Vakinformatie Staatsexamen mavo. Economie

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Vakinformatie Staatsexamen mavo. Economie"

Transcriptie

1 Vakinformatie Staatsexamen mavo Economie 2004

2 2004 ECONOMIE Het examen economie mavo-c/mavo- D bestaat uit een centraal (schriftelij) examen en een mondeling examen. Het examenprogramma en de eindtermen zijn als bijlage toegevoegd. 1) Centraal (schriftelijk) examen Het centraal schriftelijk examen heeft betrekking op vaardigheden en eindtermen. Het centraal examen heeft betrekking op de volgende exameneenheden C-examen: K3: Leervaardigheden in het vak Economie K4: Consumptie K7: Internationale ontwikkelingen En voor het D-examen bovendien: V1: Verrijkingsstof V3: vaardigheden in samenhang Deze vaardigheden en eindtermen worden genoemd in het bijgevoegde examenprogramma staatsexamen mavo-c en mavo-d (bijlage 1) en De eindtermen (bijlage 2). Zowel bij het centraal examen als het mondeling examen zijn de volgende hulpmiddelen toegestaan: een liniaal met millimeterverdeling een geodriehoek een passer een elektronisch rekenapparaat Het is van belang om tijdens het centraal examen en het mondeling examen deze hulpmiddelen bij u te hebben. Millimeterpapier wordt door de staatsexamencommissie verstrekt. Het elektronisch rekenapparaat dient minimaal de volgende mogelijkheden te hebben: a. de grondbewerkingen +, -, x b. een aparte toets voor pi c. toetsen voor x y, x 2 en 1 /x d. toetsen voor sin, cos, tan in graden en hun inversen. Niet toegestaan is het gebruik van elektronische rekenapparaten die: a. op het lichtnet moeten worden aangesloten; b. tijdens het examen moeten worden opgeladen; c. geluidsoverlast bezorgen; d. zijn voorzien van schrijfrollen, alarminstallaties dan wel zend- en/of ontvangstmogelijkheden; e. alfanumeriek zijn; f. grafieken kunnen weergeven in het afleesvenster. 2) Mondeling examen Het mondeling examen heeft betrekking op: de gehele examenstof; een zelfstandig bestudeerd economisch gericht onderwerp, dat behoort tot één of meer van de domeinen of een zelfstandig uitgevoerd onderzoek over een economisch onderwerp, dat behoort tot één of meer van de domeinen. Zie voor de uitvoering van het zelfstandig te bestuderen onderwerp de Algemene mededelingen (punt 4). 2

3 Bijlage 1 Examenprogramma ECONOMIE staatsexamen mavo-c en mavo-d Schriftelijk examen en mondeling examen 1. Indeling Het staatsexamen bestaat uit een schriftelijk examen en een mondeling examen. Het schriftelijk examen wordt afgenomen in een zitting die twee uur duurt; het mondeling examen in een zitting van vijfentwintig minuten. 2. Het schriftelijk examen Het schriftelijk examen heeft betrekking op de onder Examenstof omschreven vaardigheden en eindtermen in de drie domeinen. 3. Het mondeling examen a. Het mondeling examen heeft eveneens betrekking op de vaardigheden en de eindtermen in de drie domeinen. b. Eén onderdeel van het mondeling examen krijgt gestalte door zelfstandige bestudering of zelfstandig onderzoek van een economisch gericht onderwerp en wordt door de kandidaat individueel gekozen uit een van de domeinen. De voorzitter van de staatsexamencommissie geeft nadere aanwijzingen omtrent de keuze en de vormgeving van het onder b bedoelde onderwerp. Aanwijzingen C en D Het examen C en D omvat alle onder Examenstof omschreven vaardigheden en eindtermen. Het onderscheid tussen beide examens berust op verschillen in teksten en in vraagstelling in de examenopgaven en -opdrachten. Examenstof De examenstof is omschreven in vaardigheden en eindtermen. 1. Vaardigheden De volgende algemene vaardigheden worden getoetst in relatie met de eindtermen: 1. bij maatschappelijke verschijnselen, ontwikkelingen en vraagstukken de economische benaderingswijze en begrippen herkennen en toepassen; 2. economische berekeningen maken met behulp van eenvoudige rekenkundige en statistische bewerkingen; 3. activiteiten uitvoeren zoals die binnen een eenvoudig onderzoek voorkomen: uit bronnen een probleemstelling formuleren; gegevens verzamelen door eigen waarneming of door het raadplegen van bronnen, en informatiebronnen (waaronder massamedia) kritisch beoordelen; gegevens ordenen en overzichtelijk weergeven, waar nodig in tabellen, diagrammen, schema's en kaarten; 3

4 conclusies trekken uit gegevens; de resultaten van eigen onderzoek presenteren; 4. het verband aangeven tussen relevante economische kennis en vaardigheden en de praktijk van verschillende beroepen; 5. met behulp van de economische benaderingswijze een beargumenteerd standpunt formuleren over gegeven economisch-maatschappelijke vraagstukken. 2. Eindtermen Domein A: De kandidaat als consument Sub-domein: kopen 1. toelichten dat kopen en verkopen door ver doorgevoerde arbeidsverdeling een belangrijke rol spelen bij het voorzien in behoeften; 2. het verschil in marktpositie tussen koper en verkoper beschrijven en daarbij jongeren als belangrijke doelgroep betrekken; 3. factoren die van invloed zijn op (veranderingen in) kopers- en verkopersgedrag noemen en voorbeelden geven van wettelijke regels ter bescherming van de positie van de koper; 4. de rol van geld in onze economische samenleving uitleggen en zowel in eigen land als in het buitenland verschillende vormen van betalen noemen; 5. aan de hand van verzamelde of verstrekte consumenteninformatie, gegeven een aantal criteria, een voorgenomen koopbeslissing beoordelen; 6. een koopbeslissing nemen en daarbij rekening houden met de gevolgen van die koopbeslissing voor zichzelf en voor anderen. Sub-domein: budgetteren 7. een gezinsbudgetplan opstellen als hulpmiddel bij het verkrijgen van inzicht in de financiële gezinssituatie en daarbij de eigen invloed beschrijven op beslissingen over de omvang en samenstelling van de uitgaven; 8. uit een gezinsbudgetplan conclusies trekken over de financiële situatie van het gezin; 9. de noodzaak van een goede financiële administratie toelichten. Sub-domein: sparen en lenen 10. motieven voor sparen en lenen noemen, de rol van de financiële instellingen daarbij beschrijven en voorbeelden geven van gevolgen van sparen en lenen; 11. aan de hand van verstrekte of verzamelde gegevens de meest gunstige spaarvorm en leningsvorm vaststellen; 12. de maatschappelijke betekenis en wenselijkheid van lenen en sparen toelichten. Sub-domein: verzekeren 13. het belang van verzekeren in het economisch leven toelichten, waarbij rekening gehouden wordt met verzekeringsmotieven, het verschil tussen sociale en particuliere verzekeringen, het afwegen van risico tegenover premie, de (ongelijke) positie van verzekerde en verzekeringsmaatschappijen; 4

