Appendix B Kostprijs- en beslissingscalculaties (bedrijfseconomische analyse)

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Appendix B Kostprijs- en beslissingscalculaties (bedrijfseconomische analyse)"

Transcriptie

1 Appendix B Kostprijs- en beslissingscalculaties (bedrijfseconomische analyse) Case B.1 Groothandel Speed BV % = 3,0% % = 28,6% Of: eerst wordt de omzet per productgroep berekend en vervolgens de brutowinst. Productgroep Omzet- Omzet Brutomarge Brutowinst aandeel ( 1.000) ( 1.000) a Boorgereedschap 36% % 2.782,08 b Houtmaterialen 38% % 1.468,32 c IJzerwaren 6% % 1.159,20 d Beveiliging 8% % 901,60 e Boorartikelen 4% % 837,20 f Hobbyartikelen 8% % 2.060,80 Totaal 100% ,20 Brutomarge = Brutowinst 9.209,20 = 100% = 28,6% Omzet Eerste stap: de omzet per productgroep en kanaal berekenen. Productgroep Speedomzet ( 1.000) Ketenomzet Omzet productgroep Brutomarge Brutowinst (in ) a Boorgereedschap % % ,60 b Houtmaterialen % % ,00 c IJzerwaren % % ,00 d Beveiliging % % ,00 e Boorartikelen % % ,00 f Hobbyartikelen % % , ,60 Brutomarge = Brutowinst ,20 = 100% = 26,55% Omzet Boorgereedschap draagt voor bijna 41% bij in de brutowinst, namelijk: ( ,60 : ,60) 100% = 42,89% Strategische en operationele marketing, Appendix B 1

2 Speciaalzaken Productgroep Speedomzet ( 1.000) Ketenomzet Omzet productgroep Brutomarge Brutowinst (in ) a Boorgereedschap % % ,20 b Houtmaterialen % % ,00 c IJzerwaren % % ,00 d Beveiliging % % ,00 e Boorartikelen % % ,00 f Hobbyartikelen % 0 80% 0, ,20 Brutomarge = Brutowinst = ,20 100% = 18,21% Omzet Boorgereedschap draagt voor ruim 48% bij in de brutowinst, namelijk: ( ,20 : ,20) 100% = 48,33% Case B.2 Restaurant De geleerde Man 1 Constante kosten: (onderhoud en personeel) (rente) (afschrijving van overgenomen inventaris en goodwill) (huur pand) = (exclusief notariskosten). Opbrengst per couvert 100. Variabele kosten per couvert 30. BEP = couvert = couverts per jaar. BEP per dag: : 325 = 31,38 couverts gemiddeld per dag. De actuele bezetting in couverts is nu: 71% van 50 couverts = 35,5 couverts, dus de veiligheidsmarge is: 35,50 31, % = 11,61% Dit is geen aantrekkelijke veiligheidsmarge. 2 Nu is de opbrengst per couvert 85% van 100 = 85. De vaste kosten en de variabele kosten per couvert blijven gelijk. BEP = couvert = couverts per jaar BEP per dag: : 325 = 39,93 couverts gemiddeld per dag. De actuele bezetting in couverts is nu 71% van 50 couverts/stoelen = 35,5 couverts, dus lager dan het BEP, wat betekent dat een marge van 15% niet wordt gehaald. Dus huren en kopen volgens de huidige gang van zaken is dan niet aantrekkelijk, om een minimummarge van 15% te halen. De bezettingsgraad van 71% is te laag en zou minstens moeten zijn: (39,93 : 50) 100% = 79,86%. Oplossingen: Prijsverhogingen: alhoewel de prijs (gemiddeld 100 per couvert) reeds behoorlijk hoog is. Strategische en operationele marketing, Appendix B 2

3 De vaste kosten verlagen, met name de overheadkosten; dit zal ten minste voor een bedrag van moeten gebeuren. De variabele kosten per couvert verlagen, alhoewel 15 al laag is, er is dus weinig ruimte. Meer stoelen plaatsen en/of de bezetting vergroten; de promotiekosten nemen dan ook toe. Het restaurant overdag openen; de stoel is dan meer dan eenmaal bezet. Conclusie: een combinatie van maatregelen geeft wat meer ruimte. Het blijft een risicovolle aangelegenheid, dit vanwege de hoge vaste kosten. Case B.3 Casino Royal 1 a Voorstel: Speelautomaten Boulevard (bedragen 1.000). Omschrijving Jaar 1 Jaar 2 Jaar 3 Jaar 4 Opbrengsten spel Opbrengsten horeca Totaal opbrengsten Afschrijvingen Overige kosten Totale kosten Winst voor belastingen Cashflow Investeringsbedrag = = Discounted cashflow: , = = ,16 1,16 1,16 1,16 ( ) ( ) ( ) De totale contante waarde van de cashflows is ( = ) lager dan het investeringsbedrag. Dit is ongunstig. De cashflowinkomsten zijn ontoereikend om de investering binnen de gestelde tijd van vier jaar terug te verdienen. Berekeningen als deze worden tegenwoordig per computer met een spreadsheetprogramma (bijvoorbeeld Quattro-Pro) gemaakt. Dit geldt vooral ook voor de hierna volgende berekening van de interne rentabiliteit die per trial and error bepaald moet worden. Het schema van een dergelijke spreadsheet vindt u op de volgende pagina. Alleen de bedragen in de van een kader voorziene cellen moeten ingevuld worden. Dit betreft dus het totale investeringsbedrag, de cashflowbedragen per jaar en in dit geval ook het discontopercentage. De uitkomst (totaal van de contante waarden van de cashflows minus het investeringsbedrag) vindt u in de dubbelonderstreepte cel (cel B6). In deze spreadsheets moet men de scheidingspunt tussen de duizendtallen achterwege laten. De spreadsheet van de vorige berekening vindt u rechts naast onderstaand schema. Strategische en operationele marketing, Appendix B 3

4 Schema spreadsheet 1 NCW-berekening A B C A B C 1 Investerings- 1 Investerings- 2 bedrag (l) 2 bedrag (l) Som van de 3 Som van de 4 CW van de 4 CW van de 5 cashflows 5 cashflows (CF) Saldo CF 1 (B5-B2) 6 Saldo CF Disconto- 7 Disconto- 8 percentage (p) 8 percentage (p) 16 9 i = p/100 (B6/100) 9 i = p/100 (B6/100) 10 1,0i (1 B9) 10 1,0i (1 B9) 11 Contante 11 Contante 12 Jaar: Cashflow waarde (CW) 12 Jaar: Cashflow waarde (CW) 13 1 (B13/B10^A13) , (B14/B10^A14) , (B15/B10^A15) , (B16/B10^A16) , (B17/B10^A17) , (B18/B10^A18) , (B19/B10^A19) , (B20/B10^A20) , (B21/B10^A21) , (B22/B10^A22) ,00 Er is behalve een berekening ook gevraagd naar argumenten. Argumenten voor: Casino Royal bereikt een andere doelgroep, die in de toekomst casinobezoeker zou kunnen worden. De nieuwe formule kannibaliseert niet. Men is de eerste in een nieuwe markt. Veel spelers van automaten. Automatenspelen in casino s groeien in zijn algemeenheid. Argumenten tegen: Voldoet niet aan het investeringsselectiecriterium voor wat betreft de NCW. Kan niet onder merkenparaplu, andere doelgroep andere positionering andere invulling van het marktconcept: B-merk. Imago van A-merk wordt beschadigd; het imago beantwoordt niet langer aan het beeld van een casino (casino = roulette). Speelhallen hebben een slecht imago. b Interne rentabiliteit. (In deze vraag aangeduid met de werkelijke rentevoet). Deze zogenaamde IRV bepaalt men door middel van trial and error. In sommige gevallen gebruikt men daartoe rentetafels, maar rentetafels worden nauwelijks meer gebruikt nu er volop geavanceerde calculators ( zakjapanners ) verkrijgbaar zijn, naast berekeningen per computer met een spreadsheetprogramma. Soms wordt nog wel eens de (tamelijk onnauwkeurige) methode van lineaire interpolatie toegepast, zoals hierna volgt. Het gaat om het vinden van een rentevoet (X%) waarbij de som van de contante waarden van de cashflows precies gelijk is aan het investeringsbedrag. De som van de contante waarden bij een rentevoet van 16% is inmiddels bekend, namelijk Uitgaande van een rentevoet van 2% is de som van de contante waarden van de cashflows: Strategische en operationele marketing, Appendix B 4

5 = , 02 1, 02 1, 02 1, 02 ( ) ( ) ( ) Het verschil tussen deze uitkomst en het investeringsbedrag = ( = ) Het verschil tussen de som van de contante waarden bij een rentevoet van 16% en bij een rentevoet van 2% = ( = ) Het verschil tussen de rentevoeten = 16% 2% = 14%. Men stelt de gevraagde rentevoet (IRV) op: % 2% 3,1462% = Dat deze uitkomst niet exact is, blijkt uit de berekening per spreadsheet die als resultaat heeft een IRV van 2,9061% (zie volgende spreadsheet). Door het manipuleren van het percentage in cel B8, hebben we bereikt dat in cel B6 een nul (of bijna een nul) verschijnt. Strategische en operationele marketing, Appendix B 5

