Predictie van recidive

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Predictie van recidive"

Transcriptie

1 Predictie van recidive Christophe DEMUNTER Deze paper werd als oorspronkelijk ingediend als scriptie in het kader van een licentie in de criminologische wetenschappen aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Gent in het academiejaar (promotor van de scriptie was prof. dr. B. De Ruyver)..

2 - ii -

3 1 Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE...iii LIJST VAN FIGUREN...v LIJST VAN TABELLEN... vi INLEIDING...1 HOOFDSTUK 1 DE METHODOLOGISCHE ACHILLESPEZEN RECIDIVE EEN PROBLEMATISCH BEGRIP Het wettelijk kader in België Het gehanteerde meetinstrument De follow-up periode Aard van het misdrijf DE VERBORGEN GEGEVENS Een ijzeren gordijn van confidentialiteit Het gebruik van officiële databanken VERGELIJKEN VAN VERSCHILLENDE STUDIES In de tijd Over grenzen heen Voor verschillende groepen misdadigers SLOTBEDENKING iii -

4 HOOFDSTUK 2 RISICOFACTOREN VOOR RECIDIVE STATISCHE FACTOREN Demografische factoren Justitiële factoren Overige DYNAMISCHE FACTOREN Maatschappelijke of interpersoonlijke factoren Intrapersoonlijke factoren SLOTBESCHOUWING...36 HOOFDSTUK 3 GEÏNTEGREERDE SCHALEN EN MODELLEN GEÏNTEGREERDE MEETSCHALEN Actuariële schalen Schalen gebaseerd op dynamische factoren GEAVANCEERDE PREDICTIEMODELLEN Regressietechnieken Mathematische modellen ACCURAATHEID VAN PREDICTIES Verklarende kracht Risicobeoordeling of indivuele predicties? BESLUIT...65 HOOFDSTUK 4 EMPIRISCH ONDERZOEK: RECIDIVE IN NORTH CAROLINA INLEIDEND OVERZICHT VAN DE DATASETS BESPREKING Risicofactoren Tijdstip van recidive Predictiemodel op basis van discriminantanalyse BESLUIT...80 ALGEMEEN BESLUIT...82 LIJST VAN GERAADPLEEGDE WERKEN iv -

5 2 Lijst van figuren Figuur 1: Cumulatief percentage recidives voor personen vrijgelaten in Malta tussen maart 1976 en november 1994 (Baumer, 1997: 614; Figure 1)... 9 Figuur 2: Cumulatief percentage recidives voor personen vrijgelaten in de VS tussen 1956 en 1974 (Maltz, 1984: 89; Figure 8-1) Figuur 3: Scatterplot ernst misdrijf vs antisociaal gedrag, hypothetisch voorbeeld (Gee, 1993, Figure 1) Figuur 4: Cumulatief percentage herarresties, naargelang aantal vroegere arrestaties (naar Beck en Shipley, 1989: 7; Table 12 en Figure 2) Figuur 5: Cumulatief percentage heropsluitingen, naargelang aantal vroegere veroordelingen (naar Tournier, 1982: 75-76; Tableau 2 en Figure 2) Figuur 6: RRASOR scores versus recidivegraad (naar Hanson, 1997: 16; Table 6) Figuur 7: Percentage recidives per leeftijdscategorie (niet-willekeurige categorieën).. 71 Figuur 8: Percentage recidives per leeftijdscategorie (normale categorieën) Figuur 9: Percentage recidives, naargelang aantal jaar opleiding Figuur 10: Percentage recidives naargelang aantal vorige gevangenisstraffen Figuur 11: Cumulatief percentage heropsluitingen, naar aantal vroegere arrestaties.. 74 Figuur 12: Cumulatief percentage heropsluitingen, naar aard van het vorige delict Figuur 13: Invloed van de duur van de gevangenisstraf op de recidive Figuur 14: Cumulatief percentage recidives voor personen vrijgelaten in North Carolina ( ) Figuur 15: Aandeel recidivisten en niet-recidivisten per score op risicoschaal v -

6 3 Lijst van tabellen Tabel 1: Invloed van onderregistratie op recidivecijfers Tabel 2: Percentage opnieuw gearresteerd na vrijlating per periode van 3 maand vanaf het tijdstip van vrijlating, naar aantal vroegere arrestaties (Beck en Shipley, 1989: 7; Table 12) Tabel 3: Slaagpercentages per risicogroep volgens de SIR-schaal (naar Service Correctionnel du Canada, 1989: 2, 4; Tableau 1 en Tableau 2) Tabel 4: Salient Factor Score (naar Ekland-Olson en Kelly, 1993: ; Appendix A) Tabel 5: RRASOR schaal (naar Hanson, 1997: 14; Table 4) Tabel 6: Beschrijving van de variabelen in de North Carolina bestanden Tabel 7: Recidive versus niet-recidive per subgroep Tabel 8: Recidivegraad naar ras en aard van het delict Tabel 9: Recidivegraad naar geslacht en aard van het delict Tabel 10: Invloed van middelengebruik op recidive, naargelang aard van het vorige delict Tabel 11: Gestandaardiseerde en niet-gestandaardiseerde coëfficiënten van de discriminantfunctie vi -

7 Inleiding Doorgaans wordt het strafrechtsysteem beschouwd als een instituut dat voor een zekere sociale controle moet zorgen. Dit houdt enerzijds in dat het strafrecht verondersteld is personen af te schrikken om tot crimineel gedrag over te gaan; anderzijds dient het strafrechtsysteem er voor te zorgen dat iemand, eenmaal met het gerecht in aanraking gekomen, zich van verder crimineel gedrag onthoudt. Laatstgenoemde functie, de zgn. bijzondere preventie, blijkt in praktijk echter een utopie. Uit de criminele statistieken (Nationaal Instituut voor de Statistiek, 1995) kunnen we immers afleiden dat bijna de helft van de veroordeelden al eens vroeger het interieur van een rechtbank onder ogen kreeg. Terwijl de algemeen preventieve werking van het strafrecht zich richt tot een volledige bevolking, viseert de bijzondere preventie de kleine groep delinquenten binnen diezelfde bevolking. Het feit dat slechts een kleine groep van gekende misdadigers verantwoordelijk is voor de helft van de criminaliteit, heeft de interesse gewekt voor het bestuderen van het fenomeen recidive. Wanneer men in staat is binnen de groep van delinquenten die personen of groepen te detecteren die waarschijnlijk zullen hervallen in hun crimineel gedrag, kunnen correctionele inspanningen specifiek op deze groep worden afgestemd. In een - niet zo ver - verleden stond dit laatste gelijk met opsluiting, tegenwoordig weet men al dat resocialisering misschien beter buiten de gevangenismuren gebeurt. Het is immers beter in te spelen op de opportunities die iemand biedt dan enkel aandacht te hebben voor zijn threats en hem uit de maatschappij te plukken. In het onderzoek naar recidive probeert men bij recidivisten kenmerken op te sporen die hen onderscheiden van niet-recidiverende delinquenten. Wanneer dergelijke factoren aan de oppervlakte komen, kan men trachten die in een model te gieten dat bepaalde wetmatigheden weergeeft. Een model kan in veel gevallen een duidelijke - zij het sterk vereenvoudigde - voorstelling geven voor complexe, moeilijk te - 1 -

8 ontrafelen maatschappelijke fenomenen. In deze verhandeling worden een aantal factoren besproken die aan recidive zijn gerelateerd, maar de nadruk ligt op de mogelijkheden om het risico dat iemand hervalt, te voorspellen. Gewoonlijk gebeurt dit door op basis van gegevens ingezameld bij bestaande groepen van recidivisten modellen op te stellen die nadien worden toegepast op andere personen of groepen. Mijn persoonlijke interesse voor modelleringstechnieken in een criminologische omgeving gaat alvast terug naar het ogenblik van mijn eerste kennismaking met de criminologie als wetenschap, namelijk toen ik zo n tien jaar geleden in een handboek over differentiaalvergelijkingen een toepassing las over een model om het tijdstip van overlijden te schatten in een gerechtelijk onderzoek (Boyce en Diprima, 1986: 49-50) - dit geheel terzijde natuurlijk... In een eerste hoofdstuk van deze scriptie wordt uitgebreid stilgestaan bij de diverse problemen waarmee men geconfronteerd wordt in een studie rond recidive. Een eerste probleem waar men op stuit, is de definiëring van het begrip recidive. Daarnaast blijkt echter ook de gegevensverzameling een teer punt te zijn. Tenslotte worden ook enkele gevaartekens geplaatst bij het veralgemenen van resultaten naar andere populaties. De factoren die risicoverhogend kunnen zijn met betrekking tot recidive komen aan bod in hoofdstuk 2. Er wordt zowel stilgestaan bij historische factoren - criminele of maatschappelijke antecedenten - als bij factoren die vatbaar zijn voor verandering of behandeling. In hoofdstuk 3 wordt een overzicht gegeven van schalen die deze factoren integreren in één meetinstrument dat eventueel kan worden gebruikt om het recidiverisico van toekomstige groepen te beoordelen. In een tweede deel passeren een aantal statistische technieken die worden gebruikt voor predictie van recidive de revue; tevens worden enkele modelleringstechnieken uit andere disciplines aangebracht die eventueel op dit onderwerp kunnen worden toegepast. Een laatste stuk bespreekt de accuraatheid en validiteit van de meetschalen en modellen waarmee men recidive wenst te voorspellen