5 14. voorbeelden geven van sociale en particuliere verzekeringen en eenvoudige berekeningen uitvoeren met betrekking tot premie en uitkering; 15. de noodzaak van het verzekeren voor hemzelf afwegen. Sub-domein: wonen 16. de voordelen en nadelen noemen van de diverse vormen van huisvesting; 17. verschillende mogelijkheden noemen voor het verkrijgen van huisvesting en de belangrijkste praktische en juridische kenmerken toelichten van een huur- en koopovereenkomst; 18. aan de hand van verstrekte of verzamelde gegevens en rekening houdend met gegeven criteria, beoordelen of woonruimte gehuurd, dan wel gekocht zal worden. Domein B: De kandidaat in relatie tot de productie Sub-domein: produceren 19. de plaats van produceren, zowel in ruime als in enge zin, in de maatschappelijke behoeftevoorziening toelichten en daarbij productiefactoren betrekken; 20. beschrijven hoe het productieproces in bedrijven in een aantal fasen kan worden verdeeld, waarbij telkens waardetoevoeging plaatsvindt; 21. het verband verklaren tussen de begrippen kosten, opbrengsten, winst en verlies, zowel in maatschappelijke of ruime zin als in enge zin en eenvoudige berekeningen in dit verband maken met behulp van verstrekte of verzamelde gegevens; 22. een beschrijving geven van een aantal aspecten in verband met de interne organisatie in bedrijven in verband met productie, medezeggenschap, juridische vorm. Sub-domein: verkopen en administreren 23. de mogelijkheden beschrijven die de verkoper heeft om de omzet te vergroten; 24. aan de hand van verstrekte of verzamelde gegevens de balans en de verlies- en winstrekening van een bedrijf en de staat van baten en lasten van een vereniging opstellen; 25. aan de hand van opeenvolgende staten van baten en lasten en verlies- en winstrekeningen (balansen) conclusies trekken over het te voeren financiële beleid; 26. de noodzaak van een goede administratie bij bedrijven en verenigingen toelichten. Sub-domein: arbeid 27. de samenhang verduidelijken tussen de begrippen arbeidsverdeling, arbeidsproductiviteit en welvaart en in dit verband arbeidsverdeling in en buiten het gezin, tussen bedrijven en tussen landen onderscheiden; 28. toelichten dat de productie zowel in de formele als de informele sector tot stand komt met behulp van zowel betaalde als onbetaalde arbeid; 29. de omvang en de samenstelling van de Nederlandse bevolking en beroepsbevolking aangeven; 30. het principe van de werking van de arbeidsmarkt verduidelijken; 31. in relatie tot verschillende arbeidssituaties en typen functies het verband beschrijven tussen scholing en de positie van mensen op de arbeidsmarkt; 5

6 32. beschrijven hoe een individuele en collectieve arbeidsovereenkomst tot stand komt en de belangrijkste onderdelen van een dergelijke overeenkomst noemen; 33. de maatschappelijke betekenis van betaalde en onbetaalde arbeid door mannen en vrouwen en verschillende opvattingen daarover toelichten. Domein C: De kandidaat als burger Sub-domein: overheid/collectieve sector 34. de plaats en functies van de collectieve sector in onze (economische) samenleving beschrijven en uitleggen dat de taken van de collectieve sector mede bepaald worden door de complexiteit van de samenleving, de omvang van de welvaart en de doelstellingen van economische politiek; 35. aangeven dat de collectieve sector bestaat uit de overheid en sociale zekerheid en met behulp van concrete voorbeelden toelichten dat de taken van de collectieve sector in wetten vastliggen; 36. concrete voorbeelden geven van overheidsontvangsten en overheidsuitgaven en met de omvang hiervan het belang van de overheidssector ten opzichte van de particuliere sector verduidelijken; 37. de belangrijkste kenmerken van het socialezekerheidsstelsel beschrijven; 38. de belangrijkste belastingwetten noemen en aan de hand van verstrekte of verzamelde gegevens eenvoudige berekeningen uitvoeren van loon- en inkomstenbelasting en BTW; 39. het nut en de noodzaak van wetgeving en collectieve voorzieningen en verschillende opvattingen daarover toelichten. Sub-domein: inkomensverdeling 40. oorzaken van inkomensverschillen noemen en verklaren dat welvaartsvergelijkingen op basis van inkomensverschillen een beperkte betekenis hebben; 41. instrumenten noemen die de overheid heeft om inkomensverschillen te verkleinen en de werking van die instrumenten toelichten. Sub-domein: werkloosheid 42. de werkloosheid onderscheiden in soorten, groepen en omvang en vergelijken met die in andere landen; 43. oorzaken van verschillende soorten werkloosheid en mogelijkheden tot bestrijding noemen; 44. persoonlijke, maatschappelijke en economische gevolgen van werkloosheid beschrijven en de sociale uitkeringen in verband met werkloosheid noemen; 45. verschillende opvattingen over de economische, maatschappelijke en sociale gevolgen van werkloosheid en over maatregelen ter bestrijding van werkloosheid toelichten. Sub-domein: inflatie 46. oorzaken en gevolgen van de waardevermindering van het geld noemen en verduidelijken; 47. maatregelen toelichten die de overheid kan nemen bij het bestrijden van inflatie; 48. aan de hand van verstrekte of verzamelde gegevens de samenhang tussen de begrippen nominaal (nationaal) inkomen, prijscompensatie en reëel (nationaal) inkomen toelichten. 6

7 Sub-domein: wereldhandel 49. het belang van het buitenland, met name andere landen van de Europese Unie voor de Nederlandse economie toelichten met behulp van gegevens van de Nederlandse betalingsbalans en daarbij de voordelen van internationale arbeidsverdeling noemen; 50. van de Europese Unie de belangrijkste kenmerken noemen en haar rol ten opzichte van Oost- Europa en in de wereldhandel verduidelijken; 51. oorzaken en gevolgen van een tekort of overschot op handels- en/of dienstenbalans noemen en de mogelijkheden beschrijven om een dergelijk tekort of overschot te voorkomen of te bestrijden. Sub-domein: internationale economische orde 52. oorzaken en economische, maatschappelijke en sociale gevolgen van welvaartsverschillen tussen rijke en arme landen met elkaar in verband brengen en toelichten; 53. kenmerken van verschillende economische orden noemen; 54. maatregelen noemen om onderontwikkeling te verminderen en de rol van de overheid en van individuele personen daarbij verduidelijken. Sub-domein: milieu 55. verschillende opvattingen over welvaartsverschillen tussen landen en over de mogelijkheden om die verschillen te verkleinen toelichten; 56. de samenhang tussen consumptie, productie en het milieu verduidelijken; 57. met concrete voorbeelden oorzaken en gevolgen van milieuschade toelichten; 58. concrete maatregelen noemen om milieuschade te voorkomen en te bestrijden, en hierbij de rol van de overheid en van individuele personen verduidelijken; 59. verschillende opvattingen over gevolgen van milieuschade en over de mogelijkheden om milieuschade te voorkomen en te bestrijden toelichten. Toelichting Uitgangspunt bij de formulering van dit examenprogramma is geweest, dat de studie is gericht a. op het vak: de kandidaten verwerven kennis van en inzicht in het economisch leven in Nederland en in andere landen; de kandidaten verwerven kennis van en inzicht in de centrale benaderingswijzen, centrale vragen en basisbegrippen, die door het vak worden gehanteerd bij het bestuderen van economisch-maatschappelijke verschijnselen; de kandidaten ontwikkelen algemene onderzoeksvaardigheden voor het verwerven, verwerken en presenteren van gegevens en specifieke vaardigheden die betrekking hebben op de structuur van het vak; b. op persoonlijke ontwikkeling en maatschappelijk functioneren: de kandidaten krijgen inzicht in hun eigen betrokkenheid in de economisch-maatschappelijke verbanden waarvan zij in de rollen van consumenten en burger en in relatie tot de productie deel uit maken; de kandidaten verwerven praktische kennis en vaardigheden die voor het handelen als consument, burger en in relatie tot de productie nodig zijn; de kandidaten ontwikkelen hun vermogen tot het kritisch benaderen van standpunten over consumptie, productie en een aantal economisch-maatschappelijke verschijnselen, ontwikkelingen en vraagstukken, met name gericht op het herkennen van eigen waarden, 7

8 normen en achtergronden en van die van anderen; c. op vervolgstudie en beroep: de kandidaten verwerven economische kennis, inzicht en vaardigheden die een basis vormen voor vervolgstudie; de kandidaten verwerven kennis van en inzicht in de plaats, betekenis en inhoud van het vak economie in eventuele vervolgstudie met het oog op beslissingen over vervolgstudie en (latere) beroepsuitoefening. Daar waar sprake is van toetsing van een beargumenteerde eigen mening of een beargumenteerd eigen standpunt heeft de toetsing slechts betrekking op de argumenten en niet op de mening of het ingenomen standpunt zelf. 8