6 2 a/b Tweede voorstel (bedragen in ) 1 e jaar 2 e jaar 3 e jaar Bruto-opbrengst, totaal Totale kosten (inclusief afschrijvingen) Brutowinst Afschrijvingen : 3 jaar = Cashflow De berekening van de NCW (netto contante waarde) op basis van een rekenrente van 16% per jaar levert een som van contante waarden van de cashflows op van Dit is ( = ) lager dan vereist is, oftewel negatieve contante waarde. Zie voor deze berekening de linker spreadsheet. De rechter spreadsheet vertoont de bepaling van de IRV, die gevraagd wordt onder b. Bij een IRV van 11,7205% wordt de investering precies in drie jaar terugverdiend. Argumenten voor: Sluit perfect aan bij de consumententrends (onder meer individualisering). Dit is voor Casino Royal een diepte-investering in een nieuwe markt met toekomstpotentie die aansluit bij consumententrends. Ervaring opdoen met nieuwe technologieën. Argumenten tegen: Voldoet niet aan het investeringsselectiecriterium voor wat betreft de NCW. Geen corebusiness; men bouwt wel voort op de core competence. De markt heeft een zeer lage barrier-of-entry. Het project is geheel afhankelijk van de penetratie van pc s; de aannames zijn uiterst speculatief, de genoemde groei zou wel erg spectaculair zijn. Bij een lagere penetratie valt de bodem uit het project. Case B.4 Koninklijke Schoenfabriek Bollem Strategische en operationele marketing, Appendix B 6

7 A BEP Schoenen De totale vaste kosten zijn (rente) = De gemiddelde verkoopprijs per paar schoenen: = 307, De gemiddelde variabele productiekosten (grondstofkosten en loonkosten) per paar schoenen: = 253, BEP = ,10 253,72 De veiligheidsmarge is: % = 1,365% paar = paar schoenen. Conclusies: De productiegrootte ligt slechts ( = ) paar boven het BEP. De productiegrootte ligt dichtbij de productiecapaciteit van maximaal paar (is gegeven). BEP op basis van de winst-en-verliesrekening: % = ,64% van de omzet. Deze 98,64% komt ongeveer overeen met de veiligheidsmarge van 1,36% van de omzet. B BEP Lederwaren Vaste kosten = Omzet Variabele kosten (aankopen) BEP = 100% = 8,86% van de omzet. Conclusies: De veiligheidsmarge van (100% 8,86% = ) 91,14% is zeer gunstig. De omzet in lederwaren is (nog) zeer klein. C BEP gehele onderneming Vaste kosten = Omzet = Variabele kosten = BEP = 100% = 8,47% van de omzet. Conclusie: De veiligheidsmarge van (100% 91,53% = ) 8,47% is aan de lage kant. Case B.5 Break-evenpointberekeningen Strategische en operationele marketing, Appendix B 7

8 1 a De jaarlijkse bestelkosten zijn = b c Een bestelorder is groot : 5 = 240 stuks. De voorraad opgeslagen goederen is gemiddeld ½ 240 stuks = 120 stuks. De waarde van die voorraad is ,20 = De daarbij behorende opslagkosten zijn: 0, = De optimale bestelhoeveelheid is: ,25 67,20 1 stuk = 200 stuks. van de omzet. 2 a Het geraamde BEP is: stuk = stuks. b Het reële BEP is: stuk = stuks. 3 a De omzet wordt 0,80 1 mln = De variabele kosten waren en blijven 60% van 1 mln = De dekkingsbijdrage is dus nu = De contributiemarge is dus nu ( : ) 100% = 25%. b Stel de gevraagde omzet op 100. X. De contributiemarge moet weer terug naar 40% van 1 mln = X = ; hieruit volgt 100. X = : de gevraagde omzet. 4 a De jaarlijkse constante kosten zijn: = b De commissieopbrengst per dag is 12,5% van = De variabele kosten zijn per dag: (2,13% 1% = ) 3,13% van = 881,41. Het BEP in dagen is: ,41 1 dag = 91 dagen. c Het bedrijfsresultaat wordt gevonden door de commissieopbrengst te verminderen met de variabele en de constante kosten per dag. De constante kosten zijn per dag : 250 dagen = 960. Gemiddeld bedrijfsresultaat per dag: ( 881,41 960) = 1.678,59. d De contributiemarge per ticket is bij 100 tickets per dag: ( ,41) : 100 = 26,39. e Stel de ticketomzet per dag op X bij 100 tickets. De commissieopbrengst is dan 12,5% van X = 0,125 X; de variabele kosten zijn in dat geval 3,13% van X = 0,0313 X; de constante kosten blijven 960 per dag. Het bedrijfsresultaat moet uitkomen op 0. Dit levert de volgende vergelijking op: 0,1250 X (0,0313. X 960) = 0 Strategische en operationele marketing, Appendix B 8

9 0,0937 X = 960, waaruit volgt X = ,46; dus per ticket een prijs van gemiddeld 102,45. Controleberekening: Commissieopbrengst 12,5% van ,46 = 1.280,68 Variabele kosten 3,13% van ,46 = 320,68 Constante kosten 960, ,68 Bedrijfsresultaat 0 5 a De integrale kostprijs is: S p.e.p. = = De constante kosten zijn, evenals de variabele kosten, 25 per eenheid. Dit geldt zowel bij een productieomvang van als van stuks, want in de berekening van de standaardkostprijs (S p.e.p.) gaat men uit van de normale productiecapaciteit van stuks per jaar. b In de verkoopprijs berekent de fabrikant een winstmarge van 33,3%, dus de inkoopprijs van de groothandel is 100/66,7 50 = 74,96. De groothandel berekent een marge van 15% over de inkoopprijs en verkoopt dus aan de winkelier tegen een prijs van 1,15 74,96 = 86,20. De winkelier calculeert een marge in van 33,3%, dus de consumentenprijs exclusief BTW = 100/66,7 86,20 = 129,24. De consumentenprijs inclusief BTW = 1, ,24 = 151,86. c Het onderbezettingsverlies is = d Het BEP van de fabrikant ligt bij: , telefoon = telefoons. e Afzet stuks per jaar: Omzet ,96 = Variabele kosten = Constante kosten Totale kosten Winst Afzet stuks per jaar: Omzet ,96 = Variabele kosten = Constante kosten Totale kosten Verlies Of anders geformuleerd: Omzet ,96 = Tegen standaardkostprijs = Strategische en operationele marketing, Appendix B 9

10 Onderbezettingsverlies (zie c) Verlies f Bij de bepaling van het leereffect kijken we in deze opgave naar verlaging van de kostprijs door vermindering van de constante kosten per stuk. We gaan aan het feit voorbij dat de variabele kosten ook kunnen dalen bij een hogere productieomvang (lagere inkoopprijzen), maar we houden die gelijk op 25 per telefoon. Bij een normale productiecapaciteit van telefoons is (zie antwoord a) de standaardkostprijs 50 per stuk. Bij een normale productiecapaciteit van telefoons zou de standaardkostprijs (S p.e.p.) zijn: = 75 Het leereffect is 50/75 100% = 66,7%. g De kostprijs per eenheid blijft 50,00 Invoerrechten 15% van 46 = - 6,90 Transportkosten 5% van 50 = - 2,50 Totale kosten per stuk 59,40 Verlies op de export ( 59,40 46) = Winst op binnenlandse afzet ( 74,96 50) = Bedrijfsresultaat (winst) h Zonder deze exportorder zou er bij een binnenlandse afzet van stuks een verlies geleden zijn van Nu is er een positief resultaat van Er is nu geen onderbezettingsverlies meer. Bij de exporttransactie worden de variabele kosten ( 25 9,40 = ) 34,40 geheel vergoed. Van de constante kosten wordt per telefoon nog ( 46 34,40 = ) 11,60 vergoed. Een bijdrage in de constante kosten van in totaal ( ,60). De binnenlandse afzet levert een bijdrage aan de constante kosten van = Het ongedekte deel van de totale constante kosten is dus: = (het verlies op de exportorder). 6 Variabele kosten per eenheid: Product A: = 70 Product B: = 200. Constante kosten per manuur: 30 : 2 = 15 of 90 : 6 = 15. a1 Op basis van AC: Manuren (A: B: ) = Normale bezetting in manuren Overbezettingswinst = Ruilwinst: (A: B: ) = Geraamd bedrijfsresultaat Op basis van DC: Omzet (A: B: ) = Variabele kosten: (A: B: ) = Contributiebijdrage Strategische en operationele marketing, Appendix B 10

