DE TV-SPORTJOURNALISTIEK IN VLAANDEREN DOORGELICHT:

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "DE TV-SPORTJOURNALISTIEK IN VLAANDEREN DOORGELICHT:"

Transcriptie

1 KATHOLIEKE UNIVERSITEIT LEUVEN FACULTEIT SOCIALE WETENSCHAPPEN OPLEIDING COMMUNICATIEWETENSCHAPPEN DE TV-SPORTJOURNALISTIEK IN VLAANDEREN DOORGELICHT: DE EVOLUTIE EN PROFESSIONALISERING VAN EEN BEROEPSGROEP Onderzoek aan de hand van kwalitatieve diepte-interviews Promotor : Prof. Dr. L. D' HAENENS Verslaggever : M. OPGENHAFFEN VERHANDELING aangeboden tot het verkrijgen van de graad van Licentiaat in de Communicatiewetenschappen door Sofie VANDEWEERD academiejaar

2 DEEL 1: LITERATUURSTUDIE Lijst van tabellen 4 Lijst van afkortingen 5 Voorwoord 6 Inleiding 7 1. Journalistiek: algemeen Inleiding Deontologie in de journalistiek Verklaring der plichten van de journalist Verklaring der rechten van de journalist Code van de Journalistieke beginselen De beroepsjournalist Beroepsverenigingen Sportjournalistiek Inleiding De TV-sportjournalist Een blik op de sportjournalistiek Fundamenten Toenemende professionalisering van de sportjournalistiek Journalistieke opleidingen in Vlaanderen Inleiding Opleidingen Journalistieke opleidingen in Nederland Korte geschiedenis Opleidingen Besluit Sport en televisie Inleiding De relatie tussen sport en media in de Vlaamse omroepcontreien Uitzendrechten Inleiding Wijziging televisierichtlijn Sportrechten in Vlaanderen 39 2

3 De European Broadcasting Union Eurovisie Sport op televisie in Vlaanderen Sporza Sportprogramma s op de VRT Sportprogramma s op VTM Sport op televisie in Nederland Talpa Sportrechten Vergelijking Vlaanderen-Nederland Digitalisering en betaaltelevisie in Vlaanderen Inleiding Digitale televisie in Vlaanderen: aanbieders Belgacom Sport tegen betaling bij Belgacom TV Telenet Sport tegen betaling bij Telenet Toekomstperspectieven van sport tegen betaling Naar een ander publiek? Inleiding De metamorfose van het mediapubliek Toekomstige trends Onderscheidende kwaliteit Inleiding Wat is kwaliteit? 60 DEEL 2: PRAKTIJKONDERZOEK 1. Methode van onderzoek De geïnterviewde TV-sportjournalisten Profiel van de TV-sportjournalisten Interviewvragen Algemene vragen ter introductie Specifieke vragen voor de gefundeerde theoriebenadering 67 3

4 1.3. Verwerking van de antwoorden op de algemene vragen Methode voor de specifieke vragen: de gefundeerde theorievorming Analyse van de diepte-interviews Analyse van de interviewvragen Analyse van de antwoorden op de algemene vragen Analyse van de antwoorden op de specifieke vragen aan de 76 hand van de gefundeerde theorievorming Sportjournalistiek als buitenbeentje Deontologie in de TV-sportjournalistiek Sport op televisie tegen betaling Vermarkting, kwaliteit en kijkcijfers Belangrijkste ontwikkelingen in de 88 TV-sportjournalistiek 3. Algemeen besluit 92 Referenties 95 Bijlage 1: Data van de afgenomen diepte-interviews 99 Bijlage 2: Uitgeschreven diepte-interviews met sportjournalisten van de VRT 100 Bijlage 3: Uitgeschreven diepte-interviews met sportjournalisten van VTM 131 4

5 Lijst van tabellen Tabel 1: Verklaring der plichten van de journalist 10 Tabel 2: Verklaring der rechten van de journalist 11 Tabel 3: Begrippenapparaat van de journalistieke beginselen Tabel 4: Professionele criteria voor kwaliteitstelevisie 61 Tabel 5: Profiel van de geïnterviewde sportjournalisten 64 5

6 Lijst van afkortingen AJP AVBB BAMA BJ BVDU DAB EBU EK FNJ HBO idtv IFJ IOC MA NFIW NMBS NOS NTS OIRT RTL VRT VTM VVJ WK WO Association de Journalistes Professionnels Algemene Vereniging van Beroepsjournalisten in België Bachelor-Master Bachelor of Journalism Belgische Vereniging van Dagbladuitgevers Digital Audio Broadcasting European Broadcasting Union Europees Kampioenschap Federatie van Nederlandse Journalisten Hoger Beroepsonderwijs interactive Digital Television Internationale Federatie van Journalisten Internationaal Olympisch Comité Master of Arts Nationale Federatie van Informatieweekbladen Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen Nederlandse Omroep Stichting Nederlandse Televisie Stichting Organisation Internationale de Radiodiffusion et de Télévision Radio Télévision Luxembourg Vlaamse Radio- en Televisieomroep Vlaamse Televisiemaatschappij Vlaamse Vereniging van Beroepsjournalisten Wereldkampioenschap Wetenschappelijk Onderwijs 6

7 Voorwoord Deze thesis is de afronding van mijn studies in Leuven. Omdat er verschillende factoren zijn die ervoor gezorgd hebben dat die vier jaren een succes werden, wil ik hiervoor graag een aantal mensen bedanken. Ten eerste gaat mijn oprechte dank uit naar mijn ouders. Het is dankzij hen dat ik deze studies kon volgen en ik wil hen dan ook bedanken voor alles wat ze al die jaren voor mij gedaan hebben. Specifiek voor deze eindverhandeling wil ik graag een bedankwoord richten tot mijn promotor, professor Leen d' Haenens. Zij heeft me altijd verder op weg geholpen met allerlei aanwijzingen en nuttige tips en is me blijven ondersteunen en motiveren om mijn eindverhandeling tot een goed einde te brengen. Verder wil ik ook alle sportjournalisten van Sporza VRT en van de sportredactie van VTM bedanken die bereid waren tot een interview. Zonder hun hulp was deze thesis nooit tot stand gekomen. Ten slotte ben ik ook mijn vrienden en medestudenten heel dankbaar voor vier zeer mooie jaren in Leuven. Het was een geweldige tijd, boordevol onvergetelijke ervaringen. 7

8 Inleiding Een goede sportjournalist moet voor ogen houden dat sport de belangrijkste bijzaak ter wereld is (De Vriese, ). Dit citaat van Geert De Vriese, de chef van de sport in het journaal op de VRT, zegt veel over het belang van sport in onze maatschappij. Sport is en blijft een publiekstrekker en een sportjournalist moet dat inzien en daar rekening mee houden. Wie vandaag een krant doorbladert, kan dan ook niet meer om de uitgebreide sportrubriek heen. Ook de zappende televisiekijker belandt vaak midden in een spannende voetbal- of andere sportwedstrijd. De sportactualiteit wordt door de media uitvoerig behandeld. De voetballiefhebber wordt overstelpt met live uitzendingen. De openbare omroep schotelt de wielerfan steeds meer rechtstreekse koersverslagen voor en ook andere sporttakken vinden, zij het in mindere mate, regelmatig de weg naar het televisiescherm. Naast de geschreven pers en de audiovisuele media bevat ook het Internet een ruim aanbod sportinformatie. Deze feiten tonen aan dat sport een belangrijke positie heeft ingenomen in de hedendaagse media (Dérèze, 2000, pp. 7-11). Het is dan ook interessant deze ontwikkeling van naderbij te analyseren. Het doel van mijn eindverhandeling is een blik te werpen op de sportjournalistiek in de audiovisuele media, meer specifiek op televisie. Enerzijds heb ik voor dit medium gekozen omdat er de voorbije jaren al ruime aandacht is besteed in Leuvense licentiaatsverhandelingen aan sportjournalistiek in de geschreven pers. Anderzijds heb ik voor televisie gekozen omwille van de sterkte van het medium zelf. Televisie biedt immers talrijke mogelijkheden om de vele kijkers visueel te informeren en te vermaken. De motivering achter de keuze van mijn onderwerp, de professionalisering van de TV-sportjournalistiek in Vlaanderen, is te zoeken in mijn persoonlijke interessesfeer. Ik heb zelf al verschillende sporttakken beoefend en actief aan sport doen is dan ook al jarenlang een tijdrovende hobby. Daarnaast gaat mijn interesse al geruime tijd uit naar de journalistieke professie en ik wou dan ook graag meer informatie over het beroep inwinnen. 8

