Running head: ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 1

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Running head: ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 1"

Transcriptie

1 Running head: ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 1 Het effect van sociale afwijzing op alcoholafhankelijke patiënten Amanda W.E. Thijssen Instituut voor Psychologie, Faculteit der Sociale Wetenschappen Erasmus Universiteit Rotterdam Master Klinische Psychologie Supervisors: F.M. van der Veen en A.S. Euser

2 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 2 Abstract Alcoholafhankelijke patiënten hebben vaak het gevoel genegeerd of buitengesloten te worden. In deze ERP studie wordt er gekeken naar het neurale effect en het gedragseffect van sociale afwijzing bij alcoholafhankelijke patiënten. De onderzoeksvragen in deze scriptie focussen op het effect van onverwachte sociale afwijzing op de P3 amplitude en de mate van subjectieve craving na het ervaren van afwijzing. Het doel van deze studie is om meer inzicht te krijgen in alcoholafhankelijkheid, zodat de behandeling verbeterd kan worden. De doelgroep bestond uit een alcoholafhankelijke patiëntengroep (n=25) en een controlegroep (n=27), met een gemiddelde leeftijd van 45 jaar. Het effect van sociale afwijzing werd onderzocht met de Social Judgement taak, waarbij de proefpersonen aan de hand van foto s van onbekende gezichten aan moesten geven of hij of zij door de desbetreffende persoon afgewezen of geaccepteerd dacht te worden. Daarnaast werd de VAS-scale mood en craving afgenomen om de mate van subjectieve craving te meten. Het bleek dat onverwachte sociale afwijzing een niet significante hogere P3 amplitude veroorzaakte bij alcoholafhankelijke patiënten, dan bij de controlegroep (p>0.05). In tegenstelling, de P3 amplitude bleek maximaal te zijn voor verwachte acceptatie. Daarnaast rapporteerde alcoholafhankelijke patiënten niet significant meer craving, dan de controlegroep, zowel voor als na de Social Judgement taak (p>0.05). Uit deze studie blijkt dat alcoholafhankelijke patiënten niet sterker reageren op sociale afwijzing en daarnaast niet meer craving ervaren na afwijzing. Vervolgonderzoek naar sociale afwijzing en alcoholafhankelijkheid is nodig. Keywords: alcoholafhankelijke patiënten, craving, sociale afwijzing, P3 amplitude, event-related brain potential (ERP).

3 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 3 Inleiding Alcoholproblemen zijn wereldwijd één van de meest voorkomende problemen (Grant et al., 2004; Ross & Peselow, 2009). In westerse landen is het consumeren van alcohol zeer normaal (Sher, 2004). Zo heeft 90% van de westerse populatie in zijn of haar leven wel eens alcohol gedronken en heeft 30% hiervan alcoholproblemen ontwikkeld. Aan alcohol gebonden stoornissen worden in de DSM -IV-TR (Diagnostic and Statstical Manual, Fourth Edition, Text Revision) onderverdeeld in misbruik van alcohol en alcoholafhankelijkheid (American Psychiatric Association, 2000) ( Bijlage 1). Wanneer een individu voldoet aan de criteria voor alcoholmisbruik, is men niet afhankelijk van het middel, echter ervaart men wel beperkingen en problemen op interpersoonlijk en sociaal gebied (Sher, 2004). Wanneer een individu alcohol blijft misbruiken kan het alcoholmisbruik over gaan tot alcoholafhankelijkheid (Sher, 2004). De diagnose alcoholafhankelijkheid wordt volgens de DSM-IV- TR (2000) gekenmerkt door tolerantie. Dit houdt in dat men tolerant wordt voor de hoeveelheid alcohol en is er een steeds grotere hoeveelheid alcohol nodig voor hetzelfde gewenste effect. Een ander kenmerk van alcoholafhankelijkheid is ontwenningsverschijnselen, deze treden op wanneer men een tijd geen alcohol consumeert (DSM-IV-TR, 2000). Voorbeelden van ontwenningsverschijnselen zijn rusteloosheid, transpireren, slaapproblemen en trillende handen. Daarnaast gaat alcoholafhankelijkheid vaak samen met lichamelijke en psychische problemen (Sher, 2004). Alcoholafhankelijkheid is wereldwijd een veel voorkomende psychiatrische stoornis en de prevalentie stijgt tot op de dag van vandaag nog steeds ( Ross & Peselow, 2009). In de westerse landen voldoet ongeveer 10% van de mannen en 3% tot 5% van de vrouwen aan de criteria van alcoholafhankelijkheid (Sher, 2004). Alcoholafhankelijkheid heeft enorme gevolgen voor het individu zelf, maar ook voor de omgeving zoals familie en kinderen. Uit onderzoek van Grant et al. (2004) blijkt dat in de VS één op de vier kinderen onder de 18 jaar blootgesteld zijn aan alcoholproblemen in de familie. Daarnaast heeft alcoholafhankelijkheid ook enorme gevolgen voor de maatschappij en leidt het tot het enorme kosten (Ross & Peselow, 2009). In de huidige literatuur is er veel onderzoek gedaan naar zowel de genetische invloed als de invloed van de omgeving op het ontstaan en in standhouden van alcoholafhankelijkheid. Door middel van tweelingstudies is de genetisch component in alcoholafhankelijkheid onderzocht. Uit verschillende studies blijkt dat erfelijke factoren een belangrijke rol spelen bij het ontstaan van alcoholafhankelijkheid, waarbij de erfelijkheidsfactor wordt geschat tussen de 50% en 60% (Anderson & Baumberg 2006; Hasselt, 2012). Wanneer een individu een genetische kwetsbaarheid heeft kan dit een

4 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 4 risicofactor zijn voor het ontwikkelen van alcoholproblematiek (Hasselt, 2012). Alcoholafhankelijkheid kan echter niet alleen verklaard worden door de genetische factor, omdat er in de meeste gevallen sprake is van een interactie-effect tussen genetische factoren en omgevingsfactoren. Zo kan het vroeg beginnen van overmatig alcoholgebruik beter verklaard worden door de genetische component, maar daarentegen kan de frequentie en de instandhouding beter verklaard worden door omgevingsfactoren (Poelen, 2008). Uit verschillende onderzoeken blijkt dat ouders en vrienden een significante risicofactor zijn voor de alcoholconsumptie van adolescenten (Bahr, Hoffmann & Yang, 2005; Hasselt 2012; Hawkins, 1992). Een combinatie van een slechte ouder-kindrelatie en weinig ouderlijke controle blijkt een voorspellende factor te zijn voor alcoholmisbruik tijdens de adolescentie (Bahr et al., 2005; Hawkins, 1992; Mash & Wolfe, 2010). Dit wordt gekenmerkt door weinig warmte en weinig controle over de activiteiten van het kind. Daarnaast blijkt uit verschillende studies dat het hebben van en veel tijd door brengen met vrienden die veel alcohol consumeren een belangrijke factor is voor het ontwikkelen van alcoholproblematiek (Bahr et al., 2005; Steinberg, 2008). Ondanks het vele onderzoek wat er verricht is naar risicofactoren en in standhoudende factoren voor alcoholafhankelijkheid is het wereldwijd nog steeds een enorm probleem en zijn de behandelingen niet effectief genoeg (Maurage et al., 2012). Uit de studie van Maisto, Zywiak en Connors (2006) blijkt dat 60% van de alcoholafhankelijke patiënten zes maanden na de behandeling terugval vertonen. Onderzoek blijft dus essentieel om behandeling te verbeteren. Door middel van het huidig onderzoek willen we een andere kant van de mogelijke oorzaken of in standhoudende factoren van alcoholafhankelijkheid belichten, zodat behandelingen specifieker kunnen worden gemaakt. In de recente literatuur zijn de omgevingsinvloeden vooral gericht op modeling, namelijk het leren door observatie en imitatie. In deze scriptie wordt er naar een andere kant van de omgevingsinvloeden gekeken waar tot nu toe nog weinig onderzoek naar gedaan is, namelijk de respons op feedback in sociale situaties. Uit onderzoek blijkt dat mensen sociale behoeftes hebben. Eén van onze basis behoefte is om sociaal geïntegreerd te zijn en het gevoel te hebben ergens bij te horen (Adolphs, 2010; Baumeister & Leary, 1995). Mensen voelen zich op hun gemak in het bijzijn van anderen en zijn gemotiveerd om sociaal geaccepteerd te worden en ervaren onprettige gevoelens en stress wanneer ze afgewezen worden (Gunther Moor, Crone & van der molen, 2010). Er zijn verschillende onderzoeken gedaan naar de effecten van sociale afwijzing en sociale buitensluiting (Davey, Yücel & Allen, 2008; Van der Veen, Van der Molen, Sahibdin

5 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 5 & Franken, 2013). In diverse studies is sociale buitensluiting onderzocht aan de hand van de Cyberball game. De Cyberball game is een virtueel spel, waarbij er met een bal overgegooid wordt. Uit een ERP studie van Gutz, Kupper, Renneberg en Niedeggen (2011) blijkt dat sociale buitensluiting in de Cyberball game een verhoogde P3 amplitude veroorzaakt bij de proefpersonen. De P3 amplitude wordt beschouwd als een cognitieve component die reageert op top-down aandachtsprocessen (Polisch, 2007). Een fenomeen wat gerelateerd is aan sociale buitensluiting, is sociale afwijzing. Somerville en haar collega s introduceren in een fmri studie een taak om te onderzoeken welke hersendelen een rol spelen bij sociale afwijzing. (Somerville, Heatherton & Kelley, 2006). In deze taak kregen proefpersonen foto s te zien van gezichten van onbekende personen. Zij werden geïnformeerd dat de desbetreffende personen de proefpersoon positief of negatief beoordeeld had aan de hand van een foto van de proefpersoon. De proefpersoon kreeg vervolgens een reeks foto s te zien en werd gevraagd om aan te geven of de persoon op de foto de proefpersoon positieve of negatief beoordeeld had. Met andere woorden, zij moesten aangegeven of zij geaccepteerd of afgewezen dachten te worden. Vervolgens verscheen de echte beoordeling van de beoordelaar, die door de computer vooraf vastgesteld was. In deze studie werd een differentiële respons gevonden van het ventrale deel en het dorsale deel van de anterior cingualte op sociale afwijzing. Het ventrale deel van de anterior cingualte reageerde op valentie, terwijl het dorsale gedeelte van de anterior cingualte reageerde op de mismatch die kon ontstaan de taak. In de recente literatuur zijn er weinig ERP studies naar sociale afwijzing gedaan. Een ERP studie naar sociale afwijzing is de studie van Van der Veen en zijn collega s (2013). In deze studie werd dezelfde taak gebruikt als in de studie van Somerville et al. (2006) (Van der Veen et al., 2013). Uit de resultaten van deze studie blijkt dat de P3 amplitude groter was bij verwachte acceptatie. Van der Veen en zijn collega s geven als verklaring voor dit gevonden effect dat verwachte acceptatie mogelijke gelinkt is aan sociale beloning, wat zou leiden tot een grotere P3 amplitude (Van der Veen et al., 2013). Wanneer een individu verwacht geaccepteerd te worden en hetgeen ook gebeurt, zou dit volgens Van der Veen en zijn collega s (2013) mogelijk een belonende werking kunnen hebben. De studie van Van der Molen et al. (2014) ondersteunt de resultaten van Van der Veen et al. (2013). Zij maakten gebruik van dezelfde taak en onderzochten individuele verschillen in neurale activiteit bij sociale evaluatie, waarbij zij tevens een grotere P3 amplitude vonden voor verwachte acceptatie (Van der Molen et al., 2014). De bovenstaande studies zijn onderzocht met proefpersonen waarbij er geen sprake was van een psychische stoornis. Sociale afwijzing is mogelijk betrokken bij de ontwikkeling