11 Constante kosten manuren 15 = Geraamd bedrijfsresultaat N.B. Het bij a1 berekende bedrijfsresultaat is hoger. Dit verschil is als volgt te verklaren: Er heeft voorraadvorming plaatsgevonden, namelijk stuks A en 500 stuks B. Bij de AC-methode wordt deze voorraad op de balans gewaardeerd tegen de totale kostprijs per eenheid (variabele plus constante kosten). Bij de DC-methode wordt de voorraad gewaardeerd tegen de variabele kosten per eenheid. Het verschil bestaat dus uit de constante kosten per eenheid. A: = B: = b 1 Hoger bedrijfsresultaat = Hoger bedrijfsresultaat 1000 ( ) = c 1 Hogere ruilwinst = Extra dekking constante kosten = Hoger bedrijfsresultaat Hoger bedrijfsresultaat 1000 ( ) = a Het variabele kostenbudget = = b Werkelijke kosten Kostenbudget Budgetafwijking (negatief) c De budgetafwijking kan verdeeld worden in efficiencyverschillen, prijsverschillen en bezettingsresultaten. De nadelige verschillen zijn in totaal en de voordelige verschillen bedragen Zie de volgende opstelling. Per saldo is er dus een nadelige budgetafwijking van: = Nadelig Voordelig Aan materiaalkosten mocht besteed worden: kg = kg; er zijn besteed kg; efficiencyverschil 50 kg à 1,50 = 75 Aan machine-uren had besteed mogen worden: ,5 machine-uur = 950 machine-uren; er zijn besteed machine-uren; de kosten per machine-uur zijn bij normale bezetting : 1000 = 24; efficiencyverschil 100 machine-uren à 24 = prijsverschil op materiaalkosten: kg ( 1,50 1,40) = 755 De constante kosten mochten bedragen ; ze bedroegen ; prijsverschil 1000 De overige variabele kosten mochten bedragen: = 3.800; ze bedroegen 3.900; prijsverschil 100 De bezetting was machine-uren; de normale bezetting is 1000 machine-uren Bezettingsresultaat 50 machine-uren 24 = 1200 Strategische en operationele marketing, Appendix B 11

12 Case B.6 Fortis 1 a Business scope zijn de PMT-combinaties waarin de organisatie actief is. Business definition (domein): dit zijn alle PMT-combinaties die voor de betreffende organisatie mogelijk zijn; dus de combinaties waarin de organisatie al actief is, waarin de concurrentie actief is en eventuele toekomstige nog niet op de markt zijnde combinaties. b c Met het PMT-model van Abell, een driedimensionaal model waarmee je een kubus kunt vormen, kun je in één oogopslag zien waar de organisatie actief is en in welke PMTcombinaties de organisatie actief kan zijn, alsmede in welke PMT-combinaties de concurrentie actief is. Het PMT-model is een brainstormmodel, dat een uitgangspunt voor strategische planning is. De volgende nadelen c.q. beperkingen kunnen worden genoemd: Wat verstaan we precies onder technologieën versus producten? De behoeften van groepen kunnen zo verschillen dat het niet verstandig is deze in één overzicht te zetten. Zie ook onder 1c. Hoe gedetailleerd moet je klantengroepen c.q. -segmenten indelen? Let op: lijst is niet uitputtend! PMT-Intermediairs Probleemoplossingen: advies opleiden en ondersteuning procesfacilitatie informeren/bijpraten provisie productassortiment. Marktsegmenten: ATP s die alleen met Fortis samenwerken en andere deels of niet zelfstandige ATP s, franchisenemers ATP s met name gespecialiseerd in levenproducten ATP s met name gespecialiseerd in schade- en ziektenkostenproducten naar grootte: A, B, C-intermediairs. Technologieën: Leven, eventueel onderverdelen Schaden, eventueel onderverdelen Ziekten, eventueel onderverdelen Sparen, eventueel onderverdelen Employee Benefits (EB), eventueel onderverdelen Educatie, al dan niet in rekening gebracht facilitering en outsourcing. PMT-Afnemers Probleemoplossingen: advies service zekerheid zie Servqual-elementen informeren toegankelijkheid, bereikbaarheid koopcondities breed en diep productassortiment gemak. Strategische en operationele marketing, Appendix B 12

13 Marktsegmenten: MKB, eventueel onderverdelen in bv, eenmanszaak, vof, maatschap grootbedrijven, eventueel onderverdelen in nationaal, internationaal overheden, publieke instellingen particulieren. Technologieën: Leven, eventueel onderverdelen Schaden, eventueel onderverdelen Ziekten, eventueel onderverdelen Sparen, eventueel onderverdelen Employee Benefits (EB), eventueel onderverdelen. 2 a Life-time-value: contant gemaakte winst van het gemiddelde klantenbestand, gedurende een bepaalde periode. b Jaar 1 Jaar 2 Jaar 3 Aantal klanten begin jaar , Retentie 75% 75% 75% Aantal klanten einde jaar 1.852, , Gemiddeld aantal Klanten , ,5 Referal rate 5% 5% 5% Referal customers Nieuw gemiddeld aantal klanten Gemiddelde winst Totale winst Rente factor 1,1 1,21 1,331 NCW , , ,03 NCW cumulatief , , ,43 De life-time-value van dit klantenbestand is ,43. De life-time-value is dus afhankelijk van het aantal klanten, het gemiddelde retentiepercentage (trouwheid), de gemiddelde winst per klant en het gewenste rendement. 3 Eerst moet de polisdichtheid voor 2007 worden berekend. Aantal Producten Ziekte Lijfrenten Hypotheek klanten Inboedel opstal Auto kosten De polisdichtheid in 2007 is: polissen/2.470 klanten = 1,2834 polis per klant. Voor 2008 is de doelstelling 1,2834 1,1 = 1,412 polis per klant. Hoe kan deze doelstelling gerealiseerd worden? Bijvoorbeeld door middel van cross-selling van inboedel-opstalklanten. Veel klanten hebben namelijk alleen een opstal- of alleen een inboedelverzekering. Of door deep of upselling van de lijfrenten. 4 Concurrentieel voordeel voor de afnemer (behoeften worden beter ingevuld): kostenvoordeel; lagere premies; meer dekkingsvoordelen; snellere afhandeling van de offerte, polis en dergelijke; gemakkelijker een polis kunnen afsluiten; snellere schadeafhandeling. Concurrentieel voordeel voor de ATP: Strategische en operationele marketing, Appendix B 13

14 minder fouten bij polisverwerking; snellere afwikkeling; meer faciliteiten; hogere provisie, bonus. Concurrentieel voordeel ten opzichte van de concurrent: De concurrent heeft dus een achterstand ten opzichte van Fortis; dit resulteert in hogere kosten, verlies van klanten, minder winst en marktaandeel. 5 De volgende segmentatievariabelen kunnen worden onderscheiden: Particulieren: demografisch; leeftijd, sekse, gezinssituatie geografisch sociaal-economisch; A-, B1-, B2-, C-, D-welstandsklassen psychografisch; lifestyle-kenmerken mate van gebruik; klein en groot benefits; voordelen van producten. Zakelijk: bedrijfstak geografisch DMU-kenmerken. Overheden: nationaal provinciaal gemeentelijk. De segmenten kunnen worden beoordeeld op basis van criteria, die al dan niet een weging meekrijgen: omvang meetbaarheid; aantallen, getallen bereikbaarheid van de afnemer, via distributiepunten en communicatie intra-homogeen inter-heterogeen mate van concurrentie. 6 De all-finance verzekeraar heeft of zou de volgende generieke strategie van Porter moeten hebben: differentiatie. Hiervoor is een aantal redenen aan te voeren: Zij levert vele producten voor vele zakelijke en particuliere segmenten; dus geen niche. Zij levert via ATP s toegevoegde waarde en is dus daardoor niet de goedkoopste. Zij let op de kosten die geen of weinig toegevoegde waarde leveren. Amev staat voor passie en geeft Fortis Support inhoud. Case B.7 Senseo in Europa Uitgangspunten bij de berekening: De penetratiegraden, genoemd in de vraag, moeten als gemiddelde penetratiegraden worden beschouwd en niet als penetratiegraden aan het einde van het jaar bereikt! De kostprijzen zijn zoals die in de tabellen zijn genoemd. Normaal zijn de kostprijzen bij wel of geen actie gelijk. We gaan uit van 52 weken per jaar. Duitsland Bij 1% penetratie: Brutowinst pads (geldbedragen in euro): 1% penetratie = huishoudens Aantal machines in 1 jaar = Strategische en operationele marketing, Appendix B 14

15 Aantal pads per week per machine per huishouden = 18 Aantal pads in jaar 1 (18 52 weken ) = Brutowinst regulier: % 0,0447 = Brutowinst acties (met korting) % = ,0385 Totaal brutowinst pads: = Brutowinst apparaten: apparaten 10,00 verlies = bruto verlies Totale brutowinst pads en apparaten: = Bij 2% penetratie: = Bij 4% penetratie: = N.B. Men kan ook van verpakkingen uitgaan, wel zo gemakkelijk. Er kunnen kleine afrondingsverschillen optreden. Case B.8 Datamining voor het acquireren van nieuwe klanten 1 Voor Na Respons 6,00% 7,066% (53.000/ %) Conversie 16,67% 16,981% (9.000/ %) N.B. Cardholders uit testmail 50,000 7,066% 16,981% = 600 cardholders 2 Het resultaat in euro s van de per direct mail per jaar: Voor Na Omzet per jaar Cost of mailing Cost of testmailing & study Afschrijving per DM 800 Totale kosten Nettowinst N.B. De winsttoename is per jaar; dit is een groei van bijna 56%. 3 De cashflow van 1 direct mail is = Over de twee jaar worden 50 direct mails uitgebracht, daarom kunnen we stellen dat de gemiddelde looptijd van de cashflow/dm één jaar is. NCW: ( \ 2) 800 investering = positief. Het rendement van 100% wordt ruimschoots gehaald! Case B.9 Econosto versus Eriks; een financiële vergelijking Performance indicatoren Econosto 2006 Eriks 2006 RTV / % = 7,32% / % = 7,36% Beoordeling ERIKS t.o.v. Econosto = RVV / % = 5,1% / = 0,66% REVvb / % = 17,7% / % = 27,41% ROS 7 977/ % = 4,2% / % = 8,066% Current ratio / = 1, / = 0,8 - Quick ratio / = 0, / = 0,54 - Strategische en operationele marketing, Appendix B 15

