Spelregels. DBC-registratie ggz. Versie

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Spelregels. DBC-registratie ggz. Versie 20120907"

Transcriptie

1 Spelregels DBC-registratie ggz Versie januari 2013

2 Inhoudsopgave Inleiding DBC-systematiek Bekostiging van de geestelijke gezondheidszorg DBC-systematiek Stappen registratie Openen Openen DBC: Wat? Startdatum zorgtraject en openingsdatum DBC Openen DBC: Wie? Openen DBC: Wanneer? Een initiële DBC openen Een vervolg-dbc openen Een DBC heropenen Typeren Typeren DBC: Wat? Identificatiegegevens Zorgtype Diagnoseclassificatie Typeren DBC: Wie? Typeren DBC: Wanneer? Registreren Diagnostiek en behandeling registreren Diagnostiek en behandeling registreren: Wat? Diagnostiek en behandeling registreren: Wie? Diagnostiek en behandeling registreren: Wanneer? Dagbesteding registreren Dagbesteding registreren: Wat? Dagbesteding registreren: Wie? Dagbesteding registreren: Wanneer? Verblijf registreren Verblijf registreren: Wat? Verblijf registreren: Wie? Verblijf registreren: Wanneer? Verrichtingen registreren DBC-Onderhoud 2 88

3 4.4.1 Verrichtingen registreren: Wat? Verrichtingen registreren: Wie? Verrichtingen registreren: Wanneer? Sluiten Sluiten DBC: Wat? Sluiten DBC: Wie? Sluiten DBC: Wanneer? Crisis Openen Een crisis-dbc openen Een crisis-dbc heropenen Typeren Registreren Crisis registreren: Wat? Crisis registreren: Wie? Crisis registreren: Wanneer? Overige informatie Gegevens anonimiseren Eigen bijdrage Aanspraak van activiteiten en verrichtingen Overige producten (OVP) Bijlage 1: Activiteiten- en verrichtingenlijst Bijlage 2: Definities activiteiten en verrichtingen Bijlage 3: Beroepentabel Bijlage 4: Deelprestaties verblijf (24-uurs verblijf) Bijlage 5: Deelprestatie verblijf (zonder overnachting) Bijlage 6: Samenvatting van de belangrijkste regels Hoofdstuk 1: Belangrijkste definities Hoofdstuk 2: Openen Hoofdstuk 3: Typeren Hoofdstuk 4: Registreren Hoofdstuk 5: Sluiten Hoofdstuk 6: Crisis Hoofdstuk 7: Aanspraak DBC-Onderhoud 3 88

4 Inleiding Dit zijn de regels die gelden voor de DBC-registratie in De regels zijn bedoeld als handleiding voor iedereen die in de tweedelijns curatieve ggz met DBC-registratie te maken heeft. U werkt bijvoorbeeld in een ggz-instelling, in een zelfstandig gevestigde praktijk of op een PAAZ- of PUK-afdeling. Deze regels geven inzicht in de DBC-systematiek (hoofdstuk 1) en zetten uiteen welke regels gelden bij het openen van de DBC (hoofdstuk 2), het typeren van de DBC (hoofdstuk 3), het registreren op de DBC (hoofdstuk 4) en het sluiten van de DBC (hoofdstuk 5). In hoofdstuk 6 wordt het registreren van crisis specifiek toegelicht voor instellingen met een regionale 24-uurs crisisdienst. Hoofdstuk 7 geeft ten slotte extra informatie over het registreren op een DBC. Heeft u nog vragen naar aanleiding van deze regels? Neem dan contact op met onze helpdesk: of De helpdesk is maandag tot en met vrijdag geopend van 8.30 tot uur en van tot uur. De spelregels zijn een instructie voor de DBC-registratie en zijn een onderdeel van de regeling Declaratiebepalingen DBC s in de cggz (www.nza.nl). Wilt u meer informatie over de DBC-systematiek, bezoek onze website: Wilt u meer informatie over de data-aanlevering aan DIS, bezoek de website van het DBC-informatiesysteem: Nadere regel: Declaratiebepalingen DBC s in de cggz (www.nza.nl) Nadere regel: Regeling verplichte aanlevering minimale dataset GGZ Zvw (www.nza.nl) DBC-Onderhoud 4 88

5 1 DBC-systematiek 1.1 Bekostiging van de geestelijke gezondheidszorg Er zijn verschillende financieringsstromen die het mogelijk maken geestelijke gezondheidszorg in de tweede lijn te bekostigen. Binnen deze financieringsstromen wordt een onderscheid gemaakt tussen geestelijke gezondheidszorg gericht op (langdurige) chronische problematiek en geestelijke gezondheidszorg gericht op korter durende zorg met genezing als doel. Het laatste type zorg heet ook wel curatieve geestelijke gezondheidszorg (ggz). De systematiek van registratie en bekostiging voor curatieve ggz is de DBCsystematiek. Dit document gaat over de DBC-systematiek en de regels die gelden voor het registreren van activiteiten en verrichtingen. Specifieke zaken die niet geregistreerd kunnen worden op basis van de DBC-systematiek zijn: Zorg na overlijden van patiënt Zorg die is geboden na de overlijdensdatum van de patiënt, bijvoorbeeld het afronden van een dossier, mag niet geregistreerd worden op een DBC. Deze activiteiten worden volgens de Zorgverzekeringswet namelijk niet vergoed door de verzekeraar, omdat ze niet bijdragen aan de genezing van de patiënt. Openbare ggz Zorg die is uitgevoerd in het kader van de openbare ggz, waarbij het gaat om preventie en zorg die niet voortkomt uit een individuele en vrijwillige zorgvraag, mag niet geregistreerd worden op een DBC. Collectieve preventie en dienstverlening Zorg die is geboden in het kader van collectieve preventie en dienstverlening, zoals het voorlichten van jongeren over psychiatrische klachten, mag niet geregistreerd worden op een DBC. Lang verblijf Een verblijf in een instelling van een aaneengeschakelde periode tot en met 365 dagen valt onder de Zorgverzekeringswet (artikel 2.10 Bzv) 1. Duurt de opname langer dan 365 dagen, dan valt dit onder de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Forensische zorg De systematiek bedoeld voor de bekostiging van forensische zorg onder het strafrechtelijk kader (fz) valt niet onder de systematiek voor de bekostiging van curatieve ggz middels de DBC-systematiek. Voor de fz gelden aparte Forensische zorg (www.dbconderhoud.nl) 1 Wanneer er tijdens de opnameperiode een onderbreking plaatsvindt van hoogstens 30 dagen, tellen deze niet mee voor de berekening van 365 dagen. Voor nadere regelgeving, zie DBC-Onderhoud 5 88

6 registratieregels. Zorg die wordt opgelegd in het kader van Jeugdstrafrecht valt echter wel onder de DBC-systematiek van de ggz. 1.2 DBC-systematiek DBC staat voor Diagnose Behandeling Combinatie. Een DBC omvat het traject tot maximaal 365 kalenderdagen dat een patiënt doorloopt als hij zorg nodig heeft voor een specifieke diagnose, vanaf het eerste contact bij een tweedelijns curatieve ggz-aanbieder tot en met de behandeling die hier eventueel uit volgt. De DBC vormt de basis voor de declaratie van deze geleverde zorg in het kader van de diagnose bij de zorgverzekeraar van die patiënt. Een DBC in de ggz is opgebouwd uit patiëntgerichte activiteiten, verblijfsdagen, dagbesteding en verrichtingen en de daaraan bestede tijd of aantallen. Afhankelijk van de set van activiteiten, verblijfsdagen, uren dagbesteding en verrichtingen en de tijd of aantallen die hieraan besteed zijn, wordt een aparte behandelprestatie, verblijfsprestatie en/of overige prestaties afgeleid. Aan de behandel- en verblijfsprestaties zijn tarieven verbonden. Deze tarieven worden jaarlijks door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) vastgesteld. De DBC-systematiek in de ggz werkt volgens een proces van registratie, validatie en afleiding. Registratie Het registratieproces start op het moment dat een patiënt, die is verwezen naar een tweedelijns zorgaanbieder, zich bij de zorgaanbieder meldt met een zorgvraag. Op dat moment worden meteen een zorgtraject en een DBC geopend. Een zorgtraject volgt het zorgproces voor één primaire diagnose en kan bestaan uit een initiële DBC, waarin de primaire diagnose is gesteld en een onbeperkt aantal vervolg-dbc's. Validatie Als de DBC wordt afgesloten, gaat de DBC door naar de validatie. Tijdens de validatie wordt de DBC gecontroleerd op een volgens de spelregels goede en technisch volledige registratie. Afleiding Na de validatie wordt via de afleiding bepaald in welke behandelprestatie / productgroep de DBC terechtkomt. Vervolgens wordt de DBC als onderdeel van de factuur naar de zorgverzekeraar van de patiënt gestuurd en worden daarnaast de DBC-gegevens aan het DBC-informatiesysteem (DIS) geleverd. Figuur 1.1 Proces van registratie, validatie en afleiding DBC-Onderhoud 6 88

7 1.3 Stappen registratie Dit document is gericht op de processtap Registratie. Hierbinnen valt weer een onderscheid te maken tussen (1) openen; (2) typeren; (3) registreren; en (4) sluiten. Om goed en volledig te kunnen registreren, zijn de stappen van het registratieproces als volgorde aangehouden. Figuur 1.2 Stappen registratie DBC-Onderhoud 7 88

8 2 Openen Dit hoofdstuk beschrijft het verschil tussen zorgtrajecten en DBC s (2.1), wie een DBC mag openen (2.2) en wanneer een initiële DBC of vervolg-dbc geopend moet worden (2.3). Ook komt in paragraaf 2.3 aan bod wanneer een DBC heropend moet worden. 2.1 Openen DBC: Wat? Binnen de DBC-systematiek wordt onderscheid gemaakt tussen de termen initiële DBC, vervolg-dbc, crisis-dbc en zorgtraject. Voor een goed begrip zijn deze termen hieronder uitgelegd. Initiële DBC Een initiële DBC is de DBC die wordt geopend voor een eerste of nieuwe primaire zorgvraag van een patiënt. De initiële DBC is altijd de eerste DBC binnen een zorgtraject. Vervolg-DBC Een vervolg-dbc is een DBC die volgt op een initiële DBC of een voorgaande vervolg-dbc. Een vervolg-dbc vindt altijd plaats in het kader van dezelfde primaire diagnose als de eerder afgesloten initiële DBC of vervolg-dbc. Crisis-DBC Een crisis-dbc wordt geopend als er bij een patiënt sprake is van een crisisinterventie. Dit geldt alleen voor instellingen met een 24-uurs crisisdienst met een regionale functie. Zie hoofdstuk 6 voor meer informatie over het registreren van crisiszorg. Zorgtraject Een initiële DBC, met eventueel één of meerdere vervolg-dbc s, vormt het zorgtraject. Dit zorgtraject omvat de totale zorg die wordt geleverd in het kader van de behandeling van één primaire diagnose Startdatum zorgtraject en openingsdatum DBC Diagnoseclassificatie Figuur 2.1 Zorgtraject en DBC s DBC-Onderhoud 8 88

9 2.1.1 Startdatum zorgtraject en openingsdatum DBC Startdatum van het zorgtraject Voordat een initiële DBC geopend kan worden en zorg mag worden geregistreerd, moet eerst een zorgtraject zijn gestart. De aanmeldingsdatum van de patiënt bepaalt de startdatum van het eerste zorgtraject. Het vastleggen van de aanmeldingsdatum is verplicht volgens de Minimale Dataset (MDS). Openingsdatum DBC Bij het openen van een DBC, moet een openingsdatum vermeld worden. Dit is verplicht volgens de Minimale Dataset (MDS). De openingsdatum is in alle gevallen gelijk aan de datum waarop de eerst(volgende) directe of indirecte patiëntgebonden activiteit plaatsvindt. Uitzondering is het openen van vervolg- DBC s met onderstaande zorgtypes. Hierbij hoeft de openingsdatum niet gelijk te zijn aan de datum van het eerste contact, maar altijd de dag na het sluiten van de voorgaande DBC: (Langdurig periodieke) controle (201) Voortgezette behandeling (202) Uitloop (203) Relatie tussen zorgtraject en DBC De startdatum van het zorgtraject kan hetzelfde zijn als de openingsdatum van de initiële DBC, maar dit hoeft niet. Omdat de startdatum van het zorgtraject wordt bepaald door de aanmeldingsdatum van de patiënt kan een zorgtraject bijvoorbeeld ook gestart worden als het secretariaat een afspraak maakt. Er is op dat moment nog geen patiëntgebonden activiteit met een behandelaar. De startdatum van het zorgtraject ligt in dat geval vóór de openingsdatum van de initiële DBC Een initiële DBC openen Minimale Dataset (MDS): Via de Minimale Dataset leveren zorgaanbieders gegevens uit de basisregistratie aan, die inzicht geven in de geleverde en gedeclareerde zorg. In de MDS, die door de NZa wordt uitgegeven, staan data die verplicht moeten worden aangeleverd en data die optioneel kunnen worden aangeleverd. Hoofdbehandelaar: Zorgverlener die, in reactie op de zorgvraag van een patiënt, bij de patiënt de diagnose stelt en door wie of onder wiens verantwoordelijkheid de behandeling plaatsvindt. Dit houdt in dat de hoofdbehandelaar 2.2 Openen DBC: Wie? Als er sprake is van het openen van een initiële DBC en een vervolg-dbc, naar aanleiding van een verwijzing naar de tweedelijns curatieve ggz, kan iedereen onder verantwoording van de hoofdbehandelaar een DBC openen. Let op: het openen van een DBC is een administratief gegeven, maar de hoofdbehandelaar is en blijft verantwoordelijk voor het openen van een DBC 2. verantwoordelijk is voor alle acties die in het kader van de behandeling van een patiënt gedurende het gehele DBC-traject (openen / typeren / registreren / sluiten) plaatsvinden. Die verantwoordelijkheid kan zich dus ook uitstrekken tot gedragingen van andere zorgverleners. 2.3 Openen DBC: Wanneer? Een initiële DBC en een vervolg-dbc kunnen geopend worden. Daarnaast bestaat er ook de mogelijkheid om een reeds afgesloten DBC te heropenen. Hierbij spelen de openingsdatum en sluitdatum van de DBC een belangrijke rol. In de volgende paragraaf worden deze mogelijkheden besproken. 2 Aangezien de hoofdbehandelaar verantwoordelijk is voor het openen van een DBC, wordt in de rest van het document aangegeven dat de hoofdbehandelaar de DBC opent, in gedachten houdende dat het een administratieve handeling is. Uitsluitend zorgverleners met een beroep dat is opgenomen in het BIG-register en die bevoegd en bekwaam zijn om patiënten te classificeren volgens de systematiek van de DSM-IV-TR kunnen als hoofdbehandelaar worden aangemerkt. DBC-Onderhoud 9 88

10 2.3.1 Een initiële DBC openen De keuze voor het openen van een initiële DBC, is verschillend voor nieuw in zorg gekomen patiënten (nieuwe patiënten) en voor bij de aanbieder in zorg zijnde patiënten (bekende patiënten). Een initiële DBC openen voor een nieuwe patiënt Voor een nieuwe patiënt wordt altijd een initiële DBC en een daarbij behorend zorgtraject geopend. Let op: beschikt een zorgaanbieder over meerdere locaties en verandert een patiënt alleen van locatie maar niet van primaire diagnose, dan is er in dat geval géén sprake van een nieuwe patiënt. De hoofdbehandelaar op de andere locatie mag dan geen initiële DBC openen. Alle geboden zorg op de andere locatie voor dezelfde primaire diagnose moet op de reeds geopende DBC worden geregistreerd. Nieuwe patiënt: een patiënt die nog niet bekend is bij de zorgaanbieder. Deze patiënt is nog niet in behandeling bij de zorgaanbieder en heeft er ook geen zorgverleden. Een initiële DBC openen voor een bekende patiënt Voor een bekende patiënt zijn er twee situaties waarin een initiële DBC geopend moet worden: Bekende patiënt: een patiënt die reeds in behandeling is of is geweest bij de zorgaanbieder. o Een initiële DBC openen voor een nieuwe primaire diagnose Een hoofdbehandelaar moet een initiële DBC openen als de bekende patiënt voor een andere diagnose in zorg komt dan de diagnose waarvoor de patiënt reeds in behandeling is. De primaire diagnose verschilt dus van de voorgaande geopende DBC s. Let op: in bepaalde gevallen kan er sprake zijn van meerdere diagnoses. De hoofdbehandelaar heeft dan de keuze om meerdere zorgtrajecten en daarmee initiële DBC s tegelijkertijd te openen, maar ook om verschillende zorgtrajecten op elkaar aan te laten sluiten. Deze patiënt heeft dus een zorgverleden bij de zorgaanbieder Diagnoseclassificatie o Een initiële DBC openen omdat de patiënt terug in zorg komt De hoofdbehandelaar moet een initiële DBC (en zorgtraject) openen als de bekende patiënt terug in zorg komt, maar waarbij er al meer dan 365 dagen verstreken zijn sinds het sluiten van de vorige DBC. DBC-Onderhoud 10 88

