Docent én intrapreneur, een spanningsveld?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Docent én intrapreneur, een spanningsveld?"

Transcriptie

1 Docent én intrapreneur, een spanningsveld? Een casestudy naar intrapreneurship onder docenten en de strategische rol van Human Resource Management Strategisch HRM Organisatiekenmerken Kennismanagement Ondernemendheid Masterthesis MBA, afstudeerrichting HRM Auteur: Jeroen Haverkate Cursistnummer: Haaksbergen, 1 mei 2012

2 De werkelijkheid bestaat niet. Er is niet een eenduidige toestand of situatie die door iedereen geïnterpreteerd wordt als de werkelijkheid. Wie om zich heen kijkt ziet huizen, de straat, een fietser die voorbijgaat. Wie even in gedachten is, ziet mensen, gebeurtenissen uit het verleden en denkbeelden. Wie in gesprek is met een ander, ziet de ander praten die daarbij gebruik maakt van taal, denkbeelden en metaforen. Wie weet wat in deze écht waar is (en alles hiervoor is waar) mag als eerste zeggen wat de werkelijkheid is. Jonker & Pennink (2000) Masterthesis, afsluitend onderdeel van mijn MBA studie, afstudeerrichting HRM, uitgevoerd voor hogeschool Saxion. Auteur: Jeroen Haverkate (368093) Scriptiebegeleiding NCOI: Drs. P. (Peter) Horsselenberg Intern begeleider Saxion: Prof. dr. J.J. (Jos) van der Werf Eerste meelezer: Drs. P.M.J. (Petra) Manders Tweede meelezer: N.P. (Nitie) Mardjan Msc. NCOI Business School MBA, afstudeerrichting HRM Haaksbergen, 1 mei 2012 Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 2

3 Voorwoord Door mijn studie Master of Business Administration, met als specialisatie strategisch HRM bij het NCOI heb ik veel handvatten gekregen om de werkelijkheid te kunnen duiden, of beter, mijn focus te kunnen expliciteren. Een geweldige ervaring, waarbij er steeds meer inzicht ontstaat waarom processen lopen zoals ze lopen, de organisatie en cultuur is zoals ze is, wat dit betekent voor de structuur, stijlen van leiderschap en vooral welke bijdrage ik hieraan kan leveren. Door een nieuwe strategische visie bij Saxion naar 2020 werd ik geïnspireerd door het thema ondernemerschap. Ondernemerschap dient breed ingezet te worden in onze onderwijsvisie waarbij studenten gestimuleerd worden een eigen onderneming te starten. Naar mijn mening is dit alleen mogelijk wanneer onze kennisdragers, de docenten, beschikken over een ondernemende houding en kennis over ondernemerschap. In de verschillende ontwikkelingsfasen van onze samenleving heeft kennis een buitengewoon belangrijke rol gespeeld. Men kan er over twisten of de kennissamenleving haar wortels heeft in deze tijd. Door de boekdrukkunst was er voor het eerst sprake van systematische kennisverspreiding op grotere schaal. We bezoeken Europese steden en kijken met ontzag op naar de architectonische bouwwerken uit vorige eeuwen. Zonder gedegen kennis hadden de ontwerpers en bouwmeesters dit natuurlijk niet klaargespeeld. Kijken we naar de alom aanwezige technologie in ons dagelijks leven, dan valt niet te ontkomen aan de conclusie dat de kennissamenleving er al geruime tijd is. De intensiteit van de kennisproductie neemt toe. Op een grote diversiteit van thema s speurt de mens dan ook steeds weer naar nieuwe kennis. Sinds enkele jaren wordt een brede discussie gevoerd over de kwaliteit van het hoger onderwijs en de professionele ruimte bij professionals. Enerzijds hebben, ingegeven door politiek en management, controle mechanismen een sterke invloed op professionals die, anderzijds professionele ruimte en vertrouwen nodig hebben om hun werk te kunnen uitoefenen. Het spanningsveld tussen controle en vertrouwen lijkt verder toe te nemen. Intern ondernemerschap of intrapreneurship is een nieuwe dimensie tegen de achtergrond van professionele ruimte. Middels dit onderzoek, waarbij gekeken wordt naar de invloeden van kennismanagement en organisatiekenmerken op intrapreneurship, worden aanbevelingen gedaan aan het College van Bestuur van Saxion en wordt bezien welke rol HRM hierbij kan spelen. Geen voorwoord zonder een gebruikelijk dankwoord. Allereerst dank ik mijn twee afstudeerbegeleiders Jos van der Werf voor de vele nieuwe inzichten in ondernemendheid en Peter Horsselenberg voor zijn methodologische begeleiding. Tevens dank ik mijn twee meelezers Nitie Mardjan en Petra Manders voor de feedback op mijn stukken. Ook dank ik mijn collega s uit mijn team en kamergenoten bij de dienst HRM van Saxion, die de afgelopen jaren regelmatig belangstellend naar de studievoortgang informeerden. Ingrid Lammerse, directeur HRM, die mij het zetje gaf om met een master te starten en de vrijheid gaf om werk en studie te combineren. Een dank ook aan de vele respondenten die bijgedragen hebben aan de interviews en het delen van hun belevingen, meningen en ervaringen. En tot slot dank ik in het bijzonder mijn liefhebbende gezin: Ellen, Willemijn en Koen voor hun geduld, meeleven en support. Het zit er op en het is mooi. Vanaf nu ben ik er weer helemaal voor jullie. Voor u ligt mijn thesis ter afronding van mijn MBA. Ik wens u veel leesplezier toe. Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 3

4 Samenvatting Het hoger onderwijs wordt door een aantal incidenten bekritiseerd en nauwlettend in de gaten gehouden. Er wordt de afgelopen jaren sterk ingezet op het verhogen van de kwaliteit van het onderwijs om de toekomstbestendigheid van het Nederlandse stelsel op de langere termijn te garanderen. Hiertoe wordt ondermeer geïnvesteerd in het ontwikkelen van professionals, de docenten als kennisdragers en worden prestatieafspraken gemaakt met het ministerie van OC&W. In deze casestudie wordt onderzocht welk spanningsveld optreedt tussen enerzijds verwachtingen vanuit de politiek en het management over het uitvoeren van het onderwijsbeleid, en anderzijds de vrijheid om professioneel én ondernemend te werken. Het doel van het onderzoek is aanbevelingen te kunnen doen aan het College van Bestuur van Saxion en inzicht te geven in de strategische rol van HRM ten aanzien van het ontwikkelen van ondernemendheid bij docenten. Dit krijgt vorm door onderzoek te doen vanuit de literatuur en het onderzoeken van meningen van docenten en management, over de factoren die ondernemendheid belemmeren en stimuleren. De centrale vraagstelling is beantwoord aan de hand van de variabelen: HRM, kennismanagement, organisatiekenmerken en intrapreneurship en is als volgt geformuleerd: Welke invloed hebben de kenmerken van de organisatie en de invulling van kennismanagement op intrapreneurship bij Saxion en welke rol vervult HRM hierbij? Uit dit onderzoek is gebleken dat: 1. Intrapreneurship is onlosmakelijk verbonden met de inzet en het welbevinden van docenten. Zonder intrapreneurs die professionele ruimte krijgen, verantwoordelijkheid nemen en in staat zijn te improviseren, is intrapreneurship niet mogelijk. 2. Docenten zijn zich bewust van de beleidskeuzes in het hoger onderwijs, maar worden onvoldoende betrokken bij de planning en control cyclus van de eigen academie. 3. Het op een bewuste wijze invulling geven aan kennismanagement is noodzakelijk om intrapreneurship te bevorderen en hiermee de strategische ambities van de organisatie te realiseren. 4. Professionals inzetten op competenties die aansluiten bij de ambities en doelen van de organisatie vraagt om leiderschap, durf, het verantwoord inzetten van HRM instrumenten en het faciliteren van docenten en management. Het management van Saxion moet een visie ontwikkelen over de kwaliteit en kwantiteit van de human resources. Een hefboom hiertoe ligt bij HRM dat in de lijn ligt. Saxion dient er voor te waken uit de identiteitsdiscussie te blijven. Productielijn voor de economie of een toegevoegde waarde voor de arbeidsmarkt? De politiek vraagt en de organisatie draait. Een directe relatie tussen onderwijs en de functies die studenten na afstuderen bekleden lijkt niet meer aanwezig te zijn. Hier zit een probleem en dit leidt haast tot een onmogelijke match. Dit vraagt om een ondernemende houding van professionals en het maken van keuzes. Docenten ervaren weinig ruimte binnen het takenpakket door druk van uren- en takenplaatjes en controle- en beheerssystemen, echter de geboden ruimte binnen de gestelde kaders is groter dan docenten vermoeden en durven te gebruiken. Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 4

5 Voorwoord 3 Samenvatting 4 1. Inleiding Aanleiding Kwaliteit als opdracht Rapport commissie Veerman Situatieschets Probleemkader Probleemstelling Doelstelling, afbakening en relevantie Onderzoeksmodel Conceptueel model Positie onderzoeker Begeleiding Opbouw scriptie Theoretisch kader: Spanningsveld intrapreneurship Inleiding Intrapreneurship Professionele autonomie Conclusie operationalisatie intrapreneurship Strategisch HRM Leiding geven aan professionals Conclusie operationalisatie strategisch HRM Kennismanagement Strategische verankering van kennismanagement Stromingen in kennismanagement Omgevingsfactoren bij kennismanagement Organisatiecultuur Conclusie operationalisatie kennismanagement Kenmerken organisatie Individuele kenmerken van docenten Beleid onderwijs Het beleidsproces Conclusie operationalisatie kenmerken organisatie Specifiek conceptueel model Operationalisatie Methodologie en gegevensverzameling Onderzoeksstrategie Onderzoeksdesign Dataverzameling Interviews Documentenonderzoek Dataverwerking Betrouwbaarheid en validiteit Resultaten, analyse en synthese Inleiding Resultaten van het onderzoek Analyse en synthese Conclusies, aanbevelingen en discussie Conclusies Aanbevelingen Kritische reflectie 53 Geraadpleegde literatuur en bronnen 55 Bijlagen 58 Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 5

6 1. Inleiding Onderwijsorganisaties in het hoger onderwijs profileren zich tegenwoordig als ondernemend. In het licht van een ondernemende organisatie heeft Saxion ondernemende medewerkers nodig. Daar waar de core business van een docent in het primair proces het verzorgen van onderwijs betreft, wil het management graag medewerkers die ondernemend zijn, initiatief tonen en het hoofd boven het maaiveld uitsteken of zelfs excelleren. Docenten ervaren bij deze opdracht in het onderwijsbeleid een spagaat tussen enerzijds het beleid, gedomineerd door allerlei regels en procedures, en anderzijds een roep om creativiteit en innovatie. Door een veranderende omgeving betekent dit dat er andere eisen gesteld worden aan medewerkers. Saxion heeft ondernemerschap en ondernemen hoog in het vaandel staan en streeft naar een groei van het aantal (student)ondernemers en afgestudeerden. Dit vraagt om een voorbeeldfunctie in ondernemend gedrag bij de docent in de relatie met de student. In tal van beleid- en organisatieplannen bij academies zijn ondernemendheid en innovatiegerichtheid belangrijke kernwaarden voor medewerkers en studenten (Saxion ) 1. Het college van bestuur en het management constateren dat het zichtbaar maken van ondernemendheid en de implementatie hiervan in de academies een traag proces is. In 2011 is nagedacht over een toekomstvisie richting Hierbij is uitvoerig met diverse stakeholders (management, medewerkers, studenten, overheid, sociale partners en bedrijfsleven) gesproken over de wenselijke strategische koers voor de komende jaren. De sociale partners in het hbo hebben op 21 mei 2010 een verklaring 2 opgesteld waarin een relatie wordt gelegd tussen ondernemendheid en professionele ruimte in het hbo. In deze verklaring wordt geconstateerd dat de sociale partners er in zijn geslaagd om het thema 'professionele ruimte' onder de aandacht van de werkgevers en werknemers in het hbo te brengen. Daarmee wordt invulling gegeven aan de doelstellingen die zij in mei 2009 voor ogen hadden. In deze verklaring geven zij aan dat de periode mei mei 2010 de startfase markeert van een langer durend proces. Het is, zo stellen zij, van cruciaal belang dat de dialoog over professionele ruimte zo diep mogelijk binnen elk van de hbo instellingen wordt gevoerd, en zich richt op concrete opbrengsten. In deze casestudy wil ik bezien hoe het gesteld is in Saxion met ondernemendheid, vertaald naar intrapreneurship, waarbij het onderwijsbeleid en professionele bureaucratie lijken tegen te werken en de rol die strategisch HRM hier inneemt. Volgens Boxall en Purcell (Vloeberghs 2009:109) wordt recente HRM literatuur gekenmerkt door drie thema s: het eerste thema betreft de best practice benadering, waarbij de HRM praktijk onafhankelijk van de context wordt ingericht. Het tweede thema betreft de best fit benadering, waarbij de strategie en de context bepalend zijn voor de inrichting van de HRM praktijk. En in de derde benadering is de kracht van de organisatie het uitgangspunt zoals bij de resource-based view of the firm (RBV) en de rol van HRM bij het creëren van een competitief voordeel. Bij deze casestudy worden alle drie de benaderingen overwogen om tot een mogelijke benadering van strategisch HRM bij intrapreneurship in Saxion te komen. In dit hoofdstuk worden de veranderingen in professionele ruimte en intrapreneurship behandeld, die aanleiding vormen voor dit onderzoek. Daarna wordt de doelstelling en focus van dit onderzoek beschreven. Tenslotte worden de centrale vraag, deelvragen, aanpak en relevantie toegelicht. Aan het einde van dit hoofdstuk wordt in het kort de verdere opbouw van deze thesis weergegeven. Tot slot worden het probleemkader en de positie van de onderzoeker geschetst. 1 Strategische visie Saxion Gemeenschappelijke verklaring sociale partners over professionele ruimte in het hbo, HBO-raad Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 6