16 Werkkapitaal = positief / = neg. - (illiquide) Solvabiliteit / % = 17,8% / % = 24,97% Interest coverage ratio / = 1,76 maal / = 14,8 maal Brutowinst Brutowinstmarge / % = 31,2% / % = 25,95% - Economis. marge / % = 4,17% / % = 8,1% Omloopsnelheid (OS) vermogen / = 1,75 maal / = 0,91 maal - (inefficiënt) OS debiteuren p/j / = 3,5 maal / = 3,4 maal = Betaling deb. in dagen 365 / 3,5 = 104 dagen 365 / 3,4 = 108 dagen - OS voorraden p/j In dagen Verkoopk. & alg. beheerskosten/ omzet / = 3,39 maal 365 / 3,39 = 108 dagen / % = 27,1% / = 3,8 maal 365 / 3,8 = 96 dagen / % = 17,89% Hefboomformule Winst per aandeel Omzet/vaste activa Winstvb. per medewerker 17,7%= 7,32(7,32 5,06) / , / = 13,6 maal 3 442(000) / 659 = 5 223,07 27,4% = 7,37(7,37 0,66) / , / = 1,9 maal (000) / = ,23 - (inefficiënt) N.B. Sommige zaken zijn vereenvoudigd weergegeven, hierdoor kunnen antwoorden enigszins afwijken van de werkelijkheid. Conclusie: Eriks heeft i.h.a. duidelijk gunstiger performancefactoren. Het balanstotaal is relatief hoog en zeker het deel vaste activa (zie OS van vermogen). Het werkkapitaal is negatief. De voordelen hiervan zijn: lager balanstotaal, lagere rentelasten (zie RVV), omdat de vlottende passiva (KVV) grotendeels vreemd vermogen is. ERIKS is wel veel effectiever in de markt (zie economische winstmarge, winst per aandeel en per werknemer, dit duidt op schaalvoordelen (relatief lage vaste kosten), terwijl de omzet per ERIKS-medewerker lager is. Voor beide organisaties geldt: de financiële kengetallen zijn niet optimaal. Case B.10 Accountability 1 Definitie van Accountability: Het SMART of SPURT kunnen verantwoorden van (marketing of verkoop) activiteiten door het leggen van een relatie tussen een bepaalde (marketing of verkoop) inspanning en het effect daarvan. 2 Performance indicators op organisatie niveau: Omzet, brutowinst, nettowinst, rentabiliteit, EBIT, solvabiliteit, liquiditeit, ratio met benchmark, e.d. Performance Indicators op marketingniveau: Merkbekendheid, klachtenratio, aantal nieuw producten, omzet- en aandeel nieuwe producten, marktaandeel, time to market, gebruikerstevredenheid, tevredenheid distributeurs, ratio met product benchmark, mate van gap tussen identiteit en imago, e.d. Performance Indicators op verkoopniveau: Verkoopvolume, verkoopbudgetten / omzetratio, aandeel A- en B-klanten, brutomarge per product en per klant, introductiesnelheid van nieuwe producten, klantretentie, medewerkerretentie, e.d. Strategische en operationele marketing, Appendix B 16

Eindexamen m&o vwo 2001-II

Eindexamen m&o vwo 2001-II 4 Antwoordmodel Opgave Het boekresultaat (winst of verlies) dat ontstaat bij verkoop van vaste activa /deelnemingen. Niet, want in een beoordelingsgesprek staat de beoordeling van de prestaties van de

Nadere informatie

Proefschoolexamen Management & Organisatie 5 vwo. Hoofdstuk 17 tot en met 28. Normering. Aantal punten x 9 + 1 = cijfer 63

Proefschoolexamen Management & Organisatie 5 vwo. Hoofdstuk 17 tot en met 28. Normering. Aantal punten x 9 + 1 = cijfer 63 Proefschoolexamen Management & Organisatie 5 vwo Hoofdstuk 17 tot en met 28 Normering Opgave 1 Opgave 1 Opgave 2 Opgave 4 Opgave 5 Opgave 6 Opgave 7 1: 2 punten 1: 2 punten a: 2 punten 1: 3 punten 1: 2

Nadere informatie

Module 4 Inzicht in cijfers

Module 4 Inzicht in cijfers Geleerd in vorige presentaties Module 4 Inzicht in cijfers 1. Balans in detail 2. Kengetallen Les 4. Vergelijk je resultaten op 4 manieren + maak goede investeringsbeslissingen Les 4 Vergelijk je resultaten

Nadere informatie

Meerkeuzevragen: 5. Bereken voor dit jaar de totale constante kosten. A. 1.082.000,- B. 158.800,- C. 142.000,- D. 114.400,-

Meerkeuzevragen: 5. Bereken voor dit jaar de totale constante kosten. A. 1.082.000,- B. 158.800,- C. 142.000,- D. 114.400,- Meerkeuzevragen: 1. John maakt voetballen in Afrika. Hij verdient netto 45,- per week. Hij krijgt een loonsverhoging tijdens het WK voetbal van 1,5 %. Hoeveel verdient deze jongen dan netto per kwartaal?

Nadere informatie

Examen PC 2 vak Cash Management

Examen PC 2 vak Cash Management Examen PC 2 vak Cash Management Instructieblad Betreft: examen: PC 2 leergang 6 onderdeel: CAS datum: 19 december 2013 tijd: 16.00 17.30 uur Deze aanwijzingen goed lezen voor u met uw examen start Aanwijzingen:

Nadere informatie

Uitwerking opgaven Brugboek 19.3, 19.5, 19.6 t/m 19.20 en 19.22

Uitwerking opgaven Brugboek 19.3, 19.5, 19.6 t/m 19.20 en 19.22 Uitwerking opgaven Brugboek 19.3, 19.5, 19.6 t/m 19.20 en 19.22 T/m 19.12 zijn activiteitskengetallen. Vanaf 19.13 Rentabiliteitskengetallen Opgave 19.3 A. Bereken de gemiddelde voorraad over 2013 Q1 1-1

Nadere informatie

Financieel economisch management Examennummer: 11344 Datum: 21 november 2009 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur

Financieel economisch management Examennummer: 11344 Datum: 21 november 2009 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Financieel economisch management Examennummer: 11344 Datum: 21 november 2009 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Dit examen bestaat uit 5 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - een case met 12 open

Nadere informatie

Hoofdstuk 8 Antwoordindicaties tussenvragen

Hoofdstuk 8 Antwoordindicaties tussenvragen Hoofdstuk 8 Antwoordindicaties tussenvragen 8.1 Omschrijf het begrip strategische business unit (SBU) en geef een vijftal kenmerken. Dit is een marketinggeoriënteerde eenheid met de volgende kenmerken:

Nadere informatie

PDB. Antwoordenboek. berekeningen. Financiële administratie & Kostprijscalculatie

PDB. Antwoordenboek. berekeningen. Financiële administratie & Kostprijscalculatie PDB Financiële administratie & Kostprijscalculatie berekeningen PDB Financiële administratie & Kostprijscalculatie berekeningen drs. H.H. Hamers drs. W.J.M. de Reuver Dit antwoordenboek behoort bij het

Nadere informatie

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 16 EN 17 JUNI 2009

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 16 EN 17 JUNI 2009 PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 16 EN 17 JUNI 2009 FINANCIËLE ADMINISTRATIE COPERNICUS BV 1. 710 Inkopen 73.650,- 160 Te verrekenen omzetbelasting 13.993,50 Aan 130

Nadere informatie

2 Constante en variabele kosten

2 Constante en variabele kosten 2 Constante en variabele kosten 2.1 Inleiding Bij het starten van een nieuw bedrijf zal de ondernemer zich onder andere de vraag stellen welke capaciteit zijn bedrijf moet hebben. Zal hij een productie/omzet

Nadere informatie

Aurington. Administratie en Advies

Aurington. Administratie en Advies Aurington Administratie en Advies Let op de houdbaarheidsdatum! Mei 5 Pincode 6 7 8 Boetes Dit jaar Deze maand De balans Tandorine B.V. Debet Activa Bezittingen Wat heb ik? Credit Passiva Vermogen Hoe

Nadere informatie

Eindexamen m&o vwo 2005-I

Eindexamen m&o vwo 2005-I 4 Beoordelingsmodel Opgave 1 1 volgens grafiek: 10% voor computers en 5% voor software 0,15 54 = 8,1 miljard 2 aan de verzadigingsfase gaat de volwassenfase (rijpheidsfase) vooraf, de neergangsfase (eindfase)

Nadere informatie

123WatEenSite C. van de PC Teststraat 1 3351 ZZ Alblasserdam

123WatEenSite C. van de PC Teststraat 1 3351 ZZ Alblasserdam C. van de PC Teststraat 1 3351 ZZ Alblasserdam INHOUDSOPGAVE Pagina Accountantsrapportage 3 Voorwoord 4 Resultaten 5 Financiële positie 7 Ondertekening van de accountantsrapportage 9 Jaarstukken 2008 Jaarrekening

Nadere informatie

Management & Organisatie VWO 5 Hoofdstuk 27 t/m 30. 15 juni 2009 proeftoets 100 minuten. In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing.