11 Samenvatting Figuur 2.2 Situaties waarin een initiële DBC moet worden geopend Een vervolg-dbc openen Bij het openen van een vervolg-dbc is altijd sprake van een bekende patiënt en dezelfde primaire diagnose. Een vervolg-dbc valt altijd onder hetzelfde zorgtraject waaronder de bijbehorende initiële DBC en eventuele eerdere vervolg-dbc s vallen. In de volgende situaties wordt een vervolg-dbc geopend. Let op: de primaire diagnose mag niet verschillen van de primaire diagnose van de vorige DBC. Dit houdt ook in dat als de primaire diagnose in dezelfde hoofdgroep valt als voorgaande DBC maar niet geheel hetzelfde is, een initiële DBC geopend moet worden voor het behandelen van de nieuwe diagnose. Een vervolg-dbc openen omdat de lopende DBC 365 dagen openstaat Als een (initiële of vervolg-) DBC 365 dagen openstaat en de behandeling is nog niet afgerond, sluit de hoofdbehandelaar de lopende DBC. De openingsdatum van de vervolg-dbc is de dag dat de eerstvolgende patiëntgebonden activiteit plaatsvindt 3. Een vervolg-dbc openen omdat de patiënt terug in zorg komt Nadat een DBC gesloten is kan een patiënt toch weer terug in zorg komen voor dezelfde diagnose. Er zijn twee verschillende situaties: o Terug in zorg binnen 365 dagen na openen van de DBC De DBC is gesloten, maar de patiënt komt binnen 365 dagen na het openen ervan terug in zorg met dezelfde primaire diagnose. Een behandelaar behandelt de patiënt en wil hiervoor nog zowel directe als indirecte tijd registreren. Omdat het gaat om de behandeling van dezelfde zorgvraag zou de DBC heropend moeten worden. Het is echter ook toegestaan een vervolg-dbc te openen als gemotiveerd kan worden dat het niet gaat om het voortzetten van de vorige DBC, maar om een terugval. 3 Met uitzondering van de zorgtypes (Langdurig periodieke) controle (201), Voorgezette behandeling (202) en Uitloop (203). Bij vervolg-dbc s met deze zorgtypes hoeft de openingsdatum niet gelijk te zijn aan het eerstvolgende patiëntgebonden activiteit, maar de dag na het sluiten van de voorgaande DBC. DBC-Onderhoud 11 88

12 In dat geval moet een vervolg-dbc worden geopend met zorgtype exacerbatie/recidive (204). Let op: er kunnen geen DBC s met alleen indirecte tijd gedeclareerd worden binnen 365 dagen na openingsdatum van de voorgaande DBC (onafhankelijk van de primaire diagnose). Dit betekent dat de opening van voorgaande DBC langer moet zijn dan 365 dagen geleden (zie figuur 2.3). De voorgaande DBC moet in dit geval heropend worden dan wel de tijd wordt niet op een DBC geregistreerd Een DBC heropenen o Terug in zorg binnen 365 dagen na sluiten van voorgaande DBC Wanneer een patiënt terug in zorg komt binnen 365 dagen na sluiten van de voorgaande DBC (zie figuur 2.3), zijn er twee situaties waarin een hoofdbehandelaar een vervolg-dbc kan openen: Indien de behandelaar zowel directe als indirecte tijd wil registreren, wordt er altijd een vervolg-dbc geopend. Indien de behandelaar alleen indirecte tijd wil registreren is het voor de zorgtypen (Langdurig periodieke) controle (201), Voortgezette behandeling (202) en Uitloop (203) mogelijk om een vervolg-dbc te openen. Voor de overige zorgtypen is het in dit geval niet mogelijk om een DBC te openen. Let op: wanneer een patiënt terug in zorg komt, maar er zijn al 365 dagen verstreken sinds de sluiting van voorgaande DBC, dan opent de hoofdbehandelaar weer een initiële DBC Zorgtype Een initiële DBC openen Figuur 2.3 Periode voor een vervolg-dbc DBC-Onderhoud 12 88

13 Een vervolg-dbc openen i.v.m. vervolg na second opinion Het kan voorkomen dat een zorgaanbieder de behandeling van een patiënt overneemt van een andere zorgaanbieder, nadat de nieuwe behandelaar een second opinion heeft uitgevoerd en hiervoor een DBC met het zorgtype Second opinion (106) heeft geopend en gesloten. In dat geval moet de nieuwe hoofdbehandelaar een vervolg-dbc openen volgend op deze second opinion DBC. Een voorwaarde hiervoor is wel dat de afgesloten second opinion DBC exact dezelfde primaire diagnose bevat. Anders moet de nieuwe hoofdbehandelaar een nieuwe initiële DBC openen Zorgtype Een initiële DBC openen Samenvatting Figuur 2.4 Situaties waarin een vervolg-dbc moet worden geopend Een DBC heropenen Een DBC is een integrale zorgprestatie. Alle zorg geleverd in 365 dagen betreffende de behandeling van een primaire diagnose, dient in deze prestatie te worden opgenomen. Wanneer er nog behandeltijd moet worden geregistreerd op een DBC na (te vroege) sluiting van deze DBC, is het wenselijk om zowel bij een initiële DBC als een vervolg-dbc de DBC te heropenen binnen 365 dagen na openingsdatum van de DBC. Let op: een DBC mag altijd heropend worden (ook na 365 dagen), maar dit is alleen zinvol als er in de DBC fouten gecorrigeerd dienen te worden. Een hoofdbehandelaar kan in twee situaties een DBC heropenen. Heropenen omdat er nog indirecte tijd geschreven moet worden Hoewel de DBC is gesloten, wil de behandelaar nog indirecte tijd registreren op de DBC, bijvoorbeeld tijd die is besteed aan een evaluatie van de behandeling. In DBC-Onderhoud 13 88

14 deze situatie heropent de hoofdbehandelaar de DBC om de indirecte tijd te kunnen registreren. Heropenen omdat de patiënt terug in zorg komt De DBC is gesloten, maar de patiënt komt binnen 365 dagen na het openen ervan weer terug in zorg met exact dezelfde diagnose. De behandelaar behandelt de patiënt en wil hiervoor nog directe en indirecte tijd registreren. Omdat het gaat om de behandeling van dezelfde zorgvraag is het wenselijk om de gesloten DBC te heropenen. Indien de DBC al gedeclareerd is en het niet mogelijk is om deze te heropenen, kan een vervolg-dbc geopend worden. In dat geval moet wel gemotiveerd kunnen worden waarom heropenen niet mogelijk of niet aan de orde is Een vervolg-dbc openen Samenvatting Figuur 2.5 Situaties waarin een DBC moet worden heropend DBC-Onderhoud 14 88

15 3 Typeren Dit hoofdstuk beschrijft wat het typeren van een DBC inhoudt (3.1), wie een DBC mag typeren (3.2) en wanneer hij een DBC moet typeren (3.3) 3.1 Typeren DBC: Wat? Het typeren van een DBC bestaat uit verschillende onderdelen: het vastleggen van de identificatiegegevens van de patiënt, het vastleggen van het zorgtype en het classificeren van de (primaire) diagnose van de patiënt Identificatiegegevens Het eerste onderdeel van de typering is het vastleggen van de identificatiegegevens van de patiënt. Welke gegevens de zorgaanbieder (bij een initiële DBC) in ieder geval moet invullen bij de identificatiegegevens van een patiënt, is gebaseerd op de Minimale Dataset (MDS). Dit zijn de volgende gegevens: Naam cliënt Geboortedatum Geslacht Postcode (wijkcode) Burgerservicenummer (BSN) Unieke identificatie zorgverzekeraar (conform het UZOVI-register) UZOVI-register: Unieke ZorgVerzekeraarsIdentificatie (UZOVI) is een identificatie van de zorgverzekeraars in Nederland Zorgtype Het tweede onderdeel van de typering is het vastleggen van de aanleiding tot zorg. Dit heet het zorgtype. Het zorgtype beschrijft de reden van het eerste contact tussen de zorgaanbieder en de patiënt. De hoofdbehandelaar heeft de keuze uit de zorgtypen in tabel 3.1. Codelijst: CL_Zorgtype (www.dbconderhoud.nl) In tabel 3.1 is te zien uit welke zorgtypen de hoofdbehandelaar kan kiezen bij een initiële DBC en een vervolg-dbc. De afzonderlijke zorgtypen worden verder toegelicht na tabel 3.1. Bij bepaalde zorgtypen hoeft er geen eigen bijdrage te worden geïnd. Daarnaast worden in het systeem enkele zorgtypen geanonimiseerd als reguliere zorg, zodat de verzekeraar geen inzicht heeft in deze specifieke zorgproblematiek van de patiënt. 7.1 Gegevens anonimiseren DBC-Onderhoud 15 88

16 Tabel 3.1 Zorgtypen Initiële DBC Code Zorgtype 101 Reguliere zorg 106 Second opinion 107 Zorg op basis van een tertiaire verwijzing 108 Langdurig periodieke controle (bij overname) 109 Bemoeizorg 110 Rechterlijke machtiging (RM) 111 Inbewaringstelling (IBS) 115 Ondertoezichtstelling (OTS) 116 Rechterlijke machtiging met voorwaarden 117 Jeugdstrafrecht Vervolg-DBC Code Zorgtype 201 (Langdurig periodieke) controle 202 Voortgezette behandeling 203 Uitloop 204 Exacerbatie/recidive 205 Bemoeizorg 206 Rechterlijke machtiging (RM) 210 Ondertoezichtstelling (OTS) 211 Rechterlijke machtiging met voorwaarden 212 Jeugdstrafrecht Zorgtypen selecteren bij een initiële DBC Hieronder zijn de zorgtypen beschreven die geselecteerd kunnen worden in het geval van een initiële DBC. De hoofdbehandelaar mag slechts één zorgtype selecteren. Zijn er meerdere zorgtypen van toepassing? Selecteer dan het zorgtype dat het beste de aanleiding tot zorg beschrijft. Let op: is er sprake van Bemoeizorg (109) of een Rechterlijke machtiging op basis van de Wet Bopz (111 of 116)? Selecteer dan altijd dit zorgtype, ook al komt een ander zorgtype ook in aanmerking. Dit in verband met de eigen bijdrage van de patiënt Een initiële DBC openen 7.2 Eigen bijdrage Wet Bopz: De Wet Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen (Wet Bopz) beschermt de rechten van patiënten bij gedwongen opname. DBC-Onderhoud 16 88

17 Reguliere zorg 101 Het zorgtype reguliere zorg wordt gebruikt voor patiënten met een nieuwe zorgvraag die vanuit de eerste lijn, door bijvoorbeeld de huisarts of een collega-specialist, zijn doorverwezen. Second opinion 106 Een second opinion is de herbeoordeling van een zorgvraag en het bijbehorende advies van een behandelaar uit een andere zorginstelling 4. Er is doorgaans sprake van een beperkt aantal contacten en er is géén sprake van een overname van de behandeling. Als de DBC het zorgtype Second opinion (106) heeft, moet de behandelaar minimaal één diagnostische activiteit registreren. Een DBC met dit zorgtype mag daarnaast niet meer dan 250 minuten directe tijd bevatten Diagnostiek en behandeling registreren: Wat? Zorg op basis van tertiaire verwijzing 107 Het betreft een patiënt met een nieuwe zorgvraag, die wordt gezien op basis van een erkende doorverwijzing door een collega-specialist uit een andere zorginstelling omdat daar de benodigde expertise, kennis, ervaring en/of behandelfaciliteiten voor die zorgvraag niet aanwezig zijn. Langdurig periodieke controle (bij overname) 108 Er is sprake van een meerjarig zorgtraject waarbij de patiënt tenminste eenmaal per jaar ter controle wordt gezien nadat de initiële behandelingsfase is afgerond. Let op: dit zorgtype kan alleen bij een initiële DBC worden geregistreerd wanneer de patiënt wordt overgenomen vanuit een andere zorginstelling/organisatie en waarbij er sprake is van een langdurig periodieke controle. Bemoeizorg 109 Dit zorgtype wordt geregistreerd als bemoeizorg de aanleiding is voor het starten van de DBC in de tweedelijns curatieve ggz. Er is geen sprake van een juridische maatregel ten aanzien van de zorg. Activiteiten die gerekend kunnen worden tot bemoeizorg (voortraject; aanleiding van zorg; nog geen zorgvraag en zorgvrager) behoren niet tot de geneeskundige ggz en vallen daarmee niet onder de DBC-systematiek. Rechterlijke machtiging (RM) 110 Bij het zorgtype RM is er sprake van gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis in het kader van de wet Bijzondere Opname Psychiatrische in Ziekenhuizen (Bopz). DBC s met zorgtype RM moeten verblijfsdagen met overnachting bevatten en een activiteit uitgevoerd door een beroep uit het beroepencluster medische beroepen. Bijlage 3: Beroepentabel 4 Het begrip instelling sluit aan bij de definitie die de NZa hanteert. Gesproken kan worden over een (afzonderlijke) instelling indien zij op grond van artikel 5 WTZi is toegelaten. DBC-Onderhoud 17 88

18 Let op: niet alle gevallen van rechterlijke machtiging vallen onder de Zvw/DBC-systematiek voor de ggz. Een rechterlijke machtiging die wordt afgegeven voor iemand in detentie die tijdelijk moet worden opgenomen in een ggz-instelling, valt onder het strafrecht en daarmee onder de systematiek voor forensische zorg in strafrechtelijk kader (DBBC-systematiek). Inbewaringstelling (IBS) 111 Bij het zorgtype IBS is er sprake van een gedwongen spoedopname in een psychiatrisch ziekenhuis in het kader van de wet Bopz. DBC s met zorgtype IBS moeten verblijfsdagen met overnachting bevatten en een activiteit geregistreerd door een beroep uit de beroepencluster medische beroepen. Er mogen geen activiteiten worden geregistreerd door het instellingstype Zelfstandig gevestigde praktijken. Bijlage 3: Beroepentabel Ondertoezichtstelling (OTS) 115 Dit zorgtype is specifiek bedoeld voor kinderen onder de 18 jaar van wie de ouders verplicht zijn samen te werken voor wat betreft de opvoeding van het kind met een door de rechter toegewezen gezinsvoogd. Rechterlijke machtiging met voorwaarden 116 Dit zorgtype is een variant op het zorgtype RM waarbij de patiënt een gedwongen opname kan voorkomen als deze zich aan de door de rechter gestelde voorwaarden houdt. DBC s met zorgtype RM met voorwaarden hebben geen verblijfsdagen met overnachting en hebben wel een activiteit geregistreerd door een beroep uit het beroepencluster medische beroepen. Bijlage 3: Beroepentabel Jeugdstrafrecht 117 Kies voor het zorgtype Jeugdstrafrecht als er sprake is van zorg die wordt opgelegd door de strafrechter in het kader van Jeugdstrafrecht. Zorgtypen selecteren bij een vervolg-dbc Hieronder zijn de zorgtypen beschreven die geselecteerd kunnen worden bij een vervolg-dbc. De hoofdbehandelaar mag slechts één zorgtype selecteren. Zijn er meerdere zorgtypen van toepassing? Selecteer dan het zorgtype dat het beste de aanleiding tot zorg beschrijft. Let op: is er sprake van Bemoeizorg (205) of een Rechterlijke machtiging op basis van de Wet Bopz (206 of 211)? Selecteer dan altijd dit zorgtype, ook al komt een ander zorgtype ook in aanmerking. Dit in verband met de eigen bijdrage van de patiënt Een vervolg-dbc openen 7.2 Eigen bijdrage (Langdurig periodieke) controle 201 Registreer dit vervolg zorgtype als de patiënt ten minste eenmaal per jaar ter controle wordt gezien nadat de initiële behandelingsfase is afgerond. Bij dit DBC-Onderhoud 18 88

19 zorgtype geldt dat de openingsdatum aansluit op de afsluitdatum van de voorgaande DBC. Voortgezette behandeling 202 Kies voor het vervolg zorgtype voortgezette behandeling als een behandeling voor een bepaalde diagnose langer dan 365 dagen duurt. Bij dit zorgtype geldt dat de openingsdatum aansluit op de afsluitdatum van de voorgaande DBC. Uitloop 203 Dit vervolg zorgtype wordt geregistreerd als een behandeling door omstandigheden (bijvoorbeeld wachtlijsten) langer duurt dan 365 dagen. In feite zou de behandeling binnen 365 dagen na openen van de DBC afgerond kunnen worden. Door omstandigheden die niet door de behandeling zelf worden veroorzaakt, wordt deze periode echter overschreden. Bij dit zorgtype geldt dat de openingsdatum aansluit op de afsluitdatum van de voorgaande DBC. Exacerbatie/recidive 204 Het vervolg zorgtype exacerbatie/recidive mag worden geregistreerd als de patiënt binnen 365 dagen na openen van de DBC voor dezelfde primaire diagnose weer in behandeling komt bij dezelfde zorgaanbieder. Bij het openen van een vervolg-dbc met dit zorgtype gaat het niet om het voorzetten van de vorige DBC, maar om een terugval. Bemoeizorg 205 Dit vervolg zorgtype wordt geregistreerd als bemoeizorg de aanleiding is voor het starten van de DBC in de tweedelijns curatieve ggz. Er is geen sprake van een juridische maatregel ten aanzien van de zorg. Activiteiten die gerekend kunnen worden tot bemoeizorg (voortraject; toeleiding naar zorg; nog geen zorgvraag en zorgvrager) behoren niet tot de geneeskundige ggz en vallen daarmee niet onder de DBC-systematiek. Rechterlijke machtiging (RM) 206 Bij het vervolg zorgtype RM is er sprake van gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis in het kader van de wet Bijzondere Opname Psychiatrische Ziekenhuizen (Bopz). DBC s met zorgtype RM moeten verblijfsdagen met overnachting bevatten en een activiteit geregistreerd door een beroep uit het beroepencluster medische beroepen. Let op: niet alle gevallen van rechterlijke machtiging vallen onder de Zvw/DBC ggz-systematiek. Een rechterlijke machtiging die wordt afgegeven voor iemand in detentie die tijdelijk moet worden opgenomen in een ggzinstelling, valt onder het strafrecht en daarmee onder de systematiek voor forensische zorg in strafrechtelijk kader (DBBC-systematiek). Bijlage 3: Beroepentabel DBC-Onderhoud 19 88