7 1.1. Aanleiding Kwaliteit als opdracht Investeren in de kwaliteit van de hogescholen vooronderstelt investeren in de kwaliteit van docenten en van alle andere medewerkers die bijdragen aan de goede randvoorwaarden voor kwaliteit 3. De hogescholen zijn sterk veranderd. Studenten zijn meer divers, hebben verschillende vooropleidingen en steeds sterker onderscheiden zich culturele achtergronden. Zij vragen meer gerichte aandacht, maatwerk en betrokkenheid van de docent. Het afnemend werkveld vraagt van docenten dat zij voldoende kennis van het vak hebben en inzicht in de context van de beroepsuitoefening. Waar studenten meer dan vroeger moeten worden opgeleid tot beroepsbeoefenaren die ook over een onderzoekende attitude beschikken, stelt dit even zeer hogere eisen aan hun docenten. De docent is leermeester, praktijkdeskundige, onderzoeker, ondernemer en niet in de laatste plaats begeleider van studenten. Niet elke docent is in staat elke rol in even grote mate te vervullen. Het hebben van verschillende docenttaken betekent nog niet dat moet worden overgegaan tot een rigoureuze taakopsplitsing, maar het is ook naïef te veronderstellen dat elke docent over dezelfde soort kwaliteiten beschikt of zich elke gewenste kwaliteit eigen maakt. Docenten hebben variatie en differentiatie nodig om hun werk goed te kunnen doen. De veelzijdigheid van de taken vereist daarbij dat in teamverband wordt zorg gedragen voor afstemming, voor de inzet van de beste kwaliteiten voor de uitvoering van de verschillende taken, waarbij rekening moet worden gehouden dat niet iedereen overal even goed in is. Dit stelt eisen aan de hogeschool die inhoud geeft aan een structuur, maar vooral ook aan een cultuur waarin het begrip professionele ruimte concrete invulling krijgt. Het gaat daarbij om het vinden van het juiste evenwicht tussen enerzijds een herkenbare inrichting en besturing van de primaire processen waarin docenten hun werk kunnen doen als professional en in een team, en anderzijds een organisatiecultuur die docenten uitdaagt om zijn of haar kwaliteiten verder te ontwikkelen. Het gaat om een omgeving die de ruimte schept om vanuit de eigen professionaliteit aan studenten goed onderwijs te bieden of te participeren aan praktijkgericht onderzoek en waarin het vanzelfsprekend is dat de docent weet dat hij of zij kan worden aangesproken op de kwaliteit van het eigen handelen, als vakinhoudelijke deskundige, als begeleider en motivator van studenten en als professional. De hogescholen hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in het vormgeven van dit in 2009 voorgenomen beleid Rapport commissie Veerman De commissie Veerman 4 heeft in 2010 in opdracht van de minister van OC&W om op basis van een vergelijking van het Nederlandse hoger onderwijsstelsel met toonaangevende hoger onderwijsstelsels elders in de wereld, een oordeel gegeven over de toekomstbestendigheid van het Nederlandse stelsel op de langere termijn. Toekomstbestendigheid vereist een gevarieerd hoger onderwijsstelsel met meer differentiatie: 1. in de structuur van het stelsel, 2. tussen instellingen, 3. in het onderwijsaanbod. Het is de ambitie van de Nederlandse overheid om tot de top 5 van kenniseconomieën van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OECD) te behoren volgens de Global Competitiveness Index (World Economic Forum 2011). Hoger onderwijs en onderzoek vervullen een sleutelrol bij het bereiken van dit doel. De commissie onderschrijft deze ambitie. Nederland was aanvankelijk gezakt naar een 10 e plaats ( ), maar staat inmiddels ( ) weer op een 8 e plaats in de bovengenoemde index (Schwab,WEF, 2010). Om goed onderwijs te kunnen geven, 3 HBO-Raad, Kwaliteit als opdracht, Commissie Veerman, rapport Differentiëren in drievoud, 2010 Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 7

8 moeten docenten een brede scope hebben en daar hoort het doen van onderzoek ook bij. Zij moeten ontwikkelingen kunnen duiden en kunnen selecteren wat voor de toekomstige professionals van belang is. Het opleidingsniveau en de scholing van docenten ziet de commissie Veerman als een van de meest renderende investeringen in het hoger onderwijs. In het rapport geeft Veerman een tiental aanbevelingen. Een binnen deze context belangrijke aanbeveling is: investeren in de kwalificaties van het personeel door ruimte te geven voor loopbaanbeleid in onderwijs en onderzoek. Het kabinet heeft in het voorjaar 2011 de adviezen over het hoger onderwijs positief ontvangen en zet haar schouders onder: kwaliteitsverhoging als eerste prioriteit, meer differentiatie in het hbo, versterking van het academisch profiel in het WO, profilering van instellingen bevorderen en het beter benutten van en meer focus en massa in onderzoek. 1.2 Situatieschets Onze samenleving heeft zich in een hoog tempo ontwikkeld naar een kennisomgeving of kenniseconomie. Niet alleen de samenleving verandert, wij veranderen en organisaties veranderen en worden geconfronteerd met sociale en economische veranderingen en toenemende concurrentie. Kennis ontwikkelt zich in een rap tempo en om de ontwikkelingen te kunnen blijven volgen is permanente educatie nodig. Long life learning is inmiddels een begrip geworden, kennis veroudert snel. Jongeren worden opgeleid voor toekomstige functies die nu nog niet eens bestaan. Om een goede kennisomgeving te creëren is een goed opgeleide beroepsbevolking nodig en zal er continu gezocht moeten worden naar nieuwe kennis, waarbij de invulling van kennismanagement en -processen een bijdrage kan leveren. Bestaande organisaties worden in toenemende mate bemenst door hoogopgeleide specialisten (Wanrooy, 2005). Bureaucratische organisaties bieden over het algemeen niet de omgeving waarin professionals volledig tot hun recht komen en ondernemend gedrag kunnen ontwikkelen. Professionals worden in de organisatie geconfronteerd met regelcapaciteit, de regelruimte binnen gestelde kaders, door het management opgedragen resultaatverplichtingen en daarnaast is sprake van een inspanningsverplichting. Professionals geven gehoor aan inspiratie en niet aan supervisie (Mintzberg, 1998). Hier ontstaat een spanningsveld waarbij de intrapreneur verstandig om dient te gaan met alle spanningen en fricties. Weggeman (2007) borduurt voort op deze visie. Een professioneel systeem vraagt om een specifiek sociaal klimaat en een aangepaste relatie tussen professional en leidinggevende. Daarnaast is er altijd een samenhang tussen de onderdelen van de organisatie, die niet geïsoleerd kunnen worden behandeld (Wagenaar, B., 2009). Ook individuele relaties tussen docent, manager en student spelen een belangrijke rol, waarbij de aard van besturing van invloed is op de kwaliteit van relaties en daarmee de effectiviteit van de organisatie. Hierbij dienen de collectieve ambities in inspirerende en enthousiasmerende zin richtinggevend te zijn voor het gewenste gedrag van de professionals (Weggeman 2007:35). Er is in toenemende mate behoefte aan hoger opgeleiden. Al in 2000 hebben de Europese lidstaten in Lissabon afgesproken dat de Europese Unie zich moet ontwikkelen tot de meest competitieve economie van de wereld. Dit is vertaald in de ambitie dat in 2020 tenminste 50% van de beroepsbevolking tussen de 25 en 44 jaar een diploma in het hoger onderwijs dient te hebben om de beoogde maatschappelijke- en economische ontwikkelingen te kunnen realiseren. In Aziatische landen, waaronder China en India, groeit de economie momenteel erg hard en wordt er veel kennis uit westerse landen aangetrokken 5. Hier liggen kansen, maar ook bedreigingen. Saxion is een internationaal georiënteerde kennisinstelling die ernaar streeft tot de top in Nederland te behoren. Saxion creëert innovatieve praktijkgerichte kennis met studenten en docentonderzoekers als co-creators in partnership met bedrijven en instellingen. Saxion levert daarmee een sterke bijdrage aan de regionale ontwikkeling. Deze missie streeft Saxion na vanuit haar visie, die aangeeft hoe de organisatie daaraan wil werken: 5 HBO-Raad Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 8

9 Saxion is proactief, verbindt partijen blijvend, inspireert gemotiveerde studenten en medewerkers om maximaal te presteren en creëert praktijkgerichte kennis in samenspel met ondernemende bedrijven en instellingen. Saxion stelt zich de volgende doelen 6 : - De kwaliteit is goed op orde - Elke opleiding heeft een hoge studenttevredenheid (score >7 in NSE) 7 - De accreditatiescores zijn goed (>75% van de items scoort goed) - Saxion is een geoliede en gastvrije organisatie met een professionele dienstverlening - In elke opleiding komt ondernemerschap tot uitdrukking 8 - Saxion realiseert een stevige kennisvalorisatie in samenwerking met de regio - Saxion is een A-merk: biedt een breed palet aan gedegen opleidingen - Duurzaamheid in onderwijs, onderzoek en bedrijfsvoering - Saxion profileert zich in Nederland en Europa op maximaal drie focusgebieden, gekoppeld aan topopleidingen (nr. 1 op hun terrein en sterk onderzoeksgedreven) 1.3 Probleemkader In dit onderzoek staat ondernemendheid, vertaald naar intrapreneurship bij hbodocenten in relatie tot kenmerken van het onderwijsbeleid, waarin systemen in control dienen te zijn, centraal. Daarnaast wordt bezien welke strategische rol HRM in dit proces kan spelen. In een casestudy, die zich concentreert op de hbo-docent, wordt onderzocht welk spanningsveld optreedt tussen enerzijds de verwachting vanuit de politiek en het management over het uitvoeren van het onderwijsbeleid, en anderzijds de vrijheid om professioneel en ondernemend te kunnen werken. Vanuit dit spanningsveld wordt onderzocht op welke wijze HRM strategisch kan worden ingezet om ondernemendheid onder docenten in het hoger onderwijs te ontwikkelen. Innovatie en ondernemerschap in het onderwijs en onder studenten wordt in samenwerking met diverse stakeholders (werkveld, overheid, studenten en medewerkers) in de toekomstvisie 2020 van Saxion uitvoerig beschreven. Steden worden, volgens het Centraal Planbureau (CPB), meer dan voorheen de broedplaatsen voor creativiteit en innovatie bij hightech ontwikkelingen. Voor Saxion betekent dit een sterkere binding met de steden in onze regio s: Enschede, Deventer en Apeldoorn. In enkele opleidingen is ondernemerschap voor studentondernemers ingebed in het onderwijsprogramma en krijgen studenten extra begeleiding bij het opzetten van een eigen onderneming. Bij het grootste deel van de academies speelt ondernemerschap en ondernemendheid bij docenten in relatie tot de student nog geen enkele rol en wordt vooral gefocust op het aanbieden van onderwijs, de core business. Waardoor lukt het de ene academie of onderwijsteams wel om ondernemerschap op te nemen in het curriculum en andere academies niet en waarin zitten de verschillen in succes en falen bij ondernemendheid onder docenten? Onderzoek, ondernemerschap, innovatie, creativiteit, ondernemendheid en een lerende houding vragen om een professionele rol van de docent. Saxion zoekt thans sterk naar een juiste verbinding tussen onderwijs, onderzoek en ondernemerschap en heeft hierop de komende jaren haar focus gelegd. De onderzoeker kan met het genereren van kennis en data bijdragen aan inzicht in de achtergronden en oorzaken van het probleem dat intrapreneurship niet altijd naar wens verloopt en op deze wijze het College van Bestuur voorzien van data om richting te geven die leidt tot mogelijke verbetering. De diagnose wordt teruggelegd in de organisatie en kan leiden tot het nader vorm en inhoud geven aan de doelstellingen uit de toekomstvisie 2020 van Saxion. 6 Toekomstvisie Saxion NSE, Nationale Studenten Enquête 8 Met ondernemerschap wordt hier bedoeld: het opzetten van een onderneming door studentondernemers en de begeleiding van docenten Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 9