6 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 6 van psychologische stoornissen (Gunther Moor et al., 2010). Er is nog weinig onderzoek gedaan naar het effect van sociale afwijzing op alcoholafhankelijke patiënten. Alcoholafhankelijke patiënten hebben vaak het gevoel genegeerd te worden of sociaal buiten gesloten te worden (Schomerus et al., 2011). Wanneer alcoholafhankelijke patiënten te maken krijgen met deze gevoelens zal de alcohol consumptie toenemen, waarmee alcohol gebruikt wordt als zelfmedicatie om negatieve gevoelens te verminderen (Zywiak, Westerberg, Connors & Maisto, 2003). Moeilijkheden op sociaal gebied blijken vaak een rol te spelen bij terugval van alcoholafhankelijke patiënten na een periode van abstinentie (Zywiak et al., 2003). Mogelijk speelt sociale afwijzing een belangrijke rol in de mate van terugval. Het doel van deze studie is om het effect van sociale afwijzing op alcoholafhankelijke patiënten te onderzoeken, zodat het inzicht in alcoholafhankelijkheid vergroot wordt. Dit wordt gedaan door middel van de Social Judgement taak, gebaseerd op het onderzoek van Somerville et al. (2006) en Van der Veen et al. (2013), waarbij er naast de gedragsresponsen ook gekeken wordt naar de EEG-respons. In deze taak waren vier condities, namelijk: (1) verwachte acceptatie, (2) onverwachte acceptatie, (3) verwachte afwijzing en (4) onverwachte afwijzing. De eerste onderzoeksvraag in dit onderzoek is: Reageren alcoholafhankelijke patiënten sterker op onverwachte sociale afwijzing tijdens de Social Judgement taak dan de controlegroep? Er wordt verwacht dat sociale afwijzing voor alcoholafhankelijke patiënten een belangrijke gebeurtenis is, aangezien zij vaak het gevoel hebben buiten gesloten of genegeerd te worden, hierdoor zullen zij meer aandacht hebben voor stimuli die geassocieerd is met sociale afwijzing. Wanneer sociale afwijzing onverwachts optreedt, zal dit zelfs meer invloed hebben op alcoholafhankelijke patiënten dan wanneer ze verwachten sociaal afgewezen te worden. De hypothese is dat alcoholafhankelijke patiënten een grotere P3 amplitude laten zien tijdens de ja-nee conditie, waarin de patiënt aangeeft te denken positief beoordeeld te worden, maar dit niet zo blijkt te zijn. Op de overige drie condities wordt er verwacht dat de alcoholafhankelijke patiënten een kleinere P3 amplitude hebben dan de controlegroep. Uit recent onderzoek blijkt dat mensen met alcoholproblematiek, alcoholafhankelijkheid of alcoholmisbruik een kleinere P3 amplitude hebben (Hicks et al., 2007). De tweede onderzoeksvraag in dit onderzoek luidt: Ervaren alcoholafhankelijke patiënten meer craving na sociale afwijzing tijdens de Social Judgement taak dan de controlegroep? Er wordt verwacht dat afwijzing negatieve gevoelens en stress zal oproepen bij alcoholafhankelijke patiënten, waardoor zij meer craving zullen ervaren. De hypothese is dat alcoholafhankelijke patiënten meer craving rapporteren, door middel van een hogere score

7 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 7 op de VAS, direct na de Social Judgement taak dan de controlegroep. De derde onderzoeksvraag in dit onderzoek luidt: Is de mate van craving bij alcoholafhankelijke patiënten gerelateerd aan de reactie op onverwachte sociale afwijzing? De hypothese is dat de mate van craving bij alcoholafhankelijke patiënten gerelateerd is aan de reactie op onverwachte feedback. Met andere woorden, hoe sterker de patiënt reageert op onverwachte sociale afwijzing, hoe slechter zij zich na deze taak zullen voelen en hoe meer craving zij zullen rapporteren. Methode Deelnemers In totaal werd het onderzoek afgenomen bij 52 deelnemers, waarvan 25 alcoholafhankelijke patiënten en 27 controleproefpersonen. De controlegroep werd gematched aan de alcoholafhankelijke patiënten op basis van geslacht, leeftijd en educatie, zodat er twee vergelijkbare groepen ontstonden. De populatie die onderzocht werd bestond uit deelnemers tussen de 25 en 63 jaar, met een gemiddelde leeftijd van 45 jaar. De onderzochte populatie bestond uit 69% mannen en 31% vrouwen. Dit verschil werd veroorzaakt, doordat de alcoholafhankelijke patiënten grotendeels mannen waren. De alcoholafhankelijke patiënten zijn geworven via Bouman GGZ in Rotterdam en voldoen aan de DSM- IV- TR criteria van alcoholafhankelijkheid. De exclusiecriteria voor de alcoholafhankelijke patiënten waren: epilepsie, een geschiedenis van medische ziekte en/of psychiatrische stoornissen, een geschiedenis van neurologische stoornissen, symptomen van dementie of Korsakoff en alcoholconsumptie op de testdag. De controleproefpersonen zijn geworven aan de hand van een database, waarin controle proefpersonen geregistreerd stonden die geïnteresseerd waren deel te nemen aan diverse onderzoeken. De exclusiecriteria voor de controleproefpersonen waren: epilepsie, een geschiedenis van medische ziekte en/of psychiatrische stoornissen, een geschiedenis van neurologische stoornissen, verhoogd risico op alcoholconsumptie en alcoholassumptie op de testdag. Tot slot moesten alle proefpersonen over normaal zicht beschikken of moest dit gecorrigeerd zijn met een bril of lenzen. Materiaal Vragenlijsten In dit onderzoek zijn de volgende vragenlijsten gebruikt: demographics and alcohol/drug use questionaire, Quality Frequency Variability Index (QFV), Fear of Negative Evaluation questionaire (FNE), Young Schema Inventory (YSI), Barratt Impulsiveness Scale (BIS-11),

8 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 8 Positive Affect Negative Affect Scale (PANAS), Needs Treat Scale (NTS) en VAS-scale mood and craving score. Voor deze scriptie, op basis van de eerder benoemde onderzoeksvragen is er slechts gebruik gemaakt van de demographics and alcohol/drug use questionaire, Quality Frequency Variability Index (QFV) en de VAS-scale mood and craving score (bijlage 2). De demographics and alcohol/drug use questionnaire is een korte vragenlijst en is ontwikkeld om de demografische gegevens van de proefpersonen in kaart te brengen, zoals geslacht, leeftijd, educatie en het alcoholgebruik. De Quality of Frequency Variability Index (OFV) is een korte vragenlijst die ontwikkeld is om de geschiedenis van het alcoholgebruik van de proefpersonen in kaart te brengen (Franken, 2002; Lemmens, Tan & Knibbe, 1992; Meerkerk, Njoo, Bongers, Trienekens & van Oers, 1999). Deze vragenlijst geeft inzicht in de frequentie, de kwantiteit en de variabiliteit van het alcoholgebruik over de laatste 6 maanden. Dit wil zeggen dat de vragenlijst een beeld geeft van het aantal glazen alcohol die een proefpersoon drinkt, wanneer de proefpersoon alcohol nuttigt en of er sprake is van binge drinking. De resultaten van de vragenlijst geven weer of de proefpersoon een lichte drinker is, matige drinker is of een excessieve drinker is. De VAS-scale mood and craving scores bestaat uit drie vragen en is ontwikkeld om de mate van alcohol craving en de stemming van de proefpersonen in kaart te brengen. Voor en direct na de drie computertaken, die in dit onderzoek gebruikt zijn, moesten de proefpersonen op een schaal van 0 tot 100 aangeven wat de mate van craving naar alcohol is. Daarnaast moesten ze op een schaal van 0 tot 100 aangeven hoe gelukkig zij zich voelden. Alcoholtest Voorafgaand aan het onderzoek werd bij alle proefpersonen een alcoholtest afgenomen in de vorm van een blaastest. Met deze test werd de hoeveel alcohol in het bloed van de proefpersonen onderzocht. Het resultaat werd weergegeven in promillage. Indien de proefpersoon gedronken had, mocht deze niet mee doen aan het onderzoek. Dit betekent dat voorafgaand aan het onderzoek de blaastest een promillage van 0 aan moet geven. Dit was bij alle proefpersonen het geval. EEG taken Tijdens dit onderzoek werden drie verschillende computertaken gebruikt, waarbij tegelijkertijd een EEG werd gemaakt (elektro-encefalografie). De volgende drie computertaken werden afgenomen: de Door Opening taak, de Cyberball game en de Social