9 Vlaanderen staat in mijn eindverhandeling centraal, maar ik zal ook hier en daar enkele ontwikkelingen in Nederland er bij betrekken. Het is interessant om hier even bij stil te staan omdat we op die manier, vanuit een vergelijkend perspectief, een beeld kunnen schetsen van de stand van zaken in Vlaanderen. Het is dus hoofdzakelijk de bedoeling om een aantal evoluties van de voorbije jaren in de TV-sportjournalistiek in Vlaanderen te analyseren en te kijken of er sprake is van meer professionalisering. Er zijn verschillende factoren en ontwikkelingen die van een vak een professie maken. Steeds terugkerende maatstaven bij de afweging in hoeverre de (sport)journalistiek een professie is, zijn (Paulussen, 2004, p. 105): het bestaan van een geheel van theoretische kennis die verworven wordt door een specifieke academische opleiding; een zekere institutionalisering via (een) beroepsvereniging(en); de vorming van eigen ethische gedragscodes; een hoge mate van autonomie, die zich onder meer uit in zelfcontrole en zelfregulering; een min of meer gedeelde ideologie, een geheel van opvattingen en attitudes die de beroepsbeoefenaars gemeenschappelijk hebben. Naast een kijk op het proces van professionalisering zou ik de sportjournalistiek willen plaatsen binnen de algemene journalistiek, ondanks het feit dat ze bekend staat als een buitenbeentje. In het bijzonder zou ik willen nagaan wat het specifieke aandeel is en wat nu precies de verdienste en waardering is van de sportjournalistiek. Meer specifiek tracht ik hierbij een antwoord te vinden op de vraag: wat is de status van de sportjournalistiek binnen de algemene journalistiek? In het eerste hoofdstuk bespreken we eerst een aantal deontologische regels die gelden binnen de algemene journalistiek. Vervolgens gaan we in het tweede hoofdstuk dieper in op de sportjournalistiek zelf. In het derde en vierde hoofdstuk zal de relatie tussen sport en de media besproken worden, alsook de opkomst van digitale en betaaltelevisie en de toekomstige rol van sport daarin. Ook de veranderingen die daarmee gepaard gaan voor het publiek komen aan bod. In het tweede gedeelte zullen de diepte-interviews met de sportjournalisten geanalyseerd worden en zullen we proberen aan de hand daarvan een antwoord te formuleren op de verschillende vragen omtrent de evolutie en professionalisering van de TV-sportjournalistiek in Vlaanderen. 9

10 DEEL 1: LITERATUURSTUDIE 1. Journalistiek: algemeen 1.1. Inleiding De journalistiek is, gelet op haar maatschappelijke rol, een bijzonder beroep. Vaak wordt ze aangeduid als de vierde macht of 'de waakhond van de democratie' (Bardoel, 1993, p. 68). Over de beroepsethiek van de journalist mag dan ook geen misverstand bestaan en hieromtrent moeten er duidelijke regels gelden. Zoals voor elke beroepsgroep zijn er dan ook minimumregels voor behoorlijk professioneel gedrag waaraan journalisten zich dienen te houden Deontologie in de journalistiek In een democratie hoort vrijheid van meningsuiting. Dit recht omvat de vrijheid een mening te koesteren en de vrijheid om inlichtingen of denkbeelden te ontvangen of door te geven zonder inmenging van overheidswege en ongeacht grenzen (Suèr, 1980, p. 38). Het recht op informatie, op vrije meningsuiting en op kritiek is één van de fundamentele vrijheden van elk menselijk wezen. Uit dit recht van het publiek om de feiten en de opinies te kennen, vloeit het geheel van de rechten en plichten van de journalistiek voort. In 1954 is de Internationale Code van Bordeaux ontwikkeld. Dit is een code die is opgesteld door de verschillende Europese journalistenbonden en vakorganisaties (Van Dijck, Greven, Schuijt & Snijders, 1995, p. 34). Deze internationale verklaring is wereldkundig gemaakt als een standaard van beroepsgedrag door journalisten in hun werkzaamheid van het bijeenbrengen, verzenden, verspreiden en commentariëren van nieuws en inlichtingen en in het beschrijven van gebeurtenissen (Brewaeys, Voets & Voorhoof, 2005, p. 225). 10

11 Deze Code is aanvaard te München op 24 en 25 november 1971 door de afgevaardigden van de journalistenvakbonden van de toen nog zes lidstaten van de Europese Gemeenschap. Vervolgens is deze verklaring goedgekeurd door de Internationale Federatie van Journalisten op het Congres van Istanboel in 1972 (Brewaeys e.a., 2005, p. 227) Verklaring der plichten van de journalist Deze plichten kunnen slechts worden nagekomen bij de uitoefening van het beroep als journalist indien de concrete voorwaarden tot de onafhankelijkheid en tot de waardigheid van het beroep verwezenlijkt worden. (Brewaeys e.a., 2005, p. 227). Tabel 1: Verklaring der plichten van de journalist 1. De waarheid eerbiedigen, welke ook de gevolgen ervan mogen zijn. Dit vloeit voort uit het recht van het publiek om de waarheid te kennen; 2. De journalist moet de vrijheid van informatie, van commentaar en van kritiek verdedigen; 3. Men mag alleen informatie publiceren waarvan de oorsprong gekend is en men mag geen essentiële informatie schrappen, noch teksten of documenten verdraaien; 4. Er mogen geen oneerlijke methodes gebruikt worden om informatie, foto's en documenten te bekomen; 5. De journalist moet er zich toe verplichten het privé-leven van de personen te eerbiedigen en elke gepubliceerde informatie moet zo snel mogelijk worden rechtgezet indien deze onjuist is gebleken; 6. Het beroepsgeheim moet bewaard worden en de herkomst van de bekomen vertrouwelijke informatie mag niet verspreid worden; 7. Men mag zich niet overgeven aan plagiaat, laster, eerroof en beschuldigingen zonder grond en men mag geen voordelen in ontvangst nemen voor het al dan niet publiceren van informatie; 8. Nooit mag men het vak van journalist verwarren met dit van reclameman of van propagandist en geen enkele rechtstreekse of onrechtstreekse instructie in ontvangst nemen van adverteerders; 11

12 9. Men moet elke drukking weigeren en slechts redactionele richtlijnen aanvaarden van de redactieverantwoordelijken. (Bron: Brewaeys e.a., 2005, pp ) Elke journalist die naam waardig, moet het als een plicht zien om de hierboven aangehaalde principes strikt na te leven en bovendien het recht van kracht in ieder land te erkennen (Brewaeys e.a., 2005, p. 228) Verklaring der rechten van de journalist Deze verklaring bevat vijf belangrijke elementen waarop iedere journalist recht heeft. De verklaring luidt als volgt: Tabel 2: Verklaring der rechten van de journalist 1. De journalisten eisen vrije toegang tot alle informatiebronnen, evenals het recht vrijuit opzoekingen te mogen uitvoeren naar alle feiten die het openbare leven kunnen beïnvloeden. Het geheim van de staats- en privé-belangen kan niet tegen de journalist ingeroepen worden, tenzij uitzonderlijk op grond van helder omschreven redenen; 2. De journalist heeft het recht elke ondergeschiktheid te weigeren die in strijd zou zijn met de algemene lijn van het informatieorgaan waaraan hij meewerkt zoals deze schriftelijk werd vastgelegd in zijn contract van indienstneming. Deze weigering geldt ook voor elke ondergeschiktheid die niet duidelijk met deze algemene lijn overeenkomt; 3. De journalist kan niet verplicht worden een beroepsdaad te stellen of een opinie uit te drukken die strijdig is met zijn overtuiging of met zijn geweten; 4. De redactionele ploeg moet verplichtend ingelicht worden over elke belangrijke beslissing die het leven van de onderneming zou kunnen beïnvloeden. Dit houdt in geraadpleegd worden, voor de definitieve beslissing, over elke maatregel met betrekking tot de samenstelling van de redactie zoals aanwerving, ontslag, overplaatsing en bevordering van journalisten; 5. Wegens zijn functie en zijn verantwoordelijkheid heeft de journalist niet alleen het recht op de voordelen van de collectieve overeenkomsten, maar ook op een persoonlijk contract dat de materiële en morele veiligheid van zijn werk verzekert. Dit contract moet aan de journalist een 12

13 bezoldiging toekennen die in overeenstemming is met zijn sociale rol en die voldoende is om zijn economische onafhankelijkheid te waarborgen. (Bron: Brewaeys e.a., 2005, p. 228) Code van de Journalistieke beginselen Naast deze Verklaring van de plichten en de rechten van de journalist is er ook nog de Code van de Journalistieke Beginselen. Deze Code werd in 1982 aangenomen door de Algemene Vereniging van Beroepsjournalisten in België (AVBB), de Belgische Vereniging van Dagbladuitgevers (BVDU) en de Nationale Federatie van Informatieweekbladen (NFIW). Ze had als doel om bij te dragen aan het behoud van de integriteit en de vrijheid van de pers. Het begrippenapparaat van de journalistieke beginselen bestaat uit twaalf items (Brewaeys e.a., 2005, p. 229). Tabel 3: Begrippenapparaat van de journalistieke beginselen 1. De persvrijheid De persvrijheid is de voornaamste waarborg voor de vrijheid van meningsuiting zonder welke de bescherming van de andere fundamentele burgerrechten niet kan gewaarborgd worden. De pers moet het recht hebben ongehinderd gegevens te verzamelen en informatie en commentaren te publiceren teneinde de vorming van de publieke opinie te verzekeren. 2. De feiten De feiten moeten onpartijdig verzameld en weergegeven worden. 3. Onderscheid tussen informatie en commentaar Het onderscheid tussen de weergave van de feiten en de commentaren moet duidelijk merkbaar zijn. Dit principe mag geen beperking vormen voor de krant om haar eigen visie en het standpunt van anderen weer te geven. 4. Respect voor verscheidenheid van opinie De pers erkent en respecteert de verscheidenheid van opinie, zij verdedigt de vrijheid van publicatie van verschillende standpunten. Zij kant zich tegen elke vorm van discriminatie op grond van geslacht, ras, nationaliteit, taal, godsdienst, ideologie, volk, cultuur, klasse of overtuiging in de mate dat de zo beleden overtuigingen niet in conflict komen met het respect voor de fundamentele rechten van de menselijke persoon. 13

