De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA Den Haag

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag"

Transcriptie

1

2

3 > Retouradres Postbus EA Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA Den Haag Directoraat-generaal Veiligheid Bestuur en Organisatie Schedeldoekshaven EZ Den Haag Postbus EA Den Haag Contactpersoon J. Bloem T (070) Datum 14 december 2010 Betreft Regeerakkoord 'Vrijheid en Verantwoordelijkheid': politie Kenmerk Bijlagen 2 Met deze brief informeer ik u op hoofdlijnen over de vorming van de nationale politie, de ontwikkeling van de politiesterkte en de wijze waarop ik invulling wil geven aan de intensivering in het budget van de politie. Nationale politie In het Regeerakkoord is aangekondigd dat er nationale politie komt. De nationale politie wordt wettelijk geregeld via een wijziging van het eerder bij de Tweede Kamer ingediende wetsvoorstel voor vaststelling van een nieuwe politiewet (30 880). Daartoe heb ik een concept-nota van wijziging opgesteld. De concept-nota van wijziging en bijbehorende concept-toelichting worden gelijktijdig met deze brief ter externe consultatie aangeboden. Ik acht de invoering van nationale politie in één korps noodzakelijk om de politie beter in staat te stellen invulling te geven aan de eisen die de maatschappij stelt. Nationale politie moet leiden tot meer ruimte voor de professional, minder bureaucratie, minder bestuurlijke drukte, een veiliger leefomgeving en een effectievere opsporing. De veiligheid voor burgers en het werk van de agent staan centraal bij het vormgeven van de nationale politie. De burgers waar het gaat om een zo goed mogelijke politiezorg. Daartoe zal de politie dicht bij de burger moeten staan. De politie moet hen helpen hun directe omgeving veilig te houden en zal de overlast en veelvoorkomende criminaliteit in de wijk met succes moeten aanpakken. Ook zal de politie de minder zichtbare, zware, de maatschappij ontwrichtende criminaliteit moeten aanpakken. De agenten mogen een organisatie verwachten waarin zij hun werk zo goed mogelijk kunnen doen. Een organisatie die flexibel en slagvaardig kan inspelen op de continu wijzigende veiligheidsproblemen. Een politiekorps waarin elke agent goed toegerust en opgeleid de straat op gaat. Waarin de professionele ruimte van de medewerkers groot is en de administratieve lasten beperkt zijn. Een organisatie waarvan de onderdelen goed met elkaar samenwerken, een organisatie die functioneert als één eenheid, maar met haar basis in de wijken. Pagina 1 van 8

4 Lokale inbedding. De nationale politie moet haar basis dus hebben dicht bij de burger, in de wijk en in de gemeente. Om dat te borgen, wordt in het bestel een aantal garanties ingebouwd, die ervoor zullen zorgen dat de politie nog meer dan nu al het geval is dicht bij de burger komt te staan. Het gezag over de politie, dat op lokaal niveau is belegd, wijzigt dan ook niet. De burgemeester blijft de politie aansturen bij het handhaven van de openbare orde en hulpverlening in zijn gemeente. De officier van justitie blijft de politie aansturen bij de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde en taken ten dienste van justitie. Datum 14 december 2010 Kenmerk Om beide gezagdragers beter in staat te stellen om te sturen op het beleid en de inzet van de politie in de gemeenten, heb ik het voornemen om in de wet, naast de geldende gezagsverhoudingen, het volgende vast te leggen: Wettelijk wordt vastgelegd wat de functie van de lokale gezagsdriehoek is. In de driehoek overleggen de burgemeester en de officier van justitie tezamen met het hoofd van het territoriale onderdeel van de regionale eenheid binnen welk grondgebied de gemeente geheel of ten dele valt en zo nodig met de politiechef van de regionale eenheid over de taakuitvoering van de politie en over het beleid met betrekking tot de taakuitvoering. Ook wordt in de wet opgenomen dat in het driehoeksoverleg door de burgemeester en de officier van justitie afspraken worden gemaakt over de inzet van de politie op lokaal niveau. De burgemeester zal deze afspraken maken aan de hand van het door de gemeenteraad vastgestelde lokale integraal veiligheidsplan. De strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde (opsporing en vervolging) en het beleid ter zake valt onder verantwoordelijkheid van het openbaar ministerie. Dit neemt niet weg dat de gemeente wel afspraken kan maken met het openbaar ministerie over de strafrechtelijke handhaving op lokaal niveau. Ten slotte wordt wettelijk geregeld dat de lokale gezagsdragers zwaarwegende invloed hebben op de benoeming van het lokale hoofd van politie. Daarnaast wordt de positie van de gemeenteraad versterkt. In de wet wordt expliciet vastgelegd dat de burgemeester verantwoording verschuldigd is aan de gemeenteraad over de uitoefening van zijn gezag over de politie. Ook zal de raad worden gehoord over het ontwerp beleidsplan op regionaal niveau. Eén landelijk politiekorps onder verantwoordelijkheid van de minister van Veiligheid en Justitie. Er komt één landelijk politiekorps. De vijfentwintig bestaande regiokorpsen, het Korps landelijke politie diensten, de voorziening tot samenwerking Politie Nederland en alle andere bovenregionale voorzieningen gaan op in dit landelijke korps. Met de vorming van dit ene korps wordt beoogd te komen tot meer professionaliteit van de politie, meer doelmatigheid en vermindering van de kwetsbaarheid van met name de specialistische politietaken. De conceptnota van wijziging voorziet in de oprichting van een landelijk politiekorps met rechtspersoonlijkheid. Deze rechtspersoon opereert onder volledige verantwoordelijkheid van de minister van Veiligheid en Justitie. De minister krijgt zodanige taken en bevoegdheden ten aanzien van de politie dat de minister effectief kan sturen op het beheer (bijvoorbeeld ten aanzien van ICT) en - onverminderd de verantwoordelijkheid van de lokale gezagsdragers - de taakuitvoering van de politie. Pagina 2 van 8

5 Dit draagt bij aan de eenheid van de politie in beheer en aan het gemeenschappelijk functioneren, waardoor de politie flexibel en slagvaardiger kan inspelen op continu wijzigende veiligheidsproblemen. De minister legt verantwoording af aan de Tweede Kamer. Daarmee is de democratische inbedding op landelijk niveau geregeld. Het huidige zogenoemde democratisch gat ten aanzien van het beheer wordt hiermee tevens gedicht. Datum 14 december 2010 Kenmerk Het landelijke korps zal bestaan uit tien regionale eenheden en één of meer landelijke eenheden die belast zijn met de uitvoering van de politietaak zoals nu de Nationale Recherche, mogelijk aangevuld met taken van bijvoorbeeld de bovenregionale recherche teams. Daarnaast komen er één of meer ondersteunende diensten als onderdeel van het korps, die zorg dragen voor ondersteunende bedrijfsvoeringstaken van de politie, zoals ICT, inkoop, huisvesting, personeelszaken etc. Deze centralisatie van de bedrijfsvoeringstaken zal in belangrijke mate moeten bijdragen aan de beoogde efficiencywinst binnen de politieorganisatie. De tien regionale eenheden zullen zorg dragen voor de uitvoerende politietaken (bijvoorbeeld basispolitiezorg, noodhulp, opsporing) in hun gebied. Zij doen dat niet autonoom en zelfstandig maar binnen de context van één landelijk korps. De grenzen van deze regionale eenheden zijn congruent aan de grenzen van de gerechtelijke kaart, die nog wordt herzien. De schaal van de indeling in tien regionale eenheden leidt tot het ontstaan van robuuste werkeenheden en daarmee tot een steviger basis voor de organisatie van de uitvoerende politietaken in Nederland. Door de congruente indeling van de arrondissementen en de regionale eenheden van de politie zal daarnaast de samenwerking in de justitiële keten worden vereenvoudigd. Voor wat betreft de relatie van de politieorganisatie met de veiligheidsregio s geldt dat de buitengrenzen van de vijfentwintig veiligheidsregio s, waarvan de indeling niet wordt gewijzigd, en de tien regionale politie-eenheden congruent zijn. Ook de nationaal georganiseerde politie blijft haar bijdrage leveren aan de taken van de veiligheidsregio. Teneinde een goede operationele en bestuurlijke koppeling mogelijk te maken, kan voor de indeling van de regionale eenheden van de politie in districten worden uitgegaan van de indeling in veiligheidsregio s. Eén korpschef. De leiding van het landelijke korps wordt opgedragen aan een korpschef, die daarmee ook het boegbeeld is van het landelijke korps. De korpschef wordt belast met de leiding en het beheer van de politie. De regionale en landelijke eenheden van het landelijke korps zijn hiërarchisch ondergeschikt aan de korpschef. De minister van Veiligheid en Justitie stelt de kaders vast waarbinnen de korpschef zijn taken dient te vervullen. De minister stelt regels en kan aanwijzingen geven aan de korpschef met betrekking tot de uitoefening van diens taken en bevoegdheden. De korpschef is werkzaam onder volledige ministeriële verantwoordelijkheid. De korpschef laat zich bij de uitvoering van zijn taken ondersteunen door een korpsleiding. Regionaal overleg gezagsdragers. De nationale politie kent op regionaal niveau niet langer zelfstandige onderdelen met eigen bevoegdheden op het terrein van beheer. Daarmee worden de regionale korpsbeheerders en de regionale (beheer)colleges overbodig. Dit moet leiden tot een aanzienlijke reductie van de bestuurlijke drukte ten aanzien van de politie. Pagina 3 van 8

