December Praktijkhandreiking. De Interne Auditfunctie en het Own Risk and Solvency Assessment (ORSA)

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "December 2015. Praktijkhandreiking. De Interne Auditfunctie en het Own Risk and Solvency Assessment (ORSA)"

Transcriptie

1 December 2015 Praktijkhandreiking De Interne Auditfunctie en het Own Risk and Solvency Assessment (ORSA)

2 Leden IIA werkgroep Praktijkhandreiking: Robert Gossen, internal auditor bij Univé Verzekeringen John de Kruiff, internal auditor bij Menzis Harry Kruk, internal auditor bij Delta Lloyd Ronald van de Langenberg, InAudit BV Patricia Michel, hoofd internal audit bij De Goudse Verzekeringen Ad Smits, manager internal audit bij Achmea Bas van der Vlist, risk manager bij De Goudse Verzekeringen Dit document is ook in digitale vorm beschikbaar op IIA Nederland, Burgemeester Stramanweg 102A, 1101 AA AMSTERDAM 2

3 1 Inleiding De EU-richtlijn Solvency II stelt expliciet eisen aan de governance inclusief het risicomanagementsysteem van (her)verzekeringsmaatschappijen. Solvency II is het nieuwe, risicogebaseerde toezichtraamwerk voor verzekeraars dat per 1 januari 2016 in werking treedt. Het kader bestaat uit de Solvency II-richtlijn (2009/138/EC) en de nadere invullingen daarvan in de vorm van de uitvoeringsverordening en technische standaarden. Het Solvency II bouwwerk is gebaseerd op drie pijlers, te weten: Pijler I, de kwantitatieve eisen bestaande uit de waarderingsgrondslagen voor de economische balans, evenals de beoordeling van het vereiste en aanwezige vermogen. Uitgangspunten zijn marktwaarde en risicogevoeligheid. Pijler II, de kwalitatieve eisen die worden gesteld aan het System of Governance. Pijler III, de rapportage-eisen, zowel aan de toezichthouder als aan het maatschappelijk verkeer. Binnen Solvency II wordt de Own Risk and Solvency Assessment (ORSA) beschouwd als het hart van het framework. Met de periodiek uit te voeren ORSA worden businessplanning, risicomanagement en kapitaalbeheeractiviteiten geïntegreerd. Met het ORSA voert een (her)verzekeraar een toekomstgerichte beoordeling uit op het toereikend zijn van het beschikbare kapitaal (de solvabiliteit). Daarbij wordt rekening gehouden met het eigen risicoprofiel, tolerantielimieten en bedrijfsstrategie. In figuur 1 is dit schematisch weergegeven. Figuur 1: ORSA verbindend in de managementcyclus Het ORSA stelt het management in staat om binnen de context van de eigen bedrijfsstrategie een verantwoorde afweging te maken van risico s, kapitaal en rendement en vanuit de bestaande situatie vooruit te kijken naar de (middel)lange termijn. Het ORSA is een regulier proces dat minimaal jaarlijks dient te worden doorlopen. Bovendien dient bij iedere significante wijziging in het risicoprofiel een ORSA te worden uitgevoerd. Risicoidentificatie en -meting (modellering) Strategie en Businessplanning (Risk) Management cycle Risicobereidheid en Kapitaalmanagement Rendement bedrijfsactiviteiten Performance management Kapitaalallocatie 3

4 Van elke ORSA dienen de uitkomsten en conclusies na goedkeuring door het bestuur te worden gecommuniceerd met alle relevante afdelingen en de toezichthouder. Voor verzekeringsgroepen bestaat onder voorwaarden de mogelijkheid dit te doen met een groepsrapport. Een schematisch voorbeeld van het ORSA-proces is onderstaand opgenomen (figuur 2). Figuur 2: Voorbeeld van een ORSA-proceskader Iteratie vanuit mgt. assessment mogelijk Rolling forecast / Business plan proces Trigger is RF/BP proces Appropriateness Assessment Kapitaal Projecties Basisscenario S/ST Finale ORSA input OTSO Rolling Forecast/Business plan proces Belangrijkste risico s Voorbereiden Kwantitatief risico ass. Kwalitatief risico ass. Scenario & Stress testen (S/ST) Analyse ORSA input rapport OTSO Mgt. Assesment & besluitvorming Rapportage SGW ORSA rapport Monitoren ORSA triggers In de huidige regelgeving is de onafhankelijke beoordeling van ORSA niet meer expliciet genoemd. Daarvoor in de plaats bevat de regelgeving 1 de algemene verplichting een onafhankelijke evaluatie van het System of Governance, inclusief de daarin opgenomen ORSA uit te voeren. Ook blijkt in praktijk dat bestuurders, commissarissen en ook DNB behoefte hebben aan comfort bij het ORSA. Hierbij is een belangrijke rol weggelegd voor Internal Audit, waarvan de kerntaak immers het geven van assurance over governance, risicomanagementsysteem en interne beheersing is. Met deze praktijkhandreiking geven wij invulling aan de rol die Internal Audit daarin kan nemen, waarbij de concrete toepassing altijd op maat moet worden gemaakt voor de individuele (her)verzekeraar. Daarnaast geven wij de randvoorwaarden van toepassing op deze praktijkhandreiking. 1 Art Directive 2009/138/EC of the European Parliament and of the Council of 25 November 2009 on the taking-up and pursuit of the business of Insurance and Reinsurance (Solvency II) 4

5 2 Internal Audit en het ORSA-proces De door Internal Audit ten aanzien van het ORSA te verrichten werkzaamheden zijn afhankelijk van de aard van de door de Raad van Bestuur en/of de Raad van Commissarissen gegeven opdracht. Mogelijke opdrachten zijn: a. Het uitvoeren van een operational audit met als doel een oordeel te geven over de beheersing van het ORSA-proces of van specifieke onderdelen in het ORSA-proces. De door de (her)verzekeraar ingerichte managementcyclus voor het ORSA is hier het object van onderzoek. b. Het uitvoeren van een compliance audit met als doel een oordeel te geven over de mate waarin het ORSA, of specifieke onderdelen van het ORSA, voldoen aan in wet- en regelgeving gestelde eisen. In deze audit wordt getoetst aan de voor ORSA relevante bepalingen uit de Solvency II richtlijn en de Uitvoeringsverordening (Delegated Acts) en uit de richtsnoeren van de European Insurance and Occupational Pensions Authority (EIOPA). Omdat de richtsnoeren van EIOPA grotendeels betrekking hebben op beheersing zal er een grote overlap zijn met een operational audit. c. Het uitvoeren van een audit, met als doel een oordeel te geven over de plausibiliteit 2 van de uitkomsten van het ORSA-proces of van specifieke onderdelen in het ORSA-proces. Gezien het toekomstgerichte perspectief van het ORSA zijn de uitkomsten naar hun aard subjectief, waarbij het maken van afwegingen een belangrijke rol speelt. Internal Audit kan de toekomstgerichte informatie onderzoeken en daarover rapporteren, teneinde de geloofwaardigheid van de informatie te vergroten. Daarbij maken wij de kanttekening dat Internal Audit niet in staat is een oordeel uit te spreken of de uitkomsten zoals weergegeven in het ORSA daadwerkelijk worden behaald. Er wordt dus een beperkte mate van assurance gegeven (negative assurance). d. Het uitvoeren van specifieke overeengekomen werkzaamheden. Bij een dergelijke opdracht worden uitsluitend die werkzaamheden verricht die Internal Audit met de opdrachtgever is overeengekomen en rapporteert Internal Audit over de feitelijke bevindingen. Aangezien Internal Audit alleen verslag doet van de feitelijke bevindingen uit hoofde van de overeengekomen werkzaamheden wordt geen zekerheid verschaft. De gebruikers van het rapport moeten zich zelf een oordeel vormen over de werkzaamheden en bevindingen die door Internal Audit in het rapport zijn weergegeven. e. Overige werkzaamheden, waaronder het geven van advies ten aanzien van (onderdelen van) het ORSAproces of het faciliteren van het appropriateness assessment. Internal Audit bewaakt bij een dergelijke opdracht altijd dat de eigen objectiviteit ten aanzien van het ORSA niet in het gedrang komt. In deze praktijkhandreiking zijn de onder a, b en c genoemde audits verder uitgewerkt. De onder d en e genoemde opdrachten zijn zodanig specifiek dat deze in dit document buiten beschouwing zijn gelaten. 2 Gesproken wordt over plausibiliteit om aan te geven dat het niet gaat om de exacte juistheid, maar om de waarschijnlijkheid of aannemelijkheid van de uitkomsten. 5

6 3 De werkzaamheden van Internal Audit In de inleiding is een schematisch voorbeeld van de binnen ORSA te onderkennen stappen opgenomen. Deze stappen zijn onderstaand nader beschreven. Ook geven we bij ieder van deze stappen de mogelijke invulling aan de rol van Internal Audit in de onderscheiden typen audits. Voor een betrouwbare uitvoering van het ORSA moeten enkele randvoorwaardelijke zaken zijn ingevuld. In deze handreiking is verondersteld dat Internal Audit oog heeft voor deze randvoorwaarden, maar dat hierop afzonderlijke audits zijn uitgevoerd. Het gaat daarbij in het bijzonder om: De verzekeraar heeft een strategieproces geïmplementeerd. Niet alleen is de strategie het uitgangspunt voor het ORSA maar het ORSA kan ook leiden tot een aanpassing in de strategie. Ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden; De verzekeraar heeft een adequaat governance ysteem ingericht dat voldoet aan de vereisten vanuit wet- en regelgeving, waaronder de sleutelfuncties en het 3-lines of defence model. Een goed governancesysteem is voor elke verzekeraar randvoorwaardelijk voor de integere en beheerste bedrijfsvoering en heeft als doel dat de verzekeraar adequaat wordt bestuurd, waarbij risico s tijdig en adequaat worden geïdentificeerd en beheerst. De eisen voor het governancesysteem behoren tot Pijler II van Solvency II en hebben betrekking op de interne organisatie waaronder sleutelfuncties, risicobeheer en interne controle, de betrouwbaarheid en deskundigheid van het senior management, interne toezichthouders, uitbestedingen en beloningen; De verzekeraar heeft een passende risicocultuur, waarin het senior management het goede voorbeeld geeft (tone at the top); Het risk appetite framework van de verzekeraar stelt duidelijke grenzen aan de bereidheid om in de reguliere bedrijfsprocessen risico s te accepteren; Wanneer de verzekeraar gebruikmaakt van een (partieel) intern model beschikt zij over een adequaat proces voor modelontwikkeling en modelvalidatie, inclusief modelwijzigingsprocedure; De in ORSA gebruikte modellen worden daadwerkelijk gebruikt in de bedrijfsvoering (use test); In de processen van de verzekeraar is geborgd dat de voor het ORSA gebruikte data juist en volledig is. De Solvency II regelgeving stelt strenge eisen aan de governance en kwaliteit van data. Verzekeraars dienen rollen en verantwoordelijkheden omtrent data helder te regelen. Daarnaast moeten zij inzicht hebben in datastromen die relevant zijn voor de berekening van de technische voorzieningen en de risicokapitalen, en de datastromen voor rapportagedoeleinden; De verzekeraar heeft, bijvoorbeeld als onderdeel van de modelvalidatie, vastgesteld dat te gebruiken data geschikt is. De auditwerkzaamheden op genoemde randvoorwaardelijke aspecten zijn onderstaand niet verder uitgewerkt. Voor een kleine verzekeraar met een niet al te complex risicoprofiel is het op basis van proportionaliteit mogelijk dat Internal Audit ook 2e lijnstaken vervult. Deze handreiking beperkt zich echter tot de zuivere 3e lijnswerkzaamheden. 3.1 Voorbereiding van ORSA Uitgangspunten De uitvoering van het ORSA begint met een goede voorbereiding. Hierbij moet onder meer worden gedacht 6