20 Ondertoezichtstelling (OTS) 210 Dit vervolg zorgtype is specifiek bedoeld voor kinderen onder de 18 jaar van wie de ouders verplicht zijn samen te werken voor wat betreft de opvoeding van het kind met een door de rechter toegewezen gezinsvoogd. Rechterlijke machtiging met voorwaarden 211 Dit vervolg zorgtype is een variant op het zorgtype RM waarbij de patiënt een gedwongen opname kan voorkomen als deze zich aan de door de rechter gestelde voorwaarden houdt. DBC s met zorgtype RM met voorwaarden hebben geen verblijfsdagen met overnachting en hebben wel een activiteit geregistreerd door een beroep uit het beroepencluster medische beroepen. Bijlage 3: Beroepentabel Jeugdstrafrecht 212 Kies voor het vervolg zorgtype Jeugdstrafrecht als er sprake is van zorg die wordt opgelegd door de strafrechter in het kader van Jeugdstrafrecht Diagnoseclassificatie Het derde onderdeel van de typering is het vastleggen van de diagnose van de patiënt. De diagnoseclassificatie in de DBC-systematiek sluit aan bij de regels die gelden rondom het gebruik van de DSM-IV-TR. De registratie van de diagnose gebeurt met behulp van de diagnosetabel van DBC-Onderhoud die is gebaseerd op de DSM-IV-TR. De bijbehorende codes van As 1 en As 2 sluiten aan bij de ICD- 9-CM. Registreren diagnose per as De hoofdbehandelaar registreert de feitelijke classificatie conform de integrale DSM-IV-TR. Hierbij moet de diagnose geregistreerd worden op alle vijf zogeheten assen: As 1 Klinische stoornissen As 2 Persoonlijkheidsstoornissen As 3 Somatische aandoeningen As 4 Psychosociale factoren As 5 GAF-score Codelijst: CL_Diagnose (www.dbconderhoud.nl DSM-IV-TR: Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders As 1: Klinische stoornissen Op As 1 kunnen één of meerdere stoornissen worden geselecteerd volgens de diagnosetabel. Tabel 3.2 laat tevens zien hoe de hoofdgroepen van de diagnosetabel volgen uit de hoofdgroepen van de DSM-IV-TR. Let op: op deze as is de diagnose Diagnose/aandoening uitgesteld niet toegestaan. Let op: registreer V71.09 Geen diagnose of aandoening op As 1 aanwezig als er geen As 1-stoornis bij de betreffende patiënt aanwezig is. Let op: vermijd het registreren van de NAO (Niet Anderszins Omschreven) zoveel als mogelijk is. DBC-Onderhoud 20 88

21 As 1: Klinische stoornissen Tabel 3.2 As 1: Klinische stoornissen DSM IV-TR Diagnosetabel Overige stoornissen in de kindertijd Stoornissen in de kindertijd Delirium, dementie en amnestische en andere cognitieve stoornissen Psychische stoornissen door een somatische aandoening Pervasieve ontwikkelingsstoornissen Aandachtstekortstoornissen en gedragsstoornissen Delirium, dementie en amnestische en andere cognitieve stoornissen Restgroep diagnoses Aan alcohol gebonden stoornissen Aan een middel gebonden stoornissen Schizofrenie en andere psychotische stoornissen Stemmingsstoornissen Angststoornissen Somatoforme stoornis Nagebootste stoornissen Dissociatieve stoornissen Seksuele stoornissen en genderidentiteitsstoornissen Eetstoornissen Slaapstoornissen Stoornissen in de impulsbeheersing Aanpassingsstoornissen Andere aandoeningen en problemen die een reden voor zorg kunnen zijn Overige aan een middel gebonden stoornissen Schizofrenie en andere psychotische stoornissen Depressieve stoornissen Bipolaire en overige stemmingsstoornissen Angststoornissen Somatoforme stoornissen Restgroep diagnoses Restgroep diagnoses Restgroep diagnoses Eetstoornissen Restgroep diagnoses Restgroep diagnoses Aanpassingsstoornissen Andere aandoeningen en problemen die een reden voor zorg kunnen zijn As 2: Persoonlijkheidsstoornissen Op As 2 kunnen één of meerdere stoornissen worden geselecteerd volgens de diagnosetabel. Geef per stoornis aan of de stoornis aanwezig is of dat er trekken van deze stoornis aanwezig zijn. Naast de registratie van de persoonlijkheidsstoornissen kan maximaal één code voor zwakzinnigheid of zwakbegaafdheid worden geregistreerd. Tabel 3.3 laat zien hoe de hoofdgroepen van de diagnosetabel volgen uit de hoofdgroepen van de DSM-IV-TR. DBC-Onderhoud 21 88

22 Let op: per persoonlijkheidsstoornis sluiten de antwoordmogelijkheden aanwezig en trekken van elkaar uit. Let op: op As 2 kunt u wel kiezen voor de code Diagnose/aandoening uitgesteld, maar deze kan nooit de primaire diagnose van de DBC zijn. Let op: registreer V71.09 Geen diagnose of aandoening op As 2 aanwezig als er geen As 2-stoornis bij de betreffende patiënt aanwezig is. As 2: Persoonlijkheidsstoornissen Tabel 3.3 As 2: Persoonlijkheidsstoornissen DSM IV-TR Diagnosetabel Zwakzinnigheid (Stoornissen in de kindertijd) Lichte zwakzinnigheid Matige zwakzinnigheid Ernstige zwakzinnigheid Restgroep diagnoses Diepe zwakzinnigheid Zwakzinnigheid, ernst niet gespecificeerd Persoonlijkheidsstoornissen Paranoïde persoonlijkheidsstoornis Schizoïde persoonlijkheidsstoornis Schizotypische persoonlijkheidsstoornis Antisociale persoonlijkheidsstoornis Borderline persoonlijkheidsstoornis Theatrale persoonlijkheidsstoornis Narcistische persoonlijkheidsstoornis Persoonlijkheidsstoornissen Ontwijkende persoonlijkheidsstoornis Afhankelijke persoonlijkheidsstoornis Obsessieve - compulsieve persoonlijkheidsstoornis Persoonlijkheidsstoornis NAO Uitgesteld / geen persoonlijkheidsstoornis Zwakbegaafdheid (Bijkomende problemen die een reden voor zorg kunnen zijn ) Restgroep diagnoses As 3: Somatische aandoeningen Het doel van As 3 is om somatische aandoeningen vast te leggen die mogelijk een relatie hebben met de psychische stoornis van As 1 of As 2 en die van invloed zijn op de behandeling. Registreer alleen de somatische diagnoses die een directe relatie hebben met de As 1- of As 2-stoornis (bijvoorbeeld: delirium door een somatische aandoening). De registratie van somatische aandoeningen is in de DBC-systematiek beperkt tot drie niveaus: DBC-Onderhoud 22 88

23 Kies voor Geen of geen relevante diagnose op As 3 als er geen somatische aandoening aanwezig is of als de somatische aandoening geen consequenties heeft voor de behandeling van de patiënt. Kies voor Diagnose op As 3 enkelvoudig, als er sprake is van een somatische aandoening die beperkte consequenties heeft. Doe dit dus alleen als deze naar verwachting zorgverzwarend is voor de behandeling van de primaire diagnose. Kies voor Diagnose op As 3 complex, als er sprake is van een somatische aandoening die veel consequenties heeft dan wel zorgverzwarend werkt voor de behandeling van de As 1- of As 2-stoornis. Van complex is bijvoorbeeld sprake wanneer; o o o o een medisch specialistische behandeling door een andere medisch specialist dan de psychiater noodzakelijk is; aanvullende zorg gericht op de somatische aandoening of als gevolg van de somatische aandoening noodzakelijk is. Bijvoorbeeld in geval van doofheid; er een noodzaak is van een specifieke behandelafdeling (PAAZ, PUK, PMU/GAPZ/GAAZ) om zorg te kunnen bieden; er sprake is van bepaalde specifieke ziektebeelden, zoals Ziekte van Alzheimer of Hypothyreoïdie. De beoordeling of er sprake is van enkelvoudig of complex wordt besloten door de hoofdbehandelaar. In tabel 3.4 staan de omschrijvingen van de somatische aandoeningen die op As 3 van de diagnose tabel geselecteerd kunnen worden. As 3: Somatische aandoeningen Tabel 3.4 As 3: Somatische aandoeningen Diagnosetabel Diagnose op As3, complex Diagnose op As3 enkelvoudig Geen of geen relevante diagnose op As3 Bijzonderheden Registreer alleen de somatische diagnoses die een directe relatie hebben met de As 1- of As 2-stoornis As 4: Psychosociale factoren en omgevingsfactoren Het doel van As 4 is om de psychosociale factoren en omgevingsfactoren vast te leggen die een duidelijke zorgverzwarende factor vormen bij de behandeling van de primaire diagnose. Registreer Diagnose of aandoening niet aanwezig als er geen As 4-factor aanwezig is. Tabel 3.5 geeft deze factoren weer. DBC-Onderhoud 23 88

24 Tabel 3.5 As 4: Psychosociale factoren en omgevingsfactoren As 4: Psychosociale factoren en omgevingsfactoren Factoren Bijzonderheden Problemen binnen de primaire steungroep Problemen verbonden aan de sociale omgeving Studie/scholingsproblemen Werkproblemen Woonproblemen Financiële problemen Problemen met de toegankelijkheid van gezondheidsdiensten Deze psychosociale factoren en omgevingsfactoren mogen alleen vastgesteld worden als ze duidelijk zorgverzwarend werken. Problemen met justitie/ politie of met de misdaad Andere psychosociale en omgevingsproblemen Geen diagnose/ factor op As 4 aanwezig Indien er geen psychosociale factoren aanwezig zijn of wanneer deze geen consequenties hebben voor de behandeling van de primaire diagnose, dient deze code geregistreerd te worden. As 5: GAF-score Ten slotte registreert de hoofdbehandelaar op As 5 de Global Assessment of Functioning-score (GAF-score) driemaal; Bij openen (tweemaal): o o De hoogste GAF-score van de voorgaande 365 dagen. Is er geen eerdere GAF-score? Registreer dan de GAF-score van het begin van de behandeling of maak een inschatting van de hoogste GAF-score van het afgelopen jaar. De GAF-score op het moment van openen van de DBC. Bij sluiten: de GAF-score op de einddatum van de DBC. De verdeling van de GAF-scores zoals deze wordt gebruikt in de DBC-systematiek is weergegeven in tabel 3.6. DBC-Onderhoud 24 88

25 Tabel 3.6 As 5: GAF-score/ CGAS-score As 5: GAF-score/ CGAS-score 5 GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score 1-10 GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score GAF/ CGAS score Registreren primaire diagnose Nadat de diagnose op alle assen is geregistreerd kan worden aangegeven wat de primaire diagnose is. De primaire diagnose is de belangrijkste reden voor de behandeling. Alleen een diagnose op As 1 of As 2 kan worden geselecteerd als de primaire diagnose. Wanneer de primaire diagnose van een openstaande initiële DBC wijzigt en de nieuwe primaire diagnose valt in een andere hoofdgroep, wordt bij voorkeur het zorgtraject en bijbehorende DBC gesloten en opnieuw een initiële DBC geopend. Let op: de primaire diagnose kan niet een van de volgende codes zijn: Diagnose/aandoening uitgesteld of V71.09 Geen diagnose of aandoening op As 2 aanwezig. Als er bij een diagnose op As 2 Trekken van.. wordt gescoord, kan deze wel dienen als primaire diagnose. Let op: de eventuele code op As 2 voor zwakzinnigheid of zwakbegaafdheid kan niet als primaire diagnose geregistreerd worden (hieronder vallen ook de codes voor stoornissen in de kindertijd op As 2). Let op: ook V-codes kunnen als primaire diagnose gekozen worden. Let op: een vervolg-dbc heeft altijd dezelfde primaire diagnose als de voorgaande (initiële) DBC Een initiële DBC openen Een vervolg-dbc openen Diagnose bij kinder- en jeugdpsychiatrie In de kinder- en jeugdpsychiatrie 6 kan niet altijd een primaire diagnose gesteld worden op As 1 en/of As 2 van de DSM-IV-TR. Daarom kent de DBC diagnosebepaling enkele uitzonderingen voor kinderen en jeugd onder de 18 jaar. 5 De CGAS geldt voor kinderen jonger dan 18 jaar. DBC-Onderhoud 25 88

26 Het stellen van de primaire diagnose persoonlijkheidsstoornis op As 2 bij een kind onder de 18 jaar In de DSM-IV-TR staat dat bij kinderen onder de 18 jaar geen persoonlijkheidsstoornis als primaire diagnose geclassificeerd mag worden. Dit principiële uitgangspunt is in het DBC ggz-model erkend, maar er mag van afgeweken worden. De bepaling van een primaire diagnose volgens het classificatiesysteem van de DSM-IV-TR geldt immers als een werkdiagnose en kan gedurende de looptijd van de initiële DBC bijgesteld worden. Als er bij een kind onder de 18 jaar sprake is van een primaire diagnose anders dan As 1 en het vermoeden bestaat van een persoonlijkheidsstoornis of persoonlijkheidsproblematiek (trekken van) op As 2, dan mag in de DBC-registratie de As 2 als primaire diagnose gesteld worden. CGAS in plaats van de GAS In de kinder- en jeugdpsychiatrie wordt op de As 5 van de DSM-IV-TR gewerkt met de CGAS in plaats van de reguliere GAF-score. De hoofdbehandelaar registreert conform de bekende beschrijving van de opgenomen ranges, want de klassenindeling waarmee gewerkt wordt (van verdeeld in tien klassen) is identiek. Voor kinderen jonger dan vier jaar hoeft geen CGAS ingevuld te worden. Primaire diagnose voor kinderen < vier jaar via classificatiesysteem DC: 0-3 Voor kinderen onder de vier jaar kan in plaats van de DSM-IV-TR de DC: 0-3 worden gebruikt. De DC: 0-3 is een in 1994 ontwikkeld diagnoseclassificatiesysteem voor psychopathologie bij jonge kinderen. Het is niet verplicht om kinderen tot vier jaar volgens de DC: 0-3 te diagnosticeren, er kan voor kinderen tot vier jaar ook gebruik gemaakt worden van de DSM-IV-TR. De hoofdbehandelaar maakt de keuze voor het ene of het andere classificatiesysteem. Tabel 3.7 geeft de primaire diagnoses weer zoals opgenomen in de DC:0-3. Tabel 3.7 Kinder- en Jeugdstoornissen Kinder- & Jeugdstoornissen primaire diagnoses DC:0-3 Diagnosetabel Traumatische stressstoornis Affectieve stoornis Aanpassingsstoornis Regulatiestoornis Restgroep diagnoses Stoornis in slaapgedrag Stoornis in eetgedrag Stoornis in relatie en communicatie 6 Voor kind en jeugd onder de 18 jaar gelden andere grenzen voor de productgroep Diagnostiek. Voor meer informatie zie gebruikersdocument deel 3: ICT-Eisen. DBC-Onderhoud 26 88

27 Omgaan met meerdere primaire diagnoses Het is mogelijk dat bij een patiënt meerdere (primaire) diagnoses worden vastgesteld. Afhankelijk van hoe de diagnoses zich tot elkaar verhouden kan worden gekozen voor parallelle of opeenvolgende zorgtrajecten. Parallelle zorgtrajecten Er kan sprake zijn van verschillende diagnoses met een gelijkwaardig belang waarbij een hoofdbehandelaar oordeelt dat hij substantieel verschillende behandelingen in moet zetten (cosyndromaliteit). De hoofdbehandelaar dient dit ook te kunnen verantwoorden. In dat geval kan de hoofdbehandelaar meerdere initiële DBC s en bijbehorende zorgtrajecten openen. We spreken dan van parallelle zorgtrajecten. Let op: bij initiële parallelle DBC s en bijbehorende (reguliere) zorgtrajecten is het een voorwaarde dat de primaire diagnoses in verschillende hoofdgroepen van de DBC-Onderhoud diagnosetabel vallen. Let op: een patiënt kan binnen één instelling maximaal drie openstaande zorgtrajecten hebben. Het is mogelijk om een vierde zorgtraject te openen, alleen wanneer dit een DBC is met zorgtype crisisinterventie zonder opname of crisisinterventie met opname. 6. Crisis Figuur 3.1 Parallelle zorgtrajecten Opeenvolgende zorgtrajecten Er kan sprake zijn van verschillende diagnoses waarvan één diagnose het meest dringend is (comorbiditeit). Er is dan sprake van één primaire diagnose en meerdere nevendiagnoses. In een dergelijke situatie opent de hoofdbehandelaar eerst een initiële DBC en een zorgtraject voor de primaire diagnose. Als de patiënt voor de primaire diagnose is uitbehandeld, sluit de hoofdbehandelaar het zorgtraject en worden een nieuwe initiële DBC en een nieuw zorgtraject geopend, waarvan de nevendiagnose de nieuwe primaire diagnose wordt. We spreken dan van opeenvolgende zorgtrajecten. Deze DBC-Onderhoud 27 88

28 vorm van opeenvolgend behandelen heet ook wel de stepped caresystematiek. Let op: de voorwaarde voor opeenvolgende DBC s en bijbehorende zorgtrajecten is dat de primaire diagnoses van elkaar verschillen. Figuur 3.2 Opeenvolgende zorgtrajecten Voorbeeld: Een patiënt heeft een alcoholverslaving en een depressie. Is de alcoholverslaving de aandoening die het meest dringend moet worden behandeld, dan opent de hoofdbehandelaar daarvoor een initiële DBC en vinkt de alcoholverslaving als primaire diagnose aan. Als de patiënt voor de alcoholverslaving is uitbehandeld, opent hij een nieuw zorgtraject met een nieuwe initiële DBC voor de depressie. 3.2 Typeren DBC: Wie? Uitsluitend zorgverleners met een beroep dat is opgenomen in het BIG-register en die bevoegd en bekwaam zijn om patiënten te classificeren volgens de systematiek van de DSM-IV-TR kunnen als hoofdbehandelaar worden aangemerkt. De hoofdbehandelaar is uiteindelijk verantwoordelijk voor het juist invullen van de volledige typering. Met inachtneming van relevante wet- en regelgeving en bovenstaande eisen, mag elke instelling of praktijk zelf bepalen wie als hoofdbehandelaar wordt aangewezen. BIG-register: Het BIG-register verleent duidelijkheid over de bevoegdheid van een zorgverlener. Alleen zorgverleners die in het BIG-register staan, mogen een beschermde medische titel voeren. Bijlage 3: Beroepentabel 3.3 Typeren DBC: Wanneer? De DBC moet bij het sluiten volledig en juist getypeerd zijn. Bij voorkeur typeert de hoofdbehandelaar de DBC binnen een maand na opening. DBC-Onderhoud 28 88