14 14

15 5. Respect voor de menselijke waardigheid De uitgevers, de hoofdredacteuren en journalisten moeten de individuele waardigheid en privacy respecteren. Zij moeten iedere ongeoorloofde inmenging in persoonlijke pijn en smart vermijden, tenzij overwegingen in verband met de persvrijheid zoals onder artikel 1 bepaald, dit noodzakelijk maakt. 6. Voorstellen van geweld De misdaden, het terrorisme en andere daden van wreedheid en onmenselijkheid mogen niet geroemd worden. 7. Rechtzetting van foutieve informatie Feiten en informatie die na publicatie ervan foutief blijken te zijn, moeten rechtgezet worden en dit zonder beperking, onverminderd de wettelijke beschikkingen inzake het recht op antwoord. 8. Bescherming van informatiebronnen Vertrouwelijke informatiebronnen mogen niet onthuld worden zonder de uitdrukkelijke toelating van de aanbrengers. 9. Geheimhouding De vrijwaring van het geheime karakter in privé- en staatsbelangen, zoals voorzien door de wet, mag de persvrijheid zoals onder artikel 1 bepaald niet aantasten. 10. Rechten van de mens Indien er tegenstelling zou kunnen ontstaan tussen de beoefening van de vrije meningsuiting en andere fundamentele rechten van de mens, moeten uitgevers en hoofdredacteuren op eigen verantwoordelijkheid beslissen aan welk recht voorrang verleend wordt na raadpleging van de betrokken journalisten. 11. Onafhankelijkheid De kranten en journalisten mogen aan geen enkele druk toegeven. 12. Advertenties De advertenties moeten dermate opgemaakt worden dat de lezer ze niet kan verwarren met de berichtgeving. (Bron: Brewaeys e.a., 2005, pp ) 15

16 Omwille van de overzichtelijkheid is het nuttig om journalistieke gedragsregels onder te verdelen in drie categorieën. Dit gebeurt op basis van de relatie van de journalist met de verschillende aspecten van zijn beroep. Ten eerste kent de journalistiek een groot aantal geschreven en ongeschreven regels over de manier waarop wordt omgegaan met bronnen en met de onderwerpen waarover wordt gepubliceerd. Daaronder vallen vragen betreffende bronvermelding, hoor en wederhoor, vermelding van persoonsgegevens, verdachten, minderheden en slachtoffers. Maar ook vragen met betrekking tot privacy, afspraken met informanten en geïnterviewden, kwesties van vertrouwelijke informatie en beroepsgeheim en het (zich laten) betalen voor informatie behoren tot deze eerste categorie. Een tweede categorie betreft de omgang tussen de journalist en zijn beroepsgenoten. Het is noodzakelijk dat deze omgang gebeurt met een zekere eerbied. Journalisten moeten er ook op kunnen vertrouwen dat hun collega s het vak niet in diskrediet brengen. Onder deze categorie vallen onder meer het aanvaarden van geschenken en reizen, betaalde en onbetaalde nevenactiviteiten, belangenconflicten, collegiale verhoudingen en reclame. De derde en laatste categorie betreft de relatie tussen de journalist en de maatschappij als geheel. Hieronder valt het recht op informatie van het publiek, het recht op objectiviteit en op de scheiding van nieuws en commentaar. Bovendien betreft deze categorie de houding tegenover extremisme en geweld, undercoverjournalistiek en afweging van belangen. Een waterdichte scheiding tussen deze categorieën is zo goed als onmogelijk. Bijna alle regels hebben uiteindelijk invloed op de relatie tussen de journalist en de samenleving. (Van Dijck e.a., 1995, pp ). Ruud Stokvis stelt dat in de Nederlandse sportjournalistiek de gebruikelijke journalistieke normen, zoals scheiding van verslaggeving en meningsuiting, hoor en wederhoor en controleerbaarheid van feiten nauwelijks toepasbaar zijn op sportjournalistiek (Stokvis, 2003, p.191). Ook Mertens (2004, pp ) stelt in zijn licentiaatsthesis dat de gebruikelijke normen in de journalistiek, zoals scheiding van verslaggeving en commentaar, controleerbaarheid van de feiten, hoor en wederhoor nauwelijks toepasbaar zijn op de sportjournalistiek. De algemene journalisten hebben de idee dat technische zwakheid, gebrek aan kennis en kunde, onjuistheden en ethische dwalingen inherent zijn aan de sportjournalistiek. Dat komt niet door de maatschappelijke relevantie van 16

17 sportgebeurtenissen, maar wel omdat sport populair is en verkoopt (Van Gompel, 2002, pp ). Bij televisie en radio vertaalt zich dat in kijk- en luistercijfers. Vele journalisten zien zulke gedragscodes ook als een inperking van hun professionele vrijheid en beschouwen deze regels als een belemmering van hun journalistieke handelen. Deze gedragscodes dienen echter in de eerste plaats als kwaliteitsgarantie voor het publiek. De lezers en kijkers willen graag duidelijkheid over de wijze waarop het nieuws tot stand komt en ze willen zekerheid over het gegeven of ze een journalist kunnen vertrouwen. De betrouwbaarheid en de geloofwaardigheid worden bepaald door de wetenschap dat de journalist zich aan de regels van het spel houdt (Van Dijck e.a., 1995, p. 23). We vragen ons in het tweede deel van deze eindverhandeling af in hoeverre deontologische regels van toepassing zijn op het terrein van de sportjournalistiek in Vlaanderen De beroepsjournalist Naast de opstelling en de inachtneming van deontologische regels, is ook het statuut van beroepsjournalist een deel van professionalisering van het journalistieke beroep. Deze ontwikkeling heeft reeds plaats gevonden in de jaren zestig. Journalist is geen wettelijk erkend begrip, laat staan een beschermde titel. Om het even wie kan zich bijgevolg journalist laten noemen. Anders ligt het met de titel 'beroepsjournalist', die sinds de wet van 30 december 1963 wel wettelijk erkend en beschermd is. Alleen wie sinds twee jaar zijn beroep maakt van journalistiek, en dit in een medium dat algemene berichtgeving verstrekt, kan er aanspraak op maken. Met het statuut wilden de toenmalige initiatiefnemers voor professionele journalisten aannemelijke werkvoorwaarden zoals vrijheid van doorgang en sociale leefomstandigheden, waaronder een bijkomend pensioen, realiseren. De titel van beroepsjournalist wordt toegekend door een officiële Erkenningcommissie die evenredig is samengesteld uit mediadirecteuren en beroepsjournalisten zelf. De commissieleden worden bij Koninklijk Besluit benoemd. De Erkenningcommissie omvat een Nederlandstalige en een Franstalige afdeling. Het eigenzinnige, zelfregulerende concept van de Erkenningcommissie levert tot op vandaag inspiratie in 17

18 het buitenland. Wie de titel van 'beroepsjournalist' voert zonder daartoe gerechtigd te zijn, riskeert een fikse geldboete. Wie als beroepsjournalist erkend is, krijgt van het ministerie van Binnenlandse Zaken enkele identificatiedocumenten. Het meest gebruikte document is een geplastificeerde kaart, een zogenaamde macaron, die ook als doorgangsbewijs geldt. De documenten vergemakkelijken het journalistieke werk aanzienlijk. Daarnaast kunnen beroepsjournalisten ook aanspraak maken op substantiële voorzieningen die in collectieve arbeidsovereenkomsten of in specifieke conventies opgenomen zijn. Beroepsjournalisten die in vast dienstverband werken, ontvangen bijna een derde meer dan het normale wettelijke pensioen van journalisten. Ten slotte kunnen ze ook aanspraak maken op enkele aanzienlijke prijskortingen, onder meer bij de NMBS, De Lijn en Virgin Express. Het aantal erkende journalisten is sinds het begin ononderbroken aan het stijgen. Deze erkenning duidt alleszins op een professionalisering van het journalistieke beroep ( De Beroepsjournalist, 2000). Alle tien de sportjournalisten die in vast dienstverband werken bij de commerciële zender VTM, hebben het statuut van beroepsjournalist (Lanssens, ). Op de openbare omroep zijn zestien van de 29 sportjournalisten die er in vast dienstverband werken, erkend als beroepsjournalist bij sportspress (Paternoster, beroepsleden sportspress, ) Beroepsverenigingen Wie erkend is als beroepsjournalist kan zich aansluiten bij de 'Vlaamse Vereniging van Beroepsjournalisten' (VVJ) en wordt daardoor ook automatisch lid van de Algemene Vereniging van Beroepsjournalisten in België (AVBB). Voor de Franstalige collega's bestaat van in het begin de 'Association de Journalistes Professionnels' (AJP). De drie beroepsunies, de AVBB, de VVJ en de AJP, zijn representatief, aangezien ongeveer tachtig procent van de beroepsjournalisten lid zijn van één van die beroepsunies. De AVBB ontstond in 1978 na het uiteenvallen van de algemene Persbond die journalisten en uitgevers verenigde. De AVBB fuseerde daarna met de Beroepsunie van de Belgische Pers die een syndicale werking had. Sindsdien zijn de krantenuitgevers 18

