2 De inleiding op een leertekst schrijven

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "2 De inleiding op een leertekst schrijven"

Transcriptie

1 2 De inleiding op een leertekst schrijven Inhoud 2.1 Motiveer de lezer Motivatiebronnen Een motivator bedenken Een motivator schrijven Samenvatting 2.2 Sluit aan bij de voorkennis Het begrip voorkennis Soorten aansluiters Aansluiters ontwerpen en schrijven Samenvatting 2.3 Maak de opbouw duidelijk Oriënteren op de structuur Soorten previews Formats voor previews Leerdoelen als oriëntatiemiddel Samenvatting Praktijkperspectief Checklist: Richtlijnen voor het schrijven van een inleiding Hier treft u twee voorbeelden aan van het begin van een hoofdstuk uit een schoolboek voor mavo-3. Beide voorbeelden gaan over precies de zelfde aardrijkskunde-leerstof. Welke van deze teksten zal het leren het meest bevorderen? Tekst A Aardtektoniek Al drijvende over het plasma komen aardschollen met elkaar in contact. Er zijn drie contactvormen van aardschollen. Bij de eerste vorm botsen de schollen tegen elkaar, bij de tweede schuiven ze langs elkaar en bij de derde schuift de ene aardschol onder de andere. D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 21

2 Botsing Botsing van aardschollen komt voor bij het contactpunt tussen de continentaal-amerikaanse en de oceanisch-pacifische aardschol. (...) Tekst B De rusteloze aarde Vaste grond vinden, Met beide voeten stevig op de aarde staan. De aarde lijkt zo sterk en onwrikbaar. Maar op veel plaatsen in de wereld is dit niet zo. Daar schokt en trilt de aarde regelmatig. In het vorige hoofdstuk heb je gezien dat de buitenkant van de aarde niet meer is dan een dunne schil die drijft op gloeiend heet plasma. Bovendien is die schil door het krimpen van onze planeet stukgebroken in schollen die zich langzaam voortbewegen. In dit hoofdstuk leer je wat er gebeurt als aardschollen met elkaar in contact komen. In paragraaf 1 wordt beschreven dat er drie soorten van contact tussen aardschollen bestaan en dat elke soort zijn eigen verschijnselen met zich meebrengt. Als je paragraaf 1 gelezen hebt, weet je waarom de Oostzee ooit zal leeglopen, hoe IJsland ontstaan is en waarom in Californië zulke erge aardbevingen voorkomen. In paragraaf 2 wordt behandeld hoe gesteenten ontstaan en welke soorten gesteenten er zijn. Je weet dan bijvoorbeeld hoe diamanten ontstaan en waarom een diamant zo hard is. kenmerken inleiding Er zijn grote verschillen tussen deze teksten. Tekst A valt met de deur in huis. De titel verbergt meer dan hij toelicht en de openingszinnen komen de lezer op geen enkele wijze tegemoet. Tekst B is een echte inleiding: de titel en de eerste zinnen trekken de aandacht van de lezer naar de tekst; daarna volgen enkele zinnen die de lezer verwijzen naar het voorafgaande hoofdstuk; ten slotte krijgt de lezer een idee over de indeling van het hoofdstuk. Aan het einde van de inleiding is de lezer georiënteerd op het komende leerproces, waar het begint en hoe het ingericht is. Bovendien heeft de lezer terloops kunnen vernemen dat hij welkom is, dat de auteur zijn best heeft gedaan om toegankelijk te schrijven. Inleidingen op leerteksten hebben een taakaspect en een communicatief aspect. Door het taakaspect wordt de actuele taaksituatie verbonden met vroeger leren. Het communicatieve aspect verbindt de auteur en de lezer met elkaar. Het erkent dat leren meervoudig gelaagd is: 22 H O O F D S T U K 2

3 behalve zakelijk-inhoudelijke gerichtheid bestaat er ook zoiets als emotionele ontvankelijkheid voor de nieuwe informatie. richtlijnen In dit hoofdstuk worden drie richtlijnen behandeld voor het schrijven van een inleiding tot een leertekst: 1. motiveer de lezer; 2. sluit aan bij de voorkennis van de lezer; 3. maak de opbouw van uw tekst duidelijk. 2.1 Motiveer de lezer In een interview met de Volkskrant vertelt topschaatser Falko Zandstra over zijn hekel aan lezen: Schaatsen is echt, lezen dat heeft niks met wat dan ook te maken. Ik weet niet wat dat is. Ik ben er gewoon niet goed in. Of ik lees er over heen, of ik snap het niet. Moet je het nog een keer lezen, maar dat duurt me weer te lang. Ik ben nu ook met een opleiding bezig. De basisopleiding marketing, maar het vlot niet zo. Het nadeel van opleidingen is dat je er boeken voor moet lezen. Dat is een hele nare bijkomstigheid. Een cursus op een bandje, dat zou me meer liggen. Dat ze het allemaal voorlezen. aandacht trekken Lezers zitten niet altijd te wachten op leerteksten. Meestal hebben ze andere dingen aan hun hoofd dan een cursusmodule, een leerboek of een collegedictaat door te werken. Bovendien zijn veel leerteksten be doeld voor mensen die weinig leeservaring hebben en die het lezen van zakelijke informatie als een karwei ervaren. Bijna iedereen die aan een leertekst begint, moet over een drempel heen voordat hij met zijn hoofd bij de tekst kan verwijlen. Zulke lezers worden over de drempel geholpen als de tekst begint met iets waardoor de aandacht naar de tekst getrokken wordt. De primaire functie van een motivatie in een inleiding is de lezer los te weken uit zijn beslommeringen en zijn aandacht te richten op de inhoud van de tekst. Maar een goede motivator doet meer. Hij maakt de lezer ontvankelijk voor de leerinhoud door te laten zien dat de inhoud iets voor hem kan betekenen. Door deze emotionele ontvankelijkheid ontstaat iets van binding met de tekst die aanzet tot verder lezen. En daarmee is de eerste stap naar leren gezet. Maar hoe zijn mensen te motiveren? Leerteksten worden immers geschreven voor verschillende mensen die in uiteenlopende omstandigheden verkeren, dus het is de vraag of er algemene richtlijnen voor werkzame motivators te vinden zijn. Toch zijn er algemene bronnen aan te wijzen om lezers te motiveren. D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 23

4 2.1.1 Motivatiebronnen Voor leerteksten zijn drie motivatiebronnen essentieel: 1. herkenbaarheid; 2. belang; 3. effect. Deze motivatiebronnen worden nu verder uitgewerkt. relevantie nut persoonlijk belang Herkenbaarheid Mensen zijn te motiveren voor onderwerpen die met henzelf en hun werkelijkheid te maken hebben. Met dergelijke onderwerpen hebben mensen een binding of kunnen ze een binding ontwikkelen. Voor Janneke, die regelmatig kampeert, is een taallesje dat over kamperen gaat relevant: het betreft een herkenbaar stukje van haar werkelijkheid. Iemand die een diabeet in de familie heeft, zal zich graag verdiepen in een hoofdstuk over diabetes mellitus. Het herkenbare trekt en is daarmee een potentiële motivator voor een leertekst. Voor leerteksten is herkenbaarheid echter onvoldoende: het thema moet tevens te maken hebben met het onderwerp van de tekst. Anders kan het de aandacht afleiden of de lezer het gevoel geven gemanipuleerd te worden. Er zijn thema s die de lezer nog niet kent, maar die niettemin onmiddellijk herkenbaar zijn. Kinderen hebben in het algemeen veel belangstelling voor dieren, en vanuit deze belangstelling zijn ze gemakkelijk te interesseren voor dieren waarover ze nog nooit gehoord hebben of voor algemeen-biologische onderwerpen die met dieren te maken hebben. Herkenbaarheid is als motivatiebron toepasbaar bij alle doelgroepen van leerteksten. Voor het basis- en voortgezet onderwijs is herkenbaarheid, relevantie, echter verreweg de belangrijkste motivatiebron. Door nieuwe of meer abstracte onderwerpen in te leiden via een herkenbaar verschijnsel of voorval, ontstaat bij meer kinderen aandacht voor de tekst. Herkenbaarheid is ook geschikt voor leerteksten die voor omvangrijke doelgroepen geschreven worden. Hoe breder de doelgroep van de tekst, hoe eerder de auteur zal grijpen naar algemeen herkenbare motivators. Belang Wat heb ik eraan? Wat is het nut van deze informatie? Dit zijn vragen die veel lezers van leerteksten zichzelf stellen voordat ze aan een tekst beginnen. Naarmate de titel en de eerste zinnen van een leertekst beter antwoord geven op zo n vraag, zal de lezer meer aandacht voor de tekst hebben en ook eerder bereid zijn zich in de tekst te verdiepen. Zoals bij herkenbaarheid de zin of betekenis van het onderwerp vooropstaat, zo staat bij deze motivatiebron het nut of belang van de tekst centraal. Belang valt als motivatiebron uiteen in persoonlijk en functioneel belang. Van persoonlijk belang is sprake als status, carrièremogelijkhe- 24 H O O F D S T U K 2

5 functioneel belang den of financieel gewin in het geding zijn. In arbeidsorganisaties staan cursussen in het teken van loopbaanontwikkeling, en hieruit zijn moti vators voor leerteksten te distilleren. Zo mogen bij banken medewerkers die de cursussen beleggingen afgesloten hebben beleggingsadviezen geven, waardoor hun prestige binnen de organisatie stijgt ook zonder dat zij hiervoor meer salaris ontvangen. In de inleiding op een schriftelijke cursus Beleggingen kan de auteur verwijzen naar dit belang en zo meer motivatie kweken voor de inhoud van de tekst. Loopbaanperspectief, status en geld zijn allemaal elementen van persoonlijk belang. Onder functioneel belang vallen alle motivationele aspecten die iemand tot een betere taakuitvoerder maken. Natuurlijk zijn alle leerteksten in bepaalde opleidingssectoren gericht op functieverbetering, maar het motiveert als de lezers aan het begin van de tekst precies kunnen vernemen wat het verband is tussen de tekst en hun werk. Ook het belang voor de organisatie als geheel kan als functioneel worden aangemerkt. Er zijn leerteksten over onderwerpen die aanwijsbaar leiden tot een groter marktaandeel, een hoger bedrijfsresultaat of toegenomen aanzien van de organisatie. Omdat de meeste werknemers zich identificeren met hun organisatie is zo n perspectief motiverend. In sommige bedrijfstakken zijn bepaalde cursussen noodzakelijk om in aanmerking te komen voor een ISO 9001-certificering, voor het bedrijf een prestigieuze en voordelige onderscheiding. Het kan dan geen kwaad om dit verband in de inleiding op een cursustekst naar voren te halen.in figuur 2.1 zijn de verschillende aspecten van de motivatiebron belang bij elkaar geplaatst. belang persoonlijk functioneel status loopbaan financieel individu organisatie Figuur 2.1 Belang is voor veel lezers van leerteksten de primaire motivatiebron. Door aan te sluiten bij een van de vormen die belang kan aannemen, wekt de leermiddelauteur motivatie voor het lezen van de tekst op. Belang werkt vooral als motivatiebron bij leerteksten die in het kader van beroepsopleidingen en in het bedrijfsleven bestudeerd worden. Hier vinden we lezers die in eerste aanleg op instrumenteel nut zijn gericht. Dergelijke lezers zullen overigens meer belangstelling hebben voor instructieve, direct op het beroepshandelen gerichte documen- D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 25