7 aan de beschikbaarheid van actueel ORSA-beleid, inclusief een duidelijke verdeling van rollen, taken en verantwoordelijkheden. Maar daarnaast ook inzicht in de belangrijkste veranderingen in de bedrijfsstrategie, eventuele aanpassingen in de risicobereidheid en/of risicocapaciteit, belangrijke ontwikkelingen in interne en externe omgeving en belangrijke verbeterpunten uit de vorige ORSA. De focus van de IAF richt zich in deze fase op het risico dat aan het doorlopen van het ORSA geen goede voorbereiding vooraf is gegaan, hetgeen afbreuk kan doen aan de betrouwbaarheid van de uitkomsten Mogelijke werkzaamheden Internal Audit a. Bij een audit op de interne beheersing van het ORSA-proces Bij de beoordeling van de voorbereiding van het ORSA-proces voert de IAF ten minste de volgende werkzaamheden uit: Vaststellen dat de verzekeraar beschikt over een ORSA-beleid dat is vastgesteld door het verantwoordelijk bestuurlijk, beleidsbepalend of toezichthoudend orgaan (AMSB); Vaststellen dat het eigenaarschap en de verantwoordelijkheden ten aanzien van ORSA zijn vastgelegd in het ORSA-beleid; Vaststellen dat het ORSA-beleid ten minste de door EIOPA in haar richtsnoeren benoemde onderdelen bevat, te weten: a) de beschrijving van de geïmplementeerde processen en procedures voor het uitvoeren van de prospectieve beoordeling van de eigen risico s b) een beschouwing van het verband tussen het risicoprofiel, de goedgekeurde risicotolerantielimieten en de algehele solvabiliteitsbehoeften c) informatie over (i) hoe en hoe vaak stresstests, gevoeligheidsanalyses, reverse stresstests of andere relevante analyses moeten worden uitgevoerd, (ii) datakwaliteitsnormen, (iii) de frequentie van de beoordeling zelf en de motivering voor de toereikendheid van de gekozen frequentie, waarbij in het bijzonder het risicoprofiel van de verzekeraar en de volatiliteit van haar algehele solvabiliteitsbehoeften gerelateerd aan haar kapitaalpositie worden meegenomen, (iv) de timing van de uitvoering van de prospectieve beoordeling van de eigen risico s en de omstandigheden die aanleiding geven tot het uitvoeren van een prospectieve beoordeling van de eigen risico s buiten de vastgelegde frequentie van een dergelijke beoordeling; Vaststellen dat het ORSA-beleid actueel is en jaarlijks, al dan niet na benodigde aanpassing door het management, is herbevestigd; Vaststellen dat eventuele aanpassingen in het ORSA-beleid zijn onderbouwd en gedocumenteerd. Vaststellen dat belangrijke veranderingen in de bedrijfsstrategie, aanpassingen in risicobereidheid en/ of risicocapaciteit en belangrijke ontwikkelingen in interne en externe omgeving zijn geïdentificeerd; Vaststellen dat de belangrijke aandachts- en verbeterpunten (lessons learned) uit de vorige ORSA in acht zijn genomen. Voor zover verbeterpunten of voorgenomen managementacties niet in gang zijn gezet dan liggen hier bewuste keuzes aan ten grondslag. Het doorlopen ORSA-proces wordt afgesloten met een evaluatie, om daarmee mogelijke aandachtspunten en verbeterpunten voor een volgende keer vast te stellen. b. Bij een audit op de compliance met EIOPA-richtsnoeren en ORSA-beleid of bij een inhoudelijke beoordeling van (onderdelen van) het ORSA Omdat de EIOPA-richtsnoeren voor ORSA in essentie betrekking hebben op de inrichting van (een 7

8 onderdeel van) het risicomanagement worden bij de uitvoering van een compliance audit, maar ook bij een inhoudelijke beoordeling, op deze fase dezelfde werkzaamheden uitgevoerd als genoemd onder a. 3.2 Appropriateness assessment Uitgangspunten In het appropriateness assessment of passendheidsanalyse wordt beoordeeld of het model ter bepaling van het vereiste kapitaal (SCR) past bij het risicoprofiel van de verzekeraar. Het maakt daarbij niet uit of gebruik wordt gemaakt van de door EIOPA ontwikkelde Standaard Formule of dat de verzekeraar een eigen (Partieel) Intern Model heeft ontwikkeld. In beide situaties wordt in het kader van ORSA de passendheid beoordeeld. Daarmee is het input voor de management besluitvorming van het ORSA. Bij deze beoordeling zijn ten minste vertegenwoordigers van Risk Management (methodologie) en van de business (kennis portefeuille) betrokken. Het appropriateness assessment richt zich op 3 : Een analyse van het risicoprofiel van de verzekeraar, een beoordeling van de redenen waarom de standaardformule of het gebruikte (partieel) intern model geschikt is en een rangschikking van de (materiële) risico s; Een analyse van de gevoeligheid van de standaardformule of het (partieel) intern model voor veranderingen in het risicoprofiel, met inbegrip van de invloed van herverzekeringsfaciliteiten, diversificatie-effecten en de effecten van andere risicolimiteringstechnieken; Een beoordeling van de gevoeligheden van de SCR op de belangrijkste parameters, waaronder bij gebruik van de standaardformule- eventuele verzekeraarspecifieke parameters (USP s); Bij gebruik van de standaard formule een beoordeling van de geschiktheid van de daarin opgenomen standaard parameters of verzekeraarspecifieke parameters; Een verklaring waarom aard, omvang en complexiteit van de risico s rechtvaardigen dat enkele vereenvoudigingen zijn toegepast; Een analyse hoe de resultaten van de standaardformule of het (partieel) intern model worden gebruikt in de besluitvorming; Deze beoordeling wordt op verschillende niveau s gemaakt: De beoordeling per (sub)risicotype van zowel de methodologie, als van de compleetheid van de modellering en de juistheid van de kalibratie; De beoordeling op het niveau van verzekeraar (OTSO) waarbij de risicotypen in samenhang worden bezien, rekening houdend met correlaties; Voor een verzekeringsgroep de beoordeling op groepsniveau waarbij de OTSO s en eventuele andere vennootschappen in samenhang worden bezien, rekening houdend met mogelijke correlaties. Verwachte uitkomsten van het assessment zijn: Overzicht per (sub)risicotype van door het management beoordeelde passendheid van standaard formule of intern model en het daadwerkelijk risicoprofiel. Dit is in ieder geval een kwalitatieve inschatting van mogelijke materiële afwijkingen op basis van methodiek, scenario s, variabelen en correlaties. Wanneer die analyse uitwijst dat de afwijking niet significant is, is het niet noodzakelijk een kwantitatieve beoordeling uit te voeren. In andere gevallen moet de mogelijke afwijking ook worden gekwantificeerd. De standaardformule wordt als niet passend beschouwd wanneer het voor een (sub)risicotype berekend vereist kapitaal significant afwijkt van het werkelijk benodigd kapitaal. Wanneer sprake is van een signi- 3 EIOPA Final Report on Public Consultation No. 13/009 on the Proposal for Guidelines on Forward Looking Assessment of Own Risks, d.d.27 September

9 ficante afwijking is in de regelgeving nog niet expliciet uitgewerkt. Door DNB 4 is dit vooralsnog uitgewerkt als een afwijking die 10% of meer bedraagt van de totale SCR. Bij een afwijking tussen 10% en 15% bestaat de mogelijkheid het niet passend zijn met sterke bewijzen te weerleggen; Onderbouwde managementbesluiten over hoe de verzekeraar omgaat met eventuele significante afwijkingen. Daarbij kan onder meer worden gedacht aan het reduceren van het risico, het toepassen van verzekeraar specifieke parameters (USP s) of het ontwikkelen van een intern model; Duidelijke keuzes hoe de verzekeraar omgaat met de SCR ten behoeve van kapitaalprojecties. De wijze van uitvoering en de (deel)conclusies van het assessment worden gedocumenteerd en vormen input voor de verdere ORSA. Wanneer blijkt dat een model niet helemaal passend is wordt vastgesteld of sprake is van een materiële afwijking en welke actie noodzakelijk is; bijvoorbeeld aanpassing van het model of het aanhouden van extra kapitaal. Naast de beoordeling of het gehanteerde model passend is voor het risicoprofiel van de (her)verzekeraar moet de (her)verzekeraar in het ORSA rekening houden met risico s die niet opgenomen zijn in de standaardformule of het intern model. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan strategische risico s. De focus van de IAF richt zich in deze fase op het risico dat geen adequaat appropriateness assessment is uitgevoerd, waardoor in de kapitaalprojecties een model is gebruikt dat onvoldoende past bij het risicoprofiel van de verzekeraar Mogelijke werkzaamheden Internal Audit a/b. Bij een audit op de interne beheersing van het ORSA-proces, waaronder voldoen aan wet- en regelgeving Bij de beoordeling van het appropriateness assessment voert de IAF ten minste de volgende werkzaamheden uit: Beoordelen van de wijze waarop taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden in het appropriateness assessment zijn ingericht (opzet) en uitgevoerd (werking). Aandachtspunten daarbij zijn de invulling van de regierol, de betrokkenheid van methodologie-eigenaren voor de diverse risicotypen, de betrokkenheid van businessmedewerkers met gedegen kennis van producten, risico-exposures en de wijze waarop de risico s zijn gemodelleerd; Bij een verzekeringsgroep het beoordelen of het appropriateness assessment voldoende rekening houdt met het risicoprofiel van iedere individuele onder toezicht staande entiteit; Vaststellen dat een actuele procesbeschrijving beschikbaar is van het appropriateness assessment; Vaststellen dat taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden ten aanzien van het appropriateness assessment duidelijk zijn beschreven. Besteed daarbij expliciet aandacht aan de betrokkenheid van het senior management, van de actuariële- en de risicomanagementfunctie; Beoordeel de wijze waarop het risicoprofiel is opgesteld. Denk daarbij aan de vastlegging van het doorlopen proces en de onafhankelijke inbreng van sleutelfuncties; Beoordelen van de rating systematiek: wanneer wordt een model als geschikt gekwalificeerd (bv. als afwijking in uitkomst op het vereist kapitaal) en wanneer is sprake van een significante onder- of overschatting waarop corrigerende acties noodzakelijk zijn. Wanneer gebruik wordt gemaakt van de standaardformule is dan bijvoorbeeld rekening gehouden met het feit dat deze is gebaseerd op gemiddelden van Europese verzekeraars en dat het risicoprofiel van de individuele verzekeraar hier van kan afwijken. Er is in overweging genomen dat de standaardformule enkele bekende tekortkomingen heeft. Voorbeelden daarvan zijn het ontbreken van volatiliteit in equity risk en intrest risk, het ontbreken van spread risk op staatsobligaties, schokken in property risk zijn gebaseerd op Engelse markt, gevoeligheid uitkomsten voor valutarisico s; Vaststellen dat de uitkomsten van het assessment voldoende zijn onderbouwd en gedocumenteerd; 4 DNB Solvency II update-sessie, onderdeel ERB/ORSA d.d. 8 april

