(BIO) - Fase 2 (terrein)

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "(BIO) - Fase 2 (terrein)"

Transcriptie

1 KONINKRIJK BELGIË Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO) - Fase 2 (terrein) Dienst Bijzndere Evaluatie van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking

2 FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Dienst Bijzndere Evaluatie vr de Belgische Ontwikkelingssamenwerking Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO) - Fase 2 (terrein) Uitgeverd dr Eindrapprt Juni 2014 De Dienst Bijzndere Evaluatie verzekert de cnfrmiteit van dit evaluatieverslag met het bestek. De evaluatie werd begeleid dr een stuurcmité in Brussel. De meningen in dit dcument zijn gestaafde meningen van de auteurs, dch reflecteren niet ndzakelijk de psitie van de FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.

3 FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Juni 2014 Drukwerk: Drukkerij FOD Evaluatie nr: S4/2013/04 Wettelijk dept: 0218/2014/016 Dit dcument is tevens beschikbaar in pdf-frmaat in het Frans en het Nederlands p de website f bij de Dienst Bijzndere Evaluatie. Een samenvatting in het Engels is eveneens beschikbaar. Dit rapprt zal als vlgt wrden geciteerd: Dienst Bijzndere Evaluatie van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking/DBE (2014, Terreinevaluatie van de investeringen van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO), FOD Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, Brussel. 2

4 Inhudspgave Inhudspgave... 3 Afkrtingenlijst... 5 Management samenvatting Inleiding Prtflianalyse Rendement per activiteit van BIO Delstellingen van de evaluatie Dankbetuiging Aanpak Hfdnderwerpen en evaluatievragen Inceptiefase Uitwerken methdlgie Dcumentstudie en stakehldercnsultatie Evaluatiematrix Dssiernderzek en interviews Cntextanalyse Veldbezeken Interviews met cliënten BIO Interviews met andere belanghebbenden Rapprtages Vaststellingen en analyses Relevantie Financiële instellingen Intermediaire structuren Infrastructuur KMO s Aandacht vr ntwikkelingsrelevantie in het investeringsprces Cherentie De synergie met BTC en Ambassades NGO s Belgische en (internatinale) fndsen Samenwerking met DFI s en IFI s Strategie BIO en cherentie Additinaliteit Financiële instellingen Intermediaire structuren Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 3

5 Infrastructuur KMO s Technische assistentie Effectiviteit Financiële instellingen Intermediaire structuren Infrastructuur KMO s Katalyserende werking Belastingen Mnitring en evaluatie Efficiëntie Financiële instellingen Intermediaire structuren Infrastructuur KMO s Investeringen via intermediaire structuren KMO s Vertegenwrdiging p het terrein Duurzaamheid Financiële instellingen Intermediaire structuren Infrastructuur KMO s Cnclusies en aanbevelingen Ontwikkelingsrelevantie Cherentie Additinaliteit Effectiviteit Efficiëntie Duurzaamheid Antwrd van de Raad van Bestuur van BIO Algemene bevindingen Directe investeringen in KMO s Intermediaire structuren Micrfinancieringsstrategie Impact van BIO Cmplementariteit en samenwerking Antwrd van de DGD Annex A: Referentietermen Annex B: Staal terreinevaluatie BIO Annex C: Lijst van geïnterviewde persnen in België

6 Afkrtingenlijst BIO BMI BTC CDE CNCD CPP DFI DGD EDFI EDIS EFP ESG FMO GPR IFC IFI IO IPO ISP KMO KvK M&E MENA MFI NBFI NGO NPL PE TA USD VC Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden Belgische Maatschappij vr Internatinale Investering Belgisch Ontwikkelingsagentschap/ Belgische Technische Cöperatie Centre pur le Dévelppement de l Entreprise Natinaal Centrum vr Ontwikkelingssamenwerking Client Prtectin Principle Develpment Finance Institutin Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp Eurpean Develpment Finance Institutin Ecnmic Develpment Impact Scre Eurpean Finance Partners Envirnmental, Scial and Gvernance Nederlandse Financierings-Maatschappij vr Ontwikkelingslanden Crprate-Plicy Prject Rating Internatinal Finance Crpratin Internatinal Financial Institutin Investment Officer Internatinal Public Offering Indicatief Samenwerkingsprgramma Kleine f middelgrte nderneming Kamer van Kphandel Mnitring & Evaluatin Midden-Osten en Nrd-Afrika Micrfinance Institutin Nn-banking financial institutin Nn-gvernmental rganisatin Nn-perfrming lan Private-equity Technical Assistance US Dllar Venture Capital Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 5

7

8 Management samenvatting In 2007 heeft de eerste evaluatie van BIO plaatsgevnden, gevlgd dr een evaluatie in 2012 die zich richtte p het beleid, de rganisatie, het beheer en de ntwikkelingsrelevantie (p papier) van BIO. Medi 2013 is de vrliggende evaluatie gestart, waarbij het belangrijkste nderdeel terreinmissies betrf m de ntwikkelingsrelevantie en de deltreffendheid van de investeringen van BIO vast te stellen. Op deze wijze kn k een verdieping van de vrige evaluatie plaatsvinden. De bezchte landen zijn Cambdja, de Demcratische Republiek Cng, Ivrkust, Kenia, Markk, Nicaragua, Oeganda, Peru en Vietnam. In ttaal werden er 71 prjecten en (ptentiële) klanten van BIO bezcht, exclusief haalbaarheidsstudies en klanten van micrfinancieringsinstellingen (MFI s). KMO s (direct en indirect gefinancierd) Een belangrijke delgrep vr BIO zijn KMO s. In het staal vr het terreinnderzek waren 29 KMO s pgenmen in 8 landen, waarvan er 13 direct gefinancierd werden dr BIO en 16 via een intermediair KMO-fnds. De relevantie werd berdeeld dr na te gaan in welke mate de investeringen in het mandaat van BIO passen en wat de verwachte ntwikkelingseffecten waren p het mment van de investeringen. Er werd k nderzcht in heverre de investeringen dr BIO tt ngewenste effecten hebben geleid. Slechts een enkele directe investering werd als niet-relevant berdeeld. Ok de investeringen in KMO s die via KMO-fndsen werden gerealiseerd waren veelal relevant (13 van de 16). De meilijkheid van deze intermediaire structuur is dat in deze fndsen zwel Develpment Finance Institutins (DFI s) zals BIO, als cmmerciële investeerders participeren. Vr BIO en andere DFI s is ntwikkelingsrelevantie een belangrijke investeringsverweging terwijl bij cmmerciële investeerders het rendementsperspectief prevaleert. Het is daarm belangrijk dat BIO in samenwerking met andere DFI s meer invled uitefent p het mandaat en de strategie van deze fndsen m zdende meer ntwikkelingsrelevante investeringen te verkrijgen. Een expliciete delstelling in de wet tt prichting van BIO is het bereiken van KMO s. Tijdens de evaluatieperide heeft BIO zwel directe financiering aan KMO s verstrekt als financiering aan KMO-fndsen, die vervlgens investeerden in KMO s. Beide methden zijn effectief gebleken, er is werkgelegenheid gecreëerd, er was in een aantal gevallen aandacht vr vruwen, de ndernemingen betaalden belastingen vlgens de geldende wetgeving en er vnd in de meeste gevallen imprtsubstitutie plaats. De directe investeringen in KMO s hebben allemaal een psitieve scre gekregen vr additinaliteit. Andere financiers knden een dergelijke financiering niet aanbieden, vrnamelijk mdat de te lange lptijd vr hen prblematisch was. De additinaliteit van indirecte investeringen is minder vr de hand liggend, aangezien fndsmanagers niet de delstelling hebben additineel te zijn aan de markt. De financiering dr BIO f de KMO-fndsen bleek katalyserend te hebben gewerkt, mdat de bedrijven na verlp van tijd in staat bleken te zijn (werkkapitaal-)financiering aan te trekken bij lkale banken. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 7

9 Alhewel het evaluatieteam de ntwikkelingsrelevantie van de directe investeringen in KMO s psitief heeft berdeeld, wrdt het direct investeren in KMO s dr BIO vanwege efficiëntieverwegingen niet aanbevlen. Zwel uit de evaluatie van 2012 als uit de veldbezeken bleek dat BIO nvldende in staat is KMO s in ntwikkelingslanden p efficiënte wijze te berdelen en te mnitren. De investeringen die niet succesvl bleken kunnen nauwelijks gecmpenseerd wrden dr de pbrengsten van investeringen die ged zijn verlpen. Bvendien beperkt BIO zich bij directe investeringen tt kredieten. Aangezien zij geen participaties neemt, kan zij dus niet prfiteren van een eventuele winstntwikkeling van de ndernemingen. De evaluatren achten het investeren via intermediaire structuren een verstandige aanpak m in KMO s te financieren. De zeer beperkte mvang van de rganisatie van BIO, de vereiste kennis van de lkale markt en de gegrafische beperkingen (afstand tt de klant) zijn belangrijke verwegingen m vr intermediairs te kiezen. Infrastructuur Sinds enkele jaren financiert BIO private infrastructuurprjecten. Omdat infrastructuurfinanciering vr BIO een nieuwe activiteit is, is BIO hiervr een samenwerkingsvereenkmst met FMO aangegaan, waardr BIO in staat is m makkelijk middelen te investeren in infrastructuur (dr middel van c-financiering), en tegelijkertijd ervaring en kennis p te den dr de samenwerking met FMO die reeds ervaring heeft met dit type transacties. Binnen de prtefeuille van BIO zijn de infrastructuurprjecten financieel gezien het meest succesvl. Het gaat m relatief grte transacties, waardr de ksten vr BIO per transactie relatief laag zijn. De lptijd van deze financieringen is meestal lang (10 jaar en langer), waardr dit een stabiele inkmstenbrn is ver een langere termijn. Vrijwel alle infrastructuurprjecten halen hge scres. Hierbij is niet enkel naar het financiële rendement gekeken, maar zijn uitdrukkelijk k zaken als ntwikkelingseffecten, additinaliteit en duurzaamheid van de prjecten berdeeld. BIO financiert infrastructuurprjecten k via gespecialiseerde intermediaire infrastructuurfndsen. De berdeling van zwel de fndsen als de bezchte dr hen gefinancierde prjecten viel lager uit dan bij de direct gefinancierde infrastructuurprjecten, waarbij vral de additinaliteit van de financiering en de ntwikkelingseffecten wat minder sterk scrden. Financiële instelingen De laatste grep bezchte klanten van BIO zijn de financiële instellingen. Deze kunnen ingedeeld wrden in micrfinancieringsinstellingen (MFI s), cmmerciële banken, en nietbancaire financiële instellingen (NBFI s). Deze drie grepen zijn belangrijk vr het ntwikkelen van de private sectr in ntwikkelingslanden. Dr kredietverlening aan individuele ndernemers en KMO s te faciliteren, wrden grte grepen ndernemers bereikt die vrheen geen tegang tt krediet hadden. Uit de veldbezeken bleek dat de bezchte MFI s individuele ndernemers ndersteunden. Met deze kleine leningen kunnen kleine bedrijfjes wrden gestart f uitgebreid. Ofschn de werkgelegenheidseffecten van micrkredieten in zekere zin beperkt zijn, stellen MFI s individuen in staat een redelijk inkmen vr hun gezinnen te verwerven. Ok hadden de MFI s aandacht vr vruwen als delgrep, en bleek dat bij de meeste MFI s meer dan de helft van de kredieten aan vruwen was verstrekt. 8

10 De additinaliteit van BIO s financieringen aan MFI s zal in de tekmst evenwel scherp met wrden berdeeld dr het kredietcmité van BIO. In enkele meer vlwassen markten is thans vldende privaat kapitaal beschikbaar waarmee de rl van BIO beperkt kan wrden. BIO kan zich in deze markten in de tekmst beter nderscheiden dr het verstrekken van kapitaal met een hger risic (zals achtergesteld krediet en aandelenkapitaal). Banken zijn belangrijk m KMO s in ntwikkelingslanden van krediet te vrzien. Veel bedrijven hebben geen tegang tt financiering en dr een bankensectr te ntwikkelen krijgen deze ndernemingen perspectief p financiering en grei. Deze banken hebben vaak zelf k meite m financiering aan te trekken en daarmee is er een duidelijke rl vr DFI s weggelegd. De bezchte banken hebben mede daarm ged gescrd p relevantie en additinaliteit. De effectiviteit van de banken werd als het gaat m het bereiken van de delgrep (KMO s) p een enkele uitzndering na eveneens psitief berdeeld, al werd k vastgesteld smmige banken hun strategie wijzigden waardr het rsprnkelijk del van de financiering van BIO (zals het financieren van kleine ndernemingen) minder ged gediend werd. Cherentie Een belangrijk thema tijdens de evaluatie was de cherentie van BIO met BTC en andere (Belgische) actren van de ntwikkelingssamenwerking. Tijdens de eerste evaluatie bleek reeds dat de mandaten van BIO en BTC verschillend zijn waardr er van een samenwerking geen sprake was. Dit werd bevestigd tijdens de terreinbezeken. BIO zu haar cmmunicatie kunnen verbeteren m meer begrip en bekendheid vr haar activiteiten te krijgen. Echter de Belgische verheid met p de eerste plaats een duidelijk beleid rndm private sectr ntwikkeling definiëren en aangeven welke rl BIO en andere actren hierin dienen te spelen. Met name de rl van BTC en de aansluiting met de activiteiten van BIO zu beter gefrmuleerd meten wrden. De activiteiten van NGO s sluiten niet ged aan bij BIO, mdat de dr NGO s uitgeverde activiteiten te embrynaal zijn. Een nieuwe (dr BIO te frmuleren) strategie zu nderdelen kunnen bevatten waar BIO met andere actren van de Belgische cöperatie samen kan werken. Echter, vanwege de beperkte verlap in mandaten zal deze samenwerking vermedelijk beperkt blijven. Met partijen die actief zijn in hetzelfde werkveld als BIO, zals Incfin en Alterfin, wrdt wel samengewerkt. Bij deze investeerders is BIO k ged bekend en zijn beide partijen p de hgte van elkaars activiteiten. Tensltte is k de relatie en samenwerking met andere DFI s nderzcht. Ofschn de samenwerking ng verder geïntensiveerd en verbeterd kan wrden, heeft het evaluatieteam gecncludeerd dat de samenwerking met andere DFI s succesvl is. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 9

11

12 1. Inleiding De Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO), pgericht bij wet p 3 nvember 2001, is een venntschap van publiek recht. De prichting betrf tegelijkertijd een wijziging van de wet van 21 december 1998 tt prichting van de Belgische Technische Cöperatie (BTC) waarmee BTC de bevegdheid verlr tt het nemen van participaties in het risickapitaal van ndernemingen f ntwikkelingsbanken. De rl van BTC ten aanzien van de private sectr werd daarmee grtendeels vergebracht naar BIO; BTC beperkt zich p dit gebied tt technische assistentie en kennisverdracht. De aandeelhuders van BIO zijn gedurende de evaluatieperide de Belgische Staat en de Belgische Maatschappij vr Internatinale Investeringen (BMI), elk vr de helft 1. Vr het den van investeringen verkrijgt BIO haar middelen echter grtendeels uit de begrting van de verheid. BIO heeft k via de wet duidelijke maatschappelijke delstellingen meegekregen van de Belgische verheid waarbij nderwerpen als duurzame prductieve werkgelegenheid, fcus p arme landen, gelijkheid tussen mannen en vruwen, additinaliteit, katalyserende werking, gd gvernance en ntwikkelingsrelevantie uitdrukkelijk aan de rde kmen. Om deze maatschappelijke delstellingen te kunnen bereiken neemt BIO aandelenparticipaties f financiert BIO de vlgende categrieën klanten: Financiële instellingen Private Equity (PE) f schuldfndsen Infrastructuurprjecten Kleine en Middelgrte Ondernemingen (KMO s) Gezien het publieke karakter van BIO is in het investeringscharter bepaald dat BIO regelmatig zal wrden geëvalueerd. In 2007 vnd de eerste evaluatie plaats en vr 2012 stnd een tweede evaluatie gepland. Omwille van de aandacht die BIO kreeg in de media en in het parlement, werd ervr gepteerd m het geplande evaluatieprces te versnellen dr de fcus in eerste instantie te beperken tt het beleid, de rganisatie, het beheer en de ntwikkelingsrelevantie (p papier) van BIO. Vrliggende evaluatie betreft een terreinevaluatie met bezeken aan negen landen met als del de (ntwikkelings)resultaten vast te stellen. Op deze manier vindt k een verdieping ten pzichte van de vrige evaluatie plaats. De bezchte landen zijn Cambdja, de Demcratische Republiek Cng, Ivrkust, Kenia, Markk, Nicaragua, Oeganda, Peru en Vietnam. In ttaal werden er 71 prjecten en (ptentiële) klanten van BIO bezcht, exclusief haalbaarheidsstudies en klanten van micrfinancieringsinstellingen (MFI s). 1 Per januari 2014 is de Belgische Staat 100% aandeelhuder van BIO, en heeft BMI haar belang verkcht. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 11

13 Tabel 1.1: Bezchte prjecten per type investering MFI direct MFI indir. Bank NBFI Infrafnds MFIfnds KMOfnds Infra direct Infra indir. KMO direct KMO indir. Markk Kenia Oeganda Ivrkust DR Cng Cambdja Vietnam Nicaragua Peru Ttaal Prtflianalyse De prtfli analyse is gebaseerd p de 2011 prtfli mdat de evaluatie gericht is p de jaren Om te cntrleren f het staal representatief is vr de prtfli zijn verschillende dwarsdrsnedes gemaakt p basis van nett cmmitteringen en uitstaande tezeggingen. Nett cmmitteringen zijn de investeringsbedragen waarvr BIO een verplichting is aangegaan, terwijl de uitstaande tezeggingen de uitstaande bedragen betreffen nder uitbetaalde investeringen van BIO (waarbij dus al delen zijn terugbetaald etc.). Per regi Figuur 1.1: Nett cmmitteringen per regi 250,0 220, ,0 mln Eur 150,0 100,0 97,800 50,0 65,793 23,923 19,786 47,355 55,705 37,125 6,370 6,770 10,621 45,183,0 Africa ASIA LAC MENA Multireginal Ttaal Staal Ttaal Figuur 1.2: Uitstaande cmmitteringen per regi ,700 mln Eur , , ,190 76,878 61,562 46,426 42,732 28,526 7,9408,340 10,621 Africa ASIA LAC MENA Multireginal Ttaal Staal Ttaal 12

14 In de bvenstaande grafieken zijn de nett en uitstaande cmmitteringen per regi te zien met daarin de verhuding tussen het staal en de ttale prtfli. In de tabellen hiernder staat het percentage cmmitteringen per regi aangegeven in het staal en in de ttale prtfli. Alleen qua multireginale fndsen werd in het staal een lager percentage nderzcht in verhuding tt de gehele prtfli. In de MENA 2 regi werd een hger percentage nderzcht in verhuding tt de gehele prtfli wat te wijten is aan de landenselectie. Er zijn namelijk weinig landen in de MENA regi waarin BIO mag investeren en dr de inclusie van Markk is het staal al snel grter in verhuding tt de prtfli. Tabel 1.2: Nett en uitstaande cmmitteringen per regi % nett cmmitteringen Staal Ttaal Afrika 34% 37% AZIE 21% 19% LAC 31% 26% MENA 6% 2% Multireginaal 8% 15% Ttaal 100% 100% % uitstaande cmmitteringen Staal Ttaal Afrika 24% 30% AZIE 20% 21% LAC 38% 25% MENA 7% 3% Multireginaal 11% 20% Ttaal 100% 100% Per type investering Figuur 1.3: Nett cmmitteringen per activiteit 500,0 400,0 397,700 mln Eur 300,0 200,0 157, , , ,0,0 32,300 Financial institutins 69,400 Investment funds & cmpanies 59,590 41,531 12,100 22,400 Prductive cmpanies Infrastructure prjects Ttaal Staal Ttaal Figuur 1.4: Uitstaande cmmitteringen per activiteit 250,0 220, ,0 mln Eur 150,0 100,0 50,0 119,322 56,364 32,293 39,823 23,592 10,843 14,86621,528 97,800,0 Financial institutins Investment funds & cmpanies Prductive cmpanies Infrastructure prjects Ttaal Staal Ttaal In de bvenstaande grafieken staan de nett en uitstaande cmmitteringen per type investering afgebeeld. Bij financiële instellingen werd naar verhuding maar een relatief klein deel van de ttale prtfli vr het staal geselecteerd. Financiële instellingen vertegenwrdigen een kleiner en investeringsfndsen een grter percentage in het staal dan in de ttale prtfli. 2 Midden-Osten en Nrd-Afrika. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 13

15 Tabel 1.3: Nett en uitstaande cmmitteringen per activiteit % nett cmmitteringen Staal Ttaal Financiële instellingen 24% 40% Investeringsfndsen 51% 35% KMO s 9% 15% Infrastructuurprjecten 16% 10% Ttaal 100% 100% % uitstaande cmmitteringen Staal Ttaal Financiële instellingen 33% 54% Investeringsfndsen 41% 26% KMO s 11% 11% Infrastructuurprjecten 15% 10% Ttaal 100% 100% Per financieringsinstrument Figuur 1.5: Uitstaande cmmitteringen per instrument , mln Eur ,279 69, ,528 97, ,757 0 Equity Debt Ttal Staal Ttaal De verdeling van financieringsinstrumenten in het staal in vergelijking met de gehele prtfli is adequaat. In het staal en de prtfli is kredietverlening het meest vrkmende instrument. Van de nderzchte dssiers zijn 29% equity investeringen en 71% kredietverleningen en in de gehele prtfli zijn 40% equity investeringen en 60% kredietverleningen. Tabel 1.4: Uitstaande cmmitteringen per instrument % uitstaande cmmitteringen Staal Ttaal Equity 29% 40% Debt 71% 60% Ttaal 100% 100% Op basis van de bevindingen is Carnegie van mening dat het staal p een crrecte wijze is samengesteld dr de Dienst Bijzndere Evaluatie. De bedrijven in het staal geven een representatief beeld van BIO s prtfli. 14

16 1.2. Rendement per activiteit van BIO In de evaluatie van 2012 is nderzek gedaan naar het financiële rendement van de prtfli van BIO. Onderstaand figuur geeft een beeld van de prestaties p dit gebied nderverdeeld naar de hfdactiviteiten van BIO. 6% Figuur 1.6: Rendement per activiteit 3% 0% -3% % -9% Ondernemingen Infrastructuur Financiële instellingen en fndsen Het bvenstaande figuur tnt uitsluitend het rendement van de investeringen exclusief de apparaatsksten van BIO. In werkelijkheid ligt het rendement derhalve lager. BIO dient een rendement te behalen p de middelen die tt beschikking zijn gesteld dr de Staat. De bedragen die aan BIO verstrekt zijn, werden tt nu te niet als uitgave p de Rijksbegrting, zgenaamd cde 5, gezien, maar als financiële activa, genaamd cde 8 3. Deze classificatie wrdt getetst dr het Instituut vr de Natinale Rekeningen en bepaald aan de hand van de verwachte rentabiliteit van BIO ten pzichte van vergelijkbare Belgische en Eurpese instellingen (peers), alsmede van de ksten van lange termijn staatsleningen. Indien cde 5 middelen aan BIO ter beschikking gesteld zuden wrden, zu deze rendementseis niet van tepassing beheven te zijn en zu BIO tevens in staat zijn hgere risicinvesteringen te verwegen Delstellingen van de evaluatie Het belangrijkste del van een evaluatie is het afleggen van verantwrding ver het geëvalueerde bject en hieruit lessen te trekken vr de tekmst. Bij deze evaluatie is BIO geëvalueerd met een sterke fcus p de ntwikkelingsresultaten van de investeringen van BIO. In de referentietermen zijn de vlgende hfdvragen gefrmuleerd: 1. Is BIO erin geslaagd het maatschappelijk del zals dat is gefrmuleerd in de Wet te bereiken? 2. Beschikt BIO ver de juiste instrumenten m dat del te bereiken? In de evaluatie wrden de sterktes en zwaktes van de verschillende srten investeringen van BIO geïdentificeerd en besprken. In het staal zijn alle types financieringen van BIO vertegenwrdigd met nder meer directe investeringen in ndernemingen, financieringen via intermediaire structuren (Private Equity fndsen), MFI s en banken, infrastructuurfinancieringen en technische assistentie. 3 Avis de l ICN van Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 15

17 Een belangrijk aspect dat behandeld wrdt in de evaluatie is de cherentie van beleid waarbij de vraag gesteld wrdt in heverre de investeringsactiviteiten van BIO aansluiten bij de activiteiten van de andere Belgische actren die actief zijn p het gebied van private sectr ntwikkeling. In hfdstuk 3.2. kmt deze prblematiek uitgebreid aan de rde. In dat kader hebben we de cherentie vraag enigszins verbreed dr te kijken met welke partijen BIO samenwerkt. Zals gevraagd in de referentietermen wrdt hier bijvrbeeld de samenwerking met andere ntwikkelingsbanken besprken. In de rapprtage is in een grt aantal hfdstukken aandacht besteed aan de bevindingen en pvlging van de aanbevelingen van de evaluatie van Dit rapprt is als vlgt pgebuwd. Na de Management Samenvatting en inleiding wrdt in hfdstuk 2 de methdlgie en aanpak vr deze evaluatie behandeld. Hfdstuk 3 mvat de vaststellingen en analyses met betrekking tt de hfdnderwerpen en gerelateerde evaluatievragen. Hiernder wrden per evaluatiecriterium en type investering de bevindingen uit de veldstudies gepresenteerd, in smmige gevallen gevlgd dr analyses van specifieke nderwerpen die in de referentietermen speciale aandacht kregen. Tt slt wrden de cnclusies en aanbevelingen per evaluatiecriterium gepresenteerd. De referentietermen, het staal vr deze evaluatie en een verzicht van de in België geïnterviewde persnen is pgenmen in bijlage A, B en C. Figuur 1.7: Bezchte investeringen 1.4. Dankbetuiging Dit evaluatierapprt is pgesteld dr Carnegie Cnsult en is een synthese van de landenrapprten die dr de verschillende cnsultants van Carnegie Cnsult zijn pgesteld. Het evaluatieteam werd geleid dr Hans Slegtenhrst en bestnd verder uit Rien Strtman, Gerda Heyde, Daniela Sticescu, Marie Heydenreich en Mart Nugteren. De evaluatieaanpak, het evaluatieprces en de rapprtage is gedurende de evaluatieperide gemnitrd en van cmmentaar vrzien dr Anneke Slb, senir adviseur kwaliteitsbewaking. Het rapprt is gefinancierd dr de Dienst Bijzndere Evaluatie van de FOD van Buitenlandse Zaken, Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Graag danken wij de Dienst en de leden van het begeleidingscmité vr de gede samenwerking en de uitstekende suggesties en cmmentaren die gedurende het evaluatieprces zijn gegeven. Tensltte danken wij BIO en haar medewerkers vr de uitstekende samenwerking en de pen en transparante wijze van samenwerking. Wij realiseren ns dat de evaluatie een belasting vr de rganisatie van BIO was en zijn zeer erkentelijk vr de tijd die de betrkken medewerkers hiervr hebben ingeruimd. 16