9 Bijlage 2 A. De eindtermen van het kerndeel De tekstdelen die niet gecursiveerd zijn, gelden voor alle leerwegen. De gecursiveerde tekstdelen gelden alleen voor de theoretische, de gemengde en de kaderberoepsgerichte leerweg. EC/K/1 Oriëntatie op leren en werken De kandidaat kan zich oriënteren op de eigen loopbaan. De kandidaat kan 1 zich bewust worden van de eigen achtergrond, interesses, motivatie, sterke en zwakke punten door terug te kijken op eigen ervaringen en deze schriftelijk, mondeling en/of beeldend weer te geven 2 de eigen mogelijkheden en interesses in het schoolvak economieverwoorden in het licht van vervolgstudie, beroepen en maatschappelijk functioneren 3 de rol en het belang aangeven van economische kennis en vaardigheden in discussies over maatschappelijke vraagstukken 4 de rol en het belang aangeven van economische kennis en vaardigheden in verschillende arbeidsgebieden en werksoorten 5 de eigen interesse en affiniteit verwoorden met bepaalde arbeidsgebieden, werksoorten, functies en opleidingen 6 onderzoeksvaardigheden, keuzevaardigheden, reflectievaardigheden en sociaal-communicatieve vaardigheden inzetten ten behoeve van het eigen keuzeproces 7 eigen waarden en normen verwoorden ten aanzien van betaalde en onbetaalde arbeid en zorgtaken 8 de betekenis verwoorden van een mogelijke arbeidsrol voor zichzelf en anderen. EC/K/2 Basisvaardigheden De kandidaat beheerst een aantal basisvaardigheden. De kandidaat kan 1 zelfstandig leren en werken - een aanpak kiezen voor het uitvoeren van een opdracht - een planning maken - het eigen werk organiseren en op methodische wijze uitvoeren - de voortgang van het eigen werk bewaken - een eenvoudige product- en procesevaluatie maken 2 werken met informatie- en communicatietechnologie - teksten maken en bewerken - gegevens opslaan - berekeningen uitvoeren - zoeksystemen gebruiken - communiceren via 3 de Nederlandse taal functioneel gebruiken - teksten begrijpend lezen en beluisteren - eenvoudige schriftelijke teksten produceren in correct Nederlands - in gesprekken passende verbale en non-verbale middelen kiezen - zich in uiteenlopende taalsituaties gepast presenteren 9

10 4 elementaire rekenvaardigheden toepassen - standaardberekeningen correct en efficiënt uitvoeren - de zakrekenmachine doelmatig gebruiken 5 vaardig omgaan met verbale en cijfermatige informatie bronnen gebruiken - vraaggesprekken - boeken en ander schriftelijk materiaal - audiovisuele bronnen - geautomatiseerde gegevensbestanden - informatie op waarde schatten, kiezen en ordenen - informatie bewerken. samenvatten, grafiek. tabel opstellen. grafiek tekenen 6 in het leer- en werkproces adequaat omgaan met zichzelf en anderen - sociale conventies in acht nemen - overleggen en onderhandelen met anderen - taken verdelen - zich aan afspraken houden - rekening houden met anderen - kritiek geven en incasseren - een eigen standpunt innemen en verdedigen - samen met anderen werk uitvoeren en presenteren. EC/K/3 Leervaardigheden in het vak economie De kandidaat beheerst een aantal strategische vaardigheden die bijdragen tot de ontwikkeling van het eigen leervermogen. De kandidaat kan 1 economische verschijnselen, vraagstukken en ontwikkelingen beschrijven en/of verklaren - oorzaken, gevolgen en oplossingen onderscheiden - gebruik maken van redeneringen binnen vooronderstellingen of contexten - een kosten- en batenanalyse maken, zowel van meetbare als niet meetbare factoren 2 relevante economische vragen herkennen en zelfstandig vragen formuleren met het oog op het verwerven van kennis en inzicht 3 verworven en/of aangeboden informatie over economische verschijnselen,ontwikkelingen en vraagstukken verwerken - economische begrippen en relaties herkennen en toepassen - onderscheid maken tussen hoofd- en bijzaken - informatie (her)ordenen en zonodig bewerken - gegevens beoordelen op betrouwbaarheid, bruikbaarheid en representativiteit - conclusies en antwoorden formuleren 4 een beargumenteerd standpunt bepalen over een gegeven of zelf geformuleerde economische vraag - feiten en meningen onderscheiden - belangen van diverse betrokkenen herkennen - relaties leggen met omstandigheden en achtergronden - eigen waarden en opvattingen uitwisselen en confronteren met andere waarden en opvattingen - mogelijke consequenties van een standpunt aangeven 10

11 5 een eenvoudig onderzoek verrichten op het terrein van consumptie en/of het terrein van arbeid en productie en/of op het terrein van economisch-maatschappelijke vraagstukken. EC/K/4 Consumptie De kandidaat kan met het oog op zijn/haar rol van consument 1 bij verschillende vormen van consumptie de keuzeproblemen beschrijven, die zich daarbij kunnen voordoen door schaarste van middelen en tijd en door verschillen in urgentie van behoeften - voorbeelden van het onderscheid tussen basisbehoeften en overige behoeften - de invloed van beschikbaarheid van middelen op consumptie - voorbeelden van zelfvoorziening, kopen, collectieve voorzieningen, gebruik van natuur - koop en verkoop als vorm van ruil - de samenhang tussen ruil, maatschappelijke arbeidsverdeling en geldgebruik 2 de eigen positie als consument vergelijken met die van anderen het verschil in marktpositie tussen consumenten onderling en tussen consumenten en producenten beschrijven en daarbij de positie van jongeren als belangrijke doelgroep betrekken - verschillende vormen van inkomen - informatie over inkomensverschillen in Nederland - verschil in machtspositie tussen consument en producent - de invloed die (jonge) kopers uitoefenen op de omvang en aard van de productie 3 aan de hand van concrete eenvoudige aan de hand van concrete voorbeelden factoren beschrijven, die van invloed zijn op veranderingen in het eigen consumentengedrag en dat van anderen in de loop van de tijd - veranderende persoonlijke en maatschappelijke behoeften - het gebruik van consumenteninformatie - marketing en reclame - technologische ontwikkelingen 4 uit een gegeven concrete context van wettelijke regels ter bescherming van de consument beschrijven - het consumentenrecht - consumentenorganisaties en hun werkzaamheden - voorwaarden voor een geldige overeenkomst - rechten en plichten van de verkoper 5 aan de hand van concrete voorbeelden het belang van geld voor de economie en de huidige vormen van betalingsverkeer beschrijven 6 in een voor leerlingen herkenbare situatie met behulp van een gegeven koers berekeningen maken met vreemd geld 7 motieven voor en gevolgen van sparen en lenen noemen en de rol van banken daarbij beschrijven - rente als vergoeding voor het uitlenen van geld - financiële instellingen als bemiddelaars tussen vragers en aanbieders van geld 8 aan de hand van verstrekte of verzamelde actuele gegevens van bestaande banken een beargumenteerde keuze maken voor de meest gunstige spaarvorm en leningsvorm, daarbij eventueel gebruikmakend van ICT - onderscheid in spaarvormen - onderscheid in leningsvormen - het keuzeprobleem: sparen of besteden - het keuzeprobleem: lenen of niet lenen 11