9 In een laatste hoofdstuk worden tenslotte kort enkele bevindingen uit de vorige hoofdstukken nagegaan aan de hand van een empirisch onderzoek op gegevens van personen vrijgelaten in de Amerikaanse staat North Carolina. Dit slotstuk wil niet de pretentie hebben een volledig onderzoek omtrent predictie van recidive te zijn, maar moet eerder worden gezien als een addendum bij de overige hoofdstukken. he said that he d never, never do it again and of course he won t (not until the next time). (Stephen Morrissey in Sweet and Tender Hooligan, 1986) - 3 -

10 Hoofdstuk 1 1 De methodologische achillespezen 1.1 RECIDIVE EEN PROBLEMATISCH BEGRIP Een eerste probleemstelling die zich voordoet bij een onderzoek met betrekking tot recidive, raakt de kern van de zaak, namelijk wat men nu precies onder recidive verstaat. Iedereen weet wel dat met recidivisten misdadigers die hervallen worden bedoeld, maar over een precieze definitie lijkt helemaal geen consensus te bestaan. Er zijn in de literatuur ongeveer evenveel verschillende definities terug te vinden als er publicaties zijn over het onderwerp Differentiërende factoren tussen de diverse definities zijn vooral de beschouwde periode, de aard van de misdrijven en het gehanteerde criterium, bvb. arrestatie of veroordeling Het wettelijk kader in België Naar het Belgisch strafrecht is recidive of herhaling de toestand waarin een persoon zich bevindt die vervolgd wordt wegens een misdrijf, nadat hij in het verleden reeds door een in kracht van gewijsde getreden vonnis was veroordeeld (Van Den Wyngaert, 1994: 352). Er is enkel sprake van recidive of herhaling indien de vroegere veroordeling een strafrechtelijke veroordeling betrof, door een Belgisch rechtscollege werd uitgesproken en in kracht van gewijsde is getreden op het moment van het - 4 -

11 nieuwe misdrijf (Van Den Wyngaert, 1994: 353). Recidive of herhaling zal in bepaalde door de wet omschreven gevallen leiden tot een mogelijke strafverzwaring (cf. art.54 t/m 57 Sw.). In België geldt doorgaans de algemene recidive, d.w.z. dat niet is vereist dat het oude en het nieuwe misdrijf identiek (of gelijkaardig) zijn, dit in tegenstelling tot de bijzondere recidive (Van Den Wyngaert, 1994: 354). Niet alleen de aard van het misdrijf bepaalt of er al dan niet sprake is van recidive, ook het tijdsaspect speelt mee: de herhaling kan bestendig of tijdelijk zijn (Van Den Wyngaert, 1994: ). Zo zal een wanbedrijf of misdaad na een vroegere veroordeling voor een misdaad steeds voor een herhaling (i.e. bestendige staat van herhaling) zorgen (cf. art.54 Sw. en art.56 al.1 Sw.); een herhaling van wanbedrijf na wanbedrijf (cf. art.56 al.2 Sw.) of van overtreding na overtreding (cf. art.565 Sw.) betreft slechts een tijdelijke staat van herhaling, voor de laatste categorie geldt daarenboven nog dat het om eenzelfde overtreding moet gaan, dus tijdelijke én bijzondere herhaling. Een zekere discrepantie tussen wet en onderzoek blijkt al meteen uit de methodologische nota s bij de criminele statistiek van België (Nationaal Instituut voor de Statistiek, 1995). Voor het vaststellen van de graad van recidive wordt immers rekening gehouden met elke vroeger opgelopen veroordeling, ongeacht de aard of de ernst van het achterliggende misdrijf (N.I.S., 1995: 11). Recidivisten worden in de statistieken als specialisten gecatalogeerd indien de meeste misdrijven waaraan zij zich hebben schuldig gemaakt in de loop hunner criminele loopbaan, tot dezelfde groep 1 als het laatst gepleegde misdrijf behoort (N.I.S., 1995: 91; eigen voetnoot) Het gehanteerde meetinstrument In de literatuur vinden we twee invalshoeken betreffende de te gebruiken afhankelijke variabele in een onderzoek naar recidive. De meeste auteurs maken gebruik van een dichotome variabele, namelijk of een individu al dan niet hervalt tijdens een bepaalde periode na zijn vrijlating. In een aantal onderzoeken wordt daarnaast echter een veel rijkere variabele 1 De uit 45 misdrijven bestaande nomenclatuur wordt hiervoor in 9 generische groepen ingedeeld

12 gehanteerd: het tijdsinterval tussen vrijlating en recidive. Schmidt en Witte (1988: 8) halen twee argumenten aan ten voordele van deze invalshoek. Ten eerste geeft het tijdstip van recidive interessante informatie die we niet zomaar naast ons neerleggen, ten tweede verstrekt het schatten van de distributie van het tijdsinterval vooraleer wordt gerecidiveerd een mogelijkheid om predicties te maken van de recidivegraad voor gelijk welke periode na de vrijlating. Het tijdstip van recidive heeft nog een andere inhoud, namelijk op welk moment van de strafrechtspleging zullen we van recidive spreken? Bij het plegen van een nieuw misdrijf? Bij een nieuw contact met de politie? Bij een arrestatie? Bij een veroordeling? Of bij een terugkeer naar de gevangenis? Het spreekt voor zich dat de keuze voor een bepaald criterium een belangrijke weerslag heeft op de recidivegraad. Beck en Shipley (1989: 3) vonden dat binnen een periode van drie jaar na hun vrijlating 62,5% opnieuw was gearresteerd, 46,8% opnieuw was veroordeeld en 41,4% opnieuw was opgesloten 2 ; indien we kijken naar de nieuwe arrestaties bekomen we in dit geval een recidivegraad die ruim de helft hoger ligt dan wanneer we zouden kijken naar de heropsluitingen. Het ontbreken van volledige criminaliteitscijfers (cf. infra) weerhoudt ons er alvast van om het meest accurate criterium het plegen van een nieuw misdrijf te gebruiken. Maltz (1984: 56) geeft de voorkeur aan arrestatie als criterium. Een eerste bedenking die hij hierbij aanhaalt, is of we moeten kijken naar arrestaties tout court of rekening moeten houden met wat na de arrestatie gebeurt, namelijk of na de arrestatie een vervolging wordt ingesteld en of de persoon wordt veroordeeld of opgesloten. Geen rekening houden met wat na de arrestatie gebeurt, zal resulteren in heel wat Type I- fouten, namelijk ten onrechte gearresteerde onschuldigen. Anderzijds treden ook Type II-fouten op, het komt immers voor dat personen schuldig aan een misdrijf om allerlei redenen niet worden veroordeeld of gearresteerd, bvb. door bemiddeling in strafzaken, door een minnelijke schikking of voor spijtoptanten (Nouwens, Motiuk en Boe, 1993; Beck en Shipley, 1989). Maltz (1984: 57) merkt in verband met de foutieve arrestaties nog op dat deze kunnen worden veroorzaakt doordat de politiediensten in 2 De bevindingen van Beck en Shipley zijn gebaseerd op een steekproef van meer dan vrijgelatenen uit de personen die in 1983 in 11 staten van de VS uit de gevangenis werden ontslagen

13 de eerste plaats de bestaande computerbestanden van (ex-)delinquenten checken zodat deze groep sowieso een grotere kans heeft gearresteerd te worden. De ruwe arrestaties kunnen als criterium voor recidive worden verfijnd door het begrip uit te breiden tot arrestatie én vervolging of arrestatie én veroordeling (Maltz, 1984: 65). Zo worden inderdaad vele valse arrestaties uit de bestanden gemeden, maar anderzijds geldt dan weer dat de hierboven vermelde alternatieve vormen van strafafhandeling een onderregistratie van de recidive teweegbrengen. Een bijkomende overweging van praktische aard is dat het niet makkelijk is om de verdere strafrechtspleging na de arrestatie na te gaan (Maltz, 1984: 60). Een vergelijking van een negentigtal studies leerde Maltz (1984: 63, Tabel 6-1) dat terugkeer naar de gevangenis veruit het meest gebruikte criterium is. Het spreekt voor zich dat het criterium dat voor een bepaald onderzoek wordt gebruikt niet losstaat van de bedoeling van het onderzoek. Indien men recidive wil onderzoeken met het oog op het voorspellen van de toekomstige gevangenispopulatie, dan spreekt het voor zich dat hier het criterium terugkeer naar de gevangenis is aangewezen (Maltz 1984, Schmidt en Witte, 1988) De follow-up periode Naast het definiëren van het moment in de rechtspleging waarop we van recidive zullen spreken, is tevens de periode gedurende dewelke de persoon of groep wordt opgevolgd een belangrijke parameter. Zoals we hierboven reeds zagen, wordt in België wettelijk een onderscheid gemaakt tussen tijdelijke en bestendige herhaling, naargelang de ernst van de misdrijven. In wetenschappelijke studies wordt meestal de tijdelijke herhaling gehanteerd, dit om de eenvoudige reden dat men er de voorkeur aan geeft recente gegevens te gebruiken, wat impliceert dat de follow-up periode na vrijlating eerder beperkt zal zijn. Alleen wanneer een persoon sterft, kan men er zeker van zijn dat hij geen nieuwe misdrijven meer zal plegen, maar het is doorgaans praktisch en budgettair niet efficiënt of onmogelijk om een persoon gedurende zijn ganse levensloop te volgen (Nouwens, Motiuk, Boe, 1993: 22). Maltz (1984: 71) stelt dat de lengte van de follow-up periode in veel gevallen meer te maken heeft met de tijd waarvoor budgetten toegezegd zijn dan met puur - 7 -