29 4 Registreren Alle activiteiten die worden uitgevoerd in het kader van de zorg voor een patiënt moeten worden geregistreerd op een DBC. Op een DBC kunnen activiteiten op verschillende categorieën geregistreerd worden: diagnostiek en behandeling, dagbesteding, verblijf en verrichtingen. Paragraaf 4.1 tot en met 4.4 gaan in op het registreren van activiteiten in verschillende categorieën: diagnostiek en behandeling (4.1), dagbesteding (4.2), verblijf (4.3) en verrichtingen (4.4). Per categorie wordt toegelicht, wat kan worden geregistreerd, wie mag registreren en hoe en wanneer dat moet gebeuren. Figuur 4.1 Zorgcategorieën 4.1 Diagnostiek en behandeling registreren Diagnostiek en behandeling registreren: Wat? Diagnostische activiteiten en behandelactiviteiten, conform het (opstellen van een) behandelplan, worden geregistreerd op basis van tijdschrijven. Een behandelaar mag alleen de patiëntgebonden tijd registreren die hij daadwerkelijk heeft besteed aan die activiteit. Patiëntgebonden activiteiten omvatten de activiteiten die een behandelaar uitvoert in het kader van de diagnostiek en behandeling van een specifieke patiënt. Let op: bij het registreren van behandeling wordt onderscheid gemaakt tussen ambulante zorgverlening en klinische zorgverlening. Binnen de categorie diagnostiek en behandeling registreert de behandelaar verschillende soorten activiteiten. Het gaat dan om activiteiten in het kader van pré-intake, diagnostiek, behandeling, begeleiding, verpleging en algemeen indirecte tijd. Hierop kunnen verschillende vormen van tijd worden geregistreerd: Codelijst: CL_Activiteit (www.dbconderhoud.nl) Diagnostiek en behandeling registreren: Wie? DBC-Onderhoud 29 88

30 direct patiëntgebonden tijd, indirect patiëntgebonden tijd en indirect patiëntgebonden reistijd. Let op: niet-patiëntgebonden activiteiten kan de behandelaar niet op een DBC registreren. Dit zijn activiteiten zoals: scholing, algemene vergaderingen, intervisies over het functioneren van collega s, productontwikkeling en het lezen van vakliteratuur. Directe tijd, indirecte tijd en reistijd Behandelaren moeten bij het registreren van patiëntgebonden activiteiten aangeven of het om directe of indirecte (reis)tijd gaat. In de activiteiten- en verrichtingenlijst staat per activiteit aangegeven welke vormen van tijd geregistreerd mogen worden. Bijlage 1: Activiteiten- en verrichtingenlijst Direct patiëntgebonden tijd Direct patiëntgebonden tijd is de tijd waarin een behandelaar, in het kader van de diagnostiek of behandeling 7, contact heeft met de patiënt of met familieleden, gezinsleden, ouders, partner of andere naasten (het systeem) van de patiënt. Onder direct patiëntgebonden tijd valt: o o o Face-to-face contact; Telefonisch contact; Elektronisch contact via of internet (chatten, Skype etc.) Bijzonderheden: behandeltijd aan het systeem van de patiënt Indirect patiëntgebonden tijd Dit betreft indirecte tijd die de behandelaar besteedt aan zaken rondom een contactmoment (de direct patiëntgebonden tijd), maar waarbij de patiënt (of het systeem van de patiënt) zelf niet aanwezig is. Voorbeelden hiervan zijn: o het voorbereiden van een activiteit (bijvoorbeeld van een sessie psychotherapie); o verslaglegging in het kader van de activiteit (bijvoorbeeld psychiatrisch onderzoek); o hersteltijd na een intensieve behandelsessie. Indirect patiëntgebonden reistijd Indirect patiëntgebonden reistijd betreft tijd die de behandelaar besteedt aan het reizen van en naar de patiënt die buiten de instelling behandeling, begeleiding of verpleging ontvangt. De behandelaar mag alleen reistijd registreren als de reistijd in het teken staat van direct patiëntgebonden activiteiten. Verschijnt de patiënt niet (no show), dan mag de behandelaar de reistijd alsnog registreren. Let op: tijd om binnen de eigen organisatie (AGB-code) de patiënt te bereiken, mag niet geregistreerd worden als reistijd. Ook niet als de zorginstelling over meerdere locaties beschikt. 7 Dit betekent dat er alleen tijd geregistreerd kan worden als het contact in het kader is van het behandelplan van de patiënt. Hieronder valt bijvoorbeeld niet bijpraten, koffiedrinken of het maken van een afspraak met het systeem van de patiënt. DBC-Onderhoud 30 88

31 Uitzondering: algemeen indirecte tijd Ook kan er sprake zijn van algemeen indirecte tijd: deze tijd is wel patiëntgebonden, maar geen betrekking heeft op de uitvoering van een directe behandelactiviteit. Algemeen indirecte tijd wordt bijvoorbeeld geregistreerd bij een multidisciplinair overleg of bij de eindverslaglegging van een behandeltraject. Het betreft de activiteiten met code 7.x. Codelijst: CL_Activiteit (www.dbconderhoud.nl) Figuur 4.2 Bepaling directe tijd, indirecte (reis)tijd of algemeen indirecte tijd Onderscheid verblijf en behandeling In het kader van het registreren van behandelactiviteiten op een DBC, wordt een onderscheid gemaakt tussen ambulante zorgverlening en klinische zorgverlening. Er kan zorg geleverd worden waarin de patiënt niet verblijft binnen een instelling (ambulant) en er kan zorg geleverd worden waar de patiënt wel verblijft binnen een instelling (klinisch). In beide gevallen worden activiteiten uitgevoerd. Het hangt van de situatie af of deze activiteiten ook geregistreerd mogen worden. Behandelactiviteiten tijdens verblijf mogen niet altijd geregistreerd worden door alle beroepen. De kosten van de zorg van sommige beroepen zit namelijk al in het tarief van verblijf versleuteld. Bijzonderheden Aan het registreren van diagnostiek en behandeling zijn een aantal bijzonderheden verbonden: Meerdere behandelvormen tegelijkertijd Het kan voorkomen dat de behandelaar tijdens één sessie met een patiënt meerdere behandelvormen toepast, bijvoorbeeld het toepassen van farmacotherapie en psychotherapie. De behandelaar verdeelt dan de bestede tijd naar verhouding over deze behandelvormen. DBC-Onderhoud 31 88

32 Groepstherapie Wanneer een patiënt groepstherapie krijgt waarbij twee of meer mensen tegelijkertijd behandeld worden, deelt de behandelaar zijn bestede tijd door het aantal deelnemers in de groepstherapie. Het maakt daarbij niet uit volgens welke wet (bijvoorbeeld Zvw, AWBZ of WMO) de behandeling van die patiënten in de groepstherapie gefinancierd wordt. Dus bij een behandeling van 160 minuten waaraan acht patiënten deelnemen, registreert de behandelaar 20 minuten op de DBC van een patiënt die, volgens de Zvw, zorg ontvangt. Behandeltijd aan het systeem van de patiënt Tijdens een behandeling kan ook behandeltijd besteed worden aan het systeem van de patiënt. Met het systeem worden de familie, gezinsleden, ouders, partner of andere naasten van de patiënt bedoeld. Registreer deze bestede (indirecte) tijd, in het kader van de behandeling van de diagnose/aandoening van de patiënt, op de DBC van de betreffende patiënt. Tijdsbesteding aan het systeem kan zowel met als zonder aanwezigheid van de patiënt plaatsvinden. Tevens kan het zowel individueel als in een groep plaatsvinden. Hierdoor kent een deel van de behandelactiviteiten zes varianten. In tabel 4.1 staan de verschillende varianten toegelicht. Tabel 4.1 Varianten in behandelactiviteiten Varianten in behandelactiviteiten Variant Patiënt individueel Patiënt in groep Systeem (gezin/paar/ouders) met patiënt individueel Systeem (gezin/paar/ouders) met patiënt in groep Systeem (gezin/paar/ouders) zonder patiënt individueel Systeem (gezin/paar/ouders) zonder patiënt in groep* Omschrijving Alleen de patiënt wordt behandeld De patiënt wordt behandeld in een groep De patiënt wordt behandeld in bijzijn van het systeem De patiënt wordt behandeld in een groep in bijzijn van het systeem Er wordt tijd besteed aan het systeem zonder dat de patiënt aanwezig is. Er wordt tijd besteed aan een groep van meerdere systemen van meerdere patiënten zonder dat de patiënten aanwezig zijn. *) Wanneer er in een groep tijd aan het systeem wordt besteed gelden dezelfde registratieregels als bij groepstherapie. Open inloopspreekuren De behandelaar houdt een inloopspreekuur waarbij patiënten kunnen binnenlopen wanneer ze dat willen. In dat geval verdeelt de behandelaar de tijd die hij in totaal heeft besteed aan de patiënten, evenredig over het aantal patiënten die hij tijdens het spreekuur heeft gezien. Dit betekent dat de tijd die DBC-Onderhoud 32 88

33 de behandelaar níet aan de patiënten van het inloopspreekuur besteedt, ook niet op hun DBC mag registreren. Onderlinge dienstverlening De hoofdbehandelaar (opdrachtgever) kan een gespecialiseerde behandelaar uit een andere zorginstelling inschakelen (opdrachtnemer), bijvoorbeeld voor het uitvoeren van een psychodiagnostisch onderzoek. In dat geval opent de opdrachtnemer geen eigen DBC voor de patiënt, maar de hoofdbehandelaar registreert de activiteiten die de opdrachtnemer heeft uitgevoerd op de openstaande DBC van de patiënt. De bestede tijd dient wel op naam van de opdrachtnemer op de DBC geregistreerd te worden. De opdrachtgever betaalt vervolgens de opdrachtnemer buiten de DBC-systematiek om. De DBC wordt na sluiting gedeclareerd. De reden voor deze werkwijze is dat zo alle bestede Zvw-zorg voor de behandeling van een diagnose binnen één DBC geregistreerd wordt. Let op: onderlinge dienstverlening is anders dan een second opinion. Let op: het tarief voor prestaties voor onderlinge dienstverlening is vrij en dient nader bepaald te worden door de uitvoerende en opdrachtgevende zorgaanbieder. Beleidsregel: Beleidsregel tarifering onderlinge dienstverlening GGZ Zvw (www.nza.nl) Diagnostiek en behandeling registreren: Wie? Alle behandelaren waarvan het beroep op de openingsdatum van de DBC is opgenomen in de beroepentabel van DBC-Onderhoud kunnen op de DBC diagnostiek en behandeling registreren. Voor de volgende groepen gelden daarnaast afwijkende regels: Bijlage 3: Beroepentabel Somatische beroepen In het kader van een behandeling, moeten beroepen die onder het beroepencluster somatische beroepen vallen, hun tijd ook verantwoorden via activiteiten die opgenomen zijn in de activiteiten- en verrichtingenlijst. Er zijn namelijk geen aparte somatische activiteiten opgenomen. Registreer dus de activiteit die het beste past bij de behandeling. Een voorbeeld hiervan is een arts die bij een patiënt lichamelijk en screenend (laboratorium)onderzoek doet. Deze tijd kan geschreven worden, in het kader van diagnostiek, onder de activiteiten lichamelijk onderzoek en aanvullend onderzoek. Bijlage 1: Activiteiten- en verrichtingenlijst Behandelaren die nog in een (vervolg)opleiding zijn Deze groep registreert onder het beroep van de opleiding die ze op het moment van behandelen hebben afgerond. Let op: stagiairs en behandelaren die nog geen opleiding hebben afgerond mogen níet registreren op het beroep waarvoor ze in opleiding zijn. CONO-beroepen die 24-uurscontinuïteitszorg leveren 24-uurscontinuïteitszorg is de basiszorg die op klinische afdelingen van een instelling 24 uur per dag voor de patiënt beschikbaar is. Beroepen die 24- DBC-Onderhoud 33 88

34 uurscontinuïteitszorg leveren, registreren hun bestede tijd (in het kader van behandeling) tijdens het verblijf van een patiënt niet volgens de activiteiten- en verrichtingenlijst. De inzet van deze beroepen is voor 100% versleuteld in het tarief van verblijf. Een instelling bepaalt zelf welke behandelaren deze zorg leveren en dus hun tijdsbesteding niet dienen te registreren volgens de registratielijst. Let op: wanneer medische, psychotherapeutische, agogische, psychologische, vaktherapeutische en somatische beroepen worden ingezet als (mede)behandelaar, is deze inzet niet versleuteld in het tarief van een verblijfsdag. Deze beroepen moeten wel hun bestede tijd registreren aan de hand van de activiteiten- en verrichtingenlijst. Let op: de kosten van aanwezigheid- en beschikbaarheiddiensten van medische of andere beroepen zijn niet meegenomen in het tarief van verblijf. Zij moeten tijdens de diensten uitgevoerde activiteiten en verrichtingen ook met behulp van de registratielijst registreren (bijvoorbeeld uitgevoerde activiteiten tijdens een inloopspreekuur). Bijlage 1: Activiteiten- en verrichtingenlijst Diagnostiek en behandeling registreren: Wanneer? Behandelaren mogen beginnen met registreren zodra de DBC geopend is. Registreren van diagnostiek- en behandelactiviteiten kan direct na het uitvoeren van de activiteit of op een later moment. Behandelaren moeten bij het registreren gebruikmaken van de codes die op de registratiedatum in de activiteiten- en verrichtingenlijst staan. Tip: het beste is de behandelactiviteiten zo snel mogelijk na uitvoering te registreren. Dit bevordert de betrouwbaarheid en juistheid van de geregistreerde activiteiten. Let op: is er sprake van parallelle zorgtrajecten, dan moet de behandelaar de geboden zorg registreren op de DBC waarop deze betrekking heeft. Instellingen mogen op hun eigen manier invulling geven aan het registreren van de werkelijk bestede tijd. Bijvoorbeeld door de registratie te koppelen aan het Elektronisch Patiëntendossier (EPD) of een planningsmodule. Het is ook toegestaan om standaardtijden of normtijden 8 per activiteit vast te stellen. 4.2 Dagbesteding registreren Dagbesteding registreren: Wat? Als de zorgaanbieder voor klinische of ambulante patiënten gelegenheid organiseert om de tijd op een zinvolle manier door te brengen, is er sprake van dagbesteding. De behandelaar registreert het aantal uren dat de patiënt dagbesteding krijgt. In de DBC-systematiek worden de volgende vormen van dagbesteding onderscheiden: 8 De zorgaanbieder is verantwoordelijk voor de normtijden en herijken/updaten hiervan. DBC-Onderhoud 34 88

35 Let op: registreren van tijd is anders voor dagbesteding dan voor diagnostieken behandelactiviteiten. De registratie van diagnostiek- en behandelactiviteiten gebeurt in minuten en de registratie van dagbesteding gebeurt in uren. Dagbesteding sociaal (ontmoeting) De meest basale functie van een dagactiviteitencentrum is de ontmoetingsfunctie. De inloopfunctie is de meest laagdrempelige functie in het kader van dag- en arbeidsmatige activiteiten. Aan de deelnemers worden over het algemeen geen strenge eisen gesteld voor wat betreft de deelname aan de inloop. Dagbesteding activering Deze vorm gaat verder dan het ontmoeten van anderen en omvat ook recreatieve, creatieve of sportieve activiteiten. Deze activiteiten worden over het algemeen groepsgewijs aangeboden. De deelname is niet verplicht, maar over het algemeen wel minder vrijblijvend. Voorbeelden van dagbesteding in het kader van activering zijn: tekenen, voetballen en tuinieren. Dagbesteding educatie Educatieve dagbesteding heeft als doel om de patiënt iets te leren. Bij de educatieve activiteiten is er over het algemeen sprake van een vast weekprogramma en een groepsgewijs aanbod. Denk bijvoorbeeld aan een computercursus, cursus boekbinden en gitaarles. Dagbesteding arbeidsmatig Bij arbeidsmatige dagbesteding zijn activiteiten gericht op het begeleiden van patiënten die aan het werk willen in het reguliere arbeidsproces, zoals het opdoen van arbeidsvaardigheden en -ervaring. Het gaat hierbij om onbetaalde werkzaamheden, soms wordt een beperkte onkostenvergoeding verstrekt. Dagbesteding overig Alle dagbesteding die niet onder sociale, activerende, educatieve of arbeidsmatige dagbesteding valt, maar wel wordt ingezet in het kader van de behandeling van een patiënt met een bepaalde primaire diagnose, kan onder overige dagbesteding worden geregistreerd. Let op: er kan alleen dagbesteding geregistreerd worden als de patiënt ook daadwerkelijk aanwezig is. Bijzonderheden Aan het registreren van dagbesteding zijn een aantal bijzonderheden verbonden: Tijdens dagbesteding kan de behandelaar géén directe patiëntgebonden behandelactiviteiten registreren. Tijdens de uren dagbesteding worden patiënten namelijk niet behandeld of verpleegd. DBC-Onderhoud 35 88