18 2. Aanpak In dit hfdstuk gaan we nader in p de hfdnderwerpen en vragen van deze evaluatie, de aanpak en de verschillende stappen Hfdnderwerpen en evaluatievragen De Dienst Bijzndere Evaluatie van Internatinale Samenwerking heeft in de referentietermen vr deze evaluatie (zie annex A) ca. 45 evaluatievragen gefrmuleerd die gekppeld zijn aan vijf hfdvragen met betrekking tt de vlgende berdelingscriteria: Ontwikkelingsrelevantie: De mate waarin de begde resultaten van BIO vereenkmen met de nden van de begunstigden, met name de lkale ndernemingen/ ndernemers en hun werknemers, en de beheften van de lkale private sectr. Cherentie: De mate waarin het investeringsbeleid van BIO in vereenstemming is met het beleidskader inzake de Belgische ntwikkelingssamenwerking. Is er een wederzijdse samenwerking tussen BIO en andere actren van de Belgische ntwikkelingssamenwerking en tussen BIO en andere actren die de private sectr ndersteunen? Effectiviteit: De mate waarin de begde (ntwikkelings-) resultaten van de investeringen / het investeringsbeleid van BIO behaald werden, f verwacht wrdt dat ze behaald wrden. Efficiëntie: Met welke (financiële en persneels) kst bereiken de investeringen van BIO de begunstigden en binnen welk tijdsbestek? Bestaat er een minder kstelijk alternatief m het zelfde resultaat te bereiken? Duurzaamheid: Blijven de resultaten van de investering vrtduren k nadat de investering afgelpen is? Additinaliteit: In welke mate zijn de financieringen van BIO additineel? En additineel ten pzichte waarvan? Vlgens de referentietermen is additinaliteit nderdeel van de criteria relevantie en effectiviteit, maar met de Dienst Bijzndere Evaluatie is vereengekmen dat additinaliteit als een afznderlijk berdelingscriterium wrdt beschuwd, mdat dit een zeer belangrijk aspect is vr de prestatie van een DFI. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 17

19 2.2. Inceptiefase Uitwerken methdlgie De pdracht vr de evaluatie van BIO is gestart met het uitwerken van de aanpak en methdlgie vr het nderzek. Hiervr zijn verschillende stappen genmen. Figuur 2.1: Overzicht aanpak van de evaluatie Inceptiefase Missiefase Rapprtage - Dcumentenstudie en interviews - In kaart brengen verwachtingen van belanghebbenden - Prtflianalyse en vastzetten staal - Uitwerken methdlgie Inceptierapprt Aanpak en evaluatiematrix Vrbereiding - Opzet tetsingskader per prject - Ontwerp cntextanalyse - Dssieranalyse - Identificatie van belanghebbende derden in het veld - Wrkshp kwaliteitsbewaking Veldbezeken Interviews klanten Interviews eindklanten Interviews lkale stakehlders Aanvullen cntextanalyse Management samenvatting Eerste bevindingen uit landenrapprten Synthese met fase 1 evaluatie Eindrapprt Missierapprten Bevindingen p landenniveau Dcumentstudie en stakehldercnsultatie Op basis van een intensieve dcumentstudie van vrige evaluaties van BIO, het reglementair kader, strategische en peratinele dcumenten en richtlijnen (zals de GPR (Crprate-Plicy Prject Rating)) werden de delstellingen en het mandaat van BIO geanalyseerd. Verder is een aantal directe en indirecte stakehlders van BIO, waarnder DGD, leden van de Raad van Bestuur en het management van BIO en BMI geïnterviewd. Dit m een ged begrip te krijgen van de perceptie van de resultaten die BIO haalt f zu meten halen en m de verwachtingen van de evaluatie in kaart te brengen. Verder werden vr dit del ng afznderlijke vergaderingen gehuden met Incfin, Alterfin en BTC. Eveneens heeft een verleg plaatsgevnden met een aantal van de bij / CNCD aangeslten ntwikkelingsrganisaties die actief zijn p het gebied van private sectr ntwikkeling. Del van deze vergadering was de deelnemers te vragen m met cncrete vrbeelden/prjecten te kmen waarin BIO een tegevegde waarde zu kunnen hebben, maar die in het verleden dr BIO zijn afgewezen f die p basis van het huidige beleid niet in aanmerking kmen vr financiering. Op basis van suggesties zu het evaluatieteam k bezeken kunnen brengen aan lkale NGO s f andere relevante partijen. Er werd slechts een zeer beperkt aantal suggesties gedaan waardr het 18

20 evaluatieteam zich heeft meten beperken tt enkele bezeken aan NGO s p instigatie van BTC. Ok heeft een gesprek met de directie en vrzitter van EDFI 4 plaatsgevnden met als del na te gaan welke indicatren dr de bij EDFI aangeslten rganisaties wrden gebruikt m hun ntwikkelingsdelstellingen te meten. Vrafgaand hieraan werd geïnventariseerd welke systemen (GPR, EDIS, IFC tlkit) de verschillende ntwikkelingsbanken (DFI s) gebruiken Evaluatiematrix Vervlgens heeft het evaluatieteam in samenwerking met de kwaliteitsbewakingsexpert een evaluatiematrix pgezet met specifieke kwalitatieve en kwantitatieve indicatren m de evaluatievragen te beantwrden. Uitgangspunt vr het bepalen van de indicatren was het bestaande beleid van BIO en de dr BIO gebruikte meetinstrumenten. Aan de Wet, het investeringscharter en bijkmende vereenkmsten knden specifieke indicatren ntleend wrden met betrekking tt werkgelegenheid, ntwikkeling van bedrijven, en sciale effecten. BIO gebruikt zelf het GPR instrument m ex-ante investeringen te berdelen en te mnitren. Daarm is beslten vr de brdeling van effectiviteit p interventieniveau k dit instrument met bijbehrende indicatren als uitgangspunt vr de analyse te nemen. Het GPR instrument, dat uit vele indicatren bestaat, is bij de analyse vereenvudigd m tt een heldere berdeling te kmen mdat vr veel effecten en bijbehrende indicatren geen infrmatie beschikbaar is. Op basis van de evaluatiematrix zijn er dssiernderzek-templates ntwikkeld per type interventie Dssiernderzek en interviews Om vast te stellen f de geselecteerde steekpref representatief is vr de prtfli van BIO is in het begin van de evaluatie een prtfli nderzek uitgeverd gebaseerd p de 2011 prtfli. Vervlgens zijn de geselecteerde dssiers van de te evalueren investeringen verzameld en bestudeerd. Deze zijn in interviews met de verantwrdelijke investment fficers en andere betrkkenen van BIO besprken. Vr zver er pvlgingsrapprten en ex-pst evaluaties van andere c-financierende EDFI leden bestnden, werden deze pgevraagd en in het dssiernderzek pgenmen. Het dssiernderzek was een belangrijk nderdeel van de evaluatie en stelde het evaluatieteam in staat - vrafgaand aan de terreinmissies - een ged beeld krijgen van de investeringen van BIO dr een vergelijking te maken tussen de (ex-ante) vastgestelde ntwikkelingsrelevantie, cherentie, efficiëntie, effectiviteit, additinaliteit en duurzaamheid dr BIO en eigen waarnemingen. Tevens is nagegaan f de waarnemingen van BIO cnsistent zijn met de realiteit en in heverre BIO in staat is gebleken deze indicatren te peratinaliseren. Vr elke interventie uit de steekpref heeft Carnegie p basis van de beschikbare dssiers het interventiefrmat ingevuld en met de bevindingen uit de interviews met de investment fficer aangevuld, waarna er tijdens de terreinmissies aanvullende gegevens uit de interviews en verzamelde dcumenten werden tegevegd. In de rapprtagefase heeft de verantwrdelijke vr de terreinmissie binnen het team de berdeling per interventie vervlledigd en heeft er een kwaliteitscntrle plaatsgevnden. Op basis van de bevindingen met betrekking tt de indicatren zijn per interventie de evaluatiecriteria (met uitzndering van cherentie) berdeeld en zijn scres p een vier-punt schaal van A tt D gegeven. A verwijst naar ged, B naar bevredigend, C naar nbevredigend en D naar nvldende. 4 Eurpean Develpment Finance Institutin, een samenwerkingsverband van de Eurpese ntwikkelingsbanken (DFI s). Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 19

21 Cntextanalyse Per te bezeken land/regi is een cntextanalyse gemaakt welke tegesneden is p de aard van de interventies van BIO in het land. Dit werd gedaan p basis van deskresearch vrafgaand aan de terreinmissie. In een later stadium is de cntextanalyse dr de lkale cnsultant nader ingevuld en uiteindelijk dr de senir cnsultant afgernd. De landen/regi analyse is gebaseerd p verschillende brnnen, waarnder BIO dssiers maar k penbare brnnen zals landenrapprten, scial rating rapprten en wetenschappelijke rapprten. Z werd nder meer gebruik gemaakt van publicaties van de Wereldbank met betrekking tt ease f ding business en de landenrapprten, infrmatie van IFC, UNDP, S&P en andere infrmatiebrnnen mtrent landenrapprtages. Belangrijke nderwerpen mvatten nder meer het investeringsklimaat, de werking van de kapitaalmarkt, de psitie van de (lkale) banken, genderprblematiek, sciale mstandigheden (kinderarbeid, arbeidsmstandigheden ed.) en enkele sectr- en regispecifieke mstandigheden Veldbezeken In ttaal hebben 6 missies naar 9 landen plaatsgevnden, uitgeverd dr een team van een senir cnsultant van Carnegie Cnsult en een lkale cnsultant met gede kennis van financiële en ntwikkelingsvragen en de histrische en sci-ecnmische cntext. In een aantal gevallen werd dit team aangevuld dr een tweede cnsultant van Carnegie Cnsult Interviews met cliënten BIO Het primaire del van de terreinbezeken was m dr middel van interviews met de klanten van BIO een ged beeld te krijgen van de financiële, maatschappelijke en ntwikkelingsrelevante resultaten van de investeringen en de duurzaamheid ervan. Bij directe investeringen van BIO in nder meer KMO s en prjectfinancieringen ging het met name m de vraag f de investeringen zelf vldeden aan de verwachtingen in termen van financieel rendement en maatschappelijke resultaten. Vr investeringen via intermediairs (bij MFI s, banken en fndsen) lag de analyse p twee niveaus, namelijk: 1. Een berdeling van de intermediair met betrekking tt zijn prfessinaliteit, inrichting van de rganisatie vr identificatie, berdeling en M&E en uiteraard diens verall perfrmance (financieel en maatschappelijk rendement). 2. Een berdeling van een aantal individuele investeringen/klanten. Bij een berdeling van de klanten van intermediairs werd hetzelfde interventiefrmat gehanteerd als bij directe financieringen, hewel de beschikbare infrmatie minder uitgebreid was en vaak van de gede wil van de intermediair/ het bedrijf afhing. In een aantal gevallen was het niet f slechts beperkt mgelijk m p het niveau van de intermediair te evalueren, mdat het fnds in een ander land gevestigd was dan de investering zelf. De analyse van technische bijstand subsidies en haalbaarheidsstudies richtte zich in belangrijke mate p de maatschappelijke- en ntwikkelingseffecten en ptentiële marktverstringseffecten van de interventie Interviews met andere belanghebbenden Een ander del van het veldnderzek, naast de evaluatie van de bestaande investeringen van BIO, was m een ged inzicht te krijgen in de sciaalecnmische 20

22 mgeving waarin BIO pereert evenals m mgelijkheden vr samenwerking met andere (Belgische) stakehlders te nderzeken. De evaluatieteams verden daarm k gesprekken met een aantal directe en indirecte stakehlders die van belang zijn vr de activiteiten van BIO in de bezchte landen, waarnder Centrale banken, de Wereldbank, IFC, andere dnren, NGO s, Kamers van Kphandel, assciaties, lkale verheden, en dergelijke. Vr een ged begrip van de cherentie is uitverig gesprken met vertegenwrdigers van de Belgische Ambassades (zwel de ntwikkelingsattachés als de vertegenwrdigers van de gewesten), BTC en de lkale vertegenwrdigers van Belgische fndsen zals Incfin en Alterfin. Tensltte zijn er enkele bezeken gebracht aan partners van BTC en een lkale NGO m te nderzeken f er samenwerkingsmgelijkheden met BIO haalbaar waren Rapprtages Op basis van zwel het dssiernderzek als de interviews vrafgaand, gedurende en sms k na de veldbezeken (vr verificatie) heeft het verantwrdelijke evaluatieteam per terreinmissie f land een verslag pgesteld. Deze missierapprten bevatten een cntextanalyse en een aggregatie van de bevindingen per evaluatiecriterium, evenals uitgebreide analysebladen per individuele investering waarin per interventie elk evaluatiecriterium (met uitzndering van cherentie) p een vier-punt schaal van A tt D werd gescrd. Ok heeft het missieteam in de missierapprten de (relevante) evaluatievragen p landenniveau beantwrd. De landenrapprten werden vervlgens besprken met het begeleidingscmité en cmmentaar is vervlgens verwerkt. Op verzek van de Dienst Bijzndere Evaluatie heeft Carnegie Cnsult vrafgaand aan het uitbrengen van het eindrapprt een management samenvatting pgesteld met de belangrijkste bevindingen. Deze is vervlgens vr cmmentaar vrgelegd aan het begeleidingscmité en de pdrachtgever en tensltte gepresenteerd aan het Belgische parlement. De beslissing m een versnelde presentatie te geven aan het parlement werd ingegeven dr het feit dat parallel met de evaluatie k een wetsvrstel werd ingediend ver BIO en dat de Dienst Bijzndere Evaluatie wenste dat de betrkken parlementairen kennis knden nemen van de vaststellingen, cnclusies en aanbevelingen van de evaluatie vr de stemming van de wettekst. De eindrapprtage is een synthese van de bevindingen p basis van de terreinbezeken, de dssieranalyse en interviews met BIO en stakehlders en de relevante bevindingen van de evaluatie van Ten beheve van een heldere structurering van deze evaluatie is er gekzen vr een structurering aan de hand van de hfdvragen en gerelateerde deelvragen uit de referentietermen. Op basis van de bevindingen uit de veldstudies zijn z per interventie de evaluatiecriteria (met uitzndering van cherentie) berdeeld. Hierbij wrdt een aggregatie drgeverd ver de vier verschillende type investeringen en er wrdt een nderscheid gemaakt tussen directe en indirecte investeringen. Enkele deelvragen van de referentietermen met betrekking tt hetzelfde nderwerp zijn samengevegd en wrden per relevant evaluatiecriterium beantwrd m een eenduidige berdeling te bevrderen. Evaluatievragen die niet p interventieniveau te beantwrden zijn en/f in bijzndere mate in de referentietermen aan de rde kmen wrden in aparte sub-paragrafen na de bevindingen uit de veldstudies behandeld. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 21

23

24 3. Vaststellingen en analyses Dit hfdstuk presenteert de bevindingen van de evaluatie per evaluatiecriterium: Relevantie Cherentie Additinaliteit Effectiviteit Efficiëntie Duurzaamheid De nderstaande berdeling van de evaluatiecriteria vlgt de evaluatievragen uit de referentietermen. Deze zijn gebundeld beantwrd per relevant hfdnderwerp. Per evaluatiecriterium (met uitzndering van cherentie) behandelen we in dit hfdstuk de bevindingen uit de veldstudies. Vr elke investering zijn dr de evaluatieteams scres p een vier-punt schaal van A tt D gegeven. A verwijst naar ged, B naar bevredigend, C naar nbevredigend en D naar nvldende. Smmige evaluatievragen die niet p interventieniveau te beantwrden zijn f waarvr in de referentietermen bijzndere aandacht wrdt gevraagd, zijn in aparte subparagrafen behandeld Relevantie In de referentietermen van de evaluatie is ntwikkelingsrelevantie als vlgt beschreven: De mate waarin de begde resultaten van BIO vereenkmen met de nden van de begunstigden, met name de lkale ndernemingen/ndernemers en hun werknemers, en de beheften van de lkale private sectr. Bij de berdeling van de interventies van BIO is naar de vlgende aspecten gekeken: Is de investering in lijn met het mandaat van BIO? Zijn er ngewenste effecten (in het investeringsvrstel) pgenmen? Risic s p het vlak van milieu, sciaal en behrlijk bestuur van de nderneming (envirnmental, scial en crprate gvernance (ESG))? He draagt de investering bij aan ntwikkeling? Verder wrdt speciale aandacht besteed aan de behandeling van ntwikkelingsrelevantie in het investeringsprces van BIO, bijvrbeeld bij de keuze van bepaalde investeringen f het in kaart brengen en pvlgen van niet financiële risic s en ngewenste effecten. Dit nderwerp kmt in meerdere evaluatievragen aan de rde en wrdt daarm in subparagraaf behandeld. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 23

25 Financiële instellingen Tabel 3.1: Relevantiescres bij financiële instellingen Financiële instellingen A B C D MFI - direct MFI - indirect Bank NBFI MFI s BIO heeft een brede prtfli van investeringen in micrfinanciering, zwel rechtstreeks (direct) als via gespecialiseerde micrfinancieringsfndsen (indirect). In het mandaat van BIO is micrfinanciering als een duidelijke delgrep bepaald. In lijn met de literatuur p het vlak van micrfinanciering tnden de landenbezeken duidelijk aan dat de behefte aan micrfinanciering nverminderd grt is en dat de sectr een grte ntwikkeling drmaakt. Vlgens een recente studie hebben meer dan 59% van de kleine ndernemers in Zuid-Azië en Sub-Sahara Afrika geen tegang tt krediet 5. Literatuur tnt aan dat de uitbreiding van micrfinanciering ten gede kmt aan de grep arme mensen die znder krediet geen ndernemers hadden kunnen wrden. Uit evaluaties van investeringen in micrfinanciering in verschillende landen blijkt dat de financieringen leiden tt de creatie van meer ndernemingen f meer zelfstandigen 6. Bij de keuze vr de investeringen wrdt dr BIO f dr het micrfinancieringsfnds ged rekening gehuden met het karakter van de MFI. Een grt aantal investeringen betrf MFI s die (k) in rurale gebieden actief waren, zich richtten p vruwen en in staat waren zeer kleine leningen te verstrekken. Eén indirecte investering in een MFI werd echter als niet-relevant berdeeld mdat het een MFI betrf die vlledig in verheidshanden was en daarm buiten het mandaat van BIO viel. Een van de investeringen van BIO in Nicaragua bleek (achteraf) minder relevant mdat een deel van de micrfinancieringssectr in Nicaragua te weinig aandacht besteedde aan de bescherming van cliënten en zich te veel liet leiden dr mzetdelstellingen znder de belangen van de eigen cliënten te beschermen. Uit de bezeken aan de MFI s bleek dat de prblematiek van de vermatige schuldenlast ( verindebtedness ) en klantenbescherming (client prtectin principles) bijzndere aandacht had en dat er in samenwerking met de sectr en tezichthuders maatregelen waren genmen m dergelijke ngewenste situaties te vrkmen. Gedurende de due diligence fase 7 bij een investering wrdt hier dr BIO dan k aandacht aan besteed. In een grt aantal landen, die het evaluatieteam bezcht heeft, zijn zgenaamde kredietbureaus pgericht die de schuldpsitie van cliënten van MFI s registreren m te vrkmen dat deze een te grte schuldenlast p zich nemen. In het hfdstuk ver duurzaamheid wrdt hier nader p ingegaan. Aan ngewenste effecten wrdt in de investeringsvrstellen aandacht besteed, maar hierbij wrdt vrnamelijk ingezmd p de risic s die BIO lpt, maar de vraag wat de financiering van BIO betekent p de financieringsmarkt wrdt niet beantwrd. 5 IFC Jbs Study: Assessing Private Sectr Cntributins t Jb Creatin and Pverty Reductin, January Beck, T.H.L. (2013). Bank financing fr SMEs: Lessns frm the literature. Natinal Institute Ecnmic Review, 225(1), R23-R38. 7 Tijdens de due diligence fase wrdt dr een financier een grndige cntrle uitgeverd p de beken van de (in dit geval) MFI en wrdt het management en het persneel geïnterviewd. 24

26 Cmmerciële banken Investeringen in KMO s zijn vastgelegd in het mandaat van BIO. Tevens is binnen dit mandaat de verplichting pgelegd m minimaal 70% van de middelen via intermediaire structuren uit te zetten. Het financieren van cmmerciële banken is daarm een vr de hand liggend middel vr BIO m KMO s in ntwikkelingslanden te bereiken en daarnaast de financiële sectr in deze landen te versterken. Tijdens de landenbezeken werd duidelijk dat het financieren van KMO s in ntwikkelingslanden ng altijd p zeer beperkte schaal plaatsvindt, niet in het minst de kleinere KMO s. Tegang tt krediet vr KMO s is van grt belang mdat dit tt werkgelegenheid, ecnmische grei en ntwikkeling van de private sectr leidt. In het staal zijn vier banken pgenmen die alle vier het financieren van kleine en middelgrte ndernemingen als pririteit hebben. Tijdens de veldbezeken bleek dat naast de financiële ndersteuning de interventies van BIO en andere DFI s k gericht waren p ndersteuning en versterking van de interne rganisatie van deze banken. Een ander belangrijk strategisch aspect van de interventies van BIO en andere DFI s is dat de financiële sectr p deze wijze versterkt wrdt en meer cncurrentie tt gevlg heeft. Uit de veldbezeken werd gecncludeerd dat de ndersteuning van de vier banken relevant was (scre bevredigend f ged) vanwege de delgrep (kleinere KMO s). In niet alle investeringsvrstellen van BIO werd vldende aandacht besteed aan de risic s f mgelijke negatieve effecten van de financiering. In een aantal gevallen bd BIO ndersteuning aan de gefinancierde banken in de vrm van technische assistentie. In Vietnam bijvrbeeld was deze ndersteuning gericht p versterking van de ESGsystemen. Niet bancaire financiële instellingen (NBFI s) Tijdens de veldbezeken zijn twee NBFI s bezcht. Een NBFI is een financiële instelling die zich niet richt p bancaire dienstverlening, maar wel p hieraan gerelateerde financiële diensten. Een van de NBFI s in het staal hield zich bezig met leasing 8, terwijl de andere zich specialiseerde in factring 9. Beide activiteiten zijn belangrijk m de financiële sectr in ntwikkelingslanden te verbreden, waardr alternatieve financieringsmethden beschikbaar kmen. Tevens stelt leasing KMO s in staat m lange termijn investeringen te den znder dat dit tt directe grte uitgaven leidt. Dit past daarm ged in het mandaat van BIO. De beide bezchte NBFI s kregen derhalve een bevredigende scre p het gebied van relevantie Intermediaire structuren Tabel 3.2: Relevantiescres bij intermediaire structuren Fndsen A B C D Infrastructuurfnds Micrfinancieringsfnds KMO-fnds Leasing is een vrm van krediet waarbij de kredietverstrekker bedrijfsuitrusting, bedrijfsmiddelen f duurzame cnsumptiegederen aankpt en deze gedurende een vraf vereengekmen termijn en tegen een vaste vergeding ter beschikking stelt van de kredietnemer. 9 Factring is een vrm van debiteurenfinanciering waarbij de debiteurenprtefeuille wrdt uitbesteed aan een extern bedrijf dat zrgt vr de afhandeling van de debiteuren. Het externe bedrijf, de factr, neemt de afhandeling van debiteuren ver en ntvangt daarvr meestal een percentage van de mzet. Het bedrijf dat de debiteuren uitbesteedt ntvangt direct bij verkp het verkpbedrag minus een percentage van de factrmaatschappij. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 25

27 BIO investeert tevens met behulp van KMO-fndsen 10. Daarbij gaat het m investeringen in KMO s, MFI s f infrastructuur, in vereenstemming met het mandaat van BIO. Meestal gaat het dan m het verschaffen van eigen vermgen (aandelenkapitaal) aan bedrijven, instellingen f prjecten. Uit de landenbezeken blijkt dat deze investeringen in de meeste gevallen als relevant berdeeld kunnen wrden. De delgrep van deze fndsen (KMO s, micrfinanciering en infrastructuur) sluit ver het algemeen ged aan bij de aandachtsgebieden van BIO. In de investeringsanalyse van BIO wrdt veel aandacht besteed aan het mandaat van deze fndsen en in heverre dit vldende aansluit bij de delstellingen van BIO. Een belangrijk aspect bij de berdeling van relevantie is de vraag in heverre deze fndsen k aandacht besteden aan sciale, milieu en gvernance aspecten (zgenaamde ESGcriteria 11 ). Uit de interviews en verkregen dcumentatie tijdens de veldbezeken bleek dat de meeste fndsen ESG-criteria tepassen en dat deze fndsen hiervr sms k technische assistentie krijgen m deze aspecten te versterken. Tijdens de veldbezeken bleek dat fndsen verschillend mgaan met dergelijke criteria, maar dat de aandacht vr deze criteria de laatste jaren wel is tegenmen. In enkele gevallen bleek dat tepassing van dergelijke criteria meer vanuit risic-verwegingen plaatsvnd dan vanuit ntwikkelingsdelstellingen. De vrgaande waarneming hudt verband met het karakter van deze intermediaire structuren. Uit de gesprekken met vertegenwrdigers van deze fndsen blijkt dat deze fndsen primair zijn bedeld m de belangen van private en/f institutinele beleggers te behartigen waarbij risic en rendement uiteraard belangrijke verwegingen zijn bij de investeringsbeslissing. Ontwikkelingsbanken en internatinale financiële instellingen met een zeker publiek karakter vegen hier de ntwikkelingsimpact die men verwacht ten aanzien van dergelijke investeringen aan te. In de praktijk blijkt daarm dat het mandaat van PE-fndsen 12 veelal het karakter van een zeker cmprmis heeft, waarbij de belangen van private en institutinele investeerders en ntwikkelingsbanken wrden samengebracht. Dit betekent dat er in smmige gevallen een spanning leek te bestaan tussen de ntwikkelingsdelstellingen en financiële delstellingen. In één fnds bleek dat aangebrachte prjecten in duurzame energie niet binnen het mandaat van het fnds vielen vanwege het te lage rendement terwijl vanuit ntwikkelingsrelevantie bezien dergelijke investeringen juist zeer interessant waren. De keuze van BIO vr de MFI-fndsen bleek relevant dr de keuze van BIO vr gespecialiseerde fndsen. Z is de delgrep van een van de fndsen micrndernemers p het platteland en was een ander fnds in staat m leningen in lkale valuta te verstrekken in Midden- en Zuid-Amerika. Een investering in een KMO-fnds in Peru bijvrbeeld werd als zeer relevant berdeeld, m de vlgende redenen: Het betreft een investering in een partnerland van België; Het betreft een investering die werd gedaan in een laag inkmensland (tentertijd); Het was een van de eerste fndsen in Latijns Amerika dat zich specifiek p investeren in KMO s richtte, met een maximum van USD 2 miljen per investering; Aan ESG aspecten werd veel aandacht besteed m zdende sterkere ndernemingen te creëren. In Vietnam werd een van de investeringen in een KMO-fnds als niet relevant berdeeld mdat de gegrafische fcus was gewijzigd en zich had verschven naar (lagere risic) landen die vr BIO niet relevant waren. Vrts werd sms gecnstateerd dat de 10 Private equity (de gebruikte methde bij KMO-fndsen) is vermgen dat dr beleggers wrdt ingebracht (vaak in fndsvrm) en wrdt gebruikt vr de financiering van niet-beursgenteerde ndernemingen. 11 Milieu-, sciale en behrlijk bestuur criteria. 12 Fndsen die investeringen in het eigen vermgen van hun klanten den. 26