14 onderzoeksgeoriënteerde redenen; indien een evaluatieproject van een bepaald programma voor één jaar wordt gefinancieerd, dan zullen de deelnemers aan het programma maximaal één jaar worden gevolgd. Zoals voor het recidivecriterium het geval was, zal ook de follow-up periode soms direct bepaald zijn door het onderzoek zelf. Wanneer een reïntegratieprogramma of een probatiemaatregel het onderwerp van onderzoek uitmaken, dan zal de follow-up periode veelal beperkt worden tot de duur van het programma of de probatieperiode (Sims en Jones, 1997; Covent en Snacken, 1992). Een periode tussen één en drie jaar lijkt in de literatuur frequent gebruikt (Maltz, 1984; Service Correctional du Canada, 1989; Beck en Shipley, 1983). Bij studies die specifiek zijn gewijd aan langetermijnrecidive worden vanzelfsprekend veel langere follow-up periodes genomen. Nouwens, Motiuk en Boe (1993) hanteren een minimum van zeven jaar. In zijn onderzoek naar sexuele recidive citeert Hanson (1997) onderzoeken met een opvolgingsperiode van meer dan twintig jaar. Maltz (1984: 22; voetnoot) haalt een aanbeveling aan van de Amerikaanse National Advisory Commission on Criminal Justice Standards and Goals om een follow-up periode van 3 jaar te nemen omdat de studies die delinquenten langer dan drie jaar volgden aantoonden dat de meeste recidive optreedt gedurende de eerste drie jaar na de vrijlating 3. Ook de Correctional Service Canada (1993b: 1) wijst erop dat schattingen hebben aangetoond dat een follow-up periode van 3 jaar 90% van diegenen die uiteindelijk hervallen zou omvatten. Belcourt, Nouwens en Lefebvre (1993) vonden in hun onderzoek naar recidive bij vrouwen dat ongeveer 41% van de recidivistes binnen het jaar terugkeerde naar de gevangenis, waarvan ruim eenderde zelfs binnen de eerste zes maanden na hun vrijlating; na twee jaar was reeds 63,6% teruggekeerd, na drie jaar bijna drievierde. Slechts 14,2% van de recidivistes keerden pas na meer dan vijf jaar terug naar de gevangenis. In zijn studie rond recidive op Malta vond Baumer (1997) dat van de 42% die vroeg of laat naar de gevangenis terugkeerde, 28,6% binnen het jaar, een kleine 60% binnen de drie jaar en meer dan drievierde binnen de zes jaar terug opgesloten was (de gegevens 3 Maltz verwijst naar National Advisory Commission on Criminal Justice Standards and Goals (1973). Corrections. Washington, D.C.: U.S. Government Printing Office

15 voor recidivisten én niet-recidivisten zijn afgebeeld in Figuur 1). Niet alle recidivisten worden opnieuw tot een gevangenisstraf veroordeeld, vandaar dat Baumer ook keek naar de nieuwe veroordelingen: van de 52% die opnieuw werd veroordeeld was dit voor een kleine 30% reeds na één jaar het geval, voor 58% binnen de drie jaar en voor 81% binnen de zes jaar. Van de personen die worden herveroordeeld gebeurt dit voor minder dan eenvijfde meer dan zes jaar na hun vrijlating. Figuur 1: Cumulatief percentage recidives voor personen vrijgelaten in Malta tussen maart 1976 en november 1994 (Baumer, 1997: 614; Figure 1) Tournier (1982) bestudeerde de recidive van een cohorte gevangenen veroordeeld tot een gevangenisstraf van ten minste 3 jaar, die in 1973 werden vrijgelaten. Na een follow-up periode van 8 jaar bleek 42,9% terug te zijn veroordeeld tot een gevangenisstraf, voor bijna de helft (20,5% van het totaal) was dit reeds na één jaar het geval, na drie jaar was reeds 82,5 van de uiteindelijke recidivisten teruggekeerd naar de gevangenis (Tournier, 1982: 71; Tableau 1.2). Maltz (1984: 88-89) verwijst naar een Amerikaanse studie 4 die een duizendtal personen vrijgelaten tussen 1956 en 1962 volgde tot 1974; iets meer dan de helft recidiveerde binnen de vijf jaar, daarna klom het cumulatief percentage recidivisten tot 60% na tien jaar en tot ongeveer 63% na 18 jaar (zie Figuur 2). 4 KITCHENER, H., SCHMIDT, A. K. & GLASER, D. (1977). How Persistent Is Post-Prison Success? Federal Probation, 41,

16 Figuur 2: Cumulatief percentage recidives voor personen vrijgelaten in de VS tussen 1956 en 1974 (Maltz, 1984: 89; Figure 8-1) Uit Figuren 1 en 2 blijkt dat het verband tussen het cumulatief percentage recidives en de tijd na vrijlating een logaritmisch verloop kent. Na een zekere tijd neemt het aantal bijkomende recidives dus slechts zeer traag meer toe zodat de frequent gebruikte follow-up periode van 3 jaar een aanvaardbare trade-off lijkt te zijn tussen accuraatheid en volledigheid enerzijds en kostenefficiëntie en actualiteit of relevantie van de resultaten anderzijds Aard van het misdrijf Eerder werd reeds het onderscheid in de wet tussen algemene en bijzondere recidive besproken, voor het definiëren van recidive is ook deze nuance van doorslaggevend belang. Hoe breed we het begrip zien, of met andere woorden welke nieuwe misdrijven we als recidive zullen beschouwen, zal immers een enorm belangrijke invloed hebben op de bekomen recidivecijfers. Covent en Snacken (1992: 6) schrijven dat er vaak een onderscheid wordt gemaakt tussen algemene recidive (elke nieuwe veroordeling of elk nieuw feit), speciale recidive (zelfde misdrijfsoort; bv. vermogensdelict) en specifieke recidive (zelfde misdrijf, bv. gewone diefstal). In een onderzoek naar sexuele recidive maakt Greenberg (1998: 1) het spectrum nog iets breder. Een zeer algemene definitie is een tendens tot hervallen in een vroegere

17 conditie of vroeger gedrag ; in een tweede definitie stelt hij het iets duidelijker afgelijnd, namelijk het begaan van hetzelfde type sexuele daad, of iets breder eender welk sexueel misdrijf. Als derde mogelijke omschrijving gebruikt hij sexueel delinquenten met een verleden van fysiek geweld en sexuele misdrijven die een nieuw fysiek, aggressief - maar niet sexueel - misdrijf plegen. In een vierde definitie omvat recidive alle misdrijven, inbegrepen niet-gewelddadige misdrijven zoals vermogensdelicten. Deze laatste omschrijving kan worden uitgebreid met het overtreden van probatievoorwaarden. Beck en Shipley (1989: 6; Table 9) kwamen tot de bevinding dat de speciale recidive onder degenen die hadden vastgezeten voor een gewelddadig misdrijf 30,4% bedroeg, voor vermogensdelicten was dit 49,8%. Binnen de eerste groep lag de specifieke recidive het hoogst voor roof ( robbery ) en aanranding ( assault ), respectievelijk 19,6% en 21,9%, in de categorie vermogensdelicten voor inbraak ( burglary ) en diefstal ( larceny/theft ), respectievelijk 31,9% en 33,5%. De kans om gearresteerd te worden voor verkrachting bleek voor personen die reeds hadden vastgezeten voor verkrachting 10,5 hoger dan voor niet-verkrachters (Beck en Shipley, 1989: 6; Table 10). De meeste onderzoeken gebruiken de algemene recidive als maatstaf, maar voor het bestuderen van bepaalde categorieën misdadigers, bvb. sexuele delinquenten, wordt wel eens speciale of specifieke recidive als uitgangspunt genomen. Ook wanneer men de effecten van een bepaalde behandeling of van een gevolgd programma wil meten, wordt de recidive soms duidelijker afgelijnd omdat men precies wil zien of de behandeling het hervallen in een bepaald misdrijf heeft kunnen beletten. Wanneer een verkrachter een anti-androgeenbehandeling ondergaan heeft, zal men in de eerste plaats geinteresseerd zijn in zijn eventuele sexuele recidive. Algemene recidive als maatstaf zal algemenere resultaten opleveren, maar is niet bruikbaar wanneer men voor een bepaalde groep voorspellingen wil doen. Bij het vergelijken van verschillende cijfers kunnen we best de gebruikte noties goed in het achterhoofd houden