6 Wel wordt op regionaal niveau voorzien in overleg tussen de lokale gezagsdragers over de politie. In de wet wordt geregeld dat de burgemeesters van de gemeenten in het gebied waarin de regionale eenheid de politietaak uitvoert tezamen met de hoofdofficier van justitie ten minste eenmaal in de vier jaar een beleidsplan en jaarlijks een jaarverslag vaststellen voor de regionale eenheid. In dit beleidsplan maken de lokale gezagsdragers afspraken over in ieder geval de doelstellingen en de prioriteiten voor de regionale eenheid en de verdeling van de voor de regio beschikbare politiesterkte over de onderdelen van de regionale eenheid. Datum 14 december 2010 Kenmerk De regionale prioriteiten worden gebaseerd op de lokale prioriteiten in de gemeenten, die veelal zijn opgetekend in het lokale integraal veiligheidsplan. Voorafgaand aan de vaststelling van het regionale beleidsplan hoort iedere burgemeester in het gebied van de regionale eenheid de gemeenteraad van zijn eigen gemeente over het ontwerpbeleidsplan. Hiermee wordt de lokale inbedding van de nationale politie verder benadrukt en versterkt. Voor de afstemming van burgemeesters over het regionale beleidsplan kan de schaal van de veiligheidsregio goed worden benut. Dit is met name denkbaar daar waar de nieuwe regionale politie-eenheden uit meerdere veiligheidsregio s (en dus uit veel gemeenten) bestaan. Een nieuwe functionaris in het politiebestel is de regioburgemeester. De regioburgemeester is de burgemeester van de gemeente met het hoogste aantal inwoners in het gebied waarin de regionale eenheid haar politietaak uitvoert. Omdat politiecapaciteit per definitie schaars is, is denkbaar dat bij het overleg over de verdeling van de voor de regio beschikbare capaciteit geschillen ontstaan tussen de gezagsdragers onderling. Als het bij de vaststelling van het regionale beleidsplan niet lukt hierover overeenstemming te bereiken, stelt de regioburgemeester het beleidsplan vast. Indien een burgemeester zich niet met deze beslissing kan verenigen, kan de burgemeester een beroep instellen bij de minister. Kan de hoofdofficier van justitie zich niet met de beslissing van de regioburgemeester verenigen, dan kan het geschil door het College van procureurs-generaal aan de minister worden voorgelegd. De regioburgemeester en de hoofdofficier van justitie worden in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen over de benoeming van de politiechef. Alvorens het advies wordt uitgebracht, hoort de regioburgemeester de burgemeesters van de gemeenten in het gebied waarin de regionale eenheid de politietaak uitvoert. Landelijk overleg. Om verbinding te behouden tussen het lokale gezag en het centrale beheer, zal worden voorzien in een periodiek overleg van de minister samen met de korpschef met de regioburgemeesters en de voorzitter van het College van procureursgeneraal. In dit overleg komen de taakuitvoering door de politie en het beheer ten aanzien van de politie (bijvoorbeeld de verdeling van sterkte binnen de nationale politie) aan de orde. Ook zal dit overleg worden gebruikt om de regioburgemeesters en het College van procureurs-generaal te horen over de landelijke beleidsdoelstellingen ten aanzien van de taakuitvoering door de politie. Deze landelijke beleidsdoelstellingen worden evenals in de huidige situatie vastgesteld door de minister. De landelijke beleidsdoelstellingen zien op de aanpak van maatschappelijke veiligheidsproblemen die zich vaak lokaal manifesteren. Vanzelfsprekend zullen de landelijke beleidsdoelstellingen voldoende ruimte laten voor lokaal politiebeleid. Pagina 4 van 8

7 Politieacademie. Conform het Regeerakkoord gaat de Politieacademie op in de nationale politie. De Politieacademie wordt nu echter nog niet meegenomen in de voorgenomen wijzigingen van het wetsvoorstel. Dit zal op een later moment gebeuren. Het Regeerakkoord kondigt namelijk ook diverse veranderingen aan in de inrichting van het politieonderwijs: verkorting van de duur van de opleiding, meer aansluiting bij het reguliere onderwijs en wijziging van de rechtspositie van aspiranten. Daarnaast dient eerst te worden bezien hoe bij opname van de Politieacademie in het politiebestel de onafhankelijke kwaliteit van het politieonderwijs (waaronder de accreditatie van de opleidingen en de aansluiting met het reguliere onderwijs) goed kan worden geborgd. Datum 14 december 2010 Kenmerk Transitieperiode tot aan inwerkingtreding nieuwe politiewet. Ten einde binnen de kaders van de huidige Politiewet 1993 al zoveel mogelijk stappen te maken, heb ik het voornemen om met de korpsbeheerders een akkoord te sluiten. In dit akkoord wil ik afspraken maken over de verdeling van verantwoordelijkheden in de transitiefase en de maatregelen die nu of in de transitiefase genomen moeten worden ter voorbereiding op de nationale politie. Hierbij kan specifiek gedacht worden aan de te treffen maatregelen ten aanzien van ICT, onder andere naar aanleiding van het onderzoek van de Algemene Rekenkamer. Uiteraard staat voorop dat geen onomkeerbare stappen worden gezet totdat de wetswijziging formeel van kracht is. Voor de invoering van de nationale politie is conform het Regeerakkoord reeds 130 miljoen incidenteel beschikbaar. Dit komt bovenop de in het Regeerakkoord opgenomen investering in de sterkte van de politie. De inzet hiervan is afhankelijk van het tempo en de fasering van de invoering van de nationale politie. Intensivering Op basis van het Regeerakkoord en de daarin opgenomen intensivering in het budget voor de politie van 300 oplopend tot 370 miljoen, heb ik uw Kamer een verhoging van de huidige sterkteafspraak van fte toegezegd naar een nieuwe sterkteafspraak van structureel fte bij de 25 regionale korpsen en het KLPD. Dit is fte meer dan zonder deze extra middelen mogelijk zou zijn geweest. De operationele sterkte bedroeg bij de laatste peiling op 30 juni 2010, fte. 1 Deze sterkte wordt structureel betaalbaar gemaakt. Het door mijn ambtsvoorganger aan uw Kamer aangeboden normkostenonderzoek maakte duidelijk dat de fte niet meer structureel betaalbaar waren. Het normkostenonderzoek toonde namelijk aan dat een structureel tekort ontstond in de betaalbaarheid van de politie van 160 miljoen. Omgerekend in operationele sterkte betekent dat 1500 fte. De betaalbare sterkte zou daarmee vanaf 2011 niet hoger kunnen zijn geweest dan fte. Dat zou hebben betekend dat de operationele sterkteafspraak neerwaarts zou moeten worden bijgesteld. Door de maatregelen uit het Regeerakkoord is het mogelijk om deze daling van fte naar fte ongedaan te maken en bovendien ruimte te scheppen voor structureel fte meer. Bij elkaar is dit fte extra, waarvan 500 fte ingezet zal worden voor de animal cops. Hiermee realiseer ik dat in deze kabinetsperiode met fte de grootste operationele sterkte van de politie ooit bereikt wordt en dat deze structureel betaalbaar is. Er zullen deze kabinetsperiode dus ook geen ontslagen vallen in de operationele sterkte. 1 Zie bijlage 1. Pagina 5 van 8

8 Voor 2011 bedraagt de intensivering 300 miljoen oplopend tot 370 miljoen vanaf Dit geld zal geheel ingezet worden om de operationele sterkte bij de regionale korpsen en het KLPD betaalbaar te maken en te houden. Daarnaast is zoals hierboven genoemd 130 miljoen incidenteel beschikbaar voor de invoering van de nationale politie, die in de jaren 2013, 2014, 2015 een besparing op overhead zal opleveren van respectievelijk 30, 50, en 80 mln. Ik zal u nader informeren over de wijze waarop deze bedragen worden ingezet. Datum 14 december 2010 Kenmerk Verhogen inzetbaarheid en productiviteit politie Een structurele volumegroei van de politie is niet de enige maatregel om de politieinzet te verhogen. Zoals in het Regeerakkoord is opgenomen zet ik zwaar in op het verhogen van de inzetbaarheid en productiviteit van de politie. Bovendien sta ik voor het vergroten van het vakmanschap en de professionele ruimte van individuele agenten. Naarmate dat vakmanschap en die ruimte groter worden, slaagt de politie er beter in Nederland veiliger te maken voor de burger. De bureaucratie zal worden aangevallen. De registratiedrift en formulierengekte moet worden gestopt. Het rapport over de tijdsbesteding van wijkagenten dat u op 12 juli 2010 is toegestuurd is een goed voorbeeld van het belang van het terugdringen van de bureaucratie. Uit het onderzoek blijkt dat de wijkagent slechts 65 procent van zijn tijd in of voor de wijk werkt omdat zij onder andere te veel tijd kwijt zijn aan administratief werk. Ik kom in januari 2011 met een Aanvalsplan Bureaucratie. Ik zet concreet in op een reductie met 25 %. Daarbij zal gebruik worden gemaakt van diverse maatregelen die in de regio s zelf al worden genomen. Zo levert het frontoffice-backoffice-model van de regio Hollands-Midden een forse productiviteitswinst. Daarnaast komen er maatregelen om heterdaadkracht te vergroten, afdoening van zaken vroegtijdig in de opsporingsketen mogelijk te maken en de noodhulp efficiënter in te richten, bijvoorbeeld door mogelijkheden voor eenmenssurveillance te benutten. Door de vermindering van bureaucratie komt er ook ruimte voor een beter aangifteproces. De aangifte is één van de belangrijkste contactmomenten van de burger met de politie en dus een belangrijk ijkpunt voor het vertrouwen in en de tevredenheid over de politie. Een aangifte opnemen en verwerken moet zorgvuldig gebeuren en dat kost tijd. Maar het kan voor zowel de burger als de agent gemakkelijker worden gemaakt. Snel en adequaat aangifte doen moet het uitgangspunt zijn, al dan niet langs elektronische weg. Ook moeten burgers kunnen volgen wat er met hun aangifte gebeurt. Voorts zullen belemmeringen op het vlak van arbeidstijden worden weggenomen. Concreet gaat het daarbij onder meer om de toepassing van de Arbeidstijdenwet en de Landelijke Arbeidstijdenregeling van de politie. Met uw Kamer is afgesproken dat de werkgroep die deze belemmeringen en oplossingen in kaart brengt, zijn werk oplevert op 1 maart Voor 1 april 2011 zal ik vervolgens met een reactie komen. Door deze maatregelen komen er dus meer uren voor blauw op straat en voor recherchewerk. Pagina 6 van 8