28 aandacht van een aantal fndsen zich richtte p de grtere KMO-bedrijven vanuit verwegingen die meer te maken hadden met efficiëntie. Enkele micrfinancieringsfndsen hebben mnitringsystemen waarmee ntwikkelingsresultaten wrden bijgehuden. Ok wrden duidelijke ESG-eisen gesteld aan ptentiële MFI s waarin geïnvesteerd wrdt. Bij een MFI-fnds in Peru waren cncrete ESG-targets pgenmen vr het management waarmee een bnus verdiend kn wrden. Targets waren nder andere het aantal vruwen dat bereikt werd, de activiteit in rurale gebieden en de hgte van de verstrekte kredieten m kleine kredieten te stimuleren. De investeringsfndsen die (veelal eigen vermgen) investeren in KMO s laten een verscheidenheid aan mnitringsystemen en -prcedures zien. Over het algemeen kan gesteld wrden dat de fcus van deze fndsen meer gericht is p een ged financieel rendement en dat ESG-gerelateerde zaken in belangrijke mate vanuit een risicperspectief wrden bezien. Dit neemt niet weg dat er een aantal fndsen is waar ntwikkelingsrelevantie een grte rl speelt bij zwel het selecteren van investeringen als bij het beheer van de prtefeuille. Ok werd bij een aantal fndsen gecnstateerd dat de aandacht vr ESG niet verder ging dan het vlden aan de eisenlijstjes ( cmpliance ) van investeerders. Van de elf nderzchte KMO-fndsen heeft er slechts één fnds geen jaarlijks ESGrapprt. Zes fndsen hebben een eigen rapprtage ntwikkeld, vier fndsen vullen de standaard IFC- f FMO tabel in. Hewel de meeste van de rapprtages die zelf ntwikkeld zijn dr de KMO-fndsen meer infrmatie bevatten dan de standaard-tabellen die dr de DFI s wrdt pgelegd, is het vrdeel van de tabellen wel dat infrmatie vergelijkbaar is. De IFC perfrmance standards die dr veel fndsen gebruikt wrden mvatten kwalitatieve infrmatie wat betreft: ESG beheersysteem Arbeid en arbeidsmstandigheden Preventie en bestrijding van vervuiling Gezndheid, veiligheid en beveiliging Grndverwerving en nvrijwillige verplaatsing Behud van bidiversiteit en het duurzaam beheer van natuurlijke hulpbrnnen Inheemse vlkeren Cultureel erfged Op basis hiervan vullen enkele fndsen bvendien een standaard IFC/FMO tabel vr een annual envirmental & scial perfrmance reprt in, met meer kwalitatieve infrmatie ver het niveau van de ESG prestaties, zals een aantal vragen ver nakming van milieu en sciale standaarden p prjectniveau. Andere fndsen met eigen ESG rapprtages rapprteren daarbvenp k ng kwalitatieve en kwantitatieve data: Creatie van werkgelegenheid Betaalde belastingen Omzetgrei Exprtgrei Werknemers in training Accuntant infrmatie Crprate gvernance. Uit de interviews met de IO s bij BIO en de interviews met de fndsen werd duidelijk dat BIO vaak actief participeert in de adviescmités en (wanneer van tepassing) investeringscmités van de fndsen waarin men deelneemt en daar kritische vragen stelt. Tevens bleek dat actief invled uitefenen p fndsmanagers meilijk is wanneer een fnds eenmaal van start is gegaan. Er kunnen verzeken wrden gedaan vr het verstrekken van bepaalde rapprtages, maar men kan geen invled uitefenen p het Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 27

29 vastgestelde mandaat van de fndsen. Dit is een lgisch gevlg van het besluit m het investeren uit te besteden aan een fndsmanager. De invled van BIO en andere DFI s p het mandaat van fndsen blijkt in de praktijk beperkt te zijn. Een fndsmanager werkt het idee vr een fnds uit en maakt dan een rnde langs DFI s en private investeerders m kapitaal vr een fnds p te halen. BIO en andere DFI s berdelen vervlgens f een fnds binnen het mandaat past, en nemen een investeringsbeslissing. Uit de interviews bleek dat een fndsmanager bij het pzetten van een fnds uiteraard wel rekening hudt met de wensen van de tekmstige investeerders, echter het is vr fndsmanagers meilijk m wensen in te willigen die in negatieve zin van invled kunnen zijn p het rendement. Dat neemt verigens niet weg dat de meeste fndsmanagers het belang inzien van het tepassen van dr BIO en andere DFI s vereiste criteria p het gebied van milieu, sciale aspecten en gvernance. Het aanpassen van de minimale grtte van investeringen f een fcus p hge risic landen is vaak meilijk bespreekbaar en k niet in het belang van investeerders van het fnds. Het viel het evaluatieteam p dat in één geval waar het mandaat van het fnds wijzigde, investeerders (en dus k BIO en andere ntwikkelingsbanken) nauwelijks invled knden uitefenen. In een reginaal pererend fnds bleek dat - als gevlg van de ecnmische crisis - zwel de gegrafische fcus als de mvang van de investeringen werden gewijzigd znder hiervr de investeerders te cnsulteren Infrastructuur BIO heeft met haar infrastructuurfinancieringen een duidelijke fcus p hernieuwbare energie, waarmee een betere tegang tt energie en daardr ecnmische ntwikkeling mgelijk wrdt gemaakt. Tegang tt energie is cruciaal vr de ntwikkeling van de private sectr, en met de fcus p hernieuwbare energie gebeurt dit p milieuvriendelijke wijze. De rl van BIO is belangrijk mdat als gevlg van de financiële crisis private investeerders minder in staat zijn m (lange) financiering te verstrekken. Langlpende financiering is met name belangrijk bij infrastructuurprjecten, waar de terugverdientijd lang is en dit heeft invled p de investeringshrizn. De gemiddelde lptijd van leningen binnen de infrastructuursectr is dan k langer dan de lptijd binnen de andere sectren waar BIO in investeert. BIO is in 2010 gestart met het financieren van infrastructuurprjecten. Tijdens de terreinmissies binnen deze evaluatie zijn acht gefinancierde infrastructuurprjecten bezcht. Vijf van deze prjecten waren dr BIO rechtstreeks gefinancierd en drie prjecten via een infrastructuurfnds. Vr de rechtstreekse financieringen is BIO een samenwerkingsverband met de Nederlandse ntwikkelingsbank FMO aangegaan. De achtergrnd van deze samenwerking is dat BIO kennis en ervaring dient p te buwen in het financieren van infrastructuurprjecten. BIO treedt mmenteel p als c-financier, en het merendeel van het vrbereidende werk wrdt dr FMO uitgeverd. Tabel 3.3: Relevantiescres bij investeringen in infrastructuur 13 Infrastructuur A B C D Directe financieringen Indirecte financieringen Alle bezchte investeringen in infrastructuur zijn als (zeer) relevant berdeeld. Zeven van de acht berdeelde investeringen waren actief in de (hernieuwbare) energiesectr en één investering in de transprtsectr. De relatief hge scres vr relevantie wrden verklaard drdat alle investeringen binnen het mandaat van BIO vielen en er in de investeringsanalyses veel aandacht was vr de ntwikkelingseffecten. Genemde ntwikkelingseffecten hadden veelal te maken met imprtsubstitutie, het mgelijk 13 Een van de investeringen is niet bezcht maar is wel gescrd p basis van dssierinfrmatie. 28

30 maken van een stabiele en duurzame vrm van energie en het verlagen van de energieprijzen. Deze ntwikkelingen zijn ged vr de cncurrentiepsitie van ndernemers. De financieringen waren ver het algemeen cruciaal m de investering dr te laten gaan. In de dssiers van de direct gefinancierde prjecten werd duidelijk aandacht besteed aan de mgelijke negatieve effecten van de investeringen en de directe effecten vr werkgelegenheid. Wel dient de kanttekening te wrden gemaakt dat in de dssiers veelal infrmatie ver de indirecte effecten vr werkgelegenheid ntbrak, terwijl juist deze indirecte effecten een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de (ecnmische) ntwikkeling van gebieden f regi s. Ok tijdens de veldbezeken bleek dat er aandacht was vr eventuele negatieve effecten en dat hiervr passende plssingen zijn gevnden. De implementatie van deze plssingen was in smmige gevallen echter prblematisch. Een vrbeeld hiervan betreft een veiligheidssituatie waar de lkale verheid met behulp van een schenking dr de Wereldbank zrg diende te dragen vr de verplaatsing van mensen en het drveren van maatregelen waardr de veiligheid significant zu verbeteren. Op het mment van de evaluatie waren deze veiligheidsmaatregelen ng niet drgeverd, terwijl BIO en andere DFI s in samenwerking met de Wereldbank hierte wel de mgelijkheden bden KMO s BIO is een van de weinige DFI s die het investeren in KMO s tt één van de hfdactiviteiten heeft. Financieringen in KMO s wrden zwel rechtstreeks gedaan, als via intermediaire structuren zals banken en KMO-fndsen. Met behulp van deze financieringen intervenieert BIO m een deel van de missing middle, tussen de KMOfinancieringen die MFI s aanbieden en de financieringen die aangebden wrden dr cmmerciële banken in te vullen. Daarbij kan BIO financieringen met een lptijd aanbieden die niet haalbaar zijn vr veel cmmerciële partijen in ntwikkelingslanden en is BIO flexibel met bepaalde mdaliteiten zals de aflssingsvrije peride. Tabel 3.4: Relevantiescres bij investeringen in KMO s KMO s A B C D Directe financieringen Indirecte financieringen Bij de berdeling van de relevantie van de financieringen van BIO is het mandaat van BIO, het land waarin de KMO gevestigd is, de aandacht binnen het investeringsvrstel vr eventuele negatieve effecten en de aansluiting van de KMO bij de verheidspririteiten van het ntwikkelingsland berdeeld. De directe financieringen dr BIO werden allen relevant bevnden. Alle investeringen betrffen daadwerkelijk KMO s, en geen grte ndernemingen. De reden dat niet alle financieringen een A-scre hebben ntvangen is met name de aandacht vr negatieve effecten in de investeringsanalyse, waar BIO in enkele gevallen een diepgaandere analyse had kunnen maken. In de vrstellen was verigens wel vldende aandacht vr ntwikkelingsrelevantie, waarbij zaken als werkgelegenheid, kwaliteit van leven, reginale ntwikkeling en imprtsubstitutie aan de rde kwamen. Bij directe investeringen wrdt dr BIO m een rdeel gevraagd aan CDE 14. Het rdeel van CDE is in de nderzchte casussen psitief geweest. Meestal werd de lening van BIO gebruikt vr kapitaalinvesteringen in de mdernisering van machines, telecmmunicatie-infrastructuur f nieuwe prductiecentra. 14 Centre fr the Develpment f Enterprises. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 29

31 De indirecte investeringen werden ver het algemeen k relevant bevnden, maar deze grep scrde wat lager mdat via de intermediaire structuren sms ndernemingen werden gefinancierd die niet vlledig binnen het mandaat van BIO vielen f de ntwikkelingsrelevantie minder evident aanwezig was. Dit betrf bijvrbeeld een investering in een bedrijf dat BIO niet zelfstandig gefinancierd zu hebben mdat het te ver van BIO s mandaat af staat, terwijl dit wel prima binnen de delstellingen van het fnds paste. Het ging hierbij m een investering in een internatinale schl waar slechts zeer beperkt ntwikkelingseffecten werden bereikt. De grtte van de individuele investeringen van fndsen is grter dan het gemiddelde financieringsbedrag in KMO s dr BIO. Bvendien gaat het bij fndsen drgaans m eigen vermgen investeringen en bij BIO m krediet (vreemd vermgen) Aandacht vr ntwikkelingsrelevantie in het investeringsprces Een uitgebreide beschrijving van het financieringsprces is te vinden in de institutinele evaluatie van In dit rapprt zal de aandacht vr ntwikkelingsrelevantie gedurende de cyclus aandacht krijgen. Figuur 3.1: Investeringsprces Initialisatie Een prject kmt p diverse manieren bij BIO binnen. Vrbeelden hiervan zijn: Partijen die BIO direct benaderen Het eigen netwerk van BIO Andere DFI s en IFI s Cnnecties met cnsultants en lkale samenwerkingen De variëteit in aanvragen is grt te nemen. Wanneer een aanvraag binnen kmt via een andere DFI f IFI is de aandacht vr ntwikkelingsrelevantie in de aanvraag reeds aanwezig. De investment fficer herwerkt het vrstel dan m het binnen het frmaat van de BIO kredietdssiers te laten passen en werkt indien ndig nderdelen nader uit. Wanneer echter de aanvraag direct bij BIO binnenkmt, dient de investment fficer ver het algemeen ng veel werk te verzetten m de bendigde data te verzamelen en zdende p een vldende hg niveau te krijgen m dit aan de kredietcmmissie van BIO vr te kunnen leggen. Vrbereiding gedkeuring (dssier) Binnen BIO is de investment fficer vlledig verantwrdelijk vr de pbuw van het investeringsdssier. Na gesprekken met de ptentiële klant wrdt een bndig mem naar de screening cmmissie verznden, waarna deze haar rdeel ver de mgelijkheid tt financieren uitspreekt. Wanneer de screening cmmissie psitief is in haar rdeel, kan de Investment Officer het investeringsvrstel verder vervlledigen, waarbij k de GPR-screcard ingevuld dient te wrden en de ntwikkelingsrelevantie van het vrstel nader wrdt mschreven. Tevens wrden in dit vrstel de risic s mschreven, een analyse naar sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen uitgeverd, de aanbeveling van de Investment Officer en een gedetailleerde uitwerking van de structuur van de deal pgenmen. In smmige gevallen wrden externe cnsultants ingehuurd m bijvrbeeld de mgelijke impact p het milieu f sciale mstandigheden verder te nderzeken. 30

32 Keuze instrument Al in een vreg stadium van het investeringsprces wrdt de keuze vr het in te zetten financieringsinstrument bepaald. Lgischerwijs kmt de klant naar BIO met een specifiek verzek vr een bepaald instrument (lening, eigen vermgen, etc.). De Investment Officer berdeelt vervlgens in heverre dit instrument k het meest geschikt is vr deze klant. BIO heeft, k in vergelijking met andere DFI s en cmmerciële partijen, een vlledig arsenaal aan instrumenten tt haar beschikking waarmee ze haar klanten kan bedienen. Zals bepaald in de Wet tt prichting van BIO kan BIO tegen marktcnfrme vrwaarden aandelenparticipaties in ndernemingen nemen en leningen verstrekken alsmede aanverwante vrmen van bedrijfsfinanciering ter beschikking stellen. BIO kan eveneens participaties nemen in ntwikkelings- en investeringsfndsen uitsluitend gericht p ntwikkelingslanden vr zver het del van deze fndsen vereenstemt met het maatschappelijk del van BIO 15. De prtefeuille van BIO bestaat derhalve uit leningen en aandelenparticipaties. Naast deze twee vrmen kan BIO Technische Assistentie (TA) en haalbaarheidsstudies financieren bij haar klanten. Met behulp van deze instrumenten heeft BIO de afgelpen jaren aangetnd in de beheften van haar klanten te kunnen vrzien. Vaak nderscheidt BIO zich niet zzeer dr het type prduct, maar meer dr de mdaliteiten verbnden aan betreffende prduct, zals: Lptijd; Rendement; Aflssingsvrije peride Zekerheden (Achtergestelde) psitie in de kapitaalstructuur (krediet znder dekking van zekerheden) Het evaluatieteam heeft vastgesteld dat de verwegingen van BIO m eigen vermgen f krediet te verstrekken ver het algemeen p gede grnden hebben plaatsgevnden. Een vrbeeld van he BIO met de mdaliteiten m is gegaan is hiernder te vinden. Bx 1: Financieringsmdaliteiten in de praktijk In 2008 heeft BIO een lening verschaft aan een nderneming in Oeganda, actief in de mineralen(verwerking). De lening had rsprnkelijk een aflssingsvrije peride van 2,5 jaar, maar dr vertragingen in de buw van de faciliteiten heeft BIO ng geen rentebetaling mgen ntvangen. In de praktijk is de aflssingsvrije peride dus verlengd, en de flexibele pstelling van BIO heeft ervr gezrgd dat de nderneming de buw kan gaan afrnden en p krte termijn de lening kan gaan terugbetalen. Een meer starre huding van BIO zu ervr hebben gezrgd dat de fabriek niet afgebuwd had kunnen wrden en zu vermedelijk het einde van deze nderneming in Oeganda hebben betekend. Beheer Tijdens het beheer van een investering hudt BIO als financiële instelling uiteraard zrgvuldig tezicht p het nakmen van de verplichtingen van de cliënt (betaling van rente, aflssing, dividenden, etc.). Het beheer vindt plaats dr de IO in cmbinatie met de prtfli afdeling. Indien er prblemen zijn met de (terug)betalingen wrdt dr BIO verscherpt tezicht gehuden, eventueel in cmbinatie met een bezek aan de klant. Het niet-financiële beheer van de investeringen vindt p minder intensieve wijze plaats. Zals hierbven geschetst wrdt de GPR screcard tijdens de vrbereiding p de gedkeuring ingevuld, echter gedurende de lptijd van de financiering wrdt deze 15 Wet tt prichting van BIO (2001), artikel 3. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 31

33 nauwelijks tt niet bijgewerkt. Hewel jaarlijks aan de klant wrdt gevraagd enkele (niet-financiële) kerncijfers aan te leveren, bezekt BIO de investeringen zelf niet regelmatig en is zij dus vlledig afhankelijk van de data zals aangeleverd dr de klant. Vr een enkele investering in de prtefeuille wrdt tussentijds een evaluatierapprt geschreven waarin nader ingegaan wrdt p de verwachte en gerealiseerde financiële en niet-financiële ntwikkelingen. Dit gebeurt echter niet p structurele basis Cherentie In de evaluatie van BIO van 2012 was cherentie een belangrijk nderdeel van nderzek. Gedurende de peride waarp deze evaluatie betrekking heeft, is er in het kader van de Belgische ntwikkelingssamenwerking een aantal nta's gepubliceerd waarin het beleid ten aanzien van private sectr ntwikkelingen is vrmgegeven. Op de eerste plaats is dat de nta "Verwilghen", Ondernemen tegen armede en vr ntwikkeling, DGOS, april 2004; de nta "Belgische Aid fr Trade -strategie, DGOS, juni 2008 en in zekere mate de strategienta vr de sectr landbuw en vedselveiligheid van De evaluatie van 2012 heeft gecncludeerd dat de raakvlakken met de andere actren van de Belgische ntwikkelingssamenwerking bescheiden waren. Het rapprt cncludeerde dat de beperkte samenwerking met BTC niet verwnderlijk was vanwege het vlstrekt verschillende mandaat en werkgebied van BIO en BTC. Het ntbrak tevens aan een duidelijk cherent beleid vanuit DGD ten aanzien private sectr ntwikkeling. De samenwerking met NGO's bleek - vlgens het rapprt - eveneens zeer beperkt vrnamelijk als gevlg van een gebrek aan cmmunicatie tussen BIO en NGO's en de ttaal verschillende perceptie van het werkgebied van BIO p het gebied van risic en rendement. De huidige evaluatie van BIO heeft tt del: 1. Vast te stellen waar samenwerking vrm heeft gekregen; Te vernemen in heverre actren p de hgte zijn van de activiteiten en investeringsstrategie van BIO; 3. Mgelijke kansen vr de tekmst te inventariseren. In de referentietermen wrdt cherentie als vlgt gedefinieerd: "de mate waarin het investeringsbeleid van BIO in vereenstemming is met het beleidskader inzake de Belgische ntwikkelingssamenwerking". De nderzeksvraag luidt als vlgt: Is er een wederzijdse samenwerking tussen BIO en andere actren van de Belgische ntwikkelingssamenwerking en tussen BIO en andere actren die de private sectr ndersteunen? Ten tijde van de vrige evaluatie was er grte discussie in België ver de vraag f BIO vldende bijdreg aan ntwikkeling, armedevermindering en het ndersteunen van nder meer kleine beren in rurale gebieden. In een rapprt van de Belgische NGO federatie , in de media en discussies in het parlement is dit regelmatig aan de rde geweest. Deze discussie lijkt verigens een veel bredere reikwijdte dan BIO te hebben mdat bijvrbeeld in een rapprt van Eurdad dezelfde prblematiek aan de rde werd gesteld waarbij de rl van de ntwikkelingsbanken (DFI s) en internatinale financiële instellingen (IFI s) ter discussie wrdt gesteld. Bij het uitwerken van het plan van aanpak vr deze evaluatie heeft Carnegie Cnsult mede daarm een element aan de terreinbezeken tegevegd dr gedurende de terreinbezeken na te gaan welke kansen BIO thans mist f ver het hfd ziet vr een betere samenwerking met de andere Belgische actren. Als vrbereiding p de terreinmissies is er verleg geweest met de verschillende actren. Z is uitgebreid gesprken met de leiding en medewerkers van BTC en heeft Carnegie Cnsult een bijeenkmst met de Belgische NGO's belegd met als del beter

34 zicht te krijgen van de mgelijkheden van cherentie. Cherentie is hier in vrij brede zin bedeld en mvat zwel de mgelijkheid van samenwerking in prjecten, pvlging van prjecten f een strategie waarbij BTC f andere actren activiteiten kunnen ntplien die dr BIO pgevlgd kunnen wrden. In dat kader is de vraag vrgelegd m vr de terreinbezeken met suggesties te kmen vr het bezeken van partners/cliënten en prjecten die naar het rdeel van de actren vr financiering dr BIO in aanmerking zuden kunnen kmen. Ok is gevraagd vrstellen te den vr bezeken aan lkale NGO's en partners die in het kader van dit nderzek interessant zuden kunnen zijn. Carnegie heeft naar aanleiding van deze verzeken een tweetal suggesties ntvangen en heeft naar aanleiding hiervan bezeken ingepland in Vietnam bij een NGO die actief is p het gebied van micrfinanciering met als delgrep vruwen en in Peru bij een landbuwcöperatie in de kffiesectr. In de aanpak is vereenkmstig de referentietermen aandacht besteed aan zwel de Belgische actren als andere actren die relevant vr BIO (kunnen) zijn. In nderstaande figuur geven we een verzicht van enerzijds de Belgische actren en anderzijds partners die vr BIO van belang (kunnen) zijn vr een samenwerking. Figuur 3.2: BIO en belanghebbende Belgische actren Scial investrs Fndsen BTC BIO NGO s Ambas -sades KvK s De eerste figuur geeft inzicht in de actren die betrkken zijn bij de bilaterale ntwikkelingssamenwerking en andere Belgische actren p het gebied van private sectrntwikkeling. De tweede figuur geeft een beeld van de actren waarmee BIO via cfinanciering 16 f anderszins een relatie heeft f zu kunnen hebben. Figuur 3.3: BIO en mgelijke samenwerkingspartijen (Buiten landse) NGO's Sciale fndsen BIO PE s DFI's, IFI's 16 Financieringen waarbij financiële instellingen gezamenlijk een financiering verzrgen. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 33

35 Tijdens de veldbezeken is nagegaan welke vrmen van samenwerking bestaan tussen BIO en de verige actren van de Belgische ntwikkelingssamenwerking in een bepaald land en in heverre de verschillende actren p de hgte zijn van de activiteiten van BIO. Uitgangspunt van het nderzek is het geverde beleid ten aanzien van de private sectr ntwikkeling van de Belgische verheid en het geschetste algemene beleidskader vr de bilaterale samenwerking. Tijdens de vrbereiding van de terreinbezeken werd duidelijk dat de cherentie van de activiteiten van BIO met de andere Belgische actren p het gebied van ntwikkelingssamenwerking vr de partnerlanden meer relevant is dan vr de niet partnerlanden. Van de 9 bezchte landen ging het m 5 partnerlanden. Onderstaand de bevindingen ten aanzien van cherentie: Land Tabel 3.5: Cherentie met Belgische ambassade en BTC Cmmunicatie met BIO Kennis van activiteiten van BIO Cambdja Zwak Matig nvt Cng Zwak Matig ja Ivrkust Zwak Matig nvt Kenia Beperkt Matig nvt Markk Zwak Matig ja Nicaragua Zwak Matig nvt Oeganda Zwak Matig ja Peru Zwak Matig ja Vietnam Zwak Matig ja Vrleggen directe investeringen aan attaches De synergie met BTC en Ambassades Uit bvenstaande tabel blijkt dat de samenwerking en cherentie van de activiteiten van BIO en de Belgische actren belast met de bilaterale ntwikkelingssamenwerking vertegenwrdigingen ntwikkelingssamenwerking zeer beperkt zijn. Uit de interviews met zwel de attachés als met vertegenwrdigers van BTC werd duidelijk dat de huidige mandaten van BTC en BIO zdanig verschillen dat het vinden van cherentie en synergie in activiteiten een welhaast nmgelijke pgave is. BTC is belast met de uitvering van bilaterale ntwikkelingsprjecten terwijl BIO financiering aan private ndernemingen en financiële instellingen verstrekt. Bij de wet vr de prichting van BIO is k nadrukkelijk bepaald dat het mandaat vr ndersteuning van de private sectr bij BIO kwam te liggen. BTC kan hguit vanuit technische assistentie indirect iets betekenen vr de private sectr. In de praktijk blijkt k de aanpak en prcessen van ndersteuning en financiering zeer verschillend. BTC is belast met de uitvering van bilaterale prjecten met verheden en heeft hiervr schenkingsmiddelen beschikbaar terwijl BIO ndernemers, financiële intermediairs en private prjecten als partners heeft en hiervr kapitaal in de vrm van kredieten en aandelenparticipaties ter beschikking stelt. Vrts werd tijdens de vrbereiding van de veldbezeken duidelijk dat de gegrafische reikwijdte van BTC en BIO verschilt. BTC richt zich p de partnerlanden van de Belgische cöperatie terwijl BIO een ruimer mandaat heeft gekregen. In de niet-partnerlanden is er m frmele redenen al geen sprake van cherentie mdat de Belgische guvernementele ntwikkelingssamenwerking en dus k BTC in deze landen niet actief 34