18 1.2 DE VERBORGEN GEGEVENS Een duidelijke omschrijving kan het definitieprobleem voor een bepaald onderzoek wegwerken, maar een veel crucialere beperking bij een onderzoek naar recidive is de relevantie van de gebruikte gegevens Een ijzeren gordijn van confidentialiteit De geladenheid en confidentialiteit van de gegevens zelf, legt zware beperkingen op aan de gegevensinzameling: daderschap of recidive zijn immers niet meteen onderwerpen waarover je iemand in de straat of aan de telefoon ondervraagt en mocht een enquêteur al het lef hebben om dit te doen, dan zou de kwaliteit van de antwoorden ongetwijfeld van een wel zeer bedenkelijk niveau zijn. Ook self-report studies kunnen tot op heden geen soelaas bieden daar deze meestal te kleinschalig zijn en geen longitudinaal karakter hebben. De enige oplossing die overblijft, is toevlucht nemen tot databanken van officiële instanties Het gebruik van officiële databanken Een eerste probleem waarmee men wordt geconfronteerd bij het gebruik van overheidsbestanden, is de grote terughoudendheid van de instanties die de databanken beheren om deze terbeschikking te stellen voor onderzoek; meestal beroepen zij zich op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, zelfs bij een aanvraag voor geanonimiseerde gegevens. Niet enkel de toegankelijkheid van officiële bestanden vormt een belemmering, maar ook de beschikbaarheid van dergelijke bestanden kan zeer te wensen overlaten. Zoals het bestaan van bevolkings- of sociale zekerheidsregisters sterk verschilt van land tot land, of zelfs tussen de regio s of deelstaten binnen een land, is het voorhanden zijn van gegevens over de strafrechtspleging evenmin een evidentie. De wereldwijde en doorgedreven automatisering brengt hier gelukkig alleen maar verbetering in. Een illustratie van de omstandigheden waarin men in het Frankrijk van de eerste helft

19 van de vorige eeuw trachtte een adequaat strafregister aan te leggen, werd neergeschreven door Bonneville (1841), destijds Procureur des Konings en door Schnapper (1982: 33) bestempeld als de eerste specialist inzake recidive. In zijn werk dat een pleidooi is voor een betere registratie van wetsovertreders en hun misdrijven om zo de recidive als verzwarende omstandigheid 5 effectief te kunnen toepassen, stelt hij enkele wetswijzigingen voor teneinde een accurate registratie mogelijk te maken. De Code d instruction criminelle 6 van 1808 voorzag in een systeem van dubbele registratie van alle arresten en vonnissen, de griffiers dienden van elke correctioneel veroordeelde de naam, de voornamen, het beroep, de leeftijd en de verblijfplaats bij te houden. Bovendien diende driemaandelijks een kopie van de registers te worden overgemaakt aan de Minister van Justitie en aan de Minister de la police générale (later de Minister van Binnenlandse Zaken), die er op hun beurt voor zorgden dat op basis van deze kopies in Parijs een algemeen register werd opgesteld (Bonneville, 1841: 42-43). Dit systeem bleek niet alleen enorm complex om te consulteren (Bonneville, 1841: 48-51), maar bovendien zorgde de groeiende mobiliteit voor een veel vervelender probleem: de crimineel vestigde zich in een andere streek en liet een nieuw, onbevlekt paspoort afleveren (Bonneville, 1841: 57-60) of gaf zich uit voor iemand anders uit zijn streek zodat zelfs een verificatie bij de autoriteiten van zijn geboorteplaats het bedrog niet aan het licht kon brengen (Bonneville, 1841: ). Vandaar dat Bonneville ervoor pleitte tevens de geboorteplaats en een signalement van de betrokkene op te nemen om dergelijke fraudes te verhinderen (Bonneville, 1841: 106 en 129). Deze ambitieuze voorstellen zouden moeten leiden naar een volledige statistiek van alle veroordeelden, een eenvoudige, vlugge, adequate en kostenefficiënte manier om alle gerechtelijke antecedenten van een beschuldigde te kennen en een correcte jaarlijkse tabel betreffende de recidives (Bonneville, 1841: 139). Hiermee hoopt Bonneville een fine-tuning van het repressiesysteem te bewerkstellingen en [ ] qu au moyen de ces peines alors mieux proportionées et plus efficacement subies, l on aurait plus de condamnés corrigés, et, par suite, MOINS DE RÉCIDIVES? (Bonneville, 1841: 140; cursivering en bloklettering in oorspronkelijke tekst). 5 Bonneville (1841: 26) maakt een onderscheid tussen twee soorten verzwarende omstandigheden: de consideratio facti, of omstandigheden met betrekking tot het gepleegde feit, en de consideratio personae, of persoonsgebonden omstandigheden, waaronder de strafrechtelijke antecedenten. 6 Meer bepaald Art. 600, 601 en 602 (Bonneville, 1841: 42)

20 Aan het einde van de 20ste eeuw is de situatie duidelijk beter, maar toch betekent de aanwezigheid van een volledig en onderhouden strafregister nog niet het einde van de miserie. De meest primaire tekortkoming van deze officiële bronnen is de dekking: enkel geregistreerde misdrijven of veroordelingen komen in de officiële databanken terecht. De bedoeling van een onderzoek is meestal de bekomen resultaten te kunnen generaliseren naar een volledige populatie; officiële bronnen in verband met strafrechtsgegevens maken dergelijke extrapolaties naar de volledige populatie zeer wankel, aangezien de geregistreerde misdrijven allesbehalve een toevalssteekproef uit het totaal aan gepleegde misdrijven vormen. Het ontbreken van een compleet steekproefkader waaruit eenheden kunnen worden geselecteerd, is voor vele disciplines een groot praktisch probleem (Cochran, 1977: 6), maar voor onderzoek rond misdrijven zal dit des te kritischer zijn gezien de ontbrekende misdrijven op zijn minst één kenmerk gemeen hebben, nl. hun niet-registratie. Maltz (1984: 34-40) geeft een mooi voorbeeld van hoe arrestaties als onzuivere substeekproef van misdrijven tot een verkeerde conclusie kunnen leiden 7 : stel dat iemand een bepaald gemiddeld niveau van overtredingen heeft, bvb. snelheidsovertredingen, en dat hij gemiddeld twee keer per jaar wordt betrapt. In een bepaald jaar wordt hij echter vier keer betrapt, niet omdat zijn gedrag is veranderd, maar gewoon omdat hij pech had, dus simpelweg door een gewone statistische schommeling rond het gemiddelde van twee processen-verbaal per jaar. De persoon wordt verplicht een cursus te volgen, en wat blijkt: het volgende jaar wordt hij slechts twee keer bekeurd natuurlijk geen halvering van zijn aantal overtredingen als gevolg van de cursus (zoals men onterecht zou kunnen beweren), maar gewoon een terugkeer naar het normale aantal bekeuringen. Een determinerende factor die bepaalt of een misdrijf al dan niet wordt opgemerkt of opgehelderd is de pakkans. Het spreekt voor zich dat de pakkans sterk varieert van misdrijf tot misdrijf, wat al tot een eerste scheeftrekking in de officiële gegevens leidt. De pakkans is niet enkel gerelateerd aan de aard van het misdrijf, maar is evenzeer afhankelijk van de delinquent zelf. Belangrijk voor de studie van recidive zijn de leereffecten in een criminele carrière: indien ook voor dit beroep leereffecten 7 Maltz (1984: 34) verwijst hierbij naar een artikel waarin wordt beschreven waardoor deze scheeftrekking ontstaat: BLUMSTEIN, A. & LARSON, R. C. (1971). Problems in Modeling and Measuring Recidivism. Journal of Research in Crime and Delinquency, 8, p

Nieuwe dadergroep vraagt aandacht

Nieuwe dadergroep vraagt aandacht Er is een nieuwe groep van jonge, zeer actieve veelplegers die steeds vaker met de politie in aanraking komt / foto: Pallieter de Boer. Nieuwe dadergroep vraagt aandacht Jongere veelplegers roeren zich

Nadere informatie

Kennislink.nl. Reizende criminelen langer uit handen van de politie. Slechts kwart van misdrijven opgehelderd

Kennislink.nl. Reizende criminelen langer uit handen van de politie. Slechts kwart van misdrijven opgehelderd Kennislink.nl Discussieer mee: Allemaal de beste van de klas?! Onderwerpen Publicaties Over Kennislink Nieuwsbrief Zoek Leven, Aarde & Heelal Gezondheid, Hersenen & Gedrag Mens & Maatschappij Energie &

Nadere informatie

De vrouwen hebben dan ook een grotere kans op werkloosheid (0,39) dan de mannen uit de onderzoekspopulatie (0,29).

De vrouwen hebben dan ook een grotere kans op werkloosheid (0,39) dan de mannen uit de onderzoekspopulatie (0,29). In het kader van het onderzoek kreeg de RVA de vraag om op basis van de door het VFSIPH opgestelde lijst van Rijksregisternummers na te gaan welke personen op 30 juni 1997 als werkloze ingeschreven waren.