10 Vaststellen dat op de uitkomsten van het assessment een 2e lijnsreview heeft plaatsgevonden door de risicomanagementfunctie (of soortgelijke 2e lijnsfunctie) met gedegen kennis van de werking van het gehanteerde model en risicoprofiel van de (her)verzekeraar; Vaststellen dat wanneer op onderdelen (risicotypen) sprake is van significante afwijkingen er (passende/logische) corrigerende acties zijn genomen. c. Bij een inhoudelijke beoordeling van (onderdelen van) het ORSA Bij een inhoudelijke beoordeling van het ORSA-rapport worden in deze fase dezelfde werkzaamheden uitgevoerd als genoemd onder a. Wel zal nadrukkelijker een eigen beoordeling plaatsvinden van de conclusies uit het assessment. 3.3 Risicoprofiel Uitgangspunten Het risicoprofiel van de verzekeraar vormt het vertrekpunt in het ORSA. Voor het management en haar ORSA is de vaststelling van een volledig integraal beeld van materiële risico s op basis van de gekozen strategie essentieel. Dit beeld bepaalt mede de samenstelling en diepgang van scenario s en stresstesten en de doorvertaling van kapitaalprojecties en risicobereidheid. Ook wordt hiermee de basis gelegd voor de management challenge en risicogebaseerde besluitvorming over (kapitaal)houdbaarheid van de gekozen strategie. Materiële risico s zijn risico s die in de businessplanperiode een materiële impact kunnen hebben op het risicoprofiel en de kapitaalpositie. Dit zijn de risico s waaraan de onderneming bloot staat of bloot zou kunnen staan, rekening houdend met potentiële toekomstige veranderingen in haar risicoprofiel die het gevolg zijn van de bedrijfsstrategie van de onderneming of van het economisch en financieel klimaat, waaronder operationele risico s. De risicoclassificatie kent daarmee de risicotypen waarvoor kapitaal wordt aangehouden (verzekeringsrisico schade, verzekeringsrisico leven, verzekeringsrisico zorg, marktrisico, tegenpartijrisico, operationeel risico), maar ook de risicotypen die niet op voorhand kunnen worden gekwantificeerd in de standaardformule of het intern model (bijvoorbeeld strategische risico s, liquiditeitsrisico). Het identificeren van de materiële risico s begint met een kwalitatief risicoassessment. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van vele bronnen. Het kwalitatief risicoassessment vraagt om betrokkenheid van functionarissen die goede kennis hebben van de strategie van de verzekeraar, van relevante interne ontwikkelingen, van marktontwikkelingen, economische ontwikkelingen en andere externe ontwikkelingen. Aanvullend daarop vindt een kwantitatief risicoassessment plaats, waarbij onder meer gekeken wordt naar de opbouw van het vereist kapitaal, de ontwikkeling in de omvang en samenstelling van dit kapitaal in afgelopen periode en de drivers voor vereist kapitaal en ontwikkeling daarin. Een veel gebruikte methodiek in het vervolgens rangschikken van geïdentificeerde risico s is het inschatten van (a) de kans en de impact van de inherente (bruto) risico s, (b)het risicobeperkend effect van beheersmaatregelen, en als afgeleide daarvan (c) het netto risicoprofiel. Het netto risicoprofiel wordt vervolgens afgezet tegen de risicobereidheid van de verzekeraar. Voor risico s boven de risicobereidheid stelt de verzekeraar een aanvullende risicoreactie op, te weten: Accepteren van het risico en hier aanvullend kapitaal voor aanhouden; Verplaatsen van het risico naar derden, bijvoorbeeld door herverzekering; Aanvullende beheersmaatregelen treffen om het risico te beperken; Staken van de activiteiten die tot het risico leiden. 10

11 Het ORSA is een prospectieve beoordeling van de eigen risico s en kapitaalbehoefte. In de prospectieve beoordeling van het risicoprofiel houdt de (her)verzekeraar rekening met het verwachte effect van voorgenomen beheersmaatregelen voor risico s boven de risicobereidheid. In het ORSA beoordeelt de (her) verzekeraar de effectiviteit van de risicoreactie en bepaalt het effect van de risicoreactie op de benodigde kapitaalbuffers. De (her)verzekeraar houdt in de scenario- analyses rekening met mogelijk niet-effectieve (aanvullende) beheersmaatregelen. Figuur 3: Schematische weergave onderscheiden risiconiveau s Bruto risico s Netto risico s voor aanvullende risico reactie Netto risico s na aanvullende risico reactie Restrisico s (na management actions) De focus van de IAF richt zich in deze fase op het risico dat de materiële risico s niet adequaat worden geïdentificeerd, waardoor de input voor de risico-identificatie in het ORSA niet volledig en/of actueel is Mogelijke werkzaamheden Internal Audit a/b. Bij een audit op de interne beheersing van het ORSA-proces waaronder voldoen aan wet- en regelgeving Bij de beoordeling van het risicoprofiel voert de IAF ten minste de volgende werkzaamheden uit: Vaststellen dat in het ORSA-beleid van de verzekeraar is vastgelegd wat de link is tussen het risicoprofiel, de risicobereidheid en de kapitaalsbehoefte; Vaststellen dat de belangrijkste risico s die zijn geïdentificeerd in het risicomanagementsysteem van de verzekeraar zijn opgenomen in het bruto risicoprofiel in het ORSA; Vaststellen dat een back testing heeft plaatsgevonden ten aanzien van in de vorige ORSA geïdentificeerde risico s. Er is getoetst of zich risico s hebben voorgedaan buiten het destijds opgestelde risicoprofiel; Vaststellen dat wanneer het risicoprofiel ten opzichte van de vorige ORSA is gewijzigd dat de oorzaken daarvan zijn gedocumenteerd; Beoordelen of in de risico-identificatie voldoende rekening is gehouden met het risicoprofiel van iedere individuele onder toezicht staande entiteit; Vaststellen dat in het bruto risicoprofiel zowel de specifieke risico s van de onder toezicht staande entiteit als de groepsrisico s (bv concentratierisico) die van invloed kunnen zijn op het risicoprofiel van de onder toezicht staande entiteit zijn opgenomen; 11

12 Vaststellen dat een actuele procesbeschrijving beschikbaar is van de risico-identificatie; Vaststellen dat bij de risico-identificatie de relevante sleutelfunctionarissen aanwezig zijn geweest, dit zijn de functionarissen met de relevante kennis, ervaring en verantwoordelijkheden ten aanzien van de gehanteerde methodologie en businesskennis; Vaststellen dat in de risico-identificatie de (her)verzekeraar niet alleen rekening houdt met huidige risico s, maar ook met risico s die zich kunnen gaan ontwikkelen in de geprojecteerde periode; Vaststellen dat de geïdentificeerde risico s in het ORSA door de risicomanagementfunctie (of andere soortgelijke 2e lijnsfunctie) zijn gechallenged op volledigheid en actualiteit; Vaststellen dat om de risico s te prioriteren de inschatting van de kans en impact van de risico s op een consistente manier is gedaan en inzichtelijk vastgelegd in het ORSA-dossier; Nagaan dat het AMSB-orgaan de belangrijkste risico s en de risicotolerantie per risico(categorie) heeft vastgesteld; Vaststellen dat de bepaling van het netto risicoprofiel is onderbouwd met een toetsing van de aantoonbaar effectieve werking van de huidige beheersmaatregelen; Nagaan of het AMSB-orgaan een aanvullende risicoreactie heeft opgesteld voor de netto risico s boven de risicolimiet; Vaststellen dat in het ORSA de effectiviteit en impact van de aanvullende risicoreactie is beoordeeld door de risicomanagementfunctie (of soortgelijke 2e lijns functie) en vastgelegd in het ORSA-dossier; Nagaan dat het AMSB-orgaan een kwalitatieve beoordeling heeft uitgevoerd van de risico s die niet gekwantificeerd kunnen worden in de standaardformule of het interne model voor het berekenen van de SCR; Vaststellen dat de totstandkoming en uitkomsten van de risico-identificatie en het assessment zijn vastgelegd in het ORSA-dossier, evenals de beoordeling van de effectieve werking van de (aanvul- lende) beheersmaatregelen. c. Bij een inhoudelijke beoordeling van (onderdelen van) het ORSA Bij een inhoudelijke beoordeling van het ORSA-rapport worden in deze fase dezelfde werkzaamheden uitgevoerd als genoemd onder a. Wel zal nadrukkelijker een eigen beoordeling plaatsvinden van de conclusies uit het assessment. 3.4 Scenario- en stresstesten Uitgangspunten In deze werkstap worden de in de kapitaalprojecties uit te voeren scenario- en stresstesten ontwikkeld en door het management vastgesteld. Het primaire doel van deze scenario- en stresstesten is de beoordeling dat voor de uitvoering van het businessplan (medium termijn plan) ook onder zwaar tegenvallende omstandigheden nog voldoende kapitaal en liquiditeit beschikbaar is om voortdurend aan de solvabiliteitseisen te voldoen. Feitelijk is dit dus een check op de financiële robuustheid van de verzekeraar. Ook biedt het de mogelijkheid mogelijke zwakheden of zwakke plekken te identificeren, die aanleiding geven tot aanvullende acties. De scenario- en stresstesten zijn gerelateerd aan de materiële risico s van de (her)verzekeraar, maar kunnen ook meerdere samenhangende risico s tegelijk raken (bijvoorbeeld: het renterisico heeft ook invloed op de waardering van aandelen en onroerend goed of grote catastrofes met invloed op de premiestelling en solvabiliteit van herverzekeraars). De materiële risico s kunnen ook risico s zijn die niet zijn gekwantificeerd in de SCR, maar die kwalitatief in de beoordeling van de solvabiliteit zijn betrokken (bijvoorbeeld reputatie of liquiditeitsrisico). Uitgangspunt is dat alle materiële risico s via de scenario- en stresstesten alsnog worden 12

13 gekwantificeerd. De methode van kwantificering kan variëren van expert judgement tot gemodelleerde berekeningen. De (her)verzekeraar heeft als onderdeel van haar ORSA-beleid specifiek beleid voor de uitvoering van stresstesten, gevoeligheidsanalyses, reversed stresstesten en andere relevante analyses. Dit beleid geeft richting aan de wijze waarop scenario s en stresstesten tot stand komen. Naast een kwalitatieve omschrijving met de specifieke kenmerken en overwegingen bij een scenario of stresstest wordt specifieke informatie gegeven over de te hanteren aannames en aan te passen parameters bij het doorrekenen van het scenario of de stresstest in het kapitaalprojectiemodel. Het ligt voor de hand dat het basisscenario van het ORSA aansluit op de meerjarenbegroting van de (her) verzekeraar. Het ORSA is immers een integraal onderdeel van de strategische besluitvorming. Bij het opstellen van de meerjarenforecast kan er sprake zijn van een neutrale, een optimistische of een pessimistische bias. Dit is niet altijd objectief vast te stellen. Door het goed documenteren van deze uitgangspunten kan inzicht worden verschaft aan de gebruiker hoe dit basisscenario moet worden geïnterpreteerd. Een neutrale bias heeft daarbij overigens de voorkeur. Aanvullend op het basisscenario moeten meerdere scenario s worden uitgewerkt, waarbij valt te denken aan: Generieke scenario s, zoals bijvoorbeeld ontwikkeld door EIOPA of DNB; Bedrijfsspecifieke scenario s, gebaseerd op de materiële risico s van de (her)verzekeraar, waaronder - scenario s voor langzaam optredende risico s (bijvoorbeeld geleidelijk dalende rente); - scenario s voor snel optredende risico s (catastrofes). De scenario s moeten voldoende zwaar zijn en inzicht geven in individuele en gecombineerde risico s van de (her)verzekeraar en in de impact van mogelijke managementacties. Daarbij moet er ook een reverse stresstest c.q. near default scenario worden uitgewerkt. De uit te voeren scenario- en stresstesten worden toereikend beschreven en vastgesteld door het verantwoordelijk governance-orgaan. Het bepalen van goede stress-scenario s voor individuele (her)verzekeraars vraagt een zekere mate van expert judgement. Deze expert judgement kan door sociaal gedrag worden beïnvloed, bijvoorbeeld door invloeden als gevolg van cognitieve dissonantie, framing, overschatting, groepsdenken en varianten hiervan. Dit kan leiden tot zowel te zware als te lichte scenario s. Omdat de doorgerekende uitkomsten van scenario s uiteindelijk bepalend zijn voor het beeld van de mate waarin de verzekeraar over voldoende kapitaal beschikt is het zinvol in het scenariobeleid aandacht te schenken aan de beperking van deze risico s. Toekomstige managementacties Managementacties zijn stappen die de verzekeraar in bepaalde omstandigheden neemt om risico s te beheersen. Deze managementacties zijn veelal het reduceren van risico s, dan wel het verhogen van het kapitaal. Indien in het kader van de beheersing van risico s risicotoleranties zijn bepaald en daarbij ook concreet is gemaakt welke acties worden ondernomen indien deze toleranties worden overschreden, kunnen deze managementacties worden meegenomen in de modellering van de scenario s. Het in de modellen rekening houden met managementacties als deze niet concreet of tamelijk vrijblijvend zijn geformuleerd, dan wel wanneer deze op een te hoog niveau zijn geformuleerd (bijvoorbeeld als de SCR onder een bepaalde grens komt), zijn deze acties minder geschikt voor opname in de modellen als risicomitigatie. 13