36 is. België heeft in deze landen sms k geen ambassade f een vertegenwrdiging van BTC en wrdt dan meestal dr een cnsul vertegenwrdigd. Uit de gesprekken bleek dat de ambassades en cnsuls sms redelijk p de hgte waren van de (directe) investeringen van BIO, maar dat de kennis van het mandaat van BIO en de fcus van BIO zeer beperkt was. BIO cnsulteert weliswaar de ambassades - in vereenstemming met de afspraken vr het den van directe investeringen; echter van een gestructureerd verleg is geen sprake. Veelal was er na de cnsultatie geen cntact meer en was het vr de ambassade nduidelijk f de investering was drgegaan en he deze verder verliep. Uit een grt aantal interviews bleek dat de cmmunicatie van beide zijden minimaal was en dat men nauwelijks p de hgte was van elkaars activiteiten. In enkele landen is k gesprken met een aantal (handels)attachés van ambassades en met de agentschappen van Vlaanderen, Wallnië en Brussel p het gebied van handel en investeringen. In enkele gesprekken werd aangegeven dat er zeker mgelijkheden vr samenwerking waren mits BIO k bereid is investeringen van Belgische ndernemingen te verwegen. Aangegeven werd dat Belgische ndernemingen vr hun activiteiten in ntwikkelingslanden vaak prblemen hebben met het aantrekken van financiering. BIO zu hier een gede rl kunnen spelen. In dat kader werden k private initiatieven met Belgische universiteiten genemd. Het evaluatieteam had geen gelegenheid m dergelijke aanwijzingen te verifiëren. Op aanwijzing van BTC waren er een tweetal prjecten geïdentificeerd waarbij samenwerking met BIO wellicht tt de mgelijkheden zu kunnen behren. Tijdens de veldbezeken werd vastgesteld dat er vr een prject in Vietnam wellicht aansluitingsmgelijkheden bestnden. Zals hierbven mschreven hebben zwel BTC als BIO een eigen mandaat. Wanneer de wens bestaat de cherentie tussen de activiteiten van BTC en BIO te vergrten, zal hier k duidelijk beleid vanuit DGD ver gefrmuleerd dienen te wrden. De twee rganisaties hebben p basis van hun huidige mandaat weinig aanknpingspunten m de cherentie te vergrten en dat is waarschijnlijk de reden dat er tt dusverre k geen verleg p strategisch niveau tussen beide rganisaties heeft plaatsgevnden NGO s Bij de terreinbezeken zijn enkele bezeken gebracht aan NGO s met raakvlakken p het gebied van private sectr ntwikkeling. Deze bezeken vnden plaats p nder meer aanwijzing van een van de Belgische sciale investeringsfndsen. Z hebben nder meer bezeken aan NGO s plaatsgevnden in Peru, Vietnam en Nicaragua. De bevindingen waren ngal uiteenlpend. Een van de NGO s in Nicaragua gaf aan weinig behefte te hebben aan samenwerking met instellingen als BIO terwijl een NGO in Vietnam juist aangaf zeer geïnteresseerd te zijn, maar te kunnen begrijpen dat de investment activiteiten ng te jng waren vr BIO m als bankable prjecten beschuwd te kunnen wrden. De algemene indruk tijdens gesprekken met NGO s was dat er nvldende kennis was van de activiteiten die BIO ntplit, waardr het k meilijk is m te bepalen wanneer er aansluiting met de financieringen van BIO bereikt kan wrden Belgische en (internatinale) fndsen Uit de interviews bleek dat de samenwerking van BIO met Incfin regelmatig heeft geleid tt cfinancieringen. Bvendien participeerde BIO in diverse fndsen van Incfin. Een aantal van de investeringen van deze fndsen is tijdens de terreinbezeken bezcht. In een enkel geval werd Alterfin k als c-financier in een micrfinancieringsinstelling waargenmen. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 35

37 De samenwerking van BIO met investeringsfndsen beperkt zich niet tt de twee genemde Belgische fndsen. In tal van investeringen van BIO in micrfinancieringsinstellingen wrdt samengewerkt met internatinale fndsen. Overigens betekent deze vrm van c-financiering ng niet dat er sprake is van een ptimaal afgestemde samenwerking tussen BIO en deze (Belgische) fndsen. Uit de bezeken bleek dat de rl die BIO speelt bij directe investeringen in MFI s sms een betere afstemming beheft. BIO investeert vaak in deze fndsen m p deze wijze k actief te kunnen wrden als c-investeerder. Met name als het gaat m die laatste rl dient BIO ervr te waken dat dergelijke financieringen ng wel additineel zijn. Dat neemt verigens niet weg dat deze fndsen tijdens de terreinbezeken aangaven grte waarde hechten aan de participatie van BIO en andere DFI s in hun fndsen en in de klanten (MFI s) van deze fndsen mdat dit een duidelijk teken van vertruwen geeft, katalyserend werkt en bvendien gezien wrdt als een vrm van risicmitigatie Samenwerking met DFI s en IFI s BIO is een actief lid van de Assciatin f Eurpean Develpment Finance Institutins (EDFI) en participeert in verschillende verleggremia p het gebied van nder meer impact meting en mnitring. Verder participeert BIO risicdragend in Eurpean Financing Partners (EFP), een initiatief van de Eurpese Investeringsbank en leden van EDFI (waarnder BIO) m gezamenlijk prjecten te financieren in de ACP-landen. Efficiënte en harmnisatie zijn daarbij belangrijke delstellingen. Uit de dssiers van het staal en de veldbezeken bleek dat BIO vaak samenwerkt met andere DFI s en veelal in cnsrtium verband financiert. In Afrika c-investeert BIO met andere DFI s bijvrbeeld in enkele fndsen van Africinvest, in Nicaragua trekt BIO p met nder meer FMO vr de financiering van een tweetal duurzame energieprjecten en in Vietnam is BIO nderdeel van een cnsrtium van DFI s en IFI s vr de financiering van een cmmerciële bank met financieringen in KMO s. Hierbij dient te wrden aangegeven dat BIO mwille van haar beperkte mvang in vergelijking met andere Eurpese DFI s vaak een vlgende rl heeft, en geen initiërende. Een vrbeeld hiervan werd aangetrffen in Ivrkust, waar de Franse DFI Prparc gemandateerd werd de investering te cördineren. Op het gebied van infrastructuurfinanciering heeft BIO een samenwerkingsvereenkmst geslten met de Nederlandse ntwikkelingsbank FMO. Uit de evaluatie bleek dat BIO vr de financiering van PE-fndsen en enkele andere financiële intermediairs (MFI s en banken) vaak samenwerkte met andere DFI s en Internatinal Finance Institutins (IFI s). In vrijwel alle bezchte PE-fndsen was hiervan sprake en in een grt aantal gevallen waren BIO en andere DFI s de grtste spnsrs. De samenwerking bij cfinanciering verschilt in de praktijk ngal. Sms is er sprake van een duidelijke gecördineerde aanpak met een cnsrtiumleider en een eenduidige aanpak (veelal PEfndsen) terwijl in andere gevallen de DFI s uitsluitend c-financierden en er van samenhang en cördinatie beperkt sprake was. In EDFI-verband lpen thans verschillende initiatieven m de samenwerking verder te verbeteren en met name p het gebied van harmnisatie tt resultaten te kmen. Uit interviews met cliënten van BIO bleek dat hier k wel enige behefte aan was, mdat DFI s en IFI s vaak verschillende eisen stelden p het gebied van rapprtage en mnitring. BIO nderscheidde zich hier vaak in psitieve zin dr een grtere flexibiliteit en krtere cmmunicatielijnen. Alhewel er verschillende initiatieven zijn van een nauwere samenwerking is er in de praktijk ng slechts beperkt sprake van een meer geïntegreerde Eurpese aanpak en samenwerking. 36

38 Strategie BIO en cherentie Zals reeds werd vastgesteld in de eerste fase van de evaluatie van BIO ntbrak het bij BIO aan een strategische visie. In 2011 is een eerste strategie neergezet, maar de belangrijkste nderdelen daarvan lijken inmiddels alweer veruderd. In dat kader is er behefte aan een nieuwe dr BIO te frmuleren strategie, waarbij beleid wrdt gefrmuleerd p het gebied van regi s sectren en, te gebruiken instrumenten en waarin tevens duidelijk wrdt welke rl BIO speelt in het kader van de Belgische ntwikkelingssamenwerking. Tevens kan dan p basis van deze strategie wrden aangegeven waar aanknpingspunten liggen met de Belgische ntwikkelingssamenwerking, en kan p deze punten cncreet samengewerkt wrden, waardr het begrip cherentie duidelijker ingevuld wrdt Additinaliteit Additinaliteit is een belangrijke randvrwaarde vr de legitimiteit van een ntwikkelingsbank en is als duidelijk del beschreven in de wet vr de prichting van BIO. In de referentietermen zijn vlgende vragen met betrekking tt additinaliteit gesteld: In welke mate zijn de financieringen van BIO additineel? En additineel ten pzichte waarvan? Additinaliteit wil zeggen dat BIO alleen financieringen kan tekennen indien de markt (cmmerciële (lkale) banken, fndsen van institutinele en private beleggers, PE- en VC-fndsen 17 ) daar niet f nvldende in vrziet. Bvendien mgen deze financieringen niet tt marktverstringen leiden. Bij de berdeling van de additinaliteit van BIO zijn verschillende financiële en niet financiële indicatren pgenmen: Prfiel van het land met betrekking tt risic en ntwikkelingsniveau; Prfiel van de klant met betrekking tt risic, ntwikkelingsfase en type instelling; Prfiel van het type instrument, valuta aspecten en psitie in de kapitaalstructuur (eigen vermgen f vreemd vermgen); Financiële en niet-financiële vrwaarden verbnden aan het geleverde financieringsinstrument; Participatie in bestuursrgaan Ok de niet-financiële bijdrage van BIO vr het versterken van prjecten en cliënten, bijvrbeeld in hun bedrijfsvering, is bij de berdeling van additinaliteit meegewgen. De investeringen van fndsen in KMO s, MFI s en infrastructuur hebben we p het niveau van de individuele investeringen niet p additinaliteit berdeeld mdat de financiering van deze fndsen zwel vanuit cmmerciële brnnen afkmstig is als vanuit die van DFI s. De bevindingen en cnclusies van de evaluatie van BIO van 2012 zijn in de analyse van additinaliteit vr deze evaluatie meegenmen. In de 2012 evaluatie werd de additinaliteit van BIO ten pzichte van cmmerciële partijen ver het algemeen als evident berdeeld. Op de basis van dssiernderzek, publicaties en interviews met BIO-medewerkers werd vastgesteld dat BIO in een risicvlle markt acteert met een grt aantal prjecten in de minst ntwikkelde landen, vaak een achtergestelde psitie in de kapitaalsstructuur neemt en een grt aantal lkale valutaleningen biedt waar cmmerciële marktpartijen vaak niet bereid zijn m z veel risic te nemen. 17 Venture capital financiert risicvlle ndernemingen, veelal startend. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 37

39 De terreinmissies van deze evaluatie zijn een verdieping van deze eerdere analyse en stellen ns in staat m k de lkale marktmstandigheden mee te kunnen laten wegen in de berdeling van de additinaliteit van BIO Financiële instellingen Tabel 3.6: Additinaliteitsscres bij financiële instellingen Financiële instellingen A B C D MFI direct MFI indirect Bank NBFI MFI s De directe en indirecte (via fndsen) ndersteuning van MFI s werd ten aanzien van additinaliteit gematigd psitief berdeeld. Acht van de tien investeringen kregen een gede (A) f bevredigende (B) scre en twee investeringen kregen een nbevredigende (C) scre. Bij twee van de bezchte MFI s werd eigen vermgen verstrekt, en bij zes MFI s werd een lening verstrekt. Tensltte waren er ng twee MFI s waar een cmbinatie van eigen vermgen en vreemd vermgen werd verstrekt, dit vnd plaats dr een cmbinatie van een directe financiering dr BIO en een financiering dr een MFI-fnds. In een van de bezchte prjecten is (dr een fnds) een lkale valuta lening aan een MFI verstrekt. In de meeste gevallen zijn echter USD leningen verstrekt. Dllars gelden in smmige (gedllariseerde) landen als de handelsmunt. Bij de berdeling van de additinaliteit glden nder meer de vlgende verwegingen: Was de investering van BIO ten tijde van de investering additineel? Welke alternatieve mgelijkheden waren er vr financiering, zwel in de lkale als de internatinale kapitaalmarkt; Investeerde BIO in MFI s met een hg risic karakter? Denk daarbij bijvrbeeld aan startende MFI s Was de betrkkenheid van BIO ndzakelijk m cmmerciële financiers te katalyseren f vldende cmfrt te geven. In vier gevallen verstrekte BIO de financiering in een peride dat het aanbd van financiering aan micrfinancieringsinstellingen ng zeer beperkt was en het dmein van NGO s, DFI s en enkele sciale investeringsfndsen was. De rl van BIO was vr deze investeringen derhalve additineel. Bij twee MFI s in Afrika betrf het jnge MFI s die als greenfield gekarakteriseerd kunnen wrden waarvr cmmerciële financiering nauwelijks beschikbaar was. Bij een van deze instellingen verstrekte BIO zelfs eigen vermgen. In beide gevallen werden deze MFI s k ndersteund met technische assistentie. Bij een investering in Zuid-Amerika investeerde BIO zwel via een tweetal fndsen als direct. Alle investeringen waren duidelijk additineel mdat het m eigen vermgen financieringen ging f leningen in lkale valuta. Met name deze laatste faciliteiten zijn nauwelijks beschikbaar en zeker niet ten tijde van de investering. 38

40 De investeringen in een tweetal andere MFI s werden p het gebied van additinaliteit als weinig additineel berdeeld mdat het m MFI s ging die weliswaar in een hger risic mgeving pereerden (landenrisic) maar tch vldende mgelijkheden hadden m middelen aan te trekken via cmmerciële fndsen. De participatie van BIO in een van deze fndsen is in die zin k niet erg additineel. De micr financieringssectr heeft de afgelpen jaren een sterke ntwikkeling drgemaakt. In tegenstelling tt banken en KMO-fndsen was de liquiditeit (aanbd vr funding) vr micrfinanciering aanzienlijk gegreid, zelfs ten tijde van de financiële crisis. In algemene zin kan gesteld wrden dat de rl van BIO en andere DFI s minder vr de hand ligt bij de financiering van de micrfinancieringssectr. Dat neemt niet weg dat BIO k in de tekmst ng een uitstekende rl kan vervullen. Uit de interviews bleek dat BIO en andere DFI s een gede rl kunnen spelen in de transfrmatie van MFI s naar banken die in verschillende landen plaatsvindt. In Afrika is de beschikbaarheid van financiering van cmmerciële partijen minder vr de hand liggend en kan BIO een gede katalyserende rl spelen dr bijvrbeeld een aandelenparticipatie te nemen f achtergesteld vermgen te verstrekken. Op basis van deze waarnemingen kan gecncludeerd wrden dat de additinaliteit van BIO tijdens de evaluatieperide psitief berdeeld kan wrden, maar dat BIO haar rl in de tekmst zal meten herverwegen m haar additinaliteit te kunnen aantnen. Cmmerciële banken/ NBFI s Investeringen in cmmerciële banken die vral p KMO s gericht zijn, kregen in 5 van 7 gevallen een ged f bevredigend rdeel wat betreft additinaliteit. In de meeste landen was de financieringsmarkt ten tijde van de investeringen weinig ntwikkeld en hadden KMO s meilijk tegang tt kapitaal waardr BIO een belangrijke rl kn spelen in het uitbreiden van een nichemarkt in hge risiclanden. De meest gebruikte instrumenten waren senir- f achtergestelde leningen in USD f Eur en in één geval in lkale valuta. Daarnaast werd in drie gevallen een subsidie vr technische assistentie verstrekt. Achtergestelde leningen zijn, naast eigen vermgen, een risicvl en belangrijk instrument m de kapitaalbasis van banken te versterken, wat het mgelijk maakt m lange termijn schuld en andere private investeerders aan te trekken en de kredietprtefeuille (vr KMO s) verder te laten greien, terwijl de vereiste slvabiliteit behuden blijft. In één geval werd de achtergestelde lening p een kritisch mment net na de financiële crisis verstrekt, waarmee BIO een risic nam dat dr andere partijen niet genmen kn wrden. In een ander geval werd een achtergestelde lening aan een beursgenteerde bank verstrekt die behefte had aan een versterking van de balans en hiervr geen mgelijkheden had via het aantrekken van eigen vermgen. De achtergestelde lening was in het betreffende land een vlledig nieuw en innvatief prduct en werd dr een cnsrtium van DFI s aangebden. In die zin kan deze vrm van financiering als zeer innvatief en additineel wrden beschuwd. De enige nbevredigende investering wat betreft additinaliteit was een lening aan een ged ntwikkelde bank in Midden- en Zuid-Amerika met een grte financieringsbasis. Deze bank had geen grte prblemen m haar funding te verzekeren mdat zij zwel tegang had tt depsit s als mgelijkheid tt de uitgifte van lkale bligaties had. Het evaluatieteam cncludeerde dat het del van de lening (m de KMO prtefeuille uit te breiden) k znder interventie van BIO uitgeverd had kunnen wrden. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 39

41 Intermediaire structuren Tabel 3.7: Additinaliteitscres bij intermediaire structuren Fndsen A B C D Infrastructuurfnds Micrfinancieringsfnds KMO-fnds De rl van BIO (en andere ntwikkelingsbanken) bij investeringen in PE- en micrfinancieringsfndsen wrdt p het gebied van additinaliteit psitief berdeeld. Van de 17 berdeelde fndsen (3 infrastructuurfndsen, 3 MFI fndsen en 11 KMO fndsen) kregen 16 fndsen een gede f bevredigende scre en één fnds een nbevredigende scre. Een van de hge scres werd gegeven aan een multireginaal fnds met sterke fcus p ESG rapprtage. De nbevredigende scre is gegeven aan een late deelname in een bestaand grt multireginaal fnds waar BIO s participatie niet essentieel was vr het bestaan van het fnds. In 5 gevallen werd de participatie in het eigen vermgen ndersteund met een lening en in 5 gevallen werd k technische assistentie verstrekt. Alle investeringen waren fwel in Eur f in USD. Ten tijde van de investeringen in zwel Afrika (beneden de Sahara) als Azië waren intermediaire structuren een relatief nieuw fenmeen en waren ze in belangrijke mate afhankelijk van financiering dr IFI s en ntwikkelingsbanken als BIO. Dit geldt vrnamelijk vr eerste en sms tweede rndes van fndsen die vaak een fcus p relatief kleinere investeringen hebben en dr het ntbreken van een trackrecrd van geslaagde investeringen een te hg risicprfiel vr private investeerders zijn. Zelfs vervlgfndsen (2de f 3de rnde) van dezelfde fndsmanagers die zich vaak p grtere investeringen richten leken meite te hebben met het aantrekken van privaat kapitaal. De financiële crisis is hier mede rzaak van. Dit illustreert de additinaliteit van de investeren dr BIO in de fndsen. Znder een substantiële bijdrage van ntwikkelingsbanken zu het namelijk niet mgelijk zijn dergelijke fndsen p te zetten. In Latijns-Amerika zijn PE-fndsen inmiddels gemeenged, maar fndsen met een specifieke fcus p kleinere KMO s zijn er ng weinig te vinden. In Azië cnstateerde het evaluatieteam dat de investeringsfndsen ng in belangrijke mate afhankelijk waren van de financiering dr DFI s plpende tt een percentage van 70% van de fndsmvang; zelfs wanneer het m tweede f derde rnde fndsen ging. Niettemin dient BIO er p te te zien dat de activiteiten additineel blijven, gezien de tegenmen rl die cmmerciële (sciale) fndsen p het gebied van deze fndsen zijn gaan spelen. In smmige gevallen heeft BIO een bijznder additinele rl gehad drdat ze als één van de eerste partijen een investering aan het fnds tezegde. Dit was het geval bij KMO-fndsen in Nicaragua en Vietnam. Hier is de additinaliteit evident, en wrdt k een katalyserende rl van BIO mgelijk gemaakt (zie paragraaf 3.4.5). Vr de KMO-fndsen werd in twee gevallen een gede en in de verige gevallen een bevredigende scre gegeven. Deze fndsen zijn van grt belang in het ndersteunen van een nderntwikkelde KMO-sectr in ntwikkelingslanden, die vaak meilijk tegang tt kapitaal heeft en een te hg risicprfiel vr private investeerders kent. Zwel het landenrisic als het ndernemingsrisic bleken belangrijke belemmeringen vr private financiers m aan KMO s financiering te verschaffen. Het investeren via intermediaire rganisaties is een relatief recente ntwikkeling, waar BIO een vrtrekkersrl heeft gespeeld dr in eerste rndes van fndsen in te stappen. BIO heeft in fndsen geïnvesteerd waarbij de fndsmanager haar investeringen in de niet-financiële sfeer ndersteunde. Met name crprate gvernance en andere sciale en milieu aspecten zijn versterkt m daarmee een verantwrde en haalbare grei van de bedrijven te realiseren. Vaak is de bijzndere aandacht vr ESG-vraagstukken het resultaat van de participatie van BIO en andere DFI s in deze fndsen. BIO en andere DFI s zuden deze 40

42 rl echter ng sterker en effectiever kunnen uitefenen dr vaker een plaats in te nemen in het investeringscmité f de Raad van Tezicht en dr meer gezamenlijk p te trekken. DFI s verschaften in de meeste gevallen meer dan 50% van het vermgen, waardr, hun stem zwaar telt indien er nderling samengewerkt zu wrden. Dit zu kunnen plaatsvinden dr een cördinerende DFI aan te stellen en deze DFI te mandateren. Met name vr relatief kleine DFI s zals BIO zu een dergelijke aanpak een efficiënte wijze zijn m meer invled p fndsmanagers uit te efenen znder dat dit een zware belasting is p de eigen rganisatie Infrastructuur Tabel 3.8: Additinaliteitscres bij investeringen in infrastructuur Infrastructuur A B C D Direct De directe investeringen van BIO in infrastructuurprjecten laten eveneens een psitief beeld zien. De drie bezchte en gerealiseerde prjecten kregen allen een gede f bevredigende scre. Als instrumenten werden senir leningen met lange lptijden verstrekt. De prjecten, in (duurzame) energie en in ecnmische infrastructuur, zijn in de bezchte landen meilijk p cmmerciële basis te financieren. Er is namelijk vaak geen sprake van prijsliberalisatie in deze markten en mede daardr is het meilijk m langjarige energie afnamecntracten met marktpartijen te sluiten. De middelen van BIO, andere DFI s en intermediaire fndsen zijn van grt belang m zwel de financiering zeker te stellen alsmede m de cmmerciële partijen vertruwen te geven dr risicmitigatie. BIO is vaak een zeer grt risic aangegaan dr het direct investeren in infrastructuurprjecten, zals in het geval van een 10-jarige lening aan een multireginaal transprtprject met een aflssingsvrije peride van 5 jaar KMO s Tabel 3.9: Additinaliteitsscres bij investeringen in KMO s KMO s A B C D Directe financieringen Vr de directe investeringen in KMO s werd vastgesteld dat BIO in alle gevallen een duidelijke additinele rl speelde. Van de 9 bezchte en gerealiseerde investeringen zijn 4 gede en 5 bevredigende scres gegeven. In alle gevallen werden Eur f USD leningen verstrekt, in 5 gevallen aangevuld met technische assistentie. In bijna alle gevallen was BIO de enige financieringspartij en stnd vast dat znder BIO de investering niet zu hebben plaatsgevnden. Dit is vanwege het hge risicprfiel van de investeringen die in meilijke marktmstandigheden plaatsvnden en sms zeer innvatief waren. KMO s in deze landen hebben vr dergelijke investeringen geen tegang tt bankkrediet en gelet p de kleine mvang (gemiddeld EUR ) van deze investeringen bieden PE-fndsen hiervr eveneens geen plssing 18. In de meeste gevallen werd de lening van BIO gebruikt vr kapitaalinvesteringen zals het vernieuwen van machines f nieuwe prductiecentra. Bij een investering in Ivrkust was er achteraf twijfel f het bedrijf de investering niet met eigen middelen had kunnen uitveren, ten bleek dat een kstenverschrijding ter grtte van de dr BIO verstrekte financiering dr de nderneming zelfstandig pgehest kn wrden. BIO had bij andere bezchte bedrijven m deze reden beslten m prjecten niet te financieren. Deze vrbeelden van niet gerealiseerde prjecten illustreren dat BIO additinaliteit in haar selectieprces serieus neemt. 18 Het gemiddeld geïnvesteerde bedrag bij de bezchte KMO s in het staal die gefinancierd waren dr KMOfndsen was ngeveer EUR Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 41

43 Technische assistentie Van de bezchte investeringen werden in ttaal 19 subsidies vr technische bijstand (TA) f haalbaarheidsstudies verstrekt. Vier haalbaarheidsstudies zijn verstrekt vr niet gerealiseerde prjecten. De subsidies hadden een mvang van tussen 20,000 en 300,000 en werden gegeven aan fndsen en hun deelnemingen (5), cmmerciële banken en MFI s (4), en (ptentiële) directe investeringen (10), waarbij (vr technische assistentie) 25% tt 50% van de kstprijs van het ttale technische bijstand prject dr ndernemers zelf gedragen mest wrden. Deze subsidies zijn belangrijk in de ntwikkelingsfase van prjecten, m het beleid van ndernemingen tt internatinale standaarden te brengen en m de prjecten tt duurzaam ndernemerschap te bewegen. Z werd TA verstrekt vr pleidingen, advies en caching p het gebied van bijvrbeeld crprate gvernance, risicbeheer en strategientwikkeling, wat ndernemingen en MFI s heeft gehlpen m (inter-)natinaal cncurrerend te wrden en m private investeerders aan te trekken. Dit is nder meer vastgesteld bij MFI s en bij enkele KMO s waarin KMO-fndsen geïnvesteerd hadden. Het is echter belangrijk dat de initiatieven uit een behefte vrtkmen en dr het betreffende bedrijf niet zelf gefinancierd zuden f knden wrden. Het schenkingskarakter en de mvang van de subsidies leidt erte dat smmige van deze investeringen p een dunne lijn liggen tussen additinaliteit en marktverstring. BIO met erp letten dat de bedrijven geen neerlijk vrdeel uit de subsidie verkrijgen. In smmige gevallen was het inderdaad nduidelijk f het begunstigde bedrijf niet zelf vr dit srt ksten kn betalen, zals bij een TA-subsidie vr training aan een lgistiekbedrijf dat vervlgens met bestaande vergelijkbare pleidingsprgramma s stpte. In andere gevallen was de additinaliteit zeer duidelijk, bijvrbeeld bij een pleidingsprgramma vr het verbeteren van de landbuwtechnieken van beren waarvr geen privaat kapitaal ter beschikking stnd. Een ander vrbeeld is TAsubsidie vr de ntwikkeling van een strategie vr de transfrmatie van een MFI naar een cmmerciële bank waar BIO dr haar participatie in belangrijke mate de ntwikkelingsfcus van de strategie mee kn bepalen Effectiviteit In de referentietermen wrdt effectiviteit als vlgt gedefinieerd: De mate waarin de begde (ntwikkelings-)resultaten van de investeringen / het investeringsbeleid van BIO behaald werden, f verwacht wrdt dat ze behaald wrden. In de paragrafen wrden de bevindingen ten aanzien van effectiviteit per fcussectr van BIO behandeld. Gelet p het belang van dit nderwerp vr BIO (als een van de randvrwaarden vr haar functineren) wrdt in paragraaf de katalyserende werking besprken nderverdeeld naar dezelfde fcussectren. In dit nderdeel wrdt k nader ingegaan p enkele andere aspecten ten aanzien van effectiviteit, waarnder belastingafdrachten en mnitring en evaluatie dr BIO. Het rapprt vlgt hierin de indeling van de referentietermen. Bij de berdeling van de effectiviteit van de investeringen zijn dr het evaluatieteam de financiële prestaties (winstgevendheid, slvabiliteit, etc.) van de investering, alsmede de behaalde ntwikkelingsresultaten (gecreëerde werkgelegenheid, vruwenrechten, arbeidsmstandigheden, etc.) in kaart gebracht. Onderstaand behandelen we de uitkmsten van de terreinbezeken per sectr. 42