9 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 9 Judgement taak. De Cyberball game en de Social Judgement taak zijn taken gericht op feedback in sociale situaties. De Cyberball game heeft namelijk betrekking op sociale buitensluiting en de Social Judgement taak op sociale afwijzing. Daarentegen is de Door Opening taak een goktaak en werd deze in het onderzoek meegenomen om te kijken hoe alcoholafhankelijke patiënten in vergelijking tot controle proefpersonen reageren op beloning en straf. Voor het beantwoorden van de onderzoeksvragen in deze scriptie is alleen de Social Judgement taak van belang. Social Judgement taak De Social Judgement taak is ontwikkelend door Somerville en haar collega s (2006). Voorafgaand aan deze taak werd er een foto van de proefpersoon gemaakt en werd hij of zij er van overtuigd dat de foto positief of negatief beoordeeld werd. De beoordelaars gaven antwoord op de vraag: Vind u deze persoon leuk? Deze vraag werd simpelweg beantwoord met een ja of nee. Vervolgens kreeg de proefpersoon in de Social Judgement taak foto s te zien van de zogenaamde beoordelaars en werd aan de proefpersoon gevraagd om aan te geven of de beoordelaar een positieve of negatieve beoordeling had gegeven. Met andere woorden, de proefpersoon beantwoordde de vraag: Denk je dat deze persoon jou leuk vindt?. In de taak werden foto s met neutrale gezichten gebruikt en deze werden drie seconden lang getoond. Er werd een gelijk aantal aan mannen en vrouwen foto s gebruikt. In deze drie seconden had de proefpersoon de tijd om aan te geven of de persoon van de desbetreffende foto hem of haar positief of negatief beoordeeld had. Dit deden zij door op de linker of rechter knop te drukken. De linker knop hield in Nee, ik denk dat de persoon mij niet leuk vindt en de rechterknop hield in Ja, ik denk dat de persoon mij leuk vindt. Het antwoord van de proefpersoon verscheen links van de foto en na drie seconden verscheen het echte antwoord van de desbetreffende persoon rechts naast de foto. De proefpersoon kan ik deze taak dus verwacht geaccepteerd, onverwacht geaccepteerd, verwacht afgewezen of onverwacht afgewezen worden. De proefpersoon wars zich er echter niet bewust van dat hij of zij niet beoordeeld werd in de taak en dat de antwoorden van de beoordelaars random 50% ja en 50% nee waren. Tot slot kreeg de proefpersoon aan het einde van het onderzoek ook de gelegenheid om foto s te beoordelen waarbij zij dezelfde vraag beantwoordden. Onderzoeksdesign Het onderzoeksdesign is observationeel. Er werd een experimentele groep, namelijk alcohol afhankelijke patiënten, vergeleken met een controlegroep. Het onderzoek bestaat uit zowel

10 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 10 within-subject factoren als een between-subject factor. Wanneer er gekeken wordt naar het verschil tussen de alcoholafhankelijke patiënten en de controlegroep op de Social Judgement taak zijn deze twee groepen (experimenteel vs. controle) een between-subject factor. Wanneer er gekeken wordt naar het verschil in craving na de Social Judgement taak is craving een within subject factor, aangezien deze zowel voor als na de taak werd gemeten. Wanneer er gekeken wordt naar de reactie op sociale feedback zijn er drie within subject factoren, namelijk beoordeling (ja vs. nee), verwachting (ja vs. nee) en elektrode (Fz, Pz en Cz). De Social Judgement taak bestaat uit 4 condities, namelijk (1) de conditie ja-ja, (2) de conditie ja-nee, (3) de conditie nee-ja en (4) de conditie nee-nee. In deze scriptie zal er vooral gekeken worden naar de conditie ja-nee, deze conditie representeert onverwachte sociale afwijzing. Deze vier condities werden gemeten op drie elektrode, namelijk Fz, Pz en Cz. Procedure De alcoholafhankelijke patiënten werden geïnformeerd over het onderzoek door hun behandellaar van Bouwman GGZ. Bij interesse namen de proefleiders contact met hen op voor een afspraak en kregen zij vragenlijsten en aanvullende informatie over het onderzoek toegestuurd. Deze vragenlijsten moesten voorafgaand aan het onderzoek ingevuld worden. Het onderzoek vond plaats in het Behavioral Lab van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Na aankomst had de proefpersoon de kans om eventuele vragen te stellen. Aan het begin van het onderzoek werd aan de proefpersoon gevraagd om een toestemmingsformulier in te vullen, waarmee hij of zij toestemming gaf om deel te nemen aan het onderzoek. Voorafgaand werd er een blaastest afgenomen om alcoholgebruik van de proefpersoon uit te sluiten. Vervolgens werd er door één van de proefleiders uitgelegd dat er voor dit onderzoek samengewerkt werd met de universiteit van Groningen en werd er gevraagd of er een foto gemaakt mocht worden van de proefpersoon. De proefpersoon werd er van overtuigd dat er in Groningen deelnemers klaar zaten om de foto te beoordelen. De beoordelaars beantwoordden de volgende vraag: Vind u deze persoon leuk? Er werd verteld dat de beoordelingen terug zouden komen in één van de computertaken. De foto werd bewerkt en via doorgestuurd naar een aangemaakt adres van de universiteit Groningen. Na deze instructie werd de procedure van de EEG uitgelegd en werd de proefpersoon aangesloten op de EEG-scan. Voorafgaand aan de taken werd er de instructie gegeven om zo stil en rustig mogelijk te blijven zitten, zodat er zo weinig mogelijk ruis voor zou komen in het EEG-signaal. Na de introductie werden de drie computer taken gestart, namelijk (1) de Door Opening taak, een goktaak, (2) de Cyberball game, een taak met betrekking tot sociale buitensluiting en (3) de Social Judgement taak, een

11 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 11 taak met betrekking tot sociale afwijzing. Voorafgaand aan iedere taak werd er een korte instructie gegeven over de taak. Tevens werd er voorafgaand aan en direct na iedere taak een vragenlijst afgenomen. Wanneer alle taken en vragenlijsten waren afgenomen werd de proefpersoon losgekoppeld van de EEG en werd er gevraagd hoe hij of zij het onderzoek ervaren had. Vervolgens mocht de proefpersoon, aansluitend bij de Social Judgement taak, zes foto s positief of negatief beoordelen. Tot slot werd er een korte debriefing gegeven en werd er verteld dat het gehele onderzoek in scène is gezet en dat de proefpersoon niet buitengesloten of beoordeeld was. Als laatste werd de proefpersoon gevraagd zijn of haar gegevens in te vullen, een handtekening zetten en ontving te proefpersoon een bijdrage voor de deelname aan het onderzoek. Data acquisitie In deze scriptie wordt er gekeken naar de P3 amplitude. Voor het verkrijgen van deze P3 amplitude moest de ruwe EEG data omgezet worden naar ERP data. De EEG werd opgenomen door middel van een BioSemi Active-Two versterker. Deze bestaat uit 32 kanalen (10-20 systeem, en twee extra toegevoegde elektrodes op FCz en CPZ) met Ag/AgCl actieve elektrode die door middel van een muts op het hoofd geplaats worden. Signalen werden opgenomen met een filter van 134 Hz en werden gesampled op een frequentie van 512 HZ en 24 bit A/D conversie. De signalen werden gerefereerd aan twee mastoiden. Verticale EOG werd afgeleid van de elektroden boven en onder het linker oog. Horizontale EOG werd afgeleid van elektroden naast elk oog. EEG-gegevens werden offline geanalyseerd met behulp van 'Vision Analyser' (Brain-Products GmbH, München, Duitsland). EEG signalen werden gefilterd met een band-pass filter tussen 0,1 en 30 Hz (phase-shift free Butterworth filter; 24 db / octaaf helling). Er werd een segment gemaakt tussen -200 en 800 ms rond de aanbieding van het oordeel. Daarnaast werd er een gemiddeld segment berekend voor de vier categorieën. Het segment werd gecorrigeerd voor verticale EOG artefacten en oogbewegingen met behulp van een veel toegepaste correctie methode (Gratton, Coles, & Donchin, 1983). Trials die artefacten bevatten werden buitengesloten (± 75μV) van verdere verwerking. In deze scriptie wordt er aan de hand van het EEG-signaal gekeken naar de gemiddelde P3 amplitude tussen 325 ms en 425 ms na het aanbieding van het oordeel. Statistische analyse Voor het toetsen van de drie hypothesen in deze scriptie is gebruikt gemaakt van SPSS 20. Aan de hand van een General Linear Model (GLM) repeated-measures design is getoetst of

12 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 12 alcoholafhankelijke patiënten sterker reageren op onverwachte sociale afwijzing dan de controlegroep. Deze analyse werd uitgevoerd met groep als between-subject factor (alcoholafhankelijke patiënten vs. controlegroep) en drie within-subject factoren, namelijk elektrode (Fz, Cz en Pz), verwachting (ja vs. nee) en beoordeling (ja vs. nee). De hypothese is dat er een drieweg interactie is tussen groep, verwachting en oordeel. Om te toetsen of alcoholafhankelijke patiënten meer craving ervaren na sociale afwijzing dan de controlegroep, is er een mixed-anova analyse gebruikt met de variabele groep als between-subject factor (alcohol afhankelijke patiënten vs. controlegroep) en de verschilscore van craving als withinsubject factor. Om te toetsen of de mate van craving bij alcoholafhankelijke patiënten gerelateerd is aan de reactie op onverwachte feedback is er gebruik gemaakt van Pearon s correlatie. Er wordt een hoge correlatie verwacht tussen craving en onverwachte feedback. Daarnaast is er door middel van een gedragsbias onderzocht of de proefpersonen geneigd zijn een negatief of positief oordeel te verwachten. De gedragsbias werd berekend door het aantal verwachtingen leuk gevonden te worden te delen door het totaal aantal verwachtingen. Er wordt verwacht dat alcoholafhankelijke patiënten een grotere verwachting hebben om negatief beoordeeld te worden, dan de controlegroep. Deze hypothese is getoetst aan de hand van een onafhankelijke t-test. In alle analyses is er gebruik gemaakt van de Huynh-Feldt correctie om te corrigeren voor de schendingen van de sphericiteit, echter worden ongecorrigeerde vrijheidsgraden gerapporteerd. Daarnaast wordt de effect size gerapporteerd als partial eta square (ŋ2). Tot slot wordt er een significantie niveau gehanteerd van Resultaten Gedragsbias De verkregen dataset is onderzocht op uitschieters. Er is een gedragsanalyse uitgevoerd, door middel van het berekenen van de gedragsbias. Deze bias kan gezien worden als een maat voor positieve (>50%) of negatieve verwachtingen (<50%). Uit de box-plot analyse blijkt dat er twee uitschieters waren. Deze proefpersonen hebben gedurende de taak afwijkend gepresteerd in vergelijking met de overige deelnemers. Beide deelnemers hadden een extreem negatieve bias en verwachtten dat vrijwel niemand hen leuk zou vinden (respectievelijk 5% en 0%). Daarnaast ontbrak bij deze twee proefpersonen, samen met vier andere proefpersonen, de ERP data. Op basis hiervan is er besloten om deze zes proefpersonen uit de data te verwijderen en niet mee te nemen in de verdere analyses, waardoor er een bruikbare dataset van 46 proefpersonen overblijft (23 alcoholafhankelijke patiënten en 23 controleproefpersonen). De gemiddelde gedragsbias van alcoholafhankelijke patiënten was