10 Het onderzoek heeft een bedrijfskundige-, strategische- en Human Resource Management (HRM) insteek vanwege de specialisatie en achtergrond van de onderzoeker in deze MBA. Ondernemerschap en hieraan gerelateerd ondernemendheid staat al geruime tijd op de Saxion agenda. Professionele ruimte van de docent, creativiteit, innovatie en ondernemendheid van docenten, zijn thema s waarover al geruime tijd wordt gesproken, maar zijn nog onvoldoende geïmplementeerd in de organisatie. Het onderzoek is in de interventiecyclus diagnosticerend van aard, waarbij de aanbevelingen praktijkgericht zijn Probleemstelling Verschuren en Doorewaard (2007:73) omschrijven een onderzoeksobject als het fenomeen dat wordt bestudeerd en waarover op basis van het uit te voeren onderzoek uitspraken worden gedaan. In deze casestudy wordt uitgegaan van één object namelijk intrapreneurship onder professionals, de hogeschool docent, als uitvloeisel van de strategische visie 2020 van Saxion. Het te onderzoeken object wordt onderzocht aan de hand van de theorie en waarnemingen in de praktijk. De interventiecyclus bestaat uit vijf fasen: het formuleren van de probleemstelling, een diagnose van het probleem, het ontwerpen van een oplossing, het invoeren van de verandering en het evalueren van de resultaten van de interventie (Verschuren en Doorewaard, 2007:49). De probleemstelling van deze casestudy is reeds geformuleerd en erkend door alle belanghebbenden. In de diagnostische fase worden de achtergronden en oorzaken voor het probleem onderzocht (Verschuren & Doorewaard, 2007:48). Dit onderzoek over intrapreneurship bij docenten valt binnen de diagnostische fase, maar ook binnen de volgende fase, het ontwerpen van een oplossing. Door de doelgroep in het onderzoek te betrekken, wordt aan het einde van het onderzoek getracht een aantal aanbevelingen te doen welke een bijdrage kunnen leveren aan de oplossing van het probleem. Op basis van vorenstaande leidt dit tot de volgende centrale vraag welke zicht geeft in de determinanten die intrapreneurship beïnvloeden binnen de specifieke condities van Saxion: Welke invloed hebben de kenmerken van de organisatie en de invulling van kennismanagement op intrapreneurship bij Saxion en welke rol vervult HRM hierbij? Bij het beantwoorden van deze vraag is het zaak om kennis en inzicht te verkrijgen in de relevante theorie op het gebied van intrapreneurship, ondernemendheid in het algemeen, kennismanagement en de toepassing in de praktijk van intrapreneurship in Saxion. Daarnaast wordt aan de hand van een aantal deelvragen en empirische toetsing aan de hand van literatuurstudie onderzocht welke strategische rol HRM en kennismanagement kunnen spelen om intrapreneurship te vergroten zodat de strategische ambities van Saxion worden gerealiseerd. Deze bundeling van gegevens moet uiteindelijk de gewenste informatie opleveren om de centrale vraag te kunnen beantwoorden. Vanuit de onderzoeksoptiek (Verschuren en Doorewaard, 2007:75) wordt voor dit onderzoek vanuit strategisch HRM, kenmerken onderwijsbeleid, kennismanagement en intrapreneurship naar het onderzoeksobject gekeken. Op basis van de doelstelling van het onderzoek en de centrale vraagstelling worden de volgende deel- en subvragen aan de hand van literatuur- en empirisch onderzoek beantwoord: 9 Verschuren en Doorewaard, 2007:34 Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 10

11 Deel A: 1. Wat verstaan we onder intrapreneurship en welke variabelen hebben hier invloed op? a- Intrapreneurship: wat zijn de specifieke kenmerken en functionele eisen van de variabele intrapreneurship? b - Strategisch HRM: wat zijn de kenmerkende dimensies van de variabele strategisch HRM? c - Kennismanagement: wat zijn de kenmerkende dimensies van de variabele kennismanagement? d- Organisatiekenmerken: Wat zijn de specifieke kenmerken van de variabele kenmerken organisatie? Hier wordt gezocht naar achtergronden, inhoud en definities van intrapreneurship, strategisch HRM, kennismanagement, organisatiekenmerken en de relaties daartussen. Deze vraag wordt beantwoord aan de hand van literatuurstudie. Deel B: 2. Welke variabelen zijn stimulerend en welke variabelen zijn belemmerend bij intrapreneurship in Saxion? a- Wat zijn de stimulerende variabelen en kenmerkende dimensies van intrapreneurship bij Saxion? b- Wat zijn de belemmerende variabelen en kenmerkende dimensies van intrapreneurship bij Saxion? Voor het beantwoorden van deze deelvraag en subvragen wordt middels interviews met docenten, leidinggevenden en HRM gezocht naar antwoorden. 3. Welke rol is mogelijk vanuit HRM en de organisatie om intrapreneurship te ondersteunen in relatie tot de strategische ambitie op het gebied van ondernemerschap bij Saxion? a- Welke factoren van intrapreneurship kunnen bij Saxion door HRM beïnvloed worden om docenten te faciliteren bij ondernemendheid? Voor het beantwoorden van deze deelvraag en subvraag wordt middels interviews onderzocht op welke wijze HRM kan bijdragen aan de ontwikkeling van intrapreneurship. Deel C: 4. Welke aanbevelingen worden gegeven door de docenten en management met betrekking tot intrapreneurship voor Saxion? a- Wat leert de vergelijking van intrapreneurship onder docenten en management ten aanzien van de te volgen strategie? b- Welke maatregelen dragen bij aan het bevorderen van intrapreneurship bij docenten en welke rol speelt HRM hierbij? Na analyse van documenten en interviews met docenten, het management en HRM wordt een diagnose gegeven over de huidige situatie en kunnen richtingen worden aangegeven over de wijze waarop verder gewerkt kan worden. 1.5 Doelstelling, afbakening en relevantie Doelstelling Professionals zien graag dat de aard van het werk het noodzakelijk maakt hieraan zelf inhoud te moeten kunnen geven en de werkzaamheden zelf in te richten. Bovendien zijn professionals kritisch ten aanzien van hun werk. Kenniswerkers dienen gefaciliteerd te worden in plaats van werkprocessen te plannen en te controleren (Weggeman, 2007). Kenniswerkers zijn in een hogeschool vooral de docenten die kennis overdragen op studenten, maar ook mensen die werkzaam zijn in ondersteunende of management functies. Ondernemerschap staat al geruime tijd op de agenda, maar borging in het onderwijs lijkt tot op heden niet te lukken. In de toekomstvisie 2020 van Saxion krijgen ondernemerschap en innovatie voor het eerst een prominente plaats. Het management Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 11

12 van de organisatie lijkt hierop de komende jaren te gaan sturen door ondernemerschap onder studenten te bevorderen. Het naleven van deze visie vraagt om een ondernemende houding bij medewerkers en in het bijzonder de docent. Wat wil of kan deze professional vanuit zijn intrinsieke motivatie en het beleid tegen het licht van deze strategische ambitie? Het doel van het onderzoek is aanbevelingen te kunnen doen aan het College van Bestuur van Saxion en inzicht te geven in de strategische rol van HRM ten aanzien van het ontwikkelen van ondernemendheid bij docenten door onderzoek te doen vanuit de literatuur en naar: - meningen van de doelgroep, hbo-docenten, over de factoren die ondernemendheid belemmeren en stimuleren en - de strategische rol die HRM kan spelen bij de ontwikkeling van houding- en gedragaspecten bij docenten Afbakening Het onderzoek wordt afgebakend door een theoretisch literatuuronderzoek over de onderwerpen: kenmerken van de organisatie, intrapreneurship, kennismanagement en strategisch HRM. Daarnaast vindt empirisch onderzoek plaats door interviews onder docenten en het management. Saxion kent diverse medewerkers in diverse functies die primair met het onderwijs te maken hebben en medewerkers die in ondersteunende en/of management functies werkzaam zijn. Voor dit onderzoek ligt de focus op de hogeschooldocent. Saxion kent 12 onderwijsacademies (zie bijlage 2). Enkele academies werken vanuit een domein nauw samen, maar er is geen sprake van een clustering van academies naar sectoren of branches. Het diagnostisch onderzoek beperkt zich tot onderzoek in de academies welke voor dit onderzoek worden geclusterd in een drietal domeinen: zorg en welzijn, economie en techniek. In het onderzoek worden echter de twaalf academies afzonderlijk betrokken. Op basis van een diagnose worden geen concrete maatregelen voorgesteld maar worden denkrichtingen aangegeven waarop verder gewerkt kan worden. De domeinverdeling vanuit de academies ziet er als volgt uit: Zorg en Welzijn: Economie: Techniek: Mens en Maatschappij, Mens en Arbeid, Gezondheidszorg, Pedagogiek en Onderwijs Bedrijfskunde en Ondernemen, Bestuur & Recht, Financiën Economie & Management, Hospitality Business School, Marketing & International Management Life Science Engineering & Design, Ruimtelijke Ontwikkeling & Bouw, Communicatie en Techniek Relevantie Wetenschappelijke relevantie Uit hoofdstuk 2, het theoretisch kader zal, uit een gedeelde observatie, blijken dat er nog maar weinig concreet onderzoek is gedaan naar intrapreneurship bij de hogeschooldocent in relatie tot de organisatiekenmerken zoals het onderwijsbeleid en cultuur waarin docenten werkzaam zijn, kennismanagement en de strategische rol die HRM hierbij inneemt. Wel is er in de literatuur en in diverse publicaties veel geschreven over professionaliteit en professionele ruimte van de docent. Hierbij gaat het vooral om de versterking van de dialoog binnen de instellingen, een grotere betrokkenheid van professionals bij de onderwijsinvulling, versterken van het werken in hechte teams en het uitbouwen van een balans tussen verantwoordelijkheid dragen en verantwoording afleggen. 10 Door deze vier kernthema s nader te verkennen en te verbinden kan op een kwalitatieve wijze een bijdrage geleverd worden aan dit onderzoeksonderwerp. 10 Gemeenschappelijke verklaring sociale partners over professionele ruimte in het hbo, Hbo-raad Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 12

13 Maatschappelijke relevantie In de politiek zijn vrijwel alle partijen het er over eens dat ondernemerschap gestimuleerd moet worden om de economie draaiend te houden. Docenten in het hoger onderwijs dienen in staat te zijn ondernemerschap onder studenten te stimuleren en op deze wijze een bijdrage te leveren aan onze economie. 1.6 Onderzoeksmodel Het onderzoeksmodel in figuur 1 geeft schematisch weer op welke wijze de doelstelling kan worden bereikt en welke globale stappen hiertoe in het onderzoek dienen te worden gezet om uiteindelijk aanbevelingen te kunnen geven (Verschuren & Doorewaard, 2007). Vooronderzoek Theorie: intrapreneurship Beleving bij professionals: docenten Analyse resultaten Theorie: Strategisch HRM Theorie: Kennismanagement/ strategie Theorie: Organisatie kenmerken Technisch ontwerp: Interviews meningen respondenten Beleving bij professionals: leidinggevenden Analyse resultaten Aanbevelingen ontwikkeling intrapreneurship bij Saxion Deel A. Deel B. Deel C. Deel D. Figuur 1. Onderzoeksmodel Deze casestudie betreft een diagnostisch onderzoek waarin wordt gestart met een vooronderzoek waarbij deskundigen worden geraadpleegd op het gebied van intrapreneurship. Naast het verzamelen van data uit gesprekken met deskundigen over de kernbegrippen wordt middels Internetsearch, Intranetsearch, publicaties, beleidsnotities en literatuuronderzoek informatie verzameld. Tevens vindt literatuurstudie plaats naar belemmerende en stimulerende factoren die intrapreneurship bij docenten, professionals beïnvloeden, waarbij de volgende kernbegrippen worden behandeld: intrapreneurship en ondernemendheid, strategisch HRM, kenmerken van de organisatie en kennismanagement (Deel A). Op basis van bestudering van relevante literatuur op het terrein van de vier kernbegrippen wordt een technisch ontwerp gemaakt, waarin wordt aangegeven hoe, waar en wanneer de onderzoeksvragen worden beantwoord. Door middel van onderzoeksvragen worden inzichten gegeven in de factoren die bepalend zijn voor intrapreneurship bij docenten (Deel B.). Middels gedeeltelijk gestructureerde interviews worden twee doelgroepen: docenten en leidinggevenden (directie, management en teamleiders) gevraagd naar meningen en opvattingen met betrekking tot de factoren die intrapreneurship bij docenten stimuleren en belemmeren. De uitkomsten van de interviews met deze respondenten worden vervolgens geanalyseerd (Deel C.) en de samenhang wordt vergeleken. Hierdoor ontstaat een beeld welke factoren intrapreneurship stimuleren of belemmeren. Aan de hand van deze uitkomsten worden Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 13