44 Financiële instellingen Tabel 3.10: Effectiviteitsscres bij financiële instellingen Financiële instellingen A B C D MFI - direct MFI - indirect Bank NBFI De financieringen via financiële instellingen laten ver het algemeen een psitief beeld zien vr wat betreft de effectiviteit. Vrijwel alle nderzchte MFI s hebben een grte grei van de prtfli laten zien en hadden een duidelijk ntwikkelingsperspectief dr zich te richten p kleine kredieten in veelal rurale gebieden. Een andere belangrijke bservatie was dat MFI s veel vruwen als debiteur (ntvanger van leningen) hadden. In bijvrbeeld Cambdja waren ngeveer 60 tt 80% van de klanten vruwen en in Nicaragua en Peru ngeveer 55-75% Een aantal MFI s heeft specifieke prgramma s gericht p vruwelijke ndernemers. De meeste bezchte MFI s hanteren duidelijke gedragslijnen m klanten te beschermen (de zgenaamde client prtectin principles ) en cmmuniceren deze helder naar hun klanten. Een enkele MFI heeft k systemen in gebruik waarmee andere sciale indicatren wrden gemnitrd zals indicatren die de mate waarin de armede afneemt bijhuden. Bij één investering in Nicaragua zijn er in de micrfinancieringssectr duidelijk futen gemaakt nder meer als gevlg van missin drift 19 in deze sectr, met als gevlg dat verschillende MFI s in dit land hierdr in de prblemen zijn geraakt waarnder één klant van BIO. Deze investering werd m die reden slecht berdeeld p het gebied van effectiviteit. Investeringen via cmmerciële banken zijn ten aanzien van effectiviteit eveneens psitief berdeeld. Uit de interviews en dcumentatie bleek dat de banken met name de gewenste delgrep van KMO s adequaat ndersteunden. In DR Cng investeerde BIO in een bank die zich duidelijk richt p het segment van de kleine ndernemingen, waarbij p maat gemaakte prducten wrden ingezet. Een bank in Zuid-Ost Azië werd dr het evaluatieteam minder psitief berdeeld mdat de gvernance structuur duidelijk was verslechterd terwijl vr BIO juist de verbetering van de gvernance van deze bank een van de delstellingen was vr de investering. De niet-bancaire financiële instellingen dragen bij aan diversificatie van de financiële sectr dr nieuwe prducten te initialiseren. De prducten betrffen leasing en factring, die beiden innvatieve financieringsmethden zijn. Dr deze verbreding hebben ndernemingen alternatieve methden tt financieren, waardr deze bedrijven zich kunnen ntwikkelen als bancaire financiering niet mgelijk blijkt te zijn. 19 Wanneer er sprake is van missin drift financiert een MFI in de lp van de tijd minder en minder haar rsprnkelijke, kleine klanten maar gaat zij ver een rijkere grep te bedienen, met gemiddeld grtere financieringen. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 43

45 Intermediaire structuren 44 Tabel 3.11: Effectiviteitsscres bij intermediaire structuren Fndsen A B C D Infrastructuurfnds Micrfinancieringsfnds KMO-fnds Infrastructuurfndsen Investeringen via infrastructuurfndsen bleken gedurende de evaluatieperide (ng) niet effectief. In ttaal zijn drie infrastructuurfndsen nderzcht, en twee van deze fndsen hebben een nbevredigend gescrd. Het derde fnds heeft geen scre ntvangen mdat het fnds ng in de pstartfase zat. De rzaak vr de nbevredigende scres ligt in het feit dat het vr fndsmanagers meilijk bleek te zijn geschikte prjecten te identificeren. Een van de fndsen had slechts een investering in de prtefeuille, vrnamelijk mdat de eisen die aan mgelijke kandidaten werden gesteld erg hg bleken te zijn, met name p het gebied van vereist rendement. Het andere fnds had acht investeringen gedaan, maar heeft hiervr 150 investeringsvrstellen bekeken. Dit geeft aan dat een grt deel van de initieel aangebrachte investeringsmgelijkheden niet geschikt bleken te zijn. Hewel er bij de infrastructuurfndsen sprake was van creatie van werkgelegenheid bij de investeringen, waren dit veelal tijdelijke arbeidsplaatsen (zie k infrastructuur hiernder). Omdat bij infrastructuurprjecten de gecreëerde indirecte arbeidsplaatsen pas na lange tijd gemeten kunnen wrden, kan hierver ng geen uitspraak wrden gedaan. Tensltte was het pvallend dat geen van de bezchte infrastructuurfndsen specifieke aandacht had vr vruwen. Bij een fnds was k p managementniveau geen vruw werkzaam. De aandacht vr vruwen is bijvrbeeld bij micrfinancieringsfndsen veel beter verankerd. Micrfinancieringsfndsen BIO maakt k gebruik van intermediaire fndsen die gespecialiseerd zijn p het gebied van micrfinanciering. Het evaluatieteam heeft investeringen bezcht van een drietal fndsen waarin BIO heeft geïnvesteerd. Bij deze investeringen in de fndsen verstrekte BIO zwel eigen vermgen als vreemd vermgen. De MFI-fndsen zijn zeer deskundig en bekend met de micrfinancieringssectr wereldwijd en uit de veldbezeken bleek dat deze fndsen ged in staat waren m binnen een beperkte tijdspanne gede investeringen te identificeren en te realiseren. Een fnds had een specifieke fcus p micrfinanciering in rurale gebieden. Alle drie de fndsen hadden een sterke fcus p ESG, zwel in de rapprtage-eisen alsk bij de selectie van MFI s m in te investeren. Tevens waren er TA-prgramma s m ESG-aspecten te versterken nder meer dr het geven van trainingen. Twee van de drie fndsen richten zich p MFI s die dr hun fcus en specifieke delgrep (kleine MFI s) interessant zijn vr DFI s zals BIO, mdat dit niet een gebied is waar private investeerders een specifieke fcus p hebben. Het derde fnds richt zich wel p grtere en meer gevestigde MFI s, echter p het mment dat BIO in dit fnds investeerde was het een van de eerste fndsen in het land, waardr BIO k hier een passende rl speelde vanwege de additinaliteit (zie vrgaand hfdstuk). De interventies van micrfinancieringsfndsen leidden tt sterkere MFI s, waar grei in kredietverlening aan de eindklanten mgelijk werd gemaakt. Tevens hadden de

46 micrfinancieringsfndsen relatief weinig meite m een ged gevuld fnds p te buwen. Het evaluatieteam acht de interventies van BIO p het gebied van micrfinancieringsfndsen derhalve effectief. KMO-fndsen Investeringen via KMO-fndsen zijn gedurende de evaluatieperide effectief gebleken. Hierbij dient echter te wrden aangetekend dat het vr een aantal bezchte KMOfndsen (twee stuks) ng niet mgelijk was de effectiviteit vast te stellen, aangezien het fnds zich ng in de pstartfase bevnd. Tijdens de veldbezeken bleek in vrijwel alle gevallen dat het fndsmanagement zeer prfessineel was samengesteld. Medewerkers van de fndsmanagers hadden zeer nauwe cntacten met de ndernemingen en begeleidden de ndernemingen in hun peraties. De betrkkenheid van de fndsmanagers p financieel, persneels- en rganisatrisch vlak werd dr de bedrijven drgaans als zeer psitief berdeeld. Op basis van de waarnemingen tijdens de terreinmissies en de rapprtages van de intermediaire structuren werd gecnstateerd dat de rl die fndsmanagers speelden zeer prfessineel was en zij ndernemingen p een aantal terreinen uitstekend ndersteunden. Hierdr verbeterden zwel de financiële als de ntwikkelingsresultaten. De intrductie, versterking en ntwikkeling van ESG-systemen bij PE-fndsen versterkt de duurzaamheid en ntwikkelingsaspecten van de investeringen. In meer vlwassen markten, zals in Zuid-Amerika valt al een duidelijke tendens te bespeuren waarbij ESG een zeer belangrijke rl in het beheer van de fndsen speelt. Bij vrijwel alle bezchte KMO-fndsen bleek de werkgelegenheid bij de KMO s waarin was geïnvesteerd substantieel te zijn tegenmen. De ndernemingen waarin werd geïnvesteerd werden begeleid p het gebied van management en crprate gvernance, waarmee grei van de ndernemingen mgelijk werd gemaakt. Deze grei leidde vervlgens weer tt de ndzaak m nieuwe werknemers aan te trekken. Bij een fnds dat in Zuid-Amerika pereerde leek het gevaar te bestaan dat de fcus p grtere KMO s mgelijk een negatief effect had p de kleine KMO s. Dit aspect is gedurende deze evaluatie niet nader nderzcht. Op één uitzndering na paste geen van de KMO-fndsen een specifiek genderbeleid te. Desndanks waren de prestaties p dit gebied hpgevend, aangezien in een aantal gevallen het percentage vruwen dat werkzaam was (k in het management) bij de ndernemingen waarin was geïnvesteerd tenam na het investeringsmment. De meeste van de bezchte KMO-fndsen had een lkale f reginale vertegenwrdiging waardr de afstand tt de bedrijven waarin geïnvesteerd werd klein was. Het management van de KMO s kn p deze manier effectief en intensief ndersteund wrden waardr relatief snel peratinele verbeteringen gerealiseerd knden wrden. In een aantal regi s en landen bleek het vr KMO-fndsen meilijk ndernemingen te identificeren. In de praktijk betekende dit dat een aantal fndsmanagers niet in staat was binnen de investeringsperide vldende investeringen te vinden. Opvallend was dat in landen als Markk en Ivrkust de bezchte fndsmanagers deze prblematiek niet kenden en juist succesvl waren in het vinden van KMO-investeringen. De rzaak vr deze prblemen met het identificeren van gede investeringsvrstellen ligt in het behudende karakter van PE-fndsen. De fndsen richten zich ver het algemeen p gevestigde bedrijven 20 met een hg greiptentieel waarbij de cntinuïteit (duurzaamheid) van de nderneming vrp staat. Dit is in diverse markten z gecnstateerd. 20 Dit kunnen financieel geznde, maar k minder financieel geznde ndernemingen zijn, waar dr middel van veranderingen in het management f een herstructurering het fnds het ptentieel van de nderneming weet te benutten. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 45

47 Ten aanzien van de delstellingen van dergelijke fndsen is het pvallend dat DFI s en IFI s relatief beperkt invled uitefenen p het investeringsmandaat van deze fndsen; zelfs wanneer DFI s het grtste deel van de funding verstrekken. BIO is hierp geen uitzndering. PE-fndsen hebben sms de neiging m z grt mgelijke investeringen te den in ndergewaardeerde ndernemingen en veelal vanuit kstenverwegingen kleinere investeringen links laten liggen. DFI s en IFI s hebben echter een duidelijk ntwikkelingsbelang te dienen en zuden in het uiteindelijke mandaat hierin enige beperkingen meten pleggen. In een van de reginale PE-fndsen in Zuid Ost Azië bleek dat als gevlg van de financiële crisis zwel de gegrafische fcus als de delgrep (grtere bedrijven) gewijzigd te zijn, znder BIO en andere DFI s hierver te raadplegen. Op basis van de hierbven genemde bevindingen uit hfde van de terreinbezeken bleek het business mdel van BIO, c.q. het verstrekken van financiering aan ndernemers en ndernemingen via financiële intermediaire structuren, een succesvl mdel te zijn m klanten effectief te bereiken en hen daar waar ndzakelijk direct en regelmatig te begeleiden en aan te sturen Infrastructuur Tabel 3.12: Effectiviteitsscres bij infrastructuurinvesteringen Infrastructuur A B C D Directe financieringen Indirecte financieringen Een grt aantal van de investeringen in infrastructuur (vrnamelijk hernieuwbare energie) bevnd zich ten tijde van de evaluatie ng in de investeringsfase. Hierdr was een gede inschatting van de gerealiseerde effecten meilijk. De verwachtingen van de bezchte prjecten waren ver het algemeen echter psitief gelet p de vraag naar bijvrbeeld energie f verver. De twee dr BIO gefinancierde prjecten die zijn bezcht in Nicaragua leverden ngeveer 15% van de elektriciteit in het land, dit alles vanuit hernieuwbare brnnen. In Ivrkust financiert BIO de uitbreiding en verbetering van een centrale die verantwrdelijk is vr meer dan 30% van de energiebehefte. In ttaal leverden de bezchte prjecten ruim 400MW aan energie. Dit heeft psitieve effecten p het milieu en de betalingsbalans. Het aantal direct gecreëerde banen is bij de bezchte prjecten weliswaar aanzienlijk, maar het gaat dan veelal m tijdelijke banen gedurende de cnstructiefase, terwijl de indirecte banengrei p de lange termijn vaak veel grter is. Precieze cijfers hiermtrent zijn echter niet beschikbaar, en dergelijke effecten zuden pas p langere termijn gemeten kunnen wrden, wanneer de investeringen afgernd en vlledig in bedrijf zijn. Vrijwel alle gefinancierde prjecten hebben een (al dan niet gefrmaliseerd) ESG-beleid en financieren gemeenschapsprjecten. Hewel het niet eenvudig vast te stellen is f deze prjecten enkel zijn gestart m dnren tevreden te stellen, f dat er daadwerkelijk een gemeenschapszin is bij de bedrijven, hebben deze bedrijven wel psitieve effecten p de gemeenschap. Vrbeelden hiervan zijn ndersteuning van schlen, het nderhuden van biblitheken en het rganiseren van cmpetities waarmee beurzen te winnen zijn. Het ESG-beleid tracht de impact van de prjecten p het milieu en de mgeving te beperken en heeft aandacht vr veiligheidsaspecten rndm de peraties. Bij vrijwel alle bezchte prjecten cnstateerden de evaluatren dat de aandacht vr veiligheid in vldende mate aanwezig was. 46

48 KMO s Bij het bepalen van de effectiviteit van de investeringen in KMO s is een nderscheid gemaakt binnen de ntwikkelingseffecten van de investeringen, en de financiële situatie van de bezchte ndernemingen. Ontwikkelingseffecten zijn nder andere: werkgelegenheid sciale indicatren zals arbeidsmstandigheden en salarissen vruwenrechten en arbeidsplaatsen vr vruwen imprtsubstitutie en exprtbevrdering belastingen maatschappelijk verantwrd ndernemen Bij de berdeling van de financiële situatie van de ndernemingen is nderzcht f de financiële prjecties reëel bleken te zijn en f de terugbetalingen aan BIO en eventuele andere financiers vlgens schema verliepen. Tabel 3.13: Effectiviteitsscres bij investeringen in KMO s KMO s A B C D Directe financieringen Indirecte financieringen Directe investeringen De effectiviteit p het gebied van de ntwikkelingsresultaten wrdt p het investeringsmment bij de directe financieringen ver het algemeen als ged geclassificeerd. In zes van de tien ndernemingen vnd imprtsubstitutie plaats, en in alle gevallen greide het persneelsbestand. Hierbij dient te wrden pgemerkt dat het aantal gecreëerde banen sms achterbleef ten pzichte van de verwachtingen van de investeringsanalyse van BIO. Het salarisniveau lag in de meeste gevallen ruim bven het marktgemiddelde, waardr werknemers niet snel geneigd waren de nderneming te verlaten. Het aantal vruwen dat werkzaam was bij de bezchte bedrijven was wisselend. In enkele gevallen bestnd het merendeel van het persneelsbestand uit vruwen, terwijl bij één nderneming in Cng bewust geen vruwen meer werden aangenmen wegens prblemen met gemengde teams. Alle nderzchte ndernemingen betaalden belasting vlgens de geldende lkale wetgeving. Enkele bedrijven betaalden in de eerste jaren geen belasting mdat er een belastingvrijstelling was verleend dr de (lkale) verheid. Uit de bvenstaande alinea s blijkt dat de ntwikkelingseffecten initieel effectief bleken te zijn. Operatineel bleken echter zes van de tien ndernemingen de verwachtingen niet waar te kunnen maken. Dit had diverse rzaken, zals het vertrek van het management, een cnflictsituatie in het land f tegenvallende weersmstandigheden. Het evaluatieteam berdeelde de ndernemingen in het staal tevens als risicvl en relatief klein. Op het laatste punt wrdt in het hfdstuk ver efficiëntie nader ingegaan. Twee ndernemingen kregen een nvldende scre vr effectiviteit mdat in één geval de nderneming niet meer peratineel was, en in het andere geval mdat de verliezen zdanig waren dat terugbetaling van de lening niet meer mgelijk was en vr het vrtbestaan van de nderneming werd gevreesd. Zeven ndernemingen kregen een vldende scre. Deze bedrijven hadden weliswaar te maken met achterblijvende peratinele prestaties waardr de rentebetaling en aflssing uitgesteld dienden te wrden, maar in deze gevallen lijkt de cntinuïteit van de nderneming vralsng gewaarbrgd. Het evaluatieteam heeft daarm de (tijdelijke) prblemen niet te zwaar laten drwegen. BIO heeft zich tegenver deze ndernemingen flexibel pgesteld dr mee te werken aan een nieuw betalingsschema. Het belang van Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 47

49 BIO hierbij is tweeledig, namelijk de ntwikkelingseffecten niet teniet te den, maar k de kans vergrten dat de lening terugbetaald wrdt. Slechts één nderneming vldeed vlledig aan de verwachtingen zals geschetst in het investeringsvrstel van BIO. Opvallend was dat bij deze succesvlle investeringen (in Vietnam), een Belgische investeerder betrkken was. In de praktijk blijkt het vr BIO eenvudiger het kredietbeheer te veren wanneer een West-Eurpese ndernemer betrkken is vanwege de krtere cmmunicatielijnen en afstanden. Bvendien kunnen eventuele peratinele prblemen direct besprken wrden. In de nderhavige geval waar een Belgische initiatiefnemer betrkken is, geldt dit vanzelfsprekend ng sterker. Het hierbven geschetste beeld wrdt ng bevestigd dr de bservatie van het evaluatieteam dat BIO in enkele gevallen laat werd geïnfrmeerd dr het management van de ndernemingen waar meilijkheden waren pgetreden. Znder lkale vertegenwrdiging is het vr BIO meilijk waar te nemen f de in de kredietvereenkmst gemaakte afspraken wrden nageleefd, en kmen prblemen pas aan het licht wanneer betalingsachterstanden ntstaan. Samenvattend kan gesteld wrden dat de ntwikkelingseffecten redelijk psitief berdeeld zijn, maar dat de (financiële) duurzaamheid van deze investeringen (zie hfdstuk 3.6) een punt van aandacht is. Indirecte investeringen Bij de indirecte investeringen wrdt k redelijk tt ged gescrd p het gebied van effectiviteit van ntwikkelingsaspecten. Z is k hier banengrei een belangrijk element en zijn er bij de bedrijven waar dr de fndsen in geïnvesteerd is vaak prgramma s p het gebied van ESG aanwezig. Financieel gezien presteren de ndernemingen waarin BIO indirect heeft geïnvesteerd p een enkele uitzndering na ged. De financiële resultaten ntwikkelden zich in lijn met de verwachtingen van het investeringsfnds. Uit de gesprekken met zwel het fndsmanagement als het management van de KMO s cncludeerde het evaluatieteam dat het management van de KMO s intensief begeleid wrdt en dat het fndsmanagement direct vragen stelt wanneer de resultaten niet cnfrm de verwachting zijn. Slechts enkele indirecte investeringen werden als niet effectief berdeeld. De rzaken hiervan waren te vinden in het bereiken van een delgrep die niet aansluit bij de delgrep van BIO, f negatieve milieueffecten. In het hfdstuk ver efficiëntie (hfdstuk 3.5) wrden de verschillen tussen directe en indirecte investeringen nader uiteen gezet Katalyserende werking Het mbiliseren van cmmerciële kapitaalstrmen is een andere strategische delstelling en cruciale vrwaarde vr het bestaansrecht van BIO en DFI s. Daarm wrdt hier bijzndere aandacht aan dit nderwerp besteed. Dr het verstrekken van risickapitaal f krediet kan BIO een katalyserend effect hebben p de deelname van cmmerciële partijen, en/f andere multilaterale- en bilaterale ntwikkelingsbanken. Deze deelname kan zwel gelijktijdig met, f na strting dr BIO geschieden. Indien BIO parallel aan cmmerciële partijen financiert, accepteert BIO ver het algemeen een hger risicprfiel dan de deelnemende cmmerciële partijen. Dit kan p verschillende manieren plaatsvinden, nder andere dr een andere psitie in de kapitaalsstructuur (BIO verstrekt eigen vermgen, een cmmerciële partij vreemd vermgen), maar bijvrbeeld k drdat BIO een langere lptijd accepteert. 48

50 Een andere vrm van katalyserende werking is wanneer andere (cmmerciële) partijen pas na verlp van tijd deel gaan nemen in het prject. BIO zal in dit geval vreg deelnemen in het prject, en p het mment dat de verwachte resultaten bereikt gaan wrden is het k vr andere partijen interessant m in te stappen. Bvendien is het als gevlg van de financiële crisis in de afgelpen jaren steeds vaker vrgekmen dat DFI s elkaar, in plaats van cmmerciële financiers katalyseren die ng steeds terughudend zijn bij het verstrekken van leningen. Niettemin is dit katalyserende effect van grt belang vr de ntwikkeling van een duurzame private sectr. In de evaluatie werd daarm nderscheid gemaakt tussen: 1. De katalyserende werking van BIO p andere DFI's en IFI s 2. De katalyserende werking van BIO p cmmerciële partijen Tijdens de evaluatie van 2012 is hier dr middel van dssieranalyse nderzek naar gedaan, echter p deze basis was het niet altijd duidelijk welke partij de katalyserende werking had. De veldbezeken waren in deze cntext belangrijk m duidelijkheid te scheppen ver welke partij een trekkersrl p zich heeft genmen. De vlgende cnclusies werden in de eerste fase van de evaluatie getrkken: De prtefeuille van BIO is naar een beperkt aantal partijen katalyserend. BIO investeert bij financieringen in financiële instellingen en infrastructuur vaak met andere DFI s, maar BIO heeft hier zelden een trekkersrl in. BIO is met name katalyserend geweest bij directe investeringen in KMO s. De katalyserende rl van BIO is geëvalueerd p basis van de vlgende criteria: De fase van de financiering. Zals hierbven vermeld is de katalyserende rl vaak niet direct duidelijk in de pstartfase en treedt deze pas in een latere fase van het prject p; Het risicprfiel van de verschillende lagen in de kapitaalstructuur (en financiers). Financiële instellingen Met name de eigen vermgen financieringen in MFI s (in drie van de negen bezchte rganisaties) blijken sterk katalyserend te zijn geweest. Dr een kapitaalsverhging van het eigen vermgen waren deze MFI s in staat m vreemd vermgen aan te trekken en zdende de grei van de kredietprtefeuille mgelijk te maken. Dit gld vral vr twee gevallen waar BIO de eerste internatinale investeerder was. Ok wanneer (senir) leningen verstrekt werden was BIO s bijdrage en reputatie een belangrijke risic beperkende factr vr andere cmmerciële partijen m aanvullend kapitaal te leveren. He vreger het mment dat BIO f het fnds instapte he sterker dit effect bleek te zijn. In de meeste gevallen werden MFI s ndersteund die nder supervisie van een tezichthuder stnden en lkaal kapitaal via spaardepsit s aan knden trekken. In een geval bleek de MFI echter geen spaargeld aan te trekken, terwijl zij hiervr wel een licentie had. De additinaliteit van de interventie werd m die reden als laag berdeeld. Bij direct gefinancierde banken heeft BIO in één geval eigen vermgen en in twee gevallen achtergestelde leningen verstrekt. In één geval was BIO verantwrdelijk vr het pzetten van een syndicaat met andere (kleinere) DFI s en in een ander geval heeft BIO deelgenmen in een syndicaat dat geïnitieerd was dr FMO. Bij een van de banken was (ng) geen katalyserende werking vast te stellen mdat er geen andere (cmmerciële) partijen deel hebben genmen nadat BIO investeerde. Intermediaire structuren Bij de meeste KMO-fndsen had BIO geen initiatrrl, maar had BIO samen met andere DFI s een katalyserend effect p cmmerciële partijen die p een later mment Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 49