36 Dagbesteding mag tegelijkertijd geregistreerd worden met verblijfsdagen met overnachting. Dagbesteding mag echter niet geregistreerd worden met verblijf zonder overnachting. Voor kinder- en jeugdpsychiatrie gelden de volgende regels als het gaat om het registreren van dagbesteding: o Is er sprake van educatieve therapie, dan moet de behandelaar dit niet registreren als dagbesteding, maar als de activiteit Overige (communicatieve) behandeling. o Activiteiten van de klinische school hoeft de behandelaar niet te registreren. De klinische school is namelijk voor leerplichtige patiënten. De Zorgverzekeringswet financiert dit niet. Dit onderdeel valt dan ook buiten de DBC-systematiek Verblijf registreren: Wat? Dagbesteding registreren: Wie? Iedereen, onder verantwoording van de hoofdbehandelaar, kan binnen de DBC dagbesteding registreren Dagbesteding registreren: Wanneer? Registreren van dagbesteding kan direct nadat de patiënt dagbesteding heeft gekregen. Er moet bij het registreren van dagbesteding gebruik worden gemaakt van de codes die op de registratiedatum in de activiteiten- en verrichtingenlijst staan. Tip: het beste is om zo snel mogelijk na ontvangst van de dagbesteding deze te registreren. Dit bevordert de betrouwbaarheid en juistheid van de geregistreerde dagbesteding. Bijlage 1: Activiteiten- en verrichtingenlijst 4.3 Verblijf registreren Verblijf registreren: Wat? Er wordt binnen de DBC-systematiek een duidelijk onderscheid gemaakt tussen het registreren van behandelactiviteiten en van verblijf. Bij de registratie van een verblijfsprestatie gaat het om een kale verblijfsdag. In het tarief van een verblijfsprestatie is wel meegenomen dat een patiënt wordt verpleegd en verzorgd, maar niet dat een patiënt wordt behandeld. De behandelactiviteiten tijdens een verblijfsdag dienen dus apart geregistreerd te worden. Bij de registratie van verblijf wordt verder onderscheid gemaakt tussen verblijf met een overnachting ( ) en verblijf zonder een overnachting ( ). Verblijf wordt altijd geregistreerd op basis van dagen aanwezigheid 9. Dagen dat de patiënt afwezig is mogen niet worden geregistreerd als verblijfsprestatie. Let op: wanneer de ouders van een kind, dat jonger is dan 18 jaar, ook verblijven in de zorginstelling, zijn de kosten van verblijf van de ouders al 9 Afwezigheiddagen worden niet geregistreerd op de DBC van de betreffende patiënt. DBC-Onderhoud 36 88

37 toegerekend aan de verblijfsdag van het kind. Er mogen daarom geen verblijfsprestaties worden geregistreerd voor de ouders. Verblijf met overnachting (VMO) Een verblijfsdag met overnachting kan alleen geregistreerd worden als de patiënt voor 20:00 uur is opgenomen (eerste opname) en s nachts in de instelling verblijft. De dag van opname en de daarop volgende nacht gelden als één verblijfsdag. Een verblijfsdag met overnachting wordt geregistreerd als zogenaamde deelprestatie. Welke deelprestatie van toepassing is, hangt af van de setting waar de patiënt verblijft. Het bepalen van de setting en de deelprestatie gebeurt in twee stappen: Stap 1: de setting definiëren Een setting wordt als volgt gedefinieerd: Een setting wordt door de zorgaanbieder gedefinieerd op basis van homogeniteit in de vraag naar de verblijfzorg van de patiënt, waarvoor de setting is bedoeld. Een setting is altijd bedoeld voor een homogene patiëntengroep 10. Een instelling kan ook meerdere settingen hebben, die elk bestemd is voor het verblijf van homogene patiëntengroepen. Als dit het geval is, moet de instelling verschillende deelprestaties vaststellen. Van een patiënt die wisselt van verblijfssetting (bijvoorbeeld van een gesloten naar een open setting 11 ) verandert dus de deelprestatie verblijf, tenzij de twee settingen tot eenzelfde deelprestatie leiden. Stap 2: een deelprestatie vaststellen Een deelprestatie verblijf beschrijft de verblijfszorg die een patiënt krijgt. Per deelprestatie is de zorg en inzet van het personeel afgestemd op het ziektebeeld van de patiëntengroep. In totaal zijn er zeven deelprestaties verblijf. Aan de hand van de setting waarin de patiënt verblijft, kan worden bepaald welke deelprestatie verblijf op de DBC geregistreerd moet worden. Hiervoor wordt voor de setting berekend wat het aantal ingeroosterde fte van VOV personeel (Verzorgend Opvoedkundig en Verplegend personeel) is per plaats of bed. De term VOV-personeel is in deze context uitwisselbaar personeel in 24-uurscontinuïteitsdienst. Bij de bepaling van het aantal fte moet worden 10 De exacte definitie van patiëntengroepen is uiteraard onderwerp van gesprek tijdens de in- en verkoopgesprekken met de zorgverzekeraar voor het betreffende contractjaar. Het (her)definiëren van de bedden/plaatsen is daarmee afhankelijk van de frequentie van de in- en verkoopgesprekken. 11 Een setting kan niet tegelijk én open én gesloten zijn. Dit houdt in dat twee aparte settings gedefinieerd moeten worden. DBC-Onderhoud 37 88

38 uitgegaan van het jaar waarin de verblijfsdagen worden geregistreerd. De volgende som bepaald de deelprestatie verblijf: Deze berekende waarde valt vervolgens binnen een bepaalde range. Elke range heeft een bijbehorende deelprestatie. Een toelichting op de deelprestaties is opgenomen in bijlage 4. Tabel 4.2 Deelprestaties verblijf Bijlage 4: Deelprestatie verblijf (24-uurs verblijf) Deelprestaties 24-uurs verblijf (verblijf met overnachting) Fte per bed of plaats 0,3 en minder meer dan 0,3 t/m 0,5 Deelprestatie Deelprestatie verblijf A (Lichte verzorgingsgraad) Deelprestatie verblijf B (Beperkte verzorgingsgraad) meer dan 0,5 t/m 0,7 meer dan 0,7 t/m 1,0 meer dan 1,0 t/m 1,3 meer dan 1,3 t/m 1,7 meer dan 1,7 Deelprestatie verblijf C (Matige verzorgingsgraad) Deelprestatie verblijf D (Gemiddelde verzorgingsgraad) Deelprestatie verblijf E (Intensieve verzorgingsgraad) Deelprestatie verblijf F (Extra intensieve verzorgingsgraad) Deelprestatie verblijf G (Zeer intensieve verzorgingsgraad) Voorbeeld Een setting heeft 20 plaatsen waar acht fte voor ingeroosterd is. Dit is 0,4 fte per plaats. De behandelaar registreert dan een verblijfsdag met overnachting met deelprestatie B. Let op: wisselt de patiënt van setting, dan moet de behandelaar ook opnieuw de deelprestatie vaststellen. Let op: er zijn zeven landelijke deelprestatie voor 24-uurs verblijf gedefinieerd. Het kan goed zijn dat er meer settingen binnen een zorginstelling aanwezig zijn dan soorten deelprestaties. DBC-Onderhoud 38 88

39 Verblijf zonder overnachting (VZO) Er is sprake van verblijf zonder overnachting (VZO) als de patiënt gedurende een groot deel van de dag (gemiddeld tussen 9.00 en uur) in de instelling aanwezig is, omdat de patiënt diverse vormen van behandeling dan wel diagnostiek ontvangt. De patiënt verblijft s nachts niet in de instelling. Een VZO deelprestatie is bedoeld om zorg te omschrijven voor patiënten waarbij, naast de behandeling, ook ondersteuning van personeel met een VOV-functie noodzakelijk is voor een goed verloop van de diverse behandel- en/of diagnostiekactiviteiten. Wordt een patiënt aaneengeschakeld binnen één dagdeel behandeld? Dan is er géén sprake van verblijf zonder overnachting. In dat geval moeten de behandelaren de afzonderlijke behandelactiviteiten of verrichtingen die hebben plaatsgevonden registreren. Bijlage 5: Deelprestatie verblijf (zonder overnachting) Bij het registreren van een verblijfsdag zonder overnachting registreert de behandelaar twee zaken: Verblijfsprestatie VZO: de behandelaar kan, indien er sprake is van een behandelprogramma dat een gehele dag beslaat, de deelprestatie VZO registreren. Behandel- en/of diagnostiekactiviteiten: de op die dag uitgevoerde behandel- en/of diagnostiekactiviteiten maken geen onderdeel uit van de verblijfsdag zonder overnachting. De bestede behandeltijd moet geregistreerd worden op de DBC. Let op: VZO mag alleen geregistreerd worden wanneer op eenzelfde kalenderdag minimaal twee direct patiëntgebonden activiteiten, die vallen onder hoofdgroep diagnostiek en/of hoofdgroep behandeling of in combinatie met de verrichting ECT geregistreerd worden. Is dat niet het geval, dan valt de DBC altijd uit in de validatie. Er mogen ook andere activiteiten op dezelfde kalenderdag als VZO geschreven worden, mits er behandeling plaatsvindt. In tabel 4.3 wordt aangegeven welke activiteiten ook in combinatie met VZO geregistreerd mogen worden, indien er voldaan is aan de registratie van minimaal twee direct patiëntgebonden activiteiten in de hoofdgroep diagnostiek en/of behandeling of de verrichting ECT. DBC-Onderhoud 39 88

40 Tabel 4.3 Activiteiten in combinatie met VZO Activiteiten in combinatie met VZO Verplicht Optioneel 12 Twee activiteiten uit hoofdgroep Diagnostiek * Of twee activiteiten uit hoofdgroep Behandeling ** Activiteiten uit hoofdgroep Pré-intake Activiteiten uit hoofdgroep Algemeen indirecte tijd Of een activiteit uit hoofdgroep Diagnostiek en een activiteit uit hoofdgroep Behandeling Een verrichting Ambulante Methadon Of een verrichting ECT *) Het gaat hierbij om de activiteiten onder code 2.x. Zie de activiteiten -en verrichtingenlijst (bijlage 1) voor de specifieke activiteiten die onder deze code vallen. **) Het gaat hierbij om de activiteiten onder code 3.x. Zie de activiteiten -en verrichtingenlijst (bijlage 1) voor de specifieke activiteiten die onder deze code vallen Verblijf registreren: Wie? Alle behandelaren waarvan het beroep op de openingsdatum van de DBC is opgenomen in de beroepentabel, mogen binnen de DBC verblijfsdagen registreren. Bijlage 3: Beroepentabel Verblijf registreren: Wanneer? Behandelaren moeten bij het registreren gebruikmaken van de activiteitencodes die op de openingsdatum van de DBC in de activiteiten -en verrichtingenlijst staan. Verblijfsdagen (met of zonder overnachting) kunnen direct na de opnameperiode van de patiënt of op een later moment geregistreerd worden, mits voor de sluiting van de DBC de verblijfsdagen geregistreerd zijn. Elke verblijfsdag moet een unieke registratiedatum hebben. Het is dus niet toegestaan om aan het einde van de looptijd van de DBC het totale aantal verblijfsdagen van meerdere opnameperiodes onder één code te registreren. 4.4 Verrichtingen registreren Verrichtingen registreren: Wat? Binnen de zorgcategorie verrichtingen wordt een onderscheid gemaakt tussen Electroconvulsietherapie (ECT) en de ambulante Methadon verstrekking (AMV). 12 Het is niet mogelijk om VZO op dezelfde kalenderdag te registreren in combinatie met de volgende activiteiten: begeleiding (code 4.x), verpleging (code 5.x), prestatie verblijf met overnachting (code 8.8.x), dagbesteding (code 9.x), verrichting beschikbaarheidcomponent 24-uurs crisiszorg (code 10.3). Zie de activiteiten -en verrichtingenlijst (bijlage 1) voor de specifieke activiteiten die onder deze codes vallen. DBC-Onderhoud 40 88

41 Electroconvulsietherapie Bij electroconvulsietherapie (ECT) moet de behandelaar niet alleen de tijd registreren die hij hieraan besteedt, maar ook het aantal behandelingen ECT. De behandeling kan namelijk niet geheel bekostigd worden met de vergoeding voor de geschreven behandeltijd. Aan de verrichting ECT zijn de volgende kosten toegerekend: materiële kosten (zoals afschrijving, onderhoud van ECT apparatuur en overige materialen), loonkosten van betrokken behandelaren die niet op de beroepentabel staan (zoals de anesthesist, anesthesieverpleegkundige en verkoever verpleegkundige) en de tijd die een patiënt na de behandeling door brengt op de verkoeverkamer. Indien er dus sprake is van ECT, dan bevat de DBC altijd twee zaken: Verrichting ECT: het aantal behandelingen ECT wordt geregistreerd volgens de activiteiten- en verrichtingenlijst. Activiteit Electroconvulsietherapie: beroepen die voorkomen op de beroepentabel registreren de bestede tijd met behulp van de activiteitcode voor ECT (Behandeling Fysische therapie Electroconvulsietherapie). Let op: een DBC bevat bij ECT altijd de activiteit Electroconvulsietherapie én de verrichting Electroconvulsietherapie. Is dat niet het geval, dan valt de DBC uit in de validatie. Ambulante verstrekking van Methadon Bij de verstrekking van Methadon aan ambulante patiënten, moet de behandelaar niet alleen de tijd registreren die hij hieraan besteedt, maar ook het aantal verstrekkingen van Methadon per kalendermaand. De behandeling kan namelijk niet geheel bekostigd worden met de vergoeding voor de geschreven behandeltijd. Het tarief van de verrichting Ambulante Methadon is vastgesteld op basis van de gemiddelde inkoopprijs voor het medicijngebruik en is een vergoeding voor de medicijnkosten van de stof Methadon per maand. Bij de verstrekking van Methadon moeten er dus twee zaken geregistreerd worden: Verrichting Ambulante Methadon: de behandelaar moet het aantal verstrekkingen ambulante Methadon registreren. Dit is één verrichting per maand ongeacht de hoeveelheid Methadon en frequentie van de verstrekkingen. Activiteit Farmacotherapie: bij de ambulante verstrekking van Methadon moet de behandelaar de bestede tijd registreren op de activiteit farmacotherapie. Let op: een DBC bevat bij ambulante Methadonverstrekking altijd de activiteit farmacotherapie én de verrichting Ambulante Methadon. Is dat niet het geval, dan valt de DBC uit in de validatie. Let op: klinische verstrekking van Methadon kan niet worden geregistreerd. De kosten van klinische verstrekte Methadon worden versleuteld in het tarief van verblijfsdagen. Electroconvulsietherapie (ECT): Een therapie waardoor een convulsie opgewekt wordt onder gehele anesthesie (zowel narcose als spierverslapping). Een ECT duurt gemiddeld 20 minuten, die een patiënt doorbrengt in de behandelkamer. Na de therapie verblijft de patiënt gemiddeld 20 minuten in de verkoeverkamer. Ambulante Methadon verstrekking (AMV): De verstrekking van de stof Methadon (per kalendermaand) aan ambulante patiënten Verrichtingen registreren: Wie? Alle behandelaren van wie het beroep op de openingsdatum van de DBC is opgenomen in de beroepentabel, mogen binnen de DBC verrichtingen registreren. Bijlage 3: Beroepentabel DBC-Onderhoud 41 88

42 4.4.3 Verrichtingen registreren: Wanneer? Registeren van een verrichting kan direct nadat de patiënt de behandeling ECT of ambulante Methadon heeft ontvangen. Tip: het beste is om na ontvangst van de behandeling ECT of de verstrekking van ambulante Methadon de verrichting zo snel mogelijk te registreren. Dit bevordert de betrouwbaarheid en juistheid van de geregistreerde verrichting. DBC-Onderhoud 42 88

43 5 Sluiten Dit hoofdstuk zet uiteen wat er gekozen kan worden bij het sluiten van een DBC (5.1), wie een DBC mag sluiten (5.2) en wanneer een DBC gesloten moet worden (5.3). 5.1 Sluiten DBC: Wat? Bij het sluiten van een DBC moet de reden van afsluiten worden gegeven. Hierbij moet één van de volgende vijf redenen worden geregistreerd: 1) Reden voor afsluiten bij patiënt / niet bij behandelaar Bij het overlijden van een patiënt, verhuizen, einde vergoeding langdurige noshow of de patiënt is 365 dagen niet meer in zorg is geweest, dient de DBC afgesloten te worden met afsluitreden 1. Behalve de DBC dient ook het zorgtraject te worden gesloten. In geval van overlijden van de patiënt dient de DBC op de datum van overlijden te worden gesloten. Het is niet toegestaan nog indirect patiëntgebonden activiteiten te registreren na de overlijdensdatum. 2) Reden voor afsluiten bij behandelaar / om inhoudelijke redenen Wanneer een patiënt voor dezelfde primaire diagnose wordt terug- dan wel doorverwezen naar een andere instelling of praktijk, dient de DBC afgesloten te worden met afsluitreden 2. Naast de DBC dient ook het zorgtraject te worden gesloten. 3) In onderling overleg beëindigd zorgtraject/ patiënt uitbehandeld Wanneer de hoofdbehandelaar en patiënt in onderling overleg besluiten dat het behandeltraject voor de betreffende primaire diagnose is beëindigd, dient de DBC afgesloten te worden met afsluitreden 3. Behalve de DBC dient ook het zorgtraject te worden gesloten. 4) Afsluiten DBC administratief of vanwege openen vervolg-dbc Deze afsluitreden is van toepassing in een van de volgende twee situaties: o Wanneer de DBC na 365 dagen nog openstaat en verlengd moet worden omdat de zorg langer dan 365 dagen duurt, er dient een vervolg-dbc te worden geopend na sluiten van de huidige DBC. Wanneer de DBC gesloten moet worden in verband met overgang naar een andere bekostigingssystematiek DBC-Onderhoud 43 88