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING Zedendelicten vormen een groot maatschappelijk probleem met ernstige gevolgen voor zowel het slachtoffer als voor de dader. Hoewel de meeste zedendelicten worden gepleegd door

Nadere informatie

DBK: Het Gents Model Concept & implementatie Organisatie vanuit Justitie en vanuit Hulpverlening

DBK: Het Gents Model Concept & implementatie Organisatie vanuit Justitie en vanuit Hulpverlening DBK: Het Gents Model Concept & implementatie Organisatie vanuit Justitie en vanuit Hulpverlening 1 INHOUD PRESENTATIE I. Belgisch drugbeleid II. O.M. en problematisch druggebruik III.De rechtbank en problematisch

Nadere informatie

Hof van Cassatie van België

Hof van Cassatie van België 27 JUNI 2012 P.12.0873.F/1 Hof van Cassatie van België Arrest Nr. P.12.0873.F I. P. D. V., II. III. IV. P. D. V., P. D. V., P. D. V., V. P. D. V., Mrs. Cédric Vergauwen en Olivia Venet, advocaten bij de

Nadere informatie

Eindexamen vwo maatschappijwetenschappen 2013-I

Eindexamen vwo maatschappijwetenschappen 2013-I Opgave 1 Veranderende opvattingen in het jeugdstrafrecht tegen de achtergrond van veranderingen in criminaliteitscijfers onder jongeren Bij deze opgave horen de teksten 1 tot en met uit het bronnenboekje.

Nadere informatie

Inhoudstafel. Lijst figuren 13. Lijst tabellen 17. Rechtbank onder invloed 25

Inhoudstafel. Lijst figuren 13. Lijst tabellen 17. Rechtbank onder invloed 25 ASP Migranten in de balans.book Page 7 Friday, January 15, 2010 10:47 AM Inhoudstafel Inhoudstafel 7 Lijst figuren 13 Lijst tabellen 17 Rechtbank onder invloed 25 Deel I: Etnische minderheidsgroepen :

Nadere informatie

Tabel 2.1 Overzicht van de situatie op de arbeidsmarkt van de onderzochte personen op 30/06/97. Deelpopulatie 1996

Tabel 2.1 Overzicht van de situatie op de arbeidsmarkt van de onderzochte personen op 30/06/97. Deelpopulatie 1996 Dit deel van het onderzoek omvat alle personen tussen de 18 en 55 jaar oud (leeftijdsgrenzen inbegrepen) op 30 juni 1997, wiens dossier van het Vlaams Fonds voor de Sociale Integratie van Personen met

Nadere informatie

Samenvatting. 1 Letterlijk: Ontzegging van de Bevoegdheid Motorrijtuigen te besturen.

Samenvatting. 1 Letterlijk: Ontzegging van de Bevoegdheid Motorrijtuigen te besturen. Op 24 juni 1998 is de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) gewijzigd. Deze wijziging komt voort uit de wens van de Tweede Kamer om te komen tot een strengere aanpak van gevaarlijk rijgedrag in het verkeer.

Nadere informatie

RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE HASSELT VAN 15 DECEMBER 2015

RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE HASSELT VAN 15 DECEMBER 2015 RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE HASSELT VAN 15 DECEMBER 2015 INZAKE HET OPENBAAR MINISTERIE BURGERLIJKE PARTIJEN Vlaamse Vervoersmaatschappij ( ) openbare instelling onder de vorm van een NV, met ondernemingsnummer

Nadere informatie

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau

4. Resultaten. 4.1 Levensverwachting naar geslacht en opleidingsniveau 4. Het doel van deze studie is de verschillen in gezondheidsverwachting naar een socio-economisch gradiënt, met name naar het hoogst bereikte diploma, te beschrijven. Specifieke gegevens in enkel mortaliteit

Nadere informatie

Rapportage. Politie in aanraking met veteranen. Stuurgroep Politie in aanraking met veteranen

Rapportage. Politie in aanraking met veteranen. Stuurgroep Politie in aanraking met veteranen Rapportage Politie in aanraking met veteranen Stuurgroep Politie in aanraking met veteranen Doorn 9 juni 2011 1 Aanleiding en opzet van het onderzoek In de uitvoering van haar taak komt de politie ook

Nadere informatie

STRAFRECHTELIJKE VERANTWOORDELIJKHEID VAN MINISTERS. Wet van 25 juni 1998 tot regeling van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van ministers 1

STRAFRECHTELIJKE VERANTWOORDELIJKHEID VAN MINISTERS. Wet van 25 juni 1998 tot regeling van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van ministers 1 STRAFRECHTELIJKE VERANTWOORDELIJKHEID VAN MINISTERS Wet van 25 juni 1998 tot regeling van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van ministers 1 TITEL I TOEPASSINGSGEBIED Artikel 1 Deze wet regelt een

Nadere informatie

2011/4 Ze leefden lang (en gelukkig) en scheidden dan Echtscheiding op latere leeftijd en na langere huwelijksduur

2011/4 Ze leefden lang (en gelukkig) en scheidden dan Echtscheiding op latere leeftijd en na langere huwelijksduur 2011/4 Ze leefden lang (en gelukkig) en scheidden dan Echtscheiding op latere leeftijd en na langere huwelijksduur Martine Corijn D/2011/3241/019 Inleiding FOD ADSEI-cijfers leidden tot de krantenkop Aantal

Nadere informatie

5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek

5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek 5. Verkrijgen en toekennen van de Belgische nationaliteit 1 5.1. Impact van de wijzigingen van het nationaliteitswetboek Sinds het ontstaan van het Koninkrijk stijgt het aantal vreemdelingen dat Belg wordt

Nadere informatie

College van Procureurs-generaal stelt. jaarstatistiek 2015 van de correctionele parketten voor

College van Procureurs-generaal stelt. jaarstatistiek 2015 van de correctionele parketten voor Statistisch analisten van het Openbaar Ministerie College van Procureurs-generaal BRUSSEL College van Procureurs-generaal stelt jaarstatistiek 2015 van de correctionele parketten voor Persbericht 21 april

Nadere informatie

Zij weer? Over inbrekers die twee keer langskomen

Zij weer? Over inbrekers die twee keer langskomen TERUG MAIL SLA OP Zij weer? Over inbrekers die twee keer langskomen SAMENVATTING 27/1/2009 Als er in de buurt is ingebroken, kun je maar beter de ramen dichthouden en een extra slot op de deur doen. De

Nadere informatie

TOELICHTING BIJ DE KUBUS "AANTAL MIGRATIES NAAR PLAATS VAN HERKOMST EN PLAATS VAN BESTEMMING PER LEEFTIJD, GESLACHT EN NATIONALITEIT"

TOELICHTING BIJ DE KUBUS AANTAL MIGRATIES NAAR PLAATS VAN HERKOMST EN PLAATS VAN BESTEMMING PER LEEFTIJD, GESLACHT EN NATIONALITEIT TOELICHTING BIJ DE KUBUS "AANTAL MIGRATIES NAAR PLAATS VAN HERKOMST EN PLAATS VAN BESTEMMING PER LEEFTIJD, GESLACHT EN NATIONALITEIT" 1. Algemeen Deze tabellen geven aantallen migraties. In de "Inleiding

Nadere informatie

Fort van de Democratie

Fort van de Democratie Fort van de Democratie Stichting Vredeseducatie / peace education projects Het Fort van de Democratie WERKT! Samenvatting van een onderzoek door de Universiteit van Amsterdam naar de effecten van de interactieve

Nadere informatie

College van Procureurs-generaal stelt jaarstatistiek 2014 van de correctionele parketten voor

College van Procureurs-generaal stelt jaarstatistiek 2014 van de correctionele parketten voor Statistisch analisten van het Openbaar Ministerie College van Procureurs-generaal BRUSSEL College van Procureurs-generaal stelt jaarstatistiek 2014 van de correctionele parketten voor Persconferentie 2

Nadere informatie

Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen. volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement

Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen. volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement Aandeel van de gerechtigden op wachten overbruggingsuitkeringen in de volledige werkloosheid - analyse volgens arrondissement Inleiding In ons recent onderzoek betreffende de gerechtigden op wacht- en

Nadere informatie

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens

5. Discussie. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens 5. 5.1 Informatieve waarde van de basisgegevens Relevante conclusies voor het beleid zijn pas mogelijk als de basisgegevens waaruit de samengestelde indicator berekend werd voldoende recent zijn. In deze

Nadere informatie

«Bestaat er een verband tussen de leeftijd van de werkloze en de werkloosheidsduur?» (1 ste deel)

«Bestaat er een verband tussen de leeftijd van de werkloze en de werkloosheidsduur?» (1 ste deel) «Bestaat er een verband tussen de leeftijd van de werkloze en de werkloosheidsduur?» (1 ste deel) Eerste deel Evolueert de werkloosheidsduur naargelang de leeftijd van de werkloze? Hoe groot is de kans

Nadere informatie

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010

Allochtonen op de arbeidsmarkt 2009-2010 FORUM Maart Monitor Allochtonen op de arbeidsmarkt 9-8e monitor: effecten van de economische crisis In steeg de totale werkloosheid in Nederland met % naar 26 duizend personen. Het werkloosheidspercentage

Nadere informatie

van de verwerking van persoonsgegevens (hierna WVP), inzonderheid artikel 31bis;

van de verwerking van persoonsgegevens (hierna WVP), inzonderheid artikel 31bis; 1/7 Sectoraal comité van het Rijksregister Beraadslaging RR nr 02/2015 van 21 januari 2015 Betreft: Machtigingsaanvraag van de Vrije Universiteit Brussel (VUB) voor toegang tot het Rijksregister in het

Nadere informatie

Wat weten wij over de gevangenispopulatie?