51 investeerden in de KMO-fndsen. Bij de andere fndsen (MFI s en infrastructuur) die in belangrijke mate afhankelijk zijn van DFI kapitaal bleek het katalyserende effect van BIO p private financiers niet direct aanwezig maar zich later vr te den. In de prtefeuille van BIO vrmen deze fndsen echter een minderheid. BIO draagt in deze gevallen echter bij aan een demnstratie-effect en aan het ntwikkelen van een track-recrd vr mgelijke pvlgende fndsen die vervlgens een belangrijk deel van hun financieringsbeheften uit particuliere brnnen aantrekken. Dit is vr wat betreft de micrfinancieringsfndsen gebleken uit zwel dssiernderzek alsmede de terreinbezeken. Het management van een aantal van de micrfinancieringsfndsen bevestigde dat DFI s zals BIO cruciaal waren m het fnds mgelijk te maken en wanneer een tweede editie van deze fndsen werd pgericht namen meer private investeerders deel. Vr KMO-fndsen geldt dat financiering dr DFI s k in vlgende rnden van de fndsen belangrijk blijft. Met betrekking tt de infrastructuurfndsen zal de tekmst meten uitwijzen f BIO en andere DFI s deze vrtrekkersrl kunnen vervullen, waarbij de uitkmst uiteraard sterk afhangt van de financiële prestaties van deze fndsen. Vralsng nemen namelijk vral andere DFI s deel in dit srt infrastructuurfndsen. Vr alle drie de typen fndsen (KMO s, infrastructuur en micrfinanciering) geldt dat het katalyseren van privaat kapitaal belangrijk is vr BIO. Indien BIO zeer succesvl is in het katalyseren van privaat kapitaal zu p termijn de additinaliteit van BIO in het geding kunnen kmen. Echter, een belangrijke rl van BIO en andere DFI s is k het in een vreg stadium kenbaar maken dat er deelgenmen zal wrden in deze fndsen, wat vr private investeerders een demnstratie effect heeft. Dit geldt met name bij de infrastructuurfndsen. Echter, BIO zal wanneer een investeringsbeslissing wrdt genmen altijd haar eigen rl kritisch meten bezien, en een investering meten herverwegen indien de additinaliteit niet evident meer is. Bij micrfinancieringsfndsen lijkt aandacht vr deze prblematiek ndzakelijk. Op dit mment blijken veel van de bezchte landen echter ng steeds risicvl, wat het vinden van private investeerders meilijk maakt, zelfs vr tweede en derde rndes van fndsen 21. DFI s zals BIO zijn dus ng steeds additineel in deze fndsen. Dit gegeven wrdt mede verrzaakt dr reginale cnflicten en de financiële crisis tijdens de evaluatieperide, waardr private partijen zich ng sterker terugtrkken uit ntwikkelingslanden. Met name bij investeringsfndsen, die een lange hrizn hebben (ngeveer 10 jaar) is stabiliteit een belangrijke indicatr. In deze cntext heeft BIO sms meer een piniersrl dan een katalysatrrl gespeeld. Infrastructuur Bij investeringen in infrastructuurprjecten was de participatie van DFI s vaak een vrwaarde vr andere DFI s zals IFC f lkale banken m belangrijke lange-termijn leningen te verstrekken die ndzakelijk waren m het prject te realiseren. De katalyserende rl van BIO in infrastructuur is in bijna alle gevallen indirect mdat BIO vral deelnam in dr andere DFI s (meestal FMO) geïnitieerde syndicaten. Hiermee wrdt bedeld dat BIO een vlgende rl speelde, in plaats van een leidende, en dus in eerste aanleg gekatalyseerd werd en niet zelf katalyseerde. Echter, samen met FMO is BIO richting andere investeerders wel katalyserend, indien FMO met BIO een initiërende rl speelt bij een prject. Omdat BIO pas sinds enkele jaren infrastructuurprjecten financiert is het p dit mment ng niet vast te stellen f BIO p langere termijn k andere investeerders in de prjecten aan zal weten te trekken. KMO s De katalysatrrl van BIO bij investeringen in KMO s is beperkt. In gevallen waar eigen vermgen geïnvesteerd werd heeft de participatie van het fnds vaak aan de slvabiliteit en marktpsitie bijgedragen en heeft daarmee de tegang van bedrijven tt bankkrediet 21 Hewel er in de tweede en derde rndes van fndsen, zals beschreven, wel meer private investeerders deelnamen dan aan de eerste rnde. 50

52 verbeterd. Dit blijft echter vaak beperkt tt een werkkapitaalfaciliteit die p krte termijn pzegbaar is dr de lkale bank. Andere vrbeelden van een katalysatrrl van BIO zijn: Een lange-termijn lening van BIO aan een IT-bedrijf was de vrwaarde vr een grte reginale bank m het bedrijf te vrzien van uitbreidingskapitaal nder dezelfde vrwaarden als BIO. De katalyserende rl van BIO werd zichtbaar ten een agrarische nderneming vldende activa en reputatie had pgebuwd m een buitenlandse investeerder aan te trekken die in staat was m het bedrijf van belangrijk greikapitaal te vrzien. In andere gevallen zijn ndernemingen naast de investering van BIO f het fnds cmpleet zelfstandig gefinancierd met eigen middelen van de ndernemers. In veel gevallen was dit echter een bewuste keuze m bijvrbeeld niet van een fragiele bankensectr afhankelijk te zijn. In smmige gevallen zijn landen z fragiel dat direct dr BIO gesteunde bedrijven het ng steeds meilijk hebben m überhaupt kapitaal van de lkale bankensectr aan te trekken, m ng maar niet te spreken van internatinale investeerders. In de meeste gevallen van dr fndsen gesteunde ndernemingen blijkt een ander katalyserend effect pas p het punt van de exit dr een beursgang f een verkp aan een lkale f internatinale cmmerciële investeerder. Omdat de meeste fndsen ng niet gedesinvesteerd zijn, is dit effect dus ng te verwachten. Tt slt De veldbezeken bevestigen deels de cnclusies uit de eerste fase. BIO heeft in een beperkt aantal gevallen een actieve trekkersrl gespeeld, met name bij directe investeringen in KMO s maar k bij een aantal fndsen. In het geval van de KMO s heeft dit echter maar zelden geleid tt aanvullende lange termijn financieringen dr cmmerciële banken f andere DFI s. BIO heeft een katalyserende rl gespeeld (samen met andere DFI s) bij de fndsen drdat er k cmmercieel kapitaal werd aangetrkken. Dit heeft te maken met de reputatie en uitgebreide due-diligence die BIO en andere DFI s uitveren wat leidt tt vertruwen bij cmmerciële investeerders Belastingen Gedurende de terreinbezeken is - vr zver mgelijk -p alle niveaus van de keten aandacht besteed aan het betalen van belastingen dr de betrkkenen waarbij het vlgende vastgesteld kan wrden: Klanten van fndsen (KMO s), rechtstreeks gefinancierde KMO s, MFI s en banken dragen verschuldigde belastingen af. Smmige bedrijven genieten vr een bepaalde peride een speciale regeling van de verheid waardr geen f lagere belastingen wrden betaald. Uit het terreinnderzek is gebleken dat ieder bedrijf dat geen verlies maakte f nder een tax hliday viel, belastingen heeft afgedragen in het land waarin het bedrijf gevestigd is. Klanten van MFI s betalen in smmige landen geen belasting. In andere gebieden wrdt vaak een te betalen bedrag dr de autriteiten geschat en aan de micrndernemer pgelegd; KMO-fndsen en micrfinancieringsfndsen (veelal gevestigd in Offshre Financial Centers (OFC s)) betalen weinig tt geen belasting in de OFC s. Dit m te vrkmen dat er zwel belasting wrdt betaald p het niveau van de ndernemingen als p dat van de fndsen. Cmmerciële investeerders met een rendementsverwachting geven de vrkeur aan deze structuren, mdat het vrkmen van dubbele belastingen het uiteindelijke rendement van het fnds Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 51

53 vergrt. Overigens hebben DFI s en BIO er k belang bij dat vrkmen wrdt dat er sprake is van het heffen en betalen van dubbele belasting. Er zijn diverse redenen m vr OFC s te kiezen: OFC s bieden meer rechtsbescherming aan hun investeerders. Een vrbeeld hiervan betreft trapped cash, dat restricties inhudt p de mgelijkheden m geld vanuit het ntwikkelingsland terug naar de investeerders ver te maken; De regulering en wetgeving 22 in landen van de uiteindelijke investeringen is ng niet geschikt vr fndsen. De juridische structuur van ntwikkelingslanden is vaak ntereikend m de vestiging van intermediaire structuren mgelijk te maken. Dit mdat fndsen in smmige landen geen wettelijke status hebben, mdat de beslisrganen zals een investeringscmité niet wettelijk erkend wrden (waardr een raad van bestuur alle investeringen dient te nemen, wat tt inefficiënties en tijdverlies leidt) en tensltte wrdt sms k belasting geheven p kapitaalverhging van het fnds, wat het rendement van het fnds negatief zu beïnvleden; In OFC s wrden geen extra belastingen geheven p te investeren bedragen (meer uitleg hiernder); Indien een fnds niet in een OFC gevestigd is, met het vr investeringen in andere landen vaak iedere keer testemming vragen aan de autriteiten in het land waar het fnds gevestigd is. Bij OFC s is dat niet vereist. Vrijwel alle bezchte fndsen waren statutair gevestigd in een OFC m bvengenemde redenen Mnitring en evaluatie Vr ex-ante berdelingen en gedeeltelijk mnitring van (ptentiele) investeringen gebruikt BIO de GPR-tl 23 (Crprate Plicy Prject Rating) zals ntwikkeld dr de Duitse ntwikkelingsbank DEG en tegepast dr verschillende andere DFI s. Afhankelijk van de delgrep en sectr (KMO s, infrastructuur, financiële intermediairs) zijn hiervr specifieke berdelingsinstrumenten. In de aanpak van BIO wrden uitsluitend de ntwikkelingseffecten en de strategische rl van BIO meegenmen. Financiële aspecten spelen geen rl in de analyse van ntwikkelingsimpact, in tegenstelling tt andere DFI s die de GPR-tl gebruiken. De ntwikkelingseffecten hebben betrekking p acht tt twaalf aspecten, afhankelijk van de delgrep. Het betreft.m. de invled p verheidsinkmsten, tegevegde waarde, nett valuta effecten, tewerkstelling, gender, naast specifieke thema s per sectr zals markt en structurele effecten vr private sectr ntwikkeling. De ntwikkelingsrelevante indicatren wrden gecmbineerd en afgewgen m te kmen tt een specifieke scre rnd ntwikkelingseffecten die EPOL genemd wrdt. De berekeningen van de verschillende EPOL scres vlgens de aard van de financiering - zijn gemaakt p basis van een tabel met alle gedetailleerde scres vr alle dssiers die dr BIO gefinancierd werden. De GPR tl wrdt vrnamelijk gebruikt vr ex-ante analyses, f bij fllw-up investeringen en na ngeveer twee jaar vindt er vr een deel van de prjecten een expst GPR/EPOL meting plaats. Meestal geschiedt dit p basis van infrmatie verstrekt dr de klant. De infrmatie wrdt slechts incidenteel gecntrleerd ter plaatse f via triangulatie met andere stakehlders van de klant. 22 Een vrbeeld hiervan zijn landen waar fndsen geen wettelijke status hebben. 23 Geschäftsplitische Prjektrating, een tl ntwikkeld dr DEG (Duitse ntwikkelingsbank) vr mnitring en eventuele bijsturing van prjecten. 52

54 De meeste indicatren uit het GPR systeem zijn belangrijk en relevant vr het meten van ntwikkelingsrelevantie en effectiviteit. Er zijn echter k tekrtkmingen. GPR/EPOL analyseert een grt aantal direct meetbare criteria zals arbeidsplaatsen, gendereffecten, training, exprt en imprt, kennis- en technlgieverdracht, etc., maar besteedt minder aandacht aan enkele indirecte effecten zals mgelijke gevlgen vr de mgeving (bijvrbeeld landverplaatsing) en de vraag f de investering indruist tegen het (lkale) beleid. Verder zijn smmige criteria zals indirecte werkgelegenheid f gender zeer meilijk, z niet nmgelijk p een bjectieve basis te meten. Tegelijkertijd heven andere criteria, zals directe banen niet ndzakelijk een nmiddellijke del van de investering te zijn (bijvrbeeld in het geval van de herstructurering van een bedrijf) mdat zich deze eerst p een later tijdstip realiseren. Additinaliteit wrdt k niet afznderlijk gewaardeerd, wat een belangrijke tekrtkming van dit systeem is. In de evaluatie van BIO van 2012 werd gecncludeerd dat de medewerkers van BIO ng nvldende vertruwd zijn met het meten van ntwikkelingsimpact en gelet p de beperkte mvang van de rganisatie - ntbreekt het hen veelal aan tijd, aandacht en pririteit vr een welverwgen analyse. Dit beeld werd tijdens de veldbezeken en dssieranalyse van deze evaluatie bevestigd. Vanwege een gebrek aan capaciteit bij BIO is de GPR-analyse sterk afhankelijk van infrmatie die dr de klant verstrekt wrdt, f van een beperkte due diligence die een medewerker van BIO f een c-financierende DFI uitvert. Verder zijn bijvrbeeld bij intermediaire fndsen de GPR criteria ex-ante meilijk te bepalen, mdat er p het mment van de financiering gewnlijk ng geen investeringen in de pijplijn zitten. In het algemeen bleek uit het nderzek dat GPR analyses vaak meer als een checklist werden ingevuld, met weinig kwalitatief cmmentaar p de verschillende GPRindicatren, wat vral te wijten is aan het gebrek aan infrmatie. Dit hangt uiteraard sterk samen met het zeer beperkte aantal prjecten waar een specifieke evaluatie p wrdt uitgeverd. Er wrdt veel tijd besteed aan het invullen van GPR analyses znder dat er intern een systematische terugkppeling (van lessns learned) plaatsvindt. Znder een regelmatige mnitring p deze indicatren is het niet mgelijk de gerealiseerde ntwikkelingsresultaten te vergelijken met de verwachte ntwikkelingsresultaten. Het adequaat inschatten en het meten van directe en indirecte ntwikkelingseffecten van investeringen p de lkale bevlking is cmplex. De GPR tl bevat veel belangrijke en meetbare indicatren. Zals hierbven geschetst zijn de interne capaciteiten van BIO niet vldende m een systematische ex-ante en ex-pst analyse van deze indicatren uit te veren. Daarm zijn de analyses sterk afhankelijk van infrmatie verstrekt dr de klant en gaat BIO tijdens de lptijd van de financiering niet systematisch na f vrziene ntwikkelingseffecten k werkelijk bereikt wrden. Een cördinatie met andere c-financierende DFI s (die hetzelfde meetinstrument gebruiken) zu de kwaliteit en efficiëntie van de analyse kunnen verbeteren Efficiëntie In de pdrachtfrmulering is efficiëntie als vlgt mschreven: Met welke (financiële en persneels-) kst bereiken de investeringen van BIO de begunstigden en binnen welk tijdsbestek? Bestaat er een minder kstelijk alternatief m hetzelfde resultaat te bereiken?. In de hfdstukken behandelen we de efficiëntie van de activiteiten van BIO per fcusgebied. In de sub hfdstukken en gaan wij nader in p enkele vragen uit de referentietermen ver een lkale vertegenwrdiging van BIO en de samenwerking met intermediaire structuren p het gebied van KMO s. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 53

55 Bij de berdeling van de efficiëntie van de investeringen is dr het evaluatieteam naar de kwaliteit en efficiëntie van het berdelingsprces gekeken, alsmede naar de relatie tussen BIO, de eventuele intermediaire structuur en de eindklant. Hierbij werden k de ksten van de gekzen manier van investeren in verweging genmen. BIO is een DFI met een in mvang beperkte rganisatie, expertise en capaciteit. Tegen deze achtergrnd hebben de terreinbezeken plaatsgevnden. Een belangrijke bevinding van de evaluatie van BIO van 2012 was dat het gedkeuringsprces vr investeringsen kredietaanvragen en de verlangde dcumentatie vr analyse, ngeacht de mvang van de investeringen gelijk was. Tijdens de dssieranalyse vrafgaand aan de veldbezeken werd deze waarneming bevestigd. In algemene zin betekent dit dat in termen van ksten grte investeringen een hgere efficiëntie kennen dan kleine investeringen. Het evaluatieteam kwam tt de vlgende bevindingen: Financiële instellingen Tabel 3.14: Efficiëntiescres bij financiële instellingen Financiële instellingen A B C D MFI - direct MFI - indirect Bank NBFI BIO heeft vr het financieren van financiële instellingen een efficiënte methde ntwikkeld dr zwel rechtstreeks te financieren als via intermediaire micrfinancieringsfndsen. Vr beide methden geldt dat er vaak cfinanciering met andere DFI s en IFI s plaatsvindt. BIO maakt p deze wijze ged gebruik van de deskundigheid en het netwerk van andere partijen waardr zij in staat wrdt gesteld MFI s k via cfinanciering rechtstreeks te financieren. Daarbij met vrkmen wrden dat de (directe) financiering van BIO cncurrerend is met de financiering van de fndsen die gericht zijn p micrfinanciering. Uit de interviews bleek dat zwel de peraties via intermediaire fndsen als de directe investeringen van BIO in financiële instellingen p efficiënte wijze plaatsvnden. Er kn zelfs gecncludeerd wrden dat BIO in staat was efficiënter te pereren dan andere grtere DFI s en IFI s waar enige mate van bureaucratie werd gesignaleerd. Ok dit heeft te maken met de grtte van BIO, waar de lijnen krt zijn en de klanten een vast aanspreekpunt hebben. Bij andere DFI s is dit vaak p een andere, vr de klant minder efficiënte manier gerganiseerd. Bij BIO werden de cmmunicatielijnen in veel gevallen duidelijk krter en directer ervaren en in psitieve zin gewaardeerd 24. Aan de andere kant dient k te wrden pgemerkt dat ndanks de regelmatige cfinancieringen er p het gebied van rapprtage ng verbeteringen mgelijk zijn. Klanten van BIO gaven aan dat iedere DFI haar eigen stkpaardjes en wensen heeft en de rapprtage daardr een relatief langdurig prces is. Het dr IFC geïnitieerde harmnisatieprces zal hier de kmende jaren vermedelijk verandering in brengen. De efficiëntie van de investeringen via banken laten een gemengd beeld zien. Het financieren van banken geeft BIO de kans p een efficiënte wijze een relatief grt aantal KMO s te bereiken. Echter, een aantal banken vnd het financieringsprces te lang duren en vnd de eisen die BIO stelde p bijvrbeeld ESG- en rapprtagegebied te hg. Tevens werd regelmatig (evenals bij de MFI s) aangegeven dat de verschillende rapprtage eisen van de DFI s erg inefficiënt zijn vr de banken waarin geïnvesteerd is. 24 Uitzndering p deze regel vrmden enkele financiële instellingen die vnden dat BIO (te) veel aandacht vr details had. 54

56 Intermediaire structuren Tabel 3.15: Effectiviteitsscres bij intermediaire structuren Fndsen A B C D Infrastructuurfnds Micrfinancieringsfnds KMO-fnds De KMO s wrden dr de intermediairs p efficiënte wijze bereikt. KMO-fndsen zijn uitstekend gepsitineerd ten pzichte van hun klanten en zijn ged bekend met de lkale mstandigheden. Ok de reginale fndsen hebben p een enkele uitzndering na een ged begrip van de lkale cntext en hebben altijd een directe vertegenwrdiging in de landen met krte lijnen naar de klanten. Omdat deze KMO-fndsen lkaal gevestigd zijn is de afstand tt de KMO s waarin geïnvesteerd wrdt klein en kan het KMO-fnds zeer betrkken zijn bij het verbeteren van het management en de gvernance van de bedrijven waarin ze investeert, znder dat dit tt hge (reis-)ksten leidt. De financiering van KMO s via KMO-fndsen vindt uitsluitend plaats via aandelenparticipaties f andere vrmen van risicdragend vermgen en vrijwel niet via kredietverlening. Daarbij werd gedurende de interviews gesignaleerd dat KMO-fndsen zich uit efficiëntieverwegingen richten p het bvenste segment van KMO s waardr kleinere KMO s nauwelijks bediend wrden. Financieel gezien is dit weliswaar uiterst efficiënt, echter de delgrep vlgens het mandaat van BIO wrdt p deze wijze niet ged bediend. De relatie van BIO (en andere DFI s) met PE-fndsen verlpt weliswaar efficiënt en men kent elkaar ged nder meer via de deelname aan adviescmités maar de invled van BIO en DFI s p het mandaat is beperkt. Een gevlg hiervan is dat er enkele investeringen van fndsen zijn die BIO niet zelf direct gefinancierd zu hebben mdat deze niet binnen het mandaat van BIO passen. Anderzijds kzen fndsen ervr niet in bepaalde ndernemingen f prjecten te investeren die juist wel ged in het mandaat van BIO passen. Gegeven de beperkte mvang van BIO en de relatief beperkte investeringsbedragen is het vr BIO niet eenvudig m meer invled aan te wenden, maar er zijn k geen aanwijzingen gevnden dat BIO heeft getracht dit samen met andere investeerders te den, terwijl dit wel de geëigende weg zu zijn geweest. De rapprtage van KMO-fndsen aan BIO is prfessineel en vindt peridiek plaats. Op een fnds na rapprteert ieder KMO-fnds ver de ESG-prestaties. De cmmunicatie met de fundmanagers verlpt drgaans naar behren en werd als psitief berdeeld. De investeringen via infrastructuurfndsen wrden ver het algemeen als efficiënt berdeeld, althans vanaf dat mment het de financiering afgernd was. Het investeringsprces duurde namelijk in twee van de drie gevallen lang. Na de uitbetaling van de middelen was de relatie met de fndsen ged en waardeerden de fndsen het feit dat BIO geen additinele rapprtage eisen plegt (zie hiernder). BIO ntvangt uiteraard wel de rapprtages zals deze naar andere DFI s wrden verznden. Vr de micrfinancieringsfndsen geldt dat hier de due diligence dr BIO als prfessineel en intensief werd ervaren dr de fndsmanagers. Een micrfinancieringsfnds was niet reginaal gevestigd, wat wel vragen prept in heverre dit dan ng een efficiënte manier m de MFI s te bereiken. Vr alle drie de typen fndsen geldt dat BIO geen eigen additinele rapprtage eisen stelt ten pzichte van de andere DFI s. Enkele fndsen hebben een eigen frmaat ntwikkeld m p ESG-criteria te rapprteren, terwijl andere fndsen het frmaat vlgen dat dr DFI s zals FMO f IFC is ntwikkeld. De dr de fndsen ntwikkelde ESGrapprtages zijn uitgebreider dan het standaard frmaat van de grte DFI s. Een aantal Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 55

57 fndsen rapprteerde gedetailleerd ver de grei in het aantal werknemers, het aantal werknemers dat trainingen vlgt, de betaalde belastingen dr de ndernemingen in prtefeuille, etc. Zeker wanneer er een grter aantal investeerders in een fnds deelnemen, kan een telkens afwijkend frmaat waarp gerapprteerd dient te wrden een relatief zwaar beslag leggen p de rapprtages van deze fndsen. Dr de diverse fndsmanagers wrdt het dan k gewaardeerd dat BIO deze additinele eisen niet stelt. Het is verigens de verwachting dat de verschillen in rapprtage eisen de kmende jaren frs af zullen nemen, dr het dr IFC geïnitieerde harmnisatieprces Infrastructuur Tabel 3.16: Efficiëntiescres bij infrastructuur Infrastructuur A B C D Directe financieringen Indirecte financieringen BIO heeft ten aanzien van directe investeringen in infrastructuur gekzen vr een mdel waarbij deze via infrastructuurfndsen verlpen f middels cfinanciering met de Nederlandse ntwikkelingsbank FMO en sms andere DFI s. Op deze wijze prbeert BIO deskundigheid en ervaring p te buwen in deze sectr, terwijl tegelijkertijd BIO in staat is p verantwrde wijze middelen uit te zetten, wat dan weer van belang is m het verwachte rendement te kunnen realiseren. In een geval bleek echter dat BIO als cfinancier niet dezelfde rechten heeft als FMO waar het prjectevaluaties f cntact met de klant betrf. Bij één van de te bezeken prjecten werd namelijk dr FMO aangegeven dat er al een prjectevaluatie liep en dat het niet wenselijk was het management van het prject ngmaals met een evaluatiebezek te belasten. Ten aanzien van de bezchte prjecten kan vastgesteld wrden dat de investeringen p efficiënte wijze hebben plaatsgevnden. Tijdens de veldbezeken en de gesprekken met het management van de infrastructuurprjecten werd bevestigd dat FMO een zeer grt deel van het werk p zich neemt, met name in de nderhandelingsfase. BIO wrdt p een later mment ingeschakeld, wanneer de financiering al deels gestructureerd is. Het evaluatieteam acht deze werkwijze efficiënt en ged, aangezien enerzijds de nderhandelingen vanuit de klant bezien efficiënt verlpen aangezien er minder nderhandelingspartners zijn, en anderzijds k vr BIO effectief zijn aangezien FMO een grt deel van het werk uit handen neemt. In een aantal gevallen werden de dr de cnsrtia van DFI s (waar BIO deel vanuit maakt) gestelde vrwaarden als zwaar en sms bureaucratisch ervaren. Vaak was er echter wel begrip vr deze zware ESG-eisen vanwege het publieke karakter van DFI s en IFI s. Een aantal klanten waardeerden het zeer wanneer DFI s samenwerkten en de rapprtage eisen gelijk stelden, zdat niet vr iedere DFI een aparte rapprtage hefde te wrden geprduceerd. Bij investeringen in infrastructuur gaat het veelal m relatief grte investeringen in vergelijking met bijvrbeeld investeringen van BIO in KMO s. Een belangrijk vrdeel daarvan is dat de ksten van de kredietberdeling en eventuele mnitring gemakkelijker betaald kunnen wrden uit de rente-inkmsten, waarna een vldende rendement verblijft vr BIO. 56