13 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING % ± 12.1 en van de controlegroep 61.2% ± Dit houdt in dat de alcoholafhankelijke patiënten een negatievere gedragsbias hebben dan de controlegroep. Op basis van een onafhankelijke t-test blijkt dat het verschil in de gedragsbias tussen de alcoholafhankelijke patiënten en de controlegroep significant verschilt (p<0.005). Tevens zijn de assumpties van de uitgevoerde analyses getest en er kan geconcludeerd worden dat er geen sprake was van uitbijters en extreme schendingen van de assumpties. P3 amplitude Aan de hand van de gedragsanalyse is er besloten om de statistische analyses uit te voeren met 46 deelnemers. De gemiddelde P3 amplitude per elektrode op de vier verschillende condities van de Social Judgement taak zijn weergegeven in figuur 1 tot en met figuur 3. In de GLM analyse met de variabelen elektrode, verwachting en beoordeling als within-subject factoren werd een hoofdeffect van elektrode gevonden, F(2,88) = 19.4, p < 0.001, ŋ2= De grootse P3 amplitude werd gevonden op Cz, gevolgd door Fz en Pz. Daarnaast werden er drie interactie-effecten gevonden, namelijk een marginaal interactie-effect van beoordeling en groep, F(1.44) = 3.1, p = 0.08, ŋ2=0.066, een interactie tussen elektrode en beoordeling, F(2,88) = 6.2, p < 0.01, ŋ2=0.124 en een interactie-effect van verwachting en beoordeling, F(1,44) = 8.7, p < 0.01, ŋ2= Een follow-up analyse naar het interactie-effect van elektrode en beoordeling liet geen significante resultaten zien. Zowel op Cz, Fz en Pz zijn er geen verschillen gevonden tussen ja en nee oordelen. Daarentegen blijkt uit de follow-up analyse van het interactie-effect tussen verwachting en beoordeling dat ja-oordelen verschilden van nee-oordelen, onafhankelijk van de verwachting (Ja_ja Ja_nee 3.4 ± 11.3, t = 2.0, p < 0.05 en Nee_ja Nee_nee: -3.5 ± 11.7, t = -2.0, P < 0.05). Tevens werd er een marginale drieweg interactie gevonden van elektrode, verwachting en groep, F(2,88) = 3.1, p = 0.065, ŋ2=0,066. Tot slot werd er een vierwegsinteractie gevonden van elektrode, verwachting, beoordeling en groep, F(2,88) = 3.6, p < 0.05, ŋ2= Follow-up analyse van deze interactie gaf geen significante resultaten, wat aangeeft dat de groepen niet van elkaar lijken te verschillen op P3, onafhankelijk van elektroden, verwachting en beoordeling. Alle andere resultaten waren niet significant, p > 0.2.

14 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 14 Figuur 1. Gemiddelde P3 amplitude op elektrode Cz (n=46) Figuur 2. Gemiddelde P3 amplitude op elektrode Pz (n=46)

15 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 15 Figuur 3. Gemiddelde P3 amplitude op elektrode Fz (n=46) Craving Uit de mixed ANOVA blijkt dat er geen significant verschil is gevonden in de mate van craving tussen de alcoholafhankelijke groep en de controlegroep (p > 0.5). Alcoholafhankelijke patiënten rapporteerde niet meer craving na de Social Judgement taak, dan de controlegroep. In figuur 4 is een histogram weergegeven van de mate van craving voor en na de Social Judgement taak per groep. Uit Pearons Correlatie blijkt dat er een nonsignificante correlatie van 0,19 is gevonden tussen de mate van craving en de reactie op onverwachte feedback van alcoholafhankelijke patiënten. Bij het berekenen van deze correlatie is er gebruik gemaakt van de reactie op onverwachte feedback op de elektrode Cz, aangezien uit de eerdere GLM analyse bleek dat de grootste P3 amplitude gevonden werd op Cz. In figuur 5 is de correlatie weergegeven in een puntenwolk.

16 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 16 Figuur 4. Craving voor en na de Social Judgement taak Figuur 5. Correlatie craving en onverwachte sociale afwijzing

17 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 17 Discussie In deze scriptie werd het effect van sociale afwijzing op alcoholafhankelijke patiënten onderzocht aan de hand van de Social Judgement taak, waarin proefpersonen gevraagd werden om te voorspellen of zij sociaal geaccepteerd of afgewezen zouden worden. Er werd gekeken naar de P3 amplitude tijdens onverwachte sociale afwijzing en naar de mate van subjectieve craving na sociale afwijzing. Hierbij werd gekeken naar verschillen tussen de alcoholafhankelijke patiënten en de controlegroep. Er werd verwacht dat de alcoholafhankelijke patiënten een grotere P3 amplitude zouden tonen bij onverwachte sociale afwijzing. Daarnaast werd er na de taak, waarin de proefpersonen sociaal afgewezen werden, meer subjectieve craving verwacht bij de alcoholafhankelijke patiënten. De resultaten lieten geen groepsverschillen zien in zowel de P3 amplitude bij onverwachte acceptatie, als bij subjectieve craving. De eerste onderzoeksvraag in deze scriptie luidde: Reageren alcoholafhankelijke patiënten sterker op onverwachte sociale afwijzing tijdens de Social Judgement taak dan de controlegroep? De hypothese was dat alcoholafhankelijke patiënten een grotere P3 amplitude laten zien bij onverwachte sociale afwijzing (ja-nee conditie), omdat sociale afwijzing voor hen een belangrijke en gevoelige gebeurtenis is, waardoor zij meer aandacht voor die stimuli zullen hebben. Op de overige drie condities werd er verwacht dat de alcoholafhankelijke patiënten een kleinere P3 amplitude hebben dan de controlegroep. De resultaten waren echter tegen de verwachting in. Er zijn geen groepsverschillen gevonden tussen de twee onderzochte groepen, namelijk de alcoholafhankelijke patiënten en de controlegroep. Het gebrek aan verschil tussen de groepen lijkt niet toegeschreven te kunnen worden aan het niet goed werken van de taak, aangezien Van der Veen et al. (2013) dezelfde taak heeft gebruikt en vergelijkbare resultaten vond. In zowel deze studie als de studie van Van der Veen et al. (2013) bleek dat de P3 amplitude maximaal is op de elektrode Cz. Tevens bleek dat er verschillen zijn tussen de condities, onafhankelijk van de groepen, ja-oordelen verschilden namelijk van nee-oordelen. Daarnaast bleek dat de P3 amplitude maximaal is voor verwachte acceptatie ( ja-ja conditie). Aangezien deze resultaten globaal gevonden worden in zowel deze studie als in de studie van Van der Veen et al. (2013) kan er geconcludeerd worden dat de taak naar behoren functioneerde. Dit blijkt tevens uit de gedragsbias die globaal overeen kwam met de bevindingen van Van der Veen et al (2013). In beide studies verwachtten gezonde controles een gelijk aantal afwijzingen en acceptatie. Verder bleek dat alcoholafhankelijke patiënten een negatievere gedragsbias hebben dan de controlegroep. Dit wil zeggen dat alcoholafhankelijke patiënten eerder geneigd zijn te denken dat ze afgewezen

18 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 18 worden door anderen. Dit komt overeen met eerdere bevindingen van Schomerus et al. (2011), die vonden dat alcoholafhankelijke patiënten vaak het gevoel hebben sociaal buiten gesloten te worden. Wanneer alcoholafhankelijke patiënten het gevoel hebben buitengesloten te worden is het aannemelijk dat zij tevens verwachten sociaal afgewezen te worden, wat duidt op een negatieve gedragsbias. Er valt op te merken dat de resultaten een verschil in gedrag laten zien, namelijk de gedragsbias, maar geen verschil in de hersenen weergeven, namelijk de P3 amplitude. Dit is opvallend, aangezien event-related brain potential (ERP) de hersenrespons meet op een stimuli (Luck, 2005). Een ERP signaal geeft het proces weer tussen stimulus en respons, waarbij de respons het gedrag is. ERP geeft hierbij losse processen weer, waarbij gedrag een uitkomst is van meerdere processen. Het kan dus zo zijn dat een gebeurtenis een proces in de hersenen weergeeft, namelijk een verandering in de P3 amplitude, maar niet in het gedrag (Luck, 2005). De resultaten in dit onderzoek geven echter verandering in gedrag weer, maar niet in de P3 amplitude. Een verklaring voor dit opmerkelijke effect zou kunnen zijn dat er in dit onderzoek gekeken is naar verkeerde processen en de focus mogelijk had moeten liggen op andere processen. Daarentegen is er op te merken dat er wel een vierwegsinteractie gevonden is, wanneer er echter gekeken werd naar de onderliggende vergelijkingen van deze vierwegsinteractie zijn er geen rechtstreekse groepsverschillen gevonden. Met andere woorden, er zijn vage aanwijzingen dat er mogelijk een groepsverschil is, maar hier kunnen geen conclusies over getrokken worden. De tweede onderzoeksvraag in deze scriptie luidde: Ervaren alcoholafhankelijke patiënten meer craving na sociale afwijzing tijdens de Social Judgement taak dan de controlegroep? De hypothese was dat alcoholafhankelijke patiënten meer craving zouden rapporteren direct na de Social Judgement taak dan de controlegroep. De resultaten kwamen niet overeen met de hypothese. De alcoholafhankelijke patiënten rapporteerde niet meer craving na de taak, dan de controlegroep. Daarnaast verschilde de mate van subjectieve craving tussen alcoholafhankelijke patiënten en de controleproefpersonen niet voorafgaand aan de taak. Dit is opmerkelijk, aangezien er wordt gesteld dat één van de veel voorkomende kenmerken van alcoholafhankelijkheid craving is (Ross & Peselow, 2009). Een mogelijke verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat de alcoholafhankelijke patiënten in behandeling waren ten tijde van het onderzoek en niet meer voldoen aan de diagnose van alcoholafhankelijkheid. Uit verschillende studies komt naar voren dat verslavingsgedrag gekarakteriseerd wordt door een aandachtbias voor middel gerelateerde stimuli en craving (Field & Cox, 2008). Volgens de incentive sensitization theorie zijn deze twee processen positief aan elkaar gerelateerd. Met andere woorden, wanneer de aandachtbias toeneemt zal