Management & Organisatie VWO 5 Hoofdstuk 27 t/m 30. 15 juni 2009 proeftoets 100 minuten. In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing. Management & Organisatie VWO 5 Hoofdstuk 27 t/m 30 15 juni 2009 proeftoets 100 minuten Opgave 1 In deze opgave blijft de btw buiten beschouwing. Firma Balans produceert uitsluitend twee typen weegschalen,

Nadere informatie

OEFENOPGAVEN LESBRIEF INDUSTRIE

OEFENOPGAVEN LESBRIEF INDUSTRIE OEFENOPGAVEN LESBRIEF INDUSTRIE 6 VWO Opgave 1. De onderneming Haakma BV heeft voor 2005 de volgende voorcalculatie met betrekking tot de toegestane kosten opgesteld. De constante fabricagekosten bestaan

Nadere informatie

Module 4 Inzicht in cijfers

Module 4 Inzicht in cijfers Geleerd in vorige presentaties Module 4 Inzicht in cijfers Les 3. Begrijp de balans en stuur op kengetallen 1. Winst- en verliesrekening 2. Balans 3. Kasstroomoverzicht 4. Winst en belasting Les 3 Maak

Nadere informatie

TOELATINGSTOETS M&O. Datum 14-1-2016

TOELATINGSTOETS M&O. Datum 14-1-2016 TOELATINGSTOETS M&O VUL IN: Datum 14-1-2016 Naam en voorletters. Adres. Postcode. Woonplaats. Geboortedatum / / Plaats Land. Telefoonnummer. E-mail. Gekozen opleiding. OPMERKINGEN: Tijdsduur: 90 minuten

Nadere informatie

Eindexamen m&o vwo 2003-II

Eindexamen m&o vwo 2003-II 4 Antwoordmodel Opgave 1 1 voorbeelden van juiste antwoorden: kosten voor de winkelier bij de administratieve afhandeling; interestvergoeding voor het verstrekte krediet; vergoeding voor het risico van

Nadere informatie

Examen VWO. Economische wetenschappen II en recht (oude stijl)

Examen VWO. Economische wetenschappen II en recht (oude stijl) Economische wetenschappen II en recht (oude stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 2 Vrijdag 20 juni 10.00 13.00 20 03 Voor dit examen zijn maximaal 90 punten te behalen; het

Nadere informatie

PROEFEXAMEN Moderne Bedrijfsadministratie (MBA)

PROEFEXAMEN Moderne Bedrijfsadministratie (MBA) PROEFEXAMEN Moderne Bedrijfsadministratie (MBA) onderdeel Bedrijfseconomie Dit examen bestaat uit 4 opgaven. De beschikbare tijd is 3¾ uur. De antwoorden dienen uitsluitend op de uitwerkingenvellen te

Nadere informatie

1 Kostprijsberekening en bezettingsresultaat

1 Kostprijsberekening en bezettingsresultaat 1 Kostprijsberekening en bezettingsresultaat 1.1 Inleiding In het Basisboek Bedrijfseconomie heb je al veel geleerd over hoe de prijs van een product tot stand komt. De eerste hoofdstukken in dat boek

Nadere informatie

Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad?

Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad? Kostencalculatie Correctiemodel Vraag 1 Toetsterm 2.5 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat is de juiste omschrijving van het begrip technische voorraad? De technische voorraad a is de economische

Nadere informatie

Hoofdstuk 6: Beoordelen

Hoofdstuk 6: Beoordelen Hoofdstuk 6: Beoordelen M&O VWO 2011/2012 www.lyceo.nl Overzicht H6: Beoordelen Management & Organisatie Centraal Examen (CE) 1. Rechtsvormen 2. Prijsberekening 3. Resultaten 4. Balans 5. Liquiditeitsbegroting

Nadere informatie

1.9.2 Verschil tussen direct costing en integrale kostencalculatie

1.9.2 Verschil tussen direct costing en integrale kostencalculatie 1.9 Direct costing 1.9.1 Direct costing en variabele-kostencalaculatie Direct costing (D.C.) of wel variabele kostencalculatie is de methode van kostencalculatie waarbij alleen de variabele kosten als

Nadere informatie

Appendix Bedrijfseconomie

Appendix Bedrijfseconomie Appendix Bedrijfseconomie De Nederlandse Associatie voor Praktijkexamens ( de Associatie ) organiseert twee keer per jaar examens voor het in ons land erkende Praktijkdiploma Boekhouden (PDB). Voor het

Nadere informatie

Appendix A Financiële analyse

Appendix A Financiële analyse Appendix A Financiële analyse Case A.1 Bidur 1 Bedrijfseconomische cijfers per PM-combinatie ( 1.000) 2007 Graveersegment Optisch segment Glassegment Overige Omzet & - 8.250 7.000 7.500 14.250 aandeel

Nadere informatie

Examen PC 2 Accounting 1

Examen PC 2 Accounting 1 Examen PC 2 Accounting 1 Instructieblad Examen : Professional Controller 2 leergang 11 Vak : Accounting 1 Datum : 18 december 2014 Tijd : 12.00 13.30 uur Deze aanwijzingen goed lezen voor u met uw examen

Nadere informatie

Opgaven 4.4a en 4.4b horen bij paragraaf 4.2, Liquiditeitsbegroting en resultatenbegroting.

Opgaven 4.4a en 4.4b horen bij paragraaf 4.2, Liquiditeitsbegroting en resultatenbegroting. Hoofdstuk 4 Beoordeling van de liquiditeit Extra opgaven Opgaven 4.4a en 4.4b horen bij paragraaf 4.2, Liquiditeitsbegroting en resultatenbegroting. Opgave 4.4a De handelsonderneming Hartema vof heeft

Nadere informatie

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 73079 Datum: 29 maart 2014 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 73079 Datum: 29 maart 2014 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 73079 Datum: 29 maart 2014 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Dit examen bestaat uit 5 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 10 open vragen (maximaal 70

Nadere informatie

Management en Organisatie VWO 6 Hst 31, 37 t/m 43

Management en Organisatie VWO 6 Hst 31, 37 t/m 43 Management en Organisatie VWO 6 Hst 31, 37 t/m 43 25 januari 2011 proeftoets 100 minuten Opgave 1 Handelsonderneming Astan bv heeft gegevens verzameld. Deze gegevens zijn nodig voor het opstellen van de

Nadere informatie

Financieel Management

Financieel Management Financieel Management Beoordeling financieel Financiële kengetallen Activiteitskengetallen Rentabiliteitskengetallen Liquiditeitskengetallen Solvabiliteitskengetallen Productiviteitskengetallen Beleggingskengetallen

Nadere informatie

Hoofdstuk 1. Opgave 1.1 1. 171. 2. 26,176. 3. 13.758,57. Opgave 1.2 1. 16.687. 2. 832. 3. 469,078. Opgave 1.3 1. 250,-. 2. 11,94114769. 3. 124.

Hoofdstuk 1. Opgave 1.1 1. 171. 2. 26,176. 3. 13.758,57. Opgave 1.2 1. 16.687. 2. 832. 3. 469,078. Opgave 1.3 1. 250,-. 2. 11,94114769. 3. 124. Hoofdstuk 1 Opgave 1.1 1. 171. 2. 26,176. 3. 13.758,57. Opgave 1.2 1. 16.687. 2. 832. 3. 469,078. Opgave 1.3 1. 250,-. 2. 11,94114769. 3. 124. Opgave 1.4 1. 25,24. 2. 1.486,35. 3. 28.459.000,-. 4. 4.659,-.

Nadere informatie

Opgave 2 a. Met welke formule berekenen we de integrale kostprijs? b. Hoe noemen we integrale kostprijsberekening ook wel?