14 aanbevelingen gedaan over de rol die strategisch HRM kan spelen op het gebied van intrapreneurship (Deel D.). 1.7 Conceptueel model In het globaal conceptueel model worden de veronderstelde verbanden tussen de begrippen aangegeven. Het globaal conceptueel model (Verschuren & Doorewaard, 2007) wordt beredeneerd vanuit de afhankelijke, of te verbeteren variabele: intrapreneurship. Intrapreneurship verwijst naar regelcapaciteit en is afhankelijk van professionele autonomie en de inspanningsverplichting van de professional, de docent. Een inspanningsverplichting verwijst naar het proces en staat in contrast met een resultaatverplichting waarbij gekeken wordt naar de output. Dit contrast maakt het beoordelen van het onderwijs diffuus. Strategisch HRM, organisatiekenmerken en kennismanagement zijn beïnvloedbaar en hebben invloed op intrapreneurship en zijn hiermee afhankelijke variabelen. Kennismanagement, ondermeer ondersteund door ICT, waarbij kennis geborgd kan worden in systemen, vormt in het conceptueel model de intermediërende variabele daar deze medieert tussen het verband van de begrippen kenmerken organisatie, intrapreneurship en strategisch HRM. Het model ziet er schematisch als volgt uit (figuur 2.) Strategisch HRM Kenmerken organisatie Kennismanagement/ strategie Intrapreneurship Figuur 2. Conceptueel model Het conceptueel model (figuur 2.) kent causale relaties. Vanuit een visie en missie wordt organisatie-, onderwijs- en strategisch HRM beleid ontwikkeld. Een goed HR beleid zorgt ervoor dat de organisatie medewerkers bewuster kan inzetten en gerichter kan veranderen. De resource based view (Vloeberghs 2009:84) benadering heeft als uitgangspunt dat medewerkers beheersbaar c.q. beïnvloedbaar en ontwikkelbaar zijn, zodat kan worden ingespeeld op wenselijke en/of noodzakelijke in- of extern geëntameerde veranderingen met een duurzaam karakter. Om succesvol te zijn is de organisatie dus afhankelijk van haar medewerkers. Het lijnmanagement heeft hierbij een essentiële rol bij ontwikkeling en faciliteren van medewerkers en stuurt daarbij ook op een ondernemende houding en het benutten van professionele autonomie bij kenniswerkers. Uit literatuuronderzoek zijn, voornamelijk uit de private sector, een aantal determinanten bekend die intrapreneurship bij medewerkers beïnvloeden. Zowel organisationele factoren als individuele kenmerken blijken invloed te hebben op ondernemend gedrag (Hornsby e.a. 2002:261). Niet duidelijk is het of deze inzichten ook van toepassing zijn op het onderwijs maar er wordt aangenomen dat veel inzichten ook van toepassing zijn in het onderwijs. Historische keuzes en gebeurtenissen liggen verankerd in ondermeer structuur, cultuur en (technologische) systemen van de organisatie, dé kenmerken van de organisatie. Naarmate de organisatie er beter in slaagt een hoge mate van overeenstemming te bereiken tussen de waarden van de organisatie en die van de individuele medewerkers, zal de organisatie meer bepaald worden door het doen en laten van de high sharers (Kor R. e.a. 2009:173). Hiermee wordt een direct verband gelegd met kennismanagement. Kennismanagement is het zodanig inrichten en besturen van processen in de kenniswaardeketen dat daardoor het rendement en het plezier van de productiefactor kennis vergroot wordt (Weggeman M. 2007:250). Het management heeft een controlerende en sturende taak op het organisatiebeleid en bewaakt door planning en control cycli de voortgang en kwaliteit van het onderwijs. Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 14

15 1.8 Positie onderzoeker De onderzoeker is bij Saxion werkzaam als organisatieadviseur en uit hoofde van zijn functie adviseert en ondersteunt de onderzoeker het management van academies en diensten bij de uitvoering van de strategische visie binnen het HRM beleidsterrein. De onderzoeker heeft geen managementfunctie en is indirect betrokken bij de ontwikkeling van de strategische visie, zodat in theorie de onderzoeker in staat is neutraal naar de problematiek te kijken. De onderzoeker maakt deel uit van Saxion en zou de objectiviteit van het onderzoek hiermee kunnen beïnvloeden. Om zorg te dragen voor een objectief, valide en betrouwbaar onderzoek wordt hieraan in het technisch ontwerp aandacht geschonken. 1.9 Begeleiding Het onderzoek vindt plaats binnen de hogeschool van Saxion. De onderzoeker wordt gedurende het onderzoek intern begeleid door prof. dr. Jos van der Werf, lector Zorg en Ondernemen. Drs. Petra Manders, opleidingsmanager bij de academie Bedrijfskunde en Ondernemen, treedt op als eerste meelezer en Nitie Mardjan MSc., hoofddocent bij de academie Gezondheidszorg en lid van het lectoraat Zorg en Ondernemen, treedt op als tweede meelezer. Vanuit de NCOI Business School wordt de onderzoeker voor scriptiebegeleiding begeleid door drs. Peter Horsselenberg Opbouw scriptie In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de beschikbare theorieën met betrekking tot Intrapreneurship, strategisch HRM, het onderwijsbeleid en cultuur. Tevens wordt in dit hoofdstuk het conceptueel model nader uitgewerkt tot een specifiek conceptueel model. In hoofdstuk 3 staan de methoden van onderzoek centraal. Onderzoeksdesign, dataverzameling, validiteit en betrouwbaarheid komen aan de orde. Hoofdstuk 4 staat in het teken van de onderzoeksresultaten. Dit hoofdstuk bevat tevens de data-analyses die nodig zijn om een antwoord te kunnen geven op de probleemstelling. In hoofdstuk 5 staan de conclusies en aanbevelingen beschreven en in hoofdstuk 6 wordt een reflectie gegeven op het onderzoek. Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 15

16 2. Theoretisch kader: spanningsveld intrapreneurship 2.1 Inleiding Vanuit het theoretisch kader wordt de vraagstelling onderbouwd op basis van wetenschappelijke literatuur waaronder: publicaties in vakbladen, proefschriften, masterthesis, etc. De onderzoeker heeft toegang tot de hogeschoolbibliotheek van Saxion en de universiteitsbibliotheek van de universiteit Twente. Tevens wordt gebruik gemaakt van literatuur welke is verstrekt door de business school NCOI, gedurende de studie. In dit hoofdstuk wordt naar antwoorden gezocht op de eerste deelvraag (Deel A) en de hierin opgenomen subvragen zoals opgenomen in paragraaf 1.4 van hoofdstuk Intrapreneurship (deel A 1a.) In de literatuur worden innovatiegerichtheid, creativiteit en intrapreneurship veelal beschouwd vanuit het perspectief van de organisatie als geheel. Intrapreneurship is een term welke in de jaren 80 onder andere door bedrijfsadviseur G. Pinchot gebruikt werd bij bedrijven die een grote behoefte hadden aan nieuwe innovatieve ideeën. Naast behoefte aan nieuwe innovatieve ideeën wordt een omgeving geschapen waar medewerkers kunnen experimenteren met nieuwe ideeën. Als een idee haalbaar lijkt, wordt de persoon achter het idee een kans geboden om een intrapreneur te worden. Pinchot (1985) was een groot voorstander van intern ondernemerschap of intrapreneurship (Kor, R. e.a.: 108). Het verschil tussen de intrapreneur en de empowerde medewerker is dat die laatste top-down de vrijheid heeft gekregen om zich als intern ondernemer te gaan gedragen. De facto hoeft hij van deze vrijheid geen gebruik te maken. De ware interne ondernemer neemt gewoon de vrijheid die hij denkt nodig te hebben om zijn actieplan uit te voeren. Intrapreneurship is een kenmerk van effectief en professioneel functioneren: kansen zien en kansen benutten, ook als dit om ongebruikelijke keuzen vraagt. Intrapreneurs zijn medewerkers die, vanuit een visie op organisatiedoelstellingen, proactief handelen om nieuwe ideeën binnen de organisatie vorm te geven en tot uitvoering te brengen. Intrapreneurs zijn in staat de brug te slaan tussen ontwikkelaars, managers en klant, door nieuwe ideeën om te zetten in verkoopbare en winstgevende producten of diensten en succesvolle processen te verbinden met bijpassende strategieën, waarmee de continuïteit en klanttevredenheid gewaarborgd kan blijven. Juist een marktgerichte en ondernemende houding bij de docent, is waar het in de onderwijsorganisatie aan lijkt te schorten. Vooronderstelt wordt dat docenten worden aangesteld vanwege specifieke kennis of een specialisatie en een vaardigheid in het begeleiden van nieuwe en jonge beroepsbeoefenaren. Op deze wijze levert de docent een toegevoegde waarde aan het primair proces. Docenten zijn vooral intern gericht, stellen zich afhankelijk op van het management, hebben een relatief conformistische grondhouding en geven weinig impulsen voor vernieuwing die relatie hebben met de maatschappelijke context (Hettema, P. e.a 2007). Docenten lijken te verstenen en zich neer te leggen bij een systeem waarin het management macht heeft en neigt door te slaan naar een controlecrisis aldus Trompenaar (Trompenaar, F. 2007). Traditioneel worden docenten niet aangesteld op competenties zoals ondernemerschap, ondernemendheid en innovatievermogen. In de relatie tussen een docent en het werkveld staat over het algemeen de student centraal en niet de ondernemer of het werkveld die de student een stage of afstudeeropdracht biedt (Haverkate, J., 2010). Een intrapreneur is volgens Weggeman (2007:201) iemand die businesskansen ziet voor zijn idee en een onderneming binnen de organisatie weet te creëren om die kansen te verzilveren. Intern ondernemerschap wordt door Weggeman gezien als een vorm van zelfactualisatie en de (excellente) organisatie als een speelveld van ondernemende mensen. In deze casestudie wordt de definitie van Weggeman over intern ondernemerschap als uitgangspunt genomen. Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 16

17 Intrapreneurship kan worden gezien als een belangrijke nieuwe impuls aan de dynamisering van ons arbeidsbestel werd gezien als het Europees Jaar voor creativiteit en innovatie. Creativiteit wordt daarbij gezien als drijvende kracht achter innovatie en als doorslaggevende factor voor de ontwikkeling van persoonlijke, professionele, ondernemers- en sociale vaardigheden. Creativiteit, innovatie en ondernemerschap zijn dan ook drie sleutelconcepten om de nieuwe werknemer, de werknemer van de 21 ste eeuw te definiëren (Manders H., datum onbekend). Om een passend klimaat voor intern ondernemerschap te creëren is het volgens Kessels (Aalfs & Boheemen 2004:62) nodig om rust en stabiliteit te bevorderen, maar wel een creatieve onrust te creëren. Niet alleen organisationele factoren beïnvloeden de mate van intrapreneurship in een organisatie, ook de individuele medewerkers hebben hierop invloed. Ondernemendheid wordt in de literatuur veelal gezien als een overkoepelende term voor een ondernemende houding en ondernemend gedrag. In tegenstelling tot ondernemerschap, waarbij waarde creëren en geld verdienen voor eigen rekening en risico voorop staan, gaat het bij ondernemendheid om kansen zien en kansen grijpen. Een ondernemend persoon heeft een brede blik, is intuïtief, creatief en optimistisch en ziet mogelijkheden voor verbetering. Daarnaast is een ondernemend persoon een doener, heeft daadkracht en doorzettingsvermogen. Jacobs (1992) verwijst naar het type ondernemendheid dat is gericht op het maken van winst om het voortbestaan van de organisatie veilig te stellen. Dit is een andere vorm van ondernemendheid dan het maatschappelijk ondernemerschap zoals van onder meer onderwijsinstellingen wordt verwacht. Maatschappelijke ondernemingen hebben een maatschappelijke taak te vervullen die vaak een meervoudig karakter heeft. In het vervullen van deze taak wordt van organisaties gevraagd zo doelmatig mogelijk de beschikbare middelen in te zetten en kwalitatief hoogwaardige diensten te leveren die aansluiten bij behoeften en wensen van mensen (SER, 2005). Ondernemerschap wordt gezien als een belangrijke en noodzakelijke kracht om economisch, technologisch en op het terrein van innovatie te concurreren. Ondernemerschap is het geheel van gedachten, mentaliteit en acties zich richten op het bewust aanvaarden van risico s in pogingen om producten of diensten aan derden aan te bieden met de kennelijke bedoeling daaraan te verdienen (Weggeman e.a 2007). Er zijn uitdagingen zoals de financiële, economische en milieu crises die het vertrouwen in de vooruitgang ernstig op de proef stellen. De vraag naar overheidsingrijpen wordt luider en de noodzaak van regulering van de marktwerking is evident. Zo ontstaat er een spanningsveld tussen vrijheid, wetgeving en regulering die ondernemerschap en intrapreneurship een meer sociale en duurzame context moeten geven. Niet alleen de management- en besturingssystemen in organisaties zijn verouderd en passen niet meer bij de snelle technologische verandering in een steeds meer globaliserende wereld, maar ook veel wet- en regelgeving is geen goede afspiegeling meer van het huidige maatschappelijke krachtenveld. Binnen organisaties tekent zich een zelfde krachtenveld af bij intrapreneurship: een spanningsveld tussen bureaucratie, de omgeving en professionele ruimte. Volgens Mintzberg 11 zijn er drie typen organisaties waar grote concentraties professionals op de werkvloer kunnen worden aangetroffen waarbij hij de volgende kenmerken onderscheidt: - Machinebureaucratie: verregaande opsplitsing van taken, veel planning en controle, verticale centralisatie, functioneel georganiseerd, gericht op zekerheid en veiligheid, overheadproblemen, niet effectief, wel efficiënt - Professionele bureaucratie: standaardisatie van vaardigheden, complexe en deels routinematige taken, ver doorgevoerde specialisaties, administratief systeem regelt de afhankelijkheden tussen de specialismen - Adhocratie: onderling overleg, improviserend werk, taakgericht, wisselende bevoegdheden, groot onderling vertrouwen, respect en flexibel 11 Kor, Wijnen en Weggeman: Meesterlijk organiseren, 2007:128 Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 17