9 Terugdringen overhead Behalve een structurele volumegroei in de operationele sterkte en het verhogen van de productiviteit en de effectiviteit van de politie, zet het kabinet in op het terugdringen van de kosten van de overhead, zowel in middelen als in personeel (de niet-operationele sterkte). Datum 14 december 2010 Kenmerk Het voornemen is om de overhead met circa 25% te reduceren. Deze ombuiging in de overhead is noodzakelijk om de reeds ingeboekte taakstellingen van het vorige kabinet (TK , nr. 154) en, voor zover van toepassing, besparingen in verband met de vorming van de nationale politie te realiseren. De vorming van het Politiedienstencentrum en de nationale politie zijn noodzakelijk om deze reductie mogelijk te maken. De recent uitgevoerde business cases op de bedrijfsvoering geven aan dat deze reductie realistisch is. Verdeling van de politiesterkte over het land Al enige tijd speelt het vraagstuk van de verdeling van de sterkte over het land. Het onderzoek naar de herijking van het budgetverdeelsysteem (hbvs) dat aan uw Kamer is gezonden (TK nr. 208), heeft aangetoond dat er een relatieve verschuiving in de verdeling van de werklast van de politie heeft plaatsgevonden van de Randstad naar de rest van het land. Dit rapport over de herijking adviseerde voor de daalkorpsen een daling van maximaal 2% per jaar. Enkele korpsen zouden worden geconfronteerd met een budgetdaling van in totaal ongeveer 20%. Ik vind de voorstellen uit het rapport op sommige plaatsen echter te vergaand. Ik wil voorkomen, dat door de invoering van hbvs de veiligheid in de regio s en de bedrijfsvoering in verschillende korpsen die moeten dalen te veel onder druk komen te staan. Ik denk daarom aan het gemitigeerd invoeren van hbvs. Herverdeling van de sterkte zal nieuwe afspraken met de korpsbeheerders vergen over de operationele sterkte van hun korps en over de wijze, door middel van groei- en daalpaden en de termijn, waarop deze sterkte bereikt moet worden. Om zeker te stellen dat de afgesproken sterkte uiteindelijk wordt bereikt en deze ook op de juiste wijze over het land is verdeeld, ga ik centraal sturen op de instroom van aspiranten (werving, selectie en aanstelling). Ik ben over de gemitigeerde invoering van hbvs, de bijhorende sterkteafspraken en de centrale sturing van aspiranten in overleg met het Korpsbeheerdersberaad en ik hoop dit spoedig af te ronden. Ik zal hierbij rekening houden met het perspectief van de nationale politie, zoals verwoord in het Regeerakkoord. In de tussentijd heb ik besloten om drie korpsen, die thans hun sterkte niet meer uit de BVS bijdrage kunnen bekostigen en over onvoldoende eigen vermogen beschikken, voor 2010 bij te springen middels een artikel 3 bijdrage. Tot slot Door de vorming van de nationale politie, de intensivering in combinatie met het verhogen van de inzetbaarheid en productiviteit van de capaciteit, het terugdringen van de overhead en een evenwichtige herverdeling wordt de politie in staat gesteld uitvoering te geven aan de prioriteiten zoals opgenomen in het Regeerakkoord. De buurt wordt veiliger voor bewoners en ondernemers door de aanpak van overlast en criminaliteit op straat, bij uitgaansgelegenheden en evenementen. Er komt een offensief tegen ondermijnende en georganiseerde criminaliteit. De aanpak van fraude, witwassen, skimmen, cybercrime, overvallen en het afnemen van crimineel vermogen maakt hier onderdeel van uit. Mijn voornemen is om de landelijke prioriteiten voor de politie begin 2011 vast te stellen na overleg met de korpsbeheerders en het College van procureurs-generaal. Pagina 7 van 8

10 Met deze brief heb ik mede uitvoering gegeven aan de toezegging om u op hoofdlijnen te informeren over de wijzigingen die ik voornemens ben door te voeren in het politiebestel; de motie Kant c.s. (TK , nr. 2) en de motie Rutte (TK , nr. 2), ingediend tijdens het verantwoordingsdebat op 28 mei 2009; de vragen van het lid Berndsen (D66) (TK 2010Z15127), zie hiervoor bijlage 2; de tweede halfjaarlijkse rapportage over de sterkte van de Nederlandse politie voor het jaar 2010; de gevraagde reactie op het onderzoeksrapport (Niet) voor de wijk; De tijdsbesteding van wijkagenten ; de motie Van der Staaij, ingediend tijdens het Algemeen Overleg Politie op (TK , , nr. 136 en de motie Çörüz, ingediend tijdens de plenaire afronding hoofdstuk VII begroting BZK 2010 op (TK , VII, nr.38). Datum 14 december 2010 Kenmerk Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. De Minister van Veiligheid en Justitie, Pagina 8 van 8

11 Limburg-Noord Vergadering : Regionaal College 14 januari 2011 Onderwerp : Highlights Notitie Inleiding In het Regeerakkoord is de invoering van een nationale politie opgenomen. Inmiddels heeft minister Opstelten van Veiligheid en Justitie de plannen bekend gemaakt voor de inrichting van de politieorganisatie op hoofdlijnen middels de bijgevoegde brief aan de Tweede Kamer. Daarnaast heeft de minister de nota van wijziging op het wetsvoorstel nationale politie in consultatie gebracht. Een aantal elementen voor de inrichting van de politieorganisatie is als volgt: één nationaal korps, bestaande uit tien regionale eenheden overeenkomstig de nieuwe indeling van de gerechtelijke kaart; een of meer landelijke eenheden voor de uitvoering van specialistische politietaken, en een of meer landelijke diensten voor ondersteunende taken (zoals bijvoorbeeld ICT, inkoop, personeel); de minister wordt verantwoordelijk voor het beheer van het korps; aan het hoofd van het landelijk korps komt een korpschef die belast is met de leiding van de politie; de functie van korpsbeheerder komt te vervallen, omdat het beheer een verantwoordelijkheid wordt van de minister; het Regionaal College komt te vervallen; een nieuwe functie op regionaal niveau wordt de regioburgemeester; op lokaal niveau wordt het gezag van de burgemeester en de rol van de gemeenteraad verstevigd. De minister en korpsbeheerders zijn voornemens een transitieakkoord te sluiten ter voorbereiding op een overgang naar nationale politie. In dit transitieakkoord maken korpsbeheerders en minister binnen de kaders van de huidige wet afspraken over de verdeling van de verantwoordelijkheden in de transitiefase en over een aantal maatregelen ten behoeve van een soepele overgang naar nationale politie. Daarbij worden ook afspraken gemaakt over de verantwoordelijkheid voor de verdere inrichting van het Politiedienstencentrum Op 14 januari jl. heeft een vergadering van het Regionaal College plaatsgevonden. In deze vergadering is gesproken over de ontwikkelingen ten aanzien van het nieuwe politiebestel. In deze notitie worden de rode draad van de vergadering en de afspraken aangegeven. Notitie Regionaal College 14 januari 2011, afdeling Kabinet

12 Versterking lokale gezag In de plannen voor de inrichting van de politieorganisatie zal het gezag over de politie niet wijzigen. Dat geldt zowel voor het gezag op lokaal niveau als voor het gezag op landelijk niveau. De burgemeester blijft lokaal verantwoordelijk voor de aansturing van de politie bij het handhaven van de openbare orde. De officier van justitie blijft de politie aansturen bij de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde en taken ten dienste van justitie. In de plannen wordt het lokale gezag verstevigd middels: het wettelijk vastleggen van de functie van de lokale gezagsdriehoek; het wettelijk vastleggen dat in het driehoeksoverleg door de burgemeester, de officier van justitie en de politie op basis van het integraal veiligheidsplan, bedoeld in artikel 148a van de Gemeentewet, afspraken worden gemaakt over de inzet van de politie. Het wettelijk regelen dat de lokale gezagsdragers zwaarwegende invloed hebben op de benoeming van het lokale hoofd van de politie. Daarnaast wordt de positie van de gemeenteraad benadrukt. In de wet wordt expliciet vastgelegd dat de burgemeester verantwoording verschuldigd is aan de gemeenteraad over de uitoefening van zijn gezag over de politie. Reactie Regionaal College Het functioneren van de lokale driehoek is een punt van aandacht bij met name kleinere gemeenten. Het Openbaar Ministerie heeft aangegeven dat de lokale inbedding van het gezag topprioriteit is. Het Regionaal College maakt zich verder zorgen over het invullen van de gezagsrol ten aanzien van de lokale prioriteiten. Gezag is slechts een containerbegrip, waarbij onduidelijkheden bestaan omtrent de bevoegdheden en instrumentarium. Lokale prioriteiten worden opgenomen in het lokale integrale veiligheidsplan. Vervolgens zijn de lokale prioriteiten input voor de regionale prioriteiten opgetekend in het regionale beleidsplan. In dit beleidspan maken de gezagsdragers afspraken over in ieder geval de doelstellingen en de prioriteiten voor de regionale eenheid en de verdeling van de voor de regio beschikbare politiesterkte over de onderdelen van de regionale eenheid. Daarnaast bestaan er nog landelijke prioriteiten. Deze landelijke beleidsdoelstellingen worden vastgesteld door de minister. De landelijke beleidsdoelstellingen zien op de aanpak van maatschappelijke veiligheidsproblemen die zich vaak lokaal manifesteren. De minister geeft aan dat het vanzelfsprekend is dat de landelijke beleidsdoelstellingen voldoende ruimte laten voor lokaal politiebeleid. De capaciteitsverdeling en de landelijke prioriteiten moeten worden gezien als een gegeven. Het Regionaal College maakt zich zorgen of er wel ruimte is om lokale prioriteiten aan te pakken. Notitie Regionaal College 14 januari 2011, afdeling Kabinet

13 Overleg gezagsdragers In de plannen van de minister zal op regionaal niveau worden voorzien in overleg tussen de lokale gezagsdragers over de politie. Bij wet zal worden geregeld dat de burgemeesters van de gemeenten in het gebied waarin de regionale eenheid de politietaak uitvoert tezamen met de hoofdofficier van justitie ten minste eenmaal in de vier jaar een beleidsplan en jaarlijks een jaarverslag vaststellen voor de regionale eenheid. Voor de afstemming van burgemeesters over het regionale beleidsplan kan volgens de minister van Veiligheid en Justitie de schaal van de veiligheidsregio goed worden benut. Dit is met name denkbaar daar waar de nieuwe regionale politie-eenheden uit meerdere veiligheidsregio s (en dus uit veel gemeenten) bestaan. Reactie Regionaal College Mede gelet op de opmerkingen ten aanzien van het versterken van het lokale gezag, bestaat er binnen het Regionaal College de behoefte om in het nieuwe politiebestel de krachten te bundelen om de politiezorg in de gemeenten van de huidige politieregio Limburg-Noord te behouden. Derhalve is afgesproken om een overleg van gezagsdragers te organiseren op het niveau van de Veiligheidsregio. De volgende elementen zijn hierbij van belang: behouden van bestaande structuren in het kader van bestuurlijke aanpak; borgen van regionale verworvenheden politie-bestuur-om; aangrijpingspunt om zicht te krijgen op de problemen in het district en dit koppelen aan politiesterkte en eigen inzet; betrokkenheid van het Openbaar Ministerie kan worden behouden. In het nieuwe politiebestel zullen op regionaal niveau geen beheersbevoegdheden meer bestaan, derhalve komt het Regionaal College te vervallen. Mede gelet op de aanstaande wijzigingen in het politiebestel, besluit het Regionaal College om per 1 mei 2011 de vergadering van het Regionaal College en de AB Veiligheidsregio samenvoegen tot 1 vergadering, waarbij een blok wordt gereserveerd voor politieonderwerpen. Het inrichten van het Regionaal College/AB Veiligheidsregio met bijbehorende afstemmingsgremia wordt thans nader uitgewerkt. Notitie Regionaal College 14 januari 2011, afdeling Kabinet