12 - de berekening van enkelvoudige rente gegeven een spaarbedrag in gehele munteenheden, een looptijd in gehele jaren en een rentepercentage 9 aan de hand van concrete voorbeelden het belang van verzekeren in het economisch leven uitleggen en daarbij rekening houden met verzekeringsmotieven 10 aan de hand van criteria een beargumenteerd standpunt innemen met betrekking tot de noodzaak van het verzekeren voor zichzelf en voor anderen - de positie van de verzekerde ten opzichte van de verzekeringsmaatschappij - de criteria. hoogte van het risico. hoogte van de premie. wettelijk verplicht karakter 11 eenvoudige berekeningen uitvoeren met betrekking tot premie en uitkering van schadeverzekeringen - de verzekeringsovereenkomst - schadeverzekeringen. opstal/inboedelverzekering. autoverzekering. (brom)fietsverzekering. reisverzekering. aansprakelijkheidsverzekering particulieren 12 aan de hand van voorbeelden voor- en nadelen noemen van de diverse vormen van huisvesting 13 een beargumenteerd standpunt innemen ten aanzien van verschillende mogelijkheden van huisvesting en enkele praktische en juridische aspecten van wonen noemen - de rechten en plichten van huurder en verhuurder - regels met betrekking tot bescherming van de huurder - regels met betrekking tot bescherming van de koper/verkoper - verschillende instanties die bemiddelen bij koop of huur van een huis 14 aan de hand van verzamelde of verstrekte consumenteninformatie een concrete voorgenomen koopbeslissing beoordelen - behoeften en prioriteiten - budgettaire mogelijkheden ten aanzien van kopen, sparen en lenen en de gevolgen daarvan - sociale en commerciële beïnvloeding - economisch-maatschappelijke gevolgen voor milieu, werkgelegenheid en derde wereld - eigen normen en waarden en die van anderen - consumenteninformatie 15 aan de hand van verzamelde of verstrekte consumenteninformatie, gegeven een aantal criteria, een beargumenteerde koopbeslissing nemen, daarbij rekening houdend met de gevolgen van die koopbeslissing voor zichzelf en voor anderen, en daarbij eventueel gebruik maken van ICT 16 uit een gegeven eenvoudig huishoudbudgetplan conclusies trekken over de financiële situatie van het samenlevingsverband en daarbij de eigen invloed beschrijven op beslissingen over de omvang en samenstelling van ontvangsten en uitgaven - de huishoudontvangsten. inkomsten uit arbeid. inkomensoverdrachten. uitgekeerde winst. rente, huur - de huishouduitgaven. vaste lasten. dagelijkse uitgaven. incidentele uitgaven 12

13 - de financieringssituatie: overschotten, tekorten - herleiden van gegeven huishouduitgaven per week/maand/twee maanden/kwartaal tot uitgaven per jaar en omgekeerd - berekening van het gemiddeld totaal aan uitgaven in een periode met gegeven boekingsstukken - instanties die behulpzaam kunnen zijn bij budgetproblemen - berekening van reservering per maand, gegeven de aanschafprijs of vervangingsprijs, de gebruiksduur en een eventuele restwaarde - eenvoudige berekening van de kilometerprijs en de kosten van verschillende vormen van vervoer. EC/K/5 Arbeid en productie De kandidaat kan met het oog op zijn rol in relatie tot arbeid en productie 1 aan de hand van eenvoudige voorbeelden de plaats van produceren, zowel in enge als in ruime zin, beschrijven en daarbij de productiefactoren betrekken 2 aan de hand van een concreet voorbeeld beschrijven hoe het productieproces in bedrijven in een aantal fasen kan worden verdeeld, waarbij telkens waardetoevoeging plaatsvindt - de fasen in het productieproces - de waardetoevoeging - bedrijfskolom 3 aan de hand van eenvoudige voorbeelden uit het bedrijfsleven, (handelsondernemingen) het verband leggen tussen de begrippen kosten, opbrengsten, winst en verlies en eenvoudige berekeningen in dit verband maken met behulp van verstrekte of verzamelde gegevens in een realistische context - afzet - omzet - verkoopprijs (inclusief BTW) - bedrijfskosten - brutowinst - nettowinst 4 aan de hand van eenvoudige voorbeelden van arbeidssituaties en arbeidsorganisaties de relatie beschrijven tussen verschillende sectoren en functies 5 aan de hand van eenvoudige voorbeelden van arbeidssituaties en arbeidsorganisaties de relatie tussen opleidingswegen en functies en tussen scholing en posities op de arbeidsmarkt beschrijven 6 vanuit een herkenbare actuele context het belang en de inhoud van een CAO beschrijven - de relatie tussen een CAO en een individuele arbeidsovereenkomst (van een minderjarige werknemer) 7 aan de hand van eenvoudige voorbeelden de samenhang verklaren tussen de begrippen arbeidsverdeling, arbeidsproductiviteit en welvaart en in dit verband arbeidsverdeling in en buiten het samenlevingsverband en tussen bedrijven onderscheiden - de toegenomen afhankelijkheid tussen individuen, samenlevingsverbanden, bedrijven en overheid - positieve en negatieve gevolgen van arbeidsverdeling - factoren die de arbeidsproductiviteit beïnvloeden - emancipatorische aspecten bij arbeidsverdeling - interculturele aspecten bij arbeidsverdeling 8 aan de hand van concrete voorbeelden uit eigen omgeving economische aspecten van betaalde en onbetaalde arbeid noemen/beschrijven 13

14 - de eigen keuze ten aanzien van betaalde en/of onbetaalde arbeid binnen en buiten het samenlevingsverband - de arbeidsmarkt, overschotten en tekorten 9 vormen, oorzaken en gevolgen van geregistreerde en verborgen werkloosheid aan de hand van voorbeelden eenvoudige voorbeelden beschrijven/noemen, zowel in de eigen omgeving als op nationaal niveau - stagnatie/daling van de vraag naar goederen en diensten - veranderingen in de aanbodkant van de economie - gevolgen voor inkomenssituatie, sociale situatie - kosten van werkloosheidsuitkeringen - sociale onrust/politieke instabiliteit 10 aan de hand van concrete voorbeelden mogelijkheden tot bestrijding van werkloosheid noemen/beschrijven, zowel in de eigen omgeving als op nationaal niveau - vergroten van de vraag naar goederen en diensten - maatregelen in het kader van beloningen - maatregelen in het kader van arbeidstijd/bedrijfstijd - kinderopvang - scholing - voorlichting 11 aan de hand van concrete actuele voorbeelden uit de eigen omgeving het verband beschrijven tussen technologische ontwikkeling en productiviteitsgroei en positieve en negatieve gevolgen hiervan voor werknemers en werkgevers noemen/beschrijven 12 in verschillende concrete situaties van productie beschrijven dat zich keuzeproblemen voordoen in de afweging van kosten tegenover baten iengere zin en in de afweging van maatschappelijke kosten en baten. EC/K/6 Overheid en bestuur De kandidaat kan met het oog op zijn rol als burger 1 aan de hand van concrete voorbeelden de functies van de overheid in de Nederlandse economie beschrijven - de overheid als leverancier of producent van goederen en diensten - de overheid als werkgever - de overheid als verantwoordelijke voor aanvullende, corrigerende en voorwaardenscheppende activiteiten 2 aan de hand van voorbeelden uit het eigen dagelijks leven overheidsontvangsten en overheidsuitgaven noemen en beschrijven - BTW - accijns - loon- en inkomstenbelasting - houderschapsbelasting - gemeentelijke belastingen - de uitgaven naar departement 3 aan de hand van eenvoudige voorbeelden de verschillende vormen van sociale zekerheid beschrijven. 14

15 EC/K/7 Internationale ontwikkelingen De kandidaat kan met het oog op zijn rol als burger 1 aan de hand van eenvoudige voorbeelden uit het eigen dagelijks leven het belang van het buitenland voor de Nederlandse economie beschrijven - consumptie - productie - werkgelegenheid 2 aan de hand van eenvoudige voorbeelden uit eigen dagelijks leven het belang van de Europese (monetaire) unie beschrijven - consumptie - export - werkgelegenheid - coördinatie van economische politiek 3 oorzaken en gevolgen van onderontwikkeling in ontwikkelingslanden noemen en de invloed van internationale handel op de welvaartsverdeling in de wereld beschrijven oorzaken en gevolgen van welvaartsverschillen tussen rijke en arme landen beschrijven - de hoogte van het nationaal inkomen per hoofd van de bevolking in Nederland in vergelijking met dat van andere landen - het nationaal inkomen per hoofd van de bevolking als gebrekkige maatstaf voor internationale welvaartsvergelijking - kenmerken van economische (onder)ontwikkeling - oorzaken en gevolgen van economische (onder)ontwikkeling - economische onderontwikkeling als een vicieuze cirkel 4 maatregelen en (eigen) activiteiten beoordelen op hun bijdragen aan de verkleining van mondiale welvaartsverschillen - werkgelegenheid - inkomen - bestedingsmogelijkheden 5 de werking verklaren van maatregelen om onderontwikkeling te verminderen en de rol van de overheid en particulieren daarbij beschrijven - de maatregelen. internationale hulp. (gunstige) voorwaarden bij leningen. bevorderen van vrije wereldhandel. handelsovereenkomsten. grondstofovereenkomsten - het Nederlands ontwikkelingsbeleid. noodhulp. financiële hulp. kennis. hulp gericht op bepaalde landen/groepen. 15