6 ten, dan voor beschrijvende teksten. In de teksten voor de beroeps- en bedrijfsopleiding mag de praktijk nooit ver uit de buurt liggen. competentie Effect Mensen leren niet alleen vanwege een extern nuttigheidsdoel. Veel mensen vinden het fijn iets nieuws erbij te leren, gewoon uit nieuwsgierigheid. Het gevoel meer te weten dan voorheen, nieuwe inzichten te verwerven of competenter te worden, is voor zulke mensen een krach tig motief tot leren. De volksuniversiteiten betrekken hun cursisten uit de groep mensen die leert om zich verder te ontwikkelen. Ook in het gesubsidieerde onderwijs zijn er ondanks alle sombere berichten nog steeds leerlingen die leren omdat ze van een bepaald vak houden en ergens goed in willen worden, los van examens of banen. Deze mensen zijn extra te motiveren door in de inleiding een positief beeld neer te zetten van het leerproces en de mogelijke leereffecten. Deze motivatiebron werkt voor lezers in het reguliere onderwijs en in de sfeer van hobby en vrije tijd. motivatiebronnen Voorbeeld In het boek Leren communiceren (Steehouder e.a., 1989, 2e druk) wordt het hoofdstuk over luistervaardigheid ingeleid door een tekst die verschillende motivatiebronnen tracht aan te boren. Het boek is geschreven op hoger-onderwijsniveau voor iedereen die communicatievaardigheden verder wil ontwikkelen. Thans volgen de eerste drie alinea s van de inleiding tot het hoofdstuk Luisteren. Wellicht kunt u zelf ontdekken welke motivatiebronnen hier benut worden. Niets lijkt gemakkelijker dan luisteren. Ook al letten we helemaal niet op als er ergens iets gezegd wordt, toch dringt veel van het gesprokene tot ons door. Als we in de gids kijken wat voor programma s ons te wachten staan, kunnen we tegelijkertijd naar het weerpraatje op de televisie luisteren en concluderen dat het voorlopig zonnig zal blijven zodra we horen dat de depressie boven Ierland geen invloed zal hebben op het hogedrukgebied boven onze streken. We hebben aan een half woord genoeg. Toch wordt er in dit boek aandacht besteed aan luisteren. Wat is er dan zo problematisch aan die activiteit? Veel mensen ervaren in de praktijk dat hun luistervaardigheid tekort schiet. Niet als het gaat om het weerpraatje of om een simpel gesprek. Maar wel als het erom gaat om naar een langere en ingewikkelde monoloog (voordracht) te luisteren. En ook als het gaat om het begrijpen van bijdragen van anderen in gesprekken en vergaderingen over niet-alledaagse onderwerpen. Op zulke momenten merken we dat het moeilijk is om de aandacht aan de spreker langere tijd vast te houden, om goed te begrijpen wat de 26 H O O F D S T U K 2

7 spreker bedoelt en daarbij hoofd- en bijzaken te onderscheiden, en om adequaat te reageren op het gesprokene, bijvoorbeeld met vragen over zaken die we niet begrepen hebben, of met kritiek op punten waar we het niet mee eens waren. Dikwijls ook blijken toehoorders na afloop van een voordracht niet of slechts gebrekkig in staat om de inhoud ervan in het kort weer te geven. herkenbaarheid belang In de eerste en tweede alinea doet de auteur een beroep op de eigen ervaring van de lezer met luisteren. Luisteren blijkt een relevante activiteit te zijn, zowel in positieve als in negatieve zin. In de derde alinea komt het belang van luisteren aan de orde. Luistervaardigheid kan bijdragen aan beter functioneren in meer taakgerichte situaties. De moti vators die deze auteurs gebruikt, zijn vrij algemeen van aard. Dat komt omdat de tekst geschreven is voor een zeer brede doelgroep. Naarmate de doelgroep breder en dus meer divers is, wordt het moeilijker gerichte motivators toe te passen, en dit betekent weer dat het moeilijk wordt om passende motivators voor functioneel belang te vinden. U zult dan ook vaak zien dat leerteksten voor brede doelgroepen voornamelijk gebruikmaken van de motivatiebronnen herkenbaarheid en effect Een motivator bedenken Nu de ingrediënten van een motivatie bekend zijn, kunnen we een motivator gaan ontwerpen. Het helpt als auteurs in de periode voor het schrijven allerlei materiaal verzamelen dat met het onderwerp van de leertekst te maken heeft, zoals krantenartikelen, anekdotes en waarnemingen vanuit het gezichtspunt van de doelgroep. Dan, bij het schrijven zelf, worden de drie motivatiebronnen nagelopen: Hoe komt de lezer dit onderwerp tegen in het dagelijks leven? Is er enig belang gemoeid met het lezen van de tekst? Welk effect heeft het doornemen van de tekst voor de lezer? Stel, iemand moet een leertekst schrijven in het kader van een opleiding tot intercedent (bemiddelaar) van een uitzendbureau. Dan zal deze auteur in de weken voorafgaande aan het schrijfproces allerlei materiaal verzamelen over uitzendbureaus en hun functie. Bij het schrijven zal de auteur even de tijd nemen om zich te realiseren welk soort mensen deze tekst gaat leren. Wat betekenen uitzendbureaus voor deze mensen? Hoe komen zij het uitzendwezen tegen? Welke beelden hebben zij van het werk op een uitzendbureau? Dit alles met het specifieke onderwerp van de tekst op de achtergrond. Op deze wijze groeit een gedachte over de inhoud van de inleiding. De auteur krijgt bijvoorbeeld het idee om de tekst te laten beginnen met een foto waarop de pui van een uitzendbureau met allerlei advertenties voor D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 27

8 personeel staat afgebeeld. Een motivator hoeft niet per se een tekst te zijn: alles wat de aandacht naar de tekst trekt, is geschikt als motivator. Daarna neemt hij een (verzonnen) interview op met een intercedente waaruit blijkt dat haar werk veel meer omvat dan het opnemen van de telefoon voor het noteren van bemiddelingsverzoeken. Zo n interview richt de aandacht op de inhoud van de tekst. Of hij vermeldt kort enkele gegevens waaruit blijkt dat het uitzendwezen een bloeiend bedrijf is met veel mogelijkheden, ook op de langere termijn. illustratie als motivator tekst als motivator Een motivator schrijven Nu moet de inleiding nog op papier komen. Hiervoor bestaan verschillende vormgevingsopties. We hebben al gezien dat een motivator niet altijd de vorm van een tekst hoeft te hebben. Ook een foto of een andere aantrekkelijke illustratie kan de aandacht van de lezer naar de tekst trekken en richten op het onderwerp. De illustratie moet dan wel functioneel zijn: zij moet te maken hebben met het onderwerp van de tekst en zij mag niet meer beloven dan de tekst zelf kan bieden. Zo niet, dan is de illustratie een afleider in plaats van een inleider. Maar ook als de motivator een tekstuele vorm heeft, bestaan er legio vormgevingsopties: Een treffende binnenkomer in de vorm van een anekdote of een en tho usiast geschreven alinea. Spreek de lezer dan direct aan, dus met u, en gebruik nog geen vaktaal die straks in de tekst uitgelegd zal worden. Aan het begin van deze paragraaf heeft u een voorbeeld van zo n binnenkomer aangetroffen in de vorm van Falko Zandstra s worsteling met vakteksten. Een casus of probleemsituatie waarvoor de informatie in de tekst een oplossing kan bieden. Stel, de tekst gaat over het adviseren over schuldsanering. Dan kan het betreffende hoofdstuk beginnen met een be knopte casus over een cliënt die bij een ambtenaar van de sociale dienst praat over zijn schuldenprobleem. Een positief en een negatief voorbeeld van een aanpak worden naast elkaar geplaatst en kort besproken. Aan het begin van dit hoofdstuk is deze vorm gebruikt door twee voorbeelden van inleidingen met elkaar te contrasteren. Enkele vragen die lezers interesseren of een beknopte probleemschets die in kaart brengt waar de tekst over gaat en waarover de tekst informatie zal gaan aandragen. Een of meer prikkelende stellingen die later al dan niet juist blijken te zijn. Een boek over didactiek zou als volgt kunnen beginnen: 28 H O O F D S T U K 2

9 Wij zijn allemaal naar school gegaan, en daardoor weten we allemaal wat goed onderwijs is. Maar is dit wel zo? Kijk eens naar onderstaande uitspraken over onderwijs. Het blijkt dat vrijwel iedereen deze uitspraken onderschrijft. Toch zijn ze allemaal onjuist. Als je wilt dat leerlingen zich op een gewenste manier gedragen, moet je het gewenste gedrag belonen en het ongewenste gedrag bestraffen. In klassen waar de leraar veel aan het woord is, zullen de prestaties lager liggen doordat de leerlingen te weinig aan bod komen. (Enz.) Pas wel op met negatieve motivators. Psychologen en communicatiewetenschappers hebben ontdekt dat het geven van negatieve informatie of het beknorren van lezers minder motiverend werkt dan het werken met zakelijk-positieve informatie. Een (gedeelte van) een tijdschrift- of krantenartikel in de oorspronkelijke lay-out. Een quote van een bekende Nederlander. Een uitgeschreven motivator zal niet meer dan een of twee alinea s omvatten, waarna de inleiding overgaat op een tweede functie: aanknopen bij het actuele kennisbestand van de lezer. Samenvatting Lezers leren alleen als ze hun aandacht bij het leren hebben. Als hun aandacht op iets anders is gericht dan op de leerinhoud, leren ze minder, hoe goed de tekst verder ook in elkaar zit. U heeft in deze paragraaf verschillende bronnen leren kennen waaruit mensen hun motivatie putten. Mensen leren beter als ze de leerinhoud relevant vinden voor hun bestaan, als de tekst verband houdt met de echte wereld om hen heen, als ze inzien hoe de tekst nuttig kan zijn voor het taakgerichte deel van hun leven en als ze de overtuiging hebben dat de tekst bijdraagt aan hun persoonlijke groei of ontwikkeling. Deze uitgangspunten kunt u gebruiken bij het nadenken over mogelijke motivatievormen. Alle leerteksten zouden een motiverende inleiding moeten hebben. De vorm van de motivator zal echter zeer verschillend zijn, al naar gelang de doelgroep en onderwijskundige context waarvoor de tekst bestemd is en het doel waarvoor de tekst geschreven is. Voor het reguliere basis- en voortgezet onderwijs zal de motivator vooral ingaan op de relevantie van de tekstinhoud voor de lezer. Lezers in de beroeps- en bedrijfsopleidingen zullen vooral te motiveren zijn vanuit het belang dat de tekst voor hen heeft. Voor gebruiksteksten zoals handleidingen bij computer- D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 29

