voor netelroos of

Nadere informatie

Mijn kind heeft diarree

Mijn kind heeft diarree Mijn kind heeft diarree Beste ouders, Uw kind heeft diarree. In deze brochure vindt u een antwoord op de meeste vragen en ook praktische tips, opdat dit tijdelijk ongemak u geen onnodige hoofdbrekens zou

Nadere informatie

Dermatologie. Urticaria. Slingeland Ziekenhuis

Dermatologie. Urticaria. Slingeland Ziekenhuis Dermatologie Urticaria i Patiënteninformatie Slingeland Ziekenhuis Wat is urticaria? Urticaria (urtica = brandnetel) is de medische naam voor netelroos of galbulten. Het is een huiduitslag die vaak heftig

Nadere informatie

Dr. Du Chau (Huisarts)

Dr. Du Chau (Huisarts) CASUS Chondrosarcoom Dr. Du Chau (Huisarts) Dr. Huysentruyt (Pijnarts) Niet-medische context Vrouw 21 jaar Gehuwd Medische voorgeschiedenis Sinds 2j intermittente last in de regio van het RECHTER SI-gewricht,

Nadere informatie

BIJSLUITER: Informatie voor de gebruik(st)er. LYSOMUCIL 600 mg bruistabletten

BIJSLUITER: Informatie voor de gebruik(st)er. LYSOMUCIL 600 mg bruistabletten BIJSLUITER: Informatie voor de gebruik(st)er LYSOMUCIL 600 mg bruistabletten (Acetylcysteïne) Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat belangrijke informatie voor u. Dit geneesmiddel kan

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Mondverzorging bij chemotherapie

Patiënteninformatie. Mondverzorging bij chemotherapie Patiënteninformatie Mondverzorging bij chemotherapie Inhoud Inleiding... 3 Informatie over mondverzorging bij chemotherapie... 3 Tips en adviezen... 3 Wat kunt u zelf doen voor een goede mondverzorging

Nadere informatie

Patiënteninformatie over ernstige primaire IGF-1-deficiëntie en hoe Increlex daarbij kan helpen

Patiënteninformatie over ernstige primaire IGF-1-deficiëntie en hoe Increlex daarbij kan helpen Ipsen Endocrinologie Increlex (injectie met mecasermine [rdna-herkomst]) Patiënteninformatie over ernstige primaire IGF-1-deficiëntie en hoe Increlex daarbij kan helpen Voorlichtingsfolder zoals beschreven

Nadere informatie

Glucophage 500 bijsluiter 21-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6

Glucophage 500 bijsluiter 21-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6 Glucophage 500 bijsluiter 21-2-200127-2-2001 blz. 1 / 6 Glucophage 500, omhulde tabletten 500 mg Lees deze bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit geneesmiddel. Bewaar deze bijsluiter,

Nadere informatie

en wat je kan doen. Koorts & pijn Wat je moet weten Krijgt je kind een aangepaste behandeling? Kinderziekten

en wat je kan doen. Koorts & pijn Wat je moet weten Krijgt je kind een aangepaste behandeling? Kinderziekten Wat je moet weten en wat je kan doen. Koorts & pijn Kinderziekten Krijgt je kind een aangepaste behandeling? Koorts & pijn Inhoud De meest gebruikte middelen tegen koorts en pijn voor kinderen bevatten

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Molaxole, poeder voor drank. Macrogol 3350 Natriumchloride Natriumwaterstofcarbonaat Kaliumchloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS. Molaxole, poeder voor drank. Macrogol 3350 Natriumchloride Natriumwaterstofcarbonaat Kaliumchloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR GEBRUIKERS Molaxole, poeder voor drank Macrogol 3350 Natriumchloride Natriumwaterstofcarbonaat Kaliumchloride Lees goed de hele bijsluiter, want deze bevat belangrijke informatie.

Nadere informatie

Mondverzorging bij radiotherapie

Mondverzorging bij radiotherapie Mondverzorging bij radiotherapie Inleiding U gaat beginnen of bent al bezig met radiotherapie. Als gevolg van deze therapie kunt u last krijgen van een droge mond of last van uw tandvlees, uw mondslijmvlies

Nadere informatie

Logboek Polikliniek hartfalen

Logboek Polikliniek hartfalen Logboek Polikliniek hartfalen Inleiding Uw cardioloog heeft u naar de hartfalenpolikliniek verwezen. De hartfalenverpleegkundige is er om u te begeleiden hoe u met uw hartklachten om kunt gaan. Hij/zij

Nadere informatie

INSTELLEN VAN EEN BEHANDELING MET BETABLOKKERS 5

INSTELLEN VAN EEN BEHANDELING MET BETABLOKKERS 5 WAT IS HARTFALEN? 3 WAT VOELT U ALS U AAN HARTFALEN LIJDT? 3 WAT DOET UW ARTS OM UW ZIEKTE TE BEHANDELEN? 4 Controle van de symptomen4 De verdere evolutie van de ziekte voorkomen 4 INSTELLEN VAN EEN BEHANDELING