19 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 19 de subjectieve craving van een individu tevens toenemen en andersom (Field & Cox, 2008; Franken, 2003; Ryan, 2002a). In een studie van Peuker & Bizarro (2014) is onderzoek gedaan naar de aandachtbias en craving bij rokers, niet rokers en ex-rokers. Uit de resultaten van deze studie blijkt dat ex-rokers een negatievere aandachtbias hebben ten op zichten van rook gerelateerde stimuli, dan niet rokers. Dit houdt in dat zij de middel gerelateerde stimuli ontwijken, waardoor zij minder craving ervaren dan niet rokers. Het ontwijken van rook gerelateerde stimuli kan gezien worden als een cognitieve strategie om craving te onderdrukken (Peuker & Bizarro, 2014). Bij alcoholafhankelijke patiënten lijkt een soortgelijk proces een rol te spelen, waarbij er een negatieve correlatie is tussen abstinentie en aandachtbias (Vollstadt-Klein, Loeber, von der Goltz, Mann, & Kiefer, 2009) Alcoholafhankelijke patiënten die tijdens hun behandeling cognitieve gedragstherapie krijgen, vermijden mogelijk alcohol gerelateerde stimuli door middel van dezelfde cognitieve stragegieen als ex-rokers (Townshend & Duka, 2007). Uit deze bevindingen kan geconcludeerd worden dat craving naar middelen onderdrukt kan worden door cognitieve strategieën (Field & Cox, 2008). Daarnaast blijkt dat dit vermijdende patroon optreedt na een minimum abstinentie periode van twee weken (Townshend & Duka, 2007; Vollstadt-Klein et al., 2009). Het gebrek aan verschil in craving tussen de alcoholafhankelijke groep en de controlegroep kan mogelijk dus verklaard worden door de bovenstaande bevindingen. Een criterium voor de alcoholafhankelijke groep in dit onderzoek was dat zij minimaal twee weken abstinent moesten zijn. Daarnaast was deze groep tijdens het experiment in behandeling, waardoor deze groep patiënten mogelijk cognitieve strategieën gebruiken om het gevoel van craving te vermijden, waardoor zij tevens minder craving ervaren. Een tweede verklaring zou kunnen zijn dat de controlegroep van af en toe een alcoholische versnapering houdt, waar de alcoholafhankelijke groep geen alcohol consumeert vanwege de behandeling. De metingen zijn regelmatig uitgevoerd aan het einde van de dag waardoor de zin in het nuttigen van alcohol toegenomen kan zijn bij de controlegroep en waardoor de alcoholafhankelijke groep niet meer craving ervaart dan de controlegroep. Een derde mogelijke verklaring voor het gebrek aan verschil in craving tussen de alcoholafhankelijke patiënten en de controlegroep in deze scriptie, zou kunnen zijn dat de alcoholafhankelijke patiënten geneigd zijn sociaal wenselijk te antwoorden aangezien zij in behandeling zijn voor hun alcoholverslaving. Het zou mogelijk kunnen zijn dat zij zichzelf, maar ook anderen er van willen overtuigen dat de behandeling werkt, waardoor zij geen craving rapporteren tijdens de zelfrapportage vragenlijsten.

20 ALCOHOLAFHANKELIJKE PATIËNTEN EN SOCIALE AFWIJZING 20 De derde onderzoeksvraag in deze scriptie luidde: Is de mate van craving bij alcoholafhankelijke patiënten gerelateerd aan de reactie op onverwachte sociale afwijzing? De hypothese was dat de mate van craving bij alcoholafhankelijke patiënten gerelateerd is aan de reactie op onverwachte feedback. Er is een kleine, niet significante, relatie gevonden tussen craving en de reactie op onverwachte afwijzing. Uit de eerste twee onderzoeksvragen bleek dat alcoholafhankelijke patiënten niet sterker reageerde op onverwachte sociale afwijzing dan de controleproefpersonen. Daarnaast rapporteerde alcoholafhankelijke patiënten niet meer craving dan de controlegroep na sociale afwijzing. Aangezien er geen verschillen gevonden zijn in de P3 amplitude en de mate van craving was het te verwachten dat er geen relatie gevonden werd tussen de mate van craving en de feedback op onverwachte sociale afwijzing. Indien er verschillen gevonden waren op de P3 amplitude bij onverwachte sociale afwijzing en/of verschillen in de mate van subjectieve craving tussen de alcoholafhankelijke patiënten en de controlegroep, zou er een valide uitspraak gedaan kunnen worden over de daadwerkelijke relatie tussen craving en de reactie op onverwachte feedback. Wanneer er kritisch naar het onderzoek in deze scriptie gekeken wordt, zijn er een aantal beperkingen. Een beperking die niet mag ontbreken, is het feit dat het onderzoek afgenomen is bij een kleine sample. Het onderzoek is afgenomen bij 51 proefpersonen, waarvan uiteindelijk een bruikbare dataset van 46 proefpersonen resteerde. Om een valide uitspraak te kunnen doen over de resultaten zou dit onderzoek afgenomen moeten worden bij een grotere sample. Echter was de doelgroep voor dit onderzoek erg lastig te benaderen, waardoor het tevens lastig was om een controlegroep te matchen. Een tweede beperking aan het onderzoek is dat de patiënten uit de alcoholafhankelijke groep in behandeling waren tijdens het onderzoek. Dit zou er mogelijk voor kunnen zorgen dat er vertekende resultaten zijn ontstaan, aangezien deze patiënten geen huidige gebruikers meer zijn, waardoor het precieze effect van sociale afwijzing niet gemeten kon worden. Het zou ideaal zijn wanneer de alcoholafhankelijke groep zou bestaan uit huidige alcoholafhankelijke gebruikers. Deze doelgroep is echter nog lastiger te benaderen en tevens moeten er vraagtekens geplaatst worden of dit ethisch verantwoord zou zijn. Eventueel vervolgonderzoek zou zich kunnen richten op onderzoek naar het effect van sociale afwijzing waarbij de taak alcohol gerelateerde cues bevat. In de recente literatuur naar craving wordt er in diverse studies gebruikt gemaakt van middel gerelateerde cues (Kruse et al., 2012; Sinha et al., 2011). Het huidig onderzoek zou mogelijk andere resultaten kunnen geven door alcohol gerelateerde cues in de taak te verwerken, waarbij in de introductie van de taak uitgelegd wordt dat de personen

Proefschrift. Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems. Merel Griffith - Lendering. Samenvatting

Proefschrift. Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems. Merel Griffith - Lendering. Samenvatting Proefschrift Cannabis use, cognitive functioning and behaviour problems Merel Griffith - Lendering Samenvatting Het gebruik van cannabis is gerelateerd aan een breed scala van psychische problemen, waaronder

Nadere informatie

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen

Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positieve, Negatieve en Depressieve Subklinische Psychotische Symptomen en het Effect van Stress en Sekse op deze Subklinische Psychotische Symptomen Positive, Negative and Depressive Subclinical Psychotic

Nadere informatie

Trendonderzoek: Alcoholkennis bij jongeren tussen 12 en 25 jaar

Trendonderzoek: Alcoholkennis bij jongeren tussen 12 en 25 jaar - Factsheet - Trendonderzoek: Alcoholkennis bij jongeren tussen 12 en 25 jaar NIGZ, Project Alcohol Voorlichting en Preventie 3 juli 2003 Inleiding Het NIGZ voert elk jaar, als onderdeel van het Alcohol

Nadere informatie

Onderzoek naar werkzaamheid schematherapie bij borderline persoonlijkheidsstoornis en alcoholafhankelijkheid

Onderzoek naar werkzaamheid schematherapie bij borderline persoonlijkheidsstoornis en alcoholafhankelijkheid Onderzoek naar werkzaamheid schematherapie bij borderline persoonlijkheidsstoornis en alcoholafhankelijkheid presentatie ESPRi Symposium 26-11-2015 Michiel Boog, klinisch psycholoog, psychotherapeut Titel:

Nadere informatie

Screening en behandeling van psychische problemen via internet. Viola Spek Universiteit van Tilburg

Screening en behandeling van psychische problemen via internet. Viola Spek Universiteit van Tilburg Screening en behandeling van psychische problemen via internet Viola Spek Universiteit van Tilburg Screening en behandeling van psychische problemen via internet Online screening Online behandeling - Effectiviteit

Nadere informatie

6 e Nieuwsbrief EPISCA onderzoek maart 2015

6 e Nieuwsbrief EPISCA onderzoek maart 2015 6 e Nieuwsbrief EPISCA onderzoek maart 2015 Het is al weer lang geleden dat jullie iets van ons hebben gehoord en dat komt omdat er veel is gebeurd. We hebben namelijk heel veel analyses kunnen doen op

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nicotine en alcohol kunnen de placenta passeren en zo het risico op nadelige uitkomsten voor het ongeboren kind verhogen. Stoppen met roken en alcoholgebruik tijdens de zwangerschap lijkt vanzelfsprekend,

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting De nadelige gezondheidsrisico s/gevolgen van roken en van depressie en angststoornissen zijn goed gedocumenteerd, en deze aandoeningen doen zich vaak tegelijkertijd voor. Het doel

Nadere informatie

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu

Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Neurocognitive Processes and the Prediction of Addictive Behaviors in Late Adolescence O. Korucuoğlu Nederlandse Samenvatting De adolescentie is levensfase waarin de neiging om nieuwe ervaringen op te

Nadere informatie

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5

hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 SAMENVATTING 117 Pas kortgeleden is aangetoond dat ADHD niet uitdooft, maar ook bij ouderen voorkomt en nadelige gevolgen kan hebben voor de patiënt en zijn omgeving. Er is echter weinig bekend over de

Nadere informatie

Samenvatting (summary in Dutch)

Samenvatting (summary in Dutch) Samenvatting (summary in Dutch) 149 Samenvatting (summary in Dutch) Één van de meest voorkomende en slopende ziektes is depressie. De impact op het dagelijks functioneren en op de samenleving is enorm,

Nadere informatie

Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131. chapter 10 samenvatting

Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131. chapter 10 samenvatting Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 131 chapter 10 samenvatting Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 132 Marrit-10-H10 24-06-2008 11:05 Pagina 133 Zaadbalkanker wordt voornamelijk bij jonge mannen vastgesteld

Nadere informatie

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon

Karen J. Rosier - Brattinga. Eerste begeleider: dr. Arjan Bos Tweede begeleider: dr. Ellin Simon Zelfwaardering en Angst bij Kinderen: Zijn Globale en Contingente Zelfwaardering Aanvullende Voorspellers van Angst bovenop Extraversie, Neuroticisme en Gedragsinhibitie? Self-Esteem and Fear or Anxiety

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Cannabisgebruik en stoornissen in het gebruik van cannabis in de adolescentie en jongvolwassenheid. Cannabis is wereldwijd een veel gebruikte drug. Het gebruik van cannabis is echter niet zonder consequenties:

Nadere informatie

Onderzoek naar fysiologische stress (re)activiteit als een endofenotype voor middelengebruik in de adolescentie

Onderzoek naar fysiologische stress (re)activiteit als een endofenotype voor middelengebruik in de adolescentie Nederlandse samenvatting NEDERLANDSE SAMENVATTING Onderzoek naar fysiologische stress (re)activiteit als een endofenotype voor middelengebruik in de adolescentie Stoornissen in het gebruik van middelen

Nadere informatie

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS

De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij. Verslaafde Patiënten met PTSS Persoonskenmerken en ervaren lijden bij verslaving en PTSS 1 De Relatie Tussen Persoonskenmerken en Ervaren Lijden bij Verslaafde Patiënten met PTSS The Relationship between Personality Traits and Suffering