16 EC/K/8 Natuur en milieu De kandidaat kan met het oog op zijn rol als burger 1 de samenhang tussen consumptie, productie en het milieu beschrijven - factoren die de groei van de consumptie bepalen - factoren die de groei van de productie bepalen - de samenhang tussen de groei van de consumptie en de groei van de productie - de nadelige gevolgen van de groei van de productie voor het milieu 2 met concrete voorbeelden uit het dagelijks leven oorzaken en gevolgen van milieuschade uitleggen, nu en in de toekomst - de rol van maatschappelijke kosten ten opzichte van bedrijfskosten - de rol van de kandidaat in relatie tot het milieu 3 aan de hand van eenvoudige voorbeelden concrete maatregelen noemen om milieuschade te voorkomen en te bestrijden en hierbij de rol van overheid, organisaties en van individuele personen beschrijven. 16

17 B. De eindtermen van het verrijkingsdeel De exameneenheden van het verrijkingsdeel gelden alleen voor de gemengde en theoretische leerweg. EC/V/1 Verrijkingsstof De kandidaat kan in samenhang met met exameneenheden 1 t/m 8 1 aan de hand van een actuele concrete context ontstaan, ontwikkeling en vermindering van het begrotingstekort en de staatsschuld beschrijven Hij betrekt daarbij - de ontvangsten. BTW. accijns. loon- en inkomstenbelasting. houderschapsbelasting. vennootschapsbelasting. gemeentelijke belastingen. niet belastingmiddelen - de uitgaven. naar departement - de ontwikkeling van de omvang van de staatsschuld en de maatregelen om de staatsschuld te verminderen 2 de systematiek van loon- en inkomstenbelasting beschrijven en aan de hand van verstrekte en/of verzamelde gegevens eenvoudige berekeningen uitvoeren, eventueel met gebruik van ICT - de uitgangspunten van belastingheffing. draagkrachtbeginsel. profijtbeginsel - de inningswijze van de loon- en inkomstenbelasting - berekening van de te betalen loon- en inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen aan de hand van gegevens, met behulp van een toelichting 3 oorzaken/functies van inkomensverschillen beschrijven - oorzaken van inkomensverschillen - de beperkte betekenis van welvaartsvergelijking op basis van het inkomen per hoofd in relatie tot het inkomen versus vrije tijd, de kwaliteit van het bestaan en het milieu 4 de werking van de instrumenten die de overheid heeft om inkomensverschillen te beïnvloeden uitleggen - nivelleren/denivelleren, geen berekeningen 5 oorzaken en gevolgen van de waardeverandering van geld beschrijven - de meting van inflatie/deflatie met behulp van de consumentenprijsindex, geen berekening - oorzaken van prijsveranderingen - gevolgen van prijsveranderingen 6 prijscompensatie beschrijven als middel om koopkrachtverlies tegen te gaan - de samenhang tussen de begrippen nominaal inkomen, prijscompensatie en reëel inkomen - eenvoudige berekeningen. 17

18 EC/V/2 Verwerven, verwerken en verstrekken van informatie De kandidaat kan zelfstandig informatie verwerven, verwerken en verstrekken in het kader van het sectorwerkstuk. De kandidaat kan 1 In de voorbereidingsfase - onderwerp, doel en publiek van het sectorwerkstuk bepalen - relevante vragen formuleren, die hij/zij met het sectorwerkstuk wil beantwoorden 2 In de uitvoeringsfase - informatie verwerven uit schriftelijke, mondelinge en audiovisuele bronnen, mede met behulp van informatie- en communicatietechnologie - uit deze informatiebronnen relevante inhoudselementen kiezen en deze passend ordenen en verwoorden - strategieën hanteren, die op het bereiken van de benodigde lees-, schrijf- en luister-/kijkdoelen zijn afgestemd 3 In de afsluitingsfase - de bewerkte informatie presenteren op een doel- en publiekgerichte wijze 4 In de evaluatiefase - reflecteren op het proces van het werken aan het sectorwerkstuk en het product: het sectorwerkstuk - het belang aangeven van het gemaakte sectorwerkstuk voor vervolgstudie, toekomstige beroepspraktijk of algemene vorming. EC/V/3 Vaardigheden in samenhang De kandidaat kan de vaardigheden uit het kerndeel in samenhang toepassen. 18

200% Economie voor het vmbo Kerndoelen per leerjaar

200% Economie voor het vmbo Kerndoelen per leerjaar 00% Economie voor het vmbo Kerndoelen per leerjaar In onderstaande tabel zie je welke examen eindterm wanneer behandeld wordt in 00% Economie voor het vmbo. De getallen zoals 1.1 of. staan voor de paragrafen

Nadere informatie

Economie. Staatsexamen vmbo. Vakinformatie

Economie. Staatsexamen vmbo. Vakinformatie Economie Staatsexamen vmbo Vakinformatie 2005 Inhoudsopgave Opzet...3 Het centraal examen...3 Het commissie-examen...3 Het cijfer voor het commissie-examen...5 Het eindcijfer...6 Het sectorwerkstuk...6

Nadere informatie

ECONOMIE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

ECONOMIE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 ECONOMIE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname

Nadere informatie

Examenprogramma economie

Examenprogramma economie Examenprogramma economie Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 economie 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1 Werken aan vakoverstijgende

Nadere informatie

Blokkendoos KSE Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie

Blokkendoos KSE Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie Blokkendoos KSE Leergebied Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie Blokkendoos KSE Blokkendoos KSE Leergebied Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie Blokkendoos KSE Versie 3 Enschede, juli 2001 Verantwoording

Nadere informatie

Examenprogramma beeldende vorming

Examenprogramma beeldende vorming Examenprogramma beeldende vorming Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 beeldende vorming 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1

Nadere informatie

Bijlage 1 examenprogramma vmbo Beeldende vakken

Bijlage 1 examenprogramma vmbo Beeldende vakken Bijlage 1 examenprogramma vmbo Beeldende vakken 1 Bijlage 1: beeldende vakken 1. Toelichting De examenprogramma's vmbo beschrijven de kwaliteiten op het gebied van kennis, inzicht en vaardigheden, waarop

Nadere informatie

De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn

De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn Examenprogramma dans Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 dans 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1 Werken aan vakoverstijgende

Nadere informatie

WISKUNDE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname

Nadere informatie

Examenprogramma Engelse taal

Examenprogramma Engelse taal Examenprogramma Engelse taal Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 Engelse taal 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1 Werken aan

Nadere informatie

Examenprogramma geschiedenis en staatsinrichting vmbo

Examenprogramma geschiedenis en staatsinrichting vmbo Examenprogramma geschiedenis en staatsinrichting vmbo Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 geschiedenis en staatsinrichting 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren

Nadere informatie

Examenprogramma Nederlandse taal vmbo vanaf het CE 2014

Examenprogramma Nederlandse taal vmbo vanaf het CE 2014 Informatiewijzer: 1. Preambule 2. Leeswijzer 3. Nederlands vmbo 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1. Werken aan vakoverstijgende thema's

Nadere informatie

De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn

De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn Examenprogramma vmbo 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1 Werken aan vakoverstijgende thema's De leerling leert, in het kader van een

Nadere informatie

Examenprogramma aardrijkskunde vmbo vanaf schooljaar 2014-2015

Examenprogramma aardrijkskunde vmbo vanaf schooljaar 2014-2015 Eamenprogramma aardrijkskunde vmbo vanaf schooljaar 2014-2015 Eamenprogramma aardrijkskunde vmbo Informatiewijzer 1. Preambule 2. Leeswijzer 3. Aardrijkskunde vmbo 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen

Nadere informatie

examenprogramma s vo AANVULLING BEROEPSGERICHTE VAKKEN VOORTGEZET ONDERWIJS vmbo

examenprogramma s vo AANVULLING BEROEPSGERICHTE VAKKEN VOORTGEZET ONDERWIJS vmbo en mma s examenprogramma s vo AANVULLING BEROEPSGERICHTE VAKKEN VOORTGEZET ONDERWIJS vmbo 0. Inhoud 1. Preambule 2 2. Examenprogramma per vak. 4 2.0 Leeswijzer. 4 2.1 Techniek-breed *) 2.2 ICT-route *)