Nadere informatie

Naar huis met een blaassonde

Naar huis met een blaassonde Infobrochure Naar huis met een blaassonde mensen zorgen voor mensen 2 Beste mevrouw, mijnheer, U gaat naar huis met een blaassonde. In deze brochure vindt u enkele tips en adviezen. Het is mogelijk dat

Nadere informatie

Mondverzorging bij chemotherapie

Mondverzorging bij chemotherapie Mondverzorging bij chemotherapie Inleiding Chemotherapie kan invloed hebben op de productie van speeksel door de speekselklieren. Speeksel heeft een reinigende werking en helpt daardoor gaatjes te voorkomen.

Nadere informatie

Verpleegkundige Instructie Palliatieve Zorg Misselijkheid

Verpleegkundige Instructie Palliatieve Zorg Misselijkheid Verpleegkundige Instructie Palliatieve Zorg Misselijkheid 5-Folder misselijk.indd 1 15-07-2008 09:23:15 5-Folder misselijk.indd 2 15-07-2008 09:23:16 1. Hoe herkent u misselijkheid? Misselijkheid is een

Nadere informatie

Corsodyl mondspoeling, oplossing voor oromucosaal gebruik 2 mg/ml chloorhexidine digluconaat

Corsodyl mondspoeling, oplossing voor oromucosaal gebruik 2 mg/ml chloorhexidine digluconaat BIJSLUITER BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER Corsodyl mondspoeling, oplossing voor oromucosaal gebruik 2 mg/ml chloorhexidine digluconaat Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door, want deze bevat

Nadere informatie

Geneesmiddelenallergie

Geneesmiddelenallergie Geneesmiddelenallergie Geneesmiddelovergevoeligheid Uw arts heeft u verwezen naar de polikliniek van de allergoloog omdat u mogelijk klachten heeft gekregen als het gevolg van medicatiegebruik. In deze

Nadere informatie

Droge mond. Soms is water alleen niet genoeg. Een gids voor patiënten met het syndroom van Sjögren. Specialist bij droge mond

Droge mond. Soms is water alleen niet genoeg. Een gids voor patiënten met het syndroom van Sjögren. Specialist bij droge mond Droge mond Een gids voor patiënten met het syndroom van Sjögren Soms is water alleen niet genoeg Specialist bij droge mond Droge mond is één van de meest voorkomende symptomen bij syndroom van Sjögren

Nadere informatie

KNO. Niezen, loopneus en jeukende ogen

KNO. Niezen, loopneus en jeukende ogen KNO Niezen, loopneus en jeukende ogen Niezen, loopneus en jeukende ogen Een allergie is een veranderde reactie op prikkels die door bepaalde stoffen, allergenen genoemd, worden veroorzaakt. Allergenen

Nadere informatie

Logboek. Polikliniek hartfalen

Logboek. Polikliniek hartfalen Logboek Polikliniek hartfalen Inleiding Uw cardioloog heeft u naar de hartfalenpolikliniek verwezen. De hartfalenverpleegkundige is er om u te begeleiden hoe u met uw hartklachten om kunt gaan. Hij/zij

Nadere informatie

Bijlage 14A. SYMPTOOMSCOREFORMULIER DUBBELBLINDE PLACEBOGECONTROLEERDEKOEMELK PROVOCATIE 2 E EN 3 E LIJN

Bijlage 14A. SYMPTOOMSCOREFORMULIER DUBBELBLINDE PLACEBOGECONTROLEERDEKOEMELK PROVOCATIE 2 E EN 3 E LIJN Bijlage 14A. SYMPTOOMSCOREFORMULIER DUBBELBLINDE PLACEBOGECONTROLEERDEKOEMELK PROVOCATIE 2 E EN 3 E LIJN Betreft 0 TEST DAG 1 (Voor zowel TEST DAG 1 en TEST DAG 2 wordt dit formulier ingevuld) 0 TESTDAG

Nadere informatie

De laatste levensfase: over stervensscenario s. Iridium, 16 maart 2011. Dr. Gert Huysmans

De laatste levensfase: over stervensscenario s. Iridium, 16 maart 2011. Dr. Gert Huysmans De laatste levensfase: over stervensscenario s Iridium, 16 maart 2011. Dr. Gert Huysmans Oorzaak overlijden Dementie, frailty Orgaanfalen Acuut Kanker - de laatste levensfase - 2 kanker F U N C T I E OVERLIJDEN