Wat weten wij over de gevangenispopulatie? Wat weten wij over de gevangenispopulatie? Een overzicht van bevindingen uit verschillende onderzoeken Jo-Anne Wemmers maart 1995 Justitie Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum Ov 6600 . J

Nadere informatie

FOCUS "RVA-SANCTIE EN DOORSTROOM NAAR DE OCMW'S"

FOCUS RVA-SANCTIE EN DOORSTROOM NAAR DE OCMW'S FOCUS "RVA-SANCTIE EN DOORSTROOM NAAR DE OCMW'S" Nummer 8 Juli 2014 1. Inleiding De activering van het zoekgedrag naar werk is het geheel van acties die de RVA onderneemt om de inspanningen van werklozen

Nadere informatie

Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie

Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Vlaamse Regering Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid Kanselarij Boudewijnlaan 30 1000 Brussel T. secretariaat:

Nadere informatie

5 Samenvatting en conclusies

5 Samenvatting en conclusies 5 Samenvatting en conclusies In 2008 werden in Nederland bijna 5,2 miljoen mensen het slachtoffer van criminaliteit (cbs 2008). De meeste van deze slachtoffers kregen te maken met diefstal of vernieling,

Nadere informatie

SAMENVATTING Achtergrond Onderzoeksopzet

SAMENVATTING Achtergrond Onderzoeksopzet SAMENVATTING Achtergrond De laatste jaren is er een toenemende aandacht van de overheid voor de aanpak van kindermishandeling en partnergeweld. Het kabinet heeft in 2007 het actieplan Kinderen Veilig Thuis

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties

Jongeren en Gezondheid 2014: Seksualiteit en Relaties Jongeren en Gezondheid 14: Seksualiteit en Relaties Inleiding Tijdens hun puberjaren, ondergaan jongens en meisjes diepgaande biologische, cognitieve, emotionele en sociale veranderingen. Deze periode

Nadere informatie

Samenvatting (Dutch Summary)

Samenvatting (Dutch Summary) Samenvatting (Dutch Summary) CRIMINALITY AND FAMILY FORMATION Disentangling the relationship between family life events and criminal offending for high-risk men and women Het terugdringen van criminaliteit

Nadere informatie

2. METHODOLOGISCHE AANPASSINGEN

2. METHODOLOGISCHE AANPASSINGEN Integrale versie 2. METHODOLOGISCHE AANPASSINGEN In vergelijking met de vorig jaar gepubliceerde reeksen 2 over de kapitaalgoederenvoorraad (KGV) en de afschrijvingen zijn er drie methodologische aanpassingen

Nadere informatie

Aantal misdrijven blijft dalen

Aantal misdrijven blijft dalen Aantal misdrijven blijft dalen Vorig jaar zijn er minder strafbare feiten gepleegd. Daarmee zet de daling, die al zeven jaar te zien is, door. Het aantal geregistreerde aangiftes van een misdrijf (processen

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 5.8.1. Inleiding De WHO heeft in haar omschrijving het begrip gezondheid uitgebreid met de dimensie sociale gezondheid en deze op één lijn gesteld met de lichamelijke en psychische gezondheid. Zowel de

Nadere informatie

Rolnummer 4418. Arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 A R R E S T

Rolnummer 4418. Arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 A R R E S T Rolnummer 4418 Arrest nr. 12/2009 van 21 januari 2009 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 301, 2, tweede en derde lid, van het Burgerlijk Wetboek, zoals gewijzigd bij artikel 7 van

Nadere informatie

FLEVOMONITOR 2006 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Annemieke Benschop, Susan Place, Marije Wouters & Dirk J. Korf

FLEVOMONITOR 2006 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld. Annemieke Benschop, Susan Place, Marije Wouters & Dirk J. Korf FLEVOMONITOR 2006 Kwetsbare Groepen en Huiselijk Geweld Annemieke Benschop, Susan Place, Marije Wouters & Dirk J. Korf Dit onderzoek is uitgevoerd door het Bonger Instituut voor Criminologie van de Universiteit

Nadere informatie

Constructie van de variabele Etnische afkomst

Constructie van de variabele Etnische afkomst Constructie van de variabele Etnische afkomst Ter inleiding geven we eerst een aantal door verschillende organisaties gehanteerde definities van een allochtoon. Daarna leggen we voor het SiBO-onderzoek

Nadere informatie

Datum 29 januari 2010 Onderwerp WODC-onderzoek 'Strafrechtelijke ontzetting uit beroep of ambt'

Datum 29 januari 2010 Onderwerp WODC-onderzoek 'Strafrechtelijke ontzetting uit beroep of ambt' > Retouradres Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Schedeldoekshaven 100 2511 EX Den Haag Postbus 20301 2500 EH Den Haag www.justitie.nl Onderwerp WODC-onderzoek

Nadere informatie

Corporate Governance Charter

Corporate Governance Charter Corporate Governance Charter Dealing Code Hoofdstuk Twee Euronav Corporate Governance Charter December 2005 13 1. Inleiding Op 9 december 2004 werd de Belgische Corporate Governance Code door de Belgische

Nadere informatie

Fout van CPB bij berekening remgeldeffect eigen risico

Fout van CPB bij berekening remgeldeffect eigen risico Fout van CPB bij berekening remgeldeffect eigen risico Wynand van de Ven en Erik Schut Wederreactie op Douven en Mannaerts In ons artikel in TPEdigitaal (Van de Ven en Schut 2010) hebben wij uiteengezet

Nadere informatie

Stichting TRIX. een re-integratie en rehabilitatieproject. Kansen voor kansarmen. Resultaten en werkzame factoren van het project TRIX

Stichting TRIX. een re-integratie en rehabilitatieproject. Kansen voor kansarmen. Resultaten en werkzame factoren van het project TRIX Stichting TRIX een re-integratie en rehabilitatieproject Kansen voor kansarmen Resultaten en werkzame factoren van het project TRIX Door: Nicolette Plasse Jan van de Graaf Website: www.stichtingtrix.nl

Nadere informatie

Table 1 of lftklper by rybewys Controlling for sexe=mannelijk

Table 1 of lftklper by rybewys Controlling for sexe=mannelijk 4 Rijbewijsbezit Tabel 42: Verdeling van rijbewijsbezit volgens geslacht (personen vanaf 18 jaar) Table of sexe by rybewys rybewys (Bezit rijbewijs sexe (Geslacht) om auto te besturen) Col Pct Ja neen

Nadere informatie

Evaluatie van de activeringsplicht van oudere werklozen

Evaluatie van de activeringsplicht van oudere werklozen Evaluatie van de activeringsplicht van oudere werklozen Auteur: Joost Bollens 1 Abstract In de loop van mei 2009 werd in Vlaanderen de zogenaamde systematische aanpak van de VDAB (de Vlaamse Dienst voor

Nadere informatie

een als misdrijf omschreven feit proces-verbaal procureur des Konings parket of van het Openbaar Ministerie

een als misdrijf omschreven feit proces-verbaal procureur des Konings parket of van het Openbaar Ministerie uitgave juni 2015 Minderjarigen kunnen volgens de Belgische wet geen misdrijven plegen. Wanneer je als jongere iets ernstigs mispeutert, iets wat illegaal is, pleeg je een als misdrijf omschreven feit

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013 Fact sheet nummer 9 juli 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam 2013 Er zijn in Amsterdam bijna 135.000 jongeren in de leeftijd van 15 tot 27 jaar (januari 2013). Veel jongeren volgen een opleiding of

Nadere informatie

FONDS VOOR ARBEIDSONGEVALLEN

FONDS VOOR ARBEIDSONGEVALLEN FONDS VOOR ARBEIDSONGEVALLEN Juli 2014 Statistisch verslag van de arbeidsongevallen van 2013 - Privésector 1 Aanpassing van de formule van de gevolgen van arbeidsongevallen 1.1 EVOLUTIE IN DE OVERDRACHT

Nadere informatie

Tabel 11.1 Geïndexeerd aantal slachtoffers naar delictgroep en onveiligheidsgevoelens per land

Tabel 11.1 Geïndexeerd aantal slachtoffers naar delictgroep en onveiligheidsgevoelens per land 670 Criminaliteit en rechtshandhaving 2012 Tabellen bij hoofdstuk 11 Tabel 11.1 Geïndexeerd aantal slachtoffers naar delictgroep en onveiligheidsgevoelens per land 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 (index

Nadere informatie

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin

Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin Verdere evolutie van de geharmoniseerde werkloosheid in ruime zin ruime zin in België, Duitsland, Frankrijk en Nederland in 2014 Directie Statistieken, Begroting en Studies stat@rva.be Inhoudstafel: 1

Nadere informatie

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid Veiligheid kernthema: De criminaliteitscijfers en de slachtoffercijfers laten over het algemeen een positief beeld zien voor Utrecht in. Ook de aangiftebereidheid van Utrechters is relatief hoog (29%).