18 Uit onderzoek (Berenschot, Bron: Weggeman, 2007) is gebleken dat publieke organisaties met een relatief grote ondersteunende staf, niet meer kwaliteit leveren dan organisaties met weinig overhead; ze zijn alleen duurder. Mintzberg (1995: 221) concludeert eveneens dat professionele bureaucratieën innovatieproblemen kennen door de starre structuur, die zeer geschikt is om standaardoutput te produceren, maar ongeschikt om zich aan te passen aan de productie van nieuwe output. De structuur is ontworpen om programma s te perfectioneren en niet om nieuwe programma s op te zetten voor behoeften die nog nooit eerder zijn voorgekomen. Er wordt doorgaans veel aandacht besteed aan omgevingsfactoren en leiderschapsstijlen in organisaties, die de talenten van mensen tot bloei laten komen. Wanneer mensen hun omgeving beïnvloeden, bekritiseren en inspireren, ontstaat een boeiend krachtenspel, waarin op een haast natuurlijke wijze ondernemerschap ruimte krijgt én proceseigenaarschap kan ontstaan (Greenfield groep, 2008: 12). Hoe groter de verscheidenheid in de acties die beschikbaar zijn voor een controle systeem, hoe groter de verscheidenheid van storingen die in staat zijn te compenseren (Ashby). Eenvoudig gezegd: "alleen variatie kan variatie verslaan", zo luidt de wet van Ashby (Law of the requisite variety). Het blijkt dat de wet over een heel andere variatie gaat, namelijk het aantal mogelijke toestanden van een systeem. De essentie van de wet is dat een organisatie minstens zoveel variatie (flexibiliteit/reactievermogen) moet kennen als er variatie van buiten op de organisatie af kan komen om goed te kunnen presteren (Ashby, 1952). Wanneer dit tegen het licht wordt gehouden van ondermeer het onderwijsbeleid, kan de vraag gesteld worden of bestuurders en haar medewerkers in staat zijn om flexibel en adequaat te reageren om de variëteit die ontstaat door veranderingen in de omgeving op te vangen. Wanneer bestuurders dit niet onderkennen, zal de ondernemende professional omwegen gaan zoeken om toch met die variëteit om te gaan. Leiders van succesvolle organisaties, erkennen dat ondernemende werknemers een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het succes van de organisatie, als hun vaardigheden worden benut (Kenney 2007). Verschillende auteurs zoals Markman (2005), Kenney (2007), de Jong (2008) en Huiskamp (2008) erkennen de invloed die individuele kenmerken hebben op intern ondernemerschap. Er is echter nog weinig onderzoek verricht naar de invloed van kenmerken van professionals op ondernemerschap. Aan de hand van beschikbare literatuur worden in paragraaf de belangrijkste individuele kenmerken benoemd die invloed hebben op intrapreneurship bij docenten Professionele autonomie Als hoogopgeleide beroepsbeoefenaren autonoom op creatieve wijze denkkracht, vakmanschap en deskundigheid leveren en hierbij eigen doelstellingen én die van de organisatie nastreven, komt dit de effectiviteit van de dienstverlening ten goede (Weggeman e.a., 1998). Diverse onderzoeken geven aan dat docenten, ook in vergelijking met de marktsector en andere overheidssectoren, over het algemeen tevreden zijn over de zelfstandigheid en toegemeten verantwoordelijkheid. Niettemin is er toch onvrede over hoe het management functioneert en over de beroepsgroep van docenten als zodanig. De organisatiegraad van docenten is bijvoorbeeld vrij laag, wanneer het gaat om activiteiten die tot doel hebben het beroep verder te ontwikkelen. Er is een zekere passieve volgzaamheid bij beslissingen die door de overheid, het management of de vakbond worden genomen (onderwijsraad: 2007). In dit onderzoek neemt de docent een belangrijke plaats in. De kwaliteit van het onderwijs is zowel afhankelijk van de kwaliteit van de hogeschoolorganisatie als van de kwaliteit van de medewerkers in relatie tot de klant en het management. Op beide Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 18

19 terreinen zullen hogescholen de komende jaren stevig investeren. De kwaliteit van het onderwijs wordt kritisch beoordeeld door diverse stakeholders, waaronder: studenten, medewerkers, het werkveld en het ministerie. Aan docenten worden steeds hogere eisen en verwachtingen gesteld. Het werkveld vraagt van docenten dat zij voldoende kennis van het vak hebben en inzicht hebben in de context van de beroepsuitoefening. De docent is leermeester, praktijkdeskundige, onderzoeker, intrapreneur en niet in de laatste plaats begeleider van studenten. Niet elke docent kan in even grote mate elke rol vervullen. De aanwezigheid van verschillende docenttaken betekent niet dat moet worden overgegaan tot een rigoureuze taakopsplitsing, maar het is naïef te veronderstellen dat elke docent over dezelfde soort kwaliteiten beschikt en zich in elke gewenste kwaliteit even gelukkig voelt. Tegen deze achtergrond staan hogescholen de komende jaren voor de opdracht te investeren in de kwaliteit van docenten en in een omgeving die docenten uitdaagt om zijn of haar talenten te ontwikkelen en te benutten. Docenten hebben ruimte nodig om hun werk goed te kunnen doen en dienen verstandig om te gaan met alle spanningen en fricties. De veelzijdigheid van de taken vereist daarbij dat in teamverband wordt zorg gedragen voor afstemming, voor de inzet van de beste kwaliteiten voor de uitvoering van de verschillende taken, in de wetenschap dat niet iedereen overal even goed in is. Dit stelt eisen de hogeschool die inhoud geeft aan een structuur, maar vooral ook aan een cultuur waarin het begrip professionele autonomie concrete invulling kan krijgen. Het gaat daarbij om het vinden van het juiste evenwicht tussen enerzijds een herkenbare structuur waarin docenten hun werk kunnen doen als professional en in een team, en anderzijds een cultuur die docenten uitdaagt om zijn of haar kwaliteiten verder te ontwikkelen. Het gaat om een omgeving die de ruimte schept om vanuit de eigen professionaliteit studenten goed onderwijs te bieden of te participeren aan praktijkgericht onderzoek. Professionele ruimte in het onderwijs wordt voor een groot deel bepaald door afstemming van docenten onderling in de eigen organisatie en soms in samenwerking met andere hogescholen. Het dient vanzelfsprekend te worden dat de docent weet dat hij of zij kan worden aangesproken op houding en gedrag en ook op de kwaliteit van het eigen handelen, als vakinhoudelijke deskundige, als begeleider en motivator van studenten en tot slot als professional. Hoewel de professional een zekere autonomie heeft, moet hij wel functioneren in samenwerkingsverbanden. Dit geldt zeker voor docenten, omdat zij voor de meerderheid werkzaam zijn binnen een school. De samenwerkingsverbanden waarin professionals werkzaam zijn worden door Mintzberg professionele bureaucratieën genoemd (1980:322). Hij omschrijft het als volgt: It relies on the standardization of skills in its operating core for coordination; jobs are highly specialized but minimally formalized, training is extensive and grouping is on a - concurrent functional and market basis, with large sized operating units, and decentralization is extensive in both the vertical and horizontal dimensions; this structure is typically found in complex but stable environments, with technical systems that are simple and non-regulating Een professionele bureaucratie, maar ook een machinebureaucratie kenmerkt zich door een brede onderlaag van professionals, met een ondersteunde staf ten behoeve van de professionals en het management van academies. Het hoger management (College van Bestuur en directies van academies) hebben geen direct zeggenschap over de inhoud van het werk van de professional, maar hebben in de organisatie op een aantal punten indirecte macht, bijvoorbeeld dat het management zich bevindt op sleutelposities tussen de professionals en de grotere context van de organisatie Conclusie operationalisatie intrapreneurship Voor intrapreneurship is aan de hand van de theorie naar antwoorden gezocht naar de specifieke kenmerken en functionele eisen van intrapreneurship. Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 19

20 De druk vanuit het werkveld en de politiek op het onderwijs om ondernemend te zijn en ondernemerschap te bevorderen neemt toe. Intrapreneurship is een kenmerk van effectief en professioneel functioneren: kansen zien en kansen benutten, ook als dit om ongebruikelijke keuzen vraagt. Bij intrapreneurship speelt ondernemendheid en ondernemend gedrag bij de medewerker een belangrijke rol. Hogescholen hebben een maatschappelijke taak te vervullen die vaak een meervoudig karakter heeft. De uitdaging hierbij ligt in het zo doelmatig mogelijk inzetten van de beschikbare middelen en kwalitatief hoogwaardige diensten (onderwijs) te leveren, die bovendien aansluiten bij behoeften en wensen van studenten en het werkveld. Het hoger onderwijs heeft dit vertaald naar professionele autonomie van de beroepsgroep docent. Professionele autonomie wordt niet alleen gecreëerd door het management of de omgeving, maar ook door de professional zelf die zijn houding en gedrag op professionele wijze kan veranderen. Professionals hebben een inspanningsverplichting en een resultaatverplichting binnen de door de organisatie gestelde regelcapaciteit. Dit is een spanningsveld, waarbij het aan de intrapreneur is om hier op een slimme wijze mee om te gaan. De professional bepaalt in grote mate het innovatievermogen van de organisatie. Docenten beschikken over competenties op het gebied van vakgerichtheid, analytisch vermogen en resultaatgerichtheid, waarbij zij de werkzaamheden binnen de gestelde beleidskaders kunnen uitvoeren in een omgeving die zich kenmerkt als machinebureaucratie. De onderzoeker hanteert de definitie van Weggeman, waarbij intern ondernemerschap, intrapreneurship, wordt gezien als een vorm van zelfactualisatie en de (excellente) organisatie als een speelveld van ondernemende mensen. Empirisch onderzoek is dan ook nodig om inzicht te krijgen in de aanwezigheid van de omgevingsfactoren bij intrapreneurship in de praktijk. 2.3 Strategisch HRM (Deel A 1b) Kluytmans (2008:51) ziet strategisch HRM als het onderzoeksgebied dat zich bezighoudt met de vraag door welke factoren strategische keuzen met betrekking tot de organisatie van werk en de inzet van arbeid worden beïnvloed. Het gaat hierbij vooral om het afstemmen van de inhoud van het HR-beleid op de externe en interne organisatieomgeving en om de vertaling van de doelen naar specifieke organisatorische condities. Om aan te geven wat er in deze omschrijving bedoeld wordt met strategische keuzen kan als uitgangspunt genomen worden dat deze keuzes effect hebben op het voortbestaan van de organisatie en/of resulteren in aanwijsbare veranderingen in prestaties (Boxall & Purcell, 2000). Het gaat om een wederkerige relatie tussen de mensaspecten enerzijds en de doelstellingen van de organisatie anderzijds (Pol, 2008:2). Paauwe (2004) geeft eveneens aan dat het HR beleid een resultaat is van overleg met verschillende interne en externe stakeholders (werknemers, vakbonden, etc.) onder invloed van specifieke marktomstandigheden. Strategisch HRM betekent dat voor alle doelstellingen, of die nu gelden voor een korte periode of dat het gaat om doelstellingen over een periode van drie jaar, de koppeling gemaakt wordt met gedrag, kennis en ambities van mensen. In de literatuur wordt onderscheid gemaakt tussen HRM en Strategisch HRM (SHRM). Daar waar het volgens Wright en McMahan om gaat is: the planned HR deployments and activities intended to enable an organization to achieve its goals (Boseli e.a.,2005). Hierbij ligt de nadruk op faciliteren. Bij strategisch HRM gaat het vooral om de strategische keuzes die de organisatie maakt. Volgens Boxall en Purcell (Vloeberghs 2009:109) wordt recente HRM literatuur gekenmerkt door drie benaderingen, met elk verschillende ideeën over hoe strategische HRM keuzes gemaakt moeten worden. De eerste benadering betreft de best practice benadering, waarbij de HRM praktijk onafhankelijk van de context wordt ingericht. Pfeffer (1995) beschreef dit model als één beste manier om het menselijk kapitaal te managen. Aan de hand van een lijst met 16 HRM best practices welke universeel ingezet kon worden voor het managen van menselijk kapitaal, ongeacht strategie, omgeving en context van de organisatie. Hoge lonen, prestatiebeloning, zelfsturende teams, geen grote beloningsverschillen, interne promotie, etc. zijn enkele thema s welke hij benoemt. Masterthesis Jeroen Haverkate: docent én intrapreneur, een spanningsveld? 20

Leiderschap in Turbulente Tijden

Leiderschap in Turbulente Tijden De Mindset van de Business Leader Leiderschap in Turbulente Tijden Onderzoek onder 175 strategische leiders Maart 2012 Inleiding.. 3 Respondenten 4 De toekomst 5 De managementagenda 7 Leiderschap en Ondernemerschap