Nadere informatie

Examenprogramma Friese taal en cultuur

Examenprogramma Friese taal en cultuur Examenprogramma Friese taal en cultuur Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 Friese taal en cultuur 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden,

Nadere informatie

Mens en maatschappij vaardigheden (PO-vmbo)

Mens en maatschappij vaardigheden (PO-vmbo) Mens en maatschappij vaardigheden (PO-vmbo) Sectoren kerndoelen primair onderwijs kerndoelen onderbouw vmbo bovenbouw exameneenheden Vakkernen 1. Informatievaardigheden 50: De leerlingen leren omgaan met

Nadere informatie

1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn

1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn Eamenprogramma lichamelijke opvoeding 2 Informatiewijzer 1. Preambule 2. Leeswijzer 3. Lichamelijke opvoeding 2 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo

Nadere informatie

EC/K/4A Consumptie, Consumentengedrag, Basis Geld- en Bankwezen, Budgettering

EC/K/4A Consumptie, Consumentengedrag, Basis Geld- en Bankwezen, Budgettering EC/K/4A Consumptie, Consumentengedrag, Basis Geld- en Bankwezen, Budgettering De kandidaat heeft inzicht in aspecten van het consumentengedrag, zoals keuzes, behoeften, inkomen en in de functies van het

Nadere informatie

Maatschappijwetenschappen

Maatschappijwetenschappen Maatschappijwetenschappen Staatsexamen havo Programma van toetsing en afsluiting (vernieuwde profielstructuur) 2010 Inhoudsopgave Opzet van het examen...3 Het examenprogramma...3 Beschrijving eindtermen...4

Nadere informatie

BIOLOGIE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

BIOLOGIE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 BIOLOGIE VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname

Nadere informatie

VAK: ECONOMIE METHODE: Pincode 3 VMBO kader 5 e editie KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week

VAK: ECONOMIE METHODE: Pincode 3 VMBO kader 5 e editie KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TSG VMBO CURSUSJAAR 01-01 NIVEAU KADER VAK: ECONOMIE METHODE: Pincode VMBO kader 5 e editie KLAS: CONTACTUREN PER WEEK: x minuten per week P periode C code van de toets

Nadere informatie

Tabel: Verdeling van de examenstof economie GT over centraal examen en schoolexamen

Tabel: Verdeling van de examenstof economie GT over centraal examen en schoolexamen 3. Syllabus Economie GT 3a. Verdeling examinering CE/SE Tabel: Verdeling van de examenstof economie GT over centraal examen en schoolexamen Exameneenheden GT CE moet op SE mag op SE EC/K/1 Oriëntatie op

Nadere informatie

Examenprogramma maatschappijleer havo/vwo (gemeenschappelijk deel)

Examenprogramma maatschappijleer havo/vwo (gemeenschappelijk deel) Examenprogramma maatschappijleer havo/vwo (gemeenschappelijk deel) Havo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden

Nadere informatie

Maatschappijleer 1 (gemeenschappelijk deel) Staatsexamen vwo. Programma van toetsing en afsluiting. (oude profielstructuur)

Maatschappijleer 1 (gemeenschappelijk deel) Staatsexamen vwo. Programma van toetsing en afsluiting. (oude profielstructuur) Maatschappijleer 1 (gemeenschappelijk deel) Staatsexamen vwo Programma van toetsing en afsluiting (oude profielstructuur) 2010 Inhoudsopgave Opzet van het examen...3 Het examenprogramma...3 Beschrijving

Nadere informatie

Syllabus maatschappijwetenschappen havo 2014

Syllabus maatschappijwetenschappen havo 2014 examenprogramma maatschappijwetenschappen Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden

Nadere informatie

Economie VMBO Syllabus GT centraal examen met ingang van 2011

Economie VMBO Syllabus GT centraal examen met ingang van 2011 Economie VMBO Syllabus GT centraal examen met ingang van 2011 September 2009-1 - 2009 Centrale Examencommissie Vaststelling Opgaven vwo, havo, vmbo, Utrecht Alle rechten voorbehouden. Alles uit deze uitgave

Nadere informatie

Examenprogramma maatschappijwetenschappen vwo

Examenprogramma maatschappijwetenschappen vwo Examenprogramma maatschappijwetenschappen vwo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden

Nadere informatie

Examenprogramma mode en commercie

Examenprogramma mode en commercie Examenprogramma mode en commercie Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 mode en commercie 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1

Nadere informatie

Economie Syllabus BB, KB en GT centraal examen met ingang van 2010 september 2008

Economie Syllabus BB, KB en GT centraal examen met ingang van 2010 september 2008 Economie Syllabus BB, KB en GT centraal examen met ingang van 2010 september 2008 syllabus economie BB KB GT september 2008 1 2008 Centrale Examencommissie Vaststelling Opgaven vwo, havo, vmbo, Utrecht

Nadere informatie

Examenprogramma handel en administratie

Examenprogramma handel en administratie Examenprogramma handel en administratie Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 handel en administratie 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden,

Nadere informatie

ECONOMIE VMBO. Syllabus centraal examen 2015

ECONOMIE VMBO. Syllabus centraal examen 2015 ECONOMIE VMBO Syllabus centraal examen 2015 April 2013 Verantwoording: 2013 College voor Examens vwo, havo, vmbo, Utrecht. Alle rechten voorbehouden. Alles uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen

Nadere informatie

Franse taal. Staatsexamen vmbo. Vakinformatie

Franse taal. Staatsexamen vmbo. Vakinformatie Franse taal Staatsexamen vmbo Vakinformatie 2005 Inhoudsopgave Opzet...3 Het centraal examen...3 Het commissie-examen...3 Het formaat van het leesdossier en de inzending ervan...6 Het cijfer voor het commissie-examen...6

Nadere informatie

KUNSTVAKKEN II: BEELDENDE VAKKEN TEKENEN VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.9.1

KUNSTVAKKEN II: BEELDENDE VAKKEN TEKENEN VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.9.1 KUNSTVAKKEN II: BEELDENDE VAKKEN TEKENEN VMBO TL/GL VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.9.1 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is

Nadere informatie

Examenprogramma biologie

Examenprogramma biologie Examenprogramma biologie Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 biologie 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1 Werken aan vakoverstijgende

Nadere informatie

Examenprogramma natuur- en scheikunde II

Examenprogramma natuur- en scheikunde II Examenprogramma natuur- en scheikunde II Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 natuur- en scheikunde II 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden,

Nadere informatie

0. Inhoud. *) Niet opgenomen in deze uitgave

0. Inhoud. *) Niet opgenomen in deze uitgave 0. Inhoud 1. Preambule... 2 2. Examenprogramma per vak... 4 2.0 Leeswijzer... 4 2.1 Techniek-breed *) 2.2 ICT-route *) 2.3 Technologie in de gemengde leerweg *) 2.4 Intersectoraal *) 2.5 Sport, dienstverlening

Nadere informatie

Examenprogramma consumptief-bakken

Examenprogramma consumptief-bakken Examenprogramma consumptief-bakken Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 consumptief-bakken 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn

Nadere informatie

ECONOMIE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

ECONOMIE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 ECONOMIE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de

Nadere informatie

PTA Nederlands TL/GL Bohemen, Houtrust, Kijkduin, Media&Design cohort 13-14-15

PTA Nederlands TL/GL Bohemen, Houtrust, Kijkduin, Media&Design cohort 13-14-15 Examenprogramma NE/K/1 Oriëntatie op leren en werken De kandidaat kan zich oriënteren op de eigen loopbaan en op het belang van Nederlands in de maatschappij. NE/K/2 Basisvaardigheden De kandidaat kan

Nadere informatie

Examenprogramma management en organisatie havo/vwo

Examenprogramma management en organisatie havo/vwo Examenprogramma management en organisatie havo/vwo Havo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A

Nadere informatie

Aansluiting op het actuele curriculum (2014)

Aansluiting op het actuele curriculum (2014) Aansluiting op het actuele curriculum (2014) De verschillende modules van GLOBE lenen zich uitstekend om de leerlingen de verschillende eindtermen en kerndoelen aan te leren zoals die zijn opgesteld door