44 5) Afsluiting na alleen pré-intake/intake/diagnostiek/crisisopvang Deze afsluitreden is van toepassing wanneer de zorg na pré-intake, intake of diagnostiek wordt beëindigd. De DBC kan in dit geval zonder weergave van een diagnoseclassificatie afgesloten worden. 5.2 Sluiten DBC: Wie? Iedereen met toestemming van de hoofdbehandelaar mag een DBC sluiten. Bij het afsluiten van een DBC moet de hoofdbehandelaar deze controleren (of te laten controleren onder zijn of haar verantwoordelijkheid) op de volgende punten: De DBC is ingevuld conform de spelregels De DBC bevat de juiste informatie De typering is ingevuld De diagnose is ingevuld De GAF-score is ingevuld Indien één of meer van bovenstaande punten niet of niet correct is ingevoerd mag de DBC niet worden afgesloten. Let op: in een aantal situaties kan een DBC worden gesloten zonder diagnose. 5.3 Sluiten DBC: Wanneer? In de volgende situaties moet de hoofdbehandelaar de DBC sluiten: Een DBC sluiten bij het bereiken van de maximale looptijd Als de maximale looptijd van de DBC is bereikt, moet de hoofdbehandelaar de DBC sluiten en, als dat nodig is, een nieuwe DBC openen. Een DBC mag nooit langer dan 365 dagen openstaan. Afsluitreden 4 Een DBC sluiten als de situatie van de patiënt verandert Als de situatie van de patiënt verandert, moet de hoofdbehandelaar de DBC sluiten: De patiënt is overleden. De hoofdbehandelaar moet de DBC in dit geval sluiten op de dag van overlijden. De patiënt is verhuisd naar een andere regio en niet meer is bereid om te reizen voor de behandeling. De patiënt is langdurig niet op komen dagen. De patiënt heeft 365 dagen geen zorg ontvangen. Afsluitreden 1 Een DBC sluiten omdat de patiënt is doorverwezen Als de behandelaar de patiënt voor de behandeling van een primaire diagnose doorverwijst naar een andere instelling of praktijk, moet hij de lopende DBC sluiten. Afsluitreden 2 DBC-Onderhoud 44 88

45 Een DBC sluiten omdat de behandeling stopt Als de behandelaar en patiënt in overleg besluiten dat het behandeltraject is beëindigd, moet de behandelaar de lopende DBC sluiten. Afsluitreden 3 Een DBC sluiten in geval van een administratieve verandering Als er sprake is van een andere bekostigingssystematiek, moet de behandelaar de DBC sluiten. Afsluitreden 4 Een DBC sluiten na second opinion of crisis Als er sprake is van second opinion of crisis kan een behandelaar de DBC sluiten zonder dat er een diagnose is ingevuld. Afsluitreden 5 Een DBC voortijdig sluiten zonder diagnostiek en behandeling Een DBC kan voortijdig worden gesloten als een patiënt na de intake niet in zorg komt. Afsluitreden 5 DBC-Onderhoud 45 88

46 6 Crisis Wanneer er een crisisinterventie optreedt mogen alléén instellingen met een 24-uurs crisisdienst met een regionale functie een DBC openen waar crisisactiviteiten op geregistreerd kunnen worden. 6.1 Openen In het geval van een crisis-dbc mogen alléén instellingen met een 24-uurs crisisdienst met een regionale functie deze openen. Deze zorgaanbieders hebben hiervoor speciale afspraken gemaakt met onder andere zorgverzekeraars, gemeenten en politie. De 24-uurs crisiszorg die deze crisisdiensten leveren wordt onder andere gekenmerkt door de niet planbaarheid van zorg. De geleverde crisiszorg heeft als doel de crisissituatie van de patiënt zo spoedig mogelijk te stabiliseren. Een patiënt kan vervolgens (1) geen (tweedelijns)zorg meer nodig hebben; (2) een regulier zorgtraject starten; (3) een regulier zorgtraject vervolgen. In het geval van een crisiscontact wordt een (nieuwe) crisis-dbc geopend of een al geopende crisis-dbc wordt heropend. De keuze voor het openen van een crisis- DBC of het heropenen van een crisis-dbc is afhankelijk van de opening- en sluitdatum van voorgaande crisis-dbc. In figuur 6.1 zijn de verschillende mogelijkheden gevisualiseerd. In de volgende paragrafen wordt verder toegelicht wanneer een crisis-dbc geopend of heropend moet worden. Figuur 6.1 Situaties waarin een crisis-dbc moet worden geopend DBC-Onderhoud 46 88

47 6.1.1 Een crisis-dbc openen Een hoofdbehandelaar kan bij een crisisinterventie een (nieuwe) crisis-dbc openen. De mogelijkheden zijn verschillend voor nieuwe patiënten en bekende patiënten. Een crisis-dbc openen voor een nieuwe patiënt Als een patiënt nieuw is, opent een behandelaar altijd een crisis-dbc. Let op: heeft de patiënt een regulier zorgtraject lopen en komt de patiënt in crisis bij een instelling waar hij nog niet bekend staat als patiënt, moet er altijd een crisis-dbc geopend worden. Een crisis-dbc openen voor een bekende patiënt Voor een bekende patiënt zijn er verschillende situaties waarin een behandelaar een crisis-dbc moet openen. Dit is vooral afhankelijk van de reden van de crisisinterventie. o Een crisis-dbc openen voor een nieuwe primaire diagnose Een behandelaar moet een (nieuwe) crisis-dbc openen als de bekende patiënt voor een andere primaire diagnose voor de eerste keer crisiszorg nodig heeft. De primaire diagnose komt dus niet overeen met eventueel voorgaande geopende crisis-dbc s. Let op: in bepaalde gevallen kan er sprake zijn van een verschil van primaire diagnose van de crisis-dbc en de primaire diagnose van een regulier zorgtraject. Er is dan sprake van verschillende zorgtrajecten. o Een crisis-dbc openen omdat de patiënt in crisiszorg is of terugkomt in crisiszorg Een behandelaar moet een (nieuwe) crisis-dbc openen voor een bekende patiënt met eenzelfde primaire diagnose in de volgende twee situaties: Crisisinterventie is nog niet afgerond Een behandelaar moet een nieuwe crisis-dbc openen als een crisis- DBC 28 dagen openstaat en de crisisinterventie op de 28e dag nog niet is afgerond. De behandelaar is nog bezig met het stabiliseren van de patiënt na de 28e dag en wil hiervoor directe en indirecte tijd registreren. De openingsdatum van de nieuwe crisis-dbc is dag 29. Let op: wanneer een nieuwe crisis-dbc wordt geopend (zodat tijd geregistreerd kan worden voor de voorgezette crisisinterventie) moeten de primaire diagnose en zorgtype identiek zijn aan de vorige crisis-dbc. Patiënt komt terug in crisis Een behandelaar opent een crisis-dbc als de patiënt terug in crisis komt voor eenzelfde diagnose, maar voorgaande crisis-dbc niet meer DBC-Onderhoud 47 88

48 heropend kan worden. Dit is het geval als er al meer dan 28 dagen verstreken zijn sinds het openen van de vorige crisis-dbc. o Een crisis-dbc openen omdat reden zorgvraag onbekend is Het is niet altijd mogelijk om de reden van zorgvraag tijdens de crisisinterventie vast te stellen. De diagnose van de crisis-dbc blijft daarbij ook onduidelijk. Als niet duidelijk is dat het in het kader is van de primaire diagnose van een al geopende crisis-dbc, moet er een nieuwe crisis-dbc geopend worden Een crisis-dbc heropenen Een behandelaar is in twee situaties verplicht een crisis-dbc te heropenen: Heropenen omdat er nog indirecte tijd geschreven moet worden Hoewel de DBC is gesloten, wil de behandelaar nog indirecte tijd registreren op de crisis-dbc. In deze situatie heropent de behandelaar de crisis-dbc om de indirecte tijd te kunnen registreren. Moet er nog indirecte tijd geregistreerd worden, bijvoorbeeld een evaluatie van het crisiscontact, maar staat de crisis-dbc langer dan 28 dagen na openingsdatum van de crisis-dbc open? Het is dan niet mogelijk om de crisis-dbc te heropenen of een nieuwe crisis-dbc te openen. Heropenen omdat de patiënt terug in crisis komt De crisis-dbc is gesloten, maar de patiënt komt binnen 28 dagen na het openen van een crisis-dbc terug in crisis. De behandelaar stabiliseert de patiënt en wil hiervoor directe en indirecte tijd registreren. 6.2 Typeren In het geval van een crisisinterventie, heeft een behandelaar de keuze uit twee zorgtypen (tabel 6.1). Crisis-DBC Tabel 6.1 Zorgtypen bij een crisis-dbc Code Zorgtype 301 Crisisinterventie zonder opname 302 Crisisinterventie met opname De behandelaar mag slechts één zorgtype selecteren. Heeft de behandelaar een DBC geopend en blijkt in de looptijd van de DBC dat het zorgtype niet meer juist is, mag het zorgtype nog gewijzigd worden. Het zorgtype moet bij het sluiten van de DBC wel volledig en juist geregistreerd zijn. Een voorbeeld hiervan is als een DBC-Onderhoud 48 88

49 crisis-dbc geopend is met het zorgtype Crisisinterventie zonder opname en het blijkt dat er toch een opname benodigd is om de patiënt te stabiliseren. Het zorgtype kan dan voor het sluiten van de crisis-dbc gewijzigd worden in zorgtype Crisisinterventie met opname. Crisisinterventie zonder opname 301 De patiënt komt ambulant voor een crisisinterventie in zorg. De crisisinterventie vindt plaats bij de regionale 24-uurs crisisdienst. Het initiatief voor het contact ligt (vanaf een leeftijd van 16 jaar) bij de patiënt zelf, bij familie of het sociale netwerk, bij de politie of bij de huisarts. Er is geen sprake van opname van de patiënt. Een DBC met het zorgtype crisisinterventie zijn crisiscontacten waarbij een patiënt niet verblijft bij de crisisdienst ten behoeve van de stabilisatie van de patiënt. Als een patiënt uit crisiszorg gaat of overgaat naar een reguliere behandeling, moet de DBC met dit zorgtype gesloten worden. DBC s met het zorgtype Crisisinterventie zonder opname hebben een looptijd van maximaal 28 kalenderdagen en kunnen geen verblijfsdagen (met of zonder overnachting) bevatten. Crisisinterventie met opname 302 Het gaat hier om een crisisinterventie met een klinische opname en is aan de orde wanneer een patiënt crisiszorg nodig heeft die wordt geboden door een regionale 24-uurs crisisdienst. Een DBC met dit zorgtype zijn crisiscontacten waarbij een patiënt, ten behoeve van de stabilisatie van de patiënt, verblijft binnen de instelling. Als een patiënt uit crisiszorg gaat of overgaat naar een reguliere behandeling, moet de DBC met dit zorgtype gesloten worden. DBC s met het zorgtype Crisisinterventie met opname hebben een looptijd van maximaal 28 kalenderdagen en de DBC dient minimaal 1 en maximaal 27 verblijfsdagen met overnachtingen te bevatten. Crisis-DBC met een gelijktijdig openstaand regulier zorgtraject Ook kan er sprake zijn van een gelijktijdig openstaande regulier zorgtraject en een openstaande crisis-dbc. Als het mogelijk is om een primaire diagnose te stellen tijdens een crisisinterventie en deze komt geheel overeen met de primaire diagnose van een regulier zorgtraject, zijn beide DBC s in het kader van dezelfde zorgvraag. De diagnose van de crisis-dbc en een gelijktijdig zorgtraject mogen dus overeenkomen. Als het niet mogelijk is om een diagnose te stellen tijdens de crisisinterventie of de primaire diagnose verschilt van het reguliere zorgtraject is de crisis-dbc niet in het kader van dezelfde zorgvraag. Let op: een patiënt kan binnen één instelling naast drie openstaande zorgtrajecten ook een vierde zorgtraject hebben openstaan, mits het vierde zorgtraject is gestart met een DBC met zorgtype crisisinterventie zonder opname of crisisinterventie met opname. DBC-Onderhoud 49 88

50 Figuur 6.2 Parallelle reguliere zorgtrajecten en crisis Let op: het is niet verplicht, maar wel gewenst indien mogelijk, om binnen een DBC met het zorgtype Crisisinterventie zonder opname (301) of Crisisinterventie met opname (302) een diagnose te registreren. Ook wanneer een DBC wordt afgesloten nadat er alleen diagnostiekactiviteiten zijn geregistreerd, is het niet verplicht om een diagnose te registreren. 6.3 Registreren Crisis registreren: Wat? Op een crisis-dbc met het zorgtype crisisinterventie zonder opname en crisisinterventie met opname mag alleen tijd geregistreerd worden op activiteiten die in verband staan met crisiszorg. Tijdens het registreren, moet een behandelaar twee zaken registreren: Beschikbaarheidcomponent voor een 24-uurs crisisdienst (buiten kantooruren) Bij het registreren van een crisisinterventie op een crisis-dbc moet de behandelaar een verrichting registreren. Deze verrichting vergoedt de extra kosten voor de beschikbaarheidfunctie van de crisisdienst en de salaristoeslagen voor het werk van behandelaar buiten kantooruren te vergoeden. Het tarief van deze verrichting maakt geen onderscheid tussen crisiszorg binnen of buiten kantooruren. De verrichting Beschikbaarheidcomponent voor 24-uurs crisiszorg mag maar één keer per crisis-dbc geregistreerd worden. Let op: de beschikbaarheidcomponent voor 24-uurs crisiszorg kan enkel geregistreerd worden op een crisis-dbc die directe tijd bevat. Let op: een crisis-dbc bevat altijd de activiteiten van de categorie crisisopvang én de verrichting Beschikbaarheidcomponent voor 24-uurs crisiszorg. Is dat niet het geval, dan valt de DBC uit in de validatie. DBC-Onderhoud 50 88

Spelregels. DBC-registratie ggz. Versie RG13a

Spelregels. DBC-registratie ggz. Versie RG13a Spelregels DBC-registratie ggz Versie RG13a 1 januari 2013 Inhoudsopgave Inleiding... 4 1 DBC-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de geestelijke gezondheidszorg... 5 1.2 DBC-systematiek... 6 1.3 Stappen

Nadere informatie

Spelregels. DBC-registratie ggz. Versie 20130913

Spelregels. DBC-registratie ggz. Versie 20130913 Spelregels DBC-registratie ggz Versie 20130913 1 januari 2014 Inhoudsopgave Inleiding... 4 1 DBC-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de geestelijke gezondheidszorg... 5 1.2 DBC-systematiek... 6 1.3 Stappen

Nadere informatie

Spelregels ggz DBC-registratie ggz. Versie

Spelregels ggz DBC-registratie ggz. Versie Spelregels ggz 2015 DBC-registratie ggz Versie 20141028 1 januari 2015 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 Inleiding... 4 1 DBC-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de geestelijke gezondheidszorg... 5 1.2

Nadere informatie

Spelregels ggz DBC-registratie ggz. Versie

Spelregels ggz DBC-registratie ggz. Versie Spelregels ggz 2015 DBC-registratie ggz Versie 20140701 1 januari 2015 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 Inleiding... 4 1 DBC-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de geestelijke gezondheidszorg... 5 1.2

Nadere informatie

Spelregels DBC-registratie GGZ. Versie 20101221 Ingangsdatum : 1 januari 2011

Spelregels DBC-registratie GGZ. Versie 20101221 Ingangsdatum : 1 januari 2011 Spelregels DBC-registratie GGZ Versie 20101221 Ingangsdatum : 1 januari 2011 Inhoudsopgave 1 Het typeren van de DBC... 4 1.1 Wie typeert de DBC?... 4 1.2 Wanneer een DBC typeren?... 4 1.3 Wat registeren

Nadere informatie

Spelregels RG12a DBC-registratie ggz

Spelregels RG12a DBC-registratie ggz Spelregels RG12a DBC-registratie ggz Versie 20110901 Ingangsdatum : 1 januari 2012 20120101 20120101 SPELREGELS GGZ V20110901 Inhoudsopgave 1 Het typeren van de DBC... 4 1.1 Wie typeert de DBC?... 4 1.2

Nadere informatie

DBC tarieven Universitair Centrum Psychiatrie (UCP)

DBC tarieven Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) DBC tarieven 2017 - Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) Toelichting: Diagnose Behandeling Combinaties (DBC s) zijn de (landelijke) basis voor declaraties aan patiënten voor zorg die geleverd is door

Nadere informatie

DBC tarieven 2016 Universitair Centrum Psychiatrie (UCP)

DBC tarieven 2016 Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) DBC tarieven 2016 Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) Toelichting: Diagnose Behandeling Combinaties (DBC s) zijn de (landelijke) basis voor declaraties aan patiënten voor zorg die geleverd is door zorgaanbieders

Nadere informatie

Toelichting productstructuur DBC GGZ RG12

Toelichting productstructuur DBC GGZ RG12 Toelichting productstructuur DBC GGZ RG12 Versie 20111201 Ingangsdatum: 1 januari 2012 Inhoudsopgave 1 Inleiding...3 1.1 Voor wie is dit document bedoeld...3 1.2 Welke informatie is er in dit document

Nadere informatie

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p. 22. 14. Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 38

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p. 22. 14. Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 38 NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

Invulinstructie en technische validatieregels bij hard afsluiten DBC en basis-ggz jeugd 1 juni 2017

Invulinstructie en technische validatieregels bij hard afsluiten DBC en basis-ggz jeugd 1 juni 2017 Invulinstructie en technische validatieregels bij hard afsluiten DBC en basis-ggz jeugd 1 juni 2017 1 Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Hard afsluiten basis-ggz behandeltrajecten... 4 3. Richtlijnen hard afsluiten

Nadere informatie

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p. 20. 14. Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 35

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p. 20. 14. Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 35 NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

JEUGD-GGZ NAAR GEMEENTEN: AFSLUITING DBC S GGZ

JEUGD-GGZ NAAR GEMEENTEN: AFSLUITING DBC S GGZ Factsheet JEUGD-GGZ NAAR GEMEENTEN: AFSLUITING DBC S GGZ Hoe om te gaan met de overloopsituaties die ontstaan in lopende DBC s door de overheveling van de jeugd-ggz naar gemeenten? Om u op deze en andere

Nadere informatie

Spelregels. DBBC-registratie fz. Versie 20121031

Spelregels. DBBC-registratie fz. Versie 20121031 Spelregels DBBC-registratie fz Versie 20121031 1 januari 2013 Inhoudsopgave Inleiding... 4 1 DBBC-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de forensische gezondheidszorg... 5 1.2 DBBC-systematiek... 7 1.3

Nadere informatie

Passantenprijslijst DBC GGZ per 1-1-2014

Passantenprijslijst DBC GGZ per 1-1-2014 Passantenprijslijst DBC GGZ per 1-1-2014 Deelprestaties Behandeling Bijzondere productgroepen Omschrijving behandelgroep soort tarief Diagnostiek 007 Diagnostiek - vanaf 0 tot en met 99 minuten behandeling

Nadere informatie

Toelichting zorgprofielen ggz. Versie 1.0

Toelichting zorgprofielen ggz. Versie 1.0 Toelichting zorgprofielen ggz 2014 Versie 1.0 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 3 1.1 Afbakening van de ggz in 2014... 3 2 Methodiek... 6 2.1 Wijzigingen productstructuur... 6 2.2 Dataselectie... 6 3 Profielen...