14 Het identificeren van managementacties kan op verschillende plaatsen in het ORSA-proces. Het kan een integraal onderdeel zijn van het formuleren van stress-scenario s, maar het kan ook volgen uit de fase van management-assessment (paragraaf 3.7). De focus van de IAF richt zich in deze fase op het risico dat de ontwikkelde scenario s en stresstesten gezamenlijk geen goed beeld geven van de materiële risico s waaraan de (her)verzekeraar blootstaat. Dit kan worden veroorzaakt doordat niet voor ieder geïdentificeerd materieel risico een daaraan gerelateerde scenario- en stresstest is ontwikkeld, doordat ontwikkelde scenario s en stresstesten niet voldoende zwaar zijn of doordat onvoldoende rekening is gehouden met toekomstige managementacties. Dit kan tot gevolg hebben dat de op basis van scenario s en stresstesten gemaakte kapitaalprojecties niet voldoende betrouwbaar zijn Mogelijke werkzaamheden Internal Audit a/b. Bij een audit op de interne beheersing van het ORSA-proces waaronder voldoen aan wet- en regelgeving Bij de beoordeling van het risicoprofiel voert de IAF ten minste de volgende werkzaamheden uit: Vaststellen dat een actuele procesbeschrijving beschikbaar is van de vaststelling van scenario s en stresstesten; Vaststellen dat taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden ten aanzien van de ontwikkeling en vaststelling van scenario s en stresstesten duidelijk zijn beschreven. Besteed daarbij expliciet aandacht aan de betrokkenheid van het senior management, van de actuariële- en de risicomanagementfunctie; Beoordeel de wijze waarop scenario s en stresstesten zijn opgesteld. Denk daarbij aan de vastlegging van het doorlopen proces, de onafhankelijke inbreng van sleutelfuncties en de objectieve onderbouwing van de zwaarte van stress-scenario s. Voor de onderbouwing kan mogelijk gebruik worden gemaakt van back testing; Vaststellen dat de ontwikkelde scenario s en stresstesten duidelijk zijn vastgelegd, zowel de kwalitatieve omschrijving als de kwantitatieve factoren; Vaststellen dat wanneer in scenario s en stresstesten simplificaties zijn gebruikt (bijvoorbeeld opschalingen) deze voldoende zijn onderbouwd; Wanneer de vastgestelde scenario s en stresstesten anders zijn dan in de vorige ORSA dan wordt vastgesteld dat hier een deugdelijke oorzaak aan ten grondslag ligt en dat deze voldoende is gedocumenteerd; Wanneer de vastgestelde reverse stresstesten anders zijn dan in de vorige ORSA dan wordt vastgesteld dat hier een deugdelijke oorzaak aan ten grondslag ligt en dat deze voldoende is gedocumenteerd; Beoordelen of met de vastgestelde scenario s en stresstesten alle materiële risico s van de (her) verzekeraar voldoende zijn geraakt, zowel de individuele risico s als gecombineerde risico s; Beoordelen of de vastgestelde scenario s en stresstesten voldoende rekening houden met het risicoprofiel van iedere individuele onder toezicht staande entiteit; Vaststellen dat impliciete en expliciete managementacties zijn meegenomen in de uitwerking van de stress-scenario s, en dat deze managementacties: - voldoende concreet en toepasbaar zijn; - realistisch lijken te zijn als het scenario zich daadwerkelijk voordoet; - consistent zijn met bestaand beleid (bijvoorbeeld ten aanzien van beleggingen, herverzekering etc.); - commitment hebben van het bestuur om de verwachte managementactie ook daadwerkelijk uit te voeren. 14

15 c. Bij een inhoudelijke beoordeling van (onderdelen van) het ORSA Bij een inhoudelijke beoordeling van het ORSA-rapport worden in deze fase dezelfde werkzaamheden uitgevoerd als genoemd onder a. Aanvullend worden de volgende werkzaamheden uitgevoerd: Vaststellen dat het basisscenario aansluit bij het goedgekeurde businessplan c.q. de meerjarenbegroting en ook adequaat is gedocumenteerd in de ORSA-rapportage; Vaststellen dat de gekozen stress-scenario s ook aansluiten bij de (strategische) risico-analyses van de onderneming. De opgestelde scenario s zijn passend voor het risicoprofiel van de (her)verzekeraar; Vaststellen of scenario s en stresstesten in voldoende mate, en daar waar mogelijk de gekozen heftigheid van het stress-scenario, voldoende objectief zijn onderbouwd aan de hand van interne broninformatie, en/of externe bronnen (bijvoorbeeld de Macro-economische verkenningen); Vaststellen of scenario s en stresstesten in voldoende mate, en daar waar mogelijk de gekozen heftig heid van het stress-scenario, niet zijn beïnvloed door of teruggerekend zijn vanuit het beschikbare kapitaal; Zelfstandig raadplegen van interne en externe bronnen om onafhankelijk de gekozen heftigheid te toetsen; Backtesting van eerder geformuleerde scenario s met de werkelijke realisatie; Vaststellen dat er voldoende stresstesten zijn uitgevoerd, inclusief reversed stresstests, gevoeligheidsanalyses, individuele en gecombineerde scenario s; Vaststellen dat waar nodig consistentie bestaat in de achtereenvolgende ORSA s in de keuze van scenario s en de heftigheid daarvan; Vaststellen dat informatie uit eerdere ORSA s (eigen evaluatie, feedback toezichthouder, interne of externe auditor) adequaat is meegenomen. 3.5 Kapitaalprojecties Uitgangspunten Deze stap heeft als doel het basisscenario en de vastgestelde scenario s en stresstesten door te rekenen in het kapitaalprojectiemodel. Dit kapitaalprojectiemodel maakt onder meer gebruik van basisdata, modelvariabelen en rekenregels om tot kapitaalprojecties te komen. Een projectiemodel kan per scenario of voor meerdere scenario s tegelijk uitkomsten genereren. Schematisch kan het gebruik van het model als volgt worden weergegeven (figuur 4): Figuur 4: Kapitaalprojectiemodel Basisdata Modelvariabelen Projectie-model Projecties Scenario-variabelen 15

16 Omdat de uitkomsten van de kapitaalprojecties belangrijke invloed kunnen hebben op de strategische besluitvorming is het van belang dat dit onderdeel van het ORSA-proces met voldoende waarborgen is omringd. De projectiemodellen die hiervoor worden gebruikt zijn doorgaans complexe modellen. Zowel het bewaken van de datakwaliteit van de input (basisdata, modelvariabelen en scenario-variabelen) als het beheer van het projectiemodel zelf verdienen daarbij aandacht. Wanneer geborgd is dat de input-variabelen, het projectiemodel en de beheeromgeving waarin het model wordt doorgerekend betrouwbaar zijn, moeten de kapitaalprojecties die hieruit volgen ook betrouwbaar zijn. Belangrijke uitkomsten uit het kapitaalprojectiemodel zijn de meerjarenontwikkeling van Economisch resultaat en economische balans; Vereist kapitaal (SCR) en aanwezig kapitaal (Own funds); Solvabiliteitsratio s. 1. Datakwaliteit van de basisdata De basisdata waarmee een projectiemodel rekent is feitelijk de uitgangssituatie van waaruit de extrapolatie plaatsvindt. Deze data worden gevormd door de meest recente en bruikbare actuals. Het projectiemodel moet in elk geval gebruikmaken van de volgende basisdata: Balans op marktwaardegrondslagen, in het bijzonder - de samenstelling van de beleggingen; - de samenstelling van de technische voorzieningen; Samenstelling van het aanwezige vermogen; Resultatenrekening op marktwaardegrondslagen. De marktwaardegrondslagen zijn de waarderingsgrondslagen die voor de Solvency II- rapportages van toepassing zijn. Zoals vermeld onder de randvoorwaardelijke aspecten is de vaststelling dat in het ORSA gebruikte basisdata juist en volledig is niet in scope van deze praktijkhandreiking. Overweging hierbij is dat deze basisdata niet alleen gebruikt wordt in het ORSA, maar in de bedrijfsvoering van de organisatie in bredere zin. De betrouwbaarheid van de basisdata kan door de internal auditfunctie vanuit reguliere procesaudits of specifieke datakwaliteitaudit(s) worden vastgesteld. De vaststelling dat deze basisdata correct in de projectiemodellen wordt ingevoerd maakt wel deel uit van de audit op ORSA. 2. Datakwaliteit van modelvariabelen Om projecties te kunnen maken van de solvabiliteitsbehoefte in de toekomst moet het projectiemodel gebruik kunnen maken van een aantal modelvariabelen. Tot de modelvariabelen behoren de uitgangspunten die de verwachte toekomstige ontwikkelingen reflecteren en die in beginsel op alle scenario s van toepassing kunnen zijn. Hiertoe behoren bijvoorbeeld de aannames ten aanzien van toekomstige rentestructuren en inflatieverwachting, parameters (standaard deviatie) voor de berekening van premie- en reserverisico, parameters voor de berekening van de marktrisico s, uitloop van de technische voorzieningen en de risicomarge, herbelegging van eventuele resultaten. 3. Datakwaliteit van scenariovariabelen De scenariovariabelen zijn de specifieke variabelen die worden ingevoerd om in het projectiemodel de vooraf beschreven scenario s te modelleren. Hiertoe behoren bijvoorbeeld de aannames ten aanzien van de ontwikkeling van premies (en verdeling naar branches), de ontwikkeling schaderatio (eventueel per branche), de ontwikkeling kosten (expense-ratio, vaste kosten), ontwikkeling beleggingsrendementen, mate van herverzekering (en soort herverzekering) enzovoorts. 16

17 4. Betrouwbaarheid van het projectiemodel Projectiemodellen zijn doorgaans gebaseerd op deterministische projecties, waarbij uitgaande van vooraf beschreven scenario s doorrekeningen worden gemaakt. Meer stochastische modellen zijn ook mogelijk, maar vanwege het grote aantal variabelen in de praktijk minder gangbaar. In de praktijk kunnen de ORSAprojectiemodellen technisch op verschillende manieren zijn vormgegeven. Een breed spectrum van oplossingen wordt geboden, variërend van Excel-toepassingen tot en met projectiemodellen die zijn geïntegreerd in actuariële rekentools. De daarin gemaakte keuze heeft invloed op de beheeromgeving van de modellen (met name het wijzigingsbeheer en toegangsbeveiliging). Gezien het grote aantal variabelen en de complexiteit van projectiemodellen is het modelrisico inherent aanwezig. Als het model door de betrokken professionals zelf is ontwikkeld bestaat het risico dat dit automatisch als de beste wijze van projecteren wordt beschouwd, zonder dat de uitkomsten van het model voldoende kritisch worden beoordeeld. De ontwikkeling en validatie van het projectiemodel is niet in deze praktijkhandreiking meegenomen. Hierop kan een afzonderlijke audit worden uitgevoerd, waarvan de uitkomst wordt gebruikt in de ORSA-audit. 5. Betrouwbaarheid van het kapitaalprojecties Op zichzelf zijn de kapitaalprojecties het uitvloeisel van de inputvariabelen en het projectiemodel. Indien deze betrouwbaar zijn, moeten de kapitaalprojecties die hieruit volgen ook betrouwbaar zijn. Toch is het goed om hier niet blind op te vertrouwen. Een goede analyse van de uitkomsten van de kapitaalprojecties kan informatie opleveren die kan leiden tot verdere verbetering van de totstandkoming van de inputvariabelen respectievelijk het projectiemodel Mogelijke werkzaamheden Internal Audit a/b. Bij een audit op de interne beheersing van het ORSA-proces waaronder voldoen aan wet- en regelgeving Bij de beoordeling van de interne beheersing van het ORSA-proces met betrekking tot de kapitaalprojectie stelt de IAF ten minste de volgende toetspunten vast: Algemeen Vaststellen dat een actuele procesbeschrijving beschikbaar is van de totstandkoming van kapitaalprojecties; Vaststellen dat taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden ten aanzien van de kapitaalprojecties duidelijk zijn beschreven. Besteed daarbij expliciet aandacht aan de betrokkenheid van het senior management, van de actuariële- en de risicomanagementfunctie; Beoordeel de wijze waarop kapitaalprojecties zijn opgesteld. Denk daarbij aan de vastlegging van het doorlopen proces en de onafhankelijke inbreng van sleutelfuncties; Vaststellen dat de risico s die samenhangen met het gebruik van complexe modellen, waaronder het ORSA-projectiemodel, worden onderkend in het risicomanagementsysteem van de (her)verzekeraar en dat er passende beheersmaatregelen zijn genomen om dit risico te beheersen; Vaststellen dat de maatregelen inzake de beheersing van risico s bij het gebruik van ORSA-projectiemodellen adequaat en effectief worden nageleefd; Vaststellen dat er documentatie is waaruit blijkt dat de modellen die voor ORSA worden gebruikt ook in de bedrijfsvoering worden gehanteerd (bijvoorbeeld in productontwikkeling, premiestelling, performance management); 17