14

15

16 Reactie van het Korpsbeheerdersberaad, College van procureurs-generaal en Veiligheidsberaad op de conceptnota van wijziging bij het wetsvoorstel vaststelling van een nieuwe politiewet bijlage In deze bijlage bij de brief van het Korpsbeheerdersberaad, het College van procureurs-generaal en het Veiligheidsberaad d.d. 27 januari 2011 wordt een uitgebreide reactie gegeven op de conceptnota van wijziging bij het wetsvoorstel vaststelling van een nieuwe politiewet. Zoals bekend zijn er binnen de bovenstaande organisaties verschillende principiële standpunten ten aanzien van de invoering van Nationale Politie. Deze standpunten worden bij u bekend verondersteld. Gezien de politieke realiteit is er voor gekozen een gezamenlijke inhoudelijke reactie te geven op het wetsvoorstel. De leden van het Korpsbeheerdersberaad en het Veiligheidsberaad zijn bereid samen met het College van procureurs-generaal mee te werken aan de transitie van regionale politie naar nationale politie, mits tegemoet wordt gekomen aan onderstaande opmerkingen. Zij willen er daarbij op wijzen dat het van belang is dat deze transitieperiode niet te lang gaat duren. Het Korpsbeheerdersberaad, het Veiligheidsberaad en het College van procureurs-generaal hebben de volgende opmerkingen bij het wetsvoorstel. Ontbreken instrumentarium voor versterking lokaal gezag In het voorliggende wetsvoorstel wordt de suggestie gewekt dat het lokaal gezag wordt verstevigd. Dit is echter nog maar de vraag. Zo heeft de burgemeester in de nieuwe situatie - in tegenstelling tot de huidige situatie waarin hij als lid van het Regionaal College de verantwoordelijkheid draagt voor het beheer van het politiekorps - geen enkel instrument naar de lokale politiechef om de gemeentelijke prioriteiten op het gebied van veiligheid daadwerkelijk te realiseren. Dit geldt ook voor het Openbaar Ministerie. Om daadwerkelijk het gezag te verstevigen moeten de burgemeester en de officier van justitie instrumenten krijgen om naleving van afspraken in de driehoek af te kunnen dwingen. De gezagsdragers moeten minimaal instemmingsrecht krijgen bij benoemingen en adviesrecht ten aanzien van promotie en ontslag van de lokale politiechef. Daarnaast moeten de lokale gezagsdragers als ultimum remedium de mogelijkheid hebben de lokale politiechef voor te dragen voor ontslag indien bij voortduring de afspraken die in de driehoek gemaakt zijn, zonder goede redenen, niet nagekomen worden. In de conceptwet is opgenomen dat in de lokale driehoek afspraken worden gemaakt tussen burgemeester, officier van justitie en politiechef. Dit is positief, echter artikel 13, tweede lid schrijft nu voor dat burgemeester en officier van justitie op basis van alleen het integraal veiligheidsplan, bedoeld in artikel 148a Gemeentewet, afspraken maken over de inzet van de politie. Wij stellen voor dat dit artikel wordt aangevuld met en op basis van de doelstellingen ten behoeve van de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde, zodat er in de driehoek ook afspraken gemaakt kunnen worden over de strafrechtelijke handhaving. Verder willen wij opmerken dat nu in de conceptwet is opgenomen dat bij benoeming van de regionale politiechef de regioburgemeester alvorens hij advies uitbrengt alle burgemeesters uit de regio moet horen. Dit is een mooi streven, maar is in de praktijk met name in de grote regio s onwerkbaar. Voorgesteld wordt dat in de wet wordt opgenomen dat de regioburgemeester te samen met de regiohoofdofficier met een afvaardiging van de overige burgemeesters overlegt ten aanzien van de benoeming van de politiechef. 1

17 Te weinig waarborgen voor goede balans tussen landelijke en lokale prioriteiten In de memorie van toelichting wordt aangegeven dat bij het overstijgen van het aanbod door de vraag naar capaciteit, de lokale gezagsdragers de keuze moeten maken. Deze keuze lijkt echter altijd ten koste te gaan van de lokale prioriteiten. Immers de capaciteitsverdeling en de landelijke prioriteiten moeten gezien worden als een gegeven en indien de minister van mening is dat er te weinig invulling wordt gegeven aan de landelijke prioriteiten kan hij de regioburgemeester een aanwijzing geven. Het is van belang dat de landelijke prioriteiten beperkt worden tot het hoognodige, en dat ruimte wordt gegeven aan het lokale gezag om prioriteiten te stellen. In het wetsvoorstel zien wij hier echter geen waarborgen voor. Wij stellen voor de omvang van de landelijke prioriteiten te begrenzen door hier per AMvB een maximum capaciteitsbeslag aan te koppelen danwel dat er waarborgen zijn voor voldoende capaciteit voor lokaal veiligheidsbeleid wat kan worden bepaald op basis van vastgestelde normen. Regionaal beleidsplan en regioburgemeester onvoldoende wettelijk verankerd Het nationale politiekorps gaat vooralsnog bestaan uit 10 regionale eenheden. Wij willen hierbij opmerken dat het ons bevreemdt dat dit aantal niet in de wet wordt vastgelegd maar per AMvB, waardoor het aantal eenheden in de toekomst eenvoudig gewijzigd kan worden. Ten behoeve van de regionale eenheden wordt een regionaal beleidsplan opgesteld. In dit beleidsplan wordt in ieder geval de verdeling van de politiecapaciteit binnen de regio opgenomen. Verder zijn er geen voorschriften gegeven ten aanzien van de inhoud van het beleidsplan. Wij zijn van mening dat wettelijk geborgd moet worden dat in het regionale beleidsplan de landelijke, regionale en lokale prioriteiten op een goede wijze samengebracht worden. Het regionale beleidsplan moet een samenhangend plan zijn bestaande uit de prioriteiten van gemeenten zoals vastgelegd in hun Integraal Veiligheidsplan, de prioriteiten van het OM zoals vastgelegd in de beleidsplannen van het OM en de landelijke prioriteiten. Ten aanzien van het regiobeleidsplan (artikel 39) moet onderscheid worden gemaakt tussen de voorbereiding, de vaststelling en de conflictbeslechting. De vaststelling is duidelijk geregeld: dat doen de burgemeesters en de hoofdofficier gezamenlijk. Over de voorbereiding bevat de wet ten onrechte geen bepalingen. Wij bepleiten de voorbereiding expliciet op te dragen aan de regioburgemeester, in overeenstemming met de hoofdofficier. De regioburgemeester ziet er op toe dat het regiobeleidsplan zoveel mogelijk draagvlak heeft bij de burgemeesters en hij stelt bij meningsverschillen uiteindelijk het plan vast, tezamen met de hoofdofficier. De regioburgemeester heeft daarnaast een eigenstandige positie, ook ten opzichte van de andere burgemeesters, door zijn conflictbeslechtende rol op regio niveau, en door de invloed die hij uitoefent op het landelijke door de minister te voeren beleid, zoals geregeld in de artikelen Hij doet dat overigens mede om de opvattingen van de lokale gezagsdragers bij de minister voor het voetlicht te brengen en legt daarover aan hen verantwoording af. De regioburgemeester doet dit niet vanuit beheersoptiek, die verantwoordelijkheid is immers verplaatst naar de minister. Het gaat erom dat hij wettelijk in staat wordt gesteld, leiding te geven aan alle, hierboven genoemde fasen van het afwegingsproces. Daarin moeten op evenwichtige wijze lokale prioriteiten, genoemd in veiligheidsplannen, onderling en in relatie tot landelijke prioriteiten ook voor wat betreft capaciteitsclaims op de politie in balans worden gebracht en met elkaar verbonden. In dit licht moet ook art. 68 lid 1 aan een kritische beschouwing worden onderworpen. Om te bevorderen dat ook de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde en andere taken ten dienste van Justitie de plaats krijgen die zijn verdienen, vinden wij dat de regioburgemeester zijn voorbereidende rol dient uit te oefenen in overeenstemming met de hoofdofficier. Dat geldt ook voor zijn conflictbeslechtende rol, genoemd in artikel 39, tweede lid. Die rol heeft naar ons oordeel mede betrekking op het beslechten van geschillen die voortvloeien uit contacten tussen de bevoegde gezagen over de capaciteitsinzet van de politie in een concrete situatie. In artikel 39, tweede lid dient dit te worden verduidelijkt. 2

18 Verder stellen wij voor het bestuurlijk overleg over de politie en politietaken in de regio te organiseren op de schaal van de veiligheidsregio s/huidige politieregio s. Het is daarom ook raadzaam dat de regionale politie-eenheden opgebouwd worden uit districten die territoriaal daarmee samenvallen, met behoud van de positie van de regioburgemeester zoals hierboven aangegeven. De leden van het Korpsbeheerdersberaad, het College van procureurs-generaal en het Veiligheidsberaad bepleiten dat dit geborgd wordt in de wet. Congruentie met Veiligheidsregio s Op dit moment wordt hard gewerkt aan de opbouw en verdere kwaliteitsverbetering van de veiligheidsregio. De rol van de politie binnen de veiligheidsregio is zeer belangrijk. De invoering van nationale politie moet niet tot gevolg hebben dat de politie zicht terugtrekt uit deze ontwikkeling. Het is ook daarom van belang dat indien er meerdere veiligheidsregio s in een politieregio vallen in ieder geval de buitengrenzen congruent zijn. Wij willen er verder op wijzen dat de wet op de veiligheidsregio s nu aangeeft dat de voorzitters van de veiligheidsregio s dezelfde zijn als de korpsbeheerder. Dit zal moeten worden aangepast. Bestuurlijke zeggenschap onvoldoende verankerd op nationaal niveau Bij de invoering van nationale politie is het van groot belang dat de lokale verankering goed wordt vormgegeven, dat de regionale bestuurlijke inbedding goed is vormgegeven en dat het bestuur evenals het College van procureurs-generaal op het landelijke niveau daar waar het beleid ten aanzien van beheer en de taakuitvoering wordt gevormd - goed vertegenwoordigd is. Dit is van belang om ook op landelijk niveau de balans te hebben tussen vertegenwoordigers van de handhaving van de strafrechtelijke rechtsorde en de handhaving van de openbare orde. Dit laatste is op dit moment in het wetsvoorstel niet goed geborgd. De rol van het bestuur op landelijk niveau moet steviger in de wet worden opgenomen. Er moet op landelijk niveau een regioburgemeestersberaad komen, samen met de voorzitter van het College van procureurs-generaal, de minister gevraagd en ongevraagd adviseert over zowel het beleid ten aanzien van de taakuitvoering als het beleid ten aanzien van het beheer. Positie Openbaar Ministerie verzwakt In het belang van counter failing powers moet bij invoering van nationale politie zowel de positie van het bestuur (handhaving openbare orde) als de positie van het OM (handhaving strafrechtelijke orde) in evenwicht met elkaar zijn en op alle niveaus goed geborgd worden. In het conceptwetsvoorstel verliest het Openbaar Ministerie op onderdelen aan kracht op het gebied van sturen op de opsporing. Ten eerste verliest het College zijn adviesrecht bij het vaststellen van de landelijke prioriteiten voor de opsporing. Ten tweede wordt in artikel 43 geregeld dat de minister, congruent aan de bevoegdheden van artikel 12, algemene en bijzondere aanwijzingen kan geven aan individuele ambtenaren van de landelijke eenheden. Dit is onwenselijk in relatie tot het gezag van het Openbaar Ministerie in het algemeen en in het bijzonder tot het gezag van de hoofdofficier van het Landelijk Parket. Ten derde is nergens een betrokkenheid geregeld van de Hoofdofficier van het Landelijk Parket bij het vaststellen van het beleid van de landelijke eenheden. Door dit alles is de positie van de hoofdofficier van het Landelijk Parket volstrekt diffuus. Dat maakt dat het Openbaar Ministerie zijn gezagsverantwoordelijkheid op landelijk niveau nauwelijks nog kan waarmaken. Onduidelijke verhouding minister-nationaal politiekorps De minister heeft in gesprekken met het korpsbeheerdersberaad aangegeven in het nieuwe bestel lineair verantwoordelijk te zijn voor het handelen van de nationale korpschef. In het concept wetsvoorstel is echter de korpschef toch op enige afstand gezet van de minister. Het lijkt er op dat de korpschef in dit construct een eigenstandigere rol krijgt dan de korpschef heeft in het huidige bestel. Het is zeer onlogisch dat de minister een ambtenaar, voor wiens handelen hij direct verantwoordelijk is, moet aansturen met behulp van algemene en bijzondere aanwijzingen. De leden van het 3