10 programma s zijn uitgewerkte motivators vrijwel nooit nodig: als de gebruiker niet gemotiveerd is, zal hij de handleiding niet ter hand nemen. Toch beginnen zelfs deze teksten met een kort welkomstwoordje, zoals: Hartelijk gefeliciteerd met de aanschaf van uw Leica. Hieruit blijkt een onderliggend doel van motivators in leerteksten, namelijk het opbouwen van een samenwerkingsrelatie tussen auteur en lezer. Door na te denken over een passende motivator verdiept de auteur zich in de wereld van zijn lezer. 2.2 Sluit aan bij de voorkennis kennisschema s Lezers gaan niet blanco naar een leertekst toe. Op het ogenblik dat ze de tekst openslaan, hebben ze al veel geleerd over de wereld. Die wereldkennis is opgeslagen in informatienetwerken of schema s. Het eerste wat het brein doet als het gaat lezen is nagaan bij welk schema of welke schema s het onderwerp van de tekst aansluit. Nieuwe kennis kan alleen vastgehouden worden als zij verknoopt raakt met het al aanwezige kennisbestand. In de volgende oefening kunt u deze functie van ons brein zelf ervaren. Het betreft een tekst waarvan twintig procent van de woorden ontbreekt. Op die manier bootsen we na wat er in onze hersenen gebeurt als we voorkennis missen. Weet u waar dit stukje tekst over gaat? Kunt u de nieuwe informatie in de tekst opnemen in uw kennisbestand?... is een... in en van onze samenleving; niet alleen een... van het kind en de ouders. De... en... van... vereist actie van die samenleving. Omdat de school in onze samenleving een centrale... speelt, moet zij voorbereid worden op haar... taak in dezen. Met... in de diverse... van leerkrachten zal hier... aan besteed moeten worden. Het... zal niet opgelost (als we al van oplossing kunnen spreken) kunnen worden zonder de... en... van leerkrachten. Zonder hen gaat een belangrijke schakel in... en... van... verloren. Misschien komt u er na lang puzzelen achter dat dit stukje over kindermishandeling gaat. Zodra deze term bekend is, wordt het schema van allerlei betekenissen die met het verschijnsel kindermishandeling te maken hebben, geactiveerd. En met behulp van deze achtergrondgegevens kunt u plotseling veel van de eerst ontbrekende betekenis in de tekst invullen. Deze tekst geeft weinig mogelijkheden om verband te leggen tussen het aanwezige kennisbestand en de inhoud van de tekst. Dat heeft twee oorzaken: De kernwoorden ontbreken, waardoor het brein niet weet welke sche- 30 H O O F D S T U K 2

11 ma s voor het begrijpen van de tekst nodig zijn. Sommige elementen van de voorkennis zijn dus belangrijker voor het opnemen van de nieuwe informatie dan andere. Er ontbreken te veel woorden, waardoor het proces van betekenisverlening stagneert. Willen lezers een nieuwe leertekst in zich opnemen, dan moet dus vrij veel van de informatie die de tekst aanbiedt in het voorkennisbestand aanwezig zijn. Uit het onderzoek naar de uitbreiding van de woordenschat via lezen komt naar voren dat een lezer 90 tot 95 procent van de woorden in een nieuwe tekst moet kennen, wil hij de betekenis van de resterende onbekende woorden kunnen verwerven. signalen Het begrip voorkennis De betekenis van voorkennis voor het leren kan nauwelijks overschat worden. Daarom moet de inleiding op een leertekst de lezer helpen door allerlei signalen af te geven over welke voorkennis nodig is om de nieuwe inhouden op te nemen in het bestaande kennisbestand. Een goede inleiding sluit aan bij het vertrouwde en bekende. Voordat de toepassingsvormen van aansluiters worden behandeld, wordt eerst iets gezegd over voorkennis. Voorkennis In het algemeen verstaan we onder voorkennis alle aanwezige informatie die nodig is om de nieuwe informatie een plaats te kunnen geven in het bestaande kennisbestand. Voorkennis is dus niet alles wat iemand op een gegeven moment geleerd heeft, maar betreft uitsluitend die schema s, begrippen, ervaringen, vaardigheden en dergelijke die nodig zijn voor het opnemen van de nieuwe tekst. In voorkennis zitten ten minste twee belangrijke elementen: schema s mobiliseren en specifieke begrippen oproepen. antennes Bij het mobiliseren van schema s gaat het om juist die antennes om hoog te krijgen die voor het nieuwe leren van belang zijn. Stel, een sportpsycholoog schrijft een tekst over zelfhypnose voor topsporters met de bedoeling deze sporters ervan te overtuigen dat door zelfhypnose te gebruiken hun prestaties zullen verbeteren. Als hij nu als volgt begint: Met het begrip zelfhypnose wordt bedoeld..., dan komen bij veel van zijn lezers de cognitieve antennes omhoog. Dit is materiaal om te weten, informatie die eventueel op een toets afgevraagd kan worden, zo denken ze. Maar dat wil de psycholoog helemaal niet. Hij wil dat de sporters zelfhypnose gaan toepassen. In dat geval heeft hij behoefte aan een actiegerichte instelling bij de lezer. Zo n actiegerichte instelling wordt veel eerder opgewekt door een zin als: Op de Spelen van 1988 sprong Carl Lewis maar liefst twaalf centimeter verder dan in het seizoen daarvoor. Hij schreef deze winst toe aan de techniek van zelfhypnose die hij een half jaar daarvoor was gaan toepassen. D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 31

12 Door zelfhypnose nam zijn concentratie zodanig toe dat hij met dezelfde fysiologische mogelijkheden veel verder kon springen. Een ander voorbeeld. Allochtone kinderen hebben voor sommige Nederlandse woorden minder schema s geleerd dan van huis uit Nederlandstalige kinderen. Ze weten daarom niet dat zo n woord met meer dan één schema verbonden kan zijn. Als de leerkracht in de onderbouw van een basisschool dus zegt: Ga je gang, jongens, dan zien we een heel stel Marokkaanse en Turkse jongetjes verbaasd naar de gang lopen. Wat hier op eenvoudige schaal gebeurt, komt bij oudere lezers ook bij meer complexe materie regelmatig voor: lezers weten vaak niet welke schema s nodig zijn voor het begrijpen van de informatie in leerteksten of ze kiezen de verkeerde schema s. Juridisch tekstmateriaal en technische teksten zijn in dit opzicht berucht. Door aan het begin van de tekst aanwijzingen te geven over de passende schema s, ondersteunt een auteur de lezer bij het vinden van noodzakelijke aanknopingspunten. specifieke kennis Naast deze meer algemene vormen van voorkennis zijn er ook altijd specifieke kenniselementen waarop de nieuwe informatie voortbouwt. Elke nieuwe leertekst moet ergens beginnen en veronderstelt de aanwezigheid van begrippen en inzichten. Een tekst over de Wet van Pascal (druk die uitgeoefend wordt op een vloeistof plant zich in alle richtingen in gelijke mate voort) veronderstelt kennis van de begrippen druk en voortplanting. In een tekst over de opname van voedsel door de plant betekent de term zout iets anders dan keukenzout. Natuurlijk moeten leerteksten zo geschreven worden dat de lezer meer en meer kennismaakt met de centrale begrippen. Maar de inleiding heeft tot taak de lezer te verwijzen naar de noodzakelijke voorkennis of, indien nodig, de kernbegrippen aan te reiken Soorten aansluiters Er zijn drie soorten activiteiten die in de aansluiter van een inleiding toegepast kunnen worden: mobiliseren, opfrissen en aanreiken. context Mobiliseren Het mobiliseren van voorkennis gaat niet verder dan het verwijzen naar bekende contexten die voor het begrijpen van de nieuwe informatie nodig zijn. Zo zou in de inleiding van een tekst over scheikundige reacties voor huishoudelijke vorming het verband kunnen worden gelegd tussen scheikundige processen en verschijnselen die zich voordoen bij koken. De context koken roept bij de betreffende doelgroep allerlei ervaringen op die het begrijpen van scheikunde kunnen vergemakkelijken. Analogieën zijn bruikbare voorkennismobilisatoren: Dit is net zoiets als xyz, omdat... of Dit is niet zoals xyz, want H O O F D S T U K 2

13 motivator als aansluiter uitleggen Opfrissen Het opfrissen van voorkennis bestaat uit het verwijzen naar voorafgaand leren, bijvoorbeeld een voorafgaande leertekst of een vroeger leerjaar. De lezers worden bij opfrissen op het idee gebracht zelf een link te leggen naar het eerdere leerproces. Zo kan bij het behandelen van het hydraulisch systeem in auto s verwezen worden naar de Wet van Pascal die een jaar eerder behandeld werd. Soms is een simpele verwijzing naar een eerder hoofdstuk voldoende om de benodigde voorkennis weer op te roepen in de geest van de lezer. Heel vaak is een motivator tegelijkertijd ook een aansluiter. Alle motivators die functioneel zijn, dus verband houden met het onderwerp van de tekst, zullen per definitie ook relevante schema s activeren bij de lezer. Een voorbeeld hiervan is de inleiding tot de tekst over luistervaardigheid die in de voorgaande paragraaf werd afgedrukt. Al na de tweede alinea zijn bij de lezers allerlei eerdere ervaringen en kennisschema s over luistervaardigheid geactiveerd. We beseffen dat luisteren ook als een vaardigheid kan worden gezien, dat luisteren in verschillende contexten een andere betekenis kan hebben, dat gericht luisteren energie kost, en nog veel meer. Kortom, we weten waarover de auteur het gaat hebben en zijn klaar om de nieuwe informatie die de auteur ons zal gaan overbrengen een plaats te geven in ons zojuist geactiveerde kennisbestand. Zo bezien zijn motivators en aansluiters heel moeilijk te onderscheiden: het gaat meer om een verschil in functie dan om een inhoudelijk verschil. Aanreiken Dit laatste is niet het geval bij de derde soort aansluiter: het bewust aanreiken van kennis. Hier besluit de auteur om in de inleiding enkele eerder geleerde termen, begrippen of principes uit te leggen. Hij weet van deze begrippen dat ze onontbeerlijk zijn voor het begrijpen van de leertekst en hij vermoedt dat een groot deel van zijn lezers deze begrippen intussen is kwijtgeraakt. Een auteur zal in de inleiding alleen kennis aanreiken als het echt nodig is, bijvoorbeeld als het om een tekst gaat die grotendeels zelfinstruerend moet zijn. Zulke ingrepen horen eigenlijk in de tekst zelf thuis, niet in de inleiding. Een inleiding mag geen informatie bevatten die tot de leerdoelen behoort of die op een toets kan worden ge vraagd. Bovendien zijn er andere mogelijkheden om onmisbare voorkennis aan te reiken binnen de tekst zelf, bijvoorbeeld met behulp van inzetjes met korte uitleg in de tekst zelf of door een verklarende woordenlijst toe te voegen aan de tekst Aansluiters ontwerpen en schrijven Gewapend met deze kennis over voorkennis kunnen we nu een aansluiter gaan ontwerpen. Hieronder treft u een korte checklist aan van vragen waarmee u de voorkennissituatie van uw lezers in kaart kunt brengen. D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 33