18 Vaststellen dat wanneer in de kapitaalprojecties simplificaties zijn gebruikt (bijvoorbeeld opschalingen) deze voldoende zijn onderbouwd; Vaststellen dat de periode waarvoor projecties zijn gemaakt aansluit op de periode van de business planning (veelal drie tot vijf jaar); Beoordelen of in de kapitaalprojecties en solvabiliteitsbeoordeling voldoende rekening is gehouden met het risicoprofiel van iedere individuele onder toezicht staande entiteit. Modelvariabelen Stel vast dat de toekomstige modelvariabelen gelijk zijn aan de bestaande variabelen. Deze variabelen, zoals rentestructuren, parameters, alignment met strategische keuzes en het risicoprofiel van de onderneming kunnen objectief worden vastgesteld met onder meer de technische specificaties van de toezichthouder, alsmede met de variabelen in de uitgangssituatie. Voor zover in het model andere keuzes worden gemaakt, zoals het incalculeren van bepaalde ontwikkelingen in de rentecurves, de parameters of wijzigingen in de uitloop van de technische voorzieningen mag worden verwacht dat een en ander zorgvuldig wordt onderbouwd en toegelicht. Deze onderbouwing wordt door het verantwoordelijke governance orgaan gevalideerd en vastgelegd; Stel vast dat er gevoeligheidsanalyses op modelvariabelen/aannames zijn uitgevoerd; Stel vast dat (door de actuariële functie) onzekerheden in modelvariabelen en de mogelijke impact op de betrouwbaarheid van uitkomsten zijn onderkend, en duidelijk zijn toegelicht. Scenariovariabelen De vaststelling van de scenariovariabelen is beduidend meer subjectief dan de basisdata en de modelvariabelen. De scenariovariabelen reflecteren verwachtingen omtrent toekomstige ontwikkelingen. Stel vast dat de vertaling van de gekozen scenario s in scenariovariabelen consistent is met de gekozen scenario s, alsmede met de gekozen managementacties (voor zover van toepassing); Stel vast dat er gevoeligheidsanalyses op scenariovariabelen/aannames zijn uitgevoerd; Stel vast dat (door de actuariële functie) onzekerheden in scenariovariabelen en de mogelijke impact op de betrouwbaarheid van uitkomsten zijn onderkend, en duidelijk zijn toegelicht. Projectiemodel Stel vast dat een toereikend beheerproces rondom het gebruik, het onderhoud en de validatie van complexe rekenmodellen, zoals het ORSA-projectiemodel, waaronder scheiding van de ontwikkel-, test-, acceptatie- en productieomgeving; Stel vast dat de verantwoordelijkheden rondom het proces van kapitaalprojectie adequaat zijn vastgelegd (= opzet) en uitgevoerd (= werking) en ten minste de volgende elementen bevatten - Validatie van de inputvariabelen (kwaliteit basisdata, modelvariabelen en scenariovariabelen; - Validatie van de juiste versie van het ORSA-projectiemodel; - Validatie van de juiste en volledige invoer in het ORSA-projectiemodel; - Validatie van juiste en volledige invoer in et ORSA-projectiemodel; - Scheiding van het uitvoeren van de berekening en de verificatie en analyse van de uitkomsten; - Validatie van de uitkomsten van de ORSA-kapitaalprojecties; - Documentatie van de uitgangspunten en de uitkomsten van iedere ORSA. Stel vast dat 2e lijnsfunctionarissen voldoende zijn betrokken bij de kapitaalprojecties: - De risk managementfunctie toetst de risicobeheersing rondom het gebruik van het ORSA-projectiemodel; - De actuariële functie toetst of berekeningen hebben plaatsgevonden binnen de kaders die zij daartoe heeft gesteld. Stel vast dat in het projectiemodel de volgende elementen zijn meegenomen: 18

Risicomanagement functie verzekeraars onder Solvency II

Risicomanagement functie verzekeraars onder Solvency II Risicomanagement functie verzekeraars onder Solvency II Hoofdindeling: Leidraden Opgesteld door: Commissie Enterprise Risk Management (ERM) Vastgesteld door: Commissie Enterprise Risk Management (ERM)

Nadere informatie

Seminar! BETEKENIS VAN INTERNE AUDIT voor specifieke verzekeraars! Internal Audit en doeltreffendheid van! risk management system!

Seminar! BETEKENIS VAN INTERNE AUDIT voor specifieke verzekeraars! Internal Audit en doeltreffendheid van! risk management system! Seminar! BETEKENIS VAN INTERNE AUDIT voor specifieke verzekeraars! Internal Audit en doeltreffendheid van! risk management system!! Tom Veerman! Triple A Risk Finance B.V.! 1! Programma! Solvency II stand

Nadere informatie

Verzekeringsmiddag 16 december 2014. Breakout sessie: Eigen Risico Beoordeling. Annemieke Hartendorp, Leo Pijnenburg

Verzekeringsmiddag 16 december 2014. Breakout sessie: Eigen Risico Beoordeling. Annemieke Hartendorp, Leo Pijnenburg Verzekeringsmiddag 16 december 2014 Breakout sessie: Eigen Risico Beoordeling Annemieke Hartendorp, Leo Pijnenburg Agenda De Eigen Risico Beoordeling in het kort Hoe komt u tot een goede ERB/ORSA? Ingestuurde

Nadere informatie

Richtsnoeren voor de beoordeling van het eigen risico en de solvabiliteit

Richtsnoeren voor de beoordeling van het eigen risico en de solvabiliteit EIOPA-BoS-14/259 NL Richtsnoeren voor de beoordeling van het eigen risico en de solvabiliteit EIOPA Westhafen Tower, Westhafenplatz 1-60327 Frankfurt Germany - Tel. + 49 69-951119-20; Fax. + 49 69-951119-19;

Nadere informatie

Interne Modellen vragen en antwoorden (Q&A) Juni 2012

Interne Modellen vragen en antwoorden (Q&A) Juni 2012 Interne Modellen vragen en antwoorden (Q&A) Juni 2012 Categorie Nr Vraag Datum Diversificatie 1 Hoe kan men diversificatieeffecten binnen een intern model onderbouwen in lijn met de voorwaarden die daaraan

Nadere informatie

DNB BEOORDELINGSKADER VOOR DE AUDITFUNCTIE BIJ TRUSTKANTOREN INGEVOLGE DE RIB WTT 2014

DNB BEOORDELINGSKADER VOOR DE AUDITFUNCTIE BIJ TRUSTKANTOREN INGEVOLGE DE RIB WTT 2014 DNB BEOORDELINGSKADER VOOR DE AUDITFUNCTIE BIJ TRUSTKANTOREN INGEVOLGE DE RIB WTT 2014 In het kader van de integere bedrijfsvoering is een trustkantoor met ingang van 1 januari 2015 verplicht om zorg te

Nadere informatie

Algemene informatie over het governancesysteem (richtsnoer 21 en 27)

Algemene informatie over het governancesysteem (richtsnoer 21 en 27) Disclaimer Dit document bevat Guidance van DNB met betrekking tot de kwalitatieve rapportage die verzekeraars als onderdeel van de Preparatory Guidelines rapportages indienen in 2015. Deze Guidance beschrijft

Nadere informatie

EIOPACP 13/09 NL. Richtsnoeren voor de prospectieve beoordeling van de eigen risico's (op basis van de ORSAprincipes)

EIOPACP 13/09 NL. Richtsnoeren voor de prospectieve beoordeling van de eigen risico's (op basis van de ORSAprincipes) EIOPACP 13/09 NL Richtsnoeren voor de prospectieve beoordeling van de eigen risico's (op basis van de ORSAprincipes) EIOPA Westhafen Tower, Westhafenplatz 1 60327 Frankfurt Germany Tel. + 49 6995111920;

Nadere informatie

HOOFDTAKEN VAN DE ACTUARIËLE FUNCTIE

HOOFDTAKEN VAN DE ACTUARIËLE FUNCTIE HOOFDTAKEN VAN DE ACTUARIËLE FUNCTIE 1. Actuariële functie ADDACTIS Worldwide heeft ervaren en gekwalificeerde consultants die u kunnen ondersteunen bij de acuariële functie. De steun die kan worden geboden

Nadere informatie

Audit Assurance bij het Applicatiepakket Interne Modellen Solvency II

Audit Assurance bij het Applicatiepakket Interne Modellen Solvency II Confidentieel 1 Audit Assurance bij het Applicatiepakket Interne Modellen Solvency II 1 Inleiding Instellingen die op grond van art. 112, 230 of 231 van de Solvency II richtlijn (richtlijn 2009/139/EC)

Nadere informatie

Vervolg solvabiliteitsrichtlijnen DNB vanaf 2010

Vervolg solvabiliteitsrichtlijnen DNB vanaf 2010 Vervolg solvabiliteitsrichtlijnen DNB vanaf 2010 Ontwikkelde oplossingen voor FOV-leden Out of the box actuaries and risk professionals 1 SOLVENCY II In 2012 zal de Europese Commissie (EC) het huidige

Nadere informatie

Beleid inzake Kapitaalbeheer

Beleid inzake Kapitaalbeheer Beleid inzake Kapitaalbeheer Break-out sessie Proportionaliteit Marcel Bleyenberg, Menno van Diermen en Teguh Sugihartono Agenda sessie proportionaliteit 1. Aanleiding thema en sectorbrief 2. Proportionaliteit

Nadere informatie

Strategisch Risicomanagement

Strategisch Risicomanagement Commitment without understanding is a liability Strategisch Risicomanagement Auteur Drs. Carla van der Weerdt RA Accent Organisatie Advies Effectief en efficiënt risicomanagement op bestuursniveau Risicomanagement

Nadere informatie

REGLEMENT RISICOCOMMISSIE VAN LANSCHOT N.V. EN F. VAN LANSCHOT BANKIERS N.V.

REGLEMENT RISICOCOMMISSIE VAN LANSCHOT N.V. EN F. VAN LANSCHOT BANKIERS N.V. REGLEMENT RISICOCOMMISSIE VAN LANSCHOT N.V. EN F. VAN LANSCHOT BANKIERS N.V. Vastgesteld door de RvC op 23 juni 2016 0. INLEIDING 0.1 Dit reglement is opgesteld door de RvC ingevolge artikel 5 van het

Nadere informatie

Solvency II. Vanaf 1 januari 2016 is Solvency II van kracht. Waarom wordt Solvency I vervangen? Voor welke verzekeraars geldt het nieuwe kader?