19 verenigd in de Belgische Vereniging van Dagbladuitgevers (BVDU), met als Vlaamse vertegenwoordiger de Vlaamse dagbladpers. De AVBB is zelf actief in de Internationale Federatie van Journalisten (IFJ), die over heel de wereld zowat journalisten groepeert. AVBB-leden hebben automatisch recht op de internationale perskaart die door de IFJ uitgegeven wordt. De VVJ, de AVBB en de IFJ vertegenwoordigen elk op hun niveau de beroepsjournalisten. Daarbij vervullen ze enkele wettelijke opdrachten, behartigen ze de journalistieke belangen zowel op individueel als op collectief vlak en zorgen ze voor de zelfregulering binnen de beroepsgroep. Op die manier waken ze ook over de kwaliteit van de pers in het algemeen ( De beroepsjournalist, 2000). Daarnaast bestaat er ook nog een Raad voor de Journalistiek. Deze Raad behartigt en verdedigt de journalistieke beroepsethiek, formuleert richtlijnen voor de journalistieke praktijk en behandelt verzoeken die over een journalistieke handeling worden ingediend. De Raad oordeelt per geval en op onaantastbare wijze of de journalistieke beroepsethiek aan de orde is. De Raad voor de Journalistiek kan optreden op verzoek of uit eigen beweging wanneer ze het nodig acht om een bepaalde journalistieke handelwijze te onderzoeken (Brewaeys e.a., 2005, p. 237). 19

20 2. Sportjournalistiek 2.1. Inleiding In het eerste hoofdstuk hebben we besproken dat er in het journalistieke beroep heel wat rechten, plichten en gedragscodes gelden. In dit tweede hoofdstuk gaan we na wat voor iemand de sportjournalist is, en dan meer specifiek de sportjournalist op televisie. We vragen ons af of de taak van een sportjournalist niet meer is dan de sport alleen maar mooi en rooskleurig voor te stellen en ervoor te zorgen dat de sport populair blijft. Dit is vooral een belangrijk gegeven omdat sport interessant is in commercieel opzicht. Volgens de Engelse sportsocioloog David Rowe heerst er binnen de beroepsgroep van de journalisten in het algemeen de idee dat de sportpagina s bol staan van inaccuracy, incompetence, technical weakness and ethical failings (Rowe, 1999, p.42). Toch is sportverslaggeving, naast politieke berichtgeving, de enige vorm van gespecialiseerde journalistiek die dagelijks het televisiejournaal haalt. Verder gaan we kijken hoe de professie de afgelopen decennia geëvolueerd is, zonder daarbij een al te uitgebreide beschrijving te geven van de lange geschiedenis die de sportjournalistiek eigen is. We gaan nader in op wat de fundamenten en functies van de sportjournalistiek zijn en vragen ons ook af hoe kritisch de sportjournalistiek mag of moet zijn. Ten slotte gaan we dieper in op de opleidingen journalistiek die in Vlaanderen en Nederland worden aangeboden, aangezien dit aspect duidt op een verdere professionalisering De TV-sportjournalist Over het beroep van TV-sportjournalist bestaan er een aantal vooroordelen. Vaak ziet men alleen maar de plezante, positieve kanten van het beroep. Voor heel wat mensen lijkt een sportjournalist namelijk het leukste beroep ter wereld te hebben. Men heeft de beste plaatsen in het stadion of op de koers en directe toegang tot de atleten. Daarnaast beschikt de sportjournalist over heel wat achtergrondinformatie om toe te voegen aan het commentaar tijdens een sportwedstrijd. Carl Berteele is in zijn thesis op zoek gegaan naar de specifieke kenmerken van een TV-sportjournalist. Ten eerste zou men als goed sportjournalist heel veel interesse 20

21 moeten hebben voor sport in het algemeen. Verder zou men veel van sport moeten afweten zodat men het reilen en zeilen van de sportwereld kent. Je eigen mening durven zeggen en zorgen voor de nodige praktische ervaring zijn andere belangrijke eigenschappen die een sportjournalist zou moeten bezitten. Specifiek voor een TVsportjournalist zou men ook de moedertaal perfect moeten beheersen en de zaken kritisch kunnen verwoorden. Ten slotte zou men er een korte en vinnige stijl op na moeten houden, aangezien het beeld het belangrijkste element van televisie is (Berteele, 1988, p.71). TV-sportjournalisten kunnen zich voornamelijk bewijzen in rechtstreekse verslagen. Daarin kan men als commentator iets bieden aan de kijkers. Het is immers hun taak om het publiek te blijven boeien bij datgene wat ze onder ogen krijgen. Werken tegen de tijd is een andere factor die onvermijdelijk bij deze beroepscategorie hoort. Daaraan is ook het feit gekoppeld dat TV-sportjournalisten hoofdzakelijk s avonds en in het weekend moeten werken. Tijdstippen waarop vele anderen vrij hebben en zich amuseren. Anderzijds kan deze druk wel stimulerend werken want er is altijd een deadline die gehaald moet worden. Een ander aspect heeft met de technische kant van de journalistieke professie te maken. Het kan gebeuren dat men op het laatste ogenblik geen verbinding krijgt of dat de verbinding verbroken wordt. Eveneens kan het gebeuren dat men niet tijdig terug op de redactie geraakt met de nodige informatie. Deze factoren leiden allemaal tot stress die onvermijdelijk hoort bij het beroepsjournalist zijn in het algemeen (Berteele, 1988, p.71). We kunnen dus eigenlijk besluiten dat het niet alleen de sportjournalistiek op zich is die zo stresserend is, maar dat dit ook te maken heeft met het medium televisie zelf. Alles moet snel gebeuren, er bestaat amper een controlemogelijkheid en de techniek laat het soms afweten. Door al deze factoren moeten Tv-sportjournalisten behoorlijk stressbestendig zijn om het werk aan te kunnen. Vooral wanneer het gaat om live uitzendingen is het dus noodzakelijk om niet te snel te panikeren. Sportevenementen die rechtstreeks op antenne worden uitgezonden, kunnen nogal eens onvoorspelbaar zijn. Daarom is het belangrijk dat commentatoren op alles voorbereid zijn. Een TV-sportjournalist moet dus onder druk kunnen werken, flexibel zijn en op gepaste momenten gebruik maken van eerder opgedane ervaring. Dit alles vergt enorm veel inspanning en concentratie. Sportjournalisten mogen dan ook zeker niet als minderwaardig worden beschouwd in vergelijking met andere 'algemene' journalisten. Ze verdienen minstens evenveel respect. 21

De onafhankelijkheid van de geschreven pers (inclusief digitale nieuwsmedia)

De onafhankelijkheid van de geschreven pers (inclusief digitale nieuwsmedia) 1 VLAAMS PARLEMENT --- COMMISSIE MEDIA Hoorzitting 17 maart 2016 De onafhankelijkheid van de geschreven pers (inclusief digitale nieuwsmedia) Bijdrage VVJ Voorafgaande bedenkingen Onafhankelijkheid is

Nadere informatie

Het Wie, Wat en Hoe vanwelzorg in 2012

Het Wie, Wat en Hoe vanwelzorg in 2012 Het Wie, Wat en Hoe vanwelzorg in 2012 En hoe de puzzelstukjes Of hoe de puzzelstukjes precies in elkaar precies passen in elkaar passen Onze Visie Wie we willen zijn in 2012 1 1 Als marktleider in het

Nadere informatie

EUROPESE CENTRALE BANK

EUROPESE CENTRALE BANK NL Deze inofficiële versie van de Gedragscode voor de leden van de Raad van Bestuur dient uitsluitend ter informatie B EUROPESE CENTRALE BANK GEDRAGSCODE VOOR DE LEDEN VAN DE RAAD VAN BESTUUR (2002/C 123/06)

Nadere informatie

Boek I, titel 2 van het Wetboek van economisch recht Hoofdstuk 5. Definities eigen aan boek XIV:

Boek I, titel 2 van het Wetboek van economisch recht Hoofdstuk 5. Definities eigen aan boek XIV: Vrij beroep 1/ België Wet van 15 mei 2014 houdende invoeging van Boek XIV "Marktpraktijken en consumentenbescherming betreffende de beoefenaars van een vrij beroep" in het Wetboek van economisch recht

Nadere informatie

Nieuwsmonitor 10 in de media

Nieuwsmonitor 10 in de media Nieuwsmonitor 10 in de media Mei 2012 VRT en vtm brengen meer buitenlands nieuws Het aandeel buitenlands nieuws in de nieuwsuitzendingen van Eén en vtm is vorig jaar met 6 procent gestegen. Dat blijkt

Nadere informatie

Het Wie, Wat en Hoe van Welzorg

Het Wie, Wat en Hoe van Welzorg Het Wie, Wat en Hoe van Welzorg En op welke wijze wij onze klanten verder willen brengen. Inhoud Onze Visie 4 Onze Missie 6 Onze kernwaarden 8 Onze gedragscode 10 Algemeen 11 Naleving van de wet 11 Medewerkers

Nadere informatie

Master in de journalistiek

Master in de journalistiek BRUSSEL t Master in de journalistiek Faculteit Sociale Wetenschappen Welkom aan de KU Leuven, de grootste en oudste universiteit van België. Je kunt hier je studietraject verderzetten en verrijken, ook

Nadere informatie

1. Soorten wetenschappelijke informatiebronnen

1. Soorten wetenschappelijke informatiebronnen 1. Soorten wetenschappelijke informatiebronnen Wanneer je als student in het hoger onderwijs de opdracht krijgt om te zoeken naar wetenschappelijke informatie heb je de keuze uit verschillende informatiebronnen.