Nadere informatie

FRIESE TAAL EN CULTUUR HAVO. Syllabus centraal examen 2015

FRIESE TAAL EN CULTUUR HAVO. Syllabus centraal examen 2015 FRIESE TAAL EN CULTUUR HAVO Syllabus centraal examen 2015 April 2013 2013 College voor Examens, Utrecht Alle rechten voorbehouden. Alles uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd

Nadere informatie

Kiezen Theorieles 1 1 Schriftelijke toets

Kiezen Theorieles 1 1 Schriftelijke toets A. LEER EN TOETSPLAN Onderwerp: Kiezen Kerndoel(en): 40 De leerling leert betekenisvolle vragen te stellen over maatschappelijke kwesties 46 De leerling leert in de eigen omgeving effecten te herkennen

Nadere informatie

Examenprogramma administratie

Examenprogramma administratie Examenprogramma administratie Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 administratie 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1 Werken aan

Nadere informatie

MAATSCHAPPIJLEER II VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

MAATSCHAPPIJLEER II VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 MAATSCHAPPIJLEER II VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens. Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname

Nadere informatie

WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE D VWO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de

Nadere informatie

FRIESE TAAL EN CULTUUR HAVO

FRIESE TAAL EN CULTUUR HAVO FRIESE TAAL EN CULTUUR HAVO SYLLABUS CENTRAAL EXAMEN 2016 Inhoud Voorwoord 6 1 Examenstof van centraal examen en schoolexamen 7 2 Specificatie van de globale eindtermen voor het CE 8 Domein A: Leesvaardigheid

Nadere informatie

Examenprogramma consumptief-breed

Examenprogramma consumptief-breed Examenprogramma consumptief-breed Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 consumptief-breed 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn 1

Nadere informatie

WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE VMBO KB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van

Nadere informatie

AARDRIJKSKUNDE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

AARDRIJKSKUNDE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 AARDRIJKSKUNDE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname

Nadere informatie

Vakinformatie Staatsexamen mavo. Wiskunde

Vakinformatie Staatsexamen mavo. Wiskunde Vakinformatie Staatsexamen mavo Wiskunde 2004 2004 WISKUNDE Het examen wiskunde staatsexamen mavo-c en mavo-d bestaat uit een centraal (schriftelijk) examen en een mondeling examen. Het examenprogramma

Nadere informatie

MANAGEMENT EN ORGANISATIE HAVO

MANAGEMENT EN ORGANISATIE HAVO MANAGEMENT EN ORGANISATIE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2014 Juni 2013 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Examens (CvE). Het CvE is verantwoordelijk voor de afname van

Nadere informatie

PTA maatschappijleer 1&2 KBL Bohemen cohort 14-15-16

PTA maatschappijleer 1&2 KBL Bohemen cohort 14-15-16 Dit is een gecombineerd PTA voor twee vakken: voor maatschappijleer 1 (basis, behorend tot het gemeenschappelijk deel van het vakkenpakket) en voor maatschappijleer 2 (verdieping, behorend tot de sectorvakken

Nadere informatie

WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE D HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de

Nadere informatie

WISKUNDE VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

WISKUNDE VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 WISKUNDE VMBO BB VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van

Nadere informatie

MAATSCHAPPIJWETENSCHAPPEN HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

MAATSCHAPPIJWETENSCHAPPEN HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 MAATSCHAPPIJWETENSCHAPPEN HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (het CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor

Nadere informatie

ALGEMENE NATUURWETENSCHAPPEN VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

ALGEMENE NATUURWETENSCHAPPEN VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 ALGEMENE NATUURWETENSCHAPPEN VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor

Nadere informatie

SLO Leerdoelenkaart economie: gedifferentieerde beheersingsniveaus voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs

SLO Leerdoelenkaart economie: gedifferentieerde beheersingsniveaus voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs 1. Schaarste 1. Je kan uitleggen dat beperkte middelen dwingen tot het maken van keuzes. 1.1. Keuzes maken 1.2. Consumeren 1.1.1. Je begrijpt dat economie gaat over het maken van keuzes en dat je niet

Nadere informatie

ECONOMIE VMBO CONCEPT SYLLABUS CENTRAAL EXAMEN 2017. Versie 1

ECONOMIE VMBO CONCEPT SYLLABUS CENTRAAL EXAMEN 2017. Versie 1 ECONOMIE VMBO CONCEPT SYLLABUS CENTRAAL EXAMEN 2017 Verantwoording: 2014 College voor Toetsen en Eamens vwo, havo, vmbo, Utrecht. Alle rechten voorbehouden. Alles uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd,

Nadere informatie

Examentraining klas 4 mavo

Examentraining klas 4 mavo Examentraining klas 4 mavo Historische vaardigheden Maken van een examen 100 minuten Bespreken examen Overige vragen m.socrative.com Room number: 65459 Vul je naam in Maak de quiz - Historische personen

Nadere informatie

Examenprogramma natuur- en scheikunde I

Examenprogramma natuur- en scheikunde I Examenprogramma natuur- en scheikunde I Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 natuur- en scheikunde I 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden,

Nadere informatie

Maatschappijleer. Staatsexamen havo. Programma van toetsing en afsluiting. (vernieuwde profielstructuur)

Maatschappijleer. Staatsexamen havo. Programma van toetsing en afsluiting. (vernieuwde profielstructuur) Maatschappijleer Staatsexamen havo Programma van toetsing en afsluiting (vernieuwde profielstructuur) 2010 Inhoudsopgave Opzet van het examen... 3 Het examenprogramma... 3 Beschrijving eindtermen... 3

Nadere informatie

PTA Nederlands TL/GL Bohemen, Houtrust, Kijkduin, Media&Design cohort 14-15-16

PTA Nederlands TL/GL Bohemen, Houtrust, Kijkduin, Media&Design cohort 14-15-16 Examenprogramma PTA Nederlands TL/GL Bohemen, Houtrust, Kijkduin, Media&Design cohort 14-15-16 NE/K/1 Oriëntatie op leren en werken De kandidaat kan zich oriënteren op de eigen loopbaan en op het belang

Nadere informatie

Examenprogramma wiskunde D havo

Examenprogramma wiskunde D havo Examenprogramma wiskunde D havo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden Domein B Kansrekening en statistiek

Nadere informatie

PTA Nederlands TL voor overstappers uit 3H Houtrust cohort 14-15-16

PTA Nederlands TL voor overstappers uit 3H Houtrust cohort 14-15-16 Examenprogramma PTA Nederlands TL voor overstappers uit 3H Houtrust cohort 14-15-16 NE/K/1 Oriëntatie op leren en werken De kandidaat kan zich oriënteren op de eigen loopbaan en op het belang van Nederlands

Nadere informatie

Examenprogramma natuur, leven en technologie vwo

Examenprogramma natuur, leven en technologie vwo Examenprogramma natuur, leven en technologie vwo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden Domein B Fundament

Nadere informatie

Economie Pincode klas 4 VMBO-GT 5 e editie Samenvatting Hoofdstuk 7 De overheid en ons inkomen Exameneenheid: Overheid en bestuur

Economie Pincode klas 4 VMBO-GT 5 e editie Samenvatting Hoofdstuk 7 De overheid en ons inkomen Exameneenheid: Overheid en bestuur Paragraaf 7.1 Groeit de economie? BBP = Bruto Binnenlands Product, de totale productie in een land in één jaar Nationaal inkomen = het totaal van alle inkomens in een land in één jaar Inkomen = loon, rente,

Nadere informatie

1. Leg uit dat het sparen door gezinnen een voorbeeld is van ruilen in de tijd. 2. Leg uit waarom investeren door bedrijven als ruilen over de tijd beschouwd kan worden. 3. Wat is intertemporele substitutie?