58 KMO s Tabel 3.17: Efficiëntiescres bij investeringen in KMO s KMO s A B C D Directe financieringen Indirecte financieringen Uit de veldbezeken bleek dat de directe investeringen in KMO s het minst succesvl zijn geweest in financieel pzicht. Dit sluit ged aan bij de bevindingen van de evaluatie uit 2012 (zie k de inleiding waar de rendementen per activiteit staan weergegeven). Zwel vr het kredietberdelingsprces alsk vr de mnitring is deze vrm van kredietverlening weinig efficiënt zwel vr BIO als vr de klant. Vr BIO is het meilijk m een gede berdeling en mnitring uit te veren gelet p de afwezigheid van BIO p het terrein alsk de kennis van de actuele lkale mstandigheden. Tensltte werd dr enkele klanten ng aangegeven dat de tijd die verstreek tussen het eerste cntact en de uitbetaling dr BIO als lang werd ervaren. Het evaluatieteam wil hierbij wel pmerken dat dit veelal te maken heeft met de kwaliteit van de infrmatie die dr de klanten werd aangeleverd, waardr het prces vaak werd gerekt. KMO s van beperkte mvang hebben vaak geen enkele ervaring met financiële instellingen en al helemaal niet met DFI s, die vaak additinele eisen en rapprtageverplichtingen hebben. Er kan daarm een tijd verheen gaan vrdat BIO alle bendigde dcumenten en infrmatie heeft ntvangen. Hewel het kredietberdelingsprces relatief duur is, en klanten dit prces als zwaar ervaren, heeft het direct investeren in KMO s wel als vrdeel dat BIO tijdens dit prces de nuances kan aanbrengen in de afspraken met haar klanten m zdende meer aandacht vr ntwikkelingsrelevante aspecten af te dwingen. Tevens kan BIO TAmiddelen aanspreken m deze verbeteringen te realiseren. Vrbeelden hiervan zijn een Cnglese nderneming waar BIO de training van het persneel heeft gefinancierd m deze bepaalde technische vaardigheden aan te leren. Een tweede vrbeeld is een nderneming in Zuid-Amerika waar BIO het certificeringsprces van de nderneming heeft gefinancierd, en k het persneel heeft getraind. De indirecte financieringen in KMO s werden psitiever gescrd waar het de efficiëntie betrf. Dit heeft te maken met het feit dat de KMO fndsen veelal aandelenparticipaties in de KMO s hebben en uit hfde van dit aandelenbelang zeer regelmatig cntact hebben met het management van de KMO. Tevens wrdt dr het KMO-fnds advies gegeven p het gebied van strategie, management en rganisatie. Vr BIO is deze vrm van investeren in KMO s dus zeer efficiënt, aangezien met één aanvraag een tiental KMO s wrdt bereikt, die prfessineel begeleid wrden. De klanten van de KMO-fndsen zijn tevreden met de begeleiding die vanuit de KMO-fndsen gebden wrdt. Een grt verschil tussen de hierbven directe en indirecte financieringen in KMO s betreft het type financiering. Wanneer BIO direct financiert, gebeurt dit dr middel van (senir) leningen, terwijl de meeste indirecte financieringen via intermediaire structuren kapitaalparticipaties betrffen. In het laatste geval rendeert een ged beheer aangezien er bij gede prestaties een hg rendement gehaald kan wrden, terwijl bij senir leningen het rendement beperkt blijft tt de afgesprken rente. Bij directe investeringen van BIO aan KMO s gaat het vrijwel uitsluitend m kredietverlening van een beperkte mvang (<EUR 1mln) waardr het meilijk is m dergelijke faciliteiten winstgevend te expliteren. De marges p kredietverlening vr dergelijke kleine kredieten zijn vaak ntereikend m de ksten te dekken. Wanneer er dus twee van de tien kredieten een terugbetalingsprbleem laten zien heeft dit al grte gevlgen vr de resultaten van de prtefeuille. In de paragraaf ver efficiëntie kmt dit nader aan de rde. Bij investeringen in de vrm van risickapitaal zu dit beeld psitiever kunnen uitpakken, hewel ksten een belangrijke beperkende factr blijven. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 57

59 Hewel de investeringen in KMO s initieel vaak als ntwikkelingsrelevant zijn berdeeld dr het evaluatieteam, viel het p dat de financiële risic s van deze investeringen hg waren. Deze hge risic s in cmbinatie met de eerder beschreven beperkingen inzake beheer en mnitring maken het vr BIO meilijk m een dergelijke prtefeuille winstgevend te maken. Indien een nderneming uiteindelijk failliet gaat f ingrijpend met herstructureren wrden de eventuele ntwikkelingseffecten daarmee tenietgedaan. In het hfdstuk rndm de duurzaamheid van de financieringen van BIO wrdt hier nader p ingegaan Investeringen via intermediaire structuren KMO s Zals hierbven werd beschreven is de invled van BIO en DFI s p het mandaat van KMO fndsen beperkt. Hierdr wrden de grtere KMO s in het algemeen p een gede manier bediend dr de fndsen, maar is het vr de kleinere KMO s ng steeds meilijk financiering f risickapitaal aan te trekken. BIO vult een deel van dit gat in met haar directe financieringen maar dit is niet altijd efficiënt. Vergelijking tussen directe en indirecte investeringen 25 Bij alle bezchte KMO s waar BIO direct in heeft geïnvesteerd betrffen het leningen, vaak met een lange terugbetaaltijd en een aflssingsvrije peride. De investeringsfndsen hadden in de meeste gevallen een participatie in het eigen vermgen van de KMO s genmen. Een vergelijking tussen de twee grepen is daarm lastig, aangezien eventuele financiële prblemen bij een lening direct aan het licht kmen (de aflssing en/f rentebetaling blijft uit), terwijl bij eigen vermgen er behalve eventuele dividenden geen tussentijdse betalingen plaatsvinden. Slechts bij één nderneming in het staal had het investeringsfnds haar belang verkcht, waardr feitelijk vastgesteld kn wrden f de investering succesvl was. 26. In de meeste gevallen had de investering dr het investeringsfnds pas enkele jaren geleden plaatsgevnden, waardr ver het uiteindelijke rendement ng niets te zeggen valt. Vanuit een financier bezien is een kenmerkend verschil tussen het verstrekken van een lening en eigen vermgen de psitie in de kapitaalstructuur. Dit blijkt p twee manieren: Indien een nderneming in zwaar weer terecht kmt wrden eerst de schuldeisers (crediteuren en verstrekkers van leningen) terugbetaald, en als er dan ng geld verblijft, kmt dit ten gede aan de aandeelhuders. Een financier kan nderpand eisen als dekking vr het krediet. Een vrbeeld hiervan is een nderneming die een nieuwe fabriek wil buwen. De bank financiert de ksten van deze fabriek, maar spreekt met de nderneming af dat de bank eigenaar wrdt van de fabriek indien deze niet aan haar terugbetalingsverplichtingen vldet (vestigen van hyptheek). Zals hierbven blijkt is een verstrekker van vreemd vermgen (krediet) p twee manieren in het vrdeel ten pzichte van een aandeelhuder wanneer er financiële prblemen ptreden, namelijk dr eerder terugbetaald te wrden, en dr activa van de nderneming in bezit te nemen. Een aandeelhuder daarentegen heeft meer zeggenschap en deelt als cmpensatie vr de risic s in de winst van de nderneming en heeft een duidelijk hgere rendementsverwachting. Waar een vreemd vermgen verstrekker een rentepercentage afspreekt en hierver een winstmarge berekent, heeft de aandeelhuder de mgelijkheid te prfiteren van de winst die wrdt gemaakt wanneer de aandelen verkcht wrden. Tevens prfiteert de aandeelhuder mee indien de nderneming winst maakt drdat dan dividend uitgekeerd kan wrden. Een tweede 25 Er zijn k duidelijke verschillen waarneembaar met betrekking tt de mvang van de investeringen, deze zullen echter in het hfdstuk ver efficiëntie aan de rde kmen. 26 In dit geval was deze balans zeer psitief, het rendement dat dr de investeringsmaatschappij werd gemaakt was bven verwachting. 58

60 verschil is dat een aandeelhuder stemrecht krijgt en tenminste een tezichtfunctie p het management 27. Een financier f investeerder zal hierm altijd vr zichzelf meten afwegen welke risic s deze bereid is te lpen ( risk appetite ). Bij BIO dient echter de cntext waarin de kredietverstrekking f investering plaatsvindt in het g gehuden te wrden. BIO financiert namelijk KMO s in ntwikkelingslanden terwijl het beheer in Brussel plaatsvindt. Het is vr BIO daarm uiterst lastig eventuele financiële prblemen tijdig te cnstateren. Indien zich financiële prblemen vrden is het daarm de vraag f er zich ng geld in de nderneming bevindt waarp BIO aanspraak zu kunnen maken. Uitwinning van zekerheden (bijvrbeeld een hyptheek f verpanding) is in veel ntwikkelingslanden meilijk te realiseren en is zelden vldende m de uitstaande schuld te cmpenseren. Het is daarm pvallend dat BIO geen directe investeringen in het eigen vermgen van KMO s heeft, terwijl dit wel binnen het mandaat valt. Dr alle flexibiliteit 28 die BIO betracht bij het beheer van haar leningenprtefeuille en de bvengenemde redenen waarm de risicmitigatie in ntwikkelingslanden minder werkt heeft BIO s kredietprtefeuille al regelmatig het karakter van een prtefeuille van een investeringsfnds. Vrpgesteld, alle nadelen van het direct financieren in KMO s blijven k bij eigen vermgen participaties vereind (beheer p grte afstand, kennis van de markt, etc.), echter het participeren in het eigen vermgen heeft als vrdeel dat als een nderneming bven verwachting ged presteert, BIO meeprfiteert van deze ntwikkeling. Het is pvallend dat er ng geen initiatieven zijn ndernmen dr BIO en andere DFI s m kleinere KMO s wel te kunnen bedienen. Uiteraard geldt hier k de eerder beschreven prblematiek van ksten efficiëntie, echter gelet p het ntwikkelingsmandaat van DFI s zu deze categrie ndernemingen meer aandacht meten krijgen. Zeker vr PE-fndsen waarin DFI s vr een grte meerderheid participeren zuden er tch mgelijkheden meten zijn m een meer gediversifieerde prtefeuille p te buwen. Een andere verweging zu kunnen zijn m in EDFI-verband een fnds p te zetten met een fcus p kleinere KMO s. Ksten en werking van het investeren via KMO-fndsen Het investeren via KMO-fndsen kan als vlgt wrden weergegeven: Figuur 3.4: Fndsenstructuur 27 Een tezichtfunctie heeft echter wel als nadeel dat het beheer ver de investering intensiveert. He dit ingericht wrdt kan hierbven nder intermediaire structuren wrden gelezen. 28 Denk hierbij aan bvengenemd uitstel van betaling en verlengde aflssingsvrije perides, en de afwezigheid van een nderpand met waarde. Evaluatie van de Belgische Investeringsmaatschappij vr Ontwikkelingslanden (BIO)-Fase 2 (terrein) 59

Rapport. Bekend maakt bemind Onderzoek naar de bekendheid van en waardering voor het Expertisecentrum Veilige Publieke Taak

Rapport. Bekend maakt bemind Onderzoek naar de bekendheid van en waardering voor het Expertisecentrum Veilige Publieke Taak Rapprt Bekend maakt bemind Onderzek naar de bekendheid van en waardering vr het Expertisecentrum Veilige Publieke Taak Over het CAOP Het CAOP is hét kennis- en dienstencentrum p het gebied van arbeidszaken

Nadere informatie

Confidentieel. 16 januari 2013 2013/11989. Sectorbrief Themaonderzoek Uitbesteding Vermogensbeheer. Geacht bestuur,

Confidentieel. 16 januari 2013 2013/11989. Sectorbrief Themaonderzoek Uitbesteding Vermogensbeheer. Geacht bestuur, Tezicht pensienfndsen en beleggingsndernemingen Middelgrte en kleine pensienfndsen Pstbus 98 1000 AB Amsterdam Cnfidentieel Datum Bijlage(n) 1 Onderwerp Sectrbrief Themanderzek Uitbesteding Vermgensbeheer

Nadere informatie

Oproep erkenning en subsidiëring van groepsgericht aanbod. opvoedingsondersteuning door vrijwilligers

Oproep erkenning en subsidiëring van groepsgericht aanbod. opvoedingsondersteuning door vrijwilligers Oprep erkenning en subsidiëring van grepsgericht aanbd pvedingsndersteuning dr vrijwilligers In het kader van het versterken van aanbd pvedingsndersteuning in de Huizen van het Kind lanceert Kind en Gezin

Nadere informatie

Wat zijn de specifieke omstandigheden van deze locatie waar, bij inpassing van de voorziening, rekening mee gehouden moet worden?

Wat zijn de specifieke omstandigheden van deze locatie waar, bij inpassing van de voorziening, rekening mee gehouden moet worden? Omgevingsscan Achtergrnd prject De gemeente Drdrecht heeft het plan pgevat de prblematiek rndm (merendeels verslaafde) dak- en thuislze mensen in haar stad aan te pakken. In dit kader heeft de gemeente

Nadere informatie

Tussenrapportage: plan van aanpak raadsenquête grondexploitatie Duivenvoordecorridor.

Tussenrapportage: plan van aanpak raadsenquête grondexploitatie Duivenvoordecorridor. Tussenrapprtage: plan van aanpak raadsenquête grndexplitatie Duivenvrdecrridr. Enquêtecmmissie grndexplitatie Duivenvrdecrridr 16 februari 2015 Inhudspgave: 1. Inleiding 2. Organisatie 3. Verfijning nderzeksvraag

Nadere informatie

Middelen Financiële middelen o De organisatie heeft een actueel beleid met betrekking tot het verkrijgen van de benodigde financiële middelen.

Middelen Financiële middelen o De organisatie heeft een actueel beleid met betrekking tot het verkrijgen van de benodigde financiële middelen. Categrie C Per aspect van het framewrk zijn nrmen pgesteld. Vetgedrukt zijn de verplichte nrmen. Organisaties die nder categrie C vallen, zullen verder zijn met het implementeren van kwaliteitssystemen

Nadere informatie

TOEZICHTKADER ACCREDITATIESTELSEL HOGER ONDERWIJS. september 2014

TOEZICHTKADER ACCREDITATIESTELSEL HOGER ONDERWIJS. september 2014 TOEZICHTKADER ACCREDITATIESTELSEL HOGER ONDERWIJS september 2014 INHOUD Inleiding 4 1 Del en uitvering van het tezicht 5 1.1 Wat willen we bereiken? 5 1.2 Werkwijze 5 1.3 Waarderingskader 7 2 Relatie met

Nadere informatie

Beslissingsondersteunende instrumenten. Criteria 2016. September 2015 Stichting Kwaliteit in Basis GGZ

Beslissingsondersteunende instrumenten. Criteria 2016. September 2015 Stichting Kwaliteit in Basis GGZ Beslissingsndersteunende instrumenten September 2015 Stichting Kwaliteit in Basis GGZ Beslissingsndersteunende instrumenten Inleiding Stichting Kwaliteit in Basis GGZ gelft dat de mentale zrg in Nederland

Nadere informatie

Groundbreaking Innovative Financing of Training in a European Dimension. D2.1 GIFTED MODEL November 2012

Groundbreaking Innovative Financing of Training in a European Dimension. D2.1 GIFTED MODEL November 2012 Grundbreaking Innvative Financing f Training in a Eurpean Dimensin D2.1 GIFTED MODEL Nvember 2012 Prject Reference n. 517624-LLP-1-2011-1-AT-GRUNDTVIG-GMP Wrkpackage n. WP 2 Mdelling Deliverable n. D 2.1

Nadere informatie

Samenvatting Deelprojecten Ouderen Samen

Samenvatting Deelprojecten Ouderen Samen Samenvatting Deelprjecten Ouderen Samen Vughtse Ouderen aan het Wrd In januari 2007 zijn dr het Prject Ouderen Samen vier bijeenkmsten gerganiseerd waarvr alle Vughtse inwners van 55 jaar en uder waren

Nadere informatie

Maak van 2015 jouw persoonlijk professionaliseringsjaar

Maak van 2015 jouw persoonlijk professionaliseringsjaar Maak van 2015 juw persnlijk prfessinaliseringsjaar en wrd Nlc erkend Register Lpbaanprfessinal (RL) Nlc erkend Register Lpbaanprfessinal (RL) Deze status wrdt bereikt na certificering dr het nafhankelijke

Nadere informatie

Jaarverslag. Format jaarverslag 2013. Ridderkerk, 13 januari 2014 VGS Adivio

Jaarverslag. Format jaarverslag 2013. Ridderkerk, 13 januari 2014 VGS Adivio Jaarverslag Frmat jaarverslag 2013 Ridderkerk, 13 januari 2014 VGS Adivi Inhudspgave VERSLAG VAN DE TOEZICHTHOUDER... 3 OVERVIEW & ALGEMEEN... 4 IDENTITEIT... 5 ONDERWIJS... 6 PERSONEEL... 7 HUISVESTING

Nadere informatie

FAQ Innovatieve bedrijfsnetwerken versie 18 november 2015

FAQ Innovatieve bedrijfsnetwerken versie 18 november 2015 FAQ Innvatieve bedrijfsnetwerken versie 18 nvember 2015 Wanneer kan het IBN effectief van start gaan? De steun aan een innvatiecluster kan p zijn vregst starten p de eerste werkdag van de maand die vlgt

Nadere informatie

D i e n s t v e r l e n i n g s d o c u m e n t

D i e n s t v e r l e n i n g s d o c u m e n t D i e n s t v e r l e n i n g s d c u m e n t Ons kantr hudt zich bezig met financiële dienstverlening en heeft zich gespecialiseerd in schade- en levensverzekeringen en is daarbij actief p de zakelijkeen

Nadere informatie

Beleidsplan 2014 Versie Zomer 2014

Beleidsplan 2014 Versie Zomer 2014 Beleidsplan 2014 Versie Zmer 2014 Pagina 1 van 6 Beleidsplan 2014 Supprt t Cnnect Vraf Vr u ligt het beleidsplan van de Stichting SUPPORT TO CONNECT. Het plan mvat een verzicht van de delstellingen, activiteiten

Nadere informatie

Beleidsplan 2014 tot en met 2016

Beleidsplan 2014 tot en met 2016 Blessed Generatin Nederland Falkejacht 25 9254 EJ Hurdegaryp Beleidsplan 2014 tt en met 2016 Blessed Generatin Nederland (0511) 47 21 37 - www.blessedgeneratin.nl - inf@blessedgeneratin.nl KvK 01100560

Nadere informatie

Exameneisen en literatuurlijst. NIMA A2 Specialisatie: Online Marketeer. Van toepassing op de examens vanaf januari 2016

Exameneisen en literatuurlijst. NIMA A2 Specialisatie: Online Marketeer. Van toepassing op de examens vanaf januari 2016 Exameneisen en literatuurlijst NIMA A2 Specialisatie: Online Marketeer Van tepassing p de examens vanaf januari 2016 Exameneisen NIMA A2: Specialisatie Online Marketeer 2016 april 2015 INHOUDSOPGAVE 1.

Nadere informatie

Transmuraal Programma Management

Transmuraal Programma Management Transmuraal Prgramma Management Een prpsitie van Vitha versie 1 Inhudspgave 1 Inleiding... 3 2 Transmurale behandelpraktijken... 3 2.1 Transmurale zrg nader gedefinieerd... 3 2.2 Transmurale zrg in de

Nadere informatie

Projectaanvraag Versterking sociale infrastructuur t.b.v. burgerkracht in Fryslân

Projectaanvraag Versterking sociale infrastructuur t.b.v. burgerkracht in Fryslân 1 Prjectaanvraag Versterking sciale infrastructuur t.b.v. burgerkracht in Fryslân 1. Aanleiding Eind 2012 heeft Prvinciale Staten van de prvincie Fryslân keuzes gemaakt mtrent de 'kerntakendiscussie'.

Nadere informatie

Start duurzame inzetbaarheid

Start duurzame inzetbaarheid Start duurzame inzetbaarheid Een praktijkcasus Dr: Rlf Weijers, Pauline Miedema Hewel duurzame inzetbaarheid een veelbesprken thema is, blijft het lastig m het cncreet te maken en er handen aan veten aan

Nadere informatie

Otten, J Artikel ESAA, 2009 Risicomanagement: een geïntegreerde benadering

Otten, J Artikel ESAA, 2009 Risicomanagement: een geïntegreerde benadering Risicmanagement: een geïntegreerde benadering Cpyright: Alle rechten zijn vrbehuden aan de auteur(s) van dit dcument en Auditing.nl 1 Risicmanagement Een geïntegreerde benadering Auteur: Jan Otten 10 juli

Nadere informatie

Kenneth Smit Consulting -1-

Kenneth Smit Consulting -1- Versneld en cntinu verbeteren van de perfrmance en de resultaten van uw medewerkers en rganisatie. Perfrmance en rendementsverbetering van uw rganisatie is de fcus waarp de activiteiten van Kenneth Smit

Nadere informatie

Beleidsregels voorziening jobcoaching Participatiewet 2015

Beleidsregels voorziening jobcoaching Participatiewet 2015 Beleidsregels vrziening jbcaching Participatiewet 2015 1-7-2015 Jbcaching Reginale beleidsregels jbcaching Participatiewet regi Achterhek Inleiding Jbcaching gaat ver het ndersteunen van mensen bij het

Nadere informatie

Projectformulier ten behoeve van Openbare Instellingen

Projectformulier ten behoeve van Openbare Instellingen Prjectfrmulier ten beheve van Openbare Instellingen Praktische infrmatie naam van penbare instelling die het prject heeft ingediend: Federale Overheidsdienst Infrmatieen Cmmunicatietechnlgie (Fedict).

Nadere informatie

Asbestbeleidsplan. Beleid en beheer asbest

Asbestbeleidsplan. Beleid en beheer asbest Asbestbeleidsplan Beleid en beheer asbest Dcumenttitel. Asbestbeleidsplan Status. Cncept Definitief Versie. 1.1 Datum. 22-03-2014 Organisatie. Wningcrpratie Rentree Opstellers. Wningcrpratie Rentree i.s.m.

Nadere informatie

Eindejaarsrapportage. Onafhankelijke Raadsman afhandeling schadeclaims door aardbevingen als gevolg van gaswinning in Groningen

Eindejaarsrapportage. Onafhankelijke Raadsman afhandeling schadeclaims door aardbevingen als gevolg van gaswinning in Groningen Eindejaarsrapprtage Onafhankelijke Raadsman afhandeling schadeclaims dr aardbevingen als gevlg van gaswinning in Grningen Datum: december 2013 Inleiding Vr de afhandeling van individuele klachten ver lpende

Nadere informatie

Gefaseerde implementatie projectbeheersing methodiek Hogeschool van Utrecht

Gefaseerde implementatie projectbeheersing methodiek Hogeschool van Utrecht Prject Shared Services Gefaseerde implementatie prjectbeheersing methdiek Hgeschl van Utrecht Vervlg van Deelprjectplan Prjectadministraties (januari 2004) Het beheersen van prjectadministraties dr de

Nadere informatie

Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) Winterswijk 2013-2018

Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) Winterswijk 2013-2018 Vr- en Vregschlse Educatie (VVE) Winterswijk 2013-2018 1. Inleiding Vr- en Vregschlse Educatie, als nderdeel van het bredere beleidsterrein nderwijsachterstandbeleid, wrdt sinds 2002 in Winterswijk vrmgegeven.

Nadere informatie

UPGRADEN NAAR EEN NIEUWE VERSIE VAN DYNAMICS CRM

UPGRADEN NAAR EEN NIEUWE VERSIE VAN DYNAMICS CRM UPGRADEN NAAR EEN NIEUWE VERSIE VAN DYNAMICS CRM DE AANPAK VAN CRM RESULTANTS Ongeveer eens per twee jaar brengt Micrsft een nieuwe versie uit van Micrsft Dynamics CRM. In deze zgenaamde majr releases

Nadere informatie

Openbare raadpleging over de evaluatie van de Europese strategie inzake handicaps 2010/2020

Openbare raadpleging over de evaluatie van de Europese strategie inzake handicaps 2010/2020 Openbare raadpleging ver de evaluatie van de Eurpese strategie inzake handicaps 2010/2020 Er zijn in de EU ngeveer 80 miljen mensen met een handicap. Vr deze mensen is het, dr allerlei belemmeringen, vaak

Nadere informatie

Controleprotocol Sociaal Domein

Controleprotocol Sociaal Domein Cntrleprtcl Sciaal Dmein Cntrleprtcl vr de accuntantscntrle bij: dr de gemeenten in de regi Amersfrt* gesubsidieerde rganisaties vr Jeugdzrg en WMO dr de gemeenten in de regi Amersfrt f dr de gemeente

Nadere informatie

Beweeg Mee! De gecombineerde leefstijlinterventie (GLI) 1 in de collectieve verzekering voor de minima van de gemeente Den Haag

Beweeg Mee! De gecombineerde leefstijlinterventie (GLI) 1 in de collectieve verzekering voor de minima van de gemeente Den Haag Beweeg Mee! De gecmbineerde leefstijlinterventie (GLI) 1 in de cllectieve verzekering vr de minima van de gemeente Den Haag Mensen niet alleen aan het bewegen brengen, maar k aan het bewegen huden. Dat

Nadere informatie

Wie verkoopt uw huis?

Wie verkoopt uw huis? Wie verkpt uw huis? Accuntnet Verkp Vertruwens Persn Service Accuntnet V V P Service Wie verkpt uw huis? Als u uw huis wilt verkpen, schakelt u k in Spanje een makelaar in. Echter in Spanje geeft men nrmaal

Nadere informatie

Lokale subsidies voor energiebesparing en duurzame energie

Lokale subsidies voor energiebesparing en duurzame energie RETS RESpedia Lkale subsidie vr energieprjecten Ec Centre Wales Jake Hllyfield Lkale subsidies vr energiebesparing en duurzame energie Diverse lkale verheden in Wales hebben uiteenlpende maatregelen genmen

Nadere informatie

Protestantse Gemeente Appingedam Diaconie

Protestantse Gemeente Appingedam Diaconie Beleidsplan diacnie Prtestantse Gemeente Appingedam 2013 2016 Inleiding Vr u ligt het beleidsplan van de diacnie. Dit beleidsplan is nderdeel van het beleidsplan van de Prtestantse Gemeente Appingedam.

Nadere informatie

Beleidsregels Hulp bij humanitaire rampen.

Beleidsregels Hulp bij humanitaire rampen. Beleidsregels Hulp bij humanitaire rampen. Inhudspgave 1. Inleiding 3 2. De eerste dagen na een ramp: riëntatie en besluitvrming 4 3. Een hulpkanaal kiezen 5 3.1 Hulpkanaal A: Ndhulp via de SHO 6 3.2 Hulpkanaal

Nadere informatie

Toelichting Checklist Optimale informatie beleggingsverzekering

Toelichting Checklist Optimale informatie beleggingsverzekering Telichting Checklist Optimale infrmatie beleggingsverzekering Algemeen Infrmatie ver beleggingsverzekeringen Beleggingsverzekeringen zijn cmplexe prducten. Om de klant beter inzicht te geven in de werking

Nadere informatie

MVO Zelfverklaring Beantwoording 40 vragen

MVO Zelfverklaring Beantwoording 40 vragen MVO Zelfverklaring Beantwrding 40 vragen Auteur: Gert Jan de Grt en Gerda de Raad (Will2Sustain) Datum: 17-12-2015 Versie: 3 Inhudspgave 1. Inleiding... 1 2. MVO principes... 1 3. Stakehlders... 4 4. MVO

Nadere informatie

Naam van de organisatie: Uw naam: Wat is uw functie? Tot welke sector behoort uw organisatie? Wat is de omvang van uw organisatie?