Opgave 2 a. Met welke formule berekenen we de integrale kostprijs? b. Hoe noemen we integrale kostprijsberekening ook wel? Opgaven paragraaf 1.9.1 en 1.9.2 a. Wat wordt verstaan onder direct costing? b. Hoe wordt direct costing ook wel genoemd? c. Wat is de essentie waarom een onderneming kiest voor direct costing? a. Met

Nadere informatie

Beoordeling van investeringsvoorstellen

Beoordeling van investeringsvoorstellen Beoordeling van investeringsvoorstellen C2010 1 Beoordeling van investeringsvoorstellen Ir. drs. M. M. J. Latten 1. Inleiding C2010 3 2. De onderneming C2010 3 3. Investeringen G2010 3 4. Selectiecriteria

Nadere informatie

Examen PC 2 vak Cash Management

Examen PC 2 vak Cash Management Examen PC 2 vak Cash Management Instructieblad Betreft: examen: PC 2 leergang 5 onderdeel: Cash Management datum: 28 juni 2013 tijd: 16.00 17.30 uur Deze aanwijzingen goed lezen voor u met uw examen start

Nadere informatie

Eindexamen m&o havo 2007-I

Eindexamen m&o havo 2007-I Beoordelingsmodel Opgave 1 1 maximumscore 1 Bij huurkoop loopt Witgoed minder risico omdat bij huurkoop Witgoed eigenaar blijft van de verkochte goederen tot de laatste termijnbetaling voldaan is. (Indien

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Management accounting: plaatsbepaling en ontwikkeling

Hoofdstuk 1 Management accounting: plaatsbepaling en ontwikkeling Hoofdstuk 1 Management accounting: plaatsbepaling en ontwikkeling Meerkeuzevraag 1.8 Eigen vermogen 31 december 220.000 Eigen vermogen 1 januari 250.000 -- Vermogenstoename 30.000 Onttrekkingen 70.000

Nadere informatie

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 11 EN 12 JANUARI 2011

PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 11 EN 12 JANUARI 2011 FINANCIËLE ADMINISTRATIE DERKSEN BV 1. De verkoopprijs van een kuubskist bedraagt: 154,- 100/70 1,19 = 261,80. PRAKTIJKDIPLOMA BOEKHOUDEN FINANCIAL & COST ACCOUNTING UITWERKINGEN 11 EN 12 JANUARI 2011

Nadere informatie

Waarom gaan we investeren We verwachten winst te maken! Alleen rekening houden met toekomstige ontvangsten en uitgaven.

Waarom gaan we investeren We verwachten winst te maken! Alleen rekening houden met toekomstige ontvangsten en uitgaven. www.jooplengkeek.nl Investeringsselectie Waarom gaan we investeren We verwachten winst te maken! Alleen rekening houden met toekomstige ontvangsten en uitgaven. belangrijk Calculaties voor beslissingen

Nadere informatie

BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V.

BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V. BUSINESS VALUATION UITWERKING TOPAAS B.V. VERONDERSTELLINGEN Vraagprijs 2.500.000 (pand en inventaris). Inkomsten: In totaal 40 kamers; Bezetting kamers: T1 45%, T2 52%, T3 63%, vanaf T4 en verder 68%;

Nadere informatie

Syllabus. Leerdoelen voor de European Business Competence* Licence, EBC*L Niveau A

Syllabus. Leerdoelen voor de European Business Competence* Licence, EBC*L Niveau A Syllabus en voor de European Business Competence* Licence, EBC*L Niveau A Modules: Bedrijfsdoelstellingen & kengetallen Financiële administratie Kosten & prijzen Bedrijfsvorm & wetgeving EBC*L International,

Nadere informatie

Inkoopprijs 100% + marge 10% = verkoopprijs 110% Stel de inkoopprijs bedraagt 800 en de winstmarge 10% van de

Inkoopprijs 100% + marge 10% = verkoopprijs 110% Stel de inkoopprijs bedraagt 800 en de winstmarge 10% van de Marge berekeningen Inkoopprijs + marge = verkoopprijs Een voorbeeld marge van de inkoopprijs Inkoopprijs 100% + marge 10% = verkoopprijs 110% marge van de verkoopprijs Inkoopprijs 90% + marge 10% = verkoopprijs

Nadere informatie

www.jooplengkeek.nl Kostensoorten

www.jooplengkeek.nl Kostensoorten www.jooplengkeek.nl Kostensoorten Grondstoffen Arbeid Overige variabele kosten Duurzame productiemiddelen Grond Diensten van derden Belastingen Financiering 1 Kostensoorten Financiering Financieringskosten

Nadere informatie

MKBTR TOPFIT SESSIE HET VERHAAL VAN DE JAARCIJFERS 17 MAART 2016

MKBTR TOPFIT SESSIE HET VERHAAL VAN DE JAARCIJFERS 17 MAART 2016 MKBTR TOPFIT SESSIE HET VERHAAL VAN DE JAARCIJFERS 17 MAART 2016 Wat gaan we doen? Wat zijn je verwachtingen? Stukje theorie Oefencasus Afronding Handel en boekhouding Zo lang er handel wordt gedreven

Nadere informatie

Bedrijfseconomie samenvatting H1 Les 1

Bedrijfseconomie samenvatting H1 Les 1 Bedrijfseconomie samenvatting H1 Les 1 Onderwerp Integrale kostprijsmethode variabele kostencalculatie BEP Literatuur Bestuderen 6.1 t/m 6.5 BEP bij 1 product Maken opg. 6.8 en 6.11 theorie verkooplenanalyse

Nadere informatie

Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur

Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Bedrijfseconomische Aspecten Examennummer: 71533 Datum: 14 april 2012 Tijd: 13:00 uur - 14:30 uur Dit examen bestaat uit 8 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 30 meerkeuzevragen (maximaal

Nadere informatie

Dit voorbeeldexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Dit voorbeeldexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Kostencalculatie niveau 4 Examenopgaven Belangrijke informatie Dit voorbeeldexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Dit voorbeeldexamen bestaat

Nadere informatie

a. U hebt voor deze toets 75 minuten de tijd. VERGEET U NIET UW GEMAAKTE TOETS IN TE LEVEREN BIJ DE SURVEILLANT?

a. U hebt voor deze toets 75 minuten de tijd. VERGEET U NIET UW GEMAAKTE TOETS IN TE LEVEREN BIJ DE SURVEILLANT? TOETS JAARREKENINGLEZEN BEROEPSOPLEIDING ADVOCATUUR VOORJAARSSCYCLUS 2012 EN INHALERS 11 OKTOBER 2012 (12.00 13.15 UUR) Naam :..... Cursusgroep :..... a. U hebt voor deze toets 75 minuten de tijd. VERGEET

Nadere informatie

ZEEËN VAN KANSEN FINANCIEEL MANAGEMENT

ZEEËN VAN KANSEN FINANCIEEL MANAGEMENT ZEEËN VAN KANSEN FINANCIEEL MANAGEMENT (Innovatieve) projecten Financiële haalbaarheid Welke kennis is essentieel Bedrijfsplan Investeringsselectie Inkoopmarkt Bedrijf Verkoopmarkt Productiemiddelen Gelduitgaven

Nadere informatie

De kostprijs en capaciteiten. De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten

De kostprijs en capaciteiten. De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten De kostprijs en capaciteiten De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten Capaciteiten 1 De kostprijs Kostprijs Constante of vaste kosten: Kosten die in een bepaalde periode

Nadere informatie

Examen HAVO en VHBO. Handelswetenschappen en recht

Examen HAVO en VHBO. Handelswetenschappen en recht Handelswetenschappen en recht Examen HAVO en VHBO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Vooropleiding Hoger Beroeps Onderwijs HAVO Tijdvak 1 VHBO Tijdvak 2 Vrijdag 28 mei 13.30 16.30 uur 19 99 Dit examen

Nadere informatie

Opsteldatum: 26 oktober 2012 Periode: 1 januari 2009 t/m 31 december 2014. Telefoonnummer: 31611359232 Email adres: wilco.kraaij@unit4.

Opsteldatum: 26 oktober 2012 Periode: 1 januari 2009 t/m 31 december 2014. Telefoonnummer: 31611359232 Email adres: wilco.kraaij@unit4. Prognose 213-214 Bedrijfsnaam: Van Driel Aggregaten B V Vestigingsplaats: Veenendaal Opsteldatum: 26 oktober 212 Periode: 1 januari 29 t/m 31 december 214 Bedrijfsnaam: Vestigingsplaats: Van Driel Aggregaten

Nadere informatie

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 61562 Datum: 30 juni 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 61562 Datum: 30 juni 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 61562 Datum: 30 juni 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Dit examen bestaat uit 5 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 10 open vragen (maximaal 70

Nadere informatie

Kengetallen met betrekking tot de vermogensbehoefte. Opgave 3.6a hoort bij paragraaf 3.3, De gemiddelde opslagduur van de voorraad goederen.

Kengetallen met betrekking tot de vermogensbehoefte. Opgave 3.6a hoort bij paragraaf 3.3, De gemiddelde opslagduur van de voorraad goederen. Hoofdstuk 3 Kengetallen met betrekking tot de vermogensbehoefte Extra opgaven Opgave 3.6a hoort bij paragraaf 3.3, De gemiddelde opslagduur van de voorraad goederen. Opgave 3.6a Vazzo bv koopt en verkoopt

Nadere informatie

Opsteldatum: 23 mei 2011 Periode: 1 januari 2009 t/m 31 december 2013. Telefoonnummer: 611358230 Email adres: wilco.kraaij@unit4.