Solvency II. Vanaf 1 januari 2016 is Solvency II van kracht. Waarom wordt Solvency I vervangen? Voor welke verzekeraars geldt het nieuwe kader? Solvency II Een nieuw raamwerk voor prudentieel toezicht op verzekeraars 1 Vanaf 1 januari 2016 is Solvency II van kracht. Solvency II is een nieuw raamwerk voor prudentieel toezicht op verzekeraars. Dit

Nadere informatie

Beleid inzake kapitaalbeheer - Principes en verwachtingen - publicatie open boek

Beleid inzake kapitaalbeheer - Principes en verwachtingen - publicatie open boek Onderwerp Beleid inzake kapitaalbeheer - Principes en verwachtingen - publicatie open boek De Nederlandsche Bank N.V. Inleiding In dit document licht DNB de principes en verwachtingen toe met betrekking

Nadere informatie

Beleid inzake Kapitaalbeheer Parallelsessie Groepen. Bob Coppes Jacob Meesters Thijs Stegeman

Beleid inzake Kapitaalbeheer Parallelsessie Groepen. Bob Coppes Jacob Meesters Thijs Stegeman Beleid inzake Kapitaalbeheer Parallelsessie Groepen Bob Coppes Jacob Meesters Thijs Stegeman Agenda Algemeen: Waarom het thema Kapitaalbeleid 2016? Aanpak en terugkoppeling thema Kapitaalbeleid 2016 Specifieke

Nadere informatie

II. VOORSTELLEN VOOR HERZIENING

II. VOORSTELLEN VOOR HERZIENING II. VOORSTELLEN VOOR HERZIENING 2. VERSTEVIGING VAN RISICOMANAGEMENT Van belang is een goed samenspel tussen het bestuur, de raad van commissarissen en de auditcommissie, evenals goede communicatie met

Nadere informatie

CONCEPT DE NEDERLANDSCHE BANK N.V. Good Practice Kapitaalbeleid kleine verzekeraars

CONCEPT DE NEDERLANDSCHE BANK N.V. Good Practice Kapitaalbeleid kleine verzekeraars CONCEPT DE NEDERLANDSCHE BANK N.V. Good Practice Kapitaalbeleid kleine verzekeraars Good Practice van De Nederlandsche Bank N.V. van [DATUM] 2014, houdende een leidraad met betrekking tot het kapitaalbeleid

Nadere informatie

Seminar! BETEKENIS VAN INTERNE AUDIT voor specifieke verzekeraars!

Seminar! BETEKENIS VAN INTERNE AUDIT voor specifieke verzekeraars! Seminar! BETEKENIS VAN INTERNE AUDIT voor specifieke verzekeraars! 1! Inrichting van de IAF! zoals het moet! Esther Poelsma RA CIA! 2! Programma! Even voorstellen Waarom een IAF? Wat is de rol van een

Nadere informatie

vastgestelde proces doorlopen moet zijn. Dit kan echter wel betekenen dat bepaalde stappen zeer snel doorlopen

vastgestelde proces doorlopen moet zijn. Dit kan echter wel betekenen dat bepaalde stappen zeer snel doorlopen Algemeen Komt de toereikendheidstoets onder SolvencyII te vervallen (dit ook i.v.m. de afkoopwaarde restrictie)? De toereikendheidstoets komt in SII niet voor. Moet een verzekeraar een ORSA jaarlijks uitvoeren

Nadere informatie

Good practice Kostentoerekening. Good practice Kostentoerekening

Good practice Kostentoerekening. Good practice Kostentoerekening Good practice Kostentoerekening Inleiding Dit document bevat een good practice ten aanzien van het onderwerp kostentoerekening. De geformuleerde standpunten vormen een nadere concretisering van de vigerende

Nadere informatie

De onmisbare actuaris. VSAE congres 20 september 2011 Sabijn Timmers

De onmisbare actuaris. VSAE congres 20 september 2011 Sabijn Timmers De onmisbare actuaris VSAE congres 20 september 2011 Sabijn Timmers Eigenaar van de Black Box Inhoud Introductie Ontwikkelingen in S2 Waar we vandaan komen Waar we heen gaan Waarom we onmisbaar zijn En

Nadere informatie

Concept Praktijkhandreiking 1119 Nadere toelichtingen in de goedkeurende controleverklaring

Concept Praktijkhandreiking 1119 Nadere toelichtingen in de goedkeurende controleverklaring Nadere toelichtingen in de goedkeurende controleverklaring maart 2012 Concept Praktijkhandreiking 1119 Inleiding Binnen de huidige wet- en regelgeving kan de accountant reeds uitdrukkelijk inspelen op

Nadere informatie

ISA 610, GEBRUIKMAKEN VAN DE WERKZAAMHEDEN VAN INTERNE AUDITORS

ISA 610, GEBRUIKMAKEN VAN DE WERKZAAMHEDEN VAN INTERNE AUDITORS INTERNATIONAL STANDARD ON AUDITING (ISA) ISA 610, GEBRUIKMAKEN VAN DE WERKZAAMHEDEN VAN INTERNE AUDITORS Deze Internationale controlestandaard (ISA) werd in 2009 in de Engelse taal gepubliceerd door de

Nadere informatie

Verantwoordingsdocument Code Banken over 2014 Hof Hoorneman Bankiers NV d.d. 18 maart 2015. Algemeen

Verantwoordingsdocument Code Banken over 2014 Hof Hoorneman Bankiers NV d.d. 18 maart 2015. Algemeen Verantwoordingsdocument Code Banken over 2014 Hof Hoorneman Bankiers NV d.d. 18 maart 2015 Algemeen Mede naar aanleiding van de kredietcrisis en de Europese schuldencrisis in 2011 is een groot aantal codes,

Nadere informatie

T.a.v. de directie. Geachte directie,

T.a.v. de directie. Geachte directie, Toezicht verzekeraars Postbus 98 1000 AB Amsterdam T.a.v. de directie Datum Uw kenmerk Behandeld door Hijl, V.S.M. (ir. mw) RC Veenstra, D. Doorkiesnummer Bijlage(n) 2 Onderwerp Toepassing EIOPA Preparatory

Nadere informatie

Invulling Solvency II proportioneel. Presentatie voor FOV, Nardus, Verbond van Verzekeraars 13 oktober 2010

Invulling Solvency II proportioneel. Presentatie voor FOV, Nardus, Verbond van Verzekeraars 13 oktober 2010 Invulling Solvency II proportioneel Presentatie voor FOV, Nardus, Verbond van Verzekeraars 13 oktober 2010 Solvency II proportioneel In vorig overleg werd nog gesproken over het schrappen van elementen

Nadere informatie

Remuneratierapport 2014 Loyalis N.V.

Remuneratierapport 2014 Loyalis N.V. Remuneratierapport 2014 Loyalis N.V. Voorwoord Dit remuneratierapport geeft inzicht in de belangrijkste ontwikkelingen in het beloningsbeleid van Loyalis N.V. over het jaar 2014. Met dit rapport wil Loyalis

Nadere informatie

vormen voor een adequaat toezicht op de naleving van de bij of krachtens het Deel prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de Wft bepaalde.

vormen voor een adequaat toezicht op de naleving van de bij of krachtens het Deel prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de Wft bepaalde. 1 Q&A Volmachten Q Onder welke voorwaarden staat het een verzekeraar vrij om een volmacht te verlenen aan een gevolmachtigde agent (GA) voor het namens en voor rekening van de verzekeraar sluiten van verzekeringen?

Nadere informatie

goedkeuringsprocessen van Solvabiliteit II (art. 308bis Phasing-in) V. Vereisten inzake het indienen van informatie bij de Bank in het kader van de

goedkeuringsprocessen van Solvabiliteit II (art. 308bis Phasing-in) V. Vereisten inzake het indienen van informatie bij de Bank in het kader van de de Berlaimontlaan 14 BE-1000 Brussel tel. +32 2 221 38 12 fax + 32 2 221 31 04 ondernemingsnummer: 0203.201.340 RPR Brussel www.nbb.be Circulaire Brussel, 31 maart 2015 Kenmerk: NBB_2015_15 uw correspondent:

Nadere informatie

Ontwikkeling schademarkt

Ontwikkeling schademarkt Ontwikkeling schademarkt Waardering Technische Voorzieningen SII Michiel van Dellen & Harold Hendriks DNB heeft zorgen over de Schadesector FD 26-11-2014: Voor verzekeraars zijn er geen eenvoudige oplossingen

Nadere informatie

Praktijkhandreiking 1119 Nadere toelichtingen in de controleverklaring 24 april 2012

Praktijkhandreiking 1119 Nadere toelichtingen in de controleverklaring 24 april 2012 Nadere toelichtingen in de controleverklaring 24 april 2012 Datum: 24 april 2012 Onderwerp: Van toepassing op: Status: Accountants die controleopdrachten uitvoeren Praktijkhandreiking Relevante regelgeving

Nadere informatie

Solvency IIprogramma s

Solvency IIprogramma s Solvency IIprogramma s 1 Inleiding Het Verbond van Verzekeraars en NIBE-SVV gaan de opleiding Solvency II voor non-financials aanbieden. Doelgroep Het Verbond van Verzekeraars en NIBE-SVV hebben de handen

Nadere informatie

Guidance with regard to the actuarial aspects of the ORSA Review

Guidance with regard to the actuarial aspects of the ORSA Review Guidance with regard to the actuarial aspects of the ORSA Review Version May 6th 2014 Preface Actuarial expertise as base for an independent review The ORSA is considered to be at the heart of Solvency

Nadere informatie

Actieplan naar aanleiding van BDO-onderzoek. Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. Woensdag 13 juni 2012

Actieplan naar aanleiding van BDO-onderzoek. Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. Woensdag 13 juni 2012 Actieplan naar aanleiding van BDO-onderzoek Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. Woensdag 13 juni 2012 Inhoudsopgave - Actieplan GVB Raad van Commissarissen GVB Holding N.V. n.a.v. BDO-rapportage 13

Nadere informatie

Geachte directie, De Nederlandsche Bank N.V. Toezicht verzekeraars. Postbus 98 1000 AB Amsterdam 020 524 91 11 www.dnb.nl. Handelsregister 3300 3396

Geachte directie, De Nederlandsche Bank N.V. Toezicht verzekeraars. Postbus 98 1000 AB Amsterdam 020 524 91 11 www.dnb.nl. Handelsregister 3300 3396 De Nederlandsche Bank N.V. Toezicht verzekeraars Postbus 98 1000 AB Amsterdam 020 524 91 11 www.dnb.nl Handelsregister 3300 3396 Onderwerp Aandachtspunten Day One rapportage Geachte directie, Vanaf 1 januari

Nadere informatie

CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT i

CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT i CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT i Aan: de aandeelhouders en de raad van commissarissen van... (naam entiteit(en)) A. Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 201X

Nadere informatie

Hoezo dé nieuwe ISO-normen?

Hoezo dé nieuwe ISO-normen? De nieuwe ISO-normen Dick Hortensius Senior consultant Managementsystemen NEN Milieu & Maatschappij dick.hortensius@nen.nl 1 Hoezo dé nieuwe ISO-normen? 2 1 De cijfers voor Nederland (eind 2013) Norm Aantal

Nadere informatie

Aan: de aandeelhouders en de Raad van Commissarissen van Lavide Holding N.V.

Aan: de aandeelhouders en de Raad van Commissarissen van Lavide Holding N.V. Aan: de aandeelhouders en de Raad van Commissarissen van Lavide Holding N.V. Grant Thornton Accountants en Adviseurs B.V. De Passage 150 Postbus 71003 1008 BA Amsterdam T 088-676 90 00 F 088-676 90 10

Nadere informatie

InfoPaper ǀ Maart Compliance-raamwerk borgt de datakwaliteit

InfoPaper ǀ Maart Compliance-raamwerk borgt de datakwaliteit InfoPaper ǀ Maart 2017 Compliance-raamwerk borgt de datakwaliteit INLEIDING Steeds meer organisaties in de verzekeringsbranche innoveren met datagestuurde-toepassingen en de mogelijkheden van Big Data.