19 korpsbeheerdersberaad, het College van procureurs-generaal en het Veiligheidsberaad begrijpen niet waarom er niet gekozen is alle bevoegdheden en verantwoordelijkheden ten aanzien van het beheer van het politiekorps bij de minister te beleggen, die daarin bijgestaan wordt door de korpschef (gelijk de huidige constructie korpsbeheerder - korpschef). Bij nationale politie moet glashelder zijn wie verantwoordelijk is voor het handelen van de landelijke korpschef en zijn ondergeschikten. De nu gekozen constructie laat daar twijfel over bestaan. Opmerkelijk in het wetsvoorstel is dat de burgemeester en of de officier van justitie volgens voorliggend voortstel een bijstandsverzoek voor extra politie-inzet buiten zijn regionale eenheid bij de korpschef moeten indienen, terwijl bijstandsverzoeken nu volledig via de bestuurlijke lijn lopen. Daarnaast is in het voorstel opgenomen dat de regiobeleidsplannen naar de minister en naar de korpschef te worden gezonden. Bovendien is in het voorstel opgenomen dat bij het periodiek overleg tussen de minister, de regioburgemeesters en de voorzitter van het College van Procureurs-generaal, ook de korpschef aanwezig is. Het is niet gebruikelijk dat een minister in de wet opneemt welke ambtenaren hij meeneemt naar een overleg. Deze elementen zouden moeten worden aangepast zodat meer helderheid wordt geschapen in de verantwoordelijkheden. Evenmin is helder waar het werkgeverschap daadwerkelijk wordt belegd. Het lijkt logisch om deze verantwoordelijkheid in een nationaal bestel consequent bij de minister neer te leggen. In de memorie van toelichting is echter opgenomen dat de minister wel zelf verantwoordelijk is voor de onderhandelingen over de arbeidsvoorwaarden maar dat de korpschef het bevoegd gezag is als het gaat om aanstellingen, schorsing en ontslag. Daarnaast is volgens de memorie van toelichting de minister weer in het bijzonder verantwoordelijk voor het LMD-beleid voor ambtenaren van politie van schaal 15 en hoger (dit veronderstelt dat de minister niet verantwoordelijk is voor het volledige LMDbeleid). Aanvulling randvoorwaarden benoeming korpschef Volgens voorliggend voorstel is het de bedoeling dat de korpschef voor een periode van 6 jaar wordt benoemd, met telkens een mogelijkheid tot verlenging van 3 jaar. Ten eerste achten de leden van het korpsbeheerdersberaad, het College van procureurs-generaal en het Veiligheidsberaad de periode van 6 jaar erg lang. Daarnaast zijn de leden van mening dat de mogelijkheid tot herbenoeming moeten worden beperkt tot eenmaal. Ten tweede, is het belang van deze functie dusdanig, dat niet volstaan kan worden met slechts een adviesrecht voor de regioburgemeesters en het College van Procureurs-generaal. Wij zijn van mening dat bij de benoeming van de korpschef de regioburgemeesters en het College van Procureurs-generaal instemmingsrecht moeten hebben. Tot slot Wij zijn van mening dat de geconstateerde problemen op het gebied van samenwerking en gemeenschappelijk functioneren van de Nederlandse politie te zeer zijn aangedikt door te stellen dat er sinds de evaluatie van het politiebestel in 2005 onvoldoende resultaat is geboekt op dit gebied. Er is juist zeer veel gebeurd sinds deze evaluatie om de samenwerking en het gemeenschappelijk functioneren van de politie te verbeteren. Wellicht ten overvloede vragen wij aandacht voor de impact die een grootschalige reorganisatie als de vorming van een nationale politie heeft op de politie. Het absorptievermogen van korpsen kent een grens; voorkomen moet worden dat een opeenstapeling van wijzigingen en nieuwe beleidsontwikkelingen negatieve consequenties heeft voor het presterend vermogen van de politieorganisatie. Vanuit dat perspectief verzoeken wij de minister dringend terughoudend te zijn bij 4

20 het vaststellen van het aantal landelijke prioriteiten alsmede het tussentijds doorvoeren van nieuwe beleidsintensiveringen. Daarnaast spreken wij onze zorg uit over de financiering van het traject tot vorming van de nationale politie. Hiervoor is weliswaar een intensivering beschikbaar gesteld door het kabinet, alsmede een bedrag vanuit de vermogensconversie. Onduidelijk is echter nog hoe de kosten van de vorming van de tien eenheden alsmede de oprichting van het Politiedienstencentrum en andere landelijke eenheden exact uitvallen. Het risico is dat besparingen als gevolg van deze trajecten te vroeg worden ingeboekt. Voorkomen moet in elk geval worden dat de vorming van nationale politie ten koste gaat van de totale operationele sterkte. 5

21 Ministerie van Veiligheid en Justitie De heer mr. I.W. Opstelten Postbus EH 'S-GRAVENHAGE doorkiesnummer (070) betreft reactie concept nota van wijziging Politiewet uw kenmerk ons kenmerk BABVI/U bijlage(n) datum 27 januari 2011 Geachte heer Opstelten, Hierbij ontvang u onze reactie op de concept nota van wijziging bij wetsvoorstel tot vaststelling van een nieuwe politiewet, welke u ons bij brief van 14 december 2010 deed toekomen. Na een aantal algemene opmerkingen gaan wij nader in op diverse onderdelen en aspecten van het voorstel. Wij besluiten met de conclusie dat, binnen de gegeven context van een nationale politie, aan een aantal nadere voorwaarden moet worden voldaan, wil de bestelwijziging tot het beoogde resultaat leiden. Algemeen De nota van wijziging bevat een aantal belangrijke verbeteringen ten opzichte van het oorspronkelijke wetsvoorstel. Het is verheugend dat in het voorstel een aantal elementen is overgenomen uit het in opdracht van de VNG vervaardigde rapport Sleuren of Sturen, dat voorstellen bevat ter versterking van de lokale verankering van de politie: de positie van de gemeenteraad wordt versterkt en de functie van de lokale driehoek wordt uitgebreid. Verder wordt op landelijk niveau een aanzet gegeven voor de versterking van de democratische inbedding van de politie. De in het voorstel Remkes geïntroduceerde figuur van een directieraad tussen de minister en de politie is daarmee van de baan; dit is ook het geval met de wettelijke status voor een Raad van Hoofdcommissarissen. Hiermee is tegemoet gekomen aan onze bezwaren op deze onderdelen van het voorstel Remkes. De minister benadert de door hem voorgestane wijziging van het politiebestel sterk vanuit efficiency overwegingen: centralisatie van het beheer en vermindering van de bestuurlijke drukte moeten meer ruimte geven aan het politiewerk. De mate waarin de voorgestelde wijzigingen de effectiviteit van het beleid ten goede komen krijgt minder de aandacht. Wij zijn van oordeel dat vanuit bedrijfsmatig oogpunt nationale politie belangrijke efficiencyvoordelen kan bieden, echter bepalend voor het succes van de voorgestelde bestelwijziging zal zijn de mate waarin de VNG Postbus 30435, 2500 GK Den Haag Tel

mr. A.F. (Sandor) Gaastra - Congres: De toekomst van het Nederlandse Politiebestel

mr. A.F. (Sandor) Gaastra - Congres: De toekomst van het Nederlandse Politiebestel mr. A.F. (Sandor) Gaastra - Congres: De toekomst van het Nederlandse Politiebestel (Alleen het gesproken woord geldt) Dames en heren, Toenemende globalisering, digitalisering en de groeiende mobiliteit

Nadere informatie

Adviesdocument Politie Nederland Deloitte, 11 maart 2011

Adviesdocument Politie Nederland Deloitte, 11 maart 2011 Adviesdocument Politie Nederland Deloitte, 11 maart 2011 Voor het functioneren van onze maatschappij is veiligheid essentieel. De maatschappij verwacht van de politie dat zij in staat is lokale veiligheid

Nadere informatie

Gemeente Langedijk. Voorstel aan de raad

Gemeente Langedijk. Voorstel aan de raad Gemeente Langedijk Raadsvergadering : 18 november 2014 Agendanummer : 8 Portefeuillehouder Afdeling Opsteller : drs. J.F.N. Cornelisse : Veiligheid, Vergunningen en Handhaving : Eveline Plomp Voorstel

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 33 451 Wijziging van de Wet op de rechterlijke indeling, de Wet op de rechterlijke organisatie en enige andere wetten in verband met de vorming

Nadere informatie

Tegen de achtergrond hiervan zijn de minister van BZK en het dagelijks bestuur van het KBB i.o. het volgende overeengekomen.