Nadere informatie

DEONTOLOGISCHE CODE BINNENLANDSE ZAKEN. dienstuitoefening externe relaties. verticale relaties. interne relaties. basiswaarden

DEONTOLOGISCHE CODE BINNENLANDSE ZAKEN. dienstuitoefening externe relaties. verticale relaties. interne relaties. basiswaarden DEONTOLOGISCHE CODE dienstuitoefening externe relaties interne relaties verticale relaties basiswaarden FEDERALE OVERHEIDSDIENST BINNENLANDSE ZAKEN De maatschappij is de laatste jaren sterk geëvolueerd

Nadere informatie

Faculteit Rechten. Universiteit Hasselt. Reglement betreffende de bachelorscriptie (derde bachelor rechten)

Faculteit Rechten. Universiteit Hasselt. Reglement betreffende de bachelorscriptie (derde bachelor rechten) Faculteit Rechten Universiteit Hasselt Reglement betreffende de bachelorscriptie (derde bachelor rechten) Versie 25 augustus 2010 Artikel 1: Algemene doelstellingen De bachelorscriptie is een bijzondere

Nadere informatie

Voorwoord 9. Inleiding 11

Voorwoord 9. Inleiding 11 inhoud Voorwoord 9 Inleiding 11 deel 1 theorie en geschiedenis 15 1. Een omstreden begrip 1.1 Inleiding 17 1.2 Het probleem van de definitie 18 1.3 Kenmerken van de representatieve democratie 20 1.4 Dilemma

Nadere informatie

BEROEPSCODE VOOR VEILIGHEIDSKUNDIGEN LEDEN VAN DE NVVK

BEROEPSCODE VOOR VEILIGHEIDSKUNDIGEN LEDEN VAN DE NVVK BEROEPSCODE VOOR VEILIGHEIDSKUNDIGEN LEDEN VAN DE NVVK BEROEPSCODE VOOR VEILIGHEIDSKUNDIGEN LEDEN VAN DE NVVK INHOUD 1 Inleiding 1 2 Definities 2 2.1 Beroepscode 2 2.2 Gevaar 2 2.3 Misstand 2 2.4 Vakbekwaamheid

Nadere informatie

GEDRAGSCODE ( Code of conduct )

GEDRAGSCODE ( Code of conduct ) GEDRAGSCODE ( Code of conduct ) KALB Accountants & Adviseurs Wie zijn wij en waar staan wij voor? Mensen die integriteit, respect en teamwerk laten zien Energieke en enthousiaste mensen die plezier in

Nadere informatie

Het hoger onderwijs verandert

Het hoger onderwijs verandert achelor & master Sinds september 2004 is de hele structuur van het hoger onderwijs veranderd. Die nieuwe structuur werd tegelijkertijd ingevoerd in andere Europese landen. Zo sluiten opleidingen in Vlaanderen

Nadere informatie

Deontologische Code. Deze Deontologische Code is zowel op individuen als op entiteiten die interne auditdiensten verlenen van toepassing.

Deontologische Code. Deze Deontologische Code is zowel op individuen als op entiteiten die interne auditdiensten verlenen van toepassing. Deontologische Code INLEIDING Het doel van de Deontologische Code van het Instituut is het stimuleren van een ethische cultuur binnen het geheel van de professionele uitoefening van interne audit. Interne

Nadere informatie

UNIVERSELE VERKLARING van de RECHTEN van de MENS: De 30 artikelen:

UNIVERSELE VERKLARING van de RECHTEN van de MENS: De 30 artikelen: UNIVERSELE VERKLARING van de RECHTEN van de MENS: De 30 artikelen: Artikel 1 Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten, en behoren

Nadere informatie

Advies- en ingenieursbureaus DEONTOLOGISCHE CODE

Advies- en ingenieursbureaus DEONTOLOGISCHE CODE DEONTOLOGISCHE CODE 1. INLEIDING De gedragscode heeft tot doel: de kwaliteit van de dienstverlening, de onpartijdigheid, de sociale en milieugebonden verantwoordelijkheid, de eerlijke mededinging, de goede

Nadere informatie

Beroepscode Beroepsvereniging van cliëntondersteuners voor mensen met een beperking

Beroepscode Beroepsvereniging van cliëntondersteuners voor mensen met een beperking Beroepscode Beroepsvereniging van cliëntondersteuners voor mensen met een beperking 1 VOORWOORD Met trots presenteert de Beroepsvereniging van cliëntondersteuners voor mensen met een beperking (BCMB) de

Nadere informatie

In artikel 23 van dezelfde wet, worden de onderdelen b), c), d) en f) opgeheven.

In artikel 23 van dezelfde wet, worden de onderdelen b), c), d) en f) opgeheven. HOOFDSTUK 1 Geestelijke gezondheidszorg-beroepen Afdeling 1 Wijziging van de wet van 4 april 2014 tot regeling van de geestelijke gezondheidszorgberoepen en tot wijziging van het koninklijk besluit nr.78

Nadere informatie

Professionalisering. Beroepscode. Datum: 20-11-2013. Versie: 1.0

Professionalisering. Beroepscode. Datum: 20-11-2013. Versie: 1.0 Professionalisering Beroepscode Datum: 20-11-2013 Versie: 1.0 Inhoudsopgave Omschrijvingen... 3 Algemeen... 3 Aspecten met betrekking tot de beroepsuitoefening... 3 Aspecten met betrekking tot de houding

Nadere informatie

SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE

SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs Guimardstraat 1, 1040 Brussel SOCIALE EN BURGERSCHAPSCOMPETENTIE Algemene vorming op het einde van de derde graad secundair onderwijs Voor de sociale

Nadere informatie

OPDRACHTVERKLARING WZC Leiehome (Actualisering 12.06.2015)

OPDRACHTVERKLARING WZC Leiehome (Actualisering 12.06.2015) OPDRACHTVERKLARING WZC Leiehome (Actualisering 12.06.2015) Woonzorgcentrum Leiehome is een woonplaats met ruime verzorgingsmogelijkheden voor ouderen. Wij verlenen een deskundige en actuele zorg op maat.

Nadere informatie

De staat van de Vlaamse nieuwsmedia. Vier jaar onderzoek van het Steunpunt Media Stefaan Walgrave en Julie De Smedt

De staat van de Vlaamse nieuwsmedia. Vier jaar onderzoek van het Steunpunt Media Stefaan Walgrave en Julie De Smedt De staat van de Vlaamse nieuwsmedia Vier jaar onderzoek van het Steunpunt Media Stefaan Walgrave en Julie De Smedt Beleidsrelevant onderzoek in opdracht van de minister van Media 2012-2015 Universiteiten

Nadere informatie

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU

PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU PARITAIRE PARLEMENTAIRE VERGADERING ACS- EU Commissie politieke zaken 5.3.2009 AP/100.506/AM1-24 AMENDEMENTEN 1-24 Ontwerpverslag (AP/100.460) Co-rapporteurs: Ruth Magau (Zuid-Afrika) en Filip Kaczmarek

Nadere informatie

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN

ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN ASO - studierichtingen in VIA-TIENEN De onderwijsvorm ASO is een breed algemeen vormende doorstroomrichting waarin de leerlingen zich voorbereiden op een academische of professionele bacheloropleiding.

Nadere informatie

ORI is de Organisatie van en van Raadgevende Ingenieurs, Engineering- Consultancybureaus en telt een honderdtal leden.

ORI is de Organisatie van en van Raadgevende Ingenieurs, Engineering- Consultancybureaus en telt een honderdtal leden. ORI is de Organisatie van en van Raadgevende Ingenieurs, Engineering- Consultancybureaus en telt een honderdtal leden. ORI heeft als doel de gemeenschappelijke beroepsbelangen van de leden te behartigen

Nadere informatie

Dienst Sport Mechelen Stedelijk reglement inzake subsidie voor sportevenementen

Dienst Sport Mechelen Stedelijk reglement inzake subsidie voor sportevenementen Dienst Sport Mechelen Stedelijk reglement inzake subsidie voor sportevenementen Goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 17 december 2013. Artikel 1: Kredieten Binnen de perken van de kredieten,

Nadere informatie

Indeling hoger onderwijs

Indeling hoger onderwijs achelor & master Sinds enkele jaren is de structuur van het hoger onderwijs in België afgestemd op die van andere Europese landen. Hierdoor kan je makkelijker switchen tussen hogescholen en universiteiten

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Recht en Criminaliteit in cyberspace

EUROPEES PARLEMENT. Recht en Criminaliteit in cyberspace EUROPEES PARLEMENT TIJDELIJKE COMMISSIE ECHELON-INTERCEPTIESYSTEEM SECRETARIAAT MEDEDELING TEN BEHOEVE VAN DE LEDEN De leden treffen als aanhangsel een document aan met de titel Recht en Criminaliteit

Nadere informatie

REGLEMENT HOUDENDE GEDRAGSREGELS

REGLEMENT HOUDENDE GEDRAGSREGELS REGLEMENT HOUDENDE GEDRAGSREGELS als bedoeld in artikel 19 van de statuten van de Stichting VRT - Verenigd Register van Taxateurs (de stichting), gevestigd te Rotterdam. Inleiding Blijkens artikel 2.1.