Opsteldatum: 23 mei 2011 Periode: 1 januari 2009 t/m 31 december 2013. Telefoonnummer: 611358230 Email adres: wilco.kraaij@unit4. Bedrijfsnaam: Vestigingsplaats: Driel Aggregaten BV Veenendaal Opsteldatum: 23 mei 211 Periode: 1 januari 29 t/m 31 december 213 Bedrijfsnaam: Vestigingsplaats: Driel Aggregaten BV Veenendaal Opsteller:

Nadere informatie

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 19639 Datum: 26 maart 2011 Tijd: 12:30 uur - 14:00 uur

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 19639 Datum: 26 maart 2011 Tijd: 12:30 uur - 14:00 uur Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 19639 Datum: 26 maart 2011 Tijd: 12:30 uur - 14:00 uur Dit examen bestaat uit 5 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 15 open vragen (maximaal 50

Nadere informatie

Het programma van vandaag

Het programma van vandaag kostprijs Het programma van vandaag De normale en werkelijke bezetting De integrale kostprijs Bezettingsresultaten De differentiële kostprijs De opslagmethode 1 De kostprijs Kostprijs Constante of vaste

Nadere informatie

Correctievoorschrift VWO. Management & Organisatie (nieuwe stijl)

Correctievoorschrift VWO. Management & Organisatie (nieuwe stijl) Management & Organisatie (nieuwe stijl) Correctievoorschrift VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs 20 01 Tijdvak 2 Inzenden scores Uiterlijk op 22 juni de scores van de alfabetisch eerste vijf kandidaten

Nadere informatie

Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. PDB kostencalculatie 4 Oefenexamen 2 Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Het aantal te behalen punten is 38. Bij elke vraag staat aangegeven

Nadere informatie

v6mo2p oefentoets vwo M&O 2e periode blad 1 van 5

v6mo2p oefentoets vwo M&O 2e periode blad 1 van 5 v6mo2p oefentoets vwo M&O 2e periode blad 1 van 5 Berekeningen altijd toevoegen als voor een antwoord een berekening nodig is. Verklaren, uitleggen, motiveren. als daar om wordt gevraagd. Opgave 1 nettowinstopslagmethode

Nadere informatie

PROEFEXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden onderdeel Kostprijscalculatie

PROEFEXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden onderdeel Kostprijscalculatie PROEFEXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden onderdeel Kostprijscalculatie Beschikbare tijd 2 uur. Op de netheid van het werk zal worden gelet. Deze opgave is eigendom van de Examencommissie en dient, tezamen

Nadere informatie

KEN DE GETALLEN. Inzicht in financiële cijfers. Loek Vis BASIS & BELEID ORGANISATIEADVISEURS

KEN DE GETALLEN. Inzicht in financiële cijfers. Loek Vis BASIS & BELEID ORGANISATIEADVISEURS KEN DE GETALLEN Inzicht in financiële cijfers Loek Vis BASIS & BELEID ORGANISATIEADVISEURS 1. RESULTATENREKENING omzet - inkoopkosten = brutomarge - operationele kosten (excl. afschrijvingen) = EBITDA

Nadere informatie

www.jooplengkeek.nl Hoofdstuk 43 belangrijk

www.jooplengkeek.nl Hoofdstuk 43 belangrijk www.jooplengkeek.nl belangrijk 1 belangrijk Solvabiliteitskengetallen: de verhouding tussen eigen vermogen en vreemd vermogen en totaal vermogen 2 3 4 Solvabiliteitskengetallen Er zijn verschillende solvabiliteitskengetallen

Nadere informatie

Optiek Het Oog De kritieke financiële situatie De onderneming

Optiek Het Oog De kritieke financiële situatie De onderneming ! "## $ % %& % %& Optiek Het Oog Anneth en Karel Brinke, beiden opticien, zijn de eigenaren van Optiek het Oog, gevestigd in het centrum van s-hertogenbosch, vlakbij de Sint Janskathedraal. Anneth en Karel,

Nadere informatie

PROEFEXAMEN 2 Praktijkdiploma Boekhouden

PROEFEXAMEN 2 Praktijkdiploma Boekhouden PROEFEXAMEN Praktijkdiploma Boekhouden onderdeel Bedrijfseconomie Beschikbare tijd uur. Op de netheid van het werk zal worden gelet. Deze opgave is eigendom van de Examencommissie en dient, tezamen met

Nadere informatie

Eindexamen m&o vwo 2008-I

Eindexamen m&o vwo 2008-I Beoordelingsmodel Opgave 1 1 maximumscore 2 introductiefase groeifase rijpheidsfase/volwassenfase verzadigingsfase/stabilisatiefase neergangsfase/aftakelingsfase/eindfase Opmerking: Wanneer niet in de

Nadere informatie

9 Uitwerkingen proefwerktrainingen deel 2

9 Uitwerkingen proefwerktrainingen deel 2 Docentenhandleiding Hoofdstuk 25 9 Uitwerkingen proefwerktrainingen deel 2 a Per november 2008 wordt aan huur vooruitontvangen: 400 3 650 = 780.. b Per december wordt achteraf ontvangen: 25 3 720 = 270..

Nadere informatie

BEDRIJFSWETENSCHAPPEN. 2. De investeringsbeslissing en de verantwoording ervan

BEDRIJFSWETENSCHAPPEN. 2. De investeringsbeslissing en de verantwoording ervan BEDRIJFSWETENSCHAPPEN Hoofdstuk 2: INVESTERINGSANALYSE 1. Toepasbare beoordelingsmethodes 1.1. Pay-back 1.2. Return on investment 1.3. Internal rate of return 1.4. Net present value 2. De investeringsbeslissing

Nadere informatie

Examen VWO. Economische wetenschappen II en recht (oude stijl)

Examen VWO. Economische wetenschappen II en recht (oude stijl) Economische wetenschappen II en recht (oude stijl) Examen VWO Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs Tijdvak 1 Donderdag 30 mei 13.30 16.30 uur 20 02 Voor dit examen zijn maximaal 90 punten te behalen;

Nadere informatie

Uitwerkingen hoofdstuk 4 Kostenindelingen en kostprijs

Uitwerkingen hoofdstuk 4 Kostenindelingen en kostprijs Uitwerkingen hoofdstuk 4 Kostenindelingen en kostprijs Opgave 4-2 Er is hier sprake van een onderneming die een bepaald type koffieautomaat produceert. Op grond van dit gegeven zal bepaald moeten worden

Nadere informatie

Heterogene productie (meerdere producten) De directe kosten hebben een rechtstreeks verband met de productie/verkoop van een product.

Heterogene productie (meerdere producten) De directe kosten hebben een rechtstreeks verband met de productie/verkoop van een product. www.jooplengkeek.nl Heterogene productie (meerdere producten) Primitieve opslagmethode We splitsen de kosten in: Directe kosten Indirecte kosten belangrijk De directe kosten hebben een rechtstreeks verband

Nadere informatie

22-1-2014. Cursus Bedrijfseconomie 2 IBK2BEC20. Tentamentraining

22-1-2014. Cursus Bedrijfseconomie 2 IBK2BEC20. Tentamentraining Cursus Bedrijfseconomie 2 IBK2BEC20 1 Tentamentraining 2 1 Kostprijs Normale productie : 40.000 stuks Verwachte werkelijke productie : 44.000 stuks Variabele kosten : 176.000 Constante kosten : 360.000

Nadere informatie

Q1 Q2 Q3 Q4. Liquide middelen begin kwartaal 290.000 1.011.500 1.012.000 947.500. Verkopen 1.140.000 880.000 1.020.000 1.435.000

Q1 Q2 Q3 Q4. Liquide middelen begin kwartaal 290.000 1.011.500 1.012.000 947.500. Verkopen 1.140.000 880.000 1.020.000 1.435.000 Uitwerkingen opgaven Brugboek hoofdstuk 20 Opgaven 20.2 t/m 20.4 en 20.7 t/m 20.9 Opgave 20.2 Liquiditeitsbegroting 2013 gesplitst per kwartaal Onderdeel Q1 Q2 Q3 Q4 Liquide middelen begin kwartaal 290.000

Nadere informatie

Financieel Management

Financieel Management Financieel Management Liquide en Solvabel Voldoende werkkapitaal Voldoende eigen vermogen 2 1 Kasstromen Operationele cashflow Investeringscashflow Financieringscashflow 3 Liquiditeit Mate waarin schulden

Nadere informatie

Eindexamen havo m&o 2013-I

Eindexamen havo m&o 2013-I Opgave 2 Bij deze opgave horen de informatiebronnen 1 tot en met 6. Bij deze opgave worden de belastingen buiten beschouwing gelaten. Peter de Beer is de eigenaar van een klein autobedrijf (FIAT De Beer

Nadere informatie

Eindexamen m&o vwo 2007-II

Eindexamen m&o vwo 2007-II Beoordelingsmodel Opgave 1 1 maximumscore 1 product maximumscore 1 De regels van FNLI zijn strenger dan de internationale richtlijnen waardoor er minder producten onder een gezond-logo geplaatst kunnen

Nadere informatie

TOETS 1 - Basiskennis Calculatie (BKC)

TOETS 1 - Basiskennis Calculatie (BKC) TOETS 1 - Basiskennis Calculatie (BKC) Het maximaal aantal te behalen punten voor deze toets is 90. Bij elke vraag of opdracht staat aangegeven hoeveel punten u daarvoor kunt halen. De beschikbare examentijd

Nadere informatie

Acumulus & Co. Jaarrekening t.b.v. aangifte inkomstenbelasting (IB)