Tegen de achtergrond hiervan zijn de minister van BZK en het dagelijks bestuur van het KBB i.o. het volgende overeengekomen. Onderhandelingsakkoord tussen de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het dagelijks bestuur van het Korpsbeheerdersberaad i.o. inzake het pakket aan maatregelen en afspraken in het

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2002 2003 27 834 Criminaliteitsbeheersing Nr. 22 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 3

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2010 2011 29 628 Politie Nr. 256 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 2 mei

Nadere informatie

COLLEGEBERICHT AAN DE RAAD Van : Burgemeester en Wethouders Reg. nr. : 4533853 Aan : Gemeenteraad Datum : 06-11-2013 Portefeuillehouder : B.J. Lubbinge, van Eijk, v. Muilekom ONDERWERP Planning programma

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 29 628 Politie Nr. 591 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 23

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Raadsbesluit. Status Besluitvormend: Kadernota Oordeelvormend: Veiligheidsplan Besluitvormend: Veiligheidsfonds

Raadsbesluit. Status Besluitvormend: Kadernota Oordeelvormend: Veiligheidsplan Besluitvormend: Veiligheidsfonds Raadsbesluit Datum: 23-09-14 Onderwerp Integrale Veiligheid: - Kadernota Integrale Veiligheid Basisteam Meierij 2015-2018 - Ontwerp Regionaal Veiligheidsplan 2015-2018 - Veiligheidsfonds Oost-Brabant Status

Nadere informatie

Datum 20 november 2012 Onderwerp Beleidsreactie bij Rapport 'Aangifte doen: de burger centraal' van de Inspectie Veiligheid en Justitie

Datum 20 november 2012 Onderwerp Beleidsreactie bij Rapport 'Aangifte doen: de burger centraal' van de Inspectie Veiligheid en Justitie > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den haag Aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Directoraat-Generaal Politie Politiële Taken Schedeldoekshaven 200 2511 EZ Den Haag Postbus

Nadere informatie

Uitvoeringsprogramma Vorming Nationale Politie

Uitvoeringsprogramma Vorming Nationale Politie Uitvoeringsprogramma Vorming Nationale Politie - een startdocument - Den Haag, 31 maart 2011 Ministerie van Veiligheid en Justitie Directoraat-generaal Politie i.o. Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag

Nadere informatie

30880 Vaststelling van een nieuwe Politiewet (Politiewet 200.)

30880 Vaststelling van een nieuwe Politiewet (Politiewet 200.) 30880 Vaststelling van een nieuwe Politiewet (Politiewet 200.) Nr. VERSLAG Vastgesteld 28 september 2011 De vaste commissie voor Veiligheid en Justitie, belast met het voorbereidend onderzoek van dit voorstel

Nadere informatie

Ivo Opstelten Minister van Veiligheid en Justitie Postbus 20301 2500 EH DEN HAAG

Ivo Opstelten Minister van Veiligheid en Justitie Postbus 20301 2500 EH DEN HAAG Post Bits of Freedom Bank 55 47 06 512 M +31 613380036 Postbus 10746 KvK 34 12 12 86 E ton.siedsma@bof.nl 1001 ES Amsterdam W https://www.bof.nl Ivo Opstelten Minister van Veiligheid en Justitie Postbus

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 34 404 Wijziging van de Wet op de rechterlijke organisatie en de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren in verband met de samenstelling van

Nadere informatie

Convenant samenwerking defensie- politie 2005 en verder

Convenant samenwerking defensie- politie 2005 en verder Convenant samenwerking defensie- politie 2005 en verder De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de staatssecretaris van Defensie, de beheerders van de regionale politiekorpsen en het

Nadere informatie

Ministerie van Veiligheid en Justitie

Ministerie van Veiligheid en Justitie Postbus 20018 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Directoraat-Generaal Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer Politie Control Turfmarkt 147 2511 OP Den Haag 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Advies presidium Het presidium adviseert positief ten aanzien van dit voorstel en stelt voor dit als hamerstuk te beschouwen.

Advies presidium Het presidium adviseert positief ten aanzien van dit voorstel en stelt voor dit als hamerstuk te beschouwen. No. 691-1 Emmeloord, 14 januari 2013. Onderwerp Invulling werkgeverschap griffie Noordoostpolder Voorgenomen besluit 1. Het raadsbesluit d.d. 27 maart 2003, voor zover inhoudende de delegatie van de werkgeversbevoegdheden

Nadere informatie

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving ϕ1 Ministerie van Justitie Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving Directie Rechtsbestel Postadres: Postbus 20301, 2500 EH Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

2009D11472 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL

2009D11472 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL 2009D11472 LIJST VAN VRAGEN TOTAAL 1 Wat zijn de effecten van de huidige kredietcrisis op de bedrijfsvoering van de politiekorpsen? Hebben korpsen op dit moment meer moeite om financiering te vinden en

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag > Retouradres Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving Afdeling Wetgeving Staatsinrichting en Bestuur Turfmarkt

Nadere informatie

Datum 12 april 2012 Onderwerp Inspectie Openbare Orde en Veiligheid rapport "Follow the Money"

Datum 12 april 2012 Onderwerp Inspectie Openbare Orde en Veiligheid rapport Follow the Money 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den

Nadere informatie

Samen aan de IJssel Inleiding

Samen aan de IJssel Inleiding Samen aan de IJssel Samenwerking tussen de gemeenten Capelle aan den IJssel en Krimpen aan den IJssel, kaders voor een intentieverklaring en voor een onderzoek. Inleiding De Nederlandse gemeenten bevinden

Nadere informatie

http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/politie/nationale-politie Nationale politie

http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/politie/nationale-politie Nationale politie Dit document beschrijft in het kort de organisatie van de nationale politie, en is afkomstig van de website van de rijksoverheid en de politie (augustus 2013). http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/politie/nationale-politie

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 200 2511 EZ Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1992-1993 22801 Beleidsvoornemens Politie 1993 Nr. 14 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN JUSTITIE EN VAN BINIMEN LANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Voorstel: instemmen met de uitgangspunten zoals verwoord in de kadernota.

Voorstel: instemmen met de uitgangspunten zoals verwoord in de kadernota. Aan de raad AGENDAPUNT 6.11 Kadernota regionalisering brandweer Voorstel: instemmen met de uitgangspunten zoals verwoord in de kadernota. In 2006 besloten de gemeenten Bronckhorst, Doetinchem, Montferland

Nadere informatie

*Z001F59E44 9* Leiderdorp, 16 september 2014. Afdeling: Concernzaken OOV en Rampen Onderwerp: Beleidsplan Integraal Veiligheidsbeleid 2015-2018

*Z001F59E44 9* Leiderdorp, 16 september 2014. Afdeling: Concernzaken OOV en Rampen Onderwerp: Beleidsplan Integraal Veiligheidsbeleid 2015-2018 Afdeling: Concernzaken OOV en Rampen Onderwerp: Beleidsplan Integraal Veiligheidsbeleid 2015-2018 Pagina 1 van 5 Versie Nr.1 Leiderdorp, 16 september 2014 Aan de raad. Beslispunten 1. Akkoord gaan met

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Kenmerk

Nadere informatie

in het geschil tussen: de medezeggenschapsraad van het A College te B, verzoeker, hierna te noemen de MR gemachtigde: mr. E.J.M.

in het geschil tussen: de medezeggenschapsraad van het A College te B, verzoeker, hierna te noemen de MR gemachtigde: mr. E.J.M. S AMENV ATTING 08.023 / 104010 Interpretatiegeschil VO - artikel 4 lid 3, artikel 21 lid 2 en artikel 2 jo 11 onder h WMS m.b.t. de medezeggenschapsstructuur, de procedure van vaststelling van medezeggenschapsdocumenten,

Nadere informatie

Wijziging van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek in verband met de herpositionering van zelfstandige bestuursorganen

Wijziging van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek in verband met de herpositionering van zelfstandige bestuursorganen Wijziging van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek in verband met de herpositionering van zelfstandige bestuursorganen MEMORIE VAN ANTWOORD Inleiding Met belangstelling heb ik kennis genomen

Nadere informatie

Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord

Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord Datum: 25-6-13 Onderwerp Toestemming tot wijziging van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord Status Besluitvormend Voorstel Het college toestemming te verlenen tot het wijzigen

Nadere informatie

INTEGRALE VEILIGHEID

INTEGRALE VEILIGHEID INTEGRALE VEILIGHEID Presentatie onderdelen Reden voor het bezoek Bevoegdheden Burgemeester Integrale Veiligheid bij de gemeente Rol vanuit de raad op het gebied van Integrale Veiligheid Netwerken voor

Nadere informatie

Personele gevolgen De voorgenomen reorganisatie brengt een wijziging in de

Personele gevolgen De voorgenomen reorganisatie brengt een wijziging in de ADVIESCOMMISSIE MELDING VOORGENOMEN REORGANISATIE Advies 2010/06 Aan: De leden van de CGOP, d.t.v. CAOP t.a.v. mw. drs. C.L.D. van Agten Postbus 556 2501 CN Den Haag 1/5 Ter behandeling in het overleg

Nadere informatie

Onderwerp: Instelling werkgeverscommissie griffie ex artikel 83 Gemeentewet

Onderwerp: Instelling werkgeverscommissie griffie ex artikel 83 Gemeentewet Raadsvergadering, 26 oktober 2010 Voorstel aan de Raad Onderwerp: Instelling werkgeverscommissie griffie ex artikel 83 Gemeentewet Nr.: 411 Agendapunt: 10 Datum: 11 oktober 2010 Voorgesteld besluit 1)

Nadere informatie

Opmerkingen over Hoofdstuk 1. Wijziging van wetten Artikel 1.8, wijziging van het Bw

Opmerkingen over Hoofdstuk 1. Wijziging van wetten Artikel 1.8, wijziging van het Bw Parkstraat 83 Den Haag Correspondentie: Postbus 30137 2500 GC Den Haag Telefoon (070) 361 93 00 Fax algemeen (070) 361 93 10 Fax rechtspraak (070) 361 93 15 Aan de Staatssecretaris van Volksgezondheid,

Nadere informatie

Onderzoek van de Inspectie OOV naar de uitwisseling van politie-informatie

Onderzoek van de Inspectie OOV naar de uitwisseling van politie-informatie Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten- Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Inlichtingen E.M. Sucec T 070-4267027 F 070-4268260 Uw kenmerk Onderwerp Onderzoek van de Inspectie OOV naar de

Nadere informatie

VOORSTEL AAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ROERMOND

VOORSTEL AAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ROERMOND VOORSTEL AAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ROERMOND datum indiening: 19 mei 2014 datum/agendapunt B&Wvergadering: 270514/304 afdeling: Bouwtoeziciit Onderwerp: Jaarprogramma Wet algemene bepalingen

Nadere informatie

Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling ONS KENMERK z2002-0477

Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling ONS KENMERK z2002-0477 POSTADRES Postbus 93374, 2509 AJ Den Haag BEZOEKADRES Prins Clauslaan 20 TEL 070-381 13 00 FAX 070-381 13 01 E-MAIL info@cbpweb.nl INTERNET www.cbpweb.nl AAN Gemeente Utrecht DATUM 9 oktober 2002 Dienst

Nadere informatie

Conversietabel. Informatief. Geen. Niet van toepassing. Heden. niet van toepassing. Datum 1 februari 2007. Kenmerk 2007-0000036231.