Nadere informatie

Wanneer is onderzoek goed: de kwaliteitscriteria

Wanneer is onderzoek goed: de kwaliteitscriteria Management, finance en recht Wanneer is onderzoek goed: de kwaliteitscriteria De verwarring voorbij Naar hernieuwd zelfvertrouwen Congres Praktijkgericht onderzoek in het HBO Amersfoort, 11 december 2012

Nadere informatie

Vragen pas gepromoveerde

Vragen pas gepromoveerde Vragen pas gepromoveerde dr. Maaike Vervoort Titel proefschrift: Kijk op de praktijk: rich media-cases in de lerarenopleiding Datum verdediging: 6 september 2013 Universiteit: Universiteit Twente * Kun

Nadere informatie

Stilstaan bij vooruitgang

Stilstaan bij vooruitgang Stilstaan bij vooruitgang Thuis in duurzaam organiseren Duurzaam rendement is geld verdienen... en meer... Onze visie op duurzaamheid Duurzaamheid is een modewoord geworden. Om mee te gaan met de trend

Nadere informatie

Strategie Zuyd 2014-2018

Strategie Zuyd 2014-2018 Strategie Zuyd 2014-2018 Inleiding De strategie van Zuyd voor de periode 2014-2018 is op hoofdlijnen een voortzetting van de strategie van de afgelopen jaren, aangescherpt vanuit een aantal belangrijke

Nadere informatie

HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS. Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics

HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS. Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics HET NIEUWE WERKEN IN RELATIE TOT PERSOONLIJKE DRIJFVEREN VAN MEDEWERKERS Onderzoek door TNO in samenwerking met Profile Dynamics 1 Inleiding Veel organisaties hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in

Nadere informatie

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM

IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM IN ZES STAPPEN MVO IMPLEMENTEREN IN UW KWALITEITSSYSTEEM De tijd dat MVO was voorbehouden aan idealisten ligt achter ons. Inmiddels wordt erkend dat MVO geen hype is, maar van strategisch belang voor ieder

Nadere informatie

Workspace Design Onderzoeksopzet voor SOZAWE

Workspace Design Onderzoeksopzet voor SOZAWE Workspace Design Onderzoeksopzet voor SOZAWE Datum: 16 december 2010 Ir. Jan Gerard Hoendervanger Docent-onderzoeker Lectoraat Vastgoed Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling NoorderRuimte Hanzehogeschool Groningen

Nadere informatie

Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking

Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking Nederlandse Associatie voor Examinering 1 Beoordelingscriteria scriptie CBC: instructie en uitwerking Met de scriptie voor Compensation & Benefits Consultant (CBC) toont de kandidaat een onderbouwd advies

Nadere informatie

Aandacht voor jouw ambitie!

Aandacht voor jouw ambitie! Aandacht voor jouw ambitie! ROC Rivor is hét opleidingscentrum van regio Rivierenland. Wij bieden een breed scala aan opleidingen, cursussen en trainingen voor jongeren en volwassenen. Toch zijn we een

Nadere informatie

Arnoud van de Ven Hogeschool Arnhem Nijmegen 7 april 2016

Arnoud van de Ven Hogeschool Arnhem Nijmegen 7 april 2016 Navolgbaarheid bij kwalitatief onderzoek: consistentie van vraagstelling tot eindrapportaged van de Ven Arnoud van de Ven Hogeschool Arnhem Nijmegen 7 april 2016 Piet Verschuren en Hans Doorewaard (2015)

Nadere informatie

Studenten en leerkrachten leren praktijkgericht onderzoek doen. Anje Ros, Lector Leren & Innoveren Anja van Wanrooij, Basisschool Het Mozaïek

Studenten en leerkrachten leren praktijkgericht onderzoek doen. Anje Ros, Lector Leren & Innoveren Anja van Wanrooij, Basisschool Het Mozaïek Studenten en leerkrachten leren praktijkgericht onderzoek doen Anje Ros, Lector Leren & Innoveren Anja van Wanrooij, Basisschool Het Mozaïek Tijdschema Inleiding Anje (15 minuten) Praktijk casus Anja (10

Nadere informatie

Leergang Leiderschap voor Professionals

Leergang Leiderschap voor Professionals Leergang Leiderschap voor Professionals Zonder ontwikkeling geen toekomst! Leergang Leiderschap voor Professionals Tijden veranderen. Markten veranderen, organisaties en bedrijven veranderen en ook de

Nadere informatie

Leiderschap bij organisatie verandering. Prof. dr. Janka Stoker Faculteit Economie en Bedrijfskunde Divosa, 22 mei 2015

Leiderschap bij organisatie verandering. Prof. dr. Janka Stoker Faculteit Economie en Bedrijfskunde Divosa, 22 mei 2015 1 1 Leiderschap bij organisatie verandering Prof. dr. Janka Stoker Faculteit Economie en Bedrijfskunde Divosa, 22 mei 2015 Het belang van leiderschap: overal om ons heen 2 Thema s 3 1. Wat is leiderschap?

Nadere informatie

EFQM model theoretisch kader

EFQM model theoretisch kader EFQM model theoretisch kader Versie 1.0 2000-2009, Biloxi Business Professionals BV 1. EFQM model EFQM staat voor European Foundation for Quality Management. Deze instelling is in 1988 door een aantal

Nadere informatie

Professionele Masters. Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters

Professionele Masters. Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters Professionele Masters Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters Professionele Masters Uitgangspunten verdere uitbouw aanbod professionele masters Inhoud 5 Voorwoord 7 Inleiding 8 Professionele

Nadere informatie

Interculturele managementcompetenties

Interculturele managementcompetenties Handreiking Interculturele managementcompetenties Handreiking voor (opleidings)managers in het hsao HO-raad, oktober 2012 Project intercultureel vakmanschap in het hsao Deelproject van het ZonMw programma

Nadere informatie

Diversity Drives. Deelnemernaam: Danielle ter Haak Testidentificatie: 2710 Test ingevuld op: zondag 10 januari 2010

Diversity Drives. Deelnemernaam: Danielle ter Haak Testidentificatie: 2710 Test ingevuld op: zondag 10 januari 2010 Diversity Drives Drives of drijfveren zijn de intrinsieke motivatoren die grotendeels bepalend zijn voor datgene wat ons drijft in werk en leven. Ze kunnen voortkomen uit verschillende bronnen zoals opvoeding,

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting 9

Samenvatting. Samenvatting 9 Samenvatting Sinds de introductie in 2001 van lectoraten in het Nederlandse hoger beroepsonderwijs wordt aan hogescholen steeds meer gezondheidsonderzoek uitgevoerd. De verwachting is dat dit niet alleen

Nadere informatie

Vastgesteld november 2013. Visie op Leren

Vastgesteld november 2013. Visie op Leren Vastgesteld november 2013. Visie op Leren Inhoudsopgave SAMENVATTING... 3 1. INLEIDING... 4 1.1 Aanleiding... 4 1.2 Doel... 4 2. VISIE OP LEREN EN ONTWIKKELEN... 6 2.1 De relatie tussen leeractiviteiten

Nadere informatie

HU GERICHT IN BEWEGING

HU GERICHT IN BEWEGING HU GERICHT IN BEWEGING Organisatieontwikkeling HU het verhaal - versie maart 2016 - Agenda Waar komen we vandaan? Waarom gaan we veranderen? Wie willen we zijn? Hoe gaan we dit bereiken? Wat verandert

Nadere informatie

Auditrapportage 2014. Bijlage 1 Typologieën en het fasemodel. Dynamiek onderweg

Auditrapportage 2014. Bijlage 1 Typologieën en het fasemodel. Dynamiek onderweg Auditrapportage 2014 Bijlage 1 Typologieën en het fasemodel Dynamiek onderweg De vier geïdentificeerde typologieën van de Centra co-creator; incubator; transformator; facilitator - zijn hieronder kort

Nadere informatie

Opdracht transitiemanager voor de wijken

Opdracht transitiemanager voor de wijken Opdracht transitiemanager voor de wijken Deze opdracht beschrijft de rol van de transitiemanager voor de wijken in de implementatie van de strategie van Magentazorg en Actiezorg. De opdracht heeft een

Nadere informatie

Kwaliteitszorg met behulp van het INK-model.

Kwaliteitszorg met behulp van het INK-model. Kwaliteitszorg met behulp van het INK-model. 1. Wat is het INK-model? Het INK-model is afgeleid van de European Foundation for Quality Management (EFQM). Het EFQM stelt zich ten doel Europese bedrijven

Nadere informatie

Van de macht van management naar de kracht van leiderschap

Van de macht van management naar de kracht van leiderschap Van de macht van management naar de kracht van leiderschap Inez Sales Juni 2011 INHOUDSOPGAVE Leiderschap... 3 1. Leiderschap en management... 4 2. Leiderschapstijl ten behoeve van de klant... 5 3. Leiderschapstijl

Nadere informatie

De motor van de lerende organisatie

De motor van de lerende organisatie De motor van de lerende organisatie Focus op de arbeidsmarkt Naast het erkennen van leerbedrijven is Calibris verantwoordelijk voor ontwikkeling en onderhoud van kwalificaties in de sectoren zorg, welzijn

Nadere informatie

Leeftijdbewust personeelsbeleid Ingrediënten voor een plan van aanpak

Leeftijdbewust personeelsbeleid Ingrediënten voor een plan van aanpak Leeftijdbewust personeelsbeleid Ingrediënten voor een plan van aanpak Inhoud Inleiding 3 Stap 1 De noodzaak vaststellen 4 Stap 2 De business case 5 Stap 3 Probleemverdieping 6 Stap 4 Actieplan 8 Stap 5

Nadere informatie

Architecture Governance

Architecture Governance Architecture Governance Plan van aanpak Auteur: Docent: Stijn Hoppenbrouwers Plaats, datum: Nijmegen, 14 november 2003 Versie: 1.0 Inhoudsopgave 1. INLEIDING... 3 2. PROBLEEMSTELLING EN DOELSTELLING...

Nadere informatie

Innovatie support gids

Innovatie support gids Innovatie support gids Uw gids naar resultaat 1 Uw gids naar resultaat Innovatief duurzaam drukwerk Het drukwerk van deze gids is uitgevoerd in waterloos offset met inkt op plantaardige basis, dit resulteert

Nadere informatie

Tilburg University 2020 Toekomstbeeld. College van Bestuur, april 2013

Tilburg University 2020 Toekomstbeeld. College van Bestuur, april 2013 Tilburg University 2020 Toekomstbeeld College van Bestuur, april 2013 Strategie in dialoog met stakeholders Open voor iedere inbreng die de strategie sterker maakt Proces met respect en waardering voor

Nadere informatie

Business Continuity Management conform ISO 22301

Business Continuity Management conform ISO 22301 Business Continuity Management conform ISO 22301 Onderzoek naar effecten op de prestaties van organisaties Business continuity management gaat over systematische aandacht voor de continuïteit van de onderneming,

Nadere informatie

De speerpunten van de SPCO-scholen

De speerpunten van de SPCO-scholen Meerjaren Plan 2012-2015 De speerpunten van de SPCO-scholen Inleiding Strategische speerpunten Hart voor kinderen Met veel genoegen presenteren wij de samenvatting van ons strategisch meerjarenplan Hart

Nadere informatie

SKPO Profielschets Lid College van Bestuur

SKPO Profielschets Lid College van Bestuur SKPO Profielschets Lid College van Bestuur 1 Missie, visie SKPO De SKPO verzorgt goed primair onderwijs waarbij het kind centraal staat. Wij ondersteunen kinderen om een stap te zetten richting zelfstandigheid,

Nadere informatie

Wijzer in de professionele ruimte

Wijzer in de professionele ruimte Wijzer in de professionele ruimte Strategieën om de professionele ruimte van docenten(-teams) te optimaliseren Rob Vink Wat is professionele ruimte? Als docent geef je vorm aan het onderwijs en daar voel

Nadere informatie

STICHTING KINDANTE. Visie Personeel

STICHTING KINDANTE. Visie Personeel STICHTING KINDANTE Visie Personeel Visie Personeel 1 Inleiding De onderwijskundige visie van stichting Kindante vormt de basis voor de wijze waarop de Kindantescholen hun onderwijs vormgeven. Dit vraagt

Nadere informatie

Samenvatting Masterthesis/eindscriptie student NCOI Opleidingsgroep

Samenvatting Masterthesis/eindscriptie student NCOI Opleidingsgroep Afstudeerdatum 30-10-2012 Opleiding Master Management Cultuur en Verandering, specialisatie Organisatiepsychologie Naam student Anoniem Titel scriptie HPO en leiderschap bij Bedrijf X. Een diagnostisch

Nadere informatie

9. Gezamenlijk ontwerpen

9. Gezamenlijk ontwerpen 9. Gezamenlijk ontwerpen Wat is het? Gezamenlijk ontwerpen betekent samen aan een nieuw product werken, meestal op een projectmatige manier. Het productgerichte geeft richting aan het proces van kennis

Nadere informatie

Business College Notenboom & Business School Notenboom

Business College Notenboom & Business School Notenboom University of Applied Sciences Business College Notenboom & Business School Notenboom Ondernemend Inspirerend Ambitieus MBO 4 in 2 jaar HBO-Ad in 2 jaar HBo in 3 of 4 jaar Transparant Persoonlijk Notenboom