Acumulus & Co. Jaarrekening t.b.v. aangifte inkomstenbelasting (IB) Jaarrekening t.b.v. aangifte inkomstenbelasting (IB) 2013 Acumulus & Co Inhoud: - Verlies- en Winstrekening - Balans - Priveonttrekkingen/-stortingen - Bijlagen BTW-nummer Van 01-01-2013 Tot en met 31-12-2013

Nadere informatie

2 Constante en variabele kosten

2 Constante en variabele kosten 2 Constante en variabele kosten Opgaven paragraaf 2.2 en 2.3 Opgave 1 Van een onderneming zijn de volgende gegevens bekend: constante kosten 600.000, normale productie 40.000 stuks werkelijke productie

Nadere informatie

3 Voorcalculatie, nacalculatie en verschillenanalyse

3 Voorcalculatie, nacalculatie en verschillenanalyse 3 Voorcalculatie, nacalculatie en verschillenanalyse 3.1 Inleiding Voor je als ondernemer aan het werk gaat, moet je natuurlijk wel weten waar je aan begint. Of het nou gaat om een fabricagebedrijf of

Nadere informatie

Dit examen bestaat uit een casus, 8 vragen en 4 bijlagen (10 pagina s)

Dit examen bestaat uit een casus, 8 vragen en 4 bijlagen (10 pagina s) ! Dit examen bestaat uit een casus, 8 vragen en 4 bijlagen (10 pagina s) Er is GEEN grafische rekenmachine toegestaan. In totaal kunnen voor het examen 100 punten worden behaald. 55 punten of meer is voldoende.

Nadere informatie

Eindexamen m&o vwo 2003-I

Eindexamen m&o vwo 2003-I 4 Antwoordmodel Opgave 1 1 initiatiefrecht / adviesrecht 2 voorbeelden van een juist antwoord: Ja, Lodewijks heeft gelijk omdat de CAO-Uitzendbureaus geldt voor een totale sector. Nee, Lodewijks heeft

Nadere informatie

HARTELIJK WELKOM. 18 mei 2011 - Startersdag Unizo. BAERT Alfred

HARTELIJK WELKOM. 18 mei 2011 - Startersdag Unizo. BAERT Alfred HARTELIJK WELKOM 18 mei 2011 - Startersdag Unizo BAERT Alfred Het ondernemingsplan is een plan dat wordt opgesteld om vooraf het succes van de onderneming in te schatten. (max.20 blz.) Er zijn veel modellen

Nadere informatie

7 Directe en indirecte kosten

7 Directe en indirecte kosten 7 Directe en indirecte kosten hoofdstuk 7.1 C 7.2 B 7.3 C 7.4 A 7.5 B 7.6 D 800 / 7.0 = 0,101 7.7 B 1.350 13,5 40 = 810 Opslag: 60 / 40 = 1,5 (150%) 7.8 A 2 35 + 10 15 + 0,50 2 35 = 255 7.9 B 12 + 10 +

Nadere informatie

Bij het na-calculatorische budget bepalen we achteraf wat de kosten hadden mogen zijn op basis van de werkelijke productie/afzet.

Bij het na-calculatorische budget bepalen we achteraf wat de kosten hadden mogen zijn op basis van de werkelijke productie/afzet. www.jooplengkeek.nl Nacalculatie bij homogene productie Berekening van het bedrijfsresultaat Bij het na-calculatorische budget bepalen we achteraf wat de kosten hadden mogen zijn op basis van de werkelijke

Nadere informatie

Antwoordmodel (73223)

Antwoordmodel (73223) Antwoordmodel (73223) Open vragen (70 punten) 1. De geconcentreerde marktsegmentatiestrategie Motivatie: Het gaat hier om één segment, namelijk een reisbureau voor 65-plussers NIBE-SVV (2011). Zakelijke

Nadere informatie

Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen.

Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. PDB KOSTENCALCULATIE 4 OEFENEXAMEN 3 Dit oefenexamen bestaat uit 22 vragen. De opbouw en het aantal vragen komt overeen met het online examen. Het aantal te behalen punten is 38. Bij elke vraag staat aangegeven

Nadere informatie

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 91401 Datum: 28 juni 2014 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur

Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 91401 Datum: 28 juni 2014 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Bedrijfseconomische aspecten Examennummer: 91401 Datum: 28 juni 2014 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Dit examen bestaat uit 6 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 3 cases met in totaal 15 open

Nadere informatie

Financiële analyse. Les 3 Kengetallen. Opdracht voor volgende lesweek

Financiële analyse. Les 3 Kengetallen. Opdracht voor volgende lesweek Financiële analyse Les 3 Kengetallen Opdracht voor volgende lesweek 1. Ieder teamlid download de financiele gegevens en berekent voor zijn bedrijf uit elke categorie van kengetallen (liquiditeit, solvabiliteit,

Nadere informatie

PROEFEXAMEN Moderne Bedrijfsadministratie (MBA)

PROEFEXAMEN Moderne Bedrijfsadministratie (MBA) PROEFEXAMEN Moderne Bedrijfsadministratie (MBA) Financiële Rapportage en Analyse Beschikbare tijd 3¾ uur. Op de netheid van het werk zal worden gelet. Deze opgave is eigendom van de Examencommissie en

Nadere informatie

Management & Organisatie Proeftoets SE 6 vwo 6

Management & Organisatie Proeftoets SE 6 vwo 6 Naam: Beste leerling, Dit schoolexamen voor het vak M&O betreft de nieuwe hoofdstukken 21 tot en met 29 alsmede van de hoofdstukken 33 tot en met 37 en heeft als onderwerpen: - toepassingen van informatie-

Nadere informatie

Bedrijfseconomie. B-cluster BBBBEC2A.1

Bedrijfseconomie. B-cluster BBBBEC2A.1 Bedrijfseconomie B-cluster BBBBEC2A.1 Succes met leren Leuk dat je onze bundels hebt gedownload. Met deze bundels hopen we dat het leren een stuk makkelijker wordt. We proberen de beste samenvattingen

Nadere informatie

Acumulus & Co. Bijlage 2. Jaarrekening t.b.v. aangifte inkomstenbelasting (IB)

Acumulus & Co. Bijlage 2. Jaarrekening t.b.v. aangifte inkomstenbelasting (IB) Bijlage 2 Jaarrekening t.b.v. aangifte inkomstenbelasting (IB) 2014 Acumulus & Co Inhoud: - Verlies- en Winstrekening - Balans - Priveonttrekkingen/-stortingen - Bijlagen BTW-nummer Van 01-01-2014 Tot

Nadere informatie

Junior company 2. Ondernemingsplan

Junior company 2. Ondernemingsplan Voortgezet onderwijs Junior company 2. Ondernemingsplan Stichting Stichting Jong Jong Ondernemen: Ondernemen: Postbus Postbus 93002 93002 2509 2509 AA AA Den Den Haag Haag Bezuidenhoutseweg Bezuidenhoutseweg1212

Nadere informatie

Stichting Hope of the Nations M.F. Lodewijk Hogeweg 16D 8278 BC Kamperveen

Stichting Hope of the Nations M.F. Lodewijk Hogeweg 16D 8278 BC Kamperveen M.F. Lodewijk Hogeweg 16D 8278 BC Kamperveen INHOUDSOPGAVE Pagina Rapportage 3 Voorwoord 4 Resultaten 5 Financiële positie 7 Jaarstukken 2011 Jaarrekening 9 Balans per 31 december 2011 10 Winst-en-verliesrekening

Nadere informatie

Eindexamen m&o vwo 2001-I

Eindexamen m&o vwo 2001-I Eindexamen m&o vwo 00-I 4 Antwoordmodel Opgave Maximumscore voorbeelden van juiste antwoorden: Zelf selecteren kan goedkoper zijn. Bij zelf selecteren kan beter ingeschat worden of de sollicitant binnen

Nadere informatie

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Kostencalculatie niveau 4 1 / 9

2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Kostencalculatie niveau 4 1 / 9 Kostencalculatie niveau 4 Correctiemodel 2015 Nederlandse Associatie voor Examinering Kostencalculatie niveau 4 1 / 9 Vraag 1 Toetsterm 1.1 - Beheersingsniveau: K - Aantal punten: 1 Wat zijn de functies

Nadere informatie

www.jooplengkeek.nl Hoofdstuk 42 belangrijk

www.jooplengkeek.nl Hoofdstuk 42 belangrijk www.jooplengkeek.nl belangrijk 1 Liquiditeitskengetallen Current ratio Quick ratio Working capital (werkkapitaal) Cashflow Kengetallen Kengetallen zijn verhoudingsgetallen, ze geven de verhouding aan tussen

Nadere informatie

Consumentenmarketing NIMA-B Examennummer: 19325 Datum: 21 januari 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur

Consumentenmarketing NIMA-B Examennummer: 19325 Datum: 21 januari 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Consumentenmarketing NIMA-B Examennummer: 19325 Datum: 21 januari 2012 Tijd: 10:00 uur - 11:30 uur Dit examen bestaat uit 10 pagina s. De opbouw van het examen is als volgt: - 40 meerkeuzevragen (maximaal

Nadere informatie