Conversietabel. Informatief. Geen. Niet van toepassing. Heden. niet van toepassing. Datum 1 februari 2007. Kenmerk 2007-0000036231. Onderdeel DGV/POL Inlichtingen Harry Koster T 070-4266517 F 070-4267440 1 van 6 Aan de korpsbeheerders van de regionale politiekorpsen, de korpsbeheerder van het Klpd, de voorzitter van het college van

Nadere informatie

Onderwerp: Voorstel tot deelname aan de AntiDiscriminatieVoorziening Limburg (ADV-Limburg)

Onderwerp: Voorstel tot deelname aan de AntiDiscriminatieVoorziening Limburg (ADV-Limburg) Pagina 1 van 5 GEMEENTE NUTH Raad: 23 september 2008 Agendapunt: Reg.nr: BJZ/2008/6803 RTG: 9 september 2008 Inleiding AAN DE RAAD Onderwerp: Voorstel tot deelname aan de AntiDiscriminatieVoorziening Limburg

Nadere informatie

Inrichting en sterkte nieuwe robuuste basisteams

Inrichting en sterkte nieuwe robuuste basisteams Regionale politie-eenheid Noord-Nederland Inrichting en sterkte nieuwe robuuste basisteams 18 februari 2013 1. Het nieuwe robuuste basisteam In het Inrichtingsplan van de Nationale Politie is voorzien

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Zitting 1979-1980 15 637 Casinospelen Nr. 2 Het vroegere stuk is gedrukt in de zitting 1978-1979 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de heer Voorzitter

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2006 320 Besluit van 23 juni 2006 tot wijziging van het Besluit comptabele regelgeving regionale politiekorpsen en het Besluit financiën regionale

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 29 628 Politie Nr. 497 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 15

Nadere informatie

Tien nieuwe politieregio s Een beeld op basis van bestaande indicatoren stand per 1 januari 2010

Tien nieuwe politieregio s Een beeld op basis van bestaande indicatoren stand per 1 januari 2010 Tien nieuwe politieregio s Een beeld op basis van bestaande indicatoren stand per 1 januari 2010 drs. P.F. Rozenberg MPA ing. R. Rozenberg Tien nieuwe politieregio s Een beeld op basis van bestaande indicatoren

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1996 1997 25 298 Wijziging van de Politiewet 1993 en de LSOP-wet in verband met de invoering van de inspectiefunctie op rijksniveau en de invoering van een

Nadere informatie

SAMENVATTING RAADSVOORSTEL. 1005258 Fiselier, Kristel SAM-MO Janneke Oude Alink. Samenwerken aan Jeugdzorg in Twente

SAMENVATTING RAADSVOORSTEL. 1005258 Fiselier, Kristel SAM-MO Janneke Oude Alink. Samenwerken aan Jeugdzorg in Twente SAMENVATTING RAADSVOORSTEL ZAAKNUMMER BEHANDELEND AMBTENAAR SECTOR PORT. HOUDER 1005258 Fiselier, Kristel SAM-MO Janneke Oude Alink ONDERWERP Samenwerken aan Jeugdzorg in Twente AGENDANUMMER SAMENVATTING

Nadere informatie

Aangenomen en overgenomen amendementen

Aangenomen en overgenomen amendementen Overzicht van stemmingen in de Tweede Kamer afdeling Inhoudelijke Ondersteuning aan De leden van de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie Datum 14 februari 2012 Betreffende wetsvoorstel: 32841 Wijziging

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden Raad van Toezicht.

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden Raad van Toezicht. 6. Raad van Toezicht 14-04-2014 Versie 6.02 Huishoudelijk reglement Raad van Toezicht Status Definitief Artikel 1: Positionering Raad van Toezicht Ingevolge de statuten bestuurt het College van Bestuur

Nadere informatie

NG jaar. _Aw GESCAND OP 2 2 HT. 2012. Gemeente Wormerland. Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad

NG jaar. _Aw GESCAND OP 2 2 HT. 2012. Gemeente Wormerland. Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad _Aw NG jaar Vereniging van Nederlandse Gemeenten Brief aan de leden T.a.v. het college en de raad GESCAND OP 2 2 HT. 2012 Gemeente Wormerland doorkiesnummer uw kenmerk bijlage(n) (070) 373 8393 5 betreft

Nadere informatie

MEMO. Wij leveren als gemeente een ambtelijke secretaris.

MEMO. Wij leveren als gemeente een ambtelijke secretaris. MEMO datum : 24 februari 2009 aan : de leden van de raad van : het college kopie aan : onderwerp : instellen commissie Overleg Landelijk Gebied Gemeente Bergen In onze vergadering van 3 februari 2009 hebben

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag > Retouradres Postbus 0011 500 EA Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 0018 500 EA Den Haag DKR KV Schedeldoekshaven 00 511 EZ Den Haag Postbus 0011 500 EA Den Haag

Nadere informatie

Verslag van de internetconsultatie

Verslag van de internetconsultatie Verslag van de internetconsultatie In de periode van 4 juli tot 8 september is het wetsvoorstel voor internetconsultatie opengesteld. Er zijn iets minder dan veertig reacties binnengekomen, over het algemeen

Nadere informatie

: vaststellen verordening en benoeming leden werkgeverscommissie

: vaststellen verordening en benoeming leden werkgeverscommissie Voor het kiezen van de datum voor de raadsvergadering --> Klik op het knopje ernaast om een raadsvergaderdatum te selecteren.onderstaande velden worden door tekstverwerking ingevuld!!!stuur DIT RAADSVOORSTEL

Nadere informatie

Brief van de staatssecretaris van Economische Zaken en de minister van Veiligheid en Justitie

Brief van de staatssecretaris van Economische Zaken en de minister van Veiligheid en Justitie 28684 Naar een veiliger samenleving 28286 Dierenwelzijn Nr. 422 Brief van de staatssecretaris van Economische Zaken en de minister van Veiligheid en Justitie Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

Bijlagen Uw kenmerk Ons kenmerk Datum 1 E96/U2457 8 oktober 1996. Departementsonderdeel

Bijlagen Uw kenmerk Ons kenmerk Datum 1 E96/U2457 8 oktober 1996. Departementsonderdeel Aan De korpsbeheerders van de regionale politiekorpsen De korpsbeheerder van het KLPD i.c. DGPC Justitie i.a.a. de korpschefs van de regionale politiekorpsen de korpschef van het KLPD de (fgd.) hoofdofficieren

Nadere informatie

Datum 10 december 2014 Betreft Commissiebrief Tweede Kamer inzake Oprichting Stichting Jongeren Op Gezond Gewicht

Datum 10 december 2014 Betreft Commissiebrief Tweede Kamer inzake Oprichting Stichting Jongeren Op Gezond Gewicht > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Bezoekadres: Rijnstraat 50 2551 XP Den Haag T 070 340 79 11 F 070 340 78

Nadere informatie

Onderwerp: Wijziging gemeenschappelijke regeling GGD Midden Nederland tot gemeenschappelijke regeling GGD regio Utrecht

Onderwerp: Wijziging gemeenschappelijke regeling GGD Midden Nederland tot gemeenschappelijke regeling GGD regio Utrecht Raadsvergadering d.d. 26 november 2013 Nr. : 9 Aan de raad van de gemeente Lopik. Onderwerp: Wijziging gemeenschappelijke regeling GGD Midden Nederland tot gemeenschappelijke regeling GGD regio Utrecht

Nadere informatie

De Minister voor Wonen en Rijksdienst, Handelend in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad;

De Minister voor Wonen en Rijksdienst, Handelend in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad; Regeling van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 2015, nr. , tot instelling van het tijdelijk Bureau ICT-toetsing (Instellingsbesluit tijdelijk Bureau ICT-toetsing) Handelend

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 2030 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 2008 2500 EA DEN HAAG Directie Weerbaarheidsverhoging Afdeling veiligheidsregio's Schedeldoekshaven

Nadere informatie

Rapport Meldkamers van de Inspectie van Veiligheid en Justitie en het Agentschap Telecom

Rapport Meldkamers van de Inspectie van Veiligheid en Justitie en het Agentschap Telecom 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Datum 10 juni 2014 Betreft Behandeling WWZ, schriftelijke reactie op voorstel VAAN d.d. 2 juni 2014

Datum 10 juni 2014 Betreft Behandeling WWZ, schriftelijke reactie op voorstel VAAN d.d. 2 juni 2014 > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 22 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22 Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 T

Nadere informatie

opleiding BOA Besluit BOA

opleiding BOA Besluit BOA Deze reader geeft een overzicht van de die zijn genoemd, versie juni 2005. Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 2 De buitengewoon opsporingsambtenaar die beschikt over: a. een titel van opsporingsbevoegdheid,

Nadere informatie

Actieve ondersteuning vanuit het Rijk voor experimentele initiatieven van scholen;

Actieve ondersteuning vanuit het Rijk voor experimentele initiatieven van scholen; Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Dhr. drs. S. Dekker Postbus 16375 2500 BJ 'S-GRAVENHAGE doorkiesnummer (070) 373 8875 betreft VNG reactie op advies Onderwijsraad "Grenzen aan kleine scholen".

Nadere informatie

Raadsvoorstel 26 juni 2014 AB14.00447 RV2014.030

Raadsvoorstel 26 juni 2014 AB14.00447 RV2014.030 Raadsvergadering d.d. Casenummer Raadsvoorstelnummer Raadsvoorstel 26 juni 2014 AB14.00447 RV2014.030 Gemeente Bussum Vaststellen Perspectiefnota 2015 Brinklaan 35 Postbus 6000 1400 HA Bussum Aan de gemeenteraad.