Nadere informatie

het laagste niveau van psychologisch functioneren direct voordat de eerste bestraling begint. Zowel angstgevoelens als depressieve symptomen en

het laagste niveau van psychologisch functioneren direct voordat de eerste bestraling begint. Zowel angstgevoelens als depressieve symptomen en Samenvatting In de laatste 20 jaar is er veel onderzoek gedaan naar de psychosociale gevolgen van kanker. Een goede zaak want aandacht voor kanker, een ziekte waar iedereen in zijn of haar leven wel eens

Nadere informatie

Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans

Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans Mathilde Descheemaeker Adriaan Spruyt Dirk Hermans Experimentele psychopathologie Op zoek naar de psychologische processen die een rol spelen bij het ontstaan, in stand houden en terugval van psychopathologie

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 119 120 Samenvatting 121 Inleiding Vermoeidheid is een veel voorkomende klacht bij de ziekte sarcoïdose en is geassocieerd met een verminderde kwaliteit van leven. In de literatuur

Nadere informatie

Meervoudige ANOVA Onderzoeksvraag Voorwaarden

Meervoudige ANOVA Onderzoeksvraag Voorwaarden Er is onderzoek gedaan naar rouw na het overlijden van een huisdier (contactpersoon: Karolijne van der Houwen (Klinische Psychologie)). Mensen konden op internet een vragenlijst invullen. Daarin werd gevraagd

Nadere informatie

Patient reported Outcomes in Cognitive Impairement (PROCOG)

Patient reported Outcomes in Cognitive Impairement (PROCOG) Patient reported Outcomes in Cognitive Impairement (PROCOG) Bowman, L. (2006) "Validation of a New Symptom Impact Questionnaire for Mild to Moderate Cognitive Impairment." Meetinstrument Patient-reported

Nadere informatie

Mindfulness - de 8-weekse training in vogelvlucht

Mindfulness - de 8-weekse training in vogelvlucht Mindfulness - de 8-weekse training in vogelvlucht Flip Kolthoff, psychiater Radboud Universitair Centrum voor Mindfulness, GGZ Noord-Holland-Noord Flip Kolthoff, VUmc, 20-01-2012 1 Inleiding Flip Kolthoff,

Nadere informatie

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte.

Geven en ontvangen van steun in de context van een chronische ziekte. Een chronische en progressieve aandoening zoals multiple sclerose (MS) heeft vaak grote consequenties voor het leven van patiënten en hun intieme partners. Naast het omgaan met de fysieke beperkingen van

Nadere informatie

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen

De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen De Relatie tussen Dagelijkse Stress, Negatief Affect en de Invloed van Bewegen The Association between Daily Hassles, Negative Affect and the Influence of Physical Activity Petra van Straaten Eerste begeleider

Nadere informatie

Verschillen tussen Allochtone- en Autochtone Jonge Studerende Moeders in het Ervaren van Dagelijkse Stress en het Effect ervan op de Stemming

Verschillen tussen Allochtone- en Autochtone Jonge Studerende Moeders in het Ervaren van Dagelijkse Stress en het Effect ervan op de Stemming Verschillen tussen Allochtone- en Autochtone Jonge Studerende Moeders in het Ervaren van Dagelijkse Stress en het Effect ervan op de Stemming Differences between Immigrant and Native Young Student Mothers

Nadere informatie

Factoren in de relatie tussen angstige depressie en het risico voor hart- en vaatziekten

Factoren in de relatie tussen angstige depressie en het risico voor hart- en vaatziekten Factoren in de relatie tussen angstige depressie en het risico voor hart- en vaatziekten In dit proefschrift werd de relatie tussen depressie en het risico voor hart- en vaatziekten onderzocht in een groep

Nadere informatie

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/25815 holds various files of this Leiden University dissertation.

Cover Page. The handle http://hdl.handle.net/1887/25815 holds various files of this Leiden University dissertation. Cover Page The handle http://hdl.handle.net/1887/25815 holds various files of this Leiden University dissertation. Author: Jamal, Mumtaz Title: Smoking and the course of anxiety and depression Issue Date:

Nadere informatie

Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit

Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit 1 Ouderlijke Controle en Angst bij Kinderen, de Invloed van Psychologische Flexibiliteit Nicola G. de Vries Open Universiteit Nicola G. de Vries Studentnummer 838995001 S71332 Onderzoekspracticum scriptieplan

Nadere informatie

Emotieregulatie bij kinderen en jongeren met ADHD

Emotieregulatie bij kinderen en jongeren met ADHD Emotieregulatie bij kinderen en jongeren met ADHD Valerie Van Cauwenberghe en Prof. dr. Roeljan Wiersema Emotieregulatie bij kinderen en jongeren met ADHD Dit onderzoek werd uitgevoerd door: Prof. dr.

Nadere informatie

CHAPTER 7. Samenvatting

CHAPTER 7. Samenvatting CHAPTER 7 Samenvatting Samenvatting (Summary in Dutch) De interacties die depressieve patiënten hebben met anderen, in het algemeen, en de interacties van depressieve patiënten met hun partner, in het

Nadere informatie

15-10-2015. Let s get together BSI-NISPA. Search: RDoC Matrix. Problemen met onze diagnoses/behandelingen. NIMH Strategisch Plan: RDoc

15-10-2015. Let s get together BSI-NISPA. Search: RDoC Matrix. Problemen met onze diagnoses/behandelingen. NIMH Strategisch Plan: RDoc 15-10-2015 Problemen met onze diagnoses/behandelingen Let s get together BSI-NISPA DSM 5 kent meer dan 400 psychische stoornissen Valide diagnoses? Eni S. Becker 2 NIMH Strategisch Plan: RDoc Research

Nadere informatie

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren

INVLOED VAN CHRONISCHE PIJN OP ERVAREN SOCIALE STEUN. De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren De Invloed van Chronische Pijn en de Modererende Invloed van Geslacht op de Ervaren Sociale Steun The Effect of Chronic Pain and the Moderating Effect of Gender on Perceived Social Support Studentnummer:

Nadere informatie

Discussion Summary Samenvatting Dankwoord Curriculum Vitae

Discussion Summary Samenvatting Dankwoord Curriculum Vitae chapter 7 Discussion Summary Samenvatting Dankwoord Curriculum Vitae 140 chapter 7 SAMENVATTING De bipolaire stoornis (of manisch-depressieve stoornis) is een stemmingsstoornis waarin episodes van (hypo)manie

Nadere informatie

Samenvatting, conclusies en discussie

Samenvatting, conclusies en discussie Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit

Nadere informatie

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere

Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women. Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere Psychological Determinants of Absenteeism at Work by Pregnant Women Psychologische determinanten van uitval uit het arbeidsproces door zwangere vrouwen: Onderzoek naar de relatie tussen angst, depressieve

Nadere informatie

1. De volgende gemiddelden zijn gevonden in een experiment met de factor Conditie en de factor Sekse.

1. De volgende gemiddelden zijn gevonden in een experiment met de factor Conditie en de factor Sekse. Oefentoets 1 1. De volgende gemiddelden zijn gevonden in een experiment met de factor Conditie en de factor Sekse. Conditie = experimenteel Conditie = controle Sekse = Vrouw 23 33 Sekse = Man 20 36 Van

Nadere informatie

Cognitive Bias Modification (CBM): "Computerspelletjes" tegen Angst, Depressie en Verslaving

Cognitive Bias Modification (CBM): Computerspelletjes tegen Angst, Depressie en Verslaving Cognitive Bias Modification (CBM): "Computerspelletjes" tegen Angst, Depressie en Verslaving Mike Rinck Radboud Universiteit Nijmegen Cognitieve Vertekeningen bij Stoornissen "Cognitive Biases" Patiënten

Nadere informatie

Individuele gevoeligheid voor riskant middelengebruik in de adolescentie. Anja Huizink

Individuele gevoeligheid voor riskant middelengebruik in de adolescentie. Anja Huizink Individuele gevoeligheid voor riskant middelengebruik in de adolescentie Anja Huizink Adolescentie = grenzen verkennen Op zoek naar prikkels Brein in ontwikkeling Nucleus accumbens (basale ganglia): -

Nadere informatie

Citation for published version (APA): Verbakel, N. J. (2007). Het Chronische Vermoeidheidssyndroom, Fibromyalgie & Reuma.

Citation for published version (APA): Verbakel, N. J. (2007). Het Chronische Vermoeidheidssyndroom, Fibromyalgie & Reuma. University of Groningen Het Chronische Vermoeidheidssyndroom, Fibromyalgie & Reuma. Verbakel, N. J. IMPORTANT NOTE: You are advised to consult the publisher's version (publisher's PDF) if you wish to cite

Nadere informatie

Samenvatting. Samenvatting

Samenvatting. Samenvatting 100 Samenvatting Cognitieve achteruitgang en depressie komen vaakvooropoudere leeftijd.zijbeïnvloeden de kwaliteit van leven van ouderen in negatieve zin.de komende jaren zalhet aantalouderen in onze maatschappijsneltoenemen.het

Nadere informatie

SAMENVATTING Schadelijk gebruik van alcohol staat wereldwijd in de top vijf van risicofactoren die tot ziekte, arbeidsongeschiktheid of overlijden kunnen leiden. Het alcoholgebruik is stabiel of neemt

Nadere informatie

Pillen? Praten? Trainen! Over de aanvullende rol die cognitieve trainingen kunnen spelen in de psychotherapie

Pillen? Praten? Trainen! Over de aanvullende rol die cognitieve trainingen kunnen spelen in de psychotherapie Pillen?? Trainen! Over de aanvullende rol die cognitieve trainingen kunnen spelen in de psychotherapie Reinout Wiers Hoogleraar ontwikkelingspsychopathologie UvA r.wiers@uva.nl Huidige praktijk: Pillen

Nadere informatie

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers

Summery. Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers ummery amenvatting Effectiviteit van een interventieprogramma op arm-, schouder- en nekklachten bij beeldschermwerkers 207 Algemene introductie Werkgerelateerde arm-, schouder- en nekklachten zijn al eeuwen

Nadere informatie

- 172 - Prevention of cognitive decline

- 172 - Prevention of cognitive decline Samenvatting - 172 - Prevention of cognitive decline Het percentage ouderen binnen de totale bevolking stijgt, en ook de gemiddelde levensverwachting is toegenomen. Vanwege deze zogenaamde dubbele vergrijzing

Nadere informatie

Samenvatting. Dutch Summary.