Nadere informatie

Actualiteitendag Platform Deelnemersraden Risicomanagement

Actualiteitendag Platform Deelnemersraden Risicomanagement Actualiteitendag Platform Deelnemersraden Risicomanagement Benne van Popta (voorzitter Detailhandel) Steffanie Spoorenberg (adviseur Atos Consulting) Agenda 1. Risicomanagement 2. Risicomanagement vanuit

Nadere informatie

Planning toezichtthema s verzekeraars

Planning toezichtthema s verzekeraars Planning toezichtthema s verzekeraars 2014 dec Q1 jan feb mrt Q2 apr mei jun 2015 jul Q3 Q4 aug sept okt nov dec jan 2016 Q1 feb mrt De Nederlandse financiële sector voldoet tijdig en adequaat aan nieuwe

Nadere informatie

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Controleverklaring van de onafhankelijke accountant Aan: de algemene vergadering van Nederlandse Waterschapsbank N.V. Verklaring over de jaarrekening 2014 Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2014 van

Nadere informatie

1. FORMAT PLAN VAN AANPAK

1. FORMAT PLAN VAN AANPAK INHOUDSOPGAVE 1. FORMAT PLAN VAN AANPAK 1.1. Op weg naar een kwaliteitsmanagementsysteem 1.2. Besluit tot realisatie van een kwaliteitsmanagementsysteem (KMS) 1.3. Vaststellen van meerjarenbeleid en SMART

Nadere informatie

(10 spatie s) voette kst wijzig en via Invoeg en Kopte kst en voette kst

(10 spatie s) voette kst wijzig en via Invoeg en Kopte kst en voette kst Klantn 13 juni 1 aam 2013 (10 spatie s) voette kst wijzig en via Invoeg en Kopte kst en voette kst AGENDA 01 02 03 04 05 06 07 08 E-learning Solvency II Samenwerking Waarom een E-learning Solvency II Inhoud

Nadere informatie

Remuneratierapport 2015 Loyalis N.V.

Remuneratierapport 2015 Loyalis N.V. Remuneratierapport 2015 Loyalis N.V. Voorwoord Dit remuneratierapport geeft inzicht in de belangrijkste ontwikkelingen in het beloningsbeleid van Loyalis N.V. over het jaar 2015. Met dit rapport wil Loyalis

Nadere informatie

Risk Management Charter

Risk Management Charter Rapport Risk Management Charter Koninginnegracht 2 2514 AA Den Haag T 070 3750 750 www.bngbank.nl Contactpersoon H.R. Noordam / A. Graafland T 070 3750 811/471 hans.noordam@ bngbank.nl agnes.graafland@

Nadere informatie

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 610 HET IN AANMERKING NEMEN VAN DE INTERNE AUDITWERKZAAMHEDEN

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 610 HET IN AANMERKING NEMEN VAN DE INTERNE AUDITWERKZAAMHEDEN INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 610 HET IN AANMERKING NEMEN VAN DE INTERNE AUDITWERKZAAMHEDEN INHOUDSOPGAVE Paragrafen Inleiding... 1-4 Reikwijdte en doelstellingen van de interne audit... 5 Verhouding

Nadere informatie

OPERATIONEEL RISKMANAGEMENT. Groningen, maart 2016 Wim Pauw

OPERATIONEEL RISKMANAGEMENT. Groningen, maart 2016 Wim Pauw OPERATIONEEL RISKMANAGEMENT Groningen, maart 2016 Wim Pauw Risicomanagement Risicomanagement is steeds meer een actueel thema voor financiële beleidsbepalers, maar zij worstelen vaak met de bijbehorende

Nadere informatie

CONTROLSTATUUT WOONSTICHTING SSW

CONTROLSTATUUT WOONSTICHTING SSW CONTROLSTATUUT WOONSTICHTING SSW Vastgesteld: 23 november 2016 1 Algemene bepalingen 1.1 SSW hanteert three lines of defense, te weten (1) de medewerker zelf, (2) de activiteit businesscontrol in de organisatie

Nadere informatie

Aan de raad van de gemeente Lingewaard

Aan de raad van de gemeente Lingewaard 6 Aan de raad van de gemeente Lingewaard *14RDS00194* 14RDS00194 Onderwerp Nota Risicomanagement & Weerstandsvermogen 2014-2017 1 Samenvatting In deze nieuwe Nota Risicomanagement & Weerstandsvermogen

Nadere informatie

GEMEENTELIJKE TELECOMMUNICATIE MOBIELE COMMUNICATIE. Bijlage 04 Kwaliteitsborging en auditing

GEMEENTELIJKE TELECOMMUNICATIE MOBIELE COMMUNICATIE. Bijlage 04 Kwaliteitsborging en auditing GEMEENTELIJKE TELECOMMUNICATIE MOBIELE COMMUNICATIE Bijlage 04 Kwaliteitsborging en auditing Inhoud 1 Inleiding 3 2 Aantonen kwaliteitsborging van de dienstverlening 4 3 Auditing 5 3.1 Wanneer toepassen

Nadere informatie

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen RAPPORT Prins Willem-Alexanderlaan 651 Postbus 700 7300 HC Apeldoorn Telefoon (055) 579 39 48 www.achmea.nl Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen Rapportage Intern toezicht in het kader van

Nadere informatie

RISICOMANAGEMENT IN DE PRAKTIJK

RISICOMANAGEMENT IN DE PRAKTIJK RISICOMANAGEMENT IN DE PRAKTIJK 16-3-2017 Michel Kee 10e Nationale Dag van Commissarissen en Toezichthouders Doorn Discussie over hoe risicomanagement waardevol vorm te geven aan de hand van praktijkvoorbeelden

Nadere informatie

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 260 COMMUNICATIE OVER CONTROLE-AANGELEGENHEDEN MET HET TOEZICHTHOUDEND ORGAAN

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 260 COMMUNICATIE OVER CONTROLE-AANGELEGENHEDEN MET HET TOEZICHTHOUDEND ORGAAN INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 260 COMMUNICATIE OVER CONTROLE-AANGELEGENHEDEN MET HET TOEZICHTHOUDEND ORGAAN INHOUDSOPGAVE Paragrafen Inleiding... 1-4 Relevant orgaan... 5-10 Te communiceren controle-aangelegenheden

Nadere informatie

Beoordelingskader Dashboardmodule Claimafhandeling

Beoordelingskader Dashboardmodule Claimafhandeling Beoordelingskader Dashboardmodule Claimafhandeling I. Prestatie-indicatoren Een verzekeraar beschikt over verschillende middelen om de organisatie of bepaalde processen binnen de organisatie aan te sturen.

Nadere informatie

VBA ALM Congres. ALM + Risk Budgeting binnen een verzekeraar. Otto Veldt. Directeur Balansmanagement Eureko

VBA ALM Congres. ALM + Risk Budgeting binnen een verzekeraar. Otto Veldt. Directeur Balansmanagement Eureko VBA ALM Congres ALM + Risk Budgeting binnen een verzekeraar Otto Veldt Directeur Balansmanagement Eureko 1 Agenda Aansturing Verzekeraar Ontwikkeling ALM Risk Budgeting Conclusies 2 Verzekeraar vs pensioenfonds

Nadere informatie

IT-audit in vogelvlucht. Jeanot de Boer 24 april 2012

IT-audit in vogelvlucht. Jeanot de Boer 24 april 2012 IT-audit in vogelvlucht Jeanot de Boer 24 april 2012 Agenda Introductie Wat is IT-audit Hoe is IT-audit in Nederland geregeld? Het IT-audit proces Wat is de toegevoegde waarde van IT-audit Enkele praktijkvoorbeelden

Nadere informatie

Sessie: Preparatory Guidelines Rapportages. Henk Korthorst Verzekeringsmiddag 16 december 2014

Sessie: Preparatory Guidelines Rapportages. Henk Korthorst Verzekeringsmiddag 16 december 2014 Sessie: Preparatory Guidelines Rapportages Henk Korthorst Verzekeringsmiddag 16 december 2014 Programma Tijdslijnen en inhoud rapportages Aandachtspunten beleggingen Rapporteren U kunt vragen stellen tijdens

Nadere informatie

Marktrisico Non-life risico Tegenpartij kredietrisico Operationeel risico Correlatie effecten totaalniveau 500,0% 400,0% 300,0% 200,0% 100,0% 0,0%

Marktrisico Non-life risico Tegenpartij kredietrisico Operationeel risico Correlatie effecten totaalniveau 500,0% 400,0% 300,0% 200,0% 100,0% 0,0% Aan: Van: Directie, XYZ verzekeraar Arcturus Datum: 25 oktober 2010 Betreft: Rapportage QIS 5 op basis boekjaar 2009 (FICTIEF) Management Samenvatting DNB heeft in augustus 2010 verzekeraars gevraagd om

Nadere informatie

ICAAP Bewust van uw risico s. Alex Poel 18 mei 2010

ICAAP Bewust van uw risico s. Alex Poel 18 mei 2010 ICAAP Alex Poel 18 mei 2010 Inhoud 1. ICAAP algemeen 2. De uitgangspunten (vertaald) 3. Het ICAAP uitvoeren 4. De risico s 5. Enkele voorbeelden 6. Wat kan ICAAP voor u betekenen 1. ICAAP algemeen (1)

Nadere informatie

Internal audit draagt bij aan comfort van commissarissen

Internal audit draagt bij aan comfort van commissarissen Spotlight Internal audit draagt bij aan comfort van commissarissen Jan Driessen - Risk Assurance Services, Assurance Bas Wakkerman - Risk Assurance Services, Assurance Commissarissen hebben steeds meer

Nadere informatie

Onderwerp Nadere guidance omtrent onderzoek IAD naar beheersing volmachten

Onderwerp Nadere guidance omtrent onderzoek IAD naar beheersing volmachten Toezicht verzekeraars Nationale verzekeringsgroepen Postbus 98 1000 AB Amsterdam Datum Uw kenmerk Behandeld door Doorkiesnummer Bijlage(n) 1 Onderwerp Nadere guidance omtrent onderzoek IAD naar beheersing

Nadere informatie

INGETROKKEN PER 6 DECEMBER 2016

INGETROKKEN PER 6 DECEMBER 2016 Dit document maakt gebruik van bladwijzers NBA-handreiking 1119 Nadere toelichting in de controleverklaring 24 april 2012 NBA-handreiking 1119 NBA-handreiking 1119: Van toepassing op: Accountants die controle-opdrachten

Nadere informatie

Charco & Dique. De auditfunctie bij trustkantoren. Risk Management & Compliance

Charco & Dique. De auditfunctie bij trustkantoren. Risk Management & Compliance De auditfunctie bij trustkantoren Trustkantoren zijn vanaf 1 januari 2015 verplicht om een auditfunctie in te voeren. In deze brochure geven wij een toelichting op de auditfunctie, een overzicht van alle

Nadere informatie

Commitment without understanding is a liability

Commitment without understanding is a liability Commitment without understanding is a liability Accent Organisatie Advies Risicocultuur tastbaar maken Propositie van Accent Organisatie Advies Frank van Egeraat Januari 2017 Nederlandse Corporate Governance

Nadere informatie

BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version

BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version BluefieldFinance Samenvatting Quickscan Administratieve Processen Light Version Introductie Quickscan De financiële organisatie moet, net zo als alle andere ondersteunende diensten, volledig gericht zijn

Nadere informatie

Meerwaarde Internal Audit functie. 16 maart 2017

Meerwaarde Internal Audit functie. 16 maart 2017 Meerwaarde Internal Audit functie Even voorstellen: Jantien Heimel 2 Even voorstellen: Jeannette de Haan 3 Inhoud 1. Kennismaking 2. Hoe kijken commissarissen aan tegen Internal Audit? Filmpje 3. Wat is

Nadere informatie

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen RAPPORT ACHMEA PENSIOEN- & LEVENSVERZEKERINGEN N.V. Laan van Malkenschoten 20 Postbus 9150 7300 HZ Apeldoorn www.achmea.nl Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen Rapportage Intern toezicht in

Nadere informatie

Verklaring inzake beleggingsbeginselen

Verklaring inzake beleggingsbeginselen STICHTING PENSIOENFONDS RECREATIE Mei 2011 INHOUDSOPGAVE 0. Introductie 3 1. Doelstelling van het beleggingsbeleid 4 2. Organisatie en risicobeheerprocedures 5 3. Beleggingsbeginselen 7 Mei 2011 Pagina

Nadere informatie

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 402 IN OVERWEGING TE NEMEN FACTOREN BIJ DE CONTROLE VAN ENTITEITEN DIE GEBRUIKMAKEN VAN SERVICE-ORGANISATIES

INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 402 IN OVERWEGING TE NEMEN FACTOREN BIJ DE CONTROLE VAN ENTITEITEN DIE GEBRUIKMAKEN VAN SERVICE-ORGANISATIES INTERNATIONALE CONTROLESTANDAARD 402 IN OVERWEGING TE NEMEN FACTOREN BIJ DE CONTROLE VAN ENTITEITEN DIE GEBRUIKMAKEN VAN SERVICE-ORGANISATIES INHOUDSOPGAVE Paragrafen Inleiding... 1-3 Door de auditor in

Nadere informatie

DOORSTAAT UW RISICOMANAGEMENT DE APK?