Nadere informatie

MOTILIUM 1 mg/ml suspensie voor oraal gebruik pediatrie

MOTILIUM 1 mg/ml suspensie voor oraal gebruik pediatrie Bijsluiter voor het publiek MOTILIUM Lees de hele bijsluiter aandachtig door alvorens dit geneesmiddel in te nemen. Bewaar deze bijsluiter, misschien heeft u hem nog een keer nodig. Raadpleeg uw arts of

Nadere informatie

Obstipatie bij kinderen. Dr. Ilse Hoffman Kindergastro-enterologie U.Z. Gasthuisberg, Leuven

Obstipatie bij kinderen. Dr. Ilse Hoffman Kindergastro-enterologie U.Z. Gasthuisberg, Leuven Obstipatie bij kinderen Dr. Ilse Hoffman Kindergastro-enterologie U.Z. Gasthuisberg, Leuven Normaal stoelgangspatroon postnataal: 99% defaecatie binnen 48 uren borstvoeding volwassenen: 3x/dag tot 3x/week

Nadere informatie

Volledige coloscopie. Voorbereiding voor de patiënt

Volledige coloscopie. Voorbereiding voor de patiënt Maag-, darm- en leverziekten Endoscopisch centrum dr. M. De Maeyer dr. P. Schoeters dr. P. Van Hauthem dr. C. Croonen Volledige coloscopie Voorbereiding voor de patiënt Uw onderzoek is gepland op (datum)

Nadere informatie

PALLIATIEVE ZORG. fysieke aspecten Rob Jongbloed Raphaëlstichting Jacqueline Fluitman `s Heeren Loo

PALLIATIEVE ZORG. fysieke aspecten Rob Jongbloed Raphaëlstichting Jacqueline Fluitman `s Heeren Loo PALLIATIEVE ZORG fysieke aspecten Rob Jongbloed Raphaëlstichting Jacqueline Fluitman `s Heeren Loo Inleiding Indeling workshop Specifieke kenmerken Selectie lichamelijke klachten in palliatieve fase Selectie

Nadere informatie

INFORMATIE VOOR DE PATIENT

INFORMATIE VOOR DE PATIENT De Europese gezondheidsautoriteiten hebben bepaalde voorwaarden verbonden aan het in de handel brengen van het geneesmiddel Increlex. Het verplicht plan voor risicobeperking in België, waarvan deze informatie

Nadere informatie

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. TAMSULOSINE HCL 0,4 MG RETARD KATWIJK tamsulosine hydrochloride

BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER. TAMSULOSINE HCL 0,4 MG RETARD KATWIJK tamsulosine hydrochloride BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER TAMSULOSINE HCL 0,4 MG RETARD KATWIJK tamsulosine hydrochloride Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door voordat u start met het gebruik van dit geneesmiddel.

Nadere informatie

Voedselallergie en voedselprovocatietest bij kinderen

Voedselallergie en voedselprovocatietest bij kinderen Voedselallergie en voedselprovocatietest bij kinderen Albert Schweitzer ziekenhuis Oktober 2012 pavo 0596 Inleiding Uw kind heeft mogelijk een allergie voor een voedingsmiddel. Bijvoorbeeld voor melk,

Nadere informatie

patiënteninformatie algemene heelkunde Aambeien

patiënteninformatie algemene heelkunde Aambeien patiënteninformatie algemene heelkunde Aambeien ALGEMEEN ZIEKENHUIS SINT-JOZEF Oude Liersebaan 4-2390 Malle tel. 03 380 20 11 - fax 03 380 28 90 azsintjozef@emmaus.be - www.azsintjozef-malle.be Dit ziekenhuis

Nadere informatie

Verschijnselen van droge mond

Verschijnselen van droge mond Een droge mond Inleiding Iedereen heeft wel eens tijdelijk last van een droge mond, bijvoorbeeld na langdurig spreken. Maar droge mond kan ook langdurig zijn of zelfs blijvend. Dat kan slecht zijn voor

Nadere informatie

Misselijkheid en braken tijdens chemotherapie

Misselijkheid en braken tijdens chemotherapie Misselijkheid en braken tijdens chemotherapie In overleg met uw behandelend arts hebt u besloten tot een behandeling met chemotherapie. Door deze behandeling kunnen misselijkheid en braken optreden. In

Nadere informatie

BIJSLUITER. BIbv pagina 1 van 6 Mucoangin zuigtabletten PIL 1101

BIJSLUITER. BIbv pagina 1 van 6 Mucoangin zuigtabletten PIL 1101 BIJSLUITER BIbv pagina 1 van 6 Mucoangin zuigtabletten PIL 1101 BIJSLUITER: INFORMATIE VOOR DE GEBRUIK(ST)ER MUCOANGIN, zuigtabletten 20mg ambroxolhydrochloride Lees de hele bijsluiter zorgvuldig door,

Nadere informatie