Samenvatting. Dutch Summary. Samenvatting Dutch Summary. 125 126 Dutch Summary Nederlandse Samenvatting (Summary in Dutch) Door de aanwezigheid van omstanders helpen mensen elkaar minder snel en minder vaak. Dit geldt voor zowel noodsituaties,

Nadere informatie

PK Broeders Alexianen Tienen

PK Broeders Alexianen Tienen PROGRAMMA 09u30 Ontvangst Koffie 10u00 Verwelkoming en inleiding Ivo Vanschooland Dr. H. Peuskens Getuigenis Pauze Getuigenis Herman Hacour 12u00 Aperitief en lunch 14u00 Werkgroepen begeleid door: Hacour

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting. Samenvatting

Nederlandse Samenvatting. Samenvatting Samenvatting Toenaderen of vermijden. Neurobiologische mechanismen in sociale angst Het doel van dit proefschrift was om meer inzicht te krijgen in de psychobiologische mechanismen die een rol spelen bij

Nadere informatie

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd.

Inhoudsopgave Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. Validatie van het EHF meetinstrument tijdens de Jonge Volwassenheid en meer specifiek in relatie tot ADHD Validation of the EHF assessment instrument during Emerging Adulthood, and more specific in relation

Nadere informatie

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility.

De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit. The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility. RELATIE ANGST EN PSYCHOLOGISCHE INFLEXIBILITEIT 1 De Relatie tussen Angst en Psychologische Inflexibiliteit The Relationship between Anxiety and Psychological Inflexibility Jos Kooy Eerste begeleider Tweede

Nadere informatie

Heerlijk Helder Heineken Alcoholgebruik in de Media. Rutger Engels, Behavioural Science Institute Radboud Universiteit Nijmegen

Heerlijk Helder Heineken Alcoholgebruik in de Media. Rutger Engels, Behavioural Science Institute Radboud Universiteit Nijmegen Heerlijk Helder Heineken Alcoholgebruik in de Media Rutger Engels, Behavioural Science Institute Radboud Universiteit Nijmegen 1.Herkennen van brand logos bij kinderen (Dalton et al., 2003) 2.Herkennen

Nadere informatie

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een artikel over een diagnostische test of screeningsinstrument.

Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een artikel over een diagnostische test of screeningsinstrument. Formulier voor het beoordelen van de kwaliteit van een artikel over een diagnostische test of screeningsinstrument. Behorend bij: Evidence-based logopedie, hoofdstuk 3. Toelichting bij de criteria voor

Nadere informatie

Compatibility Process Scale (ACPS). De therapeutische alliantie is gemeten met de Werk

Compatibility Process Scale (ACPS). De therapeutische alliantie is gemeten met de Werk De invloed van indicatiestelling door overleg (the Negotiated Approach) op patiëntbehandelingcompatibiliteit en uitkomst bij de behandeling van depressieve stoornissen 185 In deze thesis staat de vraag

Nadere informatie

Effectiviteit van baclofen bij alcoholverslaving

Effectiviteit van baclofen bij alcoholverslaving Effectiviteit van baclofen bij alcoholverslaving MSc Esther Beraha Dr. Elske Salemink Dr. Anneke Goudriaan Dr. Bram Bakker Prof. Dr. Wim van den Brink Prof. Dr. Reinout Wiers Academisch Medisch Centrum

Nadere informatie

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel

Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Voorspellers van Leerbaarheid en Herstel bij Cognitieve Revalidatie van Patiënten met Niet-aangeboren Hersenletsel Een onderzoek naar de invloed van cognitieve stijl, ziekte-inzicht, motivatie, IQ, opleiding,

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2

Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 179 In dit proefschrift werden de resultaten beschreven van studies die zijn verricht bij volwassen vrouwen met symptomen van bekkenbodem dysfunctie. Deze symptomen komen frequent voor en kunnen de kwaliteit

Nadere informatie

Kinderen met Internaliserende Problemen. The Effectiveness of Psychodynamic Play Group Therapy for Children. with Internalizing Problems.

Kinderen met Internaliserende Problemen. The Effectiveness of Psychodynamic Play Group Therapy for Children. with Internalizing Problems. Spelgroepbehandeling voor kinderen met internaliserende problemen De Effectiviteit van een Psychodynamische Spelgroepbehandeling bij Kinderen met Internaliserende Problemen. The Effectiveness of Psychodynamic

Nadere informatie

The relationship between social support and loneliness and depressive symptoms in Turkish elderly: the mediating role of the ability to cope

The relationship between social support and loneliness and depressive symptoms in Turkish elderly: the mediating role of the ability to cope The relationship between social support and loneliness and depressive symptoms in Turkish elderly: the mediating role of the ability to cope Een onderzoek naar de relatie tussen sociale steun en depressieve-

Nadere informatie

Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga

Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga Psychosocial Problems in Cancer Genetic Counseling: Detecting and Facilitating Communication W. Eijzenga Nederlandse samenvatting INLEIDING Mensen met een mogelijk verhoogde kans op kanker kunnen zich

Nadere informatie

Immuun Activatie in Relatie tot Manische Symptomen in Depressieve Patiënten. Karlijn Becking MD-PhD student, UMCG

Immuun Activatie in Relatie tot Manische Symptomen in Depressieve Patiënten. Karlijn Becking MD-PhD student, UMCG Immuun Activatie in Relatie tot Manische Symptomen in Depressieve Patiënten Karlijn Becking MD-PhD student, UMCG Introductie Disbalans Pro-inflammatoire staat Destabilisatie Gevoeligheid voor stress Monocyt

Nadere informatie

Zimmerman, Sheeran, & Young. Beoordelen van de aanwezigheid van depressie

Zimmerman, Sheeran, & Young. Beoordelen van de aanwezigheid van depressie DIAGNOSTIC INVENTORY FOR DEPRESSION (DID) Zimmerman, M., Sheeran, T., & Young, D. (2004). The Diagnostic Inventory for Depression: A self-report scale to diagnose DSM-IV Major Depressive Disorder. Journal

Nadere informatie

Executief Functioneren en Agressie. bij Forensisch Psychiatrische Patiënten in PPC Den Haag. Executive Functioning and Aggression

Executief Functioneren en Agressie. bij Forensisch Psychiatrische Patiënten in PPC Den Haag. Executive Functioning and Aggression Executief Functioneren en Agressie bij Forensisch Psychiatrische Patiënten in PPC Den Haag Executive Functioning and Aggression in a Forensic Psychiatric Population in PPC The Hague Sara Helmink 1 e begeleider:

Nadere informatie

Samenvatting. Tabel 8.1. Een olifant is groter dan een koe Een koe is groter dan een muis Een olifant is groter dan een muis

Samenvatting. Tabel 8.1. Een olifant is groter dan een koe Een koe is groter dan een muis Een olifant is groter dan een muis 149 150 Ongeveer negentien procent van de Nederlandse bevolking krijgt in zijn leven een angststoornis. Mensen die lijden aan een angststoornis ervaren intense angsten die van invloed zijn op het dagelijks

Nadere informatie

Click to edit Master title style Congres FACT Couleur Locale

Click to edit Master title style Congres FACT Couleur Locale Click to edit Master title style Congres FACT Couleur Locale op weg naar een regionaal zorgmodel in de GGZ Workshop Ziektebesef vanuit een ander perspektief Overwegingen voor de praktijk Giovanni Poddighe

Nadere informatie

Heeft positieve affectregulatie invloed op emotionele problemen na ingrijpende gebeurtenissen?

Heeft positieve affectregulatie invloed op emotionele problemen na ingrijpende gebeurtenissen? Heeft positieve affectregulatie invloed op emotionele problemen na ingrijpende gebeurtenissen? Lonneke I.M. Lenferink Rijksuniversiteit Groningen, Universiteit Utrecht Paul A. Boelen Universiteit Utrecht,

Nadere informatie

Onderzoeksrapport. Hou vol! Geen alcohol. Een alcohol preventieprogramma gericht op basisschool leerlingen en hun moeders.

Onderzoeksrapport. Hou vol! Geen alcohol. Een alcohol preventieprogramma gericht op basisschool leerlingen en hun moeders. Onderzoeksrapport Hou vol! Geen alcohol Een alcohol preventieprogramma gericht op basisschool leerlingen en hun moeders. Suzanne Mares, MSc Dr. Anna Lichtwarck-Aschoff Prof. Dr. Rutger Engels Inleiding

Nadere informatie

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS

COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS COGNITIEVE DISSONANTIE EN ROKERS Gezondheidsgedrag als compensatie voor de schadelijke gevolgen van roken COGNITIVE DISSONANCE AND SMOKERS Health behaviour as compensation for the harmful effects of smoking

Nadere informatie

Cognitieve Gedragstherapie en Mindfulness Based Stress Reduction Therapie voor Angst en Depressie klachten bij volwassenen met

Cognitieve Gedragstherapie en Mindfulness Based Stress Reduction Therapie voor Angst en Depressie klachten bij volwassenen met Cognitieve Gedragstherapie en Mindfulness Based Stress Reduction Therapie voor Angst en Depressie klachten bij volwassenen met Autismespectrumstoornissen: ADASS Achtergrond ADASS Veelvuldig voorkomen van

Nadere informatie

17-3-2015. Doel (2008) In kaart brengen van de gevolgen van alcoholgebruik in de adolescentie op het cognitief functioneren.

17-3-2015. Doel (2008) In kaart brengen van de gevolgen van alcoholgebruik in de adolescentie op het cognitief functioneren. Relatie tussen alcoholgebruik en neurocognitief functioneren in de adolescentie in een longitudinaal design Outline Introduction Methods Results Conclusion A longitudinal study of its effect on cognitive

Nadere informatie

Het verlichte brein. Overzicht. Overzicht. Epidemiologie. Cannabis als veelbelovend antipsychoticum? Matthijs Bossong

Het verlichte brein. Overzicht. Overzicht. Epidemiologie. Cannabis als veelbelovend antipsychoticum? Matthijs Bossong Het verlichte brein als veelbelovend antipsychoticum? Matthijs Bossong Postdoctoral Research Fellow Institute of Psychiatry King s College London De grootte van het risico hangt samen met de mate van gebruik,

Nadere informatie

Schrik om het hart! CoRPS. Dr. Annelieke Roest. Promotoren: Peter de Jonge, PhD. Johan Denollet, PhD

Schrik om het hart! CoRPS. Dr. Annelieke Roest. Promotoren: Peter de Jonge, PhD. Johan Denollet, PhD Schrik om het hart! Center of Research on Psychology in Somatic diseases Promotoren: Peter de Jonge, PhD Johan Denollet, PhD Dr. Annelieke Roest Anxiety and Depression In Coronary Heart Disease: Annelieke

Nadere informatie

J. Snel AdFundum, Vakblad voor de Drankenbranche, 13(11):14-15, november. 2005 Dagelijks, matig alcoholgebruik verlaagt het risico op diabetes

J. Snel AdFundum, Vakblad voor de Drankenbranche, 13(11):14-15, november. 2005 Dagelijks, matig alcoholgebruik verlaagt het risico op diabetes J. Snel AdFundum, Vakblad voor de Drankenbranche, 13(11):14-15, november. 2005 Dagelijks, matig alcoholgebruik verlaagt het risico op diabetes Diabetes 2 of ouderdomsziekte komt veel voor en begint epidemische

Nadere informatie

Diagnostische instabiliteit van terugval bij angststoornissen en depressie

Diagnostische instabiliteit van terugval bij angststoornissen en depressie Diagnostische instabiliteit van terugval bij angststoornissen en depressie Willemijn Scholten NEDKAD 2015 Stelling In de DSM 6 zullen angst en depressie één stoornis zijn Achtergrond Waxing and waning

Nadere informatie

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten?

Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten? De Modererende rol van Persoonlijkheid op de Relatie tussen Depressieve Symptomen en Overeten 1 Wat is de Modererende Rol van Consciëntieusheid, Extraversie en Neuroticisme op de Relatie tussen Depressieve

Nadere informatie

Samenvatting (Summary in Dutch)

Samenvatting (Summary in Dutch) Samenvatting (Summary in Dutch) SAMENVATTING Jaarlijks wordt 8% van alle kinderen in Nederland prematuur geboren. Ernstige prematuriteit heeft consequenties voor zowel het kind als de ouder. Premature

Nadere informatie

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars

Management Summary. Auteur Tessa Puijk. Organisatie Van Diemen Communicatiemakelaars Management Summary Wat voor een effect heeft de vorm van een bericht op de waardering van de lezer en is de interesse in nieuws een moderator voor dit effect? Auteur Tessa Puijk Organisatie Van Diemen

Nadere informatie

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen

De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de. Lichaamsbeweging van Ouderen Running head: ACTIEVE OUDEREN EN BEWEGEN 1 De Invloed van Identificatie met Actieve Ouderen en Welbevinden op de Lichaamsbeweging van Ouderen The Influence of Identification with 'Active Elderly' and Wellbeing

Nadere informatie

Onderzoek naar de geestelijke gezondheid van levende nierdonoren. Lotte Timmerman

Onderzoek naar de geestelijke gezondheid van levende nierdonoren. Lotte Timmerman Onderzoek naar de geestelijke gezondheid van levende nierdonoren Lotte Timmerman Introductie Veel bekend over medische uitkomsten na levende nierdonatie Kans op overlijden = 0.03% (Matas et al., 2003;

Nadere informatie

Vroeginterventie via het internet voor depressie en angst

Vroeginterventie via het internet voor depressie en angst Samenvatting 141 Vroeginterventie via het internet voor depressie en angst Hoofdstuk 1 is de inleiding van dit proefschrift. Internetbehandeling voor depressie en angst is bewezen effectief. Dit opent

Nadere informatie

Twee en een half jaar Kwaliteitsmeting in de Fysiotherapie

Twee en een half jaar Kwaliteitsmeting in de Fysiotherapie Twee en een half jaar Kwaliteitsmeting in de Fysiotherapie Feiten en cijfers tot nu toe Managementsamenvatting Na twee en een half jaar kwaliteitsmetingen in de fysiotherapie is het een geschikt moment

Nadere informatie

Taal in het Kleuterbrein EEG in de praktijk

Taal in het Kleuterbrein EEG in de praktijk Taal in het Kleuterbrein EEG in de praktijk Nina Davids & Judith Pijnacker - senior onderzoekers Petra van Alphen - projectleider Expertise & Innovatie, PonTeM Taal in het Kleuterbrein Waarom EEG? Wat

Nadere informatie

Disclosure belangen Janneke Valk, bedrijfsarts

Disclosure belangen Janneke Valk, bedrijfsarts Disclosure belangen Janneke Valk, bedrijfsarts (potentiële) belangenverstrengeling Geen / Zie hieronder Voor bijeenkomst mogelijk relevante relaties met bedrijven Sponsoring of onderzoeksgeld Honorarium

Nadere informatie

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch

Stress en Psychose 59 Noord. Stress and Psychosis 59 North. A.N.M. Busch Stress en Psychose 59 Noord Stress and Psychosis 59 North A.N.M. Busch Prevalentie van Subklinische Psychotische Symptomen en de Associatie Met Stress en Sekse bij Noorse Psychologie Studenten Prevalence

Nadere informatie

Inleiding. Familiale kwetsbaarheid en geslacht. Samenvatting

Inleiding. Familiale kwetsbaarheid en geslacht. Samenvatting Inleiding Depressie en angst zijn veel voorkomende psychische stoornissen. Het ontstaan van deze stoornissen is gerelateerd aan een breed scala van risicofactoren, zoals genetische kwetsbaarheid, neurofysiologisch

Nadere informatie

Samenvatting. BurcIn Ünlü Ince. Recruiting and treating depression in ethnic minorities: the effects of online and offline psychotherapy

Samenvatting. BurcIn Ünlü Ince. Recruiting and treating depression in ethnic minorities: the effects of online and offline psychotherapy Samenvatting 194 Dit proefschrift start met een algemene inleiding in hoofdstuk 1 om een kader te scheppen voor de besproken artikelen. Migratie is een historisch fenomeen die vaak resulteert in verbeterde

Nadere informatie

Samenvatting 21580_rietdijk F.indd :09

Samenvatting 21580_rietdijk F.indd :09 Samenvatting 21580_rietdijk F.indd 161 10-02-12 15:09 People at ultra high risk for psychosis Schizofrenie en aanverwante psychotische stoornissen hebben grote negatieve gevolgen voor het sociaal en psychisch

Nadere informatie

Wat is depressie? Oorzaak, omvang, gevolg

Wat is depressie? Oorzaak, omvang, gevolg Wat is depressie? Oorzaak, omvang, gevolg Prof. Dr. Brenda Penninx Vakgroep psychiatrie / GGZ ingeest Neuroscience Campus Amsterdam Mental Health EMGO+ Institute for Health and Care Research b.penninx@vumc.nl

Nadere informatie

MINDFULNESS, ZELFASPECTEN EN WELZIJN 1. Bewust (wel)zijn? De mediërende rol van het zelf in de relatie tussen mindfulness en psychologisch welbevinden

MINDFULNESS, ZELFASPECTEN EN WELZIJN 1. Bewust (wel)zijn? De mediërende rol van het zelf in de relatie tussen mindfulness en psychologisch welbevinden MINDFULNESS, ZELFASPECTEN EN WELZIJN 1 Bewust (wel)zijn? De mediërende rol van het zelf in de relatie tussen mindfulness en psychologisch welbevinden Mindful (well)being? The mediating role of the self

Nadere informatie

Fort van de Democratie

Fort van de Democratie Fort van de Democratie Stichting Vredeseducatie / peace education projects Het Fort van de Democratie WERKT! Samenvatting van een onderzoek door de Universiteit van Amsterdam naar de effecten van de interactieve

Nadere informatie

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten

Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Verschil in Perceptie over Opvoeding tussen Ouders en Adolescenten en Alcoholgebruik van Adolescenten Difference in Perception about Parenting between Parents and Adolescents and Alcohol Use of Adolescents

Nadere informatie

Het Effect van Verschil in Sociale Invloed van Ouders en Vrienden op het Alcoholgebruik van Adolescenten.

Het Effect van Verschil in Sociale Invloed van Ouders en Vrienden op het Alcoholgebruik van Adolescenten. Het Effect van Verschil in Sociale Invloed van Ouders en Vrienden op het Alcoholgebruik van Adolescenten. The Effect of Difference in Peer and Parent Social Influences on Adolescent Alcohol Use. Nadine

Nadere informatie

Cognitive behavioral therapy for treatment of anxiety and depressive symptoms in pregnancy: a randomized controlled trial

Cognitive behavioral therapy for treatment of anxiety and depressive symptoms in pregnancy: a randomized controlled trial Cognitive behavioral therapy for treatment of anxiety and depressive symptoms in pregnancy: a randomized controlled trial dr. T. Verbeek arts-epidemioloog Afd. Huisartsgeneeskunde en Epidemiologie 22 januari

Nadere informatie

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling

Studie type Populatie Patiënten kenmerken Interventie Controle Dataverzameling Evidence tabel bij ADHD in kinderen en adolescenten (studies naar adolescenten met ADHD en ) Auteurs, Gray et al., 2011 Thurstone et al., 2010 Mate van bewijs A2 A2 Studie type Populatie Patiënten kenmerken

Nadere informatie

Samenvatting (Dutch summary)

Samenvatting (Dutch summary) Parenting Support in Community Settings: Parental needs and effectiveness of the Home-Start program J.J. Asscher Samenvatting (Dutch summary) Ouders spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling van kinderen.

Nadere informatie

Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie. Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven.

Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie. Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven. * Cerebrale parese en de overgang naar de adolescentie Beloop van het functioneren, zelfwaardering en kwaliteit van leven In dit proefschrift worden de resultaten van de PERRIN CP 9-16 jaar studie (Longitudinale

Nadere informatie

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken

Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken 1 Hartpatiënten Stoppen met Roken De invloed van eigen effectiviteit, actieplannen en coping plannen op het stoppen met roken Smoking Cessation in Cardiac Patients Esther Kers-Cappon Begeleiding door:

Nadere informatie

De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende. Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering

De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende. Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering De Relatie tussen Mindfulness en Psychopathologie: de Mediërende Rol van Globale en Contingente Zelfwaardering The relation between Mindfulness and Psychopathology: the Mediating Role of Global and Contingent

Nadere informatie

Train uw Brein: Cognitieve Training als een behandeling voor depressie. Marie-Anne Vanderhasselt

Train uw Brein: Cognitieve Training als een behandeling voor depressie. Marie-Anne Vanderhasselt Train uw Brein: Cognitieve Training als een behandeling voor depressie Marie-Anne Vanderhasselt Vanderhasselt, M.A., De Raedt, R., Namur, V., Lotufo, P.A., Bensenor, Vanderhasselt, M.A., De Raedt, R.,

Nadere informatie

) amarum ( DGT vs CGT behandeling bij BED - II

) amarum ( DGT vs CGT behandeling bij BED - II DGT vs CGT behandeling bij BED - II Het weglaten van verstoorde lichaamsbeleving is een omissie in de DSM-V criteria voor eetbuistoornissen. Elke Wezenberg VGCT 2015 Stelling voor de zaal: Het is toch

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Het onderwerp van dit proefschrift is depressieve en angst symptomen in chronische dialyse patiënten en andere patiënten. Het proefschrift bestaat uit twee delen (deel A en deel

Nadere informatie