14 Welke onderwerpen zijn binnen dit vak, deze school, opleiding of cursus al behandeld? Waar ligt een relatie met de onderhavige leertekst? Zijn er binnen deze gerelateerde onderwerpen inzichten die notoir moeilijk zijn voor deze doelgroep? Zijn er vertrouwde en bekende contexten te vinden die als kapstok kunnen dienen en die daarom het aankaarten van het nieuwe onderwerp gemakkelijk maken? Wat zijn de kernbegrippen en -inzichten die in de onderhavige leertekst aan de orde komen? Zijn er begrippen bij die in de dagelijkse ervaring een andere betekenis hebben dan de vaktechnische? resonansgroep Leraren en andere personen die regelmatig contact hebben met de doelgroep zijn vruchtbare bronnen van dergelijke informatie. Daarom werken veel leermiddelontwikkelprojecten met een resonansgroep of begeleidingsgroep. opsomming Vormen van aansluiters Al naar gelang doel en doelgroep van de tekst kunnen aansluiters verschillende formats aannemen. We noemen er een paar: Opsomming van aansluitende voorafgaande teksten. Dit is een zeer eenvoudige aansluiter waarbij alleen de leerteksten genoemd worden waarop de onderhavige voortbouwt. Bij modulaire opleidingen of cursussen, waarbij onderdelen in willekeurige volgorde bestudeerd kunnen worden, is dit een minimaal noodzakelijke maatregel. Om deze module te kunnen bestuderen moet u module 2, 4 en 5 doorgenomen hebben. terugkijken Een korte lopende tekst die terugkijkt op voorafgaand leren: In het vorige hoofdstuk heeft u al kunnen lezen dat een termijndeposito een spaarvorm is. We bespreken dit type spaarvorm in deze cursus omdat de termijndeposito ook wordt gezien als een vorm van beleggen in liquiditeiten. In deze paragraaf geven we een uitgebreide definitie van termijndeposito als beleggingsvorm en van het begrip liquiditeiten. vragen Voortoets. Dit is een animerende manier van aansluiten waarbij in de inleiding enkele vragen of stellingen opgenomen worden onder het motto: wat weet u er al van. Hier volgt een voorbeeld uit een opleiding voor touroperators. 34 H O O F D S T U K 2

15 U weet al veel over het werk van touroperators. Hier volgen enkele uitspraken over touroperators en het reiswezen. Vul bij elke uitspraak in of deze juist of onjuist is. Later in de cursus zal blijken of u het bij het rechte eind had. 1. De plaats van de touroperator in de reiswereld is te vergelijken met die van een detaillist. 2. Package tours worden samengesteld door het reis- of passagebureau. 3. De belangen van de reisbureaus worden behartigd door de ANVR. 4. Enz. Deze vorm is een perfect huwelijk tussen een motivator en een aansluiter. Visueel schema. In dit schema staat aangegeven waar de lezer op dit moment is. Het geeft daarnaast ook aan wat hiervoor al besproken is. idee voor het cursusonderdeel globale opzet voor de brochuretekst ontwerp van het cursusonderdeel voorbereiding van het cursusonderdeel uitvoering van het cursusonderdeel evaluatie van het cursusonderdeel Samenvatting Lezers nemen gemakkelijker informatie op als de nieuwe kennis aangeboden wordt binnen een vertrouwde context en als de kennis beschreven is in woorden die ze al kennen. Wil nieuwe kennis bovendien beklijven, dan moet ze gekoppeld worden aan het aanwezige kennisbestand. Door in de inleiding te wijzen op de mogelijke verbindingen met het aanwezige kennisbestand helpen we de lezer bij het opnemen van de nieuwe kennis. Doen we dit niet, dan moet de lerende zelf op zoek gaan naar knoop- en ankerpunten. Dit leidt af en kost energie die aan het leren onttrokken wordt. Daarom moet elke inleiding een aansluiter hebben: een functie die ver- D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 35

16 banden aanwijst tussen de beginsituatie van de lezer en de inhoud van de leertekst. Aansluiters kunnen de volgende drie vormen aannemen. Kapstokken voor de nieuwe kennis aanbieden door: Specifieke voorkennis oproepen door: Specifieke voorkennis aanbieden door begrippen en inzichten die noodzakelijk zijn voor het volgen van de nieuwe informatie uit te leggen. De aansluiter kan tekstueel samenvallen met de motivator, zodat een tekstdeel ontstaat dat de motiverende en de aansluitende functie met elkaar combineert. 2.3 Maak de opbouw duidelijk Heeft u wel eens geprobeerd een puzzel te leggen zonder een plaatje van de hele puzzel erbij? Het kan natuurlijk wel, maar het valt tegen. Lezen lijkt een beetje op het maken van een puzzel. Wie tevoren een beeld heeft van het eindproduct, leest veel gemakkelijker. Leerteksten winnen aan kracht als ze de lezer aan het begin oriënteren op de tekst als geheel. Het zelfstudiemateriaal bestaat uit vijf hoofdstukken. In hoofdstuk 1 lees je wat service is en welke aspecten onder service vallen. Belangrijk is dat je voor jezelf bepaalt wat je onder service verstaat. Wat vind jij belangrijk en past dit binnen onze filosofie? Hoe je vervolgens service kunt verlenen, wordt besproken in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 komen vier situaties aan de orde waarin service een rol speelt. Een apart hoofdstuk is gewijd aan een belangrijk onderdeel van serviceverlening, namelijk klachtafhandeling (hoofdstuk 4). Ten slotte gaan we in hoofdstuk 5 in op de manier waarop de service in het restaurant verbeterd kan worden. Na hoofdstuk 5 ga je op cursus. boodschappen Oriënteren op de structuur Als lezers bezig zijn met de leertekst hebben ze een bomen-en-bos-probleem. Ze moeten uit talloos veel woorden en zinnen betekenis halen om zo de boodschappen die de tekst bevat te ontsluieren. De echte didactische boodschap van de tekst, de reden dus waarom de tekst geschreven is, komt niet in de afzonderlijke woorden en zinnen aan 36 H O O F D S T U K 2

17 abstrahering verwachtingen algemeen kader het licht, maar zit verstopt op het niveau van de alinea s. De lezers moeten dus een behoorlijke mate van abstrahering toepassen om de hoofdgedachten uit een tekst te kunnen distilleren. Bovendien moeten ze deze gedachten een tijdje in hun geheugen vasthouden en combineren met de volgende boodschappen in de tekst. Sommige lezers kunnen dit op eigen kracht, veel anderen hebben baat bij extra hulp hierbij. Goede leerteksten bieden deze service door de lezer te oriënteren op de opbouw van de tekst: de manier waarop de onderwerpen en kernboodschappen in de tekst zijn verdeeld. Het voorbeeld aan het begin van deze paragraaf geeft de lezers inzicht in wat er gaat komen. Dit heeft twee heilzame effecten. Het eerste effect is dat de lezer met bepaalde verwachtingen in het hoofd aan de tekst begint. Lezers die een globale notie hebben over de kernpunten in de tekst zullen actiever met de tekst omgaan en eerder tot abstraheren komen dan lezers die volkomen blanco tegenover de inhoud staan. Terwijl blanco-lezers het gevaar lopen allemaal losse zinnen tot zich te nemen, hebben verwachtingsgestuurde lezers veel meer oog voor de boodschappen achter de woorden en de zinnen. Zelfs als de verwachting tamelijk vaag is of niet helemaal klopt, ontstaat een meer gerichte aanpak. Het tweede positieve effect manifesteert zich tijdens het lezen zelf. Georiënteerde lezers weten tijdens het lezen altijd min of meer op welk punt in de tekst ze bezig zijn. Als ze een vage of moeilijke passage tegenkomen, kunnen ze altijd terugvallen op het algemene kader dat de tekst biedt om de betreffende passage te kunnen plaatsen. Daarom moet elke inleiding een oriëntatie bevatten in de vorm van een vooruitblik of preview op de tekst. Deze richtlijn wordt dan ook wel previewen genoemd. U leest nu welke mogelijkheden auteurs hebben om een preview te schrijven Soorten previews Er zijn drie methoden beschikbaar om een preview te geven op een leertekst: de onderwerpen opsommen; het bouwplan van de tekst beschrijven; de leerdoelen in chronologische volgorde weergeven. De meest eenvoudige preview bestaat uit het opsommen van de onderwerpen die achtereenvolgens in de tekst aan de orde zullen komen. In een inleiding bij een tekst over het formuleren van meerkeuzetoetsen zou zo n opsommende preview er als volgt uit kunnen zien: D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 37

18 Dit hoofdstuk is als volgt opgebouwd. In de eerste paragraaf besteden we aandacht aan het formuleren van leerdoelen. In de tweede paragraaf kunt u lezen over het verband tussen leerdoelen en toets-items. Daarna volgt in paragraaf 3 een uiteenzetting over de meerkeuzevraag en het schrijven daarvan. In de slotparagraaf worden de eigenschappen van een meerkeuzetoets behandeld. samenhang U ziet: het gaat hier om een veel toegepaste vorm die niet voor niets ook wel door het leven gaat als de scriptie-methode van inleiden. Er is niets mis met de opsommende preview, zeker als de opsomming, zoals in dit voorbeeld, niet te lang is. Sterker is echter de bouwplan-methode van previewen. De bouwplanaanpak gaat een stap verder dan opsommen. De lezer krijgt niet alleen te horen welke onderwerpen worden behandeld, maar ook wat de onderlinge samenhang is tussen de onderwerpen. Toegepast op het voorbeeld van de meerkeuzevragen ontstaat dan de volgende tekst: In dit hoofdstuk kunt u lezen hoe meerkeuzevragen geconstrueerd worden. Omdat meerkeuzevragen moeten handelen over relevante leerstof, is het eerst nodig dat u het verband leert zien tussen leerdoelen en toetsvragen. De eerste paragraaf gaat daarom over leerdoelen en het formuleren van leerdoelen. Daarna komen we tot de kern van het hoofdstuk, namelijk het schrijven van meerkeuzevragen (paragraaf 2). Een serie meerkeuzevragen is echter nog geen toets. In de derde paragraaf laten we zien aan welke eisen een meerkeuzetoets moet voldoen en hoe u een set meerkeuzevragen kunt transformeren tot een evenwichtige meerkeuzetoets. De tekst is iets langer, maar geeft veel meer informatie over het bouwplan dan de opsomming. De lezers zijn nu grondiger georiënteerd op de tekst. Ze zullen de tekst met een duidelijk verwachtingspatroon tegemoettreden en dus meer gericht op zoek gaan naar de belangrijke informatie. Tijdens het lezen zullen zij regelmatig herkenningspunten vinden in de trant van: o ja, hier gaat het niet meer over losse meerkeuze-items maar over de hele toets. leerdoelen Er is nog een derde vorm om de lezer te oriënteren op de tekstopbouw: het formuleren van de leerdoelen. Dit is het geval bij teksten die op een praktische vaardigheid gericht zijn. Als zo n tekst goed opgebouwd is, zal de opbouw ervan parallel lopen met de handelingen die de lerende ooit in de praktijk achtereenvolgens moet uitvoeren. Omdat deze handelingen de leerdoelen representeren, geeft het 38 H O O F D S T U K 2