Nadere informatie

de Groeiacademie: Ethische Gedragscode v1.2, verschenen op 6 Januari 2015

de Groeiacademie: Ethische Gedragscode v1.2, verschenen op 6 Januari 2015 de Groeiacademie: Ethische Gedragscode v1.2, verschenen op 6 Januari 2015 De Groeiacademie Ethische Gedragscode Definities: Coach: Iemand die coacht. Coachee: Iemand die gecoacht wordt. Coachen: Het strategisch

Nadere informatie

BEROEPSCODE VOOR DE PSYCHODIAGNOSTISCH WERKENDE, die lid is van de VERENIGING VOOR PSYCHODIAGNOSTISCH WERKENDEN (VVP)

BEROEPSCODE VOOR DE PSYCHODIAGNOSTISCH WERKENDE, die lid is van de VERENIGING VOOR PSYCHODIAGNOSTISCH WERKENDEN (VVP) BEROEPSCODE VOOR DE PSYCHODIAGNOSTISCH WERKENDE, die lid is van de VERENIGING VOOR PSYCHODIAGNOSTISCH WERKENDEN (VVP) Omschrijvingen: Psychologisch-pedagogisch assistent (PPA) MBO- of MBO + -niveau: Deze

Nadere informatie

ROC Ter AA. Integriteitscode

ROC Ter AA. Integriteitscode ROC Ter AA Integriteitscode 1 COLOFON Versie 20150210.1.CVB.DEF Geldig tot 20190101 Auteur Antoinette Knoet, College van Bestuur Soort document beleidsdocument Datum vaststelling 1-1-2015 Datum plaatsing

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE INTEGRITEITSCODE SPVOZN

INHOUDSOPGAVE INTEGRITEITSCODE SPVOZN Integriteitscode Stichting Primair en Voortgezet Onderwijs Zuid-Nederland Vastgesteld op 17 februari 2014 1 INHOUDSOPGAVE INTEGRITEITSCODE SPVOZN 1 Inleiding... 3 2 Wie vallen er onder de code?... 3 3

Nadere informatie

Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98. P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten

Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98. P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten Gevoegde zaken C-18 0/98 C-184/98 P. Pavlov e.a. tegen Stichting Pensioenfonds Medische Specialisten (verzoek van het Kantongerecht te Nijmegen om een prejudiciële beslissing) Verplichte deelneming in

Nadere informatie

Master in de journalistiek

Master in de journalistiek ANTWERPEN t Master in de journalistiek Faculteit Sociale Wetenschappen Master in de journalistiek De master in de journalistiek vormt kritische journalisten die klaar zijn voor de arbeidsmarkt. De weloverwogen

Nadere informatie

De bedrijfscode van JNW makelaars.

De bedrijfscode van JNW makelaars. De bedrijfscode van JNW makelaars. Pagina Inleiding 2 1. Toepasselijkheid 2 2. Toezichthouder 2 3. Integer handelen 3 4. Onrechtmatig handelen 3 5. Nieuwe medewerkers 3 6. Cliëntenonderzoek 3 7. Betrokkenheid

Nadere informatie

JAARVERSLAG 2014. Deze plenaire vergaderingen vonden plaats op 14 maart, 6 juni, 19 september en 12 december.

JAARVERSLAG 2014. Deze plenaire vergaderingen vonden plaats op 14 maart, 6 juni, 19 september en 12 december. JAARVERSLAG 2014 1. Plenaire vergaderingen In 2014 kwam de Psychologencommissie vier maal bijeen in een plenaire zitting, met respect voor de per KB bepaalde vereisten in termen van taalgroep- en sectorvertegenwoordiging

Nadere informatie

Charter collectieve rechten en plichten

Charter collectieve rechten en plichten Charter collectieve rechten en plichten Van Begeleid Wonen Zennestreek vzw het voor Personen met een ( VAPH) (erkenningsnummer 409200333) Ons adres: In dit charter leggen we duidelijk uit hoe we werken

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 4-3 0 5

U I T S P R A A K 1 4-3 0 5 U I T S P R A A K 1 4-3 0 5 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep van [naam], appellante tegen het Bestuur van de Faculteit Campus Den Haag, verweerder

Nadere informatie

Voorstel van resolutie. betreffende het stopzetten van de openbareomroepactiviteiten in Griekenland

Voorstel van resolutie. betreffende het stopzetten van de openbareomroepactiviteiten in Griekenland stuk ingediend op 2115 (2012-2013) Nr. 1 19 juni 2013 (2012-2013) Voorstel van resolutie van de heren Bart Tommelein, Jo De Ro, Jean-Jacques De Gucht, Peter Gysbrechts en Sas van Rouveroij betreffende

Nadere informatie

UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT GENEESKUNDE EN GEZONDHEIDSWETENSCHAPPEN Medisch-Sociale Wetenschappen Optie Beheer & Beleid Academiejaar 2003-2004

UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT GENEESKUNDE EN GEZONDHEIDSWETENSCHAPPEN Medisch-Sociale Wetenschappen Optie Beheer & Beleid Academiejaar 2003-2004 UNIVERSITEIT GENT FACULTEIT GENEESKUNDE EN GEZONDHEIDSWETENSCHAPPEN Medisch-Sociale Wetenschappen Optie Beheer & Beleid Academiejaar 2003-2004 STUDIE NAAR DE RELEVANTIE VAN MISSION STATEMENTS IN VLAAMSE

Nadere informatie

Vraag nr. 219 van 14 januari 2013 van ANN BRUSSEEL

Vraag nr. 219 van 14 januari 2013 van ANN BRUSSEEL VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN PASCAL SMET VLAAMS MINISTER VAN ONDERWIJS, JEUGD, GELIJKE KANSEN EN BRUSSEL Vraag nr. 219 van 14 januari 2013 van ANN BRUSSEEL Geïntegreerde lerarenopleiding Aandacht

Nadere informatie

GEDRAGSCODE STAD ANTWERPEN WERKEN BIJ DE STAD ANTWERPEN WAT WORDT ER VAN ONS VERWACHT?

GEDRAGSCODE STAD ANTWERPEN WERKEN BIJ DE STAD ANTWERPEN WAT WORDT ER VAN ONS VERWACHT? GEDRAGSCODE STAD ANTWERPEN WERKEN BIJ DE STAD ANTWERPEN WAT WORDT ER VAN ONS VERWACHT? Wij werken met 7 800 ambtenaren bij de stad Antwerpen. De burgers en de politici, de bedrijven en de bezoekers, iedereen

Nadere informatie

Voorwoord 11. Deel I: Analyse van de Belgische dagbladmarkt: trends en uitdagingen 15

Voorwoord 11. Deel I: Analyse van de Belgische dagbladmarkt: trends en uitdagingen 15 Inhoud Voorwoord 11 Deel I: Analyse van de Belgische dagbladmarkt: trends en uitdagingen 15 Hoofdstuk 1 Een historische terugblik: van het ancien régime tot en met de Tweede Wereldoorlog 17 1. De diverse

Nadere informatie

Publieke informatie door jou gepubliceerd. Berichten die je naar andere leden stuurt

Publieke informatie door jou gepubliceerd. Berichten die je naar andere leden stuurt PRIVACY STATEMENT Dit Privacy Statement toont onze vastberadenheid om je recht op privacy en je gegevens te beschermen. Postbuzz verwerkt je persoonlijke gegevens met zorg en conform aan de bepalingen

Nadere informatie

Het is dan ook belangrijk dat jongeren bewust kiezen voor STEM-opleidingen.

Het is dan ook belangrijk dat jongeren bewust kiezen voor STEM-opleidingen. VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN PASCAL SMET VLAAMS MINISTER VAN ONDERWIJS, JEUGD, GELIJKE KANSEN EN BRUSSEL Vraag nr. 219 van 14 januari 2013 van ANN BRUSSEEL Geïntegreerde lerarenopleiding Aandacht

Nadere informatie

Examen HAVO. Nederlands Nederlands. tijdvak 2 dinsdag 22 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage.

Examen HAVO. Nederlands Nederlands. tijdvak 2 dinsdag 22 juni 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen HAVO 2010 tijdvak 2 dinsdag 22 juni 13.30-16.30 uur tevens oud programma Nederlands Nederlands Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 21 vragen en een samenvattingsopdracht. Voor

Nadere informatie

Waarom wordt bemiddeling niet vaker gebruikt als alternatief om geschillen te beslechten?

Waarom wordt bemiddeling niet vaker gebruikt als alternatief om geschillen te beslechten? DIRECTORAAT-GENERAAL INTERN BELEID BELEIDSAFDELING C: BURGERRECHTEN EN CONSTITUTIONELE ZAKEN JURIDISCHE ZAKEN Waarom wordt bemiddeling niet vaker gebruikt als alternatief om geschillen te beslechten? SAMENVATTING

Nadere informatie

Het Instituut voor bedrijfsjuristen De alma mater van de bedrijfsjuristen

Het Instituut voor bedrijfsjuristen De alma mater van de bedrijfsjuristen Legal insight, inside Het Instituut voor bedrijfsjuristen De alma mater van de bedrijfsjuristen Het beroep van bedrijfsjurist is relatief jong. De wet die dit beroep erkende en het Instituut voor bedrijfsjuristen

Nadere informatie

U I T S P R A A K 1 3-0 87

U I T S P R A A K 1 3-0 87 U I T S P R A A K 1 3-0 87 van het College van beroep voor de examens van de Universiteit Leiden inzake het beroep XXX, appellant tegen het Bestuur van de Faculteit der Geesteswetenschappen, verweerder

Nadere informatie

24 APRIL 2013. - Ministerieel besluit. tot vaststelling van de criteria voor erkenning. waarbij de beoefenaars van de verpleegkunde

24 APRIL 2013. - Ministerieel besluit. tot vaststelling van de criteria voor erkenning. waarbij de beoefenaars van de verpleegkunde 24 APRIL 2013. - Ministerieel besluit tot vaststelling van de criteria voor erkenning waarbij de beoefenaars van de verpleegkunde gemachtigd worden de bijzondere beroepstitel te dragen van verpleegkundige

Nadere informatie

GEZAMENLIJKE VERKLARING VAN DE RAAD EN DE COMMISSIE BETREFFENDE DE WERKING VAN HET NETWERK VAN MEDEDINGINGSAUTORITEITEN

GEZAMENLIJKE VERKLARING VAN DE RAAD EN DE COMMISSIE BETREFFENDE DE WERKING VAN HET NETWERK VAN MEDEDINGINGSAUTORITEITEN GEZAMEIJKE VERKLARING VAN DE RAAD EN DE COMMISSIE BETREFFENDE DE WERKING VAN HET NETWERK VAN MEDEDINGINGSAUTORITEITEN "1. De vandaag vastgestelde verordening betreffende de uitvoering van de mededingingsregels

Nadere informatie

Jongeren en vrijetijdsbesteding

Jongeren en vrijetijdsbesteding s t u d i e Jongeren en vrijetijdsbesteding Jongeren en vrijetijdsbesteding OIVO, juli 2007 Agenda 1. Doelstellingen 2. Methodologie 3. De vrijetijdsbestedingen 1. Verschillen volgens leeftijd, sociale

Nadere informatie

PvdA Amsterdam, 7 mei 2012

PvdA Amsterdam, 7 mei 2012 PvdA Amsterdam, 7 mei 2012 Ten geleide Voor de Partij van de Arbeid geldt wet en regel én onze eigen moraal van soberheid en dienstbaarheid. In ons dagelijks politiek handelen laten wij ons daar door leiden.