DOORSTAAT UW RISICOMANAGEMENT DE APK? WHITEPAPER DOORSTAAT UW RISICOMANAGEMENT DE APK? DOOR M. HOOGERWERF, SENIOR BUSINESS CONS ULTANT Risicomanagement is tegenwoordig een belangrijk onderdeel van uw bedrijfsvoering. Dagelijks wordt er aandacht

Nadere informatie

Ontbijtsessie Agreed Upon Procedures Solvency II. 1 juli 2016

Ontbijtsessie Agreed Upon Procedures Solvency II. 1 juli 2016 Ontbijtsessie Agreed Upon Procedures Solvency II 1 juli 2016 Opening Welkom bij deze ontbijtsessie! De afgelopen jaren hebben de verzekeraars zich ingezet om Solvency II te implementeren en de eerste inzichten

Nadere informatie

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen RAPPORT Prins Willem-Alexanderlaan 651 Postbus 700 7300 HC Apeldoorn www.achmea.nl Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen Rapportage Intern toezicht in het kader van Pension Fund Governance

Nadere informatie

Risk & Compliance Charter Clavis Family Office B.V.

Risk & Compliance Charter Clavis Family Office B.V. Risk & Compliance Charter Clavis Family Office B.V. Datum: 15 april 2013 Versie 1.0 1. Inleiding Het Risk & Compliance Charter (charter) bevat de uitgeschreven principes, doelstellingen en bevoegdheden

Nadere informatie

Good practice. Presentatie DNB Irene Staal & Maartje Dijt

Good practice. Presentatie DNB Irene Staal & Maartje Dijt Good practice Presentatie DNB Irene Staal & Maartje Dijt Agenda 1) Overkoepelende resultaten 2) Aandachtspunten & good practices per element Samenvatting, organisatieomschrijving & doel Governance Indicatoren

Nadere informatie

Generieke systeemeisen

Generieke systeemeisen Bijlage Generieke Systeem in kader van LAT-RB, versie 27 maart 2012 Generieke systeem NTA 8620 BRZO (VBS elementen) Arbowet Bevb / NTA 8000 OHSAS 18001 ISO 14001 Compliance competence checklist 1. Algemene

Nadere informatie

Afspraken tripartiet overleg financiële onderneming, externe accountant, De Nederlandsche Bank

Afspraken tripartiet overleg financiële onderneming, externe accountant, De Nederlandsche Bank Afspraken tripartiet overleg financiële onderneming, externe accountant, De Nederlandsche Bank Wft: Wet op het financieel toezicht Bpr: Besluit prudentiële regels Wft Wta: Wet toezicht accountantsorganisaties

Nadere informatie

Nieuwe solvabiliteitsrichtlijnen DNB vanaf 2009

Nieuwe solvabiliteitsrichtlijnen DNB vanaf 2009 Nieuwe solvabiliteitsrichtlijnen DNB vanaf 2009 Ontwikkelde oplossingen voor FOV-leden Out of the box actuaries and risk professionals 1 INTRODUCTIE In 2012 worden op Europese schaal nieuwe solvabiliteitseisen

Nadere informatie

Assurance rapport van de onafhankelijke accountant

Assurance rapport van de onafhankelijke accountant Assurance rapport van de onafhankelijke accountant Rapportage aan: Achmea Divisie Pensioen & Leven De heer A. Aalbers 1 Achmea Divisie Pensioen & Leven De heer A. Aalbers Postbus 700 APELDOORN Opdracht

Nadere informatie

qis4 legt de risico s van verzekeraars langs de meetlat

qis4 legt de risico s van verzekeraars langs de meetlat Afgelopen zomer hebben maar liefst 125 Nederlandse verzekeraars vrijwillig de impact van een conceptversie van een nieuw Europees kapitaalraamwerk (Solvency ii) op hun financiële positie berekend. Uit

Nadere informatie

Investeringsstatuut Wonen Midden-Delfland

Investeringsstatuut Wonen Midden-Delfland Investeringsstatuut Wonen Midden-Delfland September 2015 1 Inhoud 1 Inleiding 1.1 Algemeen 1.2 Wettelijk kader investeringsstatuut 1.3 Doel investeringsstatuut 1.4 Governance 1.5 Vaststelling, goedkeuring

Nadere informatie

Het belang van risicomanagement voor maatschappelijke organisaties Beheersing of buikpijn?

Het belang van risicomanagement voor maatschappelijke organisaties Beheersing of buikpijn? Het belang van risicomanagement voor maatschappelijke organisaties Beheersing of buikpijn? 7 september 2017 Erik Breijer 1 Waarom Risicomanagement? Wat is aanleiding om met risicomanagement te starten:

Nadere informatie

De remuneratie disclosure is conform artikel 25 van de RBB.

De remuneratie disclosure is conform artikel 25 van de RBB. Remuneratie disclosure 2013 De remuneratie disclosure betreft de remuneratie van de leden van de Raad van Bestuur, de leden van de Raad van Commissarissen en de groep functionarissen die in het nieuwe

Nadere informatie

Rapport. Governance Principes. Univé Noord-Nederland Versie 2.0 JZ&C0713

Rapport. Governance Principes. Univé Noord-Nederland Versie 2.0 JZ&C0713 Governance Principes Rapport Governance Principes Univé Noord-Nederland Versie 2.0 JZ&C0713 Inhoudsopgave 1. Governance Principes 3 2. De Raad van Commissarissen 4 3. De Raad van Bestuur 7 4. Risicomanagement

Nadere informatie

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen

Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen RAPPORT ACHMEA PENSIOEN- & LEVENSVERZEKERINGEN N.V. Laan van Malkenschoten 20 Postbus 9150 7300 HZ Apeldoorn www.achmea.nl Uitvoering van rechtstreeks verzekerde regelingen Rapportage Intern toezicht in

Nadere informatie

Reglement audit committee van de raad van commissarissen

Reglement audit committee van de raad van commissarissen Reglement audit committee van de raad van commissarissen Vaststelling en wijziging reglement. Artikel 1. 1.1. Dit reglement is vastgesteld door de raad van commissarissen met ingang van 1 januari 2016.

Nadere informatie

Energiemanagementplan Carbon Footprint

Energiemanagementplan Carbon Footprint Energiemanagementplan Carbon Footprint Rapportnummer : Energiemanagementplan (2011.001) Versie : 1.0 Datum vrijgave : 14 juli 2011 Klaver Infratechniek B.V. Pagina 1 van 10 Energiemanagementplan (2011.001)

Nadere informatie

RiskTransparant, deel 4. Wat is uw risicohouding en risicobereidheid op het gebied van beleggingsbeleid?

RiskTransparant, deel 4. Wat is uw risicohouding en risicobereidheid op het gebied van beleggingsbeleid? RiskTransparant, deel 4 Wat is uw risicohouding en risicobereidheid op het gebied van beleggingsbeleid? In deze vierde serie uit een reeks van zeven delen, delen wij graag onze kennis met u over risicomanagement.

Nadere informatie

Simulum. Kapitaalmodellen. de complexiteit ontcijferd

Simulum. Kapitaalmodellen. de complexiteit ontcijferd Simulum Kapitaalmodellen de complexiteit ontcijferd Wat ooit complex was, wordt nu eenvoudig Simulum Kapitaalmodellen: de complexiteit ontcijferd Verzekeraars staan onder toenemende druk om aan te tonen

Nadere informatie

Reglement audit committee

Reglement audit committee Reglement audit committee Artikel 1. Vaststelling en wijziging reglement 1. Dit reglement is vastgesteld door de raad van commissarissen op 19 augustus 2013, gewijzigd op 2 december 2013 en laatstelijk

Nadere informatie

Inleiding 1. Opdrachtaanvaarding 2 t/m 7. Planning en uitvoering professionele dienst 8 t/m 12. Dossier 13 t/m 16. Rapportage 17 t/m 20

Inleiding 1. Opdrachtaanvaarding 2 t/m 7. Planning en uitvoering professionele dienst 8 t/m 12. Dossier 13 t/m 16. Rapportage 17 t/m 20 INHOUDSOPGAVE Artikel Inleiding 1 Opdrachtaanvaarding 2 t/m 7 Planning en uitvoering professionele dienst 8 t/m 12 Dossier 13 t/m 16 Rapportage 17 t/m 20 Eindoordeel 21 t/m 24 B4.4 Vragenlijst Dossierreview

Nadere informatie

Stichting Pensioenfonds Wolters Kluwer Nederland. Compliance program. Vastgesteld en gewijzigd in de bestuursvergadering van 12 februari 2014

Stichting Pensioenfonds Wolters Kluwer Nederland. Compliance program. Vastgesteld en gewijzigd in de bestuursvergadering van 12 februari 2014 Stichting Pensioenfonds Wolters Kluwer Nederland Compliance program Vastgesteld en gewijzigd in de bestuursvergadering van 12 februari 2014 1 Inleiding In dit Compliance Program is de inrichting van de

Nadere informatie

Beloningsbeleid van DAS Nederlandse Rechtsbijstandsverzekering N.V.

Beloningsbeleid van DAS Nederlandse Rechtsbijstandsverzekering N.V. Beloningsbeleid van DAS Nederlandse Rechtsbijstandsverzekering N.V. Juni 2014 Inleiding In deze notitie wordt het beleid beschreven dat ten grondslag ligt aan het belonen binnen de DAS organisatie. Doel

Nadere informatie

Asset & Liability Management

Asset & Liability Management Asset & Liability Management Verder gaan is de juiste balans vinden. ALM: inzicht in risico s Zorgen voor balans tussen pensioenverplichtingen en de opbouw van het pensioenvermogen. Het is een kerntaak

Nadere informatie

Implementatie Code Banken

Implementatie Code Banken Implementatie Code Banken Koninginnegracht 2 2514 AA Den Haag T 070 3750 750 www.bngbank.nl BNG Bank is een handelsnaam van N.V. Bank Nederlandse Gemeenten, statutair gevestigd te Den Haag, KvK-nummer

Nadere informatie

VDZ Verzekeringen. Beloningsbeleid

VDZ Verzekeringen. Beloningsbeleid VDZ Verzekeringen Beloningsbeleid 2014 INHOUD 1. Inleiding... 3 Toezicht... 3 Inwerkingtreding... 3 2. Definities en begrippen... 3 De categorieën van medewerkers... 3 Beloning... 4 Vaste beloning... 4

Nadere informatie

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER

REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER REGLEMENT FINANCIEEL BELEID EN BEHEER Status: definitief Vastgesteld door het Bestuur d.d.: 30 augustus 2016 Goedgekeurd door de RvT d.d.: 26 september 2016 Goedgekeurd door de Autoriteit woningcorporaties

Nadere informatie