19 vermelden van de leerdoelen tegelijkertijd een beeld van de tekstopbouw. Ter illustratie van deze aanpak kijken we weer naar het voorbeeld van de tekst over meerkeuzevragen. In dit hoofdstuk leert u: leerdoelen te formuleren bij een afgerond stuk onderwijs (par. 1); meerkeuzevragen te formuleren bij een set leerdoelen (par. 2.1); uw eigen concept-meerkeuzevragen te beoordelen (par. 2.2); een serie meerkeuzevragen te bundelen tot een meerkeuzetoets (par. 3). U ziet: leerdoelen bij praktijknabije leerteksten vormen vanzelf een vooruitblik op de tekst. Bovendien halen de leerdoelen de tekst dichter bij de lezer. Ze maken duidelijk dat het om zijn eigen leerresultaat gaat en hiervan gaat een motiverende werking uit. alternatieven Formats voor previews Previews hoeven niet altijd in de vorm van een lopende tekst geschreven te worden. Vaak is het mogelijk en zelfs instructiever om de tekstopbouw via een ander format over te dragen aan de lezer. Hier volgen enkele alternatieven voor de preview als lopende tekst. De puntsgewijze opsomming. Dit is een voorbeeld van de opsommende preview. De opsomming wordt hier echter niet in een tekst verwerkt. In dit hoofdstuk wordt de celopbouw behandeld. Achtereenvolgens komt aan de orde: de structuur van de cel als geheel; de samenstelling van de celwand; de chemische samenstelling van het celvocht; enzovoort. Dergelijke opsommingen werken alleen als de lijst niet te lang is, liefst niet meer dan vijf elementen en nooit meer dan zeven. Dreigt de op somming langer te worden, kies dan een ander format, bijvoorbeeld de outline. De outline. Een outline is een inhoudsopgave met verschillende niveaus. D E I N L E I D I N G O P E E N L E E RT E K S T S C H R I J V E N 39

20 Hoofdstuk 1: opzet van de begeleiding en taak van klassenmentor 1.1 Wat is begeleiding? Lesgebonden en lesoverstijgende begeleiding Corrigeren en optimaliseren Zelfstandig worden Drie aandachtsvelden van de begeleiding 1.2 Opzet van de brugklasbegeleiding Visie op de opzet van de begeleiding Een grondstructuur: het drie-lijnenmodel 1.3 Taken en bevoegdheden van de klassenmentor enz. visueel Het structuurschema. Structuurschema s geven beschrijvende, statische informatie op hoofdlijnen visueel weer. In paragraaf 2.1 van dit boek bent u al een structuurschema tegengekomen: belang persoonlijk functioneel status loopbaan financieel individu organisatie volgorde Het verloopschema. Verloopschema s geven dynamische informatie weer, zoals het verloop van een chemisch proces of een werkprocedure. De volgorde van de gebeurtenissen bepaalt hier de aard van het schema, zoals blijkt uit de volgende preview bij een tekst over het brouwen van bier: Gerst Inweken Ontkiemen Drogen Mout 40 H O O F D S T U K 2

Waarom een samenvatting maken?

Waarom een samenvatting maken? Waarom een samenvatting maken? Er zijn verschillende manieren om actief bezig te zijn met de leerstof. Het maken van huiswerk is een begin. De leerstof is al eens doorgenomen; de stof is gelezen en opdrachten

Nadere informatie

ogen en oren open! Luister je wel?

ogen en oren open! Luister je wel? ogen en oren open! Luister je wel? 1 Verbale communicatie met jonge spelers Communiceren met jonge spelers is een vaardigheid die je van nature moet hebben. Je kunt het of je kunt het niet. Die uitspraak

Nadere informatie

Wat te doen met zwakke begrijpend lezers?

Wat te doen met zwakke begrijpend lezers? Wat te doen met zwakke begrijpend lezers? Cor Aarnoutse Wat doe je met kinderen die moeite hebben met begrijpend lezen? In dit artikel zullen we antwoord geven op deze vraag. Voor meer informatie verwijzen

Nadere informatie

Workshop voorbereiden Authentieke instructiemodel

Workshop voorbereiden Authentieke instructiemodel Workshop voorbereiden Authentieke instructiemodel Workshop voorbereiden Uitleg Start De workshop start met een echte, herkenbare en uitdagende situatie. (v.b. het is een probleem, een prestatie, het heeft

Nadere informatie

3. Wat betekent dat voor de manier waarop lesgegeven zou moeten worden in de - voor jou - moeilijke vakken?

3. Wat betekent dat voor de manier waarop lesgegeven zou moeten worden in de - voor jou - moeilijke vakken? Werkblad: 1. Wat is je leerstijl? Om uit te vinden welke van de vier leerstijlen het meest lijkt op jouw leerstijl, kun je dit simpele testje doen. Stel je eens voor dat je zojuist een nieuwe apparaat

Nadere informatie

Wat is belangrijk? ik kan me niet concentreren. ik heb geen zin. ik ben de helft weer vergeten. ik snap er niets van

Wat is belangrijk? ik kan me niet concentreren. ik heb geen zin. ik ben de helft weer vergeten. ik snap er niets van ik kan me niet concentreren ik heb geen zin ik ben de helft weer vergeten ik snap er niets van Maar al te vaak hoor je dergelijke verzuchtingen van mensen die boven hun studieboeken gebogen zitten. Al

Nadere informatie

Schrijven van studiemateriaal

Schrijven van studiemateriaal Schrijven van studiemateriaal BKO workshop 25 oktober 2012 Door Marjo Stalmeier Programma van vandaag Kennismaking Focus van deze workshop Formuleren van teksten: theorie en oefenen Lunchpauze Structureren

Nadere informatie

(Vak)teksten lezen in vmbo - mbo - Handleiding

(Vak)teksten lezen in vmbo - mbo - Handleiding (Vak)teksten lezen in vmbo - mbo - Handleiding Aan de slag met lezen in beroepsgerichte vakken Voor de verbetering van leesvaardigheid is het belangrijk dat leerlingen regelmatig en veel lezen. Hoe krijg

Nadere informatie

Schrijven van studiemateriaal

Schrijven van studiemateriaal Schrijven van studiemateriaal BKO workshop 8 mei 2012 Door Marjo Stalmeier Programma van vandaag Kennismaking Focus van deze workshop Formuleren van teksten: theorie en oefenen Lunchpauze Structureren

Nadere informatie

VOLLEDIGE INSTRUCTIES LEESVAARDIGHEID

VOLLEDIGE INSTRUCTIES LEESVAARDIGHEID VOLLEDIGE INSTRUCTIES LEESVAARDIGHEID Maak een mindmap of schema van een tekst ga je dan doen? Naar aanleiding van een titel, ondertitel, plaatjes en of de bron van de tekst ga je eerst individueel (en

Nadere informatie

Muiswerk Strategisch Lezen is gericht op het aanleren van deelvaardigheden die nodig zijn voor een strategische leesaanpak.

Muiswerk Strategisch Lezen is gericht op het aanleren van deelvaardigheden die nodig zijn voor een strategische leesaanpak. Strategisch Lezen Muiswerk Strategisch Lezen is gericht op het aanleren van deelvaardigheden die nodig zijn voor een strategische leesaanpak. Doelgroepen Strategisch Lezen Muiswerk Strategisch Lezen is

Nadere informatie

CONCEPT. Tussendoelen Engels onderbouw vo havo/vwo

CONCEPT. Tussendoelen Engels onderbouw vo havo/vwo Tussendoelen Engels onderbouw vo havo/vwo Preambule Voor alle domeinen van Engels geldt dat het gaat om toepassingen van kennis en vaardigheden op thema s die alledaags en vertrouwd zijn. Hieronder worden

Nadere informatie

Studievaardigheden van A tot Z

Studievaardigheden van A tot Z Geschreven door Patricia Hendrikx Studievaardigheden van A tot Z Actief leren Actief leren is het tegenovergestelde van passief leren. Bij actief leren doe je meer dan alleen de leerstof doorlezen. Je

Nadere informatie

De presentatie: basisprincipes

De presentatie: basisprincipes De presentatie: basisprincipes Een presentatie is eigenlijk een voordracht of spreekbeurt. De belangrijkste soorten: a Een uiteenzetting: je verklaart bv. hoe taal ontstaan is, behandelt het probleem van

Nadere informatie

Porfolio. Politie Vormingscentrum

Porfolio. Politie Vormingscentrum Porfolio 1. Inleiding 2. Wat is een portfolio? Hoe gebruik je het portfolio Reflectieverslagen Persoonlijke leerdoelen formuleren Werkwijze en denkmodel om opgaven/problemen op te lossen 1. INLEIDING Ligt

Nadere informatie

De vragen sluiten aan bij de belevingswereld van de leerlingen en zijn onderverdeeld in de volgende vijftien categorieën:

De vragen sluiten aan bij de belevingswereld van de leerlingen en zijn onderverdeeld in de volgende vijftien categorieën: > Categorieën De vragen sluiten aan bij de belevingswereld van de leerlingen en zijn onderverdeeld in de volgende vijftien categorieën: 1 > Poten, vleugels, vinnen 2 > Leren en werken 3 > Aarde, water,

Nadere informatie

Medewerker interne dienst. Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse

Medewerker interne dienst. Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse Persoonlijke effectiviteit: 2. Accuratesse Werkt gedurende langere periode nauwkeurig en zorgvuldig, met oog voor detail, gericht op het voorkómen van fouten en slordigheden, zowel in eigen als andermans

Nadere informatie

Hoe maak je een werkstuk?