Nadere informatie

N Landmeters A05 Brussel, 29.9.2005 MH/BL/LC A D V I E S. over DE GELIJKWAARDIGHEID VAN DIPLOMA'S VOOR HET BEKOMEN VAN DE TITEL VAN LANDMETER-EXPERT

N Landmeters A05 Brussel, 29.9.2005 MH/BL/LC A D V I E S. over DE GELIJKWAARDIGHEID VAN DIPLOMA'S VOOR HET BEKOMEN VAN DE TITEL VAN LANDMETER-EXPERT N Landmeters A05 Brussel, 29.9.2005 MH/BL/LC A D V I E S over DE GELIJKWAARDIGHEID VAN DIPLOMA'S VOOR HET BEKOMEN VAN DE TITEL VAN LANDMETER-EXPERT (bekrachtigd door de Hoge Raad voor de Zelfstandigen

Nadere informatie

Gedragscode voor verzekeringsartsen werkzaam voor de uitvoeringsinstellingen SV

Gedragscode voor verzekeringsartsen werkzaam voor de uitvoeringsinstellingen SV Gedragscode voor verzekeringsartsen werkzaam voor de uitvoeringsinstellingen SV Inleiding Van iedere professional wordt gevraagd dat hij de waarden die hij in zijn beroep dient, en de daaraan ten grondslag

Nadere informatie

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 7.3.2014

GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE. van 7.3.2014 EUROPESE COMMISSIE Brussel, 7.3.2014 C(2014) 1392 final GEDELEGEERDE VERORDENING (EU) Nr. /.. VAN DE COMMISSIE van 7.3.2014 houdende aanvulling van Richtlijn 2003/71/EG van het Europees Parlement en de

Nadere informatie

Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING FFTR 2014-2015

Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING FFTR 2014-2015 Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING FFTR 2014-2015 Deel 2 Opleidingsspecifiek deel: Master Theologie Deze onderwijs- en examenregeling (OER-FFTR) treedt

Nadere informatie

GEDRAGSCODE REGISTER DOCENT GEVAARSBEHEERSING

GEDRAGSCODE REGISTER DOCENT GEVAARSBEHEERSING GEDRAGSCODE REGISTER DOCENT GEVAARSBEHEERSING Doel Gedragscode Het doel van de gedragscode van de Stichting Register Docent Gevaarsbeheersing, hierna te noemen de Stichting RDG, is het bewaken van de kwaliteit

Nadere informatie

Ethische code intern begeleider Landelijke Beroepsgroep voor intern begeleiders April 2009

Ethische code intern begeleider Landelijke Beroepsgroep voor intern begeleiders April 2009 Ethische code intern begeleider Landelijke Beroepsgroep voor intern begeleiders April 2009 1 Inleiding Ieder mens heeft zich aan een reeks van wetten en regels te houden. Zo bestaan er Wereldwijde Wetten,

Nadere informatie

Art. 33 van de WZW verplicht elke WG een IDPBW op te richten, waarin minstens één PAwerknemer

Art. 33 van de WZW verplicht elke WG een IDPBW op te richten, waarin minstens één PAwerknemer Nr. 910 Brussel, 12 januari 2010 BETREFT: MOGELIJKHEID VOOR MEERDERE WERKGEVERS TOT OPRICHTING VAN EEN GEMEENSCHAPPELIJKE INTERNE DIENST VOOR PREVENTIE EN BESCHERMING OP HET WERK (GIDPBW). 1. Wetgeving

Nadere informatie

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling Sociale Zekerheid

Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling Sociale Zekerheid Sectoraal Comité van de Sociale Zekerheid en van de Gezondheid Afdeling Sociale Zekerheid SCSZG/15/162 BERAADSLAGING NR. 15/058 VAN 6 OKTOBER 2015 OVER DE EENMALIGE MEDEDELING VAN PERSOONSGEGEVENS DOOR

Nadere informatie

Een conceptueel kader voor de implementatie van praktijkgericht onderzoek in de opleiding van studenten farmaceutische wetenschappen aan de K.U.

Een conceptueel kader voor de implementatie van praktijkgericht onderzoek in de opleiding van studenten farmaceutische wetenschappen aan de K.U. NVFO 2009 Een conceptueel kader voor de implementatie van praktijkgericht onderzoek in de opleiding van studenten farmaceutische wetenschappen aan de K.U.Leuven V. Foulon, S. Simoens, G. Laekeman en P.

Nadere informatie

Protocol Vlaams-Nederlandse Journalistenbeurs

Protocol Vlaams-Nederlandse Journalistenbeurs Protocol Vlaams-Nederlandse Journalistenbeurs Onderzoeksbeurs & Uitwisseling 2011-2012 In 2012 kennen de Vlaamse en Nederlandse overheid voor het eerst de VNJ Onderzoeksbeurs(zen) toe aan Nederlandse en

Nadere informatie

Transparantie Public Affairs is een vak dat volgens de beroepsvereniging in alle openheid bedreven wordt.

Transparantie Public Affairs is een vak dat volgens de beroepsvereniging in alle openheid bedreven wordt. HANDVEST 1. Inleiding Wat kunnen en mogen politici, ambtenaren en journalisten verwachten van leden van de Beroepsvereniging voor Public Affairs (BVPA) die het vak van Public Affairs uitoefenen? En waarop

Nadere informatie

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen

Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn betreffende bescherming rechten op aanvullend pensioen Richtlijn 98/49/EG van de Raad van 29 juni 1998 betreffende de bescherming van de rechten op aanvullend pensioen van werknemers en zelfstandigen

Nadere informatie

dat organisaties als Sharia4Belgium en steekpartijen in metrostations die vooroordelen in de hand werken.

dat organisaties als Sharia4Belgium en steekpartijen in metrostations die vooroordelen in de hand werken. 1 Toespraak door viceminister-president en Vlaams minister van Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Inburgering, Toerisme en Vlaamse Rand Geert BOURGEOIS Bezoek aan de Al Fath Moskee Gent, 16 juni 2012

Nadere informatie

Stedelijke tolk- en vertaaldienst Antwerpen (STA)

Stedelijke tolk- en vertaaldienst Antwerpen (STA) Stedelijke tolk- en vertaaldienst Antwerpen (STA) ALGEMENE VOORWAARDEN Dienstverlening van STA STA fungeert hoofdzakelijk als makelaar bij de communicatie met anderstalige cliënten. - Tolken (mondeling)

Nadere informatie

NEDERLANDSE CULTUURGEMEENSCHAP

NEDERLANDSE CULTUURGEMEENSCHAP 6 (1971-1972) - N 1 ARCWIE~ VWMSE RAAR TERUG0EZORGEN VOOR DE NEDERLANDSE CULTUURGEMEENSCHAP ZITTING 1971-1972 13 DECEMBER 1971 VOORSTEL VAN DECREET tot aanmoediging van de deelneming aan cursussen voor

Nadere informatie

GEDRAGSCODE NIK VERORDENING 240

GEDRAGSCODE NIK VERORDENING 240 VERORDENING 240 GEDRAGSCODE NIK Doel van de Gedragscode Het NIK is het overkoepelend orgaan van Joodse Gemeenten in Nederland. In een wereld waar meer op waarden en normen wordt gelet, waarin het NIK,

Nadere informatie

Faculteit Rechten. Universiteit Hasselt. Reglement betreffende de bachelorscriptie (derde bachelor rechten)

Faculteit Rechten. Universiteit Hasselt. Reglement betreffende de bachelorscriptie (derde bachelor rechten) Faculteit Rechten Universiteit Hasselt Reglement betreffende de bachelorscriptie (derde bachelor rechten) Versie mei 2013 met het oog op het academiejaar 2013-2014. Artikel 1: Algemene doelstellingen De

Nadere informatie

NATIONALE KAMER VAN NOTARISSEN

NATIONALE KAMER VAN NOTARISSEN NATIONALE KAMER VAN NOTARISSEN Deontologische Code inzake notariële bemiddeling Aangenomen door de algemene vergadering op 7 oktober 2003 Gewijzigd door de algemene vergadering op 24 oktober 2006) Art.