Nadere informatie

Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie

Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie Hepatitis C in penitentiaire inrichtingen Een onderzoek naar prevalentie C.J. Leemrijse M.Bongers M. Nielen W. Devillé ISBN 978-90-6905-995-2 http://www.nivel.nl nivel@nivel.nl Telefoon 030 2 729 700 Fax

Nadere informatie

Informatie 10 januari 2015

Informatie 10 januari 2015 Informatie 10 januari 2015 ARMOEDE: FEITEN EN CIJFERS ARMOEDE WERELDWIJD Wereldwijd leven ongeveer 1,2 miljard mensen in absolute armoede leven: zij beschikken niet over basisbehoeften zoals schoon drinkwater,

Nadere informatie

6 secondant #6 december 2010. Groot effect SOV/ISD-maatregel

6 secondant #6 december 2010. Groot effect SOV/ISD-maatregel 6 secondant #6 december 21 Groot effect SOV/ISD-maatregel Selectieve opsluiting recidivisten werkt Crimi-trends Een langere opsluiting van hardnekkige recidivisten heeft een grote bijdrage geleverd aan

Nadere informatie

Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank van 6 september 2004;

Gelet op het auditoraatsrapport van de Kruispuntbank van 6 september 2004; SCSZ/04/105 BERAADSLAGING NR 04/034 VAN 5 OKTOBER 2004 M.B.T. DE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS DOOR DE KRUISPUNTBANK VAN DE SOCIALE ZEKERHEID AAN HET FOREM MET HET OOG OP DE EVALUATIE VAN HET PLAN FORMATION-INSERTION

Nadere informatie

4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes. In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau.

4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes. In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau. 4.2. Evaluatie van de respons op de postenquêtes 4.2.1. Algemeen In dit deel gaan we in op de respons op instellingsniveau en op respondentenniveau. Instellingsniveau (vragenlijst coördinator) provincie,

Nadere informatie

6.7.1.1. Inleiding. Bespreking 5.3.7.1.2. pagina 1

6.7.1.1. Inleiding. Bespreking 5.3.7.1.2. pagina 1 6.7.1.1. Inleiding Algemeen wordt erkend dat de prenatale consultaties een fundamentele rol spelen inzake de gezondheid van de moeder en het toekomstige kind, maar de rol van respectievelijk de huisarts,

Nadere informatie

Onderzoek Verplaatsingsgedrag Vlaanderen 4.3 (2010-2011)

Onderzoek Verplaatsingsgedrag Vlaanderen 4.3 (2010-2011) Onderzoek Verplaatsingsgedrag Vlaanderen 4.3 (2010-2011) Verkeerskundige interpretatie van de belangrijkste tabellen (Analyserapport) D. Janssens, S. Reumers, K. Declercq, G. Wets Contact: Prof. dr. Davy

Nadere informatie

Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen

Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen FACTSHEET Jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in Groningen In deze factsheet worden trends en ontwikkelingen ten aanzien van de jeugdcriminaliteit en jeugdveiligheid in de provincie Groningen behandeld.

Nadere informatie

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur

DE BEROEPSINSTANTIE - Afdeling openbaarheid van bestuur Beroepsinstantie inzake openbaarheid van bestuur en hergebruik van overheidsinformatie Vlaamse Regering Diensten voor het Algemeen Regeringsbeleid Afdeling Kanselarij Boudewijnlaan 30, bus 20 1000 Brussel

Nadere informatie

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages

Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Dit rapport is een uitgave van het NIVEL. De gegevens mogen worden gebruikt met bronvermelding. Stoppen als huisarts: trends in aantallen en percentages Een analyse van de huisartsenregistratie over de

Nadere informatie

6 SECONDANT #1 MAART 2013. Slachtofferschap en onveiligheidsgevoelens in acht landen POSITIEVE VEILIGHEIDS- TRENDS IN NEDERLAND. Naar inhoudsopgave

6 SECONDANT #1 MAART 2013. Slachtofferschap en onveiligheidsgevoelens in acht landen POSITIEVE VEILIGHEIDS- TRENDS IN NEDERLAND. Naar inhoudsopgave 6 SECONDANT #1 MAART 2013 Slachtofferschap en onveiligheidsgevoelens in acht landen POSITIEVE VEILIGHEIDS- TRENDS IN NEDERLAND SECONDANT #1 MAART 2013 7 De laatste jaren voelen burgers zich minder vaak

Nadere informatie

maatschappijwetenschappen vwo 2015-II

maatschappijwetenschappen vwo 2015-II Opgave 2 Rondhangen Bij deze opgave horen de teksten 2 en 3 en tabel 1. Inleiding De Kamer ontvangt elk jaar een rapportage van de minister van Justitie over de voortgang van de aanpak van problematische

Nadere informatie

De Belgische gepensioneerden in kaart gebracht

De Belgische gepensioneerden in kaart gebracht Sociale zekerheid De Belgische gepensioneerden in kaart gebracht Eerste- en tweedepijlerpensioenen bij werknemers Berghman, J., Curvers, G., Palmans, S. & Peeters, H. 008. De Belgische gepensioneerden

Nadere informatie

Samenvatting Samenvatting

Samenvatting Samenvatting Samenvatting Samenvatting Binnen het domein van hart- en vaatziekten is een bypassoperatie de meest uitgevoerde chirurgische ingreep. Omdat bij een hartoperatie het borstbeen wordt doorgesneden en er meestal

Nadere informatie

De gevolgen van een strafrechtelijke afdoening voor de verblijfsrechtelijke positie van jongeren

De gevolgen van een strafrechtelijke afdoening voor de verblijfsrechtelijke positie van jongeren De gevolgen van een strafrechtelijke afdoening voor de verblijfsrechtelijke positie van jongeren Dit document beoogt de strafrechtelijke consequenties voor de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling

Nadere informatie

Klantonderzoek: statistiek!

Klantonderzoek: statistiek! Klantonderzoek: statistiek! Statistiek bij klantonderzoek Om de resultaten van klantonderzoek juist te interpreteren is het belangrijk de juiste analyses uit te voeren. Vaak worden de mogelijkheden van

Nadere informatie

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n)

monitor Marokkaanse Nederlanders in Maassluis bijlage(n) Raadsinformatiebrief (openbaar) gemeente Maassluis Aan de leden van de gemeenteraad in Maassluis Postbus 55 3140 AB Maassluis T 010-593 1931 E gemeente@maassluis.nl I www.maassluis.nl ons kenmerk 2010-4748

Nadere informatie

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer,

De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, COMMISSIE VOOR DE BESCHERMING VAN DE PERSOONLIJKE LEVENSSFEER ADVIES Nr 12 / 94 van 2 mei 1994 ------------------------------------------- O. ref. : A / 94 / 008 BETREFT : Ontwerp van koninklijk besluit

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) Het aantal eerste en tweede generatie immigranten in Nederland is hoger dan ooit tevoren. Momenteel wonen er 3,2 miljoen immigranten in Nederland, dat is 19.7% van de totale

Nadere informatie

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill.

Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. Bijna de helft van de geweldsmisdrijven wordt in de openbare ruimte gepleegd / foto: Inge van Mill. secondant #2 april 2009 7 Geweldsdelicten tussen - Daling van geweld komt niet uit de verf Crimi-trends

Nadere informatie

Rolnummer 5264. Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T

Rolnummer 5264. Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T Rolnummer 5264 Arrest nr. 24/2012 van 16 februari 2012 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 38, 5, van de wetten betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk

Nadere informatie

samenstelling : federale en lokale parketten & parketten-generaal! het beleid wordt uitgestippeld door een college van procureurs-generaal

samenstelling : federale en lokale parketten & parketten-generaal! het beleid wordt uitgestippeld door een college van procureurs-generaal Leg uit : het openbaar ministerie ( parket ) = hoeder van de openbare orde! 1) opsporen en onderzoeken 2) vervolgen 3) uitvoering van de straf samenstelling : federale en lokale parketten & parketten-generaal!

Nadere informatie

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013

Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Evolutie van het arbeidsongevallenrisico in de privésector in België tussen 1985 en 2013 Verschillende factoren bepalen het aantal arbeidsongevallen. Sommige van die factoren zijn meetbaar. Denken we daarbij

Nadere informatie

LIJST VAN TABELLEN... 10 LIJST VAN FIGUREN... 12 VOORWOORD... 13 HOOFDSTUK 1: PROJECT ONTWIKKELING VAN EEN RECIDIVEMONITOR : ALGEMENE INLEIDING...