Nadere informatie

Productstructuur ggz. Versie 20140701. 1 januari 2015

Productstructuur ggz. Versie 20140701. 1 januari 2015 Productstructuur ggz 2015 Versie 20140701 1 januari 2015 Inhoudsopgave 1 Tabel behandelgroepen... 3 2 Deelprestaties verblijf... 8 3 Overige deelprestaties... 9 DBC-Onderhoud 2 9 1 Tabel behandelgroepen

Nadere informatie

Algemene voorschriften 2015. Diagnose Behandel Combinatie Regio Rijk van Nijmegen

Algemene voorschriften 2015. Diagnose Behandel Combinatie Regio Rijk van Nijmegen Algemene voorschriften 2015 Diagnose Behandel Combinatie Regio Rijk van Nijmegen Versie 28 oktober 2015 De heer drs M.P.L. Peters RA Mevrouw A. Büthker Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Algemene voorschriften...

Nadere informatie

De Nederlandse Zorgautoriteit heeft met inachtneming van Hoofdstuk 4, paragrafen 4.2 en 4.4, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg),

De Nederlandse Zorgautoriteit heeft met inachtneming van Hoofdstuk 4, paragrafen 4.2 en 4.4, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), TARIEFBESCHIKKING DBC GGZ Kenmerk Datum ingang Datum beschikking Datum verzending TB/CU-5061-01 1 januari 2012 28 november 2011 30 november 2011 vlgnr. Geldig tot Behandeld door 1 De Nederlandse Zorgautoriteit

Nadere informatie

Vergoeding bij niet gecontracteerde zorgverleners GGZ 2013

Vergoeding bij niet gecontracteerde zorgverleners GGZ 2013 Vergoeding bij niet gecontracteerde zorgverleners GGZ 2013 Prestatiecode 000 Geen behandeling bij 24-uursverblijf - Indirecte tijd 002 Indirect - vanaf 0 tot en met 49 minuten 25,30 003 Indirect - vanaf

Nadere informatie

Productstructuur ggz. RG14a. Versie

Productstructuur ggz. RG14a. Versie Productstructuur ggz RG14a Versie 20130913 1 januari 2014 Inhoudsopgave 1 Tabel behandelgroepen... 3 2 Deelprestaties verblijf... 8 3 Overige deelprestaties... 9 DBC-Onderhoud 2 9 1 Tabel behandelgroepen

Nadere informatie

Agenda. Spelregels en wijzigingen. 29 november Congres Implementatie DBC-pakket Scope congres Implementatie DBC-pakket 2014.

Agenda. Spelregels en wijzigingen. 29 november Congres Implementatie DBC-pakket Scope congres Implementatie DBC-pakket 2014. Spelregels en wijzigingen Robert Prang 2 Scope congres Implementatie DBC-pakket 2014 Basis-ggz Gespecialiseerde ggz Chronische ggz Systematiek van registratie Inkoop en / verkoop bekostiging van ernstige

Nadere informatie

Wij zijn er voor ú. Tarieven niet-gecontracteerde zorg gespecialiseerde GGZ 2015

Wij zijn er voor ú. Tarieven niet-gecontracteerde zorg gespecialiseerde GGZ 2015 Wij zijn er voor ú Tarieven niet-gecontracteerde zorg gespecialiseerde GGZ 2015 Declaratiecode Bijzondere Diagnostiek 25B660 7 Diagnostiek - vanaf 0 tot en met 99 99,08 190,19 25B007 8 Diagnostiek - vanaf

Nadere informatie

Deelprestaties behandeling Bijzondere productgroepen Diagnostiek

Deelprestaties behandeling Bijzondere productgroepen Diagnostiek BIJLAGE 1: Diagnose behandeling combinaties (dbc s) 7 van 15 Deelprestaties behandeling Bijzondere productgroepen Diagnostiek 007 Diagnostiek - vanaf 0 tot en met 99 minuten 194,90 008 Diagnostiek - vanaf

Nadere informatie

Specialistische GGZ. Totaalprijs ( ) (DBC) Zorgproduct code + Zorgproduct consumentenomschrijving

Specialistische GGZ. Totaalprijs ( ) (DBC) Zorgproduct code + Zorgproduct consumentenomschrijving Standaard GGZ Prijslijst Passantentarieven Gelre ziekenhuizen, 1 januari t/m 31 december 2014 Conform Nza tariefbeschikkingen: TB-CU-5069-02 en TB-CU-5070 (DBC) Zorgproduct code + Zorgproduct consumentenomschrijving

Nadere informatie

Verantwoording data-analyses

Verantwoording data-analyses Verantwoording data-analyses In het kader van werkgroep Zorgvraagzwaarte 2012/2013 Versie: definitief 1.0 Inhoudsopgave 1 Verantwoording data-analyses... 4 1.1 Aanleiding... 4 1.2 Onderzoeksobject... 4

Nadere informatie

859,05 minuten 10B Aandachtstekort - en gedrag - vanaf 800 tot en met 1.799

859,05 minuten 10B Aandachtstekort - en gedrag - vanaf 800 tot en met 1.799 FBTO Zorgverzekering Tarieven niet-gecontracteerde zorg gespecialiseerde GGZ (naturapolis) 1 januari 2015 Declaratiecode Bijzondere productgroep Omschrijving 75% van het Diagnostiek 25B660 7 Diagnostiek

Nadere informatie

Code DBC prestatiecode Declaratiecode Omschrijving Maximale vergoeding TOTAAL

Code DBC prestatiecode Declaratiecode Omschrijving Maximale vergoeding TOTAAL Generalistische Basis GGZ Code Omschrijving Maximale vergoeding TOTAAL 180001 180001 1. Generalistische Basis GGZ Kort (BK) 313,42 180002 180002 2. Generalistische Basis GGZ Middel (BM) 534,03 180003 180003

Nadere informatie

Generalistische Basis GGZ

Generalistische Basis GGZ Generalistische Basis GGZ Code Omschrijving Maximale vergoeding TOTAAL 180001 Generalistische Basis GGZ Kort (BK) 418,10 180002 Generalistische Basis GGZ Middel (BM) 712,39 180003 Generalistische Basis

Nadere informatie

Tarieflijst Jeugd GGZ Academisch. Voorziening omschrijving Tarief G&V 2016 SGGZ

Tarieflijst Jeugd GGZ Academisch. Voorziening omschrijving Tarief G&V 2016 SGGZ Tarieflijst Jeugd GGZ Academisch Voorziening omschrijving Tarief G&V 2016 SGGZ Diagnostiek Diagnostiek - vanaf 0 tot en met 99 minuten 198,16 Diagnostiek - vanaf 100 tot en met 199 minuten 307,87 Diagnostiek

Nadere informatie

Code Prestatiecode Omschrijving behandelgroep 100% NZa tarief 2016 Maximale vergoeding TOTAAL

Code Prestatiecode Omschrijving behandelgroep 100% NZa tarief 2016 Maximale vergoeding TOTAAL Generalistische Basis GGZ Code Prestatiecode Omschrijving behandelgroep 100% NZa tarief 2016 Maximale vergoeding TOTAAL 180001 180001 1. Generalistische Basis GGZ Kort (BK) 457,43 313,42 180002 180002

Nadere informatie

heeft krachtens de paragrafen 2 en 4 van hoofdstuk 4 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg)

heeft krachtens de paragrafen 2 en 4 van hoofdstuk 4 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) TARIEFBESCHIKKING DBC GGZ Nummer Datum ingang Datum beschikking Datum verzending TB/CU-5047-01 1 januari 2012 29 augustus 2011 31 augustus 2011 vlgnr. Geldig tot Behandeld door 2 Directie Zorgmarkten Cure

Nadere informatie

Factsheet. DSM-5 in de dbc-systematiek

Factsheet. DSM-5 in de dbc-systematiek Factsheet DSM-5 in de dbc-systematiek Versie 1.1, 11 oktober 2016 1. Waarom DSM-5? Vanaf 1 januari 2017 classificeren we binnen de dbc-systematiek voor de ggz en forensische zorg met het diagnoseclassificatiesysteem

Nadere informatie

1. Inleiding 1.1 Reikwijdte p. 2 1.2 Doel van de regeling p. 2 1.3 Begripsbepalingen p. 2 1.4 Opbouw regeling p. 5

1. Inleiding 1.1 Reikwijdte p. 2 1.2 Doel van de regeling p. 2 1.3 Begripsbepalingen p. 2 1.4 Opbouw regeling p. 5 NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

GGZ in de Zorgverzekeringswet. tabellen over de jaren

GGZ in de Zorgverzekeringswet. tabellen over de jaren tabellen over de jaren 8- Inhoudsopgave Introductie Gemiddeld aantal behandelingen per patiënt, 8 Gebruik ggz naar leeftijd en geslacht, Patiënten in behandeling per circuit, 8 Doorstroming per circuit,

Nadere informatie

Deelprestaties behandeling Bijzondere productgroepen Diagnostiek

Deelprestaties behandeling Bijzondere productgroepen Diagnostiek BIJLAGE 1: Diagnose behandeling combinaties (dbc s) 7 van 15 Deelprestaties behandeling Bijzondere productgroepen Diagnostiek 007 Diagnostiek - vanaf 0 tot en met 99 minuten 194,90 008 Diagnostiek - vanaf

Nadere informatie

Middel 756,87 Intensief 1.186,82 Chronisch 1.095,35 Onvolledige behandeltraject 184,55

Middel 756,87 Intensief 1.186,82 Chronisch 1.095,35 Onvolledige behandeltraject 184,55 Tarieflijst Jeugd GGZ Voorziening Omschrijving Tarief G&V 2016 instelling EED Diagnostiek - vanaf 0 tot en met 99 minuten 106,61 Diagnostiek - vanaf 100 tot en met 199 minuten 222,91 Diagnostiek - vanaf

Nadere informatie

Behandelgroepen. Tarief behandelgroep. Geen behandeling bij 24 - uurs verblijf. 001 Geen behandeling bij 24-uurs verblijf 0 Indirecte tijd

Behandelgroepen. Tarief behandelgroep. Geen behandeling bij 24 - uurs verblijf. 001 Geen behandeling bij 24-uurs verblijf 0 Indirecte tijd Behandelgroepen Bijzondere productgroepen Geen behandeling bij 24 - uurs verblijf 001 Geen behandeling bij 24-uurs verblijf 0 Indirecte tijd 002 Indirect - vanaf 0 tot en met 49 minuten 45 003 Indirect

Nadere informatie

Nummer Datum ingang Datum beschikking Datum verzending januari oktober januari 2010

Nummer Datum ingang Datum beschikking Datum verzending januari oktober januari 2010 TARIEFBESCHIKKING DBC GGZ Nummer Datum ingang Datum beschikking Datum verzending 450-2010-01 1 januari 2010 1 oktober 2009 8 januari 2010 vlgnr. Geldig tot Behandeld door 1 directie Zorgmarkten Cure De

Nadere informatie

Tarieven GGZ naturapolis 2017

Tarieven GGZ naturapolis 2017 Tarieven GGZ naturapolis 2017 1 januari 2017 Prestatiecode Omschrijving Vergoeding (75% van Generalistische Basis GGZ (BGGZ) 180001 Kort 310,18 180002 Middel 528,50 180003 Intensief 828,73 180004 Chronisch

Nadere informatie

Factsheet. Crisiszorg vanaf 2013

Factsheet. Crisiszorg vanaf 2013 Factsheet Crisiszorg vanaf 2013 Deze brochure is voor iedereen die meer wil weten over het hoe van crisiszorg in de DBC-systematiek vanaf 2013 2 Met ingang van 1 januari 2013 mogen alleen zorginstellingen

Nadere informatie

REGELING NR/CU-513. Declaratiebepalingen DBC GGZ

REGELING NR/CU-513. Declaratiebepalingen DBC GGZ REGELING Declaratiebepalingen DBC GGZ Gelet op artikelen 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de volgende regeling vastgesteld: Artikel 1.

Nadere informatie

De productstructuur DBC GGZ

De productstructuur DBC GGZ De productstructuur DBC GGZ 1 Achtergrond Ruim drie jaar geleden is besloten de bekostiging van de geneeskundige tweedelijns GGZ (verder te noemen GGZ) fundamenteel te wijzigen. Waar nu nog uitgevoerde

Nadere informatie

heeft krachtens de paragrafen 2 en 4 van hoofdstuk 4 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg)

heeft krachtens de paragrafen 2 en 4 van hoofdstuk 4 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) TARIEFBESCHIKKING DBC GGZ Nummer Datum ingang Datum beschikking Datum verzending TB/CU-5041-01 1 januari 2011 21 februari 2011 23 februari 2011 vlgnr. Geldig tot Behandeld door 1 EOUN/ymem/Cure De Nederlandse

Nadere informatie

Tarieven niet-gecontracteerde zorg specialistische GGZ (restitutiepolis)

Tarieven niet-gecontracteerde zorg specialistische GGZ (restitutiepolis) Tarieven niet-gecontracteerde zorg specialistische GGZ (restitutiepolis) Looptijd prijslijst 1-1-2016 tot 31-3-2016* 1/5 * Wij hebben nog niet van alle aanbieders prijsinformatie ontvangen om een gewogen

Nadere informatie

BELEIDSREGEL CU-5002. Invoering DBC s in de geestelijke gezondheidszorg. 1. Algemeen

BELEIDSREGEL CU-5002. Invoering DBC s in de geestelijke gezondheidszorg. 1. Algemeen BELEIDSREGEL Invoering DBC s in de geestelijke gezondheidszorg 1. Algemeen a. Deze beleidsregel is van toepassing op zorg of dienst als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (ZvW) zoals die

Nadere informatie

Wijzigingen Congres Implementatie DB(B)C-pakket Joyce Neele en Jacco Zwartepoorte 4 september 2014

Wijzigingen Congres Implementatie DB(B)C-pakket Joyce Neele en Jacco Zwartepoorte 4 september 2014 Wijzigingen 2015 Congres Implementatie DB(B)C-pakket 2015 Joyce Neele en Jacco Zwartepoorte 4 september 2014 2 Wijzigingen 2015 Wijzigingen in de DBC-systematiek (ggz) - Jeugd-ggz - Langdurige ggz - (Hoofd)beroepen

Nadere informatie

Handreiking Gebruik zorgvraagzwaarte-indicator GGZ Voor GGZ-instellingen en zorgverzekeraars

Handreiking Gebruik zorgvraagzwaarte-indicator GGZ Voor GGZ-instellingen en zorgverzekeraars Handreiking Gebruik zorgvraagzwaarte-indicator GGZ Voor GGZ-instellingen en zorgverzekeraars September 2015 Utrecht 1 Handreiking zorgvraagzwaarte-indicator GGZ; Voor GGZinstellingen en zorgverzekeraars

Nadere informatie

Aanvullende informatie op toelichting maatregelen ggz van VWS inzake de eigen bijdrage

Aanvullende informatie op toelichting maatregelen ggz van VWS inzake de eigen bijdrage Aanvullende informatie op toelichting maatregelen ggz van VWS inzake de eigen bijdrage (versie 10 februari 2012) Vragen en antwoorden voorgelegd aan VWS, inclusief reactie VWS 1. Eigen bijdrage tweedelijns

Nadere informatie

NADERE REGEL NR/CU-532

NADERE REGEL NR/CU-532 NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

NADERE REGEL NR/CU-531

NADERE REGEL NR/CU-531 NADERE REGEL Tijdelijke regeling dyslexiezorg Gelet op de artikelen 37, 38, 62 en 68 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de volgende regeling vastgesteld:

Nadere informatie

Deze regeling is van toepassing op zorgaanbieders die generalistische basis geestelijke gezondheidszorg (hierna Basis GGZ) leveren.