Nadere informatie

MINISTERIE VAN DEFENSIE WERKGROEP STAAL EERSTE DRUK, NOVEMBER 2007 VISIE LEIDINGGEVEN

MINISTERIE VAN DEFENSIE WERKGROEP STAAL EERSTE DRUK, NOVEMBER 2007 VISIE LEIDINGGEVEN MINISTERIE VAN DEFENSIE WERKGROEP STAAL EERSTE DRUK, NOVEMBER 2007 VISIE LEIDINGGEVEN INLEIDING Voorwoord Commandant der Strijdkrachten CONTEXT De complexe omgeving waarin bij Defensie leiding wordt gegeven

Nadere informatie

Manager Bedrijfsvoering

Manager Bedrijfsvoering Manager Bedrijfsvoering Verbinder, peoplemanager en sparringpartner op strategisch niveau Severinus Severinus noemt zich dé zorgorganisatie in Veldhoven en omgeving. Zij bieden primair zorg voor mensen

Nadere informatie

STRATEGISCH BELEID EFFICIËNT EN ZICHTBAAR NAAR EEN CENTRUM VOOR REVALIDATIE

STRATEGISCH BELEID EFFICIËNT EN ZICHTBAAR NAAR EEN CENTRUM VOOR REVALIDATIE STRATEGISCH BELEID 2013 2014 NAAR EEN EFFICIËNT EN ZICHTBAAR CENTRUM VOOR REVALIDATIE UMCG Centrum voor Revalidatie Strategisch beleidsplan 2013-2014 Vastgesteld op 1 november 2012 Vooraf Met het strategisch

Nadere informatie

IBN ALS SOCIALE ONDERNEMING VOOR EEN BREDERE GROEP

IBN ALS SOCIALE ONDERNEMING VOOR EEN BREDERE GROEP IBN ALS SOCIALE ONDERNEMING VOOR EEN BREDERE GROEP IBN ALS SOCIALE ONDERNEMING VOOR EEN BREDERE GROEP IBN biedt mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt meer kansen door het optimaal benutten van talenten,

Nadere informatie

Presenteer je eigen onderzoek op de Mbo Onderzoeksdag op 12 november 2015!

Presenteer je eigen onderzoek op de Mbo Onderzoeksdag op 12 november 2015! Voorstellen voor onderzoekspresentaties Mbo Onderzoeksdag Presenteer je eigen onderzoek op de Mbo Onderzoeksdag op 12 november 2015! Indienen van een voorstel kan tot en met 15 mei 2015 via e-mailadres:

Nadere informatie

Is zelfstandigheid in het werk onmisbaar voor bevlogen ziekenhuismedewerkers?

Is zelfstandigheid in het werk onmisbaar voor bevlogen ziekenhuismedewerkers? Is zelfstandigheid in het werk onmisbaar voor bevlogen ziekenhuismedewerkers? Workshop HRM in de Zorg 2015 Astrid Ridderbos, senior adviseur Arbeid & Organisatie SKB Nienke Huitema, P&O-adviseur Deventer

Nadere informatie

Samenvatting aanvraag

Samenvatting aanvraag Samenvatting aanvraag Algemeen Soort aanvraag (kruis aan wat van toepassing Nieuwe opleiding is): Nieuw Ad programma Nieuwe hbo master Nieuwe joint degree 1 Verplaatsing bestaande opleiding Nevenvestiging

Nadere informatie

Onderwijs van de 21ste eeuw:

Onderwijs van de 21ste eeuw: Onderwijs van de 21ste eeuw: didactiek, wetenschap en technologie 2015-2016 ACADEMIE PEDAGOGIEK EN ONDERWIJS saxion.nl/apo Onderwijs van de 21 ste eeuw: didactiek, wetenschap en technologie Professionaliseringsaanbod

Nadere informatie

Workshop HR-scan. Naar een duurzaam HRM beleid

Workshop HR-scan. Naar een duurzaam HRM beleid Workshop HR-scan Naar een duurzaam HRM beleid Inhoud Voorstelling Wat is Human Resources? Overzicht bestaande tools Waarom de HRM Cockpit? Doel van de HRM Cockpit Opbouw van het model De HRM Cockpit Aan

Nadere informatie

Rapportage enquête professioneel samenwerken in de professionele onderwijsorganisatie. Auteur Dr. Paul van Deursen. Datum 31 september 2011

Rapportage enquête professioneel samenwerken in de professionele onderwijsorganisatie. Auteur Dr. Paul van Deursen. Datum 31 september 2011 Auteur Dr. Paul van Deursen Datum 31 september 2011 Rapportage enquête professioneel samenwerken in de professionele onderwijsorganisatie 1 Inleiding Om de omslag van onderwijs- naar kennisorganisatie

Nadere informatie

DIRECTEUR BELEID EN STRATEGIE

DIRECTEUR BELEID EN STRATEGIE FUNCTIEPROFIEL DIRECTEUR BELEID EN STRATEGIE HOGESCHOOL LEIDEN Inhoudsopgave 1 Hogeschool Leiden 3 De organisatie 3 De structuur 3 De thema s 4 2 4 Plaats in de organisatie 4 Taken en verantwoordelijkheden

Nadere informatie

Methoden van Organisatieonderzoek. ABK 34 Januari Maart 2012. Hans Doorewaard (coördinator) Brian Tjemkes Arnoud van de Ven

Methoden van Organisatieonderzoek. ABK 34 Januari Maart 2012. Hans Doorewaard (coördinator) Brian Tjemkes Arnoud van de Ven Methoden van Organisatieonderzoek ABK 34 Januari Maart 2012 Hans Doorewaard (coördinator) Brian Tjemkes Arnoud van de Ven Faculteit der Managementwetenschappen Radboud Universiteit Nijmegen Tentamen *

Nadere informatie

HPC-O. Human Performance Contextscan Organisatierapportage Datum: Opdrachtgever: Auteur:

HPC-O. Human Performance Contextscan Organisatierapportage <Naam onderwijsinstelling> Datum: Opdrachtgever: Auteur: HPC-O 1 HPC-O Human Performance Contextscan Organisatierapportage Datum: Opdrachtgever: Auteur: 24 april 2008 drs M.G. Wildschut HPC-O

Nadere informatie

VISIE OP LEIDERSCHAP VAN DE HANZEHOGESCHOOL GRONINGEN

VISIE OP LEIDERSCHAP VAN DE HANZEHOGESCHOOL GRONINGEN VISIE OP LEIDERSCHAP VAN DE HANZEHOGESCHOOL GRONINGEN BETREFT: VISIE OP LEIDERSCHAP VAN DE HG Waarom een HG visie op leiderschap? Binnen de HG ontbreekt tot nu toe een expliciete visie op leiderschap terwijl

Nadere informatie

Change. Making Change Happen!

Change. Making Change Happen! Change MANaGEMENT Making Change Happen! 2 Uw organisatie verandert. Vaak onder druk van de markt, aandeelhouders of belanghebbenden. Maar soms gewoon omdat u zelf gelooft dat het beter kan. Het merendeel

Nadere informatie

M200616. De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB

M200616. De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB M200616 De winstpotentie van personeelsbeleid in het MKB dr. J.M.P. de Kok drs. J.M.J. Telussa Zoetermeer, december 2006 Prestatieverhogend HRM-systeem MKB-bedrijven met een zogeheten 'prestatieverhogend

Nadere informatie

Organisatie principes

Organisatie principes Organisatie principes Een overzicht van organisatie principes die als richtsnoer dienen bij het vormgeven van flexibele, innovatieve organisaties. Deze principes zijn gebaseerd op de Moderne Sociotechniek.

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Dit proefschrift gaat over de invloed van inductieprogramma s op het welbevinden en de professionele ontwikkeling van beginnende docenten, en welke specifieke kenmerken van inductieprogramma s daarvoor

Nadere informatie

SLOW & QUICK SCAN COPE 7

SLOW & QUICK SCAN COPE 7 Onderstaand treft u zowel een SLOW als een QUICK SCAN aan voor uw organisatie volgens de COPE 7 organisatie principes. De SLOW SCAN: Als uw antwoord op een hoofdvraag NEE betreft, dan scoort u 0 punten

Nadere informatie

Beoordelingskader Bijzonder (Kwaliteits)Kenmerk Ondernemen

Beoordelingskader Bijzonder (Kwaliteits)Kenmerk Ondernemen Beoordelingskader Bijzonder (Kwaliteits)Kenmerk Ondernemen september 2013 Inhoud 1 Inleiding 3 2 Beoordeling van het bijzonder kenmerk ondernemen 5 3 Beoordeling standaarden 10 pagina 2 1 Inleiding Vanuit

Nadere informatie

DE DRIJVENDE KRACHT ACHTER DYNAMISCHE ICT RECRUITMENT OPLOSSINGEN

DE DRIJVENDE KRACHT ACHTER DYNAMISCHE ICT RECRUITMENT OPLOSSINGEN R E C R U I T M E N T R E S O U R C E S R E S U L T S DE DRIJVENDE KRACHT ACHTER DYNAMISCHE ICT RECRUITMENT OPLOSSINGEN VERDER KIJKEN HumanR is dé specialist op het gebied van werving & selectie en de

Nadere informatie

Een kijkje bij de buren Zelforganiseren in de zorg Congres BDKO

Een kijkje bij de buren Zelforganiseren in de zorg Congres BDKO Een kijkje bij de buren Zelforganiseren in de zorg Congres BDKO Drs. Eveline Castelijns MBA 12 april 2016 Inhoudsopgave 1 2 3 Zelforganisatie in de zorg Werkende principes Vragen 1 Zelforganiseren in de

Nadere informatie

Het onbenutte potentieel van de werkvloer Duurzame ontwikkeling van lager opgeleiden

Het onbenutte potentieel van de werkvloer Duurzame ontwikkeling van lager opgeleiden Het onbenutte potentieel van de werkvloer Duurzame ontwikkeling van lager opgeleiden CONCEPT Organisatieparadigma Veranderstrategie Stijl van leidinggeven Opleiding Duurzame ontwikkeling lager opgeleiden

Nadere informatie

Nederlandse Vereniging voor Manuele Therapie. Zicht op de toekomst. 22 september 2014

Nederlandse Vereniging voor Manuele Therapie. Zicht op de toekomst. 22 september 2014 Nederlandse Vereniging voor Manuele Therapie 22 september 2014 Inhoud 1. Inleiding en aanleiding 2. Strategische outline 3. De markt en de vereniging 4. Strategische domeinen 5. Beweging 1. Inleiding en

Nadere informatie

Profiel. Manager Bibliotheken. 20 maart 2015. Opdrachtgever Stichting Bibliotheek Rotterdam

Profiel. Manager Bibliotheken. 20 maart 2015. Opdrachtgever Stichting Bibliotheek Rotterdam Profiel Manager Bibliotheken 20 maart 2015 Opdrachtgever Stichting Bibliotheek Rotterdam Voor meer informatie over de functie Manon Min, adviseur Leeuwendaal Telefoon (070) 414 27 00 Voor sollicitatie

Nadere informatie

Leertraject: de interim- manager als natuurlijk leider Er is een belangrijk verschil tussen opgeven en loslaten Jessica Hatchigan

Leertraject: de interim- manager als natuurlijk leider Er is een belangrijk verschil tussen opgeven en loslaten Jessica Hatchigan Leertraject: de interim- manager als natuurlijk leider Er is een belangrijk verschil tussen opgeven en loslaten Jessica Hatchigan Inleiding Interim-managers worden gevraagd bij multidisciplinaire organisatievraagstukken

Nadere informatie

ONDERSTAANDE TEKST BEVAT ENKELE RELEVANTE DELEN UIT HET CONCEPT-FUSIERAPPORT.