Nadere informatie

Examenprogramma natuurkunde havo

Examenprogramma natuurkunde havo Bijlage 1 Examenprogramma natuurkunde havo Het eindexamen Het eindexamen bestaat uit het centraal examen en het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden

Nadere informatie

AARDRIJKSKUNDE VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

AARDRIJKSKUNDE VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 AARDRIJKSKUNDE VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van

Nadere informatie

MANAGEMENT EN ORGANISATIE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

MANAGEMENT EN ORGANISATIE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 MANAGEMENT EN ORGANISATIE HAVO VAKINFORMATIE STAATSEAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor

Nadere informatie

Hoofdvaart College PTA 2014-2015 3 e leerjaar Vakmanschapsroute Engels

Hoofdvaart College PTA 2014-2015 3 e leerjaar Vakmanschapsroute Engels Periode 6 week 45 4 03/11/2014 23/01/2015 Wordt getoetst in week Eindterm 45 MVT/K/5 Kijk- en luistervaardigheid 47 MVT/K/2 Leervaardigheden MVT/K/4 Leesvaardigheid Toetsvorm CITO luistertoets Hoofdvaart

Nadere informatie

Inhoud. 1 Inleiding. Markt of overheid. 1 wat is economie? 11 Productiefactoren 11 Schaarste en welvaart 12 2

Inhoud. 1 Inleiding. Markt of overheid. 1 wat is economie? 11 Productiefactoren 11 Schaarste en welvaart 12 2 Inhoud 1 Inleiding 1 wat is economie? 11 Productiefactoren 11 Schaarste en welvaart 12 2 modellen 12 2 Markt of overheid 1 de vraag 14 Prijzen en gevraagde hoeveelheid 14 D De vraagfunctie 14 D Verschuiving

Nadere informatie

Blokkendoos KSE. Leergebied Maatschappijleer. Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie. Blokkendoos KSE

Blokkendoos KSE. Leergebied Maatschappijleer. Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie. Blokkendoos KSE Blokkendoos KSE Leergebied Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie Blokkendoos KSE Blokkendoos KSE Leergebied Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie Blokkendoos KSE Versie 3 Enschede, juni 2001 Verantwoording

Nadere informatie

Rendement = investeringsopbrengst/ investering *100% Reëel rendement = Nominaal rendement / CPI * 100-100 Als %

Rendement = investeringsopbrengst/ investering *100% Reëel rendement = Nominaal rendement / CPI * 100-100 Als % Inflatie Stijging algemene prijspeil Consumenten Prijs Indexcijfer Gewogen gemiddelde Voordeel: Mensen met schulden Nadeel: Mensen met loon, spaargeld Reële winst bedrijven daalt Rentekosten bedrijven

Nadere informatie

ECONOMIE VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

ECONOMIE VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 ECONOMIE VWO VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0 De vakinformatie in dit document is vastgesteld door het College voor Toetsen en Examens (CvTE). Het CvTE is verantwoordelijk voor de afname van de

Nadere informatie

Examenprogramma natuur, leven en technologie havo

Examenprogramma natuur, leven en technologie havo Examenprogramma natuur, leven en technologie havo Het eindexamen (februari 2007) Het eindexamen bestaat uit het schoolexamen. Het examenprogramma bestaat uit de volgende domeinen: Domein A Vaardigheden

Nadere informatie

M&O - een nieuw vak. Management & Organisatie. Management. Organisatie. Een nieuw vak in de bovenbouw van havo/vwo

M&O - een nieuw vak. Management & Organisatie. Management. Organisatie. Een nieuw vak in de bovenbouw van havo/vwo Management & Organisatie Een nieuw vak in de bovenbouw van havo/vwo M&O - een nieuw vak Management en Organisatie (M&O) komt als vak niet voor in de basisvorming. In de Tweede Fase kan je M&O kiezen in

Nadere informatie

Regeling toegestane hulpmiddelen. Staatsexamens vmbo, havo en vwo

Regeling toegestane hulpmiddelen. Staatsexamens vmbo, havo en vwo Regeling toegestane hulpmiddelen Staatsexamens vmbo, havo en vwo 2007 Toegestane hulpmiddelen bij de examens vmbo, havo en vwo Toegestaan wil zeggen: er wordt van uitgegaan dat de kandidaat, zowel bij

Nadere informatie

Examenprogramma zorg-en-welzijn-breed

Examenprogramma zorg-en-welzijn-breed Examenprogramma zorg-en-welzijn-breed Informatiewijzer Preambule 1 Leeswijzer 2 zorg-en-welzijn-breed 3 1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden,

Nadere informatie

REKENTOETS VMBO BB/KB/GL/TL

REKENTOETS VMBO BB/KB/GL/TL Wijziging op 19-01-2016 bij punt 4 Dyslexie of dyscalculie: de aangepaste rekentoets ER duurt 120 minuten in plaats van 150 minuten. Wijziging op 04-02-2016 bij punt 3: de rekentoets duurt 90 minuten in

Nadere informatie

Aansluiting met de eindtermen Aardrijkskunde PjER kan gebruikt worden als Praktische opdracht en Profielwerkstuk

Aansluiting met de eindtermen Aardrijkskunde PjER kan gebruikt worden als Praktische opdracht en Profielwerkstuk Aansluiting met de eindtermen Aardrijkskunde PjER kan gebruikt worden als Praktische opdracht en Profielwerkstuk Praktische opdracht Het uitvoeren van beperkte onderzoeksopdrachten betreffende ruimtelijke

Nadere informatie

> betaald > formele sector: wit > informele sector: zwart > onbetaald > informele sector

> betaald > formele sector: wit > informele sector: zwart > onbetaald > informele sector Paragraaf 3.1 Betaalde en onbetaalde arbeid Je kunt werken bij de overheid en bij ondernemingen. Als je werkt verdien je geld hiermee kun je goederen en diensten kopen. Als je werkt krijg je geld voor

Nadere informatie

DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD. Module 4 Nu en later

DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD. Module 4 Nu en later DOMEIN E: RUILEN OVER DE TIJD Module 4 Nu en later Inflatie Definitie: stijging van het algemeen prijspeil Gevolgen van inflatie koopkracht neemt af Verslechtering internationale concurrentiepositie Bij

Nadere informatie

Tijdens het centraal schriftelijk eindexamen Economie 2012 komen de volgende thema s aan bod:

Tijdens het centraal schriftelijk eindexamen Economie 2012 komen de volgende thema s aan bod: Examenstof vmbo economie Tijdens het centraal schriftelijk eindexamen Economie 2012 komen de volgende thema s aan bod: EC/K/4: Consumptie en consumentenorganisaties Hier gaat het over jouw rol als consument:

Nadere informatie

NEDERLANDS VMBO. Syllabus GT centraal examen 2012. November 2010 - 1 -

NEDERLANDS VMBO. Syllabus GT centraal examen 2012. November 2010 - 1 - NEDERLANDS VMBO Syllabus GT centraal examen 2012 November 2010-1 - Verantwoording: 2010 College voor Examens vwo, havo, vmbo, Utrecht. Alle rechten voorbehouden. Alles uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd,

Nadere informatie

Boxenoverzicht LINK2 Handel & Administratie Versie juni 2008

Boxenoverzicht LINK2 Handel & Administratie Versie juni 2008 02 03 04 05 06 07 08 09 10 11 12 13 03 02 02 03 04 05 06 07 03 HA/K/1 0 0 Oriëntatie op handel en administratie SE SE SE HA/K/1 x x Uitwerking eindtermen: zie Handreiking SLO x x x x x x x x x x x x x

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Gelet op artikel 7 van het Eindexamenbesluit v.w.o.- h.a.v.o.- m.a.v.o.- v.b.o. STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 9161 26 mei 2011 Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 27 april 2011, nr. VO/289008, houdende

Nadere informatie

0. Inhoud. *) Niet opgenomen in deze uitgave

0. Inhoud. *) Niet opgenomen in deze uitgave 0. Inhoud 1. Preambule... 2 2. Examenprogramma per vak... 4 2.0 Leeswijzer... 4 2.1 Techniek-breed *) 2.2 ICT-route*) 2.3 Technologie in de gemengde leerweg... 5 2.4 Intersectoraal *) 2.5 Sport, dienstverlening

Nadere informatie

Ruilen over de tijd (havo)

Ruilen over de tijd (havo) 1. Leg uit dat het sparen door gezinnen een voorbeeld is van ruilen in de tijd. 2. Leg uit waarom investeren door bedrijven als ruilen over de tijd beschouwd kan worden. 3. Wat is intertemporele substitutie?

Nadere informatie