Nadere informatie

SELECTIE- EN AANWIJZINGSPROCEDURE KWARTIERMAKERS NATIONALE POLITIE

SELECTIE- EN AANWIJZINGSPROCEDURE KWARTIERMAKERS NATIONALE POLITIE SELECTIE- EN AANWIJZINGSPROCEDURE KWARTIERMAKERS NATIONALE POLITIE Bureau ABD Politietop 31 AANWIJZINGSPROCEDURE KWARTIERMAKER NATIONALE POLITIE (beoogd korpschef) FASE 1 VOORBEREIDING: PROCEDURE EN PROFIELEN

Nadere informatie

Aan de Gemeenteraad. Raadsvoorstel nr. 694681

Aan de Gemeenteraad. Raadsvoorstel nr. 694681 meppel.nl Raadsvoorstel Agendapunt: VII/9. Meppel, 2 juni 2015 Aan de Gemeenteraad. Raadsvoorstel nr. 694681 Onderwerp: Invoering Model Raad van Toezicht Stichting Promes Voorgesteld besluit 1. In te stemmen

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2014 180 Besluit van 8 april 2014 tot wijziging van het Besluit Nationale Unesco Commissie inzake de nieuwe Koninkrijksverhoudingen, de uitvoeringspraktijk

Nadere informatie

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving

Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving Ministerie van Justitie j1 Directoraat-Generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving Directie Rechtshandhaving en Criminaliteitsbestrijding Postadres: Postbus 20301, 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van

Nadere informatie

Voorstel Koepelbesluit Oost-Nederland

Voorstel Koepelbesluit Oost-Nederland Voorstel Koepelbesluit Oost-Nederland Auteurs Mayke te Wierike Privacyfunctionaris Wim de Vries Beleidsadviseur Leonie Hamming Coördinator Beleidszaken Eenheidsstaf 10 oktober 2014 1. Aanleiding Bij het

Nadere informatie

Commissie Middelen Roerdalen 23 januari 2012

Commissie Middelen Roerdalen 23 januari 2012 LN Commissie Middelen Roerdalen 23 januari 2012 Nationale politie Doel Nationale Politie Nederland nog veiliger maken Zes identiteitskenmerken Nationale politie Missie Waakzaam en dienstbaar Beschermen,

Nadere informatie

Op grond van het hiernavolgende stellen wij u voor het volgende besluit te nemen:

Op grond van het hiernavolgende stellen wij u voor het volgende besluit te nemen: Raadsvoordracht Overdrachtsconvenant Politiekeurmerk Veilig Wonen Agendapunt: 8 (d) Aan de gemeenteraad, Op grond van het hiernavolgende stellen wij u voor het volgende besluit te nemen: De gemeenteraad

Nadere informatie

Derde onderzoek vorming nationale politie

Derde onderzoek vorming nationale politie Derde onderzoek vorming nationale politie Onderzoek naar het in werking brengen van basisteams en districtsrecherche per 1 januari 2015 1 Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 In werking brengen basisteams en

Nadere informatie

Taak en invloed gemeenteraad op de. Integrale veiligheid

Taak en invloed gemeenteraad op de. Integrale veiligheid Taak en invloed gemeenteraad op de Integrale veiligheid 1 Definitie veiligheid Veiligheid is de mate van afwezigheid van potentiële oorzaken van een gevaarlijke situatie of de mate van aanwezigheid van

Nadere informatie

Secretariaat: vestiging Bonaire

Secretariaat: vestiging Bonaire Postbus 20301 REcIfISHANDHAVING RAAD VOOR DE Kaya Industria 15a Kralendijk T: (+599-) 717-5552 1 F: (+599-) 717-7616 E: RvdRH@telbo.an De Raad voor de Rechtshandhaving is een inspectieorgaan, ingesteld

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

6v/ pffis. 0 2cu\AwCpS-~ Veiligheidsberaad. Veiligheidsreqio Zeeland. Verschuivend werkgeverschap brandweer.

6v/ pffis. 0 2cu\AwCpS-~ Veiligheidsberaad. Veiligheidsreqio Zeeland. Verschuivend werkgeverschap brandweer. Veiligheidsberaad Veiligheidsregio Zeeland Aan het bestuur van de veiligheidsregio Postbus 8016 4330 EA MIDDELBURG Veiligheidsreqio Zeeland Organisatieonderdeel 6v/ pffis Ontvangen, 3 jy N 2013 Behandelaar

Nadere informatie

Registratienummer: 1113532 Onderwerp: Verordening rechtspositie, mandaat- en volmachtsbesluit griffie Purmerend 2014

Registratienummer: 1113532 Onderwerp: Verordening rechtspositie, mandaat- en volmachtsbesluit griffie Purmerend 2014 De raad van de gemeente Purmerend, gelezen het voorstel van het presidium d.d. 6 maart 2014, nr. 1113532, gelet op artikel 125 van de Ambtenarenwet, artikel 107e van de Gemeentewet, BESLUIT: de volgende

Nadere informatie

Datum 13 oktober 2015 Onderwerp Antwoorden Kamervragen over het bericht 'Aantal vechtscheidingen groeit explosief'

Datum 13 oktober 2015 Onderwerp Antwoorden Kamervragen over het bericht 'Aantal vechtscheidingen groeit explosief' 1 > Retouradres Postbus 20301 2500 EH Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.rijksoverheid.nl/venj

Nadere informatie

Raadsvoorstel (gewijzigd) 26 september 2013 AB13.00729 RV2013-062

Raadsvoorstel (gewijzigd) 26 september 2013 AB13.00729 RV2013-062 Raadsvergadering d.d. Casenummer Raadsvoorstelnummer Raadsvoorstel (gewijzigd) 26 september 2013 AB13.00729 RV2013-062 Gemeente Bussum Besluit nemen over advies effectmeting Inkoop en inhuur van de rekenkamercommissie

Nadere informatie

2.1 De Commissie heeft zich beraad over de ontvankelijkheid van de klacht.

2.1 De Commissie heeft zich beraad over de ontvankelijkheid van de klacht. Oordeel 2004-13 Utrecht, 12 november 2004 1 De klacht Op 30 april 2004 heeft klager de Commissie Klachtenbehandeling Aanstellingskeuringen (hierna: Commissie) verzocht haar oordeel uit te spreken over

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 33 872 Wijziging van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving) Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Nadere informatie

Derde voortgangsrapportage van de voortgangscommissie Curaçao aan het Ministerieel Overleg. Januari 2012 t/m maart 2012

Derde voortgangsrapportage van de voortgangscommissie Curaçao aan het Ministerieel Overleg. Januari 2012 t/m maart 2012 Derde voortgangsrapportage van de voortgangscommissie Curaçao aan het Ministerieel Overleg Januari 2012 t/m maart 2012 Willemstad, juni 2012 De Voortgangscommissie: Mr. M.J.H. Marijnen (Voorzitter) Drs.

Nadere informatie

Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING

Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING 29311 Wijziging van de Algemene wet gelijke behandeling en enkele andere wetten naar aanleiding van onderdelen van de evaluatie van de Algemene wet gelijke behandeling, de Wet gelijke behandeling van mannen

Nadere informatie

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Geachte voorzitter,

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Geachte voorzitter, Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der StatenGeneraal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Contactpersoon Datum 19 december 2007 Ons kenmerk DGW/BOI 2007/1822 Onderwerp Internetstemmen bij de waterschappen

Nadere informatie

College voor geschillen medezeggenschap defensie

College voor geschillen medezeggenschap defensie ADVIES Dossiernr: Advies van het College voor geschillen medezeggenschap defensie aan de Bevelhebber der Zeestrijdkrachten naar aanleiding van een verzoek om advies inzake een tussen: de Commandant Maritieme

Nadere informatie

CONCEPT. De Minister van Veiligheid en Justitie, Gelet op artikel 6, negende lid, van het Besluit bezoldiging politie: Besluit:

CONCEPT. De Minister van Veiligheid en Justitie, Gelet op artikel 6, negende lid, van het Besluit bezoldiging politie: Besluit: directoraat-generaal Veiligheid Personeel & Materieel CONCEPT Regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie van DGV Politie/Personeel en Materieel, houdende invoering van de Tijdelijke regeling functieonderhoud

Nadere informatie

Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein gemeente Mook

Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein gemeente Mook Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein gemeente Mook en Middelaar 2016 Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door

Nadere informatie

Aan de raad van de gemeente Wormerland

Aan de raad van de gemeente Wormerland RAADSVOORSTEL Aan de raad van de gemeente Wormerland Datum aanmaak 11-12-2013 Onderwerp Programma en portefeuillehouder Inkoopsamenwerking decentralisaties Zaanstreek-Waterland, Regeling Zonder Meer Anna

Nadere informatie

Factsheet Rol van gemeenten en inspecties in het kader van toezicht

Factsheet Rol van gemeenten en inspecties in het kader van toezicht Factsheet Rol van gemeenten en inspecties in het kader van toezicht Ter voorbereiding op de Cursus crisismanagement tijdens de tweedaagse van de subcommissie Jeugd op 29 oktober 2014 geven we hier een

Nadere informatie

Datum 31 maart 2016 contactpersoon. 13 apr 2016/0005

Datum 31 maart 2016 contactpersoon. 13 apr 2016/0005 Datum 31 maart 2016 contactpersoon M. Heijlnk Aan de raden van de 26 VRU-gemeenten door tussenkomst van de colleges van burgemeesters en wethouders Concerncontroller a.i. Archimedeslaan 6 3584 BA Utrecht

Nadere informatie

De Voorzitter van de Eerste Kamer Der Staten-Generaal Binnenhof 21-23 2513 AA Den Haag

De Voorzitter van de Eerste Kamer Der Staten-Generaal Binnenhof 21-23 2513 AA Den Haag > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De Voorzitter van de Eerste Kamer Der Staten-Generaal Binnenhof 21-23 2513 AA Den Haag Plesmanweg 1-6 Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag Bijlage(n) 3 Datum

Nadere informatie

Raadscommissievoorstel

Raadscommissievoorstel Raadscommissievoorstel Status: Voorbereidend besluitvormend Agendapunt: 4 Onderwerp: Transformatie jeugdzorg Regionaal projectplan Datum: 10 december 2012 Portefeuillehouder: Jhr. M.R.H.M. von Martels

Nadere informatie

Woonruimtebemiddeling: samen leven met minder regels

Woonruimtebemiddeling: samen leven met minder regels POSITION PAPER Woonruimtebemiddeling: samen leven met minder regels VNG-INZET VOOR DE NIEUWE HUISVESTINGSWET Inleiding In delen van het land is nog steeds sprake van knelpunten op de woningmarkt, met gevolgen

Nadere informatie

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 13 januari 2011;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 13 januari 2011; De raad van de gemeente Schiermonnikoog; overwegende, dat het noodzakelijk is het verstrekken van toeslagen en het verlagen van uitkeringen van bijstandsgerechtigden jonger dan 65 jaar bij verordening

Nadere informatie