Hoe maak je een werkstuk? Hoe maak je een werkstuk? Je gaat een werkstuk maken. Maar hoe zit een werkstuk nou eigenlijk in elkaar? Hoe moet je beginnen? En hoe kies je nou een onderwerp? Op deze vragen en nog vele anderen krijg

Nadere informatie

Inhoud. Introductie tot de cursus

Inhoud. Introductie tot de cursus Inhoud Introductie tot de cursus 1 Inleiding 7 2 Voorkennis 7 3 Het cursusmateriaal 7 4 Structuur, symbolen en taalgebruik 8 5 De cursus bestuderen 9 6 Studiebegeleiding 10 7 Huiswerkopgaven 10 8 Het tentamen

Nadere informatie

De Taxonomie van Bloom Toelichting

De Taxonomie van Bloom Toelichting De Taxonomie van Bloom Toelichting Een van de meest gebruikte manier om verschillende kennisniveaus in te delen, is op basis van de taxonomie van Bloom. Deze is tussen 1948 en 1956 ontwikkeld door de onderwijspsycholoog

Nadere informatie

Aanpak van een cursus

Aanpak van een cursus Aanpak van een cursus Je gaat best op zoek naar een efficiënte manier van studeren. In het hoger onderwijs is het immers niet meer doeltreffend om alles op dezelfde manier aan te pakken. Je kan dus niet

Nadere informatie

attitudes zelfstandig leren kennis vaardigheden

attitudes zelfstandig leren kennis vaardigheden zelfstandig leren Leren leren is veel meer dan leren studeren, veel meer dan sneller lijstjes blokken of betere schema s maken. Zelfstandig leren houdt in: informatie kunnen verwerven, verwerken en toepassen

Nadere informatie

Muiswerk Strategisch Lezen is gericht op het aanleren van deelvaardigheden die nodig zijn voor een strategische leesaanpak.

Muiswerk Strategisch Lezen is gericht op het aanleren van deelvaardigheden die nodig zijn voor een strategische leesaanpak. Strategisch Lezen Muiswerk Strategisch Lezen is gericht op het aanleren van deelvaardigheden die nodig zijn voor een strategische leesaanpak. Doelgroepen Strategisch Lezen Muiswerk Strategisch Lezen is

Nadere informatie

Een spreekbeurt houden

Een spreekbeurt houden Een spreekbeurt houden Kies je onderwerp Je kiest natuurlijk een onderwerp waar je veel belangstelling voor hebt. Misschien weet je er al veel van, of je wilt dat nu juist gaan onderzoeken! Ga vervolgens

Nadere informatie

Niveaus van het Europees Referentiekader (ERK)

Niveaus van het Europees Referentiekader (ERK) A Beginnend taalgebruiker B Onafhankelijk taalgebruiker C Vaardig taalgebruiker A1 A2 B1 B2 C1 C2 LUISTEREN Ik kan vertrouwde woorden en basiszinnen begrijpen die mezelf, mijn familie en directe concrete

Nadere informatie

Leeromgeving en organisatie

Leeromgeving en organisatie Leeromgeving en organisatie Lesdoel Ik kan een les voorbereiden a.d.h.v. het lesplanformulier van Geerligs. Hoe word ik een goede leraar? Kunst of kunde? Kun je het leren: Ja/Nee Wat doe je hier dan nog?

Nadere informatie

Brochure Begrijpend lezen VMBO 1

Brochure Begrijpend lezen VMBO 1 Brochure Begrijpend lezen VMBO 1 Brochure Begrijpend lezen VMBO 2 Inleiding Het belang van begrijpend lezen kan nauwelijks overschat worden. Het niveau van begrijpend lezen dat kinderen aan het einde van

Nadere informatie

Handleiding Sollicitatiebrief

Handleiding Sollicitatiebrief Handleiding Sollicitatiebrief 1. De gerichte sollicitatiebrief Met een gerichte sollicitatiebrief reageer je op een advertentie waarin een werkgever een vacature vermeldt. Voorafgaand aan het schrijven

Nadere informatie

Vaardigheden. 1. Q1000 Spelling- en grammatica 2. Q1000 Nauwkeurigheid 3. Q1000 Typevaardigheid 4. Q1000 Engels taalniveau

Vaardigheden. 1. Q1000 Spelling- en grammatica 2. Q1000 Nauwkeurigheid 3. Q1000 Typevaardigheid 4. Q1000 Engels taalniveau Vaardigheden Wat zijn vaardigheden? Vaardigheden geven aan waar iemand bedreven in is. Ze zijn meestal aan te leren. Voorbeelden van vaardigheden zijn typen en kennis van het Nederlands. Wat meet Q1000

Nadere informatie

Een werkstuk maken Kies je onderwerp Je kiest natuurlijk een onderwerp waar je veel belangstelling voor hebt. Misschien weet je er al veel van, of je

Een werkstuk maken Kies je onderwerp Je kiest natuurlijk een onderwerp waar je veel belangstelling voor hebt. Misschien weet je er al veel van, of je Een werkstuk maken Kies je onderwerp Je kiest natuurlijk een onderwerp waar je veel belangstelling voor hebt. Misschien weet je er al veel van, of je wilt dat nu juist gaan onderzoeken! Ga vervolgens op

Nadere informatie

Educatief Professioneel (EDUP) - C1

Educatief Professioneel (EDUP) - C1 Educatief Professioneel (EDUP) - C1 Voor wie? Voor hogeropgeleide volwassenen (18+) die willen functioneren in een uitdagende kennis- of communicatiegerichte functie: in het hoger onderwijs, als docent

Nadere informatie

De theorie voor leesvaardigheid in de vorm van een stappenplan

De theorie voor leesvaardigheid in de vorm van een stappenplan De theorie voor leesvaardigheid in de vorm van een stappenplan 1. Globaal lezen a. Lees eerst altijd een tekst globaal. Dus: titel, inleiding, tussenkopjes, slot en bron. b. Denk na over het onderwerp,

Nadere informatie

Bijeenkomst 1. Opdracht 1 Doel: Aansluiten bij voorkennins en ervaring van studenten.

Bijeenkomst 1. Opdracht 1 Doel: Aansluiten bij voorkennins en ervaring van studenten. Bijeenkomst 1 Leerdoelen: Studenten kunnen Uitleggen waarom sommige informayie makkelijk vergeten wordt en welke factoren een rol spelen Expliciteren hoe hij zelf leert Opdracht 1 Doel: Aansluiten bij

Nadere informatie

Workshop BLIKSEM - Leesbegrippen in de BLIKSEM Oefenteksten en Toetsen

Workshop BLIKSEM - Leesbegrippen in de BLIKSEM Oefenteksten en Toetsen Leesbegrippen Groep 5 1. alinea (7)* 2. anekdote (2) 3. bedoeling van de schrijver (3) 4. boodschap overbrengen (1) 5. bronvermelding (2) 6. conclusie (1) 7. de bedoeling van de schrijver (2) 8. de clou

Nadere informatie

Les 17 Zo zeg je dat (niet)

Les 17 Zo zeg je dat (niet) Blok 3 We hebben oor voor elkaar les 17 Les 17 Zo zeg je dat (niet) Doel blok 3: Leskern: Woordenschat: Materialen: Leerlingen leren belangrijke communicatieve vaardigheden, zoals verplaatsen in het gezichtspunt

Nadere informatie

Hoe maak je een werkstuk?

Hoe maak je een werkstuk? Hoe maak je een werkstuk? Je gaat een werkstuk maken. Maar hoe zit een werkstuk nou eigenlijk in elkaar? Hoe moet je beginnen? En hoe kies je nou een onderwerp? Op deze vragen en nog vele anderen krijg

Nadere informatie

Didactisch Coachen: checklist voor het basisonderwijs

Didactisch Coachen: checklist voor het basisonderwijs Didactisch Coachen: checklist voor het basisonderwijs Inleiding Een beeldcoach filmt een aantal leraren op een leerplein. Toevallig komen twee leraren tijdens dat filmen opeenvolgend bij dezelfde leerling

Nadere informatie

Afasie en logopedie informatie voor naasten/familie

Afasie en logopedie informatie voor naasten/familie Afasie en logopedie informatie voor naasten/familie Inhoud Afasie, wat is dat en hoe kunt u er mee om gaan? 5 Taalproblemen 6 Hoe ervaren afasiepatiënten de moeilijkheden zelf? 7 Hoe kunt u het beste omgaan

Nadere informatie

Leerstofoverzicht Lezen in beeld

Leerstofoverzicht Lezen in beeld Vaardigheden die bij één passen, worden in Lezen in beeld steeds bij elkaar, in één blok aangeboden. Voor Lezen in beeld a geldt het linker. Voor Lezen in beeld b t/m e geldt het rechter. In jaargroep

Nadere informatie

Met welk werk kunnen kinderen uit groep 5-6 thuiskomen en hoe kunt u uw kind thuis helpen?

Met welk werk kunnen kinderen uit groep 5-6 thuiskomen en hoe kunt u uw kind thuis helpen? Met welk werk kunnen kinderen uit groep 5-6 thuiskomen en hoe kunt u uw kind thuis helpen? In groep 5-6 nemen kinderen steeds vaker werk mee naar huis. Vaak vinden kinderen het leuk om thuis aan schooldingen

Nadere informatie

Engels, vmbo gltl, Liesbeth Pennewaard kernen subkernen Context (inhoud) taalvaardigheidsniveau CE of SE Eindterm niveau GL/TL Exameneenh eid Lezen

Engels, vmbo gltl, Liesbeth Pennewaard kernen subkernen Context (inhoud) taalvaardigheidsniveau CE of SE Eindterm niveau GL/TL Exameneenh eid Lezen Engels, vmbo gltl, Liesbeth Pennewaard kernen subkernen Context (inhoud) taalvaardigheidsniveau CE of SE Eindterm niveau GL/TL Exameneenh eid Lezen Correspondentie lezen Opleiding: uitwisseling, vorming,

Nadere informatie

1.1 Vragenlijst: Wat ik leuk Vind

1.1 Vragenlijst: Wat ik leuk Vind 1.1 Vragenlijst: Wat ik leuk Vind 1. Wat kijk je graag op tv? 2. Wat is je lievelingsfilm? 3. Wat doe je op internet? 4. Welke games speel je? 5. Waar praat je over op facebook, twitter, enzo? 6. Wat doe

Nadere informatie

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89

Inhoud. Inleiding 9. 5 Planning 83 5.1 Leerdoelen en persoonlijke doelen 84 5.2 Het ontwerpen van het leerproces 87 5.3 Planning in de tijd 89 Inhoud Inleiding 9 1 Zelfsturend leren 13 1.1 Zelfsturing 13 1.2 Leren 16 1.3 Leeractiviteiten 19 1.4 Sturingsactiviteiten 22 1.5 Aspecten van zelfsturing 25 1.6 Leerproces vastleggen 30 2 Oriëntatie op

Nadere informatie

Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS)

Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS) Oplossingsgerichte vragen (Het Spel van Oplossingen IKB & TS) Stel dat dat (te grote wonder) gebeurt, ik betwijfel of dat zal gebeuren, maar stel je voor dat, wat zou je dan doen dat je nu niet doet? (p36)

Nadere informatie

Leren leren : geschiedenis

Leren leren : geschiedenis Leren leren : geschiedenis A. In klas 1) actief meewerken Als je actief meewerkt in de klas, spaar je thuis heel wat tijd uit! = nadenken over vragen, proberen te antwoorden, vragen stellen over onderdelen

Nadere informatie

ContentDocument. Dit is een publicatie van: websitesvoortherapeuten.com. ContentDocument - Websites voor Therapeuten 1.0

ContentDocument. Dit is een publicatie van: websitesvoortherapeuten.com. ContentDocument - Websites voor Therapeuten 1.0 ContentDocument Een website ontwerpen zonder dat je beschikt over goede content is als het ontwerpen van een maatpak zonder de maten van de drager op te nemen. Dit is een publicatie van: websitesvoortherapeuten.com

Nadere informatie

Workshop Vertellen. Workshop Vertellen

Workshop Vertellen. Workshop Vertellen Workshop Vertellen Er is om ons heen veel aandacht voor het (voor)lezen, maar veel minder voor het vertellen vanuit eigen verbeeldingskracht. Verhalenverteller en theatermaker Adrie Gloudemans geeft in

Nadere informatie

ONDERSTEUNING BIJ HET LEZEN

ONDERSTEUNING BIJ HET LEZEN ONDERSTEUNING BIJ HET LEZEN De meeste leerlingen hebben geen moeite met lezen op zich. Maar vanaf het moment dat ze langere teksten moeten lezen en globale vragen beantwoorden of als ze impliciete informatie

Nadere informatie

Van huidige situatie ------------ naar --------------------------------- gewenste situatie

Van huidige situatie ------------ naar --------------------------------- gewenste situatie Doelen stellen NLP is een doelgerichte, praktische en mensvriendelijke techniek. NLP = ervaren, ervaren in denken, voelen en doen. Middels een praktisch toepasbaar model leren we om de eigen hulpmiddelen,

Nadere informatie

taal portfolio Checklist B1

taal portfolio Checklist B1 taal portfolio Checklist B1 Inhoud bladzijde 3 bladzijde 4 Vul eerst je naam in Checklist Zo gebruik je deze checklist Je kunt deze checklist op de computer invullen en daarna printen. Je kunt ook de checklist

Nadere informatie

Medewerker contractmanagement. Denkkracht: 3. Analytisch vermogen

Medewerker contractmanagement. Denkkracht: 3. Analytisch vermogen Denkkracht: 3. Analytisch vermogen Begrijpt een situatie door die op te delen in kleinere delen of de gevolgen ervan vast te stellen. Dit houdt in dat er verschillende onderdelen of aspecten met elkaar

Nadere informatie

Annette Koops: Een dialoog in de klas

Annette Koops: Een dialoog in de klas Annette Koops: Een dialoog in de klas Als ondersteuning bij het houden van een dialoog vindt u hier een compilatie aan van Spreken is zilver, luisteren is goud : een handleiding voor het houden van een

Nadere informatie

onvoldoende voldoende goed uitstekend 1 2 3 4 Er is een onderzoeksplan, maar de deelvragen kunnen niet leiden tot een goed antwoord op de hoofdvraag.

onvoldoende voldoende goed uitstekend 1 2 3 4 Er is een onderzoeksplan, maar de deelvragen kunnen niet leiden tot een goed antwoord op de hoofdvraag. Onderzoek Naam leerling:. Onderzoeksplan Er is een onderzoeksplan, maar de hoofdvraag is onduidelijk. Er is een onderzoeksplan, maar de deelvragen kunnen niet leiden tot een goed antwoord op de hoofdvraag.

Nadere informatie

Standaardrapportage (strikt vertrouwelijk)

Standaardrapportage (strikt vertrouwelijk) Standaardrapportage (strikt vertrouwelijk) Naam: Mevrouw Bea Voorbeeld Adviseur: De heer Administrator de Beheerder Datum: 19 juni 2015 Inleiding In dit rapport wordt ingegaan op alle afgeronde onderdelen.

Nadere informatie

Begrijpend lezen, lessenserie. voor het VO

Begrijpend lezen, lessenserie. voor het VO Begrijpend lezen, lessenserie voor het VO Handleiding Antwoorden Jeltje Harnmeijer Hedy van Hemert Voorwoord en Handleiding Inleiding Voor u ligt de lessenserie Begrijpend lezen, ontwikkeld door Jeltje

Nadere informatie

Kan ik het wel of kan ik het niet?

Kan ik het wel of kan ik het niet? 1 Kan ik het wel of kan ik het niet? Hieronder staan een aantal zogenaamde kan ik het wel, kan ik het niet-schalen. Deze hebben betrekking op uw taalvaardigheid in zowel het Nederlands als het Engels.

Nadere informatie

Ideeën presenteren aan sceptische mensen. Inleiding. Enkele begrippen vooraf

Ideeën presenteren aan sceptische mensen. Inleiding. Enkele begrippen vooraf Ideeën presenteren aan sceptische mensen Inleiding Iedereen heeft wel eens meegemaakt dat het moeilijk kan zijn om gehoor te vinden voor informatie of een voorstel. Sommige mensen lijken er uisluitend

Nadere informatie

Praktische opdracht. klas 2. Moderne voortplantingstechnieken

Praktische opdracht. klas 2. Moderne voortplantingstechnieken 1 Praktische opdracht Moderne voortplantingstechnieken 2 Inhoud bladzijde Inleiding 3 Doelen 3 Eisen 3 Overzicht onderwerpen 3 Aanwijzingen voor het verwerken van informatie 4 Aanwijzingen poster 4 Opdrachten

Nadere informatie

Bepaal eerst de probleemstelling of hoofdvraag

Bepaal eerst de probleemstelling of hoofdvraag Bepaal eerst de probleemstelling of hoofdvraag De probleemstelling is eigenlijk het centrum waar het werkstuk om draait. Het is een precieze formulering van het onderwerp dat je onderzoekt. Omdat de probleemstelling

Nadere informatie

Kern 3: doos-poes-koek-ijs

Kern 3: doos-poes-koek-ijs Kern 3: doos-poes-koek-ijs In deze kern leert uw kind: Letters: d - oe - k - ij z Woorden: doos, poes, koek, ijs, zeep Herhaling van de letters van kern 1 en 2 Deze nieuwe woorden en letters worden aangeboden

Nadere informatie

HANDLEIDING. Inleiding. 1 e leerjaar groep 3. Schrijfpalet is zeer geschikt als aanvulling op het reeds beschikbare materiaal in bestaande methodes.

HANDLEIDING. Inleiding. 1 e leerjaar groep 3. Schrijfpalet is zeer geschikt als aanvulling op het reeds beschikbare materiaal in bestaande methodes. Schrijfpalet HANDLEIDING Inleiding 1 e leerjaar groep 3 In het onderwijs heeft het traditionele schrijven van een opstel steeds meer plaats gemaakt voor een meer gestructureerde activiteit. Het schrijven

Nadere informatie

1. Denken-delen-uitwisselen

1. Denken-delen-uitwisselen Vijf basiswerkvormen voor activerend leren 1. Denken-delen-uitwisselen 2. Check-in-duo s 3. Genummerde-hoofden-tezamen 4. Experts 5. Drie-stappen-interview 1. Denken-delen-uitwisselen - De docent stelt

Nadere informatie

LES 1: VOORLEZEN met STRATEGIE WEEK 1.1 0, 1, 4 en 6

LES 1: VOORLEZEN met STRATEGIE WEEK 1.1 0, 1, 4 en 6 LES 1: VOORLEZEN met STRATEGIE WEEK 1.1 0, 1, 4 en 6 Lesdoel: De kinderen vergroten hun tekstbegrip door interactie over het verhaal en hun metacognitieve vaardigheden door het oefenen en toepassen van

Nadere informatie

Competenties. De beschrijvingen van de 7 competenties :

Competenties. De beschrijvingen van de 7 competenties : Inhoud Inleiding...3 Competenties...4 1. Interpersoonlijk competent...5 2. Pedagogisch competent...5 3. Vakinhoudelijk en didactisch competent...6 4. Organisatorisch competent...6 5. Competent in samenwerking

Nadere informatie

LESBESCHRIJVINGSFORMULIER

LESBESCHRIJVINGSFORMULIER LESBESCHRIJVINGSFORMULIER Beroepstaak 1 Omgaan met kinderen in een leersituatie Stageschool Plaats Stagementor Stagegroep Aantal kinderen Gegevens Stageschool Datum Naam student Groep Vakgebied Gegevens

Nadere informatie

Samenwerking. Betrokkenheid

Samenwerking. Betrokkenheid De Missie Het Spectrum is een openbare school met een onderwijsaanbod van hoge kwaliteit. We bieden het kind betekenisvol onderwijs in een veilige omgeving. In een samenwerking tussen kind, ouders en school

Nadere informatie

Verwerkingsopdrachten bijhet hoofdstuk Mondelinge opdrachten geven Doelstelling 3.

Verwerkingsopdrachten bijhet hoofdstuk Mondelinge opdrachten geven Doelstelling 3. Verwerkingsopdrachten bijhet hoofdstuk Mondelinge opdrachten geven Doelstelling 3. 1 OPDRACHT 1 Bekijk hetvolgende lijstje mondelinge opdrachten. Probeer elke opdracht te analyseren: welke soort opdracht

Nadere informatie

Groep 7 en 8. Doelen Leerdoelen technisch lezen eind groep 8

Groep 7 en 8. Doelen Leerdoelen technisch lezen eind groep 8 Groep 7 en 8 Doelen Leerdoelen technisch lezen eind groep 8 85-95 % van de leerlingen beheerst AVI-plus 90% beheerst A t/m D-niveau op de DMT leerlingen lezen vlot woorden en zinnen leerlingen richten

Nadere informatie

Vooroordelen, waar komen die vandaan?

Vooroordelen, waar komen die vandaan? HANDLEIDING Vooroordelen, waar komen die vandaan? Korte omschrijving werkvorm Vooroordelen, iedereen heeft ze, maar waarom eigenlijk? En wanneer is het erg, wanneer heb jij of hebben anderen er last van?

Nadere informatie

Facilitair accountmanager. Denkkracht: 6. Scenario denken

Facilitair accountmanager. Denkkracht: 6. Scenario denken Denkkracht: 6. Scenario denken Overziet van tevoren en procesmatig de consequenties van problemen of ontwikkelingen en geeft alternatieven aan voor mogelijke acties. Denkt een aantal stappen vooruit en

Nadere informatie

Leeratelier: Actief studeren deel 2

Leeratelier: Actief studeren deel 2 Leeratelier: Actief studeren deel 2 Doel: Aanleren en inoefenen van belangrijke studievaardigheden Wie: Leercoach naam (e-mailadres) Hoe: Met behulp van presentaties en oefeningen Wanneer: data 2.4 Diepere

Nadere informatie

Vooroordelen, waar komen die vandaan?