Naam van de organisatie: Uw naam: Wat is uw functie? Tot welke sector behoort uw organisatie? Wat is de omvang van uw organisatie? Naam van de rganisatie: Uw naam: Wat is uw functie? Directeur/hfd van een Academie Directeur/hfd afdeling Opleidingen Senir Learning Cnsultant/ Senir Onderwijskundige Learning cnsultant/ Onderwijskundige

Nadere informatie

Hoe kan uw overheidsorganisatie professionalisering en verduurzaming van het inkoopproces bewerkstelligen

Hoe kan uw overheidsorganisatie professionalisering en verduurzaming van het inkoopproces bewerkstelligen He kan uw verheidsrganisatie prfessinalisering en verduurzaming van het inkpprces bewerkstelligen He kan uw verheidsrganisatie prfessinalisering en verduurzaming van het inkpprces bewerkstelligen UITWERKING

Nadere informatie

Vraag en antwoorden over de volmacht

Vraag en antwoorden over de volmacht Vraag en antwrden ver de vlmacht Hiernder treft u een verzicht aan van de vragen en antwrden die zijn gesteld ver de vlmacht. Heeft de vlmacht een lptijd? Heeft de deelnemersraad psitief advies gegeven

Nadere informatie

Handleiding. Het opstellen van een diaconaal beleidsplan

Handleiding. Het opstellen van een diaconaal beleidsplan Handleiding Het pstellen van een diacnaal beleidsplan Versie 1.0 Generale diacnale cmmissie Datum: augustus 2015 Generale diacnale cmmissie Vendelier 51-D 3905 PC VEENENDAAL Telefn (0318) 505541 Website:

Nadere informatie

GEZOCHT: AVONTUURLIJKE ONDERNEMERS MET HART VOOR MAKELAARDIJ

GEZOCHT: AVONTUURLIJKE ONDERNEMERS MET HART VOOR MAKELAARDIJ GEZOCHT: AVONTUURLIJKE ONDERNEMERS MET HART VOOR MAKELAARDIJ Bent u ndernemer en heeft u hart vr de makelaardij? Dan is HOUSEHUNTING p zek naar u! Vr uitbreiding van nze greiende franchiseketen zeken wij

Nadere informatie

7. Opleidingskader voor de functie redacteur web en social media

7. Opleidingskader voor de functie redacteur web en social media 7. Opleidingskader vr de functie redacteur web en scial media In het prject GROOTER wrden nder andere een aantal pleidingskaders ntwikkeld vr sleutelfuncties binnen de crisiscmmunicatie. Een daarvan is

Nadere informatie

Een cultureel plan voor Brussel, hoofdstad en laboratorium van Europa

Een cultureel plan voor Brussel, hoofdstad en laboratorium van Europa Een cultureel plan vr Brussel, hfdstad en labratrium van Eurpa 1. Visie Brussel is in vele pzichten een bijznder actieterrein p cultureel vlak. Dr de grte diversiteit aan culturen en talen kent deze stad

Nadere informatie

Federatiestatuut. Walburggroep. -concept -

Federatiestatuut. Walburggroep. -concept - Federatiestatuut Walburggrep -cncept - Federatiestatuut pagina 1/12 Inhud 1 Overwegingen 3 2 Naam en delstelling van de federatie 4 2.1 Naam 4 2.2 Delstelling 4 3 Bestuur 5 3.1 Federatiebestuur, beneming

Nadere informatie

Kiezen of delen Quick scan van investeringen van gemeente Eindhoven

Kiezen of delen Quick scan van investeringen van gemeente Eindhoven Kiezen f delen Quick scan van investeringen van gemeente Eindhven Dr Paul J.G. Tang & Rbert-Jaap Vrn Eindhven, 11 december 2012 Dit rapprt is bestemd vr de rganisatie van de pdrachtgever. Verspreiding

Nadere informatie

Communicatie voor beleid Interactie (raadplegen, dialoog, participatie) en procescommunicatie; betrokkenheid, betere besluiten en beleid

Communicatie voor beleid Interactie (raadplegen, dialoog, participatie) en procescommunicatie; betrokkenheid, betere besluiten en beleid Samenvatting BEELDEN OVER COMMUNICATIE TEYLINGEN Bevindingen gesprekken ver Cmmunicatie, raad- en cllegeleden, rganisatie en samenleving In deze ntitie zijn de resultaten van zwel de gesprekken van 9 ktber

Nadere informatie

HOE WERKT HET INTERGOVERNMENTAL PANEL ON CLIMATE CHANGE (IPCC)?

HOE WERKT HET INTERGOVERNMENTAL PANEL ON CLIMATE CHANGE (IPCC)? HOE WERKT HET INTERGOVERNMENTAL PANEL ON CLIMATE CHANGE (IPCC)? Wat is IPCC en wat is het niet? Het Intergvernmental Panel n Climate Change van de VN is pgericht dr de Wrld Metelgical Organizatin ( WMO)

Nadere informatie

HANDLEIDING: AANVRAAG VOOR EEN SUBSIDIE IN HET ZUIDEN INVULFORMULIER

HANDLEIDING: AANVRAAG VOOR EEN SUBSIDIE IN HET ZUIDEN INVULFORMULIER 1 JUNI 2015 HANDLEIDING: AANVRAAG VOOR EEN SUBSIDIE IN HET ZUIDEN INVULFORMULIER SEYS VEERLE PROVINCIEBESTUUR WEST-VLAANDEREN Hug Verriesstraat 22 8800 ROESELARE Vrwrd Sinds 1971 ndersteunt de prvincie

Nadere informatie

1.1 Verantwoording 2 1.2 Indeling Treasurystatuut 2

1.1 Verantwoording 2 1.2 Indeling Treasurystatuut 2 TREASURYSTATUUT INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING 1.1 Verantwrding 2 1.2 Indeling Treasurystatuut 2 2 DOELSTELLING TREASURYFUNCTIE 2.1 Liquiditeitenbeheer 3 2.2 Financieren 4 2.3 Beleggen 5 2.4 Betalingsverkeer

Nadere informatie

W I M D Beleidsplan Versie 1 februari 2013

W I M D Beleidsplan Versie 1 februari 2013 W M I D Beleidsplan Versie 1 februari 2013 Vraf Vr u ligt het beleidsplan van de Stichting Wninitiatief Midden-Delfland (Stichting WIMD). Het plan mvat een verzicht van de delstellingen, activiteiten en

Nadere informatie

1) Voorstel tot afschaffing belasting op drankslijterijen

1) Voorstel tot afschaffing belasting op drankslijterijen 1) Vrstel tt afschaffing belasting p drankslijterijen Een tijd geleden werd er dr de regering een hrecaplan vrgesteld. Hierin stnden een aantal maatregelen die dr de betrkken sectr tegejuicht werden, in

Nadere informatie

V-ICT-OR begeleidt besturen in hun informatiehuishouding voor optimaal verloop van samenvoeging gemeente en OCMW

V-ICT-OR begeleidt besturen in hun informatiehuishouding voor optimaal verloop van samenvoeging gemeente en OCMW V-ICT-OR begeleidt besturen in hun infrmatiehuishuding vr ptimaal verlp van samenveging gemeente en OCMW De infrmatica in steden en gemeenten greide sinds de jaren 80 rganisch. Dat stapje bij stapje greien

Nadere informatie

Zijn in de aanvraag bijlagen genoemd en zijn die bijgevoegd? Zo ja, welke? Nummer desgewenst de bijlagen.

Zijn in de aanvraag bijlagen genoemd en zijn die bijgevoegd? Zo ja, welke? Nummer desgewenst de bijlagen. Checklist berdeling adviesaanvraag 1. De adviesaanvraag Heeft de r een adviesaanvraag gehad? Let p: een rapprt is in principe geen adviesaanvraag. Met een adviesaanvraag wrdt bedeld: het dr de ndernemer

Nadere informatie

Reglement betreffende een Provinciale herkenbaarheid bij elke vorm van provinciale subsidie.

Reglement betreffende een Provinciale herkenbaarheid bij elke vorm van provinciale subsidie. Reglement betreffende een Prvinciale herkenbaarheid bij elke vrm van prvinciale subsidie. DE PROVINCIERAAD VAN WEST - VLAANDEREN, Overwegende dat het belang van de prvinciale herkenbaarheid, naar aanleiding

Nadere informatie

IT Management Group. Samenvatting PRINCE2 2009

IT Management Group. Samenvatting PRINCE2 2009 IT Management Grup Samenvatting PRINCE2 2009 ITIL is a Registered Trade Mark f the Office f Gvernment Cmmerce in the United Kingdm and ther cuntries. PRINCE2 is a Registered Trade Mark f the Office f Gvernment

Nadere informatie

352),(/(1352*5(66,( ,QOHLGLQJ

352),(/(1352*5(66,( ,QOHLGLQJ 352),(/(1352*5(66,(,QOHLGLQJ Een pdracht van schlen is te kmen tt een bij de rganisatie passende systematiek van planning en cntrl. De bedrijfvering wrdt daarbij gezien als een afgeleide van de inhudelijke

Nadere informatie

Evaluatierapport Scalda - Groep 3 29 januari 26 maart 2014

Evaluatierapport Scalda - Groep 3 29 januari 26 maart 2014 Evaluatierapprt Scalda - Grep 3 29 januari 26 maart 2014 1. Inleiding, deelnemers en activiteiten In dit dcument wrden de bevindingen weergegeven van begeleiders en deelnemers die betrkken waren bij de

Nadere informatie

Richtsnoeren en aanbevelingen Richtsnoeren voor de informatie die ratingbureaus periodiek aan ESMA moeten meedelen

Richtsnoeren en aanbevelingen Richtsnoeren voor de informatie die ratingbureaus periodiek aan ESMA moeten meedelen Richtsneren en aanbevelingen Richtsneren vr de infrmatie die ratingbureaus peridiek aan ESMA meten meedelen 23/06/15 ESMA/2015/609 Inhud 1 Tepassingsgebied... 3 2 Definities... 3 3 Del van de richtsneren...

Nadere informatie

Deelprojectplan. Projectadministraties

Deelprojectplan. Projectadministraties Deelprjectplan Prjectadministraties Het beheersen van prjectadministraties dr de invering van een hgeschlbrede methdiek. 1 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 2. Prbleemverkenning en stelling 3. Prjectdelen 4.

Nadere informatie

Programma Welzijn en Zorg. Nieuwe Zorg en Domotica

Programma Welzijn en Zorg. Nieuwe Zorg en Domotica Prgramma Welzijn en Zrg Nieuwe Zrg en Dmtica Aanleiding De mgelijkheden vr het langer zelfstandig thuis blijven wnen, meten wrden verbreed. Technlgische ntwikkelingen die zrg p afstand en het participeren

Nadere informatie

c. Relatiebeheer algemene en éénmalige groepen d. Relatiebeheer maatschappelijke organisaties e. Contacten en samenwerking met bedrijven

c. Relatiebeheer algemene en éénmalige groepen d. Relatiebeheer maatschappelijke organisaties e. Contacten en samenwerking met bedrijven Inhudspgave Inleiding 1. Huidige situatie 2. Delstellingen 2014 2.1 Algemeen Del 2.2 Jaarvisie 3. Actieplan 3.1 Algemeen Del 3.2 Jaarvisie a. Cördinatie b. Relatiebeheer kerken c. Relatiebeheer algemene

Nadere informatie

Voorstel aan de raad. Nummer: A15-03705. Steller: M. Stel Afdeling: Griffie Telefoon: 0320-278450 E-mail: m.stel@lelystad.nl

Voorstel aan de raad. Nummer: A15-03705. Steller: M. Stel Afdeling: Griffie Telefoon: 0320-278450 E-mail: m.stel@lelystad.nl Vrstel aan de raad Nummer: A15-03705 Steller: M. Stel Afdeling: Griffie Telefn: 0320-278450 E-mail: m.stel@lelystad.nl Punt 8 van de agenda vr de vergadering van 10 februari 2015. Onderwerp: Gedragscde

Nadere informatie

INVESTEREN IN EXCELLEREN. Energiefonds Brabant. Marktconform investeren in duurzame energie

INVESTEREN IN EXCELLEREN. Energiefonds Brabant. Marktconform investeren in duurzame energie INVESTEREN IN EXCELLEREN Energiefnds Brabant Marktcnfrm investeren in duurzame energie Integrale dienstverlening Missie BOM: kansen creëren vr Brabant dr het versterken van de ecnmische grei- en innvatiekracht

Nadere informatie

Jaarverslag Cliëntenraad. Juvans Maatschappelijk Werk en Dienstverlening

Jaarverslag Cliëntenraad. Juvans Maatschappelijk Werk en Dienstverlening Jaarverslag 2014 Cliëntenraad Juvans Maatschappelijk Werk en Dienstverlening 2 Vrwrd Gewaardeerde lezer, Hierbij bieden we u het jaarverslag 2014 aan. Vr de cliëntenraad is het een interessant jaar geweest.

Nadere informatie

Meerjarenbegroting 2013 2016 Stichting Spaarnesant

Meerjarenbegroting 2013 2016 Stichting Spaarnesant Meerjarenbegrting 2013 2016 Stichting Spaarnesant Auteur: Bedrijfsbureau: Jan Aalberts & Jeren van Schagen Vr: Raad van Tezicht Bestuurder Stichting Spaarnesant Lcatie: Haarlem Datum: 31 mei 13 Inhudspgave

Nadere informatie

Bijlage 4. Toetsingskader ontwerp levensloopbestendig Zeist-Oost

Bijlage 4. Toetsingskader ontwerp levensloopbestendig Zeist-Oost Bijlage 4 Tetsingskader ntwerp levenslpbestendig Zeist-Ost 1. Opzet Het tetsingskader Levenslpbestendig Zeist-Ost bestaat uit een aantel nderdelen. Een algemeen deel gaat ver de levenslpbestendige wijk:

Nadere informatie

Plan van Aanpak vervolg verbetering samenwerking Meerlanden

Plan van Aanpak vervolg verbetering samenwerking Meerlanden Plan van Aanpak vervlg verbetering samenwerking Meerlanden Aan: gemeenten Aalsmeer, Blemendaal, Diemen, Haarlemmerliede & Spaarnwude, Haarlemmermeer, Heemstede, Hillegm, Lisse en Nrdwijkerhut en Meerlanden

Nadere informatie

Duurzaam inzetbaar in een vitale organisatie

Duurzaam inzetbaar in een vitale organisatie Duurzaam inzetbaar in een vitale rganisatie Vitaliteit en bevlgenheid vrmen sleutelbegrippen vr het ptimaal en duurzaam inzetten van medewerkers. Vitale medewerkers bruisen van energie, velen zich fit

Nadere informatie

6. Opleidingskader voor de procesopleiding Informatiemanagement

6. Opleidingskader voor de procesopleiding Informatiemanagement 6. Opleidingskader vr de prcespleiding Infrmatiemanagement In het prject GROOTER wrden nder andere een aantal pleidingskaders ntwikkeld vr prcessen nder Bevlkingszrg. Hiernder wrdt het pleidingskader vr

Nadere informatie

LOGBOEK van: klas: 1

LOGBOEK van: klas: 1 LOGBOEK van: klas: 1 Inhudspgave Inleiding en inhud van het lgbek Wat is de maatschappelijke stage? Delen van de maatschappelijke stage Waar de je maatschappelijke stage? Kaders waarbinnen de maatschappelijke

Nadere informatie

Pedagogische Civil Society

Pedagogische Civil Society Pedaggische Civil Sciety Nieuwkmer in het cntinuüm van pvedndersteuning? 4 juni 2010 Drs. Cécile Winkelman Irene Sies, MSc Welkm Drs. Cécile Winkelman Irene Sies, MSc Werkzaam bij SO&T: kwaliteit in Opveden

Nadere informatie

Bestaat er een economische en/of organisatorische eenheid met andere bedrijven? Zo ja, graag nadere informatie waaronder een organogram.

Bestaat er een economische en/of organisatorische eenheid met andere bedrijven? Zo ja, graag nadere informatie waaronder een organogram. Aanvraagfrmulier Berepsaansprakelijkheidsverzekering algemeen 1. Verzekeringnemer Naam bedrijf:.... Crrespndentieadres:... Pstcde en plaats:... Cntactpersn:... man vruw E-mail cntactpersn:.. Rechtsvrm:.

Nadere informatie

ALGEMENE VOORWAARDEN

ALGEMENE VOORWAARDEN ALGEMENE VOORWAARDEN VisumPr B.V., Raamweg 1, 2596 HL, Den Haag Artikel 1. Definities In deze algemene vrwaarden wrden de vlgende definities tegepast: Opdrachtgever: de wederpartij van VisumPr B.V. VisumPr:

Nadere informatie

Ter vergelijking met de MJA3-doelstelling worden de indices voor productieproces, keten en duurzame energie gesommeerd.

Ter vergelijking met de MJA3-doelstelling worden de indices voor productieproces, keten en duurzame energie gesommeerd. MJA3 cnvenant Methdiek energieefficiency Alle inspanningen van bedrijven gericht p energiebesparing in het prductieprces en in de keten en met het g p de inzet van duurzame energie, wrden gehnreerd: zij

Nadere informatie

Schade protocol Zuiderpark Stadswalzone

Schade protocol Zuiderpark Stadswalzone Schade prtcl Zuiderpark Stadswalzne Gemeente s-hertgenbsch december 2012 Schadeprtcl Zuiderpark - Stadswalzne In dit dcument staat he de gemeente s-hertgenbsch mgaat met schadeclaims. Het is er p gericht

Nadere informatie

Vlaams Audiovisueel Fonds. Prioriteitennota voor de selectie van. documentaires

Vlaams Audiovisueel Fonds. Prioriteitennota voor de selectie van. documentaires Vlaams Audivisueel Fnds Pririteitennta vr de selectie van dcumentaires 1. Inleiding Vr een ged begrip is het belangrijk deze pririteitennta ged te situeren in het parcurs dat dssiers in het Fnds drlpen:

Nadere informatie

Resultaten openbare marktconsultatie. Verkoop klooster Groot Bijstervelt Gemeente Oirschot. BIZOB-2011-SK-OIR-010 CONCEPT 19 april 2012

Resultaten openbare marktconsultatie. Verkoop klooster Groot Bijstervelt Gemeente Oirschot. BIZOB-2011-SK-OIR-010 CONCEPT 19 april 2012 Resultaten penbare marktcnsultatie Verkp klster Grt Bijstervelt Gemeente Oirscht BIZOB-2011-SK-OIR-010 CONCEPT 19 april 2012 1. Inleiding 1.1 Aanleiding De gemeente Oirscht is sinds nvember 2009 eigenaar

Nadere informatie

Subsidietoetsingskader VVE gemeente Raalte 2015. Doelstelling subsidie:

Subsidietoetsingskader VVE gemeente Raalte 2015. Doelstelling subsidie: Subsidietetsingskader VVE gemeente Raalte 2015 Delstelling subsidie: Op grnd van de Wet OKE (Ontwikkelingskansen dr kwaliteit en educatie zijn gemeenten verantwrdelijk vr de Vrschlse educatie. Gemeenten

Nadere informatie

Leiderschap@ socmut. Ontwikkelen van leiderschapskwaliteiten in tijden van organisatieverandering. Nationaal Verbond Van Socialistische Mutualiteiten

Leiderschap@ socmut. Ontwikkelen van leiderschapskwaliteiten in tijden van organisatieverandering. Nationaal Verbond Van Socialistische Mutualiteiten Natinaal Verbnd Van Scialistische Mutualiteiten Wuter Rbijn Heidi De Backer Lizzy Knings Anneleen De Beck Franky Aneca Leiderschap@ scmut Ontwikkelen van leiderschapskwaliteiten in tijden van rganisatieverandering

Nadere informatie

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. fh grningen bezekadres: Martinikerkhf 12 Aan Prvinciale Staten pstadres: Pstbus 610 9700 AP Grningen lïwywftgprgymc algêrnéen telefnnr: algerneen faxnr.: OSO 316 49 II OSO 316 49 33 Datum Briefnummer Zaaknummer

Nadere informatie

Veel gestelde vragen huurbeleid 18 oktober 2012

Veel gestelde vragen huurbeleid 18 oktober 2012 Veel gestelde vragen huurbeleid 18 ktber 2012 Algemeen: 1. Waarm kmt er een nieuw huurbeleid? Een aantal ntwikkelingen heeft ervr gezrgd dat wij ns huurbeleid hebben aangepast. Deze ntwikkelingen zijn:

Nadere informatie

Stichting de Wielborgh Wonen, zorg en welzijn. Van harte welkom. Training Meten moet! Casper van der Most

Stichting de Wielborgh Wonen, zorg en welzijn. Van harte welkom. Training Meten moet! Casper van der Most Stichting de Wielbrgh Wnen, zrg en welzijn Van harte welkm Training Meten met! Casper van der Mst Stichting de Wielbrgh Wnen, zrg en welzijn Prfessinele rganisatie Meten Analyseren Plannen Verbeteren Reviews

Nadere informatie

HERSTELPLAN Bachelor in de Vroedkunde Vives Noord, campus Brugge

HERSTELPLAN Bachelor in de Vroedkunde Vives Noord, campus Brugge 1 HERSTELPLAN Bachelr in de Vredkunde Vives Nrd, campus Brugge INLEIDING Op basis van de externe berdeling die p 21 en 22 maart 2013 heeft plaatsgevnden, heeft de pleiding Vredkunde p 18 nvember 2013 het

Nadere informatie

Kredietkansen voor (startende) ondernemers.

Kredietkansen voor (startende) ondernemers. Kredietkansen vr (startende) ndernemers. Als ndernemer kan het zijn dat u m uw drmen te verwezenlijken ver nvldende middelen beschikt. Er is geld ndig! Vr startende ndernemers zijn er verschillende mgelijkheden

Nadere informatie

Kwaliteit van de arbeid van kamermeisjes

Kwaliteit van de arbeid van kamermeisjes HIER FOTO INVOEGEN BREEDTE 210mm x HOOGTE 99mm Kwaliteit van de arbeid van kamermeisjes Samengevat 2011 Guidea - Kenniscentrum vr Terisme en Hreca vzw Deze infrmatie werd met de grtste zrg samengesteld.

Nadere informatie

Uitvoeringsconvenant Binnenstad Den Haag 2014-2018

Uitvoeringsconvenant Binnenstad Den Haag 2014-2018 Uitveringscnvenant Binnenstad Den Haag 2014-2018 De partijen 1. Den Haag, vertegenwrdigd dr de wethuder CBI 2. Stichting Binnenstad Den Haag, vertegenwrdigd dr de vrzitter van de Stichting Binnenstad Den

Nadere informatie

Registratie na opleiding in het buitenland

Registratie na opleiding in het buitenland Registratie na pleiding in het buitenland Beleidsregel Uitwerking van de bepalingen inzake de registratie als verpleegkundig specialist na het vlgen van een pleiding in het buitenland, zals vastgelegd

Nadere informatie

Protestantse Gemeente Appingedam Diaconie

Protestantse Gemeente Appingedam Diaconie Prtestantse Gemeente Appingedam Diacnie Beleidsplan diacnie Prtestantse Gemeente Appingedam 2010 2014 - versie 2011 Inleiding Vr u ligt het beleidsplan van de diacnie. Dit beleidsplan is nderdeel van het

Nadere informatie

REGLEMENT VAN ORDE van de GEBRUIKERSGROEP met betrekking tot het IWT VIS Traject RenoFase (IWT 120784)

REGLEMENT VAN ORDE van de GEBRUIKERSGROEP met betrekking tot het IWT VIS Traject RenoFase (IWT 120784) REGLEMENT VAN ORDE van de GEBRUIKERSGROEP met betrekking tt het IWT VIS Traject RenFase (IWT 120784) Bvengenemd prject kadert in een prgramma dat de inrichting van een gebruikersgrep dr de ntvanger van

Nadere informatie

Checklist Veranderaanpak Inhoud en Proces

Checklist Veranderaanpak Inhoud en Proces list Veranderaanpak Inhud en Prces AdMva 2011 www.admva.nl www.arbcatalgusvvt.nl list Veranderaanpak Inhud en Prces www.arbcatalgusvvt.nl Clfn Sturen p Werkdrukbalans en Energie AdMva 2011 Erna van der

Nadere informatie

Het Nieuwe Werken: hieperdepiep hoera? De rol van de OR bij de invoering van Het Nieuwe Werken

Het Nieuwe Werken: hieperdepiep hoera? De rol van de OR bij de invoering van Het Nieuwe Werken Het Nieuwe Werken: hieperdepiep hera? De rl van de OR bij de invering van Het Nieuwe Werken De kans is grt dat er in uw rganisatie al wrdt gesprken ver de invering van Het Nieuwe Werken. En z niet, dan

Nadere informatie

OO: het aanbod lokale, seizoen- en bio producten in de distributiesector vergroten

OO: het aanbod lokale, seizoen- en bio producten in de distributiesector vergroten OO: het aanbd lkale, seizen- en bi prducten in de distributiesectr vergrten Onder 'distributiesectr' verstaat men alle handelszaken van het intermediaire aanbd (grthandel) en het eindaanbd (grtdistributie,

Nadere informatie

ARBOBELEIDSPLAN. voor de stichting PCBO BAARN SOEST

ARBOBELEIDSPLAN. voor de stichting PCBO BAARN SOEST ARBOBELEIDSPLAN vr de stichting PCBO BAARN SOEST Inhudspgave 1. Uitgangspunten Arbbeleid in essentie Preventieve zrg Arbdienst 2. Organisatie Arbcmmissie Arbcördinatr Bedrijfshulpverlening 3. Risic-inventarisatie

Nadere informatie

Bij leefbaarheid gaat het er om hoe mensen hun omgeving ervaren en beoordelen.

Bij leefbaarheid gaat het er om hoe mensen hun omgeving ervaren en beoordelen. 1 Leefbaarheid is een belangrijk, z niet hét thema van de laatste jaren. De wnmgeving wrdt vr mensen steeds belangrijker vr de ervaren wn. Ok vanuit het perspectief van sciale chesie, veiligheid en sciaal-ecnmische

Nadere informatie

NTA 8009:2007. Veiligheidsmanagementsysteem voor ziekenhuizen en instellingen die ziekenhuiszorg verlenen

NTA 8009:2007. Veiligheidsmanagementsysteem voor ziekenhuizen en instellingen die ziekenhuiszorg verlenen NTA 8009:2007 Veiligheidsmanagementsysteem vr ziekenhuizen en instellingen die ziekenhuiszrg verlenen Unifrm en inzichtelijk veiligheidsmanagementsysteem Openheid ver patiëntveiligheid Basis vr interne

Nadere informatie

- Bedrijfsvermeldingen, Key-accounts & andere advertentiemogelijkheden -

- Bedrijfsvermeldingen, Key-accounts & andere advertentiemogelijkheden - - Bedrijfsvermeldingen, Key-accunts & andere advertentiemgelijkheden - Dr: VvE Media B.V. Versie: 2.1 Datum: 7 mei 2015 Cntactpersn: Dhr. R.H.P. van der Vssen inf@nederlandvve.nl www.nederlandvve.nl ABN

Nadere informatie

Analytische boekhouding

Analytische boekhouding Analytische Bekhuding Analytische bekhuding 1 Vrbereiding... 2 1.1 Dssier instellingen... 2 1.2 Analytische rekeningen maken... 3 2 Analytisch beken... 4 2.1 Kppeling... 5 2.2 Bekingsvrstellen (mdellen)...

Nadere informatie

Inkoop- en aanbestedingsbeleid Energiefonds Overijssel

Inkoop- en aanbestedingsbeleid Energiefonds Overijssel Inkp- en aanbestedingsbeleid Energiefnds Overijssel 2013 Inhudspgave 1 Inleiding 3 2 Het beleid 4 2.1 Rechtmatigheidsthema's 4 Prcedures 4 Meerwerk en herhalingspdrachten 4 2B-diensten 5 Integriteit 5

Nadere informatie