ONDERSTAANDE TEKST BEVAT ENKELE RELEVANTE DELEN UIT HET CONCEPT-FUSIERAPPORT. BEOOGDE ONTWIKKELINGEN ONDERSTAANDE TEKST BEVAT ENKELE RELEVANTE DELEN UIT HET CONCEPT-FUSIERAPPORT. BESTUURS- EN MANAGEMENT FILOSOFIE We zien de nieuwe organisatie als een vehikel om zowel de basisscholen

Nadere informatie

Kennisdeling in lerende netwerken

Kennisdeling in lerende netwerken Kennisdeling in lerende netwerken Managementsamenvatting Dit rapport presenteert een onderzoek naar kennisdeling. Kennis neemt in de samenleving een steeds belangrijker plaats in. Individuen en/of groepen

Nadere informatie

FIT-traject onderwijsvernieuwing met ICT en sociale media. draagvlak inspiratie motivatie vernieuwing 21st century skills borging

FIT-traject onderwijsvernieuwing met ICT en sociale media. draagvlak inspiratie motivatie vernieuwing 21st century skills borging FIT-traject onderwijsvernieuwing met ICT en sociale media draagvlak inspiratie motivatie vernieuwing 21st century skills borging Via het Klavertje 4 Model zet u sociale media en ICT breed in Didactische

Nadere informatie

Kwaliteitskader KunstKeur Individuele aanbieders Kunsteductie

Kwaliteitskader KunstKeur Individuele aanbieders Kunsteductie Kwaliteitskader aanbieders Kunsteductie juni 2013 1 1. Toetsingskaders, toetsing en registratie Inleiding Kwaliteitsmanagement vloeit voort uit de overtuiging dat kwaliteit van producten en processen vrijwel

Nadere informatie

Hart voor je patiënt, goed in je vak, trots op je werk

Hart voor je patiënt, goed in je vak, trots op je werk Visie Verpleging & Verzorging VUmc 2015 Preventie Zorg plannen Pro-actief State-of-the-art zorg Samen Zorg uitvoeren Gezamenlijk verant wo or de lijk Screening & diagnostiek Efficiënt Zinvolle ontmoeting

Nadere informatie

Profiel. Manager Product- en dienstontwikkeling. 6 februari 2015. Opdrachtgever Stichting Bibliotheek Rotterdam

Profiel. Manager Product- en dienstontwikkeling. 6 februari 2015. Opdrachtgever Stichting Bibliotheek Rotterdam Profiel Manager Product- en dienstontwikkeling 6 februari 2015 Opdrachtgever Stichting Bibliotheek Rotterdam Voor meer informatie over de functie Manon Min, adviseur Leeuwendaal Telefoon (070) 414 27 00

Nadere informatie

Stichting VraagWijzer Nederland. Notitie Resultaatgericht werken in het Sociale Domein

Stichting VraagWijzer Nederland. Notitie Resultaatgericht werken in het Sociale Domein Stichting VraagWijzer Nederland Notitie Resultaatgericht werken in het Sociale Domein Per 1 januari 2015 hebben de Jeugdwet, de Participatiewet en de Wmo 2015 hun intrede gedaan. De invoering van deze

Nadere informatie

doorpakken en bestendigen Stimuleringsregeling Professionele ruimte arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo

doorpakken en bestendigen Stimuleringsregeling Professionele ruimte arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo doorpakken en bestendigen Stimuleringsregeling Professionele ruimte arbeidsmarkt- en opleidingsfonds hbo Zestor is opgericht door sociale partners in het hbo: inleiding Werkgevers- en werknemersorganisaties

Nadere informatie

Ontwikkelplan De basis versterken, veilige en vertrouwde zorg

Ontwikkelplan De basis versterken, veilige en vertrouwde zorg Ontwikkelplan De basis versterken, veilige en vertrouwde zorg 1a. Niveau De basis versterken. 1b. Kwaliteitsthema De basis versterken. Het werken aan dit kwaliteitsthema maakt onderdeel uit van de integrale

Nadere informatie

Onderzoek naar Honors programma s op Saxion

Onderzoek naar Honors programma s op Saxion Onderzoek naar Honors programma s op Saxion Studiekeuzeconferentie Toegankelijk, Talent en Living Technology Simone van der Donk MSc Onderzoeksgroep Dr. Mark Gellevij Coördinatie en eindredactie Simone

Nadere informatie

18 september 2014. voltijd Groningen 28 november 2014. 15 februari 2015. Beoordelingskaders bijzonder kenmerk ondernemen d.d.

18 september 2014. voltijd Groningen 28 november 2014. 15 februari 2015. Beoordelingskaders bijzonder kenmerk ondernemen d.d. se a ccr editat eor ga ní sat e Besluit Besluit strekkende tot het toekennen van het bijzonder kenmerk Ondernemen aan de minor Sport Business lnnovatie van de hbo-bacheloropleiding Sport, Gezondheid en

Nadere informatie

Bantopa Terreinverkenning

Bantopa Terreinverkenning Bantopa Terreinverkenning Het verwerven en uitwerken van gezamenlijke inzichten Samenwerken als Kerncompetentie De complexiteit van producten, processen en services dwingen organisaties tot samenwerking

Nadere informatie

Profiel. Manager Financiën en Bedrijfsvoering. 16 juni 2016. Opdrachtgever Cosis. Voor meer informatie over de functie 088 8393253

Profiel. Manager Financiën en Bedrijfsvoering. 16 juni 2016. Opdrachtgever Cosis. Voor meer informatie over de functie 088 8393253 Profiel Manager Financiën en Bedrijfsvoering 16 juni 2016 Opdrachtgever Cosis Voor meer informatie over de functie 088 8393253 Voor sollicitatie www.cosis.nu/vacatures rvb@cosis.nu Promens Care en NOVO

Nadere informatie

Inhoudsopgave: Inleiding. Hoofdstuk 1: Achtergrond van de vragenlijst 1.1 : Het Team Leadership Competence Model

Inhoudsopgave: Inleiding. Hoofdstuk 1: Achtergrond van de vragenlijst 1.1 : Het Team Leadership Competence Model Inhoudsopgave: Inleiding Hoofdstuk 1: Achtergrond van de vragenlijst 1.1 : Het Team Leadership Competence Model Hoofdstuk 2: De Team Leadership Competence Questionnaire 2.1 : Opbouw van de lijst 2.2 :

Nadere informatie

Profiel lid Raad van Toezicht

Profiel lid Raad van Toezicht Profiel lid Raad van Toezicht De huidige Raad van Toezicht (RvT) bestaat uit zes leden. De RvT streeft naar een maatschappelijk heterogene samenstelling van leden die herkenbaar en geloofwaardig zijn in

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

Sociale innovatie. Integraal op weg naar topprestaties in teams en organisaties

Sociale innovatie. Integraal op weg naar topprestaties in teams en organisaties Sociale innovatie Integraal op weg naar topprestaties in teams en organisaties DATUM 1 maart 2014 CONTACT Steef de Vries MCC M 06 46 05 55 57 www.copertunity.nl info@copertunity.nl 2 1. Wat is sociale

Nadere informatie

De dimensies van het coachen

De dimensies van het coachen A-H04-def 13-05-2003 16:22 Pagina 25 4 De dimensies van het coachen Lilian Soerel 4.1 Inleiding Het is ondertussen heel geaccepteerd dat managers bij een derde advies inwinnen. Maar is dit coachen? Het

Nadere informatie

Veranderkracht. Doelen / werkwijze. Een genuanceerd beeld van de veranderkracht van jouw team.

Veranderkracht. Doelen / werkwijze. Een genuanceerd beeld van de veranderkracht van jouw team. Test naam Readiness scan Veranderen Datum 10-4-2013 Ingevuld door Peter Jansen Ingevuld voor Peter Jansen Team Testteam Context Studie: werk- of projectgroepen (PGO) Veranderkracht Een genuanceerd beeld

Nadere informatie

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting Een brede kijk op onderwijskwaliteit E e n o n d e r z o e k n a a r p e r c e p t i e s o p o n d e r w i j s k w a l i t e i t b i n n e n S t i c h t i n g U N 1 E K Samenvatting Hester Hill-Veen, Erasmus

Nadere informatie

Introductie Methoden Bevindingen

Introductie Methoden Bevindingen 2 Introductie De introductie van e-health in de gezondheidszorg neemt een vlucht, maar de baten worden onvoldoende benut. In de politieke en maatschappelijke discussie over de houdbaarheid van de gezondheidszorg

Nadere informatie

Gids voor werknemers. Rexel, Building the future together

Gids voor werknemers. Rexel, Building the future together Gids voor werknemers Rexel, Building the future together Editorial Beste collega s, De wereld om ons heen verandert snel en biedt ons nieuwe uitdagingen en kansen. Aan ons de taak om effectievere oplossingen

Nadere informatie

Op de agenda. VIVO vzw. Het persoonlijk ontwikkelingsplan: een instrument binnen een kwalitatief VTO -beleid

Op de agenda. VIVO vzw. Het persoonlijk ontwikkelingsplan: een instrument binnen een kwalitatief VTO -beleid Het persoonlijk ontwikkelingsplan: een instrument binnen een kwalitatief VTO -beleid Aline Schelfaut Miranda Vermeiren 22 mei 2013 Op de agenda Intro Kwalitatief leer- en opleidingsbeleid Het persoonlijk

Nadere informatie

Medewerker onderwijsontwikkeling

Medewerker onderwijsontwikkeling Medewerker onderwijsontwikkeling Doel Ontwikkelen van en adviseren over het onderwijsbeleid en ondersteunen bij de implementatie en toepassing ervan, uitgaande van de geformuleerde strategie van de instelling/faculteit

Nadere informatie

Smart Competentiemeting BSO

Smart Competentiemeting BSO Smart Competentiemeting BSO Pedagogisch medewerker Naam: Josà Persoon Email Testcode : jose_p@live.nl : NMZFIC Leeftijd (jaar) : 1990 Geslacht Organisatie Locatie : v : Okidoki : Eikenlaan Datum invoer

Nadere informatie

Leergang Allround Leiderschap

Leergang Allround Leiderschap Leergang Allround Leiderschap Zonder ontwikkeling geen toekomst! Leergang Allround Leiderschap Tijden veranderen. Markten veranderen, organisaties en bedrijven veranderen en ook de kijk op leiderschap

Nadere informatie

Workshop NGO congres. VGN Masterclass. de gehandicaptenzorg: betekenis voor beroepsuitoefening en het werkveld. Programma

Workshop NGO congres. VGN Masterclass. de gehandicaptenzorg: betekenis voor beroepsuitoefening en het werkveld. Programma Workshop NGO congres VGN Masterclass wetenschappelijk onderzoek in de gehandicaptenzorg: betekenis voor beroepsuitoefening en het werkveld 27 september 2013 Dr. Joop Hoekman; Joop Hoekman Training Advies

Nadere informatie

VRAGENLIJST LERENDE ORGANISATIE (op basis van Nelson & Burns) 1

VRAGENLIJST LERENDE ORGANISATIE (op basis van Nelson & Burns) 1 VRAGENLIJST LERENDE ORGANISATIE (op basis van Nelson & Burns) 1 Onderstaande diagnostische vragenlijst bestaat uit 12 items. De score geeft weer in welke mate uw organisatie reactief, responsief, pro-actief

Nadere informatie

Strategisch document Ambulancezorg Nederland

Strategisch document Ambulancezorg Nederland Strategisch document Ambulancezorg Nederland 1 Inleiding: relevante ontwikkelingen 2 Missie en visie AZN 3 Kernfuncties: profiel en kerntaken AZN 4 Strategische agenda AZN vastgesteld: woensdag 23 mei

Nadere informatie

Professioneel facility management. Competenties en veranderstrategieën om waarde toe te voegen aan het primaire proces

Professioneel facility management. Competenties en veranderstrategieën om waarde toe te voegen aan het primaire proces Professioneel facility management Competenties en veranderstrategieën om waarde toe te voegen aan het primaire proces Inhoud Voorwoord Professionele frontliners 1. Theoretisch kader 2. Competenties en

Nadere informatie

Innovatie bewust stimuleren

Innovatie bewust stimuleren Innovatie bewust stimuleren Theoretisch kader Master Innovation in Complex Care 1 Wat is innoveren? Innoveren is toepassen van een uitvinding Huizingh, 2015 Missie Levenskwaliteit Zelfredzaamheid Participatie

Nadere informatie

crisishulpverlening bedrijfsmaatschappelijk werk verzuim aanpak re-integratie teambalans het nieuwe leidinggeven trainingen

crisishulpverlening bedrijfsmaatschappelijk werk verzuim aanpak re-integratie teambalans het nieuwe leidinggeven trainingen crisishulpverlening bedrijfsmaatschappelijk werk verzuim aanpak re-integratie teambalans het nieuwe leidinggeven trainingen Zinthese Plus is een bureau gespecialiseerd in het gedrag van mensen in hun werkomgeving.

Nadere informatie

Overheid in Verbinding. Workshop: Talentmanagement

Overheid in Verbinding. Workshop: Talentmanagement Overheid in Verbinding Workshop: Talentmanagement Door wie? Helma Verhagen Organisatieadviseur HR/Ontwikkeling/Verandering ipv. Martine Peper Organisatie Adviseur HR / Ontwikkeling Désirée Veer Strategisch

Nadere informatie

Aanpak arbeidsmarkt Zuidoost-Nederland 2016-2020. Illustratie regionaal arbeidsmarkt dashboard. Inleiding

Aanpak arbeidsmarkt Zuidoost-Nederland 2016-2020. Illustratie regionaal arbeidsmarkt dashboard. Inleiding Aanpak arbeidsmarkt Zuidoost-Nederland 2016-2020 Illustratie regionaal arbeidsmarkt dashboard. Inleiding Wil Zuidoost-Nederland als top innovatie regio in de wereld meetellen, dan zal er voldoende en goed

Nadere informatie

Gaan we professionaliseren of aan onderzoek (mee)doen?

Gaan we professionaliseren of aan onderzoek (mee)doen? Gaan we professionaliseren of aan onderzoek (mee)doen? Sanneke Bolhuis emeritus lector Fontys Lerarenopleiding senior onderzoeker Radboudumc zetel praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek Stuurgroep

Nadere informatie

Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO

Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO Kees Dijkstra (Windesheim), Els de Jong (Hogeschool Utrecht) en Elle van Meurs (Fontys OSO). 31 mei 2012 Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO Doel

Nadere informatie