Vooroordelen, waar komen die vandaan? HANDLEIDING Vooroordelen, waar komen die vandaan? Korte omschrijving werkvorm Vooroordelen, iedereen heeft ze, maar waarom eigenlijk? En wanneer is het erg, wanneer hebben jij of anderen er last van? Met

Nadere informatie

Activerende didactiek

Activerende didactiek Activerende didactiek De verantwoording voor de lessenserie De activerende didactiek zorgt ervoor dat leerlingen actiever en zelfstandiger bezig zijn met leren, het laat leerlingen effectiever leren. De

Nadere informatie

- Opening - Motivatie - Jezelf verkopen - Afsluiting. In de volgende pagina s vind je hier meer over. Hoe schrijf je een goede sollicitatiebrief?

- Opening - Motivatie - Jezelf verkopen - Afsluiting. In de volgende pagina s vind je hier meer over. Hoe schrijf je een goede sollicitatiebrief? Een goede sollicitatie gaat altijd uit van een CV én sollicitatiebrief. Het een kan niet zonder het ander en juist als beide documenten goed op elkaar afgestemd zijn, maak je de meeste kans om uitgenodigd

Nadere informatie

Basisprincipes van het ontwerpen

Basisprincipes van het ontwerpen Basisprincipes van het ontwerpen gordongroup Over de gordongroup gordongroup is een full-service marketing- en communicatiebureau waar klanten voor al hun wensen op het gebied van creatieve services terecht

Nadere informatie

2.3 Literatuur. 1.4.2 Schriftelijke vaardigheden 1.4.2.1 Lezen LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL LEERPLAN ALGEMEEN:

2.3 Literatuur. 1.4.2 Schriftelijke vaardigheden 1.4.2.1 Lezen LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL LEERPLAN ALGEMEEN: LES GODVERDOMSE DAGEN OP EEN GODVERDOMSE BOL ALGEMEEN: p.8 2.3 Literatuur In onze leerplannen is literatuur telkens als een aparte component beschouwd, meer dan een vorm van leesvaardigheid. Na de aanloop

Nadere informatie

Kwaliteit van leermateriaal

Kwaliteit van leermateriaal Kwaliteit van leermateriaal Hendrianne Wilkens & Arno Reints h.wilkens@clu.nl a.reints@clu.nl www.clu.nl Over het CLU Expertisecentrum Leermiddelenontwikkeling evalueren van leermiddelen maken van leermiddelen

Nadere informatie

12. Leerstof samenvatten

12. Leerstof samenvatten 12.1 Samenvatten van tekst(gedeelt)en doel Hoofdzaken uit een tekst halen en samenvatten in steekwoorden wanneer kern les(senserie) groepssamenstelling individueel, tweetallen voorbereiding: - De leerling

Nadere informatie

Een sterk CV en motivatie

Een sterk CV en motivatie Een sterk CV en motivatie Een sollicitatie bestaat meestal uit een sollicitatiebrief en een Curriculum Vitae (CV). Soms vragen organisaties alleen nog naar een motivatie, die je al dan niet in een format

Nadere informatie

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten

Bijlage 1: Methode. Respondenten en instrumenten Bijlage 1: Methode In deze bijlage doen wij verslag van het tot stand komen van onze onderzoeksinstrumenten: de enquête en de interviews. Daarnaast beschrijven wij op welke manier wij de enquête hebben

Nadere informatie

Rapport Carriere Waarden I

Rapport Carriere Waarden I Rapport Carriere Waarden I Kandidaat TH de Man Datum 18 Mei 2015 Normgroep Advies 1. Inleiding Carrièrewaarden zijn persoonlijke kenmerken die maken dat u bepaald werk als motiverend ervaart. In dit rapport

Nadere informatie

Hieronder volgt een beknopte uitleg van de begrippen die u in het rapport zult tegenkomen.

Hieronder volgt een beknopte uitleg van de begrippen die u in het rapport zult tegenkomen. Onderbouwrapport In het onderbouwrapport waarderen wij alle genoemde aspecten ten opzichte van de leeftijd. Een waardering wordt uitgedrukt in een cijfer. U kunt via de beknopte omschrijvingen in het rapport

Nadere informatie

Verslag van dataverzameling in functie van het onderzoek van de NTU naar het schrijfleven van leerlingen

Verslag van dataverzameling in functie van het onderzoek van de NTU naar het schrijfleven van leerlingen Verslag van dataverzameling in functie van het onderzoek van de NTU naar het schrijfleven van leerlingen Data verzameld in de derde graad van de basisschool en verslag opgesteld door Amber Van Geit Opleiding:

Nadere informatie

2.4 Tekstopbouw In deze paragraaf oefen je in het schrijven van een tekst met een indeling in inleiding, kern en slot.

2.4 Tekstopbouw In deze paragraaf oefen je in het schrijven van een tekst met een indeling in inleiding, kern en slot. Fase.4 Tekstopbouw In deze paragraaf oefen je in het schrijven van een tekst met een indeling in inleiding, kern en slot. 1 1 Lees onderstaande tekst. Daarna ga je zelf een soortgelijke tekst schrijven.

Nadere informatie

Hoe ben jij KNAP??? >> Doe nu de test! Ga naar de 'Vragenlijst' Howard Gardner

Hoe ben jij KNAP??? >> Doe nu de test! Ga naar de 'Vragenlijst' Howard Gardner Hoe ben jij KNAP??? Je zou talent kunnen omschrijven als ergens heel goed in zijn. Elk mens heeft zo z n eigen talenten. Zelfs de grootste luilak die heeft namelijk een slaaptalent en een lui op de bank

Nadere informatie

PROGRAMMA VOOR BEGRIJPEND LEZEN DE ZUID-VALLEI

PROGRAMMA VOOR BEGRIJPEND LEZEN DE ZUID-VALLEI PROGRAMMA VOOR BEGRIJPEND LEZEN DE ZUID-VALLEI (Dit programma is in 2011 aangepast aan de meest recente AVI-indeling van het CITO.) Het leren lezen is voor veel leerlingen een proces dat veel inspanning

Nadere informatie

Eindexamen Nederlands mavo D 2002 - I. Tekst 1 Dank u wel, alstublieft. - www.vmbogltl.nl - 1 - havovwo.nl. www.examen-cd.nl -

Eindexamen Nederlands mavo D 2002 - I. Tekst 1 Dank u wel, alstublieft. - www.vmbogltl.nl - 1 - havovwo.nl. www.examen-cd.nl - Tekst 1 Dank u wel, alstublieft - www.vmbogltl.nl - 1 - Tekst 1 Dank u wel, alstublieft 2p Kunt u me dan vertellen hoe laat de stoomtrein gaat? vraagt de man geërgerd. (regels 5 7) 1 Waarom gebruikt de

Nadere informatie

Wat je vooraf moet weten

Wat je vooraf moet weten Wat je vooraf moet weten Ergens onder water Wanneer begeleiders van mensen met autisme gevraagd wordt om enkele kenmerken van deze ontwikkelingsstoornis op te sommen, hoor je al vlug twee soorten antwoorden.

Nadere informatie

Competentieprofiel instructeurs

Competentieprofiel instructeurs Competentieprofiel instructeurs 1) Actuele Kennis & Vaardigheden van Eerste Hulp Dit is de elementaire kennisstof en de bijbehorende vaardigheden die ten grondslag liggen aan Eerste Hulp onderwijs. Deze

Nadere informatie

Wat is leercoaching?

Wat is leercoaching? Wat is leercoaching? 2 zelfstandig sturen Leercoaching is een programma dat als doel heeft leren en ontwikkelen te stimuleren. Diegene die leert, wordt begeleid door een coach. De coach onderzoekt samen

Nadere informatie

ONDERWIJSONTWIKKELING - ACTIVERENDE DIDACTIEK

ONDERWIJSONTWIKKELING - ACTIVERENDE DIDACTIEK ONDERWIJSONTWIKKELING - ACTIVERENDE DIDACTIEK Iedereen heeft er de mond van vol: Het beste uit de leerling halen Recht doen aan verschillen van leerlingen Naast kennis en vaardigheden, aandacht voor het

Nadere informatie

Excellentie in ontwikkeling

Excellentie in ontwikkeling Excellentie in ontwikkeling Kleuters uitdagen werkt gesprekskaarten Deze kaarten zijn bedoeld als een spiegel. Kan ik deze uitspraken nazeggen, of gaan ze niet over mij? En, als ik ze zou willen na zeggen

Nadere informatie

Motivatie: presteren? Of toch maar leren?

Motivatie: presteren? Of toch maar leren? Arjan van Dam Motivatie: presteren? Of toch maar leren? Een van de lastigste opgaven van managers is werken met medewerkers die niet gemotiveerd zijn. Op zoek naar de oorzaken van het gebrek aan motivatie,

Nadere informatie

VERTROUWELIJK. Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg

VERTROUWELIJK. Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg VERTROUWELIJK Rapportage intake-assessment Fontys Economische Hogeschool Tilburg School: Opleiding: Klas: Fontys Economische Hogeschool Tilburg Communicatie 1CD E-mail: jotamdveer@home.nl Studentnummer:

Nadere informatie

Naam: School: basisschool voortgezet onderwijs Plaats: Leeftijd: Aantal jaar onderwijservaring:

Naam: School: basisschool voortgezet onderwijs Plaats: Leeftijd: Aantal jaar onderwijservaring: Docentenvragenlijst op het gebied van ict-gebruik en natuur- en techniekonderwijs, voormeting Naam: School: basisschool voortgezet onderwijs Plaats: Leeftijd: Aantal jaar onderwijservaring: Ik ben een:

Nadere informatie

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat.

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat. A. LEER EN TOETSPLAN DUITS Onderwerp: Leesvaardigheid De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat. De leerling leert strategieën te gebruiken bij het verwerven

Nadere informatie

Leerjaar 1 en 2 vmbo-b/k. Doelen Leerdoelen technisch lezen eind leerjaar 2

Leerjaar 1 en 2 vmbo-b/k. Doelen Leerdoelen technisch lezen eind leerjaar 2 Leerjaar 1 en 2 vmbo-b/k Doelen Leerdoelen technisch lezen eind leerjaar 2 95 % van de leerlingen beheerst AVI-plus 95% beheerst A t/m D-niveau op de DMT leerlingen lezen vlot woorden en zinnen leerlingen

Nadere informatie

Communicatiemodel. Communicatieniveaus

Communicatiemodel. Communicatieniveaus Download #06 Een fantastisch communicatiemodel trainingmodule Communicatiemodel Mensen uiten hun gevoelens op verschillende manieren. De een laat meteen zien hoe hij zich voelt bij een situatie, terwijl

Nadere informatie