LIJST VAN TABELLEN... 10 LIJST VAN FIGUREN... 12 VOORWOORD... 13 HOOFDSTUK 1: PROJECT ONTWIKKELING VAN EEN RECIDIVEMONITOR : ALGEMENE INLEIDING... Inhoudstafel LIJST VAN TABELLEN... 10 LIJST VAN FIGUREN... 12 VOORWOORD... 13 HOOFDSTUK 1: PROJECT ONTWIKKELING VAN EEN RECIDIVEMONITOR : ALGEMENE INLEIDING... 15 1. Inleiding en probleemstelling... 15

Nadere informatie

Griepepidemie. Modelleren B. Javiér Sijen. Janine Sinke

Griepepidemie. Modelleren B. Javiér Sijen. Janine Sinke Javiér Sijen Janine Sinke Griepepidemie Modelleren B Om de uitbraak van een epidemie te voorspellen, wordt de verspreiding van een griepvirus gemodelleerd. Hierbij wordt zowel een detailbenadering als

Nadere informatie

Nazorgproblematiek en recidive van kortgestrafte gedetineerden

Nazorgproblematiek en recidive van kortgestrafte gedetineerden Factsheet 2010-2 Nazorgproblematiek en recidive van kortgestrafte gedetineerden Auteurs: G. Weijters, P.A. More, S.M. Alma Juli 2010 Aanleiding Een aanzienlijk deel van de Nederlandse gedetineerden verblijft

Nadere informatie

Gender: de ideale mix

Gender: de ideale mix Inleiding 'Zou de financiële crisis even hard hebben toegeslaan als de Lehman Brothers de Lehman Sisters waren geweest?' The Economist wijdde er vorige maand een artikel aan: de toename van vrouwen in

Nadere informatie

KLACHTEN. Wat moet je doen wanneer je een probleem hebt met een andere huurder van onze huisvestingsmaatschappij?

KLACHTEN. Wat moet je doen wanneer je een probleem hebt met een andere huurder van onze huisvestingsmaatschappij? KLACHTEN Wat moet je doen wanneer je een probleem hebt met een andere huurder van onze huisvestingsmaatschappij? Elke huurder moet zich gedragen als een goed huisvader. Dit staat zo in het huurcontract.

Nadere informatie

Antwoorden. 32-jarige vrouwen op 1 januari Zo gaan we jaar per jaar verder en vinden

Antwoorden. 32-jarige vrouwen op 1 januari Zo gaan we jaar per jaar verder en vinden Antwoorden 1. De tabel met bevolkingsaantallen is niet moeilijk te begrijpen. We zullen gebruik maken van de bevolkingsaantallen volgens geslacht en leeftijdsklassen van 1 jaar (de cijfers die in het midden

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013

PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 PERSBERICHT Brussel, 20 december 2013 Werkgelegenheid stabiel, werkloosheid opnieuw in stijgende lijn Arbeidsmarktcijfers derde kwartaal 2013 Na het licht herstel van de arbeidsmarkt in het tweede kwartaal

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

AFDELING I: AANBESTEDENDE DIENST AFDELING II: VOORWERP VAN DE OPDRACHT I.1 NAAM, ADRESSEN EN CONTACTPUNT(EN)

AFDELING I: AANBESTEDENDE DIENST AFDELING II: VOORWERP VAN DE OPDRACHT I.1 NAAM, ADRESSEN EN CONTACTPUNT(EN) Deze aankondiging is een oproep tot mededinging: Deze aankondiging is bedoeld om de termijnen voor de ontvangst van inschrijvingen korter te maken: ja AFDELING I: AANBESTEDENDE DIENST I.1 NAAM, ADRESSEN

Nadere informatie

Gemeenschappelijke EU-standaarden voor het garanderen van procedurele rechten in strafzaken

Gemeenschappelijke EU-standaarden voor het garanderen van procedurele rechten in strafzaken Gemeenschappelijke EU-standaarden voor het garanderen van procedurele rechten in strafzaken Paul Ponsaers 1 1. De EU is niet enkel een economische, politieke en sociale gemeenschap, maar evenzeer een waardengemeenschap.

Nadere informatie

Ondernemerschap in Vlaanderen: een vergelijkende, internationale studie

Ondernemerschap in Vlaanderen: een vergelijkende, internationale studie Ondernemerschap in Vlaanderen: een vergelijkende, internationale studie De Global Entrepreneurship Monitor (GEM) is een jaarlijks onderzoek dat een beeld geeft van de ondernemingsgraad van een land. GEM

Nadere informatie

Inleiding. Beleving van veiligheid. Veiligheid als begrip

Inleiding. Beleving van veiligheid. Veiligheid als begrip Inleiding In het kader van veiligheid zijn politie en gemeenten eerstverantwoordelijk voor openbare orde, handhaving van wettelijke regels en bestrijding van criminaliteit. Burgers ervaren veiligheid als

Nadere informatie

CM01-025 Utrecht, 23 oktober 2001. Betreft: implementatie Richtlijn 2001/55 inzake tijdelijke bescherming van ontheemden

CM01-025 Utrecht, 23 oktober 2001. Betreft: implementatie Richtlijn 2001/55 inzake tijdelijke bescherming van ontheemden Permanente commissie Secretariaat van deskundigen in internationaal vreemdelingen-, telefoon 31 (30) 297 42 14/43 28 telefax 31 (30) 296 00 50 e-mail cie.meijers@forum.nl postbus 201, 3500 AE Utrecht/Nederland

Nadere informatie

Rolnummer 4560. Arrest nr. 21/2009 van 12 februari 2009 A R R E S T

Rolnummer 4560. Arrest nr. 21/2009 van 12 februari 2009 A R R E S T Rolnummer 4560 Arrest nr. 21/2009 van 12 februari 2009 A R R E S T In zake : de prejudiciële vraag over artikel 13 van de wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid»

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling «Sociale Zekerheid» SCSZ/11/043 ADVIES NR 10/23 VAN 5 OKTOBER 2010, GEWIJZIGD OP 5 APRIL 2011, BETREFFENDE HET MEEDELEN VAN ANONIEME

Nadere informatie

Bijlage nr 10 aan ZVP 2014-2017 BIJLAGE 10 LOKALE VEILIGHEIDS- BEVRAGING 2011

Bijlage nr 10 aan ZVP 2014-2017 BIJLAGE 10 LOKALE VEILIGHEIDS- BEVRAGING 2011 BIJLAGE 10 LOKALE VEILIGHEIDS- BEVRAGING 2011 Lokale veiligheidsbevraging 2011 Synthese van het tabellenrapport Pz Blankenberge - Zuienkerke Inleiding De lokale veiligheidsbevraging 2011 is een bevolkingsenquête

Nadere informatie

Grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van kinderen in de sport in Vlaanderen en Nederland

Grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van kinderen in de sport in Vlaanderen en Nederland Grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van kinderen in de sport in Vlaanderen en Nederland Een retrospectieve zelfrapportering van ervaringen met psychisch, fysiek en seksueel in de sport voor de leeftijd

Nadere informatie

Advies ontwerpbesluit aanscherping glijdende schaal

Advies ontwerpbesluit aanscherping glijdende schaal De minister voor Immigratie en Asiel drs. G.B.M. Leers Postbus 20011 2500 EA Den Haag datum 15 augustus 2011 doorkiesnummer 070-361 9721 e-mail voorlichting@rechtspraak.nl uw kenmerk 2011-2000250817 cc

Nadere informatie

I n h o u d s o p g a v e 1. Inspectiediensten met bijzondere politiebevoegdheden: een conceptueel kader 2. Methodologie

I n h o u d s o p g a v e 1. Inspectiediensten met bijzondere politiebevoegdheden: een conceptueel kader 2. Methodologie 1. Inspectiediensten met bijzondere politiebevoegdheden: een conceptueel kader...................................... 1 1.1. Inleiding.............................................. 1 1.2. Mala in se versus

Nadere informatie

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013

Fact sheet. Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam. nummer 5 maart 2013 Fact sheet nummer 5 maart 2013 Monitor jeugdwerkloosheid Amsterdam Er zijn ruim 133.000 jongeren van 15 tot en met 26 jaar in Amsterdam (januari 2012). Met de meeste jongeren gaat het goed in het onderwijs

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Prenatale opvolging Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Prenatale opvolging Gezondheidsenquête, België, 1997 6.7.1.1. Inleiding Algemeen wordt erkend dat de prenatale consultaties een fundamentele rol spelen inzake de gezondheid van de moeder en het toekomstige kind, maar de rol van respectievelijk de huisarts,

Nadere informatie

Resultaten voor België Psychische Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor België Psychische Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 6.2.1. Inleiding Binnen de verschillen factoren van risico gedrag heeft alcoholverbruik altijd al de aandacht getrokken van de verantwoordelijken voor Volksgezondheid. De WGO gebruikt de term "Ongeschiktheid

Nadere informatie

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen

Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen 1 Verdringing op de Nederlandse arbeidsmarkt: sector- en sekseverschillen Peter van der Meer Samenvatting In dit onderzoek is geprobeerd antwoord te geven op de vraag in hoeverre het mogelijk is verschillen

Nadere informatie

Evolutie van de schadefrequentie 2003-2012 in de BA motorrijtuigen verzekering

Evolutie van de schadefrequentie 2003-2012 in de BA motorrijtuigen verzekering Evolutie van de schadefrequentie 2003-2012 in de BA motorrijtuigen verzekering Inhoud 1. Aantal schadegevallen BA toerisme en zaken... 2 Schadefrequentie BA toerisme en zaken... 2 Schadefrequentie van

Nadere informatie

Daling totale criminaliteit ten opzichte van 2012 en 2011, opsporing boekt resultaat

Daling totale criminaliteit ten opzichte van 2012 en 2011, opsporing boekt resultaat Daling totale criminaliteit ten opzichte van 2012 en 2011, opsporing boekt resultaat Datum : 22-01-2014 1. Algemeen Onderstaand cijfermateriaal betreft een aanvulling op de reeds gepresenteerde criminaliteitscijfers

Nadere informatie