Nadere informatie

25/04/2014. Zorgzaam omgaan met kinderen in de media Balanceren tussen beschermen en participeren. Kinderen en media: vele gezichten

25/04/2014. Zorgzaam omgaan met kinderen in de media Balanceren tussen beschermen en participeren. Kinderen en media: vele gezichten Zorgzaam omgaan met kinderen in de media Balanceren tussen beschermen en participeren Bruno Vanobbergen Kinderrechtencommissaris Kinderen en media: vele gezichten Deelname aan amusementsprogramma s Deelname

Nadere informatie

VLAAMS PARLEMENT DECREET. houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat. van Kinderrechtencommissaris. Artikel 1

VLAAMS PARLEMENT DECREET. houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat. van Kinderrechtencommissaris. Artikel 1 VLAAMS PARLEMENT DECREET houdende oprichting van een Kinderrechtencommissariaat en instelling van het ambt van Kinderrechtencommissaris Artikel 1 Dit decreet regelt een gemeenschaps- en gewestaangelegenheid.

Nadere informatie

Certificering HR Professional

Certificering HR Professional Certificering HR Professional Certificering HR Professional Het personeelsmanagement kenmerkt zich door een grote mate van diversiteit, in de diepte en de breedte. De inhoud van het personeelsmanagement

Nadere informatie

Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer B&P-001796-jnt Mevr. drs. J.Terpstra (035) 7737 707

Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer B&P-001796-jnt Mevr. drs. J.Terpstra (035) 7737 707 Publieke Omroep t.a.v. de raad van bestuur Postbus 26444 1202 JJ HILVERSUM Datum Onderwerp 14 maart 2005 Life feeds Olympische Spelen op internet Uw kenmerk Ons kenmerk Contactpersoon Doorkiesnummer B&P-001796-jnt

Nadere informatie

Reclame en marketing: een gemeenschappelijk kader voor beroepsbeoefenaars

Reclame en marketing: een gemeenschappelijk kader voor beroepsbeoefenaars Reclame en marketing: een gemeenschappelijk kader voor beroepsbeoefenaars van de drie Instituten De reclame, het promoten van de diensten, de marketing, oftewel de communicatie vormt het verlengstuk van

Nadere informatie

1. Toelichting: houding en rol van de loopbaandienstverlener

1. Toelichting: houding en rol van de loopbaandienstverlener Deontologische code Klachtenbehandeling Deontologische code voor loopbaandienstverlening (artikel 2, 1, 9, van het besluit van de Vlaamse regering betreffende de erkenning en subsidiëring van centra voor

Nadere informatie

Aanbevelingen getuigenissen en beeldvorming minderjarigen in de jeugdhulp

Aanbevelingen getuigenissen en beeldvorming minderjarigen in de jeugdhulp Brussel, versie 2015 Aanbevelingen getuigenissen en beeldvorming minderjarigen in de jeugdhulp De jeugdhulp worstelt reeds geruime tijd met het beeld in de media en in de samenleving over zijn activiteiten

Nadere informatie

Gedragscode tolken en vertalers

Gedragscode tolken en vertalers Gedragscode tolken en vertalers Wet beëdigde tolken en vertalers Contact Postadres: Raad voor Rechtsbijstand Bureau Wbtv Postbus 2349 5202 CH s-hertogenbosch Telefoon: 088-787 19 20 Kijk op onze website

Nadere informatie

ANTI-SEKSISME GEBRUIKSAANWIJZING. «Wat een mietje! Het is de taak van de vrouw om zich met de kinderen bezig te houden, niet van de man!

ANTI-SEKSISME GEBRUIKSAANWIJZING. «Wat een mietje! Het is de taak van de vrouw om zich met de kinderen bezig te houden, niet van de man! «Een Raad van Bestuur is geen Tupperware-bijeenkomst!» sinds 3 augustus 2014 bestaat er een nieuwe wet ANTI-SEKSISME GEBRUIKSAANWIJZING «Wat een mietje! Het is de taak van de vrouw om zich met de kinderen

Nadere informatie

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities

Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities Zelfonderzoek voor de Groep met behulp van de tradities De Twaalf Tradities zijn voor de groep wat de stappen zijn voor het individu. De tradities helpen om het programma van herstel levend en succesvol

Nadere informatie

Nieuwsmonitor 6 in de media

Nieuwsmonitor 6 in de media Nieuwsmonitor 6 in de media Juni 2011 Nieuws - Europa kent geen watchdog ANTWERPEN/BRUSSEL - Het Europese beleidsniveau krijgt in de Vlaamse TV-journaals gemiddeld een half uur aandacht per maand. Dat

Nadere informatie

VLAAMS PARLEMENT VOORSTEL VAN DECREET. van de heer Michel Doomst

VLAAMS PARLEMENT VOORSTEL VAN DECREET. van de heer Michel Doomst Stuk 828 (1997-1998) Nr. 3 VLAAMS PARLEMENT Zitting 1998-1999 28 januari 1999 VOORSTEL VAN DECREET van de heer Michel Doomst houdende wijziging van de artikelen 78 en 79 van de decreten betreffende de

Nadere informatie

Code of Conduct. Omgangsregels van de Universiteit Utrecht

Code of Conduct. Omgangsregels van de Universiteit Utrecht Code of Conduct Omgangsregels van de Universiteit Utrecht Welke uitgangspunten geven richting aan ons gedrag? INLEIDING De Code of Conduct is het kader voor gedrag en reflectie voor medewerkers en studenten

Nadere informatie

ONTWERP VAN DECREET. betreffende de kwalificatiestructuur AMENDEMENTEN

ONTWERP VAN DECREET. betreffende de kwalificatiestructuur AMENDEMENTEN Zitting 2008-2009 25 maart 2009 ONTWERP VAN DECREET betreffende de kwalificatiestructuur AMENDEMENTEN Zie: 2158 (2008-2009) Nr. 1: Ontwerp van decreet 5571 OND 2 AMENDEMENT Nr. 1 Artikel 7 In a), tweede

Nadere informatie

x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x

x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x x Jaarplan GESCHIEDENIS Algemene doelstellingen Eerder gericht op kennis en inzicht 6 A1 A2 A3 A4 A5 Kunnen hanteren van een vakspecifiek begrippenkader en concepten, nodig om zich van het verleden een wetenschappelijk

Nadere informatie

Vooral in Vlaanderen heeft de zender een onbetwistbaar potentieel en zal het aangekondigde aanbod wellicht op

Vooral in Vlaanderen heeft de zender een onbetwistbaar potentieel en zal het aangekondigde aanbod wellicht op EXQI, de gewaagde lancering van een nieuwe, generalistische zender met nationaal bereik Eind deze zomer lanceert Alfacam een nieuwe zender: generalistisch, zowel digitaal als analoog, met nationaal bereik

Nadere informatie

Hypothecair krediet : het recordjaar 2010

Hypothecair krediet : het recordjaar 2010 Beroepsvereniging van het Krediet Persbericht Hypothecair krediet : het recordjaar 2010 Brussel, 9 februari 2011 - De Beroepsvereniging van het Krediet (BVK), lid van Febelfin, de Belgische federatie van

Nadere informatie

NVAO Integriteitscode

NVAO Integriteitscode NVAO Integriteitscode Oktober 2015 NVAO Integriteitscode Oktober 2015 pagina 2 Inleiding Integriteit is een intrinsieke waarde voor mensen en organisaties en daarnaast voorwaarde voor vertrouwen in de

Nadere informatie

MINISTERIEEL BESLUIT VAN 17 MAART 2000 inzake de kwaliteitszorg in de opleidingscentra voor polyvalente verzorgenden (B.S. 20.V.

MINISTERIEEL BESLUIT VAN 17 MAART 2000 inzake de kwaliteitszorg in de opleidingscentra voor polyvalente verzorgenden (B.S. 20.V. MINISTERIEEL BESLUIT VAN 17 MAART 2000 inzake de kwaliteitszorg in de opleidingscentra voor polyvalente verzorgenden (B.S. 20.V.2000) Artikel 1. De sectorspecifieke minimale kwaliteitseisen voor de opleidingscentra

Nadere informatie

Eindexamen maatschappijleer vwo 2008-I

Eindexamen maatschappijleer vwo 2008-I Opgave 1 Tbs ter discussie 1 maximumscore 2 beveiliging van de samenleving Voorbeeld van juiste toelichting bij beveiliging van de samenleving: In de tekst staat dat er steeds minder mensen uitstromen

Nadere informatie

4. De bezitter van het diploma van de bacheloropleiding Liberal Arts & Sciences van de

4. De bezitter van het diploma van de bacheloropleiding Liberal Arts & Sciences van de Opleidingsspecifieke deel OER, 2015-2016 Opleiding / programma: Mediastudies/ Film- en televisiewetenschap; Nieuwe media en digitale cultuur Artikel Tekst 2.1 Toelatingseisen opleiding Alle studenten die

Nadere informatie

8.50 Privacyreglement

8.50 Privacyreglement 1.0 Begripsbepalingen 1. Persoonsgegevens: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon; 2. Zorggegevens: persoonsgegevens die direct of indirect betrekking hebben

Nadere informatie

N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES. over

N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES. over N Financiële planners A2 Brussel, 27 maart 2014 MH/SL-EDJ/AS 717-2014 ADVIES over EEN ONTWERP VAN WET INZAKE HET STATUUT VAN EN HET TOEZICHT OP DE ONAFHANKELIJK FINANCIËLE PLANNERS EN INZAKE HET VERSTREKKEN

Nadere informatie