Deze regeling is van toepassing op zorgaanbieders die generalistische basis geestelijke gezondheidszorg (hierna Basis GGZ) leveren. REGELING Generalistische basis GGZ Gelet op artikel 36, 37 en 38 en artikel 40 lid 4 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit de volgende regeling vastgesteld:

Nadere informatie

Rapportage 2010. Landelijk Informatie Netwerk Eerstelijnspsychologen (LINEP) Nederlands Instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg

Rapportage 2010. Landelijk Informatie Netwerk Eerstelijnspsychologen (LINEP) Nederlands Instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg Nederlands Instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg Postbus 1568 3500 BN Utrecht Tel. 030-272 9700 Rapportage 2010 Landelijk Informatie Netwerk Eerstelijnspsychologen (LINEP) 2 Hieronder worden

Nadere informatie

UMCG Passantentarieven 2014 GGZ-zorgproducten verzekerde zorg 01-01-2014

UMCG Passantentarieven 2014 GGZ-zorgproducten verzekerde zorg 01-01-2014 UMCG Passantentarieven 2014 GGZ-zorgproducten verzekerde zorg 01-01-2014 Disclaimer De ingangsdatum van deze lijst met passantenprijzen is 1 januari 2014. Deze publicatie is onder voorbehoud van schrijf-

Nadere informatie

Spelregels. DB(B)C-registratie fz. Versie RF13a

Spelregels. DB(B)C-registratie fz. Versie RF13a Spelregels DB(B)C-registratie fz Versie RF13a 1 januari 2013 Inhoudsopgave Inleiding... 4 1 DB(B)C-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de forensische gezondheidszorg... 5 1.2 DB(B)C-systematiek... 7 1.3

Nadere informatie

De Nederlandse Zorgautoriteit heeft met inachtneming van Hoofdstuk 4, paragrafen 4.2 en 4.4, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg),

De Nederlandse Zorgautoriteit heeft met inachtneming van Hoofdstuk 4, paragrafen 4.2 en 4.4, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), TARIEFBESCHIKKING GESPECIALISEERDE GEESTELIJKE GEZONDHEIDSZORG Kenmerk Datum vaststelling Datum inwerkingtreding Geldig tot en met TB/REG-18606-01 30 juni 2017 1 januari 2018 31 december 2018 vlgnr. 01

Nadere informatie

Aan: Zorgaanbieders DB(B)C Afzender: Projectorganisatie DB(B)C

Aan: Zorgaanbieders DB(B)C Afzender: Projectorganisatie DB(B)C Aan: Zorgaanbieders DB(B)C Afzender: Projectorganisatie DB(B)C Betreft: Wijzigingen Spelregels DB(B)C per 1 nuari 2011 Datum: 17 augustus 2010 1. Inleiding De Spelregels DB(B)C-registratie voor de forensische

Nadere informatie

Gebruikersdocument ggz

Gebruikersdocument ggz Gebruikersdocument ggz Deel 1:Wijzigingen Versie 20131105 1 januari 2014 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1. Inleiding... 7 1.1. Welke informatie is er in dit document te vinden... 7 1.2 Contact... 7 2.

Nadere informatie

Aanleiding. Werkgroep ZVZ. Zorgvraagzwaarte. 29 november Congres Implementatie DBC-pakket Bestuurlijk akkoord toekomst ggz

Aanleiding. Werkgroep ZVZ. Zorgvraagzwaarte. 29 november Congres Implementatie DBC-pakket Bestuurlijk akkoord toekomst ggz Zorgvraagzwaarte Congres Implementatie DBC-pakket 24 Bea van Esch 29 november 23 2 Aanleiding Bestuurlijk akkoord toekomst ggz 23-24 Afspraken over introduceren zorgvraagzwaarte Werkgroep zorgvraagzwaarte

Nadere informatie

BELEIDSREGEL CV-6300-4.0.1.-3

BELEIDSREGEL CV-6300-4.0.1.-3 BELEIDSREGEL Tarief en prestatiebeschrijvingen voor eerstelijns psychologische zorg Gelet op het bepaalde in artikel 57 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) heeft de NZa besloten de volgende

Nadere informatie

ONGECONTRACTEERDE TARIEVEN DBC'S SPECIALISTISCHE GGZ 2013

ONGECONTRACTEERDE TARIEVEN DBC'S SPECIALISTISCHE GGZ 2013 ONGECONTRACTEERDE TARIEVEN DBC'S SPECIALISTISCHE GGZ 2013 Omschrijving productgroep Tarief 2013 Code nza code Tarieven DBC s GGZ zelfstandig gevestigde psychotherapeuten Tarief in euro's % maximum NZA

Nadere informatie

BELEIDSREGEL CV-6300-4.0.1.-2

BELEIDSREGEL CV-6300-4.0.1.-2 BELEIDSREGEL Tarief en prestatiebeschrijvingen voor eerstelijns psychologische zorg 1. Algemeen a. Deze beleidsregel is van toepassing op zorgaanbieders die eerstelijns psychologische zorg leveren, welke

Nadere informatie

NADERE REGEL NR/CU-540

NADERE REGEL NR/CU-540 NADERE REGEL Tijdelijke regeling dyslexiezorg Gelet op de artikelen 37, 38, 62 en 68 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de volgende regeling vastgesteld:

Nadere informatie

Instructie DBC-registratie Klinische genetica v ingangsdatum instructie 1 januari 2012

Instructie DBC-registratie Klinische genetica v ingangsdatum instructie 1 januari 2012 Instructie DBC-registratie Klinische genetica v20110701 ingangsdatum instructie 1 januari 2012 Deze instructie bevat de regels die gelden voor alle DBC s die geopend zijn vanaf 1 januari 2011 en eventueel

Nadere informatie

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 35

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 35 NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

BELEIDSREGEL BR/CU-7013

BELEIDSREGEL BR/CU-7013 BELEIDSREGEL BR/CU-7013 Eerstelijns psychologische zorg Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef, en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa)

Nadere informatie

Spelregels. DBBC-registratie fz. Versie

Spelregels. DBBC-registratie fz. Versie Spelregels DBBC-registratie fz Versie 20130913 1 januari 2014 Inhoudsopgave Inleiding... 4 1 DBBC-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de forensische gezondheidszorg... 5 1.2 DBBC-systematiek... 7 1.3

Nadere informatie

Marktconforme vergoedingen Gespecialiseerde GGZ (S-GGZ) 2016

Marktconforme vergoedingen Gespecialiseerde GGZ (S-GGZ) 2016 Marktconforme vergoedingen Gespecialiseerde GGZ (S-GGZ) 2016 Stad Holland Zorgverzekeraar DSW sluit met zo veel mogelijk zorgaanbieders een contract af. Het afsluiten van een contract levert namelijk alle

Nadere informatie

Gelet op artikel 37 Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de volgende regeling vast.

Gelet op artikel 37 Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de volgende regeling vast. NADERE REGEL NR/CU-201 Declaratiebepalingen DBC-bedragen en overige bedragen medisch specialistische zorg door of vanwege de zorginstelling Gelet op artikel 37 Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) stelt

Nadere informatie

Regeling Declaratiebepalingen DBC s in de curatieve GGZ

Regeling Declaratiebepalingen DBC s in de curatieve GGZ REGELING NR/CU-524 Regeling Declaratiebepalingen DBC s in de curatieve GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd

Nadere informatie

Je bent alleen maar verslaafd! Wim van Loon, Psychiater. 10 februari 2014

Je bent alleen maar verslaafd! Wim van Loon, Psychiater. 10 februari 2014 Je bent alleen maar verslaafd! Wim van Loon, Psychiater. 10 februari 2014 Comorbiditeit: Voorkomen van verschillende stoornissen bij 1 persoon. Dubbele diagnose: Verslaving (afhankelijkheid en misbruik

Nadere informatie

Codelijst Regio Gooi & Vechtstreek. Herzien d.d. 04-01-2016. 01 Compensatie huishoudelijke taken

Codelijst Regio Gooi & Vechtstreek. Herzien d.d. 04-01-2016. 01 Compensatie huishoudelijke taken Codelijst Regio Gooi & Vechtstreek Herzien d.d. 04-01-2016 Contract Contractomschrijving Perceel- Perceelomschrijving Categorie- Categorie- Product- - nummer code ZI omschrijving ZI code ZI nummer 01 Compensatie

Nadere informatie

Deze regeling is van toepassing op zorgaanbieders die dyslexiezorg 1 als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw) leveren.

Deze regeling is van toepassing op zorgaanbieders die dyslexiezorg 1 als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw) leveren. REGELING Tijdelijke regeling dyslexiezorg Gelet op: de artikelen 37, 38, 62 en 68 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg); de beleidsregel Dyslexiezorg, kenmerk BR/CU-5076; de regeling Declaratiebepalingen

Nadere informatie

Gebruikersdocument deel 1 Wijzigingendocument 16b

Gebruikersdocument deel 1 Wijzigingendocument 16b Gebruikersdocument deel 1 Wijzigingendocument 16b ggz/fz Versie 20151021 Ingangsdatum 1 januari 2016 Inhoud Vooraf 4 1. Wijzigingen 16b 5 2. Toelichting op de wijzigingen 6 2.1 Zorgvraagzwaarte-indicator

Nadere informatie

SECTORRAPPORT GGZ 2013 FEITEN EN CIJFERS OVER EEN SECTOR IN BEWEGING

SECTORRAPPORT GGZ 2013 FEITEN EN CIJFERS OVER EEN SECTOR IN BEWEGING SECTORRAPPORT GGZ 2013 FEITEN EN CIJFERS OVER EEN SECTOR IN BEWEGING Sectorrapport ggz 2013 Feiten en cijfers over een sector in beweging Amersfoort, december 2015 1 Inhoud Voorwoord... 4 Inleiding...

Nadere informatie

De Informatieset bij de Productstructuur DBC GGZ

De Informatieset bij de Productstructuur DBC GGZ De Informatieset bij de Productstructuur DBC GGZ 1 Inleiding De vorige editie van de kwartaalmailing stond geheel in het teken van de Productstructuur DBC GGZ. De ontwikkelde productgroepen, die samen

Nadere informatie

DB(B)C-Productstructuur voor Forensische Zorg in Strafrechtelijk Kader 2011

DB(B)C-Productstructuur voor Forensische Zorg in Strafrechtelijk Kader 2011 DB(B)C-Productstructuur voor Forensische Zorg in Strafrechtelijk Kader 2011 Gebaseerd op de landelijke dataset van 2 april 2010 Productgroepen voor behandeling en verblijfssoorten Versie voor website Productstructuur

Nadere informatie

REGELING NR/CU-505. Declaratiebepalingen DBC GGZ

REGELING NR/CU-505. Declaratiebepalingen DBC GGZ REGELING NR/CU-505 Declaratiebepalingen DBC GGZ Gelet op artikelen 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de volgende regeling vastgesteld: Artikel

Nadere informatie

Hans Tieken, Adviseur Raad van Bestuur Jellinek lid lwdo (verslaving) Bijeenkomst NVSPV d.d. 18 mei 2006

Hans Tieken, Adviseur Raad van Bestuur Jellinek lid lwdo (verslaving) Bijeenkomst NVSPV d.d. 18 mei 2006 Hans Tieken, Adviseur Raad van Bestuur Jellinek lid lwdo (verslaving) Bijeenkomst NVSPV d.d. 18 mei 2006 Programma Achtergrond DBC project Analyseproces productstructuur Registratie resultaten Achtergrond

Nadere informatie

Wijzigingen Jeugd-ggz. Femke van de Pol Implementatiecongres 4 september 2014

Wijzigingen Jeugd-ggz. Femke van de Pol Implementatiecongres 4 september 2014 Wijzigingen Jeugd-ggz Femke van de Pol Implementatiecongres 4 september 2014 2 De Jeugdwet per 2015 3 Opdracht: DBC-systematiek voor de Jeugd-ggz Opdrachtgever Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG)

Nadere informatie

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p. 20. 13. Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 34

6. Uitzonderingen in geval van privacybezwaren p. 20. 13. Bijlage III Feitelijke classificatie DSM-IV-TR p. 34 NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

Onverzekerde zorg in de DBC-systematiek ggz vanaf 2013

Onverzekerde zorg in de DBC-systematiek ggz vanaf 2013 Onverzekerde zorg in de DBC-systematiek ggz vanaf 2013 Deze brochure is voor iedereen die meer wil weten over het hoe van onverzekerde zorg in de DBC-systematiek vanaf 2013 2 Vanaf 1 januari 2013 maakt

Nadere informatie

Tabel 1: Vergoeding behandeltraject zonder verblijf De vergoeding bedraagt 80% van het NZa-tarief

Tabel 1: Vergoeding behandeltraject zonder verblijf De vergoeding bedraagt 80% van het NZa-tarief Stad Holland, een dijk van een zorgverzekeraar Marktconforme vergoedingen specialistische GGZ 2013 Indien u alleen behandeld wordt - en er geen klinische opname nodig is in het kader van de behandeling

Nadere informatie

Procedure Van DSM-IV naar DSM-5 v1. Hoofdstuk 1 Inleiding

Procedure Van DSM-IV naar DSM-5 v1. Hoofdstuk 1 Inleiding Hoofdstuk 1 Inleiding De GGZ moet behandelseries, die op of na 01-01-2017 beginnen, volgens de DSM-5 standaard administreren. Hiervoor heeft de NZa nieuwe tabellen beschikbaar gesteld. Er is een bijgewerkte

Nadere informatie

Inkoopgids Forensische Zorg

Inkoopgids Forensische Zorg Inkoopgids Forensische Zorg 2015 Versie 1.0 1 december 2014 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 4 1.1 Waarom deze inkoopgids... 4 1.2 Gebruikte data en de bewerking daarvan... 4 1.3 Indeling zorgprofielen in

Nadere informatie

Vergoeding behandeltraject zonder verblijf

Vergoeding behandeltraject zonder verblijf Stad Holland, een dijk van een zorgverzekeraar Marktconforme vergoedingen gespecialiseerde GGZ 2015 Indien u alleen behandeld wordt - en er geen klinische opname nodig is in het kader van de behandeling

Nadere informatie

NADERE REGEL NR/CU-553. Gespecialiseerde GGZ

NADERE REGEL NR/CU-553. Gespecialiseerde GGZ NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

Behandeld door Telefoonnummer adres Kenmerk Directie Zorgmarkten Cure CI/15/21c /

Behandeld door Telefoonnummer  adres Kenmerk Directie Zorgmarkten Cure CI/15/21c / Aan het bestuur van: Zorgverzekeraars Nederland (ZN); GGZ Nederland (GGZN); Platform MeerGGZ; Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ); Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU);

Nadere informatie

De productstructuur DBC GGZ 2008 inclusief Informatieset

De productstructuur DBC GGZ 2008 inclusief Informatieset De productstructuur DBC GGZ 2008 inclusief Informatieset Voorwoord Gedurende een aantal jaar is er intensief gewerkt aan het ontwikkelen van de DBC-systematiek voor de curatieve geestelijke gezondheidszorg

Nadere informatie

NADERE REGEL NR/CU-556. Gespecialiseerde GGZ

NADERE REGEL NR/CU-556. Gespecialiseerde GGZ NADERE REGEL Gespecialiseerde GGZ Ingevolge artikel 27, 36, 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), is de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) bevoegd tot het stellen van regels op het gebied

Nadere informatie

Spelregels fz DBBC-registratie fz. Versie

Spelregels fz DBBC-registratie fz. Versie Spelregels fz 2015 DBBC-registratie fz Versie 20141028 1 januari 2015 Inhoudsopgave Inleiding... 4 1 DBBC-systematiek... 5 1.1 Bekostiging van de forensische gezondheidszorg... 5 1.2 DBBC-systematiek...

Nadere informatie

REGELING GG/NR

REGELING GG/NR Bijlage 3 bij circulaire Care/AWBZ/07/21c REGELING GG/NR-100.066 Declaratiebepalingen DBC GGZ Gelet op artikelen 37 en 38 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit

Nadere informatie

Behandeld door Telefoonnummer adres Kenmerk Directie Zorgmarkten Cure CI/13/22C

Behandeld door Telefoonnummer  adres Kenmerk Directie Zorgmarkten Cure CI/13/22C Aan het bestuur van: - Gebudgetteerde GGZ Zvw zorgaanbieders (450) - Alle zorgverzekeraars - Zorgverzekeraars Nederland (ZN) - GGZ Nederland - Platform MeerGGZ - Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen

Nadere informatie

Reglement Geestelijke gezondheidszorg (GGZ)

Reglement Geestelijke gezondheidszorg (GGZ) Reglement Geestelijke gezondheidszorg (GGZ) geldig vanaf 1 januari 2016 575.774.000.000.1550 Pagina 1 van 10 INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE...2 Reglement GGZ 2016...3 1.1. Het Reglement Geestelijke gezondheidszorg

Nadere informatie

BELEIDSREGEL BR/CU Verrichtingenlijst ten behoeve van DBC s

BELEIDSREGEL BR/CU Verrichtingenlijst ten behoeve van DBC s BELEIDSREGEL BR/CU-2020 Verrichtingenlijst ten behoeve van DBC s Ingevolge artikel 57, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit

Nadere informatie

Deze regeling is van toepassing op zorgaanbieders die generalistische basis geestelijke gezondheidszorg (hierna Generalistische basis GGZ) leveren.

Deze regeling is van toepassing op zorgaanbieders die generalistische basis geestelijke gezondheidszorg (hierna Generalistische basis GGZ) leveren. REGELING Generalistische basis GGZ Gelet op artikel 36, 37 en 38 en artikel 40 lid 4 van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), heeft de Nederlandse Zorgautoriteit de volgende regeling vastgesteld:

Nadere informatie

Veelgestelde vragen over DOT

Veelgestelde vragen over DOT Veelgestelde vragen over DOT Openen Mag bij een faxverwijzing alvast een zorgtraject door het secretariaat geopend worden? Kan in DOT in een vervolgtraject (met zorgtype=21) ook een klinische episode worden

Nadere informatie

Toelichting. ggz-prof ielen 2013

Toelichting. ggz-prof ielen 2013 Toelichting ggz-prof ielen 2013 Inhoudsopgave 1 Inleiding 1 Inleiding 1.1 Wijzigingen productstructuur 2013 2 Verantwoording data 3 Profielen kwantitatief 3.1 Behandelgroepen 3.2 Behandeling en verblijf

Nadere informatie

Release ggz/fz Wijzigingen in regelgeving en dbc-pakket

Release ggz/fz Wijzigingen in regelgeving en dbc-pakket Release ggz/fz 2018 Wijzigingen in regelgeving en dbc-pakket Jeroen Schols, projectleider prestaties ggz/fz Informatiebijeenkomst Beleid en praktijk ggz/fz Bronnen voor wijzigingen 4 mogelijke routes Aanwijzing

Nadere informatie